summaryrefslogtreecommitdiff
path: root/29208-h/29208-h.htm
diff options
context:
space:
mode:
Diffstat (limited to '29208-h/29208-h.htm')
-rw-r--r--29208-h/29208-h.htm3211
1 files changed, 3211 insertions, 0 deletions
diff --git a/29208-h/29208-h.htm b/29208-h/29208-h.htm
new file mode 100644
index 0000000..0535922
--- /dev/null
+++ b/29208-h/29208-h.htm
@@ -0,0 +1,3211 @@
+<!DOCTYPE html PUBLIC "-//W3C//DTD XHTML 1.1//EN"
+ "http://www.w3.org/TR/xhtml11/DTD/xhtml11.dtd">
+
+<html xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml" xml:lang="nl">
+ <head>
+ <meta http-equiv="Content-Type" content="text/html;charset=iso-8859-1" />
+ <meta http-equiv="Content-Style-Type" content="text/css" />
+ <title>
+ The Project Gutenberg eBook of Salome en Een Florentijnsch Treurspel, by Oscar Wilde.
+ </title>
+ <style type="text/css">
+
+body {margin-left: 10%; margin-right: 10%;}
+
+h1 {text-align: center; clear: both; font-size: 250%;}
+h2 {text-align: center; clear: both;}
+h3 {text-align: left; clear: both;}
+.h2cast {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em; margin-left: 2em; text-align:left;font-size: 100%}
+.h2boek {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em; margin-top: 2em; margin-bottom: 2em;}
+.h2ad {text-align: center; clear: both; margin-top: 5em;}
+.h3ad {margin-top: 2em; font-size: medium; font-weight: normal; font-style: italic; clear: both;}
+
+p {margin-top: .4em; margin-bottom: .4em; text-indent: 1em; text-align: justify;}
+p.dirleft {margin-top: .4em; margin-bottom: .4em; text-align: left; padding-left: 1em; text-indent: 0em;}
+p.dirright {margin-top: .4em; margin-bottom: .4em; text-align: right;}
+p.ad {padding-left: 1em; text-indent: -1em;}
+
+div.tp {text-align: center;}
+div.titlemono {font-family: monospace; font-weight:bold; margin-top: 3em; margin-bottom: 3em;}
+div.einde {text-align: center; margin-top: 4em; margin-bottom: 4em;}
+
+table {margin-left: auto; margin-right: auto;}
+
+.pagenum {/* uncomment the next line for invisible page numbers */
+ /* visibility: hidden; */
+ position: absolute; left: 92%; color: #888888;
+ font-size: smaller; text-align: right;}
+
+span.corr {border-bottom: 1px dotted red;}
+
+.floatleft {float:left; width: auto;}
+.floatright {float:right; width: auto;}
+.left {text-align: left;}
+.center {text-align: center;}
+.mixcap {font-variant: small-caps;}
+.gesperrt {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em; font-weight: normal; font-style: normal;}
+.clear {clear:both;}
+.noi {text-indent: 0em;}
+
+ul {list-style: none; margin-left: 2em; padding-left: 1em; text-indent: -1em;}
+li {margin-top: 0.4em; margin-bottom: 0.4em;}
+
+/* Images */
+.figcenter {margin: auto; text-align: center;}
+
+/* Poetry */
+.poem {text-align: left;}
+.poem br {display: none;}
+.poem .stanza {margin: 0.5em 0em 0.5em 0em;}
+
+.poem span.i0 {display: block; margin-left: 0em; padding-left: 3em; text-indent: -3em;}
+.poem span.i1 {display: block; margin-left: 1em; padding-left: 3em; text-indent: -3em;}
+.poem span.i10 {display: block; margin-left: 10em; padding-left: 3em; text-indent: -3em;}
+.poem span.i14 {display: block; margin-left: 14em; padding-left: 3em; text-indent: -3em;}
+.poem span.i16 {display: block; margin-left: 16em; padding-left: 3em; text-indent: -3em;}
+
+.pl3 {padding-left: 3em;}
+.pl5 {padding-left: 5em;}
+.pl7 {padding-left: 7em;}
+.pl8 {padding-left: 8em;}
+.pl9 {padding-left: 9em;}
+.pl10 {padding-left: 10em;}
+.pl11 {padding-left: 11em;}
+.pl12 {padding-left: 12em;}
+.pl13 {padding-left: 13em;}
+.pl14 {padding-left: 14em;}
+.pl15 {padding-left: 15em;}
+.pl16 {padding-left: 16em;}
+.pl19 {padding-left: 19em;}
+
+/* Advertenties */
+.ad {clear: both;}
+.boek {float: left; width: 80%; text-align: justify; margin-top: 0.4em; margin-bottom: 0.4em;
+ padding-left: 1em; text-indent: -1em;}
+.boeknr {float: right; width: 16%; text-align: center; margin-top: 0.3em; margin-bottom: 0.3em;}
+.prijs {float: right; text-align:right; text-indent: 0em; width: auto;}
+
+/* Transcriber's Note */
+.TNbox {margin: 5% 10% 5% 10%; border: 1px solid; padding: 1em; background-color: #dddddd; font-family: sans-serif; font-size: 90%;}
+.TNbox h1 {font-variant: small-caps; font-size: 150%;}
+.TNbox p {text-indent: 0em; margin-top: 0.7em; margin-bottom: 0.7em;}
+.TNbox table {width: 100%; font-size: 90%;}
+.TNbox th {text-align: left;}
+.TNbox td {text-align: left; vertical-align: top;}
+td.td2 {width: 20%;}
+td.td4 {width: 40%;}
+
+ </style>
+ </head>
+<body>
+
+
+<pre>
+
+Project Gutenberg's Salome en Een Florentijnsch Treurspel, by Oscar Wilde
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: Salome en Een Florentijnsch Treurspel
+
+Author: Oscar Wilde
+
+Translator: P. C. Boutens
+
+Release Date: June 23, 2009 [EBook #29208]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK SALOME EN EEN FLORENTIJNSCH ***
+
+
+
+
+Produced by André Engels and the Online Distributed
+Proofreading Team at https://www.pgdp.net
+
+
+
+
+
+
+</pre>
+
+
+<div class="TNbox">
+ <h1>Opmerkingen van de bewerker</h1>
+
+ <p>De tekst in dit bestand wordt weergegeven in de originele, verouderde spelling.
+ Er is geen poging gedaan de tekst te moderniseren.</p>
+
+ <p>Overduidelijke inconsistenties, druk- en spelfouten in het origineel zijn gecorrigeerd;
+ deze zijn voorzien van een <span class="corr" title="Bron: dnnne roed stipppellijn">dunne
+ rode stippellijn</span>, waarbij de Brontekst via een zwevende pop-up beschikbaar is.
+ In de advertenties is alleen dubbele of ontbrekende interpunctie gecorrigeerd.</p>
+
+ <p>Een overzicht van de aangebrachte correcties is te vinden aan
+ <a href="#correctie">het eind van dit bestand</a>.</p>
+
+</div>
+
+<p><span class="pagenum"><a id="p_1">[1]</a></span></p>
+<h3>SALOME</h3>
+
+<p><span class="pagenum"><a id="p_2">[2]</a></span><br />
+<span class="pagenum"><a id="p_3">[3]</a></span></p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 366px;">
+<img src="images/titlepage.png" width="366" height="600" alt="titelpagina" title="titelpagina" />
+</div>
+
+<div class="tp">
+
+<div class="titlemono"><span style="font-size:250%;">WERELD<br /> BIBLIOTHEEK</span><br />
+<span style="font-size:110%;">ONDER·LEIDING·VAN·L·SIMONS</span></div>
+
+<div style="font-size:150%; font-weight: bold;">OSCAR WILDE</div>
+
+<h1>SALOME</h1>
+
+EN
+
+<h1>EEN FLORENTIJNSCH TREURSPEL</h1>
+
+<div style="margin-top: 2em; margin-bottom: 2em;">GEAUTORISEERDE VERTALING<br />DOOR<br />
+<span style="font-size:133%; font-weight: bold; word-spacing: 0.2em;">D<sup>R</sup>. P. C. BOUTENS</span></div>
+
+<div style="margin-top: 2em; margin-bottom: 2em;">HET RECHT VAN VERTOONEN VOORBEHOUDEN<br />
+VOLGENS DE WET OP HET AUTEURSRECHT</div>
+
+<div class="titlemono" style="font-size: 125%;">UITGEGEVEN·DOOR·DE<br />
+MAATSCHAPPIJ·VOOR<br />
+GOEDE·EN·GOEDKOOPE<br />
+LECTUUR&mdash;AMSTERDAM</div>
+
+</div>
+
+<p><span class="pagenum"><a id="p_4">[4]</a></span><br />
+<span class="pagenum"><a id="p_5">[5]</a></span></p>
+
+<h2 class="h2cast"><a id="PERSONEN_S"></a>PERSONEN:</h2>
+
+<ul>
+ <li>HERODES ANTIPAS, Tetrarch van Judaia;</li>
+ <li>JOKANAÄN, een profeet;</li>
+ <li>DE JONGE SYRIËR, hoofdman der lijfwacht;</li>
+ <li>TIGELLINUS, een jong Romein;</li>
+ <li>EEN KAPPADOKIËR;</li>
+ <li>EEN NUBIËR;</li>
+ <li>EERSTE SOLDAAT;</li>
+ <li>TWEEDE SOLDAAT;</li>
+ <li>DE PAGE VAN HERODIAS;</li>
+ <li>JODEN, NAZAREËRS, ENZ.;</li>
+ <li>EEN SLAAF;</li>
+ <li>NAÄMAN, de beul;</li>
+ <li>HERODIAS, vrouw van Herodes;</li>
+ <li>SALOME, dochter van Herodias;</li>
+ <li>DE SLAVINNEN VAN SALOME.</li>
+</ul>
+
+<p><span class="pagenum"><a id="p_6">[6]</a></span><br />
+<span class="pagenum"><a id="p_7">[7]</a></span></p>
+
+<h2 class="h2boek"><a id="SALOME"></a>SALOME</h2>
+
+<p><i>Tooneel: een ruim terras voor de groote feesthal in het paleis van
+Herodes. Soldaten staan geleund aan de balustrade. Rechts een
+reusachtige trap. Links, op den achtergrond, een oude waterput met een
+groen bronzen kraag. De maan schijnt helder.</i></p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Hoe zeer schoon is de Prinses Salome vanavond!</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: Let op de maan. De maan lijkt wonder vreemd. Zij
+doet aan als een vrouw die opkomt uit een graf. Zij gelijkt op een
+doode vrouw. Het is alsof zij speurt naar andere dooden.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Ja, zij lijkt wonder vreemd. Zij gelijkt op een
+kleine prinses die een gelen sluier draagt en wier voetjes van zilver
+zijn. Zij gelijkt op een prinses wier voetjes zijn als kleine witte
+duiven... Het is alsof zij danst.</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: Zij is als een doode vrouw. Zij beweegt zich
+heel langzaam. (<i>Gedruisch in de feesthal.</i>)</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Wat een getier! Wie zijn die huilende wilde-beesten?</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: De Joden. Die zijn altijd zoo. Zij twisten over hun
+godsdienst.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Waarom twisten zij over hun godsdienst?</p>
+
+<p><span class="pagenum"><a id="p_8">[8]</a></span></p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Ik weet niet. Ze doen niet anders... Zoo verzekeren de
+Farizeërs dat er engelen zijn, en de Sadduceërs zeggen dat de engelen
+niet bestaan.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Ik vind het belachelijk over zulke dingen te twisten.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Hoe zeer schoon is de Prinses Salome vanavond!</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: Gij ziet voortdurend naar haar. Gij ziet te veel
+naar haar. Het is gevaarlijk menschen op zulk een wijze aan te zien...
+Daar komt licht een ongeluk uit voort.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Zij is zeer schoon vanavond.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: De Tetrarch ziet somber.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Ja, hij ziet somber.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Hij ziet naar iets.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Hij ziet naar iemand.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Naar wien ziet hij?</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Ik weet niet.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Hoe zeer bleek is de Prinses! Ik heb haar nooit zoo
+bleek gezien. Zij is als de weêrschijn van een witte roos in een
+zilveren spiegel.</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: Gij doet beter niet naar haar te zien. Gij ziet
+te veel naar haar.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Herodias heeft den beker van den Tetrarch gevuld.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Is dat de Koningin Herodias, zij die de zwarte mitra
+draagt bestikt met parelen, en wier haren blauw gepoederd zijn?</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Ja, dat is Herodias, de vrouw van den Tetrarch.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: De Tetrarch houdt veel van wijn. Hij bezit drie
+soorten wijn. Een, die komt uit het eiland Samothrake. Die is zoo
+purper als de mantel van Caesar.<span class="pagenum"><a id="p_9">[9]</a></span></p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Ik heb Caesar nooit gezien.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Een anderen, die komt uit de stad Kypros. Die is geel
+als goud.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Ik houd veel van goud.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: En de derde is een wijn uit Sicilia. Die wijn is rood
+als bloed.</p>
+
+<p>DE NUBIËR: De goden van mijn land houden veel van bloed. Tweemaal in
+'t jaar offeren wij hun jongemannen en maagden: vijftig jongemannen en
+honderd maagden. Maar het schijnt dat wij hun nooit genoeg geven; want
+zij zijn zeer hard voor ons.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: In mijn land zijn nu geen goden meer: de Romeinen
+hebben hen verjaagd. Er zijn er die zeggen dat zij gevlucht zijn in de
+bergen, maar ik geloof het niet. Ik ben drie nachten lang op de bergen
+geweest en heb hen overal gezocht. Ik heb hen niet gevonden. In het
+eind heb ik hen bij hunne namen geroepen, en zij zijn niet verschenen.
+Ik denk dat zij dood zijn.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: De Joden aanbidden een god dien men niet kan zien.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Dat kan ik niet begrijpen.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Eigenlijk gelooven zij enkel in dingen die men niet
+kan zien.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Dat lijkt mij volslagen belachelijk.</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: Na mij komt een ander die sterker is dan ik,
+wien ik niet waardig ben den riem zijner schoenen te ontbinden. Als
+hij komt, zullen de dorstige plaatsen zich verheugen. Zij zullen
+bloeien als de lelie. De oogen der blinden zullen het daglicht zien,
+en de ooren van de dooven zullen geopend worden. Het jonggeboren kind
+zal zijn hand steken in het hol van den draak, en zal de leeuwen
+leiden bij hunne manen.<span class="pagenum"><a id="p_10">[10]</a></span></p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Beveel hem te zwijgen. Hij zegt altijd onzinnige
+dingen.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Toch niet. Het is een heilig man. Ook is hij zeer
+zachtmoedig. Elken dag breng ik hem zijn eten: hij bedankt mij altijd.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Wie is het?</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Het is een profeet.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Hoe is zijn naam?</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Jokanaän.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Waar komt hij vandaan?</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Uit de woestijn, waar hij zich voedde met sprinkhanen
+en wilden honing. Hij was bekleed met kemelshaar en rondom zijn
+lendenen droeg hij een lederen gordel. Hij was zeer woest om te zien.
+Een groote schare volgde hem. Hij had zelfs discipelen.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Waar spreekt hij over?</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Dat kunnen wij nooit uitmaken. Soms zegt hij
+schrikwekkende dingen, maar het is onmogelijk te begrijpen wat hij
+zegt.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Mag men hem zien?</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Neen. De Tetrarch heeft het streng verboden.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: De Prinses heeft haar gelaat verborgen achter haar
+waaier! Haar kleine blanke handjes bewegen zich als duiven die vliegen
+naar den duiventil. Zij gelijken op witte vlinders. Zij zijn volkomen
+als witte vlinders.</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: Wat hebt gij daarmede van-doen? Waarom ziet gij
+naar haar? Gij doet beter niet naar haar te zien... Daar komt nog een
+ongeluk uit voort.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR (<i>wijzend naar den waterput</i>): Wat een zonderlinge
+gevangenis!</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Het is een oude waterput.<span class="pagenum"><a id="p_11">[11]</a></span></p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Een oude waterput! Dat moet erg ongezond zijn.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Toch niet. De broeder van den Tetrarch bij-voorbeeld,
+zijn oudere broeder, de eerste man van de Koningin Herodias, is twaalf
+jaren lang daarin opgesloten geweest. Hij is er niet van gestorven. In
+het eind is hij nog moeten geworgd worden.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Geworgd? Wie heeft dat durven doen?</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT (<i>wijzend naar den beul, een reusachtigen neger</i>): Hij
+daar. Naäman.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Was hij niet bevreesd?</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Wel neen. De Tetrarch heeft hem den ring gezonden.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Welken ring?</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Den ring des doods. Dus was hij niet bevreesd.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Toch is het een verschrikkelijk ding een koning te
+worgen.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Waarom? Koningen hebben maar éen hals, net als
+iedereen.</p>
+
+<p>DE KAPPADOKIËR: Het lijkt mij een verschrikkelijk ding.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: De Prinses staat op! Zij gaat weg van tafel! Zij ziet
+zeer ontstemd. Ah, zij komt dezen kant uit. Ja, zij komt hier naar
+ons. Wat is zij bleek! Nooit heb ik haar zoo bleek gezien...</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: Zie niet naar haar. Ik bid u, zie niet naar
+haar.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Zij is als een duif die verdoold is... Zij is als een
+narcis die siddert op den wind... Zij gelijkt op een zilveren bloem.</p>
+
+<p>SALOME (<i>komt op</i>): Ik blijf niet. Ik kan niet blijven. Waarom kijkt
+de Tetrarch mij voortdurend aan met zijn molsoogen onder zijn bevende
+oogleden?...<span class="pagenum"><a id="p_12">[12]</a></span> Het is zonderling dat de man van mijne moeder mij op die
+wijze aanziet. Ik weet niet wat dat beduidt... Eigenlijk weet ik het
+wel.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Gij hebt zooeven het feest verlaten, Prinses?</p>
+
+<p>SALOME: Hoe zuiver is de lucht hier! Hier kan ik adem halen!
+Daarbinnen zijn Joden uit Jerusalem, die elkander verscheuren om hun
+belachelijke ceremoniën, en barbaren die niets doen dan drinken en hun
+wijn spillen op den vloer, en Grieken uit Smyrna met hun geverfde
+oogen en geblankette wangen, en hun haren gebrand in gewonden krullen,
+en stilzwijgende sluwe Aigyptenaren met hun graveelen nagels en hun
+rosse mantels, en lompe zwaarwichtige Romeinen met hun onbeschaafde
+spraak. O, ik verfoei de Romeinen! Het zijn gemeene lieden die zich
+willen voordoen als groote heeren.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Zult gij u niet nederzetten, Prinses?</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: Waarom spreekt gij haar aan? Waarom ziet gij
+naar haar?... O, daar staat een ongeluk te gebeuren.</p>
+
+<p>SALOME: Welk een genot de maan te zien! Zij gelijkt een klein
+geldstuk. Of wel, een heel kleine zilveren bloem. De maan is koud en
+kuisch... Ik weet zeker dat zij maagd is. Zij heeft de schoonheid van
+een maagd. Zij heeft zich nooit verontreinigd. Zij heeft zich nooit
+aan mannen overgegeven zooals de andere godinnen.</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: De Heere is gekomen! De zoon des menschen is
+gekomen. De kentauren hebben zich verscholen in de rivieren, en de
+sirenen hebben de rivieren verlaten en legeren onder de bladeren in de
+wouden.</p>
+
+<p>SALOME: Wie was het, die daar riep?<span class="pagenum"><a id="p_13">[13]</a></span></p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT<span class="corr" id="corr01" title="Bron: ;">:</span> De profeet, Prinses.</p>
+
+<p>SALOME: O de profeet! Voor wien de Tetrarch bevreesd is?</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Daar weten wij niets van, Prinses. Het was de profeet
+Jokanaän.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Vergunt gij mij uw draagstoel te gebieden, Prinses?
