diff options
| -rw-r--r-- | .gitattributes | 3 | ||||
| -rw-r--r-- | 34993-8.txt | 9917 | ||||
| -rw-r--r-- | 34993-8.zip | bin | 0 -> 191232 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 34993-h.zip | bin | 0 -> 265694 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 34993-h/34993-h.htm | 11616 | ||||
| -rw-r--r-- | 34993-h/images/cover.jpg | bin | 0 -> 63069 bytes | |||
| -rw-r--r-- | LICENSE.txt | 11 | ||||
| -rw-r--r-- | README.md | 2 |
8 files changed, 21549 insertions, 0 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes new file mode 100644 index 0000000..6833f05 --- /dev/null +++ b/.gitattributes @@ -0,0 +1,3 @@ +* text=auto +*.txt text +*.md text diff --git a/34993-8.txt b/34993-8.txt new file mode 100644 index 0000000..fa976bd --- /dev/null +++ b/34993-8.txt @@ -0,0 +1,9917 @@ +The Project Gutenberg EBook of De politieke partijen in Nederland en de +christelijke coalitie, by Paul Verschave + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: De politieke partijen in Nederland en de christelijke coalitie + +Author: Paul Verschave + +Release Date: January 17, 2011 [EBook #34993] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE POLITIEKE PARTIJEN IN NEDERLAND *** + + + + +Produced by The Online Distributed Proofreading Team at +https://www.pgdp.net + + + + + + +----------------------------------------------------------------+ + | | + | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: | + | | + | De tekst in dit bestand wordt weergegeven in de originele, | + | verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te | + | moderniseren. | + | | + | Bladzijde-nummering is verwijderd. Afgebroken woorden aan het | + | einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. | + | | + | Overduidelijke druk- en spelfouten in het origineel zijn | + | gecorrigeerd. Diverse variaties in spelling en opmaak zijn | + | behouden. | + | | + | In het origineel cursieve tekst is weergegeven als _cursief_. | + | Vette tekst is weergegeven als #vet#. | + | | + | Aan het eind van het boek volgt een overzicht van de | + | aangebrachte correcties. | + | | + +----------------------------------------------------------------+ + + + DE POLITIEKE PARTIJEN IN NEDERLAND + EN DE + CHRISTELIJKE COALITIE + + + + + DE POLITIEKE PARTIJEN + IN NEDERLAND + + en de + + CHRISTELIJKE COALITIE + + + DOOR + + PAUL VERSCHAVE + + + UIT HET FRANSCH + + + KAMPEN--J. H. KOK--1911 + + + + +EEN WOORD VOORAF. + + +_»La Hollande politique. Un parti Catholique en pays Protestant.«[1] +Zoo luidt de titel van een tamelijk-lijvig boek, ten vorigen jare door +Paul Verschave bij de Librairie académique Perrin et Cie. te Parijs +uitgegeven._ + +[1] De staatkundige toestand in Nederland. Een Roomsch-Katholieke partij +in een Protestantsch land. + +_Dat boek, door een geloovigen Roomschen vreemdeling over ons land en +volk geschreven, heeft natuurlijk zijn fouten. Nederlands kerkelijke, +staatkundige en maatschappelijke toestanden zijn zóó ingewikkeld en +eigenaardig, dat het zelfs den Nederlander groote moeite kost om daar +een juist beeld van te teekenen. De taak, welke Verschave op zich +nam, werd nog aanmerkelijk daardoor verzwaard, dat hij als lid van +de Roomsche Kerk het leven en streven moest beschrijven van een +volk, dat meer dan eenig ander onder den invloed van het Calvinisme +staat--grootendeels onbewust en ongewild, maar voor het overig deel +met des te grooter zelfbewustheid en taaie wilskracht._ + +_Des te meer moet het de bewondering van alle Nederlanders wekken, dat +deze vreemdeling, door fijne opmerkingsgave en langdurige nauwgezette +bestudeering van zijn moeilijk onderwerp, zich zóó uitnemend goed op de +hoogte van den toestand heeft kunnen stellen en er zulk een juist beeld +van heeft kunnen ontwerpen. Op dat punt zijn wij, Nederlanders, waarlijk +niet verwend!_ + +_Het boek was om meer dan één reden, waard, bij ons volk bekend te +worden. Voor een vertaling is het te uitgebreid en geeft het soms te +veel van hetgeen bij ons overbekend is. Maar een bewerking, die ook +bekorting inhield, kon haar groote nut hebben._ + +_En dat voornamelijk om drieerlei redenen:_ + +_Ten eerste is het van belang te weten hoe een deskundig vreemdeling +over ons oordeelt._ + +_Ten tweede leert dit boek ons hoe onze Roomsche landgenooten hun eigen +positie beschouwen._ + +_Ten derde bevat het menigen nuttigen wenk, die niet zonder groote +schade kan verwaarloosd worden._ + +_De ouderen onder ons, die gedurende de laatste veertig jaren den strijd +meegemaakt hebben, zullen bij de lezing van dit boek gedurig gelegenheid +vinden om zich te verwonderen over de groote nauwkeurigheid van den +schrijver, maar nog meer wellicht over zijn uitnemende onbevangenheid en +onpartijdigheid. Hij vleit zijn geestverwanten niet en hij »vindt niet +al kwaad, wat hij doet, dien men haat«._ + +_En de jongere lezers, die nog niet zoo lange jaren in onze gelederen +hebben gediend of zich nu pas ten strijde aangorden, kunnen van de +lezing en bestudeering van dit werk groot nut hebben. Zij vinden hier +een overzicht zoo beknopt en tevens zoo volledig als zij elders +totnogtoe vergeefs zoeken._ + +_Het boek is bekort. Maar nergens is den schrijver iets anders in de pen +gegeven dan hij bedoeld heeft._ + +_Uitgever en bewerker hebben Verschave aan 't woord gelaten. Ook daar, +waar zijn zienswijze niet geheel of in 't geheel niet de hunne was. +Zij bedoelden weer te geven wat het oorspronkelijke werkelijk is: geen +leerboek om de Nederlandsche geschiedenis van de laatste zestig jaren +te leeren kennen, maar een rijp, helder, leerrijk oordeel van een +vreemdeling over ons land._ + + De Vertaler. + + + + +INLEIDING. + + +De reiziger, die voor de eerste maal Holland bezoekt, zal nauwelijks de +grenzen over zijn, of hij wordt getroffen door den bizonderen aanblik +van het panorama, dat zich aan zijn oogen voordoet; en naarmate hij meer +het land in reist, vestigt zich zijn indruk, gewekt door bewondering en +bekoring, door zachtheid en zwaarmoedigheid. + +Vooral treft hem de onafzienbare, overal groenende en lage vlakte, in +alle richtingen door rivier en kanalen doorsneden, met boomgroepen nu en +dan, terwijl groote donkere molens hier en daar omhoog steken, vreemde +en eigenaardige plekken gevormd worden door huizen, waarvan de roode +daken glinsteren in het schemerend licht van een neveligen hemel. + +Door dit alles, wat het oog boeit zonder den blik te vermoeien, komt een +gevoel van opgewektheid en toch van kalmte over hem. + +In dit tafereel, met harmonische kleuren en zuivere lijnen, waarin +de hoeken zijn weggedoezeld door den lichten wasem, die voortdurend +schemert op de onbewogen wateren, en waar alles harmonisch in elkaar +vloeit, de kleurschakeering van het groen een ongelooflijken glans +vertoont door de voortdurende vochtigheid van den grond, verschijnt de +kleur van elk voorwerp rustiger, en de gedachten dwalen als vanzelf heel +ver weg, zoo ver als de nauwelijks gebogen lijn van den horizon het +gedoogt. + +De reiziger verbaast zich over deze eigenaardige, onverklaarbare natuur, +waarvan hij eenigen tijd, voor hij er het verdere intieme leven van +leert kennen, in zijn zielsbeweeg en gevoeligheid de weerspiegeling +vindt. + +Maar dit is overigens niet het eenige, waarover hij zich in dit +land heeft te verbazen. Indien de staatkundige aangelegenheden hem +eenigszins belang inboezemen, zal hij zich weldra ervan overtuigen +dat het politieke leven van het tegenwoordige Holland, in zijn groote +lijnen, dezelfde karaktertrekken vertoont als zijn landschap: dezelfde +zichtbare, treffende, grootsche onbewogenheid, dezelfde indruk van hooge +rust, dezelfde hoedanigheden van kracht en innerlijk leven. + +Ook hier zal hij zich bevinden tegenover een nieuwe wereld, bijna geheel +onbekend in Europa, en vooral in Frankrijk. Inderdaad, dit kleine volk, +dat woont op het aangeslibde land van drie rivieren, dat zijn grond +veroverde op de zee en zijn onafhankelijkheid op Spanje toen dat het +toppunt van zijn macht bereikt had; dit volk van kooplieden, dat +Engeland deed beven en de macht van Lodewijk XIV overwon, en dat nu, +wel-is-waar vervallen van zijn vroegere glorie, met een teedere liefde +zich schaart rondom zijn jonge, lieve, alom beminde koningin, biedt het +zeldzaam schouwspel van politiek, welker beginselen evenwijdig loopen +aan den breeden stroom van heel het geestelijk leven. + +De Hollander is van aanleg de kalmte zelf. Zijn koud temperament, niet +geneigd tot licht-ontvlambaar enthousiasme, kan zich moeilijk vereenigen +met een oppervlakkige beschouwing en laat zich niet meeslepen door enkel +schoonschijnende redeneering. Hij wil dóórdringen tot den grond der +dingen, zonder zich door den vorm te laten misleiden, zonder zich op +te houden met den vaak bedriegelijken glans van de oppervlakte. In +de politiek ook volgt hij zijn diepste overtuiging, hij stelt zich +niet tevreden met vernuftige, korte bespiegelingen, hij draaft niet +achter een mensch of een hersenschim aan, veel minder handelt hij uit +tijdverbeuzelende liefhebberij. Zijn oog bemerkt onder den toevalligen +loop der gebeurtenissen en onder de vlottende ontwikkeling der partijen, +den strijd van onderscheidene stelsels, die met zich brengen de +gewichtigste gevolgen voor het geluk en de welvaart van een volk. En +nog dieper in het probleem indringende, ontwaart hij dat de wezenlijke +ideeën, die de drijfveer van het politieke leven beheerschen, in verband +staan met de wetenschap die zich bezighoudt met het doel van het +menschelijk bestaan: een leven God ter eere, dus met de theologie. Dit +verklaart, waarom de religieuse beschouwingen altijd zulk een groote +plaats hebben ingenomen in de geschiedenis van zijn land. Zoo was het in +de 17e eeuw tijdens de Remonstrantsche geschillen; zoo is het nu nog; en +Holland blijft onder gewijzigde gestalte het land van den strijd der +godsdienstige overtuigingen. + +Om aan politiek te doen, en goed er aan te doen, is aaneensluiting +noodzakelijk. Trouwens dit wapen en deze macht kent de Hollander sinds +lang, omdat hij het steeds met goed gevolg heeft toegepast in den strijd +tegen de elementen. Het moerassig land, waarop zijn woning gebouwd +werd, was voortdurend blootgesteld aan de verwoestingen van de zee +en de vernielende kracht van den wind. Om het te beschermen en zich +te verweren, waren zijn individueele krachten onvoldoende; maar hij +vertiendubbelde ze door aaneensluiting, en dank zij deze, heeft hij +voet voor voet zijn land op de zee veroverd; heeft hij de moerassen +drooggemaakt, de rivieren bedijkt, en terzelfder tijd den wind +opgevangen en er zich van bediend, om de meren droog te leggen; heeft +hij uitnemend de aangeslibde gronden--vrucht van zijn veroverenden +arbeid--zich ten nutte gemaakt. En om ze te behouden, verplichten hem +de nimmer-aflatende aanvallen der natuurkrachten om geen oogenblik +zijn waakzaamheid en werkzaamheid te laten verslappen. + +Op deze wijze is Holland geworden het land van de vrije vereeniging. +Ontstaan door de onvermijdelijkheid van den strijd tegen de +natuurkrachten, heeft zij zich langzamerhand ontwikkeld, zich +uitgestrekt tot de andere terreinen van het menschelijk leven; tot de +litteratuur, waar zij in de 16de eeuw reeds de rederijkerskamers in +het leven riep; tot het bedrijf, waar zij de gilden deed bloeien, en +in deze dagen de syndicaten; tot de politiek, waar zij partijen deed +opkomen, vast van beginsel en ter dege georganiseerd. + +De politieke strijd heeft zelfs dezen karaktertrek gemeen met den +strijd tegen de natuurkrachten, dat het doel, hetwelk men bereiken wil, +dikwijls ver verwijderd is en temidden van onzekerheid en donkerheid +ligt; en toch voor den een zoowel als voor den ander is dat doel alles, +en het najagen ervan eischt arbeid van geduld en volharding. + +Nog opmerkelijker dan haar ontwikkeling en haar aantal, is dat deze +vereenigingen hetzij met materieel of politiek doel, zich bewegen +en handelend optreden in bijna volmaakte vrijheid, temidden van de +groote organisatie van den Staat, die ze niet wantrouwt en er niet aan +denkt om ze te doen verdwijnen. Het verschijnsel doet zich binnen het +vereenigingsleven zelfs voor, dat de voor de gemeenschap zoo noodige +tucht geen afbreuk doet aan de individueele vrijheid. De Hollander bezit +in hooge mate het gevoel van onafhankelijkheid en den eerbied voor de +persoonlijke vrijheid. Geen grondwet heeft dit officieel verordend; het +is veeleer een traditioneele en nationale deugd, en de wetten hebben er +zich naar te regelen. + +Zooals al de Germaansche landen, zijn ook de Nederlanden in de 16de eeuw +voor het Protestantisme gewonnen, en ondervonden zij in dezelfde mate +als Duitschland en Engeland de gevolgen van den godsdienstigen omkeer, +die in Europa zich onder de volken baan brak. + +Maar hier droeg de strijd der godsdiensten een zéér bizonder karakter, +dien van een onafhankelijkheidskrijg, van een opstand tegen den +vreemdeling, van het volk dat bedreigd werd in zijn verkregen +voorrechten en belangen. De vrede van Munster, die een einde maakte +aan dien strijd, deed ook de bestrijding van de Roomschen door de +Calvinisten ophouden. Toch moet erkend worden, dat de vervolging van de +Calvinisten minder hard, veel minder bloedig was geweest, dan in andere +landen, bijv. in Engeland. Het nationaal karakter en het gevoel voor +vrijheid, hoewel niet bij machte om ze paal en perk te stellen, hebben +er ten minste het gruwzame van verzacht, en aan geheele centra, ja heele +provinciën toegestaan Roomsch te blijven. + +De Revolutie keerde de oude toestanden geheel om. De constitutie van +1797 gaf den Roomschen in theorie de vrijheid. Zij namen haar met +vreugde aan en bedienden er zich ijverig van om wat vervallen was weer +op te bouwen, en zich van de slagen te herstellen, kerken te stichten, +pastorieën te bouwen, en stichtingen van barmhartigheid in het leven te +roepen. + +Niettemin, indien ook al de Gereformeerde godsdienst in schijn ophield +staatgodsdienst te zijn, de zeden bleven er van doordrongen, en het +protestantsche conservatisme, waardoor het werd geleid, beschouwde de +Roomschen nog als indringers, bijna als vijanden. Deze vijandschap was +vooral voelbaar onder de regeering van koning Willem I, die in 1815 de +Nederlanden onder zijn scepter verkregen had, en zij was in 1830 een der +voornaamste oorzaken van den Belgischen opstand en van de scheiding der +zuidelijke provinciën. + +Men moet letten op de dagen van 1848 om te zien, hoe de Roomschen op het +staatkundig tooneel optraden, en in de praktijk hun volledige vrijheid +terugkregen. + +Sedert dien tijd hebben zij haar gehandhaafd, hebben zij haar +uitgebreid, en hebben zij onder het volk een belangrijke, ja meermalen +een overwegende plaats ingenomen, en zijn zij tot een positie gekomen, +als hun geloofsbroeders in weinig landen kennen, zelfs niet in +Duitschland, waar, niettegenstaande de overwinningen van het centrum, +de Roomschen zich niet in het genot van een volkomen onafhankelijkheid +verheugen, en altijd gevoelen de kracht van het Staatsdespotisme en de +vijandschap van het »Evangelische Verbond". + +Deze positie hebben de Nederlandsche Roomschen niet verkregen zonder +strijd, zonder krachtsinspanning, zonder organisatie, en 't is daarom +van belang om hen van nabij te leeren kennen, en de samenstelling +van hun partij en haar program na te gaan, in vergelijking met de +organisatie en het program van de andere partijen in Holland, en +hun verhouding in het publieke leven en den staatkundigen strijd te +schetsen. Op deze wijze zal het mogelijk zijn te zien, wat zij hebben +gedaan, en hoe zij geslaagd zijn, en den invloed vast te stellen, die +een bekwame, werkzame en aan tucht gewende minderheid oefent in een land +dat niettegenstaande alles, in zijn meerderheid protestant blijft. + + + + +EERSTE HOOFDSTUK. + +De "Katholieke Partij". + + +I. + +»De Katholieke partij in Nederland," schreef eenige jaren geleden Dr. +Schaepman, »is in de eerste plaats een partij van traditie. 't Is de +geschiedenis, die haar gemaakt heeft en maakt wat zij nog is". + +Toen in 1848 koning Willem II, een man van milden, verdraagzamen en +edelmoedigen geest, het initiatief nam tot een grondwetsherziening, +bestonden de Roomschen nog niet als partij. Een enkele politieke +gedachte had hen tot nu toe geleid: de verdediging van hun vrijheid +en de verovering van gelijkheid voor de wet; en zij streefden naar +de vervulling van den zoeten droom van alle de verdrukten, dat de +tegenwerking mocht ophouden. Ook volgden zij met vreugde den souverein +in den weg dien hij insloeg, en hielpen zij de liberalen, die in de +grondwet nieuwere en meer voor dien tijd berekende bepalingen wilden +opnemen. Hun vertegenwoordigers eischten: godsdienstige vrijheid, +gelijkheid van de gezindten voor de wet, vrijheid van onderwijs en +van drukpers, de vrijheid van vergadering en van vereeniging. + +Door de in-werking-stelling van de nieuwe grondwet werden hun verlangens +grootendeels vervuld en in 1853 stemde Minister Thorbecke toe in de +herstelling van de Roomsche hiërarchie in Nederland, die sinds 1609 +onderdrukt was. Maar zelfs toen deden de Roomschen met de politieke +vrijheid, die hun juist was verleend tegelijk met de godsdienstvrijheid, +hun voordeel niet om zich als partij te organiseeren. Niettegenstaande +de verschillen in meeningen en sympathieën, stelde zij er zich tevreden +mee, de eenheid te bewaren en trouw de liberalen als hun bondgenooten te +ondersteunen. + +Toen kwam de groote strijd voor het onderwijs. Aan zichzelven +overgelaten, kwam er tusschen hen onderling toenadering, en zonnen +zij op een organisatie, die door de omstandigheden van dag tot dag al +noodzakelijker gemaakt werd. Alleen, het bleven onbestemde gedachten, +het kwam niet verder dan een droom, en het oogenblik scheen nog ver +verwijderd, dat zij duidelijken vorm aannemen en haar verwerkelijking +verkrijgen zouden. + +Intusschen had de schoolstrijd een aanvang genomen en in korten tijd had +hij zulk een belangrijkheid verkregen, dat hij aldra richting gaf aan de +ontwikkeling der partijen. + +Tot 1857 was de school gebleven in handen van den staat. De wet van 13 +Augustus 1857 was gekomen. Zij had wel het vrije onderwijs geschapen, +en ook aan de Roomschen geoorloofd bizondere scholen te openen, maar +terzelfder tijd had zij het neutrale onderwijs ingevoerd. + +Over het beginsel van de wet waren de Roomschen onder elkander verdeeld. +Sommigen, verhaalt Mgr. Schaepman, aanvaardden de neutraliteit van de +officieele school als even zooveel winst, waar de protestantsche bijbel +van de school verdween. + +Men geloofde aan een neutraliteit, die christelijk kon zijn zonder de +Israelieten te kwetsen. Men heeft zich vergist en men heeft het vroeg +genoeg kunnen bemerken. Het neutrale onderwijs werd meer en meer het +godsdienstlooze onderwijs. + +Naarmate dit te constateeren viel, dachten de Roomschen het verder in +dat de wet hun toestond bizondere scholen te openen, onder voorwaarden, +die al waren zij weinig gunstig, toch uitvoerbaar waren. Zij vormden te +dien einde schoolcomité's, hetgeen hun bijzonder gemakkelijk gemaakt +werd door de inrichting der kerken en door de parochiale vereenigingen +van weldadigheid. + +De beweging nam scherper karakter aan. In 1868 verhieven de bisschoppen +de stem, en zij deden het met kracht en gezag. Tengevolge van de +verklaring van den heer Fock, Minister van Binnenlandsche Zaken, +waarin hij uit naam van de liberale partij, die aan het bewind was, +zich verzette tegen elke wijziging van de wet op 't lager onderwijs, +omschreven zij den 23 Juli 1868 plechtig in een gezamenlijken +herderlijken brief, de plichten die op de Roomsche ouders rusten ten +opzichte van de opvoeding van hun kinderen. »De Kerk", zeiden zij, »wil +dat de jeugd onderwezen worde in kennis, maar zij wil tegelijkertijd dat +dit onderwijs in alle opzichten katholiek en godsdienstig zij. Wanneer +men tengevolge van de omstandigheden in de onmogelijkheid is, om in +een school het noodige onderwijs te vinden, dat in alle deelen in +overeenstemming is met den eisch der Kerk, dan is het geoorloofd tot +een niet-Katholieke school de toevlucht te nemen, maar altijd onder de +voorwaarden dat in deze school niets onderwezen worde, dat in strijd is +met den godsdienst en de moraal". + +Deze daad van de bisschoppen herstelde de eenheid onder de Roomschen, +en de herderlijke brief werd voor hen het heilig program in den langen, +moeilijken en kostbaren strijd voor het vrije onderwijs. + +Terwijl zij zonder uitstel en bijna zonder hoop zich aangordden tot +den strijd, begrepen de Roomschen meer en meer de noodzakelijkheid +van een nauwe aaneensluiting, de noodzakelijkheid om een dichte en +goed gedisciplineerde keurgarde te vormen. Het ontbrak hun aan een +organisatie, aan een program, aan dagbladen, aan bonden, aan alles wat +een minderheid geoorloofd is, om haar rechten te doen eerbiedigen en +recht te verkrijgen. + +Zij gevoelden dat gebrek vooral toen de wet van 1878 tot stand kwam. +De neerlaag, die zij toen leden, veroordeelde op volstrekte wijze hun +planloos strijden. Die wet bekrachtigde het stelsel van 1857, terwijl +zij de schatkist ter beschikking van de openbare school stelde, en +daarentegen elke subsidie aan het bizonder onderwijs weigerde. Daarmede +was alzoo aan alle rechtmatige verwachting de bodem ingeslagen. + +Toch werden zij niet ontmoedigd, en zij hervatten den strijd met kracht, +vertrouwende op het goed recht van hun zaak, hoewel zij niet voorzagen +de waarschijnlijkheid van een naderende overwinning. + +Deze was minder ver af dan zij geloofden, want spoedig na hun neerlaag +vonden zij een leider, die bekwaam was hun te geven wat hun ontbrak, om +een sterke politieke partij te vormen, gewapend tot den strijd en gereed +om te werken met goeden uitslag. + + +II. + +In 1880 nam voor de eerste maal een Roomsche priester zitting in de +Staten Generaal. Hij heette de abt Schaepman. + +Na een verblijf in Rome, waar hij den graad van doctor in de theologie +had verworven, bezette hij sedert tien jaren den leerstoel voor +godsdienst-geschiedenis van het seminarie van Rijsenburg, toen de +kiezers van het district Breda hem afvaardigden om zitting te nemen +in de Tweede Kamer. Hij was toen 36 jaar oud en hij had zich bij meer +dan éen gelegenheid den roem verworven van schitterend redenaar en +tegelijkertijd dien van dichter van den eersten rang te zijn. + +Die hem zag erkende in hem een leider. Van hooge statuur, +breedgeschouderd, een krachtige, massieve gestalte, deed hij denken aan +die Hollanders van het zuiver ras, zooals het penseel van Rembrandt +en Frans Hals ze op het doek gebracht heeft. Hij had een dik en breed +hoofd, de neusgaten eenigszins wijd open, de kin vrij en moedig +gemodelleerd, het gezicht bleek, terwijl twee naieve zacht-blauwe oogen +u vroolijk en ondeugend met zonderlinge vastheid van achter den gouden +bril aanzagen. + +Dit fiere en aantrekkelijke gelaat, schoon het niet fijn besneden was, +had een bizondere uitdrukking in den mond met de dikke lippen, geheel +zwaar en gezwollen van welsprekendheid. Zelfs vóór men hem hoorde, +herkende men hier den machtigen redenaar, wiens schitterend woord de +massa's meesleepte. + +En geheel zijn persoon maakte op den hoorder een indruk van kracht en +volharding, van verstand en gezag. Men voorzag dat zijn gedachte op +groote oogmerken gericht was, en dat hij om zijn doel te bereiken een +onbuigzamen en onverzettelijken wil toonde. Hierbij gaf hij blijk van +onomstootelijk vertrouwen in de toekomst en van overvloeiende geestdrift +voor de zaak, die hij zonder moeite mededeelde aan degenen die met +hem verkeerden. Hij was idealist, maar, om zoo te zeggen, practisch +idealist. Hij begreep uitnemend de eischen van het moderne politieke +leven, en geheel en al gehecht blijvende aan de beginselen, wist hij +zijn tactiek aan te passen aan de omstandigheden. Geheel zijn invloed, +die zeer snel steeg,--want hij was spoedig een der meest populaire +mannen van Nederland--wendde hij, zonder ophouden en belangeloos aan +in den dienst van zijn partij, die hij vormde, wapende en verdedigde. +Gedurende bijna een kwart eeuw was hij, niet zonder meermalen zijn gezag +scherp besproken te zien, haar heldenzanger, generaal en parlementaire +veldheer. + +Hij was priester-dichter, in de wapenrusting van een ridder. Zijn devies +was: »Ik geloof, ik strijd," en dat bracht hij in toepassing in geheel +zijn leven. Hij was geboren voor den strijd, en hij wierp er zich geheel +en al in, maar zonder ooit de beteekenis der werkelijkheid uit het oog +te verliezen. Hij heeft de Katholieke partij gemaakt wat zij is; hij +heeft haar nieuwe gezichtseinders getoond; haar door heilzame wegen +geleid, die evenwel een weinig ongebaand en steil waren voor die wijze +lieden, die gewoon waren, zich bedachtzaam voort te bewegen op de breede +zijwegen. Bij zijn dood--te Rome den 21en Januari 1903,--was de rouw dan +ook groot in zijn partij, en de tegenstanders, wier ideeën hij op de +scherpste wijze had bestreden, maar die erkenden de eerlijkheid van +zijn karakter en zijn spreekwoordelijke goedigheid, betoonden hun +eerbied voor de groote en breede figuur van dezen reus. + +De Roomschen in Nederland vergeten niet, dat zij hem alles verplicht +zijn, en zijn geest beheerscht nog den politieken arbeid, dien zij +trachten te volmaken. + +Op het oogenblik, dat Dr. Schaepman de Tweede Kamer der Staten +Generaal binnentrad was hun positie niet zeer gunstig. Hij zag het, +en stelde dadelijk de middelen tot verbetering in het werk. Vóór alles +vermeerderde hij de pogingen, om hun samenbinding te versterken. Hechte +partijorganisatie was het doel dat hij niet uit het oog verloor, maar +het was niet gemakkelijk die te bereiken. Zijn ideeën waren verre van +een gunstig onthaal te vinden bij heel de wereld, en oude staatslieden, +die er door opgeschrikt werden, veroordeelden streng zijn vermetelheid. + +Hij begon met zijn partij dagbladen te geven; noodzakelijke middelen +voor de moderne propaganda; en voor redacteuren en lezers te zorgen. +Sedert eenige jaren had hij zelf de pen ter hand genomen, en stond hij +in het groote Roomsche dagblad »De Tijd" Mgr. Smits ter zijde, die, +eigenlijk gezegd, de stichter werd van de hedendaagsche Roomsche pers. +Maar hij oordeelde terecht, dat één orgaan niet kon voldoen; hij riep +nieuwe bladen in het leven en aan verscheidene onder die zeide hij zijn +medewerking toe. Hij verleende deze in die mate, dat de Roomsche pers, +die in 1855 maar telde één dagblad: »de Tijd", bij zijn dood bezat: +dertien dagbladen, negen en twintig bladen die twee of drie maal per +week verschenen, zeven en zestig weekbladen en drie en veertig +periodieken. + + +III. + +Tegelijkertijd hield hij niet op in zijn geschriften en met heel zijn +invloed aan te bevelen de toenadering tot de Antirevolutionairen. Alleen +door eigen krachten konden inderdaad de Roomschen, die nauwelijks +een vijfde van de volksvertegenwoordiging vormden, niet hopen ooit te +komen tot de vrijmaking van het onderwijs, daar zij den steun van een +desbetreffend wetsartikel misten. Welnu, Dr. Schaepman had bemerkt, +dat op het terrein van den schoolstrijd, van den aanvang af de strijd +aangebonden was door de geloovige en vurige Calvinisten. Op veel punten +waren de eischen van de beide op zichzelf staande groepen dezelfde, en +geen van beide kon hopen ze ingewilligd te zien, door eigen middelen +alleen. Dr. Schaepman zag in, dat de strijd niet ging tusschen twee +godsdiensten, dat het geschil niet meer ging tusschen twee families aan +denzelfden stam ontsproten, maar dat de tegenstelling dieper ging, en +dat de slag geleverd werd tusschen het Godloochenend materialisme en +de geestelijke wereldbeschouwing, die haar eenigen grondslag vindt in +het Christendom. En daarom arbeidde hij aan een toenadering, voor een +gemeenschappelijk besteden van de krachten, die tot nu toe gescheiden +waren gebruikt. + +Deze taak bracht groote moeilijkheden mee; de poging scheen vermetel, +en, om haar te doen slagen moest men een zóó meesterlijke leiding +geven, zóó ingewortelde vooroordeelen uit den weg ruimen, dat ook de +minst-zwaar-tillenden haar mislukking voorzagen. Velen zelfs ergerden +zich aan deze verzoening, die hun toescheen een vergeten van het +verledene te zijn. + +Gelukkig, hij trof aan het hoofd van de Antirevolutionairen aan een man +van genie, Dr. Kuyper, die hem ter zijde stond met al zijn kracht en +hem hielp in het tot stand brengen van deze coalitie der christelijke +partijen, welke door de tegenstanders betiteld werd met den naam: +»monster-verbond." + +Deze verbinding kwam niet in één dag tot stand! + +Eerst stil en in 't geheim kwam zij eindelijk in 't volle licht uit, +toen zij na tien jaren haar pogingen bekroond zag met het ontnemen aan +de linkerzijde van de stellingen, die zij gedurende veertig jaren +ingenomen had. + +De samenstelling van het ministerie Mackay in 1889, waarin +twee Roomschen zitting namen, was het resultaat van deze goede +verstandhouding; met de wet van pacificatie, die de gelijkheid in +beginsel tusschen de neutrale officieele scholen en de vrije lagere +scholen herstelde. + +De krijgsbeweging had goede gevolgen gehad, en de Roomsche minderheid +was niet meer een hoop die niet meetelde onder het volk. Men moest +voortaan rekening met haar houden. Om een werkelijke politieke partij te +vormen, restte haar een voortdurende organisatie en een belijnd program +te verkrijgen. Dr. Schaepman had het reeds getracht, en sinds 1881 had +hij in het maandelijksch overzicht van »Onze Wachter", een proeve van +een program voor de Roomsche groepen geformuleerd. Helaas, de onderlinge +verdeeldheid verijdelde zijn pogingen. + +De breuk kwam voor den dag, openbaar, hevig, dadelijk na de overwinning +van de Christelijke partijen. Zij bestond in 't geheim sedert enkele +jaren. Zij was begonnen aan 't licht te treden tegen 1884 ten tijde van +de grondwetsherziening, en zij was niets minder dan de democratische +stroom, die in de partijen gelijk als in de instellingen jonger leven +wilde brengen, dat zijn kracht putte uit wat onder het volk leefde, +worstelende met den dam van het conservatisme. + +Op een afstand gezien gelijkt zulk een crisis op sommige kinderziekten, +die na haar verdwijning een steviger gezondheid achterlaten. Niettemin +zij bracht groote oneenigheid in de Katholieke partij, voor jaren. Door +meer tact en verzoeningsgezindheid aan te wenden, had Dr. Schaepman +misschien er het kwaadaardig karakter van indien niet kunnen voorkomen, +dan tenminste kunnen verzachten; maar hij was een man geheel uit +één stuk, sterk gehecht aan zijn denkbeelden, en met strijdlustig +karakter. Wat zijn tegenstanders betreft, zij waren bezield van +uitnemende bedoelingen, maar zij verdiepten zich te uitsluitend in +de herinneringen aan het verleden, terwijl zij voorbijzagen de eischen +van het tegenwoordige, en zich allerlei voorspiegelingen maakten van +de toekomst. Onder hen werden in de eerste rij aangetroffen zij die in +hun jeugd tot den aanhang van den grooten liberalen minister Thorbecke +hadden behoord, de »Papo-Thorbeckianen" zooals men zeide, en die +zich met een fierheid, gemengd met spijt, dezen heldhaftigen tijd +herinnerden, waarin de vrijheid in gouden dageraad opkomende, de +Roomschen met haar eerste stralen verwarmd had. Zij vormden de +conservatieve fractie, die vereenigd om den heer Bahlmann, afgevaardigde +van Tilburg, zich had afgescheiden van de democratische fractie, +welke getrouw gebleven was aan Dr. Schaepman. Wat deze twee fractie's +verdeelde, waren punten van tactiek en vereenigingskwesties: de eerste +wilde volkomen aan de verstandhouding met de antirevolutionairen +een einde gemaakt zien, terwijl de tweede er op stond haar te doen +voortduren, en een overeenkomst wilde tot stand brengen in de punten die +in geschil waren. Maar 't was ook de Sociale richting, die elk van haar +zocht vast te stellen naar eigen voorkeur. + +De twist werd heet en droevig: de Roomsche bladen verdeelden zich in +twee kampen: ter eener zijde de »Tijd" en de »Maasbode" die partij kozen +voor conservatieven, ter anderer zijde antwoordde Dr. Schaepman in »het +Centrum". + +Het resultaat was dat de handelwijze van de afgescheiden fractie bij de +verkiezingen van 1891 de herkiezing van hun ouden leider in Wijk bij +Duurstede verhinderden; maar dank zij de edelmoedigheid van een zijner +partijgenooten, deed hij enkele maanden later zijn intrede in het +parlement als vertegenwoordiger van het district Almelo. + +De fractie Bahlmann zegevierde; zij vormde de meerderheid van de +Roomsche afgevaardigden in de Eerste en Tweede Kamer, die na afloop +van de verkiezingen zich vereenigden in een nieuwe partij. Naar +het voorbeeld van het Duitsche Centrum, tooiden zij zich met den +naam »Centrumsclub" en zij aanvaardden als program de volstrekte +zelfstandigheid van de Katholieke partij, en de practische +inwerkingstelling van wat zij noemden »de politiek van de vrije hand". +Zulk een program kon de goedkeuring niet wegdragen van de minderheid, +die onder leiding van Dr. Schaepman weigerde, met het »Centrum" samen +te gaan. De eenige band die sedert dien bestond tusschen de vijandige +groepen, was het besluit, genomen den 2 December 1891 in de algemeene +vergadering van de Roomsche volksvertegenwoordigers, dat van tijd tot +tijd »de leden van de Eerste en Tweede Kamer bijeen zouden komen, om te +spreken over Katholieke belangen, die zich zouden kunnen voordoen in hun +sfeer van werkzaamheid«. + +Dat maakte de splitsing bijna volkomen. De kwestie van de +kiesrechtwijziging, die toen opkwam, vermeerderde nog de verwarring en +riep nieuwe misstanden in 't leven. Zoolang zij niet beslist was, dat +is gedurende zes jaren, bewogen zich de verdeelde Roomschen, het spoor +bijster, als in den blinde temidden van een zonderlinge parlementairen +strijd, waarin meerderheden al naar 't voorkwam, dikwijls bij toeval, +beschikten over ministeries en wetsvoorstellen. Dr. Schaepman streed er +zonder ophouden voor wat hij geloofde overeenkomstig de waarheid en het +waarachtig belang van zijn land te zijn, en, toen deze troebele periode +voorbij was, hernam hij allengs zijn plaats aan het hoofd van de +herstelde »Katholieke partij«. + + +IV. + +Dadelijk kwam hij terug op zijn doel om haar een program te geven. +Het tijdstip was gunstig. Nu men den broederstrijd over de Kieswet +teboven was, gevoelde ieder de noodzakelijkheid van een beschreven +regeling, waarin zich de herstelde eenheid zou openbaren en de +eischen der Roomschen kort samengevat zouden worden. De 25 Roomsche +volksvertegenwoordigers in de Tweede Kamer kwamen bijeen, en in de +samenkomst van 20 October 1896 te Utrecht stelden zij definitief hun +program vast. De invloed van Dr. Schaepman was overwegend geweest, en +was te herkennen bijna bij elk artikel, in deze vaststelling van de +voornaamste vraagpunten, waarop de vlijtige aandacht van alle Roomschen +des lands zich moest vestigen. + +In den aanhef sprak het program uit: volkomen gehoorzaamheid aan de +groote Encyclieken van Pius IX en Leo XIII; onveranderlijke gehechtheid +aan het Huis van Oranje-Nassau; en oprechte trouw aan de grondwet. + +Dan kwamen in de eerste rij de sociale kwesties. Zoo had het Dr. +Schaepman gewild, om te bewijzen, dat de politiek van de Nederlandsche +Roomsch-Katholieken vóór alles sociaal was. Op dit punt was de Encycliek +»Rerum Novarum« de fundamenteele wet. Daarmede verwierpen zij het +socialisme als valsch, onrechtvaardig, leidende tot vernietiging van +alle recht, van alle orde en alle vrijheid, en stemden toe dat de +sociale kwesties in de eerste plaats van zedelijke orde waren, en dat +zij dientengevolge niet goed opgelost konden worden dan in den geest van +het Christendom. De Godsdienst, het huisgezin, de eigendom, voegden zij +eraan toe, zijn volgens goddelijken wil de grondslagen der samenleving, +en op het terrein van de sociale vragen moet de Staat altijd handelen, +vooral in de nooden van den tegenwoordigen tijd, met voortdurende +eerbiediging van de natuurlijke rechten van den menschelijken persoon en +van het huisgezin. + +Dadelijk deze beginselen in toepassing brengende, ijverden de Roomsche +afgevaardigden voor Zondagsrust; zedelijke en stoffelijke verbetering +van het lot der arbeiders; het verbod van overmatigen arbeid zelfs voor +de volwassenen; de herziening van de armenwet op dezen grondslag, dat +de ondersteuning van de armen hoofdzakelijk blijft toevertrouwd aan +godsdienstige instellingen en vereenigingen van weldadigheid; de +verzekering tegen ziekte, ongevallen, invaliditeit en ouderdom. Hier +hadden zij met opzet nagelaten aan het woord »verzekering" toe te +voegen »verplichte", want zij wilden niet vooruitloopen op de wijze van +organisatie. Ondertusschen wezen zij op de roeping van den Staat, om aan +deze hervorming mede te werken, en het lot van den invaliden werkman +niet over te laten aan de gunst van de openbare of particuliere +barmhartigheid. + +Op het gebied van het onderwijs stelden zij weer het beginsel op den +voorgrond, dat hen altijd geleid had in den schoolstrijd. Het onderwijs, +herhaalden zij, is een wezenlijk deel van de opvoeding, en in dit +opzicht een recht en een plicht der ouders. Als uitvloeisel daarvan +gaven zij het verlangen te kennen dat de vrije school, de eenige die de +volkomen vrijheid van de huisvaders verzekerde, zooveel mogelijk regel +werd, en dat de gelijkheid voor de wet, erkend en gewettigd in zekere +mate door de wet van pacificatie van 1889, werd uitgestrekt tot al de +graden van het onderwijs, evenzeer tot het Middelbaar en het Hooger, als +tot het Lager onderwijs. Van de leerplicht spraken zij niet, want zij +wisten dat deze teere kwestie niet nalaten zou de geschillen weer te +doen opleven. + +Wat de militaire aangelegenheden betreft, waren zij tegenstanders van +alle verzwaring van persoonlijke en geldelijke lasten, voorstanders +van een billijke schadeloosstelling aan de miliciens-kostwinners, en +hun wenschen openbarende voor de verheffing van het zedelijk leven +in de kazernes. Zij kenden op het terrein van de rechtspraak aan het +overheidsgezag, dat van God komt, noodzakelijk het recht toe van de +doodstraf, en stelden eenige maatregelen voor, als de vereenvoudiging +van de formaliteiten, vereischt voor de voltrekking van het burgerlijke +huwelijk; de vergunning van een schadeloosstelling, wettig voorzien en +geregeld, aan hen, die in voorloopige hechtenis gevangen gezet, zouden +erkend worden onschuldig te zijn, zonder aan de rechterlijke uitspraak +te zijn overgegeven; en vooral, de overgave van jeugdige misdadigers aan +liefdadige instellingen, gesticht door erkende godsdienstige gezindten, +onder toezicht van den Staat. + +Voor 't overige verwierpen zij in beginsel alle verzwaring van +belasting, verlangden de opheffing van de successiebelasting in de +rechte lijn, en wenschten dat de hulpbronnen van den Staat, indien de +nood zich deed gevoelen, zouden worden gevoed door indirecte heffingen, +bijv. met behulp van een belasting op de Beursondernemingen. + +In een andere reeks van denkbeelden openbaarden zij hun +protectionistische gevoelens. Voor het meerendeel vertegenwoordigers +van de wezenlijk-landbouwende districten van Limburg en Noord-Braband, +legden zij nadruk op de noodzakelijkheid om den nationalen landbouw +en de nijverheid te begunstigen; herziening van het tarief van +invoerrechten; herstelling van de octrooien; wijziging van de +grondbelasting; vermindering van de belasting die den landbouw trof, +door de opheffing van de binnenlandsche tollen; vermindering van de +registreerrechten voor de pachtbrieven, meerdere vergemakkelijking +van den afkoop van de tienden, enz. Tegelijkertijd vroegen zij aan den +Staat, zijn zorg te toonen ten gunste van den nationalen arbeid, en zich +voor de uitvoering van publieke werken niet dan force majeure te wenden +tot vreemde arbeidskracht. + +Zij vroegen nog, voor de Koloniën een meer daadwerkelijke bescherming +voor de zendelingen; krachtdadiger steun voor de inlandsche Christenen +tegen de aanslagen van hun Mohammedaansche heerschers; wettelijke +autorisatie voor de kerken om zich met het inlandsch onderwijs bezig +te houden; en de herziening van de regelingen die betrekking hebben op +de toelating van de priesters, catechiseermeesters en zendelingen in +Nederlandsch-Indië. + +Eindelijk spraken zij hun leedwezen uit over de opheffing van het +Nederlandsch gezantschap bij den Heiligen Stoel, en verzekerden niets te +zullen nalaten om het te herstellen in het belang en voor de eer van het +land, zoodra zij hoop konden hebben erin te zullen slagen. + +Zooals men ziet was het program rijk voorzien, van wijden omvang, en +lenig. Het bedoelde niet te vragen de eenheid maar de vereeniging. Dat +is de ware en juiste weg. Voor een politieke partij, die tegelijk een +partij van traditie is, is er geen andere weg. + +Zoo oordeelde Dr. Schaepman, die er alles had doen uitlaten, wat had +kunnen verdeelen. Daarom spreekt zich het program niet uit over de +belangrijke, maar bijkomende kwestie van richting en strekking; het +verklaart zich niet uitdrukkelijk conservatief noch vooruitstrevend; +het was eenvoudig de grondregeling van de Nederlandsche Roomschen, die +verlangden een wettig aandeel te nemen in de regeering van hun land. + +Zooals het hierboven luidt, werd het door de algemeene vergadering van +de Katholieke kiesvereenigingen plechtig goedgekeurd, eenige dagen vóór +de verkiezingen den 5den Mei 1897 te Utrecht. Het werd dientengevolge +het officieele program van de partij, die zich aan tucht gewend, ter +strijde toegerust en georganiseerd had. + +Want terzelfder tijd van een program, had Dr. Schaepman een organisatie +voorbereid. Hij had begrepen dat alle pogingen ijdel zouden zijn, +indien zij niet steunden op vereenigingen, die overal opgericht, in de +districten en in de steden, omvatten de Roomsche krachten van het land +in zijn geheel. Sedert lang had hij zich aan dien arbeid gezet. Hij +had beoordeelingen, wantrouwen, belemmeringen ontmoet, maar zijn taaie +wilskracht was ze teboven gekomen. Allengs waren er op verschillende +punten van het land kiesvereenigingen ontstaan. Zij hadden hun +voordeel gedaan met de comite's die reeds bestonden in het bizonder +voor het onderhoud van de vrije scholen, en nu de periode van de +aanvangs-moeilijkheden voorbij was, vermenigvuldigden zij zich snel. +Voor de eerste maal waren hare afgevaardigden vereenigd bij het +ophanden-zijn van de verkiezingen van 1897, en haar eerste daad was +geweest de goedkeuring van het program. + +De gedachten van den leider waren er op gericht, deze aanvankelijke +organisatie te volmaken door dictricts-comite's, provinciale comite's, +en eindelijk een centraal comité, dat het beheer had over de andere en +de eenheid van leiding verzekerde. + +Hij heeft, helaas, niet zoolang geleefd, dat hij de kroon mocht zien op +dit werk, waarvoor hij zooveel had gearbeid. + +De organisatie was op het oogenblik dat de dood hem overviel, slechts +plaatselijk en provinciaal, maar hij kon voorzien dat zijn wenschen niet +op hare vervulling zouden laten wachten, en nauwelijks was zijn lichaam +aan het graf toevertrouwd, of »de Algemeene Bond van Roomsch-Katholieke +Kiesvereenigingen in Holland" werd gevormd. + +Reeds vóór zijn dood was het hem daarentegen gegeven geweest, de +volkomen triomf van zijn politiek te zien. De Roomschen hadden, +vereenigd met de Antirevolutionairen, bij de verkiezingen van 1901 den +triomf verworven. Dr. Kuyper had met krachtige hand de teugels van het +bewind genomen; de Katholieke partij zag er zich naar goede trouw +deelgenoote in gemaakt; drie van haar leden verkregen belangrijke +portefeuilles, en het ministerie in zijn geheel in nauwe gemeenschap +met de rechtsche meerderheid zocht krachtig voldoening te geven aan de +gemeenschappelijke eischen. + + +V. + +Op 't oogenblik is de Katholieke partij in Nederland definitief en sterk +samengesteld. Zij heeft politieke vereenigingen, die aanhoudend werkzaam +zijn in bijna alle gemeenten, waar de Roomschen eenigen invloed kunnen +doen gelden. In elk kiesdistrict heeft zij een districtsvereeniging, +welker bestuur zich verzekert van de medewerking van mannen van +toewijding en een lid afvaardigt, ter vorming van een provinciaal +comité, dat zich bezighoudt met de verkiezingen voor de Provinciale +Staten, en bij de zelfstandige districts-vereenigingen niet +tusschenbeide komt dan om advies te geven of in twijfelachtige gevallen +te beslissen. Eindelijk als de kroon op de organisatie, en haar gevende +de eenheid van gedachte, ten opzichte van de noodzakelijke leiding, +bestuurt een centrale raad, samengesteld uit afgevaardigden van elke +provincie, de Algemeene Bond van Roomsch Katholieke Kiesvereenigingen in +Nederland. + +Voorzitter van dit centraal comité is de heer Koolen, afgevaardigde +van Grave. Deze uitgebreide organisatie werkt niet altijd zonder +horten en stooten; vooral is dit het geval in de provincies Limburg +en Noord-Braband, waar de kiezers weinig gelegenheid hebben om van +hun kiesrecht gebruik te maken, en minder de noodzakelijkheid van +de vereeniging gevoelen. Hierin is geen verandering te brengen, even +moeilijk als het is, van het eerste begin af, elke persoonlijken strijd +en inbreuk op de discipline te onderdrukken. + +In alle geval moet erkend worden, dat zelfs bij den tegenwoordigen +stand van zaken de Nederlandsche Roomschen op dit punt verder gevorderd +zijn dan hun geloofsgenooten in andere landen van Europa, en dat een +organisatie als hun »Algemeene Bond" aan hun actie de grootste kracht +verleent. + +In de Kamer bezit de Katholieke partij 25 afgevaardigden, een vierde +gedeelte van de nationale vertegenwoordiging. Deze afgevaardigden vormen +de »Roomsch-Katholieke Kamerclub," die een nauwe betrekking onderhoudt +met den Algemeenen Bond van Kiesvereenigingen, en waarvan de voorzitter +tevens de eigenlijke leider van de partij is. Na Mgr. Schaepman was +het de heer Kolkman, een van zijn trouwe strijdgenooten, erfgenaam van +zijn politieke hoedanigheden en zijn welsprekendheid, die deze plaats +vervulde tot het begin van 1908, toen hij haar vaarwel moest zeggen om +in het ministerie Heemskerk de portefeuille van Financiën te aanvaarden. +Hij is vervangen geworden door den heer Loeff, een rechtsgeleerde van +veel talent, wiens werkzaamheid aan het Departement van Justitie onder +het ministerie Kuyper duidelijk aan het licht getreden is. + +Wat de Roomsche afgevaardigden betreft: in de eerste plaats +onderscheiden zich Mgr. Nolens, de eenige priester die op 't oogenblik +in de Kamer zitting heeft, waar hij het district Venlo vertegenwoordigt, +de landstreek zijner geboorte; de heer Van Nispen tot Sevenaer, +afgevaardigde van Nijmegen, een man van oud geslacht, met kennis van +zijn tijd en nauwgezette en degelijke bestudeering van de vraagstukken; +de heer Aalberse, opvolger van Mgr. Schaepman in Almelo, die geheel +zijn eerbied-afdwingend talent, zoowel om te spreken als om te +schrijven, ten dienste stelt van het Centraal Bureau van Katholieke +Sociale actie, waarvan hij secretaris is; de heer Passtoors, de stichter +en voorzitter van de groote »Nederlandsche Roomsch-Katholieken +Volksbond"; de heer Ruys de Beerenbrouck, president van den +Geheelonthouders-bond »Sobrietas", die 62000 leden telt, enz. + +De ministerieele crisis van 1907 heeft haar oplossing niet anders kunnen +verkrijgen dan doordat drie Roomschen, de heeren Kolkman, Nelissen en +Bevers, in het ministerie Heemskerk zitting namen, waarin de traditie +van de ministeries Mackay en Kuyper voortgezet wordt. + +Zoodanig is de plaats, die de partij in het land en in het Parlement +inneemt, dat zij eerbied afdwingt aan allen, vriend en vijand, en dat +zij de werkzame, dikwijls beslissende zaakbezorger is van den +wetgevenden arbeid. + +Haar aanhoudende sociale actie heeft daar niet weinig toe bijgedragen. +Na eenige tegenstribbeling in het begin, heeft zij haar leider Dr. +Schaepman gevolgd, die tegen het einde van zijn loopbaan zeide: »Er +is voor mij geen grooter troost in mijn strijd en mijn arbeid, dan te +werken voor het volk. Ik kan het woord van Mgr. Ketteler herhalen: voor +de kerk en voor het volk". Onder zijn aandrijving heeft zij de sociale +instellingen van allerlei aard doen toenemen, en alzoo heeft zij +verhinderd dat de Roomsche arbeiders in handen kwamen van de +socialistische volksleiders. + + +VI. + +Van de talrijke Roomsche volksscholen is nauwelijks de schoolbevolking +afgegaan, of zij wordt opgenomen in de patronages, geleid in de richting +van de Vereeniging: Voor eer en deugd, en geroepen, bij haar intrede +in het leven deel uit te maken van den Boerenbond »Vereeniging tot +bescherming van den middenstand," of van den »Volksbond", tengevolge +waarvan zij zich vestigt op het platteland en in de stad, en zich +vertrouwd maakt met den landbouw, of commercieele of industrieele +bedrijven. + +Op dit oogenblik ook wordt zij geholpen in den dagelijkschen strijd +voor het bestaan door de instellingen van voorzorg (credietkassen, +verschillende onderlinge waarborgen); verdedigd tegen het alcoholisme +door de matigheidsbonden: de kruisverbonden en de Mariavereenigingen; +bijgestaan in den nood door de genootschappen van St. Vincent de Paul, +die bizonder bloeiend in Nederland, hun zorg niet bepalen tot hulp +aan den enkele, maar ook scholen bouwen en maatschappelijke werken +ondernemen. Indien men zich rekenschap wil geven van het innerlijk +leven, dat in dit geheele net van katholieke vereenigingen zich beweegt, +dat men dan bijvoorbeeld naar Maastricht in Limburg ga. Daar in het +groot gebouw van »het gesticht de Stuers", alzoo genoemd, omdat het +zijn ontstaan te danken heeft aan een mild legaat, vermaakt door een +man van vermogen: den heer Ridder de Stuers, oud-adjunct van de stad, +trekken zich de algemeene diensten voor geheel de provincie samen; het +secretariaat van den arbeid van de »Limburgsche Roomsch-Katholieke +Volksbond"; de arbeidsbeurs van den Volksbond van Maastricht: de +Redactie en administratie van de "Volksbode", het wekelijksch orgaan +van het katholieke sociale leven in het Zuiden; het secretariaat van +den Bond tegen het Alcoholisme: »Sobrietas" die te zeggen heeft over +negen diocesaan-bonden en 62.000 leden; het centraal bestuur van de +Limburgsche Katholiekendagen, dat tegelijk het »Bureau van de Katholieke +pers" is. Met dit provinciaal middelpunt staat geheel de Katholieke +organisatie van de diocese Roermond in verband. Zonder te spreken van de +vereenigingen met meer weldadig of godsdienstig doel, het is vandaar dat +het wachtwoord zich voortgeplant heeft tot 2176 leden van den Volksbond, +tot 395 leden van de onderlinge verzekering van Katholieke onderwijzers, +tot 1699 leden van het Kruisverbond, tot 13649 leden van den +Landbouwbond, tot 631 van de »Hanze" en tot 779 leden van den centralen +R. K. Mijnwerkersbond. + +In de andere diocesen doet zich hetzelfde verschijnsel voor en openbaart +zich dezelfde werkzaamheid, door de edele en verstandige toewijding van +de Nederlandsche Roomschen aan de zaak der arbeiders. + +Onder de belangrijke maatschappelijke werken moeten in de eerste +rij genoemd worden de boerenbonden. Ontstaan uit een reactie tegen +de »Maatschappijen van Landbouw" waarin de liberale invloed de +overheerschende was, hebben zij zich snel ontwikkeld vooral in +Noord-Braband en Limburg. Zij hebben voortgebracht syndicaten van koop +en verkoop, melkerij-coöperaties, onderlinge credietbanken, en gevestigd +een volledige rij van instellingen, gedreven door de edele begeerte, om +het stoffelijk en zedelijk welzijn alom onder de landbouwende bevolking +te brengen, en doordrongen van dezen practischen geest, die den +Nederlander kenmerkt. Deze plaatselijke vereenigingen, streng Roomsch, +welker besturen alle ter zijde worden gestaan door een geestelijken +adviseur, zijn aangesloten in provinciale vereenigingen, en deze weer +in een nationale organisatie, genoemd »de Nederlandsche Christelijke +Boerenbond" die ongeveer 50.000 leden heeft. Maar, op dezen hoogsten +trap, vindt men niet meer uitsluitend vereenigingen van Roomschen, men +ontmoet ook Protestantsche; deze zich vereenigende met gene in een +machtigen Bond, op den grondslag van een algemeen Christendom. + +Evenzoo zijn de Roomschen niet onverschillig gebleven in de beweging van +de fabrieksarbeiders. Hierin hebben zij meer bizonder de socialistische +concurrentie te verduren gehad, maar de voortgang van de revolutionaire +ideeën heeft hen nòch verschrikt, nòch ontmoedigd. Hun arbeid dagteekent +van 1888. In dit jaar stichtte de heer Passtoors, een oud-onderofficier, +die naar de industrie was overgegaan, de eerste Katholieke +arbeiders-vereeniging, die weldra toenam en zich ontwikkelen mocht; een +vruchtbare levenskiem, waaruit is voortgekomen een machtig getakte boom: +de Nederlandsche Roomsch-Katholieke Volksbond. Zijn eerste »adviseur" +was Mgr. Eigenraam. De encycliek »Rerum Novarum", die bij de Katholieken +van heel de wereld de sociale onaandoenlijkheid afschudde, en de sterke +strooming die zich terzelfder tijd openbaarde in de richting van de +arbeidersvraagstukken, zetten aan de organisatie een buitengewone +geestdrift bij. In 1893 op het oogenblik, dat Mgr. Konings Mgr. +Eigenraam als geestelijk adviseur verving, was de Volksbond van de +Roomsch-Katholieken in Nederland reeds sterk; zij had zich ontwikkeld; +zij had in Rotterdam een congres van twee dagen gehouden, een program +van sociale eischen aangenomen, een adres aan de Koningin-Regentes +geformuleerd, om haar bloot te leggen welke hervormingen gewenscht +werden ten gunste van de arbeiders. Maar terzelfder tijd wijzigde zich +haar karakter eenigszins: de Volksbond was in 't leven geroepen om in +zijn rijen op te nemen arbeiders en kleine burgers, gesalarieerden en +patroons, en de gemengde vereenigingen beantwoordden alzoo aan het +ideaal van haar stichters. Het bleek dat daar een zeer goed begrip van +maatschappelijke eensgezindheid had voorgezeten. Helaas, de practijk +mocht er het succes niet van verzekeren. En langzamerhand kwamen in de +plaats van de gemengde vereenigingen arbeidersafdeelingen voor den dag. + +De Volksbond, die voortging onder zijn leden te tellen burgers en +patroons, is meer en meer geworden de bond van Nederlandsche Roomsche +arbeiders; een machtige vereeniging, die tot in deze laatste dagen +zich splitste in even zooveel vereenigingen als er diocesen zijn, +zonder dat er eenige officieele band tusschen bestaat. Er bestaat op +'t oogenblik een centraal bestuur, aan welks hoofd de heer Passtoors +staat, afgevaardigde van Beverwijk, die aanhoudend met bekwaamheid en +bevoegdheid leiding gegeven heeft ter bereiking van het doel, dat de +Bond zich voorstelt. De leden, ongelijk verdeeld over de vijf diocesen +van Holland, gaan de 48.000 teboven; het onderscheiden initiatief, dat +genomen werd, mocht vruchtbaar zijn; de congressen die georganiseerd +werden hadden goed gevolg; de instellingen, die gesticht werden, +bloeien: zooals het werk van het ambachtsonderwijs, sociale cursussen, +spaarkassen, onderlinge verzekeringen, propagandaclubs, enz.; van +het orgaan »de Volksbanier" worden meer dan 10.000 exemplaren +gedrukt; de actie, die uitgegaan is op de openbare meening en bij de +volksvertegenwoordiging, is gevestigd geworden door de nauwgezette +bestudeering van de wetsonderwerpen, die in voorbereiding zijn en door +een moedige propaganda. + +»De Volksbond" vereenigt echter slechts een gedeelte van de Roomsche +krachten. Tot den »Boerenbond" behoort een ander deel. De »Hanze" +die de groote vereeniging is van de kleine burgerij, en waaraan een +geestelijke, Ds. Nouwens, al zijn kracht wijdt, omvangt nog een ander +deel. Boven deze komt sedert drie jaren een uitgebreider organisatie +met ruime vooruitzichten en grootsche doeleinden: nl. de Katholieke +Sociale actie. Dit is geen nieuwe vereeniging, en dat is het wat haar +onderscheidt van de Duitsche Volksvereeniging, maar de verbinding +van al de Roomsche vereenigingen, die in Nederland maatschappelijken +invloed oefenen. Haar bewerktuiging is van eenvoudigen aard; in elke +plaats benoemen de verschillende ambachten twee afgevaardigden om de +plaatselijke afdeeling te vormen; de voorzitters en de secretarissen +van de locale comite's vormen het diocesaan comité; de voorzitters en de +secretarissen van de diocesaan comite's stellen den centralen raad saam, +die een algemeen secretaris en meerdere assistenten voor de werkzaamheid +van het centraal Bureau benoemt. De voorzitter van den centralen Raad +is de heer Van Nispen tot Sevenaer, afgevaardigde voor Nijmegen; de +algemeene Secretaris de heer Aalberse, afgevaardigde van Almelo; +geestelijk adviseur de heer abt Angenent, professor aan het Seminarie te +Warmond. Het Centraal Bureau is gevestigd in Leiden. Het biedt werkelijk +een uitnemend arsenaal, bezit een schoone bibliotheek en vormt een +belangrijke inlichtingendienst. + +Aldus vinden we zijn zinspreuk werkelijkheid geworden: Centralisatie van +bestuur, decentralisatie van actie. + +Centralisatie van het bestuur; want de geheele beweging gaat vandaar +uit; maatschappelijke enquêtes, de meest verschillende publicaties, de +veldtocht van vergaderingen, de organisatie van de »sociale weken" enz. +Een wekelijksch overzicht: de Katholiek, Sociaal Weekblad, dubbelblad +van het dagblad »de Voorhoede", draagt tot alle hoeken van het land uit +de ideeën en de wijze van werken van deze uitgestrekte organisatie, die +reeds meer dan 70.000 leden telt. + +Decentralisatie van werkzaamheid; want de vereenigingen blijven, hoe ook +in de organisatie opgenomen, toch zelfstandig, gedragen zich naar haar +eigen regelingen en overeenkomstig haar eigen doel, bijna zonder dat het +centraal bestuur zich aanmatigt haar iets anders te geven dan raad, een +steun en een parool in de ernstige omstandigheden, die de eenheid van +alle krachten en van alle goede gezindheid eischen. + +Zoodanig is in 't kort de sociale arbeid van de Nederlandsche Roomschen. +Er moet nog aan toegevoegd worden, dat deze beweging zoo volledig, zoo +vruchtbaar in resultaten, en zoo rijk in verwachting, in volmaakte +harmonie zich ontwikkeld heeft, onder de goedkeuring en het bestuur +der bisschoppen. Terwijl zij aan de vereenigingen groote vrijheid van +beweging lieten, hebben zij de beginselen geregeld waarvan de actie had +uit te gaan, en met hun herdersstaf hebben zij hun kudde geleid in de +richting van de maatschappelijke werkzaamheden, aansporend of matigend, +al naar het noodzakelijk was, en als zoodanig ware aanvoerders van het +Roomsche leger, met getrouwheid gevolgd, en met goed gevolg begrepen. +'t Is niet tevergeefs dat de vermaarde Dr. Schaepman van hen zeide: +»Ons vertrouwen en onze hoop rusten op hun woord, op hun macht, +op hun wijsheid, op hun leiding. Zij hebben gesproken, zij hebben +gehandeld met voorzichtigen moed, en op deze wijze hebben zij tusschen +de verschillende takken van arbeid en instellingen een uitnemende +samenbinding tot stand gebracht, en ze een hooge vlucht doen nemen." + + +VII. + +Een zoodanige bloei van organisaties en van toewijding op het terrein +van het maatschappelijk leven verklaart den invloed der Katholieke +partij. Zonder instellingen te zijn van politieken aard dragen deze +vereenigingen er niettemin krachtig toe bij dat Roomsche ideeën in het +openbare leven verbreid worden, en zij verzekeren aan hen, die ook op +verstandige wijze de zedelijke en stoffelijke belangen van het volk +behartigen, rechtmatigen invloed, die nog toeneemt door de beslist +sociale gedragslijn van de Roomsche afgevaardigden in de +Staten-Generaal. + +Door zoo te doen geeft de Katholieke partij op schitterende wijze +er bewijs van, dat zij de sociale kwestie, die op dit oogenblik zoo +dringend de aandacht vraagt, zoo veel en zoo goed als mogelijk is, wil +oplossen, en dat zij wil arbeiden aan de herstelling van de gemeenschap +in christelijken geest. 't Is daarom, dat zij tot grondslag neemt de +Katholieke leer, en dat zij zich vóór alles van haar moraal doordringt. +Moet men hieruit besluiten dat zij een confessioneele partij is? Haar +tegenstanders houden dit staande en versieren haar gaarne met dezen +toenaam van »kerkelijk", maar 't is de vraag, hoe men dat verstaat. +Indien men, zooals het juist schijnt, door dit woord wil karakteriseeren +de partij, die zich uitsluitend met godsdienstige belangen bezighoudt, +die als bestaansreden en tot doel niets heeft dan de verdediging van +de rechten der kerk, dan is de Nederlandsche Katholieke partij geen +confessioneele partij. Ongetwijfeld, de bescherming van de Roomsche +belangen staat bovenaan op haar programma, en alleen Roomschen worden +toegelaten tot haar organisaties; ongetwijfeld de beginselen van +het Christendom beheerschen geheel haar politiek; ongetwijfeld, de +geestelijkheid en bizonder de bisschoppen oefenen door hun adviezen +een dikwijls belangrijken invloed; maar de leiding van de partij is +in handen van leeken, zijn horizont strekt zich uit tot alles wat de +welvaart van het land kan doen toenemen, en de verdediging van het +recht, dat allen burgers gemeen is, is een van de grondregels van haar +actie. Volgens het woord van Broere door Dr. Schaepman weergegeven in +een motto aan het hoofd van zijn brochure: »Een Katholieke partij" +vormen de Nederlandsche Roomschen een politiek lichaam dat vrijheid wil. + +Het is overigens voor een partij de voorwaarde voor alle sterken +invloed, om niet alleen werkzaam te zijn voor wat met eigen belangen in +verband staat; zij kan zich aan deze noodzakelijkheid niet onttrekken +zonder er in te moeten berusten slechts een fractie, dikwijls genoeg een +factie te zijn. + +Voor de Roomschen in Nederland was het bepaald noodig; want indien +zij hadden aangenomen een uitsluitend godsdienstig program zouden +zij gestuit zijn op de vereenigde krachten van de Protestanten, +die zich verbonden zouden hebben om hen buiten het gemeen recht te +plaatsen; zouden zij nooit hebben kunnen staan naar het verbond met de +Antirevolutionaren, en zouden zij een onmachtige minderheid gebleven +zijn, versmaad, zoo niet vervolgd. Om hun vrijheid, waardigheid en +gezag te verzekeren, moesten zij hun voordeel doen met de rechten aan +alle burgers toegekend in de grondwet, moesten zij een politiek voeren, +die geëischt werd door de omstandigheden; moesten zij gebruik maken van +de parlementaire tactiek als van alle eerlijke middelen, en geheel vast +verbonden aan de Roomsche beginselen, moesten zij zich weten te schikken +naar de eischen van het politieke leven van dezen tijd. + +Dat is wellicht de grootste dienst, dien Dr. Schaepman aan de zaak +der Roomschen bewezen heeft, dat hij deze richting nauwkeurig heeft +aangegeven en zelfs de vermetelheden van zijn tactiek hebben meegewerkt +aan de ontluiking van de politieke en sociale werkzaamheid van zijn +geloofsgenooten, aan wie hij heeft gegeven het bewustzijn van wat zij +moesten en van wat zij konden. + +In alle geval, in dit drievoudig karakter van populair, sociaal en +positief, dat hij haar heeft ingedrukt, is het geheim gelegen van de +kracht der Nederlandsche Katholieke partij, wat haar ook veroorlooft +te dingen naar de rol, die haar leider in de algemeene vergadering +van 1897 aldus aanduidde: »Wij willen de leiders en de geleiders zijn" +en daardoor is de onbetwistbare invloed, die door haar verkregen is in +de raadscolleges van het Nederlandsche volk, gevestigd en versterkt. + + + + +TWEEDE HOOFDSTUK. + +De Protestantsche Partijen. + + +Nederland is het klassieke land van theologischen strijd. De +geschiedenis heeft de herinnering bewaard van die botsingen, die in de +16e en 17e eeuw het land in verwarring gebracht en zooveel bloed gekost +hebben. + +Op 't oogenblik zijn er de godsdienstige conflicten nog niet uit +verdwenen, ze zijn alleen niet bloedig, en zij vertoonen zich nog onder +de protestantsche partijen met een noodlottige levenstaaiheid, die +langer blijkt te duren dan de tijd, waarin Arminianen en Gomaristen +elkaar betwistten de macht in den Staat en tegelijkertijd het hoogst +gezag in het godsdienstige. + +Van zijn oorsprong af oefende het Calvinisme in Nederland invloed op +het openbare leven. Meer dan het Evangelisch Christendom van Luther in +Duitschland, ontwikkelde het zich naar buiten door de beschermende en +op alles beslag leggende macht van den Staat, terwijl het al meer de +hulp van de wereldlijke overheid in dienst nam, om de scheuringen te +beheerschen en onder de nationale Kerk een meer of minder gemaakte +eenheid te handhaven. + +Ook toen de nauwe banden van slaafsche onderwerping tusschen Kerk en +Staat waren losgemaakt, en een parlementaire constitutie het land ging +regeeren, vond het in zijn vroegere belangrijke levensmomenten, in zijn +geschiedenis en in zijn beginselen, genoegzame innerlijke kracht om te +streven naar werkzaamheid op parlementair gebied. + +Alleenlijk, dit was niet het werk of de houding van de oude nationale +Kerk, de Nederlandsche Hervormde Kerk in haar geheel. De ontwrichting +van de elementen, die haar samenstelden en die naar de gemeenzame +uitdrukking van een harer predikanten, »met elkander verbonden waren +als droog zand", was een belemmering, om zich als zoodanig om te zetten +in een partij. Slechts een kleine groep, zich losmakende van de massa +conservatieve Protestanten, ondernam het om op de calvinistische +beginselen een politieke actie te stichten. + +'t Was de antirevolutionaire groep, die zich schaarde rondom Mr. Groen +van Prinsterer, en die langzamerhand grooter werd, toen de strijd +ontbrandde voor de volledige vrijheid van het Christelijk onderwijs. + +Maar bij den dood van Groen van Prinsterer, toen Dr. Kuyper de troepen +wilde leiden, organiseeren en aan tucht gewennen, die door den moedigen +voorlooper van de antirevolutionaire idee bij elkander waren gebracht, +begonnen er verdeeldheden aan den dag te treden, gevolg van de botsing +van het theologisch onderwijs en van den strijd der politieke neigingen. +Er is maar één schrede tusschen verschil in systeem en scheuring, vooral +wanneer de leider een man van gezagshandhaving is, en hij met al zijn +macht zich verzet tegen alles wat hij beschouwt als een bederf in de +leer. + +Op deze wijze vormden zich langzamerhand naast de antirevolutionaire +partij, de Christelijk-Historische en de Vrij-antirevolutionaire +partijen, gedeelten, op meer of minder gewelddadige wijze in moeilijke +tijden van beslissing van het oorspronkelijk bloc afgegaan. + +Intusschen het is een natuurwet, die geldt voor partijen zoowel als +voor den enkelen persoon; wanneer zij zwak zijn, zoeken zij als +vanzelf versterking van hun kracht, toenadering tot elkander, om +den invloed te verkrijgen die hun ontbreekt. Er is wederkeerige +aantrekking, die zich onvermijdelijk doet gelden, en die, dank zij +de inschikkelijkheid door de openbare meening betoond, dikwijls +uitloopt op onderlinge verstandhouding of ineensmelting. 't Is alzoo +gegaan met de twee in verschil zijnde fracties; waarbij zich de +Friesch-Christelijk-Historischen hebben gevoegd, die meer en meer de +scherpte van hun geschillen in theorieën en tactiek verzacht hebben, om +zich te vereenigen in ééne organisatie: de Christelijk Historische Unie. +Het wonderlijkste van deze ontwikkeling is dat zij de vermindering, zoo +niet de verzaking, meebracht van den traditioneelen haat van een groot +getal Protestanten tegen het Roomsch Katholicisme, en dat zij in de +christelijke politiek van de rechterzijde elementen vereenigt, die +eertijds elkander vijandig waren. + +Toch voor de meerdere duidelijkheid zullen wij vasthouden de verdeeling, +die heden niet volstrekt juist meer is, van drie onderscheiden partijen, +en wij zullen trachten aan te toonen in welke richting, vervolgens onder +welke omstandigheden, en langs welk proces de ontwikkeling van deze +laatste tijden plaatsgegrepen heeft. + + +_I. De Anti-revolutionaire partij._ + +Op het eerste gezicht schijnt de naam, door deze partij aangenomen, +zonderling. Om er geheel de beteekenis van te weten, moet men zich +houden aan de verklaringen die haar leider, Dr. Kuyper, daarvan gegeven +heeft, voornamelijk in het korte overzicht, dat hij in 1898 schreef, in +het encyclopedisch werk, dat de vreemdelingen, die in Nederland kwamen +bij gelegenheid van de kroning van koningin Wilhelmina, Nederland moest +doen kennen: »Het doel van de Anti-revolutionaire partij is, aan de +ideeën die ons hebben geleid in de dagen van onze nationale grootheid, +den invloed te verzekeren waarop zij recht hebben." Dit feit volgt uit +het eerste artikel van haar program van beginselen, dat saamgevat aldus +luidt: »De Anti-revolutionaire of Christelijk-historische richting +vertegenwoordigt voor zooveel ons land aangaat, den grondtoon van ons +volkskarakter, zooals dat, door Oranje geleid, onder invloed der +Hervorming omstreeks 1572 zijn stempel ontving." + +Maar om dezen ouden nationalen en godsdienstigen geest te doen +herleven, is het noodig, te niete te doen wat zich voor haar in de +plaats heeft gesteld: het stelsel van de Revolutie van 1789. Ook +vervolgt Dr. Kuyper: »Innerlijk vertoont zich de Anti-revolutionaire +partij als een politieke partij, die zich aansluit aan de calvinistische +beweging van 1572. Uitwendig vertoont zij zich aan ons als de +tegenstandster van het grondbeginsel van de Fransche Revolutie; en dat +is de eenige reden waarom zij zich antirevolutionair noemt." Met andere +woorden: in den naam liggen twee gezichtspunten op hetzelfde doel: het +eene meer positief, dat een terugkeer is naar de aloude nationale +traditie's; het andere negatief, dat bestaat in het bestrijden van den +geest der Revolutie. + +Men moet hieruit niet besluiten dat de partij vijandig staat tegenover +alle revolutie; dat zou een verkeerde conclusie doen maken. In den grond +der zaak is het tegendeel veeleer waar. Want juist de gebeurtenis, +waarop zij zich beroept, is een revolutionaire daad in de scherpste +beteekenis van het woord: de vestiging van het Calvinisme in Nederland +en de opstand van Nederland tegen de Spaansche overheersching. +Overigens, historisch gesproken is het Protestantisme wezenlijk +revolutionair in dezen zin, dat in alle landen, waar het zich geplant +heeft, het heeft medegebracht een vaak hevige breuke met den bestaanden +toestand en het een revolutie veroorzaakt heeft. + +Zoo kan men dan zeggen, dat eigenlijk de partij, die »antirevolutionair" +genoemd wordt, dit niet geheel is, tenminste niet in den volstrekten +zin van het woord. Zij is alleen de onverzoenlijke tegenstandster van de +beginselen der Fransche Revolutie en bestrijdt met haar uiterste kracht +de formule van den neutralen of god-loozen staat: noch God, noch +meester, die haar toeschijnt daarvan een gevolg te zijn. + +Toch ontkent zij niet dat de Fransche Revolutie vele goede, wenschelijke +hervormingen teweeggebracht heeft; integendeel zij erkent dat, en +aanvaardt ze, maar doet ze niet voortkomen uit de beginselen die deze +beweging geleid hebben, maar uit God en de eeuwige beginselen van het +goddelijk woord, geopenbaard in de Heilige Schrift. Want de beteekenis +van het Evangelie voor het maatschappelijk leven is de godsdienstige +grondslag van het staatkundig stelsel, dat door de Antirevolutionairen +is opgebouwd. Artikel 3 van hun program van beginselen verklaart het +letterlijk: »Op staatkundig terrein belijdt de partij de eeuwige +beginselen van het Woord Gods, zóó evenwel dat het staatsgezag noch +rechtstreeks nòch door de uitspraak van eenige kerk, maar alleen in de +conscientie der overheidspersonen aan de ordinantie Gods is gebonden." + +En dat is niet een van de minst-belangrijke karaktertrekken van deze +partij, dat zij voor haar oogen ziende de resultaten van een misleidende +wetenschap en de droevige werking van een publiek recht dat met God niet +rekent, terugkeerde naar de beginselen die het Christendom in de wereld +ingebracht heeft, om daarop te gronden een herstelling van het +maatschappelijk leven. + +Om juist te zijn, moet eraan toegevoegd worden, dat de +Antirevolutionairen zich tegelijkertijd stellen tegen den geest van +het Roomsch Katholicisme. En dit is te begrijpen: in 1572 was dit de +vijand, evenzeer als de Spanjaarden die het in de oogen van de Geuzen +vertegenwoordigen, en het blijft het in zooverre het in 't algemeen noch +het vrije onderzoek, noch de volkomen vrijheid van conscientie toestaat. +Echter neemt die tegenstand bij hen niet den vorm aan van den wilden +haat, dien de gevoelens van een groot getal Protestanten jegens de +Roomsche kerk nog openbaren. Voor hen blijft de tegenstelling van +belijdenis liever theoretisch, en zij gevoelen zich eens met de +Katholieken in de erkenning van de noodzakelijkheid om een hervorming +van het staatkundig en maatschappelijk leven te ontwerpen in +christelijken geest. + +Indien het nagestreefde doel de terugkeer is tot den ouden +geest van 1572, zou men er soms logisch uit kunnen afleiden: +dat de Antirevolutionairen moeten wenschen dat het Calvinisme als +staatsgodsdienst hersteld worde. Dit is echter een dwaling, verzekert +Dr. Kuyper: »De antirevolutionaire partij wil geenszins aan de +Gereformeerde Kerken haar officieel karakter hergeven." Want »in +de Fransche Revolutie, die een einde gemaakt heeft aan een in veel +opzichten verouderden toestand, moet men het rechtvaardig oordeel +Gods zien over zooveel schandelijk machtsmisbruik." + +Nog meer, de partij is geen verdedigster van een bizondere kerk of van +een godsdienstige belijdenis; zij streeft eenvoudig een calvinistische +staatkunde na; en, alzoo verzekert ons Dr. Kuyper nog, het Calvinisme +is geen kerkelijke beweging: »Het woord Calvinisme," schrijft hij, »is +alleen een term van historische beteekenis, dienende om een algemeene +geestesrichting aan te duiden, die in de zestiende eeuw, zoowel in +Genève als in Frankrijk, en zoowel in Nederland als in Engeland, +zich baan gebroken heeft op alle levensterreinen, en met name in het +politieke leven. De Antirevolutionaire partij heeft zich ook nooit +aangesloten aan eenige kerk, welke dan ook, maar zij heeft onder +haar vaandel verzameld allen, die de gedachte van een calvinistische +staatkunde voorstonden, hetzij zij leden waren van de Kerk die genoemd +wordt de Hervormde Kerk, of leden van de Gereformeerde, de Luthersche of +de Doopsgezinde Kerken." + +Intusschen worden de Antirevolutionairen feitelijk hoofdzakelijk +gevonden onder hen die men noemt: »de Gereformeerden of ook de +ultra-calvinisten", degelijke en vurige Protestanten, die Dr. Kuyper om +zich verzameld heeft voor een godsdienstige hervorming ter zelfder tijd +als voor staatkundige actie. + +Medegesleept door het genie van hun leider, zijn zij het vooral, die de +lange en sterke menigten vormen, welke hem ondersteunen in zijn arbeid, +die ten doel heeft de herstelling van het volk en de bestrijding van den +geest der Revolutie. + + * * * * * + +De revolutionaire leerstellingen hadden ingang gekregen door de Fransche +overheersching in Nederland, die tot stand gebracht was door de legers +van de Republiek; en de regeering van Lodewijk Bonaparte, broeder van +den keizer, was er de triomf van geweest. Maar toen zij viel, kwam er +een historische opwaking. Sinds 1813 had de dichter Bilderdijk met +heftigheid deze beginselen aangevallen, die in zijn oogen waren een +droombeeld, dat uit den latijnschen geest voortvloeide, en had hij +toegejuicht een opstand van Europa tegen Napoleon. Maar hij was alleen +blijven staan. + +Een andere dichter, Da Costa, hervatte den krijgszang en leidde het +begin in van een openbaar verzet, van een »contra-revolutie." Nog +eenige jaren verliepen vóór zij van de litteratuur overging op de +politiek; het optreden van Groen van Prinsterer was het begin van de +antirevolutionaire beweging en gaf haar het eigenaardig karakter, dat +zij sinds aldoor heeft gedragen. + +Weinig talrijk in het begin, en geen overeenstemming van inzicht +hebbende, ontbrak den Antirevolutionairen samenbinding. De strijd +voor de school, die aan de Roomschen eenheid en bezieling gegeven had, +verschafte ook hun aanhangers en eenheid. Reeds jaren vroeger dan de +Roomschen eischten zij de algeheele vrijheid van onderwijs, met een +volharding, die zich door niets ontmoedigen liet. Terwijl de strijd +aan den gang was, werd hun groep grooter door de overblijfselen van de +conservatieve protestantsche partij, welke zich door de beschouwingen +en methoden van een anderen tijd ongeschikt maakte voor het moderne +staatkundige leven. En bij den dood van Groen van Prinsterer bevond zich +Dr. Kuyper, die den betreurden leider opvolgde, aan het hoofd van een +menigte talrijk genoeg, dat het alleen de zaak was haar achter een +positief program onder tucht en orde te doen optrekken. + +Op zichzelf is niets leerzamer, is niets bemoedigender, dan deze +vooruitgang (waarbij men meer nog door de kracht der beginselen en het +ideaal ondersteund werd, dan door den samenloop der omstandigheden en +het ontzag der leiders,) van een politieke partij, die uit allerlei +deelen is samengesteld, en die na vijftig jaren krachtsinspanning zoover +gekomen is, dat zij tot herhaalde malen toe het lot van het land zich in +handen gelegd zag. + +Het moet ook gezegd worden, dat de onvermoeide werkzaamheid van Dr. +Kuyper van niet geringe beteekenis geweest is, om dit resultaat te +bereiken. Weinig menschen hebben op degenen die hen omringden, grooteren +invloed, een zoo volkomen overwicht gehad, en een macht die meer instaat +was om ze ter overwinning te leiden. + +Van eenvoudig predikant te Beesd in Gelderland heeft Dr. Kuyper door +zijn verstand en werkzaamheid het gebracht tot den eersten rang van de +staatslieden van het hedendaagsche Nederland. Zooals het Dr. Schaepman +was, en wellicht nog meer dan deze, is hij vóór alles volksleider. Een +man met een ruime gedachtenwereld, met breede en nieuwe gezichtskringen, +van snellen oogopslag, met een tegelijk vaste en zachte hand, en daarbij +een ijzeren wil door niets te buigen, onvermoeid, en gesterkt door het +geestdriftig geloof in het van verre zichtbare ideaal. Zoodanig was hij +in 1872 op het oogenblik, toen hij op vijf-en-dertig-jarigen leeftijd +het redacteurschap van het dagblad de Standaard op zich nam, en zoo +blijft hij, na een levensloop doorgemaakt te hebben, die verbazen moet. + +Gelijk alle geesten van den eersten rang, heeft hij zijn vurige +bewonderaars gehad en tevens zijn heftige bestrijders. Zijn +tegenstanders noemen hem spottend: »den paus der Calvinisten«, en +waarlijk: daargelaten in hoeverre zijn godsdienstig hervormingswerk in +den boezem der volkskerk recht geeft hem alzoo te noemen, zijn voorkomen +heeft iets ontzagwekkends, iets bisschoppelijks. Zijn Romeinsch gelaat, +een weinig dik door de jaren, treft bij den eersten oogopslag door de +scherpheid van trekken, den gekromden neus, het breede voorhoofd, en +het vuur dat schittert in het levendig en doordringend oog. Zooals Dr. +Schaepman de redenaarslip had, zoo heeft Dr. Kuyper de heerscherslip; en +dit is een der merkwaardigste zijden van dit forsche en aantrekkende +gelaat van dezen protestantschen leeraar, altijd in strijd, +voortreffelijk en geducht schrijver, meeslepend en gewild redenaar, +met bekwaamheid en diepen blik in het staatkundige, dat deze zucht +naar gezag, velen zeggen deze geest van heerschzucht en dwingelandij, +niet weinig bijgedragen heeft tot den waren haat, die velen hem hebben +toegedragen en toedragen. Want dat is juist het moeilijke, wanneer het +betreft een talent dat aan het genie grenst, om te beoordeelen waar het +natuurlijk overwicht eindigt en de overheersching begint. + +In alle geval, deze man, die in zich alleen een partij en een staatkunde +vertegenwoordigt, heeft blijk gegeven van een ongelooflijke werkzaamheid +en heeft een buitengewone taak vervuld. Hernieuwer van de Nederlandsche +Kerk, heeft hij talrijke werken van protestantsche theologie +geschreven, en om zich heen een nieuwe kerk verzameld. Op staatkundig +terrein heeft hij zijn partij geheel er boven op gebracht, haar een +bewonderenswaardige organisatie en een volledig program gegeven. Hij +stichtte een gymnasium en bekroonde zijn arbeid op schoolgebied door een +Vrije Universiteit, waarvan hij de eerste rector was. + +Wat wel te verwonderen is: de partijleider hield voor zichzelf niet van +het parlementaire milieu. Hij zelf bleef liever buiten deze atmospheer, +hoewel die toch in Nederland zuiverder en minder afmattend is dan in +zekere andere landen; hij oordeelde het niet gunstig voor zijn plannen. +»'t Is alleen voor het onderwijs dat wij iets zouden kunnen doen«, +zeide hij in 1893 tot den heer Charles Benoist. Nauwelijks gekozen tot +afgevaardigde van Gouda, in 1874, legde hij het volgend jaar door ziekte +genoodzaakt zijn mandaat neer, om een jaar later zijn krachten te wijden +aan het onderwijs in al zijn geledingen. Niettemin, schoon er buiten +zijnde, gaf hij leiding aan de groep Antirevolutionaire Kamerleden, die +in den parlementairen kring werkzaam waren. Niet eerder dan in 1893 +besloot hij weer de Kamer binnen te treden; het was toen de tijd, dat +de door den heer Tak van Poortvliet voorgestelde kiesrechthervorming er +een waren storm deed opsteken. Hij bleef er als vertegenwoordiger van +Sliedrecht tot in 1901, het jaar, dat hij geroepen werd, een ministerie +te vormen. + +En toen in 1905 tengevolge van de verkiezingen zijn ministerie viel, +trok hij zich eenigen tijd terug in den buitensten omtrek van het +staatkundig leven, maar weldra hernam hij zijn plaats aan het hoofd +van de Antirevolutionaire partij, die hij voortgaat met vaste hand te +besturen. + + * * * * * + +Wat bij den eersten aanblik in deze partij treft, is, behalve het +godsdienstig voorkomen dat zij heeft, de eenheid en de tucht die onder +hare leden heerschen. Men zou zeggen: het is een blok, hecht en sterk +gebouwd, zonder scheur en zonder gebrek. Door het van naderbij te +bezien, bemerkt men dat deze eenstemmigheid in leiding en actie +veroorzaakt wordt door het bestaan van een »program van beginselen«, en +wanneer de algemeene verkiezingen in 't zicht komen door programs van +actie of van urgentie, en eindelijk door een uitnemende inwendige +organisatie. + +Het program van beginselen is in zijn geheel het werk van Dr. Kuyper, +die het aanvaard zag door het Centraal Comité van de partij, en die het +verklaarde in een serie artikelen, in 1879 in zijn dagblad de Standaard, +verschenen. Het dagteekent van den 1sten Januari 1878 en vormt het +eerste document van die soort in Nederland. + +Na te hebben verklaard dat de Antirevolutionaire partij »den +grondtoon van ons volkskarakter vertegenwoordigt, gelijk dat door +Oranje geleid, onder invloed der hervorming, omstreeks 1572 zijn stempel +ontving«, en dat zij dit »overeenkomstig den gewijzigden volkstoestand +in een vorm die aan de behoefte van onzen tijd voldoet, wenscht te +ontwikkelen«, spreekt het program plechtig uit, dat de »macht« niet +opkomt uit den volkswil, noch uit de wet, maar dat zij eenig en alleen +de bron van het souvereine gezag in God vindt. Zij verwerpt mitsdien met +alle kracht het valsche beginsel van de volkssouvereiniteit, dat volgens +haar de grondfout van de Fransche Revolutie is. Dit wil intusschen niet +zeggen dat de Anti-revolutionairen tegenstanders zouden zijn van de +benoeming van regeerders door het volk. Integendeel, zij stemmen toe dat +God de souvereiniteit onder het volk kan doen besloten liggen, alleen +met dit voorbehoud, dat verstaan worde, dat het volk de souvereiniteit +niet bezit van zichzelf, maar alleen als die ontvangen hebbende van God. +Met andere woorden, zij kennen aan het volk de uitoefening van het recht +toe, niet het recht zelve. Wat de overheid betreft, zij regeert niet +anders dan bij de gratie Gods, en het goddelijk Woord is de bron van de +gehoorzaamheid, die de onderdanen haar moeten betoonen. Als dienaresse +Gods in een Christelijke natie is de overheid diensvolgens gehouden tot +verheerlijking van Gods naam, en tot eerbiediging van dezen naam, in al +haar handelingen. + +Diensvolgens behoort zij: + +_a._ Uit bestuur en wetgeving alles te verwijderen, wat den vrijen +invloed van het Evangelie op het volksleven belemmert; + +_b._ Zichzelve, als daartoe in volstrekten zin onbevoegd, te onthouden +van alle rechtstreeksche bemoeiing met de geestelijke ontwikkeling der +natie; + +_c._ Alle kerkgenootschappen, of godsdienstige vereenigingen, en voorts +alle burgers, onverschillig welke hun denkwijze aangaande de eeuwige +dingen is, te behandelen op voet van gelijkheid; + +_d._ in de conscientie voorzoover die het vermoeden van achtbaarheid +niet mist, een grens te erkennen van haar macht. + +Want hier heeft de macht van den Staat haar grenzen en moet hij bedenken +dat hij niet alles is, en niet alles kan. + +Naast hem bestaan er andere kringen, die haar eigen rechten hebben +en waarin een onafhankelijk gezag heerscht, dat is: de Christus in de +Kerk, de vader in het huisgezin, en Dr. Kuyper voegt er aan toe, wel wat +onvoorzien, ofschoon in den grond juist, de kapitein op zijn schip, de +kunstenaar in den tempel der kunst, en de man der wetenschap in het rijk +der letteren. De Staat kan dit onderscheiden gezag, dat niet uit het +hare afgeleid is, niet tenietdoen, nòch met deze kringen zich +vereenzelvigen. + +Overigens, de Grondwet van 1848 behelst de regeling van rechten en +plichten van den Nederlandschen Staat, en de Antirevolutionairen +aanvaarden deze als uitgangspunt van hun hervorming der instellingen +in Christelijk-historische richting. + +In de zaak van het onderwijs houden zij zeer hoog het devies: »het +onderwijs zaak der ouders«, gelijk Groen van Prinsterer hun dit heeft +nagelaten. + +Zij verwerpen het beginsel van de openbare school, en kennen alleen in +zooverre aan den Staat het recht toe als onderwijzer op te treden, als +het particulier initiatief onvoldoende is; en zij willen dat de vrije +ontwikkeling van het volk zich verwezenlijke langs den natuurlijken loop +van leven, en dat die niet op werktuigelijke wijze van boven af op het +volk gelegd worde. + +Daarom eischen zij dezelfde rechten voor alle scholen, welk haar +paedagogisch of belijdend karakter ook zij, en meenen zij dat het Hooger +onderwijs zelfs het werk moet zijn van het vrije initiatief. + +Aan deze theorie van de school, gegrond op de vrijheid van onderwijs, +is verwant die, welke de Antirevolutionaire partij zeer voorzichtig en +zeer mild staande houdt, aangaande de verhouding van den Staat tot de +verschillende godsdiensten. In dezen gedachtengang beweegt zich de +richting van haar wenschen voor de volle vrijheid der kerken, waarbij +de begeerte wordt uitgesproken, dat alles ter zijde gelaten wordt, dat +zweemt naar een inmenging van den Staat in de inwendige aangelegenheden +van de kerken. Maar 't is niet de volstrekte scheiding, die zij zich +voorstelt, niet het minachtend en stelselmatig »ik ken u niet«; zij +meent dat een contractueel reglement voor beide partijen tegenover +elkander de allerbeste waarborg levert, die mogelijk is voor de +onafhankelijkheid van elk in het bizonder. + +Ziedaar ons dan ver van de scheiding, zooals die in Frankrijk tot stand +is gekomen, poging van den Staat om beslag te leggen op de kerken, welke +Dr. Kuyper streng heeft veroordeeld. + +Op het gebied van de rechtspraak wil het program dat door een +onafhankelijke rechtspraak, volgens de wetten die op de eeuwige +rechtsbeginselen rusten, beslissing uitga voor alle geschillen van +partijen, zoowel van burger-rechtelijken als van administratieven aard; +dat voltrekking van straf aan den gevonnisde volge, niet slechts om +de maatschappij te beschermen of den overtreder te verbeteren, maar +allereerst tot herstel van de geschonden gerechtigheid: desnoods door +de doodstraf, waartoe het recht in beginsel aan de overheid toekomt. + +Wat de zaak van het kiesrecht aangaat, meent de partij dat geen +kiesstelsel voor de wezenlijke natie kan in de plaats stellen een soort +wettelijk en conventioneel land. Voorstaande de souvereiniteit van elk +op zijn eigen terrein, vraagt de partij het kiesrecht voor alle hoofden +van gezinnen, en voor alle hoofden van welken kring ook, op zoodanige +wijze echter, dat dit recht niet individualistisch maar organisch +geregeld zij. + +En zoo gaat het program voort zich te ontplooien wijd en breed, als de +rivieren van Nederland, die op hare wateren een gansche vloot van +schepen dragen. + +In 't voorbijgaan spreekt het van den vrijhandel, als in beginsel +uitnemender, en de practische noodzakelijkheid van een protectionistisch +stelsel; houdt zich lang op met in bizonderheden de maatregelen aan te +geven, waardoor de openbare onzedelijkheid kan bestreden worden; spreekt +zich uit ten gunste van de decentralisatie der provinciale en der +gemeentelijke zelfregeering, »in zooverre zij geen schade doen aan het +begrip van den Staat, en niet onverdedigd laten de onaantastbare rechten +van den mensch«; vraagt voor de Koloniën dat de overheid ernstig de +missie's bescherme, zonder dat zij daartoe zich heeft bezig te houden +met de directe verbreiding van het Christendom; verzet zich tegen de +exploitatie van de inlandsche bevolking en verklaart zich eindelijk +nader over het maatschappelijk vraagstuk. + +Wat dit punt aangaat tracht het te komen tot een algemeen-voldoende +oplossing, door de eenheid van de verschillende klassen der maatschappij +volgens den wil van het goddelijk woord. Om dit doel te bereiken, +verwacht het van de tusschenkomst van den Staat zekere maatregelen, +zooals het in 't leven roepen van Kamers van arbeid, de vaststelling +van het maximum aantal werkuren, de bepaling van een rechtvaardig loon +en van een billijk pensioen, zoowel voor den werkman als voor zijn +weduwe en kinderen: maatregelen die voor den Staat niet zijn misbruik +van macht, maar strenge plicht. Overigens, in dezen geleidelijken +gedachtengang heeft Dr. Kuyper altijd verklaard, dat hij niets beters +begeerde, daar de eene hand omlaag te mogen uitstrekken naar de +proletariërs, en de andere hand omhoog naar de leden van de rijke of +adellijke familiën, om alle klassen te vereenigen in een eenig leger +voor den heiligen strijd. Maar allen hebben niet gedacht als hij, en +hebben zijn sociale ideeën niet gedeeld. Hierdoor is de verdeeldheid +verklaard, die in het vervolg onder de Antirevolutionairen geboren werd, +en die tot het uitgaan van de Vrij-antirevolutionairen geleid heeft. + +Zoodanig zijn, in 't kort de voornaamste punten van dit program van +beginselen, een wezenlijke politieke geloofsbelijdenis, onder de +bewerking van Dr. Kuyper ontstaan. Hij eindigt met de omschrijving +van de tactiek, die voorts gevolgd zal worden, om tot inwilliging der +eischen te komen, en die samengevat kan worden in twee woorden: dat +op prijs gesteld wordt de handhaving van de volkomen zelfstandigheid +van de partij, en tegelijk mogelijk geacht wordt vereeniging met andere +groepen, op grond van een welomschreven plan van actie. 't Is op deze +basis dat de verbintenis met de Roomschen tot stand kwam: de +»Christelijke coalitie.