summaryrefslogtreecommitdiff
path: root/33764-0.txt
diff options
context:
space:
mode:
Diffstat (limited to '33764-0.txt')
-rw-r--r--33764-0.txt22889
1 files changed, 22889 insertions, 0 deletions
diff --git a/33764-0.txt b/33764-0.txt
new file mode 100644
index 0000000..0ef0243
--- /dev/null
+++ b/33764-0.txt
@@ -0,0 +1,22889 @@
+*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK 33764 ***
+ De reis om de wereld
+ 27 December 1831--2 October 1836
+
+
+
+
+
+
+ Wereld Bibliotheek
+
+ Onder Leiding van L. Simons
+
+
+ DE REIS OM DE WERELD
+
+ Dagboek van onderzoekingen in de
+ natuurlijke geschiedenis en aardkunde
+ van de landen, bezocht op de reis
+ rondom de wereld van H. M. vaartuig
+ "The Beagle"
+
+ Door
+
+ CHARLES DARWIN
+
+ M. A., F. R. S.
+
+ Uit het Engelsch vertaald
+ Door J. Brandt
+
+
+ 2e Druk
+
+ Uitgegeven door De Maatschappij voor
+ Goede en Goedkoope Lectuur--Amsterdam
+
+
+
+
+
+
+BEMERKING VAN DEN VERTALER.
+
+
+Hier en daar zijn, ter verduidelijking van den tekst, eenige noten
+bijgevoegd. Een uitvoerige alphabetische index van de in het geheele
+werk voorkomende namen en vreemde woorden, volgt aan het einde van
+het tweede deel. Men zal in dit deel eene herleiding van de Engelsche
+maten vinden.
+
+
+
+
+
+
+CHARLES DARWIN.
+
+
+Charles Robert Darwin, kleinzoon van den geneesheer, dichter en
+natuuronderzoeker Erasmus Darwin (gestorven 1802), en van Josias
+Wedgwood, den vermaarden pottenbakker, werd op 12 Februari 1809
+geboren te Shrewsbury, waar zijn vader arts was.
+
+Van de Latijnsche School te Shrewsbury stuurde men hem in 1825 als
+medisch student naar de universiteit te Edinburg; maar wijl hem de
+geneeskunde als beroep niet aanstond, bewilligde hij schoorvoetend
+in zijns vaders voorstel om predikant te worden. Zoo ging hij dan
+naar Christ's College in Cambridge; doch in stede van zich op de
+theologie toe te leggen, wijdde hij zich aan plant- en aardkunde, en
+nam eene uitnoodiging aan om als natuuronderzoeker op H. M. Beagle
+eene reis om de wereld te doen. Hij aanvaardde deze reis op 27
+December 1831 en bleef vijf jaren onderweg. Bij zijne terugkomst
+gaf hij achtereenvolgens in 't licht zijn Journal; The Zoology of
+the Beagle; The Structure and Distribution of Coral Reefs (1842);
+Geological Observations on Volcanic Islands (1844), en The Geology
+on parts of South America (1846).
+
+In 1839 trad Darwin in 't huwelijk met zijne nicht Emma Wedgwood,
+en vestigde zich metterwoon te Down in Kent. Hier zette hij zich met
+ijver aan het uitwerken van de ideeën, welke als gevolg van zijne
+Voyage in hem kiemden, en publiceerde eindelijk in 1859 zijn Origin of
+Species by Means of Natural Selection, dat Darwin als den hoofdarbeid
+zijns levens beschouwde. De uitwerking er van was geweldig, want tot
+op dit oogenblik twijfelden de mannen der wetenschap niet aan het
+voortbestaan der soorten.
+
+Toen volgden: The various contrivances by which Orchids are
+fertilized by Insects (1862); The Variation of Animals and Plants
+under Domestication (1867). Zoodra Darwin overtuigd was, dat soorten
+veranderlijke producten zijn, zag hij in, dat de mensen onder dezelfde
+wet moest vallen. The Descent of Man (1871) was hiervan het gevolg
+en verwekte spoedig een "storm van toorn, verbazing en bewondering
+tegelijk."
+
+Darwin's leven had, afgescheiden van zijn werk, weinig dat
+belangstelling verdient; maar het getuigt van buitengewone vlijt. Eene
+proefneming in verband met zijn werk The Formation of Vegetable
+Mould through the Action of Worms (1881) omvatte een tijdruimte van
+meer dan dertig jaren. Altijd werd hij door eene zucht naar waarheid
+gedreven. Zijne methode om de natuur te bestudeeren was uitermate
+nauwgezet en vernuftig.
+
+Darwin bereikte den leeftijd van 73 jaren en onderzocht nog daags
+vóór zijn dood (19 April 1882) eene plant in zijne studeerkamer. Hij
+ligt begraven in de Westminster-Abdij, waar ook de beroemde Isaac
+Newton rust.
+
+
+
+
+
+
+INLEIDING.
+
+
+Darwin's reis om de wereld als natuuronderzoeker op de Beagle was,
+volgens zijn zeggen, verreweg de belangrijkste gebeurtenis zijns
+levens, die zijne geheele verdere carrière bepaald heeft.
+
+Ook was zij een allergewichtigst voorval in hare gevolgen op het
+hedendaagsche denken.
+
+"Toch," zegt Darwin, "hing zij slechts af van het onbeduidende feit,
+dat mijn oom mij aanbood mij 30 mijlen ver naar Shrewsbury te rijden,
+en van zoo'n bagatel als den vorm van mijn neus." [2]
+
+De reis maakte Darwin met zekere feiten bekend, welke "eenig licht
+schenen te werpen op het ontstaan der soorten--dat grootste aller
+mysterieën." Darwin's groote theorie der Natuurkeus was een uitvloeisel
+van deze reis, en die theorie--gelijk Grant Allen zegt--bracht
+eene algeheele omwenteling teweeg in de wetenschappen der plant-
+en dierkunde, en maakte de leer der Organische Evolutie, die toen
+slechts door een klein getal scherpzinnige wijsgeerige biologen was
+aangenomen, tot het algemeene geloof van alle mannen der wetenschap.
+
+Huxley verklaart, dat het "te voorschijn treden van de wetenschap
+der Evolutie uit den limbus van haat en--zooals velen hoopten--van
+vergeten dingen, in de houding van kroonpretendente van het rijk der
+gedachte, het meest beteekenende feit is in de negentiende eeuw."
+
+De Beagle, onder bevel van kapitein Fitz-Roy, had een inhoud van
+235 ton, was "uitgerust als brik en voerde tien kanonnen." Lang na
+Darwin's reis (in 1888), werd het te Yokosoeka door de Japanners als
+oefeningsvaartuig gebruikt.
+
+Darwin's hut, welke hij met een officier deelde, was zeer
+klein. "Kapitein Fitz-Roy zegt er voor te zullen zorgen, dat de
+eene hoek zóó zal worden ingericht, dat ik mij daar op mijn gemak
+zal voelen alsof ik thuis was, maar dat ik ook den zijnen zal mogen
+gebruiken. Mijne hut is de receptiehut; en in het midden staat eene
+groote tafel, waarboven wij beiden in hangmatten slapen."
+
+"Mijn vader placht te zeggen," schrijft Francis Darwin in "Het Leven"
+van zijn vader, "dat het de volstrekte behoefte aan netheid was in de
+beperkte ruimte van de Beagle, die hem "zijne methodische gewoonte
+van werken hielp verkrijgen." Ook placht hij te zeggen, dat hij op
+de Beagle leerde, wat hij als den gulden regel voor tijdsbesparing
+beschouwde, namelijk--op de minuten te letten."
+
+Na afloop van de reis, vertelde hij kapitein Fitz-Roy, dat hij zijne
+herinneringen en wat hij van de Natuurlijke Historie geleerd had,
+voor geen £ 20,000 per jaar zou willen ruilen.
+
+
+
+
+
+
+VOORWOORD VAN DEN SCHRIJVER.
+
+
+Ik heb in de voorrede bij de eerste uitgaaf van dit werk en in
+de Zoology of the Voyage of the Beagle medegedeeld, dat een door
+Kapitein Fitz-Roy geuite wensch om een wetenschappelijk man aan
+boord te hebben, vergezeld van zijn aanbod om een deel zijner eigen
+gemakken op te offeren, reden waren waarom ik mijne diensten aanbood,
+die door de vriendelijkheid van den hydrograaf, Kapitein Beaufort, de
+goedkeuring der Lords of the Admiralty verwierven. In het bewustzijn,
+dat de gelegenheid welke mij te beurt viel tot het bestudeeren van de
+Natuurlijke Geschiedenis der verschillende door ons bezochte landen,
+geheel aan Kapitein Fitz-Roy te danken is, hoop ik, dat het mij vergund
+zij hem te dezer plaatse mijne dankbaarheid opnieuw te betuigen, met
+de bijvoeging, dat ik gedurende de vijf jaren van ons samenzijn de
+hartelijkste vriendschap en de duurzaamste hulp van hem genoot. Zoowel
+Kapitein Fitz-Roy als alle officieren van de Beagle zal ik steeds ten
+hoogste dankbaar zijn voor de onverflauwde welwillendheid, waarmeê
+zij mij op onze lange reis bejegenden. [3]
+
+Dit deel bevat, in den vorm van een Dagboek, eene geschiedenis
+onzer reis en eene schets van die waarnemingen in de Natuurlijke
+Geschiedenis en Aardkunde, welke ik denk dat voor den algemeenen lezer
+van eenig belang kunnen zijn. In deze uitgaaf heb ik sommige gedeelten
+aanmerkelijk bekort en verbeterd, en aan andere iets toegevoegd,
+om het boek zoodoende meer voor eene populaire lezing geschikt te
+maken; ik vertrouw echter, dat natuuronderzoekers zullen begrijpen,
+dat zij voor bijzonderheden de grootere uitgaaf moeten naslaan, die de
+wetenschappelijke uitkomsten van den tocht bevatten. De "Dierkunde van
+de Reis van de Beagle" bevat een verslag van de Fossiele Zoogdieren,
+door Prof. Owen; van de Levende Zoogdieren, door Waterhouse; van de
+Vogels, door Gould; van de Visschen, door Rev. L. Jenyns, en van de
+Kruipende Dieren, door Bell. Aan de beschrijving van elke soort heb
+ik een verhaal van hare leefwijze en verspreiding toegevoegd. Deze
+werken, die ik te danken heb aan de talenten en den belangeloozen
+ijver der bovengenoemde schrijvers, hadden niet ondernomen kunnen
+worden zonder de milde vrijgevigheid der Lords Commissioners van
+H. M. Schatkist, die, vertegenwoordigd door den Edelhoogachtbaren
+Kanselier der Rijks-Schatkist, [4] zoo goed zijn geweest eene som van
+£ 1000 beschikbaar te stellen, om de kosten van uitgaaf gedeeltelijk
+te bestrijden.
+
+Zelf heb ik verscheidene deelen in het licht gegeven, als: The
+Structure and Distribution of Coral Reefs; The Volcanic Islands visited
+during the Voyage of the Beagle, en The Geology of South America. Het
+zesde deel der Geological Transactions bevat twee bijdragen van mij
+over de Zwerfblokken en Vulkanische Verschijnselen van Zuid-Amerika. De
+heeren Waterhouse, Walker, Newman en White hebben verscheidene goede
+geschriften uitgegeven over de Insecten, die toen verzameld werden, en
+ik vertrouw, dat vele andere hierna zullen volgen. De planten uit de
+zuidelijke gedeelten van Amerika zullen door Dr. J. Hooker behandeld
+worden in zijn groot werk: The Botany of the Southern Hemisphere. De
+Flora van den Galápagos-archipel is het onderwerp eener afzonderlijke
+verhandeling van hem in de Linnean Transactions. De Rev. Professor
+Henslow heeft eene lijst in 't licht gegeven van de planten, die ik
+op de Keeling-Eilanden verzameld heb; en de Rev. I. M. Berkeley heeft
+mijne kryptogamische planten beschreven.
+
+Gaarne erken ik de groote hulp, die ik in den loop van dit en
+mijne overige werken van verscheidene andere natuuronderzoekers
+ontvangen heb; tevens zij het mij vergund hier mijn oprechtsten dank
+te betuigen aan den Rev. Professor Henslow, die toen ik undergraduate
+[5] te Cambridge was, een der hoofdpersonen was, die mij neiging voor
+de Natuurlijke Historie inboezemde; die gedurende mijne afwezigheid
+zorg droeg voor de verzamelingen welke ik naar huis zond, en door
+zijne briefwisseling mijne pogingen leidde; en die mij sedert mijne
+terugkomst al de hulp heeft bewezen, zooals de hartelijkste vriend
+ooit bieden kon.
+
+
+ Down, Bromley, Kent.
+ Juni 1845.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK I.
+
+ST.-JAGO. DE KAAP-VERDISCHE EILANDEN.
+
+
+Na tweemaal door hevige stormen uit het zuidwesten te zijn
+teruggedreven, zeilde H. M. Beagle, een brik van tien kanonnen onder
+bevel van Kapitein Fitz-Roy der Koninklijke Marine, op 27 December
+1831 uit Devonport.
+
+Het doel der expeditie was de opmeting van Patagonië en Vuurland
+(Tierra del Fuego), welke in de jaren 1826-1830 onder Kapitein King
+begonnen was om de kusten van Chili, Peru en eenige eilanden in den
+Stillen Oceaan in kaart te brengen, te voltooien en eene reeks van
+chronometer-waarnemingen om de wereld te volbrengen. Den 6den Januari
+1832 bereikten wij Teneriffe, doch konden niet landen doordien de
+bevolking vreesde, dat wij de cholera medebrachten. Den volgenden
+morgen zagen wij de zon achter de oneffen kim van het Groote Kanarische
+Eiland opgaan en plotseling de Piek van Teneriffe verlichten,
+terwijl de lagere gedeelten in vlokkige wolken gehuld waren. Dit was
+de eerste van vele verrukkelijke dagen, die onvergetelijk voor mij
+zullen zijn. Den 16den Januari 1832 ankerden wij te Porto Praya op
+St.-Jago, het hoofd-eiland van den Kaap-Verdischen Archipel.
+
+De omtrek van Porto Praya, van uit zee gezien, biedt een troosteloozen
+aanblik. De vulkanische uitbarstingen uit vroegeren tijd en de
+verschroeiende hitte eener tropische zon hebben op de meeste plaatsen
+den grond ongeschikt gemaakt voor plantengroei. Het land stijgt
+in opvolgende terrassen van tafelland, afgewisseld door enkele
+afgeknot-kegelvormige heuvels, terwijl de horizon begrensd wordt
+door eene onregelmatige keten van hoogere bergen. Gezien door de
+dampige atmospheer van dit klimaat, is het tooneel zeer belangwekkend,
+althans wanneer men, pas uit zee en voor het eerst in een boschje met
+kokosboomen wandelende, over iets anders dan over zijn eigen geluk kan
+oordeelen. In 't algemeen zou het eiland als zeer onbelangrijk worden
+beschouwd; maar voor iemand, die alleen aan een Engelsch landschap
+gewoon is, bezit de nieuwe aanblik van een geheel onvruchtbaar land
+eene grootschheid, welke door meer plantengroei bedorven zou kunnen
+worden. Op de uitgestrekte lava-velden kan met moeite een enkel groen
+blad worden ontdekt, wat niet belet, dat kudden geiten en een klein
+getal koeien hier een bestaan pogen te vinden. Regen is zeer zeldzaam;
+maar gedurende een korten tijd van het jaar vallen hevige buien, en
+onmiddellijk daarna schiet dan uit elke spleet eene lichte vegetatie
+op. Deze verwelkt spoedig, en het is van dit natuurlijk gevormde hooi
+dat de dieren leven. Nu had het een geheel jaar lang niet geregend.
+
+Toen het eiland ontdekt werd, was de onmiddellijke omgeving
+van Porto Praya met boomen bedekt, [6] waarvan de roekelooze
+vernieling hier, evenals op St.-Helena en enkele der Kanarische
+Eilanden, bijna algeheele onvruchtbaarheid veroorzaakte. De breede,
+vlakke dalen, waarvan vele slechts enkele dagen in het seizoen
+als waterloopen dienen, zijn met kreupelboschjes van bladerlooze
+struiken bedekt. Weinig levende wezens bewonen deze dalen. De meest
+voorkomende vogel is een ijsvogel (Dacelo Jagoensis), die gedwee op
+de takken van den Ricinus communis zit, en van hier op sprinkhanen en
+hagedissen jacht maakt. Hij is helder gekleurd, maar niet zoo fraai
+als de Europeesche soorten; ook in zijne vlucht, zijne gewoonten en
+woonplaats, die zich in 't algemeen tot de droogste vallei bepaalt,
+bestaat een groot verschil.
+
+Op zekeren dag reed ik met twee officieren naar Ribeira Grande, een
+dorp enkele mijlen oostwaarts van Porto Praya gelegen. Alvorens wij de
+vallei St.-Martin bereikten, vertoonde het land zijn gewoon dof bruin
+aanzien; maar hier brengt eene kleine waterbeek een alverfrisschenden
+zoom van welig plantenleven voort. Na verloop van een uur kwamen wij
+te Ribeira Grande, en werden hier verrast door den aanblik van een
+groot vervallen fort en eene kathedraal. Voordat hare haven verzandde,
+was deze kleine stad de hoofdplaats van het eiland; nu biedt zij een
+droefgeestigen, maar zeer schilderachtigen aanblik. Nadat wij een
+zwarten Padre als gids, en een Spanjaard, die in den Peninsulairen
+Oorlog [7] gediend had, als tolk hadden aangenomen, bezochten wij eene
+groep gebouwen, waarvan eene oude kerk het hoofdgedeelte vormde. Hier
+is 't, dat de gouverneurs en kapitein-generaals der Eilanden begraven
+zijn. Enkele grafsteenen vermeldden datums uit de 16e eeuw. [8] De
+heraldieke versieringen waren de eenige voorwerpen op deze afgelegen
+plek, welke ons aan Europa herinnerden. De kerk of kapel vormde de
+zijde van een vierkant, in welks midden eene breede groep banaanboomen
+groeide. Aan eene andere zijde stond een hospitaal, dat een twaalftal
+bewoners bevatte, die er ellendig uitzagen.
+
+Wij keerden naar de vénda terug om onze maaltijden te gebruiken. Een
+groot aantal mannen, vrouwen en kinderen, allen gitzwart, schoolden
+samen om ons aan te gapen. Onze metgezellen waren uiterst jolig;
+en al wat wij zeiden of deden werd van hun kant door een hartelijk
+gelach gevolgd. Voordat wij de stad verlieten, bezochten wij de
+kathedraal. Deze ziet er niet zoo rijk uit als de kleinere kerk,
+maar boogt op een klein orgel, dat zonderlinge wanluidende tonen
+voortbracht. Wij schonken den zwarten priester enkele shillings,
+waarna de Spanjaard, hem op het hoofd kloppende, zeer openhartig de
+opmerking maakte, dat hij dacht dat zijne kleur niet veel verschil
+maakte. Toen keerden wij, zoo snel onze ponies loopen wilden, naar
+Porto Praya terug.
+
+Op een anderen dag reden wij naar het dorp St.-Domingo, bij het midden
+van het eiland gelegen. In eene kleine vlakte, die wij overtrokken,
+groeiden enkele schrale acacia's; hare toppen waren door den
+aanhoudenden passaatwind op zonderlinge wijze gebogen--bij sommige
+zelfs loodrecht op den stam. De richting der takken was nauwkeurig
+NNO-ZZW; en deze natuurlijke vaantjes moeten de overheerschende
+richting der kracht van den passaat aanduiden. De tocht had op den
+kalen grond zoo weinig indruksels achtergelaten, dat wij hier ons
+spoor kwijtraakten en den weg naar Fuentes insloegen. Dit laatste
+bemerkten wij niet eer voordat wij er aankwamen; doch later hadden
+wij pleizier van onze vergissing. Fuentes is een aardig dorp aan
+een kleinen stroom gelegen; en alles scheen welvarend, behalve zij
+die dit het meest moesten wezen, namelijk--de bewoners. De zwarte
+spiernaakte kinderen zagen er zeer armzalig uit, en droegen bosschen
+brandhout half zoo groot als zij zelven.
+
+Dicht bij Fuentes zagen wij eene groote schaar paarlhoenders
+[9]--misschien wel vijftig of zestig in getal. Zij waren zoo schuw,
+dat wij hen niet konden naderen, ontweken ons door evenals patrijzen
+op een regenachtigen Septemberdag met opgeheven kop weg te loopen,
+en spreidden onmiddellijk de vleugels uit als wij hen vervolgden.
+
+De natuur van St.-Domingo bezit eene schoonheid, die men volstrekt
+niet verwacht te midden van het overwegend mistroostige karakter van
+het overige deel van het eiland. Het dorp is gelegen in de kom eener
+vallei, die door hooge, uitgetande muren van in lagen afgezette lava
+begrensd is. Dit zwarte gesteente vormt eene treffende tegenstelling
+met de lichtgroene plantenwereld, die de oevers van een kleinen
+helderen waterstroom omzoomt. Juist was het een groote feestdag, en
+het dorp vol menschen. Op onzen terugkeer haalden wij een troepje in
+van omstreeks 20 jonge zwarte meisjes in zeer smaakvolle kleeding,
+wier zwarte huid en sneeuwwit linnen met gekleurde tulbanden en
+groote shawls waren afgezet. Nauwelijks kwamen wij dichterbij, of
+allen keerden zich plotseling om, spreidden hare shawls op den weg
+en zongen met groote levendigheid een wild lied, waarbij zij met de
+handen op de beenen de maat sloegen. Wij wierpen haar eenige vintéms
+toe, die zij onder gillend gelach aannamen; en toen wij ze verlieten,
+vervolgden zij haar gezang met verdubbelde kracht.
+
+Op zekeren morgen was het uitzicht bijzonder helder: de verwijderde
+bergen teekenden zich met de scherpste omlijning op eene zware bank
+van donkerblauwe wolken af. Te oordeelen naar het voorkomen en naar
+dergelijke gevallen in Engeland, meende ik, dat de lucht met waterdamp
+verzadigd was. Doch juist het tegengestelde was waar. De hygrometer
+wees een verschil van 29°6 tusschen de luchttemperatuur en het
+dauwpunt. Dit verschil was ongeveer het dubbele van wat ik op vorige
+ochtenden had waargenomen. Deze ongewone graad van atmospherische
+droogte werd door aanhoudende bliksemflitsen vergezeld. Is het geen
+zeldzaam verschijnsel eene merkwaardig doorschijnende lucht zoo
+gepaard te zien gaan met zulk eene weersgesteldheid?
+
+In 't algemeen is de dampkring mistig, hetgeen veroorzaakt wordt door
+den val van ontastbaar fijn stof, dat op de sterrekundige instrumenten
+eenigszins schadelijk bleek gewerkt te hebben. Den morgen voordat
+wij te Porto Praya ankerden, verzamelde ik een klein pakje van dit
+bruingekleurde fijne stof, dat door het gaas van het vlaggetje aan
+den top van den mast bleek heengezift te zijn. Ook heeft Lyell mij
+vier pakjes stof gegeven, dat op een schip enkele honderden mijlen ten
+noorden van deze eilanden gevallen was. Prof. Ehrenberg [10] vindt, dat
+dit stof voor een groot deel bestaat uit infusoria met kiezelhoudende
+schalen en uit kiezelskeletten van planten. In vijf kleine pakjes,
+die ik hem zond, heeft hij niet minder dan 67 verschillende organische
+vormen geconstateerd! Met uitzondering van twee zee-species, zijn alle
+infusoria zoetwater-bewoners. Ik heb niet minder dan 15 verschillende
+berichten gevonden over stof, dat op schepen ver in den Atlantischen
+Oceaan gevallen was. Uit de richting van den wind toen het viel,
+en uit het feit dat het steeds gevallen is in maanden, waarin de
+harmáttan, naar men weet, wolken stof hoog in den dampkring voert,
+mogen wij veilig besluiten, dat al dit stof uit Afrika komt. [11]
+
+Het is intusschen een zeer zonderling feit, dat, ofschoon
+Prof. Ehrenberg vele soorten infusoria kent welke in Afrika
+tehuisbehooren, hij geen enkele dezer in het stof vindt dat ik hem
+zond; daarentegen vindt hij er twee soorten in, waarvan hij tot nu toe
+weet, dat zij alleen in Zuid-Amerika leven. Het stof valt in zulke
+hoeveelheden, dat het alles aan boord vuil maakt en de oogen van
+den mensch zeer doet; zelfs is het gebeurd, dat schepen ten gevolge
+van de duisternis op het strand geloopen zijn. Dikwijls viel het op
+schepen, die verscheidene honderden en zelfs meer dan duizend mijlen
+van de Afrikaansche kust verwijderd waren, en op punten 1600 mijlen
+in noordelijke of zuidelijke richting. In eenig stof, dat 300 mijlen
+ver van land op een schip verzameld was, vond ik tot mijne groote
+verbazing stukjes steen ter grootte van ruim het duizendste deel van
+een vierkante inch, vermengd met fijnere materie. Na dit feit behoeft
+men zich niet te verwonderen over de verspreiding der veel lichtere
+en kleinere sporen van kryptogamische planten.
+
+De geologie van dit eiland is het belangrijkste deel van zijne
+natuurlijke geschiedenis. De haven binnenkomende kan men tegenover
+het rotsachtig zeestrand een volkomen horizontalen witten band zien,
+die omstreeks 45 voet boven het water uitsteekt en eenige mijlen ver
+langs de kust loopt. Bij onderzoek blijkt deze witte laag uit eene
+kalkachtige stof te bestaan met talrijke ingesloten schelpen, waarvan
+de meeste of alle dieren thans op de naburige kust leven. Zij rust
+op oude vulkanische gesteenten en is met een basaltstroom bedekt,
+die in zee gevloeid moet zijn toen de witte schelpenlaag op den
+bodem lag. Van belang is het de veranderingen na te gaan, door de
+hitte der bovenliggende lava op de broze massa teweeg gebracht,
+welke deels in kristallijnen kalksteen, deels in een compact gevlekt
+gesteente is omgezet. Toen de kalk door de slakvormige fragmenten aan
+de ondervlakte van den stroom werd opgenomen, veranderde zij in fraai
+gestraalde vezelgroepen, op arragoniet gelijkend. De lavabeddingen
+stijgen in opvolgende zachtglooiende vlakten landwaarts in, vanwaar
+de stroomen gesmolten steen oorspronkelijk kwamen. Naar ik geloof,
+heeft men nergens op St.-Jago sporen van vulkanische werkzaamheid in
+historische tijden aangetroffen. Zelfs de vorm van een krater kan
+maar zelden op de toppen der talrijke uit roode sintels bestaande
+heuvels worden ontdekt; niettemin kan men de jongere stroomen op de
+kust onderscheiden, waar zij klipreeksen vormen van geringere hoogte
+doch meer naar voren reikend dan die, welke tot eene oudere reeks
+behooren. De hoogte der klippen levert dus een ruwen maatstaf voor
+den ouderdom der stroomen.
+
+Gedurende ons verblijf nam ik de leefwijzen van enkele zeedieren
+waar. Een groote Aplysia (Zeehaas) is hier zeer algemeen. Deze
+zeeslak [12] is circa 5 inches lang en heeft eene vaalgeele kleur
+met purperkleurige aderen. Ter wederzijden van het onderlijf bevindt
+zich een breed membraan, dat soms als ventilator schijnt te werken,
+doordien het een stroom water over de rugkieuwen of longen doet
+vloeien. Zij voedt zich met het fijne zeewier, dat in modderig en
+ondiep water tusschen de steenen groeit; en zoo vond ik in haar
+maag een aantal kleine steentjes, evenals in den krop van een
+vogel. Gestoord, scheidt deze slak eene zeer fijne purperroode
+vloeistof af, die het water een voet in den omtrek kleurt. Behalve
+dit verdedigingsmiddel, is er nog een bijtend vocht, dat over het
+lichaam verspreid, eene scherpe, prikkelende gewaarwording opwekt,
+evenals men waarneemt bij de Physalia (Blaaskwal of Spaansch Fregat,
+tot de orde der Siphonophorae of Zwempoliepen behoorende).
+
+Met zeer veel belangstelling sloeg ik bij verschillende gelegenheden
+de gewoonten van een Octopus of inktvisch gade. Ofschoon algemeen
+in de waterpoelen voorkomende, die door de eb worden achtergelaten,
+waren deze dieren niet licht te vangen. Door middel van hunne lange
+armen en zuigers, konden zij hun lichaam in zeer nauwe spleten wringen;
+en eenmaal zoo vastgehecht, werd er groote kracht vereischt, om hen
+los te werken. Een ander maal schoten zij, met den staart naar voren,
+pijlsnel van de eene zijde van den poel naar de andere, waarbij zij
+tegelijk het water met een donker-kastanjebruinen inkt kleurden. Ook
+onttrekken deze dieren zich aan de waarneming door een zeer bijzonder
+vermogen om hunne kleur te veranderen, waarin zij op het kameleon
+gelijken. Zij schijnen hunne tint te wijzigen naar den aard van den
+grond waarover zij gaan: in diep water was de tint meestal bruinachtig
+purper; maar op het land of in ondiep water gezet, veranderde die
+donkere tint in eene geelachtig grijze. Onderzocht men de kleur
+aandachtiger, dan was zij parelgrijs met talrijke kleine heldergele
+vlekjes; de eerste veranderde in intensiteit, de laatsten verschenen
+en verdwenen beurtelings. Deze verandering geschiedde zóó, alsof er
+gestadig wolken over het lichaam trokken, welker tinten afwisselden
+tusschen hyacinthenrood en kastanjebruin. Bracht men ergens op
+het lichaam een galvanischen schok voort, dan werd die plek bijna
+geheel zwart; en een dergelijk effect, ofschoon minder sterk, werd
+teweeg gebracht als men de huid met eene naald krabde. Men beweert,
+dat deze wolken of blozingen, gelijk wij ze zouden kunnen noemen,
+worden voortgebracht door de beurtelingsche uitzetting en contractie
+van kleine blazen, die verschillend gekleurde vloeistoffen bevatten.
+
+De intkvisch openbaarde zijn kameleonachtig vermogen zoowel gedurende
+het zwemmen, als wanneer hij stil op den bodem lag. Kostelijk
+vermaakten mij de verschillende manieren, waarop een dezer dieren,
+hetwelk ten volle besefte dat ik het bespiedde, de aandacht poogde te
+ontwijken. Gedurende een poos lag het roerloos, om dan steelswijs een
+paar inches naar voren te komen, evenals een kat eene muis beloert,
+waarbij het soms van kleur verwisselde. Zoo kroop het voort, totdat
+het een dieper gedeelte bereikt had, en schoot dan eensklaps weg met
+achterlating van een donker spoor inkt, dat het hol verborg waarin
+het gekropen was.
+
+Terwijl ik zoo, met het hoofd omtrent twee voet vooruit over het
+rotsachtig strand naar zeedieren keek, werd ik meer dan eens door een
+straal water begroet, vergezeld van een zwak knarsend geluid. Eerst
+kon ik niet begrijpen wat dit was; doch later zag ik, dat het deze
+inktvisch was, die, ofschoon in een hol verborgen, mij zoodoende meer
+dan eens tot de ontdekking er van leidde. Dat hij het vermogen bezit
+om water uit te werpen, valt niet te betwijfelen; en het kwam mij voor
+dat hij, door den tubus of siphon aan den onderkant van zijn lichaam
+te richten, wel in staat was zijn doel goed te bepalen. Wegens de
+moeite, waarmeê deze dieren het hoofd ophouden, kunnen zij, op den
+grond geplaatst, niet gemakkelijk kruipen. Ik merkte op, dat een
+exemplaar hetwelk ik in de hand had, in donker zwak phosphoresceerde.
+
+De St.-Paulus-Rotsen. Op onzen tocht over den Atlantischen Oceaan,
+voeren wij op den morgen van 16 Februari 1832 dicht langs het
+St.-Paulus Eiland. Deze groep rotsen is gelegen op 0°58' N.B. en
+29°15' W.L., of wel 540 mijlen van de Amerikaansche kust en 350 van
+het eiland Fernando Noronha. Het hoogste punt van het eiland ligt
+slechts 50 voet boven den zeespiegel, en de geheele omtrek meet nog
+geen driekwart mijl. Dit kleine punt rijst loodrecht uit de diepten
+van den Oceaan. De mineralogische samenstelling van het eiland is
+niet eenvoudig: in sommige gedeelten is het gesteente kwarts- of
+hoornsteenachtig, in andere veldspaatachtig, waarin fijne aderen van
+serpentijn. Het is merkwaardig, dat al de vele kleine eilanden, ver van
+eenig vasteland in de Stille, Indische en Atlantische Oceanen gelegen
+(met uitzondering van de Seychellen [13] en dit kleine rotspunt), naar
+ik meen òf uit koraal òf uit eruptie-stoffen bestaan. De vulkanische
+gesteldheid dezer oceaan-eilanden is blijkbaar een uitbreiding van
+de wet, en het gevolg van dezelfde hetzij chemische of mechanische
+oorzaken, volgens welke eene groote meerderheid der thans werkende
+vulkanen in de nabijheid van zeekusten of als eilanden midden in zee
+is gelegen.
+
+De St.-Paulus Rotsen schijnen van verre eene schitterend witte kleur
+te hebben. Deels is die toe te schrijven aan den mest eener groote
+menigte zeevogels, deels aan eene harde glinsterende zelfstandigheid
+met parelachtigen glans, welke de oppervlakte der rotsen bekleedt
+en nauw daarmeê verbonden is. Met den microscoop onderzocht, blijkt
+dit bekleedsel te bestaan uit talrijke uiterst dunne lagen, welker
+gezamenlijke dikte omstreeks het tiende van een inch bedraagt. Zij
+bevat veel dierlijke materie, en ongetwijfeld is de oorsprong er van
+toe te schrijven aan de werking van regen of fijnverdeeld zeeschuim op
+vogelmest. Op Ascension en op de Abrolhos Eilanden vond ik onder eenige
+kleine hoeveelheden guano zekere vertakte stalactietachtige lichamen,
+die op dezelfde wijze gevormd schenen als het dunne witte bekleedsel op
+deze rotsen. Het algemeen voorkomen dezer vertakte lichamen geleek zoo
+nabij op zekere Nulliporae (eene familie van kalkhoudende zeeplanten),
+dat ik, onlangs in haast mijne collectie naziende, het verschil niet
+opmerkte. De bolvormige uiteinden der takken bezitten een parelachtig
+weefsel, evenals het verglaassel van tanden, maar zoo hard, dat het
+in spiegelglas krast. Ik wil hier vermelden, dat op een deel der kust
+van Ascension, waar groote hoeveelheden schelpzand zijn opgehoopt, het
+zeewater eene korst op de getijrotsen heeft afgezet, overeenkomende met
+zekere kryptogamische planten (Marchantiae), die dikwijls op vochtige
+muren worden gezien. De oppervlakte van het loof is fraai glanzig;
+en die deelen, welke onder de volle werking van het licht gevormd
+zijn, hebben eene gitzwarte, andere, daarentegen, die door klipranden
+beschaduwd worden, alleen eene grijze kleur. Aan verscheidene geologen
+heb ik monsters van deze korst laten zien; en allen meenden, dat zij
+van vulkanischen of plutonischen oorsprong waren! In hare hardheid
+en doorschijnendheid; in hare polijsting, welke die van de fraaiste
+oliva-schelp evenaart; in den onaangenamen geur, dien zij verspreidt,
+en in het verlies van hare kleur onder de blaaspijp, vertoont die korst
+eene nauwe verwantschap met nog levende zeeschelpdieren. Bovendien
+zijn bij zeeschelpen, naar men weet, die deelen welke door den mantel
+van het dier gewoonlijk bedekt en beschaduwd zijn, bleeker van kleur
+dan die welke aan het volle licht zijn blootgesteld, juist zooals
+ook met deze korst het geval is. Bedenken wij, dat kalk, hetzij als
+phosphorzuur- of als koolzuurzout, een bestanddeel vormt der harde
+deelen (als beenderen en schelpen) van alle levende dieren, dan is het
+een belangrijk physiologisch feit, stoffen te vinden harder dan het
+verglaassel van tanden, en gekleurde oppervlakken even goed gepolijst
+als dat eener nieuwe schelp, welke door anorganische middelen uit
+doode organische stof getransformeerd zijn, en bovendien in vorm
+sprekend op enkele lagere plantaardige producten gelijken. [14]
+
+Wij vonden op St.-Paulus slechts twee soorten vogels: Bóbo en
+Nodí. [15] De eerste is eene soort rotspelikaan, en de laatste
+eene zeezwaluw. Beiden zijn tam en dom van aard, en zoo weinig aan
+bezoekers gewoon, dat ik er zooveel ik wilde met mijn geologischen
+hamer had kunnen dooden. De bóbo legt zijn eieren op de naakte rots;
+maar de nodí maakt een zeer eenvoudig nest van zeewier. Naast vele
+dezer nesten was een kleine vliegende visch gelegd, naar ik vermoed
+door het mannetje voor zijne gezellin hierheen gebracht. Het was
+vermakelijk te zien, hoe vlug eene groote en wakkere krab (Graspus),
+die de spleten der rots bewoont, den visch naast het nest wegstal,
+zoodra wij de oude vogels verjaagd hadden. Sir W. Symonds, een van
+de weinige personen die hier geland zijn, deelt mij mede, dat hij de
+krabben zelfs de jonge vogels uit hunne nesten had zien sleuren en
+verslinden. Geen enkele plant, geen mos zelfs, groeit op dit eiland;
+niettemin is het door verscheidene insecten en spinnen bewoond. De
+volgende lijst omvat, naar ik geloof, de geheele landfauna: eene
+vlieg (Olfersia), die op den bóbo parasiteert, en eene groote mijt,
+die als vogelparasiet hierheen gekomen moet zijn; verder een kleine
+bruine mot, behoorende tot eene soort die op vederen teert; een kever
+(Quedius) en een houtluis onder den mest; en eindelijk tal van spinnen,
+die vermoedelijk op deze kleine metgezellen en tafelschuimers der
+watervogels jacht maken. De vaak herhaalde beschrijving van den
+statigen palmboom en andere edele tropische planten, van vogels, en
+eindelijk van den mensch die de koraaleilanden in den Stillen Oceaan
+terstond na hunne vorming in bezit nam, is waarschijnlijk niet geheel
+juist. Ik vrees, dat de poëzie van dit verhaal gestoord wordt door de
+wetenschap, dat vederen- en mestetende, alsmede parasiteerende insecten
+en spinnen de eerste bewoners van nieuw gevormd oceaanland zijn.
+
+De kleinste rots in de tropische zeeën, als vormende eene basis voor
+den groei van talrijke soorten zeewier en velerlei dieren, onderhoudt
+ook een groot getal visschen. De haaien en de zeelieden in de booten
+voerden een aanhoudenden strijd, wie van beiden het grootste deel
+van den buit zou behouden, die met de vischsnoeren gevangen was. Ik
+heb hooren zeggen, dat eene rots nabij de Bermudas, welke vele mijlen
+ver in zee en op aanzienlijke diepte was gelegen, ontdekt werd door
+de omstandigheid, dat er visch in de nabijheid was gezien.
+
+
+
+Fernando Noronha, 20 Februari 1832. Voorzoover ik in de weinige uren,
+gedurende welke wij op deze plaats vertoefden, kon nagaan, heeft dit
+eiland eene vulkanische samenstelling, doch waarschijnlijk niet van
+jonge dagteekening. Het merkwaardigste dat de natuur hier te zien
+geeft, is een kegelvormige heuvel van omstreeks 1000 voet hoogte,
+welks bovendeel buitengewoon steil is en aan eenen kant over zijne
+basis helt. Het gesteente is phonoliet, en is verdeeld in onregelmatige
+zuilen. Bij het zien van een dezer geïsoleerde rotsmassa's, is men
+eerst geneigd te gelooven, dat zij plotseling in half vloeibaren staat
+omhoog is gestuwd. Maar op St.-Helena overtuigde ik mij, dat enkele
+toppen van bijna gelijke gedaante en samenstelling gevormd waren
+geworden door inspuiting van gesmolten gesteente in weeke aardlagen,
+die zoodoende als vormen hadden gediend voor deze reusachtige
+obelisken. Het geheele eiland is met houtgewas bedekt; maar wegens de
+droogte van het klimaat is er geen overvloed van groen. Halverwege
+op den berg gaven eenige groote zuilvormige rotsmassa's, beschaduwd
+door boomen die op laurieren geleken, en versierd met andere welke
+met fraaie anjelieren waren bedekt doch geen enkel blad hadden,
+een aangenaam effect aan de naburige gedeelten van het landschap.
+
+
+
+Bahia, of San Salvador. Brazilië, 29 Februari. De dag is genotvol
+voorbijgegaan. Genot op zichzelf is echter een zwakke term om de
+gevoelens van een natuuronderzoeker uit te drukken, die voor het
+eerst in eigen persoon een Braziliaansch woud heeft bezocht. De
+sierlijke grasgewassen, het nieuwe der parasiteerende planten,
+de schoonheid der bloemen, het glanzend groen der bladeren, maar
+bovenal de algemeene rijkdom der plantenwereld, vervulden mij met
+bewondering. Een zeer zonderling mengsel van geluid en stilte heerscht
+in de belommerde deelen van het woud. Het geraas der insecten is zoo
+luid, dat het zelfs gehoord zou kunnen worden op een schip, dat vele
+honderden yards van de kust voor anker ligt. In de diepten van het
+woud schijnt echter eene algemeene stilte te heerschen. Voor iemand,
+die de natuurlijke historie liefheeft, brengt een dag als deze grooter
+vreugde dan hij ooit mag hopen opnieuw te smaken.
+
+Na eene wandeling van eenige uren, keerde ik naar de landingsplaats
+terug; maar alvorens die te bereiken, werd ik door eene tropische
+onweersbui overvallen. Ik trachtte eene schuilplaats onder een boom
+te vinden, die zoo dik was, dat een gewoon engelsch regenbuitje er
+nooit doorheen had kunnen dringen; maar hier vloeide binnen weinige
+minuten een kleine stroom langs den stam. Aan zulke hevige regens
+moet het groen worden toegeschreven, dat op den bodem der dichtste
+wouden groeit. Waren de buien evenals die van een kouder klimaat,
+dan zou het grootste deel verdampen of opgeslurpt worden, voordat het
+den grond bereikte. Voor het oogenblik wil ik niet trachten het bonte
+tafereel te beschrijven, dat deze indrukwekkende baai te zien gaf,
+omreden wij op onze terugreis hier ten tweeden male vertoefden en
+dan zal ik gelegenheid hebben er de aandacht op te vestigen.
+
+Over de geheele lengte der Braziliaansche kust--een afstand van
+minstens 2000 mijlen--en zeker over eene aanzienlijke breedte
+landwaarts in, behoort het voorkomende vaste gesteente tot eene
+graniet-formatie. De omstandigheid, dat deze reusachtige oppervlakte
+saâmgesteld is uit stoffen, welke de meeste geologen aannemen als in
+heeten staat onder hooge drukking gekristalliseerd te zijn, leidt tot
+vele interessante beschouwingen. Had dit proces plaats op den bodem
+van een diepen oceaan, of strekte zich aanvankelijk een lagendek
+daarover uit, dat later verwijderd is geworden? Mogen wij aannemen,
+dat eene kracht, die haast oneindig lang werkte, in staat was het
+graniet over zooveel duizenden vierkante leagues te ontblooten?
+
+Op een punt niet ver van de stad, waar een riviertje in zee vloeide,
+zag ik een feit, dat verband hield met een onderwerp door Humboldt
+besproken. Bij de watervallen der groote rivieren: de Orinoco, de
+Nijl en de Congo, zijn de syeniet-rotsen bekleed met een zwarte
+zelfstandigheid, welke er uitziet alsof die rotsen met potlood
+gepolijst zijn. De laag is uiterst dun, en toen Berzelius haar
+onderzocht, bleek zij uit mangaan- en ijzeroxyde te bestaan. In de
+Orinoco komt zij voor op de rotsen, die periodiek door de getijden
+worden bespoeld, en wel alléén op plaatsen van stroomversnellingen--of,
+zooals de Indianen zeggen: "de rotsen zijn zwart waar de wateren
+wit zijn." Hier heeft het bekleedsel eene fraai bruine in plaats
+van zwarte kleur en schijnt alleen uit ijzerhoudende stof te
+bestaan. Kleine handspecimens geven geen juist denkbeeld van deze
+bruine gepolijste steenen, die in de zonnestralen glinsteren. Zij
+komen alléén voor binnen de grenzen der getijgolven; en daar het
+riviertje langzaam omlaag vloeit, moet de branding het polijstend
+vermogen der watervallen in de groote rivieren vervangen. Evenzoo
+komen, waarschijnlijk, het wassen en vallen van het getij overeen
+met de periodieke overstroomingen; en zoo worden onder schijnbaar
+verschillende, doch inderdaad gelijke omstandigheden dezelfde
+werkingen voortgebracht. Nochtans is de oorsprong dezer bekleedsels
+van metaaloxyden, die als 't ware één zijn met de rotsen, niet bekend;
+en ik geloof, dat geen reden kan worden aangegeven, waarom hunne
+dikte dezelfde blijft.
+
+Op zekeren dag sloeg ik met genoegen de gewoonten gade van den Diodon
+antennatus, die zwemmend bij het strand gevangen werd. Deze visch
+(behoorende tot de Orde der Teleosteï), met zijne zachte huid,
+bezit, naar genoegzaam bekend is, het zonderlinge vermogen zich
+tot een spherischen vorm uit te zetten. Heeft men hem eene korte
+poos uit het water genomen en vervolgens weer daarin geworpen, dan
+wordt eene aanzienlijke hoeveelheid water en lucht samen door den
+mond opgenomen, en wellicht ook door de kieuwopeningen. Dit proces
+geschiedt op tweederlei wijze: de lucht wordt ingezogen en in de
+holte van het lichaam gedreven, waarbij eene van buiten zichtbare
+spier-contractie den terugkeer er van belet; het water, evenwel,
+vloeit in een fijnen stroom door den mond, die onbewegelijk wijd open
+wordt gehouden. Deze laatste werking moet dus op zuiging berusten. De
+huid rondom het abdomen is veel losser dan die op den rug; daarom
+wordt bij de opblazing de benedenoppervlakte veel meer uitgezet
+dan het bovenvlak, en drijft de visch dientengevolge met zijn rug
+omlaag. Cuvier betwijfelt of de Diodon in dezen stand wel zwemmen
+kan; doch niet alleen kan hij zich op die wijze in eene rechte lijn
+voortbewegen, maar ook naar wederzijden omkeeren. Deze laatste beweging
+wordt alleen met behulp van de staartvinnen uitgevoerd; de staart zelf
+hangt machteloos en wordt niet gebruikt. Omdat het lichaam met zooveel
+lucht drijvend wordt gehouden, steken de kieuwopeningen boven water;
+maar een stroom, die door den mond wordt ingezogen, vloeit bestendig
+door ze heen.
+
+Als de visch korten tijd in dezen opgeblazen toestand verkeerd had,
+dreef hij gewoonlijk de lucht en het water met groote kracht uit
+de kieuwopeningen en den mond. Hij kon naar verkiezing een zeker
+gedeelte van het water uitwerpen; en zoo schijnt de onderstelling
+gegrond, dat deze vloeistof voor een deel wordt opgenomen om zijn
+soortelijk gewicht te regelen. Deze Diodon bezat vele middelen ter
+verdediging. Hij kon een vinnigen beet geven en water op eenigen
+afstand uit den mond werpen, waarbij hij tegelijk door eene beweging
+met de kaken een zonderling geluid voortbracht. Door het opblazen
+van zijn lichaam worden de tepels, waarmeê zijn huid bedekt is,
+rechtstandig en puntig. Maar het zonderlingste feit is wel, dat hij,
+in de hand genomen, uit de huid aan de buikzijde eene zeer fraaie,
+karmijnroode vezelachtige stof afscheidt, welke ivoor en papier zoo
+blijvend kleurt, dat de tint er van met al hare helderheid tot heden
+bewaard is gebleven. De aard en het nut dezer afscheiding zijn mij
+geheel onbekend. Van Dr. Allan uit Forres heb ik gehoord, dat hij
+menigmaal een Diodon levend en opgeblazen in de maag van een haai heeft
+zien drijven, en dat hem verscheidene gevallen bekend waren, waarin
+het dier zich een weg gebaand had niet alleen door de bekleedsels van
+de maag, maar door de zijden van het monster, dat op die wijze zijn
+dood vond. Wie had ooit kunnen denken, dat een kleine zachte visch
+in staat was den grooten en woesten haai om het leven te brengen?
+
+
+
+[18 Maart.]
+
+Wij zeilden uit Bahia. Weinige dagen later, toen wij ons niet ver van
+de Abrolhos Eilanden bevonden, werd mijne aandacht getrokken door een
+roodbruin verschijnsel in zee. De geheele oppervlakte van het water,
+zooals het zich onder eene zwakke lens voordeed, scheen met stukjes
+gehakt stroo bedekt, welker uiteinden gekerfd waren. Deze zijn niet
+anders dan kleine cylindrische watermossen in bundels of vlotten
+van twintig tot zestig in elk. Berkeley bericht mij echter, dat zij
+dezelfde species zijn (Trichodesmium erythraeum) als die, welke over
+groote ruimten in de Roode Zee gevonden wordt, en waaraan deze zee
+haren naam ontleent. [16] Hun aantal moet ontzettend groot zijn: het
+schip ontmoette verscheidene strooken of banden van deze plantjes,
+waarvan één omtrent 10 yards breed en, naar de modderachtige kleur
+van het water te oordeelen, minstens twee en een halve mijl lang
+was. Op bijna elke lange reis wordt eenig gewag van deze watermossen
+gemaakt. Zij schijnen bijzonder algemeen in de zee nabij Australië;
+en op de hoogte van Kaap Leeuwin vond ik eene verwante, maar kleinere
+en vermoedelijk afwijkende soort. Kapitein Cook merkt in zijn derde
+reisverhaal op, dat de zeelieden aan dit verschijnsel den naam van
+zeezaagsel geven.
+
+Bij Keeling-Atol in den Indischen Oceaan bespeurde ik vele kleine
+groepen zeemossen, ter grootte van enkele inches in het vierkant,
+bestaande uit lange cylindrische, uiterst dunne draden, welke
+ternauwernood voor het bloote oog zichtbaar zijn, vermengd met andere
+eenigszins grootere lichamen, die aan de beide einden fraai kegelvormig
+toeloopen. Zij wisselen in lengte af van 0.04 tot 0.06 en zelfs 0.08
+inch, bij eene middellijn van 0.006 tot 0.008 inch. Bij het eene
+einde van het cylindrische gedeelte ziet men gewoonlijk een groen
+septum of scheidvlies, uit korrelachtige stof bestaande en waarvan
+de dikte naar het midden toeneemt. Naar ik geloof, is dit vlies
+de bodem van een zeer fijnen, kleurloozen zak, bestaande uit eene
+vleezige zelfstandigheid, die in den buitenkoker sluit maar zich niet
+tot in de kegelvormige eindpunten uitstrekt. In sommige exemplaren
+vervingen kleine, maar zuivere bolletjes eener bruine korrelige stof
+de plaats der scheidvliezen, waarbij ik het zonderlinge proces van
+hunne ontstaanswijze waarnam. De vleezige stof van het binnenbekleedsel
+groepeerde zich plotseling in lijnen, waarvan sommige een vorm aannamen
+als straalden zij uit een gemeenschappelijk middelpunt; daarna trok
+zij zich met eene onregelmatige en snelle beweging voortdurend samen,
+zoodat het geheel zich binnen eene secunde tot een zuiver bolletje had
+vereenigd, dat de plaats van het septum innam aan het eene einde van
+den nu geheel hollen koker. De vorming van het korrelig bolletje werd
+door een of ander toevallig letsel verhaast. Ik kan hier bijvoegen, dat
+dikwijls een paar van deze lichamen aan elkander waren gehecht, de eene
+kegel naast den anderen, aan het einde waar het septum zich bevindt.
+
+Ik zal hier een paar andere waarnemingen bijvoegen, die met de
+verkleuring der zee door organische oorzaken in verband staan. Aan
+de kust van Chili, enkele leagues ten noorden van Concepcion,
+stevende de Beagle op zekeren dag door groote strooken modderig
+water, volkomen gelijk aan dat eener gezwollen rivier; en een graad
+ten zuiden van Valparaiso, op 50 mijlen van het land, vertoonde
+zich hetzelfde verschijnsel op nog grootere schaal. Eenig water,
+in een glas gedaan, had een bleek-roode tint, en toen het met een
+microscoop onderzocht werd, zag men het wemelen van kleine diertjes,
+die snel rondschoten en dikwijls uiteenbarstten. Deze diertjes
+hebben eene ovale gedaante, in 't midden saâmgesnoerd door een krans
+van trillende gebogen wimpers. Het was echter zeer moeilijk hen
+zorgvuldig te onderzoeken, want bijna op 't oogenblik dat de beweging
+ophield--zelfs terwijl zij door het gezichtsveld gingen--barstten
+hunne lichamen. Soms barstten de beide einden tegelijk, dan weer
+slechts één, en werd eene hoeveelheid bruinachtige, grofkorrelige
+stof uitgeworpen. Een oogenblik voordat het barstte, zette het dier
+zich uit tot anderhalfmaal zijne natuurlijke grootte; en ongeveer
+15 secunden nadat de snelle voortgaande beweging ophield, had de
+ontploffing plaats. In enkele gevallen werd deze voorafgegaan door
+eene draaiende beweging om de lengte-as. Omstreeks twee minuten nadat
+eenige hunner in een druppel water waren afgezonderd, stierven zij
+aldus. De dieren bewegen zich met de smalle punt naar voren door middel
+van hunne trillende wimperharen en meestal in snelle sprongen. Zij
+zijn uiterst klein en voor het bloote oog geheel onzichtbaar, daar
+de ruimte die zij innemen slechts het millioenste van een vierkanten
+inch bedraagt. Hun aantal was verbazend, want de kleinste druppel
+water dien ik kon afzonderen, bevatte er nog zeer vele. Op zekeren
+dag voeren wij door twee aldus gekleurde strooken water, waarvan ééne
+alleen stellig eene uitgestrektheid van verscheidene vierkante mijlen
+bezat. Hoe onberekenbaar groot is wel het aantal dezer microscopische
+dieren! Op eenigen afstand gezien, geleek de kleur van het water op
+die eener rivier, welke door een gebied van roode klei heeft gevloeid;
+maar in de schaduw der zijden van het schip was zij donkerbruin als
+chocolade. Duidelijk onderscheidde men de lijn waar het roode en blauwe
+water zich vermengden. Eenige dagen te voren was het kalm weêr geweest,
+en de zee bevatte een ongewonen overvloed van levende wezens. [17]
+
+In de zee rondom Tierra del Fuego (Vuurland) en niet ver van het
+land, heb ik smalle strepen water gezien van eene helderroode kleur,
+tengevolge van een aantal Crustacea, die in vorm eenigszins op groote
+garnalen gelijken. De zeelieden noemden hen walvischvoedsel. Of
+zij werkelijk tot voedsel van walvisschen dienen, weet ik niet;
+maar zeezwaluwen, zeeraven en reusachtige troepen groote, plompe
+robben vinden op sommige gedeelten der kust hun hoofdvoedsel in deze
+zwemmende krabben. Zeelieden schrijven de verkleuring van het water
+onveranderlijk toe aan kuit; maar slechts in één geval vond ik dit
+bewaarheid. Op verscheidene mijlen afstands van den Galápagos-Archipel,
+zeilde het schip door drie smalle strooken van een donkergeel of
+modderachtig water; deze strooken waren eenige mijlen lang, doch
+slechts weinige yards breed en van het omringende water gescheiden
+door een gebogen, maar duidelijk waarneembaren rand. De kleur was
+een gevolg van kleine geleiachtige balletjes met eene middellijn van
+omstreeks een vijfde inch, waarin talrijke kleine bolvormige eitjes
+lagen; die balletjes waren van tweederlei soort: de eene roodachtig
+gekleurd en in vorm van de andere afwijkend. Ik kon niet nagaan tot
+welke twee diersoorten deze organismen behoorden. Kapitein Colnet
+merkt op, dat dit verschijnsel tusschen de Galápagos Eilanden zeer
+algemeen is, en dat de richting der strooken die der stroomingen
+aanwijst; in het genoemde geval was de lijn echter een gevolg van
+den wind. Het eenige verschijnsel dat ik nog te vermelden heb, is
+eene dunne olieachtige deklaag op het water, die de kleuren van den
+regenboog vertoont. Aan de kust van Brazilië zag ik een uitgestrekte
+strook water, welke met deze laag bedekt was en door de zeelieden
+werd toegeschreven aan het rottende lijk van een of anderen walvisch,
+dat waarschijnlijk niet ver van daar ronddreef. Ik spreek hier niet
+van de kleine geleiachtige deeltjes (waarop ik later terugkom), die
+dikwijls door het water verspreid zijn, want deze zijn niet talrijk
+genoeg om eenige kleurverandering te veroorzaken.
+
+In de bovenstaande verhalen zijn twee omstandigheden, die ons
+merkwaardig voorkomen: 1o. Hoe worden de verschillende lichamen, die
+de strooken met begrensde randen vormen, saâmgehouden? In het geval der
+garnaalachtige krabben waren hare bewegingen even gelijktijdig als bij
+een regiment soldaten; maar dit kan bij de eitjes of de watermossen
+niet het gevolg zijn van eene zekere vrijwillige handeling; ook bij
+de infusoria is dit niet waarschijnlijk. 2o. Wat is de oorzaak, dat
+de strooken zoo lang en smal zijn? Het verschijnsel gelijkt zoozeer op
+hetgeen men bij elken vloed kan zien, waar de stroom het in draaikolken
+verzamelde schuim in lange strepen verdeelt, dat ik het resultaat
+aan eene dergelijke werking moet toeschrijven, hetzij van de lucht-
+of van de zeestroomen. Dit vooropstellende, moeten wij aannemen, dat
+de verschillende bewerktuigde lichamen op zekere gunstige plaatsen
+zijn voortgebracht, en door het spel van wind en water vandaar zijn
+weggevoerd. Ik beken echter, dat het zeer moeilijk is zich een plek
+voor te stellen als de geboorteplaats van millioenen bij millioenen
+kleine diertjes en watermossen. Immers: vanwaar komen de kiemen op
+zulke plaatsen, als de lichamen der ouders door wind en golven over
+den onmetelijken oceaan verspreid zijn geraakt? Toch kan ik met geen
+andere hypothese hunne groepeering in lijnen verklaren. Ik kan hier
+de opmerking van Scoresby bijvoegen, dat in een bepaald gedeelte der
+N.-IJszee altijd groen water wordt aangetroffen, waarin een overvloed
+van pelagische diervormen.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK II.
+
+RIO DE JANEIRO.
+
+
+[4 April tot 5 Juli 1832.]
+
+Weinige dagen na onze aankomst, maakte ik kennis met een Engelschman,
+die zijne plantage ging bezoeken, welke iets meer dan honderd mijlen
+van de hoofdstad ten noorden van Kaap Frio was gelegen. Gaarne nam
+ik zijn vriendelijk aanbod om hem daarheen te vergezellen, aan.
+
+[8 April.]
+
+Ons gezelschap bestond uit zeven personen. De eerste pleisterplaats
+was zeer interessant. De dag was brandend heet, en toen wij door de
+bosschen gingen, was alles in een toestand van rust, behalve de groote
+en schitterende vlinders, die traag in 't rond vlogen. Het panorama,
+dat wij bij het overtrekken van de heuvels achter Praia Grande zagen,
+was allerschoonst; onder de levendige kleuren had het donkerblauw eene
+overheerschende tint; de lucht en de kalme waters der baai wedijverden
+saâm in pracht. Na eenig bouwland te zijn doorgegaan, kwamen wij
+in een woud, dat alom eene grootschheid vertoonde, die de stoutste
+verwachtingen overtrof. Tegen den middag bereikten wij Ithacaia--een
+klein dorp, dat in eene vlakte ligt en waar het raadhuis omringd
+is door de hutten der negers. De regelmatige vorm en ligging dezer
+hutten deden mij denken aan de teekeningen der Hottentotten-woningen
+in Zuid-Afrika.
+
+Daar de maan vroeg opkwam, besloten wij denzelfden avond naar onze
+nachtkwartieren aan het Lagoa Marica [18] te vertrekken. Toen het
+donker werd, gingen wij langs een dier reusachtige, naakte en steile
+bergen van graniet, welke in dit land zoo algemeen zijn. Deze plek
+is merkwaardig, omdat zij langen tijd de verblijfplaats is geweest
+van weggeloopen slaven, die door het bebouwen van een klein stuk
+grond nabij den top hun leven poogden te rekken. Eindelijk werden zij
+ontdekt, en allen door een op hen afgezonden troep soldaten gegrepen
+met uitzondering van eene oude vrouw, die zich van den bergtop te
+pletter wierp, liever dan opnieuw in slavernij te vervallen. In eene
+Romeinsche vrouw zou deze daad met den naam van vrijheidsliefde
+bestempeld zijn geworden; bij eene arme negerin is zij eenvoudig
+beestachtige koppigheid...
+
+Wij reden eenige uren voort. Op het laatst werd de weg enkele mijlen
+ver moeilijk en liep door eene verlaten wildernis van moerassen en
+lagunen. Gezien bij het nevelig maanlicht, was het landschap zoo
+mistroostig mogelijk. Enkele vuurvliegen fladderden om ons heen; de
+eenzame snip vloog onder het aanheffen van zijn klaagkreet omhoog,
+en van verre klonk het doffe gebruis der zee, dat nauwelijks in staat
+was de stilte van den nacht te verbreken.
+
+[9 April.]
+
+Wij verlieten onze ellendige slaapplaatsen vóór zonsopgang. De weg
+liep door eene smalle zandige vlakte, gelegen tusschen de zee en
+de zoutlagunen aan de landzijde. De menigte fraaie vischvogels,
+als reigers en kraanvogels, en de sappige planten in de meest
+phantastische vormen, gaven aan het landschap eene bekoring, welke
+het anders zou gemist hebben. De enkele schrale boomen waren beladen
+met parasiteerende planten, waaronder eenige schoone, welriekende
+orchideeën het meest te bewonderen waren. Toen de zon opging, werd
+de lucht brandend heet, en was de weerkaatsing van het licht en de
+warmte op het witte zand zeer hinderlijk.
+
+Wij aten het middagmaal te Mandetiba, toen de thermometer 84° in
+de schaduw wees. Het fraaie uitzicht op de begroeide heuvels in de
+verte, weerkaatst in het volkomen stille water eener uitgestrekte
+lagune, wekte ons geheel op. Daar de vénda hier zeer goed was, en de
+aangename maar zeldzame herinnering aan een goeden maaltijd mij bij is
+gebleven, zal ik ze uit dankbaarheid als type in hare soort terstond
+beschrijven. Dikwijls zijn de véndas groote huizen, gebouwd van dikke
+rechtopstaande palen, onderling door takken verbonden en daarna
+bepleisterd. Zij hebben zelden vloeren en nooit glazen vensters,
+maar in 't algemeen goede daken. Gewoonlijk is het voorgedeelte
+open, eene soort waranda vormende, waaronder tafels en banken zijn
+geplaatst. Aan elken kant bevinden zich de slaapkamers, en hier kan de
+reiziger zoo gemakkelijk mogelijk op een houten platform slapen, dat
+met eene dunne stroomat bedekt is. De vénda staat op eene binnenplaats,
+waar de paarden gevoederd worden. Bij de eerste aankomst plachten wij
+de paarden te ontzadelen en hun hunne maïs voor te zetten; daarna
+vroegen wij den senhór met eene lichte buiging zoo goed te willen
+zijn ons wat eten te geven.
+
+"Al wat gij verkiest, mijnheer," was het gewone antwoord.
+
+De eerste twee keeren dankte ik onnoodig de Voorzienigheid, dat Zij
+ons bij zulk een goed man gebracht had; maar in den loop van het
+gesprek nam de zaak meestal eene onaangename wending.
+
+"Kunt ge ons dan den visch geven, dien wij wenschen?"
+
+"O neen, mijnheer."
+
+"Dan een soep die wij verlangen?"
+
+"Neen, mijnheer."
+
+"Brood dan?"
+
+"O neen, mijnheer."
+
+"Dan soms gedroogd vleesch?"
+
+"O neen, mijnheer."
+
+Zoo wij geluk hadden, kregen wij na een paar uren wachtens gevogelte,
+rijst en farinha (meel). Niet zelden gebeurde het, dat wij genoodzaakt
+waren om zelf de kippen voor ons avondeten met steenen te dooden. Als
+wij, geheel uitgeput van vermoeienis en honger, schroomvallig te
+kennen gaven, dat wij blijde zouden zijn ons maal te ontvangen,
+was het hoogdravende (ofschoon ware) en geheel onvoldoende antwoord:
+
+"Het zal gereed zijn als het gereed is!"
+
+Hadden wij het gewaagd verdere opmerkingen te maken, dan zou
+ons eenvoudig zijn aangezegd onze reis te vervolgen, omdat wij te
+onbeschaamd waren. De herbergiers zijn zeer onwellevend en onaangenaam
+in hunne manieren; hunne huizen en personeel zijn dikwijls in hooge
+mate vuil; het gemis van het gerief van messen, lepels en vorken
+is aan de orde van den dag; en ik ben er zeker van, dat in geheel
+Engeland geen hut of kot is te vinden, die zoo volmaakt van alle
+gerief verstoken is. Te Campos Novos, echter, was mijn voedsel
+voortreffelijk: bij het middagmaal rijst en gevogelte, beschuit,
+wijn en geestrijke dranken; des avonds koffie, en bij het ontbijt
+visch en koffie. Dit alles, benevens goed voedsel voor de paarden,
+kostte slechts 2 shil. 6 p. per hoofd. Maar toen wij den herbergier
+dezer vénda vroegen, of hij ook iets wist van eene zweep, die een
+van het gezelschap verloren had, antwoordde hij ruw:
+
+"Hoe zou ik dat weten? Waarom hebt gij er niet op gepast? Ik denk,
+dat de honden haar hebben opgegeten."
+
+Na ons vertrek uit Mandetiba, trokken wij verder door een
+woest labyrint van meren, waarvan sommige zoetwater-, andere
+zoutwaterschelpdieren bevatten. Van de eerste soort vond ik
+talrijke individuën van eene Limnaea in een meer, alwaar, zooals de
+inboorlingen mij verzekerden, de zee eens en somtijds meermalen in 't
+jaar binnenstroomt en het water geheel verzout. Ik heb vele stellige en
+gewichtige bewijzen in verband met het feit, dat men in deze keten van
+lagunen, die de kust van Brazilië omspant, zee- en zoetwaterdieren zou
+kunnen vinden. M. Gay [19] heeft verklaard, dat hij in de nabijheid van
+Rio schelpen heeft gevonden van de zeegeslachten Solen en Mytilus, die
+samen met de zoetwatersoorten Ampullariae in brak water leefden. Ook
+vond ik dikwijls in de lagune bij den Plantentuin, waar het water
+slechts iets minder zout is dan in zee, eene soort Hydrophilus, veel
+overeenkomende met een watertor, welke in de slooten van Engeland
+algemeen is; in hetzelfde meer behoorde de eenige voorkomende schelp
+tot een soort, die gewoonlijk in riviermonden gevonden wordt.
+
+De kust voor eenigen tijd verlatende, trokken wij opnieuw het woud
+binnen. De boomen waren zeer hoog en merkwaardig om hunne witte
+stammen, vergeleken bij die in Europa. In mijn notitieboek schreef
+ik: "wondervolle en fraaie bloeiende parasieten troffen mij steeds
+als de nieuwste vormingen in deze grootsche natuurtooneelen." Op
+onzen verderen tocht trokken wij door strooken weiland, die veel
+geleden hadden van de reusachtige, bijna 12 voet hooge kegelvormige
+mierennesten. Zij gaven aan de vlakte geheel het voorkomen der
+moddervulkanen van den Jorullo, zooals Humboldt die afbeeldt.
+
+Wij kwamen te Engenhodo, toen het reeds donker was, na tien uur in
+den zadel te hebben gezeten. Gedurende den ganschen tocht was ik
+verbaasd over de krachtsinspanning, die de paarden konden verduren;
+ook schenen zij zich veel eerder van eenig letsel te herstellen dan
+onze Engelsche fokdieren. De bloedzuiger-vleermuis veroorzaakt dikwijls
+veel last, door de paarden in hunne schoften te bijten. Gewoonlijk
+is het letsel niet zoozeer te wijten aan het bloedverlies, als aan
+de ontsteking die naderhand de drukking van den zadel veroorzaakt. In
+Engeland is onlangs het geheele geval in twijfel getrokken; zoodat ik
+mij gelukkig achtte toen in mijne tegenwoordigheid zulk een vleermuis
+(Desmodus D'Orbignyi, Wat.) werkelijk op den rug van een paard gevangen
+werd. Eens bivouakeerden wij laat in den avond bij Coquimbo in Chili,
+toen mijn bediende, opmerkende dat een der paarden zeer stug werd,
+ging onderzoeken wat er aan de hand was, en meenende dat hij iets
+kon onderscheiden, plotseling zijne hand op de schoften van het paard
+legde en den vampier greep. Des morgens kon men de plek, waar de beet
+was toegebracht, gemakkelijk aan eene lichte, bloederige opzwelling
+onderscheiden. Drie dagen later bereden wij het paard zonder eenige
+kwade gevolgen.
+
+[13 April.]
+
+Na drie dagen reizens kwamen wij te Socégo, de plantage van Senhór
+Manuel Figuireda, een bloedverwant van iemand uit ons gezelschap. Het
+huis was eenvoudig en, al had het de gedaante van eene schuur, wel
+voor het klimaat geschikt. In de zitkamer vormden vergulde stoelen
+en sofa's een zonderling contrast met de gewitte muren, het rieten
+dak en de vensters zonder ruiten. Het huis, benevens de korenschuren,
+stallen en werkplaatsen voor de zwarten, die in verschillende ambachten
+onderwezen waren geworden, vormden eene soort onregelmatigen vierhoek,
+in het midden waarvan een groote stapel koffie lag te drogen. Deze
+gebouwen stonden op een lagen heuvel, die het uitzicht had over den
+bebouwden grond en aan alle zijden omringd was door een muur van donker
+groen en dichtbegroeid bosch. Het hoofdproduct in dit gedeelte van
+het land is koffie. Iedere boom wordt ondersteld gemiddeld twee pond
+'s jaars op te leveren; maar sommige brengen er wel acht op. Mandioca
+of Cassave [20] wordt eveneens in groote hoeveelheid gekweekt. Elk
+deel van deze plant is nuttig: de bladeren en stengels worden door de
+paarden gegeten, en de wortels tot pulp gemalen, dat, drooggeperst en
+gebakken, de farinha vormt--het voornaamste voedingsmiddel in Brazilië.
+
+Het is een merkwaardig ofschoon wel bekend feit, dat het sap dezer
+zeer voedzame plant in hooge mate giftig is. Weinige jaren geleden
+stierf eene koe in deze fazénda, doordien zij er wat van gedronken
+had. Senhór Figuireda vertelde mij, dat hij het vorig jaar één zak
+feijões of boonen en drie zakken rijst geplant had, waarvan de eerste
+het 80-voud, de laatste het 320-voud voortbrachten. Het weiland voedt
+een fraaien veestapel en de bosschen zijn zoo vol wild, dat op elk
+der drie voorgaande dagen een hert gedood was. Deze overvloed van
+voedsel bleek bij het middagmaal, waar, zoo niet de tafels, dan toch
+de gasten er onder zuchtten; want elk persoon wordt geacht van iederen
+schotel te eten. Op zekeren dag, toen ik mijne berekeningen zoo gemaakt
+dacht te hebben, dat niets onaangeroerd zou weggaan, verschenen tot
+mijne groote verslagenheid een gebraden kalkoen en een varken in al
+hunne stoffelijke werkelijkheid op tafel. Gedurende de maaltijden
+was een man belast met een aantal oude honden en dozijnen zwarte
+kleine kinderen uit de kamer te jagen, die bij elke gelegenheid naar
+binnen drongen. Indien men het denkbeeld van slavernij verbannen kon,
+lag er iets uitermate bekorends in deze eenvoudige en aartsvaderlijke
+leefwijze; het was zulk een volkomen afzondering en onafhankelijkheid
+van de overige wereld. Zoodra men een vreemdeling ziet komen, wordt
+een groote bel geluid en gewoonlijk een klein kanon afgeschoten. De
+gebeurtenis wordt aldus aan rotsen en wouden bekend gemaakt, doch
+aan niets anders.
+
+Op zekeren morgen wandelde ik een uur vóór zonsopgang naar buiten,
+om de plechtige stilte van het landschap te bewonderen. Eindelijk
+werd de stilte verbroken door een morgengezang, dat door de geheele
+familie van zwarten met kracht werd aangeheven. Meestal begint op deze
+wijze de dagelijksche arbeid. Ik twijfel niet of op zulke fazèndas,
+als deze, brengen de slaven gelukkig en tevreden hun leven door. Op
+Zaterdag en Zondag werken zij voor zich zelven; en in dit vruchtbare
+klimaat is het werk van twee dagen voldoende om een man en zijn gezin
+de geheele week te onderhouden.
+
+[14 April.]
+
+Socégo verlatende, reden wij naar eene andere plantage aan den Rio
+Macahé, welke het laatste plekje bebouwde grond in die richting was. De
+plantage was twee en een halve mijl lang, maar hoe breed--dit was
+de eigenaar vergeten. Slechts een zeer klein stuk bosch was gekapt;
+toch was bijna elke acre grond geschikt om al de verschillende
+rijke producten van een tropisch land op te leveren. De reusachtige
+oppervlakte van Brazilië in aanmerking genomen, kan de hoeveelheid
+bebouwde grond, vergeleken bij die welke nog in den natuurstaat is,
+nauwelijks in aanmerking komen; maar welk eene reusachtige bevolking
+zal dit land in de toekomst kunnen voeden! [21]
+
+Gedurende onzen tocht op den tweeden dag vonden wij den weg dermate
+versperd, dat het noodig was een man met een zwaard vooruit te
+laten gaan, om de slingerplanten weg te kappen. Het woud vloeide
+over van fraaie planten, waaronder de boomvarens, hoewel niet groot,
+om haar helder groen loof en de sierlijke kromming harer bladerkronen
+alleszins de bewondering verdienden.
+
+Des avonds viel er een hevige regen, en ofschoon de thermometer 65°
+wees, had ik het zeer koud. Het was merkwaardig de buitengewone
+verdamping op te merken, die, toen de regen ophield, over de geheele
+uitgestrektheid van het bosch begon. Ter hoogte van omstreeks
+honderd voet waren de heuvels in een dichten witten damp gehuld,
+die als rookzuilen uit de dichtstbegroeide deelen en in 't bijzonder
+uit de dalen opsteeg. Dit verschijnsel nam ik bij verschillende
+gelegenheden waar, en ik meen het te moeten toeschrijven aan de groote
+bladerenoppervlakte, die vooraf door de zonnestralen verwarmd is.
+
+Tijdens mijn verblijf op deze plantage scheelde het zeer weinig of
+ik was getuige geweest van een dier wreede handelingen, welke alleen
+in een slavenland kunnen plaats vinden. Tengevolge van een twist
+en een rechtsgeding, was de eigenaar op het punt om alle vrouwen
+en kinderen aan de mannelijke slaven te ontnemen en op de publieke
+veiling in Rio afzonderlijk te verkoopen. Eigenbelang en geenszins
+een gevoel van medelijden verhinderde deze handeling. Inderdaad:
+ik geloof niet, dat de eigenaar zelfs eenig begrip heeft gehad van
+de onmenschelijkheid om dertig gezinnen te scheiden, die vele jaren
+te zamen hadden gewoond. Toch durf ik de verzekering geven, dat hij
+in menschelijkheid en goedhartigheid boven het gewone slag menschen
+stond. Men kan zeggen, dat er geen grens bestaat voor de blindheid
+van het eigenbelang en zelfzuchtige gewoonten. Ik wil hier eene zeer
+onbeduidende anecdote vertellen, die destijds een dieperen indruk
+op mij maakte dan een verhaal over wreedheid. In gezelschap van een
+buitengewoon dommen neger trok ik over een veer. Pogende mij door
+hem te doen verstaan, sprak ik luid en maakte teekens, waarbij ik met
+mijne hand dicht langs zijn gezicht ging. Vermoedelijk dacht de man,
+dat ik driftig was en hem zou slaan, want onmiddellijk liet hij met
+een verschrikt gezicht en half gesloten oogen de handen zakken. Nooit
+zal ik het gevoel van verwondering, afkeer en schaamte vergeten,
+dat in mij opwelde toen ik een groot, sterk man zelfs bevreesd zag
+om een slag af te wenden, dien hij dacht dat op zijn gelaat gemunt
+was. Deze man was door het drillen gedemoraliseerd tot een trap,
+lager dan de slavernij van het meest hulpelooze dier.
+
+[18 April.]
+
+Bij onzen terugkeer brachten wij twee dagen op Socégo door, welke ik
+besteedde aan het verzamelen van insecten in het woud. De meeste boomen
+meten, trots hunne hoogte, niet meer dan drie of vier voet in omtrek,
+waaronder natuurlijk ook enkele van veel grootere afmetingen. Senhór
+Manuel was toen bezig een kano te maken van 70 voet lengte uit een
+enkelen stam, die oorspronkelijk 110 voet lang en zeer dik geweest
+was. De tegenstelling, als palmboomen groeien temidden van de
+gewone takkenschietende soorten, geeft aan het landschap steeds een
+intertropisch karakter. Hier prijkten de wouden met den Koolpalm,
+[22] een der fraaiste van deze familie. Met een stam zoo dun,
+dat men hem met twee handen zou kunnen omvatten, verheft hij zijn
+sierlijken kruin tot eene hoogte van 40 of 50 voet boven den grond. De
+houtslingerplanten, zelven door andere slingerplanten bedekt, bereikten
+eene groote dikte; enkele, die ik mat, waren twee voet in omtrek. Vele
+oudere boomen leverden met de aan hunne takken hangende slingers van
+lianen, die op bundels hooi geleken, een zeer merkwaardigen aanblik op.
+
+Wendde het oog zich van de bladerenwereld boven naar den grond
+daaronder, dan werd het geboeid door de buitengewone sierlijkheid
+der bladeren van varens en mimosae. De laatsten bedekten den bodem
+op sommige plaatsen met een kreupelhout van slechts enkele inches
+hoogte. Wandelde men door deze dichte lagen van mimosae heen, dan
+vormde zich een breed spoor, kenbaar aan de verandering in schaduw,
+die deze plantjes door het laten hangen van hunne gevoelige bladstelen
+teweegbrengen. Het is gemakkelijk een voor een de voorwerpen te
+vermelden, die in deze majestueuze tafereelen onze bewondering wekken;
+maar onmogelijk is 't een voldoend idee te geven van de hoogere
+gevoelens van verwondering, van stomme verbazing en diepen eerbied,
+welke de ziel vervullen en tot hooger stemmen.
+
+[19 April.]
+
+Na ons vertrek uit Socégo, keerden wij de eerste twee dagen op
+onze schreden terug. Het was een zeer vermoeiend werk, daar de weg
+meestal door eene gloeiend heete zandvlakte liep, niet ver van de
+kust. Ik merkte op, dat telkens als mijn paard zijn poot op het fijne
+kiezelzand zette, een aangenaam rinkelend geluid werd voortgebracht. Op
+den derden dag sloegen wij eene andere richting in en trokken door
+het vriendelijke dorpje Madre de Déos. De gekozen richting is een
+van de hoofdwegen in Brazilië; niettemin was de weg zoo slecht,
+dat geen voertuig op wielen, behalve de plompe ossenwagen, hem kon
+berijden. Op onzen ganschen tocht passeerden wij geene enkele steenen
+brug; en die, welke van houten blokken waren gemaakt, hadden meestal
+zooveel herstel noodig, dat men genoodzaakt was langs één kant te
+gaan om ze te vermijden. Alle afstanden waren onjuist bekend. De weg
+is dikwijls met kruizen in plaats van mijlsteenen gemerkt, om aan te
+duiden waar menschenbloed vergoten is. Op den avond van den 23sten
+kwamen wij te Rio, en hadden ons aangenaam uitstapje volbracht.
+
+Gedurende de rest van mijn verblijf te Rio woonde ik in een landhuis
+aan de Botofogo Baai. Onmogelijk kon men iets aangenamers wenschen dan
+zoo eenige weken in zulk eene prachtige landstreek door te brengen. In
+Engeland geniet een minnaar van de natuurlijke historie op zijne
+wandelingen het groote voorrecht, dat hij altijd iets heeft hetwelk
+zijne aandacht trekt; maar in deze vruchtbare, van leven overvloeiende
+klimaten zijn de aantrekkelijkheden zoo talrijk, dat hij bijna in
+'t geheel niet kan gaan wandelen.
+
+De weinige waarnemingen, welke ik doen kon, bepaalden zich bijna
+uitsluitend tot de ongewervelde dieren. Het bestaan eener afdeeling van
+het geslacht Planaria, die het droge land bewoont, boezemde mij veel
+belang in. Deze dieren hebben zulk een eenvoudigen bouw, dat Cuvier
+[23] hen onder de ingewandswormen heeft gerangschikt, ofschoon zij
+nooit in de lichamen van andere dieren gevonden zijn. Talrijke soorten
+bewonen zout- en zoetwater; maar de door mij bedoelden werden, zelfs in
+de drogere gedeelten van het woud, onder blokken rottend hout gevonden,
+waarop zij, geloof ik, teerden. Wat vorm betreft, gelijken zij in
+'t algemeen op kleine slakken; maar zij zijn naar evenredigheid veel
+smaller, en verscheidene soorten zijn fraai gekleurd met overlangsche
+(longitudinale) strepen. Hun bouw is zeer eenvoudig: bij het midden
+van de onder- of kruipvlakte bevinden zich twee kleine dwarsspleten,
+uit de voorste waarvan een trechtervormige en zeer prikkelbare mond
+kan worden gestoken. Eenigen tijd nadat de rest van het dier geheel
+dood was aan de gevolgen van zoet water of eene andere oorzaak,
+behield dit orgaan nog zijne levensvatbaarheid.
+
+Ik vond niet minder dan 12 verschillende soorten van Land-planariae
+in verschillende gedeelten van het zuidelijk halfrond. [24] Enkele
+exemplaren, door mij op Van-Diemen's Land verkregen, hield ik bijna
+twee maanden in 't leven, door hen met verrot hout te voeden. Toen
+ik een hunner overdwars in twee bijna gelijke helften had verdeeld,
+bezaten beide na verloop van 14 dagen den vorm van volledige dieren. Ik
+had echter het lichaam zóó verdeeld, dat de eene helft de beide
+onderopeningen bevatte, en de andere dus geene. Vijf en twintig dagen
+na de bewerking, kon de meer volledige helft bijna niet meer van een
+ander exemplaar onderscheiden worden. De andere was zeer in grootte
+toegenomen; en aan het achtereinde had zich in de parenchym-houdende
+massa eene heldere ruimte gevormd, waarin een rudimentaire bekervormige
+mond duidelijk te onderscheiden was; aan de benedenoppervlakte was
+de overeenkomstige spleet echter nog niet open. Zoo de toenemende
+warmte van het weder, naarmate wij den equator naderden, niet alle
+individuën gedood had, zou ongetwijfeld dit laatste stadium zijn
+bouw hebben voltooid. Ofschoon het experiment zeer wel bekend is, was
+'t toch merkwaardig het trapswijze ontstaan van elk wezenlijk orgaan
+eenvoudig uit de extremiteit van een ander dier gade te slaan. Het is
+uiterst moeilijk deze Planariae te bewaren, want zoodra het ophouden
+van het leven aan de gewone wetten van verandering gelegenheid geeft in
+werking te treden, worden de lichamen in hun geheel zacht en vloeibaar,
+zoo snel als ik nooit te voren gezien had.
+
+Het eerst bezocht ik het woud, waarin deze Planariae gevonden waren,
+in gezelschap van een ouden Portugeeschen priester, die mij mede op
+de jacht nam. De laatste bestond hierin, dat men eenige honden in het
+kreupelhout joeg en dan geduldig met vuren wachtte totdat zich een
+of ander dier vertoonde. Wij werden vergezeld door den zoon van een
+naburigen pachter--een echt voorbeeld van een wilden Braziliaanschen
+jongeling. Hij was gekleed in een gescheurd oud hemd en dito broek,
+en liep blootshoofd; een oud-models geweer en een groot mes vormden
+zijne bewapening. De gewoonte van een mes te dragen is hier algemeen;
+en bij het doortrekken van een dicht bosch is dit wapen haast
+onmisbaar wegens de vele slingerplanten. Het menigvuldig voorkomen
+van moord kan ten deele aan deze gewoonte worden toegeschreven. De
+Brazilianen zijn zoo behendig met het mes, dat zij het nauwkeurig en
+met voldoende kracht een eind ver kunnen werpen om eene noodlottige
+wond toe te brengen. Ik heb een aantal kleine jongens deze kunst als
+eene soort sport zien beoefenen, en uit de vaardigheid, waarmeê zij een
+rechtop staanden stok troffen, beloofden zij heel wat voor ernstiger
+aanslagen. Mijn metgezel had daags te voren twee groote gebaarde apen
+geschoten. Deze dieren hebben grijpstaarten, waarvan het einde zelfs
+na den dood het geheele lichaamsgewicht kan dragen. Een hunner bleef
+aldus stevig aan een tak gehecht; en wij moesten een grooten boom
+omhakken om hem machtig te worden. Dit was weldra volbracht, en met
+een hevig gekraak kwamen boom en aap naar beneden. Behalve den aap,
+bepaalde onze jacht zich dien dag tot verscheidene kleine groene
+papegaaien en enkele pepervogels of toekanen. [25] Ik profiteerde
+intusschen van mijne kennismaking met den Portugeeschen padre, want
+bij eene andere gelegenheid gaf hij mij een fraai exemplaar van de
+Jaguarondo of Jaguar-kat.
+
+Ieder heeft wel eens gehoord van de schoonheid van het landschap
+nabij Botofogo. Het huis, waar ik logeerde, lag dicht bij den voet
+van den welbekenden Corcovado Berg. Zeer terecht is opgemerkt,
+dat steile kegelvormige heuvels kenmerkend zijn voor de formatie,
+door Von Humboldt met den naam van gneiss-graniet aangeduid. Niets
+kan treffender zijn dan de indruk dezer reusachtige, ronde en naakte
+steenen gevaarten, die uit den weelderigsten plantengroei omhoog
+rijzen.
+
+Dikwijls sloeg ik met belangstelling de wolken gade, die van den
+zeekant komende, een bank vormden juist onder het hoogste punt van den
+Corcovado. Zoo gedeeltelijk gesluierd, scheen deze berg, evenals vele
+andere, zich veel hooger te verheffen dan zijne werkelijke hoogte van
+2300 voet. Daniell heeft bij zijne weêrkundige proeven opgemerkt, dat
+eene wolk somtijds aan een bergtop bevestigd schijnt, terwijl de wind
+er voortdurend overheen blaast. Hier vertoonde hetzelfde verschijnsel
+een eenigszins anderen aanblik. Men zag de wolk duidelijk omkrullen
+en toen snel over den top schieten, zonder dat zij in grootte was af-
+of toegenomen. De zon ging onder en eene zachte koelte, die tegen
+den zuidkant van den berg blies, mengde haren stroom met de koudere
+bovenlucht, tengevolge waarvan de damp zich verdichtte; maar op het
+oogenblik, dat de lichte wolkkringen over den rand zweefden en onder
+den invloed kwamen der warmere atmospheer aan de noordelijke helling,
+losten zij zich terstond weer op.
+
+Gedurende de maanden Mei en Juni--of het begin van den winter--was
+het klimaat verrukkelijk. De gemiddelde temperatuur, bepaald
+uit waarnemingen te 9 ure des morgens en des avonds, was slechts
+72°. Dikwijls regende het hevig; maar de droge zuidenwind maakte de
+wandelwegen spoedig weer aangenaam. Op zekeren morgen vielen in 6
+uren tijds 1,6 inches regen. Toen deze stortbui over de bosschen trok,
+die den Corcovado omgeven, was het geluid door de kletterende druppels
+op de tallooze menigte bladeren voortgebracht, zeer merkwaardig. Het
+kon op den afstand van een kwart mijl gehoord worden en geleek op
+het geluid eene groote stroomende watermassa. Na de heete dagen was
+het heerlijk, rustig in den tuin te zitten en den avond in nacht
+te zien overgaan. In deze klimaten kiest de natuur hare zangers uit
+nederiger virtuozen dan in Europa. Een kleine kikvorsch, behoorende
+tot het geslacht Hyla, zit op een grashalm ongeveer een inch boven den
+waterspiegel en brengt een aangenaam geluid voort; waar meerdere bijeen
+zijn, zingen zij eendrachtig in verschillende tonen. Het kostte mij
+eenige moeite een exemplaar van dezen kikvorsch te vangen. Bij het
+geslacht Hyla eindigen de teenen in kleine zuigers; en ik zag, dat
+dit dier tegen eene glasruit kon opkruipen, die volkomen verticaal
+stond. Tegelijk onderhouden verschillende krekels en cicadae een
+onafgebroken doordringend geschreeuw, dat echter, door den afstand
+verzwakt, niet onaangenaam klinkt. Elken avond na donker begon dit
+groote concert; en dikwijls heb ik er naar zitten luisteren, totdat
+mijne aandacht door een of ander eigenaardig voorbijvliegend insect
+werd afgeleid.
+
+Op deze tijden ziet men de vuurvliegen van heg tot heg rondvliegen. In
+een donkeren nacht kan haar licht omtrent tweehonderd pas ver gezien
+worden. Het is merkwaardig, dat bij al de verschillende soorten
+glimwormen, glinsterende springkevers (Elater) en verschillende
+zeedieren (zooals de crustacea, medusae, nereïdae, een koraalgewas van
+het geslacht Clytia, en Pyrosoma), welke door mij zijn waargenomen,
+het licht van eene duidelijk merkbare groene kleur geweest is. Al de
+vuurvliegen, die ik hier ving, behoorden tot de Lampyridae (tot welke
+familie ook de Engelsche glimworm behoort), en het meerendeel der
+exemplaren tot Lampyris occidentalis. [26] Ik vond, dat dit insect
+de schitterendste flikkeringen uitstraalde, wanneer het geprikkeld
+werd; in de tusschenpoozen werden de abdominale ringen verdonkerd. De
+flikkering was bijna op hetzelfde oogenblik waarneembaar in de beide
+ringen, doch iets eerder in den voorsten. De glinsterende stof was
+vloeibaar en zeer klevig; kleine plekjes daar, waar de huid werd
+afgetrokken, bleven helder glinsterend, terwijl de ongeschonden
+deelen donker waren. Wanneer het insect onthoofd werd, bleven de
+ringen voortdurend helder, maar niet zoo schitterend als te voren;
+plaatselijke prikkels met eene naald verhoogden steeds de helderheid
+van het licht. In één geval behielden de ringen hunne lichtende
+eigenschap 24 uren na den dood van het insect.
+
+Uit deze feiten zou duidelijk blijken, dat het dier alleen het
+vermogen bezit om het licht voor korte tusschenpoozen te verbergen of
+te dooven, en dat de uitstraling op andere tijden onwillekeurig is. Op
+modderige en nat-zandige wandelplaatsen vond ik de larvae of maskers
+van dezen Lampyris in grooten getale, die in vorm in 't algemeen op
+het wijfje van den Engelschen glimworm geleken. Deze maskers bezaten
+slechts zwak lichtende eigenschappen; zeer verschillend van hunne
+ouders hielden zij zich bij de minste aanraking dood, en doofden
+hun schijnsel; ook wekten prikkels geen nieuwe lichtuitstraling
+op. Vele er van hield ik eenigen tijd in het leven. Hunne staarten
+zijn zeer zonderlinge organen, want deze werken door eene geschikte
+inrichting als zuigers of hechtorganen, en tevens als reservoirs of
+bewaarplaatsen voor speeksel of dergelijke vloeistof. Bij herhaling
+voedde ik hen met rauw vleesch, waarbij ik steeds opmerkte, dat het
+einde van den staart om een haverklap naar den mond werd gebracht
+en een druppel vloeistof op het vleesch gestort, dat dan voor het
+gebruik gereed was. Ondanks zooveel oefening, scheen de staart niet
+in staat zijn weg naar den mond te vinden: de nek, ten minste, werd
+altijd het eerst aangeraakt, blijkbaar om als gids te dienen.
+
+Toen wij te Bahia waren, scheen een Elater of kever (Pyrophorus
+luminosus, Illig.) [27] het meest algemeene lichtgevende insect. Ook in
+dit geval werd het licht door prikkeling schitterender gemaakt. Eens
+vermaakte ik mij met het springvermogen van dit insect gade
+te slaan, dat, naar mij toeschijnt, niet voldoende beschreven
+is. [28] Als het dier, op den rug gelegd, zich gereedmaakte tot
+springen, bewoog het zijn hoofd en borstkas achterwaarts, zoodat
+de borst-ruggegraat naar buiten werd gedrongen en op den kant harer
+scheede rustte. Bij voortzetting van dezelfde achterwaartsche beweging
+werd de ruggegraat door de volle kracht der spieren als een veer
+gebogen; en op dit oogenblik rustte het insect op het uiteinde van
+zijn hoofd en vleugeldeksels. Bij plotselinge ontspanning van deze
+beweging, vlogen hoofd en borstkas op, en sloeg bijgevolg de basis
+der vleugeldeksels met zooveel kracht tegen het steunvlak, dat het
+insect door de reactie een of twee inches hoog werd opgeworpen. De
+uitstekende punten der borstkas en de scheede der ruggegraat dienden
+om het geheele lichaam tijdens den sprong rechtop te houden. In de
+door mij gelezen beschrijvingen schijnt geen voldoende nadruk gelegd
+te zijn op de veerkracht der ruggegraat; zulk een plotselinge sprong
+zou niet het gevolg kunnen zijn eener eenvoudige spiercontractie,
+zonder behulp van een mechanischen kunstgreep.
+
+Bij verschillende gelegenheden verlustigde ik mij in eenige korte,
+maar hoogst aangename uitstapjes naar de naburige landstreek. Op
+zekeren dag ging ik naar den Botanischen Tuin, waar men vele om haar
+nut wel bekende planten kon zien groeien. De bladeren van de kamfer-,
+peper-, kaneel- en kruidnagelboomen verspreidden een heerlijk aroma,
+terwijl de broodvrucht, de jaca en de mango samen wedijverden in de
+pracht van hun loof. Het landschap in den omtrek van Bahia ontleent
+bijna zijn karakter aan de twee laatste boomen. Voordat ik hen zag,
+had ik geen idee, dat er boomen waren, die zulk eene zwarte schaduw op
+den grond konden werpen. Beiden staan tot de altijdgroene vegetatie
+dezer klimaten in gelijksoortige verhouding als laurieren en hulsten
+in Engeland tot het lichtere groen der na de bevruchting afvallende
+boomen. Hier zij opgemerkt, dat de huizen in de tropen omringd zijn
+door de schoonste vormen der plantenwereld, omdat vele er van tevens
+hoogst nuttig zijn voor den mensch. Wie kan betwijfelen, dat deze
+eigenschappen vereenigd zijn in den oranje- en broodboom, in de vele
+soorten van palmboomen, in den banaan- en kokosboom?
+
+Dien dag werd ik bijzonder getroffen door eene opmerking van Von
+Humboldt, die dikwijls zinspeelt op "de ijle damp, welke, zonder de
+doorschijnendheid der lucht te veranderen, hare tinten meer harmonisch
+maakt en hare werkingen verzacht." Dit is een verschijnsel, dat ik
+nooit in de gematigde gordels heb waargenomen. Gezien over den korten
+afstand eener halve of driekwart mijl, was de dampkring volkomen
+doorschijnend; maar op grooteren afstand smolten alle kleuren samen
+tot een wonderschoonen, bleek-grijzen damp, waarin een zweem van blauw
+vermengd was. De toestand der atmospheer gedurende den morgen tot
+omstreeks den middag, toen het verschijnsel het meest in 't oog viel,
+had, behalve in de droogte, geringe verandering ondergaan. In dien
+tusschentijd was het verschil tusschen het dauwpunt en de temperatuur
+van 7 1/2° tot 17° gestegen.
+
+Bij eene andere gelegenheid ging ik vroeg van huis en wandelde tot
+aan den Gavia of Marszeil-berg. De lucht was heerlijk koel en geurig,
+en stil glinsterden de dauwdruppels op de bladeren der lelie-vormige
+planten, die de klare waterstroompjes omzoomden. Gezeten op een
+blok graniet, sloeg ik met welgevallen de verschillende insecten en
+vogels gade, die langs mij heen vlogen. De kolibri schijnt bijzonder
+verzot op zulke belommerde, afgelegen plekjes. Telkens als ik deze
+kleine schepsels om eene bloem zag gonzen, waarbij hunne vleugels
+zoo snel trilden, dat het nauwelijks zichtbaar was, werd ik aan den
+Sphinx-vlinder [29] herinnerd. Inderdaad komen hunne bewegingen en
+gewoonten in vele opzichten met elkaar overeen.
+
+Een pad inslaande, trad ik een majestueus woud binnen, waar zich op
+eene hoogte van 5 of 600 voet een dier prachtige panorama's ontrolde,
+die in den geheelen omtrek van Rio zoo algemeen zijn. Op deze hoogte
+bereikt het landschap zijne schitterendste tint; en elke vorm,
+elk lommer overtreft al wat de Europeaan ooit in zijn eigen land
+aanschouwde zoozeer in pracht, dat hij niet in staat is zijne gevoelens
+uit te drukken. De algemeene indruk riep mij het levendigste decoratief
+uit de opera of groote schouwburgen voor den geest. Nooit keerde ik met
+ledige handen van deze uitstapjes terug. Dien dag vond ik een exemplaar
+eener merkwaardige schimmelplant, Hymenophallus geheeten. Menigeen
+kent den Engelschen Phallus, [30] die met zijn afschuwelijken geur
+in den herfst de lucht bederft; maar, zooals de entomoloog wel weet,
+is dit voor enkele kevers juist een heerlijke geur. Zoo ook hier:
+want een Strongylus, door dezen geur aangetrokken, streek op de
+schimmelplant neer, toen ik haar in mijne hand had. Wij zien hier in
+twee verschillende landstreken eene gelijksoortige betrekking tusschen
+planten en insecten van dezelfde families, ofschoon de species van
+beide verschillend zijn. Is de mensch de leidende oorzaak bij den
+invoer van eene nieuwe soort in een land, dan wordt deze verwantschap
+vaak verbroken. Als voorbeeld daarvan wil ik meedeelen, dat de bladen
+van kool en salade, welke in Engeland aan zulk eene menigte slakken en
+rupsen voedsel verschaffen, in de tuinen nabij Rio onaangetast blijven.
+
+Gedurende ons verblijf in Brazilië legde ik eene groote verzameling
+insecten aan. Enkele algemeene opmerkingen over de vergelijkende
+beteekenis der verschillende orden kunnen voor den Engelschen
+entomoloog van belang zijn. De groote en schitterend gekleurde
+Lepidoptera kenmerken de streek, die zij bewonen, veel duidelijker
+dan eenig ander dierenras. Ik zinspeel alleen op de kapellen; want
+in tegenstelling met wat men wegens den weligen plantengroei had
+mogen verwachten, kwamen de nachtvlinders in veel geringer aantal
+voor dan in onze eigen gematigde gordels. Zeer stond ik verrast over
+de levenswijze van Papilio feronia. Deze kapel is niet zeldzaam en
+bewoont meestal de boschjes oranjeboomen. Ofschoon een hoog vlieger,
+strijkt zij zeer dikwijls op de stammen van boomen neer. Bij deze
+gelegenheden is haar hoofd steeds benedenwaarts gericht, en strekken
+haar vleugels zich uit in een horizontaal vlak, in plaats van, zooals
+gewoonlijk, verticaal te zijn gevouwen. Dit is de eenige kapel, die ik
+ooit de beenen tot loopen heb zien gebruiken. Onbekend met dit feit,
+naderde ik behoedzaam met mijne tang, waarop het insect meer dan eens
+uitweek, juist als het instrument op het punt was zich te sluiten--en
+zoo ontsnapte. Maar een veel zonderlinger feit is het vermogen,
+dat deze soort bezit om geluid te maken. Verscheidene keeren als een
+paar--waarschijnlijk een mannetje en wijfje--elkander in ongeregelde
+vlucht najoegen, gingen zij mij op enkele yards voorbij; en duidelijk
+hoorde ik dan een tikkend geluid, evenals dat van een getand rad dat
+onder een veerpal doorgaat. Het geluid werd met korte tusschenpoozen
+vervolgd en kon circa 20 yards ver gehoord worden. Ik ben zeker,
+dat er geen fout in de waarneming is. [31]
+
+Ten opzichte van het algemeen voorkomen der Coleoptera werd ik
+teleurgesteld. Het aantal kleine en donkergekleurde kevers is verbazend
+groot. [32]
+
+De Europeesche kabinetten kunnen vooralsnog alleen op de grootere
+soorten uit tropische klimaten bogen; maar werpt men een blik op
+de toekomstige afmetingen van een volledigen catalogus, dan is dit
+voldoende om de gemoedsrust van een entomoloog te verstoren. De
+vleeschetende kevers of Carabidae komen tusschen de keerkringen
+in uiterst klein aantal voor, hetgeen des te opmerkelijker is, als
+men het geval vergelijkt met de vleeschetende viervoetige dieren,
+welke in heete landen zoo menigvuldig zijn. Deze ontdekking trof
+mij zoowel bij mijne komst in Brazilië, als toen ik de vele fraaie
+en beweeglijke vormen der Harpalidae opnieuw zag verschijnen in de
+gematigde vlakten van La Plata. Vervangen soms de zeer talrijke
+spinnen en roofzuchtige Hymenoptera de vleeschetende kevers? De
+aaskevers en Brachelytra komen zeer weinig voor; daarentegen vindt
+men de Rhyncophora en Chrysomelidae, die voor hun onderhoud alle van
+de plantenwereld afhangen, in verbazende menigte. Ik spreek hier niet
+van het aantal verschillende soorten, maar van dat der individuën,
+want hiervan hangt het meest opvallende kenmerk der insectenkunde
+van de verschillende landen af. De orden der Orthoptera en Hemiptera
+zijn bijzonder talrijk; dit geldt ook voor de stekende afdeeling der
+Hymenoptera, behalve misschien de bijen.
+
+Voor het eerst een tropisch woud betredend, staat men verbaasd over
+den arbeid der mieren. Goed aangelegde paden vertakken zich in alle
+richtingen, waarop men een leger van nooit ontbrekende, komende en
+gaande fourageerders kan zien, beladen met stukjes groen blad, die
+soms grooter zijn dan zij zelven. Een kleine donkergekleurde mier
+trekt soms in tallooze zwermen naar elders. Te Bahia werd op zekeren
+dag mijne aandacht getrokken door een aantal spinnen, kakkerlakken
+en andere insecten, benevens eenige hagedissen, die zich in de
+grootste onrust over eene open plek gronds spoedden. Kort achter hen
+was elke stengel, elk blad zwart van kleine mieren. Toen de zwerm de
+open ruimte was overgetrokken, verdeelde zij zich en daalde langs een
+ouden muur af. Een aantal insecten werd hierdoor geheel ingesloten, en
+verwonderlijk waren de pogingen, die de arme kleine schepsels deden,
+om zich aan zulk een dood te onttrekken. Toen de mieren aan den weg
+kwamen, veranderden zij van koers en klommen in smalle rijen weder
+tegen den muur op. Ik plaatste nu een kleinen steen zoodanig, dat hij
+een dezer rijen den pas afsneed; waarna de geheele drom er op aanviel
+en toen onmiddellijk terugtrok. Kort daarop viel een tweede troep op
+de versperring aan; maar toen ook deze aanval zonder gevolg bleef,
+werd deze marschroute geheel opgegeven. Door een omweg te maken van
+een duim breed, hadden de mieren den steen kunnen vermijden; en dit
+zou zonder twijfel gebeurd zijn als hij daar aanvankelijk gelegen had;
+doch nu zij aangevallen werden, wilden de heldhaftige kleine strijders
+van geen wijken weten.
+
+In de nabijheid van Rio vindt men eene soort insecten, op wespen
+gelijkende, die in de hoeken der waranda's kleicellen maken voor hunne
+larven, en zeer talrijk zijn. Deze cellen stoppen zij vol halfdoode
+spinnen en rupsen, die zij, naar 't schijnt, zoo wonderlijk weten te
+steken, dat de slachtoffers verlammen maar in leven blijven totdat
+de eitjes der anderen zijn uitgebroed. De larven voeden zich dan met
+de afzichtelijke rompen van machtelooze, halfdoode slachtoffers--een
+gezicht, dat door een enthousiastischen natuuronderzoeker als aangenaam
+en merkwaardig beschreven is! [33]
+
+Op zekeren dag sloeg ik met belangstelling een doodelijken strijd
+gade tusschen eene wesp (Pepsis) en eene groote spin van het geslacht
+Lycosa. De wesp deed een plotselingen stoot naar hare prooi, en
+vloog toen weg. De spin was blijkbaar gewond, want toen zij poogde
+te ontsnappen, rolde zij eene kleine helling af, maar had nog kracht
+genoeg om in een dicht hoopje gras te kruipen. Weldra keerde de wesp
+terug, en scheen verwonderd, dat zij haar slachtoffer niet dadelijk
+vond. Zij begon toen eene even geregelde jacht als ooit een hond
+een vos najoeg: beschreef korte halve cirkels, en trilde daarbij
+voortdurend met hare vleugels en voelhorens. Het duurde niet lang of
+de spin, hoe goed ook verborgen, werd ontdekt; waarna de wesp, die
+blijkbaar nog bevreesd was voor de kaken van haren tegenstander,
+dezen, na veel manoeuvers, twee steken aan de onderzijde der
+borstkas toebracht. Na de nu roerloos liggende spin behoedzaam met
+hare voelhorens onderzocht te hebben, maakte de wesp zich gereed het
+lichaam weg te sleepen, toen ik zoowel den geweldenaar als zijn prooi
+tegenhield. [34]
+
+Het getal spinnen in verhouding tot andere insecten is hier,
+vergeleken met Engeland, zeer veel grooter, wellicht meer dan met
+eene andere afdeeling der gelede dieren het geval is. De afwisseling
+in soorten onder de springende spinnen schijnt bijna oneindig. Het
+geslacht, of liever de familie Epeïra (Kruisspin) [35] kenmerkt zich
+hier door vele eigenaardige vormen; enkele bijzondere soorten hebben
+puntige lederachtige schilden, andere breede en doornige tibiae. Elk
+pad in het woud wordt versperd door het sterke gele web eener soort,
+behoorende tot dezelfde afdeeling als de Epeïra clavipes van Fabricius,
+die, volgens Sloane, [36] vroeger in West-Indië webben maakte, sterk
+genoeg om vogels te vangen.
+
+Eene kleine en aardige soort spin met zeer lange voorpooten en die
+tot een onbeschreven geslacht schijnt te behooren, leeft als parasiet
+op bijna al deze webben. Ik vermoed, dat zij voor de groote Epeïra
+te onbeduidend is om er nota van te nemen, en dat deze haar daarom
+toestaat op de kleine insecten jacht te maken, die anders vernield
+zouden worden wanneer zij aan de draden blijven kleven. Als deze
+kleine spin gestoord wordt, houdt zij zich dood door de voorpooten
+uit te strekken, of laat zich plotseling uit het web vallen.
+
+Eene groote Epeïra van dezelfde afdeeling als Epeïra tuberculata en
+conica is uiterst algemeen, vooral op droge plaatsen. Haar web, dat
+meestal tusschen de groote bladeren der gewone agave of Amerikaansche
+aloë gespannen is, wordt soms nabij het midden versterkt door een
+tweetal, of zelfs vier zigzagvormige banden, die twee opvolgende
+stralen verbinden. Is een of ander groot insect, bijv. een sprinkhaan
+of wesp, gevangen, dan wentelt de spin het door eene fluksche beweging
+zeer snel om, schiet tegelijk een bundel draden uit hare spinklieren,
+en hult hare prooi in een koker, evenals de pop van een zijdeworm. Nu
+onderzoekt de spin het machtelooze slachtoffer, en geeft het den
+noodlottigen beet op de achterzijde der borstkas; daarna trekt
+zij zich terug en wacht geduldig tot het gif zijne werking heeft
+volbracht. De sterkte van dit gif laat zich beoordeelen uit het feit,
+dat ik eene halve minuut later de pop openende, eene groote wesp geheel
+levenloos vond. De Epeïra staat altijd met het hoofd benedenwaarts
+bij het midden van het web. Wordt zij gestoord, dan handelt zij
+verschillend naar omstandigheden: is er een kreupelboschje onder,
+dan valt zij plotseling omlaag, en duidelijk heb ik den draad uit de
+spinklieren door het dier zien verlengen, terwijl het nog stilstond,
+als eene voorbereiding tot zijn val. Is de grond beneden onbegroeid,
+dan laat de Epeïra zich zelden vallen, maar kruipt snel door eene
+middenopening van de eene naar de andere zijde. Nog verder gestoord,
+voert zij eene allermerkwaardigste handeling uit: staande in het
+midden van het web, dat aan buigzame takken is gehecht, rukt zij dit
+krachtig heen en weer, totdat het geheele dradenweefsel eindelijk zulk
+eene snelle trillende beweging verkrijgt, dat zelfs de omtrekken van
+het lichaam der spin onduidelijk worden.
+
+Het is een welbekend feit, dat de meeste Britsche spinnen, als een
+groot insect in hare webben gevangen is, de draden pogen af te breken
+en hare prooi bevrijden, om hare webben tegen totale vernieling
+te vrijwaren. Maar eens zag ik in eene broeikas te Shropshire eene
+groote wijfjes-wesp gevangen in het onregelmatige web eener zeer kleine
+spin. In stede nu dat deze haar web afbrak, ging zij ijverig voort met
+het lichaam en vooral de vleugels van haar prooi te verstrikken. In
+'t eerst deed de wesp herhaalde vergeefsche uitvallen met haren angel
+op den kleinen tegenstander. Nadat ik de wesp meer dan een uur had
+laten worstelen, kreeg ik eindelijk medelijden met haar, doodde ze
+en legde ze toen weer in het web. Weldra keerde de spin terug; en
+een uur later vond ik deze tot mijne groote verwondering met hare
+kaken in de opening geboord, door welke de levende wesp haren angel
+naar buiten steekt. Twee- of driemaal verjoeg ik de spin; maar de
+eerste 24 uren vond ik haar steeds op dezelfde plek opnieuw aan het
+zuigen. Door de sappen van haar prooi, die verscheidene malen grooter
+was dan zij zelve, werd de spin zeer opgeblazen.
+
+Het is hier de plaats mede te deelen, dat ik dicht bij Sa-Fé Bajada
+vele groote zwarte spinnen zag, met robijnkleurige figuren op den rug
+en die de gewoonte hadden troepsgewijze te leven. De webben hadden
+een verticalen stand, zooals met het geslacht Epeïra steeds het geval
+is, en waren onderling gescheiden door eene ruimte van omstreeks twee
+voet. Alle waren echter aan zekere gemeenschappelijke draden gehecht,
+die eene groote lengte hadden en zich naar alle zijden der gemeenschap
+uitstrekten. Op deze wijze waren de toppen van eenige hooge struiken
+door de vereenigde webben ingesloten.
+
+Azara [37] heeft eene in Paraguay troepsgewijze levende spin
+beschreven, die volgens Walckenaer een Theridion moet zijn, doch
+waarschijnlijk eene Epeïra is en mogelijk van dezelfde soort als de
+mijne. Ik kan mij echter niet herinneren een centraalweb te hebben
+gezien zoo groot als een hoed, waarin, gelijk Azara zegt, gedurende
+den herfst als de spinnen sterven, de eitjes worden gelegd. Daar
+alle spinnen, die ik hier zag, even groot waren, moeten zij ongeveer
+even oud geweest zijn. Deze gewoonte om troepsgewijze te leven bij
+een zoo typisch geslacht als Epeïra: bij insecten zoo bloeddorstig
+en eenzelvig, dat zelfs de beide seksen elkander aanvallen, is een
+zeer zonderling feit.
+
+In eene hooggelegen vallei van de Cordilléra, bij Mendoza, vond
+ik eene andere spin met een zonderling gevormd web. Sterke draden
+straalden in een verticaal vlak uit een gemeenschappelijk middelpunt,
+waar het insect zijne standplaats had; maar slechts twee stralen waren
+door een symmetrisch mazennet verbonden, zoodat het web, instede van
+cirkelvormig zooals meestal het geval is, uit een wigvormig segment
+bestond. Alle webben waren gelijkvormig samengesteld.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK III.
+
+MALDONADO.
+
+
+[5 Juli 1832.]
+
+In den morgen lichtten wij het anker en verlieten de prachtige
+haven van Rio de Janeiro. Op onzen tocht naar de Rio de la Plata
+zagen wij niets bijzonders, behalve op zekeren dag eene groote school
+bruinvisschen, vele honderden in getal. De zee werd op sommige plaatsen
+geheel er van doorploegd; en een zeer buitengewoon schouwspel vertoonde
+zich, toen honderden tegelijk met sprongen, waarbij hun lichaam geheel
+boven water kwam, de zee doorkliefden. Toen het schip negen knoopen
+in het uur liep, konden deze dieren met het grootste gemak heen en
+weer langs den boeg gaan, en daarna recht vooruit schieten.
+
+Zoodra wij den zeearm der Plata-rivier invoeren, werd het weder
+zeer onbestendig. In een donkeren nacht werden wij omringd door
+tallooze robben en pinguins, die zulke vreemde geluiden maakten,
+dat de officier van de wacht rapporteerde, dat hij het vee op den
+oever kon hooren loeien. Den daarop volgenden nacht woonden wij een
+prachtig schouwspel van natuurlijk vuurwerk bij. De top van den mast
+en de einden der raas blonken in het St.-Elmusvuur [38]; en bijna
+kon men den vorm der vlag onderscheiden, alsof zij met phosphorus
+bestreken was. De zee lichtte zoo sterk, dat de sporen der pinguins
+door een vurig zog kenbaar waren; en elk oogenblik werd de duisternis
+der lucht door den helsten bliksemschijn verlicht.
+
+Toen wij in den riviermond waren, zag ik met belangstelling hoe
+langzaam het water van zee en rivier zich mengden. Het laatste,
+modderig en kleurloos, dreef door zijn kleiner soortelijk gewicht op
+het oppervlak van het zoute water. Duidelijk was dit te zien in het
+kielwater van het schip, waar men een streep blauw water in kleine
+draaikolkjes zich met de omringende vloeistof zag mengen.
+
+[26 Juli.]
+
+Wij ankerden te Montevideo. De Beagle maakte zich gereed de uiterste
+zuid- en oostkusten van Amerika, ten zuiden van de Plata-rivier,
+gedurende twee achtereenvolgende jaren op te meten. Om onnoodige
+herhalingen te voorkomen, zal ik die gedeelten van mijn dagboek
+samenvatten, welke op dezelfde districten betrekking hebben, zonder
+steeds op de volgorde te letten, waarin wij ze bezochten.
+
+
+
+Maldonado is gelegen aan den noordelijken oever der Plata-rivier en
+niet heel ver van de monding van den zeearm. Het is een zeer rustig,
+verlaten stadje, waarvan de straten, zooals algemeen in deze landen
+het geval is, onderling rechthoekig zijn aangelegd, en met eene
+ruime plaza of plein in het midden, dat door zijne grootte de geringe
+bevolking nog meer doet uitkomen. Het heeft bijna geen handel, en de
+uitvoer bepaalt zich tot enkele huiden en levend vee. De inwoners
+zijn voornamelijk landeigenaars, benevens enkele winkeliers en de
+noodige handwerkslieden, als grofsmeden en timmerlieden, die binnen
+een omtrek van 50 mijlen bijna al het werk doen. De stad is van de
+rivier gescheiden door een strook zandheuvels van ongeveer een mijl
+breedte, en aan alle andere zijden omringd door een onbegroeid, zwak
+golvend terrein, dat met eene gelijkvormige fraaigroene graslaag,
+waarop tallooze kudden vee, schapen en paarden grazen, bedekt
+is. Zelfs dicht bij de stad is zeer weinig land in cultuur. Enkele
+hagen van cactussen en agaven wijzen aan, waar eenige tarwe of maïs
+geplant is. De aanblik van het land is zeer gelijkvormig langs den
+geheelen noordelijken Plata-oever, en het eenige verschil is, dat de
+granietheuvels hier wat steiler zijn. Het landschap is zeer weinig
+aanlokkend: er is nauwelijks een huis, een omheind stuk grond of
+zelfs een boom, die er een zweem van vroolijkheid aan geeft. En toch,
+als men een tijd op een schip gevangen heeft gezeten, ligt er iets
+bekoorlijks in het onbestemde gevoel van over grenzenlooze grasvlakten
+te wandelen. Daarenboven, als uw uitzicht tot eene kleine ruimte is
+beperkt, bezitten vele voorwerpen schoonheid. Eenige kleinere vogels
+zijn schitterend gekleurd, en het heldergroene, door het vee afgeweide
+grasveld, is versierd met dwergbloemen, waaronder eene plant, die
+er uitziet als het madeliefje, aanspraak maakte op den naam van een
+oud vriend. Wat zou een bloemkweeker wel zeggen van geheele strooken
+grond, zoo dicht met Verbena melindres (ijzerkruid) bedekt, dat zij
+zelfs op een afstand in het bontste scharlakenrood prijken?
+
+Ik bleef tien weken te Maldonado en verschafte mij in dien tijd
+eene bijna volledige verzameling vogels, viervoetige en kruipende
+dieren. Alvorens eenige opmerkingen daarover te doen, zal ik een klein
+uitstapje vertellen, dat ik deed naar de omstreeks zeventig mijlen
+ver in noordelijke richting gelegen rivier Polanco. Als een bewijs
+hoe goedkoop alles in dit land is, wil ik meedeelen, dat ik slechts
+twee dollars of acht shillings daags betaalde voor twee mannen met
+een troep van omstreeks twaalf rijpaarden. Mijne metgezellen waren
+goed gewapend met sabels en pistolen--eene voorzorg, die ik dacht
+dat eigenlijk onnoodig zou zijn; doch het eerste nieuwtje dat wij
+hoorden was, dat daags te voren een reiziger uit Montevideo met
+afgesneden hals dood op den weg was gevonden. Dit gebeurde dicht bij
+een kruis--de herinnering aan een vroegeren moord.
+
+Den eersten nacht sliepen wij in een afgelegen landhuisje, waar ik
+spoedig tot de ontdekking kwam, dat ik twee of drie artikelen bezat--in
+'t bijzonder een zakkompas--welke grenzenlooze verbazing wekten. In elk
+huis werd mij gevraagd het kompas te laten zien en daarmee, gevoegd bij
+eene kaart, de richting van verschillende plaatsen aan te wijzen. Het
+wekte de levendigste bewondering, dat ik, een volslagen vreemdeling,
+den weg kende (want weg en richting zijn synoniem in dit open land)
+naar plaatsen, waar ik nog nooit geweest was. In één huis liet eene
+jonge vrouw, die ziek te bed lag, mij verzoeken binnen te komen om
+haar het kompas te laten zien. Was hare verbazing groot--de mijne
+was nog grooter, dat er zooveel onwetendheid gevonden werd onder
+menschen, die duizenden stuks vee en uitgestrekte landgoederen
+bezaten. Het kan alléén verklaard worden door het feit, dat dit
+afgelegen deel des lands maar zelden door vreemdelingen bezocht
+wordt. Ook vroeg men mij of de aarde dan wel de zon zich bewoog;
+of het in 't noorden warmer of kouder was; waar Spanje lag en vele
+andere dergelijke vragen. Het meerendeel der bewoners had een vaag
+denkbeeld, dat Engeland, Londen en Noord-Amerika verschillende namen
+waren voor dezelfde plaats; maar de beter ingelichten wisten wel,
+dat Londen en Noord-Amerika verschillende landen waren, dicht bij
+elkander gelegen, en dat Engeland een groote stad in Londen was!
+
+Ik droeg eenige Prometheus-zwavelstokken bij mij, die ik aanstak door
+er op te bijten. Nu vond men het zoo wonderlijk, dat een mensch in
+staat was vuur te maken met zijn tanden, dat doorgaans de geheele
+familie bijeenkwam om het te zien. Eens werd mij een dollar voor
+een enkelen zwavelstok geboden. In het dorp Las Minas gaf het feit,
+dat ik des morgens mijn gezicht wiesch, veel stof tot bespiegeling;
+een voornaam handelaar ondervroeg mij uitvorschend over zulk een
+zonderlinge gewoonte, en tevens waarom wij aan boord onze baarden
+droegen: want hij had van mijn gids gehoord dat wij dit deden. Hij keek
+mij zeer wantrouwend aan; misschien had hij gehoord van reinigingen in
+den Mohammedaanschen godsdienst en kwam hij, wetende dat ik een ketter
+was, waarschijnlijk tot de slotsom, dat alle ketters Turken waren.
+
+In dit land is het de algemeene gewoonte om aan het eerste huis het
+beste nachtverblijf te vragen. De verbazing over het kompas en mijne
+andere goocheltoeren waren in zekeren zin voordeelig, omdat ik daarmee
+en met de lange verhalen, die mijne gidsen deden over mijne kunst van
+steenen te breken, giftige en onschadelijke slangen te onderscheiden,
+insecten te verzamelen, enz. enz. de lieden voor hunne gastvrijheid
+betaalde. Ik schrijf alsof ik onder de bewoners van Midden-Afrika
+geweest was; Oost-Banda zou zich door deze vergelijking niet gevleid
+achten, maar zoo waren mijne indrukken in die dagen.
+
+Den volgenden dag reden wij naar het dorp Las Minas. Het land was iets
+heuvelachtiger, maar droeg overigens hetzelfde karakter; een bewoner
+van de Pampas zou het ongetwijfeld als een echt Alpenland beschouwd
+hebben. Het land is zoo dun bevolkt, dat wij den ganschen dag bijna
+niemand ontmoetten. Las Minas is nog veel kleiner dan Maldonado, ligt
+in eene kleine vlakte en is door lage rotsachtige bergen omgeven. Het
+bezit den gewonen symmetrischen vorm en ziet er met zijne gewitte,
+in het midden staande kerk vrij aardig uit. De buiten de kom gelegen
+huizen, die geen tuinen of binnenplaatsen bezaten, lagen als geheel
+verlaten in de vlakte. Dit is op het land algemeen het geval, en
+bijgevolg hebben alle huizen een ongezellig aanzien.
+
+Tegen den nacht hielden wij stil voor een pulperia of drankwinkel,
+waar in den loop van den avond een aantal Gauchos [39] spiritualiën
+kwamen drinken en sigaren rooken. Het voorkomen dezer lieden is zeer
+opmerkelijk; meestal zijn zij groot en knap, maar hun uiterlijk
+is trotsch en losbandig. Vele dragen knevels, en lang zwart haar
+dat over hun rug golft. Met hunne helderkleurige gewaden, groote
+sporen die tegen de hielen rinkelen, en hunne als dolken in den gordel
+gestoken messen, zien zij er uit als lieden geheel verschillend van wat
+volgens hun naam Gauchos, of eenvoudige landlieden, verwacht zou mogen
+worden. Hunne beleefdheid is overdreven; nooit raken zij hunne dranken
+aan zonder af te wachten dat gij die zult proeven; maar terwijl zij
+hunne uiterst bevallige buiging maken, schijnen zij volkomen gereed
+om, als de gelegenheid schoon is, u de keel af te snijden.
+
+Den derden dag volgden wij een eenigszins onregelmatigen koers,
+daar ik met het onderzoek van eenige marmerlagen bezig was. Op
+de fraaie grasvlakten zagen wij een aantal struisvogels (Struthio
+rhea). Enkele troepen telden twintig tot dertig vogels. Stonden deze
+dieren op eene kleine verhevenheid, zoodat zij zich op den helderen
+hemel afteekenden, dan boden zij een zeer fraai schouwspel. Nooit heb
+ik in een ander deel van het land zulke tamme struisvogels ontmoet;
+met gemak kon men tot op korten afstand naar hen toe galoppeeren;
+maar dan spreidden zij de vleugels uit, schoten recht voor den wind
+weg, en lieten de paarden spoedig achter zich.
+
+Des nachts kwamen wij aan het huis van een rijken landeigenaar, Don
+Juan Fuentes, maar die aan geen mijner metgezellen persoonlijk bekend
+was. Als men het huis van een vreemdeling nadert, worden gewoonlijk
+verscheidene kleine regels der etiquette in acht genomen. Men rijdt
+langzaam naar de deur, groet met de woorden "Ave Maria," en stijgt
+in den regel niet eer van het paard, voordat iemand naar buiten komt
+en u verzoekt af te stijgen; het vormelijke antwoord van den eigenaar
+is dan: "Sin pecado concebido." [40] Is men het huis binnengetreden,
+dan wordt eenige minuten lang een algemeen gesprek gevoerd, totdat
+men verlof vraagt er den nacht door te brengen--hetgeen als eene
+natuurlijke zaak wordt toegestaan. De vreemdeling doet dan zijn maal
+met het gezin, en men wijst hem eene kamer aan, waar hij met de tot
+zijn recado [41] behoorende paardendekken zijn bed maakt. Het is
+merkwaardig hoezeer gelijksoortige omstandigheden gelijksoortige
+gewoonten ten gevolge hebben. Aan de Kaap de Goede Hoop worden
+dezelfde gastvrijheid en op zeer weinig na dezelfde regels der
+etiquette algemeen in acht genomen; niettemin blijkt het verschil
+tusschen het karakter van den Spanjaard en dat van den Hollandschen
+Boer hieruit, dat de eerste zijn gast nooit eene enkele vraag doet
+buiten de stiptste regelen der beleefdheid, terwijl de eerlijke
+Hollander vraagt waar hij geweest is, waar hij heengaat, wat zijn
+beroep is, en zelfs hoeveel broeders, zusters of kinderen hij heeft.
+
+Kort na onze komst in de woning van Don Juan, werd een der groote
+kudden vee naar huis gedreven, en werden drie beesten uitgekozen om als
+voedsel voor het gezin geslacht te worden. Dit halfwilde vee is zeer
+snel ter been; en den noodlottigen lazo zeer wel kennende, bezorgde
+het den paarden eene langdurige en vermoeiende jacht. Vergeleken bij
+de ruwe weelde, die in het getal dienstboden, paarden en de menigte
+vee ten toon werd gespreid, bood het armzalige huis van Don Juan een
+zonderlingen aanblik. De vloer bestond uit geharden modder, en de
+vensters hadden geen ruiten; de zitkamer boogde slechts op een paar
+van de ruwste stoelen en banken, benevens een paar tafels. Ofschoon
+verscheidene vreemdelingen aanzaten, bestond het avondeten slechts
+uit twee groote stapels vleesch: een van gebraden rund-, de tweede
+van gekookt vleesch, met enkele stukken pompoen; buiten deze laatste,
+was er geen andere vrucht of groente, en zelfs geen stuk brood. Als
+drank diende een groote aarden kruik met water voor het geheele
+gezelschap. Toch was deze man eigenaar van verscheidene vierkante
+mijlen land, waarvan bijna elke morgen koren en met geringe moeite alle
+gewone groenten kon opleveren. De avond werd met rooken doorgebracht,
+benevens wat zingen voor de vuist, onder begeleiding van de gitaar. De
+segnorita's zaten alle bij elkander in een hoek van de kamer en aten
+niet met de mannen.
+
+Er zijn zooveel werken over deze landen geschreven, dat het bijna
+overbodig is den lazo of de bolas te beschrijven. De lazo bestaat uit
+een zeer sterk, maar dun, goed gevlochten koord van ongelooide huid
+vervaardigd. Het eene eind is aan den breeden gordel bevestigd, die het
+saâmgestelde tuig van den recado (of den in de Pampas gebruikelijken
+zadel) bijeenbindt; het andere einde bestaat uit een kleinen ijzeren
+of koperen ring, waardoor een loopende knoop kan worden geschoven. Als
+de Gaucho den lazo wil gebruiken, neemt hij een kleinen kronkel in de
+hand, die den teugel vasthoudt; in de andere houdt hij den loopenden
+knoop, die zeer ruim genomen, meestal eene middellijn heeft van omtrent
+acht voet. Dezen zwaait hij om zijn hoofd, houdt door eene behendige
+pols-beweging den knoop open, en werpt hem dan zonder te missen naar
+de plek, die hij verkiest. Wordt de lazo niet gebruikt, dan bindt
+men hem in een kleinen kronkel aan de achterzijde van den recado.
+
+De bolas of ballen zijn van tweederlei soort; de eenvoudigste, die in
+hoofdzaak voor het vangen van struisvogels gebruikt worden, bestaan
+uit twee ronde met leder overdekte steenen, welke door een dunnen
+gevlochten riem van circa acht voet lengte verbonden zijn. De tweede
+soort verschilt van de eerste alleen hierin, dat er drie ballen door
+de riemen aan een gemeenschappelijk middelpunt verbonden zijn. De
+Gaucho houdt den kleinsten der drie ballen in de hand en zwaait de
+twee andere om zijn hoofd; dan neemt hij zijn mikpunt, en slingert
+hen als een draaienden kettingkogel door de lucht. Nauwelijks treffen
+de ballen het een of ander voorwerp, of zij winden er zich om heen,
+kruisen zich en kronkelen stevig samen. Grootte en gewicht der ballen
+verschillen naar gelang van het doel waarvoor zij gemaakt worden;
+zijn zij van steen, dan worden zij, hoewel niet grooter dan een appel,
+met zooveel kracht geworpen, dat zij somtijds zelfs een paard het
+been verbrijzelen.
+
+Ik heb ballen gezien van hout en zoo groot als een raap, die bestemd
+waren om paarden te vangen zonder hen te kwetsen. Soms zijn de ballen
+van ijzer, en deze kunnen het verst geworpen worden. De grootste
+moeilijkheid bij het gebruik van den lazo of de bolas ligt in de
+kunst om zoo goed te rijden, dat men in staat is in vollen ren en
+bij plotselinge zwenkingen hen zoo juist om het hoofd te zwaaien,
+dat er mee gemikt kan worden; te voet leert iemand de kunst vrij
+spoedig. Eens vermaakte ik mij met in vollen galop de ballen om mijn
+hoofd te zwaaien, toen het vrije einde bij ongeluk tegen een struik
+sloeg. Daar de draaiende beweging zoodoende gestuit werd, viel die bal
+onmiddellijk op den grond en greep, als bij tooverslag, een achterpoot
+van mijn paard; de andere bal werd toen uit mijne handen gerukt en mijn
+paard fluks tot staan gebracht. Gelukkig was het een oud gedresseerd
+dier en wist het wat dit beteekende; anders zou het waarschijnlijk
+zoo lang achteruit geslagen hebben, tot het gevallen was. De Gauchos
+schaterden van het lachen; zij schreeuwden, dat zij alle soorten
+dieren hadden zien vangen, maar nog nooit een mensch zichzelf.
+
+Op de twee volgende dagen bereikte ik het verste punt, dat ik wenschte
+te onderzoeken. Het land bood denzelfden aanblik, totdat het fraai
+groene gras eindelijk vervelender werd dan een stoffige tolweg. Overal
+zagen wij groote menigten patrijzen (Nothura major). Deze vogels gaan
+niet in scharen, en houden zich ook niet schuil zooals de Engelsche
+soort. Hij schijnt een zeer onnoozele vogel. Een man te paard kan,
+door in een cirkel of liever in een spiraal rond te rijden zoodat hij
+telkens dichter bij komt, er zooveel dooden als hij maar wil. De meer
+gebruikelijke manier is, dat men hem vangt met een loopenden knoop of
+kleinen lazo, die van eene struisveerschacht gemaakt en aan het einde
+van een langen stok bevestigd is. Een jongen op een mak oud paard zal
+er op die wijs menigmaal dertig of veertig per dag vangen. In het hooge
+noorden van Noord-Amerika vangen de Indianen den Lepus Variabilis
+door, als hij in zijn hol is, in een spiraal er om heen te loopen;
+men acht daarvoor den besten tijd het midden van den dag, als de zon
+hoog staat en de schaduw van den jager niet zeer lang is. [42]
+
+Op onzen terugkeer naar Maldonado volgden wij eene eenigszins andere
+richting. Bij Pan de Azucar--een landbaken, welbekend aan allen die de
+Plata-rivier zijn opgevaren--vertoefde ik een dag in het huis van een
+zeer gastvrijen ouden Spanjaard. Vroeg in den morgen bestegen wij de
+Sierra de las Animas. Bij het licht der opgaande zon was het landschap
+bijna schilderachtig. Westwaarts weidde de blik over eene onmetelijke
+effen vlakte tot aan den Berg--tot Montevideo, en oostwaarts over
+het heuvelachtige land van Maldonado. Op den top van den berg lagen
+verscheidene kleine steenhopen, die er blijkbaar al vele jaren hadden
+gelegen. Mijn metgezel verzekerde mij, dat zij het werk waren van
+Indianen uit den ouden tijd. Ofschoon op veel kleiner schaal, kwamen
+die hoopen overeen met die, welke zoo algemeen op de bergen in Wales
+worden gevonden. Het schijnt, dat de zucht om eene gebeurtenis door
+een teeken op het hoogste punt van het naburige land aan te duiden,
+een algemeene hartstocht van het menschdom is. Tegenwoordig bestaat
+er in dit deel der provincie geen enkele Indiaan, beschaafd of wild,
+meer; ook is mij niet bekend of de vroegere bewoners duurzamere
+herinneringen hebben achtergelaten, dan deze onbeduidende steenhoopen
+op den top der Sierra de las Animas.
+
+
+
+Het algemeen en bijna volslagen gemis van boomen in Oost-Banda
+is opmerkelijk. Enkele rotsachtige heuvels zijn gedeeltelijk met
+kreupelbosschen bedekt, en aan de oevers der grootere rivieren,
+vooral ten noorden van Las Minas, zijn wilgeboomen niet zeldzaam. Bij
+den Arroyo Tapes hoorde ik van een palmenbosch; en een dezer boomen,
+die eene aanzienlijke hoogte had, zag ik bij den Pan de Azucar, op
+eene breedte van 35°. Deze en de door de Spanjaarden geplante boomen
+vormen de eenige uitzonderingen op de algemeene schaarschheid aan
+hout. Onder de ingevoerde soorten mogen genoemd worden: populieren,
+olijf-, perzik- en andere vruchtboomen; de perzikboomen gedijen
+zoo goed, dat zij de stad Buenos Aires voor het grootste deel van
+brandhout voorzien. Bijzonder vlakke landstreken, zooals de Pampas,
+schijnen zelden voor den groei van boomen geschikt. Mogelijk is
+dit toe te schrijven aan de kracht der winden of aan de wijze van
+bevloeiing. Maar in de natuur van het land om Maldonado is zulk een
+reden niet duidelijk; de rotsachtige bergen bieden beschutte plaatsen
+met verschillende bodemsoorten; waterstroompjes komen in bijna elke
+dalkom voor, en de kleiachtige natuur van den grond schijnt geschikt
+om vocht vast te houden. Met veel waarschijnlijkheid is beweerd, dat
+de aanwezigheid van boschland meestal door de jaarlijksche hoeveelheid
+neerslag wordt bepaald [43]; maar in deze provincie vallen des winters
+hevige en menigvuldige regens, en de zomer, hoewel droog, is dit
+niet in buitengewone mate. [44] Wij zien bijna geheel Australië met
+hooggaand geboomte bedekt, en toch bezit dit land een veel droger
+klimaat. Bij gevolg moeten wij naar eene andere en onbekende reden
+zoeken.
+
+Door ons onderzoek tot Zuid-Amerika te beperken, zouden wij zeker
+geneigd zijn te gelooven, dat boomen alléén in een zeer vochtig klimaat
+groeiden, want de grens van het woudland volgt op zeer merkwaardige
+wijze die der vochtige winden. In het zuidelijk deel van het vasteland,
+waar de westelijke koelten, bezwangerd met vocht uit den Stillen
+Oceaan, de overhand hebben, is ieder eiland aan de gebroken westkust,
+van 38° breedte tot de zuidelijkste punt van Vuurland (Tierra del
+Fuego), dicht met ondoordringbare wouden bedekt. Aan de oostzijde van
+de Cordilleras en over hetzelfde breedteverschil, waar een blauwe
+hemel en een zeer schoon klimaat bewijzen, dat de atmospheer bij
+het strijken over het gebergte van haar vocht beroofd is, bezitten
+de dorre vlakten van Patagonië een zeer schralen plantengroei. In
+het meer noordelijk deel van het vasteland, binnen de grenzen van
+den vasten zuidoost-passaat, is de oostzijde met prachtige wouden
+versierd, terwijl de westkust van 4° Z.B. tot 32° Z.B. beschreven
+kan worden als eene woestijn. Aan deze westkust, noordelijk van 4°
+Z.B., waar de passaatwind zijne regelmatigheid verliest en op gezette
+tijden hevige regenvloeden vallen, krijgen de stranden van den Stillen
+Oceaan, zoo uiterst woest in Peru, bij Kaap Blanco het kenmerk van
+plantenweelde, waarom Guayaquil en Panama zoozeer geroemd worden. In
+de zuidelijke en noordelijke deelen van het vasteland hebben dus
+de woud- en woestijnlanden omgekeerde liggingen ten opzichte van
+de Cordilleras, en deze liggingen worden blijkbaar bepaald door de
+richting der heerschende winden.
+
+In het midden van het vasteland is eene breede tusschenzone, omvattende
+Midden-Chili en de provinciën van La Plata, waar de regenbrengende
+winden niet over hooge bergen behoeven te gaan, en waar het land
+noch eene woestijn noch met wouden bedekt is. Maar zelfs de regel,
+dat boomen alléén bloeien in een klimaat, dat door regenbrengende
+winden bevochtigd wordt, maakt, als men hem tot Zuid-Amerika beperkt,
+ten opzichte van de Falklands Eilanden eene scherp in 't oog vallende
+uitzondering. Deze eilanden, op dezelfde breedte gelegen als Vuurland
+en op slechts twee- of driehonderd mijlen van daar: met een nagenoeg
+gelijk klimaat en bijna dezelfde geologische formatie: met gunstige
+liggingen en dezelfde soort van veengrond--kunnen niettemin op
+weinig planten bogen die zelfs den naam van struiken verdienen,
+terwijl het in Vuurland onmogelijk is een morgen lands te vinden,
+die niet met de dichtste wouden is bedekt. In dit geval zijn èn de
+richting der hevige windvlagen èn die der zeestroomen gunstig voor
+het overbrengen van zaden uit Vuurland, zooals blijkt uit de kano's
+en boomstammen, welke uit dat land komen aandrijven en vaak op de
+stranden der Westelijke Falklands Eilanden worden geworpen. Dit is
+misschien de reden waarom beide landen zooveel planten gemeen hebben;
+maar wat de boomen van Vuurland betreft, zijn zelfs de pogingen tot
+overplanten daarvan mislukt.
+
+Tijdens ons verblijf te Maldonado verzamelde ik verscheidene
+viervoetige dieren, tachtig soorten vogels en vele kruipende dieren,
+waaronder negen species van slangen. Van de inheemsche zoogdieren
+is Cervus campestris het eenig overgeblevene van noemenswaardige
+grootte, dat algemeen voorkomt. Dit hert is buitengewoon talrijk en
+leeft dikwijls in kleine troepen in de streken langs de Rio de la
+Plata en in Noord-Patagonië. Als iemand, door dicht langs den grond te
+kruipen, zulk een troep herten nadert, gebeurt het vaak, dat dit dier
+uit nieuwsgierigheid dichter bij komt om hem te verkennen. Op die wijs
+heb ik, van ééne plek uit, drie van denzelfden troep gedood. Ofschoon
+zoo mak en nieuwsgierig, zijn zij toch uiterst behoedzaam, als men hen
+te paard nadert. In dit land gaat niemand te voet; en het hert kent
+den mensch slechts dan als zijn vijand, wanneer hij te paard zit en
+met de bolas gewapend is. Te Bahia-Blanca, eene jonge nederzetting in
+Noord-Patagonië, zag ik tot mijne verbazing, hoe weinig herten zich om
+den knal van een geweer bekommerden. Op zekeren dag vuurde ik tienmaal
+op een afstand van nog geen 80 yards op hetzelfde dier, dat nog veel
+meer schrikte bij het slaan van den kogel tegen den grond, dan door
+het geluid van het schot. Daar mijn kruit op was, moest ik (tot mijne
+schande gezegd, hoewel ik een jachtliefhebber ben die vogels in vlucht
+kan dooden) opstaan en overluid schreeuwen totdat het hert wegliep.
+
+Het merkwaardigste feit betreffende dit dier is de overweldigend sterke
+en onaangename reuk, die van den bok uitgaat. Het is niet mogelijk
+dien te beschrijven. Toen ik bezig was het exemplaar te villen, dat nu
+in het Zoölogisch Museum is opgezet, gebeurde het verscheidene malen
+dat ik bijna braken moest. Ik bond de huid in een zijden zakdoek en
+bracht haar zoo naar huis. Deze zakdoek, na flink te zijn gewasschen,
+werd voortdurend door mij gebruikt en natuurlijk ook even dikwijls
+gewasschen; toch bespeurde ik een jaar en zeven maanden lang duidelijk
+dien reuk, telkens als ik den zakdoek openvouwde. Dit feit levert een
+verrassend voorbeeld van de duurzaamheid eener stof, die uiteraard
+toch zeer fijn en vluchtig moet zijn. Menigmaal heb ik, als wij op
+eene halve mijl afstand onder den wind eene kudde voorbijgingen,
+bespeurd dat de lucht geheel met deze vluchtige stof doortrokken
+was. Ik geloof, dat de reuk van den bok het sterkst is in den tijd,
+dat de horens tot volle ontwikkeling gekomen of van de haarhuid
+bevrijd zijn. In dit stadium is het vleesch natuurlijk volstrekt
+oneetbaar; maar de Gauchos beweren, dat de stank verdwijnt, als het
+vleesch eenigen tijd lang in versche aarde wordt begraven. Ergens heb
+ik gelezen, dat de eilanders in het noorden van Schotland de sterk
+riekende lijken der visch-etende vogels op gelijke manier behandelen.
+
+De orde der Rodentia telt hier vele species: alleen van muizen vond
+ik niet minder dan 8 soorten. [45] Het grootste knaagdier ter wereld,
+de Hydrochoerus capybara of Waterzwijn, [46] is hier ook algemeen. Een
+door mij te Montevideo geschoten exemplaar woog 98 pounds; de lengte
+van het eind van den snuit tot den stompvormigen staart bedroeg 3
+voet 2 inches, en de omtrek van het lichaam bij het midden 3 voet 8
+inches. Deze groote Rodentia bezoeken nu en dan de eilanden in den
+mond der Plata-rivier, waar het water geheel zout is, doch zijn veel
+talrijker aan de boorden van zoetwater-meren en rivieren. Bij Maldonado
+leven meestal drie of vier te zamen. Over dag liggen zij tusschen de
+waterplanten, of weiden vrij op de grasvlakte. [47] Op eenigen afstand
+gezien, gelijken zij in kleur en gang op varkens; maar als zij, op de
+hurken gezeten, met één oog opmerkzaam naar het een of ander voorwerp
+kijken, krijgen zij weer het uiterlijk hunner voorvaderen, van Cabiai
+[48] en konijnen. Van voren en van ter zijde gezien heeft hun hoofd
+een belachelijk voorkomen wegens de groote diepte hunner kaken.
+
+Te Maldonado waren deze dieren zeer mak; door voorzichtig loopen
+kon ik vier oude tot op drie yards naderen. Waarschijnlijk is deze
+makheid toe te schrijven aan het feit, dat de jaguar voor eenige jaren
+verdreven is, en dat de Gaucho het niet de moeite waard acht hen te
+jagen. Toen ik dichter bij kwam, lieten zij telkens hun eigenaardig
+geluid hooren: een dof, afgebroken geknor, dat op zichzelf niet veel
+toon inhoudt, doch meer een gevolg is van de plotselinge uitdrijving
+der lucht. Het eenige mij bekende geluid, dat hiermeê overeenkomt, is
+het eerste schorre geblaf van een grooten hond. Toen ik het viertal
+eenige minuten lang op nog geen armslengte had gadegeslagen (en zij
+mij), snelden zij in vollen galop en in den grootsten haast te water,
+en lieten tegelijk hun geknor hooren. Na een korte duiking kwamen
+zij weer aan de oppervlakte, maar lieten nu slechts het topje van
+hun hoofd zien. Men zegt, dat als het wijfje jongen heeft, deze op
+haren rug zitten als zij in 't water zwemt. Het is gemakkelijk deze
+dieren in menigte te dooden; doch hunne huid heeft weinig waarde en
+hun vleesch is zeer middelmatig. Op de eilanden in de Rio Parana zijn
+zij buitengemeen talrijk en vormen hier de gewone prooi van den jaguar.
+
+De Tucutuco (Ctenomys Brasiliensis) is een merkwaardig klein dier, dat
+kortweg kan beschreven worden als een knaagdier met de eigenschappen
+van een mol. In sommige deelen van het land is het zeer talrijk,
+doch moeilijk te vangen; en naar ik meen, komt het nooit boven
+den grond. Aan den ingang van zijn hol werpt het aardheuveltjes op
+evenals die van den mol, maar kleiner. Groote stukken land zijn door
+deze dieren zoo volkomen ondermijnd, dat paarden die er over loopen,
+er tot boven de hielen inzakken. De tucutucos schijnen tot op zekere
+hoogte in troepen te leven: de man, nl., die mij de exemplaren bracht,
+had er zes tegelijk gevangen, en volgens zijn zeggen was dit een gewoon
+geval. In hunne leefwijs zijn zij nachtdieren, en hun voornaamste
+voedsel bestaat uit plantenwortels, die het doel zijn van hunne
+uitgestrekte holen aan de oppervlakte.
+
+Dit dier is algemeen bekend om een zeer bijzonder geluid, dat het maakt
+wanneer het onder den grond is. Wie dit geluid voor 't eerst hoort,
+staat zeer verwonderd; want het is niet gemakkelijk te zeggen van waar
+het komt: ook kan men onmogelijk raden welk soort van schepsel het
+voortbrengt. Het geluid bestaat in een kort, maar niet ruw neusgebrom,
+dat ongeveer viermaal snel achtereen eentonig herhaald wordt. [49] De
+naam Tucutuco zelf is ter nabootsing van het geluid gegeven. Daar waar
+dit dier talrijk is, kan het op alle tijden van den dag gehoord worden,
+en soms onmiddellijk onder onze voeten. Binnen een kamer gebracht,
+bewegen de tucutucos zich langzaam en traag, wat een gevolg schijnt van
+de buitenwaartsche beweging der achterpooten; en wegens het gemis van
+een ligament in de holte van het dijbeen, zijn zij geheel onbekwaam om
+zelfs over de kleinste verticale hoogte te springen. Zij zijn zeer dom
+bij het doen van eene poging om te ontsnappen; en in oogenblikken van
+toorn of schrik laten zij het "tucutuco" hooren. Van die welke ik in
+leven hield, werden verscheidene, zelfs op den eersten dag, geheel mak
+en poogden niet te bijten of te ontsnappen; andere waren wat wilder.
+
+De man, die hen gevangen had, verzekerde dat er zeer vele gevonden
+worden, die geheel blind zijn. Een door mij in spiritus liquor bewaard
+exemplaar verkeerde in dien toestand, welke door Reid beschouwd wordt
+als het gevolg van ontsteking in het knippend ooglid. Toen het dier
+leefde, hield ik mijn vinger op nog geen halven inch afstand van
+zijn hoofd, zonder dat dit in 't minst werd opgemerkt; toch vond
+het dier bijna even goed zijn weg door de kamer als de andere. Let
+men op de strikt onderaardsche leefwijs van den tucutuco, dan kan
+de blindheid, ondanks hare algemeenheid, geen kwaad zijn van zeer
+ernstigen aard. Het schijnt echter vreemd, dat een dier een orgaan moet
+bezitten, hetwelk dikwijls aan letsel onderhevig is. Lamarck zou dit
+feit, zoo hij het gekend had, verheugd hebben, toen hij (waarschijnlijk
+met meer waarheid dan hij gewoon was) bespiegelingen maakte [50] over
+de trapsgewijs verworven blindheid van den Aspalax--een knaagdier dat
+onder den grond woont, en van den Proteus--een kruipend dier dat in
+donkere met water gevulde holen leeft; bij deze dieren verkeert het
+oog in bijna rudimentairen staat en is door een peesachtig vlies en
+vel bedekt. Bij den gewonen mol is het oog buitengewoon klein maar
+volkomen, hoewel vele ontleedkundigen twijfelen of het met den waren
+gezichtszenuw verbonden is; zijn gezicht moet zeker onvolkomen zijn,
+ofschoon het hem waarschijnlijk nuttig is bij het verlaten van zijn
+hol. Bij den tucutuco, die, naar ik meen, nooit aan de oppervlakte van
+den grond komt, is het oog wel iets grooter, maar dikwijls blind en
+nutteloos, al schijnt dit het dier volstrekt niet te hinderen. Zonder
+twijfel zou Lamarck gezegd hebben, dat de tucutuco nu in den toestand
+van den Aspalax en Proteus overgaat.
+
+Op de golvende grasvlakten rondom Maldonado komen vele soorten
+vogels in buitengewone menigte voor. Daaronder zijn verscheidene
+species eener familie, die in bouw en leefwijs aan onze spreeuw
+verwant is; eene daarvan, (Molothrus niger), is merkwaardig om zijne
+gewoonten. Dikwijls ziet men er verscheidene tegelijk op den rug van
+een paard of koe staan; en zijn zij op eene haag neergestreken, dan
+trachten zij soms, onder het opstrijken van hunne veêren in de zon,
+te zingen of liever te fluiten; het geluid, dat zij daarbij maken,
+is zeer eigenaardig en gelijkt op het borrelen van luchtbellen,
+die snel uit eene kleine opening onder water ontsnappen, zoodat een
+doordringend geluid ontstaat. Volgens Azara, legt deze vogel, evenals
+de koekoek, zijne eieren in de nesten van andere vogels. Dikwijls
+vertelde mij het landvolk, dat er stellig een vogel bestond die
+deze gewoonte bezat; en mijn adsistent bij het verzamelen--een zeer
+nauwkeurig man--vond een nest van de inheemsche musch (Zonotrichia
+matutina), waarin een ei lag, grooter dan en verschillend in kleur
+en vorm van de andere. In Noord-Amerika bestaat eene andere soort
+Molothrus (M. pecoris), die eene dergelijke koekoekachtige gewoonte
+bezit en in elk opzicht zeer na verwant is aan de La Plata-species,
+zelfs in de beuzelachtige bijzonderheid, dat hij op den rug van het
+vee gaat staan; het eenige verschil is, dat deze dieren iets kleiner,
+en hunne veêren en eieren eenigszins anders getint zijn. Deze nauwe
+overeenstemming in bouw en gewoonten bij plaatsvervangende soorten
+uit tegengestelde hoeken van een groot vasteland, treft steeds als
+zijnde een belangwekkend, ofschoon alledaagsch feit.
+
+Swainson heeft juist opgemerkt, [51] dat, uitgezonderd Molothrus
+pecoris, waarbij gevoegd moet worden M. niger, de koekoeken de
+eenige vogels zijn, die werkelijk "parasieten" genoemd mogen worden:
+nl. zoodanige, "die zich als 't ware op een ander levend dier
+vasthechten, welks dierlijke warmte hunne jongen in 't leven roept,
+van wiens voedsel zij leven, en welks dood den hunnen ten gevolge zou
+hebben in de periode der kindsheid." Het is opmerkelijk, dat eenige
+species, maar niet alle, zoowel van den Koekoek als van den Molothrus,
+alléén in deze vreemde gewoonte van parasitische voortplanting zouden
+overeenstemmen, terwijl zij in bijna alle andere gewoonten lijnrecht
+verschillen. De Molothrus is, evenals onze spreeuw, uiterst gezellig,
+en leeft zonder kunst of vermomming in de opene vlakten; daarentegen is
+de koekoek, zooals ieder weet, een bijzonder schuwe vogel, bewoont de
+meest afgelegen kreupelbosschen, en leeft van vruchten en rupsen. Ook
+in bouw loopen deze twee families zeer uiteen.
+
+Vele theorieën, zelfs phrenologische of hersenkundige, zijn
+voorgedragen om te verklaren waarom de koekoek zijne eieren in de
+nesten van andere vogels legt. Ik denk, dat alleen Prévost door
+zijne waarnemingen licht op dit raadsel heeft geworpen. [52] Hij
+vindt, dat de wijfjes-koekoek, die volgens de meeste waarnemers
+minstens vier tot zes eieren legt, met het mannetje moet paren
+telkens nadat zij slechts een of twee eieren heeft gelegd. Ware nu
+de koekoek genoodzaakt op hare eigen eieren te zitten, dan moest
+zij òf op alle tegelijk zitten en dus de eerst gelegde zoo lang in
+den steek laten tot zij waarschijnlijk bedorven waren: òf zij zou
+elk ei of twee eieren terstond na het leggen afzonderlijk moeten
+uitbroeden. Maar wijl de koekoek korter in dit land blijft dan elke
+andere trekvogel, zou zij stellig geen tijd genoeg hebben voor de
+achtereenvolgende uitbroedingen. Wij kunnen dus in het feit, dat de
+koekoek verscheidene keeren paart en hare eieren bij tusschenpoozen
+legt, de oorzaak vinden waarom zij die in de nesten van andere vogels
+legt en hen aan de zorg van pleegouders overlaat. Ik ben zeer geneigd
+te gelooven, dat deze meening juist is, daar ik onafhankelijk hiervan
+(gelijk wij hieronder zien zullen) tot eene overeenkomstige slotsom ben
+gekomen ten opzichte van den Zuid-Amerikaanschen struisvogel, waarvan
+de wijfjes, als ik het zoo zeggen mag, op elkander parasiteeren. Elk
+wijfje legt verscheidene eieren in de nesten van vele andere wijfjes,
+en de mannetjes-struisvogel belast zich met de zorgen der broeding,
+evenals de vreemde pleegouders met den koekoek.
+
+Ik zal slechts twee andere vogels vermelden, die zeer algemeen zijn en
+door hunne gewoonten de aandacht trekken. De Saurophagus sulphuratus is
+het type van den grooten Amerikaanschen stam der tyran-vliegenvangers
+(Muscicapa). In bouw komt hij zeer nabij de ware Worgers of wilde
+Eksters (Lanius) [53], maar in zijne gewoonten kan hij met vele vogels
+vergeleken worden. Ik heb hem menigmaal een veld zien afjagen, waarbij
+hij evenals een valk boven eene plek fladderde, om dan naar eene
+andere te gaan. Als men hem zoo in de lucht ziet zweven, zou men op
+korten afstand hem zeer licht voor een roofvogel kunnen houden; maar
+de kracht en snelheid, waarmeê hij omlaag schiet, zijn veel geringer
+dan bij een valk. Op andere tijden houdt de Saurophagus zich in de
+nabijheid van water op, en vangt, terwijl hij hier als een ijsvogel
+(Alcedo) post vat, elk vischje dat aan den kant verschijnt.
+
+Niet zelden worden deze vogels gekortwiekt in kooien of op
+binnenplaatsen gehouden. Zij worden spoedig mak en zijn zeer
+vermakelijk om hunne koddige listige gewoonten, die mij beschreven
+worden als op die van den gewonen ekster te gelijken. Hunne vlucht
+is slingerend, doordien het gewicht van hoofd en snavel te groot
+schijnt voor het lichaam. Des avonds vat de Saurophagus post op een
+struik, dikwijls aan den kant van den weg, en laat voortdurend een
+onveranderlijken, schrillen en eenigszins aangenamen kreet hooren,
+die iets weg heeft van gearticuleerde woorden. De Spanjaarden zeggen
+dat hij gelijkt op de woorden: Bien-te-veo (Ik-zie-je-wel), en hebben
+hem diensvolgens dezen naam gegeven.
+
+Een spot-vogel (Mimus orpheus), door de bewoners Calandria genoemd,
+is merkwaardig om zijn gezang, hetwelk dat van alle andere vogels
+in het land overtreft; inderdaad is hij omtrent de eenige vogel
+in Zuid-Amerika, dien ik voor het zangen een bepaalden stand heb
+zien aannemen. Het gezang kan vergeleken worden bij dat van het
+veldsijsje, maar is krachtiger: eenige harde tonen en sommige zeer
+hooge gaan daarin met een aangenaam gekweel gepaard. Men hoort het
+alleen gedurende de lente. Op andere tijden is zijn kreet hard en
+verre van welluidend. Bij Maldonado waren deze vogels mak en driest;
+voortdurend zwierven zij in menigte bij de landhuizen, om aan het
+vleesch te pikken dat aan muren of deurposten was gehangen. Voegde
+zich een andere kleine vogel bij het gastmaal, dan joeg de Calandria
+hem spoedig weg.
+
+Op de uitgestrekte onbewoonde vlakten van Patagonië leeft eene andere
+naverwante soort: Orpheus Patagonica (d'Orbignyi), die in de met
+doornige struiken begroeide dalen huist; deze is een wilder vogel en
+heeft een eenigszins ander stemgeluid. Het schijnt mij een merkwaardig
+feit, als zijnde een bewijs voor de fijne verschillen in gewoonten,
+dat, toen ik voor het eerst deze tweede soort zag en alleen van
+het laatstgenoemde standpunt oordeelde, de gedachte in mij opkwam,
+dat zij van de Maldonado-soort verschilde. Later, toen ik mij een
+exemplaar verschafte en beide soorten zonder bijzondere aandacht met
+elkander vergeleek, schenen zij mij zóó gelijk, dat ik van meening
+veranderde. Maar nu zegt Gould, dat zij wel degelijk verschillen:
+welke gevolgtrekking in overeenstemming is met het geringe verschil
+in leefwijze, waarvan hij echter geen kennis droeg.
+
+Het aantal, de tamheid en walgelijke gewoonten der aasetende valken
+in Zuid-Amerika, maken hen bijzonder belangrijk voor iemand, die
+slechts aan de vogels van Noord-Europa gewoon is. Tot deze groep
+kunnen gerekend worden vier soorten van de Caracara's of Polyborus,
+de Kalkoensche buizerd, de Gallinazo en de Condor. [54] De Caracara's
+worden om hun lichaamsbouw tot de arenden gerekend; maar wij zullen
+weldra zien hoe kwalijk hun zulk een hooge titel past. In hunne
+gewoonten vervangen zij juist onze aaskraaien, eksters en raven--een
+groep vogels die ruim verspreid zijn in het overige deel der wereld,
+doch in Zuid-Amerika geheel ontbreken.
+
+Te beginnen met de Polyborus Brasiliensis: deze vogel komt algemeen
+voor en bewoont een uitgestrekt geographisch gebied; hij is het
+talrijkst in de grasrijke savana's van La Plata (waar hij den naam
+Carrancha draagt), en is lang niet zeldzaam op de dorre vlakten van
+Patagonië. In de woestijn tusschen de rivieren Negro en Colorado
+houden zich steeds verscheidene in de nabijheid van den grooten
+weg op, om de lijken van dieren te verscheuren, die uitgeput door
+honger en dorst gestorven zijn. Ofschoon dus algemeen in deze droge
+en onbegroeide streken alsmede aan de dorre stranden van den Stillen
+Oceaan, blijkt hij toch ook de vochtige, ondoordringbare wouden van
+West-Patagonië en Vuurland te bewonen. De Carrancha's met de Chimango's
+zwerven steeds in menigte op landgoederen voor vee-cultuur [55] en bij
+slachthuizen. Sterft een dier op de vlakte, dan begint de Gallinazo
+of Braziliaansche gier het maal, waarna de twee soorten Polyborus de
+beenderen schoon pikken. Ofschoon deze vogels dus gewoonlijk samen
+eten, zijn zij op verre na geen vrienden. Als de Carrancha rustig op
+een boomtak of op den grond zit, vliegt de Chimango dikwijls lang
+achtereen in een halven cirkel op en neer, voor- en achterwaarts,
+waarbij hij, telkens als hij in 't laagste punt van zijne vliegbaan is,
+zijn grooteren soortverwant poogt te raken. Behalve door het hoofd te
+schudden, neemt de Carrancha weinig nota van die aanvallen. Hoewel
+de Carrancha's zich dikwijls in grooten getale vereenigen, leven
+zij niet in troepen; want op eenzame plaatsen kan men hen alleen of,
+meer algemeen, bij paren aantreffen.
+
+De Carrancha's heeten zeer listig te zijn en eieren in menigte te
+stelen. Ook pogen zij, in vereeniging met de Chimango's, de roven van
+de ontvelde of zeere ruggen der paarden en muildieren af te pikken. Aan
+den eenen kant het arme dier met hangende ooren en gebogen rug: aan
+den anderen de fladderende vogel, die op den afstand van een yard het
+walgelijk hapje gadeslaat--vormen een tafereel, dat door kapitein Head
+met de hem eigen bijzondere geestigheid en juistheid beschreven is
+geworden. Deze valsche arenden dooden hoogst zelden een levenden vogel
+of ander dier; en hunne gierachtige, op lijken azende gewoonten blijken
+zeer duidelijk aan iemand, die op de woeste vlakten van Patagonië in
+slaap is gevallen; want bij het ontwaken zal hij op elk heuveltje in
+'t rond een dezer vogels zien, die hem met boosaardigen blik geduldig
+gadeslaat. Dit is een trek in het landschap dezer streken, welke door
+ieder zal zijn opgemerkt, die er gereisd heeft. Als een troep mannen
+met paarden en honden ter jacht gaan, zullen zij over dag door vele
+dezer dieren vergezeld worden. Na het eten steekt de naakte krop
+vooruit; op zulke oogenblikken, en eigenlijk in 't algemeen, is de
+Carrancha een werkelooze, makke en laffe vogel. Zijn vlucht is traag
+en langzaam, evenals die van de Engelsche kauw. Zelden vliegt hij hoog;
+maar tweemaal heb ik er een op aanzienlijke hoogte met veel gemak door
+de lucht zien zweven. Hij loopt (ter onderscheiding van huppelen),
+doch niet zoo snel als zijne soortgenooten.
+
+Nu en dan is de Carrancha luidruchtig, doch in 't algemeen niet; zijn
+kreet is luid, zeer hard en eigenaardig, en kan vergeleken worden met
+de Spaansche keelletter g, gevolgd door eene schorre, dubbele rr. Bij
+het uiten van dien kreet zet hij den bek wijd open en richt den kop
+al hooger en hooger, totdat zijn kruin bijna het achtereinde van den
+rug raakt. Dit feit, hetwelk door sommigen in twijfel is getrokken, is
+volkomen waar; ik heb hen verscheidene malen met den kop naar achteren
+in een geheel omgekeerden stand gezien. Aan deze waarnemingen kan ik,
+op het hooge gezag van Azara, toevoegen dat de Carrancha zich voedt
+met wormen, schelpdieren, slakken, sprinkhanen en kikkers; dat hij
+jonge lammeren doodt door hunne navelstreng open te rijten, en dat
+hij den Gallinazo zoo lang vervolgt, tot deze vogel genoodzaakt is het
+aas uit te braken, dat hij kort te voren heeft ingeslikt. Ten slotte
+beweert Azara dat verscheidene Carrancha's, vijf of zes te zamen,
+zich zullen vereenigen om op groote vogels, zelfs reigers bijv.,
+jacht te maken. Al deze feiten getuigen, dat het een vogel is met
+zeer veranderlijke gewoonten en groote scherpzinnigheid.
+
+De Polyborus Chimango is aanmerkelijk kleiner dan de vorige
+species. Hij is inderdaad omnivorus (allesetend), en zal zelfs brood
+eten. Men verzekerde mij, dat hij aan de aardappeloogsten op Chiloë
+werkelijke schade toebrengt door de wortels uit te roeien na het
+eerste planten. Van alle aaseters is hij gewoonlijk de laatste, die
+het geraamte van een dier verlaat; en dikwijls kan men hem tusschen
+de ribben van een koe of paard zien, evenals een vogel in eene kooi.
+
+Eene andere soort is de Polyborus Novae Zelandiae, die bijzonder
+algemeen is op de Falklands Eilanden. In hunne gewoonten gelijken deze
+vogels in vele opzichten op de Carrancha's. Zij leven van het vleesch
+van doode dieren en van zeevoortbrengselen; en op de Ramirez-Rotsen
+moet hun geheele bestaan afhangen van de zee. Zij zijn buitengewoon
+mak en onbevreesd, en zwerven in den omtrek van huizen voor afval. Als
+een jachtgezelschap een dier doodt, verzamelt zich spoedig een aantal
+dezer vogels, die geduldig aan alle kanten van het terrein staan
+te wachten. Na het eten worden hunne naakte kroppen ver naar voren
+gestoken, hetgeen hun een walgelijk voorkomen geeft. Gewonde vogels
+vallen zij dadelijk aan; een zeeraaf (Corvus marinus), die gewond
+mee naar het strand was genomen, werd onmiddellijk door verscheidene
+aangevallen, die door hunne slagen zijn dood verhaastten.
+
+De Beagle was alleen gedurende den zomer bij de Falklands Eilanden;
+maar de officieren van de Adventure, die er in den winter waren,
+vertellen vele buitengewone staaltjes van de driestheid en roofzucht
+dezer vogels. Stoutweg schoten zij neer op een hond, die bij een van
+het gezelschap in diepen slaap lag; en de jagers hadden moeite om te
+beletten, dat de gewonde ganzen voor hunne oogen werden weggerukt. Men
+zegt, dat er verscheidene bij den ingang van een konijnenhol staan te
+wachten (in dit opzicht gelijken zij op de Carrancha's) en gezamenlijk
+het dier grijpen als het naar buiten komt. Zij vlogen voortdurend
+aan boord van het schip zoolang dit in de haven lag; en men moest
+goed uitkijken, dat zij het leder niet van het want of het vleesch
+en wild van het achterschip rukten.
+
+Deze vogels zijn zeer kwaadwillig en nieuwsgierig. Zij zullen bijna
+alles van den grond oppikken. Een groote, zwartglimmende hoed werd
+bijna eene mijl ver weggedragen, evenals een paar zware bolas, die voor
+het vangen van vee gebruikt werden. Usborne leed gedurende de opmeting
+een ernstiger verlies, doordien de vogels een klein Kater-kompas in
+rood marocco-lederen étui stalen, dat nooit teruggevonden werd. Ook
+zijn deze vogels twistziek en zeer oploopend: van woede rukken zij
+het gras met hunne snavels uit. Zij leven niet bepaald in troepen,
+vliegen niet hoog en hunne vlucht is log en onbeholpen; op den grond
+loopen zij uiterst snel, zeer veel op de manier van fazanten. Zij zijn
+luidruchtig en uiten verscheidene harde kreten, waarvan een op dien van
+de Engelsche kauw gelijkt; daarom noemen de robbenvangers hen altijd
+kauwen. Merkwaardig is het, dat zij bij het schreeuwen den kop omhoog
+en naar achteren werpen op dezelfde manier als de Carrancha's. Zij
+nestelen in de rotsachtige klippen der zeekust, maar alleen op de
+nabijgelegen eilandjes, en niet op de twee hoofd-eilanden; bij zulk
+een makken en onversaagden vogel is dit een zonderlinge voorzorg. De
+robbenvangers zeggen, dat het vleesch van dezen vogel, gekookt, zeer
+blank en goed eetbaar is; maar de man, die zulk een maal aandurft,
+dient moed te hebben.
+
+Wij hebben nu alleen nog den Kalkoenschen Buizerd (Vultur aura)
+[56] en den Gallinazo te vermelden. Den eersten vindt men overal
+waar het land matig vochtig is, van Kaap Hoorn tot Noord-Amerika. In
+tegenstelling met den Polyborus Brasiliensis en den Chimango, heeft hij
+zijn weg naar de Falklands Eilanden gevonden. De Kalkoensche Buizerd
+is een eenzelvige vogel; hoogstens leeft hij paarsgewijze. Men kan
+hem op verren afstand terstond herkennen aan zijne hooge, stijgende
+en zeer sierlijke vlucht. Met zekerheid weet men, dat hij een echte
+aaseter is. Aan de westkust van Patagonië, te midden der dicht
+begroeide eilandjes en landriffen, leeft hij uitsluitend van wat de
+zee opwerpt, en van de lijken van doode robben. Waar deze dieren op
+de rotsen verzameld zijn, kan men de buizerds vinden.
+
+De Gallinazo (Cathartes atratus) [57] bewoont een ander gebied
+dan laatstgenoemde soort, en komt nooit zuidelijker dan 41°
+breedte. Azara zegt, dat er eene overlevering bestaat, volgens
+welke deze vogels ten tijde der Verovering niet in de nabijheid van
+Montevideo gevonden werden, en dat zij de bewoners allengs uit meer
+noordelijke districten gevolgd zijn. Tegenwoordig zijn zij talrijk in
+het dal der Colorado-rivier, dat 300 mijlen ten zuiden van Montevideo
+ligt. Waarschijnlijk is het, dat deze verdere trek sedert Azara's tijd
+heeft plaats gehad. De Gallinazo verkiest in 't algemeen een vochtig
+klimaat, of liever de nabijheid van zoet water; daarom is hij uiterst
+talrijk in Brazilië en La Plata, terwijl hij nooit gevonden wordt
+op de dorre en verlaten vlakten van Noord-Patagonië, behalve in de
+nabijheid van een stroom. Deze vogels bewonen de geheele Pampas tot
+aan den voet der Cordilleras; maar nooit zag of hoorde ik van een in
+Chili. In Peru worden zij beschermd als straatvegers. Van deze gieren
+kan met zekerheid gezegd worden, dat zij in troepen leven; want zij
+scheppen behagen in gezelligheid en worden niet alleen door het lokaas
+van een gemeenschappelijke prooi te zamen gebracht. Dikwijls kan
+men op een fraaien dag een zwerm hoog in de lucht zien, waarbij elke
+vogel, zonder de vleugels in te trekken, in de bevalligste wendingen
+rondzwiert. Blijkbaar geschiedt dit uit louter oefeningsvermaak,
+of mogelijk staat het in verband met hunne huwelijksverbintenissen.
+
+Ik heb nu alle aaseters opgenoemd, behalve den Condor of Grijpgier,
+van wien het gepaster is eene beschrijving te geven, als wij eene
+landstreek bezoeken, die meer aan zijne gewoonten beantwoordt dan de
+vlakten van La Plata.
+
+
+
+In eene breede strook zandheuvels, welke de Laguna del Potrero
+scheidt van de oevers der Plata-rivier, en op enkele mijlen afstands
+van Maldonado, vond ik eene groep van die verglaasde kwartshoudende
+buizen, die door het inslaan van den bliksem in los zand gevormd
+worden. Deze buizen gelijken in alle bijzonderheden op die uit
+Drigg in Cumberland, beschreven in de Geological Transactions,
+Vol. II, blz. 528. [58] De zandheuvels van Maldonado, welke door geen
+plantengroei beschut worden, veranderen voortdurend van plaats. Om
+die reden staken de buizen boven de oppervlakte; en talrijke in de
+nabijheid liggende brokstukken bewezen, dat zij vroeger dieper geboord
+waren geworden. Vier kokers daalden loodrecht in het zand; door mijne
+handen er in te steken, peilde ik een tot eene diepte van twee voet;
+en toen ik enkele stukken, die blijkbaar tot dezelfde buis behoord
+hadden, bij het andere gedeelte voegde, werd eene diepte verkregen
+van vijf voet drie inches. De geheele buis had eene ongeveer gelijke
+middellijn, en daarom moeten wij aannemen, dat zij oorspronkelijk een
+veel grootere diepte heeft gehad. Deze afmetingen zijn echter gering
+vergeleken bij die van de buizen te Drigg, waarvan eene gepeild werd
+tot eene diepte van niet minder dan 30 voet.
+
+De binnenoppervlakte is geheel verglaasd, glanzig en effen. Een
+klein stuk, met den microscoop onderzocht, geleek door de menigte
+kleine ingesloten lucht- of mogelijk dampbellen, op een proefje, dat
+voor de blaaspijp gesmolten was. Het zand is geheel of grootendeels
+kwartshoudend; maar sommige punten zijn zwart van kleur en bezitten
+door hunne glanzige oppervlakte een metaalachtigen weerschijn. De
+dikte van den buiswand wisselt af van 1/30 tot 1/20 inch en bedraagt
+in sommige gevallen zelfs 1/10. Aan den buitenkant zijn de zandkorrels
+afgerond en hebben een zwak glanzig aanzien; ik kon geen teekenen van
+kristallisatie ontdekken. Op eene dergelijke wijze als in de Geological
+Transactions is beschreven, zijn de buizen meestal samengedrukt en
+hebben diepe overlangsche groeven, zoodat zij zeer veel overeenkomst
+hebben met een verschrompelden plantenstengel, of met de schors van
+een olm- of kurkboom. Haar omtrek bedraagt omstreeks twee inches;
+maar in sommige cilindervormige stukken waarin geen groeven zijn,
+bedraagt zij vier inches. De samendrukking door het omringende losse
+zand, die geschiedde toen de buis nog week was tengevolge van de hevige
+hitte, heeft blijkbaar de kreuken of groeven veroorzaakt. Te oordeelen
+naar de niet samengedrukte stukken, moet de maat of boorwijdte van
+den bliksem (indien wij zulk een woord mogen bezigen) ongeveer 1 1/4
+inch hebben bedragen.
+
+Aan Hachette en Beudant te Parijs [59] gelukte het buizen te maken,
+welke in de meeste opzichten op deze fulgurites geleken, door fijn
+gepoederd glas aan de werking van zeer sterke galvanische stroomen
+bloot te stellen; door toevoeging van zout, om de smeltbaarheid te
+verhoogen, werden de buizen in alle afmetingen grooter. De proeven
+mislukten met fijn verdeeld veldspaat en kwarts. Eene dergelijke
+van gestampt glas gemaakte buis was ongeveer een inch (0.982) lang,
+en bezat eene binnenmiddellijn van 0.19 inch. Als wij weten, dat
+in Parijs de sterkste batterij gebruikt werd, en dat haar vermogen
+om buizen te vormen in zulk eene licht smeltbare stof als glas zoo
+gering was--dan moeten wij ten hoogste verbaasd staan over de kracht
+van den bliksemstraal, die het zand op verschillende plaatsen trof
+en cilinders heeft gevormd, eens een van minstens 30 voet diepte,
+waarvan het boorgat op de niet samengedrukte plaatsen eene wijdte had
+van ruim 1 1/2 inch. En dat in zulk eene buitengewoon weerspannige
+stof als kwarts!
+
+Zooals ik reeds heb opgemerkt, loopen de buizen in bijna verticale
+richting door het zand. Maar eene, die minder regelmatig was dan de
+andere, week bij haren sterksten bocht 33° van de raaklijn af. Uit
+diezelfde buis ontsproten, ongeveer een voet van elkander, twee kleine
+takken, de een benedenwaarts en de ander naar boven gericht. Dit
+laatste geval is merkwaardig, wijl de electrische middenstof
+onder den scherpen hoek van 26° tot hare hoofdrichting moet zijn
+teruggekeerd. Behalve de vier buizen, die ik in verticale richting
+onder den grond vond loopen, waren er verscheidene andere groepen van
+stukken, waarvan de oorspronkelijke ligplaatsen ongetwijfeld in de
+nabijheid waren. Allen kwamen voor op een vlak terrein van stuifzand,
+zestig yards lang bij twintig breed, dat tusschen eenige zandheuveltjes
+omstreeks een halve mijl verwijderd lag van eene vier- of vijfhonderd
+voet hooge heuvelreeks. De meest merkwaardige omstandigheid, naar
+het mij voorkomt, zoowel hier als te Drigg in Cumberland, alsmede in
+een door Ribbentrop in Duitschland beschreven geval, is het aantal
+buizen, dat binnen zulke enge ruimten gevonden is. Te Drigg werden
+binnen eene ruimte van 15 yards drie ontdekt, en in Duitschland vond
+men hetzelfde getal. In het door mij beschreven geval bevonden zich
+stellig meer dan vier binnen de ruimte van 60 bij 20 yards. Daar het
+niet waarschijnlijk is, dat de buizen door opvolgende, verschillende
+ontladingen ontstaan zijn, moeten wij aannemen dat de bliksem, kort
+voordat hij in den grond dringt, zich in verschillende takken verdeelt.
+
+De omstreken van de Plata-rivier schijnen bijzonder aan electrische
+verschijnselen onderhevig. In het jaar 1793 [60] ontlastte zich boven
+Buenos Aires een der meest vernielende onweders, die ooit beleefd zijn:
+op 37 plaatsen in de stad sloeg de bliksem in, en 19 menschen werden
+gedood. Wegens feiten, die in verschillende reisverhalen bevestigd
+worden, ben ik geneigd te onderstellen, dat onweders zeer algemeen zijn
+bij de monden van groote rivieren. Zou mogelijkerwijs de vermenging
+van groote hoeveelheden zout- en zoetwater het electrisch evenwicht
+verstoren? Zelfs gedurende onze gelegenheidsbezoeken aan dit gedeelte
+van Zuid-Amerika hoorden wij, dat een schip, twee kerken en een huis
+waren getroffen. Het huis en een der kerken zag ik kort daarna; het
+huis behoorde aan Hood, den consul-generaal te Montevideo. Sommige
+uitwerkselen waren merkwaardig. Ongeveer een voet aan weerszijden
+van de lijn waar de beldraden hadden geloopen, was het behangsel
+zwart geworden. Het metaal was gesmolten; en ofschoon de kamer
+ongeveer 15 voet hoog was, hadden de druppels die op stoelen en
+huisraad waren gevallen, daarin een reeks van gaatjes geboord. Een
+deel van den muur was als door buskruit verbrijzeld, en de brokken
+met zooveel kracht weggeslingerd, dat zij den overstaanden muur der
+kamer gedeukt hadden. De lijst van den spiegel was zwart geworden
+en het verguldsel ongetwijfeld vervluchtigd, want eene reukflesch,
+die op den schoorsteen stond, was met heldere metaalvlekken bedekt,
+die er zoo vast aan hechtten, alsof zij er op geëmailleerd waren.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK IV.
+
+VAN DE RIO NEGRO NAAR BAHIA BLANCA.
+
+
+[24 Juli 1833.]
+
+De Beagle zeilde uit Maldonado en kwam den 3den Augustus ter hoogte
+van de monding van de Rio Negro. Deze is de voornaamste rivier langs
+de geheele kustlijn tusschen de Straat van Magelhaen en de Rio de la
+Plata, en valt omstreeks 300 mijlen ten zuiden van den zeearm dezer
+laatste in zee. Omtrent 50 jaar geleden, onder het oude Spaansche
+gouvernement, was hier eene kleine kolonie gevestigd; en nog is
+dit punt het zuidelijkste (41° B.) aan deze oostkust van Amerika,
+dat door beschaafde menschen bewoond wordt.
+
+Het land nabij den riviermond is uitermate woest. Aan de zuidzijde
+begint eene lange lijn van loodrechte klippen, die eene doorsnede van
+den geologischen bodem van het land te zien geven. De lagen zijn van
+zandsteen, en ééne laag was merkwaardig omdat zij bestond uit een vast
+samenhangend conglomeraat van puimsteenen, die meer dan 400 mijlen
+ver van de Andes afkomstig moeten zijn. Overal is de oppervlakte
+bedekt met eene dikke laag grofzand, welke zich heinde en ver over
+de open vlakte uitstrekt. Water is uiterst schaarsch, en waar het
+nog gevonden wordt, altijd brak. Ook de plantengroei is schraal,
+en hoewel er vele soorten struiken groeien, zijn alle met geweldige
+doorns gewapend, die den vreemdeling schijnen te waarschuwen niet in
+deze ongastvrije oorden door te dringen.
+
+Achttien mijlen ver de rivier op ligt de nederzetting. De weg volgt
+den voet der steile rotsketen, die de noordelijke grens der groote
+vallei vormt, waardoor de Rio Negro vloeit. Onderweg gingen wij
+voorbij de ruïnen van eenige fraaie estáncias, die eenige jaren
+geleden door de Indianen verwoest waren. Zij hadden verscheidene
+aanvallen doorstaan. Een man, die bij een er van tegenwoordig was
+geweest, gaf mij eene levendige beschrijving van het voorgevallene. De
+bewoners waren voldoende van het plan ingelicht om al het vee en de
+paarden naar den corrál te drijven die het huis omringde, [61] en
+ook om een klein kanon op te stellen. De Indianen waren Araucaniërs
+uit het zuiden van Chili, verscheidene honderden sterk en uitstekend
+gedrild. Het eerst verschenen zij in twee groepen op een naburigen
+heuvel; hier stegen zij af, ontdeden zich van hunne bonten mantels,
+en gingen toen naakt tot de bestorming over. Het eenige wapen van
+een Indiaan is een zeer lange bamboe of chuzo (spies), die met
+struisveêren versierd is en in eene scherpe speerpunt eindigt. Mijn
+zegsman scheen zich met bijzonderen schrik het gekletter dezer spiezen
+te herinneren, toen de Indianen naderden. Nauwelijks waren zij in
+de nabijheid, of de Cacique Pincheira eischte de belegerden op hunne
+wapenen af te geven: anders zou hij hun allen de keel afsnijden. Daar
+dit vermoedelijk toch gebeurd zou zijn indien zij binnenkwamen,
+werd de opeisching met eene hagelbui van kogels beantwoord. De
+Indianen kwamen nu met groote vastberadenheid tot aan het paalwerk
+van den corrál, maar zagen tot hunne verwondering, dat de palen
+niet met lederen riemen doch met ijzeren spijkers waren gekoppeld,
+die zij met hunne messen natuurlijk niet door konden snijden. Dit
+redde het leven der christenen: vele gewonde Indianen werden door
+hunne makkers weggedragen; en toen eindelijk een der onder-caciquen
+gewond werd, schalde de horen het sein tot den aftocht. Zij keerden
+naar hunne paarden terug en schenen krijgsraad te houden. Dit waren
+voor de Spanjaarden angstige oogenblikken, daar al hun kruit en lood
+verschoten was, behalve een paar kartetsen. Plotseling sprongen de
+Indianen te paard en galoppeerden weg. Een volgende maal werden zij
+nog spoediger afgeslagen. Een koelbloedige Franschman bediende het
+kanon; hij wachtte tot de Indianen vlak bij waren, en overstelpte
+hen toen met schroot, waardoor 39 man buiten gevecht werden gesteld;
+en na zulk een verlies verstrooide zich natuurlijk de geheele bende.
+
+De stad wordt zoowel El Carmen als Patagones genoemd. Zij is gebouwd
+op de helling van eene klip tegenover de rivier, en vele huizen
+zijn zelfs in den zandsteen uitgehouwen. De rivier is ongeveer
+twee- of driehonderd yards breed, alsmede diep en snel. De vele
+eilanden met hunne wilgeboomen, gevoegd bij de vlakke landtongen
+bieden, als men ze in het heldere zonlicht achter elkander op
+den noordelijken zoom der breede groene vallei ziet liggen, een
+allerschilderachtigsten aanblik. Het getal inwoners bedraagt niet
+meer dan enkele honderden. Deze Spaansche koloniën dragen niet de
+kiemen van ontwikkeling in zich, zooals de Engelsche. Hier wonen
+verscheidene Indianen van echten bloede: de stam van den Cacique
+Lucanee heeft steeds zijne tóldos [62] aan de grenzen der stad. Het
+plaatselijk bestuur voorziet hen gedeeltelijk van levensmiddelen door
+hun alle oude versleten paarden te geven, terwijl zij zelven wat met
+het maken van paardedekken en ander voergerei verdienen. Deze Indianen
+gaan voor beschaafd door; maar wat hun karakter gewonnen heeft door
+een mindere mate van wreedheid, wordt bijna opgewogen door hunne
+verregaande zedeloosheid. Niettemin zijn enkele jonge mannen op den
+weg ter verbetering: zij willen werken, en een troep die onlangs op
+eene robbenjacht uitging, gedroeg zich zeer goed. Nu genoten zij de
+vruchten van hun werk door in zeer opzichtige, schoone kleêren rond
+te loopen en flink te luieren. De smaak, dien zij in hunne kleeding
+aan den dag legden, was bewonderenswaardig; en als men een dezer
+jonge Indianen in een bronzen standbeeld had kunnen veranderen,
+zou zijne drapeering hoogst bevallig zijn geweest.
+
+Op zekeren dag reed ik naar een groot zoutmeer of salina, dat 15
+mijlen van de stad ligt. Des winters vormt dit een ondiep pekelmeer,
+dat des zomers in een veld van sneeuwwit zout verandert. De laag
+nabij den rand is vier tot vijf inches dik, doch naar het midden
+neemt de dikte toe. Dit meer was twee en een halve mijl lang en één
+breed. In den omtrek vindt men andere, die vele malen grooter zijn,
+en met een zoutbodem van twee en drie voet dikte, zelfs als zij des
+winters onder water liggen. Zulk eene schitterend witte en vlakke
+ruimte biedt een ongewoon schouwspel te midden van de bruine en
+woeste vlakte. Eene aanzienlijke hoeveelheid zout wordt jaarlijks
+uit de salina gewonnen, en groote stapels, sommige van honderd ton
+gewicht, lagen ter verzending gereed. Het seizoen voor de ontginning
+der salinas is de oogsttijd van Patagones, want daarvan hangt de
+voorspoed der plaats af. Bijna de gansche bevolking kampeert aan
+de oevers der rivier, en het volk wordt gebruikt om het zout in
+ossenwagens aan land te halen. Dit zout kristalliseert in groote kuben,
+en is bijzonder zuiver. Trenham Reeks is voor mij zoo vriendelijk
+geweest er iets van te onderzoeken, en vindt er slechts 0.26% gips
+en 0.22% aardbestanddeelen in. Het is zonderling, dat dit zout niet
+zoo dienstig is voor het bewaren van vleesch, als zeezout van de
+Kaap-Verdische Eilanden; en een koopman te Buenos Aires vertelde mij,
+dat hij het 50% minder waard achtte. Zoodoende wordt er steeds zout
+van de Kaap-Verdische Eilanden ingevoerd en met dat uit deze salinas
+vermengd. De zuiverheid van het Patagonische zout, of het ontbreken
+daarin van die andere zoutverbindingen welke steeds in zeewater worden
+gevonden, is de eenig aanwijsbare grond voor deze minderwaardigheid:
+eene gevolgtrekking, die waarschijnlijk niemand vermoed zou hebben,
+maar door het onlangs gestaafde feit verklaard wordt, dat zoodanige
+zouten 't best voor het bewaren van vleesch geschikt zijn, welke de
+meeste oplosbare chloriden bevatten.
+
+De oever van het meer bestaat uit modder; en hierin liggen talrijke
+groote gipskristallen, waarvan sommige drie inches lang zijn, terwijl
+andere kristallen van zwavelzure soda (glauberzout) aan de oppervlakte
+zijn verspreid. De Gauchos noemen het eerste "Padre del Sal" en het
+tweede "Madre del Sal," daarbij bewerende, dat deze voorouderlijke
+zouten steeds op de oevers der salinas voorkomen, als het water
+begint te verdampen. De modder is zwart en heeft een stinkenden
+reuk. Eerst kon ik mij niet voorstellen wat hiervan de oorzaak was;
+doch later bemerkte ik, dat het schuim, hetwelk de wind naar het
+strand dreef, groen gekleurd was, alsof het watermossen bevatte. Ik
+poogde wat van die groene stof mee naar huis te nemen, maar slaagde
+daarin ongelukkig niet. Sommige deelen van het meer schenen, op korten
+afstand gezien, roodachtig gekleurd, hetgeen waarschijnlijk aan eenige
+infusie-diertjes was toe te schrijven. Op vele plaatsen werd de modder
+door talrijke wormen of Annelides van de eene of andere soort naar
+boven geworpen. Hoe wonderlijk, dat er nog wezens in staat zijn om
+in pekel te leven en tusschen kristallen van zwavelzure kalk en soda
+rond te kruipen! En wat wordt er van deze wormen als de oppervlakte
+gedurende den langen zomer tot eene vaste zoutlaag is verhard?
+
+Talrijke flamingo's (Phoenicopterus) bewonen dit meer, en broeden hier;
+door geheel Patagonië, in Noord-Chili en op de Galápagos Eilanden
+ontmoette ik deze vogels overal waar zoutmeren waren. Ik zag hen hier
+rondwaden om voedsel te zoeken--vermoedelijk wormen die in den modder
+graven; en de laatsten leven waarschijnlijk van infusie-diertjes of
+watermossen. Zoo hebben wij dan eene kleine levende wereld op zich
+zelve, die voor deze binnenlandsche pekelmeren geschikt is. Een klein
+schaaldier (Cancer salinus) leeft, naar men zegt, in tallooze menigte
+in de zoutputten van Lymington, [63] doch alleen in die, waar de
+vloeistof door verdamping sterk geconcentreerd is (bij ongeveer 1/4
+pond zout op één pint water). Terecht mogen wij beweren, dat elk deel
+van de wereld bewoonbaar is! Hetzij pekelmeren, of zoodanige, welke
+onder vulkanische bergen verborgen zijn: hetzij warme minerale bronnen;
+de uitgestrekte ruimten en diepten der zee; de hoogere streken van den
+dampkring en zelfs het oppervlak der eeuwige sneeuw--alle onderhouden
+organische wezens!
+
+
+
+Noordelijk van de Rio Negro, tusschen deze rivier en het bewoonde land
+bij Buenos Aires, hebben de Spanjaarden slechts eene kleine kolonie,
+welke onlangs te Bahia Blanca gevestigd is. De afstand in rechte lijn
+naar Buenos Aires bedraagt op zeer weinig na 500 Britsche mijlen. Daar
+de zwervende stammen der bereden Indianen, die steeds het grootste
+deel van dit land bewoond hebben, de verwijderde estancias onlangs
+zeer lastig vielen, rustte de regeering te Buenos Aires eenigen tijd
+geleden een leger uit onder bevel van generaal Rosas, met het doel
+hen uit te roeien. Thans waren de troepen gekampeerd aan de oevers
+der Colorado-rivier, die omstreeks 80 mijlen ten noorden van de Rio
+Negro ligt. Toen generaal Rosas Buenos Aires verliet, trok hij in
+eene rechte lijn over de maagdelijke vlakten; en nadat het land op die
+wijs vrijwel van Indianen gezuiverd was, liet hij op groote afstanden
+kleine detachementen bereden soldaten achter (zoogenaamde posta's),
+ten einde zoo de gemeenschap met de hoofdstad te onderhouden. Daar de
+Beagle voornemens was Bahia Blanca voor kort te bezoeken, besloot ik
+er over land heen te gaan; en eindelijk breidde ik mijn plan hiertoe
+uit om den geheelen weg naar Buenos Aires over de posta's af te leggen.
+
+[11 Augustus.]
+
+Mr. Harris, een te Patagones wonend Engelschman, een gids en vijf
+Gauchos, die zich naar het strijdvoerende leger begaven, waren mijne
+reisgenooten. Zooals ik reeds zeide, ligt de Colorado omstreeks
+80 mijlen ver; en daar wij langzaam reisden, waren wij twee en een
+halven dag onder weg. De geheele streek die wij doortrokken, verdient
+ternauwernood een beteren naam dan dien van woestijn. Water vindt
+men er slechts in twee kleine putten en heet "frisch;" maar zelfs in
+dezen tijd van het jaar--het regenseizoen--was het geheel brak. Des
+zomers moet het hier een ellendige tocht zijn, want nu was hij al
+mistroostig genoeg. Het dal van de Rio Negro is, ondanks zijn breedte,
+geheel in de zandsteenvlakte uitgehold; want onmiddellijk boven den
+oever waarop de stad ligt, begint een vlakke landstreek, die slechts
+door enkele onbeduidende dalen en ondiepten wordt afgebroken. Overal
+heeft het landschap hetzelfde dorre aanzien: een droge grofzandige
+grond waarop bosjes bruin verweerd gras, en laag verspreid struikgewas
+met doorns gewapend.
+
+Kort nadat wij de eerste bron voorbij waren, kregen wij een
+vermaarden boom in zicht, dien de Indianen als het altaar van Walleechu
+vereeren. Hij ligt op een hoog gedeelte der vlakte en is dus eene baak,
+die op grooten afstand zichtbaar is. Zoodra een Indianenstam hem in
+'t oog krijgt, beginnen zij hem met luide kreten te aanbidden. De
+boom zelf is laag, doch vertakt en doornig; vlak boven den wortel
+heeft hij eene middellijn van omstreeks drie voet. Hij staat geheel
+alleen zonder buurman, en was werkelijk de eerste boom dien wij zagen;
+later ontmoetten wij enkele andere van dezelfde soort; maar zij waren
+verre van algemeen. Daar het winter was, had de boom geen bladeren;
+doch in plaats hiervan tallooze draden, waaraan de verschillende
+offeranden, als: sigaren, brood, vleesch, stukken doek, enz. waren
+opgehangen. Arme Indianen, die niets beters hebben, trekken alleen
+een draad uit hunne poncho's, en hechten dien aan den boom. Rijkere
+Indianen zijn gewoon geestrijke dranken en maté in eene bepaalde
+opening te gieten, en tabaksrook omhoog te blazen, in de meening
+Walleechu zoodoende alle mogelijke genot te verschaffen. Om het
+schouwspel te voltooien, was de boom door de gebleekte beenderen
+van paarden omringd, die als offers geslacht waren geworden. Alle
+Indianen van elken leeftijd en beide seksen brengen hunne offeranden;
+zij denken dan, dat hunne paarden niet moede zullen worden en dat
+zij zelven voorspoedig zullen zijn. De Gaucho die dit alles vertelde,
+zeide, dat hij dit schouwspel in vredestijd gezien had, en dat hij en
+anderen gewoon waren te wachten tot de Indianen hunne hielen hadden
+gelicht, om dan de offeranden van Walleechu te stelen.