+Het is overschoon in den tuin.</p>
+
+<p>SALOME: Hij zegt afschuwelijke dingen over mijn moeder, niet-waar?</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Wij begrijpen nooit wat hij zegt, Prinses.</p>
+
+<p>SALOME: Ja, hij zegt afschuwelijke dingen van haar.</p>
+
+<p>SLAAF: Prinses, de Tetrarch verzoekt u terug te keeren naar het feest.</p>
+
+<p>SALOME: Ik ga daar niet terug.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Vergeef mij, Prinses, indien gij niet terugkeerde,
+zoû er mogelijk een ongeluk gebeuren.</p>
+
+<p>SALOME: Is hij een oud man, deze profeet?</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Prinses, het ware beter terug te keeren. Vergun mij
+dat ik u naar binnen leide.</p>
+
+<p>SALOME: Is deze profeet een oud man?</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Neen, Prinses, hij is een zeer jong man.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Men is er niet zeker van. Er zijn er die zeggen dat
+het Elias is.</p>
+
+<p>SALOME: Wie is Elias?</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Een overoud profeet uit dit land, Prinses.</p>
+
+<p>SLAAF: Welk antwoord mag ik brengen aan den Tetrarch van de Prinses?</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: Verblijd u niet, gij land van Palaistina, omdat
+de roede van hem die<span class="pagenum"><a id="p_14">[14]</a></span> u sloeg, gebroken is. Want uit het zaad der
+slang zal een basilisk voortkomen, en wat daaruit geboren zal worden,
+zal de vogelen verslinden.</p>
+
+<p>SALOME: Welk een zonderlinge stem! Ik heb lust met hem te spreken.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Ik vrees dat het onmogelijk is, Prinses. De Tetrarch
+wil niet dat iemand met hem spreekt. Hij heeft zelfs den Hoogepriester
+verboden met hem te spreken.</p>
+
+<p>SALOME: Ik wil met hem spreken.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Het is onmogelijk, Prinses.</p>
+
+<p>SALOME: Ik wil het.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Ware het niet beter, Prinses, terug te keeren naar
+het feest?</p>
+
+<p>SALOME: Haalt den profeet te voorschijn.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Wij durven niet, Prinses.</p>
+
+<p>SALOME (<i>nadert den waterput en kijkt er in af</i>): Hoe donker is het
+daar beneden! Het moet vreeselijk zijn in een zoo zwarten put! Het
+gelijkt op een graf... (<i>tot de soldaten:</i>) Hebt gij mij niet
+verstaan? Brengt hem te voorschijn. Ik wil hem zien.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Prinses, ik bid u, vraag zoo iets niet van ons.</p>
+
+<p>SALOME: Gij laat mij wachten?</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Prinses, ons leven behoort u, maar wat gij ons vraagt,
+kunnen wij niet doen... En dan, behoort gij dit niet aan ons te
+vragen.</p>
+
+<p>SALOME (<i>ziet den jongen Syriër aan</i>): Ah!</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: O, wat gaat er gebeuren? Ik weet zeker dat er
+een ongeluk gaat gebeuren.</p>
+
+<p>SALOME (<i>nadert den jongen Syriër</i>): Gij zult dit doen voor mij,
+niet-waar, Narraboth? Gij zult dit doen voor mij. Ik ben altijd
+vriendelijk voor u geweest. Niet-waar, gij zult dit doen voor mij? Ik
+wil hem maar<span class="pagenum"><a id="p_15">[15]</a></span> even zien, dezen zonderlingen profeet. Men heeft zooveel
+over hem gesproken. Ik heb den Tetrarch zoo vaak over hem hooren
+spreken. Ik denk dat de Tetrarch bevreesd voor hem is. Ik weet zeker
+dat hij bevreesd voor hem is ... Zijt ook gij, Narraboth, bevreesd
+voor hem?</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Ik ben niet bevreesd voor hem, Prinses. Ik ben niet
+bevreesd voor eenig mensch. Maar de Tetrarch heeft uitdrukkelijk
+verboden het deksel van dezen put op te lichten.</p>
+
+<p>SALOME: Gij zult dit doen voor mij, Narraboth, en morgen als ik
+voorbijkom in mijn draagstoel onder de poort van de verkoopers van
+afgodsbeelden, zal ik voor u een kleine bloem laten vallen, een kleine
+groene bloem.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Prinses, ik kan het niet doen, ik kan niet.</p>
+
+<p>SALOME (<i>zij glimlacht</i>): Gij zult dit doen voor mij, Narraboth. Gij
+weet wel dat gij dit voor mij doen zult. En morgen als ik in mijn
+draagstoel voorbijkom over de brug van de koopers van afgodsbeelden,
+zal ik u aanzien door de moeselinen sluiers, ik zal u aanzien,
+Narraboth, misschien zal ik naar u glimlachen. Zie mij aan, Narraboth.
+Zie mij aan. O gij weet wel dat gij doen zult wat ik u vraag. Gij weet
+het wel, niet-waar? ... <i>Ik</i> weet dat gij het doen zult.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR (<i>hij wenkt den derden soldaat</i>): Haal den profeet te
+voorschijn. De Prinses Salome wenscht hem te zien.</p>
+
+<p>SALOME: Ah!</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: O, hoe vreemd ziet de maan! Zij is als de hand
+eener doode die zich zoekt te dekken met een lijkkleed.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Ja, zij ziet zeer vreemd. Zij is als een kleine
+prinses wier oogen van amber zijn.<span class="pagenum"><a id="p_16">[16]</a></span> Door de moeselinen wolken
+glimlacht zij als een kleine prinses.</p>
+
+<p>(<i>De profeet komt op uit den waterput. Salome ziet hem aan en treedt
+achteruit.</i>)</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Waar is hij wiens beker met verfoeiselen vol is? Waar is hij
+die bestemd is te sterven in een zilveren kleed voor de oogen van het
+gansche volk? Zegt hem dat hij hier komt om te hooren de stem van hem
+die geroepen heeft in de woestijn en in de paleizen der koningen.</p>
+
+<p>SALOME: Van wien spreekt hij?</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Dat kan men nooit uitmaken, Prinses.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Waar is zij die de afbeeldselen van mannen gezien heeft
+geschilderd op den wand, Chaldeeuwsche mannen geteekend met bonte
+omtrekken, en zich overgegeven heeft aan den lust harer oogen en
+gezanten gezonden heeft naar Chaldaia?</p>
+
+<p>SALOME: Nu spreekt hij van mijn moeder.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: O neen, Prinses.</p>
+
+<p>SALOME: Ja, hij spreekt van mijn moeder.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Waar is zij die zich gegeven heeft aan de hoofdmannen der
+Assyriërs, die zwaardriemen dragen om hun lendenen, en op hun hoofden
+tiara's van onderscheiden verven? Waar is zij die zich gegeven heeft
+aan de jonge mannen uit Aigypte, die bekleed zijn met fijn linnen en
+paars purper, die schilden dragen van goud en helmen van zilver, en
+wier lichamen geweldig zijn? Zegt haar dat zij oprijze van het leger
+harer onkuischheid, van haar overspelig leger, opdat zij hoore de
+woorden van hem die den weg des Heeren bereidt; opdat zij zich bekeere
+van hare zonden. Hoewel zij zich nimmer bekeeren zal, maar blijven zal
+in hare verfoeiselen, zegt haar te komen; want de roede des Heeren is
+in zijne hand.<span class="pagenum"><a id="p_17">[17]</a></span></p>
+
+<p>SALOME: Deze mensch is verschrikkelijk. Hij is verschrikkelijk.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Ik bid u, Prinses, blijf niet hier.</p>
+
+<p>SALOME: Vooral zijn oogen zijn verschrikkelijk. Ze zijn als zwarte
+gaten door fakkels gebrand in een Tyrisch wandtapijt. Zij zijn als
+zwarte holen waar draken wonen, als de zwarte spelonken van Aigypte,
+waar de draken hun toevlucht vinden. Zij zijn als zwarte meren
+verontrust door fantastische manen ... Denkt gij dat hij nog meer
+spreken zal?</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Blijf niet hier, Prinses, ik bid u, blijf niet hier.</p>
+
+<p>SALOME: Hoe zeer mager is hij ook! Hij gelijkt op een dun ivoren
+standbeeld. Hij is als een zilveren standbeeld. Ik weet zeker dat hij
+even kuisch is als de maan. Hij gelijkt op een zilveren lichtstraal.
+Zijn lichaam moet heel koel aanvoelen, als ivoor... Ik wil hem
+dichterbij zien.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Neen, neen, Prinses!</p>
+
+<p>SALOME: Ik moet hem dichterbij zien.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Prinses! Prinses!</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Wie is deze vrouw die mij aanziet? Ik wil niet dat zij mij
+aanziet. Waarom ziet zij mij aan met haar gouden oogen onder haar
+vergulde oogleden? Ik weet niet wie zij is. Ik wil het niet weten.
+Zegt haar dat zij heenga. Tot haar gaan mijn woorden niet.</p>
+
+<p>SALOME: Ik ben Salome, de dochter van Herodias, de Prinses van Judaia.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Terug! Dochter van Babel! Nader niet den uitverkorene des
+Heeren. Uwe moeder heeft de aarde vervuld met den wijn harer
+ongerechtigheden, en de roep harer zonden is opgeklommen tot de ooren
+van God.</p>
+
+<p>SALOME: Spreek voort, Jokanaän. Uw stem maakt mij dronken als wijn.<span class="pagenum"><a id="p_18">[18]</a></span></p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Prinses! Prinses! Prinses!</p>
+
+<p>SALOME: Spreek voort. Spreek voort, Jokanaän, en zeg mij wat ik moet
+doen.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Nader mij niet, dochter van Sodom, maar bedek uw gelaat met
+een sluier, en strooi asch op uw hoofd, en ga naar de woestijn en zoek
+den zoon des menschen.</p>
+
+<p>SALOME: Wie is hij, de zoon des menschen? Is hij even schoon als gij,
+Jokanaän?</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Terug, terug! Ik hoor in het paleis het slaan der vleugelen
+van den engel des doods.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Prinses, ik smeek u, ga terug naar binnen.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Engel des Heeren, wat doet gij hier met uw zwaard? Wien
+zoekt gij in dit onrein paleis? ... De dag van hem die sterven zal in
+een kleed van zilver, is nog niet gekomen.</p>
+
+<p>SALOME: Jokanaän!</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Wie noemt mijn naam?</p>
+
+<p>SALOME: Jokanaän! Ik ben verliefd op uw lichaam. Uw lichaam is blank
+als de leliën op de weide die de maaier nimmer heeft gemaaid. Uw
+lichaam is blank als de sneeuw die ligt op de bergen, als de sneeuw
+die ligt op de bergen van Judaia, en die nederdaalt in de valleien. De
+rozen in den tuin van de koningin van Arabia zijn niet zoo blank als
+uw lichaam. Noch de rozen in den tuin van de koningin van Arabia noch
+de voeten van den dageraad, die trippen over de hoogste boombladeren,
+noch de borsten van de maan als zij rust tegen de borsten van de zee
+... daar is niets in de wereld zoo blank als uw lichaam.&mdash;Laat mij toe
+uw lichaam aan te raken.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Terug, dochter van Babel! Door de vrouw is het kwaad in de
+wereld gekomen. Spreek niet<span class="pagenum"><a id="p_19">[19]</a></span> tot mij. Ik wil niet naar u hooren. Ik
+hoor alleen naar de woorden van den Heere God.</p>
+
+<p>SALOME: Uw lichaam is afzichtelijk. Het is als het lichaam van een
+melaatsche. Het is als een gepleisterde wand waar adders hebben
+gekropen, als een gepleisterde wand waar schorpioenen hun nest hebben
+gemaakt. Het is als een gewit graf dat vol is van walgelijke dingen.
+Uw lichaam is afschuwelijk, het is afschuwelijk!... Op uwe haren ben
+ik verliefd, Jokanaän. Uw haren zijn als trossen druiven, als de
+trossen donkere druiven die afhangen van de wijnstokken van Edom in
+het land der Edomieten. Uwe haren zijn als de cederen van den Libanon,
+als de groote cederen van den Libanon, die schaduw geven aan de
+leeuwen en aan de roovers die zich willen verschuilen voor het
+daglicht. De lange donkere nachten, de nachten waarin de maan zich
+niet vertoont, waarin de sterren bevreesd zijn, zijn niet zoo zwart.
+De stilte die woont in de wouden, is niet zoo zwart. Er is niets in de
+wereld zoo zwart als uwe haren ... Laat mij toe uwe haren aan te
+raken.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Terug, dochter van Sodom! Raak mij niet aan. Ontwijd niet
+den tempel van den Heere God.</p>
+
+<p>SALOME: Uw haren zijn afschuwelijk. Zij zijn bedekt met slijk en stof.
+Zij zijn als een kroon van doornen, die zij geplaatst hebben op uw
+voorhoofd. Zij zijn als een wrong zwarte slangen die kronkelen om uwen
+hals. Ik bemin uwe haren niet ... Op uw mond ben ik verliefd,
+Jokanaän. Uw mond is als een scharlaken band om een toren van ivoor.
+Hij is als een granaatappel opengesneden met een ivoren mes. De
+granaatappelbloemen die bloesemen in de tuinen van Tyros en die rooder
+zijn dan de rozen, zijn niet zoo rood. De roode schetteringen der
+trompetten, die de komst<span class="pagenum"><a id="p_20">[20]</a></span> der koningen verkondigen en den vijand vrees
+aanjagen, zijn niet zoo rood. Uw mond is rooder dan de voeten van hen
+die den wijn treden in de wijnpersbakken. Hij is rooder dan de voeten
+der duiven die verblijven in de tempels en gevoed worden door de
+priesters. Hij is rooder dan de voeten van hem die terugkeert uit het
+woud waar hij een leeuw heeft verslagen en vergulde tijgers heeft
+gezien. Uw mond is als een koraaltak dien visschers gevonden hebben in
+de schemering der zee en dien zij bewaren voor de koningen. Hij is als
+het vermiljoen dat de Moabieten vinden in de mijnen van Moab en dat de
+koningen hun afkoopen. Hij is als de boog van den koning der Perzen,
+die geverfd is met vermiljoen en die hoornen heeft van koraal. Daar is
+niets in de wereld zoo rood als uw mond ... Laat mij toe uw mond te
+kussen.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Nimmer, dochter van Babel! Dochter van Sodom, nimmer!</p>
+
+<p>SALOME: Ik zal uw mond kussen, Jokanaän. Ik zal uw mond kussen.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: Prinses, Prinses, gij die zijt als een bundel myrrhe,
+gij die zijt de duif der duiven, zie dien mensch niet aan, zie hem
+niet aan! Spreek niet zulke woorden tot hem. Ik kan ze niet verduren
+.... Prinses, Prinses, zeg zulke dingen niet.</p>
+
+<p>SALOME: Ik zal uw mond kussen, Jokanaän.</p>
+
+<p>DE JONGE SYRIËR: O! (<i>Hij doodt zich en valt neêr tusschen Salome en
+Jokanaän.</i>)</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: De jonge Syriër heeft zich gedood! De jonge
+hoofdman heeft zich gedood! Ik had hem een doosje met reukwerk gegeven
+en oorringen gewerkt in zilver, en nu heeft hij zich gedood! Heeft hij
+niet voorspeld dat er een ongeluk ging gebeuren? Ik heb het zelf
+voorspeld, en nu is het gebeurd. Ik wist wel dat de maan speurde naar
+een<span class="pagenum"><a id="p_21">[21]</a></span> doode, maar ik wist niet dat hij het was, dien zij zocht. O,
+waarom heb ik hem niet verborgen voor de maan? Als ik hem verborgen
+had in een spelonk, zoû zij hem niet gezien hebben.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Prinses, de jonge hoofdman heeft zich zooeven gedood.</p>
+
+<p>SALOME: Laat toe dat ik uw mond kus, Jokanaän.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Zijt gij niet bevreesd, dochter van Herodias? Heb ik u niet
+gezegd dat ik in het paleis gehoord had het slaan der vleugelen van
+den engel des doods, en is niet de engel gekomen?</p>
+
+<p>SALOME: Laat mij uwen mond kussen.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Dochter van echtbreuk, er is slechts éen mensch die u redden
+kan: hij van wien ik u gesproken heb. Ga hem zoeken. Hij bevindt zich
+in een schip op de zee van Galilaia en spreekt tot zijne discipelen.
+Kniel neder aan den zoom der zee en roep hem bij zijn naam. Als hij
+tot u komt, en hij komt tot allen die hem roepen, buig u ter aarde aan
+zijne voeten en vraag hem vergeving uwer zonden.</p>
+
+<p>SALOME: Laat mij uwen mond kussen.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Wees vervloekt, dochter eener overspelige moeder, wees
+vervloekt.</p>
+
+<p>SALOME: Ik zal uwen mond kussen, Jokanaän.</p>
+
+<p>JOKANAÄN: Ik wil u niet aanzien. Ik zal u niet aanzien. Gij zijt
+vervloekt, Salome, gij zijt vervloekt. (<i>Hij daalt af in den
+waterput.</i>)</p>
+
+<p>SALOME: Ik zal uwen mond kussen, Jokanaän, ik zal uwen mond kussen.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Wij moeten het doode lichaam laten wegbrengen. De
+Tetrarch ziet niet gaarne lijken behalve de lijken van hen die hij
+zelf gedood heeft.</p>
+
+<p>DE PAGE VAN HERODIAS: Hij was mijn broeder, hij was mij nader dan een
+broeder. Ik heb hem een doosje gegeven, dat reukwerk bevatte, en een
+agaten<span class="pagenum"><a id="p_22">[22]</a></span> ring dien hij altijd aan zijn vinger droeg. Des avonds
+plachten wij te wandelen aan den oever der rivier en tusschen de
+amandelboomen. Dan verhaalde hij mij van zijn land. Hij sprak altijd
+zeer zacht. De klank van zijn stem was als de klank van de fluit eens
+fluitspelers. Ook hield hij er veel van naar zich-zelf te zien in de
+rivier. Ik heb hem daar nog verwijt van gemaakt.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Gij hebt gelijk. Wij moeten het lijk verbergen. Het is
+beter dat de Tetrarch het niet ziet.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: De Tetrarch zal hier niet komen. Hij komt nooit op het
+terras. Hij is te bevreesd voor den profeet.</p>
+
+<p>(<i>Herodes en Herodias komen op met hun gevolg.</i>)</p>
+
+<p>HERODES: Waar is Salome? Waar is de Prinses? Waarom is zij niet
+teruggekeerd aan het feestmaal zooals ik haar bevolen had?&mdash;O, daar is
+zij.</p>
+
+<p>HERODIAS: Gij moet haar niet aanzien. Gij ziet haar voortdurend aan!</p>
+
+<p>HERODES: De maan ziet zeer vreemd vanavond. Ziet de maan niet zeer
+vreemd? Zij is als een liefdeskranke vrouw, een liefdeskranke vrouw
+die overal naar minnaars omzoekt. Ook is zij naakt. Zij is geheel
+naakt. De wolken trachten haar te bekleeden, maar zij wil niet. Zij
+waggelt door de wolken als een beschonken vrouw. Ik weet zeker dat zij
+naar minnaars zoekt. Waggelt zij niet als een beschonken vrouw? Zij
+gelijkt op een liefdeskranke vrouw, niet-waar?</p>
+
+<p>HERODIAS: Wel neen. De maan lijkt op de maan en op niets anders. Laten
+wij weêr naar binnen gaan... Gij hebt hier niets te maken.</p>
+
+<p>HERODES: Ik blijf hier! Manasse, spreid tapijten daar. Steekt fakkels
+aan. Brengt de tafelen van jaspis. De lucht is hier kostelijk. Brengt
+anderen wijn. Ik wil nog drinken met mijne gasten. Aan de gezanten van
+Caesar moeten wij alle eer bewijzen.<span class="pagenum"><a id="p_23">[23]</a></span></p>
+
+<p>HERODIAS: Niet ter wille van hen blijft gij hier.</p>
+
+<p>HERODES: Ja, de lucht is kostelijk. Kom, Herodias, onze gasten wachten
+ons. Wee, mijn voet is uitgegleden! Mijn voet is uitgegleden in bloed!