« + +Het is al dadelijk opmerkelijk, hoezeer de uitgebreidheid van het +program en de afwezigheid van bekrompen of sectarische ideeën die er in +openbaar wordt, derwijze dat het bijna in zijn geheel door de Roomschen +zou kunnen aangenomen zijn, een trouwe en vruchtbare medewerking +vergemakkelijken moest; want het bepaalt er zich hoofdzakelijk toe, +alles saamgenomen, boven alle discussie te stellen vaststaande zaken +en beginselen, die in het belang van de gemeenschap geen schade mogen +lijden. + + * * * * * + +Dit program van beginselen breidde zich nog uit en ontving nog +nauwkeuriger belijning naar gelang van de noodzakelijkheid, door den +strijd der partijen en den drang der omstandigheden ontstaan. Aan den +vooravond van de verkiezingen maakt de Antirevolutionaire partij een +gedetailleerde lijst op van de onmiddellijk-dringende eischen, welker +spoedige vervulling van aanbelang is. + +Het eerste van deze programs van urgentie of van actie zag het licht in +1888. + +Het vroeg de voorbereiding van een kieswet op den grondslag van +verlaging van den census; Zondagsrust; arbeidsraden; wettelijke +bescherming van de arbeiders; herziening van de handelsverdragen; +verbetering van het kazerneleven en van de militaire rechtspraak; +schoolhervorming, en koloniale maatregelen. Daarop volgde een resolutie, +betreurende het heengaan van eenige belijders van den Christus op +het oogenblik zelf, dat de strijd tegen de »ongeloovigen" bijna zeker +met goeden uitslag zou bekroond worden. Het waren de »orthodoxe +predikanten", op welke dit doelde. Later gingen zij zich om Dr. +Bronsveld scharen ter vorming van de Christelijk-Historische partij, en +al wachtende ontzagen zij zich niet, volgens het zeggen van Dr. Kuyper, +zich door bizondere belangen of antipathieën te laten verleiden, om +zelfs de Christelijke school, deze gave Gods aan ons vaderland, monument +van Christelijke toewijding en volharding, als offer te vergen voor hun +misnoegdheid. + +De verkiezingen van 1891 brachten iets anders. + +De Antirevolutionaire partij had gedurende drie jaren het land +geregeerd. Het ministerie Mackay had de hervorming van het lager +onderwijs tot stand gebracht. Het was van aanbelang dat de aandacht +van de kiezers gevestigd was op wat onmiddellijk daarna te doen +overbleef. Dit was het doel van het nieuwe program van actie, dat +aangenomen werd door de algemeene vergadering der afgevaardigden van +de Anti-revolutionaire kiesvereenigingen. Het behelsde herziening +van de grondwet, met het oog op een verbeterde samenstelling van de +Eerste Kamer en het doel om daadwerkelijk het recht der minderheden +te waarborgen; kiesrecht voor de gezinshoofden; bevestiging van den +godsdienstigen vrede door organische wetten; meer-volledige vrijmaking +van het onderwijs »door subsidies aan de bizondere lagere scholen en +door wijziging van de wettelijke regelingen in betrekking tot de vrije +Universiteiten; vorming van Kamers van Handel, van Nijverheid, van +Landbouw, en van Arbeid; herziening van de Financieele wetgeving, in 't +bizonder afschaffing van de Staatsloterijen en van de accijnsrechten, +zooals ook wijziging van de patentwet, wijziging van de mutatierechten, +sneller en goedkooper recht en eindelijk de invoering van een +christelijke staatkunde in de koloniën." Van de militaire kwestie, die +het kabinet Mackay had gesteld, sprak het program niet, behalve dat +het wenschte de verbetering van de rechtspositie van den soldaat en de +verheffing van zijn zedelijk leven. De reden van dit zwijgen was vooral +daarin gelegen, dat de ontwerpen die de financieele en militaire lasten +verzwaarden bijna altijd impopulair maakten degenen die ze steunden, en +dat de Anti-revolutionaire partij een neerlaag vermijden wilde. Zij +slaagde er niet in, tengevolge van de geschillen die openbaar werden in +den boezem der »Christelijke coalitie." + +Overigens bleef de kiesrecht-hervorming niet uit in het Parlement, +en liet niet na wanorde teweeg te brengen in de geheele Kamer. De +Anti-revolutionairen ontkwamen niet aan dezen algemeenen toestand, de +democratische fractie onder aanvoering van Dr. Kuyper kwam hier nog +in botsing met de conservatieve fractie onder Mr. De Savornin Lohman. +Het resultaat was een splitsing tusschen »Kuyperianen" en »Vrijen". + +Bij het einde van deze critieke periode kwam de Antirevolutionaire +partij, die getrouw was gebleven aan Dr. Kuyper, opnieuw met een program +van actie voor den dag, ter voorbereiding van de verkiezingen van 1897. + +Het nam in bizonderheden de eischen, in 1891 gesteld, weer op, en voegde +eraan toe, behalve dringende maatregelen: de vorming, aan het ministerie +van Handel en Nijverheid, van een bestuur van arbeid en landbouw; +verplichte arbeidersverzekering; regeling van het arbeidscontract; +Zondagsrust; wijziging van de douanetarieven; herstel van de belasting +op de granen; wederinvoering van de doodstraf; wegneming van de +beletselen voor het onderzoek naar het vaderschap; wettelijke +tusschenkomst om de Neo-Malthusiaansche propaganda te stuiten; strijd +tegen het misbruik van alcoholische dranken, en in de Koloniën tegen +opium-misbruik. + +Niettegenstaande de zorg aan de tactiek besteed en de pogingen, +die in 't werk gesteld werden in den loop van den strijd, kwam de +Antirevolutionaire partij ditmaal nog niet tot de overwinning. Ook van +dit program werd tijdens de wetgevende periode niets verwerkelijkt, en +het was hetzelfde, lichtelijk weer aangedikt, wat zij in 1901 onder den +naam van program van urgentie aan de orde stelde. Alleen, er was geen +sprake meer van verhooging van de rechten op de granen of van herziening +van de grondwet. Men sprak in de eerste plaats van definitieve +regeling van de schoolkwestie, en verplichte verzekering tegen ziekte, +invaliditeit en ouderdom, mogelijk gemaakt door een algemeene verhooging +van de douanetarieven. En dit zijn meer bepaald de groote lijnen van +dit plan van actie, dat Dr. Kuyper na de verkiezingen van 1901 bij zijn +komst aan het bewind ontwikkelde in het ministerieel program van 17 +September 1901. + + * * * * * + +Dr. Kuyper gaf aan de Antirevolutionaire partij een organisatie op +bewonderenswaardige wijze samengevat, tegelijk zacht en krachtig, in +een viervoudig orgaan: het Centraal Comité, het provinciaal Comité, de +districtsvergadering en de plaatselijke kiesvereeniging. In elke stad +en elk dorp, waar zich elementen van Calvinistische politiek bevinden, +bestaat een kiesvereeniging, waarvan zelfs geestverwanten »niet-kiezers" +lid kunnen zijn, een comité van propaganda, dat zich geheel zelfstandig +bezighoudt met de verkiezingen voor de gemeenteraden, en zijn steun, +werkzaamheid en invloed verleent bij de voorbereiding van de +provinciale en generale verkiezingen. + +Elk van deze plaatselijke kiesvereenigingen vaardigt een van zijn leden +af, om de Centrale Kiesvereeniging te vormen, die zich niet noodzakelijk +opsluit binnen de grenzen van een district; terwijl een andere +organisatie, de Districtsvergadering, bestaande uit een zeker getal +leden buiten de plaatselijke vereenigingen, zich daarnaast handhaaft. +Deze organisaties bestrijden gezamenlijk de onkosten van de generale +verkiezingen, voor zooveel noodig gesteund door de opbrengst van giften, +welke door het Centraal Comité verzameld worden. + +De afgevaardigden van de districtsvergadering en de centrale +vereenigingen vormen het provinciaal comité, dat de bevoegdheid heeft +te waken voor de provinciale organisatie, voor de propaganda van de +antirevolutionaire ideeën, leiding te geven aan de verkiezingen voor +de Provinciale Staten, en aan het Centraal Comité voorstellen aan te +bieden, die betrekking hebben op de organisatie der partij. + +Daarboven nu is gezaghebbend werkzaam het Centraal Comité, dat uit +vijftien leden bestaat, van welke op zijn hoogst zes kamerleden mogen +zijn, gekozen door de algemeene vergadering van de afgevaardigden van al +de kiesvereenigingen, die instemming betuigd hebben met het program van +beginselen. Zijn taak is het leiding te geven aan de politiek van de +partij, terwijl het zooveel mogelijk eerbiedigt de vrijheid van beweging +van de provinciale en plaatselijke vereenigingen. De voorzitter van dit +Centraal Comité is Dr. Kuyper; die sinds 1877 aanhoudend de door hem +gestichte partij heeft geleid; uitgezonderd de vier jaren van zijn +ministerie, gedurende welke hij vervangen was door Dr. Bavinck, een +andere professor aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. + +Deze machtige organisatie waarvan Dr. Kuyper in 1901 met geoorloofden +trots sprak, en welke, in haar groote lijnen, het voorbeeld geweest is +van die, welke door de Roomschen is aanvaard, verkrijgt haar volledigen +omvang door de algemeene vergadering van de afgevaardigden der partij, +die gehouden wordt wanneer de omstandigheden van ernstigen aard zijn, en +bizonder als de verkiezingen aanstaande zijn. 't Is deze vergadering die +het programma vaststelt, waarmede de candidaten voor de kiezers +verschijnen. + +Om de waarheid te zeggen, zij doet niet anders dan goedkeuren en +bekrachtigen, want aan deze indrukwekkende vergadering is altijd +voorafgegaan een raadpleging van de kiesvereenigingen, en het program +is feitelijk vastgesteld voordat zij plaatsvindt. + +Op deze wijze vormt zij eerder een monstering van de troepen voor den +strijd, terwijl Dr. Kuyper met zijn welsprekend woord bezieling en ijver +voor de heilige zaak weet in te boezemen. Een vergadering van dezen aard +heeft iets indrukwekkends, indien men bedenkt dat die, welke te Utrecht +gehouden werd 13 April 1905 omstreeks 3900 afgevaardigden telde, die 650 +kiesvereenigingen vertegenwoordigden verspreid over geheel Nederland; en +het kan niet anders of zij is een sterke prikkel tot krachtige en +vruchtbare actie. + +'t Is door deze organisatie, zooals Dr. Kuyper die heeft gevestigd, +dat de kleine Antirevolutionaire groep groote kracht verkregen heeft, +waarmede vrienden en vijanden hebben te rekenen, en dat zij zich +ontwikkeld heeft tot een sterke eensgezinde partij, van populair en +uitermate belangrijk aanzien. + +Het is waar dat een afval van de partij meer of minder aan de +verkiezingen van 1905 afbreuk is komen doen, namelijk die van de +Christen-democraten, aan wier hoofd de heer Staalman stond, destijds +afgevaardigde van den Helder, die zich losmaakten, een nieuwe partij +trachtten te stichten, terwijl zij talrijke candidaten aanboden, en die +meewerkten aan de volkomen neerlaag van hun semi-geestverwanten. + +Deze poging werd eigenlijk weinig gevoeld. Zij deed weinig leden +heengaan, en de oorzaak er van was hoofdzakelijk dat de heer Staalman op +zekere punten een meer democratische gedragslijn wilde gevolgd zien, dan +die door Dr. Kuyper in later tijd aangewezen wordt. + +Niettegenstaande dit verlies bewaart de Antirevolutionaire partij +haar prestige en haar invloed. Dank zij haar verbond met de Roomschen +bezit zij drie en twintig vertegenwoordigers in de Tweede en tien +vertegenwoordigers in de Eerste Kamer. Haar meest-naar-voren-tredende +leiders, Mr. Th. Heemskerk, zoon van den ouden conservatieven minister +van dien naam, die de politieke eigenschappen van zijn vader schijnt +geërfd te hebben, en de heer Talma, de rechterarm van Dr. Kuyper, hebben +in het bewind het liberaal ministerie van den heer De Meester vervangen. + + +_II. De Vrij-antirevolutionaire of nieuwe Christelijk-Historische +partij._ + +Ten opzichte van de sociale vraagstukken, die van dag tot dag dringender +worden, heeft zich in alle landen een dubbele strooming vertoond: de +eene meer conservatief, die er naar streeft zooveel als mogelijk is +in den tegenwoordigen maatschappelijken toestand te laten; de andere, +die vooruitstrevend is en meer het belang van het volk ter harte wil +nemen, en op die wijze verkeerde of oude toestanden wil herstellen en +vernieuwen. Deze tegengestelde stroomingen openbaren zich hoofdzakelijk +in de politiek van de parlementaire natiën, waarbij het niet zelden +gebeurt dat de partijen daardoor verdeeld worden, en de eenheid van hun +program en hun doeleinden verbroken wordt. + +Dit is ook in Nederland met de Antirevolutionaire partij gebeurd. Dr. +Kuyper had in zijn orthodox Calvinisme eenige nieuwere stellingen en +eischen opgenomen; hij had zooals men het eigenaardig uitdrukte: »een +weinig socialistisch elixer in den wijn van zijn theologie gedaan.« + +Hij geloofde dat onder het volk, onder de arbeiders van stad en +land, gezocht moesten worden de bronnen van het leven, en dat de +Antirevolutionairen zonder op te houden mannen van orde en vooruitgang +te zijn, van de socialisten moesten overnemen het gezonde en edele +element in hun beschouwingen, waardoor zij de massa medesleepen en +verleiden. In één woord, hij aanvaardde de ideeën die men gewoonlijk +»democratisch« noemt, maar het waren ook deze ideeën en deze +sympathieën, die niet de goedkeuring wegdroegen van allen, die hem +volgden in den strijd voor de vrijheid van het onderwijs. + +Naast de »democratische« groep was er inderdaad onder hen een +conservatieve fractie. Zij bestond in 't algemeen uit mannen van stand, +wier aristocratische natuur niet dezelfde sympathie voor de beweging +ten gunste van het volk gevoelde. Aan hun hoofd bevond zich de heer De +Savornin Lohman, het volmaakt type van een modern edelman, die door +de voornaamheid van zijn manieren, zijn juridische en grondwettelijke +kennis, zijn sierlijk woord, zijn fijne ironie, zijn strenge, +meedoogenlooze, eenigszins hooghartige logica, naar het getuigenis +van Dr. Kuyper was en blijft »het sieraad van het Parlement.« Zijn +hoedanigheden waren er geheel niet op berekend om volksleider te zijn, +en zijn fijnere persoonlijkheid was geheel het tegengestelde van de meer +grove figuur van Dr. Kuyper. + +Tusschen deze twee mannen, beide van groot talent maar van zoo +verschillende geaardheid, moest het vroeger of later tot een breuk +komen. Dit was onvermijdelijk, temeer daar evenals raspaarden die +het gebit niet kunnen verdragen, de heer De Savornin Lohman en zijn +vrienden zich verzetten tegen de discipline van de partij, die hen een +gedragslijn oplegde, geheel tegengesteld aan hun gevoelens, en tegen de +gebiedende gezagsoefening van Dr. Kuyper, die hun toescheen tirannie te +zijn. + +Zoolang de schoolstrijd duurde, handhaafde zich de eenheid meer of +minder volkomen in de partij. Maar in 1891 kwam de breuk voor den dag +bij gelegenheid van het wetsvoorstel tot kiesrechthervorming, ingediend +door den heer Tak van Poortvliet. Juist bij de vaststelling van het +kiesrecht gingen de twee fracties uiteen. Dr. Kuyper wilde het zooveel +mogelijk uitbreiden als bestaanbaar was met de grondwet; Mr. De Savornin +Lohman en de anderen, die mede van zijn gevoelen waren, verlangden dit +niet. Want de »Vrij-antirevolutionairen« zooals men hen begon te noemen, +hadden andere ideeën dan de »Kuyperianen« die door hen werden uitgemaakt +voor »demagogen«, over den grondslag en de strekking van het kiesrecht; +over het verband tusschen de afgevaardigden en de kiezers; over de meer +of minder onmiddellijke deelname van de burgers aan de regeering van het +land. Zij beriepen zich rechtstreeks op Groen van Prinsterer en zij +zeiden: »De groote man, de heraut van de antirevolutionaire idee, was +een wezenlijk-aristocratische natuur. Hij eerbiedigde ieders geweten +in 't bizonder, maar hij was tegenstander van meer of minder algemeen +kiesrecht. Volgens hem bestond de vrijheid van een volk niet in de +bevoegdheid om zelf zijn regeerders te kiezen. Aan de andere zijde +vond de meening, dat de intellectueelen als »uitgelezenen« van een volk, +het recht hebben hun ideeën aan het volk op te dringen, in hem een +onverzoenlijk tegenstander. Aanhanger van het koningschap wilde hij +het persoonlijk gezag van den vorst niet onderdrukt of beperkt zien +door kunstmiddelen. Beslist voorstander tegelijk van het recht van de +Staten-Generaal, om de handelingen van de regeering te onderzoeken en te +beoordeelen, stemde hij toe dat de gekozenen rekenschap moesten geven +aan hun kiezers van hun doen, maar eischte hij daarentegen dat zij hun +zelfstandigheid zouden handhaven, zoowel tegenover de kiezers als ten +aanzien van de kroon, en zich niet laten beheerschen door den volkswil, +maar door het recht en de gerechtigheid.« + +En zij voegden er aan toe, niet zonder een toon van droefheid die in een +hardnekkig-beslissende uitspraak veranderde: »Groen van Prinsterer wilde +de vrije politieke discussie. Toen bij zijn sterven zijn volgelingen, +die bestonden uit »Gereformeerden en de kinderen van het Reveil«, zich +vereenigden om een gemeenschappelijk program te aanvaarden, namen zij +als grondslag van actie den strijd voor de Christelijke school. In dezen +tijd verlangden zij een zekere uitbreiding van het kiesrecht, die tot +stand kwam in 1887. Maar zij begeerden nooit iets anders, dan hetgeen +zij misten om de almacht te fnuiken van de voorstanders van de neutrale +school. Dit resultaat is bereikt, daarom willen wij niet verder gaan". + +Tengevolge van de lange en hevige discussies, die bij het wetsontwerp +Tak gevoerd werden, en die na zes jaren pogens leidden tot de wet +Van Houten, die schijnbaar het kiesrecht uitbreidde, staken de +Vrij-antirevolutionairen, die het antirevolutionaire schip verlaten +hadden, af in zee en vormden zij een zelfstandige partij met volkomen +vrijheid van gedachtenwisseling en volstrekte onafhankelijkheid van al +hare leden in den politieken strijd, als wezenlijke beginselen. + +Hare organisatie was niet zeer ingewikkeld. Zij bepaalde zich +hoofdzakelijk tot een commissie van advies, samengesteld uit twintig +leden. Aan het hoofd stonden de heeren De Savornin Lohman, Baron +Schimmelpenninck van der Oye, Quarles van Ufford, Van Lennep, Graaf van +Bylandt, bij wie zich daarna kwam voegen Baron Mackay, oud-minister. Dat +was als een schitterende staf van mannen met schitterende titels, een +hooge raad van mannen met bizondere ontwikkeling, die zich niet bemoeide +met het aanwijzen van een gestrenge gedragslijn, maar zich beperkte +tot het geven van een bescheiden en hoffelijk advies, ten nutte van de +aanzienlijke mannen, die onder haar streden, terwijl niet verwaarloosd +werd voor de bewaring van algeheele vrijheid van hun gedragingen zorg te +dragen. + +In November 1896 maakte de nieuwe partij een verklaring bekend, waardoor +de breuk met de »Kuyperianen" officieel werd, en waardoor men te kennen +gaf te willen verzamelen de Antirevolutionairen, die ontevreden waren +met de tegenwoordige leiding van de partij; terwijl voorts, bij het +naderen van de verkiezingen van 1897, een commissie van uitvoering +ingesteld werd, die tot taak had door raadgevenden en daadwerkelijken +steun ten gunste van de candidaten der Vrijen werkzaam te zijn, wier +gedachte door het dagblad »de Nederlander" werden verbreid en verdedigd. + +Toch duurde het tot 19 September 1898, voordat »de partij Lohman," +zooals men ze noemde, een program van beginselen aanvaardde. + +Het was dan ook wel uitsluitend een program van beginselen, en in +geenen deele een algemeen plan van actie. Daarvan wilde het niet weten, +om een theoretische reden: Een program van dezen aard, beweerde het, +bracht mede een verplaatsing van de macht, die dan overging van de +Staten Generaal op de kiezers en langs den weg van gevolgtrekking +alle wettige waarborg deed teloorgaan tegen de machtsmisbruiken van +het Parlement, daar de Regeering dan bestaan zou bij de gratie van +de meerderheid van de Tweede Kamer, en dat deze op haar beurt zou +handelen op ingeven van de partijen van haar program, door de kiezers +goedgekeurd. Dat was juist een van de gebreken, die de Vrijen ontdekten +in de organisatie van de Anti-revolutionairen, zooals Dr. Kuyper haar +had gemaakt, dat in de handen der kiezers gesteld werd de leiding van +'s lands zaken, en zij wilden in geenen deele deze demagogie navolgen. + +De in het program voorkomende anti-revolutionaire beginselen waren: +alle macht, komende van God; het gezag van de Schriften voor het +maatschappelijk leven; het streven om den ouden nationalen en +godsdienstigen geest der Hervorming te doen herleven; het recht +der ouders inzake het onderwijs; de roeping van den Staat om alle +godsdienstig geloof te beschermen en te zorgen voor de openbare +zedelijkheid. Het sprak bovendien uit: de vrijheid van gedachtewisseling +in het staatkundig leven, en de volkomen zelfstandigheid tegenover de +kiezers, van de afgevaardigden, die tot wezenlijke roeping hebben in +volstrekte vrijheid te waken voor de algemeene en hoogere belangen van +het land. + +Door deze laatste twee punten werd de scheiding van de +Vrij-antirevolutionairen volkomen, maar zij legden niet de minste +vijandige gezindheid aan den dag tegen de partij die zij hadden +verlaten. Zij beweerden zelfs, niet te zullen weigeren bij gelegenheid +een candidaat van de richting »Kuyper" te zullen steunen. En inderdaad +is dit gebleken. De Vrij-antirevolutionairen maakten voortdurend +deel uit van den bond van de rechterzijde, en bij gelegenheid van de +algemeene of provinciale verkiezingen brachten zij hun stemmen aan voor +de Anti-revolutionairen, die overigens hen betaalden met wederkeerigen +steun. Logisch moest het zóó gaan; de groote lijnen van het program +bleven dezelfde, en terwijl zij zich tot een vrije partij vormden, +hielden de staatslieden, die den heer De Savornin Lohman volgden, niet +op »anti-revolutionair" te zijn. + + * * * * * + +Deze wantrouwende en ietwat twistzieke verhouding duurde tot na de +verkiezingen van 1901, toen de Vrijen 8 leden in de Tweede Kamer +brachten en ongeveer 15.000 stemmen verkregen. + +Van dit oogenblik af vereenigden zij zich meer en meer met zekere +Christelijk-historischen, die niet meer de onverzoenlijke politiek van +Ds. Bronsveld konden steunen. Aan het hoofd van dezen, die toonden zich +vrij te willen maken van eene voogdij die hun hinderlijk werd, bevond +zich Dr. De Visser, predikant in de Nederlandsche Hervormde Kerk en +geliefd discipel van den Utrechtschen leermeester. + +In 1897 in Rotterdam I verkozen met de hulp van de liberalen en naar +het program van de Bronsveldianen, keerde hij zich weldra naar de +rechterzijde en gaf aan haar zijne medewerking. Van toen af zocht hij +langzamerhand zich van de banden, die hem aan zijn ouden leermeester +verbonden, te bevrijden, brak de brug achter zich af door de aanneming +van de stemmen der Roomschen in 1901 in Amsterdam II en nam gaarne +den behendigen voorslag van de Vrij-antirevolutonairen aan, die de +Christelijk-historische beginselen in aanzien zouden brengen in een voor +hen roemrijke toekomst, op voorwaarde, dat zij de hatelijke taktiek en +de ergerlijke beleedigingen van Dr. Bronsveld zouden vaarwel zeggen. + +De breuk kwam uit tijdens het ministerie Kuyper, toen de Christelijke +politiek van rechts zegevierde. Toen zijn courant »het Nederlandsche +Dagblad" ophield te bestaan en de meeste redacteurs tot »de +Nederlander" overgingen voegde zich Dr. De Visser met een deel van de +Christelijk-historischen bij de Vrij-antirevolutionaren, om met hen de +Christelijk-historische partij te vormen. + +De Vrij-antirevolutionaren namen hem met graagte op. Hun aantal werd +vermeerderd met een staatsman van invloed, die hun partijgenooten +aanbracht en hun terzelfder tijd een meer populair aanzien gaf door +den socialen arbeid, die van hem uitging. Zij hadden genoeg van hunne +afzondering en daarom vereenigden zij zich met andere elementen, die in +meerdere of mindere mate conservatief waren, hetgeen zij ook in hunne +politiek inbrachten. Daar zij niets van hun meest subtiele vrijheid +van handelen bij deze samensmelting te vreezen hadden, was het voor hen +enkel winst. Zij verkregen er een naam door, dat zij door een stoute +revolutie in de taal der partijen manschappen en eene organisatie aan de +groep van Bronsveld onttrokken. + +Het program, dat zij bij deze gelegenheid bewerkten, kwam in hoofdzaak +met dat overeen, wat zij bij hunne afscheiding van Dr. Kuyper hadden +aangenomen. De geest van de 14 artikelen bleef dezelfde. Eenige +bizonderheden meer en eenige kleine wijzigingen van omstandigheid, dat +was alles. De antirevolutionaire denkbeelden hadden Dr. De Visser en de +zijnen tot zich zien overkomen, zonder gevoelige veranderingen te moeten +ondergaan, zonder aan een misvormende overeenkomst ten prooi te zijn; en +dat verdient aandacht, want het toont ons dat de leer van Dr. Bronsveld +in descrediet was gekomen. + +Het belangrijkste was, dat de Vrij-antirevolutionairen bij deze +vereeniging met hen een dergelijke organisatie aantroffen. Zonder +twijfel was het altijd een commissie van advies, waartoe 42 leden +behoorden, aan het hoofd waarvan een besturend comité stond, dat met de +leiding der partij was belast. Zeker was er evenmin als eertijds een +program van actie en de aangenomen discipline was lang niet zoo streng +als bij de Kuyperianen. Maar toch, van een anderen kant beschouwd, +dat de organisatie noodzakelijk was werd wel erkend en het »Algemeen +Reglement" van 18 Januari 1904 riep kiesvereenigingen in het leven voor +de gemeente, het district en de provincie. + +Tot welk bepaald punt is deze organisatie gekomen? Dat is vrij +moeilijk te zeggen. In allen gevalle heeft zij een groot deel der +Christelijk-historische kiesvereenigingen met elkander verbonden, en +richt zij voortdurend nieuwe kiesvereenigingen op. + +Buitendien moet nog vermeld worden dat de Christelijk-historische partij +12 leden in de Tweede Kamer telt en dat zij hoop mag voeden dit aantal +hooger op te voeren. Het schijnt wel dat zij er op uit is tot zich te +trekken de onbestendige, onbesliste menigte van Protestanten uit het +Nederlandsch Hervormd Kerkgenootschap, die tusschen rechts en links heen +en weder dobbert en de leer van Bronsveld of van het rationalistisch +liberalisme heeft laten varen, maar toch niet er aan denkt om zich aan +de trotsche en meer gebiedende leiding van Dr. Kuyper te onderwerpen. + +De heer De Savornin Lohman en Dr. de Visser zijn door handige +diplomatie en diepzinnige politiek snellijk op dezen weg van +veroveringen gevorderd. Zij hebben in 1909 nog vóór de verkiezingen de +Friesch-Christelijk-Historischen met zich vereenigd, die langzaam en +wantrouwend, langen tijd hebben geaarzeld vóór dat zij het voorbeeld +van de Hollandsche fractie volgden. Het was niet zonder netelige +onderhandelingen dat het gelukte deze zelfstandige partij, die grooten +invloed in Friesland bezat, met de Christelijk-Historische partij te +vereenigen. Maar ten slotte is het een feit, dat in Juni 1908 het +accoord op de voornaamste punten is getroffen, en het blad »De Banier« +heeft het program der »Christelijk-Historische Unie« gepubliceerd. + +Inplaats van drie groepen, hebben wij dus thans één enkele partij »de +Christelijk-Historische Unie," die steeds van groot belang zal zijn en +met afwisselende schakeeringen blijven wat vóór alle vereeniging de +partij-Lohman was: »een meer aristocratisch, conservatief, onafhankelijk +antirevolutionarisme". + + +_III. De Christelijk-Historische Kiezersbond.--De +Friesch-Christelijk-Historischen._ + +De Christelijk-Historische Kiezersbond was op het oogenblik, dat zij +in het leven geroepen werd, de partij der orthodoxe predikanten in de +Nederlandsche Hervormde Kerk. Ook behoeft het ons niet te verwonderen, +dat wij op den bodem van deze breuk met de Antirevolutionairen een +theologisch geschil vinden. Dit betrof de beteekenis van de Heilige +Schrift voor het maatschappelijk leven die door dezen werd erkend, door +genen geloochend. Dit geschil openbaarde zich dadelijk na den dood van +Groen van Prinsterer, toen Dr. Kuyper de leiding der partij overnam. Zoo +kwam er verdeeldheid in den schoot der partij als doortrekking van den +strijd op kerkelijk gebied, die toen in de volkskerk plaatshad. + +Het onmiddellijke gevolg was evenwel niet de formeering van een +afzonderlijke partij. Alleen werden daardoor scheuringen veroorzaakt, +die de eendracht verbraken en volhardende actie belemmerden, zoodat Dr. +Kuyper meer dan eenmaal klaagde over het dubbelzinnige gedrag van die +belijders van Christus, die zich volgens hem niet ontzagen het program +van de heilige eischen aan persoonlijke eerzucht en tegenzin op te +offeren. + +De orthodoxen, die zich rondom den persoon van Dr. Bronsveld, predikant +te Utrecht, schaarden, waren op zijn hoogst eene fractie, maar zij +bestookten Dr. Kuyper met hun scherpe pijlen. Het tijdschrift »Stemmen +voor Waarheid en Vrede« en »De Vaderlander« waren het voertuig voor hun +nijdige aanvallen. Ja, meer nog, zij gaven er bestendig de voorkeur aan, +om in den verkiezingstijd de liberalen te helpen. »Men kan rechtzinnig +zijn op godsdienstig terrein en liberaal in de politiek" zoo spraken zij +met Dr. Bronsveld; »en wij zijn het." + +De partij kwam eerst tot stand in 1897, even vóór de verkiezingen. De +aanleiding en de voorgewende reden er toe was het openlijk verbond +tusschen Antirevolutionairen en Roomschen. + +De Christelijke coalitie scheen hun toe een monster-verbond te zijn. Als +erfgenaam van de tradities der Protestanten en van hun haat tegen het +Roomsche Katholicisme, zagen de predikanten er een aanslag in op den +voorrang der Nederlandsche Hervormde Kerk. Zonder ophouden hadden zij +zich blind getuurd op de schitterende aureool waarmee deze eertijds was +getooid, en evenals de conservatieve Protestanten, wiens opvolgers zij +waren, hadden zij gaarne gewild dat zij wederom het karakter van +officieele volkskerk had herkregen. + +In allen gevalle stelden zij zich met kracht tegen al wat haar de +overwegende plaats, die zij nog in het land besloeg, zou kunnen +ontnemen. Voor hen bleef het Roomsch Katholicisme de vijand en Rome +de kwaadaardige gevangenis, aller haat en verachting waardig. In het +verbond werd naar hun zeggen der geschiedenis een slag in 't aangezicht +gegeven, en zonder de voordeelen op te merken, die de Protestanten +zelven op politiek gebied uit deze taktiek trokken, zagen ze slechts op +de grootere kracht, die de Roomschen daardoor konden ontwikkelen. Zulk +eene handelwijze was naar hun meening overschrijding van de gestelde +maat en op initiatief van Dr. Bronsveld vereenigden zich sommigen onder +hen, en besloten vertegenwoordigers van alle streken van Nederland op te +roepen om een generaal comité te verkiezen en een program van beginselen +op te stellen. Zoo kwam het, dat in het begin van 1897 te Utrecht de +Christelijk-historische Kiezersbond werd opgericht. Het centrale comité +werd samengesteld uit 9 leden, en in 9 artikelen werd hunne leer in +verkorten vorm vastgesteld. In het program was de invloed merkbaar van +de mindere beteekenis, die door de predikanten aan de Heilige Schrift +werd toegekend voor het staatkundig leven. Terwijl zij toestemmen, +dat het Evangelie van Jezus Christus beginselen bevat, waarnaar ieder +Christen, bijgevolg ook de staatsman zich heeft te richten; beginselen, +die op alle terreinen des levens moeten geëerbiedigd worden; beweren zij +dat God geen politiek stelsel heeft gegeven, en dat het godsdienstig +geloof niet onvoorwaardelijk oplegt dat men zich op politiek gebied bij +de een of andere partij moet voegen. + +Uit dat beginsel volgt dat de Kiezersbond aanspraak maakte op het recht +om zich van zijne broeders af te scheiden, en in de politiek eenzelfde +richting in te slaan als zij, die in godsdienstig beginsel lijnrecht +tegenover hen stonden. + +Om een verklaring van den naam te geven, die zijn stichter hem gaf, +voegde Dr. Bronsveld er aan toe: »Alles wat in tegenspraak is met de +groote beginselen van het Evangelie van Christus, is overal verboden, +dus ook in de politiek. Zoo is de grondslag van de Kiezersbond, die +de naam Christelijk voor zich opeischt. Daar werd »Historisch" aan +toegevoegd daar men overwoog, dat de toestand der hedendaagsche zaken en +hare ontwikkeling niet van het verleden, waarin zij wortelen en waaruit +zij zijn voortgekomen, mag losgemaakt worden". En opdat ze gemakkelijker +in de publieke opinie ingeburgerd zou worden, herinnerde hij aan den +tijd van Groen van Prinsterer, toen verscheidene personen, zooals de +dichter Da Costa, reeds de benaming van Christelijk-historisch verkozen +boven die van Antirevolutionair. + +Wat het program zelf betreft, nadat het zijn aanhankelijkheid aan het +Oranjehuis heeft uitgesproken toont het zijne vijandschap tegen al +wat de Hervormde Kerk zou kunnen benadeelen of de Roomsche kerk zou +kunnen bevoordeelen; keurde het de overdreven bemoeiing van den staat +in de sociale kwestie en zijne inmenging in de armenverzorging af; +stond persoonlijken dienstplicht voor, maar stelde zich tegen het +protectionisme; eischte goed volksonderwijs, in elk opzicht van den +geest des Evangelies doortrokken, maar nam eene onzijdige houding in +den schoolstrijd aan; en verklaarde eindelijk op koloniaal terrein de +ideeën van de heeren Elout van Soeterwoude, Mackay, Van Ophemert en +Groen van Prinsterer toegedaan te zijn, en derhalve een Christelijk +bestuur te willen, een waardige en krachtige bescherming, een +voortdurende opmerkzaamheid, inzake den arbeid der verschillende +Zendingsgenootschappen, opdat zij elkander niet hinderen zouden. + +In 't kort behalve de conservatieve trek, die men er in zag, was het +program anti-Roomsch en anti-Kuyperiaansch. + +Dat karakter werd niet verloochend, toen men in 1900 het program door +scherpere belijning op enkele punten aanvulde. Toch had de ervaring +getoond, dat deze negatieve politiek niet in de gunst van het volk +deelde, ook zelfs niet in die van al hare aanhangers. + +Bij de verkiezing van 1897 had de »Christelijk-Historische Kiezersbond" +bijna 30,000 stemmen verkregen, en een vertegenwoordiger naar de Tweede +Kamer gezonden. Maar deze afgevaardigde, Dr. De Visser, predikant te +Amsterdam, vicepresident van het Centraal Comité der partij en geliefd +leerling van Dr. Bronsveld, had ternauwernood zijn voet over den drempel +van het Binnenhof gezet, of hij vereenigde zich met de rechterzijde en +ging niet meer accoord met de onverzoenlijkheid van zijn meester. Dit +gaf Dr. Kuyper de ondeugende ironie in den mond; »dat de Utrechtsche +Kroniekschrijver door zijn eigen geesteskinderen werd opgegeten." + +Het resultaat van de algemeene verkiezingen van 1901, toen de fractie +Bronsveld, zooals men ze toen noemde, minder dan 10.000 stemmen +behaalde, geeft ons het bewijs dat ondanks een poging tot organisatie +hun ideeën veel minder aanhangers telden. De kiezers keurden de +sectarische houding, die de Kiezersbond had aangenomen, al minder en +minder goed. + +Toen achtte Dr. De Visser het oogenblik gekomen om zijn overgang +te voltooien. Reeds bij de verkiezingen van 1901 had hij, ondanks +het verontwaardigd protest van Dr. Bronsveld, de meerderheid der +Christelijk-Historischen meegekregen, voornamelijk in Friesland, +Rotterdam, Amsterdam en den Haag, om met de rechterzijde op te trekken. +Onder het ministerie-Kuyper voegde hij zich in het openbaar naast de +Antirevolutionairen, en bezorgde hun den steun van een groot deel van +den Kiezersbond, die bij hun terugkeer den naam en de banier meenamen, +waaronder zij gewoon waren te strijden. Terzelfder tijd lieten zij hunne +vijandschap tegen de Antirevolutionairen en Roomschen varen, en zonder +zich om het gezag van Dr. Bronsveld te bekommeren, weigerden zij niet +langer hun plaats in de coalitie in te nemen. + +Bij dit verval van zijn politiek bleef Dr. Bronsveld nog van enkele +getrouwen omringd, die van dag tot dag minder talrijk werden. Bij de +nadering der verkiezingen van 1905 lieten verscheidenen hunner, die +naar het voorbeeld van Ds. Buijtendijk, Dr. Kuyper met een vuur gelijk +aan het zijne, hadden bestreden, dit na en verklaarden zich openlijk +voor de rechterzijde. + +De Christelijk-Historische Kiezersbond had zijn tijd gehad. Van de +Hervormde Protestanten, die Dr. Bronsveld had willen organiseeren tegen +het »Papisme" en het Kuyperianisme, waren de meesten naar den vijand +overgeloopen; er bleef slechts een verwarde massa over, die doorging de +liberalen te volgen, totdat zij, ontnuchterd, langzamerhand het aantal +deden toenemen van degenen, die zich rekenschap gevende van de eischen +van den politieken toestand, het voetspoor van Dr. De Visser hadden +gevolgd, dat leidt naar de Christelijke coalitie en een besliste +politiek. + + * * * * * + +Er bestond nog een andere Vereeniging van bijna dezelfde gevoelens als +de Christelijk-Historische Kiezersbond, die tot bakermat had Friesland, +waar ook haar voornaamste actie werd gevoerd. Daarvandaan komt de naam +van Friesch-Christelijk-Historischen, die de leden droegen. + +Het was in den eigenlijken zin des woords geene vertakking van de +organisatie van Dr. Bronsveld, want de Friesch Christelijk-Historischen +bedoelden een onafhankelijke plaats temidden der Nederlandsche politieke +partijen in te nemen. Hunne werkzaamheid beperkte zich niet tot de +provincie, waarvan zij den naam hadden aangenomen, en zij spraken den +wensch uit zich over andere streken uit te breiden. + +Evenwel stonden zij, door de beginselen waarop zij in hunne actie +steunden en door het afgebakende terrein waarop zij zich stelden, wel in +betrekking met den Christelijk-Historischen Kiezersbond. Het sociale +program, dat zij in 1898 uitwerkten, toen zij onder den naam van Bond +van kiesvereenigingen op Christelijk-Historischen grondslag in de +provincie Friesland in het politieke leven optraden, herinnerde aan de +gevoelens der Nederlandsche Hervormde predikanten, door zijn vijandschap +tegen de Roomsche kerk, en nam de meeste hunner aanspraken over. + +Men behoeft er zich dus niet over te verwonderen dat het de overtuiging +uitspreekt, dat de Staat ten nauwste met de Kerk verbonden, op zijn +eigen terrein volgens zijn eigen oordeel de waarheid heeft toe te +passen, die de Kerk belijdt, en allen valschen godsdienst en alle +atheisme moet bannen; dat de School wederom confessioneel moet worden +en hervormd. De regeering heeft in de Koloniën te waken, dat de missies +en voornamelijk de Roomsche missie niet op boosaardige manier tot het +gebied van andere doordringen. + +Maar daarentegen kende het program op maatschappelijk gebied een +gewichtige beteekenis aan de Heilige Schrift toe, want het stelde haar +tot een regel waarnaar de overheid had te handelen. Daarin was er dus +een belangrijk verschil met de andere Christelijk-historischen, alsmede +in het feit, dat zij een politieke vertegenwoordiging ontoereikend +achtten om de belangen van het land te verdedigen en daarom de +noodzakelijkheid predikten van evenredige vertegenwoordiging. + +In groote trekken gaf het program niettemin een bijna volledige copie te +zien van den Christelijk-historischen Bond. + +Deze gelijkenis werd nog nauwkeuriger na de korte verklaring van opnieuw +aangenomen beginselen, die door den president van den Frieschen Bond, +den heer Schokking, Hervormd predikant te Koudum, in zijn orgaan: »de +Gereformeerde Kerk" gegeven werd. + +In allen gevalle, ondanks de niet verheelde vijandschap tegen de +Roomsche kerk, begrepen zij spoediger dan de aanhangers van Dr. +Bronsveld, dat de rechter coalitie van het oogenblik, dat men het +ongeluk wil verhoeden van een »God-loozen staat", noodzakelijk was en +dat bij dit gevaar vergeleken, het Roomsche gevaar weinig beteekenend +was. + +Om die reden is het, dat zij van 1901 af tot overeenstemming kwamen met +de partijen van rechts om de candidaturen onder elkander te verdeelen, +en dat in de Kamer de heer Schokking de politiek van Dr. Kuyper +ondersteunde. In 1905 handelden zij zelf evenzoo, maar lieten zich +tot een onvoorzichtige taktiek verlokken, die volgens sommigen de +onmiddellijke oorzaak van de nederlaag der Christelijke partijen was. +Zij wenschten een zetel meer in het Parlement te bezetten dan den +eenigen die hun in 1901 toegestaan was, en dat werd hun door hun +bondgenooten geweigerd. Hetzij uit ontevredenheid met de voorwaarden, +die men hun had gesteld, of uit overmatig vertrouwen op het succes van +rechts, richtten zij zich naar den raad van één hunner leiders, den heer +Wagenaar, en weigerden bij de herstemming in twee of drie districten hun +steun aan de Antirevolutionaire candidaten, die toen de nederlaag leden. +Deze houding sloeg alle verwachting bij de stembus den bodem in en +veroorzaakte den val van het ministerie Kuyper. + +Wat er dan ook aan zij van de min of meer beslissende rol, die +zij in deze omstandigheid hebben gespeeld, hadden de Friesch +Christelijk-historischen niets van eene groote partij en schenen het ook +niet te zullen worden. Eén afgevaardigde in de Kamer, iets minder dan +10000 stemmen in het land, zoo ver strekte zich hunne macht uit, maar +hun steun was niet verwerpelijk, en van hunne houding kon het behoud of +het verlies voor de rechterzijde van de provincie Friesland afhangen, +waar zij een onbetwistbaren invloed onder de leden der Nederlandsche +Hervormde Kerk hadden. + +Dat hebben de heeren De Savornin Lohman en De Visser ingezien. Zij +hebben begrepen dat deze groep met de partij, die door behendige +samensmelting was aangegroeid, moest verbonden worden en zij hebben +onderhandelingen aangeknoopt om tot dat doel te geraken. + +Ten slotte werden de Friesch Christelijk-historischen met de +Christelijk-historische partij verbonden. Het resultaat strekt hunne +diplomatie tot eer, en voor de Friesche bond zelf verschaft het, al +offert hij ook met zijne onafhankelijkheid de aanspraak op de openbare +oppositie tegen het »Papisme« op, ter vergoeding, de macht, die van een +meer uitgebreide organisatie uitgaat en die tevens het gevolg is van +een gedragslijn, die meer overeenkomt met de milde en verdraagzame +denkbeelden, welke iederen dag meer de gunst van de vrije burgers van +Nederland schijnen te winnen. + + + + +DERDE HOOFDSTUK. + +De Liberale Partijen. + + +Het is nu vier jaren geleden, dat de leider der Nederlandsche +Socialisten, Mr. Troelstra, een overzicht gevende van de verschillende +groepen der Tweede Kamer, aan het adres der liberalen met een zeker +genoegen de volgende woorden richtte: »Er blijft mij een tweede taak +over, en dat is een blik te werpen op de linkerzijde, een blik op.... +wat zeg ik? op de liberale partij? dat kan men niet zeggen; op de +liberale partijen? dat kan men niet meer zeggen. Een van de geachte +sprekers heeft gezegd, »ongeorganiseerde liberalen«, ik moet dus zeggen +een blik op de verschillende personen en de verschillende groepen, die +onder den naam van liberalen zijn gezeten aan die zijde der Kamer.« + +Dit strenge oordeel is niet van billijkheid en grond ontbloot. De groote +liberale partij van 1850 bestond niet meer en bij het gezicht van de +verschillende brokstukken, verstrooid op de ruïne van haar +staathuishoudkundige leer, is het niet dan met zekeren weemoed dat men +denkt aan den tijd, toen minister Thorbecke bij de aanvaarding der +regeering in stoute taal Groen van Prinsterer, die hem naar zijn program +vroeg antwoordde: »Wacht onze daden af.« + +Op dat oogenblik was de herziening van de grondwet juist gereed, +waardoor het parlementaire stelsel voor Nederland vastgesteld en het +nationale leven met een nieuwen geest bezield werd. + +Zij was voltooid door de gezamenlijke pogingen van liberalen en +Roomschen. Een liberaal ministerie kwam aan het bewind, terwijl in het +land een liberale partij werd gevormd. + +Het trotsche woord van den eersten minister was geen ijdel woord. +Hij begon de wetgeving en het bestuur van den staat in te richten +naar de beginselen van het liberalisme en hij slaagde er in, een tijd +van voorspoed en grootheid voor de natie te scheppen. »In die dagen«, +schreef Mr. Schaepman, »welke Mr. Heemskerk haar heldentijdperk +noemde,--had de liberale partij, hoewel later met welwillende +medewerking van Mr. Heemskerk zelf, de wetten en reglementen tot een +vruchtbaar einde gebracht, zoodat zij diep hadden wortel geschoten in +het volksleven." + +Met groote werkkracht voorzien, toegerust met groote kennis en macht, +gaf zij er proeven van op alle gebied. + +Dat was de »gouden tijd« van de liberale partij. Met al haar jeugdige +kracht streed zij met edelmoedige geestdrift tegen de conservatieve +partij voor gelijke rechten van allen en voor gezonde ontwikkeling van +de staatsinstellingen. Overeenkomstig deze orde van zaken, wilde zij +de volledige en algeheele toepassing van de liberale beginselen der +grondwet n.l. de erfelijke monarchie van het regeerend Oranjehuis, +in overeenstemming met de volksvertegenwoordiging, door middel van +verantwoordelijke ministers, benoemd door de kroon en ondersteund door +de volksvertegenwoordigers. Verder wilde zij zelfbestuur van provinciën +en gemeenten, van dijken en waterschappen volgens het algemeen belang; +vrijheid van godsdienst en vrijheid van de afdeelingen der verschillende +broederschappen; absolute vrijheid der kerkgenootschappen zonder aan één +harer de voorkeur te geven en met volkomen onafhankelijkheid van den +staat tegenover de verschillende dogma's en godsdienstige meeningen; +vrijheid van onderwijs, van drukpers en vergaderingen; verzorging van +het openbaar onderwijs en publieken onderstand; vrijheid van handel en +industrie en van geldsomloop, waartoe het aanwenden van eigen middelen +zou aangemoedigd worden; streng toezicht op het financieel beheer; +openbare bespreking van de publieke zaak; autonomie van de rechtelijke +macht. + +Dank zij Thorbecke en zijn vrienden werden vele van deze wenschen +verwezenlijkt. Tal van organische wetten en menigvuldige reglementen van +inwendig beheer stelden de nieuwe grondwet in werking. + +Door hunne zorgen werd de arme bevolking der koloniën beschermd, de +indirecte belasting op de noodzakelijkste levensbehoeften opgeheven en +het beginsel van progressie in de directe belastingen vastgesteld. + +Gedurende bijna vijf-en-twintig jaren speelde Thorbecke aan het hoofd +van de liberale partij een eenige rol in de Nederlandsche politiek. +»Velen beschouwden hem als het ideaal van een staatsman«, zegt Dr. +Nuyens, »hij bezat den sleutel van de politieke kwesties, die toen aan +de orde waren«. Drie malen minister zijnde, regeerde hij vaker nog door +zijne volgelingen, door de ministeries »Thorbecke zonder Thorbecke« of +zooals men zeide, om de uitdrukking over te nemen uit de Arnhemsche +Courant, de »ministeries hazepeper zonder haas«. De reden daarvan was, +dat Thorbecke slecht gezien was bij het hof, om zijn meesterachtige +manieren, en dat dit hem slechts aan het bewind riep omdat het niet +anders kon. Bovendien had zijne openhartigheid en zijne standvastigheid +op stuk van beginselen hem veel persoonlijke vijanden bezorgd. Hij was +een man uit één stuk, van groot verstand en van onwrikbaar karakter, met +groot plichtbesef, vurig en vol zorg om al zijne kennis en wetenschap +aan den voorspoed en het welzijn van zijn vaderland dienstbaar te maken. +Zijn lang en vruchtbaar leven, alsmede zijn ongelooflijke werkkracht had +een bizonderen stempel gezet op de Nederlandsche geschiedenis. Zoo +teekent de heer G. Douwes in zijne staatkundige geschiedenis hem ons. +Zijne tegenstanders noemden hem echter ietwat verachtelijk: den burger, +den democraat, die met de traditie en met al wat eerbiedwaardig was in +hunne oogen wilde breken; ten einde dit te vervangen door de een of +andere nieuwe en ongehoorde zaak, waarvan nog niet de proef was genomen. + +En bij het einde van zijn loopbaan moest hij bedroefd worden door zekere +oude vrienden van zich te zien heengaan, die hem te leerstellig vonden, +niet meer op de hoogte van zijn tijd. Dit kwam, doordat de ideeën zich +terzelfdertijd hadden ontwikkeld, dat hij was oud geworden en zijn +invloed met zijne krachten verminderd. + +Maar bij zijn dood, die hem tijdens zijn derde ministerie verraste op +den 4en Juni 1872, werd de dankbaarheid des volks openbaar en zijne +verdiensten werden algemeen erkend en uitgeroepen. Zijn dood had een +nationalen rouw tengevolge. Om hulde te bewijzen aan zijn buitengewone +hoedanigheden en zijne toewijding aan de publieke zaak, werd een wet van +»dotatie«, geldelijke beschikking, aangenomen met op vier na algemeene +stemmen in de Tweede Kamer, en op één na in de Eerste, waarin aan zijn +beide dochters een jaargeld van f 4000 overeenkomstig het pensioen dat +hun vader zou hebben ontvangen, werd toegekend. Van andere zijde werd +in enkele maanden een inschrijving volteekend om voor »den meester« een +standbeeld op te richten, dat den 18en Mei 1876 onthuld werd te +Amsterdam. + +Volgens de erkenning van allen was een groot man, een der grootste, van +het wereldtooneel verdwenen, een diep denker, bekwaam staatsman, voor +velen een trouwe gids. + +Hij had nog de eerste verschillen gezien onder de liberale partij, +waarvan hij totnogtoe de kracht en de eenheidsband was geweest. +Tengevolge van hunne hardnekkigheid had voor een laatste maal de +»staatsman met grijze haren« het ministerieele harnas aangetrokken in +1871. + +Na het verlies van hun aanvoerder verdeelden zich de liberalen meer +en meer, maar daar zij zonder ophouden front hadden te maken tegen den +gemeenschappelijken vijand, bleven zij onoverwinnelijk en kommandeerden +als heeren het volk. Toch verzwakten zij voortdurend en werden minder in +aantal, naarmate hunne leer zich ontwikkelde en elken dag tegenover de +werkelijkheid van haar invloed en onfeilbaarheid verloor. + + * * * * * + +De liberale partij was voortgesproten uit de Fransche Revolutie. Zij +had tot grondslag de souvereiniteit van het volk en het stelsel van de +staathuishoudkunde der liberalen. Zij vond behagen in de afgetrokken +begrippen naar de wijze van de Fransche Revolutie-beginselen. Deze +hadden den mensch genomen, losgemaakt van alle traditie en van elke +gemeenschap en vrijgemaakt van alle hooger gezag, terwijl de volstrekte +heerschappij der rede uitgeroepen werd. Vervolgens werden de rechten +geproclameerd van den idealen mensch, die evenwel tot een nul werd +verlaagd tegenover een staat, die almachtig was door de brute macht +van meerderheid. Het staatsliberalisme was zóó doorgegaan; het had in +den mensch slechts een middel gezien om zijn rijkdom voort te brengen, +zonder zich over iets anders te verontrusten; zonder in te zien dat de +arbeider niet alleen mechanische, maar ook zedelijke en maatschappelijke +waarde bezit, en dat deze niet van elkander te scheiden zijn. De +liberale partij verzamelde deze ideeën en zij voegde er op staatkundig +terrein nog een en ander aan toe; zij bevrijdde den staat, evenals de +individuen die hem vormden, van elke beslommering op godsdienstig of +zedelijk gebied, daar zij beweerde, dat de menschen in de samenleving +daarmede niet te maken hadden, maar dat godsdienst privaatzaak was. + +De liberalen beminden de vrijheid met sterken, overdreven hartstocht en +daarin pasten zij wel bij hun tijd. Zij beschouwden haar als het hoogste +doel, als het heerlijkste goed dat op aarde bestond, en opdat zij meer +ten volle en volkomen heerschen zou in al hare openbaring, moest de +staat zich in een stelselmatige neutraliteit persen, zich vergenoegen +met de bescherming van de individueele vrijheid. + +»Een eerste eisch voor den staat is«, zoo schreef Thorbecke in zijn +politiek testament, »zich van alles te onthouden, dat niet aan haar als +wetgevend lichaam onderworpen is.« + +»Laat maar gaan, laat maar loopen!" daarop kwam practisch het program +neer van de liberale partij in de twee vraagstukken, die volgens den +heer De Mun nauw met elkander saamhangen en de geheele politiek +beheerschen: de sociale en de godsdienstige kwestie. + +Overeenkomstig dit geheele systeem had het liberalisme een bizondere +opvatting van de rol der regeering, en deze opvatting leed geheel en +al aan dwaling en zwakheid. Die dwaling werd gezien op het gebied van +den godsdienst. Aangezien de staat zich vóór geen andere moraal of +rechtsleer mocht verklaren, dan die hij zelf proclameerde, kwam hij +er toe zich op een even zachte als noodlottige helling te begeven +ten opzichte van de godsdiensten, die hij tevoren had geïgnoreerd. De +volstrekte neutraliteit, die de regeering beleed, was reeds een begin +van verloochening. En ziehier nu, hoe hij langzamerhand door de vreemde +doortrekking van die valsche leer verleid werd, om zijn houding, die +vreemd was aan de werkelijkheid en het gezond verstand, te laten varen +en zich te begeven op het erf van het geweten; een Credo of liever een +tegen-Credo te bepalen, dit met geweld op te dringen en de persoonlijke +vrijheid te vernietigen in naam zelfs van de vrijheid. + +Daar moet men zich niet over verwonderen. Want het beginsel van +de volkssouvereiniteit, welke de oorsprong van de macht in de +volksmeerderheid liet rusten, wettigde elke buitensporigheid, daar +hierdoor de staat in de meening kwam, dat hij zelf het recht aangeven +kon, indien hij maar de meerderheid voor zich had. + +De zwakheid kwam uit op sociaal terrein. Van de volstrekte vrijheid, +door het liberalisme gepredikt, kon geen zedelijkheid of harmonie +uitgaan. »De vrijheidsleer", zegt Bucher, »stelt vast, dat ieder mensch +tegenover de anderen geheel vrij is, en hierin slechts door de vrijheid +van zijn evenmensch wordt begrensd. Hieruit moet men besluiten, dat +de mensch geen andere wet heeft om zijn lust te breidelen, dan de +tegenstand van de lusten der andere menschen; dat hij geen andere kracht +heeft te overwinnen dan die van zijns gelijken; hieruit vloeit deze +gevolgtrekking voort, dat de samenleving voor allen schadelijk is, +die er geen genotmiddel van weten te maken«. De regeering, volkomen +onverschillig tegenover deze botsing van de belangen en den strijd om +het bestaan tusschen sterken en zwakken, kwam er alleen bij om zich +te beijveren de soort van anarchie, die hieruit geboren werd, te doen +eerbiedigen, welke met den schoonen naam van maatschappelijke orde +werd gesierd. Deze onthouding onder schijn van edelmoedigheid was op +haar pas geweest, zoo de mensch, volgens de zoo geliefde theorie van +Rousseau, van nature goed was; maar nu had zij het grofste egoisme, de +verkrachting van de rechten der natuur, de verdrukking van de zwakken +door de sterken, tengevolge. + +Naarmate het liberale systeem in beoefening werd gebracht, moesten de +sociale nooden meer tevoorschijn komen. Nooden van maatschappelijke +orde, van regeering, van maatschappelijke banden, van wederkeerige +waarborgen, van gemeenschappelijke geloofsbelijdenissen, van de bewaring +van gezinnen en hunne goederen in een toestand meer overeenkomstig hunne +welvaart, van groepeering der cellen van den bijenkorf onderling buiten +het bereik van de tirannie der regeering. Dat alles werd door de +liberale partij miskend, of liever het wilde ze niet kennen. Zij sloot +de oogen voor de werkelijkheid, en dat is altijd een teeken van zwakheid +en verval. + +Bovendien was een leerstelsel opgekomen, dat gevolgtrekking was van de +liberale leer en tevens tegen haar in werkte, het socialisme n.l., dat +de beginselen, die het liberalisme had gemaakt tot het hoogste goed van +de bourgeoisie, ten nutte aanwendde voor den vierden stand. + +Dit socialisme beweerde het geneesmiddel te bezitten voor al de +kwalen der maatschappij. Zijne aanvallen alsmede die der orthodoxen, +die de herstelling begeerden van het beschermend werk van den +christenstaat--over een christenvolk--slaagden er in om den liberalen +kolossus van het voetstuk af te werpen, waarop de volksgunst hem had +geplaatst, en zoo het bankroet van hun systeem volkomen te maken. + +Onder den druk, die zich deed gevoelen in de richting van de +socialistische pool, begonnen de liberalen in Nederland te begrijpen, +dat het gevaarlijk is voor een partij om niets te willen, wanneer de +volksmenners alles willen en het volk iets wil. Na eerst lijdelijk +weerstand geboden te hebben, begaven zij zich schroomvallig in de +richting van de sociale hervormingen. Hun verouderde beginselen +verlatende, trachtten zij een nieuw denkbeeld te vinden en voor het +meerendeel neigden zij zich meer of minder naar het socialistische +denkbeeld, hetwelk aan hunne beginselen als logische consequentie, hoe +verschillend anders ook, ten grondslag lag. + +Degenen, die het meest gehecht zijn aan de oude leer, moeten deze +karakteristieke ontwikkeling erkennen. Zoo schreef de heer Van der +Kaay, oud-minister van justitie in het kabinet Van Houten: »De Staat +werd met geweld in aanraking gebracht met de sociale belangen, zooals +de wettelijke regeling van de handenarbeid en de verzending der +koopmansgoederen. Van alle kanten werd hij besprongen door personen, +die hem om zijn hulp meer dan om de vrijheid verzochten. Daardoor was +het voor de regeering bijna onmogelijk zich te onthouden. De wetgeving +is niet zonder invloed op deze belangen en waar het op de liberale +regeering rustte, de vereenigingen en de particuliere personen aan te +moedigen tot de ontwikkeling van hun eigen krachten, door algemeene +voorwaarden te scheppen, die deze ontwikkeling mogelijk maakten, daar +kwamen er moeilijke kwesties voor de regeering voor, die opgelost +moesten worden, vooral wanneer men zich herinnert dat deze algemeene +voorwaarden ook moesten gelden voor armen en de verwaarloosden". + +En hij voegt er bijna berustend aan toe: »Men kon zich niet onttrekken +aan den invloed van degenen, die hem omringden, noch aan de eischen van +den tegenwoordigen tijd." + +Zie ons daar ver verwijderd van de theorieën van Thorbecke! De +liberalen hebben ze òf ten deele òf geheel laten varen. Zij hebben +in de tusschenkomst der regeering toegestemd en uit het program der +socialisten enkele hervormingen overgenomen, varieerend in getal en +gewicht naar hunne genegenheid en geaardheid. Terzelfder tijd hebben +zij hun onverschillige houding laten varen, om meer en meer tegen de +kerkelijken op te trekken. Dat was het einde van eene neutraliteit, die +in de werkelijkheid niet kon bestaan, en het was toch natuurlijk dat zij +zich onbewust wellicht door de logica van hunne grondstelling lieten +meesleepen naar het socialisme. + +Maar deze verschuiving in de linkerzijde heeft niet ineens plaatsgehad. +Zij had vijftig jaar geduurd, en was eerst onmerkbaar; in de laatste +jaren echter had zij haar loop versneld en, meer of minder langdurig +door de hinderpalen van den weg opgehouden, had zij de overblijfselen +van de groote liberale partij achter zich gelaten. + + * * * * * + +Van den tijd van Thorbecke af was er eene beweging onder de troepen van +het liberalisme. Ongeveer in 1866, bij gelegenheid van het koloniale +vraagstuk, begon men van gematigden en geavanceerden te spreken, +genen bleven den »Meester" getrouw, dezen verlieten hem om de radicale +beginselen van Fransen van der Putte te volgen. De scheiding werd eerst +voltrokken, toen de regeering haar stelsel om zich aan alles te +onthouden meer en meer varen liet. + +Sedert 1872 worden ons door Opzoomer--in zijn boek: »Grenzen van de +staatsmacht"--de volgende regels aangegeven voor staatsbemoeiing: + +1o. Men moet in zijn geheele uitgebreidheid het beginsel van gelijkheid +van allen handhaven, zelfs van vreemdelingen tegenover de justitie en de +politieverordeningen. + +2o. Men moet erkennen, dat elk ander regeeringswerk het voorwerp der +besprekingen mag zijn. Het is van belang, dat in de debatten van dat +soort een goede toon bewaard blijft en geen bij- of scheldnamen van +socialist of individualist gebruikt worden. + +3o. Het is noodig, dat men iedere nieuwe taak weigert, tenzij +het onderzoek heeft aangetoond, dat het belang van de natie de +daadwerkelijke tusschenkomst van den staat vordert en dat zonder +dat de taak niet of slecht wordt vervuld. + +4o. Men moet zonder vooringenomenheid onderzoeken, of een gedeelte +van de taak niet nuttiger zou kunnen worden vervuld door bijzondere +vereenigingen of door particulieren. + +5o. Men moet de geworden veranderingen aanbrengen, noodzakelijk door de +wijziging der publieke opinie. + + * * * * * + +De tusschenkomst van den staat onder regels brengen, dat is reeds: ze +toestaan. En de »Grenzen" van Opzoomer laten ons een staat zien, door +het verstand beheerscht. Zij wettigen de gedeeltelijke verlating van het +leerstelsel, waartoe de laatste verplicht werd, om zich te veranderen in +een verstandelijk opportunisme en door hunne termen bewijzen zij dat er +reeds een levendige oppositie gevoerd werd tusschen de beide +tegenovergestelde groepen. + +Deze oppositie werd grooter, daar de een zonder ophouden de +tusschenkomst van den Staat niet ver genoeg vond, en de andere steeds +vreesde haar verder zich te zien uitstrekken. De grondwetsherziening en +de hervorming van het kiesrecht, twee vraagstukken, die in Nederland +nauw met elkander verbonden zijn, waar het kiesrecht is bepaald bij de +grondwet, en waarvan men weldra in politieke kringen begon te spreken, +brachten deze oppositie op een critiek punt. Onder den invloed van de +hartstochtelijke twistgesprekken werd de scheiding zoo groot onder de +liberalen, dat zij momenteel de meerderheid verloren in de Tweede Kamer. + +Om de partij voor volkomen nederlaag te bewaren, beproefden vele leden +het grootst-mogelijke aantal partijgenooten in de organisatie »de +Liberale Unie" te vereenigen. Maar deze organisatie, naar zij zeide, +die de overeenstemming wilde herstellen, tusschen de liberalen van +verschillende schakeering, om den politieken invloed tegen te gaan der +confessioneele partij, slaagde er slechts in, den voortgang der +ontbinding tegen te gaan. + +De verdediging van de schoolwet, een werk van de liberale regeering, +behield nog gedurende eenigen tijd een kunstmatige eenheid, maar in 1889 +ontnam de wet-Mackay haar veel van hare belangrijkheid en men moest +besluiten de sociale kwesties onder de oogen te zien. + +Te dien einde begon de »Liberale Unie" het hervormingsprogram uit te +werken. Maar dit wekte ernstige ontevredenheid onder de geavanceerden, +die zich over de beslissende verklaringen beklaagden, welke grenzen +trokken te nauw voor de persoonlijke meeningen, met betrekking tot +eenige wetsvraagstukken, waarvan men het onmisbare onderzoek ter +nauwernood begonnen was. De heer Pierson onthield zich niet van critiek. +Een manifest verscheen met 33 handteekeningen en proclameerde tot plicht +van den staat »de tusschenkomst ten gunste der misdeelden door middel +van wettelijke maatregelen.« De geestelijke verwijdering was te zeer +verscherpt om elkander te kunnen verstaan in een gemeenschappelijk +program. + +Onderwijl werd met het ontwerp-Tak van Poortvliet, het vraagstuk van +de regeling van het kiesrecht opnieuw gesteld. Dit was de aanleiding +tot de breuk. Eenigen met Kerdijk en de leden van het ministerie Tak +zich noemende Progessisten of zelfs radicalen, spraken zich ten gunste +van een groote uitbreiding van kiezers uit, door de opheffing van alle +census en vaststelling van een soort van algemeen kiesrecht. Anderen +met Mr. Roëll en Van Houten, die zich bij hem had gevoegd, toonden zich +conservatief en trachtten er naar, dat de minst-mogelijke verandering +werd verkregen in het stuk van den census. Het parlementaire steekspel +duurde vier jaren, nam de krachten van twee ministeries in beslag en +eindigde met een voorloopig besluit, een soort van overgang, waarin de +gematigden de overwinning behaalden. + +Alle partijen verlieten den strijd in groote beroering; de liberale +partij meer dan een der andere. Gedurende een oogenblik van stilstand +der twisten, gelukte het bij de verkiezingen van 1897, om de krachten +der linkerzijde tegen het clericale gevaar te vereenigen, maar deze +wapenstilstand was misleidend. Niet alleen was de breuk tusschen +gematigden en progessisten volkomen, maar de verdeeldheid drong ook +door zelfs in de rijen van de »Liberale Unie". Het bestuur had het +plan om in 1900, de kwestie van herziening der grondwet aan de orde +te stellen, als middel ter invoering van het algemeen kiesrecht, maar +verkreeg de afkeuring van de algemeene vergadering, die weigerde hem +op dien weg te volgen. Het gevolg er van was een sterke splitsing. +Het besturend comité trad af en trok zich terug, gevolgd door zijne +getrouwen. De ontevredenen besloten in overleg met de radicalen, nadat +zij bij hun vertrek de deur achter zich hadden dichtgeslagen, een +nieuwe partij te vormen. Te dien einde kwamen zij dichter bij de +socialistische partij te staan en zij ontplooiden er de vlag van den +Vrijzinnig-democratischen Bond. + +Dientengevolge is de liberale partij, eertijds zoo machtig, dat men +geloofde dat zij voor altijd meester was van de toekomst van Nederland, +op dezen tijd geheel gedesorganiseerd. In 1898 antwoordde op de vraag +of er in Nederland nog een groote liberale partij is, de heer Van der +Kaay bevestigend, terwijl hij echter toestemde dat enkele liberalen +daarop een ontkennend antwoord zouden geven. Heden is geen twijfel meer +mogelijk; zij bestaat niet meer, zooals de heer Troelstra zeide, want +er is onder de verschillende brokstukken geen eenheid van doel of van +handeling. De zuivere liberalen, de mannen van »laat maar gaan", zooals +men ze noemde, zijn bijna geheel verdwenen. Overigens, terwijl eenigen +zich zoo getrouw mogelijk hielden aan het oorspronkelijke leerstelsel, +hebben anderen een vasten vorm aan hun »vooruitgang" gegeven door zich +»progressisten" te noemen. Nog anderen hebben zich op de grenzen van +het socialisme geposteerd, waarvan zij slechts gescheiden zijn door +een denkbeeldigen muur, die bij het minste zuchtje omvergeworpen wordt. +Alzoo vinden wij ter rechterzijde de oud-liberalen, ter linkerzijde de +vrijzinnig-democraten, en de vooruitstrevende liberalen in 't midden. + +Naar alle waarschijnlijkheid groeide de verbrokkeling aan, naarmate de +politieke invloed van deze partijen minder werd. Van het ideaal ontdaan, +voeren zij meer en meer in het zog van het socialisme of sloten zij +zich in een soort van onmachtig isolement op. Zij zouden nog wel eenigen +tijd voort kunnen leven en een bijzondere rol spelen, maar sedert het +bankroet van het stelsel, dat aan het liberalisme ten grondslag lag, +hebben ze nog slechts eenige beteekenis als de partij van het juiste +midden, wier invloed en kracht met elke gebeurtenis bij den dag minder +wordt. + + +_I. De Oud-Liberalen, Conservatief-Liberalen of Vrij-Liberalen._ + +Deze zijn het meest aan de liberale tradities getrouw gebleven. Toen +anderen ze verlaten hadden om de vrijheid van het individu aan het +absolutisme van den staat op te offeren, hebben de oud-liberalen zich +sterk gemaakt om in de oude positie te blijven staan. + +Zij weken zeer langzaam er van af; verlieten duim voor duim het terrein, +toen het hun onmogelijk was er langer te blijven. Indien zij ook al +niet de volkomen onthouding van den Staat predikten en indien zij al +niet tegenstanders van hervormingen waren, zij wilden ze toch zoo min +mogelijk. Ook noemt men ze nog de gematigd-liberalen, want dat zijn ze, +zoowel in hun wenschen als in hun taal. »Gelijk overvoeding noodlottig +is, voor het menschelijke lichaam," zoo spreken zij, »zoo kan de +maatschappij niet te veel hervormingen tegelijk verdragen." Maar zij +begrepen niet dat, door al te matig te zijn, zij gevaar liepen haar te +doen sterven aan verzwakking en uittering. Conservatief van principe +even goed als van methode hadden zij een groote vrees voor al wat hun +avontuurlijk toescheen. »Bezint eer gij begint!" herhaalden zij in +alle toonaarden, en daarin was hunne voorzichtigheid verstandig. Maar +zij bezonnen zich zoo lang en zoo goed, dat zij insliepen op hunne +stellingen en niet zagen, dat de wassende stroom van het socialisme hen +geheel dreigde in te sluiten. + +Het socialisme, waarvoor zij bevreesd waren en dat zij dachten te +beperken door hun lijdelijk verzet, is niet het eenige gevaar, dat hen +verschrikt. Er is een ander, dat hun meer aan de orde van den dag en +verschrikkelijker toeschijnt, het is n.l. wat Gambetta in deze woorden +omschreef: »Het maatschappelijk gevaar, dat is het clericalisme". Dat +is de formuleering, die in het bizonder de heer Van Houten tot de zijne +gemaakt heeft en die hij ontwikkelde met voortdurende vijandschap. + +Tusschen deze beide gevaren heen en weder bewogen, namelijk tusschen +het socialisme en het clericalisme, slaagden de oud-liberalen, die +door een voorzichtige gelegenheidspolitiek het liberale stelsel met +de eischen des tijds trachtten overeen te brengen, er slechts in een +nuttigheidspolitiek te voeren. Niet, dat het hun aan wijsheid en +beleid ontbrak. In hunne rijen waren mannen van naam in grooten getale +aanwezig. Er waren rechtsgeleerden en wijsgeeren bij, zooals de heeren +Van der Kaaij en Van Houten, redenaars als de heeren De Beaufort en +Roëll, eminente hoogleeraren als de heer Van der Vlugt, diplomaten als +Van Karnebeek en Tets van Goudriaan, oud-ministers als bijna deze allen +zijn, wier namen genoemd zijn. Het zijn echter niet dan uitnemende +personen, naar wier schoone taal men met eerbied luistert, zonder een +oogenblik te denken ze in werkelijkheid om te zetten; die de beweging +niet meer beheerschen, maar zich tevreden stellen met ze van verre te +volgen, en wien het niet dan met groote moeite gelukt, dat hun liberale, +meer-geavanceerde broeders de langzaamheid van hun gang hun vergeven +terwille van hun ijver tegen het clericalisme. + + * * * * * + +In een land van ware vrijheid zooals Nederland loopt zoodanige +houding, die zoo antigodsdienstig is, gevaar niet de goedkeuring van +de publieke opinie weg te dragen, zelfs niet van al de volgelingen der +conservatief-liberale politiek. Zoo gaf ter gelegenheid van de algemeene +verkiezingen in 1905 de heer Holwerda, professor aan de Leidsche +Universiteit twee brochures in 't licht,[2] moedig wijzende op de +gevaren van het liberale sectarisme. Hij noemde haar het clericalisme +van den tegenovergestelden zin; constateerde dat de liberale partij +zonder blikken of blozen de partij van het ongeloof was geworden, en +vroeg zich af, zonder zich nu veel van het antwoord in te beelden, +òf niet een liberalisme mogelijk was dat beter zorgde voor de +godsdienstvrijheid dan die treurige en verbasterde vrijheid door +de modernen gesteld. + +[2] "Wie zijn wij zelf?" en "Kunnen wij niet anders worden?" + +Dat voorbeeld bleef niet zonder gevolg. Anderen, onder wie er velen +waren die hooge regeeringsambten bekleedden, ondernamen op hetzelfde +tijdstip een daad van protest, door een nieuwe gematigde partij te +formeeren. In een vergadering van de leiders dezer beweging te 's +Gravenhage werd den 7en October 1904 het besluit daartoe genomen. Zij +werkten een program van beginselen uit met een verklarend bijschrift, +verkozen een voorloopig bestuur en noemden zich de Nationaal-historische +Partij. Weldra werden er provinciale comite's in Zuid-Holland en +Overijsel opgericht terzelfder tijd, dat de kiesvereeniging »Vaderland +en Koning" uit den Haag zich bij haar voegde, welke eertijds +een belangrijke rol had gespeeld in de verwikkelingen tusschen +conservatieven en liberalen. In hun beginselprogram plaatsten zij +zich op het terrein van het publieke recht, zooals zich dat in de +historie voordeed, om naar een ontwikkeling van staat en maatschappij +op historischen grondslag te streven; hielden rekening met »het +godsdienstig karakter van het nationale leven", om zich openlijk te +verklaren voor methodischen vooruitgang, naar de eischen des tijds; +voor de onderwerping aan de vastgestelde bepalingen en der eerbiediging +van de verkregen rechten; en erkenden uitdrukkelijk »als plicht van de +overheid, de vrije uitoefening van den godsdienst te begunstigen, te +ondersteunen en te beschermen". Uit al deze uitdrukkingen blijkt het +verschil van temperament, dat hen van de oud-liberalen scheidde, wier +conservatieve tendensen zij daarenboven behielden. + +Zonder twijfel was de bedoeling van de Nationaal-historischen om een +zelfstandige partij te vormen, die zoomin bij rechts als bij links +behoorde en den rol van scheidsrechter zou kunnen vervullen tusschen de +Christelijke coalitie en het anticlericale blok, wier krachten op weinig +na tegen elkander opwogen. Het wekelijksche orgaan »de Nederlandsche +Stemmen", dat zij hadden opgericht, liet ons daarover in het duister +en publiceerde in zijn nummer van den 27en Januari 1905 een verklaring +van het voorloopig bestuur, waarin ter eener zijde de rangschikking der +partijen naar het criterium door de confessioneele partijen vastgesteld +werd verworpen en aan den anderen kant elke medewerking aan het program +van de zich noemende liberale concentratie werd geweigerd. + +Denzelfden geest ademt eene beslissing den 12en Mei 1905 door de partij +genomen aan den vooravond der algemeene verkiezingen, waarin zij haar +diepe droefheid uitsprak, over den overgang van vele oud-liberalen naar +de liberale concentratie en haar plan mededeelde om met eigen candidaten +uit te komen. Maar dit besluit werd slechts in het derde district van +Den Haag ten uitvoer gebracht, waar het hun eigen secretaris, Baron van +Vredeburch, gelukte bij afwezigheid van een rechtschen candidaat 2572 +stemmen op zich te vereenigen en in herstemming te komen met den +Unie-liberaal Jansen. + +Daartoe bepaalden zich de resultaten van deze taktiek en zoo was een +proef genomen van den gematigden invloed van de nieuwe partij. Het bleek +op dat oogenblik dat de titel »Nationaal-Historische Partij" slechts +gegeven was aan een »generale staf zonder troepen, die gansch geen +invloed had op de liberale kiezers.« + +Zullen zij, waar zij in hunne poging van volstrekte neutraliteit hebben +gefaald, zooals de »Nederlander" hoopte, naar de conservatieve elementen +van rechts zich wenden, inzonderheid tot de Christelijk-Historischen? +Dat is het geheim der toekomst; maar zeker is het mogelijk en dit +schijnt tot het wel-beraamde plan te behooren van den heer De Savornin +Lohman. + + * * * * * + +Of de oorzaak lag in de houding der Nationaal-Historischen dan wel in +de noodzakelijkheid om zich tegenover het kiezerscorps aangaande hun +verbond met de democratische fracties van links te verklaren, zeker is +het, dat bij de nadering van de wettelijke verkiezingen van 1905, de +oud-liberalen een manifest aan de liberale kiezers openbaar maakten, +onderteekend door 75 bekende politieke personen. Er kon eigenlijk niet +van een program gesproken worden, want het miste nauwkeurige belijning +en autoriteit. Het manifest der 75, zooals men dat toen noemde, drukte +alleen de noodzakelijkheid uit van in het belang van het land front te +maken tegen de regeeringsmeerderheid, door de liberale candidaten te +steunen, ook zelfs, wanneer men hunne ideeën niet deelde. Het sprak ook +in vrij vage bewoordingen eenige punten van beginsel uit om algeheele +verwarring met andere partijen te voorkomen. Daarin werd bepaald, dat +het de plicht van den liberalen staat was op onpartijdige wijze aan al +de burgers de grootst mogelijke vrijheid te verzekeren, de politieke +vrijheid, gewaarborgd door een gezonde wetgeving, en de maatschappelijke +vrijheid als onmisbare voorwaarde van voorspoed en beschaving. Het sprak +zich over de herziening van het kiesrecht uit, dat zij dit niet aan de +orde achtte, en besloot met het oog op den verkiezingstrijd tot de +oprichting van een commissie van advies, bestaande uit zeven leden, die +belast was met de leiding van het werk der kiesvereenigingen. + +Daar zat een begin van organisatie in. De meest verharde individualisten +als de heer S. Van Houten, die naar het zeggen van den heer Treub niets +anders zijn dan inconsequente anarchisten, hadden er het zegel hunner +goedkeuring aangehecht, en het is wel te verwonderen, dat dit zoo is. Na +de wettelijke verkiezingen, waardoor de oud-liberalen, die de hulp zelfs +van de socialisten aannamen, het van acht tot elf vertegenwoordigers +in de Kamer brachten, geloofden zij, dat het oogenblik gekomen was +om deze schets te voltooien. Het was hun president, de heer Tydeman, +afgevaardigde van Tiel en verdienstelijk redenaar, die op het congres, +dat den 23en Juni 1906 gehouden werd, verklaarde dat hun oogwerk was +zich een huis te bouwen met de uitgesproken verwachting daarin een +deel van de leden van de Liberale Unie tot zich te trekken. Bijzonder +eigenaardig was het, dat deze nieuwe vereeniging zich aandiende als vrij +en dit was op het oogenblik, dat hare leden iets van hunne vrijheid +inboetten in de handen van een vereeniging, die naar hun oordeel van +plan was dezen titel aan te nemen. Misschien vonden zij dat de naam +»Oud-liberaal« te veel naar schimmel rook, en dat Vrij-liberalen beter +in de ooren klonk dan Oud-liberalen. In allen gevalle bleef de radicale +drukpers niet in gebreke deze inconsequentie aan te toonen en daar zij +steeds weinig sympathie betoonde aan de achterblijvers, deed zij dit met +zelfvoldane ironie. + +Nadat de bond van Vrije liberalen geconstitueerd was, had zij aan haar +hoofd een commissie van advies gehouden van ten minste zeven leden en +districtsbesturen in 't leven geroepen, overal waar meer dan ééne +afdeeling van den bond was; maar zij had nog geen program. + +Dit was juist de moeilijkheid, want de overeenstemming van inzichten +onder de aanhangers was verre van volmaakt, en men had daarbij noodig +een werkplan vast te stellen zoo wijd, dat niemand afgeschrikt werd, en +toch nauwkeurig genoeg om van eenige beteekenis te zijn. Men had wel het +manifest der 75, maar dat was te onbestemd en naar hunne gedachte al te +zeer geinspireerd door de verkiezingsdrukte om een blijvend program van +beginsel te zijn. Ook had de algemeene vergadering besloten er een ander +uit samen te stellen en dit werk toevertrouwd aan een speciale commissie +van vijf leden. Maar wij mogen gelooven dat de arbeid, die aan haar was +opgedragen, ernstige beletselen ontmoette, want eerst het volgende jaar +werd een ontwerp aan de voltallige vergadering der partij voorgelegd. +Over het geheel was het vervat in weloverwogen termen, die herinnerden +aan de vage algemeenheden van het manifest. De geest was eveneens +flauw alsook het meerendeel van de voorstellen zooals: constitutioneel +koningschap, krachtig gezag, vrijmaking van alle confessioneelen invloed +in het openbare leven, ontwikkeling van het particulier initiatief, +versterking van het openbaar onderwijs, een snel en zuinig recht, +vrijhandel; daarin bestaan voornamelijk de tien artikelen. Er was +geen belangrijk verschil behalve over de verkiezingskwestie, waar de +mogelijkheid gelaten werd van gedachtenwisseling of men het kiesrecht +niet zou kunnen uitbreiden tot de mannen, die in bepaalde voorwaarden +vallen, en tot zekere categorieën van vrouwen, door den wetgever +aangewezen. + +Van dit program van beginselen werden alleen de drie eerste artikelen +aangenomen in 1907 en eerst in de maand Juni van 1908 kon Tydeman +verkondigen dat de bond de periode was ingetreden, waarin de +voorbereidende werkzaamheden van het tweede deel van het programma waren +geëindigd en dat het in aanbouw zijnde huis een dak had verkregen. +Wat betreft de organisatie zelve, constateerde hij, terzelfder tijd +dat de bond, zonder vooruitstrevend te zijn als de Vrij-liberalen +hadden gewenscht, zich ontwikkelde door middel van de instelling van +plaatselijke kiesvereenigingen, in het bijzonder in het district +Leeuwarden, dat den vurigen kapitein Thomson afvaardigde. + + * * * * * + +Maar de partijformeering van de verstrooide Oud-liberalen had gansch +niet kunnen behagen aan de andere partijen van links; nog minder aan de +Unie liberalen dan aan de Vrijzinnig-democraten, daar genen zich meer +rechtstreeks daardoor zagen bedreigd met desorganisatie. Dat die partij +reden had te vreezen, loochende zij en werkelijk heeft zij er totnogtoe +weinig van te lijden gehad, maar toch was zij op hare hoede, gereed om +zoo noodig de tanden te laten zien. Het verschil van neiging op sociaal +gebied en in de kwestie van herziening der kieswet was niet geschikt om +deze slecht-verholen vijandigheid te verzachten. Ja, wat meer is, de +vooruitstrevenden verweten aan enkele gematigden van hen, zooals Van +Karnebeek en Van Houten, het ministerie De Meester niet genoegzaam +gesteund te hebben, voornamelijk inzake het militaire vraagstuk, dat +tot zijn val leidde. De houding ten slotte van de oud-liberalen in +Amsterdam, waar zij als wethouder van onderwijs een antirevolutionair +als Mr. de Vries hielpen verkiezen boven den vrijzinnig-democraat +Ketelaar, was de oorzaak van de volkomen-slechte gezindheid van de +democratische partijen, die dreigden de Vrij-liberalen uit het liberale +blok te werpen en hen aan hun isolement over te laten. + +En daar van den anderen kant de rechtsche partij haar reglementen +niet zoo mild wist te maken dat zij deze gematigden van links +opnemen kon, die waarschijnlijk erin zouden toegestemd hebben om +uit hun programontwerp het anticlericalisme te verbannen en tot een +opportunistisch samengaan met de conservatieve elementen van rechts te +besluiten--zoo had de Oud-liberale partij gevaar geloopen zonder hulp en +steun te blijven, indien deze bedreigingen werkelijkheid waren geworden. + +Maar er was herstelling mogelijk: haar steun had men al te zeer voor de +liberale concentratie noodig, hare dagbladen, de Nieuwe Rotterdamsche +Courant, het Handelsblad, de Nieuwe Courant, welke, vooral de eerste, +de machtigste in Nederland waren, bezaten al te veel invloed, dan dat +de scheidsmuur, waarmede men in een driftig oogenblik had gedreigd, +in waarheid werd opgetrokken. En uit dit alles was te voorzien +dat de Vrij-liberalen ook nog bij de verkiezingen in 1909, schoon +waarschijnlijk minder geestdriftig, het blok van links te hulp zouden +komen. Daartoe werden zij door hunne beginselen geleid en dit deden +zij dan ook werkelijk, zonder dezen keer de socialisten te steunen. +Maar deze gedwongen samenwerking had de nederlaag van het liberalisme +noch de verplettering van hun eigen partij kunnen verhoeden. Bij de +eerste stemming hebben zij, als georganiseerde partij, bijna al hunne +afgevaardigden verloren en nog wel de voornaamsten onder hen. Vier van +de elf zetels, die zij in 1905 hadden behouden, hielden zij in de nieuwe +Kamer slechts over. En deze vernedering is een genoegzaam bewijs van het +discrediet der beginselen, die door de persoonlijke verdienste niet meer +kunnen worden gered. + + +_II. De vooruitstrevende liberalen van de Liberale Unie._ + +Meer links dan de Oud-liberalen staan de vooruitstrevende liberalen of +wel Unie-liberalen, die hun lijdelijke houding hebben vaarwel gezegd. De +vooruitstrevende partij, zoo verklaart een der leiders, Mr. J. A. Levy, +heeft zich gedrongen gezien, tengevolge van de trage houding van haar +oudste zuster in het liberalisme, de banier voor haar te ontplooien. +Het waren minder beginselkwesties dan kwesties der praktijk, die haar +onafhankelijke houding wettigden en verklaarden. Feitelijk heeft zij, +al onderscheidde zij zich van de liberale partij, nooit zich ervan +afgescheiden. Ja, integendeel, heeft zij iedere keer, wanneer het betrof +de verdediging van de liberale grondbeginselen, zich vooraan in den +strijd geschaard. Maar zij acht haar taak daarmede niet volbracht, want +zij meent, dat de aarzelingen en uitvluchten der Oud-liberalen met +betrekking tot de draagkracht en den inhoud van de door den staat +gegeven rechten der burgers, evenzeer is te vreezen. + +Aan deze liberalen van andere geaardheid scheen de theorie van de +natuurlijke staathuishoudkundige vrijheden op zijn minst ouderwetsch. +Zij gevoelden de noodzakelijkheid zich naar de behoeften des tijds +en de eischen van den vooruitgang te schikken. Om dit streven beter te +karakteriseeren, tooiden zij zich met den naam van »vooruitstrevenden«, +hetwelk de ooren van de tijdgenooten aangenaam streelt en op zichzelf +vaag genoeg is om niets te beloven. Zij hielden daartoe niet op zich op +de liberale leer te beroepen; ja zij proclameerden hunne getrouwheid aan +deze met des te meer kracht; opdat men toch niet met recht zou kunnen +denken dat men zich, al was het maar een weinig, ervan verwijderde. + +Inderdaad echter verwijderden zij zich er van, toen zij de +noodzakelijkheid erkenden het onthoudingsstandpunt der regeering te +laten varen, de misdeelden te ondersteunen, het openbare leven te +regelen, de solidariteit voor te staan, de verantwoordelijkheid van +den staat uit te breiden en een meer uitgebreid kiesrecht toe te +staan. Tegenover het non-interventie systeem der regeering, dat +dikwijls niet anders is dan een welkom bedeksel voor de traagheid van de +bewindslieden, stelden zij het beginsel van krachtige actie. Zij wierpen +de liberale traditie omver, en merkten op dat de arbeid en de arbeider +om hunne rechten riepen. De proletariërs, de arbeiders, moeten gevoelen, +dat zij een deel van het groote geheel uitmaken, dat eenerzijds op aller +hulp rekent, anderzijds het recht van allen eerbiedigt. Het voornaamste +werk van de vooruitstrevende partij is allen, kleinen of grooten, in te +boezemen, dat de staat een moreele vereeniging is, die verplichtingen +heeft volkomen overeenkomstig haar oorsprong. + +Evenwel constitueerden de »vooruitstrevenden« zich niet dadelijk als +partij. Gedurende lange jaren was de verdediging van de neutrale school +de spil, waarom de politiek van de liberalen draaide, en de »omgang met +dit gezichtspunt« bracht al de andere kwesties op den achtergrond. Nadat +door de wet Mackay, het lager onderwijs was gereorganiseerd, kwamen zij +tot de gedachte, dat het noodig was kennis te nemen van de volksbeweging +op sociaal gebied. Het streven der geavanceerde liberalen kwam +nauwkeuriger uit en de Liberale Unie, die in 1884 was opgericht, besloot +een program van hervormingen samen te stellen. In 1891 gaf zij een +manifest aan de kiezers in 't licht, waarbij het meerendeel der liberale +kiesvereenigingen zich aansloot. Men kan eigenlijk niet spreken van een +program, maar van een leiddraad voor de verkiezingen; en ook werd deze +niet getrokken zonder moeilijkheden en slingeringen. + +Het program kwam pas in 1896. Het bestuur had in Juni 1895 zijn +taak hernomen om een hervormingsprogram op te stellen met het doel +uitdrukking te geven aan de beweging, die in de naaste toekomst de +politiek moest leiden. De kiezers gingen leven voor de politiek; daarom +moest men trachten hen tot zich te trekken. Alle partijen maakten er +gebruik van en zooals ook de anderen, sprak de Liberale Unie de begeerte +uit een program te hebben, dat haar de gunst der kiezers bezorgde. +Maar welk zou dat zijn? Dat was de knoop van de kwestie. Zou het zich +eensluidend verklaren met de liberale traditie en zich op het standpunt +stellen van zoo min mogelijke staatstusschenkomst? Of zou men dat geheel +verlaten, om zich op den weg te begeven van de democratische eischen? + +Nu zoo het vraagstuk gesteld werd, veroorzaakte het lange debatten en +levendige bespreking. In Januari 1896 waren twee ontwerpen gereed, +waarvan mededeeling geschiedde aan al de afdeelingen van de Liberale +Unie, en om deze beide ontwerpen werd de beslissende strijd gestreden +tusschen conservatieven en progressisten op de algemeene vergadering van +14 November 1896. Ondanks den tegenstand van een belangrijke minderheid +werd het hervormingsprogram door het bestuur als eerste gesteld, +aangenomen. Na een discussie, die een heftige wending nam, werd daarna +een verkiezingsprogram vastgesteld. Beide ademden een democratischen +geest. De jonge liberalen of vooruitstrevenden zegevierden over de +geheele linie. + +Langzamerhand trokken zich de conservatieve elementen uit de Liberale +Unie terug, waar hun verstandige adviezen geen weerklank meer vonden, en +de vereeniging, die naar haar oorsprong alle liberalen moest vereenigen +zonder uitzondering of onderscheid, werd de verkiezingsorganisatie van +de vooruitstrevende partij. + +Het hervormingsprogram kondigde, zooals de naam reeds uitdrukt, de +noodzakelijkheid aan om hervormingen te ondernemen, in het bizonder +op sociaal terrein, tot bevordering van het geestelijk welzijn van +de gansche natie, binnen de grenzen van het ontzag, verplicht aan de +staatsinstellingen en aan het publieke recht in Nederland. Het stelde +vooral tot plicht voor den staat, om op wettige wijze door de opheffing +van voorrechten van het kapitaal meer billijkheid te brengen in de +verdeeling van den nationalen rijkdom. + +Zonder andere theoretische beschouwingen tot de practijk overgaande, +stelde de Liberale Unie een lange lijst van hervormingen op, die zij +voorstond: + +1o. Op verkiezingsterrein, de grootst mogelijke uitbreiding van het +kiesrecht. + +2o. Op sociaal gebied: kamers van arbeid met gelijke rechten van werkman +en patroon; wettelijke regeling van contracten van arbeid en huur tot +beteren waarborg van elkanders belangen; wettelijke regeling van den +arbeid, zelfs voor volwassen werklieden; verplichte verzekering tegen +ongelukken met zoo noodig staatshulp uit de kas voor invaliditeit en +ouderdom; herziening van de wetten op de onteigening; verbetering +van de arbeiderswoningen; maatregelen voor de openbare gezondheid en +bestrijding van het alcoholmisbruik; herziening van de armenwet op +zulk een wijze dat samenwerking wordt verzekerd van de organisaties van +weldadigheid en het recht vastgesteld van den staat om zich met de armen +te bemoeien en den vloed van het pauperisme tegen te gaan. + +3o. In de contracten, door den Staat aangegaan, te zorgen, dat men van +de krachten der arbeiders geen misbruik maakt, en vast te stellen een +minimumloon en een maximum van arbeidsduur. + +4o. Wat betreft de opvoeding van het volk: leerplicht; +tractementverhooging van de onderwijzers; uitbreiding van het +ambachtsonderwijs en dit meer practisch te doen worden; de zaak van +de zedelijk-verwaarloosde kinderen onder de oogen te nemen, voor +wie algeheele en gedeeltelijke ontheffing van de vaderlijke macht +noodzakelijk is. + +5o. Wat betreft het familieleven: herziening van het erfrecht en het +persoonsrecht zooals: + +Verbetering van den toestand der natuurlijke kinderen, in 't bizonder +door toelating van het onderzoek naar het vaderschap. + +Verbetering van de rechtstoestand der vrouw, door haar vrijheid van +handelen te geven, evengoed voor hetgeen overeenkomstig hare bekwaamheid +is, als hetgeen met hare persoonlijkheid overeenstemt, terwijl aan de +gehuwde vrouw met name de vrije beschikking over de vruchten van haar +arbeid wordt gelaten. Uitbreiding van het erfrecht van de in leven +blijvende echtgenoote. + +Verhinderen dat een erfenis wettelijk aan verre bloedverwanten +tebeurtvalt. + +6o. Wat den landbouw betreft, verbetering van den veestapel, van handel +en nijverheid; aanmoediging en bescherming, niet door de instelling van +beschermende rechten, maar door andere middelen, zooals bv. verbetering +van den omloop van het geld en van verkeersmiddelen, de bevordering van +het landbouwonderwijs, enz. + +7o. Wat betreft onze nationale verdediging--waar men ter eener zijde +rekening moet houden met de internationale gebeurtenissen, die men +redelijker wijze kan voorzien, en ter anderer zijde met de finantieele +lasten, die men zooveel mogelijk moet verlichten--organisatie van het +staande leger op den voet van persoonlijken dienstplicht; opheffing van +de schutterij onder haar tegenwoordigen vorm; hervorming van den +rechtstoestand van den soldaat. + +8o. Wat betreft de rechtspraak: instelling van het administratieve +recht; vereenvoudiging van de procedure, opdat deze snel en weinig +kostbaar zij. + +9o. Herziening van de gemeentewet om daarmede een sterke samenwerking +der gemeenten te verzekeren, vooral met betrekking tot de sociale +maatregelen en de volksgezondheid. + +10o. Op het gebied der financiën: uitbreiding van de macht om +belasting te heffen, toegekend aan de gemeenten; voeling houden met +de landsbelastingen. Zuinig beheer van de financiën van den staat, om +daardoor verzwaring van belasting te vermijden en in geval van nieuwe +uitgaven, door de sociale hervormingen noodzakelijk geworden, indirecte +belasting, niet op de noodzakelijkste levensbehoeften, maar op +voorwerpen van weelde, zooals op goederen in de doode hand; hervorming +van het belastingsysteem om door verlichting van de belasting op de +minstgegoeden tot vollediger toepassing van het beginsel van progressie +te komen, zelfs met betrekking tot het successierecht. + +11o. Op het terrein van de koloniale politiek: aanmoediging van de vrije +ontwikkeling van private industrie onder de machtige bescherming van de +rechten en de belangen der inboorlingen; hervorming van de administratie +van de Nederlandsche bezittingen in Indië; verbetering van de +volkswelvaart van de West-Indische bezittingen. + + * * * * * + +Zoo was de schilderij van de eischen, door de Liberale Unie voorgesteld. +Men merkte er niet de zedelijke voorbereiding in op, waardoor de +programmen der rechtsche partijen zich kenmerken. Hervormingen zonder +logischen band onderling uit de stoffelijke belangen des lands +voortkomende en het verlangen om door hare toepassing bij tijd en +wijle de volksgunst voor zich te verwerven, werd er geen systeem van +sociale organisatie in vastgesteld. Op zekere punten waren de liberale +beginselen verlaten en in andere punten waren zij toegepast. Zoo +bijvoorbeeld bewaarde de staat de schijn van onafhankelijkheid der +weldadigheidsinstellingen, terzelfder tijd dat hij uitging van de +stelling van »laat maar gaan« terwijl hij op gebied van vrijhandel aan +deze stelling getrouw bleef. + +Uit dit program, dat uit zulke onderscheidene stukken was samengesteld, +nam de Liberale Unie zonder dralen de hervormingen, die