+
+De Gauchos denken, dat de Indianen den boom als den God zelven
+beschouwen; maar het schijnt veel aannemelijker, dat zij hem voor het
+altaar aanzien. De eenige reden die ik voor deze keus bedenken kan is,
+dat de boom een baken is op een gevaarlijken tocht. De Sierra de la
+Ventana is op zeer verren afstand zichtbaar; en een Gaucho vertelde
+mij, dat hij eens enkele mijlen ten noorden van de Rio Colorado
+met een Indiaan reed, toen deze plotseling hetzelfde luide geraas
+begon te maken, dat op het eerste gezicht van den verwijderden boom
+gebruikelijk is; tegelijk hield hij de hand voor het hoofd en wees
+in de richting van de Sierra. Naar de reden hiervan gevraagd, zeide
+de Indiaan in gebrekkig Spaansch: "Zie voor het eerst de Sierra."
+
+Omstreeks twee leagues voorbij dezen zeldzamen boom hielden wij halt om
+te overnachten. Op dit oogenblik kregen de scherpziende Gauchos eene
+ongelukkige koe in het oog, die zij in vollen ren achterna snelden,
+weinige minuten later met hunne lazos binnensleepten en daarna
+slachtten. Wij hadden hier de vier levensbehoeften "en el campo,"
+nl. gras voor de paarden, water (slechts een modderpoel), vleesch
+en brandstof. De Gauchos waren hoogst vernuftig in het vinden van al
+deze weelde, en weldra begonnen wij de arme koe op te peuzelen. Dit
+was de eerste nacht dien ik onder den blooten hemel doorbracht,
+met het gareel van mijn zadel als bed. Er ligt een groot genot in
+het onafhankelijke leven van den Gaucho, waar deze elk oogenblik
+zijn paard kan laten stilstaan en zeggen: "Hier zullen wij den nacht
+doorbrengen." De doodsche stilte der vlakte, de wakende honden, de
+zigeuner-gestalten der Gauchos, die om het vuur hun leger opsloegen,
+hebben het beeld van dien eersten nacht zoo diep in mijne ziel gegrift,
+dat ik het nimmer zal vergeten.
+
+Den volgenden dag vertoonde het land weer hetzelfde gelijkvormige
+karakter, als boven is omschreven. Het wordt bewoond door enkele vogels
+of dieren van iedere soort. Nu en dan kan men een hert of guanaco
+(wilde lama of schaapkameel) zien; maar het Aguti (Cavia Patagonica)
+[64] is de meest voorkomende viervoeter. Dit dier vertegenwoordigt
+hier onze hazen, doch verschilt van deze in vele belangrijke punten, en
+heeft bijv. slechts drie teenen aan de achtervoeten. Ook is het bijna
+tweemaal zoo groot, bij een gewicht van 20 tot 25 Eng. ponden. Het
+aguti is een getrouw vriend der woestijn; zoo is het iets gewoons
+in dit landschap twee of drie in eene rechte lijn snel achter
+elkander over deze woeste vlakten te zien springen. Men vindt hen
+noordwaarts tot aan de sierra Tapalguen (37°30' breedte), waar de
+vlakte plotseling groener en vochtiger wordt; en hunne zuidelijke
+grens ligt tusschen Port Desiré en St.-Julian, waar de natuur van
+het land niet verandert. Het is een zonderling feit, dat, hoewel
+het aguti thans niet zoover zuidelijk als Port St.-Julian voorkomt,
+kapitein Wood op zijne reis in het jaar 1670 zegt, dat zij daar
+talrijk waren. Welke oorzaak kan het trekgebied van zulk een dier
+in een uitgestrekt, onbewoond en schaars bezocht land veranderd
+hebben? Ook blijkt uit het aantal door kapitein Wood op één dag
+te Port Desiré geschoten stuks, dat zij daar vroeger aanmerkelijk
+talrijker moeten geweest zijn dan nu. Daar, waar de bizcacha [65]
+leeft en zijn hol maakt, maakt het aguti er gebruik van; waar echter,
+zooals te Bahia Blanca, de bizcacha niet gevonden wordt, graaft het
+aguti voor zichzelf. Hetzelfde gebeurt met den kleinen Pampas-uil
+(Athene cunicularia), waarvan de beschrijving zoo dikwijls gezegd
+heeft, dat hij als schildwacht aan den ingang der holen staat;
+want in Oost-Banda is deze vogel, bij afwezigheid van de bizcacha,
+verplicht zijn eigen woning te graven.
+
+Toen wij den volgenden morgen de Rio Colorado naderden, veranderde
+de aanblik van het landschap. Weldra kwamen wij aan eene met gras
+bedekte vlakte, die om hare bloemen, hooge klaver en kleine uilen
+op de Pampas geleek. Ook trokken wij door een slijkmoeras van
+aanzienlijke uitgestrektheid, dat des zomers opdroogt en met eene
+korst van verschillende zouten bedekt wordt; om die reden draagt het
+den naam van salitrál. Nu was het bedekt met lage sappige planten,
+van gelijke soort als die aan het zeestrand groeien.
+
+Ter plaatse waar wij de Colorado overtrokken, is de rivier slechts
+60 yards breed; doch in 't algemeen moet hare breedte het dubbele
+bedragen. Haar loop is zeer bochtig en slingert zich tusschen
+wilgeboomen en rietbanken. Naar men zegt is de afstand tot den
+mond der rivier in rechte lijn negen leagues, maar te water vijf en
+twintig. Toen wij in booten de rivier overstaken, werden wij door
+talrijke troepen merriën opgehouden, die over de rivier zwommen
+om eene afdeeling soldaten naar het binnenland te volgen. Koddiger
+schouwspel heb ik nooit gezien dan die honderden en honderden koppen,
+alle naar één kant gericht, met gespitste ooren, snuivende, gezwollen
+neusgaten, en even boven het water uitstekende als een groote school
+van eene of andere amphibie. Merrievleesch is het eenige voedsel,
+dat de soldaten hebben als zij op expeditie zijn. Dit verschaft hun
+eene groote gemakkelijkheid van beweging, aangezien paarden zeer ver
+over deze vlakten gedreven kunnen worden. Men verzekerde mij, dat een
+onbelast paard vele dagen achtereen honderd mijlen daags kan afleggen.
+
+Het kamp van generaal Rosas lag dicht bij de rivier, en vormde een
+vierkant van wagens, kanonnen, stroohutten, enz. De manschappen waren
+bijna allen cavaleristen; maar ik geloof, dat er nooit een leger
+heeft bestaan zoo schelm- en bandietachtig als dit. Het meerendeel der
+soldaten was van gemengd ras, van Negers, Indianen en Spanjaarden. Ik
+weet niet waarom, maar lieden van dergelijke afkomst hebben zelden
+eene gunstige gelaatsuitdrukking. Ik vroeg naar den officier van
+administratie om mijn paspoort te toonen. Deze begon mij op de
+hooghartigste en geheimzinnigste manier te ondervragen. Gelukkig
+had ik een aanbevelingsbrief van het gouvernement te Buenos Aires
+aan den commandant van Patagones. [66] Deze brief werd naar generaal
+Rosas gebracht, die mij eene zeer beleefde boodschap zond, welke de
+officier mij lachend en hoffelijk overbracht. Wij namen onzen intrek
+in den rancho of hoeve van een merkwaardigen ouden Spanjaard, die
+onder Napoleon op diens tocht naar Rusland gediend had.
+
+Wij toefden twee dagen aan de Rio Colorado. Ik had hier weinig te doen,
+want het omringende land was een moeras, dat des zomers (December),
+als de sneeuw op de Cordilleras smelt, door de rivier overstroomd
+wordt. Mijne voornaamste bezigheid bestond in het gadeslaan van de
+Indiaansche gezinnen, als zij in den rancho, waar wij logeerden,
+kleine artikelen kwamen koopen. Er werd ondersteld, dat generaal
+Rosas omstreeks 600 Indiaansche bondgenooten had.
+
+Deze Indianen behoorden tot een lang, fraai ras; doch later was aan
+de Vuurlandsche wilden gemakkelijk te zien, hoezeer koude, gebrek
+aan voedsel en geringere beschaving hetzelfde voorkomen afschuwelijk
+maakten. Sommige schrijvers hebben in hunne bepaling van de eerste
+menschenrassen deze Indianen in twee klassen verdeeld; maar dit is
+zeker niet nauwkeurig. Onder de jonge vrouwen of chinas verdienden
+enkele zelfs den naam van "schoon." Heur haar was grof, doch zwart
+en glanzend, en zij droegen het in twee vlechten die tot aan het
+middel hingen. Zij hadden eene hooge kleur en schitterende, fonkelende
+oogen; hare beenen, voeten en armen waren klein en sierlijk gevormd;
+hare enkels en soms hare middels prijkten met breede braceletten of
+blauwe kralen. Geen belangwekkender schouwspel dan enkele van deze
+gezinnen bijeen te zien. Eene moeder kwam dikwijls met een of twee
+dochters op hetzelfde paard gezeten, naar onzen rancho. Zij reden
+als mannen, maar met de knieën hooger opgetrokken. Deze gewoonte komt
+misschien hieruit voort, dat zij bij het reizen steeds de lastpaarden
+berijden. De vrouwen zijn verplicht de paarden te laden en te ontladen,
+de tenten op te slaan voor den nacht, in 't kort, om als de vrouwen
+van alle wilden, nuttige slavinnen te zijn.
+
+De mannen vechten, jagen, zorgen voor de paarden en maken het
+rijgarnituur. Een hunner voornaamste bezigheden thuis is, twee
+steenen zoolang tegen elkander te slaan, dat zij rond worden, om
+daarvan bolas te maken. Met dit belangrijke wapen vangt de Indiaan
+zijn wild, en ook zijn paard, dat vrij over de vlakte zwerft. In het
+gevecht is zijne eerste poging het paard van zijn tegenstander met
+de bolas te doen neertuimelen; en als deze door den val in de klem
+raakt, hem met den chuzo te dooden. Grijpen de bolas slechts den hals
+of het lichaam van een dier, zonder meer, dan worden zij den werper
+dikwijls uit de handen gerukt en zijn verloren. Daar het afronden van
+de steenen twee dagen werk eischt, is de vervaardiging daarvan eene
+zeer gewone bezigheid. Verscheidene mannen en vrouwen hadden rood
+geverfde gezichten; maar nooit zag ik de horizontale strepen, die
+zoo algemeen zijn onder de Vuurlanders. Hun voornaamste trots is om
+alles van zilver te hebben. Ik heb een cacique gezien, wiens sporen,
+stijgbeugels, mesgreep en toom van dit metaal waren; hoofdstel en
+teugels bestonden uit zilverdraad, niet dikker dan zweeptouw. Het
+was een fraai gezicht een vurigen Indiaanschen hengst onder zulk
+een schitterend tooisel te zien zwenken, wat aan de rijkunst een
+merkwaardig kenmerk van sierlijkheid gaf.
+
+Generaal Rosas gaf zijn wensch te kennen mij te zien--eene
+omstandigheid waarover ik later zeer verheugd was. Hij is een man van
+buitengewoon karakter, en heeft een zeer overwegenden invloed in het
+land, dien hij waarschijnlijk tot voorspoed en ontwikkeling ervan
+zal aanwenden. [67] Naar men zegt, is hij eigenaar van 74 vierkante
+leagues land en ongeveer 300000 stuks vee. Zijne landgoederen worden
+voortreffelijk bestuurd en leveren veel meer koren op dan die van
+anderen. Hij kreeg het eerst zijne vermaardheid door zijne wetten
+voor zijn eigen landgoederen en door het onder tucht houden van
+verscheidene honderden manschappen, waardoor hij in staat was de
+aanvallen der Indianen met goed gevolg te weerstaan. Er zijn vele
+verhalen in omloop over de ruwe manier waarop zijne wetten werden
+toegepast. Een dezer was, dat niemand, op straffe van in het blok
+te worden gesloten, des Zondags zijn mes mocht dragen; want daar
+dit de voornaamste dag was voor dobbelen en drinken, ontstonden vele
+twisten, die, wegens de algemeene gewoonte om met het mes te vechten,
+dikwijls noodlottig eindigden. Op zekeren Zondag kwam de Gouverneur
+in groot tenue de estáncia bezoeken. Deze onverwachte gebeurtenis
+verraste generaal Rosas zoozeer, dat hij door den haast, waarin hij
+den Gouverneur tegemoet ging, vergat zijn mes thuis te laten, dat naar
+gewoonte in zijn gordel stak. De rentmeester tikte hem daarom op den
+schouder en herinnerde hem aan de wet; waarop de generaal zich tot
+den Gouverneur wendde, zeggende, dat het hem zeer speet, maar dat hij
+in het blok moest en zelfs in zijn eigen huis geen macht had voordat
+hij er weer uit kwam. Na een poos haalde men den rentmeester over
+het blok te openen en den generaal vrij te laten; maar nauwelijks was
+dit gebeurd, of Rosas keerde zich tot den rentmeester met de woorden:
+"Nu hebt gij de wet overtreden en moet daarom mijne plaats in het blok
+innemen." Dergelijke handelingen vielen in den smaak der Gauchos, die
+allen een hoogen dunk hebben van hunne eigen waardigheid en gelijkheid.
+
+Generaal Rosas is ook een uitstekend ruiter--eene eigenschap van
+geen geringe beteekenis in een land, waar een op de been gebracht
+leger zijn generaal koos door de volgende proef. Een troep ongetemde
+paarden werd in een corrál gedreven en door een poort, waarboven een
+dwarsbalk hing, weer uitgelaten. Nu werd overeengekomen, dat wie van
+den balk op een dezer paarden kon springen, terwijl het naar buiten
+snelde, en in staat was zonder zadel of toom het niet alleen te
+berijden, maar ook naar de deur van den corrál terug te brengen--hun
+generaal zou zijn. De persoon, die daarin slaagde, werd dan gekozen
+en vormde ongetwijfeld een geschikt generaal voor zulk een leger. Deze
+buitengewone daad was ook door Rosas volbracht.
+
+Hierdoor en omdat hij zich in kleeding en gewoonten naar de Gauchos
+schikte, heeft hij eene onbeperkte volksgunst in het land verworven,
+en bijgevolg eene gebiedende macht. Een Engelsch koopman verzekerde
+mij, dat een man, die een ander vermoord had, bij zijne gevangenneming
+en toen hem naar de reden van zijn daad gevraagd werd, antwoordde:
+"Hij sprak op oneerbiedige wijze over generaal Rosas; daarom doodde
+ik hem." Een week later werd de moordenaar in vrijheid gesteld,
+hetgeen zonder twijfel een daad was van de partij van den generaal,
+en niet van dezen zelf.
+
+In gesprek is hij vol geestdrift, lichtgeraakt en zeer ernstig. Zijn
+ernst gaat zelfs zeer ver. Ik hoorde een van zijne hofnarren (want
+hij houdt er twee, zooals voorheen de baronnen), de volgende anecdote
+vertellen:
+
+"Ik was zeer verlangend zeker muziekstuk te hooren, en zoo ging
+ik twee- of driemaal naar den generaal om hem dit te vragen. Hij
+antwoordde: "Ga aan uw werk, want ik ben bezig." Ik kwam voor de tweede
+maal; toen zeide hij: "Als ge nog eens komt, zal ik u straffen." Toen
+ik voor de derde maal vroeg, begon hij te lachen. Ik sidderde en
+snelde de tent uit; maar het was te laat. Hij beval twee soldaten mij
+te grijpen en op de palen te leggen. Ik smeekte bij alle heiligen in
+den hemel mij te laten gaan; maar hij gaf niet toe. Als de generaal
+lacht, spaart hij narren noch wijzen."
+
+De arme grappenmaker keek zeer verdrietig bij de herinnering aan
+die straf. Deze is werkelijk zeer streng: vier palen worden in den
+grond geslagen, en daarop legt men den man met de armen en beenen in
+horizontalen stand, en laat hem zoo verscheidene uren liggen. Het
+denkbeeld is blijkbaar ontleend aan de gewone manier om huiden te
+drogen. Mijn gesprek met den generaal verliep zonder een enkelen
+glimlach; en ik kreeg een paspoort en een bevel voor rijks-postpaarden,
+welke beide stukken mij op de vriendelijkste en bereidwilligste manier
+gegeven werden.
+
+Des morgens vertrokken wij naar Bahia Blanca, dat wij in twee dagen
+bereikten. Toen wij het legerkamp verlieten, trokken wij voorbij de
+toldos der Indianen. Deze zijn rond, als ovens, en met huiden overdekt;
+bij den ingang van elke tent was een spits toeloopende chuzo in den
+grond gestoken. De toldos waren in afzonderlijke groepen verdeeld,
+welke tot de stammen der verschillende caciquen behoorden; en de
+groepen wederom in kleinere, naar gelang van de bloedverwantschap
+der eigenaars. Vele mijlen ver reisden wij door het dal van de Rio
+Colorado. De alluviale vlakten aan den kant schenen vruchtbaar en deden
+vermoeden, dat zij wel geschikt zijn voor den groei van koren. Van de
+rivier noordwaarts gaande, kwamen wij spoedig in eene streek, die van
+de vlakten ten zuiden der rivier verschilde. Wel was het land nog droog
+en onvruchtbaar, maar het bevatte vele verschillende plantensoorten;
+en het gras, hoewel bruin en verweerd, werd overvloediger naarmate
+de doornstruiken schaarscher werden. Na eene kleine uitgestrektheid
+verdwenen deze laatsten geheel, en was de kale vlakte nergens met
+eenig struikgewas bedekt. Deze verandering in plantengroei kenmerkt
+het begin der groote mergelkalk-formatie, waaruit de uitgestrekte
+ruimte der Pampas bestaat en die het granietgesteente van Oost-Banda
+bedekt. [68] Van de Straat van Magelhaen tot de Rio Colorado--een
+afstand van omtrent 800 mijlen--bestaat de oppervlakte van het land
+alom uit grof zand en keisteenen. De keisteenen zijn hoofdzakelijk
+porfier en danken hun ontstaan vermoedelijk aan de rotsen van de
+Cordilleras. Ten noorden van de Rio Colorado neemt de dikte dezer
+formatie af, en worden de steenen uiterst klein; tegelijk houdt hier
+de karakteristieke plantengroei van Patagonië op.
+
+Na omstreeks 25 mijl gereden te hebben, kwamen wij aan een breede
+strook zandduinen, die zich, zoo ver het oog reikt, naar het oosten en
+westen uitstrekt. Doordien deze zandheuvels op de klei rusten, doen
+zij kleine waterpoelen ontstaan, en leveren zoodoende in dit droge
+land een onwaardeerbaren toevoer van zoet water. Het groote voordeel,
+dat uit holligheden en verhevenheden van den bodem voortvloeit, is
+ons dikwijls niet duidelijk. De twee armzalige bronnen op den langen
+tocht tusschen de Negro- en Colorado-rivieren waren een gevolg van
+geringe oneffenheden in de vlakte; zonder deze zou geen druppel water
+gevonden zijn. De strook zandduinen is omtrent acht mijlen breed,
+en vormde waarschijnlijk in een vroeger tijdperk den rand van een
+grooten riviermond, waar nu de Colorado vloeit. In dit district, waar
+overtuigende bewijzen zijn van landrijzing in een niet lang verleden,
+kunnen zulke beschouwingen moeilijk veronachtzaamd worden, al let men
+ook alleen op de physisch geographische gesteldheid van het land. Na
+de zandige streek te zijn doorgetrokken, kwamen wij des avonds aan een
+der posthuizen; en daar de versche paarden op een afstand graasden,
+besloten wij hier den nacht door te brengen.
+
+Het huis was gelegen aan den voet eener tusschen de honderd en
+tweehonderd voet hooge verhevenheid--een zeer merkwaardig verschijnsel
+in deze streek. Deze post werd bestuurd door een neger-luitenant,
+uit Afrika geboortig. Tot zijn eer moet gezegd worden, dat er tusschen
+de Colorado-rivier en Buenos Aires geen enkele rancho zoo net in orde
+was als de zijne. Hij had eene kleine kamer voor vreemdelingen, en een
+kleinen corrál voor de paarden, alles van takken en riet gemaakt; ook
+had hij eene gracht om zijn huis gegraven als middel van verdediging
+bij mogelijke aanvallen. Dit zou echter weinig gebaat hebben indien er
+Indianen waren gekomen; maar zijn voornaamste troost scheen te liggen
+in de gedachte om zijn leven duur te verkoopen. Kort te voren was er
+des nachts een troep Indianen voorbij gekomen; zoo deze het posthuis
+hadden opgemerkt, zou onze zwarte vriend met zijne vier soldaten
+ongetwijfeld zijn omgebracht. Nergens ontmoette ik een beleefder en
+voorkomender man dan deze neger; en daarom was het des te grievender
+te zien, dat hij niet met ons wilde aanzitten en samen eten.
+
+Des morgens lieten wij zeer vroeg de paarden halen en zetten ons
+andermaal in een opwekkenden galop. Wij reden voorbij de Cabeza
+del Buey: een oude naam, die gegeven is aan den uitlooper van een
+groot moeras, dat zich tot Bahia Blanca uitstrekt. Hier wisselden
+wij van paarden en trokken eenige mijlen ver door slijklanden en
+zoutmoerassen. Voor het laatst van paarden verwisselende, begonnen
+wij opnieuw door den modder te waden. Plotseling viel mijn paard en
+werd ik deerlijk in het zwarte slijk gedompeld--een zeer onaangenaam
+voorval, als men niet in 't bezit van andere kleêren is. Eenige mijlen
+van het fort ontmoetten wij een man, die ons vertelde, dat er een
+groot kanon was afgevuurd, hetwelk een sein is dat er Indianen in de
+buurt zijn. Onmiddellijk verlieten wij den weg en volgden den zoom
+van een moeras, dat nog de beste gelegenheid tot vluchten biedt, als
+men wordt nagezet. Tot onze blijdschap kwamen wij binnen de muren van
+het fort, doch vernamen hier, dat al het alarm om niets was geweest,
+daar de Indianen vreedzame lieden bleken te zijn, die naar Generaal
+Rosas wilden gaan.
+
+Bahia Blanca verdient ternauwernood den naam van dorp. Enkele huizen
+en de barakken voor de troepen zijn door eene diepe gracht en een
+versterkten wal omgeven. De nederzetting is nog van jonge dagteekening
+(1828), en heeft bij hare ontwikkeling moeilijke dagen doorleefd. Het
+gouvernement van Buenos Aires nam haar onrechtmatig met geweld in
+bezit, in plaats van het wijze voorbeeld der Spaansche onderkoningen te
+volgen, die het land bij de oudere nederzetting aan de Rio Negro van
+de Indianen kochten. Vandaar de behoefte aan vestingwerken; vandaar
+de weinige huizen en het weinige bebouwde land buiten de grenzen der
+omwalling. Zelfs het vee is niet veilig voor de aanvallen der Indianen
+buiten de grensscheidingen der vlakte waarop de vesting staat.
+
+Wijl het punt van de haven waar de Beagle voornemens was te ankeren,
+25 mijlen ver lag, kreeg ik van den commandant een gids en paarden mede
+om te zien of het schip reeds was aangekomen. Bij het verlaten van de
+groene grasvlakte, die zich langs den zoom van een beekje uitstrekte,
+kwamen wij weldra in een wijde vlakke wildernis, bestaande uit zand,
+zoutmoerassen of enkel modder. Sommige gedeelten waren met lage
+kreupelbosschen bedekt, en andere met die sappige planten, welke
+alléén tieren op plaatsen waar overvloed van zout is. In weerwil dat
+het land slecht was, vloeide het over van struisvogels, herten, agutis
+en armadillen of gordeldieren (Dasypus). Mijn gids vertelde mij, dat
+hij twee maanden geleden er nauwelijks het leven had afgebracht; hij
+jaagde met twee andere mannen niet ver van dit gedeelte van het land,
+toen zij plotseling een troep Indianen ontmoetten, die hen nazetten,
+weldra inhaalden en zijne twee vrienden doodden. Ook de pooten van
+zijn eigen paard werden door de bolas gegrepen; maar hij sprong uit
+den zadel en sneed het werptuig met zijn mes af. Terwijl hij dit
+deed, was hij genoodzaakt om zijn paard heen te snellen, waarbij
+hij twee ernstige wonden door hunne chuzos opliep. Weer in den zadel
+springende, manoeuvreerde hij met verbazende vlugheid voor de lange
+speren zijner vervolgers uit, die hem tot in 't gezicht van het fort
+najoegen. Sedert dien tijd was er streng bevolen, dat niemand zich ver
+van de nederzetting mocht verwijderen. Ik wist dit niet toen ik het
+fort verliet, en had met verwondering gezien hoe ernstig mijn gids naar
+een hert keek, dat geschrokken scheen door iets dat van verre opdook.
+
+Bij onze aankomst was de Beagle er nog niet, zoodat wij den
+terugtocht aanvaardden; maar wijl de paarden spoedig vermoeid waren,
+moesten wij op de vlakte bivouakeeren. Des morgens hadden wij een
+gordeldier gevangen, dat, ofschoon een uitmuntend voedsel als het
+in zijn pantser gebraden wordt, voor twee hongerige menschen geen
+zeer krachtig ontbijt en middagmaal opleverde. Op de plek waar wij
+den nacht zouden doorbrengen, was de grond omkorst met een laag van
+zwavelzure soda en bevatte dus natuurlijk geen water. Toch wisten
+vele kleinere knaagdieren zelfs hier hun leven op te houden, en den
+halven nacht liet de tucutuco zijn zonderling zwak geknor onder mijn
+hoofd hooren. Onze paarden waren van treurig gehalte, en in den loop
+van den morgen waren zij wegens gebrek aan drinken spoedig uitgeput,
+zoodat wij verplicht waren te loopen. Omstreeks 9 ure doodden de honden
+een jonge geit, die wij braadden. Ik at er iets van, maar kreeg daarop
+een ondragelijken dorst. Dit was des te verdrietiger, wijl het pas
+geregend had en de weg vol was van kleine plassen helder water, waarvan
+echter geen druppel drinkbaar. Ik was nauwelijks 20 uur zonder water
+geweest, en slechts gedeeltelijk onder een blakende zon; toch maakte
+de dorst mij zeer slap. Hoe sommige menschen twee of drie dagen in
+zulke omstandigheden kunnen doorbrengen, kan ik niet begrijpen; maar
+tevens moet ik bekennen, dat mijn gids er in 't geheel niet door leed
+en zich verwonderde, dat één dag ontbering voor mij zoo'n straf was.
+
+Ik heb verscheidene malen er op gezinspeeld, dat de bodemoppervlakte
+met een zoutkorst bedekt was. Dit verschijnsel is geheel iets anders
+dan bij de salinas en meer ongewoon. In vele deelen van Zuid-Amerika,
+waar het klimaat matig droog is, komen korstvormingen voor; doch
+nergens heb ik ze zoo menigvuldig gezien als bij Bahia Blanca. Het
+zout bestaat hier, en ook in andere deelen van Patagonië, hoofdzakelijk
+uit zwavelzure soda met geringe bijmengsels van gewoon zout. Zoo lang
+de grond in deze salitráles (gelijk de Spanjaarden hen ten onrechte
+noemen, die deze stof voor salpeter aanzien) vochtig blijft, is er
+niets anders te zien dan eene uitgestrekte vlakte met een zwarten
+modderigen bodem, waarop verspreide bosjes van sappige planten. Keert
+men echter na eene week hitte door een dezer streken terug, dan
+staat men verbaasd de vlakte vierkante mijlen ver zoo wit te zien,
+als ware er een fijne sneeuw gevallen, die hier en daar in hoopjes
+is opgewaaid. Dit laatste verschijnsel wordt voornamelijk hierdoor
+veroorzaakt, dat, gedurende de langzame verdamping van het vocht,
+door ronde doode grasscheutjes, houtstompjes en stukken losse aarde
+de zouten worden omhoog getrokken, in plaats van op den bodem der
+waterpoelen te kristalliseeren. De salitráles komen voor op vlakke
+gronden, die slechts enkele voeten boven den zeespiegel liggen,
+of op alluviaal land dat aan rivieren grenst. Parchappe [69] vond,
+dat de zoutkorst in de vlakte op enkele mijlen afstand van zee,
+voornamelijk uit zwavelzure soda (Na2SO4) bestond, met slechts 7%
+gewoon zout (NaCl), terwijl dichter bij de kust het gehalte aan
+gewoon zout steeg tot 37 procent. Door deze omstandigheid zouden
+wij geneigd zijn te gelooven, dat de zwavelzure soda in den bodem
+ontstaan is uit het chloornatrium of zeezout, dat gedurende de
+langzame en jongste rijzing van dit droge land aan de oppervlakte
+is achtergebleven. Het geheele verschijnsel is wel de aandacht van
+natuuronderzoekers waard. Bezitten de sappige, zoutopnemende planten,
+die naar men weet veel soda bevatten, het vermogen chloornatrium te
+ontleden? Levert de zwarte, stinkende modder, zoo rijk aan organische
+stof, de zwavel en laatstelijk het zwavelzuur?
+
+Twee dagen later reed ik opnieuw naar de haven, toen mijn metgezel,
+dezelfde van vroeger, niet ver van de plaats onzer bestemming drie
+ruiters over de vlakte zag rennen. Onmiddellijk steeg hij af, en hen
+opmerkzaam gadeslaande, zeide hij:
+
+"Zij rijden als Christenen; en niemand mag uit het fort!"
+
+De drie jagers vereenigden zich en stegen van hunne paarden. Eindelijk
+sprong er een weer in den zadel en reed over den heuvel uit het
+gezicht.
+
+"Wij moeten nu ook weer te paard. Laad uw pistool!" zeide mijn
+metgezel, terwijl hij naar zijn zwaard keek.
+
+"Zijn dat Indianen?" vroeg ik.
+
+"Quien sabe?" [70] Zoo het er niet meer dan drie zijn, heeft het niet
+veel te beteekenen."
+
+Toen viel mij in, dat de eene ruiter waarschijnlijk over den heuvel
+was gegaan om de rest van den troep te halen; welk vermoeden ik mijn
+makker mededeelde. Doch al wat ik ten antwoord kreeg was:
+
+"Quien sabe?"
+
+Langzaam en zonder tusschenpoozen verkende zijn oog den verren
+horizon. Daar ik zijne buitengewone koelheid voor een overdreven grap
+hield, vroeg ik hem waarom wij niet naar huis terugkeerden. Ik schrok
+toen hij antwoordde:
+
+"Wij keeren terug, maar in eene richting die dicht langs een moeras
+gaat. Hierin kunnen wij onze paarden laten galoppeeren zoover zij
+kunnen, en dan op onze eigen beenen vertrouwen. Zoo is er geen gevaar."
+
+Ik vertrouwde daar niet zoo geheel op, en wilde onzen draf versnellen.
+
+"Neen," sprak hij, "niet voordat zij het doen."
+
+Als een kleine verhevenheid ons aan het oog onttrok, reden wij
+stapvoets. Eindelijk bereikten wij een dal, sloegen links af en
+draafden snel naar den voet van een heuvel. Mijn metgezel gaf mij zijn
+paard om vast te houden, deed de honden knielen, en kroop op handen
+en voeten rond om de ruiters te verkennen. In die houding bleef hij
+eenigen tijd; maar eindelijk barstte hij in een gelach uit, en riep:
+
+"Son mujeres!" (Het zijn vrouwen.)
+
+Nu herkende hij in haar de vrouw en schoonzuster van den zoon van
+den majoor, die naar struisvogeleieren zochten. Ik heb opzettelijk
+het gedrag van dezen man beschreven, omdat hij handelde in de volle
+overtuiging dat zij Indianen waren. Doch zoodra was deze dwaze
+vergissing ontdekt, of hij noemde mij honderd redenen, waarom het
+geen Indianen zijn konden. Op die oogenblikken had hij echter al deze
+redenen vergeten. Wij reden daarop kalm en gerustgesteld naar een
+hoog punt, Punta Alta genaamd, waar wij de groote haven van Bahia
+Blanca bijna geheel konden overzien.
+
+De uitgestrekte watervlakte wordt door talrijke groote modderbanken
+verstopt, welke de inwoners Cangrejáles noemen, vanwege het aantal
+kleine krabben. De modder is zoo week, dat het zelfs over zeer
+korte afstanden onmogelijk is er over te loopen. Van vele banken is
+de oppervlakte met hooge biezen bedekt, waarvan de toppen alleen
+bij hoog water zichtbaar zijn. Eens, toen wij in eene boot zaten,
+geraakten wij in deze ondiepten zoo verdwaald, dat wij er met veel
+moeite weer uit kwamen. Er was niets te zien dan vlakke modderplaten;
+de lucht was niet zeer helder en met sterke straalbreking, of, zooals
+de zeelieden zeggen: "Een sterke kimrijzing." Het eenige niet vlakke
+voorwerp, dat binnen het bereik van ons oog lag, was de horizon;
+de biezen geleken op struiken die in de lucht hingen, het water op
+modderbanken en de modderbanken op water.
+
+Wij overnachtten op Punta Alta, waar ik mij bezighield met het zoeken
+naar fossiele beenderen, wijl dit punt een waar graf is van monsters
+van uitgestorven diersoorten. De avond was volkomen stil en helder,
+en de uiterst eentonige aanblik der omgeving maakte hem aantrekkelijk
+zelfs te midden van modderbanken en zeemeeuwen, van zandheuvels en
+gieren. Toen wij des morgens terugreden, kruisten wij een zeer versch
+spoor van een Puma, [71] maar konden hem niet vinden. Ook zagen
+wij een paar Zorillo's of Peruaansche stinkdieren, die niet vaak
+gevonden worden. Wat zijn voorkomen betreft, gelijkt de zorillo in
+'t algemeen op een bunzing, maar is iets grooter en naar verhouding
+veel dikker. In het bewustzijn van zijne macht, zwerft hij bij dag
+over de open vlakte en vreest menschen noch honden. Als een hond tot
+den aanval wordt gedwongen, doen een paar druppels van de stinkende
+olie, die een hevige ziekte en ettering uit den neus tengevolge
+heeft, zijn moed terstond bekoelen. Wat eens er mede besmet wordt,
+is voor altijd onbruikbaar. Azara zegt, dat de reuk op een league
+afstand kan worden waargenomen; en meer dan eens, als wij de haven
+van Montevideo bij landwind binnenvoeren, hebben wij den stank van
+dit dier zelfs aan boord van de Beagle bemerkt. Een feit is 't,
+dat elk dier den zorillo eerbiedig uit den weg gaat.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK V.
+
+BAHIA BLANCA.
+
+
+Den 24sten Augustus kwam de Beagle hier aan, en zeilde een week
+later naar de Plata. Met goedvinden van kapitein Fitz-Roy werd ik
+achtergelaten om over land naar Buenos Aires te reizen. Ik zal hier
+eenige waarnemingen vermelden, die gedurende dit bezoek en bij eene
+vorige gelegenheid, toen de Beagle met het opmeten van de haven bezig
+was, gedaan werden.
+
+Op enkele mijlen afstands van de kust behoort de vlakte tot de groote
+Pampas-formatie, welke deels uit roode klei en deels uit een sterk
+kalkhoudend mergelgesteente bestaat. Dichter bij de kust zijn eenige
+vlakten gevormd uit het puin der bovenvlakte, alsmede uit modder,
+kiezel en zand, die gedurende de langzame rijzing van het land door
+de zee zijn opgeworpen. Een bewijs van die rijzing zien wij in de
+drooggelegde lagen met jonge schelpsoorten, en de ronde puimsteenen die
+over het land verspreid zijn. Op Punta Alta hebben wij eene doorsnede
+van een dezer later gevormde kleine vlakten, die zeer belangwekkend
+is om het aantal en het ongewone karakter der overblijfsels van
+reusachtige landdieren, welke hier bedolven liggen. Deze zijn door
+Prof. Richard Owen uitvoerig beschreven in de Dierkunde van de Reis
+van de Beagle, en berusten bij het College of Surgeons. Ik zal hier
+slechts eene korte schets geven van hunne geaardheid.
+
+Ten eerste: stukken van drie hoofden en andere beenderen van het
+Megatherium, welks groote afmetingen door den naam worden uitgedrukt
+[72]--Ten tweede: de Megalonyx, een groot daaraan verwant dier--Ten
+derde: het Scelidotherium, [73] eveneens een verwante soort, waarvan
+ik een bijna volledig skelet vond. Het moet bijna zoo groot geweest
+zijn als een rhinoceros; in den bouw van zijn hoofd komt het, volgens
+Richard Owen, het dichtst bij den Kaapschen Miereneter (Myrmecophaga);
+maar in enkele andere opzichten komt het met de armadillen overeen
+[74]--Ten vierde: de Mylodon Darwinii, een naverwant geslacht van
+weinig mindere grootte--Ten vijfde: een andere reusachtige viervoeter,
+ook tot de Edentata of Tandeloozen behoorende--Ten zesde: een groot
+dier met een beenachtig, in vakken verdeeld pantser, dat veel van
+een armadil wegheeft--Ten zevende: een uitgestorven paardensoort,
+waarop ik nader zal terugkomen--Ten achtste: een tand van een tot de
+Pachydermata of Dikhuidigen behoorend dier, waarschijnlijk hetzelfde
+als de Macrauchenia: [75] een zeer groot dier met een langen hals,
+evenals een kameel, waarop ik eveneens zal terugkomen--Eindelijk:
+de Toxodon, een der zonderlingste dieren welke ooit ontdekt zijn; in
+grootte evenaarde het een oliphant of megatherium, maar de bouw zijner
+tanden--gelijk Owen opmerkt--getuigt onwederlegbaar, dat het nauw aan
+de Knaagdieren verwant was, de orde die tegenwoordig het meerendeel
+der kleinste viervoetige dieren omvat. In vele opzichten is het aan de
+Pachydermata verwant; naar den stand zijner oogen, ooren en neusgaten
+te oordeelen, was het vermoedelijk een waterdier, gelijk de doegong
+(Halicore) of manati (Manatus), waaraan het eveneens verwant is. [76]
+Hoe wonderlijk scherp zijn thans de verschillende orden gescheiden, die
+in den bouw van den Toxodon op verschillende wijzen vereenigd waren!
+
+Men vond de overblijfselen dezer 9 groote viervoeters, met vele
+losse beenderen, binnen eene ruimte van omtrent 200 vierkante yards
+in den bodem van het strand bedolven. Het is een merkwaardig feit,
+dat zooveel verschillende species bijeen gevonden worden, en getuigt
+hoe veelsoortig de oude bewoners van dit land moeten geweest zijn. Op
+ongeveer 30 mijlen afstand van Punta Alta, vond ik in eene kliprots
+van roode aarde verscheidene brokstukken van beenderen: enkele van
+aanzienlijke grootte. Daaronder waren de tanden van een knaagdier,
+welke in grootte zeer op die van de Capybara geleken, wier gewoonten
+wij reeds vroeger beschreven hebben, en dat dus waarschijnlijk een
+waterdier was. Ook was er een stuk van het hoofd van een Ctenomys:
+eene soort, die van den tucutuco verschilde, doch er in 't algemeen
+zeer op geleek. De roode aarde, evenals die van de Pampas waarin deze
+overblijfsels bedolven waren, bevat, volgens Prof. Ehrenberg, acht
+zoetwater- en één zoutwater-infusie-diertjes, en was dus waarschijnlijk
+een riviermond-bezinksel.
+
+De overblijfsels te Punta Alta waren in gelaagd kiezelzand en rooden
+modder begraven, juist zooals de zee thans op een ondiepen oever
+zou kunnen neerslaan. Zij lagen dooreen met 23 soorten schelpen,
+waarvan 13 nieuwere en 4 andere, die nauw aan nieuwere vormen verwant
+waren. Of de zes overige uitgestorven of eenvoudig onbekend zijn,
+is onzeker, wijl op deze kust nog weinig schelpdierenverzamelingen
+gehouden zijn geworden. Daar echter de jongere soorten in nagenoeg
+dezelfde getalverhouding bedolven lagen met die welke nu in de baai
+leven, geloof ik dat er weinig twijfel bestaat of deze laag behoort
+tot een zeer jonge tertiaire formatie. Uit het feit, dat de beenderen
+van het Scelidotherium (waaronder zelfs de knieschijf of patella) in
+hunne juiste standen begraven waren, en dat het beenachtig pantser
+van het groote armadil-achtige dier tegelijk met de beenderen van
+een zijner pooten zoo goed bewaard zijn gebleven, mogen wij veilig
+besluiten, dat deze overblijfsels versch en door hunne ligamenten
+verbonden waren, toen zij met de schelpen in het kiezel werden
+afgezet. Bijgevolg hebben wij goede bewijzen, dat de bovengenoemde
+reusachtige viervoeters, die meer van de tegenwoordige verschillen
+dan de oudste tertiaire viervoeters in Europa, leefden toen de zee
+met de meeste harer tegenwoordige bewoners bevolkt was; en hebben wij
+die merkwaardige wet bevestigd, waarop Charles Lyell zoo vaak gewezen
+heeft: namelijk: dat de levensduur der soorten bij de Zoogdieren over
+het geheel korter is dan die der Testacea of schelpdieren. [77]
+
+De aanzienlijke grootte van de beenderen der Megatheroida (waartoe
+het Megatherium, Megalonyx, Scelidotherium en Mylodon behooren),
+is inderdaad verrassend. De leefwijzen dezer dieren brachten
+natuuronderzoekers geheel in verlegenheid, totdat Prof. Owen het
+vraagstuk onlangs met merkwaardige scherpzinnigheid oploste. [78] De
+tanden bewijzen door hun eenvoudigen bouw, dat deze Megatheroida van
+plantenvoedsel leefden, en waarschijnlijk van de bladeren en kleinere
+takken van boomen. Hunne zware lichaamsvormen en groote, sterke
+gekromde klauwen [79] schijnen zoo weinig voor locomotie of verandering
+van plaats geschikt, dat enkele uitnemende natuuronderzoekers
+werkelijk gemeend hebben, dat zij, evenals de Luiaards, waaraan
+zij nauw verwant zijn, hun voedsel zochten door achterwaarts uit de
+boomen te klimmen, en de bladeren er van te eten. Het was een stout,
+om niet te zeggen ongerijmd denkbeeld aan te nemen, dat er vóór het
+Diluvium zelfs boomen bestaan hebben, waarvan de takken sterk genoeg
+geweest zouden zijn om dieren te dragen, zoo groot als oliphanten. [80]
+Prof. Owen gelooft met veel meer waarschijnlijkheid, dat deze dieren,
+in plaats van in boomen te klimmen, de takken tot zich omlaag trokken,
+en de kleinere bij de wortels afbraken, om zich zoo met de bladeren
+te voeden. De kolossale breedte en zwaarte van hunne achterdeelen,
+die men zich moeilijk kan voorstellen zonder ze gezien te hebben,
+worden, van dit standpunt gezien, een blijkbaar voordeel in plaats van
+een last; hunne schijnbare logheid of plompheid verdwijnt. Met hunne
+groote staarten en reusachtige hielen evenals een drievoet stevig op
+den grond staande, konden zij al de kracht hunner geweldige armen
+en groote klauwen vrijelijk gebruiken. Inderdaad, sterke wortels
+moet de boom gehad hebben, die aan zulke kracht weerstand bood! De
+Mylodon bezat daarenboven eene zeer rekbare tong, evenals de giraffe,
+welke aldus, door een van die schoone voorzorgen der natuur, met zijn
+langen hals zijn bladvoedsel bereikt. Ik moet hierbij opmerken, dat,
+volgens Bruce, de oliphant in Abyssinië, als hij de bladeren met zijn
+snuit niet kan bereiken, met zijn slagtanden diepe inkervingen maakt
+in den stam van den boom, op en neer en overal in 't rond, totdat de
+boom genoegzaam verzwakt is om te worden doorgebroken.
+
+De lagen, die bovengenoemde versteende resten bevatten, liggen
+slechts 15 tot 20 voet boven hoogwaterpeil; indien er dus geen
+tusschenperiode van daling geweest is (waarvan wij geen bewijs hebben),
+is de landrijzing, sedert de groote viervoeters over de omringende
+vlakten zwierven, gering geweest, en moet het uiterlijk voorkomen van
+het land destijds bijna hetzelfde geweest zijn als nu. Hoedanig--zoo
+vraagt men natuurlijk allicht--was het karakter der plantenwereld in
+dat geologisch tijdperk? Was het land even ellendig onvruchtbaar, als
+het nu is? Daar zoovele van de mede begraven schelpdieren dezelfde
+zijn als die welke thans in de baai leven, was ik eerst geneigd te
+gelooven, dat de voormalige plantengroei vermoedelijk gelijk was aan
+de bestaande. Maar dit zou eene verkeerde gevolgtrekking geweest zijn;
+want eenige van deze zelfde schelpdieren leven aan de plantenrijke kust
+van Brazilië; en in 't algemeen is het karakter der zeebewoners een
+onbruikbare gids ter beoordeeling van de landbewoners. Toch geloof ik
+niet, op grond van de volgende overwegingen, dat het feit dat vele
+reusachtige viervoeters op de vlakte rondom Bahia Blanca geleefd
+hebben, op zichzelf een veilige grond is voor de onderstelling, dat
+zij vroeger met een weligen plantengroei bedekt waren. Ik twijfel niet,
+of de dorre, eenigszins zuidelijk bij de Rio Negro gelegen landstreek
+met hare doornige verspreide boomen, zou vele en groote viervoeters
+kunnen onderhouden.
+
+
+
+Dat groote dieren een weligen plantengroei vereischen, is eene
+algemeene onderstelling geweest, die van het eene boek in het andere is
+overgegaan; maar ik aarzel niet te zeggen, dat zij geheel valsch is, en
+dat zij het oordeel der geologen over eenige punten van groot belang in
+de oude geschiedenis der wereld ongeldig heeft gemaakt. Waarschijnlijk
+is het vooroordeel afkomstig uit Indië en de Indische eilanden,
+waar troepen oliphanten, maagdelijke wouden en ondoordringbare
+dsjungels [81] in ieders geest samengaan. Nemen wij echter het een
+of ander werk over reizen in de zuidelijke streken van Afrika ter
+hand, dan zullen wij op bijna elke bladzijde zinspelingen vinden
+op het woestijnachtige karakter der streek, of op het aantal groote
+dieren die haar bewonen. Hetzelfde blijkt uit de vele teekeningen,
+welke van verschillende deelen uit het binnenland in 't licht zijn
+gegeven. Toen de Beagle in Kaapstad was, deed ik een uitstapje van
+eenige dagen het land in, dat minstens voldoende was om hetgeen ik
+gelezen had duidelijker te maken.
+
+Andrew Smith, die aan het hoofd van zijn vermetelen troep er
+onlangs in geslaagd is den Steenbokskeerkring te passeeren, bericht
+mij, dat, zoo men het zuidelijk deel van Afrika in zijn geheel
+beschouwt, er geen twijfel kan bestaan dat het een dor land is. Aan
+de zuidelijke en zuidoostelijke kusten zijn eenige fraaie wouden;
+maar deze uitgezonderd, kan de reiziger dagen lang door open vlakten
+trekken, die met een armen en schralen plantengroei bedekt zijn. Het
+is moeilijk een juist denkbeeld te geven van vergelijkende trappen
+van vruchtbaarheid; doch veilig kan men zeggen, dat de rijkdom der
+plantenwereld welken Groot-Brittannië op zekeren tijd [82] bezit,
+dien van eene gelijke oppervlakte in de binnenlanden van Zuid-Afrika
+misschien zelfs tienmaal overtreft. Het feit, dat ossenwagens in elke
+richting kunnen rijden, behalve in de nabijheid der kust, zonder meer
+dan een half uur oponthoud nu en dan voor het weghakken van struiken,
+geeft misschien een duidelijker begrip van de schaarschheid van den
+plantengroei.
+
+Werpen wij nu een blik op de dieren, die deze wijde vlakten bewonen,
+dan zullen wij hen vinden in buitengewoon groot aantal, gepaard aan
+een reusachtig volume. Wij noemen hier den oliphant; drie soorten
+rhinoceros (en volgens Dr. Smith nog twee andere); het nijlpaard;
+de giraffe; den Zuid-Afrikaanschen os (Bos caffer), zoo groot als een
+volwassen stier; den weinig minder grooten eland; twee zebra's; den
+quagga (paard-zebra); twee gnoe's (paard- of stierhert) en verscheidene
+antilopen, die zelfs grooter zijn dan de laatstgenoemde dieren. Nu
+zou men wellicht denken, dat, ofschoon de species talrijk zijn, het
+aantal individuën van elke soort gering is. Door de welwillendheid
+van Dr. Smith ben ik in staat aan te toonen, dat dit niet het geval
+is. Hij bericht mij, dat hij op 24° breedte gedurende ééne dagreis met
+de ossenwagens, zonder zich ver naar links of naar rechts te begeven,
+tusschen de 100 en 150 rhinocerossen zag, welke tot drie soorten
+behoorden. Denzelfden dag zag hij verscheidene kudden giraffen, te
+zamen ongeveer een honderdtal; en ofschoon geen oliphant gezien werd,
+waren zij toch in dat district te vinden. Op weinig meer dan een
+uur gaans van hunne legerplaats van den vorigen nacht, doodde zijn
+gezelschap op ééne plek acht nijlpaarden en zag er nog verscheidene
+meer. In dezelfde rivier waren ook krokodillen. Natuurlijk was
+het een zeer buitengewoon geval zooveel groote dieren bijeen te
+zien; maar blijkbaar bewijst het, dat zij er in groot aantal moeten
+bestaan. Dr. Smith beschrijft het land, waardoor hij dien dag reisde,
+als dun bedekt met gras, met struiken van omtrent vier voet hoogte,
+en nog dunner met mimosa-boschjes. Niets belette den wagens in bijna
+rechte lijn voort te gaan.
+
+Behalve deze groote dieren, heeft elk die ook maar even met de
+natuurlijke historie van de Kaap bekend is, gelezen van de groote
+kudden antilopen, welke alleen bij zwermen trekvogels te vergelijken
+zijn. Voorts pleit het aantal leeuwen, panthers en hyena's,
+alsook de menigte roofvogels duidelijk voor den overvloed der
+kleinere viervoetige dieren. Op één avond telde men zeven leeuwen,
+die tegelijk om de legerplaats van Dr. Smith slopen. Zooals deze
+bekwame natuuronderzoeker mij opmerkte, moet het dagelijksch bloedbad
+in Zuid-Afrika schrikbarend groot zijn! Ik beken, dat het werkelijk
+verrassend is hoe zulk een menigte dieren bestaan kan vinden in een
+land, dat zoo weinig voedsel voortbrengt. De grootere viervoeters
+zwerven ongetwijfeld door uitgebreide streken om het te zoeken, en
+hun voedsel bestaat hoofdzakelijk uit laaghout, dat waarschijnlijk
+veel voedsel in een klein volume bevat. Ook bericht Dr. Smith mij, dat
+de plantenwereld een snellen groei heeft; nauwelijks is een gedeelte
+verbruikt, of een nieuwe voorraad neemt zijn plaats in. Er kan echter
+geen twijfel bestaan, of onze ideeën over de schijnbare hoeveelheid
+voedsel, noodig voor het onderhoud van groote viervoeters, zijn
+zeer overdreven. Laat ons bedenken, dat de kameel, een dier van geen
+geringe grootte, steeds als het zinnebeeld der woestijn beschouwd is.
+
+De meening, dat waar groote viervoeters leven, noodzakelijk een
+welige plantengroei bestaan moet, is des te zonderlinger, omdat
+het omgekeerde verre van waar is. Burchell deed mij de opmerking,
+dat, toen hij Brazilië introk, niets hem zoozeer trof als de
+pracht der Zuid-Amerikaansche plantenwereld in tegenstelling met
+die van Zuid-Afrika, gevoegd bij de afwezigheid van alle groote
+viervoeters. In zijne reizen [83] heeft hij de meening uitgesproken,
+dat de vergelijking van de respectievelijke gewichten (zoo er voldoende
+gegevens waren) van een gelijk aantal der grootste plantenetende
+viervoeters uit elke landstreek, uiterst belangrijk zou zijn. Nemen
+wij eenerzijds den oliphant, [84] het nijlpaard, de giraffe, den
+Zuid-Afrikaanschen os (Bos caffer), den eland, en zeker drie, maar
+vermoedelijk vijf soorten rhinocerossen; en aan Amerikaansche zijde
+twee tapirs, den guanaco, drie herten, de vicugna (het Peruaansche
+of Vigogne-schaap), het pecari, [85] de capybara (waarna wij onder de
+apen moeten kiezen om het cijfer voltallig te maken): en plaatsen wij
+nu deze twee groepen naast elkander, dan is het niet gemakkelijk meer
+wanverhoudingen in grootte te bedenken dan deze reeksen ons te zien
+geven. Volgens bovenstaande feiten moeten wij dus, tegen vroegere
+waarschijnlijkheid in, [86] besluiten dat er onder de zoogdieren
+geen nauwe verwantschap bestaat tusschen het volume der soorten en
+de hoeveelheid planten in de door hen bewoonde landen.
+
+Wat het getal groote viervoeters betreft, bestaat er zeker geen streek
+op aarde, die de vergelijking met Zuid-Afrika kan doorstaan. Na de
+verschillende gegeven verhalen, zal het uiterst woestijnachtig karakter
+dier streek wel niet betwist worden. In het werelddeel Europa moeten
+wij naar de tertiaire tijdvakken teruggaan, om onder de zoogdieren
+een staat van zaken te vinden, overeenkomende met dien, welke
+thans aan de Kaap de Goede Hoop bestaat. Deze tertiaire tijdvakken,
+die wij als buitengewoon rijk aan groote dieren mogen beschouwen,
+omdat wij op sommige plaatsen de overblijfsels van vele formatiën
+bijeengehoopt zien, konden moeilijk op meer groote viervoeters bogen,
+dan nu Zuid-Afrika. Bij onze bespiegelingen, echter, over den aard der
+plantenwereld gedurende die tijdvakken, zijn wij althans in zoover
+verplicht bestaande analogieën in aanmerking te nemen, dat wij een
+weligen plantengroei niet als volstrekt noodzakelijk beschouwen, nu
+wij aan de Kaap de Goede Hoop een geheel anderen stand van zaken zien.
+
+Wij weten, dat de uiterste gewesten van Noord-Amerika, vele graden
+boven de grens waar de grond op enkele voeten diepte voortdurend
+bevroren is, met wouden van zwaar en hoog geboomte bedekt zijn. [87]
+Evenzoo zien wij in Siberië wouden van berke-, denne-, espe- en
+lorkeboomen groeien op eene breedte, [88] (64°), waar de gemiddelde
+luchttemperatuur onder het vriespunt daalt, en waar de aarde zoo geheel
+bevroren is, dat de karkas van een daarin begraven dier volkomen
+bewaard is. Met deze feiten voor oogen moeten wij, wat alleen de
+quantiteit van den plantengroei betreft, toegeven, dat de groote
+viervoeters der latere tertiaire tijdvakken in de meeste gedeelten
+van Noord-Europa en Azië geleefd kunnen hebben op de plaatsen waar
+thans hunne overblijfselen worden gevonden. Ik spreek hier niet van
+de soort planten, noodig voor hun onderhoud; want daar er bewijzen
+zijn van physieke veranderingen en de dieren uitgestorven zijn, mogen
+wij aannemen, dat ook de plantsoorten verandering hebben ondergaan.
+
+Men veroorlove mij hierbij te voegen, dat deze opmerkingen rechtstreeks
+gelden voor de in het ijs bewaard gebleven Siberische dieren. De vaste
+overtuiging dat eene vegetatie, welke het kenmerk bezat van tropischen
+rijkdom, noodig was voor het onderhoud van zulke groote dieren, en
+de onmogelijkheid om dit te rijmen met de nabijheid van eeuwigdurend
+ijs, waren eene van de hoofdoorzaken der verschillende theorieën van
+plotselinge klimaatomwentelingen en overweldigende natuurrampen, die
+ter verklaring van hunne begraving werden uitgedacht. Ik onderstel
+op verre na niet, dat het klimaat sinds den tijd waarin deze dieren
+leefden die nu in het ijs begraven liggen, niet veranderd is. Voor
+het oogenblik wil ik slechts aantoonen dat, voor zoover alleen de
+hoeveelheid voedsel betreft, de oude rhinocerossen over de steppen
+van Midden-Siberië, [89] zelfs in haren tegenwoordigen toestand,
+gezworven kunnen hebben, evenzeer als de levende rhinocerossen en
+oliphanten over de Karroos van Zuid-Afrika.
+
+
+
+Nu zal ik spreken over de leefwijzen van eenige meer belangrijke
+vogels, die in de woeste vlakten van Noord-Patagonië thuis behoorden;
+en allereerst van den grootsten, of Zuid-Amerikaanschen struisvogel. De
+gewone eigenschappen van den struisvogel zijn aan ieder bekend. Zij
+leven van plantaardig voedsel, als wortels en gras; maar te Bahia
+Blanca heb ik herhaaldelijk drie of vier bij laag water naar de
+uitgestrekte modderbanken zien komen (welke dan droog zijn), om,
+zooals de Gauchos zeggen, zich met kleine visschen te voeden. Hoewel
+zoo schuw, behoedzaam en eenzelvig van aard, en daarbij zoo vlug
+ter been, wordt de struisvogel door de met bolas gewapende Indianen
+of Gauchos zonder veel moeite gevangen. Als verscheidene ruiters in
+een halven cirkel naderen, wordt hij verlegen en weet niet welken
+kant uit te vluchten. In 't algemeen loopen zij bij voorkeur tegen
+den wind in; maar bij den eersten aanloop slaan zij de vleugels uit
+en zetten, evenals een schip, alle zeilen bij. Op een fraaien heeten
+dag zag ik een aantal struisvogels een bosch van hooge biezen ingaan,
+waar zij nederhurkten en zich schuil hielden, totdat men hen dicht
+genaderd was. Niet algemeen bekend is het feit, dat struisvogels zich
+licht te water begeven. Mr. King bericht mij, dat hij deze vogels
+in de Baai van San Blas en te Port Valdès in Patagonië verscheidene
+malen van het eene eiland naar het andere zag zwemmen. Zij liepen
+het water in wanneer zij naar een punt gedreven werden, maar ook uit
+eigen beweging, als men hen niet verschrikte; de afstand waarover
+zij zwommen was ongeveer 200 yards. Onder het zwemmen vertoont zich
+zeer weinig van hun lichaam boven water; hunne halzen zijn iets naar
+voren gestrekt en langzaam komen zij verder. Tweemaal zag ik eenige
+struisvogels over de rivier Santa Cruz zwemmen, op een plek waar deze
+rivier circa 400 yards breed was en een snelle strooming had. Toen
+kapitein Sturt de Murrumbidgee in Australië afzakte, zag hij twee emus
+(ongehelmde casuarissen) bezig met zwemmen.
+
+De bewoners van het land onderscheiden, zelfs op een afstand,
+gemakkelijk het mannetje van het wijfje. Het eerste is grooter en
+donkerder van kleur, en heeft een dikkeren kop. [90] De struisvogel
+[91]--ik geloof het mannetje--brengt een zonderling, diep klinkend,
+fluitend geluid voort; toen ik dit voor het eerst hoorde, terwijl
+ik tusschen eenige zandheuvels stond, dacht ik dat het van een wild
+dier afkomstig was; want het is een geluid, dat men niet kan zeggen
+vanwaar het komt, noch hoe ver het af is. Toen wij in de maanden
+September en October te Bahia Blanca waren, werden de eieren in
+buitengewoon aantal over het geheele land gevonden; zij liggen òf
+verspreid en stuksgewijze, in welk geval zij nooit uitgebroed en
+door de Spanjaarden guachos [92] genoemd worden--òf te zamen in een
+ondiepe holte, die het nest vormt. Van de vier nesten die ik zag,
+bevatten drie elk 22 eieren, en het vierde 27. Gedurende een dag jagen
+te paard werden 64 eieren gevonden; van deze lagen 44 in twee nesten,
+en de overige 20 waren verspreide guachos. Eenstemmig verklaren de
+Gauchos--en er is geen reden om aan hunne woorden te twijfelen--dat
+het mannetje alléén de eieren uitbroedt, en later de jongen eenigen
+tijd vergezelt. Het mannetje ligt zeer dicht op het nest; ik zelf ben
+er bijna over heen gereden. Men beweert, dat zij in zulke tijden soms
+woest en zelfs gevaarlijk zijn, en dat zij een man te paard aanvallen,
+pogende hem te schoppen en tegen hem op te springen. Mijn berichtgever
+wees mij een oud man, die eens, door zulk een struisvogel achtervolgd,
+in grooten angst verkeerd had. In Burchell's reizen in Zuid-Afrika
+vind ik de opmerking: "Toen ik eens een mannetjes-struis gedood had,
+wiens vederen morsig waren, vertelden mij de Hottentotten, dat het een
+nestvogel was." Ik verneem, dat de mannelijke emu in den Zoölogischen
+Tuin zich met de zorg over het nest belast; deze eigenschap is dus
+aan de familie gemeen.
+
+De Gauchos getuigen eenstemmig, dat verscheidene wijfjes in één
+nest leggen; en met zekerheid is mij verteld, dat men vier of vijf
+wijfjes op het midden van den dag achter elkander naar hetzelfde
+nest heeft zien gaan. Ik kan er nog bijvoegen, dat men in Afrika
+gelooft, dat twee of meer wijfjes in één nest leggen. [93] Ofschoon
+deze gewoonte, oppervlakkig beschouwd, zeer vreemd schijnt, geloof
+ik toch, dat de oorzaak op eenvoudige wijze te verklaren is. Het
+getal eieren in het nest wisselt af van 20 tot 40, en zelfs tot 50
+(volgens Azara soms tot 70 of 80). Ofschoon het nu, deels omdat het
+aantal in één district gevonden eieren zoo buitengewoon groot is in
+verhouding tot de ouders, anderdeels wegens den bouw van het ovarium
+bij het wijfje--zeer waarschijnlijk is, dat dit in den loop van het
+seizoen een groot aantal eieren legt, moet de tijd daarvoor toch
+zeer lang zijn. Azara zegt, [94] dat een wijfje in tammen staat 17
+eieren legde, elk na drie dagen tusschenruimte. Ware nu het wijfje
+genoodzaakt hare eigen eieren te broeden voordat het laatste gelegd
+was, dan zou het eerste waarschijnlijk bedorven of verrot zijn; maar
+zoo elk op achtereenvolgende tijdstippen en in verschillende nesten een
+paar eieren legde, en verscheidene wijfjes zich vereenigden (zooals
+werkelijk bevestigd is), dan zouden de eieren in één verzameling
+ongeveer even oud zijn. Zoo het getal eieren in één dezer nesten
+gemiddeld niet grooter is (naar ik geloof) dan het aantal dat een
+wijfje in het seizoen legt, moeten er evenveel nesten als wijfjes zijn,
+en zal elk mannetje zijn juist aandeel in het werk der broeding hebben,
+en wel gedurende een tijdperk dat de wijfjes waarschijnlijk niet
+konden zitten, omdat zij nog niet al hare eieren gelegd hadden. [95]
+
+Reeds heb ik over het groot aantal guachos of verlaten eieren
+gesproken, waarvan er op één dag twintig gevonden kunnen
+worden. Zonderling schijnt het, dat zoo vele verloren gaan. Zou dit
+niet hieruit voortkomen, dat vele wijfjes zich moeilijk vereenigen en
+een mannetje vinden, bereid de taak der broeding op zich te nemen? Het
+is duidelijk, dat er allereerst zekere neiging tot vereenigen moet
+bestaan tusschen minstens twee wijfjes; anders zouden de eieren over de
+uitgestrekte vlakten verspreid liggen op afstanden veel te groot opdat
+het mannetje ze in één nest zou kunnen verzamelen. Enkele schrijvers
+hebben gemeend, dat de verspreide eieren als voedsel voor de jonge
+vogels gelegd werden. In Amerika kan dit moeilijk het geval wezen, daar
+de guachos, ofschoon dikwijls bedorven en verrot, meestal heel zijn.
+
+Toen ik aan de Rio Negro in Noord-Patagonië was, hoorde ik de Gauchos
+herhaaldelijk spreken over een zeer zeldzamen vogel, dien zij Avestruz
+Petise noemden. [96] Zij beschreven hem als kleiner dan de gewone
+struisvogel (die daar veel voorkomt), doch in 't algemeen er veel op
+gelijkende. Zij zeiden, dat zijne kleur donker en gevlekt was, en dat
+zijn pooten korter en lager gevederd waren dan die van den gewonen
+struisvogel. Hij wordt gemakkelijker met de bolas gevangen dan de
+andere soort. De weinige bewoners die beide soorten gezien hadden,
+bevestigden dat zij de vogels op grooten afstand van elkander konden
+onderscheiden. De eieren der kleine soort schenen echter meer algemeen
+bekend; en tot mijne verbazing merkte ik op, dat zij zeer weinig
+kleiner waren dan die van den Struthio rhea, doch eenigszins anders van
+vorm en met een zweem naar lichtblauw. Deze soort vindt men zeer zelden
+in de vlakten langs de Rio Negro; maar ongeveer 1°30' zuidelijker zijn
+zij vrij talrijk. Gedurende mijn verblijf te Port Desiré in Patagonië
+(48° breedte) schoot Martens een struisvogel. Bij het zien van dit
+dier, vergat ik voor het oogenblik op de onverklaarbaarste wijze
+de geheele species der Abestrúz Petise, en hield den vogel voor
+een niet volwassen exemplaar der gewone soort. Hij was gekookt en
+gegeten voordat mijn geheugen terugkeerde. Gelukkig waren kop, hals,
+pooten, vleugels, verscheidene groote veêren en een groot stuk van
+de huid bewaard gebleven, waaruit een nagenoeg volledig exemplaar
+werd bijeengebracht en thans in het Museum der Zoological Society
+tentoon gesteld is. Bij zijne beschrijving van deze nieuwe species,
+heeft Gould mij de eer aangedaan ze naar mij te noemen.
+
+Onder de Patagonische Indianen in de Straat van Magelhaen vonden wij
+een halfbloed Indiaan, die eenige jaren bij zijn stam geleefd had,
+maar in de noordelijke provinciën geboren was. Ik vroeg hem of hij ooit
+van den Abestrúz Petise gehoord had. Hij antwoordde met te zeggen:
+"Wel, in deze zuidelijke streken zijn geen andere." Hij deelde mij
+mede, dat het getal eieren in het nest van den Petise aanmerkelijk
+kleiner is dan in dat der andere soort, namelijk gemiddeld niet
+meer dan vijftien; maar hij verzekerde, dat zij door meer dan één
+wijfje gelegd werden. Aan de Santa Cruz zagen wij verscheidene dezer
+vogels. Zij waren uiterst voorzichtig, en ik geloof dat zij iemand
+konden zien naderen op afstanden te ver om zelve gezien te worden. Bij
+het opvaren van de rivier zagen wij er weinige; doch toen wij haar in
+snelle vaart afzakten, werden er vele in troepen van twee, vier of vijf
+gezien. Wij merkten op, dat deze vogel niet de vleugels uitspreidde als
+hij zijn eersten aanloop nam, gelijk de noordelijke species gewoon is
+te doen. Tot besluit wil ik opmerken dat de Struthio rhea het land van
+La Plata bewoont tot 41° breedte--even bezuiden de Rio Negro, en dat
+de Struthio Darwinii hem in zuidelijk Patagonië vervangt, zoodat het
+deel nabij de Rio Negro onzijdig gebied is. Toen A. d'Orbigny zich aan
+de Rio Negro bevond, deed hij groote moeite om dezen vogel machtig te
+worden, wat hem echter nooit gelukt is. [97] Aan Dobrizhoffer was het
+lang geleden bekend, dat er twee soorten struisvogels zijn. [98] Hij
+zegt: "Daarbij moet gij weten, dat de emus in verschillende deelen van
+het land in grootte en eigenschappen verschillen. Zij, die de vlakten
+van Buenos Aires en Tucuman bewonen, zijn grooter en hebben zwarte,
+witte en grijze veêren; de andere bij de Straat van Magelhaen zijn
+kleiner en fraaier, want hunne witte veêren zijn aan het einde zwart
+gepunt, en omgekeerd hebben hunne zwarte veêren witte punten."
+
+Een zeer zonderlinge kleine vogel, Tinochorus rumicivorus, is hier
+inheemsch. In zijne eigenschappen en algemeen voorkomen draagt
+hij ongeveer de kenmerken zoo van den kwartel als van de snip--hoe
+verschillend deze ook zijn. Den Tinochorus vindt men over geheel
+Zuid-Amerika, waar dorre vlakten of open droge weilanden zijn. Hij
+bewoont paarsgewijze of in kleine troepen de eenzaamste plaatsen,
+waar haast geen ander levend wezen bestaan kan. Als men hen nadert,
+hurken zij laag bij den grond, en zijn dan zeer moeilijk hiervan te
+onderscheiden. Wanneer zij voedsel zoeken, loopen zij langzaam, met de
+pooten wijd vaneen. Op wegen en zandige plaatsen wentelen zij zich in
+'t stof; en er zijn dan bepaalde plekken, waar men hen dag aan dag kan
+vinden. Verschrikt, vliegen zij als patrijzen in ééne vlucht weg. In
+al deze bijzonderheden: in den gespierden, voor plantaardig voedsel
+geschikten krop; in den gewelfden bek en vleezige neusgaten, in de
+korte pooten en vorm der voeten gelijkt de Tinochorus zeer veel op den
+kwartel. Maar nauwelijks ziet men den vogel vliegen, of zijn geheele
+voorkomen verandert; de lange puntige vleugels, zoo verschillend van
+die in de orde der Gallinaceae; de onregelmatige wijze van vliegen,
+en de klagende kreet, dien hij uit op het oogenblik van stijgen, doen
+denken aan de snip. De jagers van de Beagle noemden hem eenstemmig de
+kortsnavelige snip. Zijn skelet toont aan, dat hij werkelijk aan dit
+geslacht, of liever aan de Orde der Steltloopers (Grallae) verwant is.
+
+De Tinochorus is nauw aan eenige andere Zuid-Amerikaansche vogels
+verwant. Twee soorten van het geslacht Attagis zijn, wat hare
+leefwijzen en gewoonten betreft, in bijna alle opzichten sneeuwhoenders
+(Lagopus; familie der woudhoenders of Tetraonidae) [99]; de eene leeft
+in Vuurland, boven de grenzen van het woudland, en de andere juist
+onder de sneeuwgrens op de Cordilleras van Midden-Chili. Een vogel van
+een ander naverwant geslacht, Chionis alba, bewoont de Zuidpoolstreken;
+hij leeft van zeewier en schelpdieren op de rotsen, die met het
+getij droog loopen. Ofschoon hij om eene onverklaarbare reden geen
+zwempooten heeft, wordt hij dikwijls ver in zee aangetroffen. Deze
+kleine vogel-familie is een dergene die, hoewel zij den systematischen
+natuuronderzoeker nu niets dan moeilijkheden oplevert, ten slotte
+door hare gewijzigde verwantschappen tot andere familiën dienstig kan
+zijn om het groote schema van dit en vroegere tijdperken te openbaren,
+naar hetwelk de organische wezens geschapen zijn.
+
+Het geslacht Furnarius omvat verscheidene soorten kleine vogels,
+die op den grond leven en open droge streken bewonen. In bouw kunnen
+zij niet bij eenigen Europeeschen vorm vergeleken worden. Ornithologen
+hebben hen algemeen onder de Pimpelmeezen of Boomkruipers (Certhiidae)
+[100] gerangschikt, ofschoon zij in al hunne gewoonten lijnrecht van
+die familie afwijken. De best bekende soort is de gewone Ovenvogel van
+La Plata, de Casara of Huizenmaker der Spanjaarden. Het nest, waaraan
+hij zijn naam ontleent, bevindt zich op de meest blootgestelde punten:
+als op den top van een paal, eene naakte rots of op een cactus. Het is
+samengesteld uit modder en stukjes stroo, en heeft lange dikke wanden;
+in vorm gelijkt het volmaakt op een oven of ingedrukten bijenkorf. De
+opening is breed en gewelfd; en vlak vooraan in het nest is eene
+afdeeling, die bijna tot het dak reikt en zoo eene voorkamer of
+doorgang vormt naar het eigenlijke nest.
+
+Eene andere en kleinere soort Furnarius (F. cunicularius) gelijkt op
+den ovenvogel in de meestal roodachtige tint zijner vederen, in een
+eigenaardigen schellen herhaalden kreet, en in zijne zonderlinge manier
+van loopen met sprongen. Om zijn verwantschap tot de Casara, noemen de
+Spanjaarden hem Casarita (of kleine Huizenmaker), niettegenstaande de
+bouw van zijn nest een geheel andere is. De casarita bouwt haar nest
+op den bodem van een smal cilindervormig gat, dat zich ongeveer zes
+voet horizontaal onder den grond heet uit te strekken. Verscheidene
+landlieden vertelden mij, dat zij als jongens getracht hadden zulk
+een nest uit te halen, maar bijna nooit het einde van het gat hadden
+kunnen bereiken. De vogel kiest een lagen dam of stevigen zandgrond
+aan den kant van een weg of stroom. Hier (in Bahia Blanca) zijn de
+muren om de huizen van harden modder gebouwd; en ik merkte op, dat
+een die eene binnenplaats omringde waar ik gelogeerd was, op een
+twintigtal plaatsen van ronde gaten was doorboord. Op mijne vraag
+aan den eigenaar naar de oorzaak hiervan, klaagde hij bitter over de
+kleine casarita, waarvan ik later verscheidene aan het werk zag. Het
+is merkwaardig te zien hoe onvatbaar deze vogels zijn om eenig begrip
+van dikte te krijgen; want hoewel zij voortdurend over den lagen muur
+fladderden, gingen zij vruchteloos voort met er doorheen te boren,
+meenende dat de muur een uitmuntende dam voor hunne nesten was. Ik
+twijfel niet of elke vogel moet zeer verbaasd geweest zijn, telkens
+als hij aan den anderen kant het daglicht zag.
+
+Ik heb reeds bijna alle zoogdieren opgenoemd, die in dit land
+voorkomen. Van armadillen vindt men drie soorten, namelijk: Dasypus
+minutus of pichy; D. villosus of peludo, en de apár. De eerste
+verspreidt zich 10 graden zuidelijker dan een der andere soorten;
+een vierde soort, mulita, wordt op de breedte van Bahia Blanca of
+zuidelijker niet aangetroffen. Deze vier soorten hebben bijna dezelfde
+gewoonten; maar de peludo is een nachtdier, terwijl de andere bij dag
+over de open vlakte zwerven en leven van kevers, larven, wortels en
+zelfs van kleine slangen. De apár, gewoonlijk mataco geheeten, is
+merkwaardig omdat hij slechts drie beweeglijke ringen heeft, [101]
+terwijl de rest van zijn pantser bijna onbuigzaam is. Hij bezit het
+vermogen zich tot een volkomen bal samen te rollen, evenals eene soort
+Europeesche houtluis. In dezen toestand is hij veilig voor de aanvallen
+van honden; want niet in staat den geheelen bol in zijn bek te nemen,
+tracht de hond er in te bijten, met het gevolg dat de bal wegrolt. Het
+gladde harde pantser van den Mataco biedt eene betere verdediging,
+dan de scherpe pennen van het stekelvarken (Hystrix).
+
+De Pichy geeft de voorkeur aan een zeer drogen grond: en de zandduinen
+bij de kust, waar hij vele maanden lang geen water kan proeven, zijn
+zijn geliefkoosd toevluchtsoord. Dikwijls tracht hij aan de aandacht
+te ontsnappen door zich plat tegen den grond te drukken. Gedurende
+een dag rijden in de omstreken van Bahia Blanca komt men er meestal
+verscheidene tegen. Op het oogenblik dat er een gezien werd, moest men
+bijna van zijn paard vallen om hem te grijpen; want in een zachten
+grond groef het dier zich zoo snel in, dat zijne achterpooten haast
+verdwenen eer men af kon stijgen. Het schijnt bijna jammer zulke
+aardige kleine dieren te dooden; want zooals een Gaucho, die zijn mes
+op den rug van een hunner scherpte, terecht zeide: "Son tan mansos"
+(Zij zijn zoo zachtaardig).
+
+Van kruipende dieren vindt men vele soorten. Een slang (Trigonocephalus
+of Cophias) moet, wegens de grootte van het giftkanaal in hare
+gifttanden, zeer doodelijk zijn. In tegenstelling met eenige andere
+natuuronderzoekers, noemt Cuvier haar een subgenus van de Ratelslang
+(Crotalus), staande tusschen deze en de adder (Vipera, Coluber). Deze
+meening wordt bevestigd door een feit, hetwelk ik waarnam en dat mij
+zeer merkwaardig en leerrijk toeschijnt, wijl het aantoont, dat elk
+kenmerk neiging heeft tot langzame veranderingen, al is het ook in
+zekeren zin onafhankelijk van den bouw zelven. Het staarteinde dezer
+slang loopt uit in een punt, die zeer zwak vergroot wordt; als nu
+de slang voortglijdt, brengt zij het laatste eindje in gestadige
+trilling, zoodat, als het tegen het droge gras of struikgewas
+aanslaat, een ratelend geluid wordt voortgebracht, dat op zes voet
+afstands duidelijk hoorbaar is. Telkens als het dier geplaagd of
+verrast werd, schudde het zijn staart; en de trillingen waren zeer
+snel. De neiging tot deze gewone beweging bleek zelfs, zoolang het
+lichaam zijne prikkelbaarheid behield. De Trigonocephalus heeft dus
+in sommige opzichten den bouw van een adder, met de eigenschappen van
+eene ratelslang; het geluid wordt hier echter door een eenvoudiger
+inrichting voortgebracht. De gelaatsuitdrukking van deze slang was
+afschuwelijk en woest; de pupil bestond uit een verticale spleet in
+een gevlekte en koperkleurige iris; de kaken waren aan het ondereinde
+breed, en de neus eindigde in een driehoekig uitsteeksel. Ik herinner
+mij niet ooit iets leelijkers gezien te hebben, behalve misschien
+enkele vledermuizen. Dit terugstootend uiterlijk is, geloof ik,
+hieraan te wijten dat de trekken onderling geplaatst zijn in standen,
+welke eenige overeenkomst hebben met die van het menschelijk gelaat;
+en zoo verkrijgen wij eene schaal van afzichtelijkheid.
+
+Onder de familie der Batrachia of Kikvorschachtige Reptilia vond
+ik eene kleine padde [102] (Phryniscus nigricans), die eene zeer
+zonderlinge kleur bezat. Stellen wij ons voor, dat deze padde
+eerst gedoopt werd in gitzwarten inkt, daarna gedroogd en eindelijk
+gezet op een versch met helder vermiljoen geverwde plank, zoodat
+zij, voortkruipende, hare voetzolen en een deel van het onderlijf
+rood kleurde--dan zal men een goed denkbeeld krijgen van haar
+voorkomen. Indien zij eene onbenoemde soort geweest was, had zij
+stellig Diabolicus genoemd moeten worden, want deze padde is wel
+geschikt om ons op een dwaalspoor te brengen. In plaats van eene
+nachtelijke leefwijze te hebben, zooals andere padden, en in donkere
+moerassige schuilhoeken te wonen, kruipt zij gedurende de hitte van
+den dag over droge zandheuvels en dorre vlakten, waar geen droppel
+water te vinden is. Voor het door haar vereischte vocht hangt zij
+noodzakelijk van den dauw af, die waarschijnlijk door de huid wordt
+opgeslurpt; want het is bekend, dat de huid dezer kruipende dieren
+een sterk inzuigend vermogen bezit. Te Maldonado vond ik er een op
+eene bijna even droge plek als te Bahia Blanca; en denkende haar
+smakelijk te onthalen, bracht ik haar naar een waterplas. Het kleine
+dier was echter niet alleen onbekwaam tot zwemmen, maar zou, geloof
+ik, zonder hulp ook spoedig verdronken zijn.
+
+Van hagedissen (Lacerta) waren er verscheidene soorten; maar
+slechts eene (Proctotretus multimaculatus) is merkwaardig om
+hare eigenschappen. Zij leeft in het kale zand nabij de zeekust,
+en kan door hare bonte kleur--bruine met wit, geelrood en vaalblauw
+gespikkelde schubben--moeilijk van den omgevenden grond onderscheiden
+worden. Wordt zij opgeschrikt, dan poogt zij zich aan ontdekking
+te onttrekken door met uitgestrekte pooten, platgedrukt lichaam
+en gesloten oogen zich dood te houden; nog verder lastig gevallen,
+graaft zij zich met groote snelheid in het mulle zand. Door haar plat
+lichaam en korte pooten kan deze hagedis niet vlug loopen.
+
+Ik zal hier enkele opmerkingen bijvoegen over het overwinteren van
+dieren in dit gedeelte van Zuid-Amerika. Toen wij op 7 September 1832
+voor het eerst te Bahia Blanca kwamen, dachten wij, dat de natuur aan
+deze zandige en droge streek bijna geen enkel levend wezen geschonken
+had. Maar toen wij in den grond groeven, werden verscheidene insecten,
+groote spinnen en hagedissen in half verstijfden toestand gevonden. Op
+den 15den begonnen enkele dieren voor den dag te komen, en omstreeks
+18 September (drie dagen vóór de nachtevening) kondigde alles het
+begin der lente aan. De vlakten tooiden zich met de bloemen van een
+bleekroode zuringklaver (Oxalis), wilde boonen, wederikplanten, [103]
+en geraniums; en de vogels begonnen hunne eieren te leggen. Talrijke
+insecten (Lamellicornia en Heteromera)--laatstgenoemden merkwaardig
+om hunne diep gegraveerde lichamen, kropen langzaam rond; terwijl
+de hagedissen, die standvastige bewoners van een zandigen bodem, in
+alle richtingen wegsnelden. Gedurende de eerste elf dagen, toen de
+natuur nog sliep, bedroeg de gemiddelde temperatuur uit waarnemingen,
+welke om de twee uur aan boord van de Beagle gedaan werden, 51°; en
+op het midden van den dag steeg de thermometer zelden boven 55°. Op
+de elf volgende dagen, toen alle levende wezens zoo bezield werden,
+was de gemiddelde temperatuur 58°, en op het midden van den dag
+wisselde zij tusschen 60° en 70°. Hier was dus een stijging van 7°
+voor de gemiddelde, maar eene grootere voor de maxima-temperatuur
+voldoende om de levens-functiën te doen ontwaken.
+
+Te Montevideo, waar wij pas van daan waren gezeild, bedroeg in de 23
+dagen tusschen 26 Juli en 19 Augustus de gemiddelde temperatuur uit 276
+waarnemingen 58.4°; de heetste dag was gemiddeld 65.5° en de koudste
+46°. Het laagste punt waarop de thermometer viel was 41.5°, en op het
+midden van den dag steeg hij soms tot 69° of 70°. Ondanks deze hooge
+temperatuur, lagen bijna alle kevers, verscheidene soorten spinnen,
+slakken en landschelpdieren, padden en hagedissen verstijfd tusschen
+de steenen. Boven hebben wij echter gezien, dat in het 4° zuidelijker
+gelegen Bahia Blanca, waar het klimaat dus slechts zeer weinig kouder
+is, diezelfde temperatuur met eene iets lagere maxima voldoende was
+om alle klassen van bezielde wezens te doen ontwaken. Dit toont aan
+hoe nauwkeurig de prikkel, noodig om overwinterende dieren te doen
+herleven, beheerscht wordt door het gewone klimaat van het district,
+en niet door de absolute warmte.
+
+Het is een welbekend feit, dat de overwintering, of juister gezegd de
+overzomering der dieren binnen de keerkringen niet door de temperatuur,
+maar door de tijden van droogte bepaald wordt. Bij Rio de Janeiro
+trof mij allereerst de ontdekking, dat eenige kleine holten weinige
+dagen nadat zij met water waren gevuld, bevolkt waren door tal van
+volwassen schelpdieren en kevers, die daar in slapenden toestand
+gelegen moeten hebben. Humboldt heeft het zonderlinge feit vermeld,
+dat eene hut gebouwd was op eene plek waar een jonge krokodil in den
+harden modder begraven lag. Hij voegt er bij: "De Indianen vinden
+dikwerf reusachtige boa's, die zij Uji of waterslangen noemen,
+in denzelfden verdoofden staat. Om ze te doen herleven, moeten zij
+geprikkeld of met water worden bevochtigd."
+
+Terloops wil ik een ander dier vermelden (Virgularia Patagonica,
+naar ik meen), eene soort Zeeveder (Pennátula) en tot de Zoophyta
+of Plantdieren behoorende. Het bestaat uit een dunnen, rechten,
+vleezigen steel met afwisselende rijen poliepen aan elken kant,
+binnen welken eene veerkrachtige steenen as, waarvan de lengte
+afwisselt van acht inches tot twee voet. De steel is aan het eene
+einde afgeknot, maar eindigt aan het andere in een wormvormig vleezig
+aanhangsel. De steenachtige as, die aan den steel vastheid geeft,
+vertoont geen andere bijzonderheid dan dat zij met dit einde uitloopt
+in een zakje, dat met korrelachtige stof gevuld is. Bij laag water kan
+men honderden van die zoophyta als stoppels, met het afgeknotte eind
+omhoog, enkele inches boven de oppervlakte van het modderige zand
+zien uitsteken. Raakt men ze aan of trekt men er aan, dan trekken
+zij zich plotseling met zulk een kracht in, dat zij bijna of geheel
+verdwijnen. Door deze werking moet de zeer veerkrachtige as aan haar
+ondereinde, waar zij uiteraard eenigszins gekromd is, gebogen worden;
+en ik denk, dat de zoöphiet alleen door deze veerkracht in staat is
+weer door den modder boven te komen. Ondanks de nauwe vereeniging met
+hare natuurgenooten, heeft elke poliep een duidelijken mond, lichaam
+en voelhorens. Bij een groot exemplaar moeten vele duizenden van deze
+poliepen bestaan; toch zien wij dat alle door ééne beweging gedreven
+worden. Ook hebben zij ééne centrale as, die in verband staat met
+een onbekend circulatie-stelsel; en de eieren worden voortgebracht in
+een orgaan, dat onafhankelijk is van elk individu afzonderlijk. [104]
+Terecht mag hier de vraag gedaan worden: wat is dit voor een individu?
+
+Het is altijd van belang na te gaan op welken grondslag de
+zonderlinge verhalen der oude reizigers berusten; en ik twijfel
+niet of de eigenschappen van deze Virgularia verklaren een dergelijk
+geval. Kapitein Lancaster verhaalt in zijne reis [105] van 1601, dat
+hij in het zeezand van het eiland Sombrero in Oost-Indië "een klein
+takje vond, dat als een jonge boom opgroeit, maar bij een poging om
+het uit te rukken, tot den grond toe inkrimpt en wegzinkt, tenzij
+dat men het stevig vasthoudt. Rukt men het uit, dan vindt men dat
+zijn wortel uit een grooten worm bestaat; deze worm wordt kleiner,
+naarmate de boom wast; en zoodra de worm geheel in een boom veranderd
+is, wortelt hij in de aarde en bereikt zoo zijne volle grootte. Deze
+gedaanteverwisseling is een van de zonderlingste wonderen, die ik
+op al mijne reizen zag; want als deze boom, terwijl hij nog jong
+is, uit den grond wordt getrokken en van bast en bladeren beroofd,
+wordt hij, gedroogd, zoo hard als steen, evenals witte koraal. Deze
+worm ondergaat dus twee gedaanteverwisselingen in verschillende
+natuurrijken. Wij hebben vele er van verzameld en thuis gebracht."
+
+
+Tijdens mijn verblijf te Bahia Blanca, waar ik op de Beagle wachtte,
+verkeerde de plaats in een voortdurenden staat van opwinding,
+op geruchten van oorlogen en overwinningen tusschen de troepen van
+Rosas en de wilde Indianen. Op zekeren dag kwam het bericht, dat eene
+kleine afdeeling, op een der posten aan de lijn naar Buenos Aires,
+tot den laatsten man vermoord was. Daags daarop kwamen 300 man van de
+Colorado onder bevel van commandant Miranda. Onder deze bevond zich
+een groot aantal tamme Indianen (mansos), behoorende tot den stam van
+den Cacique Bernantio. Zij brachten hier den nacht door. Onmogelijk
+kan men zich iets woesters en wilders voorstellen dan het tooneel van
+hun bivouak. Enkelen dronken tot zij geheel bedwelmd waren; anderen
+zwolgen het stroomende bloed van het vee, dat voor hun avondeten
+geslacht was, bedronken zich tot zij alles weer uitbraakten, en
+bevuilden zich zoo met bloed en onrein. Hier golden de woorden van
+den Romeinschen dichter:
+
+
+ "Nam simul expletus dapibus, vinoque sepultus
+ Cervicem inflexam posuit, jacuitque per antrum
+ Immensus, saniem eructans, ac frusta cruenta
+ Per somnum commixta mero."
+
+ (Want tegelijk vol van spijzen, en door den wijn overweldigd,
+ Boog hij het hoofd neer, en lag in het hol
+ Zoolang hij was: in zijn slaap geronnen bloed
+ En bloedige brokken brakend, vermengd met wijn).
+
+
+Des morgens vertrokken zij naar het tooneel van den moord, met bevel
+om het spoor der Indianen te volgen, ook al zou hen dit naar Chili
+leiden. Later hoorden wij, dat de wilde Indianen naar de groote Pampas
+waren ontsnapt, en dat men hun spoor door de eene of andere oorzaak
+verloren had. Eén blik op het spoor vertelt deze lieden eene geheele
+geschiedenis. Onderstel dat zij het spoor van een duizendtal paarden
+onderzoeken, dan zullen zij spoedig het getal bereden manschappen
+raden door te zien hoe vele er in korten galop gereden hebben; uit
+de diepte der andere indrukken--of er ook beladen paarden bij waren;
+uit de onregelmatigheid der voetstappen--of zij vermoeid waren; uit
+de wijze waarop het voedsel gekookt is--of de vervolgden in haast
+voorttrokken; en uit het algemeene voorkomen van het spoor--hoelang
+het geleden is dat zij voorbijgingen. Een spoor van tien of veertien
+dagen beschouwen zij als versch genoeg om vervolgd te worden. Ook
+vernamen wij, dat Miranda van het westelijke einde der Sierra Ventana
+in rechte lijn voortrukte naar het 70 leagues van de monding der
+Rio Negro gelegen eiland Cholechel. Dit is een afstand van tusschen
+de twee- en driehonderd mijlen door een totaal onbekend land. Welke
+andere troepen ter wereld zullen dit nadoen? Deze mannen, die geen
+anderen gids hadden dan de zon, geen ander voedsel dan merrievleesch,
+geen andere bedden dan hunne zadeldekken, zouden, zoolang er nog wat
+water te vinden is, naar het einde der wereld kunnen trekken.
+
+Weinige dagen later zag ik een anderen troep van deze bandietachtige
+soldaten uittrekken op eene expeditie tegen een Indianenstam bij de
+kleine Salinas, die door een gevangen Indiaanschen edelman verraden
+was geworden. De Spanjaard, die het bevel tot deze expeditie bracht,
+was een zeer schrander man. Hij deed mij een verhaal van het laatste
+gevecht, dat hij had bijgewoond. Enkele gevangen genomen Indianen
+brachten bericht van een stam, die ten noorden van de Colorado
+leefde. Tweehonderd soldaten werden uitgezonden, die de Indianen
+het eerst ontdekten aan een stofwolk, door de hoeven hunner paarden
+bij het rijden opgejaagd. Het oord was bergachtig en woest, en
+moest ver in 't binnenland gelegen zijn, want de Cordilleras waren
+in zicht. De Indianen--mannen, vrouwen en kinderen--waren ongeveer
+110 personen sterk en werden bijna alle gegrepen of gedood, daar de
+soldaten elken man neersabelen. De Indianen zijn nu zoo verschrikt,
+dat zij troepsgewijze geen weerstand bieden, maar vluchten en zelfs
+vrouwen en kinderen in den steek laten; doch worden zij overvallen,
+dan vechten zij als wilde dieren tot den laatsten man en tegen de
+grootste overmacht. Een stervende Indiaan greep met zijn tanden den
+duim van zijn tegenstander, en liet zich liever het oog uitsteken dan
+den vinger loslaten. Een andere gewonde veinsde alsof hij dood was,
+doch hield zijn mes gereed om opnieuw een noodlottigen stoot toe te
+brengen. Mijn berichtgever zeide, dat hij een Indiaan vervolgde, die
+om genade smeekte, maar tegelijk de bolas van zijn gordel losmaakte,
+om deze om zijn hoofd te zwaaien en zoo zijn vervolgers te grijpen.
+
+"Ik sloeg hem echter met mijn sabel tegen den grond, sprong toen van
+mijn paard en sneed met mijn mes zijn keel af."
+
+Dit is van Spaansche zijde een afschuwelijke daad; maar hoeveel
+schandelijker nog is het onloochenbare feit, dat alle vrouwen boven
+de 20 jaar in koelen bloede vermoord worden. Toen ik uitriep, dat
+dit eigenlijk onmenschelijk was, antwoordde hij: "Och, wat hindert
+het? Zij vermenigvuldigen zich zoo sterk!"
+
+Elk hier is ten volle overtuigd, dat dit een rechtvaardige oorlog
+is, omdat hij tegen barbaren gevoerd wordt. Wie zou gelooven, dat in
+dezen tijd zulke wreedheden begaan konden worden in een christelijk,
+beschaafd land? De Indiaansche kinderen worden gespaard om verkocht of
+weggegeven te worden als dienstpersoneel--ook als slaven, voor zoolang
+als de eigenaars hen daarvoor kunnen laten doorgaan. Ik geloof echter,
+dat over de behandeling weinig te klagen valt.
+
+In het gevecht reden vier mannen te zamen weg. Men vervolgde hen:
+een werd gedood, en de drie anderen werden levend gevat. Zij bleken
+boodschappers of afgezanten te zijn van een grooten troep Indianen,
+die voor den algemeenen defensie-oorlog aan den voet der Cordilleras
+bijeen was. De stam, tot wien zij gezonden waren, stond op het punt
+een grooten raad bijeen te roepen; het gastmaal van merrievleesch
+was gereed en de dans voorbereid; des morgens moesten deze gezanten
+aan de Cordilleras terug zijn. Het waren bijzonder schoone mannen,
+fraai gebouwd, meer dan zes voet lang, en allen nog geen 30 jaar
+oud. De drie overgeblevenen waren natuurlijk in staat belangrijke
+mededeelingen te doen; en om deze af te persen, werden zij op eene
+rij gezet. Ondervraagd, antwoordden de twee eersten in 't Spaansch:
+
+"No sé." (Ik weet het niet).
+
+Achtereenvolgens werden beiden doodgeschoten. De derde zeide eveneens:
+
+"No sé;" maar voegde er bij: "Tirad: yo soy hombre, y se
+morir!" (Schiet: ik ben man en weet te sterven).
+
+De dapperen wilden geen woord uitbrengen, dat de algemeene zaak van
+hun land kon schaden! Het gedrag van den bovengenoemden edelman was
+geheel anders: hij redde zijn leven door het voorgenomen krijgsplan
+en het punt van samenkomst in de Andes te verraden. Naar men geloofde,
+waren reeds zes- of zevenhonderd Indianen bijeen, en in den zomer zou
+dit aantal wel verdubbelen. Men zou afgezanten sturen naar de Indianen
+in de kleine Salinas bij Bahia Blanca, die, zooals ik zeide, door den
+Indiaanschen edelman verraden waren. Bijgevolg strekt de gemeenschap
+tusschen de Indianen zich uit van de Cordilleras tot aan de kust van
+den Atlantischen Oceaan!
+
+Het plan van generaal Rosas is: alle landloopers te dooden, de overigen
+naar een gemeenschappelijk punt te drijven, en dan, geholpen door
+de Chileenen, dezen geheelen troep in den zomer aan te tasten. Deze
+veldtocht moet drie achtereenvolgende jaren herhaald worden. Dat men
+den zomer kiest als tijd voor den hoofdaanval is, geloof ik, omreden de
+vlakten dan gebrek aan water hebben, en de Indianen slechts in bepaalde
+richtingen kunnen trekken. Het ontsnappen der Indianen ten zuiden van
+de Rio Negro, waar zij in dit bijna onbekende land veilig zouden zijn,
+wordt belet door eene overeenkomst tusschen Rosas en de Tehuelchen,
+luidende: dat de generaal hun eene zekere som zal betalen voor het
+dooden van elken Indiaan, die de rivier naar het zuiden overtrekt, maar
+hen zelven zal uitroeien, indien zij de belofte niet nakomen. De oorlog
+is hoofdzakelijk ondernomen tegen de Indianen bij de Cordilleras; want
+vele stammen aan deze oostzijde vechten aan de zijde van Rosas. Daar
+de generaal echter, evenals Lord Chesterfield, van meening is, dat
+zijn vrienden van heden zijne vijanden in de toekomst kunnen worden,
+plaatst hij hen steeds in de voorste gelederen, opdat hun aantal
+zal afnemen. Sedert wij Zuid-Amerika verlieten hebben wij gehoord,
+dat deze verdelgingsoorlog geheel mislukte.
+
+Onder de in ditzelfde gevecht gevangen genomen meisjes, waren twee
+zeer lieve Spaansche, die in hare vroege jeugd door de Indianen waren
+weggevoerd en nu alléén Indiaansch konden spreken. Blijkens haar
+verhaal waren zij van Salta afkomstig--een afstand van omtrent duizend
+mijlen in rechte lijn gemeten. Dit geeft ons een grootsch idee van het
+reusachtige gebied, waarover de Indianen zwerven; maar ondanks die
+grootte, geloof ik niet, dat na een halve eeuw nog een enkele wilde
+Indiaan ten noorden van de Rio Negro zal gevonden worden. De krijg
+is te bloedig om lang te duren; de Christenen dooden elken Indiaan,
+en de Indianen doen hetzelfde met de Christenen. Het zou een treurig
+verhaal zijn, indien ik u vertelde hoe de Indianen voor de Spaansche
+indringers geweken zijn. Schirdel zegt, dat er in 1535, [106] toen
+Buenos Aires gesticht werd, dorpen waren, die twee- tot drieduizend
+inwoners telden. Zelfs in Falconer's tijd (1750) deden de Indianen
+tochten tot Luxan, Areco en Arrecife, doch nu zijn zij tot over
+de Saldo verdreven. Niet slechts zijn geheele stammen uitgeroeid,
+maar de overgebleven Indianen zijn veel wilder geworden; in plaats
+van in groote dorpen te wonen en zich met de vischvangst zoowel als
+met de jacht bezig te houden, zwerven zij nu op de open vlakten,
+zonder woning of vaste bezigheid.
+
+Ook hoorde ik een verhaal van een gevecht, dat enkele weken vóór
+het straks gemelde op Cholechel had plaats gehad. Dit eiland is een
+zeer belangrijk punt voor het overzetten van paarden over de rivier,
+en was daarom een tijd lang het hoofdkwartier eener legerdivisie. Bij
+hunne eerste komst aldaar vonden de troepen een afdeeling Indianen,
+van wie zij 20 tot 30 doodden. De cacique ontkwam op eene wijze die
+iedereen verbaasde. De Indiaansche hoofdlieden hebben altijd een
+of twee uitstekende paarden, die zij voor dringende gevallen gereed
+houden. Op een dezer paarden--een ouden schimmel--sprong de cacique,
+zijn zoon met zich voerende. Het paard had toom noch zadel. Om de
+kogels te ontwijken, reed de Indiaan op die bijzondere manier,
+zijn volk eigen: namelijk met één arm om den hals van het paard
+en het eene been op zijn rug. Terwijl hij zoo aan eene zijde hing,
+streelde hij het paard over den kop en sprak het toe. De vervolgers
+spanden alle krachten in om hem te bereiken: driemaal verwisselde
+de commandant van paard--doch alles te vergeefs. De oude Indiaan en
+zijn zoon ontkwamen en waren vrij. Welke fraaie schilderij kan men
+zich in gedachten scheppen: de naakte, bronskleurige gestalte van den
+ouden krijgsman met zijn jeugdigen knaap, die als een tweede Mazeppa
+op zijn schimmel in duizelingwekkende vaart over de vlakte rent,
+en de bende zijner vervolgers ver achter zich laat!
+
+Op zekeren dag zag ik een soldaat vuur slaan met een stuk vuursteen,
+dat ik terstond herkende als deel te hebben uitgemaakt van eene
+pijlpunt. Hij vertelde mij, dat dit stuk bij het eiland Cholechel
+gevonden was, en dat zij daar herhaaldelijk voorkwamen. Het was
+tusschen de twee en drie inches lang, en dus tweemaal zoo groot als
+die welke thans in Vuurland gebruikt worden. De spits was gemaakt
+van doorschijnenden roomkleurigen vuursteen, maar de punten en
+weerhaken waren met opzet afgebroken. Het is een welbekend feit, dat
+Pampas-Indianen nu geen bogen en pijlen gebruiken; maar ik geloof,
+dat een kleine stam in Oost-Banda daarop eene uitzondering maakt;
+deze laatsten leven echter ver van de Pampas-Indianen gescheiden,
+en grenzen dicht aan die stammen, welke de wouden bewonen en te voet
+leven. Deze pijlpunten schijnen dus een antiquarisch overblijfsel
+[107] te zijn van de Indianen vóór de groote verandering in hunne
+leefwijzen, die op den invoer van paarden in Zuid-Amerika volgde.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK VI.
+
+VAN BAHIA BLANCA NAAR BUENOS AIRES.
+
+
+[8 September.]
+
+Ik huurde een Gaucho om mij op mijn rit naar Buenos Aires te
+vergezellen. Dit huren ging met eenige moeite gepaard, omdat de vader
+van den man bevreesd was hem te laten gaan, terwijl een ander, die
+oogenschijnlijk wel wilde, mij beschreven werd als zoo vreesachtig,
+dat ik bang was hem te nemen; men zeide zelfs, dat, als deze man een
+struisvogel in de verte zag, hij dit dier voor een Indiaan zou houden
+en als de wind op de vlucht zou gaan. De afstand naar Buenos Aires is
+omtrent 400 mijlen, welke weg bijna geheel door een onbewoond land
+leidt. Wij reden vroeg in den morgen uit, stegen enkele honderden
+voeten boven het groene grasdal waarin Bahia Blanca ligt, en kwamen
+in eene uitgestrekte woeste vlakte. De bodem bestaat hier uit een
+brokkelig mergelkalk-gesteente, dat wegens de droogte van het klimaat
+niet anders voortbrengt dan verspreide bosjes verweerd gras, zonder
+dat een enkele struik of boom de eentonigheid verbreekt.
+
+Het weer was prachtig, maar de lucht opmerkelijk dampig. Ik dacht, dat
+dit een storm voorspelde; maar de Gauchos zeiden, dat dit kwam omdat
+de vlakte op grooten afstand in het binnenland in brand stond. Na een
+langen galop en tweemaal van paarden verwisseld te hebben, bereikten
+wij de Rio Sauce--een kleine, diepe, snelstroomende rivier van niet
+meer dan 25 voet breedte. De tweede post op den weg naar Buenos Aires
+ligt aan hare oevers; en iets verder op is eene waadbare plaats voor
+paarden, waar het water niet tot aan hun buik reikt; maar vanaf dit
+punt is de rivier in haar loop naar zee volkomen ondoorwaadbaar,
+en vormt zoo een voortreffelijke grensscheiding tegen de Indianen.
+
+In weerwil, dat deze stroom zoo onbeduidend is, stelt de Jezuïet
+Falconer, wiens berichten in 't algemeen zeer nauwkeurig zijn, hem
+voor als eene belangrijke rivier, die aan den voet der Cordilleras
+ontspringt. Wat haren oorsprong betreft, twijfel ik niet of deze
+opgaaf is juist; want de Gauchos verzekerden mij, dat deze stroom in
+'t midden van den drogen zomer tegelijk met de Colorado periodieke
+vloeden heeft, die alleen ontstaan kunnen zijn door het smelten
+van de sneeuw op de Andes. Dat zulk een kleine stroom, als de Sauce
+toen was, het vasteland in zijne volle breedte zou doorsnijden, is
+onwaarschijnlijk; en ware hij het overblijfsel eener groote rivier, dan
+zouden zijne waters, gelijk in andere gevallen bevestigd is, inderdaad
+zout bevatten. Des winters moeten wij de bronnen rondom de Sierra
+Ventana als den oorsprong van zijn helderen, doorschijnenden stroom
+beschouwen. Ik vermoed, dat de vlakten van Patagonië, evenals die in
+Australië, van vele stroomen worden doorsneden, die hun eigenlijken
+loop alleen in bepaalde perioden volbrengen. Waarschijnlijk is dit
+het geval met het water, dat in het havenhoofd van Port Desiré vloeit,
+alsmede met de Rio Chupat, op welker oevers de officieren, die met de
+opmeting belast waren, groote hoeveelheden van zeer poreuze slakken
+of scoriae gevonden hebben.
+
+Daar het bij onze aankomst nog vroeg in den namiddag was, namen wij
+versche paarden en een soldaat als gids, en reden naar de Sierra
+de la Ventana. Deze berg is van de ankerplaats te Bahia Blanca
+zichtbaar, en bezit volgens kapitein Fitz-Roy eene hoogte van 3340
+voet [108]--een cijfer, dat voor deze oostzijde van het vasteland zeer
+merkwaardig mag heeten. Ik weet niet of deze berg, vóór mijn bezoek,
+reeds door een anderen vreemdeling bestegen is; maar zeker is 't dat
+zeer weinige van de te Bahia Blanca in garnizoen liggende soldaten
+iets van hem af weten. Zoo hoorden wij van steenkolenlagen, van goud
+en zilver, holen en wouden: hetgeen alles mijne nieuwsgierigheid
+prikkelde, maar per saldo teleurstelde. De afstand van den post
+bedroeg ongeveer zes leagues, over eene effen vlakte van dezelfde
+soort als te voren. Naarmate de berg echter zijn waren vorm begon
+te vertoonen, werd de rit belangwekkender. Toen wij den voet der
+hoofdsteilte bereikten, kostte het ons veel moeite wat water te
+vinden, en dachten wij genoodzaakt te zullen zijn zonder dit den
+nacht door te brengen. Eindelijk ontdekten wij iets door vlak bij den
+berg te zoeken; want zelfs op enkele honderden yards afstand lagen de
+stroompjes verscholen en verloren zij zich geheel in den brokkeligen
+kalksteen en het losse puin van den berg.
+
+Ik geloof niet, dat de natuur ooit een woesteren en meer verlaten
+steenklomp schiep dan dezen berg, die terecht den naam van Hurtado of
+"Ontvoerde" verdient. De berg is steil, uiterst ruw en gespleten,
+en zoo geheel van boomen en zelfs struiken ontbloot, dat wij
+inderdaad geen spit konden snijden om ons vleesch boven het vuur van
+distelstengels te hangen. [109] De vreemde aanblik van dezen berg
+vormt eene scherpe tegenstelling met de vlakte, die als een zee niet
+alleen tot aan zijn steile hellingen reikt, maar ook de evenwijdige
+bergreeksen scheidt. De eenvormige kleur geeft aan het geheele tafereel
+een uiterst rustigen aanblik. Het witachtig grauw van het kwarts,
+en het lichtkleurig bruin van het verweerde gras der vlakte worden
+nergens door meer heldere tinten afgewisseld. Gewoonlijk verwacht
+men in de nabijheid van een hoogen en steilen berg een ruw, oneffen
+land te zien, bezaaid met groote steenbrokken. Hier toont de natuur,
+dat de laatste beweging van een zeebodem, voordat hij in droog land
+verandert, soms rustig kan zijn. Onder deze omstandigheden was ik
+benieuwd te zien, hoe ver nog brokstukken van het oorspronkelijke
+gesteente gevonden konden worden. Aan het zeestrand van Bahia Blanca,
+en nabij de kolonie, waren enkele kwartssteenen, die stellig van deze
+bron afkomstig waren. De afstand bedroeg 45 mijlen.
+
+De dauw, die in den voornacht de zadeldekken bevochtigde waaronder
+wij sliepen, was des morgens bevroren. Onmerkbaar was de vlakte,
+welke horizontaal scheen, gestegen tot eene hoogte van 800 tot 900
+voet boven de zee. In den morgen van 9 September stelde de gids mij
+voor de naaste hoogte te beklimmen, die mij, zooals hij dacht, naar
+de vier spitsen zou voeren, waarmee de top gekroond is. Het klimmen
+over zulke ruwe rotsen was zeer vermoeiend; de zijden waren zoo
+hoekig, dat wat men in de eene vijf minuten won, dikwijls in de vijf
+volgende verloren ging. Toen ik eindelijk de hoogte beklommen had,
+werd ik zeer teleurgesteld door de ontdekking, dat eene steile vallei
+van gelijke diepte als de vlakte die de bergketen in tweeën sneed,
+mij van de vier punten scheidde. Deze vallei is zeer nauw, maar heeft
+een vlakken bodem en vormt een voortreffelijken pas voor de bereden
+Indianen, doordien zij de vlakten aan de noord- en zuidzijden der keten
+verbindt. Toen ik de helling afgedaald was, zag ik bij het oversteken
+van de vallei twee paarden grazen. Dadelijk verborg ik mij in 't hooge
+gras en bespiedde den omtrek; maar wijl ik geen spoor van Indianen
+kon zien, begon ik voorzichtig mijne tweede bestijging. Het was laat
+op den dag, en dit gedeelte van den berg was, evenals het andere,
+steil en oneffen. Te twee ure was ik op den top der tweede hoogte,
+die ik echter met de grootste moeite bereikt had; na elke 20 yards
+had ik kramp in het bovengedeelte van mijne dijen, zoodat ik vreesde
+niet in staat te zullen zijn weer omlaag te komen. Ook was het noodig
+langs een anderen weg terug te keeren, daar er geen sprake van was
+den genoemden pas nog eens over te steken. Ik was dus verplicht de
+twee hooger gelegen toppen op te geven. Hunne meerdere hoogte was
+echter gering, en het geologisch doel werd in alle opzichten bereikt,
+zoodat het beklimmen de kans op verdere inspanning niet loonde. Ik
+vermoed, dat de kramp veroorzaakt werd door de groote verandering in
+den aard der spierbeweging: den overgang van het stramme rijden op
+het nog strammere klimmen. Het is eene les, die men wel in gedachten
+mag houden, daar zij in sommige gevallen veel last kan veroorzaken.
+
+Reeds heb ik gezegd, dat de berg samengesteld is uit wit kwarts, dat
+met eene geringe hoeveelheid glanzig leemschiefer vermengd is. Ter
+hoogte van enkele honderden voeten boven de vlakte vertoonde het vaste
+gesteente op verscheidene plaatsen instrooisels van conglomeraat. [110]
+In hardheid en in den aard van het cement geleken deze conglomeraten
+op de klompen, welke men dagelijks aan sommige kusten kan zien
+vormen. Ik twijfel niet of deze steenen werden op eene dergelijke
+wijze saamgevoegd, in een tijdperk toen de groote kalksteen-formatie
+onder de aangrenzende zee werd afgezet. Wij mogen aannemen, dat de
+gekloofde en gebeukte vormen van het harde kwarts nog de werkingen
+vertoonen van de golven eener open zee.
+
+Over het geheel had deze bestijging mij teleurgesteld. Zelfs het
+uitzicht was onbeduidend: eene vlakte als eene zee, maar zonder hare
+fraaie kleur en scherpe belijning. Toch was het tafereel nieuw, en
+een weinig gevaar gaf er smaak aan, evenals zout aan vleesch. Dat het
+gevaar zeer gering was, bleek uit het feit, dat mijne twee metgezellen
+een flink vuur maakten--iets wat nooit gedaan wordt als men vermoedt,
+dat er Indianen in de nabijheid zijn. Ik bereikte de plaats van
+ons bivouak bij zonsondergang, dronk een groote hoeveelheid máte,
+rookte verscheidene cigarritos, en maakte spoedig daarop mijn bed
+gereed voor den nacht. Er woei een zeer krachtige en koude wind,
+maar nooit sliep ik aangenamer dan toen.
+
+[10 September.]
+
+Des morgens kwamen wij, flink voortgejaagd door den storm, omstreeks
+het midden van den dag aan den post Sauce. Onderweg zagen wij
+eene groote menigte herten, en dicht bij den berg een guanaco. De
+vlakte, die aan de Sierra grenst, wordt van eenige zonderlinge
+waterloopen doorsneden, waarvan een omtrent 20 voet breed en
+minstens 30 diep was. Dientengevolge waren wij genoodzaakt een
+grooten omweg te maken, voordat wij een overweg konden vinden. Wij
+bleven dien nacht bij den post; en zooals meestal het geval was,
+liep het gesprek over Indianen. De Sierra Ventana was vroeger een
+belangrijk vereenigingspunt; en drie of vier jaar geleden werd er druk
+gevochten. Mijn gids was er bij geweest, toen vele Indianen gedood
+werden; de vrouwen vluchtten naar den top van den berg, en vochten
+als razenden door het werpen van steenen. Vele redden zoo haar leven.
+
+[11 September]
+
+begaven wij ons naar den derden post, vergezeld van den luitenant, die
+er het bevel voerde. Zooals het heet, bedraagt de afstand 15 leagues;
+maar dit is slechts gissing, en meestal wordt hij overschat. De weg,
+die over eene droge grasvlakte liep, bood niets belangrijks; en aan
+onze linkerhand stonden op grooteren of kleineren afstand eenige lage
+heuvels, die wij na een eind weegs overstaken, om naar den post te
+komen. Vóór onze aankomst ontmoetten wij een grooten troep vee en
+paarden, onder geleide van 15 soldaten; men zeide ons echter, dat
+vele dieren verloren waren geraakt. Het is zeer moeilijk dieren over
+de vlakten te drijven; want nadert des nachts een puma (Chileensche
+leeuw), of zelfs een vos, dan is niets in staat te beletten, dat de
+paarden zich in alle richtingen verstrooien; en een storm zal hetzelfde
+doen. Kort te voren verliet een officier met 500 paarden Buenos Aires;
+en bij zijne aankomst in het leger had hij er nog geen twintig.
+
+Kort daarop bespeurden wij aan eene stofwolk, dat een troep
+ruiters naar ons toekwam; en reeds op verren afstand herkenden mijne
+metgezellen aan het lange over den rug golvende haar, dat het Indianen
+waren. Meestal dragen de Indianen een haarband om het hoofd, maar
+nooit een bedekking; en het zwarte, over hunne roodbruine aangezichten
+fladderende haar verhoogt in buitengewone mate het woeste van hun
+uiterlijk. Gelukkig bleken zij eene afdeeling te zijn van Bernantio's
+bevrienden stam, die zout ging halen in een salina. De Indianen eten
+veel zout, en hunne kinderen zuigen het als suiker. Deze gewoonte
+verschilt zeer van die der Spaansche Gauchos, die, ofschoon dezelfde
+leefwijs voerende, het bijna niet eten. Volgens Mungo Park [111]
+hebben lieden, die van plantaardig voedsel leven, een onoverwinnelijke
+begeerte naar zout. Toen de Indianen ons in vollen galop voorbijrenden,
+knikten zij ons welgemoed toe; zij dreven een stoet paarden voor zich
+uit en werden door een troep magere honden gevolgd.
+
+[12 en 13 September.]
+
+Twee dagen bleef ik bij dezen post in afwachting van een troep
+soldaten, die, gelijk Generaal Rosas zoo vriendelijk was mij te
+berichten, binnenkort naar Buenos Aires zouden vertrekken; en hij ried
+mij aan van dat escorte gebruik te maken. In den morgen reden wij naar
+eenige naburige heuvels, om het land in oogenschouw te nemen en de
+geologische gesteldheid te onderzoeken. Na het middagmaal verdeelden
+de soldaten zich in twee groepen, om hunne vaardigheid met de bolas
+te beproeven. Twee speren werden op 35 yards afstand van elkander
+in den grond gestoken, maar slechts eens van de vier of vijf keeren
+geraakt of omslingerd. Men kan de bolas 50 tot 60 yards ver werpen,
+doch met geringe zekerheid. Voor een man te paard is dat evenwel
+anders; want wordt de snelheid van het paard gevoegd bij de kracht
+van den arm, dan kunnen de bolas, naar men zegt, met goed gevolg 80
+yards ver geslingerd worden. Als een bewijs van hare kracht, wil ik
+meedeelen, dat, toen de Spanjaarden op de Falklands-Eilanden enkele
+hunner landgenooten en alle Engelschen vermoordden, het volgende
+plaats had. Een jonge, vreedzame Spanjaard liep weg, toen een kloek
+gebouwd man, Luciano genaamd, hem in vollen galop achterna reed en
+toeriep te blijven staan, zeggende dat hij hem alleen maar spreken
+wilde. Juist toen de Spanjaard op het punt was eene boot te bereiken,
+wierp Luciano de bolas, die zijne beenen met zulk eene kracht troffen,
+dat hij neerstortte en eenigen tijd bewusteloos bleef. Toen Luciano
+den man gesproken had, kon deze ontsnappen. Hij vertelde ons, dat
+zijne beenen groote striemen vertoonden op de plek waar de riemen
+omheen waren geslingerd, even alsof men hem met een zweep had geslagen.
+
+Op het midden van den dag kwamen van den naasten post twee mannen
+met een pak, dat naar den generaal moest worden gebracht: zoodat ons
+gezelschap, behalve deze twee, dien avond bestond uit den luitenant
+met zijne vier soldaten, mijn gids en mijzelf. De soldaten waren
+zonderlinge wezens: de eerste was een knappe, jonge neger, de
+tweede half Indiaan, half neger; terwijl de twee anderen tot geen
+enkele beschreven klasse behoorden: namelijk een oude Chileensche
+mijnwerker met eene kleur van mahoniehout, en de andere een soort
+van mulat, maar beide van zulk gemengd ras en met zulke verfoeilijke
+gezichten, als ik nooit te voren gezien had. Toen zij des nachts om
+het vuur zaten kaart te spelen, ging ik op een afstand dit Salvatore
+Rosa-tableau gadeslaan. [112] Zij zaten onder een laag rotsblok, zoodat
+ik van boven op hen neer kon zien; om hen heen lagen honden, wapens,
+overblijfsels van herten en struisvogels; en hunne lange speren staken
+in het gras. Verder op den donkeren achtergrond stonden hunne paarden
+gekoppeld en gereed in geval van een onmiddellijk gevaar. Indien de
+stilte der eenzame vlakte door het blaffen van een der honden gestoord
+wierd, zou een soldaat terstond het vuur verlaten, het oor tegen den
+grond drukken, en zoo aandachtig den horizon verkennen. Zelfs indien
+de luidruchtige teru-tero zijn gegil liet hooren, zouden zij een poos
+het gesprek staken, en allen voor een oogenblik het hoofd naar dien
+kant wenden.
+
+Hoe ellendig schijnt ons het leven, dat deze mannen leiden! Zij woonden
+minstens 10 leagues van den Sauce-post; en sedert den moord door de
+Indianen gepleegd, twintig leagues van een volgenden. Men onderstelt,
+dat de Indianen hun aanval in 't midden van den nacht gedaan hebben,
+want zeer vroeg in den morgen na den moord zag men hen dezen post
+naderen. Dit was een geluk, want nu ontkwam de geheele bezetting
+met de paarden, waarbij elk man een lijn in de hand hield en zooveel
+paarden meêtrok, als hij kon leiden.
+
+De kleine, uit distelstengels gebouwde hut waarin de soldaten sliepen,
+was tegen wind noch regen bestand; bij regen was inderdaad het eenige
+gevolg, dat het dak het water tot grootere druppels verdichtte. Zij
+hadden niet anders te eten dan wat zij konden vangen: struisvogels,
+herten, armadillen, enz.; en hun eenige brandstof waren de droge
+stengels eener kleine plant, die eenigszins op een aloë geleek. De
+eenige weelde, die deze mannen genoten, bestond in het rooken van
+kleine papieren sigaren (cigarritos) en het slurpen van máte. Het
+treurig lot dezer lieden trof mij nog meer, als ik de aasgieren, die
+vaste begeleiders van den mensch op deze naargeestige vlakten, zoo
+geduldig op de naburige klippen zag zitten, als zeiden zij tot zich
+zelven: "Geduld, als de Indianen komen, zullen wij een feest hebben!"
+
+Des morgens gingen wij allen uit jagen; en ofschoon wij niet veel geluk
+hadden, waren er toch eenige opgewekte jachten. Kort nadat wij onderweg
+waren verdeelde zich de troep, met de afspraak, dat allen op zekeren
+tijd van den dag (dien men in de wildernis zeer juist weet te raden)
+uit verschillende richtingen op een vlak terrein zouden samenkomen,
+en zoo de wilde dieren bijeendrijven. Te Bahia Blanca ging ik eens uit
+jagen; maar daar reden de mannen eenvoudig in eene halve maan, de een
+omtrent een kwart-mijl van den anderen. Een fraaie mannetjes-struis,
+die door de voorste rijders was omgereden, poogde aan eenen kant te
+ontsnappen. De Gauchos vervolgden hem met achteloozen tred, doch
+zwenkten hunne paarden op meesterlijke wijs, terwijl elk de bolas
+om zijn hoofd zwaaide. Eindelijk wierpen de voorsten het werktuig
+kronkelend door de lucht: de riemen strengelden zich om de pooten
+van den struis--en in een oogwenk tuimelde de vogel het onderstboven.
+
+De vlakten bevatten een overvloed van patrijzen, welke men vindt
+in drie soorten, waarvan twee zoo groot als fazantenhennen. [113]
+Hun verslinder, een kleine aardige vos, was er ook zeer talrijk: in
+den loop van den dag zagen wij er niet minder dan veertig of vijftig;
+en ofschoon zij meestal dicht bij hunne holen waren, gelukte het toch
+den honden een te dooden. Toen wij naar den post terugkeerden, vonden
+wij hier twee van ons gezelschap, die op eigen gelegenheid gejaagd en
+een puma gedood hadden. Ook hadden zij een struisvogelnest gevonden,
+waarin 27 eieren. Elk zoo'n ei wordt gezegd het gewicht te hebben
+van 11 kippeneieren, zoodat wij uit dit eene nest evenveel voedsel
+haalden als uit 297 kippeneieren.
+
+[14 September.]
+
+Daar de soldaten, die tot den naasten post behoorden, plan hadden terug
+te keeren, en wij te zamen een gezelschap van vijf gewapenden zouden
+vormen, besloot ik om niet op de beloofde troepen te wachten. Mijn
+gastheer, de luitenant, verzocht mij dringend te blijven. Daar hij zeer
+voorkomend geweest was, niet alleen door mij voedsel te verschaffen,
+maar ook door mij zijne eigen paarden te leenen, diende ik hem eene
+belooning te geven. Ik vroeg mijn gids of ik dit doen mocht, doch
+hij ontkende dit ten stelligste, zeggende dat ik vermoedelijk tot
+eenig antwoord zou krijgen: "Wij hebben vleesch voor de honden in
+ons land, en misgunnen het dus een Christen niet!" Men onderstelle
+evenwel niet, dat de rang van luitenant in zulk een leger een beletsel
+zijn zou om betaling aan te nemen; het was slechts de ruime opvatting
+van gastvrijheid, waarvan elk reiziger erkennen moet, dat zij in deze
+streken bijna algemeen is. Na een galop van eenige leagues, kwamen wij
+aan een lage, moerassige streek, die zich omtrent 80 mijlen noordwaarts
+tot de Sierra Tapalguen uitstrekt. In sommige gedeelten waren fraaie
+vochtige vlakten, met gras bedekt, terwijl andere een zachten,
+zwarten, veenachtigen bodem hadden. Ook waren er vele uitgestrekte,
+maar ondiepe meren, en groote rietbeddingen. Over het geheel geleek
+het land op de betere gedeelten der Cambridgeshire-venen. Des nachts
+kostte het ons eenige moeite, te midden der moerassen een droge plek
+voor ons bivouak te vinden.
+
+[15 September.]
+
+Zeer vroeg in den morgen stonden wij op, en reden kort daarna voorbij
+den post, waar de Indianen de vijf soldaten hadden vermoord. De
+officier had achttien chuzo-wonden in het lichaam. Na een gestrekten
+galop bereikten wij tegen het midden van den dag den vijfden post,
+waar wij des nachts bleven, omdat het eenige moeite kostte paarden te
+krijgen. Daar van de geheele linie dit punt het meest aan aanvallen
+was blootgesteld, waren hier 21 soldaten geposteerd. Bij zonsondergang
+keerden deze van de jacht terug, medebrengende zeven herten, drie
+struisvogels, benevens vele armadillen en patrijzen. Het is een
+algemeen gebruik om, als men door dit land rijdt, de vlakte in brand te
+steken; en zoo was dan bij deze gelegenheid, des nachts, de horizon op
+vele plaatsen door helle branden verlicht. Deels geschiedt dit branden
+om zwervende Indianen te verontrusten, doch voornamelijk om de weide te
+verbeteren. Op grasvlakten, die niet door de groote herkauwende dieren
+worden bewoond, schijnt het noodig de overtollige vegetatie door vuur
+te verwijderen, ten einde den groei voor het nieuwe jaar te bevorderen.
+
+De rancho hier ter plaatse bezat zelfs niet de weelde van een dak,
+maar bestond slechts uit een cilinder van distelstengels om de kracht
+van den wind te breken. Hij lag aan den rand van een uitgestrekt,
+maar ondiep meer, dat wemelde van wild gevogelte, waaronder de
+zwarthalzige zwaan zeer in 't oog viel.
+
+De soort pluvier, die er uitziet alsof hij op stelten loopt (Himantopus
+nigricollis), komt hier in zeer talrijke zwermen voor. Ten onrechte
+heeft men hem van onbevalligheid beticht: bij het waden door ondiepe
+plassen, die zijn lievelingsverblijf vormen, is zijn houding of gang
+verre van plomp. In een zwerm vereenigd, brengen deze vogels een
+geluid voort, dat eene zonderlinge overeenkomst heeft met den kreet
+van een troep jonge honden in vollen draf; en meer dan eens ben ik een
+oogenblik geschrokken als ik, des nachts wakker geworden, het geluid in
+de verte hoorde. De teru-tero (Vanellus cayanus) is een andere vogel,
+die menigmaal de stilte van den nacht verbreekt. In uiterlijk en
+gewoonten gelijkt hij in vele opzichten op onze kieviten (Vanellus);
+maar zijne vleugels zijn met scherpe sporen gewapend, evenals die aan
+de pooten van den gewonen haan. Gelijk onze kievit zijn naam ontleent
+aan het geluid zijner stem, zoo ook de teru-tero. Bij het rijden over
+de grasvlakten wordt men voortdurend door deze vogels vervolgd, die de
+menschheid schijnen te haten, en die zeker op hunne beurt verdienen
+gehaat te worden wegens hun onophoudelijk en onveranderlijk rauw
+gegil. Voor de jagers zijn zij uiterst hinderlijk, omreden zij elk dier
+of vogel hunne nadering verkondigen; daarentegen kunnen zij, zooals
+Molina zegt, den reiziger in dit land misschien van nut wezen, door
+hem voor den nachtelijken roover te waarschuwen. In den broedtijd pogen
+zij, evenals onze kieviten, honden en andere vijanden van hunne nesten
+af te leiden, door den schijn aan te nemen dat zij gewond zijn. De
+eieren van deze vogels worden als eene groote lekkernij beschouwd.
+
+[16 September]
+
+gingen wij naar den zevenden post aan den voet van de Sierra
+Tapalguen. Het land was geheel vlak en bestond uit een met grof gras
+begroeiden, zachten veengrond. De rancho was hier bijzonder netjes: hut
+en balken waren gemaakt van ongeveer een dozijn droge distelstengels,
+onderling door riemen van huiden verbonden; en met deze Ionische
+zuilen tot steun, waren dak en wanden met riet gedekt. Men vertelde
+ons hier een feit, dat ik haast niet zou gelooven, indien ik niet
+voor een deel er van getuige was geweest. Den vorigen nacht had het
+vreeselijk gehageld; er waren korrels gevallen zoo groot als kleine
+appelen en verbazend hard: en met zulk eene kracht, dat zij het meeste
+wild gedood hadden. Een der soldaten had reeds 13 doode herten (Cervus
+campestris) gevonden, wier versche huiden mij getoond werden. Een
+ander van den troep bracht, kort na mijne komst, er nog zeven mee. Nu
+weet ik dat één man, zonder honden, nog geen zeven herten in de week
+kan dooden. De mannen meenden ongeveer 15 doode struisvogels gezien
+te hebben, waarvan wij een gedeeltelijk tot middagmaal kregen; en
+zij zeiden, dat er verscheidene rondliepen, die aan één oog blind
+schenen te zijn. Een menigte kleine vogels, als eenden, valken en
+patrijzen waren gedood. Ik zag een der laatsten met een zwarte vlek
+op den rug, alsof hij door een straatsteen getroffen was. Eene haag
+van distelstengels om de hut was bijna geheel vernield; en de man,
+die mij dit vertelde, kreeg, toen hij ging kijken wat er gebeurde, eene
+ernstige wond, waarom nu een verband zat. Men zeide, dat de donderbui
+over eene beperkte ruimte gewoed had; en inderdaad hadden wij uit
+ons bivouak van den vorigen nacht eene zwarte wolk met bliksemlicht
+in deze richting gezien. Het is merkwaardig, dat zulke sterke dieren,
+als herten, hierdoor gedood konden worden; maar op grond van hetgeen
+ik gezegd heb, geloof ik, dat de geschiedenis geenszins overdreven
+is. Intusschen doet het mij genoegen, dat de geloofwaardigheid er van
+door den Jezuïet Dobrizhoffer versterkt wordt, die, sprekende van een
+land ver noordwaarts gelegen, zegt, dat er hagelkorrels vielen van
+verbazende grootte, die eene groote menigte vee doodden. De Indianen
+noemden daarom die plaats "Lalegraicavalca," hetgeen zeggen wil:
+"De kleine witte dingen." [114] Ook deelt Dr. Malcolmson mij mede,
+dat hij in 1831 in Indië een hagelstorm heeft bijgewoond, die tal van
+groote vogels doodde en het vee zeer teisterde. Deze hagelsteenen waren
+plat: een had een omtrek van 10 inches, en een ander woog twee ounces
+(56,7 gram). Zij ploegden een pad van kiezelsteenen als geweerkogels
+om, en sloegen ronde gaten in glasruiten zonder ze te breken.
+
+Na afloop van ons maal van "neergehageld" vleesch, trokken wij
+over de Sierra Tapalguen--een lage bergketen van enkele honderden
+voeten hoogte, die bij Kaap Corrientes begint. Het gesteente in dit
+gedeelte is zuiver kwarts; verder oostwaarts bevat het, geloof ik,
+graniet. De bergen hebben een merkwaardigen vorm: zij bestaan uit
+vlakke stukken tafelland, omgeven door lage loodrechte klippen, evenals
+de uitloopers eener sedimentaire formatie. De berg, dien ik besteeg,
+was zeer klein--niet meer dan een paar honderden yards in middellijn;
+maar ik zag andere, grootere. Een, die den naam van "Corral" voert,
+werd gezegd eene middellijn te hebben van twee of drie mijlen, en
+omsloten te zijn door loodrechte klippen van tusschen 30 en 40 voet
+hoogte--behalve op één plek, waar de ingang ligt. Falconer [115]
+doet een merkwaardig verhaal van de wijze waarop de Indianen troepen
+wilde paarden in dezen corral drijven en hier gevangen houden door
+den ingang te bewaken. Nooit heb ik van een ander geval gehoord, dat
+tafelland in eene kwarts-formatie voorkwam en, zooals in den door mij
+onderzochten berg, splijting noch laagvorming vertoonde. Men vertelde
+mij, dat het gesteente van den "Corral" wit was en vuur kon slaan.
+
+Niet voordat het donker was, bereikten wij den post aan de Rio
+Tapalguen. Gedurende het avondeten hoorde ik hier een uitdrukking, die
+mij, bij de gedachte, dat ik bezig was een der lievelingsschotels van
+het land te eten--namelijk een halfvoldragen kalf in een stadium van
+lang vóór de geboorte--plotseling met afgrijzen vervulde. Het bleek
+een puma te zijn, wiens vleesch zeer wit is en in smaak bijzonder op
+kalfsvleesch gelijkt. Dr. Shaw werd uitgelachen toen hij verklaarde,
+dat "het vleesch van den leeuw zeer in trek is, en zoowel in kleur,
+smaak als geur niet weinig op kalfsvleesch gelijkt." Met den puma is
+dat zeker het geval. De Gauchos zijn het niet eens omtrent de vraag
+of de jaguar een goed eten is, maar zeggen eenstemmig, dat de kat
+uitmuntend is.
+
+[17 September.]
+
+Wij volgden den loop van de Rio Tapalguen door eene zeer vruchtbare
+streek tot aan den negenden post. Tapalguen zelf, of de stad van
+dien naam (indien zij zoo heeten mag) bestaat uit een volkomen
+effen vlakte, die, zoover het oog reikt, bezet is met de toldos
+of ovenvormige hutten der Indianen. Hier woonden de familiën der
+bevriende Indianen, die aan de zijde van Rosas streden. Wij ontmoetten
+en haalden vele jonge Indiaansche vrouwen in, die met tweeën of drieën
+op één paard zaten; zij waren, evenals vele van de jongere mannen,
+bijzonder schoon, en hare fraaie roode aangezichten vormden een
+toonbeeld van gezondheid. Behalve de toldos, waren er drie ranchos:
+een bewoond door den commandant, en de twee andere door Spanjaarden
+die winkeltjes hielden.
+
+Hier hadden wij gelegenheid wat beschuit te koopen. Ik had nu in
+verscheidene dagen niet anders dan vleesch geproefd; wel stond
+het nieuwe diëet mij volstrekt niet tegen, maar ik gevoelde, dat
+ik het niet dan met groote moeite zou volhouden. Ik heb gehoord,
+dat patiënten in Engeland, van wie verlangd werd zich uitsluitend
+tot een dierlijk diëet te bepalen, zelfs met de hoop op levensbehoud
+voor oogen bijna niet in staat waren het te verdragen. Toch eet de
+Gaucho in de Pampas maanden lang niet anders dan rundvleesch. Maar,
+wil ik opmerken, zij eten ook eene zeer groote hoeveelheid vet,
+dat van minder dierlijk gehalte is, en hebben vooral tegen op droog
+vleesch, zooals dat van het aguti. Ook heeft Dr. Richardson [116]
+opgemerkt, dat "als menschen langen tijd alleen van mager dierlijk
+voedsel hebben geleefd, de begeerte naar vet zoo onverzadelijk
+wordt, dat zij eene groote hoeveelheid klaar en zelfs olieachtig vet
+verteren kunnen zonder te braken." Dit, dunkt mij, is een merkwaardig
+physiologisch feit. Misschien is het een gevolg van hun vleesch-diëet,
+dat de Gauchos, evenals vleeschetende dieren, zoo lang buiten voedsel
+kunnen. Men vertelde mij, dat eenige soldaten te Tandeel vrijwillig
+een troep Indianen drie dagen lang vervolgden, zonder eten of drinken.
+
+In de winkels zagen wij vele artikelen, als paardedekken, gordels
+en kousebanden, door Indiaansche vrouwen geweven. De patronen waren
+zeer aardig, met schitterende kleuren; de bewerking der kousebanden
+was zoo goed, dat een Engelsch koopman te Buenos Aires beweerde,
+dat zij in Engeland gemaakt moesten zijn, tot hij ontdekte, dat de
+kwasten met gespleten zenuwen waren vastgehecht.
+
+[18 September.]
+
+Dezen dag hadden wij een zeer langen rit. Bij den twaalfden post,
+die zeven leagues ten zuiden van de Rio Salado ligt, kwamen wij aan
+de eerste estancia met vee en blanke vrouwen. Daarna moesten wij vele
+mijlen door een overstroomd land rijden, waar onze paarden tot boven
+de knieën door het water liepen. Door de stijgbeugels te kruisen,
+en op zijn Arabisch met opgetrokken beenen te rijden, wisten wij
+ons tamelijk droog te houden. Het was ongeveer donker toen wij aan
+de Salado kwamen: de stroom was diep en omtrent 40 yards breed;
+maar in den zomer wordt hare bedding bijna droog, en is het weinige
+overgebleven water haast zoo zout als zeewater. Wij sliepen in een
+der groote estancias van generaal Rosas. Deze was versterkt en zoo
+uitgestrekt, dat ik, in donker aankomende, eene stad of vesting
+voor mij dacht te zien. Des morgens zagen wij onafzienbare kudden
+vee--het eigendom van den generaal, die hier 47 vierkante leagues
+land had. Vroeger waren ongeveer 300 man rondom deze estancia
+geposteerd, die alle aanvallen der Indianen afsloegen.
+
+[19 September.]
+
+Wij trokken door La Guardia del Monte. Dit is een aardig uitgebouwd
+stadje met vele tuinen vol perzik- en kweepereboomen. De vlakte
+had hier hetzelfde voorkomen als die om Buenos Aires, met kort en
+lichtgroen gras, met klaver- en distelvelden, en ook bizcacha-holen. Ik
+stond zeer verrast door de zichtbare verandering in voorkomen van
+het land, nadat ik de Salado was overgetrokken. Uit een grove weide
+kwamen wij op een tapijt van fraai groen gras. Eerst schreef ik den
+overgang toe aan eene kleine verandering in den aard van den grond;
+maar de inwoners verzekerden mij, dat hier zoowel als in Oost-Banda,
+waar een even groot verschil bestaat tusschen het land om Montevideo
+en de dun bevolkte savanas van Colonia--het geheele verschijnsel was
+toe te schrijven aan de bemesting en het grazen van het vee. Volmaakt
+hetzelfde feit is waargenomen in de prairiën van Noord-Amerika,
+[117] waar grof gras van tusschen de vijf en zes voet hoogte in
+gewoon weiland verandert, zoodra er vee op graast. Ik ben niet genoeg
+plantkundige om te zeggen, of de verandering hier is toe te schrijven
+aan den invoer van nieuwe species, aan den gewijzigden groei van
+dezelfden, òf aan een verschil in hare getalverhoudingen. Ook Azara
+heeft met verbazing deze verandering opgemerkt; ook hij is zeer
+verrast door de plotselinge verschijning van planten, niet in den
+omtrek voorkomende, aan de kanten van een pad of spoor, dat naar eene
+nieuw gebouwde hut leidt. Elders zegt hij: "ces chevaux (sauvages)
+ont la manie de préférer les chemins et le bord des routes pour déposer
+leurs excréments, dont on trouve des monceaux dans ces endroits." [118]
+Wordt het feit niet gedeeltelijk hieruit verklaard? Zoo dienen strooken
+vetbemest land als verbindingswegen door uitgebreide districten.
+
+In de nabijheid van Guardia vinden wij de zuidelijke grens van twee
+Europeesche planten, die nu buitengewoon talrijk worden. De Venkel
+(Anethum foeniculum) bedekt in grooten overvloed de slootkanten in
+den omtrek van Buenos Aires, Montevideo en andere steden. Maar de
+Cardón of Spaansche (Stekelige) Artisjok (Cynara cardunculus) [119]
+heeft eene veel grootere verspreiding, en komt op deze breedten in
+het werelddeel aan beide zijden van de Cordilleras voor. Ik zag haar
+op onbewoonde plaatsen in Chili, Entre Rios en Oost-Banda. Alleen
+in laatstgenoemd land zijn talrijke (waarschijnlijk vele honderden)
+vierkante mijlen met een dicht, voor mensch en dier ondoordringbaar
+bosch van deze stekelige planten bedekt. Op de golvende vlakten, waar
+deze groote bosschen voorkomen, kan tegenwoordig niets anders leven;
+maar vóór hare invoering moet de grond, evenals op andere gedeelten,
+eene welige gras-vegetatie hebben gehad. Ik betwijfel of een tweede
+voorbeeld bekend is, dat eene plant op zoo groote schaal een inval op
+inheemsche planten heeft gedaan. Zooals ik reeds gezegd heb, zag ik den
+cardón nergens ten zuiden van de Salado; maar het is waarschijnlijk,
+dat deze plant haar gebied zal uitbreiden, naarmate het land meer
+bewoond wordt. Anders staat het met den Reuzendistel der Pampas (met
+bespikkelde bladeren); want dezen vond ik in het dal van de Rio Sauce.
+
+Volgens de zoo juist geschreven "Principles" van Charles Lyell,
+hebben weinige landen meer merkwaardige veranderingen ondergaan dan
+La Plata, sedert er in 1535 de eerste kolonist met 72 paarden voet
+aan land zette. De tallooze kudden paarden, vee en schapen hebben
+niet alleen het geheele aanzien der flora veranderd, maar bijna het
+guanaco, het hert en den struisvogel verdreven. Evenzoo moeten tal van
+andere veranderingen hebben plaats gehad; het wilde zwijn vervangt in
+sommige gedeelten waarschijnlijk het pecari; troepen wilde honden kan
+men hooren huilen op de begroeide oevers der minder bevaren stroomen,
+en de gewone kat, nu veranderd in een groot en wild dier, bewoont
+de rotsachtige heuvels. Zooals d'Orbigny heeft opgemerkt, moet de
+vermeerdering in aantal van de aasgieren sedert den invoer der tamme
+of huisdieren verbazend groot geweest zijn; en wij hebben de redenen
+genoemd waarom wij gelooven, dat zij hunne zuidelijke grens hebben
+uitgebreid. Zonder twijfel zijn, behalve de cardón en de venkel,
+vele planten genaturaliseerd. Zoo zijn de eilanden bij den mond der
+Parana dicht met perzik- en oranjeboomen bedekt, afstammende van zaden,
+die er door het water der rivier zijn heengevoerd.
+
+Toen wij te Guardia van paarden verwisselden, ondervroegen vele lieden
+ons over het leger; en nooit zag ik eene geestdrift als daar betoond
+werd over Rosas en het succes van "den rechtvaardigsten aller oorlogen,
+omdat hij tegen barbaren gevoerd werd." Deze uitdrukking is--het
+moet erkend worden--zeer natuurlijk; want tot voor korten tijd waren
+mannen, vrouwen noch paarden voor de aanvallen der Indianen veilig. Wij
+hadden een langen dagrit over dezelfde welige groene vlakte, waarin
+talrijke afwisselende kudden, en hier en daar eene eenzame estáncia
+in gezelschap van haar eenigen ombu-boom. Des avonds kwamen wij onder
+een hevigen regen aan een posthuis, waar ons door den eigenaar gezegd
+werd, dat, zoo wij geen behoorlijk paspoort hadden, wij dan moesten
+voorbijgaan, aangezien er zooveel roovers waren, dat hij niemand
+meer vertrouwde. Toen hij echter mijn paspoort las, dat begon met de
+woorden: "El Naturalista Don Carlos," was hij even uitbundig in zijn
+eerbied en beleefdheid, als te voren in zijn achterdocht. Wat een
+natuuronderzoeker eigenlijk was--daarvan had hij, noch hadden zijn
+landgenooten, geloof ik, eenig begrip. Doch waarschijnlijk verloor
+mijn titel hierdoor niets in waarde.
+
+[20 September.]
+
+Omstreeks het midden van den dag kwamen wij te Buenos Aires. De
+voorsteden der stad met hare hagen van Agave, [120] hare boschjes
+olijf-, perzik- en wilgeboomen, die alle juist hunne frischgroene
+bladeren ontplooiden, zagen er zeer aardig uit. Ik reed naar het
+huis van Lumb, een Engelsch koopman, aan wiens vriendelijkheid
+en gastvrijheid gedurende mijn verblijf in het land ik zeer veel
+verplicht ben.
+
+Buenos Aires is eene groote stad [121] en, naar mijn idee, eene van de
+regelmatigste ter wereld. Alle straten kruisen elkander rechthoekig;
+en daar de evenwijdige op onderling gelijke afstanden liggen, zijn de
+huizen gegroepeerd in vierkanten van gelijke afmetingen, die quadras
+worden genoemd. Anderzijds zijn de huizen zelve holle vierkanten,
+daar alle kamers op een net binnenplaatsje uitkomen. Meestal zijn
+zij slechts ééne verdieping hoog, met platte daken waarop stoelen
+geplaatst zijn en waar de bewoners des zomers veel zitten. In het
+midden der stad is de Plaza, waar de openbare gebouwen, het fort,
+de hoofdkerk, e.a. staan. Vóór de omwenteling hadden hier ook de
+oude onderkoningen hunne paleizen. Alle gebouwen, te zamen genomen,
+bezitten veel architectonische schoonheid, ofschoon geen enkel daarop
+in 't bijzonder kan roemen.
+
+De groote corrál, waar de dieren bewaard en geslacht worden, die als
+voedsel moeten dienen voor deze vleeschetende bevolking, is een gebouw,
+dat de bezichtiging overwaard is. De kracht van het paard vergeleken
+bij die van den os is bepaald verwonderlijk: een man te paard, die
+zijn lazo om de horens van een beest heeft geworpen, kan het trekken
+waarheen hij wil. Met uitgestrekte pooten den grond omploegende, tracht
+het dier te vergeefs de kracht te weerstaan, en rent dan meestal in
+volle vaart naar één kant. Maar onmiddellijk zwenkt het paard om den
+schok te breken, en staat dan zoo pal, dat de os bijna omver wordt
+geworpen, en men zich verwonderen moet dat daarbij zijn nek niet
+breekt. Het is echter geen strijd waarin het alleen op kracht aankomt,
+want de buikriem van het paard weegt op tegen den gestrekten hals
+van den os. Op gelijke wijze kan een man het wildste paard bedwingen,
+zoo hij het met den lazo vlak achter de ooren heeft gevangen. Als de
+os naar de plek is getrokken waar hij geslacht moet worden, snijdt de
+matadór [122] met groote voorzichtigheid zijne kniepezen door. Daarna
+geeft men den doodelijken slag. Hartverscheurender geluid dan van
+dezen wilden doodstrijd heb ik nooit gehoord. Dikwijls heb ik het op
+verren afstand onderscheiden, en wist dan altijd dat het einde van den
+strijd nabij was. De geheele aanblik is verschrikkelijk en walgelijk:
+de grond is als met beenderen bezaaid, en ruiters en paarden zijn
+doorweekt van geronnen bloed...
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK VII.
+
+VAN BUENOS AIRES NAAR SANTA FÉ.
+
+
+[27 September.]
+
+Des avonds ondernam ik een uitstapje naar Santa Fé, dat ongeveer 300
+Engelsche mijlen van Buenos Aires aan de oevers der Parana gelegen
+is. Na het regenachtige weder waren de wegen in de nabijheid der stad
+buitengewoon slecht. Ik had nooit gedacht, dat een ossenwagen hier over
+kon; zooals de wegen nu waren, vorderde men nauwelijks een mijl in het
+uur, en vooruit liep een man om de beste richting aan te wijzen. De
+ossen werden verschrikkelijk afgemat. Het is eene groote dwaling zoo
+men meent, dat bij betere wegen en een versnelden gang het lijden
+der dieren in dezelfde verhouding zou toenemen. Wij reden voorbij een
+tros wagens en een troep beesten op weg naar Mendoza. De afstand is
+ongeveer 580 geographische mijlen (1075 kilom.), en meestal wordt de
+tocht in 50 dagen volbracht. Deze wagens zijn zeer lang, smal en met
+riet overkapt; zij hebben slechts twee wielen, waarvan de middellijn
+soms tien voet bedraagt. Elke wagen wordt door zes ossen getrokken,
+die door een drijversprikkel van minstens 20 voet lengte voortgedreven
+worden. Dit werktuig hangt in de kap; voor de disselossen houdt men
+een kleineren prikkel in de hand, en voor het middelste paar dient
+een punt, welke rechthoekig uit het midden van den langen steekt. Het
+geheele toestel had veel weg van een of ander oorlogswerktuig.
+
+[28 September.]
+
+Wij trokken door het stadje Luxan, alwaar een houten brug over de
+rivier ligt--iets wat in dit land een zeer ongewoon gebruik is, en
+gingen ook door Areco. De vlakten waren schijnbaar effen, doch in
+werkelijkheid niet, want op verschillende plaatsen was de horizon
+niet te peilen. De estáncias staan hier ver van elkander, omreden
+het land bedekt is met velden van een wrange soort klaver of van den
+grooten distel, en er dus weinig goed weiland is. De laatsten, wel
+bekend uit de heldere beschrijving van Sir F. Head, waren in dezen
+tijd van het jaar voor twee derden volwassen; op sommige plaatsen
+bereikten zij de hoogte van een paarderug, doch op andere waren
+zij nog niet uitgekomen, en was de grond kaal en stoffig als op een
+tolweg. De velden waren van het glanzigste groen en vertoonden eene
+fraaie miniatuur-gelijkenis met gebroken boschland. Als de distels
+volwassen zijn, zijn de groote velden ondoordringbaar, behalve langs
+enkele paden, even ingewikkeld als in een doolhof. Deze zijn alléén
+aan de roovers bekend, die hen in dit seizoen bewonen en 's nachts te
+voorschijn komen om ongestraft te stelen en te moorden. Toen ik ergens
+aan een huis vroeg of de roovers talrijk waren, kreeg ik ten antwoord:
+"De distels zijn nog niet uit"--waarvan de beteekenis op het eerste
+gehoor niet heel duidelijk was. Een tocht langs deze paden biedt weinig
+belangrijks, wijl zij door weinig dieren of vogels bewoond worden,
+met uitzondering van de bizcacha en haar vriend, den kleinen uil.
+
+De bizcacha of het Peruaansch Konijntje [123] vormt naar men weet, een
+sprekend kenmerk in de zoölogie der Pampas. Men vindt het zuidelijk
+tot aan de Rio Negro op 41° breedte, maar niet lager. Het kan niet,
+zooals het aguti, op de woeste grintvlakten van Patagonië leven,
+maar verkiest een kleiachtigen of zandigen bodem, die een anderen en
+meer overvloedigen plantengroei voortbrengt. Bij Mendoza, aan den voet
+der Cordilleras, komt het dicht in de buurt der verwante hooglandsche
+species voor. Het is een zeer opmerkelijk feit in zijne geographische
+verspreiding, dat het, gelukkig voor de bewoners van Oost-Banda,
+nooit ten oosten van de Uruguay-rivier gezien is, niettegenstaande
+dat er vlakten in deze provincie zijn, welke uitmuntend voor zijne
+leefwijze geschikt schijnen. De Uruguay heeft een onoverkomelijken
+hinderpaal gevormd voor zijne verhuizing, ofschoon de breedere slagboom
+van de Parana overschreden werd, en de bizcacha in de tusschen deze
+twee groote rivieren gelegen provincie Entre Rios inheemsch is. Bij
+Buenos Aires komen deze dieren uiterst veel voor. Hun meest gezocht
+verblijf schijnen die gedeelten der vlakte te zijn, welke een half
+jaar lang met geen andere planten dan reuzendistels bedekt zijn. De
+Gauchos zeggen, dat het van wortels leeft, hetgeen wegens de groote
+sterkte zijner knaagtanden en de soort plaatsen die het bezoekt, wel
+waarschijnlijk lijkt. Des avonds komen de bizcachas in menigte naar
+buiten, en zitten bij den ingang harer holen kalm op de hurken. Op
+zulke oogenblikken zijn zij zeer mak; en een man, die ze te paard
+voorbijrijdt, schijnt dan slechts een voorwerp van ernstige beschouwing
+voor ze te zijn. Zij loopen zeer plomp, en hebben, als zij zich voor
+een gevaar uit de voeten maken, met hare opgeheven staarten en korte
+voorpooten veel weg van groote ratten. Haar vleesch, gekookt, is zeer
+blank en goed, maar wordt zelden gebruikt.
+
+De bizcacha heeft eene zeer zonderlinge gewoonte, hierin bestaande,
+dat zij elk hard voorwerp naar de opening van haar hol sleept. Vele
+beenderen van vee, steenen, distelstengels, harde aardkluiten, droge
+mest, enz. worden in een ongeregelden hoop--dikwijls zooveel als
+een kruiwagen bevatten kan--om elke groep holen bijeengebracht. Van
+geloofwaardige zijde werd mij verteld, dat een heer gedurende een rit
+in een donkeren nacht zijn horloge verloor. Des morgens keerde hij
+terug, onderzocht den grond bij elk bizcacha-hol dat langs den weg lag,
+en vond het spoedig, gelijk bij verwacht had. Deze gewoonte om alles
+op te rapen wat ergens op den grond in de buurt zijner woning ligt,
+moet het dier heel wat werk geven. Wáárom het gedaan wordt, kan ik in
+de verste verte zelfs niet gissen: voor verdediging kan het niet zijn,
+daar de afval in hoofdzaak boven de opening van het hol gelegd wordt,
+dat onder een zeer kleinen hoek in den grond dringt. Ongetwijfeld
+moet er een goede reden voor bestaan; maar aan de bewoners van het
+land is zij geheel onbekend. Het eenige mij bekende feit, dat daarmeê
+overeenkomt, is de gewoonte van dien buitengewonen Australischen
+vogel (Calodera maculata), die een sierlijk gewelfden doorgang van
+takjes maakt om in te spelen, en bij de plek land- en zeeschelpen,
+beenderen en vogelveêren, vooral lichtkleurige, verzamelt. Gould, die
+deze feiten beschreven heeft, meldt mij, dat de inboorlingen, als zij
+een hard voorwerp verliezen, de speeldoorgangen onderzoeken; en hem
+is bekend, dat op die manier eens een tabakspijp werd teruggevonden.
+
+De kleine uil (Athene cunicularia), die zoo dikwijls genoemd is,
+bewoont op de vlakten van Buenos Aires uitsluitend de holen der
+bizcacha; maar in Oost-Banda is hij zijn eigen werkman. Overdag, doch
+meer in 't bijzonder des avonds, kan men deze vogels dikwijls bij paren
+in alle richtingen op de heuvels bij hunne holen zien staan. Zoo men
+hen stoort, gaan zij òf in het hol, òf zij vliegen onder het uiten van
+een schellen, rauwen kreet in merkwaardige bochten een kort eind weg,
+keeren zich dan om en kijken onbeweeglijk naar hun vervolger. Soms
+kan men hen des avonds hooren krassen. In de door mij geopende magen
+van twee hunner vond ik overblijfsels van muizen, en eens zag ik
+een kleine doode slang wegvoeren. Men zegt, dat slangen hun gewone
+buit zijn gedurende den dag. Als een bewijs van welke verschillende
+soorten voedsel uilen kunnen leven, wil ik hier vermelden, dat bij
+een exemplaar hetwelk op de eilanden van den Chonos-Archipel gedood
+werd, de maag vol tamelijk groote krabben was. In Indië bestaat een
+visschende uilensoort, die eveneens krabben vangt. [124]
+
+Des avonds staken wij op een eenvoudig, uit saamgebonden vaten
+gemaakt vlot over de Rio Arrecife, en sliepen in het posthuis aan den
+overkant. Ik betaalde dien dag voor 31 leagues paardenhuur; en hoewel
+de zon blakerend heet was, gevoelde ik mij maar weinig vermoeid. Als
+kapitein Head spreekt van 50 leagues rijden per dag, stel ik mij
+den afstand niet voor als gelijk aan 150 Engelsche mijlen. In elk
+geval bedroegen de 31 leagues, in rechte lijn gemeten, slechts 76
+Eng. mijlen; dit vermeerderd met vier mijlen voor omwegen in geval
+van een open land, zou, naar ik denk, een voldoenden maatstaf geven.
+
+[29 en 30 September.]
+
+Wij vervolgden onzen rit over vlakten van dezelfde gesteldheid. Te San
+Nicolás zag ik voor het eerst de statige rivier Parana. Aan den voet
+der rots, waarop San Nicolás ligt, lagen eenige groote schepen voor
+anker. Voordat wij te Rosario kwamen, staken wij de Saladillo over, een
+stroom van helder vlietend water, maar te zout om te drinken. Rosario
+is eene groote stad [125] in eene doodsche effen vlakte, die een
+zestig voet hoogen rotswand vormt boven de Parana. De rivier is hier
+zeer breed, met vele eilandjes, die, evenals de overstaande oever,
+laag en begroeid zijn. Men zou wanen een groot meer voor zich te zien,
+indien de eilandjes met hunne rechtlijnige vormen niet terstond aan
+stroomend water herinnerden. De klippen zijn het schilderachtigste
+gedeelte: soms zijn zij zuiver loodrecht en van eene roode kleur;
+andere keeren vormen zij groote gebroken rotsen, die met cactussen
+en mimosa-boomen bedekt zijn. Het werkelijk grootsche van eene
+reusachtige rivier als deze, beseft men eerst uit de overweging, welk
+een belangrijk middel van gemeenschap zij vormt voor den handel van
+het eene volk met het andere; welk een afstand zij doorloopt, en hoe
+uitgestrekt het gebied is, waaraan zij het groote volume zoetwater
+onttrekt, dat voorbij uwe voeten vloeit.
+
+Vele leagues ten noorden en ten zuiden van San Nicolás en Rosario
+is het land inderdaad vlak. Van hetgeen reizigers over dit zeer
+vlakke voorkomen geschreven hebben, kan bijna niets overdreven
+worden geacht. Toch kon ik bijna nooit een plek vinden, van waar,
+als ik mij langzaam omdraaide, de voorwerpen in sommige richtingen
+niet verder af gezien werden, dan in andere; en klaarblijkelijk wijst
+dit op oneffenheid van terrein. Op zee ligt de horizon van iemand,
+wiens oog zes voet boven de oppervlakte van het water is geplaatst,
+op 2 4/5 mijl afstand. [126] Hoe vlakker het terrein, des te meer
+ook nadert de horizon deze enge grenzen; en naar mijn idee, ontneemt
+dit aan eene uitgestrekte effen vlakte geheel die grootschheid,
+welke men denken zou dat zij bezat.
+
+[1 October.]
+
+Wij reden bij maanlicht weg, en kwamen bij zonsopgang aan de Rio
+Tercero. Deze rivier wordt óok de Saladillo genoemd, en verdient dien
+naam, want het water is brak. Ik bleef hier het grootste deel van
+den dag, bezig met het zoeken naar fossiele beenderen. Behalve een
+volledigen tand van den Toxodon en vele verspreide beenderen, vond ik
+twee reusachtige skeletten, die, dicht bij elkander, als een verheven
+beeldwerk uit den loodrechten oeverwand der Parana staken. Zij waren
+echter zoo vergaan, dat ik slechts twee kleine stukken van een der
+groote maaltanden kon meênemen; maar deze bewijzen voldoende dat de
+overblijfsels tot een Mastodon [127] behooren--waarschijnlijk dezelfde
+soort als die voorheen de Cordilleras in Opper-Peru in zoo groot aantal
+bewoonde. De mannen, die mij in hunne kano vervoerden, zeiden dat
+zij deze skeletten al lang gekend en zich dikwijls verwonderd hadden,
+dat zij daar gekomen waren; maar het noodzakelijke van eene theorie
+beseffende, waren zij tot de gevolgtrekking gekomen dat de Mastodon,
+evenals de bizcacha, voorheen een graafdier was geweest! Des avonds
+reden wij naar een ander veer en staken de Monge over: wederom eene
+brakwater-rivier, die den droesem van het spoelwater der Pampas
+medevoert.
+
+[2 October.]
+
+Onze tocht leidde door Corunda, dat om zijn bloeiende tuinen een der
+aardigste dorpen was, die ik ooit zag. Van af dit punt naar Santa Fé
+is de weg niet heel veilig. De westzijde der Parana is in noordelijke
+richting onbewoond; dit heeft tengevolge, dat de Indianen soms tot
+hier doordringen en de reizigers belagen. Ook is de gesteldheid
+van het land daartoe gunstig; want in plaats van eene grasvlakte,
+is hier een open boschland, bestaande uit lage stekelige mimosae. Wij
+gingen langs eenige huizen, die geplunderd en sedert verlaten waren,
+en zagen tegelijk een schouwspel dat mijne gidsen met de hoogste
+voldoening bekeken. Het was het skelet van een Indiaan, die met de
+droge huid om zijn gebeente, aan de takken van een boom hing.
+
+Des morgens kwamen wij te Santa Fé, waar ik tot mijn verrassing
+bemerkte welke groote klimaatverandering een breedte-verschil van
+slechts drie graden tusschen deze plaats en Buenos Aires ten gevolge
+had gehad. Dit bleek uit de kleeding en het uiterlijk der menschen,
+uit de meerdere hoogte der ombu-boomen, het aantal nieuwe cactussen
+en andere planten, maar vooral uit de vogels. In den loop van een uur
+bespeurde ik een half dozijn vogels, die ik nooit te Buenos Aires
+had gezien. In aanmerking genomen, dat er tusschen beide plaatsen
+geen natuurlijke grensscheiding is, in de gesteldheid van het land
+bijna dezelfde, zoo was het onderscheid veel grooter dan ik had
+mogen verwachten.
+
+[3 en 4 October.]
+
+Deze beide dagen werd ik door hoofdpijn aan mijn bed gekluisterd. Eene
+goedhartige oude vrouw, die mij oppaste, wilde mij een aantal
+zonderlinge middelen laten beproeven. Een alledaagsch middel is, dat
+men een blad van een oranjeboom of een stuk zwarte pleister aan elken
+slaap hecht; en een nog algemeenere methode is, dat men een boon in
+tweeën snijdt, de helften natmaakt en op elken slaap één legt, waar
+zij licht zullen vastkleven. Het wordt niet raadzaam geacht de boonen
+of de pleister te verwijderen, maar ze te laten afvallen; en zoo zal
+iemand met zulke dingen op het hoofd op uwe vraag wat er aan scheelt,
+soms ten antwoord geven: "Eergisteren had ik hoofdpijn." Vele van de
+geneesmiddelen, die het volk in dit land gebruikt, zijn belachelijk
+vreemd, maar te walgelijk om genoemd te worden. Een van de minst
+vuile is, dat men twee jonge hondjes doodt, opensnijdt en hen aan
+weerszijden van een gebroken lid vastbindt. Kleine onbehaarde honden
+zijn zeer gezocht om aan de voeten van verminkte personen te slapen.
+
+Santa Fé is een rustig stadje, dat zindelijk en goed onderhouden
+wordt. [128] De gouverneur Lopez was een gewoon soldaat ten tijde der
+revolutie, maar is nu 17 jaar aan het bewind. Deze bestendige regeering
+is toe te schrijven aan zijne tyrannieke gewoonten, want tyrannie
+schijnt voor deze landen nog beter geschikt dan een republikeinsch
+bestuur. De geliefkoosde bezigheid van den gouverneur is het jachtmaken
+op Indianen; onlangs vermoordde hij er 48, en verkocht de kinderen
+voor den prijs van drie of vier pond het stuk.
+
+[5 October.]
+
+Wij trokken de Parana over naar Santa Fé Bajada, eene stad op
+den overstaanden oever. De overtocht duurde eenige uren, wijl de
+rivier hier uit een doolhof van kleine stroomen bestond, onderling
+gescheiden door lage begroeide eilanden. Ik had een introductie-brief
+aan een ouden Spanjaard uit Catalonië, die mij met de meest bijzondere
+gastvrijheid behandelde. Bajada is de hoofdstad van Entre Rios. In
+1825 had de stad 6000 inwoners en de provincie 30.000; maar ondanks
+dit geringe cijfer, heeft geen provincie meer van bloedige en
+wanhopige omwentelingen te lijden gehad, dan zij. Men pocht hier
+op vertegenwoordigers, ministers, een staand leger en gouverneurs:
+bijgevolg is het geen wonder, dat men zijn omwentelingen heeft. In
+de toekomst zal dit een der welvarendste provinciën van La Plata
+worden. [129] De bodem is afwisselend en vruchtbaar, en door hare
+bijna eilandvormige gedaante bezit zij in de rivieren Parana en
+Uruguay twee groote verbindingswegen.
+
+
+
+Ik had hier een oponthoud van vijf dagen, welken tijd ik besteedde aan
+het geologisch onderzoek van het naburige land, dat veel belangrijks
+biedt. Wij zien hier, aan den voet der klippen, lagen met ingesloten
+haaietanden en zeeschelpen van uitgestorven soorten opwaarts in
+een verharden mergel overgaan, en verder in de roode kleiachtige
+Pampas-aarde met hare kalkachtige verdikkingen en beenderen van
+land-viervoeters. Deze loodrechte doorsnede zegt ons duidelijk,
+dat hier eene groote baai met zuiver zoutwater gaandeweg inkromp en
+eindelijk in eene modderige rivier-delta veranderde, waar drijvende
+lijken werden heengevoerd. Te Punta Gorda in Oost-Banda vond ik
+de delta-afzetting van de Pampas afgewisseld door een kalksteen,
+die eenige van dezelfde uitgestorven zeeschelpdieren bevatte; dit
+laatste wijst dus òf op eene verandering van de vroegere stroomingen,
+òf, wat waarschijnlijker is, op eene hoogte-schommeling van den
+bodem der oude rivier-delta. Tot voor korten tijd waren de redenen,
+waarom ik de Pampas-formatie voor eene delta-afzetting hield, deze:
+haar algemeen voorkomen, hare ligging bij de monding van de bestaande
+groote Rio de la Plata, en de aanwezigheid van zooveel beenderen van
+land-viervoeters. Maar nu heeft Prof. Ehrenberg de goedheid gehad voor
+mij wat van de roode aarde te onderzoeken, welke diep uit het afzetsel,
+dicht bij de skeletten van den mastodon, genomen was; en daarin vindt
+hij talrijke infusiediertjes, deels zout-, deels zoetwater-vormen,
+de laatsten met eene geringe meerderheid. Naar aanleiding daarvan
+merkt hij op, dat het water brak moet geweest zijn. A. d'Orbigny
+vond aan de oevers der Parana, ter hoogte van ongeveer honderd voet,
+groote beddingen van een delta-schelpdier, dat nu honderd mijlen
+stroomafwaarts dichter bij zee leeft; en dergelijke schelpdieren vond
+ik op geringere hoogte aan de oevers van de Uruguay; dit bewijst, dat,
+onmiddellijk voordat de Pampas onder langzame rijzing in droog land
+veranderde, het daarop staande water brak was. Onder Buenos Aires
+zijn gerezen beddingen met zeeschelpdieren van levende soorten, wat
+eveneens bewijst, dat de periode der Pampas-rijzing in het jongste
+of Quartaire Tijdvak viel. [130]
+
+In de Pampas-formatie te Bajada vond ik het beenachtig pantser van een
+kolossaal armadil-achtig dier, waarvan de binnenzijde, na verwijdering
+van de aarde, er als een groote ketel uitzag. Ook vond ik tanden van
+den Toxodon en Mastodon, benevens een tand van een paard in denzelfden
+verkleurden en verweerden staat. Deze laatste tand boezemde mij veel
+belang in, [131] en met nauwgezette zorg vergewiste ik mij, dat hij
+tegelijktijdig met de andere overblijfsels begraven was. Ik wist toen
+namelijk niet, dat onder de fossielen uit Bahia Blanca een paardetand
+in het moedergesteente verborgen was; ook was toen niet met zekerheid
+bekend, dat de overblijfsels van paarden in Noord-Amerika algemeen
+zijn. Onlangs heeft Lyell uit de Vereenigde Staten een paardetand
+meêgebracht; en het is een belangrijk feit, dat Prof. Owen bij geen
+enkele versteende of jongere soort eenig spoor van karakteristieke
+kromming kon vinden, totdat hij op het denkbeeld kwam den tand met
+het door mij alhier gevonden exemplaar te vergelijken. Hij heeft
+dit Amerikaansche paard Equus curvidens genoemd. Het is zeker een
+wonderbaar feit in de geschiedenis der Zoogdieren, dat in Zuid-Amerika
+een inheemsch paard geleefd heeft en verdwenen is, om in latere
+eeuwen te worden opgevolgd door de tallooze kudden afstammelingen
+van de enkele dieren, die door de Spaansche kolonisten zijn ingevoerd!
+
+Dat in Zuid-Amerika een fossiel paard, een mastodon, wellicht
+een olifant, [132] en een holhoornig herkauwend dier (door Lund
+en Clausen in de holen van Brazilië ontdekt) bestaan, zijn zeer
+belangwekkende feiten met betrekking tot de geographische verspreiding
+der dieren. Verdeelen wij nu Amerika--niet bij de landengte van Panama,
+maar langs het zuidelijk deel van Mexico op 20° breedte, [133] waar
+het groote tafelland door zijn invloed op het klimaat, en omdat het
+met uitzondering van eenige valleiën en een strook laagland aan de
+kust, een breede slagboom is voor den trek der soorten--dan zullen
+wij de twee zoölogische provinciën van Noord- en Zuid-Amerika scherp
+tegenover elkander hebben gesteld. Slechts weinige species zijn den
+slagboom doorgegaan, en kunnen als landverhuizers uit het zuiden worden
+aangemerkt: zooals de puma, het opossum of Amerikaansche buideldier,
+de kinkaju (Cercoleptes caudivolvolus) en het pecari. Zuid-Amerika
+kenmerkt zich door zijn bezit van vele eigenaardige knaagdieren, eene
+familie apen, de lama, het pecari, den tapir, buideldieren, en in 't
+bijzonder door verschillende geslachten Edentata--eene orde, waartoe
+de luiaards, de miereneters en armadillen behooren. Noord-Amerika,
+daarentegen, kenmerkt zich (enkele treksoorten niet medegerekend)
+door talrijke bijzondere knaagdieren, en door vier geslachten (os,
+schaap, geit en antiloop) holhoornige herkauwers, van welke groote
+afdeeling men niet weet, dat Zuid-Amerika eenige enkele species bezit.
+
+Voorheen, maar in het tijdperk toen de meeste der nu bestaande
+schelpdieren leefden, bezat Noord-Amerika, behalve holhoornige
+herkauwers, den olifant, mastodon, het paard en drie geslachten
+Edentata, namelijk: Megatherium, Megalonyx en Mylodon. In ongeveer
+het zelfde tijdperk (zooals door de schelpdieren van Bahia Blanca
+bewezen wordt), bezat Zuid-Amerika--naar wij straks gezegd hebben--een
+mastodon, een paard, een holhoornigen herkauwer, en dezelfde drie
+geslachten (tegelijk met vele andere) Edentata. Daaruit blijkt,
+dat Noord- en Zuid-Amerika, toen zij in een vroeger geologisch
+tijdperk deze vele geslachten gemeen hadden, in het kenmerk hunner
+landbewoners veel nauwer aan elkaar verwant waren dan nu. Hoe meer
+ik over deze zaak nadenk, des te belangwekkender schijnt zij mij:
+ik ken geen ander voorbeeld, waar wij bijna kunnen aanduiden wanneer
+en hoe één groot gebied gesplitst werd in twee scherp gekenmerkte
+zoölogische provinciën. De geoloog, die onder den vollen indruk is
+van de groote hoogte-schommelingen welke de aardkorst in vroegere
+tijdperken onderging, zal niet schromen de latere rijzing van
+het Mexicaansche tafelland, of wat waarschijnlijker is: de latere
+landverdrinking in den Westindischen Archipel als de oorzaak te
+beschouwen van de hedendaagsche zoölogische scheiding tusschen Noord-
+en Zuid-Amerika. Het Zuidamerikaansche kenmerk der Westindische
+zoogdieren [134] schijnt er op te wijzen, dat deze archipel voorheen
+met het zuidelijk vasteland verbonden was, en in 't vervolg van tijd
+een gezonken gebied is geworden.
+
+Toen Amerika, en in 't bijzonder Noord-Amerika zijne olifanten,
+mastodonten, zijn paard en holhoornige herkauwers bezat, was het in
+zijne zoölogische kenmerken veel nauwer aan de gematigde deelen van
+Europa en Azië verwant, dan het nu is. Daar de overblijfsels dezer
+geslachten aan weerszijden van de Behring-Straat en in de vlakten van
+Siberië gevonden worden, [135] zijn wij genoopt de noordwestzijde van
+Noord-Amerika als het vroegere verbindingspunt aan te zien tusschen
+de Oude en zoogenaamde Nieuwe Wereld. En aangezien zoo vele soorten,
+levende en uitgestorvene, van deze zelfde geslachten de Oude Wereld
+bewonen en bewoond hebben, lijkt het hoogst waarschijnlijk, dat de
+Noord-Amerikaansche olifanten, mastodonten, paard en holhoornige
+herkauwers over later gezonken land bij de Behring-Straat uit Siberië
+naar Noord-Amerika verhuisden, en vandaar, over later gezonken land
+in West-Indië, naar Zuid-Amerika, alwaar zij zich eenigen tijd met de
+inheemsche vormen van dat zuidelijk vasteland vermengden, en sedert
+uitgestorven zijn.
+
+
+
+Op mijne reis door het land kreeg ik verscheidene levendige
+beschrijvingen van de gevolgen eener groote droogte, die onlangs
+geheerscht had; en het verhaal hiervan is wel geschikt om eenig
+licht te werpen op de gevallen, waarin een groot aantal dieren
+van alle soorten te zamen begraven werden. De tijdruimte begrepen
+tusschen de jaren 1827 en 1832 wordt de "gran seco" of groote
+droogte genoemd. Gedurende dien tijd viel zoo weinig regen, dat de
+plantengroei, tot zelfs de distels, mislukte; de beken droogden uit, en
+het geheele land kreeg het aanzien van een stoffigen heerweg. Dit was
+vooral het geval in het noordelijk deel der provincie Buenos Aires en
+in het zuidelijk deel van Santa Fé. Eene groote menigte vogels, wilde
+dieren, vee en paarden stierven door gebrek aan voedsel en water. Een
+man vertelde mij, dat de herten naar den put op zijne binnenplaats
+plachten te komen, [136] dien hij genoodzaakt was geweest te graven, om
+zijn gezin van water te voorzien, en dat de patrijzen nauwelijks kracht
+hadden om weg te vliegen als zij vervolgd werden. Het verlies aan vee
+in de provincie Buenos Aires alléén werd op minstens een millioen stuks
+geschat. Een eigenaar te San Pedro had vóór deze jaren 20.000 stuks
+vee; aan het einde bleef er geen enkel over. San Pedro is gelegen
+te midden van de fraaiste landstreek, en heeft zelfs nu (Oct. 1833)
+weer overvloed van dieren; maar in het laatste gedeelte van den "gran
+seco" werd het levend vee, dat tot voedsel der bewoners bestemd was,
+op groote schepen aangevoerd. De dieren dwaalden van hunne estancias
+af, trokken ver naar het zuiden, en vermengden zich daar in zulke
+menigte, dat eene Rijkscommissie uit Buenos Aires werd gezonden om
+de geschillen der eigenaars te regelen. Sir Woodbine Parish vertelde
+mij van eene andere en zeer merkwaardige aanleiding tot geschil:
+wegens de groote droogte van den grond woeien zulke massa's stof op,
+dat de landpalen in deze open streek overstoven werden, en de menschen
+niet konden zeggen waar de grenzen hunner goederen waren!
+
+Een ooggetuige deelde mij mede, dat het vee in kudden van duizenden
+in de Parana liep, alwaar het, uitgeput van honger, de kracht
+miste weder tegen de modderige oevers op te klimmen, zoodat het
+verdronk. De rivierarm, die langs San Pedro vloeit, was zoo vol
+verrotte lijken, dat een schippersbaas mij vertelde, dat de stank het
+bepaald onmogelijk maakte er door te varen. Zonder twijfel kwamen
+zoo vele honderdduizenden dieren in de rivier om: hunne rottende
+lichamen zag men den stroom afdrijven, en naar alle waarschijnlijkheid
+werden vele in de delta der Rio de la Plata begraven. Alle kleine
+rivieren kregen een hoog zoutgehalte; en op sommige plaatsen
+veroorzaakte dit den dood van talrijke individuën; want als een
+dier van zulk water drinkt, herstelt het niet. Azara beschrijft
+[137] de razernij der wilde paarden bij zulk eene gelegenheid,
+die zich in de moerassen stortten, en waarbij de eerstaangekomenen
+overstelpt en doodgedrukt werden door de volgenden. Hij voegt er bij,
+dat hij meer dan eens een duizendtal lijken van wilde paarden zag,
+die aldus waren omgekomen. Ik merkte op, dat de beddingen van kleine
+stroomen in de Pampas met een beenderen-breccia bedekt waren; maar
+waarschijnlijk was dit toe te schrijven aan eene gestadige toeneming,
+in plaats van aan een ramp op een of ander tijdstip. Op de droogte van
+1827 tot 1832 was een zeer regenachtig seizoen gevolgd, dat groote
+overstroomingen veroorzaakte. Zoo is het bijna zeker, dat eenige
+duizenden skeletten door de bezonken stoffen van het eerstvolgende
+jaar begraven werden. Wat zou een geoloog er van denken, die zulk
+eene ontzaglijke massa beenderen van alle diersoorten en alle tijden
+aldus in een dikke aardachtige massa begraven zag? Zou hij dit niet
+veeleer toeschrijven aan een vloed, die het land overstroomde, dan
+aan den gewonen loop der dingen? [138]
+
+
+
+[12 October.]
+
+Ik had plan gehad mijne uitstapjes verder uit te strekken; maar daar
+ik niet wel was, moest ik op een balandra of eenmast-vaartuig [139]
+van omstreeks 100 ton lading en met bestemming naar Buenos Aires,
+terugkeeren. Ten gevolge van het ongunstige weder vertuiden wij
+vroeg op den dag aan den tak van een boom op een der eilanden. De
+Parana is vol eilanden, die een bestendigen kringloop van verval en
+vernieuwing ondergaan. Voorzoover de schipper zich herinnerde, waren
+verscheidene groote verdwenen, en hadden weer andere zich gevormd,
+die door plantengroei beschermd waren. Zij bestaan uit modderig
+zand, zonder het kleinste kiezelsteentje, en lagen toen omstreeks
+vier voet boven rivierpeil; maar gedurende de periodieke vloeden
+zijn zij overstroomd. Alle vertoonen hetzelfde kenmerk: talrijke
+wilgen en enkele andere boomen zijn door eene groote verscheidenheid
+van slingerplanten saâmverbonden, waardoor een dicht kreupelbosch
+ontstaat. Deze kreupelbosschen bieden eene schuilplaats aan capybara's
+en jaguars. De vrees voor laatstgenoemd dier verdreef al het genot
+om in de bosschen door te dringen. Hedenavond was ik nog geen honderd
+yards gevorderd, toen ik de onmiskenbare teekenen van de aanwezigheid
+van een tigre [140] ontdekte, en genoodzaakt was terug te keeren. Op
+elk eiland waren deze sporen; en evenals op mijn vorigen tocht el
+rastro de los Indios (het spoor der Indianen) het onderwerp der
+gesprekken vormde, zoo was het hier el rastro del tigre.
+
+De begroeide oevers der groote rivieren schijnen de geliefkoosde
+schuilplaatsen van den jaguar te zijn; maar ten zuiden van de
+Plata-rivier werd mij gezegd, dat zij het riet langs de meren
+bewoonden. Waar zij ook zijn, schijnen zij water te verlangen. Hun
+gewone prooi is de capybara, zoodat algemeen gezegd wordt, dat
+daar waar de capybara's talrijk zijn, weinig gevaar voor den jaguar
+bestaat. Falconer verklaart, dat bij de zuidzijde van de monding der
+Plata-rivier vele jaguars zijn, en dat deze voornamelijk van visch
+leven: welk verhaal ik meer gehoord heb. Aan de Parana hebben zij
+vele houthakkers gedood, en bij nacht zelfs schepen geënterd. In
+Bajada leeft thans een man, die, toen hij eens bij donker uit het
+ruim van zijn schip kwam, op het dek gegrepen werd. Wel rukte hij
+zich los, doch miste daarna het gebruik van zijn eenen arm. Als de
+wassende stroomen deze dieren van de eilanden verdrijven, zijn zij
+het gevaarlijkst. Men vertelde mij, dat enkele jaren geleden een zeer
+groote jaguar eene kerk te Santa Fé binnendrong; twee priesters,
+die achter elkander binnenkwamen, werden gedood; en een derde, die
+kwam zien wat er gaande was, ontkwam ternauwernood. Het dier werd
+afgemaakt, doordien men het uit een hoek van het gebouw, dat geen dak
+had, doodschoot. In deze tijden richten zij ook groote verwoestingen
+aan onder vee en paarden. Naar men zegt, dooden zij hun prooi door
+hem den nek te breken. Worden zij van het lijk verjaagd, dan keeren
+zij er zelden naar terug. De Gauchos zeggen, dat de jaguar op zijne
+nachtelijke zwerftochten zeer wordt lastig gevallen door het gekef der
+vossen, die hem volgen. Dit stemt op merkwaardige wijze overeen met
+het algemeen bevestigde feit, dat jakhalzen op dergelijke officieuse
+manier den Oostindischen tijger volgen. De jaguar is een luidruchtig
+dier, dat des nachts herhaaldelijk brult, vooral wanneer slecht weêr
+in aantocht is.
+
+Op zekeren dag, toen ik aan de oevers van de Uruguay jaagde, werden
+mij sommige boomen gewezen, waar deze dieren steeds heenloopen, om,
+zoo het heet, hunne klauwen te scherpen. Ik zag drie welbekende boomen:
+aan de voorzijde was de bast oogenschijnlijk door de borst van het
+dier licht gesleten, en aan weerszijden waren diepe schrammen of
+liever groeven, die schuins afloopend bijna een yard lang waren. De
+schrammen waren van verschillenden ouderdom. Een gewoon middel om zich
+te vergewissen of een jaguar in de buurt is, bestaat hierin, dat men
+deze boomen onderzoekt. Ik stel mij voor, dat deze gewoonte van den
+jaguar volkomen gelijk is aan die, welke men dagelijks bij de huiskat
+zien kan, als deze met gestrekte pooten en uitgestoken nagels den poot
+van een stoel schraapt; en ik heb gehoord, dat jonge vruchtboomen
+in een boomgaard in Engeland hierdoor zeer geleden hadden. Ongeveer
+eene dergelijke gewoonte moet ook den puma eigen zijn, want menigmaal
+heb ik op den kalen harden bodem van Patagonië kepen gezien zóo diep,
+dat een ander dier ze niet kon gemaakt hebben. Ik geloof, dat het doel
+dezer handeling is de gescheurde punten van hunne klauwen af te vijlen,
+en niet, zooals de Gauchos denken, om ze te scherpen. De jaguar wordt
+zonder veel moeite gedood door middel van honden, die hem door hun
+geblaf in een boom jagen, waar hij met kogels wordt afgemaakt.
+
+Ten gevolge van slecht weder bleven wij twee dagen aan onze tuien
+liggen. Ons eenig vermaak bestond in het vangen van visch voor ons
+middageten; en de talrijke soorten die er waren, lieten zich alle
+goed smaken. Een visch, genaamd de armado of wentelaar (Silurus),
+is merkwaardig om het harde, knarsende geluid, dat hij maakt als
+hij met lijn en haak gevangen wordt, en dat duidelijk gehoord wordt
+als de visch onder water is. Dezelfde visch heeft het vermogen om
+voorwerpen, zooals een riemblad of vischlijn met de sterke graten van
+zijn borst- of rugvin stevig vast te grijpen. Des avonds was het weêr
+bepaald tropisch, en stond de thermometer op 79°. Tal van vuurvliegen
+fladderden rond, en de muskieten waren zeer lastig. Slechts vijf
+minuten stak ik mijne hand uit, en weldra zag zij er zwart van; ik
+geloof dat er niet minder dan vijftig waren--alle druk aan het zuigen.
+
+[15 October.]
+
+Wij gingen op weg en voeren langs Punta Gorda, waar eene kolonie
+van tamme Indianen is uit de provincie Missiones. Snel zeilden wij
+den stroom af; maar wegens eene kinderachtige vrees voor slecht
+weêr, draaiden wij vóor zonsondergang bij in een smallen arm van
+de rivier. Ik nam de boot en roeide een eind deze kreek in. Zij was
+zeer smal, bochtig en diep; aan weerszijden een dertig tot veertig
+voet hooge muur van boomen, door slingerplanten omkronkeld, die
+aan de kreek een bijzonder duister aanzien gaf. Ik zag hier een
+zeer zeldzamen vogel, den Schaarbek (Rhynchops nigra). Hij heeft
+korte pooten, zwemvoeten, vleugels met buitengewoon lange punten,
+en is ongeveer zoo groot als eene zeezwaluw. De bek is zijdelings
+afgeplat, namelijk in een vlak loodrecht op dien van den lepelaar
+of eend. Hij is zoo plat en buigzaam als een ivoren vouwbeen, en
+de onderste kinnebak is, in tegenstelling met alle andere vogels,
+anderhalve inch langer dan de bovenste.
+
+In een meer nabij Maldonado, waaruit het water bijna weggevloeid was,
+en dat bijgevolg krioelde van zwermen kleine visschen, zag ik vele
+van deze vogels, meest in troepjes, snel voor- en achteruit dicht
+boven de oppervlakte van het meer vliegen. Zij hielden hunne bekken
+wijd open, en de onderste kinnebak half in het water gedompeld. Zoo
+scherend langs de oppervlakte, kliefden zij die in hunne vlucht;
+het water was geheel effen, en het zien van zulk een zwerm, waarvan
+elke vogel zijn smal spoor op het spiegelend oppervlak achterliet,
+vormde een zeer vreemd schouwspel. In hunne vlucht zwenken zij
+telkens met verbazende rapheid om, en manoeuvreeren voortdurend met
+hunne uitstekende onderkinnebak om vischjes op te duiken, die door de
+kortere bovenhelft van hun schaarvormigen bek gegrepen worden. Dit
+feit zag ik herhaaldelijk, terwijl zij, evenals zwaluwen, gestadig
+voor- en achteruit langs mij heen vlogen. Als zij soms de oppervlakte
+van het water verlieten, werd hunne vlucht wild, ongeregeld en snel;
+dan stieten zij ook luide, harde kreten uit. Gedurende het visschen,
+komt het voordeel van de lange eerste slagveêren hunner vleugels,
+waardoor deze droog blijven, duidelijk aan het licht. Wanneer zij
+zoo bezig zijn, gelijken hunne vormen op het symbool, waardoor vele
+kunstenaars zeevogels voorstellen. Hunne staarten worden veel gebruikt
+om hunne onregelmatige vlucht te sturen.
+
+Deze vogels wonen ver landwaarts in langs den loop van de Rio Parana;
+men zegt, dat zij hier het geheele jaar blijven en in de moerassen
+broeden. Overdag rusten zij in zwermen op de grasvlakten, op eenigen
+afstand van het water. Toen wij, zooals ik gezegd heb, in een der diepe
+kreken tusschen de eilanden in de Parana voor anker lagen, daagde,
+bij het vallen van den avond, plotseling een dezer schaarbekken
+op. Het water was geheel stil, en vele kleine visschen kwamen naar
+boven. Langen tijd scheerde de vogel over de oppervlakte, en vloog
+op wilde, ongeregelde wijs de smalle kreek op en neer, die door de
+toenemende duisternis en de schaduw der overhangende boomen bijna
+geheel donker was. Te Montevideo bespeurde ik, dat eenige groote
+zwermen over dag op de modderbanken aan het havenhoofd bleven,
+op dezelfde manier als op de grasvlakten bij de Parana; en iederen
+avond vlogen zij zeewaarts. Op grond van deze feiten vermoed ik,
+dat de Rynchops in 't algemeen bij nacht vischt, als wanneer vele
+lagere dieren in groote menigte naar de oppervlakte komen. M. Lesson
+verklaart, dat hij deze vogels de schelpen der in de zandbanken op de
+Chileensche kust begraven mactrae [141] heeft zien openen; maar hun
+zachte snavel met ver vooruitspringende onderkinnebak, hunne korte
+pooten en lange vleugels maken het zeer onwaarschijnlijk, dat deze
+gewoonte algemeen is.
+
+Toen wij de Parana afzakten, merkte ik slechts drie andere vogels op,
+wier eigenschappen der vermelding waard zijn. De een is een kleine
+ijsvogel (Ceryle Americana), die een langeren staart heeft dan de
+Europeesche soort, en daardoor niet in zulk eene stijve en rechte
+houding zit. Ook is zijn vlucht, in stede van recht en snel als de
+loop van een pijl, mat en slingerend, evenals bij de zachtsnavelige
+vogels. Hij stoot een lagen toon uit, die op het samentikken van
+twee kleine steenen gelijkt. Een kleine groene papegaai (Conurus
+murinus) met grijze borst, schijnt de hooge boomen op de eilanden als
+bouwterrein boven elke andere plek te verkiezen. Een aantal nesten
+zijn zoo dicht bij elkander geplaatst, dat zij éene groote massa
+takjes vormen. Deze papegaaien leven altijd in troepen, en richten
+groote verwoestingen aan in de korenvelden. Men verzekerde mij,
+dat er bij Colonia 2500 in den loop van een jaar gedood waren. Een
+vogel met een gespleten staart, die in twee lange vederen eindigt,
+(Tyrannus savana) en door de Spanjaarden Schaarstaart genoemd, komt
+bij Buenos Aires zeer veel voor. Gewoonlijk zit hij op een tak van
+een ombu-boom in de nabijheid van een huis, jaagt van daar in korte
+vlucht de insecten na, en keert naar dezelfde plek terug. In de
+vlucht vertoont hij in zijn wijze van vliegen en zijn voorkomen in
+'t algemeen eene spottende gelijkenis met de gewone zwaluw. Hij is
+in staat zeer korte draaien in de lucht te maken, waarbij hij zijn
+staart opent en sluit, soms in horizontale of zijdelingsche, dan in
+verticale richting--volkomen als eene schaar.
+
+[16 October.]
+
+Eenige mijlen ten zuiden van Rosario wordt de westelijke oever der
+Parana door loodrechte klippen begrensd, die zich in eene lange lijn
+tot nabij San Nicolas uitstrekken, zoodat die oever meer op eene
+zeekust dan op die eener zoetwater-rivier gelijkt. Het is een groot
+nadeel in het natuurschoon der Parana, dat het water ten gevolge van
+de zachte gesteldheid harer oevers zeer modderig is. De Uruguay, die
+door eene granietstreek vloeit, is veel helderder; en waar de beide
+rivieren zich in den mond der La Plata vereenigen, kan men hare waters
+op verren afstand aan de zwarte en roode kleuren onderscheiden.--Daar
+des avonds de wind niet zeer gunstig was, gingen wij, als naar
+gewoonte, onmiddellijk voor anker; en toen het den volgenden dag
+wat frisch woei, was de schipper, ondanks den gunstigen stroom,
+te vadzig om aan varen te denken. Te Bajada was hij mij beschreven
+als een hombre muy aflicto (zeer zwaartillend man): als iemand, die
+altijd traag vooruitkwam; maar het moet gezegd worden, dat hij alle
+vertraging met bewonderingswaardige gelatenheid droeg. Hij was een
+oude Spanjaard, en had vele jaren in dit land gewoond. De Engelschen
+mocht hij graag lijden; maar hij beweerde stoutweg, dat de slag bij
+Trafalgar (1805, Nelson) alléén gewonnen was, omreden alle Spaansche
+kapiteins waren omgekocht, en dat de eenige werkelijk dappere daad
+aan beide zijden door den Spaanschen admiraal verricht was. Mij trof
+het eenigszins kenmerkende feit, dat deze man liever zou willen,
+dat zijne landgenooten voor de slechtste verraders werden aangezien,
+dan voor onbekwaam of laf.
+
+[18 en 19 October.]
+
+Langzaam, doordien de stroom ons weinig hielp, zakten wij de statige
+rivier af. Gedurende dien tocht ontmoetten wij zeer weinig schepen. Een
+van de beste natuurlijke gaven in zulk een groot verbindingskanaal,
+nl. eene rivier, waarin schepen uit eene gematigde streek met een even
+verrassenden rijkdom van sommige producten als een gemis van andere,
+zouden kunnen varen naar eene streek met een tropisch klimaat en met
+een bodem, die volgens den besten beoordeelaar, Bonpland, misschien
+nergens ter wereld zijn weêrga vindt in vruchtbaarheid--die gave
+schijnt hier moedwillig te worden verworpen. Hoe verschillend zou de
+aanblik van deze rivier geweest zijn, indien Engelsche kolonisten het
+geluk hadden gehad 't eerst de Plata op te varen! Welke fraaie steden
+zouden thans hare oevers hebben bedekt! Tot den dood van Francia,
+Dictator van Paraguay, moeten deze beide landen gescheiden blijven,
+als lagen zij op tegenovergestelde punten van den aardbol! En als de
+oude bloeddorstige tyran de eeuwige rust is ingegaan, zal Paraguay
+door omwentelingen worden verscheurd, even heftig, als het er vroeger
+onnatuurlijk kalm was. Dit land zal moeten leeren, evenals elke
+andere Zuidamerikaansche Staat, dat eene republiek niet slagen kan,
+voordat zij een zeker corps mannen bezit, die doordrongen zijn van
+de beginsels van recht en eer.