+Een slecht voorteeken. Een zeer slecht voorteeken. Hoe komt hier
+bloed?... En dit lijk? Wat doet dit lijk hier? Denkt gij dat ik ben
+als de koning van Aigypte, die nooit een feest geeft zonder een lijk
+te vertoonen aan zijne gasten? Wiens lijk is dit? Ik wil er niet naar
+zien.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Het is onze hoofdman, Heer. Het is de jonge Syriër,
+dien gij pas vóor drie dagen hoofdman gemaakt hebt.</p>
+
+<p>HERODES: Ik heb geen bevel gegeven om hem te dooden.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Hij heeft zich-zelf gedood, Heer.</p>
+
+<p>HERODES: Om wat reden? Ik had hem hoofdman gemaakt.</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Wij weten niet, Heer. Maar hij heeft zich-zelf gedood.</p>
+
+<p>HERODES: Dat lijkt mij zonderling. Ik dacht dat alleen Romeinsche
+wijsgeeren zich-zelf doodden. Niet-waar, Tigellinus, de wijsgeeren te
+Rome dooden zich-zelf?</p>
+
+<p>TIGELLINUS: Er zijn er die zich dooden, Heer. Dat zijn de Stoïcijnen.
+Het zijn erg onbeschaafde menschen. Het zijn zeer belachelijke
+menschen. Ik voor mij vind hen zeer belachelijk.</p>
+
+<p>HERODES: Ik ook. Het is belachelijk zich te dooden.</p>
+
+<p>TIGELLINUS: Iedereen te Rome spot met hen. De Keizer heeft een satire
+tegen hen geschreven, die overal wordt gedeclameerd.</p>
+
+<p>HERODES: Heeft de Keizer een satire tegen hen geschreven? Caesar is
+wonderbaarlijk. Daar is niets wat hij niet kan... Het is zonderling
+dat de jonge<span class="pagenum"><a id="p_24">[24]</a></span> Syriër zich heeft gedood. Ik betreur dat dit geschied
+is. Ik betreur het zeer. Want hij was schoon om te zien. Hij was zelfs
+zeer schoon. Hij had zeer smachtende oogen. Ik herinner mij hoe ik hem
+smachtend heb zien kijken naar Salome. In waarheid, ik vond toen dat
+hij een weinig te veel naar haar zag.</p>
+
+<p>HERODIAS: Daar zijn anderen die te veel naar haar zien.</p>
+
+<p>HERODES: Zijn vader was een koning. Ik heb hem uit zijn koninkrijk
+verdreven. En van zijn moeder, die een koningin was, hebt gij eene
+slavin gemaakt, Herodias. Dus was hij hier als het ware mijn gast.
+Daarom had ik hem hoofdman gemaakt. Ik betreur het dat hij dood is...
+Maar waarom hebt gij het lijk hier gelaten? Brengt het weg van hier.
+Ik wil het niet zien.... Brengt het weg.... (<i>Men draagt het lijk
+weg.</i>) Het is koud hier. Er is wind hier. Niet-waar, er is wind?</p>
+
+<p>HERODIAS: Neen. Er is geen wind.</p>
+
+<p>HERODES: Zeker, er is wind... En ik hoor in de lucht als het slaan van
+vleugelen, als het slaan van reusachtige vleugelen. Hoort gij niet?</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik hoor niets.</p>
+
+<p>HERODES: Nu hoor ik het zelf ook niet meer. Maar ik heb het gehoord.
+Het was ongetwijfeld de wind. Nu is het voorbij. Maar neen, ik hoor
+het weêr. Hoort gij niet? Het is volkomen als het slaan van vleugelen.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik zeg u dat er niets is. Gij zijt onwel. Laten wij naar
+binnen gaan.</p>
+
+<p>HERODES: Ik ben heel wel. Uw dochter is veeleer onwel. Nooit heb ik
+haar zoo bleek gezien.</p>
+
+<p>HERODIAS: Gij moet haar niet aanzien, zeg ik u.</p>
+
+<p>HERODES: Geeft mij wijn. (<i>Men brengt wijn.</i>) Salome, kom en drink een
+weinig wijn met mij. Ik heb hier een uitgelezen wijn. Caesar zelf
+heeft hem<span class="pagenum"><a id="p_25">[25]</a></span> mij gezonden. Doop er uw roode lipjes in, en dan zal ik den
+beker ledigen.</p>
+
+<p>SALOME: Ik ben niet dorstig, Tetrarch.</p>
+
+<p>HERODES: Hoort gij hoe uw dochter mij antwoordt?</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik vind dat zij groot gelijk heeft. Waarom ziet gij haar
+voortdurend aan?</p>
+
+<p>HERODES: Brengt mij vruchten. (<i>Men brengt vruchten.</i>) Salome, kom en
+eet een vrucht met mij. Ik zie gaarne den beet uwer tandjes in een
+vrucht. Bijt een klein stukje uit deze vrucht, en dan zal ik eten wat
+overschiet.</p>
+
+<p>SALOME: Ik ben niet hongerig, Tetrarch.</p>
+
+<p>HERODES: Gij ziet hoe gij uw dochter hebt opgevoed.</p>
+
+<p>HERODIAS: Mijn dochter en ik stammen uit een koninklijk geslacht. Maar
+uw grootvader hoedde kameelen! Ook was hij een roover!</p>
+
+<p>HERODES: Gij liegt!</p>
+
+<p>HERODIAS: Gij weet zeer wel dat ik de waarheid spreek.</p>
+
+<p>HERODES: Salome, kom hier naast mij zitten. Ik zal u den troon uwer
+moeder geven.</p>
+
+<p>SALOME: Ik ben niet vermoeid, Tetrarch.</p>
+
+<p>HERODIAS: Gij ziet hoe zij over u denkt.</p>
+
+<p>HERODES: Brengt mij... Wat wil ik ook weêr? Ik weet het niet... O, ik
+herinner mij...</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: De tijd is gekomen! Wat ik voorzegd heb, is
+geschied, zegt de Heere God. De dag waarvan ik gesproken heb, is
+gekomen.</p>
+
+<p>HERODIAS: Beveel hem te zwijgen. Ik wil zijn stem niet hooren. Deze
+mensch braakt altijd smaadredenen tegen mij uit.</p>
+
+<p>HERODES: Hij heeft niets tegen u gezegd. Bovendien is hij een zeer
+groot profeet.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik geloof niet aan profeten. Kan een<span class="pagenum"><a id="p_26">[26]</a></span> mensch zeggen, wat in
+de toekomst zal gebeuren? Niemand weet dat. Bovendien hoont hij mij
+altijd. Maar ik geloof dat gij bevreesd voor hem zijt. Ik weet zeer
+wel dat gij bevreesd voor hem zijt.</p>
+
+<p>HERODES: Ik ben niet bevreesd voor hem. Daar is niemand voor wien ik
+bevreesd ben.</p>
+
+<p>HERODIAS: Het is zoo, gij zijt bevreesd voor hem. Indien gij niet
+bevreesd voor hem waart, waarom levert gij hem niet over aan de Joden
+die al zes maanden lang hem opeischen?</p>
+
+<p>EEN JOOD: Inderdaad, Heer, het zoû beter zijn hem aan ons over te
+leveren.</p>
+
+<p>HERODES: Genoeg hierover. Ik heb u reeds mijn antwoord gegeven. Ik wil
+hem niet aan u overleveren. Hij is een man die God heeft gezien.</p>
+
+<p>EERSTE JOOD: Dat is onmogelijk. Niemand heeft God gezien sinds den
+profeet Elias. Hij is de laatste die God gezien heeft. In dezen tijd
+verschijnt God niet meer. God verbergt zich. Dientengevolge komen
+groote rampen over ons land.</p>
+
+<p>ANDERE JOOD: Eigenlijk weet men niet of de profeet Elias werkelijk God
+gezien heeft. Het was veeleer maar de schaduw van God, die hij gezien
+heeft.</p>
+
+<p>DERDE JOOD: God verbergt zich nooit. Hij verschijnt voortdurend en in
+alle dingen. God is in het booze als in het goede.</p>
+
+<p>VIERDE JOOD: Zeg dat niet. Het is een zeer gevaarlijke leer. Het is
+een leer die komt uit de scholen van Alexandria, waar men Grieksche
+wijsbegeerte onderwijst. En de Grieken zijn heidenen. Zij zijn zelfs
+niet besneden.</p>
+
+<p>VIJFDE JOOD: Men kan niet zeggen hoe God werkt; zijn wegen zijn zeer
+geheimzinnig. Mogelijk is wat wij het booze noemen, het goede, en wat
+wij het goede noemen, het booze. Daar is niets dat men zeker<span class="pagenum"><a id="p_27">[27]</a></span> weet.
+Wij moeten ons noodzakelijk aan alles onderwerpen. God is zeer
+geweldig. Hij breekt de sterken tezamen met de zwakken. Hij kent geen
+aanzien des persoons.</p>
+
+<p>EERSTE JOOD: Dat is waar. God is schrikkelijk. Hij breekt de zwakken
+en de sterken zooals een man koren breekt in een mortier. Maar deze
+mensch heeft God nooit gezien. Niemand heeft God gezien sinds den
+profeet Elias.</p>
+
+<p>HERODIAS: Gebied hun te zwijgen. Zij vervelen mij.</p>
+
+<p>HERODES: Maar ik heb hooren zeggen dat Jokanaän niemand anders is dan
+uw profeet Elias.</p>
+
+<p>EERSTE JOOD: Dat is niet mogelijk. Sinds de dagen van den profeet
+Elias zijn drie honderd jaren.</p>
+
+<p>HERODES: Er zijn er die zeggen dat hij de profeet Elias is.</p>
+
+<p>EEN NAZAREËR: Ik weet zeker dat hij de profeet Elias is.</p>
+
+<p>EERSTE JOOD: Neen, hij is de profeet Elias niet.</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: De dag is gekomen, de dag des Heeren, en ik hoor
+op de bergen de voeten van hem die de Heiland der wereld wezen zal.</p>
+
+<p>HERODES: Wat beteekent dat? De Heiland der wereld?</p>
+
+<p>TIGELLINUS: Het is een titel dien Caesar zich geeft.</p>
+
+<p>HERODES: Maar Caesar komt niet naar Judaia. Ik heb gisteren brieven
+uit Rome ontvangen. Er stond niets daarvan in. En gij, Tigellinus, die
+gedurende den winter te Rome zijt geweest, gij hebt daarvan niets
+hooren verluiden, niet-waar?</p>
+
+<p>TIGELLINUS: Inderdaad, Heer, ik heb er niet van hooren spreken. Ik
+verklaarde u enkel den titel. Het is een van Caesars titels.</p>
+
+<p>HERODES: Caesar zoû niet kunnen komen. Hij is jichtig. Hij heeft, zegt
+men, voeten als die van een<span class="pagenum"><a id="p_28">[28]</a></span> elephant. Ook zijn er staatsbelangen die
+het beletten. Hij die Rome verlaat, verliest Rome. Hij zal niet komen.
+Toch, Caesar is meester. Hij zal komen als hij wil. Maar ik denk niet
+dat hij komen zal.</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Niet van Caesar heeft de profeet gesproken, Heer.</p>
+
+<p>HERODES: Niet van Caesar?</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Neen, Heer.</p>
+
+<p>HERODES: Van wien heeft hij dan gesproken?</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Van den Messias die gekomen is.</p>
+
+<p>EERSTE JOOD: De Messias is niet gekomen.</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Hij is gekomen, en hij doet overal wonderen.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ha! ha! Wonderen! Ik geloof niet aan wonderen. Ik heb er te
+veel gezien. (<i>Tot den page:</i>) Mijn waaier.</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Deze mensch doet waarachtige wonderen. Zoo bij
+gelegenheid van een huwelijk dat plaats vond in een vlek van Galilaia,
+een vrij groot vlek, heeft hij water in wijn veranderd. Menschen die
+er bij waren, hebben het mij verteld. Ook heeft hij twee melaatschen
+die zaten voor de poort van Capernaüm, genezen enkel door hen aan te
+raken..</p>
+
+<p>TWEEDE NAZAREËR: Neen, het waren twee blinden die hij genezen heeft te
+Capernaüm.</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Neen, het waren melaatschen. Maar hij heeft ook
+blinden genezen, en men heeft hem op een berg zien spreken met
+engelen.</p>
+
+<p>EEN SADDUCEËR: Engelen bestaan niet.</p>
+
+<p>EEN FARIZEËR: Er bestaan wel engelen, maar ik geloof niet dat deze
+mensch met hen gesproken heeft.</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Een groote schare heeft hem met engelen zien spreken.</p>
+
+<p>EEN SADDUCEËR: Niet met engelen.<span class="pagenum"><a id="p_29">[29]</a></span></p>
+
+<p>HERODIAS: Hoe deze menschen mij ergeren! Zij zijn stompzinnig. Zij
+zijn volslagen stompzinnig. (<i>Tot den page:</i>) Hier, mijn waaier. (<i>De
+page geeft haar den waaier.</i>) Gij staat te droomen. Gij doet beter
+niet te droomen. Het is ziekelijk om te staan droomen. (<i>Zij slaat den
+page met haar waaier.</i>)</p>
+
+<p>TWEEDE NAZAREËR: Ook is er nog het wonder met het dochtertje van
+Jaïrus.</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Zeker. Dat staat vast. Men kan het niet ontkennen.</p>
+
+<p>HERODIAS: Die menschen zijn krankzinnig. Zij hebben zich aan de maan
+vergaapt. Zeg hun dat zij zwijgen.</p>
+
+<p>HERODES: Wat is dat, het wonder met het dochtertje van Jaïrus?</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Het dochtertje van Jaïrus was dood. Hij heeft haar
+opgewekt.</p>
+
+<p>HERODES: Hij wekt de dooden op?</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Ja, Heer, hij wekt de dooden op.</p>
+
+<p>HERODES: Ik wil niet dat hij dat doet. Ik verbied hem dat te doen. Ik
+sta niemand toe de dooden op te wekken. Zoekt dezen mensch op en zegt
+hem dat ik hem niet toesta de dooden op te wekken. Waar is deze mensch
+op het oogenblik?</p>
+
+<p>TWEEDE NAZAREËR: Hij is overal, Heer, maar het is zeer moeilijk hem te
+vinden.</p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Men zegt dat hij op het oogenblik in Samaria is.</p>
+
+<p>EERSTE JOOD: Men ziet licht dat deze de Messias niet is, wanneer hij
+in Samaria is. Tot de Samaritanen zal de Messias niet komen. De
+Samaritanen zijn vervloekt. Zij offeren niet in den tempel.</p>
+
+<p>TWEEDE NAZAREËR: Hij heeft vóor enkele dagen Samaria verlaten. Ik
+geloof dat hij op dit oogenblik in de omstreken van Jerusalem is.<span class="pagenum"><a id="p_30">[30]</a></span></p>
+
+<p>EERSTE NAZAREËR: Neen, daar is hij niet. Ik kom juist terug van
+Jerusalem. Men heeft daar in twee maanden niets van hem gehoord.</p>
+
+<p>HERODES: Het komt er niet op aan! Maar zorgt dat gij hem uitvindt, en
+zegt hem uit mijn naam dat ik hem niet toesta de dooden op te wekken.
+Water in wijn veranderen, de melaatschen en de blinden genezen,&mdash;dat
+alles mag hij doen als hij wil. Ik heb daar niets tegen. In waarheid
+vind ik dat de melaatschen genezen een goed werk is. Maar ik sta hem
+niet toe de dooden op te wekken... Het zoû schrikkelijk zijn als de
+dooden terugkwamen.</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: Wee de onkuische, de overspelige vrouw! Wee de
+dochter van Babel met haar gouden oogen en haar vergulde oogleden.
+Hoort wat de Heere God zegt. Laat tegen haar opkomen een menigte
+mannen. Laat het volk steenen opnemen en haar steenigen...</p>
+
+<p>HERODIAS: Gebied hem te zwijgen.</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: Dat de hoofdlieden der krijgsbenden haar
+doorsteken met hunne zwaarden, dat zij haar verpletteren onder hunne
+schilden.</p>
+
+<p>HERODIAS: Neen maar het is schandelijk!</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: Zoo zal ik de boosheid wegdoen van het
+aangezicht der aarde, en alle vrouwen zullen leeren hare verfoeiselen
+niet na te volgen.</p>
+
+<p>HERODIAS: Hoort gij wat hij tegen mij zegt? Laat gij uwe gemalin
+honen?</p>
+
+<p>HERODES: Hij heeft uw naam niet genoemd.</p>
+
+<p>HERODIAS: Wat doet dat? Gij weet wel dat hij mij zoekt te honen. En ik
+ben uw gemalin, niet-waar?</p>
+
+<p>HERODES: Voorzeker, waarde en edele Herodias, gij zijt mijn gemalin,
+en voordien waart gij de gemalin van mijn broeder.</p>
+
+<p>HERODIAS: Gij hebt mij uit zijn armen weggerukt.<span class="pagenum"><a id="p_31">[31]</a></span></p>
+
+<p>HERODES: Het is waar, ik was de sterkste... maar laten wij daarover
+niet spreken. Ik wil daarover niet spreken. Om oorzaak daarvan heeft
+de profeet woorden van verschrikking gesproken. Om oorzaak daarvan zal
+er nog een ongeluk gebeuren. Laten wij er niet over spreken... Edele
+Herodias, wij vergeten onze gasten. Vul mijn beker, mijn beminde. Vult
+met wijn de groote zilveren bekers en de groote glazen bekers. Ik wil
+drinken op Caesar. Er zijn Romeinen hier, en wij moeten drinken op
+Caesar.</p>
+
+<p>ALLEN: Caesar! Caesar!</p>
+
+<p>HERODES: Merkt gij niet op hoe bleek uw dochter is?</p>
+
+<p>HERODIAS: Wat hebt gij daarmeê van-doen of zij bleek is of niet?</p>
+
+<p>HERODES: Ik heb haar nooit zoo bleek gezien.</p>
+
+<p>HERODIAS: Gij doet beter haar niet aan te zien.</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: In dien dag zal de zon zwart worden als een
+haren zak, en de maan zal worden als bloed, en de sterren zullen van
+den hemel neêrvallen op de aarde als onrijpe vijgen afvallen van een
+vijgeboom, en de koningen der aarde zullen bevreesd zijn.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ha! Ha! Dien dag zoû ik wel eens willen zien, waarvan hij
+spreekt, wanneer de maan zal worden als bloed en de sterren op de
+aarde zullen vallen als onrijpe vijgen. Deze profeet spreekt als een
+beschonken man... Maar ik kan den klank van zijn stem niet uitstaan.