haar het +dringendst toeschenen, en vormde hieruit met het oog op de verkiezingen +van 1897 een verkiezingsprogram. De eischen, in het eerste ontwerp +voorkomende, waren bij voorkeur dezulke, die het welzijn van het volk en +de verbetering van de sociale verhoudingen betroffen. De Uniecandidaten +verbonden zich daarvan de urgentie te erkennen en, eens gekozen, te +werken aan hunne onverwijlde verwezenlijking. Het waren voornamelijk +de wettige regeling van het sociale contract en de Zondagsrust; de +verplichte verzekering tegen ongevallen, ziekten, invaliditeit en +ouderdom; de verbetering der werkmanswoningen; de herziening van de wet +op onderstand; de leerplicht; de emancipatie der vrouw; de bevordering +van landbouw, handel en nijverheid; persoonlijke dienstplicht en +opheffing van de schutterij. + +Vooraan in dit program van urgentie figureerde voor het oogenblik niet +de kieswethervorming, en de Liberale Unie gaf er deze verklaring van. +De zorg voor een goede politiek gebiedt ons opnieuw de kwestie onder de +oogen te zien zoolang als wij nog niet de resultaten van de herziening +kunnen vaststellen, die hare voltooiing nadert. + +Maar toch verborg zij niet, dat deze voorloopige oplossing haar geen +voldoening gaf, en het vraagstuk bleef lang in het halfduister. Het +verscheen wederom bij de nadering van de verkiezingen van 1901, en, +opgeblazen door de omstandigheden, bracht het tweedracht in de liberale +Unie. In Januari 1900 achtte het besturend comité het oogenblik gunstig +om grondwetsherziening voor te stellen ten einde daardoor tot algemeen +kiesrecht te komen. Het wilde ongetwijfeld de voorgestelde eischen +met betrekking tot de kieswet als verkiezingsleuze gebruiken voor +het volgende jaar. Met dit doel stelde het een rondschrijven op, +waarin het mededeelde, van plan te zijn het eerste artikel van het +hervormingsprogram te voltooien en aan het hoofd te stellen van het +program van urgentie. Dit ontwerp hield in: + +1o. Kiesrecht voor alle bewoners van Nederland met uitzondering van: + +die hun kiesrecht verloren hebben door een rechterlijke uitspraak; +de gevangenen; zij die in een krankzinnigengesticht opgesloten zijn; +die onder curatele gesteld zijn door een rechterlijk vonnis; terwijl, +wat betreft de bedeelden, wij oordeelen, dat dit het verlies van het +kiesrecht niet mag tengevolge hebben, onder welke omstandigheden ook. + +2o. Wat betreft de vrouwen, zullen wij het aan den wetgever overlaten, +haar het kiesrecht te geven of niet. + +Toen de generale vergadering van 2 Juni 1900 geroepen over dit voorstel +te beraadslagen, nam zij eerst het volgende besluit: »De Liberale +Unie, handhavende hare meening, die zij herhaaldelijk uitgedrukt heeft, +aangaande de noodzakelijkheid van de herziening van het kiesrecht in den +zin van wegneming van allen maatstaf naar de belasting, is van oordeel, +dat, om daartoe te geraken, het noodzakelijk is, de artikelen 80, 127 +en 143 van de grondwet te herzien, met de bedoeling om daardoor het +algemeen kiesrecht voor mannen en vrouwen mogelijk te maken«. + +De meerderheid richtte zich in beginsel naar de gedachte van het +bestuur. Nu bleef nog de kwestie van urgentie over. Hier vertoonde +zich een sterke oppositie. Vele progressisten vonden dat het zuiver +onzin was deze kwestie voorop te stellen. Zij herinnerden zich de +groote verdeeldheden, die het gevolg waren van de ontwerpen van Tak en +Van Houten en zij maanden tot herziening dezer kwestie. Zij begrepen de +stijfhoofdigheid van het bestuur niet en verdachten het ervan gedreven +te worden door de leiders van de kleine groep van radicalen, alsmede +door de hoop den socialisten de gunst des volks te onttrekken. In +allen gevalle achtten zij het oogenblik slecht gekozen; want om een +grondwetsherziening inderdaad mogelijk te maken, moet men op twee +derden der stemmen van de Generale Staten daarvoor kunnen rekenen en +de linkerzijde bezat in de Tweede Kamer slechts 54 van de 100 en in +de Eerste Kamer 31 van de 50, zonder te mogen hopen dat spoedig het +vereischte aantal verkregen werd. + +Ook nam hare vergadering van 26 Januari 1901 niet zonder verwondering +kennis van de motie, tegen aller zin in door het bestuur ondersteund. +Zij hield de gelofte in, dat bij de algemeene verkiezingen van 1901 de +grondwetsherziening, vervat in het eerste artikel van het program, +voorop zou worden gesteld en dat de candidaten van de Liberale +Unie niet alleen hun instemming moesten betuigen met het geheele +hervormingsprogram maar evenzeer van de urgentie der kwestie in het +eerste artikel gesteld, overtuigd waren. + +Dit voorstel, dat in ondubbelzinnige termen was opgesteld, deed den +storm opsteken. Na heftige debatten weigerde de Liberale Unie met 44 +tegen 33 stemmen zijne aanvoerders te volgen op den gevaarlijken weg. +Het onweder sleepte de motie van urgentie en degenen, die haar gesteld +hadden, mee. Het bestuur trad af, met zich nemende de radicale groep, om +met haar een nieuwe vereeniging te stichten, nl. de +Vrijzinnig-democratische bond. + +De Liberale Unie, voor een oogenblik ontmoedigd, herstelde en hervormde +zich. Uit hen, die gebleven waren, koos zij een nieuw bestuur en +om te toonen, dat zij haar oorspronkelijk program niet had verlaten, +publiceerde zij dit opnieuw. Niets was er in veranderd dan het eerste +artikel, dat aangevuld door de motie van 2 Juni 1900, het algemeene +kiesrecht ook voor de vrouwen eischte. Want de urgentie alleen van dezen +eisch was er uit verwijderd. Maar toch ook waren er punten uit genomen, +die onder de liberale ministeries Van Houten en Pierson werkelijkheid +waren geworden. + + * * * * * + +Evenwel was de Liberale Unie verzwakt temidden van deze geschillen. +In 1898 bezat zij 79 kiesvereenigingen met ongeveer 10.000 aanhangers +en was vertegenwoordigd in 110 plaatsen in Nederland, terwijl deze +weer samengevoegd werden in verschillende centrale afdeelingen. Na +de breuk met de Vrijzinnig-democraten behield zij slechts in 1901, +49 kiesvereenigingen met 7218 aanhangers en 360 buitengewone en +beschermende leden. Die achteruitgang werd gevoeld. Terzelfdertijd +onderging het aantal hunner afgevaardigden eenzelfde lot; van de 32 van +1897 bleven er slechts 20 in 1901 over. De verkiezingen in 1905 brachten +dit cijfer tot 23, terwijl in 1909 dit getal opnieuw slonk tot 20. + +Desondanks behoudt de Liberale Unie een niet te versmaden invloed. +Ofschoon zij voor 't meerendeel uit elementen is samengesteld, die +veel van elkander verschillen en slechts bijeen worden gehouden door +de positieve band van politieke bekwaamheid, profiteert ze van haar +eigenaardige ligging in de linkerzijde, van middenpartij. Zij is de +spil van de linker concentratie; de as, waarom de oud-liberalen en de +uiterste linkerzijde zich bewegen. Het zijn mannen, die gedurende ruim +vijftien jaren het grootste gedeelte van de liberale ministeries hebben +uitgemaakt. + +Het is hun program, dat tot grondslag gediend heeft van hunne +regeeringsdaden en gelijk er in elk liberaal een godsdienstig drijven +is, zoo is zij het ook, die den juisten toon aangeeft van het +anticlericalisme voor de linkerzijde, gelijkend op de Fransche +radicalen, die het clericale spook vertoonen om zich uit moeilijke +omstandigheden te redden. De aanvoerder, de heer Goeman Borgesius, +afgevaardigde van Rotterdam, is de groote kracht van links. Deze +journalist, die met zijn groote bekwaamheid als schrijver een wezenlijk +talent als redenaar vereenigt, heeft den naam, zooals eertijds de +conservatieve minister Heemskerk, een wonderkind te zijn en meer dan één +snaar op zijn viool te hebben. In allen gevalle heeft de fortuin hem +voortdurend toegelachen. Hetzij dat hij het dagblad »Het Vaderland« +redigeerde, of in »Vragen des Tijds« schreef; hetzij dat hij, als +president van de liberale kamerclub, geroepen werd deel uit te maken van +het kabinet Pierson; hetzij dat hij een gedragslijn opmaakte voor de +Liberale Unie, altijd gaf hij proef van eene bekwaamheid, die met de +beletselen den spot drijft. + +Maar juist in de politiek is bekwaamheid niet genoeg en geschiktheid +niet alles. Er zijn nog beginselen noodig om de handeling vruchtbaar en +van duur te doen zijn. Zal de heer Borgesius, waar hij den overwegenden +invloed van de Liberale Unie heeft gehandhaafd, niet zien dat de +elementen, die hij voor het oogenblik behoudt onder zijn bestuur nog +meer naar links afglijden, of zal hij zeggen: er zijn geen vijanden? +Totnogtoe schijnt de propaganda van de oud-liberalen zijne troepen +weinig te hebben gedund, maar in den grond is dit ook de minst +gevaarlijke en die van Vrijzinnig democraten dreigt meer; want van die +zijde drukt de logica van de leer en de kracht der gebeurtenissen. + + +_III. De Vrijzinnig-Democraten._ + +Toen de vooruitstrevende revisionisten op luidruchtige wijze de Liberale +Unie verlieten, vonden zij aan hun linkerkant den Radicalen Bond. +Deze was tevoorschijn gekomen uit de scheuring van Januari 1888 in de +liberale partij van Amsterdam. Volgens eenigen was herziening van het +politiek program van de machtige kiesvereeniging »Burgerplicht« er de +oorzaak van; volgens anderen was zij het gevolg van een verschil van +meening over den gang der zaken in de hoofdstad. In allen gevalle gaf +dit de gelegenheid aan ongeduldigen, die de evolutie van de liberale +beginselen te langzaam dachten, om een jongere partij op te richten. +Zij maakten er gebruik van en zij trachten de ontevredenen, voornamelijk +in Amsterdam, te vereenigen, en ook in Groningen, waar het liberalisme +van meer-geavanceerden aard was. Maar hunne pogingen werden slechts +halverwege met goeden uitslag bekroond. In de afdeelingen, die zij +oprichtten, ontbraken eenheid, partijgeest en discipline. Er waren +te veel leiders en daardoor was het bestuur niet krachtig. Wat meer +is, er was geen wèl-afgerond program, er waren geen vaste beginselen; +en zoo bevond zich de opkomende radicale partij ingesloten tusschen +de vooruitstrevende liberalen en de sociaal-democraten, zonder eigen +leerstelsel. Ze gaven eenigermate den voorkeur aan de eersten, terwijl +zij het privaatbezit zacht verdedigden tegen de laatsten. + +Ook hadden de verdeeldheden en de twisten er vrijen loop. Na er evenveel +aan geleden te hebben als andere plaatselijke organisaties, moest de +voornaamste van de radicale kiesvereenigingen, n.l. »Amsterdam«, in den +loop van 1894 ontbonden worden. + +Het was op het oogenblik, dat de Radicale Bond werd opgericht met het +doel om te bevorderen dat degenen, die den staat wilden hervormen in +democratischen zin, aan de regeering zouden komen. Haar program, den +24en Juli 1895 aangenomen, gaf de regels aan, waarnaar zij deze +democratische hervorming dacht ter hand te nemen: + +1o. Gelijkheid van alle meerderjarige Nederlanders in burgerlijke en +politieke rechten. + +2o. Strijd tegen de maatschappelijke afhankelijkheid van den een van den +ander en vermeerdering van het stoffelijk en zedelijk welzijn van hen +die niets of weinig bezitten: + +_a._ afschaffing van wettelijke regelingen, die opeenhooping van het +kapitaal in de handen van enkelen begunstigen. + +_b._ uitvaardiging van wetten die 1o. zonder gezamenlijk bezit van +de productiemiddelen te bedoelen, er toe strekken om de voordeelen uit +het privaat bezit voortkomende, te beperken binnen engere grenzen en een +betere verdeeling te verzekeren van de rijkdommen der gemeenschap, ten +2o. zooveel mogelijk de ongelukkige gevolgen van de wet op vraag en +aanbod van de markt voor den arbeid tegen te gaan. + + * * * * * + +Zooals men ziet, nam de Radicale Bond een politiek aan, rechtstreeks +inloopende tegen het liberale beginsel van onthouding van den staat en +hij eischte talrijke hervormingen. + +Deze somde hij op in een program, dat in een tegenovergesteld uiterste +vervalt en staatsbescherming en staatsvoorzorg stelt. + +Zoo deed hij zich voor bij de verkiezingen van 1897 en gelukte het hem +vijf afgevaardigden verkozen te zien. Maar volgens de verklaringen van +den voorzitter uit dien tijd, de heer C. V. Gerritsen, was de invloed +van den Bond grooter dan zijne vertegenwoordiging; die was groot vooral +in den gemeenteraad van Amsterdam. Over het gansche land, bezat de Bond +34 afdeelingen met een totaal van 2.300 leden, meerendeels kleine +burgers en werklieden. + +Doch de verkiezingen van 1897 waren voor den Bond noodlottig. Hoewel +verkiezingen in Nederland veel minder kosten dan Frankrijk, werd de kas +der partij daardoor uitgeput. De leden bedankten in menigte, om niet hun +omslag te behoeven te betalen en, als overal, is het geld de ziel van +den oorlog en de radicale propaganda hield op bij gebrek aan +hulpmiddelen. + +Men kan derhalve begrijpen, dat de leiders van de radicalen met +opmerkzaamheid de gebeurtenissen volgden, die er temidden van de +Liberale Unie plaats hadden. De leden van de meest-geavanceerde groep +waren er bijna voortdurend in strijd met hunne broeders, over meer +conservatieve inzichten, en zij spraken gedachten uit, waarvan men niet +kon zeggen of zij meer radicaal dan progressistisch zijn, of meer +progressistisch dan radicaal. + +Overigens hadden de vrijzinnig-democraten en de radicalen elkander +wederkeerig ondersteund bij de verkiezingen van 1897; zou dan geen +nauwere verbinding van langeren duur dan deze tijdelijke samenwerking +kunnen plaatshebben? De radicalen antwoordden hierop bevestigend en zij +riepen deze gebeurlijkheid in met al het ongeduld van hunne verlangens; +want zij hoopten op die manier nieuw bloed en nieuwe finantieele kracht +aan hun bloedarme partij te schenken. + +Dat is ook de reden, waarom ze met zooveel kracht verzekeren, dat +zij den steun noodig hebben van hen, met wie zij overeenkomen in +leerstelsel, om eenmaal hun liefste wenschen, hun hoogste begeerten te +kunnen verwezenlijken. + +De kwestie van urgentie van de grondwetsherziening met het oog op het +algemeen kiesrecht was een geschikte gelegenheid voor de begeerde breuk. +De actie van de radicale leiders was misschien niet vreemd aan het +ontstaan van het conflict en zeker niet aan de scheiding. Ternauwernood +hadden het bestuur en zijne volgelingen gebroken met de Liberale Unie of +zij vereenigden zich met het overschot van den radicalen Bond om een +nieuwe partij te vormen, onder den naam van Vrijzinnig-democratischen +Bond. + +Op zichzelf was de benaming teekenend, het toevoegsel »liberaal« liet +men voor goed varen, om het te vervangen door den soortnaam vrijzinnig. +Die diende derhalve meer om verwarring met de sociaal-democraten te +voorkomen, dan om weder een aanknoopingspunt aan te geven met de +liberalen. Feitelijk had men de liberale leer volkomen losgelaten; men +erkende hare verkeerdheid en men bestreed openlijk de gevolgtrekkingen. + + * * * * * + +Den 17en Maart 1901 te Utrecht gesticht, hield de +Vrijzinnig-democratische Bond den 4en Mei d. a. v. zijn eerste algemeene +vergadering. Hij benoemde er een bureau, gaf er eene verklaring van +beginselen aan en een ontwerp van een verkiezingsprogram. + +De beginselverklaring luidde als volgt: + +De Vrijzinnig-democratische Bond geeft als haar doel te kennen om te +bevorderen de opkomst van al de vereenigingen en al de personen, die met +een democratischen geest bezield zijn en die zich vereenigen met de +volgende beginselen: + + * * * * * + +1o. De Vrijzinnig-democratische Bond streeft naar de evolutie van onzen +grondwettigen en parlementairen regeeringsvorm in democratischen zin +en te dien einde naar het algemeen kiesrecht voor de verkiezing van de +vertegenwoordigende vergaderingen en naar de gelijkheid van mannen en +vrouwen, zelfs wat betreft de afgevaardiging naar deze vergaderingen. + +2o. De Vrijzinnig-democratische Bond stelt zich tot principe, dat men +door middel van een krachtige sociale wetgeving moet trachten weg te +nemen de sociale toestanden, die de ongelijkheid tusschen de leden van +de natie in 't leven roepen of versterken, wat betreft voorwaarden van +hunne ontwikkeling. + +Hij is van oordeel, dat om den maatschappelijken vooruitgang te +verkrijgen, het noodzakelijk is den klassestrijd te verzachten en +niet aan te wakkeren. Aan de eene zijde keurt hij het streven af om +privaatbezit van de productiemiddelen op te heffen en aan de andere +zijde verwerpt hij de meening, dat de staat slechts gedwongen en tegen +wil en dank in het huishoudelijk leven van de burgers mag ingrijpen. + + * * * * * + +Over het geheel was de Vrijzinnig-democratische Bond van dezelfde +gezindheid als de oude Radicale Bond, wiens plaats hij had ingenomen. +Zijn ontwerp van een verkiezingsprogram--aan het hoofd waarvan de +onverwijlde en urgente eisch stond van algemeen kiesrecht met evenredige +vertegenwoordiging voor de mannen en vrouwen, een voorwaarde van de +eerste orde voor alle democratische hervormingen--ontplooide zich +voornamelijk na de verkiezingen van 1901. Het werd uitgebreider en +grooter in de twee algemeene vergaderingen van den 11en Januari 1902 +en den 28en Mei 1904 door nieuwe bijgevoegde eischen, zoodat het een +uitgebreid werkprogram werd, naast hetwelk was komen te staan een +program van werkzaamheid op gemeentelijk gebied. + +Maar, wat aangaat het werkprogram of het plan van werkzaamheid op +gemeentelijk gebied, men vindt dezelfde leer er aan ten grondslag +liggen, die de heer Treub, professor in de Staathuishoudkunde aan de +gemeentelijke Universiteit van Amsterdam, zoo uitnemend heeft vertolkt, +hij, de denker en de handelende leider der partij. + +Uitgaande van deze dubbele bewering dat ieder genootschap is het product +van het denken van hen, die ze opstelden, en dat de sociale begrippen +over de moraal en de gerechtigheid zonder ophouden zich ontwikkelen +tot vooruitgang, welzijn en gelijkheid, besloot de heer Treub, dat de +staat zich niet mag ontslaan van zijne verplichting om de economische +verhoudingen overeen te brengen met de prevalente begrippen van +gerechtigheid, voordat men er den stempel van het recht op zet. + +»Overal«, zegt hij, »waar de economische verhoudingen tegenover onze +actueele begrippen van recht en billijkheid staan, is tusschenkomst +noodig om ze te herstellen en ze overeenkomstig te maken met de +hedendaagsche ideeën, die de stapelplaats vormen op den weg naar den +vooruitgang.« En hij voegt er aan toe, terwijl hij zijne gedachten over +den rol van den democratischen staat samentrekt: »In deze wettelijke +regeling moet de heerschende gedachte deze zijn: De staat moet onze +maatschappij er in behulpzaam zijn, dat zij zich meer begeeft op den +weg naar gelijkheid van kansen in het maatschappelijke leven voor de +individuen van beide seksen; naar vermindering van het sociale verschil +tusschen sekse en stand; matiging van den klassestrijd.« + +Alles bijeengenomen, de gelijkstelling voor al zijne leden van de +voorwaarden der ontwikkeling, zoowel op stoffelijk als geestelijk +terrein, dat is het principe en het doel van den modernen staat. + +Gelijkheid van de kansen van het geluk, dat is de droom die de +democratische leer najaagt en die het gezag van den staat meer en meer +moet verwezenlijken. Zeker, er zijn reeds pogingen gedaan in dezen +zin, en de sociale toestand van het meerendeel der werklieden heeft +zich verbeterd. Maar er is nog veel te doen en de hervormingen, die +nog tot stand moeten gebracht worden, zijn vele. De lijst, die de +vrijzinnig-democraten er van opstellen, is lang. Men merkt er allereerst +in op, alles wat aan de burgers een grootere gelijkheid kan verzekeren; +algemeen kiesrecht voor de mannen en voor de vrouwen; democratiseering +van de Eerste Kamer; bescherming van den werkman tegen het misbruik door +den patroon; maatregelen om alle kinderen gelijkelijk instaat te stellen +onderwezen te worden zonder ander onderscheid dan aanleg; opheffing +van alle ongelijkheid, die in het burgerlijk recht bestaat tusschen +mannen en vrouwen; herziening van het huwelijkscontract in dien zin; +uitbreiding van de gronden voor echtscheiding; verbetering van den +rechtstoestand van natuurlijke kinderen. Andere komen op den voorgrond +door den drang van de omstandigheden van het oogenblik. Zoo is het +met de verplichte verzekering tegen ziekte, invaliditeit en ouderdom; +verzekering tegen werkloosheid; wettelijke bestrijding van het +alcoholisme; voorzorg tegen vervalsching der voedingsmiddelen; +vertegenwoordiging van landbouw, nijverheid en handel; hunne +ontwikkeling door vermeerdering van de gemeenschapswegen; en steun +voor den uitvoer van hunne artikelen; vereeniging van vermogens- en +bedrijfsbelasting tot een enkelvoudige belasting op het inkomen, enz. + +Al deze hervormingen, die het program uitmaken, zijn niet alle even +slecht. Verre vandaar zijn zelfs velen zeer aannemelijk en enkele komen +ook voor in de programmen van rechts. Maar wat wel te vreezen is, dat is +dat de leer der vrijzinnig-democraten van den staat een despoot maakt, +een tiran, die opbouwt en afbreekt naar zijn believen, die zelf het +recht schept en vernietigt, mits het maar overeenstemt met de gedachten +van de meerderheid, waardoor dat recht is gesteld, een majesteit meer +te vreezen dan de absolute koningsmacht van den vroegeren tijd, alles +bijeen genomen een autocratie, die niets heeft te eerbiedigen, ook niet +eenige hoogere zedelijke wet, niets dan zijne eigene. + +De erkenning van deze absolute macht van den staat wordt in de practijk +gezien, wanneer de vrijzinnig-democraten voor hem een erfrecht eischen, +in mededinging met sommige natuurlijke erfgenamen; wanneer zij aan de +gemeenschap de bevoegdheid willen geven tot onteigening niet alleen op +grond van het openbaar belang, maar zelfs om daardoor een grootere +productieve of sociale waarde te verkrijgen, of wanneer zij hem de +verplichting willen opleggen om die ondernemingen aan de private +exploitatie te onttrekken, die van nature het karakter van monopolies +vertoonen. + +Ongetwijfeld toonen zich de vrijzinnig-democraten besliste voorstanders +van den individueelen eigendom. Zij stemmen volledig toe, dat deze nooit +volkomen zal verdwijnen, maar zij stellen de mogelijkheid dat deze +eigendom aan de naasting der maatschappij zal onderworpen worden. Om de +formule van de Fransche radicaal-socialen te gebruiken, met wie zij in +Nederland overeenkomen met in allen gevalle ruimere ideeën en minder +anticlericaal drijven, houden zij vol, dat de staat beslag moet leggen +op al de industrieën, die in een monopolie zijn veranderd en die door +hun aard het algemeen belang treffen. + +Dat is men moet er toe overgaan om de groote productiemiddelen in +dienst der gemeenschap te stellen, wanneer dit den staat nuttig blijkt. + +Indien zij dan openlijk geen socialisten zijn, dan nemen zij toch +in den grond een soort van theoretisch socialisme aan, dat aan +staats-socialisme grenst, een socialisme zonder klassestrijd en zonder +in theorie _alle_ productiemiddelen in dienst van het algemeen te +stellen en dat van het collectivisme slechts door een zwakken muur is +gescheiden. + +Bovendien is het doel, dat zij beoogen, hetzelfde te weten: de zoo +volkomen mogelijke gelijkheid van alle menschen voor de voorwaarden +tot het maatschappelijk welslagen en gelijk het gansche democratische +stelsel rust op de evolutie der begrippen van de meerderheid in die +richting, zoo zal de staat, waar deze meerderheid op een gegeven +oogenblik gelooft, dat deze gelijkheid niet dan door gemeen bezit van +de productiemiddelen kan verkregen worden, verplicht worden om van het +collectivisme werkelijkheid te maken. + +De vrijzinnig-democraten, het is waar, wachten zich wel om deze +verwantschap en deze logica toe te stemmen, die hen doet overhellen +naar de sociaal-democratie en zij versterken zoo goed mogelijk den +scheidsmuur. Daar mag men zich niet zoo over verwonderen, want de +opkomende partijen hebben alle belang er bij om het gezag van hunne +organisatie en hunne leer te handhaven, om te verhinderen dat men hen +verwart met de naverwante vereenigingen; immers zouden zij anders hun +reden van bestaan verliezen. Maar wanneer zij eens bevestigd zijn, dan +verandert hunne manier wel en deze zelfde partijen verlagen den muur +zooveel mogelijk, waarmee zij zich ingesloten hadden, om aan de leden +van de naaste partijen toe te staan, hem gemakkelijk af te breken, nadat +zij hen overtuigd hebben, dat de scheiding alleen in naam bestond. + +Is dat de taktiek die de Vrijzinnig-democratische Bond in de meer of +minder dichtbij zijnde toekomst zal aanwenden? En indien zij dat doet, +wie zal er meer van profiteeren, zij of de Sociaal-democratie? Te +vreezen is, dat het de laatste zijn zal. Maar voor het oogenblik is die +vraag nog niet aan de orde. De Vrijzinnig-democratische Bond wordt al +grooter en naar het schijnt iets ten koste van de Liberale Unie. In +1901 telde zij 22 afdeelingen met 1.585 aanhangers en 164 persoonlijke +leden. In 1905 waren deze cijfers gestegen tot 44 afdeelingen met 2.630 +aanhangers en 507 persoonlijke leden. Aan den anderen kant, tijdens +de verkiezingen van 1901, had zij 30.000 stemmen behaald en 9 zetels +veroverd; bij die van 1905 had zij 50.000 stemmen op haar program +vereenigd en 11 afgevaardigden naar de Kamer gezonden. In 1909 is het +cijfer der stemmen ongeveer hetzelfde gebleven, hetgeen niet heeft +verhinderd dat ook zij deel had in de nederlaag van de linker-partijen +en dat het aantal van hare afgevaardigden tot negen werd teruggebracht. +Hare dagbladen »de Vrijzinnig-Democraat" en »Land en Volk" zijn van +te nieuwen datum, vooral het laatste, om zeer grooten invloed uit +te oefenen, maar hare leiders, de heer Drucker, president van de +Vrijzinnig-democratischen Kamerclub, en de heer Treub, verzekeren haar +door hunne waarde een belangrijke plaats temidden van de politieke +partijen in Nederland. + + + + +VIERDE HOOFDSTUK. + +De Socialistische partij. + + +_I. De eerste organisatie._ + +De nabijheid van Duitschland, de bakermat van het Marxistisch +Collectivisme, moest wel spoedig in Nederland de vorming en ontwikkeling +van een sociaal-democratische vereeniging in de hand werken, echo en +weerschijn van de machtige sociaal-democratische beweging in +Duitschland. + +Toen de ijzeren kanselier Bismarck door eene uitzonderingswet +het opkomende Socialisme wilde onderdrukken in het keizerrijk, +vertoonde zich een onrustige geest bij zekere leden van het Algemeen +Nederlandsch Werkliedenverbond, dat toen een niet te versmaden invloed +bezat in de wereld der werklieden. Afzonderlijke Socialisten onder de +liberale massa, eenige oud-leden van de Internationale, eenige nieuwe +bekeerlingen tot de Duitsche leer dachten dat het oogenblik gekomen +was om een poging te wagen om onder de schaduw van deze degenen, die +hunne ideeën deelden, te vereenigen en door een geleidelijke handeling +een deel van het gezag er aan te ontleenen dat bij den dag grooter +werd. Maar om dit handige plan uit te voeren, moest men eerst de deur +halverwege openen, opdat de kameraden, die niet tot het soort van +»werkman« behoorden, konden binnenkomen. Zij zochten derhalve »gemengde +genoodschappen« te stichten, die, eens gevestigd, hunne vereeniging +konden aanvragen met het »Werkliedenverbond«. Maar de liberale leiders +zagen het gevaar en toen op den 9en Juli 1878 het eerste gemengde +genootschap van die soort, in Amsterdam op het initiatief van de +vereeniging van smidsgezellen »De Volharding« in het aanzijn was +geroepen, weigerde het centrale bureau van den Bond, waarin de heer +Heldt alles vermocht, het op te nemen. De drempel van het huis werd +verboden en nu moesten zij er wel in berusten om buiten te blijven. +Dit werd zonder drukte gedaan en den naam van Sociaal-democratische +Vereeniging werd aangenomen. Aan het hoofd stond de kleermaker »Henri +Gerhard«, een bekend vrijdenker en tevens een van de leiders der +werklieden-beweging die had deel genomen van 1869-1872 aan den +Internationalen Bond van Karel Marx. Dit was de eerste socialistische +vereeniging in Nederland. Anderen volgden in den Haag, Haarlem en +Rotterdam, in de groote handels- en industrieplaatsen van Nederland. +Bijna altijd, zooals in Amsterdam, ging het initiatief uit van eene +afdeeling van het liberale werkliedenverbond, en zelfs zijn orgaan was +niet beveiligd voor de socialistische propaganda; want op dit tijdstip +schreef Domela Nieuwenhuis, die weldra zich zou vertoonen als een +woelgeest van den eersten rang, er zijne »Sociale brieven" in. + +Zoodra er drie socialistische vereenigingen waren, verbonden zij zich +in 1880 om »den Sociaal-democratischen Bond" te vormen. Deze Bond vond +onmiddellijk een orgaan in het Weekblad »Recht voor allen", opgericht +op het oogenblik, dat de »Werkmansbode" tengevolge van de overwinning +van het besturend- en burgerlijk element werd onttrokken aan de +socialistische propaganda. Het volgende jaar in 1882, hield de +Sociaal-democratische Bond zijn eerste congres, ondanks het verbod +van de politie, en nam zijn eerste program aan, dat geen ander was +dan hetgeen door de Duitsche Socialisten te Gotha was opgesteld. + +Toen begon voor het Nederlandsche Socialisme een snelle vooruitgang. +De toestand in Nederland verschafte hieraan een gunstig terrein. De +industrie en de landbouw hier te lande maakten een tijd van crisis +door; talrijke werklieden waren zonder werk en in zekere streken +was de ellende groot. Het Socialisme, met beloften van een betere +maatschappij komende, trok onweerstaanbaar degenen aan, die leden +door den maatschappelijken toestand. Zij geloofden dat een revolutie +dadelijk een ander aanzien aan de dingen zou geven en zij volgden +hen, die hun daarvan de boodschap brachten. Om ze te bereiken, +bedienden de propagandisten zich van den strijd, die toen vóór het +algemeene kiesrecht gestreden werd, en waarin zij samengingen met +het Werkliedenverbond, dat toch voortdurend kleine gedeelten van +zijne troepen tot de socialistische banier zag overgaan. Onvermoeid +doorkruiste Domela Nieuwenhuis, die als predikant van de Luthersche kerk +afgetreden was, het land en richtte tallooze vereenigingen op, waar hij +met een kalme, sympathieke stem de revolutionaire leer voordroeg, die +hij een godsdienstigen tint gaf en met bijbelsche spreuken opluisterde. +Zonder ontmoedigd te worden, ongevoelig voor de toejuiching van de +menigte zoowel voor haar scheldwoorden en slagen, ging hij van dorp tot +dorp, overal, waar men hem riep, indruk makende op zijne hoorders door +zijn heftige critiek op de maatschappij en door zijn eigenaardig gelaat, +tegelijk zacht en energiek, hetwelk iets van een fanatiek maar ook iets +van een wetenschappelijk persoon had; een ware volkstribuun met een +indrukwekkenden kop en een machtige hoogheid, wiens strijd met het woord +en de pen heel zijn leven bepaalde. + +Zijne reizen hadden altijd succes en bizonder in Friesland, waar +het Socialisme snel wortel schoot en voornamelijk op het platteland. +Deze bizonderheid verklaart zich door een reeks van omstandigheden. +De provincie heeft de rijkste gronden, maar de bewoners, die bijna +nergens de eigenaars van den bodem zijn, waren arm; de belastingen, +opgedreven door de eischen van de wet 1878 op schoolgebied, legden aan +de gemeenten lasten op, die niet evenredig waren aan hare inkomsten. De +rijkste inwoners, die zich konden verplaatsen zonder hierdoor schade +aan hunne inkomsten te veroorzaken, hadden dat land verlaten, om zich +aan het steeds zwaarder wordende gewicht der belastingen te onttrekken, +en er bleef daardoor niets anders over dan de kleine kapitalen en de +groote armoede, waaruit door de huishoudelijke crisis de inkomsten +getrokken werden en alzoo de kommer vermeerderde. Bovendien onder de +vele Protestantsche belijdenissen, die in Friesland voorkomen, bevinden +zich een zeker aantal Doopsgezinden, die voorliefde bezitten voor het +collectivistisch ideaal; en eindelijk hadden in zekere streken de +vrijzinnige predikanten een terrein bereid, dat uitnemend geschikt was +voor het Socialisme. + +De revolutionaire zaden, die er door den krachtigen ijveraar Domela +Nieuwenhuis waren gestrooid, ontkiemden in korten tijd voldoende, +zoodat in het vervolg van den veldtocht voor het algemeen kiesrecht +de volksleider de vruchten kon plukken, doordat hij in 1887 met den +steun der radicalen in het district Schoterland tot lid van de Tweede +Kamer verkozen werd. Verder waren het grieven, die zich verspreidden +als een doornenvuur, doorgaans schokkend en bitter, van tallooze +werklieden aan het werk in de uitgestrekte veenderijen of van doodarme +landarbeiders; grieven, somtijds opgeblazen door de socialistische +sprekers, en die leidden tot vereenigingen, tezamen behoorende tot den +Sociaal-Democratischen Bond. Deze oorlogzuchtige organisaties namen +zulk een omvang, dat, nadat zij zich op een oogenblik met de radicalen +hadden vereenigd, zij de Friesche afdeeling van den Bond voor algemeen +kiesrecht, in een provinciale partij, »de Friesche Volkspartij", +vervormden, waarin de Socialisten het overwicht behielden en die +in getalsterkte vooruitging, zoodat ze in 1891 niet minder dan +102 vereenigingen telde met 4980 leden. Maar na de nederlaag +van Domela Nieuwenhuis bij de verkiezingen van datzelfde jaar, +verdween deze volkspartij op bevel van het centrale comité van den +Sociaal-Democratischen Bond aan de Socialisten om zich er aan te +onttrekken teneinde verder alleen beginselpolitiek te voeren. + +Terwijl nu de beweging in Friesland zich met groote kracht deed +gevoelen, had zij de andere provinciën niet gespaard; maar daar maakte +zij zich meer meester van de werkliedenbevolking der groote steden. Het +Zuiden had, hoewel hardnekkiger staande tegenover de nieuwe ideeën, niet +volledig kunnen ontkomen aan de actie der leiders, en er was geen enkele +streek, die geen bezoek had ontvangen van de tallooze propagandisten, +die rondom Domela Nieuwenhuis zich bevonden; onruststokers van natuur +en van beroep, die nog geene bizondere belooning ontvingen, en die vol +ijver van vereeniging tot vereeniging de socialistische leer gingen +verspreiden, en een verzameling van plaatselijke blaadjes deden +ontstaan, somwijlen van één dag levens, maar altijd gevaarlijk. + +In 1893 stelde het congres te Groningen vast, dat de +Sociaal-Democratische Bond 150 afdeelingen omvatte, wier leden ten +getale van 5000 aan jaarlijksche contributie betaalden f 1657. De +Socialistische partij begon dus een verontrustende kracht te worden. +Deze zou nog grooter geweest zijn, indien zij niet in den beginne +zich tegen den godsdienst had gekant en zij niet zoo diep door hunne +vijandschap tegen het huis van Oranje het Hollandsche gevoel hadden +beleedigd. + +De leerstellingen, die zij in Nederland zocht in te voeren, waren +dezelfde, die Karel Marx en zijne leerlingen in Duitschland hadden +verspreid. Het was het wetenschappelijk materialisme, dat zij indroeg in +de geschiedenis en ontwikkelde door hare theorie van de maatschappelijke +waarde, hare wet op de opeenhooping der schatten, en de leer van den +klassestrijd. Ziehier hoe een van hare aanhangers in Nederland, de +typograaf-journalist Vliegen, ze samenvat. »Het Socialisme," zegt hij, +»heeft de productieve kracht van den rijkdom aan het werk gezien in de +maatschappij en het heeft bemerkt, dat deze kracht op de manier, waarmee +er mee gespeeld wordt, op de wijze, zooals de arbeid in de maatschappij +plaatsheeft en die de verdeeling der maatschappelijke belangen +teweegbrengt, de oorzaak is, dat het maatschappelijke gebouw zoodanig +is als het is en niet anders. Zoo is de kapitalistische maatschappij +niet een product van den vrijen wil des menschen, maar een noodzakelijk +historisch feit. Maar, indien het waar is, dat de schikking van elke +maatschappij is gegrond op het bestaande systeem van productie en op de +organisatie van den arbeid, dan is het niet minder waar, dat zoodra het +productiesysteem en de wijze van werken veranderd wordt, het gebouw der +maatschappij moet verwisselen van gedaante. De veranderde wijze van +productie brengt krachten tevoorschijn, die der maatschappij een ander +aanzien moeten geven. Zoo komt het, dat de kapitalistische maatschappij +met een regime, dat de grootindustrie en exploitatie meer en meer +concentreert en ingesloten houdt, zonder ophouden het aanzijn heeft +gegeven aan het proletariaat; aan dat proletariaat, dat uit kracht van +zijn toestand tot taak heeft de regeling der maatschappij. Tegen de +vervulling van deze taak verzetten zich zij, die de hedendaagsche +maatschappij beheerschen, en de worsteling, die daaruit ontstaat, is de +klassestrijd." + +In deze theorie moet de passage van het collectivistische regime, dat de +hedendaagsche maatschappij zal vervangen, en waarin de menschen gelukkig +zullen worden door het gemeenschappelijk bezit van de productiemiddelen +op volkomen gelijke wijze, wel voor haarzelf noodlottig zijn. Al, +wat het proletariaat kan doen, is de nadering van den toekomstigen +staat bespoedigen, door tot den evolutiegang van de kapitalistische +maatschappij aan te sporen, opdat zij daardoor des te spoediger op het +punt kome, waarop zij topzwaar geworden zijnde, uit zichzelve zich zal +omzetten in een collectivistische maatschappij. Den tegenstand van de +patroons verbreken, die met ruwheid het kapitaal, dat is te zeggen, +het privaatbezit verdedigen, en het volksgeweten ontwikkelen, hetwelk +hen bekwaam moet maken om op den dag van de revolutie de hand op de +productiemiddelen te leggen, dat is de eenige rol, die het proletariaat +inderdaad kan vervullen. + +Echter lieten op dit punt de nadere bepaling van de gedragslijn en de +wijze van de dagelijksche actie niet na verwarring te stichten temidden +van de Nederlandsche socialisten. Tot 1893 was de Sociaal-Democratische +Bond van oordeel, in overeenstemming met de Duitsche Marxisten, dat alle +middelen goed waren ter verbreking van den tegenstand van de patroons +en in het bizonder de politieke agitatie. Maar Domela Nieuwenhuis was +op het internationale congres van Brussel in oneenigheid gekomen met +Liebknecht en had langzamerhand verschil ontdekt tusschen de Duitsche +Sociaal-Democratie en het Nederlandsche Socialisme. Het geschil werd +verderfelijk, sloeg over in den Sociaal-Democratischen Bond, waar Van +der Goes, Troelstra en Van Kol krachtig de Duitschers verdedigden. En +daar anderzijds de onbetwiste en almachtige leider der beweging, wien +niemand in het aangezicht had durven weerstaan, een diepe wonde had +ontvangen door zijne nederlaag bij de verkiezingen van 1891 in het +district Schoterland, daar neigde hij er meer en meer toe over om het +politiek terrein te verlaten en alleen zich te geven aan de openlijke +revolutionaire daad. + +Het Groningsche congres van 1893 schikte zich naar deze tactiek en met +47 tegen 40 stemmen besliste het, dat de partij zich uit de politiek zou +terugtrekken. In de afdeelingen werd deze beslissing bevestigd met 1300 +tegen 900 stemmen en de Sociaal-Democratische Bond begaf zich op een +nieuwen weg. + +Maar hij werd niet gevolgd door al de Socialisten in Nederland; +de groep van hen, die men de parlementairen noemde, dewelke Domela +Nieuwenhuis betitelde met de benaming van heerenclubje, en die vooraan +bevatte Van der Goes, Troelstra en Van Kol, bleef op politiek gebied +zich bewegen en richtte daartoe een afzonderlijke vereeniging op, de +Sociaal-Democratische Arbeiderspartij, minder hard van aanzien en meer +ontvankelijk voor al de plooien en zelfs voor al de beloften van het +nieuwerwetsche politieke leven. + + +_II. De Sociaal-Democratische Arbeiderspartij._ + +Domela Nieuwenhuis had altijd met leede oogen gezien, dat er in de +partij ook burgers werden opgenomen. Hij wist heel goed, dat het +tengevolge van het genoten onderwijs en van den meerderen vrijen tijd +voor den burger honderd maal gemakkelijker is zijn weg te vinden in de +beweging, dan voor den bekwaamsten werkman. Hij had op dit punt slechts +zijn persoonlijke ervaring te raadplegen; en hij vreesde, dat deze +aanwas, uit de heerschende klasse voortkomende, het soort van dictatuur, +dat hij uitoefende, zou gaan verzwakken in den Sociaal-Democratischen +Bond. Hij had veel hinder van den rechtsgeleerde P. J. Troelstra, wiens +propaganda in Friesland met den dag grooter werd, en van den ingenieur +Van Kol, wiens gevoels-socialisme onder het volk weerklank vond. Hij +wilde er zich wel van ontdoen, maar hij durfde hen niet maar zoo geheel +uitsluiten; en dat was zeker een van de beweegredenen, die hem hebben +gedrongen alsmede zijn onderbevelhebber Cornelissen om door middel van +het Groningsche Congres te besluiten dat de politiek van nu voortaan +beslist zou verlaten worden. + +Evenwel ondanks hunne afkeuring van de revolutionaire tactiek, die +ontwijfelbaar het strenge verzet van de autoriteiten moest tengevolge +hebben, hadden Troelstra en Van Kol het voornemen niet de partij te +verlaten. De sterke aandrang van Van der Goes en het voorbeeld van een +der meest bekende propagandisten, Helsdingen, waren noodig om tot het +besluit te komen, zich van den Sociaal-democratischen Bond te scheiden +en een nieuwe vereeniging op te richten. Degenen, die zij meesleepen, +waren weinigen; wanneer men ze goed telt, waren er acht. Het waren +werklieden van den eersten rang zooals Fortuyn, Vliegen, Schaper, +gemeenteraadslid van Groningen, Polak, de toekomstige organisator van de +machtige Diamantslijpers-vereeniging, A. Gerhard, het roode schoolhoofd +te Amsterdam, de typograaf Spiekman, de kleine winkelier L. Cohen, +en de onderwijzer Van der Vegt. Totaal met de leiders zijn het +twaalf. De twaalf apostelen zooals men ze weldra noemde, richtten +tot de Socialisten een manifest, waarin zij de vorming van een nieuwe +Sociaal-democratische partij aankondigden, die niets gemeen had met +de ultra-revolutionairen, en wier doel het was, zich op de hoogte +houden van de eischen des tijds en te strijden voor de daadwerkelijke +verbetering van den toestand van het proletariaat. Vier en vijftig +adhesiebetuigingen waren het antwoord op dezen oproep, en den 26en +Augustus 1894 werd te Zwolle de Sociaal-democratische Arbeiderspartij in +'t aanzijn geroepen, die bij hare geboorte bemoediging en geldelijken +steun ontving van de Duitsche Socialisten. + +Haar eerste optreden was hard en tegelijk ingetogen. De nieuwe +vereeniging was er slechts in geslaagd eenige afzonderlijke personen +aan de oude vereeniging te ontnemen en zij streed zonder ophouden in +hare propaganda tegen de anathema's van de partijgenooten van Domela +Nieuwenhuis, die haar voortdurend zonder genade slag leverden en hare +vergaderingen, zoo noodig met geweld, verhinderden. Maar langzamerhand, +dank zij de bekwaamheid en spankracht van hare leidslieden, kreeg zij +voet en groeide. Het was de tijd niet meer, dat men zich de revolutie +nabij dacht. De maatschappelijke toestand was iets verbeterd en het +volk, dat op eene maatschappij wachtte die niet kwam, eischte directe +vermeerdering van welvaart. De ideeën van de parlementaire socialisten +wonnen terrein. Men bemerkte dit bij ieder jaarlijksch congres, men kon +het vooral zien bij de verkiezingen van 1897, waar hunne candidaten +13.000 stemmen behaalden en in vier districten triomfeerden; Leeuwarden, +Tietjerksteradeel, Winschoten en Enschede. + +Dit ongedachte succes gaf aan de partij nieuwe vlucht. + +Met één sprong ging het aantal van hare afdeelingen vooruit van 31 tot +51, en sedert dien tijd groeide de beweging voortdurend aan. Bij de +verkiezingen van 1901 behaalde zij acht zetels in de Staten-Generaal, +die van Van der Zwaag in Schoterland er in begrepen, en vereenigde +38.249 stemmen. De verkiezing van 1905 verlaagde wel het getal der +afgevaardigden tot zeven, maar verhoogde het cijfer der stemmen tot +65.733. Wat betreft de verkiezingen van 1909 klom dit laatste cijfer nog +met 20.000 zonder meer volksvertegenwoordigers naar de Tweede Kamer te +zenden. + + * * * * * + +De oorzaak van dezen snellen en onwedersprekelijken vooruitgang ligt +voor het minst als partij in den toeloop, dien de Sociaal-democraten +hebben verkregen bij elke nieuwe verkiezing, in de middenklasse, bij de +kleine burgers en de kleine boeren, die zich aangetrokken gevoelden tot +de gewijzigde leer en de beloften van dadelijke hervormingen. Van af den +oorsprong der partij was deze wijziging gewild. De leiders achtten het +tot een bekwame politiek te behooren om dit deel van het kiezerscorps +tot zich te trekken en daarom is het, dat de veldtocht door hen werd +voorgesteld als de strijd van den werkman samenverbonden met den kleinen +burger tegen de groote kapitalisten; een strijd tegen de kleine +salarissen voor het zware werk en tegen de groote renten voor het +niets-doen. + +Zonder twijfel waren de theorieën van Karel Marx de grondslag van +het systeem en was de klassestrijd gelijkelijk geëerbiedigd als een +leerstelling, doch het was niet de heftige, revolutionaire strijd, die +verbeteringen in het kleine en twijfelachtige beloften versmaadt. De +manier van doen was veranderd; men beriep zich niet meer alleen op de +klasse van werklieden, men richtte zich tot al de slachtoffers van het +kapitalisme. + +Aan de kleine winkeliers en aan de kleine verkoopers legde men uit, dat +zij geruïneerd zouden worden door de groote magazijnen en de groote +kapitalistische industrieën. Aan de boeren en aan de kleine landbouwers +poogde men te bewijzen, dat het overbrengen van den bodem aan de +gemeenschap niet zulk een verschrikkelijke zaak was als de meeste +menschen geloofden; dat het het socialisme niet was, dat onteigende, +maar in werkelijkheid de kapitalisten, bezitters van domeinen, die +zonder ophouden zich uitbreiden, die onverzadelijke »slokoppen" van het +zweet en van den arbeid der boeren; en dat het veel verkieslijker voor +hen was, hun eigen baas te zijn in de collectivistische gemeenschap, dan +voort te worstelen voor eigen rekening als weinig-benijdenswaardige +wezens, of als slaven op het veld van de grondeigenaars, dikwijls +vreemdelingen van hun eigen land. Aan allen beloofden zij hervormingen. +Zij eischten onder anderen sterk-progressieve belasting op het inkomen, +op het vermogen en op de erfenissen, met vermindering voor de kleine +inkomsten en vermogens; afschaffing van indirecte belastingen op de +noodzakelijkste levensbehoeften; kosteloos recht; kosteloos onderwijs +in al zijne geledingen; gratis geneeskundige hulp en begrafenis; +werkliedenpensioen op kosten van den staat; algemeene wetgeving van den +arbeid; den achturigen werkdag; de verantwoordelijkheid der patroons +voor alle ongelukken in hun dienst voorkomende; theoretische en +practische gelijkheid van de vrouw met den man; herziening van het +pachtcontract van de boerderijen in dien zin, dat de prijs niet hooger +mag zijn dan de zuivere rente van het goed, en dat ieder pachtcontract +moet vermelden het minimum aantal werklieden, dat voortdurend moet +worden gebruikt op de gehuurde goederen en de goedkeuring van een +gemeentelijke commissie moet wegdragen, welke is samengesteld uit +eigenaars, boeren en werklieden; afschaffing van heerlijkheidsrechten +en van alle privilegies op het gebied van jacht, enz. + +Zoo was het onmiddellijke doel, dat het sociaal-democratische program +aanwees in den strijd voor welvaart en geluk. Degenen, die het hadden +uitgewerkt, hadden niet vergeten er de verkrijging van het algemeene +kiesrecht voor mannen en vrouwen aan toe te voegen; denkende met Karel +Marx, dat de klassestrijd vóór elken politieken strijd gaat tenbehoeve +van economische vrijmaking van het proletariaat. Zij plaatsten zelfs aan +het hoofd van hunne eischen dit machtige wapen, dat volstrekt noodig +is voor de werkliedenklasse om de politieke macht te veroveren, n.l. +trapsgewijze den tegenstand te verbreken van de klasse der patroons, +de wetgevende en de besturende macht van den staat en der gemeente te +gebruiken voor de onverbrekelijke organisatie van de werklieden. + +Hun dringende eisch van algemeen kiesrecht gebruikten zij niet als een +algemeen geneesmiddel en de éénige wijze van strijden. Zij voegen er +de organisatie van werkliedenvereenigingen en de coöperatie aan toe; de +eerste, een voorwaarde voor de onmiddellijke en direkte verbeteringen +in het corps van ambachten, eene voorbereiding voor den politieken +strijd; eene inroeping van het volksgeweten, dat om zich te ontplooien, +de volle vrijheid van vereeniging en van drukpers vraagt; de tweede, de +voorbereiding tot de socialistische gemeenschap van den arbeid, waarvan +zij de vorm is en die bovendien het onberekenbare voordeel biedt om de +strijdkas te vormen voor den klassestrijd en de fondsen te verzorgen, +noodzakelijk voor de propaganda en de actie. Dat is zelfs, bevestigt Mr. +Troelstra, het eigenlijke niet van de coöperatieve vereenigingen, maar +zij verkrijgen eerst een socialistisch karakter, wanneer zij dit doel +hebben. + +Met behulp van al deze middelen zou men langzamerhand komen tot +den toekomstigen staat. Voorloopige teekenen daarvan, zeggen de +socialistische sprekers en schrijvers, vertoonen zich reeds, gelijkende +op het morgenrood, dat den opgang der zon voorafgaat. Ze zijn: het +meerdere gebruik van machines, de concentratie der kapitalen in de +handen van een klein aantal individuen en de buitensporigheid van de +trust, de vermenigvuldiging der werkstakingen, de veelvuldige oproeren +en het bevoorrechten van menigen persoon door den staat. Dit alles moet +noodzakelijk een noodlottige opeenhooping bevorderen. Het collectivisme, +door den staat en de gemeenten vertegenwoordigd, zal geleidelijk uit de +handen der opkoopers de monopolies samentrekken en zich er van meester +maken in het algemeen belang en in 't bizonder in dat van den werkman. +Gelijk onderwijs zal er aan allen gegeven worden en de staat zal aan de +kinderen zelfs de stoffelijke middelen verzekeren, om het te ontvangen; +hij zal de vader zijn voor degenen, wier ouders hen niet kunnen voorzien +van voldoende voeding; hij zal voor de uitvoering zorgen van alle +diensten, die bestemd zijn ten behoeve van het algemeen der burgers, en +zal dienaangaande geen concessie doen aan een particuliere onderneming; +hij zal in de behoeften der armen voorzien; hij zal door uitbreiding +van het onteigeningsrecht de beschikking verkrijgen over uitgestrekte +gronden, die hij aan werklieden zal verhuren en voornamelijk aan +landarbeiders tegen zoo laag mogelijken prijs, die laten ontginnen +door werkeloozen en gebruiken voor het bouwen van arbeiderswoningen. +Tegelijkertijd zal hij zich een erfrecht toekennen gezamenlijk met de +natuurlijke erfgenamen, en door al deze voorgeziene hervormingen, die +in het socialistische programma geëischt worden, zal hij den publieken +rijkdom vermeerderen tot afbreuk van de private kapitalen en zoo zal hij +het oogenblik nader brengen, waarop de hedendaagsche maatschappij zal +overgaan, bijna zonder schok en op zekere en geregelde wijze, in een +ideale maatschappij. + +Het is derhalve geen bloedige revolutie meer, verlicht door het +rampzalige afschijnsel van den eindstrijd, die de profeten van den +socialistischen godsdienst ons aankondigen; het is heel eenvoudig +eene evolutie, die zekerlijk de menschen in de lieflijkheden van het +collectivistische paradijs moet overbrengen. En dat juist heeft veel +kleine lieden verleid en veel werklieden meegesleept, minder door de +hoop op een toekomstige maatschappij, die ze waarschijnlijk nooit zullen +zien, dan door de verwachting van de naderende hervormingen, waar zij +overtuigd zijn, dat zij er niets bij hebben te verliezen, maar alles te +winnen. + + * * * * * + +Maar een partij leeft niet alleen van een program, haar kracht bestaat +ook in hare organisatie en in hare bedrijvigheid. + +En juist het Socialisme heeft zich in alle landen waar het kwam door +zijn groote kracht van organisatie en door een krachtige propaganda +altijd onderscheiden. De massa's werklieden in beweging brengen, +hunne dikwijls gewettigde ontevredenheid vergrooten, hun haat +aanwakkeren en hen in te lijven in den klassestrijd, dat is het doel +waarnaar het streeft met onverbroken kracht. Zonder dat het »groote +kiezers-mechanisme«, wat de sociaal-democratie in Duitschland is, de +volmaaktheid heeft bereikt, oefent de arbeiderspartij in Nederland, die +afbeelding is van de Duitsche partij, toch een groote macht uit. De +beweging komt van onderen op, van de socialistische vereenigingen onder +verschillende benamingen, vereenigingen van allerlei soort, waaronder +evengoed vereenigingen van jongelingen behooren en van vrouwen als van +volwassen werklieden van de sociaal-democratische vereenigingen. Deze +afdeelingen van de partij vaardigen ieder jaar een of meer personen af +naar het algemeen congres, alsmede de voornaamste redacteurs van de +erkende dagbladen. Het is op die congressen, dat de algemeene richting +van de politiek wordt vastgesteld; dat het onderzoek plaats heeft naar +de houding van de parlementaire kamerfractie; dat de moties, die de +organisatie en de discipline raken, onderzocht worden; dat vier leden +van het centrale bestuur gekozen worden. De drie anderen, de president, +de secretaris en de penningmeester, die tezamen het bureau van de +loopende zaken vormen, en die om deze reden een gemeenschappelijke +woonplaats moeten hebben, worden gekozen door de Federatie van Amsterdam +en wonen in de hoofdstad. Het werk van het Bestuur bestaat daarin, dat +het zich bemoeit met al wat de partij aanbelangt: het nemen van het +noodzakelijke initiatief; het volgen van de actie van de propagandisten +en de pers; en zoo daalt dan, door een krachtige werkzaamheid aan ieder +onderdeel van de partij op te leggen, het socialistische leven in de +kleinste vertakkingen neder, tot in de nederigste dorpjes van Groningen +en Friesland. + +In iederen socialist, zou men kunnen zeggen schuilt een propagandist. +Velen zijn er, die, zonder er hun beroep van te maken, dagbladen +verspreiden en de leeringen in vergaderingen en werkplaatsen verbreiden. +Bovendien heeft de partij zijn vaste propagandisten, die als zoodanig +in hun levensbestaan voorzien, somwijlen verdienstelijke sprekers, die +zich gedurende eenigen tijd in een zekere streek vestigen, deze in alle +richtingen doorkruisen, publieke vergaderingen houden, plaatselijke +vereenigingen oprichten en ieder jaar aan het centrale comité verslag +uitbrengen van hunne werkzaamheden. + +In den tijd van den Sociaal-democratischen Bond werden deze talrijke +propagandisten, zooals Vliegen, Schaper en Van der Zwaag, niet betaald +voor het werk, dat zij verrichtten. Zoo wilde het Domela Nieuwenhuis, +die het belachelijk had gevonden, om een belooning uit de kas der +partij te ontvangen voor een taak, waartoe allen, die het kunnen, +zich moeten beschikbaar stellen. Van af hare stichting heeft de +Sociaal-democratische Arbeiderspartij er anders over geoordeeld, en hare +propagandisten verdienen jaarlijks tusschen de 300 en 500 gld. Zoo zou +het haast niet kunnen voorkomen, dat de financiën buitengewoon ruim +waren, en die van de Socialisten in Nederland zijn het blijkbaar niet +bovenmate. Het budget van 1906 steeg tot f 9.600 en boven deze som waren +f 1.500 bestemd voor het tractement van den secretaris-generaal, Van +Kuijkhof en f 1100 voor de drie propagandisten, Helsdingen, Mendels en +Hermans. Men moet er evenwel bijvoegen, dat dit de eenige voortplanters +niet zijn van de socialistische denkbeelden; de partij beschikt over nog +anderen, die door de politiek aan een voldoende betrekking zijn gekomen, +en geen andere betaling noodig hebben dan reiskosten. Dat zijn in het +bijzonder de socialistische afgevaardigden naar de Tweede Kamer, de +redacteurs der socialistische dagbladen en de speciale afgevaardigden +van het comité-generaal, die gaan waar ze geroepen worden, de grieven +ondersteunen en kracht aan de verkiezingscampagne verleenen. + +Gelijk in elke beweging van zekere uitgebreidheid, zoo neemt de pers +meer en meer in de S. D. A. P. een belangrijke plaats in. Dat is te +begrijpen, want het is de propaganda bij uitnemendheid; het geschreven +woord, dat zich onophoudelijk tot duizenden lezers richt. Het officieele +orgaan van de partij is het dagblad »Het Volk", dat in Amsterdam +gedrukt en uitgegeven wordt. Het wordt ter zijde gestaan in den +lande, door een goed dozijn weekbladen, drie maandbladen, waaronder: +»De proletarische Vrouw«, orgaan van de vrouwenvereeniging: de +Sociaal-democratische Vrouwenclub, en een tijdschrift: »De Nieuwe Tijd«, +dat de intellectueelen onder hen redigeeren: Van der Goes, Gorter en +Mevrouw Henriette Roland Holst. + +Bij de bladen komen nog populaire brochures en traktaten; en onder +deze voortdurende actie heeft het Socialisme onrustbarende afmetingen +aangenomen. Zoo is het, dat op het congres te Arnhem, den 19den April +1908, de president Vliegen met zekeren trots kon verkondigen, dat de +partij georganiseerd was in 83 van de 100 kiesdistricten, dat in den +loop van 1907 het aantal afdeelingen van 167 tot 176 was geklommen en +het totaal der leden van 400 tot 8.400. + + * * * * * + +Evenwel op ditzelfde congres, waar deze cijfers zoo triomfantelijk +werden vermeld, erkende burger H. Meyer, dat de partij zich wel had +ontwikkeld, maar niet zoo als het wel wezen moest; en hij gaf er als +reden voor op, dat op het platteland bijna al de arbeiders kiezers +waren, dat weinigen onder hen zich onder de vaan van het Socialisme +wilden scharen en dat de beweging er in geen geval sterke wortels +schoot. Dit was reeds geconstateerd aan den vooravond van de +verkiezingen van 1905. Het verslag, door het algemeen Bestuur +aangeboden aan het Congres van Utrecht in 1906, stelde vast, dat +indien al in de groote steden het cijfer der socialistische stemmen was +geklommen op bizondere wijze, ja zelfs in vier jaar tijds voor de negen +kiesdistricten van Amsterdam van 12,5 tot 21,2 procent der stemmen was +gestegen, het platteland een gevoeligen terugslag aanwees, die in het +district Wijk bij Duurstede de verhouding van 8,2 op 2 per honderd had +gebracht. + +Om de kracht van deze cijfers te begrijpen, moet men zich herinneren, +dat in Nederland het algemeen kiesrecht niet bestaat en dat de +nu-van-kracht-zijnde kieswet, de wet Van Houten, hoewel ze +vrij-gemakkelijke voorwaarden stelt om kiezer te worden, toch een goed +deel der arbeiders van de groote steden van het recht om te stemmen +berooft. De Socialisten hebben daardoor dus in het kiezerscorps geen +invloed, die in verhouding staat met hun werkelijken aanhang. Maar in +de boerenstreken is het anders; de boer is degelijker, spaarzamer en +slaagt er daardoor meermalen zonder veel moeite in de f 50.-- bij +elkaar te krijgen en op de spaarbank te brengen, of om aan eene van +de andere wetsvoorwaarden te voldoen, die hem het recht geven op de +lijst te worden geplaatst. Men begrijpt bijgevolg, dat de hoofden +van de Sociaal-democratie een soort van ontnuchtering gevoelen bij +het zien van de verminderde resultaten van hunne propaganda onder +deze landbouwklasse, die het meerendeel uitmaakt van de bevolking van +Nederland. In Friesland heeft het Socialisme, dat zich tot 1890 krachtig +onder de boeren had vertoond, opgehouden veld te winnen, tengevolge van +de actie der Antirevolutionairen en ook eenigszins als gevolg van de +terugkomst naar het platteland van verscheidene groote grondbezitters. + +In de Roomsche industrieele streken in het zuiden van Noord-Braband +en Limburg zijn de collectivistische denkbeelden bijna nog niet +doorgedrongen. De landbouwstreken willen er heelemaal niets van weten, +en al zijn in de centra der industrie de arbeidersvoorwaarden en +andere werkelijk bestaande omstandigheden van dien aard, dat daardoor +gemakkelijk de werklieden in de armen van de socialistische leiders +kunnen geworpen worden, zij zijn toch niet toereikend om hen te +doen vergeten, dat de gepredikte leer geheel tegenstrijdig is met +hun godsdienst. Welnu, voor dit deel van Nederland, dat als het +Oude-Vlaanderen zeer verknocht is gebleven aan den Roomschen godsdienst, +is deze overweging beslissend. Overigens kan men in 't algemeen zeggen, +dat de Nederlandsche werkman godsdienstig is gebleven en dit is een van +de voornaamste beletselen, die het Socialisme bij zijne uitbreiding +ondervindt. + +De leiders hebben het wel begrepen, en daar zij weten, dat een +frontaanval op hun eigen schade uitloopt, pogen zij de posities van den +vijand om te trekken. In hunne redeneeringen bewijzen zij den grootsten +eerbied aan de overtuiging en het geloof; zij verzekeren aan een ieder, +die het hooren wil, dat godsdienst zuiver privaatzaak is, waarmee +het Socialisme niets te maken heeft, en die het daarom ook niet te +bestrijden heeft. De heer Van Kol, oud-afgevaardigde van Enschede, +durft wel in het volle congres uitspreken, dat het in 't belang van +de socialistische beweging is om te toonen dat zij niet anti-Roomsch +is. »Ban dit godsdienstige gevoelen, dat bij velen onder u wordt +gevonden, uit uw midden weg. Zoolang wij er niet in geslaagd zijn om +de godsdienstige menschen in onze rijen mee te voeren, zullen wij de +zege over het kapitalisme niet behalen". Maar totnogtoe hebben deze +belangrijke verklaringen in het geheel geen vat gehad op Roomsche +werklieden. Zij herinneren zich terecht dat de vaders van het Socialisme +in Nederland, Gerhard, Fortuijn, Domela Nieuwenhuis, enz., vrijdenkers +waren. De Socialistische leden van de Tweede Kamer, die den oud-advokaat +Mr. Troelstra volgen, een wegsleepend redenaar en geducht en bekwaam +schrijver over de politiek, en waartoe Vliegen, de voornaamste redacteur +van Het Volk, Van Kol, Schaper Ter Laan en anderen behooren, bewegen +zich op de groote algemeene, weinig revolutionaire wegen. Zij zijn +overtuigd geworden, dat de Sociale revolutie zich nog niet kon openbaren +en toen hebben zij hunne methode veranderd en zijn gaan staan in een +zeer praktische houding, werkende voor de onmiddellijke (nu te +verkrijgen) hervormingen. + +Ziedaar wat de intellectueelen der partij, die Troelstra op min of +meer smadelijken toon noemt de groep van den den »Nieuwen Tijd", niet +zonder schijn van waarheid hun verwijten. Daartoe behooren personen +van burgerlijke afkomst en met de Duitsche leeringen zeer goed bekend, +Gorter, Mevrouw Roland Holst, Pannekoek, Loopuit, Mendels, en anderen, +die zich om Van der Goes vereenigen en de anti-socialistische neigingen, +welke de partij besmetten, zonder ophouden bestrijden. Zij komen er +toe om steeds te herhalen, dat onder het hedendaagsche bestuur de +Sociaal-democratie zich verburgert en dat weldra niets meer haar +onderscheiden zal van de Vrijzinnig-democraten. Het zuivere Marxistische +stelsel, zeiden zij, verdwijnt. Op alle belangrijke en actueele punten +van het program is reeds iets opgeofferd, en er is reeds een schrede +naar rechts gedaan voor het arbeidscontract, de verzekering tegen ziekte +en invaliditeit, den achturigen dag, het militarisme, het stemrecht voor +de vrouw, de scheiding van Kerk en Staat en ook voor de buitenlandsche +politiek. Dat is de gelegenheidspolitiek, die overal regeert. Troelstra, +zoo zeggen zij nog, is de eerste geweest in ons land om een algemeene +rechtbank als een practisch feit te willen hebben, maar in een van zijne +artikelen houdt hij het proletariaat terug van deze zelfde algemeene +politieke rechtbank, die op het internationale Congres van Amsterdam +door de Nederlandsche afgevaardigden werd verdedigd. Dezelfde taktiek, +die zoo menigmaal beginselen vergeet, wordt vertoond, wanneer het +socialistische bestuur door alle middelen de kleinhandelaars en de +kleine boeren tot zich denkt te trekken wanneer zij den achturigen +werkdag in de schaduw stellen, om dien van tien uren te verkrijgen +en wanneer de Kamerfractie, ten koste van betreurenswaardige +overeenkomsten, burgerlijke hervormingen najaagt, terwijl zij toch den +klassestrijd in de Kamer zou hebben in te leiden zonder zich te +weerhouden, om rechts en links vuistslagen uit te deelen. En de +volgelingen van Van der Goes zijn van meening: »Wij ook willen +hervormingen, maar wij zeggen altijd volgens de oude taktiek: de +hervormingen moeten verworven worden op revolutionaire wijze en het +Socialistische doel moet bovenaan staan. Maar zij willen het socialisme +in een verre toekomst terugzetten en een partij van hervorming worden. +Dat leidt tot concessies, tot overeenkomst met de democratische burgers +en eindelijk tot deelneming aan een ministerie. + +Zoo is dan de naam van Karel Marx een twistappel geworden in de +Sociaal-democratische Arbeiderspartij en de echos van den strijd +weerklonken sedert drie jaren reeds op de congressen der partij. In +1907, vooral op het congres van Haarlem, was de strijd tegen de +revisionisten, tegen de hervormingsgezinden, aangebonden door Gorter, +in naam van den onwraakbaren klassestrijd hevig. Tegen deze geweldige +aanvallen, die Troelstra persoonlijk golden, verdedigde hij zich met +bekwaamheid. Nu eens ironisch en vleiend, dan weer scherp en minachtend, +rechtvaardigde hij zich, terwijl hij zijne tegenstanders veroordeelde; +en hij eindigde zijn lange rede onder toejuichingen, terwijl hij de +geheele partij bezwoer, dat zij verjongd zou opstaan vol vertrouwen en +eenheid, om over het kapitalisme te triomfeeren. En het hevige debat, +dat gedurende lange uren had plaatsgehad, kreeg vasten vorm in een +dubbele bevestigende motie, aan de eene zijde, dat de beschuldigingen, +tegen het bestuur gericht, niet waren gegrond, en aan de andere zijde, +dat de vrijheid van kritiek een heilig en wettig recht bleef voor ieder +lid. Al het geschreeuw, al de bedreigingen van scheuring gingen verloren +in een nieuwe verzoening, en het blad »Het Volk" kondigde zegevierend +voor de partij een nieuwen tijd aan, vrucht van de behaalde eenheid en +gekenmerkt door nieuw vuur en nieuwe kracht. + +De vreugde was van korten duur. Het conflict tusschen de beide +stroomingen werd des te levendiger hervat met dagbladartikelen op +vergaderingen en door brochures. Het te Arnhem gehouden congres op den +19en April 1908 leverde dezelfde oratorische voorstellingen als het +vorige jaar dat van Haarlem. + +De kritiek was even levendig tegen het bestuur, dat altijd hetzelfde +opportunisme vertoonde, en tegen het officieele orgaan der beweging, dat +de vrijheid van bespreking tegenging. Maar Troelstra was ziek en niet +aanwezig om te kunnen antwoorden. Het waren Schaper en Vlieger, die hem +vervingen, en men scheidde zonder veel verder te komen dan tevoren. Het +eenige resultaat was, dat de muur van wantrouwen, die langzamerhand +opgericht was tusschen de beide fracties, bestendigd werd. Men bemerkte +het weldra. Het dagblad »de Tribune", dat eenige maanden tevoren was +opgericht door de onveranderlijke Marxisten en welks opkomst reeds was +veroorzaakt door het congres van Arnhem, vervolgde zijn aanvallen tegen +de parlementaire fractie. Aan het hoofd deden Wijnkoop, Ceton en Van +Ravesteijn zich kennen door hunne heftigheid. Troelstra en zijne +vrienden, woedend over deze heftige bestrijding, die zonder ophouden +doorging, besloten er een eind aan te maken en met dat doel riepen ze +een buitengewoon congres op, dat in Deventer van den 12en tot den 14en +Februari 1909 werd gehouden. Er was alleen maar kwestie over de middelen +tot herstelling der eenheid, door de verdwijning van de »Tribune". De +redacteurs ontvingen een ultimatum om met de uitgave van hun blad op +te houden en zich tevreden te stellen met de Marxistische ideeën door +middel van een wekelijksch bijvoegsel van »het Volk" te verspreiden. +Daar zij weigerden zich naar deze bevelen te schikken, sprak het congres +met 209 van de 297 stemmen hun uitsluiting uit de partij uit. Buiten de +deur van het socialistische huis gezet, ondernamen zij den bouw van een +nieuw huis, ter zijde van het andere. Zij vergaderden hunne volgelingen +in een nieuwe partij, die zij noemden: »de Sociaal-Democratische +partij", stelden een programontwerp op en bij de verkiezingen van 1909 +hadden zij candidaten in vier districten, maar verkregen slechts een +zwak stemmencijfer. + +Hun uittocht heeft naar het schijnt niets of bijna niets veranderd in +de kracht van de S. D. A. P. Niet zeer verwonderlijk, want de rechte +hoofden van de Marxistische beweging zijn tegen de verwachtingen in, in +de oude organisatie gebleven; en het congres van Rotterdam van 11, 12 +en 13 April 1909 heeft getoond, dat zij niets van hunne beoordeelingen, +niets van hunne eischen hadden afgelegd. Hetgeen hen terughoudt van het +verlaten der partij dat is, de onzekerheid van gevolgd te zullen worden. +Het oogenblik zal waarschijnlijk komen, waarop zij het socialistische +huis onbewoonbaar verklaren, en waarop zij op hun beurt er uit zullen +gaan. + + + + +_III. De Anarchistische Socialisten._ + +»Wanneer een partij zich splitst", zeide in 1904 de Italiaansche +socialist Ferri op het internationaal congres van Amsterdam, »wordt +ieder deel bijna altijd tot het uiterste van zijne ideeën gedrongen, en +indien de eene het ideaal uit het oog schijnt te verliezen, vergeet de +andere, geheel ingenomen door de beschouwing van zijne beginselen, de +practische behoeften". Dit woord werd bevestigd, door hetgeen in de +socialistische beweging in Nederland plaats had. + +Terwijl Troelstra en de gematigden langzamerhand iets van den +onveranderden klassestrijd verzachtten en de strenge leer van Karel Marx +veranderden in een hervormingsgezindheid naar omstandigheden, begaf zich +Domela Nieuwenhuis geheel vervuld met het verlangen om de volksgunst +te behouden en ongerust als alle menschen, die op het uiterste hunner +gedachten gekomen zijn, meer en meer op de helling, die tot het meer +of minder anarchistische geweld leidt. De volksleider ging tegenover +hen staan, die hij ervan beschuldigde het collectivisme ten onder te +brengen. Met snijdende woorden, die voor geen enkele beschouwing of +argument terugschrikten, hoe kwetsend of persoonlijk zij ook mochten +wezen, brandmerkte hij de concessies van de politieke menschen en hun +wegzinken in de parlementaire kolk. Dat was overigens de overtuiging, +dat de Tweede Kamer het revolutionaire zout niet dan smakeloos kon maken +en de komst van den toekomstigen staat oneindig ver terug deed gaan. +Daardoor was hij zelf met de hulp der omstandigheden er toe gekomen om +geheel het politieke terrein te verlaten. + +Zoo groot was zijn invloed in den Sociaal-Democratischen Bond, dat +na de beslissing van het congres van Groningen en de scheiding der +parlementairen, bijna al de socialistische troepen hem getrouw bleven. +Van de 5000 volgelingen, die zich toen onder zijn bestuur vereenigden, +verliet ternauwernood een honderdtal hem, om zich te verbinden aan de +S. D. A. P. Door Christiaan Cornelissen geholpen, die met hem redacteur +was van »Recht voor allen", begaf Domela Nieuwenhuis zich aan de +voortzetting van de Socialistische propaganda, door zuiver +revolutionaire middelen. + +Maar juist op het oogenblik van de scheuring, had hij zich ter eener +zijde tegen de maatregelen der regeering ter verdedigen. Op het congres +van Zwolle in 1892 had de Sociaal-Democratische Bond zijn program +herzien en had er dezen zin bijgevoegd, dat de Bond zou voortgaan om met +wettige of onwettige, vreedzame of gewelddadige middelen de vernietiging +van de hedendaagsche sociale verhoudingen te zoeken. + +Door deze verklaring kwam men in botsing met de wet op het +vereenigingsrecht. De regeering zond afgevaardigden tot de +socialistische hoofden om hen te verzoeken, zich tot de wettige middelen +te bepalen; maar zij wilden er niets van hooren en noch minder er +iets van afdoen. Vervolgingen werden tegen hen ingesteld en in April +1894 ging de rechtbank te Groningen er toe over om de ontbinding der +revolutionaire organisatie te eischen, daar zij een aan de openbare orde +vijandig doel beoogde. Het gerechtshof te Leeuwarden en de Hooge Raad +bevestigden het vonnis, dat nog nimmer opgeschreven was in de annalen +van rechtbank en regeering van Nederland; want men kende slechts dit +eenige geval, dat eener vereeniging de erkenning bij de regeering +geweigerd wordt, of ontbonden is geworden. + +Maar alles was voorzien om deze verdwijning af te wenden en de asch van +den Sociaal-Democratischen Bond, die op wettige wijze was vernield, +gaf dadelijk een nieuwe vereeniging het aanzijn; de »Socialistenbond", +den 3en December 1894 op het congres van den Haag gesticht. En +de strijd ging door op leven of dood tusschen parlementairen en +revolutionairen. De eersten hadden met verontwaardiging geconstateerd, +dat de socialistische kiezers meerendeels niet hadden deelgenomen +aan de verkiezingen van 1893, waarvan de inleg was het behoud van +het ministerie-Tak van Poortvliet en het quasi-algemeene kiesrecht, +en zij spaarden hen niet, maar stelden hen in hun bijtende kritiek +verantwoordelijk voor de nederlaag. De anderen gaven hun slag voor slag +terug en gebruikten uiterst scherpe bewoordingen. Domela Nieuwenhuis +ging zoover, dat hij hen beschuldigde van zich te maken tot verdedigers +der regeering en van te worden betaald door de Duitsche +Sociaal-Democraten. + +Vrijwillig teruggetrokken uit de politieke actie begaf hij zich +eerst in de syndicaten-beweging en verbond zich met het Nationaal +Arbeidssecretariaat, dat bijna al de werkliedenvereenigingen +vertegenwoordigde en dat aan zijn invloed onderworpen was. Langzamerhand +werkte hij de leerstellingen uit. Bij het begin van 1898 vatte hij ze +te samen in het encyclopedische werk over »Nederland". Met welk een +onstuimigheid keerde hij zich toen niet tegen de revisionisten, die +»het schoone socialistische strijdros slechts op bizonder-plechtige +gelegenheden uit den stal haalden en het overige van den tijd er +lieten staan, om het woord te laten aan het program van actie, waarmede +zich ook de radicalen gerust kunnen vereenigen." In welke bittere +bewoordingen verweet hij hun niet hun aandeel direct of indirect aan de +regeering. »Het parlement is het werktuig, waarvan zich de besturende +klasse bedient om de klasse der proletariërs ten onder te houden. +Door dit parlement is het, dat de hedendaagsche staat van zaken +zijn zegel door wetgeving en bestuur ontvangt. Die derhalve aan de +volksvertegenwoordiging meedoet, ondersteunt de burgerij, en daar +de belangen der burgerij niet samengaan met die der proletarieërs +en niet gepaard kunnen gaan met elkander, bevindt het zich dus +tegenover de belangen van het lagere volk en steunt het en bevestigt +het de staatsmachine, die er toe dient om hen te onderdrukken. Het +vertrouwen op het stelsel der volksvertegenwoordiging is daarom met +de revolutionaire idee niet overeen te brengen, want wanneer eene +partij zich tot hervormingen begeeft, dan komt zij op den weg van +het possibilisme, maar daarmede verlaat men het terrein van den +klassestrijd, waar toch de beslissende kamp zal geleverd worden." + +De menschheid, gelukkig in een volkomen gelijkheid, geen God of meester +meer hebbende, zoo zou volgens hem, het wezen van de toekomstige +maatschappij zijn, en hij besloot dat om er toe te komen, alle +revolutionaire middelen goed zijn, maar die alleen. Onder deze +geweldige middelen is het eerste en niet het minst belangrijke middel +de werkstaking en vooral de algemeene werkstaking. Elk van deze is +een voorpostengevecht in den socialen oorlog. Zoo verklaart Domela +Nieuwenhuis, die dan vervolgt: »Elke daad van opstand bewijst dat de +slaaf van den arbeid gevoel van zijn persoonlijke waardigheid krijgt en +een verlangen naar onafhankelijkheid, en ofschoon hij geen kans loopt +zich van de boeien los te maken, die hem kwellen, begint hij aan deze te +trekken, te schudden, en dat is het teeken van den vooruitgang." + +»De werkstakingen, zelfs die, welke niet aansluiten zouden aan elkander, +hebben een weldadige uitwerking, omdat zij tot onderricht en oefening +dienen voor de arbeidsklasse, die niet anders hare bevrijding zou +weten te bereiken dan door den strijd en in den strijd; omdat deze de +werklieden nog vrijwaren tegen slechter levensvoorwaarden, die zeker hun +deel waren indien zij er eenvoudig in zouden berusten; omdat eindelijk +deze hen leeren te zien, wat nog aan hunne organisatie ontbreekt om de +overwinning te behalen". In één woord, het is de heftige agitatie, die +voortdurend de volksmenner predikt, om van de kleinere werkstakingen tot +een totale en zoo mogelijk internationale werkstaking te komen in een +tak van industrie en eindelijk na meer of minder talrijke pogingen tot +één algemeene werkstaking te komen in alle landen van kapitalistische +organisatie. + +Naast deze gezamenlijke oppositiehandelingen komen individueele +oproerige daden te staan. De weigering om den militairen dienstplicht te +vervullen in het leger, dat opgeroepen was tegen het gepeupel, is er één +van; maar opdat het zijne uitwerking niet zal missen is het noodig, dat +het zorgvol tevoren is voorbereid door een krachtige propaganda tegen +het leger. »Geen man en geen duit voor het militarisme«, dat is de korte +formule, die Domela Nieuwenhuis met kracht omhoog houdt. Doch deze is +nog niet geheel voldoende en hij voegt er aan toe de propaganda van de +daad, de directe handeling, die niet terugdeinst voor oproer en bommen. + +Wanneer al deze wapenen aan het proletariaat voldoende voordeelen zullen +gegeven hebben, zal de beslissende eindstrijd tot het laatste algemeene +stadium gevorderd zijn. «Elke revolutionaire periode», zegt hij, «is in +de geschiedenis door een tijd van crisis voorafgegaan; de inbezitneming +van de middelen van productie en verbruik door de arbeidsklasse kan niet +totstandkomen dan na een critieken tijd op algemeen gebied en door alle +landen in al de takken van industrie en na een periode, onmiddellijk +voorafgegaan, van sluiting der fabrieken, scheepstimmerwerken en andere +werkplaatsen, faillissementen van bankiers- en handelshuizen aan den +eenen kant en anderzijds van werkloosheid met den somberen samenhang +van honger en ellende. Temidden van deze smarten der kindsheid zal de +socialistische maatschappij ontstaan door een periode van algemeene +burgeroorlogen.» + +Indien dit geen verkwikkende voorstelling is, toch heeft zij tenminste +de verdienste van openlijk ons de toekomstige maatschappij te laten +zien, waarin brood en vrijheid voor allen zal zijn, tengevolge +van de afschaffing van alle gezag, en waarin de hervorming van de +productiewijze op den voet van vrije en gelijke vereeniging van de +personen, die ze voortbrengen, noodzakelijk de geheele staatsmachine op +de plaats zal terugbrengen, die haar toekomt in het museum van oudheden, +naast het spinnewiel van onze grootmoeders en de bijlen van het +bronstijdperk. Doch ze kan ons den zekeren schrik niet wegnemen door de +belofte van een twijfelachtig geluk. + +Is het noodig naar een reden te zoeken, waarom het meerendeel der +socialistische arbeiders, begeeriger naar positieve voordeelen dan naar +schoone droomen, van welker verwezenlijking, die nog zoover verwijderd +is, zij wisten dat ze slechts ten koste van zulke offers zou bereikt +worden, niet de »Socialisten-Bond« volgde? Misschien, maar er waren ook +anderen. Ter eener zijde na de politieke actie, de actie op het gebied +van syndicaten. Uit vrees voor het zien vallen van deze macht in de +handen van den vijand, van de S. D. A. P., die er voet dreigde te nemen, +had zij zichzelve uitgesloten van het Nationaal Arbeiders-Secretariaat, +door het besluit te doen nemen, dat alleen de ambachtsvereenigingen er +zouden worden toegelaten. Zijne mannen behielden er het bestuur in, maar +er waren geen directe betrekkingen meer met de syndicaten. De beweging, +zoo noodzakelijk voor het bestaan van een politieke organisatie, werd +bijgevolg tot kleine middelen herleid, tot weigering van het betalen van +belasting of tot obstructie van den gerechtelijken verkoop, welke alle +onvoldoende waren om de geestdrift voor de zaak te onderhouden. + +Anderzijds hadden Domela Nieuwenhuis en vooral Cornelissen, geheel +opgaande in de bestrijding van de S. D. A. P. en begeerig het +grootst-mogelijke aantal aanhangers voor zich te behouden, niet kunnen +besluiten een nauwkeurige gedragslijn aan te nemen. En door een uitslag, +tegenovergesteld aan hetgeen zij zochten, hield de Socialistenbond niet +op zich te verzwakken. In 1898 hadden ze niet meer dan 80 afdeelingen +met 2,126 leden. De contributies waren gedaald tot f 408. Behalve +Amsterdam en Den Haag telde geen enkele afdeeling meer dan 50 leden. +Het blad »Recht voor allen« had een schuld van ongeveer f 1.000. + +De toestand was dus ver van schitterend, toen plotseling eene verrassing +zich voordeed. Hetzij Domela Nieuwenhuis ontmoedigd was door het succes +van de parlementairen, bij de wettige verkiezingen van 1897, hetzij +hij afstand wilde doen van zijne macht op het oogenblik, dat deze +nog niet zonder beteekenis was, hetzij hij de twijfelachtige eer +niet wilde hebben de machtige vereeniging die hij zelf had verwekt +tot haar algemeene vernietiging te brengen, hij trok zich terug uit +den Socialistenbond in Maart 1898, ondanks de smeekingen van zijne +getrouwen, wierp zich in de armen van het anarchisme, waar hij naar +overhelde sedert eenigen tijd en richtte een nieuw blad op: »De Vrije +Socialist«, waarvan het eerste nummer 1 April 1898 verscheen. + +Dat was het sein van de algemeene verwarring. Cornelissen ook verliet +de partij om zich in Parijs te vestigen. Door hunne aanvoerders, en +vooral door hem dien zij zoo langen tijd waren gevolgd, verlaten, +verspreidden zich de leden van den Socialistenbond. De meesten trokken +zich buiten alle organisatie en politieke actie. + +De overigen trachtten den toestand te beheerschen. Op het congres van +Zwolle in 1898 besloten de laatste strijders uit het revolutionaire +leger tot de politieke beweging terug te keeren, maar zij vormden +slechts het overschot van de groote socialistische bataillons; slechts +acht afdeelingen waren vertegenwoordigd en zij maakten op, dat de partij +f 4.218 schuld had. Tot overloop van ironie belachte hun oude aanvoerder +hun onvruchtbare pogingen en ried hun bij wijze van bittere scherts aan, +zich met de parlementaire socialisten te vereenigen, jegens wie zijn +haat niet was verminderd. Na eenigen tijd getracht te hebben zich voort +te sleepen, moest de Socialistenbond er wel toe komen om dit besluit aan +te nemen, hoe groot ook hun tegenzin was. Den 24en Juni 1900 ging het +overschot van den ouden bond over in de S. D. A. P. Alleen Van der +Zwaag, Pennink en eenige anderen gingen niet weer terug. + + * * * * * + +De revolutionaire-socialistische partij had bestaan. Maar zij was niet +geheel dood. Zonder van talrijke Socialisten-anarchisten te spreken, die +afzonderlijk stonden en beinvloed werden door Domela Nieuwenhuis, hebben +hare beginselen hun prestige bewaard bij de syndicalisten, die zich +hebben verbonden in het Nationaal Arbeids-Secretariaat. + +Wij haasten ons om te zeggen, dat dit Nationaal Arbeidssecretariaat +hetzelfde is als de »Confédération génerale du travail« in Frankrijk. +In het verloop van het Internationaal-socialistisch Congres te Brussel +in 1891 geboren, was het dadelijk begonnen al de neutrale syndicaten te +vereenigen en aan het hoofd daarvan een organisatie van ambachtslieden +te plaatsen. Het aantal syndicaten of aanverwante vereenigingen was 52 +in 1900 met 12.444 aanhangers; maar terwijl het cijfer der syndicaten +steeds steeg, verminderde het aantal leden, want in 1895 was het 18.400 +over 31 verbonden vereenigingen. + +Het échec van de algemeen werkstaking der transportarbeiders in 1903, +waartoe de socialisten-anarchisten krachtig mede hadden gewerkt, +bracht de beweging achteruit. Ter eener zijde trokken zich de minst +voorspoedige syndicaten terug, omdat zij de vereischte contributie +niet meer konden betalen, en aan den anderen kant trokken de groote +syndicaten, ontevreden over het geweld der leiders, partij van de +stribbelingen, die zich langen tijd reeds in het Nederlandsche +Arbeids-Secretariaat vertoonden, en van de oorlogsverklaring in 1904 +tegen hen gericht in de afscheidingscirculaire. Zij stichtten een nieuwe +partij, het Nederlandsche Verbond van vakvereenigingen, waar Henri Polak +en de machtige Diamantwerkersvereeniging de voornaamste rol speelden. +Het is een feit, dat de ervaring leert, dat wanneer de revolutionairen +kapitalisten worden, de vurigsten onder hen verstandig worden. Zij +vinden het leven minder hard en de maatschappij minder slecht; zij +verzachten den toon van hunne eischen en zij ontdekken overeenkomst, die +zij in den tijd van hunne armoede met verontwaardiging zouden hebben +verworpen. De groote syndicaten in Nederland hebben dat doorgemaakt, +terwijl het Nationaal Arbeids-Secretariaat, dat geen verbodsbepalingen +genoeg voor hen heeft, doorgaat met zijne 9 vereenigingen, zijn 45 +syndicaten en zijne 5.000 leden oorlog te voeren tegen het kapitaal +en de reactie, zich van den politieken strijd ontdoet en de directe +actie predikt, oproer, antimilitairisme en de algemeene rechtbank. Die +tot haar behooren, dat zijn over het algemeen de magere syndicaten, +begeleid door de verarmden, die geen aandeel kunnende krijgen aan de +regeering, zoover mogelijk de logica van hunne beginselen doortrekken, +en die, niets te verliezen hebbende, alles op het spel zetten; geduchte +tegenstanders van de maatschappij, die tegelijk door hun anarchistische +leerstellingen en hun woesten haat waarmede zij de klassestrijd +prediken, bedreigen. Het is eigenaardig te zien, dat in alle landen de +socialistische beweging heen en weer schommelt tusschen de +parlementairen en de libertijnen en dat zij slechts aan dezen ontkomt om +onder den invloed van genen weder te geraken. In Nederland behalen de +parlementairen de overwinning, maar de anderen, de mannen van geweld, +zullen zij niet spoedig wraaknemen? + + + + +TWEEDE DEEL. + + + + +EERSTE HOOFDSTUK. + +De eerste pogingen en de eerste verbonden. + + +In de omstreken van den Moerdijk, tusschen Dordrecht en Breda, ontrolt +zich een eigenaardig landschap. + +De Maas, die pas zich verbonden heeft met den linkerarm van den Rijn, +den Waal, omringt daar in een net van nauwe kanalen tal van kleine +eilanden, welke er door een reuzenhand schijnen gestrooid te zijn. Maar +een weinig verder, waar deze kleine kanalen de vele eilandjes verlaten, +alwaar het water zich heeft opgehouden en tot in het oneindige zich +heeft verdeeld, vermengen zij zich, om zich ten slotte door de monden +van den Maas in de zee te werpen. + +Dit is het beeld van de Nederlandsche politiek. + +In Holland zijn de partijen zoo talrijk, zoo verdeeld, dat het +onmogelijk is hunne werkzaamheden te brengen onder de eenvoudige +voorstelling van twee homogene partijen van bijna gelijke kracht, die +om beurt elkander opvolgen in de regeering, al naardat de meerderheid +verwisselt. Doch, hoe verdeeld ze in werkelijkheid ook mogen zijn, +vereenigen zij, onder den druk der omstandigheden en der politieke +noodzakelijkheid, hun macht in verschillende breede stroomen, waardoor +de golven van hunne werkzaamheden vloeien. + +Zoo is de toestand, waarin zich de Nederlandsche Roomschen bij hun +optreden in het politieke leven bevonden, waardoor zij verplicht werden +den steun van andere parlementaire fracties op te zoeken, zoodra +zij eenigen invloed wilden hebben en ook een rol wilden spelen. Als +een belangrijke minderheid, die evenwel onmachtig was op zichzelve +tegenover eene meerderheid, nu eens aaneengesloten, dan weer gescheiden, +altijd desniettemin gereed om de rechten der tegenpartij door hun aantal +te vertreden, moesten zij wel verbonden aangaan, die nu eens meer, dan +weer minder oordeelkundig of degelijk waren. + +En dikwijls, om niet te zeggen altijd, waren de duur en de resultaten +van deze verbonden, overeenkomstig de beginselen, die er aan ten +grondslag lagen. Het is beslist waar, dat het de beginselen zijn, die de +wereld besturen, zelfs de politieke wereld, terwijl het evenwel schijnt, +alsof zij van weinig gewicht en kracht zijn tegenover bekwaamheid. + +Het is echter misschien tegen den wil van hen, die de gebeurtenissen en +toestanden trachten te draaien naar eigen plannen en verlangens, dat dit +zich aldus voordoet, en gewoonlijk bemerkt men het eerst na verloop van +tijd. + + +I. + +_Het Liberaal-Roomsch verbond._ + +Toen op den 3en November 1848 koning Willem II Nederland plechtig +aankondigde, dat het een parlementaire staatsregeling was geschonken, +begroetten de Liberalen en de Roomschen deze gebeurtenis als den +dageraad van een nieuw politiek leven; de Conservatieven schudden +bedenkelijk het hoofd, en de kleine groep van Antirevolutionairen +zag er tot hun droefheid in den triomf van de beginselen der Fransche +Revolutie. + +Dadelijk bij de nadering van de eerste rechtstreeksche verkiezingen kwam +het land in beroering. Twee stroomen werden gevormd rondom de nieuwe +grondwet. Aan de eene zijde de Liberalen, krachtig gesteund door de +Roomschen; zij vertegenwoordigden de jeugdige ideeën, die als het sap +in den pas-geplanten boom van het parlementaire stelsel opstegen. Aan de +andere zijde de Conservatieven, mannen van den verleden tijd, sterk door +hun verkregen invloed, doch wier oude leer, nog wel krachtig, begon te +verbleeken, en hier en daar in het gebladerte van den ouden olm werden +de voorteekenen van den herfst gezien. + +Ondertusschen bestond de antirevolutionaire groep uit weinige personen +van geringen invloed op den strijd, die geleverd werd. + +De grondwetsherziening was het werk der Liberalen, zij had wijding +gegeven aan hunne beginselen. Ook deden zij zich aan het volk voor met +den invloed, die het succes teweegbrengt en met de handen vol beloften +voor de onbelemmerde toepassing van de grondwet. + +Met de Liberalen hadden zich de Roomschen verbonden. + +Voor het eerst zagen zij zich ontslagen van de gedeeltelijke onmacht, +die sedert het begin der eeuw had plaats gemaakt voor de geheele onmacht +van vóór de revolutie. Zij begroetten deze bevrijding met het gezicht +van menschen, die een langen tijd van droefheid hebben doorleefd, +en zij sloten zich zoo nauw aan bij hen, die hun een schoone toekomst +ontsloten, dat men van hen geloofde en zei, dat ze in de Liberale partij +waren opgegaan. Dat zij met heeler hart zich met de Liberalen verbonden, +en dat zij hun zonder ze in rekening te brengen de niet te versmaden +hulp aanbrachten van opnieuw ontwaakte energie. En niemand kon zich +daarover verwonderen: zij hadden denzelfden vijand als de Liberalen te +bestrijden, n.l. het conservatisme, dat hen onder onrechtvaardige +voogdij had gehouden, en dat toen nog het succes van hun rechtvaardige +heroveringen verhinderde, evenals de vlucht der liberale ideeën. Van den +nieuwen geest, die opkwam, scheen het, dat zij niets te vreezen hadden, +maar alles te hopen. »Men moet wel in 't oog houden«, schreef veertig +jaar later Dr. Schaepman, »dat de liberale partij van dien tijd +een partij van recht en vrijheid kon heeten. Zeker, ze was van +revolutionairen stam, ze had hare wortels in de beginselen van 1798, +maar temidden van reactie en contra-revolutie scheen het liberalisme +heilrijk te zijn. Het werkte bevrijdend en moedgevend. Het had zijn +stellingen nog niet ten volle ontvouwd en was nog ongedeeld. De +Roomschen waren dankbaar voor het tegenwoordige en zij verwachtten veel +van de toekomst.