+
+[20 October.]
+
+Bij onze aankomst in den mond der Parana, ging ik, gedreven door een
+sterk verlangen om Buenos Aires te bereiken, te Las Conchas aan land,
+met het plan er heen te rijden. Nauwelijks aan wal, of ik ontdekte
+tot mijne groote verrassing, dat ik in zekeren zin een gevangene
+was. Wegens het uitbreken van eene hevige omwenteling, waren alle
+havens onder arrest gesteld. Ik kon niet naar mijn schip terugkeeren;
+en over land naar de stad te gaan--daar was geen sprake van. Na een
+lang onderhoud met den commandant, kreeg ik verlof den volgenden dag
+naar Generaal Rolor te gaan, die een troep oproerlingen aan dezen
+kant van de hoofdstad commandeerde. Des morgens reed ik naar het
+kamp. De generaal verscheen met al zijne officieren en soldaten,
+die er uitzagen alsof zij groote schurken waren. Des avonds voordat
+hij de stad verliet, was de generaal vrijwillig naar den gouverneur
+gegaan, en had met de hand op het hart zijn eerewoord gegeven, dat hij
+althans tot het laatste trouw zou blijven. De generaal vertelde mij,
+dat de stad zeer streng geblokkeerd werd, en dat al wat hij doen kon
+was, mij een paspoort geven aan den hoofdaanvoerder der rebellen te
+Quilmes. Daar zouden wij een grooten omweg om de stad moeten maken
+en slechts met veel moeite paarden kunnen krijgen.
+
+Mijn ontvangst in het kamp was zeer beleefd; doch men zeide mij,
+dat mij onmogelijk kon worden toegestaan in de stad te komen. Ik
+wenschte dit juist zeer gaarne, daar ik de Beagle in zijn vertrektijd
+van de Rio Plata vóór was. Nadat ik echter verteld had hoe voorkomend
+Generaal Rosas aan de Colorado jegens mij geweest was, veranderde dit
+gesprek nog sneller dan bij tooverslag. Terstond werd mij gezegd, dat,
+al kon men mij geen paspoort geven, ik toch voorbij hunne schildwachten
+mocht, mits ik mijn gids en mijne paarden wilde achterlaten. Ik nam
+dit voorstel met genoegen aan, en een officier werd mij mede gegeven
+om te zorgen, dat ik niet aan de brug werd tegengehouden. Drie mijlen
+ver was de weg geheel verlaten. Ik ontmoette een troep soldaten,
+die zich vergenoegden met mijn oud paspoort ernstig in te kijken,
+en bevond mij eindelijk tot mijne niet geringe vreugde in de stad.
+
+Bijna zonder voorwendsel van grieven was deze revolutie uitgebroken;
+maar in een staat, die in den loop van negen maanden (van Februari tot
+October 1820) vijftien veranderingen in bestuur onderging, terwijl elk
+gouverneur volgens de grondwet voor drie jaren gekozen werd--zou het
+zeer onredelijk zijn naar voorwendsels te vragen. In dit geval verliet
+een troep mannen, die aan Rosas gehecht waren en een afkeer hadden
+van den Gouverneur Balcarce, ten getale van 70 de stad--en onder de
+kreet van: "Rosas!" greep het geheele land naar de wapenen. De stad
+werd toen geblokkeerd, en levensmiddelen, vee noch paarden werden
+toegelaten; ook werd er nu en dan geschermutseld, waarbij dagelijks
+enkele mannen vielen. De belegerende partij wist wel, dat zij, door den
+toevoer van vleesch af te snijden, zeker de overwinning zou behalen.
+
+Generaal Rosas kon van den opstand niet afweten; maar dit scheen
+volkomen met de bedoelingen zijner partij te strooken. Een jaar
+geleden was hij tot gouverneur gekozen; doch hij weigerde, tenzij
+de Sala (Kamer) hem ook buitengewone macht wilden verleenen. Dit
+werd geweigerd, en sedert dien tijd heeft zijne partij getoond,
+dat geen ander gouverneur zijn plaats kan behouden. De strijd werd
+openlijk aan beide zijden gerekt, totdat men van Rosas bericht kon
+hebben. Enkele dagen nadat ik Buenos Aires verliet, kwam er een
+brief, waarin de generaal het afkeurde, dat de vrede verbroken was,
+maar verklaarde, dat de belegerende partij volgens zijne idee het
+recht aan haar kant had. Alleen op de ontvangst van dit bericht,
+vloden gouverneur, ministers en een deel der militairen, ten getale
+van eenige honderden, de stad uit. De oproerlingen kwamen binnen,
+kozen een nieuwen gouverneur, en werden ten getale van 5500 man
+voor hunne diensten betaald. Uit deze feiten bleek duidelijk, dat
+Rosas ten slotte Dictator zou worden: want in den koningstitel heeft
+het volk in deze, zoowel als in andere republieken een bepaalden
+tegenzin. Sedert wij Amerika verlieten, hebben wij gehoord, dat Rosas
+met dictatoriale macht was gekozen, en zich een tijd lang lijnrecht
+tegen de grondwettelijke beginsels der Republiek heeft gekant.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK VIII.
+
+OOST-BANDA EN PATAGONIË.
+
+
+Nadat ik omstreeks 14 dagen in de stad was opgehouden, was ik
+blijde aan boord van een beurtschip, dat naar Montevideo voer, te
+kunnen ontsnappen. Eene geblokkeerde stad moet altijd een onaangename
+woonplaats zijn; maar in dit geval bestond daarenboven gestadig vrees
+voor roovers binnen. De schildwachten waren de ergste van allen; want
+zoowel door hun beroep als omdat zij wapenen in handen hadden, stalen
+zij met eene brutaliteit, welke andere lieden niet konden navolgen.
+
+Onze overtocht was zeer lang en vervelend. De Rio de la Plata
+heeft op de kaart eene trotsche uitmonding, maar in werkelijkheid
+is die zeer arm. Eene wijde uitgestrektheid modderig water bezit
+grootschheid noch schoonheid. Op zekeren tijd van den dag konden de
+twee oevers, die beide uiterst laag zijn, nog juist van het dek af
+onderscheiden worden. Bij mijne aankomst te Montevideo hoorde ik,
+dat de Beagle eenigen tijd niet zou zeilen; en dit deed mij besluiten
+toebereidselen te maken voor een korten uitstap in dit gedeelte van
+Oost-Banda. Al wat ik omtrent de streek bij Maldonado gezegd heb,
+is toepasselijk op Montevideo; het land is echter veel vlakker, met
+uitzondering alleen van den 450 voet hoogen Green Mount, waaraan
+het zijn naam ontleent. Van de golvende grasvlakte is zeer weinig
+omheind; maar bij de stad zijn enkele haagdammen, die met agaven,
+cactussen en venkel begroeid zijn.
+
+[14 November.]
+
+Wij verlieten Montevideo in den namiddag. Ik was voornemens naar
+Colonia del Sacramiento te gaan, eene plaats op den noordelijken
+oever der Rio Plata en tegenover Buenos Aires gelegen; van daar de
+Uruguay te volgen tot aan het dorp Mercedes aan de Rio Negro (een
+der vele rivieren van dien naam in Zuid-Amerika), en van dit punt
+rechtstreeks naar Montevideo terug te keeren. Wij sliepen in het huis
+van mijn gids te Canelones. Des morgens stonden wij vroeg op, in de
+hoop een flinken afstand te kunnen rijden; doch vruchteloos, want alle
+rivieren waren overstroomd. In booten staken wij de stroomen Canelones,
+Santa Lucia en San José over, waarmeê veel tijd verloren ging. Op een
+vorigen uitstap stak ik de Lucia bij hare monding over, en ontdekte tot
+mijne verrassing hoe gemakkelijk onze paarden, ofschoon niet gewoon
+te zwemmen, over eene breedte trokken van minstens 600 yards. Toen
+ik dit te Montevideo vertelde, werd mij gezegd, dat in de Plata eens
+een schip met eenige kunstenmakers en hunne paarden vergaan was,
+bij welke gelegenheid een paard zeven mijlen ver naar het strand zwom.
+
+In den loop van den dag vermaakte ik mij met de behendigheid, waarmede
+een Gaucho een koppig paard dwong eene rivier over te zwemmen. Hij trok
+zijne kleeren uit, sprong het dier op den rug, en reed het water in
+tot waar het te diep werd. Toen liet hij zich van het kruis zakken,
+greep den staart en maakte, telkens als het paard wilde omkeeren,
+het dier bang door water in zijn gezicht te spatten. Zoodra het paard
+aan de overzijde grond raakte, sprong de man er op, en zat al stevig
+met den teugel in de hand, voordat het paard den oever bereikte. Een
+naakt man op een even naakt paard is een fraai schouwspel; ik had niet
+gedacht, dat die twee zoo goed bij elkander pasten. De staart van een
+paard is een zeer nuttig aanhangsel. Eens ben ik met vier man eene
+rivier overgestoken in eene boot, die op gelijke manier gesleept werd
+als straks de Gaucho. Als een man en paard eene breede rivier moeten
+oversteken, doet de man het best met de eene hand den zadelknop of
+de manen vast te houden, en zich met den anderen arm zelf te helpen.
+
+Wij sliepen en bleven den volgenden dag aan de Cufre-post. Des avonds
+kwam de postman of brievenbesteller. Hij was een dag over zijn tijd,
+doordien de Rosario overstroomd was. Dit verzuim zou echter niet vele
+gevolgen hebben; want ofschoon hij door enkele van de voornaamste
+steden in Oost-Banda was gegaan, bestond zijn geheele bagage uit twee
+brieven! Het huis had een aangenaam uitzicht: eene golvende groene
+vlakte, met sporen van de Plata in 't verschiet. Het komt mij voor,
+dat ik deze provincie met een geheel ander oog aanzie, dan toen ik er
+voor 't eerst kwam. Ik herinner mij, dat ik haar bijzonder vlak vond;
+maar nu, na mijn galop over de Pampas, is mijn eenige verwondering
+deze: wat mij toen bewogen kon hebben haar vlak te noemen. Het land
+is eene aaneenschakeling van golvingen, op zichzelven misschien niet
+zoo hoog, maar toch ware bergen vergeleken bij de vlakten van Santa
+Fé. Door deze oneffenheden ontstaan tal van kleine riviertjes of beken,
+en het gras is groen en welig.
+
+[17 November.]
+
+Wij trokken over de diepe en snelstroomende Rosario, gingen door het
+dorp Colla, en kwamen des middags te Colonia del Sacramiento. De
+afstand bedraagt 20 leagues, door eene streek die met fraai gras
+begroeid, maar dun gezaaid is met vee en menschen. Ik werd uitgenoodigd
+in Colonia te slapen, en den volgenden dag een heer naar zijne estancia
+te vergezellen, waar eenige kalksteen-rotsen waren. De stad is op
+een steenen voorgebergte gebouwd, eenigszins in denzelfden geest als
+bij Montevideo. Zij is zeer versterkt, maar stad en forten hadden in
+den Braziliaanschen oorlog veel te lijden. De onregelmatige straten,
+alsook de omringende boschjes, oranje- en perzikboomen gaven aan deze
+oude stad een schilderachtig aanzien. De kerk is eene merkwaardige
+ruïne: voorheen als kruitmagazijn gebruikt, werd zij in een van de
+tallooze onweersbuien, die boven de Rio de la Plata woeden, door
+den bliksem getroffen. Twee derden van het gebouw vloog tot aan den
+grond in de lucht; en het overschot staat nu als een verbrijzeld en
+zeldzaam monument der vereenigde krachten van bliksem en kruit.
+
+Des avonds wandelde ik om de halfgesloopte wallen der stad. Zij was
+de hoofdzetel van den Braziliaanschen oorlog, die voor dit land zoo
+schadelijk is geweest: niet zoozeer in zijne onmiddellijke gevolgen,
+als omdat hij aanleiding gaf tot het benoemen van een menigte generaals
+en alle andere officiers-rangen. In de Vereenigde La-Plata-Provinciën
+zijn meer generaals benoemd (maar niet betaald), dan in het Vereenigde
+Groot-Brittannië. Deze heeren hebben behagen leeren scheppen in macht,
+en zijn niet afkeerig van wat schermutselen. Vandaar dat velen altijd
+op den uitkijk staan om onrust te stoken, en eene regeering omver
+te werpen, die tot heden nooit op vasten grondslag rustte. Niettemin
+nam ik hier en in andere plaatsen eene zeer algemeene belangstelling
+waar in de eerstvolgende presidentsverkiezing; en dit schijnt een goed
+teeken voor de welvaart van dit kleine land. De inwoners eischen niet
+veel opvoeding in hunne vertegenwoordigers. Ik hoorde eenige lieden de
+verdiensten bespreken van die voor Colonia, waarbij gezegd werd, dat
+al waren die vertegenwoordigers ook geen mannen van zaken, zij toch
+allen hunne namen konden teekenen! Hiermede, schenen zij te denken,
+moest elk redelijk mensch tevreden zijn!
+
+[18 November.]
+
+Ik reed met mijn gastheer naar zijne estancia bij de Arroyo de
+San Juan. Des avonds deden wij een rondrit om zijn landgoed: het
+besloeg 2 1/2 vierkante leagues, en lag in wat genoemd wordt een hoek,
+hetgeen zeggen wil: aan eene zijde begrensd door de Plata-rivier, en
+aan de twee andere beveiligd door ondoorwaadbare beken. Er was eene
+uitmuntende haven voor kleine schepen, en een overvloed van klein
+bosch, dat een gezochte brandstof levert voor Buenos Aires. Ik was
+benieuwd de waarde van zulk eene volledige estancia te kennen. Zij
+telde 3000 stuks horenvee en zou er drie- of viermaal zooveel kunnen
+voeden; dan waren er 800 merries met 150 afgerichte paarden, en 600
+schapen. Er was overvloed van water en kalksteen, een ruw gebouwd
+huis, uitstekende corrals en een perzikboomgaard. Voor dit alles was
+hem £ 2000 geboden, doch hij verlangde slechts £ 500 meer en zou het
+waarschijnlijk voor minder verkoopen. Het hoofdbezwaar op eene estancia
+is, het vee wekelijks tweemaal naar eene aangewezen plaats te drijven,
+om het mak te maken en te tellen. Waar 10 of 15.000 stuks bijeen
+zijn, zou dit laatste terecht een moeilijk werk worden geacht. Het
+wordt verricht volgens het beginsel, dat het vee zich onveranderlijk
+verdeelt in kleine troepen of tropillas van af 40 tot 100 stuks. Elke
+tropilla wordt aan enkele bijzonder gemerkte dieren herkend, terwijl
+haar aantal bekend is: zoodat, als er een van de 10.000 verloren
+is, zulks hieraan ontdekt wordt, dat aan een der tropillas een dier
+ontbreekt. In een stormachtigen nacht mengt het vee zich dooreen;
+maar den volgenden morgen scheiden de tropillas zich weer als vroeger,
+zoodat elk dier zijn maat moet kennen onder 10.000 anderen.
+
+Bij twee gelegenheden ontmoette ik in deze provincie eenige ossen
+van een zeer zeldzaam ras, nata genoemd. [142] Uiterlijk schijnen zij
+tot ander vee in ongeveer dezelfde betrekking te staan, als bul- of
+mophonden tot andere honden. Hun voorhoofd is zeer kort en breed; de
+punt van den neus keert zich naar boven, en de bovenlip ligt ver naar
+achteren; hunne onderkaken steken voor de bovenste uit en hebben eene
+overeenkomstige kromming, ten gevolge waarvan hunne tanden altijd bloot
+liggen. Hunne neusgaten zitten hoog op den kop en staan zeer open;
+hunne oogen puilen naar buiten. Onder het loopen laten zij hun kop aan
+den korten nek laag hangen, en hunne achterpooten zijn, vergeleken
+bij de voorpooten, iets langer dan gewoonlijk. Hunne bloote tanden,
+korte koppen en bovenwaarts gekeerde neusgaten geven hun een uitdagend
+voorkomen van zelfvertrouwen, zoo belachelijk als men zich denken kan.
+
+Sedert mijne terugkomst, ben ik door de welwillendheid van mijn
+vriend, kapitein Sulivan der Koninkl. Marine, in het bezit gekomen
+van een schedel, welke nu bij de College of Surgeons berust. [143]
+Don F. Muniz te Luxan heeft al wat hij omtrent dit ras vernemen kon,
+bereidwillig voor mij bijeengebracht. Volgens zijn verhaal schijnt het,
+dat dit vee vóór omstreeks 80 of 90 jaar zeldzaam was, en te Buenos
+Aires als eene curiositeit werd beschouwd. Algemeen gelooft men, dat
+het ras zijn oorsprong vond onder de Indianen ten zuiden van de Plata,
+en bij hen voor de meest gewone soort gold. Zelfs nu toont vee, dat
+in de provinciën nabij de Plata gefokt is, zijne minder "beschaafde"
+afkomst hierin, dat het wilder is dan gewoon vee, en dat de koe licht
+haar eerste kalf in den steek laat, als zij te dikwijls bezocht
+of lastig gevallen wordt. Het is een zonderling feit, dat, zooals
+Dr. Falconer mij bericht, het Sivatherium, die groote uitgestorven
+herkauwer in Indië [144], zich kenmerkt door een bijna dergelijken
+bouw, als de abnormale van het nata-ras. [145]
+
+Het ras is zeer echt, en een nata-os en koe brengen onveranderlijk
+nata-kalveren voort. Een nata-os en eene gewone koe, of de omgekeerde
+kruising verwekt eene nakomelingschap met tusschenliggende kenmerken,
+doch waarin die van het nata-ras sterk uitkomen. Volgens Segnor
+Muniz bestaan de duidelijkste bewijzen, dat, in tegenstelling met het
+algemeene gevoelen der landbouwers in zulke gevallen, de nata-koe bij
+kruising met een gewonen os hare bijzonderheden sterker overdraagt,
+dan de nata-os bij kruising met eene gewone koe. Als het gras tamelijk
+lang is, eet het nata-vee met tong en verhemelte evengoed als het
+gewone vee; maar gedurende de groote droogten, als zoovele dieren
+omkomen, verkeert het nata-ras in zeer ongunstigen toestand, en zou
+uitgeroeid worden, indien het niet werd opgepast; want het gewone vee
+kan, evenals paarden, zich nog in 't leven houden door met de lippen
+de takjes van boomen en riet af te vreten, hetgeen de nata's niet zoo
+goed kunnen, omreden hunne lippen niet sluiten; en zoodoende sterven
+zij vóór het gewone vee. Dit feit treft mij, als sprekend voorbeeld
+hoe weinig wij in staat zijn uit de gewone leefwijzen te beoordeelen
+door welke, alleen na lange tusschentijden voorkomende omstandigheden,
+de zeldzaamheid of uitsterving eener soort bepaald kan worden.
+
+[19 November.]
+
+Op onzen tocht door de vallei Las Vacas sliepen wij ten huize van
+een Noord-Amerikaan, die een kalkoven op den Arroyo de las Vivoras
+had. Des morgens reden wij naar eene vooruitspringende landtong aan
+de oevers der rivier, Punta Gorda genaamd, en trachtten onderweg
+een jaguar te ontdekken. Er waren tal van versche sporen, en wij
+bezochten de boomen waaraan zij hunne klauwen heeten te scherpen;
+doch het gelukte ons niet er een op te jagen. Van dit punt vertoonde
+de Rio Uruguay eene statige watermassa aan ons oog; en de aanblik van
+den stroom was wegens zijne helderheid en snelheid veel treffender,
+dan die van zijn buurman, de Parana. Aan de overliggende kust vloeiden
+verscheidene takken van de laatste in de Uruguay. Als de zon scheen,
+konden de twee kleuren van het water zeer duidelijk gezien worden.
+
+Des avonds begaven wij ons op weg naar Mercedes aan de Rio Negro; en
+toen het nacht was vroegen wij in de estancia, waar wij aankwamen,
+verlof te slapen. Het was een zeer uitgestrekt landgoed van 10
+vierkante leagues, welks eigenaar een der grootste grondbezitters in
+het land is. Zijn neef had het beheer er over, en dezen trof ik in
+gezelschap van een kapitein bij het leger, die onlangs uit Buenos
+Aires gevlucht was. Hun stand in aanmerking genomen, was het nu
+volgende gesprek vrij vermakelijk. Beiden uitten, als gewoonlijk, hunne
+grenzenlooze verwondering dat de aarde rond was, en konden moeilijk
+gelooven, dat een gat, mits diep genoeg in den grond gegraven, aan den
+anderen kant zou uitkomen. Zij hadden echter wel van een land gehoord,
+waar het zes maanden dag en zes maanden nacht was, en waar de inwoners
+zeer lang en mager waren! Zeer nieuwsgierig waren zij naar den prijs
+en de qualiteit van paarden en vee in Engeland. Toen zij hoorden,
+dat wij onze dieren niet met den lazo vingen, riepen zij uit:
+
+"O, dan gebruikt gij zeker niets anders dan de bolas!"
+
+Het denkbeeld van een omheind stuk land was geheel nieuw voor hen. Ten
+slotte zeide de kapitein, dat hij mij een vraag te doen had, en dat
+hij zich zeer verplicht zou achten, indien ik daarop in volle waarheid
+antwoordde. Ik beefde bij de gedachte hoe diep wetenschappelijk die
+vraag zou zijn... Zij luidde:
+
+"Zijn de dames in Buenos Aires niet de mooiste ter wereld?"
+
+Ik antwoordde als een afvallige:
+
+"Inderdaad, bekoorlijk."
+
+"Nu heb ik nog eene andere vraag," liet de kapitein er op
+volgen. "Dragen de dames in andere deelen der wereld wel zulke
+groote kammen?"
+
+Plechtig verklaarde ik den dappere, dat zij dit niet deden: welk
+antwoord beiden bepaald in verrukking bracht.
+
+"Zie nu eens aan," riep de kapitein. "Iemand, die de halve wereld
+heeft gezien, zegt, dat het zoo is. Wij dachten het wel, maar nu
+weten wij het."
+
+Mijn uitstekend oordeel over kammen en mooie meisjes bezorgde mij eene
+hoogst gastvrije ontvangst; de kapitein dwong mij zijn bed te nemen,
+dan zou hij op zijn zadel slapen.
+
+
+
+[21 November.]
+
+Bij zonsopgang togen wij op weg en reden langzaam gedurende den
+ganschen dag. De geologische gesteldheid van dit deel der provincie
+verschilde van het overige, en geleek veel op die der Pampas. Zoo
+waren er uitgestrekte distelvelden, en andere met den cardón; het
+geheele land kan inderdaad éen groot veld van deze planten worden
+genoemd. De twee soorten groeien afzonderlijk, elke plant in gezelschap
+van hare eigen soort. De cardón is zoo hoog als de rug van een paard;
+maar de Pampas-distel is dikwijls hooger dan de kruin van het hoofd
+des ruiters. Er is geen sprake van dat men een yard ver van den
+weg afwijkt; de weg zelf is gedeeltelijk, en in sommige gevallen
+geheel versperd. Natuurlijk valt er niet te grazen; indien vee of
+paarden eenmaal in het veld komen, zijn zij voor het oogenblik geheel
+verloren. Daarom is het zeer gewaagd als men in dezen tijd van het jaar
+vee tracht te drijven; want is het genoeg afgejaagd om den distels het
+hoofd te bieden, dan loopt het er in en wordt niet meer gezien. In
+deze districten zijn zeer weinige estancias, en die enkele liggen
+in de nabijheid van vochtige valleien, waar deze woekerende planten
+gelukkig geen van beide bestaan kunnen. Daar de nacht inviel voordat
+wij aan het einde van onzen tocht waren, sliepen wij in eene ellendige
+kleine hut, die door de armste lieden bewoond werd. De buitengewone,
+ofschoon eenigszins vormelijke beleefdheid van onzen gastheer en
+gastvrouw waren, hun stand in aanmerking genomen, bepaald kostelijk.
+
+[22 November.]
+
+Wij kwamen aan eene estancia op den Berquelo, toebehoorende aan een
+zeer gastvrijen Engelschman, aan wien ik een introductie-brief had
+van mijn vriend Mr. Lumb. Ik bleef hier drie dagen. Eens reed ik des
+morgens met mijn gastheer naar de Sierra del Pedro Flaco, omstreeks 20
+mijlen de Rio Negro op. Bijna het geheele land was bedekt met goed,
+alhoewel grof gras, dat tot aan den buik van een paard reikte; toch
+was over verscheidene leagues geen enkel stuk vee te zien. Mits
+goed verdeeld, zou de provincie Oost-Banda een verbazend getal
+dieren kunnen voeden. Tegenwoordig beloopt de jaarlijksche uitvoer
+van huiden uit Montevideo 300.000, en het binnenlandsch verbruik is,
+ten gevolge van verspilling, zeer aanzienlijk. Een estanciero vertelde
+mij, dat hij dikwijls groote kudden vee vér weg naar eene inrichting
+voor pekelvleesch moest zenden, en dat de vermoeide dieren menigmaal
+gedood en gevild moesten worden; maar dat hij nooit de Gauchos kon
+bewegen hiervan te eten, en elken avond voor hun maal een versch
+beest geslacht werd! De aanblik van de Sierra op de Rio Negro was
+schilderachtiger dan elke andere, dien ik in deze provincie zag. De
+breede, diepe en snelstroomende rivier kronkelde zich aan den voet
+van een steilen rotswand; een boschrand omzoomde hare oevers, en de
+horizon verloor zich in de verre golvende grasvlakte.
+
+Toen ik in deze buurt was, hoorde ik verscheidene malen van de Sierra
+de las Cuentas: een berg die vele mijlen noordwaarts lag. De naam
+beteekent "Bergketen der Rozenkranskralen." Men verzekerde mij, dat
+daar een groot aantal kleine ronde steenen, in verschillende kleuren
+en elk met een klein cilindrisch gat er in, gevonden werden. Vroeger
+plachten de Indianen die te verzamelen om er halssnoeren en armbanden
+van te maken--een smaak die, wil ik opmerken, aan alle wilde volken,
+zoowel als aan de meest beschaafde gemeen is. Ik wist niet wat ik
+van deze geschiedenis moest denken; maar toen ik haar aan de Kaap
+de Goede Hoop aan Dr. Andrew Smith mededeelde, vertelde hij mij zich
+te herinneren, dat hij aan de zuidoostkust van Afrika, omstreeks 100
+mijlen ten oosten van de St. John's-rivier, eenige kwartskristallen
+had gevonden met stomp afgewreven kanten, die aan het zeestrand
+met kiezelzand vermengd waren. Elk kristal mat ongeveer 5 strepen in
+doorsnede, en had eene lengte van een tot anderhalven inch. Vele hadden
+een klein kanaal, loopende van het eene einde naar het andere, volkomen
+cilindrisch, en zoo wijd dat een grove draad of fijne darmsnaar er
+gemakkelijk doorheen kon. De kleur was rood of dof wit. De inboorlingen
+waren met dezen kristalbouw bekend. Ik heb deze omstandigheden vermeld,
+opdat het geval--ofschoon tegenwoordig geen kristal bekend is dat
+dezen vorm aanneemt--den een of anderen reiziger in de toekomst moge
+aansporen den waren aard van zulke steenen te onderzoeken.
+
+Gedurende mijn verblijf in deze estancia, vermaakte ik mij met wat
+ik van de schaapherdershonden in dit land zag en hoorde. [146] Het
+is een gewoon verschijnsel, dat men onder het rijden eene groote,
+door een of twee honden bewaakte kudde schapen ontmoet, die zich
+op eenige mijlen afstand van een mensch of woning bevinden. Dikwijls
+verwonderde ik mij hoe zulk een hechte vriendschap wel ontstaan was. De
+wijze van opvoeding bestaat hierin, dat men den hond, als hij nog zeer
+jong is, van de teef verwijdert en aan zijne toekomstige metgezellen
+gewent. Drie- of viermaal daags laat men eene ooi het jonge dier
+zoogen, en in het schapenhok wordt er een nest van wol voor gemaakt;
+te geener tijd mag het zich bij andere honden of bij de kinderen van
+het gezin voegen. Daarenboven wordt de jonge hond meestal gesneden:
+zoodat hij, volwassen zijnde, moeilijk eenige neigingen gemeen kan
+hebben met anderen van zijne soort. Door deze opvoeding koestert hij
+geen wensch de kudde te verlaten; en evenals een andere hond zijn
+meester zal verdedigen, zal deze het de schapen doen. Het is aardig
+op te merken hoe de hond, als men eene kudde nadert, onmiddellijk
+blaffende vooruitschiet en de schapen zich alle achter hem aansluiten,
+evenals om den oudsten ram. Ook kan men dezen honden gemakkelijk
+leeren de kudde op een bepaald uur in den avond thuis te brengen. Hun
+lastigste gebrek, als zij jong zijn, is hun zucht om met de schapen
+te spelen; want in hun sport rennen zij soms ongenadig tegen hunne
+arme makkers op.
+
+De schaapherdershond komt elken dag thuis wat eten halen; en zoodra
+het hem gegeven is, schuilt hij weg, als schaamde hij zich over
+zichzelf. Bij deze gelegenheden zijn de huishonden zeer vijandig,
+en de minste hunner zal den vreemdeling aanvallen en vervolgen. Maar
+nauwelijks heeft de laatste de kudde bereikt, of hij keert zich om
+en begint zoo duchtig te blaffen, dat alle huishonden overhaast de
+hielen lichten. Evenzoo zal een groote troep hongerige wilde honden
+het hoogst zelden (en enkelen zeiden mij: nooit) wagen eene kudde
+aan te vallen, zelfs al wordt zij door slechts één van deze trouwe
+herdershonden bewaakt. Het geheele verhaal schijnt mij een zeldzaam
+voorbeeld van de buigzame neigingen bij den hond; toch heeft dit dier,
+hetzij wild of hoe ook opgevoed, een gevoel van eerbied of vrees voor
+hen die hun instinct van vereeniging volgen. Want dat de wilde honden
+door den enkelen met zijne kudde worden verjaagd, kunnen wij door geen
+ander beginsel verklaren, dan dat een vaag begrip hun de overtuiging
+schenkt, dat die enkele, aldus vereenigd, macht verkrijgt, als ware hij
+in gezelschap van zijne eigene soort. F. Cuvier heeft opgemerkt, dat
+alle dieren die gemakkelijk tam worden, den mensch als een lid hunner
+eigene maatschappij beschouwen, en zoo aan hun instinct van vereeniging
+voldoen. In bovenstaand geval beschouwt de schaapherdershond de schapen
+als zijne medebroeders en wint dus vertrouwen; en de wilde honden,
+ofschoon wetende, dat de schapen zelven geen honden maar goed zijn
+om op te eten, huldigen gedeeltelijk die zienswijze, wanneer zij hen
+in eene kudde zien, met een schaapherdershond aan het hoofd.
+
+Op een avond kwam een domadór [147] of paardenbedwinger, ten
+einde eenige veulens af te richten. Ik zal hier de voorbereidende
+stappen beschrijven, want ik geloof, dat zij nog niet door andere
+reizigers vermeld zijn. Een troep wilde jonge paarden wordt in den
+corrál of groote omheining van palen gedreven, en daarna sluit men
+de deur. Stellen wij ons voor, dat iemand alléen een paard moet
+vangen en bestijgen, dat nog nooit te voren teugel of zadel heeft
+gevoeld. Behalve door een Gaucho, ben ik overtuigd, dat zulk eene daad
+geheel onuitvoerbaar is. De Gaucho kiest een volwassen veulen uit;
+en zoodra nu het beest den circus rondrent, werpt hij zijn lazo zóó,
+dat deze de beide voorpooten grijpt. Onmiddellijk valt het paard met
+een hevigen schok voorover; en terwijl het op den grond spartelt,
+houdt de Gaucho den lazo gespannen, beschrijft een cirkel zoodat hij
+een der achterpooten vlak onder den vetlok grijpt, en trekt hem dicht
+naar de voorpooten. Hierna knoopt hij den lazo vast, zoodat de drie
+pooten samengebonden zijn, gaat op den nek van het paard zitten,
+en bevestigt een stevigen teugel zonder gebit aan de onderkaak;
+dit doet hij door een smallen riem door de oogen aan het uiteinde
+van den teugel te steken en verscheidene malen om de kaak en de tong
+te winden. Nu worden de twee voorpooten met een sterken lederen riem,
+waarin een schuifknoop zit, vast bijeengebonden; en nadat de lazo, die
+de drie pooten verbond, is losgemaakt, staat het paard met moeite op.
+
+De Gaucho houdt den teugel, die aan de onderkaak bevestigd is, stevig
+vast en voert het paard uit den corrál. Indien een tweede man bij
+de hand is (anders is de moeite veel grooter), houdt deze den kop
+van het dier vast, terwijl de eerste zadel en paardedekken oplegt en
+alles met den buikriem bevestigd. Gedurende deze bewerking buitelt
+het paard, van schrik en verbazing dat het aldus om zijn midden
+gebonden wordt, voortdurend over den grond en verkiest niet op te
+staan voordat het geslagen wordt. Als dan eindelijk het zadelen is
+afgeloopen, kan het arme dier van vrees nauwelijks ademhalen en
+is wit van schuim en zweet. Nu maakt de man zich gereed om op te
+stijgen, leunt daarbij stevig op den stijgbeugel, opdat het paard
+zijn evenwicht niet zal verliezen, en trekt op het oogenblik dat hij
+zijn been over den rug werpt, den schuifknoop los die de voorpooten
+verbindt, zoodat het beest vrij is. Sommige domadórs gaan boven den
+zadel staan, trekken den knoop los terwijl het dier nog op den grond
+ligt, en laten het dan onder zich opstaan. Wild van vrees, doet het
+paard eenige geweldige sprongen en rent in vollen galop weg; als het
+uitgeput is, brengt de man het geduldig naar den corrál terug, waar
+het arme dier dampend van de hitte en nauwelijks levend, in vrijheid
+wordt gesteld. Paarden, die niet weg willen galoppeeren, maar zich
+hardnekkig op den grond werpen, zijn op verre na de lastigste. De
+behandeling is dan verschrikkelijk streng; maar in twee of drie
+keeren is het paard getemd. Het duurt evenwel eenige weken voordat
+het dier met ijzeren gebit en ring gereden wordt; want het moet den
+wil van zijn berijder met het voelen van den teugel leeren vereenigen,
+eerdat de sterkste teugel van eenigen dienst kan zijn.
+
+In deze landen zijn dieren zoo overvloedig, dat menschelijkheid
+en zelfbelang niet nauw samengaan; het is daarom, vrees ik, dat de
+eerste hier nauwelijks bekend is. Op zekeren dag reed ik met een zeer
+achtingswaardigen estanciero over de Pampas, toen mijn paard wegens
+vermoeidheid achteraan begon te komen. Dikwijls riep de man mij toe
+het de sporen te geven. Toen ik hem onder het oog bracht, dat dit
+wreed zou zijn, wijl het paard geheel uitgeput was, riep hij uit:
+
+"Waarom niet? Het doet er immers niet toe. Geef het de sporen--het
+is mijn paard!"
+
+Het kostte mij toen eenige moeite hem duidelijk te maken, dat het
+niet om hem, maar ter wille van het paard was, dat ik mijne sporen
+niet wilde gebruiken. Met een blik van groote verbazing riep hij uit:
+
+"Ah, Don Carlos, que cosa!" [148]
+
+Blijkbaar was zulk eene gedachte vroeger nooit in zijn brein opgekomen.
+
+De Gauchos staan als voortreffelijke ruiters bekend. Het denkbeeld,
+dat zij kunnen worden afgeworpen, onverschillig welke kunsten het
+paard ook uithale, komt nooit bij hen op. Hun criterium van een goed
+ruiter is: een man, die een ongetemd veulen kan regeeren; die, als
+zijn paard valt, op zijn eigen voeten neerkomt, of andere van die
+kunststukken kan verrichten. Ik heb gehoord van iemand die wedde,
+dat hij twintigmaal zijn paard omver zou werpen en negentien keeren
+niet zou vallen. Ik herinner mij een Gaucho, die een zeer koppig
+paard bereed, dat driemaal zóó hoog steigerde dat het met veel geweld
+achterover viel. Met ongewone koelbloedigheid bepaalde de man het
+rechte oogenblik--geen secunde te vroeg of te laat--om zich te laten
+afglijden; en zoodra het paard weer opkwam, sprong de man op zijn
+rug en reed eindelijk in galop weg. Nooit schijnt de Gaucho eenige
+spierkracht te gebruiken. Eens toen wij in een flinken galop reden,
+zag ik een goed ruiter schijnbaar zoo zorgeloos op zijn paard zitten,
+dat ik bij mijzelven dacht: "Als het paard aan den haal gaat, zult ge
+zeker uit den zadel vallen."--Weinige oogenblikken later sprong een
+mannetjes-struisvogel uit zijn nest en schoot vlak onder den kop van
+het paard door. Het jonge veulen deed een zijwaartschen sprong, evenals
+een hert; maar op den man had het gebeurde geen andere uitwerking,
+dan dat hij opsprong en den schrik met zijn paard deelde.
+
+In Chili en Peru geeft men zich meer moeite met den mond van het
+paard dan in La Plata; en blijkbaar is dit een gevolg van de meer
+ingewikkelde natuur van het land. In Chili wordt een paard niet als
+volkomen afgericht beschouwd, voordat men het midden in zijn vollen
+ren op eene bepaalde plek, bijv. op een op den grond geworpen mantel,
+kan doen stilstaan; of het moet een muur kunnen berennen en onder het
+steigeren de oppervlakte met zijne hoeven schuren. Ik heb een paard,
+slechts door voorvinger en duim bestuurd, opgewekt zien springen;
+in vollen galop over eene plaats zien rennen, en daarna met groote
+snelheid om den post eener veranda cirkelen, maar op zoo gelijken
+afstand, dat de ruiter met uitgestrekten arm al dien tijd zijn vinger
+over den post kon laten strijken. Toen maakte hij eene demi-volte,
+en cirkelde op gelijke wijze, met den anderen arm uitgestrekt, met
+verbazende snelheid in omgekeerde richting om den paal.
+
+Zulk een paard is goed afgericht; en hoewel dit in 't eerst nutteloos
+schijnt, is het in werkelijkheid van veel nut. Op die wijs worden de
+dagelijks noodige eigenschappen tot volmaaktheid gebracht. Wanneer een
+os door den lazo gegrepen en beteugeld is, zal hij soms in een cirkel
+rondgaloppeeren, en zal het paard, opgewonden door de inspanning,
+niet gemakkelijk als een wiel om zijn as kunnen meedraaien, zoo het
+niet goed is afgericht. Ten gevolge hiervan zijn vele ruiters gedood;
+want als de lazo één kronkel om het lichaam van den man maakt,
+zal hij dezen wegens de kracht der twee trekkende dieren, bijna in
+tweeën snijden. Op hetzelfde beginsel worden de rassen gedresseerd;
+de loop is slechts twee- of driehonderd yards lang, en de bedoeling is
+paarden te hebben, die een snellen uitval kunnen doen. Den raspaarden
+wordt niet alleen geleerd met hunne hoeven eene lijn aan te raken,
+maar ook de vier pooten bij elkander te trekken, zoodat zij bij den
+eersten sprong al de kracht hunner achterste voetpezen in 't spel
+kunnen brengen. In Chili werd mij eene anecdote verteld, die ik voor
+waarheid aanneem; zij geeft tevens een duidelijk beeld van het nut
+van een goed gedresseerd paard. Een geacht man ontmoette eens twee
+anderen op zijn rit, van wie er een op een paard zat, hetwelk hij wist
+dat hem ontstolen was. Hij sprak hen aan en eischte zijn paard op;
+maar tot antwoord trokken zij hunne sabels en zetten hem na. De man,
+die een snel en goed paard bereed, vlood voor hen uit, zwenkte toen
+hij een dicht kreupelbosch zag, er om heen en bracht zijn paard tot
+staan. De vervolgers konden hunne vaart niet stuiten en schoten hem
+vooruit. Plotseling deed nu de man een uitval achter hen aan, stak
+zijn mes in den rug van den eenen, wondde den anderen, ontnam den
+stervenden roover zijn paard en reed naar huis. Voor deze daden van
+rijkunst zijn twee dingen noodig: een zeer pijnlijk gebit of mondstuk,
+evenals de Mameluk gebruikt en waarvan het paard al de kracht kent,
+ofschoon het zelden gebruikt wordt; ten tweede, groote, botte sporen,
+die òf alleen voor aanraking, òf als een uiterst pijnlijk werktuig
+gebruikt kunnen worden. Ik ben overtuigd, dat het met Engelsche sporen,
+die bij de minste aanraking in de huid prikken, onmogelijk zou zijn
+een paard af te richten op de Zuidamerikaansche manier.
+
+In eene estancia bij Las Vacas worden wekelijks talrijke merries om
+hare huiden geslacht, hoewel deze slechts vijf papieren dollars of
+ongeveer een halve crown waard zijn. [149] In 't eerst schijnt het
+vreemd, dat het loonen kan voor zulk een bagatel merries te dooden;
+maar wijl men het in dit land voor belachelijk houdt eene merrie
+af te richten of te berijden, hebben zij geen waarde behalve voor
+de teling. Het eenige, waarvoor ik eene merrie zag gebruiken, was
+om tarwe uit de aar te treden: met welk doel zij in eene groote
+cirkelvormige omheining werden rondgedreven, waar de tarweschoven
+neergestrooid waren. De man, die voor het slachten van de merries
+gebruikt werd, was om zijne behendigheid met den lazo vermaard. Hij
+had eene weddenschap aangegaan, dat hij, op een afstand van 12 yards
+van den corrál staande, elk dier in 't voorbijsnellen bij de pooten
+zou vangen, zonder ooit te missen. Een ander man zeide, dat hij te
+voet den corrál zou binnengaan, eene merrie vangen, hare voorpooten
+samenbinden, haar naar buiten drijven, nederwerpen, villen en de
+huid op staken bevestigen voor het verven (dit laatste is een zeer
+omslachtig karwei); en dat hij zich verbond deze bewerking met 22
+dieren op één dag uit te voeren. Of hij zou in denzelfden tijd vijftig
+dieren dooden en villen. Dit zou eene reusachtige taak geweest zijn,
+want het wordt als een goed dagwerk beschouwd, 15 of 16 dieren te
+villen en hunne huiden op staken te bevestigen.
+
+[26 November.]
+
+Ik nam in rechte lijn den terugtocht naar Montevideo aan. Daar ik
+gehoord had, dat zich in eene naburige pachthoeve aan den Sarandis
+(een kleine stroom, die in de Rio Negro vloeit) eenige reusachtige
+beenderen bevonden, reed ik er heen, vergezeld van mijn gastheer,
+en kocht het hoofd van een Toxodon voor den prijs van 18 pence. [150]
+Toen dit gevonden werd, was het in gaven staat; maar de jongens sloegen
+er met steenen eenige tanden uit en zetten toen het hoofd overeind om
+er op te mikken. Tot mijn groot geluk vond ik een gaven tand, welke
+juist in eene der holten van dezen schedel paste, die zelf ongeveer
+180 mijlen ver van deze plek aan de oevers van de Rio Tercero in den
+grond was gevonden. Nog op twee andere plaatsen vond ik overblijfsels
+van dit buitengewone dier, zoodat het in vroeger tijd algemeen moet
+zijn geweest. Ook vond ik hier eenige groote stukken van het pantser
+van een reusachtig armadil-achtig dier, en een gedeelte van het groote
+hoofd van een Mylodon. De beenderen van dit dier zijn zoo versch,
+dat zij volgens onderzoek van T. Reeks 7% dierlijke stof bevatten;
+en in eene spirituslamp geplaatst, branden zij met eene kleine
+vlam. Het aantal overblijfsels, begraven in de groote delta-afzetting,
+die de Pampas vormt en het graniet-gesteente van Oost-Banda bedekt,
+moet buitengewoon groot zijn. Ik houd het er voor, dat elke rechte
+lijn door de Pampas getrokken, door een skelet of beenderen zou
+gaan. Behalve die, welke ik op mijne korte uitstappen vond, hoorde
+ik spreken van vele andere; en de oorsprong van zulke namen, als:
+De Dierenstroom, De Reuzenberg, enz., is duidelijk. Op andere tijden
+hoorde ik van de wonderlijke eigenschap van sommige rivieren, die het
+vermogen hadden kleine beenderen in groote te veranderen: of, zooals
+sommigen beweerden, dat de beenderen zelven groeiden. Voorzoover ik
+weet, stierf geen dezer dieren, gelijk vroeger ondersteld werd, in
+de moerassen of modderige rivierbedden van het tegenwoordige land;
+maar hunne beenderen werden blootgelegd door de stroomen, die de
+onder water gevormde laag waarin zij oorspronkelijk begraven werden,
+doorsneden. Wij mogen besluiten, dat de geheele Pampas-oppervlakte
+één uitgestrekt graf is van deze uitgestorven reusachtige viervoeters.
+
+Tegen den middag van den 28sten kwamen wij te Montevideo, na twee
+en een halven dag onderweg te zijn geweest. Den geheelen weg over
+droeg het land een zeer gelijkvormig karakter; alleen waren sommige
+gedeelten wat rots- en bergachtiger dan bij de hoogvlakte. Niet
+ver van Montevideo reden wij door het dorp Las Pietras, zoo genoemd
+naar eenige groote ronde syenietrotsen. De aanblik er van was vrij
+aardig. Enkele vijgeboomen rondom eene groep huizen, en eene ligging
+op eene plek honderd voet boven het algemeene niveau, mag in dit land
+altijd schilderachtig heeten.
+
+
+
+Gedurende de laatste zes maanden heb ik gelegenheid gehad iets van
+het karakter der bewoners van deze provinciën te zien. De Gauchos of
+landlieden staan ver boven de bewoners der steden. Eerstgenoemde is
+altijd zeer voorkomend, beleefd en gastvrij: zelfs ontmoette ik geen
+enkel voorbeeld van ruwheid en ongastvrijheid. Hij is bescheiden,
+heeft achting voor zich zelf en het land, maar is tevens een moedig,
+vermetel man. Daarentegen worden vele rooverijen gepleegd, en wordt
+er veel bloed gestort; de gewoonte om altijd een mes bij zich te
+dragen, is van het laatste de hoofdoorzaak. Het is treurig als men
+hoort, hoeveel levens om beuzelachtige twisten verloren gaan. Onder
+het vechten tracht elke partij het gezicht van zijn tegenpartij te
+merken, door over zijn neus of oogen te snijden; zooals dikwijls uit de
+diepe en ijselijke litteekens blijkt. Rooverijen zijn een natuurlijk
+gevolg van het algemeene dobbelen, het vele drinken en de verregaande
+domheid. Te Mercedes vroeg ik twee mannen, waarom zij niet werkten. De
+een zeide ernstig, dat de dagen te lang waren; de ander, dat hij te
+arm was. Het aantal paarden en de overvloed van voedsel zijn de dood
+van alle nijverheid. Daarenboven zijn er zooveel feestdagen en gelooft
+men dat er niets kan slagen, tenzij het bij wassende maan begonnen is;
+zoodat de halve maand door deze twee oorzaken verloren gaat.
+
+Politie en justitie zijn totaal machteloos. Indien een arm man een
+moord pleegt en gevat wordt, zal hij gevangen gezet en misschien
+doodgeschoten worden; maar zoo hij rijk is en vrienden heeft, kan
+hij er op rekenen, dat er geen zeer ernstige gevolgen uit zullen
+voortvloeien. Het is merkwaardig, dat de geachtste ingezetenen des
+lands steeds een moordenaar helpen ontsnappen; zij schijnen te denken,
+dat het individu tegen de Regeering en niet tegen het volk zondigt. Een
+reiziger heeft geen andere bescherming dan zijne vuurwapenen; en de
+gewoonte van deze altijd bij zich te dragen is het beste middel om
+talrijker rooverijen tegen te gaan.
+
+Het karakter der hoogere en meer opgevoede klassen, die in de steden
+wonen, heeft, schoon in mindere mate, de goede zijden met den Gaucho
+gemeen, maar wordt, vrees ik, met vele andere ondeugden bezoedeld,
+die hem vreemd zijn. Zinnelijkheid, spotternij met allen godsdienst
+en de grootste verdorvenheid zijn verre van ongewoon. Bijna elk
+openbaar ambtenaar kan worden omgekocht. De chef van het postkantoor
+verkocht vervalschte rijkszegels. De gouverneur en eerste minister
+werkten openlijk samen om den staat te plunderen. Als er goud in
+'t spel kwam, had bijna niemand gerechtigheid te wachten. Ik kende
+een Engelschman, die naar den opperrechter ging (hij vertelde mij,
+dat hij, met de gebruiken der plaats niet bekend, beefde toen hij de
+kamer binnentrad), en zeide:
+
+"Mijnheer, ik kom u hier 200 (papieren) dollar aanbieden (waarde
+omstreeks £ 5), indien u vóór een bepaalden tijd een man wilt
+arresteeren, die mij bedrogen heeft. Ik weet, dat het tegen de wet is;
+maar mijn advocaat (hij noemde dien) ried mij aan dezen stap te doen."
+
+De opperrechter glimlachte toestemmend, bedankte hem, en nog vóor den
+avond was de man veilig in de gevangenis. Met dit totale gebrek aan
+beginsel in vele van de leidende krachten; met een land vol slecht
+betaalde, onrustige ambtenaren, hoopt het volk toch nog, dat een
+democratische regeeringsvorm kan slagen!
+
+Bij de eerste intrede in de samenleving dezer landen treffen u twee
+of drie kenmerken door hunne bijzondere merkwaardigheid: de beleefde
+en waardige manieren, die elke klasse eigen zijn; de uitnemende smaak,
+dien de vrouwen in hare kleeding aan den dag leggen, en de gelijkheid
+onder alle standen. Aan de Rio Colorado plachten eenige mannen,
+die de nederigste winkels hielden, met generaal Rosas te eten. Een
+zoon van een majoor te Bahia Blanca verdiende zijn kost met het
+maken van cigaretten, en wilde mij als gids of knecht naar Buenos
+Aires vergezellen; maar zijn vader weigerde alléén op grond van het
+gevaar. Vele officieren in het leger kunnen lezen noch schrijven;
+toch ontmoeten zij elkander in gezelschap als gelijken. In Entre Rios
+bestond de Sala uit slechts zes vertegenwoordigers. Een hunner hield
+een gewonen winkel en werd om zijn ambt er blijkbaar niet minder om
+geacht. Dit alles heeft men in een nieuw land te verwachten; niettemin
+komt het ontbreken van gentlemen by profession een Engelschman als
+iets vreemds voor.
+
+Als men over deze landen spreekt, moet de wijze waarop zij door hun
+onnatuurlijken bloedverwant, Spanje, zijn opgeleid, altijd in 't oog
+worden gehouden. Over het geheel moet men misschien meer achting
+hebben voor hetgeen gedaan is, dan schimpen op hetgeen er te kort
+komt. Onmogelijk kan men betwijfelen of het buitengewone liberalisme
+dezer landen zal ten slotte tot goede uitkomsten leiden. De zeer
+algemeene verdraagzaamheid van vreemde godsdiensten; de aandacht,
+die men aan de middelen van opvoeding schenkt; de vrijheid der pers;
+de gemakken, die aan alle vreemdelingen geboden worden, en vooral
+(moet ik er bijvoegen) aan elk, die ook maar de geringste aanspraak
+op wetenschap maakt--dit alles dient met dankbaarheid herdacht te
+worden door hen, die Spaansch Zuid-Amerika bezocht hebben.
+
+[6 December.]
+
+De Beagle zeilde de Rio Plata uit, om nooit weer haren modderigen
+stroom binnen te varen. Onze koers was gericht naar Port Desiré op
+de kust van Patagonië. Eer ik verder ga, zal ik hier eenige op zee
+gedane waarnemingen vermelden.
+
+Menigmaal, toen het schip eenige mijlen van den mond der Plata, en
+andere keeren toen het ver van de Noord-Patagonische kust verwijderd
+was, zijn wij door insecten omringd geworden. Op zekeren avond, toen
+wij ongeveer 10 mijlen van de Baai San Bias waren, zagen wij eene
+menigte kapellen, die zich in troepen of zwermen van tallooze myriaden
+uitstrekten zoover het oog reikte. Zelfs met een kijker konden wij
+geen plek zien, die vrij van deze insecten was. De zeelieden zeiden,
+dat het witjes sneeuwde; en zoo scheen het ook werkelijk. Er was
+meer dan ééne species; maar het grootste aantal behoorde tot eene
+soort, die zeer op de gewone Engelsche Colias edusa geleek, doch
+niet dezelfde was. Eenige vlinders en Hymenoptera (Vliesvleugeligen)
+[151] vergezelden de kapellen; en een fraaie kever (Calosoma) vloog
+aan boord. Andere gevallen zijn bekend, dat deze kever ver in zee
+gevangen is; en dit is te merkwaardiger, omdat de meeste Carabidae
+(Loopkevers) zelden of nooit opvliegen. Het was een fraaie en kalme
+dag geweest, en evenzoo daags te voren, met zwakke, afwisselende
+luchtbeweging. Wij kunnen dus niet aannemen, dat de insecten van land
+af gewaaid waren, maar moeten besluiten, dat zij vrijwillig waren
+opgevlogen. Oppervlakkig schijnen de groote zwermen van Colias een
+voorbeeld te geven gelijk aan de bekende trektochten, van eene andere
+kapel (Vanessa cardui) [152] maar de aanwezigheid van andere insecten
+maakt de zaak anders en zelfs minder verklaarbaar. Vóór zonsondergang
+stak een sterke bries uit het noorden op, en deze moet tienduizenden
+kapellen en andere insecten hebben doen omkomen.
+
+Bij eene andere gelegenheid, toen wij 17 mijlen van Kaap Corrientes
+waren, had ik een net overboord geworpen om pelagische dieren te
+vangen. [153] Bij het optrekken vond ik er, tot mijne verbazing,
+een groot aantal kevers in; en hoewel in volle zee, schenen zij door
+het zoute water niet veel geleden te hebben. Eenige exemplaren gingen
+verloren; maar die, welke ik bewaarde, behoorden tot de geslachten
+Colymbetes, Hydroporus, Hydrobius (2 soorten), Notaphus, Cynucus,
+Adimonia en Scarabaeus.
+
+Eerst dacht ik, dat deze insecten van het strand afgewaaid waren;
+maar overwegende, dat vier van de acht soorten in hare leefwijze
+uitsluitend, en twee andere gedeeltelijk waterspecies waren, scheen
+mij het waarschijnlijkst, dat zij door een kleinen stroom die een
+meer bij Kaap Corrientes afwatert, naar zee gedreven waren. In welke
+onderstelling ook, schijnt het toch een belangrijk feit 17 mijlen
+van de dichtst bij zijnde landpunt levende insecten in volle zee
+te zien zwemmen. Er bestaan verscheidene verhalen, dat insecten
+van het strand van Patagonië in zee gewaaid zijn. Kapitein Cook
+nam dit geval waar, en in lateren tijd evenzoo kapitein King op de
+Adventure. De oorzaak is waarschijnlijk toe te schrijven aan het gemis
+van beschutting door boomen en bergen; zoodat een vliegend insect,
+door eene strandbries gedreven, zeer wel naar zee gewaaid zou kunnen
+worden. Het belangrijkste voorbeeld, dat ik gezien heb van een insect,
+dat ver van land gevangen werd, was dat van een grooten sprinkhaan
+(Acrydium), die aan boord vloog, toen de Beagle bovenwinds van de
+Kaap-Verdische Eilanden was, en de dichtst bij zijnde, niet recht
+tegenover den passaat gelegen landpunt was Kaap Blanco aan de
+Afrikaansche kust, op 370 mijlen afstand. [154]
+
+Toen de Beagle zich in den mond der Rio Plata bevond, is het tuig
+meermalen met het web van de herfstdraad-spin bedekt geworden. Op
+zekeren dag (1 November 1832) besteedde ik aan dit onderwerp al mijne
+aandacht. Het was fraai en helder weêr geweest, en des morgens was de
+lucht vol pluisjes van dat vlokkig weefsel, evenals op een herfstdag in
+Engeland. Het schip bevond zich 60 mijlen van het land in de richting
+van eene stijve hoewel zwakke bries. Groote menigten van eene kleine
+spin, ongeveer een tiende inch lang en van eene donkerroode kleur,
+waren aan de webben gehecht. Ik vermoed, dat er wel eenige duizenden
+stuks op het schip bijeen waren. Op het oogenblik, dat het spinnetje
+'t eerst met het tuig in aanraking kwam, zat het altijd op een enkelen
+draad, en niet op de vlokkige massa, die eenvoudig schijnt te ontstaan
+door de verwarring der enkele draden. De spinnen waren alle van ééne
+soort, maar van beide seksen en vergezeld van hare jongen. Behalve
+door geringere grootte, onderscheiden de laatsten zich door hare
+donkerder kleur. Ik zal geen beschrijving van deze spin geven, maar
+alleen zeggen, dat zij mij tot geen enkele van Latreille's geslachten
+schijnt te behooren. [155] Zoodra de kleine luchtreizigster aan boord
+kwam, werd zij zeer ijverig, liep rond, liet zich somtijds vallen en
+klom dan langs denzelfden draad weer naar boven; soms was zij bezig
+met het maken van een kleine en zeer onregelmatige maas in de hoeken
+tusschen de touwen. Zij kon gemakkelijk over het water loopen. Stoorde
+men haar, dan hief zij de voorpooten op, als nam zij eene afwachtende
+houding aan.
+
+Terstond bij hare aankomst scheen zij zeer dorstig en dronk zij
+met uitgestoken kaken gretig van de druppels water: welk feit ook
+door Starck is waargenomen. Zou dit niet een gevolg hiervan zijn,
+dat het insect door een drogen en ijlen dampkring is gegaan? Zijn
+weefselvoorraad scheen onuitputtelijk. Terwijl ik eenigen gadesloeg,
+die aan een enkelen draad hingen, zag ik verscheidene malen, dat
+de minste luchtbeweging ze in horizontale richting uit het gezicht
+voerde. Bij eene andere gelegenheid (25 November) zag ik onder gelijke
+omstandigheden dezelfde soort kleine spin, nadat zij op eene kleine
+verhevenheid gezet of gekropen was, herhaaldelijk haar abdomen
+(onderlijf) oprichten, een draad uitschieten, en dan horizontaal
+wegzeilen met eene snelheid, die in 't geheel niet te bepalen was. Ik
+meende te kunnen bespeuren dat de spin, eer zij die voorbereidende
+stappen deed, hare pooten met de fijnste draden verbond, doch weet
+niet zeker of deze opmerking juist was.
+
+Te Santa Fé had ik eens eene betere gelegenheid om eenige van die
+feiten waar te nemen. Eene spin, ongeveer 0.3 inch lang en die
+naar het uiterlijk in 't algemeen op een Citigradus of loopspin
+geleek (zij verschilde dus geheel van de herfstdraad-spin), schoot,
+terwijl zij op den nok van een paal stond, vier of vijf draden uit
+haar spintoestel. Deze in de zon glinsterende draden kon men bij
+divergeerende lichtstralen vergelijken; zij waren echter niet recht,
+maar golvend als vloszijde waarin de wind speelt. Zij waren meer
+dan een yard lang en liepen uit alle openingen in stijgende richting
+uiteen. Eensklaps liet toen de spin haar steunpunt op den paal los,
+en was spoedig uit het oog verdwenen. Het was heet en schijnbaar
+bladstil; maar onder zulke omstandigheden kan de lucht nooit zoo
+rustig zijn, dat zij een zoo fijnen wimpel als een spinragdraad
+niet in beweging brengt. Als wij op een warmen dag naar de schaduw
+van een voorwerp op een oever, of over eene effene vlakte naar een
+verwijderd baken kijken, is de werking van een opstijgenden warmen
+luchtstroom bijna altijd zichtbaar; men heeft opgemerkt, dat zulke
+opwaartsche stroomen ook blijken uit het stijgen van zeepbellen,
+die binnenskamers niet opgaan. Het zal dus, denk ik, niet veel moeite
+kosten de stijging der fijne draden, die uit het lichaam eener spin
+steken, en daarna die van de spin zelve te begrijpen. De divergentie
+of afwijking der draden heeft, geloof ik, Murray uit hun gelijknamigen
+electrischen toestand pogen te verklaren. Het feit, dat spinnen van
+dezelfde soort maar van verschillende sekse en leeftijd, in groot
+aantal aan hare draden gehecht, dikwijls vele leagues ver van land
+gevonden worden, maakt het waarschijnlijk, dat de gewoonte om door de
+lucht te zeilen even kenmerkend is voor dezen stam, als die van het
+duiken voor de Argyroneta. Wij mogen dan Latreille's onderstelling,
+dat de herfstdraden hun ontstaan zonder onderscheid aan de jongen van
+verschillende spinnengeslachten te danken hebben, verwerpen: zeker
+is het, dat de jongen van andere spinnen, gelijk wij gezien hebben,
+het vermogen bezitten om luchtreizen te doen. [156]
+
+Op onze verschillende tochten ten zuiden der La Plata, sleepte
+ik dikwijls een net van vlaggedoek achteraan en ving aldus vele
+zeldzame dieren. Van Crustacea (Kreeftdieren) waren er vele vreemde
+en onbeschreven geslachten. Een, die in sommige opzichten aan de
+Notopoda verwant is (nl. die krabben, wier achterpooten bijna op den
+rug geplaatst zijn, met het doel zich aan de onderzijde der rotsen
+te hechten), is zeer merkwaardig om den bouw van hun achterste
+paar pooten. De voorlaatste geleding eindigt, in plaats van in een
+enkelvoudigen klauw, in drie borstelvormige aanhangsels van ongelijke
+lengte, waarvan het grootste zoo lang is als de geheele poot. Deze
+klauwen zijn zeer dun, en met de fijnste tanden bezet, die naar
+achteren zijn gericht; hunne gebogen einden zijn afgeplat, en op
+dit gedeelte bevinden zich vijf zeer kleine bekervormige organen,
+die schijnen te werken evenals de zuigers op de armen van den
+inktvisch. Daar het dier in volle zee leeft en waarschijnlijk eene
+rustplaats behoeft, vermoed ik, dat deze fraaie en zeer afwijkende
+bouw is aangepast om zich aan drijvende zeedieren vast te houden.
+
+In diep water, ver van het land, is het aantal levende wezens uiterst
+gering; zuidelijk van 35° breedte, kon ik nooit iets anders vangen
+dan eenige beroë, [157] en enkele kleine soorten Entomostraca. [158]
+In meer ondiep water, op enkele mijlen afstand van de kust, treden
+vele soorten Crustacea benevens eenige andere dieren in groot aantal
+op, doch alleen gedurende den nacht. Tusschen 56° en 57° breedte,
+ten zuiden van Kaap Hoorn, werd het net verscheidene keeren achter
+uitgeworpen; maar nooit bracht het iets anders boven dan enkele
+exemplaren van twee uiterst kleine soorten Entomostraca. Niettemin zijn
+walvisschen en robben, Petervogels (Thalassidroma pelagica) [159] en
+albatrossen overal in dit deel van den oceaan zeer overvloedig. Het
+is voor mij altijd een raadsel geweest, waarvan de albatros, die
+ver van het strand leeft, bestaan kan; ik vermoed, dat hij, evenals
+de Condor, lang kan vasten, en dat één goed maal aan het lijk van
+een rottenden walvisch voor langen tijd genoeg is. De midden- en
+tusschenkeerkrings-gedeelten van den Atlantischen Oceaan wemelen van
+Pteropoda, Crustacea en Radiata; van hunne verslinders, de Vliegende
+Visschen (Exocoetus volitans); en eindelijk van de verslinders van
+deze, de Bonitos en Albicoros. [160] Ik veronderstel, dat de talrijke
+lagere pelagische dieren zich voeden met de Infusoria, die, zooals
+nu uit Ehrenberg's onderzoekingen bekend is, overvloedig in volle
+zee voorkomen. Maar waarvan leven deze infusoria in het heldere
+blauwe water?
+
+Toen wij in een zeer donkeren nacht even ten zuiden van de Rio
+de la Plata zeilden, bood de zee een wondervol en zeer prachtig
+schouwspel. Er woei eene frissche bries, en elk deel van het
+zeeoppervlak dat men bij dag als schuim ziet, gloeide nu met een bleek
+licht. Het schip stuwde vóor zijn boeg twee baren vloeibaren phosphorus
+uit, en werd in zijn zog door een melkachtig spoor gevolgd. Zoover het
+oog reikte, was de kruin van elke golf helder; en door den glanzigen
+weerschijn dezer loodkleurige vlammen, was de lucht boven den horizon
+niet zoo geheel donker als onder het hemelgewelf.
+
+Verder zuidwaarts gaande, is de zee zelden phosphoresceerend;
+ter hoogte van Kaap Hoorn herinner ik mij niet haar meer dan
+eenmaal zoo gezien te hebben en toen was het verschijnsel ver
+van schitterend. Deze omstandigheid staat waarschijnlijk in nauw
+verband met de schaarschheid aan organische wezens in dat gedeelte
+van den oceaan. Na het doorwrochte geschrift van Ehrenberg over het
+phosphoresceeren der zee, is het bijna overbodig van mijn kant eenige
+opmerkingen over het onderwerp te doen. Ik wil er echter bijvoegen,
+dat dezelfde gescheurde en onregelmatige deeltjes geleiachtige stof,
+door Ehrenberg beschreven, in het zuidelijk zoowel als in 't noordelijk
+halfrond de gemeenschappelijke oorzaak van dit phosphoresceeren
+schijnen te zijn. De deeltjes waren zoo klein, dat zij gemakkelijk
+door fijn gaas gingen; toch waren vele duidelijk met het bloote
+oog zichtbaar. Water, in een groot glas geschonken en geschud, gaf
+vonken af; maar eene kleine hoeveelheid op een horlogeglas gaf bijna
+nooit licht. Ehrenberg zegt, dat die deeltjes alle een zekeren graad
+van prikkelbaarheid behouden. Mijne waarnemingen, waarvan enkele
+terstond na het ophalen van het water genomen werden, gaven eene
+andere uitkomst. Ook wil ik het volgende vermelden: toen ik eens
+des nachts het net gebruikt, daarna gedeeltelijk had laten drogen,
+en twaalf uur later gelegenheid had het opnieuw te gebruiken, vond ik
+de geheele oppervlakte even helder vonkelend, als toen het pas uit het
+water was gehaald. Het komt mij in dit geval niet waarschijnlijk voor,
+dat de diertjes zoo lang in 't leven hebben kunnen blijven. Eens toen
+ik eene zeekwal van het geslacht Dianaea bewaarde tot zij dood was,
+begon het water waarin zij lag, te lichten. Ik geloof, dat als de
+golven met helder groene vonken schitteren, dit in 't algemeen aan
+kleine Crustacea is toe te schrijven. Er kan echter geen twijfel
+bestaan, of zeer vele andere pelagische dieren phosphoresceeren,
+als zij levend zijn.
+
+Bij twee gelegenheden heb ik de zee op aanzienlijke diepte onder
+de oppervlakte zien lichten. Nabij de monding van de Plata blonken
+eenige cirkelvormige en eironde plekken, van twee tot vier yards
+in middellijn en met duidelijke omtrekken, in een bestendig maar
+bleek licht, terwijl het water er om heen slechts enkele vonken
+uitstraalde. Het verschijnsel geleek op eene weerspiegeling van de
+maan of ander lichtend voorwerp; want de randen waren gebogen door de
+golvingen van het zeeoppervlak. Het schip, dat 13 voet diepgang had,
+ging over deze plekken heen zonder er verandering in te brengen. Wij
+moeten dus onderstellen, dat er eenige dieren bijeengehoopt waren op
+grootere diepte dan de bodem van het schip.
+
+Nabij Fernando Noronha was het lichten der zee straalvormig. Het
+verschijnsel geleek veel op wat men zien zou als een groote visch zich
+snel door eene lichtende vloeistof bewoog. Aan deze oorzaak schreven
+de zeelieden het toe; maar destijds koesterde ik daaromtrent eenigen
+twijfel wegens de talrijkheid en snelheid der stralen. Reeds heb ik
+opgemerkt, dat het verschijnsel veel meer algemeen is in warme dan in
+koude streken; en soms heb ik gemeend, dat een gestoorde electrische
+toestand van den dampkring de gunstigste factor voor zijn ontstaan
+was. Ik geloof zeker, dat het lichten der zee het sterkst is na enkele
+dagen van kalmer weder dan gewoonlijk, als wanneer het gewemeld heeft
+van allerlei dieren. Na opgemerkt te hebben, dat het met geleiachtige
+deeltjes bezwangerde water in een onzuiveren staat verkeert, en dat
+het lichtverschijnsel in alle gewone gevallen wordt voortgebracht door
+de beweging der vloeistof in aanraking met den dampkring, ben ik tot
+de beschouwing geneigd, dat de phosphorescentie het gevolg is van de
+ontbinding der organische deeltjes: door welk proces (bijna is men
+geneigd het eene soort ademhaling te noemen) de zee gezuiverd wordt.
+
+
+
+[23 December.]
+
+Wij kwamen te Port Desiré, op 47° breedte aan de kust van Patagonië
+gelegen. De kreek loopt ongeveer 20 mijlen landwaarts in en heeft eene
+onregelmatige wijdte. De Beagle ankerde enkele mijlen de kreek in,
+tegenover de puinhoopen eener oude Spaansche nederzetting.
+
+Denzelfden avond ging ik aan land. Het eerste landen in eene
+nieuwe streek is zeer belangwekkend, en vooral wanneer, zooals nu,
+het geheele landschap den stempel draagt van een scherp omlijnd en
+eigendommelijk karakter. Ter hoogte van 2 tot 300 voet boven eenige
+porfiergesteenten strekte zich eene groote vlakte uit, die inderdaad
+kenmerkend is voor Patagonië. De oppervlakte is geheel effen en bestaat
+uit ronde keisteenen, vermengd met eene witachtige aarde. Hier en
+daar verspreid groeien bosjes bruin dradig gras, en nog spaarzamer
+eenige lage doornboschjes. Het klimaat is droog en aangenaam; en de
+fraaie blauwe lucht wordt maar zelden verdonkerd. Staat men midden op
+een dezer verlaten vlakten en wendt men den blik naar de landzijde,
+dan wordt het uitzicht in 't algemeen begrensd door de steilte van
+eene andere vlakte, welke iets hooger, maar even effen en verlaten
+is; en in elke andere richting is de horizon onduidelijk door de
+trillende luchtspiegeling, die uit de verhitte oppervlakte schijnt
+voort te komen.
+
+In zulk eene streek was het lot der Spaansche nederzetting weldra
+beslist: de droogte van het klimaat gedurende het grootste deel
+van het jaar, en nu en dan de vijandelijke aanvallen der zwervende
+Indianen, noodzaakten de kolonisten hunne halfvoltooide woningen
+te verlaten. Niettemin toont de stijl waarin zij waren aangelegd,
+Spanje's krachtige en onbekrompen hand in oude tijden. De uitslag van
+alle pogingen om dit deel van Amerika ten zuiden van 41° breedte te
+koloniseeren, is ellendig geweest. Port Famine drukt door haar naam,
+Hongerhaven, het kwijnend en vreeselijk lijden uit van vele honderden
+ongelukkige lieden, van wie slechts één in 't leven bleef, om hunne
+rampen te vertellen. Bij St.-Jozef's Baai, aan de Patagonische kust,
+werd eene kleine kolonie gevestigd; maar op een Zondag deden de
+Indianen een aanval en vermoordden de geheele nederzetting, behalve
+twee mannen, die vele jaren in gevangenschap bleven. Aan de Rio Negro
+sprak ik met een dezer mannen, die nu op zeer hoogen leeftijd is.
+
+De Zoölogie van Patagonië is even beperkt als zijne Flora. [161] Op
+de dorre vlakten kon men een paar zwarte kevers (Heteromera) langzaam
+zien rondkruipen; en soms schoot een hagedis langs ons heen. Van
+vogels vonden wij drie aas-valken, en in de dalen enkele vinken
+en insecten-eters. Een ibis (Theristicus melanops--eene soort die,
+naar men zegt, in Midden-Afrika gevonden wordt) is op de eenzaamste
+gedeelten niet zeldzaam. In hunne magen vond ik sprinkhanen, krekels,
+kleine hagedissen en zelfs schorpioenen. [162] Den eenen tijd van het
+jaar trekken deze vogels rond in troepen, op een anderen bij paren; hun
+kreet is zeer luid en zonderling, evenals het gehinnik van het guanaco.
+
+Het guanaco, of wilde lama, is de kenmerkende viervoeter der
+Patagonische vlakten en tevens de Zuidamerikaansche plaatsvervanger
+van den kameel in het oosten. In natuurstaat is het een fraai dier,
+met langen ranken hals en fijne pooten. Het komt veel voor in alle
+gematigde deelen van het vasteland: in 't zuiden tot aan de eilanden
+bij Kaap Hoorn. Meestal leeft het in kleine troepen, van zes tot
+dertig stuks elk; maar aan de oevers der Santa Cruz zagen wij een
+troep, die er minstens 500 moet hebben geteld.
+
+In het algemeen zijn deze dieren wild en uiterst op hunne
+hoede. Mr. Stokes vertelde mij, dat hij door een kijker eens een troep
+van deze dieren, die blijkbaar verschrikt waren, in vollen ren had
+zien wegloopen, ofschoon hun afstand zoo groot was, dat hij hen met
+het bloote oog niet kon onderscheiden. De jager ontvangt dikwijls het
+eerste sein van hunne tegenwoordigheid, doordien hij op verren afstand
+hun eigenaardigen, schellen, hinnikenden alarmkreet hoort. Indien hij
+dan goed kijkt, zal hij den troep waarschijnlijk op eene rij zien
+staan aan den kant van een afgelegen heuvel. Komt men dichter bij,
+dan worden nog eenige schelle kreten geuit, en verwijderen zij zich
+in een schijnbaar langzamen, doch inderdaad snellen galop, langs een
+smal gebaand pad naar een naburigen heuvel. Zoo hij echter toevallig
+eensklaps een enkelen of velen tegelijk ontmoet, zullen zij meestal
+roerloos blijven staan en hem opmerkzaam aanzien; dan misschien een
+paar yards wegloopen, zich omkeeren, en weer kijken. Wat is de oorzaak
+van dit verschil in hunne schuwheid? Zien zij van verre een mensch
+voor hun hoofdvijand, den puma, aan? Of wint de nieuwsgierigheid het
+van hunne beschroomdheid? Dat zij nieuwsgierig zijn, is zeker; want
+als iemand op den grond ligt en zonderlinge potsen maakt, bijv. door
+zijn voet in de hoogte te steken, zullen zij bijna altijd dichter
+bij komen, om hem te verkennen. Deze kunstgreep werd herhaaldelijk
+door onze jagers met geluk toegepast, en had bovendien het voordeel,
+dat verscheidene schoten gelost konden worden, welke alle werden
+opgevat als tot het spel behoorende. Op de bergen van Tierra del
+Fuego (Vuurland) heb ik meer dan eens een guanaco gezien, dat,
+als men het naderde, niet alleen hinnikte en gilde, maar op bijna
+belachelijke manier steigerde en sprong, schijnbaar tartend, als
+gold het eene uitdaging. Deze dieren worden zeer gemakkelijk getemd;
+en in Noord-Patagonië heb ik eenige gezien, die zelfs zonder toezicht
+of dwang in de nabijheid van een huis werden gehouden. In dezen staat
+zijn zij zeer driest en vallen licht een mensch aan door hem met beide
+knieën van achteren te stooten. Naar men beweert is de beweegreden
+tot deze aanvallen jaloezie ten opzichte van hunne wijfjes. De wilde
+guanaco's denken echter aan geen verdediging: zelfs één enkele hond zal
+een dezer groote dieren in bedwang houden, totdat de jager opdaagt. In
+vele hunner gewoonten zijn zij als schapen in eene kudde. Zien
+zij bijv. in verschillende richtingen mannen te paard naderen, dan
+worden zij spoedig verbijsterd en weten niet naar welken kant te
+vluchten. Dit maakt de Indiaansche manier van jagen zeer gemakkelijk;
+want zoo worden zij licht naar een middenpunt gedreven en omsingeld.
+
+De guanaco's gaan gereedelijk te water; te Port Valdos zag men
+hen vaak van het eene eiland naar het andere zwemmen. Byron zegt
+in zijn reisverhaal, dat hij hen zout water zag drinken. Ook zagen
+eenige Engelsche officieren bij Kaap Blanco eene kudde, die de zoute
+vloeistof uit eene salina scheen te drinken. Ik denk, dat, als zij
+in verschillende deelen van dit land geen zout water drinken, zij in
+'t geheel geen water drinken. Op het midden van den dag rollen zij
+herhaaldelijk in schotelvormige holten in het zand. De mannetjes
+vechten samen: eens gingen twee mij voorbij, die gillend elkander
+trachtten te bijten; en verscheidene werden geschoten, wier huid
+diep gekorven was. Soms schijnen er kudden op ontdekkingstochten
+uit te gaan; te Bahia Blanca, waar deze dieren binnen 30 mijlen van
+de kust uiterst zeldzaam zijn, zag ik eens de sporen van 30 of 40
+stuks, die in rechte lijn naar eene modderige zoutwater-kreek waren
+gegaan. Zij moeten toen bespeurd hebben, dat zij de zee naderden;
+want met de regelmatigheid eener afdeeling cavalerie hadden zij zich
+omgewend, en waren in eene even rechte lijn teruggekeerd als dat zij
+gekomen waren. De guanaco's hebben eene zonderlinge gewoonte, die mij
+geheel onverklaarbaar is, namelijk: dat zij dagen achtereen hun mest
+op denzelfden bepaalden hoop laten vallen. Ik zag een dezer hoopen,
+welke acht voet in middellijn was en eene groote hoeveelheid stof
+bevatte. Volgens A. d'Orbigny is deze gewoonte aan alle soorten van
+het geslacht eigen; voor de Peruaansche Indianen, die den mest als
+brandstof gebruiken, is zij zeer nuttig, en wordt hun zoodoende de
+moeite bespaard van hem te verzamelen.
+
+De guanaco's schijnen lievelingsplekken te hebben om te gaan
+liggen sterven. Aan de oevers van de Santa Cruz was de grond op
+zekere beperkte ruimten, die meestal heesterachtig en alle bij de
+rivier gelegen waren, letterlijk wit van de beenderen. Op ééne plek
+telde ik tusschen de 10 en 20 hoofden. In 't bijzonder onderzocht
+ik de beenderen; zij schenen niet, zooals sommige die ik hier en
+daar verspreid had gezien, afgeknaagd en gebroken, alsof zij door
+roofdieren hierheen waren gesleept. In de meeste gevallen moeten deze
+dieren, vóór hun sterven, onder en tusschen de struiken doorgekropen
+zijn. Bynoe meldt mij, dat hij op eene vorige reis hetzelfde feit
+aan de oevers van de Rio Gallegos waarnam. Ik begrijp volstrekt niet
+de reden hiervan, maar wil opmerken, dat de gewonde guanaco's aan
+de Santa Cruz onveranderlijk naar de rivier liepen. Op Sint-Jago
+van de Kaap-Verdische Eilanden herinner ik mij in een ravijn een
+afgelegen hoek gezien te hebben, die met geitenbeenderen bedekt
+was; wij zeiden toen, dat dit de begraafplaats van alle geiten op
+het eiland was. Ik vermeld deze beuzelachtige omstandigheden, omdat
+zij in sommige gevallen wellicht het voorkomen kunnen verklaren van
+een aantal ongeschonden beenderen in een hol, of van die welke onder
+alluviale ophoopingen begraven liggen; alsook de reden waarom sommige
+dieren meer in sedimentaire lagen bedolven liggen, dan andere.
+
+Op zekeren dag werd de jol onder bevel van Chaffers met drie dagen
+leeftocht uitgezonden, om het bovendeel der haven op te meten. Des
+morgens spoorden wij eenige op een oude Spaansche kaart vermelde
+plaatsen op, om water in te nemen. Wij vonden een kreek, en aan het
+boveneind daarvan een druppelend beekje brak water--het eerste dat
+wij hier zagen. Hier noodzaakte het getij ons verscheidene uren te
+wachten; en in dien tusschentijd wandelde ik eenige mijlen het land
+in. Als gewoonlijk bestond de vlakte uit grof zand, vermengd met
+grond, die op 't oog kalk geleek, doch in werkelijkheid er zeer van
+verschilde. Door de zachtheid dezer stoffen waren in den bodem vele
+greppels ontstaan. Er was geen enkele boom; en behalve het guanaco,
+dat als schildwacht over zijne kudde op een heuveltop stond, was bijna
+geen enkel dier of vogel te zien. Overal stilte en verlatenheid. Toch
+wordt, als men door deze landschappen zonder zichtbare afwisseling
+gaat, een onbestemd maar sterk en levendig gevoel van blijdschap in
+ons opgewekt. Iemand vroeg mij hoeveel eeuwen de vlakte in dien staat
+verkeerd had, en hoeveel andere zij nog gedoemd was zoo te blijven:
+
+
+ Niemand kan antwoorden; nu schijnt zij eeuwig.
+ De wildernis heeft eene geheimzinnige taal,
+ Die ontzagwekkend twijfelen leert.
+
+ (Shelley, regels op den Mont-Blanc.)
+
+
+Des avonds zeilden wij eenige mijlen verder en sloegen toen eene tent
+op voor den nacht. Tegen het midden van den volgenden dag geraakte de
+jol aan den grond, en kon wegens het ondiepe water niet verder. Daar
+het laatste gedeeltelijk zoet werd bevonden, nam Chaffers de dingey,
+[163] en ging drie mijlen hooger op, waar ook dit vaartuig aan den
+grond raakte. Wij bevonden ons nu in eene zoetwaterrivier. Het water
+was modderig, en hoewel de stroom van zeer onbeduidende grootte was,
+zou het moeilijk geweest zijn den oorsprong te verklaren, tenzij uit de
+gesmolten sneeuw op de Cordilleras. Op de plek waar wij bivouakeerden,
+waren wij door steile klippen en hooge toppen van porfier omringd. Ik
+geloof niet, dat ik ooit eene plek heb gezien, die zoozeer van de
+overige wereld afgesloten scheen, als deze rotsachtige afgrond in de
+wijde vlakte.
+
+Den tweeden dag na onze terugkomst op de aanlegplaats ging een
+gezelschap officieren en ik een oud Indiaansch graf doorzoeken, dat
+ik op den top van een naburigen heuvel gezien had. Twee reusachtige
+steenen, elk vermoedelijk minstens een paar ton wegende, waren
+tegenover een omstreeks zes voet hoog vooruitspringend rotsblok
+geplaatst. Op den harden steenen bodem van het graf was een laag
+aarde van omtrent 1 voet diepte, die uit de omlaag gelegen vlakte
+naar boven moet gebracht zijn. Daarop was een vloer van platte
+steenen gelegd, en op deze weer andere, zoodat de ruimte tusschen het
+vooruitspringend rotsblok en de twee groote steenen gevuld was. Om
+het graf te voltooien, waren de Indianen op den inval gekomen om van
+het rotsblok een groot stuk los te maken en op den stapel te werpen,
+zóo dat het op de twee steenen rustte. Wij ondermijnden het graf aan
+beide kanten, doch konden geen reliquieën, en zelfs geen beenderen
+vinden. Waarschijnlijk waren de laatsten sedert lang vergaan (in
+welk geval het graf van zeer hoogen ouderdom moet geweest zijn),
+want op eene andere plek vond ik eenige kleinere hoopen, onder welke
+zeer enkele verbrokkelde stukken werden gevonden, waaraan nog te
+zien was, dat zij van een mensch afkomstig waren. Falconer zegt,
+dat een Indiaan begraven wordt waar hij sterft, maar dat later zijn
+beenderen zorgvuldig opgenomen en, al is de afstand nog zoo groot,
+naar het zeestrand worden gebracht om begraven te worden. Ik geloof,
+dat deze gewoonte te verklaren is, zoo men bedenkt dat deze Indianen,
+vóór den invoer van paarden, bijna hetzelfde leven moeten geleid
+hebben als nu de Vuurlanders, en dus in 't algemeen in de nabijheid
+der zee hebben gewoond. De gewone voorliefde om te liggen waar zijne
+voorvaderen hebben gelegen, zou de thans zwervende Indianen nopen om
+het minst vergankelijke gedeelte hunner dooden over te brengen naar
+hunne oude begraafplaats op de kust.
+
+[9 Januari.]
+
+Vóór het donker was, ankerde de Beagle in de fraaie ruime haven van
+Port St.-Julian, omstreeks 110 mijlen ten zuiden van Port Desiré
+gelegen. Wij bleven hier acht dagen. Het land is nagenoeg gelijk aan
+dat van Port Desiré, maar misschien nog iets onvruchtbaarder. Eens
+vergezelde ik met een clubje kapitein Fitz-Roy op eene lange wandeling
+om het havenhoofd. Elf uren lang dronken wij geen druppel water,
+en eenigen van het gezelschap waren geheel uitgeput. Van den top van
+een heuvel (sedert Thirsty Hill of Dorstige Heuvel genoemd) werd een
+fraai meer ontdekt, en gingen twee van het gezelschap met afgesproken
+seinen er heen, om te wenken of het zoet water was. Hoe groot was onze
+teleurstelling, toen wij eene sneeuwwitte uitgestrektheid van zout
+zagen, gekristalliseerd in groote kuben! Wij schreven onzen fellen
+dorst toe aan de droogte van den dampkring; maar wat ook de reden
+zij--zeker is het, dat wij uiterst blijde waren laat in den avond in
+onze booten terug te zijn. Ofschoon wij op onzen geheelen tocht nergens
+een druppel zoet water konden vinden, moest er toch wat zijn; want door
+een zonderling toeval vond ik op de oppervlakte van het zoute water,
+bij het hoofd der baai, een niet geheel dooden Colymbetes, die in een
+niet ver af gelegen poel geleefd moest hebben. Drie andere insecten
+(een Cincindella als bastaard, een Cymindis en een Harpalus, die alle
+op modderplaten leven, welke nu en dan door de zee worden overstroomd),
+en nog een vierde, dat dood op de vlakte werd gevonden, voltooien
+de lijst der kevers. Eene vlieg van tamelijke grootte (Tabanus) was
+buitengewoon talrijk, en kwelde ons door haar pijnlijken steek. De
+gewone paardenvlieg (Hippobosca), die in de lommerrijke lanen in
+Engeland zoo lastig is, behoort tot dezelfde orde. Wij hebben hier
+het raadsel, dat zoo dikwijls in het geval der muskieten voorkomt: met
+het bloed van welke dieren voeden deze insecten zich gewoonlijk? Het
+guanaco is ongeveer de eenige warmbloedige viervoeter en komt,
+vergeleken met de menigte vliegen, in zeer gering aantal voor.
+
+
+
+De geologie van Patagonië is belangwekkend. In afwijking met Europa,
+waar de tertiare formaties zich in baaien schijnen opgehoopt te hebben,
+vinden wij hier over honderden mijlen kustland ééne groote afzetting,
+in zich bevattende vele tertiaire schelpdieren, die alle uitgestorven
+schijnen. Het meest voorkomende schelpdier is een zware reusachtige
+oester, soms wel een voet in middellijn. Deze beddingen worden bedekt
+door andere van een eigenaardigen zachten witten steen, die veel gips
+bevat en op kalk gelijkt, maar inderdaad van puimsteenachtig gehalte
+is. Hoogst merkwaardig is het, dat zij voor minstens een tiende deel
+in volume uit infusoria bestaan! Professor Ehrenberg heeft er reeds 30
+zee-soorten in ontdekt. Deze laagbedding strekt zich 500 mijlen langs
+de kust, en waarschijnlijk nog veel verder uit. Te Port St.-Julian
+is hare dikte meer dan 800 voet! Deze witte beddingen zijn overal
+bedekt met een laag grof kiezel, die misschien een van de grootste
+keisteenbeddingen der wereld vormt. Zeker weet men, dat zij zich van
+bij de Rio Colorado uitstrekt tot tusschen de 600 en 700 zeemijlen
+zuidwaarts; bij de Santa Cruz (eene rivier even ten zuiden van
+St.-Julian) bereikt zij den voet der Cordilleras; halfweg de rivier
+op is hare dikte meer dan 200 voet, en vermoedelijk strekt zij zich
+overal tot de genoemde groote keten uit, vanwaar de wel afgeronde
+porfiersteenen afkomstig zijn. Wij mogen hare gemiddelde breedte op
+200 mijlen, en de gemiddelde dikte op ongeveer 50 voet stellen. Indien
+deze groote laag van kiezelsteenen, zonder bijvoeging van de modder
+die noodzakelijk door hunne wrijving is ontstaan, tot een berg werd
+opgehoopt, zou zij eene groote keten vormen!
+
+Bedenkt men, dat al die kiezelsteenen, talrijk als de zandkorrels in
+de woestijn, afkomstig zijn van langzaam afbrokkelende steenmassa's
+op de oude kustlijnen en rivieroevers; dat deze brokken in kleinere
+stukken zijn geslagen, en dat elk daarvan sedert dien tijd langzaam
+gerold, afgerond en ver is weggevoerd, dan staat de geest ontzet bij de
+gedachte aan de lange reeks van jaren, die voor dit proces volstrekt
+noodig waren. Toch zijn al die keisteenen vervoerd en waarschijnlijk
+afgerond geworden na de afzetting der witte beddingen, en lang na de
+vorming der onderliggende beddingen met tertiaire schelpen!
+
+In dit zuidelijk werelddeel is alles op groote schaal ten uitvoer
+gebracht; van de Rio de la Plata tot Vuurland--een afstand van 1200
+mijlen--is het land in het tijdperk der nu bestaande zeeschelpen in
+massa gerezen; en wel in Patagonië tot eene hoogte van tusschen de 300
+en 400 voet. De oude en verweerde schelpen, die aan de oppervlakte
+der gerezene vlakte zijn achtergebleven, bezitten nog gedeeltelijk
+hare kleuren. De rijzende beweging werd afgebroken door minstens
+acht lange tijdperken van rust, gedurende welke de zee diep in het
+land knaagde, en op allengs volgende peilstanden de lange reeksen
+van klippen en steilten vormde, die de verschillende als terrassen
+achter elkander verrijzende vlakten scheiden. De opwaartsche beweging
+en de knagende werking der zee gedurende de lange perioden van rust,
+zijn over lange kustlijnen gelijk geweest; want met verbazing vond
+ik, dat de terrasvormige vlakten op verafgelegen punten op nagenoeg
+correspondeerende hoogten staan. De laagste vlakte is 90 voet hoog,
+en de hoogste die ik bij de kust besteeg, 950 voet; en daarvan vinden
+wij slechts overblijfsels in den vorm van vlakke met kiezel bedekte
+bergjes. De bovenste vlakte der Santa Cruz loopt glooiend op tot
+eene hoogte van 3000 voet aan den voet der Andesketen. Ik heb gezegd,
+dat Patagonië in het tijdperk der bestaande zeeschelpen 300 tot 400
+voet gerezen is, en kan er bijvoegen, dat de stijging minstens 1500
+voet geweest is in het tijdperk toen ijsbergen zwerfblokken over de
+bovenvlakte der Santa Cruz vervoerden. Maar Patagonië is niet alleen
+aan stijgende bewegingen onderhevig geweest: de uitgestorven tertiaire
+schelpdieren van Port St.-Julian en de Santa Cruz kunnen, volgens
+Prof. E. Forbes, op geen grootere waterdiepte geleefd hebben dan van
+40 tot 250 voet, terwijl zij nu bedekt zijn met uit zee afgezette
+lagen van 800 tot 1000 voet dikte; bijgevolg moet de zeebodem, waarop
+deze schelpdieren eenmaal leefden, vele honderden voeten gedaald zijn,
+om de ophooping der daarboven liggende lagen mogelijk te maken. Welk
+eene geschiedenis van geologische veranderingen openbaart die eenvoudig
+samengestelde kust van Patagonië!
+
+Te Port St.-Julian [164] vond ik in eene roode modderlaag, die
+het kiezelzand op de 90-voet vlakte bedekte, het halve skelet van
+de Macrauchenia Patagonica: een merkwaardigen viervoeter, die zoo
+groot was als een kameel. Hij behoort tot dezelfde afdeeling der
+Pachydermata als de rhinoceros, de tapir en het palaeotherium; maar
+in den bouw der beenderen van zijn langen hals, vertoont hij eene
+duidelijke verwantschap tot den kameel, of liever tot het guanaco en
+de lama. Uit het feit, dat nieuwe zeeschelpdieren gevonden zijn op twee
+der hoogere terrasvormige vlakten, die gelaagd en opgeheven moeten zijn
+vóór het afzetten van de modder waarin de Macrauchenia begraven was,
+blijkt overtuigend, dat deze merkwaardige viervoeter leefde lang nadat
+de zee door hare tegenwoordige schelpdieren bewoond was. Eerst was ik
+zeer verwonderd, dat een groote viervoeter zoo kort geleden op 49°15'
+in deze ellendige keisteenvlakten met haren schralen plantengroei
+geleefd kon hebben; maar de verwantschap van de Macrauchenia tot
+het guanaco, thans een bewoner van de onvruchtbaarste gedeelten,
+verklaart deze moeilijkheid ten deele.
+
+De, ofschoon verre, verwantschap tusschen de Macrauchenia en het
+guanaco, tusschen den Toxodon en de Capybara; de nauwere verwantschap
+tusschen de vele uitgestorvenen Edentata en de levende luiaards,
+miereneters en armadillen, die nu zulk een uitstekend kenmerk
+vormen in de zoölogie van Zuid-Amerika; en eindelijk de nog nauwere
+verwantschap tusschen de fossiele en levende soorten van Ctenomys en
+Hydrochoerus--zijn zeer belangwekkende feiten. Deze verwantschap blijkt
+verwonderlijk--even treffend als tusschen de fossiele en uitgestorven
+Buideldieren van Australië--uit de groote verzameling, die onlangs door
+Lund en Clausen uit de holen van Brazilië naar Europa is gebracht. In
+deze verzameling zijn uitgestorven soorten van al de 32 geslachten
+der land-viervoeters (op 4 na), die nu de provinciën bewonen waarin de
+holen liggen. En de uitgestorven soorten zijn veel talrijker dan de nu
+levende: er zijn fossiele miereneters, armadillen, tapirs, pecaris,
+guanaco's, opossums, talrijke Zuidamerikaansche knaagdieren en apen,
+alsmede andere dieren. Deze wonderlijke verwantschap op hetzelfde
+vasteland tusschen de dooden en de levenden zal, ongetwijfeld,
+later op de verschijning van organische wezens op onze aarde en
+hunne verdwijning daarvan meer licht werpen dan eenige andere klasse
+van feiten.
+
+Het is onmogelijk over den veranderden toestand van het Amerikaansche
+vasteland anders dan met de diepste verbazing na te denken. Voorheen
+moet het gewemeld hebben van groote monsters; nu vinden wij slechts
+dwergen, in vergelijking met de vroegere verwante rassen. Indien
+Buffon van den reusachtigen luiaard, de armadil-achtige dieren en
+verdwenen Pachydermata geweten had, zou hij met meer schijn van
+waarheid hebben kunnen zeggen, dat de scheppende kracht in Amerika
+haar vermogen had verloren, dan dat zij nooit groote werking had
+gehad. De meeste dezer uitgestorven viervoeters, zoo niet alle,
+leefden in een laat tijdperk, en waren tijdgenooten van de meeste nu
+bestaande zeeschelpdieren. Sedert den tijd dat zij leefden, kan in
+den vorm van het land geen zeer groote verandering hebben plaats gehad.
+
+Wat heeft dan zooveel soorten en geslachten uitgeroeid? In 't eerst is
+de geest onweerstaanbaar geneigd om aan eene groote ramp te denken;
+maar om dieren, groote en kleine, uit te roeien in Zuid-Patagonië,
+Brazilië, op de Cordilleras in Peru, en in Noord-Amerika tot aan
+de Behring-Straat, moeten wij het geheele wereldspantwerk doen
+waggelen. Bovendien leidt een geologisch onderzoek van La Plata
+en Patagonië tot de overtuiging, dat alle vormen van het land uit
+langzame en trapswijs voortgaande veranderingen ontstaan.
+
+Uit het kenmerk der fossielen in Europa, Azië, Australië, Noord-
+en Zuid-Amerika blijkt, dat die voorwaarden welke gunstig zijn
+voor het leven der grootere viervoeters, niet lang geleden zich
+even ver uitstrekten als de wereld zelve. Welke die voorwaarden
+waren, dat heeft niemand zelfs maar vermoed. Moeilijk kon het
+eene temperatuurs-verandering zijn, die ongeveer tegelijktijdig
+de bewoners van tropische, gematigde en poolgewesten op beide
+halfronden verdelgde. Door Lyell weten wij met zekerheid, dat de groote
+viervoeters in Noord-Amerika leefden na het tijdperk toen zwerfblokken
+naar breedten werden vervoerd, waarop ijsbergen nu niet komen; om
+overtuigende, maar indirecte redenen kunnen wij zeker zijn, dat ook de
+Macrauchenia in het zuidelijk halfrond leefde lang na de ijsbeweging in
+de zwerfblokkenperiode. Was het de mensch, zooals men gemeend heeft,
+die na zijne eerste komst in Zuid-Amerika het logge Megatherium
+en de andere Edentata uitroeide? Wat de verdelging van den kleinen
+tucutuco te Bahia Blanca, van de vele fossiele muizen en andere kleine
+viervoeters in Brazilië betreft, moeten wij althans eene andere reden
+zoeken. Niemand zal wanen, dat eene droogte, zelfs veel strenger dan
+die welke zulke verwoestingen in de provinciën van La Plata aanrichtte,
+alle individuën van elke soort vernietigen kon van af Zuid-Patagonië
+tot aan de Behring-Straat. Wat te zeggen van de uitsterving van
+het paard? Ontbrak het aan gras op die onmetelijke vlakten, later
+overstroomd door duizenden en honderdduizenden nakomelingen van het
+geslacht, dat door de Spanjaarden werd ingevoerd? Hebben de later
+ingevoerde soorten het voedsel verbruikt van de groote voorgaande
+rassen? Mogen wij gelooven, dat de Capybara het voedsel heeft genomen
+van den Toxodon, het Guanaco van de Macrauchenia, de nu levende
+kleine Edentata van hunne talrijke reusachtige prototypen? In de
+lange geschiedenis der wereld is voorzeker geen feit zoo verrassend,
+als de groote en herhaalde uitroeiingen van hare bewoners.
+
+Beschouwen wij de zaak echter uit een ander oogpunt, dan zal
+zij minder ingewikkeld schijnen. Wij bedenken niet steeds, hoe
+diep onwetend wij zijn omtrent de levensvoorwaarden van elk dier:
+herinneren ons niet altijd dat er eene oorzaak is, die de te snelle
+toename van elk georganiseerd wezen in den natuurstaat voortdurend
+belemmert. De voorraad voedsel blijft gemiddeld dezelfde; daarentegen
+bestaat bij elk dier de neiging om door voortplanting in geometrische
+reden toe te nemen; en nergens zijn de verrassende gevolgen daarvan op
+treffender wijze gebleken, dan in Amerika, waar de Europeesche dieren
+gedurende de paar laatste eeuwen in 't wild loopen. In den natuurstaat
+teelt elk dier geregeld; toch is bij eene lang gevestigde soort eene
+sterke getaltoename blijkbaar onmogelijk en moet door eene of andere
+oorzaak belet worden. Intusschen zijn wij maar zelden in staat bij
+eene gegeven soort met zekerheid te zeggen, in welke levensperiode
+of in welken tijd van het jaar die storing valt: of zij alleen na
+lange tusschentijden optreedt, en wat er de juiste oorzaak van is. Zoo
+komt het waarschijnlijk, dat wij zoo weinig verwonderd zijn, als van
+twee soorten die in gewoonten na aan elkander zijn verwant, de eene
+zeldzaam en de andere overvloedig is in hetzelfde district; of ook als
+de eene overvloedig is in dit of in dat district, en de tweede, die in
+de huishouding der natuur dezelfde plaats inneemt, overvloedig in een
+naburig district met zeer gering verschil in toestanden. Naar de reden
+hiervan vragende, antwoordt men onmiddellijk, dat dit veroorzaakt wordt
+door een gering verschil in klimaat, voedsel of het getal vijanden;
+maar hoe zelden, of nooit, kunnen wij de juiste oorzaak der storing en
+hare wijze van werking aangeven! Wij komen dus tot de noodzakelijke
+gevolgtrekking, dat in 't algemeen voor ons onwaarneembare oorzaken
+bepalen of eene soort overvloedig of schaarsch in aantal is.
+
+In de gevallen waar wij het uitroeien van eene soort door den mensch,
+hetzij geheel of in een beperkt district, kunnen nagaan, weten wij
+dat zij gaandeweg zeldzamer wordt, en dan verdwijnt. Het zou echter
+moeilijk zijn een juist onderscheid aan te geven [165] tusschen
+eene soort die door den mensch, en eene die door de toename harer
+natuurlijke vijanden wordt verdelgd. Het bewijs van zeldzaamheid, welke
+het uitsterven voorafgaat, is, zooals verscheidene bekwame waarnemers
+opgemerkt hebben, nog treffender in de opvolgende tertiaire lagen,
+waar dikwijls bevonden is, dat eene schelp die in zulk eene laag zeer
+algemeen is, thans hoogst zeldzaam, en zelfs lang als uitgestorven
+beschouwd is. Indien dus--wat waarschijnlijk lijkt--soorten eerst
+zeldzaam worden en dan uitsterven; indien de al te snelle toename van
+elke soort, zelfs de meest begunstigde, gestadig wordt belemmerd,
+zooals wij moeten aannemen, ofschoon moeilijk te zeggen is hoe en
+wanneer; en indien wij zonder de minste verbazing zien--hoewel niet
+in staat de juiste oorzaak aan te wijzen--dat in hetzelfde district
+de eene soort overvloedig en de andere naverwante zeldzaam is: waarom
+dan zoo verwonderd te zijn als die zeldzaamheid een stap verder, in
+uitsterving overgaat? Eene werking, die overal om ons heen plaats
+grijpt en toch nauwelijks waarneembaar is, kan zeker iets verder
+worden geleid, zonder onze opmerkzaamheid te wekken.
+
+Wien zou het zoo verwonderen als hij hoorde, dat de Megalonyx voorheen
+zeldzaam was, vergeleken met het Megatherium; of dat een der fossiele
+apen gering in aantal was vergeleken met een der nu levende? En
+toch zouden wij in deze betrekkelijke zeldzaamheid het duidelijkste
+bewijs hebben, dat de voorwaarden voor hun bestaan minder gunstig
+waren. Toegeven, dat soorten in 't algemeen zeldzaam worden voordat
+zij uitsterven; niet verwonderd zijn over de zeldzaamheid eener soort
+vergeleken met eene andere; maar nochtans eene buitengewone werkende
+kracht aannemen en groote verwondering toonen als eene soort ophoudt
+te bestaan--schijnt mij zoo ongeveer hetzelfde, als toegeven dat
+ziekte bij het individu de voorbode is des doods; niet verwonderd
+zijn over de ziekte, maar wel zich verwonderen als de zieke sterft,
+en gelooven dat hij door geweld stierf.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK IX.
+
+DE SANTA CRUZ, PATAGONIË EN DE FALKLANDS-EILANDEN.
+
+
+[13 April 1834.]
+
+De Beagle ankerde in de monding van de Santa Cruz, eene rivier
+omstreeks 60 mijlen ten zuiden van Port St.-Julian gelegen. Gedurende
+zijne laatste reis, voer kapitein Stokes haar 30 mijlen op,
+maar was, wegens gebrek aan levensmiddelen, verplicht terug te
+keeren. Behalve hetgeen destijds ontdekt werd, was omtrent deze
+groote rivier nagenoeg niets bekend. Kapitein Fitz-Roy besloot nu
+haren loop te volgen, voorzoover de tijd het toeliet. Op den 18den
+voeren drie walvischbooten uit, met leeftocht voor drie weken,
+terwijl de bemanning, uit 25 koppen bestaande, sterk genoeg was om
+desnoods eene bende Indianen te weerstaan. Door een sterk vloedtij
+en fraai weder begunstigd, legden wij een flinken weg af, dronken
+spoedig wat van het zoete water, en waren tegen den avond bijna boven
+den invloed van het getij. De rivier bezat hier eene grootte en een
+aanblik, die zelfs op het hoogste punt dat wij later bereikten, bijna
+niet verminderden. Zij was in 't algemeen 300 tot 400 yards breed,
+en in het midden ongeveer 17 voet diep. De snelheid van den stroom,
+die over zijn geheelen loop van 4 tot 6 knoopen in 't uur aflegt, is
+wellicht zijne merkwaardigste eigenschap. Het water bezit eene fraaie
+blauwe kleur, maar met eene lichte melkachtige tint, en is niet zoo
+doorschijnend als men op 't eerste gezicht wel zou verwachten. De
+stroom vloeit door een bed van kiezelsteenen, zooals die waaruit de
+oevers en de omringende vlakten bestaan, en slingert zich in bochten
+door eene vallei, die zich lijnrecht naar het westen uitstrekt. De
+breedte dezer vallei wisselt af tusschen 5 en 10 mijlen, en wordt
+begrensd door trapvormige terrassen, die zich op de meeste plaatsen
+boven elkander tot 500 voet hoogte verheffen, en aan beide zijden
+eene merkwaardige overeenkomst bezitten.
+
+[19 April.]
+
+Tegen zulk een sterken stroom op te roeien of te zeilen was natuurlijk
+volstrekt onmogelijk; daarom werden de drie booten met boeg aan
+achtersteven gekoppeld; en nadat in elk een man was achtergelaten,
+gingen de overigen aan land om te trekken. Daar de algemeene
+regelingen, door kapitein Fitz-Roy gemaakt, zeer geschikt waren om
+het werk van allen te verlichten en omdat elk er aan deelnam, zal ik
+het stelsel beschrijven. De troep, met inbegrip van allen, werd in
+twee ploegen verdeeld, die elk om beurten anderhalf uur aan de lijn
+trokken. De officieren van elke boot werkten mede, aten hetzelfde
+voedsel en sliepen in dezelfde tent als hun scheepsvolk, zoodat
+elke boot geheel onafhankelijk was van de andere. Na zonsondergang
+werd de eerste effen plek, waar eenig struikgewas groeide, voor ons
+nachtverblijf gekozen. Elk man van het scheepsvolk nam op zich beurt
+om beurt kok te zijn. Onmiddellijk werd de boot aan land getrokken; de
+kok maakte vuur; twee anderen sloegen de tent op; de bootsman haalde
+het noodige uit de boot; de anderen brachten dit naar de tenten en
+zamelden brandhout. Door deze regeling was in anderhalf uur alles
+voor den nacht gereed. Een wacht van twee man en een officier stond
+altijd op post, wier taak het was op de booten te letten, het vuur
+aan te houden en tegen de Indianen te waken. Elk van den troep had
+iederen nacht zijn uur wacht.
+
+Gedurende dezen dag trokken wij slechts een kleinen afstand; want er
+waren vele eilandjes, met doornboschjes bedekt, en de tusschenliggende
+kanalen waren ondiep.
+
+[20 April.]
+
+Wij gingen voorbij de eilanden en trokken verder. Ofschoon onze
+geregelde dagelijksche tocht zeer inspannend was, vorderden wij
+gemiddeld slechts tien mijlen in rechte lijn, op eene weglengte van
+misschien 15 of 20. Voorbij de plek waar wij den vorigen nacht sliepen,
+is de streek volslagen onbekend land; want het was dáár dat kapitein
+Stokes den terugtocht aannam. Van verre zagen wij een dichten rook;
+en tevens het geraamte van een paard vindende, begrepen wij dat er
+Indianen in de nabijheid waren. Op den morgen van den 21sten werden
+sporen van een troep paarden en sleepstrepen van chuzos of lange
+speren op den grond ontdekt. Algemeen dachten wij, dat de Indianen
+ons des nachts verkend hadden. Kort daarna kwamen wij aan eene plek,
+waar uit de versche voetstappen van volwassenen, kinderen en paarden
+bleek, dat de troep de rivier was overgetrokken.
+
+[22 April.]
+
+De streek bleef dezelfde en was uiterst onbelangwekkend. De volkomen
+gelijkheid van producten door het geheele land is een van Patagonië's
+treffendste kenmerken. De effene vlakten van dorre keien bevatten
+dezelfde onontwikkelde en dwergachtige planten; en in de dalen
+groeien dezelfde doornboschjes. Overal zien wij dezelfde vogels
+en insecten. Zelfs de oevers der rivier en van de heldere daarin
+uitloopende stroompjes werden nauwelijks door eene helderder tint van
+groen verlevendigd. De vloek van onvruchtbaarheid rust op het land;
+en het water dat door een bed van kiezelsteenen vloeit, deelt in
+denzelfden vloek. Zoodoende is het getal watervogels zeer beperkt; want
+in den stroom dezer dorre rivier is niets om het leven te onderhouden.
+
+Arm als Patagonië in sommige opzichten is, zoo kan het echter op een
+grooteren voorraad kleine knaagdieren bogen, [166] dan mogelijk elk
+ander land ter wereld. Verscheidene soorten muizen kenmerken zich
+uiterlijk door groote, dunne ooren en een zeer fijnen pels. Deze
+diertjes zwerven tusschen de kreupelboschjes in de dalen, waar
+zij maanden lang geen druppel water kunnen proeven, behalve den
+dauw. Zij schijnen allen kannibalen te zijn; want nauwelijks was
+er een muis in een mijner vallen gevangen, of zij werd door andere
+verslonden. Een kleine en fijngebouwde vos, die ook zeer talrijk is,
+vindt waarschijnlijk zijn geheele bestaan in deze kleine dieren. Ook
+het guanaco is hier thuis: troepen van 50 of 100 dieren waren aan
+de orde van den dag, en zooals ik gezegd heb, zagen wij er een,
+die minstens 500 bevatte. De puma, gevolgd door den condor en andere
+aasgieren, jaagt en aast op deze dieren. De voetstappen van den puma
+zag men bijna overal op de oevers der rivieren; en de overblijfsels
+van verscheidene guanaco's met ontwrichte halzen en gebroken beenderen,
+bewezen hoe zij den dood hadden gevonden.
+
+[24 April.]
+
+Evenals de oude scheepvaarders wanneer zij een onbekend land
+naderden, onderzochten en bespiedden wij het geringste teeken van
+verandering. Een aangespoelde boomstam of een rolblok van overoud
+gesteente werd met evenveel vreugde begroet, alsof wij een woud op
+de helling van de Cordilleras hadden gezien. Het meest belovende
+teeken echter was de top van een zware wolkbank, die voortdurend op
+éene plaats bleef, en die werkelijk een voorbode bleek te zijn. Eerst
+werden de wolken ten onrechte voor de bergen zelve aangezien, in plaats
+van voor dampmassa's, die door hunne ijzige toppen verdicht waren.
+
+[26 April.]
+
+Dezen dag ontdekten wij eene merkbare verandering in den geologischen
+bouw der vlakten. Sedert wij het eerst op weg gingen, had ik het
+grofzand in de rivier zorgvuldig onderzocht, en in de twee laatste
+dagen de aanwezigheid van enkele kleine zeer cellige basaltsteenen
+opgemerkt. Deze namen trapswijze in aantal en grootte toe, doch geen
+enkel was zoo groot als een menschenhoofd. Maar dezen morgen werden
+diezelfde basaltsteenen, ofschoon dichter en vaster, plotseling
+overvloedig; en na verloop van een half uur zagen wij op een afstand
+van 5 of 6 mijlen den hoekigen rand van een groot basaltterras. Toen
+wij den voet er van bereikten, zagen wij den stroom tusschen de
+gevallen blokken borrelen. Over de volgende 28 mijlen werd de loop
+der rivier door deze basaltmassa's belemmerd. Voorbij dit punt
+kwamen ook reusachtige klompen van overoud gesteente, afkomstig van
+de omringende rolsteenformatie, in groot aantal voor. Geen enkel
+brok van eenige aanzienlijke grootte was meer dan 3 of 4 mijlen van
+den gemeenschappelijken oorsprong de rivier afgedreven. Let men op
+de ongewone snelheid van het groote watervolume in de Santa Cruz,
+waarin nergens stille gedeelten voorkomen, dan is dit wel een der
+treffendste voorbeelden van het onvermogen der rivieren om brokken
+van zelfs matige grootte te vervoeren.
+
+Het basalt is slechts lava, die onder de zee is gevloeid; maar de
+uitbarstingen moeten op de allergrootste schaal geschied zijn. Ter
+plaatse waar wij deze formatie het eerst vonden, was zij 120 voet dik;
+de rivier opwaarts volgend, steeg de oppervlakte onmerkbaar en werd de
+laag dikker, zoodat zij 40 mijlen boven het eerste punt 320 voet dik
+was. Hoe groot de dikte was nabij de Cordilleras, kon ik niet bepalen,
+maar het terras bereikt daar eene hoogte van omstreeks 3000 voet boven
+den zeespiegel. In die groote bergketen moeten wij dus den oorsprong
+van het basalt zoeken; en stroomen die honderd mijlen ver over den
+zacht hellenden zeebodem vloeiden, zijn zulk een oorsprong waardig. Bij
+den eersten blik op de basaltklippen aan weerszijden van de vallei,
+was te zien dat de lagen eenmaal vereenigd waren. Welke kracht was dan
+in staat over eene groote uitgestrektheid land een vaste, zeer harde
+steenmassa te verwijderen, die eene gemiddelde dikte had van omtrent
+300 voet, en eene breedte van bijna 2 tot 4 mijlen? Ofschoon de rivier
+zoo weinig vermogen bezit om zelfs onaanzienlijke brokken te vervoeren,
+zou zij toch in den loop der eeuwen door gestadige afknaging eene
+werking kunnen voortbrengen, waarvan de omvang moeilijk te schatten
+is. Maar afgescheiden van het onbeteekenende van zulk eene werking,
+kunnen in dit geval goede redenen worden aangewezen voor de meening,
+dat deze vallei eenmaal door een zeearm werd ingenomen.
+
+Het is niet noodig in dit werk de bewijsgronden uit te meten, die tot
+deze gevolgtrekking voeren, afgeleid als zij is uit den vorm en de
+natuur der trapvormige terrassen aan weerszijden van de vallei; uit de
+manier waarop de bodem der vallei nabij de Andes zich uitbreidt tot een
+groote delta-vormige vlakte met zandheuvels er op, en uit het voorkomen
+van enkele zeeschelpen in de rivierbedding. Indien ik ruimte had,
+kon ik bewijzen dat Zuid-Amerika hier vroeger door eene straat werd
+afgesneden, die, evenals de Straat van Magelhaen, de Atlantische en
+Stille Oceanen verbond. Intusschen kan gevraagd worden, hoe dat vaste
+basalt verwijderd werd. Eertijds zouden geologen de hevige werking van
+een overweldigenden moddervloed of ijsbreuk in 't spel hebben gebracht;
+maar in dit geval zou zulk een onderstelling geheel onaannemelijk zijn,
+omdat dezelfde trapvormige vlakten met bestaande zeeschelpen aan haar
+oppervlak, die aan de lange Patagonische kustlijn liggen, zich ophoogen
+aan elken kant der Santa Cruz-vallei. Geen denkbare vloedwerking kon
+het land dien vorm hebben gegeven, noch binnen de vallei, noch langs
+de opene zeekust; en door de vorming van zulke trapvormige vlakten
+of terrassen is de vallei zelve uitgehold. Ofschoon wetende, dat
+er getijden zijn, die met eene snelheid van acht knoopen in 't uur
+door de engten der Straat van Magelhaen loopen, moeten wij bekennen,
+dat wij bijna duizelen bij de gedachte aan het aantal jaren, die
+de getijden, eeuw in eeuw uit, zonder hulp van eene zware branding,
+noodig moeten gehad hebben, om zulk eene uitgestrekte en dikke laag
+van vaste basaltlava af te knagen. Nochtans moeten wij gelooven,
+dat de lagen, door het water dezer oude straat ondermijnd, in groote
+stukken werden gebroken, en dat deze, op de oevers verspreid, eerst
+werden herleid tot kleinere brokken, daarna tot kiezelsteenen, en
+eindelijk tot de fijnste ontastbare modder, die de getijden naar de
+Oostelijke of Westelijke Oceanen dreven.
+
+Tegelijk met de verandering in den geologischen bouw der vlakten,
+veranderde ook het kenmerk van het landschap. Toen ik door eenige nauwe
+en rotsachtige engten doolde, kon ik mij bijna verbeelden weer in de
+dorre valleien van het eiland St.-Jago verplaatst te zijn. Onder de
+basaltrotsen vond ik eenige planten, die ik nergens elders had gezien;
+maar andere herkende ik als zwervers uit Vuurland. Deze poreuze
+gesteenten dienen als vergaarbakken voor het schaarsche regenwater;
+en zoo kwam het, dat op de grensscheiding tusschen vulkanische en
+sedimentaire [167] formaties eenige kleine bronnen (hoogst zeldzame
+verschijningen in Patagonië) ontsprongen, die zich van verre aan de
+omringende kluitjes van licht groen gras onderscheiden lieten.
+
+[27 April.]
+
+De rivierbedding werd iets smaller en daardoor de stroom sneller. Hij
+liep hier met een gang van zes knoopen in het uur. Om deze reden,
+en ook om de vele groote hoekige brokken werd het trekken van de
+booten tegelijk gevaarlijk en vermoeiend.
+
+
+
+Dezen dag schoot ik een condor, metende tusschen de beide vleugeltoppen
+acht en een halven, en van den bek tot aan den staart vier voet. Deze
+vogel heeft, zooals men weet, eene ruime geographische verspreiding,
+want men vindt hem aan de westkust van Zuid-Amerika, van de Straat
+van Magelhaen langs de Cordilleras tot acht graden benoorden den
+evenaar. De steile rots bij de monding van de Rio Negro is de
+noordelijke grens op de Patagonische kust, waar zij omtrent 400
+mijlen van de groote middellijn hunner woonplaats op de Andes zijn
+afgedwaald. Verder zuidelijk, tusschen de steile afgronden aan het
+hoofd van Port Desiré, is de condor niet zeldzaam; maar slechts enkele
+zwervers bezoeken nu en dan de zeekust. Deze vogels bewonen ook eene
+klipreeks bij den mond der Santa Cruz; en omstreeks 80 mijlen de rivier
+op, waar de vallei door steile basaltrotsen wordt omzoomd, verschijnt
+de condor opnieuw. Naar deze feiten te oordeelen, schijnen de condors
+loodrechte klippen te behoeven. In Chili bezoeken zij gedurende
+het grootste deel des jaars het lagere land bij de stranden van den
+Stillen Oceaan, waar vele des nachts te zamen in een boom slapen;
+maar vroeg in den zomer trekken zij zich naar de ongenaakbaarste
+deelen der centrale Cordilleras terug, om hier rustig te broeden.
+
+Wat de voortteling betreft, deelde het landvolk in Chili mij mede, dat
+de condor geen soort van nest maakt, maar in de maanden November en
+December twee groote witte eieren op eene naakte rotsplaat legt. Men
+zeide, dat de jonge condors een geheel jaar lang niet kunnen vliegen;
+en lang nadat zij het kunnen, slapen zij des nachts en jagen over
+dag met hunne ouders. De oude vogels leven meest paarsgewijze; maar
+tusschen de landwaarts in gelegen basaltklippen van de Santa Cruz vond
+ik eene plek, waar zij zich gewoonlijk in troepen van een twintigtal
+of meer ophouden. Eens, aan den rand van een afgrond komende, werd
+ik plotseling door het fraaie schouwspel verrast van een twintig
+tot dertig dezer groote vogels statig van hunne rustplaats te zien
+opstijgen, en in prachtige kringen wegzweven. Naar de hoeveelheid
+mest op de rotsen te oordeelen, hadden zij deze klip zeker langen
+tijd voor slapen en broeden bewoond. Wanneer zij zich in de vlakte
+omlaag aan aas hebben verzadigd, trekken zij naar deze geliefkoosde
+verblijven om hun voedsel te verteren. Om deze feiten moet de condor,
+evenals de gallinazo, tot op zekere hoogte als een gezelligen vogel
+worden beschouwd.
+
+In dit deel van het land leven zij geheel van de guanaco's, die een
+natuurlijken dood gestorven zijn, of, zooals meer algemeen gebeurt,
+die door de puma's zijn gedood. Naar wat ik in Patagonië gezien heb,
+geloof ik, dat zij in gewone omstandigheden hunne dagelijksche tochten
+niet ver van hunne geregelde slaapplaatsen uitstrekken.
+
+Dikwijls ziet men de condors op groote hoogte in de sierlijkste
+kringen boven eene bepaalde plek zweven. [168] Ik ben zeker, dat zij
+dit in sommige gevallen uit vermaak doen; maar de Chileensche landman
+zegt u, dat zij in andere gevallen een stervend dier bespieden, of
+den puma als hij bezig is zijne prooi te verslinden. Als de condors
+neerstrijken, en dan plotseling alle tegelijk opvliegen, weet de
+Chileen, dat de puma in de nabijheid is, die het lijk bespiedende,
+uit zijn schuilhoek is gesprongen om de roovers te verjagen. Behalve
+dat zij op aas teren, vallen de condors dikwijls jonge geiten en
+lammeren aan; en de schaapherdershonden zijn er op afgericht, om,
+als zij voorbij vliegen, naar buiten te rennen en met den kop omhoog,
+heftig te blaffen.
+
+De Chileenen vangen en dooden hen in menigte. Daarbij zijn twee
+methoden in gebruik: de eene is, dat men een lijk op een vlak stuk
+grond legt binnen eene omheining van stokken, waarin eene opening is;
+en dan, als de condors verzadigd zijn, te paard naar den ingang draaft
+en hen op die wijs insluit; want als deze vogel geen ruimte heeft om te
+loopen, kan hij zijn lichaam geen voldoende aanloop of hoeveelheid van
+beweging geven, om van den grond op te stijgen. De tweede methode is,
+dat men de boomen merkt waarin zij dikwijls ten getale van vijf of
+zes slapen, en dan des nachts hierin klimt om hen te strikken. Zij
+zijn zulke vaste slapers--zooals ik zelf heb waargenomen--dat deze
+wijze van vangen niet moeilijk is. Te Valparaiso heb ik een levenden
+condor voor sixpence zien verkoopen; maar de gewone prijs is 8 tot 10
+shillings. Een, dien ik zag binnenbrengen, was met een touw gebonden en
+zeer gehavend; doch nauwelijks was het touw doorgesneden waarmede zijn
+bek was dichtgemaakt, of hij begon, trots al het volk om hem heen,
+vraatzuchtig een stuk aas te verscheuren. In een tuin op dezelfde
+plaats hield men twintig tot dertig levende condors, die slechts eens
+in de week gevoed werden, maar toch zeer welvarend schenen. [169]
+De Chileensche landlieden zeggen, dat de condor vijf tot zes weken
+kan leven zonder eten, en toch zijne kracht behoudt. Voor de waarheid
+hiervan kan ik niet instaan; maar het is zeer waarschijnlijk, dat
+deze wreede proefneming gedaan is.
+
+Het is een wel bekend feit, dat, als een dier op het land gedood is,
+de condors, evenals andere aasgieren, er spoedig kennis van krijgen en
+op onverklaarbare wijze samenscholen. Hierbij moet men niet vergeten,
+dat de vogels in de meeste gevallen hunne prooi hebben ontdekt en
+het skelet kaal geplukt, voordat het vleesch ook maar in 't minst
+bedorven is. Gedachtig aan de proefnemingen van Audubon over het
+geringe reukvermogen der aashavikken, deed ik in den bovengenoemden
+tuin de volgende proefneming. De condors werden, elk aan een touw,
+in eene lange rij aan den voet van een muur gebonden; daarop wikkelde
+ik een stuk vleesch in wit papier, en liep er mede in de hand, op
+ongeveer drie yards van hen af, op en neder. Er werd evenwel geen nota
+van genomen. Toen wierp ik het op den grond, nog geen yard van een oud
+mannetje af; voor een oogenblik keek hij er aandachtig naar, doch sloeg
+er verder geen acht op. Met een stok duwde ik het al dichter en dichter
+bij, tot hij het eindelijk met den bek aanraakte; onmiddellijk werd
+toen het papier met woede afgerukt, terwijl op hetzelfde oogenblik
+alle vogels in de rij begonnen te spartelen en te klapwieken. Een
+hond had men onder dezelfde omstandigheden moeilijk kunnen bedriegen.
+
+De bewijzen voor en tegen het scherpe reukvermogen der aasgieren
+wegen zonderling tegen elkander op. Professor Owen heeft bewezen,
+dat de reukzenuwen van den kalkoenschen buizerd (Cathartes aura)
+hoog ontwikkeld zijn; en op den avond toen Owen's verhandeling in
+"Zoological Society" werd voorgedragen, deelde een der aanwezigen mede,
+dat hij in West-Indië bij twee gelegenheden de aashavikken zich op
+het dak van een huis had zien verzamelen, waarin een lijk, dat men
+verzuimd had te begraven, in ontbinding overging. In dit geval konden
+de dieren moeilijk door hun gezicht er kennis van gekregen hebben. Aan
+den anderen kant, en behalve de proefnemingen van Audubon en die eene
+van mijzelven, heeft Bachman in de Vereenigde Staten vele verschillende
+methoden gebezigd, welke aantoonen, dat noch de kalkoensche buizerd
+(de door Prof. Owen ontlede soort), noch de gallinazo hun voedsel door
+den reuk vinden. Hij wikkelde stukken zeer onsmakelijken afval in dun
+zeildoek en strooide er stukjes vleesch op; de aasgieren aten deze op,
+en bleven toen rustig met hunne bekken vlak boven de stinkende massa
+staan, zonder ze te ontdekken. Toen er een scheurtje in het zeildoek
+gemaakt was, werd de afval onmiddellijk ontdekt. Het zeildoek werd door
+een versch stuk vervangen; nogmaals werd er vleesch op gestrooid, en
+weder verslonden de gieren dit zonder de verborgen zelfstandigheid
+te ontdekken, waarop zij trapten. Deze feiten werden door de
+handteekeningen van zes heeren, buiten die van Bachman bevestigd. [170]
+
+Dikwijls, als ik in de open vlakte lag uit te rusten en naar
+boven keek, heb ik aashavikken op groote hoogte door de lucht zien
+zweven. Waar het land vlak is, geloof ik niet dat een deel des hemels,
+hetwelk meer dan 15 graden boven den horizon gelegen is, door iemand
+te voet of te paard in 't algemeen aandachtig wordt waargenomen. Is
+dit het geval, en zweeft de gier op eene hoogte van 3 tot 4000
+voet, voordat hij in het gezicht kan komen, dan zal zijn afstand
+in rechte lijn van het oog des waarnemers iets meer dan 2 Engelsche
+mijlen bedragen. Is het dan niet licht mogelijk, dat hij niet wordt
+opgemerkt? Kan een dier, dat door den jager in eene eenzame vallei
+gedood is, niet al dien tijd door den scherpzienden vogel van boven
+worden bespied? En zal zijne wijze van neerdalen niet een sein wezen
+voor alle aasvreters in het district, dat hunne prooi nabij is?
+
+Als de condors in een zwerm om de eene of andere plek zweven, is
+hunne vlucht zeer mooi. Behalve wanneer zij van den grond opvliegen,
+herinner ik mij niet een dezer vogels te hebben zien klapwieken. Bij
+Lima sloeg ik bijna een half uur lang verscheidene gade, zonder de
+oogen van hen af te wenden. Zij bewogen zich in groote bochten,
+schoten in kringen voorbij, daalden en stegen zonder een enkelen
+wiekslag. Als zij dicht boven mijn hoofd zweefden, sloeg ik van ter
+zijde aandachtig de omtrekken der gescheidene en groote eindveêren van
+elken vleugel gade; bij de minste trillende beweging zouden die veêren
+als 't ware gemengd hebben geschenen; maar zij waren duidelijk op den
+blauwen hemel zichtbaar. Hoofd en hals bewogen zich voortdurend en
+schijnbaar met kracht; en de uitgespreide vleugels schenen het fulcrum
+(steunpunt) te vormen, waarop de bewegingen van hals, romp en staart
+werkten. Wilde de vogel dalen, dan vielen de vleugels een oogenblik
+samen; en als zij zich bij veranderde helling weer uitspreidden, scheen
+de hoeveelheid van beweging of gang, door de snelle daling verkregen,
+den vogel opwaarts te drijven met de kalme en gelijkmatige beweging van
+een vlieger. Wanneer een vogel stijgt, moet zijne beweging snel genoeg
+zijn, opdat de werking der hellende oppervlakte van zijn lichaam op
+den dampkring kan opwegen tegen zijne zwaarte. De kracht om het moment
+van een lichaam op te houden, dat zich in een horizontaal vlak door
+de lucht beweegt (waarin zoo weinig wrijving is) kan niet groot zijn;
+en deze kracht is al wat er noodig is. Wij moeten aannemen, dat de
+beweging van hals en romp van den condor daartoe voldoende is. Hoe
+dit ook zij, het is een waarlijk treffend en fraai schouwspel zulk
+een grooten vogel, uur aan uur, zonder schijnbare inspanning over
+berg en rivier te zien zwenken en zweven.
+
+[29 April.]
+
+Op een hoogland gekomen, begroetten wij met vreugde de witte toppen
+der Cordilleras, als zij nu en dan door hun donker wolkenhulsel
+gluurden. De twee volgende dagen kwamen wij langzaam vooruit; want
+de rivier bleek zeer bochtig en was bezaaid met kolossale brokken
+graniet en verschillende oude leigesteenten. De vlakte, die de vallei
+omzoomde, had hier eene hoogte bereikt van omstreeks 1100 voet boven
+de rivier, en haar voorkomen was zeer veranderd. De goed afgeronde
+porfiersteenen waren vermengd met vele reusachtige brokken basalt
+en overoude gesteenten. Het eerste dezer zwerfblokken, dat ik zag,
+was 67 mijlen van den naasten berg verwijderd; een ander, dat ik mat,
+was vijf yards in het vierkant en stak vijf voet boven het grofzand
+uit. Zijne kanten waren zoo hoekig en zijne grootte zoo aanzienlijk,
+dat ik het eerst voor eene vaststaande rots hield en mijn kompas
+uithaalde om de splijtingsrichting te bepalen. De vlakte hier was
+niet zoo geheel effen als dichter bij de kust, maar verried toch geen
+teekenen van groot geweld. Ik geloof, dat het onder deze omstandigheden
+geheel onmogelijk is het vervoer van deze reusachtige steenblokken,
+zoo vele mijlen van hun oorsprong, te verklaren volgens eene andere
+theorie dan die van drijvende ijsbergen.
+
+Gedurende de twee laatste dagen ontmoetten wij sporen van paarden,
+en vele kleine voorwerpen die aan Indianen hadden toebehoord, als:
+stukken van een mantel en een bos struisvederen; maar zij schenen
+hier al lang gelegen te hebben. Ofschoon de plaats, waar de Indianen
+zoo onlangs over de rivier waren getrokken, en deze buurt zoo vele
+mijlen van elkander lagen, scheen het tusschenliggende land geheel
+onbewoond. Eerst verwonderde mij dit met het oog op den overvloed van
+guanaco's; doch het verklaart zich uit de steenachtige gesteldheid
+der vlakten, die een onbeslagen paard spoedig ongeschikt zou maken
+om aan de jacht deel te nemen. Niettemin vond ik op twee plaatsen in
+deze afgelegen streek kleine hoopjes steenen, die er, naar ik denk,
+niet toevallig neergeworpen konden zijn. Zij lagen op uitspringende
+punten van den rand der hoogste lavaklip, en geleken, ofschoon op
+kleinere schaal, op die bij Port Desiré.
+
+[4 Mei.]
+
+Kapitein Fitz-Roy besloot de booten niet hooger op te brengen. De
+rivier had een kronkelenden loop met zeer snelle strooming,
+terwijl het aanzien der streek ons niet in verzoeking bracht om
+verder te gaan. Overal ontmoetten wij dezelfde voortbrengselen en
+hetzelfde naargeestige landschap. Wij waren nu op 140 mijlen van den
+Atlantischen, en omstreeks 60 van den naastbij liggenden arm van den
+stillen Oceaan. In dit hoogere gedeelte strekte de vallei zich uit
+tot eene wijde kom, in 't noorden en zuiden door hooge basaltvlakten
+begrensd, en in 't front de lange keten der besneeuwde Cordilleras. Het
+was met een gevoel van spijt, dat wij naar deze grootsche bergen
+keken; want in plaats van op hunne toppen te staan, zooals wij
+gehoopt hadden, moesten wij ons hunne natuur en voortbrengselen
+maar voorstellen. Behalve het nuttelooze tijdverlies, dat eene
+poging om de rivier nog hooger op te gaan ons gekost zou hebben,
+waren wij al eenige dagen op half brood-rantsoen gesteld. Hoewel dit
+voedsel voor verstandige menschen inderdaad genoeg is, was het na
+een moeilijken dagmarsch toch wat karig. Eene lichte maag en eene
+gemakkelijke spijsvertering zijn goede dingen om over te praten,
+maar zeer onaangenaam in de praktijk.
+
+[5 Mei.]
+
+Vóór zonsopgang begonnen wij onze daling. Met groote snelheid schoten
+wij den stroom af, meest met een spoed van 10 knoopen (18530 Met.) in
+het uur. Op dezen eenen dag vorderden wij evenveel als in vijf en een
+halven dag hard werken bij het opvaren. Op den 8sten dag bereikten
+wij de Beagle na een tocht van 21 dagen. Elk had reden om onvoldaan
+te zijn, behalve ik zelf; want mij gaf de opvaring eene hoogst
+belangwekkende doorsnede te zien van de groote tertiaire formatie
+van Patagonië.
+
+Op 1 Maart 1833 en andermaal op 16 Maart 1834 ankerde de Beagle in
+Berkeley Sound op Oost-Falklands-Eiland. Deze Archipel ligt op nagenoeg
+dezelfde breedte als en ten oosten der Straat van Magelhaen, beslaat
+eene oppervlakte van 120 bij 60 geographical miles, en is iets meer dan
+half zoo groot als Ierland. [171] Nadat het bezit van deze ellendige
+eilanden door Frankrijk, Spanje en Engeland betwist was geworden,
+werden zij onbewoond gelaten. De Regeering van Buenos Aires verkocht
+hen toen aan een particulier persoon, doch gebruikte hen, evenals
+Spanje in vroeger tijden, voor strafkolonie. Daarop deed Engeland zijne
+rechten gelden en nam hen in 1833 in bezit. De Engelschman, die ter
+bewaking van de vlag was achtergelaten, werd later vermoord. Hierna
+werd er een Britsch officier zonder gewapende macht heen gezonden;
+en dezen vonden wij bij onze komst aan het hoofd eener bevolking, die
+voor meer dan de helft uit weggeloopen rebellen en moordenaars bestond.
+
+Het tooneel is de voorstellingen waardig, die er op afgespeeld
+zijn. Een golvend land met een troosteloozen, ellendigen aanblik, dat
+overal met een veenachtigen grond en dradig gras van eene eentonige
+bruine kleur bedekt is. Hier en daar breekt een bergspits of rotsrug
+van grijs kwarts door de effene oppervlakte. Ieder heeft wel eens van
+het klimaat dezer streken gehoord. Men zou het kunnen vergelijken met
+dat, hetwelk 1000 tot 2000 voet hoog in de bergen van Noord-Wallis
+wordt gevonden: met dit verschil, dat het minder zonneschijn en minder
+koude, doch meer wind en regen heeft. [172]
+
+[16 Maart.]
+
+Ik zal nu een korten uitstap beschrijven, dien ik op een deel van
+het eiland volbracht. Des morgens reed ik uit met zes paarden en
+twee Gauchos: beiden mannen, uitstekend voor het doel geschikt,
+en wel gewoon van eigen middelen te leven. Het weder was zeer
+koud en onstuimig, met hevige hagelstormen. Wij kwamen echter vrij
+goed vooruit; doch behalve de geologie, leverde onze dagrit bijna
+niets op dat belangstelling verdiende. Overal hetzelfde golvende
+heideland, welks oppervlakte bedekt was met lichtbruin verweerd gras
+en enkele zeer kleine struiken, die alle uit een buigzamen veengrond
+opschoten. In de valleien kon men hier en daar eene kleine kudde
+wilde ganzen zien; en overal was de grond zoo zacht, dat de snip
+er zijn voedsel kon vinden. Buiten deze vogels waren er maar weinig
+andere. Er is eene hoofdketen van bijna 2000 voet hooge bergen, uit
+kwarts bestaande, welker ruwe en naakte toppen ons bij het overklimmen
+eenige moeite veroorzaakten. Aan de zuidzijde kwamen wij in land,
+dat voor wild vee zeer goed geschikt is; maar daar dit onlangs fel
+gejaagd was, vonden wij er niet veel van.
+
+Des avonds stieten wij op eene kleine kudde. Een mijner metgezellen,
+St.-Jago genaamd, zonderde spoedig een vette koe af, wierp zijne bolas
+en trof hare pooten, maar kon deze niet omstrikken. Toen wierp hij zijn
+hoed neer, om de plek terug te vinden waar de bolas gevallen waren,
+wond in vollen galop zijn lazo los, en haalde na eene zeer ingespannen
+jacht de koe opnieuw in, die hij nu bij de horens ving. Daar de andere
+Gaucho met de reserve-paarden vooruit gereden was, kostte het St.-Jago
+eenige moeite om het woedende beest te dooden. Hij trachtte haar naar
+een effen terrein te voeren, door telkens van de gelegenheid gebruik
+te maken als zij op hem toerende. Wilde zij zich niet bewegen, dan
+kwam mijn paard, op zulke jachten afgericht, in korten galop achter
+haar aan, en gaf haar met zijn borst een hevigen stoot. Maar zelfs
+op effen grond schijnt het voor één man geen gemakkelijk werk een
+dier te dooden, dat razend is van schrik. En het zou ook niet kunnen,
+indien het paard, dat zonder den ruiter aan zijn lot is overgelaten,
+voor eigen veiligheid niet spoedig leerde den lazo strak te houden;
+zoodat, als de koe of os naar voren stuift, het paard zich even
+schielijk voortbeweegt; anders staat het onbeweeglijk naar één
+kant geleund. Dit paard was echter een jong dier en wilde niet
+stilstaan, maar liep terug als de koe zich poogde los te rukken. Het
+was verwonderlijk te zien, met welke behendigheid St.-Jago achter
+de koe uitweek, tot hij er eindelijk in slaagde aan de groote pees
+van den achterpoot de noodlottige snede toe te brengen. Zonder veel
+moeite stak hij toen zijn mes in het hoofdeinde van het ruggemerg,
+en viel de koe als door den bliksem getroffen neer. Nadat eenige
+stukken vleesch met de huid er aan, doch zonder beenderen en genoeg
+voor onzen tocht, waren afgesneden, reden wij naar onze slaapplaats,
+en hadden voor ons avondeten carne con cuero of gebraden vleesch
+met de huid er aan. Dit is evenver boven rundvleesch te verkiezen,
+als wildbraad boven schapenvleesch. Een groot cirkelvormig stuk wordt
+boven de gloeiende asch of kolen gehouden, met de huid omlaag en in
+den vorm van een schotel, zoodat van het vleeschnat niets verloren
+gaat. Indien de een of andere achtbare raadsheer uit Londen dien avond
+met ons gegeten had, zou het carne con cuero in die stad ongetwijfeld
+spoedig vermaardheid hebben gekregen.
+
+Des nachts regende het, en de volgende dag (17 Mei) was zeer
+stormachtig met veel hagel en sneeuw. Wij reden dwars over het eiland
+naar de landtong, welke Rincon del Toro (het groote schiereiland
+aan de zuidwestpunt) met de rest van het eiland verbindt. Doordien
+een groot aantal koeien gedood zijn, zijn hier de stieren ver in
+de meerderheid. Deze zwerven alleen, of bij twee en drie te zamen,
+en zijn zeer wild. Nooit zag ik zulke prachtige beesten; in hunne
+forsche koppen en nekken evenaarden zij de marmeren standbeelden
+der Grieken. Kapitein Sulivan meldt mij, dat de huid van een stier
+van gemiddelde grootte 47 pounds weegt, terwijl eene minder goed
+gedroogde huid van dit gewicht te Montevideo als eene zeer zware wordt
+beschouwd. De jonge stieren loopen, bij het zien van een ruiter, in den
+regel een eind weg; maar de ouden verzetten geen voet, tenzij om op den
+ruiter toe te hollen; en vele paarden zijn zoodoende gedood. Een oude
+stier waadde door een modderigen stroom, en vatte recht tegenover ons
+post. Vruchteloos poogden wij hem te verjagen; en toen dit mislukte,
+waren wij verplicht een grooten omweg te nemen. Uit weerwraak daarvoor
+besloten de Gauchos hem te overmannen en voor het vervolg onschadelijk
+te maken. Het was zeer van belang te zien, hoe volkomen de kunst
+zegevierde over de kracht. Een lazo werd om zijn horens geworpen, toen
+hij op de paarden toesnelde, en een tweede om zijn achterpooten; in een
+minuut lag het monster machteloos tegen den grond. Wanneer een lazo
+eenmaal strak om de horens van een woedend dier is geworpen, schijnt
+het oppervlakkig niet gemakkelijk hem te ontwarren, zonder het beest
+te dooden; ook vrees ik dat het niet gaan zou, indien de man alleen
+was. Doch met behulp van een tweeden persoon, die zijn lazo zóó werpt
+dat de beide achterpooten worden gegrepen, is het spoedig geschied;
+want zoolang de achterpooten gestrekt worden gehouden, is het dier
+volkomen hulpeloos; en de eerste kan met zijne handen den lazo van de
+horens losmaken, en daarna kalm te paard stijgen. Op het oogenblik
+echter, dat de tweede man iets inloopt en de spanning vermindert,
+glijdt de lazo van de pooten van het worstelende dier, dat hierna
+vrij oprijst, zich schudt, en vruchteloos zijn tegenstander narent.
+
+Op onzen ganschen tocht zagen wij slechts één troep wilde paarden. Deze
+dieren werden, evenals het vee, in 1764 door de Franschen ingevoerd,
+en hebben zich sedert dien tijd sterk vermenigvuldigd. Het is een
+merkwaardig feit, dat de paarden nooit het oosteinde van het eiland
+hebben verlaten, ofschoon geen enkele natuurlijke grens hun belet
+rond te zwerven, en dat gedeelte van het eiland niet aantrekkelijker
+is dan het overige. De Gauchos, door mij hierover ondervraagd, konden,
+ofschoon zij het feit bevestigden, er geen andere verklaring van geven,
+dan dat de paarden sterk aan een plek grond hechten waaraan zij gewend
+zijn. Overwegende, dat het eiland niet geheel door dieren bewoond
+scheen en dat er geen roofdieren waren, was ik bijzonder benieuwd te
+weten, wat hunne aanvankelijk snelle vermeerdering in den weg had
+gestaan. Dat op een begrensd eiland vroeger of later eene stoornis
+moet ontstaan, is onvermijdelijk; maar waarom was de vermeerdering
+der paarden vroeger tot staan gekomen dan die van het vee? Kapitein
+Sulivan heeft zich veel moeite gegeven dit voor mij te onderzoeken. De
+hier wonende Gauchos schrijven de oorzaak voornamelijk hieraan toe,
+dat de springhengsten voortdurend van de eene plek naar de andere
+zwerven en de merries noodzaken hen te vergezellen, onverschillig
+of de jonge veulens al dan niet in staat zijn te volgen. Een Gaucho
+vertelde aan Sulivan, dat hij een hengst een vol uur lang eene merrie
+had zien schoppen en bijten, tot hij haar noodzaakte haar veulen aan
+zijn lot over te laten. Dit merkwaardige verhaal kan kapitein Sulivan
+in zoover bevestigen, dat hij verscheidene malen jonge doode veulens
+heeft gevonden, en daarentegen nooit een dood kalf. Bovendien worden
+meer doode lichamen van volwassen paarden gevonden, dan van vee, alsof
+de eersten meer aan ziekten of ongelukken onderhevig zijn. Wegens de
+zachtheid van den grond bereiken hunne hoeven dikwijls een onregelmatig
+groote lengte; en dit veroorzaakt lamheid. De overheerschende kleuren
+zijn roodgrijs en ijzergrauw. Al de hier gefokte paarden, zoo tamme
+als wilde, zijn, ofschoon goed geëvenredigd, wat klein van stuk,
+en hebben zooveel kracht verloren, dat zij ongeschikt zijn om bij
+het vangen van wild vee met den lazo te dienen; bijgevolg moet men
+zich de groote kosten getroosten van versche paarden uit La Plata in
+te voeren. In de toekomst zal het zuidelijk halfrond waarschijnlijk
+zijn ras van Falklandsche ponies hebben, evenals het noordelijke zijn
+Shetlandsch ras.
+
+In stede van verbasterd te zijn, zooals de paarden, schijnt het vee,
+gelijk wij boven opmerkten, in grootte te zijn toegenomen; ook is het
+veel talrijker dan de paarden. Kapitein Sulivan bericht mij, dat het
+vee in algemeenen lichaamsbouw en vorm der horens onderling veel minder
+verschilt, dan het Engelsche. In kleur verschilt het echter zeer;
+en het is een merkwaardig feit, dat op verschillende deelen van dit
+eene kleine eiland, verschillende kleuren de overhand hebben. Rondom
+Mount Usborne, op eene hoogte van 1000 tot 1500 voet boven de zee,
+zijn sommige kudden voor ongeveer de helft muis- of loodkleurig:
+eene tint, die op andere deelen van het eiland niet algemeen is. Bij
+Port Pleasant heeft donkerbruin den boventoon, terwijl ten zuiden
+van Straat Choiseul (welke het eiland bijna in tweeën verdeelt) het
+meest witte beesten met zwarte hoofden en voeten voorkomen; zwarte en
+enkele gevlekte dieren kan men in alle gedeelten aantreffen. Sulivan
+merkt op, dat het verschil in de heerschende kleuren zoo in 't oog
+sprong, dat, als men bij Port Pleasant naar de kudden keek, die op
+de heuvelhellingen weidden, zij zich op verren afstand als zwarte
+vlekken afteekenden, terwijl die ten zuiden van Straat Choiseul
+onder dezelfde omstandigheden witte vlekken geleken. Sulivan denkt,
+dat de kudden zich niet vermengen; en het is een zonderling feit dat
+het muiskleurige vee, ofschoon op het hoogland levende, ongeveer eene
+maand vroeger in het seizoen kalft, dan de andere gekleurde beesten
+op het lagere land. Het is merkwaardig het eenmaal tamme vee zich zoo
+te zien splitsen in drie kleuren, waarvan naar alle waarschijnlijkheid
+ééne kleur ten slotte over de andere zou zegevieren, indien de kudden
+in de eerstvolgende eeuwen ongestoord werden gelaten.
+
+Een ander ingevoerd dier is het konijn, dat zeer wel geslaagd en nu
+op groote stukken van het eiland in overvloed voorkomt. Doch evenals
+de paarden, zijn zij binnen zekere grenzen beperkt; want zij hebben
+de centrale bergketen niet overschreden, en zouden zelfs niet den
+voet er van bereikt hebben, indien er geen kleine kolonies waren
+heengebracht--zooals de Gauchos mij vertelden. Ik zou niet vermoed
+hebben dat deze dieren, uit Noord-Afrika afkomstig, in een zoo vochtig
+klimaat als dit konden leven, en waar zoo weinig zonneschijn is,
+dat zelfs tarwe er alleen bij toeval tot rijpheid komt. Men zegt dat
+in Zweden, welks klimaat toch algemeen voor gunstiger zou worden
+gehouden, het konijn niet buitenshuis kan leven. Bovendien hadden
+de eerste weinige paren hier te kampen tegen vijanden, als de vos
+en eenige groote havikken, die al vroeger bestonden. De Fransche
+natuuronderzoekers hebben de zwarte variëteit voor eene bijzondere
+soort gehouden, en Lepus Magellanicus genoemd. [173] Zij meenden dat
+Magelhaen deze soort bedoelde, toen hij sprak over een dier, dat onder
+den naam conéjo [174] in de Straat van zijn naam voorkwam; maar hij
+zinspeelde op een kleine Cávia Patagonica, die door de Spanjaarden
+tot heden toe zoo genoemd is. [175]
+
+De Gauchos lachten om het denkbeeld, dat de zwarte soort eene andere
+zou zijn dan de grijze, en zeiden, dat de eerste in elk geval
+haar gebied niet verder had uitgestrekt dan de tweede; dat beide
+nooit afzonderlijk werden gevonden; dat zij gemakkelijk paarden,
+en bonte nakomelingen voortbrachten. Van de laatsten bezit ik nu
+een exemplaar, dat, wat de kenmerken van het hoofd betreft, van de
+Fransche soortbeschrijving afwijkt. Dit feit getuigt hoe voorzichtig
+natuuronderzoekers moeten zijn met het maken van soorten; want zelfs
+Cuvier dacht, toen hij den schedel van een dezer konijnen bekeek,
+dat het waarschijnlijk eene andere soort was!
+
+De eenige inheemsche viervoeter van het eiland is een groote
+wolfachtige vos (Canis antarcticus), die zoowel Oost- als West-Falkland
+bewoont. [176] Ik twijfel niet of deze is eene bijzondere soort,
+die zich tot dezen archipel bepaalt; want vele robbenvangers,
+alsmede Gauchos en Indianen, die deze eilanden bezocht hebben,
+verklaren eenstemmig dat een dergelijk dier nergens in Zuid-Amerika
+gevonden wordt. Wegens eene overeenkomst in leefwijze dacht Molina,
+dat deze vos dezelfde was als zijn culpeu; [177] maar ik heb beiden
+gezien, en zij zijn geheel verschillend. Deze wolven zijn wel bekend
+uit Byron's verhaal over hunne makheid en nieuwsgierigheid, welke
+de zeelieden die te water gingen om hen te ontloopen, voor wildheid
+hielden. Tot heden blijven hunne gewoonten dezelfde. Men heeft hen
+eene tent zien binnengaan, waar zij een stuk vleesch onder het hoofd
+van een slapenden man weghaalden. Ook hebben de Gauchos hen dikwijls
+des avonds gedood, door hun met de eene hand een stuk vleesch voor te
+houden, en met een mes in de andere een steek te geven. Voorzoover
+ik weet, bestaat nergens ter wereld een tweede voorbeeld van een
+stuk land, zoo klein en gebroken, daarbij ver van een vasteland, dat
+zulk een grooten inheemschen viervoeter uitsluitend alleen bezit. Hun
+aantal is snel afgenomen; reeds zijn zij van die helft van het eiland
+verdwenen, welke oostwaarts ligt van de landtong tusschen St.-Salvator
+Baai in Straat Berkeley. Binnen weinige jaren nadat deze eilanden
+geregeld gekoloniseerd zullen zijn, zal deze vos waarschijnlijk,
+evenals de Dodo, bestempeld worden als een dier, dat op de aarde is
+uitgestorven. [178]
+
+Des nachts (17 Mei) sliepen wij op de landtong aan het boveneinde der
+Straat Choiseul, die het zuidwestelijk schiereiland vormt. De vallei
+was aangenaam tegen den kouden wind beschut, maar er was zeer weinig
+kreupelhout voor brandstof. Spoedig, echter, hadden de Gauchos iets
+gevonden, dat tot mijne groote verbazing bijna evenveel hitte gaf als
+steenkool. Dit was het skelet van een onlangs gedooden jongen stier,
+wiens vleesch door de aashavikken was weggepikt. Zij zeiden mij,
+dat zij des winters dikwijls een beest doodden, met hunne messen het
+vleesch van de beenderen schraapten, en dan met dezelfde beenderen
+het vleesch voor hun avondeten braadden.
+
+[18 Mei.]
+
+Het regende bijna den geheelen dag. Des nachts konden wij met onze
+zadeldekken ons tamelijk droog en warm houden; maar de grond, waarop
+wij sliepen, verkeerde bijna in den toestand van een moeras, en er was
+bijna geen droge plek om na onzen dagrit te gaan zitten. Elders heb
+ik gezegd hoe zonderling het is, dat op deze eilanden volstrekt geen
+boomen zijn, ofschoon Vuurland geheel met bosch bedekt is. De grootste
+struik op het eiland, tot de familie der Compositae behoorende,
+is nauwelijks zoo hoog als onze brem. De beste brandstof levert een
+kleine groene struik, ongeveer zoo groot als het gewone heidekruid,
+die de nuttige eigenschap bezit van te branden terwijl hij versch
+en groen is. Het was verrassend de Gauchos midden in den regen en
+toen alles doorweekt was, met niet meer dan een tonderdoosje en een
+lapje onmiddellijk vuur te zien maken. Zij zochten onder de bosjes
+gras en struiken naar enkele droge takjes, en wreven die tot vezels;
+deze omringden zij met grovere takken, ongeveer in den vorm van
+een vogelnest, legden den lap met het vonkje vuur in het midden, en
+overdekten hem op gelijke wijze. Nu werd het nest in den wind gehouden;
+langzamerhand begon het te rooken, al meer en meer, tot eindelijk
+de vlammen er uit sloegen. Ik geloof niet, dat met zulke vochtige
+materialen eene andere methode kans van slagen zou hebben gehad.
+
+[19 Mei.]
+
+Elken morgen was ik zeer stijf, een gevolg hiervan, dat ik niet vooraf
+eenigen tijd gereden had. Met verwondering hoorde ik de Gauchos, die
+van jongs af bijna op het paard geleefd hebben, zeggen dat zij in zulke
+omstandigheden altijd pijn hebben. St.-Jago vertelde mij, dat hij, na
+drie maanden wegens ziekte aan huis gebonden te zijn geweest, uitging
+om wild vee te jagen; maar dat zijn dijen daardoor de twee volgende
+dagen zoo stijf waren, dat hij genoodzaakt was in bed te liggen. Dit
+bewijst, dat de Gauchos toch wel degelijk spierkracht bij het rijden
+gebruiken, al schijnt dit ook niet zoo. Het jagen van wild vee in een
+land, dat wegens den moerassigen grond zoo moeilijk te begaan is, moet
+een zeer zwaar werk zijn. De Gauchos zeggen, dat zij dikwijls in vollen
+ren over een grond heen gaan, die bij langzamer rijden, onbegaanbaar
+zou zijn; evenals dat men over dun ijs kan schaatsenrijden, waar
+loopen onmogelijk is. Op de jacht pogen de jagers zoo dicht mogelijk
+bij de kudde te komen, zonder ontdekt te worden. Elk man draagt vier
+of vijf paar bolas bij zich; deze werpt hij achtereenvolgens naar een
+gelijk aantal stuks vee, die, als zij gestrikt zijn, eenige dagen in
+dien toestand worden achtergelaten, tot zij door honger en inspanning
+wat zijn uitgeput. Dan worden zij vrij gelaten en naar eene kleine
+kudde tamme dieren gedreven, die opzettelijk naar die plek gebracht
+zijn. Daar de voorafgegane behandeling hen te zeer verschrikt heeft
+om de kudde te verlaten, worden zij, als hunne krachten het toelaten,
+gemakkelijk naar de kolonie gedreven.
+
+Voortdurend bleef het weder zoo slecht, dat wij besloten spoed te
+maken, en te trachten het schip nog voor den nacht te bereiken. Door de
+groote hoeveelheid gevallen regen was de oppervlakte van het geheele
+land moerassig. Ik geloof, dat mijn paard minstens een dozijn malen
+viel, en soms spartelden alle zes paarden tegelijk in de modder. De
+oevers van alle kleine stroomen bestaan uit zacht veen, dat het den
+paarden zeer moeilijk maakt er zonder vallen over te springen. Als om
+onzen tegenspoed te voltooien, waren wij verplicht den kop van een
+zeeinham te doorwaden, waar het water zoo hoog stond als de ruggen
+onzer paarden; en door den hevigen wind sloegen de golfjes over ons
+heen, zoodat wij zeer nat en koud werden. Zelfs de Gauchos met hunne
+ijzeren gestellen achtten zich gelukkig, toen zij na ons uitstapje
+de kolonie bereikt hadden.
+
+
+
+De geologische bouw dezer eilanden is in de meeste opzichten
+eenvoudig. Het lagere land bestaat uit leemschiefer en zandsteen,
+waarin fossielen, die aan de in de silurische formaties van Europa
+gevondene zeer na verwant, doch niet geheel gelijk zijn; de bergen
+zijn gevormd van wit korrelig kwartsgesteente. De lagen dezer laatsten
+zijn dikwijls volkomen symmetrisch gewelfd, en bij gevolg is het
+voorkomen van enkele bergen hoogst eigenaardig. Pernety [179] heeft
+verscheidene bladzijden gewijd aan de beschrijving van een berg, Hill
+of Ruins genaamd, welks op elkander volgende lagen hij terecht bij de
+rangen van een amphitheater heeft vergeleken. Het kwartsgesteente moet
+zeer deegachtig geweest zijn, toen het zulke merkwaardige buigingen
+onderging zonder te breken. Daar het kwarts onmerkbaar in den zandsteen
+overgaat, lijkt het waarschijnlijk, dat het eerste uit den zandsteen
+is ontstaan, toen deze zoo hoog verhit was, dat hij dik-vloeibaar
+werd en bij afkoeling kristalliseerde. De zandsteen moet vooraf in
+zachten toestand door de bovenliggende lagen omhoog zijn gestuwd.
+
+In vele gedeelten van het eiland zijn de dalbodems op buitengewone
+wijze bedekt met tallooze groote en losse, hoekige brokken kwartziet,
+die zoogenaamde "steenstroomen" vormen. Sedert den tijd van Pernety
+heeft elk reiziger met verwondering hiervan melding gemaakt. De
+brokken zijn niet door het water geslepen of afgerond, alleen zijn
+hunne hoeken wat gestompt; in grootte wisselen zij af van een of
+twee voet in doorsnede, tot tien- of zelfs meer dan twintigmaal
+zooveel. Zij zijn niet in onregelmatige hoopen bijeengeworpen, maar
+liggen in horizontale vlakten of groote stroomen verspreid. Het is
+niet mogelijk hunne dikte te bepalen; maar verscheidene voeten onder
+de oppervlakte kan men het water van kleine stroompjes door de steenen
+hooren druppelen. Waarschijnlijk is de werkelijke diepte aanzienlijk,
+daar de spleten tusschen de lagere brokken sedert lang met zand
+gevuld moeten zijn. De breedte dezer steenvlakten wisselt tusschen
+enkele honderden voeten en eene mijl; maar dagelijks overschrijdt de
+veenachtige bodem de randen dier vlakten, en vormt zelfs eilandjes
+daar waar enkele brokken dicht bij elkander liggen. In eene vallei
+ten zuiden van Straat Berkeley, door eenigen van ons gezelschap de
+"groote brokken-vallei" genoemd, moesten wij eene onafgebroken strook
+van zulke steenen, die eene halve mijl breed was, oversteken, waarbij
+wij van den eenen puntigen steen op den anderen sprongen. De brokken
+waren zoo groot, dat, toen wij door eene regenbui overvallen werden,
+ik gemakkelijk onder een ervan eene schuilplaats kon vinden.
+
+Hunne geringe helling is wel de merkwaardigste omstandigheid in deze
+"steenstroomen." Aan de heuvelzijden heb ik ze eene helling van tien
+graden met den horizon zien maken; maar in enkele vlakke dalen met
+breede bodems is de helling juist groot genoeg om scherp te worden
+waargenomen. Er was geen middel om op zulk eene ruwe oppervlakte
+den hoek te meten; om echter eene alledaagsche opheldering te geven,
+kan ik zeggen dat de glooiing de snelheid van eene Engelsche postkar
+niet zou vertraagd hebben. Op sommige plaatsen volgde een onafgebroken
+stroom van deze brokken den loop eener vallei, en strekte zich zelfs
+tot aan den top van een heuvel uit. Hier, op deze toppen, schenen de
+geweldige steenen, die een klein huis in grootte overtroffen, in hun
+voorwaartschen loop gestuit; hier stapelden zich ook de gebogen lagen
+der overwelfde ruimten op, evenals de bouwvallen eener reusachtige
+kathedraal. Poogt men deze tafereelen van geweld te beschrijven,
+dan is men onwillekeurig geneigd van de eene gelijkenis in de andere
+te vallen. Wij kunnen ons voorstellen, dat stroomen witte lava uit
+vele deelen van het gebergte naar het lagere land zijn gevloeid,
+en dat zij bij het stollen door eene geweldige golving of trilling
+van den bodem in tienduizenden brokken zijn gespleten. De uitdrukking
+"steenstroomen," die elk terstond in den mond kwam, sluit hetzelfde
+begrip in. Op de plek zelve worden deze tafereelen nog indrukwekkender
+gemaakt door hunne tegenstelling met de lage, ronde vormen der
+naburige heuvels.
+
+Met belangstelling vond ik op den hoogsten top van eene heuvelreeks
+(omtrent 700 voet boven de zee) een groot gewelfd brok, dat op
+zijne bolle zijde, of het ondersteboven lag. Moeten wij aannemen,
+dat dit in de lucht werd geworpen en zóó dezen vorm verkreeg; of,
+wat waarschijnlijker is, dat vroeger in dezelfde keten een hooger
+gedeelte bestond dan het punt waarop dit gedenkteeken eener groote
+natuurberoering nu ligt? Daar de brokken in de dalen niet afgerond en
+hunne spleten niet met zand zijn gevuld, moeten wij besluiten, dat die
+hevige beroering plaats had in een tijdperk, nadat het land boven het
+water der zee was gerezen. Eene dwarsdoorsnede in deze valleien doet
+zien, dat de bodem bijna horizontaal is of maar zeer weinig naar beide
+kanten stijgt. Ofschoon de brokken dus van het hoofdeinde der vallei
+schijnen gewandeld te hebben, lijkt het inderdaad waarschijnlijker,
+dat zij van de naastbijliggende hoogten zijn geslingerd, en sedert
+door eene trillende beweging van overweldigende kracht in eene
+onafgebroken horizontale laag verspreid zijn. [180] Zoo men zich al
+verwonderde over het feit, dat gedurende de aardbeving, die in 1835
+de stad Conception in Chili verwoestte, [181] kleine lichamen enkele
+inches hoog van den grond werden geworpen, wat zullen wij dan zeggen
+van eene beweging, die brokken van vele tonnen gewicht omhoog wierp,
+als zand op een trillend carton, en daarna horizontaal verspreidde? In
+de Cordilleras de los Andes heb ik de duidelijke bewijzen gezien,
+dat ontzaglijke bergen als even zoovele dunne korsten in stukken
+waren gebroken, en hunne lagen verticaal omhoog geworpen; maar nooit
+drong een natuurtafereel het denkbeeld van eene hevige aardbeving,
+waarvan wij in historische tijdperken vruchteloos de wedergade kunnen
+vinden, sterker aan mijn geest op, dan deze "steenstroomen." Toch zal
+de vooruit strevende wetenschap vermoedelijk eens eene eenvoudige
+verklaring van dit verschijnsel geven, gelijk zij het reeds deed
+van het zoolang onverklaarbaar geachte vervoer der erratische of
+zwerfblokken, die over de vlakten van Europa zijn verspreid. [182]
+
+Over de zoölogie dezer eilanden heb ik weinig op te merken. Den aasgier
+of Polyborus heb ik reeds vroeger beschreven. Dan zijn er eenige andere
+havikken, uilen, en een paar kleine landvogels. Het watergevogelte
+is bijzonder talrijk; en blijkens de verhalen der oude zeevaarders,
+moeten er vroeger nog meer geweest zijn.
+
+Op zekeren dag zag ik eene zeeraaf (Carbo cormoranus sive haliaeus)
+met een visch spelen, dien hij gevangen had. Achtmaal achtereen liet
+de vogel zijne prooi los, dook haar dan na, en bracht ze, ofschoon in
+diep water, elken keer weer boven. In de Zoological Gardens heb ik den
+otter een visch op gelijke manier zien behandelen, als de kat een muis
+doet; ik ken geen ander voorbeeld waarin Moeder Natuur zoo moedwillig
+wreed schijnt. Op een anderen keer had ik mij tusschen eene vetgans
+(Aptenodytes demersa) [183] en het water geplaatst, en vermaakte
+mij zeer met het gadeslaan van hare gewoonten. Het was een moedige
+vogel, die mij geregeld slag leverde en terug dreef totdat hij de zee
+bereikte. Niet dan met harde slagen kon men hem tot staan brengen;
+krachtig handhaafde hij elk duimbreed gewonnen grond, en stond rechtop
+en vastberaden voor mij. In die houding waggelde hij met het hoofd
+naar rechts en links, op eene zeer koddige manier, alsof het vermogen
+van duidelijk zien alleen in het voor- en ondergedeelte der oogen
+gelegen was. Deze vogel wordt gewoonlijk de "ezel-vetgans" genoemd,
+vanwege zijne gewoonte om, als hij op het strand is, zijn hoofd naar
+achteren te bewegen, en een zonderling schreeuwend geluid te maken,
+dat zeer op het gebalk van een ezel gelijkt; maar is hij op zee, en
+stoort men hem niet, dan is zijn geluid zeer diep en plechtig, en wordt
+vaak des nachts gehoord. Bij het duiken worden zijne kleine vleugels
+als vinnen gebruikt, maar op het land als voorpooten. Als hij--op vier
+pooten kan men zeggen--door de bosjes gras of over de helling eener
+begraasde rots kruipt, beweegt hij zich zoo snel, dat men hem licht
+voor een viervoetig dier kan houden. Is hij op zee aan het visschen,
+dan komt hij, om adem te scheppen, zoo onstuimig naar de oppervlakte
+en duikt weer zoo plotseling, dat ik iedereen tart met zekerheid te
+zeggen, dat dit geen visch was, die voor pleizier aan het springen was.
+
+Twee soorten van ganzen bewonen de Falklands-Eilanden. De hooglandsche
+soort (Anas Magellanica) bewoont paarsgewijze of in kleine troepen het
+geheele eiland. Zij trekt niet, maar nestelt op de kleine afgelegen
+eilandjes. Vermoedelijk geschiedt dit uit vrees voor de vossen;
+en mogelijk om dezelfde reden zijn deze vogels, ofschoon zeer mak
+bij dag, schuw en wild in de avondschemering. Zij leven geheel van
+plantenstoffen. De klipgans, zoo genoemd omdat zij uitsluitend op
+het zeestrand woont (Anas antarctica) [184] huist zoowel hier als
+op de westkust van Amerika tot in Chili. In de diepe en afgelegen
+kanalen van Vuurland vormt de sneeuwwitte mannetjesgans, die steeds
+van zijn donkerder gekleurd wijfje vergezeld dicht bij haar op eene
+verwijderde rotspunt staat, een gewoon tafereel in het landschap.
+
+Eene groote, domme gans of eend (Anas brachyptera), die soms een
+gewicht van 22 pounds bereikt, is op deze eilanden zeer talrijk. In
+vroegeren tijd werden deze vogels, om hunne buitengewone manier
+van in het water te pagaaien en te plassen, harddravers genoemd;
+doch nu noemt men hen veel gepaster stoomers. Hunne vleugels zijn te
+klein en te slap om te vliegen; maar door er deels mede te zwemmen
+en deels de oppervlakte van het water te slaan, bewegen zij zich
+zeer snel. De manier komt eenigszins overeen met die waarop de gewone
+huiseend vlucht, als hij door een hond vervolgd wordt; maar ik ben er
+bijna zeker van, dat de Anas brachyptera hare vleugels beurt om beurt
+beweegt, in plaats van beide tegelijk, zooals bij andere vogels. Deze
+plompe, domme eend maakt zulk een vreemd geluid en geplas, dat het
+een ongewonen indruk achterlaat.
+
+In Zuid-Amerika vinden wij dus drie vogels, die hunne vleugels voor
+andere doeleinden, als vliegen, gebruiken: de vetgans als vinnen;
+de stoomer als riembladen of schoepen, en de struisvogel als zeilen;
+terwijl de Apteryx van Nieuw-Zeeland, zoowel als zijn reusachtig
+prototype, de Dinornis, slechts rudimentaire vertegenwoordigers
+van vleugels bezitten. [185] De stoomer kan alleen over zeer korten
+afstand duiken. Hij voedt zich geheel met schaaldieren uit het zeewier
+en van vloedrotsen, ten gevolge waarvan zijn bek en kop, om die te
+kunnen breken, verbazend hard en sterk zijn. De kop is zoo sterk,
+dat ik hem met mijn geologischen hamer bijna niet kon splijten,
+en spoedig ontdekten al onze jagers hoe taai het leven dezer vogels
+is. Als zij des avonds, in een troep bijeengezeten, hunne vederen
+opstrijken, maken zij hetzelfde zonderlinge mengsel van geluiden,
+als de oskikvorschen in de keerkringen.
+
+
+
+In Vuurland zoowel als op de Falklands-Eilanden deed ik vele
+waarnemingen op de lagere zeedieren; maar deze zijn niet van algemeen
+belang. [186] Ik zal slechts ééne soort van feiten vermelden, welke
+op zekere Zoöphieten of plantdieren in de hooger georganiseerde
+afdeeling dezer klasse betrekking hebben. Verscheidene geslachten
+(Flustra, Eschara, Cellaria, Crisia, en andere) komen hierin
+overeen, dat zij zonderlinge beweeglijke organen bezitten (zooals
+die van Flustra avicularia, welke in de Europeesche zeeën gevonden
+wordt), die aan hunne cellen bevestigd zijn. Dit orgaan gelijkt in
+de meeste gevallen zeer na op een gierekop, met dit verschil, dat
+de onderkaak veel wijder geopend kan worden dan in den bek van een
+werkelijken vogel. De kop zelf bezit door middel van een korten nek
+een aanzienlijk bewegingsvermogen. Bij den eenen zoöphiet was de kop
+zelf vast, maar de onderkaak vrij; bij een anderen werd hij vervangen
+door een driehoekige kap met eene fraai passende klep, die blijkbaar
+de onderkaak voorstelde. Bij de meeste soorten was elke cel van één
+hoofd voorzien, doch bij andere had elke cel er twee.
+
+De jonge cellen aan het einde der takken van deze koraalgewassen
+bevatten geheel onrijpe poliepen; toch zijn de daaraan gehechte
+gierekoppen, hoewel klein, in elk opzicht volkomen. Als de poliep met
+eene naald uit eene der cellen verwijderd werd, schenen deze organen in
+'t minst niet geraakt. Werd een der zoogenoemde gierekoppen van eene
+cel afgesneden, dan behield de onderkaak haar vermogen tot openen en
+sluiten. Het zonderlingste in hun bouw is misschien wel, dat, als
+er meer dan twee rijen cellen op een tak waren, de centrale cellen
+van zulke aanhangsels voorzien waren, die slechts een vierde van de
+grootte der buitenste hadden. Hunne bewegingen wisselden af naar de
+soort; maar terwijl ik bij enkelen nooit de geringste beweging zag,
+schommelden anderen, met de onderkaak meestal open en ongeveer ééns
+in de vijf secunden, voor- en achteruit; weer anderen bewogen zich
+snel en met rukken. Met eene naald aangeraakt, greep de bek de punt
+meestal zoo stevig vast, dat men den geheelen tak kon schudden.
+
+Deze lichamen staan in hoegenaamd geen verband met de voortbrenging van
+de eieren of knoppen, wijl zij gevormd worden voordat de jonge poliepen
+in de cellen aan het einde der groeiende takken verschijnen. Daar
+zij zich onafhankelijk van de poliepen bewegen, en in geenerlei
+verband met dezen schijnen te staan; en wijl zij op de buitenste en
+binnenste celrijen verschillen, koester ik weinig twijfel of zij
+zijn in hunne functiën eerder aan de hoornachtige as der takken,
+dan aan de poliepen in de cellen verwant. Het vleezige aanhangsel aan
+de onderste extremiteit van de zeeveder (te Bahia Blanca beschreven)
+maakt ook deel uit van den zoöphiet als een geheel, op dezelfde wijs
+als de wortels van een boom deel uitmaken van een geheelen boom en
+niet van het loof of de bloemknoppen alleen.
+
+Bij een ander sierlijk klein koraalgewas (Crisia?) was elke cel van
+een langen getanden borstel voorzien, die het vermogen had van zich
+snel te bewegen. Elk dezer borstels en elk der zoogenoemde gierekoppen
+bewoog zich meestal onafhankelijk van de andere; maar soms bewogen
+allen aan beide zijden van een tak, of alleen die aan ééne zijde zich
+tegelijktijdig; dan weêr bewoog elk zich in regelmatige orde de een
+na den anderen. In deze handelingen bij den zoöphiet, ofschoon uit
+duizende verschillende poliepen samengesteld, zien wij blijkbaar eene
+even volkomen wilsoverdracht, als bij een enkelvoudig dier. Inderdaad
+verschilt het geval niet van dat der zeeveders, die zich aan de kust
+van Bahia Blanca in het zand terugtrokken, zoodra men ze aanraakte. Ik
+zal een ander voorbeeld noemen van gelijkmatige handeling, hoewel van
+zeer verschillenden aard, bij een zoöphiet die nauw aan Clytia verwant
+en dus zeer eenvoudig georganiseerd is. Nadat ik eens eene groote
+pluim daarvan in eene kom met zout water had gedaan, bespeurde ik,
+toen het donker was, dat telkens als ik een stuk van den tak wreef, de
+geheele pluim met een sterk groen licht phosphoresceerde. Ik herinner
+mij niet ooit een schooner verschijnsel gezien te hebben. Doch het
+merkwaardigste van het geval was, dat de lichtstralingen zich altijd
+opwaarts langs de takken bewogen, van de basis naar de uiteinden.
+
+Het onderzoek van deze samengestelde dieren boezemde mij altijd
+zeer veel belang in. Wat kan merkwaardiger zijn dan een plantachtig
+lichaam een ei te zien voortbrengen, hetwelk in staat is rond te
+zwemmen en eene geschikte plaats te kiezen om zich vast te hechten;
+waaruit vervolgens takken ontspruiten, elk met tallooze afzonderlijke
+dieren van dikwijls saamgestelden bouw bedekt? Daarenboven bezitten
+de takken, gelijk wij juist zagen, somtijds organen, die zich kunnen
+bewegen en onafhankelijk zijn van de poliepen. Hoe verwonderlijk deze
+vereeniging van afzonderlijke individuën op een gemeenschappelijken
+stam ook altijd schijnen moet, vertoont toch elke boom hetzelfde feit;
+want knoppen moeten als planten op zich zelven worden beschouwd. Het is
+echter natuurlijk, dat men een poliep, die in 't bezit is van een mond,
+ingewanden en andere organen, als een zelfstandig individu beschouwt,
+terwijl de individualiteit of persoonlijkheid van een bladerknop niet
+licht verwezenlijkt wordt; zoodat de vereeniging van afzonderlijke
+individuën tot een gemeenschappelijk lichaam ons meer treft in een
+koraalgewas dan in een boom. Ons begrip van een samengesteld dier kan,
+waar de persoonlijkheid van elk in sommige opzichten niet volledig is,
+opheldering vinden door de overweging, dat twee afzonderlijke wezens
+worden voortgebracht, als men een enkelvoudig met een mes in tweeën
+snijdt, of als de Natuur zelve de taak der halveering verricht. Wij
+kunnen de poliepen op een plantdier, of de knoppen aan een boom als
+gevallen beschouwen, waarin de deeling van het individu niet geheel is
+tot stand gekomen. Te oordeelen volgens analogie met de koraalgewassen,
+schijnen zeker, wat de boomen betreft, de door knoppen voortgeplante
+individuën nader aan elkander verwant, dan eieren of zaden aan hunne
+ouder-individuën. Het schijnt thans vrijwel vastgesteld te zijn, dat
+gewassen, door knoppen voortgeplant, allen een gemeenschappelijke
+levensduur hebben; en iedereen weet welke zonderlinge en talrijke
+eigenaardigheden met zekerheid worden overgebracht door knoppen,
+afleggers en enten, die door zaadvoortplanting nooit of slechts
+toevallig weêrverschijnen.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK X.
+
+TIERRA DEL FUEGO OF VUURLAND.
+
+
+[17 December 1832.]
+
+Nu ik met Patagonië en de Falklands-Eilanden heb afgehandeld, zal
+ik onze eerste aankomst in Vuurland beschrijven. Kort na den middag
+zeilden wij Kaap San Diëgo om, en voeren de vermaarde Straat van Le
+Maire in. Wij stevenden dicht langs de Vuurlandsche kust; maar de
+omtrek van het rotsachtige, ongastvrije Staten-Eiland was tusschen
+de wolken zichtbaar. In den namiddag ankerden wij in de Baai van
+Good Success. Bij onze binnenkomst werden wij begroet op eene wijze,
+zooals den inwoners van dit wildenland betaamde. Een troep Vuurlanders
+zat gedeeltelijk in het dichte woud verscholen, op een ongenaakbare,
+boven zee uitspringende rotspunt; en nauwelijks gingen wij voorbij,
+of zij sprongen op, zwaaiden met hunne gescheurde mantels, en deden
+een luid, schreeuwend gejuich hooren. De wilden volgden het schip;
+en even voordat het donker was, zagen wij hunne vuren en hoorden
+opnieuw hun woest geschreeuw. De haven vormt een fraaien waterplas,
+half omringd door hooge ronde bergen van leemschiefer, die tot aan
+den rand van het water met een dicht en donker woud bedekt zijn. Een
+enkele blik op het landschap was voldoende om mij te toonen hoezeer
+dit verschilde van al wat ik ooit gezien had. Des nachts woei er een
+stevige koelte en schoten hevige rukwinden uit het gebergte over ons
+heen. Het moet dien nacht op zee slecht weêr geweest zijn; en wij
+zoowel als anderen kunnen deze kaap terecht Bay of Good Success noemen.
+
+Des morgens zond de kapitein eene bemande boot, om met de Vuurlanders
+te onderhandelen. Zoodra wij elkander konden beroepen, trad een
+der vier aanwezige inlanders naar voren om ons te ontvangen, en
+begon een geweldig geschreeuw aan te heffen, om ons te beduiden waar
+wij konden landen. Toen wij aan land waren, schenen de inboorlingen
+eenigszins verschrikt, maar bleven, onder het maken van snelle gebaren,
+doorpraten. Het was ongetwijfeld het zeldzaamste en belangwekkendste
+schouwspel dat ik ooit zag; ik had nooit kunnen gelooven, dat er
+tusschen wilden en beschaafden zulk een groot verschil was: het
+is grooter dan tusschen een wild en tam dier, omdat de mensch een
+grooter vermogen heeft zich te verbeteren. De voornaamste spreker
+was een oud man, die het hoofd van het gezin scheen te zijn; de drie
+anderen waren krachtige jonge mannen van ongeveer zes voet lang. De
+vrouwen en kinderen waren weggestuurd. Deze Vuurlanders behooren tot
+een geheel ander ras dan de niet wel opgegroeide, ongelukkige stumpers
+die meer westwaarts wonen, en schijnen na aan de forsche Patagoniërs
+der Straat van Magelhaen verwant. Hunne geheele kleeding bestaat uit
+een mantel van guanaco-huid, met de wol naar buiten; zij dragen dien
+los over de schouders geworpen, zoodat hun lichaam beurtelings bloot
+en gedekt is. De kleur hunner huid is groezelig koperrood.
+
+De oude man had een band van witte veêren om het hoofd gebonden,
+waarachter zijn zwarte, grove en verwarde haren gedeeltelijk verborgen
+waren. Twee breede dwarsstrepen kruisten zijn gezicht: de eene,
+lichtrood van kleur, liep van het eene oor naar het andere en omsloot
+de bovenlip; de andere, wit als kalk, liep boven en evenwijdig aan de
+eerste, zóó dat zelfs de oogleden wit waren. De drie andere mannen
+waren versierd met strepen van een zwart poeder, dat uit houtskool
+bereid was. Het gezelschap had veel weg van de duivels, die in stukken
+als Der Freischütz op het tooneel komen.
+
+Hunne houding zelve was kruipend, en de uitdrukking van hun
+gezicht wantrouwend, verwonderd en verschrikt. Toen wij hun een
+scharlakenrooden doek hadden aangeboden, dien zij terstond om hun hals
+wonden, werden wij goede vrienden. Dit bleek hieruit, dat de oude
+man ons over de borst streek, en een soort klokkend of liefkoozend
+geluid maakte, zooals menschen die kuikens voederen. Terwijl ik met
+den oude voortliep, werd dit bewijs van vriendschap verscheidene
+keeren herhaald, en eindelijk besloten met drie harde klappen, die
+mij tegelijk op borst en rug gegeven werden. Daarna ontblootte hij
+zijne borst, opdat ik het compliment zou beantwoorden; en toen dit
+gedaan was, scheen hij uitermate verheugd. Voorzoover wij opmerkten,
+verdient de taal van deze lieden bijna niet den naam van eene
+gearticuleerde. Kapitein Cook heeft haar vergeleken bij het geluid
+van iemand, die zijn keel schraapt; maar stellig schraapte nooit een
+Europeaan zijne keel met zooveel harde, scherpe en korte keelklanken.
+
+Zij zijn voortreffelijke mimici of nabootsers; telkens als wij
+hoestten of gaapten, of eene zonderlinge beweging maakten, bootsten
+zij ons onmiddellijk na. Eenigen van ons gezelschap begonnen scheel te
+kijken en scheeve gezichten te trekken; maar een der jonge Vuurlanders
+(hij wiens gezicht zwart geschilderd was, behalve een witten band
+over zijn oogen) maakte veel leelijker grimassen. Zij konden elk
+woord van een zin dien wij hun voorzeiden, volkomen juist herhalen,
+en herinnerden zich zulke woorden eenigen tijd. Intusschen weten
+alle Europeanen hoe moeilijk het is de klanken in eene vreemde
+taal van elkaar te onderscheiden. Wie onzer, bij voorbeeld, kon
+een Amerikaanschen Indiaan verder dan een zin van drie woorden lang
+volgen? Alle wilden schijnen dit nabootsingsvermogen in ongewone mate
+te bezitten. Bijna in dezelfde bewoordingen vertelde men mij dezelfde
+belachelijke gewoonte onder de Kaffers; ook de Australiërs staan
+lang bekend om hunne bekwaamheid in het nabootsen en beschrijven van
+den menschelijken gang, zóó dat de persoon herkend kan worden. Hoe
+kunnen wij dit vermogen verklaren? Is het een gevolg der meerdere
+geoefendheid van het waarnemingsvermogen en de scherpe zintuigen,
+die allen wilden stammen gemeen is, vergeleken met de lang beschaafde?
+
+Toen ons gezelschap een lied begon te zingen, dacht ik, dat de
+Vuurlanders van verwondering op den grond zouden vallen. Met evenveel
+verbazing zagen zij ons dansen; maar op ons verzoek had een der jonge
+mannen geen bezwaar tegen een walsje. Hoe weinig zij ook aan Europeanen
+gewoon schenen, toch kenden en vreesden zij onze vuurwapenen; en
+niets kon hen bewegen een geweer in handen te nemen. Zij verzochten
+om messen, die zij bij het Spaansche woord cuchilla noemden. Ook
+verklaarden zij wat zij noodig hadden, door te doen alsof zij een
+stuk spek in den mond hadden, en dan er schijnbaar in te snijden in
+plaats van het vaneen te scheuren.
+
+Tot nu toe heb ik niet van de Vuurlanders gesproken, die wij aan
+boord hadden. Op de vorige reis van de Adventure en de Beagle in 1826
+en 1830, legde kapitein Fitz-Roy de hand op een troep inboorlingen,
+als gijzelaars voor het verlies van eene boot, die tot groot gevaar
+van eenige met de opmeting belaste personen gestolen was; en eenige
+van deze inboorlingen, benevens een kind, dat hij voor een parelknoop
+gekocht had, nam hij mee naar Engeland met het plan hen voor zijne
+kosten op te voeden en in den godsdienst te onderwijzen. Deze
+inboorlingen weder naar hun land te brengen was voor kapitein
+Fitz-Roy eene hoofdreden waarom hij deze reis ondernam; en voordat
+de Admiraliteit besloten had deze expeditie uit te zenden, had de
+kapitein op edelmoedige wijze een schip bevracht, waarop hij hen zelf
+zou terugbrengen. De inboorlingen waren vergezeld van een zendeling,
+R. Matthews, over wien de kapitein een volledig en uitmuntend verhaal
+in het licht heeft gegeven, waarin ook de inboorlingen uitvoerig
+worden besproken.
+
+Aanvankelijk waren meegenomen twee mannen, van wie er een in Engeland
+aan de kinderpokken stierf, een jongen en een klein meisje; en nu
+hadden wij aan boord York Minster, Jemmy Button (wiens naam "Knoop"
+zijn inkoopsprijs uitdrukt) en Fuegia Basket. York Minster was een
+volwassen, kort, breed en sterk man; teruggetrokken, stilzwijgend en
+knorrig van aard, werd bij geweldig driftig als men hem plaagde. Hij
+had voor enkele personen aan boord eene zeer sterke genegenheid
+opgevat, en bezat een goed verstand. Jemmy Button was ieders
+gunsteling, maar óók opvliegend; de uitdrukking van zijn gezicht
+verried terstond zijn prikkelbare natuur. Hij was vroolijk, lachte
+dikwijls, en was bijzonder medelijdend jegens elk die pijn had. Bij
+ruw weder was ik vaak wat zeeziek, en dan placht hij bij mij te komen
+en op klagenden toon te zeggen: "Arme, arme man!"
+
+Maar het denkbeeld, dat bij gedurende zijn leven op zee gekregen
+had van iemand die zeeziek is, was al te kluchtig; en meestal moest
+hij het gezicht afwenden om een stil of luid gelach te onderdrukken,
+en eerst daarna zijn uitroep: "Arme, arme man!" te herhalen. Hij was
+vaderlandslievend van aard; prees gaarne zijn eigen stam en land,
+waarvan hij terecht zeide, dat er overvloed van boomen waren; schold
+op alle andere stammen, en verklaarde stoutweg, dat er in zijn land
+geen duivel was.
+
+Jemmy was klein, dik en gezet, maar ijdel op zijn persoonlijk
+voorkomen. Altijd droeg hij handschoenen; zijn haar was kort geknipt,
+en hij was wanhopig als zijne zorgvuldig gepoetste schoenen morsig
+werden. Hij was er op verzot zich in een spiegel te bewonderen. Een
+kleine Indiaansche jongen met een jolig gezicht en van de Rio Negro
+afkomstig, dien wij eenige maanden aan boord hadden, bemerkte dit
+spoedig en hield hem gewoonlijk voor den gek; maar Jemmy, die anders
+steeds bereid was den kleinen Indiaan van dienst te zijn, hield
+daar volstrekt niet van, en zeide met een eenigszins verachtelijk
+hoofdgebaar: "Je snatert te veel!"
+
+En toch, als ik aan al zijn vele goede eigenschappen terugdenk,
+schijnt het mij verwonderlijk toe, dat hij tot hetzelfde ras behoorde
+en ongetwijfeld hetzelfde karakter heeft bezeten als die ellendige,
+achterlijke wilden die wij hier het eerst ontmoetten.
+
+Wat eindelijk Fuegia Basket betreft, zij was een aardig, bescheiden,
+ingetogen jong meisje met een eenigszins innemend, maar somtijds
+knorrig uiterlijk, en zeer vlug in het leeren, vooral van talen. Dit
+bewees zij door het opvangen van wat Portugeesch en Spaansch, toen zij
+slechts korten tijd te Rio de Janeiro en Montevideo was achtergelaten,
+en door hare kennis van het Engelsch. York Minster was zeer jaloersch
+op elke attentie, die haar werd bewezen; want blijkbaar had hij plan
+haar te trouwen, zoodra zij aan land zouden zijn.
+
+Ofschoon alle drie vrij goed Engelsch konden spreken en verstaan,
+was het toch uiterst moeilijk veel inlichting uit hen te krijgen,
+hetgeen gedeeltelijk was toe te schrijven aan de moeite, die zij
+schenen te hebben om het eenvoudigste alternatief te begrijpen. Ieder,
+die gewoon is met zeer jonge kinderen om te gaan, weet hoe zelden men
+een antwoord kan krijgen zelfs op zulk eene eenvoudige vraag als:
+of een voorwerp wit of zwart is; het begrip zwart of wit schijnt
+beurtelings hun geest bezig te houden. Zoo was het ook met deze
+Vuurlanders; en daardoor was het meestal onmogelijk door over en weer
+vragen te weten te komen, of men iets, dat zij verteld hadden, goed
+begrepen had. Hun gezicht was bijzonder scherp. Het is wel bekend,
+dat zeelieden door langdurige oefening een verafzijnd voorwerp
+veel beter kunnen onderscheiden, dan iemand die op het land leeft;
+maar zoowel York als Jemmy stonden daarin ver boven een zeeman aan
+boord. Verscheidene malen hebben zij verklaard wat een verwijderd
+voorwerp was; en ofschoon het door elk in twijfel werd getrokken,
+bleken zij toch gelijk te hebben, als het met een kijker onderzocht
+werd. Zij waren zich dit vermogen ten volle bewust; en toen Jemmy
+met den officier van den wacht eens een kleinen twist had, zeide hij:
+
+"Wij schip zien, wij niet praat."
+
+Belangwekkend was het de houding der wilden tegenover Jemmy
+Button gade te slaan, toen wij landden; onmiddellijk bespeurden
+zij het verschil tusschen hem en ons, en spraken samen druk over
+dit onderwerp. De oude man hield eene lange toespraak tot Jemmy,
+waarin hij hem scheen uit te noodigen bij hen te blijven. Maar Jemmy
+begreep hunne taal zeer weinig, en schaamde zich daarenboven diep
+over zijne landgenooten. Toen York Minster daarna aan land kwam,
+herkenden zij ook hem, en beduidden hem dat hij zich moest scheren;
+toch had de man geen twintig stoppelharen op zijn gezicht, terwijl
+wij allen ongeschoren baarden droegen. Zij onderzochten de kleur van
+zijne huid en vergeleken die met de onze. Toen zij een onzer armen
+bloot zagen, drukten zij hunne levendigste verbazing en bewondering
+uit over de witheid er van, juist zooals wij in den Dierentuin den
+orang-oetang hebben zien doen. Uit hunne gebaren maakten wij op, dat
+zij twee of drie onzer officieren, die, ofschoon met volle baarden
+prijkende, kleiner en knapper waren dan de anderen, voor de dames
+van ons gezelschap hielden. De grootste onder de Vuurlanders had er
+blijkbaar veel schik in, dat zijne lengte de aandacht trok. Toen hij
+rug aan rug tegen den grootsten van ons scheepsvolk geplaatst werd,
+deed hij zijn best om naar een hooger stuk grond te schuiven en op de
+teenen te staan. Hij opende den mond om zijne tanden te laten zien,
+en draaide het hoofd om zijwaarts te kijken; en dit alles deed hij met
+zulk eene vroolijkheid, dat ik overtuigd ben, hij zichzelven voor den
+schoonsten man in Vuurland hield. Nadat ons eerste gevoel van diepe
+verwondering voorbij was, konden wij ons niets belachelijkere denken
+dan het zonderlinge mengsel van verbazing en nabootsing, dat deze
+wilden elk oogenblik te zien gaven.
+
+
+
+Den volgenden dag poogde ik dieper landwaarts in te dringen. Vuurland
+kan beschreven worden als een bergachtig land, dat gedeeltelijk onder
+zee is gezonken, zoodat diepe kreken en baaien liggen op plaatsen
+waar dalen moesten zijn. Behalve aan de open westkust, zijn de
+berghellingen van af den rand van het water met een onafgebroken woud
+bedekt. De boomgordel reikt tot eene hoogte van 1000 tot 1500 voet,
+en wordt opgevolgd door een veengordel met kleine Alpenplanten; op
+dezen volgt weer de grens der eeuwige sneeuw, die, volgens kapitein
+King, in de Straat van Magelhaen eene hoogte bereikt van 3000 tot
+4000 voet. Hoogst zelden vindt men ergens in dit land een acre vlakken
+grond. Ik herinner mij slechts een klein vlak stuk nabij Port Famine,
+en een tweede iets grooter in oppervlakte bij Goeree Roads. Op beide
+plaatsen en verder overal is de oppervlakte met eene dikke, moerassige
+veenlaag bedekt. Zelfs in het woud is de grond onder een hoop langzaam
+rottende plantenstoffen verborgen, die van water doortrokken, onder
+den voet wegzinkt.
+
+Daar ik het bijna hopeloos achtte door het woud een weg te banen,
+volgde ik den loop van een bergstroom. Eerst kon ik vanwege de
+watervallen en de menigte doode boomen slechts met moeite voortkruipen;
+maar spoedig werd het stroombed iets ruimer, doordien de vloed de
+kanten had schoongeveegd. Langzaam volgde ik een uur achtereen de
+gebroken en rotsachtige oevers, en werd door de grootschheid van het
+landschap ruimschoots voor mijn zwoegen beloond. De donkere diepe
+rotskloof paste volkomen bij de algemeene sporen van geweld. Aan beide
+zijden lage vormlooze steenhoopen en afgerukte boomen; andere boomen,
+hoewel nog staande, waren van binnen geheel vergaan en stonden op
+het punt te vallen. Het warbosch van groeiende en gevallen stammen
+deed mij denken aan de wouden in de keerkringen, met dit verschil
+echter, dat in deze stille eenzaamheden Dood in plaats van Leven de
+overheerschende natuurkracht scheen te zijn. Ik volgde den waterstroom
+totdat ik aan eene plek kwam, waar een groote grondverschuiving een
+rechte strook van de berghelling had blootgelegd. Langs dezen weg klom
+ik tot eene aanzienlijke hoogte, en kreeg zoodoende een goed uitzicht
+op de omringende bosschen. De boomen behoorden alle tot ééne soort,
+Fagus betuloides; want het aantal andere soorten Fagus en dat der
+Winter's-basten (Drymis Winteri) is zeer onbeteekenend. [187] Deze
+beuk behoudt het geheele jaar door zijne bladeren, die echter eene
+eigenaardige bruingroene, eenigszins geel getinte kleur bezitten. Daar
+het geheele landschap zoo gekleurd is, heeft het een somber, eentonig
+voorkomen, waarbij nog komt, dat het niet vaak door de zonnestralen
+verlevendigd wordt.