+Ik verfoei zijn stem. Gebied dat hij zwijge.</p>
+
+<p>HERODES: Neen, neen. Ik begrijp niet wat hij gezegd heeft, maar het is
+mogelijk een voorspelling.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik geloof niet in voorspellingen. Hij spreekt als een
+dronken man.</p>
+
+<p>HERODES: Misschien is hij dronken van den wijn van God.<span class="pagenum"><a id="p_32">[32]</a></span></p>
+
+<p>HERODIAS: Wat wijn is dat, de wijn van God? Uit welken wijngaard komt
+hij? In welken wijnpersbak kan men hem vinden?</p>
+
+<p>HERODES: (<i>Hij laat geen oog meer af van Salome.</i>) Tigellinus, toen
+gij laatstelijk te Rome waart, heeft de Keizer u toen gesproken
+over...?</p>
+
+<p>TIGELLINUS: Waarover, Heer?</p>
+
+<p>HERODES: Waarover? Ah, ik heb een vraag tot u gericht, niet-waar? Ik
+ben vergeten wat ik wilde vragen.</p>
+
+<p>HERODIAS: Gij ziet weêr mijn dochter aan. Gij moet haar niet aanzien.
+Dat heb ik u reeds gezegd.</p>
+
+<p>HERODES: Gij zegt niets anders.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik zeg het nog eens.</p>
+
+<p>HERODES: En de herstelling van den tempel, waarvan men zooveel
+gesproken heeft? Zal daar nu iets voor gedaan worden? Men zegt,
+niet-waar, dat het voorhangsel van het heilige der heiligen verdwenen
+is?</p>
+
+<p>HERODIAS: Gij zelf hebt het weggenomen. Gij weet niet meer wat gij
+zegt. Ik wil hier niet langer blijven. Laten wij naar binnen gaan.</p>
+
+<p>HERODES: Salome, dans voor mij.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik wil niet dat zij danst.</p>
+
+<p>SALOME: Ik heb geen lust tot dansen, Tetrarch.</p>
+
+<p>HERODES: Salome, dochter van Herodias, dans voor mij.</p>
+
+<p>HERODIAS: Laat haar met rust.</p>
+
+<p>HERODES: Ik gelast u te dansen, Salome.</p>
+
+<p>SALOME: Ik zal niet dansen, Tetrarch.</p>
+
+<p>HERODIAS (<i>lachend</i>): Gij ziet hoe gehoorzaam zij u is.</p>
+
+<p>HERODES: Het is mij om 't even of zij danst of niet. Het is mij om 't
+even. Ik voel mij gelukkig vanavond. Ik voel mij zeer gelukkig. Ik heb
+mij nooit zoo gelukkig gevoeld.<span class="pagenum"><a id="p_33">[33]</a></span></p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: De Tetrarch ziet somber. Niet-waar, hij ziet somber?</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Ja, hij ziet somber.</p>
+
+<p>HERODES: Hoe zoû ik mij niet gelukkig voelen? Caesar die de meester
+der wereld is, die meester van alles is, is mij zeer genegen. Hij
+heeft mij pas geschenken van groote waarde gezonden. Ook heeft hij mij
+beloofd naar Rome te dagen den koning van Kappadokia, die mijn vijand
+is. Mogelijk zal hij hem te Rome kruisigen. Caesar kan alles doen wat
+hij wil. Hij is heer en meester. Dus, gij ziet, ik heb het recht mij
+gelukkig te voelen. Er is niets ter wereld dat mijn vreugde bederven
+kan.</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: Hij zal gezeten zijn op zijn troon. Hij zal
+bekleed zijn met purper en scharlaken. In zijne hand zal hij een
+gouden beker dragen vol van zijne godslasteringen. En de engel des
+Heeren zal hem slaan. Hij zal door de wormen gegeten worden.</p>
+
+<p>HERODIAS: Gij hoort wat hij van u zegt. Hij zegt dat gij door de
+wormen zult gegeten worden.</p>
+
+<p>HERODES: Hij spreekt niet van mij. Hij zegt nooit iets tegen mij. Van
+den koning van Kappadokia spreekt hij, van den koning van Kappadokia,
+die mijn vijand is. Die zal door de wormen gegeten worden. Niet ik.
+Nooit heeft de profeet iets tegen mij gezegd behalve dat ik verkeerd
+deed de gemalin van mijn broeder tot gemalin te nemen. Mogelijk heeft
+hij gelijk. Inderdaad zijt gij onvruchtbaar.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik ben onvruchtbaar, ik? En gij zegt dat, gij die
+voortdurend mijn dochter aanziet, gij die haar zooeven hebt willen
+doen dansen voor uw genoegen? Het is belachelijk zoo iets te zeggen.
+Ik heb een kind gebaard. Gij hebt nooit een kind verwekt, zelfs niet
+bij een uwer slavinnen. Niet ik ben onvruchtbaar, maar gij.<span class="pagenum"><a id="p_34">[34]</a></span></p>
+
+<p>HERODES: Houd u stil. Ik zeg u dat gij onvruchtbaar zijt. Gij hebt mij
+geen kind geschonken, en de profeet zegt dat ons huwelijk geen
+waarachtig huwelijk is. Hij zegt dat het een overspelig huwelijk is,
+dat ongeluk zal aanbrengen ... Ik vrees dat hij gelijk heeft. Ik voel
+dat hij gelijk heeft. Maar het is nu het oogenblik niet om daarover te
+spreken. Op het oogenblik wil ik uitsluitend gelukkig zijn. In
+waarheid ben ik het. Ik ben zeer gelukkig. Er is niets dat mij
+ontbreekt.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik ben blijde dat gij in zoo goede stemming zijt vanavond.
+Het is uw gewoonte niet. Maar het wordt laat. Laten wij naar binnen
+gaan. Bedenk dat wij morgen bij zonsopgang allen op jacht gaan. Aan de
+gezanten van Caesar moeten wij alle eer bewijzen, niet-waar?</p>
+
+<p>TWEEDE SOLDAAT: Hoe somber ziet de Tetrarch.</p>
+
+<p>EERSTE SOLDAAT: Ja, hij ziet somber.</p>
+
+<p>HERODES: Salome, Salome, dans voor mij. Ik smeek u, dans voor mij. Ik
+ben droefgestemd vanavond. Ja, ik ben buitengewoon droefgestemd
+vanavond. Toen ik hier kwam, ben ik uitgegleden in bloed, wat een
+slecht voorteeken is, en ik heb gehoord, ik weet zeker dat ik gehoord
+heb het slaan van vleugelen in de lucht, het slaan van reusachtige
+vleugelen. Ik weet niet wat dat beteekenen moet. Ik ben droefgestemd
+vanavond. Daarom dans voor mij. Dans voor mij, Salome, ik smeek er u
+om. Als gij voor mij danst, kunt gij mij vragen wat gij wilt en ik zal
+het u geven. O dans voor mij, Salome, en ik zal u geven alles wat gij
+mij vraagt, zelfs tot de helft van mijn koninkrijk.</p>
+
+<p>SALOME (<i>staat op</i>): Gij zult mij geven al wat ik vraag, Tetrarch?</p>
+
+<p>HERODIAS: Dans niet, mijne dochter.</p>
+
+<p>HERODES: Alles, tot de helft van mijn koninkrijk.</p>
+
+<p>SALOME: Gij zweert het, Tetrarch?<span class="pagenum"><a id="p_35">[35]</a></span></p>
+
+<p>HERODES: Ik zweer het, Salome.</p>
+
+<p>HERODIAS: Mijn dochter, dans niet.</p>
+
+<p>SALOME: Waarbij zweert gij, Tetrarch?</p>
+
+<p>HERODES: Bij mijn leven, bij mijn kroon, bij mijne goden. Al wat gij
+wilt zal ik u geven, tot de helft van mijn koninkrijk, als gij voor
+mij danst. O, Salome, dans voor mij.</p>
+
+<p>SALOME: Gij hebt gezworen, Tetrarch.</p>
+
+<p>HERODES: Ik heb gezworen, Salome.</p>
+
+<p>SALOME: Alles wat ik vraag, tot de helft van uw koninkrijk?</p>
+
+<p>HERODIAS: Dans niet, mijne dochter.</p>
+
+<p>HERODES: Tot de helft van mijn koninkrijk. Gij zoudt bovenmate schoon
+zijn als koningin, Salome, indien het u behaagde de helft van mijn
+koninkrijk te vragen. Zoû zij niet bovenmate schoon zijn als
+koningin?... O, het is koud hier, daar is een ijskoude wind, en ik
+hoor... Waarom hoor ik in de lucht dat slaan van vleugelen? Het is
+alsof er een vogel, een groote zwarte vogel is, die omvliegt boven het
+terras. Waarom kan ik dien vogel niet zien? Het slaan zijner vleugelen
+is verschrikkelijk. De wind dien zijn vleugelen maken, is
+verschrikkelijk. Het is een kille wind ... Neen, het is volstrekt niet
+koud. Integendeel, het is zeer warm. Het is te warm. Ik ben benauwd.
+Schenkt water op mijn handen. Geeft mij sneeuw te eten. Maakt mijn
+mantel los. Snel, snel, maakt mijn mantel los ... Neen. Laat wezen.
+Het is mijn krans die mij hindert, mijn krans van rozen. De bloemen
+zijn als vuur. Zij nebben mijn voorhoofd verschroeid. (<i>Hij rukt zich
+den krans van het hoofd en werpt hem neêr op de tafel.</i>) Ah, ik kom
+weêr op adem. Hoe rood zijn die bloembladen! Zij zijn als vlekken
+bloed op het tafellaken. Het is van geen belang. Men moet geen
+zinnebeelden vinden in al wat men ziet. Dat maakt<span class="pagenum"><a id="p_36">[36]</a></span> het leven
+onmogelijk. Men doet beter te zeggen dat bloedvlekken even schoon zijn
+als rozebladen. Dat zoû veel beter zijn... Maar laten wij daarvan niet
+spreken. Nu voel ik mij gelukkig. Ik voel mij zeer gelukkig. Ik heb
+het recht mij gelukkig te voelen, niet-waar? Uw dochter gaat voor mij
+dansen. Niet-waar, gij gaat voor mij dansen, Salome? Gij hebt beloofd
+voor mij te dansen.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik wil niet dat zij danst.</p>
+
+<p>SALOME: Ik zal dansen voor u, Tetrarch.</p>
+
+<p>HERODES: Gij hoort wat uw dochter zegt. Zij zal voor mij dansen. Gij
+hebt groot gelijk, Salome, dat gij voor mij danst. En wanneer gij hebt
+gedanst, vergeet niet te vragen al wat gij wilt. Al wat gij wilt zal
+ik u geven, tot de helft van mijn koninkrijk. Ik heb het gezworen,
+niet-waar?</p>
+
+<p>SALOME: Gij hebt gezworen, Tetrarch.</p>
+
+<p>HERODES: En ik heb nooit mijn woord gebroken. Ik behoor niet tot hen
+die hun woord breken. Ik weet niet wat liegen is. Ik ben de slaaf van
+mijn woord, en mijn woord is het woord eens konings. De koning van
+Kappadokia liegt altijd, maar hij is geen waarachtig koning. Hij is
+een lafaard. Ook is hij mij geld schuldig, dat hij mij niet wil
+terugbetalen. Hij heeft zelfs mijn afgezanten gehoond. Hij heeft
+beleedigende woorden gezegd. Maar Caesar zal hem kruisigen wanneer hij
+te Rome komt. Ik weet zeker dat Caesar hem zal kruisigen. Of anders
+zal hij sterven gegeten door de wormen. De profeet heeft het voorspeld
+... Nu, Salome, waarop wacht gij?</p>
+
+<p>SALOME: Ik wacht dat mijn slavinnen mij reukwateren brengen en de
+zeven sluiers, en mijne sandalen ontbinden. (<i>Slavinnen brengen
+reukwateren en de zeven sluiers en ontbinden de sandalen van Salome.</i>)</p>
+
+<p>HERODES: Ha, gij gaat dansen op bloote voeten!<span class="pagenum"><a id="p_37">[37]</a></span> Dat is goed! Dat is
+goed! Uw voetjes zullen als witte duiven zijn. Zij zullen gelijken op
+kleine witte bloemen die wiegen op den boom ... Maar neen. Zij gaat
+dansen in bloed. Daar ligt bloed op den grond. Ik wil niet dat zij
+danst in bloed. Het zoû een zeer slecht voorteeken zijn.</p>
+
+<p>HERODIAS: Wat gaat dat u aan of zij danst in bloed? Gij hebt wel in
+bloed gewaad ...</p>
+
+<p>HERODES: Wat doet dat er toe voor mij? O zie de maan! Zij is
+plotseling rood geworden. Zij is zoo rood geworden als bloed. O de
+profeet heeft het wel voorspeld. Hij heeft voorspeld dat de maan rood
+zoû worden als bloed. Niet-waar, hij heeft het voorspeld? Gij allen
+hebt het gehoord. De maan is rood geworden als bloed. Ziet gij niet?</p>
+
+<p>HERODIAS: O ja, ik zie het zeer wel, en de sterren vallen als onrijpe
+vijgen, niet-waar? En de zon wordt zwart als een haren zak, en de
+koningen der aarde zijn bevreesd. Dat tenminste kan men zien. Voor
+eenmaal in zijn leven heeft de profeet de waarheid gezegd. De koningen
+der aarde zijn bevreesd ... Laten wij nu naar binnen gaan. Gij zijt
+ziek. Men zal te Rome vertellen dat gij waanzinnig zijt. Laten wij
+naar binnen gaan, zeg ik.</p>
+
+<p>DE STEM VAN JOKANAÄN: Wie is deze die komt van Edom, die komt van
+Bozra met zijn kleed geverfd in purper; die straalt in de schoonheid
+van zijn gewaad, die voorttrekt in zijn groote kracht? Waarom is uw
+gewaad geverfd in scharlaken?</p>
+
+<p>HERODIAS: Laten wij naar binnen gaan. De stem van dezen mensch is mij
+ondragelijk. Ik wil niet dat mijn dochter danst terwijl hij telkens
+zoo roept. Ik wil niet dat zij danst terwijl gij haar op deze wijze
+aanziet. In éen woord, ik wil niet dat zij danst.</p>
+
+<p>HERODES: Rijs niet op, mijn gemalin, mijn konin<span class="pagenum"><a id="p_38">[38]</a></span>gin, het zoû niet
+baten. Ik zal niet naar binnen gaan vóor zij gedanst heeft. Dans,
+Salome, dans voor mij.</p>
+
+<p>HERODIAS: Dans niet, mijne dochter.</p>
+
+<p>SALOME: Ik ben gereed, Tetrarch. (<i>Salome danst den dans der zeven
+sluiers.</i>)</p>
+
+<p>HERODES: Wonder, wonderschoon! Gij ziet, uw dochter heeft gedanst voor
+mij. Kom nader, Salome, kom nader en ik zal u uw loon geven. O, ik
+betaal mijne danseressen goed. U zal ik goed betalen. Ik zal u geven
+al wat gij wilt. Wat wilt gij, zeg het mij?</p>
+
+<p>SALOME (<i>knielt neder</i>): Ik wil dat men mij terstond hier brengt op
+een zilveren schotel ...</p>
+
+<p>HERODES (<i>lachend</i>): Op een zilveren schotel? Zeker, zeker, op een
+zilveren schotel. Zij is allerbekoorlijkst, niet-waar? Wat wilt gij
+dat men u brengt op een zilveren schotel, lieve en schoone Salome, gij
+die de schoonste zijt van al de dochteren van Judaia? Wat wilt gij dat
+men u brengen zal op een zilveren schotel? Zeg het mij. Wat het ook
+moge zijn, men zal het u geven. Mijn schatten behooren u. Wat wilt
+gij, Salome?</p>
+
+<p>SALOME (<i>rijst op</i>): Het hoofd van Jokanaän.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ah! dat is wel gezegd, mijne dochter.</p>
+
+<p>HERODES: Neen, neen!</p>
+
+<p>HERODIAS: Wel gezegd, mijne dochter.</p>
+
+<p>HERODES: Neen, neen, Salome. Dat vraagt gij mij niet. Luister niet
+naar uwe moeder. Zij geeft u altijd verkeerden raad. Gij moet niet
+naar haar luisteren.</p>
+
+<p>SALOME: Ik luister niet naar mijn moeder. Voor mijn eigen genoegen
+vraag ik het hoofd van Jokanaän op een zilveren schotel. Gij hebt
+gezworen, Herodes. Vergeet niet dat gij gezworen hebt.</p>
+
+<p>HERODES: Ik weet wel. Ik heb gezworen bij mijne goden. Ik weet het
+zeer wel. Maar ik smeek u, Salome, mij een ander ding te vragen. Vraag
+mij mijn halve<span class="pagenum"><a id="p_39">[39]</a></span> koninkrijk, en ik zal het u geven. Maar vraag mij niet
+wat gij hebt gevraagd.</p>
+
+<p>SALOME: Ik vraag u het hoofd van Jokanaän.</p>
+
+<p>HERODES: Neen, neen. Ik wil niet.</p>
+
+<p>SALOME: Gij hebt gezworen, Herodes.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ja, gij hebt gezworen. Iedereen heeft u hooren zweren. Gij
+hebt gezworen in 't openbaar.</p>
+
+<p>HERODES: Houd u stil. Tot u spreek ik niet.</p>
+
+<p>HERODIAS: Mijn dochter heeft wel gedaan u het hoofd van dezen mensch
+te vragen. Hij heeft niet opgehouden mij te smaden. Hij zegt
+afgrijselijke dingen tegen mij. Men ziet dat zij veel houdt van hare
+moeder. Geef niet toe, mijne dochter. Hij heeft gezworen, hij heeft
+gezworen.</p>
+
+<p>HERODES: Houd u stil. Spreek niet tot mij ... Kom, Salome, luister
+naar rede. Niet-waar, men moet altijd naar rede luisteren? Ik ben
+nooit hard voor u geweest. Ik heb altijd veel van u gehouden. Mogelijk
+heb ik te veel van u gehouden. Daarom vraag mij dat niet. Het is
+afgrijselijk, het is afschuwelijk mij dat te vragen. Ook geloof ik
+eigenlijk niet dat gij in ernst zijt. Het hoofd van een onthalsden man
+is weêrzinwekkend om te zien, niet-waar? Het is geen ding dat een
+maagd behoort aan te zien. Welk genoegen kan dat u geven? Geen enkel.