« + +Hunne verwachtingen bleven niet lang onvervuld. Bij de verkiezingen +van 30 November 1848 triumfeerde de Liberale-Roomsche coalitie met +een groote meerderheid en de aanvoerders der beweging behaalden een +schitterende overwinning. Thorbecke werd gekozen in vier districten, +Storm in twee, Wichers in twee, Alberda in vier, en de macht was +verzekerd aan de Liberalen: zoodanig was het succes van dien tijd, +dewelke angstig wachtte om den koers van de nieuwe politiek en de +plannen der nieuwe partij te kennen. + +Tegenover deze uitspraak van den volkswil, werd het ministerie Donker +Curtius na eenige ijdele pogingen tot wederstand tot vertrekken +gedwongen. Thorbecke nam de teugels van het bewind in handen (1 November +1849). Een der voornaamste daden van zijn vruchtbaar ministerie was de +belooning der Roomschen voor den trouwen steun, die aan zijne politiek +gegeven werd, door de herstelling van de katholieke hierarchie in +Nederland, van hem te ontvangen. Hij stemde er des te gereeder in toe, +omdat deze inwilliging was overeenkomstig met zijn beginsel. Hij was van +gedachte dat de verschillende godsdiensten dezelfde vrijheid moesten +genieten, zonder dat een van hen boven de andere bevoorrecht werd, en +dat de staat een onafhankelijke houding moest bewaren tegenover de +verschillende leerstellingen en geloofsbelijdenissen. Bijgevolg wilde +hij scheiding der beide machten toepassen en aan de Roomsche Kerk volle +vrijheid laten voor de regeling van haar inwendige belangen. Maar hij +had gerekend buiten den ouden wrok der Protestanten, waarvan de +Nederlandsche grond nog doortrokken was. + +Ternauwernood was de Pauselijke brief bekend, of de Conservatieven en +de Antirevolutionairen traden in het strijdperk. Zij riepen luide dat +het Protestantisme in gevaar was. Tengevolge van deze actie begon de +oude zuurdeesem van godsdiensthaat te gisten en een krachtige agitatie +bracht het land in beroering. De beweging kwam op in Utrecht, de +universiteitstad, de plaats van antirevolutionaire aristocratie, van het +antipapisme, dat Pius IX had bestemd tot zetel van den aartsbisschop. +De wind wakkerde spoedig aan tot storm. Tevergeefs poogde Thorbecke het +onweder af te wenden en zijn rondschrijven aan de commissarissen der +provincies vermocht niet de publieke opinie te kalmeeren. + +De hevige en hartstochtelijke strijd keerde zich tegen het ministerie, +dat men verantwoordelijk stelde voor de godsdienstige gebeurtenissen. +De dagbladartikelen, geschriften en pamfletten vermenigvuldigden hunne +aanvallen. Een algemeen petitionnement werd georganiseerd en op den +15den April 1853 werd koning Willem III bij zijn jaarlijksch bezoek aan +Amsterdam een adres aangeboden met 51000 handteekeningen van bewoners +der hoofdstad. + +Deze krachtige uiting van den volkswil dwong Thorbecke de +regeeringstafel te verlaten. Dat begreep hij en hij trok zich terug, met +zich trekkende drie van zijne collega's: de heeren Van Zuijlen van +Nijevelt, Strens en Van Bosse. + +Op den val van het ministerie volgde Kamerontbinding en nieuwe +verkiezingen bevestigden de Aprilbeweging. De Liberale-Roomsche coalitie +was geslagen; de Conservatieven en Antirevolutionairen kregen de macht +in handen. De Liberalen verlieten gedecimeerd het slagveld. De nederlaag +had bij voorkeur hen getroffen, die tot de eigenlijke partijgangers +behoorden van Thorbecke, de »Thorbeckeanen«, zooals men ze noemde. De +groote minister zelf was niet weder verkozen dan door de dankbaarheid +der Roomschen, die hem de overwinning bezorgden in twee van hunne +districten: Maastricht en Breda. + +Door dit succes werden de hoofden dezer beweging aangevuurd. Het nieuwe +ministerie: Van Hall-Donker Curtius gaf de wet op bescherming der +eerediensten, een wet gericht tegen de Roomschen, die aan de eene zijde +belemmerende maatregelen inhield tegen het brengen van kerksieraden +buiten de gebouwen en besloten plaatsen, en aan de andere zijde de +Oud-Bisschoppelijke secte verhief tot den rang van erkende kerk met een +aartsbisschop van Utrecht, een bisschop van Haarlem en een van Deventer. + + * * * * * + +Al deze gebeurtenissen echter hadden het verbond van Roomschen en +Liberalen versterkt. Men geloofde dat het niet kon ontbonden worden. De +wet op het lager onderwijs van 13 Augustus 1857 toonde dat het minder +sterk was dan men dacht. + +Terwijl alle Liberalen deze wet, die het neutrale openbare onderwijs +invoerde, ondersteunden, kwam er splitsing onder de Roomschen. Eenigen, +bovenal in aanmerking nemende de bezegeling van de vrijheid van +onderwijs, vervat in de wet, en vol vertrouwen in een oprechte +onpartijdigheid, mengden hunne stemmen in het liberale concert; anderen, +in getal gelijk, niets ziende dan de gevaren van de neutrale school en +haar praktijk, verklaarden er zich sterk vijandig tegen. + +De schoolkwestie was gesteld, zij zou op noodlottige wijze het verbond +van de Roomschen met de Liberalen oplossen. Hunne beginselen op dit punt +waren te veel tegenover elkander gesteld, om tot overeenstemming met +elkander te komen. + +Bovendien begonnen de Liberalen, in den aanvang zeer edelmoedig, een al +te drijverige houding aan te nemen en zich te leenen tot partijdige +handelingen. De vertegenwoordigers hielden er rekening mee te meer, +dat rondom haar zich een ontzagwekkende meerderheid in het land vormde +en de medewerking der Roomschen hun noch noodig noch zelfs nuttig meer +toescheen. Waartoe zouden zij van toen af meer concessies doen aan +bondgenooten, die nergens meer voor konden dienen? + +Gedurende nog eenigen tijd geleek de bond veel op een vogel, die +vleugellam geschoten door het doodelijk lood nog niet kan sterven. Maar +andere grieven paarden zich bij de schoolkwestie en brachten dezen bond +den genadeslag toe. + +Het waren ten eerste de Pauselijke Encycliek en de Syllabus van 8 +December 1864, waarin de onvereenigbaarheid van Roomsche met liberale +beginselen uitblonk. De slotsom er van was, dat het moderne levensbegrip +tegenover het Christelijke stond. De houding van de liberale pers, wier +aanvallen met den dag levendiger werden en drukker, toonde duidelijk +dit fondamentale verschil, terwijl de toepassing der wet op het lager en +middelbaar onderwijs hen ook in daden van elkander deed verschillen. + +Aan de andere zijde volgde Nederland met een opmerkzaam oog de +gebeurtenissen, die in Italië plaatshadden. Ook op dit punt bleek er +scheiding te zijn tusschen de Liberalen en de Roomschen. Zij verzwegen +inderdaad hunne goedkeuring niet voor de houding van Piemont en van de +Liberalen in Italië. De Roomschen ondersteunden daartegen met kracht de +heilige rechten van het Pausdom. + +De breuk was onvermijdelijk en de scheiding, uit tegenovergestelde +beginselen en neigingen voortkomende, was volkomen zelfs vóór den dood +van Thorbecke, toen in Juni 1867 het eerste ministerie Heemskerk het +bestuur der zaken in handen nam. + +De Liberale-Katholieke bond had bijna achttien jaren geduurd. Zij had +aan de Liberalen de macht bezorgd en aan de Roomschen zekere rechten +en vrijheden, alsmede een zeker ontzag voor hen, als gevolg van het +aandeel, dat zij zijdelings aan de regeering hadden gehad. + + +II. + +_Het verbond der Conservatieven met de Roomschen._ + +Daar de Roomschen nu aan hun eigen macht waren overgelaten, en zij +slechts ternauwernood een vijfde der bevolking uitmaakten en vijftien +afgevaardigden naar de volksvertegenwoordiging van vijf-en-zeventig +leden met moeite konden zenden, daar gevoelden zij hunne onmacht. + +Zij onderzochten daarom den politieken toestand, zooals zij zich aan hun +oog voordeed, met de verwachting om nog bondgenooten te vinden onder +degenen, die hen omgaven. + +Aan de eene zijde zagen zij hun oude vrienden de Liberalen, de geheele +linkerzijde innemende, in overwegend aantal, die echter door innerlijke +verschillen over een koloniale kwestie pas de macht voor het oogenblik +hadden verloren. + +Zij wachtten slechts op een gunstige gelegenheid, om er weder boven op +te komen, want hun kwam de meerderheid in het Parlement toe. + +Aan den anderen kant bevonden zich onder de rechterzijde meer of +minder belangrijke fracties, de Conservatieven, de Roomschen en de +Antirevolutionairen. Deze laatsten weinig talrijk, hadden geen gelijke +inzichten op politiek terrein, het waren enkele leden, en het zou voor +hen zeker te zwaar geweest zijn een partij op te richten. + +De Conservatieven, of zooals men ze dikwijls noemde, de +Liberaal-conservatieven telden in hun meer-gesloten rangen merkwaardige +mannen van groote bekwaamheid: hun ontbrak eenheid en samenhang. Zij +vormden niet meer de partij der aristocraten, de groote protestantsche +partij, maar gematigd, gekalmeerd en gefnuikt, bestreden zij den +vooruitgang niet meer, naar de mate dat zij van hun kracht en luister +verloren. Zij waren alleen nog slechts de bleeke Liberalen. In het +Parlement toonden zij zich tegenstanders van de politiek der getrouwe +volgelingen van Thorbecke of Fransen van de Putte. En tegen dezen +keerden zich ook de Roomschen, die evenzoo stelling innamen tegen hun +voormalige bondgenooten, welke van hunne zijde zich van allen schijn +ontdeden en zich meer en meer ontpopten als anticlericalen. + +Het ministerie, dat aan de regeering was, hetwelk men, als het derde in +één jaar, den naam gaf van »Kamerministerie« was de getrouwe weerschijn +van de verschillende deelen der volksvertegenwoordiging; het was +even bont als het kleed van harlekijn. Aan zijn hoofd stond minister +Heemskerk, die zich betoond had een der uitnemendste mannen van de +Tweede Kamer te zijn. Een der leden, de heer Borret, was Roomsch ter +zijde van twee Antirevolutionairen, volgelingen van Groen van Prinsterer +n.l. de minister van Buitenlandsche zaken Van Zuijlen en van Koloniën +Mijer. De eenige band, die deze ongelijke elementen verbond, was de +conservatieve neiging, die in allen in meerdere of mindere mate aanwezig +was. + +Het was een ministerie van overgang, tot stand gebracht door zeer +eigenaardige omstandigheden, dat, als gevolg van de stelselmatige +vijandelijkheid der Liberalen, de grootste moeilijkheden had te +overwinnen. Wat nog nimmer in de parlementaire jaarboeken was +opgeschreven, geschiedde nu; in een tijdsruimte van twee jaren werd +twee maal de Kamer ontbonden en een beroep gedaan op de getrouwheid +van het Nederlandsche volk. + +Bij de verkiezingen, die op de eerste ontbinding volgden, vertoonde zich +voor het eerst het verbond der Conservatieven met de Roomschen. Dit gaf +aan het ministerie eenige stemmen meerderheid in den strijd, waarin +het ging om deze voorname zaak, of men in Nederland een koninklijk, +dan wel een parlementair ministerie zou hebben. Bij de Roomschen en +Conservatieven hadden zich ook een aantal Antirevolutionairen gevoegd. + +Het ministerie ontmoette denzelfden steun bij de tweede Kamerontbinding, +maar deze herhaalde uitoefening van het grondwettig recht bracht het +land in geweldige beroering. De liberalen vergaten hunne geschillen en +vereenigden zich in heftige oppositie; zij noemden de ontbinding een +niet-te-rechtvaardigen aanslag op de rechten van het volk, een misbruik +van het koninklijk recht van ontbinding, een complot tegen het neutrale +onderwijs, gesmeed door Roomschen, Antirevolutionairen en +Conservatieven. + +Tegen de verwachting van het gouvernement brachten de verkiezingen geen +merkbare verandering in de sterkte der partijen. + +Voor den tegenstand, die den minister ontmoette temidden van de +onstuimige debatten der nieuwe Kamer, moest hij wel het veld ruimen. +De geestkracht van den eersten minister en zijne bekwaamheid hadden +den onverwrikbaren tegenstand niet kunnen overwinnen. En dit leverde +tenslotte het schouwspel van een parlement zonder wezenlijke regeering +gedurende bijna vijf maanden, als gevolg van politieke geschillen. +Toch bracht het herhaald en wellicht verkeerd gebruik van het recht van +ontbinding deze instelling door den slechten uitslag niet in mistrouwen, +zoodat ze van nu aan veilig onder de merkwaardigheden van een vorige +eeuw kon gerangschikt worden. + +Gelijktijdig met den val van het ministerie, ging het verbond tusschen +de Roomschen en de Conservatieven teniet. Dit verbond was een misslag +geweest, want de Roomschen kregen er niet veel voordeel van, maar wel +veel vijandschap. Wat meer is, het was sedert zijn begin ten doode +verwezen, want het was een toenadering, door de omstandigheden bewerkt +en geenszins op degelijke beginselen gegrond. + +Zooals het wel gaat met oude verbroken vriendschapsbanden en met +bedrogen liefde, hadden zij zich uit haat tegen de Liberalen, die hen +bedrogen hadden in hunne verwachtingen, in de armen der Conservatieven +geworpen zonder te bemerken, dat deze partij, waarmede zij zich +verbonden, instaat van ontbinding verkeerde en dat zij niets hadden te +winnen dan vijandschap en impopulariteit. + +Zij hadden echter wel eenige verontschuldiging voor deze politiek van +vergelijk. Velen onder hen deelden de meeningen van de Conservatieve +partij, zoodat zij door hunne houding hunne bondgenooten niet van zich +afstootten. Bovendien was het een woelige tijd en de partijen waren voor +nieuwe groepeeringen te vinden; de Roomschen durfden niet, gewoon als +zij waren door een verbond ondersteund te worden, in het parlementaire +leven verder gaan zonder hulp en bescherming. + +Het ergste was, dat zij de grondbeginselen vergaten en in 't bizonder +de schoolkwestie uit het oog verloren; want zij wisten, dat de +Conservatieven op dit punt hun geen voldoening konden of wilden geven. + +De val van het ministerie en vooral de herderlijke brief van de +gezamenlijke bisschoppen riepen hen terug tot de beginselpolitiek en +gaven hun eenheid, moed en waardigheid in hun afzondering. + + * * * * * + +Een nieuw ministerie had de teugels in handen genomen, hetwelk Thorbecke +een rechtschapen ministerie noemde; onvervalscht, geheel overeenkomstig +de kleur van het land. Toen het den 9den Juni 1868 zich presenteerde aan +de Kamer, verklaarde de minister van Buitenlandsche Zaken, Fock, dat de +regeering elke herziening van de wet op het lager onderwijs volkomen +weigerde. + +Dadelijk verhieven de vijf bisschoppen hunne stem en in een gezamenlijk +herderlijk schrijven, stelden zij plechtig de plichten der Roomsche +ouders tegenover de neutrale school vast. + +De ministerieele verklaring en het manifest der bisschoppen hadden een +belangrijken terugslag op den politieken toestand, die nog zoo verward +was; zij brachten er licht en regeling aan. + +Het onmiddellijke resultaat was dat de schoolstrijd de spil werd van den +strijd der partijen. Men scheidde zich van nu aan in het Parlement en +in het land in voor- en tegenstanders van de neutrale school; sommigen +wilden, dat de wet van 1857 gehandhaafd werd en zelfs nog verscherpt; +anderen stelden voor als doel van hun strijd zoo al niet afschaffing van +het openbare neutrale onderwijs dan toch de gelijkstelling van de vrije +school met de openbare. De eersten waren alle Liberalen, de andere alle +partijen met confessioneele kleur, de Roomschen en de +Antirevolutionairen. + +Deze nieuwe partijverdeeling bracht weldra den dood aan de Conservatieve +partij. Deze oplossing begon zich dadelijk te vertoonen en duurde +ternauwernood eenige jaren, onvermijdelijk als zij was vanaf het +oogenblik, dat de schoolkwestie den grondslag vormde van de politieke +beweging. Want juist over deze zaak hadden de Conservatieven geen vaste +meening en, als alle partijen van het juiste midden, waren zij ten doode +gedoemd, zoodra de omstandigheden hen dwongen zich uit te spreken. +Deze noodzakelijkheid bracht hen voor een dilemma, dat zij niet konden +overkomen, n.l.: òf zich te verklaren vóór de neutrale school en dan +tot de Liberalen over te gaan; òf de herziening van de wet van 1857 +te eischen en dan bij wijze van consequentie zich aansluiten aan de +Antirevolutionairen. Geen andere uitweg bleef hun open. + +Dadelijk bij het begin rangschikten zich een groot aantal Conservatieven +onder de Antirevolutionaire banier, die Groen van Prinsterer met +onuitblusschelijke geestkracht omhoog hield. + +Zoo leverde dan bij het einde van het jaar 1868 het politieke slagveld +dezen aanblik. Op de hoogten van de macht was het Liberale kamp +gelegerd, waar van tijd tot tijd innerlijke geschillen rezen, maar de +eenheid werd volkomen, zoodra het gold de verdediging van de bastions +van de schoolwetgeving, waaromheen zij in gesloten rijen zich legerden. +In de vlakte stonden de bataillons der Roomschen en de escadrons der +Antirevolutionairen, die zonder verpoozing de vijandelijke stellingen +aanvielen. Deze beide troepen handelden ieder op zichzelf en voerden elk +voor zijne rekening den heiligen schoolstrijd. + +Maar wie kon niet zien, dat deze actie tegen een zelfden vijand +noodzakelijk moest uitloopen op meer of minder erkende samenwerking, +op meer of minder nauwe verbinding? Inderdaad werd dit practisch, zoo +door de langzame werking der omstandigheden, daarna ook openlijk op +principieel terrein. + +Tusschen beide in bewogen zich met bedachtzame langzaamheid eenige +Conservatieven, een oud overblijfsel van een machtig verleden, of +achterblijvers van het Liberale leger, die nu eens in het ééne, +dan weder in het andere kamp het overschot van hun ervaring en de +voorzichtige kracht van hun arm aanbrachten. + + + + +TWEEDE HOOFDSTUK. + +De Christelijke Coalitie. + + +I. + +_De historische redenen voor de Christelijke Coalitie.--»De +Schoolstrijd.«_ + +De vijandelijkheden tusschen Liberalen en Anti-liberalen werden met veel +afwisseling voortgezet en van beide zijden met onverminderde hevigheid. + +Onder het derde ministerie Thorbecke stemde de Tweede Kamer na een +heftig debat, dat drie geheele dagen duurde, op den 17en November 1871 +met 39 stemmen tegen 34 stemmen voor de opheffing van het Nederlandsche +gezantschap bij den Heiligen Stoel, omdat de paus de wereldlijke macht +verloren had. + +De Roomschen lieten een »Adres aan den Koning« in het land rondgaan, om +hem te smeeken zijn gezantschap niet op te heffen. + +Spoedig was het door 400,000 handteekeningen onderteekend, maar het +bleef zonder resultaat; den 4en Februari 1872 werd de Hollandsche +attaché bij den paus teruggeroepen. + +Deze maatregel gaf den weg te zien, die de liberale ideeën sedert +1850 doorloopen hadden. In zijn eerste ministerie had Thorbecke de +Roomsche hiërarchie hersteld in Nederland, tengevolge waarvan hij +zich had moeten terugtrekken voor de aanvallen van de Conservatieven en +Antirevolutionairen. In zijn derde ministerie zag zich de oude staatsman +gedwongen de opheffing van het Nederlandsche gezantschap bij den +Heiligen Stoel te onderteekenen en alleen daardoor kon hij de macht +behouden. + +Meegesleept door de ontwikkeling van zijn eigen beginselen, eindigde hij +zijn langdurige loopbaan met een daad van godsdienstige vijandelijkheid; +een loopbaan, dien hij zoo welwillend voor de vrijheid der kerk begonnen +was. De schoolstrijd werd er voor de Roomschen door verscherpt, maar het +heftigst geschiedde dat door de wet van 1878. + +Ondertusschen was Thorbecke gestorven en de liberale partij was, door +haar voortdurend grootere verdeeldheid, onbekwaam geworden om het +bestuur der zaken in handen te houden. Toen deed men beroep op een +van die neutrale ministeries van het juiste midden, waardoor de heer +Heemskerk zoo bekend was, en die niet steunden op een meerderheid in de +volksvertegenwoordiging, maar alleen op de geschiktheid en alom erkende +bekwaamheid van den eersten minister, diens groote werkkracht en +rechtvaardige waardeering van zijne collega's. + +Onderwijl vestigden de tegenstanders, zonder van hun aanvallen af te +laten, hun blik op de handelingen van het ministerie. Heden toezicht +houden, morgen regeeren; dat was het wachtwoord, hetwelk Kappeijne in +die dagen de liberale troepen toeriep; zoo was de houding van zijne +partij tegenover deze voorloopige regeeringen. + +Ondertusschen had onder het ministerie Heemskerk de schoolkwestie zulk +een plaats in de voorloopige besprekingen der volksvertegenwoordigers +ingenomen, dat alle pogingen om haar weer te verbannen bij het tweede +ontwerp hadden schipbreuk geleden. + +In haar »adres van antwoord« op de troonrede verklaarde de Eerste Kamer +eenstemmig den 19en September 1874, dat zij hoopte, dat de wet op het +lager onderwijs ongeschonden en buiten alle bespreking zou blijven; doch +het volk wilde herziening van de wet van 1857. + +Aan den eenen kant vroegen de kerkelijken wetten en subsidie voor +het vrije onderwijs; aan de andere zijde streden Volksonderwijs, het +Nederlandsch Onderwijzersgenootschap en de Maatschappij tot 't Nut van +'t Algemeen voor voltooiing van de schoolwet, heeling harer breuken en +herstelling harer fouten. + +Het ministerie bewaarde er het stilzwijgen over en wilde zich aan de +kwestie onttrekken, maar door de omstandigheden werd het met geweld er +toe gedrongen. + +Den 21en Februari 1876 deed de afgevaardigde A. Moens, inspecteur van +het lager onderwijs te Utrecht een voorstel voor de herziening van de +wet van 1857, die niet aan de orde was. + +Tegenover deze poging achtte zich het ministerie verplicht een +wetsvoorstel in te dienen, waarin de bekwame eerste minister beproefde +de verschillende meeningen te vereenigen en al de partijen tevreden te +stellen. Maar, zooals het in den regel gaat met alle pogingen van die +soort, ze stelde niemand tevreden. + +Middelerwijl gaven de verkiezingen aan de Liberalen een overwegende +meerderheid in de Kamer en een bijna volkomen eenstemmigheid in zekere +deelen van het land. Bij de terugkeer der Kamer liet Kappeijne van +de Coppello, de aanvoerder van de liberale oppositie, een motie van +berisping in het antwoord op de troonrede insluiten over de houding +der regeering in de schoolkwestie. Deze formeele oorlogsverklaring werd +gevolgd door een heftige discussie, die eindigde met de aanneming van de +motie en den val van het ministerie. + +De Liberalen gevoelden zich sterk. Zij dachten het oogenblik om zelf de +regeering in handen te nemen gekomen. Kappeijne nam den presidentshamer +op in een geavanceerd liberaal kabinet, dat zelfs een radicalen tint +bezat. Zijn doel was een besluit te nemen over de schoolkwestie in den +geest van zijn radicale ideeën. Onverwijld zette hij zich aan het werk +en was spoedig gereed. + +De wet, brengende herziening van de wet van 13 Augustus 1857, werd +aangenomen op den 18en Juli 1878 met 52 tegen 30 stemmen in de Tweede +Kamer en den 10en Augustus daaropvolgende met 26 tegen 10 stemmen in de +Eerste Kamer. + +Daarin werd het beginsel van de wet van 1857 bewaard en tevens +verscherpt, waardoor aan al de wenschen der Liberalen werd toegegeven, +behalve op het punt van leerplicht. De rechten van het algemeen waren +op het stuk van onderwijs verminderd in het belang van den staat; het +toezicht op het onderwijs werd verscherpt; de leerstof vastgesteld. + +De Roomschen en Anti-revolutionairen hadden met volharding gestreden +tegen het totstandkomen dezer wet. Zij eischten eenstemmig dat de Staat +bewilligde aan de vrije school subsidie te geven en de strengheid van +zijn toezicht verminderde. En, inplaats van aan hun rechtvaardige +eischen toe te geven, toonde de wetgever eerder zijne vijandigheid tegen +het vrije onderwijs. + +Nog deden zij, waar zij de aanneming dezer strenge wet niet konden +verhinderen, een laatste poging vóór hare afkondiging. Zij namen de +toevlucht tot het uiterste middel, dat in Nederland in al de politieke +kwesties van veel gewicht wordt aangewend; zij deden een beroep op het +volk bij wijze van een ontzaglijk volkspetitionement, waarin den koning +gebeden werd om geen bindende kracht aan de wet te geven. Alras was dit +geschrift met 300,000 handteekeningen van de Antirevolutionairen en +meer dan 200,000 van de Roomschen onderteekend. Doch de koning verborg +zich achter zijne hoedanigheid van constitutioneel vorst en aan de +afgevaardigden, die de resultaten brachten van dit soort van raadgeving +der natie, gaf hij een vriendelijk, maar ontwijkend antwoord. + +Van toen af was alle hoop verloren. De wet werd den 17en Augustus 1878 +onderteekend. Desniettemin werd zij, als gevolg van den tegenstand +der antiliberalen en meer nog als gevolg van de moeilijkheid om de +noodzakelijke hulpmiddelen voor hare toepassing te vinden, eerst den 1en +November 1880 van kracht. + +De Roomschen en de Antirevolutionairen hadden een volslagen nederlaag +geleden, maar daar zij streden voor een beginsel, dat van de vrijheid +van onderwijs en de gelijkstelling der scholen voor de wet, was hun +nederlaag voor hen geen oorzaak van val. Integendeel, gedurende dezen +veldslag, dien zij hadden verloren, hadden zij zonder ophouden zijde aan +zijde gestreden, hadden zij elkander wederkeerig aan het werk gezien. +Uit deze gemeenschappelijke handeling was wederzijdsche achting geboren. + +De tegenspoed bracht hen nog nader tot elkaar. Zij gaven elkander de +hand voor den heiligen strijd en er kwam een verbond tusschen hen tot +stand, eerst in 't geheim, om enkele jaren later openbaar te worden. +De liberalen noemden dit het »monsterverbond«, welke naam zij tevoren +reeds aan het verbond tusschen de Roomschen en de Conservatieven hadden +gegeven. Dit was de Christelijke Coalitie. + + +II. + +_De theoretische gronden voor de Christelijke Coalitie.--De +godsdienstkwestie._ + +Het is zeker, dat deze Coalitie bij het eerste begin ontstemming +bracht in een land, waar de godsdiensttwisten tusschen Protestanten en +Roomschen zoo hevig waren en de dogmatische godgeleerdheid zooveel vat +heeft op de gemoederen. Het scheen dat de poging om deze eeuwenoude +tegenstelling weg te nemen en daarvoor een meer of minder nauwe +vereeniging inplaats te stellen, niets minder was dan van het verledene +geen partij te trekken, het onderwijs der geschiedenis te versmaden en +zichzelf bijna zeker een ongelukkigen afloop op den hals te halen. + +Ook betoonden zich onder de belanghebbenden velen groote twijfelaars aan +deze vreemde samenkoppeling van machten, die anders vijandelijk en tot +dien tijd onverzoenlijk tegenover elkander stonden. Zij geloofden op +z'n best aan een tijdelijken wapenstilstand, maar niet aan een duurzaam +verbond, en zij vreesden, dat, wanneer de onvermijdelijke breuk eenmaal +voltrokken was, op de periode van vrede een vijandelijkheid in dubbele +mate zou volgen. Hun leek het verbond, maar in wat minderen graad dan +den Liberalen, tweeslachtig en monsterachtig toe. + +Zij vergisten zich. De Christelijke coalitie was niet het gekunstelde +werk van één mensch of van één dag. Geen geschreven oorkonde had +officieel het in aanzijn geroepen. Het verbond verbeeldde zich niet een +onmogelijke ineensmelting van zeer heterogene bestanddeelen teweeg te +brengen. Het was slechts een samenkomen van onafhankelijke machten, die, +zichzelf blijvende, hunne pogingen in het werk stelden in een bepaalde +richting en naar een gemeenschappelijk doel. En bovendien was dit +samenkomen het resultaat van de omstandigheden. + +Het voorloopig verslag over de begrooting der Eerste Kamer van 1905 +schetst den toenmaligen in verband met den tegenwoordigen toestand zeer +juist in de volgende woorden. + +»Vroeger ontmoette men ter eenerzijde de liberale staatslieden van +verschillende schakeeringen en ter anderer zijde de conservatieve +staatslieden van onderscheiden kleur op dezelfde manier beiden werkzaam. +Maar naarmate dat de verschillende staatslieden hun eigenlijke punten +hadden afgedaan en het godsdienstvraagstuk vooropgesteld werd, kwam +er verandering in de groepeering der partijen en meer en meer kwamen +degenen, die aan de bovennatuurlijke waarheden vasthielden in botsing +met hen, die de onafhankelijkheid der rede erkenden. En zoo kwam het, +dat de afdeelingen van positief Christelijk geloof, door den druk der +omstandigheden tot wederkeerige achting en vertrouwen geleid, zich +gezamenlijk hebben verstout tot gemeenschappelijke actie in het +politieke leven, dewelke geen enkel partijleider kon bewerken door +zijn eigen invloed en die geen oppositie onredelijk mag noemen." + + * * * * * + +In een opmerkelijk artikel in 1869 in »De Gids" eindigde professor Buys +zijne beschouwingen over de Conservatieve partij met deze woorden: »dat +zij achter het verrotte en doorboorde vuurscherm van de conservatieve +staatskunde slechts zeer moeilijk zich kon ontveinzen, dat weldra de +groote strijd zou ontbranden, de worsteling tusschen de moderne en de +antimoderne begrippen der wereld." + +Het woord van den grooten theoreticus van het Liberalisme in Nederland +was volkomen waar; het waren werkelijk twee beginselen, die duidelijk op +het oogenblik, dat hij schreef, met elkander handgemeen werden. Het was +waarlijk de godsdienstige kwestie, die in den schoolstrijd uitgevochten +moest worden. + +De godsdienstkwestie is overal van zulk een gewicht, dat zij de +staatkunde en de geschiedenis der volken beheerscht; want als +omschrijving dient, dat de staatkunde tenslotte niet anders is dan +het zoeken naar eigen middelen om het best het einddoel van een staat +te verwezenlijken. Noodzakelijk is de bepaling van het doel, dat de +menschen in een maatschappij levende, zich moeten voor oogen stellen, +van grooten invloed op de stof; en naarmate men aan deze of aan gene +zijde van het graf het hoogste doel van het menschelijke leven plaatst, +neemt men theorieën aan, die volkomen tegenover elkander staan en +inwerken op het denkbeeld, dat men zich van de staatkunde maakt, welke +ideeën de politiek zelfs beheerschen. Men kan niet voorwenden, dat +er een ernstige staatkunde kan bestaan, die niet op eenige moreele +leerstelling is gegrond. De feiten toonen het elken dag aan. Het is van +de allergrootste noodzakelijkheid, dat de partijen, indien ze willen +blijven bestaan, hunne meening, hun systeem en hun program vestigen op +een moraal, en de waarde van hun moraal geeft de waarde aan van hun +politiek. + +Daardoor wordt de staatkunde geheel beheerscht door het theoretisch +antwoord op de vraag: Wat is goed en wat is kwaad? Daar vloeien de +dagelijksche toepassingen op de veranderlijke omstandigheden van het +leven uit voort. + +Is dit recht of is dit onrechtvaardig? Dat is de vraag, die ieder +oogenblik wordt gesteld. + +En daar men geen goede moraal kan hebben zonder godsdienstigen grond, +mag men besluiten, dat de godsdienst het innerlijke leven is van de +staatkunde en dat verschil van grondstelling in den godsdienst +noodzakelijk medebrengt verschil van program en gedragslijn in de +staatkunde. + +Welnu, men heeft zich in den nieuweren tijd op godsdienstig gebied twee +gansch tegenovergestelde meeningen gevormd, n.l.: de erkenning van een +Opperwezen, levensbeginsel van de wereld en richtsnoer der maatschappij; +en de ontkenning daarvan door het spiritualisme en het materialisme. Dit +zijn de beide theorieën, die, zelfs in de staatkunde van dit oogenblik +een verwoeden strijd veroorzaken, en men kan er ten minste uit te weten +komen of de staat officieel atheistisch moest zijn, of hij het bestaan +van God moet loochenen, of dat hij zich ten minste moet gedragen, alsof +God niet bestond. + +In Nederland is die vraag in den eersten tijd niet met zulke +nauwkeurigheid gesteld. Het liberalisme, dat ongeveer in alle landen van +kracht was en nergens meer dan in Nederland, kenmerkte zich nog door een +flauw spiritualisme; het erkende nog een soort van hoogere zedeleer, die +niet uit een godsdienst werd afgeleid, maar die boven allen stond, zoo +iets als een uittreksel van de verschillende godsdienstige zedekundige +stelsels, ontdaan van alles wat op dogmatiek geleek. Maar om den +godsdienst bekommerde het zich niet; dit was privaatzaak en de +staatkunde mocht er zich niet mede bemoeien. + +Nochtans werd deze onbestemde moraal, zoo zwevend als ze geworden was, +krachteloos, omdat men, door haar van den positieven geopenbaarden +godsdienst te scheiden, er schimmen zonder substantie had van gemaakt. +Thans bleef niets anders over dan de stelling van de onfeilbaarheid der +menschelijke rede, zich trotsch verheffende tegen de openbaring, en een +leer, die in den naam van de vrijheid en van de wetenschap met hare +vervolging doorgaat tegen den godsdienst. + +Deze evolutie in de theorie doet zich gevoelen door onmetelijke +gevolgtrekkingen voor de maatschappij, n.l.: verzwakking van den eerbied +voor de overheid; aanvallen op het gezinsleven en het huwelijk, die +met den dag scherper worden; de verschrikkelijke vermeerdering van +onzedelijkheid en misdaad, allerlei bedrog en opstand. + +Men moest wel erkennen, dat het liberalisme geen vast kenmerk had +om goed en kwaad van elkander te kunnen onderscheiden en dat zijne +zedeleer, ontbloot van alle vastigheid, niets was dan overdreven +rationalisme of verkapt materialisme. + +Toen kwam het helder aan den dag, dat de ware strijd in het gesloten +kamp der staatkunde geleverd werd niet tusschen twee of meer +afzonderlijke godsdiensten, maar tusschen den godsdienst en de +godloochening; tusschen geloovigen en ongeloovigen; genen de Godheid +van Christus erkennende, »het Woord werd vleesch«, wiens persoon is en +blijft het middelpunt van het Christendom, en de openbaring van het +geheele menschelijke leven beheerscht; dezen haar loochenend, die in +Christus, indien al niet een boosdoener en verleider, slechts een wijs +mensch van hoogen rang, evenals Boeddha en Socrates zien. Genen maken +bij de oplossing van politieke vraagstukken gebruik van het verstand, +door de Heilige Schrift verlicht en geleid en door de regelen van de +geopenbaarde moraal; dezen van hun persoonlijke rede alleen, ontdaan van +alle hoogere kennis, die in haarzelve als menschelijke rede de volledige +waarheid en het volstrekte recht vindt. + +De eersten eindelijk houden rekening met de gedachte van het toekomende +leven en bijgevolg met de zedelijke behoeften der natie, de anderen, +wier blik niet verder reikt dan tot aan het graf leeren dat een volk +slechts stoffelijke belangen, slechts nuttigheden en geen behoeften op +zedelijk gebied heeft. + +Dat waren derhalve wel twee geheel tegenovergestelde opvattingen, die +aanwezig waren en elkander de opperheerschappij betwistten in het +bestuur der maatschappij, evengoed als in het gedrag van den enkelen +mensch. Aan de eene zijde de opvatting door den negentien-eeuwen-ouden +Christelijken godsdienst in de wereld gebracht, aan den anderen kant de +vernieuwde opvatting der modernen van het paganisme, dat weer in eere +is gekomen door de beginselen van de Fransche Revolutie. + + * * * * * + +Dat conflict der leeringen, dat antagonisme van godsdienst en +godloochening in theorie, ligt in meerdere of mindere mate ten grondslag +aan de staatkunde van alle landen van Europa. + +Bijna overal hebben evenwel menschen van grooten geest, met uitnemende +plannen bezield, gemeend dezen onvermijdelijken strijd binnen de grenzen +te houden en hem door een rechtvaardige neutraliteit te kunnen beletten +het politiek terrein binnen te dringen. Ze zijn van gedachte geweest +de godsdienstkwestie uit de staatsregeering te kunnen verbannen, door +de oogen er voor te sluiten; door ze niet in het aangezicht te zien. +Zij hebben den verkeerden weg gevolgd en hun bekwame taktiek heeft +het onverwachte gevolg gehad van hunne leeringen een onverstelbaar en +verschrikkelijk verlies te bezorgen. Gelijk de heer S. Van Houten gaarne +erkende, »de ijdele gedachte, dat deze gisting buiten het politieke kamp +kon blijven of omgekeerd, dat de staatkunde buiten den invloed van deze +gisting kon worden gezet, heeft zich reeds opgelost." + +De overtuiging met betrekking tot het leven in 't algemeen en tot zijn +eigen leven is voor iedereen, geloovige of ongeloovige, de regel van het +gedrag en terzelfder tijd de grond van de vereischten, die hij voor zich +en voor anderen aan het denkbeeld van staat en maatschappij verbindt. + +Bij dezen strijd van wezenlijk-bestaande begrippen, komen de andere +kwesties op den achtergrond. De bestrijding van het Conservatisme +door de progressisten was slechts een geschil over de aanpassing der +beginselen aan de veranderende omstandigheden van het leven; zij raken +de beginselen zelve niet en zij kunnen dikwijls teruggeleid worden tot +eene kwestie van meer of minder. + +Zelfs de klassestrijd is, om zoo te zeggen slechts een toevoegsel, de +doortrekking van het antagonisme der verschillende begrippen van het +menschelijke leven en van de bestemming der wereld gaat verder en +dieper. Zij is de logische gevolgtrekking van de moderne opvatting en +streeft in het kort naar de verwezenlijking in de praktijk voor den +staat van het theoretisch atheisme. + +Eigenaardig verschijnsel: het aandeel, dat een steeds aangroeiend aantal +burgers aan de politiek neemt, is niet geschikt om deze antithese te +verzwakken, maar maakt haar gevoeliger, dieper en onvermijdelijker. +Professor Buys kenschetste in 1869 deze bijzonderheid op duidelijke +wijze: »Dat men", zoo schrijft hij, »tot eene in zeker opzicht +belangrijke en algemeene uitbreiding van kiesrecht komt, dat kan den +tweestrijd slechts scherper en zwaarder maken, inplaats van hem te +verminderen; want het is noodig dat de Conservatieven het goed weten +dat naarmate men dieper in het volk graaft, men naar dezelfde mate de +oorspronkelijke, dat is te zeggen absolute, eenvoudige beginselen aan +allen overgang vreemd, terrein ziet winnen en die onbepaalde kleur, die, +op de oppervlakte verspreid, voor de conservatieve oogen zulk een +bekoring heeft, ziet verdwijnen." + +De schoolstrijd, dat wil zeggen, de strijd voor de opvoeding en vorming +der jeugd heeft de godsdienstkwestie in de volksdroomen ingebracht, maar +hij is slechts een van de vormen van het conflict, hetgeen professor +Buys noemde een kenteeken van het conflict, dat de antithese ons doet +gevoelen, haar uit de theoretische denkkring voert, maar met hare +oplossing het einde van den strijd der beginselen niet medebrengt. +Zelfs wanneer men de schoolkwestie onderstelt opgelost te zijn, dan is +daarmede de antithese niet verdwenen, ze slaat dan over op een ander +terrein en de strijd wordt met nieuwe scherpte hervat, totdat een van de +beide begrippen van het leven de volkomen overwinning behaald heeft. + +Tot dien tijd zijn alle maatregelen en elke bekwaamheid ijdel; zij +kunnen tijdelijk een uitweg aanbrengen, de logische ontplooiing der +beginselen voor een oogenblik beletten, maar als de kunstmatige +hindernis uit den weg geruimd is, dan ontbrandt de strijd des te +heviger. Volstrekt denkbeeldig is de scheiding van kerk en staat, die +naar het zeggen van sommigen het vraagstuk op gelukkige wijze zou +oplossen, door aan de tegenstanders een grens aan te geven, dewelke +verboden was over te gaan, en door hen onderwijl tot de erkenning te +brengen, dat de politiek neutraal terrein is. Buys tenminste aarzelt +niet om het te erkennen: »De wet", zegt hij, »mag kerk en staat van +elkander scheiden, die beide blijven nauwer dan ooit vereenigd in de +ziel van het volk." + +Deze verschillende gegevens hebben in Nederland van de godsdienstkwestie +de leidende gedachte gemaakt van de verbonden en in zeker opzicht de +scheidingslijn van de politieke wateren. Zij is het, die het aanzien +heeft gegeven aan de beide groote stroomingen, die sedert ongeveer +dertig jaren links en rechts de handeling der partijen met zich +medebrengt. Door haar werden de Roomschen en geloovige Protestanten, de +Antirevolutionairen of ultra-calvinisten, zooals men hen noemt, tot de +noodzakelijkheid gedwongen, om hunne krachten te vereenigen ten einde +het aan alle Christenen gemeenschappelijk goed te verdedigen. Zij zagen, +dat de strijd niet meer, zooals in de zeventiende eeuw, ging tusschen +het Roomsche Katholicisme en het Protestantisme, maar dat hij gevoerd +werd tusschen den godsdienst en de godloochening. Meegesleept door de +omstandigheden om op hetzelfde terrein en voor dezelfde beginselen te +strijden, ontdekten zij, dat onder de verscheidenheid van neigingen en +programmen zich een algemeene grondslag bevond, het erfgoed van den +Christus, de voorschriften van het Evangelie en van de Christelijke +moraal. Dit is hetgeen Dr. Schaepman aan de eene zijde en Dr. Kuyper aan +de andere zijde, twee mannen, die grooten invloed hebben uitgeoefend +van groot belang op de toekomst van hunne partij, steeds zonder +ophouden hebben geleerd. Door hun volhardende onvermoeibare actie +gelukte het hun, hunne medeburgers van het gevoel der noodzakelijkheid +te doordringen om de vroegere vijandschap weg te doen en in een +gemeenschappelijke overeenkomst de stammen van eenzelfden wortel, de +takken, uit eenzelfden stam voortkomende, te omvatten. Zij hadden +veel te doen om de vooroordeelen weg te nemen, de stille vijandschap +dateerende uit den voorvaderlijken tijd, het wantrouwen bij den een, de +onbuigzame stijfheid bij den ander, een geheel van overleveringen en +vooroordeelen, die in de praktijk het gelukken van de gedachte eenheid +verhinderden. Maar toen de overeenstemming over de wezenlijke beginselen +eenmaal maar was vastgesteld, was de eenheid beklonken in een meer of +minder nabijzijnde toekomst. Het was nu meer een kwestie van tijd en van +gelegenheid. + +Zeker, waar het verbond zoo was gesticht, daar had dit het verschil +van programmen niet doen verdwijnen noch de partijen van hun bijzonder +karakter beroofd. Zij, die zich er over verwonderen, en die er reden aan +ontleenen om het punt van uitgang van de overeenkomst voor valsch te +verklaren, vergeten dat, waar zij dezelfde beginselen bezitten, dit in +geenen deele verhindert dat er verschil kan bestaan over de manier van +toepassing. Nog sterker: het is onmogelijk, dat in het werk van iederen +dag er zonder ophouden onder hen, die de fouten van de maatschappelijke +organisatie erkennen, gelijkheid van gevoelens zou wezen over de +middelen ter genezing. + +Bovendien moet men niet uit het oog verliezen, dat de Hervorming een +einde gemaakt heeft aan de zedelijke eenheid van Nederland en dat zelfs +in de politiek dit feit gewichtige gevolgen heeft. Daarom is er nooit +sprake van geweest, om één Christelijke partij op te richten, die +waarschijnlijk onmogelijk en zeker ongelukkig zou zijn, maar eenvoudig +een verbond van verscheidene partijen te vormen, die zichzelf blijven, +hun eigen karakter en organisatie bewaren en zich vereenigen voor een +bepaald doel, dat kan worden samengevat in deze woorden: de herstelling +van de wetgeving des lands op christelijken grondslag en van ons +volksleven. + +Een verbond van dat soort heeft niets wanstaltigs, want het rust op de +gemeenschap van grondbeginselen, en het beantwoordt aan den regel der +politieke groepeeringen, zooals de heer Van Houten zelf het in 1893 +uitsprak. Men moet niet uit het oog verliezen, dat er geen reden van +afscheiding is dan daar, waar het doel verschilt. + +Onder de hedendaagsche omstandigheden is er geen ander dan een +vereeniging uit beginsel. Sommigen spreken wel sedert eenigen tijd +van partijverwarring, gevolgd door een nieuwe, gezonde, redelijke +rangschikking, die tot grondslag en voor resultaat zou hebben de +Conservatieven aan de rechterzijde en de vooruitstrevenden aan de +linkerzijde van de regeeringstafel in de Tweede Kamer te plaatsen. + +Op welke grondbeginselen zou deze nieuwe rangschikking gegrond zijn? +Men kan ze niet ontdekken, want het eenige gestelde vraagstuk zou ten +slotte slechts zijn een kwestie van gelegenheid, van neiging, of van +geaardheid, vereenigende voor een meer of minder langen tijd menschen, +komende van alle punten van den horizon. + +Toch is dat de eenige oplossing, waar men toe komt, indien men +vooropstelt dat de godsdienstkwestie in theorie en in de praktijk vreemd +is aan de politiek en dat deze bij wijze van consequentie niet meer is +dan een handigheid of een uitweg. Maar wie zou dit nog durven beweren in +den hedendaagschen tijd? + +Daartegenover, indien men voor waar houdt, dat de politiek is een +wetenschap en een kunst, die zich gronden op beginselen, en dat schijnt +onwedersprekelijk, waar is meer dwaasheid, meer onredelijkheid bij eene +vereeniging, die tegelijk conservatieven en vooruitstrevenden van eene +zelfde overtuiging omvat, of bij eene vermenging van menschen alleen +conservatief of uitsluitend vooruitstrevend, partijen van verschillende +beginselen die tegenovergestelde oogmerken op het oog hebben? + +Men vergeet te zeer de groote wet van de historie. De instellingen +zijn niet duurzaam, tenzij zij in het verleden geworteld zijn. Evenzoo +vorderen de natuur en de menschelijke maatschappij niet met sprongen, +met slagen, maar door regelmatige ontwikkeling; dat is te zeggen, dat +zij op verstandige wijze vooruitgaan. + +Indien de geavanceerden van alle partijen er toe geraken om de +moeilijkheid van zich op een gemeenschappelijk program te verstaan, te +overwinnen en dank zij de samenwerking, zij de macht in handen kregen, +zou er dan geen reden zijn om te vreezen, dat de al te haastige +hervormingen, te weinig gematigd, aangebracht worden op te onnatuurlijke +wijze en met te grooten haast? Welnu slechts welingerichte hervormingen +zijn duurzaam en slechts duurzame hervormingen zijn gunstig voor de +algemeene welvaart. + +Daar, waar het conservatieve element fout gaat, ontbreekt een regelaar, +noodzakelijk voor den goeden gang der maatschappij. Ziedaar de rol, +die het wel-begrepen conservatisme heeft te spelen tegenover jongere +beginselen, welke hun loop willen verhaasten met de onstuimigheid aan +jeugdige overtuigingen eigen, en met een vervoering van jeugdig vuur. + +Indien het conservatisme deze rol vervult, zal het gelukken, dat de +vernieuwing zich beter zal aanpassen aan het voorafgaande, dat zij er de +regelmatige ontwikkeling van zal zijn. + +Het is dus wenschelijk dat er tegelijkertijd conservatieven en +vooruitstrevenden in dezelfde groep zijn. Want hunne pogingen zijn +gewoonlijk noodzakelijk voor de toepassing der beginselen aan de +wezenlijk levende en samengestelde feiten van het leven. + +Maar, opdat het zoo zij, moeten de conservatieven zich niet opsluiten +in blinde en onverzettelijke verachting en moet de teugel, dien zij +gewoonlijk bij een al te snellen gang gebruiken, niet zonder ophouden +belemmerend werken om zoo elke beweging te verhinderen. + +Dan, wanneer de conservatieve fractie van eene partij of een verbond +feitelijk de algemeene actie tot volledige onmacht terugleidt, dan +alleen zou het verstandig kunnen zijn het terrein der beginselen te +verlaten om een ander minder-sterke positie, steeds van lageren rang, +aangewezen door de omstandigheden, op te zoeken, omdat op het program, +dat men met de hulp van meer of minder geschikte bouwstoffen zou kunnen +opstellen, altijd de ziel er aan zou ontbreken, die de eenheid en het +leven aan er geeft. + + * * * * * + +Overigens, door nog van hoogere zijde de zaken te bezien, bemerkt men, +dat het verbond der geloovigen, inplaats van onredelijk te zijn, aan een +zeer gezonde opvatting van de plaats, die de staat in de moderne +maatschappij heeft in te nemen, beantwoordt. + +Indien het waar is dat God bestaat, heeft de staat niet het recht zich +te gedragen alsof Hij niet bestond; hij kan dan officieel het atheïsme +niet belijden. Indien hij bij geval deze houding aannam, zou hij +zichzelven veroordeelen tot de anarchie, die elke maatschappij afbreekt. + +Waarlijk, de voor de sociale orde noodzakelijke macht, die wezenlijk +eenig recht bezit, n.l. het recht van bevelen, vindt haar eenigen waren +grond in God. + +Deze macht is niet onwettig: zij bestaat in evenredigheid met het doel +van den staat; zij is gegeven voor het algemeen welzijn. Daaruit volgt +dat de staat niet zou mogen opleggen wat volstrekt kwaad is; want hij +zou het zedelijk kwaad niet kunnen aanwenden tot het welzijn van allen. + +De staat moet derhalve onderscheid maken tusschen goed en kwaad. +Daarvoor is een criterium noodig, een leer, een moraal. Waar zal men +ze vinden? Tenminste indien hij niet in de lucht wil bouwen, zal hij ze +zoeken in den godsdienst. Er is geen ware moraal zonder godsdienst, men +kan nog verder gaan en zeggen: zonder Christelijken godsdienst, want die +is de meest-vaste en zuiverste moraal, de beste wijsbegeerte, de +eenvoudigste en tevens diepst-gaande wetenschap. + +De staat mag zich niet ontslagen denken van den godsdienst, God mag +niet vreemd blijven aan de staatkunde, omdat de staat voor de menschen +is ingesteld en de politiek, die de kunst is om de maatschappij te +regeeren, voor hen van het hoogste belang is. + +Moet men daaruit besluiten, dat de staat officieel een godsdienst moet +belijden en dat de godsdienst, dien hij belijdt, de eenige ware is? Moet +hij dezen beschermen en er een soort van wereldlijken arm van worden? + +Een ernstige en moeilijke kwestie voorwaar, waarbij men tegelijk moet +vermijden om naar het verleden de verhoudingen van den tegenwoordigen +tijd in te richten, en in den tegenwoordigen tijd weder de zaken van den +verleden tijd in te brengen. + +Een feit moet vooral niet uit het oog verloren worden, dat in zekere +landen de Hervorming, in andere de Fransche Revolutie, de eenheid van +godsdienst en moraal verbroken heeft. Een diepgaand verschil is er +ingekomen en men is niet meer eenstemmig in de beantwoording van de +vraag, wat dan waarheid is; en het verschil van geloof brengt mee een +noodzakelijke groote verdraagzaamheid, het eenige middel om onder de +burgers orde en vrede te bewaren, die onmisbaar zijn voor het algemeen +welzijn. + +Uit deze voorname zaak volgt, dat in het meerendeel der hedendaagsche +volken de staat geen partij mag trekken vóór of tegen een bijzonderen +godsdienst, diens zaak aan zijn eigen zaak niet officieel mag verbinden, +maar zich moet beperken tot de taak, dat de vrijheid van alle deze +verzekerd wordt. + +Dat wil niet zeggen, dat de staat verplicht is tot onzijdigheid. +Wanneer hij deze valsche houding aanneemt, dewelke slechts een bedekte +loochening is, bedriegt hij zichzelven. Want indien hij al niet onder de +verschillende godsdiensten bepalen mag, wat de eenige ware is, moet hij +toch den godsdienst, het godsdienstig gevoelen, beschermen, zoo hij niet +zijn eigen verderf wil najagen. + +Evenzeer als de wetgever, om zijn wetboek op te stellen, zijne +keuze moet doen uit tegenover elkander staande denkwijzen en degenen +straft, die de instellingen, welke hij heeft bekrachtigd, trachten te +ondermijnen, evenzeer heeft de staat zich ten gunste van de godsdiensten +uit te spreken, indien hij zich niet wil leenen tot het bevorderen van +zijn eigen val. + +Het staatsatheïsme en practisch materialisme, dat eruit tevoorschijn +komt, zijn de verdervers van de orde in de maatschappij. Zij vermogen +geen moraal of orde te scheppen. Door de loochening van God en van +plicht, verdienste en onsterflijkheid, die er uit voortkomen, sturen zij +recht op de anarchie aan. + +Waar is het, dat weinig materialisten tot aan het einde toe hun stelsel +durven doortrekken. Er zijn zekere grenzen, die ze in de praktijk +vreezen over te trekken, en bijna allen stemmen nog in meerdere of +mindere mate in een wetgeving, en in een maatschappelijke organisatie +voor de maatschappij waarin zij leven, terwijl hun stelsel hen logisch +tot de opheffing daarvan zou brengen. Maar deze grenzen gaan iederen dag +meer en meer terug door den onwederstaanbaren druk van de beginselen. De +grondbegrippen van de maatschappij zijn reeds langzamerhand ondermijnd +door dien allengs sterker wordenden golf van Godloochening. Eertijds +zeide men, dat de godsdienst, het eigendomsrecht en het gezin den +grondslag vormden van de maatschappij. De materialistische strooming +heeft bijna overal den eerste weggevoerd en daardoor zullen de beide +anderen van hun steun beroofd, op hun beurt wegzinken. + +Daarom hebben zich de geloovigen uit verschillende partijen, Roomschen +en Protestanten, vereenigd rondom de Christelijke moraal, die haar +middelpunt in den persoon van Christus heeft en hare ontplooiing in zijn +onderwijs. Zij zijn van oordeel, dat deze leer, ondanks alle bestrijding +nog in wezen altijd even krachtig en jong, temidden van de ruïnen, die +zich ophoopen zoover het oog reikt, de eenige krachtige schutsmuur is +tegen het steeds sterker wordende atheisme; de eenige grondslag, die de +vastheid der maatschappij kan verzekeren en groote rampen kan voorkomen. + + + + +DERDE HOOFDSTUK. + +Twintig jaren van strijd. + + +I. + +_De grondwetsherziening._ + +De Liberalen hadden zich vereenigd rondom de wet van 1878. Alle pogingen +waren er op gericht om een beslissende overwinning te behalen. + +Maar toen de overwinning eens was verkregen, kwam des te grootere +wanorde en oneenigheid in het liberale kamp. Kappeyne sleepte in zijn +gevolg een deel van de Liberalen mede naar een radicalisme, dat met den +dag zich scherper belijnde; terwijl Gleichman, zoo goed of kwaad als het +ging de achterblijvers verzamelde, die deze evolutie teleurstelde en +verschrikte. Geen van de beide deelen had een program en op alle andere +kwesties dan die der Schoolwet, dewelke de Liberalen voor afgedaan en +onveranderlijk hielden, was groote verwarring van begrippen. + +En deze tweedracht sloeg over op het ministerie. De eerste minister +Kappeyne in overleg met Tak van Poortvliet eischte grondwetsherziening +en in 't bizonder, uitbreiding van kiesrecht; de minister van financiën +Gleichman en verscheidenen zijner collega's oordeelden deze tenminste +nu niet aan de orde. Dit verschil van gevoelen was voor het ministerie +Kappeyne noodlottig. Het viel weldra tengevolge van inwendige +geschillen, waarmede in onmacht een tijd van een-en-twintig maanden +afgesloten werd, die begonnen was met de krachtige voorbereiding en +spoedige aanneming van een schoolwet, welke blijken zou te zijn de +zwanenzang van de liberale macht. + +Een ministerie Van Lijnden trad thans op; een ministerie, tweeslachtig, +noch liberaal noch conservatief in den gewonen zin van het woord, liever +een politiek voerende van gematigd liberalisme, dat zich in de regeering +handhaafde tengevolge van de verschillen der liberale partij en dat in +de oogen van de anti-liberalen een zakenkabinet was. + +Toen het zich terugtrok, poogden de Liberalen zelf het bestuur en +de regeering in handen te nemen. Koning Willem III benoemde Tak +van Poortvliet om een nieuw ministerie samen te stellen, maar deze +staatsman, radikaal in zijn gedachten en handelingen, stelde als +voorwaarde de belofte, dat de koning het initiatief van een +grondwetsherziening zou nemen. De koning weigerde en men had het +bijzonder geval, dat afgetreden ministers na vier maanden crisis hunne +portefeuilles wederom opnamen om ze weldra opnieuw over te geven ter +wille van uitbreiding van kiesrecht. + +Bij dezen tweeden val van het ministerie wendden de Liberalen nieuwe +pogingen aan, eveneens onvruchtbaar. De innerlijke verdeeldheid was +zoo sterk, dat de verschillende deelen niet tot overeenstemming konden +komen. Deze keer had de koning, die weigerde onder het Caudynsche +juk van de Radikalen door te gaan, zich tot de gematigden gericht. +Verscheidene malen hadden Van Rees en Gleichman beproefd een liberale +combinatie te vormen. Maar zij hadden treurig gefaald. + +Den strijd moede keerde zich Willem III tot den man, die de toevlucht in +menigen wanhopenden toestand voor de regeering was geweest, Heemskerk, +wiens groote hoedanigheden en bekwaamheid de gevaarlijke hinderpalen +overwonnen. Deze waarlijk buitengewone staatsman regeerde op wonderbare +wijze zonder flinke meerderheid in de Kamer en behield het gezag ondanks +de wisselingen van de meerderheid, ondanks zelfs de wijzigingen in zijn +eigen ministerie. Hij aarzelde niet de Kamer te ontbinden, wanneer hij +een hardnekkige oppositie wilde verbreken, en zonder vastgesteld program +slaagde hij er in zijne regeering langdurig en vruchtbaar te doen zijn. + +Zijn derde ministerie duurde vijf jaren en verkreeg het record van +duurzaamheid in Nederland. Evenwel zag het twee verwisselingen van de +meerderheid in de Tweede Kamer en een ongewone opvolging van ministers: +vier van Marine, twee voor Buitenlandsche zaken, twee voor Financiën, +twee voor Koloniën en twee voor Waterstaat. + +Temidden van deze wijzigingen bleef de eerste minister onbewegelijk en +behield de teugels met vaste handen. Ondanks alle moeilijkheden, bracht +hij hervormingen aan. + + * * * * * + +Op het oogenblik, dat Mr. Heemskerk opnieuw aan de regeering kwam, +was de kwestie van grondwetsherziening gesteld. Het was onmogelijk zich +er van te bevrijden. Het bleek meer en meer, dat de grondwet van 1848 +in vele punten niet meer aan de behoeften van den tijd beantwoordde. +Zij bevatte veel bedenkelijks en gebreken, voornamelijk vele +beslissingen, die uit de nieuwe grondwet moesten genomen worden en in +een afzonderlijke, gemakkelijk te wijzigen wet moesten worden opgenomen. +Vóór alles verweet men haar, dat zij het kiesrecht voor de benoeming +van de leden van verschillende hooge colleges verbond aan een bepaalden +aanslag in 's rijks belastingen. Het opkomen van den vierden stand +tengevolge van verbeterd onderwijs en toenemende welvaart, was oorzaak, +dat van verschillende zijden stemmen oprezen voor algemeen kiesrecht. +De democratische stroom, die in andere landen uitbreiding van kiesrecht +medebracht, begon zich met kracht te doen gevoelen; hij dreigde de +perken van de grondwet over te gaan; men moest de bedding verruimen, +indien men niet wilde dat de stijgende vloed buiten zijn oevers trad en +de vlakte overstroomde. + +Minister Heemskerk begreep het en hij spande zich voor deze taak in, na +de goedkeuring van den koning verkregen te hebben, wien het bevorderen +van nieuwe ideeën niet behaagde. + +Toch was deze beweging voor Grondwetsherziening niet diep doorgedrongen +in het volk, dat zich meer onverschillig toonde. De hervorming was +vooral gewild door de Liberalen, en ofschoon zij zeer verdeeld waren +over de wijze van behandeling, trachtten zij toch niettemin het volk van +de noodzakelijkheid te overtuigen. + +Tegenover de Liberalen hadden de Roomschen en Antirevolutionairen +op dit punt een speciale taktiek. Zij stonden niet vijandig tegenover +deze herziening, integendeel, velen onder hen, vooral bij de +Antirevolutionairen keurden haar goed, maar zij maakten haar +ondergeschikt aan de herziening der schoolwetten, die voor hen het +voorwerp bleef, waartoe ze sedert 1878 bijzonderlijk alle krachten +inspanden. Dat men beginne met herziening van artikel 194 van de +grondwet en met de toestemming van gelijkheid in beginsel van vrije +scholen en openbare scholen; vervolgens zullen wij de andere zaken, die +men zal willen, herzien. Zoo spraken en besloten ze: Grondwetsherziening +is goed, maar vóór alle dingen eischen wij recht. + +Toen de minister zijn voornemen aankondigde om over te gaan tot de +herziening en eene Staatscommissie benoemde om ze voor te bereiden, +behoorde de meerderheid in de Kamers aan de Liberalen. Op hun steun +dan ook rekende hij om de groote voorgestelde hervorming tot stand te +brengen. Evenwel had ternauwernood de bijzondere commissie van onderzoek +haar taak voleindigd, of de meerderheid verplaatste zich en de Kamer +ging om. + +Den 28en October 1884 hadden de algemeene verkiezingen voor de Tweede +Kamer plaats gehad. De anti-liberalen, Roomschen en Antirevolutionairen, +hadden door een gemeenschappelijken aanval en een gezamenlijke actie, +waaraan de schoolkwestie ten grondslag lag, de overwinning behaald. +Bevreesd voor het streven van zekere Liberalen, hadden zich de +Conservatieven bij hen gevoegd. De krachtige samenwerking van deze +verdubbelde groepen, gevoegd bij de zwakheid van de Liberale partij, had +den triomf aan de Christelijke Coalitie geschonken. Den eersten keer had +zij verscheidene zetels veroverd en bij de herstemming van 11 November +was hare overwinning voltooid. + +Bijgevolg bevatte de linker, de liberale, zijde in de Tweede Kamer +niet meer dan 42 leden, terwijl men rechts 44 telde, en wel 23 +Antirevolutionairen, 18 Roomschen en 3 Conservatieven. Voor het eerst +verkregen de confessioneele partijen de meerderheid, maar om deze te +handhaven was de steun der Conservatieven noodig. + +Daarentegen bleven zij in groote minderheid in de Eerste Kamer. Acht +Roomschen stonden daartegenover 26 Liberalen en de Antirevolutionairen +hadden er niet in kunnen slagen een van hunne vertegenwoordigers er +binnen te brengen. + +Hoewel overwinnaars konden de verbondenen toch alle voordeelen niet +plukken van hunne overwinning, zooals zij wel zouden willen. De +Eerste Kamer stelde tegenover hunne pogingen een formeel veto, in de +veronderstelling dat deze buiten de perken van de Tweede Kamer gingen. +Bijgevolg was het onmogelijk voor hen om met succes een positieve +politiek te voeren; zij moesten dus zich bij de verdediging houden +en trachten de samenbinding hunner tegenstanders te verhinderen. De +omstandigheden kwamen weldra zelfs de kracht van deze houding verstoren. + +Bij de bespreking van de financiënwet van 1885, werd een van de leden +van de rechterzijde ziek en kon bij de zittingen van de Kamer niet +tegenwoordig zijn. Hierdoor werd de oogenblikkelijke sterkte der +partijen van 43 op 42; en bovendien bevond zich onder de Conservatieven, +die aan de meerderheid een noodzakelijken steun aanbrachten, een van +die eigenaardige mannen, die geen discipline kunnen verdragen en toch op +hun eigen wonderlijke wijze de zaken wenschen te ontwikkelen. Wintgens, +zoo is zijn naam, was dus de man van het evenwicht, waarop het aankwam +in dezen toestand: hij vermocht door vóór of tegen de ontwerpen of de +amendementen te stemmen, deze te laten aannemen of verwerpen. Zijne +meening, die in andere omstandigheden onopgemerkt zou voorbijgegaan +zijn, had evenveel gewicht, zoo niet meer, dan die van al zijne +collega's tezamen en gelijk een souverein zijne macht kent, maakte hij +er een ruim gebruik van en somwijlen onvoorziens. + +Natuurlijk werd daardoor de zaak van zijne vrienden van rechts niet +altijd gebaat, die hem zijn onregelmatigheid en grillen verweten. Als +protest tegen deze verwijten, die volstrekt niet bedoelden om zijne +vrijheid van beweging aan banden te leggen, en om terzelfdertijd aan de +bestraffingen te ontkomen, deed hij afstand van zijne macht en verliet +de Tweede Kamer. + +In zijne plaats werd een Liberaal gekozen en daardoor werd de minderheid +met één vermeerderd en werd bijgevolg gelijk aan de meerderheid: 43 +tegenover 43. De Kamer was op het doode punt gekomen. + +Toen begon een tijd van eenige maanden, beroemd gebleven in de +parlementaire jaarboeken van Nederland. Alle beslissingen hingen af +van het noodlot. Als een lid van de partijen ziek werd of tijdelijk +verhinderd was, hèlde dadelijk de evenaar naar de tegenpartij over. En +wanneer men aan beide zijden voltallig was, was men niet instaat iets +uit te werken of een meerderheid te verkrijgen. + +In dezen toestand werd de strijd geleverd, waarvan de inleg was de +grondwetsherziening. Als gevolg van het verslag van de Staatscommissie +had minister Heemskerk elf wetsontwerpen voorgesteld, die dienen moesten +tot het in overweging nemen van de voorstellen voor grondwetsherziening. +Den 17en Maart 1886 begon hij met de bespreking er van in de Tweede +Kamer. + +Getrouw aan hunne taktiek weigerden de anti-liberalen zich tot elke +herziening te leenen, voordat men voldoening had ontvangen op hoofdstuk +X van de grondwet, dát het onderwijs behandelde en het voornaamste +artikel voor deze kwestie bevatte, n.l. artikel 194. Door den +vrij-onverwachten steun van Mr. Van Houten, die op dat tijdstip onder de +geavanceerd liberalen had plaats genomen, besloten 44 tegen 40 leden de +wenschen van de rechterzijde in te willigen, zoodat de bespreking van +Hfdst. X geopend werd. + +Na lange dagen van beraadslaging; na een kruisvuur van amendementen, +waarvan verscheidene werden verworpen door staking van stemmen; na +debatten, zoo afgerond dat men zou meenen dat de zaak uitgeput was; werd +eindelijk een besluit genomen op het hoofdstuk van onderwijs, maar +geheel en al negatief. + +Het voorstel van de rechterzijde was verworpen met 43 tegen 42 omdat +Mr. Keuchenius zich onthouden had, daar hij weigerde tot de coalitie +van Roomschen en Antirevolutionairen toe te treden; de twee moties van +de linkerzijde met 64 tegen 22 en met 68 tegen 18; de redactie van de +regeering leed de nederlaag met 56 tegen 30 stemmen. + +Er bleef niets meer over. Als een gek op den schoorsteen draaide de +Kamer al te zeer in evenwicht, in een voortdurende cirkelloop om zijn +as, zonder tot een vast besluit te komen. + + * * * * * + +De toestand was voor het ministerie Heemskerk onhoudbaar geworden; het +trad den 13en April af. + +Dadelijk werd baron Mackay door den koning geroepen, een van de +uitnemendste mannen van de Antirevolutionaire partij; maar deze wees de +dringende aanbiedingen van de regeering af om deze besliste reden, dat +het onmogelijk voor het oogenblik was om de schoolkwestie weer aan de +orde te stellen en dat daarom de rechterzijde de verantwoordelijkheid +van de regeering weigerde. + +Temidden van de onzekerheid van de ministerieele crisis, op het +oogenblik dat allen uitzagen naar den «minister bij uitnemendheid», die +er in slagen zou een ministerie te vormen, bij wijze van verrassing, +trok het ministerie Heemskerk zijn ontslagaanvrage in, hernam het +bestuur der zaken en ontbond de Kamer (11 Mei 1886). + +Den 15en Juni volgden de algemeene verkiezingen; zij brachten den +Liberalen de zege. Hunne tegenstanders verloren vier zetels en zagen +hunne krachten afnemen tot 39 stemmen inplaats van 43, waarover zij +tevoren beschikten. + +Uit vrees evenwel om het werk van de grondwetsherziening te verhinderen +dat het ministerie wederom beloofde op te nemen, zochten de Liberalen +niet de regeering weer in handen te krijgen en schikten zich voor het +oogenblik in neutrale regeering. + +Heemskerk ging derhalve voort het roer van staat in handen te houden en +nam tot eenige taak de grondwetsherziening tot een goed einde te +brengen. + +De verworpen wetsontwerpen werden nu wederom aan de orde gesteld, de +besprekingen werden heropend op den 8en Februari 1887, vaak «bruisend en +woelend», zooals de verslagen het noemden. + +Eindelijk begon men met het onderzoek der wetsontwerpen zelve. Zij +werden ten slotte aangenomen alsmede ook eenige amendementen over +artikel 194, dat nu artikel 192 was geworden, maar deze amendementen +werden niet van kracht tengevolge van de halsstarrigheid der Eerste +Kamer. + +Bij het begin van November 1887 was alles beëindigd; den 6en van die +maand verscheen de herziene grondwet in het Staatsblad, en den 30en +bij den laatsten slag van 12 uur des middags van de klokken, werd zij +plechtig afgekondigd op het voorplein van de groote gerechtshoven, en +bij de deuren van alle Nederlandsche gemeentehuizen. + +De bewerkte herziening was lang niet zoo uitgebreid als men had gehoopt. +Vele artikelen, waar wijziging noodzakelijk was, bleven onveranderd. +Niettemin waren de aangebrachte veranderingen wel van belang, want zij +brachten verscheidene punten in nauwe betrekking met het openbare +nationale leven. + +Het kiesrecht ontving een breederen grondslag en bevond zich nu +tusschen beter uit te zetten grenzen. Artikel 80 hief de uitdrukkelijke +voorwaarde op van een betrekkelijk-hoogen aanslag in de belasting, +zooals dat door het oude artikel 76 geëischt was van iederen Nederlander +van 23 jaren om als kiezer te worden toegelaten door de wet. + +Het aantal leden van de te verkiezen lichamen was voor de Tweede Kamer +op 100 onveranderlijk vastgesteld en op 50 voor de Eerste Kamer (art. 8 +en 82). De verplichte parlementaire eed werd afgeschaft (art. 87). + +Voor de Eerste Kamer werden verkiesbaar gesteld niet alleen de +hoogst-aangeslagenen in de directe belastingen, maar ook zij die het +eene of andere hooge ambt bekleedden, of bekleed hadden; in de wet +opgenoemd (art. 90). + +De dienaren in de verschillende eerediensten waren in beginsel niet meer +uitgesloten van de Generale Staten (art. 96). + +Deze uitsluiting was sedert 1880 niet meer gehandhaafd, maar +geestelijken waren verplicht bij hun zitting-nemen in de Kamer hun ambt +neder te leggen. Die bepaling werd afgeschaft. + +Het recht van enquête werd verleend aan elk van de beide afzonderlijke +Kamers en zelfs aan de Vereenigde zitting, en het recht van amendement +van de Tweede Kamer was uitgebreid tot de vereenigde zitting der Staten +Generaal zonder aan de Eerste Kamer afzonderlijk toebedeeld te zijn. +(art. 112 en 95) + +Verkiesbaar voor de gemeenteraden en voor de provinciale Staten waren +dezelfden als voor de Tweede Kamer. (art. 127 en 143) + +De gewone wetgever ontving grootere vrijheid om nuttige maatregelen te +nemen voor de nationale defensie. (art. 181) + +Zoo waren de voornaamste herzieningen in de nieuwe grondwet, die door +middel van elf wetten voor herziening daarin gekomen waren den 6en +November 1887. Additioneele artikelen bepaalden de kiesdistricten, +waarvan 79 enkelvoudig en 5 meervoudig waren. Zij stelden tevens een +overgangsbepaling van het kiesrecht vast, vooreerst nog een census +aangevende, maar met een verlaging tot op de helft. + +Zoodoende werd het aantal kiezers verdubbeld. Op een bevolking van vier +en een half millioen inwoners werd dit van 138.000 op 290.000 gebracht. +Het politieke leven schoot wortel in den minderen stand, waartoe +een voornaam deel der bevolking behoorde. Dat was het onmiddellijk +gewichtige resultaat van de grondwetsherziening. Toch was het nog verre +van het algemeen kiesrecht, dat de radicalen, de Socialisten en de +leden van den «Nederlandschen Bond van Algemeen Kies- en Stemrecht» +eischen. + + +II. + +_De eerste triomf van de Christelijke Coalitie.--Het ministerie +Mackay.--De Pacificatie-wet._ + +Dadelijk begonnen de partijen zich te weren voor de algemeene +verkiezingen van het volgende jaar. Het kwam er nu maar op aan om het +grootst-mogelijk aantal nieuwe kiezers zoo spoedig mogelijk voor zich te +veroveren, ten einde zoo de macht in handen te krijgen. Dat was het doel +van de politieke vereenigingen. + +Reeds na de nederlaag van 1884 hadden de Liberalen begrepen, dat hun +inwendige verdeeldheid een begin van zwakheid, onmacht en ondergang +voor hen zou zijn. Zij hadden bemerkt, dat hun partij op weg naar de +ontbinding was; en om daar een eind aan te maken hadden zij een Liberale +Unie in 't leven geroepen teneinde, zoo zij zeiden, den politieken +invloed van de confessioneele partijen tegen te gaan, en de toepassing +der liberale beginselen te verzekeren. De Liberale Unie had voor het +oogenblik de verspreide troepen vereenigd en had krachtig gewerkt om tot +de grondwetsherziening te geraken. + +De Liberalen waren op het gebied van vereeniging reeds voorgegaan door +de Antirevolutionaire partij, die in 1879 uit de handen van haar leider, +Dr. Kuyper, een volledige organisatie en een nauwkeurig-belijnd program +had ontvangen. + +Alleen deze twee partijen waren goed georganiseerd, en het oogenblik was +dus gekomen tot een proef van hunne kracht. + +Bovendien was Dr. Kuyper meer en meer de Roomschen genaderd. Doch hunne +samenwerking bij de verkiezingen was niet zonder horten en stooten. + +De Roomschen beklaagden zich menigmaal over de strakheid van de +orthodoxe Calvinisten, die zonder ophouden spraken alsof het land hun +onvervreemdbaar goed was en die hunne medewerkers beschouwden met +een wantrouwend en minachtend oog. Vooroordeelen, onbillijkheden, +handelingen van een twijfelachtig wederkeerig vertrouwen kwamen bij +oogenblikken op en al de welwillendheid van de leiders was noodig om +deze verdrietelijkheden weg te nemen, zoo goed en zoo kwaad als het +ging. + +Niettemin waren de verbonden partijen in de Tweede Kamer eensgezind +genoeg om een sterke oppositie te vormen. Zij waren er zelfs toe gekomen +om alle nieuwe credieten aan de regeering te weigeren, indien hun op +het stuk van onderwijs geen voldoening werd gegeven. «Geen herstel van +grieven, dan ook geen nieuw crediet», zoo was hun onveranderlijke leus. + +Bij de nadering der verkiezingen achtten de verbonden partijen den +tijd nog niet gekomen om de geheime overeenkomst, die bij hunne actie +vooropstond, openbaar te maken. Het volk was naar hun meening nog +niet rijp voor zulk een mededeeling en niets was gemakkelijker dan een +krachtige samenwerking zonder openbaar verbond. Het was voldoende voor +iedere partij om eigen candidaten te stellen en in geval van herstemming +hare stemmen op den bevrienden candidaat, die den meesten kans van +slagen had, uit te brengen. + +Zoo gewapend tot den strijd wachtte men de verkiezingen af. Roomschen +en Antirevolutionairen werkten ieder afzonderlijk, maar zij hadden +afgesproken, dat men bij herstemming de krachten zou samentrekken. Het +punt van uitgang, door hen gekozen, was de schoolkwestie, die sedert +dertig jaar het eerste artikel in hun beider program uitmaakte. + +Op dezen grondslag begon de verkiezingsstrijd met kracht. Hij eindigde +met de overwinning der verbondenen, in zekere streken begunstigd door +Radicalen en op enkele plaatsen door de Socialisten. + +In de nieuwe Kamer telde de Liberale partij 45 zetels, het +»monsterverbond" verkreeg 53, waarvan de Antirevolutionairen 27 en +de Roomschen 26 zetels. Een Conservatief, graaf Schimmelpenninck, +vertegenwoordigde er de onveranderlijke traditie, en het Socialisme +verscheen er voor het eerst in den persoon van Domela Nieuwenhuis, +afgevaardigde van Schoterland. + +Het was een schoon succes, een resultaat van dertig jaren harden +strijd. Voor het eerst genoten de aan het Liberalisme tegenovergestelde +beginselen de gunst van het volk. De lange bijna nooit onderbroken tijd +van de Liberale ministeries of van een zakenkabinet in Liberalen geest +was geëindigd. Een Christelijke politiek deed hare intrede in Nederland. + +De gebeurtenis was van het grootste gewicht en ieder wachtte met groote +nieuwsgierigheid en eenige vrees af, wat de gevolgen voor het land +zouden zijn van een politiek, lijnrecht tegenovergesteld aan die, welke +men sedert veertig jaren gevolgd had. + +De algemeene verwachting werd niet beschaamd. Daags na de verkiezingen +ontving baron Mackay de opdracht een ministerie samen te stellen. +Als man van groot aanzien en onbetwiste waarde, had hij door zijne +gematigdheid en hoffelijkheid de sympathie zelfs van zijne tegenstanders +weten te winnen. Hij omringde zich met medewerkers, wie bekwaamheid +bekend was. Het meerendeel behoorde tot de Antirevolutionaire partij, +twee Roomschen ontvingen er belangrijke portefeuilles in, namelijk de +heer Ruys van Beerenbrouck die van Justitie, en generaal Bergansius die +van Oorlog. + +Daar het nieuwe ministerie door de schoolkwestie op het kussen was +gekomen, deed het ook zooveel mogelijk om haar ten einde te brengen. +In het regeeringsprogram, hetwelk talrijke hervormingen aankondigde, +verklaarde het zich over dat punt op duidelijke wijze: »Het resultaat +der verkiezingen", zeide het, »doet ons het vurig verlangen des +lands kennen naar hetgeen volgens de regeling van het onderwijs is +voorgeschreven, dat er rekening gehouden wordt met de Christelijke +overtuigingen des volks. Daarom zal de regeering, het openbare onderwijs +als het voorwerp van haar bizondere zorg beschouwend, met inachtneming +van de grenzen door de grondwet gesteld, zooveel mogelijk de beletselen +opruimen, die totnutoe de ontwikkeling van het bijzonder onderwijs +tegenstaan". + +Om de bedoeling van deze verklaring te begrijpen, moet men zich de +wanhopige pogingen herinneren, die de Christelijke partijen hadden +gedaan bij de behandeling van de grondwetsherziening om een wijziging +van artikel 194 te verkrijgen, dat men als hinderpaal beschouwde voor +elke begunstiging en hulp van den Staat voor het bizonder onderwijs. +Hun pogingen mislukten: artikel 194 bleef als artikel 192 in de nieuwe +grondwet onveranderd. In den loop van de bespreking hadden echter de +Liberalen zich laten ontglippen, dat aan dit wetsartikel tot dusver een +verkeerde uitlegging was gegeven en dat, wanneer men het letterlijk +opvatte, het niet verbood, dat de staat zich met het vrije onderwijs +bezighield, ja zelfs dat dit onderwijs een godsdienstigen tint aannam. +Professor Buys had deze nieuwe verklaring der wet ondersteund en zijn +boek; »Toelichting en kritiek van de Grondwet", gaf hieraan eenig gezag. + +Daarom sprak baron Mackay niet meer van wijziging van het +grondwetsartikel, maar van de hervorming van onderwijs, totstand te +brengen binnen de vastgestelde perken van de grondwet. + +Dadelijk begaf hij zich aan den arbeid en stelde weldra een ontwerp voor +ter herziening van de wet van 17 Augustus 1878. Het was een gematigd +ontwerp, en vele Liberalen erkenden, dat het in den grond der zaak niet +meer dan billijk was. + +Deze beide hoedanigheden, gematigdheid en billijkheid, waren buitendien +noodzakelijk om te kunnen slagen. Want de Eerste Kamer behield een +enorme meerderheid van Liberalen, die er 36 zetels hadden tegen 10 +van de Roomschen, 2 Antirevolutionairen en 2 Conservatieven, en deze +oppositie kon dus altijd de wet nog doen mislukken. Elk conflict zou +haar noodlottig geweest zijn. Maar de Liberalen gevoelden, dat het +volk naar bevrediging verlangde, in de oplossing van de schoolkwestie +bestaande, en men maakte er geen gebruik van behalve in kleine bizondere +punten. + +Na lange levendige bespreking werd het ontwerp-Mackay aangenomen in de +Tweede Kamer op den 2en September 1889 met 71 tegen 27 stemmen. Bij de +stemmen van rechts hadden zich 17 Liberalen gevoegd. + +Men zou een oogenblik hebben kunnen vreezen, dat de Eerste Kamer niet +denzelfden weg zou volgen en dat destemeer, omdat vele petities van +zekere groepen en bonden door haar waren ontvangen, die haar aanraadden +het ontwerp te verwerpen. IJdele vrees echter, want de wind van +bevrediging, die er nu eenmaal woei, nam de laatste bezwaren weg van de +Liberale meerderheid en den 5en December 1889 werd het ontwerp ook daar +aangenomen met 31 tegen 18 stemmen. Alleen de onverzettelijken hadden +niet gewild. + +Den 8en December d.a.v. werd de wet afgekondigd en zij ontving in de +geschiedenis den naam van de wet van pacificatie, die zij tegelijk +draagt met die van de wet-Mackay. + +Zij schonk eindelijk dan voldoening aan de wenschen van Roomschen en +Antirevolutionaren; want zij bezegelde het beginsel van gelijkheid van +openbaar en bizonder onderwijs voor de wet. De openbare scholen bleven +neutraal, maar de staat ontving bovendien de vrijheid vrije scholen te +ondersteunen, zonder dat deze neutraal behoefden te zijn. + +De rechten der ouders werden beter geëerbiedigd. In het voorschrift van +den bouw der bizondere scholen werd wat toegegeven; het beginsel van +schoolgeldheffing werd ook op de openbare scholen toegepast, de omslag +van de noodzakelijke kosten voor het onderwijs werd gewijzigd. + +In den grond der zaak bracht de wet belangrijke verandering in de +onderwijswetgeving aan, zij maakte een einde aan het monopolie, dat +vooral sedert 1878 het openbare onderwijs begunstigde. Een nieuw en +volstrekt tegenovergesteld beginsel kwam in de wetgeving; het recht +namelijk van de huisvaders tegenover het recht van den Staat, welk +laatste streng en buitensporig was in de meeste moderne wetgevingen. + + * * * * * + +Terzelfder tijd, dat de hervorming van het onderwijs, het groote werk +van het ministerie Mackay, bekrachtigd werd, deed zich een gebeurtenis +voor, die gedurende eenige maanden Nederland in angstige spanning +bracht, namelijk de ziekte en de dood van Willem III. Sedert langen tijd +door een chronische ziekte aangetast, werd zijn toestand zoo verergerd, +dat het bij zijn leven zelfs noodig was een regentschap in te stellen +en dit aan koningin Emma, zijn tweede echtgenoote, op te dragen. Eenige +dagen later, op den 23en November 1890, stierf hij in den ouderdom +van drie en zeventig jaren, na een regeering van een en veertig jaren +opgevolgd door zijn tienjarige dochter Wilhelmina onder regentschap der +koningin-weduwe. + + +III. + +_De crisis van de Christelijke Coalitie.--Hervorming van het kiesrecht._ + +Dadelijk na de aanneming van de pacificatiewet, waren de moeilijkheden +voor het kabinet-Mackay begonnen. Het voornaamste punt van zijn +regeeringsprogram was uitgevoerd, maar over de verdere zaken wisten de +verbonden partijen elkander niet meer te verstaan. Nadat het kabinet aan +het land de eerste sociale hervorming gegeven had, namelijk matiging van +den te zwaren arbeid van vrouwen en kinderen, had het een wijziging van +de militaire wet voorgesteld. Opheffing van het remplaçantenstelsel, +persoonlijke dienstplicht, langere diensttijd en een grooter jaarlijksch +contingent, dat waren de voornaamste lijnen van het wetsvoorstel van +generaal Bergansius. De Roomschen waren tegen den aangroei der militaire +sterkte en persoonlijken dienstplicht, hetgeen daarentegen de +Antirevolutionairen vroegen. + +De overeenstemming was verbroken. Elke poging om het gevaar weg te +nemen, ten minste tot na de verkiezingen van 1891, mislukte en de +verdeeldheid der bondgenooten werd in den loop van de langdurige +bespreking van dit ontwerp gezien, dewelke nog niet was geëindigd toen +de tijd van een nieuwe verkiezings-campagne begon. + + * * * * * + +De overwinning was voor de Christelijke partijen noodlottig geweest. Zij +was wel dienstig geweest voor de verwezenlijking van het voornaamste +doel, waarvoor de vereeniging was tot stand gebracht, maar momenteel +niettemin bleef er, toen de schoolkwestie aanvankelijk geregeld was, +geen ander artikel meer over op het gezamenlijk program. De oppositie +van de Roomschen tegen het legerwetsontwerp, de slagen die men elkander +bij deze gelegenheid had toegebracht, de vijandschap van sommigen, de +weerzin van anderen, dat alles openbaarde zich spoedig in een heftige +campagne tegen het »monsterverbond", zijne leiders en hunne volgelingen. +Men begon te spreken over de noodzakelijkheid van echtscheiding door de +onverdraaglijkheid van humeur, en, zooals het in een twistzieke +huishouding gaat, werden de krenkingen en het misverstand talrijker, +zoodat men noodzakelijk wel tot scheiding moest komen. Zoowel aan deze +als aan gene zijde, schreef Dr. Schaepman, bij de Antirevolutionaren als +bij de Roomschen, hier minder, daar meer, alles werd gedaan en niets +werd nagelaten wat noodig was om de samenwerking weg te nemen en eene +scheiding en definitieve splitsing te veroorzaken. + +Zeker, de Antirevolutionairen waren Antiliberaal, maar in de gegeven +omstandigheden herinnerden zij zich, wat de schoolstrijd hen uit het oog +had doen verliezen, dat zij vóór alles protestantsche Calvinisten waren +en bijgevolg antiroomsch. Het antipapisme werd opgewekt en de oude +vijandschap aangewakkerd door het vuur der discussies in het hart van +deze afstammelingen der Geuzen. + +Tevergeefs trachtte Dr. Kuyper, die verder zag, de woede te kalmeeren +en voor het minst te vermijden dat de breuk onherstelbaar werd; zijne +volgelingen gaven hierin geen gehoor. + +De Roomschen van hun kant vonden, dat hun Antiliberalisme hun +anticalvinisme tijdelijk had doen vergeten en ook zij keerden tot +hun historische lijn terug. + +Niet allen dachten zoo, maar op het punt van beginsel zoowel als +op het punt van politieke leiding in den bestaanden toestand, +heerschte de grootste verdeeldheid in de partij. Men moet er het +gevolg van uiteenloopende denkbeelden en neigingen inzien, die van +eenige jaren her dateerden. Zij waren opgekomen bij de nadering van de +grondwetsherziening, toen er sprake was van uitbreiding van kiesrecht, +en deze waren niets minder te achten dan de democratische strooming, die +op het einde van de negentiende eeuw in alle landen en in alle partijen +doorbrak en de conservatieve richting bestreed. + +Ds. Schaepman, met Dr. Kuyper de vader van de Christelijke coalitie, +welke tot dien tijd was gehouden voor het hoofd van de Katholieke +partij, stond nu aan het hoofd van een groep, die men de democratische +noemde, terwijl de heer Bahlmann, afgevaardigde van Tilburg, om zich +heen de »dissidenten" vereenigden, die het talrijkst waren. Tusschen de +fractie-Schaepman en de fractie-Bahlmann heerschte misverstand op alle +punten; op het punt van militaire wet, waar de eerste een overeenkomst +met de rechtsche Protestanten zocht en de onveranderlijke houding van de +andere afkeurde; op het punt van een verbond met de Antirevolutionairen, +hetwelk de dissidenten wilden vervangen door de politiek van de vrije +hand en in zekere streken door een hereeniging met de Liberalen; op het +punt van sociale wetgeving enz.... + +Inderdaad waren de wanorde en de verwarring verschrikkelijk bij de +bondgenooten van gisteren, die hunne wapenen tegen elkander keerden en +elkander hevige slagen toebrachten. + +Temidden van deze verdeeldheid en aanvallen had de verkiezingscampagne +plaats. Roomschen en Antirevolutionairen waren meer gezind om elkander +te bestrijden dan om front te maken tegen hunne tegenstanders van links. + +Niet alleen streed elk bij de stembus afzonderlijk, maar men had ook +nog te rekenen met den afval en de vijandigheid van een minder of meer +groot deel der troepen. De mannen van Utrecht maakten gemeene zaak met +de Liberalen volgens het principe van Ds. Bronsveld; men kan orthodox +zijn op godsdienstig en liberaal op politiek gebied. De fractie Bahlmann +bestreed de volgelingen van Dr. Schaepman met verwoedheid en om hun de +nederlaag te bezorgen, aarzelde zij niet de liberale candidaten in +bepaalde districten te ondersteunen. + +Het resultaat van de verkiezingen was ongelukkig; de slag, die onder +zulke omstandigheden werd begonnen, was vooruit verspeeld. Zoo behaalden +de Liberalen gemakkelijk de meerderheid in de Tweede Kamer en zij wonnen +tien zetels. De linker zijde bevatte nu 55 leden, waarbij één radikaal, +gekozen in de plaats van Domela Nieuwenhuis, die zich met zijne partij +uit den politieken strijd had teruggetrokken. + +De rechtsche partij behield 45 van de 55 zetels. De Roomschen verloren +slechts één, maar het was juist dien van Dr. Schaepman, die in Wijk bij +Duurstede verslagen werd tengevolge van de houding der fractie-Bahlmann. +Het meest geteisterd waren de Antirevolutionairen, die van 28 tot 20 +zetels in de Tweede Kamer waren teruggedrongen. De nederlaag was +volkomen. + + * * * * * + +De ramp, die op de Christenpartijen neerkwam en die slechts het gevolg +van hunne tweedracht was, had hen niet zoo verstandig gemaakt, dat +zij de vereeniging terug verlangden. Integendeel, hunne twisten gingen +door; zij sloegen zelfs over tot de Liberale partij en men trad toen een +periode van verwarring en beroering in, waarin de verschillende fracties +elkander stootten en hinderden, zonder dat men eigenlijk wist tot welke +partij zij behoorden. + +Het ministerie-Mackay had plaats gemaakt voor het ministerie Van +Tienhoven-Tak van Poortvliet, waar voornamelijk Tak, een zeer radikaal +liberaal, den boventoon voerde. Het kwam aan de regeering met een +program, waarvan het eerste punt de kiesrechthervorming was, »die +hoeksteen van het staatsgebouw, die noodzakelijke voorwaarde tot eene +duurzame verbetering", zooals hij zeide. + +Als gevolg van de grondwetsherziening van 1887 was een provisioneel +reglement op het kiesrecht van kracht geworden. Dat had vier jaren +geduurd en zag in dien tijd twee generale verkiezingen gehouden. De +heer Tak achtte het oogenblik gekomen om een einde te maken aan dit +provisioneel reglement en tot vaste bepalingen hierin te geraken. Hij +stelde daarom ook een ontwerp voor, dat het kiesrecht zooveel mogelijk +binnen de grenzen van de grondwet uitbreidde, het ontwerp-Tak; een soort +van algemeen kiesrecht, gematigd door de uitsluiting van analphabeten en +degenen, die ondersteuning hadden ontvangen. + +De vermenging der partijen werd door dit ontwerp bevorderd, dat van zijn +auteur twee achtereenvolgende redacties ontving en dat een ware regen +van amendementen en tegenvoorstellen tengevolge had. Het vraagstuk, +dat zich hier voordeed, was van groot gewicht. Zou men bij een meer of +minder beperkt kiesrecht blijven staan, of zou men tot een zoo goed als +algemeen kiesrecht overgaan? In den grond der zaak ging het hier om de +question brûlante, die gedurende de laatste helft van de negentiende +eeuw bijna al de staten van Europa in beroering bracht: Moet men de +volksmassa's tot het politieke leven inroepen en tengevolge van hun +aantal in hunne handen het lot der natie stellen? + +Twee stroomingen vormden zich tegenover elkander; de eene conservatief, +achtende dat de tijd voor de hervorming nog niet gekomen was, weigerde +indien het niet mogelijk was om den toestand te laten zooals hij was, +de onverstandige en al te milde verleening van het kiesrecht; de +andere, democratisch, eenstemmig met minister Tak, wilde het kiesrecht +uitbreiden zóó ver als de grondwet het toeliet. Deze beide stroomingen +omvatten elk meer of minder belangrijke fracties van de partijen. Er +was geen rechts meer of links, maar groepen van rechts bestreden onder +éénzelfde banier als van links het voorstel-Tak, terwijl anderen zich +naast de meest-geavanceerde liberalen onder de verdedigers bevonden. +De democratische Antirevolutionairen van Dr. Kuyper en de Roomsche +volgelingen van Schaepman, verstonden zich met de Radicalen en +de vooruitstrevende Liberalen, terwijl de oppositie gevormd werd +door de groote meerderheid der Roomschen, de groep aristocratische +Antirevolutionairen onder Mr. De Savornin Lohman, en de Conservatieven, +de volgelingen van de heeren Roëll, Van Houten en Van der Kaay. + +Gedurende achttien maanden was de strijd hevig en hij eindigde in de +ontbinding van de Kamer op den 17en Maart 1894. Een heftige beroering +verspreidde zich toen over het gansche land. De verkiezings-campagne was +langdurig en bitter. De candidaten werden niet meer naar hunne partijen +en programmen onderscheiden, maar geheel door elkaar verward deelden +zij zich in als voor- en tegenstanders van Tak, in Takkianen en +anti-Takkianen. De tegenstanders behaalden bij de herstemming de +overwinning en verkregen eene meerderheid van tien stemmen. Het doel +der ontbinding werd niet bereikt, en Tak van Poortvliet trad af en +werd vervangen door den heer Van Houten. + +Door den heer Roëll uitgenoodigd om het ministerie van Binnenlandsche +Zaken op zich te nemen, vormde de heer Van Houten met hem een +conservatief-liberaal kabinet. Hij nam de zware taak op zich om de +kiesrechtkwestie, die door zijn voorganger onbeslist was achtergelaten, +tot een goed einde te brengen. Hij kwam aan het bewind op een oogenblik +dat de verhouding der partijen zoo verward mogelijk was. Zij handelden +blindelings, als in den mist verdeeld, gedesorganiseerd, slechts vage +vormen afteekenende. Om de waarheid te zeggen, waren het groepen zonder +bestand, en om een oude Hollandsche uitdrukking te gebruiken: »Een ieder +stuurt zijns weegs en niemand weet waarheen....« + +In de volksvertegenwoordiging kon men duidelijk bij de hervatting der +werkzaamheden opmaken, dat het èn aan een vaste meerderheid èn aan +eenstemmige en krachtige oppositie faalde. Bij elke trede werd men door +nieuwe en toevallige meerderheden gehinderd, en niets wees meer op de +verwarring der geesten dan deze besluiteloosheid in eene Kamer, waar +gewoonlijk de opinies wèl belijnd en de partijen stevig waren en de +gelegenheidspolitiek weinig in de gunst was. Het scheen, dat het volk, +van de kiesrechthervorming doordrongen, in den cirkel rondliep zonder +een uitweg te vinden. + +Mr. van Houten beproefde dien toovercirkel te verbreken en met dit +voornemen, waarin hij standvastig bleef, stelde hij zijn wetsontwerp +voor en ondersteunde het met volharding. De debatten duurden een geheel +jaar. In den loop der bespreking had het kabinet verklaard, dat zijn wet +in haar geheel aangenomen of verworpen moest worden. Dat was een fier en +klinkend woord, maar verbazingwekkend van de zijde van een staatsman, +die geen vaste meerderheid achter zich had en die, om te slagen, moest +rekenen op de hulp van zekere afgevaardigden van rechts. Doch hij +wist wat hij wilde en dat, volgens de theorieën van zijn geliefden +leermeester Schopenhauer, de wereld nergens anders uit bestaat dan uit +vertooning en wilskracht, en dat de wilskracht de verwarde beelden der +gebeurtenissen en omstandigheden beheerscht. + +De kieswet Van Houten werd door de Tweede Kamer den 19en Juni 1896 met +56 tegen 43 stemmen aangenomen. Zij werd dadelijk in de Eerste Kamer +behandeld en insgelijks aangenomen op den 5en September 1896 met 34 +tegen 12 stemmen. + +Onder de tegenstanders der wet bevonden zich tegelijk geavanceerden van +links, die achtten dat zij niet ver genoeg ging en die haar armelijk, +spaarzaam en willekeurig noemden, en de Conservatieven, die haar te wijd +en te mild achtten. In werkelijkheid was het een wet van het juiste +midden, die niemand voldeed. De Roomschen en de Antirevolutionairen +hadden gehoopt in het verloop der behandeling amendementen aangenomen +te zien, waardoor in 't bizonder het kiesrecht van den huisvader was +vastgesteld, maar hunne hoop werd niet vervuld. Een groot deel van +rechts was dus ontevreden. De uiterste linkerzijde was het niet minder, +want het kiesrecht was verbonden gebleven aan den census, een stelsel, +dat zij volkomen wilde afschaffen. Op zichzelf was de wet niet boven +alle kritiek verheven. Haar eerste fout was zeer ingewikkeld te zijn +en willekeurig de kiezers in talrijke klassen in te deelen, naar de +kenmerken om kiezer te kunnen worden. Er waren: + +1e _belastingkiezers_, waartoe al de Nederlanders van 25 jaren, die in + een directe belasting vielen, behoorden; + +2e _woningkiezers_, gevormd uit degenen, die geen belasting betalende op + den 1en Februari sedert zes maanden hetzelfde huis hadden bewoond en + die daardoor een wekelijksche huur betaalden, waarvan het minimum + varieerde naar de plaatselijke gesteldheden van f --.80 tot f 2.