+
+[20 December.]
+
+De eene zijde der haven wordt gevormd door een omstreeks 1500 voet
+hoogen berg, dien kapitein Fitz-Roy naar Sir J. Banks noemde, ter
+nagedachtenis aan diens rampspoedigen tocht, welke voor twee mannen
+van zijn gezelschap, en bijna ook voor Dr. Solander een noodlottigen
+afloop had. De sneeuwstorm, die de oorzaak van zijn ongeluk was,
+woei in het midden van Januari, overeenkomende met onze maand Juli,
+en op de breedte van Durham! Ik was verlangend den top van dezen
+berg te bereiken, om Alpenplanten te verzamelen; want in de lagere
+gedeelten is het aantal bloemen gering. Wij volgden denzelfden
+bergstroom als daags te voren, tot waar hij dood liep, en waren toen
+genoodzaakt op goed geluk tusschen de boomen door te kruipen. Wegens
+de hoogte en den invloed der hevige winden, waren deze boomen laag,
+dik en gebogen. Eindelijk bereikten wij de plek, die van verre een
+fraai groen grastapijt geleek, maar tot onzen spijt een dicht bosch
+van beukeboompjes bleek te zijn, van vier tot vijf voet hoogte. Zij
+stonden even dicht opeen, als taxisboomen (buxus) aan den rand van een
+tuin, en wij moesten over de effene maar verraderlijke oppervlakte met
+geweld voortdringen. Na nog eenige inspanning bereikten wij het veen,
+en toen de naakte schieferrots.
+
+Een rotskam verbond dezen berg met een anderen, die eenige mijlen
+verder lag en, blijkens de daarop liggende vlakjes sneeuw, hooger
+was. Daar het nog niet laat op den dag was, besloot ik er heen te
+wandelen en planten langs den weg te zamelen. Dit zou een zeer moeilijk
+werk geweest zijn, indien er geen goed gebaand en recht pad geweest
+was, dat de guanaco's gemaakt hadden, welke dieren, evenals schapen,
+altijd denzelfden weg volgen. Toen wij den berg bereikten, vonden
+wij, dat deze de hoogste in den naasten omtrek was. De bergstroomen
+vloeiden hier in tegengestelde richtingen naar zee. Wij hadden een ruim
+uitzicht over de naburige streek: in het noorden strekte zich een groot
+moerasland uit; maar zuidwaarts ontrolde zich een panorama van wild
+natuurschoon, dat Vuurland ten volle waardig was. Er lag een zweem
+van geheimzinnige grootschheid in die eindelooze reeks van bergen,
+met hunne diepe tusschenliggende valleien, allen met een dichte,
+donkere woudmassa bedekt. In dit klimaat, waar de stormen elkander
+opvolgen met regen, hagel en ijzel, schijnt ook de dampkring zwarter
+dan elders. In de Straat van Magelhaen, even zuidelijk onder Port
+Famine gelegen, schenen de afgelegen kanalen tusschen de bergen naar
+het einde der wereld te vloeien--zoo somber was hun aanblik.
+
+[21 December.]
+
+De Beagle lichtte het anker; en onder begunstiging van eene bijzonder
+voorspoedige oostelijke bries, bereikten wij den volgenden dag
+de Barneveldts-Eilanden, stuurden om Kaap Deceit met hare spitse
+rotsen, en zeilden te ongeveer drie ure om de door weêr en stormen
+geteisterde Kaap Hoorn. De avond was kalm en helder, en wij hadden
+een fraai uitzicht op de omringende eilandjes. Kaap Hoorn eischte
+echter haar tol, en joeg ons vóór den nacht eene stijve bries in 't
+gezicht. Wij bleven dien nacht op zee, en stevenden den volgenden dag
+opnieuw naar land, toen wij dit vermaarde voorgebergte in zijn waren
+vorm te loever voor ons zagen: gesluierd in een mist, en de wazige
+omtrek gehuld in een bui van storm en regen. Groote zwarte wolken
+gierden langs den hemel, en hevige regenbuien, vergezeld van hagel,
+joegen met zooveel geweld over ons heen, dat de kapitein besloot in
+Wigwam-Kreek binnen te loopen. Dit is eene kleine beschutte haven
+niet ver van Kaap Hoorn; en het was hier, dat wij op Kerstavond
+in kalm water het anker lieten vallen. Het eenige, dat ons aan den
+storm buiten herinnerde, was nu en dan een rukwind van de bergen,
+die het schip aan zijne ankers deed stampen.
+
+[25 December.]
+
+Dicht bij de kreek verrijst een steile berg, Kater's Piek genaamd,
+die eene hoogte heeft van 1700 voet. De omringende eilanden bestaan
+alle uit kegelvormige bergen van groensteen, [188] soms in vereeniging
+met minder regelmatige heuvels van kristallijn-gemetamorphoseerd
+leemschiefer. Dit deel van Vuurland kan men als het einde der gezonken
+bergketen beschouwen, waarop ik reeds doelde. De kreek ontleent haren
+naam "Wigwam" aan enkele Vuurlandsche woningen; maar met hetzelfde
+recht zou elke baai in den omtrek zoo genoemd mogen worden. De
+bewoners, die voornamelijk van schaaldieren leven, zijn verplicht
+voortdurend van woonplaats te veranderen, doch keeren na verloop van
+zekeren tijd naar dezelfde plaatsen terug, zooals blijkt uit de stapels
+oude schelpen, die dikwijls verscheidene tonnen zwaar moeten zijn. Men
+kan deze hoopen reeds op een afstand onderscheiden aan de heldergroene
+kleur van sommige planten, die er steeds op groeien. Van deze kunnen
+genoemd worden de wilde selderij (Apium graveolens) en het lepelblad
+(Cochlearia): twee zeer nuttige planten, waarvan de inboorlingen het
+gebruik niet ontdekt hebben.
+
+De Vuurlandsche wigwam [189] gelijkt in grootte en afmetingen op een
+hooiopper, en bestaat slechts uit enkele afgebroken takken, die in
+den grond zijn gestoken en aan één kant zeer onvolkomen met eenige
+bosjes gras en biezen zijn afgedekt. Het geheel is nauwelijks het
+werk van een uur, en wordt slechts voor een paar dagen gebruikt. Te
+Goeree-Roads zag ik een plek, waar een dezer naakte mannen geslapen
+had, en die volstrekt niet meer beschutting bood dan een hazenleger. De
+man leefde blijkbaar op zichzelf; en York Minster zeide, dat hij
+een "zeer slecht man" was, die mogelijk iets gestolen had. Aan de
+westkust echter, zijn de wigwams iets beter, want daar zijn zij met
+robbevellen gedekt. Wij werden hier verscheidene dagen door het slechte
+weêr opgehouden. Het klimaat is alleszins ellendig; ofschoon het
+zomer-solstitium voorbij was, viel er elken dag sneeuw op de bergen,
+en in de dalen regen vergezeld van ijzel. De thermometer stond meestal
+op 45° F., maar daalde des nachts tot 38° of 40°. Wegens den vochtigen
+en onstuimigen toestand van den dampkring, die door geen zonnestraal
+werd opgehelderd, stelde men zich het klimaat zelfs slechter voor
+dan het in werkelijkheid was.
+
+Toen wij op zekeren dag bij het eiland Wollaston aan land gingen,
+roeiden wij voorbij een kano [190] met zes Vuurlanders. Deze waren
+de ellendigste en meest verworpen schepsels, die ik ooit zag. Aan
+de oostkust dragen de inboorlingen, zooals wij gezien hebben,
+guanaco-mantels; maar aan de westkust robbevellen. Onder deze
+middenstammen hebben de mannen meestal een ottervel, of een klein
+lapje ongeveer zoo groot als een zakdoek, dat nauwelijks voldoende is
+om hun rug tot aan de lendenen te bedekken. Met koorden of pezen wordt
+het over de borst bevestigd, en naar gelang van den wind verschuift
+het telkens van plaats. Maar deze Vuurlanders in de kano waren geheel
+naakt, en zelfs met de vrouwen was dit zoo. Het regende hevig, en het
+frissche water gutste tegelijk met het zeeschuim over hun lichaam. In
+eene andere, niet ver van daar gelegen haven kwam eens eene vrouw,
+die een pasgeboren kind zoogde, op zijde van het schip en bleef daar
+uit loutere nieuwsgierigheid, terwijl de ijzel op haar blooten boezem
+viel en dooide, en op de huid van haren naakten zuigeling!
+
+Kwijnend en gebrekkig waren deze arme schepsels opgegroeid; hunne
+afschuwelijke gezichten waren besmeerd met witte verf, hun huid was
+vuil en vettig, hun haar verward, hunne stem wanluidend, en heftig
+hunne gebaren. Bij het zien van zulke menschen kan men zich moeilijk
+wijsmaken, dat zij medeschepselen en bewoners van dezelfde wereld
+zijn. Een algemeen onderwerp voor gissingen vormt de vraag, welk
+levensgenot sommige lagere dieren kunnen smaken; doch met hoeveel meer
+reden kan men dezelfde vraag doen ten opzichte van deze wilden! Des
+nachts slapen vijf of zes menschelijke wezens, naakt en bijna zonder
+beschutting tegen den wind en regen van dit stormachtige klimaat,
+op den natten grond, als dieren in elkaar gerold. Zoodra het laag
+water is, in winter of zomer, bij nacht of bij dag, moeten zij uit
+om schaaldieren van de rotsen te plukken; en de vrouwen duiken in 't
+water om zeeëgels te garen, of zitten geduldig in hare kano's vischjes
+uit het water te slingeren, met een haarlijn zonder haak, waaraan een
+aas bevestigd is. Wordt een rob gedood of het drijvende lijk van een
+rottenden walvisch ontdekt, dan is het feest; en dit ellendige voedsel
+wordt met eenige onsmakelijke bessen en paddenstoelen verorberd!
+
+Dikwijls lijden zij honger. Low, een robbenjager, die de inboorlingen
+van dit land van zeer nabij kent, deed mij een merkwaardig verhaal
+van den toestand, waarin een troep van 150 inboorlingen aan de
+westkust leefde, die zeer armoedig waren en in groote ellende
+verkeerden. Voortdurende stormen beletten de vrouwen schaaldieren
+op de rotsen te plukken; ook konden zij niet in hare kano's gaan
+om robben te vangen. Op zekeren morgen ging een troepje van deze
+mannen op weg; en de andere Vuurlanders vertelden toen, dat zij een
+vierdaagschen tocht deden om voedsel te zoeken. Bij hunne terugkomst
+ging Low hun te gemoet en vond hen uiterst afgemat. Elk man droeg een
+groot vierkant stuk rottend walvischspek met een gat in het midden,
+waardoor hij het hoofd stak, evenals de Gauchos met hunne poncho's of
+mantels doen. Zoodra het spek in een wigwam gebracht was, sneed een
+oud man er dunne mooten af, roosterde die eenige oogenblikken onder het
+prevelen van eenige woorden, en verdeelde ze toen onder het hongerige
+gezelschap, dat al dien tijd een diep stilzwijgen bewaarde. Low denkt,
+dat als er een walvisch op het strand wordt geworpen, de inboorlingen
+groote stukken er van in het zand bewaren, als een redmiddel in tijd
+van hongersnood; en een Vuurlandsche jongen, dien hij aan boord had,
+vond eens een geheelen voorraad, welke aldus begraven was.
+
+De verschillende stammen zijn, als zij oorlog voeren,
+kannibalen. Volgens de gelijkluidende, doch geheel onafhankelijke
+verhalen van den jongen van Low en van Jemmy Button, is het eene
+stellige waarheid, dat, als de honger hen des winters kwelt, zij
+hunne oude vrouwen dooden en verslinden, voordat zij hunne honden
+dooden. Toen Low den knaap vroeg, waarom zij dit deden, antwoordde hij:
+
+"Hondjes vangen otters, oude vrouwen niet."
+
+Deze jongen beschreef de manier waarop zij gedood worden: men houdt
+ze namelijk boven den rook, totdat zij stikken; spottend bootste hij
+haar geschreeuw na, en beschreef de gedeelten van haar lichaam, die
+als het beste voedsel worden beschouwd. Zulk een dood door de handen
+van vrienden en verwanten moet afgrijselijk zijn; maar pijnlijker
+is het, als men denkt aan de vrees der oudjes zelven, wanneer de
+honger begint te knagen. Men vertelde ons, dat zij dan dikwijls naar
+de bergen vluchten, maar dat zij door de mannen achtervolgd en naar
+het slachthuis, bij hare eigen haarden worden teruggebracht!
+
+Kapitein Fitz-Roy kon nooit te weten komen of de Vuurlanders een
+duidelijk besef hebben van een leven hiernamaals. Soms begraven
+zij hunne dooden in holen, soms in de wouden op het gebergte; wij
+weten ook niet welke ceremonieën zij verrichten. Jemmy Button wilde
+geen landvogels eten, omdat zij "doode menschen eten." Zij willen
+zelfs hunne dooden vrienden niet herdenken. Wij hebben geen reden
+te gelooven, dat zij een soort godvruchtigen eeredienst verrichten,
+ofschoon het prevelen van den ouden man voordat hij het rottende spek
+onder zijn uitgehongerd gezelschap verdeelde, misschien iets van dien
+aard was. Elke familie of stam heeft een toovenaar of heksenmeester,
+wiens taak wij nooit duidelijk konden te weten komen. Jemmy geloofde
+aan droomen, ofschoon niet aan den duivel, zooals ik gezegd heb. Ik
+voor mij denk niet, dat onze Vuurlanders veel bijgelooviger waren dan
+enkele zeelieden; want een oude kwartiermeester geloofde vast, dat de
+aanhoudende zware stormen, waarmede wij bij Kaap Hoorn moesten kampen,
+veroorzaakt werden door de wilden die wij aan boord hadden. Het dichtst
+bij een godsdienstig gevoel kwam, voorzoover ik weet, een trek door
+York Minster aan den dag gelegd, die, toen Bynoe eenige zeer jonge
+eenden had geschoten, op den plechtigsten toon zeide:
+
+"O, Mr. Bynoe, veel regen, sneeuw, veel windvlagen."
+
+Blijkbaar was dit eene straf ter vergelding voor het vernielen van
+menschenvoedsel. Op heftige en overspannen wijze vertelde hij ook,
+dat zijn broeder, toen hij eens naar de kust terugkeerde om eenige
+doode vogels op te rapen, eenige vederen had zien waaien...
+
+"Wat dat?" zeide zijn broeder (York bootste diens manieren na); en
+voortkruipende, sprong hij over de rots en zag "wilde man," die zijne
+vogels opraapte. Hij kroop nog dichter bij, slingerde toen een grooten
+steen omlaag en doodde hem. "Langen tijd daarna,"verklaarde York,
+"woedden stormen, en viel er veel sneeuw en regen"...
+
+Voorzoover wij konden uitmaken, scheen hij de elementen zelven als
+de wrekende machten te beschouwen. Het is duidelijk, dat in dit geval
+bij een eenigszins beschaafder ras de elementen op natuurlijke wijze
+door personen zouden worden voorgesteld. Wie of wat die "slechte wilde
+mannen" waren, heeft mij altijd hoogst geheimzinnig toegeschenen. Uit
+hetgeen York zeide, toen wij het ellendige hazenleger vonden, waar een
+alleenlevend man den vorigen nacht geslapen had, zou ik hen voor dieven
+hebben gehouden, die door hunne stammen verdreven waren; maar andere
+duistere woorden deden mij hieraan twijfelen. Soms heb ik gedacht, dat
+de waarschijnlijkste verklaring was hen voor krankzinnigen te houden.
+
+De verschillende stammen hebben geen regeering of hoofd; toch is
+elke stam door andere vijandige omringd, die verschillende dialecten
+spreken en slechts door een verlaten strook onzijdig gebied van
+elkaar gescheiden zijn. De aanleiding tot hunne oorlogen schijnt
+het middel van bestaan te wezen. Hun land is eene, hier en daar
+afgebroken aaneenschakeling van ongenaakbare rotsen, hooge bergen en
+onnutte wouden, die gehuld zijn in misten en eindelooze stormen. Het
+bewoonbare land bepaalt zich tot de steenen op het strand; bij het
+zoeken naar voedsel zijn zij steeds gedwongen van de eene plek naar
+de andere te trekken; en de kust is zoo steil, dat zij die tochten
+niet anders dan in hunne ellendige kano's kunnen doen. Het begrip
+van een eigen huis, en nog meer dat van huiselijke liefde kunnen zij
+niet hebben, want de echtgenoot staat tegenover de vrouw als een ruwe
+meester tegenover eene werkzame slavin. Werd ooit eene afschuwelijker
+daad bedreven, dan die welke door Byron aan de westkust is bijgewoond,
+die eene ongelukkige moeder haar bloedend en stervend kind zag opnemen,
+dat haar echtgenoot meedoogenloos tegen de steenen had verpletterd,
+omdat het een mand met zeeëgels had laten vallen? Hoe weinig kunnen
+hier de hoogere functiën van den geest in 't spel worden gebracht; wat
+is er dat de verbeelding kan malen, dat de rede vergelijken, dat het
+oordeel kan beslissen? Eene zeeslak van de rots te plukken, vereischt
+zelfs geen list--die laagste functie van den geest. De bekwaamheid
+dezer schepsels is in sommige opzichten bij het instinct der dieren
+te vergelijken, want zij wordt door de ervaring niet verbeterd. Door
+Drake weten wij, dat de kano, trots al hare ellendigheid hun meest
+vernuftig werk, in de laatste 250 jaren dezelfde is gebleven.
+
+Als men deze wilden aanziet, rijst de vraag: van waar zijn
+zij gekomen? Wat kon een menschenstam bewogen hebben, of welke
+verandering dwong hem de betere gewesten van het noorden te verlaten;
+de Cordilleras of ruggegraat van Amerika zuidwaarts af te zwerven;
+kano's uit te vinden en te bouwen, die door geen enkelen stam in Chili,
+Peru en Brazilië gebruikt worden, en eindelijk een der onherbergzaamste
+oorden binnen te dringen, die op aarde te vinden zijn? Hoewel zulke
+gedachten terstond bij ons moeten opkomen, kunnen wij toch zeker zijn,
+dat wij gedeeltelijk dwalen. Er is geen reden om te denken, dat de
+Vuurlanders in aantal verminderen; wij moeten dus aannemen dat zij
+een voldoende mate van geluk--hoe dit dan ook zij--smaken, om het
+leven op prijs te stellen. De natuur, die de gewoonte almachtig en
+hare werkingen erfelijk maakt, heeft den Vuurlander voor het klimaat
+en de voortbrengselen van zijn ellendig land geschikt gemaakt.
+
+
+
+Nadat wij zes dagen door zeer slecht weder in Wigwam-Kreek waren
+opgehouden, staken wij op 30 December in zee. Kapitein Fitz-Roy
+wilde westwaarts gaan, om York en Fuegia in hun eigen land aan wal te
+zetten. Op zee hadden wij voortdurend stormen en tegenstroom, met het
+gevolg dat wij naar 57° 23' zuidelijk dreven. Door alle zeilen bij te
+zetten, kwamen wij op 11 Januari 1833 tot op enkele mijlen afstand van
+den hoogen rotsachtigen berg York Minster (zoo gedoopt door kapitein
+Cook, en de oorsprong van den naam van onzen oudsten Vuurlander),
+toen een geweldige orkaan ons noodzaakte zeil te minderen en op zee
+te blijven. Vreeselijk woedde de branding op de kust, en het schuim
+sloeg over rotsen, die naar onze schatting 200 voet hoog waren. Op
+den 12den was de storm zeer hevig, en wisten wij niet juist waar wij
+waren. Het was alleronaangenaamst telkens den kreet te hooren herhalen:
+
+"Kijk goed uit aan lij!"
+
+Op den 13den woedde de storm in al zijne kracht, en was onze
+horizon sterk gekrompen door de hoozen schuim, welke de wind
+voortjoeg. Onheilspellend was de aanblik der zee, gelijk eene woeste
+golvende vlakte, vol opgewaaide jachtsneeuw. Terwijl het schip
+hevig werkte, dreef de albatros of stormvogel [191] met uitgespreide
+vleugels recht in den wind. Op den middag sloeg eene hooge zee over
+het schip en vulde een der walvischbooten, die onmiddellijk moest
+worden gekapt. De arme Beagle trilde onder den schok, en wilde eenige
+minuten lang niet naar zijn stuur luisteren; maar zooals een goed
+schip van zijn slag betaamde, richtte hij zich spoedig weder op, en
+ging andermaal te loever. Ware eene tweede zee de eerste gevolgd, dan
+zou ons lot weldra en voorgoed beslist zijn geweest. Wij trachtten nu
+reeds 24 dagen lang te vergeefs naar het westen te stevenen; de mannen
+waren op van vermoeienis, en hadden gedurende vele dagen en nachten
+geen droog stuk kleeren aan het lijf gehad. Toen gaf onze kapitein de
+poging om langs de buitenkust naar het westen te gaan op. Des avonds
+liepen wij achter Valsche Kaap Hoorn binnen, en lieten 47 vademen diep
+ons anker vallen, waarbij de ketting met zulk eene snelheid afliep,
+dat het vuur uit het windas sprong. Hoe heerlijk was die stille nacht,
+na zulk een lange worsteling onder het geraas der strijdende elementen!
+
+[15 Januari 1833.]
+
+De Beagle ankerde in Goeree-Roads. Daar onze kapitein besloten had
+de beide Vuurlanders, overeenkomstig hunnen wensch, in de Straat
+van Ponsonby aan land te zetten, werden vier booten uitgerust om hen
+door het Beagle-kanaal te brengen. Dit kanaal, hetwelk door kapitein
+Fitz-Roy op de vorige reis ontdekt werd, is een hoogst merkwaardig
+geographisch punt van dit land of eigenlijk van de geheele wereld. Men
+kan het vergelijken bij de vallei van Loch Ness in Schotland, met hare
+aaneenschakeling van meren en zeearmen. Het is ongeveer 120 mijlen
+lang, bij eene gemiddelde breedte van omstreeks twee mijlen, welke
+niet aan veel verandering onderhevig is, en is voor het grootste
+gedeelte zoo volkomen recht, dat onze blik, die aan weerszijden
+door eene reeks van bergen begrensd wordt, zich allengs in de wijde
+verte verliest. Het doorsnijdt het zuidelijk deel van Vuurland in de
+richting oost-west, en is in het midden aan de zuidzijde rechthoekig
+verbonden met een kanaal van onregelmatigen vorm, dat "Ponsonby Sound"
+genoemd is. Hier is de woonplaats van Jemmy Button's stam en familie.
+
+[19 Januari.]
+
+Drie walvischbooten en de sloep, met eene bemanning van 28 koppen,
+verlieten onder bevel van kapitein Fitz-Roy het schip. In den namiddag
+voeren wij de oostelijke monding van het kanaal binnen, en vonden
+kort daarop eene aardige kleine kreek, die tusschen eenige eilandjes
+verscholen lag. Hier sloegen wij onze tenten op en staken onze vuren
+aan. Schilderachtiger tooneel dan dit laat zich niet denken. Het
+klare water in de kleine haven; de boomen die hunne takken over den
+rotsachtigen oever lieten hangen; de voor anker liggende booten; de
+tenten die over de gekruiste riemen waren gespannen, en de dwarrelende
+rookwolkjes boven het dicht begroeide dal--dit alles vormde een
+tafereel van stille afzondering. Den volgenden dag (20 Januari) dreven
+wij in onzen kleinen inham kalm verder, en kwamen in een meer bewoond
+district. Weinige inboorlingen, misschien geen enkele, konden ooit
+een blanke gezien hebben; en hunne verbazing over de verschijning
+der vier booten laat zich dan ook niet beschrijven. Op elk punt
+werden vuren ontstoken (hieraan is de naam "Vuurland" ontleend),
+niet alleen om onze aandacht te trekken, maar ook om het nieuws wijd
+en zijd te verspreiden. Enkele mannen liepen mijlen ver langs het
+strand mee. Nooit zal ik den woesten en schilderachtigen aanblik
+vergeten van een groep van vier of vijf mannen, die plotseling aan
+den rand eener overhangende rots verschenen. Zij waren geheel naakt,
+en hunne lange haren fladderden wild over hunne aangezichten; met
+knoestige stokken in de hand sprongen zij van den grond op, zwaaiden
+hunne armen boven het hoofd en lieten het afschuwelijkste gegil hooren.
+
+Op etenstijd landden wij onder een troep Vuurlanders, die eerst
+niet geneigd waren ons vriendelijk te ontvangen; want zij hielden
+hunne slingers in de handen, zoolang tot onze kapitein met zijne
+boot naar voren roeide. Het duurde echter niet lang of wij wisten
+hen met beuzelachtige geschenken te vermaken, zooals met rood lint,
+dat wij om hunne hoofden bonden. Ons beschuit smaakte hun; maar toen
+een der wilden met zijn vinger het in tinnen bussen bewaarde vleesch
+aanraakte, dat ik bezig was te eten, en voelde dat het zacht en koud
+was, legde hij evenveel afkeer aan den dag, als ik zou gedaan hebben
+met verrot spek. Jemmy schaamde zich diep over zijne landgenooten,
+en verklaarde, dat zijn eigen stam geheel anders was; doch hierin
+vergiste hij zich deerlijk. Het was even gemakkelijk deze wilden
+te behagen als moeilijk om hun te voldoen. Jong en oud, kinderen
+en volwassenen herhaalden steeds het woord: Yammerschooner, [192]
+hetgeen zeggen wil: "Geef mij." Wijzend naar bijna elk voorwerp, het
+een na het ander, zelfs naar de knoopen op onze jassen, uitten zij
+hun geliefkoosd woord in alle mogelijke klanken; bezigden het dan in
+onzijdigen zin, en herhaalden werktuigelijk: Yammerschooner. Hadden
+zij hoogst verlangend om een of ander voorwerp geyammerschoonerd,
+dan wezen zij met een eenvoudig gebaar naar hunne jonge vrouwen of
+kleine kinderen, als wilden zij daarmee zeggen: "Indien gij het niet
+aan mij wilt geven, dan geeft gij het toch zeker wel aan deze."
+
+Des nachts poogden wij vruchteloos eene onbewoonde kreek te
+vinden, en waren eindelijk gedwongen niet ver van een troep wilden
+te bivouakeeren. Zoolang hun aantal gering was, waren zij zeer
+onschadelijk; maar toen zich op den morgen van den 21sten anderen
+bij hen voegden, gaven zij teekenen van vijandigheid, en dachten
+wij dat het tot eene schermutseling zou komen. Een Europeaan heeft
+veel in zijn nadeel, als hij te doen heeft met wilden zooals deze,
+die niet het minste begrip hebben van de kracht van vuurwapenen. In
+het aanleggen van zijn geweer schijnt hij in het oog van den wilde
+ver beneden iemand, die gewapend is met boog en pijlen, een speer of
+zelfs een slinger. Ook is het niet gemakkelijk hun onze meerderheid
+te toonen, tenzij door een noodlottig salvo. Evenals wilde beesten,
+schijnen zij niet op getalsterkte te letten; want elk individu zal,
+zoo hij wordt aangevallen, in stede van te wijken, met een steen
+u de hersenen trachten in te slaan, evenals een tijger onder zulke
+omstandigheden u zeker zou verscheuren.
+
+Toen kapitein Fitz-Roy eens om goede redenen een troepje van deze
+lieden vrees wilde aanjagen, zwaaide hij een hartsvanger dicht voor
+hunne oogen--waarom zij eenvoudig lachten; toen schoot hij vlak
+bij een inboorling tweemaal zijn pistool af. Beide keeren keek de
+man verwonderd op, en wreef zorgvuldig maar snel zijn hoofd; toen
+stond hij een poos besluiteloos en babbelde tot zijne metgezellen,
+doch scheen volstrekt niet aan wegloopen te denken. Wij kunnen ons
+moeilijk in de plaats van deze wilden stellen en hunne handelingen
+begrijpen. Wat dezen Vuurlander betrof, nooit kon hij gedacht hebben
+aan de mogelijkheid van een geluid zooals het knallen van een geweer
+vlak bij zijn oor. Misschien wist hij bij het tweede schot letterlijk
+niet of het een geluid dan wel een slag was, en wreef hij daarom
+zeer natuurlijk zijn oor. Zoo zal het ook, wanneer een wilde een
+kogel doel ziet treffen, eenigen tijd kunnen duren, voordat hij
+ten volle kan begrijpen hoe dit gekomen is; want het feit dat een
+lichaam ten gevolge van zijne snelheid onzichtbaar is, zou misschien
+volkomen onbegrijpelijk voor hem zijn. Bovendien zou de verbazende
+kracht, waarmede een kogel eene harde stof doorboort zonder haar
+te scheuren, den wilde kunnen overtuigen, dat hij in 't geheel geen
+kracht bezit. Ik geloof zeker, dat vele wilden van den laagsten graad,
+zooals die in Vuurland, voorwerpen met een kogel hebben zien treffen,
+en zelfs kleine dieren zien dooden, zonder ook maar in het minst te
+beseffen welk een doodelijk werktuig het geweer is.
+
+[22 Januari.]
+
+Nadat wij een ongestoorden nacht hadden doorgebracht op de plek,
+die onzijdig gebied scheen tusschen Jemmy's stam en het volk dat
+wij gisteren zagen, zeilden wij in aangename stemming verder. Ik
+ken geen duidelijker bewijs voor de vijandige verhouding der
+verschillende stammen, dan deze breede grensstrooken of onzijdige
+gronden. Ofschoon Jemmy Button de sterkte van onzen troep wel kende,
+was hij eerst niet geneigd onder den vijandigen stam die het dichtst
+bij den zijnen woonde, aan land te gaan. Dikwijls vertelde hij ons
+hoe de wilde mannen van Oens [193] "als de bladeren rood werden"
+van de oostkust van Vuurland over het gebergte trokken, en invallen
+deden bij de inboorlingen in dit gedeelte des lands. Hoogst belangrijk
+was het hem gade te slaan als hij zoo sprak: dan glinsterden zijne
+oogen en kreeg zijn gelaat eene ongewone en wilde uitdrukking. Toen
+wij verder in het Beagle-kanaal kwamen, vertoonde het landschap
+een ongewonen en zeer prachtigen aanblik; maar de indruk er van
+werd zeer verzwakt door ons laag gelegen standpunt in eene boot,
+en omdat wij langs de vallei keken, waardoor al de schoonheid die
+eene opvolging van bergtoppen te zien geeft, verloren ging. De bergen
+waren hier omtrent 3000 voet hoog, en eindigden in scherpe en getande
+punten. Zij verrezen in eene onafgebroken rij uit den rand van het
+water, en waren tot op eene hoogte van 1400 of 1500 voet met de somber
+gekleurde wouden bedekt. Hoogstbelangwekkend was het te zien, hoe
+zuiver horizontaal de lijn, tot waar de boomen ophielden te groeien,
+langs de berghellingen liep; zij geleek volmaakt het hoogwatermerk
+van drijfwier op eene zeekust.
+
+Des nachts sliepen wij dicht bij het punt waar de Straat van Ponsonby
+in het Beagle-kanaal valt. Eene kleine familie Vuurlanders, die in de
+kreek woonde en uit rustige, vreedzame lieden bestond, schaarde zich
+spoedig om ons vlammend wachtvuur. Wij waren goed gekleed, zaten dicht
+bij het vuur en hadden het toch alles behalve warm; maar deze naakte
+wilden, ofschoon verderaf staande, zagen wij tot onze verwondering
+baden in hun zweet, toen zij den vuurgloed voelden. Zij schenen echter
+wel in hun schik, en zongen allen in het koor onzer zeelieden mede;
+maar de wijze waarop zij steeds daarbij wat achterbleven, was alleszins
+vermakelijk.
+
+Gedurende den nacht had het nieuws zich verspreid, en vroeg in den
+morgen van den 23sten daagde een nieuwe troep op, behoorende tot
+de Tekenika, of den stam van Jemmy. Vele van hen hadden zoo hard
+geloopen, dat hunne neuzen bloedden, en door het snelle spreken het
+schuim op hun mond kwam. Daarbij gevoegd de zwarte, witte en roode
+beschilderingen op hunne naakte lichamen, geleken zij inderdaad een
+troep duivels, die aan het vechten waren geweest. [194] Door 12 kano's,
+in elk waarvan vier of vijf inboorlingen, vergezeld, zakten wij toen de
+Straat van Ponsonby af, naar de plek waar de arme Jemmy zijne moeder
+en bloedverwanten dacht te vinden. Reeds had hij gehoord, dat zijn
+vader dood was; maar wijl hij daarvan reeds "een droom in het hoofd"
+had gehad, scheen hij zich om dit punt niet te bekommeren, en troostte
+hij zich telkens met de zeer natuurlijke gedachte: "Wij kunnen er
+niets aan doen." Hij kon geen bijzonderheden over zijns vaders dood
+te weten komen, daar zijne bloedverwanten er niet van wilden spreken.
+
+Jemmy was nu in eene hem welbekende streek, en geleidde de booten
+naar eene stille, schilderachtige kreek, Woollya genaamd, die
+omringd was van eilandjes, waarvan elk zijn eigen oorspronkelijken
+naam droeg. Wij vonden hier eene familie van Jemmy's stam, maar niet
+zijne bloedverwanten; en nadat wij samen vriendschap hadden gesloten,
+stuurden zij des avonds eene kano uit, om Jemmy's moeder en broeders
+van zijne komst te verwittigen. De kreek werd door eenige acres
+goed, glooiend terrein begrensd, dat niet zooals elders met veen
+of woudboomen bedekt was. Zooals wij boven zeiden, had onze kapitein
+aanvankelijk plan om York en Fuegia naar hun eigen stam aan de westkust
+te brengen; daar zij echter den wensch uitdrukten hier te blijven en
+de plek bijzonder gunstig was, besloten wij het geheele gezelschap,
+waaronder den zendeling Matthews, hier te vestigen. Vijf dagen werden
+besteed om drie groote wigwams voor hen te bouwen, hun goed aan land
+te brengen, twee tuinen te spitten, en daarop te zaaien.
+
+Den morgen na onze komst (24 Januari) keerden de Vuurlanders terug, en
+brachten Jemmy's moeder en broeders mede. Jemmy herkende de stentorstem
+van eene zijner broeders reeds op zeer grooten afstand. De ontmoeting
+was minder belangwekkend dan tusschen een paard dat naar het veld
+gebracht wordt, en een ouden makker dien het weêrziet. Geen enkel
+vertoon van liefde of genegenheid: zij staarden eenvoudig elkander een
+korte poos aan, en daarna ging de moeder onmiddellijk naar hare kano
+kijken. Van York hoorden wij echter, dat de moeder over het verlies
+van Jemmy ontroostbaar was geweest, en overal naar hem gezocht had,
+meenende dat hij misschien was achtergelaten, toen men hem in de
+boot had genomen. De vrouwen namen Fuegia goed op en waren zeer
+vriendelijk tegen haar. Wij hadden reeds opgemerkt, dat Jemmy zijn
+eigen taal bijna vergeten was. Ik geloof, dat er moeilijk iemand te
+vinden zal zijn zoo weinig bespraakt als hij, want ook zijn Engelsch
+was zeer onvolkomen. Belachelijk, maar tevens bedroevend was het hem
+tot zijn wilden broeder in het Engelsch te hooren spreken, en dan in
+het Spaansch (No sabe?) te vragen of deze hem niet verstond.
+
+Gedurende de drie volgende dagen, toen de tuinen gespit en de wigwams
+gebouwd werden, ging alles vreedzaam zijn gang. Wij schatten het
+aantal inboorlingen op ongeveer 120. De vrouwen werkten hard, terwijl
+de mannen den ganschen dag luierden en ons aangaapten. Zij vroegen om
+al wat zij zagen en stalen wat zij konden. Zij hadden schik in ons
+dansen en zingen, en keken met bijzondere belangstelling als wij in
+een naburige beek ons wiesschen. Op andere dingen sloegen zij niet
+veel acht, zelfs niet op onze booten. Onder al wat York tijdens zijne
+afwezigheid uit zijn land zag, schijnt niets hem meer verwonderd te
+hebben dan een struisvogel bij Maldonado. Ademloos van verbazing kwam
+hij naar Bynoe, met wien hij wandelde, toeloopen onder den uitroep:
+
+"O, Mr. Bynoe, o, vogel net een paard!"
+
+Hoezeer onze blanke huid de inboorlingen ook verbaasde, was zulks,
+naar Low verhaalt, veel erger het geval met een neger-kok aan boord
+van een robbenvaarder; en de arme duivel werd zoo door hen toegetakeld
+en uitgejouwd, dat hij nooit weer aan land wilde gaan.
+
+Alles ging zoo rustig zijn gang, dat enkele officieren en ook ik lange
+wandelingen deden op de omringende heuvels en in de bosschen. Maar op
+den 27sten verdwenen plotseling alle vrouwen en kinderen. Wij waren
+daarover geen van allen op ons gemak, wijl York noch Jemmy de reden
+er van begrepen. Sommigen dachten, dat zij door het schoonmaken en
+afvuren van onze geweren op den vorigen avond bang waren geworden;
+anderen, dat het was toe te schrijven aan ergernis van een ouden
+wilde, die, toen hem door den schildwacht gezegd was zich meer op
+een afstand te houden, den man brutaal in het gezicht had gespuwd,
+en toen door het maken van gebaren boven een slapenden Vuurlander
+duidelijk had laten blijken (naar ons gezegd werd), dat hij onze
+mannen in stukken wilde snijden en opeten. Om de kans op een treffen
+te vermijden, dat voor vele Vuurlanders noodlottig zou geweest zijn,
+achtte kapitein Fitz-Roy het raadzaam voor ons bij eene kreek eenige
+mijlen verder te gaan slapen. Wat Matthews betrof, deze besloot met
+de hem eigen kalme vastberadenheid (wel opmerkelijk in een man, die
+schijnbaar weinig vastheid van karakter bezat) om bij de Vuurlanders
+te blijven, die hunnerzijds geen onrust aan den dag legden. En zoo
+lieten wij hem zijn eersten angstvollen nacht doorbrengen.
+
+Toen wij den volgenden morgen (28 Januari) terugkeerden, vonden wij
+tot onze vreugde allen in kalme stemming, en de mannen in hunne kano's
+bezig met visch aan hunne speren te rijgen.
+
+Kapitein Fitz-Roy besloot nu de sloep en een der walvischbooten naar
+het schip terug te sturen, en met de twee andere booten--de eene
+onder zijn eigen commando en waarin hij mij vriendelijk toestond
+hem te vergezellen, de andere onder Hammond--verder te gaan, om de
+westelijke gedeelten van het Beagle-kanaal op te meten, en daarna op de
+terugreis de kolonie te bezoeken. Tot onze verwondering was het dien
+dag brandend heet, zoodat onze huid er door geschroeid werd. Bij dit
+schoone weder, was het uitzicht in het midden van het Beagle-kanaal
+zeer merkwaardig. Waar men ook keek, hetzij rechts of links, geen
+enkel voorwerp belemmerde het vrije vergezicht op dit lange kanaal
+tusschen de bergen. Dat het een zeearm was, bleek zeer duidelijk
+uit het feit, dat verscheidene groote walvisschen in verschillende
+richtingen hunne waterstralen opspoten. [195] Eens zag ik twee dezer
+monsters, waarschijnlijk een mannetje en wijfje, langzaam achter
+elkander zwemmen, op minder dan een steenworps-afstand van den oever,
+waarboven de beukeboom zijne takken uitstrekte.
+
+Wij zeilden voort totdat het donker was, en sloegen toen in eene
+stille kreek onze tenten op. Het was een groot buitenkansje, dat
+wij een oever van kiezelsteenen voor onze legerstede vonden, want
+deze waren droog en veerden onder het lichaam. Veengrond is vochtig;
+eene rots is oneffen en hard, en zand dringt in het vleesch als dit op
+zeemanswijze gekookt en gegeten wordt; maar lagen wij in onze wollen
+dekenzakken op een goed bed van zachte kiezelsteenen, dan brachten
+wij alleraangenaamste nachten door.
+
+Ik had tot een uur de wacht. Er ligt iets plechtigs in deze woeste,
+grootsche natuurtafereelen. Nooit beseft de geest zoo diep in welk
+een afgelegen hoek der wereld ge u bevindt, als in die nachtelijke
+uren. Alles werkt samen om dien indruk te verhoogen; de stilte om u
+heen wordt slechts verbroken door de diepe ademhaling der matrozen
+onder de tenten, en somtijds door het geschreeuw van een eenzamen
+nachtvogel. Nu en dan herinnert u het geblaf van een hond in de verte,
+dat dit het land van den wilde is.
+
+[29 Januari.]
+
+Vroeg in den morgen kwamen wij aan het punt, waar het Beagle-kanaal
+zich in twee armen splitst: en wij voeren den noordelijken
+binnen. Hier wordt het schouwspel zoo mogelijk nog grootscher dan
+te voren. De hooge bergen aan de noordzijde vormen de graniet-as
+of ruggegraat van het land, en verheffen zich fier tot eene hoogte
+van tusschen de 3000 en 4000, één top zelfs tot ruim 6000 voet. Zij
+zijn met een breeden mantel van eeuwige sneeuw bedekt, en tallooze
+watervallen storten hunne stroomen door de wouden heen, in het enge
+kanaal beneden. Op vele plaatsen strekken zich prachtvolle gletschers
+langs de berghelling uit tot aan den rand van het water. Het is haast
+niet mogelijk zich iets schooners te denken dan deze zeegroen-blauwe
+gletschers, vooral in hunne tegenstelling met het doodsche wit der
+hooger liggende sneeuwvlakte. De brokken, die van de gletschers in het
+water waren gevallen, dreven weg; en dit kanaal, met zijne ijsbergen,
+vertoonde eene mijl ver eene miniatuur-gelijkenis met de zeeën van
+Noord- of Zuidpool. Toen op ons etensuur de booten aan land waren
+gehaald, aanschouwden wij op eene halve mijl afstand een wondervollen
+loodrechten ijswand. Verdiept in dit schouwspel, en vervuld van den
+wensch, dat er eenige brokken zouden afvallen, kwam eindelijk zulk een
+gevaarte met donderend geweld omlaag, en zagen wij terstond eene hooge
+golf recht op ons afkomen. De matrozen snelden zoo spoedig zij konden
+naar de booten aan den waterkant; want de kans, dat deze verbrijzeld
+konden worden, bleek duidelijk. Een der matrozen greep juist de
+boegen, toen de golfslag hem bereikte en onderstboven wierp, doch niet
+bezeerde; en hoewel de booten driemaal op en neder werden geworpen,
+kregen zij geen schade. Dit was een groot geluk voor ons; want wij
+waren een honderd mijlen van het schip af en zouden, behalve de booten,
+ook onze levensmiddelen en vuurwapenen kwijt geweest zijn. Te voren
+had ik opgemerkt, dat eenige groote rotsblokken op den oever niet lang
+geleden verplaatst waren geworden, maar begreep er de oorzaak niet van,
+voordat ik deze golf zag. De eene zijde der kreek werd gevormd door een
+uitlooper van mica-schiefer, het boveneind door een ijswand van circa
+40 voet hoogte, en de andere zijde door een 50 voet hoog voorgebergte,
+samengesteld uit groote ronde brokken graniet en mica-schiefer, waaruit
+oude boomen groeiden. Dit voorgebergte was blijkbaar eene moraine,
+opgehoopt in een tijd, toen de gletscher grootere afmetingen had.
+
+Toen wij de westelijke monding van dezen noordelijken arm van het
+Beagle-kanaal bereikten, zeilden wij tusschen tal van onbekende
+en eenzame eilanden, terwijl het weder afschuwelijk slecht
+was. Inboorlingen ontmoetten wij niet meer. De kust was bijna overal
+zoo steil, dat wij dikwijls vele mijlen ver moesten zeilen, voordat
+wij ruimte genoeg konden vinden voor het opslaan van onze tenten. Eén
+nacht sliepen wij op groote ronde rotsblokken met rottend zeewier er
+tusschen; en toen de vloed opkwam, moesten wij in aller ijl opstaan
+en onze dekenzakken verleggen. Het eerste punt, dat wij in westelijke
+richting bereikten, was Stewart-Eiland, op een afstand van omstreeks
+150 mijlen van ons schip. Wij keerden door den zuidelijken arm van
+het Beagle-kanaal terug, en voeren hierna zonder verder avontuur naar
+de Straat van Ponsonby.
+
+[6 Februari.]
+
+Bij onze aankomst te Woollya, deed Matthews ons zulk een ongunstig
+verhaal van de houding der inboorlingen, dat kapitein Fitz-Roy besloot
+hem naar de Beagle terug te brengen. Later werd hij op Nieuw-Zeeland
+achtergelaten, waar zijn broeder zendeling was. Sedert het oogenblik
+van ons vertrek, was door de Vuurlanders eene geregelde plundering
+begonnen; en telkens kwamen nieuwe benden aan. York en Jemmy verloren
+tal van voorwerpen, en Matthews bijna alles wat niet onder den grond
+verborgen was. Elk voorwerp scheen door de Vuurlanders gebroken,
+gescheurd en verdeeld te zijn. Matthews beschreef hoe doodelijk
+vermoeiend het was voortdurend de wacht te moeten houden; nacht en
+dag was hij door de inboorlingen omringd, die hem trachtten af te
+matten, door onophoudelijk geluiden bij zijn oor te maken. Eens toen
+Matthews een ouden man gevraagd had zijn wigwam te verlaten, keerde
+deze onmiddellijk met een grooten steen in de hand terug. Op een
+anderen dag kwam eene geheele bende met steenen en stokken gewapend,
+zoodat enkele inboorlingen van Jemmy's stam, en ook zijn broeder het
+uitschreeuwden van angst. Matthews bewoog hen toen met geschenken
+tot den aftocht. Eene andere bende wees met teekens, dat zij hem
+naakt wilden uitkleeden, en dan alle haren uit zijn baard en lichaam
+plukken. Ik geloof, dat wij juist tijdig genoeg kwamen om zijn leven
+te redden.
+
+Jemmy's bloedverwanten waren ijdel en dwaas genoeg om hun buit aan de
+onzen te laten zien, en te wijzen hoe zij die gekregen hadden. Het
+was een pijnlijke gedachte onze drie Vuurlanders bij hunne wilde
+landgenooten achter te laten, hoewel het een groote troost was, dat
+zij persoonlijk geen vrees hadden. York, een krachtig, vastberaden man,
+was er volkomen zeker van, dat het hem en zijne vrouw Fuegia goed zou
+gaan. De arme Jemmy keek wel wat moedeloos; en ik twijfel er haast
+niet aan, of hij zou blijde geweest zijn, indien hij met ons had kunnen
+terugkeeren. Zijn eigen broeder had hem vele dingen ontstolen; daarom
+schold hij op zijne landgenooten: "Wat manier is dat? Allemaal slechte
+menschen; weten niets; verdoemde gekken!"--Als hij zoo boos was,
+vloekte hij, ofschoon ik hem vroeger nooit had hooren vloeken. Hoewel
+onze drie Vuurlanders slechts drie jaren onder beschaafde menschen
+hadden geleefd, weet ik zeker, dat zij blijde zouden geweest zijn,
+indien zij hunne nieuwe leefwijze hadden mogen behouden; maar dit
+was natuurlijk onmogelijk. Ik vrees, dat het meer dan twijfelachtig
+is of hun bezoek in den vreemde hun van eenig nut is geweest.
+
+Met Matthews aan boord gingen wij des avonds onder zeil, en keerden,
+niet door het Beagle-kanaal, maar langs de zuidkust naar het
+schip terug. De booten waren zwaar geladen, en dit gevoegd bij eene
+onstuimige zee, bezorgde ons een gevaarlijken tocht. Op den avond van
+den 7den waren wij aan boord van de Beagle, na eene afwezigheid van
+20 dagen, gedurende welke wij een afstand van 300 mijlen in de open
+booten hadden afgelegd. Op den 11den bracht onze kapitein alleen een
+bezoek aan de Vuurlanders, vond hen welvarend, en hoorde, dat hun
+sedert zijn vorig bezoek weinig dingen meer ontstolen waren.
+
+Op den laatsten dag in Februari van het volgende jaar (1834) ankerde de
+Beagle in eene schilderachtige kleine kreek aan den oostelijken ingang
+van het Beagle-kanaal. Hier besloot kapitein Fitz-Roy de stoute en,
+zooals bleek welgeslaagde poging te doen om tegen de westenwinden in
+denzelfden koers te nemen, dien wij vroeger in booten naar de kolonie
+bij Woollya hadden gevolgd. Wij zagen niet veel inboorlingen, totdat
+wij bij de Straat van Ponsonby waren, waar wij door tien of twaalf
+kano's vergezeld werden. De inboorlingen begrepen volstrekt de reden
+niet van ons laveeren; en in plaats van ons bij elken boegslag te
+gemoet te gaan, poogden zij vruchteloos ons in onzen zigzag-koers
+te volgen. Het vermaakte mij toen ik het verschil in belangstelling
+opmerkte, waarmede men deze wilden ziet, en dat een gevolg is van
+de omstandigheid, dat men hun volstrekt meerdere is in kracht. Toen
+ik in de booten was, haatte ik het geluid hunner stemmen, om de
+onrust die dit bij ons verwekte. Het eerste en laatste woord was:
+Yammerschooner. Bij het binnenvaren van eene kleine stille kreek,
+keken wij rond, in de hoop een rustigen nacht door te brengen; maar
+dan klonk het hatelijke woord Yammerschooner schril uit een donkeren
+hoek der wildernis, en kronkelden de rookwolkjes omhoog, als seinen
+om het nieuws wijd en zijd te verspreiden. Bij het verlaten van
+eene plaats, zeiden wij tot elkander: "Goddank, dat wij eindelijk
+geheel van die ellendelingen afkomen!" en zie: andermaal trof de
+zwakke echo van eene daverende stem heel uit de verte onze ooren,
+en konden wij duidelijk onderscheiden: Yammerschooner! Maar nu: hoe
+meer Vuurlanders, des te grappiger; en inderdaad, het ging zeer jolig
+toe. Beide partijen lachten, en gaapten elkander verwonderd aan; wij
+beklaagden hen, dat zij ons goede visschen en kreeften gaven in ruil
+voor lappen en dergelijke; zij juichten om het buitenkansje lieden
+te vinden, dwaas genoeg om zulke prachtige versieringen tegen een
+hapje eten te ruilen. Hoogst vermakelijk was het den ongekunstelden,
+vergenoegden glimlach te zien, waarmede eene jonge vrouw met zwart
+geschilderd gelaat, verscheidene stukken vuurrood doek met biezen om
+haar hoofd bond. Haar man, die het in dit land zeer algemeene voorrecht
+genoot van twee vrouwen te bezitten, was blijkbaar jaloersch op al de
+attentie die zijne jonge vrouw bewezen werd; en na een lang beraad met
+zijne naakte schoonheden, werd hij eindelijk door dezen weggepagaaid.
+
+Sommige Vuurlanders bewezen duidelijk, dat zij een goed begrip van
+ruiling hadden. Ik gaf een man een grooten spijker (deze gold voor
+een kostbaar geschenk), zonder daarbij een teeken te geven, dat ik
+er iets voor terug wilde hebben; doch onmiddellijk pikte hij twee
+visschen op en overhandigde mij die op de punt van zijn speer. Was
+een of ander geschenk voor eene bepaalde kano bestemd, en viel het
+bij eene andere in het water, dan werd het steeds aan den rechten
+eigenaar gegeven. De Vuurlandsche jongen, dien Mr. Low aan boord
+had, bewees door zijn heftige uitbarsting van drift, dat hij het hem
+gedane verwijt van een leugenaar te zijn (gelijk hij ook inderdaad
+was), volkomen begreep. Wij waren ditmaal, evenals bij alle vroegere
+gelegenheden, zeer verwonderd over de weinige, of liever het volslagen
+gebrek aan aandacht, die voor vele dingen getoond werd, waarvan de
+inboorlingen het nut toch moeten hebben ingezien. Eenvoudige zaken,
+zooals helder vuurrood doek of blauwe knoopen, de afwezigheid van
+vrouwen op ons schip, onze zorg om ons te wasschen, wekten veel meer
+hunne bewondering dan een groot of samengesteld voorwerp, zooals een
+schip. Bougainville heeft omtrent deze lieden terecht opgemerkt, dat:
+"ils traitent les chefs-d'oeuvre de l'industrie humaine, comme ils
+traitent les loix de la nature et ses phénomènes."
+
+Op den 5den Maart ankerden wij in de kreek bij Woollya, doch zagen hier
+geen levende ziel. Dit maakte ons ongerust, want de inboorlingen in
+de Straat van Ponsonby toonden door gebaren dat zij gevochten hadden;
+en later hoorden wij, dat de geduchte mannen van Oens de bergen waren
+afgedaald. Weldra zagen wij eene kano met eene kleine wapperende
+vlag naderen; en een der inzittenden wiesch zich de verf van het
+gelaat. Deze was de arme Jemmy--thans een magere, woest uitziende
+wilde, met lange, verwarde haren, en geheel naakt, behalve een lap van
+een wollen deken om het midden. Wij herkenden hem niet, voordat hij
+dicht bij ons was, want hij schaamde zich over zichzelf, en keerde zijn
+rug naar het schip. Welgedaan, dik, zindelijk en goed gekleed hadden
+wij hem achtergelaten: nooit zag ik zulk een pijnlijke en algeheele
+verandering. Zoodra hij echter gekleed en de eerste verwarring voorbij
+was, kreeg alles een beter aanzien. Des middags at hij met kapitein
+Fitz-Roy, en gebruikte zijn maal even netjes als vroeger. Hij zeide
+ons, dat hij "te veel" (daarmede bedoelde hij "genoeg") te eten had;
+dat hij geen koude leed; dat zijne bloedverwanten zeer goede menschen
+waren, en dat hij niet naar Engeland wilde terugkeeren. Des avonds
+ontdekten wij de oorzaak van dien grooten omkeer in Jemmy's gevoelens,
+door de komst van zijn jong en aardig uitziend vrouwtje. Met zijne
+gewone goedhartigheid bracht hij voor twee zijner beste vrienden
+twee fraaie ottervellen mee, en voor den kapitein eenige eigenhandig
+gemaakte speerpunten en pijlen. Hij zeide, dat hij eene kano voor
+eigen gebruik gemaakt had, en pochte er op, dat hij wat van zijne
+eigene taal kon spreken! Maar hoogst zonderling is het feit, dat
+hij zijn geheelen stam wat Engelsch schijnt geleerd te hebben,
+waaronder ook een ouden man, die de komst der jonge vrouw op eigen
+houtje met: "Jemmy Button's wife" aankondigde. Jemmy had al wat hij
+bezat verloren. Hij vertelde ons, dat York Minster eene groote kano
+had gebouwd, en verscheidene maanden geleden met zijne vrouw Fuegia
+naar zijn eigen land was gegaan, en dat zijn afscheid nemen door eene
+uiterst laaghartige daad gevolgd was. [196] Hij had Jemmy en zijne
+moeder overgehaald om hem te vergezellen; had hen onderweg des nachts
+verlaten, en elk voorwerp, dat hij bezat, ontstolen.
+
+Jemmy sliep aan het strand, keerde des morgens terug, en bleef aan
+boord totdat het schip de ankers lichtte. Dit maakte zijne vrouw zoo
+beangst, dat zij overluid bleef schreeuwen, tot hij in zijne kano
+kwam. Hij keerde met verscheidene voorwerpen beladen, terug. Allen
+aan boord deed het van harte leed hem voor het laatst de hand te
+moeten drukken. Ik twijfel niet of hij zal nu even gelukkig zijn
+als, ja wellicht gelukkiger dan wanneer hij nooit zijn land had
+verlaten. Ieder zal zeker oprecht hopen, dat de edele wensch van
+kapitein Fitz-Roy vervuld moge worden, en dat, als loon voor de vele
+edelmoedige offers die hij zich voor deze Vuurlanders getroostte,
+een in de wilde wateren dezer ruwe gewesten verongelukt zeeman
+bescherming zal vinden bij het nageslacht van Jemmy Button en zijn
+stam!... Toen Jemmy den oever bereikte, ontstak hij een seinvuur; en
+de rook daarvan kronkelde opwaarts om een laatst en lang vaarwel toe te
+wuiven, toen het schip zijn aangewezen koers door het ruime sop begon.
+
+
+
+De volkomen gelijkheid onder de individuën, waaruit de
+Vuurlandsche stammen bestaan, moet hunne beschaving geruimen
+tijd in den weg staan. Evenals wij dieren, wier instinct hen
+tot een maatschappelijk leven en gehoorzaamheid aan een hoofd
+drijft, het meest voor ontwikkeling vatbaar zien, zoo is het ook
+met de rassen der menschheid. Hetzij wij het als oorzaak of als
+gevolg beschouwen--de meer beschaafden hebben altijd de kunstigst
+samengestelde regeeringen. De bewoners van Otaheite, bijv., die bij
+de eerste ontdekking door erfkoningen geregeerd werden, waren tot
+een veel hoogeren trap geklommen, dan eene andere tak van hetzelfde
+volk--de Nieuw-Zeelanders, die, ondanks het voorrecht dat zij hunne
+aandacht aan den landbouw moesten schenken, republikeinen waren in
+den meest absoluten zin. Niet voordat in Vuurland een hoofd opstaat,
+die voldoende macht bezit om eenig verkregen voordeel, zooals de
+huisdieren, te beschermen, schijnt het haast niet mogelijk, dat de
+staatkundige toestand van dat land kan worden verbeterd. Thans wordt
+zelfs een stuk laken, dat men een hunner geeft, in reepjes gescheurd en
+verdeeld; en geen enkel individu wordt rijker dan de overigen. Aan den
+anderen kant laat zich moeilijk begrijpen, hoe een hoofd kan opstaan,
+voordat er eene soort van eigendom is, waardoor hij zijne meerderheid
+kan toonen en zijne macht uitbreiden.
+
+Ik geloof, dat de mensch in dit uiterste gedeelte van Zuid-Amerika
+op een lageren trap van ontwikkeling staat, dan in een ander deel
+der wereld. De inboorlingen der beide rassen, die de eilanden in
+de Stille Zuidzee bevolken, zijn betrekkelijk beschaafd. De Eskimo
+in zijne ondergrondsche hut, geniet eenige levensgemakken, en legt
+in zijne goed uitgeruste kano veel vaardigheid aan den dag. Enkele
+stammen van Zuid-Afrika, die rondzwerven om wortels te zoeken,
+en verscholen in de woeste en dorre vlakten leven, staan op een
+vrij lagen trap van ellende. Het dichtst bij den Vuurlander, wat de
+eenvoudigheid van het kunstleven betreft, staat de Australiër; maar
+deze kan zich nog verheffen op zijn boemerang, [197] zijne speer en
+werpstok; zijne manier om in de boomen te klimmen, de voetsporen van
+dieren te volgen, en op zijn jagen. Al moge de Australiër echter in
+vaardigheid en kennis de meerdere zijn, zoo volgt daaruit geenszins,
+dat hij ook in geestesgaven boven de Vuurlanders staat; en werkelijk,
+naar hetgeen ik van onze drie wilde metgezellen aan boord zag, en
+naar wat ik van de Australiërs gelezen heb, zou ik denken dat juist
+het omgekeerde het geval was. [198]
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XI.
+
+DE STRAAT VAN MAGELHAEN.--HET KLIMAAT DER ZUIDELIJKE KUSTEN.
+
+
+Op het einde van Mei 1834 voeren wij de oostelijke monding der Straat
+van Magelhaen voor de tweede maal binnen. Het land aan weerszijden
+van dit gedeelte der Straat bestaat uit bijna effen vlakten, evenals
+die in Patagonië. Kaap Negro, even binnen de tweede Engte gelegen, kan
+beschouwd worden als het punt waar het land de duidelijke kenmerken van
+Vuurland begint aan te nemen. Aan de oostkust, zuidelijk van de Straat,
+verbindt evenzoo een parkachtig landschap deze twee in bijna alle
+kenmerken lijnrecht van elkaar verschillende landen. Het is werkelijk
+verrassend binnen eene ruimte van 20 mijlen zulke veranderingen in
+het landschap te vinden. Nemen wij een wat grooteren afstand, zooals
+tusschen Port Famine en Kaap Gregory--dat is ongeveer 60 mijlen--dan is
+het verschil nog verwonderlijker. Op de eerste plaats vinden wij ronde
+bergen, verborgen achter ondoordringbare wouden, die doorweekt zijn
+van de door telkens wederkeerende stormen aangebrachte regens. Bij
+Kaap Gregory, daarentegen, welft zich een heldere en blauwe lucht
+boven de droge, onvruchtbare vlakten. [199] Ofschoon de snelle,
+onstuimige luchtstroomen binnen geen waarneembare grenzen beperkt
+zijn, schijnen zij toch, evenals eene rivier in hare bedding, een
+regelmatig bepaalden loop te volgen.
+
+Bij ons vorig bezoek (in Januari) hadden wij bij Kaap Gregory eene
+ontmoeting met de vermaarde en zoogenaamd reusachtige Patagoniërs, die
+ons eene hartelijke ontvangst bereidden. Hunne lengte schijnt grooter
+dan zij inderdaad is, ten gevolge van hunne groote guanaco-mantels,
+hun lang golvend haar, en hun voorkomen in 't algemeen. Gemiddeld
+is hunne lengte omstreeks zes voet; sommige mannen zijn grooter,
+doch maar weinige kleiner. [200] Ook de vrouwen zijn lang; en over
+het geheel zijn zij stellig het grootste menschenras, dat wij ooit
+zagen. In hunne gelaatstrekken gelijken zij treffend op de noordelijker
+wonende Indianen, die ik bij Rosas zag; alleen hebben zij een woester
+en vervaarlijker voorkomen; hunne aangezichten waren dik met rood en
+zwart beschilderd, en één man had witte kringen en vlekken, evenals
+een Vuurlander. Kapitein Fitz-Roy bood aan om drie hunner aan boord
+te nemen, en allen schenen gezind om tot dit drietal te behooren. Lang
+duurde het eer wij de anderen uit de boot hadden; maar eindelijk kwamen
+wij met onze drie reuzen aan boord, die met den kapitein aten en zich
+als gentlemen gedroegen, daar zij zich van lepel, mes en vork wisten
+te bedienen. Niets smaakte hun zoo goed als suiker. Deze stam komt
+zoo dikwijls met robbenjagers en walvischvaarders in aanraking, dat
+de meeste mannen wat Engelsch en Spaansch kunnen spreken. Zoodoende
+zijn zij half beschaafd, en gedeeltelijk van hunne zeden vervreemd.
+
+Den volgenden morgen ging eene kleine afdeeling aan land, om eenige
+onzer artikelen tegen huiden en struisvederen te ruilen; vuurwapenen
+werden geweigerd, maar tabak werd het meest gevraagd, veel meer dan
+bijlen of gereedschappen. De geheele bevolking der toldo's, mannen,
+vrouwen en kinderen stond op den oever geschaard. Het was een aardig
+tooneel; en onwillekeurig kreeg men schik in deze zoogenaamde reuzen
+om hunne welgemeende goedhartigheid en onbevangen aard. Zij vroegen
+ons terug te komen. Het schijnt, dat zij gaarne met Europeanen omgaan;
+want de "Oude Maria," eene vrouw van beteekenis in den stam, vroeg eens
+aan Low om eenige zijner matrozen bij hen achter te laten. Zij brengen
+het grootste gedeelte van het jaar hier door; maar in den zomer jagen
+zij langs den voet der Cordilleras, en strekken soms hunne tochten
+750 mijlen ver noordwaarts tot aan de Rio Negro uit. Van paarden zijn
+zij wel voorzien, want volgens Low bezit elk man er zes of zeven,
+terwijl alle vrouwen, en zelfs kinderen, hun eigen paard hebben. In
+den tijd van Sarmiento [201] hadden deze Indianen bogen en pijlen,
+welke nu sedert lang niet meer gebruikt worden; ook bezaten zij eenige
+paarden. Dit is een zeer merkwaardig feit, omdat het de buitengewoon
+snelle vermenigvuldiging van paarden in Zuid-Amerika bewijst. Het
+paard werd in 1537 te Buenos Aires voor het eerst aan land gezet;
+en daar de kolonie toen eenigen tijd verlaten was, liepen de paarden
+in het wild. [202] Slechts 43 jaren later, in 1580, hooren wij van
+hen in de Straat van Magelhaen! Low bericht mij, dat een naburige
+stam van Indianen te voet thans in bereden Indianen verandert; de
+stam bij Kaap Gregory geeft hun zijn afgereden paarden, en stuurt in
+den winter eenige zijner bekwaamste mannen uit om versche te vangen.
+
+[1 Juni.]
+
+Wij ankerden in de fraaie baai, die Port Famine of Hongerhaven
+heet. [203] Het was nu in het begin van den winter, en nooit zag ik
+een droefgeestiger landschap dan hier: de mistige dampkring was met
+een fijnen stofregen bezwangerd, waardoor de sombere wouden met hunne
+bontgekleurde sneeuw zich slechts onduidelijk lieten onderscheiden. Wij
+waren echter zoo gelukkig twee dagen mooi weêr te hebben; en op een
+dezer bood de verwijderde, 6800 voet hooge berg Sarmiento een zeer
+fraai schouwspel. Gedurende mijn verblijf in Vuurland was ik meermalen
+verrast geweest over de schijnbaar geringe hoogte van werkelijk hooge
+bergen. Ik vermoed, dat dit aan eene oorzaak is toe te schrijven,
+waarop men niet dadelijk zou zinnen, namelijk: dat de berg van den top
+tot aan den rand van het water meestal in zijn geheel zichtbaar is. Ik
+herinner mij een berg gezien te hebben: eerst uit het Beagle-kanaal,
+waar het geheele oppervlak van den top tot aan den voet te zien was,
+en toen uit de Straat van Ponsonby over verschillende opvolgende
+bergruggen. Daar in het laatste geval elke nieuwe rug nieuwe middelen
+verschafte om over den afstand te oordeelen, was het verrassend op
+te merken hoe de berg in hoogte steeg.
+
+Voordat wij Port Famine bereikten, snelden twee mannen langs het
+strand en praaiden het schip. Wij zonden eene boot op hen af, en het
+bleek toen dat zij twee matrozen waren, die van een robbenvaartuig
+waren weggeloopen en zich bij de Patagoniërs hadden gevoegd. Deze
+Indianen hadden hen met hunne gewone belangelooze gastvrijheid
+behandeld. Ongelukkig waren zij van hen afgedwaald en toen naar Port
+Famine geloopen, in de hoop hier een schip te vinden. Ik durf zeggen,
+dat deze zwervers echte deugnieten waren; maar nooit zag ik zulke
+ellendige vagebonden als nu. Zij hadden eenige dagen van mosselschalen
+en bessen geleefd, en hunne gescheurde kleederen waren door het te
+dicht bij het vuur slapen verbrand. Dag en nacht hadden zij zonder
+eenige beschutting blootgestaan aan aanhoudende stormen met regen,
+sneeuw en ijzel; maar ondanks alles waren zij gezond.
+
+Tijdens ons verblijf te Port Famine kwamen de Vuurlanders ons tweemaal
+lastig vallen. Daar vele van onze mannen met instrumenten en kleederen
+aan wal waren, achtten wij het noodig de inboorlingen door vrees te
+verjagen. De eerste maal werden enkele groote kanonnen afgevuurd, toen
+de inboorlingen ver af waren. Het was zeer belachelijk, toen wij door
+een verrekijker de Indianen bij elk schot dat het water trof, steenen
+zagen oprapen en met een trotsche uitdaging naar het schip werpen,
+hoewel dit anderhalve mijl ver lag! Nu werd eene boot uitgezonden,
+met bevel om op verren afstand enkele geweerschoten te lossen. De
+Vuurlanders verscholen zich achter de boomen, en schoten na elk salvo
+hunne pijlen af; maar geen van die pijlen bereikte de boot. Toen de
+officier hen lachend daarom uitjouwde, werden de Vuurlanders razend van
+drift, en zwaaiden in machtelooze woede hunne mantels. Dan, nauwelijks
+zagen zij de kogels de boomen treffen en doorboren, of zij liepen weg,
+en werden wij verder met rust en vrede gelaten. Op de eerste reis waren
+de Vuurlanders hier zeer lastig, en werd, om hen bang te maken, des
+nachts een vuurpijl boven hunne wigwams afgeschoten, die volkomen doel
+trof. Een der officieren vertelde mij, dat het getier hetwelk zij eerst
+maakten, en het geblaf der honden eene koddige tegenstelling vormden
+met de diepe stilte, die een of twee minuten later heerschte. Den
+volgenden morgen was geen enkele Vuurlander meer in de nabijheid.
+
+Toen de Beagle hier in de maand Februari was, ging ik op zekeren
+morgen te 4 ure uit om Mount Tarn te bestijgen, die 2600 voet meet
+en het hoogste punt is in dit naburige district. Wij gingen in een
+boot naar den voet van den berg (maar ongelukkig niet naar het beste
+gedeelte), en vingen toen onze beklimming aan. Het woud begint bij de
+hoogwater-lijn, en in de eerste twee uren gaf ik alle hoop den top
+te zullen bereiken op. Zoo dicht was de wildernis, dat wij telkens
+onze toevlucht moesten nemen tot het kompas; want ofschoon wij ons in
+een bergachtig land bevonden, was elk baken geheel uitgesloten. De
+diepe ravijnen boden een tooneel van doodsche verlatenheid, welke
+alle beschrijving te boven ging; daar buiten woedde een storm, maar
+in deze diepten bewoog geen zuchtje zelfs de bladeren van de hoogste
+boomen. Zoo donker, koud en nat was elke plek, dat er zelfs geen
+mossen, varens of paddenstoelen konden groeien. In de dalen was het
+bijna onmogelijk voort te kruipen, daar zij volkomen versperd waren
+met groote vergane stammen, die in alle richtingen op den grond
+lagen. Als men over deze natuurlijke bruggen heen liep, zonken de
+beenen dikwijls tot de knieën in het verrotte hout; andere keeren,
+als men tegen een vasten boom trachtte te leunen, ontdekte men tot
+zijn schrik, dat deze geheel uit vergane stof bestond, die bij de
+minste aanraking in elkander viel. Eindelijk bevonden wij ons onder
+de laagstammige boomen, en bereikten nu weldra den naakten bergrug,
+die ons naar den top voerde. Hier ontrolde zich een panorama, dat de
+kenmerken van Vuurland vertoonde: onregelmatige bergketenen, bezaaid
+met vlekken sneeuw; diepe geelgroene dalen, en zeearmen die het land in
+talrijke richtingen doorsneden. Er woei een krachtige, snerpend koude
+wind; en daar bovendien de lucht wat dampig was, bleven wij niet lang
+op den top van den berg. Onze nederdaling was lang zoo moeilijk niet
+als de beklimming, omdat het gewicht van het lichaam een doortocht
+baande, en elke val of uitslipping in de juiste richting geschiedde.
+
+
+
+Reeds heb ik gesproken van het sombere en doodsche karakter dier altijd
+groene wouden, waarin, met uitsluiting van alle andere, slechts drie
+boomsoorten groeien. [204] Boven de woudstreek zijn vele dwergachtige
+Alpenplanten, [205] welke alle uit den veenbodem ontspruiten en
+dezen helpen vormen. Die planten zijn zeer merkwaardig om hare nauwe
+verwantschap met de soorten, die op de zoo vele duizenden mijlen ver
+gelegen bergen van Europa groeien. Het middengedeelte van Vuurland,
+waar de leemschiefer-formatie optreedt, is voor den boomgroei het
+gunstigst; aan de kuststreken laten de armere granietbodem en de
+meerdere blootgesteldheid aan de hevige winden niet toe, dat de
+boomen eene aanzienlijke hoogte bereiken. Nabij Port Famine heb ik
+meer hooge boomen gezien dan elders; ik mat hier een Drymis Winteri
+van vier voet zes inches in omtrek, en verscheidene beuken bereikten
+er een van dertien voet. Kapitein King spreekt zelfs van een beuk,
+die 17 voet boven de wortels eene middellijn had van zeven voet.
+
+Er is een plantaardig product, dat om zijne beteekenis als
+voedingsmiddel voor de Vuurlanders onze aandacht verdient. Het
+is een bolvormige, lichtgele zwam of paddenstoel, die in grooten
+getale op de beukenboomen groeit. In zijn jeugd is deze paddenstoel
+veerkrachtig en gezwollen, en heeft hij eene gladde oppervlakte; maar
+rijp geworden, krimpt hij in, wordt taaier, en vertoont aan zijne
+geheele oppervlakte diepe groeven of honigraten. Deze paddenstoel
+behoort tot een nieuw en zeldzaam geslacht; eene tweede soort vond ik
+op eene andere soort beukeboomen in Chili; en nu bericht Dr. Hooker
+mij, dat onlangs op eene derde soort beukeboomen in Van-Diemensland
+eene derde soort ontdekt is geworden. [206] Hoe zonderling is deze
+verwantschap tusschen parasiteerende paddenstoelen en de boomen
+waarop zij groeien, in afgelegen deelen der wereld! In Vuurland wordt
+deze paddenstoel in taaien en rijpen staat in groote hoeveelheden
+door de vrouwen en kinderen verzameld, en ongekookt gegeten. Hij
+beeft een slijmerigen, flauw zoeten smaak, met een zwakken reuk
+van kampernoelje. Met uitzondering van enkele bessen--voornamelijk
+van den dwergachtigen Arbutus--eten de inboorlingen buiten dezen
+paddenstoel geen plantaardig voedsel. In Nieuw-Zeeland werden,
+vóor het invoeren van den aardappel, de wortels van het varenkruid
+in groote hoeveelheden gebruikt. Tegenwoordig is Vuurland, naar ik
+geloof, het eenige land ter wereld, waar eene kryptogamische plant
+een hoofdvoedingsmiddel uitmaakt.
+
+Zooals wij uit den aard van zijn klimaat en plantenrijk mochten
+verwachten, is de dierenwereld van Vuurland zeer arm. Van Zoogdieren
+zijn er, behalve walvisschen en robben, eene vleermuis, eene soort
+muis (Reithrodon chinchilloides); twee echte muizen; een aan den
+tucutuco verwante of daarmede gelijkstaande Ctenomys; twee vossen
+(Canis Magellanicus en Canis Azarae); een zeeotter; het guanaco en
+een hert. De meeste dezer dieren bewonen alleen de droge oostelijke
+gedeelten van het land, en het hert is nooit ten zuiden der
+Straat van Magelhaen gezien. Let men op de algemeene overeenkomst
+in de oeverrotsen van zachten zandsteen, modder en keisteenen aan
+weerszijden der Straat en op eenige tusschenliggende eilanden, dan is
+men sterk geneigd te gelooven, dat het land eens met elkaar verbonden
+was, waardoor zulke kleine en hulpelooze dieren als de tucutuco en
+reithrodon den overtocht konden doen. De overeenkomst in de klippen
+bewijst echter zoodanige verbinding op verre na niet, omdat zulke
+klippen meestal gevormd worden door de snijding van hellende lagen,
+die vóór de landrijzing bij de toen bestaande stranden opgehoopt
+waren. Het treft intusschen merkwaardig, dat van de twee groote
+eilanden, die het Beagle-kanaal van het overige deel van Vuurland
+afsnijdt, het eene klippen heeft, bestaande uit eene stof die men
+gelaagd alluvium zou kunnen noemen, en overeenkomende met die aan de
+overzijde van het kanaal, terwijl het andere eiland uitsluitend door
+oud kristallijn gesteente begrensd wordt. Op het eerste eiland, Navarin
+geheeten, komen vossen en guanaco's voor, maar op het andere eiland,
+Hoste, worden, naar wat Jemmy mij gezegd heeft, geen dezer dieren
+gevonden, ofschoon het in elk opzicht met het eerste overeenkomt,
+en slechts door een kanaal van iets meer dan een halve mijl breedte
+er van gescheiden is.
+
+De donkere bosschen worden door enkele vogels bewoond. Nu en dan hoort
+men den klaagtoon van een wit-gekuifden Tyran (Myiobius albiceps),
+[207] die zich in de toppen der hoogste boomen verbergt; en zeldzamer
+nog den luiden, zonderlingen kreet van een zwarten specht met fraaien
+scharlaken kam op het hoofd. Een klein donkerkleurig winterkoninkje
+(Scytalopus Magellanicus) huppelt met loerenden gang door den bajert
+van omgevallen en rottende stammen. Maar de meest voorkomende
+vogel in het land is de boomlooper (Oxyurus tupinieri). Overal
+in de beukenwouden, hoog in 't gebergte en dicht bij den voet,
+in de donkerste, vochtigste en ongenaakbaarste ravijnen kan men
+hem ontmoeten. Deze kleine vogel schijnt ongetwijfeld talrijker dan
+werkelijk het geval is; men moet dit toeschrijven aan zijne gewoonte
+om uit blijkbare nieuwsgierigheid den vreemdeling te volgen, die deze
+stille bosschen betreedt; onder een voortdurend wanluidend getjilp
+fladdert hij van den eenen boom naar den anderen, slechts enkele voeten
+van het gezicht des indringers. Hij zoekt allerminst die bescheiden
+afzondering van den waren boomlooper (Certhia familiaris). Ook
+loopt hij niet, zooals deze vogel, tegen de stammen der boomen op,
+maar huppelt op de manier van een wilgensijsje rond, en zoekt op
+elken tak of twijg insecten. In de meer open streken komen voor:
+drie of vier soorten vinken; een lijster; eene spreeuw (of Icterus);
+twee Opetiorhynchi, benevens verscheidene havikken en uilen.
+
+Het ontbreken van alle soorten, die tot de klasse der Kruipende Dieren
+behooren, is een kenmerkend verschijnsel in de Fauna van dit land,
+evenals in die der Falklands-Eilanden. Ik grond dit getuigenis niet
+uitsluitend op eigen waarneming, doch vernam het van de Spaansche
+bewoners der laatstgenoemde eilanden, en van Jemmy Button, voor
+zoover Vuurland betrof. Aan de oevers der Santa Cruz op 50° Z.B. zag
+ik een kikvorsch, en het is niet onwaarschijnlijk, dat deze dieren,
+alsook hagedissen, zuidelijk tot de breedte der Straat van Magelhaen
+gevonden worden, waar het land het karakter van Patagonië behoudt;
+maar binnen de vochtige en koude zone van Vuurland komt geen enkele
+voor. Dat het klimaat niet geschikt zou zijn voor enkele Orden, zooals
+de hagedissen, was wel te voorzien; maar wat de kikvorschen betrof,
+was dit niet zoo duidelijk.
+
+Kevers (Coleoptera) vindt men in zeer klein aantal; en lang duurde
+het eer ik kon gelooven, dat een land bijna zoo groot als Schotland,
+[208] bedekt met plantvoortbrengsels en in het bezit van afwisselende
+verblijfplaatsen, zoo onvruchtbaar kon zijn. De enkelen, die ik vond,
+waren Alpen-soorten (Harpalidae en Heteromidae), welke onder steenen
+leven. De plantenetende Chrysomelidae, waardoor de keerkringen
+zich zoo bijzonder kenmerken, ontbreken hier bijna geheel. [209]
+Ik zag zeer weinig vliegen, kapellen of bijen, en geen krekels
+(Gryllidae) of Orthoptera. In de waterpoelen vond ik slechts enkele
+waterkevers en geen zoetwaterschelpdieren: want hoewel Succinea op
+het eerste gezicht eene uitzondering schijnt te maken, moet het hier
+een landschelpdier zijn, daar het ver van het water in het vochtige
+gras leeft. Landschelpdieren konden alleen op dezelfde hooggelegen
+plaatsen worden gevonden, als waar de kevers zijn. Reeds heb ik op
+de tegenstelling tusschen Vuurland en Patagonië gewezen, zoowel wat
+klimaat als algemeen voorkomen betreft; en een sprekend voorbeeld van
+dit verschil levert de insectenkunde. Ik geloof niet dat zij ééne
+soort gemeen hebben; en het algemeen kenmerk der insecten is zeker
+geheel verschillend.
+
+Gaande van het land naar de zee, zullen wij de laatste even dicht
+met levende wezens bevolkt vinden, als het eerste arm daaraan is. In
+alle deelen der wereld herbergt een rotsachtig en gedeeltelijk beschut
+strand binnen eene gegevene ruimte wellicht een grooter aantal wezens,
+dan elke andere verblijfplaats. Er bestaat een zeeproduct, dat om
+zijne belangrijkheid eene bijzondere bespreking verdient. Het is de
+kelp of Macrocystis pyrifera. Deze plant groeit op elke rots vanaf
+het laagwatermerk tot op eene groote diepte, zoowel aan de buitenkust
+als binnen de kanalen. [210] Ik geloof, dat er op de reizen van de
+Adventure en de Beagle geen enkele rots bij het oppervlak der zee
+werd ontdekt, die niet door dit drijvend wier bespoeld werd. Dat het
+zoodoende goede diensten bewijst aan schepen, die dicht voorbij dit
+stormachtige land varen, is duidelijk; en stellig heeft het menig
+vaartuig van schipbreuk gered. Ik ken weinig verschijnselen, meer
+verrassend dan het zien groeien en bloeien van deze plant tusschen de
+groote brekers van den Atlantischen Oceaan, waaraan geen enkele rots,
+hoe hard ook, lang weerstand kan bieden. De stengel is rond, klevig en
+zacht, en bereikt zelden een inch in doorsnede. Enkele te zamen genomen
+zijn sterk genoeg om het gewicht der groote losse steenen te dragen,
+waaraan zij in de binnenlandsche kanalen vastgroeien; toch waren
+sommige steenen zoo zwaar, dat, als zij naar de oppervlakte werden
+getrokken, één man hen met moeite in een boot kon tillen. Kapitein Cook
+zegt in zijne tweede Reis, dat deze plant bij de Kerguélen-Eilanden
+uit eene diepte van meer dan 24 fathoms omhoog groeit; "en daar die
+groei niet in verticale richting, maar onder een zeer scherpen hoek
+met den bodem geschiedt, en een groot deel zich later vele fathoms ver
+over het oppervlak der zee uitstrekt, heb ik wel het recht te zeggen,
+dat sommige eene lengte van 60 fathoms en meer bereiken." Ik geloof
+niet, dat er een tweede plant is, wier stengel, zooals kapitein Cook
+verklaart, de verbazende lengte bereikt van 360 voet. Bovendien vond
+kapitein Fitz-Roy, dat zij zelfs uit nog grootere diepten, namelijk
+45 fathoms, naar de oppervlakte groeit. [211] Deze zeewier-velden
+vormen, zelfs wanneer hunne breedte niet groot is, uitstekende en
+natuurlijke drijvende golfbrekers. Merkwaardig is het te zien, hoe
+spoedig de golven uit volle zee, die door de verspreide stengels eene
+opene haven binnenrollen, in hoogte dalen en overgaan in effen water.
+
+Het getal levende wezens van alle Orden, wier bestaan ten nauwste van
+de kelp afhangt, is verwonderlijk groot. Men zou een lijvig boek kunnen
+schrijven alléén over de bewoners van een dezer zeewier-velden. Bijna
+alle bladeren uitgenomen die welke aan de oppervlakte drijven, zijn
+zoo dik met koraaldieren bedekt, dat zij eene witte kleur hebben. Wij
+vinden keurig fijne structuur-vormen: sommige bewoond door enkelvoudige
+hydroidpolypen, andere door meer bewerktuigde soorten, en prachtige
+samengestelde zeescheeden (Ascidiae compositae). Op de bladeren
+zijn ook verschillende Patellidae, Trochidae, naakte weekdieren, en
+eenige tweeschalige schelpdieren vastgehecht. Tallooze schaaldieren
+bewonen elk deel van de plant. Schudt men de groote dooreengevlochten
+wortels, dan valt daaruit een menigte kleine visschen, schelpdieren,
+inktvisschen, kreeften van alle orden, zeeëgels, zeesterren,
+prachtige Holothuriae, Planariae, en kruipende Nereïdae in tal van
+vormen. Dikwijls keerde ik naar een kelptak terug, en ontdekte dan
+altijd dieren van onbekende en merkwaardige structuur. Op Chiloë,
+waar de kelp niet bijzonder gedijt, ontbreken de talrijke schelp-,
+koraal- en schaaldieren; toch blijven nog enkele Flustraceae en eenige
+samengestelde Ascidiae over, waarvan de laatsten echter tot andere
+soorten behooren dan die in Vuurland. Het zeewier heeft hier dus
+eene grootere verspreiding dan de dieren, welke het als woonplaats
+bezigen. Ik kan deze groote waterwouden van het zuidelijk halfrond
+alleen vergelijken bij de landwouden in de tusschenkeerkringsstreken;
+maar, zoo te land ergens een woud verwoest werd, geloof ik niet, dat
+er zooveel soorten dieren zouden omkomen, als hier door het verwoesten
+van de kelp het geval zou zijn. Tusschen de bladeren dezer plant leven
+talrijke soorten visschen, die nergens anders voedsel of beschutting
+konden vinden. Met hunne uitroeiing, zouden ook de vele zeeraven en
+andere vischetende vogels, de otters, robben en bruinvisschen spoedig
+verdwijnen. Eindelijk zou de Vuurlandsche wilde, de ellendige heer
+van dit ellendige land, zijne kannibaalsche feesten verdubbelen,
+in aantal verminderen, en mogelijk ophouden te bestaan.
+
+[8 Juni.]
+
+Vroeg in den morgen lichtten wij het anker en verlieten Port
+Famine. Kapitein Fitz-Roy besloot de Straat van Magelhaen door het
+Magdalena-kanaal te verlaten, dat niet lang te voren ontdekt was. Onze
+koers was vlak zuidwaarts, door het sombere kanaal waarop ik boven
+zinspeelde, toen ik zeide, dat het naar eene andere en boozere wereld
+scheen te voeren. Er woei een gunstige wind, maar de lucht was zeer
+nevelig, zoodat wij vele zeldzame berggezichten misten. De donkere,
+gescheurde wolken werden snel over de bergen gedreven, van af hunne
+toppen tot bijna aan den voet. De vluchtige kijkjes, die wij door de
+schemerige massa namen, waren zeer belangwekkend: getande spitsen,
+besneeuwde kruinen, blauwe gletschers, scherpe omlijningen die zich op
+den bleeken hemel afteekenden, lieten zich op verschillende afstanden
+en hoogten zien. Te midden van zulke tafereelen ankerden wij bij
+Kaap Turn, dicht bij den berg Sarmiento, die zich toen in de wolken
+verschool. Aan den voet der hooge en bijna loodrechte oevers van onze
+kleine kreek stond een verlaten wigwam, die er aan herinnerde dat
+de mensch nu en dan door deze eenzame streken zwierf. Moeilijk zou
+men zich een oord kunnen denken, waar hij minder eischen of minder
+macht scheen te hebben. De onbezielde werken der natuur: gesteente,
+ijs en sneeuw, en wind en water--alle met elkander, maar vereenigd
+tegen den mensch in strijd--regeerden hier in onbeperkte heerschappij.
+
+[9 Juni.]
+
+Tot onze blijdschap zagen wij des morgens den mistsluier van den
+Sarmiento optrekken, en hem aan ons oog vertoonen. Deze berg,
+die een der hoogste in Vuurland is, heeft eene hoogte van 6800
+voet. Zijn ondereinde is tot ongeveer een achtste der totale hoogte
+met donkere bosschen bedekt, en daarboven reikt een sneeuwdek tot
+aan den top. Deze uitgestrekte sneeuwmassa's, die nooit smelten en
+bestemd schijnen om even lang te duren als de wereld zelve, boden
+een prachtvol en zelfs verheven schouwspel. De omtrek van den berg
+was bijzonder helder en scherp. Door de groote hoeveelheid licht,
+die op de witte en glinsterende oppervlakte weerkaatste, vielen geen
+schaduwen aan den kant waar ik stond; men onderscheidde slechts de
+randlijnen die de lucht sneden; en zoo stond de kolossus in zijne
+volle gedaante voor ons. Verscheidene gletschers daalden slingerend
+van de hooge, wijde sneeuwvlakten naar de zeekust; men kon hen met
+bevroren Niagara-stroomen vergelijken; en misschien zijn deze blauwe
+ijsversnellingen ruim zoo schoon als vloeibare watervallen. Des
+nachts bereikten wij het westeinde van het kanaal; maar het water
+was hier zoo diep, dat wij geen ankerplek konden vinden. Wij waren
+dus genoodzaakt om in een stikdonkeren nacht uren lang door dezen
+smallen zeearm op en neer te varen.
+
+[10 Juni.]
+
+Des morgens stevenden wij zoo spoedig mogelijk naar den open Stillen
+Oceaan. De westkust bestaat in 't algemeen uit lage, afgeronde, geheel
+naakte bergen van graniet en groensteen (diabase of dioriet). Sir
+John Narborough noemde een gedeelte South Desolation, omdat het land
+er zoo naargeestig uitzag; en dit zeggende had hij gelijk. Buiten
+de hoofdeilanden liggen tallooze verspreide rotsen, waarop de breede
+golfslag van den Stillen Oceaan onafgebroken beukt. Wij gingen tusschen
+de Oostelijke en Westelijke Furies naar buiten; iets verder noordwaarts
+rollen zooveel brekers, dat de zee hier de Melkweg genoemd wordt. Een
+blik op zulk eene kust is voldoende om een landrot eene week lang van
+schipbreuken, gevaren en dood te doen droomen; en met dit woeste,
+huiveringwekkende schouwspel voor oogen zeiden wij Vuurland voor
+altijd vaarwel.
+
+
+
+De volgende beschouwing over het klimaat der zuidelijke deelen van het
+vasteland in verband met hunne voortbrengselen: over de sneeuwgrens,
+de buitengewoon lage daling der gletschers, en over de streek van
+eeuwige vorst op de eilanden in het Zuidpool-gebied, kan door lezers,
+die in deze merkwaardige onderwerpen geen belang stellen, worden
+overgeslagen, of zij kunnen alleen de korte herhaling er van aan het
+einde lezen. Ik zal hier echter slechts een uittreksel geven, en moet
+voor bijzonderheden naar het Dertiende Hoofdstuk en het Aanhangsel
+der vorige uitgaaf van dit werk verwijzen.
+
+Over het klimaat en de Voortbrengselen van Vuurland en van
+de Zuidwest-kust. De volgende tabel geeft aan de gemiddelde
+temperatuur van Vuurland, de Falklands-Eilanden, en die van Dublin
+ter vergelijking:
+
+
+ Breedte. Zomer- Winter- Gemid. Zomer-
+ Temperat. Temperat. en Winter-
+ Temperat.
+ Vuurland 53°38' Z 50° 33°08 41°54
+ Falklands-Eil. 51°30' Z 51° -- --
+ Dublin 53°21' N 59°54 39°2 49°37
+
+
+Wij zien hieruit, dat het middengedeelte van Vuurland des winters
+omstreeks 6° kouder, en des zomers niet minder dan 9 1/2° minder warm
+is dan Dublin. Volgens Leopold von Buch (1774-1853) is de gemiddelde
+temperatuur van Juli (niet de heetste maand in het jaar) te Saltenfjord
+in Noorwegen 57°8, en toch ligt deze plaats 13° dichter bij de pool dan
+Port Famine. [212] Hoe ongastvrij dit klimaat ook zij voor ons gevoel,
+er is overvloed van altijd groenende boomen, die welig bloeien. Op 55°
+Z.B. kan men kolibries aan de bloemen zien zuigen, en eten papegaaien
+de zaden van den Drymis Winteri. Reeds heb ik gewezen op den rijkdom
+der zee aan levensvormen; en volgens G. B. Sowerby zijn de Conchyliën
+of schelpdieren (zooals de Patellidae, Fissurelidae, Chitonidae en
+Lepadidae veel grooter en veel sterker gebouwd dan de overeenkomstige
+species in het noordelijk halfrond. Eene groote Voluta (rolslak)
+komt veel voor in Zuid-Vuurland en op de Falklands-Eilanden. Te
+Bahia Blanca, op 39° Z. B., waren de meest voorkomende schelpdieren:
+drie species van Oliva (eene van aanzienlijke grootte), eene of twee
+Voluta's, en eene Terebra (boorschelp). Dezen, nu, behooren tot de
+best kenmerkende tropische vormen. Het is te betwijfelen of er aan
+de zuidkusten van Europa zelfs eene kleine Oliva-species bestaat,
+en van de twee andere geslachten zijn er geen soorten. Indien een
+geoloog op 39° breedte aan de kust van Portugal eene laag ontdekte,
+waarin talrijke schelpdieren van drie Oliva-species, eene Voluta
+en eene Terebra, zou hij waarschijnlijk zeggen, dat het klimaat in
+den tijd waarin zij leefden, tropisch moet geweest zijn; doch naar
+Zuid-Amerika te oordeelen, zou zulk eene gevolgtrekking verkeerd zijn.
+
+Het gelijkvormige, vochtige en winderige klimaat van Vuurland strekt
+zich, met slechts eene geringe toename in warmte, vele graden ver langs
+de westkust van het vasteland uit. Tot 600 mijlen ten noorden van Kaap
+Hoorn hebben de wouden een zeer evenaardig aanzien. Als een bewijs van
+het gelijkvormige klimaat zelfs nog tot 300 of 400 mijlen noordelijker,
+kan dienen, dat op Chiloë (in breedte met de noordelijke gedeelten
+van Spanje overeenkomende) de perzik zelden vruchten voortbrengt,
+terwijl aardbeziën en appelen er volkomen gedijen. Zelfs worden de
+gerste- en tarwearen dikwerf naar huis gebracht, om te drogen en te
+doen rijpen. [213] Te Valdivia (op gelijke breedte als Madrid) komen
+druiven en vijgen tot rijpheid, doch worden niet overal gevonden;
+olijven rijpen zelden, zelfs niet gedeeltelijk, en oranjeappelen in het
+geheel niet. Zooals men weet, gedijen deze vruchten voortreffelijk op
+overeenkomstige breedten in Europa. Maar zelfs in Zuid-Amerika worden,
+aan de Rio Negro, onder nagenoeg dezelfde parallel als Valdivia,
+bataten (Convolvulus batatus) gekweekt, terwijl druiven, vijgen,
+oranjeappelen, watermeloenen en cantaloepen (knobbel- of wratmeloenen)
+welig vruchten voortbrengen. Ofschoon het vochtige en gelijkvormige
+klimaat van Chiloë en van de kust noordelijk en zuidelijk hiervan,
+voor onze vruchten zoo ongunstig is, wedijveren de wouden aldaar,
+van 38° tot 45°, in hun kwistigen plantengroei bijna met die der
+tusschenkeerkringslanden. Statige, veelsoortige boomen met gladde en
+levendig gekleurde schorsen, zijn beladen met eenlobbige woekerplanten;
+groote en sierlijke varens tieren er in overvloed, en boomgrassen
+omwinden de stammen ter hoogte van 30 of 40 voet boven den grond,
+tot eene dooreengegroeide massa. Palmboomen groeien op 37° breedte;
+een boomgras, dat veel op bamboes gelijkt, op 40°; en eene andere
+naverwante soort, die zeer lang maar niet rechtstandig is, bloeit
+zelfs nog op 45° Z. B.
+
+Over het grootste deel van het zuidelijk halfrond schijnt een
+gelijkvormig klimaat te heerschen, wat blijkbaar is toe te
+schrijven aan de groote oppervlakte der zee, vergeleken met het
+land. Dientengevolge draagt de plantenwereld een half tropisch
+karakter. Boomvarens groeien welig op Van-Diemensland (45° B.), en ik
+mat een stam van niet minder dan zes voet in omtrek. Foster vond op 46°
+een boomvaren op Nieuw-Zeeland, waar orchideeën-planten op de boomen
+woekeren. Op de Aucklands-Eilanden zijn, volgens Dr. Dieffenbach, [214]
+varens met zulke dikke en hooge stammen, dat zij bijna boomvarens
+mogen heeten; en hier, ja zuidelijker nog tot 55° breedte op de
+Macquarie-Eilanden, leven talrijke papegaaien.
+
+Over de Hoogte der Sneeuwgrens, en de Daling der Gletschers in
+Zuid-Amerika. Voor bijzonderheden in de bronnen, waaruit de volgende
+tabel ontleend is, moet ik naar de vorige uitgaaf verwijzen.
+
+
+ Breedte Hoogte (in voeten) Waarnemer.
+ van de sneeuwgrens
+
+Aequatoriaal-zone; gemid. result. 15.748 Humboldt.
+Bolivia, van 16° tot 18° Z.B. 17.000 Pentland.
+Midden-Chili, 33° Z.B. 14.500 tot 15.000 Gillies en de
+ Schrijver.
+Chiloë, van 41° tot 43° Z.B. 6.000 Officieren
+v. d.
+ Beagle en de
+ Schrijver.
+Vuurland, 54° Z.B. 3.500 tot 4.000 King.
+
+
+Daar de hoogte-grens der eeuwige sneeuw in hoofdzaak meer door de
+grootste zomerhitte, dan door de gemiddelde jaarlijksche temperatuur
+schijnt bepaald te worden, behoeft het ons niet te verwonderen,
+dat die grens in de Straat van Magelhaen, waar de zomer zoo koel is,
+tot 3500 of 4000 voet boven den zeespiegel daalt, ofschoon wij die
+lage grens van eeuwige sneeuw in Noorwegen eerst op 67° tot 70°--dat
+is ongeveer 14° dichter bij de pool--ontmoeten. Het hoogteverschil van
+circa 9000 voet tusschen de sneeuwgrens op de Cordilleras achter Chiloë
+(waar de hoogste punten van slechts 5600 tot 7500 voet afwisselen)
+en in Midden-Chili, een afstand van slechts 9 breedte-graden,
+is inderdaad verwonderlijk. [215] Ongeveer van af Concepcion (37°
+Z.B.) tot zuidwaarts van Chiloë verbergt het land zich achter een
+dicht, onafgebroken woud, dat doorweekt is van vocht. De lucht is
+bewolkt, en wij hebben gezien hoe slecht de Zuideuropeesche vruchten
+er gedijen. In Midden-Chili, daarentegen, iets benoorden Concepcion,
+is de lucht meestal helder; gedurende de zeven zomermaanden valt er
+geen regen, en de Zuideuropeesche vruchten groeien uitstekend. Zelfs
+is er suikerriet geweekt. [216] Zonder twijfel ondergaat de grens
+van eeuwige sneeuw de bovengenoemde merkwaardige buiging van 9000
+voet--welke zonder weerga is in andere deelen der wereld--niet ver van
+de breedte van Concepcion, waar het land niet langer met woudboomen
+bedekt is; want in Zuid-Amerika wijzen boomen op een regenachtig
+klimaat, en is regen het zinnebeeld van een bewolkten hemel en weinig
+warmte in den zomer.
+
+Zooals ik wel begrijp, moet de daling der gletschers naar zee, behalve
+natuurlijk van een voldoenden voorraad sneeuw in het hooggebergte,
+hoofdzakelijk afhangen van de meer of minder lage grens van eeuwige
+sneeuw op steile bergen bij de kust. Daar in Vuurland de sneeuwgrens
+zoo laag ligt, mochten wij terecht verwachten, dat vele gletschers
+de zee bereikt hadden. Toch stond ik verbaasd, toen ik op de
+breedte van Cumberland allereerst eene bergreeks zag van slechts
+3000 tot 4000 voet hoogte, waarvan elke vallei tot aan de zeekust
+met ijsstroomen gevuld was. Bijna elke zeearm, die tot de hoogere
+binnenketen doordringt--niet slechts in Vuurland, maar 650 mijlen ver
+noordwaarts aan de kust--eindigt in "geweldige en verbazingwekkende
+gletschers," volgens de beschrijving van een der officieren van de
+expeditie. Groote ijsbrokken vallen gestadig van deze ijsklippen in
+zee, en het gekraak davert, als de geschutdonder van een oorlogsschip
+dat de volle laag geeft, door de eenzame kanalen. Gelijk in het vorige
+hoofdstuk is opgemerkt, veroorzaken deze ijsstortingen hooge golven,
+die op de naburige kusten breken. Het is bekend, dat aardbevingen
+dikwijls oorzaak zijn van het afbreken van groote stukken aarde van
+de zeekust; hoe verschrikkelijk moet dan de uitwerking zijn van een
+hevigen schok (en die komen hier voor) [217] op zulk een gevaarte als
+een gletscher, die reeds in beweging en doorploegd is van spleten! Ik
+kan dan ook licht begrijpen, dat het water in zulke gevallen uit het
+diepste kanaal wordt weggeslagen, daarna met onweerstaanbare kracht
+terugkeert, en reusachtige rotsblokken als stroohalmen in het rond
+draait. In Eyre's Sound, op de breedte van Parijs, zijn ontzaglijke
+gletschers, en toch meet de hoogste berg in den omtrek slechts 6200
+voet. In deze zeeëngte zag men op zekeren tijd omtrent 50 ijsbergen
+naar buiten drijven, en een daarvan moet minstens 168 voet hoog
+zijn geweest. Sommige ijsbergen waren beladen met brokken graniet
+en andere van het leemschiefer der omringende bergen verschillende
+gesteenten, van niet onaanzienlijke grootte. De verst van de pool
+gelegen gletscher, die op de tochten van de Adventure en de Beagle
+opgemeten werd, bevindt zich op 46°50' Z.B. in de Golf van Penas. Hij
+is 15 mijlen lang, heeft op één punt eene breedte van 7 mijlen, en
+daalt tot aan de zeekust. Maar zelfs enkele mijlen benoorden dezen
+gletscher ontmoetten eenige Spaansche zendelingen [218] in de Laguna
+de San Rafael "vele ijsbergen, waaronder groote, kleine en andere
+van middelbare grootte." Zij werden gezien in een smallen zeearm,
+op den 22sten December (die met onze maand Juni overeenstemt), en op
+eene breedte gelijkstaande met die van het Meer van Genève!
+
+In Europa is de zuidelijkste gletscher die de zee bereikt, volgens
+Leopold von Buch, op 67° breedte op de Noorweegsche kust gevonden. Dit
+is dus meer dan 20 graden of 1230 mijlen dichter bij de pool dan de
+Laguna de San Rafael. Het voorkomen der gletschers op deze plek en in
+de Golf van Penas is des te merkwaardiger, omdat het punt waar zij
+de zee bereiken, 7°30' of 450 mijlen verwijderd is van eene haven,
+waar drie soorten van Oliva, eene Voluta en eene Terebra de meest
+voorkomende schelpdieren zijn; 9 graden van een gebied, waar palmen
+groeien; 4°30' van eene streek, waar jaguar en puma over de vlakte
+zwerven; nog geen 2°30' van de boomgrassen; bovendien in westelijke
+richting minder dan 2 lengtegraden van woekerende orchideeën, en nog
+geen graad van de boomvarens!
+
+Deze feiten zijn van zeer groot geologisch belang voor de studie van
+het klimaat van het noordelijk halfrond in den tijd der zoogenaamde
+erratische of zwerfblokken. Ik zal hier niet uiteenzetten hoe
+eenvoudig de theorie der ijsbergen, welke met rotsklompen beladen
+zijn, den oorsprong en ligging der geweldige rolsteenen verklaart
+in Oost-Vuurland, op de hoogvlakte van Santa Cruz, en op het eiland
+Chiloë. In Vuurland liggen de meeste rolsteenen aan de strandlijnen
+van oude zeestraten, die nu door landrijzing in droge dalen zijn
+veranderd. De hun bijgemengde grondstof is eene groote, ongelaagde
+formatie van modder en zand, welke ontstaan is door herhaalde
+omploeging van den zeebodem, ten gevolge van het stranden van ijsbergen
+met hun last van steenen. [219] Thans zijn er weinige geologen, die
+twijfelen aan het feit, dat zwerfblokken welke in de nabijheid van
+hooge bergen liggen, door de gletschers zelven zijn voortgestuwd;
+en dat die, welke ver van bergen en in lagen onder water bedolven
+liggen, òf op ijsbergen, òf in kustijs vastgevroren, daarheen zijn
+gebracht. Het verband tusschen het vervoer van rolsteenen en de
+aanwezigheid van ijs in den een of anderen vorm, blijkt opvallend
+uit hunne geographische verspreiding over de aarde. In Zuid-Amerika
+vindt men hen niet lager dan 48°, van de zuidpool af gerekend
+(zuidpools-afstand); in Noord-Amerika schijnt de grens van hun vervoer
+zich tot 53°30' van de noordpool uit te strekken; in Europa echter
+niet verder dan 40°, van hetzelfde punt af gerekend. Daarentegen zijn
+zij niet waargenomen in de tusschenkeerkringsstreken van Amerika, Azië
+en Afrika; evenmin aan de Kaap de Goede Hoop, noch in Australië. [220]
+
+Over het Klimaat en de Voortbrengselen der Eilanden in het
+Zuidpoolgebied. De krachtige plantengroei in Vuurland en op de kust ten
+noorden daarvan in aanmerking genomen, is de gesteldheid op de eilanden
+ten zuiden en zuidwesten van Amerika inderdaad verrassend. Cook vond,
+dat Sandwich-Land, op eene zuiderbreedte die met het noordelijk
+deel van Schotland overeenkomt, in de heetste maanden van het jaar
+"vele vademen diep met eeuwigdurende sneeuw bedekt was." Planten
+schijnen er bijna niet te zijn. Zuid-Georgië, een eiland met eene
+oppervlakte van 2590 vierkante Kilom., en op de breedte van Yorkshire
+gelegen, is "midden in den zomer als het ware geheel met bevroren
+sneeuw bedekt." Het kan zich slechts beroemen op mos, eenige bosjes
+gras en wilde pimpernel (Pimpinella saxifraga). Bovendien heeft
+het maar één landvogel (Anthus correndera), terwijl IJsland, dat 10°
+dichter bij de pool ligt, volgens Mackenzie nog 15 landvogels bezit. De
+Zuid-Shetlands-Eilanden, op dezelfde breedte als de zuidelijke helft
+van Noorwegen, bezit slechts eenige korstmossen (Lichen), mos en wat
+gras. Luitenant Kendall [221] vond, dat de baai, waarin hij voor anker
+lag, begon te bevriezen op een tijdstip, dat op ons halfrond met 8
+September overeenkomt. De bodem bestaat hier uit afwisselende lagen
+ijs en vulkanische asch, en moet op geringe diepte onder de oppervlakte
+voortdurend bevroren zijn. Luitenant Kendall vond namelijk het lichaam
+van een lang te voren begraven zeeman, wiens vleesch en trekken nog
+geheel gaaf waren gebleven. Het is een zonderling feit, dat de lage
+breedte, waartoe in de twee groote vastelanden van het noordelijk
+halfrond (maar niet in het tusschenliggende gebroken land van Europa)
+de zone van den altijd bevroren ondergrond zich uitstrekt, nl. 56° in
+Noord-Amerika ter diepte van 3 voet, [222] en 62° in Siberië ter diepte
+van 12 tot 15 voet--het gevolg is van een geheel tegenovergestelden
+staat van zaken, vergeleken met dien in het zuidelijk halfrond. In de
+noordelijke vastelanden wordt de winterkoude buitengewoon verscherpt
+door de uitstraling eener groote landoppervlakte in eene heldere lucht,
+en niet getemperd door warmte-brengende zeestroomen; aan den anderen
+kant is de zomer kort en heet. In den zuidelijken Atlantischen Oceaan
+is de winter niet zoo buitengewoon koud, maar de zomer veel minder
+heet, doordien de bewolkte lucht zelden toelaat, dat de zon den
+oceaan verwarmt, die daarbij een slecht warmtegeleider is; vandaar
+de lage gemiddelde jaarlijksche temperatuur, die de grens van een
+altijddurend bevroren ondergrond bepaalt. Het is duidelijk, dat een
+krachtige plantengroei, welke niet zoozeer warmte als wel bescherming
+tegen hevige koude vereischt, dichter tot deze zone van altijddurende
+bodemvorst zou naderen onder het gelijkmatige klimaat van het zuidelijk
+halfrond, dan onder het zeer strenge der noordelijke vastelanden.
+
+Het feit, dat het lijk van een zeeman volkomen bewaard is gebleven in
+den ijzigen bodem der Zuid-Shetlands-Eilanden (62° tot 63° Z.B.), op
+iets lagere breedte dan waarop Pallas in Siberië het bevroren lichaam
+van een neushoorn ontdekte (64°), is zeer belangwekkend. Ofschoon
+het eene dwaling is--zooals ik in een vroeger hoofdstuk heb pogen
+aan te toonen--te onderstellen, dat de grootere viervoeters een
+weelderigen plantengroei voor hun onderhoud behoeven, is toch het
+vinden op de Zuid-Shetlands-Eilanden van een bevroren ondergrond op
+nog geen 360 mijlen van de met bosschen bedekte eilanden nabij Kaap
+Hoorn--waar, voor zoover de hoeveelheid plantengroei betreft, zeer
+vele groote viervoeters zouden kunnen bestaan--voor de wetenschap van
+gewicht. De volkomen bewaring van de lijken der Siberische olifanten
+en neushorens [223] is stellig een der wonderlijkste feiten in de
+geologie; maar afgezien van de bewering, dat het aangrenzende land
+hen moeilijk van voedsel kon voorzien, geloof ik, dat de geheele
+zaak niet zoo ingewikkeld is als men gemeenlijk denkt. Evenals de
+Pampas, schijnen ook de vlakten van Siberië onder de zee gevormd te
+zijn, waarin rivieren talrijke lijken van dieren uitstortten. Van
+de meeste dezer lijken zijn alleen de geraamten bewaard gebleven,
+maar van anderen het geheele lichaam. Nu is bekend, dat de bodem in
+de ondiepe zee aan de noordkust van Amerika bevriest, [224] en in
+de lente niet zoo spoedig ontdooit als de oppervlakte van het land;
+bovendien kan op grootere diepten, waar de zeebodem niet bevriest,
+de modder enkele voeten onder de bovenlaag zelfs in den zomer onder
+32° F. blijven, gelijk ook aan land met den grond op enkele voeten
+diepte het geval is. Op nog grootere diepten zou de temperatuur van
+modder en water waarschijnlijk niet laag genoeg zijn om het vleesch
+te bewaren, en zouden dus van lijken, die buiten de ondiepe gedeelten
+in de nabijheid eener poolkust naar zee drijven, alleen de geraamten
+bewaard blijven. Nu zijn de beenderen in het hooge noorden van Siberië
+buitengewoon talrijk, [225] zoodat zelfs eilandjes, naar men beweert,
+er bijna geheel uit bestaan; [226] en deze eilandjes liggen niet
+minder dan 10 breedtegraden noordelijk van de plek waar Pallas
+den bevroren neushoren vond. Aan den anderen kant zou een lijk,
+dat door een vloed naar eene ondiepte der Poolzee gespoeld werd,
+voor een onbepaalden tijd bewaard blijven, indien het spoedig daarna
+dik genoeg met modder bedekt was, om het doordringen der warmte van
+het zomerwater te beletten, en die deklaag ook dik genoeg was om,
+als de zeebodem door rijzing in land werd veranderd, te verhinderen
+dat de zomerlucht en zon haar ontdooiden en tot bederf deden overgaan.
+
+Recapitulatie. Ik zal in 't kort de hoofdfeiten herhalen, die op
+het klimaat, de ijswerking en organische voortbrengselen van het
+zuidelijk halfrond betrekking hebben, maar in gedachten het gebied van
+onderzoek naar Europa verplaatsen, waarmee wij zooveel beter bekend
+zijn. Zoo zouden dan bij Lissabon de meest voorkomende schelpdieren,
+nl. drie soorten Oliva, eene Voluta en eene Terebra, een tropisch
+karakter bezitten. In de zuidelijke provinciën van Frankrijk zouden
+prachtige wouden, dicht begroeid met boomgrassen en met woekerplanten
+op de boomen, het land voor het oog verbergen. Puma en jaguar zouden
+in de Pyreneeën zwerven. Op de breedte van den Mont-Blanc, en wel
+op een eiland ergens in 't westen van Europa, zouden boomvarens en
+woekerende orchideeën welig in de dichte bosschen groeien. Zelfs
+zoover noordelijk als Midden-Denemarken zou men kolibries om de fijne
+bloemen zien fladderen en papegaaien voedsel zien zoeken in de altijd
+groene bosschen. Op deze breedte zou de zee ons eene Voluta te zien
+geven, en krachtig ontwikkelde schelpdieren, alle van aanzienlijke
+grootte. Maar op eenige eilanden, slechts 360 mijlen van onze nieuwe
+Kaap Hoorn in Denemarken verwijderd, zou een lijk, dat in den grond
+begraven of naar eene ondiepe zee gedreven en met modder bedekt was,
+in altijddurend bevroren staat bewaard blijven.
+
+Indien een koen zeevaarder noordwaarts van deze eilanden poogde
+door te dringen, zou hij duizendmaal gevaar loopen tusschen
+reusachtige ijsbergen verzeild te geraken, waarvan hij sommige
+met groote rotsblokken beladen zou zien, die zij ver van hunne
+oorspronkelijke ligplaatsen voeren. Een ander groot eiland op de
+breedte van Zuid-Schotland, maar tweemaal zoo ver naar het westen,
+zou "bijna geheel met eenige sneeuw bedekt zijn," en al zijne baaien
+zouden eindigen in ijsklippen, waarvan jaarlijks groote brokken werden
+afgeslagen. Dit eiland zou alleen wat mos, gras en wilde pimpernel
+bezitten, en een veld- of boschleeuwerik zou de eenige landbewoner
+zijn. Van onze nieuwe Kaap Hoorn in Denemarken zou een bergketen, nog
+niet half zoo hoog als de Alpen, in eene rechte lijn zuidwaarts loopen;
+en aan de westzijde zou elke diepe zee-inham of fjord in steile en
+indrukwekkende gletschers eindigen. Deze eenzame waters zouden bij
+herhaling van het nederploffende ijs weergalmen, en telkens zouden
+hooge golven langs hunne kusten rollen. Talrijke ijsbergen, enkele
+zoo groot als domkerken en soms met "niet onbeduidende rotsblokken"
+beladen, zouden op de buiten gelegen eilandjes stranden, en hevige
+aardbevingen nu en dan geweldige ijsmassa's in het water daaronder
+doen storten. Eindelijk zouden eenige zendelingen bij hunne poging
+om een langen zeearm door te varen, talrijke groote ijsstroomen van
+de niet hooge naburige bergen naar de zeekust zien dalen, terwijl
+hun boottocht door de tallooze groote en kleine drijvende ijsbergen
+zou worden belemmerd; en dit zou geschied zijn op onzen 22sten Juni
+op eene breedte waar thans het Meer van Genève ligt! [227]
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XII.
+
+MIDDEN-CHILI.
+
+
+[23 Juli 1834.]
+
+De Beagle ankerde laat in den nacht in de baai van Valparaiso, de
+voornaamste zeehaven van Chili. Toen de morgen aanbrak, kreeg alles een
+verrukkelijk aanzien. Bij Vuurland vergeleken, was het klimaat hier
+bepaald heerlijk. De lucht was zoo droog, de hemel met de stralende
+zon zoo helder en blauw, dat de geheele natuur scheen te tintelen
+van leven. Het gezicht van uit de ankerplaats is zeer mooi. De stad
+is gebouwd aan den voet eener heuvelreeks, saamgesteld uit omtrent
+1600 voet hooge en eenigszins steile bergen. Ten gevolge van hare
+ligging, bestaat zij uit eene lange, verspreid aangelegde straat, die
+evenwijdig loopt met het strand; en waar een ravijn uit het gebergte
+daalt, verheffen de huizen zich aan weerszijden daarvan. De ronde
+heuvels, door een schralen plantengroei slechts gedeeltelijk beschut,
+zijn doorploegd met tallooze kleine geulen, die een eigenaardigen
+lichtrooden grond ontblooten. Hierdoor, en ook door de lage gewitte
+huizen met pannen daken, herinnerde het gezicht mij aan Santa Cruz
+op Tenerife. In noordwestelijke richting zijn eenige fraaie vluchtige
+kijkjes op het Andes-gebergte; maar deze bergen schijnen veel hooger,
+als men hen van de naburige heuvels ziet; de groote afstand, waarop zij
+liggen, laat zich dan gemakkelijk begrijpen. De vulkaan Aconcagua is
+bijzonder indrukwekkend. Dit reusachtige en onregelmatig kegelvormige
+gevaarte heeft eene hoogte, welke die van den Chimborazo overtreft;
+want uit metingen, door de officieren van de Beagle verricht, bleek
+dat zijne hoogte niet minder dan 23.090 voet was. [228] Van dit punt
+bekeken, danken de Andes hunne schoonheid echter grootendeels aan
+den dampkring waardoor zij gezien worden. Het was bewonderenswaardig,
+als de zon in den Stillen Oceaan onderging, te zien hoe helder hunne
+zigzagvormige omtrekken onderscheiden konden worden, en toch hoe
+afwisselend en fijn hunne kleurschakeeringen waren.
+
+Hier had ik het geluk Mr. Richard Corfield te ontmoeten, een oud-vriend
+en schoolmakker, aan wiens gastvrijheid en vriendelijkheid ik veel
+verschuldigd ben, daar hij mij, zoolang de Beagle zich in Chili
+ophield, een hoogst aangenaam logies verschafte. De onmiddellijke
+omgeving van Valparaiso levert voor den natuuronderzoeker niet heel
+veel op. Gedurende den langen zomer blaast de wind voortdurend
+uit het zuiden en op eenigen afstand van het strand, zoodat er
+dan nooit regen valt; maar in de drie wintermaanden regent het
+overvloedig. Dientengevolge is de plantengroei zeer schraal: behalve
+in sommige dalen, zijn er geen boomen; alleen zijn de minder steile
+gedeelten der heuvelreeks hier en daar met wat gras en eenige lage
+struiken begroeid. Zoo wij bedenken, dat 350 mijlen ver naar het zuiden
+de helling van het Andes-gebergte geheel achter een ondoordringbaar
+woud verscholen ligt, is de tegenstelling zeer merkwaardig. Bij het
+verzamelen van voorwerpen op het gebied der natuurlijke historie,
+deed ik vele verre wandelingen. Voor oefening biedt het land eene
+gezochte gelegenheid. Er zijn vele zeer fraaie bloemen; en evenals in
+de meeste andere droge klimaten, bezitten de planten en heesters sterke
+en eigenaardige geuren, die zich zelfs aan de kleêren meedeelden,
+als men tusschen die planten door drong. Er kwam geen einde aan
+mijne verwondering, toen het alle dagen even mooi weer was. Welk een
+verschil maakt het klimaat op ons levensgenot! Hoe geheel anders zijn
+de gewaarwordingen, als men zwarte bergen ziet die half in wolken zijn
+gehuld, of eene bergketen zooals de Andes door den lichtblauwen damp
+van een fraaien dag! Het een moge voor eenigen tijd zeer verheven zijn;
+het andere biedt ons al vroolijkheid en levenslust.
+
+[14 Augustus.]
+
+Dezen dag ondernam ik een tocht te paard, met het doel de
+benedengedeelten van het Andes-gebergte, die slechts in dezen tijd van
+het jaar niet door de wintersneeuw ontoegankelijk zijn, geologisch te
+onderzoeken. Den eersten dag reden wij in noordelijke richting langs
+de kust. Toen het donker was, bereikten wij de Hacienda van Quitero,
+het landgoed dat vroeger aan lord Cochrane [229] behoorde. Het doel
+mijner komst alhier was de groote schelpenlagen te zien, die eenige
+yards boven den zeespiegel liggen en tot kalk verbrand worden. Van
+de rijzing dezer geheele kustlijn bestaan ondubbelzinnige bewijzen;
+ter hoogte van enkele honderden voeten liggen talrijke oud-typische
+schelpen, en ik vond zelfs eenige op 1300 voet. Deze schelpen liggen
+òf los aan de oppervlakte, òf in een roodachtig zwarten plantaardigen
+grond. Bij onderzoek met den microscoop vond ik tot mijne groote
+verrassing, dat deze plantaardige grond werkelijk zeemodder is,
+vol kleine deeltjes van organische lichamen.
+
+[15 Augustus.]
+
+Wij reden naar het Quillota-dal terug. De streek was hoogst
+aangenaam--juist wat de dichters "landelijk" zouden noemen: groene
+open grasvelden, gescheiden door kleine dalen met riviertjes, en op
+de heuvelhellingen hier en daar eenige hutten, waarschijnlijk van de
+schaapherders. Wij waren verplicht den kam van den Chilicauquen over
+te trekken. Aan den voet hiervan stonden vele fraaie, altijd groene
+woudboomen; maar deze bloeiden alleen in de ravijnen, waar stroomend
+water was. Wie alleen het land in de nabijheid van Valparaiso gezien
+had, zou zich nooit hebben voorgesteld dat er zulke schilderachtige
+plekjes in Chili waren. Zoodra wij den rand der Sierra bereikten,
+lag het Quillota-dal vlak onder onze voeten. Het uitzicht was
+merkwaardig om den rijkdom van kweekgewassen. Het dal is zeer breed
+en geheel vlak, zoodat de bevloeiing overal gemakkelijk is. De kleine
+vierkante tuinen bevatten overvloed van oranje- en olijfboomen, en
+alle soorten groenten. Aan alle kanten verrijzen reusachtige naakte
+bergen, die door hunne tegenstelling den bonten aanblik van het dal
+nog aantrekkelijker maken. Wie "Valparaiso" het "Paradijsdal" noemde,
+moet ongetwijfeld aan Quillota hebben gedacht. Wij staken over naar
+de Hacienda de San Isidro, die aan den voet van den Klokberg ligt.
+
+Chili is, gelijk men op de kaarten zien kan, eene smalle strook lands
+tusschen de Cordilleras en den Stillen Oceaan, welke strook op hare
+beurt door talrijke bergreeksen wordt doorsneden, die in dit gedeelte
+evenwijdig loopen met de hoofdketen. Tusschen deze bergketens en
+de groote Cordilleras strekt zich eene reeks vlakke dalkommen, die
+meest met nauwe uitgangen in elkander loopen, tot ver naar het zuiden
+uit. Daarin liggen de voornaamste steden, als San Felipe, Santiago,
+San Fernando en andere. Ik twijfel niet of deze dalkommen of vlakten
+zijn, evenals de horizontale dwarsdalen (bijv. het Quillota-dal)
+die ze met de kust verbinden, de bodems van oude inhammen en diepe
+baaien, van gelijken aard als die welke nu elk deel van Vuurland
+en de westkust doorsnijden. Chili moet in vroegere tijdperken, wat
+de verdeeling van zijn land en water betreft, op laatstgenoemd land
+geleken hebben. Treffend bleek die gelijkenis nu en dan, wanneer een
+vlakke mistbank al de lagere gedeelten van het land als met een mantel
+bedekte. Wanneer de witte damp in de ravijnen kronkelde, bood hij eene
+fraaie voorstelling van kleine kreken en baaien; en een eenzaam hier
+en daar opduikend heuveltje toonde, dat het daar vroeger als eilandje
+gestaan had. De tegenstelling dezer vlakke dalen en dalkommen met de
+onregelmatig gevormde bergen, gaven aan het landschap een kenmerk,
+dat nieuw en zeer belangwekkend voor mij was.
+
+De natuurlijke glooiing dezer vlakten naar den zeekant maakt de
+bevloeiing er van zeer gemakkelijk, en dientengevolge zijn zij
+bijzonder vruchtbaar. Zonder die bewatering zou het land bijna niets
+voortbrengen, want den geheelen zomer door is de lucht onbewolkt. De
+bergen en heuvels zijn hier en daar met struiken en lage boomen
+bedekt; maar dezen uitgezonderd, is de plantengroei zeer arm. Elk
+landeigenaar in het dal bezit een zekere uitgestrektheid heuvelland,
+waar zijn half wild vee in grooten getale rondzwerft om genoegzaam
+gras te vinden. Eens in het jaar is er een groote rodeo, [230] als
+wanneer al het vee naar het dal gedreven, geteld en gemerkt wordt,
+en men een zeker aantal afzondert voor vetmesting in de bevloeide
+velden. Tarwe wordt op ruime schaal gekweekt, benevens zeer veel maïs;
+maar het voornaamste voedingsmiddel van den gewonen arbeider is eene
+soort boon. De boomgaarden brengen een overvloedigen voorraad perziken,
+vijgen en druiven voort. Bij al deze voordeelen moest het den bewoners
+van het land meer voor den wind gaan dan wel het geval is.
+
+[16 Augustus.]
+
+De mayordomo [231] van de hacienda was zoo goed mij een gids en
+versche paarden te geven; en zoo gingen wij des morgens op weg om de
+Campana of Klokberg te bestijgen, die 6400 voet hoog is. De paden
+waren zeer slecht; maar zoowel de geologische gesteldheid van het
+terrein als het landschap zelf beloonden ruimschoots de moeite. Des
+avonds bereikten wij eene bron, Agua del Guanaco genoemd, die op eene
+aanzienlijke hoogte ligt. Deze naam moet van ouden oorsprong zijn,
+want het is zeer vele jaren geleden, dat een guanaco het water uit
+die bron dronk. Gedurende de beklimming merkte ik op, dat aan de
+noordelijke helling niets dan struiken groeiden, aan de zuidelijke,
+echter, een bamboesriet van omstreeks 15 voet hoogte. Op enkele
+plaatsen stonden palmboomen, en met verbazing zag ik er een op eene
+hoogte van minstens 4500 voet. Deze palmen zijn leelijke boomen in
+hunne familie. Hun stam is zeer breed en zonderling gevormd, daar hij
+in het midden dikker is dan aan den voet of top. In sommige gedeelten
+van Chili zijn zij buitengewoon talrijk, en wegens eene soort stroop,
+die uit hun sap gemaakt wordt, gezocht. Op een landgoed bij Petorca
+trachtte men hen te tellen, doch moest dit opgeven, toen men een
+cijfer van vele honderdduizenden bereikt had. Vroeg in de lente (in
+Augustus) worden ieder jaar vele palmen geveld; en als de stam op den
+grond ligt, wordt zijn bladerkroon gesnoeid. Onmiddellijk begint dan
+het sap uit het boveneinde te vloeien, hetgeen eenige maanden lang
+aanhoudt. Men moet echter elken morgen een dun laagje van dat einde
+afschaven, om eene versche oppervlakte te ontblooten. Een goede
+boom zal 90 gallons (ongeveer 409 lit.) geven; en dit alles moet
+in de vaten van den schijnbaar drogen stam gezeten hebben. Naar men
+zegt, vloeit het sap veel sneller op dagen van fellen zonneschijn;
+ook beweert men, dat het volstrekt noodig is zorg te dragen, dat de
+boom bij het omhakken met zijn top naar boven op de helling van den
+heuvel valt; want valt hij de helling af, dan zal er bijna geen sap
+uitvloeien. Oppervlakkig zou men denken, dat in het laatste geval,
+door de zwaartekracht, de werking versterkt in plaats van verzwakt
+zou worden. Door koking wordt het sap verdikt en dan stroop genoemd,
+waarop het in smaak zeer veel gelijkt.
+
+Wij ontzadelden onze paarden bij de bron, en maakten ons gereed den
+nacht door te brengen. Het was eene schoone avond, en de lucht was
+zoo helder, dat de masten der in de baai van Valparaiso voor anker
+liggende schepen duidelijk als kleine zwarte strepen te onderkennen
+waren, hoewel de afstand niet minder dan 26 geographical miles (48.2
+kilom.) bedroeg. Een schip, dat met volle zeilen de landtong omvoer,
+vertoonde zich als een heldere witte stip. Anson [232] laat op zijn
+tocht veel verwondering blijken over den afstand, waarop zijne schepen
+van de kust uit gezien werden; doch hij hield niet voldoende rekening
+met de hoogte van het land en de groote doorschijnendheid der lucht.
+
+Het ondergaan der zon was prachtig. Terwijl de dalen in diepe
+duisternis lagen, vertoonden de besneeuwde Andes-toppen eene
+robijnkleurige tint. Toen het donker was, maakten wij onder een klein
+priëel van bamboes vuur, braadden onze charqui (reepjes gedroogd
+ossevleesch) [233] dronken onze maté, en waren recht op ons gemak. Er
+ligt eene onuitsprekelijke bekoring in zulk een leven in de open
+lucht. De avond was kalm en stil; alleen hoorde men nu en dan het
+schelle geluid van de bergbizcacha, en den zwakken kreet van den
+geitenmelker (Caprimulgus europaeus). [234] Behalve dezen, bewonen
+weinige vogels of zelfs insecten deze droge, verschroeide bergen.
+
+[17 Augustus.]
+
+Des morgens beklommen wij den ruwen klomp groensteen, die den top
+bedekt. Zooals vaak gebeurt, was dit gesteente zeer verbrokkeld en
+lag in groote hoekige stukken verspreid. Ik ontdekte echter eene
+merkwaardige bijzonderheid, nl. dat vele oppervlakken alle graden
+van verschheid vertoonden: sommige steenen schenen den vorigen
+dag gebroken te zijn, op andere hadden zich zoo even korstmossen
+neergezet, of daar reeds lang gegroeid. Ik geloofde zoo stellig,
+dat dit aan de vele aardbevingen moest worden toegeschreven, dat ik
+lust gevoelde van elken lossen stapel weg te loopen. Daar men zich in
+dergelijke feiten zeer licht vergist, twijfelde ik aan de juistheid
+er van, totdat ik den berg Wellington op Van-Diemensland besteeg,
+waar geene aardbevingen voorkomen; en daar zag ik den bergtop even
+zoo samengesteld en verbrokkeld, met dit verschil, dat het scheen of
+alle brokken duizenden jaren geleden zoo waren neergeworpen, als zij
+nu lagen.
+
+Wij brachten den dag op den top door; en nooit smaakte ik zoo volop
+genot als toen. Ik zag Chili, begrensd door de Andes en den Stillen
+Oceaan, als op eene landkaart voor mij. Het genot van dit op zichzelf
+reeds schoone panorama werd verhoogd door de vele beschouwingen,
+die zich aan ons opdrongen bij het zien van de Campana-keten met
+hare kleinere evenwijdig loopende bergreeksen, en van het breede
+Quillota-dal, dat die ketens rechtstreeks snijdt. Wie zou zich
+niet verwonderen over de kracht, die deze bergen heeft opgeheven,
+en meer nog over de tallooze eeuwen, die voor het doorbreken, uit
+den weg ruimen en sloopen van geheele berggevaarten noodig moeten
+geweest zijn? Men denke in dat geval aan de uitgestrekte grint-
+en sedimentaire lagen van Patagonië, die, als zij op de Andes
+werden gestapeld, hunne hoogten met vele duizenden voeten zouden
+vermeerderen. Toen ik in dat land was, verwonderde ik mij, dat eene
+bergketen zulke groote hoeveelheden steen kon hebben geleverd, zonder
+geheel te verdwijnen. Thans moeten wij onze verwondering niet omkeeren,
+en twijfelen of de alvermogende tijd in staat is bergen--zelfs de
+reusachtige Andes--tot grint en modder te vermalen!
+
+Het voorkomen van de Cordilleras was anders dan ik verwacht had. De
+onderste sneeuwgrens was natuurlijk horizontaal, en juist evenwijdig
+met die grens schenen de effen toppen der keten te loopen. Maar op
+enkele ver van elkander gelegen punten wees eene groep bergtoppen of
+een enkele kegel de plaats aan, waar een vulkaan bestaan had of nog
+bestond. Zoodoende geleek de bergketen op een reusachtigen steenen
+muur, waarop hier en daar een toren stond, en die het land op de
+volmaaktste wijze afsloot. In bijna elk deel van den Klokberg waren
+boringen verricht, om te trachten goudgroeven te openen. De delfwoede
+had bijna geen enkele plek in Chili onaangeroerd gelaten.
+
+Ik bracht den avond door zooals te voren, in gesprek met mijne twee
+metgezellen om het wachtvuur. De Guasos van Chili, die overeenkomen
+met de Gauchos van de Pampas, zijn echter een geheel ander slag
+menschen. Van deze twee landen is Chili het beschaafdere, en
+bijgevolg hebben zijne inwoners veel van hun persoonlijk karakter
+verloren. Verschillen in rangen komen veel scherper uit. De Guaso
+beschouwt volstrekt niet elk mensch als zijns gelijke. Zeer verwonderde
+het mij te zien, dat mijne metgezellen niet tegelijk met mij wilden
+eten. Dit gevoel van ongelijkheid is een noodzakelijk gevolg van het
+bestaan eener vermogens-aristocratie. Men zegt, dat zeer enkele van de
+groote landeigenaars vijf- tot tienduizend pond sterling jaarlijksch
+inkomen bezitten: welk verschil in rijkdom, naar ik geloof, in
+geen der verschillende landen ten oosten van de Andes gevonden zal
+worden. Een reiziger vindt hier niet die onbeperkte gastvrijheid,
+welke alle betaling weigert; toch wordt zij zoo vriendelijk aangeboden,
+dat men haar zonder schroom kan aanvaarden. Bijna elk huis in Chili
+zal u des nachts opnemen, doch men verwacht, dat ge des morgens
+eene kleinigheid zult geven; en zelfs een rijk man zal twee of
+drie shillings aannemen. De Gaucho is een "fatsoenlijk man," een
+gentleman, al is hij ook een moordenaar; de Guaso is in vele opzichter
+beter, maar tevens een alledaagsch man uit het volk. Ofschoon beide
+mannen hetzelfde beroep hebben, verschillen zij in hunne gewoonten
+en kleeding; en de eigenaardigheden die elk bezit, zijn in de
+wederzijdsche landen algemeen. De Gaucho schijnt één te zijn met zijn
+paard, en versmaadt alle krachtsinspanning, wanneer hij op den rug van
+het dier zit; den Guaso kan men huren om als arbeider in het veld te
+werken. De eerste leeft geheel van dierlijk voedsel; de laatste bijna
+geheel van planten. Hier zien wij niet de witte laarzen, de wijde
+onderbroek en scharlakenroode chilipa--het schilderachtige kostuum
+der Pampas. Hier wordt de gewone broek door zwart- en groen-sajetten
+slobkousen bedekt. Bij beiden echter is de poncho in gebruik. Bij den
+Guaso zijn het meest de sporen in eere, die overdreven groot zijn. Ik
+mat er een, waarvan het wieltje zes inches middellijn had en aan den
+omtrek meer dan dertig punten telde. De stijgbeugels zijn op gelijke
+schaal, en bestaan elk uit een vierkant gebeiteld stuk hout, dat,
+ofschoon uitgehold, nog drie of vier pounds weegt. De Guaso is met
+den lazo misschien meer bedreven dan de Gaucho, maar de geaardheid
+van zijn land brengt mede, dat hij het gebruik der bolas niet kent.
+
+[18 Augustus.]
+
+Wij daalden den berg af, en gingen voorbij eenige kleine gehuchten
+met riviertjes en fraai geboomte. Nadat wij in dezelfde hacienda
+hadden geslapen als te voren, reden wij op de twee volgende dagen
+het dal in en bereikten zoo Quillota, dat meer een verzameling van
+kweektuinen dan eene stad is. De boomgaarden waren schoon en vertoonden
+eene aaneenschakeling van perzikbloesems. Ook zag ik op een of twee
+plaatsen den dadelpalm. Dit is een statige boom, en ik geloof dat
+eene groep daarvan in hunne oorspronkelijke Aziatische of Afrikaansche
+woestijnen een prachtigen aanblik moet opleveren. Ook reden wij door
+San Felipe, eene aardige uitgebouwde stad, evenals Quillota. Op dit
+punt verwijdt zich het dal tot een dier groote ruimten of vlakten, die
+tot aan den voet der Cordilleras reiken, en, gelijk wij gezegd hebben,
+zulk een merkwaardig deel van het landschap in Chili uitmaken. Des
+avonds bereikten wij de mijnen van Jajuel, gelegen in een ravijn ter
+zijde van de groote keten. Ik bleef hier vijf dagen. Mijn gastheer, de
+hoofdopzichter der mijn, was een schrander maar eenigszins onwetend
+mijnwerker uit Cornwallis. Hij had eene Spaansche vrouw getrouwd en was
+niet van plan naar zijn land terug te keeren; maar zijne bewondering
+voor de mijnen van Cornwallis kende nog steeds geen grenzen. Onder
+vele andere vragen die hij mij deed, was ook deze:
+
+"Nu George Rex dood is, hoeveel blijven er van de familie Rex nog
+in leven?"
+
+Deze "Rex" moet stellig een bloedverwant zijn van den grooten schrijver
+Finis, die alle boeken schreef! [235]
+
+De mijnen van Jajuel zijn kopermijnen, en al het erts verscheept
+men naar Swansea in Glamorganshire (Wallis), waar het gesmolten
+wordt. Zoodoende hebben deze mijnen een bijzonder kalm aanzien,
+vergeleken bij die in Engeland; geen rook, geen ovens of groote
+stoomwerktuigen verstoren de stilte der naburige bergen.
+
+Het Chileensche gouvernement, of liever de oude Spaansche wet moedigt
+op allerlei wijzen het zoeken naar mijnen aan. De ontdekker mag,
+tegen betaling van vijf shillings, eene mijn ontginnen op welken
+grond ook, en mag haar twintig dagen lang zelfs in den tuin van een
+ander beproeven, voordat hij die som betaalt.
+
+Men weet thans, dat de Chileensche manier van mijnontginning
+de goedkoopste is. Mijn gastheer zegt, dat de twee voornaamste
+verbeteringen die de vreemdelingen hebben ingevoerd, geweest zijn:
+1o. reductie van de koperpyrieten door voorafgaande roosting;
+(de Engelsche mijnwerkers zagen namelijk, bij hunne komst in
+Chili, tot hunne groote verbazing, dat dit erts als waardeloos werd
+weggeworpen); 2o. het fijnstampen en wasschen van de slakken uit de
+oude ovens--een proces waardoor een overvloed van metaaldeeltjes
+gewonnen wordt. Inderdaad heb ik eene lading van zulke sintels
+door muilezels naar de kust zien brengen, ter verzending naar
+Engeland. Maar het eerste geval is wel het meest merkwaardige. De
+Chileensche mijnwerkers waren zoo overtuigd, dat koperpyrieten geen
+metaaldeeltjes bevatten, dat zij de Engelschen om hunne onwetendheid
+uitlachten; maar dezen lachten op hunne beurt, en kochten de rijkste
+aderen voor enkele dollars. Het is zeer zonderling, dat in een land
+waar de mijnontginning vele jaren lang op uitgebreide schaal gedreven
+wordt, zulk eene eenvoudige bewerking, als zacht roosten van het
+erts voor de smelting om de zwavel te verwijderen, nooit ontdekt
+is geworden. Ook heeft men in enkele eenvoudige werktuigen eenige
+verbeteringen aangebracht; maar zelfs nu nog wordt uit sommige mijnen
+het water verwijderd door mannen, die het in lederen zakken door de
+schacht naar boven brengen!
+
+De arbeiders werken zeer hard. Er wordt hun weinig tijd voor hunne
+maaltijden gegund; in zomer en winter beginnen zij met het aanbreken
+van den dag, en eindigen als het donker is. Zij worden betaald met
+éen pond sterling 's maands, en hebben bovendien den kost, die bij
+het ontbijt uit zestien vijgen en twee kleine broodjes, bij het
+middagmaal uit gekookte boonen, en bij het avondeten uit kliekjes
+geroosterde tarwekorrels bestaat. Vleesch proeven zij bijna nooit;
+en van de twaalf pond 's jaars moeten zij zich kleeden en hun gezin
+onderhouden. De arbeiders die in de mijn zelve werken, hebben 25
+shillings per maand, en ontvangen een kleine portie charqui. Maar
+deze mannen komen slechts eens in de veertien dagen of drie weken
+uit hunne zwarte onderaardsche verblijven.
+
+Gedurende mijn oponthoud alhier genoot ik volop van het dolen over
+deze reusachtige bergen. De geologische gesteldheid was, zooals men
+denken kan, zeer belangwekkend. De gebroken en samengebakken rotsen
+met hare tallooze doorsnijdingen van groensteen-dijken, getuigden welke
+beroeringen vroeger hadden plaats gehad. Het landschap geleek veel op
+dat bij de Campana in het Quillota-dal: dorre naakte bergen, waarop
+hier en daar wat struikgewas met schraal gebladerte. De cactussen,
+of liever de Opuntia's, waren hier zeer talrijk. Ik mat er een van
+bolvormige gedaante, die zes voet en vier inches in omtrek had,
+de dorens medegerekend. De hoogte der gewone cilindrische vertakte
+soort bedraagt 12 tot 15 voet; en de omtrek der takken met de dorens
+3 en 4 voet.
+
+Een hevige sneeuwval in het gebergte belette mij op de laatste
+twee dagen eenige belangrijke uitstappen te doen. Ik trachtte een
+meer te bereiken, dat de inwoners, om eene of andere onverklaarbare
+reden, voor een zeearm houden. Eens, in een zeer droog jaargetijde,
+stelde men voor eene poging te doen om van daaruit een kanaal voor
+watertoevoer te graven; doch na beraad verklaarde de geestelijke dat
+dit te gevaarlijk was, daar geheel Chili zou onderloopen, indien,
+zooals algemeen ondersteld werd, het meer met den Stillen Oceaan in
+verbinding stond. Wij stegen tot eene aanzienlijke hoogte, maar konden,
+door de samengewaaide sneeuw die ons omringde, dit wonderlijke meer
+niet bereiken, en aanvaardden met eenige moeite den terugtocht. Ik
+dacht, dat wij onze paarden zouden verliezen, want wij konden niet
+nagaan hoe diep de sneeuw was; en de dieren die bij den teugel werden
+geleid, konden niet anders dan springende vooruitkomen. De donkere
+lucht bewees, dat zich nieuwe sneeuwwolken samenpakten, zoodat wij
+niet weinig in onzen schik waren een heenkomen te vinden. Nauwelijks
+bereikten wij den voet, of de bui barstte los, en het was een geluk
+voor ons, dat dit niet drie uren vroeger op den dag gebeurde.
+
+[26 Augustus.]
+
+Wij verlieten Jajuel en reden opnieuw het dal van San Felipe in. Het
+was een echt Chileensche dag: een verblindend lichte hemel, en een
+volkomen heldere lucht. Het dikke en gelijkmatige dek van versch
+gevallen sneeuw maakte het gezicht op den vulkaan Aconcagua en de
+groote keten inderdaad prachtvol. Wij waren nu op weg naar Santiago,
+de hoofdstad van Chili. Wij trokken over de Cerro del Talguen, en
+sliepen in een kleinen rancho. Sprekende over den toestand van Chili
+in vergelijking met andere landen, zeide onze gastheer gelaten:
+
+"Sommige menschen zien met twee oogen, anderen met een; maar ik voor
+mij geloof, dat Chili met geen van beiden ziet."
+
+[27 Augustus.]
+
+Nadat wij een aantal lage bergjes waren overgetrokken, daalden wij
+af in de kleine door land ingesloten Guitron-vlakte. In dalkommen,
+zooals deze, die een- tot tweeduizend voet boven zee liggen, groeien
+zeer talrijke, doch weinig ontwikkelde acacia's, die op grooten
+afstand van elkander staan en tot twee species behooren. Eene andere
+kenmerkende bijzonderheid in het landschap dezer dalkommen is, dat men
+deze boomen nooit nabij de zeekust vindt. Wij trokken over een lagen
+bergrug, welke Guitron scheidt van de groote vlakte waarop Santiago
+ligt. Hier was het uitzicht in hooge mate verrassend: eene doodsche,
+effene vlakte, gedeeltelijk met acacia-bosschen bedekt, en in de
+verte de stad, die horizontaal aan den voet der Andes grensde, welker
+besneeuwde toppen in de avondzon blonken. Bij den eersten aanblik was
+het volkomen duidelijk, dat deze vlakte den bodem eener voormalige
+binnenzee vormde. Zoodra wij op den vlakken weg waren, zetten wij
+onze paarden in galop, en bereikten voordat het donker was de stad.
+
+Ik bleef een week in Santiago en genoot zeer veel. Des morgens reed
+ik naar verschillende plaatsen op de vlakte, en des avonds at ik
+bij verschillende Engelsche kooplieden, wier gastvrijheid te dezer
+stede wel bekend is. Een nooit falende bron van genoegen was het
+afdalen langs den kleinen rotsheuvel Santa Lucia, die midden in de
+stad uitloopt. De streek is inderdaad hoogst verrassend en, zooals ik
+gezegd heb, zeer eigenaardig. Naar men mij bericht, dragen de steden
+in de groote Mexicaansche hoogvlakte hetzelfde kenmerk. Van de stad
+heb ik niets bijzonders te zeggen; zij is niet zoo fraai en groot als
+Buenos Aires, maar volgens hetzelfde plan gebouwd. Ik kwam hier langs
+een omweg naar het noorden, en besloot nu door een eenigszins langeren
+tocht, ten zuiden van den rechten weg, naar Valparaiso terug te keeren.
+
+[5 September.]
+
+Op het midden van den dag kwamen wij aan een der uit huiden
+vervaardigde hangbruggen over de Maypu--eene breede schuimende rivier,
+enkele leagues ten zuiden van Santiago gelegen. Deze bruggen zijn
+zeer ellendig ingericht. De weg, die de kromming der hangtouwen volgt,
+is gemaakt van dicht bij elkander geplaatste bundels takken. Hij was
+vol gaten, en slingerde tamelijk dreigend, zelfs onder het gewicht van
+een man met zijn paard aan den teugel. Des avonds bereikten wij eene
+geriefelijke pachterswoning, waar ik verscheidene zeer lieve segnoritas
+ontmoette. Toen deze vernamen, dat ik louter uit nieuwsgierigheid
+eene harer kerken was binnengegaan, ontstelden zij zeer.
+
+"Waarom wordt u geen christen, segnor Darwin? Onze godsdienst berust
+op zekere grondslagen," zeiden zij mij.
+
+Of ik haar al verzekerde, dat ik eene soort van christen was, wilden
+zij hier niet van hooren en beriepen zich op mijne eigene woorden.
+
+"U zegt immers, dat uwe geestelijken en bisschoppen trouwen, niet
+waar?"
+
+De ongerijmdheid, dat een bisschop eene vrouw had, trof haar
+bijzonder. Ternauwernood wisten zij of zij om zulk eene gruweldaad
+eens hartelijk moesten lachen, dan wel zich ergeren.
+
+[6 September.]
+
+Wij trokken regelrecht zuidwaarts en sliepen te Rancagua. De weg liep
+door eene effen maar smalle vlakte, aan den eenen kant door hooge
+heuvels, aan den anderen kant door de Cordilleras begrensd. Den
+volgenden dag sloegen wij het dal in van de Rio Cachapual, waarin
+de sedert lang om hare geneeskrachtige eigenschappen vermaarde heete
+bronnen van Cauquenes gelegen zijn. In de minder bezochte gedeelten
+worden de hangbruggen gedurende den winter, als de rivieren laag zijn,
+meestal weggenomen. Zulks was ook het geval in de Rio Cachapual-vallei,
+zoodat wij genoodzaakt waren te paard den stroom over te steken. Dit
+is vrij onaangenaam, wijl het schuimende water, dat echter niet diep
+is, zoo snel door het bed van groote, ronde steenen loopt, dat het
+hoofd er van duizelt, en het zelfs moeilijk is te zien of het paard
+voortloopt dan wel stilstaat. Des zomers, als de sneeuw smelt, zijn
+de stroomen geheel ontoegankelijk; hunne kracht en onstuimigheid zijn
+dan buitengewoon groot, gelijk duidelijk te zien was aan de merken,
+die zij hadden achtergelaten. Des avonds bereikten wij de bronnen,
+waar wij vijf dagen bleven--de twee laatste, omdat de hevige regen ons
+terughield. De gebouwen bestaan uit een vierkant van armzalige kleine
+hutten, elk met ééne tafel en een bank. Zij liggen in eene enge en
+diepe vallei even buiten de centrale keten van het Andes-gebergte. Het
+is een rustig, eenzaam plekje met een overvloed van wild natuurschoon.
+
+De minerale bronnen van Cauquenes ontspringen op eene
+dislocatie-spleet, [236] welke door eene groep gelaagde steenen
+loopt. Alles te zamen verraadt de werking van hitte. Eene aanzienlijke
+hoeveelheid gas, vergezeld van water, ontsnapt voortdurend uit
+dezelfde openingen. Ofschoon de bronnen slechts enkele yards van
+elkander liggen, hebben zij zeer verschillende temperaturen; en
+dit schijnt het gevolg te wezen van eene ongelijke bijmenging van
+koud water, want die met de laagste temperatuur hebben bijna geen
+mineralen smaak. Na de vreeselijke aardbeving in 1822 hielden de
+bronnen op te vloeien, en duurde het bijna een jaar voordat het water
+terugkeerde. Ook de aardbeving van 1835 had eene groote uitwerking op
+ze, want hare temperatuur daalde plotseling van 118° tot 92°. [237]
+Er is reden om te onderstellen, dat minerale wateren welke diep uit
+de ingewanden der aarde ontspringen, altijd meer door onderaardsche
+werkingen worden gestoord, dan die nabij de oppervlakte. De man,
+die de bronnen bewaakte, verzekerde mij, dat het water des zomers
+heeter en overvloediger is dan des winters. De eerste omstandigheid
+had ik verwacht op grond van de geringere bijmenging van koud water
+in het droge jaargetijde; maar de laatste verklaring schijnt zeer
+vreemd en tegenstrijdig. De periodieke toeneming in den zomer, als er
+geen regen valt, kan, dunkt mij, alleen door het smelten van de sneeuw
+worden verklaard, ofschoon de bergen, die in dat jaargetijde met sneeuw
+bedekt zijn, drie of vier leagues van de bronnen af liggen. Ik heb geen
+reden om aan de geloofwaardigheid van mijn berichtgever te twijfelen,
+die verscheidene jaren op dezelfde plek heeft gewoond, en met de zaak
+dus wel bekend moet zijn. Is het geval waar, dan is het stellig zeer
+zonderling; want wij mogen aannemen, dat het sneeuwwater, als het door
+de poreuze lagen tot de warme onderaardsche ruimten is doorgedrongen,
+langs de lijn der verzette en ingespoten [238] gesteenten te Cauquenes
+weer naar de oppervlakte wordt gedreven; en de regelmatigheid van
+het verschijnsel zou dan een aanwijzing zijn, dat er in deze streek
+op geen zeer groote diepte gesmolten gesteente voorkwam.
+
+Op zekeren dag reed ik het dal in naar de verst bewoonde plek. Dicht
+voorbij deze plek verdeelt de vallei zich in twee vervaarlijke
+ravijnen, welke diep in de groote bergketen dringen. Ik beklom
+een steilen top van misschien meer dan 6000 voet hoogte. Hier,
+gelijk trouwens op alle punten, ontrolde zich een panorama, dat de
+grootste belangstelling verdiende. Het was door een dezer ravijnen, dat
+Pincheira Chili binnentrok en de naburige landstreek verwoestte. Deze
+is dezelfde persoon, wiens aanval op eene estancia aan de Rio Negro
+ik reeds vroeger (Hoofdstuk IV, deel I) beschreven heb. Hij was een
+gedeserteerde Spaansche kleurling, die eene talrijke bende Indianen
+bijeenbracht, en zich bij eene rivier in de Pampas vestigde. Aan
+geen van de troepen, die uitgezonden waren om hem te zoeken, gelukte
+het zijn schuilplaats te vinden. Van dit punt ging hij op weg, trok
+over de Cordilleras langs passen welke vóor hem door niemand waren
+betreden, verwoestte de pachterswoningen en dreef het vee naar zijn
+schuilhoek. Pincheira was een verbazend ruiter, en hij maakte al zijne
+manschappen even kloek, doordien hij zonder genade elk neerschoot,
+die aarzelde hem te volgen. Het was tegen dezen man en andere zwervende
+Indiaansche stammen, dat Rosas den verdelgingskrijg begon.
+
+
+
+[13 September.]
+
+Wij verlieten de bronnen van Cauquenes, sloegen weder den grooten
+weg in, en sliepen aan de Rio Claro. Van dit punt reden wij naar
+de stad San Fernando. Voordat wij hier aankwamen, had het laatste
+door land ingesloten keteldal zich verruimd tot eene groote vlakte,
+die zich zoover zuidwaarts uitstrekte, dat het was als zag men de
+besneeuwde toppen der meer verwijderde Andes boven den horizon der
+zee liggen. San Fernando ligt 40 leagues van Santiago, en was mijn
+verste punt zuidwaarts, want hier wendden wij ons rechthoekig naar
+de kust. Wij sliepen bij de goudmijnen van Yaquil, geëxploiteerd door
+zekeren Nixon: een welopgevoeden Amerikaan, aan wiens vriendelijkheid
+ik gedurende mijn vierdaagsch verblijf in zijn huis veel verschuldigd
+ben. Den volgenden morgen reden wij naar de mijnen, die eenige leagues
+ver bij den top van een hoogen heuvel zijn gelegen. Onderweg zagen wij
+terloops het Tagua-meer, vermaard om zijne drijvende eilanden, waarvan
+Gay eene beschrijving heeft gegeven. [239] Deze eilanden bestaan uit
+stengels van allerlei doode planten, die zich dooreenslingeren en
+waarop andere levenden wortel schieten. Meestal zijn zij cirkelvormig,
+bij eene dikte van 4 tot 6 voet, waarvan het grootste gedeelte onder
+water ligt. Steekt de wind op, dan drijven zij van den eenen kant
+van het meer naar den anderen, en nemen dikwijls vee en paarden als
+passagiers mede. Toen wij aan de mijn kwamen, stond ik getroffen over
+het bleeke uiterlijk van vele arbeiders. Op mijne vraag aan Nixon hoe
+hunne leefwijze was, vertelde hij mij het volgende. De mijn is 450
+voeten diep, en elk arbeider draagt omstreeks 200 Eng. ponden gewicht
+aan steenen naar boven. Met dezen last moeten zij tegen boomstammen
+opklimmen, welke in eene zigzaglijn in de schacht staan, en waarin
+kruiselings kepen zijn gehakt. Zelfs baardelooze jongelieden, 18
+en 20 jaren oud en met weinig ontwikkelde spieren (ik kon dit zien,
+daar zij slechts een broek aan het naakte lichaam hadden), klimmen
+met dezen zwaren last uit ongeveer dezelfde diepte. Een sterk man,
+die aan dit werk niet gewoon is, baadt reeds in zijn zweet als hij
+niet meer dan zijn eigen lichaam naar boven behoeft te dragen. Bij
+dezen zeer harden arbeid leven zij geheel van gekookte boonen en
+brood. Liever zouden zij alleen brood hebben; maar wijl hun meester
+in den waan is, dat zij van brood alleen zoo hard niet kunnen werken,
+behandelen zij hen als paarden en laten hen boonen eten. Het loon is
+hier iets hooger dan in de mijnen van Jajuel, nl. 24 tot 28 shillings
+per maand. Zij verlaten de mijnen slechts eenmaal in de drie weken,
+en blijven dan twee dagen bij hun gezin. Er bestaat hier een zeer
+krasse maatregel, die voor den opzichter echter van veel nut is. De
+eenige weg om goud te stelen is, dat men stukken erts wegbergt, en,
+zoodra er gelegenheid is, naar buiten brengt. Telkens als de mayordomo
+zulk een verborgen stuk ontdekt, wordt de volle waarde er van op de
+loonen van alle arbeiders verhaald, zoodat deze wel genoodzaakt zijn
+op elkander toezicht te houden, tenzij dat allen samenspannen.
+
+Als het erts naar den molen is gebracht, wordt het tot een uiterst fijn
+poeder vermalen; door wassching verwijdert men de lichtere deeltjes,
+en eindelijk wordt door amalgamatie het stofgoud gebonden. Volgens
+de beschrijving is het wasschen eene zeer eenvoudige bewerking;
+maar het is interessant te zien hoe gemakkelijk het poedervormige
+moedergesteente van het metaal zelf gescheiden wordt, door nauwkeurige
+regeling van den waterstroom naar het soortelijk gewicht van het
+goud. De slib die uit de molens komt, wordt in vijvertjes verzameld,
+waar zij bezinkt; nu en dan wordt zij hieruit verwijderd en op
+een zelfden hoop geworpen. Dan begint eene reeks van scheikundige
+werkingen: verschillende zouten kristalliseeren aan de oppervlakte,
+en de massa wordt hard. Nadat zij een jaar of twee zoo gelegen
+heeft, wordt zij opnieuw gewasschen, en scheidt dan goud af. Deze
+bewerking kan zes- of zevenmaal worden herhaald; maar telkens neemt
+de hoeveelheid goud af, en worden de vereischte tusschentijden
+langer. [240] Er valt niet aan te twijfelen, of de reeds genoemde
+scheikundige werking maakt telkens nieuw goud uit de eene of andere
+verbinding vrij. Het ontdekken van eene methode om zulks vóór het
+eerste vermalen te doen plaats hebben, zou de waarde van goudertsen
+ongetwijfeld vele malen verhoogen. Het is merkwaardig te zien, hoe de
+kleine hier en daar verspreide gouddeeltjes, die niet geheel vergaan
+zijn, zich eindelijk tot eene merkbare hoeveelheid ophoopen. Kort
+geleden kregen eenige mijnarbeiders, die zonder werk waren, verlof
+den grond om het huis en de molens af te schrapen; zij wieschen de
+aldus verkregen aarde, en scheidden zoo voor eene waarde van dertig
+dollars aan goud af. Dit is eene getrouwe kopij van hetgeen in de
+natuur plaats heeft. Bergen zijn onderhevig aan verval en slijten,
+en met hen de metaaladeren, die zij bevatten. Het hardste gesteente
+wordt tot uiterst fijne modder herleid; de gewone metalen oxydeeren,
+en beiden worden weggevoerd. Maar goud, platina en enkele anderen
+zijn bijna onverwoestbaar, zinken door hun gewicht naar den bodem,
+en blijven daar achter. Nadat geheele bergen aldus door de hand der
+natuur vermalen, vergruisd en gewasschen zijn, wordt het overschot
+metaalhoudend, en acht de mensch het de moeite waard het scheidingswerk
+te voltooien.
+
+Al lijkt de bovengenoemde behandeling van de mijnwerkers ook slecht,
+toch wordt het werk gaarne door hen aangenomen, want de toestand der
+veldarbeiders is veel slechter. Hunne loonen zijn lager, en zij leven
+bijna uitsluitend van boonen. Deze armoede moet hoofdzakelijk worden
+toegeschreven aan de leenstelselvormige wijze, waarop het land bebouwd
+wordt. De landeigenaar geeft eene kleine plek gronds aan den arbeider,
+om daarop te bouwen en te kweeken, en heeft daarvoor dagelijks,
+zoolang hij leeft en zonder uitbetaling van loon, het gebruik van
+zijne diensten (of van die van een gevolmachtigde). Zoolang een vader
+geen volwassen zoon heeft, die met zijn arbeid de rente kan betalen,
+is er, behalve op enkele dagen, niemand die voor zijn stuk grond kan
+zorgen. Dientengevolge is de diepste armoede een gewoon verschijnsel
+onder de landbouwersklasse in Chili.
+
+In dezen omtrek bevinden zich eenige oude Indiaansche bouwvallen,
+en liet men mij een van die doorboorde steenen zien, welke, volgens
+Molina, op vele plaatsen in groot aantal worden gevonden. Zij zijn
+cirkelvormig, afgeplat, hebben eene middellijn van vijf tot zes
+inches, en eene opening in het midden. Algemeen heeft men ondersteld,
+dat zij als knoppen van knuppels werden gebruikt, al schijnt hun vorm
+ook geenszins voor dat doel geschikt te wezen. Burchell [241] zegt,
+dat sommige stammen in Zuid-Afrika wortels opgraven met behulp van
+een stok, die aan het eene einde puntig is; een ronde steen met een
+gat in het midden, waarin het andere einde van den stok bevestigd is,
+verhoogt de kracht en het gewicht er van. Men acht het waarschijnlijk,
+dat de Indianen van Chili vroeger een of ander ruw landbouwwerktuig
+in gebruik hadden.
+
+Op zekeren dag kwam er bezoek van een Duitschen verzamelaar in
+natuurlijke historie, Renaus geheeten, en bijna tegelijktijdig van een
+ouden Spaanschen rechtsgeleerde. Met genoegen hoorde ik het gesprek
+aan, dat tusschen hen gevoerd werd. Renaus sprak het Spaansch zoo goed,
+dat de oude advocaat hem voor een Chileen hield. De Duitscher vroeg
+hem, op mij zinspelende, wat hij wel van den koning van Engeland dacht,
+die een geleerde naar Chili zond om hagedissen en kevers te verzamelen,
+en steenen te breken. De oude advocaat dacht eene poos ernstig na,
+en zeide toen:
+
+"Dat is niet goed. Hay un gato encerrado aqui (Hier schuilt wat
+achter). Niemand is zoo rijk, dat hij menschen kan uitzenden om zulke
+prullen te verzamelen. Mij bevalt het niet. Indien een van ons naar
+Engeland ging om zulke dingen te doen, gelooft u dan niet dat de
+koning van Engeland ons heel spoedig uit zijn land zou zetten?"
+
+En die oude rechtsgeleerde behoorde, ambtshalve, tot de beter
+onderrichte en meer beschaafde klasse! Drie of vier jaren geleden liet
+Renaus eenige rupsen in een huis te San Fernando onder bewaking van
+een meisje achter, dat ze zou voeden, opdat zij later in kapellen
+zouden veranderen. Dit werd ruchtbaar in de stad; de gouverneur
+en de geestelijken hielden raad, en meenden dat hier ketterij in
+'t spel moest zijn. Diensvolgens werd Renaus bij zijn terugkeer
+gevangen genomen.
+
+[19 September.]
+
+Wij verlieten Yaquil en volgden de vlakke vallei, waardoor de Rio
+Tinderidica vloeit en van gelijken vorm als het Quillota-dal. Ofschoon
+deze vallei slechts enkele mijlen ten zuiden van Santiago ligt, is
+het klimaat er veel vochtiger, met het gevolg dat er fraaie stukken
+weiland zijn, die niet bevloeid worden. Den 20sten volgden wij deze
+vallei tot waar zij in eene groote vlakte overging, die van de zee
+tot aan het gebergte ten westen van Rancagua reikt. Weldra verdwenen
+alle boomen en zelfs de struiken, zoodat de bewoners bijna evenzeer
+van brandhout verstoken zijn als die van de Pampas. Daar ik nooit
+van deze vlakten gehoord had, stond ik zeer verrast een dergelijk
+landschap in Chili te vinden. De vlakten behooren tot meer dan eene
+reeks met afwisselende hoogten, en worden door breede dalen met vlakke
+bodems doorsneden. Deze beide omstandigheden getuigen, evenals in
+Patagonië, van de werking der zee op langzaam rijzend land. In de
+steile klippen, die deze dalen begrenzen, zijn eenige groote holen,
+die zonder twijfel het eerst door de golven gevormd zijn; een daarvan,
+La Cueva del Obispo of Het Bisschopshol genaamd, is beroemd en was
+voorheen heilig. Dien dag gevoelde ik mij zeer onwel, en met zoodanig
+gevolg, dat ik niet vóór het einde van October hersteld was.
+
+
+
+[22 September.]
+
+Onze tocht leidde voortdurend over groene, boomlooze vlakten. Den
+volgenden dag kwamen wij aan een huis bij Navedad aan de zeekust,
+waar een rijke haciendero ons onderkomen verschafte. Ik bleef hier de
+twee volgende dagen, en besteedde die, ofschoon ik zeer onwel was, aan
+het verzamelen van eenige zeeschelpdieren uit het Tertiaire Tijdvak.
+
+
+
+[24 September.]
+
+Thans was onze koers naar Valparaiso gericht, dat ik den 27sten met
+veel moeite bereikte, en waar ik tot het einde van October aan mijn
+bed gekluisterd bleef. Gedurende dien tijd woonde ik in het huis van
+Corfield, wiens vriendelijkheid jegens mij ik niet genoeg in woorden
+kan uitdrukken.
+
+
+
+Ik zal hier een paar opmerkingen bijvoegen over eenige viervoetige
+dieren en vogels van Chili. De Puma of Zuidamerikaansche Leeuw
+is hier niet zeldzaam. Dit dier heeft eene groote geographische
+verspreiding, en wordt gevonden van af de bosschen aan den evenaar,
+in de woestijnen van Patagonië, tot 53° of 54° zuidelijk in de
+koude en vochtige streken van Vuurland. Ik heb zijn spoor gezien in
+de Cordilleras van Midden-Chili, op eene hoogte van minstens 1000
+voet. In La Plata jaagt de puma voornamelijk op herten, struisvogels,
+bizcacha's en andere kleine viervoeters; zelden valt hij daar vee
+of paarden aan, en hoogst zelden menschen. In Chili doodt hij echter
+vele jonge paarden en runderen, wat waarschijnlijk een gevolg is van
+de schaarschheid aan andere viervoetige dieren; ook hoorde ik, dat
+twee mannen en eene vrouw door deze dieren gedood waren. Men zegt,
+dat de puma zijne prooi altijd doodt, door deze op den schouder te
+springen, en dan met een zijner klauwen het hoofd naar achteren te
+trekken totdat de halswervels breken. In Patagonië heb ik geraamten
+van guanaco's gezien, wier halswervels aldus ontwricht waren.
+
+Als de puma zijn bekomst heeft gegeten, bedekt hij het lijk met
+een aantal groote struiken, en gaat er dan bij liggen waken. Deze
+gewoonte is dikwijls oorzaak dat hij ontdekt wordt; want de condors
+die in de lucht zweven, komen telkens omlaag om hun deel van het maal
+te hebben, worden echter woedend verjaagd en vliegen alle tegelijk
+weer op. De Chileensche Guaso weet dan, dat ergens een leeuw zijne
+prooi bewaakt. De noodige bevelen worden gegeven, en mannen en honden
+snellen ter jacht. Sir F. Head zegt, dat een Gaucho in de Pampas alleen
+bij het zien van eenige condors die kringen in de lucht beschreven,
+uitriep: "Een leeuw!" Mijzelf is het nooit gelukt iemand te ontmoeten,
+die zulk een onderscheidingsvermogen bezat. Men zegt, dat, als een
+puma eenmaal op deze wijze bij het bewaken van een lijk overvallen
+en daarna opgejaagd is geworden, hij nooit die gewoonte meer volgt,
+maar dat hij, na zich zat te hebben gegeten, ver wegloopt. De puma
+wordt gemakkelijk gedood. In eene open of onbegroeide streek wordt hij
+eerst met de bolas gegrepen, dan gelazeerd, en langs den grond gesleept
+totdat hij bewusteloos is. Te Tandeel, in het zuiden van La Plata,
+vertelde men mij, dat daar in drie maanden tijds honderd puma's op
+die manier gedood waren. In Chili worden zij meestal uit struiken of
+boomen verdreven, en dan neergeschoten of door honden doodgebeten. De
+honden die voor deze jacht gebruikt worden, behooren tot een bijzonder
+ras, leonero's [242] geheeten; deze zijn fijne, ranke dieren, evenals
+langbeenige terriers, maar met een aangeboren bijzonder instinct voor
+deze soort van jacht. De puma wordt beschreven als zeer listig; als
+hij vervolgd wordt, keert hij dikwijls op zijn eerste spoor terug,
+doet dan eensklaps een zijsprong in het kreupelhout, en wacht daar
+tot de honden voorbij zijn. Hij is een zeer stil dier, en laat,
+zelfs als hij gewond is, geen geluid hooren, tenzij eene enkele maal
+in den bronsttijd.
+
+Onder de vogels verdienen twee soorten van het geslacht Pteroptochos
+(megapodius en albicollis van Kittlitz) wellicht de meeste aandacht. De
+eerste, die door de Chilenen "el Turco" genoemd wordt, is zoo groot
+als een jeneverbeslijster (Turdus pilaris), waaraan hij ook eenigszins
+verwant is: met dit verschil, dat zijne beenen veel langer, zijn
+staart korter, en de bek sterker zijn. Zijne kleur is roodbruin. De
+Turco is niet zeldzaam. Hij leeft op den grond, verscholen tusschen
+het kreupelhout dat op de droge en dorre heuvels is verspreid. Nu en
+dan kan men hem, met den staart overeind, op zijne steltvormige beenen
+met ongewone vlugheid uit het eene kreupelbosch naar het andere zien
+huppelen. Er is inderdaad weinig verbeelding noodig om te gelooven,
+dat de vogel over zichzelf beschaamd en zich zijne belachelijke
+figuur bewust is. Op het eerste gezicht is men geneigd uit te roepen:
+"Een afschuwelijk opgezet exemplaar is uit het een of ander museum
+ontsnapt en weer levend geworden!" Niet dan met de grootste moeite
+kan men hem dwingen op te vliegen; ook loopt hij niet, maar huppelt
+slechts. De verschillende luide kreten, die hij uit als hij in de
+struiken verborgen zit, zijn even vreemd als zijn voorkomen. Men zegt,
+dat hij in een diep gat onder den grond zijn nest bouwt. Ik ontleedde
+verscheidene exemplaren en vond in de maag, die zeer gespierd was,
+kevers, plantvezels en steentjes. Wegens dit kenteeken, alsook om zijne
+lange beenen, schraapvoeten, vliezig bekleedsel aan de neusgaten,
+en zijne korte gewelfde vleugels, schijnt deze vogel in zekeren zin
+de lijsters met de orde der Hoenders (Rasores) te verbinden.
+
+De tweede soort of Pteroptochos albicollis is, wat den vorm in
+'t algemeen betreft, aan de eerste verwant. Deze vogel draagt den
+naam van Tapacolo: hetgeen beteekent: "bedek je achterdeel;" en dien
+naam verdient de schaamtelooze vogel ten volle, want hij draagt zijn
+staart meer dan rechtop, namelijk in eene richting naar den kop. Hij
+is zeer algemeen, en houdt zich op aan den voet van boomstammen, of
+in de struiken die op de naakte heuvels zijn verspreid, waar bijna
+geen andere vogel leven kan. In zijne gewone voedingswijze, zijn
+snel heen en weer huppelen uit de kreupelbosschen; in zijne zucht om
+zich te verschuilen, zijn onwil om te vluchten, en in de wijze waarop
+hij zijn nest bouwt, bezit hij veel overeenkomst met den Turco; maar
+zijn voorkomen is niet zoo geheel belachelijk. De Tapacolo is zeer
+listig. Als iemand hem schrik aanjaagt, blijft hij onbeweeglijk midden
+in een kreupelboschje zitten, en tracht dan na eene poos heel behendig
+aan den anderen kant weg te sluipen. Ook is hij een bedrijvige vogel,
+die voortdurend geluiden maakt. Deze geluiden zijn verschillend en
+tevens zeer zonderling; sommige gelijken veel op het gekir eener
+duif, andere op het geborrel van water, en vele tarten alle andere
+geluiden. Het landvolk zegt, dat hij vijfmaal in 't jaar zijn geluid
+verandert, hetgeen vermoedelijk met eene verandering van seizoen in
+verband staat. [243]
+
+Twee soorten van kolibries zijn hier inheemsch: Trochilus forficatus
+vindt men over eene uitgestrektheid van 2500 mijlen aan de westkust,
+van af het heete droge land van Lima, tot aan de wouden van Vuurland,
+waar men hen in sneeuwstormen kan zien fladderen. Op het met bosschen
+bedekte eiland Chiloë, dat een uiterst vochtig klimaat heeft en waar
+dit vogeltje links en rechts tusschen de druipende bladeren springt,
+is het misschien talrijker dan bijna elke andere soort. Ik opende de
+magen van een aantal exemplaren, die in verschillende streken van dit
+werelddeel geschoten waren, en vond in alle even talrijke overblijfsels
+van insecten als in de maag van een specht. Als deze species des
+zomers naar het zuiden trekt, wordt zij vervangen door eene andere,
+die uit het noorden komt. Deze tweede soort (Trochilus gigas) is een
+zeer groote vogel in die tengere familie waartoe hij behoort. Als deze
+vogel vliegt, heeft hij een zonderling voorkomen. Evenals andere van
+het geslacht beweegt hij zich van plek tot plek met een snelheid,
+welke te vergelijken is bij die van Syrphus onder de vliegen, en
+van Sphinx onder de nachtvlinders; maar als hij boven een bloem
+fladdert, klapwiekt hij zeer langzaam en krachtig op eene wijze
+geheel verschillend van die trillende beweging, welke aan de meeste
+soorten eigen is en het gonzende geluid voortbrengt. Nooit zag ik
+een anderen vogel, wiens vleugels zoo buitengewoon krachtig schenen
+(evenals bij een kapel) in verhouding tot het lichaamsgewicht. Als
+hij langs eene bloem fladdert, opent en sluit zijn staart zich als een
+waaier, terwijl het lichaam een bijna vertikalen stand behoudt. Deze
+staartbeweging schijnt den vogel tusschen de langzame slagen zijner
+vleugels te steunen en in evenwicht te houden. Ofschoon hij van
+de eene bloem naar de andere vliegt om voedsel te zoeken, bevatte
+zijne maag bij onderzoek meestal talrijke overblijfsels van insecten,
+zoodat ik vermoed dat hij de laatsten veel meer zoekt dan honig. Het
+geluid van deze soort is uiterst doordringend, evenals dat van bijna
+de geheele familie.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XIII.
+
+CHILOË EN DE CHONOS-EILANDEN.
+
+
+[10 November 1834.]
+
+De Beagle zeilde van Valparaiso naar het zuiden, met het doel het
+zuidelijk deel van Chili, het eiland Chiloë, en het gebroken land--de
+Chonos-archipel geheeten--tot aan het schiereiland Tres Montes op
+te meten. Op den 21sten ankerden wij in de baai van San Carlos,
+de hoofdstad van Chiloë. [244]
+
+Het eiland is omtrent 90 mijlen lang, bij eene breedte van iets meer
+dan dertig. Het land is heuvel-, doch niet bergachtig, en is, behalve
+op enkele plekken waar het groen rondom de met stroo gedekte hutten
+is weggekapt, geheel met een groot woud bedekt. Van verre gelijkt de
+aanblik eenigszins op dien van Vuurland; maar van dichterbij gezien
+zijn de bosschen onvergelijkelijk prachtiger. Vele soorten van fraaie,
+altijd groene boomen en planten die een tropisch karakter dragen,
+vervangen hier de donkere, sombere beuken der zuidelijke stranden. In
+den winter is het klimaat afschuwelijk, en des zomers is het maar
+weinig beter. Ik denk, dat er in de gematigde luchtstreken der
+aarde weinige plekken zijn, waar zooveel regen valt. De winden zijn
+zeer onstuimig, en de lucht is bijna altijd bewolkt. Eene week lang
+mooi weder te hebben, is iets wonderlijks. Het is zelfs moeilijk de
+Cordilleras vluchtig te zien. Tijdens ons eerste bezoek vertoonde de
+Vulkaan Osorno op zekeren morgen zijne breede omtrekken. Dit gebeurde
+vóór zonsopgang. Toen eindelijk de zon opging, was het verrassend
+te zien hoe deze omtrekken allengs in het wazige schijnsel van den
+oostelijken hemel verdwenen.
+
+Om hunne gelaatskleur en kleine gestalte schijnen de bewoners voor
+drie vierden Indiaansch bloed in de aderen te hebben. Zij vormen
+een onderdanig, rustig en vlijtig slag van menschen. Ofschoon de
+vruchtbare grond, die uit de verweering der vulkanische gesteenten is
+ontstaan, een weligen plantengroei voortbrengt, is het klimaat toch
+niet gunstig voor een product, dat veel zonneschijn noodig heeft om te
+rijpen. Er is voor de groote viervoetige dieren zeer weinig weiland,
+en dientengevolge zijn de voornaamste voedingsmiddelen: varkens,
+aardappelen en visch. Alle bewoners dragen sterke wollen kleeren,
+die elke familie voor zichzelve vervaardigt en met indigo of eene
+donkerblauwe kleur verft. De kunst staat echter op den laagsten trap,
+gelijk te zien is aan hunne zonderlinge manier van ploegen, hunne
+wijze van spinnen, koren malen, en aan den bouw van hunne booten.
+
+De wouden zijn zoo ondoordringbaar, dat het land nergens bebouwd wordt,
+behalve in de nabijheid der kust en op de naburige eilandjes. Zelfs
+daar waar paden bestaan, zijn deze bijna onbegaanbaar wegens de zachte
+en moerassige gesteldheid van den grond. De bewoners doen, evenals
+die van Vuurland, hunne tochten voornamelijk langs het strand of in
+booten. Ofschoon er overvloed van voedsel is, zijn de lieden zeer arm;
+er is geen vraag naar werk, en bijgevolg kunnen de lagere klassen
+geen geld genoeg bijeengaren om zelfs de kleinste weeldeartikelen te
+koopen. Ook is er groot gebrek aan een circulatie-middel. Ik heb een
+man een zak houtskool op zijn rug zien wegbrengen, om daarvoor een
+kleinigheid te koopen, en een ander eene plank zien wegdragen om die
+tegen eene flesch wijn te ruilen. Elk handelaar moet dus ook koopman
+zijn, en de goederen die hij in ruil neemt, weder verkoopen.
+
+[24 November.]
+
+De jol en de walvischboot werden onder bevel van Mr. (nu kapitein)
+Sulivan uitgezonden, om de oostelijke of binnenkust van Chiloë op
+te meten, en met last om de Beagle aan het zuideinde van het eiland
+te ontmoeten--welk punt zij langs de buitenzijde zouden bereiken,
+om zoodoende het geheele eiland rond te varen. Ik vergezelde deze
+expeditie; maar in plaats van den eersten dag in de booten te gaan,
+huurde ik paarden om mij naar het aan het noordeinde van het eiland
+gelegen Chacao te brengen. De weg liep langs de kust en kruiste
+telkens voorgebergten, die met prachtige wouden waren bedekt. Op
+deze belommerde paden is het volstrekt noodzakelijk den geheelen weg
+met houtblokken te bedekken, die in 't vierkant afgezaagd en naast
+elkander worden gelegd. Doordien de zonnestralen nooit door de altijd
+groene bladeren dringen, is de grond zoo vochtig en week, dat zonder
+die houtbedekking man noch paard over het pad zouden kunnen gaan. Ik
+kwam in het dorp Chacao, kort nadat de bemanning der booten de tenten
+voor den nacht had opgeslagen.
+
+In dezen omtrek was het hout over eene groote uitgestrektheid gekapt,
+en gaf het woud menig rustig en schilderachtig hoekje te zien. Chacao
+was vroeger de voornaamste haven van het eiland; maar toen vele
+schepen door de gevaarlijke stroomingen en klippen in de Straat
+verloren waren gegaan, verbrandde het Spaansche gouvernement de kerk,
+en noodzaakte dus op willekeurige wijze het meerendeel der bewoners
+naar San Carlos te verhuizen. Wij lagen nog niet lang in ons bivouak,
+toen de zoon van den gouverneur op bloote voeten naar omlaag kwam,
+om ons op te nemen. Toen hij de Engelsche vlag aan den top van den
+mast der jol bespeurde, vroeg hij met de grootste onverschilligheid of
+deze soms altijd te Chacao moest wapperen. Op verscheidene plaatsen
+waren de bewoners zeer verwonderd booten van een oorlogsschip te
+zien verschijnen, en hoopten en geloofden, dat dit de voorlooper
+eener Spaansche vloot was, die het eiland op het patriottische
+gouvernement van Chili kwam heroveren. Alle gezaghebbende personen
+waren intusschen van ons voorgenomen bezoek onderricht, en ontvingen
+ons uiterst beleefd. Terwijl wij ons avondeten gebruikten, bracht de
+gouverneur ons een bezoek. Hij was luitenant-kolonel in Spaanschen
+dienst geweest, maar verkeerde nu in de diepste armoede. Hij gaf
+ons twee schapen, en nam in ruil daarvoor twee katoenen zakdoeken,
+eenige koperen sieraden en een weinig tabak.
+
+[25 November.]
+
+Stroomen regen, welke intusschen niet beletten, dat wij snel de
+kust afzakten tot aan Huapi-lenou. Deze geheele oostkust van Chiloë
+heeft hetzelfde aanzien: eene vlakte, welke door valleien gebroken
+en in kleine eilanden verdeeld is--alles met een ontoegankelijk,
+donkergroen woud bedekt. Aan de kanten zijn eenige open ruimten,
+die de hutten met hare hooge daken omringen.
+
+[26 November.]
+
+Bij het aanbreken van den dag was de lucht prachtig helder. De vulkaan
+Osorno wierp wolken rook uit. Deze bij uitstek fraaie berg met zijne
+zuiver kegelvormige gedaante, is geheel met sneeuw bedekt en staat
+tegenover de Cordilleras. Ook een andere groote vulkaan, met een
+zadelvormigen top, spoot uit zijn reusachtigen krater kleine stralen
+stoom omhoog. Vervolgens zagen wij den Corcovado, die den naam van
+"el famoso Corcovado" ten volle verdient, met zijn hoogen top. Zoo
+zagen wij dan van eenzelfde punt drie groote werkende vulkanen,
+elk van omstreeks 7000 voet hoogte.
+
+Behalve deze waren er, ver zuidwaarts, andere hooge met sneeuw
+bedekte toppen, die, ofschoon niet als werkzaam bekend, oorspronkelijk
+vulkanisch moeten geweest zijn. In dezen omtrek is de Andesketen over
+het geheel niet zoo hoog als in Chili; ook schijnt zij niet zulk een
+volkomen scheidsmuur tusschen de aangrenzende gewesten der aarde te
+vormen. Hoewel deze groote keten in eene rechte lijn van noord naar
+zuid loopt, scheen zij, ten gevolge van een gezichtsbedrog, altijd min
+of meer gebogen. Dit bedrog vond zijn oorzaak in de convergentie der
+lijnen, die van de verschillende toppen naar het oog des waarnemers
+werden getrokken, evenals de stralen van een halven cirkel in zijn
+middelpunt convergeeren; en wegens de helderheid van den dampkring
+en de afwezigheid van alle tusschenliggende voorwerpen, was het niet
+mogelijk over den afstand der verst verwijderde toppen te oordeelen:
+zij schenen in een eenigszins afgeplatten cirkel te staan.
+
+Toen wij des middags aan land gingen, zagen wij een gezin van
+zuiver Indiaansch bloed. De vader vertoonde eene zonderlinge
+gelijkenis met York Minster, en enkele van de jongere knapen met
+hunne roodachtige gelaatskleur hadden voor Pampas-Indianen kunnen
+doorgaan. Na al wat ik gezien heb, houd ik mij overtuigd, dat tusschen
+de verschillende Indiaansche stammen eene nauwe verwantschap bestaat,
+niettegenstaande zij verschillende talen spreken. Dit gezelschap kon
+maar weinig Spaansch voor den dag brengen, en sprak onder elkander
+zijne eigene taal. Het is aardig de inboorlingen tot denzelfden trap
+van beschaving gestegen te zien--hoe laag deze ook zij--als die welken
+hunne overwinnaars bereikt hebben. Meer naar het zuiden zagen wij vele
+echte Indianen. Werkelijk hebben op sommige eilandjes al de bewoners
+hunne Indiaansche bijnamen behouden. Volgens den census van 1832 wonen
+op Chiloë en onderhoorigheden 42000 zielen. Het meerendeel daarvan
+schijnt van gemengd bloed te zijn; elf duizend hebben hunne Indiaansche
+bijnamen behouden, maar het is niet waarschijnlijk, dat deze juist
+allen van zuiveren bloede zijn. Hunne leefwijze is dezelfde als die
+van de andere arme bewoners. Ofschoon allen christenen zijn, beweert
+men, dat zij nog enkele vreemde bijgeloovige ceremoniën bezitten, en
+volgens eigen verklaring met den duivel in gemeenschap staan, die in
+sommige holen verborgen is. Voorheen zond men elk, die van deze zonde
+overtuigd werd, naar de Inquisitie te Lima. Vele bewoners, die niet
+onder de elf duizend met Indiaansche bijnamen begrepen zijn, kunnen
+naar het uiterlijk niet van Indianen onderscheiden worden. Gomez,
+de gouverneur van Lemuy, stamt aan beide zijden van Spaansche edelen
+af; maar door voortdurend gemengde huwelijken met inboorlingen is de
+tegenwoordige afstammeling een Indiaan. Aan den anderen kant pocht
+de gouverneur van Quinchao zeer op zijn zuiver gehouden Spaansch bloed.
+
+Des nachts bereikten wij eene fraaie kleine kreek in het noorden
+van het eiland Caucahue. De menschen klaagden hier over gebrek aan
+land. Gedeeltelijk is dit te wijten aan hunne eigen nalatigheid in
+het sloopen van bosschen, anderdeels aan drukkende bepalingen van het
+gouvernement, hetwelk eischt om vóór den aankoop van een stuk land,
+hoe klein ook, twee shillings aan den opzichter te betalen voor elken
+gemeten cuadro (150 vierk. yards), [245] behalve den prijs dien hij
+voor de waarde van het land verkiest te stellen. Na zijne schatting,
+moet het land driemaal in veiling worden gebracht, en zoo niemand meer
+biedt, kan de kooper het voor dien prijs krijgen. Al deze afpersingen
+moeten een ernstige hinderpaal zijn voor het ontbosschen van een land,
+waar de bewoners zoo uitermate arm zijn. In de meeste landen worden
+de wouden zonder veel moeite door middel van vuur gesloopt; maar op
+Chiloë is het wegens de vochtige gesteldheid van het klimaat en de
+soort boomen noodig hen eerst te kappen. Dit is een gevoelig nadeel
+voor de welvaart van Chiloë. In den Spaanschen tijd konden de Indianen
+geen land in bezit krijgen, en kon een gezin, na een stuk grond te
+hebben ontboscht, verdreven worden met verbeurdverklaring van zijne
+goederen door het gouvernement. De Chileensche autoriteiten verrichten
+thans eene daad van rechtvaardigheid, door deze arme Indianen voor
+hun verlies schadeloos te stellen en elk man, overeenkomstig zijn
+stand, een zekere hoeveelheid land te geven. De waarde van niet
+ontboschte gronden is zeer gering. Het gouvernement gaf aan Douglas
+(den tegenwoordigen opzichter, die mij deze bijzonderheden mededeelde)
+8 1/2 vierkante mijl bosch in de nabijheid van San Carlos, in ruil
+voor eene schuld; en dezen grond verkocht hij voor 350 dollars of
+ongeveer 70 pond sterling.
+
+Op de twee volgende dagen was het fraai weder, en bereikten wij des
+avonds het eiland Quinchao. Deze buurtschap is het meest bebouwde
+gedeelte van den archipel; want eene breede strook lands op de
+kust van het hoofdeiland, alsmede op vele aangrenzende kleinere
+zijn bijna geheel van bosch bevrijd. Sommige pachthoeven schenen
+zeer welvarend. Benieuwd hoe rijk zoo'n pachter hier wel zijn zou,
+vroeg ik Douglas daarnaar; maar deze zeide, dat geen van deze lieden
+geacht kon worden een geregeld inkomen te bezitten. Een van de rijkste
+landeigenaars zou mogelijk in een lang, werkzaam leven een 1000 pond
+sterling kunnen bijeenbrengen; maar mocht dit gebeuren, dan zou toch
+al het geld in een geheimen hoek verborgen worden, want bijna elk
+gezin is gewoon zijne schatten in eene kruik of kist onder den grond
+te begraven.
+
+[30 November.]
+
+Zondagmorgen vroeg bereikten wij Castro, de oude hoofdstad van Chiloë,
+thans echter eene zeer ellendige en verlaten plaats. De gewone
+vierhoekige aanleg der Spaansche steden kon hier duidelijk worden
+waargenomen, maar de straten waren met een fraai groen grastapijt
+bedekt, waarop schapen graasden. De kerk, welke in het midden
+staat, is geheel van planken gebouwd en heeft een schilderachtig en
+eerwaardig voorkomen. De armoede der plaats kan worden opgemaakt
+uit het feit, dat hoewel zij nog een honderdtal inwoners bevatte,
+een van ons gezelschap nergens een pond suiker of een gewoon mes
+kon koopen. Niemand bezat hier een horloge of klok; en een oud man,
+die voor een goed tijdkenner doorging, werd gebruikt om op den gis
+de kerkklok te luiden. De komst van onze booten was eene zeldzame
+gebeurtenis in dezen stillen, afgelegen hoek der wereld; en bijna
+alle bewoners kwamen naar het strand, om ons onze tenten te zien
+opslaan. Zij waren zeer beleefd en boden ons een huis aan; één man
+stuurde ons zelfs een vat appeldrank ten geschenke. In den namiddag
+gingen wij den gouverneur een bezoek brengen--een kalm oud man,
+die in zijn uiterlijk en leefwijs bijna niet boven een Engelschen
+hutbewoner stond. Des avonds viel er een hevige regen, maar deze was
+ternauwernood in staat den grooten kring van nieuwsgierigen om onze
+tenten te verjagen. Een Indiaansch gezin, dat in eene kano van Caylen
+gekomen was om handel te drijven, kampeerde in onze nabijheid. Zoolang
+het regende, hadden deze lieden geene beschutting. Des morgens vroeg
+ik aan een jongen Indiaan, die tot op de huid toe nat was, hoe hij
+den nacht had doorgebracht. Hij scheen volkomen met zijn lot tevreden
+en antwoordde: "Muy bien, segnor." (Zeer goed, mijnheer).
+
+[1 December.]
+
+Wij stevenden naar het eiland Lemuy. Ik was verlangend eene
+steenkolenmijn te onderzoeken, waarvan men mij verteld had, maar die
+een bruinkolenlaag bleek te zijn in den zandsteen (waarschijnlijk
+van een oud tertiair tijdvak), waaruit deze eilanden bestaan. Toen
+wij Lemuy bereikten, kostte het ons veel moeite eene plek te vinden
+om onze tenten op te slaan; want het was springtij, en het land was
+tot aan den rand van het water met bosch bedekt. In korten tijd waren
+wij omringd door een grooten troep lieden van bijna echt Indiaansch
+ras. Zij waren zeer verwonderd over onze komst, en zeiden tot elkander:
+
+"Dit is de reden waarom wij onlangs zooveel papegaaien hebben gezien;
+de cheucau (een zonderlinge kleine vogel met roode borst, die het
+dichte woud bewoont en zeer eigenaardige geluiden voortbrengt) heeft
+niet zonder reden "pas op" geschreeuwd." [246]
+
+Spoedig kregen zij zin om te ruilen. Geld was bijna niets waard,
+maar hunne begeerte naar tabak was iets zeer buitengewoons. Na den
+tabak, had indigo de meeste waarde; dan volgden Spaansche peper,
+oude kleeren en kruit. Het laatste artikel was noodig voor een zeer
+onschuldig doel. Elk kerspel had namelijk een eigen snaphaan, en nu
+diende het kruit om op heilige of feestdagen rumoer te maken.
+
+De menschen leven hier voornamelijk van schaaldieren en aardappelen. In
+sommige tijden van het jaar vangen zij ook veel visch in corrales
+(heggen of omheiningen onder water), die bij vallend tij op de
+modderbanken is achtergebleven. Nu en dan houden zij kippen, schapen,
+geiten, varkens, paarden en rundvee; de volgorde waarin zij hier
+genoemd worden, drukt de getalverhouding uit. Nooit zag ik zulke
+voorkomende en onderdanige manieren als bij deze lieden. Meestal
+begonnen zij met te verklaren, dat zij arme inboorlingen van de plaats
+en geen Spanjaarden waren, en dat zij schromelijk gebrek hadden aan
+tabak en andere versnaperingen of gemakken. Op Caylen, het meest
+zuidelijke eiland, kochten onze zeelieden voor een handvol tabak ter
+waarde van drie halve pences, twee hoenders, waarvan een (zoo beweerde
+de Indiaan) een vlies tusschen de teenen had, en die een fraaie eend
+bleek te zijn; en voor eenige katoenen zakdoeken ter waarde van drie
+shillings, werden drie schapen en een groote rist uien gekocht. De
+jol werd hier op eenigen afstand van het strand voor anker gelegd,
+daar wij bevreesd waren voor dieven gedurende den nacht. Om dezelfde
+reden zeide onze stuurman, Douglas, aan den commandant der plaats,
+dat wij altijd schildwachten met geladen geweren op post zetten, en
+dat wij, geen Spaansch kennende, zoodra wij iemand in het duister zagen
+rondsluipen, onverbiddelijk op hem zouden schieten. Op zeer onderdanige
+wijze keurde de commandant de billijkheid van dezen maatregel goed,
+en beloofde ons, dat niemand dien nacht uit zijn huis zou komen.