+Neen, neen, gij kunt dat niet willen ... Luister een oogenblik naar
+mij. Ik heb een smaragd, een grooten ronden smaragd, dien de
+gunsteling van Caesar mij gezonden heeft. Als gij door dezen smaragd
+kijkt, kunt gij dingen zien, die op grooten afstand gebeuren. Caesar
+heeft een volmaakt gelijken smaragd bij zich wanneer hij naar den
+circus gaat. Maar de mijne is grooter. Het is de grootste smaragd ter
+wereld. Dien wilt gij hebben, niet-waar? Vraag mij dien, en ik zal hem
+u geven.</p>
+
+<p>SALOME: Ik vraag het hoofd van Jokanaän.<span class="pagenum"><a id="p_40">[40]</a></span></p>
+
+<p>HERODES: Gij luistert niet naar mij, gij luistert niet. Laat mij dan
+toch spreken, Salome.</p>
+
+<p>SALOME: Het hoofd van Jokanaän.</p>
+
+<p>HERODES: Neen, neen, dat wilt gij niet. Gij zegt dat enkel om mij een
+oogenblik leed te doen, omdat ik u den geheelen avond heb aangezien.
+Dat is zoo, ik beken het. Ik heb u den geheelen avond aangezien. Uw
+schoonheid heeft mij ontroerd. Uw schoonheid heeft mij schrikkelijk
+ontroerd en ik heb u te veel aangezien. Maar ik zal het niet meer
+doen. Men moet noch de menschen noch de dingen aanzien. Men moet enkel
+zien in spiegels. Want spiegels toonen ons slechts maskers... Geeft
+mij wijn! ik heb dorst... Salome, Salome, laten wij goede vrienden
+zijn. Zie eens hier ... Wat wilde ik zeggen? Wat was het ook weêr? Ah,
+ik herinner mij! ... Salome! Neen, kom dichter bij. Ik ben bevreesd
+dat gij mij weêr niet verstaan zult ... Salome, gij kent mijn witte
+pauwen, mijn mooie witte pauwen die wandelen in den tuin tusschen de
+myrten en de hooge cypressen. Hun bekken zijn verguld, en de korrels
+die zij eten, zijn ook verguld, en hun voeten zijn geverfd met purper.
+Als zij roepen, komt de regen, en als zij pronken, vertoont de maan
+zich aan den hemel. Zij gaan twee aan twee tusschen de cypressen en de
+donkere myrten en elk van hen heeft zijn slaaf om hem te verzorgen.
+Soms vliegen zij door de boomen, en soms liggen zij op het grasveld en
+rond den vijver. Daar zijn ter wereld geen andere zoo wonderschoone
+vogels. Geen koning ter wereld bezit vogels even wonderschoon. Ik weet
+zeker dat zelfs Caesar zulke mooie vogels niet bezit. Welnu, ik zal u
+vijftig mijner pauwen geven. Zij zullen u overal volgen, en in hun
+midden zult gij zijn als de maan in het midden van een groote witte
+wolk ... Ik zal ze u alle geven. Ik heb er slechts<span class="pagenum"><a id="p_41">[41]</a></span> honderd, en daar
+is geen koning ter wereld, die pauwen als de mijne bezit, maar ik zal
+ze u alle geven. Gij moet mij enkel ontslaan van mijn woord, en mij
+niet vragen wat gij mij gevraagd hebt. (<i>Hij ledigt in éen teug zijn
+beker.</i>)</p>
+
+<p>SALOME: Geef mij het hoofd van Jokanaän.</p>
+
+<p>HERODIAS: Dat is welgezegd, mijne dochter! Gij, gij zijt belachelijk
+met uwe pauwen.</p>
+
+<p>HERODES: Houd u stil. Gij doet niet anders dan krijschen. Gij krijscht
+als een roofvogel. Het gaat niet aan voortdurend zoo te krijschen. Uw
+stem ergert mij. Houd u stil, zeg ik u ... Salome, bedenk wat gij
+doet. Deze mensch is wellicht een afgezant van God. Ik weet zeker dat
+hij een afgezant van God is. Hij is een heilig man. Gods vinger heeft
+hem beroerd. God heeft schrikkelijke woorden gelegd in zijn mond. In
+het paleis zoowel als in de woestijn is God altijd met hem ...
+<span class="corr" id="corr02" title="Bron: Tenmiste">Tenminste</span>, het is mogelijk. Men kan het niet
+zeker weten, maar het is mogelijk dat God voor hem en met hem is. Ook
+zoû mij misschien, als hij stierf, een ongeluk overkomen. In elk geval
+heeft hij gezegd dat den dag waarop hij stierf, er iemand een ongeluk
+zoû overkomen. Dat kan niemand anders bedoelen dan mij. Herinner u, ik
+ben uitgegleden in bloed toen ik hier kwam. Ook heb ik het slaan van
+vleugelen gehoord in de lucht. Dat zijn zeer slechte voorteekenen. Er
+waren er nog andere. Ik weet zeker dat er nog andere waren, al heb ik
+ze niet gezien. Welnu, Salome, gij wilt toch niet dat mij een ongeluk
+overkomen zal? Dat wilt gij niet. Luister dan toch naar mij.</p>
+
+<p>SALOME: Geef mij het hoofd van Jokanaän.</p>
+
+<p>HERODES: Ziet gij wel? Gij luistert niet naar mij. Maar wees een
+oogenblik kalm. Ik ben heel kalm. Ik ben volmaakt kalm. Luister. Ik
+heb kleinoodiën hier verborgen, die zelfs uw moeder nooit gezien
+heeft,<span class="pagenum"><a id="p_42">[42]</a></span> kleinoodiën geheel en al onvergelijkelijk. Ik heb een
+halssnoer van vier rijen parelen. Zij zijn als manen geketend aan
+zilveren stralen. Zij zijn als vijftig manen gevangen in een net van
+goud. Een koningin heeft het gedragen op het ivoor harer borsten.
+Wanneer gij het draagt, zult gij even schoon zijn als een koningin. Ik
+heb amethysten van twee soorten. De éene soort zijn zwart als wijn. De
+andere zijn rood als wijn dien men getint heeft met water. Ik heb
+topazen geel <span class="corr" id="corr03" title="Bron: al">als</span> de oogen der tijgers, en topazen
+rozerood als de oogen der woudduiven, en topazen groen als de oogen
+der katten. Ik heb opalen die altijd branden met een ijskoude vlam, en
+opalen die de geesten der menschen bedroeven en bevreesd zijn voor het
+donker. Ik heb onyxen die gelijken op de oogappelen eener doode vrouw.
+Ik heb maansteenen die veranderen naarmate de maan verandert, en bleek
+worden wanneer zij de zon zien. Ik heb saphieren groot als vogeleieren
+en blauw als blauwe bloemen. De zee vloeit er doorheen, en geen maan
+komt ooit het blauw harer golven verstoren. Ik heb chrysoliethen en
+beryllen, ik heb chrysoprasen en robijnen, ik heb sardonyxen en
+hyacinthen, en chalcedonen, en ik zal ze u alle geven, ja alle, en ik
+zal er nog andere dingen aan toevoegen. De koning van India heeft mij
+pas vier waaiers gezonden gemaakt van papegaaieveêren, en de koning
+van Numidia een kleed vervaardigd van struisvederen. Ik bezit een
+kristal dat vrouwen niet veroorloofd is te zien, en dat zelfs jonge
+mannen niet mogen aanzien dan na met roeden te zijn gegeeseld. In een
+paarlmoeren kistje heb ik drie wonderbaarlijke turkooizen. Wanneer men
+hen op zijn voorhoofd draagt, kan men dingen zich verbeelden, die niet
+bestaan, en wanneer men ze in de hand draagt, kan men vrouwen
+onvruchtbaar maken. Het zijn schatten van groote waarde. Het zijn
+schatten die met geen prijs zijn te<span class="pagenum"><a id="p_43">[43]</a></span> betalen. En dat is niet alles. In
+een kistje van ebbenhout heb ik twee bekers van amber, die gelijken op
+gouden appelen. Als een vijand vergif schenkt in die bekers, worden
+zij gelijk appelen van zilver. In een kistje ingelegd met amber heb ik
+sandalen ingelegd met glas. Ik heb mantels die komen uit het land der
+Seren en armbanden bezet met karbonkels en met graveelsteen, die komen
+uit de stad Euphrates ... Wat wilt gij nog meer, Salome? Zeg mij wat
+gij verlangt, en ik zal het u geven. Ik zal u geven al wat gij vraagt,
+op éen ding na. Ik zal u alles geven wat ik bezit, op éen leven na. Ik
+zal u den mantel van den Hoogepriester geven. Ik zal u het voorhangsel
+geven van het heilige der heiligen.</p>
+
+<p>DE JODEN: Wee! Wee!</p>
+
+<p>SALOME: Geef mij het hoofd van Jokanaän.</p>
+
+<p>HERODES (<i>hij zinkt neêr op zijn zetel</i>): Laat men haar geven wat zij
+vraagt! Wel is zij de dochter harer moeder! (<i>De eerste soldaat
+nadert. Herodias haalt van den vinger van den Tetrarch den ring des
+doods en geeft hem aan den soldaat die hem onmiddellijk aan den beul
+brengt. De beul ziet ontsteld.</i>) Wie heeft mijn ring genomen? Daar was
+een ring aan mijn rechterhand. Wie heeft mijn wijn gedronken? Er was
+wijn in mijn beker. Hij was vol wijn. Iemand heeft er van gedronken.
+O, ik ben zeker dat er iemand een ongeluk gaat overkomen. (<i>De beult
+daalt af in den waterput.</i>) Wee, waarom heb ik mijn woord gegeven?
+Koningen moeten nimmer hun woord geven. Als zij het niet houden, is
+het vreeselijk. Als zij het houden, is het ook vreeselijk.</p>
+
+<p><span class="corr" id="corr04" title="Bron: HORODIAS">HERODIAS</span>: In mijn oogen heeft mijn dochter wel gedaan.</p>
+
+<p>SALOME (<i>buigt zich over den waterput en luistert</i>): Er is geen
+gerucht. Ik hoor niets. Waarom schreeuwt<span class="pagenum"><a id="p_44">[44]</a></span> deze mensch het niet uit? O,
+als iemand mij zocht te dooden, zoû ik schreeuwen, ik zoû het niet
+dulden ... Sla toe, sla toe, Naäman. Sla toe, zeg ik u ... Neen, ik
+hoor niets. Het is afgrijselijk stil. Ah, daar is iets op den grond
+gevallen. Ik heb iets hooren vallen. Het was het zwaard van den beul.
+Hij is bevreesd, de slaaf! Hij heeft zijn zwaard laten vallen. Hij
+durft hem niet dooden. Hij is een lafaard, de slaaf! Ik zal soldaten
+sturen. (<i>Zij ziet den page van Herodias en wendt zich tot hem.</i>) Kom
+hier. Gij waart de vriend van hem die gestorven is, niet-waar? Welnu,
+daar zijn nog geen dooden genoeg. Zeg den soldaten dat zij afdalen en
+mij brengen wat ik vraag, wat de Tetrarch mij beloofd heeft, wat mij
+toebehoort. (<i>De page deinst terug. Zij richt zich tot de soldaten.</i>)
+Komt hier, soldaten. Daalt af in den put en brengt mij het hoofd van
+dezen mensch. (<i>De soldaten deinzen terug.</i>) Tetrarch, Tetrarch, geef
+bevel aan uwe soldaten mij het hoofd van Jokanaän te brengen. (<i>Een
+geweldige zwarte arm, de arm van den beul, steekt op uit den put, op
+zilveren schotel, het hoofd van Jokanaän. Salome vat het aan. Herodes
+verbergt zijn gelaat achter zijn mantel. Herodias glimlacht en wuift
+zich koelte toe. De Nazareërs knielen neder en beginnen te bidden.</i>)
+Ah, gij hebt mij niet willen toestaan uwen mond te kussen, Jokanaän.
+Zie, ik zal hem nu kussen. Ik zal er in bijten met mijne tanden zooals
+men bijt in een rijpe vrucht. Ja, ik zal uwen mond kussen, Jokanaän.
+Ik heb het u gezegd, niet-waar? Ik heb het u gezegd. Zie, ik zal hem
+nu kussen ... Maar waarom ziet gij mij niet aan, Jokanaän? Uw oogen
+die zoo schrikkelijk waren, die zoo vol waren van toorn en minachting,
+zijn gesloten. Open uw oogen! Hef uw oogleden op, Jokanaän. Waarom
+ziet gij mij niet aan? Zijt gij bevreesd voor mij, Jokanaän, dat gij
+mij niet wilt aanzien? .... En uw tong<span class="pagenum"><a id="p_45">[45]</a></span> die was als een roode slang
+die gift slingert, beweegt zich niet meer, zij zegt nu niets,
+Jokanaän, de roode adder die zijn venijn over mij spuwde. Het is
+wonderlijk, niet-waar? Hoe komt het dat de roode adder niet meer
+beweegt?... Gij hebt mij niet gewild, Jokanaän. Gij hebt mij
+verworpen. Gij hebt schandelijke dingen tot mij gezegd. Gij hebt mij
+behandeld als een boel, als een lichtekooi, mij Salome, de dochter van
+Herodias, de Prinses van Judaia. Zie nu, Jokanaän, ik leef nog, maar
+gij zijt dood, en uw hoofd behoort mij toe. Ik kan ermeê doen wat ik
+wil. Ik kan het aan de honden voorwerpen en aan de vogelen des hemels.
+Wat de honden overlaten, zullen de vogelen des hemels eten ... O,
+Jokanaän, Jokanaän, gij zijt de eenige man dien ik heb bemind. Al de
+overige mannen vervullen mij met afkeer. Maar gij waart schoon. Uw
+lichaam was als een ivoren zuil op een voetstuk van zilver. Het was
+een tuin vol duiven en zilveren leliën. Het was een zilveren toren
+behangen met schilden van ivoor. Niets ter wereld was zoo blank als uw
+lichaam. Niets ter wereld was zoo zwart als uwe haren. In de gansche
+wereld was er niets zoo rood als uw mond. Uw stem was een wierookvat
+dat vreemde geuren verspreidde, en als ik u aanzag, hoorde ik
+wonderbare muziek! O, waarom hebt gij mij niet aangezien, Jokanaän?
+Achter uwe handen en uwe vervloekingen hebt gij uw gelaat verborgen.
+Gij hebt op uw oogen den blinddoek gelegd van hem die zijnen God wil
+zien. Welnu, gij hebt uwen God gezien, Jokanaän, maar mij, mij ...
+hebt gij nimmer gezien. Als gij mij gezien hadt, zoudt gij mij bemind
+hebben. Ik heb u gezien, Jokanaän, en ik heb u bemind. O, hoezeer heb
+ik u bemind! Ik bemin u nog, Jokanaän. Ik bemin slechts u ... Ik dorst
+naar uwe schoonheid. Ik honger naar uw lichaam. En geen wijn en geen
+vruchten kunnen mijn begeerte bevredigen. Wat zal<span class="pagenum"><a id="p_46">[46]</a></span> ik nu doen,
+Jokanaän? Noch de stroomen noch de groote wateren kunnen mijn
+hartstocht blusschen. Ik was een prinses, en gij hebt mij versmaad. Ik
+was een maagd, en gij hebt mijn maagdom van mij genomen. Ik was
+kuisch, en gij hebt mijne aderen gevuld met vuur ... O, o, waarom hebt
+gij mij niet aangezien, Jokanaän? Als gij mij hadt aangezien, zoudt
+gij mij bemind hebben. Ik weet dat gij mij zoudt bemind hebben, en de
+geheimenis der liefde is grooter dan de geheimenis van den dood.
+Liefde alleen is waard dat men haar aanzie.</p>
+
+<p>HERODES: Zij is verfoeielijk, uw dochter, zij is allerverfoeielijkst.
+Wat zij gedaan heeft, is bepaald een zwaar misdrijf. Ik weet zeker dat
+het een misdrijf is tegen een onbekenden God.</p>
+
+<p>HERODIAS: Ik keur goed wat mijn dochter gedaan heeft. En nu wil ik
+hier blijven.</p>
+
+<p>HERODES (<i>staat op</i>): Ha, hoor de vrouw die gehuwd is in bloedschande!
+Kom meê! Ik wil niet hier blijven. Kom meê, zeg ik u. Ik ben zeker dat
+er een ongeluk gaat gebeuren. Manasse, Issaschar, Ozias, dooft de
+fakkels uit. Ik wil de dingen niet aanzien. Ik wil niet dat de dingen
+mij aanzien. Bluscht de fakkels uit! Verbergt de maan! Verbergt de
+sterren! Laten wij ons in ons paleis verschuilen, Herodias. Ik begin
+bevreesd te worden.</p>
+
+<p>(<i>De slaven blusschen de fakkels uit. De sterren verdwijnen. Een
+groote zwarte wolk glijdt voor de maan en bedekt haar volkomen. Het
+tooneel wordt zeer donker. De Tetrarch begint de trap te bestijgen.</i>)</p>
+
+<p>DE STEM VAN SALOME: Ah, ik heb uwen mond gekust, Jokanaän, ik heb uwen
+mond gekust. Daar was een wrange smaak op uwe lippen. Was het de smaak
+van bloed? ... Maar misschien was het de smaak der liefde. Men zegt
+dat liefde een wrangen<span class="pagenum"><a id="p_47">[47]</a></span> smaak heeft ... Maar wat zoû dat? Wat zoû dat?