--; + of die een woonschip bezaten voor het minst van 24 kubieke meters + grootte; + +3e _loonkiezers_, waaronder gerekend werden zij, die niet behoorden tot + de beide voorgaande klassen, en die gedurende tenminste drie maanden + in hetzelfde huis hadden gediend, en een jaarlijksch loon ontvingen + naar de verschillende plaatselijke gesteldheden varieerende van ten + minste f 275-f 550 of van f 100-f 200 indien zij in dezelfde woning + kost en huisvesting hadden; + +4e _pensioenkiezers_, welke categorie allen omvat, die een jaarlijks + pensioen trekken, gelijk aan het loon, dat de loonkiezers moeten + ontvangen; + +5e _spaarbankkiezers_, waaronder zich rangschikken degenen, die + tenminste f 100 op het grootboek hebben of f 50 in de spaarbank. + +6e _Examenkiezers_, een groep samengesteld uit zulken, die tengevolge + van een examen, bij de wet vastgesteld, in bezit zijn van een + diploma, waaruit geschiktheid tot een ambt blijkt of krachtens + hetwelk de uitoefening van een beroep of de volvoering van een + opdracht werd veroorloofd. + +Dat waren de verschillende categorieën, waarin het kiezerscorps werd +verdeeld. Eén afgevaardigde, de heer Heldt, sprak minachtend over deze +»wanorde, waarop zich ten langen leste de werklieden vermoeien, +ingedeeld als zij zijn en gescheiden op zeer willekeurige wijze.« + +Overigens berustte het stelsel geheel op den census, nog van kracht. +Wanneer de wetgever er iets in zou gaan veranderen, dan werd de kieswet +daardoor dadelijk verdraaid, en het was een verwijt te meer, dat men hem +deed, dat nu een herziening van de kiezerslijst bij iedere wijziging der +belastingen noodzakelijk was gemaakt. + +Niettemin werd met een soort van verlichting de kieswet ontvangen; +voorloopig tenminste was de nachtmerrie, die sedert vijf jaren het volk +had gedrukt, weg; was het onweder, dat de partijen omver had geworpen, +bedaard en voordat een nieuwe hervormingswind van het kiesrecht zou +waaien, konden verscheidene jaren voorbijgegaan zijn, die gebruikt +konden worden om een weldadige politiek te oefenen naar de wenschen van +de 300.000 nieuwe kiezers, die in het verbreede kiezerscorps deel zouden +nemen aan de regeering des lands. + + +IV. + +_De herstelling van de Christelijke Coalitie.--De verkiezingen van +1897.--Het ministerie Pierson._ + +Ternauwernood was de kieswet aangenomen, of Mr. Van Houten liet zich van +de hoogte van de regeeringstafel dit totnutoe in Nederland ongehoorde +woord uit den mond vallen: »Alle liberalen in het gelid tegen het +clericalisme«. Deze oorlogskreet, uitgeroepen door een minister die +pas de kiesrechthervorming had afgedaan, weerklonk langen tijd in het +land. Door zijn magisch woord verdwenen de wolken, die het licht hadden +beneveld, en de schikkingen kwamen nauwkeurig met verwonderlijke +helderheid tevoorschijn; de opgezweepte wateren hernamen hun gewonen +aanblik, en de partijen, die zich als in ontbinding bevonden, voegden +zich weer tot hun ouden vorm en in dezelfde combinaties. + +Toch waren de partijen in deze periode van zes jaren, dewelke door de +geschillen over de legerwet en de broedertwisten over de +kiesrechthervorming zoo verward was, veranderd. + +Rechts bleven de Roomschen bijna dezelfden, behalve dat zij de eenheid +terugvonden, die sedert langen tijd was verbroken. + +Daarentegen waren de Antirevolutionairen in vele afdeelingen verdeeld en +de scheuring was te groot dan dat ze geheeld kon worden. Het grootste +getal bleef wel is waar onder de machtige leiding van Dr. Kuyper, maar +van het oorspronkelijke bloc waren twee deelen afgegaan. Ter eener zijde +hadden de vrije Antirevolutionairen het machtige gezag van den leider +geschokt. Bijna allen waren het mannen van groot aanzien als De Savornin +Lohman en de oud-minister Mackay; en zij onderscheidden zich van de +Kuyperianen door aristocratische geaardheid, minder geneigd tot sociale +hervormingen. Evenwel was de breuk niet voltooid, want zij waren één +op het terrein van de Calvinistische beginselen, en over de klove, +die temidden der kiesrechtgeschillen was gevormd, was een brug +gelegd, die hen voortdurend verbond. Aan de andere zijde hadden de +Christelijk-historischen zich geheel van de partij afgescheiden. De +orthodoxe predikanten, die achter den driftigen Dr. Bronsveld aanliepen, +hadden de laatste gemeenschap afgesneden en gingen gemeene zaak maken +met de Liberalen. + +Ter linkerzijde was de groote Liberale partij in verschillende stukken +uitééngevallen, waarvan het uiterste aan het Socialisme paalde. Het +voornaamste deel had zijn vaandel geplant op gelijken afstand van het +midden en van de uiterste linkerzijde. Het bestond uit de progressisten +van de »Liberale Unie", die democratische maatregelen vroegen; de +Unionisten in de richting van de Sociaal-democraten, voorafgegaan door +de rumoerige groep, weinig in aantal, van Radicalen, en achter haar +lieten zij de achterblijvers, de »oud-liberalen", die trachtten naar +vergeving voor hunne vadsigheid op sociaal gebied door hun vuur tegen +het clericalisme. + +Zoo was de politieke toestand op het oogenblik dat de kieswet Van +Houten voor het eerst zou toegepast worden. In Juni 1897 moest de +belangrijke vernieuwing van de Staten Generaal plaatshebben. Van alle +kanten bereidden zich de partijen voor tot den strijd. De verschillende +programmen werden den volke voor oogen gesteld en men zocht de verbonden +weer op. + +De Antirevolutionairen van beide schakeeringen maakten openlijk gemeene +zaak met de Roomschen. Voor het eerst stelde zich de Christelijke +coalitie in het volle licht en zij werd bevestigd door een krachtige +campagne. Hare hoofden, Dr. Kuyper en Dr. Schaepman, hoopten, dat deze +hereeniging van twee groote machten, die zonder hun eigen gezag en +karakter te verliezen zich verbonden voor een gemeenschappelijk doel, de +massa kiezers mede zou voeren, om zoo de meerderheid aan de Christelijke +partij van de natie te geven. + +Ondertusschen had deze openlijke vereeniging tot onmiddellijk resultaat +dat de Christelijk-historischen geheel in het zog van de Liberalen +kwamen uit haat tegen de Roomschen en Dr. Kuyper. Dr. Bronsveld en Dr. +Vos brachten den Christelijk-historischen Kiezersbond tot stand, die +door hen gebruikt werd om de Liberalen te helpen. Vóór alles wilden zij +den triomf van het »monsterverbond« verhinderen. + +De Liberalen ontvingen hen met vreugde, want zij gevoelden zich +niet zeker van de overwinning en zij hadden er belang bij, zich +zooveel mogelijk hulp te verschaffen. Om die reden is het, dat zij de +vereeniging van allen, die den wijdschen naam van Vrijzinnigen droegen, +zich ten doel hadden gesteld, hoe verkleurd en ontaard hun Liberalisme +ook mocht wezen: Radicalen, Unionisten, Oud-liberalen, allen bevonden +zich momenteel voor den strijd vereenigd en zij voedden de geheime hoop, +dat in geval van groot gevaar, de S. D. A. P., die de revolutionaire +Socialisten van Domela Nieuwenhuis achter zich latende, van verlangen +brandde weer op het politieke erf op te treden, hun onder meer of minder +doorzichtigen sluier een werkdadige welwillendheid zouden aanbrengen. + +Ter eener zijde dus de Christelijke Coalitie, aan welke Dr. +Kuyper de strijdleuze gaf: »Vóór God en het Evangelie«; aan de +andere zijde de liberale concentratie, krachtig ondersteund +door de Christelijk-historischen en waarschijnlijk ook door de +Vrijzinnig-democraten. + +De eerste slag viel geheel in het voordeel van de Christelijke partijen +uit: 22 Roomschen en 13 Antirevolutionairen kwamen als overwinnaars +uit de stembus tegen 14 Liberalen en 1 Radicaal. Er bleven nog vijftig +herstemmingen over en van dien uitslag hing de eindelijke overwinning +af; maar alles deed voorzien, dat het succes van 15 Juni 1897 den 25 +Juni d. a. v. zou bevestigd worden. + +Dat ziende, speelden de Liberalen hun laatsten troef uit. Zij +verdubbelden hunnen ijver en verspreidden in het land van die +verkiezingsargumenten, altijd dezelfde, die men overal terugvindt, +samengetrokken in formules, die er op gericht zijn om indruk op de +groote massa kiezers te maken. + +Deze wanhopige poging wierp alle voorspellingen van de eerste stembus +omver; 9 Antirevolutionairen werden nog gekozen en geen enkel Roomsche. +»Met Friesland," zeide Dr. Kuyper, »was het geheele Noorden voor ons +verloren en onze eerste zege veranderde in een smartelijke nederlaag. +Op zichzelf was de mislukking voor ons niet pijnlijk, maar wel de +zekerheid, dat belijders van het Evangelie met de mannen van de +Revolutie gemeene zaak hadden gemaakt.« + +De liberale concentratie was overwinnares. De meerderheid bestond +uit 12 Oud-liberalen, 34 Unie-liberalen, 6 Radicalen, waarbij men +1 Christelijk-historische en 3 Sociaal-democraten moet voegen. + +De Roomschen verloren drie zetels, de Antirevolutionairen wonnen er +acht, de Vrij-antirevolutionairen verloren er een. Totaal telde de +rechterzijde 44 tegen 56 stemmen. Maar die 56 stemmen van links waren +ver van eenstemmig en standvastig. De verschillende tinten van het +Liberalisme bezaten er wel de meerderheid, maar om te regeeren was hun +de hulp van de Radicalen absoluut onmisbaar en zij hadden daarenboven in +bizondere omstandigheden rekening te houden met de Socialisten, die na +een afwezigheid van zes jaren talrijker op het tooneel van de Tweede +Kamer verschenen en er een rol verstonden te spelen. + + * * * * * + +Het resultaat van de verkiezingen was van dien aard, dat alleen een +kabinet van links mogelijk was. Het ministerie Van Houten voldeed aan +deze voorwaarde en had, indien het dit gewild had, aan de regeering +kunnen blijven. Maar het beschouwde zijn taak als geëindigd met de +kiesrechthervorming en het had aan de Koningin-regentes zijn voornemen +aangekondigd om dadelijk na de verkiezingen af te treden. Toen deze +dan ook hadden plaats gehad, deed het dit onverwijld. Het liet een +belangrijken wetgevenden arbeid achter zich en men moet erkennen, dat +het parlementaire tijdperk, waarbij dit ministerie had voorgezeten, +onder de vruchtbaarste perioden behoorde. De omstandigheden waren hem +wel eenigszins gunstig, maar vooral de ijver, betoond sedert 1894 door +Van Houten, minister van Binnenlandsche Zaken, en Sprenger van Eyck, +minister van Financiën, waren er de oorzaak van. + +Om minister Van Houten te vervangen, had men een talentvol man noodig, +die de zegevierende liberale partij verpersoonlijkte en die haar in haar +eigen ministerie kon vertegenwoordigen, vooruitstrevend genoeg om te +worden ondersteund door de Liberale Unie en die de Radicalen niet te +zeer afschrikte, en die genoeg gehecht was aan de oude leer om niet +afkeerig te zijn van de gunst van Oud-liberalen. Men dacht dadelijk aan +den heer Pierson, welonderlegd landbouwkundige en ervaren financier, +die tevoren in het ministerie Tak van Poortvliet de portefeuille van +Financiën had gehad. Men wist dat hij in de oogen der Haagsche Liberalen +voor radikaal doorging, terwijl de Radikalen van Amsterdam hem voor +conservatief hielden, en men achtte dat de waarheid tusschen beide +uitersten in lag. + +Wat er ook van aan was, de heer Pierson werd er mede belast een +ministerie samen te stellen en hij deed het op oordeelkundige wijze. De +liberale concentratie trad er geheel in op; de Liberale Unie met haar +leider, Mr. Goeman Borgesius voor Binnenlandsche Zaken, Mr. Cort van +der Linden voor Justitie, de heer Cremer voor Koloniën, de heer Lely +voor Waterstaat; de Oud-liberalen werden er vertegenwoordigd door den +heer de Beaufort voor Buitenlandsche Zaken, en boven hen zweefde de +verzoenende en beschermende glimlach van den minister van Financiën, +den heer Pierson. In alles was er voor gezorgd om schokken en kneuzingen +te voorkomen tusschen mannen, die allen van den eersten rang waren en +onbetwistbare kennis op politiek gebied bezaten. De heer de Beaufort kon +met zijne portefeuille met onverschillig oog de democratische strooming +gadeslaan, die zijne collega's van de uiterste linkerzijde der Liberalen +tot sociale hervormingen drong, en zonder eenigen strijd had de heer +Pierson alle vrijheid het fiscale werk, dat hij voorheen was begonnen, +voort te zetten. + +En toch, dit samenstel van eminente mannen was in den grond niets anders +dan het voorbijgaand resultaat van behendige vergelijken; het rustte op +een onstandvastige meerderheid, wier ongelijksoortige beginselen bijna +geen enkel program-artikel gemeen hadden. Ook kon het kabinet niet +regeeren, dan met behulp van eindelooze beloften, temidden van +voortdurende moeilijkheden. + +Nauwelijks was het geformeerd of de Christelijk-historische +afgevaardigde Dr. De Visser weigerde het zijn steun en voegde zich +weder bij de rechterzijde. Terzelfder tijd brachten tusschentijdsche +verkiezingen eenige lichte wijzigingen in de partijsterkten aan. De +Sociaal-democraat Schaper werd gekozen te Veendam en twee Oud-liberalen +namen de plaatsen van twee vooruitstrevenden in. De meerderheid, die +in het geheel niet hecht was, werd het nog minder tengevolge van deze +beweging en veranderingen. Bovendien stond het den heer Pierson tegen, +bestendig op de Socialisten te steunen en hen een te grooten invloed in +het bestuur der zaken te doen nemen. Zoo men echter een meerderheid +van links wilde behouden, moest men wel rekening met hen houden. De +minister kon daar niet toe komen, en in menige omstandigheid nam hij +den steun der rechterzijde aan om zich te kunnen vrijmaken van woelige +elementen van de uiterste linkerzijde; maar zijne politiek leidde hem er +logisch toe slechts toevallige meerderheden te vereenigen, die zoodra +men over beginselkwesties handelde, teloorging; en met dit resultaat, +dat geen der partijen hem als de vertegenwoordiger van hare beginselen +beschouwde. + +In dien toestand had een sterke en geoefende oppositie het lot van +het ministerie in handen; zij kon wanneer zij het wilde den val +veroorzaken. Doch de verstandhouding was nog niet volkomen goed tusschen +de Christelijke partijen. Er bestonden vooroordeelen, verschil van +inzichten en taktiek, die op eenige bijkomstige punten somwijlen de +onafgebroken krachtsaanwending en de eenvormigheid van actie benadeelde. +Voorts leende de rechterzijde zich voor 't meerendeel niet tot dit spel +van ministerieelen moord, dat in vele landen het vermaak was van de +parlementaire oppositie, want wat zij zou hebben verwoest kon zij +niet herstellen. De uitslag zou op niets dan op een onvruchtbare +ministerieele crisis zijn uitgeloopen, in welk geval een Christelijke +regeering niet anders had kunnen doen dan de Kamer onmiddellijk +ontbinden. Zonder uit de rol eener sterke oppositie te treden, +vergenoegde zij zich met toezicht op het ministerie te houden, en op +zijne handelingen krachtige controle uit te oefenen. Deze houding raadde +Mr. de Savornin Lohman voortdurend in zijn dagblad »de Nederlander« aan, +en men moet erkennen dat het de verstandigste was. + + * * * * * + +Door dezen samenloop van omstandigheden en inzichten, vervolgde het +ministerie Pierson zijn weg tusschen rechts en links door, en hield zich +slechts door wonderen van bekwaamheid in evenwicht. + +Het begon de uitvoering van zijn program met persoonlijken +dienstplicht, die in 1890 troebelen en oneenigheid in de Christelijke +Coalitie gebracht had. Het regeeringsontwerp, dat zich voordeed als een +begin van een volkomen hervorming der militaire organisatie, ontmoette +van de zijde der Roomschen denzelfden tegenstand als onder het +ministerie Mackay het ontwerp Bergansius. Bij de andere partijen +ontmoette het geen moeilijkheden. Ook kwam het er gemakkelijk den 2en +Juli 1898 met 72 tegen 20 stemmen in de Tweede Kamer door. Alle +Roomschen hadden tegengestemd behalve Dr. Schaepman, die, hoewel tegen +persoonlijken dienstplicht, toegaf ten gunste van uitzonderingen, in +de wet vervat in 't bizonder van die, welke in het eerste artikel was +omschreven, namelijk van de onmisbare »kostwinners«. Deze aanneming +door het hoofd, die zich zoodoende van zijne volgelingen onderscheidde, +verwekte eenige verwondering en veel critiek in het Roomsche kamp; +gelukkig strekte dit niet zoo ver, dat daardoor de zoo moeilijk +verkregen eenheid der partij verbroken werd. + +Daarna volgden elkander op de ongevallenwet, de gezondheidswet, de +woningwet, die, gemaakt met de medewerking der rechterzijde, er het +merk in verscheidene gedeelten van dragen. Maar het voornaamste werk +van het ministerie was de leerplichtwet, reeds lang in het program der +Liberalen opgenomen; op dit punt concentreerde zich de geheele strijd +der partijen. Antirevolutionairen en Roomschen bestreden met kracht het +regeeringsontwerp. Het scheen hun toe, dat het beginsel van leerplicht +de vrijheid van den huisvader trof in de regeling van het onderwijs +zijner kinderen, en deze vrijheid was de grondslag van hunne +schooltheorie, zooals deze beschreven was geworden door Groen van +Prinsterer; de bizondere school regel, de openbare school aanvulling. De +bespreking duurde lang en de uitkomst van het ontwerp was langen tijd +onzeker. Ten slotte werd het aangenomen met 50 tegen 49 stemmen, dank +zij de afwezigheid van een Antirevolutionair afgevaardigde, den heer +Schimmelpenninck, die van het paard was gevallen en daardoor ziek lag. + +In den loop van deze »tragische wetgeving« zooals Dr. Kuyper haar +noemde, waarbij het kabinet het Hollandsche patriottisme in erge mate +misnoegd maakte, doordat het, ten aanzien der vredesconferentie, een +wijkende houding aannam ten aanzien van Transvaal en Oranje-Vrijstaat, +die toen gewapend stonden tegenover Engeland; waardoor het mede +tengevolge van de scheuring der vrijzinnig-democraten gebeurde, dat +het niet meer dan 40 stemmen ter linkerzijde bezat, deed zich eene +gebeurtenis voor, waarbij de strijd der partijen en het gedruis der +politiek wegstierf. De kleine koningin Wilhelmina had haar achttiende +jaar bereikt. Het oogenblik was gekomen om den scepter van de +voorvaderlijke stadhouders in haar zwakke hand als jonge vrouw te nemen +en op haar hoofd de kroon van Oranje-Nassau. Den 30en Augustus 1898 +legde de koningin-moeder haar regentschap, dat zij acht jaren met +zeldzame bekwaamheid had uitgeoefend, neer. Den volgenden dag nam +Wilhelmina de regeering op en den 6en September d. a. v. legde zij den +eed op de grondwet af in de Nieuwe Kerk te Amsterdam. + +De leerplichtwet was een van de laatste daden van het ministerie +Pierson. Bij de nadering der verkiezingen verdubbelde het zijn ijver en +bood het vele wetsontwerpen aan, waardoor het een handige reclame maakte +in de hoop de volksgunst te verwerven. Deze ontwerpen regelden het +hooger beroep tegen ongevallen-verzekeringen, hadden betrekking op den +openbaren onderstand, op de reglementeering van het arbeidscontract, op +werkliedenpensioen, en besloten met een grootsch plan van de droogmaking +der Zuiderzee. + +De oppositie liet zich niet tot dit terrein verlokken en Dr. +Kuyper wees in zijne rede op de Algemeene Deputatenvergadering der +Antirevolutionaire partij de stelling, die zij te kiezen had. »De +strijd,« zoo verklaarde hij, »moet gestreden worden buiten het kabinet +om, wij moeten strijden zonder ons aan het ministerie te storen alsof +het niet bestond. De eenige vraag, die zich voor het land in de maand +Juni zal voordoen is deze: Zal de meerderheid der Staten-Generaal tot +het Christelijk deel der natie behooren of zal zij blijven aan onze +medeburgers, die onophoudelijk in hun politieke beschouwing met den +Christus Gods hebben gebroken?« + +Van zijn kant opende Dr. Schaepman de campagne der Roomsche partij met +een groote redevoering, waarin hij met alle kracht aanspoorde tot de +»entente cordiale« met de Calvinistische partij, om zoo een einde te +maken aan de liberale heerschappij. + +De Christelijke coalitie had zich steviger en vollediger samengeknoopt +dan tevoren. De nauwe verbintenis was bovendien bewonderenswaardig +voorbereid door een reeks artikelen in de »Standaard« van de +hand van Dr. Kuyper, aangaande de gemeenschappelijke beginselen +bij alle geloovigen. Zij omvatte niet alleen de Roomschen en de +Antirevolutionairen, maar ook nog de Vrij-antirevolutionairen, alsook +vele Christelijk-historischen die Dr. Bronsveld niet getrouw bleven, en +zij nam de verbondsleuze weder op, die zij bij de verkiezingen van 1897 +had aangeheven: »Vóór God, vóór het Evangelie! tegen den leugengeest der +Revolutie!« + +Terzelfder tijd, om de poging van de verbonden partijen krachtdadiger te +maken, beijverden Dr. Kuyper en Dr. Schaepman zich om de mededinging +en verdeeldheid uit den weg te ruimen, waarvan de vijand te vaak +profiteerde. Daartoe stelden zij een systeem van ruiling van stemmen +in, dat hunne tegenstanders een systeem van koopmanschap noemden. +Het was enkel een besluit van tucht en wijsheid, om verlies van +macht te vermijden. Het bestond eigenlijk hierin, om de Liberale of +Socialistische districten onder de verschillende Christelijke partijen +in te deelen, ten einde ze toe te voegen aan degene, die den meesten +kans had, door overal één candidaat te stellen, gesteund door alle +»geloovigen«. + +Er moest voor de rechtsche partijen een soort van evenredige +volksvertegenwoordiging komen, waardoor zij in ruil voor de opoffering +hunner afzonderlijke politiek en voor het aanbrengen van hunne stemmen +in één district, het voorrecht ontvingen een candidaat elders te zien +overwinnen, dank zij de stemmen der bondgenooten. Ofschoon het gezag +der leiders niet sterk genoeg was om dit systeem in het geheele land te +doen aannemen, en de te dien einde aangevangen onderhandelingen niet met +volkomen succes werden bekroond, zij liepen niettemin er op uit, om van +den eersten keer af--wat tot dien tijd toe nog niet gezien was--de +stemmen van de Antirevolutionairen te verzekeren aan de Roomsche +candidaten in de districten, waar de Calvinisten de overwinning op +geenerlei manier konden behalen, bijvoorbeeld Beverwijk. In Friesland +bracht het verdeeling der zetels aan tusschen de verschillende +protestantsche fracties, waaronder de Friesche-Christelijk-historischen; +en daar maakten zij een einde aan de ijverzucht, die de zaak der +Liberalen zoo goed diende. De Christelijke Coalitie had zich dus, door +nieuwe elementen bij haar linkervleugel in te lijven, uitgebreid; zij +had zich aan tucht gewend en was een geduchte macht. + +Ten aanzien van haar waren de Liberalen verdeeld. Het verschil van +gevoelen tusschen de Oud-liberalen en de Unie-liberalen was niet +weggenomen en bovendien was er tweedracht gekomen onder deze laatsten. +De kwestie van urgentie van de grondwetsherziening, ten einde tot +algemeen kiesrecht te komen, was er opgeworpen door het bestuur. Het had +er zulk een onweder doen losbarsten, dat de banden, die de verschillende +elementen verbonden, verbroken waren en dat de meest-geavanceerden zich +hadden teruggetrokken achter de leden van het bestuur aan, om met de +Radicalen de partij der Vrijzinnig-democraten te vormen. De »Liberale +Unie« had zich zoo goed of kwaad als het ging gereformeerd, maar +de verdeeldheid was niet verdwenen. In menige streek stelden de +Vrijzinnig-democraten hun eigen candidaten tegen die der Unie-liberalen +voor. + +Ondanks die oorzaken van zwakheid werden de Liberalen niet ontmoedigd. +Zij behielden heimelijk de hoop, dat de zaken zouden gaan als in 1897. +De eerste keer zou men opnieuw een gedeeltelijke overwinning der +Christelijken zien en later bij herstemming zou de linkerzijde, +vereenigd door de bedreiging van »het clericale gevaar«, het verschil +van gevoelen vergeten, front maken tegen den vijand en de eindelijke +overwinning behalen of tenminste de rechterzijde zoodanig verslaan, dat +het haar onmogelijk zou zijn te regeeren. + +Maar deze keer was hunne verwachting ijdel. De resultaten bij de eerste +stemming waren zoodanig, dat de zege aan de Christelijke partijen +verzekerd was, hoe de herstemming ook liep. Bij den eersten keer hadden +zij 47 zetels bemachtigd en van de 42 herstemmingen liepen er velen in +hun voordeel uit. + +Om hunne nederlaag minder gevoelig te doen worden, moesten de Liberalen +hunne krachten vereenigen en hielpen zelfs de Socialisten in zekere +districten; doch hun meest-pessimistische voorspellingen werden nog +overtroffen en zij kwamen zeer verminderd in aantal en in aanzien uit +den strijd. + +De Socialisten inbegrepen telde de linkerzijde niet meer dan 42 +vertegenwoordigers, waaronder 6 Oud-liberalen, 20 Unie-liberalen, 9 +Vrijzinnig-democraten en 7 Sociaal-democraten. Alle liberale partijen +waren min of meer verslagen, maar geene verloor meer uitmuntende +mannen dan de scheuringspartij van de Liberale Unie, die den naam had +aangenomen van Vrijzinnig-democratisch. De heer Van Gilse, een der +leiders der beweging, door zijn eigen kiezers verloochend, had den moed +gehad zich in Amsterdam IX candidaat te stellen tegen den Unie-liberaal +Lely, minister van Waterstaat, en had er erbarmelijk schipbreuk geleden; +een andere, de heer Veegens, werd te Hoogezand vervangen door een +Socialist en de heer Heldt, voorzitter van het Algemeen Nederlandsch +Werklieden-Verbond, werd om zijn Nieuw-Malthusianisme door de +kiezers van Amsterdam VII verworpen, die Mr. Heemskerk, zoon van den +conservatieven oud-minister en een der leiders van de Antirevolutionaire +partij in de Tweede Kamer verkozen. + +Wat de Socialisten betreft, al wonnen zij ook drie zetels, was toch +hun aanvoerder Mr. Troelstra geslagen in de vijf districten, waar hij +candidaat was gesteld, in 't bizonder in Tietjerksteradeel, welk +district de predikant Dr. Talma na fellen strijd had veroverd. + +De uitslag der algemeene verkiezingen van 14 en 27 Juni 1901 was dus +ongunstig genoeg voor de liberalen. Het ministerie Pierson, dat het +totaal der stemmen van links had opgemaakt, constateerde dat het +onmogelijk was aan het bewind te blijven en legde zonder dralen zijn +ambt neder. + + + + +VIERDE HOOFDSTUK. + +De zege en de toekomst der Christelijke Coalitie. + + +I. + +_Het ministerie Kuyper._ + +De nieuwe verkiezing had de richting der politiek veranderd. Dr. Kuyper +kwam aan het bestuur. Het nieuwe kabinet, waarin hij minister van +Binnenlandsche Zaken werd, bevatte vier Antirevolutionairen, drie +Roomschen en den admiraal Kruys, die tot geen politieke partij behoorde. + +De Antirevolutionairen, die aan de zijde van den premier stonden, waren +Mr. Van Asch van Wijck, Koloniën, Mr. de Marez Oyens, Waterstaat, en +Melvil van Lijnden, Buitenlandsche Zaken. + +Door hunne waarde en door het gewicht der portefeuilles, die hun waren +toebetrouwd, maakten de Roomsche leden van hun kant een goede figuur +in het Christelijke Kabinet. Generaal Bergansius, wiens militaire +bekwaamheid algemeen bekend was, die reeds zijne kracht had doen +gevoelen in het ministerie-Mackay, nam Oorlog, de heer Harte van +Tecklenburg, de leider der groep Protectionisten in de Kamer, ontving +Financiën, en voor Justitie gaf zich een jong talentvol rechtsgeleerde, +Mr. Loeff. + +Het ministerie werd krachtig door eene meerderheid van rechts gesteund. +In de Tweede Kamer beschikte het over 58 stemmen, waarvan 25 Roomschen +en 23 Antirevolutionairen, die geheel te zijnen dienste waren. Bovendien +schonken de acht Vrij-antirevolutionaren, die De Savornin Lohman en +baron Mackay omringden, het kabinet een vertrouwen in beginsel, dat +onvoorziene voorvallen alleen konden doen verdwijnen. Tot aan de +Christelijk-historischen breidde zich dit niet uit, want de heeren De +Visser en Schokking besloten niet het te steunen. De premier kon dus +zonder vrees de politiek invoeren, waarvan hij de groote lijnen had +afgeteekend toen hij leider der partij was. + +De Eerste Kamer was echter in meerderheid liberaal gebleven en kon +stelselmatig weigeren, haar stem te geven aan alle wetten, die haar +toeschenen al te sterk tegen de beginselen, die tot dien tijd in de +wetgeving des lands in eere waren, in te gaan. Maar deze hinderpaal +bestond meer in schijn dan in werkelijkheid, want bij een eventueele +ontbinding van de Eerste Kamer zou daar noodzakelijk de Liberale +meerderheid in een onmachtige minderheid veranderen. + +Inderdaad schonken reeds de eerste maanden van 1901 de Provinciale +Staten, die de kiescolleges vormen voor de benoeming van leden der +Eerste Kamer, eene meerderheid aan de Christelijke partijen. + +Reeds lang waren vijf provincies hun getrouw, maar de zes andere bleven +onder de liberale heerschappij. + +Welnu in 1898 hadden de Roomschen, in vereeniging met de +Antirevolutionairen in Zuid-Holland dertien zetels bemachtigd en de +liberale meerderheid met tien stemmen verminderd. In 1901 waren zij zoo +gelukkig om er de overwinning te voltooien en de Gedeputeerde Staten te +veroveren. + +Daardoor nu waren hun tien mandaten van de Eerste Kamer tebeurt gevallen +en daarmee de zekere meerderheid in de Eerste Kamer. Maar naar den +gewonen regel kwam deze omzetting niet dadelijk tot haar recht; daar +de Eerste Kamer, zooals in Frankrijk, slechts bij een derde gedeelte +tegelijk vernieuwd werd, moest men eenige jaren wachten om haar geheel +vernieuwd te zien; doch zoo in dien tusschentijd eene ontbinding +voorkwam, was de overgang vanzelf verkregen. + +Ten slotte kon niets ernstiglijk het nieuwe ministerie in zijne +handelingen tegenhouden. + +In de troonrede van dat jaar werd het regeeringsprogram als volgt +uiteengezet; zij stemde namelijk de noodzakelijkheid toe, den zedelijken +en stoffelijken staat van het Nederlandsche volk te verbeteren, zich +daartoe grondende op de Christelijke grondslagen van het nationale +leven. + +Daarna kwam de opsomming van voorgestelde verbeteringen, waaronder +opgemerkt werden de grootere vrijmaking van onderwijs, de herziening +van de wet op de Zondagsrust, de beteugeling der nationale zonden van +spel en dronkenschap, de voltooiing van het ambachtsonderwijs en de +reglementeering van den leertijd, de herziening van de wet op het +arbeidscontract, de invoering van de verplichte verzekering tegen de +gevolgen van ziekte, invaliditeit en ouderdom enz..... + +Een buitengewoon-groot program. Tal van beloften van sociale +verbeteringen. Zonder haar critiek te sparen, constateerde de liberale +pers met voldoening, dat het program niet uitdrukkelijk een werk van +reactie was tegen de aangenomen wetten van het voorgaande ministerie en +oordeelde het de aandacht van het volk waardig. Het Handelsblad vroeg +zich met zekere ongerustheid af, of het niet een nieuwe periode van de +staatkundige geschiedenis van Nederland was, die begon; en de Nieuwe +Rotterdammer Courant voegde er, zonder de waardij van deze eerste +handeling van de ministerieele politiek te loochenen, met een +sceptischen inval aan toe: »Het zijn niet de woorden, die van belang +zijn, maar de daden!« + +Het ministerie zette zich dadelijk met den ijver van een nieuweling +aan het werk en de daden bleven niet uit om de woorden te staven. +Bekwamelijk gesteund door zijne collega's en bijzonder door Mr. Loeff, +minister van Justitie, werkte Dr. Kuyper een reeks wetsontwerpen uit en +stelde ze voor, om zoo zijn program in werking te stellen. En het werk +in de Tweede Kamer begon ernstig en waardig. + +De werkzaamheid was zoo groot, dat drie jaren later 24 November 1904, +zijn leider Dr. Kuyper hun, die klaagden over de schraalheid van den +wetsoogst, kon antwoorden met de lijst van wetsontwerpen, die in zijn +program waren neergelegd. Er waren er meer dan dertig; verscheidene +waren reeds door de Staten-Generaal goedgekeurd, en vele, die nog in +wording waren, zooals het wetsontwerp op het werklieden-pensioen, dat +ter herziening van het tarief van invoerrechten, en dat hetwelk het +onderwijs in zijn verschillende graden regelde, waren van bizonder +belang. + + * * * * * + +Aan het Christelijke ministerie echter waren de kritiek en de +moeilijkheden niet bespaard gebleven bij de vervulling van de groote +taak, die het op zich had genomen. + +Na in het begin zich tot een verstandige afwachtende houding te hebben +beperkt, hadden de Liberalen niet lang gedraald, zich tegen het +ministerie te stellen. + +Ieder jaar bracht de financieele begrooting, die door eene bespreking +over de algemeene politiek voorafgegaan wordt, hunne verwijten met zich +mede en wel bijna altijd dezelfde: + +»Gij maakt voor uwe politiek aanspraak op de titel van Christelijk,« +zeiden zij tegen Dr. Kuyper, »maar wat speciaal Christelijks is er in +de wetten, die gij voorstelt? Waarom hebt gij recht op dat monopolie?« +Hetgeen de leider van het kabinet terstond beantwoordde met: »Om te +beoordeelen of de aangeboden wetsontwerpen de Christelijke beginselen +bekrachtigen of verwerpen, moet men zich niet beroepen op het denkbeeld, +dat sommige leden zich schijnen te maken van specifiek-Christelijk, maar +alleen op het begrip, dat de Christelijke partijen zelve er van hebben. +Het is niet het mystieke element van het Christendom, dat hier in het +spel is, maar alleen de verplichtingen, die voortvloeien uit den +Christelijken godsdienst voor het burgerlijke leven en in 't bizonder +voor het leven van den staat.« + +En als zij er aan toe voegden: »Aan het einde van de hedendaagsche +wetgevende periode zal er slechts een klein deel van de taak, aangewezen +in het program van 1901, zijn verwezenlijkt, en dat, omdat het +ministerie standvastigheid en vlugheid ontbreekt," antwoordde Dr. +Kuyper niet zonder ironie: »Ik heb nooit voorgewend de uitvoering van +het ministerieele program in vier jaren te zullen voltooien. Ik heb +daarentegen altijd gezegd, dat er eene periode van acht jaar noodig was +om het in vervulling te brengen. Zoo gij op algeheele uitvoering staat, +dan is er een eenvoudig goed middel, n.l. bij de verkiezingen van 1905 +de meerderheid voor de Christelijke partij te laten en het ministerie +aan het bewind te houden tot 1909". + +Natuurlijk verweet de linkerzijde het ministerie dat het een politiek +van reactie, een politiek van godsdienstige verdeeldheid bleef volgen. +Zij verweet het bits de natie vanéén te scheiden en tegenover de +geloovigen de ongeloovigen, de atheisten, te stellen, terwijl in +werkelijkheid deze verdeeling een onloochenbaar feit was, dat de +regeering zich bepaalde te constateeren. Maar, waar de beschuldigingen +het heftigste waren, dat was als er benoemingen voor openbare ambten +en bizondere burgemeestersbenoemingen aan de orde waren. De Liberalen +verweten het ministerie partijdig te zijn, door in het wilde +voorstanders van zijn eigen politiek te benoemen en candidaten, +verdacht van Liberalisme en vooral van Socialisme, van de voordracht +te schrappen. + +Dr. Kuyper had ook op dit punt geene moeite om zijn gedrag te +rechtvaardigen. De vorige ministers, zeide hij, hebben bijna +stelselmatig de leden der Christelijke partijen over 't hoofd gezien. +Zij hebben dus een onrechtvaardigheid begaan, die ik zoek te herstellen, +mij grondende op dit feit, dat voor de benoemingen van burgemeesters en +nog anderen, men vóór alles moet nagaan of de aangeboden candidaten +beantwoorden aan den staat van het algemeen gevoelen van de gemeente, +die zij moeten besturen. Het kan in de gedachte van niemand opkomen, +voegde hij er aan toe, om aan het hoofd van gemeentebesturen in Limburg +Protestanten te willen plaatsen en in de provincie Groningen Roomschen. +Zoo moet de regel zijn en zoo is de regel geweest, waarnaar door +het ministerie gehandeld is. Bovendien, niemand kan ontkennen, dat +verschillende leden van de oppositie tot hooge functies zijn benoemd. +Dit dient om de aantijgingen, dat de voorstanders van de liberale leer +stelselmatig terzijde zijn gelaten, te logenstraffen. + +Op die manier vervolgde Dr. Kuyper, al strijdende tegen tegenstanders +die hem trachtten af te matten, onvermoeid zijnen weg, front makende +tegen zijne vijanden met een kracht, die geen oogenblik verminderde. +Zijn altijd bekwame, somswijlen snijdende replieken volgden den aanval +op den voet. + +Men moet zeggen, dat in dezen onophoudelijken strijd de meerderheid +het ministerie getrouw ondersteunde. Bewonderenswaardig was het, dat +gedurende de vier jaren van het bewind nooit de rechterzijde verdeeld +werd, nooit het christelijk verbond een oogenblik zelfs verslapte. +Het vervolgde zijn weg met kracht, de oogen op het gemeenschappelijk, +wèl-belijnd program en onder de leiding van den aanvoerder, gaf het +bestendig blijk van de nauwst-verbonden vereeniging en van de +verstandigste tucht. + + * * * * * + +Zonder dezen steun overigens was het onmogelijk voor het bewind geweest +om de groote moeilijkheden, die het op zijn weg ontmoette, te +overwinnen. + +De eerste moeilijkheid was de algemeene werkstaking van de +spoorwegmannen, die in het begin van het jaar 1903 oproerige +gebeurtenissen veroorzaakte. Deze geweldige beroering had haar +oorsprong in het feit, dat de werklieden van verscheidene +expeditievereenigingen te Amsterdam hun werk in de maand Januari +verlieten, onder het voorgeven dat deze vereenigingen geen leden van +het machtige verbond van transportarbeiders in hun dienst wilden hebben. +Uit solidariteit verbreidde zich de beweging tot het personeel van de +spoorwegmaatschappijen. Op bekwame wijze voorbereid brak de werkstaking +den 31en Januari in dezen tak van vervoer uit, zoo plotseling, dat +zij de geheele wereld verraste. De regeering ontbrak elk middel om te +handelen tengevolge van de minimum-vermindering van het staande leger; +de maatschappijen hadden niet het minste vermoeden van deze gebeurtenis; +de leden der christelijke werkliedenvereenigingen waren behendig +medegesleept door de socialistische leiders. In deze omstandigheden niet +machtig genoeg, om de orde te handhaven, en te kunnen tusschenbeiden +komen, onthield zich de regeering daarvan, en de maatschappijen gaven +dadelijk op het gezicht van de algemeene wanorde, die hun tegenstand in +den handel en de nijverheid des lands zou veroorzaakt hebben, toe. + +Maar het ministerie, hoewel een oogenblik ontsteld, nam maatregelen om +te verhinderen, dat gebeurtenissen van dezen aard, die Nederland aan een +algeheele en langdurige verwarring konden prijsgeven, weder voorkwamen. +Het diende onverwijld wetsontwerpen in tot krachtige bescherming van +de vrijheid van arbeid tegen het geweld der werkstakers; tot militaire +bewaking van de spoorwegen, opdat het onmogelijk zou zijn in de +toekomst, dat beambten bij dezen openbaren dienst het werk zouden +neerleggen; en tot instelling eener commissie van enquête om den +toestand van de spoorwegbeambten te onderzoeken en de grieven, die +rechtvaardig bleken, zooveel mogelijk weg te nemen. + +Op de aankondiging van de regeeringsontwerpen, die, zeiden zij, de +arbeidsklassen moesten overweldigen, worgen en muilbanden, roerden zich +de socialistische werklieden organisaties en bereiden zich voor op de +grootste krachtsaanwending, die ooit is geschied. Den 19en Februari +vereenigden zich te Utrecht 40 werklieden-organisaties om een Comité +van verweer op te richten, waarin de S. D. A. P. en de Anarchistische +socialisten hand aan hand gingen. + +In 't openbaar waarschuwde dit Comité, dat, indien de Kamers niet +onmiddellijk de aangeboden wetsontwerpen verwierpen, zij tot de +uiterste maatregelen zouden overgaan; maar zijn geschreeuw en zijne +bedreigingen konden het ministerie niet afschrikken en de bespreking +ging bijna zonder onderbreking door. Ziende dat van deze zijde de +gedane waarschuwing niets uitwerkte, besloot het Comité van verweer +den 2den April te Amsterdam op voorstel van Troelstra tot een algemeene +werkstaking in de middelen van vervoer. Vier dagen daarna brak zij uit, +namelijk in den nacht van 6 April, vier en twintig uren eerder dan men +ze verwachtte. + +Dr. Kuyper echter had dit alles voorzien. In overleg met generaal +Bergansius had hij krachtige maatregelen genomen om deze politieke +werkstaking tegen te gaan; de miliciëns werden onder de wapenen +geroepen, een plan van organisatie werd tot in de fijnste détails +uitgewerkt, en op den morgen zelf na den beruchten nacht, +toen het wachtwoord van werkstaking tot alle revolutionaire +werklieden-vereenigingen was doorgedrongen, vonden de werkstakers +alle stations bezet met troepen, de lijnen bewaakt, de belangrijkste +bruggen bezet met oorlogsschepen en de bediening der treinen goed +verzorgd door Christelijke werklieden, die met behulp van militairen, +leerling-ingenieurs of leerling-machinisten hun werk hadden terhand +genomen. + +De groote krachtsinspanning, door de Socialisten van allerlei soort +aangewend, stuitte af op de energie der regeering. + +Om de nederlaag te verkleinen, breidde het comité van verweer de +werkstaking tot andere vakken uit, maar het werd spoedig verplicht zich +overwonnen te verklaren en aan de ongelukkige arbeiders, die aan de +algemeene werkstaking meegedaan hadden, order te geven tot hervatting +van den arbeid. + +Zoo eindigde met de aanneming van de wetsontwerpen deze woeling, die Dr. +Kuyper »misdadig« noemde, en wier verwoestende gevolgen hij gelukkig +afwendde door zijn volhardende ijver en vastheid van hand. + + * * * * * + +Deze storm was nauwelijks bedaard, toen een andere van gansch anderen +aard opstak. De aanneming van de beteugelende voorzorgsmaatregelen was +verkregen en het gevaar der werkstaking geweken, toen de Staten-Generaal +op reces ging. Bij den terugkeer kwamen de wetsvoorstellen in +behandeling, die moesten dienen om het onderwijs meer vrij te maken; in +'t bizonder het ontwerp van het Hooger Onderwijs. De Tweede Kamer nam +het zonder ernstigen tegenstand aan, maar bij de Eerste Kamer gelukte +het niet. De liberale meerderheid verhief zich met kracht tegen de +artikelen van het ontwerp en in 't bizonder tegen artikel 5, dat aan +vrije universiteiten het recht om graden te verleenen toekende. In het +voorloopig verslag drukte zij haar voornemen uit om aan de regeering +hare medewerking voor de beoogde hervorming te ontzeggen, maar men wist +nog niet of dit een volstrekte verwerping beteekende. Het ministerie +volhardde van zijn kant om zijn wil door te zetten. Het stootte toen +op een vaste oppositie van de liberalen, die bij monde van een hunner, +Van Boneval Faure, eischten dat het ontwerp zou teruggetrokken worden +en het kabinet zich in de neutrale zône zou bewegen. Misschien hoopten +zij zoodoende Dr. Kuyper te doen aftreden en door den drang der +omstandigheden zelf de macht in handen te krijgen. De redevoeringen +van de sprekers van links, de verklaring van de meerderheid, die +onafgebroken in hare weigering volhardde om het hooger onderwijs volgens +de inzichten der Tweede Kamer te organiseeren, de stemming, die volgde +en die de voorspelling van de verwerping bevestigde, dat alles maakte +een groot bezwaar uit. + +De toestand van de regeering was werkelijk critiek. Ze kon noch wilde +van haar hervormingswet van het hooger onderwijs afstand doen, want dat +beteekende een der belangrijkste deelen van haar program op te offeren. +Van toen af bleef haar niets anders over dan keuze tusschen twee +uitersten: aftreden of de Eerste Kamer ontbinden. + +Zeker de aftreding van het ministerie zou de crisis wegnemen, maar zij +zou niet definitief het conflict tusschen de beide Kamers uit den weg +ruimen. De eerste daad der Liberalen, wanneer zij de macht weder in +handen zouden nemen naar de gewone parlementaire beginselen, moest de +ontbinding van de Tweede Kamer zijn; en men wist niet hoe het volk op +dezen maatregel zou antwoorden... Het kon gebeuren, dat het wederom +een meerderheid van rechts naar de Tweede Kamer zond. Bovendien zelfs +wanneer men op een tegenovergestelde gebeurlijkheid rekende, was de +Eerste Kamer toch niet de uitdrukking der denkbeelden van de lichamen, +die haar afvaardigden, namelijk de Provinciale Staten, en de liberale +leer moest noodzakelijk binnen korten tijd er in de minderheid zijn. De +verkiezingen van 1905 moesten de Eerste Kamer op het doode punt brengen +van 25 tegen 25, die van 1908 er een meerderheid voor de Christelijke +Coalitie in verzekeren. Op dit oogenblik kon men wel alles op het spel +zetten en hetzelfde conflict zou toch weder in een anderen vorm en in +omgekeerde orde tevoorschijn komen. + +Ter anderer zijde zou de ontbinding der Eerste Kamer niet geschieden +zonder ernstige tegenwerpingen zelfs van de flinkste voorstanders van +het ministerie. Zou het niet voor de Eerste Kamer eene schending zijn +van haar traditioneel karakter als regelend lichaam, dat de zaken +verstandig overweegt, zooals zij naar den wensch der grondwet is +ingesteld buiten den al te levendigen strijd der partijen en +hartstochtelijke incidenten? Zou het niet beteekenen ondermijning +van haar gezag, wegneming bijna van de reden van bestaan van deze +instelling, die geroepen is om bestendigheid aan den wetgevenden +arbeid en aan de staatsmachine te schenken, en haar voor de toekomst +onderwerpen door dit precedent aan alle politieke avonturen en aan alle +wisselvalligheden van de veranderlijke meerderheid? + +In één woord, zou de Eerste Kamer, die sedert 1848 op een soort van +voetstuk was gezeten, niet daarvan afgetrokken worden om zich in den +strijd te mengen, waar zij noodzakelijk in achting verminderd, misschien +ten doode gedoemd, zou uitkomen? + +Deze overwegingen, waarbij nog bij sommigen de vrees kwam, dat deze +daad van gezag slechts een bedroevend effect op het volk zou hebben, +kon de regeering echter niet tegenhouden. Dr. Kuyper dacht, dat het +ontzag voor een gekozen lichaam nooit meer verzwakt wordt, dan wanneer +de zekerheid is verkregen, dat het zijn politiek fondament in zijne +lastgevers heeft verloren, en hij nam het besluit tot ontbinding van de +Eerste Kamer. De verwerping van het wetsontwerp had plaats gevonden op +den 14 Juli 1904; terwijl het koninklijk besluit van ontbinding den 19en +Juli verscheen, en den 3en Augustus 1904 gaven de verkiezingen aan het +kabinet een meerderheid van 31 tegen 19 stemmen. + +Dezen keer nog had de geestkracht van den eersten minister den +tegenstand verbroken. Het plan der Liberalen had gansch en al schipbreuk +geleden en hun tegenstand had slechts gediend om de overwinning van +hun geduchten vijand vollediger en gemakkelijker te maken. Maar deze +staatsgreep, zooals zij deze eenige episode in de parlementaire +geschiedenis van Nederland noemen, vermeerderde hunne vijandschap +tegenover den man, die de teugels van het bewind hield. + +De nadering van de verkiezingen maakte hen nog onverzoenlijker. De +oppositie bereidde er zich lang en scherp op voor, zette alles op haren +en snaren, en gaf aan den strijd een gewelddadig karakter, totnutoe +ongekend in de Nederlandsche verkiezingen. + +Temidden van de hitte van den strijd en van deze voorbereidingen voor de +wraakneming, vertoonde zich het ministerie voor de kiezers met de handen +vol van den wetgevenden oogst, die door den vierjarigen regeeringsarbeid +was behaald, en met opgehoopte goede verwachtingen voor de toekomst. Het +had de tenuitvoerbrenging van verschillende wetten verzekerd, die hoewel +onder het voorgaand kabinet aangenomen, nog niet in toepassing waren +gebracht; in 't bizonder: de ongevallenwet, de legerwet en de wet op +de landweer, alsmede die op de volksgezondheid. Het had verschillende +belangrijke wetsontwerpen beëindigd, zooals de vaststelling van het +militaire strafrecht en de wettelijke regeling van de discipline in +het leger, de beteugeling van werkstakingsmisdrijven, gedeeltelijke +wijziging van het onderwijsregime, de procedure van het hooger beroep +op gebied van ongevallenverzekering, de herziening van de gemeentelijke +en van de provinciale wet, de decentralisatie van de regeering van +Nederlandsch Indië en de hervorming van de comptabiliteitswet, de +wetgeving tegen het alcoholisme, enz... Het kon bijgevolg zijn werk +onderwerpen aan het oordeel van het kiezerscorps zonder de systematische +verdachtmaking van zijne tegenstanders te vreezen. + + +II. + +_De verkiezingen van 1905.--De overwinning van de linkerzijde._ + +De kiezerscampagne werd geopend met de openbaarmaking van het +gemeenschappelijk program van actie, vastgesteld door de Liberale Unie +en den Vrijzinnig-Democratischen Bond. Hunne verdeeldheden van af het +begin van 1901 hadden op bizondere wijze de zaak van hunne tegenstanders +gediend. Dezen keer namen zij zich bijtijds voor, alle mogelijke +geschillen te onderdrukken en van den 21en Januari 1903 af gingen zij +eene Unie aan op zoo wijd terrein, dat zij hoopten te zien, dat zich aan +hunne zijde de andere fracties van links zouden opstellen, van af de +Oud-liberalen tot aan de Sociaal-democraten. + +Hun zeer kort en zeer handig program had dezen voornaamsten inhoud: +ontwikkeling van de openbare school, sociale hervormingen, reorganisatie +van het leger en een volksleger, besparing van financiën, instelling van +een redelijker systeem van directe belastingen en vooral herziening van +de grondwet. Op dit laatste punt, het belangrijkste, hadden de leiders, +de heeren Goeman Borgesius en Marchant al de hulpmiddelen van hun +vruchtbaren geest in werking gebracht om niemands neigingen te kwetsen. +Wat zij wilden, dat was niet de totale herziening van de grondwet, maar +alleen die van artikel 80, dat het kiesrecht binnen grenzen opsloot, +die de wetgever niet kon overkomen. + +Om dit doel te bereiken moest men met overleg handelen, want de +linkerzijde had verre van eenzelfde opinie over den zin van deze +gedeeltelijke herziening. De Oud-liberalen vonden de grenzen te wijd +getrokken; de Liberale Unie had zich kortelings verdeeld ten aanzien +van de kwestie, of het wel de tijd voor deze hervorming was; en men wist +het, dat de Sociaal-democraten voor allen en tegen allen in het algemeen +kiesrecht eischten. + +In deze omstandigheden een oplossing te vinden, die allen kon +bevredigen, was bizonder moeilijk. Zich te verklaren vóór het algemeen +kiesrecht, dat was den rechtervleugel van de liberale troepen van zich +te vervreemden; zich voor het beperkte kiesrecht te verklaren, dat was +den mogelijken steun van de uiterste linkerzijde zich te ontzeggen. Men +had alle krachten en aller medewerking, waar zij ook vandaan kwamen, +noodig om te overwinnen. + +In dit dilemma vonden de heeren Goeman Borgesius en Marchant op +vernuftige wijze een schoone oplossing: Men zou herziening aanvragen, +maar men zou zich wel voor uitlegging wachten. Men zou dan uitsluitend +bedoelen om uit artikel 80 de bestaande beperking door te streepen en +men zou aan de Tweede Kamer volle vrijheid laten om het kiesrecht naar +haar zin te regelen. Op zulk eene wijze zou de grondwet zelve aan den +gewonen wetgever een blanco pagina verschaffen, waarop hij vervolgens +kon schrijven, wat hij wilde. Men hoopte, dat iedere partij zich +bevlijtigen zou dit blanco artikel te eischen, in de hoop hare eigen +begrippen er op te doen schrijven. De Vrijzinnig-democraten verheelden +niet, dat in navolging van de Socialisten zij er het algemeene kiesrecht +begeerden te zien, maar niets verhinderde, naar men geloofde, de +Oud-liberalen te eischen dat er iets anders op geschreven zou worden. + +Niettemin bracht deze oplossing, die tot niets besloot, niet al +de resultaten teweeg, die men er van verwachtte. Zij voldeed de +Vrijzinnig-democraten niet. Zij vermocht niet het wantrouwen en de +halsstarrigheid van de Oud-liberalen weg te nemen, van hen, die over +'t geheel zeer begeerig waren om de wapenen, zooveel gebruikt als zij +waren, in het grondwettig arsenaal te laten om er richtingen, die hen +buiten zinnen brachten, mede te bestrijden. + +Overigens waren zij in dit voorstel niet geraadpleegd en hun voorzichtig +conservatisme maakte er zich ongerust over. Hierdoor wordt verklaard, +waarom in hun manifest aan de liberale kiezers, in de Nieuwe +Rotterdammer Courant op den 18en Februari 1905 gepubliceerd, zij +verklaarden, dat het niet wenschelijk was, dat eene herziening van +de kieswet op den voorgrond werd gesteld, met de bedoeling om een +voorloopige en noodzakelijke hervorming van de grondwet tot stand +te brengen. Evenwel spraken zij zich in een andere passage uit +ten gunste voor een geleidelijke uitbreiding van het kiesrecht in +overeenstemming met de toeneming van de verstandelijke ontwikkeling +en van de stoffelijke onafhankelijkheid van de burgers. Het geheele +manifest proclameerde de noodzakelijkheid om front te maken tegen +het christelijke gouvernement, en hun verlangen zich ten behoeve der +gemeenschappelijke actie met de groepen van den meer of minder liberalen +stam te verstaan. Maar zij wilden met hun eigen program tot den vijand +gaan en konden in dit oogenblik tenminste het niet verlaten, om de hand +naar de uiterste linkerzijde uit te strekken, naar de Socialisten, +waarvoor zij vreesden als voor de nachtmerrie. + +Zij waren gereeder van gedachten, dit beslissende gebaar niet te zullen +maken, want men gevoelde reeds, zooals een van hen, de heer Van Houten, +later erkende, dat voor hen het beste was de Roomsche Kerk en hare +bondgenooten te bestrijden. »Men moest vóór alles«, zoo trachtte de heer +De Louter te bewijzen, »zich vrijmaken van de clericale heerschappij, +die werkelijkheid was, terwijl de socialistische heerschappij slechts +een hersenschim is«. Voor het oogenblik bepaalden zij zich er +toe hun eventueelen steun aan de Unie-liberalen en zelfs aan de +Vrijzinnig-democraten toe te zeggen. + +Zonder volkomen voldaan te zijn over deze vorderingen, die zij stelliger +en onbepaalder hadden gewenscht, maakten deze laatsten er staat op voor +een vollediger liberale concentratie. Intusschen hadden de Liberale +Unie en de Vrijzinnig-democratische Bond, na de districten onder hunne +candidaten verdeeld te hebben en zoo de kans van slagen het grootst te +hebben gemaakt, aan hunne comité's hetzelfde wachtwoord gegeven, hoewel +met eenige verscheidenheid. »Geen candidaten stellen«, zoo was het +eerste »tegenover oud-liberale afgevaardigden, die in 't bezit van een +zetel zijn. + +»Zich er van te onthouden om candidaten er tegenover te stellen«, zoo +luidde het tweede, »zoodra zal blijken, dat de zetel ernstig gevaar zou +loopen in de handen van de confessioneele partijen te geraken.« + + * * * * * + +Tegenover de liberale concentratie, die zich langzamerhand nauwer +aaneensloot, had de Christelijke coalitie zijne stellingen ingenomen. + +In een schoone rede had de heer Kolkman, die Dr. Schaepman was opgevolgd +aan het hoofd van de Roomsch Katholieke Kamerclub, de noodzakelijkheid +doen uitkomen van nauwe vereeniging met de Antirevolutionairen, om +de zege van de Christelijke ideeën te voltooien, om de ramp van een +staat zonder God te vermijden. En de algemeene vergadering van de +Roomsche kiesvereenigingen had besloten om hare candidaten met dit +eenvoudig program voor te dragen: Handhaving van de Christelijke +regeeringsmeerderheid en trouwe medewerking tot vollediger uitvoering +van het regeeringsprogram, zooals dat in de Troonrede van 1901 is vervat +geweest. + +Aan den anderen kant stelde zich de Deputatenvergadering van de +Antirevolutionaire partij op hetzelfde standpunt, en Dr. Bavinck, aan +wien Dr. Kuyper de leiding der partij had overgedragen, drukte in zijne +uitnoodiging van de kiezers tot den heiligen strijd zijn vertrouwen uit +op de overwinning. + +Waarlijk, alle kansen schenen aan de zijde van de rechter-coalitie te +liggen. Nooit was de verstandhouding tusschen de verbondenen beter +geweest. Evenals in 1901 hadden zij de districten onder elkander +verdeeld, om boosaardigen wedijver en versplintering der krachten te +vermijden. Deze politieke verdeeling had men ook toegepast op de nieuwe +Christelijk-historische partij van de heer De Savornin Lohman en Dr. +De Visser en op de Friesch-Christelijke-historischen. Ds. Bronsveld +bleef wel is waar in zijne vijandschap tegenover het »monsterverbond« +volharden, maar zijn gezag was zeer verzwakt door de breuk met Dr. +de Visser; en zelfs degenen, die eertijds aan zijne zijde Dr. Kuyper +bestreden hadden, zooals Ds. Buitendijk, verlieten hem om zich wederom +in 't openbaar met de Christelijke politiek van de rechterzijde te +vereenigen. + +Er was wel van de Antirevolutionairen onder de leiding van den heer +Staalman, afgevaardigde van den Helder, een nieuw deel afgegaan, dat +zich Christelijk-democratisch noemde, maar zij waren zeer klein in getal +en er was naar men geloofde geen reden, om zich met hen te bemoeien, +dewijl hun politiek en hun overdreven eischen hun ondergang voorspelden. + +De toestand was dus bizonder gunstig. De rechtsche meerderheid bezat 58 +zetels, waarvan slechts weinige ernstig bedreigd werden. Er was alle +grond om dadelijk bij de eerste stemming op een gemakkelijke overwinning +te hopen. Op zijn slechtst genomen, kon de rechterzijde zeven zetels +verliezen, zonder dat de macht in andere handen zou overgaan, en verloor +zij meer, dan was het absoluut zeker, dat de liberale concentratie nooit +genoeg zou winnen, om tot de samenstelling van een ministerie te geraken +zonder verplicht te zijn den steun van de Sociaal-democraten te zoeken +en zonder de Kamer dicht bij het doode punt te brengen, dat haar reeds +eenmaal als een gek om zijn spil had doen draaien. + + * * * * * + +De strijd was hard en ging met eene ruwheid gepaard, zooals geen enkele +vorige verkiezing had doen zien. De taktiek der Liberalen bestond +daarin om al de grieven te vergaderen en ze opnieuw op te wekken. +Terzelfder tijd dat zij zich stelden tegen het clericalisme en tegen +de godsdienst-oorlogspolitiek, die naar zij zeiden gepredikt was door +het gouvernement, legden zij er zich op toe om de oude strijd tusschen +Protestanten en Roomschen aan te wakkeren. Terwijl sommigen een +rechtstreeksche charge uitvoerden onder leiding van den heer Van Houten +tegen de Roomschen, die zij ervan beschuldigden, dat zij met hulp van +hun eigen secten de Hervormde Kerk wilden verwoesten, deden de anderen +op zeer handige wijze een zijdelingschen aanval op hen, door hun +de beleedigingen te herinneren, die zij tevoren van de kant der +Antirevolutionairen hadden moeten ondergaan. En allen tegelijk vielen +Dr. Kuyper met woede aan, dien zij »een ramp voor het land« noemden. +Alle critiek, alle wrok, die zij bijeen hadden vergaderd tegen +dezen man, die in hunne oogen een politiek van onverzettelijkheid en +krachtige actie voerde, werd den vrijen loop gegeven en rumoerige dagen +braken voor het land aan. Tot dezen stormloop vereenigden zich al de +ontevredenen, al degenen die maar eenigermate en te eeniger tijd zich +over Dr. Kuyper hadden te beklagen gehad, hetzij tegenover hem als +kerkhervormer, als journalist, als staatsman of als minister-president. + +Zoo werd het 16 Juni 1905. De resultaten van dezen dag, waarop in geheel +Nederland de verkiezingskoorts woedde, maakten alle voorspellingen +ijdel. Naar de berekeningen, die op dat tijdstip waren gemaakt, hadden +zich van de 617.760 kiezers, die deelgenomen hadden aan de stemming, +332,763 uitgesproken voor de regeeringspolitiek en 283.907 tegen haar. + +Toch bereikte de rechtsche partij het gedachte succes niet, want +44 van hare candidaten slechts kwamen als overwinnaars uit de +stembus tevoorschijn, terwijl zij minstens 48 hadden verwacht, en +van dezen waren er slechts 13 Antirevolutionairen tegen 23 Roomschen, +7 Christelijk-Historischen en 1 Friesch-christelijk historische +vertegenwoordiger. De heer Staalman had zijn eigen candidatuur in vele +districten gesteld, met de bedoeling herstemmingen te veroorzaken, +waaruit hij met goed fatsoen zou tevoorschijn komen, maar hij zag zich +met zijn weinige aanhangers gansch bedrogen uitkomen. Inplaats van +een voldoend stemmencijfer voor de Christelijk-democratische partij +te halen, werd hij nog in zijn eigen district, den Helder, verslagen +door de radicaal Gerritsen. Zijne nederlaag, hoe verdiend ze ook was, +beteekende niettemin het verlies van een zetel voor rechts. Een ander, +dat voor haar nog gevoeliger was, werd haar toegebracht in het district +Gorkum, waar de opvolger van den Antirevolutionair Seret werd geslagen +door den oud-minister Pierson. + +De linkerzijde van haar kant verloor de Unie-liberaal Lieftink, die +er voor doorging in den oosthoek van Holland geliefd te zijn, wiens +grootredenaar hij geweest was, of nog was. Desniettemin verkreeg zij +bij de eerste ontmoeting 16 zetels meer dan 14 Juni 1901. Het was niet +genoeg om victorie te roepen of zich te vleien, dat men de ministerieele +meerderheid krachtig zou doen verdwijnen. Alle reden was er voor, om +daarentegen te denken dat de rechterzijde voor de tweede keer minstens +een voldoende meerderheid zou erlangen om de macht te behouden. Twee +districten waren reeds zeker voor haar behouden, die van Grave en +Zevenbergen, waar alleen Roomschen met elkander in herstemming kwamen. + +In vele andere, in Sliedrecht, Kampen, Sneek en Leiden, was het getal +der rechtsche stemmen grooter dan dat van al de liberale stemmen. Meer +nog in Enschede had een Roomsche grooten kans van slagen, en men kon op +het succes der Antirevolutionairen in veel andere districten hopen. +Maar hier hing alles af van de houding der Oud-liberalen en der +Sociaal-democraten. + + * * * * * + +De strijd hernieuwde zich met des te grooter vuur, naarmate het +beslissend oogenblik naderde. Hij werd gekenmerkt door een geheime +overeenkomst, die met zorg was bedekt gehouden, tusschen de +Oud-liberalen en de Sociaal-democraten. De eersten hadden wel verklaard, +dat hunne politiek onvereenigbaar was met die der Sociaal-democraten, +maar hunne commissie van advies, die van oordeel was dat men vóór +alles een eind moest maken aan het Kuyper-regime, besloot even vóór de +stemming, dat zij in de districten, waar een candidaat van rechts met +een Sociaal-democraat in herstemming kwam, het aan de plaatselijke +besturen zou overlaten, om de houding aan te nemen, die het hoogste +belang des lands eischte. Met andere woorden: zij ried hun indirect aan +de Socialisten te steunen. De besturen hadden aan een half woord genoeg, +en zij faalden niet om den raad uit te voeren. + +Anderzijds was het niet twijfelachtig of de S. D. A. P., die twee +maanden tevoren het besluit had genomen om bij de tweede maal hare +stemmen eenig en alleen aan die candidaten te geven, die zich hadden +uitgesproken vóór de urgentie van het algemeen kiesrecht, was bereid +eerder hare beginselen te verloochenen dan den »Kuyperhaat« af te +leggen. Zoo kwam het uit en met een goed-bewaard wachtwoord gaf zij haar +partijgenooten vrijheid om te stemmen zooals zij dat wilden, zelfs vóór +de Oud-liberalen, de meest-burgerlijke en conservatieve partij. + +Zoo vormde de geheele linkerzijde slechts één enkel bloc, zich richtende +tegen het clericalisme en de Christelijke politiek, verpersoonlijkt door +de regeering van Dr. Kuyper. + +Deze wanhopige pogingen, gevoegd bij een wonderbaar +verkiezingsenthousiasme, brachten de Christelijke coalitie de nederlaag +toe. De Roomschen, die zich er niet mede hadden gevleid, dat zij een +eigen voordeel uit den strijd zouden behalen, behielden hunne 25 +mandaten; maar bij dat aantal kwamen slechts 15 Antirevolutionairen, +7 Christelijk-Historischen en een Friesch-Christelijk-Historische. De +linkerzijde had 52 afgevaardigden voor de Tweede Kamer verkregen. + +De liberale pers begroette deze overwinning met een vreugdekreet: Kuyper +is gevallen, Kuyper is er uit. Dat was het refrein, hetwelk de liberale +organen ten beste gaven, zooals de Nieuwe Rotterdammer Courant en het +Handelsblad. Het Socialistische blad »Het Volk« eischte voor zijne +partij de eer op van den reus verslagen te hebben. + +Toen de eerste razernij over de zegepraal over was, vroeg het land, als +uit den droom komende, zich af, hoe de Liberalen tot dit onverwachte +resultaat hadden kunnen komen. Zonder twijfel had de samentrekking van +alle partijen van links tot een anticlericaal bloc er krachtig toe +medegewerkt. Maar ook zeker had de groote Kuyperhaat, die gedurende +eenige maanden chronisch had geheerscht, niet alleen de Liberalen en +Socialisten, maar ook vele orthodoxe Protestanten, aanhangers van Dr. +Bronsveld, overmachtigd, alsmede de Christelijk-Democraten en ook +eenige wantrouwige en weinig-ontwikkelde Roomschen. Misschien zouden +al die redenen niet voldoende zijn om het resultaat der herstemming te +verklaren, indien zij niet waren vergezeld geweest van een manoeuvre +van een groep van rechts n.l. de Friesch-Christelijk-Historischen. +Hetzij uit wrok over de verwerping van hunne eischen, hetzij uit +bovenmatig vertrouwen op de onmogelijkheid van een samengaan tusschen +de Oud-liberalen en de Sociaal-democraten en meer nog van de zege van +links, richtten zij zich naar den raad van een hunner leiders, den heer +Wagenaar, en weigerden aan de Antirevolutionairen in drie districten hun +steun namelijk in Utrecht, Leiden en Kampen. Deze onverstandige houding, +die van gebrek aan flinke organisatie getuigde, was zeer waarschijnlijk +de oorzaak voor het verlies van deze drie zetels voor de rechterzijde en +bijgevolg van de nederlaag der ministerieele politiek. + + +III. + +_Het liberaal ministerie De Meester._ + +Kuyper was gevallen. Twee dagen na de herstemming, den 1en +Juli 1905, trok hij zich terug. Het ging er nu om, de traditie +van de liberale ministeries weder op te vatten en dat was niet +gemakkelijk. De zegevierende concentratie was uit ongelijksoortige +deelen samengesteld en het was dus moeilijk hieruit een ministerie +tevoorschijn te brengen. De Liberalen van allerlei nuanceeringen van +de Conservatieven tot de Vrijzinnig-democraten waren niet instaat +een zuiver concentratie-ministerie samen te stellen. Het gewicht +der gematigden bood wel het voordeel om dat van de geavanceerden +in evenwicht te houden op de spil der Liberale Unie, maar hun +gezamenlijke krachten omvatten slechts 45 afgevaardigden. De steun +der Sociaal-democraten was onontbeerlijk om deze onregelmatig +gevormde meerderheid vol te maken, bestaande uit 11 Oud-liberalen, +23 Unie-liberalen, 11 Vrijzinnig-democraten, 6 Sociaal-democraten en +1 onafhankelijke Socialist. »De Standaard" schreef ervan: »Wat ter +wereld zou men dan met zulk eene meerderheid uitrichten?" + +De beantwoording van deze vraag was des te moeilijker, dewijl men er +zich totnutoe niet had over bekommerd. »Laat ons eerst maar den buit +behalen, dan zullen wij verder zien.« De moeilijke tijd was aangebroken +en in politieke kringen werden vele onderstellingen opgeworpen, +combinaties opgesteld; kortstondige samenstellingen, die in elke +periode van ministerieele crisis worden gemaakt om den volgenden dag +te verdwijnen. + +Het eenvoudigste scheen te zijn de linkerzijde te nemen zooals zij +was en door de vereeniging van al hare elementen te regeeren, zelfs +door er de Socialisten in op te nemen. Op die manier zou het ministerie +nauwkeurig het »bloc", dat gezegevierd had, vertegenwoordigen. Maar deze +oplossing, logisch als zij was, nam niettemin de voorname bedenkingen +en zware moeilijkheden niet uit den weg. Het program der Oud-liberalen +was al te zeer in tegenspraak met dat der Sociaal-democraten, om een +vergelijk mogelijk te maken. Welke politiek zou daarom een combinatie +van dit soort kunnen voeren? Slechts ééne, de anticlericale politiek, +die bij de nadering der algemeene verkiezingen bij de linkerconcentratie +had voorgezeten. Welnu, men wist dat in een land als Nederland een +zoodanige politiek spoedig zou verworpen worden door de natie en dat +overigens elke poging om dezen weg op te gaan op de houding van de +Eerste Kamer zou stuiten, waar de meerderheid aan de Christelijke +partijen bleef. + +Anderzijds door de Socialisten ter zijde te laten en een liberaal +ministerie samen te stellen, zonder zich om de uiterste linkerzijde te +bekommeren, zou men zich genoodzaakt zien een wankelend staatsstelsel +te aanvaarden, waar tegenover de rechterzijde de regeering zou steunen +op de Socialisten en op hen zou rekenen om haar te bestrijden. Deze +manier van handelen zou waarschijnlijk uitloopen op den meer of minder +haastigen val van een kabinet, dat op zulke broze grondslagen was +gebouwd, want dat is tegenover zulke goed-georganiseerde partijen niet +zeer praktisch. + +Meester zijnde van den toestand, zouden zich de Socialisten vertoornd +over de weigering, die hun gedaan was, om aandeel aan de regeering te +hebben, wreken met hun beslisten tegenstand op een gegeven oogenblik. + +Op het zien van deze moeilijkheden opperden eenige leden van rechts +zonder weerklank te vinden de bedenking, dat het ministerie Kuyper de +macht in handen had kunnen houden. Bij de voorwaarde zich te moeten +beperken binnen de grenzen der neutrale zone en vooral die van den +premier te vervangen, paarde zich de zekerheid, dat deze wijze van +oplossing van de crisis de stemmen der Liberalen, die nu in sterke mate +verward waren, zou vereenigen. Maar deze samenvoeging had geen kans van +slagen. Alle ministers zonder uitzondering vonden dat hun reden van +bestaan lag in de uitoefening van een Christelijke politiek en zij +hielden zich er bij Dr. Kuyper in zijn terugtrekken te volgen. + +Onder de gematigden van de liberale concentratie, brak zich een andere +richting baan, die van vóór de verkiezingen aangegeven was door »Het +Handelsblad". Indien in de Tweede Kamer geen der partijen een vaste +meerderheid bezit, een werkende meerderheid, wat zal men dan doen? Dan +is er niets anders mogelijk dan eene vereeniging van de voornaamste +vertegenwoordigers der verschillende richtingen b.v. dat dr. De +Visser van de Protestanten, de heer Loeff van de Roomschen, minister +Idenburg van de Anti-revolutionairen de hand gaf aan professor Van +der Vlugt Oud-liberaal, aan Fock Unie-liberaal, en zelfs aan den +Vrijzinnig-democraat Dr. Bos. Een verbinding van dat soort zal wanneer +zij ontstaan is, zich op het standpunt van een verstandig conservatisme +plaatsen en een kalme wetgevende periode gematigd en vruchtbaar openen. +Toen nu de verkiezingen achter den rug waren en door het liberale orgaan +de voorziene onderstelling was geopperd, nam de pers van het linker +centrum dit thema weder op, waarop het geen slechte motieven borduurde. +Per slot van rekening ging het om een losmaken van de schikking der +partijen en een reconstructie van deze naar een nieuw kenmerk, namelijk +de mate van hun sociale strekkingen. Rechts derhalve moesten uitmaken de +conservatieve elementen, links de meer democratische mannen. + +Door deze nieuwe klassificatie, die slechts tijdelijk zou zijn, maar die +men vuriglijk wenschte definitief te maken, zou er geen kwestie zijn van +een christelijk ministerie, van wetten tot vrijmaking van het onderwijs, +van een regeering die het volk zou zoeken te hypnotiseeren door op het +klavier van het volksgeweten te spelen. Na Dr. Kuyper zou men ook nog +zijn werk verwoesten en de monstercoalitie zou deelen in de nederlaag +van haren leider. Zoo was het levendige verlangen van de gematigden +van links. Zelfs zekere Vrijzinnig-democraten deelden in dezen droom +om namelijk de sociale kwestie de grondslag te doen worden voor nieuwe +partijen en nieuwe verbonden. Alleen de christelijke partijen verstonden +het niet. De Roomsche bondgenooten in 't bizonder, die voornamelijk +bedoeld werden met de uitnoodigingen van de democratische fracties van +links, achtten terecht dat een dergelijke schikking een groote fout +zou zijn en dat, daar zij zich op het terrein der beginselen bevonden, +zij dit niet konden verlaten om zich op den bewegelijken grondslag van +een kwestie te vestigen, belangrijk zonder twijfel in meer of mindere +mate maar niet op den voorgrond. Om die reden dan ook verwierp de +rechterzijde in haar geheel den discreten voorslag die haar was gedaan, +en zij antwoordde met »De Tijd": Het linker bloc heeft de overwinning +behaald. Laat men nu elkander verstaan, zooals men zal willen, om de +vruchten er van te plukken, en een ministerie samen te stellen volgens +hun wensch. + + * * * * * + +De taak was inderdaad bezwaarlijk. De tijd verliep en geene der +ontworpen combinaties werd verwezenlijkt. Eenige dagen na de aftreding +van Dr. Kuyper, had koningin Wilhelmina op »Het Loo", na de heeren Van +Karnebeek en Pierson, den voorzitter van de Liberale Unie, den heer +Goeman Borgesius ontboden. Regelmatig zich aan het hoofd van de +talrijkste groep van links bevindende, en in het centrum van de +zegevierende concentratie, had hij de formeering van een kabinet in +handen moeten nemen, maar zijn eigene persoonlijkheid was te scherp +belijnd voor een Kamer, die juist aan scherpe lijnen gebrek had. Er +kon geen sprake zijn van eenigen der staatslieden, die zich boven allen +in den verkiezingsstrijd onderscheiden hadden, want alles deed vreezen, +dat zij de onverzoenlijke oppositie van rechts niet zouden kunnen +doorstaan. Eerst na menige bespreking, veel besluiteloosheid en onnutte +onderhandelingen besloot de koningin personen van den tweeden rang te +roepen en zij vertrouwde den heer Goeman Borgesius de samenstelling +van een ministerie toe, waarvan hij zelf geen deel zou uitmaken. Het +was de tweede maal, dat dergelijke manier van handelen in werking werd +gesteld. Het precedent was van Thorbecke, maar de christelijke pers +bleef onder deze omstandigheid niet in gebreke op te merken, dat een +slecht precedent van geen waarde is, en dat bovendien de heer Borgesius +niet Thorbecke was. + +De chef van de liberale Unie vond spoedig als voorzitter den heer De +Meester, die in Indië geweest was en er reputatie als financier had +verkregen. Deze ambtenaar, vreemd aan de ijverzucht der partijen en in +1904 om gezondheidsredenen in het moederland gekomen, bereidde zich voor +om naar Indië terug te keeren, toen hij geschikt bleek om een ministerie +van Financiën waar te nemen. Het moeilijkste had de heer Goeman +Borgesius voor zijn kabinet verkregen. Hij had een premier gevonden, +die niet te veel afschrikte, omdat hij zonder politiek verleden was. Hij +voegde er voor Binnenlandsche Zaken den heer Rink, afgevaardigde van +Arnhem, lid van het bestuur van de Liberale Unie, aan toe, wiens rol +totnutoe weinig belangrijk in de Tweede Kamer was geweest en die naar +alle waarschijnlijkheid in zijn nieuwe omgeving niet zou schitteren. + +Hij plaatste voor Koloniën een ander Unie-liberaal, den heer Fock, +van betrekkelijk-gematigden zin. Voor Justitie deed hij beroep op den +heer Van Raalte, als Vrijzinnig-democraat. Buitenlandsche Zaken werd +toevertrouwd aan den heer Tets van Goudriaan, die grijs was geworden +in het diplomatieke harnas en in het kabinet de Oud-liberale richting +vertegenwoordigde. Het ministerie werd ten slotte voltallig door den +zeekapitein Cohen Stuart voor Marine, generaal Staal voor oorlog en +voor Waterstaat door den heer Kraus, beroemd ingenieur en professor en +rector-magnificus aan de Technische School te Delft, die deze benoeming +niet aanvaardde dan onder de voorwaarde om in Chili de belangrijke +werken te mogen uitvoeren, welke de regeering van dat ver-verwijderd +land hem had opgedragen. Goeman Borgesius beloofde alles, begeerig +als hij was als hoofd om aan ministerie De Meester dezen man van +groote bekwaamheid en wezenlijke kracht te verbinden. Om zijne taak te +vergemakkelijken, maakte een koninklijk besluit van den 11en September +1905, het bestuur van Landbouw, Nijverhandel en Handel los van het +departement Waterstaat om daarvoor een afzonderlijk ministerie te +vormen, het welk de heer Veegens, oud-redacteur van het Vaderland, +verkreeg, een Vrijzinnig-democraat, wiens richting grensde aan het +Socialisme. + +In zijn geheel was het een ministerie met doffe toonaarden, samengesteld +uit staatslieden van den tweeden rang, en naar de gedachte van den +samensteller, bestemd om zoo goed en kwaad als het ging, zonder groot +gerucht en zonder groote hervorming de wetgeving weder op te vatten. De +bladen der oppositie gaven het den bijnaam van »blanco artikel«. Het +was niet een »zakenkabinet« in den eigenlijken zin des woords, daar het +geheel tegen den wil van den heer Van Houten zich niet beperkte tot de +neutrale zône en zijn voornemen aankondigde om naar sociale hervormingen +te staan. Het was liberaal, zoo zeide het, en dat was verstaanbaar, +maar daar het verplicht was om te laveeren, opdat het de hulp van +geheel tegenovergestelde richtingen behield, was het onbekwaam om iets +door middel van zichzelven, zijn eigen krachten en volgens zijn eigen +beginselen tot stand te brengen; een machteloos ministerie, dat aan de +voorwaarden eenige jaren tevoren door zijn samensteller opgenoemd, niet +beantwoordde. Want immers het bezat in zichzelven niet de noodige kracht +om aan het volk de groote hervormingen te geven, die de meerderheid +zonder onderscheid van partij of richting sedert lang scheen te +begeeren. + + * * * * * + +Dit alles kwam nauwkeurig uit in de Troonrede van 19 September 1905, die +het program van het nieuwe kabinet mededeelde. + +Met duistere geleerdheid en gewilde gematigdheid kondigde zij +hervormingen aan, die het voorwerp zouden zijn van den wetgevenden +arbeid. Daartoe behoorden: herziening van enkele gedeelten van het +strafrecht en van het handelsrecht, van de armenwet; voltooiing van het +wetboek van het militaire strafrecht, wijzigingen in den dienst van het +reservekader enz., zonder duidelijk den zin aan te geven, op welke wijze +het ministerie deze hervormingen wilde verwezenlijken. Het voegde er +aan toe, dat noodzakelijk de middelen voor de staatsbegrooting moesten +versterkt worden, maar er werd niet bij gezegd, hoe men dat wenschte te +doen. Ondertusschen erkende het, dat voor de uitvoering van de beloofde +sociale hervormingen geld noodig was en dat derhalve deze eerst konden +verkregen worden, wanneer de middelen daartoe gevonden waren. Tevens +deelde het zijn voornemen weder om voor zijn rekening te nemen de +ontwerpen van den oud-minister Loeff, voor zoover ze betrekking hadden +op het arbeidscontract en de administratieve rechtspraak. Eindelijk +sprak het zich uit over de grondwetsherziening, artikel 80, het +vermaarde blancoartikel. Dit laatste punt was van het meeste gewicht +en met groot ongeduld verwacht. Men meende dat hierin ten minste +de ministerieele verklaring duidelijk zou zijn, en dat zij het +wachtwoord zou bevatten, dat in de liberale concentratie gedurende den +verkiezingsveldtocht leefde: dringende en dadelijke afschaffing van de +hinderpalen, die door artikel 80 van de grondwet den gewonen wetgever +waren gesteld voor de wettelijke regeling van het kiesrecht. Maar +inplaats van zich precies aan dit punt te houden verbreedde het de +hervormingslijst en benoemde als voorloopigen maatregel eene commissie +om te onderzoeken, welke andere wijzigingen in de grondwet aangebracht +moeten worden, waardoor inplaats van een gedeeltelijke een algemeene +grondwetsherziening werd gesteld. + +Deze manier van handelen, die naar men zeide geïnspireerd was door den +kundigen chef van de Liberale Unie, was zeer verstandig. Zoo won men +tijd zonder dat het ministerie door scherpe debatten in opspraak werd +gebracht. Terwijl de commissie van onderzoek zich met de uiterste +nauwkeurigheid aan haar taak wijdde, met de verstandige traagheid, +waarmede de Nederlanders bij de oplossing van een belangrijke kwestie +steeds te werk gaan, ging het ministerie met zijn arbeid voort zonder +eenige opzien te baren, en leidde de bespreking over eenige wetten van +lageren wetgevenden arbeid, zonder dat de Staten-Generaal den tijd +hadden gehad de herzieningen tot een goed einde te brengen en de +volgende verkiezingen reeds van de nieuwe herziening konden profiteeren. +Dat was de toekomst laten zorgen en zelf voor den tegenwoordigen tijd +op te passen en zoo de vrees der Oud-liberalen te doen bedaren. Het +is evenwel moeilijk om allen tevreden te stellen, en het ongeduld van +Vrijzinnig-democraten en Socialisten kon zich niet goed vereenigen met +hetgeen zij noemden een capitulatie op het belangrijkste punt van het +ministerieele program. + +De oppositie hoorde de Troonrede met een ongeloovigen glimlach aan. +Zij verborg niet haar spijt over het terugtrekken van Dr. Kuyper's +wetsontwerp tot regeling van den arbeidsduur en het nalaten van de +verzorging der moreele belangen van Indië en moederland. Evenwel toonde +zij een zekere voldoening over het feit, dat het nieuwe kabinet zich +niet had laten beinvloeden door de liberale pers in hare eischen +aangaande herziening van de wet op het onderwijs en van andere +partijwetten, onder de voorgaande wetgeving aangenomen. Zij was dankbaar +voor de woorden van bevrediging, door het ministerie uitgesproken en zij +beloofde, zoo de regeering de voorgestelde maatregelen zou indienen, +zoolang het te steunen, als zij kon zonder dat hare beginselen hieronder +leden. + +De rechterzijde nam dus geen stelselmatig-vijandige houding aan. Dat +kwam wel uit toen in de Tweede Kamer de bespreking aan de orde kwam +van het arbeidscontract, het eenige nog eenigszins belangrijke werk, +dat het ministerie ten einde bracht. De oppositie heeft er trouw aan +medegearbeid en hare hulp verzekerde den goeden uitslag ervan. + +Maar ondanks deze medewerking aan een hun noodzakelijk-toeschijnende +hervorming, die reeds door den oud-minister Loeff op het program +was gebracht, hebben toch de Christelijke partijen voortdurend een +oppositie-politiek gevoerd. De grenslijn tusschen rechter en linkerzijde +bleef gehandhaafd en alle openlijke of heimelijke pogingen om dezen te +doen verdwijnen, door de eenheid van handeling van de oude steunpilaren +van het kabinet Kuyper te breken, bleven ijdel. Het monsterverbond +overleefde de stembusnederlaag van zijn hoofd en men gevoelde het, dat +het voor een gunstig oogenblik zijn kracht en werkdadigheid bewaarde. +Het linkerbloc had zich in den loop van den parlementairen arbeid +eenigszins verwrongen. De Socialisten hadden er zich van losgemaakt en +aan zekere teekenen kon men zien, dat er meer breuken ophanden waren. + +Naar de erkenning van de grootste optimisten was de toestand van het +ministerie gansch niet gezond. Door de tusschentijdsche verkiezing te +Leiden, waar de Christelijk-historische Dr. de Visser de plaats van den +oud-liberaal Van der Vlugt innam, werd het er niet beter op. + + * * * * * + +Deze onzekere toestand had het ministerie zoo verstandig moeten maken +om de baan van een zakenkabinet niet te verlaten. Maar het begreep +het niet; door Borgesius, naar men zeide, gedrongen, die achter de +coulissen het bestuurde, alsmede door de Vrijzinnig-democraten, had het +de onvoorzichtigheid in de begrooting van 1907 met het doel het budget +te verlagen, de hervorming van het leger op te nemen. + +Men wete namelijk, dat in Nederland de miliciens, waaruit het leger +bestaat, aan een vrij-eigenaardig stelsel onderworpen zijn. Sedert de +wet van 1901 zijn de soldaten, die opgeroepen worden om het jaarlijksch +contingent uit te maken, oorspronkelijk verplicht tot een dienst van +acht en een halve maand. Gedurende het overige gedeelte van het jaar +zouden de kazernes eigenlijk leeg moeten staan en zij zouden het +werkelijk zijn indien niet de noodzakelijkheid van een altijd mogelijke +mobilisatie, de eischen van kadervorming, en de vervulling van de +hulpdiensten niet de handhaving oplegden van een deel der troepen, het +blijvend gedeelte onder de wapenen gedurende vier maanden, dat een +aantal van 7.500 mannen, in 30 garnizoenen verdeeld, niet mocht teboven +gaan. + +Sedert eenigen tijd hield een deel van links niet op, de opheffing van +het blijvend gedeelte te vorderen, met de bedoeling om langzamerhand +tot een volksleger te komen, dat niet meer als een afzonderlijk lichaam +zou bestaan, van het overige deel der natie door militaristische +denkbeelden, door een partijgeest, een kaste en een paradegeest uit +vroegere eeuwen overgebleven, die geen reden van bestaan meer hadden, +gescheiden. Het was de partij der Vrijzinnig-democraten, die openlijk +naar één harmonisch en democratisch geheel streefde, dat de geheele +natie zou omvatten, die eensgezind zou werken aan de handhaving van de +onafhankelijkheid des lands en aan het respect voor zijn grondgebied. + +Deze theorieën waren de voorwaarde van samenwerking met de Liberale Unie +geweest. Zij kwamen voor op het gezamenlijke program van de liberale +concentratie en men verdacht er de regeering sterk van, dat deze er +zich van af wilde maken, door de middelen voor het blijvend gedeelte te +verminderen en deze te gebruiken voor de verhooging van het jaarlijksche +contingent. Immers de minister van oorlog, generaal Staal, had tegen de +eerste beloften van den heer De Meester in verklaard, dat hij hier niet +uit spaarzaamheid handelde, maar dat hij de verkregen gelden noodig had +voor een ander hoofdstuk van zijne begrooting. + +Toen de begrooting van oorlog zoo werd ingediend bij de Tweede Kamer, +ontmoette ze groote moeilijkheden. Men was er zich inderdaad van bewust, +dat al de legerautoriteiten het ontwerp van generaal Staal geheel +afkeurden, hetwelk zij tenminste slecht voorbereid achtten; en bovendien +had men een ongunstigen indruk gekregen door de handeling van den +minister, die was begonnen een deel der soldaten van het blijvende +gedeelte naar huis te sturen, zonder de Tweede Kamer er in te kennen. +Evenwel behield hij het vertrouwen van de Kamer, vergaderd op 21 +December 1906, door de belofte, die door middel van den leider der +Oud-liberalen aan de regeering ontrukt werd, dat de toepassing van +eenige militaire maatregelen tot 1 April verdaagd zou worden. + +Maar zoo was het niet in de Eerste Kamer, die het oogenblik niet gunstig +achtte voor de vermindering van het blijvend gedeelte en bijgevolg de +oorlogsbegrooting verwierp. + +Zich solidair met generaal Staal verklarende, trad het kabinet in +zijn geheel af, waardoor wel wat lichtvaardig een moeilijke crisis +geopend werd. Zij duurde twee maanden en tegenover de weigering van de +rechterzijde om de regeering te aanvaarden, kon zij niet anders opgelost +worden dan door de terugkomst van het kabinet De Meester voorloopig +zonder generaal Staal, dien op het genoemde tijdstip de Provinciale +Staten van Noord-Holland naar de Eerste Kamer zonden, denkelijk om daar +hen van naderbij te leeren kennen, die zulk een ongelukkig einde aan +zijn ministerieele fortuinlijkheid gemaakt hadden. + + * * * * * + +Op dat oogenblik was in de politieke kringen aller aandacht gericht op +de provinciale verkiezingen. Deze waren van te meer belang, derwijl de +Provinciale Staten de leden der Eerste Kamer verkiezen en men terecht of +te onrecht de liberalen er een weinig van verdacht, het vraagstuk van de +vermindering van het blijvend gedeelte te hebben opgeschort om voor zich +daardoor bij deze verkiezingen een voordeelige reclame te maken. + +Het belang van den strijd lag grootendeels in Zuid-Holland. In de +overige provincies scheen inderdaad de meerderheid te sterk hetzij +van rechts of van links, om aan verandering te kunnen denken, of het +mogelijke resultaat zou te gering zijn invloed op de houding van de +Eerste Kamer kunnen oefenen. + +Maar in Zuid-Holland was het anders. Tot 1901 had deze provincie een +liberaal bewind gehad; nu nog waren er 36 liberalen in tegenover 46 +rechtschen. Onder de 31 leden, die in Juni 1901 hun mandaat geëindigd +zagen, bevonden zich 17 van links en 24 van rechts. Derhalve zou een +verplaatsing van 5 of 6 stemmen voor de linker concentratie genoeg zijn +om de meerderheid te behalen en tegelijk 10 zetels in de Eerste Kamer +te heroveren en om wellicht door deze nieuwe Eerste Kamer tot een +vernieuwing van het liberalisme in het land te komen. + +Om dit te bereiken, spaarde het linker bloc geen enkel middel, waardoor +de christelijke coalitie uit hare stellingen kon worden verjaagd. +Het was bij deze gelegenheid meer saamverbonden dan ooit tevoren. +Een vereenigingsverdrag verbond al degenen nauw met elkander, die +den weidschen naam van liberaal droegen, namelijk: Oud-liberaal, +Unie-liberaal en Vrijzinnig-democraat. Bovendien werd het in bijzondere +districten bij de herstemming gesteund door de Sociaal-democraten. +Het driemanschap Tijdeman-Borgesius-Marchant, dat bij deze entente aan +het hoofd stond, had nauwkeurig den veldtocht bepaald. Men hield niet +verborgen, dat nu de overwinning van 1905 moest voltooid worden; dat +de overwinning van dat jaar slechts halverwege was geweest zoolang de +confessioneele meerderheid, die sedert de staatsgreep van 1904 in de +Eerste Kamer heerschte, bleef bestaan en dat het van belang was aan de +liberale regeering een Eerste Kamer te bezorgen, gewijd aan de liberale +denkbeelden, opdat de regeering hare beloften zou kunnen vervullen en +hare hervormingen tot een goed einde zou kunnen brengen. + +Zoo namen de verkiezingen in de provincie Zuid-Holland een politieken +tint aan tegen de ontbinding van de Eerste Kamer in 1904. Het was als +een beslissende strijd tegen het monsterverbond en zijne deelhebbers, +de mannen van de antithese. In één woord: het was een indirecte +verkiezing voor de Eerste Kamer, vrijwel gelijk aan de verkiezingen +voor een president van de Vereenigde Staten van Noord-Amerika. + +Onder de leiding van zijne chefs gaf de concentratie blijk van een +ongelooflijk drukke werkzaamheid, die echter voor de Liberalen het +ongelukkigste resultaat had, dat ooit door hen was ondervonden. Bij de +eerste stemming op 11 Juni verloren zij, inplaats van te winnen, vele +zetels. Meer nog dreigde de christelijke coalitie, die door hare eenheid +en organisatie den woedenden aanval vermocht terug te slaan, bij de +herstemming de meeste districten van Rotterdam, waaraan zij hare +bizondere zorgen had gewijd, te veroveren. De linkerzijde verkreeg +slechts twee zetels, terwijl men rechts 23 bij de eerste stemming +verwierf. + +Dat was meer dan een nederlaag, dat was verval. + +Nog erger werd het daarna, toen de verkiezingen in Overijsel de +meerderheid aan de christelijke partijen bezorgden, en in hun handen de +Gedeputeerde Staten vielen, die tot dien tijd voortdurend liberaal waren +geweest. + +De herstemming bracht geen verzoeting van de bitterheid der eerste +stemming teweeg. In Zuid-Holland overmeesterde de christelijke coalitie +voor een deel de groote stad Rotterdam. In het derde district behaalde +de heer Kolkman, leider van de Roomsch-Katholieke Kamerclub de zege +over den Liberaal, den heer Van Dam, en in district 5 versloeg een +Christelijk-historische, de heer Van Asch van Wijk, den heer Zimmerman, +den jongen en vurigen burgemeester van Rotterdam. + +In Friesland daarentegen was het resultaat, dat de meerderheid der +Provinciale Staten, die bijna door de orthodoxen was verkregen, aan de +Liberalen onttrokken werd, terwijl ze toch aan de linkerzijde bleef. De +Provinciale vertegenwoordiging bevatte tengevolge der stemmingen, waarin +de Socialisten 5 zetels wonnen: 22 Liberalen, 20 coalitiemannen en 8 +Sociaal-democraten. Deze laatsten werden bijgevolg de scheidsrechters +van den politieken toestand. Maar de rechterzijde had geen reden zich +er over te verheugen, want het was te voorzien dat de Socialisten ervan +zouden profiteeren, om spoedig of minder spoedig storm te loopen op de +deuren van de Eerste Kamer en van de Liberalen ter vergoeding voor hunne +medewerking te eischen, dat Friesland een of meer van de vier Eerste +Kamerleden uit de Socialisten zou zenden. Desniettegenstaande liet dit +feit den achteruitgang der liberale denkbeelden zien, overal behalve in +Amsterdam. + + * * * * * + +De grootste inspanning van het Liberalisme, om in de Eerste Kamer het +verloren terrein terug te winnen, was geheel mislukt en deze nederlaag +schraagde zeker het wankelende ministerie niet, maar het zag zich het +vertrouwen van het kiezerscorps ontzegd. + +Begreep minister De Meester wel, dat de liberale regeering in zeer +slechte verhouding kwam te staan en wilde hij wellicht voordat de +toekomst hem ontging tenminste het vraagstuk van de herziening van de +kieswet, het voornaamste van zijn program, aan de orde te stellen? Of +wel, wilde hij daarmede de onmacht der wetgeving, waartegen hij zich +met alle macht verzette, verbloemen? Hoe het zij, bij de opening van de +Staten-Generaal op den 17en September 1907, bracht hij onverhoeds de +kieswetherziening in bespreking. + +Doch wat hij aankondigde, was niet meer een generale herziening, zooals +het verslag der Staatscommissie behelsde, hetwelk eenige maanden tevoren +was medegedeeld, maar een gedeeltelijke herziening, die de grenzen +door artikel 80 gesteld slechts overschreed om eenige wijzigingen +aan te brengen in de samenstelling en de rechten der Eerste Kamer. De +verwondering was algemeen en van alle kanten, zelfs in het liberale +kamp, vond men, dat een staatscommissie te benoemen om de lijst van de +punten der herziening wat te verbreeden en deze vervolgens bijna bij het +punt van uitgang te laten, zonder zich meer om de conclusies van deze +commissie te bekommeren, alsof zij niet bestond, een vreemd schouwspel +was en wel een weinig met den samenhang spotten. + +Ondanks de haast, die hij aan den dag legde om met de zoo beperkte +hervorming te beginnen, had het ministerie niet den tijd om met het +onderzoek een aanvang te maken. De aangekondigde ontwerpen waren +nauwelijks ingediend, toen het zonder genade en zonder glorie onder de +bespreking van de begrooting viel. + +Sedert de aftreding van generaal Staal was de kwestie van het blijvend +gedeelte opgeschort en de voorwaarde door den heer De Meester tot de +hervatting van het bewind, van het indienen een nieuw ontwerp, scheen +een doode letter gebleven te zijn. Wat nog meer inhad: de nieuwe +minister van oorlog, de heer Van Rappard, had den 12en Juli een +circulaire aan de korpscommandanten gezonden om den 1en December een +deel van het blijvend gedeelte van de infanterie naar huis te zenden. +Maar deze circulaire onderstelde, dat de kwestie door de Staten Generaal +zou zijn afgewerkt vóór dien datum, en zij was het niet. + +Ook werd deze ernstige kwestie door de bespreking der begrooting van +1908 wederom aan de orde gebracht in de Tweede Kamer, waaraan deze +nog ernstiger kwestie werd toegevoegd, aangaande den toestand van het +leger. Volgens algemeen oordeel was deze toestand ver van voldoende. +Teekenen van ontmoediging en demoralisatie vertoonden zich overal. Om +deze toestand van malaise, die er heerschte sedert het optreden van het +ministerie De Meester, te doen ophouden, moest aan het hoofd een man +komen te staan van groote militaire kennis, die de reorganisatie van het +leger geleidelijk doorzette, noodzakelijk om tot het gewilde resultaat +te komen, en een kloekheid, die onmisbaar is om vertrouwen in te +boezemen. + +Welnu, generaal Van Rappard was zulk een man niet. Een goed generaal, +maar een betreurenswaardig minister, die zich door den loop der +gebeurtenissen liet besturen, en het leek wel, of hij geen vast doel in +het oog had en geen diepe overtuiging bij zich droeg. Sedert het begin +van zijn ministerschap, had hij wel eenige wettelijke beschikkingen +genomen van minder belang, maar op alle voornaamste punten scheen hij +geen bizondere meening te hebben. Deze besluiteloosheid van karakter +evenwel, die hem raad deed inwinnen bij de Kamer inplaats van aan hare +goedkeuring een wèl-overwogen plan te onderwerpen, was niet de eenige +oorzaak van de middelmatige hoedanigheden, die in het bestuur van +zijn ministerieel-departement uitkwamen. De heer Van Rappard was +tevens bovenal het slachtoffer van de moeilijkheden, door de linker +concentratie teweeggebracht. Bij de verkiezingen van 1905 was zij naar +de stembus gegaan met de inschrijving van twee punten in haar program: +besparing van militaire uitgaven en een volksleger. Daaruit was de +meening ontstaan, dat wanneer zij maar eens de zege behaalde, zij +spoedig een hervorming onder zee- en landsoldaten zou invoeren, en +dat zij, terwijl de militaire lasten werden verlicht, de waarde +van het leger zou verhoogen. Zulke verwachtingen had zij onder het +volk gebracht; en zoo kwam het dan, dat menschen van goeden wil, +vreemdelingen in de staatkundige wereld, op wie de overwinnaars +de waarmaking van hunne beloften hadden overgedragen, den kiezers +onvoldaanheid inboezemden. Van besparing was geen sprake meer, de +begrooting van 1908 bracht eene verhooging van 1 millioen boven die +van 1907 aan en men was ver van zeker, dat die van de volgende jaren +daarbij bleven. Wat betreft het volksleger, dit scheen meer en meer +een droombeeld te zijn. + +Deze opeenvolgende toestanden van afwachten, onzekerheid en bedrog +hadden een malaise onder het volk teweeggebracht en een wezenlijke +crisis in het leger. + +Verscheidene sprekers constateerden het bij de bespreking in de Tweede +Kamer; van den heer Heemskerk, den Antirevolutionair, af tot den heer +Troelstra, den Socialistischen leider toe; en generaal Van Vlijmen trok +uit naam van de Liberalen de conclusie, dat de verkregen resultaten +in het leger niet in verhouding waren met de geldelijke offers, die +Nederland werden opgelegd. Het was duidelijk, dat de minister niet +meer het vertrouwen van de Tweede Kamer bezat. De verwerping van de +oorlogsbegrooting in de zitting van 21 December 1907 was er het +noodzakelijk gevolg van. + +Bij deze nieuwe nederlaag aan zijn militaire politiek toegebracht, kon +het ministerie met de aftreding van den heer Van Rappard niet volstaan. +In minder dan een jaar tijds waren twee ministers op het parlementaire +slagveld gesneuveld; de eene verslagen door den tegenstand der Eerste, +en de andere door de oppositie van de Tweede Kamer, zoodat op dien +manier de volksvertegenwoordiging in haar geheel zijne houding aangaande +legerhervorming had veroordeeld. Hier komt nog bij, dat de minister van +Marine, de heer Cohen Stuart, eveneens gedrongen was geworden om in dien +tusschentijd af te treden. Zoo is het dan gemakkelijk te begrijpen, dat +de heer De Meester, ook al vond hij een opvolger voor de zware taak van +den heer Van Rappard, en dat was twijfelachtig, niet meer genoegzaam +zedelijk overwicht had om zijne positie te handhaven en nog minder om +het met Kamerontbinding te wagen. Uitermate verzwakt als het liberale +ministerie was geworden in de twee jaren zijner regeering, waar het bij +elke ontmoeting een weinig van zijn kracht en prestige had verloren, +stierf het, zooals het neutrale blad, »De Telegraaf" schreef, aan de +gevolgen van de ziekte van stembusbeloften. Het werd gedwongen zijne +onmacht om ze te verwezenlijken te erkennen en aan anderen het bestuur +der nationale zaken over te laten. Zonder al te lang te dralen, deed het +dit en den 26en December 1907 gaf het de gezamenlijke portefeuilles aan +de koningin over. + + +IV. + +_Het ministerie Heemskerk.