+
+Gedurende de vier volgende dagen zeilden wij voortdurend
+zuidwaarts. Over het geheel behield het land hetzelfde aanzien,
+doch was veel minder dicht bewoond. Op het groote eiland Tanqui was
+bijna geen enkele open plek, en strekten de boomen hunne takken
+aan alle zijden boven het strand uit. Op zekeren dag bespeurde
+ik op de zandsteenklippen eenige zeer fraaie planten van de panque
+(Gunnera scabra), welke eenigszins op eene reusachtige rhabarberplant
+gelijkt. De inwoners eten de stengels, die een zuurachtigen smaak
+bezitten, looien het leder met de wortels, en bereiden eene zwarte
+verf daaruit. Het blad is bijna cirkelvormig, maar aan den rand van
+diepe insnijdingen of tanden voorzien. Ik mat er een, dat bijna acht
+voet in middellijn was, en dus niet minder dan 24 voet in omtrek. De
+stengel is iets meer dan een yard hoog, en elke plant spreidt vier of
+vijf van deze reusachtige bladeren uit, die te zamen een prachtigen
+aanblik opleveren. [247]
+
+[6 December.]
+
+Wij bereikten Caylen, dat el fin del Cristiandad genoemd wordt. Des
+morgens vertoefden wij eenige minuten in een huis aan het noordeinde
+van Laylec--een zeer armzalig gehucht, dat den uitersten zetel
+vormde van het Zuidamerikaansche christendom. Het lag op 43°10' Z.B.,
+derhalve twee graden zuidelijker dan de Rio Negro aan de Atlantische
+kust. Deze afgezonderde christenen waren zeer arm, en bedelden onder
+verontschuldiging van hun toestand om wat tabak. Als bewijs van
+de armoede dezer Indianen wil ik vermelden, dat wij kort te voren
+een man hadden ontmoet, die drie en een halven dag geloopen had (en
+denzelfden weg terug moest), om den geringen prijs van een bijltje en
+eenigen visch te ontvangen. Als men zich zooveel inspanning getroost
+om zulk eene kleine schuld te beuren, hoe moeilijk moet het dan zijn
+om het kleinste artikel te koopen!
+
+Des avonds bereikten wij het eiland San Pedro, waar wij de Beagle
+voor anker vonden. Bij het omvaren van de landpunt, gingen twee
+onzer officieren aan wal om met den theodoliet eene reeks hoeken
+te meten. Een vos (Canis fulvipes), tot eene soort behoorende welke
+uitsluitend op dit eiland voorkomt, hier zeer zeldzaam is en als eene
+nieuwe species moet worden aangezien, zat op de rotsen. Hij zat zoo
+aandachtig en verdiept naar het werk der officieren te kijken, dat
+ik hem in stilte van achteren kon naderen en met mijn geologischen
+hamer op den kop kon slaan. Deze vos, die meer nieuwsgierig of
+wetenschappelijk, doch minder wijs was dan zijne broeders in het
+algemeen, staat nu opgezet in het Museum van de Zoological Society.
+
+Wij bleven drie dagen in deze haven. Op een daarvan poogde kapitein
+Fitz-Roy met een gezelschap den top van San Pedro te bereiken. De
+bosschen hadden hier een eenigszins ander aanzien dan die op het
+noordelijk deel van het eiland. Ook het gesteente verschilde en
+bestond uit glimmerschiefer. Er was geen strand, en de steile rotsen
+daalden bijna loodrecht in het water. Dientengevolge was het voorkomen
+over 't geheel meer dat van Vuurland dan van Chiloë. Vruchteloos
+trachtten wij den top te bereiken; het woud was zoo ondoordringbaar,
+dat niemand die dit niet gezien heeft, zich zulk eene verwarde massa
+van stervende en doode stammen kan voorstellen. Ik ben er zeker van,
+dat onze voeten dikwijls langer dan tien minuten achtereen den grond
+niet raakten, en menigmaal waren wij tien tot vijftien voeten er
+boven, zoodat onze zeelieden voor den grap de peilingen afriepen. Op
+andere keeren kropen wij achter elkander op handen en voeten onder
+de verrotte stammen door. Op het lagere gedeelte van den berg zag
+men statige boomen van den Drymis Winteri, eene soort laurierboomen
+evenals de sassafras met welriekende bladeren, en ook andere waarvan
+ik de namen niet ken, door een kruipenden bamboes- of rietstengel
+ontvlochten. [248] Hier geleken wij meer op visschen die in een
+net spartelden, dan op menschen. Op de hoogere gedeelten maken de
+grootere boomen plaats voor kreupelhout, met hier en daar een rooden
+ceder-, een lorke- of een pijnboom. Ook vond ik tot mijn genoegen,
+onzen ouden vriend, den zuidelijken beuk. Het waren echter schrale,
+weinig ontwikkelde boomen en ik onderstel dat hier hunne noordelijke
+grens moet zijn. Eindelijk gaven wij, wanhopig, de poging op.
+
+[10 December.]
+
+De jol en de walvischboot, onder leiding van Sulivan, zetten de
+opmeting voort, terwijl ik aan boord bleef van de Beagle, die den
+volgenden morgen San Pedro verliet en koers zette naar het zuiden. Op
+den 13den liepen wij snel eene opening binnen in het zuidelijk deel
+van den Guaitecas- en Chonos-archipel; en het was gelukkig, dat
+wij dit deden, want den volgenden dag woedde er een storm, Vuurland
+waardig, met groote kracht. Aan den donkerblauwen hemel pakten zich
+witte wolkgevaarten samen, te midden waarvan zwarte dampstroomen met
+snelheid werden voortgedreven. De opvolgende bergketenen geleken
+op zwarte schaduwen; en de ondergaande zon wierp op het boschland
+een gelen glans, die veel overeenkwam met het schijnsel van een
+wijngeestvlam. Het water zag wit van het vliegende schuim, en de wind
+huilde en gierde opnieuw door het want. Het was een onheilspellend,
+grootsch schouwspel. Gedurende enkele minuten vertoonde zich een
+heldere regenboog; en nu nam men het zeldzame verschijnsel waar, dat
+de gewone halve cirkel, door breking en terugkaatsing van het licht
+op het schuim dat over de oppervlakte van het water werd gedreven,
+in een geheelen veranderde--eene voortzetting van den prismatischen
+kleurenband, die zich van de uiteinden van den gewonen boog, over de
+baai heen, tot dicht bij de zijde van het schip uitstrekte, en aldus
+een verwrongen, maar bijna volledigen ring vormde.
+
+Wij bleven hier drie dagen. Het slechte weder hield aan; maar wijl de
+oppervlakte van het land op al deze eilanden nagenoeg ontoegankelijk
+is, deed dat weinig ter zake. De kust is zoo ruw, zoo oneffen, dat
+wie daar langs poogt te wandelen, genoodzaakt is voortdurend over
+de scherpe rotsen van glimmerschiefer op en neer te klauteren. En
+wat de bosschen betrof--onze aangezichten, handen en scheenbeenderen
+droegen de sporen van de mishandeling, die wij bij de minste poging
+om in hunne verboden schuilhoeken door te dringen, ondervonden.
+
+[18 December.]
+
+Wij bleven voortdurend op zee. Den 20sten zeiden wij het zuiden
+vaarwel, en wendden bij een gunstigen wind den boeg van het schip
+noordwaarts. Van kaap Tres Montes af zeilden wij voorspoedig langs
+de hooge verweerde kust, die met de steile omtrekken van hare bergen
+en het dichte woudtapijt op hare bijna loodrechte rotswanden, een
+merkwaardigen aanblik oplevert. Den volgenden dag werd eene haven
+ontdekt, welke op deze gevaarlijke kust voor een schip in nood van
+grooten dienst zou kunnen zijn. Zij is gemakkelijk te herkennen
+aan een 1600 voet hoogen berg, van eene nog zuiverder kegelvormige
+gedaante dan het vermaarde suikerbrood bij Rio de Janeiro. Den
+volgenden dag gingen wij voor anker, en slaagde ik er in den top
+van dezen berg te bereiken. Het was eene vermoeiende onderneming,
+want de hellingen waren zóó steil, dat op sommige plaatsen de boomen
+als ladders gebruikt moesten worden. Hier waren ook verscheidene
+uitgestrekte kreupelboschjes van de Fuchsia, met hare fraaie hangende
+bloemen bedekt, maar zeer moeilijk om door te kruipen. In deze woeste
+streken is het een groot genot den top van een berg te bereiken. Men
+wordt gedreven door eene onbestemde verwachting iets zeer vreemds te
+zullen zien; en hoe dikwijls ook teleurgesteld, liet die verwachting
+nooit na mij bij elke poging opnieuw te streelen. Ieder moet dat
+triomfantelijke gevoel van trots kennen, hetwelk een grootsch uitzicht
+van een hoog gelegen punt aan onze ziel verschaft. In deze weinig
+bezochte oorden paart zich aan dat gevoel ook eene zekere ijdelheid,
+dat men misschien de eerste mensch is, die ooit op dezen top stond
+of dit panorama bewonderde.
+
+Altijd gevoelt men een sterk verlangen om zich te vergewissen of eene
+eenzaam gelegen plek reeds vroeger door een mensch bezocht is. Een
+stukje hout met een spijker er in wordt opgeraapt en bestudeerd,
+alsof het met hiëroglyphen bedekt was. Door dit gevoelen beheerscht,
+vond ik met veel belangstelling op een woest gedeelte der kust, onder
+een rotsrand, een leger of bed van gras. Dicht daarbij had een vuur
+gebrand en had een mensch een bijl gebruikt. Zoowel het vuur, het
+grasbed, als de plek zelve getuigden van Indiaansche slimheid. Toch
+kon het moeilijk een Indiaan geweest zijn; want ten gevolge van
+den wensen der katholieken om de Indianen met één slag christenen of
+slaven te maken, was het ras op dit gedeelte der kust uitgestorven. Ik
+had destijds een duister vermoeden, dat de eenzame man die op deze
+onherbergzame plek zijn leger had gespreid, een arme schipbreukeling
+moest geweest zijn, die bij eene poging om de kust langs te gaan,
+zich hier had nedergelegd om den barren nacht door te brengen.
+
+[28 December.]
+
+Gestadig bleef het weder zeer slecht; maar eindelijk stelde het ons in
+staat met de opmeting voort te gaan. De tijd duurde ons bijster lang,
+zooals steeds het geval was, wanneer wij door voortdurende windvlagen
+van den eenen dag in den anderen werden opgehouden. Des avonds werd
+eene andere haven ontdekt, waar wij ankerden. Terstond daarop zagen
+wij een man met zijn hand zwaaien, en werd eene boot uitgezonden,
+die twee zeelieden medebracht. Zij behoorden tot een troepje van zes
+man, die in eene boot van een Amerikaansch walvischvaartuig ontvlucht,
+iets verder zuidwaarts waren geland, alwaar de boot kort daarop door
+de branding in stukken was geslagen. Toen hadden zij vijftien maanden
+lang de kust op en neer geloopen, zonder te weten waarheen, noch waar
+zij zich bevonden. Welk een wonderlijk buitenkansje, dat deze haven
+ontdekt werd! Zonder dit toeval, hadden zij kunnen zwerven totdat
+zij oud waren geworden, om ten slotte op deze onherbergzame kust hun
+graf te vinden! Hun lijden was zeer groot geweest, en een van den
+troep had door een val van de rotsen het leven verloren. Soms waren
+zij genoodzaakt geweest elkander te verlaten om voedsel te zoeken;
+en dit verklaarde het grasleger van den eenzamen zwerver. Zoo ik in
+aanmerking neem al de ellende die deze mannen hadden doorgestaan,
+dan meen ik te mogen zeggen, dat zij goed rekening gehouden hadden
+met den tijd, want zij waren slechts vier dagen ten achteren.
+
+[30 December.]
+
+Wij ankerden in eene kleine verborgen kreek aan den voet van eenige
+hooge heuvels, nabij de uiterste noordpunt van Tres Montes. Den
+volgenden morgen, na het ontbijt, beklom ik met anderen een van deze
+bergen, welke eene hoogte had van 2400 voet. Hier vertoonde zich een
+ongewoon schouwspel. Het hoofdgedeelte van de keten bestond uit hechte,
+steile, indrukwekkende granietmassa's, die er uitzagen alsof zij
+van het begin der wereld af bestaan hadden. Het graniet was overdekt
+met glimmerschiefer, dat in den loop der eeuwen door atmospherische
+invloeden tot grillige, vingervormige spitsen was afgesleten. Deze
+twee formaties, ofschoon verschillend in omtrekken, hebben dit
+gemeen, dat zij bijna geheel van plantengroei zijn verstoken. Dit
+kale voorkomen maakte op ons, zoo lang gewoon aan het gezicht van
+een bijna onafgebroken woud van donkergroene boomen, een vreemden
+indruk. Het onderzoek naar de structuur dezer bergen verschafte mij
+veel genot. De samengestelde en hooge ketens droegen een grootschen
+stempel van duurzaamheid, die echter voor den mensch en ook voor alle
+dieren nutteloos was. Voor den geoloog is graniet klassieke grond:
+om zijne uitgebreide grenzen, zijne fraaie en dichte structuur is onze
+kennis daarvan zoo oud, dat het hierin door slechts weinige gesteenten
+wordt overtroffen. Graniet heeft wellicht tot meer geschilvoeringen
+aanleiding gegeven, wat zijn ontstaan betreft, dan alle andere
+formaties. Wij zien het in 't algemeen het fundamentale gesteente
+samenstellen, en kennen het--hoe ook gevormd--als de diepste laag
+in de aardkorst, waartoe de mensch is doorgedrongen. De grens der
+menschelijke kennis aangaande eenig onderwerp is van groot belang,
+te grooter, misschien, wegens de korte schrede tusschen die kennis
+en het rijk der verbeelding.
+
+
+
+[1 Januari 1835.]
+
+Het nieuwe jaar is ingeleid met de ceremoniën, welke in deze
+streken bij zulk eene gelegenheid passen. Het spiegelt ons geene
+bedriegelijke verwachtingen voor: een hevige storm uit het noordwesten
+met aanhoudenden regen kondigt het nieuwe jaar aan. Gode zij dank,
+zijn wij niet bestemd om hier het einde er van te zien, maar hopen
+dan in den Stillen Oceaan te zijn, waar een blauwe lucht ons zegt,
+dat er een hemel is--iets aan gene zijde der wolken boven ons hoofd.
+
+De noordwestenwinden, die op de vier volgende dagen heerschten,
+gebruikten wij alléen om eene groote baai over te steken, en vervolgens
+in eene andere veilige haven te ankeren. Ik vergezelde den kapitein in
+eene boot naar het boveneinde eener diepe kreek. Het aantal robben, die
+wij onderweg zagen, was inderdaad verbazend; elk plekje vlakke rots,
+alle deelen van het strand waren met hen bedekt. Zij schenen goedig van
+aard te zijn, en lagen, evenals varkens, in diepen slaap tegen elkander
+gedrukt, maar te midden van zooveel vuil en stank, dat zelfs varkens
+zich daarvoor geschaamd zouden hebben. Elke troep werd geduldig,
+maar onheilspellend bespied door de oogen van den kalkoenschen
+buizerd. Deze weerzinwekkende vogel met zijn naakten, scharlakenrooden
+kop, die gevormd schijnt om in rottende zelfstandigheden te wroeten,
+is aan de westkust algemeen, en hunne tegenwoordigheid bij de robben
+getuigt waarop zij rekenen om zich te voeden.
+
+Wij vonden het water (waarschijnlijk alléén dat van de oppervlakte)
+bijna zoet. Dit werd veroorzaakt door het aantal stroomen, die in den
+vorm van watervallen over de naakte granietbergen in zee stortten. Het
+zoete water trekt de visschen aan, en deze trekken op hunne beurt eene
+menigte zeezwaluwen, zeemeeuwen en twee soorten van zeeraven. Ook
+zagen wij een paar fraaie zwanen met zwarte halzen, en verscheidene
+kleine zeeotters, wier pels zoozeer op prijs wordt gehouden. Bij
+onzen terugkeer, werden wij nogmaals aangenaam bezig gehouden door de
+talrijke robben, oude en jonge, die op onstuimige wijze in het water
+buitelden toen de boot voorbijging. Zij bleven echter niet lang onder
+water, maar kwamen weer boven, en volgden ons met gestrekte halzen
+en teekenen van groote verbazing en nieuwsgierigheid.
+
+[7 Januari.]
+
+De kust opwaarts volgend, ankerden wij bij het noordeinde van den
+Chonos-archipel, in Low's Haven, waar wij eene week bleven. Evenals
+op Chiloë, bestonden hier de eilanden uit eene zachte, gelaagde
+littorale afzetting, en dientengevolge was de plantengroei prachtig
+en welig. De bosschen reikten tot aan het zeestrand, evenals altijd
+groene heestergewassen boven een grintpad. Van onze ankerplaats
+genoten wij ook een prachtig uitzicht op vier besneeuwde toppen van
+de Cordilleras, waaronder el famoso Corcovado. De keten zelve had op
+deze breedte zulk eene geringe hoogte, dat slechts enkele deelen er
+van boven de toppen der naburige eilandjes uitstaken. Wij vonden hier
+een troepje van vijf mannen uit Caylen--het reeds genoemde fin del
+Cristiandad--die in hunne ellendige kano op de meest gewaagde manier
+de opene zee, welke Chonos van Chiloë scheidt, waren overgestoken om
+te visschen. Naar alle waarschijnlijkheid zullen deze eilanden binnen
+kort bewoond worden, evenals die welke bij de kust van Chiloë liggen.
+
+
+
+De wilde aardappel groeit op deze eilanden in grooten overvloed, en
+wel op den zandigen, schelpachtigen bodem bij de zeekust. De grootste
+plant was vier voet hoog. De knollen zelven waren over 't geheel
+klein; maar ik vond er een van ovale gedaante, die twee inches (5.08
+centim.) in middellijn was. Zij geleken in alle opzichten op Engelsche
+aardappelen en hadden ook denzelfden geur als deze; gekookt, krompen
+zij echter sterk samen, waren waterig en flauw, en zonder eenigen
+prikkelenden smaak. Zonder twijfel zijn zij hier inheemsch. Volgens
+Low groeien zij tot 50° Z.B., en worden daar door de wilde of zwervende
+Indianen Aquinas genoemd; de Indianen van Chiloë hebben er een anderen
+naam voor. Professor Henslow, die de gedroogde exemplaren onderzocht
+heeft, zegt dat zij dezelfde zijn als die uit Valparaiso, door Sabine
+beschreven, [249] maar dat zij eene variëteit of basterdsoort vormen,
+die sommige plantkundigen als eene verschillende soort beschouwen. Het
+is opmerkelijk, dat dezelfde plant zou gevonden zijn op de dorre
+bergen van Midden-Chili, waar in meer dan zes maanden geen droppel
+regen valt, en in de vochtige wouden dezer zuidelijke eilanden.
+
+In de centrale gedeelten van den Chonos-archipel (45° Z.B.) bezat het
+woud vrij wel hetzelfde karakter als langs de geheele westkust--600
+mijlen ver zuidwaarts tot Kaap Hoorn. Terwijl het boomvormige gras
+van Chiloë hier niet gevonden wordt, groeit de Vuurlandsche beuk tot
+eene flinke hoogte, en vormt een aanzienlijk deel van het bosch, doch
+niet in die overheerschende mate als verder zuidwaarts. Kryptogamen
+of bedekt bloeiende planten vinden hier een zeer voor haar geschikt
+klimaat. Zooals ik te voren heb opgemerkt, schijnt het land in de
+Straat van Magelhaen te koud en te nat voor deze planten, om zich
+volkomen te ontwikkelen; maar op deze eilanden en te midden van
+het woud is het aantal soorten en de groote overvloed van mossen,
+paddenstoelen en kleine varens inderdaad buitengewoon. [250] In
+Vuurland groeien boomen alleen op de heuvelhellingen, daar elk vlak
+gedeelte van het land steeds met eene dikke veenlaag bedekt is; maar
+op Chiloë draagt het vlakland de weelderigste wouden. Hier, in den
+Chonos-archipel, komt het klimaat dichter bij dat van Vuurland dan
+van noordelijk Chiloë, want elk plekje vlakke grond is bedekt met
+twee soorten planten (Astelia pumila en Donatia magellanica), die
+beide door afsterving en verval eene dikke en buigzame veenlaag vormen.
+
+In Vuurland, en wel boven de streek van het boschland, is het
+voornamelijk de eerste dezer bij uitstek gezellige planten, welke
+de veenvorming veroorzaakt. Rondom den centralen hoofdwortel volgt
+steeds het eene versche blad het andere op; de lagere sterven
+weldra af, en als men nu een wortel tot onder den grond vervolgt,
+kan men de bladeren, nog op dezelfde plaats bevestigd, alle stadiums
+van ontbinding zien doorloopen, tot waar het geheel in eene verwarde
+massa overgaat. De Astelia wordt bijgestaan door enkele andere planten:
+hier en daar een kruipende Myrtus (M. nummularia) met een houtachtigen
+stengel, evenals onze blauwbezie (Vaccinium uliginosum), en met eene
+zoete bes: vervolgens een Empetrum (E. rubrum) evenals ons heidekruid,
+en eindelijk een bies (Juncus grandiflorus). Deze zijn nagenoeg de
+eenigen, die op de moerassige oppervlakte leven. Ofschoon deze planten
+in het algemeen zeer veel overeenkomst bezitten met de Engelsche
+soorten van hetzelfde geslacht, zijn zij toch verschillend. In de meer
+effen gedeelten van het land, wisselt de veenoppervlakte af met kleine
+waterpoelen, die op verschillende hoogten staan en kunstmatig schijnen
+uitgediept te zijn. Kleine ondergrondsche waterstroomen voltooien de
+verrotting der plantaardige stof, en maken de geheele massa vast.
+
+Het klimaat van het zuidelijk deel van Amerika schijnt voor de
+veenvorming bijzonder gunstig. Op de Falklands-Eilanden wordt bijna
+elke plantensoort--zelfs het grove gras dat de gansche oppervlakte van
+het land bedekt--in deze stof omgezet. Bijna geen enkele plek houdt
+zijn groei tegen. Enkele veenbeddingen zijn tot 12 voet diep, en het
+lagere gedeelte wordt door opdroging zóó vast, dat het moeilijk zal
+branden. Ofschoon elke plant het hare bijdraagt, is toch de Astelia op
+de meeste plaatsen het werkzaamst. Het is een eenigszins zonderling
+feit, zoozeer verschillend van wat in Europa geschiedt, dat ik in
+Zuid-Amerika nergens het mos door rotting aan de vorming van eene
+veenlaag zag deelnemen. Wat de noordelijke grens betreft, tot welke
+het klimaat die bijzondere soort van langzame ontbinding toelaat als
+voor de veenvorming noodig is, geloof ik, dat op Chiloë (41°-42°
+Z.B.) geen veen in den eigenlijken zin voorkomt, niettegenstaande
+er veel moerassige grond is; maar op de Chonos-Eilanden, drie graden
+zuidelijker, hebben wij het in overvloed gezien. Op de oostkust van
+La Plata (35° Z.B.) vertelde mij een Spaansche bewoner, die Ierland
+bezocht had, dat hij dikwijls naar deze stof gezocht had, doch ze nooit
+had kunnen vinden. Als iets dat er het naast bij kwam, wees hij mij een
+door hem gevonden zwarten veenachtigen grond, welke zoo doorboord was
+van wortels, dat hij slechts uiterst langzaam en onvolkomen verbrandde.
+
+
+
+De zoölogie dezer gebroken eilandjes van den Chonos-archipel is,
+zooals te verwachten was, zeer arm. Van de viervoetige dieren
+zijn er twee watersoorten inheemsch. De Myopotamus Coypus [251]
+(evenals een bever, doch met een ronden staart) is wel bekend om
+zijn fraai bont, dat een handelsartikel is door het geheele aan La
+Plata cijnsplichtige gebied. Hier bewoont hij echter uitsluitend zout
+water, hetgeen, zooals wij reeds schreven, soms ook met het groote
+knaagdier, de Capybara, het geval is. Een kleine zeeotter is zeer
+talrijk. Dit dier voedt zich niet uitsluitend met visch, maar leeft,
+evenals de robben, voor een groot deel van eene kleine roode krab,
+die in scholen nabij de oppervlakte van het water zwemt. In Vuurland
+zag Bynoe een zeeotter, die een inktvisch at, en in Low's Haven werd
+er een gedood, die bezig was eene groote rolslak (Voluta) naar zijn
+hol te dragen. Op zekeren dag ving ik in eene val eene zonderlinge
+kleine muis (Mus brachiotis), die op vele eilandjes inheemsch scheen
+te zijn; maar de Chiloten te Low's Haven zeiden, dat deze muis niet
+op alle werd gevonden. Welk eene aaneenschakeling van toevalligheden,
+[252] of welke niveau-veranderingen moeten er in 't spel geweest zijn,
+om deze kleine dieren zoo door dezen gebroken archipel te verspreiden!
+
+Op elk deel van Chiloë en in den Chonos-archipel komen twee zeer
+vreemde vogels voor, die aan den Turco en Tapacolo van Midden-Chili
+verwant zijn, en hen hier vervangen. De een wordt door de inwoners
+cheucau (Pteroptochos rubecula) genoemd, en houdt zich in de
+donkerste en eenzaamste gedeelten der vochtige wouden op. Soms zal
+men, ondanks alle opmerkzaamheid, den cheucau niet ontdekken, zelfs
+al wordt zijn kreet in de onmiddellijke nabijheid gehoord; op andere
+keeren kan het gebeuren, dat de vogel, zoo men zich niet verroert,
+op de vertrouwelijkste wijs tot op enkele voeten afstands nadert. Hij
+huppelt dan rusteloos, met zijn staartje omhoog, tusschen de verwarde
+massa van rottende stengels en takken. De Chiloten koesteren eene
+bijgeloovige vrees voor den cheucau, wegens zijne zonderlinge en
+afwisselende kreten. Er zijn drie zeer verschillende kreten: de
+een wordt chiduco genoemd, en is een gunstig voorteeken; de tweede,
+huitreu geheeten, is uiterst ongunstig; en dan een derde, waarvan mij
+de naam is ontschoten. Het is inderdaad een allergrappigst wezen, dat
+de Chiloten tot hunnen profeet hebben gekozen. Eene verwante soort,
+maar iets grooter, wordt door de inboorlingen Guid-guid (Pteroptochos
+Tarnii), en door de Engelschen "Blaffende Vogel" genaamd. Deze laatste
+naam is juist gekozen; want ik ben er zeker van, dat elk, die hem voor
+het eerst hoort, overtuigd is dat ergens in het bosch een kleine hond
+keft. Evenals met den cheucau het geval is, zal men het geblaf soms
+dichtbij hooren, maar ondanks alle opmerkzaamheid dikwijls vergeefsche
+pogingen doen om den vogel te zien; en die kans wordt nog geringer,
+wanneer men de struiken schudt; op andere keeren, daarentegen, komt
+de guid-guid onbevreesd naar u toe. Zijne wijze van voeding en zijne
+gewoonten in 't algemeen, gelijken zeer veel op die van den cheucau.
+
+Op de kust [253] leeft een kleine, donkerkleurige vogel (Opetiorhynchus
+Patagonicus), die daar zeer algemeen is. Hij is merkwaardig om zijne
+stille leefwijze, en houdt zich, evenals een strandlooper, uitsluitend
+aan de zeekust op. Behalve deze vogels, bewonen nog enkele andere dit
+gebroken land. In mijne kladaantekeningen beschrijf ik de zonderlinge
+geluiden, die, hoewel menigmaal in deze sombere wouden gehoord, de
+algemeene stilte bijna niet verbreken. Het gekef van den guid-guid, en
+het plotselinge wjoe-wjoe van den cheucau komen nu eens van ver af, en
+dan weer van dicht bij. Het kleine zwarte winterkoninkje (Troglodytes)
+van Vuurland voegt er soms zijn kreet bij; de boomlooper (Oxyurus)
+volgt gillend en tjilpend den indringer; den kolibrie kan men nu en dan
+snel van den eenen kant naar den anderen zien schieten, onder het uiten
+van zijn schel gepiep, evenals een insect; en eindelijk verneemt men
+soms uit den top van een hoogen boom den onduidelijken, doch klagenden
+toon van den witgekuifden Myiobius of tyran-vliegenvanger. Het groote
+overwicht in aantal van sommige vogelsoorten, bijv. de vinken, in
+de meeste landen, is oorzaak, dat men in 't eerst verbaasd staat de
+bijzondere soorten, welke wij boven noemden, als de meest gewone
+vogels in een district te ontmoeten. In Midden-Chili komen twee
+daarvan, nl. Oxyurus en Scytalopus voor, doch hoogst zelden. Vindt
+men, zooals in dit geval, dieren, die in het groote raderwerk der
+natuur schijnbaar zulk eene onbeduidende rol spelen, dan zou men zich
+kunnen verwonderen, waarom zij geschapen zijn. Maar altijd moet men
+in het oog houden, dat diezelfde dieren mogelijk in een ander land
+hoogst belangrijke leden der samenleving zijn, of dit althans in een
+vroeger tijdperk waren. Indien Amerika ten zuiden van 37° Z.B. onder
+het water van den oceaan ware gezonken, zouden deze twee vogels langen
+tijd in Midden-Chili kunnen voortbestaan; maar zeer onwaarschijnlijk
+is het, dat hun aantal zou toenemen. Wij zouden dan een geval zien,
+dat onvermijdelijk met zeer vele dieren moet hebben plaats gehad.
+
+Deze zuidelijke zeeën worden door verscheidene soorten van
+Zwaluw-Stormvogels of Sint-Pietersvogels bezocht. De grootste soort,
+Procellaria gigantea, of nelly (quebrantahuesos of beenderenbreker
+der Spanjaarden) [254] is een algemeen voorkomende vogel, zoowel in
+de binnenkanalen als in volle zee. In zijne gewoonten en wijze van
+vliegen, bezit hij eene zeer nauwe overeenkomst met den Albatros
+(Diomedea). Evenals met den laatsten het geval is, kan men hem uren
+lang gadeslaan, zonder te bespeuren waarmede hij zich voedt. De
+beenderenbreker is echter een roofvogel; en dit wordt bevestigd
+door eenige officieren, die hem bij Port San Antonio op een Duiker
+(Colymbus) zagen jagen, welke al duikend en vliegend poogde te
+ontsnappen, maar telkens omlaag geworpen en eindelijk door een
+slag op het hoofd gedood werd. Bij Port San Julian zag men dezen
+grooten Sint-Pietersvogel jonge zeemeeuwen dooden en verslinden. Eene
+tweede soort, Puffinus cinereus, die in Europa, bij Kaap Hoorn en
+aan de kust van Peru voorkomt, heeft eene veel geringere grootte
+dan Procellaria gigantea, maar, evenals deze, eene groezelig zwarte
+kleur. Meestal bezoekt hij in zeer talrijke zwermen de landwaarts
+in gelegen zeeëngten. Ik geloof niet, dat ik ooit zoovele vogels
+van eenerlei soort bijeen heb gezien, als op zekeren dag achter het
+eiland Chiloë. Honderdduizenden vlogen in eene onregelmatige lijn
+uren lang in dezelfde richting. Wanneer een deel van den zwerm op
+het water neerstreek, zag de oppervlakte zwart, en hoorde men een
+gonzend geluid als van eene woelige menschenmenigte in de verte.
+
+Er zijn verscheidene andere soorten van Sint-Pietersvogels, maar
+slechts één er van zal ik noemen, nl. den Pelacanoides Berardi, welke
+een voorbeeld oplevert van die buitengewone gevallen, dat een vogel
+klaarblijkelijk tot eene scherp bepaalde familie behoort, doch zoowel
+in grootte als lichaamsbouw aan eene geheel andere klasse verwant
+is. Deze vogel verlaat nooit de stille binnen-zeeëngten. Wordt hij
+gestoord, dan duikt hij een eind ver onder water, komt weer aan de
+oppervlakte en vliegt daarna met dezelfde snelheid voort. Nadat hij
+door snelle beweging met zijne korte vleugels een eindweegs in eene
+rechte lijn is voortgevlogen, laat hij zich, als ware hij doodelijk
+getroffen, vallen en duikt opnieuw. De vorm van zijn bek en neusgaten,
+de lengte van zijn voet, en zelfs de kleur van zijn pluimage, bewijzen
+dat deze vogel een Sint-Pietersvogel is; aan den anderen kant doen
+zijne korte vleugels en daaruit volgend gering vliegvermogen, de vorm
+van zijn lichaam en die van zijn staart, zijne manier van duiken
+en zijne keuze van verblijfplaats, in het eerst twijfel ontstaan,
+of hij niet even na aan de Alken of Papegaaiduikers (Alcae) verwant
+is. Als men hem in de verte zag vliegen of duiken, en rustig in de
+afgelegen kanalen van Vuurland zag zwemmen, zou men hem ongetwijfeld
+voor een alk houden.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XIV.
+
+CHILOË EN CONCEPCION. EENE HEVIGE AARDBEVING.
+
+
+Op 15 Januari zeilden wij uit Low's Haven, en ankerden drie dagen
+later voor de tweede maal in de baai van San Carlos op Chiloë. In den
+nacht van den 19den was de vulkaan Osorno in werking. Te middernacht
+nam de schildwacht eene groote ster waar, die tot ongeveer drie
+ure trapswijze in grootte toenam, en toen een prachtig schouwspel
+aanbood. Met behulp van een verrekijker zag men donkere voorwerpen te
+midden van een hel rood lichtschijnsel onafgebroken omhoog werpen en
+weer neervallen. Het licht was sterk genoeg om een lang helder spoor
+op het water te werpen. In dit gedeelte van de Cordilleras schijnt
+het zeer vaak voor te komen, dat groote hoeveelheden gesmolten stof
+uit de kraters worden geworpen. Men verzekerde mij, dat als er eene
+uitbarsting van den Corcovado plaats heeft, groote wolken stof omhoog
+worden geslingerd, die men in de lucht ziet barsten, en dan vele
+grillige vormen, zooals boomen e.a., ziet aannemen. De grootte dezer
+stofwolken moet geweldig zijn, want zij kunnen worden waargenomen op
+het tafelland achter San Carlos, dat niet minder dan 93 mijlen van
+den Corcovado verwijderd is. Des morgens kwam de vulkaan tot rust.
+
+Tot mijne verwondering hoorde ik later, dat de Aconcagua in Chili,
+480 mijlen noordwaarts, dienzelfden nacht óók in werking was; en die
+verbazing steeg nog, toen ik vernam, dat de groote uitbarsting van de
+Coseguina (2700 mijlen ten noorden van de Aconcagua), vergezeld van
+eene aardbeving die 1000 mijlen ver gevoeld werd, binnen zes uren na
+ditzelfde tijdstip plaats had. Dit samenvallen is des te merkwaardiger,
+wijl de Coseguina sedert 26 jaren slapend was geweest, [255] en de
+Aconcagua hoogst zelden eenig teeken van leven geeft. Het is moeilijk
+na te gaan, of dit samentreffen louter toeval was, of dat het op
+eene onderaardsche gemeenschap wijst. Indien de vulkanen Vesuvius,
+Etna en Hekla (alle drie betrekkelijk dichter bij elkander dan de
+bovengenoemde punten in Zuid-Amerika) plotseling in denzelfden nacht
+in uitbarsting geraakten, zou dit samenvallen als eene merkwaardige
+gebeurtenis worden beschouwd; maar veel merkwaardiger is het in dit
+geval, nu de drie openingen in dezelfde groote bergketen liggen,
+en de uitgestrekte vlakten langs de geheele oostkust alsmede de uit
+zee geheven jongere schelpen meer dan 2000 mijlen ver op de westkust,
+getuigen op welke gelijkmatige en samenhangende wijze de opstuwende
+krachten gewerkt hebben.
+
+Daar kapitein Fitz-Roy op de buitenkust van Chiloë eenige opmetingen
+wenschte te doen, werd besloten, dat Mr. King en ik naar Castro zouden
+rijden, en vandaar dwars over het eiland naar de op de westkust gelegen
+Capella de Cucao. Nadat wij paarden en een gids hadden gehuurd, gingen
+wij op den morgen van den 22sten op weg. Wij hadden nog niet lang
+gereden, toen eene vrouw en twee knapen, die denzelfden weg volgden,
+zich bij ons voegden. Op dezen weg wordt men spoedig met iedereen
+vertrouwelijk, en kan men het in Zuid-Amerika zoo zeldzame voorrecht
+genieten van zonder vuurwapenen te reizen. Aanvankelijk bestond het
+landschap uit eene reeks heuvels en dalen; maar dichter bij Castro
+werd het zeer vlak. De weg zelf is iets zonderlings: hij bestaat over
+zijne gansche lengte (met uitzondering van zeer enkele gedeelten) uit
+groote houten blokken, die nu eens breed en in de lengte zijn gelegd,
+dan weer smal zijn en overdwars liggen. Des zomers is de weg niet
+zoo heel slecht; maar in den winter, als het hout glibberig is door
+den regen, is de tocht uitermate moeilijk. In dat jaargetijde is de
+grond aan weerszijden een moeras en menigmaal overstroomd; het is dan
+noodig de overlangsche blokken door dwarsliggers te bevestigen, die aan
+beide kanten in den grond worden genageld. Deze pinnen maken een val
+van het paard gevaarlijk, daar de kans om op zulk een pin terecht te
+komen, niet gering is. Het is echter opmerkelijk, hoe vlug de paarden
+van Chiloë door de gedurige oefening worden. Ontmoetten zij slechte
+gedeelten, waar de blokken uit hunnen stand waren geraakt, dan sprongen
+zij, met de vlugheid en zekerheid van honden, van het eene blok op het
+andere. Rechts en links wordt de weg begrensd door hooge woudboomen,
+die aan de ondereinden door riethalmen zijn samengevlochten. Als nu
+en dan een lang gedeelte dezer laan overzien kon worden, bood dit een
+zonderling tooneel van gelijkvormigheid. De witte lijn van blokken,
+die in de verte gezien smaller werd, verloor zich in het donkere woud,
+of eindigde in eene zigzaglijn die over een steilen heuvel liep.
+
+Ofschoon de afstand van San Carlos tot Castro in rechte lijn slechts
+twaalf leagues bedraagt, moet het aanleggen van den weg een groot
+werk zijn geweest. Men verhaalde mij, dat vroeger verscheidene
+personen het leven hadden verloren, bij eene poging om door het
+woud heen te dringen. De eerste, dien dit gelukte, was een Indiaan,
+die zich in acht dagen tijds een weg door het riet baande en San
+Carlos bereikte. Tot loon daarvoor schonk de Spaansche regeering
+hem een stuk land. Gedurende den zomer zwerven vele Indianen in de
+wouden (doch voornamelijk in de hoogere gedeelten waar het hout niet
+zoo dicht is), om het halfwilde vee op te sporen, dat zich met de
+bladeren van rietstengels en sommige boomen voedt. Het was een van
+deze jagers, die enkele jaren geleden toevallig een Engelsch schip
+ontdekte, dat op de buitenkust gestrand was. Het scheepsvolk begon
+gebrek aan proviand te krijgen, en zou waarschijnlijk nooit uit deze
+bijna ondoordringbare bosschen gekomen zijn, zonder de hulp van dezen
+man. Een der zeelieden stierf onderweg van vermoeienis. De Indianen
+richten zich op deze tochten naar de zon, zoodat zij bij aanhoudend
+bewolkte lucht niet kunnen reizen.
+
+Het was mooi weder, en de menigte boomen, die in vollen bloei stonden,
+vervulden de lucht met welriekende geuren. Maar zelfs dit was bijna
+niet in staat den droefgeestigen aanblik van het vochtige woud op
+te vroolijken. Hierbij komt nog, dat de vele doode stammen, die als
+geraamten voor u oprijzen, nooit nalaten op deze ongerepte wouden
+een stempel van plechtigen ernst te drukken, welke in die van lang
+beschaafde landen ontbreekt. Kort na zonsondergang sloegen wij ons
+bivouak op voor den nacht. Onze vrouwelijke metgezel, die er vrij knap
+uitzag, behoorde tot eene van de meest geachte families in Castro;
+wat intusschen niet wegnam, dat zij schrijlings en zonder kousen of
+schoenen te paard zat. Wat mij verwonderde, was het volkomen gemis
+van trots bij haar en haren broeder. Zij hadden voedsel bij zich,
+doch zaten Mr. King en mij bij al wat wij aten voortdurend aan te
+kijken, totdat wij van schaamte er toe gedreven werden het geheele
+gezelschap te laten meeëten. De nacht was onbewolkt, en terwijl wij op
+ons leger lagen, genoten wij het alleszins verrukkelijke schouwspel
+van de menigte sterren, die de duisternis van het woud met haar zwak
+schijnsel verlichtten.
+
+
+
+[23 Januari.]
+
+Vroeg in den morgen stonden wij op, en bereikten te ongeveer 2 ure
+het aardige, rustige stadje Castro. De oude gouverneur was sedert ons
+vorig bezoek gestorven, en een Chileen had zijne plaats ingenomen. Wij
+hadden een introductie-brief aan Don Pedro, die ons hoogst gastvrij en
+vriendelijk ontving, en op meer belangelooze wijze dan aan deze zijde
+van het vasteland gebruikelijk is. Den volgenden dag bezorgde Don
+Pedro ons versche paarden, en bood aan ons zelf te vergezellen. Wij
+reden verder naar het zuiden, waarbij wij meest de kust volgden,
+en gingen door verscheidene gehuchten, elk voorzien van eene groote
+houten kapel in den vorm van een veestal. Te Vilipilli vroeg Don
+Pedro den commandant ons een gids mede te geven naar Cucao. De oude
+edelman bood zelf zijn geleide aan; maar het duurde geruimen tijd eer
+hij wilde gelooven, dat twee Engelschen in allen ernst naar zulk een
+afgelegen plaats, als Cucao, wilden gaan. Wij werden dus vergezeld door
+de twee hoogste autoriteiten in het land; en dit bleek duidelijk uit
+de houding van al de armere Indianen tegenover hen. Te Chonchi staken
+wij het eiland dwars over, en volgden een doolhof van slingerpaden,
+die nu eens door prachtige wouden, dan door vriendelijke open vlakten
+liepen, waarop overvloed van koren en aardappelspruiten. Dit golvende
+en gedeeltelijk bebouwde boschland herinnerde mij aan de woestere
+streken in Engeland, zoodat dit landschap mijn oog bijzonder boeide. Te
+Vilinco, dat aan de oevers van het Meer van Cucao is gelegen, waren
+slechts enkele velden ontboscht; en alle bewoners schenen Indianen
+te zijn. Dit meer is twaalf mijlen lang en strekt zich uit in de
+richting van oost naar west. Door plaatselijke omstandigheden waait
+de zeewind zeer geregeld over dag, maar gaat des nachts liggen. Dit
+verschijnsel heeft tot zonderlinge overdrijvingen aanleiding gegeven,
+want volgens de beschrijving, die men ons te San Carlos er van gaf,
+geleek het bijna een wonder.
+
+De weg naar Cucao was zoo bijster slecht, dat wij besloten ons op
+eene periagua in te schepen. Op den meest gezagvollen toon gaf de
+commandant aan zes Indianen last ons over te zetten, zonder zich te
+verwaardigen hun te zeggen of zij betaald zouden worden. De periagua
+is eene zonderlinge, ruw afgewerkte boot, maar de bemanning was nog
+zonderlinger; en ik betwijfel of er wel ooit leelijker mannetjes
+in eene boot bijeen zijn geweest, dan deze zes. Zij roeiden echter
+zeer goed en met lust. De roeier, die den slag aangaf, babbelde
+Indiaansch en uitte zonderlinge kreten, zoo ongeveer op de manier
+van een varkenshoeder, die zijne beesten voortdrijft. Wij vertrokken
+met een zwakken tegenwind, maar bereikten toch de Capella de Cucao
+vóór het donker was. Het land rondom het geheele meer was een en
+al woud. In dezelfde periagua, waarin wij zaten, werd eene koe
+vervoerd. Oppervlakkig schijnt het moeilijk zulk een groot dier in
+eene kleine boot te krijgen; maar de Indianen verrichtten het in eene
+minuut. Zij brachten de koe op zijde van de boot, die tot haar werd
+overgeheld; plaatsten twee riemen, waarvan de einden op het dolboord
+rustten, onder haren buik; deden fluks met behulp van deze hefboomen
+het arme dier hals over kop op den bodem der boot tuimelen, en bonden
+het toen met twee touwen vast. Te Cucao vonden wij eene onbewoonde
+hut (die tot woning van den geestelijke dient, als hij deze Capella
+bezoekt), maakten hier een vuur aan, kookten ons avondeten, en waren
+recht op ons gemak.
+
+Het district Cucao is het eenige bewoonde gedeelte op de geheele
+westkust van Chiloë, en bevat omstreeks dertig of veertig Indiaansche
+gezinnen, die vier of vijf mijlen ver langs het strand verspreid
+zijn. Dezen leven zeer afgezonderd van de rest van het eiland, en
+drijven bijna geen handel, behalve somtijds in wat olie, dat zij uit
+zeehondenvet bereiden. Hunne kleederen, die van eigen maaksel zijn,
+voldoen redelijk wel; en eten hebben zij in overvloed. Niettemin
+schenen zij ontevreden, en toch zoo onderdanig, dat het pijnlijk was
+om aan te zien. Ik geloof, dat deze stemming voornamelijk is toe te
+schrijven aan de ruwe en gezaghebbende wijs, waarop zij door hunne
+regeerders behandeld worden. Ofschoon onze metgezellen tegen ons zoo
+uiterst beleefd waren, gedroegen zij zich tegen de arme Indianen, alsof
+dezen slaven in plaats van vrije mannen waren. Zij bestelden proviand
+en paarden, doch verwaardigden zich nooit te zeggen met hoeveel en
+of de eigenaars betaald zouden worden. Toen wij des morgens met deze
+arme lieden alleen waren, maakten wij ons spoedig door geschenken
+in sigaren en maté bemind. Een klont witte suiker werd onder alle
+aanwezigen verdeeld en met de grootste nieuwsgierigheid geproefd. De
+Indianen besloten al hunne klachten met de woorden:
+
+"En dat is nu alléén, omdat wij arme Indianen zijn en niets weten;
+maar zóó was het niet toen wij een koning hadden."
+
+Den volgenden dag reden wij, na het ontbijt, enkele mijlen noordwaarts
+naar Punta Huantamó. De weg liep langs een zeer breed strand, waarop,
+zelfs na vele mooie dagen, eene geduchte branding stond. Men verzekerde
+mij, dat na een hevigen storm het geraas der branding des nachts
+zelfs in Castro kan worden gehoord--een afstand van niet minder
+dan 21 zeemijlen (ongeveer 39 kilom.) door een heuvelachtig en met
+bosschen bedekt land. Wegens de ondraaglijk slechte paden, kostte het
+ons eenige moeite het punt te bereiken; want overal waar schaduw is,
+wordt de grond spoedig een volslagen modderpoel. Het punt zelf is een
+steile, rotsachtige heuvel, bedekt met eene, naar ik meen aan Bromelia
+verwante plant, die door de bewoners Chepones wordt genoemd. Bij
+het klauteren door de plantenbedden, werden onze handen deerlijk
+geschramd. Ik had er schik in, toen ik onzen Indiaanschen gids uit
+voorzorg zijn broek zag opslaan, wijl hij dacht dat zijn broek teerder
+was dan zijn harde huid. Genoemde plant bezit eene vrucht in den
+vorm van eene artisjok, waarin een aantal zaadhuisjes zijn opgehoopt;
+dezen bevatten een aangenaam zoet merg, dat hier zeer gezocht is. Te
+Low's Haven zag ik de Chiloten chichi of appeldrank uit deze vruchten
+maken. Humboldt's opmerking, dat bijna ieder mensch middelen vindt om
+uit het plantenrijk den eenen of anderen drank te bereiden, is dus
+volkomen waar. Intusschen hebben de wilden van Vuurland en, naar ik
+geloof, ook die van Australië het in deze kunst zoover niet gebracht.
+
+De kust ten noorden van Punta Huantamó is uiterst oneffen en gebroken,
+en wordt omringd door talrijke klippen, waarop de zee zonder ophouden
+beukt. King en ik hadden, zoo mogelijk, te voet langs deze kust
+willen terugkeeren; maar zelfs de Indianen zeiden, dat dit geheel
+ondoenlijk was. Zij vertelden ons, dat er wel personen rechtstreeks
+door de bosschen van Cucao naar San Carlos waren gegaan, doch nooit
+langs de kust. Op deze tochten nemen de Indianen alleen geroosterd
+koren mede, waarvan zij slechts tweemaal daags eten.
+
+[26 Januari.]
+
+Wij stapten opnieuw in de periagua, keerden over het meer terug,
+en bestegen toen onze paarden. Alle bewoners van Chiloë maakten van
+deze week van ongewoon fraai weder gebruik, om het bosch door vuur uit
+te roeien. Ondanks hun ijver om overal het bosch in brand te steken,
+zag ik toch geen enkel vuur in omvang toenemen. Wij aten bij onzen
+vriend, den commandant, en bereikten Castro niet voordat het donker
+was. Den volgenden morgen gingen wij zeer vroeg op weg. Nadat wij
+eenigen tijd gereden hadden, bereikten wij den top van een steilen
+heuvel, en hadden hier (wat eene zeldzaamheid is op dezen weg) een
+ruim vergezicht over het groote woud. Boven den horizon van boomen,
+staken de vulkanen Corcovado en, ten noorden daarvan, de groote
+met den vlakken top, [256] trotsch en oppermachtig hunne kraters
+omhoog. Bijna geen enkele andere berg in de lange keten vertoonde
+zijn besneeuwden top. Ik hoop, dat ik den afscheidsblik, dien ik van
+Chiloë op de prachtige Cordilleras wierp, lang in mijn geheugen mag
+bewaren!... Des nachts kampeerden wij onder een wolkloozen hemel, en
+bereikten den volgenden morgen San Carlos. Wij kwamen op den rechten
+dag, want nog vóór den avond begon het hevig te regenen.
+
+[4 Februari.]
+
+Wij zeilden van Chiloë weg. Gedurende de laatste week deed ik
+verscheidene kleinere uitstapjes. Een daarvan had ten doel eene groote
+laag schelpdieren van nog levende soorten te onderzoeken, 350 voet
+boven den spiegel der zee gelegen. Door deze laag van schelpdieren
+groeiden hooge boomen op! Een andere rit was naar Port Huechucucuy. Ik
+had een gids bij mij die het land wat al te goed kende, want hij noemde
+mij eene eindelooze reeks Indiaansche namen op voor elke kreek, voor
+elk plekje en riviertje. Evenals in Vuurland, schijnt de Indiaansche
+taal bijzonder goed geschikt te zijn voor het geven van namen aan
+de meest onbeduidende vormen van het land. Ik geloof, dat ieder
+blijde was Chiloë vaarwel te kunnen zeggen; en toch zou dit eiland
+verrukkelijk mogen heeten, zoo wij den eindeloozen en naargeestigen
+winterregen konden wegdenken. Ook ligt er iets zeer aantrekkelijks
+in den eenvoud en de onderdanige beleefdheid der arme bewoners!
+
+Wij stuurden noordwaarts langs het strand; maar wegens het mistige
+weder bereikten wij Valdivia niet voor den nacht van den achtsten. Den
+volgenden morgen voer de boot naar de omstreeks tien mijlen ver
+gelegen stad. Toen wij den loop der rivier volgden, voeren wij nu en
+dan voorbij eene hut, een plekje grond dat in het overigens ongerepte
+woud gebaand was, en ontmoetten soms eene kano met eene Indiaansche
+familie. De stad ligt aan de lage oevers van den stroom, en zoo geheel
+in een bosch van appelboomen begraven, dat de straten letterlijk paden
+zijn te midden van een boomgaard. Nooit heb ik eene streek gezien,
+waar appelboomen zoo goed schenen te tieren als in dit vochtige
+gedeelte van Zuid-Amerika. Aan de kanten der wegen stonden vele,
+blijkbaar zelfgezaaide jonge boomen. Op Chiloë bezitten de bewoners
+eene verwonderlijk korte methode om een boomgaard te maken. Uit het
+ondereinde van bijna elken tak steken kleine, bruine, kegelvormige,
+schrompelige punten, die altijd gereed staan om in wortels te
+veranderen, zooals nu en dan te zien is waar toevallig wat modder
+tegen den boom is gespat. Vroeg in de lente wordt een tak ter dikte
+van een menschenvinger uitgekozen, en vlak onder eene groep van zulke
+punten afgekapt; alle kleinere takken worden gesnoeid, en de tak zelf
+omstreeks twee voet diep in den grond gestoken. In den daarop volgenden
+zomer schiet de stomp lange spruiten uit, en draagt nu en dan zelfs
+vruchten. Men wees mij er een, die 23 appelen had voortgebracht;
+maar dit werd als een zeer ongewoon iets beschouwd. In het derde
+seizoen verandert de stomp (gelijk ik zelf heb gezien) in een flinken
+houten, met vruchten beladen boom. Een oud man bij Valdivia lichtte
+zijn motto: Necesidad es la madre del invencion (Noodzakelijkheid
+is de moeder der vindingrijkheid) toe, door een verhaal te doen van
+de vele nuttige dingen, die hij uit deze appelen bereid had. Na het
+maken van appeldrank en wijn, trok hij uit het overschot een witten
+en fijn riekenden ether; door eene andere methode verschafte hij zich
+eene zoete stroop, of, zooals hij zeide, honig. In dit jaargetijde
+schenen zijne kinderen en varkens bijna in zijn boomgaard te wonen.
+
+[11 Februari.]
+
+Vergezeld van mijn gids deed ik een korten rit, maar zag op dit
+uitstapje bijzonder weinig, zoowel van de geologie van het land als
+van zijne bewoners. Bij Valdivia is niet veel land ontboscht. Nadat
+wij enkele mijlen ver eene rivier waren overgestoken, gingen wij
+het woud in, en kwamen toen voorbij slechts ééne armzalige hut,
+voordat wij onze nachtelijke slaapplaats bereikten. Het geringe
+breedte-verschil van 150 mijlen heeft aan het woud een nieuw aanzien
+gegeven, vergeleken bij dat van Chiloë. Dit is toe te schrijven aan
+eene eenigszins verschillende verhouding in de boomsoorten. De altijd
+groene boomen schijnen hier niet even talrijk; en dientengevolge
+heeft het woud eene lichtere tint. Evenals op Chiloë, zijn de lage
+gedeelten door riethalmen omvlochten; maar tevens groeit hier eene
+andere soort (die op de bamboes van Brazilië gelijkt en ongeveer 20
+voet hoog is) in bossen, en versiert de oevers van sommige stroomen
+op zeer aangename wijs. Het is van deze plant, dat de Indianen hunne
+chuzo's of lange puntige speren maken. Onze rustplaats was zoo vuil,
+dat ik liever buiten ging slapen. Op deze tochten is de eerste nacht
+meestal zeer onaangenaam, omdat men niet gewoon is aan het kriebelen
+en bijten der vlooien. Ik weet zeker, dat er des morgens geen plekje
+ter grootte van een shilling op mijne beenen was, dat niet een rood
+litteeken vertoonde waar de vlooien hadden gebeten.
+
+[12 Februari.]
+
+Wij vervolgden onzen rit door het ongebaande woud. Slechts nu en dan
+ontmoetten wij een Indiaan te paard, of een troep fraaie muildieren,
+die lorkeboomenhout en koren van de zuidelijke vlakten vervoerden. In
+den namiddag was een der paarden uitgeput; wij bevonden ons toen op den
+top van een heuvel, die een fraai uitzicht op de Llanos verschafte. Als
+men zoo lang in eene wildernis van boomen heeft rondgezworven, is
+het gezicht van deze open vlakten zeer frisch en opwekkend. Deze
+westkust doet mij met genoegen terugdenken aan de vrije, onbegrensde
+vlakten van Patagonië: en toch kan ik, om de scherpe tegenstelling,
+niet vergeten hoe verheven de stilte van het woud is. De Llanos zijn
+de vruchtbaarste en dichtst bevolkte gedeelten van het land, daar zij
+het onschatbare voorrecht genieten van bijna geheel vrij te zijn van
+boomen. Voordat wij het woud verlieten, reden wij door eenige kleine,
+effen grasvlakten, met enkele rondom staande boomen, evenals in een
+Engelsch park. In boschrijke, heuvelachtige streken heb ik dikwijls
+met verwondering opgemerkt, dat de volkomen vlakke gedeelten verstoken
+zijn van boomen. De vermoeienis van het eene paard deed mij besluiten
+aan de Missie van Cudico halt te houden, te meer omdat ik aan den
+monnik er van een introductie-brief had. Cudico is een district,
+tusschen het woud en de Llanos gelegen. Het bevat een vrij groot aantal
+hutten, met koren- en aardappelveldjes, die bijna alle aan Indianen
+toebehooren. De aan Valdivia onderhoorige stammen zijn reducidos y
+cristianos (bekeerden en christenen). Verder noordwaarts, bij Arauco
+en Imperial, zijn de Indianen nog zeer wild en onbekeerd; maar zij
+staan allen in druk verkeer met de Spanjaarden. De padre vertelde,
+dat de Christen-Indianen niet zeer gezind waren om naar de mis te
+gaan, doch overigens veel eerbied voor den godsdienst toonden. De
+grootste moeilijkheid is, hen de huwelijksceremoniën in acht te
+doen nemen. De wilde Indianen nemen zoo vele vrouwen als zij kunnen
+onderhouden, en een cacique heeft er somtijds meer dan tien. Komt men
+bij laatstgenoemden in huis, dan kan men uit het getal vuren aldaar
+opmaken hoeveel vrouwen hij heeft. Elke vrouw woont beurtelings eene
+week bij den cacique in, maar weeft gedurende dien tijd zijne poncho's
+en wat hij verder noodig heeft. De vrouw van een cacique te zijn,
+is eene eer waarop de Indiaansche vrouwen zeer gesteld zijn.
+
+Bij al deze stammen dragen de mannen een grof wollen poncho; die
+ten zuiden van Valdivia dragen een korte broek, en ten noorden
+daarvan een rok evenals de chilipa der Gauchos. Allen binden hunne
+lange haren met een scharlaken-rooden band samen, maar dragen geen
+andere bedekking op het hoofd. Deze Indianen hebben een flinken
+lichaamsbouw, en gelijken zoowel door de vooruitstekende wangbeenderen,
+als hun voorkomen in 't algemeen, op de groote Amerikaansche familie
+waartoe zij behooren. Het scheen mij echter toe, dat hun uiterlijk
+eenigszins afweek van dat der andere stammen, die ik vroeger gezien
+had. Hunne uitdrukking is in het algemeen ernstig, zelfs streng,
+en bezit veel karakter, dat òf voor eerlijke botheid òf trotsche
+vastberadenheid kan doorgaan. Het lange zwarte haar, de ernstige,
+scherpgeteekende trekken en de donkere gelaatskleur herinnerden mij
+aan oude portretten van Koning Jacobus I. [257] Onderweg ontmoetten
+wij nergens die onderdanige beleefdheid, welke op Chiloë zoo algemeen
+is. Sommigen uitten hun mari-mari (goeden morgen) vlug en bondig; doch
+het meerendeel scheen niet gezind te groeten. Deze onafhankelijkheid in
+manieren is waarschijnlijk een gevolg van hunne langdurige oorlogen,
+en van de herhaalde overwinningen, door hen alléén (van al de stammen
+in Amerika) op de Spanjaarden behaald.
+
+Ik bracht den avond zeer genoeglijk door in gesprek met den padre. Hij
+was uiterst vriendelijk en gastvrij; en daar hij uit Santiago kwam,
+had hij middelen weten te vinden om zich hier eenig comfort te
+verschaffen. Als iemand van eenige, hetzij dan geringe opvoeding,
+klaagde hij bitter over het totale gemis van gezelligheid. Hoe
+kwijnend moet voor dezen man, die geen bijzonderen godsdienstijver,
+geen bezigheid of doel had, het leven voorbijgaan!
+
+Den volgenden dag ontmoetten wij op onzen terugkeer zeven Indianen met
+een zeer woest voorkomen, onder wien zich enkele caciquen bevonden,
+die van de Chileensche regeering juist hunne kleine jaarlijksche
+toelaag voor langdurigen trouw hadden ontvangen. Het waren mannen met
+een knap uiterlijk; maar toen zij achter elkander ons voorbijreden,
+stonden hunne aangezichten zeer betrokken. Een oude cacique, die
+aan het hoofd van den troep reed, had waarschijnlijk nog gulziger
+gedronken dan de anderen, want behalve uitermate ernstig, scheen
+hij ook zeer knorrig. Kort te voren hadden zich twee Indianen bij
+ons gevoegd, die van eene afgelegen missie naar Valdivia reisden
+wegens een rechtsgeding. De een was een opgewekt oud man; maar zijn
+baardeloos en gerimpeld gezicht geleek meer op dat van eene oude vrouw,
+dan van een man. Ik bood beiden meer dan eens sigaren aan; en hoewel
+zij die gewillig--ik durf zeggen dankbaar--aannamen, verwaardigden
+zij zich bijna niet mij te bedanken. Een Indiaan op Chiloë zou zijn
+hoed hebben afgenomen, onder het uitspreken van de woorden: Dios le
+page! (God loone u!).
+
+Onze tocht was zeer vermoeiend, zoowel wegens den slechten staat
+der wegen, als wegens de talrijke gevallen boomen, die wij moesten
+overspringen, of door lange omwegen trachtten te vermijden. Wij sliepen
+onder den blooten hemel, en bereikten den volgenden morgen Valdivia,
+vanwaar ik mij aan boord begaf.
+
+Enkele dagen later stak ik met eenige officieren de baai over, en
+landde nabij het fort, Niebla genaamd. De gebouwen alhier verkeerden
+in zeer bouwvalligen staat, en de affuiten der kanonnen waren geheel
+verrot. Wickham deed den bevelvoerenden officier de opmerking,
+dat deze kanonnen stellig bij het eerste schot in stukken zouden
+vliegen. De oude krijgsman trachtte zich goed te houden, en gaf
+ernstig ten antwoord: "Neen, segnor, ik ben er zeker van, dat zij
+er wel twee zouden doorstaan!" De Spanjaarden moeten voornemens zijn
+geweest dit fort onneembaar te maken. Midden op het binnenplein ligt
+thans een bergje mortel, welke in hardheid niet onderdoet voor de rots
+waarop hij ligt. Hij werd uit Chili hierheen gebracht, en kostte 7000
+dollars. Het uitbreken van de omwenteling belette, dat hij voor het
+doel gebruikt werd; en nu ligt die kalk daar als een gedenkteeken
+aan Spanje's vroegere grootheid.
+
+Ik wilde naar eene omstreeks anderhalve mijl ver gelegen woning gaan,
+maar mijn gids zeide, dat het volstrekt onmogelijk was in eene rechte
+lijn door het woud te dringen. Wel bood hij aan mijn gids te wezen,
+en langs donkere paden, die voor het vee bestemd zijn, den kortsten
+weg er heen te volgen. Er waren intusschen nog drie uren voor deze
+wandeling noodig. Het werk van dezen man bestond in het opdrijven
+van verdwaald vee. Ofschoon hij zoodoende de bosschen goed moest
+kennen, was hij niet lang geleden twee dagen zoek geweest, en had
+niets te eten gehad. Deze feiten geven een goed denkbeeld van de
+onbegaanbaarheid der wouden in deze streken. Dikwijls stelde ik mij
+de vraag, hoe lang het spoor van een gevallen boom wel zichtbaar zou
+zijn. Deze man wees mij er een, die veertien jaren geleden door een
+troep vluchtende royalisten geveld was; en dezen als maatstaf nemende,
+denk ik dat een stam van anderhalven voet in middellijn na 30 jaren
+tijds in een hoop mestaarde veranderd zou zijn.
+
+
+
+[20 Februari.]
+
+Deze dag is in de jaarboeken van Valdivia gedenkwaardig geworden door
+de hevigste aardbeving, welke de oudste inwoner zich herinneren kan. Ik
+bevond mij op het strand en lag in het bosch uit te rusten. Plotseling
+kwam de aardbeving op, en duurde twee minuten; maar de tijd scheen veel
+langer. Het schudden van den grond was zeer merkbaar. Mijn metgezel
+en ook mij scheen het toe, dat de golvingen uit het oosten kwamen,
+terwijl anderen dachten, dat zij uit het zuidwesten straalden; dit
+bewijst hoe lastig het soms is de richting der trillingen waar te
+nemen. Het kostte geen moeite om staande te blijven, maar de beweging
+maakte mij duizelig. Soms geleek deze op het deinen van een schip
+in eene zwakke kruiskabbeling, of meer nog op die, welke men voelt
+bij het schaatsenrijden op dun ijs, dat onder het gewicht van het
+lichaam buigt.
+
+Eene hevige aardbeving vernietigt op eens onze oudste zintuigelijke
+gewaarwordingen. De aarde, het ware symbool van hechtheid, heeft
+zich onder onze voeten bewogen, evenals een dunne korst boven eene
+vloeistof, en ééne secunde tijds heeft in onze ziel een vreemd idee van
+onveiligheid gewekt, waartoe uren van overpeinzing niet in staat zouden
+geweest zijn. In het woud deed eene koelte de boomen trillen; maar
+ofschoon ik de aarde voelde bewegen, zag ik geen ander effect. Tijdens
+den schok was kapitein Fitz-Roy met eenige officieren in de stad,
+en daar was het schouwspel aangrijpender; want ofschoon de huizen wel
+niet omvielen, doordien zij van hout waren gebouwd, werden zij toch
+hevig geschud, en kraakten en rammelden de planken. In de grootste
+onrust snelden de menschen de deur uit. Het zijn deze bijkomende
+gebeurtenissen, welke dien grooten afschrik voor aardbevingen wekken
+in het gemoed van allen, die zulke gevolgen er van gezien en gevoeld
+hebben. In het woud was het een zeer belangwekkend, doch volstrekt niet
+angstwekkend verschijnsel. De invloed op de getijen was verrassend. De
+groote schok had plaats op het uur van laag water. Eene oude vrouw,
+die juist op het strand was, zeide mij later dat het water zeer snel,
+maar niet in vloedgolven tot hoogpeil steeg, en daarna even snel tot
+zijn natuurlijk peil terugkeerde. De juistheid daarvan bleek uit de
+lijn van nat zand. Eene dergelijke snelle, maar kalme beweging in het
+getij had enkele jaren geleden tijdens eene zwakke aardbeving op Chiloë
+plaats, en wekte veel noodelooze vrees. In den loop van den avond
+waren er vele zwakkere schokken, die in de haven de meest samengestelde
+stroomingen schenen voort te brengen--en eenige zeer sterke.
+
+[4 Maart.]
+
+Wij liepen de baai van Concepcion binnen. Terwijl het schip naar
+de ankerplaats stevende, landde ik op het eiland Quiriquina. Hier
+kwam de mayordomo der plantage snel naar mij toe rijden, om het
+vreeselijke nieuws der groote aardbeving van den 20sten te vertellen:
+"dat er in Concepcion of Talcahuano (de haven) geen huis meer overeind
+stond; dat zeventig dorpen waren verwoest, en dat een vloedgolf de
+puinhoopen van Talcahuano bijna geheel had weggespoeld." Van deze
+laatste verklaring zag ik weldra bewijzen in overvloed: de geheele kust
+was bezaaid met stukken hout en huisraad, alsof er een duizend schepen
+waren vergaan. Behalve stoelen, tafels, plankenkasten, enz. in grooten
+getale, lagen er verscheidene daken van hutten, die bijna in hun geheel
+waren meegevoerd. De pakhuizen te Talcahuano waren gebarsten, en groote
+balen katoen, Paraguay-thee en andere kostbare koopmansgoederen lagen
+over het strand verspreid. Terwijl ik het eiland rondwandelde, merkte
+ik op, dat talrijke rotsblokken, die blijkens de daaraan hechtende
+zeevoortbrengselen kort geleden in diep water moesten gelegen hebben,
+hoog op het strand waren geworpen. Een dezer blokken was zes voet lang,
+drie voet breed, en twee dik.
+
+Het eiland zelf vertoonde even duidelijk de overweldigende kracht der
+aardbeving, als het strand dit deed van de vernielende werking der
+daarop gevolgde vloedgolf. Op vele plaatsen was de grond in noord-
+en zuidlijnen gespleten--wellicht veroorzaakt door het wijken der
+evenwijdige en steile zijwanden van dit smalle eiland. Sommige
+spleten in de nabijheid der klippen waren een yard wijd. Reeds
+waren vele reusachtige rotsblokken op het strand gevallen; en de
+inwoners dachten, dat, als de regens begonnen, er nog veel grootere
+verschuivingen zouden plaats hebben. De uitwerking van de trilling op
+den harden primairen leisteen was nog merkwaardiger: de bovengedeelten
+van eenige smalle riffen waren zoo volkomen gesplinterd, alsof men ze
+door kruit had laten springen. Deze uitwerking, die duidelijk kenbaar
+was aan de versche breuken en den verplaatsten grond, moet zich tot de
+oppervlakte hebben bepaald, daar anders in geheel Chili geen stuk vaste
+rots meer zou bestaan; ook is die meening niet onwaarschijnlijk, omdat
+de oppervlakte van een trillend lichaam (naar men weet) anders wordt
+bewogen dan het middengedeelte. Wellicht moet aan dezelfde oorzaak
+worden toegeschreven, dat aardbevingen in diepe mijnen niet zulke
+geduchte verwoestingen aanrichten, als men zou verwachten. Ik geloof,
+dat deze stuiptrekking der aardkorst meer tot de grootte-vermindering
+van het eiland Quiriquina heeft bijgedragen, dan de gewone knagende
+en sloopende werking van zee en dampkring in den loop eener eeuw.
+
+Den volgenden dag landde ik te Talcahuano, en reed daarop naar
+Concepcion. Beide steden boden het vreeselijkste, maar tevens
+belangwekkendste schouwspel, dat ik ooit zag. Op iemand, die ze
+vroeger gekend had, zouden zij mogelijk een nog sterkeren indruk
+hebben gemaakt; want de puinhoopen waren zoo dooreengemengd, en het
+geheele schouwspel bezat zoo weinig het voorkomen van eene bewoonde
+plaats, dat het bijna niet meer mogelijk was zich den vroegeren
+toestand er van voor te stellen. De aardbeving begon te half twaalf des
+voormiddags. Zoo zij in het midden van den nacht gebeurd was, zouden de
+meeste bewoners (die in deze provincie alléén vele duizenden bedragen)
+zijn omgekomen, terwijl het er nu geen honderd waren. Thans was hun
+eenig redmiddel de onveranderlijke gewoonte om, bij de eerste schudding
+van den grond, de deur uit te loopen. In Concepcion was elk huis op
+zichzelf, of elke rij huizen, een puinhoop of eene rij van puinhoopen;
+maar in Talcahuano, waar de vloedgolf gewoed had, kon men weinig meer
+onderscheiden dan eene laag steenen, dakpannen en stukken hout, met
+hier en daar een brok muur dat was blijven staan. Om die reden bood
+Concepcion, ofschoon niet zoo geheel verwoest, een vreeselijker, en
+als ik het zoo noemen mag, ook schilderachtiger schouwspel. De eerste
+schok was zeer onverwacht. De mayordomo op Quiriquina vertelde mij,
+dat de eerste kennisgeving, die hij er van ontving, was, dat hijzelf
+met het paard waarop hij reed op den grond rolde. Opgestaan, werd
+hij opnieuw omvergeworpen. Ook vertelde hij mij, dat eenige koeien,
+die op den steilen rand van het eiland stonden, in zee tuimelden. Door
+de vloedgolf kwam veel vee om het leven: op een laag eiland, nabij het
+hoofd der baai, werden zeventig dieren weggespoeld, die verdronken. In
+'t algemeen houdt men deze aardbeving voor de vreeselijkste, die
+Chili ooit beleefd heeft; maar wijl de hevigsten eerst na lange
+tusschentijden plaats hebben, kan men dit niet licht te weten komen;
+ook zou een veel heviger schok in zijne gevolgen niet veel verschil
+hebben opgeleverd, want de verwoesting was volkomen. Tallooze kleine
+schokken volgden op de groote aardbeving, en binnen de eerste twaalf
+dagen (20 Februari-4 Maart) werden er niet minder dan 300 geteld.
+
+Nadat ik Concepcion gezien had, kon ik niet begrijpen hoe het
+meerendeel der inwoners er ongedeerd was afgekomen. Op vele plaatsen
+vielen de huizen naar buiten, en vormden aldus in het midden der
+straten kleine heuvels van puin en metselwerk. Rouse, de Engelsche
+consul, vertelde ons, dat hij aan het ontbijt zat, toen de eerste
+trilling hem waarschuwde om naar buiten te snellen. Nauwelijks
+had hij het midden van de binnenplaats bereikt, toen een vleugel
+van zijn huis met donderend geraas naar omlaag kwam. Hij behield
+tegenwoordigheid van geest genoeg om zich te herinneren, dat, zoo hij
+eenmaal op den top van het reeds omlaag gestorte gedeelte zat, hij
+in veiligheid zou zijn. Door de beweging van den grond niet kunnende
+blijven staan, kroop hij op handen en voeten vooruit; en nauwelijks
+had hij deze kleine verhevenheid bereikt, toen de andere vleugel van
+zijn huis inviel, waarbij de groote balken rakelings langs zijn hoofd
+gingen. Met oogen verblind door de wolk van stof, die het daglicht
+verduisterde en hem dreigde te verstikken, bereikte hij eindelijk de
+straat. Daar de schokken elkander met eene tusschenruimte van enkele
+minuten opvolgden, durfde niemand de verspreide puinhoopen naderen;
+en zoo wist niemand of zijne dierbaarste vrienden en verwanten door
+gebrek aan hulp stierven. Zij, die wat van hun goed gered hadden,
+waren genoodzaakt voortdurend daarbij de wacht te houden; want er
+zwierven dieven rond, en bij elke beving van den grond, sloegen dezen
+zich met de eene hand op de borst, onder den uitroep: "Misericordia!",
+en stalen met de andere uit de puinhoopen wat zij konden. De rieten
+daken stortten op de vuren, en aan alle kanten sloegen de vlammen
+uit. Honderden zagen zich van alles beroofd, en slechts weinigen
+hadden de middelen om zich het dagelijksch voedsel te verschaffen.
+
+Aardbevingen alléén zijn voldoende om de welvaart van een land
+te verwoesten. Indien in Engeland de thans sluimerende krachten
+losbarsten, waarmede zij zeer zeker in vroegere geologische tijdperken
+hebben gewoed [258], hoe volkomen zou dan de geheele toestand van
+dat land veranderen! Wat zou er worden van die hooge huizen, die
+dichtbevolkte handelswijken, die groote fabrieken, die prachtige
+openbare en particuliere gebouwen? Hoe vreeselijk zou het bloedbad
+zijn, indien het nieuwe tijdperk van onderaardsche storingen begon in
+de doodsche stilte van den nacht! Engeland zou op eens bankroet gaan;
+alle waarde-papieren, alle registers, archieven en verslagen zouden
+van dat oogenblik af verloren zijn! En de regeering, niet in staat
+om de belastingen te innen en haar gezag te handhaven, zou machteloos
+moeten aanzien, dat rooverij, geweld en bandeloosheid voortduurden. In
+alle groote steden zou hongersnood ontstaan, door pest en dood gevolgd!
+
+Kort na den schok, zag men uit het midden van de baai eene hooge golf
+naderen. Zij bevond zich op een afstand van drie tot vier mijlen,
+en vertoonde eene effen oppervlakte. Maar nauwelijks bereikte zij
+het strand, of zij rukte boomen en hutten weg, en rolde voort met
+onweerstaanbare kracht. Aan het hoofd der baai spatte zij uiteen in
+eene ontzagwekkende lijn van witte brekers, die tot eene hoogte van 23
+voet boven het hoogste springtij stegen. Hare kracht moet ontzettend
+zijn geweest, want bij het Fort werd een kanon met zijn affuit, dat op
+een gewicht van 4 tons (4064 kilo) werd geschat, 15 voet binnenwaarts
+verschoven. Een schoener werd opgelicht, en 200 yards van het strand
+tusschen de puinhoopen geworpen. De eerste golf werd door twee
+andere gevolgd, die bij haren terugkeer eene menigte overblijfsels
+van drijvende voorwerpen medevoerden. In een deel der baai werd een
+schip hoog en droog op het strand gezet, toen afgebracht, weêr op het
+strand gezet, en nogmaals afgebracht. In een ander gedeelte werden twee
+groote schepen, die dicht bij elkander voor anker lagen, rondgedraaid,
+en werden hunne kabels driemaal om elkaar gewonden. Niettegenstaande
+hun ankergrond hier 36 voet diep was, zaten zij eenige minuten lang aan
+den grond. De vloedgolf moet zich overigens langzaam bewogen hebben,
+want de inwoners van Talcahuano hadden den tijd om de heuvels achter
+de stad op te loopen, terwijl eenige zeelieden het ruime sop kozen,
+vertrouwende dat hunne boot veilig over de deining heen zou komen,
+zoo zij deze vóór hare breking in stortzeeën konden bereiken. Eene
+oude vrouw klom ijlings met een knaapje van vier of vijf jaren in eene
+boot; doch er was niemand om hen weg te roeien. Dientengevolge werd
+de boot tegen een anker geslingerd en in tweeën geslagen; de oude
+vrouw verdronk, maar het kind werd eenige uren later, hangend aan
+het wrak der boot, opgevischt. Groote plassen zout water stonden nog
+tusschen het puin der huizen, en te midden daarvan zag men kinderen,
+bezig booten te maken van oude tafels en stoelen, even gelukkig
+spelen als hunne ouders ongelukkig waren. Het trof mij echter in
+hooge mate, alle lieden veel vroolijker en bedrijviger te zien,
+dan men verwacht zou hebben. Zeer terecht werd opgemerkt, dat, nu
+de verwoesting algemeen was, geen enkel individu lager stond dan een
+ander, of zijne vrienden van koud egoïsme--dat grievendste gevolg van
+het verlies van rijkdom--kon beschuldigen. Rouse woonde met een groot
+aantal dakloozen, die hij welwillend onder zijne bescherming nam,
+gedurende de eerste week in een tuin onder eenige appelboomen. Eerst
+waren deze menschen even vroolijk, alsof zij aan een picnic zaten;
+doch later veroorzaakte de hevige regen veel neerslachtigheid, want
+zij waren geheel zonder beschutting.
+
+In het uitnemende verslag van kapitein Fitz-Roy over de aardbeving
+wordt gezegd, dat er in de baai twee uitbarstingen werden gezien:
+eene in den vorm van eene rookkolom, en eene tweede, die op het
+waterspuiten van een grooten walvisch geleek. Ook scheen het water
+overal in beroering, alsof het kookte, werd "zwart, en dampte een
+hoogst onaangenamen zwavelreuk uit." Deze laatste verschijnselen
+werden ook waargenomen in de Baai van Valparaiso gedurende de
+aardbeving in 1822. [259] Ik onderstel, dat deze uitdampingen hare
+verklaring vinden in het loswerken van de modder op den bodem der
+zee, welke veel rottende organische stoffen bevat. In de Baai van
+Callao bespeurde ik op zekeren dag bij stil weder, dat, toen het
+schip zijn kabel over den bodem sleepte, eene rij bellen den koers
+van het vaartuig aanwees. De lagere klassen in Talcahuano dachten,
+dat de aardbeving veroorzaakt werd door eene oude Indiaansche vrouw,
+die twee jaren geleden uit wraak voor eene beleediging den vulkaan
+Antuco verstopt had. Dit onnoozele geloof is hierom eigenaardig,
+wijl het aantoont, dat de ervaring het volk had leeren opmerken,
+dat er verband bestaat tusschen de onderdrukte werking der vulkanen
+en het beven van den grond. Op het punt waar hun begrip omtrent
+oorzaak en gevolg faalde, moest de tooverij worden toegepast: en dit
+was het afsluiten van de vulkaanopening. In het bijzondere geval van
+deze aardbeving was zoodanig bijgeloof des te merkwaardiger, omdat,
+volgens kapitein Fitz-Roy, de onderstelling gegrond is, dat de Antuco
+in 't geheel niet bij het verschijnsel betrokken was. [260]
+
+De stad Concepcion was in den gewonen Spaanschen trant gebouwd,
+d.w.z. alle straten kruisten elkander rechthoekig: de eene groep liep
+in de richting zuidwest ten westen, en de andere groep noordwest ten
+noorden. In de eerste richting stonden de muren ongetwijfeld beter
+dan in de tweede, want verreweg het meeste metselwerk werd naar het
+noordoosten geworpen. Beide omstandigheden stemmen volkomen overeen
+met het algemeen gevoelen, dat de golvingen uit het zuidwesten zijn
+gekomen--uit welke streek van den horizon ook de onderaardsche geluiden
+werden gehoord; want het is duidelijk, dat de muren, loopend in de
+richting zuidwest-noordoost en dus met hunne kanten gekeerd naar het
+punt van waar de golvingen kwamen, veel minder kans zouden hebben
+te vallen dan die muren, loopende in de richting noordwest-zuidoost,
+die op hetzelfde oogenblik over hunne gansche lengte uit de verticaal
+werden geworpen, omdat de golvingen die uit het zuidwesten kwamen,
+bij het doorgaan onder de fundeeringen, in noordwest en zuidoost
+golven moesten worden ontbonden. Men kan dit toelichten, wanneer
+men boeken op hun kant op een karpet plaatst, en dan op de manier,
+door Mitchell [261] aangegeven, de golvingen van eene aardbeving
+nabootst. Men zal dan zien, dat die boeken meer of minder schielijk
+vallen, naar gelang hunne richting meer of minder samenvalt met die
+welke loodrecht staat op de richting der golven. Ofschoon niet alle,
+strekten de spleten in den grond zich over 't geheel uit in eene
+richting noordwest-zuidoost, en kwamen dus overeen met de golflijnen
+of lijnen van grootste buiging. Gelet op al deze omstandigheden,
+die duidelijk op het zuidwesten wijzen als de streek waarin het
+hoofdbrandpunt van storing gelegen was, is het een feit van veel
+belang, dat het eiland Santa Maria, hetwelk in dien hoek lag, gedurende
+de algemeene landrijzing tot eene hoogte steeg bijna driemaal zoo
+groot als die van eenig ander deel der kust.
+
+Van den ongelijken weerstand, dien de muren naar gelang van hunne
+richting boden, gaf de kathedraal een sprekend voorbeeld. De zijde,
+die naar het noordoosten was gekeerd, vertoonde eene grooten puinhoop,
+en te midden daarvan staken deurkozijnen en stapels timmerhout omhoog,
+als wrakhout in een stroom. Sommige brokken metselwerk bezaten
+groote afmetingen, en waren tot ver op het vlakke kerkplein gerold,
+evenals stukken rots aan den voet van een hoogen berg. De zijmuren
+(loopende in eene richting zuidwest-noordoost) waren, hoewel deerlijk
+gescheurd, blijven staan; maar de groote stutten, welke er loodrecht
+tegen stonden (en dus evenwijdig aan het frontvlak der gevallen
+muren), waren in vele gevallen, als met een beitel, glad afgestoken
+en op den grond geslingerd. Eenige vierkante ornamenten op den top
+van dezelfde muren waren door de aardbeving in een diagonalen stand
+geplaatst. Een dergelijk feit werd waargenomen na eene aardbeving te
+Valparaiso, in Calabrië en op andere plaatsen, waaronder ook eenige
+Grieksche tempels. [262] Oppervlakkig beschouwd schijnt deze draaiende
+verplaatsing te wijzen op eene wervelende beweging onder elk punt dat
+dezen stand aanneemt; maar dit is in hooge mate onwaarschijnlijk. Zou
+zij niet een gevolg hiervan zijn, dat elke steen neiging heeft
+zich in een bijzonderen stand met betrekking tot de trillingslijn
+te plaatsen--ongeveer op de manier van spelden op een vel papier,
+dat geschud wordt? In 't algemeen gesproken, stonden deuringangen of
+vensters veel beter dan andere deelen der gebouwen. Niettemin werd
+een arm oud man, die lam was en de gewoonte had om bij kleine schokken
+naar een deuringang te kruipen, bij deze gelegenheden verpletterd.
+
+Ik heb niet getracht eene uitvoerige beschrijving te geven van het
+voorkomen van Concepcion zelf, want ik gevoel, dat het volstrekt
+onmogelijk is de gemengde gewaarwordingen te schetsen, die ik daar
+ondervond. Verscheidene officieren bezochten de stad vóór mij; maar
+hunne sterkst gekleurde woorden waren onmachtig om een juist denkbeeld
+te geven van dat tooneel van verwoesting. Het is bitter en ontmoedigend
+in eene enkele minuut het werk te zien vernietigen, dat den mensch
+zooveel tijd en arbeid heeft gekost! Toch verdween het medelijden met
+de inwoners bijna terstond, om plaats te maken voor de verwondering,
+dat men in een oogenblik tijds een toestand zag geboren worden, dien
+men alléén aan een langdurig tijdperk van verval meende te kunnen
+toeschrijven. Naar mijne overtuiging, hebben wij sedert ons vertrek
+uit Engeland geen schouwspel gezien, dat zulk een diepen indruk maakte.
+
+Men beweert, dat bij bijna elke groote aardbeving het naburige
+water der zee in hevige beroering geraakt. Zooals in het geval van
+Concepcion, schijnt de storing in 't algemeen van tweederlei aard te
+zijn geweest: ten eerste vloeit het water, op het oogenblik van den
+schok, gestadig en in een hooge golf tegen het strand op, en gaat dan
+kalm terug; ten tweede vloeit al het zeewater, eenigen tijd daarna,
+van de kust weg, en keert dan in golven van onweerstaanbare kracht
+terug. De eerste beweging schijnt een rechtstreeksch gevolg te zijn
+van de ongelijke werkingen, die de aardbeving op een vast en vloeibaar
+lichaam uitoefent, zoodat hunne betrekkelijke hoogten zwak gestoord
+worden; maar het tweede geval is een veel gewichtiger verschijnsel. Het
+staat vast, dat bij de meeste aardbevingen, en in 't bijzonder bij die
+op de westkust van Amerika, de eerste groote beweging van het water
+eene teruggaande is. Eenige schrijvers hebben dit trachten te verklaren
+door aan te nemen, dat het water zijn peil behoudt, terwijl het land
+omhoog golft; maar dicht bij het land--zelfs bij eene eenigszins
+steile kust--zou het water stellig aan de beweging van den bodem
+deelnemen. Daarenboven betoogt Ch. Lyell, dat dergelijke bewegingen
+der zee hebben plaats gehad op eilanden, ver van de hoofdlijn van
+storing gelegen--zooals gedurende deze aardbeving het geval was met
+Juan Fernandez, en met het eiland Madeira tijdens de vreeselijke
+ramp te Lissabon in 1755. Ofschoon het vraagstuk zeer ingewikkeld is,
+onderstel ik, dat iedere golf, hoe ook ontstaan, eerst het water van
+het strand aftrekt, waarop zij bij hare nadering breekt. Hetzelfde
+heb ik ook waargenomen bij de golfjes, die de schepraderen van eene
+stoomboot voortbrengen. Het is opmerkelijk, dat, terwijl Talcahuano en
+Callao (bij Lima), die beiden gelegen zijn aan het hoofd van groote
+ondiepe baaien, bij elke hevige aardbeving van vloedgolven hebben te
+lijden gehad--Valparaiso, dat dicht bij den kant van zeer diep water
+ligt, nooit overstroomd is geworden, ofschoon het zoo dikwijls door de
+geweldigste schokken geteisterd werd. Uit het feit, dat de vloedgolf
+niet onmiddellijk op de aardbeving volgt, maar somtijds eerst na eene
+tusschenruimte van een half uur: en ook omdat veraf gelegen eilanden
+op gelijke wijze worden getroffen als de kusten nabij het brandpunt
+van storing--schijnt het, dat de golf zich het eerst in volle zee
+verheft; en daar die verschijnselen algemeen voorkomen, moet er ook
+eene algemeene oorzaak voor bestaan. Ik vermoed, dat wij de lijn,
+waar de minder gestoorde waters van den diepen oceaan samentreffen met
+het water dichter bij de kust, hetwelk aan de bewegingen van het land
+heeft deelgenomen--moeten beschouwen als de plaats, waar de vloedgolf
+het eerst is ontstaan. Ook schijnt de golf grooter of kleiner zijn,
+naar gelang van de uitgestrektheid van het ondiepe water, dat met
+den bodem waarop het stond, in beroering geraakte.
+
+
+
+Het merkwaardigste gevolg van deze aardbeving was de bestendige rijzing
+van het land. Misschien zou het veel juister zijn deze rijzing als de
+oorzaak er van te noemen. Ofschoon er geen twijfel kan zijn, dat het
+land om de Baai van Concepcion twee of drie voet omhoog werd geheven,
+dient toch te worden opgemerkt, dat ik, wegens de omstandigheid dat de
+golf de oude lijnen van eb- en vloedwerking op de glooiende zandige
+kusten had uitgewischt, geen bewijs voor dit feit kon ontdekken,
+behalve in het eenstemmige getuigenis der bewoners, dat eene kleine
+rotsachtige diepte, welke nu blootligt, vroeger met water bedekt
+was. Op het eiland Santa Maria (dat ongeveer 30 mijlen ver ligt) was
+de rijzing grooter; op één gedeelte vond kapitein Fitz-Roy, tien voet
+boven hoogwaterpeil, banken met verrotte mosselschelpdieren, welke nog
+aan de rotsen vastzaten, terwijl de bewoners vroeger bij doodtij naar
+deze schelpdieren gedoken hadden. De rijzing van deze landstreek is
+van bijzonder belang, wijl zij het tooneel is geweest van verscheidene
+andere hevige aardbevingen, en wegens het groote aantal zeeschelpen,
+die op eene hoogte van stellig 600 en, naar ik meen, zelfs 1000
+voet over het land verspreid liggen. Zooals ik heb opgemerkt, zijn
+dergelijke schelpen te Valparaiso gevonden op eene hoogte van 1300
+voet. Er valt bijna niet aan te twijfelen, dat deze groote rijzing
+een gevolg is geweest van achtereenvolgende kleine (periodieke)
+rijzingen, zooals die, welke de aardbeving van dit jaar vergezelde
+of veroorzaakte, alsmede van eene onmerkbare langzame (seculaire)
+rijzing, die stellig op sommige gedeelten dezer kust in gang is.
+
+Het eiland Juan Fernandez, 360 mijlen ten noordwesten van Concepcion,
+werd op het tijdstip van den grooten schok op 20 Februari hevig
+geschud, zoodat de boomen tegen elkander sloegen, en dicht bij het
+strand een onderzeesche vulkaan in werking kwam. Deze feiten zijn
+merkwaardig, omdat dit eiland ook tijdens de aardbeving op 24 Mei 1751
+heviger werd geteisterd, dan andere plaatsen op gelijken afstand van
+Concepcion, [263] zoodat zij op eene onderaardsche verbinding tusschen
+deze twee punten schijnen te wijzen. Chiloë, ongeveer 340 mijlen ten
+zuiden van dezelfde stad, schijnt aan sterkere schokken blootgesteld
+te zijn geweest, dan het tusschenliggende district Valdivia, waar
+de vulkaan Villarica in 't geheel niet in werking kwam, terwijl in
+de Cordilleras tegenover Chiloë twee vulkanen op hetzelfde oogenblik
+een hevige uitbarsting hadden. Deze twee vulkanen, en enkele naburige
+andere, bleven langen tijd werkzaam, en kwamen tien maanden later
+door eene aardbeving te Concepcion opnieuw tot uitbarsting. [264]
+Eenige mannen, die bij den voet van een dezer vulkanen bezig waren
+hout te hakken, bespeurden den schok van den 20sten Februari niet,
+ofschoon het geheele omliggende district toen in trilling was. Hier
+zien wij dus een geval, dat eene uitbarsting eene aardbeving verzwakt
+en daarvoor in de plaats treedt, zooals volgens het bijgeloof der
+lagere klassen ook te Concepcion geschied zou zijn, indien de vulkaan
+Antuco niet door tooverij verstopt was geworden. Twee jaren en negen
+maanden later (7 November 1837) werden Valdivia en Chiloë nogmaals en
+heviger geteisterd dan op 20 Februari 1835, waarbij een eiland in den
+Chonos-archipel (het eiland Lemus) eene blijvende rijzing van meer dan
+acht voet onderging. Het zal den lezer een beter begrip geven van het
+uitgestrekte gebied dezer verschijnselen, zoo wij aannemen (evenals
+in het geval van de gletschers), dat zij op overeenkomstige afstanden
+in Europa hebben plaats gehad. In dat geval zou het land vanaf de
+Noordzee tot de Middellandsche Zee hevig geschokt zijn geworden, en
+zouden op hetzelfde tijdstip een groot deel van Engelands oostkust,
+benevens eenige afgelegen eilanden blijvend zijn omhoog geheven. Op
+de kust van Holland zou eene reeks vulkanen in werking zijn gekomen,
+en bij de noordpunt van Ierland zou eene uitbarsting op den bodem
+der zee hebben plaats gehad. Eindelijk zouden de oude kraters van
+Auvergne (Chaîne des Puys of des Monts Dômes, Le Plomp du Cantal en
+Les Monts-Dore) donkere rookkolommen hebben omhoog geworpen, en langen
+tijd in hevige werking zijn gebleven. Drie en dertig maanden later
+zou Frankrijk vanaf zijne centrale hoogvlakte tot aan het Engelsche
+Kanaal opnieuw door eene aardbeving verwoest zijn geworden, en zou
+een eiland in de Middellandsche Zee blijvend gerezen zijn.
+
+Het gebied, waarover op den 20sten Februari de vulkanische stof werd
+uitgeworpen, besloeg eene ruimte van 720 bij 400 Engelsche mijlen,
+zoodat zich hier naar alle waarschijnlijkheid een onderaardsch
+lavameer uitstrekte, aanmerkelijk grooter dan de oppervlakte der Zwarte
+Zee. [265] Uit het nauwe en samengestelde verband, dat er gedurende
+deze reeks van verschijnselen tusschen de opheffende en eruptieve
+krachten bleek te bestaan, mogen wij met zekerheid besluiten, dat de
+krachten welke langzaam en met kleine rukken vastelandsdeelen opheffen,
+en die welke periodiek vulkanische stof uit open kraters werpen,
+eene-en-dezelfde zijn. Om vele redenen geloof ik, dat de menigvuldige
+aardbevingen op deze kustlijn worden teweeggebracht door het scheuren
+der lagen, als een noodzakelijk gevolg van de spanning van het land
+bij opheffing, en door het met geweld binnendringen [266] van gloeiend
+magma of vloeibaar gesteente. Dit scheuren en binnendringen zouden bij
+genoegzame herhaling (en wij weten, dat aardbevingen herhaaldelijk
+dezelfde streken op dezelfde wijze teisteren) eindelijk eene lage
+bergketen vormen. Een dergelijk proces schijnt met het rechtlijnige
+eiland Santa Maria in gang te zijn. Ik geloof, dat het centrale
+of as-gedeelte van een berg in zijne ontstaanswijze alleen hierin
+van een lagen vulkaankegel verschilt, dat het gesmolten gesteente
+bij herhaling naar binnen is geperst, in plaats van herhaaldelijk
+naar buiten geworpen. Bovendien geloof ik, dat de structuur van
+groote bergketenen--zooals die van de Cordilleras, waar de lagen
+die de ingeperste kern van plutonische gesteenten bedekken, langs
+verschillende evenwijdige en naburige heflijnen op haren kant zijn
+gezet--onmogelijk kan worden verklaard, behalve in de onderstelling,
+dat het kerngesteente herhaaldelijk werd ingespoten na tijdruimten,
+lang genoeg om aan de bovengedeelten of vulspleten gelegenheid te geven
+tot afkoeling en verharding. Want indien de lagen door één enkelen
+schok in hare tegenwoordige, zeer steile, loodrechte en stomphoekige
+standen waren geworpen, zouden de ingewanden der aarde naar buiten
+zijn gestroomd; en in plaats dat men, zooals nu, de steile centrale
+bergdeelen zou gevormd zien uit gesteente, dat onder hooge drukking
+is vastgeworden, zouden op tallooze punten van elke heflijn stroomen
+lava naar buiten zijn gevloeid. [267]
+
+
+ Dat groote bergketens, en bergen in 't algemeen, op de door
+ Darwin omschrevene wijze ontstaan zouden zijn, vindt heden
+ geen geloof meer. Ook niet de vroeger zoozeer bekende theorie
+ van Hutton, Playfair, A. von Humboldt, E. de Beaumont en L. von
+ Buch, volgens welke de bergen waren ontstaan door drukkrachten,
+ die in radiale richting van onderen naar boven werkten, en die
+ de uitbarsting van eruptieve gesteenten voor de oorzaak hield
+ van de opheffing en plooiïng der aardlagen tot bergen. Aan de
+ nieuwere onderzoekingen van Favre, Dana, Baltzer, maar vooral
+ van E. Suess en A. Heim [268] is het te danken, dat men eene
+ juistere en meer natuurlijke voorstelling van het proces der
+ bergvorming bezit. Volgens die theorie verdeelt men de bergen in:
+ 1o. Erosie-gebergten, die door de knagende of wegvretende werking
+ van stroomend water op een oorspronkelijk tafelland gevormd werden;
+ 2o. Vulkanische gebergten, ontstaan door gloeiend vloeibaar
+ gesteente, dat door eene spleet of opening (in ruimeren zin:
+ eene reeks van zulke openingen) uit het binnenste der aarde drong,
+ zich aan de randen der spleet ophoopte en afkoelde; 3o. Tektonische
+ gebergten, waartoe de meest voorkomende en reusachtigste bergen en
+ bergreeksen behooren. Daaronder verstaat men zulke, die gevormd
+ werden door bewegingen der aardkorst zelve (benedenwaartsche en
+ samenschuivende), ten gevolge van de afkoeling en daarmede in
+ verband staande contractie en verkleining onzer planeet.
+
+ (Noot v. d. Vert.)
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XV.
+
+OVERTOCHT VAN DE CORDILLERAS.
+
+
+[7 Maart 1835.]
+
+Wij bleven drie dagen te Concepcion, en zeilden toen naar
+Valparaiso. Daar de wind noordelijk was, bereikten wij den ingang
+der haven van Concepcion eerst tegen donker. Omdat wij zeer dicht bij
+land waren, en er een mist kwam opzetten, lieten wij hier het anker
+vallen. Kort daarna kwam een groote Amerikaansche walvischvaarder
+ons op zijde, waarvan wij den kapitein vloekend tot zijn volk hoorden
+zeggen, dat het zich stil moest houden, zoolang hij naar de stortzeeën
+luisterde. Kapitein Fitz-Roy praaide hem met luide, heldere stem,
+om op de plek waar hij was te ankeren. De arme man zal toen zeker
+hebben gedacht, dat die stem van het strand kwam, want een storm van
+kreten steeg eensklaps van het schip op, daar iedereen schreeuwde:
+"Laat het anker vallen! Kabel vieren! Zeil minderen!" Dit was het
+belachelijkste, dat ik ooit gezien had. Indien alle koppen van de
+bemanning kapiteins waren geweest, had er geen grootere verwarring
+van bevelen kunnen heerschen. Later ontdekten wij, dat de kapitein
+stotterde, zoodat ik vermoed, dat allen hem hielpen om zijne orders
+te geven.
+
+Op den 11den ankerden wij te Valparaiso; en twee dagen later ging ik
+op weg, om de Cordilleras over te trekken. Eerst begaf ik mij naar
+Santiago, waar Caldcleugh mij zeer vriendelijk op alle mogelijke
+wijze hielp bij het maken van de kleine noodige toebereidselen. In
+dit gedeelte van Chili zijn twee passen over de Andes naar Mendoza: de
+eene, de Aconcagua- of Uspallata-pas, ligt op 32°50' Z.B. en wordt het
+meest gebruikt; de tweede, de Portillo-pas geheeten, ligt zuidelijker,
+is nader, maar hooger en gevaarlijker. [269]
+
+[18 Maart.]
+
+Wij richtten ons naar den Portillo-pas. Na Santiago te hebben
+verlaten, staken wij de uitgestrekte, verschroeide vlakte over,
+waarin deze stad ligt, en kwamen in den namiddag aan de Maypu, eene der
+voornaamste rivieren van Chili. Ter plaatse, waar de vallei den eersten
+Cordilleras-kam snijdt, wordt zij aan weerskanten door hooge, naakte
+bergen begrensd; en ofschoon niet breed, is zij zeer vruchtbaar. Tal
+van hutten waren omringd door wijngaarden, en boomgaarden met appel-,
+nektarine- en perzikboomen, waarvan de takken onder het gewicht der
+schoone rijpe vruchten dreigden te breken. Des avonds bereikten wij het
+tolhuis, waar onze bagage onderzocht werd. De Chileensche grens wordt
+beter bewaakt door de Cordilleras, dan door het water der zee. Er zijn
+zeer weinige valleien, die naar de centrale kammen van het gebergte
+voeren, en op andere plaatsen zijn de bergen voor lastdieren geheel
+onbegaanbaar. De beambten van het tolhuis waren zeer beleefd, hetgeen
+misschien voor een deel was toe te schrijven aan het paspoort, dat
+de President der Republiek mij gegeven had; maar bijna elke Chileen
+bezit eene aangeboren beleefdheid, waarover ik mijne bewondering
+moet uitspreken. In dit geval was de tegenstelling met dezelfde
+klasse van menschen in de meeste andere landen zeer opvallend. Als
+staaltje van Chileensche beleefdheid zal ik eene anecdote vertellen,
+die mij destijds zeer vermaakte. Dicht bij Mendoza ontmoetten wij
+eene kleine en zeer dikke negerin, die schrijlings op een muildier
+zat. Zij had een kropgezwel, zoo verbazend groot, dat men bijna niet
+kon nalaten haar voor een oogenblik aan te kijken; doch bijna op
+hetzelfde oogenblik--als wilden zij zich verontschuldigen--groetten
+mijne beide metgezellen haar op de gebruikelijke manier, door hunne
+hoeden af te nemen. Waar zou men in Europa, onder de hoogere of lagere
+standen, zulk eene beleefdheid hebben bewezen aan een arm en mismaakt
+schepsel van een verworpen ras?
+
+Des nachts sliepen wij in eene hut. Onze onafhankelijke manier van
+reizen was verrukkelijk. In de bewoonde gedeelten kochten wij wat
+brandhout, huurden weiland voor de beesten, en kampeerden bij hen
+in een hoek van hetzelfde veld. In den ijzeren pot, dien wij bij
+ons hadden, kookten wij ons avondeten, nuttigden dit onder een
+onbewolkten hemel, en kenden geen zorg. Mijne metgezellen waren:
+Mariano Gonzales, die mij reeds vroeger in Chili als gids had gediend,
+en een arriero (muildierendrijver) met zijne tien muildieren en
+eene madrina (petemoeder). Laatstgenoemde is een hoogst gewichtig
+personage: namelijk eene oude, bezadigde merrie met een belletje
+aan den nek, die, waar zij gaat, door de muildieren als gehoorzame
+kinderen gevolgd wordt. De liefde van deze dieren voor hunne madrinas
+bespaart tallooze moeilijkheden. Zoo er verscheidene groote troepen
+tegelijktijdig in hetzelfde veld grazen, behoeven de arrieros des
+morgens hunne madrinas alleen wat ter zijde te voeren en hare bellen
+te laten klinken: en al waren er dan ook twee- of driehonderd muilen
+bijeen, toch kent elk onmiddellijk de bel van zijne eigene madrina,
+en komt naar haar toe. Het is bijna onmogelijk een oud muildier
+te verliezen; want zoo het verscheidene uren lang met geweld wordt
+achtergehouden, zal het, evenals een hond, met zijn fijnen reuk het
+spoor zijner makkers of liever van de madrina volgen, aan wie het,
+zooals de arriero beweert, de meeste liefde toedraagt. Deze neiging
+is echter niet van individueelen aard; want ik geloof geen ongelijk
+te hebben als ik zeg, dat elk dier met een bel aan voor madrina kan
+dienen. Elk muildier draagt op een effen weg een last van 416 pounds
+(meer dan 29 stone); [270] maar in eene bergachtige streek 100 pounds
+minder. Het is merkwaardig, dat deze dieren met hunne fijne, schrale
+ledematen, zonder evenredige spierontwikkeling, zulk een grooten
+last kunnen dragen. Het muildier schijnt mij altijd een hoogst
+wonderlijk dier toe. Dat een basterd of speelsoort meer verstand,
+geheugen, halsstarrigheid, neiging tot het vereenigingsleven,
+volhardingsvermogen bij spierarbeid, en ook een langer leven bezit
+dan een zijner ouders, schijnt aan te duiden, dat de kunst hier de
+natuur heeft overtroffen. Van onze tien dieren waren zes bestemd voor
+rijden, en vier voor het dragen van lasten, waarin allen elkander
+afwisselden. Wij hadden eene flinke hoeveelheid voedsel meegenomen
+voor het geval, dat wij ingesneeuwd werden, omreden het seizoen voor
+een tocht over den Portillo-pas eenigszins verstreken was.
+
+[19 Maart.]
+
+Dezen dag reden wij naar het laatste, en dus hoogst gelegen huis
+van de vallei. Het aantal bewoners werd schaarsch; toch was het
+land op plaatsen, waar het water kon worden heengevoerd, nog zeer
+vruchtbaar. Alle hoofdvalleien in de Cordilleras bezitten dit kenmerk,
+dat zij aan beide zijden worden omzoomd door een ruw gelaagd, en
+meestal zeer dik terras van keien en zand. Blijkbaar is er een tijd
+geweest, dat deze terrassen zich dwars over de valleien uitstrekten
+en vereenigd waren. Dit vermoeden wordt bevestigd in Noord-Chili,
+waar geen stroomen zijn, en waar men de dalbodems op de genoemde wijze
+gelijkmatig gevuld ziet. Over deze randterrassen leiden meestal de
+wegen; want hunne oppervlakten zijn effen, en met eene zeer geringe
+stijging volgen zij den loop der valleien. Vandaar dat zij ook
+gemakkelijk door irrigatie worden bebouwd. Men kan hen vervolgen tot
+eene hoogte van 7000 of 9000 voet, waar zij zich eindelijk tusschen
+de onregelmatige hoopen rotspuin verliezen. Aan het ondereinde of
+den ingang der valleien gaan zij geleidelijk over in die door land
+ingesloten (ook uit keien gevormde) vlakten aan den voet der hoofdketen
+van de Andes, welke ik in een vroeger hoofdstuk als kenmerkend voor
+het Chileensche landschap heb beschreven, en die daar ongetwijfeld
+ontstonden in een tijd, toen de zee in Chili doordrong, gelijk zij het
+nu in de zuidelijke kusten doet. Geen enkel feit in de geologie van
+Zuid-Amerika boezemde mij meer belang in, dan deze terrassen van grof
+gelaagde keien. In samenstelling gelijken zij volkomen op de stof,
+die de stroomen in elke vallei zouden afzetten, indien zij door de
+eene of andere oorzaak--zooals het vloeien in een meer of zeearm--in
+hun loop belemmerd werden; maar in plaats van stof af te zetten,
+zijn de stroomen nu voortdurend bezig met het afknagen van het vaste
+gesteente en van deze alluviale aanslibbingen over de geheele lengte
+van elke hoofd- en zijvallei. Het is niet mogelijk hier de redenen op
+te noemen; maar ik ben overtuigd, dat die kei- of grofkiezel-terrassen
+gedurende de trapsgewijze rijzing der Cordilleras werden opgehoopt door
+de stroomen, die bij opvolgende peilstanden hun rotspuin aanslibden op
+de strandhoofden van lange smalle zeearmen--eerst hoog in de valleien,
+toen lager en lager naar het ondereinde, terwijl het land gestadig en
+langzaam rees. Indien dit zoo is (en ik kan er niet aan twijfelen),
+dan is de groote en gebroken keten van de Cordilleras niet--zooals
+de geologen tot voor korten tijd algemeen dachten, en zooals nu nog
+de gewone meening is--plotseling omhooggeworpen, maar langzaam in
+haar geheel opgeheven, op dezelfde gestadige manier als de kusten
+van de Atlantische en Stille Oceanen in jongere tijdperken. Eene
+menigte feiten in de structuur van de Cordilleras vinden door deze
+beschouwing eene eenvoudige verklaring.
+
+De rivieren, die door deze valleien vloeien, moesten eerder
+bergstroomen worden genoemd. Hare helling is zeer groot, en het water
+heeft de kleur van modder. Het geraas, dat de Maypu maakte terwijl
+zij over de groote ronde brokken schoot, geleek op het bruisen
+der zee. Tusschen het geweld van het stroomende water, was het
+ratelende geluid der over elkander schurende steenen zeer duidelijk
+hoorbaar--zelfs op een afstand. Dag en nacht kan men dit ratelende
+geluid langs den geheelen loop van den stroom hooren. Voor den geoloog
+lag er iets welsprekends in dien klank. Die duizenden en duizenden
+steenen, welke rammelend tegen elkander het doffe en eentonige geluid
+verwekten, spoedden zich allen in ééne richting. Zij deden denken aan
+den tijd, waarin elke voorbij snellende minuut onherroepelijk in de
+eeuwigheid verzinkt! Voor deze steenen is de oceaan hunne eeuwigheid;
+en elke toon in die wilde muziek sprak mij van een stap, dien zij
+nader tot hunne bestemming deden.
+
+Het is voor den menschelijken geest onmogelijk, anders dan door een
+langzaam verloop, eene werking te begrijpen, welke is voortgebracht
+door eene zoo dikwijls herhaalde oorzaak, dat het noemen van het
+herhalings-cijfer al geen duidelijker begrip van de zaak geeft dan
+de wilde, die naar de haren op zijn hoofd wijst. Zoo dikwijls als ik
+modder-, zand- en kiezellagen tot eene dikte van vele duizenden voeten
+opgehoopt zag, voelde ik mij geneigd uit te roepen, dat oorzaken,
+als de vermalende werking der tegenwoordige rivieren en tegenwoordige
+strandvloeden, nooit zulke massa's konden hebben voortgebracht. Maar
+aan den anderen kant: als ik luisterde naar het ratelende geluid dezer
+stroomen: als ik mij voor den geest riep, dat geheele dierengeslachten
+van de aardoppervlakte verdwenen zijn gedurende dat lange tijdvak,
+waarin deze steenen dag en nacht met hetzelfde geluid in hunnen loop
+zijn voortgeschuifeld--dan heb ik bij mijzelf gedacht: welke berg,
+welk vastland kan zulk eene slooping weerstaan?
+
+In dit gedeelte der vallei waren de bergen aan weerszijden van 3000
+tot 6000 of 8000 voeten hoog, met afgeronde omtrekken en steile, kale
+hellingen. De algemeene kleur van het gesteente was dof purperachtig,
+en zijne laagswijze structuur zeer duidelijk waarneembaar. Zoo al niet
+schoon, was toch het landschap merkwaardig en grootsch. In den loop van
+den dag ontmoetten wij verscheidene kudden vee, die door mannen uit de
+hoogere valleien in de Cordilleras naar omlaag werden gedreven. Dit
+teeken van den naderenden winter verhaastte onze schreden, meer dan
+voor geologische waarnemingen wel wenschelijk is. Het huis, waarin
+wij sliepen, lag aan den voet van een berg, op welks top zich de
+San-Pedro-de-Nolasko-mijnen bevinden. Sir F. Head verwondert zich, dat
+er mijnen ontdekt zijn geworden op zulke buitengewone plaatsen als de
+schrale top van den berg San Pedro de Nolasko. Toch laat die ontdekking
+zich zeer goed verklaren. In de eerste plaats zijn metaaladeren in deze
+streek meestal harder dan de omringende lagen, zoodat zij gedurende
+de allengs voortgaande slijting der bergen buiten de oppervlakte van
+den grond steken. Ten tweede heeft bijna elk arbeider, vooral in de
+noordelijke gedeelten van Chili, eenig verstand van het voorkomen van
+ertsen. In de groote mijnprovinciën Coquimbo en Copiapó is brandhout
+zoo schaarsch, dat er op ieder bergje en in elk dal naar gezocht wordt;
+en door dit zoeken zijn bijna al de rijkste mijnen in die streek
+ontdekt. Chagnarcillo, waaruit in den loop van weinige jaren voor
+eene waarde van vele honderdduizenden ponden zilver te voorschijn is
+gebracht, werd ontdekt door een man, die een steen naar zijn beladen
+ezel wilde werpen. In de meening, dat hij zeer zwaar was, raapte hij
+den steen op, en ontdekte, dat deze grootendeels uit zuiver zilver
+bestond. Niet ver van de plek stond de ader recht overeind, als eene
+wig van metaal. Ook wandelen de mijnwerkers dikwijls op Zondagen met
+een breekijzer over de bergen. In het zuidelijk deel van Chili zijn
+de ontdekkers gewoonlijk mannen, die vee in de Cordilleras drijven,
+en elk ravijn bezoeken waar eenig weiland te vinden is.
+
+[20 Maart.]
+
+Naarmate wij hooger in de vallei kwamen, werd de plantengroei, met
+uitzondering van enkele fraaie Alpen-bloemen, uiterst schaarsch;
+en van viervoetige dieren, vogels of insecten kon er nauwelijks een
+worden ontdekt. De hooge bergen, waarvan de toppen enkele plekjes
+sneeuw vertoonden, stonden goed van elkander gescheiden, terwijl de
+tusschenliggende dalen gevuld waren met alluviale lagen van ontzaglijke
+dikte. Het berglandschap van de Andes bevatte eenige bijzonderheden,
+welke mij om hare tegenstelling met de andere mij bekende bergketens
+bovenal troffen. Die bijzonderheden waren: de vlakke zoomen aan
+weerszijden van de valleien, welke randen zich dikwijls tot smalle
+vlakten verbreedden; de heldere kleuren, voornamelijk rood en purper,
+der volkomen naakte en steile heuvels van porfier; de indrukwekkende
+en onafgebroken steenaderen, welke het voorkomen hadden van muren; de
+duidelijke afscheiding der lagen, die, daar waar zij bijna verticaal
+stonden, de schilderachtige en ruwe middentoppen vormden, doch bij
+geringere helling de groote bergenmassa aan de grenzen der keten
+samenstelden; en eindelijk, de rechte kegelvormige stapels fijn
+en helderkleurig rotspuin, die onder een steilen hoek van den voet
+der bergen af, soms tot eene hoogte van meer dan 2000 voet langs de
+wanden opliepen.
+
+Zoowel in Vuurland als in de Andes merkte ik herhaaldelijk op,
+dat waar het gesteente gedurende het grootste deel van het jaar met
+sneeuw bedekt was, het op zeer buitengewone wijs in kleine hoekige
+stukken was gesplinterd. Scoresby [271] heeft hetzelfde feit op
+Spitsbergen waargenomen. De zaak schijnt mij eenigszins duister;
+want het gedeelte van een berg, dat door een sneeuwmantel wordt
+beschut, moet minder aan herhaalde en groote temperatuurswisselingen
+onderhevig zijn, dan elk ander gedeelte. Soms heb ik gedacht, dat
+de aarde en steenbrokken aan de oppervlakte misschien minder snel
+werden verwijderd door langzaam doorzijgend sneeuwwater, [272] dan
+door regen, en dat dus de schijnbaar snellere verweering van het
+vaste gesteente onder de sneeuw bedriegelijk was. Wat ook de reden
+zij, de hoeveelheid afbrokkelend gesteente op de Cordilleras is
+zeer groot. In de lente glijden somtijds groote hoopen van dit puin
+de bergen af, overdekken de sneeuw die in de dalen is samengewaaid,
+en vormen zoo natuurlijke huizen van ijs. Wij reden over zoo'n huis,
+dat op eene hoogte lag ver onder de grens van eeuwige sneeuw.
+
+Tegen het vallen van den avond bereikten wij eene eigenaardige
+komvormige vlakte, La Valle del Yeso (De Gips-Vallei) geheeten. Zij
+was met eenig droog weiland bedekt, waarop wij tot ons genoegen eene
+kudde vee zagen grazen, te midden van de omringende steenwoestijnen. De
+vallei ontleent haar naam aan eene groote, naar schatting minstens
+2000 voet dikke laag van wit gips, dat op sommige plaatsen geheel
+zuiver is. Wij sliepen bij een troepje mannen, wier werk het was om
+deze stof, die bij de wijnbereiding gebruikt wordt, op muildieren
+te laden. Vroeg in den morgen van den 21sten gingen wij op weg, en
+volgden weer den loop der rivier, die hier zeer klein was geworden,
+totdat wij aan den voet van den machtigen bergrug kwamen, die de
+wateren der Stille en Atlantische Oceanen gescheiden houdt. De
+weg, tot dusver goed, en voortdurend doch zeer langzaam stijgende,
+veranderde nu in een steil zigzagvormig pad over den grooten rotswand
+op de grensscheiding tusschen de republieken Chili en Mendoza.
+
+
+
+Ik zal hier eene korte schets geven van de geologische gesteldheid
+der verschillende evenwijdige bergreeksen, die de Cordilleras
+vormen. Van deze reeksen zijn twee aanmerkelijk hooger dan de
+anderen: namelijk aan den kant van Chili, de Peuquenes-keten,
+die op het punt, waar de pas haar kruist, 3927 Met. hoog is; en
+aan den kant van Mendoza, de Portillo-keten, die 4060 Met. hoog
+is. De lagere ruggen der Peuquenes-keten en van de verschillende
+groote reeksen westelijk daarvan, bestaan uit eene reusachtige,
+vele duizenden voeten dikke ophooping van porfier-gesteenten, die
+als onderzeesche lava's, afgewisseld door hoekige en ronde brokken
+van dezelfde gesteenten, uit kraters op den bodem van voorwereldlijke
+zeeën omhoog zijn geworpen. Deze afwisselende gesteenten zijn in de
+centrale gedeelten bedekt met eene dikke laag van rooden zandsteen,
+conglomeraat en kalkhoudend leemschiefer, verbonden met en overgaande
+in reusachtige gipslagen. In de bovenlagen komen vrij veel schelpdieren
+voor, die ongeveer behooren tot de periode der Lagere Witte Kalk in
+Europa. [273] Het is eene oude geschiedenis, maar daarom niet minder
+verwonderlijk, van schelpdieren te hooren spreken, die weleer over
+den bodem der zee kropen, en nu bijna 14000 voet boven haren spiegel
+liggen! De onderste beddingen in deze groote ophooping van lagen zijn
+door de werking (contactmetamorphose) van eruptieve steenmassa's,
+uit een eigenaardig wit soda-graniet bestaande, verzet, verglaasd,
+gekristalliseerd en bijna samengesmolten. [274]
+
+De andere hoofdketen, nam. de Portillo-keten, is geheel anders gevormd,
+en bestaat hoofdzakelijk uit hooge, naakte toppen van een rood kali- of
+potasch-graniet, die ver omlaag aan de westelijke helling bedekt zijn
+met een zandsteen, welke door de vroegere hitte in een kwartsgesteente
+is omgezet. Op het kwarts rusten beddingen van een conglomeraat, ter
+dikte van verscheidene duizenden voeten, die door het roode graniet
+zijn opgeheven en onder een hoek van 45° naar de Peuquenes-keten zijn
+gericht. Tot mijne verwondering zag ik, dat dit conglomeraat bestond:
+deels uit rolsteenen, afkomstig van de gesteenten der Peuquenes-keten
+met hunne fossiele schelpdieren, en deels uit rood potasch-graniet,
+gelijk aan dat van de Portillo-keten. Daaruit moeten wij besluiten,
+dat de Peuquenes- en Portillo-ketens beiden gedeeltelijk opgeheven en
+aan verweering en slooping waren blootgesteld, toen het conglomeraat
+zich vormde; maar wijl de beddingen van het conglomeraat door het roode
+Portillo-graniet tot eene inclinatie van 45° zijn omhoog geworpen,
+en de onderliggende zandsteen door ditzelfde graniet verglaasd
+is, kunnen wij zeker zijn, dat de indringing van het graniet
+en de opheffing der reeds gedeeltelijk gevormde Portillo-keten,
+grootendeels plaats hadden na de ophooping van het conglomeraat,
+en lang na de rijzing der Peuquenes-keten. De Portillo--de hoogste
+keten in dit deel van de Cordilleras--is dus niet zoo oud als
+de minder hooge Peuquenes-keten. Een hellende lavastroom aan den
+oostelijken voet van de Portillo zou als bewijs kunnen dienen, dat
+de groote hoogte van die keten gedeeltelijk is toe te schrijven aan
+rijzingen van nog latere dagteekening. Wat haar vroegste ontstaan
+betreft, zoo schijnt het roode graniet te zijn ingedrongen door
+de lijn van zwaksten weerstand eener oude, voorbestaande keten van
+wit graniet en mica-schiefer. Men mag aannemen, dat in de meeste,
+wellicht in alle gedeelten van de Cordilleras elke keten gevormd is
+door herhaalde opheffingen en inschuivingen van eruptief gesteente;
+en dat de verschillende evenwijdige ketenen van verschillenden
+ouderdom zijn. Alleen zóó kunnen wij tijd winnen, noodig en voldoende
+om den werkelijk verbazenden omvang der slooping te verklaren, die
+deze hooge ofschoon, in vergelijking met de meeste andere ketens,
+nog jonge bergen ondergaan hebben.
+
+Eindelijk bewijzen de schelpen in de Peuquenes- of oudste keten,
+dat zij, zooals boven is opgemerkt, 14000 voet gestegen is sedert
+het bestaan eener formatie uit het Secondaire of Mesozoïsche Tijdvak,
+die wij in Europa gewoon zijn als verre van oud te beschouwen. Doch
+er is meer: de zee, waarin die schelpdieren leefden, had slechts eene
+matige diepte; en nu kan men aantoonen, dat het gebied, thans door de
+Cordilleras ingenomen, verscheidene duizenden voeten (in Noord-Chili
+ongeveer 6000 voet) gezonken moet zijn, om aan die machtige groep van
+onderzeesche lagen gelegenheid te geven zich op de bedding, waarin die
+schelpdieren leefden, af te zetten. Het bewijs is hetzelfde als dat,
+waardoor werd aangetoond, dat in een tijdperk, zeer lang nadat de
+tertiaire schelpen der voormalige Patagonische Zee leefden, de bodem
+dier zee verscheidene honderden voeten gedaald moet zijn, door eene
+latere rijzing gevolgd. Dagelijks vindt de geoloog gelegenheid zich
+te overtuigen, dat er niets--zelfs niet de wind--zoo wankelbaar en
+onstandvastig is als het eigenlijk oppervlak onzer aardkorst.
+
+Ik wil nog eene andere geologische opmerking doen. Ofschoon
+de Portillo-keten hier hooger is dan de Peuquenes, hebben de
+waterstroomen, die de tusschenliggende valleien bevloeien, zich een weg
+er door gebaand. Hetzelfde feit, op grootere schaal, is waargenomen
+in de oostelijke en hoogste keten der Boliviaansche Cordilleras,
+waardoor de rivieren zich een weg banen, en dergelijke feiten zijn
+ook in andere deelen van de wereld opgemerkt. In de onderstelling,
+dat de Portillo-keten in lateren tijd en gaandeweg is opgeheven,
+laat zich dit feit verklaren, want in dit geval zou eerst eene reeks
+eilandjes verschijnen; en terwijl dezen werden omhoog geheven, zouden
+de getijen steeds diepere en breedere kanalen daarin uithollen. Ten
+huidigen dage zijn in de meest afgelegen zeeëngten op de kust van
+Vuurland, de stroomingen in de dwarsgeulen, die de overlangsche
+kanalen verbinden, zeer sterk, zoodat in een dier zijkanalen zelfs
+een klein zeilschip om en om werd gedraaid.
+
+
+
+Omstreeks den middag aanvaardden wij de moeilijke bestijging van de
+Peuquenes-keten, en ondervonden toen voor de eerste maal eene kleine
+belemmering in onze ademhaling. De muildieren wilden bij iedere
+50 yards halt houden; en na enkele seconden rust begonnen de arme,
+gewillige dieren den tocht opnieuw. De korte ademhaling ten gevolge
+van den ijlen dampkring wordt door de Chileenen puna genoemd, [275]
+en zij hebben de belachelijkste begrippen aangaande de oorzaak er
+van. Sommigen zeggen: "al het water hier heeft puna;" anderen: "waar
+sneeuw is, daar is puna;" en dit laatste is zonder twijfel waar. De
+eenige gewaarwording, die ik ondervond, was eene lichte stramheid in
+hoofd en borst, zooals men gevoelt als men snel uit eene warme kamer
+in de ijskoude lucht komt. Maar zelfs hierin was eenige verbeelding;
+want toen ik op den hoogsten bergrug fossiele schelpdieren vond,
+vergat ik van blijdschap de puna geheel. Ongetwijfeld kostte het
+loopen buitengewoon veel inspanning, en werd de ademhaling diep en
+zwaar. Men zeide mij, dat vreemdelingen, die in Potosi (ongeveer
+13000 voet boven de zee) verblijf houden, zelfs in een vol jaar tijds
+niet geheel aan de lucht gewend raken. Alle inwoners raden uien tegen
+puna aan. Daar dit gewas in Europa somtijds tegen borstkwalen wordt
+aangewend, kan het mogelijk van wezenlijk nut zijn; wat mij betreft,
+ik vond geen beter middel dan fossiele schelpdieren!
+
+Toen wij omstreeks halfweg op den berg waren, ontmoetten wij een
+grooten troep van 70 beladen muildieren. Het was merkwaardig de
+woeste kreten der drijvers te hooren, en den langen sleep van dieren
+den berg te zien afdalen. Nu er niets in het rond was om dien troep
+bij te vergelijken, dan de naakte bergen zelven, wat scheen hij ons
+klein toe! Dicht bij den top was de wind, zooals meestal gebeurt,
+onstuimig en buitengewoon koud. Aan elke zijde van de keten moesten
+wij over breede velden van eeuwige sneeuw gaan, die nu spoedig door
+eene versche laag zou worden bedekt. Toen wij den top bereikten
+en omkeken, vertoonde zich een prachtig schouwspel. De verblindend
+heldere lucht; de donkerblauwe hemel; de diepe valleien; de grillig
+gebroken vormen der berggevaarten; de stapels rotspuin, sinds eeuwen
+opgehoopt; de tegenstelling tusschen de helderkleurige gesteenten
+en de stemmig getinte sneeuwbergen--dit alles smolt samen tot een
+tafereel van onbeschrijfelijke schoonheid, zooals niemand zich kan
+voorstellen. Enkele condors uitgezonderd, die om de hooge toppen
+zweefden, leidden plant noch dier mijne aandacht af van deze grootsche,
+doch onbezielde natuur. Ik gevoelde mij verrukt in deze eenzaamheid:
+het was als sloeg ik een onweder gade, als hoorde ik daar in vol
+orkest een koor van den Messias!
+
+Op verscheidene sneeuwhoopen vond ik den Protococcus Nivalis of roode
+sneeuw, zoo wel bekend uit de verhalen van Noorsche zeevaarders. Mijne
+aandacht werd er op gevestigd, toen ik zag, dat de voetstappen der
+muildieren eene bleekroode tint hadden, alsof hunne hoeven eenigszins
+bloederig waren. Eerst meende ik dit te moeten toeschrijven aan stof,
+dat van de omringende roode porfier-bergen was afgewaaid; want door
+het vergrootings-vermogen der sneeuwkristallen geleken de groepen
+dezer microscopische planten op grove stofdeelen. De sneeuw was alleen
+dáár gekleurd, waar zij snel ontdooid of toevallig vertrapt was. Eene
+kleine hoeveelheid, op papier gewreven, gaf eene flauwe rozeroode tint,
+vermengd met een spoor van steenrood. Later schraapte ik iets van het
+papier af, en vond dat dit schraapsel bestond uit groepen bolletjes
+in kleurlooze kapsels, elk een duizendste inch in doorsnede.
+
+Op den top der Peuquenes-keten is de wind, gelijk ik zoo even
+opmerkte, meestal onstuimig en zeer koud; men zegt, dat hij geregeld
+van de westzijde waait, of van den Stillen Oceaan. [276] Daar de
+waarnemingen hoofdzakelijk in den zomer zijn gedaan, moet deze wind een
+boven-keerstroom zijn. De Piek van Tenerife, die minder hoog is [277]
+en op 28° N.B. ligt, ligt eveneens in een boven-keerstroom. Eerst
+schijnt het eenigszins wonderlijk, dat de passaatwind langs de
+noordelijke gedeelten van Chili en op de kust van Peru in zulk
+eene zuidelijke richting waait, als hier het geval is; maar zoo wij
+bedenken, dat het Andesgebergte, dat in eene noordelijk-zuidelijke
+richting loopt, den lageren luchtstroom over zijne geheele diepte als
+met een grooten dam onderschept, dan zien wij gemakkelijk in, dat de
+passaatwind noordwaarts, langs de bergketen, naar de evenaarsstreken
+moet worden getrokken, en dus een deel van die oostelijke beweging
+moet verliezen, welke zij anders door de aswenteling der aarde zou
+hebben bezeten. Te Mendoza, aan den oostelijken voet der Andes, is
+het klimaat, gelijk men beweert, onderhevig aan lange windstilten
+en aan herhaalde, ofschoon valsche voorteekenen van dreigende
+regenvlagen. Hier kunnen wij ons voorstellen, dat de wind, als hij
+uit het oosten komende door de bergketen wordt onderschept, stationair
+wordt en onregelmatige bewegingen aanneemt.
+
+De Peuquenes overgetrokken zijnde, daalden wij af in een bergland,
+tusschen de twee hoofdketens gelegen, en sloegen hier onze
+nachtverblijven op. Wij waren nu in de Republiek Mendoza. De hoogte
+was waarschijnlijk niet onder de 11000 voet, en de plantengroei
+bij gevolg uiterst schraal. De wortel eener kleine armzalige plant
+diende als brandstof, maar gaf een ellendig vuur, terwijl de wind
+doordringend koud was. Daar ik door de inspanning van den dag zeer
+vermoeid was, maakte ik mijn bed zoo spoedig mogelijk op, en ging
+slapen, omstreeks middernacht zag ik de lucht eensklaps betrekken. Ik
+wekte den arriero om te weten of er ook gevaar voor slecht weer was;
+doch hij zeide, dat er zonder donder en bliksem geen kans op een
+hevigen sneeuwstorm was. Wie tusschen de twee ketens in door slecht
+weer wordt overvallen, verkeert in levensgevaar en heeft groote
+moeite er aan te ontkomen. Caldcleugh, die op denzelfden dag der
+maand den overtocht deed, werd daar eenigen tijd door een hevigen
+sneeuwval opgehouden. Casuchas [278] of vluchthuizen, zooals in den
+Uspallata-pas, zijn in dezen pas niet gebouwd, en daarom wordt de
+Portillo gedurende den herfst weinig bezocht. Ik wil hier opmerken,
+dat er in de hoofdketen van de Cordilleras nooit regen valt; want
+des zomers is de lucht onbewolkt, en des winters komen alleen
+sneeuwstormen voor.
+
+Op de plek, waar wij sliepen, kookte het water wegens de geringere
+luchtdrukking noodzakelijk bij lagere temperatuur dan in eene minder
+hooge streek het geval is. Het verschijnsel was hier het omgekeerde
+van dat bij den Pot van Papin. [279] Bij gevolg waren de aardappelen,
+na eenige uren in het kokende water te hebben gelegen, bijna even hard
+als ooit. De pot werd den ganschen nacht op het vuur gelaten, het water
+den volgenden morgen opnieuw aan den kook gebracht, maar de aardappelen
+werden niet gaar. Ik ontdekte dit, omdat ik mijne twee metgezellen de
+zaak hoorde bespreken; zij waren eenvoudig tot het besluit gekomen "dat
+die vervloekte pot (een nieuwe) geen aardappelen verkoos te koken."
+
+[22 Maart.]
+
+Nadat wij ons ontbijt zonder aardappelen gegeten hadden, trokken wij
+over de tusschenliggende vlakte naar den voet der Portillo-keten. In
+het midden van den zomer wordt hier vee gebracht om te grazen;
+maar nu waren alle dieren weggehaald, en zelfs de guanaco's waren
+vertrokken, wel wetende, dat zij in een val zouden geraken, zoo
+zij hier door een sneeuwstorm werden verrast. Wij hadden een fraai
+uitzicht op eene groep bergen, Tupungato geheeten, die geheel met een
+onafgebroken sneeuwlaag bedekt waren; in het midden er van vertoonde
+zich eene blauwe plek, ongetwijfeld een gletscher, die in deze bergen
+een zeldzaam verschijnsel is. Nu begon eene moeilijke en langdurige
+beklimming, evenals die van de Peuquenes. Rechts en links verrezen
+steile, kegelvormige heuvels van rood graniet, en in de valleien
+lagen verscheidene breede velden van eeuwige sneeuw. Deze bevroren
+massa's waren, tijdens het ontdooien, op sommige plaatsen in pieken of
+zuilen veranderd, [280] die wegens hare hoogte en geringen onderlingen
+afstand den muildieren het overtrekken moeilijk maakten. Op een van
+deze ijskolommen stond een bevroren paard, als op een voetstuk, maar
+met de achterpooten recht omhoog. Ik vermoed, dat het dier met het
+hoofd omlaag in een gat is gevallen toen de sneeuw nog versch lag,
+en dat de dooi later de omringende hoopen heeft verwijderd.
+
+Toen wij bijna op den top van de Portillo waren, werden wij in eene
+dalende wolk van kleine ijsnaaldjes gehuld. Dit was zeer jammer, daar
+het den ganschen dag duurde, en ons uitzicht geheel belemmerde. De pas
+ontleent haren naam "Portillo" (bijpoort of doorloop voor voetgangers)
+aan eene smalle kloof of overweg op den hoogsten kam, waarover de
+weg leidt. Van dit punt kan men op een helderen dag die uitgestrekte
+vlakten zien, welke zich onafgebroken tot den Atlantischen Oceaan
+uitstrekken. Wij daalden tot de bovenste grens van plantengroei, en
+vonden een goed nachtverblijf onder beschutting van eenige groote
+rotsblokken. Hier ontmoetten wij eenige voorbijgangers, die ons
+verlangend naar de gesteldheid van den weg vroegen. Kort nadat het
+donker was dreven de wolken eensklaps weg, en de uitwerking daarvan
+was bepaald tooverachtig. De hooge bergen, blinkend in den vollen
+maneschijn, schenen aan alle zijden boven ons te hangen, als bevonden
+wij ons in eene diepe rotskloof. Hetzelfde verrassende effect zag
+ik op zekeren morgen, heel in de vroegte. Nauwelijks waren de wolken
+weggedreven, of het begon hard te vriezen; maar wijl er geen wind was,
+sliepen wij overheerlijk.
+
+De meerdere helderheid van maan en sterren op deze hoogte, ten
+gevolge van de zooveel grootere doorschijnendheid der lucht, was
+zeer opmerkelijk. Reizigers, die ondervonden hebben hoe moeilijk het
+is om hoogten en afstanden te schatten te midden van hooge bergen,
+schrijven dit in 't algemeen toe aan het ontbreken van voorwerpen ter
+vergelijking. Mij komt het voor, dat het evenzeer is toe te schrijven
+aan de doorschijnendheid der lucht, die voorwerpen op verschillende
+afstanden vermengt, als ook gedeeltelijk aan de nieuwigheid, dat eene
+kleine inspanning een ongewonen graad van vermoeidheid ten gevolge
+heeft. Hier is de gewoonte dus in strijd met het getuigenis onzer
+zinnen. Ik ben overtuigd, dat deze ongewone helderheid een eigenaardig
+karakter aan het landschap verleent, doordien alle voorwerpen
+nagenoeg in één vlak vereenigd schijnen, evenals in eene teekening
+of panorama. Vermoedelijk is die doorschijnendheid toe te schrijven
+aan den gelijkmatigen en hoogen graad van atmospherische droogte. Die
+droogte bleek spoedig uit het krimpen van houtwerk (gelijk ik spoedig
+ontdekte aan de moeite, die ik met mijn geologischen hamer had);
+uit het buitengewoon hard worden van voedingsmiddelen, zooals brood
+en suiker, en uit het goed blijven van de huid en vleeschdeelen der
+beesten, die onderweg gestorven waren. Aan dezelfde oorzaak moeten
+wij het zonderlinge verschijnsel toeschrijven, dat zoo gemakkelijk
+electriciteit wordt opgewekt. Mijn flanellen vest straalde, wanneer
+het in donker werd gewreven, als ware het met phosphorus gewasschen;
+elk haar op den rug van een hond knetterde; zelfs de linnen lakens
+en de lederen zadelriemen schoten vonken, als men ze in handen nam.
+
+[23 Maart.]
+
+De daling aan de oostzijde van de Cordilleras is veel korter of
+steiler dan aan den kant van den Stillen Oceaan: met andere woorden,
+de bergen verrijzen rechtstandiger uit de vlakten dan uit het hoogland
+van Chili. Eene effene en schitterend witte wolkenzee strekte zich
+onder onze voeten uit, en onttrok de gelijkmatig vlakke Pampas aan
+ons oog. Spoedig gingen wij deze wolkenlaag binnen, en kwamen er
+dien dag niet uit. Omstreeks den middag bereikten wij Los Arenales;
+en daar hier weiland voor de dieren en struiken voor brandhout werden
+gevonden, hielden wij stil om te overnachten. Wij waren hier bij de
+bovenste grens der struikgewassen, en de hoogte bedroeg, naar gissing,
+tusschen de zeven en achtduizend voet.
+
+Zeer trof mij het in 't oog vallend verschil tusschen den plantengroei
+dezer oostelijke valleien en die aan den kant van Chili; toch zijn
+zoowel het klimaat als de soort van grond ongeveer dezelfden, terwijl
+het lengte-verschil zeer gering is. Dezelfde opmerking geldt voor de
+viervoetige dieren, en in geringere mate voor vogels en insecten. Als
+voorbeeld kan ik de muizen noemen, waarvan ik dertien soorten vond
+aan de kusten van den Atlantischen, en vijf aan den Stillen Oceaan;
+en hiervan zijn geen twee dezelfden. Eene uitzondering daarop maken al
+die soorten, welke gewoonlijk, of nu en dan, hooge bergen bezoeken,
+alsmede sommige vogels, die zelfs tot in de Straat van Magelhaen
+voorkomen. Dit feit is in volkomen overeenstemming met de geologische
+geschiedenis der Andes; want sedert de tegenwoordige dierenrassen op
+aarde verschenen, heeft deze bergketen als groote scheidsmuur gediend;
+zoodat wij, behalve in de onderstelling dat dezelfde soorten op twee
+verschillende plaatsen zijn geschapen, niet mogen verwachten eene
+nauwere overeenkomst te zullen vinden tusschen de organische wezens aan
+de overzijden der Andes, dan op de tegenovergelegen kusten der twee
+oceanen. In beide gevallen moeten wij niet mederekenen die soorten,
+welke in staat zijn geweest over den scheidsmuur, hetzij van vast
+gesteente of zout water, heen te komen. [281]
+
+Zeer vele planten en dieren waren geheel dezelfden als, of ten
+nauwste verwant aan die van Patagonië. Men vindt hier het aguti,
+de bizcacha, drie soorten van armadillen, den struisvogel, zekere
+soorten van patrijzen en andere vogels, die nooit in Chili worden
+gezien, maar de kenmerkende dierentypen zijn in de woestijnvlakten
+van Patagonië. Ook vindt men veelal dezelfde (in de oogen van iemand,
+die geen plantkundige is) weinig ontwikkelde doornstruiken, verdorde
+grassen en dwergplanten. Zelfs de zwarte, langzaam kruipende kevers
+gelijken zeer op elkander; en ik geloof, dat, bij streng onderzoek,
+sommigen geheel denzelfden zijn. Steeds heeft het mij gespeten,
+dat wij onherroepelijk gedwongen waren de opvaring van de rivier
+Santa Cruz op te geven, voordat wij de bergen bereikten, daar ik
+altijd de stille hoop had, eene groote verandering in den toon van
+het landschap te zullen bespeuren; doch nu ben ik overtuigd, dat dit
+alléén zou gebeurd zijn, indien wij over de vlakten van Patagonië
+eene bergbeklimming ondernomen hadden.
+
+[24 Maart.]
+
+Vroeg in den morgen beklom ik een berg aan eene der zijden van het
+dal, en verlustigde mij in een ruim vergezicht over de Pampas. Dit was
+een schouwspel, waarnaar ik steeds met belangstelling had uitgezien;
+doch ik werd teleurgesteld. Bij den eersten aanblik geleek het veel
+op een vergezicht over den oceaan; maar in de noordelijke gedeelten
+lieten zich weldra vele onregelmatigheden ontdekken. Het meest trof
+mij de aanblik der rivieren, die door spiegeling van de opgaande zon,
+als zilveren draden schitterden tot waar zij zich in de onmetelijke
+verte verloren. Des middags daalden wij af in de vallei, en bereikten
+eene hut, waar een officier en drie soldaten op post stonden voor
+het nazien van de paspoorten. Een dezer mannen was een volbloed
+Pampas-Indiaan, en werd veel gebruikt voor hetzelfde doel als een
+bloedhond, om menschen op te sporen, die te voet of te paard heimelijk
+voorbij den post trachtten te geraken. Eenige jaren geleden poogde een
+voorbijganger aan de nasporing te ontsnappen, door een langen omweg
+over een naburigen berg te maken; maar deze Indiaan had toevallig
+zijn spoor ontdekt, en volgde dit den geheelen dag over droge en zeer
+steenachtige heuvels, totdat hij eindelijk zijne prooi inhaalde, die
+in een hollen weg verborgen zat. Hier hoorden wij, dat de zilveren
+wolken, die wij van uit de heldere streek in het hooggebergte hadden
+bewonderd, zich in stroomen regen hadden ontlast. Voorbij de hut werd
+de vallei gaandeweg vlakker, en werden de bergjes louter verweerde
+heuvels, vergeleken met de reuzen achter ons; eindelijk breidde zij
+zich uit tot eene zacht glooiende kiezelvlakte, die met lage boomen
+en struiken bedekt was. Deze glooiing, hoewel op het oog smal, moet
+ongeveer tien mijlen breed zijn tot waar zij overgaat in de schijnbaar
+doode, vlakke Pampas. Wij trokken voorbij de Estancia van Chaquaio, het
+eenige huis in dezen omtrek, hielden bij zonsondergang op het eerste
+het beste aangename plekje halt, en sloegen hier ons nachtleger op.
+
+[25 Maart.]
+
+Gedurende den nacht viel er een zware dauw--een verschijnsel, dat wij
+in de Cordilleras niet hadden waargenomen; en toen ik den volgenden
+morgen de zon zag opgaan achter een horizon, zoo effen als die van den
+oceaan, werd ik aan de Pampas van Buenos Aires herinnerd. De weg liep
+eenigen tijd vlak oostwaarts door een laag moeras, kwam vervolgens
+uit in eene droge vlakte, en boog toen noordwaarts naar Mendoza. De
+afstand bedraagt twee zeer lange dagreizen. Onze eerste dagreis was
+bepaald op 14 leagues naar Estacado, en de tweede op 17 naar Luxan,
+bij Mendoza. De geheele weg loopt over eene effen, eenzame vlakte,
+waarop niet meer dan twee of drie huizen staan. Bedenk daarbij,
+dat de zon buitengewoon fel scheen, dan wordt het duidelijk waarom
+de rit alle aantrekkelijkheid miste. Op dezen langen weg is zeer
+weinig water; en op onze tweede dagreis vonden wij slechts één
+kleinen poel. Het weinige water, dat van de bergen vloeit, wordt
+door den drogen en poreuzen bodem spoedig opgezogen; en zoo kwam
+het, dat wij geen enkelen stroom passeerden, ofschoon wij slechts
+tien of vijftien mijlen van de buitenste keten der Cordilleras af
+waren. Op vele gedeelten was de grond met eene zoutkorst bedekt, en
+vonden wij hier dezelfde zoutlustige planten, die bij Bahia Blanca
+voorkomen. Het landschap bezit een gelijkvormig karakter vanaf de
+Straat van Magelhaen langs de geheele oostkust van Patagonië tot aan
+de Rio Colorado; en dezelfde soort van streek schijnt zich in eene
+bochtige lijn van deze rivier af landwaarts in uit te strekken tot San
+Luis, en misschien noordelijker nog. Oostelijk van deze kromme lijn
+ligt de kom der betrekkelijk vochtige en groene vlakten van Buenos
+Aires. De onvruchtbare vlakten van Mendoza en Patagonië bestaan uit
+eene laag kiezelsteenen, die door de golven der zee glad afgespoeld en
+opgehoopt zijn; terwijl de met distels, klaver en gras bedekte Pampas
+gevormd zijn door de modder der oude delta van de Rio de la Plata.
+
+Na onze vermoeiende tweedaagsche reis zagen wij met welgevallen van
+verre de rijen wilgen en populieren, die om het dorp en de rivier
+Luxan groeiden. Kort vóór onze komst in de plaats bespeurden wij in
+zuidelijke richting eene donkere, roodachtig bruine wolk van zeer
+onregelmatigen vorm. Eerst hielden wij die voor den rook van een
+grooten veldbrand, maar spoedig ontdekten wij, dat het een zwerm
+sprinkhanen was. Zij vlogen in noordelijke richting; en geholpen door
+eene zwakke bries, haalden zij ons met de snelheid van tien of vijftien
+mijlen in het uur in. De hoofdzwerm scheen zich uit te strekken
+van eene hoogte van twintig tot twee of drieduizend voeten boven den
+grond. Het geluid hunner vleugels was als het "rollen van strijdwagens
+door vele rennende paarden voortbewogen:" of juister, zou ik zeggen,
+als het gieren van eene stevige bries door het want van een schip. Door
+de voorhoede gezien, geleek de lucht op eene teekening in aqua-tinta;
+maar de hoofdzwerm was ondoordringbaar voor het oog. Zij waren echter
+niet zoo dicht opeengepakt, of zij konden nog een stok ontwijken, die
+heen en weder werd gezwaaid. Toen zij neerstreken, waren zij talrijker
+dan de bladeren des velds, en veranderde de groene kleur hiervan in
+eene roodachtige; maar nauwelijks op den grond, of de insecten vlogen
+in alle richtingen heen en weer. Sprinkhanen zijn in dit land niet
+zeldzaam; reeds waren in dit seizoen verscheidene zwermen uit het
+zuiden gekomen, waar zij, zooals in alle andere werelddeelen schijnt
+te gebeuren, in de woestijnen worden uitgebroed. Te vergeefs poogden
+de arme hutbewoners door het ontsteken van vuren, door geschreeuw en
+het zwaaien van takken den aanval te keeren. Deze sprinkhanensoort
+gelijkt zeer veel op den vermaarden Gryllus migratorius uit het Oosten,
+en is wellicht dezelfde.
+
+Wij staken de Luxan over--eene rivier van aanzienlijke grootte,
+hoewel haar loop naar de zeekust zeer onvolkomen bekend is; zelfs is
+het twijfelachtig of zij niet in haar loop over de vlakte verdampt en
+spoorloos verdwijnt. Daarna sliepen wij in het dorp Luxan, een plaatsje
+door tuinen omgeven, dat vijf leagues ten zuiden van de hoofdstad ligt
+en het zuidelijkste bebouwde district is in de provincie Mendoza. Des
+nachts doorstond ik een aanval (want een zachteren naam verdient het
+niet) van de Benchuca, eene soort Reduvius, de groote zwarte weegluis
+van de Pampas. Het is een uiterst walgelijk gevoel, als die weeke,
+ongevleugelde insecten van ongeveer een inch lengte over ons lichaam
+kruipen. Vóór het zuigen zijn zij zeer dun, maar later worden zij
+rond en gezwollen door het bloed, zoodat het dan gemakkelijk is ze
+te dooden. Een die ik ving te Iquique (want men vindt ze in Chili en
+Peru), was zeer bloeddorstig. Op eene tafel geplaatst, stak het vinnige
+insect, wanneer men het een vinger voorhield, onmiddellijk zijn zuiger
+uit, deed, ofschoon er menschen om heen stonden, een aanval en begon,
+als men het liet begaan, bloed te zuigen. De wond veroorzaakte geen
+pijn. Het was merkwaardig zijn lichaam gade te slaan, terwijl het
+bezig was te zuigen; want eerst zoo plat als een wafel, werd het in
+minder dan tien minuten bolrond. Van dit eene maal, dat de benchuca
+aan een der officieren te danken had, bleef zij vier maanden lang vet;
+maar reeds na 14 dagen stond zij kant en klaar om opnieuw te zuigen.
+
+[27 Maart.]
+
+Wij reden verder naar Mendoza. Het land was uitstekend bebouwd, en
+kwam overeen met Chili. Deze buurtschap is beroemd om haar fruit; en
+het dient erkend, dat deze bloeiende wijngaarden, en boomgaarden met
+vijge-, perzik- en olijfboomen door niets evenaard konden worden. Wij
+kochten watermeloenen, tweemaal zoo groot als een menschenhoofd,
+heerlijk koel en goed van smaak, voor een halve penny het stuk; en
+een halven kruiwagen vol perziken voor de waarde van drie pence. Het
+bebouwde en ompaalde gedeelte dezer provincie is zeer klein, en niet
+veel grooter dan dat tusschen Luxan en de hoofdstad, hetwelk wij waren
+doorgetrokken. Evenals in Chili, dankt het land zijne vruchtbaarheid
+geheel aan kunstmatige bevloeiing; en het is inderdaad verrassend
+als men ziet hoe buitengewoon vruchtbaar eene kale vlakte daardoor
+gemaakt wordt.
+
+Wij bleven den volgenden dag in Mendoza. De voorspoed van deze
+stad is in de laatste jaren zeer gedaald. De inwoners zeggen: "Zij
+is goed om er te wonen, maar zeer slecht om rijk te worden." De
+lagere standen hebben de luierende, zorgelooze manieren van de
+Gauchos der Pampas, en hunne kleeding, hun zadeltuig en leefwijzen
+zijn nagenoeg dezelfden. In mijn oog had de stad een geesteloos,
+verlaten aanzien. Noch de geroemde alameda, [282] noch de aanleg
+der stad zijn te vergelijken met die van Santiago; maar voor hen,
+die van Buenos Aires komende, pas hun tocht door de eentonige Pampas
+hebben volbracht, moeten de tuinen en boomgaarden een verrukkelijken
+aanblik opleveren. Van de inwoners sprekende, zegt Sir. F. Head: "Zij
+eten hun middagmaal, gaan slapen omdat het zoo heet is... eilieve,
+kunnen zij wel beter doen?" Ik ben het geheel met den zegsman eens:
+het gelukkig lot der Mendozinos is: eten, slapen en luieren.
+
+[29 Maart.]
+
+Wij gingen op weg om over den noordelijk van Mendoza gelegen
+Uspallata-pas naar Chili terug te keeren. Onze weg liep door
+een uitgestrekt en zeer dor gebied, dat 15 leagues lang was. De
+bodem was op sommige plaatsen geheel kaal, op andere met tallooze
+dwergcactussen bedekt, die met geduchte stekels waren gewapend
+en door de inwoners "kleine leeuwen" werden genoemd. Ook waren er
+enkele lage struiken. Ofschoon de vlakte bijna 3000 voet boven de zee
+ligt, brandde de zon zeer fel; en deze hitte, gevoegd bij de wolken
+ontastbaar stof, maakten den tocht buitengewoon vermoeiend. Onze weg
+liep dezen dag bijna evenwijdig met de Cordilleras, doch naderde die
+langzamerhand. Vóór zonsondergang reden wij eene der breede valleien
+of liever dalbochten in, welke in de vlakte uitmonden, en die zich
+spoedig vernauwde tot een ravijn, waarin iets hooger op de villa
+Vicencio ligt. Daar wij den ganschen dag gereden hadden zonder een
+druppel water, waren wij en ook onze muildieren zeer dorstig, en keken
+dus verlangend uit naar den stroom, die door deze vallei naar het dal
+vloeit. Het was eigenaardig te zien, hoe het water langzamerhand voor
+den dag kwam: op de vlakte was de bedding geheel droog; gaandeweg
+werd zij iets vochtiger, en toen verschenen plasjes water, die zich
+weldra vereenigden, totdat zich eindelijk bij de villa Vicencio een
+aardig riviertje vertoonde.
+
+[30 Maart.]
+
+De eenzame hut, welke den indrukwekkenden naam Villa Vicencio draagt,
+wordt door elken reiziger vermeld, die de Andes is overgetrokken. Ik
+bleef hier twee opvolgende dagen en bezocht ook eenige naburige
+mijnen. De geologie van het omliggende land is zeer merkwaardig. De
+Uspallata-keten is van de hoofd-Cordilleras gescheiden door eene lange,
+smalle vlakte of kom, evenals die in Chili (welke zoo vaak genoemd
+zijn), maar hooger, daar zij 6000 voet boven de zee ligt. Deze keten
+heeft bijna dezelfde geographische ligging met betrekking tot de
+Cordilleras, als de reusachtige Portillo, maar is van geheel anderen
+oorsprong. Zij bestaat uit verschillende onderzeesche lava-soorten,
+die afwisselen met vulkanische zandsteenen en andere merkwaardige
+sedimentaire afzetsels; het geheel komt zeer na overeen met sommige
+tertiaire lagen aan de stranden van den Stillen Oceaan. Wegens die
+gelijkenis verwachtte ik fossiel hout te zullen vinden, waardoor
+deze formaties zich meestal kenmerken. Ik werd in ruime mate tevreden
+gesteld. In het middengedeelte der keten bespeurde ik op eene naakte
+helling, ter hoogte van ongeveer 17000 voet, eenige sneeuwwitte
+uitstekende kolommen. Deze waren versteende boomen, waarvan elf
+verkiezeld, en dertig tot veertig in grof gekristalliseerd wit
+kalkspaat veranderd waren. Zij waren plotseling afgebroken, zoodat
+de overgebleven stompen enkele voeten boven den grond uitstaken. De
+stammen maten elk van drie tot vijf voeten in omtrek, en stonden op
+geringen afstand van elkander, maar vormden te zamen ééne groep. Robert
+Brown is zoo vriendelijk geweest het hout te onderzoeken, en zegt dat
+het tot het geslacht der dennen behoort, omreden het de kenmerken
+draagt van de familie der Araucaria's of Andesdennen, maar dat het
+eenige merkwaardige verwantschapspunten met betrekking tot den iep
+bezit. De vulkanische zandsteen, waarin de boomen waren begraven en
+uit welks lagere gedeelten zij ontsproten moesten zijn, heeft zich
+achtereenvolgens in dunne lagen om de stammen opgehoopt, en de steen
+heeft nog den indruk der schors bewaard.
+
+Er was weinig geologische kennis noodig ter vertolking van de
+wonderbare geschiedenis, welke dit landschap onmiddellijk voor oogen
+stelde, hoewel ik beken, dat ik in 't eerst zoozeer verbaasd was,
+dat ik het klaarste bewijs nauwelijks kon gelooven. Ik zag de plek,
+waar in een lang vervlogen tijd eenige fraaie boomen hunne takken
+wuifden aan de stranden van den Atlantischen Oceaan, toen deze Zee--nu
+700 mijlen teruggevloeid--tot aan den voet der Andes reikte. Ik zag,
+dat die boomen waren ontsproten uit een vulkanischen grond, die boven
+den zeespiegel was geheven, en dat dit droge land met zijn rijzig
+geboomte daarna was weggezonken in de diepten van den Oceaan. In deze
+diepten werd het vroeger droge land bedekt met sedimentaire lagen,
+en dezen weer met ontzaglijke stroomen onderzeesche lava, waarvan
+één zelfs eene dikte van 1000 voet bereikte; en vijfmaal waren die
+stroomen van gesmolten gesteenten, door waterbezinksels afgewisseld,
+over den zeebodem verspreid. De oceaan, waarin zulke dikke beddingen
+ontstonden, moet ontzettend diep geweest zijn. Maar wederom kwamen
+de onderaardsche krachten in werking; en nu zag ik den bodem van dien
+oceaan eene bergketen vormen van meer dan 7000 voet hoogte. Nòg waren
+die vijandige machten, welke altijd bezig zijn de oppervlakte van het
+land te sloopen, niet tot rust gekomen: de groote lava-beddingen waren
+doorsneden geworden van breede valleien, en de nu versteende boomen
+blootgelegd door uitspoeling van den vulkanischen, thans evenzeer
+versteenden bodem, waaruit zij eenmaal, groenend en bloeiend, hunne
+rijzige toppen hadden omhoog geheven. Nu is dit alles eene volslagen
+woestenij, want zelfs het mos kan zich niet hechten aan de steenen
+rompen van voormalige boomen. Hoe reusachtig en bijna onbegrijpelijk
+zulke veranderingen ook moeten schijnen, hebben zij toch allen plaats
+gehad in een tijdperk, dat jong is, vergeleken met de geschiedenis
+der Cordilleras zelve; en deze bergketen is beslist nieuw, vergeleken
+met vele fossielen-bevattende lagen in Europa en Amerika!
+
+[1 April.]
+
+Wij trokken over de Uspallata-keten, en sliepen des nachts in het
+tolhuis--de eenige bewoonde plek op de vlakte. Kort voordat wij de
+bergen verlieten, zagen wij een zeer buitengewoon schouwspel: roode,
+purpere, groene en zuiver witte sedimentaire gesteenten, afwisselende
+met zwarte lava's, waren door porfier-kegels in allerlei kleuren,
+van donkerbruin tot het helderste lila, opgebroken en in de grootste
+wanorde dooreengeworpen. Ik zag thans voor het eerst een schouwspel,
+dat werkelijk geleek op die fraaie doorsneden, welke de geologen van
+het binnenste der aarde maken.
+
+Den volgenden dag staken wij de vlakte over, en volgden den loop
+van denzelfden grooten bergstroom, die voorbij Luxan vloeit. Hier
+was die stroom een wild bruisende, geheel ondoorwaadbare vloed, die
+breeder scheen dan in het laagland, evenals met het riviertje van Villa
+Vicencio het geval was. Op den avond van den volgenden dag bereikten
+wij de Rio de las Vacas, die beschouwd wordt als de slechtste stroom
+in de Pampas, wat het oversteken betreft. Daar al deze rivieren een
+snellen en korten loop hebben, en door het smelten der sneeuw gevormd
+zijn, brengt het uur van den dag een aanzienlijk verschil mede in hun
+volume. Des avonds is de stroom modderig en gezwollen; maar tegen het
+aanbreken van den dag wordt hij klaarder en veel minder onstuimig. Wij
+vonden, dat dit ook met de Rio de las Vacas het geval was, en staken
+haar des morgens met geringe moeite over.
+
+Tot dusverre was het landschap zeer weinig belangrijk, vergeleken met
+dat van den Portillo-pas. Men kan weinig zien van hetgeen er ligt
+aan gene zijde van de kale rotswanden der groote vlakke vallei,
+waardoor de weg tot aan den hoogsten top voert. De vallei en de
+ontzaglijke rotsachtige bergen zijn uiterst dor: gedurende de twee
+vorige nachten hadden de arme muildieren letterlijk niets te eten,
+want behalve enkele harsachtige struiken, is er bijna geen plant
+te zien. In den loop van dezen dag trokken wij over eenige van
+de slechtste passen in de Cordilleras; doch het daaraan verbonden
+gevaar wordt zeer overdreven. Men zeide mij, dat ik duizelig zou
+geworden zijn, indien ik er te voet had trachten over te gaan, en
+dat er geen ruimte was om af te stijgen; maar ik zag geen enkele
+plek, waar men niet ruggelings had over kunnen loopen, of aan beide
+zijden van zijn muildier stijgen. Van een der slechtste passen (las
+Animas--de Zielen), dien ik was overgetrokken, vernam ik eerst een
+dag later, dat hij een van de gevaarlijkste was. Ongetwijfeld zijn er
+vele punten, waar de ruiter, bij eene struikeling van het muildier,
+in een diepen afgrond zou worden geslingerd; doch hiervoor bestaat
+weinig kans. Van de laderas of wegen, die elk jaar over de stapels
+gevallen rotspuin opnieuw worden aangelegd, durf ik zeggen, dat zij
+in de lente zeer slecht zijn; maar blijkens hetgeen ik zag, geloof
+ik, dat het werkelijke gevaar nul is. Met gepakte muildieren is het
+geval eenigszins anders, doordien de pakken zoo ver uitsteken, dat
+de beesten, als zij toevallig tegen elkander of tegen eene rotspunt
+loopen, hun evenwicht verliezen en in den afgrond worden geworpen. Bij
+het oversteken van rivieren kan ik wel gelooven, dat de moeilijkheid
+soms zeer groot is; in dit jaargetijde was er weinig last, maar in
+den zomer moeten zij zeer gevaarlijk zijn. Volgens de beschrijving
+van Sir F. Head kan ik mij zeer goed de verschillende uitdrukkingen
+verklaren van hen, die zulk een bergstroom zijn overgestoken, of
+bezig zijn het te doen. Ik heb nooit gehoord, dat een mensch verdronk,
+maar met gepakte muildieren gebeurt het vaak. De arriero zegt u, dat
+gij uw muildier de beste richting moet wijzen, en het dan zijn gang
+moet laten gaan; het gepakte muildier neemt zijne richting slecht,
+en is dikwijls verloren.
+
+[4 April.]
+
+Van de Rio de las Vacas tot de Puente del Inca is eene halve
+dagreis. Daar er weiland voor de muildieren was, en een geologisch
+terrein voor mij, sloegen wij hier onze nachtkwartieren op. Als men
+van eene natuurlijke Brug (Puente) hoort, stelt men zich een diep
+en smal ravijn voor, waarover schrijlings een geweldig rotsblok is
+gevallen, of een grooten boog die als een grotgewelf is uitgehold. In
+plaats daarvan bestaat de Puenta del Inca uit een korst van gelaagde
+keisteenen, die door de bezinksels der naburige heete bronnen zijn
+samengemetseld. Het schijnt, dat de stroom aan den eenen kant een
+kanaal heeft uitgegraven, waarbij eene overhangende rots ontstond, die
+zich vereenigde met de aarde en steenen welke van de tegenoverstaande
+klip vielen. De schuine verbinding, die in zoodanig geval zou ontstaan,
+was inderdaad aan één kant zeer duidelijk merkbaar. De Inca-brug is
+geenszins de groote koningen waardig, naar wien zij genoemd is.
+
+[5 April.]
+
+Wij hadden een langen dagrit noodig, om van de Puente del Inca,
+over de centrale keten, naar de Ojos del Agua te komen, die bij de
+laagste casucha aan den kant van Chili liggen. Deze casuchas zijn
+kleine ronde torens, met trappen aan de buitenzijde om den vloer
+te bereiken, die wegens de sneeuwhoopen eenige voeten boven den
+grond is aangebracht. Zij zijn acht in getal, en werden onder het
+Spaansche gouvernement des winters goed van leeftocht voorzien,
+terwijl elke koerier een looper op de torens had. Nu dienen zij
+alleen tot kerkerholen. Wegens hare eenigszins hooge ligging, passen
+zij niet kwaad bij deze woeste en eenzame omgeving. De zigzagvormige
+beklimming van de Cumbre, [283] of Waterscheiding, was zeer steil en
+vermoeiend; volgens Pentland bedraagt de hoogte 12.454 voet. Nergens
+leidde de weg over eeuwige sneeuw, ofschoon er aan beide kanten
+hoopjes lagen. Op den top was de wind snerpend koud; toch kon ik niet
+nalaten eenige minuten stil te houden, om telkens weer de kleur van
+den hemel en de prachtige doorschijnende lucht te bewonderen. Het
+was een indrukwekkend schouwspel. In het westen vertoonde zich eene
+fraaie, dicht opeengedrongen groep van bergen, door diepe ravijnen
+gescheiden. Meestal valt er vóór dezen tijd van het jaar wat sneeuw:
+en het is zelfs gebeurd, dat de Cordilleras omstreeks dezen tijd
+geheel waren afgesloten. Maar wij troffen het zeer gelukkig. Nacht en
+dag was de lucht onbewolkt, uitgenomen enkele ronde klompjes damp,
+die over de hoogste toppen dreven. Dikwijls heb ik deze wolkjes in
+de lucht gezien, wijzende de plek waar de Cordilleras lagen, als de
+ver verwijderde bergen achter den horizon verborgen waren.
+
+[6 April.]
+
+Des morgens ontdekten wij, dat een dief een onzer muildieren benevens
+de bel van de madrina gestolen had. Wij reden daarom slechts twee of
+drie mijlen dieper de vallei in, en bleven daar den volgenden dag, in
+de hoop het muildier te zullen terugvinden, dat, volgens het oordeel
+van den arriero, ergens in een ravijn verborgen was. Het landschap had
+in dit gedeelte een Chileensch karakter aangenomen. De onderzijden
+der bergen, welke dun begroeid zijn met den bleeken, altijd-groenen
+Quillay-boom, en met den grooten kandelabervormigen cactus, [284]
+zijn stellig meer te bewonderen dan de kale oostelijke valleien;
+maar met de bewondering, door sommige reizigers aan den dag gelegd,
+kon ik niet geheel instemmen. Ik vermoed, dat de prettige stemming,
+waarin men verkeert, hoofdzakelijk is toe te schrijven aan het
+vooruitzicht van een flink vuur en een goed avondeten, nadat men aan
+de koude streken van het hooggebergte ontkomen is, en ik ben overtuigd,
+dat anderen deze gevoelens van harte met mij deelen.
+
+[8 April.]
+
+Wij verlieten de Aconcagua-vallei, waardoor wij waren afgedaald, en
+bereikten des avonds eene hut nabij de Villa della Santa Rosa. De
+vruchtbare vlakte bood een verrukkelijken aanblik. Daar de herfst
+reeds ver gevorderd was, vielen de bladeren van vele fruitboomen af;
+en van de arbeiders waren sommige bezig met het drogen van vijgen
+en perziken op de daken hunner hutten, terwijl andere de druiven uit
+de wijngaarden verzamelden. Het was een opwekkend tafereel; maar ik
+miste die plechtige en ernstige stilte, welke den herfst in Engeland
+terecht als den avond des jaars kenmerkt. Op den 10den bereikten wij
+Santiago, waar mij door Caldcleugh eene zeer vriendelijke en gastvrije
+ontvangst werd bereid. Mijn uitstapje kostte mij slechts 24 dagen;
+en nooit had ik in een even langen tijd zooveel genoten. Enkele dagen
+later keerde ik naar de woning van Corfield in Valparaiso terug.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XVI.
+
+NOORD-CHILI EN PERU.
+
+
+[27 April.]
+
+Ik maakte mij op voor eene reis naar Coquimbo, en vandaar over Huasco
+naar Copiapó, waar kapitein Fitz-Roy het vriendelijke aanbod deed, mij
+aan boord van de Beagle te nemen. De afstand in rechte lijn langs het
+strand noordwaarts is slechts 420 mijlen; doch mijne manier van reizen
+maakte den tocht zeer lang. Ik kocht vier paarden en twee muildieren,
+waarvan de laatsten om den anderen dag de pakkage droegen. De zes
+dieren te zamen kostten slechts 25 pond sterling, en te Copiapó
+verkocht ik hen weer voor drie en twintig. Wij reisden op dezelfde
+ongedwongen manier als te voren, kookten zelf ons maal, en sliepen
+in de open lucht. Toen wij naar de Vigno del Mar reden, wierp ik
+een afscheidsblik op Valparaiso, en bewonderde haar schilderachtig
+aanzien. Voor geologische onderzoekingen deed ik een tocht van den
+grooten weg naar den voet der Klok van Quillota, en met dit doel
+trokken wij door een alluviaal district, dat rijk aan goud was, naar de
+buurtschap Limache, waar wij sliepen. Het goudwasschen onderhoudt de
+bewoners van een aantal hutten, die langs de oevers van elk riviertje
+verspreid zijn; maar gelijk alle personen met onzekere verdiensten,
+zijn zij verkwistend van aard, en bijgevolg arm.
+
+[28 April.]
+
+In den namiddag bereikten wij eene hut aan den voet van den
+Klok-berg. De bewoners waren vrijgoedbezitters, hetgeen in Chili niet
+veel voorkomt. Zij leefden van de voortbrengselen van een tuin en
+een klein veld, doch waren zeer arm. Er is hier zooveel gebrek aan
+kapitaal, dat de menschen genoodzaakt zijn hun nog te velde staand
+koren te verkoopen, om het noodige te koopen voor het volgende
+jaar. Dientengevolge was tarwe in het district, waar zij groeide,
+duurder dan te Valparaiso, waar de afnemers wonen. Den volgenden dag
+bereikten wij weer den grooten weg naar Coquimbo. Gedurende den nacht
+viel er een zeer fijne regen, en dit waren de eerste druppels sinds
+den hevigen regen van 11 en 12 September des vorigen jaars, die mij
+in de Baden van Cauquenes gevangen hield. De tusschentijd bedroeg
+zeven en eene halve maand; maar dit jaar was de regen in Chili iets
+later dan gewoonlijk. Prachtig was de aanblik der verwijderde Andes,
+die nu met eene dikke sneeuwlaag bedekt waren.
+
+[2 Mei.]
+
+Voortdurend volgde de weg de kust, op geen grooten afstand van de
+zee. De weinige boomen en struiken, die in Midden-Chili voorkomen,
+namen snel in aantal af, en werden vervangen door eene hooge plant, die
+eenigszins op eene Yucca of Amerikaansche Adamsnaald geleek. Ofschoon
+op kleine schaal, vertoonde het land met zijne steile, lage rotstoppen,
+die uit de kleine vlakten of dalkommen verrezen, eene eigenaardig
+gebroken en onregelmatige oppervlakte. Dergelijke vormen zouden ook
+de oneffen kust en de bodem der naburige zee vertoonen, wanneer zij
+in land veranderd werden; en zonder twijfel had zulk eene verandering
+plaats gehad in het gedeelte, waarover wij reden.
+
+[3 Mei.]
+
+Onze tocht leidde van Quilimari naar Conchalee. Het land werd meer
+en meer onvruchtbaar. In de valleien was nauwelijks water genoeg voor
+bevloeiing, en het tusschenliggende land was zóó dor, dat er zelfs geen
+geiten konden grazen. In de lente schiet, na de wintervlagen, snel eene
+dunne graslaag op, en kan het vee uit de Cordilleras worden gedreven
+om hier voor korten tijd te grazen. Het is merkwaardig te zien hoe
+de gras- en andere plantenzaden, als door eene aangenomen gewoonte,
+zich schikken naar de hoeveelheid regen, welke op verschillende
+deelen dezer kust valt. Eéne bui te Copiapó, ver noordwaarts, heeft
+op den plantengroei eene even groote uitwerking als twee te Huasco,
+en als drie of vier in dit district. Een winter te Valparaiso,
+zoo droog dat aan het weiland ernstige schade wierd toegebracht,
+zou te Huasco een overvloed voortbrengen, die daar ten zeerste
+ongewoon is. In noordelijke richting schijnt de hoeveelheid regen
+niet in juiste verhouding tot de breedte af te nemen. Te Conchalee,
+dat slechts 67 mijlen benoorden Valparaiso ligt, wordt de regen niet
+vóór het einde van Mei verwacht, terwijl te Valparaiso meestal reeds
+vroeg in April wat valt. Ook is de jaarlijksche hoeveelheid klein in
+verhouding tot het vergevorderde seizoen, waarin de regen begint.
+
+[4 Mei.]
+
+Daar wij op den kustweg niets belangrijks vonden, gingen wij landwaarts
+in naar het mijndistrict in de vallei van Illapel. Deze vallei is,
+evenals alle andere in Chili, vlak, breed en zeer vruchtbaar; zij
+wordt aan beide zijden begrensd òf door klippen van gelaagd grof
+keizand, òf door kale rotsachtige bergen. Boven de rechte lijn van
+het hoogste besproeiingskanaal is alles donkerbruin als op een
+straatweg, terwijl alles daaronder helder kopergroen is door de
+velden met alfarfa (eene soort klaver). Wij reden verder naar Los
+Hornos, een ander mijndistrict, waar de hoogste berg doorzeefd was
+met gaten, evenals een groot mierennest. De Chileensche mijnwerkers
+zijn in hunne leefwijze een bijzonder slag van menschen. Wanneer zij,
+na weken lang op de eenzaamste en naargeestigste plaatsen te hebben
+gewoond, op feestdagen naar de dorpen afdalen, is er geen uitspanning
+of buitensporigheid, waaraan zij niet deelnemen. Soms verdienen zij
+een flink loon, maar trachten dit zoo spoedig mogelijk te verkwisten,
+evenals zeelieden hun premiegeld. Zij drinken onmatig, koopen overvloed
+van kleeren, en keeren na enkele dagen zonder een penny op zak naar
+hunne ellendige verblijven terug, om daar nog harder dan lastdieren te
+werken. Deze onbedachtzaamheid is blijkbaar, evenals bij zeelieden,
+het gevolg van eene gelijksoortige leefwijze. Voor hun dagelijksch
+voedsel wordt gezorgd, en zoo gewennen zij zich niet aan spaarzaamheid;
+bovendien hebben zij de middelen om aan de verleiding toe te geven,
+zoodra die in hunne macht is. In Corwallis en eenige andere districten
+van Engeland, waar het stelsel wordt gevolgd om een gedeelte van eene
+gang te verkoopen, zijn de mijnwerkers daarentegen een bijzonder
+schrander en oppassend slag van menschen, omdat zij verplicht zijn
+voor zichzelven te handelen en te denken.
+
+De kleeding van den Chileenschen mijnwerker is eigenaardig en
+eenigszins schilderachtig. Hij draagt een zeer lang hemd van
+donkerkleurige baai met lederen voorschoot, die beiden door een
+lichtkleurigen gordel om zijn middel zijn bevestigd. Zijn broek is
+zeer wijd, en zijne kleine scharlakenroode muts sluit strak om het
+hoofd. Wij ontmoetten een troep van deze mijnwerkers in groot costuum,
+die het lijk van een hunner makkers gingen begraven. Zij liepen in
+een zeer snellen pas, terwijl vier mannen het lijk droegen. Als het
+eene viertal ongeveer 200 yards geloopen had zoo hard als zij konden,
+werd het afgelost door vier anderen, die eerst te paard vooruit
+waren gerend. Zoo gingen zij voort, elkander door woeste kreten
+aanmoedigende. Het geheele schouwspel vormde eene allerzonderlingste
+begrafenis.
+
+Wij vervolgden in eene zigzaglijn onzen tocht naar het noorden,
+met nu en dan een dag oponthoud voor geologische onderzoekingen. Het
+land was zoo dun bevolkt, en het spoor was zoo onduidelijk, dat wij
+dikwijls moeite hadden onzen weg te vinden. Op den 12den Mei vertoefde
+ik bij eenige mijnen. Het erts alhier wordt niet als bijzonder goed
+beschouwd; maar wegens den overvloed er van onderstelde men, dat de
+mijn voor 30000 of 40000 dollars (d.i. 6000 of 8000 pond sterling)
+zou worden verkocht. Trots deze onderstelling, werd zij door eene
+Engelsche Maatschappij gekocht voor één ons goud, of drie pond acht
+shillings. Het erts bestaat uit gele pyrieten, die, zooals ik reeds
+opmerkte, vóór de komst der Engelschen geacht werden geen koperdeeltjes
+te bevatten. Op bijna even groote winstgevende schaal als in het
+bovengenoemde geval, werden hoopen vulkanische asch gekocht, die rijk
+was aan kleine korrels zuiver koper; maar ondanks deze voordeelen,
+hebben de mijnmaatschappijen, naar men weet, ontzaglijke sommen geld
+verloren. De dwaasheid van de meeste commissarissen en aandeelhouders
+grensde aan verblinding: soms werden duizend pond sterling 's jaars
+uitgegeven om Chileensche autoriteiten te onderhouden; men hield
+er bibliotheken op na met keurig gebonden geologische boeken; liet
+mijnwerkers komen voor bijzondere metalen, zooals tin, die in Chili
+niet gevonden worden; verbond zich om de mijnwerkers van melk te
+voorzien op plaatsen, waar geen koeien waren; bestelde machinerieën,
+waar zij toch niet gebruikt konden worden--in 't kort, men nam honderd
+maatregelen, die getuigden van onze dwaasheid en den inwoners nog
+heden stof tot vermaak geven. Toch valt er niet aan te twijfelen,
+of hetzelfde kapitaal, mits wel besteed, zou ontzaglijke winsten uit
+deze mijnen hebben geput; al wat men noodig had, was een betrouwbaar
+man van zaken, een practisch mijnwerker en essayeur.
+
+Kapitein Head heeft de verbazende vracht beschreven, die de Apiri
+[285]--ware lastdieren--uit de diepste mijnen naar boven brengen. Ik
+beken, dat ik het cijfer overdreven achtte, zoodat ik blijde was in de
+gelegenheid te zijn een dezer vrachten te wegen, die ik op goed geluk
+in handen nam. Ofschoon ik er recht boven stond, vereischte het groote
+inspanning haar van den grond te lichten. Op de weegschaal gezet,
+bleek zij 197 pounds (ruim 89 1/3 kilo) zwaar te zijn. De arbeider had
+dezen last 80 yards (ruim 73,1 met.) omhoog gedragen, gedeeltelijk
+langs een steilen opgang, maar grootendeels langs trappalen,
+welke in eene zigzaglijn in de schacht zijn geplaatst. Volgens de
+algemeene verordening, mag de arbeider onderweg niet stoppen om adem
+te scheppen, behalve wanneer de mijn 600 voet diep is. De gemiddelde
+last wordt op iets meer dan 200 pounds (ruim 90,7 kilo) geschat;
+en men heeft mij verzekerd, dat er eens, bij wijze van proefneming,
+een van 300 pounds (circa 136,1 kilo) uit de diepste mijn naar boven
+was gebracht! Tijdens mijn bezoek droegen de apiri den gewonen last
+twaalfmaal daags omhoog, dat is: 2400 pounds (1088,6 kilo) uit eene
+diepte van 80 yards, en waren in de tusschentijden bezig met het
+uithakken en breken van ertsen.
+
+Ongelukken uitgezonderd, zijn deze mannen gezond en oogenschijnlijk
+opgeruimd. Zeer gespierd is hun lichaam niet. Zij eten slechts
+eenmaal in de week vleesch, nooit meer, en dan alléén het harde
+droge charqui. Ofschoon wetende, dat de arbeid vrijwillig was, kwam
+toch het gemoed in opstand bij het zien van den jammerlijken staat,
+waarin zij de mijnopening bereikten: het lichaam voorover gebogen, de
+armen op de treden geleund, de beenen gekromd; met trillende spieren,
+gezwollen neusvleugels, de mondhoeken diep naar achteren gezonken;
+met aangezicht en borst badende in het zweet, en diep beklemden
+ademtocht. Telkens als zij ademhalen, uiten zij een doordringenden
+kreet, die eindigt in een diep maar schril keelgeluid, evenals een
+fluittoon. Zoo waggelden zij naar den ertsstapel, ledigden hier hun
+carpacho, wischten na twee of drie secunden, als zij weer op adem
+kwamen, het zweet van hun voorhoofd, en daalden schijnbaar geheel
+opgefrischt weer in den mijn af. Mij dunkt, dit is een merkwaardig
+voorbeeld van de groote hoeveelheid arbeid, die de mensch kan verduren,
+blijkbaar door geen andere oorzaak dan de gewoonte.
+
+Toen ik des avonds met den mayordomo dezer mijnen (nog een jongen
+man) sprak over het aantal vreemdelingen, die nu over het geheele
+land verspreid zijn, vertelde hij mij uit den tijd, toen hij--niet
+lang geleden--te Coquimbo schoolging, zich te herinneren, dat de
+jongens vrijaf kregen, om den kapitein van een Engelsch schip te
+zien, die naar de stad werd geleid om den gouverneur te spreken. Hij
+gelooft, dat niets in staat zou zijn geweest de schooljongens (hijzelf
+medegerekend) over te halen, om dicht bij den Engelschman te komen;
+zoo diep had de meening bij hen post gevat, dat de aanraking met zulk
+een persoon ketterij, besmetting en het kwade zou aanbrengen. Ten
+huidigen dage vertelt men van de wreede daden der boekaniers, [286]
+en vooral van een, die het beeld der Maagd Maria wegnam, en een jaar
+later terugkeerde om dat van den H. Jozef te halen, zeggende, dat
+het jammer zou zijn indien de maagd geen echtgenoot had. Ook hoorde
+ik vertellen van eene oude dame, die bij een diner te Coquimbo de
+opmerking maakte hoe verbazend vreemd het was, dat zij het moest
+beleven, met een Engelschman in dezelfde kamer te eten; want zij
+herinnerde zich uit hare meisjesjaren, dat bij twee gelegenheden,
+op het bloote geroep van: "Los Ingleses!" (De Engelschen), alle
+menschen naar het gebergte waren gevlucht, met medeneming van hunne
+kostbaarheden, zooveel zij dragen konden.
+
+
+
+[14 Mei.]
+
+Wij bereikten Coquimbo, waar wij enkele dagen bleven. De eenige
+merkwaardigheid der stad is hare buitengewone kalmte. Men zegt, dat
+zij zes tot acht duizend inwoners kan bevatten. Op den morgen van den
+17den viel er een zachte regen--de eerste van dit jaar--die ongeveer
+vijf uren duurde. De pachters, die bij de zeekust (waar de dampkring
+het vochtigst is) koren verbouwen, zouden van deze bui partij trekken,
+om den grond te beploegen; na eene tweede bui zouden zij zaaien;
+en mocht er eene derde komen, dan zouden zij in de lente een goeden
+oogst hebben. Belangrijk was het de uitwerking dezer onbeduidende
+hoeveelheid vocht te zien. Twaalf uren later scheen de grond even
+droog als te voren; maar na verloop van tien dagen hadden alle heuvels
+eene zwak groene kleur ten gevolge van het gras, dat hier en daar in
+haarfijne vezels van een inch lang verspreid was. Vóór deze bui was
+de geheele oppervlakte zoo kaal als een straatweg.
+
+Des avonds aten kapitein Fitz-Roy en ik bij Edwards, een Engelsch
+inwoner die om zijne gastvrijheid aan alle bezoekers van Coquimbo
+wel bekend is, toen eene hevige aardbeving plaats had. Ik hoorde
+het voorafgaande gerommel; maar door het geschreeuw der dames, het
+geloop der dienstboden, en de drukte waarmede verscheidene heeren
+naar den uitgang snelden, kon ik de beweging niet onderscheiden. Ook
+na den schok schreeuwden eenige vrouwen het uit van angst; en een der
+heeren zeide, dat hij den geheelen nacht niet zou kunnen slapen, of
+zoo hij al sliep, het dan alleen zou zijn om van instortende huizen
+te droomen. De vader van dezen persoon had te Talcahuano have en
+goed verloren, en in 1822 was hij zelf in Valparaiso ternauwernood
+aan een instortend dak ontkomen. Hij vertelde een merkwaardig geval,
+dat toen plaats had. Hij zat kaart te spelen, toen een Duitscher,
+tot het gezelschap behoorende, opstond, zeggende, dat hij in deze
+streken nooit in eene kamer met gesloten deur wilde zitten, omdat hij
+te Copiapó zoodoende bijna het leven had verloren. Hij opende dus de
+deur; en nauwelijks had hij dit gedaan, of hij schreeuwde luid:
+
+"Daar komt er weer een!"
+
+Op hetzelfde oogenblik voelde men den eersten schok der bekende
+aardbeving. Het geheele gezelschap ontkwam. Het gevaar bij eene
+aardbeving ligt niet in den tijd, die met het openen van eene deur
+verloren gaat, maar in de kans, dat zij door de beweging der muren
+beklemd raakt.
+
+Men behoeft er zich niet zeer over te verwonderen, dat inboorlingen
+en oude bewoners bij aardbevingen meestal zoo verschrikt zijn, hoewel
+sommigen van hen om hunne groote tegenwoordigheid van geest bekend
+staan. Ik geloof echter, dat deze overmaat van schrik gedeeltelijk is
+toe te schrijven aan eene ongewoonte om hunne vrees te beheerschen,
+daar zij zich over deze ontroering niet schamen. Inderdaad kunnen
+de inboorlingen niet dulden, dat iemand onverschillig is. Ik hoorde
+vertellen van twee Engelschen, die tijdens een hevigen schok in
+de open lucht sliepen, maar wetende, dat er geen gevaar was, niet
+opstonden. Verontwaardigd schreeuwden toen de inboorlingen:
+
+"Kijk die ketters eens, zij staan zelfs niet van hun bed op!"
+
+
+
+Ik besteedde eenige dagen aan het onderzoeken van de trapvormige
+grintterrassen, die het eerst door kapitein B. Hall zijn opgemerkt,
+en volgens de meening van Charles Lyell, gedurende de trapswijze
+verhooging van het land door de zee zijn gevormd. Dit is zeker de
+juiste verklaring, want ik vond talrijke schelpen van bestaande
+diersoorten op deze terrassen. Vijf smalle, zacht glooiende,
+strookvormige terrassen verrijzen achter elkander, die daar waar
+zij het best zijn ontwikkeld, uit keizand bestaan; zij liggen met
+den voorkant naar de baai, en strekken zich aan weerszijden van de
+vallei uit. Te Huasco, noordelijk van Coquimbo, openbaart zich dit
+verschijnsel op eene veel grootere schaal, zoodat zelfs enkele inwoners
+er verbaasd van staan. De terrassen, waarvan in sommige gedeelten zes,
+maar in 't algemeen slechts vijf voorkomen, zijn daar veel breeder,
+en kunnen als vlakten worden bestempeld; zij strekken zich tot
+zeven en dertig mijlen van de kust uit. Deze trapvormige terrassen
+of strooken komen veel overeen met die in de Santa-Cruz-vallei, en
+met de groote terrassen langs de geheele kust van Patagonië, behalve
+dat zij op kleinere schaal zijn. Ongetwijfeld zijn zij gevormd door
+eene terugtrekkende beweging der zee, gepaard met of veroorzaakt door
+eene trapswijze, door lange tijdperken van rust afgebroken rijzing
+van het vasteland.
+
+Schelpen van vele bestaande soorten liggen niet alleen aan de
+oppervlakte der terrassen bij Coquimbo (op eene hoogte van 250
+voet), maar ook begraven in een brokkelig kalkhoudend gesteente,
+dat op sommige plaatsen tusschen de twintig en dertig voet dik is,
+bij geringe uitgestrektheid. Deze quartaire lagen liggen op eene
+oude tertiaire formatie, welker ingesloten schelpdieren naar het
+schijnt alle zijn uitgestorven. Ofschoon ik zoowel aan den kant van
+den Stillen, als van den Atlantischen Oceaan vele honderden mijlen
+kustland onderzocht had, vond ik geen geregelde lagen met ingesloten
+zeeschelpen van nieuwe soorten, behalve op deze plek en nog op enkele
+punten noordwaarts langs den weg naar Huasco. Dit feit schijnt mij
+hoogst merkwaardig toe; want de verklaring, die de geologen er in
+'t algemeen van geven, wanneer gelaagde fossielenhoudende afzettingen
+uit een of ander tijdperk in een district ontbreken--namelijk: dat de
+oppervlakte destijds als droog land bestond, is hier niet toepasselijk,
+omreden de aan de oppervlakte verspreide en in los zand of pootaarde
+ingesloten schelpen ons leeren, dat kort geleden het land duizenden
+mijlen ver langs beide kusten onder zee heeft gelegen. De verklaring is
+ongetwijfeld te zoeken in het feit, dat het geheele zuidelijke gedeelte
+van het werelddeel sinds geruimen tijd langzaam rijzende is geweest,
+en dat dus alle in ondiep water langs het strand afgezette stof spoedig
+omhoog gebracht, en langzaam blootgesteld moet zijn geweest aan de
+sloopende werking der vloedgolven. Alleen in betrekkelijk ondiep
+water kunnen de meeste bewerktuigde zee-wezens tieren; en het is wel
+duidelijk, dat zich in zulk water onmogelijk lagen van eenigszins
+groote dikte kunnen ophoopen. Om aan te toonen welke verbazende kracht
+de sloopende werking der vloedgolven bezit, behoeven wij slechts te
+wijzen op de hooge klippen langs de tegenwoordige kust van Patagonië,
+en op de steilten of oude zeeklippen, die aan dezelfde kustlijn op
+verschillende hoogten, de eene boven de andere liggen.
+
+De oude onderliggende tertiaire formatie te Coquimbo schijnt ongeveer
+van gelijken ouderdom te zijn, als verschillende afzettingen op de kust
+van Chili (waarvan die te Navidad de voornaamste is), en als de groote
+Patagonische formatie. Zoowel te Navidad (Prov. Antofagasta) als in
+Patagonië blijkt, dat sinds den tijd toen de daar begraven schelpdieren
+leefden, [287] het land verscheidene voeten onder zee gezonken, en
+vervolgens weer gerezen is. Terecht mag men vragen, hoe het komt,
+dat, ofschoon aan weerszijden van het vasteland geen uitgestrekte
+afzettingen met ingesloten versteeningen bewaard zijn, noch uit het
+Quartaire Tijdvak, noch uit eene periode tusschen de quartaire en de
+oude tertiaire formaties, er toch in deze oude tertiaire formatie
+sedimentaire stof met ingesloten versteende overblijfsels, afgezet
+en bewaard is op verschillende punten in noordelijke en zuidelijke
+richtingen, over eene uitgestrektheid van 1100 mijlen aan de stranden
+van den Stillen en minstens 1350 mijlen aan die van den Atlantischen
+Oceaan, en bovendien van 700 mijlen in oost-westelijke richting
+door het breedste gedeelte van het vasteland. Ik geloof, dat de
+verklaring niet moeilijk, en misschien op ongeveer gelijksoortige, in
+andere hoeken van de wereld waargenomen feiten toepasselijk is. Het
+buitengewone denudatie-vermogen, dat de zee bezit en hetwelk door
+tallooze feiten bewezen wordt, in aanmerking genomen, is het niet
+waarschijnlijk, dat eene uit zee geheven sedimentaire afzetting de
+werking der golven zóó kon doorstaan, dat ze in voldoende hoeveelheid
+bewaard bleef om tot een ver tijdperk te duren--tenzij die afzetting
+oorspronkelijk eene groote uitgestrektheid en eene aanzienlijke dikte
+bezat. Nu is het onmogelijk, dat op een betrekkelijk ondiepen bodem,
+die voor de meeste levende wezens de eenige gunstige is, eene dikke
+en vèrstrekkende sedimentaire laag kon worden uitgespreid, tenzij
+die bodem zonk om de achtereenvolgende lagen op te nemen. Dit schijnt
+werkelijk omstreeks hetzelfde tijdperk in Zuid-Patagonië en Chili te
+hebben plaats gehad, hoewel deze streken duizend mijlen van elkander
+liggen. Derhalve, indien langdurige, ongeveer tegelijktijdig plaats
+hebbende zinkende bewegingen in 't algemeen een uitgestrekt gebied
+omvatten--zooals ik op grond van mijn onderzoek van de koraalriffen
+der groote oceanen zeer geneigd ben te gelooven: of indien--wanneer
+wij ons overzicht tot Zuid-Amerika bepalen--de dalende bewegingen even
+omvangrijk zijn geweest als de rijzende, waardoor in hetzelfde tijdperk
+van levende schelpdieren de stranden van Peru, Chili, Vuurland,
+Patagonië en La Plata omhoog zijn geheven--dan kunnen wij zien, dat
+tegelijktijdig op ver verwijderde punten de omstandigheden gunstig
+zouden geweest zijn voor de vorming van uitgestrekte fossielenhoudende
+afzettingen van aanzienlijke dikte; en zulke afzettingen zouden
+bijgevolg eene goede kans hebben gehad, om de sloopende en knagende
+werking van achtereenvolgende strandvloeden te weerstaan, en tot een
+later komend tijdperk te duren.
+
+[21 Mei.]
+
+Ik vertrok in gezelschap van Don José Edwards naar de zilvermijn
+Arqueros, en ging van daar de Coquimbo-vallei in. Na een tocht door
+eene bergachtige streek, bereikten wij tegen het vallen van den
+avond de aan Mr. Edwards toebehoorende mijnen. Hier genoot ik mijne
+nachtrust door eene oorzaak, die in Engeland niet ten volle gewaardeerd
+zal worden, namelijk door de afwezigheid van vlooien. De kamers
+in Coquimbo wemelen er van; maar hier, op eene hoogte van slechts
+drie of vierduizend voet, kunnen zij niet leven. Het kan moeilijk de
+geringe temperatuursverlaging zijn, die deze lastige insecten hier
+verdelgt, zoodat hier eene andere oorzaak moet bestaan. De mijnen
+verkeeren thans in slechten staat, hoewel zij vroeger ongeveer 2000
+gewichtsponden per jaar aan zilver opleverden. Men heeft beweerd,
+dat iemand met eene kopermijn winnen moet, dat iemand met eene
+zilvermijn winnen kan, doch met goud verliezen moet. Dit is niet
+waar: alle groote fortuinen in Chili zijn verkregen door mijnen
+van de meer kostbare metalen. [288] Korten tijd geleden keerde een
+Engelsch geneesheer uit Copiapó naar Engeland terug, met medeneming
+van de winsten op een aandeel in eene zilvermijn, ten bedrage van
+ongeveer 24000 pond sterling. Ongetwijfeld is eene met zorg beheerde
+kopermijn een veilig spel, terwijl het andere dobbelspel, of liever
+een lot in de loterij is. De eigenaren verliezen groote hoeveelheden
+rijke ertsen, want ondanks alle voorzorgen, zijn diefstallen niet
+te voorkomen. Ik hoorde vertellen van een heer, die met een ander de
+weddenschap aanging, dat een van zijne arbeiders hem voor zijne oogen
+zou bestelen. Wanneer het erts uit de mijn is gehaald, wordt het in
+stukken gebroken, en de waardelooze steen ter zijde geworpen. Een
+paar mijnwerkers, die hiermede bezig waren, namen, als bij toeval,
+op hetzelfde oogenblik twee stukken weg, en riepen toen voor de grap:
+
+"Laat ons zien welk het verst rolt!"