+Ik heb uwen mond gekust, Jokanaän, ik heb uwen mond gekust.</p>
+
+<p>(<i>Een maanstraal valt op Salome en belicht haar fel.</i>)</p>
+
+<p>HERODES (<i>wendt zich om en ziet Salome</i>): Doodt die vrouw! (<i>De
+soldaten snellen toe en verpletteren onder hunne schilden Salome,
+dochter van Herodias, prinses van Judaia.</i>)</p>
+
+<div class="einde">EINDE</div>
+
+<p><span class="pagenum"><a id="p_48">[48]</a></span><br />
+<span class="pagenum"><a id="p_49">[49]</a></span></p>
+
+<h3>EEN FLORENTIJNSCH TREURSPEL</h3>
+
+<p><span class="pagenum"><a id="p_50">[50]</a></span><br />
+<span class="pagenum"><a id="p_51">[51]</a></span></p>
+
+<h2 class="h2cast"><a id="PERSONEN_EFT"></a>PERSONEN:</h2>
+
+<ul>
+ <li>SIMONE;</li>
+ <li>BIANCA, Simone's vrouw;</li>
+ <li>GUIDO BARDI.</li>
+</ul>
+
+<p><span class="pagenum"><a id="p_52">[52]</a></span><br />
+<span class="pagenum"><a id="p_53">[53]</a></span></p>
+
+<h2 class="h2boek"><a id="EEN_FLORENTIJNSCH_TREURSPEL"></a>EEN FLORENTIJNSCH TREURSPEL</h2>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE (<i>komt op</i>):<br /></span>
+<span class="i1">Zoo traag, vrouw-lief? Verdient bij zijn tehuiskomst<br /></span>
+<span class="i1">Uw heer geen rapper welkom? Neem mijn mantel.<br /></span>
+<span class="i1">Dit pak eerst. Ja, 't is zwaar. 'k Heb niets verkocht,<br /></span>
+<span class="i1">Dan aan den kardinaal z'n zoon een pels<br /></span>
+<span class="i1">Dien hij wil dragen, en hij hoopt eerlang,<br /></span>
+<span class="i1">Wanneer zijn vader sterft... Maar wie is dit?<br /></span>
+<span class="i1">Ik zie, ge hebt bezoek. Vast een verwant<br /></span>
+<span class="i1">Die, uit den vreemde pas weêrom, ons huis<br /></span>
+<span class="i1">Verraste en vond geen gastheer op den dorpel.<br /></span>
+<span class="i1">'k Vraag u vergiffnis, mijn verwant. Een huis<br /></span>
+<span class="i1">Zonder den gastheer is maar een leêg ding<br /></span>
+<span class="i1">En loos van eer; een beker zonder wijn,<br /></span>
+<span class="i1">Een scheê die door geen lemmet wordt gestijfd,<br /></span>
+<span class="i1">Een zonverweeûwde tuin en zonder bloemen.<br /></span>
+<span class="i1">Nog eens, wil verontschuldgen, lieve neef.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA:<br /></span>
+<span class="i1">Hij is geen neef van ons en geen verwant.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Geen neef, en geen verwant? Gij laat mij schrikken.<br /></span>
+<span class="i1">Wie is het dan die met zoo hoofsche gunst<br /></span>
+<span class="i1">Zich wel verwaardt ons gastvrijheid te aanvaarden?<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">Mijn naam is Guido Bardi.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i14">Hoe! De zoon van<br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_54">[54]</a></span>
+<span class="i1">Firenze's hoogen heer wiens duistre torens,<br /></span>
+<span class="i1">Als schaadwen door de zilvren maan omdwaald,<br /></span>
+<span class="i1">Ik elken avond uit mijn venstren zie?<br /></span>
+<span class="i1">Heer Guido Bardi, gij zijt welkom hier,<br /></span>
+<span class="i1">En nog eens welkom. 'k Hoop, mijn brave vrouw,<br /></span>
+<span class="i1">Die wel niet mooi voor 't oog is, maar heel braaf,<br /></span>
+<span class="i1">Heeft u niet met haar dom gesnap verveeld,<br /></span>
+<span class="i1">Als vrouwen anders zijn gewoon.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl15">Mevrouwe,</span><br /></span>
+<span class="i1">Wier schoonheid als een lamp de sterren bluscht<br /></span>
+<span class="i1">En al de stralen rooft uit Luna's koker,<br /></span>
+<span class="i1">Heeft mij verwelkomd met zoo zoete hoofschheid<br /></span>
+<span class="i1">Dat ik, als 't haar en uw behagen is,<br /></span>
+<span class="i1">Nog vaak uw needrig huis bezoeken zal.<br /></span>
+<span class="i1">En als uw zaken u naar buiten roepen,<br /></span>
+<span class="i1">Zal 'k bij haar zitten en haar droefheid troosten,<br /></span>
+<span class="i1">Dat zij niet al te zeer u missen mag.<br /></span>
+<span class="i1">Dat's afgesproken, vriend Simone?<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl16">Heer,</span><br /></span>
+<span class="i1">Gij doet mij zoo hooge eer aan dat mijn tong<br /></span>
+<span class="i1">Als die eens slaafs gebonden niet kan uiten<br /></span>
+<span class="i1">'t Woord dat zij wilde. Toch, u niet te danken<br /></span>
+<span class="i1">Ware al te lomp van mij. En dus ik dank u<br /></span>
+<span class="i1">Uit mijn harts diepten... Zulke dingen zijn het,<br /></span>
+<span class="i1">Die een staat samenvoegen, als een prins<br /></span>
+<span class="i1">Zoo hoog geboren en wel opgebracht<br /></span>
+<span class="i1">De scheiding van 't partijdig lot vergeet<br /></span>
+<span class="i1">En naar een eerzaam burgers eerzaam huis<br /></span>
+<span class="i1">Komt als een eerzaam vriend ... En toch, mijn Heer,<br /></span>
+<span class="i1">'k Ben te vrijpostig, vrees 'k. Een andren avond,<br /></span>
+<span class="i1">Hopen wij, zult gij als een vriend hier komen&mdash;<br /></span>
+<span class="i1">Vanavond komt gij om mijn waar te koopen.<br /></span>
+<span class="i1">Niet-waar? Wat gij begeert, fluweel of zijde,<br /></span>
+<span class="i1">Ik twijfel niet of 'k heb iets keurigs veil,<br /></span>
+<span class="i1">Dat uw keus winnen kan. 't Is waar, 't is laat.<br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_55">[55]</a></span>
+<span class="i1">Maar arme koopluî zwoegen dag en nacht<br /></span>
+<span class="i1">Voor schaamle winst. De tollen zijn zoo hoog,<br /></span>
+<span class="i1">En iedre stad heft weêr haar eigen tol,<br /></span>
+<span class="i1">Leerjongens zijn <span class="corr" id="corr05" title="Bron: nietswaard">niets waard</span>, zelfs vrouwen missen<br /></span>
+<span class="i1">Verstand en takt, al heeft Bianca hier<br /></span>
+<span class="i1">Me een rijken klant gebracht vanavond. 't Is zoo,<br /></span>
+<span class="i1">Niet-waar, Bianca? Maar 'k verdoe mijn tijd.<br /></span>
+<span class="i1">Waar is mijn pak? Hoort gij? Waar is mijn pak?<br /></span>
+<span class="i1">Maak 't open, vrouw-lief. Maak de koorden los.<br /></span>
+<span class="i1">Kniel liever op den grond. Zóo gaat het beter.<br /></span>
+<span class="i1">Neen, dat is 't niet, het andre. Gauw wat, gauw wat!<br /></span>
+<span class="i1">Wij mogen onze koopers niet doen wachten:<br /></span>
+<span class="i1">Dat maakt hen ongeduldig. Ja, dat is het.<br /></span>
+<span class="i1">Geef het eens hier. Voorzichtig. 't Is héel kostbaar.<br /></span>
+<span class="i1">Vat het voorzichtig aan... Nu, edel Heer,<br /></span>
+<span class="i1">Met uw verlof, 'k heb hier Luccaansch damast,<br /></span>
+<span class="i1">Een weefsel van puur zilver, en de rozen<br /></span>
+<span class="i1">Zoo knap gewerkt dat ze enkel geur behoeven<br /></span>
+<span class="i1">Om 't prat zintuig te paaien. Voel eens, Heer.<br /></span>
+<span class="i1">Is het niet dun als water, sterk als staal?<br /></span>
+<span class="i1">De rozen dan? Zijn zij niet mooi geweven?<br /></span>
+<span class="i1">De heuvelen die meest de roos verwennen,<br /></span>
+<span class="i1">Te Bellosguardo en te Fiesole,<br /></span>
+<span class="i1">Strooien in lentes schoot niet zulke kelken;<br /></span>
+<span class="i1">Of doen zij 't al, hun bloem verwelkt en sterft.<br /></span>
+<span class="i1">Dat 's 't lot van alle teêr en mooi dat danst<br /></span>
+<span class="i1">In wind en regen. De Natuur voert zelf<br /></span>
+<span class="i1">Krijg met haar eigen lieflijkheid en moordt<br /></span>
+<span class="i1">Haar kindren als Medea. Neen maar, Heer,<br /></span>
+<span class="i1">Kijk nog eens nader. Hier in dit damast<br /></span>
+<span class="i1">Is 't altijd zomer, en geen winters tand<br /></span>
+<span class="i1">Zal ooit dees bloemen knauwen. Iedere el<br /></span>
+<span class="i1">Betaalde ik met een goudstuk. Goed rood goud,<br /></span>
+<span class="i1">De vrucht van zuinge zorg.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl12">Brave Simone,</span><br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_56">[56]</a></span>
+<span class="i1">Vermoei u niet. Ik ben meer dan voldaan.<br /></span>
+<span class="i1">'k Zend morgen u mijn dienaar die u uittelt<br /></span>
+<span class="i1">Den dubblen prijs.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl8">Mijn edelmoedge Prins!</span><br /></span>
+<span class="i1">Ik kus uw handen. Nu bedenk ik mij:<br /></span>
+<span class="i1">Een andren schat nog houdt mijn huis verborgen,<br /></span>
+<span class="i1">Dien gij zien moet. Het is een gala-kleed:<br /></span>
+<span class="i1">De stof geschoren Venetiaansch fluweel,<br /></span>
+<span class="i1">Granaatappels 't patroon, iedere pit<br /></span>
+<span class="i1">Is uit één paarl, de kraag is louter parels<br /></span>
+<span class="i1">Dicht als in zomeravondstraat de muggen,<br /></span>
+<span class="i1">En blanker dan de manen die des morgens<br /></span>
+<span class="i1">Gekken door traliën zien. Een keur-robijn<br /></span>
+<span class="i1">Gloedt op den haak gelijk een vuren kool.<br /></span>
+<span class="i1">Zijn Heiligheid bezit niet zulk een steen,<br /></span>
+<span class="i1">En Indië kan zijn tweelingbroêr niet toonen.<br /></span>
+<span class="i1">De gesp zelf is een allerzeldzaamst kunststuk,<br /></span>
+<span class="i1">Met schooner werk bekoorde nooit Cellini<br /></span>
+<span class="i1">Grooten Lorenzo. Nu moet gij hem dragen.<br /></span>
+<span class="i1">Niemand in stad hier is hem waardiger.<br /></span>
+<span class="i1">Hij zal u goed staan. Aan den éenen kant<br /></span>
+<span class="i1">Jaagt slank, in gouden sprongen, een gehoornde<br /></span>
+<span class="i1">Satyr een nymf van zilver. Aan den andren<br /></span>
+<span class="i1">Staat Stilte, en in haar hand beurt ze een kristal:<br /></span>
+<span class="i1">Zij is zoo klein en smal als nietige aar<br /></span>
+<span class="i1">Die siddert als een vogel overstrijkt,<br /></span>
+<span class="i1">Toch met zoo'n kunst gesneden dat men denkt,<br /></span>
+<span class="i1">Zij poost in 't aadmen, ze aêmt.&mdash;Waardge Bianca,<br /></span>
+<span class="i1">Zoû niet dit edel en meest kostbaar kleed<br /></span>
+<span class="i1">Heer Guido's jeugd goed staan? ... Zeg ook een woord:<br /></span>
+<span class="i1">U kan hij vast niets weigren, of de prijs al<br /></span>
+<span class="i1">Eens prinsen losgeld zij. En in de winst<br /></span>
+<span class="i1">Deelt gij gelijk met mij.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA: <span class="pl11">Ben 'k uw leerjongen?</span><br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_57">[57]</a></span>
+<span class="i1">Dat ik om uw fluweelen kleed zoû kwanslen?<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">Schoone Bianca, wees gerust: ik koop<br /></span>
+<span class="i1">Zijn kleed en alles wat de eerzame koopman<br /></span>
+<span class="i1">Nog meer kwijt wil. Een prins betaalt zijn losgeld,<br /></span>
+<span class="i1">En een geluk is 't als een hoog heer valt<br /></span>
+<span class="i1">In zulk een eedlen vijands blanke handen.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Ik sta beschaamd. Maar, dus de koop gaat door?<br /></span>
+<span class="i1">De koop gaat door, niet? Vijftig duizend kronen<br /></span>
+<span class="i1">Is nauwlijks eigen geld. Maar gij, Heer, geeft<br /></span>
+<span class="i1">Slechts veertig duizend. Is die som te hoog?<br /></span>
+<span class="i1">Noem dan uw prijs. Het is eenmaal mijn gril<br /></span>
+<span class="i1">Om u te zien in dit geweven wonder,<br /></span>
+<span class="i1">Omkranst door de edelvrouwen van het hof,<br /></span>
+<span class="i1">Als een bloem tusschen bloemen... 'k Hoor, Heer, dat<br /></span>
+<span class="i1">Die hooge dames zoo op u vermald zijn<br /></span>
+<span class="i1">Dat zij zich om uw Hoogheids gunst verdringen<br /></span>
+<span class="i1">Als vliegen waar gij gaat. Ook praat men van<br /></span>
+<span class="i1">Heeren met horens die zij kranig dragen,<br /></span>
+<span class="i1">Een zonderlinge modegril ...<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl13">Simone,</span><br /></span>
+<span class="i1">Uw roekelooze tong roept om den breidel.<br /></span>
+<span class="i1">En dan vergeet gij 't bijzijn van Mevrouw hier<br /></span>
+<span class="i1">Wier teedere ooren zeker niet gestemd zijn<br /></span>
+<span class="i1">Op zoo platte muziek.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl9">'t Is waar, 'k vergat het.</span><br /></span>
+<span class="i1">Het zal niet meer gebeuren. Maar gij koopt dus,<br /></span>
+<span class="i1">Mijn goede Heer, het gala-kleed. Niet-waar?<br /></span>
+<span class="i1">Maar veertig duizend kronen. 'n Bagatel<br /></span>
+<span class="i1">Voor iemand die Giovanni Bardi's erf is.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">Regel dat morgen met mijn rentmeester<br /></span>
+<span class="i1">Antonio Costi. 'k Zal hem bij u sturen.<br /></span>
+<span class="i1">En honderd duizend kronen zult gij hebben<br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_58">[58]</a></span>
+<span class="i1">Als dat u dienen kan.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl9">Wat! Honderd duizend!</span><br /></span>
+<span class="i1">Versta 'k goed? Honderd duizend? Op mijn woord,<br /></span>
+<span class="i1">Dat maakt voor eeuwig en in ieder opzicht<br /></span>
+<span class="i1">Me uw schuldenaar. Voorwaar, van nu af is<br /></span>
+<span class="i1">Mijn huis en alles wat mijn huis bevat,<br /></span>
+<span class="i1">Van u en niemand anders. Honderd duizend?<br /></span>
+<span class="i1">Mijn hoofd loopt om. Ik zal veel rijker zijn<br /></span>
+<span class="i1">Dan de andre koopluî samen. Ik zal koopen<br /></span>
+<span class="i1">Landrijen, gaarden, tuinen. Elk getouw<br /></span>
+<span class="i1">Zal mijn zijn van Milaan tot in Sicilië<br /></span>
+<span class="i1">En mijn de paarlen die Arabiës zeeën<br /></span>
+<span class="i1">Bergen in stille grotten ... Eedle Prins,<br /></span>
+<span class="i1">Deze avond luidt voorgoed mijn liefde in, die<br /></span>
+<span class="i1">Zoo groot zal blijken dat wat gij me ook vraagt,<br /></span>
+<span class="i1">U niet geweigerd wordt.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl10">En als 'k eens vroeg</span><br /></span>
+<span class="i1">Om blanke Bianca hier?<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl9">Gij spreekt in scherts, Heer.</span><br /></span>
+<span class="i1">Zij is zoo groot een prins als u niet waardig.<br /></span>
+<span class="i1">Ze is enkel goed voor huishoudwerk en spinnen.<br /></span>
+<span class="i1">Niet-waar, vrouw-lief? Het is zoo. Zie maar hier.<br /></span>
+<span class="i1">Uw rokken wacht u. Zet u neêr en spin.<br /></span>
+<span class="i1"><span class="corr" id="corr06" title="Bron: En">Een</span> vrouw moet altijd bezig zijn in huis,<br /></span>
+<span class="i1">Want leedge handen maken 't hart lichtzinnig.<br /></span>
+<span class="i1">Ga zitten, zeg ik.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA: <span class="pl7">Wat moet 'k spinnen?</span><br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl19">Spin</span><br /></span>
+<span class="i1">Een kleed en verf het purper, dat Verdriet<br /></span>
+<span class="i1">Mag dragen tot haar troost&mdash;een sprei met franjen<br /></span>
+<span class="i1">Waaronder een onwelkom zuigeling<br /></span>
+<span class="i1">Onbemerkt kreunen kan&mdash;een keurig laken<br /></span>
+<span class="i1">Kostlijk doorgeurd met reukig kruid, waarin men<br /></span>
+<span class="i1">Een dood man wikklen kan ... Spin wat gij wilt:<br /></span>
+<span class="i1">Mij goed.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="pagenum"><a id="p_59">[59]</a></span>
+<span class="i0">BIANCA: <span class="pl5">De brosse draad is afgeknapt,</span><br /></span>
+<span class="i1">Het loome wiel is 't eindloos draaien moede,<br /></span>
+<span class="i1">Het loomer rokken is zijn kluwen zat;<br /></span>
+<span class="i1">Vanavond spin ik niet.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl9">Zooals gij wilt,</span><br /></span>
+<span class="i1">Maar morgen zult gij spinnen: elke dag<br /></span>
+<span class="i1">Vindt u voortaan aan 't wiel. Zoo vond Tarquinius<br /></span>
+<span class="i1">Lucretia. Mooglijk wachtte zoo Lucretia<br /></span>
+<span class="i1">Tarquinius. Wie zal 't zeggen? Vreemde dingen<br /></span>
+<span class="i1">Verneem 'k van meenge huisvrouw ... Doch, mijn Heer,<br /></span>
+<span class="i1">Wat nieuws van buiten? 'k Hoor vandaag in Pisa<br /></span>
+<span class="i1">Dat enkle koopluî daar uit Engeland<br /></span>
+<span class="i1">Hun wollewaar goedkooper wilden slijten<br /></span>
+<span class="i1">Dan wet en recht toestaat, en om gehoor<br /></span>
+<span class="i1">De Signoria drongen. Is dit reedlijk?<br /></span>
+<span class="i1">Hoort de éene koopman d'ander te verslinden?<br /></span>
+<span class="i1">De vreemdling die in ons land hier zijn brood vindt,<br /></span>
+<span class="i1">Door afgedwongen voorrecht of door list ons<br /></span>
+<span class="i1">Te brengen om ons winst?<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl10">Moet ik me afgeven</span><br /></span>
+<span class="i1">Met koopluî en hun winst? Gij wilt dat ik<br /></span>
+<span class="i1">Ga twisten voor u met de Signoria?<br /></span>
+<span class="i1">En 't kleed draag, waarin gij van dwazen koopt<br /></span>
+<span class="i1">Voor nog onnoozler klanten? Vriend Simone,<br /></span>
+<span class="i1">Wol inslaan en verkoopen is uw ambt.<br /></span>
+<span class="i1">Mijn geest speurt ander wild.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA: <span class="pl13">Mijn eedle Heer,</span><br /></span>
+<span class="i1">Vergeef mijn goeden man hier, bid ik u.<br /></span>
+<span class="i1">Zijn ziel staat altijd op de markt, zijn hart<br /></span>
+<span class="i1">Klopt enkel voor den beursprijs van de wol.<br /></span>
+<span class="i1">Toch is hij braaf voor zijn gewone doen.<br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<p class="dirleft" style="text-indent:-1em;">(<i>tot Simone:</i>)</p>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i1">En gij, hebt gij geen schaamte? Een hooge prins<br /></span>
+<span class="i1">Komt hier aan huis, en met misplaatste boudheid<br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_60">[60]</a></span>
+<span class="i1">Verveelt ge en ergert hem. Vraag hem vergeving.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Dat doe 'k ootmoedig. Praten wij vanavond<br /></span>
+<span class="i1">Van andre dingen! 'k Hoor, Zijn Heiligheid<br /></span>
+<span class="i1">Schreef aan den Franschen koning met verzoek<br /></span>
+<span class="i1">Om over 't sneeuwen schild der Alpen hier<br /></span>
+<span class="i1">Een vreê te komen stichten, die zal wezen<br /></span>
+<span class="i1">Erger dan broederkrijg en bloediger<br /></span>
+<span class="i1">Dan burgerroof en binnenlandsche veeten.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">Bah! wie maalt om dien Franschen koning nog,<br /></span>
+<span class="i1">Die nimmer komt en altijd praat van komen?<br /></span>
+<span class="i1">Wat gaat dat mij aan? Ik weet andre dingen<br /></span>
+<span class="i1">Belangrijker en dichter bij, Simone.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA:<br /></span>
+<span class="i1">Gij put 't geduld van onzen hoogen gast uit.<br /></span>
+<span class="i1">Wat raakt ons Frankrijks koning? Evenveel<br /></span>
+<span class="i1">Als uw koopluî uit England met hun wol.<br /></span>
+<span class="i0" style="letter-spacing: 0.35em;">. . . . . . . . . . . . . . . . . . .<br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">O staat het zóo? Is heel dees machtge wereld<br /></span>
+<span class="i1">Verengd binnen de grenzen dezer kamer<br /></span>
+<span class="i1">Met maar drie poovre zielen voor bewoners?<br /></span>
+<span class="i1">Ja, daar zijn oogenblikken dat 't heelal,<br /></span>
+<span class="i1">Als 't doek in kuip van onbedreven verver,<br /></span>
+<span class="i1">Tot een handbreed ineenkrimpt, mooglijk is 't<br /></span>
+<span class="i1">Nu zulk een uur! Goed, laat het zoo'n uur zijn!<br /></span>
+<span class="i1">Laat dit gering vertrek het hoog tooneel zijn,<br /></span>
+<span class="i1">Waar koon'ngen sterven en ons schamel leven<br /></span>
+<span class="i1">De inzet wordt waarom God speelt... Ik weet zelf niet<br /></span>
+<span class="i1">Waarom 'k zoo spreek. De rit heeft me uitgeput.<br /></span>
+<span class="i1">En driemaal struikelde mijn paard, een teeken<br /></span>
+<span class="i1">Dat niemand goeds voorspelt.... Eilacy, Heer,<br /></span>
+<span class="i1">Welk een armzaalge koop is 's menschen leven,<br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_61">[61]</a></span>
+<span class="i1">En op wat rommelmarkt verkoopt men ons!<br /></span>
+<span class="i1">Als wij geboren worden, weent ons moeder,<br /></span>
+<span class="i1">Maar om ons dood weent niemand. Neen, niet een.<br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<p class="dirright">(<i>Hij gaat naar den achtergrond.</i>)</p>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA:<br /></span>