--De algemeene verkiezingen van 1909.--De +toekomst van de Christelijke Coalitie._ + +Ondanks de begeerte van de rechterzijde om de Liberalen nu eens te +laten profiteeren van hunne overwinning van 1905, in den zin zooals +zij dat verstonden, kon deze zich niet meer onttrekken aan de +verantwoordelijkheid der regeering, zooals zij dat eenige maanden +tevoren gedaan had, voornamelijk niet, toen de linker concentratie zich +duidelijk genoeg onmachtig getoond had om een nieuw ministerie samen +te stellen. Allen waren echter niet van die gedachte. Dr. Kuyper in 't +bizonder meende, dat het de voorkeur verdiende om tot aan de algemeene +verkiezingen de overwinnaars in hun moeilijke positie en onmacht +te laten. Het volk zou, naar hij geloofde, zulk eene ontmoediging +ondergaan, dat het voor goed de liberale principes veroordeelde, die +door de feiten waren gelogenstraft, en de tijd, die er op volgde, zou +des te vruchtbaarder en te voorspoediger zijn. Maar de rechterzijde in +'t algemeen deelde niet het inzicht van Dr. Kuyper en achtte, dat het +hoogste belang van den staat niet toeliet, dat men dit waagstuk beging. +De heer Heemskerk, zoon van den conservatieven oud-minister en president +van de Anti-revolutionaire kamerclub, ontving opdracht om een kabinet te +formeeren. Hij was daartoe aangewezen geworden door zijn beslissende +tusschenkomst in de bespreking van de Oorlogsbegrooting. + +Spoedig vond de heer Heemskerk twee antirevolutionaire medewerkers; de +eene Ds. Talma, een der bekendste aanhangers van Dr. Kuyper, aan wien +hij het departement van Landbouw, Handel en Nijverheid toevertrouwde; +en de andere, de heer Idenburg, die Koloniën weder opnam, hetgeen hij +vóór de komst van het ministerie De Meester op uitnemende wijze had +waargenomen. + +Tevens richtte zich de heer Heemskerk tot den heer Kolkman, den leider +der Roomsch-Katholieke Kamerclub, en gaf aan hem het departement +van Financiën, aan den heer Nelissen dat van Justitie en aan den +heer Bevers, allen Roomsch, dat van Waterstaat, terwijl hij voor +Buitenlandsche Zaken den heer Marees van Swinderen, Nederlandsch gezant +te Washington, benoemde, om in het kabinet de Christelijk-historische +ideeën van den heer de Savornin Lohman te vertegenwoordigen. + +De heer Heemskerk nam Binnenlandsche Zaken op zich en tevens den +presidentshamer. Het baarde bizonder opzien, dat aan het hoofd van +Oorlog en Marine twee militairen stonden zonder politieke kleur, van +algemeen erkende bekwaamheid en in deskundige kringen zeer gezien. +Generaal Sabron, chef van den generalen staf, nam de zware taak op zich +om de legermacht te reorganiseeren en admiraal Wentholt, die den heer +Cohen Stuart vervangen had, behield in het nieuwe ministerie zijne +portefeuille. + +Men was een oogenblik bevreesd dat de eerste daad van een zoo snel en op +zulke wijze opgekomen ministerie de ontbinding van de Tweede Kamer zou +zijn, dewijl een meerderheid van links, hoe zwak ook, de voltooiing van +zijne wetsontwerpen en de uitvoering van zijn program kon verhinderen. +Verstandige mannen waren van oordeel, dat het beter was dadelijk +de Kamer te ontbinden, dan dit te doen na maanden van kleurloos en +onvruchtbaar bestuur. Maar de heer Heemskerk was van andere gedachten. +Hij had een vluchtigen blik op de ligging der Tweede Kamer geworpen; hij +had rechts de christelijke partijen gezien, alle bereid om hem krachtig +te ondersteunen, links een zeker aantal staatslieden, die overtuigd +waren, dat noch zij noch hunne partij er profijt bij hadden om een +onverzettelijke houding aan te nemen, waarvan eene ontbinding het +noodzakelijk gevolg moest zijn. Daaruit had hij opgemaakt, dat hij geen +stelselmatige oppositie te duchten had en bijgevolg het voor het belang +van het land noodzakelijk was met de Kamer, zooals zij was, te regeeren, +maar haar bij het eerste conflict te ontbinden. + +Dat was de gedachte, die uit de ministerieele verklaring sprak, welke +bij den terugkeer van de Kamer op den 10en Maart 1908 afgelegd werd. Met +het kennelijke voornemen om alles te verwijderen, wat aan de Liberalen +een directe uitdaging zou kunnen toeschijnen en hun tot voorwendsel zou +kunnen dienen voor sterken tegenstand, vermeed de minister-president +alle sterke kleuren, alle uitgebreide plannen, alle scherpe punten +van tegenstelling. Wel nam hij het christelijk program weder op, dat +in 1905 uit handen van Dr. Kuyper was gevallen, maar hij verklaarde +dadelijk, dat het kabinet in verzoenenden geest en zoo ruim mogelijk +zijne beginselen zou toepassen. Daartoe koos hij de minstbetwiste +hervormingen, die in het program stonden, zooals de strafrechterlijke +vervolging van de openbare onzedelijkheid en de wettelijke subsidieering +van het bizondere middelbare onderwijs, een maatregel die den +schoolarbeid van de ministers Mackay en Kuyper moest aanvullen en +waarvan zelfs door zekere Liberalen, zooals Dr. Bos en minister Rink, de +billijkheid was erkend. Daarbij voegde hij nog de herziening van wetten, +wier leemten in de praktijk aan het licht waren gekomen, voornamelijk +van de ongevallenwet en de gemeentewet. + +Bovendien sprak het kabinet zich uit tegen vermindering van het blijvend +gedeelte, in afwachting van een ophanden zijnde herziening van de wet op +den militairen dienst om aan de ongemakken, hier verbonden, tegemoet +te komen; erkende het de noodzakelijkheid van de versterking der +kustverdediging; behield nog de kwestie van de droogmaking der Zuiderzee +voor zich, om deze nauwkeuriger te onderzoeken; en trok eindelijk de +ontwerpen door den heer De Meester aangaande grondwetsherziening in, +daar ze naar zijn oordeel al te zeer tegen zijne beginselen ingingen +en naar het zeide vijftien maanden te kort waren, om deze ernstige +kwestie grondig te onderzoeken. Dat was te voorzien, want het was voor +niemand een geheim, dat de voorliefde van de rechterzijde de sociale +hervormingen bezaten, en dat het werk van grondwetsherziening niet +onmisbaar geacht werd voor hunne totstandkoming; ja integendeel, dat het +gevolg zou zijn, dat ze tot in 't oneindige zouden verdaagd worden; en +dat het dus verkieslijker voorkwam zonder te dralen een deel tenminste +van het sociale program van Dr. Kuyper in vervulling te brengen. + +Van die gedachte bleek de heer Heemskerk te zijn, toen hij, zonder +zich bij zekere ontwerpen op te houden, als verplichte verzekering +tegen de gevolgen van ziekte, invaliditeit en ouderdom, die reeds van +tevoren in minachting waren; zich er toe beperkte om uitbreiding van +de arbeidsinspectie en ouderdomspensioen te beloven, als voorbereidende +maatregelen voor algemeene pensioenregeling tegen invaliditeit. + +Het is verstandig dat men zich weet te beperken; en het geheele +ministerieele program, dat per slot van rekening slechts een program van +afwachten was, getuigde in zijn geheel van deze practische wijsheid, die +hetgeen onmiddellijk bereikbaar is verkiest boven prachtige en klinkende +voorstellingen, die te groot en te vaag zijn om tot waardeerbare +resultaten te komen. Dat erkenden bijna allen, ook ter linkerzijde, +waar men, behalve eenige geavanceerden, de ministerieele voorstellen, +den geest van opportuniteit en verzoening, de nauwkeurigheid der +verklaringen, den wensch om op positieve manier in het welzijn des lands +temidden van de moeilijke omstandigheden, waarin het ministerie de +regeering aanvaard had, te arbeiden, gunstig opnam. + +De moeilijkheden, waarmede het te worstelen had, kwamen niet alleen +uit de vreemde politieke verhouding, waarin het ministerie De Meester +het had overgedragen, maar ook uit de economische crisis, die over het +land was gekomen tengevolge van de geweldige daling der Amerikaansche +papieren. De gebeurtenissen in de Nieuwe Wereld hadden een geweldigen +terugslag in dit land, dat met Amerika nauwe handelsbetrekkingen +onderhoudt. Toen in de maand Augustus van 1907 de Amsterdamsche Beurs +onder den invloed van nieuwstijdingen uit New-York begon te dalen, +maakte zich groote ongerustheid van de gemoederen der financiers +meester, die zich over nijverheid en handel verspreidde. Oude +bankiershuizen, bekend om hunne soliditeit, werden geschokt, anderen +sloegen bankroet, waardoor boven de tallooze verliezen er bijna volkomen +beslag op de zaken werd gelegd. De diamantindustrie en diamanthandel, +die van groot gewicht in Nederland zijn, moesten, dewijl er geen aftrek +meer was onder de Amerikaansche milliardairs, hun produktie en uitvoer +beperken. Bijgevolg werden duizenden diamantbewerkers werkeloos en dezen +bij die van andere werken gevoegd, in 't bizonder van het bouwvak, +vormden alleen voor de stad Amsterdam een leger van bijna 100.000 +werklieden zonder werk en aan de ellende ten prooi. De particuliere +weldadigheid mocht wel hare pogingen verdubbelen, de winter van +1907-1908 was bar en de toestand bleef langen tijd pijnlijk, verergerd +door het feit, dat meer en meer de plattelandsbevolking zich in de +groote kustplaatsen en vooral in de hoofdstad vestigde. + +Tevens leden 's lands financiën, zooals onvermijdelijk was, onder de +crisis, die de persoonlijke fortuinen teisterde. De nationale inkomsten +verminderden op buitengewone wijze en de begrooting wees een tekort van +10 millioen aan. Om het financieel evenwicht te herstellen, mocht men +geen nieuwe leening te hulp roepen, want in zulke omstandigheden was +dit middel bezwaarlijk. Het beste was om het tekort zooveel mogelijk +te dekken, door op de directe belasting een verhooging aan te brengen. + +Daarom was het, dat de regeering na eenige maanden, waarin zij met vele +andere wetgevende maatregelen de reorganisatie van de inspectie op den +arbeid had beëindigd, in de Troonrede van 15 September 1908 mededeelde, +dat de financieele toestand ver van gunstig was en men, zonder de +uitvoering van de sociale hervormingen uit het oog te verliezen, +noodzakelijk voor hare toepassing, tot elken prijs de middelen van +'s rijks schatkist moest versterken. + +Hiertoe had het Kabinet zich in herinnering gebracht, dat de heer +De Meester vóór zijn val een wetsontwerp had ingediend om de beide +belastingen op het vermogen en het bedrijf, zestien jaar geleden door +minister Pierson ingesteld, tot ééne inkomstenbelasting te vereenigen; +en hij vertrouwde dat deze samensmelting voldoende zou zijn om het +financieel evenwicht te herstellen. Nu gaf het Kabinet het voornemen +te kennen dit ontwerp weder op te vatten, nadat het van eenige +beschikkingen, die slecht door het volk zouden worden opgenomen, zou +zijn ontdaan. Intusschen vroeg het aan de Tweede Kamer ter afdoening van +het allernoodzakelijkste 10 percent additioneele rechten op vermogens- +en bedrijfsbelasting, die zonder discussie werden toegestaan en behield +zich in het uiterste geval een hooger accijns op de jenever voor. + +Zoo was het ministerie Heemskerk bezig toen de wetgevende periode ten +einde liep. In 't buitenland had het ministerie zich voorzichtig en +tevens krachtig vertoond in het Venezuelaansche conflict. Naar binnen +had het een groot deel van het afwachtingsprogram, dat het zich bij +zijn optreden had voorgesteld, werkelijkheid doen worden; het had tot +algemeene voldoening in de kwestie van het blijvend gedeelte een besluit +genomen, naar de verstandige plannen van generaal Sabron en tevens was +de wet op het middelbaar onderwijs tot stand gekomen. Het had op bekwame +wijze het bewind gevoerd, zonder in de Tweede Kamer een onverzettelijke +oppositie te vinden, die anders noodzakelijk op ontbinding had moeten +uitloopen. Zijne plannen, om in de toekomst de derde periode van +militairen dienst voor de op te komen miliciens weg te nemen en de +tweede voor de landweer, het jaarlijksche contingent van 17500 op 22000 +soldaten te brengen, maar daarentegen de duur van den militairen dienst +van vijftien op tien jaar terug te voeren, werden met zooveel te meer +ingenomenheid begroet, daar de chefs van het leger deze wijzigingen +volkomen vereenigbaar achtten met de eischen der militaire defensie. +Anderzijds maakten de ontwerpen van minister Nelissen ter onderdrukking +van de openbare zedeloosheid en in 't bizonder van de pornographie en +der neomalthusiaansche propaganda een uitnemenden indruk. Het ontzag +voor de rechterzijde was, zooals sommigen gevreesd hadden, er in de +zestien maanden regeering niet op verminderd en de algemeene +verkiezingen kwamen voor haar op een gunstigen tijd. + +De verkiezing was even kalm als zij in 1905 druk en luidruchtig geweest +was. De linkerzijde, die vier jaren tevoren een woedenden aanval gedaan +had op het ministerie Kuyper, had geen enkelen grond om te hopen, dat +zij dezen keer een beslissende zege zou behalen. De ervaring van het +kabinet De Meester had haar hare onmacht om te regeeren getoond, en +hare begeerte naar de overwinning werd getemperd door de zekerheid, +dat zij er toch geen voordeel van zou kunnen trekken. Overigens had het +ministerie Heemskerk het bewijs van zulk een verstandige handelwijze +geleverd, dat een aantal liberalen gaarne wilden dat hij maar aan +het bewind bleef, met deze voorwaarde natuurlijk, dat hij niet op een +Christelijke meerderheid zou kunnen steunen en dat de linkerzijde ten +minste haar 51 mandaten in de Tweede Kamer zou behouden. Men moet zich +nu eenmaal kunnen schikken. Het ministerie Heemskerk deed zijn werk zoo +goed. De kiezers moesten het niet omverwerpen, want de linkerzijde zou +toch geen meerderheid er uit kunnen krijgen, maar de regeering mocht +er niet meer door versterkt worden. Zoo was het beleid, dat in zekere +liberale kringen besproken werd en waarvan de Nieuwe Courant slechts de +weergalm was. + +De heer Goeman Borgesius was evenwel niet van deze gedachte en daarom +trachtte hij tegenover het clericalisme de linkerconcentratie te +herstellen, die bij de vorige verkiezingen er in geslaagd was het +gevreesde Kuyper-regime van de baan te schuiven, hetwelk hij het +grootste ongeluk achtte dat ons treffen kan. Maar die taak ging met +groote moeilijkheden gepaard. De algemeen-bekende vooruitschuiving van +de »Liberale Unie" naar den kant van den Vrijzinnig-democratischen +Bond was niet goed opgenomen en tusschen Vrij-liberalen en +Vrijzinnig-democraten heerschte een kwalijk verscholen vijandschap. +Om de gunst van de vrij talrijke leden van den Bond voor Algemeen +Kiesrecht te behouden en die van de leden van den Algemeenen Bond +voor Staatspensioneering te verwerven, had de heer Borgesius op +vermetele wijze aan het socialistische program twee eischen ontleend: +staatspensioneering en algemeen kiesrecht. Nu was het niet meer het +schemerduister van het »blanco-artikel«, dat hij zocht, hij vroeg nu +onomwonden grondwetsherziening om tot algemeen kiesrecht te komen; +maar daarin kon hij de goedkeuring der Oud-liberalen niet wegdragen. +Deze had hij ook niet meer in de kwestie van staatspensioneering, +want men vond dat hij alleen werk maakte van kiesrechtuitbreiding. +Zelfs de Vrijzinnig-democraten, die hij in sociale hervormingen trachtte +te overtreffen, veroordeelden voor 't meerendeel deze manoeuvre. +Hun aanvoerder, de heer Treub, bewees met cijfers de financieele +onmogelijkheid om in Nederland staatspensioneering in te voeren, en +hij voegde er aan toe, dat het voorspiegelen van gunstige maatregelen +voor de armen, zonder te weten dat ze ook verwezenlijkt konden worden, +geen democratie was maar volksverleiding, en dat de voorstanders van +verzekering tegen invaliditeit en ouderdom uit staatskas waren naieve +optimisten of staatkundigen van den kouden grond. + +Men was het dus onder de Liberalen over het verkiezingsprogram niet eens +en ook niet over de indeeling van de te veroveren zetels in de Tweede +Kamer. De Oud-liberalen spraken openlijk hun voornemen uit om tegenover +sommige Vrijzinnig-democraten hun eigen candidaten te stellen; en +deze laatsten dreigden met weerwraak. De Socialisten, gedrongen als +zij werden door de propaganda van de Marxisten, verscherpten hun +klassestrijd in de verkiezingen tegen de burgerlijke partijen zelfs +tegen de Liberalen. + +Tegelijkertijd met die verdeeldheid heerschte een volstrekt gebrek aan +vertrouwen en geestdrift onder de kiezers van de linker-concentratie. +Hun geheele houding voorspelde een nederlaag voor de verkiezingen en hun +onrustig verlangen beperkte zich tot de handhaving van den politieken +toestand zooals hij was. Per slot van rekening deden zij alleen maar +moeite om hunne posities te verdedigen, maar evenals in den oorlog is +een defensieve houding een slechte taktiek ook in den politieken strijd. +Tevergeefs trachtten eenige leiders den ouden Kuyperhaat weer aan te +wakkeren en de heer Van Houten wierp hun het wachtwoord toe: Kuyper mag +niet terugkomen! + +Zoo verdeeld en onzeker als het linkerbloc was, zoo vast-aaneengesloten +was de Christelijke coalitie. Men had een oogenblik gevreesd, dat het +verschil van inzichten tusschen Dr. Kuyper en Mr. De Savornin Lohman, +dat wederom in een levendige polemiek over de toekomstige rol van het +ministerie Heemskerk was gebleken, een belemmering in de eenheid van +actie zou zijn, maar bij de nadering der verkiezingen hadden deze twee +eminente mannen hun verschil van gevoelen doodgezwegen en namen zij hun +gemeenschappelijke overeenkomst met de Roomschen weder op. Zelfs de +Christen-democraten, die door de ondervinding waren geleerd, maakten +zich gereed om de candidaten van rechts te ondersteunen, mits men ter +hunner belooning in het district Helder hun leider Staalman +ondersteunde. + +Dadelijk togen de verschillende organisaties aan het werk om een +verkiezingsprogram op te stellen. Den 22en April werd te Utrecht de +deputaten-vergadering der Antirevolutionaire partij gehouden, die +tot de volgende hervormingen besloot: huismanskiesrecht, verplichte +verzekering tegen invaliditeit en ouderdom, verhooging der invoerrechten +om tot werklieden-pensionneering te kunnen komen, vollediger +gelijkstelling van bizonder en openbaar onderwijs. Van zijne zijde +besloot het Algemeen Verbond der Roomsch-Katholieke kiesvereenigingen +tot dezelfde eischen, terwijl het evenwel nog bij het huismanskiesrecht +evenredige vertegenwoordiging voegde. Beiden spraken buitendien hun +vertrouwen in het ministerie Heemskerk uit, op dit punt door de +Christelijk-historischen gevolgd, die niettemin weigerden om een lijst +van hervormingen openbaar te maken, daar zij zeiden, dat de bepaling, +welke kwesties urgent zijn, aan het ministerie toekwam en niet aan de +kiezers. + +Zoo begon de verkiezingstijd. Na eenige somwijlen ietwat moeilijke +onderhandelingen en lichte schermutselingen vooral tusschen +Christelijk-historischen en Antirevolutionairen, kwam de overeenkomst +tusschen de verschillende partijen van rechts tot stand. De Roomschen +hadden meer dan eens en nog pas bij een tusschentijdsche verkiezing +voor de Provinciale Staten van Zeeland ondervonden, dat een zeker +aantal Protestanten hardnekkig weigerde op een Roomschen candidaat te +stemmen, en gaven maar zooveel mogelijk toe. Zij beperkten zich er toe +om de 25 zetels te behouden en in vele districten waar zij een groote +kans hadden, steunden zij liever den Antirevolutionairen candidaat. +Zij offerden zelfs Enschede, dat hun voorheen had toebehoord, op, waar +sedert 1897 ondanks een betrekkelijk zeer schoone meerderheid bij de +eerste stemming voor hun eigen candidaat, de Socialist Van Kol, steeds +bij herstemming de volstrekte meerderheid haalde. Want dit doende, +achtten zij het niet het belangrijkst om de twee of drie zetels, die +hun bij evenredige verkiezing toekwamen, te veroveren, maar om een +schitterende overwinning aan de Christelijke coalitie te bezorgen. + +Dank zij de wèl-voorbereide en goed-bestuurde gemeenschappelijke actie +werd het dadelijk op den 11en Juni reeds eene overwinning. De 25 +Roomschen kwamen allen met sterke meerderheid uit de stembus, zelfs +de heer Passtoors in Beverwijk, die het meest bedreigd werd, met een +meerderheid van 1000 stemmen boven de gezamenlijke drie candidaten, +die tegenover hem stonden. De Antirevolutionairen, die den zwaarsten +aanval des vijands hadden te doorstaan, hadden een winst van zes +zetels, namelijk Enkhuizen, dien zij op den leider der Liberale Unie +heroverden, Kampen, Enschede, Gorkum, Amsterdam VII en Amsterdam VIII. +De Christelijk-historischen bleven op dezelfde hoogte. In één woord, +de rechtsche partijen vorderden en behaalden onbetwistbaar een vaste +meerderheid in de Tweede Kamer. De linkerzijde had slechts tien +afgevaardigden verkozen gekregen en haar aanvoerder, de heer Goeman +Borgesius, in twee districten verslagen, trachtte met moeite bij de +herstemming voor Rotterdam I verkozen te worden. + +De 36 herstemmingen waren niet instaat om den toestand te wijzigen. +Haar resultaten konden òf de meerderheid versterken òf verhinderen dat +de nederlaag van links in een verplettering veranderd werd. Ondanks +het welslagen van de eerste stemming en het prestige op de kiezers als +gevolg van hunne overwinning, verwachtte de rechterzijde weinig van +de herstemming. Behalve één zetel, die zij te Ede veroverde, waar een +onafhankelijke Christelijk-historische tegenover een Antirevolutionair +stond, verwachtte zij niet meer dan twee of drie districten te winnen. +De voorgaande verkiezingen hadden haar inderdaad geleerd dat over +'t algemeen de herstemmingen in haar nadeel waren; op het beslissend +oogenblik vereenigden dan de linkerpartijen hunne stemmen op den +liberalen of socialistischen candidaat en behaalden er de overwinning. +Deze keer echter ging het niet op dezelfde wijze. De Sociaal-democraten +hadden van de eerste stemming af hun voornemen te kennen gegeven om in +geen geval de Oud-liberalen te ondersteunen. Conservatieven van rechts +of van links, »dat is hetzelfde«, zeiden zij. Bijgevolg bevalen zij +onthouding aan waar een Oud-liberaal tegenover een van rechts stond. +Als weerwraak namen de Vrij-liberalen eenzelfde houding aan tegenover +de Socialisten, en niet tevreden er mede, om ten hunnen opzichte +een wangunstige neutraliteit te bewaren, zeiden zij zelfs hunne +partijgenooten aan om op den candidaat van rechts te stemmen, +indien namelijk de tegenpartij van den Socialistischen candidaat een +Christelijk-historische was, hetgeen zich in 't bizonder voordeed +in Amsterdam II, waar de heer Snoeck Henkemans den president van het +Socialistische Werkliedenverbond, den heer Oudegeest, bestuurder van +de algemeene werkstaking van 1903, bestreed. + +Tengevolge van deze verdeeldheid, die de kracht van de liberale +concentratie aanmerkelijk verzwakte, behaalde de Christelijke den +28en Juni een nieuwe overwinning. Amsterdam II en Haarlem waren door +de Christelijk-historischen veroverd, waardoor dezen 12 zetels zich +verwierven. De Antirevolutionairen behaalden 23 zetels, en wonnen +Rotterdam IV door de verkiezing van den heer Jacob Heemskerk, broeder +van den minister van dien naam; Rotterdam V, waar de heer Van Raalte, +oud-minister in het kabinet De Meester verslagen werd; en Utrecht II, +op den heer Roëll, den geachten voorzitter der Tweede Kamer, veroverd. +De meerderheid van rechts werd hierdoor op 60 stemmen in de Tweede Kamer +gebracht. De Liberalen kwamen gedecimeerd uit den strijd, vooral de +Oud-liberalen, die hun beste vertegenwoordigers van het staatkundig +tooneel zagen verdwijnen en niet dan vier zetels behielden, het +ongelukkig overblijfsel van vroegere grootheid. Alleen waren de +Socialisten eenigszins vooruitgegaan, die zonder de handelwijze van +Roomschen en Christelijk-historischen in verscheidene districten hun +aantal afgevaardigden zouden hebben zien vermeerderd. + +Alles tezamen genomen had de les der verkiezingen een dubbel karakter. +Ter eener zijde was het de ongenade, waarin de gematigde-liberalen +gekomen waren bij de kiezers, waardoor zij hen verlieten in hun +onafgebroken evolutie in de richting van het Socialisme, om de +vooruitstrevende elementen van de oude groote liberale partij te volgen. +Aan de andere zijde was het groote tevoren nimmer voorgekomen succes der +rechterzijde, dat een vertrouwen in de gematigde en kalme leiding van +minister Heemskerk te kennen gaf en voor de Christelijke coalitie een +schoone toekomst opende. + + * * * * * + +Tweemaal reeds in 1888 en 1901 waren de Christelijke partijen op één +verkiezingsprogram vereenigd, aan de regeering gekomen, maar hunne +overwinning was slechts, zij wisten het, momenteel en zij gevoelden +dat de Liberalen slechts één oogenblik de macht in handen behoefden +te krijgen, om met meer kracht hun overwicht in de verschillende +staatslichamen te hernemen. Overigens zijn de laatste verkiezingen van +groot gewicht. Wanneer men ze van naderbij beschouwt, geven zij den +indruk, dat men zich op een keerpunt in de staatkundige geschiedenis +bevindt. Tachtigduizend stemmen meerderheid in het land, twaalf in de +Eerste Kamer, twintig in de Tweede Kamer, een ministerie samengesteld +uit bekwame mannen; zoo is de gunstige toestand van de Christelijke +Coalitie. Niets staat meer de uitvoering van hare plannen in den weg, +niets meer de voltooiing der noodzakelijke hervormingen. + +Maar deze toestand is, om zich sterk uit te drukken, niet onneembaar. +De veroverde stellingen hebben versterking, bevestiging en bescherming +noodig. De invloed van rechts in de Tweede Kamer is naar het getal te +groot voor het aantal kiezers, die van deze begrippen doordrongen zijn. +Deze onevenredigheid is daar, waar zij zich vertoont, een bedreiging +voor hen, te wier voordeel zij bestaat. In Nederland is er dus bij de +nadenkende staatkundigen een zekere vrees, die het ministerie Heemskerk +kan doen verdwijnen. Groot is de verantwoordelijkheid, die op dit +ministerie rust; van zijn ijver, wijsheid, en politieken zin hangt het +vertrouwen der natie in de werkdadigheid der Christelijke politiek af. +Indien het bij geval niet aan de verwachtingen, die men ervan heeft, +voldeed, dan zouden de volgende algemeene verkiezingen in éénen dag +het werk van dertig jaren worsteling vernietigen, zonder wellicht de +mogelijkheid over te laten om een nieuw gebouw uit het puin te doen +herrijzen. + +Maar tevens, welk een schoon vergezicht van vruchtbaren wetgevenden +arbeid opent zich niet voor ons; een tijd om, zonder onderdrukking der +minderheden, op den grondslag van de grootst-mogelijke vrijheid en +gelijkheid voor alle burgers, een goede sociale wetgeving op duurzame +grondslagen op te bouwen. De hangende vraagstukken zijn ernstig en +veelvoudig; arbeiderspensioneering op practische wijze verzekerd, en +tevens hiermede in verband, de herziening der inkomende rechten; de +Zondagsrust beter geregeld en beter beschermd; de openbare zedeloosheid +op afdoende manier tegengegaan; het vrije onderwijs in al zijne +vertakkingen en onderafdeelingen genietende van dezelfde voordeelen als +het openbare. Bovendien binnen korter of langer tijd grondwetsherziening +naar de Christelijke grondslagen, waardoor een organische regeling van +het kiesrecht geoorloofd wordt. Ziedaar de opdracht, vol van beloften, +die de krachten van de Christelijke Coalitie bezighoudt en waarvan de +verwezenlijking de liefde van het volk, de dankbaarheid der historie zou +doen verwerven. + +De Nederlandsche Roomschen zijn niet alleen, maar met de hulp van +hunne bondgenooten, op hetzelfde historische punt gekomen als de +Belgische Roomschen in 1884. Hunne methode is anders geweest, de +strijd was moeilijker, de weg langer. Zij hebben niet de overmaat van +verontwaardiging gekend, waarmee hun zuidelijke buren zijn ontwaakt, +maar een geleidelijke en voortdurende stijging, vrucht van sterke +organisatie, van vasten wil en volhardende inspanning. Hun doel is +eindelijk bereikt. Na een halve eeuw van liberale regeering is de +Christelijke Coalitie onbetwistbaar meesteres van den toestand. En waar +zij een langduriger opkomst kende, misschien zal zij daar nog langer dan +in België de Roomsche partij haar beslissenden invloed op de toekomst +van Nederland doen behouden. + +Indien tenminste de verdeeldheid niet gaat heerschen en de verbonden +partijen het eens-gegeven woord niet terugnemen om zich aan een eigen +politiek te wijden. Maar dat is niet waarschijnlijk. Het verbond rust +te sterk op de nauwkeurig-belijnde beginselen, dan dat het aan de +genade van voorbijgaande invloeden zal overgeleverd zijn, die slechts +kunnen schudden, maar niet omverwerpen. Het is langzamerhand gegroeid +en naarmate van zijn vooruitgang, zijn de belemmeringen, die zich op +zijn weg voordeden, uit den weg geruimd. Het zijn de Liberalen zelf, +die deze weggenomen hebben. Door hunne zorgen zijn de kwesties van den +persoonlijken dienstplicht en van den leerplicht uit den weg geruimd. +En hunne pogingen om het »monsterverbond« uit elkander te rukken hebben +nauwere aaneensluiting veroorzaakt. Zij kunnen haar niet meer in 't +openbaar bekampen, en daarom trachten zij de eenheid der Coalitie +teniet te doen en ze zoo te overwinnen. Doch onder de hedendaagsche +omstandigheden heeft de linker-concentratie minder dan ooit kans om zich +op duurzame wijze te herstellen. + +Het is dus te hopen, dat de Christelijke Coalitie zal voortgaan +met het totstandbrengen van wèl-overwogen hervormingen. Zoolang het +Christelijk-Sociaal program niet is afgewerkt, zoolang de schoolkwestie +haar volkomen oplossing niet heeft verkregen, zal zij haar reden van +bestaan behouden. En dan alleen, wanneer de strijd het godsdienstig +terrein zal verlaten hebben, wanneer de Nederlandsche moderne +maatschappij zal ontloken zijn bij het licht van het Evangelie, wanneer +de sociale wetgeving op de Christelijke grondslagen zal rusten, kunnen +de partijen hare rangen verlaten, den citadel ontmantelen evenals de +vesting Nijmegen, eertijds onneembaar, schier van hare versterkingen +is ontdaan, toen zij geen oorlogen meer te vreezen had en men haar met +breede boulevards en schoone parken mocht omringen. + + + + + NAAMLIJST VAN DE PERSONEN + IN DIT WERK GENOEMD + + +Aalberse, 30, 35. + +Alberda, 148. + +Angenent, 35. + +Asch van Wyck (M. Van), 242. + +Asch van Wyck (T. Van), 210. + +Bahlmann, 23, 191. + +Bavinck, 56, 224. + +Beaufort (De), 87, 202. + +Benoist (Ch.), 47. + +Bergansius, 186, 204, 210, 217. + +Bevers, 30, 247. + +Bilderdijk, 45. + +Bismarck (Von), 113. + +Boneval Faure (Van), 218. + +Borret, 152. + +Bos (Dr.), 232, 248. + +Bosse (Van), 149. + +Broere, 37. + +Bronsveld, 53, 63, 64, 65, 66, 67, 68, 69, 70, 71, 192, 198, 199, 206, + 225, 229. + +Buijs, 162, 187. + +Buytendijk, 70, 225. + +Bylandt (Graaf Van), 61. + +Ceton, 133. + +Cohen (L.), 120. + +Cohen Stuart, 234, 245, 247. + +Cornelissen, 134, 140. + +Cort van der Linden, 202. + +Cremer, 202. + +Da Costa, 45, 68. + +Dam (Van), 242. + +Domela Nieuwenhuys, 114, 115, 116, 117, 119, 121, 127, 130, 134, 135, + 136, 139, 140, 185, 192, 199. + +Donker Curtius, 148, 149. + +Douwes, 76. + +Drucker, 112. + +Eigenraam (Mgr.), 33. + +Elout van Soeterwoude, 68. + +Emma (Koningin-regentes), 189. + +Ferri, 134. + +Fock (minister), 17, 155, 232, 234. + +Fortuijn, 120, 130. + +Fransen van de Putte, 82, 152. + +Frans Hals, 18. + +Gambetta, 87. + +Gerhard (A.), 120. + +Gerhard (H.), 114, 130. + +Gerritsen (C. V.), 105, 227. + +Gilse (Van), 208. + +Gleichman, 175. + +Goeman Borgesius, 103, 202, 221, 222, 233, 238, 241, 252, 253. + +Goes (Van der), 119, 120, 128, 130, 131. + +Gorter, 128, 130. + +Groen van Prinsterer, 40, 45, 60, 66, 68, 152, 156, 204. + +Hall (Van), 149. + +Harte van Tecklenburg, 210. + +Heemskerk (Mr. A.), 75, 103, 152, 159, 176, 180. + +Heemskerk (J. F.), 257. + +Heemskerk (Mr. Th.), 30, 58, 208, 245, 246, 247, 249, 251, 252, 254. + +Heldt, 208. + +Helsdingen (Van), 120, 127. + +Hermans, 127. + +Holwerda, 87. + +Houten (Van), 61, 84, 87, 90, 93, 101, 102, 166, 169, 180, 194, 195, + 197, 201, 223, 235, 254. + +Idenburg, 231, 247. + +Kaay (Van der), 81, 85, 87, 194. + +Kappeyne van de Coppello, 159, 175. + +Karnebeek (Van), 87, 93, 233. + +Kerdijk, 84. + +Ketelaar, 93. + +Keuchenius, 181. + +Ketteler (Mgr.), 31. + +Kol (Van), 119, 120, 130, 255. + +Kolkman, 30, 224, 242. + +Konings (Mgr.), 33. + +Koolen, 29. + +Krans, 234. + +Kruys, 210. + +Kuykhoff (Van), 127. + +Kuyper (Dr. A.), 21, 28, 40, 41, 42, 43, 44, 45, 46, 48, 49, 50, 52, 53, + 54, 55, 56, 57, 59, 62, 66, 69, 70, 72, 168, 184, 190, 191, 194, 198, + 199, 200, 205, 206, 210, 212, 213, 214, 215, 217, 218, 220, 224, 226, + 228, 229, 231, 232, 233, 237, 246, 248, 249, 252, 254. + +Lely, 202, 208. + +Lennep (Van), 61. + +Leo XIII, 24. + +Levy (Mr. J. A.), 94. + +Liebknecht, 119. + +Lieftink, 227. + +Lodewijk XIV, 11. + +Lodewijk Bonaparte, 44. + +Loeff, 30, 210, 212, 231, 235, 237. + +Loopuit, 130. + +Lijnden (Van), 176. + +Mackay, 21, 30, 61, 68, 181, 186, 187, 189, 198, 211, 248. + +Marchant, 221, 222, 241. + +Marees van Swinderen, 247. + +Marez Oyens (De), 210. + +Marx (Carl), 114, 117, 122, 123, 131, 134. + +Meester (De), 59, 233, 234, 239, 242, 243, 244, 247, 248, 249, 251, 252. + +Melvil van Lijnden, 210. + +Mendels, 127, 130. + +Meyer (H.), 128. + +Mun (De), 79. + +Myer, 152. + +Nelissen, 30, 247, 252. + +Nispen tot Sevenaar (Van), 30, 35. + +Nolens (Mgr.), 30. + +Nouwens, 34. + +Nuyens, 76. + +Ophemert (Van), 68. + +Opzoomer, 82, 83. + +Oudegeest, 256. + +Pannekoek, 130. + +Passtoors, 30, 33, 34. + +Pennink, 140. + +Pierson, 102, 201, 202, 203, 209, 227, 233, 251. + +Pius IX, 24. + +Polak (H.), 120, 141. + +Quarles van Ufford, 61. + +Raalte (Van), 234, 257. + +Rappard (Van), 243, 244. + +Ravesteyn (Van), 133. + +Rees (Van), 176. + +Rembrandt, 18. + +Rink, 234, 248. + +Roëll, 84, 87, 194, 257. + +Roland Holst (Mevw.), 128, 130. + +Ruijs de Beerenbrouck, 30, 186. + +Sabron, 247, 251. + +Savornin Lohman (De), 54, 59, 61, 63, 65, 72, 194, 198, 203, 211, 225, + 247, 254. + +Schaepman (Dr.), 15, 16, 18, 21, 22, 23, 24, 27, 28, 30, 31, 36, 37, 38, + 46, 75, 147, 168, 190, 191, 192, 194, 199, 204, 206, 224. + +Schaper, 120, 127, 130, 132, 202. + +Schimmelpenninck (Graaf), 185. + +Schimmelpenninck van der Oye, 61. + +Schokking, 71, 72, 211. + +Schopenhauer, 195. + +Seret, 227. + +Smits (Mgr.), 20. + +Snoeck Henkemans, 256. + +Spiekman, 120. + +Sprenger van Eyk, 201. + +Staal, 234, 239, 243. + +Staalman, 57, 225, 254. + +Storm, 148. + +Strens, 149. + +Stuers (De), 32. + +Tak van Poortvliet, 47, 59, 101, 175, 176, 192, 193, 194, 201. + +Talma, 58, 247. + +Ter Laan, 130. + +Tets van Goudriaan, 87, 234. + +Thorbecke, 16, 22, 74, 76, 78, 81, 82, 148, 151, 152, 155, 157, 158, + 233. + +Tienhoven (Van), 192. + +Treub, 90, 108, 112, 253. + +Troelstra, 74, 85, 119, 120, 124, 130, 131, 132, 133, 134, 208, 217, + 245. + +Tijdeman, 91, 92, 241. + +Veegens, 208, 234. + +Vegt (Van der), 120. + +Visser (De), 63, 64, 65, 69, 70, 72, 202, 211, 225, 231, 238. + +Vos Azn. (G. J.), 199. + +Vliegen, 117, 120, 127, 128, 130, 132. + +Vlugt (Van der), 87, 232, 238. + +Vlymen (Van), 245. + +Vredeburch (Baron Van), 89. + +Vries Cz. (S. de), 93. + +Wagenaar, 229. + +Wentholt, 247. + +Wichers, 148. + +Wilhelmina (Koningin), 189, 205, 233. + +Willem I (Koning), 13. + +Willem II (Koning), 15, 146. + +Willem III (Koning), 149, 176, 189. + +Wintgens, 179. + +Wijnkoop, 133. + +Zimmerman, 242. + +Zuylen van Nyevelt (Van), 149, 152. + +Zwaag (Van der), 121, 127, 140. + + + + + ERRATUM. + + +De vellen 10 en 11 zijn gepagineerd 253-284; lees 153-184. + + + + + INHOUDSOPGAVE. + + +INLEIDING. + +#Het Hollandsche landschap.#--Karakter van het volk.--Kalmte.--Vrije + vereeniging.--Vrijheidszin.--Godsdienst.--Toestand der Roomschen na + 1648.--Na 1797.--Na 1848 9-14 + + +EERSTE HOOFDSTUK. + +DE "KATHOLIEKE PARTIJ". + +#I. Sinds 1848 volkomen vrijheid voor de Roomschen.#--In 1853 herstel + der Roomsche hiërarchie.--Schoolstrijd sinds 1857.--Verdeeldheid + in eigen boezem.--Herderlijke brief van 23 Juli 1868.--Schoolwet + van 1878 15-18 + +#II. Dr. Schaepman in de Tweede Kamer.#--Karakterschets van + Schaepman.--Zijn pers-arbeid 18-20 + +#III. Schaepman en Kuyper.#--Samenwerking in den + schoolstrijd.--Ministerie Mackay.--Fractie + Bahlman.--Splitsing.--Herstel van de Katholieke partij 20-24 + +#IV. Program van 20 October 1896.#--Aangenomen door de + kiesvereenigingen.--Schaepmans ideaal verwezenlijkt 24-29 + +#V. Organisatie van de Katholieke partij# 29-31 + +#VI. Volksscholen.#--Verdere + opleiding.--Volksbond.--Boerenbond.--Overige sociale arbeid 31-36 + +#VII. Geen confessioneele partij# 36-38 + + +TWEEDE HOOFDSTUK. + +DE PROTESTANTSCHE PARTIJEN. + +#Calvinisme.#--Nederlandsche Hervormde Kerk.--Groen van + Prinsterer.--Verschillende fracties 39-41 + +#I. De Anti-revolutionaire partij.# Beteekenis van dien naam.--Program + dier partij.--Geen staatskerk.--Geen kerkelijke beweging.--Dr. + Kuyper.--Karakterschets.--Werkzaamheid.--Loopbaan.--Program van + 1 Januari 1878.--Programs van actie.--Verkiezingen van 1891; + van 1897; van 1901.--Organisatie.--Getalsterkte in de Kamers 41-58 + +#II. De Vrij-antirevolutionaire of nieuwe Christelijk historische + partij.# Conservatief.--De Savornin Lohman.--Zijn scheiding van + Dr. Kuyper.--Organisatie der partij.--Verklaring van November + 1896.--Program van beginselen.--Dr. De Visser en zijn groep.--Sterkte + in de Kamers.--De Christelijk Historische Unie 58-65 + +#III. De Christelijk-Historische Kiezersbond.--De Friesche + Christelijk-Historischen.# De partij der orthodoxe Hervormde + predikanten.--Dr. Bronsveld.--Tegen het verbond tusschen + Antirevolutionairen en Roomschen.--Program.--Invloed.--Verval.--De + Friesche Kiezersbond.--Program.--Schokking.--Invloed.--Samensmelting + met de Christelijk-Historische partij 65-73 + + +DERDE HOOFDSTUK. + +DE LIBERALE PARTIJEN. + +#Haar gouden eeuw.#--Thorbecke.--Diens dood het begin van verval voor + de partij.--Oorsprong uit de Fransche Revolutie.--Zwakheid op sociaal + terrein.--Druk van de socialistische beginselen.--Het koloniale + vraagstuk in 1866.--De Liberale Unie.--Kieswet-ontwerp.--Tak van + Poortvliet.--Desorganisatie 73-86 + +#I. De Oud-Liberalen, Conservatief-Liberalen of Vrij-Liberalen.# + Langzaam afgeweken.--Nuttigheidspolitiek.--Vrees voor socialisme + en clericalisme.--Nieuwe gematigde partij.--Organisatie.--Manifest + der 75.--Bond van Vrij-Liberalen.--Nederlaag in 1909 86-94 + +#II. De vooruitstrevende Liberalen van de Liberale Unie.# Meer + links.--Program van 1896.--Verkiezingsprogram van 1897.--Eisch van + grondwetsherziening in 1901.--Motie van urgentie.--Verzwakking.--Goeman + Borgesius 94-104 + +#III. De Vrijzinnig-Democraten.# De Radicale + Bond.--Program.--Verkiezingen van 1897.--Vrijzinnig-democratische + Bond.--Beginselverklaring.--Verkiezingsprogram en werkprogram van + 1901.--Overhelling naar het Socialisme.--Invloed 104-112 + + +VIERDE HOOFDSTUK. + +DE SOCIALISTISCHE PARTIJ. + +#I. De eerste organisatie.# Ontstaan in 1877.--Snelle + vooruitgang.--Domela Nieuwenhuijs.--Zijn welslagen in + Friesland.--Vliegen.--Groningsch congres in + 1893.--Sociaal-Democratische Bond 112-119 + +#II. De Sociaal-Democratische Arbeiderspartij.# Troelstra, + Van Kol, Van der Goes.--Oprichting der partij in + 1894.--Voorspoed.--Program.--Krachtige propaganda.--Pers.--De + steden en het platteland.--Carl Marx de twistappel.--Ontstaan + van de Sociaal-Democratische partij 119-133 + +#III. De Anarchistische Socialisten.# Domela + Nieuwenhuis anarchist.--Botsing met de regeering.--De + Socialistenbond.--Nationaal Arbeiderssecretariaat.--De Vrije + Socialist.--Werkstaking in 1903 133-142 + + +#TWEEDE DEEL.# + + +EERSTE HOOFDSTUK. + +DE EERSTE POGINGEN EN DE EERSTE VERBONDEN. + +#Talrijkheid der partijen.# De Roomschen steeds verplicht bij andere + partijen zich aan te sluiten ten einde invloed te hebben 145-146 + +#I. Het Liberaal-Roomsch verbond.# Ontstaan in 1848.--Daardoor + machtig.--Eerste ministerie Thorbecke.--Beweging van 1853.--Val + van Thorbecke en van het verbond.--Ministerie Van Hall.--Donker + Curtius.--Schoolkwestie.--Pauselijke Encycliek en Syllabus van + 1864 146-151 + +#II. Het verbond der Conservatieven met de Roomschen.# De Roomschen + zoeken andere bondgenooten.--De Antirevolutionairen daartoe + te zwak.--De Conservatieven bekwaam en machtig.--Ministerie + Heemskerk.--Door Roomsche hulp staande gebleven.--Val van + het ministerie en van het verbond.--Ministerie Fock.--Nieuwe + partijindeeling.--Dood van de Conservatieve partij.--Samenwerking + tusschen Roomschen en Antirevolutionairen 151-156 + + +TWEEDE HOOFDSTUK. + +DE CHRISTELIJKE COALITIE. + +#I. De historische redenen voor de Christelijke + coalitie.--»De schoolstrijd.«# Derde ministerie + Thorbecke.--Opheffing van het Nederlandsche gezantschap bij den + Pauselijken Stoel.--Nieuw ministerie-Heemskerk.--Herziening van + de schoolwet.--Wet van 1878.--Volkspetitionnement.--Geheim + verbond van Roomschen en Antirevolutionaren 157-161 + +#II. De theoretische gronden voor de Christelijke coalitie.--De + godsdienstkwestie.#--Ontstemming.--Twijfelaars.--Geen kunstmatige + samensmelting maar natuurlijke samenwerking.--Buys over de + Conservatieve partij.--De godsdienstkwestie beheerscht + alles.--Openbaring of rede?--De antithese steeds scherper.--De strijd + niet meer tusschen Roomsch en Protestantsch, maar tusschen godsdienst + en godloochening.--Sinds de Hervorming geen zedelijke eenheid meer + in Nederland.--Eenheid van grondbeginselen.--De groote wet der + historie.--De Christelijke staat in de moderne samenleving 161-174 + + +DERDE HOOFDSTUK. + +TWINTIG JAREN VAN STRIJD. + +#I. De grondwetsherziening.# Val van het ministerie + Kappeyne.--Ministerie Van Lynden.--Derde ministerie + Heemskerk.--Grondwetsherziening aan de orde gesteld.--Verkiezingen + van 1884.--De Kamer op het doode punt.--Artikel 194.--Ministerie + Heemskerk blijft aan de regeering.--Grondwetsherziening in + 1887.--Kiesrecht-uitbreiding 174-184 + +#II. De eerste triomf van de Christelijke Coalitie.--Het ministerie + Mackay.--De Pacificatie-wet.# Toenadering tusschen Roomschen en + Antirevolutionairen.--Elke dezer partijen werkt afzonderlijk.--De + nieuwe Kamer.--Ministerie Mackay.--De pacificatie-wet.--Dood van + koning Willem III.--Koningin Wilhelmina 184-189 + +#III. De crisis van de Christelijke Coalitie.--Hervorming van het + kiesrecht.# Dienstplicht.--Verbreking van de samenwerking.--De + overwinning noodlottig voor de Christelijke partijen.--Verschil van + beginselen tusschen Calvinisme en Roomsch-Katholicisme.--Schaepman + en Kuyper.--Fractie Bahlman.--Bronsveld.--Nederlaag der Christelijke + partijen.--Ministerie Van Tienhoven.--Tak van Poortvliet.--Program van + kiesrechthervorming.--Conservatief of democratisch.--Kamerontbinding + 1894.--Verwarring en splitsing.--Ministerie Van Houten.--Kieswet Van + Houten 189-197 + +#IV. De herstelling van de Christelijke Coalitie.--De + verkiezingen van 1897.--Het ministerie Pierson.#--Liberalisme + tegen clericalisme.--Splitsing der Antirevolutionaire + partij.--Vrij-Antirevolutionairen.--De Savornin + Lohman.--Antirevolutionairen en Roomschen tegenover Liberalen + en den Christelijk Historischen Kiezersbond.--Nederlaag der + eersten.--Ministerie Pierson.--Dr. De Visser's overgang naar + Rechts.--Vooroordeelen onderling.--Werkzaamheid van het ministerie + Pierson.--Vredesconferentie.--Meerderjarigheid van koningin + Wilhelmina.--Leerplichtwet.--De Christelijke Coalitie + versterkt.--Verkiezingen van 1901.--Overwinning 197-209 + + +VIERDE HOOFDSTUK. + +DE ZEGE EN DE TOEKOMST DER CHRISTELIJKE COALITIE. + +#I. Het ministerie Kuyper.--Gemengd Christelijk ministerie.--De + Eerste Kamer nog liberaal.#--Program van het ministerie.--Kritiek + en moeilijkheden.--Werkstaking van 1903.--Ontbinding en omzetting + van de Eerste Kamer 210-221 + +#II. De verkiezingen van 1905.--De overwinning van de + linkerzijde.#--Kiezerscampagne van 1905.--Wederzijdsche + voorbereiding.--Bronsveld.--Staalman.--Hevige strijd.--Nederlaag + 221-229 + +#III. Het liberaal ministerie De Meester.#--Ongelijksoortige + samenstelling van de Linkerzijde.--Goeman Borgesius.--Ministerie De + Meester.--Program.--Blanco artikel.--Houding der Rechterzijde.--Het + "blijvend gedeelte".--Val van minister Staal.--Verkiezingen voor + de Provinciale Staten.--Val van het Liberalisme.--Minister Van + Rappard.--Begrooting van 1908.--Val van Van Rappard.--Aftreding + van het ministerie 229-246 + +#IV. Het ministerie Heemskerk.--De algemeene verkiezingen van + 1909.--De toekomst van de Christelijke coalitie.#--Mr. Heemskerk + aanvaardt de regeering.--Tegen de meening van Dr. Kuyper.--Afwachtende + en verzoeningsgezinde houding van het kabinet.--Program van het + ministerie.--Financieele crisis.--Verhooging van vermogens- en + bedrijfsbelasting.--Regeling militairen dienst.--Kamerverkiezingen + van 1909.--Roeping van het ministerie Heemskerk.--Blik in de + toekomst.--De Roomschen aangekomen op hetzelfde punt als de Roomschen + in België in 1884.--Roeping van de Christelijke Coalitie 246-260 + + + + + +---------------------------------------------------+ + | | + | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: | + | | + | De volgende correcties zijn in de tekst | + | aangebracht: | + | | + | Bron (B:) -- Correctie (C:) | + | | + | B: »De Tijd" Mgr Smits ter | + | C: »De Tijd" Mgr. Smits ter | + | B: verkrijgen. Dr Schaepman had het | + | C: verkrijgen. Dr. Schaepman had het | + | B: groepen. was het besluit, genomen | + | C: groepen, was het besluit, genomen | + | B: te zijn, en. toen deze troebele | + | C: te zijn, en, toen deze troebele | + | B: Rerum Novarum« de fundamenteele | + | C: »Rerum Novarum« de fundamenteele | + | B: Schaepman in Amelo, die geheel | + | C: Schaepman in Almelo, die geheel | + | B: landbouw, of commecieele of industrieele | + | C: landbouw, of commercieele of industrieele | + | B: ideëen heeft hen nòch verschrikt, | + | C: ideeën heeft hen nòch verschrikt, | + | B: de ideëen en de wijze van | + | C: de ideeën en de wijze van | + | B: aldus aanduidde: Wij willen de | + | C: aldus aanduidde: »Wij willen de | + | B: ideëen die ons hebben geleid | + | C: ideeën die ons hebben geleid | + | B: zij recht hebben. Dit feit volgt | + | C: zij recht hebben." Dit feit volgt | + | B: noch de volkomen vrijheld van | + | C: noch de volkomen vrijheid van | + | B: zooveel schandelijk machtsmisbruik. | + | C: zooveel schandelijk machtsmisbruik." | + | B: Opzich zelf is niets leerzamer, | + | C: Op zichzelf is niets leerzamer, | + | B: dat de overmoeide werkzaamheid | + | C: dat de onvermoeide werkzaamheid | + | B: was toen de tijd. dat | + | C: was toen de tijd, dat | + | B: ontving, »en dat zij dit« overeenkomstig | + | C: ontving«, en dat zij dit » overeenkomstig | + | B: Nederlandschen Staat. en de | + | C: Nederlandschen Staat, en de | + | B: volle vrijheid der kerken. waarbij | + | C: volle vrijheid der kerken, waarbij | + | B: of sectarische ideëen die er | + | C: of sectarische ideeën die er | + | B: en van de militaire rechtsspraak; | + | C: en van de militaire rechtspraak; | + | B: in de koloniën. Van de militaire | + | C: in de koloniën." Van de militaire | + | B: het Centraal Comitè, het provinciaal | + | C: het Centraal Comité, het provinciaal | + | B: aanvaardde de idieeën die men | + | C: aanvaardde de ideeën die men | + | B: niet de goedkeurig wegdroegen | + | C: niet de goedkeuring wegdroegen | + | B: de »Vrij-antirevolutionairen» zooals men | + | C: de »Vrij-antirevolutionairen« zooals men | + | B: regeerders te kiezen Aan de andere | + | C: regeerders te kiezen. Aan de andere | + | B: kinderen van het Reveil, zich | + | C: kinderen van het Reveil«, zich | + | B: aangenomen, De geest van de | + | C: aangenomen. De geest van de | + | B: partij-Lohman was: een meer aristocratisch, | + | C: partij-Lohman was: »een meer aristocratisch, | + | B: protectonisme; eischte goed | + | C: protectionisme; eischte goed | + | B: de »Christelijk-Historirische Kiezersbond" | + | C: de »Christelijk-Historische Kiezersbond" | + | B: werd nog nanwkeuriger na de korte | + | C: werd nog nauwkeuriger na de korte | + | B: verstrooid op de ruine van haar | + | C: verstrooid op de ruïne van haar | + | B: van een staatsman«, zegt Dr | + | C: van een staatsman«, zegt Dr. | + | B: staat is«, zoo scheef Thorbecke | + | C: staat is«, zoo schreef Thorbecke | + | B: evenmensch wordt begrensd». Hieruit | + | C: evenmensch wordt begrensd. Hieruit | + | B: tijd van Thorbeeke af was er | + | C: tijd van Thorbecke af was er | + | B: de overwinning behaalden, | + | C: de overwinning behaalden. | + | B: Vrijzinnig-democratischen Bond | + | C: Vrijzinnig-democratischen Bond. | + | B: bestaande uit zeven leden, die | + | C: bestaande uit zeven leden. die | + | B: toch nanwkeurig genoeg om | + | C: toch nauwkeurig genoeg om | + | B: te zijn. Meu had wel het | + | C: te zijn. Men had wel het | + | B: had de Oudliberale partij gevaar | + | C: had de Oud-liberale partij gevaar | + | B: maar een weinig, ervan verwijderden. | + | C: maar een weinig, ervan verwijderde. | + | B: Evenwei constitueerden de | + | C: Evenwel constitueerden de | + | B: van 26 Jannari 1901 niet | + | C: van 26 Januari 1901 niet | + | B: »Overal», zegt hij, »waar | + | C: »Overal«, zegt hij, »waar | + | B: vooruitgang.» En hij voegt | + | C: vooruitgang.« En hij voegt | + | B: matiging van den klassestrijd.» | + | C: matiging van den klassestrijd.« | + | B: exploitatie te ontrekken, die van | + | C: exploitatie te onttrekken, die van | + | B: I. | + | | + | _De eerste organisatie._ | + | C: _I. De eerste organisatie._ | + | B: om was een poging te | + | C: was om een poging te | + | B: propaganda; want op dit tijdschip | + | C: propaganda; want op dit tijdstip | + | B: der belastingen te ontrekken, | + | C: der belastingen te onttrekken, | + | B: vele Protestansche belijdenissen, die | + | C: vele Protestantsche belijdenissen, die | + | B: hebben, hadden Toelstra en Van | + | C: hebben, hadden Troelstra en Van | + | B: van het proleterariaat. Vier en | + | C: van het proletariaat. Vier en | + | B: zij geruineerd zouden worden | + | C: zij geruïneerd zouden worden | + | B: zekere streek vestigen deze in | + | C: zekere streek vestigen, deze in | + | B: f 15.00 bestemd voor het tractement | + | C: f 1.500 bestemd voor het tractement | + | B: het dagblad »Het Volk". dat in Amsterdam | + | C: het dagblad »Het Volk", dat in Amsterdam | + | B: Wanneer een partij zich splitst, | + | C: »Wanneer een partij zich splitst", | + | B: congres van Amsterdam, wordt | + | C: congres van Amsterdam, »wordt | + | B: omstuimigheid keerde hij zich | + | C: onstuimigheid keerde hij zich | + | B: leger. «Geen man en geen duit | + | C: leger. »Geen man en geen duit | + | B: periode», zegt hij «is in de | + | C: periode», zegt hij, «is in de | + | B: het Internationaal-soalistisch Congres | + | C: het Internationaal-socialistisch Congres | + | B: I | + | C: I. | + | B: grootste moeilijkheden had de | + | C: grootste moeilijkheden had te | + | B: rechtschapen ministerie, noemde; | + | C: rechtschapen ministerie noemde; | + | B: voor een dilemna, dat zij | + | C: voor een dilemma, dat zij | + | B: te gaan; of de herziening van | + | C: te gaan; òf de herziening van | + | B: voor de Christelijke Coalitie. »De | + | C: voor de Christelijke Coalitie.--»De | + | B: II | + | C: II. | + | B: elkander stonden. Zil geloofden op | + | C: elkander stonden. Zij geloofden op | + | B: partij met deze woorden: dat | + | C: partij met deze woorden: »dat | + | B: ideëen de politiek zelfs | + | C: ideeën de politiek zelfs | + | B: maatschappij, n.l: verzwakking van | + | C: maatschappij, n.l.: verzwakking van | + | B: eenig recht bezit. n.l. het | + | C: eenig recht bezit, n.l. het | + | B: temidden van de ruinen, die | + | C: temidden van de ruïnen, die | + | B: nieuwe ideëen niet behaagde | + | C: nieuwe ideeën niet behaagde. | + | B: en 82) De verplichte | + | C: en 82). De verplichte | + | B: opgenoemd (art 90). | + | C: opgenoemd (art. 90). | + | B: recht van enquète werd verleend | + | C: recht van enquête werd verleend | + | B: Tweede Kamer. (art, 127 en 143) | + | C: Tweede Kamer. (art. 127 en 143) | + | B: II | + | C: II. | + | B: Pacificatie-wet.--_ | + | C: Pacificatie-wet._ | + | B: totnutoe de ontwikling van het | + | C: totnutoe de ontwikkeling van het | + | B: de behandeling de grondwetsherziening | + | C: de behandeling van de grondwetsherziening | + | B: Christelijke Coalitie--Hervorming van | + | C: Christelijke Coalitie.--Hervorming van | + | B: en zag indien tijd twee generale | + | C: en zag in dien tijd twee generale | + | B: van de heeren Roell, Van Houten en | + | C: van de heeren Roëll, Van Houten en | + | B: krachtige oppositte faalde. Bij | + | C: krachtige oppositie faalde. Bij | + | B: op zeer willekeurige wijze. | + | C: op zeer willekeurige wijze.« | + | B: bedaard en v0ordat een nieuwe | + | C: bedaard en voordat een nieuwe | + | B: IV | + | C: IV. | + | B: 1897--Het ministerie Pierson._ | + | C: 1897.--Het ministerie Pierson._ | + | B: de »Liberale Unie, die democratische | + | C: de »Liberale Unie", die democratische | + | B: Vos brachtten den Christelijk-historischen | + | C: Vos brachten den Christelijk-historischen | + | B: gemeene zaak hadden gemaakt.«. | + | C: gemeene zaak hadden gemaakt.« | + | B: de heer Cremer van Koloniën, | + | C: de heer Cremer voor Koloniën, | + | B: de Oud liberalen werden er | + | C: de Oud-liberalen werden er | + | B: tegengestemd behalve Dr Schaepman, die, | + | C: tegengestemd behalve Dr. Schaepman, die, | + | B: zoo verklaarde hij »moet gestreden | + | C: zoo verklaarde hij, »moet gestreden | + | B: aan de liberale heerschappij, | + | C: aan de liberale heerschappij. | + | B: Revolutie!» | + | C: Revolutie!« | + | B: van het jaar 1803 oproerige | + | C: van het jaar 1903 oproerige | + | B: arbeids klassen moesten | + | C: arbeidsklassen moesten | + | B: zoodoende Dr. Kuijper te doen | + | C: zoodoende Dr. Kuyper te doen | + | B: steun aan de Unieliberalen en zelfs | + | C: steun aan de Unie-liberalen en zelfs | + | B: De Savoruin Lohman en Dr | + | C: De Savornin Lohman en Dr. | + | B: Dr, Kuyper met woede | + | C: Dr. Kuyper met woede | + | B: nog in Enschedé had een | + | C: nog in Enschede had een | + | B: schreef ervan: Wat ter | + | C: schreef ervan: »Wat ter | + | B: rector-magnifucus aan de Technische | + | C: rector-magnificus aan de Technische | + | B: dringende en dadelijke afschafiing van | + | C: dringende en dadelijke afschaffing van | + | B: tegen het monsterbond en zijne | + | C: tegen het monsterverbond en zijne | + | B: leider van de Koomsch-Katholieke Kamerclub | + | C: leider van de Roomsch-Katholieke Kamerclub | + | B: om tot het gewilde resultaat, | + | C: om tot het gewilde resultaat | + | B: de Tweede Kamer bezat, De verwerping | + | C: de Tweede Kamer bezat. De verwerping | + | B: het de gezamenlijke portefeulles aan | + | C: het de gezamenlijke portefeuilles aan | + | B: eene Ds. Talma een der bekendste | + | C: eene Ds. Talma, een der bekendste | + | B: neomalthusiaansche progaganda een | + | C: neomalthusiaansche propaganda een | + | B: door de propoganda van de Marxisten, | + | C: door de propaganda van de Marxisten, | + | B: van den Socialischen candidaat een | + | C: van den Socialistischen candidaat een | + | B: Juni nieuwe overwinning. | + | C: Juni een nieuwe overwinning. | + | B: den heer Roell, den geachten | + | C: den heer Roëll, den geachten | + | B: reeds in 1888 in 1901 waren de | + | C: reeds in 1888 en 1901 waren de | + | B: niet meer de voltooiing der | + | C: niets meer de voltooiing der | + | B: politiek te te wijden. Maar dat | + | C: politiek te wijden. Maar dat | + | B: Kuykhoff, (Van), 127. | + | C: Kuykhoff (Van), 127. | + | B: Wijnkoop 133. | + | C: Wijnkoop, 133. | + | B: Zuylen van Nyevelt (Van) 149, 152. | + | C: Zuylen van Nyevelt (Van), 149, 152. | + | B: "DE "KATHOLIEKE PARTIJ". | + | C: DE "KATHOLIEKE PARTIJ". | + | B: 29-36 | + | C: 31-36 | + | B: DE PROTESTANTSCHE PARTIJEN | + | C: DE PROTESTANTSCHE PARTIJEN. | + | B: Vrij-antirevolutionaire# of #nieuwe | + | C: Vrij-antirevolutionaire of nieuwe | + | B: Dr Kuyper.--Organisatie der | + | C: Dr. Kuyper.--Organisatie der | + | B: van beginselen--Dr. De Visser | + | C: van beginselen.--Dr. De Visser | + | B: en zijn groep--Sterkte | + | C: en zijn groep.--Sterkte | + | B: partij 58-73 | + | C: partij 65-73 | + | B: der 75--Bond van | + | C: der 75.--Bond van | + | B: naar het Socialisme--Invloed | + | C: naar het Socialisme.--Invloed | + | B: coalitie. De schoolstrijd. | + | C: coalitie.--»De schoolstrijd.« | + | B: Kuyper.--Gemengd Christelijk ministerie.--De | + | Eerste Kamer nog liberaal.#--Program | + | C: Kuyper.#--Gemengd Christelijk ministerie.--De | + | Eerste Kamer nog liberaal.--Program | + | B: 209-221 | + | C: 210-221 | + | B: ministerie De Meester#--Ongelijksoortige | + | C: ministerie De Meester.#--Ongelijksoortige | + | | + +---------------------------------------------------+ + + + + + +End of the Project Gutenberg EBook of De politieke partijen in Nederland en +de christelijke coalitie, by Paul Verschave + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE POLITIEKE PARTIJEN IN NEDERLAND *** + +***** This file should be named 34993-8.txt or 34993-8.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + https://www.gutenberg.org/3/4/9/9/34993/ + +Produced by The Online Distributed Proofreading Team at +https://www.pgdp.net + + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +https://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at https://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at https://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit https://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including including checks, online payments and credit card +donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + https://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. diff --git a/34993-8.zip b/34993-8.zip Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..89cb72d --- /dev/null +++ b/34993-8.zip diff --git a/34993-h.zip b/34993-h.zip Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..52d51ee --- /dev/null +++ b/34993-h.zip diff --git a/34993-h/34993-h.htm b/34993-h/34993-h.htm new file mode 100644 index 0000000..07babc3 --- /dev/null +++ b/34993-h/34993-h.htm @@ -0,0 +1,11616 @@ +<!DOCTYPE html PUBLIC "-//W3C//DTD XHTML 1.1//EN" + "http://www.w3.org/TR/xhtml11/DTD/xhtml11.dtd"> + +<html xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml" xml:lang="nl"> + +<head> + <meta http-equiv="Content-Type" content="text/html;charset=iso-8859-1" /> + <meta http-equiv="Content-Style-Type" content="text/css" /> + <title> + The Project Gutenberg eBook of De politieke partijen in Nederland en de christelijke coalitie, by Paul Verschave. + </title> + <style type="text/css"> + +body {margin-left: 8%; margin-right: 8%;} + +h1 {text-align: center; clear: both; margin-top: 2em; margin-bottom: 2em; font-size: 200%;} +h2 {text-align: center; clear: both; margin-top: 4em; font-weight: normal; font-size: 100%;} +h2.h2a {font-weight: bold; font-size: 167%;} + .h2toc {font-size: 100%;} + .subh2toc {font-size: 75%;} +h3 {text-align: center; clear: both; margin-top: 3em; font-weight: normal; font-size: 100%;} + +big {font-size: 200%;} +small {font-size: 40%;} +.small2 {font-size: 70%;} + +p {margin-top: .4em; margin-bottom: .4em; text-align: justify; text-indent: 1em;} +p.tp {margin-top: 2em; margin-bottom: 2em; text-align: center; text-indent: 0em;} +div.subh2 {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; text-align: center; text-indent: 0em; + font-weight: bold; font-size: 133%;} +div.subh3 {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; text-align: center; text-indent: 0em; + font-style: italic; font-size: 100%;} +p.noi {text-indent: 0em;} + +div.title {margin-top: 3em; margin-bottom: 2em; text-align: center;} +div.voorblad {margin-top: 3em; margin-bottom: 1em; text-align: center; font-size: 100%;} +div.blockq {margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em;} + .blockq div {text-indent: 0em; margin-left: 5%; margin-top: .4em; margin-bottom: .4em; text-align: justify;} + .label {position: absolute; right: 89%; text-align: right; text-decoration: none;} + +/* TB */ +p.tb {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; margin-left: 10%; margin-right: 10%; + text-align: center; text-indent: 0em;} + .tbhoog {vertical-align: +1.2em;} + .tblaag {vertical-align: -1.2em;} +hr {width: 33%; clear: both; border: 1px solid black; + margin-top: 1em; margin-bottom: 2em; margin-left: auto; margin-right: auto;} +hr.tbleeg {border-style: none;} +hr.fnsep {width: 10%; text-align: left; margin-top: 0.5em; margin-bottom: 0.5em; margin-left: 0; margin-right: 0;} +hr.chbegin {width: 10%; margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em;} +hr.chbegin15 {width: 15%; margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em;} +hr.chend15 {width: 15%; margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em;} +hr.chend20 {width: 20%; margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em;} +hr.chwv {width: 15%; border: 2px solid black; margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em;} +hr.hrtp {width: 8%; border: 2px solid black; margin-top: 3em; margin-bottom: 3em;} + +.pagenum {/* uncomment the next line for invisible page numbers */ + /* visibility: hidden; */ + position: absolute; left: 93%; text-indent: 0em; text-align: right; + font-size: small; font-weight: normal; font-variant: normal; font-style: normal; + letter-spacing: normal; color: #888888;} +span[title].pagenum:after {content: "[" attr(title) "] ";} + +/* TABLES */ +table {margin-left: auto; margin-right: auto; + padding: 0; border: 0; border-collapse: collapse;} +td.tdc {text-align: center; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em; padding-top: 1em;} +td.tdj {text-align: justify; padding-left: 1.5em; padding-right: 0.5em; text-indent: -1em; font-size: 85%;} +td.tdr {text-align: right; width: 4.5em; padding-left: 0.5em; vertical-align: bottom; font-size: 85%;} + +/* ALIGN */ +.center {text-align: center;} +.right {text-align: right;} +.ri1 {padding-right: 1em;} +sup {vertical-align: 0.3em; font-size: 0.75em;} +.mixcap {font-variant: small-caps;} +ins.corr {border-bottom: 1px dotted red; text-decoration: none;} + +/* LISTS */ +ul {list-style: none; margin-left: 1em; padding-left: 1em; text-indent: -1em; font-size: 85%;} + +/* IMAGES */ +.figcenter {margin: auto; text-align: center;} + +/* FOOTNOTES */ +.footnote {margin-left: 5%; margin-right: 5%; font-size: 85%; text-align: justify; } +.fnanchor {text-decoration: none; margin-left: 0.05em;} + +.size67 {font-size: 67%;} +.size75 {font-size: 75%;} +.size85 {font-size: 85%;} +.size133 {font-size: 133%;} +.size167 {font-size: 167%;} + +/* Transcriber Note */ +.TNbox {margin: 10% 10% 5% 10%; border: 1px solid; padding: 1em; + background-color: #dddddd; font-family: sans-serif; font-size: 90%;} +.TNbox h2 {font-variant: small-caps; font-size: 130%; letter-spacing: 0; + margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; line-height: 2em;} +.TNbox p {text-indent: 0em; margin-top: 0.7em; margin-bottom: 0.7em;} +.TNbox table {width: 100%; font-size: 90%;} +.TNbox th {text-align: left;} +.TNbox td {text-align: left; vertical-align: top;} +td.td2 {width: 20%;} +td.td4 {width: 40%;} + + </style> +</head> + +<body> + + +<pre> + +The Project Gutenberg EBook of De politieke partijen in Nederland en de +christelijke coalitie, by Paul Verschave + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: De politieke partijen in Nederland en de christelijke coalitie + +Author: Paul Verschave + +Release Date: January 17, 2011 [EBook #34993] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE POLITIEKE PARTIJEN IN NEDERLAND *** + + + + +Produced by The Online Distributed Proofreading Team at +https://www.pgdp.net + + + + + + +</pre> + + +<div class="TNbox"> + + <h2>Opmerkingen van de bewerker</h2> + + <p>De tekst in dit bestand wordt weergegeven in de originele, verouderde spelling. + Er is geen poging gedaan de tekst te moderniseren.</p> + + <p>Afgebroken woorden aan het einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld.</p> + + <p>Voetnoten zijn hernummerd en verplaatst naar het eind van het hoofdstuk.</p> + + <p>Overduidelijke druk- en spelfouten in het origineel zijn gecorrigeerd; deze zijn voorzien van een + <ins class="corr" title="Bron: dnnne roed stipppellijn">dunne rode stippellijn</ins>, + waarbij de Brontekst via een zwevende pop-up beschikbaar is.<br /> + Variaties in spelling (met/zonder afbreekstreepje, wel/niet hoofdletter, wel/niet superscript, + verschillend gebruik van aanhalingstekens, komma/punt bij duizendtallen) zijn behouden.<br /> + <a href="#erratum">Errata</a> zijn zonder nadere vermelding in de tekst gecorrigeerd.</p> + + <p>Een overzicht van de aangebrachte correcties is te vinden aan + <a href="#correctie">het eind van dit bestand</a>.</p> + + <p>Dit Project Gutenberg e-boek bevat externe referenties. Het kan zijn + dat deze links voor u niet werken.</p> + +</div> + + <div class="figcenter" style="width: 480px;"> + <img src="images/cover.jpg" width="480" height="744" alt="" title="Voorkant boek." /> + </div> + +<p><span class="pagenum" title="1"> </span><a id="p_1"></a></p> + +<div class="voorblad">DE POLITIEKE PARTIJEN IN NEDERLAND<br /> +<span class="size67">EN DE</span><br /> +CHRISTELIJKE COALITIE</div> + +<p><span class="pagenum" title="2"> </span><a id="p_2"></a> +<span class="pagenum" title="3"><br /> </span><a id="p_3"></a></p> + +<div class="title"> + <h1>DE POLITIEKE PARTIJEN IN NEDERLAND<br /> + <small>EN DE</small><br /> + CHRISTELIJKE COALITIE</h1> + + <p class="tp size67">DOOR</p> + + <p class="tp size167">PAUL VERSCHAVE</p> + + <hr class="hrtp" /> + + <p class="tp size67">UIT HET FRANSCH</p> + + <hr class="hrtp" /> + + <p class="tp">KAMPEN—J. H. KOK—1911</p> +</div> + +<p><span class="pagenum" title="4"> </span><a id="p_4"></a> +<span class="pagenum" title="5"><br /> </span><a id="p_5"></a></p> + +<h2 class="size133" id="WOORD_VOORAF">EEN WOORD VOORAF.</h2> + +<p><i>»<span xml:lang="fr">La Hollande politique. Un parti Catholique en pays +Protestant.</span>«<a id="FNa_1" href="#FN_1" class="fnanchor"><sup>1</sup>)</a> Zoo luidt de titel van een tamelijk-lijvig +boek, ten vorigen jare door Paul Verschave bij de <span xml:lang="fr">Librairie +académique Perrin et Cie.</span> te Parijs uitgegeven.</i></p> + +<p><i>Dat boek, door een geloovigen Roomschen vreemdeling +over ons land en volk geschreven, heeft natuurlijk zijn fouten. +Nederlands kerkelijke, staatkundige en maatschappelijke +toestanden zijn zóó ingewikkeld en eigenaardig, dat het +zelfs den Nederlander groote moeite kost om daar een juist +beeld van te teekenen. De taak, welke Verschave op zich +nam, werd nog aanmerkelijk daardoor verzwaard, dat hij +als lid van de Roomsche Kerk het leven en streven moest +beschrijven van een volk, dat meer dan eenig ander onder +den invloed van het Calvinisme staat—grootendeels onbewust +en ongewild, maar voor het overig deel met des te +grooter zelfbewustheid en taaie wilskracht.</i></p> + +<p><i>Des te meer moet het de bewondering van alle Nederlanders +wekken, dat deze vreemdeling, door fijne opmerkingsgave +en langdurige nauwgezette bestudeering van zijn +<span class="pagenum" title="6"> </span><a id="p_6"></a>moeilijk onderwerp, zich zóó uitnemend goed op de hoogte +van den toestand heeft kunnen stellen en er zulk een juist +beeld van heeft kunnen ontwerpen. Op dat punt zijn wij, +Nederlanders, waarlijk niet verwend!</i></p> + +<p><i>Het boek was om meer dan één reden, waard, bij ons +volk bekend te worden. Voor een vertaling is het te uitgebreid +en geeft het soms te veel van hetgeen bij ons overbekend +is. Maar een bewerking, die ook bekorting inhield, +kon haar groote nut hebben.</i></p> + +<p><i>En dat voornamelijk om drieerlei redenen:</i></p> + +<p><i>Ten eerste is het van belang te weten hoe een deskundig +vreemdeling over ons oordeelt.</i></p> + +<p><i>Ten tweede leert dit boek ons hoe onze Roomsche landgenooten +hun eigen positie beschouwen.</i></p> + +<p><i>Ten derde bevat het menigen nuttigen wenk, die niet +zonder groote schade kan verwaarloosd worden.</i></p> + +<p><i>De ouderen onder ons, die gedurende de laatste veertig +jaren den strijd meegemaakt hebben, zullen bij de lezing +van dit boek gedurig gelegenheid vinden om zich te verwonderen +over de groote nauwkeurigheid van den schrijver, +maar nog meer wellicht over zijn uitnemende onbevangenheid +en onpartijdigheid. Hij vleit zijn geestverwanten niet +en hij »vindt niet al kwaad, wat hij doet, dien men haat«.</i></p> + +<p><i>En de jongere lezers, die nog niet zoo lange jaren in +onze gelederen hebben gediend of zich nu pas ten strijde +aangorden, kunnen van de lezing en bestudeering van dit +werk groot nut hebben. Zij vinden hier een overzicht zoo +beknopt en tevens zoo volledig als zij elders totnogtoe +vergeefs zoeken.</i></p> + +<p><i>Het boek is bekort. Maar nergens is den schrijver iets +anders in de pen gegeven dan hij bedoeld heeft.</i></p> + +<p><i>Uitgever en bewerker hebben Verschave aan 't woord +<span class="pagenum" title="7"> </span><a id="p_7"></a>gelaten. Ook daar, waar zijn zienswijze niet geheel of +in 't geheel niet de hunne was. Zij bedoelden weer te geven +wat het oorspronkelijke werkelijk is: geen leerboek om de +Nederlandsche geschiedenis van de laatste zestig jaren te +leeren kennen, maar een rijp, helder, leerrijk oordeel van +een vreemdeling over ons land.</i></p> + +<p class="right ri1 mixcap">De Vertaler.</p> + +<hr class="fnsep" /> + +<div class="footnote"><a id="FN_1" href="#FNa_1" class="label">1)</a> De staatkundige toestand in Nederland. +Een Roomsch-Katholieke partij in een Protestantsch land.</div> + +<hr class="chwv" /> + +<p><span class="pagenum" title="8"> </span><a id="p_8"></a> +<span class="pagenum" title="9"><br /> </span><a id="p_9"></a></p> + +<h2 class="h2a small2" id="INLEIDING">INLEIDING.</h2> + +<hr class="chbegin" /> + +<p>De reiziger, die voor de eerste maal Holland bezoekt, zal +nauwelijks de grenzen over zijn, of hij wordt getroffen +door den bizonderen aanblik van het panorama, dat zich +aan zijn oogen voordoet; en naarmate hij meer het land +in reist, vestigt zich zijn indruk, gewekt door bewondering +en bekoring, door zachtheid en zwaarmoedigheid.</p> + +<p>Vooral treft hem de onafzienbare, overal groenende en +lage vlakte, in alle richtingen door rivier en kanalen doorsneden, +met boomgroepen nu en dan, terwijl groote donkere +molens hier en daar omhoog steken, vreemde en +eigenaardige plekken gevormd worden door huizen, waarvan +de roode daken glinsteren in het schemerend licht van +een neveligen hemel.</p> + +<p>Door dit alles, wat het oog boeit zonder den blik te +vermoeien, komt een gevoel van opgewektheid en toch +van kalmte over hem.</p> + +<p>In dit tafereel, met harmonische kleuren en zuivere +lijnen, waarin de hoeken zijn weggedoezeld door den lichten +wasem, die voortdurend schemert op de onbewogen wateren, +en waar alles harmonisch in elkaar vloeit, de +kleurschakeering van het groen een ongelooflijken glans +vertoont door de voortdurende vochtigheid van den grond, +verschijnt de kleur van elk voorwerp rustiger, en de gedachten +dwalen als vanzelf heel ver weg, zoo ver als +de nauwelijks gebogen lijn van den horizon het gedoogt.</p> + +<p>De reiziger verbaast zich over deze eigenaardige, onverklaarbare +natuur, waarvan hij eenigen tijd, voor hij er het +<span class="pagenum" title="10"> </span><a id="p_10"></a>verdere intieme leven van leert kennen, in zijn zielsbeweeg +en gevoeligheid de weerspiegeling vindt.</p> + +<p>Maar dit is overigens niet het eenige, waarover hij zich +in dit land heeft te verbazen. Indien de staatkundige +aangelegenheden hem eenigszins belang inboezemen, zal +hij zich weldra ervan overtuigen dat het politieke leven van +het tegenwoordige Holland, in zijn groote lijnen, dezelfde +karaktertrekken vertoont als zijn landschap: dezelfde +zichtbare, treffende, grootsche onbewogenheid, dezelfde +indruk van hooge rust, dezelfde hoedanigheden van kracht +en innerlijk leven.</p> + +<p>Ook hier zal hij zich bevinden tegenover een nieuwe +wereld, bijna geheel onbekend in Europa, en vooral in +Frankrijk. Inderdaad, dit kleine volk, dat woont op het +aangeslibde land van drie rivieren, dat zijn grond veroverde +op de zee en zijn onafhankelijkheid op Spanje toen +dat het toppunt van zijn macht bereikt had; dit volk +van kooplieden, dat Engeland deed beven en de macht +van Lodewijk XIV overwon, en dat nu, wel-is-waar vervallen +van zijn vroegere glorie, met een teedere liefde +zich schaart rondom zijn jonge, lieve, alom beminde koningin, +biedt het zeldzaam schouwspel van politiek, welker +beginselen evenwijdig loopen aan den breeden stroom van +heel het geestelijk leven.</p> + +<p>De Hollander is van aanleg de kalmte zelf. Zijn koud +temperament, niet geneigd tot licht-ontvlambaar enthousiasme, +kan zich moeilijk vereenigen met een oppervlakkige +beschouwing en laat zich niet meeslepen door enkel +schoonschijnende redeneering. Hij wil dóórdringen tot den +grond der dingen, zonder zich door den vorm te laten +misleiden, zonder zich op te houden met den vaak bedriegelijken +glans van de oppervlakte. In de politiek +ook volgt hij zijn diepste overtuiging, hij stelt zich niet +tevreden met vernuftige, korte bespiegelingen, hij draaft +niet achter een mensch of een hersenschim aan, +veel minder handelt hij uit tijdverbeuzelende liefhebberij. +Zijn oog bemerkt onder den toevalligen loop der gebeurtenissen +en onder de vlottende ontwikkeling der partijen, +den strijd van onderscheidene stelsels, die met zich brengen +<span class="pagenum" title="11"> </span><a id="p_11"></a>de gewichtigste gevolgen voor het geluk en de welvaart +van een volk. En nog dieper in het probleem indringende, +ontwaart hij dat de wezenlijke ideeën, die de drijfveer van +het politieke leven beheerschen, in verband staan met de +wetenschap die zich bezighoudt met het doel van het +menschelijk bestaan: een leven God ter eere, dus met de +theologie. Dit verklaart, waarom de religieuse beschouwingen +altijd zulk een groote plaats hebben ingenomen +in de geschiedenis van zijn land. Zoo was het in de 17e +eeuw tijdens de Remonstrantsche geschillen; zoo is het +nu nog; en Holland blijft onder gewijzigde gestalte +het land van den strijd der godsdienstige overtuigingen.</p> + +<p>Om aan politiek te doen, en goed er aan te doen, is +aaneensluiting noodzakelijk. Trouwens dit wapen en deze +macht kent de Hollander sinds lang, omdat hij het steeds +met goed gevolg heeft toegepast in den strijd tegen de +elementen. Het moerassig land, waarop zijn woning gebouwd +werd, was voortdurend blootgesteld aan de verwoestingen +van de zee en de vernielende kracht van den +wind. Om het te beschermen en zich te verweren, waren +zijn individueele krachten onvoldoende; maar hij vertiendubbelde +ze door aaneensluiting, en dank zij deze, heeft +hij voet voor voet zijn land op de zee veroverd; heeft hij +de moerassen drooggemaakt, de rivieren bedijkt, en terzelfder +tijd den wind opgevangen en er zich van bediend, +om de meren droog te leggen; heeft hij uitnemend de aangeslibde +gronden—vrucht van zijn veroverenden arbeid—zich +ten nutte gemaakt. En om ze te behouden, verplichten +hem de nimmer-aflatende aanvallen der natuurkrachten +om geen oogenblik zijn waakzaamheid en werkzaamheid +te laten verslappen.</p> + +<p>Op deze wijze is Holland geworden het land van de +vrije vereeniging. Ontstaan door de onvermijdelijkheid +van den strijd tegen de natuurkrachten, heeft zij zich langzamerhand +ontwikkeld, zich uitgestrekt tot de andere +terreinen van het menschelijk leven; tot de litteratuur, +waar zij in de 16de eeuw reeds de rederijkerskamers in +het leven riep; tot het bedrijf, waar zij de gilden deed +<span class="pagenum" title="12"> </span><a id="p_12"></a>bloeien, en in deze dagen de syndicaten; tot de politiek, +waar zij partijen deed opkomen, vast van beginsel en ter +dege georganiseerd.</p> + +<p>De politieke strijd heeft zelfs dezen karaktertrek gemeen +met den strijd tegen de natuurkrachten, dat het doel, hetwelk +men bereiken wil, dikwijls ver verwijderd is en temidden +van onzekerheid en donkerheid ligt; en toch voor den +een zoowel als voor den ander is dat doel alles, en het +najagen ervan eischt arbeid van geduld en volharding.</p> + +<p>Nog opmerkelijker dan haar ontwikkeling en haar aantal, +is dat deze vereenigingen hetzij met materieel of +politiek doel, zich bewegen en handelend optreden in +bijna volmaakte vrijheid, temidden van de groote +organisatie van den Staat, die ze niet wantrouwt en er niet +aan denkt om ze te doen verdwijnen. Het verschijnsel +doet zich binnen het vereenigingsleven zelfs voor, dat de +voor de gemeenschap zoo noodige tucht geen afbreuk +doet aan de individueele vrijheid. De Hollander bezit in +hooge mate het gevoel van onafhankelijkheid en den eerbied +voor de persoonlijke vrijheid. Geen grondwet heeft dit +officieel verordend; het is veeleer een traditioneele en +nationale deugd, en de wetten hebben er zich naar +te regelen.</p> + +<p>Zooals al de Germaansche landen, zijn ook de Nederlanden +in de 16de eeuw voor het Protestantisme gewonnen, +en ondervonden zij in dezelfde mate als Duitschland en +Engeland de gevolgen van den godsdienstigen omkeer, die +in Europa zich onder de volken baan brak.</p> + +<p>Maar hier droeg de strijd der godsdiensten een zéér +bizonder karakter, dien van een onafhankelijkheidskrijg, +van een opstand tegen den vreemdeling, van het volk +dat bedreigd werd in zijn verkregen voorrechten en belangen. +De vrede van Munster, die een einde maakte aan +dien strijd, deed ook de bestrijding van de Roomschen +door de Calvinisten ophouden. Toch moet erkend worden, +dat de vervolging van de Calvinisten minder +hard, veel minder bloedig was geweest, dan in andere +landen, bijv. in Engeland. Het nationaal karakter en het +gevoel voor vrijheid, hoewel niet bij machte om ze paal +<span class="pagenum" title="13"> </span><a id="p_13"></a>en perk te stellen, hebben er ten minste het gruwzame +van verzacht, en aan geheele centra, ja heele provinciën +toegestaan Roomsch te blijven.</p> + +<p>De Revolutie keerde de oude toestanden geheel om. +De constitutie van 1797 gaf den Roomschen in theorie +de vrijheid. Zij namen haar met vreugde aan en bedienden +er zich ijverig van om wat vervallen was weer op te +bouwen, en zich van de slagen te herstellen, kerken te +stichten, pastorieën te bouwen, en stichtingen van barmhartigheid +in het leven te roepen.</p> + +<p>Niettemin, indien ook al de Gereformeerde godsdienst in +schijn ophield staatgodsdienst te zijn, de zeden bleven er van +doordrongen, en het protestantsche conservatisme, waardoor +het werd geleid, beschouwde de Roomschen nog als indringers, +bijna als vijanden. Deze vijandschap was vooral +voelbaar onder de regeering van koning Willem I, die +in 1815 de Nederlanden onder zijn scepter verkregen had, +en zij was in 1830 een der voornaamste oorzaken van +den Belgischen opstand en van de scheiding der zuidelijke +provinciën.</p> + +<p>Men moet letten op de dagen van 1848 om te zien, +hoe de Roomschen op het staatkundig tooneel optraden, +en in de praktijk hun volledige vrijheid terugkregen.</p> + +<p>Sedert dien tijd hebben zij haar gehandhaafd, hebben +zij haar uitgebreid, en hebben zij onder het volk een belangrijke, +ja meermalen een overwegende plaats ingenomen, +en zijn zij tot een positie gekomen, als hun geloofsbroeders +in weinig landen kennen, zelfs niet in Duitschland, +waar, niettegenstaande de overwinningen van het +centrum, de Roomschen zich niet in het genot van een +volkomen onafhankelijkheid verheugen, en altijd gevoelen +de kracht van het Staatsdespotisme en de vijandschap +van het »Evangelische Verbond”.</p> + +<p>Deze positie hebben de Nederlandsche Roomschen niet +verkregen zonder strijd, zonder krachtsinspanning, zonder +organisatie, en 't is daarom van belang om hen van +nabij te leeren kennen, en de samenstelling van +hun partij en haar program na te gaan, in vergelijking +met de organisatie en het program van de andere partijen +<span class="pagenum" title="14"> </span><a id="p_14"></a>in Holland, en hun verhouding in het publieke +leven en den staatkundigen strijd te schetsen. Op deze +wijze zal het mogelijk zijn te zien, wat zij hebben gedaan, +en hoe zij geslaagd zijn, en den invloed vast te stellen, +die een bekwame, werkzame en aan tucht gewende minderheid +oefent in een land dat niettegenstaande alles, in +zijn meerderheid protestant blijft.</p> + +<hr class="chend15" /> + +<p><span class="pagenum" title="15"> </span><a id="p_15"></a></p> + +<h2 id="A1">EERSTE HOOFDSTUK.</h2> + +<div class="subh2">De „Katholieke Partij”.</div> + +<hr class="chbegin" /> + +<h3 id="A1_1">I.</h3> + +<p>»De Katholieke partij in Nederland,” schreef eenige +jaren geleden Dr. Schaepman, »is in de eerste plaats een +partij van traditie. 't Is de geschiedenis, die haar gemaakt +heeft en maakt wat zij nog is”.</p> + +<p>Toen in 1848 koning Willem II, een man van +milden, verdraagzamen en edelmoedigen geest, het +initiatief nam tot een grondwetsherziening, bestonden de +Roomschen nog niet als partij. Een enkele politieke +gedachte had hen tot nu toe geleid: de verdediging van +hun vrijheid en de verovering van gelijkheid voor de +wet; en zij streefden naar de vervulling van den zoeten +droom van alle de verdrukten, dat de tegenwerking mocht +ophouden. Ook volgden zij met vreugde den souverein +in den weg dien hij insloeg, en hielpen zij de liberalen, +die in de grondwet nieuwere en meer voor dien tijd +berekende bepalingen wilden opnemen. Hun vertegenwoordigers +eischten: godsdienstige vrijheid, gelijkheid +van de gezindten voor de wet, vrijheid van onderwijs +en van drukpers, de vrijheid van vergadering en van +vereeniging.</p> + +<p>Door de in-werking-stelling van de nieuwe grondwet +werden hun verlangens grootendeels vervuld en in 1853 +<span class="pagenum" title="16"> </span><a id="p_16"></a>stemde Minister Thorbecke toe in de herstelling van de +Roomsche hiërarchie in Nederland, die sinds 1609 onderdrukt +was. Maar zelfs toen deden de Roomschen met +de politieke vrijheid, die hun juist was verleend tegelijk +met de godsdienstvrijheid, hun voordeel niet om zich +als partij te organiseeren. Niettegenstaande de verschillen +in meeningen en sympathieën, stelde zij er zich tevreden +mee, de eenheid te bewaren en trouw de liberalen als +hun bondgenooten te ondersteunen.</p> + +<p>Toen kwam de groote strijd voor het onderwijs. Aan +zichzelven overgelaten, kwam er tusschen hen onderling +toenadering, en zonnen zij op een organisatie, die door de +omstandigheden van dag tot dag al noodzakelijker gemaakt +werd. Alleen, het bleven onbestemde gedachten, +het kwam niet verder dan een droom, en het oogenblik +scheen nog ver verwijderd, dat zij duidelijken vorm aannemen +en haar verwerkelijking verkrijgen zouden.</p> + +<p>Intusschen had de schoolstrijd een aanvang genomen +en in korten tijd had hij zulk een belangrijkheid verkregen, +dat hij aldra richting gaf aan de ontwikkeling +der partijen.</p> + +<p>Tot 1857 was de school gebleven in handen van den +staat. De wet van 13 Augustus 1857 was gekomen. Zij had +wel het vrije onderwijs geschapen, en ook aan de Roomschen +geoorloofd bizondere scholen te openen, maar terzelfder +tijd had zij het neutrale onderwijs ingevoerd.</p> + +<p>Over het beginsel van de wet waren de Roomschen +onder elkander verdeeld. Sommigen, verhaalt Mgr. +Schaepman, aanvaardden de neutraliteit van de officieele +school als even zooveel winst, waar de protestantsche +bijbel van de school verdween.</p> + +<p>Men geloofde aan een neutraliteit, die christelijk kon +zijn zonder de Israelieten te kwetsen. Men heeft zich +vergist en men heeft het vroeg genoeg kunnen bemerken. +Het neutrale onderwijs werd meer en meer het godsdienstlooze +onderwijs.</p> + +<p>Naarmate dit te constateeren viel, dachten de Roomschen +het verder in dat de wet hun toestond bizondere +scholen te openen, onder voorwaarden, die al +<span class="pagenum" title="17"> </span><a id="p_17"></a>waren zij weinig gunstig, toch uitvoerbaar waren. Zij +vormden te dien einde schoolcomité's, hetgeen hun bijzonder +gemakkelijk gemaakt werd door de inrichting der +kerken en door de parochiale vereenigingen van weldadigheid.</p> + +<p>De beweging nam scherper karakter aan. In 1868 verhieven +de bisschoppen de stem, en zij deden het met +kracht en gezag. Tengevolge van de verklaring van +den heer Fock, Minister van Binnenlandsche Zaken, waarin +hij uit naam van de liberale partij, die aan het bewind +was, zich verzette tegen elke wijziging van de wet op 't +lager onderwijs, omschreven zij den 23 Juli 1868 plechtig +in een gezamenlijken herderlijken brief, de plichten die +op de Roomsche ouders rusten ten opzichte van de opvoeding +van hun kinderen. »De Kerk”, zeiden zij, »wil +dat de jeugd onderwezen worde in kennis, maar zij wil +tegelijkertijd dat dit onderwijs in alle opzichten katholiek +en godsdienstig zij. Wanneer men tengevolge van de +omstandigheden in de onmogelijkheid is, om in een +school het noodige onderwijs te vinden, dat in alle deelen +in overeenstemming is met den eisch der Kerk, dan +is het geoorloofd tot een niet-Katholieke school de toevlucht +te nemen, maar altijd onder de voorwaarden dat +in deze school niets onderwezen worde, dat in strijd is +met den godsdienst en de moraal”.</p> + +<p>Deze daad van de bisschoppen herstelde de eenheid +onder de Roomschen, en de herderlijke brief werd voor +hen het heilig program in den langen, moeilijken en +kostbaren strijd voor het vrije onderwijs.