+
+De eigenaar, die er bij stond, wedde met zijn vriend om een sigaar
+op den afloop van dezen worp. Des avonds nam de mijnwerker, die
+nauwkeurig de plek had onthouden, waar de steen tusschen het puin was
+blijven liggen, het stuk op, bracht het naar zijn meester, en zeide,
+terwijl hij hem een kostbaar stuk zilvererts toonde:
+
+"Dit is de steen, waarop u een sigaar won, omdat hij zoo ver gerold
+was."
+
+[23 Mei.]
+
+Wij daalden af in de vruchtbare Coquimbo-vallei, en volgden die
+totdat wij eene hacienda bereikten, die aan een bloedverwant van
+Don José behoorde. Hier bleven wij tot den volgenden dag. Ik reed
+toen eene dagreis verder om te onderzoeken wat er waar was van
+eenige beweerde versteende schelpen en boonen; doch het bleek, dat
+deze laatsten eenvoudig kleine kwartssteenen waren. Wij reden door
+verscheidene dorpjes te midden van de fraai bebouwde vallei, en het
+geheele landschap bood een zeer prachtigen aanblik. Dat wij hier bij de
+hoofdketen van de Cordilleras waren, bleek uit de hooge bergjes in het
+rond. In alle gedeelten van Noord-Chili brengen de vruchtboomen meer
+ooft voort op eene aanmerkelijke hoogte in de nabijheid der Andes,
+dan in de lagere landstreek. De vijgen en druiven van dit district
+zijn om hare uitmuntende qualiteit beroemd, en worden over eene groote
+uitgestrektheid gekweekt. Deze vallei is misschien de vruchtbaarste
+benoorden Quillota, en bevat, naar ik meen, 25000 inwoners, Coquimbo
+medegerekend. Den volgenden dag keerde ik naar de hacienda terug,
+en van daar met Don José naar Coquimbo.
+
+[2 Juni.]
+
+Wij begaven ons op weg naar de Huasco-vallei, en volgden daartoe den
+kustweg, die voor iets minder eenzaam werd gehouden dan de andere. Onze
+eerste dagrit was naar een eenzaam gelegen huis, Yerba Buena geheeten,
+waar gras voor onze paarden was. De bui, die, zooals boven gezegd
+is, veertien dagen geleden gevallen was, reikte slechts tot ongeveer
+halfweg Huasco; zoodat het zeer zwak getinte groen, dat wij op het
+eerste gedeelte onzer dagreis zagen, spoedig geheel verdween. Zelfs
+daar waar het groen 't helderst was, herinnerde het toch op onvoldoende
+wijze aan het frissche gras en de ontluikende lentebloemen van andere
+landen. Wanneer men door deze dorre streken reist, voelt men zich
+als een gevangene, die op eene doodsche binnenplaats is opgesloten,
+eenige groen verlangt te zien en frissche lucht te ademen.
+
+[3 Juni.]
+
+Van Yerba Buena naar Carrizal. Gedurende het eerste gedeelte van den
+dag trokken wij door eene bergachtige steenwildernis, en daarna over
+eene uitgestrekte, diepzandige vlakte, waarop gebroken zeeschelpen
+verspreid lagen. Er was zeer weinig water, en dat weinige nog
+zoutachtig; het geheele land, van de kust tot aan de Cordilleras,
+is eene onbewoonde woestijn. Slechts van één levend dier zag ik
+overvloedige sporen, namelijk de schelpen van een Bulinus, die in
+buitengewoon groot aantal op de droogste plekken bijeen waren. In de
+lente schiet een nederig plantje enkele blaadjes uit, en daarmee voeden
+zich de slakken. Daar men dezen alleen zeer vroeg in den morgen ziet,
+als de grond wat vochtig is van den dauw, gelooven de Huascos dat
+zij daaruit worden geteeld. Op andere plaatsen heb ik waargenomen,
+dat bijzonder droge en onvruchtbare streken buitengewoon gunstig zijn
+voor landschelpdieren, mits de bodem kalkhoudend is. Te Carrizal vonden
+wij enkele hutten, eenig brak water, en een spoor van cultuur: maar
+slechts met moeite kochten wij wat koren en stroo voor onze paarden.
+
+[4 Juni.]
+
+Van Carrizal naar Sauze. Wij reden verder over verlaten vlakten,
+bewoond door groote kudden guanaco's. Ook trokken wij door de
+Chagnaralvallei. Ofschoon deze de vruchtbaarste is tusschen Huasco
+en Coquimbo, is zij zeer smal en brengt zoo weinig gras voort,
+dat wij niets voor onze paarden konden koopen. Te Sauze vonden wij
+een zeer beleefden ouden heer, die het oppertoezicht had over een
+kopersmeltoven. Als eene bijzondere gunst stond hij mij toe voor hoogen
+prijs een armvol morsig stroo te koopen; en dit was al wat de arme
+paarden na eene lange dagreis voor hun avondeten kregen. Tegenwoordig
+zijn in Chili zeer weinig smeltovens in werking: men vindt het
+voordeeliger het erts naar Swansea (Wallis) te verschepen, omdat het
+brandhout hier zoo uiterst schaarsch en de Chileensche methode van
+ertsbewerking zoo ongeschikt is. Den volgenden dag trokken wij over
+eenige bergen naar Freyrina in de Huasco-vallei. Met elken dag dat
+wij verder noordwaarts reden, werd de plantengroei schaarscher; zelfs
+de groote kandelabervormige cactus (Cereus atacamensis) was hier door
+eene andere en veel kleinere plant vervangen. Zoowel in Noord-Chili als
+in Peru hangt gedurende de wintermaanden eene eenvormige wolkbank op
+geen groote hoogte boven den Stillen Oceaan. Van de bergen hadden wij
+een zeer verrassend gezicht op dit schitterend witte luchtveld, dat
+vertakkingen uitzond naar de valleien, en eilanden en voorgebergten
+vormde op dezelfde manier als de zee in den Chonos-Archipel en in
+Vuurland.
+
+Wij bleven twee dagen te Freyrina. In de Huasco-vallei liggen vier
+kleine steden; maar de haven, welke den ingang vormt, is eene geheel
+verlaten plek, zonder water in de onmiddellijke nabijheid. Vijf
+leagues verder ligt Freyrina, een lang, uitgebouwd dorp met knappe
+witgepleisterde huizen. Weer tien leagues verder ligt Ballena, en
+daarachter Huasco Alto--een tuinbouwdorp, dat vermaard is om zijne
+gedroogde vruchten. Op een helderen dag is het gezicht op de vallei
+zeer schoon; de rechte doorgang eindigt bij de ver verwijderde,
+besneeuwde Cordilleras, en aan weerszijden ontwaart men tallooze
+dwarsketens, zich oplossend in een zilverwitten nevel. Eigenaardig zijn
+de talrijke evenwijdige en trapvormige terrassen op den voorgrond;
+en de ingesloten groene dalstrook met hare wilgenstruiken vormt eene
+schrille tegenstelling met de kale bergen aan beide kanten. Dat
+het land in den omtrek uiterst dor was, zal men licht begrijpen,
+zoo men weet dat er in de laatste dertien maanden geen regen was
+gevallen. De bewoners hoorden met den grootsten naijver, dat het
+te Coquimbo geregend had, maar hoopten, op het voorkomen der lucht
+afgaande, op een goeden uitslag. Veertien dagen later werd deze hoop
+verwezenlijkt. Ik was toen te Copiapó, en daar sprak het volk met
+dezelfde jaloezie van den overvloedigen regen te Huasco. Na twee of
+drie zeer droge jaren, als in al dien tijd misschien niet meer dan
+ééne bui valt, volgt meestal een regenachtig jaar; en dit doet nog
+meer schade dan de droogte. De rivieren zwellen, en bedekken de smalle
+strooken gronds--de eenige die voor cultuur geschikt zijn--met grint
+en zand. Ook doen de vloeden schade aan de bevloeiingskanalen. Drie
+jaren geleden is op deze wijze groote verwoesting aangericht.
+
+[8 Juni.]
+
+Wij reden door tot Ballena, een plaatsje, dat zijn naam ontleent aan
+Ballenagh in Ierland, de geboorteplaats der familie O'Higgins, die
+onder het Spaansche gouvernement presidenten en generaals in Chili
+telde. Daar het rotsachtige gebergte aan weerszijden achter wolken
+verscholen was, gaven de terrasvormige vlakten aan de vallei een
+voorkomen, als dat der Santa-Cruz-vallei in Patagonië. Na een dag
+toevens te Ballena, vertrok ik den 10den Juni naar het bovendeel
+der Copiapó-vallei. Wij reden den geheelen dag door eene streek,
+die weder zoo onbelangrijk was, dat ik het moede word de bijnamen
+"dor" en "onvruchtbaar" te herhalen. In het gewone spraakgebruik
+zijn deze woorden evenwel betrekkelijk; ik heb hen altijd toegepast
+op de vlakten van Patagonië, die nog op doornstruiken en eenige
+bosjes gras kunnen roemen--hetgeen beslist vruchtbaar mag heeten,
+vergeleken met Noord-Chili; en hier is weer geen plek van 200 yards
+oppervlakte, waar niet bij zorgvuldig onderzoek een struikje, een
+cactus of korstmos valt te ontdekken, terwijl er sluimerende zaden
+in den grond gereed liggen, om in den eerstkomenden regenachtigen
+winter op te schieten. In Peru, echter, komen op uitgestrekte deelen
+van het land werkelijke woestijnen voor. Des avonds bereikten wij eene
+vallei, waarin een vochtig stroombed werd gevonden; wij volgden dit en
+kwamen eindelijk aan vrij goed water. Des nachts vloeit de stroom, ten
+gevolge van de minder snelle verdamping en opzuiging door den grond,
+ongeveer een mijl dieper dalwaarts, dan over dag. Wijl er takken voor
+brandhout in overvloed waren, was het eene goede plek voor ons om te
+bivouakeeren; maar voor de arme dieren was er geen hapje eten.
+
+
+
+[11 Juni.]
+
+Wij reden twaalf uren lang zonder te rusten, totdat wij eene oude
+smeltoven bereikten, waar brandhout en water werden gevonden; maar
+onze paarden, die op eene voormalige binnenplaats gestald werden,
+hadden weder niets te eten. De weg was bergachtig, en leverde
+door de verscheidenheid van kleuren der kale bergen, verrassende
+vergezichten op. Het was bijna jammer de zon voortdurend boven zulk
+een onvruchtbaar land te zien schijnen; zulk een stralende hemel had
+groene velden en fraaie tuinen moeten verlichten. Den volgenden dag
+bereikten wij de Copiapó-vallei. Dit verheugde mij van harte, want de
+geheele tocht was een voortdurende bron van verdriet. Onaangenaam was
+het, terwijl wij bezig waren ons avondeten te gebruiken, de paarden
+aan de palen te hooren knagen, waaraan zij waren vastgebonden, en
+niets te kunnen doen om hun honger te stillen. Toch waren de dieren
+schijnbaar volmaakt gezond, en niemand zou gezegd hebben, dat zij in
+de laatste vijf en vijftig uren niets gegeten hadden.
+
+Ik had een introductie-brief aan Mr. Bingley, die mij in de Hacienda
+del Potrero Seco zeer vriendelijk ontving. Dit landgoed is tusschen de
+twintig en dertig mijlen lang, doch zeer smal, daar het slechts twee
+velden breed is--aan elken rivierkant één. In sommige gedeelten heeft
+het landgoed geen breedte, d.w.z., het land kan niet bevloeid worden,
+en is dus even waardeloos, als de omringende steenwoestijn. De geringe
+hoeveelheid land, over de geheele lengte der vallei in cultuur, is niet
+zoozeer een gevolg van terreinoneffenheden en dus van ongeschiktheid
+voor bevloeiing, als van den geringen watervoorraad. Dit jaar was de
+rivier geweldig gezwollen: hier, hoog in de vallei, reikte zij tot
+aan den buik van een paard, was omtrent vijftien yards breed en bezat
+eene snelle strooming; meer dalwaarts wordt zij steeds kleiner, en
+verdwijnt meestal geheel, gelijk eens dertig jaren achtereen gebeurd
+was, zoodat er geen druppel in zee viel. De inwoners verbeiden een
+storm over de Andes met veel belangstelling, daar een flinke sneeuwval
+hen voor het volgend jaar van water voorziet. In het laagland heeft dit
+oneindig grootere gevolgen dan regen. Regen is, zoo dikwijls hij valt
+(en dat is ongeveer eens in de twee of drie jaren), een groot voordeel,
+omdat het vee en de muildieren dan eenigen tijd later wat gras op
+de bergen kunnen vinden; maar zonder sneeuw op de Andes heerscht
+er mismoedigheid door de geheele vallei. Drie gevallen zijn bekend,
+dat bijna alle inwoners genoodzaakt zijn geweest naar het zuiden te
+verhuizen. Dit jaar was er overvloedig water, en besproeide elk zijn
+grond zooveel hij wilde; maar dikwijls is het noodig geweest soldaten
+bij de sluizen te zetten, om te zorgen, dat elke boerderij eenige uren
+per week slechts zooveel nam als toegestaan was. Naar men zegt, telt
+de vallei 12000 zielen; doch hare opbrengst is slechts voldoende voor
+drie maanden in 't jaar; de overige voorraad moet uit Valparaiso en het
+zuiden worden gehaald. Vóór de ontdekking der beroemde zilvermijnen van
+Chagnarcillo, verkeerde Copiapó in een toestand van snel verval; nu,
+echter, is zij zeer welvarend, en de stad, die op 22 November 1822 door
+eene aardbeving geheel verwoest werd, is weer opgebouwd geworden. [289]
+
+De Copiapó-vallei, eenvoudig uit eene strook groen bestaande te midden
+van eene woestijn, loopt in eene zeer zuidelijke richting, en heeft
+tot aan haar oorsprong in de Cordilleras eene aanzienlijke lengte. De
+Huasco- en Copiapó-valleien kunnen beiden beschouwd worden als lange,
+smalle eilanden, die in plaats van door zoutwater, door steenwoestijnen
+van het overig deel van Chili gescheiden zijn. Benoorden dezen, ligt
+eene andere, zeer onvruchtbare vallei, Paposo genaamd, die ongeveer
+200 zielen bevat; en daarna begint de werkelijke Woestijn van Atacama,
+die een veel geduchteren slagboom vormt dan de onstuimigste oceaan. Na
+enkele dagen toevens te Potrero Seco, ging ik de vallei in naar het
+huis van Don Benito Cruz, aan wien ik een introductie-brief had,
+en die mij hoogst gastvrij ontving. Men kan inderdaad niet genoeg
+de vriendelijkheid roemen, waarmede reizigers in bijna alle deelen
+van Zuid-Amerika ontvangen worden. Den volgenden dag huurde ik eenige
+muilezels, om mij door het Jolquera-ravijn naar de centrale Cordilleras
+te brengen. Den tweeden dag scheen de lucht een sneeuwstorm of regen
+te voorspellen; en toen wij te bed lagen, voelden wij een lichten
+schok van aardbeving.
+
+Het verband tusschen aardbevingen en het weder is dikwijls betwist
+geworden. Mij schijnt dit een punt van groot gewicht toe, dat weinig
+begrepen wordt. Humboldt heeft de opmerking gedaan, dat iemand, die
+lang in Nieuw-Andaluzië of Neder-Peru heeft gewoond, moeilijk zou
+kunnen loochenen, dat er tusschen deze verschijnselen eenig verband
+bestaat; maar elders schijnt hij zoodanig verband denkbeeldig te
+achten. [290] Te Guayaquil, zegt men, wordt eene zware bui in het
+droge jaargetijde onveranderlijk door eene aardbeving gevolgd. In
+Noord-Chili is, wegens de groote zeldzaamheid van regen of zelfs
+van regen voorspellend weder, de kans op toevallig samentreffen
+zeer gering; toch zijn de inwoners ten stelligste overtuigd, dat
+er tusschen den dampkringstoestand en het beven van den grond eenig
+verband bestaat. Dit trof mij bijzonder, toen ik aan eenige lieden
+te Copiapó vertelde, dat er te Coquimbo een hevige schok had plaats
+gehad, en zij terstond daarop uitriepen:
+
+"Hoe gelukkig, dan zal er dit jaar overvloed van gras zijn!"
+
+Volgens hunne meening voorspelde eene aardbeving regen, even zeker
+als regen overvloedig gras voorspelde. Dit kwam in zoover uit, dat
+de regenbui, die, zooals ik gezegd heb, in tien dagen tijds een dun
+laagje gras voortbracht, viel op den dag der aardbeving zelven. Op
+andere tijden is er op aardbevingen regen gevolgd in een tijd van
+het jaar, dat de regen een veel grooter wonder was dan de aardbeving
+zelve; dit gebeurde te Valparaiso na den schok in November 1822,
+en nogmaals in 1826; ook na dien te Tacna in September 1833. Men
+moet aan het klimaat dezer streken eenigszins gewoon zijn om te
+begrijpen, hoe uiterst onwaarschijnlijk het is, dat er in zulke
+jaargetijden regen valt, behalve wanneer deze het gevolg is van
+een natuurverschijnsel, dat met den gewonen gang van het weder in
+hoegenaamd geen verband staat. In het geval van groote vulkanische
+uitbarstingen, zooals die van de Coseguina in Januari 1835, toen er
+stroomen regen vielen in een tijd van het jaar, welke daartoe zeer
+ongewoon en "in Midden-Amerika bijna zonder voorbeeld" was--is het
+niet moeilijk te begrijpen, dat wellicht de groote wolken damp en
+asch het evenwicht in den dampkring gestoord kunnen hebben. Humboldt
+strekt deze meening uit tot het geval van aardbevingen, die niet van
+uitbarstingen vergezeld gaan; maar ik acht het bijna niet mogelijk,
+dat de kleine hoeveelheid vluchtige zelfstandigheden en dampvormige
+vloeistoffen, welke dan uit den gespleten grond ontwijken, zulke
+merkwaardige werkingen kunnen voortbrengen. Veel waarschijnlijkheid
+lijkt de meening te bezitten--het eerst door Scrope uitgesproken, [291]
+dat bij lagen barometerstand en onder omstandigheden die werkelijk
+regen kunnen doen verwachten, de verminderde dampkringsdrukking over
+eene groote uitgestrektheid lands wel den juisten dag kan bepalen,
+waarop de aarde, door inwendige krachten tot het uiterste gespannen,
+moet wijken, barsten, en bij gevolg beven. Toch is het twijfelachtig,
+in hoever dit denkbeeld de omstandigheid zal verklaren, dat er in
+het droge jaargetijde verscheidene dagen lang stroomen regen zijn
+gevallen na eene aardbeving, die niet van eene uitbarsting vergezeld
+ging. Dergelijke gevallen schijnen op een inniger verband tusschen
+de luchtstreken en de onderaardsche ruimten te wijzen.
+
+Daar wij in dit gedeelte van het ravijn weinig belangrijks vonden,
+richtten wij onze schreden weder naar het huis van Don Benito, waar
+ik twee dagen bleef, en hout en schelpdieren verzamelde. Groote
+versteende boomstammen, die in een conglomeraat begraven lagen,
+werden in buitengewoon aantal gevonden. Ik mat er een, die vijftien
+voet in omtrek was. Hoe verwonderlijk toch, dat elke molecule houtstof
+in dezen grooten cilinder zoo volkomen door kiezel is verdreven en
+vervangen, dat alle vezels en poriën bewaard zijn gebleven! Deze
+boomen bloeiden ongeveer in het tijdperk van de Lagere Witte Kalk
+(Lower White Chalk) in Engeland, en behoorden alle tot het geslacht
+der dennen. Het was vermakelijk de inwoners over de schelpdieren,
+die ik verzamelde, in bijna dezelfde woorden te hooren spreken, als
+men eene eeuw geleden in Europa deed, namelijk: of zij al dan niet zoo
+"door de natuur" geschapen waren. Mijn geologisch onderzoek van het
+land wekte in 't algemeen heel wat verwondering onder de Chileenen;
+en lang duurde het eer zij overtuigd konden worden, dat ik niet op
+mijnen kwam jacht maken. Dit was somtijds lastig. Toen ontdekte ik,
+dat de beste manier om het doel van mijn werk te verklaren was, hun
+te vragen hoe het toch kwam, dat zij zelven niet nieuwsgierig waren
+naar aardbevingen en vulkanen; waarom sommige bronnen heet en andere
+koud waren; waarom er in Chili bergen waren, en in La Plata zelfs geen
+heuvel. Deze eenvoudige vragen stelden de meesten terstond tevreden
+en brachten hen tot zwijgen; maar sommigen dachten (evenals eene
+eeuw geleden enkele lieden in Engeland), dat al zulke onderzoekingen
+ijdel en goddeloos waren, en dat het geheel voldoende was te weten,
+dat God de bergen zoo gemaakt had.
+
+Onlangs was een bevel uitgevaardigd om alle losloopende honden af te
+maken; en zoo zagen wij er velen dood op den weg liggen. Dit bevel
+was een gevolg van het groot aantal gevallen van dolheid, waarbij
+vele personen door honden gebeten en gestorven waren. Watervrees of
+hondswoede heeft verscheidene malen in deze vallei geheerscht. Het is
+merkwaardig, dat zulk eene zonderlinge en vreeselijke ziekte van tijd
+tot tijd op dezelfde afgelegen plek verschijnt. Men heeft opgemerkt,
+dat ook in Engeland sommige dorpen veel meer aan deze bezoeking
+blootstaan, dan andere. Dr. Unanuè zegt, dat zij in Midden-Amerika
+uitbrak, en langzaam zuidwaarts trok. In 1807 bereikte zij Arequipa,
+waar, naar men zegt, sommige personen die niet gebeten waren werden
+aangetast, evenals eenige negers, die van een aan watervrees
+gestorven jongen os gegeten hadden. Te Ica stierven 42 menschen
+aldus een ellendigen dood. De ziekte kwam tusschen de twaalf en
+negentig dagen na den beet op; en in al de gevallen dat zij optrad,
+volgde de dood onveranderlijk vijf dagen later. Na 1808 volgde een
+lang tijdperk zonder ziektegevallen. Bij onderzoek vernam ik, dat
+op Van Diemensland, of in Australië geen watervrees bekend was; en
+Burchell zegt, dat hij gedurende zijn vijfjarig verblijf aan de Kaap
+de Goede Hoop er nooit van gehoord heeft. Webster beweert, dat op de
+Azoren nooit watervrees is voorgekomen, en hetzelfde wordt gezegd van
+Mauritius en Sint Helena. [292] Voor zulk eene vreemde ziekte zou men
+mogelijk eenige opheldering kunnen vinden door de omstandigheden na
+te gaan, waaronder zij in verwijderde klimaten ontstaat; want het is
+onwaarschijnlijk, dat een reeds gebeten hond naar deze verre landen
+overgebracht zou zijn.
+
+Des nachts kwam een vreemdeling aan het huis van Don Benito, en vroeg
+verlof om te slapen. Hij zeide, dat hij verdwaald was en zeventien
+dagen lang door het gebergte had gezworven. Uit Huasco vertrokken,
+en aan het reizen in de Cordilleras gewoon, verwachtte hij geen
+moeilijkheden te ondervinden als hij het spoor naar Copiapó volgde;
+doch spoedig geraakte hij in een doolhof van bergen verdwaald,
+waar hij niet uit kon komen. Eenige van zijne muildieren waren in
+afgronden gevallen, en hij had in groote verlegenheid verkeerd. De
+hoofdoorzaak van zijn tegenspoed was, dat hij niet wist waar hij in
+het laagland water zou vinden, zoodat hij genoodzaakt werd den zoom
+der centrale keten te volgen.
+
+Wij daalden weêr de vallei af, en bereikten op 22 Juni de stad
+Copiapó. Het ondereinde der vallei is breed, en vormt eene fraaie
+vlakte evenals de Quillota-vallei. De stad beslaat eene aanzienlijke
+oppervlakte, doordien elk huis een tuin bezit; maar zij is ongezellig,
+zonder gerief, en de woningen zijn armoedig gemeubeld. Elk, die
+er komt, schijnt slechts één doel te hebben, nl. fortuin te maken,
+en dan zoo spoedig mogelijk te vertrekken. Alle bewoners zijn meer
+of minder rechtstreeks bij de mijnen betrokken; en mijnen en ertsen
+zijn de eenige onderwerpen van gesprek. Behoeften van allerlei aard
+zijn uiterst duur, wijl de afstand van de stad tot de haven achttien
+leagues bedraagt, [293] en een landvoertuig zeer kostbaar is. Eene
+kip kost vijf of zes shillings; vleesch is bijna even duur als in
+Engeland; brandhout, of liever takken worden twee of drie dagreizen
+ver op ezels uit de Cordilleras gehaald, en het weiden van dieren kost
+één shilling daags. Dit alles is voor Zuid-Amerika buitensporig duur.
+
+[26 Juni.]
+
+Ik huurde een gids en acht muildieren, om mij langs een anderen weg
+dan op den vorigen tocht naar de Cordilleras te brengen. Daar het
+land volkomen woest was, namen wij anderhalve vracht gerst mede,
+vermengd met gehakt stroo. Omstreeks twee leagues boven de stad
+ontspringt eene breede vallei, genaamd El Despoblado (De Onbewoonde),
+uit die, waardoor wij gekomen waren. Hoewel eene vallei van de grootste
+afmetingen, die rechtstreeks naar een pas over de Cordilleras leidt,
+is zij geheel droog, behalve misschien gedurende enkele dagen in een
+zeer regenachtigen zomer. Bijna geen enkel ravijn doorsneed de zijden
+der afbrokkelende bergen, en de met grof keizand gevulde bodem der
+hoofdvallei was effen en bijna vlak. Geen stroom van eenige beteekenis
+kon ooit over deze grintbedding gevloeid hebben; want ware dit het
+geval geweest, dan zou stellig, evenals in alle zuidelijke valleien,
+een groot door klippen begrensd kanaal gevormd zijn. Weinig twijfel ik
+er aan, of deze vallei werd bij de langzame rijzing van het land, door
+de golven der zee in den toestand gelaten, waarin wij haar nu zien,
+evenals het geval was met eenige valleien in Peru, waarvan de reizigers
+melding maken. Op eene plek, waar in de Despoblado een ravijn uitmondde
+(dat in bijna elke andere keten eene groote vallei genoemd zou zijn),
+merkte ik op, dat hare bedding, ofschoon alleen uit zand en grint
+bestaande, hooger was dan die van het zijravijn. Een riviertje of zelfs
+eene beek zou zich in den loop van een uur een doorweg hebben gegraven;
+maar blijkbaar waren geheele tijdperken voorbijgegaan, zonder dat
+zulk een riviertje dit zijravijn bespoeld had. Het was belangwekkend
+het geheele bespoelingsmechanisme (indien zulk een woord gebruikt mag
+worden) tot in de kleinste bijzonderheden compleet te zien, doch zonder
+eenig teeken van werking. Ieder zal hebben opgemerkt hoe modderbanken,
+door het dalend getij achtergelaten, in het klein een land met bergen
+en dalen nabootsen; hier hebben wij het oorspronkelijke model in steen,
+zooals het gevormd werd bij de rijzing van het vasteland, gedurende
+de eeuwenlange terugvloeiing der zee, in plaats van gedurende het
+ebben en wassen der getijen. Indien eene regenbui op de drooggelegde
+modderbank valt, verdiept zij de reeds gevormde ondiepe uithollingen;
+en hetzelfde geschiedt door den regen, eeuw aan eeuw, op de bank van
+steen en aarde, die wij "vastland" noemen.
+
+Toen het donker was reden wij voort, totdat wij een zijravijn bereikten
+met eene kleine put of wel, Agua amarga (Bitter water) geheeten. Het
+water verdiende dien naam, want het was niet alleen zoutachtig,
+maar ook bedorven en bitter, zoodat wij er geen thee of maté van
+durfden koken. Ik onderstel, dat de afstand van de rivier de Copiapó
+tot deze plek minstens 25 of 30 Engelsche mijlen bedroeg; over die
+gansche ruimte was geen enkele druppel water, en het land verdiende
+den naam van "woestijn" ten volle. Toch kwamen wij ongeveer halfweg,
+bij Punta Gorda, voorbij eenige Indiaansche ruïnen; meer nog--recht
+voor den ingang van sommige in de Despoblado uitmondende valleien
+bespeurde ik twee stapels steenen, die eenigszins zijwaarts gelegen,
+zóó waren gericht, dat zij op de ingangen dezer kleine valleien
+wezen. Mijne metgezellen wisten hier niets van, en beantwoordden
+mijne vragen slechts met hun onveranderlijk: "quien sabe!"
+
+Indiaansche puinhoopen ontdekte ik in verscheidene gedeelten van
+de Cordilleras; de meest volledige, die ik zag, waren de Ruinas
+de Tambillos in den Uspallata-pas. Deze bestonden uit kleine
+vierkante kamers, die op slordige wijze hier en daar in groepen
+waren samengehoopt. Sommige deuren stonden nog overeind, en werden
+gevormd door een overdwarschen platten steen van slechts drie voet
+hoogte. Ulloa heeft op de lage deuren bij de oude Peruaansche woningen
+opmerkzaam gemaakt. In volledigen vorm moeten deze ruïnen in staat
+zijn geweest een groot aantal personen te bevatten. De overlevering
+zegt, dat zij dienden als rustpunten voor de Incas op hunne tochten
+over de bergen. Sporen van Indiaansche woningen zijn op vele andere
+plaatsen ontdekt, waar het niet waarschijnlijk lijkt, dat zij
+alleen tot rustpunten dienden, maar waar toch het land even volkomen
+ongeschikt is voor elke soort van cultuur, als bij de Tambillos, bij
+de Inca-brug, of in den Portillo-pas; op al welke plaatsen ik ruïnen
+zag. In het ravijn Jajuel, bij Aconcagua, waar geen pas is, hoorde ik
+spreken van puinhoopen van huizen, die op eene groote hoogte lagen,
+waar het buitengewoon koud en onvruchtbaar is. Eerst verbeeldde ik mij,
+dat deze gebouwen schuilplaatsen waren geweest, door de Indianen bij de
+eerste komst der Spanjaarden gebouwd; doch later ben ik gaan gelooven,
+dat er vermoedelijk eene geringe klimaatverandering heeft plaats gehad.
+
+In dit noordelijke gedeelte van Chili, zegt men, zijn oude Indiaansche
+huizen in de Cordilleras bijzonder talrijk. Bij het graven tusschen
+de puinhoopen worden niet zelden lapjes wollen stoffen, kostbare
+metalen werktuigen en hoopjes Indiaansch koren ontdekt. Eens gaf
+men mij een pijlpunt, van agaat gemaakt, en geheel van denzelfden
+vorm als nu in Vuurland wordt gebruikt. Ik weet, dat de Peruaansche
+Indianen nu menigmaal de hoogste en guurste plaatsen bewonen; maar
+te Copiapó werd mij door lieden, die hun leven met reizen in de Andes
+hadden doorgebracht, verzekerd, dat er zeer vele (muchisimas) gebouwen
+gevonden werden op plaatsen zoo hoog, dat zij bijna tot de sneeuwgrens
+reiken, en op punten waar geen passen zijn; waar het land volstrekt
+niets voortbrengt, en wat nog merkwaardiger is: waar geen water
+is. Niettemin zijn de landlieden (ofschoon met het geval zeer verlegen)
+wegens het voorkomen der huizen van meening, dat de Indianen hen als
+woonplaatsen moeten gebruikt hebben. Te Punta Gorda, in deze vallei,
+bestonden de overblijfsels uit zeven of acht vierkante kleine kamers,
+van een dergelijken vorm als die te Tambillos, doch voornamelijk van
+modder gebouwd en zoo stevig, dat de hedendaagsche bewoners, hetzij
+hier of (volgens Ulloa) in Peru, ze niet kunnen namaken. Zij stonden
+op de meest zichtbare en onbeschermde plek, in de kom der breede,
+vlakke vallei. Water was er niet binnen een kring van minstens drie
+of vier leagues, en dan nog in zeer geringe hoeveelheid en slecht;
+de grond was volkomen onvruchtbaar; zelfs zocht ik te vergeefs een
+mosplantje op de rotsen. Tegenwoordig kan eene mijn, die het voordeel
+heeft met lastdieren te werken, bijna niet met winst geëxploiteerd
+worden, tenzij zij zeer rijk is. En zulk een oord kozen de Indianen
+voorheen tot woonplaats! Indien er nu elk jaar twee of drie regenbuien
+vielen, in plaats van ééne zooals sinds vele jaren het geval is,
+zou in deze groote vallei waarschijnlijk een beekje worden gevormd;
+en door bevloeiing (eene kunst, welke de Indianen voorheen zoo goed
+verstonden) zou de grond dan gemakkelijk vruchtbaar genoeg worden
+gemaakt, om enkele gezinnen te voeden.
+
+Ik heb overtuigende bewijzen, dat dit deel van het vasteland van
+Zuid-Amerika sedert het tijdvak der levende schelpdieren, bij de
+kust minstens 400 tot 500 voet, en in sommige gedeelten 1000 tot
+1300 voet gerezen is; dieper landwaarts in is de rijzing mogelijk nog
+grooter geweest. Daar het buitengewoon dorre karakter van het klimaat
+blijkbaar een gevolg is van de hoogte der Cordilleras, kunnen wij er
+bijna zeker van zijn, dat de dampkring vóór de laatste rijzing niet
+zoo geheel van vocht beroofd was, als nu het geval is; en daar de
+rijzing trapswijze is geschied, zou ook het klimaat aldus veranderd
+zijn. Volgens deze meening--eene klimaatverandering sedert de gebouwen
+bewoond werden--moeten de ruïnen een zeer hoogen ouderdom hebben. Dat
+zij zoo lang bewaard konden blijven, acht ik onder het klimaat van
+Chili niet zoo moeilijk. Volgens dit begrip moeten wij ook aannemen
+(en dit is wellicht moeilijker), dat de mensch sinds een onmetelijk
+langen tijd Zuid-Amerika bewoond heeft, daar eene klimaatverandering
+ten gevolge van de landrijzing een uiterst langzaam verloop moet
+hebben gehad. Te Valparaiso is de rijzing in de laatste 220 jaren
+iets minder dan 19 voet geweest; te Lima is eene zeekust gedurende de
+Indiaansche periode van het Quartaire of Anthropozoïsche Tijdvak van
+80 tot 90 voet gerezen; maar zulke kleine wijzigingen konden weinig
+bij machte zijn de vocht-aanbrengende luchtstroomen van richting te
+doen veranderen. Inmiddels heeft Dr. Lund in de holen van Brazilië
+menschengeraamten ontdekt, waarvan het uiterlijk hem tot de meening
+bracht, dat het Indiaansche ras sedert een lang tijdsverloop in
+Zuid-Amerika bestaan heeft. [294]
+
+Toen ik te Lima was, besprak ik dit onderwerp met den civiel-ingenieur
+Gill, die veel van het binnenland gezien had. [295] Hij vertelde mij,
+dat de onderstelling aangaande eene klimaatverandering somtijds bij
+hem was opgekomen; maar dat hij dacht, dat het grootste deel van het
+land, hetwelk nu ongeschikt voor cultuur doch met Indiaansche ruïnen
+bedekt is, tot dezen staat was vervallen, doordien waterleidingen, die
+de Indianen voorheen op zulk eene grootsche schaal hadden aangelegd,
+door verwaarloozing en onderaardsche bewegingen beschadigd waren
+geworden. Ik wil hier opmerken, dat de Peruanen werkelijk hunne
+bewateringstroomen door tunnels leidden, die zij door harde steenen
+bergen groeven. Mr. Gill vertelde mij, dat hij ambtshalve geroepen was
+er een te onderzoeken; de tunnel was laag, smal, gebogen en ongelijk
+van breedte, maar bezat eene zeer aanzienlijke lengte. Is het niet
+hoogst verwonderlijk, dat menschen zulke werken hebben ondernomen,
+zonder het gebruik van ijzer of kruit? Ook vertelde Gill mij een
+zeer belangwekkend en, voorzoover ik weet, geheel ongeëvenaard geval,
+dat eene onderaardsche storing de waterafvoer van een land gewijzigd
+had. Op reis van Casma naar Huarez (niet ver van Lima) vond hij eene
+vlakte, bedekt met puinhoopen, maar niet geheel onvruchtbaar. Dicht
+daarbij was de droge bedding eener belangrijke rivier, waardoor het
+bevloeiingswater voorheen was aangevoerd. Uiterlijk vertoonde het
+rivierbed alle kenteekenen, dat de stroom hier vóór enkele jaren
+gevloeid had; op sommige plaatsen waren zand- en keisteenlagen
+gespreid; elders was het vaste gesteente tot een breed kanaal
+uitgehold, dat op ééne plek omstreeks 40 yards breed en 8 voet diep
+was. Het is wel duidelijk, dat iemand, die een stroomloop opwaarts
+volgt, altijd onder eene meer of minder groote helling zal stijgen. Men
+kan zich dus de verwondering van Gill voorstellen, toen hij de bedding
+dezer oude rivier opgaande, plotseling ontdekte, dat hij eene hoogte
+afging. Hij onderstelde, dat deze dalende glooiing een loodrechten val
+had van omtrent 40 of 50 voet. Hier hebben wij dus een ondubbelzinnig
+bewijs, dat schrijlings over eene oude stroombedding een rif of
+rotskam omhoog is geheven. Van af het oogenblik, dat het rivierbed
+aldus gewelfd werd, moest het water noodzakelijk wegvloeien en zich
+een nieuw kanaal graven. Maar tegelijk moest ook de naburige vlakte
+haar vruchtbaar makenden stroom verliezen, en eene woestijn worden.
+
+[27 Juni.]
+
+Vroeg in den morgen gingen wij op weg, en bereikten tegen den middag
+het ravijn van Paypote, waarin eene zeer kleine beek stroomt, en
+waar eenige plantengroei is, o.a. zelfs enkele algarroba-boomen
+(eene soort van mimosa). [296] Doordien men hier brandhout had,
+was er voorheen eene smeltoven gebouwd; en werkelijk vonden wij een
+kluizenaar, die deze oven bewaakte, en geen andere bezigheid had,
+dan op guanaco's te jagen. Des nachts vroor het sterk; maar wijl wij
+overvloedig hout voor ons vuur hadden, sliepen wij warm.
+
+[28 Juni.]
+
+Wij vervolgden onzen langzaam stijgenden tocht door de vallei,
+die nu in een ravijn veranderde. Gedurende den dag zagen wij
+verscheidene guanaco's, alsmede het spoor van de Vicugna, eene na aan
+de eersten verwante soort. Laatstgenoemd dier is in zijne leefwijze een
+voortreffelijk bewoner van hooge bergstreken; zelden daalt het onder
+de grens van eeuwige sneeuw, en houdt zich dus in een nog hooger en
+onvruchtbaarder gebied op, dan het guanaco. Het eenige dier, dat wij
+verder in vrij groot aantal zagen, was een kleine vos; ik onderstel
+dat deze laatste op muizen en andere kleine knaagdieren jacht maakt,
+die in groot aantal op zeer woeste plaatsen leven, zoolang er nog een
+spoor van plantengroei is. In Patagonië wemelt het van deze kleine
+dieren, zelfs op de grenzen der salinas, waar nooit een druppel water
+te vinden is, behalve dauw. Na de hagedissen, schijnen muizen het
+best in staat te zijn op de kleinste en droogste plekken der aarde
+voedsel te vinden--zelfs op eilandjes midden in de groote oceanen.
+
+Aan beide zijden vertoonde het landschap eene troostelooze
+verlatenheid, welke in het licht der heldere, onbewolkte lucht
+scherp en tastbaar uitkwam. Voor een poos maakt zulk een landschap
+een grootschen indruk; maar deze kan niet duren, en dan wordt het
+onbelangwekkend. Wij bivouakeerden aan den voet der primera linea of
+eerste linie van waterscheiding. Aan den oostkant vloeien de stroomen
+echter niet naar den Atlantischen Oceaan, doch naar eene hoogvlakte,
+in welker midden eene groote salina of zoutmeer ligt, en vormen
+zoo op eene hoogte van misschien tien duizend voet eene Kaspische
+Zee in 't klein. Op de plek, waar wij sliepen, lagen eenige groote
+sneeuwvelden, die echter niet het geheele jaar duren. In deze hooge
+streken gehoorzamen de winden aan zeer regelmatige wetten; elken dag
+waait eene frissche koelte uit de vallei opwaarts, en des avonds--een
+uur of twee na zonsondergang--daalt de lucht uit de koude bovenstreken
+als door een trechter omlaag. Dezen nacht woei er eene stijve bries,
+en moest de temperatuur ver onder het vriespunt geweest zijn, daar het
+water in onze kan spoedig één blok ijs werd. Tegen zulk eene lucht
+schenen kleêren geen beschutting te bieden, want ik leed zeer veel
+koude, zoodat ik niet kon slapen en des morgens geheel verstijfd en
+verkleumd opstond.
+
+Verder zuidwaarts in de Cordilleras komen sommige lieden door
+sneeuwstormen om het leven; hier bezwijkt men door eene andere
+oorzaak. Toen mijn gids een jongen van 14 jaren was, trok hij met
+een gezelschap in de maand Mei de Cordilleras over. In de centrale
+gedeelten gekomen, stak een hevige storm op, zoodat de mannen met
+moeite op hunne muildieren konden blijven, terwijl de steenen over den
+grond vlogen. De lucht was onbewolkt, en er viel geen vlokje sneeuw;
+maar de temperatuur was laag. Waarschijnlijk heeft de thermometer niet
+heel veel graden onder het nulpunt gestaan; toch moet de uitwerking op
+hunne lichamen, door de kleeding slecht beschut, evenredig geweest zijn
+aan de snelheid van den kouden luchtstroom. De storm duurde ruim een
+dag lang; de mannen voelden hunne krachten afnemen, en de muildieren
+wilden niet verder. De broeder van mijn gids poogde terug te keeren,
+maar kwam om het leven; en twee jaren later vond men zijn lijk dicht
+bij den weg naast zijn muildier liggen, met den teugel nog in zijne
+hand. Twee andere mannen van den troep verloren vingers en teenen;
+en van de tweehonderd muildieren en dertig koeien brachten slechts
+veertien er het leven af. Vele jaren geleden is een groot gezelschap
+vermoedelijk door eene dergelijke oorzaak omgekomen; maar hunne
+lijken zijn tot heden niet gevonden. Eene onbewolkte lucht, gepaard
+met lage temperatuur en een hevigen storm vormen een verschijnsel,
+dat, naar ik denk, wel in alle werelddeelen als een ongewoon feit
+zal worden beschouwd.
+
+[29 Juni.]
+
+Opgewekt daalden wij de vallei af naar ons verblijf van den vorigen
+nacht, en van daar tot dicht bij de Agua amarga. Op den eersten Juli
+bereikten wij de Copiapó-vallei. Recht aangenaam was ons de geur
+der bloeiende klaver, na die lucht zoo arm aan geuren in de droge,
+onvruchtbare Despoblado-vallei. Terwijl ik in de stad was, hoorde ik
+verscheidene inwoners spreken van een heuvel in den omtrek, dien zij
+El Bramador, den Bruller of Bulker noemden. Ik sloeg destijds niet
+voldoende acht op dit verhaal; maar voor zoover ik hen begreep, was de
+heuvel met zand bedekt, en werd het geluid alleen dan voortgebracht,
+als menschen bij het beklimmen het zand in beweging brachten. Dezelfde
+feiten zijn, op het gezag van Seetzen en Ehrenberg, [297] uitvoerig
+beschreven als de oorzaak der geluiden, welke vele reizigers op
+den Berg Sinaï bij de Roode Zee gehoord hebben. Een der personen,
+die ik sprak, had zelf het geluid gehoord, en beschreef dit als zeer
+wonderlijk; beslist verklaarde hij, dat, als kon hij niet begrijpen
+hoe het eigenlijk veroorzaakt werd, het afrollen van het zand langs
+de helling er toch noodzakelijk mede in verband moest staan. Wanneer
+een paard over droog en grof zand loopt, ontstaat een eigenaardig
+knarsend geluid ten gevolge van de wrijving der deeltjes. Dit feit,
+aan de meesten bekend, nam ik verscheidene keeren waar op mijne
+tochten langs de kust van Brazilië.
+
+Drie dagen later hoorde ik, dat de Beagle de Haven was binnengeloopen,
+welke achttien leagues van de stad ligt. Langs de glooiing der
+vallei is weinig land in cultuur; en die geheele uitgestrektheid
+bevat slechts een schraal, borstelig gras, dat zelfs ezels met
+moeite kunnen eten. Deze armoedige plantengroei is een gevolg van
+de hoeveelheid zoutachtige stof, waarvan de bodem doortrokken is. De
+Haven bestaat uit eene vereeniging van kleine armoedige hutten, aan
+den voet eener dorre vlakte gelegen. Tegenwoordig, nu de rivier genoeg
+water bevat om de zee te bereiken, hebben de bewoners het voordeel,
+dat er binnen een afstand van anderhalve mijl zoet water is. Op het
+strand lagen groote stapels koopwaren, en het plaatsje vormde een
+tooneel van groote bedrijvigheid. Des avonds zeide ik mijn metgezel
+Mariano Gonzales, met wien ik zoo vele mijlen in Chili gereden had,
+vaarwel en riep hem een hartelijk "tot weêrziens" toe. Den volgenden
+morgen zette de Beagle koers naar Iquique.
+
+[12 Juli.]
+
+Wij ankerden in de haven van Iquique op 20°12' Z.B. aan de kust van
+Peru. De stad telt ongeveer 1000 inwoners, [298] en ligt in eene kleine
+zandvlakte aan den voet van een grooten, 2000 voet hoogen rotswand,
+die hier de kust vormt. De geheele streek is uiterst woest. Slechts
+eens in zeer vele jaren valt er eene kleine regenbui; dientengevolge
+zijn de ravijnen gevuld met puin, en de berghellingen zelfs tot eene
+hoogte van duizend voet met stapels fijn wit zand bedekt. In dezen
+tijd van het jaar hangt er eene zware wolkbank boven den oceaan, die
+zich zelden boven den rotswand aan de kust verheft. Het aanzien der
+stad was allertreurigst; de kleine haven met hare weinige schepen,
+en een groepje armzalige huisjes schenen buiten alle verhouding tot
+het overige landschap, en zonken er geheel in weg.
+
+De inwoners leven als lieden aan boord van een schip: al het noodige
+komt van verre; water wordt in booten aangevoerd van het omstreeks
+40 mijlen noordwaarts gelegen Pisagua, en verkocht voor den prijs
+van 9 realen (4 shill., 6 pence) per vat van achttien gallons. [299]
+Ik kocht een wijnflesch vol water voor drie pence. Evenzoo worden
+brandhout, en natuurlijk ook alle voedingsmiddelen aangevoerd. In zulk
+eene plaats kan men zeer weinig dieren onderhouden; zoo huurde ik den
+volgenden morgen (13 Juli) met moeite, tegen den prijs van vier pond
+sterling, twee muildieren en een gids om mij naar de salpeterwerken te
+brengen, waarvan Iquique tegenwoordig bestaat. Van dit zout--in 1830
+voor het eerst uitgevoerd--werd in één jaar tijds voor eene waarde van
+honderdduizend pond sterling naar Frankrijk en Engeland gezonden. [300]
+Het wordt voornamelijk gebruikt als meststof en voor de bereiding
+van salpeterzuur, maar kan wegens zijne vervloeibaarheid niet voor
+kruit dienen. Vroeger waren er twee uiterst rijke zilvermijnen in
+dezen omtrek, die echter tegenwoordig zeer weinig opleveren.
+
+Onze komst in het gezicht van het strand verwekte eenige vrees. Peru
+was in een staat van regeeringloosheid; en daar elke partij eene
+brandschatting geëischt had, verkeerde de arme stad Iquique in angst
+en zorgen, denkende dat het kwade uur geslagen had. Maar het volk had
+ook zijne inwendige troebelen; kort te voren hadden drie Fransche
+timmerlieden in denzelfden nacht de twee kerken opengebroken, en
+al het gouden en zilveren vaatwerk gestolen; doch later had een
+der dieven bekend, en kreeg men het vaatwerk terug. De schuldigen
+werden naar Arequipa opgezonden, de hoofdstad dezer provincie, die
+omstreeks tweehonderd leagues ver ligt. De regeering aldaar achtte
+het jammer zulke nuttige werklieden te straffen, die alle soorten
+meubelen konden maken, en stelde hen daarom op vrije voeten. Terwijl
+dit plaats had, werd in de kerken opnieuw ingebroken; maar ditmaal
+kreeg men het vaatwerk niet terug. Hierover in hevige woede ontstoken,
+en onder de leus, dat alléén ketters in staat waren "den almachtigen
+God" zoo te plunderen, gingen de inwoners eenige Engelschen te lijf,
+martelden hen en dreigden hen later te zullen doodschieten. Eindelijk
+kwam het gezag tusschenbeide, en werd de rust hersteld.
+
+[13 Juli.]
+
+Des morgens vertrok ik naar de salpeterwerken, een afstand van veertien
+leagues. Nadat wij het steile kustgebergte langs een zigzagvormig
+zandspoor bestegen hadden, kwamen weldra de mijnen van Guantajaya
+en Santa Rosa in 't gezicht. Deze twee dorpjes liggen vlak bij de
+ingangen der mijnen; en daar zij bovendien op bergen zijn gebouwd,
+hadden zij een nog onnatuurlijker en zwaarmoediger aanzien dan de
+stad Iquique. Wij bereikten de salpeterwerken eerst na zonsondergang,
+na den geheelen dag door een heuvelachtig land te hebben gereden,
+dat eene volslagen woestenij was. De weg was bezaaid met de beenderen
+en verdroogde huiden der vele lastdieren, die hier van vermoeienis
+en uitputting waren bezweken. Behalve de Vultur (Cathartes) aura of
+Zwartkoppige Urubu, die op lijken aast, zag ik geen enkelen vogel,
+viervoetig of kruipend dier, zelfs geen enkel insect. Ter hoogte
+van omstreeks 2000 voet op het kustgebergte, waar de wolken meestal
+in dezen tijd van het jaar hangen, groeiden enkele cactussen in
+de rotsspleten, en was het losse zand met eene mosplant bedekt,
+die geheel vrij aan de oppervlakte lag. Deze plant behoort tot het
+geslacht Cladonia, en gelijkt eenigszins op het rendiermos (Lichen
+rangiferinus). Op sommige plaatsen was zij in voldoende hoeveelheid
+vereenigd, dat het zand, van verre gezien, er eene matgele kleur
+door kreeg. Dieper het land in, zag ik op den langen rit van veertien
+leagues slechts één ander plantaardig product, namelijk eene uiterst
+kleine, gele mosplant, welke op de beenderen der doode muildieren
+groeide. Ofschoon dit de eerste ware woestijn was, die ik ooit gezien
+had, maakte zij geen sterken indruk op mij: wat ik geloof hieraan te
+moeten toeschrijven, dat ik op mijn rit noordwaarts, van af Valparaiso
+over Coquimbo naar Copiapó, langzamerhand aan zulke tooneelen gewoon
+was geraakt. Het land bood een merkwaardigen aanblik, doordien het
+bedekt was met eene dikke korst van gewoon zout, en van een gelaagd
+zouthoudend alluvium, dat gedurende de langzame rijzing van het land
+boven den zeespiegel schijnt afgezet te zijn. Het zout heeft eene witte
+kleur, is zeer hard en dicht, en treedt, met veel gips verbonden, op
+in gladgespoelde klompjes, die uit het samenklevende zand steken. In
+voorkomen geleek deze bovenkorst zeer veel op een land, dat onder
+sneeuw heeft gelegen, en waarop de laatste groezelige plekjes nog
+niet ontdooid zijn. Het bestaan dezer korst van eene oplosbare stof
+over de geheele oppervlakte van het land bewijst, hoe buitengewoon
+droog het klimaat gedurende eene lange tijdruimte geweest moet zijn.
+
+Des nachts sliep ik in het huis van den eigenaar van een der
+salpetermijnen. Het land is hier even onvruchtbaar als bij de kust,
+maar door het graven van putten kan men water krijgen, dat eenigszins
+brak en bitter van smaak is. Daar er bijna geen regen valt, is het
+water blijkbaar niet hiervan afkomstig, want in dat geval moest
+het zoo zout als pekel zijn, omdat de geheele omtrek met eene korst
+van verschillende zoutachtige stoffen bedekt is. Wij moeten daaruit
+besluiten, dat, hoewel de Cordilleras vele mijlen ver liggen, het
+water van daar af onder den grond is doorgezijpeld. In die richting
+liggen enkele dorpjes, waar de inwoners, in 't bezit van wat meer
+water, eenig land kunnen besproeien en hooi verbouwen, waarmee zij
+de ezels en muildieren voeden, die bij het salpetervervoer gebruikt
+worden. Het natronsalpeter werd nu tot aan het schip verkocht voor
+veertien shillings de honderd pond; de hoofdonkosten komen op het
+vervoer er van naar de zeekust. De mijn bestaat uit eene harde,
+tusschen twee en drie voet dikke laag van het salpeterzure zout,
+vermengd met wat zwavelzure soda (Na2SO4) en zeer veel steenzout
+(NaCl). Het ligt dicht bij de oppervlakte, en volgt over eene lengte
+van honderd vijftig mijlen den rand eener groote dalkom of vlakte,
+die, naar hare grenzen te oordeelen, blijkbaar eens een meer moet
+zijn geweest, of, wat waarschijnlijker is, een landwaarts in zich
+uitstrekkende zeearm, gelijk uit de aanwezigheid van jodiumzouten in
+de zouthoudende laag zou mogen worden afgeleid.
+
+[19 Juli.]
+
+Wij ankerden in de Baai van Callao, de zeehaven van Lima, dat de
+hoofdstad van Peru is. Hier bleven wij zes weken; maar wegens
+de troebelen op staatkundig gebied, zag ik zeer weinig van het
+land. Tijdens den geheelen duur van ons bezoek was het klimaat op verre
+na zoo aangenaam niet, als meestal wordt voorgesteld. Eene donkere,
+zware wolkbank hing onafgebroken boven het land, zoodat ik gedurende
+de eerste zestien dagen slechts eens de Cordilleras achter Lima in
+'t oog kreeg. De aanblik dezer bergen, zooals ik hen door openingen in
+de wolken in verdiepingen boven elkander zag, was zeer grootsch. Het
+is bijna spreekwoordelijk, dat in het lagere gedeelte van Peru nooit
+regen valt. Toch kan dit moeilijk juist zijn, want bijna elken dag
+van ons bezoek hing er een dikke, natte mist, wel in staat om de
+straten modderig en de kleêren vochtig te maken. Het volk belieft dit
+Peruaanschen dauw te noemen! Dat er niet heel veel regen valt, is zeer
+zeker; want de huizen zijn slechts met platte daken van geharde modder
+gedekt; en op den havendam waren scheepsladingen tarwe opgestapeld,
+die zoo weken lang zonder eenige beschutting werden gelaten.
+
+Ik kan niet zeggen, dat het zeer weinige wat ik van Peru zag, mij
+beviel; doch men beweert, dat het klimaat des zomers veel aangenamer
+is. In alle jaargetijden lijden zoowel inwoners als vreemdelingen
+aan hevige aanvallen van koorts. Deze ziekte komt voor langs de
+geheele Peruaansche kust, maar is in het binnenland onbekend. De
+ziekte-aanvallen, die door smetstof ontstaan, zijn altijd hoogst
+geheimzinnig van aard. Het is zóó moeilijk uit het voorkomen van een
+land te beoordeelen of het al dan niet gezond is, dat, zoo men iemand
+gezegd had binnen de keerkringen een oord te kiezen, hetwelk voor de
+gezondheid gunstig leek, hij zeer waarschijnlijk deze kust genoemd zou
+hebben. De vlakte, welke het gebied van Callao omgeeft, is spaarzaam
+met grof gras bedekt; en op sommige punten zijn enkele, ofschoon
+zeer kleine plassen stilstaand water. Naar alle waarschijnlijkheid
+ontstaat daaruit de smetstof; want de stad Arica verkeerde in dezelfde
+omstandigheden, en door het droogleggen van enkele kleine plassen werd
+hare gezondheidstoestand zeer verbeterd. Miasma ontstaat niet altijd
+door den invloed van een heet klimaat op een weligen plantengroei; want
+vele gedeelten van Brazilië, zelfs die waar een krachtige plantengroei
+gepaard gaat met moerassen, zijn veel gezonder dan deze onvruchtbare
+kust van Peru. De dichtste wouden in eene gematigde luchtstreek,
+zooals op het eiland Chiloë, schijnen op den gezondheidstoestand der
+lucht niet den minsten invloed te hebben.
+
+Het eiland St.-Jago van de Kaap-Verdische Eilanden is een ander sterk
+sprekend voorbeeld van een land, dat naar ieders verwachting uitermate
+gezond moest zijn, maar zeer het tegendeel daarvan is. Bij den aanvang
+van dit boek heb ik gezegd, dat de kale en open vlakten gedurende
+eenige weken na het regenseizoen een lichten plantengroei bezitten,
+die onmiddellijk verwelkt en verdroogt; in dezen tijd schijnt de lucht
+geheel vergiftigd te worden, want dikwijls hebben zoowel inboorlingen
+als vreemdelingen van hevige koortsen te lijden. Daarentegen is
+de Galápagos-Archipel, in den Stillen Oceaan met een dergelijken,
+periodiek aan hetzelfde plantengroei-proces onderworpen bodem, volmaakt
+gezond. Humboldt heeft opgemerkt, dat in de heete luchtstreek "de
+kleinste moerassen het gevaarlijkst zijn, wanneer zij, zooals te Vera
+Cruz en Carthagena, omringd zijn door een dorren zandgrond, die de
+temperatuur der omringende lucht doet stijgen." [301] Op de kust van
+Peru is de temperatuur echter niet bijzonder hoog, en zijn misschien
+daardoor de intermitteerende koortsen niet van de boosaardigste
+soort. In alle ongezonde landen loopt men het grootste gevaar door
+op het strand te slapen. Is dit te wijten aan de gesteldheid van het
+lichaam gedurende den slaap, of aan eene grootere hoeveelheid smetstof
+op zulke tijden? Het schijnt een feit te wezen, dat zij die aan boord
+van een schip blijven, ook al ligt dit op slechts korten afstand van
+de kust voor anker, in 't algemeen minder lijden, dan zij die op het
+strand zijn. Daarentegen heb ik een merkwaardig geval gehoord, dat er
+koorts uitbrak onder de bemanning van een oorlogsschip op ongeveer
+honderd mijlen van de Afrikaansche kust, op denzelfden tijd toen te
+Sierra Leone een van de gevreesde sterfte-perioden begon. [302]
+
+Sedert de onafhankelijkheidsverklaring [303] heeft geen Staat in
+Zuid-Amerika meer van anarchie te lijden gehad, dan Peru. Tijdens
+ons bezoek streden vier aanvoerders gewapenderhand om de oppermacht
+in de regeering. Kreeg een hunner voor eenigen tijd veel macht, dan
+spanden de anderen tegen hem samen; maar nauwelijks behaalden dezen de
+overwinning, of zij werden elkander weer vijandig. Den volgenden dag,
+op het Jaarfeest der Onafhankelijkheid, werd eene hoogmis gevierd,
+waarbij de president het sacrament gebruikte. Nu had onder het Te
+Deum laudamus het ongehoorde feit plaats, dat elk regiment in stede
+van de Peruaansche vlag, eene zwarte vlag waarop een doodshoofd
+stond, ontplooide. Denk u eene regeering, waaronder bij zulk eene
+plechtige gelegenheid bevel kan worden gegeven tot eene vertooning,
+welke op zoo sprekende wijze getuigde van hunne vastbeslotenheid om
+zich dood te vechten! Deze staat van zaken heerschte op een voor
+mij zeer ongelukkigen tijd, daar ik verhinderd werd uitstapjes te
+doen ver buiten de grenzen der stad. Het kale eiland San Lorenzo,
+dat de haven vormt, was bijna de eenige plek waar men veilig kon
+rondloopen. Het bovendeel, ter hoogte van ongeveer 1000 voet,
+ligt gedurende dit jaargetijde (des winters) beneden de onderste
+wolkengrens; en dientengevolge bedekt een rijkdom van kryptogamen,
+benevens enkele bloemen den top. Op de heuvels bij Lima, waar de grond
+slechts weinig hooger is, vindt men dien bedekt met een tapijt van
+mos en bedden prachtige gele leliën, Amancaes geheeten. Dit wijst
+op een veel hoogeren graad van vochtigheid, dan er heerscht op een
+gelijke hoogte te Iquique. Verder noordwaarts boven Lima wordt het
+klimaat vochtiger, totdat wij aan de oevers van Guayaquil (Ecuador),
+bijna onder den evenaar, de weligst begroeide wouden vinden. Volgens
+de beschrijving, echter, geschiedt deze overgang van de onvruchtbare
+Peruaansche kust tot dit vruchtbare land eenigszins plotseling op de
+breedte van Kaap Blanco, twee graden ten zuiden van Guayaquil.
+
+Callao is eene morsige, slecht gebouwde, kleine zeehaven. Zoowel
+hier, als te Lima, vertoonden de inwoners alle denkbare tinten
+van vermenging tusschen Europeesch, Neger en Indiaansch bloed. Zij
+schijnen een verbasterd, verloopen slag van menschen. De lucht is
+vervuld met kwade geuren, en die eigenaardige reuk, welke in bijna
+iedere stad binnen de keerkringen kan worden waargenomen, was hier
+zeer sterk. Het fort, dat het langdurige beleg van Lord Cochrane
+doorstond, [304] heeft een indrukwekkend voorkomen. Maar tijdens ons
+verblijf verkocht de president de koperen kanonnen, en begon enkele
+gedeelten te ontmantelen. Als reden daarvan werd opgegeven, dat hij
+geen officier had, dien hij het bevel over zulk een gewichtigen post
+kon toevertrouwen. Persoonlijk had hij alle redenen om zoo te denken,
+daar hij het presidentschap had verworven door muiterij te plegen
+terwijl hij commandant was van dezelfde vesting! Na ons vertrek uit
+Zuid-Amerika kreeg hij zijne straf op de gewone manier: door eerst
+te worden overwonnen, toen gevangen genomen, en eindelijk onthoofd.
+
+Lima ligt op eene vlakte midden in eene vallei, die gedurende het
+langzame wijken der zee gevormd is. Haar afstand tot Callao bedraagt
+zeven mijlen, en hare hoogte boven deze plaats 500 voet; maar wijl de
+glooiing zeer geleidelijk is, schijnt de weg volkomen horizontaal. Dit
+verklaart waarom men, te Lima gekomen, moeilijk zelfs kan gelooven dat
+men één honderd voet gestegen is. Humboldt heeft op dit eigenaardige,
+bedriegelijke feit gewezen. Steile, kale heuvels verrijzen als eilanden
+uit de vlakte, die door rechte modderbanken in groote, groene velden
+is verdeeld. Met uitzondering van enkele wilgen, en hier en daar eene
+groep banaan- en oranjeboomen, groeit op deze velden bijna geen enkele
+boom. De stad Lima verkeert nu in een treurigen staat van verval;
+de straten zijn bijna ongeplaveid, en in alle richtingen ontwaart men
+hoopen vuil, waaruit de zwarte gallinazos, tam als kippen, stukken aas
+oppikken. De huizen hebben in 't algemeen eene bovenverdieping, die om
+de aardbevingen van gepleisterd houtwerk is gemaakt; maar eenige oude,
+welke nu door verscheidene familiën bewoond worden, zijn verbazend
+groot en zouden in hunne rijen van vertrekken met de fraaiste huizen
+van elders kunnen wedijveren. Lima, de Stad der Koningen, moet weleer
+eene weelderige stad geweest zijn. Het bijzonder groot aantal kerken
+geeft haar, zelfs nog heden, een eigenaardig en treffend karakter,
+vooral wanneer men dit alles van nabij ziet.
+
+Op zekeren dag ging ik met eenige kooplieden in de onmiddellijke
+nabijheid der stad op jacht. Onze vangst was zeer karig; maar
+ik had gelegenheid de puinhoopen van een oud Indiaansch dorp te
+zien, met zijn grafheuvel, evenals een natuurlijke heuvel, in het
+midden. De overblijfsels der huizen, omheiningen, besproeiingskanalen
+en grafheuvels, welke over deze vlakte verspreid liggen, laten niet
+na den bezoeker een hoog denkbeeld te geven van de maatschappelijke
+welvaart en de talrijkheid der oude bevolking. Let men op hun
+aardewerk, wollen kleederen en sierlijk gevormd keukengereedschap van
+het hardste gesteente; op hunne koperen werktuigen, versieringen van
+edelgesteenten, hunne paleizen en waterleidingwerken--dan moet men
+wel eerbied koesteren voor de verbazende vorderingen, door hen in
+de beschavingskunsten gemaakt. De grafheuvels, Huacas genaamd, zijn
+inderdaad verbazingwekkend, al schijnen zij ook op sommige plaatsen
+natuurlijke heuvels te wezen, die afgestoken en vervormd zijn. Men
+vindt hier nog eene andere en zeer verschillende soort van ruïnen,
+welke eenige belangstelling verdienen, namelijk die van oud Callao,
+dat door eene zeegolf die de groote aardbeving van 28 October 1746
+vergezelde, overstroomd werd. [305] De verwoesting moet toen zelfs nog
+grooter geweest zijn dan te Talcahuano. Hoopen grof keizand verbergen
+bijna de fundamenten der muren, en groote stukken metselwerk schijnen
+als kiezelsteenen door de golven rondgedraaid te zijn. Men heeft
+beweerd, dat het land tijdens deze gedenkwaardige aardbeving zonk
+(dat een deel der kust bij Callao in eene baai veranderde, zegt Lyell
+duidelijk in zijne Principles of Geology); maar hiervan kon ik geen
+bewijs ontdekken. Toch lijkt mij dit verre van onwaarschijnlijk;
+want sedert de stichting der oude stad moet de kust zeker eenige
+verandering ondergaan hebben, daar niemand, die bij zijn gezonde
+verstand is, vrijwillig de smalle strook zand tot woonplaats zou
+hebben gekozen, waarop nu de puinhoopen staan. Sedert onze reis,
+is Tschudi door vergelijking van oude en nieuwe kaarten tot de
+gevolgtrekking gekomen, dat de kust ten noorden en ten zuiden van
+Lima zonder twijfel gezonken is.
+
+Op het eiland San Lorenzo zijn zeer voldoende bewijzen van
+landrijzing in het hedendaagsche tijdperk--wat natuurlijk niet in
+strijd is met de meening, dat later eene kleine daling van den grond
+heeft plaats gehad. De zijde van het eiland tegenover de Baai van
+Callao is in drie onduidelijke terrassen uitgehold, waarvan het
+onderste eene mijl ver bedekt is met eene bedding of laag, bijna
+geheel uit schelpen bestaande, die tot 18 thans in de naburige
+zee levende soorten behooren. De hoogte dezer bedding bedraagt 85
+voet. Vele van deze schelpen zijn ver weggeteerd, en zien er veel
+ouder en verweerder uit, dan die op 500 of 600 voet hoogte op de
+kust van Chili. Zij zijn vergezeld van veel steenzout, een weinig
+zwavelzure kalk (beiden vermoedelijk ontstaan door indroging en
+verdamping van het zeeschuim, terwijl het land langzaam rees),
+benevens zwavelzure soda en chloorcalcium (CaCl2). Zij rusten op
+brokstukken van den onderliggenden zandsteen, en zijn eenige inches
+dik met rotspuin bedekt. De hooger op dit terras liggende schelpen
+bleken, bij onderzoek, af te schilferen en vielen tot een fijn poeder
+uiteen. Eindelijk vond ik op een boventerras, ter hoogte van 170 voet,
+alsmede op eenige aanmerkelijk hoogere punten, eene laag zoutachtig
+poeder van volmaakt hetzelfde voorkomen, en betrekkelijk evenzoo
+gelegen. Ik twijfel niet of deze bovenlaag vormde oorspronkelijk eene
+bedding schelpen, evenals die op de 85 voet hooge klip; maar thans
+bezit zij geen spoor meer van organische structuur. De heer Reeks heeft
+het poeder voor mij onderzocht: het bestond uit sulphaten en chloriden
+van calcium en natrium, met zeer geringe bijmengsels van koolzure
+kalk. Het is bekend, dat groote hoeveelheden steenzout en koolzure
+kalk, eenigen tijd vermengd zijnde, elkander gedeeltelijk ontleden,
+wat echter met kleine opgeloste hoeveelheden niet gebeurt. Daar
+de half vergane schelpen in de lagere gedeelten vergezeld zijn van
+veel steenzout, benevens eenige van de zouthoudende stoffen die de
+zoutachtige bovenlaag vormen; daar verder deze schelpen op merkwaardige
+wijze verteerd en vervallen zijn, vermoed ik sterk, dat deze dubbele
+ontleding hier heeft plaats gehad. In dat geval moeten de resulteerende
+zouten zijn: koolzure soda en chloorcalcium, waarvan het laatste wèl,
+het eerste niet aanwezig is. Dit leidt mij tot de onderstelling,
+dat de koolzure soda door tot nu toe onverklaarbare werkingen in het
+zwavelzure zout wordt omgezet. Het is duidelijk, dat de zoutlaag niet
+bewaard had kunnen blijven in een land, waar nu en dan overvloedig
+regen valt; maar tevens is juist deze omstandigheid--namelijk, dat het
+steenzout niet is weggespoeld geworden--welke op het eerste gezicht
+zoo uiterst gunstig lijkt voor het langdurige behoud van onbeschutte
+schelpen, waarschijnlijk de zijdelingsche oorzaak geweest van hare
+ontbinding en vroegtijdig verval.
+
+Met zeer veel belangstelling vond ik, 85 voet hoog op het terras,
+eenige stukjes katoendraad, gevlochten bies, en den knop van een
+Indiaansch-hoornen stok: alles bedolven tusschen de schelpen en
+velerlei afval, dat uit zee was aangespoeld. Ik vergeleek deze
+overblijfsels met andere van dien aard, welke uit de Huacas of oude
+Indiaansche grafheuvels waren opgedolven, en vond dat zij er eender
+uitzagen. Bij Bellavista, op het vasteland tegenover San Lorenzo,
+ligt eene uitgestrekte, effen en ongeveer honderd voet hooge vlakte,
+waarvan het benedengedeelte bestaat uit afwisselende lagen zand en
+onzuivere klei, benevens wat grint; terwijl de oppervlakte drie tot
+zes voet diep uit een roodachtig leem bestaat, met hier en daar enkele
+zeeschelpen, en verder talrijke kleine stukken grof rood aardewerk,
+welke op sommige plaatsen menigvuldiger zijn dan op andere. Eerst
+was ik geneigd te gelooven, dat deze bovenbedding wegens hare groote
+uitgestrektheid en effen oppervlakte onder de zee moest afgezet zijn;
+maar later vond ik eene plek, waar bleek, dat zij op een kunstvloer
+van ronde steenen lag. Het komt mij daarom hoogst waarschijnlijk
+voor, dat er in een tijd toen het land op lager peil stond, eene
+vlakte was, zeer gelijkend op die welke thans Callao omringt en,
+door een strand van grof grint beschermd, slechts zeer weinig boven
+den zeespiegel gerezen is. Ik stel mij voor, dat op deze vlakte met
+hare onderliggende roode-kleibeddingen de Indianen hunne aarden potten
+maakten; voorts, dat de zee gedurende eene hevige aardbeving over het
+strand sloeg en de vlakte in een tijdelijk meer veranderde, zooals
+in 1713 en 1746 rondom Callao gebeurde. Het water zou dan modder
+hebben afgezet, waarin stukken steengoed uit de pannenbakkerijen,
+die op sommige plekken talrijker waren dan op andere, vermengd met
+zeeschelpen. Deze bedding met haar fossiel aardewerk ligt op ongeveer
+dezelfde hoogte als de schelpen op het benedenterras van San Lorenzo,
+waarin de katoendraden en andere overblijfselen begraven lagen. Uit
+dit feit mogen wij met zekerheid besluiten, dat er in het Indiaansche
+tijdvak der geschiedenis van het menschdom eene rijzing is geweest van
+meer dan 85 voet, zooals wij boven zeiden, want van die rijzing is een
+klein deel verloren gegaan, omdat de kust sedert de vervaardiging der
+oude kaarten gedaald is. Ofschoon de rijzing te Valparaiso in de 220
+jaren vóór ons bezoek niet meer dan 19 voet kan hebben bedragen, is
+daar echter na 1817 eene deels onmerkbare, en gedurende de aardbeving
+van 1822 deels plotselinge rijzing geweest van tien of elf voet. De
+ouderdom van het Indiaansche ras alhier--te oordeelen naar de 85-voet
+hooge rijzing van het land sedert de overblijfsels bedolven werden--is
+des te merkwaardiger, wijl de Macrauchenia (de uitgestorven dieren,
+wier geraamten in de Pampas van Zuid-Amerika gevonden worden) nog
+leefde op de kust van Patagonië, toen het land daar ongeveer evenveel
+voeten lager stond; maar wijl de kust van Patagonië op eenigen afstand
+van de Cordilleras ligt, is de rijzing daar mogelijk langzamer geweest
+dan hier. Te Bahia Blanca heeft de rijzing slechts één voet bedragen,
+sedert de talrijke reusachtige viervoetige dieren er begraven werden;
+en zooals algemeen wordt aangenomen, bestond de mensch nog niet toen
+deze uitgestorven dieren leefden. Misschien staat echter de rijzing
+van dat gedeelte der Patagonische kust in geen enkel verband tot de
+Cordilleras, maar eerder tot eene reeks oude vulkanische gesteenten
+in Oost Banda, zoodat zij oneindig langzamer geschied kan zijn dan
+op de kusten van Peru. Het is intusschen wel duidelijk, dat al deze
+bespiegelingen vaag moeten zijn; want wie zal durven zeggen, dat er
+niet verscheidene perioden van daling zijn geweest, zich inschakelend
+tusschen de rijzende bewegingen? Weten wij niet met zekerheid, dat
+er langs de geheele kust van Patagonië in de rijzende werking der
+opstuwende krachten vele en langdurige tijdperken van rust geweest
+moeten zijn? [306]
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XVII.
+
+DE GALÁPAGOS-ARCHIPEL.
+
+
+[15 September 1835.]
+
+Deze archipel bestaat uit tien hoofdeilanden, waarvan vijf de anderen
+aanmerkelijk in grootte overtreffen, en ligt onder den evenaar,
+op een afstand van vijf- tot zeshonderd mijlen van de Amerikaansche
+kust. Zij zijn allen uit vulkanische gesteenten gevormd, want enkele
+stukken graniet van eene eigenaardige, door de hitte gewijzigde
+kristallijnen structuur, kunnen nauwelijks als eene uitzondering
+worden beschouwd. Sommige kegels of kraters, die zich op de grootere
+eilanden verheffen, zijn verbazend groot en bezitten eene hoogte
+van 3000 tot 4000 voet. Hunne hellingen zijn bezaaid met tallooze
+kleinere openingen. Bijna zonder aarzelen durf ik zeggen, dat er in den
+geheelen archipel minstens 2000 kraters zijn. Deze bestaan òf uit lava
+en slakken, òf uit fijn gelaagde, zandsteenachtige tuf. [307] Kraters
+van laatstgenoemde soort, waarvan de meesten een fraaien symmetrischen
+vorm bezitten, hebben hun ontstaan te danken aan uitbarstingen van
+vulkanische modder zonder lava. Het is een opmerkelijk feit, dat
+bij alle 28 tufsteen-kraters die onderzocht werden, de zuidelijke
+hellingen òf veel lager dan de andere zijden, òf geheel vernield
+en gesloopt waren. Daar al deze kraters klaarblijkelijk in zee zijn
+gevormd, en de door den passaatwind voortgezweepte golven benevens de
+deining uit volle zee hare krachten hier op de zuidelijke kusten van
+al deze eilanden samentrekken, laat die zonderlinge overeenstemming
+in den gebroken vorm der uit de zachte en buigzame tuf samengestelde
+kraters, zich gemakkelijk verklaren.
+
+Zoo men bedenkt, dat deze eilanden onmiddellijk onder den evenaar
+liggen, dan is het klimaat verre van buitengewoon heet. Dit schijnt
+in hoofdzaak een gevolg van de bijzonder lage temperatuur van het
+omgevende water, hetwelk door den grooten Zuidpool-stroom hierheen
+wordt gevoerd. Eene korte poos uitgezonderd, regent het hier zeer
+weinig en dan nog ongeregeld; maar de wolken hangen meestal laag. Dit
+heeft ten gevolge, dat, terwijl de lagere gedeelten der eilanden
+zeer dor zijn, de bovengedeelten ter hoogte van een duizend voet, en
+daarboven, een vochtig klimaat met een rijken en weligen plantengroei
+bezitten. Vooral is dit het geval aan de windzijden der eilanden, welke
+de vochtdeelen uit den dampkring het eerst ontvangen en verdichten.
+
+Op den morgen van den 17den landden wij op het eiland Chatham, [308]
+dat, evenals de andere, een vlakronden omtrek heeft, hier en daar
+afgebroken door lage, verspreid staande heuvels--de overblijfsels van
+vroegere kraters. Niets kon minder aantrekkelijk zijn dan de eerste
+aanblik van dit eiland. Men stelle zich voor eene woest golvende
+oppervlakte van zwarte basaltlava, die in de wildste stroomen heeft
+gevloeid, doorsneden van groote scheuren, en overal bedekt met een
+kwijnend, verschroeid kreupelhout, dat weinig teekenen van leven
+vertoont. Door de middagzon verwarmd, verwekte die droge, geblakerde
+oppervlakte een gevoel van drukkende hitte in de lucht, evenals die
+van een kachel; ik verbeeldde mij zelfs, dat de struiken branderig
+roken. Ofschoon ik al mijn best deed zooveel planten te verzamelen
+als mogelijk was, kon ik er maar weinige bijeenbrengen; en die kleine
+kruiden zagen er zoo armzalig uit, dat zij beter bij eene arctische
+dan bij eene equatoriale flora gepast zouden hebben. Op eenigen
+afstand gezien, schijnt het kreupelhout even bladerloos als onze
+boomen in den winter; en het duurde eenigen tijd voor ik ontdekte,
+dat niet alleen bijna elke plant nu geheel in blad stond, maar dat
+de meesten ook in bloei stonden. De meest voorkomende struik behoort
+tot de Euphorbiaceae, [309] terwijl eene acacia en een groote, vreemd
+uitziende cactus de eenige boomen zijn, die eenige schaduw geven. Men
+zegt, dat na het seizoen der hevige regens de eilanden er korten tijd
+gedeeltelijk groen uitzien. Het vulkanische eiland Fernando Noronha,
+dat in vele opzichten in bijna gelijke omstandigheden verkeert, is
+de eenige andere plek waar ik een plantengroei gezien heb, geheel
+gelijk aan die der Galápagos-Eilanden.
+
+De Beagle zeilde het eiland Chatham (of Chatam) om, en liet in
+onderscheidene baaien het anker vallen. Een nacht sliep ik op
+het strand van het eiland op eene plek, waar groote afgeknotte
+kraterkegels in bijzonder groot aantal voorkwamen; van eene kleine
+verhevenheid telde ik er zestig, allen met meer of minder volkomen
+krateropeningen aan den top. De meesten bestonden alleen uit een ring
+van roode, aan elkander gebakken sintels of slakken, terwijl hunne
+hoogte boven de lava-vlakte niet meer dan vijftig tot honderd voet
+bedroeg. Geen enkele was in den laatsten tijd in werking geweest. De
+geheele oppervlakte van dit deel van het eiland schijnt, evenals eene
+zeef, van de onderaardsche dampen doorstoomd te zijn. Hier en daar is
+de lava, toen zij nog week was, tot groote bobbels opgeblazen; elders
+zijn de toppen van op dergelijke wijze gevormde holten ingestort,
+waardoor ringvormige putten met steile kanten ontstonden. Wegens
+den regelmatigen vorm dien vele kraters bezitten, geven zij het
+landschap een kunstmatig voorkomen, dat mij levendig aan het deel
+van Staffordshire herinnerde, waar de meeste groote ijzergieterijen
+zijn. Daags daarop was het gloeiend heet, en het klauteren over
+de ruwe oppervlakte en door de verwarmde struiken zeer afmattend;
+gelukkig werd ik door het vreemde cyclopische landschap ruimschoots
+voor de inspanning beloond. Op mijne rondwandeling ontmoette ik twee
+groote schildpadden, die elk minstens 200 pond moeten gewogen hebben;
+de eene was bezig een stuk van een cactus te eten, keek mij strak
+aan zoodra ik haar naderde, en liep toen weg; de andere liet een
+scherp gesis hooren, en trok haar kop in. Deze reusachtige reptiliën
+te midden van de zwarte lava, de bladerlooze heesters en hooge cacti,
+verplaatsten mij in gedachten naar een tijdperk vóór den zondvloed. De
+enkele donkerkleurige vogels in deze ongerepte natuur stoorden zich
+aan mij niet meer dan aan de groote schildpadden.
+
+De Beagle zeilde verder naar het eiland Charles. De Galápagos-archipel
+is lang bezocht geworden--eerst door de boekaniers, en later door
+walvischvaarders; maar pas in de laatste zes jaren heeft zich
+eene kleine kolonie op dit eiland gevestigd. Het aantal inwoners
+bedraagt twee tot driehonderd [310]--zijnde bijna allen kleurlingen,
+die om politieke misdrijven uit de Republiek Ecuador, waarvan
+Quito de hoofdstad is, verbannen zijn. De kolonie ligt omstreeks
+4 1/2 mijl landwaarts in, op eene hoogte van waarschijnlijk 1000
+voet. Op het eerste gedeelte van den weg trokken wij door bladerlooze
+kreupelbosschen, evenals op het eiland Chatham. Hooger op werden de
+bosschen gaandeweg groener; en nauwelijks bereikten wij het hoogste
+punt van het eiland, of eene heerlijke, zuidelijke koelte woei
+ons tegemoet, terwijl eene groene en welige plantenwereld ons oog
+verkwikte. In deze bovenstreek is overvloed van grof gras en varens;
+maar boomvarens ontbreken. Nergens zag ik een vertegenwoordiger van
+de familie der palmen: wat des te zonderlinger is, omdat het 360
+mijlen noordwaarts gelegen Kokos-eiland zijn naam ontleent aan den
+overvloed van kokosnoten. De huizen zijn ongeregeld over eene vlakke
+ruimte verspreid, die met Spaansche bataten [311] en bananen bebouwd
+is. Men zal zich niet licht kunnen voorstellen, hoe aangenaam het ons
+was, na zulk een lang verblijf op den verdroogden bodem van Peru en
+Noord-Chili, eindelijk eens zwarte modder te zien. Hoewel de bewoners
+over armoede klagen, vinden zij toch zonder veel moeite hun middel van
+bestaan. In de bosschen zijn tal van wilde zwijnen en geiten; maar het
+voornaamste dierlijk voedsel leveren hier de schildpadden. Ofschoon het
+aantal dezer dieren natuurlijk zeer verminderd is, rekenen de bewoners
+toch, dat twee dagen jagens hun voedsel genoeg verschaft voor de vijf
+overige dagen der week. Men zegt, dat enkele schepen er vroeger tot
+700 hebben medegenomen, en dat de bemanning van een fregat eenige jaren
+geleden twee honderd schildpadden op één dag naar het strand voerde.
+
+[29 September.]
+
+Wij zeilden de zuidwestpunt van het eiland Albemarle om, en kwamen den
+volgenden dag tusschen dit en het eiland Narborough in bijna windstil
+water. Beide eilanden zijn bedekt met ontzaglijke stroomen zwarte,
+kale lava, die òf over de randen der groote kraters is gevloeid,
+evenals pek over den rand van een pot waarin het overkookte, òf uit
+kleine openingen op de hellingen is gespoten. Bij hunne nederdaling
+hebben de stroomen zich over mijlen oppervlakte langs de zeekust
+verspreid. Met zekerheid weet men, dat zoowel op Albemarle als
+Narborough uitbarstingen hebben plaats gehad; en op eerstgenoemd
+eiland zagen wij uit den top van een der groote kraters een kleine
+rookkolom omhoog dwarrelen. Des avonds ankerden wij in Bank's Cove
+op het eiland Albemarle, waar ik den volgenden morgen aan land ging,
+om eene wandeling te doen. Ten zuiden van den gebroken tufkrater
+waarin de Beagle voor anker lag, verrees een andere van fraaien,
+symmetrischen, elliptischen vorm. Op den bodem van dezen krater, die
+over de grootste as der ellips bijna eene mijl lang en omstreeks 500
+voet diep was, lag een ondiep meer, met een zeer kleinen krater in den
+vorm van een eilandje in het midden. Het was dien dag brandend heet;
+en daar het blauwe meer er zoo klaar uitzag, ijlde ik, verstikt van
+het stof, de sintelige helling af, tastte gretig naar het water--doch
+vond dit tot mijn groote spijt zoo zout als pekel.
+
+De rotsen op de kust wemelden van groote, drie tot vier voet lange,
+zwarte hagedissen, terwijl op de heuvels nog eene leelijke, geelachtig
+bruine soort algemeen voorkwam. Van deze laatste soort zagen wij
+er vele: sommigen gingen ons traag uit den weg, anderen kropen in
+hare holen. Straks zal ik de gewoonten dezer beide kruipende dieren
+uitvoeriger beschrijven. Dit geheele noordelijke gedeelte van Albemarle
+is ellendig dor.
+
+[8 October.]
+
+Wij kwamen aan het eiland James. Evenals het eiland Charles, ontleent
+ook dit sedert lang zijn naam aan Engelsche koningen in de lijn der
+Stuarts. Bynoe, de schrijver zelf en onze bedienden werden hier voor
+eene week met levensmiddelen en eene tent achtergelaten, terwijl de
+Beagle water ging halen. Wij vonden hier een troepje Spanjaarden,
+die van het eiland Charles waren gezonden om visch te drogen en
+schildpaddenvleesch te zouten. Ongeveer zes mijlen het land in, en op
+eene hoogte van bijna 2000 voet was eene hut gebouwd, bewoond door
+twee mannen, wier bezigheid bestond in het vangen van schildpadden,
+terwijl de anderen aan de kust vischten. Ik bracht dezen lieden
+tweemaal een bezoek, en sliep er een nacht. Evenals op de andere
+eilanden, was het lagere deel met bijna bladerlooze struiken bedekt;
+maar de boomen waren hier hooger, en vele ervan bereikten twee voet,
+sommige zelfs twee voet negen inches in middellijn. De door de
+wolken vochtig gehouden bovenstreek bezit eene groene en bloeiende
+flora. Zoo vochtig was de grond, dat ik groote velden zag, bedekt met
+een grof cypergras, waarin talrijke zeer kleine riethoenen leefden
+en broedden. Gedurende ons verblijf in deze bovenstreek, leefden wij
+geheel van schildpaddenvleesch. Het borstschild met het vleesch er
+aan gebraden (zooals de Gauchos hun carne con cuero), smaakt zeer
+goed, terwijl de jonge schildpadden eene uitmuntende soep leveren;
+maar anders laat de smaak van het vleesch mij onverschillig.
+
+Op zekeren dag vergezelden wij een troepje Spanjaarden in hun
+walvischvaartuig naar eene salina, of meer waaruit zout gehaald
+wordt. Aan land gekomen, hadden wij eene zeer vermoeiende wandeling
+over een jong hobbelig lavaveld, waarop zich een tufkrater verhief,
+die bijna geheel door de lava omringd was en op welks bodem de salina
+lag. Het water was slechts drie of vier inches diep, en dreef op eene
+laag van fraai gekristalliseerd, wit zout. Daar het meer cirkelvormig
+en omringd was met een krans van lichtgroene, sappige planten:
+wijl verder de bijna loodrechte kraterwanden met bosch waren bedekt,
+bood dit tafereel een schilderachtigen en verrassenden aanblik. Enkele
+jaren geleden vermoordden de matrozen van een zeilschip hun kapitein op
+deze stille plek; en nu vonden wij zijn schedel tusschen de struiken.
+
+In de week dat wij hier vertoefden, was de lucht meestal onbewolkt;
+en ging de passaatwind een uur liggen, dan werd het drukkend heet. Op
+twee dagen wees de thermometer in de tent eenige uren lang 93°, maar
+in de open lucht, in wind en zon slechts 85°. Het zand was buitengewoon
+heet; plaatsten wij den thermometer in wat bruinkleurig zand, dan rees
+hij onmiddellijk tot 137°; en hoeveel hij nog meer gerezen zou zijn,
+weet ik niet, want de verdeeling raakte niet verder. Het zwarte zand
+voelde veel heeter aan, zoodat het wandelen daarover, zelfs met dikke
+laarzen aan, hoogst onaangenaam was.
+
+
+
+De natuurlijke historie dezer eilanden is bij uitstek merkwaardig,
+en verdient zeer de aandacht. De meeste organische voortbrengselen
+zijn oorspronkelijke scheppingen, die nergens worden weêrgevonden;
+toch vertoonen alle eene duidelijke verwantschap tot die van Amerika,
+niettegenstaande zij door een open zeearm van 500 tot 600 mijlen
+breedte van dat vasteland gescheiden zijn. De Archipel is een wereldje
+op zichzelf, of liever een tot Amerika behoorende wachter, die enkele
+verdwaalde kolonisten uit de hoofdplaneet Amerika opnam, en het
+algemeene kenmerk verkreeg van hare inheemsche voortbrengselen. De
+geringe grootte dezer eilanden in aanmerking genomen, staan wij nog
+meer verbaasd over het aantal oorspronkelijke wezens in verband met
+hunne beperkte ruimte; want hier, waar wij elke hoogte met een krater
+gedekt zien, waar de grenzen van de meeste lavastroomen nog onduidelijk
+zijn, dringt zich de meening aan ons op, dat in een geologisch jong
+verleden de oceaan zich overal op deze plaatsen uitstrekte. Zoo
+schijnen wij dan, in ruimte en tijd, eene schrede nader te komen
+tot dat groote feit--het belangrijkste van alle mysteriën: de eerste
+verschijning van nieuwe wezens op deze aarde.
+
+Onder de landzoogdieren is er slechts één, dat als inheemsch moet
+worden beschouwd, namelijk eene soort muis (Mus Galapagoensis), die,
+voor zoover ik kon nagaan, tot het eiland Chatham (het oostelijkste
+van den archipel) beperkt is. Naar Waterhouse mij bericht, behoort zij
+tot eene aan Amerika eigen afdeeling der muizenfamilie. Op het eiland
+James leeft eene rat, die zoozeer van de gewone soort verschilt, dat
+Waterhouse haar noemt en beschrijft; maar wijl zij tot de in de Oude
+Wereld levende afdeeling der familie behoort, en het gemelde eiland
+in de laatste 150 jaren herhaaldelijk door schepen is bezocht, kan ik
+er nauwelijks aan twijfelen, dat deze rat slechts eene variëteit is,
+voortgebracht door een nieuw en eigenaardig klimaat, door voedsel en
+bodem, aan welker vereenigde invloeden zij heeft blootgestaan. Hoewel
+niemand het recht heeft zonder stellige feiten natuurphilosophische
+bespiegelingen te maken, moet men toch--zelfs ten aanzien van de muis
+op het eiland Chatham--in 't oog houden, dat zij wellicht eene uit
+Amerika hier ingevoerde soort is: welk vermoeden iets nader wordt
+bevestigd door het feit, dat ik in een der minst bezochte gedeelten
+van de Pampas eene levende inlandsche muis heb gezien onder het dak
+van eene pas gebouwde hut. Men mag daaruit afleiden, dat deze niet
+onwaarschijnlijk in een schip is meegekomen. Dergelijke feiten zijn
+door Dr. Richardson in Noord-Amerika waargenomen. [312]
+
+Van de landvogels verzamelde ik 26 soorten, die aan dezen archipel
+eigen zijn, en nergens anders gevonden worden--behalve een
+leeuwerikachtige vink uit Noord-Amerika (Dolichonyx oryzivorus),
+die op het vasteland aldaar tot 54° breedte voorkomt, en meestal
+moerassen bewoont. [313] De 25 andere vogels zijn: Ten eerste, een
+havik, die in lichaamsbouw merkwaardig het midden houdt tusschen
+een buizerd en de Amerikaansche groep der aasetende Polybori, met
+welke laatste vogels hij in elke gewoonte en zelfs in stemgeluid
+zeer na overeenkomt. Ten tweede, twee uilen, vertegenwoordigende
+de kortoorige en witte sluieruilen (Strix flammea) van Europa. Ten
+derde, een winterkoninkje, drie tyran-vliegenvangers (waaronder twee
+soorten Pyrocephalus, welke sommige vogelkundigen, òf beide òf een
+van beide slechts als variëteiten beschouwen), en eene duif. Al deze
+vijf komen overeen met Amerikaansche soorten, maar onderscheiden zich
+er toch van. Ten vierde, eene zwaluw, die, ofschoon van de (Procne)
+purpurea uit Noord- en Zuid-Amerika alleen hierin verschillend,
+dat hij kleiner, schraler en iets donkerder van kleur is, door
+Gould als eene andere species beschouwd wordt. Ten vijfde, drie
+soorten van spotlijsters: een type, dat in hooge mate aan Amerika
+eigen is. De overige landvogels--uitmakende dertien soorten, die
+Gould in vier ondergroepen heeft verdeeld--bestaan in eene zeer
+eigenaardige groep vinken, die in den vorm hunner snavels, korte
+staarten, lichaamsbouw en gevederte aan elkander verwant zijn. Al
+deze soorten zijn aan dezen archipel eigen; en hetzelfde geldt voor
+de geheele groep, behalve ééne soort uit de onderfamilie Cactornis,
+die onlangs van het eiland Bow in den Tuamotu- of Lagen Archipel is
+meêgebracht. De twee soorten Cactornis of Cactusvogel kan men dikwijls
+om de bloemen der groote cactusboomen zien vliegen; maar alle andere
+soorten van deze groep vinken grazen, troepswijze vermengd, op den
+drogen en onvruchtbaren grond der lagere gedeelten. Bij allen, of
+althans bij het meerendeel zijn de mannetjes gitzwart, terwijl de
+wijfjes misschien op ééne of twee uitzonderingen na bruin zijn. Het
+zonderlingste feit is wel de regelmatige grootte-opvolging van de
+bekken der verschillende soorten Geospiza: te beginnen met een zoo
+groot als de bek van een kersebijter [314] tot dien van een beukvink,
+[315] en (indien Gould gelijk heeft door zijne onderfamilie Certhidea
+in de hoofdgroep op te nemen) zelfs tot dien van een zangvogel. Den
+grootsten bek bij het geslacht Geospiza zien wij in Fig. 1, en den
+kleinsten in Fig. 3; maar in plaats dat er slechts ééne tusschensoort
+is met een bek zoo groot als in Fig. 2, zijn er niet minder dan
+zes, wier bekken eene onmerkbare grootte-opvolging tusschen de in
+Fig. 1 en 3 afgebeelden vertoonen. Den bek van de onderfamilie der
+Certhidea zien wij in Fig. 4. Die van Cactornis gelijkt eenigszins
+op een spreeuwenbek, en de bek der vierde ondergroep (Camarhynchus)
+heeft wat van den papegaaivorm weg. Die verschillende overgangen
+in bouw bij eene zoo kleine, nauw verwante vogelgroep, zouden ons
+werkelijk in den waan kunnen brengen, dat uit een oorspronkelijk
+klein aantal vogels ééne soort was uitgenomen en voor verschillende
+doeleinden gewijzigd. Evenzoo zou men zich kunnen voorstellen,
+dat hier oorspronkelijk een buizerd was ingevoerd, om de taak der
+aasetende Polybori van het Amerikaansche vasteland te verrichten.
+
+Van de steltloopers (Grallae) en watervogels kon ik slechts elf soorten
+verzamelen, en daaronder zijn niet meer dan drie nieuwe, met inbegrip
+van een wachtelkoning (Crex), die tot de vochtige toppen der eilanden
+beperkt is. De zwervende leefwijze der zeemeeuwen in aanmerking
+genomen, verwonderde het mij op deze eilanden eene species aan te
+treffen, die, ofschoon verwant aan eene uit de zuidelijke gedeelten
+van Zuid-Amerika, toch een bijzonder type vormt. Vergelijkt men de
+veel grootere eigenaardigheid der landvogels--namelijk, dat 25 van de
+26 nieuwe soorten of althans nieuwe rassen zijn--bij de steltloopers
+en zwemvogels (Natatorii), dan is zulks in overeenstemming met de
+grootere verspreiding dezer laatste families over alle deelen der
+wereld. Later zullen wij deze wet: dat de waterorganismen (hetzij zee-
+of zoetwatervormen) op een gegeven punt van den aardbol minder typisch
+zijn dan de landorganismen derzelfde klassen, treffend bevestigd
+zien bij de schelpdieren en in mindere mate bij de insecten van
+dezen archipel.
+
+Twee van de steltloopers zijn iets kleiner dan dezelfde species,
+die van elders zijn ingevoerd; ook de zwaluw is kleiner, hoewel het
+twijfelachtig is of deze al dan niet van haar analogon verschilt. De
+twee uilen, de twee tyran-vliegenvangers (Pyrocephalus), en de duif
+zijn eveneens kleiner dan de overeenkomstige maar afwijkende soorten,
+waaraan zij het naast verwant zijn; daarentegen is de zeemeeuw
+iets grooter. De twee uilen, de zwaluw, al de drie spotlijsters,
+de duif in hare nevenkleuren (hoewel niet in haar geheele pluimage),
+de Totanus en de zeemeeuw, zijn evenzoo donkerder gekleurd dan hunne
+overeenkomstige species, en--wat in 't bijzonder de spotlijsters en
+den Totanus betreft--donkerder dan elke andere species der beide
+geslachten. Behalve een winterkoninkje (Troglódytes) met fraai
+gele borst, en een tyran-vliegenvanger met scharlakenroode kuif en
+borst, zijn geen van de vogels schitterend gekleurd, zooals men in
+een equatoriaal gewest had mogen verwachten. Men zou dus allicht
+vermoeden, dat dezelfde oorzaken, welke hier de nederzetters van
+eene species kleiner maken, ook de meeste inheemsche soorten van den
+Galápagos-archipel kleiner, en zeer dikwijls donkerder van kleur maken.
+
+Alle planten hebben een armzalig, onkruidachtig voorkomen, en
+ik zag geen enkele schoone bloem. Ook de insecten zijn klein van
+stuk en donker gekleurd, terwijl, naar Waterhouse mij bericht, hun
+uiterlijk in 't algemeen niets bezit, wat hem deed denken dat zij
+uit de evenaars-zone afkomstig waren. [316] De vogels, planten en
+insecten dragen een woestijnachtig karakter, en zijn niet schitterender
+gekleurd dan die van Zuid-Patagonië. Wij mogen dus daaruit afleiden,
+dat het gewone bonte koloriet der tusschenkeerkrings-organismen
+niet in verband staat met de warmte of het licht dezer streken,
+maar met eene andere oorzaak--wellicht deze, dat in 't algemeen de
+levensvoorwaarden gunstig zijn.
+
+
+
+Wij zullen nu overgaan tot de klasse der kruipende dieren, welke
+aan de fauna dezer eilanden het treffendste kenmerk verleent. De
+soorten zijn niet talrijk, maar het getal individuën van elke soort is
+buitengewoon groot. Men vindt er: eene kleine hagedis, die tot eene
+Zuidamerikaansche familie behoort; twee soorten (en waarschijnlijk
+meer) Amblyrhynchus--eene familie, die tot de Galápagos-Eilanden
+beperkt is; en talrijke individuën van eene slang, die, zooals Bibron
+mij bericht, dezelfde is als Psammophis Teminckii uit Chili. [317] Van
+zeeschildpadden (Cheloniidae) zijn er, geloof ik, meer dan ééne soort;
+en straks zullen wij zien, dat er twee of drie soorten of rassen van
+landschildpadden (Chersidae) zijn. Dat er geen padden (Bufonidae) en
+kikvorschen (Ranidae) waren, verwonderde mij, aangezien de gematigde
+temperatuur en de vochtige bovenbosschen zoozeer voor hen geschikt
+schenen. Ik herinnerde mij de opmerking, door Bory St.-Vincent gedaan,
+nl. dat er op geen der vulkanische eilanden in de oceanen een individu
+dezer onderorde (Phaneroglossa) gevonden wordt. [318] Voor zoover ik
+in verschillende werken kon nagaan, schijnt dit voor den geheelen
+Stillen Oceaan te gelden, en zelfs voor de groote eilanden van den
+Sandwich-Archipel. Mauritius vormt schijnbaar eene uitzondering,
+want ik vond er de Rana Mascariensis in overvloed. Volgens zeggen
+bewoont deze kikvorsch thans de Sechellen, Madagascar en Bourbon;
+daarentegen verklaart Du Bois in zijn "Voyage" in het jaar 1669, dat
+er op Bourbon geen kruipende dieren waren, uitgezonderd schildpadden;
+en de Officier du Roi verzekert, dat er vóór 1768 vergeefsche pogingen
+zijn gedaan, om kikvorschen op Mauritius in te voeren, vermoedelijk
+om als voedsel te dienen; zoodat wel betwijfeld mag worden of deze
+kikvorsch een oorspronkelijke bewoner van genoemde eilanden is. Het
+ontbreken van de kikvorschen-familie op de eilanden der groote oceanen
+is des te merkwaardiger, om de tegenstelling daarvan met de hagedissen
+(Lacertidae), [319] die op de meeste kleinere eilanden wemelen. Zou dit
+verschil niet hieraan zijn toe te schrijven, dat de door kalkschalen
+beschermde eieren van hagedissen gemakkelijker door zout water vervoerd
+konden worden, dan het slijmige broedsel van kikvorschen?
+
+Eerst zal ik de gewoonten van de schildpad beschrijven (Testudo nigra,
+vroeger genoemd Indica), waarvan ik al dikwijls gesproken heb. Naar ik
+geloof, worden deze dieren op alle eilanden van den archipel gevonden,
+of stellig op de meeste, waar zij zich bij voorkeur in de hooge
+vochtige gedeelten ophouden, maar ook in de lagere en droge streken
+leven. Reeds heb ik door het cijfer, dat er op één dag gevangen
+wordt, aangetoond hoe bijzonder talrijk zij moeten zijn. Sommige
+bereiken eene reusachtige grootte. Lawson, Engelschman van geboorte en
+onder-gouverneur der kolonie, vertelde ons, dat hij er verscheidene
+gezien had, zoo groot, dat zes of acht man noodig waren om ze van
+den grond te lichten, en dat sommige tweehonderd pond vleesch hadden
+opgeleverd. De oude mannetjes zijn het grootst, terwijl de wijfjes maar
+zelden die grootte bereiken. Het mannetje laat zich door de grootere
+lengte van zijn staart gemakkelijk van het wijfje onderscheiden. De
+schildpadden, die eilanden bewonen waar geen water is, of die zich in
+de lagere en droge gedeelten der anderen ophouden, leven hoofdzakelijk
+van de sappige cactus. Zij die de hoogere en vochtige streken bewonen,
+eten de bladeren van verschillende boomen, eene zure en wrange soort
+bes (guayavita genaamd), alsmede een lichtgroen vezelig mos (Usnera
+plicata), dat in vlechten van de takken der boomen hangt.
+
+De schildpad houdt veel van water, dat zij in groote hoeveelheden
+drinkt, en wentelt zich gaarne in de modder. Daar alleen de grootere
+eilanden bronnen bezitten, en deze altijd op aanzienlijke hoogte in
+de middengedeelten liggen, zijn de schildpadden die de lagere streken
+bewonen, genoodzaakt een grooten weg af te leggen, wanneer zij dorst
+hebben. Dientengevolge loopen breede en goed gebaande paden in alle
+richtingen van de bronnen naar de zeekust; en door deze te volgen,
+ontdekten de Spanjaarden het eerst de plaatsen waar water te vinden
+was. Toen ik op het eiland Chatham landde, kon ik maar niet begrijpen,
+welk dier zulke stelselmatige en goed gekozen paden had aangelegd. Het
+was een merkwaardig schouwspel deze kolossale dieren zich in twee
+groepen bij de bronnen te zien verdringen: de eene groep met gestrekte
+halzen gretig voorwaarts dringend, terwijl de andere, na haar bekomst
+te hebben gedronken, terugkeerde. Als de schildpad aan de bron komt,
+steekt zij, zonder zich om de toeschouwers te bekommeren, haar kop
+tot over de oogen in het water, en zwelgt gretig mondenvol--ongeveer
+tien in de minuut. De bewoners zeggen, dat elk dier drie of vier
+dagen in de nabijheid van het water blijft, en dan naar het lagere
+gedeelte terugkeert; maar hunne opgaven betreffende het aantal dezer
+bezoeken loopen zeer uiteen. Waarschijnlijk regelt het dier die naar
+den aard van het verbruikte voedsel. Het is intusschen een feit,
+dat schildpadden zelfs op deze eilanden kunnen leven, waar geen ander
+water is, dan hetgeen er op enkele regenachtige dagen in het jaar valt.
+
+Naar ik meen, is het eene uitgemaakte zaak, dat de blaas van den
+kikvorsen als reservoir dient van het vocht, dat het dier voor zijn
+leven noodig heeft; dit schijnt ook met de schildpad het geval te
+wezen. Eenigen tijd na een bezoek aan de bronnen is haar pisblaas
+door vloeistof gezwollen, die, naar men zegt, langzamerhand in volume
+afneemt, en minder zuiver wordt. Bewoners, die op hunne tochten in de
+lagere streken door dorst overvallen worden, maken dikwijls van deze
+omstandigheid gebruik, en drinken den inhoud der blaas, wanneer zij
+vol is. Ik zag een doode schildpad, bij wie de vloeistof volkomen
+helder, en alleen wat bitter van smaak was. Maar altijd drinken de
+bewoners eerst het water uit het pericardium, [320] dat als best
+wordt beschreven.
+
+Als de schildpadden zich met opzet naar een zeker punt begeven,
+trekken zij dag en nacht, en bereiken het doel harer reis veel vroeger,
+dan men zou verwachten. Door vooraf gemerkte dieren in het oog te
+houden, zijn de bewoners tot de ontdekking gekomen, dat zij in twee
+of drie dagen een afstand van omtrent acht mijlen afleggen. Ik sloeg
+eene groote schildpad gade, die elke tien minuten 60 yards aflegde:
+dat is 360 yards [321] in het uur, of vier mijlen daags--na aftrek
+van een korten poos om onderweg te eten. Gedurende den broeitijd,
+als het mannetje en wijfje bij elkander zijn, laat het mannetje een
+schor gebrul of geloei hooren, dat, naar men zegt, meer dan honderd
+yards ver gehoord kan worden. Het wijfje verheft nooit hare stem, en
+het mannetje alléén in deze tijden; men weet dus, bij het hooren van
+dit geluid, dat beiden te zamen zijn. Tijdens ons bezoek (October)
+waren zij aan het eieren leggen. Is de grond zandig, dan legt het
+wijfje de eieren bij elkander, en bedekt hen met zand; maar is de grond
+steenachtig, dan laat zij hen zonder onderscheid vallen in elk gat,
+dat zij ontmoet. Bynoe vond er zeven in eene spleet. Het ei is wit en
+bolvormig; ik mat er een van 7 3/8 inches in omtrek--derhalve grooter
+dan een kippenei. Nauwelijks zijn de jonge schildpadden uitgebroed,
+of zij worden in menigte eene prooi van den aasetenden buizerd. De
+ouden schijnen meestal ten gevolge van ongelukken te sterven,
+bijv. door het vallen in een afgrond; althans, verscheidene bewoners
+verzekerden mij, dat zij nooit eene doode schildpad gezien hadden,
+die niet op noodlottige wijze gestorven was.
+
+De bewoners gelooven, dat deze dieren stokdoof zijn; en werkelijk
+hooren zij niet, dat iemand dicht achter hen loopt. Telkens
+wanneer ik een van deze groote monsters op hare rustige wandeling
+inhaalde, vermaakte het mij ze, op het oogenblik dat ik voorbijging,
+plotseling kop en pooten te zien intrekken, en onder het uiten van
+een scherp gesis met een zwaren plof als dood op den grond te zien
+vallen. Dikwijls ging ik op haren rug zitten, en gaf haar dan een
+paar tikken op het achterdeel van het schild--waarna zij opstonden en
+voortwandelden. Het kostte mij echter veel moeite mijn evenwicht te
+bewaren. Het vleesch van dit dier wordt veel gegeten, zoowel versch
+als gezouten; en uit het vet wordt eene klare olie bereid. Als eene
+schildpad gevangen is, geeft men haar eene insnijding in de huid nabij
+den staart, om zoo in het lichaam te zien, of er eene dikke vetlaag
+onder het rugschild ligt. Is dit niet het geval, dan laat men het
+dier los, dat, zoo beweert men, spoedig van deze zonderlinge operatie
+geneest. Om zich van de schildpadden meester te maken, is het niet
+genoeg, dat men ze ondersteboven keert, zooals men de zeeschildpadden
+doet; want dikwijls gelukt het haar weer op de pooten te komen.
+
+Er kan weinig twijfel bestaan, of deze schildpad is eene
+oorspronkelijke bewoonster van de Galápagos-Eilanden, want men vindt
+haar op alle, of bijna alle eilanden, zelfs op eenige van de kleinere,
+waar geen water is; en dit had moeilijk het geval kunnen zijn in een
+zoo weinig bezochten archipel, indien zij eene ingevoerde species
+was. Bovendien vonden de oude boekaniers deze schildpad zelfs in nog
+grooter aantal dan nu; terwijl ook Wood en Rogers in 1708 vermeldden,
+dat de Spanjaarden geloofden, dat zij op geen andere plek in dit
+werelddeel gevonden werd. Tegenwoordig is zij veel verspreid,
+maar het is de vraag of zij ook op andere plaatsen oorspronkelijk
+is. De beenderen van eene schildpad, welke op Mauritius nevens die
+van den uitgestorven Dodo gevonden zijn, heeft men algemeen voor
+overblijfselen van deze schildpad gehouden. Indien dit juist was,
+zou zij daar stellig van den aanvang af geleefd hebben; maar Bibron
+meldt mij, dat zij volgens zijne meening eene andere species was,
+gelijk met de thans op dit eiland levende zeker het geval is.
+
+Van den Amblyrhynchus--een merkwaardig geslacht hagedissen, dat
+zich tot dezen archipel bepaalt--bestaan twee soorten, die, wat den
+algemeenen vorm betreft, op elkander gelijken: de eene is eene land-,
+en de andere eene waterspecies. Van laatstgenoemde soort, A. cristatus,
+zijn de kenmerken het eerst in 't licht gesteld door Bell, die uit den
+korten, breeden kop en sterke, even lange klauwen terecht opmaakte,
+dat hare leefwijze zeer eigenaardig moest zijn, en verschillend van
+die harer naaste verwante, de Iguana of kamhagedis. [322] Zij komt op
+alle eilanden van den archipel bijzonder veel voor, leeft uitsluitend
+op de rotsachtige zeekusten, en wordt nooit verder op het strand
+gevonden, dan tien yards: althans ik heb het nooit gezien. Het is
+een schepsel met een afzichtelijk voorkomen, vuil zwart van kleur,
+dom, en traag in zijne bewegingen. De gewone lengte van een volwassen
+individu bedraagt één yard; maar sommige zijn zelfs vier voet lang,
+terwijl opgemerkt zij, dat die op het eiland Albemarle grooter
+schijnen te worden dan elders. Een groote Amblyrhynchus woog twintig
+pond. Hunne staarten zijn zijdelings afgeplat, en al de vier pooten
+gedeeltelijk van zwemvliezen voorzien. Soms ziet men hen op honderd
+yards afstand van het strand rondzwemmen; en kapitein Collnett zegt
+in zijne reisbeschrijving, dat zij "in scholen naar zee gaan om
+te visschen, zich op de rotsen in de zon koesteren, en alligators
+in 't klein genoemd zouden kunnen worden." Vermoedelijk leven zij
+echter niet van visch. In het water zijnde, zwemt deze hagedis zeer
+gemakkelijk en vlug door eene slangvormige beweging van het lichaam
+en den afgeplatten staart, terwijl de pooten onbeweeglijk en aan
+weerszijden dicht naar het lijf zijn opgetrokken. Een matroos aan boord
+had een zwaar gewicht aan het lichaam van een Amblyrhynchus bevestigd,
+en daarna het dier in zee geworpen, denkende het op die wijs te dooden;
+maar toen hij een uur later het touw ophaalde, roerde het dier zich nog
+lustig. Zijne ledematen en sterke klauwen zijn voortreffelijk geschikt
+om over de hobbelige en gespleten lavakorst te klauteren, die overal
+de kust bedekt. Zoo kan men dikwijls een troep van zes of zeven dezer
+afzichtelijke kruipende dieren enkele voeten boven de branding op de
+zwarte rotsen zien liggen, waar zij zich in de zon koesteren.
+
+Van verscheidenen opende ik de maag, en vond deze sterk gezwollen
+door inliggende stukjes zeewier (Ulvae)--een dunbladerig wijdvertakt
+gewas van eene lichtgroene of donkerroode kleur. [323] Ik herinner
+mij niet dit zeewier in noemenswaardige hoeveelheid op de vloedrotsen
+te hebben gezien, en heb reden te gelooven, dat het op den bodem der
+zee groeit, op eenigen afstand van de kust. Is dit het geval, dan
+verklaart het zich, waarom deze dieren nu en dan naar zee gaan. De
+maag bevatte niets dan zeewier. Wel vond Bynoe er een stuk van eene
+krab in; maar deze kon er toevallig in zijn gekomen, op dezelfde
+manier als ik in den buik van eene schildpad eene rups tusschen eenig
+groen heb zien liggen. Evenals bij andere plantenetende dieren,
+waren de ingewanden ruim. De aard van het voedsel dezer hagedis,
+zoowel als de bouw van haren staart en voeten, en het feit, dat men
+haar vrijwillig naar zee heeft zien zwemmen, bewijzen afdoende hare
+leefwijze van waterdier; toch openbaart zich hier eene zonderlinge
+tegenstrijdigheid, namelijk, dat zij niet in het water zal gaan,
+als men haar plaagt of schrik aanjaagt. Zoo kan men ze gemakkelijk
+naar een punt boven zee drijven, waar zij zich eerder bij den staart
+zullen laten grijpen, dan in het water springen. Van bijten schijnen
+zij volstrekt geen begrip te hebben; maar worden zij veel geplaagd,
+dan spuiten zij uit elk neusgat een druppel vloeistof. Ik wierp er
+eene verscheidene malen zoover ik kon in een diepen plas, die door het
+getij was achtergelaten; maar telkens keerde zij linea recta terug
+naar de plek waar ik stond. Zij zwom zeer sierlijk en vlug bij den
+bodem van den plas, en krabbelde nu en dan met hare voeten over den
+hobbeligen grond. Als zij bijna den kant bereikt had, maar nog onder
+water was, poogde zij zich in de boschjes zeewier te verbergen, of
+liep eene spleet binnen; en nauwelijks achtte zij het gevaar voorbij,
+of zij kroop over de droge rotsen naar buiten, en maakte zich zoo snel
+mogelijk uit de voeten. Dikwijls ving ik deze zelfde door haar naar
+een punt te drijven, waar dan niets haar kon bewegen in het water
+te gaan, ondanks hare volkomen bedrevenheid in duiken en zwemmen;
+en telkens als ik haar daarin wierp, keerde zij op de genoemde wijze
+terug. Wellicht laat dit eigenaardige staaltje van oogenschijnlijke
+domheid zich verklaren door het feit, dat dit dier geen enkelen
+vijand op het strand heeft, terwijl het in zee menigmaal een prooi
+wordt van de talrijke haaien. Gedreven door een diep geworteld en
+erfelijk instinct, dat het strand zijn veiligheidsoord is bij wat er
+ook gebeure, zoekt het dan waarschijnlijk hier zijne toevlucht.
+
+Tijdens een bezoek (in October) zag ik zeer weinig kleine individuën
+van deze species, en ik geloof geen enkel, dat jonger was dan een
+jaar. Daar het mij hierom waarschijnlijk voorkwam, dat de broeitijd
+toen nog niet begonnen was, vroeg ik aan verscheidene bewoners, of zij
+wisten wanneer de hagedis hare eieren legde, en kreeg ten antwoord
+dat zij van hare voortplanting niets wisten, ofschoon de eieren van
+de landspecies hun wel bekend waren. Neemt men in aanmerking, dat
+deze species zoo algemeen is, dan is dit feit niet weinig merkwaardig.
+
+Wij gaan nu over tot de landspecies (Amblyrhynchus Demarlii),
+met ronden staart en teenen zonder zwemvliezen. In plaats dat
+deze hagedis, evenals de andere, op alle eilanden gevonden wordt,
+bepaalt zij zich tot het middengedeelte van den archipel, en wel tot
+de eilanden Albemarle, James, Barrington en Indefatigable. Zuidelijk,
+op de eilanden Charles, Hood en Chatham, alsmede noordelijk op Tower,
+Bindloes en Abingdon zag ik er nooit eene, en hoorde er ook niet
+van. Het schijnt dat zij in het midden van den archipel ontstaan is,
+en zich van daar slechts tot op zekeren afstand verspreidde. Eenige
+dezer hagedissen bewonen de hooge en vochtige gedeelten der eilanden,
+maar veel talrijker zijn zij in de lagere en dordere districten bij
+de kust. Ik kan geen overtuigender bewijs van hare talrijkheid geven,
+dan door te zeggen, dat wij bij onze komst op het eiland James voor
+het opslaan van onze eenige tent eene poos lang geen plek konden
+vinden, die niet met hare holen ondermijnd was. Evenals hare zusters,
+de zeehagedissen, zijn zij leelijke dieren, oranjegeel op de buikzijde
+en bruinachtig rood op den rug. Door haren stompen gelaatshoek hebben
+zij een bijzonder dom uiterlijk. Misschien zijn zij in 't algemeen
+iets kleiner dan de andere species: toch wogen velen van haar nog
+tusschen tien en vijftien pond. In hare bewegingen zijn zij traag en
+half verstijfd. Zoo men ze niet plaagt, kruipen zij langzaam rond,
+terwijl staart en buik over den grond slepen. Dikwijls staan zij een
+of twee minuten te sluimeren, met de oogen dicht en de achterpooten
+op den verschroeiden grond gestrekt.
+
+Zij wonen in holen, die zij somtijds tusschen stukken lava graven,
+doch meer algemeen op vlakke schollen van de zachte, zandsteenachtige
+tuf. De holen schijnen niet zeer diep te wezen, en dringen onder
+een kleinen hoek in den grond, zoodat tot groot verdriet van den
+vermoeiden wandelaar, die over deze hagedissengangen loopt, de grond
+telkens onder zijne voeten wegzakt. Als het dier zijn hol maakt, werkt
+het beurtelings met beide kanten van zijn lichaam. De eene voorpoot
+graaft eene korte poos den grond uit, en werpt het graafsel naar den
+achterpoot, die gereed staat het buiten de opening van het hol te
+brengen. Is die kant van het lichaam vermoeid, dan neemt de andere het
+werk over, en zoo vervolgens. Ik sloeg er langen tijd een gade, totdat
+haar lichaam half begraven was, trad toen nader en trok haar bij den
+staart. Dit scheen haar zeer te verwonderen, want spoedig kroop zij
+naar buiten om te zien wat er aan de hand was, en keek mij strak in
+het gezicht, als wilde zij zeggen: "Waarom trekt ge aan mijn staart?"
+
+Zij zoeken bij dag haar voedsel, en verwijderen zich niet ver
+van hare holen. Worden zij opgeschrikt, dan snellen zij er in de
+plompste houding heen. Behalve wanneer zij eene hoogte afloopen,
+kunnen zij zich niet zeer vlug bewegen, wat een gevolg schijnt van den
+zijwaartschen stand harer pooten. Vreesachtig zijn zij in 't geheel
+niet; als zij iemand opmerkzaam gadeslaan, krullen zij haren staart,
+richten zich op de voorpooten omhoog, en trachten door eene snelle,
+verticale, knikkende beweging met het hoofd eene dreigende houding
+aan te nemen. Maar in werkelijkheid zijn zij niet gevaarlijk; men
+behoeft slechts even op den grond te stampen, en hare staarten gaan
+omlaag, terwijl zij zoo snel zij kunnen wegschuifelen. Dikwijls heb
+ik kleine vliegenetende hagedissen op volkomen dezelfde manier met
+het hoofd zien knikken, als zij het een of ander gadesloegen; maar om
+welke reden, weet ik volstrekt niet. Als men dezen Amblyrhynchus met
+een stok tegenhoudt en plaagt, zal hij er woedend in bijten; maar ik
+greep er velen bij den staart, zonder dat zij mij ooit trachten te
+bijten. Worden er twee op den grond bij elkander gezet, dan zullen
+zij aan 't vechten gaan en elkander tot bloedens toe bijten.
+
+De individuën, die de lagere streken bewonen--en deze zijn het
+talrijkst--kunnen het geheele jaar door bijna geen druppel water
+bekomen; zij eten echter veel van de sappige cactus, waarvan de
+wind nu en dan takken afbreekt. Dikwijls wierp ik een groepje van
+twee of drie een stuk toe; en het was vermakelijk te zien, hoe
+gretig zij dit met den bek poogden te grijpen en er mee wegliepen,
+evenals hongerige honden met een been. Zij eten zeer voorzichtig,
+maar kauwen haar voedsel niet. Zelfs vogeltjes weten hoe onschadelijk
+deze schepsels zijn. Eens zag ik een diksnaveligen vink pikken aan het
+eene einde van een stuk cactus (waarin alle dieren van het laagland
+veel smaak vinden), terwijl eene hagedis van het andere einde at;
+en daarna huppelde het vogeltje met de grootste onverschilligheid
+over den rug van het reptiel.
+
+Bij velen opende ik de maag, en vond die gevuld met plantvezels
+en bladen van verschillende boomen, vooral van eene acacia. In de
+bovenstreek leven zij hoofdzakelijk van de zure en wrange bessen der
+guayavita; en onder dezen boom heb ik den Amblyrhynchus Demarlii met
+de groote schildpadden zien eten. Om de bladeren van de acacia meester
+te worden, krabbelen zij tegen de lage, weinig ontwikkelde boomen op;
+en zoo ziet men niet zelden een paar van deze dieren, verscheidene
+voeten boven den grond op een tak gezeten, rustig knabbelen. Gekookt,
+geven deze hagedissen een wit vleesch, dat voor lieden wier magen
+vrij van alle vooroordeelen zijn, een gezocht voedsel is. Humboldt
+heeft opgemerkt, dat alle hagedissen in het tusschenkeerkringsgebied
+van Zuid-Amerika, die droge streken bewonen, voor smakelijke gerechten
+worden gehouden. De inwoners vertellen, dat de in de hoogere, vochtige
+streken levende hagedissen water drinken, maar dat de anderen daarvoor
+niet uit het onvruchtbare laagland naar boven trekken, zooals de
+schildpadden. Tijdens ons bezoek hadden de wijfjes talrijke, groote,
+langwerpige eieren in het lichaam, die zij in hare holen leggen,
+en door de inwoners als voedsel worden gezocht.
+
+Zooals ik reeds gezegd heb, komen deze twee soorten Amblyrhynchus
+in algemeenen lichaamsbouw en in vele gewoonten met elkander
+overeen. Geen van beiden heeft die snelle beweging, zoo kenmerkend voor
+de geslachten Lacerta en Iguana. Beiden zijn plantenetende dieren,
+hoewel de soorten planten waarvan zij leven zeer verschillen. Bell
+heeft het geslacht dezen naam gegeven om zijn stompen snuit; [324]
+en werkelijk kan de vorm van den bek bijna met dien van de schildpad
+worden vergeleken. De onderstelling ligt voor de hand, dat dit eene
+aanpassing is aan hare zucht of drang om planten te eten. Dat men
+een geslacht met zulke juiste kenmerken, waarvan zoowel eene zee-
+als eene landspecies bestaat, tot zulk een klein gedeelte der wereld
+beperkt ziet, is een zeer gewichtig feit. De waterspecies is op verre
+na de belangrijkste, omdat zij de eenige levende hagedis is, die
+van plantaardige zeevoortbrengselen leeft. Zooals ik in den beginne
+opmerkte, zijn deze eilanden niet zoozeer merkwaardig om het aantal
+soorten van kruipende dieren, als om dat der individuën. Denken
+wij aan de goed gebaande, door de groote schildpadden aangelegde
+paden; aan de menigte zeeschildpadden; aan de onderaardsche gangen
+van den A. Demarlii, en de op de kustrotsen van elk eiland zich
+koesterende groepen van den A. cristatus, dan moeten wij erkennen,
+dat de plantenetende zoogdieren in geen enkel deel der wereld zoo
+buitengewoon talrijk door de klasse der kruipende dieren vervangen
+zijn, als in dezen archipel. Bij het hooren van dit feit, zal de
+geoloog in gedachten waarschijnlijk teruggaan tot het Secundaire of
+Mesozoïsche Tijdvak der Aardgeschiedenis, toen deels plantenetende,
+deels vleeschetende hagedissen, die in grootte alleen met onze levende
+walvisschen vergeleken konden worden--krioelden op het land zoowel als
+in de zee. Het verdient daarom wel zijne aandacht, dat deze archipel,
+in plaats van een vochtig klimaat en een weligen plantengroei te
+bezitten, niet anders dan als uiterst dor kan worden beschouwd,
+en voor een equatoriaal gewest een bijzonder gematigd klimaat bezit.
+
+Tot besluit van de zoölogie dezer eilanden, vermeld ik, dat alle
+vijftien hier door mij verzamelde zeevisschen nieuwe soorten zijn,
+behoorende tot twaalf geslachten, die alle zeer verspreid zijn, met
+uitzondering van Prionotus, waarvan de vier voorheen bekende soorten
+aan den oostkant van Amerika leven. Van landschelpdieren verzamelde ik
+zestien soorten (en twee bepaalde variëteiten), die, behalve een op
+Tahiti gevonden Helix, alle aan dezen archipel eigen zijn; een enkel
+zoetwaterschelpdier (Paludina) dat ik hier vond, komt ook op Tahiti
+en Van Diemensland voor. Vóór onze reis verzamelde Mr. Cuming hier
+negentig soorten zeeschelpdieren, onder welk cijfer niet begrepen zijn
+verscheidene, nog niet nader onderzochte soorten van Trochus, Turbo,
+Monodonta en Nassa. Hij is zoo vriendelijk geweest mij de volgende
+gewichtige uitkomsten mede te deelen. Van de negentig schelpdieren
+zijn niet minder dan zeven en veertig elders onbekend--een verrassend
+feit, zoo men in aanmerking neemt, hoe ver zeeschelpdieren in den
+regel verspreid zijn. Van de 43 in andere deelen der wereld gevonden
+soorten bewonen 25 de westkust van Amerika, en daaronder laten zich
+acht als variëteiten onderscheiden; de overige 18 (waaronder ééne
+variëteit) werden door Cuming in den Lagen Archipel, en sommige ook
+op de Philippijnen gevonden. Dit feit: dat schelpdieren van eilanden
+midden in den Stillen Oceaan hier voorkomen, verdient opmerking,
+aangezien geen enkel zeeschelpdier, naar men weet, gemeen is aan de
+eilanden van dien Oceaan en de westkust van Amerika. Het zeeoppervlak,
+dat zich van noord tot zuid langs de westkust uitstrekt, scheidt
+twee geheel verschillende gebieden van schelpdieren; maar op de
+Galápagos-Eilanden vinden wij een centrum, waar vele nieuwe vormen
+geschapen zijn, en waarheen deze twee groote schelpdieren-gebieden vele
+nederzetters hebben uitgezonden. Ook heeft het Amerikaansche gebied
+hier soorten vertegenwoordigd; want er is eene Galápagische soort
+van het geslacht Monoceros, dat alleen op de westkust van Amerika
+wordt gevonden; ook zijn er Galápagische soorten van de geslachten
+Fissurella en Cancellaria, die op de westkust inheemsch zijn, maar
+(zooals Cuming mij berichtte) niet op de eilanden midden in den Oceaan
+gevonden worden. Aan den anderen kant zijn er Galápagische soorten
+van de geslachten Oniscia en Stylifer, die voorkomen in West-Indië
+en in de Chineesche en Indische Zeeën, maar noch op de westkust van
+Amerika, noch midden in den Stillen Oceaan gevonden worden. Ik wil
+hieraan toevoegen, dat Cuming en Hinds na vergelijking van omstreeks
+2000 schelpdieren van de oost- en westkusten van Amerika, slechts één
+schelpdier vonden, dat aan beide kusten gemeen was, nl. Purpura patula,
+die zoowel West-Indië, als de kust van Panama en de Galápagos-Eilanden
+bewoont. Wij hebben dus in dit deel van de wereld drie groote gebieden
+van zeeschelpdieren, die, ofschoon bijzonder dicht bij elkander gelegen
+(slechts gescheiden door lange noord- en zuidwaarts loopende land-
+of zee-oppervlakken), onderling geheel verschillen.
+
+Ik gaf mij veel moeite om de insecten te verzamelen; maar nooit zag
+ik een land, Vuurland uitgezonderd, zoo arm op dit gebied, als deze
+archipel. Zelfs in de vochtige bovenstreek vond ik er zeer weinige; en
+deze waren--met uitzondering van enkele kleine Diptera en Hymenoptera
+[325] van zeer alledaagsche vormen. Zooals ik reeds opmerkte,
+zijn de insecten voor een tropisch gewest van te geringe grootte
+en ook te donker van kleur. Van kevers verzamelde ik 25 soorten
+(niet medegerekend een Dermestes en Corynetes, die door schepen
+overal worden ingevoerd); hiervan behooren twee tot de Harpalidae,
+twee tot de Hydrophilidae, negen tot drie families van Heteromera,
+terwijl de twaalf overige tot even zooveel verschillende families
+behooren. Dit verschijnsel, nl., dat insecten (en ik kan er bijvoegen,
+planten) in streken waar zij schaarsch zijn tot vele verschillende
+families behooren, is, geloof ik, zeer algemeen. Waterhouse, die
+eene beschrijving van de insecten in dezen archipel in 't licht heeft
+gegeven, [326] en aan wien ik de bovenstaande bijzonderheden te danken
+heb, meldt mij, dat er verscheidene nieuwe geslachten zijn, en dat
+van de niet nieuwe één of twee in Amerika, de overige echter over de
+geheele wereld verspreid zijn. Met uitzondering van een houtetenden
+Apate, en één of waarschijnlijk twee waterkevers van het Amerikaansche
+vasteland, schijnen alle soorten nieuw te wezen.
+
+De flora van dezen Archipel is al even belangwekkend als zijne
+fauna. Binnenkort zal Dr. J. Hooker in de "Linnaean Transactions" een
+volledig verslag van de flora doen verschijnen, en het is aan hem, dat
+ik de volgende bijzonderheden verschuldigd ben. Voor zoover tot nu toe
+bekend is, zijn er 185 soorten phanerogamische, en 40 kryptogamische
+planten, te zamen uitmakende 225 soorten, waarvan ik zoo gelukkig was
+193 soorten thuis te brengen. Onder de phanerogamische soorten zijn
+100 nieuwe, die waarschijnlijk tot dezen archipel beperkt zijn. Hooker
+meent dat onder de planten, niet tot deze 100 behoorende, minstens tien
+ingevoerde species zijn; en deze zijn gevonden op het eiland Charles
+in de nabijheid van den bebouwden grond. Het komt mij verwonderlijk
+voor, dat er niet meer Amerikaansche species langs natuurlijken weg
+zijn ingevoerd, in aanmerking genomen, dat de afstand tot het vasteland
+slechts 500 tot 600 mijlen bedraagt, en er (volgens Collnet op blz. 58
+van zijn "Voyage") dikwijls drijfhout, bamboes, riet en de noten
+van een palmboom naar de zuidoostelijke stranden worden gespoeld. De
+verhouding van 100 nieuwe op de 185 soorten phanerogamische planten
+(of 175, zoo men het ingevoerde onkruid niet medetelt), is, volgens
+mijn idee, voldoende om den Galápagos-Archipel tot een afzonderlijk
+botanisch district te maken, hoewel deze flora lang zoo eigenaardig
+niet is als die van St.-Helena, of, naar Dr. Hooker mij bericht,
+als die van Juan Fernandez. De eigenaardigheid der Galápagische
+flora blijkt het best bij sommige families; zoo zijn er 21 soorten
+Compositae, waarvan 20 eigen zijn aan dezen archipel, en die behooren
+tot 12 geslachten, van welke niet minder dan tien tot deze eilanden
+beperkt blijven! Hooker meldt mij, dat de flora een onmiskenbaar
+Westamerikaansch type bezit; ook kan hij er geen verband in ontdekken
+met de flora van den Stillen Oceaan. Deze gevolgtrekking, gevoegd bij
+hetgeen omtrent de fauna gezegd is, leidt tot het volgende besluit:
+indien wij uitzonderen de 18 zeeschelpdieren, het eene zoetwater-,
+en een landschelpdier, die blijkbaar als kolonisten uit de eilanden
+midden in den Stillen Oceaan hierheen zijn gekomen: eindelijk de
+eene species van de ondergroep Cactornis, die van het eiland Bow in
+den Lagen Archipel is ingevoerd en tot de Galápagische groep vinken
+behoort, dan zien wij, dat deze archipel, ofschoon in den Stillen
+Oceaan gelegen, in zoölogischen zoowel als in botanischen zin deel
+uitmaakt van Amerika.
+
+Zoo dit kenmerk alleen was toe te schrijven aan immigranten uit
+Amerika, zou er weinig merkwaardigs in steken; maar wat ons treft
+is, dat eene groote meerderheid van al de landdieren, en meer dan
+de helft der phanerogamische planten inheemsche voortbrengselen
+zijn. Het was hoogst verrassend omringd te zijn door nieuwe vogels,
+nieuwe reptiliën, nieuwe schelpdieren, nieuwe insecten en nieuwe
+planten--en toch door tallooze kleine bijzonderheden in lichaamsbouw,
+zelfs door het stemgeluid en gevederte der vogels een helder beeld voor
+oogen te zien van de vlakten in de gematigde streken van Patagonië,
+of van de heete droge woestijnen in Noord-Chili. Waarom--zoo vroeg
+ik mij af--werden op deze kleine plekjes land, die ongetwijfeld in
+een jong geologisch tijdperk door den oceaan bedekt zijn geweest;
+die uit basaltlava zijn gevormd en dus in geologisch karakter van
+het Amerikaansche vasteland verschillen; die bovendien een bijzonder
+klimaat bezitten... waarom werden de oorspronkelijke bewoners hier naar
+Amerikaansche typen geschapen en bewerktuigd, terwijl zij, wil ik er
+bijvoegen, zoowel in soort als in aantal zich anders verhouden dan die
+op het vasteland, en dus ook in wisselwerking verschillen? Ofschoon
+de Kaap-Verdische Eilanden waarschijnlijk in alle physische opzichten
+veel meer op de Galápagos-Eilanden gelijken, dan deze laatsten op de
+kust van Amerika, zijn de inheemsche bewoners dezer beide archipels
+geheel verschillend; die van de Kaap-Verdische Eilanden dragen den
+stempel van Afrika, terwijl de bewoners van den Galápagos Archipel
+dien van Amerika bezitten.
+
+
+
+Tot nu toe heb ik niet gesproken van eene bijzonderheid in de
+natuurlijke geschiedenis van dezen archipel, die op verre na de
+merkwaardigste is: nl. deze, dat de verschillende eilanden in
+aanzienlijke verhouding door verschillende groepen wezens bewoond
+zijn. Het eerst werd mijne aandacht op dit feit gevestigd door den
+vice-gouverneur Lawson, die verklaarde, dat de schildpadden op de
+verschillende eilanden afwijkingen vertoonden, en dat hij van ieder
+individu met zekerheid kon zeggen van welk eiland het afkomstig
+was. Ik sloeg eenigen tijd niet voldoende acht op deze verklaring,
+en had de verzamelingen van twee der eilanden reeds gedeeltelijk
+vermengd. Nooit was de gedachte in mij opgekomen, dat eilanden,
+omstreeks 50 of 60 mijlen van elkander verwijderd, en waarvan de meeste
+over en weer zichtbaar waren; die uit volkomen hetzelfde gesteente
+bestonden, hetzelfde klimaat deelden en ongeveer gelijke hoogte hadden,
+verschillende bewoners zouden hebben; doch spoedig zullen wij zien,
+dat dit inderdaad het geval is. Het is het lot van de meeste reizigers,
+dat zij uit eene plaats moeten vertrekken, zoodra zij hare eigenlijke
+merkwaardigheden beginnen te ontdekken. Maar ik moet misschien dankbaar
+zijn, dat ik voldoende gegevens verkreeg, om dit hoogst belangwekkende
+feit in de verspreiding van organische wezens met bewijzen te staven.
+
+Zooals ik reeds zeide, verklaren de bewoners, dat zij de schildpadden
+van de verschillende eilanden kunnen onderscheiden, en dat deze niet
+alleen in grootte, maar ook in andere kenmerken verschillen. Kapitein
+Porter heeft die van het eiland Charles, en van het meest naburige
+eiland Hood, beschreven als bedekt met een schild, dat van voren dik en
+opwaarts is gebogen evenals een Spaansch zadel, terwijl de schildpadden
+van het eiland James, ronder, zwarter, en na koking beter van smaak
+zijn. [327] Daarenboven meldt Bibron mij, dat hij twee schildpadden van
+de Galápagos-Eilanden gezien heeft, die hij voor twee verschillende
+species hield; maar van welke eilanden zij waren, wist hij niet. De
+door mij van drie eilanden medegebrachte exemplaren waren jong; en
+dit is waarschijnlijk de reden, waarom Gray noch ik er soortelijke
+verschillen in konden ontdekken. Ik heb opgemerkt, dat de Amblyrhynchus
+cristatus op het eiland Albemarle grooter was dan elders; en Bibron
+deelt mij mede, dat hij twee verschillende landhagedissen van dit
+geslacht gezien heeft; zoodat de verschillende eilanden waarschijnlijk
+hunne plaatsvervangende rassen of soorten hebben, zoowel van den
+Amblyrhynchus als van de schildpad. Het eerste dat in hooge mate mijne
+aandacht trok, was, dat ik bij onderlinge vergelijking van de talrijke
+door mij en vele andere personen aan boord geschoten exemplaren van
+de spotlijsters, tot mijne verwondering ontdekte, dat alle van het
+eiland Charles afkomstigen tot ééne species (Mimus trifasciatus)
+behoorden; die van het eiland Albemarle alle tot M. Parvulus; en die
+van de eilanden James en Chatham (waartusschen twee andere eilanden
+als verbindingschakels gelegen zijn) alle tot M. melanotis. Deze twee
+laatste soorten zijn naverwant, en zouden door sommige vogelkundigen
+alleen voor goed gekenmerkte rassen of variëteiten worden gehouden;
+doch Mimus trifasciatus is zeer verschillend. Ongelukkig waren de
+meeste exemplaren van de familie der vinken dooreengeraakt; maar
+ik heb gegronde reden om aan te nemen, dat sommige soorten van de
+ondergroep Geospiza zich tot afzonderlijke eilanden bepalen. Indien de
+verschillende eilanden hunne vertegenwoordigers hebben van Geospiza,
+kan dit ter verklaring dienen van het ongewoon groot aantal soorten van
+deze ondergroep in dezen betrekkelijk kleinen archipel; en de volmaakte
+geometrische grootte-opvolging hunner bekken zou dan waarschijnlijk
+een gevolg zijn van hun aantal. In dezen archipel werden gevonden twee
+soorten van de ondergroep Cactornis, en twee van Camarhynchus; het
+bleek nu, dat de talrijke, door vier verzamelaars op het eiland James
+geschoten exemplaren dezer beide ondergroepen, alle behoorden tot ééne
+soort van elk, terwijl de talrijke op de eilanden Chatham of Charles
+geschoten exemplaren (want de beide collectiën waren reeds vermengd)
+alle tot de twee andere species behoorden. Wij kunnen er dus bijna
+zeker van zijn, dat deze eilanden hunne plaatsvervangende species
+dezer twee ondergroepen bezitten. Bij landschelpdieren schijnt deze
+verspreidingswet niet door te gaan. Waterhouse merkt op, dat onder
+de exemplaren mijner zeer kleine verzameling insecten, welke een
+etiket van de plaats van herkomst droegen, zich geen enkel bevond,
+dat aan twee van de eilanden gemeen was.
+
+Wenden wij ons nu tot de flora, dan zullen wij onder de inheemsche
+planten der verschillende eilanden wonderlijke verschillen
+ontmoeten. De uitkomsten in bijgaande tabel dank ik alle aan de
+vertrouwbare opgaven van mijn vriend Dr. J. Hooker. Vooraf zij gezegd,
+dat ik op de verschillende eilanden alle planten in bloeienden staat
+verzamelde, en mijne collecties gelukkig gescheiden hield. Intusschen
+zal men wel doen de betrekkelijke cijfers niet al te zeer te
+vertrouwen, daar de kleine, door eenige andere natuuronderzoekers
+medegebrachte verzamelingen, duidelijk bewijzen, dat de flora van dezen
+archipel nog veel onderzoek vereischt, alhoewel zij de resultaten
+ten deele bevestigen. Bovendien zijn de Leguminosae slechts bij
+benadering uitgecijferd:
+
+
+ Aantal Aantal Aantal Aantal soorten, die
+ soorten in soorten, die soorten tot den Galápagos-
+Naam van Totaal andere tot den tot het archipel beperkt
+het Eiland. aantal deelen der Galápagos- eene zijn, doch op meer
+ soorten. wereld archipel eiland dan één eiland ge-
+ gevonden. beperkt beperkt. vonden worden.
+ zijn.
+
+James 71 33 38 30 8
+Albemarle 46 18 26 22 4
+Chatham 32 16 16 12 4
+Charles 68 39 29 21 8
+ (of 29, na
+ aftrek van
+ de waar-
+ schijnlijk
+ ingevoerde
+ planten).
+
+
+Wij zien in deze tabel het inderdaad wonderlijke feit, dat van
+de 38 Galápagische planten op het eiland James, nl. die welke in
+geen ander deel der wereld gevonden worden, dertig uitsluitend
+tot dit eiland beperkt blijven; terwijl van de 26 oorspronkelijke
+Galápagische planten op het eiland Albemarle, twee en twintig tot dit
+eene eiland beperkt zijn, en dus slechts vier--naar men tot heden
+weet--op de andere eilanden van den archipel groeien. Dergelijke
+verrassende uitkomsten leveren ook de planten op de eilanden Chatham
+en Charles. Door het geven van eenige voorbeelden zullen wij dit
+feit wellicht nog meer in 't oog doen springen. Zoo is Scalesia,
+een merkwaardig, boomwordend geslacht der Compositae, tot dezen
+archipel beperkt; het bevat zes soorten: één voorkomend op Chatham,
+één op Albemarle, één op Charles, twee op James, terwijl de zesde
+op een der drie laatste eilanden thuis behoort, men weet echter niet
+op welk. Geen dezer zes soorten groeit op twee eilanden tegelijk. Een
+tweede voorbeeld levert Euphorbia, een wijd en zijd verspreid geslacht,
+dat hier acht soorten heeft, waarvan zeven tot den archipel beperkt
+zijn, en geen enkele op twee eilanden tegelijk voorkomt. Acalypha en
+Borreria--beiden wereldgeslachten, hebben respectievelijk zes en zeven
+soorten, waarvan, met uitzondering van ééne tot Borreria behoorende,
+geen enkele op twee eilanden tegelijk voorkomt. Vooral de species
+der Compositae zijn plaatselijk beperkt; en Dr. Hooker heeft mij
+verscheidene andere hoogst verrasende voorbeelden getoond van het
+verschil in soorten op de verschillende eilanden. Hij merkt op, dat
+deze verspreidingswet niet alleen geldt voor de tot dezen archipel
+beperkte geslachten, maar ook voor die welke in andere hoeken der
+wereld verspreid zijn. Evenzoo hebben wij gezien, dat de verschillende
+eilanden hunne eigene soorten hebben van het wereldgeslacht der
+schildpadden, en van het wijd verspreide Amerikaansche geslacht der
+spotlijsters, alsook van twee der Galápagische ondergroepen van vinken;
+en bijna zeker van het Galápagische geslacht Amblyrhynchus.
+
+De verspreiding der bewoners van dezen archipel zou lang zoo wonderlijk
+niet zijn, indien, bijvoorbeeld, het eene eiland een spotlijster,
+en een tweede eiland een ander, geheel daarvan verschillend geslacht
+bezat; zoo het eene eiland zijn geslacht hagedissen had, en een
+tweede eiland een ander, verschillend geslacht, of in 't geheel
+geen; of indien de verschillende eilanden niet door plaatsvervangende
+species van dezelfde plantengeslachten werden bewoond, maar door geheel
+verschillende geslachten--zooals dat in zekeren zin werkelijk het geval
+is; want, om een voorbeeld te noemen, een groote bessendragende boom
+op het eiland James heeft geen plaatsvervangende species op het eiland
+Charles. Maar juist de omstandigheid, dat vele eilanden hunne eigen
+soort schildpad hebben, hun eigen spotlijster, hunne vinken en talrijke
+planten, terwijl die soorten dezelfde algemeene leefwijzen hebben,
+overeenkomstige districten bewonen, en in de natuurlijke huishouding
+van dezen archipel klaarblijkelijk dezelfde plaats innemen--deze is
+het, welke mij met verwondering vervult. Men mag aannemen, dat eenige
+plaatsvervangende soorten--althans wat de schildpad en sommige vogels
+betreft--later zullen blijken goed gekenmerkte rassen te zijn; maar
+voor den wijsgeerigen natuuronderzoeker zou dit al even belangwekkend
+wezen. Ik heb gezegd, dat de meeste eilanden over en weer zichtbaar
+zijn, en voeg er aan toe, dat het eiland Charles 50 mijlen van het
+naaste punt van Chatham, en 33 mijlen van het naaste punt van Albemarle
+verwijderd is. Chatham ligt 60 mijlen van het naaste punt van James;
+maar tusschen deze liggen twee andere, welke niet door mij bezocht
+werden. Het eiland James ligt slechts 10 mijlen van het naaste punt van
+Albemarle; maar de beide punten waar de verzamelingen gehouden werden,
+liggen 32 mijlen van elkander. Ik herhaal, dat noch de aard van den
+bodem, noch de hoogte van het land, of het klimaat: noch het algemeen
+karakter der samenwonende wezens (en bijgevolg hunne natuurlijke
+wisselwerkingen) op de verschillende eilanden veel uiteenloopen. Zoo
+er al een merkbaar klimatologisch verschil bestaat, dan moet dit zijn
+tusschen de groep eilanden boven den wind (nl. Charles en Chatham),
+en die onder den wind; maar een overeenkomstig verschil schijnt niet
+te bestaan in de producten dezer twee helften van den archipel.
+
+Het eenige licht, dat ik op dit merkwaardig onderscheid in de
+bewoners der verschillende eilanden kan werpen, is, dat zeer sterke,
+in westelijke en west-noordwestelijke richting loopende zeestroomen
+de zuidelijke eilanden van de noordelijke moeten scheiden, althans
+wat het vervoer van individuën over zee betreft. Inderdaad werd
+tusschen deze noordelijke eilanden een sterke noordwestelijke
+stroom waargenomen, die de eilanden James en Albemarle scherp van
+elkander moet scheiden. Daar de archipel in zeer ruime mate vrij
+van stormen is, zouden vogels, insecten noch lichtere zaden van het
+eene eiland naar het andere kunnen waaien. Ten slotte is het hoogst
+onwaarschijnlijk, dat de eilanden ooit verbonden waren, èn wegens de
+groote diepte van den oceaan die hen scheidt, èn wegens hun blijkbaar
+vulkanischen oorsprong in een geologisch jong verleden. Deze laatste
+omstandigheid is van veel gewichtiger beteekenis, dan elke andere,
+wat de geographische verspreiding der bewoners aangaat.
+
+Werpen wij thans een blik op bovengenoemde feiten, dan staat men
+verbaasd over de hoeveelheid scheppingskracht--indien wij zulk eene
+uitdrukking mogen bezigen--welke op deze kleine, kale en rotsachtige
+eilanden ontwikkeld is: doch meer nog over hare verschillende en
+toch overeenkomstige werkingen op zulke nabijgelegen punten. Ik heb
+gezegd, dat men de Galápagos-Eilanden een wachter zou kunnen noemen,
+die aan Amerika, als planeet beschouwd, verbonden is; maar eerder zou
+men ze eene groep wachters kunnen noemen, die physisch gelijkvormig,
+organisch verschillend, toch nauw aan elkander verwant zijn; en allen
+weer in duidelijke, hoewel veel mindere mate verwant aan het groote
+vastland van Amerika.
+
+
+
+Ik zal mijne beschrijving van de natuurlijke geschiedenis dezer
+eilanden besluiten met eenige mededeelingen over de ongewone tamheid
+der vogels.
+
+Deze tamheid is aan alle landsoorten eigen, nl. aan de spotlijsters,
+de vinken, winterkoninkjes, tyran-vliegenvangers, de duif en den
+aasbuizerd. Al deze vogels kwamen dikwijls dicht genoeg bij, dat
+men hen met een rietje kon dooden, en somtijds vangen met eene muts
+of hoed, wat ik zelf heb pogen te doen. Een geweer is hier geheel
+overbodig; want met den loop sloeg ik een havik van een boomtak
+af. Op zekeren dag streek een spotlijster op den rand van een uit
+het pantser eener schildpad vervaardigden waternap, dien ik in de
+hand hield, en begon heel bedaard het water op te slurpen. Hij liet
+toe, dat ik hem van den grond hief, terwijl hij op den nap zat. Ook
+trachtte ik dikwijls deze vogels bij de beenen te grijpen, wat mij op
+zeer weinig na gelukte. Voorheen schijnen de vogels nog tammer geweest
+te zijn dan nu. Cowley zegt in zijne beschrijving van het jaar 1684,
+"dat de tortelduiven zoo tam waren, dat zij dikwijls op onze hoeden en
+wapens neerstreken, zoodat wij hen levend konden vangen. Zij vreesden
+den mensch niet, voordat een van ons gezelschap op hen vuurde, ten
+gevolge waarvan zij schuwer werden." Ook Dampier verhaalt in hetzelfde
+jaar, dat iemand op zijne morgenwandeling zes of zeven dozijn van
+deze duiven kon dooden. Hoewel zij nu nog zeer tam zijn, strijken zij
+toch niet op iemands wapenen neer, en laten zich ook niet meer in zoo
+groot aantal dooden. Het is verwonderlijk, dat zij niet wilder zijn
+geworden; want in de laatste 150 jaren zijn deze eilanden dikwijls
+door boekaniers en walvischvaarders bezocht, terwijl de zeelieden,
+als zij door de bosschen loopen om schildpadden te zoeken, er altijd
+een wreed vermaak in scheppen de vogeltjes dood te slaan.
+
+Ofschoon tegenwoordig nog meer vervolgd dan vroeger, worden deze vogels
+niet spoedig wild. Op het eiland Charles, dat bij mijn bezoek ongeveer
+zes jaren gekoloniseerd was, zag ik een knaap bij eene bron zitten met
+een rietje in de hand, waarmede hij de duiven en vinken doodde als
+zij kwamen drinken. Hij had er reeds een hoopje bijeen, en vertelde
+dat deze vogels voor zijn maal moesten dienen, en dat hij altijd bij
+deze bron ging zitten voor hetzelfde doel. Daaruit zou dan blijken,
+dat de vogels van dezen archipel, nog niet wetende dat de mensch een
+gevaarlijker dier is dan de schildpad of de Amblyrhynchus, geen acht
+op hen slaan, op dezelfde manier als schuwe vogels, bijv. eksters,
+in Engeland geen acht slaan op de koeien en paarden, die in onze
+velden grazen.
+
+De Falklands-Eilanden leveren een tweede voorbeeld van dergelijke
+tamme vogels, die men daar vindt. De ongewone tamheid van den
+kleinen Opetiorhynchus is door Pernety, Lesson en andere reizigers
+opgemerkt. Deze eigenschap behoort echter niet alleen aan dezen vogel:
+de Polyborus, de snip, de ganzen in het hoog- en laagland, de lijster,
+de vlasvink, en zelfs eenige echte haviken zijn alle meer of minder
+tam. Als de vogels zoo tam zijn in eene streek, waar vossen, haviken
+en uilen voorkomen, mogen wij daaruit besluiten, dat de afwezigheid
+van alle roofdieren op de Galápagos-Eilanden niet de oorzaak is van
+hunne tamheid hier. De hooglandsche ganzen op de Falklands-Eilanden
+bewijzen door de voorzichtigheid, die zij bij het bouwen van hare
+nesten op de eilandjes in acht nemen, dat zij het gevaar van de vossen
+kennen; maar dit maakt hen toch niet schuw voor den mensch. Deze
+tamheid der vogels--vooral van het watergevogelte--vormt eene
+scherpe tegenstelling met de eigenschappen van dezelfde species in
+Vuurland, waar zij eeuwen lang door de wilde inboorlingen vervolgd
+zijn geworden. Op de Falklands-Eilanden kan de jager op één dag soms
+meer hooglandsche ganzen dooden, dan hij mee naar huis kan nemen;
+terwijl het in Vuurland bijna even moeilijk is er eene te dooden,
+als in Engeland het schieten van de gewone wilde gans.
+
+In den tijd van Pernety (1763) schijnen daar alle vogels veel tammer
+geweest te zijn dan nu; hij zegt, dat de Opetiorhynchus bijna op zijn
+vinger ging zitten, en dat hij met een stokje er tien in een half uur
+doodde. Destijds moeten de vogels bijna even tam zijn geweest als nu
+op de Galápagos-Eilanden. Op deze laatsten schijnen zij langzamer
+voorzichtigheid geleerd te hebben, dan op de Falklands-Eilanden,
+waar zij betrekkelijk gelegenheid hadden om ervaring op te doen;
+want behalve talrijke bezoeken van schepen, zijn deze eilanden in dat
+tijdsverloop bij tusschenpoozen gekoloniseerd geweest. Volgens het
+verhaal van Pernety was het vroeger, toen alle vogels zoo tam waren,
+zelfs onmogelijk den zwarthalzigen zwaan te dooden--een trekvogel,
+die waarschijnlijk zijne in andere landen geleerde wijsheid daarheen
+overbracht.
+
+Ik wil er bijvoegen, dat, naar hetgeen Du Bois verhaalt, alle
+vogels op Bourbon met uitzondering van de flamingo's en de ganzen,
+in 1571/72 zoo buitengewoon tam waren, dat men hen met de hand
+kon vangen, of met een stok naar welgevallen dooden. Verder zegt
+Carmichael, [328] dat de eenige twee landvogels op Tristan da Cunha
+in den Atlantischen Oceaan (ten Westen van de Kaap de Goede Hoop),
+nl. een lijster en een vlasvink, zoo tam waren, dat zij zich met
+een handnet lieten vangen. Uit deze verschillende feiten meen ik te
+mogen afleiden: ten eerste, dat de wildheid van vogels ten opzichte
+van den mensch een bijzonder instinct is, dat tegen hem gericht, en
+niet afhankelijk is van een algemeenen graad van voorzichtigheid uit
+vrees voor andere bronnen van gevaar; ten tweede, dat die wildheid
+door vogels op zichzelven, ook dan als men hen fel vervolgt,
+niet spoedig wordt verkregen, doch na eene reeks van opvolgende
+geslachten erfelijk wordt. Bij tamme dieren zijn wij gewoon te zien,
+dat nieuwe geestelijke eigenschappen of instincten erfelijk worden
+verkregen of gemaakt; bij dieren in den natuurstaat zal het echter
+steeds zeer moeilijk zijn, gevallen van erfelijk verkregen kennis te
+ontdekken. Wat de wildheid aangaat van vogels tegenover den mensch,
+deze laat zich niet anders verklaren dan als erfelijke gewoonte. In
+Engeland is het aantal jonge vogels, die in een jaar tijds door den
+mensch worden vervolgd, betrekkelijk klein: toch zijn bijna allen,
+zelfs nestvogels, bang voor hem; daarentegen zijn op de Galápagos-
+en de Falklands-Eilanden talrijke individuën door den mensch vervolgd
+en gekweld, zonder dat de vogels eene heilzame vrees voor hem hebben
+geleerd. Uit deze feiten mogen wij afleiden, welke verwoesting het
+invoeren van een nieuw roofdier in een land moet teweegbrengen,
+voordat de instincten der inheemsche bewoners zich aan de list of de
+kracht van den vreemdeling hebben aangepast.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XVIII.
+
+TAHITI (OF TAÏTI) EN NIEUW-ZEELAND.
+
+
+[20 October 1835.]
+
+Toen de opmeting van de Galápagos-Eilanden was afgeloopen, zetten
+wij koers naar Tahiti en begonnen onzen langen tocht van 3200
+mijlen. Binnen enkele dagen zeilden wij uit het donkere en bewolkte
+zeegebied, dat zich des winters tot ver van de Zuidamerikaansche
+kust uitstrekt, en hadden toen bij heldere en onbewolkte lucht eene
+aangename reis, met eene snelheid van 150 tot 160 mijlen daags voor
+een stijven passaatwind. In dit meer centrale gedeelte van den Stillen
+Oceaan is de temperatuur hooger dan bij de Amerikaansche kust. Nacht
+en dag wisselde de thermometer in de achterkajuit tusschen 80° en 83°,
+hetgeen een zeer aangenaam gevoel verwekt; maar één of twee graden
+hooger wordt de temperatuur drukkend. Wij voeren door den Lagen of
+Gevaarlijken Archipel, [329] en zagen verscheidene van die hoogst
+eigenaardige ringvormige koraalbanken, welke even boven den rand
+van het water uitsteken en Lagunen-eilanden genoemd zijn. Het lange,
+schitterend witte strand is met een groenen plantenzoom bedekt, die,
+waarheen men ook ziet, in de verte snel versmalt en onder den horizon
+verdwijnt. Van den top van den mast kan men een uitgestrekte, stille
+watervlakte binnen den ring zien. Deze lange, holle koraaleilanden
+staan in geen verhouding tot den uitgestrekten oceaan, waaruit zij zich
+steil verheffen; en het schijnt verwonderlijk, dat zulke zwakke banken
+door de machtige en rusteloos beukende golven van dien grooten en ten
+onrechte "De Stille" genoemden Oceaan niet reeds lang zijn weggespoeld.
+
+[15 November.]
+
+Bij het aanbreken van den dag kwam Tahiti in zicht. Dit eiland moet bij
+elken reiziger in de Stille Zuidzee blijvende klassieke herinneringen
+achterlaten. Van verre was de aanblik niet aantrekkelijk. De welige
+plantengroei van het lagere gedeelte was nog niet zichtbaar; en
+toen de wolken wegdreven, vertoonden zich de ruwste en steilste
+bergtoppen tot bij het midden van het eiland. Zoodra wij in de baai
+Matavai ankerden, werden wij door kano's omringd. Het was dien dag
+voor ons Zondag, maar voor Tahiti Maandag; in het omgekeerde geval
+zouden wij geen enkel bezoek hebben gekregen, daar het bevel om op
+rustdag geen enkele kano te water te laten streng wordt opgevolgd. Na
+het middageten gingen wij aan wal om al het genot te smaken, dat de
+eerste indrukken van een nieuw land bij den mensch verwekken--vooral
+nu dit land het bekoorlijke Tahiti was. Een drom van mannen, vrouwen
+en kinderen stond op het gedenkwaardige Point Venus geschaard, om
+ons met lachende, vroolijke gezichten te ontvangen, en vergezelde ons
+naar het huis van Mr. Wilson, den zendeling van het district, die ons
+onderweg te gemoet kwam en op zeer vriendelijke wijze ontving. Nadat
+wij eene korte poos in zijn huis gezeten hadden, scheidden wij om
+eene rondwandeling te doen, maar keerden des avonds er heen terug.
+
+Het land, dat voor cultuur geschikt is, vormt bijna overal niet
+veel meer dan eene strook lage alluviale grond, die zich om den
+voet der bergen ophoopt en door eene koraalbank, welke de geheele
+kustlijn omringd, tegen het geweld der zee beschermd is. Binnen het
+rif bevindt zich eene uitgestrekte, stille watervlakte evenals een
+meer, waar de kano's der inboorlingen veilig kunnen laveeren en waar
+de schepen ankeren. Het laagland, dat tot den oever van koraalzand
+reikt, is met de schoonste producten uit de tusschenkeerkringsstreken
+bedekt. Te midden van banaan-, oranje-, brood- en kokosboomen zijn
+open plekken, waar yam- of broodwortels (Dioscorea), suikerriet en
+pijnappels worden gekweekt. Zelfs het kreupelhout is een ingevoerde
+vruchtboom, nl. de guajavaboom, die om zijn overvloed even schadelijk
+is geworden als onkruid. In Brazilië heb ik dikwijls de afwisseling
+in schoonheid bewonderd, welke de banaan-, palm- en oranjeboomen
+in hunne tegenstellingen te zien geven; en dan hebben wij hier nog
+den broodboom, kenbaar aan zijn groot, glanzig en diep gevingerd
+blad. Bewonderenswaardig is de aanblik van geheele boschjes, uit
+een boom bestaande, die forsch als een Engelsche eik zijne takken
+uitstrekt, beladen met groote en uiterst voedzame vruchten. Hoe zelden
+ook het genoegen, waarmee wij een voorwerp zien, kan worden afgemeten
+naar het nut dat het biedt, toch laat zich in 't geval van deze schoone
+bosschen het gevoel van bewondering ongetwijfeld voor een groot deel
+verklaren uit het besef van hunne groote vruchtbaarheid. Eene reeks
+van kleine slingerpaden leidden in de koele schaduw der omgeving
+naar de hier en daar verspreide huizen, waar de bewoners ons overal
+opgeruimd en met de meeste gastvrijheid ontvingen.
+
+Niets beviel mij zoozeer als de aard der bewoners. Er ligt een zekere
+zachtheid in de uitdrukking van hun gezicht, dat elke gedachte
+aan vermeende wildheid terstond verdrijft, terwijl eene zekere
+schranderheid toont, dat zij in beschaving vooruitgaan. Lieden
+uit de volksklasse zijn onder het werk op het bovenlijf geheel
+naakt; en het is bij zulke gelegenheden, dat men de Tahitiërs
+op hun voordeeligst ziet. Zij zijn zeer groot, breedgeschouderd,
+sterk en goed geëvenredigd. Men heeft opgemerkt, dat een Europeaan
+spoedig zoozeer aan eene donkere huid gewent, dat hij die aangenamer
+en natuurlijker vindt dan zijne eigene kleur. Een blanke, die zich
+naast een Tahitiër baadde, was evenals eene plant welke een tuinman
+kunstmatig heeft gebleekt, vergeleken met eene fraaie donkergroene, die
+krachtig in het open veld bloeit. De meeste mannen zijn getatoueerd,
+en de versieringen volgen de bochten van het lichaam zoo regelmatig,
+dat het een hoogst bevalligen indruk maakt. Een gewoon patroon,
+met afwisselende détails en eenigszins op de kroon van een palmboom
+gelijkend, ontspringt uit de middellijn van den rug en kronkelt zich
+sierlijk naar wederzijden. Misschien is de gelijkenis denkbeeldig, maar
+ik vond, dat het lichaam van een aldus getatoueerden man op den stam
+van een sierboom geleek, waarom zich eene fraaie slingerplant windt.
+
+Vele oudere personen hadden de voeten met kleine figuren bedekt,
+zoo geteekend, dat zij op eene zoogenaamde broos (tooneelschoeisel)
+geleken; maar deze mode is gedeeltelijk verouderd en door andere
+opgevolgd. Hier moet elk zich houden aan de heerschende mode uit
+zijne jeugd, ofschoon die verre van onveranderlijk is. Bij een oud
+man staat deze dus voor altijd op zijn lichaam gestempeld, en kan hij
+zich nooit het air geven van een jongen modegek. De vrouwen zijn op
+dezelfde manier getatoueerd als de mannen, en wel zeer algemeen aan
+hare vingers. Eene ongepaste mode, nl. om het haar boven op het hoofd
+in een cirkelvorm weg te scheren, zoodat er slechts een buitenste
+krans overblijft, is nu bijna algemeen. De zendelingen hebben het volk
+pogen over te halen deze gewoonte te veranderen; maar het is mode,
+en dit woord is op Tahiti voldoende, evenals te Parijs. Zeer was ik
+teleurgesteld door het persoonlijk uiterlijk der vrouwen, die in elk
+opzicht ver onder de mannen staan. Een aardig gebruik is, om achter
+op het hoofd of door een klein gaatje in de ooren eene scharlakenroode
+bloem te dragen. Ook dragen zij een krans van gevlochten kokosbladeren
+ter beschutting van de oogen. De vrouwen schijnen nog meer behoefte
+te hebben aan eene verandering in mode dan de mannen.
+
+Bijna alle inboorlingen verstaan wat Engelsch, d.w.z. zij kennen de
+namen van gewone voorwerpen; en met behulp hiervan, alsmede door
+teekens, kon een gebrekkig soort van gesprek worden gevoerd. Toen
+wij des avonds naar de boot terugkeerden, hield een aardig tooneel,
+waarvan wij getuige waren, ons staande. Een aantal kinderen speelden op
+het strand en hadden vreugdevuren ontstoken, die de stille zee en de
+boomen in het rond verlichtten, terwijl andere, in kringen geschaard,
+Tahitische liederen zongen. Wij naderden het troepje en gingen in het
+zand zitten. De liedjes waren geïmproviseerd en zinspeelden, geloof ik,
+op onze komst; een klein meisje zong een regel, dien de anderen bij
+gedeelten herhaalden, zoodat er een zeer aardig koor ontstond. Het
+geheele tooneel herinnerde ons op ondubbelzinnige wijze, dat wij aan
+het strand zaten van een eiland in de wijdberoemde Zuidzee.
+
+[17 November.]
+
+Deze dag staat in het logboek genoteerd als Dinsdag 17 November,
+in plaats van Maandag den 16den, ten gevolge van onze tot dusver
+voorspoedige jacht op de zon. Vóór het ontbijt werd het schip door
+eene flotielje kano's omsingeld; en toen de inboorlingen verlof
+kregen aan boord te komen, bedroeg hun aantal waarschijnlijk niet
+minder dan 200. Ieder was van oordeel, dat het moeilijk zou geweest
+zijn er evenveel van een ander volk bijeen te krijgen, die zoo weinig
+last veroorzaakten. Elk bood iets te koop aan, waarbij schelpen het
+hoofdartikel vormden. De Tahitiërs begrijpen nu de waarde van het geld
+ten volle, en verkiezen het boven oude kleêren of andere artikelen,
+doch zijn verlegen met de verschillende munten van Engelsche en
+Spaansche stempels, en vertrouwen het zilver niet geheel voordat het
+tegen dollars is ingewisseld. Enkele hoofden hebben groote sommen
+geld bijeengebracht. Niet lang geleden bood een hunner 800 dollars
+(ongeveer 160 pond sterling) voor een klein schip, en dikwijls koopen
+zij walvischbooten en paarden voor den prijs van 50 tot 100 dollars.
+
+Na het ontbijt ging ik aan wal, en beklom de naastbijzijnde steilte
+tot eene hoogte van 2-3000 voet. De buitenste bergen zijn glad en
+kegelvormig, maar steil; en de oude vulkanische gesteenten, waaruit
+zij bestaan, worden doorsneden van vele diepe ravijnen, die uit de
+ongenaakbare bergachtige gedeelten van het midden van het eiland naar
+de kust loopen. Na de smalle, lage en vruchtbare, doch onbewoonde
+landstreek te zijn doorgetrokken, volgde ik een effen steilen bergkam
+tusschen twee diepe ravijnen. Eigenaardig was hier de plantengroei,
+bijna geheel uit kleine dwergvarens bestaande, die hooger op met
+grof gras vermengd was en niet heel veel verschilde van die, welke
+men op sommige bergen in Wallis ontmoet. Eene dergelijke vegetatie,
+zoo dicht boven den boomgaard van tropische gewassen op de kust,
+was zeer verrassend. Op het hoogste punt, dat ik bereikte, verschenen
+weder boomen. De laagste der drie betrekkelijk rijke plantenzonen dankt
+hare vochtigheid, en dus hare vruchtbaarheid, aan hare vlakke ligging;
+want daar zij zich nauwelijks boven den zeespiegel verheft, vloeit
+het water uit het hoogere land langzaam af. De tusschenzone reikt
+niet, zooals de bovenste, in een vochtigen en bewolkten dampkring,
+en blijft daardoor onvruchtbaar. De bosschen in de bovenste zone
+bestaan uit zeer fraaie boomvarens, die de kokosnoot van de kust
+vervangen. Toch moet men zich niet voorstellen, dat deze bosschen
+maar eenigszins de wouden van Brazilië in pracht evenaren. Men kan
+trouwens niet verwachten, dat het groot aantal voortbrengselen,
+waardoor een vasteland zich kenmerkt, op een eiland voorkomt.
+
+Van het hoogste punt, dat ik bereikte, had men van verre een goed
+uitzicht op het eiland Eimeo, dat onder dezelfde souvereiniteit staat
+als Tahiti. Boven de hooge en spitse toppen stapelden zich witte
+wolkgevaarten, die een eiland vormden aan den blauwen hemel, zooals
+Eimeo zelf in den blauwen oceaan. Met uitzondering van eene kleine
+doorvaart, is het eiland geheel door een koraalrif omringd. Van verre
+was daarvan slechts eene smalle, doch scherp begrensde, schitterend
+witte streep zichtbaar, waar de golven het eerst de koraalbank
+troffen. Steil verrezen de bergen uit het kristallen watervlak der
+lagune, die binnen deze smalle witte streep besloten is, terwijl
+daarbuiten de deinende waters van den oceaan eene donkere kleur
+bezaten. De aanblik was treffend, en kon passend bij eene omlijste
+teekening vergeleken worden, waarvan de golven de lijst, de stille
+lagune het papier, en het eiland zelf de teekening voorstellen. Toen ik
+des avonds den berg afdaalde, ontmoette ik een man, dien ik met eene
+kleine gift verblijd had, en die nu eenige heete gebraden bananen,
+een pijnappel en kokosnoten medebracht. Ik ken niets heerlijkers,
+als men eene lange wandeling in de brandende zon heeft gedaan, dan
+de melk eener jonge kokosnoot. Pijnappels zijn hier zoo overvloedig,
+dat de menschen hen even kwistig eten als wij onze rapen. Zij hebben
+een voortreffelijken smaak--misschien zelfs beter dan die in Engeland
+worden gebruikt; en dit acht ik den hoogsten lof, dien men eene vrucht
+kan toezwaaien. Voordat wij aan land gingen, vertolkte de heer Wilson
+voor mij aan den Otaheiter, die mij zulk eene attentie bewezen had,
+dat ik hem en nog iemand noodig had om mij op een kort uitstapje in
+het gebergte te vergezellen.
+
+[18 November.]
+
+Des morgens vroeg ging ik aan land, met eenige levensmiddelen in een
+tasch bij mij, en twee wollen dekens voor de gidsen en mijzelven. Deze
+werden aan de uiteinden van een langen stok gebonden, dien mijne gidsen
+vervolgens beurt om beurt op de schouders droegen. De inboorlingen
+zijn er aan gewoon een aan beide einden met 50 pond bezwaarden stok
+aldus een geheelen dag lang te dragen. Ik zeide mijn gidsen, dat zij
+zich van voedsel en kleêren moesten voorzien; maar zij antwoordden,
+dat er voedsel genoeg in het gebergte was, en dat, wat kleêren betrof,
+zij aan hunne huid genoeg hadden. Onze tocht leidde door de vallei van
+Tia-auru, waardoor eene rivier vloeit, die bij Point Venus in zee valt;
+zij is een van de hoofdrivieren op het eiland, en ontspringt aan den
+voet der hoogste centrale toppen, die zich tot omstreeks 7000 voet
+verheffen. Het geheele eiland is zoo bergachtig, dat de eenige weg
+om tot het binnenland door te dringen is, de valleien te volgen. In
+'t eerst voerde onze weg door bosschen, die de rivier aan weerszijden
+begrenzen; en de kijkjes op de centrale toppen, die als door eene laan
+met hier en daar een wuivenden kokosboom aan den kant zichtbaar werden,
+waren uiterst schilderachtig. Weldra begon de vallei smaller te worden,
+en werden de hellingen hooger en steiler. Na eene wandeling van drie
+tot vier uren, vonden wij dat het ravijn bijna niet breeder was dan de
+bedding van den stroom zelve. Aan den eenen kant waren de wanden bijna
+loodrecht; maar wegens de zachte structuur der vulkanische lagen,
+groeiden boomen en velerlei planten uit elken vooruitspringenden
+rand. Deze wanden waren ongetwijfeld eenige duizenden voeten hoog
+en vormden, over het geheel genomen, eene bergkloof zoo prachtig
+als ik nooit te voren gezien had. Omstreeks den middag stond de zon
+loodrecht boven het ravijn, en de lucht, die koel en vochtig was,
+werd nu brandend heet. In de schaduw eener vooruitspringende rots,
+aan den voet van een zuilvormig gestolden lavawand aten wij ons
+middagmaal. Mijne gidsen hadden zich al een schotel kleine visch
+en zoetwater-garnalen verschaft. Zij hadden een netje bij zich, dat
+om een hoepel was gespannen, doken hiermeê op diepe plaatsen en in
+maalstroomen te water, volgden als otters met open oogen den visch
+in hoeken en gaten, en vingen hem.
+
+Te water hebben de Tahitiërs de vlugheid van tweeslachtige
+dieren. Ellis verhaalt eene anecdote, die bewijst hoezeer zij zich in
+dit element thuis gevoelen. Toen in het jaar 1817 een paard, dat voor
+Pomaré [330] bestemd was, van boord werd geheschen, brak de strop,
+en viel het dier te water. Onmiddellijk sprongen de inboorlingen
+over boord en wendden, al schreeuwend, vruchtelooze pogingen aan
+om te helpen, zoodat het dier bijna verdronken was. Maar nauwelijks
+bereikten zij het strand, of de geheele bevolking nam de vlucht en
+trachtte zich voor het "varken dat een mensch draagt"--gelijk zij
+het paard noemden--te verbergen.
+
+Iets hooger in de vallei verdeelde de rivier zich in drie kleine
+stroomen. De twee noordelijke waren onbruikbaar door eene reeks
+watervallen, die van den rotsachtigen top van den hoogsten berg omlaag
+stortten; en ofschoon ook de derde naar allen schijn ontoegankelijk
+was, besloten wij toch hem te volgen. De wanden der vallei waren
+hier bijna loodrecht; maar zooals dikwijls met gelaagde gesteenten
+het geval is, bevatten die wanden smalle vooruitstekende richels of
+randen, welke dicht begroeid waren met wilde bananen, lelie-achtige
+planten (Liliaceae) en andere fraaie keerkringsgewassen. Op hunne
+klimtochten langs deze rotsranden, met het doel vruchten te zoeken,
+hadden de Otaheiters een pad ontdekt, waarlangs de geheele steilte
+kon worden beklommen. De eerste beklimming van uit de vallei was zeer
+gevaarlijk, daar wij met behulp van touwen, die wij bij ons hadden,
+een steilhellend naakt rotsvlak over moesten. Hoe iemand ontdekte, dat
+deze hoogst gevaarlijke plek het eenige punt was, waar de zijde van
+den berg beklommen kon worden, is mij een raadsel. Daarna liepen wij
+voorzichtig langs een der randen, tot waar wij een van de drie stroomen
+bereikten. Deze rand vormde een vlak terras, waarboven een prachtige
+waterval van eenige honderden voeten hoogte omlaag stortte, terwijl
+daaronder een tweede hooge waterval in den hoofdstroom der vallei
+beneden viel. Van deze koele en belommerde plek maakten wij een omweg,
+ten einde den overhangenden waterval te vermijden, en volgden, als te
+voren, kleine vooruitspringende richels, waar het gevaar van omlaag
+te storten door den dichten plantengroei gedeeltelijk werd opgeheven.
+
+Op het punt waar wij van den eenen richel op een anderen moesten
+overgaan, stond een loodrechte rotswand, die den weg versperde. Een
+der Tahitiërs, een kranige sterke kerel, zette een boomstam tegen
+deze rots, klom er tegen op en bereikte vervolgens, door spleten als
+steunpunten te gebruiken, den top. Hier bevestigde hij de touwen aan
+eene vooruitstekende punt, liet ze toen zakken om onzen hond en bagage
+op te trekken, en daarna klommen wij zelven naar boven. Ter zijde van
+den rand, waarop de doode boom geplaatst was, had de afgrond zeker eene
+diepte van 5-600 voet; en zoo de overhangende varens en leliën dien
+niet gedeeltelijk aan het oog hadden onttrokken, zou ik duizelig zijn
+geworden, en had niets mij kunnen bewegen het gevaar te trotseeren. Wij
+klommen verder: nu eens langs richels, dan over mesvormige bergkammen,
+met diepe ravijnen aan weerszijden. In de Cordilleras heb ik bergen
+gezien op veel grootere schaal, maar die in steilte volstrekt niet
+te vergelijken waren met deze. Des avonds bereikten wij eene kleine
+vlakke plek aan de oevers van denzelfden stroom, dien wij voortdurend
+gevolgd waren, en die in eene reeks van watervallen uit het gebergte
+daalt. Hier sloegen wij ons nachtkwartier op. Aan beide zijden van
+het ravijn stonden groote groepen bergbanaanboomen, beladen met rijpe
+vruchten. Vele van deze planten hadden eene hoogte van 20 tot 25
+voet, bij een omtrek van 3 tot 4 voet. Met reepen schors in plaats
+van touwen, met bamboesstengels als daksparren, en het groote blad
+van den banaan als dak bouwden de Tahitiërs in enkele minuten een
+uitstekend huis, en maakten van droge bladeren een zacht bed.
+
+Toen gingen zij vuur maken om ons avondeten te koken. Door een stok
+met stompe punt krachtig heen en weer te wrijven in eene holte van een
+anderen stok, als wilden zij de groef verdiepen, vatte het zaagsel
+eindelijk vuur, en hadden zij licht. Voor dit doel gebruiken zij
+alleen eene eigenaardige, witte en zeer lichte houtsoort (Hibiscus
+tiliaceus)--dezelfde, die ook dient om stokken te maken voor het
+dragen van lasten, en de drijvende loefbalken van hunne kano's. Het
+vuur ontstond in enkele secunden; maar voor iemand, die de kunst niet
+verstaat, vereischt het de grootste inspanning. Ik ondervond dit zelf,
+en was er zeer trotsch op, dat het mij eindelijk gelukte het zaagsel
+te doen ontbranden. De Gaucho in de Pampas volgt eene andere methode;
+hij neemt een buigzamen stok van omstreeks 18 inches lengte, drukt
+het eene einde tegen zijne borst, het andere spitse in eene holte,
+die zich in een stuk hout bevindt, en draait dan snel het gebogen deel
+rond, evenals een timmerman zijn centerboor. Toen de inboorlingen een
+takkevuurtje gemaakt hadden, legden zij een twintigtal steenen ter
+grootte van een cricketbal op het brandende hout, zoodat, toen ongeveer
+tien minuten later de takjes verteerd waren, de steenen gloeiden. Van
+te voren hadden zij stukjes ossevleesch, visch, rijpe en onrijpe
+bananen, alsmede een aantal toppen van den wilden kalfsvoet (Arum)
+in kleine bladstrooken gewikkeld. Deze groene pakjes werden nu in eene
+laag tusschen twee lagen heete steenen gelegd, en alles te zamen met
+aarde bedekt om geen rook of damp te laten ontsnappen. In ongeveer
+een kwartier was het geheele maal allersmakelijkst gekookt. Nadat
+de keur van groene pakjes op een dek van banaanbladeren was gelegd,
+gebruikten wij ons landelijk maal en dronken uit eene kokosschaal
+het koele water van den snelvlietenden stroom.
+
+Niet zonder bewondering sloeg ik de planten in den omtrek gade. Aan
+alle zijden banaanboomwouden, waarvan de vruchten bij hoopen op
+den grond lagen te rotten, ofschoon zij in velerlei opzicht als
+voedsel dienen. Tegenover ons lag een uitgestrekt en dicht begroeid
+bosch van wild suikerriet, terwijl de rivier belommerd werd door
+de donkergroene knoestige stammen van den vroeger om zijne sterke
+bedwelmende eigenschappen zoozeer vermaarden kawa-struik (Ava). Ik
+kauwde een stuk en vond, dat het een bijtenden, onaangenamen smaak had,
+hetgeen mij terstond zou hebben doen besluiten de plant voor giftig
+te verklaren. Dank zij den zendelingen, tiert deze plant nu alleen in
+deze diepe ravijnen, onschadelijk voor elk. Dichtbij zag ik den wilden
+kalfsvoet, waarvan de wortels, mits goed gekookt, een degelijk voedsel
+vormen, terwijl de jonge bladeren beter zijn dan spinazie. Dan waren er
+de wilde brood(yams-)wortel, en eene lelie-achtige plant, Ti genaamd,
+welke hier in overvloed groeit en een zachten, bruinen, in vorm en
+grootte op een dik blok hout gelijkenden wortel bezit. Laatstgenoemde
+wortel diende ons als dessert, want hij is zoo zoet als stroop en heeft
+een aangenamen smaak. Daarenboven waren er vele andere wilde vruchten,
+en nuttige gewassen. Behalve het koele water, leverde de stroom ook
+aal en rivierkreeft. Inderdaad, ik bewonderde dit landschap, toen ik
+het vergeleek met een onbebouwd gewest in de gematigde streken, en
+begreep den zin der woorden, dat de mensch--althans de wilde mensch
+met zijne slechts ten deele ontwikkelde geestvermogens--het kind der
+keerkringen is.
+
+Toen de avond begon te vallen, doolde ik onder het duistere lommer
+der bananen en volgde den oever verder opwaarts. Mijne wandeling
+was echter spoedig ten einde, doordien ik aan een waterval kwam
+van 2-300 voet hoogte; en boven dezen was er nog een. Ik noem al
+die watervallen in dezen enkelen bergstroom, om in 't algemeen een
+denkbeeld te geven van de helling van het land. Het scheen of er op
+dit afgelegen plekje waar het water viel, zich nooit een zuchtje van
+den wind had doen gevoelen. De dunne randen der groote banaanbladeren,
+vochtig van den dauw, waren ongeschonden in plaats van in duizend
+reepjes te zijn gespleten, zooals anders meest het geval is. Van onze
+verheven standplaats, bijna zwevend tegen de helling van den berg,
+hadden wij vluchtige kijkjes op de naburige vallei in de diepte,
+en hoog daarboven verrezen de kruinen der centrale bergen, die tot
+op 60° van het zenith reikten en den westelijken hemel half in het
+duister hulden.
+
+Voordat wij ons te slapen legden, viel de oudste Otaheiter op de
+knieën, en zeide met gesloten oogen een lang gebed op in zijne
+moedertaal. Hij bad zooals een goed christen doen zou, met gepasten
+eerbied en onbevreesd dat hij zich door teekenen van vroomheid
+belachelijk zou maken. Gedurende den maaltijd zou geen der mannen
+voedsel aanraken, zonder vooraf een kort gebed op te zeggen. Reizigers,
+die denken dat een Tahitiër alléén bidt wanneer de oogen van den
+zendeling op hem gericht zijn, hadden dien nacht maar eens met ons
+op den berg moeten slapen. Voordat de morgen aanbrak, viel er eene
+hevige regenbui; maar het goede dak van banaanbladeren hield ons droog.
+
+[19 November.]
+
+Toen de dag aanbrak deden mijne vrienden hun morgengebed en maakten,
+op dezelfde wijze als den vorigen avond, een uitstekend ontbijt
+voor ons gereed. Zij zelven aten er ruimschoots van; en inderdaad
+moet ik bekennen, dat ik nog nooit een mensch zooveel heb zien
+eten. Vermoedelijk zijn hunne bijzonder ruime magen een gevolg hiervan,
+dat een groot deel van hunne spijs uit vruchten en groenten bestaat,
+die in een gegeven volume een betrekkelijk klein quantum voedsel
+bevatten. Naar ik later vernam, was ik onbewust de oorzaak, dat
+mijne gidsen eene van hunne eigen wetten en besluiten overtraden. Ik
+had nl. eene flesch met spiritualiën bij mij, waarvan zij niet
+weigeren konden iets te gebruiken; maar telkens als zij een teugje
+dronken, legden zij hunne vingers op den mond en prevelden het woord:
+"Zendeling." Ofschoon het gebruik van den kawastruik belet was, werd
+vóór omstreeks twee jaren door den invoer van spiritualiën dronkenschap
+zeer algemeen. De zendelingen bewogen toen enkele goedgezinde mannen,
+die zagen dat hun land snel in zijn verderf liep, om te zamen een
+"Matigheidsgenootschap" op te richten. Hetzij uit overtuiging of uit
+schaamte, lieten alle hoofden en de koningin zelve zich eindelijk tot
+aansluiting bij dat genootschap bewegen. Onmiddellijk werd eene wet
+uitgevaardigd, dat geen spiritualiën op het eiland mochten worden
+ingevoerd, en dat de kooper en verkooper van het verboden artikel
+met boete zou worden gestraft. Eene merkwaardig rechtvaardige daad
+was, dat men een zekeren tijd toestond om den aanwezigen voorraad
+te verkoopen, voordat de wet in werking trad. Maar toen dit plaats
+had, werd er een algemeen onderzoek ingesteld, waarbij zelfs de
+huizen der zendelingen niet verschoond bleven, en werd al de "ava"
+(zooals de inboorlingen alle brandende geestrijke dranken noemen)
+op den grond gestort. Denkt men aan de gevolgen der onmatigheid op
+de inboorlingen zoowel van Noord- als Zuid-Amerika, dan zal men,
+denk ik, toegeven dat ieder die het wèl meent met Tahiti, geen gewone
+mate van dankbaarheid aan de zendelingen verschuldigd is. Zoolang het
+kleine eiland St.-Helena onder het bestuur der Oost-Indische Compagnie
+stond, mochten spiritualiën om het groote nadeel, dat zij veroorzaakt
+hadden, niet worden ingevoerd; maar uit de Kaap de Goede Hoop werd
+wijn geleverd. Het is een treffend en niet zeer streelend feit,
+dat in hetzelfde jaar toen spiritualiën verkocht mochten worden op
+St.-Helena, het gebruik daarvan op Tahiti bij volkswil werd afgeschaft.
+
+Na het ontbijt vervolgden wij onzen tocht. Daar mijn doel alléén was
+iets van het middenlandschap te zien, keerden wij langs een ander pad,
+dat naar de hoofdvallei beneden voerde, terug. Een eind weegs volgden
+wij een hoogst ingewikkeld pad, dat spiraalvormig om de helling van den
+berg liep, aan welks voet de vallei lag, en trokken in de minder steile
+gedeelten door uitgestrekte boschjes wilde banaanboomen. Met hunne
+naakte, getatoueerde lichamen en hunne met bloemen versierde hoofden,
+zouden onze gidsen onder het duistere lommer dezer boschjes een fraai
+type hebben gevormd van menschen, die een oerwoud bewonen. Bij onze
+daling volgden wij eene reeks van uiterst smalle bergkammen, die over
+groote afstanden zoo steil waren als een ladder, maar alle met planten
+begroeid. Wat den tocht zoo vermoeiend maakte, was de buitengewone
+zorg, waarmeê hier elke voetstap moest worden gewogen. Telkens als
+ik van deze hooge, mesvormige bergkammen de oogen over het land liet
+gaan, verwonderde ik mij over deze afgronden en ravijnen, en was
+de indruk van dit smalle steunpunt uit bijna dezelfde, als hij voor
+iemand in een luchtballon moet zijn. Bij deze daling behoefden wij
+slechts eens de touwen te gebruiken, en wel op het punt, waar wij in
+de hoofdvallei kwamen. Hier sliepen wij onder denzelfden rotswand, waar
+wij den vorigen dag gegeten hadden; maar ofschoon de nacht helder was,
+heerschte in de diepe, nauwe bergkloof eene ondoordringbare duisternis.
+
+Voordat ik dit land zag, kon ik moeilijk twee feiten begrijpen,
+waarvan Ellis melding maakt, nl., dat de overwonnen Otaheiters,
+die na de moordende veldslagen in vroeger tijden in het leven
+waren gebleven, met een handvol mannen eene geheele menigte konden
+weerstaan. Inderdaad, ik erken, dat op de plek waar onze Otaheiter
+den dooden boomstam tegen den rotswand zette, zes man met gemak eenige
+duizenden konden afslaan. Ten tweede: dat er na de invoering van het
+christendom wilde Otaheiters in de bergen leefden, wier schuilhoeken
+aan de meer beschaafde bewoners onbekend waren.
+
+[20 November.]
+
+Vroeg in den morgen gingen wij op weg en bereikten des middags Matavai,
+nadat wij onderweg een grooten troep knappe, sterk gebouwde mannen
+waren tegengekomen, die wilde bananen gingen zoeken. Ik bevond, dat
+het schip wegens de moeite om water in te nemen zich naar de haven
+van Papawa had begeven, en wandelde nu terstond daarheen. Deze haven
+is eene zeer aardige plek; de kreek is omringd door klippen, en het
+water is er zoo effen als in een meer, terwijl de bebouwde grond met
+zijne schoone voortbrengselen, waartusschen hier en daar eene hut ligt,
+tot dicht bij den waterkant reikt.
+
+Op grond van de verschillende verhalen, die ik vóór mijn bezoek aan
+deze eilanden gelezen had, was ik zeer verlangend mij door eigen
+waarneming een oordeel te vormen over de zedelijke gesteldheid
+der bewoners, ofschoon, zooals vanzelf spreekt, dit oordeel zeer
+oppervlakkig moest zijn. Ten allen tijde hangen de eerste indrukken
+zeer veel af van onze vooraf verkregen begrippen. Mijne begrippen waren
+ontleend aan de Polynesian Researches van Ellis, een bewonderenswaardig
+en hoogst belangwekkend boek, maar dat natuurlijk alles uit een
+gunstig oogpunt beziet; dan uit Beechey's Reis, en eindelijk uit het
+werk van Kotzebue, dat sterk tegen het geheele zendelingenstelsel
+gekant is. Hij, die deze drie verhalen vergelijkt, zal, denk ik,
+een vrij nauwkeurig begrip krijgen van den tegenwoordigen toestand op
+Tahiti. Een mijner indrukken, dien ik aan de twee laatste autoriteiten
+ontleende, was beslist onjuist, nl. dat de Otaheiters een neerslachtig
+ras waren geworden, dat bevreesd was voor de zendelingen. Van het
+laatste zag ik geen spoor, tenzij dat vrees en eerbied onder denzelfden
+naam mogen doorgaan. In plaats dat misnoegdheid hun gewone stemming
+is, geloof ik, dat men in Europa moeilijk half zooveel opgeruimde
+en tevreden gezichten bijeen zou kunnen brengen. Heftig vaart men
+uit tegen het verbod van fluit en dans, als dwaas en verkeerd; en de
+meer dan presbyteriaansche manier van rustdagvieren beschouwt men in
+een dergelijk licht. Ik wil echter den schijn niet aannemen over deze
+punten eene meening te voeren, in strijd met personen, die evenveel
+jaren, als ik dagen, op het eiland gewoond hebben.
+
+Over het geheel schijnen mij de zedelijkheid en godsdienst der bewoners
+hoogst lofwaardig toe. Velen zijn er, die nog scherper dan Kotzebue
+zoowel de zendelingen en hun stelsel aanvallen, als de gevolgen
+daardoor teweeg gebracht. Zij, die zoo spreken, vergelijken nooit
+den tegenwoordigen toestand van het eiland met dien van slechts 20
+jaren vroeger, noch met dien van het hedendaagsche Europa, maar meten
+hem af naar den hoogen maatstaf van evangelische volmaaktheid. Zij
+verwachten, dat de zendelingen zullen uitvoeren wat de Apostelen
+zelven niet vermochten. Voor zoover de zedelijkheid van een volk
+bij dezen hoogen maatstaf te kort komt, werpt men een blaam op den
+zendeling, in plaats van hem te prijzen voor hetgeen hij heeft tot
+stand gebracht. Men vergeet, of wil niet bedenken, dat menschenoffers
+en de macht eener afgodspriesterschap; een stelsel van verdorvenheid,
+dat nergens ter wereld zijne wederga vond; ook kindermoord als een
+gevolg van dit stelsel, en bloedige oorlogen waarin de overwinnaars
+vrouwen noch kinderen spaarden--dat al deze gruwelen hebben opgehouden
+te bestaan, en dat oneerlijkheid, onmatigheid en losbandigheid door
+de invoering van het christendom aanmerkelijk zijn verminderd. Dat
+een reiziger deze dingen vergeet, getuigt van grove ondankbaarheid,
+want mocht hij ooit gevaar loopen op eene onbekende kust schipbreuk
+te lijden, dan zal hij met de meeste vroomheid bidden, dat het woord
+van den zendeling ook daarheen worde overgebracht.