+<span class="i1">Hoe praat de man als een gemeene kramer!<br /></span>
+<span class="i1">Ik haat hem, ziel en lijf. Haar bloedloos zegel<br /></span>
+<span class="i1">Drukte hem lafheid op 't gelaat. Zijn handen<br /></span>
+<span class="i1">Beven verlamd en bleeker dan het blad van<br /></span>
+<span class="i1">Peppels in voorjaarswind; een leedge woordstroom<br /></span>
+<span class="i1">Gudst uit zijn dwazen stotterenden mond<br /></span>
+<span class="i1">Als water uit een leibuis.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl12">Lieve Bianca,</span><br /></span>
+<span class="i1">Hij is uw aandacht noch de mijne waard.<br /></span>
+<span class="i1">De man is niets dan een heel brave schurk<br /></span>
+<span class="i1">Vol mooie frasen over levens koopwaar,<br /></span>
+<span class="i1">Die duurst verkoopt wat hij goedkoopst moet achten,<br /></span>
+<span class="i1">Een windrig schreeuwer in een weerld van woorden,<br /></span>
+<span class="i1">Nooit heb 'k zoo'n welbespraakten zot gezien.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA:<br /></span>
+<span class="i1">'k Wou dat de dood hem haalde waar hij staat!<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE (<i>keert zich om</i>):<br /></span>
+<span class="i1">Wie noemt daar &bdquo;Dood&rdquo;? Dood heeft hier niets te maken.<br /></span>
+<span class="i1">Wat zaken heeft Dood in zoo'n vroolijk huis<br /></span>
+<span class="i1">Als dit waar hij alleen een vrouw, een man,<br /></span>
+<span class="i1">Een vriend tezaam vindt? Laat Dood gaan naar huizen<br /></span>
+<span class="i1">Waar echtbreuk en gemeenheid toegaan, waar<br /></span>
+<span class="i1">De vrouw, haar kuischheid en haar man en heer<br /></span>
+<span class="i1">Moede, 't gordijn wegschuift voor 't huwlijksbed<br /></span>
+<span class="i1">En in bezoedelde en onteerde lakens<br /></span>
+<span class="i1">Verboden lusten pleegt. Ja, wel klinkt 't vreemd,<br /></span>
+<span class="i1">Toch gaat het zoo. Gij kent de wereld niet.<br /></span>
+<span class="i1">Daarvoor leeft gij te eerbaar en te afgezonderd.<br /></span>
+<span class="i1">Ik ken haar goed. Ik wou dat 't niet zoo was.<br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_62">[62]</a></span>
+<span class="i1">Maar wijsheid komt met winters. Mijn haar grijst,<br /></span>
+<span class="i1">Geen jeugd warmt meer mijn koude lijf ... Maar basta.<br /></span>
+<span class="i1">Vanavond is het woord aan Vreugd, en waarlijk,<br /></span>
+<span class="i1">'k Zoû willen vroolijk zijn als past een gastheer<br /></span>
+<span class="i1">Die zulk een hoogen ongedachten gast<br /></span>
+<span class="i1">Op hem vindt wachten... Doch wat 's dit, mijn Heer?<br /></span>
+<span class="i1">Gij bracht uw luit meê om voor ons te spelen?<br /></span>
+<span class="i1">Ja, speel wat, lieve Prins. Ben ik vrijpostig,&mdash;<br /></span>
+<span class="i1">Vergeef, maar speel.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl8">Vanavond speel ik niet.</span><br /></span>
+<span class="i1">Een andren keer, Simone. (<i>tot Bianca:</i>) Gij en ik<br /></span>
+<span class="i1">Tezamen, en geen luistraars dan de sterren<br /></span>
+<span class="i1">Of de jaloerscher maan.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl9">Toch toch, mijn Heer!</span><br /></span>
+<span class="i1">Ik smeek u, speel iets. Want ik hoor vertellen<br /></span>
+<span class="i1">Dat door het enkel tokklen eener snaar,<br /></span>
+<span class="i1">Door ademtocht die zucht langs holle rieten<br /></span>
+<span class="i1">Of blaast door koelen mond van vaardig brons<br /></span>
+<span class="i1">Zij die die kunst verstaan, onze arme zielen<br /></span>
+<span class="i1">Verlossen uit haar kerker. Ook verneem ik:<br /></span>
+<span class="i1">Zoo vreemde toover schuilt in dit hol speeltuig<br /></span>
+<span class="i1">Dat onschuld wijnloof vlecht in hare haren<br /></span>
+<span class="i1">En wulpsch wordt als bacchante. Maar 'k dwaal af.<br /></span>
+<span class="i1">Ik weet, uw luit is kuisch. En daarom speel:<br /></span>
+<span class="i1">Verruk met zoete melodie mijne ooren;<br /></span>
+<span class="i1">Mijn ziel is in een kerker, en haar waanzin<br /></span>
+<span class="i1">Vraagt medicijn. Help mij verzoeken, Bianca.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA:<br /></span>
+<span class="i1">Wees niet bevreesd: ons welbeminde gast<br /></span>
+<span class="i1">Zal zelf zijn plaats en uur weten te kiezen;<br /></span>
+<span class="i1">Nu is 't dat uur niet. Gij ontstemt hem slechts<br /></span>
+<span class="i1">Met uw lomp dringen.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl11">Eerzame Simone,</span><br /></span>
+<span class="i1">Een andren keer. Vanavond ben 'k tevreden<br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_63">[63]</a></span>
+<span class="i1">Met de zachte muziek van Bianca's stem,<br /></span>
+<span class="i1">Die, als zij spreekt, de te verliefde lucht<br /></span>
+<span class="i1">Bekoort en aardes wanklen kring rondom<br /></span>
+<span class="i1">Haar schoonheid vastlegt.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl11">Vlei haar niet. Zij heeft</span><br /></span>
+<span class="i1">Haar deugden als de meeste vrouwen, maar<br /></span>
+<span class="i1">Schoonheid is een kleinood dat zij niet draagt.<br /></span>
+<span class="i1">Misschien is het ook beter. Waarde Heer,<br /></span>
+<span class="i1">Als gij geen wijzen uit uw luit wilt lokken<br /></span>
+<span class="i1">Om mijn ziels sombere onrust te bezweren,<br /></span>
+<span class="i1">Dan drinken we toch saam? Daar staat uw glas nog.<br /></span>
+<span class="i1">Krijg mij een stoel, Bianca. Sluit de luiken.<br /></span>
+<span class="i1">Zet er den grooten bout voor. 'k Wil niet hebben<br /></span>
+<span class="i1">Dat de nieuwsgierge wereld ons genoegen<br /></span>
+<span class="i1">Beloenschen zoû. En nu, mijn Heer, drink ons<br /></span>
+<span class="i1">Een toost uit boordevollen beker toe....<br /></span>
+<span class="i1">Wat is hier deze vlek op 't laken? 't Ziet<br /></span>
+<span class="i1">Zoo purper als een wond in Christus' zijde.<br /></span>
+<span class="i1">'t Is niets dan wijn? 'k Heb wel eens hooren zeggen:<br /></span>
+<span class="i1">Waar wijn vergoten wordt, wordt bloed vergoten,&mdash;<br /></span>
+<span class="i1">Maar dat's een dwaas verhaal. Mijn Heer, ik hoop,<br /></span>
+<span class="i1">Mijn wijn is naar uw smaak. De druif van Napels<br /></span>
+<span class="i1">Is vurig als zijn bergen. Ons Toscane<br /></span>
+<span class="i1">Kweekt een onschuldger sap.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl12">Mij mondt het goed,</span><br /></span>
+<span class="i1">Brave Simone, en 'k wil met uw verlof<br /></span>
+<span class="i1">Op schoone Bianca drinken wen haar lippen<br /></span>
+<span class="i1">Eerst langs den kelk als roode rozeblâren<br /></span>
+<span class="i1">Glijdend den dronk verzoeten. Proef, Bianca.<br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<p class="dirright">(<i>Bianca drinkt.</i>)</p>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i1">O al de honing saam van Hybla's bijen<br /></span>
+<span class="i1">Waar' bitter bij dees teug!&mdash;Waarde Simone,<br /></span>
+<span class="i1">Gij neemt geen deel aan 't feest.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="pagenum"><a id="p_64">[64]</a></span>
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl14">'t Is vreemd, Heer, 'k kan</span><br /></span>
+<span class="i1">Vanavond met u eten niet of drinken.<br /></span>
+<span class="i1">Een booze luim, een koortsigheid van 't bloed,<br /></span>
+<span class="i1">Dat anders toch bedaard is, een gedachte<br /></span>
+<span class="i1">Die als een adder rustloos ommekruipt,<br /></span>
+<span class="i1">Als een krankzinnge sluipt van cel naar cel,<br /></span>
+<span class="i1">Vergalt mijn smaak en zet mijn lust tot spijs<br /></span>
+<span class="i1">En drank in walging om. (<i>Hij gaat terzijde.</i>)<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl10">Lieve Bianca,</span><br /></span>
+<span class="i1">Dees kramer maakt mij met zijn praatjes wreevlig.<br /></span>
+<span class="i1">Ik moet vanhier. Maar morgen kom ik weêr.<br /></span>
+<span class="i1">Zeg mij hoe laat.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA: <span class="pl7">Kom met den vroegsten daagraad</span><br /></span>
+<span class="i1">Tot ik u weêrzie, is mijn leven ijdel.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">Laat neêr den middernacht van uwe haren,<br /></span>
+<span class="i1">In uwer oogen sterren laat mij zien<br /></span>
+<span class="i1">Mijn beeltnis als in spiegels. Lieve Bianca,<br /></span>
+<span class="i1">Zij 't slechts een schaduw, o bewaar mij daar,<br /></span>
+<span class="i1">En kijk naar niets dat niet verzinnebeeldt<br /></span>
+<span class="i1">Eenge gelijkenis van me. Ik ben naijvrig<br /></span>
+<span class="i1">Op al wat uw gezicht verlust.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA: <span class="pl13">Uw beeld&mdash;</span><br /></span>
+<span class="i1">O wees gerust&mdash;blijft altijd bij mij. Lieve,<br /></span>
+<span class="i1">Liefde verkeert de meest gewone dingen<br /></span>
+<span class="i1">In teekenen van zoete erinnering.<br /></span>
+<span class="i1">Maar kom vóor met zijn schellen zang de leeuwrik<br /></span>
+<span class="i1">Een wereld wekt van droomers. 'k Zal u wachten<br /></span>
+<span class="i1">Op het balkon,...<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl7">En langs scharlaken ladder</span><br /></span>
+<span class="i1">Wier zijden sporten zijn bestikt met paarlen,<br /></span>
+<span class="i1">Daal, blanken voet na blanken voet, als sneeuw<br /></span>
+<span class="i1">Op rozenboom, tot me af.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA: <span class="pl11">Zooals gij wenscht.</span><br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_65">[65]</a></span>
+<span class="i1">Uw eigen ben 'k in liefde of dood, gij weet het.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">Simone, 't wordt mijn tijd. Ik ga naar huis.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Zoo gauw? Waarom? Nog luidde van de Domkerk<br /></span>
+<span class="i1">Niet middernacht. Slaapdronken in hun torens<br /></span>
+<span class="i1">Liggen de wachten, die de bleeke maan<br /></span>
+<span class="i1">Plagen met holle horens. Blijf nog wat.<br /></span>
+<span class="i1">'k Vrees dat we u hier niet zullen wederzien.<br /></span>
+<span class="i1">En die vrees maakt mijn simpel hart bedroefd.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">Wees niet bezorgd, Simone. Meest standvastig<br /></span>
+<span class="i1">Zal 'k blijken in mijn vriendschap. Maar vanavond<br /></span>
+<span class="i1">Ga 'k naar mijn eigen huis, en dat terstond.<br /></span>
+<span class="i1">Tot morgen, Bianca.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl8">Goed. Uw wensch is wet.</span><br /></span>
+<span class="i1">'k Had nog wat langer met u willen praten,<br /></span>
+<span class="i1">Mijn nieuwe vriend, mijn eerbiedwaarde gast,<br /></span>
+<span class="i1">Maar dat gaat niet naar 't schijnt. Daar komt nog bij,<br /></span>
+<span class="i1">'k Twijfel niet of uw vader wacht op u,<br /></span>
+<span class="i1">Hunkrend naar stem of voetstap. Als 'k het goed heb,<br /></span>
+<span class="i1">Zijt gij zijn eenig kind? Hij heeft geen ander.<br /></span>
+<span class="i1">Gij zijt de sier en pijler van zijn huis,<br /></span>
+<span class="i1">Zijn éene bloem in tuin van louter onkruid.<br /></span>
+<span class="i1">Uw vaders neven zijn zijn minnaars niet.<br /></span>
+<span class="i1">Zoo gaat het praatje in stad hier. 'k Wou maar zeggen:<br /></span>
+<span class="i1">Zij zijn afgunstig op uw erfenis,<br /></span>
+<span class="i1">Hun gretige oogen schelen naar uw wijngaard<br /></span>
+<span class="i1">Als Achab keek naar Naboths vetten akker.<br /></span>
+<span class="i1">Maar dat is enkel 't praatje van een stad<br /></span>
+<span class="i1">Waar 't vrouwvolk te veel klapt. Goênacht, mijn Heer.<br /></span>
+<span class="i1">Haal een pijnfakkel, Bianca. De oude trap<br /></span>
+<span class="i1">Is vol met gaten, en de inhaalge maan<br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_66">[66]</a></span>
+<span class="i1">Wordt, als een giergaard, karig met haar stralen,<br /></span>
+<span class="i1">En bindt voor haar gezicht een tulen masker<br /></span>
+<span class="i1">Als lichtekooi die uitgaat om een arme<br /></span>
+<span class="i1">Ziel te verstrikken. Wacht, ik zal u krijgen<br /></span>
+<span class="i1">Uw zwaard en mantel. Laat mij, goede Heer,<br /></span>
+<span class="i1">Het is niet meer dan plicht dat'k u bedien,<br /></span>
+<span class="i1">Die mij den armen burger zooveel eer deedt,<br /></span>
+<span class="i1">Mijn wijn dronkt en mijn brood braakt en voor ons<br /></span>
+<span class="i1">Een lieve huisvriend werdt. Mijn vrouw en ik<br /></span>
+<span class="i1">Zullen nog vaak dees schoonen nacht bepraten<br /></span>
+<span class="i1">En zijn groote uitkomst. Kijk, wat kostlijk zwaard!<br /></span>
+<span class="i1">Ferrarisch staal, zoo lenig als een slang,<br /></span>
+<span class="i1">En zeker doodlijker. Met zoo'n zwaard hoeft<br /></span>
+<span class="i1">Men in 't gedrang des levens niets te vreezen.<br /></span>
+<span class="i1">Nooit heb ik zoo'n fijn lemmet aangeraakt.<br /></span>
+<span class="i1">Ook ik bezit een zwaard. 't Is nu wat roestig.<br /></span>
+<span class="i1">Ons, vredemannen, leert men needrigheid<br /></span>
+<span class="i1">En vele lasten op ons schouders dragen<br /></span>
+<span class="i1">En niet te morren tegen werelds onrecht<br /></span>
+<span class="i1">En onrechtmaatge krenkingen verduren.<br /></span>
+<span class="i1">Dat leeren we en wij vinden bij ons lijden<br /></span>
+<span class="i1">Voordeel als de geduldge Jood... Toch, 'k weet nog<br /></span>
+<span class="i1">Hoe eens een roover op den weg naar Padua<br /></span>
+<span class="i1">Mijn pakpaard nemen wilde, ik liet hem achter<br /></span>
+<span class="i1">Met afgesneden keel. Ik kan verdragen<br /></span>
+<span class="i1">Blaam, smaad in 't openbaar, velerlei schande,<br /></span>
+<span class="i1">Vlijmenden hoon en open schimp, maar hij<br /></span>
+<span class="i1">Die van mij iets wil dieven wat het mijne is,<br /></span>
+<span class="i1">Zij 't nog zoo waardeloos, het aarden bord<br /></span>
+<span class="i1">Waarvan 'k mijn honger stil&mdash;wee hem, hij waagt<br /></span>
+<span class="i1">Bij 't stelen ziel en lijf, en sterven doet hij<br /></span>
+<span class="i1">Voor 't klein vergrijp. Uit wat vreemd leem zijn wij<br /></span>
+<span class="i1">Menschen gemaakt!<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i10">Hoe komt gij zoo te spreken?<br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_67">[67]</a></span></div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Ik ben benieuwd, Heer Guido, of mijn zwaard<br /></span>
+<span class="i1">Beter gehard is dan dit staal van u.<br /></span>
+<span class="i1">Lijkt u de proef? Of is mijn stand te laag<br /></span>
+<span class="i1">Voor u om uw rapier met 't mijn te kruisen,<br /></span>
+<span class="i1">In scherts of ernst?<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl9">Niets zoû mij beter lijken</span><br /></span>
+<span class="i1">Dan met naakt lemmet over u te staan<br /></span>
+<span class="i1">In scherts of ernst. Geef mij mijn eigen zwaard.<br /></span>
+<span class="i1">Haal 't uwe. Dees nacht zal het pleit beslechten<br /></span>
+<span class="i1">Of van den prins of van den koopman 't zwaard<br /></span>
+<span class="i1">Beter gehard is. Was dat niet uw zeggen?<br /></span>
+<span class="i1">Haal slechts uw eigen zwaard. Wat draalt gij, man?<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Mijn Heer, van al de hofflijke genaden<br /></span>
+<span class="i1">Die gij geregend hebt op mijn dor huis,<br /></span>
+<span class="i1">Is dit de hoogste... Bianca, haal mijn zwaard.<br /></span>
+<span class="i1">Schuif bank en tafel weg. Wij moeten hebben<br /></span>
+<span class="i1">Een open kring voor onzen wapenkamp.<br /></span>
+<span class="i1">Bianca zal wel den fakkel willen houden<br /></span>
+<span class="i1">Opdat niet wat als scherts bedoeld is, ernst wordt.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA (<i>tot Guido</i>): O dood hem, dood hem!<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl12">Houd den fakkel, Bianca.</span><br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<p class="dirright">(<i>Zij beginnen te vechten.</i>)</p>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i1">In stand! Let op! Aha! Gij dacht zoo-waar&mdash;?<br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<p class="dirright">(<i>Hij wordt gewond door Guido.</i>)</p>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i1">Een schram, niets meer. Het licht scheen in mijn oogen.<br /></span>
+<span class="i1">Kijk niet bedrukt, Bianca. Het is niets.<br /></span>
+<span class="i1">Uw man bloedt. Het is niets. Krijg een stuk linnen<br /></span>
+<span class="i1">En bind het rond mijn arm. Neen, niet zoo stijf.<br /></span>
+<span class="i1">Een beetje losser, vrouw-lief. En ik bid u,<br /></span>
+<span class="i1">Wees niet ontdaan. Neen, haal het er weêr af.<br /></span>
+<span class="i1">Wat let het of ik bloed? (<i>Hij rukt het verband af.</i>)<br /></span>
+<span class="pagenum"><a id="p_68">[68]</a></span>
+<span class="i14">Van voor af aan!<br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<p class="dirleft">(<i>Simone ontwapent Guido.</i>)</p>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i1">Mijn eedle Heer, gij ziet dat ik gelijk had.<br /></span>
+<span class="i1">Mijn zwaard is fijner staal, beter gehard.<br /></span>
+<span class="i1">En nu dolk tegen dolk.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA (<i>tot Guido</i>): <span class="pl3">O dood hem, dood hem!</span><br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Blusch uit den fakkel, Bianca.<br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<p class="dirright">(<i>Bianca bluscht den fakkel uit.</i>)</p>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i16">Nu, mijn Heer,<br /></span>
+<span class="i1">Nu tot den dood van éen van ons, of beiden,<br /></span>
+<span class="i1">Of misschien alle drie. (<i>Zij vechten.</i>) Ziedaar en daar!<br /></span>
+<span class="i1">Ha! duivel, heb ik je eindlijk in mijn greep?<br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<p class="dirleft">(<i>Simone overweldigt Guido en drukt hem neêr op de tafel.</i>)</p>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">Dwaas, doe uw wurgersvingers van mijn keel.<br /></span>
+<span class="i1">Ik ben mijn vaders eenge zoon. De staat<br /></span>
+<span class="i1">Heeft maar éen erfgenaam. En 't valsche Frankrijk<br /></span>
+<span class="i1">Wacht op 't uitsterven van mijn vaders lijn<br /></span>
+<span class="i1">Om de stad te overvallen.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE: <span class="pl11">Zwijg! Uw vader</span><br /></span>
+<span class="i1">Kan kinderloos alleen gelukkger zijn.<br /></span>
+<span class="i1">Wat den staat aangaat, 'k denk, Firenze kan<br /></span>
+<span class="i1">Als loods aan 't stuur geen echtbreker gebruiken.<br /></span>
+<span class="i1">Gij zoudt haar leliën smetten.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO: <span class="pl14">Weg uw handen!</span><br /></span>
+<span class="i1">Weg uw verdoemde handen. Laat los, zeg ik.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Neen, in zoo'n handge schroef zijt gij gevangen<br /></span>
+<span class="i1">Dat niets meer u kan redden, en uw leven<br /></span>
+<span class="i1">Tezaamgedrongen in éen stip van schande,<br /></span>
+<span class="i1">Eindt met die schande, en allerschandelijkst.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">O laat me een priester hebben vóor ik sterf!<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="pagenum"><a id="p_69">[69]</a></span>
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Waarvoor wil jij een priester? Biecht je zonden<br /></span>
+<span class="i1">Aan God dien je vanavond nog zult zien<br /></span>
+<span class="i1">En dan nooit meer. Biecht Hem je zonden, die<br /></span>
+<span class="i1">Is meest rechtvaardig in meêdoogenloosheid<br /></span>
+<span class="i1">En meest meêdoogend in rechtvaardigheid.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">O help mij, lieve Bianca, help mij, Bianca,<br /></span>
+<span class="i1">Gij weet dat ik geen kwaad bedreven heb.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Is daar nog leven in die leugenlippen?<br /></span>
+<span class="i1">Sterf als een hond met slappe tong! Sterf! Sterf!<br /></span>
+<span class="i1">De stomme Arno zal straks uw lijk ontvangen<br /></span>
+<span class="i1">En spoelt onopgemerkt het weg naar zee.<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">GUIDO:<br /></span>
+<span class="i1">Heer Jezus, neem mijn arme ziel tot u!<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Amen. En nu komt de andere aan de beurt.<br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<p class="dirleft">(<i>Guido sterft. Simone rijst op en ziet om naar Bianca.