</p> + +<p>Terwijl zij zonder uitstel en bijna zonder hoop zich +aangordden tot den strijd, begrepen de Roomschen meer +en meer de noodzakelijkheid van een nauwe aaneensluiting, +de noodzakelijkheid om een dichte en goed gedisciplineerde +keurgarde te vormen. Het ontbrak hun +aan een organisatie, aan een program, aan dagbladen, +aan bonden, aan alles wat een minderheid geoorloofd is, om +haar rechten te doen eerbiedigen en recht te verkrijgen.</p> + +<p>Zij gevoelden dat gebrek vooral toen de wet van 1878 +tot stand kwam. De neerlaag, die zij toen leden, veroordeelde +op volstrekte wijze hun planloos strijden. Die wet +<span class="pagenum" title="18"> </span><a id="p_18"></a>bekrachtigde het stelsel van 1857, terwijl zij de schatkist +ter beschikking van de openbare school stelde, en daarentegen +elke subsidie aan het bizonder onderwijs weigerde. +Daarmede was alzoo aan alle rechtmatige verwachting de +bodem ingeslagen.</p> + +<p>Toch werden zij niet ontmoedigd, en zij hervatten den +strijd met kracht, vertrouwende op het goed recht van +hun zaak, hoewel zij niet voorzagen de waarschijnlijkheid +van een naderende overwinning.</p> + +<p>Deze was minder ver af dan zij geloofden, want spoedig +na hun neerlaag vonden zij een leider, die bekwaam +was hun te geven wat hun ontbrak, om een sterke politieke +partij te vormen, gewapend tot den strijd en gereed +om te werken met goeden uitslag.</p> + +<h3 id="A1_2">II.</h3> + +<p>In 1880 nam voor de eerste maal een Roomsche +priester zitting in de Staten Generaal. Hij heette de abt +Schaepman.</p> + +<p>Na een verblijf in Rome, waar hij den graad van doctor +in de theologie had verworven, bezette hij sedert tien jaren +den leerstoel voor godsdienst-geschiedenis van het seminarie +van Rijsenburg, toen de kiezers van het district +Breda hem afvaardigden om zitting te nemen in de +Tweede Kamer. Hij was toen 36 jaar oud en hij had zich +bij meer dan éen gelegenheid den roem verworven van +schitterend redenaar en tegelijkertijd dien van dichter +van den eersten rang te zijn.</p> + +<p>Die hem zag erkende in hem een leider. Van hooge +statuur, breedgeschouderd, een krachtige, massieve gestalte, +deed hij denken aan die Hollanders van het zuiver +ras, zooals het penseel van Rembrandt en Frans Hals ze +op het doek gebracht heeft. Hij had een dik en breed +hoofd, de neusgaten eenigszins wijd open, de kin vrij en +moedig gemodelleerd, het gezicht bleek, terwijl twee +naieve zacht-blauwe oogen u vroolijk en ondeugend met +zonderlinge vastheid van achter den gouden bril aanzagen.</p> + +<p>Dit fiere en aantrekkelijke gelaat, schoon het niet fijn +<span class="pagenum" title="19"> </span><a id="p_19"></a>besneden was, had een bizondere uitdrukking in den +mond met de dikke lippen, geheel zwaar en gezwollen +van welsprekendheid. Zelfs vóór men hem hoorde, herkende +men hier den machtigen redenaar, wiens schitterend +woord de massa's meesleepte.</p> + +<p>En geheel zijn persoon maakte op den hoorder een +indruk van kracht en volharding, van verstand en gezag. +Men voorzag dat zijn gedachte op groote oogmerken gericht +was, en dat hij om zijn doel te bereiken een onbuigzamen +en onverzettelijken wil toonde. Hierbij gaf +hij blijk van onomstootelijk vertrouwen in de toekomst en +van overvloeiende geestdrift voor de zaak, die hij zonder +moeite mededeelde aan degenen die met hem verkeerden. +Hij was idealist, maar, om zoo te zeggen, practisch +idealist. Hij begreep uitnemend de eischen van het +moderne politieke leven, en geheel en al gehecht blijvende +aan de beginselen, wist hij zijn tactiek aan te passen +aan de omstandigheden. Geheel zijn invloed, die zeer +snel steeg,—want hij was spoedig een der meest populaire +mannen van Nederland—wendde hij, zonder +ophouden en belangeloos aan in den dienst van zijn partij, +die hij vormde, wapende en verdedigde. Gedurende bijna +een kwart eeuw was hij, niet zonder meermalen zijn gezag +scherp besproken te zien, haar heldenzanger, generaal en +parlementaire veldheer.</p> + +<p>Hij was priester-dichter, in de wapenrusting van een +ridder. Zijn devies was: »Ik geloof, ik strijd,” en +dat bracht hij in toepassing in geheel zijn leven. Hij +was geboren voor den strijd, en hij wierp er zich +geheel en al in, maar zonder ooit de beteekenis der +werkelijkheid uit het oog te verliezen. Hij heeft de +Katholieke partij gemaakt wat zij is; hij heeft haar nieuwe +gezichtseinders getoond; haar door heilzame wegen geleid, +die evenwel een weinig ongebaand en steil waren voor +die wijze lieden, die gewoon waren, zich bedachtzaam +voort te bewegen op de breede zijwegen. Bij zijn dood—te +Rome den 21en Januari 1903,—was de rouw dan +ook groot in zijn partij, en de tegenstanders, wier ideeën +hij op de scherpste wijze had bestreden, maar die erkenden +<span class="pagenum" title="20"> </span><a id="p_20"></a>de eerlijkheid van zijn karakter en zijn spreekwoordelijke +goedigheid, betoonden hun eerbied voor de groote +en breede figuur van dezen reus.</p> + +<p>De Roomschen in Nederland vergeten niet, dat zij hem +alles verplicht zijn, en zijn geest beheerscht nog den +politieken arbeid, dien zij trachten te volmaken.</p> + +<p>Op het oogenblik, dat Dr. Schaepman de Tweede +Kamer der Staten Generaal binnentrad was hun positie +niet zeer gunstig. Hij zag het, en stelde dadelijk +de middelen tot verbetering in het werk. Vóór alles +vermeerderde hij de pogingen, om hun samenbinding +te versterken. Hechte partijorganisatie was het doel +dat hij niet uit het oog verloor, maar het was niet gemakkelijk +die te bereiken. Zijn ideeën waren verre van +een gunstig onthaal te vinden bij heel de wereld, en +oude staatslieden, die er door opgeschrikt werden, veroordeelden +streng zijn vermetelheid.</p> + +<p>Hij begon met zijn partij dagbladen te geven; noodzakelijke +middelen voor de moderne propaganda; en voor +redacteuren en lezers te zorgen. Sedert eenige jaren had +hij zelf de pen ter hand genomen, en stond hij in het +groote Roomsche dagblad »De Tijd” Mgr<ins class="corr" id="corr1" title="Niet in Bron.">.</ins> Smits ter zijde, +die, eigenlijk gezegd, de stichter werd van de hedendaagsche +Roomsche pers. Maar hij oordeelde terecht, +dat één orgaan niet kon voldoen; hij riep nieuwe bladen +in het leven en aan verscheidene onder die zeide hij zijn +medewerking toe. Hij verleende deze in die mate, dat de +Roomsche pers, die in 1855 maar telde één dagblad: »de +Tijd”, bij zijn dood bezat: dertien dagbladen, negen en +twintig bladen die twee of drie maal per week verschenen, +zeven en zestig weekbladen en drie en veertig periodieken.</p> + +<h3 id="A1_3">III.</h3> + +<p>Tegelijkertijd hield hij niet op in zijn geschriften en +met heel zijn invloed aan te bevelen de toenadering tot +de Antirevolutionairen. Alleen door eigen krachten konden +inderdaad de Roomschen, die nauwelijks een vijfde +van de volksvertegenwoordiging vormden, niet hopen ooit +<span class="pagenum" title="21"> </span><a id="p_21"></a>te komen tot de vrijmaking van het onderwijs, daar zij +den steun van een desbetreffend wetsartikel misten. +Welnu, Dr. Schaepman had bemerkt, dat op het terrein +van den schoolstrijd, van den aanvang af de strijd aangebonden +was door de geloovige en vurige Calvinisten. Op +veel punten waren de eischen van de beide op zichzelf +staande groepen dezelfde, en geen van beide kon hopen +ze ingewilligd te zien, door eigen middelen alleen. Dr. +Schaepman zag in, dat de strijd niet ging tusschen +twee godsdiensten, dat het geschil niet meer ging tusschen +twee families aan denzelfden stam ontsproten, maar +dat de tegenstelling dieper ging, en dat de slag geleverd +werd tusschen het Godloochenend materialisme en de +geestelijke wereldbeschouwing, die haar eenigen grondslag +vindt in het Christendom. En daarom arbeidde hij aan +een toenadering, voor een gemeenschappelijk besteden van +de krachten, die tot nu toe gescheiden waren gebruikt.</p> + +<p>Deze taak bracht groote moeilijkheden mee; de poging +scheen vermetel, en, om haar te doen slagen moest men +een zóó meesterlijke leiding geven, zóó ingewortelde vooroordeelen +uit den weg ruimen, dat ook de minst-zwaar-tillenden +haar mislukking voorzagen. Velen zelfs ergerden +zich aan deze verzoening, die hun toescheen een +vergeten van het verledene te zijn.</p> + +<p>Gelukkig, hij trof aan het hoofd van de Antirevolutionairen +aan een man van genie, Dr. Kuyper, die hem ter +zijde stond met al zijn kracht en hem hielp in het tot +stand brengen van deze coalitie der christelijke partijen, +welke door de tegenstanders betiteld werd met den naam: +»monster-verbond.”</p> + +<p>Deze verbinding kwam niet in één dag tot stand!</p> + +<p>Eerst stil en in 't geheim kwam zij eindelijk in 't volle +licht uit, toen zij na tien jaren haar pogingen bekroond +zag met het ontnemen aan de linkerzijde van de stellingen, +die zij gedurende veertig jaren ingenomen had.</p> + +<p>De samenstelling van het ministerie Mackay in 1889, +waarin twee Roomschen zitting namen, was het resultaat +van deze goede verstandhouding; met de wet van pacificatie, +die de gelijkheid in beginsel tusschen de neutrale +<span class="pagenum" title="22"> </span><a id="p_22"></a>officieele scholen en de vrije lagere scholen herstelde.</p> + +<p>De krijgsbeweging had goede gevolgen gehad, en de +Roomsche minderheid was niet meer een hoop die niet +meetelde onder het volk. Men moest voortaan rekening +met haar houden. Om een werkelijke politieke partij te +vormen, restte haar een voortdurende organisatie en een +belijnd program te verkrijgen. Dr<ins class="corr" id="corr2" title="Niet in Bron.">.</ins> Schaepman had het +reeds getracht, en sinds 1881 had hij in het maandelijksch +overzicht van »Onze Wachter”, een proeve van een program +voor de Roomsche groepen geformuleerd. Helaas, +de onderlinge verdeeldheid verijdelde zijn pogingen.</p> + +<p>De breuk kwam voor den dag, openbaar, hevig, dadelijk +na de overwinning van de Christelijke partijen. Zij bestond +in 't geheim sedert enkele jaren. Zij was begonnen aan +'t licht te treden tegen 1884 ten tijde van de grondwetsherziening, +en zij was niets minder dan de democratische stroom, +die in de partijen gelijk als in de instellingen jonger leven +wilde brengen, dat zijn kracht putte uit wat onder het +volk leefde, worstelende met den dam van het conservatisme.</p> + +<p>Op een afstand gezien gelijkt zulk een crisis op sommige +kinderziekten, die na haar verdwijning een steviger +gezondheid achterlaten. Niettemin zij bracht groote oneenigheid +in de Katholieke partij, voor jaren. Door meer +tact en verzoeningsgezindheid aan te wenden, had Dr. +Schaepman misschien er het kwaadaardig karakter van +indien niet kunnen voorkomen, dan tenminste kunnen +verzachten; maar hij was een man geheel uit één stuk, +sterk gehecht aan zijn denkbeelden, en met strijdlustig +karakter. Wat zijn tegenstanders betreft, zij waren bezield +van uitnemende bedoelingen, maar zij verdiepten zich te +uitsluitend in de herinneringen aan het verleden, terwijl +zij voorbijzagen de eischen van het tegenwoordige, en +zich allerlei voorspiegelingen maakten van de toekomst. +Onder hen werden in de eerste rij aangetroffen zij die +in hun jeugd tot den aanhang van den grooten liberalen +minister Thorbecke hadden behoord, de »Papo-Thorbeckianen” +zooals men zeide, en die zich met een fierheid, +gemengd met spijt, dezen heldhaftigen tijd herinnerden, +waarin de vrijheid in gouden dageraad opkomende, de +<span class="pagenum" title="23"> </span><a id="p_23"></a>Roomschen met haar eerste stralen verwarmd had. Zij +vormden de conservatieve fractie, die vereenigd om +den heer Bahlmann, afgevaardigde van Tilburg, zich had +afgescheiden van de democratische fractie, welke getrouw +gebleven was aan Dr. Schaepman. Wat deze twee fractie's +verdeelde, waren punten van tactiek en vereenigingskwesties: +de eerste wilde volkomen aan de verstandhouding +met de antirevolutionairen een einde gemaakt zien, terwijl +de tweede er op stond haar te doen voortduren, en een +overeenkomst wilde tot stand brengen in de punten die +in geschil waren. Maar 't was ook de Sociale richting, +die elk van haar zocht vast te stellen naar eigen voorkeur.</p> + +<p>De twist werd heet en droevig: de Roomsche bladen +verdeelden zich in twee kampen: ter eener zijde de »Tijd” +en de »Maasbode” die partij kozen voor conservatieven, +ter anderer zijde antwoordde Dr. Schaepman in »het +Centrum”.</p> + +<p>Het resultaat was dat de handelwijze van de afgescheiden +fractie bij de verkiezingen van 1891 de herkiezing +van hun ouden leider in Wijk bij Duurstede verhinderden; +maar dank zij de edelmoedigheid van een +zijner partijgenooten, deed hij enkele maanden later zijn +intrede in het parlement als vertegenwoordiger van het +district Almelo.</p> + +<p>De fractie Bahlmann zegevierde; zij vormde de meerderheid +van de Roomsche afgevaardigden in de Eerste en +Tweede Kamer, die na afloop van de verkiezingen zich +vereenigden in een nieuwe partij. Naar het voorbeeld +van het Duitsche Centrum, tooiden zij zich met den naam +»Centrumsclub” en zij aanvaardden als program de volstrekte +zelfstandigheid van de Katholieke partij, en de practische +inwerkingstelling van wat zij noemden »de politiek van +de vrije hand”. Zulk een program kon de goedkeuring +niet wegdragen van de minderheid, die onder leiding +van Dr. Schaepman weigerde, met het »Centrum” samen +te gaan. De eenige band die sedert dien bestond tusschen +de vijandige groepen<ins class="corr" id="corr3" title="Bron: .">,</ins> was het besluit, genomen den 2 +December 1891 in de algemeene vergadering van de +Roomsche volksvertegenwoordigers, dat van tijd tot tijd +<span class="pagenum" title="24"> </span><a id="p_24"></a>»de leden van de Eerste en Tweede Kamer bijeen zouden +komen, om te spreken over Katholieke belangen, die zich +zouden kunnen voordoen in hun sfeer van werkzaamheid«.</p> + +<p>Dat maakte de splitsing bijna volkomen. De kwestie +van de kiesrechtwijziging, die toen opkwam, vermeerderde +nog de verwarring en riep nieuwe misstanden in 't leven. +Zoolang zij niet beslist was, dat is gedurende zes jaren, +bewogen zich de verdeelde Roomschen, het spoor bijster, +als in den blinde temidden van een zonderlinge parlementairen +strijd, waarin meerderheden al naar 't voorkwam, +dikwijls bij toeval, beschikten over ministeries en +wetsvoorstellen. Dr. Schaepman streed er zonder ophouden +voor wat hij geloofde overeenkomstig de waarheid +en het waarachtig belang van zijn land te zijn, en<ins class="corr" id="corr4" title="Bron: .">,</ins> toen +deze troebele periode voorbij was, hernam hij allengs zijn +plaats aan het hoofd van de herstelde »Katholieke partij«.</p> + +<h3 id="A1_4">IV.</h3> + +<p>Dadelijk kwam hij terug op zijn doel om haar een program +te geven. Het tijdstip was gunstig. Nu men den +broederstrijd over de Kieswet teboven was, gevoelde ieder +de noodzakelijkheid van een beschreven regeling, waarin +zich de herstelde eenheid zou openbaren en de eischen +der Roomschen kort samengevat zouden worden. De 25 +Roomsche volksvertegenwoordigers in de Tweede Kamer +kwamen bijeen, en in de samenkomst van 20 October +1896 te Utrecht stelden zij definitief hun program +vast. De invloed van Dr. Schaepman was overwegend +geweest, en was te herkennen bijna bij elk artikel, in deze +vaststelling van de voornaamste vraagpunten, waarop de +vlijtige aandacht van alle Roomschen des lands zich moest +vestigen.</p> + +<p>In den aanhef sprak het program uit: volkomen gehoorzaamheid +aan de groote Encyclieken van Pius IX en Leo +XIII; onveranderlijke gehechtheid aan het Huis van Oranje-Nassau; +en oprechte trouw aan de grondwet.</p> + +<p>Dan kwamen in de eerste rij de sociale kwesties. Zoo +had het Dr. Schaepman gewild, om te bewijzen, dat de +<span class="pagenum" title="25"> </span><a id="p_25"></a>politiek van de Nederlandsche Roomsch-Katholieken vóór +alles sociaal was. Op dit punt was de Encycliek <ins class="corr" id="corr5" title="Niet in Bron.">»</ins><span xml:lang="la">Rerum +Novarum</span>« de fundamenteele wet. Daarmede verwierpen +zij het socialisme als valsch, onrechtvaardig, leidende tot +vernietiging van alle recht, van alle orde en alle vrijheid, +en stemden toe dat de sociale kwesties in de eerste plaats +van zedelijke orde waren, en dat zij dientengevolge niet +goed opgelost konden worden dan in den geest van het +Christendom. De Godsdienst, het huisgezin, de eigendom, +voegden zij eraan toe, zijn volgens goddelijken wil de +grondslagen der samenleving, en op het terrein van de +sociale vragen moet de Staat altijd handelen, vooral in +de nooden van den tegenwoordigen tijd, met voortdurende +eerbiediging van de natuurlijke rechten van den menschelijken +persoon en van het huisgezin.</p> + +<p>Dadelijk deze beginselen in toepassing brengende, ijverden +de Roomsche afgevaardigden voor Zondagsrust; zedelijke +en stoffelijke verbetering van het lot der arbeiders; +het verbod van overmatigen arbeid zelfs voor de volwassenen; +de herziening van de armenwet op dezen grondslag, +dat de ondersteuning van de armen hoofdzakelijk blijft +toevertrouwd aan godsdienstige instellingen en vereenigingen +van weldadigheid; de verzekering tegen ziekte, ongevallen, +invaliditeit en ouderdom. Hier hadden zij met +opzet nagelaten aan het woord »verzekering” toe te voegen +»verplichte”, want zij wilden niet vooruitloopen op de +wijze van organisatie. Ondertusschen wezen zij op de +roeping van den Staat, om aan deze hervorming mede te +werken, en het lot van den invaliden werkman niet over +te laten aan de gunst van de openbare of particuliere +barmhartigheid.</p> + +<p>Op het gebied van het onderwijs stelden zij weer het +beginsel op den voorgrond, dat hen altijd geleid had in den +schoolstrijd. Het onderwijs, herhaalden zij, is een wezenlijk +deel van de opvoeding, en in dit opzicht een recht +en een plicht der ouders. Als uitvloeisel daarvan gaven +zij het verlangen te kennen dat de vrije school, de eenige +die de volkomen vrijheid van de huisvaders verzekerde, +zooveel mogelijk regel werd, en dat de gelijkheid voor +<span class="pagenum" title="26"> </span><a id="p_26"></a>de wet, erkend en gewettigd in zekere mate door de wet +van pacificatie van 1889, werd uitgestrekt tot al de graden +van het onderwijs, evenzeer tot het Middelbaar en het +Hooger, als tot het Lager onderwijs. Van de leerplicht +spraken zij niet, want zij wisten dat deze teere kwestie +niet nalaten zou de geschillen weer te doen opleven.</p> + +<p>Wat de militaire aangelegenheden betreft, waren zij +tegenstanders van alle verzwaring van persoonlijke en +geldelijke lasten, voorstanders van een billijke schadeloosstelling +aan de miliciens-kostwinners, en hun wenschen +openbarende voor de verheffing van het zedelijk leven in +de kazernes. Zij kenden op het terrein van de rechtspraak +aan het overheidsgezag, dat van God komt, noodzakelijk +het recht toe van de doodstraf, en stelden eenige +maatregelen voor, als de vereenvoudiging van de formaliteiten, +vereischt voor de voltrekking van het burgerlijke +huwelijk; de vergunning van een schadeloosstelling, wettig +voorzien en geregeld, aan hen, die in voorloopige hechtenis +gevangen gezet, zouden erkend worden onschuldig te zijn, +zonder aan de rechterlijke uitspraak te zijn overgegeven; +en vooral, de overgave van jeugdige misdadigers aan liefdadige +instellingen, gesticht door erkende godsdienstige +gezindten, onder toezicht van den Staat.</p> + +<p>Voor 't overige verwierpen zij in beginsel alle verzwaring +van belasting, verlangden de opheffing van de +successiebelasting in de rechte lijn, en wenschten dat de hulpbronnen +van den Staat, indien de nood zich deed gevoelen, +zouden worden gevoed door indirecte heffingen, +bijv. met behulp van een belasting op de Beursondernemingen.</p> + +<p>In een andere reeks van denkbeelden openbaarden zij +hun protectionistische gevoelens. Voor het meerendeel +vertegenwoordigers van de wezenlijk-landbouwende districten +van Limburg en Noord-Braband, legden zij nadruk op de noodzakelijkheid +om den nationalen landbouw en de nijverheid +te begunstigen; herziening van het tarief van invoerrechten; +herstelling van de octrooien; wijziging van de grondbelasting; +vermindering van de belasting die den landbouw +trof, door de opheffing van de binnenlandsche +<span class="pagenum" title="27"> </span><a id="p_27"></a>tollen; vermindering van de registreerrechten voor de +pachtbrieven, meerdere vergemakkelijking van den afkoop +van de tienden, enz. Tegelijkertijd vroegen zij aan den +Staat, zijn zorg te toonen ten gunste van den nationalen +arbeid, en zich voor de uitvoering van publieke werken +niet dan force majeure te wenden tot vreemde arbeidskracht.</p> + +<p>Zij vroegen nog, voor de Koloniën een meer daadwerkelijke +bescherming voor de zendelingen; krachtdadiger +steun voor de inlandsche Christenen tegen de aanslagen +van hun Mohammedaansche heerschers; wettelijke autorisatie +voor de kerken om zich met het inlandsch onderwijs +bezig te houden; en de herziening van de regelingen +die betrekking hebben op de toelating van de priesters, +catechiseermeesters en zendelingen in Nederlandsch-Indië.</p> + +<p>Eindelijk spraken zij hun leedwezen uit over de opheffing +van het Nederlandsch gezantschap bij den Heiligen +Stoel, en verzekerden niets te zullen nalaten om het te +herstellen in het belang en voor de eer van het land, +zoodra zij hoop konden hebben erin te zullen slagen.</p> + +<p>Zooals men ziet was het program rijk voorzien, van +wijden omvang, en lenig. Het bedoelde niet te vragen +de eenheid maar de vereeniging. Dat is de ware +en juiste weg. Voor een politieke partij, die tegelijk een +partij van traditie is, is er geen andere weg.</p> + +<p>Zoo oordeelde Dr. Schaepman, die er alles had doen +uitlaten, wat had kunnen verdeelen. Daarom spreekt +zich het program niet uit over de belangrijke, maar bijkomende +kwestie van richting en strekking; het verklaart +zich niet uitdrukkelijk conservatief noch vooruitstrevend; +het was eenvoudig de grondregeling van de Nederlandsche +Roomschen, die verlangden een wettig aandeel te nemen +in de regeering van hun land.</p> + +<p>Zooals het hierboven luidt, werd het door de algemeene +vergadering van de Katholieke kiesvereenigingen plechtig +goedgekeurd, eenige dagen vóór de verkiezingen den 5<sup>den</sup> +Mei 1897 te Utrecht. Het werd dientengevolge het +officieele program van de partij, die zich aan tucht gewend, +ter strijde toegerust en georganiseerd had.</p> + +<p><span class="pagenum" title="28"> </span><a id="p_28"></a></p> + +<p>Want terzelfder tijd van een program, had Dr. Schaepman +een organisatie voorbereid. Hij had begrepen dat +alle pogingen ijdel zouden zijn, indien zij niet steunden +op vereenigingen, die overal opgericht, in de districten +en in de steden, omvatten de Roomsche krachten van +het land in zijn geheel. Sedert lang had hij zich aan +dien arbeid gezet. Hij had beoordeelingen, wantrouwen, +belemmeringen ontmoet, maar zijn taaie wilskracht was +ze teboven gekomen. Allengs waren er op verschillende +punten van het land kiesvereenigingen ontstaan. Zij +hadden hun voordeel gedaan met de comite's die reeds +bestonden in het bizonder voor het onderhoud van de +vrije scholen, en nu de periode van de aanvangs-moeilijkheden +voorbij was, vermenigvuldigden zij zich snel. +Voor de eerste maal waren hare afgevaardigden vereenigd +bij het ophanden-zijn van de verkiezingen van 1897, en +haar eerste daad was geweest de goedkeuring van het +program.</p> + +<p>De gedachten van den leider waren er op gericht, deze +aanvankelijke organisatie te volmaken door dictricts-comite's, +provinciale comite's, en eindelijk een centraal comité, dat +het beheer had over de andere en de eenheid van leiding +verzekerde.</p> + +<p>Hij heeft, helaas, niet zoolang geleefd, dat hij de kroon +mocht zien op dit werk, waarvoor hij zooveel had gearbeid.</p> + +<p>De organisatie was op het oogenblik dat de dood hem +overviel, slechts plaatselijk en provinciaal, maar hij kon +voorzien dat zijn wenschen niet op hare vervulling zouden +laten wachten, en nauwelijks was zijn lichaam aan het +graf toevertrouwd, of »de Algemeene Bond van Roomsch-Katholieke +Kiesvereenigingen in Holland” werd gevormd.</p> + +<p>Reeds vóór zijn dood was het hem daarentegen gegeven +geweest, de volkomen triomf van zijn politiek te zien. De +Roomschen hadden, vereenigd met de Antirevolutionairen, +bij de verkiezingen van 1901 den triomf verworven. +Dr. Kuyper had met krachtige hand de teugels van +het bewind genomen; de Katholieke partij zag er zich +naar goede trouw deelgenoote in gemaakt; drie van haar +leden verkregen belangrijke portefeuilles, en het ministerie +<span class="pagenum" title="29"> </span><a id="p_29"></a>in zijn geheel in nauwe gemeenschap met de rechtsche +meerderheid zocht krachtig voldoening te geven aan de +gemeenschappelijke eischen.</p> + +<h3 id="A1_5">V.</h3> + +<p>Op 't oogenblik is de Katholieke partij in Nederland +definitief en sterk samengesteld. Zij heeft politieke vereenigingen, +die aanhoudend werkzaam zijn in bijna alle +gemeenten, waar de Roomschen eenigen invloed kunnen +doen gelden. In elk kiesdistrict heeft zij een districtsvereeniging, +welker bestuur zich verzekert van de medewerking +van mannen van toewijding en een lid afvaardigt, +ter vorming van een provinciaal comité, dat zich bezighoudt +met de verkiezingen voor de Provinciale Staten, +en bij de zelfstandige districts-vereenigingen niet tusschenbeide +komt dan om advies te geven of in twijfelachtige +gevallen te beslissen. Eindelijk als de kroon op de organisatie, +en haar gevende de eenheid van gedachte, ten +opzichte van de noodzakelijke leiding, bestuurt een centrale +raad, samengesteld uit afgevaardigden van elke provincie, +de Algemeene Bond van Roomsch Katholieke Kiesvereenigingen +in Nederland.</p> + +<p>Voorzitter van dit centraal comité is de heer Koolen, +afgevaardigde van Grave. Deze uitgebreide organisatie +werkt niet altijd zonder horten en stooten; vooral is dit +het geval in de provincies Limburg en Noord-Braband, +waar de kiezers weinig gelegenheid hebben om van +hun kiesrecht gebruik te maken, en minder de noodzakelijkheid +van de vereeniging gevoelen. Hierin is geen +verandering te brengen, even moeilijk als het is, van het +eerste begin af, elke persoonlijken strijd en inbreuk op +de discipline te onderdrukken.</p> + +<p>In alle geval moet erkend worden, dat zelfs bij den +tegenwoordigen stand van zaken de Nederlandsche Roomschen +op dit punt verder gevorderd zijn dan hun geloofsgenooten +in andere landen van Europa, en dat een organisatie +als hun »Algemeene Bond” aan hun actie de grootste +kracht verleent.</p> + +<p><span class="pagenum" title="30"> </span><a id="p_30"></a></p> + +<p>In de Kamer bezit de Katholieke partij 25 afgevaardigden, +een vierde gedeelte van de nationale vertegenwoordiging. +Deze afgevaardigden vormen de »Roomsch-Katholieke +Kamerclub,” die een nauwe betrekking onderhoudt +met den Algemeenen Bond van Kiesvereenigingen, en +waarvan de voorzitter tevens de eigenlijke leider van de +partij is. Na Mgr. Schaepman was het de heer Kolkman, +een van zijn trouwe strijdgenooten, erfgenaam van zijn +politieke hoedanigheden en zijn welsprekendheid, die deze +plaats vervulde tot het begin van 1908, toen hij haar +vaarwel moest zeggen om in het ministerie Heemskerk de +portefeuille van Financiën te aanvaarden. Hij is vervangen +geworden door den heer Loeff, een rechtsgeleerde van +veel talent, wiens werkzaamheid aan het Departement van +Justitie onder het ministerie Kuyper duidelijk aan het licht +getreden is.</p> + +<p>Wat de Roomsche afgevaardigden betreft: in de eerste +plaats onderscheiden zich Mgr. Nolens, de eenige priester +die op 't oogenblik in de Kamer zitting heeft, waar hij +het district Venlo vertegenwoordigt, de landstreek +zijner geboorte; de heer Van Nispen tot Sevenaer, +afgevaardigde van Nijmegen, een man van oud geslacht, +met kennis van zijn tijd en nauwgezette en degelijke bestudeering +van de vraagstukken; de heer Aalberse, opvolger +van Mgr. Schaepman in <ins class="corr" id="corr6" title="Bron: Amelo">Almelo</ins>, die geheel zijn eerbied-afdwingend +talent, zoowel om te spreken als om te schrijven, +ten dienste stelt van het Centraal Bureau van Katholieke +Sociale actie, waarvan hij secretaris is; de heer Passtoors, +de stichter en voorzitter van de groote »Nederlandsche +Roomsch-Katholieken Volksbond”; de heer Ruys de +Beerenbrouck, president van den Geheelonthouders-bond +»Sobrietas”, die 62000 leden telt, enz.</p> + +<p>De ministerieele crisis van 1907 heeft haar oplossing niet +anders kunnen verkrijgen dan doordat drie Roomschen, +de heeren Kolkman, Nelissen en Bevers, in het ministerie +Heemskerk zitting namen, waarin de traditie van de +ministeries Mackay en Kuyper voortgezet wordt.</p> + +<p>Zoodanig is de plaats, die de partij in het land en in +het Parlement inneemt, dat zij eerbied afdwingt aan allen, +<span class="pagenum" title="31"> </span><a id="p_31"></a>vriend en vijand, en dat zij de werkzame, dikwijls beslissende +zaakbezorger is van den wetgevenden arbeid.</p> + +<p>Haar aanhoudende sociale actie heeft daar niet weinig +toe bijgedragen. Na eenige tegenstribbeling in het begin, +heeft zij haar leider Dr. Schaepman gevolgd, die +tegen het einde van zijn loopbaan zeide: »Er is voor mij +geen grooter troost in mijn strijd en mijn arbeid, dan te +werken voor het volk. Ik kan het woord van Mgr. Ketteler +herhalen: voor de kerk en voor het volk”. Onder zijn +aandrijving heeft zij de sociale instellingen van allerlei +aard doen toenemen, en alzoo heeft zij verhinderd dat +de Roomsche arbeiders in handen kwamen van de +socialistische volksleiders.</p> + +<h3 id="A1_6">VI.</h3> + +<p>Van de talrijke Roomsche volksscholen is nauwelijks de +schoolbevolking afgegaan, of zij wordt opgenomen in de +patronages, geleid in de richting van de Vereeniging: +Voor eer en deugd, en geroepen, bij haar intrede in het +leven deel uit te maken van den Boerenbond »Vereeniging +tot bescherming van den middenstand,” of van den »Volksbond”, +tengevolge waarvan zij zich vestigt op het platteland +en in de stad, en zich vertrouwd maakt met den +landbouw, of <ins class="corr" id="corr7" title="Bron: commecieele">commercieele</ins> of industrieele bedrijven.</p> + +<p>Op dit oogenblik ook wordt zij geholpen in den dagelijkschen +strijd voor het bestaan door de instellingen van +voorzorg (credietkassen, verschillende onderlinge waarborgen); +verdedigd tegen het alcoholisme door de matigheidsbonden: +de kruisverbonden en de Mariavereenigingen; +bijgestaan in den nood door de genootschappen van St. +Vincent de Paul, die bizonder bloeiend in Nederland, hun +zorg niet bepalen tot hulp aan den enkele, maar ook +scholen bouwen en maatschappelijke werken ondernemen. +Indien men zich rekenschap wil geven van het innerlijk +leven, dat in dit geheele net van katholieke vereenigingen +zich beweegt, dat men dan bijvoorbeeld naar Maastricht +in Limburg ga. Daar in het groot gebouw van »het gesticht +de Stuers”, alzoo genoemd, omdat het zijn ontstaan +<span class="pagenum" title="32"> </span><a id="p_32"></a>te danken heeft aan een mild legaat, vermaakt door een +man van vermogen: den heer Ridder de Stuers, oud-adjunct +van de stad, trekken zich de algemeene diensten +voor geheel de provincie samen; het secretariaat van den +arbeid van de »Limburgsche Roomsch-Katholieke Volksbond”; +de arbeidsbeurs van den Volksbond van Maastricht: +de Redactie en administratie van de „Volksbode”, het +wekelijksch orgaan van het katholieke sociale leven in +het Zuiden; het secretariaat van den Bond tegen het +Alcoholisme: »Sobrietas” die te zeggen heeft over negen +diocesaan-bonden en 62.000 leden; het centraal bestuur +van de Limburgsche Katholiekendagen, dat tegelijk het +»Bureau van de Katholieke pers” is. Met dit provinciaal +middelpunt staat geheel de Katholieke organisatie van de +diocese Roermond in verband. Zonder te spreken van +de vereenigingen met meer weldadig of godsdienstig doel, +het is vandaar dat het wachtwoord zich voortgeplant +heeft tot 2176 leden van den Volksbond, tot 395 leden +van de onderlinge verzekering van Katholieke onderwijzers, +tot 1699 leden van het Kruisverbond, tot 13649 +leden van den Landbouwbond, tot 631 van de »Hanze” +en tot 779 leden van den centralen R. K. Mijnwerkersbond.</p> + +<p>In de andere diocesen doet zich hetzelfde verschijnsel +voor en openbaart zich dezelfde werkzaamheid, door de +edele en verstandige toewijding van de Nederlandsche +Roomschen aan de zaak der arbeiders.</p> + +<p>Onder de belangrijke maatschappelijke werken moeten +in de eerste rij genoemd worden de boerenbonden. +Ontstaan uit een reactie tegen de »Maatschappijen van +Landbouw” waarin de liberale invloed de overheerschende +was, hebben zij zich snel ontwikkeld vooral in Noord-Braband +en Limburg. Zij hebben voortgebracht syndicaten van +koop en verkoop, melkerij-coöperaties, onderlinge credietbanken, +en gevestigd een volledige rij van instellingen, +gedreven door de edele begeerte, om het stoffelijk en +zedelijk welzijn alom onder de landbouwende bevolking +te brengen, en doordrongen van dezen practischen geest, +die den Nederlander kenmerkt. Deze plaatselijke vereenigingen, +streng Roomsch, welker besturen alle ter zijde +<span class="pagenum" title="33"> </span><a id="p_33"></a>worden gestaan door een geestelijken adviseur, zijn aangesloten +in provinciale vereenigingen, en deze weer in een +nationale organisatie, genoemd »de Nederlandsche Christelijke +Boerenbond” die ongeveer 50.000 leden heeft. Maar, +op dezen hoogsten trap, vindt men niet meer uitsluitend +vereenigingen van Roomschen, men ontmoet ook Protestantsche; +deze zich vereenigende met gene in een machtigen +Bond, op den grondslag van een algemeen Christendom.</p> + +<p>Evenzoo zijn de Roomschen niet onverschillig gebleven +in de beweging van de fabrieksarbeiders. Hierin hebben +zij meer bizonder de socialistische concurrentie te verduren +gehad, maar de voortgang van de revolutionaire +<ins class="corr" id="corr8" title="Bron: ideëen">ideeën</ins> heeft hen nòch verschrikt, nòch ontmoedigd. Hun +arbeid dagteekent van 1888. In dit jaar stichtte de heer +Passtoors, een oud-onderofficier, die naar de industrie was +overgegaan, de eerste Katholieke arbeiders-vereeniging, +die weldra toenam en zich ontwikkelen mocht; een vruchtbare +levenskiem, waaruit is voortgekomen een machtig +getakte boom: de Nederlandsche Roomsch-Katholieke +Volksbond. Zijn eerste »adviseur” was Mgr. Eigenraam. +De encycliek »<span xml:lang="la">Rerum Novarum</span>”, die bij de Katholieken +van heel de wereld de sociale onaandoenlijkheid afschudde, +en de sterke strooming die zich terzelfder tijd openbaarde +in de richting van de arbeidersvraagstukken, zetten aan +de organisatie een buitengewone geestdrift bij. In 1893 +op het oogenblik, dat Mgr. Konings Mgr. Eigenraam als +geestelijk adviseur verving, was de Volksbond van de +Roomsch-Katholieken in Nederland reeds sterk; zij had +zich ontwikkeld; zij had in Rotterdam een congres van +twee dagen gehouden, een program van sociale eischen +aangenomen, een adres aan de Koningin-Regentes geformuleerd, +om haar bloot te leggen welke hervormingen +gewenscht werden ten gunste van de arbeiders. Maar +terzelfder tijd wijzigde zich haar karakter eenigszins: de +Volksbond was in 't leven geroepen om in zijn rijen op +te nemen arbeiders en kleine burgers, gesalarieerden en +patroons, en de gemengde vereenigingen beantwoordden +alzoo aan het ideaal van haar stichters. Het bleek dat +<span class="pagenum" title="34"> </span><a id="p_34"></a>daar een zeer goed begrip van maatschappelijke eensgezindheid +had voorgezeten. Helaas, de practijk mocht er +het succes niet van verzekeren. En langzamerhand kwamen +in de plaats van de gemengde vereenigingen arbeidersafdeelingen +voor den dag.</p> + +<p>De Volksbond, die voortging onder zijn leden te tellen +burgers en patroons, is meer en meer geworden de bond +van Nederlandsche Roomsche arbeiders; een machtige +vereeniging, die tot in deze laatste dagen zich splitste +in even zooveel vereenigingen als er diocesen zijn, +zonder dat er eenige officieele band tusschen bestaat. Er +bestaat op 't oogenblik een centraal bestuur, aan welks +hoofd de heer Passtoors staat, afgevaardigde van Beverwijk, +die aanhoudend met bekwaamheid en bevoegdheid leiding +gegeven heeft ter bereiking van het doel, dat de Bond +zich voorstelt. De leden, ongelijk verdeeld over de vijf +diocesen van Holland, gaan de 48.000 teboven; het onderscheiden +initiatief, dat genomen werd, mocht vruchtbaar +zijn; de congressen die georganiseerd werden hadden goed +gevolg; de instellingen, die gesticht werden, bloeien: zooals +het werk van het ambachtsonderwijs, sociale cursussen, +spaarkassen, onderlinge verzekeringen, propagandaclubs, +enz.; van het orgaan »de Volksbanier” worden meer dan +10.000 exemplaren gedrukt; de actie, die uitgegaan is op +de openbare meening en bij de volksvertegenwoordiging, +is gevestigd geworden door de nauwgezette bestudeering +van de wetsonderwerpen, die in voorbereiding zijn en door +een moedige propaganda.</p> + +<p>»De Volksbond” vereenigt echter slechts een gedeelte +van de Roomsche krachten. Tot den »Boerenbond” behoort +een ander deel. De »Hanze” die de groote vereeniging +is van de kleine burgerij, en waaraan een +geestelijke, Ds. Nouwens, al zijn kracht wijdt, omvangt +nog een ander deel. Boven deze komt sedert drie jaren +een uitgebreider organisatie met ruime vooruitzichten en +grootsche doeleinden: nl. de Katholieke Sociale actie. +Dit is geen nieuwe vereeniging, en dat is het wat haar +onderscheidt van de Duitsche Volksvereeniging, maar de +verbinding van al de Roomsche vereenigingen, die in +<span class="pagenum" title="35"> </span><a id="p_35"></a>Nederland maatschappelijken invloed oefenen. Haar bewerktuiging +is van eenvoudigen aard; in elke plaats benoemen +de verschillende ambachten twee afgevaardigden om de +plaatselijke afdeeling te vormen; de voorzitters en de +secretarissen van de locale comite's vormen het diocesaan +comité; de voorzitters en de secretarissen van de diocesaan +comite's stellen den centralen raad saam, die een algemeen +secretaris en meerdere assistenten voor de werkzaamheid +van het centraal Bureau benoemt. De voorzitter van den +centralen Raad is de heer Van Nispen tot Sevenaer, afgevaardigde +voor Nijmegen; de algemeene Secretaris de heer +Aalberse, afgevaardigde van Almelo; geestelijk adviseur +de heer abt Angenent, professor aan het Seminarie te +Warmond. Het Centraal Bureau is gevestigd in Leiden. +Het biedt werkelijk een uitnemend arsenaal, bezit een +schoone bibliotheek en vormt een belangrijke inlichtingendienst.</p> + +<p>Aldus vinden we zijn zinspreuk werkelijkheid geworden: +Centralisatie van bestuur, decentralisatie van actie.</p> + +<p>Centralisatie van het bestuur; want de geheele beweging +gaat vandaar uit; maatschappelijke enquêtes, de meest +verschillende publicaties, de veldtocht van vergaderingen, +de organisatie van de »sociale weken” enz. Een wekelijksch +overzicht: de Katholiek, Sociaal Weekblad, dubbelblad +van het dagblad »de Voorhoede”, draagt tot alle +hoeken van het land uit de <ins class="corr" id="corr9" title="Bron: ideëen">ideeën</ins> en de wijze van +werken van deze uitgestrekte organisatie, die reeds meer +dan 70.000 leden telt.</p> + +<p>Decentralisatie van werkzaamheid; want de vereenigingen +blijven, hoe ook in de organisatie opgenomen, toch zelfstandig, +gedragen zich naar haar eigen regelingen en +overeenkomstig haar eigen doel, bijna zonder dat het +centraal bestuur zich aanmatigt haar iets anders te geven +dan raad, een steun en een parool in de ernstige omstandigheden, +die de eenheid van alle krachten en van alle +goede gezindheid eischen.</p> + +<p>Zoodanig is in 't kort de sociale arbeid van de Nederlandsche +Roomschen. Er moet nog aan toegevoegd +worden, dat deze beweging zoo volledig, zoo vruchtbaar +<span class="pagenum" title="36"> </span><a id="p_36"></a>in resultaten, en zoo rijk in verwachting, in volmaakte +harmonie zich ontwikkeld heeft, onder de goedkeuring +en het bestuur der bisschoppen. Terwijl zij aan de vereenigingen +groote vrijheid van beweging lieten, hebben zij +de beginselen geregeld waarvan de actie had uit te gaan, +en met hun herdersstaf hebben zij hun kudde geleid in +de richting van de maatschappelijke werkzaamheden, aansporend +of matigend, al naar het noodzakelijk was, en +als zoodanig ware aanvoerders van het Roomsche leger, +met getrouwheid gevolgd, en met goed gevolg begrepen. +'t Is niet tevergeefs dat de vermaarde Dr. Schaepman van +hen zeide: »Ons vertrouwen en onze hoop rusten op hun +woord, op hun macht, op hun wijsheid, op hun leiding. +Zij hebben gesproken, zij hebben gehandeld met voorzichtigen +moed, en op deze wijze hebben zij tusschen de +verschillende takken van arbeid en instellingen een uitnemende +samenbinding tot stand gebracht, en ze een hooge +vlucht doen nemen.”</p> + +<h3 id="A1_7">VII.</h3> + +<p>Een zoodanige bloei van organisaties en van toewijding +op het terrein van het maatschappelijk leven verklaart +den invloed der Katholieke partij. Zonder instellingen te +zijn van politieken aard dragen deze vereenigingen er +niettemin krachtig toe bij dat Roomsche ideeën in het +openbare leven verbreid worden, en zij verzekeren aan +hen, die ook op verstandige wijze de zedelijke en +stoffelijke belangen van het volk behartigen, rechtmatigen +invloed, die nog toeneemt door de beslist sociale +gedragslijn van de Roomsche afgevaardigden in de Staten-Generaal.</p> + +<p>Door zoo te doen geeft de Katholieke partij op schitterende +wijze er bewijs van, dat zij de sociale kwestie, +die op dit oogenblik zoo dringend de aandacht vraagt, +zoo veel en zoo goed als mogelijk is, wil oplossen, en +dat zij wil arbeiden aan de herstelling van de gemeenschap +in christelijken geest. 't Is daarom, dat zij tot +grondslag neemt de Katholieke leer, en dat zij zich vóór +<span class="pagenum" title="37"> </span><a id="p_37"></a>alles van haar moraal doordringt. Moet men hieruit besluiten +dat zij een confessioneele partij is? Haar tegenstanders +houden dit staande en versieren haar gaarne +met dezen toenaam van »kerkelijk”, maar 't is de vraag, +hoe men dat verstaat. Indien men, zooals het juist schijnt, +door dit woord wil karakteriseeren de partij, die zich uitsluitend +met godsdienstige belangen bezighoudt, die als +bestaansreden en tot doel niets heeft dan de verdediging +van de rechten der kerk, dan is de Nederlandsche Katholieke +partij geen confessioneele partij. Ongetwijfeld, de +bescherming van de Roomsche belangen staat bovenaan +op haar programma, en alleen Roomschen worden +toegelaten tot haar organisaties; ongetwijfeld de beginselen +van het Christendom beheerschen geheel haar politiek; +ongetwijfeld, de geestelijkheid en bizonder de bisschoppen +oefenen door hun adviezen een dikwijls belangrijken +invloed; maar de leiding van de partij is in handen +van leeken, zijn horizont strekt zich uit tot alles wat de +welvaart van het land kan doen toenemen, en de verdediging +van het recht, dat allen burgers gemeen is, is een +van de grondregels van haar actie. Volgens het woord +van Broere door Dr. Schaepman weergegeven in een +motto aan het hoofd van zijn brochure: »Een Katholieke +partij” vormen de Nederlandsche Roomschen een politiek +lichaam dat vrijheid wil.</p> + +<p>Het is overigens voor een partij de voorwaarde voor +alle sterken invloed, om niet alleen werkzaam te zijn +voor wat met eigen belangen in verband staat; zij kan +zich aan deze noodzakelijkheid niet onttrekken zonder er +in te moeten berusten slechts een fractie, dikwijls genoeg +een factie te zijn.</p> + +<p>Voor de Roomschen in Nederland was het bepaald +noodig; want indien zij hadden aangenomen een uitsluitend +godsdienstig program zouden zij gestuit zijn op de +vereenigde krachten van de Protestanten, die zich verbonden +zouden hebben om hen buiten het gemeen recht +te plaatsen; zouden zij nooit hebben kunnen staan naar +het verbond met de Antirevolutionaren, en zouden zij een +onmachtige minderheid gebleven zijn, versmaad, zoo niet +<span class="pagenum" title="38"> </span><a id="p_38"></a>vervolgd. Om hun vrijheid, waardigheid en gezag te +verzekeren, moesten zij hun voordeel doen met de rechten +aan alle burgers toegekend in de grondwet, moesten zij +een politiek voeren, die geëischt werd door de omstandigheden; +moesten zij gebruik maken van de parlementaire +tactiek als van alle eerlijke middelen, en geheel vast verbonden +aan de Roomsche beginselen, moesten zij zich weten +te schikken naar de eischen van het politieke leven van +dezen tijd.</p> + +<p>Dat is wellicht de grootste dienst, dien Dr. Schaepman +aan de zaak der Roomschen bewezen heeft, dat hij deze +richting nauwkeurig heeft aangegeven en zelfs de vermetelheden +van zijn tactiek hebben meegewerkt aan de +ontluiking van de politieke en sociale werkzaamheid van +zijn geloofsgenooten, aan wie hij heeft gegeven het bewustzijn +van wat zij moesten en van wat zij konden.</p> + +<p>In alle geval, in dit drievoudig karakter van populair, +sociaal en positief, dat hij haar heeft ingedrukt, is het +geheim gelegen van de kracht der Nederlandsche +Katholieke partij, wat haar ook veroorlooft te dingen naar +de rol, die haar leider in de algemeene vergadering van +1897 aldus aanduidde: <ins class="corr" id="corr10" title="Niet in Bron.">»</ins>Wij willen de leiders en de geleiders +zijn” en daardoor is de onbetwistbare invloed, die +door haar verkregen is in de raadscolleges van het Nederlandsche +volk, gevestigd en versterkt.</p> + +<hr class="chend20" /> + +<p><span class="pagenum" title="39"> </span><a id="p_39"></a></p> + +<h2 id="A2">TWEEDE HOOFDSTUK.</h2> + +<div class="subh2">De Protestantsche Partijen.</div> + +<hr class="chbegin" /> + +<p>Nederland is het klassieke land van theologischen strijd. +De geschiedenis heeft de herinnering bewaard van die +botsingen, die in de 16e en 17e eeuw het land in verwarring +gebracht en zooveel bloed gekost hebben.</p> + +<p>Op 't oogenblik zijn er de godsdienstige conflicten nog +niet uit verdwenen, ze zijn alleen niet bloedig, en zij vertoonen +zich nog onder de protestantsche partijen met een +noodlottige levenstaaiheid, die langer blijkt te duren dan +de tijd, waarin Arminianen en Gomaristen elkaar betwistten +de macht in den Staat en tegelijkertijd het hoogst gezag +in het godsdienstige.</p> + +<p>Van zijn oorsprong af oefende het Calvinisme in Nederland +invloed op het openbare leven. Meer dan het Evangelisch +Christendom van Luther in Duitschland, ontwikkelde +het zich naar buiten door de beschermende en op alles +beslag leggende macht van den Staat, terwijl het al meer +de hulp van de wereldlijke overheid in dienst nam, om +de scheuringen te beheerschen en onder de nationale +Kerk een meer of minder gemaakte eenheid te handhaven.</p> + +<p>Ook toen de nauwe banden van slaafsche onderwerping +tusschen Kerk en Staat waren losgemaakt, en een parlementaire +constitutie het land ging regeeren, vond het in +zijn vroegere belangrijke levensmomenten, in zijn geschiedenis +en in zijn beginselen, genoegzame innerlijke +<span class="pagenum" title="40"> </span><a id="p_40"></a>kracht om te streven naar werkzaamheid op parlementair +gebied.</p> + +<p>Alleenlijk, dit was niet het werk of de houding van +de oude nationale Kerk, de Nederlandsche Hervormde +Kerk in haar geheel. De ontwrichting van de elementen, +die haar samenstelden en die naar de gemeenzame uitdrukking +van een harer predikanten, »met elkander verbonden +waren als droog zand”, was een belemmering, om +zich als zoodanig om te zetten in een partij. Slechts een +kleine groep, zich losmakende van de massa conservatieve +Protestanten, ondernam het om op de calvinistische beginselen +een politieke actie te stichten.</p> + +<p>'t Was de antirevolutionaire groep, die zich schaarde +rondom Mr. Groen van Prinsterer, en die langzamerhand +grooter werd, toen de strijd ontbrandde voor de volledige +vrijheid van het Christelijk onderwijs.</p> + +<p>Maar bij den dood van Groen van Prinsterer, toen Dr. +Kuyper de troepen wilde leiden, organiseeren en aan tucht +gewennen, die door den moedigen voorlooper van de +antirevolutionaire idee bij elkander waren gebracht, begonnen +er verdeeldheden aan den dag te treden, gevolg +van de botsing van het theologisch onderwijs en van den +strijd der politieke neigingen. Er is maar één schrede +tusschen verschil in systeem en scheuring, vooral wanneer +de leider een man van gezagshandhaving is, en hij met al +zijn macht zich verzet tegen alles wat hij beschouwt als +een bederf in de leer.</p> + +<p>Op deze wijze vormden zich langzamerhand naast de +antirevolutionaire partij, de Christelijk-Historische en de +Vrij-antirevolutionaire partijen, gedeelten, op meer of minder +gewelddadige wijze in moeilijke tijden van beslissing +van het oorspronkelijk bloc afgegaan.</p> + +<p>Intusschen het is een natuurwet, die geldt voor partijen +zoowel als voor den enkelen persoon; wanneer zij zwak +zijn, zoeken zij als vanzelf versterking van hun kracht, +toenadering tot elkander, om den invloed te verkrijgen +die hun ontbreekt. Er is wederkeerige aantrekking, +die zich onvermijdelijk doet gelden, en die, dank zij de +inschikkelijkheid door de openbare meening betoond, +<span class="pagenum" title="41"> </span><a id="p_41"></a>dikwijls uitloopt op onderlinge verstandhouding of ineensmelting. +'t Is alzoo gegaan met de twee in verschil zijnde +fracties; waarbij zich de Friesch-Christelijk-Historischen +hebben gevoegd, die meer en meer de scherpte van hun +geschillen in theorieën en tactiek verzacht hebben, om +zich te vereenigen in ééne organisatie: de Christelijk +Historische Unie. Het wonderlijkste van deze ontwikkeling +is dat zij de vermindering, zoo niet de verzaking, +meebracht van den traditioneelen haat van een groot getal +Protestanten tegen het Roomsch Katholicisme, en dat +zij in de christelijke politiek van de rechterzijde elementen +vereenigt, die eertijds elkander vijandig waren.</p> + +<p>Toch voor de meerdere duidelijkheid zullen wij vasthouden +de verdeeling, die heden niet volstrekt juist meer +is, van drie onderscheiden partijen, en wij zullen trachten +aan te toonen in welke richting, vervolgens onder welke +omstandigheden, en langs welk proces de ontwikkeling +van deze laatste tijden plaatsgegrepen heeft.</p> + +<h3 id="A2_1"><i>I. De Anti-revolutionaire partij.</i></h3> + +<p>Op het eerste gezicht schijnt de naam, door deze partij +aangenomen, zonderling. Om er geheel de beteekenis +van te weten, moet men zich houden aan de verklaringen +die haar leider, Dr. Kuyper, daarvan gegeven heeft, voornamelijk +in het korte overzicht, dat hij in 1898 schreef, +in het encyclopedisch werk, dat de vreemdelingen, die in +Nederland kwamen bij gelegenheid van de kroning van +koningin Wilhelmina, Nederland moest doen kennen: +»Het doel van de Anti-revolutionaire partij is, aan de +<ins class="corr" id="corr11" title="Bron: ideëen">ideeën</ins> die ons hebben geleid in de dagen van onze +nationale grootheid, den invloed te verzekeren waarop zij +recht hebben.<ins class="corr" id="corr12" title="Niet in Bron.">”</ins> Dit feit volgt uit het eerste artikel van +haar program van beginselen, dat saamgevat aldus luidt: +»De Anti-revolutionaire of Christelijk-historische richting +vertegenwoordigt voor zooveel ons land aangaat, den +grondtoon van ons volkskarakter, zooals dat, door Oranje +geleid, onder invloed der Hervorming omstreeks 1572 +zijn stempel ontving.”</p> + +<p><span class="pagenum" title="42"> </span><a id="p_42"></a></p> + +<p>Maar om dezen ouden nationalen en godsdienstigen geest +te doen herleven, is het noodig, te niete te doen wat +zich voor haar in de plaats heeft gesteld: het stelsel van +de Revolutie van 1789. Ook vervolgt Dr. Kuyper: »Innerlijk +vertoont zich de Anti-revolutionaire partij als een +politieke partij, die zich aansluit aan de calvinistische +beweging van 1572. Uitwendig vertoont zij zich aan ons +als de tegenstandster van het grondbeginsel van de Fransche +Revolutie; en dat is de eenige reden waarom zij zich antirevolutionair +noemt.” Met andere woorden: in den naam +liggen twee gezichtspunten op hetzelfde doel: het eene +meer positief, dat een terugkeer is naar de aloude nationale +traditie's; het andere negatief, dat bestaat in het +bestrijden van den geest der Revolutie.</p> + +<p>Men moet hieruit niet besluiten dat de partij vijandig +staat tegenover alle revolutie; dat zou een verkeerde +conclusie doen maken. In den grond der zaak is het +tegendeel veeleer waar. Want juist de gebeurtenis, waarop +zij zich beroept, is een revolutionaire daad in de scherpste +beteekenis van het woord: de vestiging van het Calvinisme +in Nederland en de opstand van Nederland tegen de +Spaansche overheersching. Overigens, historisch gesproken +is het Protestantisme wezenlijk revolutionair in dezen zin, +dat in alle landen, waar het zich geplant heeft, het heeft +medegebracht een vaak hevige breuke met den bestaanden +toestand en het een revolutie veroorzaakt heeft.</p> + +<p>Zoo kan men dan zeggen, dat eigenlijk de partij, die +»antirevolutionair” genoemd wordt, dit niet geheel is, +tenminste niet in den volstrekten zin van het woord. Zij +is alleen de onverzoenlijke tegenstandster van de beginselen +der Fransche Revolutie en bestrijdt met haar uiterste +kracht de formule van den neutralen of god-loozen +staat: noch God, noch meester, die haar toeschijnt +daarvan een gevolg te zijn.</p> + +<p>Toch ontkent zij niet dat de Fransche Revolutie vele +goede, wenschelijke hervormingen teweeggebracht heeft; +integendeel zij erkent dat, en aanvaardt ze, maar doet ze +niet voortkomen uit de beginselen die deze beweging geleid +hebben, maar uit God en de eeuwige beginselen van +<span class="pagenum" title="43"> </span><a id="p_43"></a>het goddelijk woord, geopenbaard in de Heilige Schrift. +Want de beteekenis van het Evangelie voor het maatschappelijk +leven is de godsdienstige grondslag van het +staatkundig stelsel, dat door de Antirevolutionairen is opgebouwd. +Artikel 3 van hun program van beginselen +verklaart het letterlijk: »Op staatkundig terrein belijdt de +partij de eeuwige beginselen van het Woord Gods, zóó +evenwel dat het staatsgezag noch rechtstreeks nòch door +de uitspraak van eenige kerk, maar alleen in de conscientie +der overheidspersonen aan de ordinantie Gods is gebonden.”</p> + +<p>En dat is niet een van de minst-belangrijke karaktertrekken +van deze partij, dat zij voor haar oogen ziende +de resultaten van een misleidende wetenschap en de +droevige werking van een publiek recht dat met God niet +rekent, terugkeerde naar de beginselen die het Christendom +in de wereld ingebracht heeft, om daarop te gronden +een herstelling van het maatschappelijk leven.</p> + +<p>Om juist te zijn, moet eraan toegevoegd worden, dat +de Antirevolutionairen zich tegelijkertijd stellen tegen den +geest van het Roomsch Katholicisme. En dit is te begrijpen: +in 1572 was dit de vijand, evenzeer als de Spanjaarden +die het in de oogen van de Geuzen vertegenwoordigen, +en het blijft het in zooverre het in 't algemeen +noch het vrije onderzoek, noch de volkomen <ins class="corr" id="corr13" title="Bron: vrijheld">vrijheid</ins> +van conscientie toestaat. Echter neemt die tegenstand +bij hen niet den vorm aan van den wilden haat, dien de +gevoelens van een groot getal Protestanten jegens de +Roomsche kerk nog openbaren. Voor hen blijft de tegenstelling +van belijdenis liever theoretisch, en zij gevoelen +zich eens met de Katholieken in de erkenning van de +noodzakelijkheid om een hervorming van het staatkundig +en maatschappelijk leven te ontwerpen in christelijken +geest.</p> + +<p>Indien het nagestreefde doel de terugkeer is tot den +ouden geest van 1572, zou men er soms logisch uit kunnen +afleiden: dat de Antirevolutionairen moeten wenschen +dat het Calvinisme als staatsgodsdienst hersteld worde. +Dit is echter een dwaling, verzekert Dr. Kuyper: »De +antirevolutionaire partij wil geenszins aan de Gereformeerde +<span class="pagenum" title="44"> </span><a id="p_44"></a>Kerken haar officieel karakter hergeven.” Want »in de +Fransche Revolutie, die een einde gemaakt heeft aan een +in veel opzichten verouderden toestand, moet men het +rechtvaardig oordeel Gods zien over zooveel schandelijk +machtsmisbruik.<ins class="corr" id="corr14" title="Niet in Bron.">”</ins></p> + +<p>Nog meer, de partij is geen verdedigster van een bizondere +kerk of van een godsdienstige belijdenis; zij streeft eenvoudig +een calvinistische staatkunde na; en, alzoo verzekert +ons Dr. Kuyper nog, het Calvinisme is geen kerkelijke +beweging: »Het woord Calvinisme,” schrijft hij, »is alleen +een term van historische beteekenis, dienende om een algemeene +geestesrichting aan te duiden, die in de zestiende +eeuw, zoowel in Genève als in Frankrijk, en zoowel in Nederland +als in Engeland, zich baan gebroken heeft op alle +levensterreinen, en met name in het politieke leven. De +Antirevolutionaire partij heeft zich ook nooit aangesloten +aan eenige kerk, welke dan ook, maar zij heeft onder +haar vaandel verzameld allen, die de gedachte van een +calvinistische staatkunde voorstonden, hetzij zij leden waren +van de Kerk die genoemd wordt de Hervormde Kerk, +of leden van de Gereformeerde, de Luthersche of de +Doopsgezinde Kerken.”</p> + +<p>Intusschen worden de Antirevolutionairen feitelijk hoofdzakelijk +gevonden onder hen die men noemt: »de Gereformeerden +of ook de ultra-calvinisten”, degelijke en vurige +Protestanten, die Dr. Kuyper om zich verzameld heeft +voor een godsdienstige hervorming ter zelfder tijd als voor +staatkundige actie.</p> + +<p>Medegesleept door het genie van hun leider, zijn zij het +vooral, die de lange en sterke menigten vormen, welke hem +ondersteunen in zijn arbeid, die ten doel heeft de herstelling +van het volk en de bestrijding van den geest der +Revolutie.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>De revolutionaire leerstellingen hadden ingang gekregen +door de Fransche overheersching in Nederland, die tot +stand gebracht was door de legers van de Republiek; en +de regeering van Lodewijk Bonaparte, broeder van den +keizer, was er de triomf van geweest. Maar toen zij viel, +<span class="pagenum" title="45"> </span><a id="p_45"></a>kwam er een historische opwaking. Sinds 1813 had +de dichter Bilderdijk met heftigheid deze beginselen +aangevallen, die in zijn oogen waren een droombeeld, dat +uit den latijnschen geest voortvloeide, en had hij toegejuicht +een opstand van Europa tegen Napoleon. Maar hij +was alleen blijven staan.</p> + +<p>Een andere dichter, Da Costa, hervatte den krijgszang +en leidde het begin in van een openbaar verzet, van een +»contra-revolutie.” Nog eenige jaren verliepen vóór zij +van de litteratuur overging op de politiek; het optreden +van Groen van Prinsterer was het begin van de antirevolutionaire +beweging en gaf haar het eigenaardig karakter, +dat zij sinds aldoor heeft gedragen.</p> + +<p>Weinig talrijk in het begin, en geen overeenstemming +van inzicht hebbende, ontbrak den Antirevolutionairen +samenbinding. De strijd voor de school, die aan de Roomschen +eenheid en bezieling gegeven had, verschafte ook +hun aanhangers en eenheid. Reeds jaren vroeger dan de +Roomschen eischten zij de algeheele vrijheid van onderwijs, +met een volharding, die zich door niets ontmoedigen +liet. Terwijl de strijd aan den gang was, werd hun groep +grooter door de overblijfselen van de conservatieve protestantsche +partij, welke zich door de beschouwingen en +methoden van een anderen tijd ongeschikt maakte voor +het moderne staatkundige leven. En bij den dood van +Groen van Prinsterer bevond zich Dr. Kuyper, die den +betreurden leider opvolgde, aan het hoofd van een menigte +talrijk genoeg, dat het alleen de zaak was haar achter een +positief program onder tucht en orde te doen optrekken.</p> + +<p><ins class="corr" id="corr15" title="Opzich zelf">Op zichzelf</ins> is niets leerzamer, is niets bemoedigender, +dan deze vooruitgang (waarbij men meer nog door de +kracht der beginselen en het ideaal ondersteund werd, +dan door den samenloop der omstandigheden en het ontzag +der leiders,) van een politieke partij, die uit allerlei +deelen is samengesteld, en die na vijftig jaren krachtsinspanning +zoover gekomen is, dat zij tot herhaalde malen toe +het lot van het land zich in handen gelegd zag.</p> + +<p>Het moet ook gezegd worden, dat de <ins class="corr" id="corr16" title="Bron: overmoeide">onvermoeide</ins> werkzaamheid +van Dr. Kuyper van niet geringe beteekenis +<span class="pagenum" title="46"> </span><a id="p_46"></a>geweest is, om dit resultaat te bereiken. Weinig menschen +hebben op degenen die hen omringden, grooteren +invloed, een zoo volkomen overwicht gehad, en een +macht die meer instaat was om ze ter overwinning te +leiden.</p> + +<p>Van eenvoudig predikant te Beesd in Gelderland heeft +Dr. Kuyper door zijn verstand en werkzaamheid het gebracht +tot den eersten rang van de staatslieden van het +hedendaagsche Nederland. Zooals het Dr. Schaepman +was, en wellicht nog meer dan deze, is hij vóór alles +volksleider. Een man met een ruime gedachtenwereld, +met breede en nieuwe gezichtskringen, van snellen +oogopslag, met een tegelijk vaste en zachte hand, en +daarbij een ijzeren wil door niets te buigen, onvermoeid, +en gesterkt door het geestdriftig geloof in het van verre +zichtbare ideaal. Zoodanig was hij in 1872 op het oogenblik, +toen hij op vijf-en-dertig-jarigen leeftijd het redacteurschap +van het dagblad de Standaard op zich nam, en +zoo blijft hij, na een levensloop doorgemaakt te hebben, +die verbazen moet.</p> + +<p>Gelijk alle geesten van den eersten rang, heeft hij zijn +vurige bewonderaars gehad en tevens zijn heftige bestrijders. +Zijn tegenstanders noemen hem spottend: »den +paus der Calvinisten«, en waarlijk: daargelaten in hoeverre +zijn godsdienstig hervormingswerk in den boezem der volkskerk +recht geeft hem alzoo te noemen, zijn voorkomen +heeft iets ontzagwekkends, iets bisschoppelijks. Zijn Romeinsch +gelaat, een weinig dik door de jaren, treft bij +den eersten oogopslag door de scherpheid van trekken, den +gekromden neus, het breede voorhoofd, en het vuur dat +schittert in het levendig en doordringend oog. Zooals +Dr. Schaepman de redenaarslip had, zoo heeft Dr. Kuyper +de heerscherslip; en dit is een der merkwaardigste zijden +van dit forsche en aantrekkende gelaat van dezen protestantschen +leeraar, altijd in strijd, voortreffelijk en geducht +schrijver, meeslepend en gewild redenaar, met bekwaamheid +en diepen blik in het staatkundige, dat deze zucht +naar gezag, velen zeggen deze geest van heerschzucht en +dwingelandij, niet weinig bijgedragen heeft tot den waren +<span class="pagenum" title="47"> </span><a id="p_47"></a>haat, die velen hem hebben toegedragen en toedragen. +Want dat is juist het moeilijke, wanneer het betreft een +talent dat aan het genie grenst, om te beoordeelen waar het +natuurlijk overwicht eindigt en de overheersching begint.</p> + +<p>In alle geval, deze man, die in zich alleen een partij en +een staatkunde vertegenwoordigt, heeft blijk gegeven van +een ongelooflijke werkzaamheid en heeft een buitengewone +taak vervuld. Hernieuwer van de Nederlandsche +Kerk, heeft hij talrijke werken van protestantsche theologie +geschreven, en om zich heen een nieuwe kerk verzameld. +Op staatkundig terrein heeft hij zijn partij geheel er boven +op gebracht, haar een bewonderenswaardige organisatie +en een volledig program gegeven. Hij stichtte een gymnasium +en bekroonde zijn arbeid op schoolgebied door +een Vrije Universiteit, waarvan hij de eerste rector was.</p> + +<p>Wat wel te verwonderen is: de partijleider hield voor +zichzelf niet van het parlementaire milieu. Hij zelf bleef +liever buiten deze atmospheer, hoewel die toch in Nederland +zuiverder en minder afmattend is dan in zekere +andere landen; hij oordeelde het niet gunstig voor zijn +plannen. »'t Is alleen voor het onderwijs dat wij iets +zouden kunnen doen«, zeide hij in 1893 tot den heer +Charles Benoist. Nauwelijks gekozen tot afgevaardigde van +Gouda, in 1874, legde hij het volgend jaar door ziekte genoodzaakt +zijn mandaat neer, om een jaar later zijn krachten +te wijden aan het onderwijs in al zijn geledingen. Niettemin, +schoon er buiten zijnde, gaf hij leiding aan de groep +Antirevolutionaire Kamerleden, die in den parlementairen +kring werkzaam waren. Niet eerder dan in 1893 besloot +hij weer de Kamer binnen te treden; het was toen de +tijd<ins class="corr" id="corr17" title="Bron: .">,</ins> dat de door den heer Tak van Poortvliet voorgestelde +kiesrechthervorming er een waren storm deed opsteken. +Hij bleef er als vertegenwoordiger van Sliedrecht tot in +1901, het jaar, dat hij geroepen werd, een ministerie te +vormen.</p> + +<p>En toen in 1905 tengevolge van de verkiezingen zijn +ministerie viel, trok hij zich eenigen tijd terug in den +buitensten omtrek van het staatkundig leven, maar weldra +hernam hij zijn plaats aan het hoofd van de Antirevolutionaire +<span class="pagenum" title="48"> </span><a id="p_48"></a>partij, die hij voortgaat met vaste hand +te besturen.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Wat bij den eersten aanblik in deze partij treft, is, +behalve het godsdienstig voorkomen dat zij heeft, de +eenheid en de tucht die onder hare leden heerschen. Men +zou zeggen: het is een blok, hecht en sterk gebouwd, +zonder scheur en zonder gebrek. Door het van naderbij +te bezien, bemerkt men dat deze eenstemmigheid in +leiding en actie veroorzaakt wordt door het bestaan van +een »program van beginselen«, en wanneer de algemeene +verkiezingen in 't zicht komen door programs van actie +of van urgentie, en eindelijk door een uitnemende inwendige +organisatie.</p> + +<p>Het program van beginselen is in zijn geheel het werk +van Dr. Kuyper, die het aanvaard zag door het Centraal +Comité van de partij, en die het verklaarde in een serie +artikelen, in 1879 in zijn dagblad de Standaard, verschenen. +Het dagteekent van den 1sten Januari 1878 en vormt het +eerste document van die soort in Nederland.</p> + +<p>Na te hebben verklaard dat de Antirevolutionaire partij +»den grondtoon van ons volkskarakter vertegenwoordigt, +gelijk dat door Oranje geleid, onder invloed der hervorming, +omstreeks 1572 zijn stempel ontving<ins class="corr" id="corr18" title="Bron: , »">«, </ins>en dat zij +dit<ins class="corr" id="corr19" title="Bron: « "> »</ins>overeenkomstig +den gewijzigden volkstoestand in een vorm die +aan de behoefte van onzen tijd voldoet, wenscht te +ontwikkelen«, spreekt het program plechtig uit, dat de +»macht« niet opkomt uit den volkswil, noch uit de wet, +maar dat zij eenig en alleen de bron van het souvereine +gezag in God vindt. Zij verwerpt mitsdien met alle kracht +het valsche beginsel van de volkssouvereiniteit, dat volgens +haar de grondfout van de Fransche Revolutie is. Dit wil +intusschen niet zeggen dat de Anti-revolutionairen tegenstanders +zouden zijn van de benoeming van regeerders +door het volk. Integendeel, zij stemmen toe dat God de +souvereiniteit onder het volk kan doen besloten liggen, +alleen met dit voorbehoud, dat verstaan worde, dat het +<span class="pagenum" title="49"> </span><a id="p_49"></a>volk de souvereiniteit niet bezit van zichzelf, maar alleen +als die ontvangen hebbende van God. Met andere woorden, +zij kennen aan het volk de uitoefening van het recht +toe, niet het recht zelve. Wat de overheid betreft, zij +regeert niet anders dan bij de gratie Gods, en het goddelijk +Woord is de bron van de gehoorzaamheid, die de +onderdanen haar moeten betoonen. Als dienaresse Gods +in een Christelijke natie is de overheid diensvolgens gehouden +tot verheerlijking van Gods naam, en tot eerbiediging +van dezen naam, in al haar handelingen.</p> + +<p>Diensvolgens behoort zij:</p> + +<p><i>a.</i> Uit bestuur en wetgeving alles te verwijderen, wat +den vrijen invloed van het Evangelie op het volksleven +belemmert;</p> + +<p><i>b.</i> Zichzelve, als daartoe in volstrekten zin onbevoegd, +te onthouden van alle rechtstreeksche bemoeiing met de +geestelijke ontwikkeling der natie;</p> + +<p><i>c.</i> Alle kerkgenootschappen, of godsdienstige vereenigingen, +en voorts alle burgers, onverschillig welke hun +denkwijze aangaande de eeuwige dingen is, te behandelen +op voet van gelijkheid;</p> + +<p><i>d.</i> in de conscientie voorzoover die het vermoeden van +achtbaarheid niet mist, een grens te erkennen van haar +macht.</p> + +<p>Want hier heeft de macht van den Staat haar grenzen +en moet hij bedenken dat hij niet alles is, en niet alles kan.</p> + +<p>Naast hem bestaan er andere kringen, die haar eigen +rechten hebben en waarin een onafhankelijk gezag heerscht, +dat is: de Christus in de Kerk, de vader in het huisgezin, +en Dr. Kuyper voegt er aan toe, wel wat onvoorzien, +ofschoon in den grond juist, de kapitein op zijn schip, +de kunstenaar in den tempel der kunst, en de man der +wetenschap in het rijk der letteren. De Staat kan dit +onderscheiden gezag, dat niet uit het hare afgeleid is, +niet tenietdoen, nòch met deze kringen zich vereenzelvigen.</p> + +<p>Overigens, de Grondwet van 1848 behelst de regeling +van rechten en plichten van den Nederlandschen Staat<ins class="corr" id="corr20" title="Bron: .">,</ins> +en de Antirevolutionairen aanvaarden deze als uitgangspunt +<span class="pagenum" title="50"> </span><a id="p_50"></a>van hun hervorming der instellingen in Christelijk-historische +richting.</p> + +<p>In de zaak van het onderwijs houden zij zeer hoog het +devies: »het onderwijs zaak der ouders«, gelijk Groen van +Prinsterer hun dit heeft nagelaten.</p> + +<p>Zij verwerpen het beginsel van de openbare school, en +kennen alleen in zooverre aan den Staat het recht toe als +onderwijzer op te treden, als het particulier initiatief onvoldoende +is; en zij willen dat de vrije ontwikkeling van het +volk zich verwezenlijke langs den natuurlijken loop van +leven, en dat die niet op werktuigelijke wijze van boven +af op het volk gelegd worde.</p> + +<p>Daarom eischen zij dezelfde rechten voor alle scholen, +welk haar paedagogisch of belijdend karakter ook zij, en +meenen zij dat het Hooger onderwijs zelfs het werk moet +zijn van het vrije initiatief.</p> + +<p>Aan deze theorie van de school, gegrond op de vrijheid +van onderwijs, is verwant die, welke de Antirevolutionaire +partij zeer voorzichtig en zeer mild staande houdt, aangaande +de verhouding van den Staat tot de verschillende +godsdiensten. In dezen gedachtengang beweegt zich de +richting van haar wenschen voor de volle vrijheid der +kerken<ins class="corr" id="corr21" title="Bron: .">,</ins> waarbij de begeerte wordt uitgesproken, dat alles +ter zijde gelaten wordt, dat zweemt naar een inmenging +van den Staat in de inwendige aangelegenheden van de +kerken. Maar 't is niet de volstrekte scheiding, die zij +zich voorstelt, niet het minachtend en stelselmatig »ik ken +u niet«; zij meent dat een contractueel reglement voor +beide partijen tegenover elkander de allerbeste waarborg +levert, die mogelijk is voor de onafhankelijkheid van elk in +het bizonder.</p> + +<p>Ziedaar ons dan ver van de scheiding, zooals die in +Frankrijk tot stand is gekomen, poging van den Staat om +beslag te leggen op de kerken, welke Dr. Kuyper streng +heeft veroordeeld.</p> + +<p>Op het gebied van de rechtspraak wil het program dat +door een onafhankelijke rechtspraak, volgens de wetten +die op de eeuwige rechtsbeginselen rusten, beslissing uitga +voor alle geschillen van partijen, zoowel van burger-rechtelijken +<span class="pagenum" title="51"> </span><a id="p_51"></a>als van administratieven aard; dat voltrekking van +straf aan den gevonnisde volge, niet slechts om de maatschappij +te beschermen of den overtreder te verbeteren, +maar allereerst tot herstel van de geschonden gerechtigheid: +desnoods door de doodstraf, waartoe het recht in beginsel +aan de overheid toekomt.</p> + +<p>Wat de zaak van het kiesrecht aangaat, meent de partij +dat geen kiesstelsel voor de wezenlijke natie kan in de +plaats stellen een soort wettelijk en conventioneel land. +Voorstaande de souvereiniteit van elk op zijn eigen terrein, +vraagt de partij het kiesrecht voor alle hoofden van +gezinnen, en voor alle hoofden van welken kring ook, op +zoodanige wijze echter, dat dit recht niet individualistisch +maar organisch geregeld zij.</p> + +<p>En zoo gaat het program voort zich te ontplooien wijd +en breed, als de rivieren van Nederland, die op hare wateren +een gansche vloot van schepen dragen.</p> + +<p>In 't voorbijgaan spreekt het van den vrijhandel, als in +beginsel uitnemender, en de practische noodzakelijkheid +van een protectionistisch stelsel; houdt zich lang op met +in bizonderheden de maatregelen aan te geven, waardoor +de openbare onzedelijkheid kan bestreden worden; spreekt +zich uit ten gunste van de decentralisatie der provinciale +en der gemeentelijke zelfregeering, »in zooverre zij geen +schade doen aan het begrip van den Staat, en niet onverdedigd +laten de onaantastbare rechten van den mensch«; +vraagt voor de Koloniën dat de overheid ernstig de missie's +bescherme, zonder dat zij daartoe zich heeft bezig te +houden met de directe verbreiding van het Christendom; +verzet zich tegen de exploitatie van de inlandsche bevolking +en verklaart zich eindelijk nader over het maatschappelijk +vraagstuk.</p> + +<p>Wat dit punt aangaat tracht het te komen tot een algemeen-voldoende +oplossing, door de eenheid van de verschillende +klassen der maatschappij volgens den wil van +het goddelijk woord. Om dit doel te bereiken, verwacht +het van de tusschenkomst van den Staat zekere maatregelen, +zooals het in 't leven roepen van Kamers van arbeid, +de vaststelling van het maximum aantal werkuren, +<span class="pagenum" title="52"> </span><a id="p_52"></a>de bepaling van een rechtvaardig loon en van een billijk +pensioen, zoowel voor den werkman als voor zijn weduwe +en kinderen: maatregelen die voor den Staat niet zijn +misbruik van macht, maar strenge plicht. Overigens, in +dezen geleidelijken gedachtengang heeft Dr. Kuyper altijd +verklaard, dat hij niets beters begeerde, daar de eene hand +omlaag te mogen uitstrekken naar de proletariërs, en de +andere hand omhoog naar de leden van de rijke of adellijke +familiën, om alle klassen te vereenigen in een eenig +leger voor den heiligen strijd. Maar allen hebben niet +gedacht als hij, en hebben zijn sociale ideeën niet gedeeld. +Hierdoor is de verdeeldheid verklaard, die in het vervolg +onder de Antirevolutionairen geboren werd, en die tot het +uitgaan van de Vrij-antirevolutionairen geleid heeft.</p> + +<p>Zoodanig zijn, in 't kort de voornaamste punten van dit program +van beginselen, een wezenlijke politieke geloofsbelijdenis, +onder de bewerking van Dr. Kuyper ontstaan. +Hij eindigt met de omschrijving van de tactiek, die voorts +gevolgd zal worden, om tot inwilliging der eischen te +komen, en die samengevat kan worden in twee woorden: +dat op prijs gesteld wordt de handhaving van de +volkomen zelfstandigheid van de partij, en tegelijk mogelijk +geacht wordt vereeniging met andere groepen, op grond +van een welomschreven plan van actie. 't Is op deze +basis dat de verbintenis met de Roomschen tot stand kwam: +de »Christelijke coalitie.«</p> + +<p>Het is al dadelijk opmerkelijk, hoezeer de uitgebreidheid +van het program en de afwezigheid van bekrompen of +sectarische <ins class="corr" id="corr22" title="Bron: ideëen">ideeën</ins> die er in openbaar wordt, derwijze dat +het bijna in zijn geheel door de Roomschen zou +kunnen aangenomen zijn, een trouwe en vruchtbare medewerking +vergemakkelijken moest; want het bepaalt er zich +hoofdzakelijk toe, alles saamgenomen, boven alle discussie +te stellen vaststaande zaken en beginselen, die in het +belang van de gemeenschap geen schade mogen lijden.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Dit program van beginselen breidde zich nog uit en ontving +<span class="pagenum" title="53"> </span><a id="p_53"></a>nog nauwkeuriger belijning naar gelang van de noodzakelijkheid, +door den strijd der partijen en den drang +der omstandigheden ontstaan. Aan den vooravond van +de verkiezingen maakt de Antirevolutionaire partij een +gedetailleerde lijst op van de onmiddellijk-dringende +eischen, welker spoedige vervulling van aanbelang is.</p> + +<p>Het eerste van deze programs van urgentie of van actie +zag het licht in 1888.</p> + +<p>Het vroeg de voorbereiding van een kieswet op den +grondslag van verlaging van den census; Zondagsrust; +arbeidsraden; wettelijke bescherming van de arbeiders; +herziening van de handelsverdragen; verbetering van +het kazerneleven en van de militaire <ins class="corr" id="corr23" title="Bron: rechtsspraak">rechtspraak</ins>; schoolhervorming, +en koloniale maatregelen. Daarop volgde +een resolutie, betreurende het heengaan van eenige belijders +van den Christus op het oogenblik zelf, dat de +strijd tegen de »ongeloovigen” bijna zeker met goeden +uitslag zou bekroond worden. Het waren de »orthodoxe +predikanten”, op welke dit doelde. Later gingen zij zich +om Dr. Bronsveld scharen ter vorming van de Christelijk-Historische +partij, en al wachtende ontzagen zij zich niet, +volgens het zeggen van Dr. Kuyper, zich door bizondere +belangen of antipathieën te laten verleiden, om zelfs de +Christelijke school, deze gave Gods aan ons vaderland, +monument van Christelijke toewijding en volharding, als +offer te vergen voor hun misnoegdheid.</p> + +<p>De verkiezingen van 1891 brachten iets anders.</p> + +<p>De Antirevolutionaire partij had gedurende drie jaren +het land geregeerd. Het ministerie Mackay had de hervorming +van het lager onderwijs tot stand gebracht. Het +was van aanbelang dat de aandacht van de kiezers gevestigd +was op wat onmiddellijk daarna te doen overbleef. +Dit was het doel van het nieuwe program van actie, dat +aangenomen werd door de algemeene vergadering der +afgevaardigden van de Anti-revolutionaire kiesvereenigingen. +Het behelsde herziening van de grondwet, met +het oog op een verbeterde samenstelling van de +Eerste Kamer en het doel om daadwerkelijk het recht +der minderheden te waarborgen; kiesrecht voor de +<span class="pagenum" title="54"> </span><a id="p_54"></a>gezinshoofden; bevestiging van den godsdienstigen vrede +door organische wetten; meer-volledige vrijmaking +van het onderwijs »door subsidies aan de bizondere +lagere scholen en door wijziging van de wettelijke regelingen +in betrekking tot de vrije Universiteiten; vorming +van Kamers van Handel, van Nijverheid, van +Landbouw, en van Arbeid; herziening van de Financieele +wetgeving, in 't bizonder afschaffing van de Staatsloterijen +en van de accijnsrechten, zooals ook wijziging +van de patentwet, wijziging van de mutatierechten, sneller +en goedkooper recht en eindelijk de invoering +van een christelijke staatkunde in de koloniën.<ins class="corr" id="corr24" title="Niet in Bron.">”</ins> Van +de militaire kwestie, die het kabinet Mackay had gesteld, +sprak het program niet, behalve dat het wenschte +de verbetering van de rechtspositie van den soldaat +en de verheffing van zijn zedelijk leven. De reden +van dit zwijgen was vooral daarin gelegen, dat de +ontwerpen die de financieele en militaire lasten verzwaarden +bijna altijd impopulair maakten degenen die ze +steunden, en dat de Anti-revolutionaire partij een neerlaag +vermijden wilde. Zij slaagde er niet in, tengevolge van +de geschillen die openbaar werden in den boezem der +»Christelijke coalitie.”</p> + +<p>Overigens bleef de kiesrecht-hervorming niet uit in het +Parlement, en liet niet na wanorde teweeg te brengen in +de geheele Kamer. De Anti-revolutionairen ontkwamen +niet aan dezen algemeenen toestand, de democratische fractie +onder aanvoering van Dr. Kuyper kwam hier nog in +botsing met de conservatieve fractie onder Mr. De +Savornin Lohman. Het resultaat was een splitsing tusschen +»Kuyperianen” en »Vrijen”.</p> + +<p>Bij het einde van deze critieke periode kwam de Antirevolutionaire +partij, die getrouw was gebleven aan Dr. +Kuyper, opnieuw met een program van actie voor den +dag, ter voorbereiding van de verkiezingen van 1897.</p> + +<p>Het nam in bizonderheden de eischen, in 1891 gesteld, +weer op, en voegde eraan toe, behalve dringende maatregelen: +de vorming, aan het ministerie van Handel en +Nijverheid, van een bestuur van arbeid en landbouw; verplichte +<span class="pagenum" title="55"> </span><a id="p_55"></a>arbeidersverzekering; regeling van het arbeidscontract; +Zondagsrust; wijziging van de douanetarieven; +herstel van de belasting op de granen; wederinvoering +van de doodstraf; wegneming van de beletselen voor +het onderzoek naar het vaderschap; wettelijke tusschenkomst +om de Neo-Malthusiaansche propaganda te stuiten; +strijd tegen het misbruik van alcoholische dranken, +en in de Koloniën tegen opium-misbruik.</p> + +<p>Niettegenstaande de zorg aan de tactiek besteed en de +pogingen, die in 't werk gesteld werden in den loop van +den strijd, kwam de Antirevolutionaire partij ditmaal nog +niet tot de overwinning. Ook van dit program werd +tijdens de wetgevende periode niets verwerkelijkt, en het +was hetzelfde, lichtelijk weer aangedikt, wat zij in 1901 +onder den naam van program van urgentie aan de orde +stelde. Alleen, er was geen sprake meer van verhooging +van de rechten op de granen of van herziening +van de grondwet. Men sprak in de eerste plaats van +definitieve regeling van de schoolkwestie, en verplichte +verzekering tegen ziekte, invaliditeit en ouderdom, +mogelijk gemaakt door een algemeene verhooging +van de douanetarieven. En dit zijn meer bepaald +de groote lijnen van dit plan van actie, dat Dr. +Kuyper na de verkiezingen van 1901 bij zijn komst aan +het bewind ontwikkelde in het ministerieel program van +17 September 1901.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Dr. Kuyper gaf aan de Antirevolutionaire partij een +organisatie op bewonderenswaardige wijze samengevat, +tegelijk zacht en krachtig, in een viervoudig orgaan: het +Centraal <ins class="corr" id="corr25" title="Bron: Comitè">Comité</ins>, het provinciaal Comité, de districtsvergadering +en de plaatselijke kiesvereeniging. In elke +stad en elk dorp, waar zich elementen van Calvinistische +politiek bevinden, bestaat een kiesvereeniging, waarvan zelfs +geestverwanten »niet-kiezers” lid kunnen zijn, een comité +van propaganda, dat zich geheel zelfstandig bezighoudt +met de verkiezingen voor de gemeenteraden, en zijn steun, +<span class="pagenum" title="56"> </span><a id="p_56"></a>werkzaamheid en invloed verleent bij de voorbereiding +van de provinciale en generale verkiezingen.</p> + +<p>Elk van deze plaatselijke kiesvereenigingen vaardigt een +van zijn leden af, om de Centrale Kiesvereeniging te +vormen, die zich niet noodzakelijk opsluit binnen de +grenzen van een district; terwijl een andere organisatie, +de Districtsvergadering, bestaande uit een zeker getal +leden buiten de plaatselijke vereenigingen, zich daarnaast +handhaaft. Deze organisaties bestrijden gezamenlijk de +onkosten van de generale verkiezingen, voor zooveel +noodig gesteund door de opbrengst van giften, welke door +het Centraal Comité verzameld worden.</p> + +<p>De afgevaardigden van de districtsvergadering en de +centrale vereenigingen vormen het provinciaal comité, +dat de bevoegdheid heeft te waken voor de provinciale +organisatie, voor de propaganda van de antirevolutionaire +ideeën, leiding te geven aan de verkiezingen voor de +Provinciale Staten, en aan het Centraal Comité voorstellen +aan te bieden, die betrekking hebben op de organisatie +der partij.</p> + +<p>Daarboven nu is gezaghebbend werkzaam het Centraal +Comité, dat uit vijftien leden bestaat, van welke op zijn +hoogst zes kamerleden mogen zijn, gekozen door de algemeene +vergadering van de afgevaardigden van al de kiesvereenigingen, +die instemming betuigd hebben met het +program van beginselen. Zijn taak is het leiding te geven +aan de politiek van de partij, terwijl het zooveel mogelijk +eerbiedigt de vrijheid van beweging van de provinciale +en plaatselijke vereenigingen. De voorzitter van dit Centraal +Comité is Dr. Kuyper; die sinds 1877 aanhoudend de +door hem gestichte partij heeft geleid; uitgezonderd de +vier jaren van zijn ministerie, gedurende welke hij vervangen +was door Dr. Bavinck, een andere professor aan +de Vrije Universiteit te Amsterdam.</p> + +<p>Deze machtige organisatie waarvan Dr. Kuyper in 1901 +met geoorloofden trots sprak, en welke, in haar groote lijnen, +het voorbeeld geweest is van die, welke door de Roomschen +is aanvaard, verkrijgt haar volledigen omvang door +de algemeene vergadering van de afgevaardigden der +<span class="pagenum" title="57"> </span><a id="p_57"></a>partij, die gehouden wordt wanneer de omstandigheden +van ernstigen aard zijn, en bizonder als de verkiezingen +aanstaande zijn. 't Is deze vergadering die het programma +vaststelt, waarmede de candidaten voor de kiezers verschijnen.</p> + +<p>Om de waarheid te zeggen, zij doet niet anders dan +goedkeuren en bekrachtigen, want aan deze indrukwekkende +vergadering is altijd voorafgegaan een raadpleging +van de kiesvereenigingen, en het program is feitelijk +vastgesteld voordat zij plaatsvindt.</p> + +<p>Op deze wijze vormt zij eerder een monstering van de +troepen voor den strijd, terwijl Dr. Kuyper met zijn welsprekend +woord bezieling en ijver voor de heilige zaak +weet in te boezemen. Een vergadering van dezen aard +heeft iets indrukwekkends, indien men bedenkt dat die, +welke te Utrecht gehouden werd 13 April 1905 omstreeks +3900 afgevaardigden telde, die 650 kiesvereenigingen vertegenwoordigden +verspreid over geheel Nederland; en het +kan niet anders of zij is een sterke prikkel tot krachtige +en vruchtbare actie.</p> + +<p>'t Is door deze organisatie, zooals Dr. Kuyper die +heeft gevestigd, dat de kleine Antirevolutionaire groep +groote kracht verkregen heeft, waarmede vrienden en +vijanden hebben te rekenen, en dat zij zich ontwikkeld +heeft tot een sterke eensgezinde partij, van populair en +uitermate belangrijk aanzien.</p> + +<p>Het is waar dat een afval van de partij meer of minder +aan de verkiezingen van 1905 afbreuk is komen doen, +namelijk die van de Christen-democraten, aan wier hoofd +de heer Staalman stond, destijds afgevaardigde van den +Helder, die zich losmaakten, een nieuwe partij trachtten +te stichten, terwijl zij talrijke candidaten aanboden, en die +meewerkten aan de volkomen neerlaag van hun semi-geestverwanten.</p> + +<p>Deze poging werd eigenlijk weinig gevoeld. Zij deed +weinig leden heengaan, en de oorzaak er van was +hoofdzakelijk dat de heer Staalman op zekere punten +een meer democratische gedragslijn wilde gevolgd zien, +dan die door Dr. Kuyper in later tijd aangewezen wordt.</p> + +<p><span class="pagenum" title="58"> </span><a id="p_58"></a></p> + +<p>Niettegenstaande dit verlies bewaart de Antirevolutionaire +partij haar prestige en haar invloed. Dank zij haar verbond +met de Roomschen bezit zij drie en twintig vertegenwoordigers +in de Tweede en tien vertegenwoordigers +in de Eerste Kamer. Haar meest-naar-voren-tredende +leiders, Mr. Th. Heemskerk, zoon van den ouden conservatieven +minister van dien naam, die de politieke eigenschappen +van zijn vader schijnt geërfd te hebben, en +de heer Talma, de rechterarm van Dr. Kuyper, hebben in +het bewind het liberaal ministerie van den heer De +Meester vervangen.</p> + +<h3 id="A2_2"><i>II. De Vrij-antirevolutionaire of nieuwe Christelijk-Historische partij.</i></h3> + +<p>Ten opzichte van de sociale vraagstukken, die van dag +tot dag dringender worden, heeft zich in alle landen een +dubbele strooming vertoond: de eene meer conservatief, +die er naar streeft zooveel als mogelijk is in den tegenwoordigen +maatschappelijken toestand te laten; de andere, +die vooruitstrevend is en meer het belang van het volk +ter harte wil nemen, en op die wijze verkeerde of oude +toestanden wil herstellen en vernieuwen. Deze tegengestelde +stroomingen openbaren zich hoofdzakelijk in de politiek +van de parlementaire natiën, waarbij het niet zelden gebeurt +dat de partijen daardoor verdeeld worden, en de +eenheid van hun program en hun doeleinden verbroken +wordt.</p> + +<p>Dit is ook in Nederland met de Antirevolutionaire partij +gebeurd. Dr. Kuyper had in zijn orthodox Calvinisme +eenige nieuwere stellingen en eischen opgenomen; hij had +zooals men het eigenaardig uitdrukte: »een weinig socialistisch +elixer in den wijn van zijn theologie gedaan.«</p> + +<p>Hij geloofde dat onder het volk, onder de arbeiders +van stad en land, gezocht moesten worden de bronnen +van het leven, en dat de Antirevolutionairen zonder op te +houden mannen van orde en vooruitgang te zijn, van de +socialisten moesten overnemen het gezonde en edele +element in hun beschouwingen, waardoor zij de massa +<span class="pagenum" title="59"> </span><a id="p_59"></a>medesleepen en verleiden. In één woord, hij aanvaardde de +<ins class="corr" id="corr26" title="Bron: idieeën">ideeën</ins> die men gewoonlijk »democratisch« noemt, maar +het waren ook deze ideeën en deze sympathieën, die niet +de <ins class="corr" id="corr27" title="Bron: goedkeurig">goedkeuring</ins> wegdroegen van allen, die hem volgden in +den strijd voor de vrijheid van het onderwijs.</p> + +<p>Naast de »democratische« groep was er inderdaad onder +hen een conservatieve fractie. Zij bestond in 't algemeen +uit mannen van stand, wier aristocratische natuur niet +dezelfde sympathie voor de beweging ten gunste van het +volk gevoelde. Aan hun hoofd bevond zich de heer De +Savornin Lohman, het volmaakt type van een modern +edelman, die door de voornaamheid van zijn manieren, +zijn juridische en grondwettelijke kennis, zijn sierlijk woord, +zijn fijne ironie, zijn strenge, meedoogenlooze, eenigszins +hooghartige logica, naar het getuigenis van Dr. Kuyper +was en blijft »het sieraad van het Parlement.« Zijn +hoedanigheden waren er geheel niet op berekend om volksleider +te zijn, en zijn fijnere persoonlijkheid was geheel +het tegengestelde van de meer grove figuur van Dr. +Kuyper.</p> + +<p>Tusschen deze twee mannen, beide van groot talent maar +van zoo verschillende geaardheid, moest het vroeger of +later tot een breuk komen. Dit was onvermijdelijk, temeer +daar evenals raspaarden die het gebit niet kunnen +verdragen, de heer De Savornin Lohman en zijn vrienden +zich verzetten tegen de discipline van de partij, die hen +een gedragslijn oplegde, geheel tegengesteld aan hun +gevoelens, en tegen de gebiedende gezagsoefening van Dr. +Kuyper, die hun toescheen tirannie te zijn.</p> + +<p>Zoolang de schoolstrijd duurde, handhaafde zich de +eenheid meer of minder volkomen in de partij. Maar in +1891 kwam de breuk voor den dag bij gelegenheid van +het wetsvoorstel tot kiesrechthervorming, ingediend door +den heer Tak van Poortvliet. Juist bij de vaststelling van +het kiesrecht gingen de twee fracties uiteen. Dr. Kuyper +wilde het zooveel mogelijk uitbreiden als bestaanbaar was +met de grondwet; Mr. De Savornin Lohman en de anderen, +die mede van zijn gevoelen waren, verlangden dit +niet. Want de »Vrij-antirevolutionairen<ins class="corr" id="corr28" title="Bron: »">«</ins> zooals men hen +<span class="pagenum" title="60"> </span><a id="p_60"></a>begon te noemen, hadden andere ideeën dan de »Kuyperianen« +die door hen werden uitgemaakt voor »demagogen«, +over den grondslag en de strekking van het kiesrecht; over +het verband tusschen de afgevaardigden en de kiezers; +over de meer of minder onmiddellijke deelname van de +burgers aan de regeering van het land. Zij beriepen zich +rechtstreeks op Groen van Prinsterer en zij zeiden: »De +groote man, de heraut van de antirevolutionaire idee, was +een wezenlijk-aristocratische natuur. Hij eerbiedigde ieders +geweten in 't bizonder, maar hij was tegenstander van meer +of minder algemeen kiesrecht. Volgens hem bestond de +vrijheid van een volk niet in de bevoegdheid om zelf +zijn regeerders te kiezen<ins class="corr" id="corr29" title="Niet in Bron.">.</ins> Aan de andere zijde vond de +meening, dat de intellectueelen als »uitgelezenen« van een +volk, het recht hebben hun ideeën aan het volk op te +dringen, in hem een onverzoenlijk tegenstander. Aanhanger +van het koningschap wilde hij het persoonlijk gezag van +den vorst niet onderdrukt of beperkt zien door kunstmiddelen. +Beslist voorstander tegelijk van het recht van +de Staten-Generaal, om de handelingen van de regeering +te onderzoeken en te beoordeelen, stemde hij toe dat de +gekozenen rekenschap moesten geven aan hun kiezers van +hun doen, maar eischte hij daarentegen dat zij hun zelfstandigheid +zouden handhaven, zoowel tegenover de kiezers +als ten aanzien van de kroon, en zich niet laten beheerschen +door den volkswil, maar door het recht en de gerechtigheid.