+
+Op het punt van zedelijkheid maakt vrouwendeugd, zooals dikwijls gezegd
+is, de meeste uitzonderingen. Maar voordat men haar te streng berispt,
+zal het goed zijn zich de tooneelen duidelijk voor den geest te roepen,
+door Kapitein Cook en Banks beschreven, waarin de grootmoeders en
+moeders van het tegenwoordige ras eene rol speelden. Zij, die het
+strengst zijn, dienden in 't oog te houden, hoezeer de zedelijkheid
+der vrouwen in Europa afhangt van het stelsel, dat moeders vroegtijdig
+tegenover hare dochters in acht nemen, en hoeveel daarvan in elk
+bijzonder geval aan de voorschriften van den godsdienst te danken
+is. Maar het is nutteloos met zulke praters te redetwisten! Ik geloof
+dat zij, teleurgesteld door de ontdekking dat de losbandigheid niet
+meer zoo ruim baan heeft als vroeger, geen achting willen hebben
+voor eene zedelijkheid, die zij niet in praktijk wenschen te brengen,
+noch voor een godsdienst, dien zij onderschatten, zoo niet verachten.
+
+[Zondag, 22 November.]
+
+De haven van Papéite (of Papeete), waar de koningin verblijf houdt,
+kan als de hoofdstad van Tahiti beschouwd worden; ook is zij de
+zetel der regeering en het brandpunt van scheepvaart. Kapitein
+Fitz-Roy, vergezeld van eenige personen, ging hier dezen dag eene
+godsdienstoefening bijwonen, eerst in de Tahitische taal, en vervolgens
+in het Engelsch. Pritchard, het hoofd der zendelingen, nam den dienst
+waar. De kapel bestond uit eene groote, luchtige, houten loods,
+die overvol was met zindelijke, nette menschen van elken leeftijd en
+beide seksen. In de mate van aandacht, die de toehoorders schenen te
+hebben, werd ik eenigszins teleurgesteld; maar ik geloof, dat dit
+kwam door mijne te hoog gespannen verwachtingen. In allen gevalle
+waren die houding en stemming naar het uiterlijk geheel dezelfden als
+in eene Engelsche kerk op het platteland. Het zingen van de psalmen
+was bepaald zeer aangenaam; maar de taal van den preekstoel, ofschoon
+vloeiend gesproken, klonk niet mooi; en een voortdurend herhalen van
+woorden, als: tata ta, mata mai, maakte haar eentonig. Na afloop van
+den Engelschen dienst, keerde een deel van ons gezelschap te voet
+naar Matavai terug. Het was eene aangename wandeling, nu eens langs
+het zeestrand, dan weer onder het lommer der talrijke fraaie boomen.
+
+Omstreeks twee jaren geleden was een klein schip onder Engelsche vlag
+door eenige bewoners der Lage Eilanden geplunderd, die toen onder
+de heerschappij der koningin van Tahiti stonden. Algemeen geloofde
+men, dat de bedrijvers tot deze daad waren aangespoord door eenige
+onbezonnen wetten, welke hare majesteit had uitgevaardigd. De eisch tot
+schadeloosstelling van den kant der Britsche regeering werd ingewilligd
+en eene som van bijna 3000 dollar werd aangeboden, te betalen op
+1 September 1835. De Commodore te Lima gelastte kapitein Fitz-Roy
+onderzoek naar deze schuld te doen, en bij niet-betaling voldoening te
+eischen. Overeenkomstig dien last verzocht de kapitein om een onderhoud
+met koningin Pomaré, die later zulk eene vermaardheid kreeg door de
+slechte behandeling, welke zij van de Franschen ondervond. Wat toen
+plaats had, zal ik, sedert kapitein Fitz-Roy zijn belangrijk rapport
+uitbracht, niet pogen te beschrijven. Het geld scheen niet betaald te
+zijn, misschien omdat de aangevoerde redenen wat dubbelzinnig waren;
+maar overigens kan ik niet genoeg onze algemeene verbazing uitdrukken
+over den fijnen tact, de gezonde taal, de gematigdheid, openhartigheid
+en snelle beslissing, die allerwege aan den dag werden gelegd. Ik
+geloof, dat wij allen de bijeenkomst verlieten met een geheel anderen
+dunk omtrent de Tahitiërs, dan wij bij onze binnenkomst hadden. De
+hoofden en het volk besloten in te schrijven en zoo het tekort aan te
+vullen. Toen kapitein Fitz-Roy opmerkte, dat het hard voor hen was
+wegens de misdaden van andere eilanders hun persoonlijk eigendom op
+te offeren, antwoordden zij, dat zij hem dankbaar waren voor zijne
+opmerking, maar dat Pomaré hunne koningin was, en zij besloten hadden
+haar in deze moeilijke aangelegenheid te helpen. Dit besluit en de
+snelle uitvoering er van--want den volgenden morgen vroeg werd er
+eene inschrijving geopend--voltooiden op volmaakte wijze dit zeer
+merkwaardig geval van loyauteit en fijnen tact.
+
+Nadat de voornaamste bespreking was afgeloopen, maakten verscheidene
+hoofden van de gelegenheid gebruik om kapitein Fitz-Roy een aantal
+schrandere vragen te doen over internationale gebruiken en wetten, die
+betrekking hadden op het behandelen van schepen en vreemdelingen. Voor
+sommige punten werd de wet, na genomen besluit, op staanden voet
+mondeling uitgevaardigd. Dit Tahitische parlement duurde verscheidene
+uren, en toen het geëindigd was, noodigde kapitein Fitz-Roy koningin
+Pomaré tot een bezoek aan de Beagle.
+
+[25 November.]
+
+Des avonds werden vier booten afgezonden, om hare majesteit in te
+halen. Het schip was in vlaggetooi, en bij hare komst aan boord zat de
+bemanning in de raas. Zij werd door de meeste hoofden vergezeld. Allen
+gedroegen zich zeer netjes, vroegen om niets, en schenen met de
+geschenken van kapitein Fitz-Roy zeer verblijd. De koningin is eene
+groote, plompe vrouw, zonder eenige schoonheid, bevalligheid of
+waardigheid. Zij heeft slechts één koninklijke eigenschap, nl., dat
+de uitdrukking van haar gezicht, die eenigszins knorrig of gemelijk
+is, onder alle omstandigheden volmaakt strak blijft. Onze vuurpijlen
+werden het meest bewonderd; en na elke ontploffing kon men van het
+donkere strand rondom de baai een geluid "o! o!" hooren. Maar ook het
+gezang der matrozen werd zeer bewonderd, en een van de onstuimigste
+liederen trok zoozeer de aandacht der koningin, dat zij opmerkte dat
+dit stellig geen psalm kon zijn! Het koninklijk gezelschap keerde
+eerst na middernacht naar het strand terug.
+
+[26 November.]
+
+Des avonds zetten wij, begunstigd door een zachte strandbries,
+koers naar Nieuw-Zeeland; en toen de zon onderging, wierpen wij
+een afscheidsblik op de bergen van Tahiti, het eiland, waaraan elk
+reiziger zijn cijns van bewondering heeft betaald.
+
+
+
+[19 December.]
+
+Na eene reis van 23 dagen zagen wij des avonds Nieuw-Zeeland in de
+verte liggen. Wij kunnen nu zeggen, dat wij den Stillen Oceaan bijna
+zijn overgetrokken. Om de onmetelijke uitgestrektheid van deze zee te
+begrijpen, moet men haar overzeilen. Op onze snelle vaart van eenige
+weken achtereen zagen wij niets dan lucht, en den blauwen, diepen,
+diepen oceaan! Zelfs binnen de archipels zijn de eilanden niets dan
+stippen, die op grooten afstand van elkander liggen. Gewoon, als wij
+zijn, aan kaarten op kleine schaal geteekend en waarop eilandenstippen,
+schaduwen en namen zich verdringen, kunnen wij geen juist begrip
+krijgen van de uiterst kleine verhouding, waarin het droge land staat
+tot dit uitgestrekte watervlak. De meridiaan der tegenvoeters was
+óók gepasseerd, zoodat wij van nu af de gelukkige gedachte omdroegen,
+dat elke zeemijl verder er weer eene dichter bij Engeland was. Deze
+tegenvoeters wekken oude herinneringen van kinderlijken twijfel en
+verwondering bij ons op. Nog daags te voren keek ik verlangend naar
+dien hemelcirkel uit, als het zekere baken van onze reis naar huis;
+maar nu ik hem gevonden heb, beschouw ik al zulke rustpunten voor
+'s menschen verbeelding als schaduwen, die de reizende mensch toch
+niet kan grijpen! Onlangs heeft een storm, die eenige dagen duurde,
+ons ruimschoots stof tot nadenken gegeven over hetgeen ons op de lange
+reis naar huis misschien te wachten staat, en zoo ernstig mogelijk
+naar het einde er van doen verlangen.
+
+[21 December.]
+
+Vroeg in den morgen zeilden wij de Eilanden-Baai binnen, bleven eenige
+uren bij de monding totdat wij windstil lagen, en bereikten niet vóór
+den middag de ankerplaats. Het land is heuvelachtig, maar heeft eene
+vlakke omgrenzing, en wordt bespoeld door talrijke zeearmen, die van
+de baai uit diep in het land dringen. Van verre schijnt de oppervlakte
+uit grof weiland te bestaan, maar in werkelijkheid is dit niet anders
+dan varen. Op de meer verwijderde bergen, evenals in enkele gedeelten
+der valleien, is eene groote oppervlakte boschland. De algemeene tint
+van het landschap is niet bepaald heldergroen en gelijkt op die van
+het land niet ver ten zuiden van Concepcion in Chili. Op vele punten
+der baai liggen kleine dorpen met aardig uitziende vierkante huizen,
+die zich tot dicht bij den waterkant uitstrekken. Drie walvischschepen
+lagen voor anker, en nu en dan voer eene kano van de eene kust naar
+de andere. Op deze uitzonderingen na, heerschte in den geheelen
+omtrek eene buitengewone kalmte. Slechts een enkele kano voer ons op
+zijde. Die stilte en de aanblik van het geheele landschap vormden eene
+merkwaardige en niet zeer aangename tegenstelling met onze blijde en
+luidruchtige verwelkoming op Tahiti.
+
+Des namiddags gingen wij aan land en begaven ons naar eene der grootere
+huizengroepen, die nauwelijks den naam van dorp verdiende. Zij
+heet Pahia, is de verblijfplaats der zendelingen en bevat geen
+andere inlandsche bewoners dan dienstpersoneel en arbeiders. In de
+nabijheid der Eilanden-Baai bedroeg het getal Engelschen met inbegrip
+van hunne gezinnen tusschen de 2 en 300. Alle landhuisjes, waarvan
+vele witgepleisterd zijn en er zeer netjes uitzien, behooren aan de
+Engelschen. De hutten der inboorlingen zijn zoo klein en armzalig,
+dat men ze van verre nauwelijks kan onderscheiden. Te Pahia bood
+het gezicht van de Engelsche bloemen in de tuinen vóór de huizen een
+zeer aangenaam schouwspel: er waren rozen in verschillende soorten,
+kamperfoelie, [331] jasmijnen, [332] en stammen, ja geheele hagen
+met eglantieren. [333]
+
+[22 December.]
+
+Des morgens ging ik uit wandelen, maar ontdekte spoedig, dat het land
+zeer ontoegankelijk was. Alle heuvels zijn dicht begroeid met hooge
+varens, benevens een lagen struik in den vorm van een cipres, en nog
+zeer weinig grond is ontboscht of bebouwd. Ik beproefde het toen aan
+het strand; maar hetzij ik rechts of links ging, overal werd mijne
+wandeling spoedig door zoutwater-kreken en diepe beken gestuit. De
+gemeenschap tusschen de bewoners van de verschillende deelen der baai
+wordt (evenals op Chiloë) bijna geheel door booten onderhouden. Tot
+mijne verwondering ontdekte ik, dat bijna elke heuvel, dien ik beklom,
+in vroeger tijd meer of minder versterkt was geweest. In de toppen
+waren trappen of achtereenvolgende terrassen gehouwen, en dikwijls
+bleken zij door diepe loopgraven beschermd te zijn. Later ontdekte ik,
+dat de voornaamste heuvels landwaarts in eveneens eene kunstmatige
+omgrenzing vertoonden. Deze voormalige sterkten, door kapitein Cook
+zoo dikwijls onder den naam van hippah's vermeld, noemt men Pah's,
+waarbij het verschil in uitspraak alleen aan het voorvoegsel is toe
+te schrijven.
+
+Dat de Pah's vroeger veel gebruikt werden, bleek uit de stapels
+weekdierschalen en de kuilen waarin men aardappels placht te bewaren,
+zooals mij verteld werd. Daar op deze heuvels geen water was, konden
+de verdedigers nooit een lang beleg doorstaan, maar alleen overhaaste
+uitvallen doen om te plunderen, waartoe dan de achtereenvolgende
+terrassen eene goede bescherming zullen geboden hebben. De algemeene
+invoer van vuurwapenen heeft het geheele stelsel van oorlogvoeren
+veranderd, en eene open ligging op den top van een heuvel is nu niet
+alleen nutteloos, maar wat erger is, gevaarlijk. Bijgevolg worden
+de Pah's tegenwoordig altijd op een vlak stuk gronds gebouwd. Zij
+bestaan uit eene dubbele palissadeering van dikke, lange palen, in
+eene zigzag-lijn opgesteld, zoodat elk deel van het terrein bestreken
+kan worden. Binnen de palissadeering ligt een hoop opgeworpen aarde,
+waarachter de verdedigers veilig kunnen uitrusten of hunne vuurwapenen
+aanleggen. Soms loopen er lage, overwelfde gangen over den vlakken
+grond naar de borstwering, waardoor de bezetting naar de palissadeering
+kan kruipen, om den vijand te verkennen. Rev. W. Williams, die mij dit
+verhaalde, voegde er bij, dat hij in een Pah stut- of steunwanden had
+gevonden, die naar de binnen- of beschutte zijde van den aardheuvel
+uitstaken. Op zijne vraag aan het opperhoofd naar het nut hiervan,
+antwoordde deze, dat als eenige zijner manschappen vielen, hunne
+makkers niet de lijken mochten zien, waardoor zij den moed zouden
+verliezen. Deze Pah's worden door de Nieuw-Zeelanders als zeer
+volmaakte verdedigingsmiddelen beschouwd, want de aanvallers zijn
+nooit zoo goed georganiseerd, dat zij in gesloten gelederen naar
+de palissadeering stormen, deze omhakken en een bres maken. Als een
+stam ten oorlog gaat, kan het hoofd nooit den eenen troep hier en dan
+anderen daar commandeeren, want ieder man vecht op de manier die hem
+het beste bevalt; en om één voor één eene palissadeering te naderen,
+die met vuurwapenen verdedigd wordt, schijnt den aanvallers terecht een
+wisse dood toe. Ik denk niet, dat ergens ter wereld een krijgshaftiger
+volk te vinden zal zijn, dan de Nieuw-Zeelanders. Hunne houding toen
+zij voor het eerst een schip zagen (volgens het verhaal van kapitein
+Cook) bewijst dit duidelijk; [334] en de handeling om hagelbuien van
+steenen naar zulk een groot en vreemd gevaarte te werpen, alsmede
+hunne uitdaging tot het scheepsvolk: "Komt aan land en wij zullen
+u allen dooden en opeten," getuigen van ongewone driestheid. Deze
+oorlogzuchtige geest blijkt ook uit vele hunner gewoonten en zelfs
+uit de minste handelingen. Als een Nieuw-Zeelander geslagen wordt,
+al is het ook uit gekheid, moet die slag worden teruggegeven; en
+daarvan zag ik een voorbeeld tegenover een onzer officieren.
+
+Door de toenemende beschaving is er tegenwoordig veel minder oorlog,
+uitgenomen tusschen enkele zuidelijke stammen. Ik hoorde eene
+eigenaardige anecdote vertellen van een voorval, dat eenigen tijd
+geleden in het zuiden plaats had. Een zendeling bezocht een opperhoofd,
+die zijn stam ten oorlog rustte: de musketten waren schoon en gepoetst,
+en de munitie lag gereed. Nadat hij lang over het nuttelooze van den
+oorlog had gesproken, en gewezen op de geringe beleediging, die hem
+had uitgelokt, was het opperhoofd zeer in zijn besluit geschokt en
+scheen te aarzelen; maar eindelijk viel het hem in, dat een zijner
+vaatjes kruit in slechten staat verkeerde, en niet lang meer goed
+zou blijven. Dit werd als een onwederlegbaar bewijs aangevoerd voor
+de noodzakelijkheid om den oorlog onmiddellijk te verklaren: immers,
+men mocht er niet aan denken zooveel goed kruit te laten bederven! En
+dit argument gaf den doorslag. De zendelingen vertelden mij, dat bij
+Shongi--het opperhoofd dat Engeland bezocht--de zucht naar oorlog de
+eenige en bestendige drijfveer was van al zijne handelingen. De stam,
+waarvan hij het voornaamste hoofd was, werd eens door een anderen
+stam aan de Thames-rivier veelvuldig lastig gevallen. Alle mannen
+van Shongi's stam zwoeren daarop een duren eed, dat als hun knapen
+volwassen en krachtig genoeg zouden zijn, zij deze beleedigingen nimmer
+zouden vergeten noch vergeven. Het gestand doen van dien eed schijnt
+de hoofdreden te zijn geweest, waarom Shongi naar Engeland ging; en
+eenmaal hier, was het zijn eenig doel. Geschenken werden alléén op
+prijs gesteld, wanneer zij in wapenen konden worden omgezet; van de
+kunsten boezemden alleen zoodanige hem belang in, die op het maken
+van wapenen betrekking hadden. Te Sydney ontmoette Shongi door een
+zonderling toeval het vijandig opperhoofd van de Thames-rivier ten
+huize van den heer Marsden. Hunne houding over en weer was beleefd,
+maar Shongi vertelde hem, dat hij nooit zou ophouden zijn land te
+beoorlogen, als hij op Nieuw-Zeeland terug was. De uitdaging werd
+aangenomen, en na zijn terugkeer volvoerde Shongi zijne bedreiging
+tot de laatste letter. De stam aan de Thames-rivier werd geheel
+overhoop geworpen, en het hoofd zelf, tot wien de uitdaging gericht
+was, gedood. Hoewel Shongi zulke diepgewortelde gevoelens van haat
+en wraak koesterde, wordt hij beschreven als iemand, die eene goede
+inborst bezat.
+
+Des avonds ging ik met kapitein Fitz-Roy en een der zendelingen,
+den heer Baker, een bezoek brengen aan Kororadika. Wij wandelden het
+dorp door, en zagen en praten met verscheidene lieden, zoo mannen,
+vrouwen als kinderen. Den Nieuw-Zeelander ziende, vergelijkt men
+hem terecht met den Tahitiër, want beiden behooren tot dezelfde
+menschen-species. [335] De vergelijking valt echter zeer ten nadeele
+van den Nieuw-Zeelander uit. Deze moge al wat meer energie bezitten,
+in alle andere opzichten is zijne hoedanigheid van eene veel lagere
+orde. Een enkele blik op hunne gelaatsuitdrukking overtuigt ons,
+dat de een een wilde, de ander een beschaafd mensch is. Op geheel
+Nieuw-Zeeland zou men te vergeefs een man zoeken met het gelaat en
+voorkomen van het oude Tahitische stamhoofd Utamme. Ongetwijfeld
+geeft de buitengewone manier, waarop hier het tatoueeren geschiedt,
+eene ongewone uitdrukking aan hun gezicht. De samengestelde doch
+symmetrische figuren, die het geheele gezicht bedekken, verbijsteren en
+misleiden een ongeoefend oog, terwijl bovendien de diepe insnijdingen,
+door verstoring van het spel der peripherische spieren, waarschijnlijk
+eene uitdrukking van stroeve onbeweeglijkheid voortbrengen. Maar
+behalve dit, vertoont het oog eene flikkering, die niets anders
+dan list en wreedheid kan beteekenen. Hunne lichamen zijn groot en
+forsch, doch in fraaiheid van vormen niet te vergelijken bij die der
+arbeidersklassen op Tahiti.
+
+Zoowel zij zelven als hunne huizen zijn onzindelijk, vuil en walgelijk;
+het denkbeeld om lichaam of kleêren te wasschen schijnt nooit in hun
+hoofd op te komen. Ik zag een opperhoofd, die een hemd droeg, zwart
+van de korsten vuil, en die op mijne vraag hoe dit zoo morsig was,
+verwonderd antwoordde:
+
+"Ziet gij dan niet, dat het een oud hemd is?"
+
+Enkele mannen dragen hemden; maar de gewone kleeding bestaat uit
+een of twee groote wollen dekens, die meestal zwart zien van het
+vuil en op zeer ongemakkelijke, lompe manier over de schouders zijn
+geworpen. Enkele voorname hoofden hebben eene passende kleeding van
+Engelsche stoffen, die echter alleen bij hooge gelegenheden worden
+gedragen.
+
+[23 December.]
+
+Op eene plaats, genaamd Waimate, die omstreeks 15 mijlen van de
+Eilanden-Baai en halverwegen tusschen de oost- en westkusten ligt,
+hebben de zendelingen eenig land gekocht, met het doel dit te
+bebouwen. Het was daar dat ik een bezoek ging brengen bij den heer
+W. Williams, die mij op mijn verzoek hiertoe had uitgenoodigd en bij
+wien ik geïntroduceerd was. Bushby, de Britsche resident, bood aan
+mij in zijne boot mede te nemen door eene kreek, waar ik een fraaien
+waterval zou zien, en welke tevens mijne wandeling zou bekorten. Ook
+verschafte hij mij een gids. Op zijne vraag aan een naburig hoofd
+om mij een geschikt man aan te wijzen, bood het hoofd zich zelf aan;
+maar zoo groot was zijne onwetendheid omtrent de waarde van het geld,
+dat hij eerst vroeg hoeveel pond ik hem zou geven, en later met
+twee dollars tevreden was. Toen ik het hoofd een zeer klein pak liet
+zien, dat ik wilde laten dragen, moest hij met alle geweld een slaaf
+nemen. Deze trotsche neigingen beginnen nu te slijten; maar vroeger zou
+een hoofdpersoon liever zijn gestorven, dan de vernedering ondergaan
+ook zelfs den kleinsten last te dragen. Mijn metgezel, voorheen een
+groot krijgsoverste, was een vlug, bedrijvig man met een geheel
+getatoueerd gezicht en eene vuile deken tot kleeding. Hij scheen
+met Bushby op zeer goeden voet te staan, ofschoon zij dikwijls samen
+getwist hadden. Bushby deed mij de opmerking, dat op oogenblikken,
+als deze inboorlingen het meest snoeven, eene kleine dosis kalme
+spotternij hun menigmaal het zwijgen oplegt. Zoo was dit opperhoofd
+eens bij hem gekomen en had op snoevenden toon gezegd:
+
+"Een groot opperhoofd, een beroemd man en mijn vriend is bij mij op
+bezoek gekomen. Gij moet hem wat goeds te eten geven, fraaie geschenken
+aanbieden, enz..."
+
+Bushby had hem zijne redevoering laten uitspreken en toen op kalmen
+toon geantwoord:
+
+"Wat zou uw slaaf dan anders voor u doen?"
+
+Met een zeer grappig gebaar had de man toen zijne opsnijderij gestaakt.
+
+Eenigen tijd geleden had de heer Bushby een veel ernstiger aanval te
+doorstaan. Een opperhoofd poogde met zijn troep midden in den nacht in
+zijn huis te dringen; en toen dit niet zoo gemakkelijk ging, openden
+zij een levendig geweervuur. Bushby werd licht gewond; maar eindelijk
+moest de troep wijken. Kort daarna ontdekte men wie de aanvaller was,
+en had eene algemeene samenkomst der hoofden plaats om het geval te
+bespreken. De Nieuw-Zeelanders beschouwden het als zeer misdadig,
+op grond dat de aanval bij nacht was geschied en Bushby ziek te bed
+lag. Zeer tot hunne eer, gold deze laatste omstandigheid algemeen als
+reden om Bushby in bescherming te nemen. En zoo besloten de hoofden,
+het land van den aanvaller ten bate van den koning van Engeland
+verbeurd te verklaren. Deze krasse handelwijze, om een opperhoofd,
+een gelijke, zóó te vervolgen en te straffen, was echter geheel zonder
+voorbeeld. Bovendien verloor de aanvaller de aanspraak op de achting
+zijner gelijken; en dit werd door de Engelschen als van meer gewicht
+beschouwd dan de verbeurdverklaring van zijn land.
+
+Op het oogenblik dat de boot van wal stak, stapte er een tweede
+opperhoofd in, die alleen voor zijn pleizier de kreek eens op en neer
+wilde varen. Nooit zag ik een terugstootender en woester uitdrukking
+dan op het gezicht van dezen man. Onmiddellijk trof het mij, dat ik
+ergens zijn evenbeeld gezien had, en eindelijk herinnerde ik mij dat
+dit was op een der teekeningen van Retzsch bij Schiller's ballade
+"Fridolin", waar twee mannen Robert in het brandende open fornuis
+duwen. [336] Het woeste opperhoofd geleek op den man, die zijn arm
+op Robert's borst legt. De gelaatsuitdrukking sprak hier waarheid:
+dit opperhoofd was een bekend moordenaar geweest, en was een berucht
+lafaard bovendien. Op het punt, waar de boot landde, vergezelde Bushby
+mij een kort eind den weg op. Ik kon toen niet nalaten de koele
+onbeschaamdheid te bewonderen, waarmede de oude grijze booswicht,
+die in de boot bleef liggen, Bushby naschreeuwde:
+
+"Blijf niet te lang weg; het zou mij vervelen hier te moeten wachten."
+
+Wij begonnen nu onze wandeling. De weg liep langs een goed gebaand pad,
+aan weerszijden begroeid met het hooge varenkruid, dat het geheele land
+bedekt. Nadat wij eenige mijlen hadden geloopen, kwamen wij aan een
+landelijk dorpje, uit enkele hutten bestaande en omringd door eenige
+plekjes grond, waarop aardappelen waren gepoot. Het invoeren van den
+aardappel is voor het eiland van het wezenlijkste nut geweest, en hij
+wordt thans veel meer gegeten dan de inlandsche gewassen. Nieuw-Zeeland
+bezit een groot natuurlijk voorrecht, namelijk, dat de inwoners er
+nooit van honger zullen sterven. Het geheele land vloeit over van
+het meer genoemde varenkruid; en de wortels van deze plant, ofschoon
+niet smakelijk, bevatten toch veel voedsel. Een inboorling kan altijd
+hiervan leven, en heeft bovendien een overvloed van schaaldieren op
+elk gedeelte der zeekust. [337] De dorpen zijn voornamelijk kenbaar
+aan de platte vloeren of daken, welke op vier palen tien of twaalf
+voet hoog boven den grond zijn opgericht, en als veilige bewaarplaats
+voor de veldvoortbrengselen dienen.
+
+Dicht bij eene der hutten gekomen, zag ik tot mijn groot genoegen de
+eigenaardige plichtpleging van het wrijven, of, gelijk men het noemen
+moest, het drukken der neuzen in haar waren vorm. Terstond bij onze
+nadering begonnen de vrouwen iets met zeer klagende stem te prevelen,
+gingen toen op hare hurken zitten en hielden de gezichten op. Mijn
+metgezel ging achtereenvolgens voor ze staan, plaatste den kant van
+zijn neus rechthoekig op den haren en begon te drukken. Dit duurde niet
+langer dan een hartelijke handdruk bij ons; en evenals wij bij het
+handschudden de kracht van den druk veranderen, zoo doen ook zij met
+den neus. Gedurende het drukken uitten zij een zacht tevreden geknor,
+dat zeer veel overeenkwam met het geluid dat twee varkens maken, die
+hunne gezichten tegen elkander wrijven. Ik merkte op, dat de slaaf of
+mindere zijn neus drukte tegen elk dien hij ontmoette, onverschillig
+vóór of na zijn meester, het opperhoofd. Ofschoon bij deze wilden het
+hoofd volstrekte macht heeft over leven en dood, bestaat tusschen hen
+geen enkel spoor van plichtpleging. Burchell heeft hetzelfde opgemerkt
+bij de ruwe Bechuanen in Zuid-Afrika. Waar de beschaving een zekeren
+trap heeft bereikt, ontstaan weldra samengestelde wellevendheidsvormen
+tusschen de verschillende klassen der samenleving. Zoo waren, bijv.,
+op Tahiti alle inwoners verplicht zich in tegenwoordigheid des konings
+tot aan het midden te ontblooten.
+
+Toen de plichtpleging van het neusdrukken tusschen alle aanwezigen naar
+behooren was afgeloopen, gingen wij in een kring voor een der hutten
+zitten, en bleven daar een half uur. Alle hutten hebben nagenoeg
+dezelfde vorm en afmetingen, en komen in vuilheid en onreinheid
+met elkander overeen. Zij gelijken op een koestal, waarvan het eene
+einde open is, maar hebben dicht bij den ingang een tusschenmuur met
+een vierkant gat er in, dat toegang geeft tot eene kleine donkere
+kamer. In deze kamer bergen de bewoners al hun eigendom, en bij koud
+weder slapen zij er in; maar zij eten en brengen hun tijd door in het
+open voorgedeelte. Toen mijne gidsen hunne pijpen uitgerookt hadden,
+vervolgden wij onze wandeling. Het pad leidde door dezelfde golvende
+landstreek, die weer overal met varenkruid bedekt was. Aan onze
+rechterhand vloeide eene kronkelende rivier, waarvan de oevers met
+boomen waren beplant; en hier en daar op de heuvels vertoonde zich
+eene strook bosch. In weerwil van de groene kleur, had het geheele
+landschap een eenigszins mistroostigen aanblik. Het gezicht van zooveel
+varenkruid maakte onwillekeurig den indruk van onvruchtbaarheid,
+hetgeen echter niet juist is: want waar het varenkruid zoo dicht
+en hoog groeit (het reikt tot aan de borst), wordt het land door
+akkerbouw vruchtbaar. Sommige bewoners denken, dat dit uitgestrekte,
+open land vroeger geheel met wouden bedekt was, die later door vuur
+zijn verwoest. Naar men zegt, worden bij gravingen op de kaalste
+plekken dikwijls stukken hars gevonden, welke uit den kauri-pijnboom
+(Agathis australis) vloeit. [338] De inboorlingen hadden blijkbaar
+gegronde reden om het land te ontbosschen, want het varenkruid
+(Pteris esculenta), dat vroeger het voornaamste voedingsmiddel was,
+bloeit alleen in de open, boschvrije gedeelten. [339] De bijna totale
+afwezigheid van gemengde grassoorten--zulk een merkwaardig kenmerk
+in de flora van dit eiland--laat zich wellicht hierdoor verklaren,
+dat het land voorheen met woudboomen bedekt is geweest.
+
+De grond is vulkanisch; op verscheidene plaatsen gingen wij over
+slakkenvormige lava's, en op vele naburige bergen kon men duidelijk
+kraters onderscheiden. Ofschoon het landschap nergens schoon, en
+alleen nu en dan aardig is, genoot ik van mijne wandeling en zou dit
+nog meer gedaan hebben, indien mijn metgezel, het opperhoofd, niet zoo
+bijzonder spraakzaam was geweest. Ik kende slechts drie woorden van
+zijne taal: "goed", "slecht" en "ja"; en daarmede beantwoordde ik al
+zijne opmerkingen, zonder natuurlijk een enkel woord te verstaan van
+wat hij zeide. Maar dit was voldoende: ik was een goed "toehoorder",
+een "aangenaam" persoon, en daarom hield hij niet op met praten.
+
+Eindelijk bereikten wij Waimate. Na zooveel mijlen door een onbewoond
+en onnut land te zijn getrokken, was de plotselinge verschijning
+van eene Engelsche boerderij met hare goed bebouwde velden, die
+daar als door toovenaarshand geplaatst was, eene uiterst aangename
+verrassing. Daar de heer Williams niet thuis was, heette Davies mij in
+zijne woning hartelijk welkom; en nadat ik hier met zijn gezin had thee
+gedronken, deden wij eene wandeling om de boerderij. In Waimate zijn
+drie groote huizen, waarin de zendelingen Williams, Davies en Clarke
+wonen; en dicht daarbij staan de hutten der inlandsche arbeiders. Op
+eene naburige helling stonden talrijke gerste- en tarwearen in vollen
+bloei, en op een ander veld zag men aardappelen en klaver. Maar, al
+wat ik zag, te beschrijven, is onmogelijk. Er waren groote moestuinen,
+waarin alle vruchten en groenten, die Engeland zelf voortbrengt, en
+bovendien vele uit een warmer klimaat. Ik noem slechts: asperges,
+witte boonen, komkommers, rhabarber, appelen, peren, vijgen,
+perziken, abrikozen, druiven, olijven, kruisbessen, aalbessen, hop,
+brem voor palissadeeringen, en Engelsche eiken; ook zag ik vele soorten
+bloemen. Rondom de boerderij waren vele stallen, eene dorschschuur met
+haar wantoestel, eene grofsmederij, en op den grond ploegscharen met
+ander gereedschap. Te midden van dit alles heerschte dat landelijke
+gezelschapsleven van varkens en kippen, die genoeglijk bij elkander
+lagen, evenals op elke boerderij in Engeland. Op eene afstand van een
+paar honderd yards, ter plaatse waar het water van een beekje in een
+vijver was afgedamd, stond een groote heusche watermolen.
+
+Dit alles is zeer verrassend, zoo men bedenkt, dat hier vijf jaren
+geleden niets anders dan varenkruid groeide. En wat meer zegt: al deze
+verandering is geschied door inlandsche werklieden, door zendelingen
+in de kunst onderwezen; de les van den zendeling is hier de staf van
+den toovenaar. De huizen zijn gebouwd, de vensters ingezet, de velden
+beploegd en zelfs de boomen geënt... door Nieuw-Zeelanders. Bij
+den molen zagen wij een Nieuw-Zeelander, wit gepoederd met meel,
+evenals zijn vakbroeder in Engeland. Toen ik dit geheele tooneel
+aanschouwde, bewonderde ik het in gedachte. Die bewondering sproot
+niet zoozeer voort uit het feit, dat alles mij levendig aan Engeland
+herinnerde--want toen de avond daalde, deden ook de huiselijke
+geluiden, de wuivende korenvelden, en het golvende land met zijn
+geboomte in de verte, onwillekeurig aan het vaderland denken: ook
+niet uit het zegevierende bewustzijn, nu ik zag wat Engelschen tot
+stand konden brengen--maar veeleer uit de hooge verwachtingen, die
+mij vervulden in den toekomstigen voorspoed van dit belangrijke eiland.
+
+Verscheidene jonge mannen, die door de zendelingen uit de slavernij
+waren afgekocht, werkten op de boerderij. Zij waren gekleed in
+hemd, buis en broek, en zagen er fatsoenlijk uit. Te oordeelen
+naar eene onbeduidende anecdote, die ik even wil vertellen, zou ik
+hen voor eerlijke lieden houden. Op onze wandeling door de velden
+kwam een jonge inlander naar Davies toe, en gaf hem een mes en
+eene zwikboor, zeggende dat hij deze op den weg gevonden had, en
+niet wist aan wien zij toebehoorden. Deze jonge mannen en knapen
+schenen zeer vroolijk en opgeruimd. Des avonds zag ik een troepje
+van hen cricket spelen; toen ik daarbij dacht aan den stuggen ernst,
+waarvan de zendelingen beschuldigd worden, deed het mij genoegen te
+zien, dat een hunner eigen zoons lustig aan het spel deelnam. Een
+meer bepaalde en aangename verandering vertoonden de jonge vrouwen,
+die als dienstboden binnenshuis werkten. Door haar helder, net en
+gezond uiterlijk, evenals van de melkmeisjes in Engeland, vormden
+zij eene gunstige tegenstelling met de vrouwen uit de morsige hutten
+in Kororadika. De vrouwen der zendelingen hadden getracht haar van
+het tatoueeren af te brengen; maar toen op zekeren dag een vermaard
+"snijmeester" uit het zuiden kwam, zeiden de meisjes:
+
+"Wij moesten toch eigenlijk een paar strepen op de lippen hebben;
+want anders zullen onze lippen rimpelen als wij oud worden, en zullen
+wij zoo erg leelijk worden."
+
+Wel geschiedt het tatoueeren niet meer zoo druk als vroeger; maar wijl
+het een kenteeken is ter onderscheiding van hoofd en slaaf, zal het
+waarschijnlijk lang in gebruik blijven. Hoezeer een gedachtensleur
+gewoonte kan worden, bleek uit de verklaring der zendelingen, dat
+zelfs in hunne oogen een glad gezicht alledaagsch scheen, en niet
+zoo fraai als dat van een Nieuw-Zeelandschen gentleman.
+
+Laat in den avond ging ik naar het huis van Williams, waar ik
+overnachtte. Ik vond er een groot gezelschap kinderen, die voor
+den Kerstdag waren bijeengekomen en nu allen aan eene tafel zaten
+thee te drinken. Nooit zag ik een aardiger, opgeruimder troepje;
+en dan te denken, dat dit midden in het land van kannibalisme, moord
+en alle gruwelijke misdaden was! De hartelijkheid en het geluk, die
+zoo duidelijk op de gezichten van het kleine volkje te lezen stonden,
+schenen ook door de oudere personen der zending gevoeld te worden.
+
+[24 December.]
+
+Des morgens werden aan de geheele familie gebeden voorgelezen in de
+landstaal, en na het ontbijt deed ik eene rondwandeling door de tuinen
+en de boerderij. Het was een marktdag, als wanneer de inboorlingen der
+omliggende gehuchten hunne aardappelen, maïs of varkens komen inruilen
+tegen dekens, tabak en somtijds zeep, als de zendelingen hen daartoe
+kunnen overreden. De oudste zoon van Davies, die eene eigen boerderij
+bezit, is de zakenman op de markt. De kinderen der zendelingen, die
+jong op het eiland kwamen, verstaan de taal beter dan hunne ouders,
+en kunnen gemakkelijker iets van de inlanders gedaan krijgen.
+
+Kort vóór den middag wandelden de heeren Williams en Davies met
+mij naar een gedeelte van het naburige woud, om mij den vermaarden
+Kauri-pijnboom te laten zien. Ik mat een dier prachtige boomen en vond,
+dat hij een omtrek had van 31 voet boven de wortels. Dichtbij was een
+andere, dien ik niet zag, van 33 voet; en men vertelde mij van een,
+die niet minder dan 40 voet in omtrek was. Deze boomen zijn vermaard
+om hunne gladde cylindervormige stammen, die eene hoogte bereiken
+van zestig, en zelfs negentig voet met bijna dezelfde middellijn
+en zonder een enkelen tak. De kroon van takken aan hun top staat in
+geen enkele verhouding tot den stam, en ook de bladeren zijn klein in
+vergelijking met de takken. Het woud bestaat hier bijna geheel uit
+kauri's, waarvan de hoogste boomen met hunne evenwijdige zijden als
+reusachtige houten zuilen voor den toeschouwer oprijzen. Het hout van
+den kauri is het kostbaarste voortbrengsel van het eiland; ook zijpelt
+er eene hoeveelheid hars uit den stam, die, voordat het gebruik er
+van bekend was, tegen eene penny het pond verkocht werd. [340] Enkele
+wouden op Nieuw-Zeeland moeten bijna geheel ondoordringbaar zijn. De
+heer Matthews vertelde mij, dat een woud van slechts 34 mijlen in
+doorsnede, hetwelk twee bewoonde districten scheidde, eerst onlangs
+voor de eerste maal was doorgetrokken. Hij en een andere zendeling,
+ieder met een troep van omstreeks 50 man, poogden een weg te banen;
+maar dit kostte hun meer dan 14 dagen werk! In de bosschen zag ik zeer
+weinig vogels. Wat dieren betreft, is het een hoogst merkwaardig feit,
+dat zulk een groot eiland--meer dan 700 mijlen lang en op vele plaatsen
+90 mijlen breed [341]--met afwisselende gronden, een fraai klimaat,
+en land van allerlei hoogten tot 14000 voet, geen enkel inheemsch
+dier bezit, met uitzondering van eene kleine rat. De verschillende
+soorten van het reusachtige vogelgeslacht Dinornis schijnen hier
+de viervoetige zoogdieren te hebben vervangen, evenals nog heden de
+kruipende dieren op de Galápagos-Eilanden. Men zegt, dat de gewone
+Noorweegsche rat de Nieuw-Zeelandsche soort in den korten tijd van
+twee jaren op het noordelijk einde van het eiland heeft uitgeroeid. Op
+vele plaatsen bemerkte ik verscheidene soorten onkruid, die ik evenals
+de ratten als mijn landgenooten moest erkennen; en aan een Fransch
+schip komt de eer toe eene prei te hebben ingevoerd, die zich over
+geheele districten heeft verspreid, en ongetwijfeld zeer lastig zal
+blijken. Ook de gewone zuring (Rumex acetosa) is hier wijd en zijd
+verspreid en zal, naar ik vrees, altijd ten bewijze strekken van de
+schelmerij door een Engelschman gepleegd, die de zaden er van verkocht
+voor die van de tabaksplant.
+
+Van onze aangename wandeling in het huis teruggekeerd, at ik bij
+den heer Williams, die mij vervolgens een paard leende om naar de
+Eilanden-Baai terug te keeren. Met dankbaarheid voor de hartelijke
+ontvangst en met gevoelens van eerbied voor hunne beschaafde,
+nuttige en rechtschapen persoonlijkheden, nam ik van de zendelingen
+afscheid. Ik geloof, dat men moeilijk een corps mannen zou vinden, die
+beter dan zij voor de hooge roeping geschikt zijn, welke zij nastreven.
+
+[Kerstdag.]
+
+Nog enkele dagen, en het vierde jaar van onze afwezigheid uit Engeland
+zal verstreken zijn. Onzen Eersten Kerstdag brachten wij door in
+Plymouth; den tweeden in de St.-Maartens-Kreek bij Kaap Hoorn; den
+derden te Port Desiré in Patagonië; den vierden voor anker in eene
+afgelegen haven van het schiereiland Tres Montes; den vijfden hier;
+en zoo de Voorzienigheid wil, zal de volgende in Engeland zijn. Wij
+woonden eene godsdienstoefening bij in de kapel van Pahia, waar de
+dienst gedeeltelijk in het Engelsch en gedeeltelijk in de landstaal
+gehouden werd. Zoolang wij op Nieuw-Zeeland waren, hoorden wij van
+geen nieuwe daden van kannibalisme. Wel vond Stoke op een eilandje bij
+de ankerplaats verbrande menschenbeenderen om een vuurhaard verspreid
+liggen; maar mogelijk lagen deze overblijfselen van een smakelijken
+maaltijd er reeds verscheidene jaren. Het is waarschijnlijk, dat de
+zedelijke geaardheid van het volk snel verbeteren zal. Bushby vertelde
+eene aardige anecdote als staaltje van oprechtheid van althans enkele
+personen, die het christendom belijden. Een zijner jongelieden, die
+gewoon was aan de andere bedienden gebeden voor te lezen, verliet
+hem. Toen hij eenige weken daarna des avonds laat langs een bijgebouw
+ging, zag en hoorde hij een van zijne lieden den anderen, bij het
+licht van het haardvuur, met moeite uit den bijbel voorlezen. Daarna
+knielden zij en baden: en in hun gebed noemden zij de namen van Bushby,
+zijn gezin en van de zendelingen, elk in zijn eigen district.
+
+[26 December.]
+
+Bushby deed Sulivan en mij het aanbod om in zijne boot eenige mijlen
+de rivier op te varen in de richting naar Cawa-Cawa, en stelde daarna
+eene wandeling voor naar het dorp Waiomio, waar eenige belangrijke
+rotsen zijn. Wij volgden een der armen van de baai en hadden nu een
+aangenamen roeitocht te midden van aardige landschappen, totdat wij
+in een dorp kwamen, waar de boot niet verder kon. Hier boden een
+opperhoofd en zijne mannen vrijwillig aan met ons naar Waiomio te
+wandelen, een afstand van vier mijlen. Dit opperhoofd was destijds
+eenigszins berucht, doordien hij onlangs een zijner vrouwen en een
+slaaf wegens overspel had opgehangen. Toen een der zendelingen hem
+daarover ernstig onderhield, scheen hij zeer verwonderd en zeide,
+dat hij dacht stipt de Engelsche methode te volgen. De oude Shongi,
+die in Engeland bij het verhoor der Koningin aanwezig was, sprak
+zijne diepe afkeuring uit over het geheele proces; hij zeide, dat hij
+vijf vrouwen had en haar liever allen het hoofd zou laten afslaan
+dan zich om ééne zoozeer te kwellen. Dit dorp verlatende, staken
+wij over naar een ander, dat op korten afstand op een heuvelhelling
+lag. Vijf dagen te voren was de dochter van een opperhoofd gestorven,
+die nog heiden was. De hut, waarin zij stierf, was tot den grond
+toe verbrand en door eene schutting omgeven, waarop hunne houten
+afgodsbeelden stonden. Het geheel was vuurrood geverfd, opdat het van
+verre zichtbaar zou zijn. Hare japon was aan de doodkist bevestigd,
+en het afgesneden haar lag aan hare voeten. De bloedverwanten hadden
+zich het vleesch van de armen, lichamen en aangezichten gescheurd,
+zoodat zij met geronnen bloed bedekt waren; maar de oude vrouwen zagen
+er het vuilst en het walgelijkst uit. Den volgenden dag bezochten
+eenige officieren deze plek, en vonden de vrouwen nog huilend en
+bezig hare lichamen stuk te rijten.
+
+Wij vervolgden onze wandeling en bereikten weldra Waiomio. Hier
+staan eenige zonderlinge rotsen van kalksteen, die op ruïnen van
+kasteelen gelijken. Deze rotsen hebben langen tijd tot begraafplaatsen
+gediend, en worden bijgevolg als te heilig beschouwd om ze te mogen
+naderen. Toch riep een der jonge mannen tot de anderen: "Wie heeft
+den moed om meê te gaan?" en snelde vooruit; maar op nog geen honderd
+yards van de rotsen gekomen, dacht de geheele troep er anders over en
+bleef staan, ofschoon men ons met volkomen onverschilligheid toestond
+de geheele plek in oogenschouw te nemen. In het dorp rustten wij
+eenige uren uit, welke tijd besteed werd aan een lang onderhoud met
+Bushby over het recht van verkoop van sommige landen. Een oud man,
+die een volleerd geslachtkundige scheen, duidde de achtereenvolgende
+bezitters aan door stukjes takken in den grond te steken. Voordat wij
+de huizen verlieten werd aan elk van ons gezelschap een mandjevol
+gebakken aardappelen uitgereikt, en volgens gebruik namen wij die
+mede om onderweg op te eten. Onder de vrouwen, die bezig waren met
+koken, merkte ik ook een mannelijken slaaf op. In een oorlogzuchtig
+land, als dit, moet het voor een man iets vernederends zijn werk
+te doen, dat als het laagste vrouwenwerk wordt beschouwd. Dat men
+slaven niet ten oorlog laat gaan, daarin heeft men misschien niet
+geheel en al ongelijk. Ik hoorde vertellen van een armen drommel,
+die tijdens de vijandelijkheden naar de tegenpartij overliep. Hier
+werd hij onmiddellijk door twee mannen gegrepen; maar wijl zij het
+niet eens konden worden aan wien hij zou toebehooren, stond elk met
+een bijl boven zijn hoofd gereed, vast besloten, dat de ander hem ten
+minste niet levend kon meênemen. Alleen door het beleid van de vrouw
+van een opperhoofd werd de arme man, die bijna dood was van schrik,
+gered. Daarna hadden wij eene aangename wandeling naar de boot terug,
+doch bereikten het schip niet voor des avonds laat.
+
+[30 December.]
+
+Des namiddags stevenden wij de Eilanden-Baai uit en zetten koers
+naar Sydney. Ik geloof, dat wij allen blijde waren Nieuw-Zeeland
+te verlaten. Het is geen aangenaam oord. Onder de inboorlingen mist
+men dien beminnelijken eenvoud, welken men op Tahiti vindt, en het
+meerendeel der Engelschen is het uitschot der maatschappij. Ook is
+het land zelf niet aantrekkelijk. Slechts op eene enkele schoone
+plek zie ik met dankbaarheid terug, en dat is Waimate met zijne
+christelijke bewoners.
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XIX.
+
+AUSTRALIË.
+
+
+[12 Januari 1836.]
+
+Vroeg in den morgen voerde een zwakke wind ons naar den ingang van
+Port Jackson. In plaats van een groenend land te zien, met hier en
+daar eenige fraaie huizen, vertoonde zich slechts eene rechte lijn
+van geelachtige klippen, die ons de kusten van Patagonië voor den
+geest riepen. Alleen een eenzame, wit-steenen vuurtoren zeide ons,
+dat wij in de nabijheid eener groote volkrijke stad waren. Is men de
+haven binnengegaan, dan heeft deze met hare klipvormige oevers van
+gelaagden zandsteen een fraai en ruim aanzien. Het bijna vlakke land
+is met dunne, armzalige boomen bedekt, die getuigen van den vloek
+der onvruchtbaarheid. Verder het land ingaande, verbetert dit en ziet
+men mooie buitenplaatsen en nette boerderijen hier en daar langs het
+strand verspreid. In de verte wezen steenen huizen van twee en drie
+verdiepingen, en een aantal windmolens aan den rand van een dijk ons
+op de nabijheid der hoofdstad van Australië.
+
+Eindelijk ankerden wij in Sydney-Cove, waar wij het kleine dok gevuld
+zagen met vele groote schepen, en omringd door pakhuizen. Des avonds
+wandelde ik door de stad en keerde vol bewondering over wat ik zag,
+terug. Alles legt een schitterend getuigenis af van de macht der
+Britsche natie. Hier, in een weinig belovend land, hebben eenige
+twintigtallen van jaren heel wat meer uitgericht dan evenveel eeuwen
+in Zuid-Amerika. Het eerste gevoel, dat in mij opwelde, was mij geluk
+te wenschen dat ik Engelschman van geboorte was. Toen ik later meer
+van de stad zag, daalde mijne bewondering misschien wel eenigszins;
+maar toch is zij mooi. De straten zijn regelmatig, breed, zindelijk en
+worden uitstekend onderhouden; de huizen hebben eene flinke grootte,
+en de winkels zijn wel voorzien. Men kan haar gerust vergelijken
+met de groote voorsteden van Londen en enkele andere hoofdplaatsen in
+Engeland; maar zelfs bij Londen of Birmingham ziet men zulk eene snelle
+uitbreiding niet. Het aantal groote huizen en andere gebouwen, die
+juist voltooid waren, was inderdaad verwonderlijk; niettemin klaagde
+elk over de hooge huren en de moeite om een huis te koopen. Daar ik
+uit Zuid-Amerika kwam, waar elk, die eigendom heeft, in de steden
+bekend is, verwonderde niets mij zoozeer, als dat ik niet dadelijk
+kon te weten komen wie eigenaar was van dit of dat voertuig.
+
+Ik huurde een man en twee paarden om mij naar het dorp Bathurst
+te brengen, dat omstreeks 120 mijlen in het binnenland ligt en het
+middelpunt is van een groot landelijk district. Op deze wijze hoopte
+ik een algemeen idee te krijgen van het voorkomen der streek. Op den
+morgen van 16 Januari ving ik mijn tocht aan. De eerste rit bracht
+ons naar Paramatta--een landstadje, dat in beteekenis op Sydney
+volgt. De wegen, volgens het stelsel van Mac Adam [342] aangelegd,
+waartoe de noodige basaltsteen van vele mijlen ver was aangevoerd,
+waren uitmuntend. In alle opzichten was er nauwe overeenstemming
+met Engeland, behalve misschien in de bierhuizen, die hier talrijker
+waren. De ijzeren benden (troepen misdadigers, die hier het een of
+ander misdrijf hebben gepleegd) herinnerden het minst aan Engelsche
+toestanden; zij werkten met ketens aan het lichaam, onder toezicht
+van schildwachten met geladen geweren. De macht, die het gouvernement
+bezit om door gedwongen arbeid in korten tijd goede wegen door het
+land te banen is, geloof ik, een der hoofdoorzaken van den snellen
+voorspoed dezer kolonie. Ik sliep dien nacht in eene zeer geriefelijke
+herberg te Emuferry, 35 mijlen van Sydney en dicht bij den voet der
+Blauwe Bergen. Deze reisweg wordt het drukst bezocht en is het langst
+van alle in de kolonie bewoond. Al het land is afgesloten met hoog
+rasterwerk, wat een gevolg is van de omstandigheid, dat de pachters
+geen heggen hebben kunnen aanleggen. Rondom liggen vele flinke huizen
+en goede boerderijen verspreid; maar hoewel groote stukken land onder
+cultuur zijn, verkeert het grootste deel nog in den staat waarin het
+ontdekt werd.
+
+De buitengewone gelijkvormigheid der flora is het merkwaardigste
+kenmerk van het landschap in het grootste gedeelte van
+Nieuw-Zuid-Wallis. Overal vinden wij open boschland, en is de grond
+ten deele bedekt met zeer dun gras, dat weinig groen vertoont. De
+boomen behooren bijna alle tot ééne familie en kenmerken zich
+hierdoor, dat hunne bladeren meerendeels in een verticalen, in
+plaats van in een bijna horizontalen stand geplaatst zijn, zooals
+in Europa. Het loof is schraal met eene eigenaardige bleekgroene
+tint, zonder eenigen glans, ten gevolge waarvan de bosschen licht en
+zonder schaduw zijn. Ofschoon dit onder de brandende zonnestralen een
+ongerief is voor wie deze streken bereizen, is het van belang voor
+den pachter, daar nu gras kan groeien waar dit anders niet kan. De
+bladeren vallen niet periodiek af--een kenmerk, dat aan het geheele
+zuidelijk halfrond, namelijk Zuid-Amerika, Australië en de Kaap de
+Goede Hoop gemeen schijnt. De bewoners van dit halfrond missen dus
+een zeer prachtig, hoewel in onze oogen gewoon natuurverschijnsel:
+de eerste volle bladontplooiing van den bladerloozen boom. Zij kunnen
+ons antwoorden, dat wij dit genot duur betalen nadat het land zooveel
+maanden lang met naakte geraamten is bedekt geweest. Ook dit is
+waar; maar onze zintuigen krijgen zoodoende een prikkelend, opwekkend
+verlangen naar het verrukkelijke lentegroen, dat de oogen van hen die
+in de keerkringen leven en zich het jaar lang aan de schitterende,
+kleurenrijke voortbrengselen dezer gloeiende gewesten verzadigen,
+nooit kunnen smaken. Met uitzondering van eenige blauwe-gomboomen
+(Eucalyptus globubus) bereiken de meeste boomen geen aanzienlijke
+grootte; maar zij zijn lang, vrij recht en staan goed gescheiden. De
+schors van eenige Eucalypti valt jaarlijks af, of hangt in lange doode
+reepen, die in den wind heen en weer slingeren, en aan de bosschen een
+doodsch en slordig aanzien geven. Ik kan mij in alle opzichten geen
+grootere tegenstelling denken, dan tusschen de wouden van Valdivia
+of Chiloë, en de bosschen van Australië.
+
+Bij zonsondergang ging een troep van een twintigtal zwarte inboorlingen
+voorbij, die allen op hunne gewone manier een bundel speren of
+andere wapenen droegen. Door een jongen aanvoerder een shilling
+te geven, kon ik hen gemakkelijk laten stilstaan, en wierpen zij
+hunne speren om mij te vermaken. Allen waren gedeeltelijk gekleed,
+en verscheidenen konden wat Engelsch spreken. Hun uiterlijk was
+opgeruimd en aangenaam, en zij schenen op verre na niet zulke geheel
+verbasterde wezens, als doorgaans wordt voorgesteld. In hunne eigen
+kunsten zijn zij te bewonderen. Eene muts, welke op 30 yards afstand
+was opgehangen, doorboorden zij met eene speer, die door den werpstok
+werd weggeslingerd met de snelheid waarmede een geoefend schutter een
+pijl uit zijn boog drijft. De wonderlijkste schranderheid leggen zij
+aan den dag wanneer zij het spoor van menschen of dieren zoeken, en
+ik hoorde verscheidene opmerkingen van hen vertellen, die blijk gaven
+van ongewone scherpzinnigheid. Maar den grond ontginnen, of huizen
+bouwen en gezeten lieden worden, willen zij niet; zelfs willen zij
+zich de moeite niet geven eene kudde schapen te hoeden, die aan hunne
+zorg is toevertrouwd. Over het geheel schijnen zij mij maar enkele
+sporten hooger op de beschavingsladder te staan dan de Vuurlanders.
+
+Het is zeer zonderling, zoo te midden van een beschaafd volk een
+troep onschadelijke wilden te zien rondloopen, die niet weten waar
+zij des nachts zullen slapen, en hun kost verdienen met jagen in de
+bosschen. Naarmate de blanken voortdrongen, hebben zij zich over het
+land verspreid, dat aan verschillende stammen toebehoorde; en ofschoon
+deze zoodoende allen door eenzelfde volk werden ingesloten, hebben
+zij hunne oude gewoonte om soms elkander te beoorlogen, behouden. In
+een gevecht, dat onlangs plaats had, kozen beide partijen--zeer
+zonderling--het midden van het dorp Bathurst tot slagveld. Dit had
+voor de verslagene partij het voordeel, dat de weggeloopen krijgslieden
+een toevlucht zochten in de hutten.
+
+Het getal inboorlingen neemt snel af. Op mijn geheelen rit zag ik,
+behalve een paar jongens die door Engelschen werden opgebracht,
+nog slechts één enkelen troep. Zonder twijfel moet deze afname
+gedeeltelijk worden toegeschreven aan den invoer van spiritualiën,
+aan Europeesche ziekten (waarvan zelfs de meer goedaardige, zooals
+mazelen, zeer verderfelijk blijken), [343] en aan het trapsgewijze
+uitsterven van wild. Men zegt, dat een aantal van hunne kinderen op
+zeer jongen leeftijd aan de gevolgen van hun zwervend leven bezwijken;
+en daar de moeite om aan voedsel te komen grooter wordt, moeten ook
+hunne zwervende gewoonten toenemen. Zonder openlijk den hongerdood
+te sterven, wordt hier de bevolking dus op bijzonder snelle wijze
+ondermijnd, vergeleken met wat in beschaafde landen gebeurt, waar
+de vader, ofschoon door overmatigen arbeid zich zelf benadeelende,
+zijn nakroost niet uitroeit.
+
+Behalve deze vele zichtbare oorzaken van ondergang, schijnt er in
+'t algemeen eene meer geheimzinnige kracht in 't spel te zijn. Waar
+de Europeaan zijne schreden zet, schijnt de dood den inboorling
+te vervolgen. Hetzij wij het oog wenden naar de wijde vlakten van
+Noord- en Zuid-Amerika, naar Polynesië, de Kaap de Goede Hoop of naar
+Australië, overal vinden wij denzelfden uitslag. En het is niet alleen
+de blanke, die dus als verdelger optreedt: de Polynesiër van Maleischen
+oorsprong heeft in sommige gedeelten van den Oostindischen Archipel
+evenzoo den donkerkleurigen inboorling voor zich uitgedreven. De
+menschenrassen schijnen op elkander te werken in gelijken zin als
+velerlei diersoorten, nl. zoo, dat het sterkere steeds het zwakkere
+uitroeit. Het was treurig, toen wij op Nieuw-Zeeland de fiere,
+kloeke inboorlingen hoorden zeggen, dat zij wel wisten dat hun land
+gedoemd was aan hunne kinderen te ontvallen. [344] Ieder heeft gehoord
+van de onverklaarbare vermindering der bevolking op het schoone en
+gezonde eiland Tahiti sedert den tijd van Cook's reizen, hoewel wij
+in dit geval hadden mogen verwachten, dat zij zou zijn toegenomen:
+want kindermoord, die hier vroeger in zoo buitengewone mate woedde,
+heeft opgehouden: losbandigheid is afgenomen, en de moordende oorlogen
+zijn nu minder talrijk.
+
+--De Eerw. I. Williams zegt in zijn belangwekkend werk, [345] dat het
+eerste verkeer tusschen inboorlingen en Europeanen "steeds vergezeld
+gaat van het uitbreken van koortsen, rooden loop of eene andere ziekte,
+die tal van menschen wegsleept." Verder zegt hij: "Het is inderdaad
+een feit, hetwelk niet betwist kan worden, dat de meeste ziekten, die
+gedurende mijn verblijf op de eilanden gewoed hebben, door schepen
+daar zijn ingevoerd; [346] en wat dit feit merkwaardig maakt is,
+dat onder de bemanning van het schip, hetwelk deze verderfelijke
+lading binnenbracht, geen spoor van ziekte bekend was." Dit verhaal
+is niet zoo heel buitengewoon als op het eerste gehoor wel lijkt;
+want verscheidene gevallen zijn bekend dat de boosaardigste koortsen
+zijn uitgebroken, hoewel de personen, die er de oorzaak van waren,
+onaangetast bleven. In de eerste regeeringsjaren van George III
+(1738-1820) werd een gevangene, die in een kerker opgesloten was,
+door vier konstabels in een rijtuig voor den magistraat gebracht;
+en ofschoon de man zelf niet ziek was, stierven de vier konstabels
+aan eene soort van rotkoorts, maar zonder dat de besmetting zich
+aan anderen meedeelde. Uit deze feiten zou men bijna afleiden, dat
+de dampen die door sommige personen eenigen tijd worden uitgestraald,
+voor anderen na inademing giftig zijn: en dit wellicht nog meer, als de
+personen tot verschillend ras behooren. Hoe geheimzinnig dit geval ook
+schijne, is het toch niet wonderlijker dan het feit, dat het lichaam
+van een mensch, onmiddellijk na den dood en voordat het bederf is
+ingetreden, dikwijls zulke giftige of doodelijke eigenschappen bezit,
+dat de prik alleen met een instrument hetwelk bij de opening van het
+lijk gebruikt is, noodlottig blijkt.
+
+[17 Januari.]
+
+Vroeg in den morgen staken wij in eene veerboot over de
+Nepean. Ofschoon de rivier op deze plek breed en diep was, bevatte
+zij een zeer klein volume stroomend water. Aan de overzijde trokken
+wij door een laag stuk land en bereikten toen de helling der Blauwe
+Bergen. De beklimming daarvan is niet moeilijk, doordien de weg met
+veel zorg in de glooiing van eene zandsteenklip is uitgehouwen. Op
+den top strekt zich eene bijna effen vlakte uit, die naar het westen
+onmerkbaar stijgt en eindelijk eene hoogte bereikt van meer dan 3000
+voet. Zulk een wijdsche titel als "Blauwe Bergen", alsmede hunne
+werkelijke hoogte deden mij verwachten eene kloeke bergketen te zullen
+zien, welke het land doorsneed; maar in plaats hiervan--slechts eene
+hellende vlakte, die een onaanzienlijk front vormt bij het laagland aan
+de kust. Van deze eerste glooiing was het gezicht op het uitgestrekte
+boschland in het oosten verrassend, en de rondom staande boomen waren
+kloek en rijzig. Doch is men eenmaal op het zandsteenen bergvlak,
+dan wordt het landschap uiterst eentonig; elke kant van den weg is
+met schrale boomen der nooit ontbrekende Eucalyptus-familie begroeid,
+en met uitzondering van twee of drie kleine herbergen, zijn er geen
+huizen of ontgonnen landerijen. Daarenboven is de weg eenzaam; wat
+men nog het meest ziet, zijn ossewagens, volgeladen met balen wol.
+
+Op het midden van den dag voederden en drenkten wij onze paarden in
+eene kleine herberg, The Weatherboard (De Loefzijde) genaamd. Het
+land ligt hier 2800 voet boven de zee. Ongeveer anderhalve
+mijl van deze plek heeft men een panorama, dat wel een kijk
+waard is. Eene kleine vallei volgende, waardoor een nietig beekje
+stroomt, ontwaart men plotseling tusschen het geboomte, dat den weg
+begrenst, een onafzienbaren afgrond met eene diepte van misschien
+1500 voet. Enkele schreden voortgaande, staat men aan den rand
+eener geweldige steilte en ziet aan zijne voeten een uitgestrekten
+landboezem of baai (want anders weet ik het niet te noemen), die
+dicht met wouden bedekt is. Het oogpunt ligt als het ware aan den
+top der baai, en rechts en links breidt zich eene klipreeks uit met
+achtereenvolgende landtongen, evenals aan eene steile zeekust. Deze
+klippen bestaan uit horizontale lagen van witachtigen zandsteen, en
+zijn zoo volkomen loodrecht, dat men op vele plaatsen een steen, die
+van den rand naar omlaag wordt geworpen, op de boomen in den afgrond
+aan zijne voeten kan zien vallen. De klipreeks is zoo onafgebroken,
+dat men (volgens zeggen) zestien mijlen om moet loopen, om den voet
+van den waterval te bereiken, die door het bovengenoemde beekje
+gevormd wordt. Omstreeks vijf mijlen ver tegenover ons liep eene
+andere klipreeks, die de vallei dus geheel schijnt te omringen,
+zoodat de naam van baai, aan deze grootsche amphitheatervormige
+diepte gegeven, gerechtvaardigd is. Stellen wij ons voor, dat eene
+bochtige haven met steile klipvormige oevers wordt drooggelegd, en
+uit haar zandigen bodem een dicht woud opschiet, dan zullen wij een
+begrip hebben van het voorkomen en den vorm van dezen landboezem. Dit
+landschaps-type was voor mij geheel nieuw en buitengewoon prachtig.
+
+Des avonds bereikten wij de Blackheath, waar de zandsteenen bergvlakte
+eene hoogte heeft bereikt van 3400 voet, en met hetzelfde schrale
+houtgewas bedekt is als te voren. Van den weg had men nu en dan
+vluchtige kijkjes in eene diepe vallei van dezelfde soort als die ik
+straks beschreef; maar wegens de steile en hooge wanden was de bodem
+bijna nooit te zien. Blackheath is eene zeer geriefelijke herberg,
+die door een ouden soldaat gedreven wordt, en die mij aan de kleine
+herbergen in Noord-Wallis herinnerde.
+
+[18 Januari.]
+
+Zeer vroeg in den morgen wandelde ik omstreeks drie mijlen ver om
+Govett's Leap te zien. Het landschap was hier van gelijken aard
+als bij The Weatherboard, misschien zelfs nog indrukwekkender. Zoo
+vroeg op den dag, was de baai gevuld met een ijlen blauwen mist, die,
+hoewel in 't algemeen het uitzicht belemmerend, de diepte waarop het
+woud zich onder onze voeten uitstrekte, nog scheen te vergrooten. Deze
+valleien, die zoolang een onoverkomelijken hinderpaal vormden voor de
+pogingen der ondernemendste kolonisten om het binnenland te bereiken,
+zijn hoogst merkwaardig. Groote, armvormige baaien met verwijdingen
+aan het boveneinde ontspringen dikwijls uit de hoofdvalleien,
+en banen zich een weg door de zandsteenen hoogvlakte; daarentegen
+steekt de hoogvlakte dikwijls landtongen uit in de valleien, zelfs
+met afscheiding daarin van groote, eilandvormige berggevaarten. Om
+in deze valleien af te dalen moet men somtijds 20 mijlen omloopen;
+in andere zijn de landmeters eerst onlangs doorgedrongen, en is het
+den kolonisten nog niet gelukt hun vee te laten weiden. Doch het
+merkwaardigste kenmerk in haren bouw is wel, dat zij, ofschoon aan de
+hoofdeinden verscheidene mijlen breed, naar de mondingen toe meestal
+zoo versmallen, dat zij ontoegankelijk worden. De Landmeter-Generaal,
+Sir T. Mitchell, poogde te vergeefs, eerst loopend en toen kruipend
+tusschen de groote neergestorte zandsteenbrokken, door de keel heen
+te dringen, welke de Grose-rivier met de Nepean verbindt; [347] toch
+vormt de vallei der Grose, naar ik zag, in haar bovengedeelte eene
+fraaie effen kom van eenige mijlen breed, die aan alle kanten door
+klippen is omringd, welker toppen waarschijnlijk nergens onder 3000
+voet boven den zeespiegel liggen. Ik besteeg een pad, deels gevormd
+door de natuur en deels door den eigenaar van den grond, dat toegang
+gaf tot de vallei van de Wolgan; wordt langs dit pad vee in de vallei
+gedreven, dan kan het niet ontsnappen; want overal elders is dit dal
+door loodrechte klippen omringd en versmalt, acht mijlen verder, van
+eene gemiddelde breedte van eene halve mijl tot eene gewone kloof,
+waar mensch noch dier door kan. Mitchell verhaalt, dat de groote
+vallei der Cox-rivier met al hare vertakkingen ter plaatse waar deze
+in de Nepean vloeit, samenkrimpt tot eene keel van 2200 yards wijdte
+en ongeveer 1000 voet diepte. Andere dergelijke voorbeelden zouden
+hieraan kunnen worden toegevoegd.
+
+Als men de overeenstemming ziet tusschen de horizontale lagen aan elken
+kant van deze valleien en groote amphitheater-vormige verdiepingen,
+dan is de eerste indruk deze, dat zij evenals andere valleien door de
+werking van water zijn uitgehold; maar denkt men aan de ontzaglijke
+hoeveelheid steenen, die volgens deze onderstelling alléén door
+kelen of kloven moest worden verwijderd, dan is men geneigd te
+vragen of deze ruimten niet door inzinking zijn ontstaan. Zoo men
+echter let op den vorm der onregelmatig vertakte valleien en smalle
+uit de bergvlakte daarin uitstekende landtongen, dan is men wel
+genoopt ook dit denkbeeld op te geven. De holten toe te schrijven
+aan tegenwoordige alluviale werking zou ongerijmd zijn; ook ligt
+het hoogste niveau der afwatering (zooals ik bij The Weatherboard
+opmerkte) niet altijd aan den top dezer valleien, maar aan ééne zijde
+harer baaivormige bochten. Enkele inwoners deden mij de opmerking, dat
+zij zulk een baaivormigen inham met zijne rechts en links uitstekende
+landtongen nooit zagen zonder getroffen te worden door de gelijkenis
+er van met eene steile zeekust. Dit is zeker het geval; men kan
+er bijvoegen, dat de talrijke fraaie, wijdvertakte havens aan de
+tegenwoordige kust van Nieuw Zuid-Wallis, welke meestal door een
+smallen, in de zandsteenen kustriffen uitgeholden mond met de zee
+verbonden zijn--eene gelijkenis vertoonen, hoewel op kleine schaal,
+met de groote valleien van het binnenland. Maar dan doet zich de
+onverwachte moeilijkheid voor: waarom heeft de zee deze groote,
+hoewel begrensde boezems uitgehold in een uitgestrekt tafelland,
+en slechts kelen gelaten aan de openingen, waardoor die ontzaglijke
+hoeveelheid uitgespoelde stof is weggevoerd? Het eenige licht, dat ik
+op dit raadsel kan werpen, is door op te merken, dat zich tegenwoordig
+in sommige zeeën (bijv. hier en daar in de Westindische en in de Roode
+Zee) banken schijnen te vormen van de meest onregelmatige gedaanten
+en met zeer steile zijwanden. Ik heb reden om te onderstellen, dat
+zulke banken gevormd zijn geworden door ophooping van bezinksel op een
+onregelmatigen bodem, onder de werking van sterke stroomen. Dat de zee
+in sommige gevallen bezinksel ophoopt rondom onderzeesche rotsen en
+eilanden, in plaats van het uit te spreiden in eene gelijkvormige laag,
+kan moeilijk in twijfel worden getrokken, wanneer men de kaarten van
+West-Indië bestudeert; en dat de golven in staat zijn hooge en steile
+riffen te vormen zelfs in havens, die door land zijn ingesloten, heb ik
+in vele gedeelten van Zuid-Amerika waargenomen. Om nu deze begrippen
+te toetsen aan de zandsteenen bergvlakten van Nieuw Zuid-Wallis, stel
+ik mij voor, dat de lagen werden opgehoopt op een onregelmatigen bodem
+door de werking van sterke stroomen en den golfslag eener volle zee;
+vervolgens, dat de steil hellende wanden der aldus ontstane ongevulde,
+dalvormige ruimten gedurende eene langzame landrijzing tot klippen
+werden uitgehold, en dat de losgewerkte zandsteen verwijderd werd
+òf in den tijd toen de nauwe dalkelen door de ruimende zee gegraven
+werden, òf later door alluviale werking.
+
+
+
+Kort na ons vertrek van The Blackheath daalden wij door den pas van
+Mount Victoria van de zandsteenen hoogvlakte af. Om dezen pas te
+maken had men door eene ontzaglijke hoeveelheid steen moeten boren;
+maar zoowel het plan als de wijze van uitvoering verdienden op ééne
+lijn te worden gesteld met een werk van dien aard in Engeland. De
+streek, die wij nu betraden, was ongeveer 1000 voet lager en bestond
+uit graniet. Met de verandering van gesteente veranderde ook de
+flora. De boomen waren fraaier en stonden meer gescheiden, terwijl
+het tusschenliggende weiland iets groener en weliger was. Te Hassan's
+Walls verliet ik den grooten weg en maakte een korten omweg naar eene
+hoeve, Walerawang geheeten, die bewoond werd door een hoofdopzichter,
+aan wien ik een introductie-brief had van den eigenaar te Sydney. De
+heer Brown was zoo vriendelijk mij te vragen tot den volgenden dag
+te blijven, welk voorstel ik met genoegen aannam. Deze plaats levert
+een voorbeeld van een der groote landbouwinrichtingen of liever
+schapenfokkerijen in de kolonie; maar omdat eenige dalen moerassig
+zijn en een grover gras voortbrengen, zijn vee en paarden hier wat
+talrijker dan gewoonlijk. Op twee of drie vlakke strooken grond nabij
+het huis was het hout gerooid en koren gezaaid, dat de maaiers nu
+bezig waren te oogsten; van tarwe wordt echter niet meer gezaaid
+dan voor het jaarlijksch onderhoud der in de inrichting werkende
+arbeiders noodig is. Het gewone cijfer der toegewezen strafarbeiders
+bedraagt hier omtrent veertig; doch in dezen tijd waren er enkelen
+meer. Ofschoon de hoeve van al het noodige goed voorzien was,
+heerschte er duidelijk gebrek aan gerief; en er woonde hier geen
+enkele vrouw. In 't algemeen zal de zonsondergang op een fraaien
+dag een glans van geluk en tevredenheid op een landschap stralen;
+maar hier, in deze afgelegen hoeve, konden de helderste tinten op
+de omliggende bosschen mij niet doen vergeten, dat veertig verharde,
+verworpen mannen hun dagarbeid staakten evenals de slaven uit Afrika,
+maar zonder hun heilig recht op medelijden!
+
+Den volgenden morgen vroeg was de heer Archer, adjunct van den
+hoofdopzichter, zoo vriendelijk mij op eene kangoeroe-jacht te
+noodigen. Wij reden het grootste deel van den dag, doch hadden eene
+zeer slechte vangst, daar wij geen enkele kangoeroe (Macropus) zagen,
+en zelfs geen wilden hond (Canis dingo). De hazenwinden vervolgden
+eene kangoeroe-rat (Hypsiprimnus) [348] in een hollen boom, waaruit
+wij haar te voorschijn haalden. Deze rat is zoo groot als een konijn,
+maar heeft de gedaante van een kangoeroe. Weinige jaren geleden
+bezat dit land een overvloed van wilde dieren; maar nu is de emu
+(Dromaius Novae Hollandiae) [349] ver het binnenland ingedreven en
+de kangoeroe zeldzaam geworden; voor beiden is de Engelsche hazenwind
+hoogst schadelijk geweest. Ofschoon het nog lang kan duren voordat deze
+dieren geheel zijn uitgeroeid, is hun vonnis geveld. De inboorlingen
+zijn er altijd op gesteld de honden van de pachthoeven te leenen:
+en hun gebruik, gevoegd bij den afval als een dier gedood wordt en
+wat melk van de koeien, zijn de zoenoffers der kolonisten, die al
+dieper en dieper in het binnenland dringen. Aangelokt, verblind door
+deze onbeduidende voordeden, verheugt de onnadenkende inboorling zich
+over de nadering van den blanke, die inderdaad bestemd schijnt het
+land van zijne kinderen te erven.
+
+In weerwil van onze schrale vangst hadden wij een aangenamen rit. Het
+boschland is meestal zoo open, dat iemand te paard er door heen kan
+galoppeeren. Dwars door het boschland loopen enkele vlakke groene dalen
+zonder boomen; en op zulke plekken was het landschap even vriendelijk
+als in een park. In de geheele streek zag ik bijna geen enkele plek,
+welke niet de sporen droeg van een vuur. Of deze sporen van vroeger
+of later dagteekenden; of de overblijfsels van het verbrande hout meer
+of minder zwart waren--die vragen brachten de grootste afwisseling in
+de eentonigheid, welke het oog van den reizenden zoozeer vermoeit. In
+deze bosschen zijn niet veel vogels; maar ik zag eenige groote zwermen
+kaketoes in een korenveld grazen, en enkele zeer prachtige papegaaien;
+kraaien, zooals onze kerkkraaien, waren niet zeldzaam, en eindelijk zag
+ik nog een anderen vogel, die eenigszins op een ekster geleek. In de
+avondschemering deed ik eene wandeling langs eene reeks van vijvers,
+die in dit droge land de plaats van rivier innemen, en had het geluk
+verscheidene individuën van het vermaarde Snaveldier (Ornithorhynchus
+paradoxus) te zien. [350] Zij doken en speelden bij de oppervlakte
+van het water, maar lieten zoo weinig van hun lichaam zien, dat men
+hen gemakkelijk voor waterratten had kunnen houden. De heer Browne
+schoot er een, en ik zag toen, dat het werkelijk een zeer buitengewoon
+dier is; een opgezet exemplaar geeft volstrekt geen goed denkbeeld
+van het voorkomen van het hoofd en den bek van een levend individu,
+omdat de laatste hard wordt en krimpt. [351]
+
+[20 Januari.]
+
+Wij hadden een langen dagrit naar Bathurst. Voordat wij den grooten
+weg insloegen, volgden wij een pad door het woud. Met uitzondering van
+enkele squatters-hutten, was dit oord zeer eenzaam. Dien dag werden wij
+overvallen door den sirocco-achtigen wind van Australië, welke uit de
+droge woestijnen van het binnenland komt. Wolken stof vlogen in alle
+richtingen, en de wind voelde zoo heet, als ware hij over een vuur
+gestreken. Later hoorde ik, dat de thermometer buitenshuis op 119°,
+en in eene gesloten kamer op 96° had gestaan. Des namiddags kwamen de
+duinen van Bathurst in het gezicht. Deze golvende, doch bijna effen
+vlakten zijn in deze streek zeer merkwaardig, omdat zij geheel van
+boomen ontbloot zijn, en slechts een dun bruin weidegras bezitten. Wij
+reden eenige mijlen over dit land en bereikten toen het stadsgebied van
+Bathurst, gelegen in de kom eener ruimte, welke met den naam van zeer
+breede vallei of smalle vlakte bestempeld zou kunnen worden. Te Sydney
+had men mij gezegd geen al te slechten dunk van Australië te krijgen
+door het land van den wegkant te beoordeelen, en geen al te goeden
+door Bathurst als maatstaf te nemen. Wat dit laatste betrof, gevoelde
+ik dat ik niet het minste gevaar liep van vooringenomenheid. Ik moet
+trouwens erkennen, dat het jaargetijde zeer droog was geweest en het
+land er niet gunstig uitzag, ofschoon ik begreep dat dit twee of drie
+maanden geleden onvergelijkelijk slechter geweest was. Het geheim van
+Bathurst's snel toenemenden voorspoed is, dat het bruine weiland,
+hetwelk in de oogen van den vreemdeling er zoo armzalig uitziet,
+voortreffelijk geschikt is voor het weiden van schapen. De stad
+ligt op eene hoogte van 2200 voet boven de zee aan de oevers der
+Macquarie--eene der rivieren, welke in het uitgestrekte en bijna
+onbekende binnenland vloeit. De waterlinie, welke de binnenlandsche
+stroomen scheidt van die aan de kust, heeft eene hoogte van ongeveer
+3000 voet, en loopt in eene noord-zuidelijke richting op een afstand
+van 80 tot 100 mijlen van de zeekust. Op de kaart is de Macquarie
+eene aanzienlijke rivier en de grootste van al degene, welke dit
+deel der scheiding ontwateren; toch vond ik tot mijne verwondering,
+dat zij slechts eene aaneenschakeling was van poelen of vijvers, die
+door bijna droge ruimten van elkander gescheiden waren. Meestal zijn
+de kleine rivieren stroomend, en vormen somtijds hooge en onstuimige
+vloeden. Is de watertoevoer in dit district schaarsch te noemen,
+verder landwaarts in wordt hij nog schaarscher.
+
+[22 Januari.]
+
+Ik ving mijn terugtocht aan en volgde een anderen weg, Lockyer's Lane
+genaamd, door een wat heuvel- en schilderachtiger landstreek. Het
+was een lange dagrit, en het huis, waarin ik wilde slapen, lag
+eenigszins van den weg af en was niet gemakkelijk te vinden. Evenals
+bij alle andere gelegenheden, ontdekte ik ook nu zeer algemeen
+onder den lageren stand eene bereidvaardige wellevendheid, die men
+met het oog op het heden en verleden van deze lieden bijna niet
+verwacht zou hebben. De hoeve, waar ik den nacht doorbracht, was het
+eigendom van twee jongelieden, die eerst onlangs aangekomen en een
+kolonisten-leven begonnen waren. Het volslagen gemis van alle gerief
+was niet zeer aanlokkend; maar zij hadden het vooruitzicht op eene
+zekere voorspoedige toekomst, en dat binnen niet langen tijd.
+
+Den volgenden dag trokken wij door groote stukken land, die in vlammen
+stonden en waar rookwolken over den weg zweefden; daarna bereikten
+wij nog voor den middag onzen vorigen weg, en beklommen den Mount
+Victoria. Ik sliep in The Weatherboard, en wandelde vóór het vallen
+van de duisternis naar de amphitheatervormige verdieping. Op den weg
+naar Sydney bracht ik een zeer genoeglijken avond door bij kapitein
+King te Dunheved, en eindigde hier mijn uitstapje in de kolonie
+Nieuw Zuid-Wallis.
+
+Voordat ik hier kwam, boezemden drie zaken mij meer belang in
+dan alle overige, nl.: de maatschappelijke gesteldheid onder
+de hoogere standen; de toestand der dwangarbeiders, en de vraag
+welke omstandigheden aantrekkelijk genoeg zijn om personen tot
+landverhuizing te bewegen. Natuurlijk heeft de meening van iemand,
+die, zooals ik, er slechts een zeer kort bezoek bracht, bijna geen
+waarde; maar het is even moeilijk zich van eene meening te onthouden,
+als om een juist oordeel te vellen. Naar hetgeen ik hoorde, meer
+dan naar wat ik zag, was ik omtrent de maatschappelijke gesteldheid
+over het geheel teleurgesteld. De geheele samenleving is over bijna
+elk onderwerp in haatdragende partijen verdeeld; en velen onder hen,
+die volgens hun stand de besten moesten zijn, leiden in het openbaar
+zulk een ongebonden leven, dat achtingswaardige lieden niet met hen
+kunnen verkeeren. Er is veel jaloerschheid tusschen de kinderen der
+rijke vrijgelaten misdadigers en van de vrije kolonisten, waarvan
+de eersten er behagen in scheppen eerlijke lieden als indringers te
+beschouwen. De geheele bevolking, arm en rijk, wordt beheerscht door de
+zucht om rijkdom te verwerven; en onder de hoogere standen vormen wol
+en schapenteelt voortdurend de onderwerpen van gesprek. Er zijn vele
+ernstige schaduwzijden in het geluk van een gezin, waarvan wellicht
+de voornaamste is, dat men omringd is door misdadige bedienden. Hoe
+in-hatelijk is het niet voor uw gevoel, bediend te worden door een
+man, die wellicht op uwe aanwijzing daags te voren om een beuzelachtig
+vergrijp gestraft werd. Met de vrouwelijke bedienden is het natuurlijk
+nog erger gesteld. Zoo komt het, dat kinderen de laagste uitdrukkingen
+leeren; en men mag van geluk spreken, indien zij ook geen gemeene
+daden leeren.
+
+Hier staat tegenover, dat het kapitaal van iemand, zonder eenige
+moeite van zijn kant, hem driemaal meer rente opbrengt dan in
+Engeland; en indien hij voorzichtig is, heeft hij de zekerheid rijk
+te worden. Levensweelde is er in overvloed en zeer weinig duurder dan
+in Engeland; de meeste voedingsmiddelen zijn zelfs goedkooper. Het
+klimaat is prachtig en volmaakt gezond; maar volgens mijn idee gaan
+die bekoorlijkheden verloren door het onaantrekkelijk voorkomen van
+het land. Een groot voordeel voor de kolonisten is, dat hunne zoons
+op zeer jeugdigen leeftijd van nut kunnen zijn. Op den leeftijd
+van 16 tot 20 jaren nemen hunne jongens dikwijls het beheer van
+afgelegen pachthoeven op zich, wat intusschen dit nadeel heeft, dat
+zij dan geheel met het misdadigers-personeel moeten verkeeren. Ik
+weet niet of de maatschappelijke geest een bijzonder kenmerk heeft
+gekregen; maar bij zulke leefwijzen en zonder eenig streven naar
+geestelijke ontwikkeling, kan het haast niet anders of die geest
+moet ontaarden. Mijne overtuiging is, dat niets dan de bittere,
+harde noodzakelijkheid mij zou kunnen bewegen hierheen te trekken.
+
+De snelle voorspoed en de toekomstige vooruitzichten dezer kolonie
+geven mij, die geen verstand van deze onderwerpen heeft, veel te
+denken. De twee voornaamste uitvoerartikelen zijn wol en traan, en
+voor deze beide producten bestaat eene grens. [352] Het land is geheel
+ongeschikt voor kanalen, zoodat reeds op niet zeer grooten afstand het
+verdere vervoer van wol over land de kosten van het scheren en hoeden
+der schapen niet loont. Het gras is overal zoo dun, dat kolonisten
+reeds ver het binnenland zijn ingegaan; bovendien wordt de streek,
+dieper landwaarts in, buitengewoon arm. Ten gevolge van de droogte
+kan de landbouw nooit op uitgebreide schaal slagen; en daarom zal
+Australië, voor zoover ik zien kan, ten slotte alleen afhangen van
+zijne ligging als handels-centrum voor het zuidelijk halfrond, en
+misschien van zijne toekomstige fabrieken. Daar het steenkool bezit,
+heeft het altijd de beweegkracht bij de hand. Twee omstandigheden
+waarborgen ons, dat Australië een zeevarend land zal zijn: eerstens
+de Engelsche afkomst der natie, en vervolgens de bewoonbaarheid van
+het land langs de kust. Vroeger verbeeldde ik mij, dat Australië een
+even belangrijk en machtig land zou worden als Noord-Amerika; maar
+nu schijnt mij zulk eene grootsche toekomst eenigszins twijfelachtig.
+
+Wat den toestand der misdadigers of gedeporteerden betreft, dezen had
+ik nog minder gelegenheid te beoordeelen dan andere onderwerpen. De
+eerste vraag is of hun toestand eigenlijk wel een straf mag heeten:
+in elk geval zal niemand beweren, dat het eene zeer strenge is. Ik
+onderstel echter, dat dit van weinig gevolg is, zoolang die toestand
+aan misdadigers in hun eigen land vrees inboezemt. De lichamelijke
+behoeften der veroordeelden worden vrij wel bevredigd; hun vooruitzicht
+op toekomstige vrijheid en welzijn is niet ver en, bij goed gedrag,
+zeker. Een "ontslagbriefje", dat den man binnen een bepaald district
+vrijmaakt, zoolang hij zich buiten verdenking of misdaad houdt,
+wordt bij goed gedrag uitgereikt na een aantal jaren, evenredig aan
+den duur der straf. Ondanks dit alles, en met voorbijzien van de
+voorloopige hechtenis en den ellendigen overtocht, geloof ik, dat de
+jaren van verbanning in misnoegen en ongeluk worden gesleten. Naar een
+schrander man mij verzekerde, kennen de veroordeelden geen ander genot
+dan zinnelijkheid, en daarin worden zij niet tevreden gesteld. Het
+krachtig lokaas, dat de Regeering bezit in het aanbieden van amnestie,
+gevoegd bij den diepen afschuw van de eenzame strafkolonies, schokt
+het vertrouwen onder de misdadigers en voorkomt zoo de misdaad. Wat
+hun gevoel van schaamte betreft--iets dergelijks schijnt niet bekend
+te zijn, en daarvan zag ik eenige zeer zonderlinge bewijzen. Al klinkt
+het ook vreemd, toch werd mij algemeen gezegd, dat het karakter der
+misdadigers-bevolking schandelijk lafhartig is; niet zelden worden
+sommigen wanhopig en geheel onverschillig voor het leven; maar een
+plan, dat koelbloedigheid of vastberadenheid vereischt, komt zelden
+tot uitvoering. Het ergste in het geheele geval is, dat, ofschoon
+er een wat men zou mogen noemen wettelijke hervorming bestaat en er
+betrekkelijk weinig wordt bedreven waarop de wet vat kan hebben,
+van het tot stand komen eener zedelijke hervorming volstrekt geen
+sprake schijnt te zijn. Wel ingelichte personen verzekerden mij,
+dat, al zou een man zich trachten te verbeteren, hem dit onmogelijk
+zou zijn zoolang hij met andere veroordeelden samenleeft: hij zou
+een leven hebben van ondragelijke kwelling en ellende. Ook moet men
+niet vergeten, dat strafschepen en gevangenissen, zoowel hier als in
+Engeland, de besmetting in de hand werken. Over het geheel is het doel:
+eene strafkolonie te stichten, geenszins bereikt; als werkelijk stelsel
+van hervorming is het mislukt, zooals misschien elk ander plan mislukt
+zou zijn; maar als middel om menschen uiterlijk braaf te maken: om
+landloopers, zwervers, die geheel onnut waren in het eene halfrond, te
+veranderen in werkzame burgers in het andere, en zoodoende een nieuw en
+prachtig land te stichten, een groot beschavingsmiddelpunt--is het plan
+geslaagd tot eene hoogte, wellicht zonder wederga in de geschiedenis.
+
+
+
+[30 Januari.]
+
+De Beagle zeilde naar Hobart Town op Van Diemensland. Na eene
+zesdaagsche reis, waarvan het eerste gedeelte fraai, het laatste
+zeer koud en stormachtig was, stevenden wij den mond der Storm-Baai
+binnen. Het weder rechtvaardigde dezen gevreesden naam. De baai moest
+eerder "riviermond" worden genoemd, want aan haar boveneinde neemt zij
+de wateren van de Derwent op. Bij de monding liggen eenige uitgestrekte
+basaltterrassen, maar verder op wordt het land bergachtig en is het
+met een licht bosch bedekt. Op de lagere gedeelten der heuvels, die
+de baai omgeven, is het hout gerooid en prijken heldergele koren- en
+donkergroene aardappelvelden in weligen overvloed. Laat in den avond
+ankerden wij in de aardige verscholen kreek, aan de oevers waarvan
+de hoofdstad van Tasmanië ligt. De eerste aanblik der stad deed zeer
+onder voor dien van Sydney; de laatste zou men een city of groote stad
+kunnen noemen, gene slechts een town of landstad. Zij ligt aan den
+voet van Mount Wellington, een berg van 3100 voet hoogte, doch van
+geringe schilderachtige schoonheid. Van dezen berg ontvangt de stad
+een flinken toevoer van water. Rondom de kreek stonden eenige fraaie
+pakhuizen en aan den eenen kant een klein fort. Wanneer men uit de
+Spaansche koloniën komt, waar aan de vestingwerken in 't algemeen zulke
+uitstekende zorg wordt besteed, schijnen de verdedigingsmiddelen in
+deze koloniën zeer armzalig. Bij vergelijking van de stad met Sydney,
+trof mij hier in hoofdzaak het betrekkelijk klein aantal groote huizen,
+die gebouwd of nog in aanbouw waren. Volgens de telling van 1835
+bevatte Hobart Town 13.826 inwoners, en geheel Tasmanië 36.505. [353]
+
+Alle inboorlingen zijn overgebracht naar een eiland in de Bass-Straat,
+zoodat Van Diemensland het groote voordeel geniet van geen inlandsche
+bevolking te bezitten. Deze uiterst wreede stap schijnt geheel
+onvermijdelijk geweest te zijn, en het eenige middel om een einde
+te maken aan een ontzettend aantal plunderingen, brandstichtingen
+en moorden, door de inboorlingen gepleegd en die vroeg of laat hunne
+geheele uitroeiing ten gevolge zouden hebben gehad. Ik vrees, dat deze
+reeks van euveldaden en hare gevolgen ongetwijfeld hare oorzaak vond
+in het schandelijke gedrag van enkele mijner landgenooten. [354]
+Dertig jaren is een kort tijdbestek om den laatsten inboorling
+uit zijn vaderland te verdrijven, een eiland bijna zoo groot als
+Ierland. [355] De briefwisseling, welke daarover tusschen de
+regeering in het moederland en die van Tasmanië gevoerd werd,
+is zeer belangwekkend. Hoewel in de schermutselingen, die vele
+jaren lang bij tusschenpoozen plaats hadden, tal van inboorlingen
+neergeschoten of gevangen genomen waren, schijnt niets hen zoozeer
+van onze overweldigende macht overtuigd te hebben, als toen in 1830
+het geheele eiland onder de krijgswet werd gesteld en alle bewoners
+bij proclamatie bevel kregen om den geheelen stam in een enkelen
+grooten aanval te overmeesteren. Het ontworpen plan geleek ongeveer
+op dat der groote drijfjachten in Indië; er werd een cordon dwars
+over het eiland getrokken met het doel de inlanders op Tasman's
+schiereiland in een cul-de-sac te drijven. De poging mislukte; de
+inboorlingen bonden hunne honden vast, en slopen in een enkelen nacht
+door de linie, met uitzondering van één knaap, die gevat werd. Dit is
+verre van verwonderlijk, zoo men let op hunne geoefende zintuigen en
+hunne gewoonte om achter de wilde dieren aan te kruipen. Men heeft
+mij verzekerd, dat zij de kunst verstaan zich op een bijna kalen
+grond te verbergen op eene wijze, die haast ongelooflijk is als men
+het niet gezien heeft, en waarbij hunne zwarte lichamen gemakkelijk
+worden aangezien voor de zwarte boomstompen, die over het geheele land
+verspreid zijn. Men vertelde mij van eene weddenschap tusschen eenige
+Engelschen en een inboorling, die voor ieder zichtbaar op de kale
+helling van een heuvel ging staan. Indien de Engelschen nog geen minuut
+lang de oogen sloten, zou hij op de hurken gaan zitten, en dan zouden
+zij hem nooit van de omringende boomstompen kunnen onderscheiden. Doch
+keeren wij tot onze drijfjacht terug. Toen de inlanders deze manier van
+oorlogvoeren begrepen, werden zij zeer ongerust, want zij ontdekten
+nu ook de macht en het aantal der blanken. Kort daarna verscheen een
+troep van 13 personen, tot twee verschillende stammen behoorende, die
+hunne weerloosheid beseffende, zich in wanhoop overgaven. Later werd
+door de onvermoeide pogingen van G. A. Robinson, architect te Hobart,
+die onbevreesd de meest verbitterde inboorlingen in hunne schuilhoeken
+opzocht, de geheele zwarte bevolking overgehaald om hetzelfde te
+doen. Zij werden toen naar een eiland gebracht, [356] waar men hen
+van voedsel en kleeren voorzag. Graaf Strzelecki verhaalt in zijne
+"Physical Description of New South Wales and Van Diemen's Land,"
+blz. 354, dat "op het tijdstip van hun vervoer in 1835, het getal
+inboorlingen 210 bedroeg. In 1842, dus zeven jaren later, telden zij
+slechts 54 personen; en terwijl elk gezin in het binnenland van Nieuw
+Zuid-Wallis, waar de inboorlingen niet besmet worden door aanraking
+met blanken, rijk aan kinderen is, was dit getal op Flinders-Eiland
+in acht jaren tijds met slechts veertien vermeerderd!"
+
+De Beagle bleef hier tien dagen, en in dien tijd deed ik verscheidene
+aangename uitstapjes, voornamelijk met het doel om de geologische
+gesteldheid der naaste omgeving te onderzoeken. De belangrijkste
+uitkomsten daarvan zijn: ten eerste, eenige tot de Devonische
+of Steenkool-periode behoorende lagen, welke buitengewoon veel
+versteeningen bevatten; ten tweede, bewijzen van eene kleine
+landrijzing in een geologisch jong verleden, en eindelijk eene
+afgezonderde oppervlakkige laag van geelachtigen kalksteen of
+travertijn, met talrijke indruksels van boombladeren en ingesloten
+schelpdieren van niet meer levende soorten. Niet onwaarschijnlijk
+bevat deze enkele kleine kalkgroeve de eenig overgebleven sporen der
+flora van Van Diemensland gedurende een vroeger geologisch tijdperk.
+
+Het klimaat is hier vochtiger dan in Nieuw Zuid-Wallis, en daardoor
+het land vruchtbaarder. De landbouw bloeit, de ontgonnen velden hebben
+een goed aanzien, en de tuinen vloeien over van welige groenten en
+vruchtboomen. Sommige pachterswoningen, die op afgelegen plekken
+stonden, boden een zeer schilderachtigen aanblik. Het algemeen
+voorkomen der plantenwereld gelijkt op dat der Australische flora,
+misschien iets groener en frisscher, en het weidegras tusschen
+de boomen iets overvloediger. Op zekeren dag deed ik eene lange
+wandeling aan den kant der baai tegenover de stad, en stak over op
+eene stoomboot, waarvan er twee voortdurend heen en weer voeren. De
+machinerieën van een dezer vaartuigen waren geheel in deze kolonie,
+die toen pas 33 jaren sedert hare stichting bestond, vervaardigd. Op
+een anderen dag besteeg ik Mount Wellington en nam daartoe een gids
+mede, want eene eerste poging mislukte mij wegens de dichtheid van
+het bosch. Onze gids was echter een dom man en bracht ons naar den
+vochtigen zuidkant van den berg, waar de plantengroei zeer welig en
+het beklimmingswerk, ten gevolge van de menigte verrotte stammen,
+bijna even moeilijk was als op een berg in Vuurland of op Chiloë. Het
+kostte ons vijf en een half uur ingespannen klimmen, voordat wij den
+top bereikten. Op sommige gedeelten groeiden de Eucalypti tot eene
+aanzienlijke hoogte en vormden een prachtig woud. [357] In eenige van
+de diepste ravijnen bloeiden varenboomen op buitengewone schaal; ik
+zag er een, die tot het ondervlak der loofkroon minstens 20 voet hoog
+was en juist zes voet omtrek had. Het loofdak vormde de sierlijkste
+zonneschermen en verspreidde eene donkere schaduw als in het eerste
+uur van den nacht. De top van den berg is breed en vlak, en bestaat
+uit reusachtige brokken kalen groensteen. Zijne hoogte is 3100 voet
+boven de zee. Het was een prachtig heldere dag, en wij hadden een
+ruim uitzicht: in het noorden geleek het land eene aaneenschakeling
+van begroeide bergen, ongeveer even hoog als die waarop wij stonden,
+en even gelijkvormig in omtrek; in het zuiden lag het gebroken land en
+water met zijne vele verwikkelde baaien duidelijk als op eene landkaart
+voor ons. Nadat wij eenige uren op den top hadden doorgebracht,
+vonden wij een beteren weg om af te dalen, doch bereikten de Beagle
+niet vóór des avonds 8 ure, na een dag van ingespannen beweging.
+
+[7 Februari.]
+
+De Beagle zeilde uit Tasmanië en bereikte op den 6den der volgende
+maand de zeeëngte van King George, welke dicht bij den zuidwesthoek van
+Australië ligt. Hier bleven wij acht dagen; maar op onze geheele reis
+brachten wij niet zulk een doodschen en vervelenden tijd door. Van
+eene hoogte gezien, doet het land zich voor als eene boschachtige
+vlakte, waaruit hier en daar ronde en gedeeltelijk kale granietheuvels
+verrijzen. Een dezer dagen ging ik met een gezelschap op weg, in
+de hoop eene kangoeroe te zullen zien, en trok vele mijlen ver het
+land in. Overal vonden wij een zeer armen zandgrond, nu eens bedekt
+met een grof gewas van dun, laag kreupelhout en borstelig gras, dan
+met een woud van kwijnende boomen. Het landschap geleek op dat der
+zandsteenen hoogvlakte in de Blauwe Bergen van Nieuw Zuid-Wallis,
+met dit verschil, dat de Casuarina (een boom die iets weg heeft
+van den Schotschen den) hier talrijker is, en de Eucalyptus iets
+minder voorkomt. [358] Op de open gedeelten waren vele grasboomen,
+d.w.z. planten, die uiterlijk eenigszins aan den palmboom verwant zijn,
+maar in plaats van eene fraaie bladerkroon te bezitten, slechts op
+een bosje van zeer grove grasachtige bladeren kunnen bogen. [359]
+Op een afstand gezien, scheen de meestal lichtgroene kleur van het
+kreupelhout en andere planten vruchtbaarheid te voorspellen; maar
+eene enkele wandeling was voldoende om deze illusie te verdrijven;
+en wie het met mij eens is, zal niet verlangen op nieuw een tocht
+door zulk een ongastvrij oord te doen.
+
+Op een anderen dag vergezelde ik kapitein Fitz-Roy naar Bald Head--eene
+plaats, door zoo vele zeevaarders vermeld, en waar eenigen zich
+verbeelden koralen te zien, anderen versteende boomen, die nog in
+de houding stonden waarin zij gegroeid waren. Naar onze meening,
+zijn de grondlagen gevormd doordien de wind het fijne, uit kleine
+ronde schelp- en koraaldeeltjes bestaande zand golfsgewijze ophoopte,
+waarbij takken en wortels van boomen met vele landschelpen onder het
+zand bedolven werden. Toen nu de doorzijgende kalkhoudende stof de
+geheele massa verhardde, werden ook de cylindervormige, door rotting
+van het hout ontstane holten met eene harde druipsteenachtige massa
+gevuld. Doch langzamerhand spoelt de neerslag uit den dampkring de
+weekere deelen weg; de harde vormen van de takken en wortels der
+boomen steken daardoor boven de oppervlakte, en gelijken zeldzaam
+bedriegelijk op de boomstompen van een dood kreupelbosch.
+
+Terwijl wij in deze kolonie waren, bracht een groote stam
+inlanders, genaamd de Mannen van den Witten Kaketoe, er juist een
+bezoek. Aangelokt door het aanbod van eenige vaatjes rijst en suiker,
+werden deze mannen, benevens die van den stam, welke aan de zeeëngte
+van King George thuis behoort, overgehaald om een corrobori of groote
+danspartij te houden. Zoodra het donker werd, zag men kleine vuren
+ontsteken en begonnen de mannen hun toilet te maken, hierin bestaande,
+dat zij zich met witte vlekken en strepen beschilderden. Toen
+alles gereed was, werden groote vuren in lichtelaaien gloed gezet,
+rondom welke vrouwen en kinderen zich als toeschouwers verzamelden,
+en verdeelden de mannen van den Kaketoe en van King George zich
+in twee partijen, waarin men nu twee aan twee tegenover elkander
+begon te dansen. Het dansen bestond hierin, dat zij of zijdelings,
+of zooals de Indianen op ééne rij, naar eene open ruimte liepen,
+en gedurende die gemeenschappelijke beweging met groote kracht op
+den grond stampten. Hunne zware voetstappen gingen vergezeld van een
+soort van gedreun, door het tegen elkander slaan van hunne knuppels
+en speren, en verschillende andere gebaren, als het uitsteken van de
+armen en het wringen van het lichaam. Het was een uiterst ruw en wild
+schouwspel, dat naar onze meening geheel zonder zin was; toch merkten
+wij op, dat de zwarte vrouwen en kinderen er met het grootste genoegen
+naar keken. Wellicht stelden deze dansen oorspronkelijk handelingen
+voor, als symbolen van gevechten en overwinningen. Eén dans was er,
+genaamd de Emu-dans, waarin elk man zijn arm in eene gebogen houding
+uitstrekte, evenals de hals van een vogel. Bij een anderen dans bootste
+een man de bewegingen na van een kangoeroe, die in de bosschen graast,
+terwijl een tweede hem besprong, schijnbaar om hem aan zijne speer
+te rijgen. Als beide stammen aan den dans deelnamen, beefde de grond
+onder hunne zware voetstappen, en weergalmde de lucht van hunne woeste
+kreten. Allen schenen zeer opgewonden; en die drom van bijna naakte
+gestalten, gezien bij het rosse schijnsel der hoogvlammende vuren,
+allen in duivelachtige eenparige beweging--dat tooneel, gevoegd
+bij de woeste kreten van dansers en omstanders, vormde een volmaakt
+schouwspel van een feest onder de laagste wilden. In Vuurland hebben
+wij vele zonderlinge tooneelen uit het leven der wilden gezien, maar ik
+geloof nooit een, waar de inboorlingen zoo opgewonden en zoo volkomen
+in hun element waren als bij dezen dans. Toen de dans was afgeloopen,
+schaarde de geheele troep zich in een grooten kring op het terrein, en
+werd, tot aller blijdschap, de gekookte rijst met suiker rondgedeeld.
+
+Na verscheidene vervelende dagen, doordien het weder betrokken was,
+stevenden wij den 14den Maart 1836 uit de zeeëngte van King George
+en zetten koers naar Keeling-Eiland.
+
+Vaarwel, Australië! Ge zijt een aankomend kind, en zult gewis na
+zekeren tijd als grootvorstin regeeren in het Zuiden! Maar al zijt ge
+nog niet groot genoeg voor eerbied, dan toch te groot en eerzuchtig
+voor genegenheid. Ik verlaat uwe stranden zonder droefheid of spijt...
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XX.
+
+KEELING-EILAND--KORAALVORMINGEN.
+
+
+[1 April 1836.]
+
+Wij kwamen in het gezicht der Keeling- of Kokos-Eilanden, die in
+den Indischen Oceaan en omstreeks 600 mijlen van de kust van Sumatra
+liggen. Deze groep behoort tot de uit koralen gevormde laguneneilanden
+(of atollen), gelijk aan die in den Lagen-Archipel (Tuamotu-Eilanden),
+welke wij in Nov. 1835 voorbijvoeren. Toen het schip bij den ingang
+van het kanaal was, kwam een Engelsch bewoner, de heer Liesk, in eene
+boot naar ons toe. De geschiedenis van de bewoners dezer eilanden is
+in de kortst mogelijke bewoordingen als volgt. Omstreeks negen jaren
+geleden bracht een nietswaardig persoon, Hare genaamd, een aantal
+Maleische slaven uit den Oostindischen Archipel hierheen, die nu ruim
+100 zielen tellen, de kinderen medegerekend. Kort daarna kwam kapitein
+Ross, die deze eilanden vroeger met zijn koopvaardijschip bezocht had,
+vergezeld van zijn gezin en have uit Engeland hier aan, met het doel
+zich te vestigen. Tot zijn gezelschap behoorde ook Liesk, die stuurman
+op zijn schip geweest was. De Maleische slaven liepen spoedig van het
+eilandje weg, waarop Hare zich gevestigd had, en voegden zich bij de
+partij van Ross, zoodat Hare eindelijk genoodzaakt was deze eilanden
+te verlaten.
+
+In naam verkeeren de Maleiers nu in een staat van vrijheid, en wat
+hunne persoonlijke behandeling betreft, is dit ook werkelijk zoo; doch
+in de meeste andere opzichten worden zij als slaven beschouwd. Deels
+door hunne ontevredenheid ten gevolge van de herhaalde verplaatsingen
+van het eene eiland naar het andere, en misschien ook door eenig
+wanbestuur, gaan de zaken niet voorspoedig. Het eiland heeft geen
+ander viervoetig huisdier dan het zwijn, en het voornaamste plantaardig
+voortbrengsel is de kokosboom. Zijn geheele welvaart hangt af van dezen
+boom; de geheele uitvoer bestaat in olie van deze noot en de noten
+zelven, die naar Singapore en Mauritius gaan, waar zij, na geraspt te
+zijn, voornamelijk bij de kerrie-bereiding worden gebruikt. Ook de
+vetgemeste varkens leven bijna geheel van kokosnoten, en hetzelfde
+geldt voor de eenden en kippen. Zelfs een groote landkreeft is door
+de natuur met de middelen toegerust om deze hoogst nuttige vrucht te
+openen en er van te leven.
+
+Op het ringvormige rif van het laguneneiland verheffen zich over een
+groot deel der lengte, lijnvormige eilandjes. Aan de noordzijde of
+lijwaarts is eene opening, waardoor de schepen kunnen binnenkomen
+om te ankeren. Bij onze binnenkomst was de aanblik zeer vreemd
+en niet onaardig, maar de schoonheid der plek hing bijna geheel
+af van de kleurschittering der omringende voorwerpen. Het ondiepe,
+klare en stille water der lagune, dat grootendeels op wit zand rust,
+straalt in het helderste groen, wanneer het door eene verticale zon
+verlicht wordt. Deze schitterende, vele mijlen breede ruimte wordt
+aan alle kanten begrensd, hetzij door eene reeks van sneeuwwitte
+brandingen, die haar scheiden van de donkere golven van den oceaan,
+of door strooken land, waarboven de kokosboomen hunne vlakke kruinen
+verheffen en die haar scheiden van het blauwe hemelgewelf. Evenals
+eene witte wolk hier en daar eene aangename breking geeft in het
+blauw des hemels, zoo tinten levende koraalbanken het smaragdgroene
+water in de lagune nog donkerder.
+
+Den volgenden morgen ging ik, nadat wij het anker hadden geworpen,
+op het eiland Direction aan wal. De strook droog land is hier slechts
+enkele honderden yards breed, en wordt aan den kant der lagune begrensd
+door een oever van witten kalksteen, die in dit heete klimaat eene zeer
+drukkende hitte uitstraalde, en aan de buitenkust door eene stevige,
+breede, vlakke koraalbank, welke diende om de kracht der volle zee
+te breken. Behalve in de nabijheid der lagune, waar eenig zand ligt,
+bestaat het land geheel uit ronde brokken koraal. In zulk een lossen,
+drogen en steenachtigen bodem een krachtigen plantengroei voort te
+brengen--dat kon alléén het klimaat der tusschenkeerkringsstreken. Op
+eenige van de kleinere eilandjes kon men zich verlustigen in de
+sierlijke groepeering der jonge en volwassen kokosboomen, die in bonte
+mengeling doch zonder wederzijdsche verstoring van vormen-symmetrie,
+in een enkel bosch vereenigd waren. Een oever van blinkend wit zand
+omsloot deze tooverachtige plekken.
+
+Ik zal nu eene korte schets geven van de natuurlijke geschiedenis
+dezer eilanden, welke door haar beperkten omvang van bijzonder belang
+is. Op het eerste gezicht schijnt het bosch alleen uit kokosboomen te
+bestaan; maar in werkelijkheid zijn er vijf of zes andere boomen. Een
+dezer bereikt eene zeer aanzienlijke hoogte, is echter wegens de
+groote weekheid van zijn hout onnut. Behalve de boomen, is het getal
+planten uiterst beperkt en bestaat uit nietsbeteekenend onkruid. In
+mijne verzameling, die, geloof ik, bijna de volledige flora omvat,
+zijn 20 species, ongerekend een mos, een korstmos (lichen), en een zwam
+(fungus). Tot dit aantal moeten twee boomen worden gerekend, waarvan
+de een niet in bloei stond, en de ander mij slechts van hooren zeggen
+bekend was. De laatste is in zijne soort een eenzame boom en groeit
+bij het strand, waar de golven ongetwijfeld de enkele zaden hebben
+aangespoeld. Op een der eilandjes groeit ook een Guilandina. Tot de
+bovenstaande lijst reken ik niet het suikerriet, de banaan, eenige
+andere voedselplanten, vruchtboomen en ingevoerde grassen. Daar de
+eilanden geheel uit koraal bestaan, en weleer niets anders dan riffen
+waren, waarover het water spoelde, moeten al hunne landvoortbrengselen
+door de golven der zee zijn aangevoerd. Dienovereenkomstig heeft
+de plantenwereld geheel het kenmerk van een toevluchtsoord voor
+verlatenen. Prof. Henslow meldt mij, dat van de 20 soorten er 19 tot
+verschillende geslachten behooren, en deze weder tot niet minder dan
+16 families. [360]
+
+In Holman's "Reizen" [361] wordt, op getuigenis van A. S. Keating,
+die twaalf maanden op deze eilanden woonde, eene opsomming gegeven
+van de verschillende zaden en andere voorwerpen, die men weet dat
+daar aan strand zijn gespoeld:
+
+"Zaden en planten van Sumatra en Java zijn door de branding naar
+de windzijde der eilanden gedreven. Daaronder zijn gevonden: de
+Kimiri, thuis behoorende op Sumatra en het schiereiland Malakka;
+de om haren vorm en grootte bekende kokosnoot van Bali; de Dadap
+(Erythrina indica), die door de Maleiers met den peperstruik
+geplant wordt: (laatstgenoemde windt zich daarbij om zijn stam, en
+steunt hiertegen met de stekels op zijn stengel); verder de zeepboom
+(Sapindus); de castorolie-plant (Ricinus); stammen van den sagopalm
+(Sagus), en verschillende soorten van zaden, die den op de eilanden
+wonenden Maleiers onbekend waren. Men vermoedt, dat deze alle door
+den noordwest-moesson naar de kust van Nieuw-Holland zijn gedreven,
+en van daar door den zuidoost-passaat naar deze eilanden. Ook zouden
+gevonden zijn groote hoeveelheden Java-teakhout (Tectonia grandis)
+en Geelhout (Virgilia lútea), alsmede reusachtige roode en witte
+cederboomen, en de blauwe gomboom van Nieuw-Holland, in volkomen
+ongeschonden staat. Alle harde zaden, zooals van slingerplanten,
+behouden hun kiemvermogen, maar de zachtere soorten, waaronder de
+Manggustan, (een Oostindische vrucht ter grootte van een appel, met
+een zacht, sappig vruchtvleesch), gaan op den overtocht verloren. Nu
+en dan zijn ook vischkano's, blijkbaar van Java, aan strand gespoeld."
+
+Deze feiten zijn van belang, omdat zij ons leeren, hoe talrijk de zaden
+zijn, die uit verschillende landen komende, over den grooten oceaan
+worden gedreven. Prof. Henslow zegt mij, dat bijna alle planten welke
+ik van deze eilanden meebracht, naar zijne meening gewone strandsoorten
+zijn in den Oostindischen Archipel. Wegens de richting der winden en
+stroomen, schijnt het echter bijna niet mogelijk, dat zij rechtstreeks
+hierheen konden komen. Met meer waarschijnlijkheid is door Keating
+beweerd, dat zij het eerst naar de kust van Nieuw-Holland werden
+gevoerd, en van daar tegelijk met de voortbrengsels van dat land
+teruggedreven, zoodat de zaden vóór hunne ontkieming 1800 tot 2400
+mijlen moeten hebben afgelegd.
+
+Chamisso zegt in zijne beschrijving van den Radack-Archipel, die in
+het westelijk deel van den Stillen Oceaan is gelegen [362]: "de zee
+voert de zaden en vruchten van vele boomen naar deze eilanden, alwaar
+de meeste van hen niet zijn opgegroeid. Het meerendeel van deze zaden
+schijnt echter het vermogen tot groeien niet verloren te hebben." Ook
+zegt men, dat palmboomen ergens uit eene heete luchtstreek en stammen
+van noordelijke dennen hier aan land zijn gespoeld; deze dennen moeten
+dus een buitengewoon verren weg hebben afgelegd. Zulke feiten zijn in
+hooge mate belangwekkend. Het valt niet te betwijfelen, dat, indien
+er landvogels waren om de zaden op te pikken zoodra zij op 't strand
+werden geworpen, alsook een beter voor hunnen groei geschikten bodem
+dan de losse brokken koraal, het meest afgelegene dezer laguneneilanden
+mettertijd eene veel rijkere flora zou bezitten dan het nu heeft.
+
+De lijst van landdieren is nog armer dan die der planten. Eenige
+eilandjes worden bewoond door ratten, die hierheen werden
+gebracht. Deze ratten worden door Waterhouse voor dezelfde gehouden
+als de Engelsche soort, maar zijn kleiner en lichter van kleur. Echte
+landvogels ontbreken; want een snip en een wachtelkoning (Rallus
+Phillippensis), ofschoon geheel in het droge kruid levende, behooren
+tot de Orde der Steltloopers (Grallae). Men zegt, dat vogels van deze
+Orde op vele van de lage eilandjes in den Stillen Oceaan voorkomen. Op
+Ascension, waar geen landvogel is, werd bij den top van den berg een
+wachtelkoning (Porphyrio simplex) geschoten, die hier blijkbaar een
+eenzame zwerver was. Op Tristan da Cunha, waar volgens Carmichael
+slechts twee landvogels zijn, komt een koet (Fulica) voor, [363]
+die eveneens een steltlooper is. Wegens deze feiten geloof ik, dat
+de steltloopers in 't algemeen, na de talrijke soorten zwemvogels,
+de eerste nederzetters zijn op kleine afgelegen eilanden, en
+kan er bijvoegen, dat, telkens als ik ver in zee vogels zag, die
+geen eigenlijke zeevogels waren, zij tot de Orde der Steltloopers
+behoorden. Het is dus natuurlijk, dat zij de vroegste nederzetters
+worden op ver afgelegen landpunten.
+
+Van kruipende dieren zag ik slechts eene kleine hagedis. Wat de
+insecten betreft, heb ik getracht alle soorten te verzamelen. Behalve
+spinnen, die talrijk waren, vond ik dertien soorten, en hieronder
+slechts een enkelen kever. [364] Een kleine mier zwermde bij duizenden
+onder de losse droge koraalblokken, en was eigenlijk het eenige insect,
+dat overvloedig voorkwam. Ofschoon in vergelijking met de waters der
+naburige zee, de voortbrengselen van het land zoo schaarsch zijn,
+is het aantal bewerktuigde wezens inderdaad oneindig groot. Chamisso
+heeft (Kotzebue's First Voyage, deel III blz. 222) de natuurlijke
+geschiedenis van een laguneneiland in den Radack-Archipel beschreven;
+en het is merkwaardig, hoezeer de bewoners daarvan in aantal en soort
+op die van Keeling-Eiland gelijken. Er zijn eene hagedis en twee
+steltloopers: namelijk een snip (Scolopax) en een wulp (Numenius). Van
+planten zijn er 19 soorten met inbegrip van een varenkruid, en eenige
+daarvan zijn dezelfde als die welke hier groeien, niettegenstaande
+de plek zoo ontzettend ver en in een geheel anderen oceaan ligt.
+
+De lange strooken land, die de rechtlijnige eilandjes vormen, bereiken
+geene grootere hoogte dan tot waar de branding koraalbrokken kan
+opwerpen en de wind kalkhoudend zand ophoopen. De stevige bank van
+koraalgesteente breekt door hare breedte het eerste geweld der golven,
+die anders in één dag deze eilandjes met al wat zij voortbrengen
+zouden wegspoelen. Zee en land schijnen hier om het meesterschap
+te strijden; en ofschoon het vaste land eene plaats heeft veroverd,
+acht het water hier minstens even geldige rechten te bezitten. Op alle
+gedeelten ontmoet men krabben van meer dan ééne soort, die hier als
+kluizenaars leven, met de schelpdieren op haren rug, welke zij van
+het naburige strand gestolen hebben. In de boomen boven ons rusten
+talrijke witte rotspelikanen, fregatvogels en zeezwaluwen; en het
+bosch zou men een zeekraaiennest kunnen noemen, wegens de vele nesten
+en den stank, waarmede de dampkring vervuld is. Op hunne ruwe nesten
+gezeten, kijken de rotspelikanen u met een dom en toornig gezicht
+aan. De zeezwaluwen (Sterna) zijn, gelijk haar bijnaam van "domme"
+uitdrukt, onnoozele kleine schepsels; maar buiten deze is er eene
+kleine sneeuwwitte zeezwaluw, een bevallige vogel, die enkele voeten
+boven uw hoofd stil rondhuppelt, en met zijne groote, zwarte oogen
+kalm maar nieuwsgierig uw gelaat opneemt. Er is weinig verbeelding
+toe noodig, om zich voor te stellen, dat in zulk een tenger en fijn
+lichaam een dolende feeëngeest moet huizen.
+
+
+
+[Zondag 3 April.]
+
+Na den dienst vergezelde ik kapitein Fitz-Roy naar de nederzetting,
+die eenige mijlen ver op de punt ligt van een dicht met hooge
+kokosboomen bedekt eilandje. Kapitein Ross en de meergenoemde Liesk
+wonen in een aan beide kanten open huis, dat de gedaante heeft van
+eene schuur, en met matten van gevlochten schors omhangen is. De
+huizen der Maleiers staan langs het strand der lagune. De geheele
+plek had een eenigszins mistroostig aanzien, omdat er geen tuinen
+waren, die getuigen van eene zorgvuldige ontginning. De inboorlingen
+behooren tot verschillende eilanden in den Oostindischen Archipel,
+maar spreken allen dezelfde taal. Wij zagen er van Borneo, Celebes,
+Java en Sumatra. In kleur gelijken zij op de bewoners van Tahiti,
+van wie zij in trekken niet veel verschillen. Eenige vrouwen
+vertoonen echter veel van het Chineesche type. Mij beviel zoowel de
+gelaatsuitdrukking in 't algemeen als de klank hunner stemmen. Zij
+schenen arm, en in hunne huizen ontbrak alle gerief van meubelen;
+maar uit het poezelig voorkomen der kindertjes bleek duidelijk,
+dat kokosnoten en zeeschildpadden geen slecht voedsel zijn.
+
+Op dit eiland liggen de putten, waaruit de schepen water opdoen. In
+'t eerst schijnt het niet weinig vreemd, dat het zoete water met de
+getijden regelmatig ebt en wast, en men heeft zelfs gemeend, dat zand
+het vermogen bezit om het zout uit het zeewater te filtreeren. Deze
+ebbende putten komen ook op eenige lage eilanden in West-Indië
+voor. Het samengedrukte zand of het poreuze koraalgesteente wordt
+evenals eene spons van het zoute water doorzegen; maar de regen,
+die op de oppervlakte valt, moet dalen tot het peil der omringende
+zee en zich daar ophoopen onder verplaatsing van een gelijk volume
+zoutwater. Wanneer nu het water in het lagere gedeelte der groote
+sponsachtige koraalmassa met de getijden rijst en daalt, zal dit
+ook geschieden met het water bij de oppervlakte; en dit laatste zal
+zoet blijven, indien het gesteente dicht genoeg is om aanzienlijke
+mechanische vermenging te voorkomen. Graaft men echter een put op
+plaatsen, waar het land bestaat uit groote losse koraalbrokken met
+open tusschenruimten, dan is, blijkens hetgeen ik gezien heb, het
+water daarin brak.
+
+Na het middagmaal woonden wij een zonderling en half bijgeloovig
+schouwspel bij, dat de Maleische vrouwen ons te zien gaven. Een
+groote houten lepel, die in kleeren gestoken en naar het graf
+van een overleden man was gebracht, werd, volgens hare bewering,
+bij volle maan begeesterd en zou gaan springen en dansen. Na de
+noodige voorbereidingen, hielden twee vrouwen den lepel vast, die
+daarop in stuipachtige beweging geraakte en onder het gezang der
+omstaande vrouwen en kinderen goed in de maat ronddanste. Het was
+eene allerzotste vertooning; maar Liesk beweerde, dat vele Maleiers
+werkelijk aan de geestenbeweging van den lepel geloofden. De dans begon
+eerst nadat de maan was opgegaan; en toen wij hare heldere schijf
+zoo stil tusschen de lange, in den avondwind wuivende takken der
+kokosboomen zagen schijnen, werden wij ruimschoots voor ons wachten
+schadeloos gesteld. Op zichzelven zijn deze tropische landschappen
+zoo verrukkelijk, dat men hen bijna even lief krijgt als die in het
+eigen vaderland, waaraan wij door de fijnste snaren van het gemoed
+verbonden zijn.
+
+Den volgenden dag hield ik mij bezig met het onderzoek naar den
+zeer belangwekkenden, hoewel eenvoudigen bouw en oorsprong dezer
+eilanden. Daar het water bijzonder effen was, waadde ik over de
+buitenste bank van dood gesteente tot aan de levende koraaldijken,
+waarop de golfslag der volle zee breekt. In sommige geulen en holten
+zwommen visschen in prachtig groene en andere kleuren, en prijkten
+vele zoöphieten in wondervolle tinten en vormen. Het is verschoonbaar,
+dat men in geestdrift geraakt over het oneindig aantal bewerktuigde
+wezens, waarmede de keerkringszee, zoo kwistig in levensvormen,
+bevolkt is; toch moet ik bekennen, dat natuuronderzoekers die in
+welgekozen bewoordingen de onderzeesche grotten beschreven hebben
+als versierd te zijn met duizend schoonheden, volgens mijn idee eene
+eenigszins gezwollen taal gebezigd hebben.
+
+
+
+[6 April.]
+
+Ik vergezelde kapitein Fitz-Roy naar een eiland aan het hoofdeinde
+der lagune, en daarbij volgden wij een ingewikkeld kanaal, dat
+zich door velden van fijn vertakte koralen slingerde. Wij zagen
+verscheidene zeeschildpadden, en twee booten werden afgezonden om ze te
+vangen. Het water is zoo helder en ondiep, dat hoewel de zeeschildpad
+door snel duiken in de eerste oogenblikken uit het gezicht raakt,
+de vervolgers in hunne kano of zeilboot haar na eene niet zeer lange
+jacht inhalen. Op dit oogenblik springt een man, die in den boeg gereed
+staat, door het water heen op den rug der schildpad, grijpt haar met
+beide handen bij het nekschild, en laat zich zoo meevoeren totdat het
+dier uitgeput raakt en gevat wordt. Het was eene belangwekkende jacht,
+de twee booten zoo te zien rondvaren, en de mannen met het hoofd
+vooruit door het water te zien schieten om te trachten hunne prooi
+te grijpen. Kapitein Moresby meldt mij, dat de inboorlingen der in
+dezen zelfden oceaan gelegen Chagos-Eilanden op eene afgrijselijke
+manier het rugschild van de levende zeeschildpad wegnemen. "Het
+wordt met brandende houtskool bedekt, die de buitenste schaal omhoog
+doet krommen; daarna rukt men het met een mes af, en maakt het plat
+tusschen twee planken voordat het koud wordt. Na deze barbaarsche
+behandeling laat men het dier weer in zijn element terugkeeren,
+waar zich na eenigen tijd een nieuw schild vormt, dat echter te dun
+is om het dier van eenig nut te zijn. Het gevolg is dan ook altijd,
+dat de schildpad er kwijnend en ziekelijk uitziet."
+
+Toen wij aan den kop der lagune kwamen, staken wij een smal eilandje
+over, en zagen hier op de kust naar den wind eene hevige branding
+staan. Ik kan moeilijk zeggen waarom: maar op mijn geest maakt de
+aanblik van de buitenkusten dezer laguneneilanden een zeer grootschen
+indruk. Er ligt iets grootsch in dat eenvoudige borstweringachtige
+strand, dien zoom van groene struiken en hooge kokosboomen, die
+stevige bank van dood koraalgesteente met hare groote, hier en daar
+verspreide losse brokken, en in die lange lijn van woedende brekers,
+die aan alle zijden aanrollen. Als de oceaan zijne golven over het
+breede rif werpt, schijnt hij u een onoverwinnelijke vijand van
+alvermogende kracht; toch zien wij hem tot staan gebracht en zelfs
+overwonnen door middelen, die u op 't eerste gezicht zoo uiterst
+zwak en krachteloos schijnen. Niet dat de oceaan de koraalrotsen
+spaart! De groote brokken, die over het rif verspreid en opgehoopt
+zijn op het strand, waaruit de hooge kokosboom ontspruit, spreken
+duidelijk van de onbuigzame kracht der golven. Ook gunt de zee het
+land geen tijd van rust. De langdurige stijging, veroorzaakt door de
+gestadige werking van den passaatwind, die altijd in ééne richting
+over een uitgestrekt gebied waait, doet brekers ontstaan, bijna
+even machtig als die in gematigde luchtstreken tijdens een orkaan,
+en die met onverpoosd geweld woeden. Men kan deze golven niet zien
+zonder een gevoel van overtuiging, dat een eiland, ofschoon uit
+het hardste gesteente bestaande, hetzij porfier, graniet of kwarts,
+eindelijk voor zulk eene onweerstaanbare kracht moet zwichten en door
+de golven worden verslonden. Niettemin houden deze lage, onbeduidende
+koraaleilandjes zegevierend stand, want eene andere macht treedt
+op als tegenstander en mengt zich in den strijd. De krachten van het
+organische leven scheiden, een voor een, de molekulen koolzure kalk uit
+de schuimende branding, en vereenigen ze tot een hecht, symmetrisch
+samenstel. Laat vrij de oceaan er duizenden brokken afrukken, wat
+zegt dit tegen de tienduizenden nijvere arbeiders, die dag en nacht,
+maand in maand uit aan 't werk zijn? Zoo zien wij dan het zachte en
+slijmachtige lichaam der poliep door tusschenkomst der levenswetten
+zegevieren over de ruwe mechanische kracht der golven van een oceaan,
+dien noch de menschelijke kunst, noch zelfs de onbezielde werken der
+natuur met goed gevolg konden weerstaan!
+
+Niet voor des avonds laat keerden wij aan boord terug, want langen tijd
+bleven wij in de lagune bezig met het onderzoek van de koraalvelden
+en van de 1 1/2 M. groote reuzenschelpen, [365] welke laatste zoo
+sterk zijn, dat iemand die zijne hand tusschen de schalen durft
+steken, haar niet zou kunnen lostrekken, zoolang het dier leeft. Bij
+het hoofdeinde der lagune vond ik tot mijne groote verbazing eene
+uitgestrekte ruimte van veel meer dan een mijl in het vierkant, bedekt
+met een woud van fijn vertakte koralen, die allen dood en verrot waren,
+ofschoon zij recht overeind stonden. In 't eerst begreep ik volstrekt
+niet wat de oorzaak hiervan was, doch later viel mij in, dat zij aan
+den volgenden, eenigszins vreemden samenloop van omstandigheden was toe
+te schrijven. Ik moet echter vooraf zeggen, dat koralen zelfs niet een
+korten tijd aan de zonnestralen in de open lucht kunnen blootgesteld
+zijn, zonder te sterven, zoodat hare bovenste groeigrens bepaald wordt
+door die van het laagste water bij springgetijden. Uit eenige oude
+kaarten blijkt, dat het lange eiland bovenwinds voorheen door wijde
+kanalen in verscheidene eilandjes verdeeld was: welk feit ook hieruit
+blijkt, dat de boomen op die gedeelten jonger zijn. In den vroegeren
+toestand van het rif zou een sterke bries, door meer water over de
+borstwering te werpen, het peil der lagune hebben doen rijzen. Thans
+heeft zij eene tegengestelde werking; want niet alleen neemt het water
+in de lagune door stroomingen van buiten niet toe, maar het wordt zelf
+door de kracht van den wind naar buiten gestuwd. Zoo heeft men dan
+waargenomen, dat het getij nabij het hoofd der lagune gedurende eene
+sterke bries niet zoo hoog stijgt, als bij kalm weder. Volgens mijn
+idee, heeft dit niveau-verschil, ofschoon zonder twijfel zeer gering,
+den dood veroorzaakt van deze koraalboschjes, die in den vroegeren,
+meer open toestand van het buitenrif hunne hoogst mogelijke grens
+van verticalen groei bereikt hadden.
+
+Enkele mijlen ten noorden van Keeling is eene andere kleine
+atolle, binnen welke de lagune bijna geheel met koraalmodder
+gevuld is. Kapitein Ross vond in het conglomeraat-gesteente op de
+buitenkust een goed afgerond stuk groensteen bedolven, iets grooter
+dan een menschenhoofd, waarover hij zelf en zijne metgezellen zoo
+verwonderd waren, dat zij het stuk medenamen en als eene bijzonderheid
+bewaarden. Het voorkomen van dezen enkelen steen in eene omgeving van
+niets dan kalkhoudend gesteente, is zeer verrassend. Het eiland is
+bijna nooit bezocht geworden, en het is ook niet waarschijnlijk, dat
+er een schip is vergaan. Bij gebrek aan eene betere verklaring, kwam
+ik tot de slotsom, dat de steen, tusschen de wortels van een grooten
+boom verward, hierheen was gekomen; maar denkende aan den grooten
+afstand van het naastbij gelegen land, en aan het onwaarschijnlijke
+van zulk een samenloop van omstandigheden, nl. dat een steen zou
+vastgeraakt zijn in een boom, met den boom in zee gespoeld, zóó ver
+weggedreven, toen veilig geland en eindelijk zoodanig begraven zou
+zijn, dat hij ontdekt werd--schrok ik haast, dat een blijkbaar zoo
+onwaarschijnlijk middel van vervoer in mijn brein opkwam. Met veel
+belangstelling las ik daarom het verhaal van Chamisso, den te recht
+vermaarden natuuronderzoeker die Kotzebue vergezelde, dat de bewoners
+van den Radack-Archipel (de reeds genoemde groep laguneneilanden
+in den Stillen Oceaan) de steenen voor het scherpen van hunne
+werktuigen verkregen, door de wortels van boomen te onderzoeken
+welke op het strand waren geworpen. Blijkbaar moet dit verscheidene
+keeren gebeurd zijn, daar er wetten bestaan, dat zulke steenen aan
+het opperhoofd toebehooren, en elk die hen poogt te stelen straf
+ontvangt. Let men op de afgezonderde ligging dezer eilandjes te midden
+van een uitgestrekten oceaan (de reusachtige afstand van eenig land,
+behalve koraalvormingen, blijkt wel het best uit de waarde welke de
+inboorlingen, die zulke kloeke zeevaarders zijn, aan elke soort van
+steenen hechten) [366]: alsmede op de geringe snelheid der stroomingen
+in eene open zee--dan schijnt het voorkomen van op deze wijze vervoerde
+steenen ons wonderlijk toe. Toch kunnen steenen dikwijls zoo vervoerd
+worden; en indien het eiland, waarop zij stranden, uit andere stoffen
+dan koraal bestaat, zullen zij nauwelijks de aandacht trekken en zal
+althans hun oorsprong nooit aanleiding geven tot gissingen. Bovendien
+kan dit vervoer langen tijd de aandacht ontgaan, daar de boomen,
+vooral die welke met steenen zijn beladen, waarschijnlijk onder
+de oppervlakte drijven. In de kanalen van Vuurland worden groote
+hoeveelheden drijfhout op het strand geworpen; maar uiterst zelden
+ziet men een boom op het water drijven. Misschien kunnen deze feiten
+eenig licht werpen op het geval, dat hoekige zoowel als afgeronde
+steenen soms in fijne bezonken stoffen begraven worden gevonden.
+
+Op een anderen dag bezocht ik het West-Eilandje, waar de plantengroei
+misschien overvloediger is dan op de overige. De kokosboomen groeien
+meestal gescheiden; maar hier bloeiden de jonge stammen onder
+hunne hooge bloedverwanten, en vormden met hunne lange en gebogen
+bladerkronen de meest belommerde priëelen. Alleen zij, die zoo iets
+ondervonden hebben, weten hoe heerlijk het is onder zulk lommer te
+zitten en het koele, aangename sap van de kokosnoot te drinken. Op
+dit eiland bevindt zich eene groote baaivormige ruimte, welke uit het
+fijnste witte zand bestaat; zij is geheel vlak en alleen bij hoog
+water door het getij bedekt. Uit deze groote baai ontspringen vele
+kleine kreken, die zich in de omringende bosschen verliezen. Het
+gezicht van zulk een veld met blinkend wit zand, rustig als eene
+bevroren watervlakte en omgeven door een rand van hooge, wuivende
+kokosstammen, vormde een zonderling, maar zeer aardig schouwspel.
+
+Boven heb ik gesproken van een kreeft, die van de kokosnoten leeft. Hij
+is zeer algemeen overal waar droog land is, bereikt eene monsterachtige
+grootte, en is na verwant aan of dezelfde als Birgos latro. [367]
+Het voorste paar beenen eindigt in zeer sterke en forsche scharen,
+terwijl het achterste van zachtere en veel smallere voorzien is. In
+'t eerst zou men het geheel onmogelijk achten, dat een kreeft eene met
+een stevigen dop omsloten kokosnoot kan openen; maar Liesk verzekerde
+mij, dat hij dit herhaaldelijk heeft zien doen. De kreeft begint met
+den dop vezel voor vezel stuk te plukken, en altijd van dat einde
+af, waar zich de zoogenaamde drie oogen bevinden. Is dit volbracht,
+dan begint de kreeft met zijne zware klauwen op een van de oogen
+te hameren, totdat er eene opening gemaakt is. Dan draait hij zijn
+lichaam om, en haalt met de twee achterste en smallere scharen de witte
+vleezige pit te voorschijn. Ik beschouw dit feit niet alleen als het
+merkwaardigste voorbeeld van instinct, waarvan ik ooit gehoord heb,
+maar ook als eene aanpassing in lichaamsbouw tusschen twee in het
+schema der natuur blijkbaar zoover van elkander staande organismen,
+als een kreeft en een kokosboom. Deze Birgos is in zijne leefwijze een
+dagdier; maar men zegt, dat hij elken nacht een bezoek aan zee brengt,
+zonder twijfel met het doel om zijne kieuwen te bevochtigen. Op de
+kust worden ook de jongen uitgebroed, die er vervolgens eenigen tijd
+leven. Deze kreeften wonen in diepe gaten, welke zij onder de wortels
+van boomen graven, en waar zij bijzonder groote hoeveelheden van de
+losgetrokken vezels der kokosnotedoppen verzamelen, om hierop als op
+een bed te rusten. Soms maken de Maleiers hiervan gebruik, en garen de
+vezels om er oud touwwerk van te maken. Deze kreeften vormen een zeer
+goed voedsel; bovendien bevindt zich onder den staart van de grootere
+individuën eene aanzienlijke hoeveelheid vet, dat, gesmolten, somtijds
+een kwart flesch vol heldere olie oplevert. Sommige schrijvers beweren,
+dat de Birgos tegen de kokosboomen opkruipt, om de noten te stelen. Ik
+twijfel zeer of dit wel mogelijk is, maar met den Pandanus (Pandang
+of Schroefboom) zou die beklimming veel gemakkelijker zijn. Liesk
+vertelde mij, dat de Birgos op deze eilanden leeft van de noten,
+die op den grond zijn gevallen.
+
+Kapitein Moresby deelt mij mede, dat deze kreeft de Chagos-Eilanden en
+de Seychellen bewoont, maar niet voorkomt op de naburige Maldivische
+Eilanden. Vroeger was hij talrijk op Mauritius, doch nu vindt men
+daar slechts enkele kleine. Naar men zegt bewoont deze soort, of eene
+met zeer overeenkomstige eigenschappen, één enkel koraaleiland in den
+Stillen Oceaan, noordelijk van de Gezelschaps-Eilanden. Als een bewijs
+hoe verbazend sterk het voorste paar scharen is, wil ik vermelden,
+dat Scoresby eens een kreeft in een sterken tinnen trommel opsloot,
+waarin beschuit geweest was, en het deksel met metaaldraad omwond. De
+kreeft boog echter de randen om en ontsnapte. Dit ombuigen geschiedde
+met zulk eene kracht, dat hij verscheidene kleine gaatjes door het
+tin boorde.
+
+Tot mijne groote verrassing vond ik twee koraalsoorten van het geslacht
+Millepora (M. complanata en M. alcicornis), die het vermogen bezaten
+tot steken. Versch uit het water genomen, zijn de steenen takken of
+platen op het gevoel ruw en niet kleverig, ofschoon zij een sterken,
+onaangenamen reuk bezitten. De stekende eigenschap schijnt bij
+verschillende exemplaren ongelijk te zijn; drukte of wreef men een stuk
+op de zachte huid van aangezicht of arm, dan ontstond gewoonlijk, na
+verloop van eene secunde, eene prikkelende gewaarwording, die slechts
+enkele minuten duurde. Toen ik echter op zekeren dag een der takken
+vluchtig met mijn gezicht aanraakte, ontstond onmiddellijk pijn;
+deze nam, zooals gewoonlijk, na enkele secunden toe, bleef eenige
+minuten lang hevig, en was nog een half uur daarna te bespeuren. Het
+gevoel was even onaangenaam als wanneer men een brandnetel aanraakt,
+doch geleek meer op dat, veroorzaakt door Physalia of het Spaansche
+Fregat. Kleine, roode vlekken ontstonden op de zachte huid van den
+arm, en zagen er uit alsof zij blaren zouden trekken, hetgeen echter
+niet gebeurde. De heer Quoy meldt dit geval van de Millepora, en
+zoo hoorde ik ook van stekende koralen in West-Indië. Vele zeedieren
+schijnen dit steekvermogen te bezitten; behalve het Spaansche fregat,
+vele koralen, en Aplysia of de zeehaas van de Kaap-Verdische-Eilanden,
+wordt in de "Voyage of the Astrolabe" gesproken van eene Actinia of
+zee-anemoon, en van een buigzaam aan Sertularia verwant koraaldier,
+die beiden dit middel tot aanvallen of verdedigen bezitten. Men zegt,
+dat in de Oostindische Zee een stekend zeewier wordt gevonden.
+
+Twee soorten van visschen, behoorende tot het geslacht Scarus
+(papegaaivisch), welke hier algemeen zijn, leven uitsluitend van
+koraal; beiden zijn schitterend blauwgroen gekleurd en leven,
+de een altijd in de lagune en de ander tusschen de brekers op de
+buitenkust. Liesk verzekerde mij, dat hij herhaaldelijk geheele scholen
+visschen met hunne sterke beenige kaken op de toppen der koraaltakken
+had zien grazen. Bij verscheidene opende ik de ingewanden en vond die
+gevuld met kalkhoudende, zanderige modder van geelachtige kleur. Ook
+de slijmerige, walgelijke zeeblazen (Holothuroidea [368] aan onze
+zeesterren verwant), waarop de Chineesche lekkerbekken zoo verzot zijn,
+leven voor een groot deel van koralen, gelijk Dr. Allan mij bericht;
+en het beenig toestel binnen hun lichaam schijnt wel voor dit doel
+geschikt. Deze Holothuroidea, de visschen, de talrijke boorschelpen
+en borstelwormen (Nereïdae), die elk blok dood koraalgesteente
+doorboren, moeten zeer krachtig medewerken tot het voortbrengen van
+de fijne witte modder, welke op den bodem en de oevers der lagune
+ligt. Prof. Ehrenberg vond echter bij onderzoek, dat eene hoeveelheid
+van deze modder, die, nat zijnde, in 't oog vallend op fijngestampte
+kalk geleek, voor een deel uit kiezelschalige infusiediertjes bestond.
+
+[12 April.]
+
+Des morgens zeilden wij uit de lagune en zetten koers naar Isle
+de France. Het doet mij genoegen, dat wij deze eilanden bezocht
+hebben; want zulke vormingen behooren zeker tot de wonderlijkste
+voortbrengselen der Natuur. Op een afstand van 2200 yards van de
+kust (2012 M.) peilde kapitein Fitz-Roy met eene lijn van 7200
+voet lengte (2195 M.) nog geen grond, waaruit dus blijkt, dat dit
+eiland een hooge onderzeesche berg is met nog spitsere hellingen
+dan de steilste vulkaankegel. De schotelvormige top meet bijna tien
+mijlen in doorsnede; en elk atoom, van af het kleinste deeltje tot
+het grootste steenblok in dezen hoogen berg, die toch nog klein
+is in vergelijking met zeer vele andere koraaleilanden, draagt den
+stempel van langs organischen weg ontstaan te zijn. [369] Wij zijn
+verbaasd, als reizigers ons vertellen van de reusachtige afmetingen
+der pyramiden en andere groote gedenkteekenen der menschelijke kunst;
+maar hoe onbeduidend zijn de grootsten hunner, vergeleken met deze
+steenen bergen, welke door geen andere arbeiders zijn opgehoopt, dan
+verschillende kleine en tengere dieren! Dit is een wonder, dat op het
+eerste gezicht niet het lichamelijk oog, maar, na rijpe overdenking,
+het oog der rede treft.
+
+
+
+Ik zal nu eene zeer korte beschrijving geven van de drie groote
+klassen van koraalriffen, namelijk:
+
+1o. Atollen of Lagunenriffen.
+2o. Wal- of Damriffen (door Darwin genoemd Barrier-reefs).
+3o. Rand- of Kustriffen (door Darwin genoemd Fringing-reefs).
+
+en mijne inzichten omtrent hunne vorming mededeelen. [370] Bijna
+elk reiziger, die den Stillen Oceaan is overgestoken, heeft zijne
+groote verwondering betuigd over de laguneneilanden of Atollen,
+zooals ik hen later bij hun Indischen (Maleischen) naam zal noemen,
+en getracht er eene verklaring van te geven. Reeds in het jaar 1605
+zeide Pyrard de Laval terecht:
+
+"C'est une merveille de voir chacun de ces atollons environné d'un
+grand banc de pierre, tout autour n'y ayant point d'artifice humain."
+
+(Het is verwonderlijk elk dezer atollen omringd te zien door eene
+groote steenen bank, zonder eenig spoor van menschelijke kunst in
+den omtrek).
+
+Nevensstaande schets van het eiland Whitsunday in den Stillen Oceaan,
+welke ontleend is aan de uitnemende reisbeschrijving van kapitein
+Beechey, geeft slechts een flauw begrip van het zonderlinge voorkomen
+van zulk eene atolle. Het is er een van de kleinste grootte, en bestaat
+uit smalle eilanden, die onderling tot een ring zijn vereenigd. De
+tegenstelling tusschen den onmetelijken oceaan met zijne woedende
+stortzeeën, en het lage eiland met het kalme heldergroene water
+binnen de lagune, kan men zich moeilijk voorstellen zonder het gezien
+te hebben.
+
+De vroegere reizigers stelden zich voor, dat de koraalvormende dieren
+hunne groote ringen instinctmatig bouwden, om zich aan de binnenzijde
+eene veilige schuilplaats te verschaffen; maar als bewijs hoe ver dit
+van de waarheid is, wil ik alleen zeggen, dat die in massa vereenigde
+soorten, van wier groei op de open buitenkusten het bestaan van het
+rif zelf afhangt, niet binnen de lagune kunnen leven, waar andere
+fijn vertakte soorten bloeien. Volgens die meening wordt bovendien
+ondersteld, dat vele soorten van verschillende geslachten en families
+zich tot één doel vereenigen; en van zulk eene vereeniging is in de
+geheele natuur geen enkel voorbeeld te vinden. De theorie, welke het
+meest ingang heeft gevonden is, dat atollen op onderzeesche kraters
+rusten; beschouwen wij echter den vorm en grootte van sommige,
+het aantal, de nabuurschap en betrekkelijke ligging van andere,
+dan verliest dit denkbeeld zijn aannemelijk karakter. Zoo meet de
+atolle Suadiva [371] 44 geographical mijlen in de eene richting
+en 34 in eene andere; Rimsky meet 54 bij 20 mijlen, en heeft een
+zonderling gebogen rand; de atolle Bow [372] is 30 mijlen lang,
+bij eene gemiddelde breedte van slechts zes, terwijl Menchikov (een
+der Marshall-Eilanden) uit drie onderling vereenigde of verbonden
+atollen bestaat. Bovendien is deze theorie geheel ontoepasselijk op de
+noordelijke Maldivische atollen in den Indischen Oceaan (waarvan ééne
+88 mijlen lang en tusschen de 10 en 20 m. breed is); want deze worden
+niet begrensd door smalle riffen evenals gewone atollen, maar door
+een groot aantal afzonderlijke kleine atollen, terwijl andere kleine
+atollen uit de groote lagunenvormige binnenruimten verrijzen. Eene
+derde en betere theorie werd door Chamisso voorgesteld, die meende,
+dat, ten gevolge van den sterkeren groei der koralen op plaatsen
+waar zij aan de volle zee zijn blootgesteld--zooals ongetwijfeld
+het geval is, de buitenranden vroeger dan andere gedeelten uit het
+gemeenschappelijke grondvlak zouden opgroeien, en dat dit de ring- of
+schotelvormige structuur zou verklaren. Maar aanstonds zullen wij zien,
+dat in deze, zoowel als in de krater-theorie, een allerbelangrijkst
+punt over het hoofd is gezien, namelijk de vraag: waarop hebben de
+rifvormende koralen, die op geene groote diepte kunnen leven, hunne
+hechte bouwwerken gegrondvest?
+
+Aan den steilen buitenkant der Keeling-atolle werden door kapitein
+Fitz-Roy een aantal zorgvuldige peilingen gedaan, en werd bevonden,
+dat de bereide talk op den bodem van het lood, uit punten binnen
+tien vademen diepte, altijd bovenkwam met duidelijke indruksels van
+levende koralen, doch zonder aanklevende bestanddeelen, en even schoon
+alsof men het op een grasveld had laten vallen. Nam de diepte toe, dan
+werden de indruksels minder talrijk, maar de aanklevende zanddeeltjes,
+daarentegen, steeds talrijker, totdat de bodem eindelijk uit eene
+zachte zandlaag bleek te bestaan. Wil men de vergelijking met het
+grasveld voortzetten, dan kunnen wij zeggen, dat de grashalmen al
+schaarscher en schaarscher werden, tot de grond eindelijk zoo dor was,
+dat er niets meer uit opschoot. Uit deze, door vele andere bevestigde
+waarnemingen mogen wij veilig afleiden, dat de uiterste diepte waarop
+koralen hunne riffen kunnen bouwen, 20 tot 30 vademen bedraagt. Nu
+zijn er ontzaglijke oppervlakten in de Stille en Indische Oceanen,
+waar elk eiland op zichzelf eene koraalvorming is, en slechts die
+hoogte bereikt, tot welke de golven nog brokstukken kunnen opwerpen,
+en de winden zand kunnen ophoopen. Zoo is de groep der Radack-atollen
+(Marshall-Eilanden) een onregelmatig vierkant, 520 mijlen lang, bij
+240 breed; de ellipsvormige Lage of Tuamotu-Archipel meet 840 mijlen
+in zijne langste en 420 in de kortste as; tusschen deze twee archipels
+liggen andere kleine groepen en afzonderlijke lage eilanden, welke met
+de eersten eene ruimte in den oceaan bedekken van 4000 mijlen lengte,
+waarbinnen geen enkel eiland boven de bepaalde hoogte reikt. Ook in
+den Indischen Oceaan is eene ruimte van 1500 mijlen in doorsnede,
+welke drie archipels omvat, alle uit lage eilanden bestaande,
+die door koralen zijn gevormd. Wegens het feit, dat de rifbouwende
+koralen niet op groote diepte leven, kan met volstrekte zekerheid
+worden gezegd, dat overal in die uitgestrekte ruimten, waar thans
+eene atolle is, oorspronkelijk een bodem bestaan moet hebben binnen
+eene diepte van 20 tot 30 vademen (ongeveer 37 tot 55 Met.) van
+het zeeoppervlak. Het is ten hoogste onwaarschijnlijk, dat breede,
+hooge, vrij staande en steil oploopende banken van bezonken stoffen,
+verspreid in groepen en reeksen van vele honderden mijlen lengte,
+gevormd konden zijn in de midden- en diepste gedeelten der Stille
+en Indische Oceanen, op een reusachtigen afstand van het vasteland,
+en waar het water volkomen doorschijnend is. Even onwaarschijnlijk is
+het, dat de opstuwende krachten onder onze aardkorst over de genoemde
+uitgestrekte ruimten tallooze groote rotsbanken zouden hebben opgeheven
+tot eene hoogte van 20 tot 30 vademen (120 tot 180 voet) onder de
+oppervlakte der zee, en geen enkele harer boven dat peil. Immers,
+wáár op de geheele aardoppervlakte kunnen wij eene bergketen vinden,
+zelfs van maar weinige honderden mijlen lengte, welker talrijke toppen
+zich niet hooger verheffen dan enkele voeten onder een bepaald peil,
+en waar geen enkele top daarboven verrijst? Bijgevolg, indien de
+grondvlakken waaruit de atollen-bouwende koralen groeiden, niet uit
+bezonken stoffen gevormd, en ook niet tot de vereischte hoogten werden
+opgestuwd, moeten zij noodzakelijk tot dat peil zijn ondergezonken;
+en dit lost terstond de moeilijkheid op. Want terwijl de eene berg
+na den anderen, het eene eiland na het andere langzaam onder water
+zonken, ontstonden achtereenvolgens versche bodems voor den groei der
+koralen. Wij kunnen hier onmogelijk in alle vereischte bijzonderheden
+treden; maar ik tart elk, om op andere wijze te verklaren, hoe het
+mogelijk is, dat over zulke uitgestrekte ruimten talrijke eilanden
+verspreid liggen, allen dit gemeen hebbende, dat zij laag en opgebouwd
+zijn uit koralen, die als levensvoorwaarde een bodem behoeven, welke
+op beperkte diepte onder het zeeoppervlak is gelegen. [373]
+
+Alvorens te verklaren hoe de atollen of lagunenriffen hunne
+eigenaardige structuur verkrijgen, moeten wij ons wenden tot de
+tweede groote klasse, namelijk de wal- of damriffen. Deze strekken
+zich uit, hetzij in rechte lijnen voor de kusten van een vastland of
+groot eiland, of zij omringen kleine eilanden; in beide gevallen zijn
+zij van het land gescheiden door een breed en vrij diep waterkanaal,
+evenals de lagune binnen eene atolle. Het is opmerkelijk hoe weinig
+aandacht aan de ringvormige walriffen is geschonken, ofschoon zij
+toch zoo wondervol zijn samengesteld. De volgende schets stelt een
+gedeelte van het walrif voor, dat het eiland Bolabola [374] in den
+Stillen Oceaan omringt, gezien van een der rotstoppen in het midden. In
+dit geval is de geheele rifrand in land veranderd; maar gewoonlijk
+scheidt eene sneeuwwitte lijn van hooge brekers, waartusschen hier
+en daar een enkel laag, met kokosboomen begroeid eilandje zichtbaar
+is, de donkere golven in den oceaan van de lichtgroene ruimte in het
+lagunenkanaal. En het kalme water in dit kanaal bespoelt in de meeste
+gevallen een lagen rand van alluvialen grond, beladen met de schoonste
+voortbrengselen uit de keerkringen en gelegen aan den voet der ruwe,
+steile bergen in het midden.
+
+Er zijn ringvormige walriffen in alle grootten, van af 3 tot niet
+minder dan 44 mijlen in doorsnede; het rif, dat tegenover een der
+zijden van Nieuw-Caledonië ligt en de beide uiteinden omvat, is zelfs
+400 mijlen lang. Elk rif sluit één, twee of meer rotsachtige eilanden
+in van verschillende hoogten (in één geval zelfs 12 afzonderlijke
+eilanden), en loopt op ongelijke afstanden om het ingesloten land--bij
+de Gezelschaps-Eilanden meestal op een afstand van een tot drie of
+vier mijlen, maar bij Hogoleu [375] op 20 mijlen van den zuidkant,
+en 14 mijlen van den tegenovergestelden of noordkant der ingesloten
+eilanden. Ook is de diepte binnen het lagunenkanaal aan veel
+verandering onderhevig, en kan gemiddeld op 10 tot 30 vademen worden
+gesteld; maar op Wanikoro zijn ruimten van niet minder dan 56 vademen
+of 336 voeten diepte. Aan de binnenzijde loopt het rif zacht glooiend
+af naar het lagunenkanaal, of eindigt in een loodrechten wal, die onder
+water somtijds 200 tot 300 voeten hoog is; aan de buitenzijde verrijst
+het rif, evenals eene atolle, zeer steil uit de groote diepten van den
+oceaan. Kan men zich iets zonderlingers voorstellen dan dergelijke
+natuurgewrochten? Wij zien een eiland, dat te vergelijken is met
+een kasteel op den top van een hoogen onderzeeschen berg, tegen het
+geweld der zee beschermd door een grooten muur van koraalgesteente,
+die altijd steil is aan den buiten- en soms ook aan den binnenkant:
+van boven begrensd door een breed horizontaal vlak, en hier en daar
+afgebroken door smalle toegangen of invaarten, waardoor de grootste
+schepen de wijde en diepe singel- of vestinggracht kunnen binnenzeilen.
+
+Voor zoover het eigenlijke koraalrif betreft, is er niet het geringste
+verschil zoowel in algemeene grootte, begrenzing en groepeering
+als zelfs in zeer onbeduidende structuur-bijzonderheden, tusschen
+een walrif en eene atolle. De aardrijkskundige Balbi heeft terecht
+aangemerkt, dat een omwald eiland eene atolle is, waarin zich hoogland
+uit de lagune verheft; neem het land er binnen weg, en er blijft eene
+volledige atolle over.
+
+Maar wat is nu de oorzaak, dat deze riffen op zulke groote afstanden
+van de kusten der ingesloten eilanden uit zee verrijzen? De reden
+kan niet zijn, dat koralen niet in de nabijheid van het land groeien:
+want dikwijls zijn de kusten van het lagunenkanaal, wanneer zij niet
+door alluvialen grond zijn omgeven, door een rand van levende riffen
+begrensd; en aanstonds zullen wij zien, dat er eene geheele klasse
+van riffen bestaat, welke ik juist om hun nauw verband met de kusten
+zoowel van vastelanden als van eilanden, met den naam van Randriffen
+heb bestempeld. Eene tweede vraag is: waarop hebben de rifvormende
+koralen, die niet op groote diepten kunnen leven, hunne ringvormige
+wallen gegrondvest? Blijkbaar is de oplossing daarvan even moeilijk
+als in het gelijksoortige geval der atollen, en die meestal over het
+hoofd is gezien. De zaak zal duidelijker worden begrepen na een blik
+op de volgende ware doorsneden, die genomen zijn in de richtingen
+noord en zuid door de eilanden Wanikoro, Gambier (of Mangarewa) en
+Maurua met hunne walriffen. Zoowel in horizontale als in verticale
+richting, zijn deze doorsneden herleid tot denzelfden maatstaf van
+een kwart inch op elke mijl.----
+
+Wij moeten hier opmerken, dat in welke richting de doorsneden ook
+genomen waren hetzij bij deze of vele andere omwalde eilanden, in
+'t algemeen dezelfde vormen zouden zijn weergevonden. Zoo men nu
+bedenkt, dat rifvormend koraal op geen grootere diepte kan leven dan
+van 20 tot 30 vademen en dat de schaal der teekening zoo klein is,
+dat de peilstreepjes CD aan de rechterhand eene diepte aanduiden van
+200 vademen (366 Met.), dan mag men terecht vragen: waarop zijn deze
+walriffen gegrondvest? Moeten wij aannemen, dat elk eiland omringd
+is door eene halssnoervormige onderzeesche rotsklip, of door eene
+groote bank van bezonken stoffen, die plotseling eindigt waar ook het
+rif eindigt? Indien de zee vroeger diep in de eilanden had geknaagd,
+voordat deze door de riffen werden beschermd, en aldus eene ondiepe
+klip rondom hen onder water had gezet, zouden de tegenwoordige
+kusten steeds door diepe, steile afgronden omringd zijn; maar dit is
+hoogst zelden het geval. Ook kan men, volgens dit begrip, onmogelijk
+verklaren, waarom de koralen, evenals een muur, van den uitersten
+buitenrand der klip zijn opgegroeid, en aan den binnenkant dikwijls
+eene breede watervlakte hebben vrijgelaten, te diep voor den groei
+der koralen zelven. Dat rondom deze eilanden eene uitgestrekte bank
+van bezonken stoffen opgehoopt zou zijn, welke meestal het breedst
+was daar waar de ingesloten eilanden het kleinst zijn, is hoogst
+onwaarschijnlijk, zoo men in aanmerking neemt hoezeer die banken in
+de centrale en diepste gedeelten van den oceaan aan de werking der
+golven zijn blootgesteld. In het bijzondere geval van het walrif van
+Nieuw-Caledonië, dat zich 150 mijlen ver voorbij de noordelijkste
+punt van het eiland uitstrekt in dezelfde rechte lijn, waarin het
+langs de westkust loopt, is het haast niet mogelijk aan te nemen,
+dat aldus eene bank van bezonken stoffen kon worden afgezet lijnrecht
+tegenover een hoog eiland en zoo ver voorbij zijn eindpunt in volle
+zee. En ten slotte, zoo wij acht slaan op andere eilanden in den oceaan
+van ongeveer dezelfde hoogte en gelijke geologische samenstelling,
+maar niet door koraalriffen omgeven, dan zullen wij vruchteloos
+zoeken naar zulk eene onbeduidende, zich rondom uitstrekkende diepte
+van 30 vademen, behalve in de onmiddellijke nabijheid der kusten;
+want land dat steil uit het water verrijst, gelijk de meeste omwalde
+en niet omwalde eilanden in den oceaan, duikt er gewoonlijk steil
+onder. En daarom herhaal ik mijne vraag: waarop zijn deze walriffen
+gegrondvest? Waarom liggen zij met hunne wijde en diepe grachtvormige
+kanalen zoo ver van het ingesloten land? Spoedig zullen wij zien hoe
+gemakkelijk deze moeilijkheden verdwijnen.
+
+Thans komen wij aan onze derde klasse van riffen, de zoogenaamde Rand-
+of Kustriffen, die eene zeer korte beschrijving behoeven. Waar het
+land steil onder water duikt, zijn deze riffen slechts enkele yards
+breed, en vormen zij eenvoudig eene strook of rand rondom de kusten;
+waar het land zacht glooiend onder het water verdwijnt, strekt het rif
+zich verder uit, soms zelfs eene mijl ver van het land, maar in zulke
+gevallen bewijzen steeds de peilingen buiten het rif, dat het land
+zich met eene geringe helling onder water voortzet. Inderdaad strekt
+het rif zich slechts tot dien afstand van de kust uit, binnen welken
+de vereischte diepte van 20 tot 30 vademen grond gevonden wordt. Wat
+nu het eigenlijke rif betreft, is er geen wezenlijk onderscheid
+tusschen dit en die, welke een walrif of eene atolle vormen; in de
+meeste gevallen heeft het echter eene mindere breedte, zoodat er zich
+weinig eilandjes op gevormd hebben. Omdat de koralen sterker aan de
+buitenzijde groeien, en het bezinksel, dat naar binnen wordt gespoeld,
+nadeelige werking heeft, is de buitenrand van het rif het hoogste
+gedeelte; tusschen dit en het land ligt meestal een ondiep zandig
+kanaal van enkele voeten diepte. Daar, waar zich banken van bezonken
+stoffen tot dicht bij de oppervlakte hebben opgehoopt (zooals in
+sommige gedeelten van West-Indië), worden die soms met een rand van
+koralen omzoomd, en gelijken dus in zekeren zin op laguneneilanden
+of atollen, op dezelfde manier als randriffen die zacht glooiende
+eilanden omringen, in zekeren zin op walriffen gelijken.
+
+Geene enkele theorie over de vorming der koraalriffen kan als voldoende
+worden beschouwd, welke niet de drie groote klassen omvat. Wij
+hebben gezien, dat de hypothese der inzinking van den zeebodem de
+eenig mogelijke is, ter verklaring van die uitgestrekte ruimten met
+hier en daar verspreide lage eilanden, waarvan geen enkel hooger
+verrijst, dan tot waar wind en golven stof kunnen opwerpen, ofschoon
+die eilanden opgebouwd zijn door dieren, welke een bodem behoeven,
+die op geen groote diepte kan liggen. Laat ons nu, als voorbeeld, een
+eiland nemen, dat door randriffen is omgeven, welke geene moeilijkheid
+in hunne samenstelling opleveren, en zien wij wat er gebeurt, als dit
+eiland met zijn rif (in de teekening door de gebogen lijn ABB'B'BA
+voorgesteld) langzaam onderzinkt. Uit hetgeen van de voorwaarden,
+gunstig voor den groei van koraaldieren bekend is, mogen wij veilig
+besluiten, dat, als het eiland op een tijdstip enkele voeten of geheel
+onmerkbaar daalt, de levende koraaldieren, die door de branding op den
+rand van het rif bespoeld worden, spoedig weer de oppervlakte zullen
+bereiken. Maar langzaam en gestadig zal de zee op de kust winnen;
+het eiland wordt steeds lager en kleiner, en de ruimte tusschen den
+binnenrand van het rif en het strand naar evenredigheid breeder. Eene
+doorsnede van het rif in dezen toestand, na eene onderzinking van
+verscheidene honderden voeten, geeft ons de stippellijn AA'A'A
+te zien; de boompjes bij A' wijzen aan, dat zich koraaleilanden
+op het rif gevormd hebben, en het schip bij C de plaats van het
+lagunenkanaal. Dit kanaal zal meer of minder diep zijn al naar de
+mate van onderzinking, van de hoeveelheid daarin opgehoopt bezinksel,
+en den groei der fijn vertakte koralen die er kunnen leven. In dezen
+toestand gelijkt de doorsnede in alle opzichten op die van een omwald
+eiland; en inderdaad is zij eene getrouwe doorsnede (naar den maatstaf
+van 517/1000 van een inch op elke mijl) van het eiland Bolabola (of
+Borabora) in den Stillen Oceaan. Nu kunnen wij onmiddellijk zien,
+waarom walriffen zoo ver van de kusten liggen, die zij als met een
+ring omgeven. Ook kunnen wij zien, dat de lijn die van den buitenrand
+van het nieuwe rif loodrecht op het vaste steenen grondvlak onder het
+oude rand- of kustrif wordt neergelaten, evenveel voeten langer is dan
+de geringe grensdiepte waarop werkelijke koraaldieren kunnen leven,
+als de maat der inzinking van dat grondvlak zelf: m.a.w., de kleine
+bouwmeesters hebben, gedurende de inzinking van den zeebodem, hun
+groot muurvormig bouwwerk opgetrokken op een grondvlak, samengesteld
+uit andere koralen en hunne vastgeworden brokstukken. De schijnbaar
+groote moeilijkheid omtrent dit punt verdwijnt derhalve.
+
+Hadden wij, in plaats van een eiland, de kust genomen van een met
+riffen omzoomd vasteland, en dit in gedachten laten zinken, dan zou
+het resultaat blijkbaar geweest zijn een groote rechte dam of wal,
+evenals die van Australië of Nieuw-Caledonië, welke door een wijd en
+diep kanaal van het land gescheiden was.
+
+Laat ons nu deze beschouwing uitbreiden op ons nieuw ringvormig
+walrif, welks doorsnede (zooals gezegd eene ware doorsnede van het
+eiland Bolabola) in de teekening voorgesteld is door den omtrek DA'A'D
+der donkergeschaduwde figuren, en onderstellen dat dit rif de dalende
+beweging van den zeebodem volgt. Terwijl deze langzaam zinkt, zullen de
+koraaldieren krachtig omhoog groeien, maar tegelijk zal het water duim
+voor duim op de kust van het eiland winnen; de gescheiden bergtoppen,
+die in 't eerst afzonderlijke eilanden binnen het groote rif vormen,
+zinken de een na den anderen weg, en eindelijk verdwijnt ook de laatste
+en hoogste top. Op het oogenblik dat dit gebeurt, is eene volledige
+atolle ontstaan. In overeenstemming met hetgeen ik boven zeide, zien
+wij dus, dat wanneer al het hooge land binnen een ringvormig walrif
+verwijderd wordt, eindelijk eene atolle overblijft. Ook wordt het nu
+duidelijk hoe het komt dat atollen, die uit ringvormige walriffen
+zijn ontstaan, meestal op hen gelijken zoowel in grootte en vorm,
+als in hare wijze van groepeering en de samenstelling uit enkele of
+dubbele dammen; want feitelijk kan men ze ruwe schetskaarten noemen
+van de gezonken eilanden waarop zij staan. Verder kunnen wij zien
+wat de oorzaak is, dat de atollen in de Stille en Indische Oceanen
+zich uitstrekken in lijnen, evenwijdig met de meestal scherp
+uitkomende asrichting der hooge eilanden en groote kustlijnen
+van deze oceanen. Daarom waag ik het de bewering te handhaven,
+dat alle hoofdkenmerken dezer belangrijke vormingen--zoowel van de
+laguneneilanden of atollen, die zoolang de aandacht der reizigers
+hebben getrokken, als van de niet minder gewichtige walriffen,
+hetzij deze kleine eilanden omringen of zich honderde mijlen ver
+langs de kusten van een vasteland uitstrekken--door de theorie van
+den opwaartschen groei der koraaldieren gedurende het onderzinken
+van het land op eenvoudige wijze worden verklaard. [376]
+
+Men zou mij kunnen vragen of ik een rechtstreeksch bewijs van het
+zinken van walriffen of atollen kan geven; doch men moet hierbij in
+'t oog houden, hoe moeilijk het steeds is eene beweging te ontdekken,
+welke er toe leidt het bewogen land onder water te verbergen. Op
+Keeling-atolle zag ik echter aan alle zijden van de lagune oude
+kokosboomen, die ondermijnd en op het punt waren te vallen; en op
+ééne plaats stond eene hut, waarvan de bewoners verklaarden dat
+de fundamenten zeven jaren geleden even boven hoogwaterpeil hadden
+gestaan, terwijl zij nu dagelijks door elken vloed bespoeld werden. Bij
+onderzoek vernam ik, dat hier gedurende de laatste tien jaren drie
+aardbevingen waren gevoeld, waaronder ééne hevige. Op Wanikoro is het
+lagunenkanaal bijzonder diep; aan den voet der hooge ingesloten bergen
+heeft zich bijna geen alluviale grond opgehoopt, en op het muurvormig
+walrif zijn door het opwerpen van brokken en zand zeer weinig eilandjes
+gevormd. Deze en eenige dergelijke feiten meer, leidden mij tot de
+meening, dat dit eiland kort geleden moet gezonken en het rif omhoog
+zijn gegroeid. Hier zijn ook aardbevingen talrijk en zeer ernstig. Op
+de Gezelschaps-Eilanden, daarentegen, waar de lagunenkanalen bijna
+zijn verstopt; waar veel lage alluviale grond is opgehoopt, en waar in
+sommige gevallen lange eilandjes op de walriffen zijn gevormd--feiten,
+die alle er op wijzen, dat de eilanden niet zeer kort geleden gezonken
+zijn--worden slechts uiterst zelden zwakke schokken gevoeld. Bij
+deze koraalvormingen, waar land en water om de oppermacht schijnen te
+strijden, moet het altijd moeilijk zijn te beslissen of de gevolgen
+zijn toe te schrijven aan eene verandering in den loop der getijden,
+of aan eene geringe onderzinking. Dat vele van deze riffen en atollen
+aan veranderingen van eenigerlei aard onderhevig zijn, staat vast; in
+sommige atollen schijnen de eilandjes in een niet lang verleden zeer
+gegroeid, in andere, daarentegen, geheel of gedeeltelijk weggespoeld
+te zijn. De bewoners van sommige gedeelten der Maldivische Eilanden
+kennen den datum, waarop sommige eilandjes zich het eerst begonnen te
+vormen; elders in dien archipel bloeien thans de koralen op riffen,
+waarover het water spoelt, en waar holten, die voor graven moesten
+dienen, getuigen van het vroeger bestaan van bewoond land. Dat in de
+getij-stroomingen eener open zee menigvuldige veranderingen zouden
+plaats hebben, is moeilijk te gelooven; daarentegen zien wij in de
+aardbevingen waarvan de bewoners van sommige atollen de overlevering
+bewaard hebben, en in de groote op andere atollen waargenomen spleten,
+een klaar bewijs van de veranderingen en storingen welke in de
+onderaardsche streken in gang zijn.
+
+Volgens onze theorie is het duidelijk, dat kusten die alléén door
+randriffen worden omgeven, niet merkbaar diep gezonken kunnen zijn,
+en dus sedert den groei harer koralen òf op hetzelfde peil gebleven,
+òf opgeheven moeten zijn. Nu is het opmerkelijk, hoe in 't algemeen
+door de aanwezigheid van uit zee geheven organische overblijfsels kan
+worden aangetoond, dat de eilanden met randriffen gerezen zijn. In
+zoover is dit een indirect bewijs voor de juistheid onzer theorie. Dit
+feit trof mij vooral, toen ik tot mijne verwondering ontdekte, dat de
+door Quoy en Gaimard gegeven beschrijvingen niet toepasselijk waren op
+riffen in 't algemeen (gelijk stilzwijgend door hen werd aangenomen),
+maar alleen op die van de klasse der kust- of randriffen. Mijne
+verwondering week echter, toen ik later bevond, dat volgens de eigen
+verklaringen dezer bekwame natuuronderzoekers bewezen kon worden, dat,
+door een spel van het toeval, al de verschillende door hen bezochte
+eilanden in een jong geologisch tijdperk omhoog waren geheven. [377]
+
+Door de theorie der inzinking van den zeebodem (welke theorie wij,
+onafhankelijk, voor het gebied in quaestie genoopt zijn aan te nemen,
+wegens de noodzakelijkheid om voor den groei der koralen bodems
+op de vereischte diepte te vinden) worden niet alleen verklaard
+de hoofdtrekken in den bouw van walriffen en atollen, en van hunne
+onderlinge gelijkenis in vorm, grootte en andere kenmerken: maar ook
+vele bijzonderheden in bouw en zelfs uitzonderingsgevallen vinden door
+haar eene eenvoudige verklaring. Ik zal slechts enkele voorbeelden
+noemen. Sedert lang is bij walriffen met verwondering waargenomen,
+dat de doorgangen in het rif nauwkeurig liggen in de asrichting der
+valleien op het ingesloten land--zelfs dan, als het rif van het land
+gescheiden is door een lagunenkanaal, zoo wijd en zooveel dieper dan
+de eigenlijke doorgang zelf, dat het haast niet mogelijk schijnt,
+dat de zeer geringe hoeveelheid van land afgevoerd water of bezinksel
+de koralen op het rif kon schaden. Om dit te verklaren, wenden wij
+ons tot de klasse der kustriffen. Hier wordt elk rif doorsneden van
+eene smalle geul of invaart, recht tegenover het kleinste riviertje
+van het ingesloten land, zelfs indien dat riviertje het grootste deel
+van het jaar droog ligt; en wel om deze reden, dat alle weggespoelde
+modder, zand en kiezel de rifkoralen doodt, waarop die stoffen worden
+afgezet. Bij gevolg, wanneer zulk een eiland met kustrif onderzinkt,
+zullen, ofschoon waarschijnlijk de meeste smalle invaarten door den
+buiten- en opwaartschen groei der koralen verstopt zullen worden,
+enkele niet verstopte (en door het bezinksel of onzuivere water dat
+uit het lagunenkanaal wegvloeit, moeten er altijd eenige open blijven)
+voortdurend juist tegenover de hoogere gedeelten van die valleien
+liggen, aan welker vroegere mondingen de bodem van het oorspronkelijke
+kustrif van geulen werd doorsneden.
+
+Wij kunnen nu gemakkelijk inzien, hoe een eiland dat slechts aan
+ééne zijde, met of zonder insluiting van een of beide uiteinden,
+door walriffen is omgeven, na langdurige onderzinking veranderd kan
+worden hetzij in een enkel muurvormig rif, hetzij in eene atolle
+met een groote recht daaruit stekende klip, of eindelijk in twee of
+drie door rechte riffen verbonden atollen. Werkelijk komen al deze
+bijzondere gevallen voor. Daar de rifvormende koralen voedsel noodig
+hebben, en op hunne beurt weer door andere dieren worden gegeten;
+daar zij door bezinksel worden gedood, zich niet aan een lossen
+bodem kunnen hechten, en gemakkelijk op eene diepte kunnen geraken,
+waaruit zij niet weer kunnen omhoog groeien--behoeven wij ons niet
+te verwonderen, dat zoowel atollen als walriffen op sommige punten
+onvolledig worden. Zoo is het groote walrif van Nieuw-Caledonië op
+vele plaatsen onvolledig en gebroken; en na langdurige onderzinking
+zou dat rif niet voortbrengen eene enkele groote atolle van 400 mijlen
+lengte, maar eene reeks of archipel van atollen, van ongeveer dezelfde
+afmetingen als die der Maldivische Eilanden. Bovendien, zoodra eene
+atolle eenmaal aan overstaande zijden is doorgebroken, is het, op grond
+dat de zee- en getijstroomingen vermoedelijk recht door de breuken
+zullen gaan, hoogst onwaarschijnlijk dat de koralen ooit in staat
+zullen zijn weer den rand te bereiken, vooral wanneer de inzinking
+voortduurt. Is dit het geval, dan zal, terwijl de geheele oppervlakte
+zinkt, ééne atolle in twee of meer kleinere worden verdeeld. In den
+Maldivischen Archipel is de betrekkelijke ligging van verschillende
+atollen, die òf door onpeilbare òf zeer diepe kanalen van elkander
+gescheiden zijn, [378] zoodanig, dat men bij een blik op de kaart niet
+anders kan denken, dan dat zij eenmaal tot elkaar in nauwer verband
+stonden. En in dezen zelfden archipel is de atolle Mahlos-Mahdoo door
+een tweearmig kanaal van 100 tot 132 vademen zoodanig verdeeld, dat
+het haast niet mogelijk is te zeggen of hier, strikt genomen, sprake is
+van drie afzonderlijke atollen, of van ééne groote die nog niet geheel
+verdeeld is. Ik zal hier niet in veel meer bijzonderheden treden, doch
+moet opmerken, dat, zoo men let op het feit dat de zee vrijen toegang
+heeft door de gebroken randen der noordelijke Maldivische atollen,
+haar eigenaardige bouw eene eenvoudige verklaring vindt in den op-
+en buitenwaartschen groei der koralen, die oorspronkelijk gegrondvest
+waren op kleine vrijstaande riffen in hare lagunen (zooals in gewone
+atollen voorkomen), en op gebroken deelen van het lineaire zoomrif,
+als waardoor elke atolle van den gewonen vorm begrensd wordt. Ik kan
+niet nalaten telkens weêr op den zonderlingen bouw dezer samengestelde
+gewrochten te wijzen, nl. eene groote, zandige en meestal holle schijf,
+die zich steil uit den onpeilbaren oceaan verheft: die in haar midden
+bezaaid en aan den rand symmetrisch is omkranst met ovale koraalsteenen
+holten, welke juist het oppervlak der zee raken, die somtijds met
+planten zijn bedekt, en alle een meer van helder water bevatten!
+
+Ziehier nog eene bijzonderheid: zoo men bedenkt, dat in twee naburige
+eilanden-groepen koralen bloeien in de eene en niet in de andere
+groep, en dat zoo vele van de bovengenoemde omstandigheden van invloed
+moeten zijn op hun bestaan--zou het een onverklaarbaar feit wezen,
+indien koralen gedurende de veranderingen waaraan lucht, aarde en
+water onderhevig zijn, eeuwigdurend op een plek of een gebied in
+'t leven bleven. En daar volgens onze theorie de oppervlakken,
+die atollen en walriffen bevatten, in zee zinken, moeten wij nu en
+dan zoowel doode als verdronken koralen vinden. In alle riffen is
+de zijde onder den wind voor een krachtigen, langdurigen groei der
+koralen het minst gunstig, omdat naar dien kant het bezinksel uit
+het lagunenkanaal wordt weggespoeld. Bij gevolg komen aan lijwaarts
+niet zelden doode rifstukken voor, die, ofschoon nog hunne eigen
+muurvormige gedaante behoudende, nu in vele gevallen verscheidene
+vademen onder de oppervlakte zijn gezonken. De Chagos-Archipel schijnt
+om de eene of andere reden--misschien omdat de onderzinking te snel
+is geschied--op 't oogenblik minder gunstig te zijn voor den groei
+van riffen dan vroeger: bij ééne atolle is een deel van het zoomrif,
+negen mijlen lang, dood en verdronken; bij eene tweede verrijzen
+slechts enkele zeer kleine levende toppen boven de oppervlakte; eene
+derde en vierde zijn geheel dood en verdronken, terwijl eene vijfde
+niet meer is dan een wrak, waarvan de oorspronkelijke structuur bijna
+geheel is uitgewischt. Het verdient opmerking, dat in al deze gevallen
+de doode riffen en deelen van riffen op bijna dezelfde diepte liggen,
+nl. van zes tot acht vademen onder de oppervlakte, alsof zij door eene
+eenparige beweging omlaag waren gevoerd. Een dezer "halfverdronken
+atollen" (zoo genoemd door kapitein Moresby, aan wien ik vele kostbare
+inlichtingen te danken heb) is zeer uitgestrekt, nl. 90 zeemijlen
+(166.9 km.) in de eene richting en 70 mijlen (129.8 km.) in eene
+andere, en ook in vele opzichten hoogst belangrijk. Aangezien uit
+onze theorie volgt, dat op elk nieuw zinkingsgebied meestal nieuwe
+atollen gevormd zullen worden, zou men twee gewichtige bedenkingen
+kunnen aanvoeren, nl., dat atollen dan in onbeperkt aantal moesten
+vermeerderen: en ten tweede, dat op oude zinkende terreinen elke
+atolle in 't bijzonder onbepaald in dikte moest toenemen, indien
+geen bewijzen konden worden aangevoerd, dat zij toevallig werden
+verwoest. Zoo hebben wij dan de geschiedenis dezer groote ringen van
+koraalgesteente geschetst, van af hun eersten oorsprong, door hunne
+opvolgende normale veranderingen, en door de toevallige gebeurtenissen
+in hun leven tot aan hun dood en algeheele vernietiging.
+
+
+
+In mijn werk over "Koraalvormingen" heb ik eene kaart in 't licht
+gegeven, waarop alle atollen donkerblauw, de walriffen lichtblauw
+en de rand- of kustriffen rood gekleurd zijn. Deze laatste riffen
+zijn gevormd toen het land in rust, of, zooals uit de menigvuldige
+aanwezigheid van opgeheven organische overblijfsels blijkt, langzaam
+rijzend was. Atollen en walriffen, daarentegen, zijn opgegroeid
+gedurende de lijnrecht tegenovergestelde dalende beweging, die
+zeer gestadig en, wat de atollen betreft, vertikaal zoo groot
+geweest moet zijn, dat over uitgestrekte ruimten in zee elke hooge
+bergtop geheel is ondergezonken. Op deze kaart kunnen wij zien,
+dat de licht- en donkerblauw getinte riffen, die door dezelfde
+bewegingsrichting zijn ontstaan, als algemeene regel opvallend dicht
+bij elkander staan. [379] Ook zien wij, dat de oppervlakten met
+de twee blauwe tinten zeer uitgestrekt zijn, en dat zij gescheiden
+liggen van uitgestrekte roodgekleurde reeksen kustriffen. Deze beide
+omstandigheden had men terstond kunnen afleiden uit de theorie, dat
+de aard der riffen bepaald wordt door den zin der beweging van onze
+aardkorst. Het verdient opmerking, dat ik in meer dan één geval waar
+enkele roode en blauwe cirkels elkander dicht naderen, kan aantoonen,
+dat er hoogte-schommelingen geweest zijn; want in zulke gevallen
+zijn de roode cirkels of randriffen eigenlijk atollen, die volgens
+onze theorie oorspronkelijk tijdens eene daling gevormd, maar later
+opgeheven zijn; en omgekeerd bestaan sommige lichtblauwe cirkels of
+omwalde eilanden uit koraalsteen, die tot zijne tegenwoordige hoogte
+moet zijn opgeheven, voordat de daling intrad, gedurende welke de
+bestaande walriffen opgroeiden.
+
+Schrijvers hebben met verwondering opgemerkt, dat, hoewel atollen de
+meest voorkomende koraalvormingen zijn over eenige uitgestrekte ruimten
+in de groote oceanen, zij in andere zeeën (zooals bij West-Indië)
+ontbreken. De oorzaak daarvan kunnen wij nu terstond zien: want
+waar geen daling geweest is, kunnen geen atollen zijn gevormd; en
+wat West-Indië en sommige gedeelten van Oost-Indië betreft, weet men
+dat deze streken in het jongste tijdperk gerezen zijn. De grootere,
+rood en blauw gekleurde oppervlakten zijn alle langwerpig; en tusschen
+de twee kleuren is eene zekere mate van afwisseling, alsof de rijzing
+van het eene gebied had opgewogen tegen de daling van het andere. Zoo
+wij letten op de bewijzen van jongste rijzing zoowel aan de kusten
+met randriffen, als aan eenige andere waar geen riffen zijn (bijv. in
+Zuid-Amerika), worden wij tot de gevolgtrekking geleid, dat de groote
+vastelanden meerendeels rijzende--en uit den aard der koraalriffen,
+dat de centrale gedeelten der groote oceanen dalende gebieden zijn. De
+Oostindische Archipel, het meest gebroken land ter wereld, is op de
+meeste punten een rijzend gebied, doch wordt omringd en waarschijnlijk
+in meer dan eene richting gesneden door smalle perken van daling.
+
+Ik heb door vuurroode punten de plaatsen aangestipt van de talrijke
+werkzame vulkanen, die binnen de grenzen van dezelfde kaart gelegen
+zijn. Hoogst verrassend is het feit, dat zij geheel ontbreken in elk
+van de groote zinkende oppervlakten, hetzij licht- of donkerblauw
+gekleurd; en niet minder verrassend is het samenvallen van de
+hoofdketens der vulkanen met de roodgekleurde gedeelten, welke de
+feiten ons leeren beschouwen als sedert lang in rust, of meer algemeen,
+als in jongeren tijd omhoog geheven te zijn. Ofschoon enkele van de
+vuurroode plekken op geen grooten afstand liggen van alleenstaande
+blauwgetinte cirkels, is toch geen enkele werkzame vulkaan dichter
+dan vele honderden mijlen van een archipel of zelfs van eene kleine
+groep atollen gelegen. Het is daarom een opmerkelijk feit, dat op
+de Vriendschaps-Eilanden, die uit eene groep opgeheven en sedert
+gedeeltelijk vervallen atollen bestaan, voor zoover men weet twee,
+en vermoedelijk meer vulkanen sinds historische tijden in werking zijn
+geweest. [380] Daarentegen is op de door walriffen omgeven eilanden in
+den Stillen Oceaan, voor zoover men weet, geen enkele vulkaan ooit in
+uitbarsting geweest, ofschoon de meeste dezer eilanden van vulkanischen
+oorsprong en de overblijfsels van kraters dikwijls nog duidelijk te
+onderkennen zijn. Uit deze gevallen zou dus blijken, dat vulkanen op
+dezelfde plaatsen in werking komen en uitgedoofd worden, naar gelang
+er rijzende of dalende bewegingen heerschen. Tallooze feiten kon men
+aanvoeren om te bewijzen, dat overal daar waar werkzame vulkanen zijn,
+opgeheven organische overblijfsels voorkomen; maar niet voordat men kon
+bewijzen, dat vulkanen op zinkende bodems òf ontbraken òf werkeloos
+waren, zou het zeer gewaagd geweest zijn de gevolgtrekking af te
+leiden--hoe waarschijnlijk ook op zich zelve--dat hunne verdeeling
+van het rijzen of dalen der aardkorst afhing. Maar ik denk, dat wij
+nu deze belangrijke gevolgtrekking vrijelijk mogen aannemen.
+
+Werpen wij een laatsten blik op de kaart, en denken wij aan
+hetgeen gezegd is omtrent de opgeheven organische overblijfsels,
+dan moeten wij verwonderd zijn over de uitgebreidheid der streken,
+die in een geologisch niet ver verleden aan op- en nederwaartsche
+niveau-veranderingen onderhevig zijn geweest. Ook zou het ons
+toeschijnen, dat de rijzende en dalende bewegingen nagenoeg dezelfde
+wetten volgen. Over het gansche gebied dat met atollen is bedekt,
+waar geen enkele rotspunt of stuk hoogland boven den zeespiegel is
+gebleven, moet de zinking ontzaglijk diep geweest zijn. Bovendien moet
+zij uiterst langzaam zijn geschied, hetzij die beweging onafgebroken
+voortduurde, of zich herhaalde na tusschentijden, lang genoeg om den
+koralen gelegenheid te geven hunne levende gebouwen tot den zeespiegel
+op te trekken. Waarschijnlijk is deze gevolgtrekking de belangrijkste,
+die uit de studie der koraalvormingen kan worden afgeleid; en het laat
+zich moeilijk voorstellen, of men er ooit langs een anderen weg toe
+gekomen zou zijn. Eindelijk kan ik niet nalaten er op te wijzen, dat
+de voorheen bestaande groote archipels van hooge eilanden, daar waar
+nu slechts ringen van koraalgesteente eene zwakke breking vormen in
+het uitgestrekte zeegebied, waarschijnlijk eenig licht zullen werpen
+op de verspreiding der bewoners van de andere hooge eilanden, die nu
+te midden van de groote oceanen op zulke onmetelijke afstanden van
+elkaar gescheiden liggen. Inderdaad hebben de rifvormende koralen
+wondervolle gedenkteekenen opgericht en bewaard van de onderaardsche
+niveau-veranderingen en hare reactie op de korst; in elk walrif
+zien wij het bewijs dat daar het land is ondergezonken, en in elke
+atolle een gedenkteeken boven een eiland, dat nu verdwenen is. Zoo
+zullen wij dan, evenals een geoloog die tienduizend jaren heeft
+geleefd en aanteekening hield van de opvolgende veranderingen, eenig
+inzicht kunnen krijgen in het groote stelsel van kern-contractie
+en korstplooiing, waardoor het oppervlak der aarde werd gebroken,
+en land en zee van plaats verwisselden. [381]
+
+
+
+
+
+
+HOOFDSTUK XXI.
+
+MAURITIUS--TERUGKEER NAAR ENGELAND.
+
+
+[29 April 1836.]
+
+Des morgens zeilden wij om de noordpunt van Mauritius of Isle de
+France. Van dit punt uit beantwoordde de aanblik van het eiland aan
+de verwachtingen, die de vele welbekende beschrijvingen over zijne
+schilderachtige natuur hadden opgewekt. Op den voorgrond lag de
+glooiende Pampelmoezenvlakte met hare hier en daar verspreide huizen
+en groote suikerrietvelden, die aan het geheel eene heldergroene kleur
+gaven. De glans van dit groen was des te merkwaardiger, omdat deze
+kleur meestal eerst op zeer korten afstand in 't oog valt. Naar het
+midden van het eiland verrezen groepen bergen uit de rijk bebouwde
+vlakte, die met bosschen waren bedekt en waarvan de toppen, gelijk
+zoo dikwijls met oude vulkanische rotsen gebeurt, van de scherpste
+punten waren voorzien. Zware, witte wolkbanken waren rondom deze
+toppen saamgepakt, als met het doel om het oog van den vreemdeling
+te boeien. Het geheele eiland met zijn glooienden rand en bergen in
+het midden, was op de smaakvolste wijze met natuurschoon versierd,
+en vormde een landschap, waar, indien ik het zoo zeggen mag, voor
+het oog alles in harmonie was.
+
+Den volgenden dag besteedde ik grootendeels aan het doen van
+wandelingen om de stad en aan het bezoeken van verschillende
+personen. De stad bezit eene aanzienlijke grootte, heeft zeer nette
+en regelmatige straten, en telt, naar men zegt, 20.000 inwoners. [382]
+Ofschoon het eiland reeds zoovele jaren onder Engelsch bestuur staat,
+is het algemeen karakter der stad Fransch gebleven: de Engelschen
+spreken Fransch tot hunne bedienden, en de winkels zijn allen
+Fransche. Inderdaad zou ik denken, dat Calais of Boulogne nog meer
+Engelsch waren. Er is een kleine, maar zeer aardige schouwburg, waarin
+uitmuntende opera-voorstellingen worden gegeven. Ook waren wij verrast
+bij het zien van groote boekwinkels met welgevulde kasten. Muziek
+en lectuur verkondigen, dat wij de oude beschaafde wereld naderen;
+want waarlijk, zoowel Amerika als Australië zijn nieuwe werelden.
+
+Het meest belangwekkende schouwspel in Port-Louis zijn de
+verschillende menschenrassen, die langs de straten wandelen. Indische
+misdadigers worden hier voor levenslang verbannen; op het oogenblik
+zijn er ongeveer 800, die voor allerlei openbare werken gebruikt
+worden. Voordat ik deze menschen zag, had ik geen idee, dat de bewoners
+van Indië zulke fraaie typen van menschen waren. Hunne huid is zeer
+donker, en vele oudere mannen hadden groote knevels en baarden van
+eene sneeuwwitte kleur, hetgeen, gevoegd bij hunne vurige gebaren,
+hun een indrukwekkend voorkomen gaf. De meesten waren wegens moord
+en de ergste misdaden verbannen; anderen om redenen, die moeilijk als
+zedelijke vergrijpen beschouwd kunnen worden: zooals ongehoorzaamheid
+aan de Engelsche wetten wegens bijgeloovige drijfveeren. In 't
+algemeen zijn deze menschen kalm en gedragen zij zich goed; zoowel om
+hun persoonlijk gedrag, hunne zedelijkheid en de getrouwe vervulling
+van hunne godsdienstplichten, kan men hen onmogelijk gelijkstellen
+met onze ongelukkige verbannenen in Nieuw Zuid-Wallis.
+
+[Zondag 1 Mei.]