+Zij komt op hem toe met wijdopen armen als verdwaasd.</i>)</p>
+
+<div class="poem">
+<div class="stanza">
+<span class="i0">BIANCA:<br /></span>
+<span class="i1">Gij waart zoo sterk, en 'k heb het nooit geweten!<br /></span>
+</div>
+<div class="stanza">
+<span class="i0">SIMONE:<br /></span>
+<span class="i1">Gij waart zoo schoon, en 'k heb het nooit vermoed!<br /></span>
+</div>
+</div>
+
+<p class="dirright">(<i>Hij kust haar op den mond.</i>)</p>
+
+<div class="einde">EINDE</div>
+
+<p><span class="pagenum"><a id="p_i">[i]</a></span></p>
+
+<h2 class="h2ad"><a id="ads"></a>Tot heden verschenen Tooneelspelen.</h2>
+
+<h3 class="h3ad">a. in de Nederlandsche Bibliotheek:</h3>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">INA BOUDIER-BAKKER, <em class="gesperrt">'t Hoogste Recht</em>, tooneelspel in 4 bedrijven.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">N. B.<br />XXXV</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">J. F. E. CELLIERS, <em class="gesperrt">Liefde en Plig</em>,
+ Zuid-Afrikaans Tooneelspel in 4 bedrijven. Inleiding Dr. Engelenburg.
+ <div class="prijs">Ingen. f 0.20; geb. 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">N. B.<br /><span class="corr" id="corr07" title="Bron: ">LXXI</span></div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">MULTATULI, <em class="gesperrt">Vorstenschool</em>. Met een Inleiding van Mevr. Douwes
+ Dekker-Schepel en twee portretten. 4e druk, 8e&ndash;13e duizend.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">N. B.<br />XVIII</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">MULTATULI, <em class="gesperrt">Aleid</em>. Fragment van een onvoltooid gebleven blijspel. Met
+ Inleiding van Mevr. Douwes Dekker-Schepel.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">N. B.<br />XLVI</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek"><span class="mixcap">H. ROLAND HOLST-v. d. SCHALK</span>, <em class="gesperrt">De Opstandelingen</em>.
+ Lyrisch treurspel in 3 bedrijven.
+ <div class="prijs">f 0.30; 0.40; 0.50</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">N. B.<br />LXXXIII*</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">J. A. SIMONS-MEES, <em class="gesperrt">De Veroveraar</em>, Een spel van stemmingen in vijf
+ bedrijven, met afbeelding. (Tweede druk; 7e&ndash;9e duizend).
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">N. B.<br />I</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">J. A. SIMONS-MEES, <em class="gesperrt">Atie's Huwelijk</em>, Toneelspel in 4 bedrijven.
+ (Tweede druk)
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40<br />
+ Beide stukken samen in keurband f 1.&mdash;</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">N. B.<br />XXIII</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">J. A. SIMONS-MEES, <em class="gesperrt">Een Paladijn</em>.
+ Fantastische comedie in 4 bedrijven.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">N. B.<br />LXXXI</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">JOOST VAN DEN VONDEL, <em class="gesperrt">Adam in Ballingschap</em>, of aller treurspelen
+ Treurspel. Inleiding en aanteekeningen van L. S. (Derde druk, 8e&ndash;11e duizend).
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">N. B.<br />LI.</div>
+</div>
+
+<h3 class="h3ad">b. in de Wereld-Bibliotheek:</h3>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">ARISTOPHANES, <em class="gesperrt">De Ridders</em>. Metrische vertaling van
+ Dr. H. C. Muller<span class="corr" id="corr08" title="Bron: ">.</span>
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />70</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">Bj. BJÖRNSON, <em class="gesperrt">Boven Menschelijke Kracht</em>.
+ Tooneelspel in twee deelen uit het Noorsch door Marg. Meyboom,
+ met portret en Inleiding door L. S.
+ <div class="prijs">f 0.40; 0.55; 0.70</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />36/37</div>
+</div>
+
+<p class="clear"><span class="pagenum"><a id="p_ii">[ii]</a></span></p>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">WOLFG. v. GOETHE, <em class="gesperrt">Iphigeneia in Tauris</em>.
+ In Nederlandsche verzen overgebracht door dr. P. C. Boutens.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />96</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">GERHART HAUPTMANN, <em class="gesperrt">De Verdronken Klok</em>.
+ Sprookjesdrama, vertaald door en met inleiding van Mr. Isidore Hen.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />43</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">FRIEDRICH HEBBEL, <em class="gesperrt">Maria Magdalena</em>.
+ Vertaling van Louis Landry. Met portret.
+ <div class="prijs">(Ingenaaid en gecart. uitverk.); <span class="corr" id="corr09" title="Bron: ">f</span> 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />19</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">HENRIC IBSEN, Steunpilaren der Maatschappij. Vert. F. Kapteyn, Inl. van L. S.
+ (derde druk; 8e<span class="corr" id="corr10" title="Bron: --">&ndash;</span>10e duizend.)
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />4</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">HENRIC IBSEN, <em class="gesperrt">Een Poppenhuis (Nora)</em><span class="corr" id="corr11" title="Bron: ">.</span>
+ Tooneelspel in drie bedrijven, vert. Marg. Meyboom. Met portretten en inl.
+ door L. S. (2e druk) (6e&ndash;8e duizend)
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />40</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">HENRIC IBSEN, <em class="gesperrt">Een Vijand van 't Volk</em>.
+ Vertaling van Marg. Meyboom. Inleiding van L. S.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />73</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">HENRIC IBSEN, <em class="gesperrt">Mededingers naar de Kroon</em>.
+ Vertaald door Marg. Meyboom, inleiding van L. Simons.
+ <div class="prijs">f 0.30; 0.40; 0.50</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />119*</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">MOLIERE, <em class="gesperrt">De Schelmenstreken van Scapin</em>.
+ Een klucht in drie bedrijven. Vertaling S. J. Bouberg
+ <div class="prijs">(Ingenaaid uitverkocht); f 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />16</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">MOLIERE, <em class="gesperrt">Geleerde Dames</em>, metrische vertaling W. J. Wendel.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />67</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">MOLIERE, <em class="gesperrt">Tartuffe</em>, metrische vertaling W. J. Wendel.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />112</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">PLAUTUS. <em class="gesperrt">De Tweelingbroeders</em>.
+ Metrische vertaling der &bdquo;Menaechmi&rdquo; door Prof. Dr. H. van Herwerden.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />88</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">WILLIAM SHAKESPEARE, Vertaling Dr. Edw. B. Koster.<br />
+ <div class="floatleft noi">
+ a) <em class="gesperrt">Coriolanus</em><br />
+ b) <em class="gesperrt">Macbeth</em><br />
+ c) <em class="gesperrt">Othello</em>
+ </div>
+ <div class="floatleft noi" style="font-size:3.4em; margin-top:-0.15em;"> } </div>
+ <div class="floatright noi"><br />per stuk f 0.20; 0.30; 0.40;</div>
+
+ <div class="clear"></div>
+
+ <div class="floatleft noi">
+ d) <em class="gesperrt">Antonius en Cleopatra</em><br />
+ e) <em class="gesperrt">De koopman van Venetië</em><br />
+ </div>
+ <div class="floatleft noi" style="font-size:2.6em; margin-top:-0.15em;"> } </div>
+ <div class="floatright noi" style="margin-top:0.7em;"> per stuk f 0.35; 0.60; 1.&mdash;</div>
+ </div>
+<div class="boeknr">W. B.<br />21<br />77<br />91<br />
+<div style="margin-top: 0.8em;">keuruitgaaf</div></div>
+
+</div>
+
+<p class="clear"><span class="pagenum"><a id="p_iii">[iii]</a></span></p>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">BERNARD SHAW, <em class="gesperrt">Je kunt 't nooit weten</em>.
+ Komedie in 4 bedrijven. Vertaling van Ph. G. Gunning.
+ Inl. v. L. S. en portret van Shaw.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">W. B.<br />81</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">BERNARD SHAW, <em class="gesperrt">Mevrouw Warrens Bedrijf</em>,
+ vert. door J. A. Simons-Mees. Inleiding van L. S.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+<div class="boeknr">W. B.<br />91</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">BERNARD SHAW, <em class="gesperrt">Mensch en Oppermensch</em>
+ met aanhangsel <em class="gesperrt">Het Handboek van den Revolutionnair</em>.
+ Vert. J. A. Simons-Mees. Inleiding L. S.
+ <div class="prijs">f 0.30; 0.40; 0.50</div>
+ </div>
+<div class="boeknr">W. B.<br />128*</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">SOPHOCLES, <em class="gesperrt">Antigone</em>,
+ Nieuwe vertaling van Dr. H. C. Muller. Met afbeelding.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+<div class="boeknr">W. B.<br />44</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">PERCY BYSSHE SHELLEY, <em class="gesperrt"><a href="https://www.gutenberg.org/etext/17822">Prometheus ontboeid</a></em>.
+ Van inleiding voorzien en vertaald door A. Gutteling.
+ <div class="prijs">f 0.20; 0.30; 0.40</div>
+ </div>
+<div class="boeknr">W. B.<br />127</div>
+</div>
+
+<h3 class="h3ad">c. in de Russische Bibliotheek:</h3>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">N. W. GOGOLJ, <em class="gesperrt">De Revisor</em>,
+ uit het Russisch door Jos. C. Termaat
+ <div class="prijs">Ingen. f 0.70; geb. f 1<span class="corr" id="corr12" title="Bron: ">.</span>&mdash;</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">R. B.<br />11/12</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">MAXIM GORKIEJ, <em class="gesperrt">Zonnekinderen</em>.
+ Uit het Russisch door Jos. C. Termaat.
+ <div class="prijs">Ingen. f 0.70; geb. f 1<span class="corr" id="corr13" title="Bron: ">.</span>&mdash;</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">R. B.<br />6/7</div>
+</div>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">D. S. MEREZJKOWSKJOE, <em class="gesperrt">Paul I</em>,
+ drama in 5 bedrijven, vert. door Annie de Graaff.
+ <div class="prijs">Ing. f 0.70; geb. f 1.&mdash;</div>
+ </div>
+ <div class="boeknr">R. B.<br />17/18</div>
+</div>
+
+<h3 class="h3ad">d. In de Oorspronkelijke Uitgaven:</h3>
+
+<div class="ad">
+ <div class="boek">J. A. SIMONS-MEES. <em class="gesperrt">Tooneelspelen</em>&mdash;twee bundels,
+ <div class="prijs">per bundel, ingen. f 1.25; geb. f 1.90.</div>
+ </div>
+ <div class="boek"><i>Eerste Bundel:</i>
+ <em class="gesperrt">Twee Levenskringen</em>;
+ <em class="gesperrt">Van Hoogten en Vlakten</em>;
+ <em class="gesperrt">Zijn Evenbeeld</em>. Inleiding van L. S.</div>
+
+ <div class="boek"><i>Tweede Bundel:</i>
+ <em class="gesperrt">Een Moeder</em><span class="corr" id="corr14" title="Bron: ,"></span>;
+ <em class="gesperrt">Sint Elisabeth</em><span class="corr" id="corr15" title="Bron: ,"></span>;
+ <em class="gesperrt">Kasbloem</em>.</div>
+
+</div>
+
+<p class="clear"></p>
+
+<div class="TNbox">
+<a id="correctie"></a>
+
+<h1>Overzicht aangebrachte correcties</h1>
+<p>De volgende correcties zijn aangebracht in de tekst:</p>
+
+<table summary="correcties in tekst">
+ <thead>
+ <tr><th>Plaats</th><th>Bron</th><th>Correctie</th></tr>
+ </thead>
+ <tbody>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr01">Blz. 13</a></td><td class="td4">;</td><td class="td4">:</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr02">Blz. 41</a></td><td class="td4">Tenmiste</td><td class="td4">Tenminste</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr03">Blz. 42</a></td><td class="td4">al</td><td class="td4">als</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr04">Blz. 43</a></td><td class="td4">HORODIAS</td><td class="td4">HERODIAS</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr05">Blz. 55</a></td><td class="td4">nietswaard</td><td class="td4">niets waard</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr06">Blz. 58</a></td><td class="td4">En</td><td class="td4">Een</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr07">Blz. i</a></td><td class="td4">[<i>Niet in bron</i>]</td><td class="td4">LXXI</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr08">Blz. i</a></td><td class="td4">[<i>Niet in bron</i>]</td><td class="td4">.</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr09">Blz. ii</a></td><td class="td4">[<i>Niet in bron</i>]</td><td class="td4">f</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr10">Blz. ii</a></td><td class="td4">--</td><td class="td4">&ndash;</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr11">Blz. ii</a></td><td class="td4">[<i>Niet in bron</i>]</td><td class="td4">.</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr12">Blz. iii</a></td><td class="td4">[<i>Niet in bron</i>]</td><td class="td4">.</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr13">Blz. iii</a></td><td class="td4">[<i>Niet in bron</i>]</td><td class="td4">.</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr14">Blz. iii</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">[<i>Verwijderd</i>]</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr15">Blz. iii</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">[<i>Verwijderd</i>]</td></tr>
+ </tbody>
+</table>
+</div>
+
+
+
+
+
+
+
+
+<pre>
+
+
+
+
+
+End of the Project Gutenberg EBook of Salome en Een Florentijnsch Treurspel, by
+Oscar Wilde
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK SALOME EN EEN FLORENTIJNSCH ***
+
+***** This file should be named 29208-h.htm or 29208-h.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ https://www.gutenberg.org/2/9/2/0/29208/
+
+Produced by André Engels and the Online Distributed
+Proofreading Team at https://www.pgdp.net
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+https://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at https://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at https://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit https://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including including checks, online payments and credit card
+donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ https://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
+
+
+</pre>
+
+</body>
+</html>