+
+Ik deed eene lange wandeling langs de zeekust naar het noorden der
+stad. Op dit gedeelte is de vlakte geheel onbebouwd en bestaat uit
+een zwart lavaveld, dat geëffend is door een laagje grof gras en
+struiken, waarvan de laatsten voornamelijk uit Mimosae bestaan. Men
+kan het landschap beschrijven als het midden houdend tusschen die op
+de Galápagos-Eilanden en op Tahiti--wat intusschen slechts aan zeer
+weinige personen een juist denkbeeld er van zal geven. Het is een
+zeer aangenaam oord, maar bezit noch de bekoorlijkheid van Tahiti,
+noch het grootsche karakter van Brazilië.
+
+Den volgenden dag beklom ik den berg La Pouce, zoo genoemd naar zijne
+duimvormige gedaante, die zich dicht achter de stad tot eene hoogte van
+2600 voet verheft. Het midden van het eiland bestaat uit eene groote
+bergvlakte, omgeven door oude gebroken basaltbergen, die met hunne
+lagen naar de zeekust hellen. De centrale, uit betrekkelijk jonge
+lavastroomen gevormde hoogvlakte heeft eene lang-ronde gedaante,
+waarvan de korte as 13 geographical miles (24,1 kilom.) lang
+is. De randbergen, die haar omgeven, behooren tot die klasse van
+vormingen, waaraan de naam van "Opheffingkraters" is gegeven, en
+die ondersteld worden niet evenals gewone kraters, maar door eene
+groote en plotselinge rijzing ontstaan te zijn. [383] Het schijnt
+mij toe, dat er onoverkomelijke bezwaren tegen deze meening bestaan;
+anderzijds kan ik in dit en eenige andere gevallen moeilijk gelooven,
+dat deze kratervormige randgebergten slechts de overblijfsels zijn
+der ondereinden van reusachtige vulkanen, waarvan de toppen afgeslagen
+of in onderaardsche diepten verzwolgen zijn.
+
+Van ons hoog standpunt hadden wij een prachtig uitzicht over het
+eiland. Het land aan dezen kant schijnt zeer goed bebouwd; want het was
+in velden verdeeld, waarop talrijke pachthoeven stonden. Men verzekerde
+mij echter, dat tot heden niet meer dan de helft van het geheele land
+voortbrengselen oplevert. Is die bewering juist, dan zal Mauritius,
+zoo men let op den tegenwoordigen grooten uitvoer van suiker, in de
+toekomst van veel belang worden, wanneer het dicht bevolkt is. Sedert
+Engeland het in bezit nam (eene periode van slechts 25 jaren), zegt
+men dat de uitvoer van suiker tot het 75-voud gestegen is. Eene groote
+oorzaak van zijn voorspoed is de uitmuntende staat der wegen. Op het
+naburige Isle de Bourbon, dat onder Fransch bestuur blijft, zijn
+de wegen nog in denzelfden ellendigen staat, als zij enkele jaren
+geleden hier waren. Ofschoon de Fransche bewoners uit de meerdere
+welvaart van hun eiland stellig zeer veel voordeel hebben getrokken,
+is het Engelsche bestuur verre van populair.
+
+[3 Mei.]
+
+Des avonds noodigde de Inspecteur-generaal, kapitein Lloyd--zoo wel
+bekend door zijn onderzoek van het Panama-kanaal--den heer Stokes en
+mij op zijn landgoed, dat omstreeks zes mijlen van de haven aan den
+rand der Wilheim-vlakte gelegen is. Wij bleven twee dagen op deze
+aangename plek; door hare ligging, 800 voet boven de zee, was de
+lucht er koel en frisch, en naar alle zijden openden zich heerlijke
+wandelingen. Dicht bij lag een groot ravijn, dat tot eene diepte van
+omstreeks 500 voet in den zwak hellenden lavastroom was uitgehold,
+die van de centrale bergvlakte was gevloeid.
+
+[5 Mei.]
+
+Kapitein Lloyd bracht ons naar de verscheidene mijlen zuidwaarts
+gelegen Rivière Noire of Zwarte Rivier, waar ik eenige gerezen
+koraalbanken onderzoeken wilde. Wij trokken door vriendelijke tuinen
+en fraaie velden met suikerriet, dat tusschen reusachtige brokken
+lava groeide. Hagen van mimosa-struiken omzoomden de wegen, en bij
+vele huizen waren lanen met mango-boomen (Mangifera indica). Sommige
+kijkjes, daar waar de bouwhoeven zich afteekenden op een achtergrond
+van spitse bergen, waren uiterst schilderachtig; en telkens kwamen
+wij in verzoeking om uit te roepen: "Hoe heerlijk zou het zijn om
+levenslang op zulke rustige plekjes te wonen!" Kapitein Lloyd bezat
+een olifant, dien hij halfweg met ons liet meegaan, om ons het genot
+van een echt Indischen rit te verschaffen. Wat mij hierbij het meest
+verraste, was zijn volkomen gedruischlooze stap. Deze olifant is op
+'t oogenblik de eenige op het eiland; doch, naar men zegt, zullen er
+meer worden gezonden.
+
+[9 Mei.]
+
+Wij zeilden uit Port-Louis, en kwamen, na een kort oponthoud
+aan de Kaap de Goede Hoop, den achtsten Juli in het gezicht van
+St.-Helena. Dit eiland, welks terugstootende aanblik zoo menigmaal
+beschreven is, verrijst als een reusachtig zwart kasteel loodrecht
+uit den oceaan. Als om de natuurlijke verdediging te voltooien, zijn
+alle holten tusschen de ruwe rotsen in de nabijheid der stad met
+kleine forten en kanonnen gevuld. De stad ligt op de helling eener
+vlakke en smalle vallei, en heeft tamelijk goede huizen waartusschen
+zeer weinige groene boomen staan. Toen wij de ankerplaats naderden,
+hadden wij een indrukwekkend gezicht op een onregelmatig gebouwd
+kasteel, dat boven op een hoogen berg stond, en met de enkele er om
+heen staande denneboomen zich scherp tegen den hemel afteekende.
+
+Den volgenden dag kreeg ik kamers op een steenworps afstand van
+Napoleon's graf; [384] het was een uitmuntend gelegen plek, van waar
+men tochten kon doen in elke richting. Gedurende de vier dagen dat ik
+hier bleef, doolde ik van den ochtend tot den avond over het eiland,
+en onderzocht zijne geologische gesteldheid. Mijne kamers lagen op eene
+hoogte van omstreeks 2000 voet; hier was het weder koud en onstuimig,
+met aanhoudende regenbuien; en telkens was het geheele landschap in
+dichte wolken gehuld.
+
+Bij de kust ligt de ruwe lava geheel bloot; in de centrale en hoogere
+gedeelten van het eiland is door verweering van de veldspaat-rotsen een
+kleiachtige bodem ontstaan, die, waar hij niet met planten is bedekt,
+breede strooken te zien geeft, welke vele heldere kleuren bezitten. In
+dit jaargetijde wordt het land door voortdurende regens bevochtigd,
+en brengt een eigenaardig groen gekleurd gras voort, dat meer en
+meer verwelkt naarmate men lager komt, en eindelijk verdwijnt. Het
+is verrassend op eene breedte van 16° en de geringe hoogte van 1500
+voet een plantengroei te zien, die een bepaald Britsch karakter
+bezit. De bergen zijn met ongeregelde groepen Schotsche dennen
+beplant, en de glooiende heuvels dicht begroeid met bremstruiken,
+kenbaar aan hunne heldergele bloemen. Treurwilgen komen voor aan de
+oevers der riviertjes, en de hagen zijn gemaakt van braamstruiken,
+die de welbekende vruchten leveren. Zoo wij bedenken, dat het aantal
+tot heden op het eiland gevonden planten 746 bedraagt: dat daaronder
+slechts 52 inheemsche soorten voorkomen, terwijl de overige ingevoerd
+zijn, en wel meerendeels uit Engeland, dan zien wij de oorzaak van het
+Britsch karakter der flora. Vele van deze Engelsche planten schijnen
+hier beter te bloeien dan in haar vaderland; en evenzoo gedijen eenigen
+uit het tegenover liggende deel van Australië bijzonder goed. De
+vele ingevoerde soorten moeten sommige inheemsche hebben verdrongen;
+en werkelijk is het alleen op de hoogste en steilste bergruggen,
+dat de inlandsche flora de overhand heeft.
+
+Het Engelsche karakter van het landschap--of liever dat van
+Wallis--vindt men ook terug in de talrijke hoeven en kleine witte
+huizen, waarvan sommige verscholen liggen op den bodem der diepste
+valleien, andere op de toppen der hooge bergen verrijzen. Sommige
+landschapsgezichten zijn verrassend: bijv. dat in den omtrek van het
+huis van Sir Doveton, waar men den steilen berg, Lot genaamd, boven
+een donker bosch van dennen ziet verrijzen--alles te midden van de
+roode verweerde bergen op de zuidkust. Als men het eiland van eene
+verhevenheid ziet, treft ons in de eerste plaats het aantal wegen
+en forten; en zoo men dan zijne bestemming als gevangenis vergeet,
+schijnt de arbeid, welke hier aan openbare werken is besteed,
+buiten alle verhouding tot zijne grootte of waarde. Er is zoo weinig
+vlak of bruikbaar land, dat het verwonderlijk schijnt hoe zooveel
+menschen (omstreeks 5000) hier kunnen leven. De lagere klassen of de
+geëmancipeerde slaven, die over gebrek aan werk klagen, zijn, geloof
+ik, uitermate arm. Waarschijnlijk zal deze armoede nog toenemen, nu
+wegens de overgave van het eiland door de Oostindische Compagnie, het
+aantal openbare beambten is afgenomen, en dientengevolge vele rijkere
+personen zijn vertrokken. Het hoofdvoedsel der arbeidende klasse is
+rijst met wat pekelvleesch; en aangezien geen dezer artikelen door
+het eiland wordt voortgebracht, maar met geld moet worden betaald,
+drukken de lage loonen zwaar op het arme volk. Nu de menschen met
+vrijheid zijn gezegend--een recht, dat zij ten volle op prijs stellen,
+naar ik geloof--zal hun aantal waarschijnlijk snel toenemen; en indien
+dit het geval is, mag men vragen: wat zal er van het kleine St.-Helena
+worden? [385]
+
+Mijn gids was een man van gevorderden leeftijd, die als knaap
+geitenhoeder geweest was, en elken voetstap tusschen de rotsen
+kende. Hij behoorde tot een vele malen gekruist ras, maar had, ondanks
+zijne donkere huid, niet het onaangename voorkomen van een mulat. Deze
+oude man was zeer welwillend en kalm van aard--eigenschappen,
+welke het meerendeel der lagere klasse bezit. Het klonk mij vreemd
+in de ooren een man, die bijna blank en fatsoenlijk gekleed was,
+met onverschilligheid over de tijden te hooren spreken toen hij nog
+slaaf was. Met dezen metgezel, die het middageten en een horen met
+water droeg (hetgeen volstrekt noodig is, daar al het water in de
+lagere valleien zout bevat), deed ik dagelijks lange wandelingen.
+
+De wild romantische valleien, onder den bovensten en centralen
+plantengordel gelegen, zijn geheel verlaten en onbewoond. Voor den
+geoloog waren hier hoogst belangrijke tafereelen, die van opvolgende
+veranderingen en samengestelde storingen getuigden. Naar mijne idee
+heeft St.-Helena sedert een lang vervlogen tijdperk als eiland bestaan;
+toch zijn er nog eenige vage bewijzen van landrijzing voorhanden. Ik
+geloof, dat de centrale en hoogste bergtoppen deel uitmaken van een
+grooten kraterrand, welks zuidelijke helft geheel door de golven
+der zee is weggespoeld; bovendien is er een buitendam van zwarte
+basaltrotsen, evenals de kustbergen van Mauritius, die ouder zijn dan
+de vulkanische stroomen in het midden. Op de hoogere gedeelten van
+het eiland liggen talrijke schelpen in den grond begraven, die men
+langen tijd voor eene zee-soort heeft gehouden, doch een Cochlogena
+of landschelp blijkt te zijn van een zeer eigenaardigen vorm. [386]
+Bij laatstgenoemde vond ik zes andere soorten, en op eene andere plek
+eene achtste soort. Het is opmerkelijk, dat geen van deze soorten
+nu nog levend wordt gevonden. Waarschijnlijk is hare uitsterving
+veroorzaakt door de algeheele verwoesting der bosschen en het daaruit
+gevolgde verlies van voedsel en schuilplaatsen, welke in de eerste
+helft der achttiende eeuw plaats vonden.
+
+De geschiedenis der veranderingen, die de hoogvlakten van Longwood en
+Deadwood volgens het door generaal Beatson gegeven verhaal ondergaan
+hebben, is uiterst merkwaardig. Daarin heet het, dat beide vlakten in
+vroegeren tijd met bosschen waren bedekt, en daarom the Great Wood
+of het Groote Bosch genoemd werden. Nog in het jaar 1716 stonden er
+vele boomen, maar in 1724 waren de oude boomen meerendeels gevallen;
+en daar men geiten en varkens had laten rondloopen, waren alle jonge
+boomen gedood. [387] Ook blijkt uit de officiëele berichten, dat de
+boomen eenige jaren later onverwacht werden opgevolgd door een dradig
+gras, dat zich over de geheele oppervlakte verspreidde. Beatson voegt
+er bij, dat deze vlakte "thans met een fraai grasveld bedekt en het
+mooiste stuk weiland op St.-Helena geworden is." De uitgestrektheid van
+het gebied, dat in vroegeren tijd met bosch bedekt was, wordt op niet
+minder dan 2000 acres [388] geschat; maar tegenwoordig is er bijna geen
+enkele boom meer over. Ook zegt men, dat er in 1709 in Sandy-Bay groote
+menigten doode boomen waren; en nu is die plek eene zoo volslagen
+woestenij, dat geen ander dan zulk een geloofwaardig bericht mij ooit
+had kunnen doen gelooven, dat daar eenmaal boomen konden groeien. Het
+feit, dat de geiten en varkens alle jonge boomen bij hunne ontkieming
+verwoestten, en dat de oude die van hunne aanvallen verschoond bleven
+na verloop van tijd door ouderdom stierven, schijnt klaar bewezen te
+zijn. Geiten werden ingevoerd in het jaar 1502; acht en zestig jaren
+later, ten tijde van den Britschen zeevaarder Thomas Cavendish, [389]
+weet men dat zij er verbazend talrijk waren. Meer dan een eeuw later,
+in 1731, toen de ramp volkomen en onherstelbaar was, werd een bevel
+uitgevaardigd, dat alle losloopende dieren gedood moesten worden. Hier
+zien wij dus een feit van groot belang, nl., dat de komst van dieren
+op St.-Helena in 1502 het geheele aanzien van het eiland niet eer
+veranderde, voordat er eene tijdruimte van 222 jaren verstreken was;
+want de geiten werden ingevoerd in 1502, en in 1724 wordt gezegd dat
+de boomen meerendeels gevallen waren. Er kan weinig twijfel bestaan,
+of deze groote verandering in den plantengroei had niet alleen gevolgen
+op de landschelpdieren, waarvan zij acht soorten deed uitsterven,
+maar ook op eene menigte insecten.
+
+Door zijne ligging, zoo ver van eenig vasteland, te midden van een
+grooten oceaan, en door het bezit van eene flora welke eenig is in hare
+soort, wekt St.-Helena onze belangstelling. De acht landschelpdieren,
+ofschoon nu uitgestorven, zijn, evenals de nog levende Succinea,
+bijzondere soorten die nergens anders worden gevonden. Cuming meldt mij
+echter, dat hier een Engelsche Helix (schelp- of huisjesslak) voorkomt,
+waarvan de eieren ongetwijfeld in eene van de vele ingevoerde planten
+herwaarts zijn gebracht. Vogels en insecten zijn, zooals te verwachten
+was, zeer gering in aantal; en wat de eersten betreft, geloof ik,
+dat die allen in de laatste jaren zijn ingevoerd. [390] Patrijzen
+en fazanten zijn vrij talrijk: het eiland is te zeer Engelsch, om
+niet aan strenge jachtwetten onderworpen te zijn. Men vertelde mij
+een geval van opoffering aan zulke bepalingen, zoo onrechtvaardig
+als ik zelfs in Engeland nooit gehoord heb. Vroeger plachten arme
+lieden eene plant te verzamelen, die op de kustrotsen groeit, en na
+hare verbranding de soda uit de asch naar elders te verzenden. Maar
+plotseling kwam een streng bevel om deze handelwijze te verbieden,
+onder voorwendsel, dat de patrijzen anders nergens konden nestelen!
+
+Op mijne wandelingen stak ik meer dan eens de door diepe valleien
+begrensde grasvlakte over, waarop Longwood staat. Van nabij gezien,
+doet dit zich voor als een landgoed van aanzienlijke grootte. Daar
+tegenover liggen enkele bebouwde velden, en achter dezen de berg
+Flagstaff met zijne gladde oppervlakte en gekleurd gesteente, alsmede
+het ruwe, plompe, zwarte berggevaarte, de Barn genaamd. Over het geheel
+was de aanblik eenigszins koud en onaantrekkelijk. De eenige last,
+dien ik op mijne wandelingen ondervond, waren de hevige winden. Eens
+was ik getuige van het volgende vreemde natuurverschijnsel. Op den rand
+eener hoogvlakte staande, die door eene groote klip van omstreeks 1000
+voet diepte begrensd werd, zag ik enkele yards ver, vlak bovenwinds,
+eene zeezwaluw tegen eene zeer sterke bries worstelen, terwijl op
+de plek waar ik stond de lucht geheel kalm was. Toen ik het strand
+dicht genaderd was, waar de stroom opwaarts van den klipwand scheen
+te worden afgedreven, stak ik mijn arm uit en voelde terstond de volle
+kracht van den wind. Hier scheidde een onzichtbare, twee yards breede
+dam eene volkomen kalme lucht van een krachtigen storm.
+
+Ik had zooveel genot van mijne zwerftochten tusschen de rotsen en
+bergen, dat ik op den morgen van den 14den Juli bijna met spijt naar
+de stad afdaalde. Vóór den middag was ik aan boord en ging de Beagle
+onder zeil.
+
+
+
+Op den 19den Juli bereikten wij Ascension. Personen, die een vulkanisch
+eiland hebben gezien, dat in een droog klimaat gelegen is, zullen
+zich den aanblik van Ascension terstond kunnen voorstellen. In hunne
+verbeelding zullen zij dan gladde kegelvormige bergen zien van een
+lichtroode kleur, met meestal afgeknotte toppen, die, onderling
+gescheiden, zich uit een horizontaal oppervlak van ruwe zwarte lava
+verheffen. Een hoofdberg in het midden van het eiland schijnt de vader
+der kleinere kegels, en draagt den naam van Green Hill of Groene berg,
+ontleend aan de zeer zwakke tint van die kleur, welke in dezen tijd
+van het jaar nauwelijks van de ankerplaats is waar te nemen. Eene
+woeste en onstuimige zee, die op de zwarte rotsen aan de kust beukt,
+voltooit dit sombere tafereel.
+
+De nederzetting ligt in de nabijheid van het strand en bestaat uit
+verscheidene witte hardsteenen huizen en loodsen, die ongeregeld
+geplaatst, maar goed gebouwd zijn. De bewoners zijn uitsluitend
+zeesoldaten, behalve eenige uit slavenschepen bevrijde negers,
+die door het gouvernement betaald en van levensmiddelen worden
+voorzien. Op het geheele eiland woont geen enkel particulier. [391]
+Onder de zeesoldaten schenen vele met hun toestand wel tevreden;
+zij achtten het beter hunne 21 jaren aan land te dienen--hoe dit
+land ook zijn mocht--dan op een schip; en indien ik zeesoldaat was,
+zou ik van harte met deze keus instemmen.
+
+Den volgenden morgen beklom ik den 2840 voet hoogen Green Hill, [392]
+en wandelde van daar over het eiland naar de windzijde. Een goede
+wagenweg voert van de nederzetting op de kust naar de huizen met tuinen
+en velden, die zich nabij den top van den centralen berg bevinden. Ter
+zijden van den weg staan mijlsteenen en vindt men waterputten, waaruit
+elk dorstig voorbijganger een teug goed water kan drinken. Eene
+dergelijke zorg wordt in elk deel der kolonie in acht genomen,
+en vooral wat het onderhoud der bronnen betreft, opdat geen enkele
+druppel water verloren zal gaan; inderdaad kan het geheele eiland
+vergeleken worden met een groot schip, dat op de voortreffelijkste
+wijze onderhouden wordt. Toen ik de groote nijverheid bewonderde, die
+met zulke geringe middelen dergelijke resultaten had voortgebracht, kon
+ik tevens de spijt niet onderdrukken, dat al die nijverheid verspild
+werd voor zulk een armzalig en beuzelachtig doel. Lesson heeft terecht
+opgemerkt, dat alléén de Engelsche natie op het denkbeeld zou komen
+om van het eiland Ascension eene vruchtbare plek te maken, waar elk
+ander volk het slechts als fort in den oceaan zou gebruiken.
+
+Bij de kust groeit niets; verder landwaarts in kan men soms eene
+groene castorolie-plant [393] en enkele sprinkhanen ontmoeten, bekend
+als ware vrienden van de wildernis. Over de oppervlakte der centrale
+hoogvlakte is eenig gras verspreid, en het geheel heeft veel weg van
+de slechtere gedeelten in het gebergte van Wallis. Maar al lijkt de
+weide ook schraal, toch vinden ongeveer 600 schapen, vele geiten,
+benevens enkele koeien en paarden er ruim hun voedsel. Onder de
+inlandsche dieren wemelt het van landkrabben en ratten. Of de rat
+werkelijk inheemsch is, mag men terecht betwijfelen; volgens de
+beschrijving van Waterhouse zijn er twee variëteiten of speelsoorten:
+de eene heeft eene zwarte kleur, een fraai glad vel, en leeft op
+het met gras bedekte hoogland; de andere is bruinachtig van kleur,
+minder glad, heeft langer haar, en leeft bij de nederzetting op de
+kust. Deze beide speelsoorten zijn een derde kleiner dan de gewone
+zwarte rat (Mus rattus), en verschillen van deze zoowel in kleur
+als in den aard van haar vel; maar verder in geen ander opzicht van
+belang. Ik kan moeilijk betwijfelen of deze ratten zijn ingevoerd
+(evenals de gewone muis, die óók verwilderd is), en hebben, evenals
+op de Galápagos-Eilanden, de veranderingen ondergaan, die voortsproten
+uit de nieuwe levensvoorwaarden waaraan zij werden onderworpen; daarom
+verschilt ook de speelsoort op de hoogvlakte van het eiland van die
+op de kust. Inheemsche vogels ontbreken geheel; maar de paarlhoen
+(Numida), die van de Kaap-Verdische Eilanden werd ingevoerd, is er
+talrijk, en de gewone kip loopt ook in 't wild. Eenige katten, die
+oorspronkelijk op het verdelgen van ratten en muizen uittrokken,
+zijn zoozeer in aantal toegenomen, dat zij eene groote plaag zijn
+geworden. Het eiland bezit geen enkelen boom, en is, zoowel in dit
+als in elk ander opzicht, veel minder dan St.-Helena.
+
+Een mijner uitstapjes voerde mij naar de zuidwestpunt van het
+eiland. Het was een heldere en warme dag; maar in plaats dat ik nu
+het eiland op zijn schoonst zag, stralend in het zonlicht, grijnsde
+het mij tegen in al zijne naakte leelijkheid. De lavastroomen zijn
+met heuveltjes bedekt en zoo ruw, dat het niet gemakkelijk is dit
+geologisch te verklaren. De tusschenruimten liggen verborgen onder
+lagen puimsteen, asch en vulkanischen tufsteen. Toen ik over zee
+langs dit deel van het eiland ging, kon ik niet begrijpen wat de witte
+vlekken waren, waarmee de gansche vlakte gestippeld was; nu vond ik,
+dat het zeevogels waren, die zoo vol vertrouwen lagen te slapen,
+dat men zelfs midden op den dag naar hen toe kon wandelen en hen
+grijpen. Deze vogels waren de eenige levende wezens, die ik gedurende
+den ganschen dag zag. Ofschoon er eene zwakke bries op de kust stond,
+rolde eene sterke branding over de gebroken lavarotsen.
+
+De geologie van dit eiland is in vele opzichten belangrijk. Op
+verscheidene plaatsen ontdekte ik vulkanische bommen, d.w.z. klompen
+lava, die eenmaal in vloeibaren staat in de lucht werden geslingerd
+en dientengevolge eene bol- of peervormige gedaante hebben
+aangenomen. Zoowel hare uitwendige, als in vele gevallen ook hare
+inwendige structuur verraadt op zeer treffende wijze, dat zij in hare
+luchtbaan om eene as hebben gewenteld. In nevenstaande figuur is de
+inwendige structuur van eene dezer gebroken bommen zeer nauwkeurig
+voorgesteld.
+
+Het middengedeelte bestaat uit grove cellen, die naar buiten toe in
+grootte afnemen, tot waar zij omsloten zijn door een schaalvormig
+kapsel, ongeveer een derde inch dik, van vast gesteente, dat weder aan
+de buitenzijde met eene korst van fijncellige lava bedekt is. Naar mijn
+idee kan er weinig twijfel bestaan, ten eerste, dat de buitenkorst
+snel afkoelde in den toestand waarin wij haar nu zien; ten tweede,
+dat de nog vloeibare kernlava door de middelpuntvliedende kracht,
+die de aswenteling der bom in 't leven riep, tegen de afgekoelde
+buitenkorst werd gedreven en zoo de vaste steenen schaal vormde;
+en eindelijk, dat de middelpuntvliedende kracht, welke de drukking
+in de meer centrale gedeelten der bom verminderde, aan de ingesloten
+verhitte gassen gelegenheid gaf de kerncellen uit te zetten, en aldus
+de grofcellige binnenmassa deed ontstaan.
+
+Een uit de oudere reeks van vulkanische gesteenten gevormde heuvel,
+dien men ten onrechte voor een vulkaankrater heeft gehouden, is
+belangrijk doordat zijn breede, eenigszins holle, cirkelvormige
+top gevuld is met een aantal opvolgende lagen van asch en fijne
+slakken. De schotelvormige lagen puilen over den rand, waar zij
+zuivere, verschillend gekleurde ringen vormen, en zoodoende aan den
+top een hoogst phantastisch aanzien geven; een dezer ringen is wit en
+breed, en gelijkt op eene renbaan waar paarden worden geoefend: vandaar
+dat deze heuvel den naam van Devil's Riding School (Duivels-Rijschool)
+ontving. Uit een der tufhoudende lagen die eene bleekroode kleur had,
+nam ik eenige specimens stof mee naar Engeland. Na opzending daarvan
+aan Prof. Ehrenberg, meldde deze mij het hoogst belangrijke feit,
+dat die stof bijna geheel uit bewerktuigde wezens [394] bestond. Hij
+ontdekte daarin eenige kiezelschalige zoetwater-infusoria, en
+daarenboven niet minder dan 25 verschillende soorten kiezelskeletten
+van planten, voornamelijk grassen. Wegens het ontbreken van alle
+koolstofhoudende verbindingen, houdt Ehrenberg het er voor, dat deze
+organische lichamen den vulkanischen vuurdoop hebben ondergaan, en
+uitgeworpen zijn in den toestand, waarin wij hen nu zien. Het voorkomen
+der lagen deed mij denken, dat zij onder water waren afgezet, ofschoon
+het buitengewoon droge klimaat mij tot de onderstelling leidde,
+dat er gedurende eene groote uitbarsting waarschijnlijk stroomen
+regen waren gevallen, en zoo een tijdelijk meer was gevormd, waarin
+de asch viel. Thans mag men echter aannemen, dat het geen tijdelijk
+meer was. Hoe dit ook zij, wij kunnen ons verzekerd houden, dat het
+klimaat en de voortbrengselen van Ascension in een vroeger tijdperk
+zeer verschilden van wat zij nu zijn. Bij het zien van dit eiland
+vragen we ons weder af: waar kunnen wij op aarde een plek vinden, die
+niet bij aandachtig onderzoek teekenen openbaart van die eindelooze
+reeks van veranderingen, waaraan onze planeet onderhevig was, is,
+en zijn zal?
+
+
+
+Na Ascension te hebben verlaten, zeilden wij naar Bahia op de kust
+van Brazilië, ten einde de chronometrische opmeting van de wereld te
+voltooien. Op 1 Augustus 1836 kwamen wij hier aan, en bleven er vier
+dagen, in welken tijd ik verscheidene lange wandelingen deed. Met
+genoegen ontdekte ik, dat mijne belangstelling in het tropische
+landschap door het ontbreken van nieuwe gegevens er volstrekt niet
+op verminderd was. De onderdeelen van het landschap zijn hier zoo
+eenvoudig, dat zij verdienen genoemd te worden als een bewijs van
+welke nietige omstandigheden een uitgezocht natuurschoon afhangt.
+
+Het oord kan worden beschreven als eene effene vlakte van omstreeks 300
+voet hoogte, welke overal doorsneden is van valleien met horizontale
+bodems. In een land waar de bodem uit graniet bestaat, is zulk een
+structuur merkwaardig; doch in al die zachtere formaties waaruit
+vlakten gewoonlijk bestaan, is zij nagenoeg algemeen. De geheele
+oppervlakte is bedekt met verschillende soorten van rijzig geboomte,
+afwisselend met strooken ontgonnen grond, waarop huizen, kloosters
+en kapellen verrijzen. Hier zij herinnerd, dat in de keerkringen de
+rijkdom van wild natuurschoon zelfs in de nabijheid van groote steden
+niet verloren gaat, want de natuurlijke plantenwereld der hagen en
+heuvelhellingen beheerscht op schilderachtige wijze het kunstwerk
+van den mensch. Dientengevolge zijn er slechts enkele plekken,
+waar de lichtroode grond eene scherpe tegenstelling vormt met het
+algemeen bekleedsel van groen. Van de zoomen der vlakten heeft men
+vergezichten hetzij op den oceaan, hetzij op de groote Baai met hare
+laag begroeide stranden, en waarop talrijke booten en kano's hare witte
+zeilen vertoonen. Behalve van deze punten is het landschap uiterst
+begrensd; want volgt men de effen paden rechts en links, dan kan men
+de met bosch bedekte dalen slechts vluchtig te zien krijgen. Ik kan
+er bijvoegen, dat de huizen, en vooral de kerkelijke gebouwen in een
+eigenaardigen en eenigszins phantastischen stijl zijn opgetrokken. Daar
+al die huizen gewit zijn, teekenen zij zich in 't licht der stralende
+middagzon op den matblauwen hemel aan de kim eerder af als schimmen,
+dan als gebouwen.
+
+Zoo zijn de onderdeelen van het landschap; maar het zou een hopeloos
+werk zijn den algemeenen indruk er van te schilderen. Geleerde
+natuuronderzoekers beschrijven deze tropische landschappen door eene
+menigte voorwerpen te noemen, en eenige bijzonderheden te vermelden die
+elk hunner kenmerken. Een geleerd reiziger kan daaruit mogelijk eenige
+duidelijke begrippen putten; maar wie kan anders, door eene plant in
+een herbarium te zien, zich voorstellen hoe zij er uitziet als zij
+in haar geboortegrond groeit? Wie kan, bij het zien van keurplanten
+in eene broeikas, eenige er van vergroot denken tot de afmetingen van
+woudboomen, andere als dicht dooreengevlochten tot een ontoegankelijk
+struikgewas? Wie zal, als hij de bonte, uitheemsche kapellen en
+eigenaardige cicadae gadeslaat in het kabinet van den entomoloog,
+zich bij die levenslooze vormen ook voorstellen de onafgebroken
+schorre muziek der laatsten, de trage vlucht der eersten--twee
+kenmerken, die op een stillen, gloeienden middag in de tropen nooit
+ontbreken? Het is wanneer de zon hare grootste hoogte heeft bereikt,
+dat men zulke landschappen zien moet: dan hult het dichte, prachtige
+gebladerte van den mango-boom den grond in zijn diepste schaduw,
+terwijl de bovenste takken door den overvloed van licht prijken in
+het schitterendste groen. In de gematigde streken is dit anders:
+daar is de plantengroei niet zoo donker of weelderig, en zijn het
+de purper-, rood-, of lichtgeel gekleurde stralen der namiddagzon,
+welke het meest tot de schoonheid dier streken bijdragen.
+
+Wanneer ik kalm over de belommerde paden wandelde en de opvolgende
+tafereelen bewonderde, wenschte ik woorden te vinden om mijne gedachten
+uit te drukken. Doch vruchteloos: bijnaam op bijnaam bleken te zwak
+om het genot dat de geest smaakt, te beschrijven aan hen, die de
+tusschenkeerkringslanden niet bezocht hebben. Boven zeide ik, dat de
+planten in eene broeikas onmachtig zijn om een juist denkbeeld van de
+flora te geven; toch moet ik tot dien zwakken maatstaf terugkeeren. Het
+land is ééne groote, woeste, ongerepte en rijk gevulde broeikas,
+door de Natuur voor zich zelve gemaakt, maar door den mensch in
+bezit genomen, die haar met vriendelijke huizen en regelmatige tuinen
+heeft gestoffeerd. Hoe gaarne zou niet elk bewonderaar der natuur,
+indien zulks mogelijk was, het landschap op eene andere planeet
+willen zien? Welnu, men kan in waarheid zeggen, dat zich voor elken
+Europeaan op een afstand van slechts weinige lengtegraden de pracht
+eener andere wereld ontsluit! Op mijne laatste wandeling bleef ik
+bij herhaling staan om deze schoonheden te bewonderen, en poogde
+zoo een onuitwischbaren indruk daarvan in mijne ziel te griffen,
+schoon wetende dat die vroeg of laat toch zou vervloeien. De vormen
+van den oranje- en kokosboom, den palm- en mangoboom, de boomvaren
+en den banaan zullen duidelijk en scherp bewaard blijven; maar de
+duizende tinten en vormen die met deze boomen een volledig landschap
+samenstellen, moeten onherroepelijk vervloeien--mij niets nalatende
+dan eene schilderij vol onbestemde doch overschoone figuren, evenals
+een sprookje uit onze kinderjaren!
+
+[6 Augustus.]
+
+In den namiddag stevenden wij in zee, met het doel om rechtstreeks naar
+de Kaap-Verdische Eilanden te gaan. Maar ongunstige winden hielden ons
+terug, en zoo liepen wij den 12den Pernambuco binnen--eene groote stad
+op 8° Z.B. aan de kust van Brazilië. Wij ankerden buiten het rif; doch
+spoedig kwam een loods aan boord en bracht ons naar de binnenhaven,
+waar wij dicht bij de stad lagen.
+
+Pernambuco is gebouwd op eenige smalle en lage zandbanken, die door
+ondiepe zoutwater-kanalen van elkander gescheiden zijn. De drie
+deelen, waaruit de stad bestaat, zijn onderling door twee lange, op
+houten palen gebouwde bruggen verbonden. De stad is op alle punten
+afschuwelijk: de straten zijn smal, slecht geplaveid en morsig,
+en de huizen zijn hoog en somber. Het seizoen der hevige regens was
+nauwelijks geëindigd, en dientengevolge stond het omliggende land, dat
+amper boven den zeespiegel ligt, geheel onder water. Dit was oorzaak,
+dat al mijne pogingen om lange wandelingen te doen, mislukten. [395]
+
+Het vlakke moerasland, waarop Pernambuco ligt, is op enkele mijlen
+afstands omringd door een halven cirkel van lage heuvels, of liever
+door den rand van een gebied, dat ongeveer 200 voet boven de zee
+ligt. De oude stad Olinda ligt aan het eene einde dezer heuvelreeks. Op
+zekeren dag nam ik een kano, en voer een der kanalen op om deze stad
+te bezoeken, die met hare groote kloosters en kerken een treffenden
+indruk maakt. Zij is zindelijker en aangenamer gelegen dan Pernambuco,
+doch innerlijk vervallen. Hier moet ik vertellen wat ons voor de
+eerste maal op onze vijfjarige reis overkwam, nl. dat wij gebrek aan
+voorkomendheid ontmoetten; ik werd aan twee verschillende huizen op
+knorrigen toon afgewezen, en kreeg aan een derde met moeite verlof om
+door den tuin naar een onbebouwden heuvel te gaan, ten einde de streek
+te overzien. Het doet mij genoegen, dat dit in het land der Brazilianen
+gebeurde, want ik draag hun geen goed hart toe; ook is het een land
+van slavernij en dus van zedelijk verval. Een Spanjaard zou zich
+schamen over het denkbeeld alléén, dat hij zulk een verzoek weigerde
+of zich ruw tegen een vreemdeling gedroeg. Het kanaal, waardoor wij
+naar Olinda gingen en van daar terugkeerden, was aan beide zijden met
+mangleboomen (Rhizophora mangle) begroeid, [396] die als een woud in
+'t klein uit de vettige modderbanken verrezen. De lichtgroene kleur
+dezer bosschages herinnerde mij aan het welige gras op een kerkhof;
+beiden worden gevoed door bedorven uitwasemingen: het een spreekt
+van dood in het verleden, het ander zeer vaak van dood in de toekomst.
+
+Het eigenaardigste gewrocht, dat ik in dezen omtrek zag, was het
+rif dat de haven vormt. [397] Ik twijfel of er op de geheele wereld
+een tweede natuurgewrocht bestaat met zulk een kunstig voorkomen. Het
+loopt over een lengte van verscheidene mijlen in eene volkomen rechte
+lijn evenwijdig met en niet ver [398] van het strand. Zijne breedte
+wisselt af van 30 tot 60 yards; de oppervlakte is vlak en effen, en
+het is saamgesteld uit onduidelijk gelaagden, harden zandsteen. Bij
+hoog water spoelen de golven er over heen; bij laag water blijft het
+bovengedeelte droog, en zou men het licht voor een pier of golfbreker
+houden, die door cyklopische arbeiders gebouwd is. Tegenover het land
+op deze kust werpen de zeestroomen lange smalle tongen en dammen op
+van los zand, en het is op een van die dammen, dat een deel der stad
+Pernambuco staat. In vroeger tijd schijnt een dergelijke lange dam
+onder de doorzijgende werking van kalkhoudende stof vast te zijn
+geworden, en daarna langzamerhand gerezen. Terwijl dit geschiedde
+werden de buitenste en losse gedeelten door den golfslag der zee
+weggespoeld, en bleef de vaste kern over in den vorm waarin wij
+haar nu zien. Hoewel de golven van den vollen Atlantischen Oceaan,
+troebel van het slib, dag en nacht tegen de steile buitenkanten van
+dezen steendam worden gedreven, hebben de oudste loodsen nooit van
+eene verandering in zijn voorkomen gehoord. Deze duurzaamheid is
+verreweg het belangrijkste feit in zijne geschiedenis, en is toe te
+schrijven aan eene taaie, kalkhoudende laag van enkele inches dikte,
+die geheel gevormd is door het opvolgend groeien en sterven der kleine
+schelpdieren, Serpulae geheeten, benevens enkele eendenmosselen
+(Lepas anatifera) en Nulliporae. [399] Deze Nulliporae (harde,
+zeer eenvoudig georganiseerde kalkafscheidende zeealgen, die in
+vorm en hardheid dikwijls op koralen gelijken, doch van de echte
+koralen hierin verschillen dat zij geene poriën of cellen hebben,
+zooals ook haar naam aanduidt) spelen eene dergelijke en gewichtige
+rol, doordien zij de bovenoppervlakken der koraalriffen achter en
+tusschen de brandingen beschermen, waar de echte koralen gedurende
+den uitwendigen groei der massa door blootstelling aan zon en licht
+gedood zijn. Deze onbeduidende organische wezens, in 't bijzonder de
+Serpulae, hebben den inwoners van Pernambuco grooten dienst bewezen,
+want zonder hare beschermende hulp zou de zandsteenbank stellig reeds
+lang zijn vergaan; en zonder de bank zou er geen haven zijn geweest.
+
+Op den 19den Augustus verlieten wij voorgoed de Braziliaansche
+kusten. Gode zij dank--nooit zal ik weer een slavenland bezoeken! Nog
+heden herinnert elke gil, dien ik in de verte hoor, mij pijnlijk en
+levendig aan de gevoelens die mij bestormden, toen ik voorbij een
+huis bij Pernambuco gaande, het hartverscheurendste gejammer hoorde,
+en niet anders kon denken dan dat hier een arme slaaf gemarteld
+werd, terwijl ik wist dat ik even machteloos was als een kind, om
+er zelfs iets van te zeggen! Ik vermoedde dat dit het gejammer was
+van een gemartelden slaaf, want men vertelde mij andere gevallen van
+dien aard. Bij Rio de Janeiro woonde ik tegenover eene oude dame,
+die er schroeven op nahield om de vingers van hare slavinnen te
+vermorzelen. Ik heb in een huis vertoefd, waar een jonge mulatbediende
+dag aan dag, uur aan uur beschimpt, geslagen en gekweld werd op eene
+manier, die zelfs den geest van het laagste dier zou dooden. Ik heb
+een knaap van zes of zeven jaren tweemaal met eene paardenzweep op
+het bloote hoofd zien striemen, voordat ik tusschenbeide kon komen,
+alleen omdat het kind mij een glas water had gegeven dat niet geheel
+schoon was. Ik zag zijn vader beven zoodra zijn meester maar de
+oogen opsloeg. Deze laatste gruwelen woonde ik bij in eene Spaansche
+kolonie, waar de slaven altijd beter behandeld heetten te worden,
+dan door de Portugeezen, Engelschen of andere Europeanen. Te Rio de
+Janeiro heb ik een krachtigen neger gezien, die bang was om een slag
+af te weren, dien hij dacht dat op zijn gelaat gemunt was. Ik was
+er bij, toen een goedhartig man op het punt stond de mannen, vrouwen
+en kinderen van een groot aantal gezinnen, die lang te zamen hadden
+gewoond, voor altijd te scheiden! Nu zal ik nog niet eens spreken
+van de vele hartroerende wreedheden, die ik uit geloofwaardige bron
+gehoord heb: en ook de bovenstaande schokkende bijzonderheden zou ik
+niet hebben vermeld, indien ik niet een aantal lieden ontmoet had,
+die zoo verblind waren door de natuurlijke vroolijkheid van den neger,
+dat zij over de slavernij spraken als over een dragelijk kwaad. Zulke
+lieden hebben meestal de huizen der hoogere standen bezocht, waar
+het slavenpersoneel doorgaans goed behandeld wordt, en hebben niet,
+zooals ik, onder de lagere standen verkeerd. Dergelijke onderzoekers
+zullen slaven uithooren omtrent hun toestand, en daarbij vergeten,
+dat het inderdaad een domme slaaf moet zijn, die niet rekent op de
+kans, dat zijn antwoord ter oore kan komen van zijn meester.
+
+Men beweert, dat eigenbelang buitensporige wreedheid zal voorkomen,
+alsof eigenbelang onze huisdieren beschermde, die toch veel minder
+dan verworpen slaven in staat zijn den toorn hunner woeste meesters
+op te wekken! Het is een argument, waartegen de groote von Humboldt
+lang geleden met ridderlijk gevoel te velde is getrokken, en dat
+hij door treffende voorbeelden heeft toegelicht. Dikwijls poogt men
+slavernij te verschoonen door den slavenstand te vergelijken met
+onze armere landgenooten. Zoo de ellende onzer armen veroorzaakt
+wordt--niet door de wetten der natuur, maar door onze instellingen,
+dan zondigen wij zwaar; doch hoe dit in verband staat met slavernij,
+kan ik niet inzien: even goed zou men in ons land het gebruik van
+de duimschroef kunnen verdedigen, door te bewijzen dat menschen
+in een ander land veel aan eene gevreesde ziekte leden. Zij, die
+goedgunstig over slavenhouders denken, en met een koud hart over
+den slaaf, schijnen zich nooit in den toestand van den laatsten te
+stellen. Welk een vreugdeloos en troosteloos vooruitzicht--zelfs
+geen hoop op verandering! Denk eens, lezer, dat u zelven steeds de
+kans boven het hoofd hing, dat uwe vrouw en kinderen--de wezens,
+die de natuur ook aan den slaaf vergunt de zijnen te noemen--aan
+u ontrukt en aan den eersten den besten bieder als beesten wierden
+verkocht! En zulke daden worden bedreven en verschoond door lieden,
+die belijden dat zij hunne naasten liefhebben als zich zelven, die
+in God gelooven en bidden dat Zijn wil zal geschieden op aarde! Ons
+bloed kookt, maar ook ons hart krimpt bij de gedachte, dat wij,
+Engelschen en onze Amerikaansche afstammelingen, met onze trotsche
+vrijheidsleus zoo schuldig zijn geweest en nòg zijn; maar het is een
+troost te denken, dat wij ten minste een grooter offer hebben gebracht
+om voor onze zonden te boeten, dan ooit een ander volk deed!
+
+Op den laatsten dag in Augustus 1836 ankerden wij voor de tweede maal
+te Porto Praya op de Kaap-Verdische Eilanden, en zeilden van daar naar
+de Azoren, waar wij zes dagen bleven. Op den 2den October bereikten
+wij de Engelsche kust, en te Falmouth verliet ik eindelijk de Beagle,
+na omtrent vijf jaren aan boord van dit kleine, maar degelijke schip
+te hebben doorgebracht.
+
+
+
+Aan het einde onzer Reis gekomen, zal ik een kort overzicht geven
+van de voor- en nadeelen, alsmede de bezwaren en genoegens, welke
+onze omvaring van de wereld heeft opgeleverd. Zoo iemand, voordat
+hij eene groote reis ondernam, mij om raad vroeg, zou mijn antwoord
+afhangen van de voorwaarde, of hij eene besliste neiging voor de
+eene of andere wetenschap bezat, die langs dezen weg bevorderd kon
+worden. Verschillende landen en de vele menschenrassen te zien,
+is ongetwijfeld een groot genot; maar het genoegen dat men daarbij
+smaakt, weegt niet op tegen de lasten. Zal eene vrucht worden geplukt,
+of iets goeds worden bereikt, dan moet men een oogsttijd afwachten,
+ook al is deze nog zoo ver.
+
+Het is duidelijk, dat men zich vele verliezen moet getroosten: zoo,
+bij voorbeeld, het gezelschap van alle oude vrienden, en het gezicht
+van die plaatsen, waaraan de dierbaarste herinneringen ten nauwste
+zijn verbonden. Die verliezen worden echter voor een deel verzacht
+door het onuitsprekelijk voorgenot van den lang gewenschten dag van
+wederkomst. Indien, zooals de dichters zeggen, het leven een droom is,
+dan ben ik zeker, dat dergelijke droombeelden op reis het best geschikt
+zijn om den langen nacht door te komen. Andere verliezen zijn er, die,
+hoewel in 't eerst niet gevoeld, na verloop van tijd zwaar beginnen te
+wegen; deze zijn het gemis van eene kamer, van afzondering, van rust;
+het afmattende gevoel van voortdurende haast; het derven van kleine
+weeldezaken; het gemis van huiselijke gezelligheid, en zelfs van
+muziek of andere aesthetische genoegens. Wanneer wij zulke beuzelingen
+vermelden, is het duidelijk dat de werkelijke bezwaren van het leven
+op zee--rampen of onheilen uitgezonderd--voorbij zijn. De korte spanne
+van 60 jaren heeft eene verbazende verandering teweeg gebracht in
+het gerief van verre zeereizen. Nog in den tijd van Cook (1728-1779)
+stond elk, die den huiselijken haard verliet om zulke tochten te
+ondernemen, aan ernstige ontberingen bloot. Thans kan een yacht of
+snelzeiler met alle levensgemakken den aardbol omvaren. Behalve de
+groote verbeteringen in de schepen en de hulpmiddelen van het zeewezen,
+staat thans de geheele westkust van Amerika open, terwijl Sydney de
+hoofdstad is geworden van een opkomend werelddeel. Hoe geheel anders
+zijn de omstandigheden voor iemand, die nu in den Stillen Oceaan
+schipbreuk lijdt, vergeleken met die in de dagen van Cook! Sedert
+zijne reis is aan de beschaafde wereld een halfrond toegevoegd.
+
+Indien iemand veel aan zeeziekte lijdt, laat hij dan hiermede
+ernstig rekening houden. Ik spreek uit ondervinding; het is een
+kwaad, dat niet gering en niet binnen eene week genezen is. Heeft
+hij daarentegen pleizier om op zee te dobberen, dan zal hij voor dat
+genoegen zeker ruimschoots gelegenheid vinden. Men diene intusschen
+wel in 't oog te houden, dat gedurende eene lange reis een zeer
+groot deel van den tijd op het water wordt doorgebracht, vergeleken
+met het oponthoud binnen de havens. En wat zijn nu de zoo geprezen
+schoonheden van den grenzenloozen oceaan? Eene vervelende eenzaamheid,
+een waterwoestijn, gelijk de Arabier hem noemt. Niettemin geeft hij
+ons somtijds verrukkelijke tafereelen te zien. Schoon is een nacht met
+maneschijn, bij helderen hemel en donker-glinsterende zee: de witte
+zeilen gezwollen onder den zachten adem van een kalmen passaat, of
+bij bladstille lucht, als het bolle zeevlak gepolijst en spiegelend
+voor u ligt, en alleen het klapperend zeildoek nu en dan de stilte
+verbreekt. Ook is het goed eens een donderbui te zien opkomen, die
+u nadert in al hare woede, of een geweldigen orkaan die de golven
+tot bergen verheft. Toch beken ik, dat mijne verbeelding zich iets
+grootschers, iets vreeselijkers gemaald had van een woedenden
+storm. Een onvergelijkelijk schooner schouwspel biedt hij op 't
+strand gezien, waar de zwiepende boomen, de wilde vlucht der vogels,
+de jagende stroomen, de donkere schaduwen en heldere tinten allen
+den strijd der losgebroken elementen verkondigen. Op zee vliegen
+albatros en kleine stormvogel met evenveel gemak, als ware de storm
+hun eigenlijk element, en rijst en daalt het water, alsof het zijn
+gewone taak volbrengt; alleen het schip en zijne bewoners schijnen
+het voorwerp der algemeene woede. Op een eenzaam, door wind en zee
+geteisterd strand is het tafereel weer anders, doch krijgen wij hier
+meer een gevoel van afschrik, dan van wilde verrukking.
+
+Laat ons nu de lichtere zijde van den afgeloopen tijd beschouwen. Het
+genoegen, dat voortsproot uit het gezicht van de natuurtooneelen en
+den algemeenen aanblik der verschillende door ons bezochte landen, is
+beslist een bron geweest van duurzaamst en hoogst genot. Waarschijnlijk
+wordt al wat wij zagen door het schilderachtig schoon in vele gedeelten
+van Europa overtroffen; maar een toenemend genot levert het onderling
+vergelijken van den aard der natuurtooneelen in verschillende landen,
+hetgeen in zekeren zin iets anders is dan een louter bewonderen van
+hunne schoonheid. Dit genot hangt voornamelijk af van onze bekendheid
+met de onderdeelen van elk landschap; en ik ben zeer geneigd te
+gelooven, dat--evenals iemand, die elken toon in de muziek begrijpt
+en daarenboven een gepasten smaak bezit, een meer volkomen genot
+van het ensemble zal hebben--ook hij die elk deel van een fraai
+landschap onderzoekt, den vollen en samengestelden indruk er van
+zal begrijpen. Zoo zou een reiziger plantkundige moeten zijn, want
+in elk landschap vormen planten de hoofdversiering. Groepen naakte
+rotsen kunnen somtijds, zelfs in hare ruwste gedaanten, een verheven
+schouwspel opleveren; doch spoedig worden zij eentonig. Maal haar af
+in heldere en afwisselende kleuren, zooals de Andes in het noorden
+van Chili--en zij zullen phantastisch worden; maar bekleed ze met
+planten--en zij moeten een aangenaam, zoo niet een schoon tafereel
+vormen.
+
+Als ik zeg, dat het landschap in sommige gedeelten van Europa
+vermoedelijk schooner was dan die wij zagen, zonder ik daarvan, als
+eene klasse op zich zelve, dat der tusschenkeerkringsstreken uit. Die
+twee klassen kunnen niet samen vergeleken worden; doch, over het
+grootsche dezer gewesten heb ik al dikwijls uitgeweid. Daar de kracht
+der indrukken meestal afhangt van vooraf gevormde denkbeelden, mag ik
+er bijvoegen, dat de mijne ontleend waren aan de levendige beschrijving
+in von Humboldt's Relation Historique, die in verdienste elke andere
+door mij gelezene overtreft. Maar zelfs met deze hoog opgevatte ideeën
+ondervonden mijne gevoelens op verre na geen zweem van teleurstelling
+bij mijne eerste en laatste landing op de kusten van Brazilië.
+
+Van de landschappen, welke een diepen indruk op mijn geest maakten,
+overtrof er geen in grootschheid de maagdelijke wouden, die de hand
+des menschen ongerept had gelaten: hetzij die prachtvolle in Brazilië,
+zoo overrijk aan vormen, waar het Leven heerscht in al zijne kracht:
+hetzij die sombere in Vuurland, waar Dood en Verval den scepter
+zwaaien. Beiden zijn tempels, gevuld met de velerlei voortbrengselen
+uit Gods schoone Natuur! Niemand kan deze eenzaamheden betreden zonder
+ontroering, er dolen zonder een gevoel, dat in den mensch iets meer
+is dan alleen zijn ademtocht... Bij het oproepen van beelden uit
+het verleden, zie ik telkens weer de vlakten van Patagonië voorbij
+mijne oogen gaan--vlakten, die door ieder als nutteloos en ellendig
+worden uitgekreten. Men kan ze slechts beschrijven met negatieve
+eigenschappen: zonder woningen, zonder water, zonder boomen of bergen,
+bevatten zij niets dan enkele dwergplanten. Maar waarom--en het geval
+betreft niet alleen mij zelven--hebben die dorre wildernissen dan
+zoo onwrikbaar in mij post gevat? Waarom hebben de nog vlakkere,
+meer groene en vruchtbare Pampas, nog dienstig daarenboven voor
+het menschdom, niet een even sterken indruk nagelaten? Ik kan deze
+gevoelens moeilijk uitdrukken; maar deels zijn zij hieraan toe te
+schrijven, dat de verbeelding er den vrijen teugel viert. En kan
+het anders? De vlakten van Patagonië zijn grenzenloos; want zij
+zijn bijna ontoegankelijk en dientengevolge onbekend. Zij dragen
+het stempel van eeuwenlang geduurd te hebben zooals zij nu zijn, en
+onbeperkt schijnt haar duur in de toekomst. Denkt men tevens aan de
+onderstelling der Ouden, dat de platte aarde omringd was door eene
+onmetelijke watervlakte of door ondraaglijk heete woestijnen--wie
+zou dan niet met indrukken van diep en onbestemd gevoel die uiterste
+grenzen van menschelijke kennis beschouwen?
+
+Tot de natuurtafereelen behooren eindelijk de vergezichten van
+hooge bergen, die, hoewel in zekeren zin niet bepaald mooi, toch
+zeer gedenkwaardig zijn. Toen ik, door geen nietige bijzonderheden
+in het berglandschap gestoord, van de hoogste kruin der Cordilleras
+naar omlaag zag, werd mijn geest overstelpt door de ontzagwekkende
+afmetingen der omringende bergen!
+
+Wat menschenrassen betreft, wekt niets zoozeer onze verbazing als
+het eerste gezicht van een wilde: van een mensch in den laagsten en
+wildsten natuurstaat in de schuilhoeken van zijn geboorteland. Onze
+geest snelt eeuwen, eeuwen ver terug en vraagt zich af: is 't mogelijk,
+dat onze stamvaderen in de geschiedenis der menschheid geweest zijn
+zooals deze wilden? Menschen, wier gebaren en uitdrukkingen nog
+minder verstaanbaar voor ons zijn dan die der huisdieren? Menschen,
+die niet het instinct dezer dieren bezitten, maar ook niets dat bogen
+kan op menschelijk verstand--althans op kunsten, die de vruchten zijn
+van dat verstand? Ik geloof niet, dat het mogelijk is het verschil
+te beschrijven, of te malen, tusschen een wilden en een beschaafden
+mensch. Het is als het verschil tusschen een wild en een tam dier;
+en onze belangstelling bij het zien van een wilde is voor een deel
+dezelfde, als die ons zou doen wenschen den leeuw te zien in zijn
+woestijn, den tijger als hij zijn prooi in den dsjungel verscheurt,
+of den rhinoceros, zwervend over de woeste vlakten van Afrika.
+
+Tot de merkwaardigste natuur- en hemelverschijnsels, die wij gezien
+hebben, mogen gerekend worden: de Magelhaensche Wolken, [400] het
+Zuiderkruis en de andere sterrenbeelden van den zuidelijken hemel; eene
+waterhoos; een gletscher met zijn blauwen ijsstroom, die als een steile
+rotswand boven de zee hing; een laguneneiland, dat door de rifvormende
+koralen tot aan de zee was opgebouwd; eene vulkanische uitbarsting,
+en eene hevige aardbeving met al hare verpletterende gevolgen. Ik stel
+in deze laatste verschijnselen bijzonder veel belang, misschien wegens
+hun nauw verband met den geologischen bouw van onze planeet; maar in
+'t algemeen moet de aardbeving voor ieder een gebeurtenis zijn, die
+de sterkste indrukken achterlaat. De aarde, die wij van onze vroegste
+kindsheid af als het zinnebeeld van vastheid hebben beschouwd, heeft
+als eene dunne korst onder onze voeten gebeefd; en ziende, hoe de
+hechtste werken van den mensch in een oogwenk worden omvergeworpen,
+beseffen wij hoe nietig de macht is, waarop hij zich verheft!--
+
+Men zegt, dat de liefhebberij in de jacht een genot is, dat den
+menschen aankleeft--een overblijfsel van een instinctmatigen
+hartstocht. Zoo ja, dan ben ik zeker, dat het genoegen om in de
+open lucht te leven met den hemel als dak en de aarde als tafel,
+een deel is van die zelfde zucht: het is de wilde mensch, die tot
+zijne wilde en aangeboren leefwijze terugkeert. Altijd zie ik op onze
+boottochten en mijne uitstappen te land--wanneer deze geschiedden door
+onbewoonde streken--met een bijzonder genot terug, hetwelk geen land
+der beschaafde wereld had kunnen verschaffen. Ik twijfel niet, of elk
+reiziger zal zich het zegepralende gevoel van blijdschap herinneren,
+dat in hem opwelde toen hij voor 't eerst in een onbekend land ademde,
+waar de beschaafde mensch zelden of nooit een voet gezet had.
+
+Op eene lange reis ontmoet men vele andere bronnen van genot, die
+van meer bescheiden aard zijn. De wereldkaart is nu niet langer een
+blad papier, maar wordt een schilderij vol van de afwisselendste en
+levendigste figuren. Elk deel verkrijgt zijne juiste afmetingen;
+vastelanden gelden niet langer als eilanden, en eilanden, die
+menigmaal grooter zijn dan vele koninkrijken in Europa, niet langer
+als stippen. Afrika, of Noord- en Zuid-Amerika zijn welklinkende
+namen en laten zich gemakkelijk uitspreken; doch eerst nadat men
+weken achtereen langs hunne kusten heeft gevaren, krijgt men de volle
+overtuiging welke uitgestrekte ruimten op onze groote aarde met deze
+eenvoudige namen bedoeld worden.
+
+De tegenwoordige toestand, waarin wij een bijna geheel halfrond hebben
+leeren kennen, kan niet anders dan hooge verwachtingen schenken omtrent
+zijn toekomstigen voorspoed. Waarschijnlijk is de verbetering, die,
+dank zij de invoering van het Christendom, over de geheele Zuidzee
+in gang is, éénig in de jaarboeken der geschiedenis. Dit is des te
+merkwaardiger, zoo wij bedenken, dat Cook, wiens uitnemend oordeel
+wel door niemand zal worden betwist, pas 60 jaren geleden geen
+uitzicht op verandering kon geven. Toch zijn die veranderingen door
+den menschlievenden geest der Britsche natie thans tot stand gebracht.
+
+In denzelfden hoek van den aardbol is Australië op weg zich te
+verheffen, of, kan men zeggen, heeft het zich verheven tot een
+groot beschavingsmiddelpunt, dat in eene niet zeer verre toekomst
+als Keizerin zal heerschen over het zuidelijk halfrond. Het is niet
+mogelijk, dat een Engelschman deze verre kolonies anders dan met
+rechtmatigen hoogmoed en voldoening beschouwt. Rijkdom, voorspoed
+en beschaving schijnen de wisse gevolgen te zijn, welke het hijschen
+van de Britsche vlag na zich voert.
+
+Tot besluit schijnt het mij toe, dat er voor een jongen
+natuuronderzoeker niets bevorderlijkers zijn kan, dan eene reis naar
+verre landen. Zulk eene reis--merkt Sir John Herschel op--versterkt
+en stilt gedeeltelijk de behoeften en wenschen, die in den mensch
+opwellen ook dan, wanneer aan alle stoffelijke begeerten voldaan
+is. Het opwekkende gevoel, dat de studie van nieuwe voorwerpen of
+verschijnselen en de kans op welslagen doen ontstaan, prikkelen hem tot
+meerdere werkzaamheid, terwijl daarenboven de gewoonte om los staande
+feiten met elkaar te vergelijken, die anders spoedig onbelangrijk
+worden, hem tot algemeene beschouwingen leiden. Hier staat tegenover,
+dat de beschrijvingen van den reiziger, die uitteraard slechts kort
+op elke plaats vertoeft, meestal uit louter schetsen moeten bestaan,
+in stede van uitvoerige waarnemingen. En daaruit ontspruit, gelijk
+ik tot mijne schade ondervonden heb, eene voortdurende zucht om
+de wijde leemten in onze kennis aan te vullen met onnauwkeurige en
+oppervlakkige hypothesen.--
+
+Maar, ik heb mijne reis te volop genoten, om niet elken
+natuuronderzoeker aan te bevelen alle kansen te wagen, en zoo mogelijk
+landreizen, of anders eene verre zeereis te doen, hoewel hij er
+niet op moet rekenen zoo gelukkig in zijne reisgenooten te zijn,
+als ik het was. Hij kan er van verzekerd zijn, dat hij, behalve in
+zeldzame gevallen, geen moeilijkheden of gevaren zal ontmoeten, die
+niet geringer zullen blijken dan hij te voren verwacht heeft. Uit
+een zedelijk oogpunt behoort het gevolg te zijn, dat hij leere
+opgeruimdheid te paren aan geduld, zijne eigenliefde te overwinnen,
+zich te gewennen aan zelfstandig handelen, en zich zoo goed mogelijk
+in alle omstandigheden te schikken. In 't kort, hij behoort de
+eigenschappen te leeren, welke de meeste zeelieden bezitten. Ook
+moet de reis hem leeren anderen te wantrouwen; maar tevens zal hij
+dan ontdekken, hoevele oprecht welwillende menschen er zijn, die,
+schoon hij vroeger nooit met hen in aanraking kwam noch later ooit weer
+komen zal, toch bereid zijn hem op de onbaatzuchtigste wijze te helpen.
+
+
+ EINDE.
+
+
+
+
+
+
+HERLEIDING VAN EENIGE IN DIT WERK VOORKOMENDE ENGELSCHE MATEN EN
+GEWICHTEN.
+
+
+1 Foot (12 inches) 30.48 cm.
+1 Square foot (144 vierkante inches) 929.014 qcm.
+1 Inch (10 lines, vroeger 12 lines) 2.54 cm.
+1 Square inch 6.451 qcm.
+1 Land yard (in Hertford) = 3 feet 91.44 cm.
+1 Yard (als winkelmaat) = 4 quarters 91.44 cm.
+1 Square yard 0.836 qm.
+1 English ell = 5 quarters 114.30 cm.
+1 Fathom = 6 feet 182.88 cm.
+1 Statute mile of British mile (algemeen "Engelsche
+ mijl" genoemd) = 5280 feet 1609.330 m.
+1 English mile = 5000 feet 1523.986 m.
+1 Nautical mile of Geographical mile = 1/60
+ Equatorgraad (1/60 van 111.2979 kilom.) 1854.965 m.
+1 League = 3 Miles 3 British miles 4827.989 m.
+ 3 London miles 4571.959 m.
+ 3 Nautical miles 5564.895 m.
+1 Mile of land of Square Statute Mile = 640 acres 258.994 ha.
+ 2.58994 qkm.
+1 Square Geographical Mile = 3.44090 qkm.
+1 Acre (of land) = 4 roods 40.468 aren.
+1 Admiralty knot = 6080 feet 1853.167 m./h.
+1 Pound (Avoirdupois--Handelsgewicht) = 16 ounces 453.593 g.
+1 Ounce 28.350 g.
+1 Ton = 2240 pounds 1016.048 kg.
+1 Imperial gallon 4.544 lit.
+
+
+
+
+
+
+INHOUD.
+
+
+ Charles Darwin 5
+
+ Inleiding 7
+
+ Voorwoord van den Schrijver 9
+
+ Hoofdstuk I.
+ St.-Jago. De Kaap-Verdische Eilanden 13
+
+ Hoofdstuk II.
+ Rio de Janeiro 35
+
+ Hoofdstuk III.
+ Maldonado 61
+
+ Hoofdstuk IV.
+ Van de Rio Negro naar Bahia Blanca 91
+
+ Hoofdstuk V.
+ Bahia Blanca 114
+
+ Hoofdstuk VI.
+ Van Bahia Blanca naar Buenos Aires 147
+
+ Hoofdstuk VII.
+ Van Buenos Aires naar Santa Fé 168
+
+ Hoofdstuk VIII.
+ Oost-Banda en Patagonië 193
+
+ Hoofdstuk IX.
+ De Santa Cruz, Patagonië en de Falklands-Eilanden 238
+
+ Hoofdstuk X.
+ Tierra del Fuego of Vuurland 274
+
+ Hoofdstuk XI.
+ De Straat van Magelhaen. Het klimaat der zuidelijke
+ kusten 313
+
+ Hoofdstuk XII.
+ Midden-Chili 341
+
+ Hoofdstuk XIII.
+ Chiloë en de Chonos-Eilanden 369
+
+ Hoofdstuk XIV.
+ Chiloë en Concepcion.--Eene hevige aardbeving 393
+
+ Hoofdstuk XV.
+ Overtocht van de Cordilleras 424
+
+ Hoofdstuk XVI.
+ Noord-Chili en Peru 455
+
+ Hoofdstuk XVII.
+ De Galápagos-Archipel 502
+
+ Hoofdstuk XVIII.
+ Tahiti (of Taïti) en Nieuw-Zeeland 542
+
+ Hoofdstuk XIX.
+ Australië 580
+
+ Hoofdstuk XX.
+ Keeling-Eiland.--Koraalvormingen 608
+
+ Hoofdstuk XXI.
+ Mauritius. Terugkeer naar Engeland 650
+
+ Herleiding van eenige in dit werk voorkomende
+ Engelsche maten en gewichten 683
+
+ Alphabetisch Register 684
+
+ Verbeteringen 699
+
+
+
+
+
+
+AANTEEKENINGEN
+
+
+[1] Het reisdagboek van Charles Darwin's bijna vijf jaar durende
+reis om de wereld aan boord van de Beagle. Tijdens deze reis werden
+de grondslagen gelegt voor zijn latere evolutietheorie.
+
+[2] Darwin's vader had namelijk geen zin zijn zoon deze reis te
+laten ondernemen, dan op voorwaarde, dat deze een man vond, die het
+hem ernstig aanried. Deze man was Darwin's oom. Voorts had kapitein
+Fitz-Roy, commandant van de Beagle, aanvankelijk er op tegen, dat
+Darwin als natuuronderzoeker meêging, om reden diens neus, waarin hij
+gebrek aan energie meende te lezen, hem niet beviel. Kapitein Fitz-Roy
+was namelijk een leerling van Lavater. (Noot van den vertaler.)
+
+[3] Ik moet deze gelegenheid aangrijpen om mijn oprechten dank te
+betuigen aan den heer Bynoe, arts op de Beagle, voor zijne zeer
+vriendelijke zorgen jegens mij, toen ik te Valparaiso ziek was.
+
+[4] De Britsche Minister van Financiën.
+
+[5] Een student, die zijn eersten graad nog niet bereikt heeft.
+
+(Vert.)
+
+[6] Dit op gezag van Dr. E. Dieffenbach in zijne Duitsche vertaling
+van de eerste uitgaaf van dit Dagboek.
+
+[7] Tusschen Frankrijk en de gealliëerde Staten Spanje, Portugal en
+Engeland (1807-1814.)
+
+[8] De Kaap-Verdische Eilanden werden ontdekt in 1449. Er was een
+grafsteen van een bisschop met het jaartal 1571, en het bovendeel
+van een hand en een dolk met het jaartal 1497.
+
+[9] Numida, eene soort behoorende tot de familie der Phasianidae.
+
+(Vert.)
+
+[10] Ik moet van deze gelegenheid gebruik maken om de groote
+welwillendheid te gedenken, waarmeê deze vermaarde natuuronderzoeker
+vele mijner exemplaren onderzocht heeft. In Juni 1845 heb ik een
+volledig bericht over dit vallende stof aan The Geological Society
+gezonden.
+
+[11] De harmáttan waait in December, Januari en Februari.
+
+(Vert.)
+
+[12] Behoorende tot de Cephalophora (Slakken), eene klasse van de
+Mollusca.
+
+(Vert.)
+
+[13] Een groep van 29 eilanden ten noordoosten van Madagascar. Zij
+zijn bekend om hunne kokosnoten. De hoofdstad Victoria op Mahé telt
+ruim 20,000 inwoners.
+
+(Vert.)
+
+[14] Mr. Horner en Sir David Brewster hebben in de Philosophical
+Transactions (Jaargang 1836, blz. 65) eene zonderlinge "kunstmatige
+zelfstandigheid" beschreven "die op eene schelp geleek." Deze
+zelfstandigheid zet zich in fijne, doorschijnende, fraai gepolijste en
+bruinachtig gekleurde laminae, welke bijzondere optische eigenschappen
+bezitten, af aan de binnenzijde van een vat met water, waarin
+men laken, dat eerst in lijm en daarna in kalk gedrenkt is, snel
+laat roteeren. Zij is veel zachter en doorschijnender en bevat meer
+dierlijke stof dan de natuurlijke korst of incrustatie op Ascension;
+maar hier zien wij opnieuw de sterke neiging, die koolzure kalk en
+dierlijke stof aan den dag leggen tot het vormen van eene aan schelpen
+verwante vaste stof.
+
+[15] Bóbo en Nodí zijn de Spaansche namen voor Jan-van-Gent
+en Domme Zeezwaluw. Ook heeft het woord Bóbo de beteekenis van
+"domkop." De soortnamen dezer vogels zijn resp. Sula en Sterna. (Orden
+respect. Graculi en Lari).
+
+(Vert.)
+
+[16] M. Montaigne in de Comptes Rendus, enz. van Juli 1844, en Annales
+des Sciences Naturelles, December 1844.
+
+[17] M. Lesson (Voyage de la Coquille, Deel I, blz. 255) maakt melding
+van rood water op de hoogte van Lima, dat blijkbaar aan dezelfde
+oorzaak is toe te schrijven. De uitstekende natuuronderzoeker
+Peron geeft in zijn Voyage aux Terres Australes niet minder dan
+12 aanhalingen van reizigers, die op het verkleurde water der zee
+gezinspeeld hebben. (Deel II blz. 239). Aan de door Peron gegeven
+verwijzingen kunnen worden toegevoegd; Humboldt. Relation historique,
+deel VI blz. 804 (Eng. Vert.); Flinder, Voyage, deel I blz. 92;
+Labillardière, deel I blz. 287; Ulloa, Voyage; Voyage of the Astrolabe
+and of the Coquille; Kapitein King, Survey of Australia, enz.
+
+[18] Lagoa is het Portugeesche woord voor "Meer."
+
+(Vert.)
+
+[19] Annales des Sciences Naturelles, Jaargang 1833.
+
+[20] De Broodwortel (wortel van den cassave-struik) met den Lat. naam
+Jatropa manihot.
+
+(Vert.)
+
+[21] Volgens eene planimetrische berekening telt Brazilië 8,524,777
+vierkante Kilom. bij eene bevolking van ruim 21 millioen zielen. De
+dichtheid is dus 2.5 inw. per vierkante Kilom. Zooals bekend, is 80
+het normaalcijfer voor de bevolkingsdichtheid, welke grens niet mag
+worden overschreden, zonder sociale nooden in 't leven te roepen.
+Nederland en België hebben respect. eene bevolkingsdichtheid van 176.5
+en 251 per vierkante Kilom.
+
+(Vert.)
+
+[22] De West-Indische koolpalm (Areca of Oreodoxa oleracea.)
+
+(Vert.)
+
+[23] Baron George L. C. F. D. Cuvier (1769-1832), vooral bekend door
+zijn klassiek werk Recherches sur les ossemens fossiles, dat in 1812
+voor 't eerst verscheen.
+
+(Vert.)
+
+[24] Deze species heb ik beschreven en benoemd in de Annals of Natural
+History, Vol. XIV, blz. 241.
+
+[25] Rhamphastus, van de orde der Cuculi (Koekoeksvogels.) In Brazilië
+heet hij tucano.
+
+(Vert.)
+
+[26] Ik ben Waterhouse veel dank schuldig voor zijne vriendelijkheid
+om deze en vele andere insecten voor mij te benoemen, en voor zijne
+zeer gewaardeerde hulp.
+
+[27] Illig. of Ill. is de afgekorte benaming voor J. K. W. Illiger.
+
+[28] Kirby's Entomology, Deel II, blz. 319.
+
+[29] Behoorende tot de Sphingidae, eene familie van de Lepidoptera
+of Kapellen.
+
+[30] Phallus impudicus.
+
+(Vert.)
+
+[31] Doubleday heeft op 3 Maart 1845 voor het Entomologisch Genootschap
+een bijzonderen bouw in de vleugels dezer kapel beschreven, welke
+het middel schijnt te zijn om dit geluid te maken. Hij zegt: "Dit
+insect is merkwaardig wegens het bezit van eene soort trommel aan de
+basis der voorvleugels, tusschen de rib- en de onderribnerven. Deze
+twee nerven hebben daarenboven binnenin een schroefvormig diaphragma
+of tubus." In Langendorff's Reizen (gedurende de jaren 1803/7),
+blz. 74 vind ik vermeld, dat op het eiland Sa.-Catharina, aan de
+kust van Brazilië, eene kapel Februa Hoffmanseggi bestaat, die bij
+het wegvliegen een geluid maakt, als van een ratel.
+
+[32] Ik wil hier als een gewoon voorbeeld van één dag verzamelen
+(23 Juni), toen ik op de Coleoptera niet bijzonder acht gaf,
+vermelden, dat ik 68 soorten van deze orde ving. Daaronder waren
+slechts twee Carabidae, vier Brachelytra, vijftien Rhyncophora en
+veertien Chrysomelidae. Zeven en dertig soorten Arachnidae, die ik
+thuis bracht, zullen voldoende zijn om te bewijzen, dat ik aan de
+algemeene lievelingsorde der Coleoptera niet te veel aandacht schonk.
+
+[33] Te vinden in een handschrift van Abbott, die zijne waarnemingen
+in Georgië deed, en dat in het Britsch Museum berust. Zie de
+verhandeling van A. White in de Annals of Natural History, Deel VII,
+blz. 472. Luitenant Hutton heeft in The Journal of the Asiatic Society,
+Deel I, blz. 555 eene in Indië thuis behoorende wesp beschreven,
+die dezelfde gewoonten heeft.
+
+[34] Don Felix Azara (Deel I, blz. 175) spreekt van een tot de
+Hymenoptera behoorend insect, waarschijnlijk van hetzelfde geslacht,
+en zegt dat hij dit eene doode spin door het hooge gras in eene rechte
+lijn naar zijn nest zag sleepen, hetwelk 163 pas ver lag. Hij voegt er
+bij, dat de wesp, om haren weg te vinden, telkens demi-tours d'environ
+trois palmes maakte.
+
+[35] Behoort tot de familie der Orbitelae (groep Sedentaria of
+Netspinnen). Veelal geschreven Epeira in plaats van Epeïra.
+
+(Vert.)
+
+[36] Hans Sloane (1660-1753), Iersch geneesheer en natuuronderzoeker,
+schreef Natural History of Jamaica en stichtte het Britsch Museum.
+
+(Vert.)
+
+[37] Azara's Voyage, Deel I, blz. 213.
+
+[38] Zoo genoemd naar den heilige St.-Elmo, bisschop van Formiae,
+eene stad in het oude Italië.
+
+(Vert.)
+
+[39] Wilde bewoners van de Pampas, meerendeels veedrijvers.
+
+[40] Spaansche uitdrukking: "Zonder zonde begrepen."
+
+[41] De zadel in de Pampas.
+
+[42] Hearnes' Journey, blz. 383.
+
+[43] Maclaren, hoofdstuk "Amerika" in de Encyclop. Brittannica.
+
+[44] Azara zegt: "Je crois que la quantité annuelle des pluies est,
+dans toutes ces contreés, plus considérable qu'en Espagne"--Deel I,
+blz. 36.
+
+[45] In Zuid-Amerika verzamelde ik in 't geheel 27 soorten muizen, en
+nog 13 zijn bekend uit de werken van Azara en andere schrijvers. Die,
+welke door mijzelf verzameld werden, zijn benoemd en beschreven
+geworden door Mr. Waterhouse op de vergaderingen der Zoological
+Society. Het zij mij vergund van deze gelegenheid gebruik te maken
+om mijn hartelijken dank te betuigen aan Mr. Waterhouse en de andere
+aan dat Genootschap verbonden heeren, voor hunne vriendelijke en zeer
+trouwe hulp bij alle gelegenheden.
+
+[46] Hydrochoerus van (water) en qo=iroc (varken).
+
+[47] In de maag en duodenum (twaalfvingerdarm) van een Capybara,
+welke ik opende, vond ik een zeer groote hoeveelheid van eene
+dunne geelachtige vloeistof, waarin bijna geen vezel te onderkennen
+was. Maar R. Owen meldt mij, dat een deel van den oesophagus (slokdarm)
+zoodanig gebouwd is, dat er niets door kan hetwelk veel grooter is
+dan de schacht eener kraaieveêr. Inderdaad zijn de breede tanden en
+sterke kaken van dit dier wel geschikt om de waterplanten waarmeê
+het zich voedt, tot brij te vermalen.
+
+[48] Het halfkonijntje of zeezwijntje (Cavia). Cabiai is een
+Braziliaansch woord.
+
+(Vert.)
+
+[49] Aan de Rio Negro in Noord-Patagonië leeft een dier met dezelfde
+gewoonten, en waarschijnlijk eene naverwante soort, maar dat ik
+nooit zag. Zijn geluid verschilt van dat der Maldonado-soort; het
+herhaalt zich slechts twee- in plaats van drie- of viermaal, en heeft
+een duidelijker klank; op een afstand gehoord, gelijkt het zoozeer
+op het geluid, dat ontstaat bij het vellen van een kleinen boom met
+behulp van een bijl, dat ik soms in twijfel heb verkeerd wat het was.
+
+[50] Philosophie Zoologique (1809), deel I, blz. 242--Prof. E. Haeckel
+beoordeelt Lamarck (1744-1829) met veel meer lof dan Darwin hier.
+
+(Vert.)
+
+[51] Magazine of Zoology and Botany, Vol. I. Blz. 217.
+
+[52] L'Institut, 1834, Blz. 418. Lezing in de Acad. des Sciences
+de Paris.
+
+[53] Ook wel negendooders, Grauwe Eksters genoemd (Familie der Laniidae
+of Worgers).
+
+(Vert.)
+
+[54] Tegenwoordig deelt men Gallinazo (Cathartes) en Condor
+(Sarcorhamphus) in bij de orde der Giervogels (Vultures).
+
+(Vert.)
+
+[55] Zoogenaamde estáncia's.
+
+[56] Den buizerd rangschikt men nu onder de Valken (Falcones), eene
+onderorde der Roofvogels (Raptatores).
+
+[57] Volgens A. von Humboldt's Ansichten der Natur, bestaan er twee
+soorten: Cathartes Urubu en Cathartes aura.
+
+(Vert.)
+
+[58] In de Philosophical Transactions, 1790, blz. 294, heeft
+Dr. Priestley eenige onvolkomen kwartshoudende buizen beschreven,
+en een gesmolten stuk kwarts, dat gevonden was bij het graven in den
+grond onder een boom, waar een man door den bliksem gedood was.--Men
+noemt deze buizen "Bliksembuizen" of met een wetenschappelijken naam:
+Fulgurites.
+
+[59] Annales de Chimie et de Physique, deel 37, blz. 319.
+
+[60] Azara's "Reis", Deel I, blz. 36.
+
+[61] De corrál is eene uit lange en stevige palen gemaakte omheining,
+die tegen elke estáncia of landbouw-plantage wordt aangebracht.
+
+[62] tóldo = zonnetent.
+
+[63] Linnean Transactions, deel XI, blz. 205. Het is merkwaardig,
+dat alle omstandigheden, op de zoutmeren betrekking hebbende, in
+Siberië en Patagonië van gelijken aard zijn. Siberië schijnt, evenals
+Patagonië, betrekkelijk niet lang geleden uit zee te zijn geheven. In
+beide landen vormen de zoutmeren ondiepe holten in de vlakten; in
+beide is de modder aan de kanten zwart en stinkend; onder de gewone
+zoutkorst (NaCl) komt zwavelzure soda of zwavelzure magnesia voor in
+onvolkomen kristallen, en in beide is het modderige zand vermengd
+met gipslenzen. De Siberische zoutmeren worden bewoond door kleine
+schaaldieren, en ook flamingo's vindt men er (Edin. New Philos. Journ.,
+Januari 1830). Daar deze schijnbaar zoo nietige omstandigheden in twee
+ver verwijderde werelddeelen voorkomen, mogen wij veilig aannemen, dat
+zij het noodzakelijke gevolg zijn van gemeenschappelijke oorzaken. (Zie
+Pallas' Travels, 1793 tot 1794, blz. 129-134.)
+
+[64] Het varkenkonijn--een langneuzig knaagdier in Brazilië. De
+soortnaam is ook Dasyprocta aguti.
+
+(Vert.)
+
+[65] Peruaansch konijntje.
+
+[66] Ik acht mij verplicht in de hartelijkste bewoordingen mijn dank
+te betuigen aan het gouvernement te Buenos Aires voor de vriendelijke
+wijze, waarop mij, als natuuronderzoeker op de Beagle, paspoorten
+werden gegeven naar alle deelen van het land.
+
+[67] Deze profetie is geheel anders en ongelukkig uitgevallen (1845).
+
+[68] H. Credner (Elemente der Geologie, 9e Auflage 1902, blz. 751)
+omschrijft deze formatie aldus: "Gleichalterige äolische Lösze mit
+eingelagerten fluviatilen Sanden."
+
+(Vert.)
+
+[69] Voyage dans l'Amérique Méridionale par M. A. d'Orbigny, Partie
+Historique, Tome I, blz. 664.
+
+[70] Wie weet?
+
+[71] Kuguar of Chileensche leeuw.
+
+[72] Van m'ega (groot) en jhr'ion (dier).
+
+[73] Skel'ic of Sqel'ic (ham, achterpoot.)
+
+[74] Van dit dier zijn 7 Zuid-Amerikaansche soorten gevonden, een
+zoo groot als de Megalonyx. (Zie Dana "Manual of Geology," blz. 570).
+
+[75] Makra'uqhn (met den langen hals).
+
+[76] Doegong (van het Maleische dûyông) en Manatus (of Lamantijn) zijn
+de twee eenige nog levende soorten van de Orde der Zeekoeien (Sirenia).
+
+(Vert.)
+
+[77] Principles of Geology, Deel IV, blz. 40. Dit vermaarde werk,
+dat in 1830/32 in 2 deelen 8o het licht zag en in 1867/68 eene 10de
+oplaag beleefde, verscheen in de 3de, 4de en 5de uitgaven (respect. in
+de jaren 1834, 1835 en 1837) in 4 deelen 12o. De Principles zijn voor
+de ontwikkelingsgeschiedenis der aarde geweest, wat Darwin's Origin
+of Species in 1859 voor de Biologie geweest is.
+
+(Vert.)
+
+[78] Deze theorie werd het eerst ontwikkeld in de Zoology of the Voyage
+of the Beagle, en later in Prof. Owen's "Memoir on Mylodon robustus."
+
+[79] De naam Megalonyx zinspeelt zelfs op deze grootte der klauwen,
+want het Grieksche >'onux wil zeggen klauw.
+
+[80] Het Megatherium overtrof den grootsten rhinoceros. De lengte van
+een der skeletten bedraagt 18 voet. Het femur of dijbeen was driemaal
+zoo dik als dat van een oliphant. Daar de grootste thans nog levende
+Edentata, waartoe dit dier behoorde, slechts 3 of 4 voet lang zijn,
+overtrof het Megatherium zijne tegenwoordige soortverwanten meer
+dan honderdmaal.
+
+(Vert.)
+
+[81] Van het Sanskriet dsjañgala = wildernis.
+
+(Vert.)
+
+[82] Ik wil hiermede zeggen, dat ik den totalen rijkdom, welke
+achtereenvolgens in een gegeven tijdvak voortgebracht en verbruikt
+wordt, uitsluit.
+
+[83] Travels in the Interior of South Africa, Vol. II, blz. 207.
+
+[84] De in Exeter Change gedoode oliphant, die slechts gedeeltelijk
+gewogen was, werd op 5 1/2 ton geschat (1 ton = 2240 avoirdupois =
+circa 1016 kilo). De oliphant van een menagerie woog, naar men mij
+berichtte, een ton minder, zoodat wij 5 ton voor het gemiddelde van een
+volwassen oliphant mogen stellen. In de Surrey-Gardens werd mij gezegd,
+dat een nijlpaard, hetwelk in drie stukken gesneden naar Engeland
+was gezonden, op 3 1/2 ton geschat werd; laat ons stellen drie. Naar
+deze maatstaf mogen wij 3 1/2 ton aan elk der drie rhinocerossen
+geven; wellicht een ton aan de giraffe, en half zooveel aan den
+Zuid-Afrikaanschen os, evenals aan den eland (een groote os weegt
+van 1200 tot 1500 pounds of ongeveer 544 tot 600 kilo). Dit geeft
+volgens bovenstaande schattingen een gemiddelde van 2.7 ton of 6048
+pounds voor de tien grootste plantenetende dieren van Z.-Afrika. Geeft
+men, wat Z.-Amerika betreft, 1200 pounds aan de twee tapirs te zamen,
+550 aan den guanaco en de vicugna, 500 aan de drie herten, 300 aan de
+capybara, het pecari en een aap, dan krijgen wij een gemiddelde van
+255 pounds, welk cijfer, naar ik geloof, overschat is. De verhouding
+zal dus zijn als 6048 tot 255 of als 237 tot 10 voor de tien grootste
+dieren der twee vastelanden.
+
+[85] Van het Spaansche pecár = muskuszwijn.
+
+(Vert.)
+
+[86] Nemen wij eens aan, dat het skelet van een Groenlandschen
+walvisch in fossielen staat ontdekt werd, terwijl men niet wist
+dat een walvischachtig dier bestond: welk natuuronderzoeker zou dan
+durven vermoeden, dat zulk een reusachtige karkas bestaan heeft van
+de kleine schaal- en weekdieren, welke leefden in de bevroren zeeën
+van het hooge Noorden?
+
+[87] Zie Zoological Remarks to Captain Back's Expedition, door
+Dr. Richardson. Hij zegt: "Benoorden 56° breedte is de ondergrond
+voortdurend bevroren, daar de dooi op de kust niet meer dan drie
+voet, en te Bear Lake op 64° niet meer dan 20 inches diep in
+den grond dringt. De bevroren onderlaag op zichzelf verwoest den
+plantengroei niet, want op een afstand van de kust bloeien wouden
+aan de oppervlakte."
+
+[88] Zie Humboldt Fragmens asiatiques, blz. 386; Barton's Geography
+of Plants, en Malte-Brun. In laatstgenoemd werk wordt gezegd, dat
+de grens van den boomgroei in Siberië getrokken kan worden onder den
+parallel van 70°.
+
+[89] De noordelijke gedeelten lagen waarschijnlijk onder water.
+
+[90] Sturt Travels, Deel II, blz. 74.
+
+[91] Een Gaucho verzekerde mij, dat hij eens eene sneeuwwitte of
+Albino-variëteit gezien had, en dat dit eene zeer fraaie vogel was.
+
+[92] Guacho wil zeggen vondeling: ook wel een vrucht, die door de
+moeder niet op natuurlijke wijs ter wereld is gebracht.
+
+[93] Burchell's Travels, Deel I, blz. 280.
+
+[94] Azara, Deel IV, blz. 173.
+
+[95] Lichtenstein beweert echter (Travels, Deel II, blz. 25), dat de
+wijfjes beginnen te zitten, zoodra zij 10 of 12 eieren gelegd hebben,
+en dat zij, geloof ik, in een ander nest het leggen voortzetten. Dit
+komt mij zeer onwaarschijnlijk voor. Verder verklaart hij, dat 4 of 5
+wijfjes zich voor het broeden verbinden met één mannetje, dat alleen
+des nachts zit.
+
+[96] Ook Abestrúz geheeten, een Portugeesch woord, dat struisvogel
+beteekent.
+
+(Vert.)
+
+[97] Tijdens ons verblijf aan de Rio Negro hoorden wij veel van de
+onvermoeide pogingen van dezen natuuronderzoeker. Gedurende de jaren
+1825-1833 doorkruisde Alcide d'Orbigny verscheidene groote deelen
+van Zuid-Amerika. De resultaten dier reis heeft hij verzameld en
+thans uitgegeven op zulk een grootsche schaal, dat hij na Humboldt de
+eerste plaats inneemt onder de wetenschappelijke natuuronderzoekers
+van Amerika.
+
+[98] Account of the Abipones, 1749, Deel I, blz. 314. (Engelsche
+Vertaling).
+
+[99] Behoorende tot de echte hoenders (Galli), eene onderorde van de
+Hoendervogels, of Rasores.
+
+(Vert.)
+
+[100] Eene familie der Zangvogels (Oscines), welke eene Onderorde
+uitmaakt van de Passeres of Musschen.
+
+(Vert.)
+
+[101] De Portugeezen noemen dit dier Armadilho apar.
+
+(Vert.)
+
+[102] Bufo.
+
+[103] Oenotherae.
+
+[104] De holten, die van de vleezige afdeelingen der extremiteit
+binnenwaarts leiden, waren met eene gele weeke stof gevuld, die met den
+microscoop onderzocht, er ongewoon uitzag. De massa bestond uit ronde,
+half-doorschijnende, onregelmatige korrels, samengehoopt tot deeltjes
+van verschillende grootten. Al die deeltjes en de afzonderlijke
+korrels konden zich snel bewegen, meestal rondom verschillende assen,
+maar soms in lineaire richting. De beweging was zichtbaar bij zeer
+zwakke vergrooting; maar zelfs bij de sterkste vergrooting liet zich
+de oorzaak niet ontdekken. Zij verschilde zeer van de circulatie
+der vloeistof in den veerkrachtigen zak, die het dunne einde der as
+bevatte. Bij andere gelegenheden, toen ik kleine zeedieren onder den
+microscoop ontleedde, heb ik deeltjes zachte vleezige stof gezien,
+enkele van aanzienlijke grootte, die zoodra zij afgescheiden waren,
+terstond begonnen te draaien. Ik vermoed--doch weet niet in hoeverre ik
+gelijk heb,--dat deze korrelig-vleezige stof op weg was om in eieren te
+worden omgezet. In dezen zoöphiet scheen dit zeker het geval te zijn.
+
+[105] Kerr's Collection of Voyages, Vol. VIII, blz. 119.
+
+[106] Purchas' Collection of Voyages: Ik geloof, dat het eigenlijke
+jaartal 1537 was.
+
+[107] Azara heeft zelfs in twijfel getrokken of de Pampas-Indianen
+ooit bogen gebruikten.
+
+[108] Circa 1018 Meter.
+
+[109] Ik noem deze "distelstengel" bij gemis van een juisteren naam. Ik
+geloof, dat het eene soort Eryngium was.
+
+[110] Afgeronde stukken steen (steenpuin), die door een of ander cement
+(matrix) verbonden zijn. Er bestaan conglomeraten van kwarts, gneiss,
+basalt, kalksteen, enz.
+
+(Vert.)
+
+[111] Zie zijne "Travels in Africa," Blz. 233. Hij leefde van
+1771-1806.
+
+[112] Salvatore Rosa, een Napolitaansch schilder (1615-1673).
+
+[113] Twee soorten Tinamus, en Eudromia elegans d'Orbignyi, die
+echter alleen om zijn gewoonten met den naam van patrijs bestempeld
+kan worden.
+
+[114] History of the Abipones, Deel II, blz. 6.
+
+[115] Falconer's Patagonia, blz. 70.
+
+[116] Fauna Boreali-Americana, Deel I, blz. 35.
+
+[117] Zie Atwater's Account of the Prairies in Silliman's
+N. A. Journal, deel I, blz. 117.
+
+[118] Azara, Voyage, deel I, blz. 373. "Deze (wilde) paarden hebben
+de zucht om paden en den zoom van rij- of landwegen voor het leggen
+van hunne uitwerpsels te kiezen, welke men op die plaatsen in hoopen
+vindt."
+
+[119] A. d'Orbigny (Voyage dans l'Amérique Méridionale, deel I,
+blz. 474) zegt, dat de cardón en de artisjok beiden wildgroeiend
+gevonden worden. Dr. Hooker (Botanical Magazine, deel LV, blz. 2862)
+heeft eene variëteit van de Cynara uit dit gedeelte van Zuid-Amerika
+beschreven onder den naam van Inermis, en herinnert er aan, dat
+botanici het nu algemeen eens zijn, dat de cardón en de artisjok
+(Cynara scolymus) variëteiten zijn van dezelfde plant. Ik wil er
+bijvoegen, dat een bekwaam pachter mij verzekerde, dat hij in een
+verlaten tuin eenige artisjokken in den gewonen cardón had zien
+veranderen. Dr. Hooker gelooft, dat Head's heldere beschrijving van
+den Pampasdistel betrekking heeft op den cardón; maar dit is een
+misverstand. Kapitein Head doelde op de plant, die ik eenige regels
+verder onder den naam van Reuzendistel heb vermeld. Of het een echte
+distel is, weet ik niet; doch hij gelijkt meer op den eigenlijken
+distel (Carduus of Cirsium) dan op den cardón, waarvan hij geheel
+verschilt.
+
+[120] Agave americana, de groote of Amerikaansche Aloë, te
+onderscheiden van de Aloë Soccotrina (de echte of Arabische Aloë)
+en van de West-Indische Aloë.
+
+[121] Men zegt, dat deze stad 60,000 inwoners heeft; Montevideo,
+de tweede belangrijke stad aan de oevers der La Plata, 15,000.
+
+Thans hebben die steden respect. 1,242,000 en 310,000 inwoners,
+volgens tellingen in 1909 en 1908.
+
+(Vert.)
+
+[122] Dit woord is afgeleid van het Spaansche matár (dooden), en wil
+dus zeggen: doodslager, moordenaar.
+
+[123] De bizcacha (Lagostomus trichodactylus) gelijkt eenigszins op
+een groot konijn, maar heeft dikkere knaagtanden en een langeren
+staart; zij heeft echter, evenals het aguti, slechts drie teenen
+achter. Gedurende de laatste drie of vier jaren zijn de vellen dezer
+dieren naar Engeland gezonden, om als bont te dienen.
+
+[124] Journal of Asiatic Soc., deel V, blz. 363.
+
+[125] Naar de volkstelling van 1908 telt zij 160,000 inwoners.
+
+[126] Ofschoon de schrijver niet vermeldt welke "mijlen," zijn het
+blijkbaar nautical of geographical miles van 1854.965 Meter. In het
+bekende werk van W. Chauvenet: Spherical and Practical Astronomy,
+Deel I, blz. 178, vinden wij voor den afstand (d) van den zeehorizon:
+
+ d (in standaardmijlen) = 1,317 wortel van x (in voeten)
+
+hierin x = 6 stellende, vinden wij door eene eenvoudige berekening:
+
+ d (in standaardmijlen) = ± 3,225
+
+Een statute of British mijl bedraagt 1609.33 M., dus
+
+ 3,225 St. Miles = ± 5190 Meter.
+
+ 2,8 Naut. Miles = ± 5194 Meter.
+
+
+(Noot van den Vert.)
+
+[127] De Mastodonten, die voorvaderen onzer oliphanten, zijn
+in Europa gevonden o.a. in de Mioceen-lagen van Frankrijk
+(M. longirostris, M. tapiroides Cuv. enz.); in het Plioceen van
+Engeland (M. Arvernensis) enz. Vóór het Mioceen-Tijdperk zijn geen
+resten van dit dier gevonden. In Amerika heeft de eerste Mastodon
+(M. mirificus Leidy) geleefd om de groote Plioceen-meren ten westen
+van den Mississippi. Later, in het Quartaire Tijdvak, komt over
+de noordelijke helft der Ver. Staten: in Noord- en Zuid-Carolina,
+Mississippi, Arkansas, Texas, alsook in Canada Mastodon giganteus
+voor. Eene variëteit van deze species is in menigte in de Pampas van
+Zuid-Amerika gevonden.
+
+(Noot van den Vertaler.)
+
+[128] Blijkens eene volkstelling, bezat de stad in 1901 circa 27000
+inwoners.
+
+[129] In 1907 telde de provincie Entre Rios 384000 inwoners, en is, op
+3 na, de meest bevolkte provincie van de Argentijnsche Republiek. Hare
+hoofdstad heet nu Concepcion del Uruguay.
+
+(Vert.)
+
+[130] De rijzing van Z.-Amerika aan de westkust bij de Andes duurt
+nog voort. Zie Credner, Geologie, blz. 59.
+
+(Vert.)
+
+[131] Ik behoef hier nauwelijks te zeggen, dat er stellige bewijzen
+zijn, dat er in Columbus' tijd geen paarden in Amerika waren.
+
+[132] Cuvier, Ossemens fossiles, Deel I, blz. 158.
+
+[133] Dit is de door Lichtenstein, Swainson, Erichson en Richardson
+gevolgde geographische verdeeling. De doorsnede van Vera-Cruz naar
+Acapulco, door Alex. v. Humboldt in zijn Essai politique sur le royaume
+de la Nouvelle Espagne gegeven ((Dit meesterwerk werd van 1809/14 in
+'t Duitsch vertaald, en verscheen in 5 banden. Een uittreksel daarvan
+verscheen in 2 deelen bij Cotta te Stuttgart in de Gesammelte Werke
+von A. von Humboldt.
+
+(Vert.))) , toont ons welk een ontzaglijke slagboom het Mexicaansche
+tafelland vormt. Waar Dr. Richardson in zijn voortreffelijk Report on
+the Zoology of N. America (uitgebracht voor het Brit. Assoc., 1836,
+blz. 157) spreekt over de gelijkstelling van een Mexicaansch dier
+met den Synetheres prehensilis--zegt hij: "In hoeverre dit juist is,
+weten wij niet; maar indien het waar is, vormt dit zoo niet het eenige,
+dan toch bijna het eenige voorbeeld van een knaagdier, dat aan Noord-
+en Zuid-Amerika gemeen is."
+
+[134] Zie Dr. Richardson's Report blz. 157; ook L'Institut 1837,
+blz. 253. Cuvier zegt, dat de kinkaju op de Groote Antillen gevonden
+wordt; maar dit is twijfelachtig. Gervais zegt, dat de Didelphis
+Cancrivora daar gevonden wordt. Zeker is 't, dat West-Indië eenige
+zoogdieren bezit, welke dit land bijzonder kenmerken. Een tand van
+den Mastodon is uit Bahama meêgebracht: Edinb., New Phil. Journal,
+1826, blz. 395.
+
+[135] Zie het merkwaardig Bijvoegsel van Dr. Buckland tot Beechy's
+Voyage; ook de geschriften van Chamisso in Kotzebue's Voyage.
+
+[136] In kapitein Owen's Surveying Voyage (deel II, blz. 274) staat
+een treffend verhaal over de gevolgen eener droogte op de olifanten
+te Benguëla (westkust van Afrika). "Een aantal dezer dieren was
+vóor eenigen tijd in een drom de stad binnengekomen, om zich van de
+putten meester te maken, daar zij zich nergens in het land water
+konden verschaffen. De bewoners vereenigden zich, en er ontstond
+een wanhopig gevecht, dat met de volkomen nederlaag der indringers
+eindigde, doch niet voordat zij één man gedood en vele anderen gewond
+hadden." Naar men zegt, heeft de stad eene bevolking van ongeveer 3000
+zielen! Dr. Malcolmson bericht mij, dat tijdens eene groote droogte in
+Indië de wilde dieren eenige soldatententen te Ellore binnendrongen,
+en dat een haas uit een pot dronk, dien de adjudant van het regiment
+hem voorhield.
+
+[137] Voyage, deel I, blz. 374.
+
+[138] Deze droogten schijnen, tot op zekere hoogte, bijna periodiek te
+zijn. Men noemde mij de datums van vele andere en de tusschenruimten
+bedroegen ongeveer 15 jaren.
+
+[139] Het vaartuig gelijkt eenigszins op onze kotters.
+
+(Vert.)
+
+[140] Hiermede wordt de tigre de América bedoeld, zooals de jaguar
+daar genoemd wordt.
+
+(Vert.)
+
+[141] Trogschelpen (van het Grieksche of Latijnsche Mactra = baktrog).
+
+(Vert.)
+
+[142] Darwin spelt dit woord in zijn tekst njata en niata. Het woord
+luidt echter zoowel in 't Spaansch als Portugeesch nata en beteekent
+(fig.) het beste, uitgezochtste, de bloem. De eigenlijke vertaling is
+"room." (Vert.)
+
+[143] Waterhouse heeft eene uitvoerige beschrijving van dit hoofd
+gegeven, welke hij, hoop ik, in eenig tijdschrift zal publiceeren.
+
+[144] Dit dier was een reusachtig vierhoornig hert, ter grootte van een
+olifant, en grooter nog. Men heeft het met de overblijfsels van vele
+andere zoogdieren uit de Mioceen- en Plioceenperioden (o. a. groote
+krokodillen, en de vier meter lange reuzenschildpad Colossochelys
+Atlas) gevonden in de zoogenaamde Siwalik-heuvels aan den zuidelijken
+voet van den Himalaya. Deze heuvels zijn van zoetwateroorsprong,
+en vormen eene 2000 meter diepe afzetting van klei, zandsteen en
+conglomeraten door de bergstroomen van den Himalaya, gedurende de
+laatste geweldige aardkorstbewegingen in het Tertiaire Tijdvak,
+toen de H. evenals de meeste groote bergketenen der aarde omhoog
+werd geheven. Enkele deelen van den toenmaligen zeebodem liggen nu
+minstens 16,500 voet boven de zee.
+
+(Noot v. d. Vert.)
+
+[145] Een bijna even abnormale bouw (maar ik weet niet of hij erfelijk
+is) heeft men waargenomen bij den karper, alsmede bij den krokodil van
+den Ganges (Histoire des Anomalies, par Isid. Geoffroy St. Hilaire,
+Deel I. blz. 244.)
+
+[146] A. d'Orbigny heeft een bijna gelijkluidend verhaal van dezen
+hond gegeven: Voyage dans l'Amérique Mérid., Deel I, blz. 175.
+
+[147] In den tekst staat domidor, welk woord echter noch in 't
+Spaansch, noch in 't Portugeesch bekend is.
+
+(Vert.)
+
+[148] "Ach, Don Karel, wat erg!" (Karel of Charles was Darwin's
+voornaam).
+
+[149] Een crown = 5 shillings.
+
+[150] Ik moet mijn dank betuigen aan Mr. Keane, in wiens huis op den
+Berquelo ik vertoefde en aan Mr. Lumb te Buenos Aires; want zonder
+hunne hulp zouden deze kostbare overblijfsels nooit in Engeland
+zijn gekomen.
+
+[151] saamgesteld uit = vlies en pter'on = vleugel.
+
+(Vert.)
+
+[152] Lyell's Principles of Geology, 10de Edit., Deel II, blz. 377/78.
+
+[153] Pelagisch van pelagik'oc: tot de zee (p'elagoc) behoorende.
+
+(Vert.)
+
+[154] De vliegen, die dikwijls een schip eenige dagen op zijn tocht
+van de eene haven naar de andere vergezellen, zijn, als zij van het
+schip afdwalen, spoedig verloren en verdwijnen alle.
+
+[155] Pierre André Latreille (1762-1833) was een Fransch dier- en
+insectenkundige. Hij schreef Histoire des Salamandres, en Histoire
+naturelle des Reptiles.
+
+(Vert.)
+
+[156] Mr. Blackwall, in zijne Researches on Zoology, doet vele
+voortreffelijke opmerkingen over de gewoonten van spinnen.
+
+Volgens Dr. Otto Taschenberg (Bilder aus dem Tierleben) zijn de
+herfstdraad-spinnen de jonge dieren van verschillende soorten:
+Xysticus, Micryphantus, e. a.
+
+(Vert.)
+
+[157] Eene soort van kwallen, behoorende tot de orde der
+Craspedophorae.
+
+[158] Lagere Kreeftdieren (eene onderklasse van de Crustacea).
+
+[159] Ook Zwaluw-stormvogel genoemd: eene soort Procellaria, evenals
+de albatros (Diomedea). Zijn tekstnaam is ontleend aan het feit,
+dat hij, evenals Petrus, over zee schijnt te loopen.
+
+(Vert.)
+
+[160] Twee soorten van makreelen (Thynnus of Scomber).
+
+[161] Ik heb hier eene cactus-soort gevonden, door Professor
+Henslow beschreven onder den naam van Opuntia Darwinii (Magazine of
+Zoology and Botany, deel I, blz. 466), welke merkwaardig was om de
+prikkelbaarheid harer stamina (meeldraden), als ik de punt van een
+stok of mijn vingertop in de bloem stak. Ook de segmenten van het
+perianthium (bloemkelk) sloten zich op den stamper, maar langzamer
+dan de meeldraden. Planten van deze familie, die in 't algemeen als
+tropisch wordt beschouwd, komen in Noord-Amerika op dezelfde hooge
+breedte voor als hier: namelijk in beide gevallen op 47°. (Lewis and
+Clarke's Travels, blz. 221).
+
+[162] Laatstgenoemde insecten vindt men niet zelden onder steenen. Eens
+zag ik een schorpioen kalm een anderen verslinden.
+
+[163] De dingey of dinghy is eene soort van boot, die in Oost-Indië
+gebruikt wordt; ook noemt men aldus de kleinste boot op een schip,
+die door twee man geroeid wordt.
+
+(Vert.)
+
+[164] Onlangs heb ik gehoord, dat kapitein Sulivan der K. M. talrijke
+fossiele beenderen gevonden heeft in regelmatige lagen op 52° 4'
+breedte aan de oevers der Rio Gallegos. Eenige daarvan zijn groot,
+andere klein, en schijnen tot een armadil behoord te hebben. Dit is
+eene zeer belangwekkende en gewichtige ontdekking.
+
+[165] Zie de uitmuntende opmerkingen dienaangaande van Lyell in zijne
+Principles of Geology, 10e Uitgaaf, Deel II, Blz. 433 en volg.
+
+[166] De woestijnen van Syrië kenmerken zich, volgens Volney (Deel I,
+blz. 351) door boschachtige struiken, talrijke ratten, gazellen en
+hazen. In de landschappen van Patagonië vervangt het guanaco de gazel,
+en het aguti den haas.
+
+[167] Door neerslag uit zout- of zoetwater ontstaan.
+
+[168] Volgens Humboldt wisselt de vluchtwijdte der condors in de Andes
+af van 2.6 met. tot 4.5 met. Uit deze grootte en den gezichtshoek
+waaronder de vogel dikwijls loodrecht boven het hoofd van waarnemers
+gezien is geworden, kan men zijne hoogte bepalen. Een gezichtshoek van
+4 minuten geeft reeds eene hoogte van 2230 meter. Het is bekend, dat
+hij bij helderen hemel tot 7150 meter kan stijgen, waar de luchtdruk
+slechts 310,5 mm. bedraagt. Zoo men bedenkt, dat de condor uit deze
+hoogte soms plotseling naar het dal of het zeestrand neerstrijkt,
+hetgeen o.a. aan de westelijke helling van den vulkaan Pichineha
+bij Quito is waargenomen, dan staat men verbaasd over het gemak,
+waarmee deze vogel zijn ademhalingsvermogen kan regelen.
+
+(Noot van den Vert.)
+
+[169] Ik merkte op, dat verscheidene uren voordat een der condors
+stierf, al de luizen waarmede hij besmet was, naar zijne buitenste
+vederen kropen; en men verzekerde mij, dat dit altijd gebeurde.
+
+[170] Loudon's Magazine of Natural History, deel VII.
+
+[171] Daar 1 vierkante nautical of geographical mile = ± 3.441
+vierkante Kilom., zou volgens Darwin de Archipel eene oppervlakte
+hebben van circa 24775 vierk. Kilom., terwijl Ierland 84253 vierk.
+Kilom. groot is. Blijkbaar is Darwin's opgaaf dus niet nauwkeurig. In
+de Geographisch-Statistische Tabellen van Otto Hübner (uitgaaf 1910)
+wordt de land-oppervlakte der Falklands-Eilanden aangegeven als 16800
+vierk. Kilom. Deze Archipel bestaat uit twee groote eilanden Oost-
+en West-Falkland, omringd door circa 200 kleine, en ligt 450 Kilom. ten
+oosten van Patagonië. Hij werd op 14 Aug. 1592 door John Davis ontdekt.
+
+(Vert.)
+
+[172] Uit verhalen, sedert onze reis in het licht gegeven, en meer in
+'t bijzonder uit verschillende belangwekkende brieven van kapitein
+Sulivan der K. M., die bij de opmeting was aangesteld, blijkt, dat
+wij van de slechtheid van het klimaat dezer eilanden een overdreven
+begrip hadden. Maar als ik denk aan de bijna onafgebroken veenlaag,
+die den bodem bedekt, en aan het feit, dat tarwe hier zelden tot
+rijpheid komt, dan kan ik moeilijk gelooven, dat het klimaat in den
+zomer zoo fraai en droog is, als men het onlangs heeft voorgesteld.
+
+[173] Lesson's Zoology of the Voyage of the "Coquille," Deel I,
+blz. 168. Alle vroegere reizigers, en in 't bijzonder Bougainville,
+verklaren uitdrukkelijk, dat de wolfachtige vos (Canis antarcticus) het
+eenige op het eiland inheemsche dier was. Dat men het konijn als eene
+bijzondere soort beschouwt, vloeit voort uit eigenaardigheden in zijn
+pels, uit den vorm van het hoofd, en uit de kortheid der ooren. Ik wil
+hier opmerken, dat verschil tusschen den Ierschen en Engelschen haas
+op bijna gelijksoortige, alleen sterker uitkomende kenmerken berust.
+
+[174] Konijntje.
+
+[175] Cávia = Zeezwijntje of Varkenkonijntje.
+
+[176] Ik heb reden te onderstellen, dat er eene kleine veldmuis is. De
+gewone Europeesche rat en muis zijn ver van de woningen der kolonisten
+afgedwaald. Op een der eilandjes loopt ook het gewone zwijn wild
+rond; allen hebben een zwarte kleur; de mannetjes zijn zeer woest,
+en hebben groote slagtanden.
+
+[177] De culpeu is de Canis Magellanicus, dien kapitein King uit de
+Straat van Magelhaen heeft meegebracht.
+
+Deze wilde hond komt onder den naam Culpo in Chili voor.
+
+[178] De Dodo (Gekuifde Zwaan of Dodó das Mauricias, volgens de
+Portugeezen) was een groote, plompe, omstreeks 23 kilo zware vogel,
+wiens vleugels niet meer ontwikkeld waren dan van een jong kuiken,
+zoodat het dier niet in staat was te vliegen. In voorkomen verschilde
+hij van alle bekende vogels, ook van den struisvogel en casuaris. In
+de 17de eeuw vonden de Hollandsche zeevaarders hen in groot aantal op
+Isle-de-France of Mauritius; doch na de inbezitneming van het eiland
+door de Franschen (1712), is niets meer van den Dodo vernomen. Deze
+vogel en de Solitaire van Rodriguez (met de wetenschappelijke
+soortnamen Didus en Pezophaps) vormden eene Onderorde der Gyrantes.
+
+(Vert.)
+
+[179] Pernety, Voyage aux Isles Malouines, blz. 526.
+
+[180] "Niet minder zijn wij verwonderd geweest bij het zien van de
+tallooze menigte steenen van alle grootten, die op elkander waren
+geworpen, en toch in regelmatige orde, alsof zij achteloos waren
+opgestapeld om ravijnen te vullen. Men werd het bewonderen van de
+verrassende werkingen der natuur niet moede."
+
+Pernety, Voyage aux Isles Malouines, blz. 526.
+
+[181] Een inwoner van Mendoza, en dus wel tot oordeelen bevoegd,
+verzekerde mij, dat hij verscheidene jaren op deze eilanden gewoond,
+maar nooit den geringsten schok van aardbeving gevoeld had.
+
+(Mendoza, hoofdstad eener Argentijnsche provincie bij de Andes,
+had o.a. aardbevingen op 20 Februari 1835, en vooral op 20 Maart 1861.)
+
+(Vert.)
+
+[182] Darwin's meening, dat de door hem op de Falklands Eilanden
+gevonden "steenstroomen" (thans steenrivieren genoemd) door geweldige
+bevingen of stuiptrekkingen, zooals hij ze noemt, der aardkorst
+ontstaan zouden zijn, wordt, in overeenstemming met zijn in den
+tekst uitgesproken vermoeden, door de tegenwoordige wetenschap niet
+gedeeld. Deze geeft er eene eenvoudiger verklaring van. De oorzaak
+van het verschijnsel is volgens Geikie (Textbook of Geology) een
+onderdeel der mechanische werking van den regen, door hem met den
+naam Movement of Soil-cap bestempeld. Op blz. 328 zegt hij:
+
+"In some countries where the ground is covered with a thick spongy
+mass of vegetation exposed to considerable variation of temperature
+and moisture, appearances have been observed of an extensive slipping
+of the layer of soil to lower levels, bearing with it whatever may
+be growing or lying upon it. Such are the so-called "Stone-rivers"
+of the Falkland-Islands, and the superficial débris of certain parts
+of the west coast of Patagonia. In Western Europe, slight indications
+of a similar movement may often be noticed on the sides of hills
+or valleys."
+
+Waarvan de vertaling luidt:
+
+"In sommige streken, waar de grond bedekt is met eene dikke
+sponsachtige plantenmassa, die aan aanzienlijke temperatuurs-
+en vochtigheids-verandering blootgesteld is, zijn verschijnselen
+waargenomen van eene vèrstrekkende verschuiving der grondlaag naar
+lagere peilhoogten, waarbij zij al wat er op groeit of ligt met
+zich meevoert. Daartoe behooren de zoogenaamde "Steenrivieren" der
+Falklands-Eilanden, en het rotspuin dat de oppervlakte van sommige
+kustgedeelten in Westelijk Patagonië bedekt. In West-Europa kunnen op
+heuvel- of dalhellingen dikwijls kleine teekenen van eene dergelijke
+beweging waargenomen worden."
+
+(Noot van den Vert.)
+
+[183] Tot de Orde der Sphenisci behoorende.
+
+[184] Darwin geeft aan deze vogels den naam van ganzen, ofschoon de
+soortnaam van deze niet Anas (Eend), maar Anser (Gans) luidt. De naam
+schijnt echter zoo te zijn aangenomen.
+
+(Vert.)
+
+[185] Het geslacht Apteryx met vier soorten komt alleen op
+Nieuw-Zeeland voor, en behoort tot de Apteryges, eene Onderorde van
+de Struisvogels of Brevipennes. De geslachten Dinornis en Meiornis,
+behoorende tot de Moas of Dinornithes (óok eene Onderorde van de
+Brevipennes), bewoonden met te zamen 7 soorten eveneens Nieuw-Zeeland,
+maar werden door de zich hier vestigende Maoris uitgeroeid. De Moas
+waren reusachtige vogels, met geweldige beenen en drieteenige voeten.
+
+(Vert.)
+
+[186] Bij het tellen van de eieren van een grooten, witten Doris (eene
+zeeslak die 3 1/2 inches lang was), vond ik tot mijne verbazing hoe
+buitengewoon talrijk die waren. Twee tot vijf eieren (elk 0.003 inch in
+doorsnede) waren besloten in kleine bolvormige kapsels, die twee aan
+twee in dwarsrijen gegroepeerd, een lint vormden. Dit lint hechtte op
+zijn kant in eene ovale spiraal aan de rots. Ik vond er een, dat bijna
+20 inches lang en een halve inch breed was. Tellende hoeveel kapsels
+er begrepen waren in éen tiende inch van het lint, vond ik bij de
+zuinigste berekening dat er 600,000 eieren waren. Toch was deze Doris
+stellig niet zeer verspreid, want ofschoon ik dikwijls onder de steenen
+zocht, zag ik slechts zeven exemplaren. Onder de natuuronderzoekers
+is geen dwaling meer algemeen, dan dat het getal individuën van eene
+of andere soort afhangt van haar voortplantingsvermogen.
+
+[187] Elders vind ik dezen beuk Fagus antarctica genoemd. De
+Winter's-bast werd door kapitein Winter uit de Straat van Magelhaen
+meegebracht; het is een welriekende bast en bezit geneeskrachtige
+eigenschappen.
+
+(Vert.)
+
+[188] Groensteen is de oude benaming van twee na aan elkander
+verwante gesteenten, dioriet en diabas. Dioriet is een kristallijn
+korrelig mengsel van triklinisch veldspaath en hoornblende, soms met
+bijmenging van kwarts en augiet. Het veldspaath is gewoonlijk wit,
+geel of groenachtig gekleurd; en hoornblende meest zwart-groen. Den
+naam "diabas" heeft men gegeven aan zekere donkergroene of zwarte
+vulkanische gesteenten, die in de oudere geologische formaties gevonden
+zijn; zij bestaan in hoofdzaak uit plagioklas (triklinisch veldspaath),
+augiet, magneet- of titaanijzer, en apatiet. De structuur is grof-
+tot fijnkorrelig, soms vast en dicht.
+
+(Vert.)
+
+[189] Dit woord is eene verbastering der Noord-Amerikaansch-Indiaansche
+woorden wekoe-omoet, hetgeen zeggen wil: in zijn huis. Oorspronkelijk
+is het eene Indiaansche hut van kegelvormige gedaante, meest van
+boomschors gemaakt en met vellen gedekt.
+
+(Vert.)
+
+[190] Deze booten zijn uit boomschors vervaardigd, en worden meest
+door vrouwen geroeid.
+
+(Vert.)
+
+[191] Met den soortnaam Diomedea (Orde: Procellariae).
+
+(Vert.)
+
+[192] De spelling van dit woord schijnt eenigszins twijfelachtig,
+hetgeen wellicht aan dialectische verschillen is toe te schrijven. Ik
+vind althans ook deze spellingen Jammenschken en Jammenschkener.
+
+(Vert.)
+
+[193] Ongetwijfeld bedoelt Darwin hiermede den stam der Ona's, die
+forscher en kloeker gebouwd zijn dan andere Vuurlanders.
+
+(Vert.)
+
+[194] De hier genoemde witte stof is in gedroogden toestand vrij vast,
+en heeft een gering soortelijk gewicht. Prof. Ehrenberg heeft haar
+onderzocht, en verklaart (zie Königl. Akademie der Wissensch., Berlin,
+Feb. 1845), dat zij uit infusoria bestaat, waaronder 14 polygastrica
+en 4 phytolitharia, en dat deze allen zoetwater-bewoners zijn. Dit is
+een schoon voorbeeld van de resultaten, die door Prof. Ehrenberg's
+microscopische onderzoekingen verkregen kunnen worden; want Jemmy
+Button zeide mij, dat de stof altijd op den bodem van bergbeken
+verzameld wordt. Bovendien is het een opmerkelijk feit in de
+geographische verspreiding der infusoria--die, gelijk men weet,
+een uitgestrekt gebied bewonen--dat alle soorten in deze stof oude
+bekende vormen zijn, ook al is zij uit de zuidelijkste punt van
+Vuurland afkomstig.
+
+[195] Op zekeren dag zagen wij niet ver van de Vuurlandsche kust
+het indrukwekkende schouwspel, dat verscheidene potvisschen (of
+cachelotten--Physeter macrocephalus, soortnaam Catodon) rechtop
+en in hunne volle lengte, met uitzondering van de staartvinnen,
+uit het water sprongen. Telkens als zij dan zijdelings neervielen,
+plaste het water hoog op, met een geluid als van een volle laag.
+
+[196] Kapitein Sulivan, die gedurende zijne reis op de Beagle met het
+opmeten van de Falklands-Eilanden bezig was geweest, hoorde van een
+robbenvanger (in 1842?), dat, toen deze zich eens in het westelijk
+gedeelte der Straat van Magelhaen bevond, eene inlandsche vrouw bij
+hem aan boord was gekomen, die tot zijne verwondering wat Engelsch
+kon spreken. Deze vrouw was zonder twijfel Fuegia Basket. Zij leefde
+eenige dagen aan boord (welke uitdrukking, vrees ik, voor eene dubbele
+uitlegging vatbaar is.)
+
+[197] Een werpwapen, dat uit de hand wordt weggeslingerd, zeer
+merkwaardige bochten beschrijft, en eindelijk in omgekeerde richting
+tot den werper terugkeert.
+
+(Vert.)
+
+[198] Hier zij nog opgemerkt, dat de lage ontwikkelingstrap, waarop de
+Vuurlanders staan, blijkens onderzoekingen van den laatsten tijd, geen
+gevolg is van hun geringeren physieken aanleg. Men heeft nl. gevonden,
+dat het gemiddelde gewicht hunner hersenen--zoowel bij mannen als
+bij vrouwen--weinig verschilt van dat der beschaafde volken; wel
+bleken de afwijkingen van het gemiddelde zeer groot. Dit feit, in
+verband met de ervaring door Darwin en anderen opgedaan, dat sommige
+Vuurlanders vatbaar zijn voor beschaving, wettigt het vermoeden, dat
+zij van een hooger ontwikkeld volk afstammen. Dit vraagstuk is een der
+vele problemen, die Zuid-Amerika nog aan de wetenschap stelt. Ook weet
+men niet juist welken godsdienst de Vuurlanders hebben; alleen heeft
+men waargenomen, dat zij eene zekere vereering voor het uitspansel
+aan den dag leggen, en somtijds onder het aanheffen van een tamelijk
+welluidend gezang naar den hemel wijzen.
+
+Wat de taal der Vuurlanders betreft, zij hier vermeld, dat in het
+binnenland de taal der Ona's--het Onaasch--en hare dialecten gesproken
+worden. Deze taal is nauw verwant aan die der Patagoniërs. Eene van
+het Onaasch onafhankelijke taal, het Jaghaansch, wordt gesproken aan
+het Beagle-kanaal, op de eilanden bij Kaap Hoorn en op Navarin--door
+die Vuurlanders, derhalve, met wie Darwin het meest in aanraking
+kwam. Al deze talen behooren tot de taalstammen van het Pampas-gebied.
+
+(Noot van den Vert.)
+
+[199] De zuidwestelijke briezen zijn, in 't algemeen, zeer droog. Op 29
+Januari lagen wij bij Kaap Gregory voor anker; er woei een zeer harde
+storm uit het W.Z.W., bij heldere lucht met enkele cumuli. Temperatuur
+57°, dauwpunt 36°; verschil 21°. Op 15 Januari te Port St.-Julian:
+des morgens zwakke winden met veel regen, gevolgd door een zeer
+hevige windvlaag met regen; deze ging over in een krachtigen storm
+met groote cumuli; en toen deze opklaarden, woei het zeer krachtig
+uit het Z.Z.W. Temperatuur 60°, dauwpunt 42°; verschil 18°.
+
+[200] Talrijke metingen hebben bewezen, dat de lengte der Patagoniërs
+afwisselt tusschen 1.750 Met. en 1.924 Met.
+
+(Vert.)
+
+[201] Pedro Sarmiento de Gamboa (1530-1589), Spaansch ontdekker,
+die de kust van Peru onderzocht.
+
+(Vert.)
+
+[202] Rengger, Natur der Säugethiere von Paraguay, blz. 334.
+
+[203] De naam is ontleend aan het feit, dat eene kolonie van 400
+menschen, welke zich hier in 1584 gevestigd had, er den hongerdood
+vond.
+
+(Vert.)
+
+[204] Kapitein Fitz-Roy deelt mij mede, dat de bladeren dezer boomen,
+die dicht bij den voet der bergen groeien, in April (gelijkstaande
+met onze maand October) van kleur veranderen, maar niet bij die van de
+hooger gelegen punten. Ik herinner mij eenige waarnemingen te hebben
+gelezen, blijkens welke in Engeland de bladen vroeger afvallen in een
+warmen en fraaien herfst, dan in een laten en kouden. Dat hier in de
+hoogere, en dus koudere streken de kleurverandering later intreedt,
+moet aan dezelfde algemeene vegetatie-wet worden toegeschreven. De
+boomen van Vuurland werpen in geen enkel jaargetijde hunne bladeren
+geheel af.
+
+[205] Aldus noemt men die soorten van planten, welke op meer dan 1700
+Met. boven de zee groeien. In 't hooge Noorden ligt die grens lager.
+
+(Vert.)
+
+[206] Rev. I. M. Berkeley heeft hem naar mijne exemplaren in de Linnean
+Transactions (Deel XIX, blz. 37) onder den naam van Cyttaria Darwinii
+beschreven. De Chileensche soort is Cyttaria Berteroii. Dit geslacht
+is aan Bulgaria verwant.
+
+[207] Behoorende tot de Tyrannidae, eene familie van de Orde der
+Musschen of Passeres.
+
+(Vert.)
+
+[208] Vuurland heeft eene oppervlakte van 73746 vierkante Kilom.,
+Schotland van 78777 vierkante Kilom.
+
+(Vert.)
+
+[209] Ik meen hier eene uitzondering te moeten maken met eene
+Alpen-soort Haltica ((Haltica behoort tot de Aardvlooien:
+Halticinae.)) , en een enkel exemplaar van Melasoma. Waterhouse
+meldt mij, dat de Harpalidae vertegenwoordigd zijn door acht of
+negen soorten, voor het meerendeel met zeer eigenaardige vormen;
+de Heteromera door vier of vijf, de Rhynchophora door zes of zeven
+soorten, en de volgende familiën: Staphylinidae ((Roofkevers.)) ,
+Elateridae ((Springkevers.)) , Cebrionidae ((Zijdekevers.)) ,
+Melolonthidae ((Meikevers)) , elk door ééne soort. De andere Orden
+komen met nog minder soorten voor. Bij alle Orden treft ons nog
+meer de schaarschheid der individuën dan die der soorten. De meeste
+Coleoptera zijn door Waterhouse in de Annals of Natural History
+nauwkeurig beschreven.
+
+[210] Hare geographische verspreiding is bijzonder groot; men vindt ze
+van af de uiterste zuidelijke eilandjes bij Kaap Hoorn (naar Mr. Stokes
+mij bericht) tot 43° N.B. aan de oostkust; maar aan de westkust--zegt
+Dr. Hooker mij--strekt zij zich uit tot de rivier San Francisco in
+Californië, en mogelijk zelfs tot Kamtsjatka. In breedte is dit gebied
+dus verbazend groot; bedenkt men echter dat Cook, die met de soort
+wel bekend moet zijn geweest, haar op de Kerguélen-Eilanden ((Deze
+eilanden (130 in getal) werden in 1772 door den Franschen zeevaarder
+Yves Joseph de Kerguélen-Trémarec (1734-1797) ontdekt. Zij liggen
+in het zuid. deel van den Indischen Oceaan.)) vond, dan strekt haar
+gebied zich over niet minder dan 140 Lengtegraden uit.
+
+[211] Voyages of the Adventure and Beagle, Deel I, blz. 363. Het
+schijnt, dat zeewier uiterst snel groeit. Stephenson vond (Wilson's
+Voyage round Scotland, Deel II, blz. 228), dat eene alleen bij
+springtijden blootkomende rots, die in November nog als gepolijst was,
+in Mei daaraanvolgende--dus zes maanden later--dicht bedekt was met
+2 voet lange Fucus digitatus, en 6 voet lange Fucus esculentus.
+
+[212] Voor Vuurland zijn de resultaten afgeleid uit de waarnemingen
+van Kapitein King (Geographical Journal, 1830), en die welke aan
+boord van de Beagle genomen zijn. Voor de Falklands-Eilanden heb ik
+de gemiddelde temperatuur der drie heetste maanden December, Januari
+en Februari (afgeleid uit nauwkeurige waarnemingen te middernacht,
+8 ure des morgens, op den middag, en te 8 ure des avonds) aan Kapitein
+Sulivan te danken. De temperatuur van Dublin is aan Barton ontleend.
+
+[213] Agüeros, "Discription historique de la Province de Chiloé"
+1791, blz. 94.
+
+[214] Zie de Duitsche vertaling van dit Dagboek, en voor de andere
+feiten het Appendix to Flinders' Voyage van Brown.
+
+[215] Ik geloof, dat de sneeuwgrens op de Cordilleras van Midden-Chili
+in verschillende zomers aanmerkelijk in hoogte verschilt. Men
+verzekerde mij, dat gedurende een zeer drogen en langen zomer, al de
+sneeuw van de Aconcagua verdween, ofschoon deze berg de kolossale
+hoogte van 23090 voet of 7040 Met. bereikt. Het is waarschijnlijk,
+dat de sneeuw op deze groote hoogten veel meer verdampt dan smelt.
+
+[216] Miers Chile, Deel I. blz. 415. Men zegt, dat het suikerriet te
+Ingenio groeide op 32° tot 33° breedte, maar niet overvloedig genoeg
+voor winstgevende bewerking. In de Quillota-vallei, ten zuiden van
+Ingenio, zag ik eenige hooge dadelpalmboomen.
+
+[217] Bulkeley en Cummins, Faithful Narrative of the Loss of the
+Wager. De aardbeving geschiedde op 25 Augustus 1741.
+
+[218] Agüeros, Descr. Hist. de Chiloé, blz. 227.
+
+[219] Geological Transactions, Deel VI, blz. 415.
+
+[220] Bijzonderheden over dit onderwerp (de eerste, naar ik meen,
+die openbaar gemaakt zijn) heb ik gegeven in de eerste uitgaaf
+van dit werk, en in het Aanhangsel daartoe. Ik heb daar bewezen,
+dat de schijnbare uitzonderingen op het ontbreken van zwerfblokken
+in sommige heete landen, aan fouten in de waarnemingen zijn toe te
+schrijven. Vele der door mij gegeven verklaringen heb ik later door
+verscheidene schrijvers bevestigd gezien.
+
+[221] Geographical Journal, 183, blz. 65 en 66.
+
+[222] Richardson, Appendix to Back's Expedition, en Humboldt, Fragments
+Asiatiques, deel II, blz. 386.
+
+[223] De eerste neushoren (Rhinoceros tichorhinus) werd in 1770
+gevonden aan de Wiljui, een zijtak van de Lena. Hij had eene lengte
+van 11 1/2 voet, en was behaard. Geographisch was deze soort verspreid
+van Engeland tot Siberië. (Vert.)
+
+[224] Dease en Simpson in Geographic. Journ., deel VIII, blz. 218
+en 220.
+
+[225] In de laatste 200 jaren zijn in Noord-Siberië door ontdooiing
+van den diluvialen bodem de skeletdeelen van ongeveer 20,000 mammoethen
+(Elephas primigenius) voor den dag gekomen. (Vert.)
+
+[226] Cuvier, Ossemens fossiles, deel I, blz. 151, ontleend aan
+Billing's Voyage.
+
+[227] In de vorige uitgaaf en het Aanhangsel heb ik eenige feiten
+genoemd betreffende het vervoer van zwerfblokken en ijsbergen in de
+Zuidelijke IJszee. Onlangs is dit onderwerp uitstekend behandeld
+geworden door Hayes in Boston Journal (deel IV, blz. 426). De
+schrijver schijnt onbekend met een door mij in Geographical Journal
+(deel IX, blz. 528) vermeld geval van een reusachtigen rolsteen,
+die in een ijsberg begraven was, welke bijna zeker honderd mijlen
+en misschien veel verder van land af was. In het Aanhangsel heb
+ik uitvoerig gesproken over het feit (waaraan destijds bijna niet
+gedacht werd), dat ijsbergen bij hunne stranding waarschijnlijk de
+rotsen groeven en polijsten, evenals gletschers. Deze meening wordt
+nu zeer algemeen gedeeld; en nog altijd kan ik het vermoeden niet
+ontveinzen, dat zij zelfs op gevallen als dat van het Jura-gebergte
+toepasselijk is. Dr. Richardson heeft mij verzekerd, dat de ijsbergen
+in de nabijheid van Noord-Amerika kiezelsteenen en zand voor zich
+uitdrijven, en de onderzeesche rotsachtige zandbanken geheel kaal
+achterlaten. Het valt bijna niet te betwijfelen, dat zulke klippen
+gepolijst en gegroefd moeten worden in de richting van het stelsel
+der heerschende stroomen. Sedert ik dit Aanhangsel schreef, heb ik
+in Noord-Wallis (London Phil. Mag. deel XXI blz. 180) de nevenwerking
+van gletschers en drijvende ijsbergen gezien.
+
+[228] of ongeveer 7040 Met. De Chimborazo is 20.700 voet of 6310
+Met. hoog.
+
+(Vert.)
+
+[229] Thomas Cochrane (1775-1860), bekend Britsch admiraal, verviel
+in ongenade, omdat hij medeplichtig was aan het verspreiden van een
+valsch gerucht over Napoleon's dood, ten einde zoo de koersen der
+Staatsfondsen te influenceeren. Daarna diende hij in Chili, Brazilië
+en Griekenland.
+
+(Vert.)
+
+[230] Rondgang, of wel de open ruimte zelve, waar het weidende vee
+wordt bijeengedreven.
+
+(Vert.)
+
+[231] Beheerder van een landgoed, huishofmeester, intendant.
+
+(Vert.)
+
+[232] Lord Anson (1697-1762), een bekend Engelsch admiraal, streed
+voornamelijk tegen Spaansche schepen in den Stillen Oceaan. Hij bracht
+der Spaansche macht veel nadeel toe, en plunderde twee schatvaartuigen.
+
+[233] In Spaansche landen vormt het eene soort van gerecht van
+geroosterd rundvleesch in eene gekruide saus met aardappelen.
+
+[234] Behoort tot de nachtzwaluwen (Caprimulgidae), Orde Macrochires.
+
+(Vert.)
+
+[235] Rex wil zeggen "Koning," en Finis "Einde." De tekst zal
+waarschijnlijk doelen op George IV van Engeland, die geboren werd in
+1762 en regeerde van 1820-1830.
+
+(Vert.)
+
+[236] Onder dislocatie verstaat men in de geologie eene breuk en
+daaruit gevolgde verplaatsing in de oorspronkelijk horizontaal
+afgezette aardlagen. Dit verschijnsel hangt ten nauwste samen met
+het inzinken van de aardkorst door het inkrimpen der kern.
+
+(Vert.)
+
+[237] Caldcleugh in de Philosoph. Transact. van het jaar 1836--Na
+de aardbeving, die plaats had op 19 November 1822, bleek een groot
+gedeelte der kust van Chili 3 tot 4 voet gerezen te zijn, zoodat onder
+tal van doode visschen, eene menigte strandschelpdieren blootkwamen,
+die nog aan de rotsen vastzaten. Bij die in Febr. 1835 waren de
+Chileensche vulkanen Yanteles en Osorno in werking. De eerste ligt
+tegenover het eiland Chiloë, op 43° 29' Z.B. en heeft eene hoogte
+van 2447 met.; de Osorno in de provincie Llanquihue op 41° 9' Z.B.,
+en is 2250 met. hoog. Ook toen steeg een deel van Chili.
+
+(Vert.)
+
+[238] Gedisloqueerde en geinjiciëerde, zegt men in wetenschappelijke
+termen. De afgekoelde ingespoten vulkanische gesteenten heeten dijken.
+
+(Vert.)
+
+[239] "Annales des Sciences Naturelles," mars 1833. Gay, een ijverig
+en bekend natuurvorscher, hield zich toen bezig met de studie van
+alle takken der natuurlijke historie in het koninkrijk Chili.
+
+[240] Volgens het zeggen der inboorlingen wordt in die tusschentijden
+het metaal "voortgebracht."
+
+[241] Burchell's Travels, deel II, blz. 45.
+
+[242] Leonero wil zeggen: leeuwenbewaker.
+
+[243] Het verdient opmerking, dat Molina, ofschoon alle vogels en
+viervoetige dieren van Chili uitvoerig beschrijvende, geen enkele maal
+van dit geslacht melding maakt, waarvan de soorten zoo algemeen zijn
+en zulke merkwaardige gewoonten hebben. Wist hij niet recht in welke
+klasse hij het zou plaatsen, en dacht hij daarom dat het raadzamer
+was te zwijgen? Het is alweer een voorbeeld van de vele gevallen dat
+schrijvers onderwerpen weglaten, waar men dit het minst zou verwachten.
+
+[244] Thans heet de hoofdstad Ancud.
+
+(Vert.)
+
+[245] Circa 125,417 vierkante Meter.
+
+(Vert.)
+
+[246] Eenige bladzijden verder beschrijft Darwin dezen vogel nader. De
+beteekenis van het woord "cheucau" weet men niet met zekerheid.
+
+(Vert.)
+
+[247] Aan de oevers van sommige stroomen in de Cordilleras worden
+de bladeren dezer plant zoo groot, dat 2 of 3 personen te paard bij
+regen er gemakkelijk eene schuilplaats onder vinden.
+
+(Vert.)
+
+[248] Behalve lianen, zijn het vooral de hooge bamboesachtige
+klimplanten Quila en Coleu (soortnaam Chusquea), die deze wouden zoo
+ondoordringbaar maken.
+
+(Vert.)
+
+[249] "Horticultural Transact.," deel V, blz. 249. Mr. Caldcleugh
+stuurde twee knollen naar huis, die bij goede bemesting zelfs in het
+eerste seizoen talrijke aardappelen en een overvloed van bladeren
+voortbrachten. Zie Humboldt's belangrijke bespreking van deze plant,
+welke in Mexico onbekend schijnt geweest te zijn, in "Versuch über
+den politischen Zustand des Königreichs Neuspanien" 1809-14.
+
+[250] Met behulp van mijn insectennet verschafte ik mij in deze streken
+een aanzienlijk getal kleine insecten van de familie der Staphylinidae
+(Roofkevers), andere die verwant zijn aan Pselaphus (Tastkever),
+en kleine Hymenoptera. Maar de meest karakteristieke familie wat het
+getal individuën en soorten betreft, in de meer boschvrije gedeelten
+van Chiloë en den Chonos-archipel, is die der Telephoridae.
+
+[251] De Koypu of Moerasbever.
+
+(Vert.)
+
+[252] Men zegt, dat sommige roofvogels hunne prooi levend naar hun nest
+brengen. Zoo dit waar is, kan er in den loop der eeuwen wel nu en dan
+een aan de jonge vogels ontsnappen. Deze of andere omstandigheden van
+dien aard zijn noodig, om de verspreiding der kleinere knaagdieren
+te verklaren op eilanden, welke niet zeer dicht bij elkander liggen.
+
+[253] Als een bewijs van het groote verschil tusschen de seizoenen in
+de begroeide en opene gedeelten dezer kust, wil ik vermelden, dat deze
+vogels op 34° Z.B. den 20sten September jongen in het nest hadden,
+terwijl zij op de Chonos-eilanden drie maanden later in den zomer
+pas eieren legden. Het breedte-verschil tusschen die twee streken is
+ongeveer 700 mijlen.
+
+[254] quebrantar = breken; hueso = been.
+
+(Vert.)
+
+[255] Deze, in Nicaragua gelegen en slechts 500 voet hooge vulkaan,
+had uitbarstingen in 1709, 1809 en 1835.
+
+(Vert.)
+
+[256] Darwin bedoelt hier zeer waarschijnlijk de Minchimavida, ook
+wel Minchimadom geheeten. (2450 M.)
+
+(Vert.)
+
+[257] Geb. 1394, vermoord te Perth in 1437. Hij was van 1423-1437
+Koning van Schotland.
+
+(Vert.)
+
+[258] In de Archaeïsche of Prae-Cambrische perioden der
+aardgeschiedenis hadden vulkanische uitbarstingen plaats in Noord-
+en Zuid-Wallis, in Shropshire en in sommige gedeelten van Schotland
+en Ierland. Gedurende het daaropvolgende Palaeozoïsche of Primaire
+Tijdvak, toen ook nog een zeer klein gedeelte der Britsche Eilanden
+boven zee lag, herhaalden zich de vulkanische uitbarstingen (vooral
+in het Cambro- of Onder-Siluur) op zeer groote schaal; en hiervan zijn
+talrijke bewijzen gevonden in Noord-Wallis en in het zoogenaamde Lake
+District of Merengebied van Cumberland en Westmoreland. Nog zeer hevig
+waren de uitbarstingen gedurende de Devonische perioden van hetzelfde
+Tijdvak, doch verminderden langzamerhand in die der Steenkoolvorming,
+welke op het Devoon volgde. In het lange Mesozoïsche of Secondaire
+Tijdvak, dat nu aanbrak en waarin de Britsche Eilanden meer en meer
+boven het zeeoppervlak verrezen, hadden in dien hoek van Europa geen
+uitbarstingen plaats. Wel geschiedden die toen met meer of mindere
+hevigheid in Tyrol, het Zuidoosten van Europa, Britsch-Indië en in
+West-Amerika. Maar in het Tertiaire Tijdvak, en vooral in de Mioceen
+periode, openbaarden zij zich weer met groote hevigheid in het Britsche
+Rijk, dat toen in bijna zijn tegenwoordigen vorm en grootte boven den
+zeespiegel lag. Engeland en Ierland werden toen vreeselijk geteisterd,
+doordien zich een nieuwe reeks van duizenden vulkanische spleten
+had gevormd, die van IJsland af over de Färöer van Noord naar Zuid
+liep en een groot aantal vulkaankegels telde. Enorme hoeveelheden
+eruptie-stoffen, uit dat Tijdvak afkomstig, zijn gevonden op de
+Hebriden, in het noordoosten van Ierland, over het vasteland van
+Engeland en in de zee tusschen Gr. Brittannië en Ierland--over eene
+totale oppervlakte, welke op minstens 100,000 vierkante Eng. mijlen
+wordt geschat. Volgens een Engelsch geoloog, was Groot-Brittannië
+toen een "Reign of Fire" (Rijk van Vuur).
+
+(Vert.)
+
+[259] Deze had plaats op 19 November en was zeer hevig. De schok werd
+gevoeld over een afstand van 1200 mijlen of ruim 1900 Kilom. langs
+de kust, naar noord en zuid. Santiago, Valparaiso en andere steden
+werden deerlijk geteisterd. Bij Valparaiso rees de kust 3 voet,
+en bij Quintero omstreeks 4 voet.
+
+(Vert.)
+
+[260] De Antuco, op 37° 20' Z.B. in Chili gelegen, is een 2800
+Met. hooge kegelvormige vulkaan, die om de 10 minuten rookwolken
+uitstoot. In 1845, 1851 en 1863 waren zijne uitbarstingen nogal
+hevig. Van de 33 vulkanen, die Chili minstens bezit, ligt de Antuco
+het verst van de kust.
+
+(Vert.)
+
+[261] John Mitchell, Woodwardian professor in de Mineralogie te
+Cambridge, leefde omstreeks het midden der 18de eeuw. Hij bekleedde
+dit professoraat slechts acht jaren, om zich daarna geheel aan de
+theologische bezigheden te wijden. In 1760 publiceerde hij in de
+Philos. Transact. eene verhandeling over "The Cause and Phenomena
+of Earthquakes." De groote aardbeving van Lissabon in 1755 had zijne
+belangstelling in dit onderwerp gewekt. Sommige van zijn ideeën over
+de onderaardsche bewegingen zijn zeer scherpzinnig en juist.
+
+(Vert.)
+
+[262] Arago in L'Institut, 1839, blz 337. Zie ook Mier, Chile, deel
+I, blz. 392, en Lyell, Principles of Geology, deel II, blz. 119
+(10e uitgaaf).
+
+[263] De oude stad Concepcion, ook Penco geheeten, werd toen geheel
+verwoest en door eene vloedgolf verzwolgen. De inwoners bouwden
+toen ongeveer 10 mijlen van de kust eene nieuwe stad, om van zulke
+overstroomingen verschoond te blijven. Tegelijk werd eene nederzetting
+op de kust van Juan Fernandez bijna geheel door eene dergelijke golf
+vernietigd. In 1730 en verder terug tot 1590 hebben dergelijke rampen
+deze streek bezocht. Verder reikt de overlevering niet.
+
+(Vert.)
+
+[264] Reeds lang bestaat op bovengenoemde gronden de meening, dat de
+geheele reeks van rotsachtige eilanden, die zuidelijk van Valdivia
+tot aan den ingang der Straat van Magelhaen (van 39° 53'-52° 16'
+Z.B.) tegenover de fjorden van het vasteland liggen, een afgebroken of
+verzwolgen kam van de Cordilleras is, waarvan alléen de toppen boven
+zee uitsteken. Vooral de onderzeesche uitbarstingen wijzen hierop.
+
+(Vert.)
+
+[265] De oppervlakte van dit lavameer zou dan ongeveer 745,900 vierk.
+Kilom. geweest zijn, terwijl die van de Zwarte Zee 423,990 vierk. Kilom.
+bedraagt.
+
+(Vert.)
+
+[266] Deze indringende beweging heet met een wetenschappelijk woord:
+intrusie.
+
+(Vert.)
+
+[267] Voor eene volledige beschrijving van de vulkanische
+verschijnselen, die de aardbeving van 20 Februari 1835 vergezelden,
+en voor de gevolgtrekkingen, welke daaruit zijn af te leiden, moet
+ik verwijzen naar deel V der Geological Transactions.
+
+[268] E. Suess "Die Entstehung der Alpen," en "Antlitz der Erde;"
+A. Heim "Untersuchungen über den Mechanismus der Gebirgsbildung."
+
+[269] Deze passen hebben hoogten van 3927 en 4060 M.
+
+(Vert.)
+
+[270] Een Engelsch gewicht, inzonderheid voor wol, gelijkstaande met
+14 pounds of circa 6-35/100 kilogr.
+
+[271] Scoresby's Arctic Regions, Vol. I, Blz. 122.
+
+[272] In Shropshire heb ik hooren opmerken, dat het water van de Severn
+veel troebeler is, als de rivier ten gevolge van aanhoudende regens
+buiten hare oevers treedt, dan wanneer dit veroorzaakt wordt door het
+smelten van sneeuw in de bergen van Wallis. Als D'Orbigny (deel I,
+blz. 184) de oorzaak van de verschillende kleuren der Zuidamerikaansche
+rivieren verklaart, merkt hij op, dat die met blauw of helder water
+op de Cordilleras ontspringen, waar de sneeuw smelt.
+
+[273] Lower White Chalk in Engeland, en Turonien (naar de aloude
+provincie Touraine, thans het departement Indre-et-Loire) in Frankrijk,
+zijn de equivalente namen der tweede of middelste onderafdeeling
+van de bovenste hoofdafdeeling der Krijtformatie. In Engeland en
+Noord-Frankrijk wordt zij gevormd door witte of lichtgrijze, fijne
+en weeke mergels: de zoogen. krijtmergels. De onderste lagen van het
+Turonien hebben uitloopers, die men door het zuiden en zuidoosten
+van Frankrijk tot in Zwitserland kan vervolgen.
+
+[274] De uitbarsting dezer granietkoppen moet in het Tertiaire Tijdvak
+hebben plaats gehad.
+
+(Vert.)
+
+[275] Het Spaansche woord puna beteekent letterlijk "ijskoude
+onbewoonbare streek."
+
+(Vert.)
+
+[276] Dr. Gillies in "Journal of Nat. and Geograph. Science,"
+Aug. 1830. Deze schrijver geeft de hoogte der passen aan.
+
+[277] Ongeveer 3720 meter. De eigenlijke naam van dezen vulkaan is
+Pico de Teyde.
+
+(Vert.)
+
+[278] Een casucha is een klein armzalig huisje: een barak of loods.
+
+[279] De Franschman Denis Papin (1647-1712), die vanaf 1673 adsistent
+bij Huijgens was, verliet in 1680 als Calvinist zijn geboorteland,
+en was van af 1688 hoogleeraar te Marburg. Hij vond in 1681 den naar
+hem genoemden pot (la marmite de Papin), welke ten doel had water en
+de daarin te koken spijzen hooger te verhitten, dan zulks in open
+kookpannen mogelijk was, en zoodoende het koken te bespoedigen en
+meer volkomen te maken. Zijne eerste gedachte was, dat men daarin
+wellicht beenderen in een bruikbaar voedingsmiddel kon veranderen.
+
+(Vert.)
+
+[280] Deze structuur in bevroren sneeuw was sedert lang door Scoresby
+waargenomen in de ijsbergen bij Spitsbergen, en onlangs nauwkeuriger
+door Kolonel Jackson (Journ. of Geogr. Soc., deel V, blz. 12) op de
+Newa. Charles Lyell (Principles of Geology) heeft de spleten, waardoor
+de zuilvormige structuur schijnt bepaald te worden, vergeleken bij
+de voegen die bijna alle gesteenten doorkruisen, maar die het best
+te zien zijn in ongelaagde massa's. Ik wil hier opmerken, dat de
+zuilvormige structuur, in het geval van de bevroren sneeuw, moet worden
+toegeschreven aan eene metamorphische werking (eene chemisch-physische
+omzetting), en niet aan eene werking gedurende den "neerslag."
+
+[281] Dit is slechts eene toelichting op de merkwaardige wetten,
+het eerst door Charles Lyell vastgesteld, betreffende het feit, dat
+geologische veranderingen van invloed zijn geweest op de geographische
+verspreiding der dieren. De geheele redeneering berust natuurlijk op
+de hypothese van de onveranderlijkheid der soorten, anders zou het
+verschil tusschen de soorten in de twee gewesten beschouwd kunnen
+worden als in lengte van tijd te zijn ontstaan.
+
+[282] Populierenlaan, of openbare wandelplaats.
+
+[283] Cumbre beteekent: bergtop.
+
+(Vert.)
+
+[284] Deze reusachtige woestijncactus Cereus atacamensis levert zelfs
+sterke balken, planken en brandhout aan de tropische landen.
+
+(Vert.)
+
+[285] Arbeiders, die de ertsen of delfstoffen naar buiten brengen.
+
+[286] Zoo noemde men de kolonisten, die in de 16de en 17de eeuw
+uit Frankrijk naar St.-Domingo gingen, en hier op wilde ossen jacht
+maakten. Later veranderden zij in stroopers, roofjagers en kapers. De
+naam stamt af van het Karaïbische woord boucan (een houten rooster
+waarop vleesch wordt gerookt).
+
+(Vert.)
+
+[287] Van deze schelpen heeft Prof. E. Forbes eene lijst gezien.
+
+[288] Tegenwoordig staat het koper, wat zijne productie betreft,
+bovenaan. Terwijl in 1806 slechts vier kopermijnen bij Copiapó in
+exploitatie waren, bedroeg dit cijfer in 1842 reeds 40, en in 1853
+zelfs 116. Van 1861 tot 1864 produceerde Chili voor eene waarde van
+49.102871 pesos (1 peso = francs 1.91 of ruim 90 cents), of gemiddeld
+12.275718 pesos per jaar. In 1881 steeg dit bedrag tot 16.359809
+pesos. In 1902 werd geëxporteerd:
+
+ voor 17.123000 pesos aan koper.
+ voor 2.520000 pesos aan zilver.
+ voor 1.624000 pesos aan goud.
+
+(Vert.)
+
+[289] Copiapó werd ook verwoest in 1773, 1796 en 1819. Het grootste
+deel der zilverertsgangen ligt in de provincie Atacama, waarvan
+Copiapó de hoofdstad is. Behalve het zilverdistrict Chagnarcillo,
+zijn ook beroemd die van Tres Puntas en Caracoles. Zij liggen allen
+in de Jura-formatie, welke in Chili zeer sterk ontwikkeld is, en zich
+van de vlakte uit tot ver in de dalen der Cordilleras uitstrekt.
+
+(Vert.)
+
+[290] Deel II en IV van Relation historique. Voor de opmerkingen over
+Guyaquil: zie Silliman's Journal, deel XXIV, blz. 384. Voor die over
+Tacna door Hamilton: zie Transact. of British Association 1840. Voor
+die over Coseguina: zie Caldcleugh in Philos. Transact. 1835. In
+de eerste uitgaaf verzamelde ik verscheidene berichten over het
+gelijktijdig optreden van aardbevingen en plotselinge dalingen van
+den barometer, alsook van aardbevingen en luchtverschijnselen.
+
+[291] G. P. J. Scrope (1797-1876) vermaard Engelsch geoloog,
+vooral bekend door zijne studiën over vulkanen. Hij schreef o.a.:
+Considerations on Volcanoes (1825); Volcanoes (2de Ed. 1872);
+Extinct Volcanoes of Central France (1858), behalve eene menigte
+verhandelingen.
+
+(Vert.)
+
+[292] "Observac. sobre el Clima de Lima," blz. 67--Azara's
+Reizen, deel I, blz. 381--Ulloa's Reis, deel II, blz. 28--Burchell
+"Travels," deel II, blz. 524--Webster "Description of the Azores,"
+blz. 124--"Voyage à l'Isle de France par un officier du Roi," deel I,
+blz. 248--"Description of Sint Helena," blz. 123.
+
+[293] Carl Ochsenius stelt dien afstand gelijk aan acht Duitsche of
+geographische mijlen. Zie "Chile, Land und Leute."
+
+(Vert.)
+
+[294] Die geraamten werden daar gevonden met de beenderen van
+uitgestorven quartaire zoogdieren.
+
+(Vert.)
+
+[295] Temple zegt in zijne Reizen door Opper-Peru of Bolivia:
+"Ik zag op mijn tocht van Potosi naar Oruro de puinhoopen van vele
+Indiaansche dorpen of woningen, zelfs tot aan de toppen der bergen,
+welke getuigden van eene vroegere bevolking op plaatsen, die nu
+geheel verlaten zijn."--Elders doet hij soortgelijke opmerkingen;
+maar ik kan niet zeggen of deze verlatenheid een gevolg is van gebrek
+aan bevolking, dan van eene veranderde gesteldheid van het land.
+
+[296] Algarroba is de Spaansche naam van het Johannisbrood (vrucht). De
+boom zelf heet Algarrobo, Algarrobero of Algarrobera Ceratonia siliqua
+of Procopis siliquastrum.
+
+(Vert.)
+
+[297] Edinburg Phil. Journ., Jan. 1830, blz. 74; en April 1830
+blz. 258. Zie ook Daubeny: A description of active and extinct
+Volcanoes, London 1858; en Bengal Journal, deel VII, blz. 324.
+
+[298] Iquique telde omstreeks 1882 nog 9000 en thans circa 40100
+inwoners. Zij is de hoofdstad der salpeterrijke provincie Tarapacá,
+die vroeger tot Peru behoorde, maar na den oorlog tusschen Chili en
+de geallieerden (Peru en Bolivia) in 1879 in het bezit van Chili kwam.
+
+(Vert.)
+
+[299] 18 gallons zijn ongeveer gelijk aan 81,78 liter.
+
+(Vert.)
+
+[300] In 1881 bedroeg de uitvoer 26.473511 pesos, en in 1902 zelfs
+126.407000 pesos, of respect. circa 50.564400 en 241.437300 francs. In
+1908 steeg de uitvoer zelfs tot 440 mill. francs. In Europa dient
+het Chili- of natronsalpeter als meststof en tot bereiding van het
+voor de kruitfabricatie noodige kalisalpeter.
+
+(Vert.)
+
+[301] "Essai politique sur le Royaume de la Nouvelle
+Espagne." (Engelsche vertaling: Political Essay on the Kingdom of
+New Spain, deel IV, blz. 199).
+
+[302] Een dergelijk belangwekkend geval wordt medegedeeld in de
+"Madras Medical Journal," 1839 blz. 340. Dr. Ferguson toont in zijn
+uitnemend opstel (Edinburg Royal Transact., deel 9) duidelijk aan,
+dat het gif bij het drogings-proces ontstaat. Vandaar dat droge,
+heete landen dikwijls het ongezondst zijn.
+
+[303] Peru werd onafhankelijk verklaard (van Spanje) op 28 Juli
+1821. Zijne constitutie dateert van 18 Oct. 1856 en 25 Nov. 1860.
+
+(Vert.)
+
+[304] In October 1820.
+
+[305] Tijdens deze aardbeving werden in de eerste 24 uren 200 schokken
+gevoeld. Van de 23 groote en kleine schepen, die in de haven van Callao
+lagen, zonken er 19, terwijl de 4 andere--waaronder een fregat--door
+het geweld der golven op het strand werden gezet. Slechts 200 van de
+4000 inwoners ontkwamen den dood. Een klein stuk van het fort Vera
+Cruz was al hetgeen van de stad overbleef.
+
+(Vert.)
+
+[306] Enkele tientallen van jaren geleden waren de meeste
+geleerden--waaronder ook Darwin--van meening, dat de mensch geen
+tijdgenoot kon geweest zijn van de in het Diluvium uitgestorven
+zoogdieren. Wel was met voldoende zekerheid aangetoond, dat onze
+voorouders bij het begin der beschavingsgeschiedenis--minstens 12,000
+jaren geleden--op een vrij hoogen trap van cultuur stonden, wat
+landbouw, veeteelt, metaalbewerking en pottenbakkerskunst betrof. In
+de laatste jaren zijn echter een aantal skeletten en skeletdeelen
+van menschen gevonden, die, gevoegd bij eene menigte in holen en
+rotsnissen verzamelde steenen werktuigen van grover en fijner maaksel,
+de geleerden in staat hebben gesteld het bestaan van den mensch veel
+verder in het verleden te vervolgen, en wel door het geheele diluviale
+tijdvak heen (met inbegrip van den ijstijd), tot ongeveer aan het
+begin. De duur van het Diluvium wordt geschat op minstens 150,000
+(door Penck zelfs op ± 700,000) jaren. Vooral de karakteristieke ruwe
+vuursteenen bijl--de zoogenaamde Chelléen-bijl, heeft als wegwijzer
+gediend. Deze bijl komt algemeen voor in Frankrijk en België, verder
+ook in Engeland, Duitschland, Italië, Spanje, Noord-Afrika, en in
+Noord- en Zuid-Amerika. Daaruit blijkt, dat de mensch reeds in het
+oud-diluvium een groot deel der Oude en Nieuwe Wereld bewoonde, en dus
+een tijdgenoot was van de meeste groote zoogdieren, als: mammoethen (en
+nog oudere soorten van olifanten), holenberen, holentijgers (waaronder
+van 3 met. lengte), reuzenherten, voorwereldlijke paarden en vele
+andere dieren, waarop hij jacht maakte en die sedert uitgestorven zijn.
+
+De wetenschap heeft echter haar onderzoek voortgezet en vrij
+overtuigende bewijzen gevonden, dat de mensch reeds in de
+oud-plioceen periode (nl. de jongste afdeeling van het Tertiaire
+Tijdvak) steenen werktuigen heeft vervaardigd, die intusschen
+zeer primitief zijn. Skeletdeelen van menschen uit die overoude
+periode zijn echter tot heden niet gevonden. Den tijd, die sedert
+het oud-plioceen verloopen is, schat Penck op 2-4 millioenen jaren;
+maar ook al schat men dien (om met Prof. Steinmann te spreken) op
+het minimum van slechts 400,000 jaren, dan wijst dit cijfer toch
+op dien buitengewoon hoogen ouderdom van het menschengeslacht. De
+meening van verscheidene geleerden (Haeckel, Credner e. a.), als zou
+de ontwikkeling van den mensch uit placenta-zoogdieren (nl. uit de
+meest volkomen menschapen) in het midden- of laatste gedeelte van
+het Tertiaire Tijdvak hebben plaats gehad, heeft dus door de jongste
+onderzoekingen nieuw voedsel gekregen.
+
+(Noot van den Vert.)
+
+[307] Wanneer vulkanische asch--hetzij onmiddellijk door nedervallen
+uit de lucht of door stroomend water--in neptunische afzettingen
+geraakt, ontstaat een middenproduct tusschen eene vulkanische en eene
+neptunische stof. Dit is de vulkanische tuf. Zij kan ontstaan zoowel
+op het vasteland in vlakten en meren, als in zee.
+
+(Vert.)
+
+[308] Op de kaart ook Chatam gespeld.
+
+[309] Waartoe o.a. de Wolfsmelk behoort.
+
+[310] De geheele archipel, met eene landoppervlakte van 7643 vierkante
+kilom., telde in 1903 niet meer dan 400 inwoners (Almanach de Gotha,
+1904). Hij behoort tot de republiek Ecuador, en ontleent zijn naam
+aan de schildpadden (galápago wil zeggen "schildpad"), die er vroeger
+zeer talrijk waren.
+
+[311] Meelachtige wortelknollen van Convolvulus batatus, welke veel
+als voedsel worden gebruikt.
+
+(Vert.)
+
+[312] Dat de rat, die in de Nieuwe Wereld niet inheemsch was,
+op schepen uit Europa is overgebracht, is een feit. Evenzoo is de
+Noorsche rat (Mus decumanus) in Engeland ingevoerd, waar zij in huizen
+en schepen zulke verwoestingen aanricht. Op gelijke wijze zijn vele
+andere dieren overgebracht: bijv. de groote adder (Fer de lance),
+even vergiftig als de ratelslang, kwam door den mensch op Martinique
+en Santa Lucia. De Europeesche huisvlieg is door schepen naar alle
+Zuidzee-Eilanden overbracht. Ondanks de koude in Noordwestelijk
+Europa heeft de kakkerlak (Blatta orientalis) zich hier gevestigd,
+en maakt zich de warmte in bakkersovens en troggen ten nutte. De Aphis
+(bladluis) kwam uit Indië; en onze beruchte paalworm (Teredo navalis)
+was oorspronkelijk een bewoner der equatoriale zeeën.
+
+(Vert.)
+
+[313] Dat Darwin er toen niet geheel zeker van was, als zouden van
+de 26 soorten landvogels 25 aan deze eilanden eigen zijn, blijkt
+uit den verderen tekst, en uit zijn werk "The Origin of Species",
+dat, zooals men weet, eerst in Nov. 1859--dus lang na de uitgave van
+"Voyage round the World"--verscheen. Op blz. 543 (uitg. 1906) zegt
+hij: "In the Galapagos Islands there are 26 land-birds; of these 21
+(or perhaps 23) are peculiar..."
+
+(Vert.)
+
+[314] of kersenvink (Coccothraustes vulg.)
+
+[315] Fringilla coelebs.
+
+[316] Verder onderzoek heeft geleerd, dat sommige dezer vogels,
+die men toen tot de eilanden beperkt achtte, op het vasteland van
+Amerika voorkomen. De uitstekende ornitholoog Sclater deelt mij mede,
+dat zulks het geval is met Strix punctatissima en Pyrocephalus nanus,
+en waarschijnlijk ook met Otis (Trapgans) Galapagoensis; zoodat
+het getal inlandsche vogels tot 23 of waarschijnlijk tot 22 wordt
+teruggebracht. Volgens denzelfden geleerde zouden één of twee dezer
+inlandsche vormen veeleer als variëteiten dan als soorten moeten
+worden opgevat, hetgeen mij steeds als waarschijnlijk voorkwam.
+
+[317] Dr. Günther verklaart (Zoolog. Soc. 24 Jan. 1859), dat deze
+slang eene bijzondere soort is, die, voor zoover men weet, geen ander
+land bewoont.
+
+[318] "Voyage aux Quatre Iles d'Afrique." Zie, wat de Sandwich-Eilanden
+betreft: "Tyerman and Bennet's Journal," deel I, blz. 434; voor
+Mauritius: "Voyage par un Officier," enz. deel I, blz. 170. Volgens
+Webb en Berthelot: "Histoire Naturelle des Iles Canaries," zijn er
+geen kikvorschen op de Kanarische Eilanden. Ik zag er geen op Sint
+Jago van de Kaap-Verdische Eilanden, en op Sint Helena ontbreken zij.
+
+[319] of Lacertilia volgens Haeckel.
+
+(Vert.)
+
+[320] of perikardion = hartzakje.
+
+[321] ongeveer 329 meter.
+
+[322] Iguana is de Spaansche naam; op Haïti heet zij Leguaan.
+
+(Vert.)
+
+[323] De Ulvae (zeelatuwe of watersalade) behooren tot de zoogenaamde
+Groene Algen (Chlorophyceae of Coniervea); het donkerroode gewas,
+waarvan Darwin spreekt, tot de Bruine Algen (Phaeophyceae of
+Fucoideae).
+
+(Vert.)
+
+[324] Amblyrhynchus wil zeggen "Stompsnuit," van ambl'uc (stomp) en
+(snuit).
+
+(Vert.)
+
+[325] Diptera of Tweevleugelige insecten (zooals vliegen,
+enz.) Hymenoptera of Vliesvleugelige insecten (zooals bijen, wespen)
+met vier vleugels.
+
+[326] Ann. and Mag. of Nat. Hist., deel XVI, blz. 19.
+
+[327] "Voyage in the U. S. ship Essex," deel I, blz. 215.
+
+[328] Linnean Trans., deel XII, blz. 496. Het meest abnormale feit in
+dit verschijnsel dat ik ontmoet heb, is de wildheid der kleine vogels
+in de arctische of poolstreken van Noord-Amerika (beschreven door
+Richardson in zijne Fauna Borealis, deel II, blz. 332), waar zij nooit
+vervolgd worden, naar men zegt. Dit geval is des te vreemder, wijl men
+beweert, dat sommigen van dezelfde species in hunne winterkwartieren
+in de Vereenigde Staten tam zijn. Terecht merkt Richardson op, dat
+er in de verschillende graden van schuwheid en zorg, waarmede vogels
+hunne nesten bouwen, veel voorkomt, dat in hooge mate onverklaarbaar
+is. Hoe zonderling is het niet, dat de Engelsche woudduif, een in
+'t algemeen zoo wilde vogel, zeer dikwijls zijn jongen opkweekt in
+heesterboschjes, in de nabijheid van menschelijke woningen!
+
+[329] Deze oostelijk van Tahiti gelegen archipel is een Fransche
+kolonie en voert den officiëelen naam van Tuamotu-Eilanden. Het woord
+Tuamotu wil zeggen "Afgelegen." Zijne verdere namen zijn Paumotu- of
+Overwonnen-Eilanden; Lage Eilanden (volgens Krusenstern); Gevaarlijke
+Archipel (volgens Bougainville); en eindelijk de Paarlen-Eilanden
+(volgens de handelaren). Dien laatsten naam ontleenen zij aan
+hun kostbaarst product: de paarlen. De schoonste parel, die hier
+gevonden werd en later aan de Koningin van Engeland toebehoorde,
+werd met f 72000 betaald. Zeer groote en kostbare exemplaren zijn
+echter zeldzaam. Van de 78 eilanden der groep, die 700 vierkante
+kilom. groot is en in 1897 5373 inwoners telde, hebben 35 parelbanken
+in hunne lagunen.
+
+(Vert.)
+
+[330] Pomaré is de naam van eene voormalige dynastie op Tahiti. Zij
+ving aan in 1793, en de laatste koning van dien naam, Pomaré V,
+deed afstand van den troon in 1880.
+
+(Vert.)
+
+[331] Caprifolium.
+
+[332] Jasminum.
+
+[333] Rosa canina.
+
+[334] James Cook ontdekte Nieuw-Zeeland en de oostkust van Australië
+in de jaren 1768-1771.
+
+(Vert.)
+
+[335] Tot de Maleiers--de vijfde der twaalf species.
+
+[336] Moritz Retzsch (1779-1857) bekend door zijn prachtige
+illustratiën bij de werken van Goethe en Schiller.
+
+(Vert.)
+
+[337] Daarbij heeft het eiland eene zeer geringe bevolkingsdichtheid,
+want op eene oppervlakte van 268.461 vierkante kilom. (achtmaal
+Nederland) wonen, volgens de telling in 1908, slechts ongeveer
+1,008,000 zielen, waaronder 47,731 Maoris.
+
+(Vert.)
+
+[338] Ook Dámmara australis genoemd. Hij behoort tot de Coniferae en
+groeit ook op de Philippijnen, waar hij onder den naam van Dámmara-den
+of Fakkelboom bekend is. Hij levert de bekende dámmara-hars (resina
+dammarae), evenals de planten dámmara en xylopia op de Molukken. Deze
+boom, die in vele gevallen 40-50 meter hoog wordt, heeft voor zijne
+ontwikkeling eene vochtige zeelucht en een drogen kleibodem noodig,
+en groeit alleen op het noordwestelijk deel van het noordelijkste
+der twee groote eilanden, waaruit N.-Zeeland bestaat. Zijn hout
+komt nog het meest overeen met dat van den witten of zilverden
+in West-Europa, en is zoo duurzaam, dat stammen (veel gebruikt
+voor masten, mijnstutten, spoorliggers, enz.) die 50 jaren in de
+aarde hadden gestaan, niets geleden hadden. De kauri-pijnboom is
+voor het oerwoud in de noordelijke warmere streken van N.-Zeeland,
+wat de mammoeth-boom is in Californië, en de ceder van den Libanon
+in Voor-Azië. Dámmara komt van het Hindostansche woord dâmar, dat
+"hars" beteekent.
+
+(Vert.)
+
+[339] Men kent op N.-Zeeland 115 soorten van varens (varenkruiden en
+varenboomen). In de wouden vindt men varenboomen (Dicksonia en Cyathea)
+van 10-13 meter hoogte.
+
+(Vert.)
+
+[340] Tegenwoordig is wol het belangrijkste uitvoerartikel van
+Nieuw-Zeeland. In 1901, bijv., werd uitgevoerd aan wol voor £
+3.699.000; aan vleesch voor £ 2.369.000; aan goud voor £ 1.754.000;
+aan boter voor £ 882.000; aan Kaurihars voor £ 746.000; aan huiden
+voor £ 405.000; aan hout voor £ 295.000; aan kaas voor £ 239.000;
+en aan steenkool voor £ 142.000.
+
+(Vert.)
+
+[341] In vierkante Engelsche mijlen is de oppervlakte 103,700.
+
+(Vert.)
+
+[342] Deze Amerikaan leefde van 1755-1836.
+
+[343] Het is opmerkelijk, hoezeer dezelfde ziekte in verschillende
+klimaten gewijzigd wordt. Op het eiland St.-Helena wordt de invoering
+van scharlakenkoorts als eene plaag gevreesd. In sommige landen worden
+vreemdelingen en inboorlingen door sommige besmettelijke ziekten
+even verschillend aangetast, als waren zij verschillende dieren. Van
+dit feit heeft Chili eenige voorbeelden gegeven, en, volgens A. von
+Humboldt, ook Mexico. (Essai politique sur la Nouvelle Espagne).
+
+[344] De Maoris op N.-Zeeland zeggen: "Wij zullen ondergaan, evenals
+onze reuzenvogel, de Dinornis. Evenals de klaver het varenkruid
+doodde en de Europeesche hond den hond der Maoris; evenals onze rat
+vernietigd werd door de Pakeha-rat, zoo zal ook ons volk door de
+Europeanen verdrongen en vernietigd worden."
+
+(Vert.)
+
+[345] "Narrative of Missionary Enterprise," blz. 282.
+
+[346] Kapitein Beechy zegt (Deel I, hoofdstuk 4), dat de bewoners
+van het eiland Pitcairn (in de Zuidzee met eene oppervlakte van 5
+vierkante km. en 126 zielen) vast overtuigd zijn, dat zij na aankomst
+van elk schip aan huid- en andere aandoeningen lijden. Hij schrijft
+dit toe aan de diëetverandering tijdens het bezoek. Dr. Macculloch
+("Western Isles", deel II, blz. 32) zegt: "Men verzekert, dat bij
+aankomst van een vreemdeling op St.-Kilda, alle bewoners volgens
+de gewone zegswijze eene verkoudheid opdoen."--Hijzelf beschouwt de
+geheele zaak als belachelijk, hoewel zij vroeger dikwijls bevestigd
+is, doch voegt er bij: "Toen wij den inwoners de vraag voorlegden,
+verklaarden zij eenstemmig, dat het verhaal juist was." In de
+Reis van Vancouver vindt men eene ongeveer gelijke mededeeling over
+Otaheite. Dr. Dieffenbach zegt in eene noot bij zijne vertaling van dit
+"Dagboek", dat hetzelfde feit algemeen geloofd wordt door de bewoners
+van de Chatham-Eilanden (ten oosten van N.-Zeeland, 971 vierkante
+Km.) en in sommige gedeelten van Nieuw-Zeeland. Onmogelijk kon zulk
+een geloof algemeen ingang hebben gevonden in het noordelijk halfrond,
+bij de Tegenvoeters en in den Stillen Oceaan, zonder dat er een goede
+grond voor bestond. Humboldt zegt in zijn Essai politique sur la
+Nouvelle Espagne, dat de groote besmettelijke ziekten in Panama en
+Callao "gekenmerkt" zijn door de komst van schepen uit Chili, omdat
+de menschen uit die gematigde luchtstreek het eerst de noodlottige
+werking der heete landen ondervinden. Ik wil hier bijvoegen, dat ik
+in Shropshire heb hooren verzekeren, dat schapen, welke op schepen
+ingevoerd en bij anderen in hetzelfde hok worden gebracht, dikwijls
+ziekten onder de kudde voortbrengen, ofschoon zijzelven in gezonden
+staat verkeeren.
+
+[347] "Travels in Australia", deel I, blz. 154. Voor verscheidene
+belangwekkende persoonlijke mededeelingen, betreffende deze groote
+valleien in Nieuw-Zuid-Wallis, moet ik den heer Mitchell mijn dank
+betuigen.
+
+[348] Macropus en Hypsiprimnus behooren beide tot de Macropodidae,
+eene familie van de Kangoeroes (Poëphaga), welke eene Orde zijn van
+de Marsupialia of Buideldieren.
+
+(Vert.)
+
+[349] Ook wel Casuarius emeu genoemd.
+
+[350] Dit dier behoort tot de Monotremata--eene onderklasse der
+zoogdieren, welke zich hierdoor onderscheidt, dat de individuën
+slechts ééne opening (tr=hma = gat) bezitten voor het verwijderen
+der uitwerpselen.
+
+(Vert.)
+
+[351] Met belangstelling vond ik hier den hollen kegel- of
+trechtervormigen val van de leeuwenmier (Myrmeleon formicarius), of
+een ander insect. Eerst viel eene vlieg de verraderlijke helling af
+en verdween onmiddellijk; toen kwam eene groote maar onvoorzichtige
+mier. Bij de hevige pogingen, welke deze deed om los te komen, wierp de
+leeuwenmier snel hoopjes zand naar het verwachte slachtoffer (Volgens
+Kirby en Spence zou de leeuwenmier dit met haren staart doen). Maar
+de mier had een beter lot dan de vlieg en ontkwam aan de noodlottige
+kaken, die op den bodem van den hollen trechter verborgen waren. De
+val van de Australische leeuwenmier was ongeveer slechts half zoo
+groot als die van de Europeesche.
+
+[352] Traan is sedert lang niet meer een hoofdartikel. In 1901 waren
+de voornaamste uitvoer-artikelen naar volgorde in millioenen ponden
+sterl.: goud (17.9); wol (17.8); zilver (4.2); kaas (3.1); dieren
+(2.9); vleesch (2.7); koper (2.3); huiden (1.9); steenkool (1.9);
+boter (1.8); suiker (1.3); leder (0.8); talk (0.7).
+
+[353] Hobart Town heet sedert 1 Juni 1881 eenvoudig Hobart. Volgens de
+telling van 3 Maart 1881 waren er 21.118 zielen en in geheel Tasmanië
+115.705. In 1908 bedroegen die cijfers respect.: 40,330 en 185,800.
+
+[354] De Tasmaniërs (tot de Papoea's behoorende), die men in 1815 nog
+op 5000 zielen schatte, zijn nu geheel uitgestorven. In 1867 stierf
+Truganini, ook wel Lalla Rookh genaamd, als laatstovergeblevene.
+
+(Vert.)
+
+[355] Tasmanië = 67894 vierkante Kilometer; Ierland = 84,253.
+
+[356] Een stam ging naar het Zwanen-Eiland, drie andere naar het eiland
+Gun-Carriage; doch later bracht men allen naar het Flinders-Eiland.
+
+(Vert.)
+
+[357] De stammen van Eucalyptus globulus (Blauwe Gomboom) bereiken
+hier eene hoogte van 100 meter en daarboven. Sommige boomen hebben 1
+meter boven den grond een omtrek van 20 meter, en op 40 meter hoogte
+bedraagt die omtrek nog 13 meter.
+
+(Vert.)
+
+[358] Men onderscheidt Casuarina stricta, C. torulosa en
+C. tuberosa. De twee eersten noemen de kolonisten Shea-oak, den
+laatsten Beefwood, naar de hardheid van hun hout, dat zeer gezocht
+is. Van de Eucalypti komt hier het meest in wouden voor: E. marginatus
+(Jarrah- of Westaustralische Mahagoniboom), waarvan het hout noch
+door de termieten, noch door den paalworm wordt aangetast.
+
+(Vert.)
+
+[359] Hun geslachtsnaam is Xanthorrhoea of Kingia.
+
+(Vert.)
+
+[360] Deze planten zijn beschreven in de Annals of Nat. History,
+1838, deel I, blz. 337.
+
+[361] Holman's Travels, deel IV, blz. 378.
+
+[362] Kotzebue "First Voyage", deel III, blz. 155.
+
+(De Radack- of Ratack-Archipel maakt deel uit van de Marshall-Eilanden,
+waarvan hij de oostelijke groep vormt; de westelijke groep heet de
+Ralick-Archipel.
+
+(Vert.)
+
+[363] Waarschijnlijk is deze vogel eene soort van vijverhoen
+(Gallinula). Zie Marshall "Zoölogie".
+
+(Vert.)
+
+[364] De dertien species behooren tot de volgende Orden: Coleoptera
+met één kleinen springkever (Elater); Orthoptera met een Gryllus en
+een Blatta; Hemiptera met ééne species; Homoptera met twee; Neuroptera
+met een Chrysopa; Hymenoptera met twee mieren; Lepidoptera nocturna
+met een Diopaea en een Pterophorus (?); en eindelijk van de Diptera
+twee species.
+
+[365] Tridacnidae geheeten. Zij behooren tot de Orde der Chamacea.
+
+[366] Eenige inboorlingen, die door Kotzebue naar Kamtsjatka werden
+gebracht, verzamelden steenen om mede naar hun land te nemen.
+
+[367] Deze species, ook Birgus geheeten, behoort tot de Decapoda,
+eene Onderorde van de Pantserkreeften (Thoracostraca)--eene Orde van
+de Hoogere Kreeften (Malacostraca).
+
+(Vert.)
+
+[368] Door de zoölogen ook Thuroidea en Holothuriae genoemd.
+
+(Vert.)
+
+[369] Daaronder reken ik natuurlijk niet eenigen grond, die uit
+Malakka en Java op schepen hierheen is gevoerd, evenmin als eenige
+kleine, door de golven aangespoelde stukken puimsteen. Ook moet het
+eene blok groensteen op het noordelijke eiland worden uitgezonderd.
+
+[370] Deze werden het eerst voorgedragen in de "Geological Society"
+in Mei 1837, en zijn later breedvoerig beschreven in een afzonderlijk
+deel, getiteld: The Structure and Distribution of Coral Reefs, 1842.
+
+[371] Behoort tot de Maldivische Eilanden.
+
+[372] Of Heyou genaamd. Zij ligt in den Lagen of Tuamotu-Archipel.
+
+(Vert.)
+
+[373] Het verdient opmerking, dat Lyell reeds in de eerste uitgaaf
+van zijne "Principles of Geology" tot de slotsom kwam, dat de maat
+van inzinking in den Stillen Oceaan, die der rijzing moet hebben
+overtroffen, omreden de landoppervlakte zeer klein is in verhouding
+tot de organische en physische krachten, die daar land helpen vormen,
+n.l., de groei der koralen en de vulkanische werking.
+
+[374] Ook Borabora geheeten en met 24 vierkante kilom. oppervlakte,
+behoort tot de voorheen "onafhankelijke" eilanden onder den wind. Deze
+vormen de westelijke groep der Gezelschaps-Eilanden en zijn door een
+breed kanaal gescheiden van de oostelijke groep, waartoe o.a. Tahiti
+behoort.
+
+(Vert.)
+
+[375] Hogoleu (een der Karolinen Eilanden) met eene oppervlakte van
+132 vierkante kilom., draagt ook den naam van Roug.
+
+(Vert.)
+
+[376] Tot mijne groote tevredenheid vind ik in een vlugschrift
+van den heer Couthouy, een der natuuronderzoekers bij de groote
+zuidpool-expeditie der Vereenigde Staten, de volgende zinsnede:
+
+"Na persoonlijk onderzoek van een groot aantal koraaleilanden, en
+een verblijf van acht maanden op de vulkanische eilanden met strand-
+en gedeeltelijk met walriffen, veroorloof ik mij de verklaring, dat
+mijne eigen waarnemingen mij hebben overtuigd van de juistheid van
+Darwin's theorie."
+
+De natuuronderzoekers van deze expeditie verschillen echter met mij
+in enkele punten, de koraalvormingen betreffende.
+
+[377] Op blz. 175 van zijn werk The structure and Distribution of
+Coral Reefs, 3e uitgaaf 1889, noemt Darwin de eilanden welke Quoy en
+Gaimard bezocht en in de Annales des Sciences Naturelles, deel VI,
+blz. 279 beschreven hadden. Zij waren Mauritius, Timor, Nieuw-Guinea,
+de Mariannen of Dieven-Eilanden, en de Sandwich-Eilanden.
+
+(Vert.)
+
+[378] Het kanaal tusschen de atollen Ross en Ari (ook in dezen
+archipel) is 150 vademen diep, en dat tusschen de noordelijke en
+zuidelijke atollen Nillandoo 200 vademen.
+
+(Vert.)
+
+[379] Op deze fraaie kaart ziet men, dat dit vooral het geval is met
+de Karolinen-, de Marshall- en Gilbert-Eilanden; met de Gezelschaps-
+en Tuamotu-Eilanden, het groote walrif op Australië's oostkust en de
+naburige atollen. De dicht bij elkander liggende Laccadiven, Malediven,
+Chagos- en Saya de Malha-Eilanden zijn allen donkerblauw gekleurd.
+
+(Vert.)
+
+[380] Van de vulkanen dezer eilanden is de Tofua de belangrijkste. Deze
+wierp in 1792 groote lavastroomen uit. Een andere vulkaan, de Amargura,
+had eene uitbarsting op 9 Juli 1847.
+
+(Vert.)
+
+[381] De dieptegrenzen van ongeveer 37-55 Met., door Darwin als
+levensvoorwaarde van de rif- of kolonievormende koralen genoemd, zijn
+door later onderzoek eenigszins gewijzigd. De meeste koraalgeslachten
+gedijen tusschen 30 en 40 Met. diepte, maar men heeft een rif
+gevonden, waarop zeer enkele geslachten leefden op eene diepte van
+50-90 Met. Ook hunne geographische verspreiding volgt een bepaalden
+regel, en de uitzonderingen daarop bevestigen dien slechts. Men
+vindt koraalriffen alleen in warme zeeën, ongeveer tusschen 25°
+N. en Z.Br.--daar waar de gemiddelde jaartemperatuur van het water
+minstens 20° C. is. In de Roode Zee en in den Stillen Oceaan liggen
+de noordelijke riffen respect. op 30° en 28°30' breedte, terwijl
+de koraalriffen der Bermuda-Eilanden in den Atlant. Oceaan, onder
+invloed van den warmen Golfstroom nog op 32° 15' N.B. gedijen.
+
+Verder heeft de wetenschap geleerd, dat het verschijnsel, of liever,
+het proces der rifvorming veel ingewikkelder is, dan Darwin en
+na hem de Amerikaansche geoloog Dana (in 1849) onderstelden. Men
+heeft nl. in den Westindischen Archipel, op de Philippijnsche,
+de Salomons-, Palau- en Andamans-Eilanden koraalvormingen ontdekt,
+welke onder andere omstandigheden moeten ontstaan zijn, dan die in het
+midden van den Stillen Oceaan. Darwin's theorie, ofschoon langen tijd
+een onbeperkt gezag uitoefenende, en nog in de jaren 1880-1890 der
+geologen als Suesz, Neumaijr en Bonney verdedigd, wordt dan ook door
+verscheidene geologen en zoölogen (Geikie, Murray, Guppy, Semper,
+Rein, Poutalès, Studer, Agassiz e.a.) niet aangenomen. Toch geeft
+zij nog de natuurlijkste verklaring van alle koraaleilanden in de
+Stille en Indische Oceanen, die onder een helling van 60°, of zelfs
+loodrecht honderden meters hoog boven den zeebodem verrijzen. Zij vond
+een wezenlijken steun in het geologisch onderzoek van de riffen uit
+vroegere perioden der aardgeschiedenis. Men heeft nl. zulke riffen
+ontdekt in alle formaties--van af de Cambrische periode--behalve tot
+nu toe in die van het Tertiaire Tijdvak. De dikte dier voorwereldlijke
+riffen is menigmaal ontzaglijk; in het Devoon bedraagt die soms 700, in
+het Trias zelfs 1500 Met. Doch eerst in 1897/98 werd Darwin's theorie
+proefondervindelijk ook voor de tegenwoordige riffen bevestigd. Bij
+boringen op het eiland Funafuti (een der Ellice-Eilanden in den Stillen
+Oceaan) stiet men tot op eene diepte van 390 Met. door koraalkalk.
+
+De verschillende theorieën over het ontstaan der koraaleilanden
+en koraalriffen vindt men zeer goed omschreven in R. Langenbeck
+"Koralleninseln", Leipzig 1890; en in W. May "Korallen und andere
+gesteinsbildende Tiere", Leipzig 1909.
+
+(Noot v. d. Vert.)
+
+[382] Volgens eene telling in 1901 had Port-Louis 53,897 inwoners
+met hare voorsteden. Het geheele eiland, dat eene oppervlakte bezit
+van 1826 vierkante kilom., telde er toen 371,023.
+
+(Vert.)
+
+[383] Volgens de vermaarde theorie der Erhebungskratere van Leopold
+von Buch, E. de Beaumont, Dufrénoy e.a., ontstond de conische gedaante
+van een vulkaankegel voornamelijk door eene opheffing of zwelling van
+den grond rondom de spleet, waaruit de eruptie-stoffen naar buiten
+werden gedreven. Dit zou o.a. het geval zijn geweest met den Vesuvius
+(wegens de groote helling der lavalagen) en de Etna. Scrope, Prévost
+en Lyell hebben de onhoudbaarheid dezer theorie bewezen.
+
+(Vert.)
+
+[384] Naar men weet, zat Napoleon hier van 1815 tot 1821 gevangen,
+in welk jaar hij aan maagkanker stierf. Eerst in 1840--dus vier
+jaren, nadat Darwin het eiland bezocht--werd zijn lijk naar Frankrijk
+overgebracht.
+
+(Vert.)
+
+[385] De bevolking van St. Helena, dat eene oppervlakte heeft van
+122 vierkante kilom., telt thans ongeveer 3600 zielen.
+
+(Vert.)
+
+[386] Het verdient opmerking, dat al de talrijke exemplaren van deze
+schelp, die door mij op éene plek gevonden zijn, als eene duidelijke
+variëteit verschillen van een ander stel exemplaren, op eene tweede
+plek bijeengebracht.
+
+[387] Beatson's St.-Helena. Inleiding, blz. 4.
+
+[388] Ongeveer 809 hectaren.
+
+[389] Gestorven in 1592.
+
+[390] Van deze weinige insecten vond ik tot mijne verwondering een
+kleinen Aphodius (Nieuwe soort) en een Oryctes; die met buitengewoon
+veel individuën onder mest voorkwamen. Daar het eiland bij zijne
+ontdekking stellig geen enkelen viervoeter bezat, behalve misschien
+eene muis, is het eene zeer moeilijke quaestie om uit te maken, of
+deze mestetende insecten later toevallig zijn ingevoerd, of zoo zij
+inheemsch zijn, van welk voedsel zij vroeger leefden. Aan de oevers
+van de Rio de la Plata, waar, in gevolge het groot aantal paarden
+en vee, de fraaiste grasvlakten rijkelijk bemest zijn, zoekt men te
+vergeefs naar de vele soorten mestkevers, die in Europa zoo overvloedig
+voorkomen. Alleen ontdekte ik een Oryctes (de insecten van dat geslacht
+leven in Europa meestal van rottende plantaardige stof), en twee
+soorten van Phanaeus, welke op zulke plaatsen algemeen zijn. Aan de
+overzijde der Cordilleras, op Chiloë, komen zeer talrijke individuën
+voor van eene andere soort van Phanaeus, die den mest van het vee
+in groote aarden balletjes onder den grond begraaft. Er is reden om
+te gelooven, dat het geslacht Phanaeus, vóór den invoer van vee, als
+straatvegers werkte van den mensch. In Europa is het getal kevers, die
+hun voedsel vinden in de stof welke reeds dienst heeft gedaan in het
+leven van andere en grootere dieren, zoo talrijk, dat er stellig veel
+meer dan honderd verschillende soorten van bestaan. Dit in aanmerking
+nemende, en opmerkend welk eene hoeveelheid voedsel van dien aard op
+de vlakten van La Plata verloren gaat, meende ik hier een voorbeeld
+te zien van een geval, dat de mensch het verband heeft gestoord,
+waardoor zoo vele dieren in hun vaderland onderling vereenigd zijn. Op
+Van-Diemensland vond ik echter vier soorten van Onthopagus, twee van
+Aphodius en ééne van een derde geslacht met zeer talrijke individuën
+onder koemest, ofschoon koeien toen slechts 33 jaren geleden waren
+ingevoerd. Vóór dien tijd waren de Kangoeroe en eenige andere kleine
+dieren de eenige viervoeters; en hun mest is van een geheel ander
+gehalte dan die hunner opvolgers, welke de mensch heeft ingevoerd. In
+Engeland hebben de meeste mestetende kevers een beperkten eetlust:
+d.w.z., zij zijn, wat hunne voedingsmiddelen betreft, in de keus
+van viervoeters niet onverschillig. De verandering in leefwijze,
+die op Van-Diemensland moet hebben plaats gehad, is daarom hoogst
+merkwaardig. Het is aan den Eerwaarden F. W. Hope, dat ik de namen
+der bovenstaande insecten te danken heb, en die mij daarom wel zal
+toestaan hem mijn leermeester in de Insectenkunde te noemen.
+
+[391] Ascension heeft eene oppervlakte van 88 vierkante kilom., met
+een bevolking van 120 zielen.
+
+(Vert.)
+
+[392] Karl Fuchs in zijn werk "Vulkane und Erdbeben," Blz. 334, noemt
+den berg Green Mountains en stelt zijne hoogte op 2870 voet. De berg
+bestaat uit zwarte basaltlava.
+
+(Vert.)
+
+[393] of wonderboom (Ricinus communis).
+
+[394] Monatschr. der Königl. Akad. d. Wiss. zu Berlin, April 1845.
+
+[395] Volgens A. W. Sellin "Das Kaiserreich Brasilien" (1885) is
+Pernambuco door de Hollanders gesticht. Enkele huizen alsmede de
+forten Brum, Cinco-Pontas en Buraco dateeren nog uit dien tijd. De
+stad schijnt na Darwin's tijd zeer verbeterd te zijn, want Sellin
+zegt: "P. ist eine der schönsten Städte Brasiliens, mit 130.000
+Einwohnern." In 1890 telde zij slechts 111,556, maar volgens eene
+latere opgaaf van Hübner circa 150,000 inwoners.
+
+(Vert.)
+
+[396] Ook wortel- of steltboomen genoemd. Deze zeldzame boomen met
+luchtwortels bezitten een 10 tot 18 meter hoogen stam.
+
+[397] Naar dit 5 tot 6 kilom. lange rif is de stad oorspronkelijk
+Cidade do Recife (Rifstad) genoemd.
+
+[398] 200 M.
+
+(Vert.)
+
+[399] Ik heb dezen dam uitvoerig beschreven in de Lond. and
+Edinb. Phil. Mag. deel 19 (1841), blz. 257.
+
+[400] Of Kaapsche Wolken. Deze voor den sterrenkundige zoo hoogst
+belangrijke objecten zijn twee lichte vlekken niet ver van de Zuidpool
+des hemels; de grootste met 42 vierkante graden oppervlakte ligt
+in het Sterrenbeeld Dorado of den Zwaardvisch, de kleinste met 10
+vierkante graden in de Mannelijke Waterslang. Oogenschijnlijk zijn zij
+losgeraakte stukken van den Melkweg, doch inderdaad is er geen verband
+met deze sterrenzone, evenmin als tusschen de Wolken onderling. In
+beiden, en vooral in de groote, liggen tallooze kleine sterren van
+de 7de tot de 13de grootten, vele sterrenhoopen en in 't bijzonder
+nevelvlekken in alle stadiën van ontwikkeling. Rondom de Wolken zijn
+zeer weinig sterren.
+
+(Vert.)
+
+*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK 33764 ***