«</p> + +<p>En zij voegden er aan toe, niet zonder een toon van +droefheid die in een hardnekkig-beslissende uitspraak +veranderde: »Groen van Prinsterer wilde de vrije politieke +discussie. Toen bij zijn sterven zijn volgelingen, die bestonden +uit »Gereformeerden en de kinderen van het +Reveil<ins class="corr" id="corr30" title="Niet in Bron.">«</ins>, zich vereenigden om een gemeenschappelijk program +te aanvaarden, namen zij als grondslag van actie den +strijd voor de Christelijke school. In dezen tijd verlangden +zij een zekere uitbreiding van het kiesrecht, die tot +stand kwam in 1887. Maar zij begeerden nooit iets anders, +dan hetgeen zij misten om de almacht te fnuiken van +de voorstanders van de neutrale school. Dit resultaat is +bereikt, daarom willen wij niet verder gaan”.</p> + +<p><span class="pagenum" title="61"> </span><a id="p_61"></a></p> + +<p>Tengevolge van de lange en hevige discussies, die bij +het wetsontwerp Tak gevoerd werden, en die na zes jaren +pogens leidden tot de wet Van Houten, die schijnbaar +het kiesrecht uitbreidde, staken de Vrij-antirevolutionairen, +die het antirevolutionaire schip verlaten hadden, af in +zee en vormden zij een zelfstandige partij met volkomen +vrijheid van gedachtenwisseling en volstrekte onafhankelijkheid +van al hare leden in den politieken strijd, als +wezenlijke beginselen.</p> + +<p>Hare organisatie was niet zeer ingewikkeld. Zij bepaalde +zich hoofdzakelijk tot een commissie van advies, +samengesteld uit twintig leden. Aan het hoofd stonden +de heeren De Savornin Lohman, Baron Schimmelpenninck +van der Oye, Quarles van Ufford, Van Lennep, Graaf van +Bylandt, bij wie zich daarna kwam voegen Baron Mackay, +oud-minister. Dat was als een schitterende staf van +mannen met schitterende titels, een hooge raad van +mannen met bizondere ontwikkeling, die zich niet bemoeide +met het aanwijzen van een gestrenge gedragslijn, +maar zich beperkte tot het geven van een bescheiden en +hoffelijk advies, ten nutte van de aanzienlijke mannen, +die onder haar streden, terwijl niet verwaarloosd werd +voor de bewaring van algeheele vrijheid van hun gedragingen +zorg te dragen.</p> + +<p>In November 1896 maakte de nieuwe partij een verklaring +bekend, waardoor de breuk met de »Kuyperianen” +officieel werd, en waardoor men te kennen gaf te willen +verzamelen de Antirevolutionairen, die ontevreden waren +met de tegenwoordige leiding van de partij; terwijl voorts, +bij het naderen van de verkiezingen van 1897, een commissie +van uitvoering ingesteld werd, die tot taak had +door raadgevenden en daadwerkelijken steun ten gunste +van de candidaten der Vrijen werkzaam te zijn, wier +gedachte door het dagblad »de Nederlander” werden verbreid +en verdedigd.</p> + +<p>Toch duurde het tot 19 September 1898, voordat »de +partij Lohman,” zooals men ze noemde, een program van +beginselen aanvaardde.</p> + +<p>Het was dan ook wel uitsluitend een program van beginselen, +<span class="pagenum" title="62"> </span><a id="p_62"></a>en in geenen deele een algemeen plan van actie. +Daarvan wilde het niet weten, om een theoretische reden: +Een program van dezen aard, beweerde het, bracht mede +een verplaatsing van de macht, die dan overging van de +Staten Generaal op de kiezers en langs den weg van +gevolgtrekking alle wettige waarborg deed teloorgaan +tegen de machtsmisbruiken van het Parlement, daar de +Regeering dan bestaan zou bij de gratie van de meerderheid +van de Tweede Kamer, en dat deze op haar beurt +zou handelen op ingeven van de partijen van haar program, +door de kiezers goedgekeurd. Dat was juist een +van de gebreken, die de Vrijen ontdekten in de organisatie +van de Anti-revolutionairen, zooals Dr. Kuyper +haar had gemaakt, dat in de handen der kiezers gesteld +werd de leiding van 's lands zaken, en zij wilden in geenen +deele deze demagogie navolgen.</p> + +<p>De in het program voorkomende anti-revolutionaire beginselen +waren: alle macht, komende van God; het gezag van de +Schriften voor het maatschappelijk leven; het streven om +den ouden nationalen en godsdienstigen geest der Hervorming +te doen herleven; het recht der ouders inzake +het onderwijs; de roeping van den Staat om alle godsdienstig +geloof te beschermen en te zorgen voor de +openbare zedelijkheid. Het sprak bovendien uit: de vrijheid +van gedachtewisseling in het staatkundig leven, en +de volkomen zelfstandigheid tegenover de kiezers, van +de afgevaardigden, die tot wezenlijke roeping hebben in +volstrekte vrijheid te waken voor de algemeene en +hoogere belangen van het land.</p> + +<p>Door deze laatste twee punten werd de scheiding van +de Vrij-antirevolutionairen volkomen, maar zij legden niet +de minste vijandige gezindheid aan den dag tegen de +partij die zij hadden verlaten. Zij beweerden zelfs, niet te +zullen weigeren bij gelegenheid een candidaat van de +richting »Kuyper” te zullen steunen. En inderdaad is +dit gebleken. De Vrij-antirevolutionairen maakten voortdurend +deel uit van den bond van de rechterzijde, en +bij gelegenheid van de algemeene of provinciale verkiezingen +brachten zij hun stemmen aan voor de Anti-revolutionairen, +<span class="pagenum" title="63"> </span><a id="p_63"></a>die overigens hen betaalden met wederkeerigen +steun. Logisch moest het zóó gaan; de groote lijnen van +het program bleven dezelfde, en terwijl zij zich tot een +vrije partij vormden, hielden de staatslieden, die den heer +De Savornin Lohman volgden, niet op »anti-revolutionair” +te zijn.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Deze wantrouwende en ietwat twistzieke verhouding +duurde tot na de verkiezingen van 1901, toen de Vrijen +8 leden in de Tweede Kamer brachten en ongeveer 15.000 +stemmen verkregen.</p> + +<p>Van dit oogenblik af vereenigden zij zich meer en +meer met zekere Christelijk-historischen, die niet meer +de onverzoenlijke politiek van Ds. Bronsveld konden +steunen. Aan het hoofd van dezen, die toonden zich +vrij te willen maken van eene voogdij die hun hinderlijk +werd, bevond zich Dr. De Visser, predikant in de Nederlandsche +Hervormde Kerk en geliefd discipel van den +Utrechtschen leermeester.</p> + +<p>In 1897 in Rotterdam I verkozen met de hulp van de +liberalen en naar het program van de Bronsveldianen, +keerde hij zich weldra naar de rechterzijde en gaf aan +haar zijne medewerking. Van toen af zocht hij langzamerhand +zich van de banden, die hem aan zijn ouden leermeester +verbonden, te bevrijden, brak de brug achter zich +af door de aanneming van de stemmen der Roomschen +in 1901 in Amsterdam II en nam gaarne den behendigen +voorslag van de Vrij-antirevolutonairen aan, die de Christelijk-historische +beginselen in aanzien zouden brengen in +een voor hen roemrijke toekomst, op voorwaarde, +dat zij de hatelijke taktiek en de ergerlijke beleedigingen +van Dr. Bronsveld zouden vaarwel zeggen.</p> + +<p>De breuk kwam uit tijdens het ministerie Kuyper, toen +de Christelijke politiek van rechts zegevierde. Toen zijn +courant »het Nederlandsche Dagblad” ophield te bestaan +en de meeste redacteurs tot »de Nederlander” overgingen +voegde zich Dr. De Visser met een deel van de Christelijk-historischen +<span class="pagenum" title="64"> </span><a id="p_64"></a>bij de Vrij-antirevolutionaren, om met +hen de Christelijk-historische partij te vormen.</p> + +<p>De Vrij-antirevolutionaren namen hem met graagte op. +Hun aantal werd vermeerderd met een staatsman van +invloed, die hun partijgenooten aanbracht en hun terzelfder +tijd een meer populair aanzien gaf door den socialen +arbeid, die van hem uitging. Zij hadden genoeg +van hunne afzondering en daarom vereenigden zij zich +met andere elementen, die in meerdere of mindere mate +conservatief waren, hetgeen zij ook in hunne politiek inbrachten. +Daar zij niets van hun meest subtiele vrijheid +van handelen bij deze samensmelting te vreezen +hadden, was het voor hen enkel winst. Zij verkregen er +een naam door, dat zij door een stoute revolutie in de +taal der partijen manschappen en eene organisatie aan de +groep van Bronsveld onttrokken.</p> + +<p>Het program, dat zij bij deze gelegenheid bewerkten, +kwam in hoofdzaak met dat overeen, wat zij bij hunne +afscheiding van Dr. Kuyper hadden aangenomen<ins class="corr" id="corr31" title="Bron: ,">.</ins> De +geest van de 14 artikelen bleef dezelfde. Eenige bizonderheden +meer en eenige kleine wijzigingen van omstandigheid, +dat was alles. De antirevolutionaire denkbeelden +hadden Dr. De Visser en de zijnen tot zich zien overkomen, +zonder gevoelige veranderingen te moeten ondergaan, +zonder aan een misvormende overeenkomst ten +prooi te zijn; en dat verdient aandacht, want het toont ons +dat de leer van Dr. Bronsveld in descrediet was gekomen.</p> + +<p>Het belangrijkste was, dat de Vrij-antirevolutionairen bij +deze vereeniging met hen een dergelijke organisatie aantroffen. +Zonder twijfel was het altijd een commissie van +advies, waartoe 42 leden behoorden, aan het hoofd waarvan +een besturend comité stond, dat met de leiding der +partij was belast. Zeker was er evenmin als eertijds een +program van actie en de aangenomen discipline was lang +niet zoo streng als bij de Kuyperianen. Maar toch, van +een anderen kant beschouwd, dat de organisatie noodzakelijk +was werd wel erkend en het »Algemeen Reglement” +van 18 Januari 1904 riep kiesvereenigingen in het +leven voor de gemeente, het district en de provincie.</p> + +<p><span class="pagenum" title="65"> </span><a id="p_65"></a></p> + +<p>Tot welk bepaald punt is deze organisatie gekomen? +Dat is vrij moeilijk te zeggen. In allen gevalle heeft zij +een groot deel der Christelijk-historische kiesvereenigingen +met elkander verbonden, en richt zij voortdurend nieuwe +kiesvereenigingen op.</p> + +<p>Buitendien moet nog vermeld worden dat de Christelijk-historische +partij 12 leden in de Tweede Kamer telt +en dat zij hoop mag voeden dit aantal hooger op te voeren. +Het schijnt wel dat zij er op uit is tot zich te trekken de +onbestendige, onbesliste menigte van Protestanten uit het +Nederlandsch Hervormd Kerkgenootschap, die tusschen +rechts en links heen en weder dobbert en de leer van Bronsveld +of van het rationalistisch liberalisme heeft laten varen, +maar toch niet er aan denkt om zich aan de trotsche +en meer gebiedende leiding van Dr. Kuyper te onderwerpen.</p> + +<p>De heer De Savornin Lohman en Dr. de Visser zijn +door handige diplomatie en diepzinnige politiek snellijk +op dezen weg van veroveringen gevorderd. Zij hebben +in 1909 nog vóór de verkiezingen de Friesch-Christelijk-Historischen +met zich vereenigd, die langzaam en wantrouwend, +langen tijd hebben geaarzeld vóór dat zij het +voorbeeld van de Hollandsche fractie volgden. Het was +niet zonder netelige onderhandelingen dat het gelukte +deze zelfstandige partij, die grooten invloed in Friesland +bezat, met de Christelijk-Historische partij te vereenigen. +Maar ten slotte is het een feit, dat in Juni +1908 het accoord op de voornaamste punten is getroffen, +en het blad »De Banier« heeft het program der »Christelijk-Historische +Unie« gepubliceerd.</p> + +<p>Inplaats van drie groepen, hebben wij dus thans één enkele +partij »de Christelijk-Historische Unie,” die steeds van groot +belang zal zijn en met afwisselende schakeeringen blijven wat +vóór alle vereeniging de partij-Lohman was: <ins class="corr" id="corr32" title="Niet in Bron.">»</ins>een meer aristocratisch, +conservatief, onafhankelijk antirevolutionarisme”.</p> + +<h3 id="A2_3"><i>III. De Christelijk-Historische Kiezersbond.—De Friesch-Christelijk-Historischen.</i></h3> + +<p>De Christelijk-Historische Kiezersbond was op het +oogenblik, dat zij in het leven geroepen werd, de partij +<span class="pagenum" title="66"> </span><a id="p_66"></a>der orthodoxe predikanten in de Nederlandsche Hervormde +Kerk. Ook behoeft het ons niet te verwonderen, dat wij +op den bodem van deze breuk met de Antirevolutionairen +een theologisch geschil vinden. Dit betrof de beteekenis +van de Heilige Schrift voor het maatschappelijk leven +die door dezen werd erkend, door genen geloochend. +Dit geschil openbaarde zich dadelijk na den dood van +Groen van Prinsterer, toen Dr. Kuyper de leiding der +partij overnam. Zoo kwam er verdeeldheid in den schoot +der partij als doortrekking van den strijd op kerkelijk +gebied, die toen in de volkskerk plaatshad.</p> + +<p>Het onmiddellijke gevolg was evenwel niet de formeering +van een afzonderlijke partij. Alleen werden daardoor +scheuringen veroorzaakt, die de eendracht verbraken en +volhardende actie belemmerden, zoodat Dr. Kuyper meer +dan eenmaal klaagde over het dubbelzinnige gedrag van +die belijders van Christus, die zich volgens hem niet +ontzagen het program van de heilige eischen aan persoonlijke +eerzucht en tegenzin op te offeren.</p> + +<p>De orthodoxen, die zich rondom den persoon van Dr. +Bronsveld, predikant te Utrecht, schaarden, waren op zijn +hoogst eene fractie, maar zij bestookten Dr. Kuyper met +hun scherpe pijlen. Het tijdschrift »Stemmen voor +Waarheid en Vrede« en »De Vaderlander« waren het +voertuig voor hun nijdige aanvallen. Ja, meer nog, +zij gaven er bestendig de voorkeur aan, om in den verkiezingstijd +de liberalen te helpen. »Men kan rechtzinnig +zijn op godsdienstig terrein en liberaal in de politiek” +zoo spraken zij met Dr. Bronsveld; »en wij zijn het.”</p> + +<p>De partij kwam eerst tot stand in 1897, even vóór de +verkiezingen. De aanleiding en de voorgewende reden er +toe was het openlijk verbond tusschen Antirevolutionairen +en Roomschen.</p> + +<p>De Christelijke coalitie scheen hun toe een monster-verbond +te zijn. Als erfgenaam van de tradities der Protestanten +en van hun haat tegen het Roomsche Katholicisme, +zagen de predikanten er een aanslag in op den voorrang +der Nederlandsche Hervormde Kerk. Zonder ophouden +hadden zij zich blind getuurd op de schitterende aureool +<span class="pagenum" title="67"> </span><a id="p_67"></a>waarmee deze eertijds was getooid, en evenals de conservatieve +Protestanten, wiens opvolgers zij waren, hadden zij +gaarne gewild dat zij wederom het karakter van officieele +volkskerk had herkregen.</p> + +<p>In allen gevalle stelden zij zich met kracht tegen al +wat haar de overwegende plaats, die zij nog in het land +besloeg, zou kunnen ontnemen. Voor hen bleef het +Roomsch Katholicisme de vijand en Rome de kwaadaardige +gevangenis, aller haat en verachting waardig. In +het verbond werd naar hun zeggen der geschiedenis een +slag in 't aangezicht gegeven, en zonder de voordeelen +op te merken, die de Protestanten zelven op politiek gebied +uit deze taktiek trokken, zagen ze slechts op de +grootere kracht, die de Roomschen daardoor konden ontwikkelen. +Zulk eene handelwijze was naar hun meening +overschrijding van de gestelde maat en op initiatief van +Dr. Bronsveld vereenigden zich sommigen onder hen, en +besloten vertegenwoordigers van alle streken van Nederland +op te roepen om een generaal comité te verkiezen +en een program van beginselen op te stellen. Zoo kwam +het, dat in het begin van 1897 te Utrecht de Christelijk-historische +Kiezersbond werd opgericht. Het centrale +comité werd samengesteld uit 9 leden, en in 9 artikelen +werd hunne leer in verkorten vorm vastgesteld. In het +program was de invloed merkbaar van de mindere beteekenis, +die door de predikanten aan de Heilige Schrift werd +toegekend voor het staatkundig leven. Terwijl zij toestemmen, +dat het Evangelie van Jezus Christus beginselen +bevat, waarnaar ieder Christen, bijgevolg ook de staatsman +zich heeft te richten; beginselen, die op alle terreinen +des levens moeten geëerbiedigd worden; beweren zij dat +God geen politiek stelsel heeft gegeven, en dat het godsdienstig +geloof niet onvoorwaardelijk oplegt dat men zich op politiek +gebied bij de een of andere partij moet voegen.</p> + +<p>Uit dat beginsel volgt dat de Kiezersbond aanspraak maakte +op het recht om zich van zijne broeders af te scheiden, +en in de politiek eenzelfde richting in te slaan als zij, die in +godsdienstig beginsel lijnrecht tegenover hen stonden.</p> + +<p><span class="pagenum" title="68"> </span><a id="p_68"></a></p> + +<p>Om een verklaring van den naam te geven, die zijn +stichter hem gaf, voegde Dr. Bronsveld er aan toe: »Alles +wat in tegenspraak is met de groote beginselen van het +Evangelie van Christus, is overal verboden, dus ook in +de politiek. Zoo is de grondslag van de Kiezersbond, +die de naam Christelijk voor zich opeischt. Daar werd +»Historisch” aan toegevoegd daar men overwoog, dat de +toestand der hedendaagsche zaken en hare ontwikkeling +niet van het verleden, waarin zij wortelen en waaruit zij +zijn voortgekomen, mag losgemaakt worden”. En opdat +ze gemakkelijker in de publieke opinie ingeburgerd zou +worden, herinnerde hij aan den tijd van Groen van Prinsterer, +toen verscheidene personen, zooals de dichter Da +Costa, reeds de benaming van Christelijk-historisch verkozen +boven die van Antirevolutionair.</p> + +<p>Wat het program zelf betreft, nadat het zijn aanhankelijkheid +aan het Oranjehuis heeft uitgesproken toont het +zijne vijandschap tegen al wat de Hervormde Kerk zou +kunnen benadeelen of de Roomsche kerk zou kunnen +bevoordeelen; keurde het de overdreven bemoeiing van den +staat in de sociale kwestie en zijne inmenging in de armenverzorging +af; stond persoonlijken dienstplicht voor, maar +stelde zich tegen het <ins class="corr" id="corr33" title="Bron: protectonisme">protectionisme</ins>; eischte goed volksonderwijs, +in elk opzicht van den geest des Evangelies +doortrokken, maar nam eene onzijdige houding in den +schoolstrijd aan; en verklaarde eindelijk op koloniaal terrein +de ideeën van de heeren Elout van Soeterwoude, Mackay, +Van Ophemert en Groen van Prinsterer toegedaan te +zijn, en derhalve een Christelijk bestuur te willen, een +waardige en krachtige bescherming, een voortdurende +opmerkzaamheid, inzake den arbeid der verschillende +Zendingsgenootschappen, opdat zij elkander niet hinderen zouden.</p> + +<p>In 't kort behalve de conservatieve trek, die men er +in zag, was het program anti-Roomsch en anti-Kuyperiaansch.</p> + +<p>Dat karakter werd niet verloochend, toen men in 1900 +het program door scherpere belijning op enkele punten +aanvulde. Toch had de ervaring getoond, dat deze negatieve +<span class="pagenum" title="69"> </span><a id="p_69"></a>politiek niet in de gunst van het volk deelde, ook +zelfs niet in die van al hare aanhangers.</p> + +<p>Bij de verkiezing van 1897 had de »Christelijk-<ins class="corr" id="corr34" title="Bron: Historirische">Historische</ins> +Kiezersbond” bijna 30,000 stemmen verkregen, en +een vertegenwoordiger naar de Tweede Kamer gezonden. +Maar deze afgevaardigde, Dr. De Visser, predikant te +Amsterdam, vicepresident van het Centraal Comité der +partij en geliefd leerling van Dr. Bronsveld, had ternauwernood +zijn voet over den drempel van het Binnenhof +gezet, of hij vereenigde zich met de rechterzijde en ging +niet meer accoord met de onverzoenlijkheid van zijn +meester. Dit gaf Dr. Kuyper de ondeugende ironie in +den mond; »dat de Utrechtsche Kroniekschrijver door +zijn eigen geesteskinderen werd opgegeten.”</p> + +<p>Het resultaat van de algemeene verkiezingen van 1901, +toen de fractie Bronsveld, zooals men ze toen noemde, +minder dan 10.000 stemmen behaalde, geeft ons het +bewijs dat ondanks een poging tot organisatie hun ideeën +veel minder aanhangers telden. De kiezers keurden de +sectarische houding, die de Kiezersbond had aangenomen, +al minder en minder goed.</p> + +<p>Toen achtte Dr. De Visser het oogenblik gekomen +om zijn overgang te voltooien. Reeds bij de verkiezingen +van 1901 had hij, ondanks het verontwaardigd protest +van Dr. Bronsveld, de meerderheid der Christelijk-Historischen +meegekregen, voornamelijk in Friesland, Rotterdam, +Amsterdam en den Haag, om met de rechterzijde +op te trekken. Onder het ministerie-Kuyper voegde hij +zich in het openbaar naast de Antirevolutionairen, en bezorgde +hun den steun van een groot deel van den Kiezersbond, +die bij hun terugkeer den naam en de banier +meenamen, waaronder zij gewoon waren te strijden. Terzelfder +tijd lieten zij hunne vijandschap tegen de Antirevolutionairen +en Roomschen varen, en zonder zich om het +gezag van Dr. Bronsveld te bekommeren, weigerden zij +niet langer hun plaats in de coalitie in te nemen.</p> + +<p>Bij dit verval van zijn politiek bleef Dr. Bronsveld nog +van enkele getrouwen omringd, die van dag tot dag minder +talrijk werden. Bij de nadering der verkiezingen van +<span class="pagenum" title="70"> </span><a id="p_70"></a>1905 lieten verscheidenen hunner, die naar het voorbeeld +van Ds. Buijtendijk, Dr. Kuyper met een vuur gelijk aan +het zijne, hadden bestreden, dit na en verklaarden zich +openlijk voor de rechterzijde.</p> + +<p>De Christelijk-Historische Kiezersbond had zijn tijd +gehad. Van de Hervormde Protestanten, die Dr. Bronsveld +had willen organiseeren tegen het »Papisme” en het +Kuyperianisme, waren de meesten naar den vijand overgeloopen; +er bleef slechts een verwarde massa over, die +doorging de liberalen te volgen, totdat zij, ontnuchterd, +langzamerhand het aantal deden toenemen van degenen, +die zich rekenschap gevende van de eischen van den +politieken toestand, het voetspoor van Dr. De Visser +hadden gevolgd, dat leidt naar de Christelijke coalitie en +een besliste politiek.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Er bestond nog een andere Vereeniging van bijna dezelfde +gevoelens als de Christelijk-Historische Kiezersbond, +die tot bakermat had Friesland, waar ook haar voornaamste +actie werd gevoerd. Daarvandaan komt de naam van +Friesch-Christelijk-Historischen, die de leden droegen.</p> + +<p>Het was in den eigenlijken zin des woords geene +vertakking van de organisatie van Dr. Bronsveld, want +de Friesch Christelijk-Historischen bedoelden een onafhankelijke +plaats temidden der Nederlandsche politieke +partijen in te nemen. Hunne werkzaamheid beperkte zich +niet tot de provincie, waarvan zij den naam hadden aangenomen, +en zij spraken den wensch uit zich over andere +streken uit te breiden.</p> + +<p>Evenwel stonden zij, door de beginselen waarop zij in +hunne actie steunden en door het afgebakende terrein +waarop zij zich stelden, wel in betrekking met den Christelijk-Historischen +Kiezersbond. Het sociale program, dat +zij in 1898 uitwerkten, toen zij onder den naam van +Bond van kiesvereenigingen op Christelijk-Historischen +grondslag in de provincie Friesland in het politieke leven +<span class="pagenum" title="71"> </span><a id="p_71"></a>optraden, herinnerde aan de gevoelens der Nederlandsche +Hervormde predikanten, door zijn vijandschap tegen de +Roomsche kerk, en nam de meeste hunner aanspraken over.</p> + +<p>Men behoeft er zich dus niet over te verwonderen dat +het de overtuiging uitspreekt, dat de Staat ten nauwste +met de Kerk verbonden, op zijn eigen terrein volgens +zijn eigen oordeel de waarheid heeft toe te passen, die de +Kerk belijdt, en allen valschen godsdienst en alle atheisme +moet bannen; dat de School wederom confessioneel +moet worden en hervormd. De regeering heeft in de +Koloniën te waken, dat de missies en voornamelijk de +Roomsche missie niet op boosaardige manier tot het +gebied van andere doordringen.</p> + +<p>Maar daarentegen kende het program op maatschappelijk +gebied een gewichtige beteekenis aan de Heilige Schrift +toe, want het stelde haar tot een regel waarnaar de overheid +had te handelen. Daarin was er dus een belangrijk +verschil met de andere Christelijk-historischen, alsmede +in het feit, dat zij een politieke vertegenwoordiging ontoereikend +achtten om de belangen van het land te verdedigen +en daarom de noodzakelijkheid predikten van +evenredige vertegenwoordiging.</p> + +<p>In groote trekken gaf het program niettemin een bijna +volledige copie te zien van den Christelijk-historischen Bond.</p> + +<p>Deze gelijkenis werd nog <ins class="corr" id="corr35" title="Bron: nanwkeuriger">nauwkeuriger</ins> na de korte +verklaring van opnieuw aangenomen beginselen, die door +den president van den Frieschen Bond, den heer Schokking, +Hervormd predikant te Koudum, in zijn orgaan: »de Gereformeerde +Kerk” gegeven werd.</p> + +<p>In allen gevalle, ondanks de niet verheelde vijandschap +tegen de Roomsche kerk, begrepen zij spoediger dan de +aanhangers van Dr. Bronsveld, dat de rechter coalitie van +het oogenblik, dat men het ongeluk wil verhoeden van +een »God-loozen staat”, noodzakelijk was en dat bij dit +gevaar vergeleken, het Roomsche gevaar weinig beteekenend was.</p> + +<p>Om die reden is het, dat zij van 1901 af tot overeenstemming +<span class="pagenum" title="72"> </span><a id="p_72"></a>kwamen met de partijen van rechts om de +candidaturen onder elkander te verdeelen, en dat in de +Kamer de heer Schokking de politiek van Dr. Kuyper +ondersteunde. In 1905 handelden zij zelf evenzoo, maar +lieten zich tot een onvoorzichtige taktiek verlokken, die +volgens sommigen de onmiddellijke oorzaak van de nederlaag +der Christelijke partijen was. Zij wenschten een zetel +meer in het Parlement te bezetten dan den eenigen die +hun in 1901 toegestaan was, en dat werd hun door hun +bondgenooten geweigerd. Hetzij uit ontevredenheid met +de voorwaarden, die men hun had gesteld, of uit overmatig +vertrouwen op het succes van rechts, richtten zij +zich naar den raad van één hunner leiders, den heer +Wagenaar, en weigerden bij de herstemming in twee of drie +districten hun steun aan de Antirevolutionaire candidaten, +die toen de nederlaag leden. Deze houding sloeg alle +verwachting bij de stembus den bodem in en veroorzaakte +den val van het ministerie Kuyper.</p> + +<p>Wat er dan ook aan zij van de min of meer beslissende +rol, die zij in deze omstandigheid hebben gespeeld, hadden +de Friesch Christelijk-historischen niets van eene groote +partij en schenen het ook niet te zullen worden. Eén +afgevaardigde in de Kamer, iets minder dan 10000 stemmen +in het land, zoo ver strekte zich hunne macht uit, +maar hun steun was niet verwerpelijk, en van hunne +houding kon het behoud of het verlies voor de rechterzijde +van de provincie Friesland afhangen, waar zij een +onbetwistbaren invloed onder de leden der Nederlandsche +Hervormde Kerk hadden.</p> + +<p>Dat hebben de heeren De Savornin Lohman en De +Visser ingezien. Zij hebben begrepen dat deze groep met +de partij, die door behendige samensmelting was aangegroeid, +moest verbonden worden en zij hebben onderhandelingen +aangeknoopt om tot dat doel te geraken.</p> + +<p>Ten slotte werden de Friesch Christelijk-historischen +met de Christelijk-historische partij verbonden. Het resultaat +strekt hunne diplomatie tot eer, en voor de Friesche +bond zelf verschaft het, al offert hij ook met zijne onafhankelijkheid +de aanspraak op de openbare oppositie tegen +<span class="pagenum" title="73"> </span><a id="p_73"></a>het »Papisme« op, ter vergoeding, de macht, die van een +meer uitgebreide organisatie uitgaat en die tevens het gevolg +is van een gedragslijn, die meer overeenkomt met +de milde en verdraagzame denkbeelden, welke iederen dag +meer de gunst van de vrije burgers van Nederland schijnen +te winnen.</p> + +<hr class="chend15" /> + +<p><span class="pagenum" title="74"> </span><a id="p_74"></a></p> + +<h2 id="A3">DERDE HOOFDSTUK.</h2> + +<div class="subh2">De Liberale Partijen.</div> + +<hr class="chbegin" /> + +<p>Het is nu vier jaren geleden, dat de leider der Nederlandsche +Socialisten, Mr. Troelstra, een overzicht gevende +van de verschillende groepen der Tweede Kamer, aan het +adres der liberalen met een zeker genoegen de volgende +woorden richtte: »Er blijft mij een tweede taak over, en +dat is een blik te werpen op de linkerzijde, een blik op.... +wat zeg ik? op de liberale partij? dat kan men niet zeggen; +op de liberale partijen? dat kan men niet meer +zeggen. Een van de geachte sprekers heeft gezegd, »ongeorganiseerde +liberalen«, ik moet dus zeggen een blik op +de verschillende personen en de verschillende groepen, +die onder den naam van liberalen zijn gezeten aan die +zijde der Kamer.«</p> + +<p>Dit strenge oordeel is niet van billijkheid en grond +ontbloot. De groote liberale partij van 1850 bestond niet +meer en bij het gezicht van de verschillende brokstukken, +verstrooid op de <ins class="corr" id="corr36" title="Bron: ruine">ruïne</ins> van haar staathuishoudkundige +leer, is het niet dan met zekeren weemoed dat men +denkt aan den tijd, toen minister Thorbecke bij de aanvaarding +der regeering in stoute taal Groen van Prinsterer, +die hem naar zijn program vroeg antwoordde: »Wacht +onze daden af.«</p> + +<p>Op dat oogenblik was de herziening van de grondwet +juist gereed, waardoor het parlementaire stelsel voor Nederland +<span class="pagenum" title="75"> </span><a id="p_75"></a>vastgesteld en het nationale leven met een nieuwen +geest bezield werd.</p> + +<p>Zij was voltooid door de gezamenlijke pogingen van +liberalen en Roomschen. Een liberaal ministerie kwam +aan het bewind, terwijl in het land een liberale partij werd +gevormd.</p> + +<p>Het trotsche woord van den eersten minister was geen +ijdel woord. Hij begon de wetgeving en het bestuur van +den staat in te richten naar de beginselen van het liberalisme +en hij slaagde er in, een tijd van voorspoed en +grootheid voor de natie te scheppen. »In die dagen«, +schreef Mr. Schaepman, »welke Mr. Heemskerk haar heldentijdperk +noemde,—had de liberale partij, hoewel +later met welwillende medewerking van Mr. Heemskerk +zelf, de wetten en reglementen tot een vruchtbaar einde +gebracht, zoodat zij diep hadden wortel geschoten in het +volksleven.”</p> + +<p>Met groote werkkracht voorzien, toegerust met groote +kennis en macht, gaf zij er proeven van op alle gebied.</p> + +<p>Dat was de »gouden tijd« van de liberale partij. Met +al haar jeugdige kracht streed zij met edelmoedige geestdrift +tegen de conservatieve partij voor gelijke rechten van +allen en voor gezonde ontwikkeling van de staatsinstellingen. +Overeenkomstig deze orde van zaken, wilde zij +de volledige en algeheele toepassing van de liberale +beginselen der grondwet n.l. de erfelijke monarchie van +het regeerend Oranjehuis, in overeenstemming met de +volksvertegenwoordiging, door middel van verantwoordelijke +ministers, benoemd door de kroon en ondersteund +door de volksvertegenwoordigers. Verder wilde zij zelfbestuur +van provinciën en gemeenten, van dijken en waterschappen +volgens het algemeen belang; vrijheid van +godsdienst en vrijheid van de afdeelingen der verschillende +broederschappen; absolute vrijheid der kerkgenootschappen +zonder aan één harer de voorkeur te geven +en met volkomen onafhankelijkheid van den staat +tegenover de verschillende dogma's en godsdienstige +meeningen; vrijheid van onderwijs, van drukpers en vergaderingen; +verzorging van het openbaar onderwijs en +<span class="pagenum" title="76"> </span><a id="p_76"></a>publieken onderstand; vrijheid van handel en industrie en +van geldsomloop, waartoe het aanwenden van eigen middelen +zou aangemoedigd worden; streng toezicht op het +financieel beheer; openbare bespreking van de publieke +zaak; autonomie van de rechtelijke macht.</p> + +<p>Dank zij Thorbecke en zijn vrienden werden vele van +deze wenschen verwezenlijkt. Tal van organische wetten +en menigvuldige reglementen van inwendig beheer stelden +de nieuwe grondwet in werking.</p> + +<p>Door hunne zorgen werd de arme bevolking der koloniën +beschermd, de indirecte belasting op de noodzakelijkste +levensbehoeften opgeheven en het beginsel van +progressie in de directe belastingen vastgesteld.</p> + +<p>Gedurende bijna vijf-en-twintig jaren speelde Thorbecke aan +het hoofd van de liberale partij een eenige rol in de Nederlandsche +politiek. »Velen beschouwden hem als het ideaal +van een staatsman«, zegt Dr<ins class="corr" id="corr37" title="Niet in Bron.">.</ins> Nuyens, »hij bezat den sleutel +van de politieke kwesties, die toen aan de orde waren«. +Drie malen minister zijnde, regeerde hij vaker nog door +zijne volgelingen, door de ministeries »Thorbecke zonder +Thorbecke« of zooals men zeide, om de uitdrukking over +te nemen uit de Arnhemsche Courant, de »ministeries +hazepeper zonder haas«. De reden daarvan was, dat Thorbecke +slecht gezien was bij het hof, om zijn meesterachtige +manieren, en dat dit hem slechts aan het bewind riep +omdat het niet anders kon. Bovendien had zijne openhartigheid +en zijne standvastigheid op stuk van beginselen +hem veel persoonlijke vijanden bezorgd. Hij was een +man uit één stuk, van groot verstand en van onwrikbaar +karakter, met groot plichtbesef, vurig en vol zorg om +al zijne kennis en wetenschap aan den voorspoed en het +welzijn van zijn vaderland dienstbaar te maken. Zijn lang +en vruchtbaar leven, alsmede zijn ongelooflijke werkkracht +had een bizonderen stempel gezet op de Nederlandsche +geschiedenis. Zoo teekent de heer G. Douwes in zijne +staatkundige geschiedenis hem ons. Zijne tegenstanders +noemden hem echter ietwat verachtelijk: den burger, den +democraat, die met de traditie en met al wat eerbiedwaardig +was in hunne oogen wilde breken; ten einde +<span class="pagenum" title="77"> </span><a id="p_77"></a>dit te vervangen door de een of andere nieuwe en ongehoorde +zaak, waarvan nog niet de proef was genomen.</p> + +<p>En bij het einde van zijn loopbaan moest hij bedroefd +worden door zekere oude vrienden van zich te zien heengaan, +die hem te leerstellig vonden, niet meer op de +hoogte van zijn tijd. Dit kwam, doordat de ideeën zich +terzelfdertijd hadden ontwikkeld, dat hij was oud geworden +en zijn invloed met zijne krachten verminderd.</p> + +<p>Maar bij zijn dood, die hem tijdens zijn derde ministerie +verraste op den 4en Juni 1872, werd de dankbaarheid des +volks openbaar en zijne verdiensten werden algemeen erkend +en uitgeroepen. Zijn dood had een nationalen rouw +tengevolge. Om hulde te bewijzen aan zijn buitengewone +hoedanigheden en zijne toewijding aan de publieke +zaak, werd een wet van »dotatie«, geldelijke beschikking, +aangenomen met op vier na algemeene stemmen in de +Tweede Kamer, en op één na in de Eerste, waarin aan zijn +beide dochters een jaargeld van f 4000 overeenkomstig het +pensioen dat hun vader zou hebben ontvangen, werd toegekend. +Van andere zijde werd in enkele maanden een +inschrijving volteekend om voor »den meester« een standbeeld +op te richten, dat den 18en Mei 1876 onthuld werd +te Amsterdam.</p> + +<p>Volgens de erkenning van allen was een groot +man, een der grootste, van het wereldtooneel verdwenen, +een diep denker, bekwaam staatsman, voor velen een +trouwe gids.</p> + +<p>Hij had nog de eerste verschillen gezien onder de +liberale partij, waarvan hij totnogtoe de kracht en de +eenheidsband was geweest. Tengevolge van hunne +hardnekkigheid had voor een laatste maal de »staatsman +met grijze haren« het ministerieele harnas aangetrokken +in 1871.</p> + +<p>Na het verlies van hun aanvoerder verdeelden zich de +liberalen meer en meer, maar daar zij zonder ophouden +front hadden te maken tegen den gemeenschappelijken +vijand, bleven zij onoverwinnelijk en kommandeerden als +heeren het volk. Toch verzwakten zij voortdurend en +werden minder in aantal, naarmate hunne leer zich ontwikkelde +<span class="pagenum" title="78"> </span><a id="p_78"></a>en elken dag tegenover de werkelijkheid van +haar invloed en onfeilbaarheid verloor.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>De liberale partij was voortgesproten uit de Fransche +Revolutie. Zij had tot grondslag de souvereiniteit van het +volk en het stelsel van de staathuishoudkunde der liberalen. +Zij vond behagen in de afgetrokken begrippen naar de +wijze van de Fransche Revolutie-beginselen. Deze hadden +den mensch genomen, losgemaakt van alle traditie en van +elke gemeenschap en vrijgemaakt van alle hooger gezag, +terwijl de volstrekte heerschappij der rede uitgeroepen +werd. Vervolgens werden de rechten geproclameerd van +den idealen mensch, die evenwel tot een nul werd verlaagd +tegenover een staat, die almachtig was door de brute +macht van meerderheid. Het staatsliberalisme was zóó +doorgegaan; het had in den mensch slechts een middel +gezien om zijn rijkdom voort te brengen, zonder zich over +iets anders te verontrusten; zonder in te zien dat de arbeider +niet alleen mechanische, maar ook zedelijke en maatschappelijke +waarde bezit, en dat deze niet van elkander +te scheiden zijn. De liberale partij verzamelde deze ideeën +en zij voegde er op staatkundig terrein nog een en ander +aan toe; zij bevrijdde den staat, evenals de individuen die +hem vormden, van elke beslommering op godsdienstig of +zedelijk gebied, daar zij beweerde, dat de menschen in de +samenleving daarmede niet te maken hadden, maar dat +godsdienst privaatzaak was.</p> + +<p>De liberalen beminden de vrijheid met sterken, overdreven +hartstocht en daarin pasten zij wel bij hun tijd. +Zij beschouwden haar als het hoogste doel, als het heerlijkste +goed dat op aarde bestond, en opdat zij meer ten volle +en volkomen heerschen zou in al hare openbaring, moest de +staat zich in een stelselmatige neutraliteit persen, zich vergenoegen +met de bescherming van de individueele vrijheid.</p> + +<p>»Een eerste eisch voor den staat is«, zoo <ins class="corr" id="corr38" title="Bron: scheef">schreef</ins> Thorbecke +in zijn politiek testament, »zich van alles te onthouden, +dat niet aan haar als wetgevend lichaam onderworpen is.«</p> + +<p><span class="pagenum" title="79"> </span><a id="p_79"></a></p> + +<p>»Laat maar gaan, laat maar loopen!” daarop kwam practisch +het program neer van de liberale partij in de twee +vraagstukken, die volgens den heer De Mun nauw met +elkander saamhangen en de geheele politiek beheerschen: +de sociale en de godsdienstige kwestie.</p> + +<p>Overeenkomstig dit geheele systeem had het liberalisme +een bizondere opvatting van de rol der regeering, en deze +opvatting leed geheel en al aan dwaling en zwakheid. Die +dwaling werd gezien op het gebied van den godsdienst. +Aangezien de staat zich vóór geen andere moraal of rechtsleer +mocht verklaren, dan die hij zelf proclameerde, kwam +hij er toe zich op een even zachte als noodlottige helling +te begeven ten opzichte van de godsdiensten, die hij tevoren +had geïgnoreerd. De volstrekte neutraliteit, die de +regeering beleed, was reeds een begin van verloochening. +En ziehier nu, hoe hij langzamerhand door de vreemde +doortrekking van die valsche leer verleid werd, om zijn +houding, die vreemd was aan de werkelijkheid en het +gezond verstand, te laten varen en zich te begeven op het +erf van het geweten; een Credo of liever een tegen-Credo +te bepalen, dit met geweld op te dringen en de persoonlijke +vrijheid te vernietigen in naam zelfs van de vrijheid.</p> + +<p>Daar moet men zich niet over verwonderen. Want het +beginsel van de volkssouvereiniteit, welke de oorsprong +van de macht in de volksmeerderheid liet rusten, wettigde +elke buitensporigheid, daar hierdoor de staat in de meening +kwam, dat hij zelf het recht aangeven kon, indien hij maar +de meerderheid voor zich had.</p> + +<p>De zwakheid kwam uit op sociaal terrein. Van de volstrekte +vrijheid, door het liberalisme gepredikt, kon geen +zedelijkheid of harmonie uitgaan. »De vrijheidsleer”, zegt +Bucher, »stelt vast, dat ieder mensch tegenover de anderen +geheel vrij is, en hierin slechts door de vrijheid van zijn +evenmensch wordt begrensd<ins class="corr" id="corr39" title="Bron: »"></ins>. Hieruit moet men besluiten, +dat de mensch geen andere wet heeft om zijn +lust te breidelen, dan de tegenstand van de lusten der +andere menschen; dat hij geen andere kracht heeft te +overwinnen dan die van zijns gelijken; hieruit vloeit deze +gevolgtrekking voort, dat de samenleving voor allen schadelijk +<span class="pagenum" title="80"> </span><a id="p_80"></a>is, die er geen genotmiddel van weten te maken«. +De regeering, volkomen onverschillig tegenover deze botsing +van de belangen en den strijd om het bestaan tusschen +sterken en zwakken, kwam er alleen bij om zich +te beijveren de soort van anarchie, die hieruit geboren +werd, te doen eerbiedigen, welke met den schoonen naam +van maatschappelijke orde werd gesierd. Deze onthouding +onder schijn van edelmoedigheid was op haar pas geweest, +zoo de mensch, volgens de zoo geliefde theorie van +Rousseau, van nature goed was; maar nu had zij het +grofste egoisme, de verkrachting van de rechten der natuur, +de verdrukking van de zwakken door de sterken, tengevolge.</p> + +<p>Naarmate het liberale systeem in beoefening werd gebracht, +moesten de sociale nooden meer tevoorschijn komen. +Nooden van maatschappelijke orde, van regeering, van +maatschappelijke banden, van wederkeerige waarborgen, +van gemeenschappelijke geloofsbelijdenissen, van de bewaring +van gezinnen en hunne goederen in een toestand +meer overeenkomstig hunne welvaart, van groepeering +der cellen van den bijenkorf onderling buiten het bereik +van de tirannie der regeering. Dat alles werd door +de liberale partij miskend, of liever het wilde ze niet kennen. +Zij sloot de oogen voor de werkelijkheid, en dat +is altijd een teeken van zwakheid en verval.</p> + +<p>Bovendien was een leerstelsel opgekomen, dat gevolgtrekking +was van de liberale leer en tevens tegen +haar in werkte, het socialisme n.l., dat de beginselen, die +het liberalisme had gemaakt tot het hoogste goed van de +bourgeoisie, ten nutte aanwendde voor den vierden stand.</p> + +<p>Dit socialisme beweerde het geneesmiddel te bezitten +voor al de kwalen der maatschappij. Zijne aanvallen +alsmede die der orthodoxen, die de herstelling begeerden +van het beschermend werk van den christenstaat—over +een christenvolk—slaagden er in om den liberalen kolossus +van het voetstuk af te werpen, waarop de volksgunst +hem had geplaatst, en zoo het bankroet van hun +systeem volkomen te maken.</p> + +<p>Onder den druk, die zich deed gevoelen in de richting +van de socialistische pool, begonnen de liberalen in +<span class="pagenum" title="81"> </span><a id="p_81"></a>Nederland te begrijpen, dat het gevaarlijk is voor een +partij om niets te willen, wanneer de volksmenners alles +willen en het volk iets wil. Na eerst lijdelijk weerstand +geboden te hebben, begaven zij zich schroomvallig in de +richting van de sociale hervormingen. Hun verouderde +beginselen verlatende, trachtten zij een nieuw denkbeeld +te vinden en voor het meerendeel neigden zij zich meer +of minder naar het socialistische denkbeeld, hetwelk aan +hunne beginselen als logische consequentie, hoe verschillend +anders ook, ten grondslag lag.</p> + +<p>Degenen, die het meest gehecht zijn aan de oude leer, +moeten deze karakteristieke ontwikkeling erkennen. Zoo +schreef de heer Van der Kaay, oud-minister van justitie +in het kabinet Van Houten: »De Staat werd met geweld +in aanraking gebracht met de sociale belangen, +zooals de wettelijke regeling van de handenarbeid en de +verzending der koopmansgoederen. Van alle kanten werd +hij besprongen door personen, die hem om zijn hulp +meer dan om de vrijheid verzochten. Daardoor was het +voor de regeering bijna onmogelijk zich te onthouden. +De wetgeving is niet zonder invloed op deze belangen +en waar het op de liberale regeering rustte, de vereenigingen +en de particuliere personen aan te moedigen tot +de ontwikkeling van hun eigen krachten, door algemeene +voorwaarden te scheppen, die deze ontwikkeling mogelijk +maakten, daar kwamen er moeilijke kwesties voor de regeering +voor, die opgelost moesten worden, vooral wanneer +men zich herinnert dat deze algemeene voorwaarden +ook moesten gelden voor armen en de verwaarloosden”.</p> + +<p>En hij voegt er bijna berustend aan toe: »Men kon +zich niet onttrekken aan den invloed van degenen, die +hem omringden, noch aan de eischen van den tegenwoordigen +tijd.”</p> + +<p>Zie ons daar ver verwijderd van de theorieën van Thorbecke! +De liberalen hebben ze òf ten deele òf geheel +laten varen. Zij hebben in de tusschenkomst der regeering +toegestemd en uit het program der socialisten enkele +hervormingen overgenomen, varieerend in getal en gewicht +naar hunne genegenheid en geaardheid. Terzelfder tijd +<span class="pagenum" title="82"> </span><a id="p_82"></a>hebben zij hun onverschillige houding laten varen, +om meer en meer tegen de kerkelijken op te trekken. +Dat was het einde van eene neutraliteit, die in de werkelijkheid +niet kon bestaan, en het was toch natuurlijk dat +zij zich onbewust wellicht door de logica van hunne +grondstelling lieten meesleepen naar het socialisme.</p> + +<p>Maar deze verschuiving in de linkerzijde heeft niet +ineens plaatsgehad. Zij had vijftig jaar geduurd, en was eerst +onmerkbaar; in de laatste jaren echter had zij haar loop +versneld en, meer of minder langdurig door de hinderpalen +van den weg opgehouden, had zij de overblijfselen +van de groote liberale partij achter zich gelaten.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Van den tijd van <ins class="corr" id="corr40" title="Bron: Thorbeeke">Thorbecke</ins> af was er eene beweging +onder de troepen van het liberalisme. Ongeveer in 1866, +bij gelegenheid van het koloniale vraagstuk, begon men +van gematigden en geavanceerden te spreken, genen +bleven den »Meester” getrouw, dezen verlieten hem om +de radicale beginselen van Fransen van der Putte te volgen. +De scheiding werd eerst voltrokken, toen de regeering +haar stelsel om zich aan alles te onthouden meer +en meer varen liet.</p> + +<p>Sedert 1872 worden ons door Opzoomer—in zijn +boek: »Grenzen van de staatsmacht”—de volgende +regels aangegeven voor staatsbemoeiing:</p> + +<p>1o. Men moet in zijn geheele uitgebreidheid het beginsel +van gelijkheid van allen handhaven, zelfs van +vreemdelingen tegenover de justitie en de politieverordeningen.</p> + +<p>2o. Men moet erkennen, dat elk ander regeeringswerk +het voorwerp der besprekingen mag zijn. Het is van +belang, dat in de debatten van dat soort een goede toon +bewaard blijft en geen bij- of scheldnamen van socialist +of individualist gebruikt worden.</p> + +<p>3o. Het is noodig, dat men iedere nieuwe taak weigert, +tenzij het onderzoek heeft aangetoond, dat het belang +van de natie de daadwerkelijke tusschenkomst van +<span class="pagenum" title="83"> </span><a id="p_83"></a>den staat vordert en dat zonder dat de taak niet of +slecht wordt vervuld.</p> + +<p>4o. Men moet zonder vooringenomenheid onderzoeken, +of een gedeelte van de taak niet nuttiger zou kunnen +worden vervuld door bijzondere vereenigingen of +door particulieren.</p> + +<p>5o. Men moet de geworden veranderingen aanbrengen, +noodzakelijk door de wijziging der publieke opinie.</p> + +<hr class="tbleeg" /> + +<p>De tusschenkomst van den staat onder regels brengen, +dat is reeds: ze toestaan. En de »Grenzen” van Opzoomer +laten ons een staat zien, door het verstand beheerscht. +Zij wettigen de gedeeltelijke verlating van het +leerstelsel, waartoe de laatste verplicht werd, om zich te +veranderen in een verstandelijk opportunisme en door +hunne termen bewijzen zij dat er reeds een levendige +oppositie gevoerd werd tusschen de beide tegenovergestelde +groepen.</p> + +<p>Deze oppositie werd grooter, daar de een zonder ophouden +de tusschenkomst van den Staat niet ver genoeg +vond, en de andere steeds vreesde haar verder zich te +zien uitstrekken. De grondwetsherziening en de hervorming +van het kiesrecht, twee vraagstukken, die in Nederland +nauw met elkander verbonden zijn, waar het kiesrecht is +bepaald bij de grondwet, en waarvan men weldra in politieke +kringen begon te spreken, brachten deze oppositie +op een critiek punt. Onder den invloed van de hartstochtelijke +twistgesprekken werd de scheiding zoo groot onder +de liberalen, dat zij momenteel de meerderheid verloren +in de Tweede Kamer.</p> + +<p>Om de partij voor volkomen nederlaag te bewaren, +beproefden vele leden het grootst-mogelijke aantal partijgenooten +in de organisatie »de Liberale Unie” te vereenigen. +Maar deze organisatie, naar zij zeide, die de +overeenstemming wilde herstellen, tusschen de liberalen +van verschillende schakeering, om den politieken invloed +tegen te gaan der confessioneele partij, slaagde er +slechts in, den voortgang der ontbinding tegen te gaan.</p> + +<p>De verdediging van de schoolwet, een werk van de +<span class="pagenum" title="84"> </span><a id="p_84"></a>liberale regeering, behield nog gedurende eenigen tijd een +kunstmatige eenheid, maar in 1889 ontnam de wet-Mackay +haar veel van hare belangrijkheid en men moest besluiten +de sociale kwesties onder de oogen te zien.</p> + +<p>Te dien einde begon de »Liberale Unie” het hervormingsprogram +uit te werken. Maar dit wekte ernstige +ontevredenheid onder de geavanceerden, die zich over +de beslissende verklaringen beklaagden, welke grenzen +trokken te nauw voor de persoonlijke meeningen, met +betrekking tot eenige wetsvraagstukken, waarvan men het +onmisbare onderzoek ter nauwernood begonnen was. De +heer Pierson onthield zich niet van critiek. Een manifest +verscheen met 33 handteekeningen en proclameerde tot +plicht van den staat »de tusschenkomst ten gunste der +misdeelden door middel van wettelijke maatregelen.« De +geestelijke verwijdering was te zeer verscherpt om elkander +te kunnen verstaan in een gemeenschappelijk program.</p> + +<p>Onderwijl werd met het ontwerp-Tak van Poortvliet, +het vraagstuk van de regeling van het kiesrecht opnieuw +gesteld. Dit was de aanleiding tot de breuk. Eenigen +met Kerdijk en de leden van het ministerie Tak zich +noemende Progessisten of zelfs radicalen, spraken zich ten +gunste van een groote uitbreiding van kiezers uit, door +de opheffing van alle census en vaststelling van een soort +van algemeen kiesrecht. Anderen met Mr. Roëll en Van +Houten, die zich bij hem had gevoegd, toonden zich conservatief +en trachtten er naar, dat de minst-mogelijke +verandering werd verkregen in het stuk van den census. +Het parlementaire steekspel duurde vier jaren, nam de +krachten van twee ministeries in beslag en eindigde met een +voorloopig besluit, een soort van overgang, waarin de +gematigden de overwinning behaalden<ins class="corr" id="corr41" title="Bron: ,">.</ins></p> + +<p>Alle partijen verlieten den strijd in groote beroering; +de liberale partij meer dan een der andere. Gedurende +een oogenblik van stilstand der twisten, gelukte het bij +de verkiezingen van 1897, om de krachten der linkerzijde +tegen het clericale gevaar te vereenigen, maar deze wapenstilstand +was misleidend. Niet alleen was de breuk tusschen +gematigden en progessisten volkomen, maar de verdeeldheid +<span class="pagenum" title="85"> </span><a id="p_85"></a>drong ook door zelfs in de rijen van de »Liberale +Unie”. Het bestuur had het plan om in 1900, de kwestie +van herziening der grondwet aan de orde te stellen, +als middel ter invoering van het algemeen kiesrecht, maar +verkreeg de afkeuring van de algemeene vergadering, +die weigerde hem op dien weg te volgen. Het gevolg +er van was een sterke splitsing. Het besturend comité +trad af en trok zich terug, gevolgd door zijne getrouwen. +De ontevredenen besloten in overleg met de radicalen, +nadat zij bij hun vertrek de deur achter zich hadden +dichtgeslagen, een nieuwe partij te vormen. Te dien +einde kwamen zij dichter bij de socialistische partij te +staan en zij ontplooiden er de vlag van den Vrijzinnig-democratischen +Bond<ins class="corr" id="corr42" title="Niet in Bron.">.</ins></p> + +<p>Dientengevolge is de liberale partij, eertijds zoo machtig, +dat men geloofde dat zij voor altijd meester was van +de toekomst van Nederland, op dezen tijd geheel gedesorganiseerd. +In 1898 antwoordde op de vraag of er in +Nederland nog een groote liberale partij is, de heer Van +der Kaay bevestigend, terwijl hij echter toestemde dat +enkele liberalen daarop een ontkennend antwoord zouden +geven. Heden is geen twijfel meer mogelijk; zij bestaat +niet meer, zooals de heer Troelstra zeide, want er is +onder de verschillende brokstukken geen eenheid van +doel of van handeling. De zuivere liberalen, de mannen +van »laat maar gaan”, zooals men ze noemde, zijn bijna +geheel verdwenen. Overigens, terwijl eenigen zich zoo +getrouw mogelijk hielden aan het oorspronkelijke leerstelsel, +hebben anderen een vasten vorm aan hun »vooruitgang” +gegeven door zich »progressisten” te noemen. +Nog anderen hebben zich op de grenzen van het socialisme +geposteerd, waarvan zij slechts gescheiden zijn door een +denkbeeldigen muur, die bij het minste zuchtje omvergeworpen +wordt. Alzoo vinden wij ter rechterzijde de oud-liberalen, +ter linkerzijde de vrijzinnig-democraten, en de +vooruitstrevende liberalen in 't midden.</p> + +<p>Naar alle waarschijnlijkheid groeide de verbrokkeling +aan, naarmate de politieke invloed van deze partijen minder +werd. Van het ideaal ontdaan, voeren zij meer en meer +<span class="pagenum" title="86"> </span><a id="p_86"></a>in het zog van het socialisme of sloten zij zich in een +soort van onmachtig isolement op. Zij zouden nog wel +eenigen tijd voort kunnen leven en een bijzondere rol +spelen, maar sedert het bankroet van het stelsel, dat aan +het liberalisme ten grondslag lag, hebben ze nog slechts +eenige beteekenis als de partij van het juiste midden, wier +invloed en kracht met elke gebeurtenis bij den dag minder +wordt.</p> + +<h3 id="A3_1"><i>I. De Oud-Liberalen, Conservatief-Liberalen of Vrij-Liberalen.</i></h3> + +<p>Deze zijn het meest aan de liberale tradities getrouw +gebleven. Toen anderen ze verlaten hadden om de vrijheid +van het individu aan het absolutisme van den staat +op te offeren, hebben de oud-liberalen zich sterk gemaakt +om in de oude positie te blijven staan.</p> + +<p>Zij weken zeer langzaam er van af; verlieten duim voor +duim het terrein, toen het hun onmogelijk was er langer +te blijven. Indien zij ook al niet de volkomen onthouding +van den Staat predikten en indien zij al niet tegenstanders +van hervormingen waren, zij wilden ze toch zoo +min mogelijk. Ook noemt men ze nog de gematigd-liberalen, +want dat zijn ze, zoowel in hun wenschen als +in hun taal. »Gelijk overvoeding noodlottig is, voor +het menschelijke lichaam,” zoo spreken zij, »zoo kan de +maatschappij niet te veel hervormingen tegelijk verdragen.” +Maar zij begrepen niet dat, door al te matig te zijn, zij +gevaar liepen haar te doen sterven aan verzwakking en +uittering. Conservatief van principe even goed als van +methode hadden zij een groote vrees voor al wat hun +avontuurlijk toescheen. »Bezint eer gij begint!” herhaalden +zij in alle toonaarden, en daarin was hunne voorzichtigheid +verstandig. Maar zij bezonnen zich zoo lang en zoo +goed, dat zij insliepen op hunne stellingen en niet zagen, +dat de wassende stroom van het socialisme hen geheel +dreigde in te sluiten.</p> + +<p>Het socialisme, waarvoor zij bevreesd waren en dat zij +<span class="pagenum" title="87"> </span><a id="p_87"></a>dachten te beperken door hun lijdelijk verzet, is niet +het eenige gevaar, dat hen verschrikt. Er is een ander, +dat hun meer aan de orde van den dag en verschrikkelijker +toeschijnt, het is n.l. wat Gambetta in deze +woorden omschreef: »Het maatschappelijk gevaar, dat +is het clericalisme”. Dat is de formuleering, die in +het bizonder de heer Van Houten tot de zijne gemaakt +heeft en die hij ontwikkelde met voortdurende +vijandschap.</p> + +<p>Tusschen deze beide gevaren heen en weder bewogen, +namelijk tusschen het socialisme en het clericalisme, slaagden +de oud-liberalen, die door een voorzichtige gelegenheidspolitiek +het liberale stelsel met de eischen des tijds trachtten +overeen te brengen, er slechts in een nuttigheidspolitiek +te voeren. Niet, dat het hun aan wijsheid en beleid ontbrak. +In hunne rijen waren mannen van naam in grooten +getale aanwezig. Er waren rechtsgeleerden en wijsgeeren +bij, zooals de heeren Van der Kaaij en Van Houten, redenaars +als de heeren De Beaufort en Roëll, eminente hoogleeraren +als de heer Van der Vlugt, diplomaten als Van +Karnebeek en Tets van Goudriaan, oud-ministers als bijna +deze allen zijn, wier namen genoemd zijn. Het zijn echter +niet dan uitnemende personen, naar wier schoone taal +men met eerbied luistert, zonder een oogenblik te denken +ze in werkelijkheid om te zetten; die de beweging niet meer +beheerschen, maar zich tevreden stellen met ze van verre +te volgen, en wien het niet dan met groote moeite gelukt, +dat hun liberale, meer-geavanceerde broeders de langzaamheid +van hun gang hun vergeven terwille van hun +ijver tegen het clericalisme.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>In een land van ware vrijheid zooals Nederland loopt +zoodanige houding, die zoo antigodsdienstig is, gevaar +niet de goedkeuring van de publieke opinie weg +te dragen, zelfs niet van al de volgelingen der conservatief-liberale +politiek. Zoo gaf ter gelegenheid van de +algemeene verkiezingen in 1905 de heer Holwerda, professor +<span class="pagenum" title="88"> </span><a id="p_88"></a>aan de Leidsche Universiteit twee brochures in 't licht,<a id="FNa_2" href="#FN_2" class="fnanchor"><sup>2</sup>)</a> +moedig wijzende op de gevaren van het liberale sectarisme. +Hij noemde haar het clericalisme van den tegenovergestelden +zin; constateerde dat de liberale partij zonder +blikken of blozen de partij van het ongeloof was geworden, +en vroeg zich af, zonder zich nu veel van het antwoord +in te beelden, òf niet een liberalisme mogelijk was dat +beter zorgde voor de godsdienstvrijheid dan die treurige +en verbasterde vrijheid door de modernen gesteld.</p> + +<p>Dat voorbeeld bleef niet zonder gevolg. Anderen, +onder wie er velen waren die hooge regeeringsambten +bekleedden, ondernamen op hetzelfde tijdstip een daad +van protest, door een nieuwe gematigde partij te formeeren. +In een vergadering van de leiders dezer beweging te +'s Gravenhage werd den 7en October 1904 het besluit +daartoe genomen. Zij werkten een program van beginselen +uit met een verklarend bijschrift, verkozen een voorloopig +bestuur en noemden zich de Nationaal-historische Partij. +Weldra werden er provinciale comite's in Zuid-Holland +en Overijsel opgericht terzelfder tijd, dat de kiesvereeniging +»Vaderland en Koning” uit den Haag zich bij +haar voegde, welke eertijds een belangrijke rol had gespeeld +in de verwikkelingen tusschen conservatieven en +liberalen. In hun beginselprogram plaatsten zij zich op +het terrein van het publieke recht, zooals zich dat in de +historie voordeed, om naar een ontwikkeling van staat en +maatschappij op historischen grondslag te streven; hielden +rekening met »het godsdienstig karakter van het nationale +leven”, om zich openlijk te verklaren voor methodischen +vooruitgang, naar de eischen des tijds; voor de onderwerping +aan de vastgestelde bepalingen en der eerbiediging +van de verkregen rechten; en erkenden uitdrukkelijk +»als plicht van de overheid, de vrije uitoefening +van den godsdienst te begunstigen, te ondersteunen +en te beschermen”. Uit al deze uitdrukkingen blijkt +het verschil van temperament, dat hen van de oud-liberalen +<span class="pagenum" title="89"> </span><a id="p_89"></a>scheidde, wier conservatieve tendensen zij daarenboven +behielden.</p> + +<p>Zonder twijfel was de bedoeling van de Nationaal-historischen +om een zelfstandige partij te vormen, die zoomin +bij rechts als bij links behoorde en den rol van +scheidsrechter zou kunnen vervullen tusschen de Christelijke +coalitie en het anticlericale blok, wier krachten op +weinig na tegen elkander opwogen. Het wekelijksche +orgaan »de Nederlandsche Stemmen”, dat zij hadden +opgericht, liet ons daarover in het duister en publiceerde +in zijn nummer van den 27en Januari 1905 een verklaring +van het voorloopig bestuur, waarin ter eener zijde de +rangschikking der partijen naar het criterium door de +confessioneele partijen vastgesteld werd verworpen en +aan den anderen kant elke medewerking aan het program +van de zich noemende liberale concentratie werd geweigerd.</p> + +<p>Denzelfden geest ademt eene beslissing den 12en Mei +1905 door de partij genomen aan den vooravond der +algemeene verkiezingen, waarin zij haar diepe droefheid +uitsprak, over den overgang van vele oud-liberalen naar +de liberale concentratie en haar plan mededeelde om +met eigen candidaten uit te komen. Maar dit besluit +werd slechts in het derde district van Den Haag ten uitvoer +gebracht, waar het hun eigen secretaris, Baron van +Vredeburch, gelukte bij afwezigheid van een rechtschen +candidaat 2572 stemmen op zich te vereenigen en in +herstemming te komen met den Unie-liberaal Jansen.</p> + +<p>Daartoe bepaalden zich de resultaten van deze taktiek +en zoo was een proef genomen van den gematigden +invloed van de nieuwe partij. Het bleek op dat oogenblik +dat de titel »Nationaal-Historische Partij” slechts +gegeven was aan een »generale staf zonder troepen, die +gansch geen invloed had op de liberale kiezers.«</p> + +<p>Zullen zij, waar zij in hunne poging van volstrekte +neutraliteit hebben gefaald, zooals de »Nederlander” hoopte, +naar de conservatieve elementen van rechts zich wenden, +inzonderheid tot de Christelijk-Historischen? Dat is het +geheim der toekomst; maar zeker is het mogelijk en +<span class="pagenum" title="90"> </span><a id="p_90"></a>dit schijnt tot het wel-beraamde plan te behooren van +den heer De Savornin Lohman.</p> + +<p class="tb">* <span class="tbhoog">*</span> *</p> + +<p>Of de oorzaak lag in de houding der Nationaal-Historischen +dan wel in de noodzakelijkheid om zich tegenover het +kiezerscorps aangaande hun verbond met de democratische +fracties van links te verklaren, zeker is het, dat bij +de nadering van de wettelijke verkiezingen van 1905, de +oud-liberalen een manifest aan de liberale kiezers openbaar +maakten, onderteekend door 75 bekende politieke +personen. Er kon eigenlijk niet van een program gesproken +worden, want het miste nauwkeurige belijning en +autoriteit. Het manifest der 75, zooals men dat toen +noemde, drukte alleen de noodzakelijkheid uit van in het +belang van het land front te maken tegen de regeeringsmeerderheid, +door de liberale candidaten te steunen, ook +zelfs, wanneer men hunne ideeën niet deelde. Het sprak +ook in vrij vage bewoordingen eenige punten van beginsel +uit om algeheele verwarring met andere partijen te +voorkomen. Daarin werd bepaald, dat het de plicht van +den liberalen staat was op onpartijdige wijze aan al de +burgers de grootst mogelijke vrijheid te verzekeren, de +politieke vrijheid, gewaarborgd door een gezonde wetgeving, +en de maatschappelijke vrijheid als onmisbare voorwaarde +van voorspoed en beschaving. Het sprak zich +over de herziening van het kiesrecht uit, dat zij dit niet +aan de orde achtte, en besloot met het oog op den verkiezingstrijd +tot de oprichting van een commissie van +advies, bestaande uit zeven leden<ins class="corr" id="corr43" title="Bron: .">,</ins> die belast was met de +leiding van het werk der kiesvereenigingen.</p> + +<p>Daar zat een begin van organisatie in. De meest verharde +individualisten als de heer S. Van Houten, die +naar het zeggen van den heer Treub niets anders zijn dan +inconsequente anarchisten, hadden er het zegel hunner +goedkeuring aangehecht, en het is wel te verwonderen, +dat dit zoo is. Na de wettelijke verkiezingen, waardoor +de oud-liberalen, die de hulp zelfs van de socialisten aannamen, +<span class="pagenum" title="91"> </span><a id="p_91"></a>het van acht tot elf vertegenwoordigers in de +Kamer brachten, geloofden zij, dat het oogenblik gekomen +was om deze schets te voltooien. Het was hun president, +de heer Tydeman, afgevaardigde van Tiel en verdienstelijk +redenaar, die op het congres, dat den 23en Juni 1906 +gehouden werd, verklaarde dat hun oogwerk was zich +een huis te bouwen met de uitgesproken verwachting +daarin een deel van de leden van de Liberale Unie tot +zich te trekken. Bijzonder eigenaardig was het, dat deze +nieuwe vereeniging zich aandiende als vrij en dit was op +het oogenblik, dat hare leden iets van hunne vrijheid inboetten +in de handen van een vereeniging, die naar hun +oordeel van plan was dezen titel aan te nemen. Misschien +vonden zij dat de naam »Oud-liberaal« te veel naar schimmel +rook, en dat Vrij-liberalen beter in de ooren klonk +dan Oud-liberalen. In allen gevalle bleef de radicale +drukpers niet in gebreke deze inconsequentie aan te +toonen en daar zij steeds weinig sympathie betoonde aan +de achterblijvers, deed zij dit met zelfvoldane ironie.</p> + +<p>Nadat de bond van Vrije liberalen geconstitueerd was, +had zij aan haar hoofd een commissie van advies gehouden +van ten minste zeven leden en districtsbesturen in 't +leven geroepen, overal waar meer dan ééne afdeeling van +den bond was; maar zij had nog geen program.</p> + +<p>Dit was juist de moeilijkheid, want de overeenstemming +van inzichten onder de aanhangers was verre van volmaakt, +en men had daarbij noodig een werkplan vast te +stellen zoo wijd, dat niemand afgeschrikt werd, en toch +<ins class="corr" id="corr44" title="Bron: nanwkeurig">nauwkeurig</ins> genoeg om van eenige beteekenis te zijn. +<ins class="corr" id="corr45" title="Bron: Meu">Men</ins> had wel het manifest der 75, maar dat was te onbestemd +en naar hunne gedachte al te zeer geinspireerd +door de verkiezingsdrukte om een blijvend program van +beginsel te zijn. Ook had de algemeene vergadering besloten +er een ander uit samen te stellen en dit werk +toevertrouwd aan een speciale commissie van vijf leden. +Maar wij mogen gelooven dat de arbeid, die aan haar +was opgedragen, ernstige beletselen ontmoette, want eerst +het volgende jaar werd een ontwerp aan de voltallige +vergadering der partij voorgelegd. Over het geheel was +<span class="pagenum" title="92"> </span><a id="p_92"></a>het vervat in weloverwogen termen, die herinnerden aan +de vage algemeenheden van het manifest. De geest was +eveneens flauw alsook het meerendeel van de voorstellen +zooals: constitutioneel koningschap, krachtig gezag, +vrijmaking van alle confessioneelen invloed in het openbare +leven, ontwikkeling van het particulier initiatief, +versterking van het openbaar onderwijs, een snel en zuinig +recht, vrijhandel; daarin bestaan voornamelijk de tien +artikelen. Er was geen belangrijk verschil behalve over +de verkiezingskwestie, waar de mogelijkheid gelaten werd +van gedachtenwisseling of men het kiesrecht niet zou kunnen +uitbreiden tot de mannen, die in bepaalde voorwaarden +vallen, en tot zekere categorieën van vrouwen, door +den wetgever aangewezen.</p> + +<p>Van dit program van beginselen werden alleen de drie +eerste artikelen aangenomen in 1907 en eerst in de maand +Juni van 1908 kon Tydeman verkondigen dat de bond +de periode was ingetreden, waarin de voorbereidende werkzaamheden +van het tweede deel van het programma waren +geëindigd en dat het in aanbouw zijnde huis een dak had +verkregen. Wat betreft de organisatie zelve, constateerde +hij, terzelfder tijd dat de bond, zonder vooruitstrevend te zijn +als de Vrij-liberalen hadden gewenscht, zich ontwikkelde +door middel van de instelling van plaatselijke kiesvereenigingen, +in het bijzonder in het district Leeuwarden, dat +den vurigen kapitein Thomson afvaardigde.</p> + +<p class="tb">* <span class="tbhoog">*</span> *</p> + +<p>Maar de partijformeering van de verstrooide Oud-liberalen +had gansch niet kunnen behagen aan de andere +partijen van links; nog minder aan de Unie liberalen dan +aan de Vrijzinnig-democraten, daar genen zich meer rechtstreeks +daardoor zagen bedreigd met desorganisatie. Dat +die partij reden had te vreezen, loochende zij en werkelijk +heeft zij er totnogtoe weinig van te lijden gehad, maar +toch was zij op hare hoede, gereed om zoo noodig de +tanden te laten zien. Het verschil van neiging op sociaal +gebied en in de kwestie van herziening der kieswet was +<span class="pagenum" title="93"> </span><a id="p_93"></a>niet geschikt om deze slecht-verholen vijandigheid te +verzachten. Ja, wat meer is, de vooruitstrevenden verweten +aan enkele gematigden van hen, zooals Van Karnebeek +en Van Houten, het ministerie De Meester niet genoegzaam +gesteund te hebben, voornamelijk inzake het +militaire vraagstuk, dat tot zijn val leidde. De houding +ten slotte van de oud-liberalen in Amsterdam, waar zij +als wethouder van onderwijs een antirevolutionair +als Mr. de Vries hielpen verkiezen boven den vrijzinnig-democraat +Ketelaar, was de oorzaak van de volkomen-slechte +gezindheid van de democratische partijen, die +dreigden de Vrij-liberalen uit het liberale blok te werpen +en hen aan hun isolement over te laten.</p> + +<p>En daar van den anderen kant de rechtsche partij haar +reglementen niet zoo mild wist te maken dat zij deze +gematigden van links opnemen kon, die waarschijnlijk +erin zouden toegestemd hebben om uit hun programontwerp +het anticlericalisme te verbannen en tot een opportunistisch +samengaan met de conservatieve elementen van +rechts te besluiten—zoo had de <ins class="corr" id="corr46" title="Bron: Oudliberale">Oud-liberale</ins> partij +gevaar geloopen zonder hulp en steun te blijven, indien +deze bedreigingen werkelijkheid waren geworden.</p> + +<p>Maar er was herstelling mogelijk: haar steun had men +al te zeer voor de liberale concentratie noodig, hare dagbladen, +de Nieuwe Rotterdamsche Courant, het Handelsblad, +de Nieuwe Courant, welke, vooral de eerste, de +machtigste in Nederland waren, bezaten al te veel invloed, +dan dat de scheidsmuur, waarmede men in een driftig +oogenblik had gedreigd, in waarheid werd opgetrokken. +En uit dit alles was te voorzien dat de Vrij-liberalen ook +nog bij de verkiezingen in 1909, schoon waarschijnlijk +minder geestdriftig, het blok van links te hulp zouden +komen. Daartoe werden zij door hunne beginselen +geleid en dit deden zij dan ook werkelijk, zonder dezen +keer de socialisten te steunen. Maar deze gedwongen +samenwerking had de nederlaag van het liberalisme noch +de verplettering van hun eigen partij kunnen verhoeden. +Bij de eerste stemming hebben zij, als georganiseerde partij, +bijna al hunne afgevaardigden verloren en nog wel de +<span class="pagenum" title="94"> </span><a id="p_94"></a>voornaamsten onder hen. Vier van de elf zetels, die zij +in 1905 hadden behouden, hielden zij in de nieuwe Kamer +slechts over. En deze vernedering is een genoegzaam +bewijs van het discrediet der beginselen, die door de persoonlijke +verdienste niet meer kunnen worden gered.</p> + +<hr class="fnsep" /> + +<div class="footnote"><a id="FN_2" href="#FNa_2" class="label">2)</a> „Wie zijn wij zelf?” en „Kunnen wij niet anders worden?”</div> + +<h3 id="A3_2"><i>II. De vooruitstrevende liberalen van de Liberale Unie.</i></h3> + +<p>Meer links dan de Oud-liberalen staan de vooruitstrevende +liberalen of wel Unie-liberalen, die hun lijdelijke +houding hebben vaarwel gezegd. De vooruitstrevende +partij, zoo verklaart een der leiders, Mr. J. A. Levy, heeft +zich gedrongen gezien, tengevolge van de trage houding +van haar oudste zuster in het liberalisme, de banier +voor haar te ontplooien. Het waren minder beginselkwesties +dan kwesties der praktijk, die haar onafhankelijke +houding wettigden en verklaarden. Feitelijk heeft zij, al +onderscheidde zij zich van de liberale partij, nooit zich +ervan afgescheiden. Ja, integendeel, heeft zij iedere keer, +wanneer het betrof de verdediging van de liberale grondbeginselen, +zich vooraan in den strijd geschaard. Maar zij +acht haar taak daarmede niet volbracht, want zij meent, +dat de aarzelingen en uitvluchten der Oud-liberalen met +betrekking tot de draagkracht en den inhoud van de door +den staat gegeven rechten der burgers, evenzeer is te +vreezen.</p> + +<p>Aan deze liberalen van andere geaardheid scheen +de theorie van de natuurlijke staathuishoudkundige vrijheden +op zijn minst ouderwetsch. Zij gevoelden de noodzakelijkheid +zich naar de behoeften des tijds en de eischen +van den vooruitgang te schikken. Om dit streven beter +te karakteriseeren, tooiden zij zich met den naam van +»vooruitstrevenden«, hetwelk de ooren van de tijdgenooten +aangenaam streelt en op zichzelf vaag genoeg is om +niets te beloven. Zij hielden daartoe niet op zich op +de liberale leer te beroepen; ja zij proclameerden hunne +getrouwheid aan deze met des te meer kracht; opdat men +toch niet met recht zou kunnen denken dat men zich, +al was het maar een weinig, ervan <ins class="corr" id="corr47" title="Bron: verwijderden">verwijderde</ins>.</p> + +<p><span class="pagenum" title="95"> </span><a id="p_95"></a></p> + +<p>Inderdaad echter verwijderden zij zich er van, toen zij +de noodzakelijkheid erkenden het onthoudingsstandpunt +der regeering te laten varen, de misdeelden te ondersteunen, +het openbare leven te regelen, de solidariteit voor +te staan, de verantwoordelijkheid van den staat uit te +breiden en een meer uitgebreid kiesrecht toe te staan. Tegenover +het non-interventie systeem der regeering, dat dikwijls +niet anders is dan een welkom bedeksel voor de +traagheid van de bewindslieden, stelden zij het beginsel +van krachtige actie. Zij wierpen de liberale traditie +omver, en merkten op dat de arbeid en de arbeider om +hunne rechten riepen. De proletariërs, de arbeiders, moeten +gevoelen, dat zij een deel van het groote geheel uitmaken, +dat eenerzijds op aller hulp rekent, anderzijds het +recht van allen eerbiedigt. Het voornaamste werk van +de vooruitstrevende partij is allen, kleinen of grooten, in +te boezemen, dat de staat een moreele vereeniging is, die +verplichtingen heeft volkomen overeenkomstig haar oorsprong.</p> + +<p><ins class="corr" id="corr48" title="Bron: Evenwei">Evenwel</ins> constitueerden de »vooruitstrevenden« zich niet +dadelijk als partij. Gedurende lange jaren was de verdediging +van de neutrale school de spil, waarom de politiek +van de liberalen draaide, en de »omgang met dit +gezichtspunt« bracht al de andere kwesties op den +achtergrond. Nadat door de wet Mackay, het lager onderwijs +was gereorganiseerd, kwamen zij tot de gedachte, dat +het noodig was kennis te nemen van de volksbeweging +op sociaal gebied. Het streven der geavanceerde liberalen +kwam nauwkeuriger uit en de Liberale Unie, die in +1884 was opgericht, besloot een program van hervormingen +samen te stellen. In 1891 gaf zij een manifest aan +de kiezers in 't licht, waarbij het meerendeel der liberale +kiesvereenigingen zich aansloot. Men kan eigenlijk niet +spreken van een program, maar van een leiddraad voor +de verkiezingen; en ook werd deze niet getrokken zonder +moeilijkheden en slingeringen.</p> + +<p>Het program kwam pas in 1896. Het bestuur had in +Juni 1895 zijn taak hernomen om een hervormingsprogram +op te stellen met het doel uitdrukking te geven aan de +<span class="pagenum" title="96"> </span><a id="p_96"></a>beweging, die in de naaste toekomst de politiek moest +leiden. De kiezers gingen leven voor de politiek; daarom +moest men trachten hen tot zich te trekken. Alle +partijen maakten er gebruik van en zooals ook de anderen, +sprak de Liberale Unie de begeerte uit een program +te hebben, dat haar de gunst der kiezers bezorgde. +Maar welk zou dat zijn? Dat was de knoop van de kwestie. +Zou het zich eensluidend verklaren met de liberale +traditie en zich op het standpunt stellen van zoo min mogelijke +staatstusschenkomst? Of zou men dat geheel verlaten, +om zich op den weg te begeven van de democratische +eischen?</p> + +<p>Nu zoo het vraagstuk gesteld werd, veroorzaakte het +lange debatten en levendige bespreking. In Januari +1896 waren twee ontwerpen gereed, waarvan mededeeling +geschiedde aan al de afdeelingen van de Liberale Unie, +en om deze beide ontwerpen werd de beslissende strijd +gestreden tusschen conservatieven en progressisten op de +algemeene vergadering van 14 November 1896. Ondanks +den tegenstand van een belangrijke minderheid werd het +hervormingsprogram door het bestuur als eerste gesteld, +aangenomen. Na een discussie, die een heftige wending +nam, werd daarna een verkiezingsprogram vastgesteld. +Beide ademden een democratischen geest. De jonge +liberalen of vooruitstrevenden zegevierden over de geheele +linie.</p> + +<p>Langzamerhand trokken zich de conservatieve elementen +uit de Liberale Unie terug, waar hun verstandige +adviezen geen weerklank meer vonden, en de vereeniging, +die naar haar oorsprong alle liberalen moest vereenigen +zonder uitzondering of onderscheid, werd de verkiezingsorganisatie +van de vooruitstrevende partij.</p> + +<p>Het hervormingsprogram kondigde, zooals de naam +reeds uitdrukt, de noodzakelijkheid aan om hervormingen te +ondernemen, in het bizonder op sociaal terrein, tot bevordering +van het geestelijk welzijn van de gansche natie, +binnen de grenzen van het ontzag, verplicht aan de +staatsinstellingen en aan het publieke recht in Nederland. +Het stelde vooral tot plicht voor den staat, om op wettige +<span class="pagenum" title="97"> </span><a id="p_97"></a>wijze door de opheffing van voorrechten van het kapitaal +meer billijkheid te brengen in de verdeeling van +den nationalen rijkdom.</p> + +<p>Zonder andere theoretische beschouwingen tot de practijk +overgaande, stelde de Liberale Unie een lange lijst +van hervormingen op, die zij voorstond:</p> + +<p>1<sup>o</sup>. Op verkiezingsterrein, de grootst mogelijke uitbreiding +van het kiesrecht.</p> + +<p>2<sup>o</sup>. Op sociaal gebied: kamers van arbeid met gelijke +rechten van werkman en patroon; wettelijke regeling van +contracten van arbeid en huur tot beteren waarborg van +elkanders belangen; wettelijke regeling van den arbeid, +zelfs voor volwassen werklieden; verplichte verzekering +tegen ongelukken met zoo noodig staatshulp uit de kas +voor invaliditeit en ouderdom; herziening van de wetten +op de onteigening; verbetering van de arbeiderswoningen; +maatregelen voor de openbare gezondheid en bestrijding +van het alcoholmisbruik; herziening van de armenwet op +zulk een wijze dat samenwerking wordt verzekerd van de +organisaties van weldadigheid en het recht vastgesteld +van den staat om zich met de armen te bemoeien en den +vloed van het pauperisme tegen te gaan.</p> + +<p>3<sup>o</sup>. In de contracten, door den Staat aangegaan, te +zorgen, dat men van de krachten der arbeiders geen misbruik +maakt, en vast te stellen een minimumloon en een +maximum van arbeidsduur.</p> + +<p>4<sup>o</sup>. Wat betreft de opvoeding van het volk: leerplicht; +tractementverhooging van de onderwijzers; uitbreiding van +het ambachtsonderwijs en dit meer practisch te doen +worden; de zaak van de zedelijk-verwaarloosde kinderen +onder de oogen te nemen, voor wie algeheele en gedeeltelijke +ontheffing van de vaderlijke macht noodzakelijk +is.</p> + +<p>5<sup>o</sup>. Wat betreft het familieleven: herziening van het +erfrecht en het persoonsrecht zooals:</p> + +<p>Verbetering van den toestand der natuurlijke kinderen, +in 't bizonder door toelating van het onderzoek naar het +vaderschap.</p> + +<p>Verbetering van de rechtstoestand der vrouw, door +<span class="pagenum" title="98"> </span><a id="p_98"></a>haar vrijheid van handelen te geven, evengoed voor +hetgeen overeenkomstig hare bekwaamheid is, als hetgeen +met hare persoonlijkheid overeenstemt, terwijl aan +de gehuwde vrouw met name de vrije beschikking +over de vruchten van haar arbeid wordt gelaten. Uitbreiding +van het erfrecht van de in leven blijvende echtgenoote.</p> + +<p>Verhinderen dat een erfenis wettelijk aan verre bloedverwanten +tebeurtvalt.</p> + +<p>6<sup>o</sup>. Wat den landbouw betreft, verbetering van den +veestapel, van handel en nijverheid; aanmoediging en bescherming, +niet door de instelling van beschermende rechten, +maar door andere middelen, zooals bv. verbetering van +den omloop van het geld en van verkeersmiddelen, de +bevordering van het landbouwonderwijs, enz.</p> + +<p>7<sup>o</sup>. Wat betreft onze nationale verdediging—waar men +ter eener zijde rekening moet houden met de internationale +gebeurtenissen, die men redelijker wijze kan voorzien, +en ter anderer zijde met de finantieele lasten, die +men zooveel mogelijk moet verlichten—organisatie van het +staande leger op den voet van persoonlijken dienstplicht; +opheffing van de schutterij onder haar tegenwoordigen +vorm; hervorming van den rechtstoestand van den soldaat.</p> + +<p>8<sup>o</sup>. Wat betreft de rechtspraak: instelling van het administratieve +recht; vereenvoudiging van de procedure, +opdat deze snel en weinig kostbaar zij.</p> + +<p>9<sup>o</sup>. Herziening van de gemeentewet om daarmede een +sterke samenwerking der gemeenten te verzekeren, vooral +met betrekking tot de sociale maatregelen en de volksgezondheid.</p> + +<p>10<sup>o</sup>. Op het gebied der financiën: uitbreiding van +de macht om belasting te heffen, toegekend aan de gemeenten; +voeling houden met de landsbelastingen. Zuinig +beheer van de financiën van den staat, om daardoor verzwaring +van belasting te vermijden en in geval van nieuwe +uitgaven, door de sociale hervormingen noodzakelijk geworden, +indirecte belasting, niet op de noodzakelijkste +levensbehoeften, maar op voorwerpen van weelde, zooals +op goederen in de doode hand; hervorming van het belastingsysteem +<span class="pagenum" title="99"> </span><a id="p_99"></a>om door verlichting van de belasting op +de minstgegoeden tot vollediger toepassing van het beginsel +van progressie te komen, zelfs met betrekking tot het successierecht.</p> + +<p>11<sup>o</sup>. Op het terrein van de koloniale politiek: aanmoediging +van de vrije ontwikkeling van private industrie +onder de machtige bescherming van de rechten en de +belangen der inboorlingen; hervorming van de administratie +van de Nederlandsche bezittingen in Indië; verbetering +van de volkswelvaart van de West-Indische bezittingen.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Zoo was de schilderij van de eischen, door de Liberale +Unie voorgesteld. Men merkte er niet de zedelijke voorbereiding +in op, waardoor de programmen der rechtsche +partijen zich kenmerken. Hervormingen zonder logischen +band onderling uit de stoffelijke belangen des lands voortkomende +en het verlangen om door hare toepassing bij +tijd en wijle de volksgunst voor zich te verwerven, werd +er geen systeem van sociale organisatie in vastgesteld. +Op zekere punten waren de liberale beginselen verlaten +en in andere punten waren zij toegepast. Zoo bijvoorbeeld +bewaarde de staat de schijn van onafhankelijkheid +der weldadigheidsinstellingen, terzelfder tijd dat hij uitging +van de stelling van »laat maar gaan« terwijl hij +op gebied van vrijhandel aan deze stelling getrouw bleef.</p> + +<p>Uit dit program, dat uit zulke onderscheidene stukken +was samengesteld, nam de Liberale Unie zonder dralen +de hervormingen, die haar het dringendst toeschenen, en +vormde hieruit met het oog op de verkiezingen van 1897 +een verkiezingsprogram. De eischen, in het eerste ontwerp +voorkomende, waren bij voorkeur dezulke, die het +welzijn van het volk en de verbetering van de sociale +verhoudingen betroffen. De Uniecandidaten verbonden +zich daarvan de urgentie te erkennen en, eens gekozen, te +werken aan hunne onverwijlde verwezenlijking. Het waren +voornamelijk de wettige regeling van het sociale contract +<span class="pagenum" title="100"> </span><a id="p_100"></a>en de Zondagsrust; de verplichte verzekering tegen ongevallen, +ziekten, invaliditeit en ouderdom; de verbetering +der werkmanswoningen; de herziening van de wet op onderstand; +de leerplicht; de emancipatie der vrouw; de bevordering +van landbouw, handel en nijverheid; persoonlijke +dienstplicht en opheffing van de schutterij.</p> + +<p>Vooraan in dit program van urgentie figureerde voor +het oogenblik niet de kieswethervorming, en de Liberale +Unie gaf er deze verklaring van. De zorg voor een goede +politiek gebiedt ons opnieuw de kwestie onder de +oogen te zien zoolang als wij nog niet de resultaten van +de herziening kunnen vaststellen, die hare voltooiing +nadert.</p> + +<p>Maar toch verborg zij niet, dat deze voorloopige oplossing +haar geen voldoening gaf, en het vraagstuk bleef +lang in het halfduister. Het verscheen wederom bij de +nadering van de verkiezingen van 1901, en, opgeblazen +door de omstandigheden, bracht het tweedracht in de +liberale Unie. In Januari 1900 achtte het besturend comité +het oogenblik gunstig om grondwetsherziening voor +te stellen ten einde daardoor tot algemeen kiesrecht te +komen. Het wilde ongetwijfeld de voorgestelde eischen +met betrekking tot de kieswet als verkiezingsleuze gebruiken +voor het volgende jaar. Met dit doel stelde het +een rondschrijven op, waarin het mededeelde, van plan +te zijn het eerste artikel van het hervormingsprogram te +voltooien en aan het hoofd te stellen van het program +van urgentie. Dit ontwerp hield in:</p> + +<p>1<sup>o</sup>. Kiesrecht voor alle bewoners van Nederland met +uitzondering van:</p> + +<p>die hun kiesrecht verloren hebben door een rechterlijke +uitspraak; de gevangenen; zij die in een krankzinnigengesticht +opgesloten zijn; die onder curatele gesteld zijn door +een rechterlijk vonnis; terwijl, wat betreft de bedeelden, +wij oordeelen, dat dit het verlies van het kiesrecht niet +mag tengevolge hebben, onder welke omstandigheden ook.</p> + +<p>2<sup>o</sup>. Wat betreft de vrouwen, zullen wij het aan den +wetgever overlaten, haar het kiesrecht te geven of niet.</p> + +<p>Toen de generale vergadering van 2 Juni 1900 geroepen +<span class="pagenum" title="101"> </span><a id="p_101"></a>over dit voorstel te beraadslagen, nam zij eerst het +volgende besluit: »De Liberale Unie, handhavende hare +meening, die zij herhaaldelijk uitgedrukt heeft, aangaande +de noodzakelijkheid van de herziening van het kiesrecht +in den zin van wegneming van allen maatstaf naar de belasting, +is van oordeel, dat, om daartoe te geraken, het +noodzakelijk is, de artikelen 80, 127 en 143 van de grondwet +te herzien, met de bedoeling om daardoor het algemeen +kiesrecht voor mannen en vrouwen mogelijk te maken«.</p> + +<p>De meerderheid richtte zich in beginsel naar de gedachte +van het bestuur. Nu bleef nog de kwestie van +urgentie over. Hier vertoonde zich een sterke oppositie. +Vele progressisten vonden dat het zuiver onzin was +deze kwestie voorop te stellen. Zij herinnerden zich de +groote verdeeldheden, die het gevolg waren van de ontwerpen +van Tak en Van Houten en zij maanden tot herziening +dezer kwestie. Zij begrepen de stijfhoofdigheid +van het bestuur niet en verdachten het ervan gedreven +te worden door de leiders van de kleine groep van radicalen, +alsmede door de hoop den socialisten de gunst des +volks te onttrekken. In allen gevalle achtten zij het +oogenblik slecht gekozen; want om een grondwetsherziening +inderdaad mogelijk te maken, moet men op twee +derden der stemmen van de Generale Staten daarvoor kunnen +rekenen en de linkerzijde bezat in de Tweede Kamer +slechts 54 van de 100 en in de Eerste Kamer 31 van de +50, zonder te mogen hopen dat spoedig het vereischte +aantal verkregen werd.</p> + +<p>Ook nam hare vergadering van 26 <ins class="corr" id="corr49" title="Bron: Jannari">Januari</ins> 1901 niet +zonder verwondering kennis van de motie, tegen aller zin +in door het bestuur ondersteund. Zij hield de gelofte in, +dat bij de algemeene verkiezingen van 1901 de grondwetsherziening, +vervat in het eerste artikel van het program, +voorop zou worden gesteld en dat de candidaten +van de Liberale Unie niet alleen hun instemming moesten +betuigen met het geheele hervormingsprogram maar evenzeer +van de urgentie der kwestie in het eerste artikel +gesteld, overtuigd waren.</p> + +<p><span class="pagenum" title="102"> </span><a id="p_102"></a></p> + +<p>Dit voorstel, dat in ondubbelzinnige termen was opgesteld, +deed den storm opsteken. Na heftige debatten +weigerde de Liberale Unie met 44 tegen 33 stemmen +zijne aanvoerders te volgen op den gevaarlijken weg. +Het onweder sleepte de motie van urgentie en degenen, +die haar gesteld hadden, mee. Het bestuur trad af, met +zich nemende de radicale groep, om met haar een nieuwe +vereeniging te stichten, nl. de Vrijzinnig-democratische bond.</p> + +<p>De Liberale Unie, voor een oogenblik ontmoedigd, +herstelde en hervormde zich. Uit hen, die gebleven +waren, koos zij een nieuw bestuur en om te toonen, dat +zij haar oorspronkelijk program niet had verlaten, publiceerde +zij dit opnieuw. Niets was er in veranderd dan +het eerste artikel, dat aangevuld door de motie van 2 +Juni 1900, het algemeene kiesrecht ook voor de vrouwen +eischte. Want de urgentie alleen van dezen eisch was er +uit verwijderd. Maar toch ook waren er punten uit genomen, +die onder de liberale ministeries Van Houten en +Pierson werkelijkheid waren geworden.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Evenwel was de Liberale Unie verzwakt temidden van +deze geschillen. In 1898 bezat zij 79 kiesvereenigingen +met ongeveer 10.000 aanhangers en was vertegenwoordigd +in 110 plaatsen in Nederland, terwijl deze weer samengevoegd +werden in verschillende centrale afdeelingen. +Na de breuk met de Vrijzinnig-democraten behield zij +slechts in 1901, 49 kiesvereenigingen met 7218 aanhangers +en 360 buitengewone en beschermende leden. Die +achteruitgang werd gevoeld. Terzelfdertijd onderging het +aantal hunner afgevaardigden eenzelfde lot; van de 32 +van 1897 bleven er slechts 20 in 1901 over. De verkiezingen +in 1905 brachten dit cijfer tot 23, terwijl in +1909 dit getal opnieuw slonk tot 20.</p> + +<p>Desondanks behoudt de Liberale Unie een niet te +versmaden invloed. Ofschoon zij voor 't meerendeel uit +elementen is samengesteld, die veel van elkander verschillen +<span class="pagenum" title="103"> </span><a id="p_103"></a>en slechts bijeen worden gehouden door de +positieve band van politieke bekwaamheid, profiteert ze +van haar eigenaardige ligging in de linkerzijde, van middenpartij. +Zij is de spil van de linker concentratie; de +as, waarom de oud-liberalen en de uiterste linkerzijde +zich bewegen. Het zijn mannen, die gedurende ruim vijftien +jaren het grootste gedeelte van de liberale ministeries +hebben uitgemaakt.</p> + +<p>Het is hun program, dat tot grondslag gediend heeft +van hunne regeeringsdaden en gelijk er in elk liberaal +een godsdienstig drijven is, zoo is zij het ook, die den +juisten toon aangeeft van het anticlericalisme voor de linkerzijde, +gelijkend op de Fransche radicalen, die het +clericale spook vertoonen om zich uit moeilijke omstandigheden +te redden. De aanvoerder, de heer Goeman +Borgesius, afgevaardigde van Rotterdam, is de groote +kracht van links. Deze journalist, die met zijn groote +bekwaamheid als schrijver een wezenlijk talent als redenaar +vereenigt, heeft den naam, zooals eertijds de conservatieve +minister Heemskerk, een wonderkind te zijn en +meer dan één snaar op zijn viool te hebben. In allen +gevalle heeft de fortuin hem voortdurend toegelachen. +Hetzij dat hij het dagblad »Het Vaderland« redigeerde, +of in »Vragen des Tijds« schreef; hetzij dat hij, als president +van de liberale kamerclub, geroepen werd deel uit +te maken van het kabinet Pierson; hetzij dat hij een gedragslijn +opmaakte voor de Liberale Unie, altijd gaf hij +proef van eene bekwaamheid, die met de beletselen den +spot drijft.</p> + +<p>Maar juist in de politiek is bekwaamheid niet genoeg +en geschiktheid niet alles. Er zijn nog beginselen noodig +om de handeling vruchtbaar en van duur te doen zijn. +Zal de heer Borgesius, waar hij den overwegenden invloed +van de Liberale Unie heeft gehandhaafd, niet zien +dat de elementen, die hij voor het oogenblik behoudt +onder zijn bestuur nog meer naar links afglijden, of zal +hij zeggen: er zijn geen vijanden? Totnogtoe schijnt de +propaganda van de oud-liberalen zijne troepen weinig te +hebben gedund, maar in den grond is dit ook de minst +<span class="pagenum" title="104"> </span><a id="p_104"></a>gevaarlijke en die van Vrijzinnig democraten dreigt meer; +want van die zijde drukt de logica van de leer en de +kracht der gebeurtenissen.</p> + +<h3 id="A3_3"><i>III. De Vrijzinnig-Democraten.</i></h3> + +<p>Toen de vooruitstrevende revisionisten op luidruchtige +wijze de Liberale Unie verlieten, vonden zij aan hun +linkerkant den Radicalen Bond. Deze was tevoorschijn +gekomen uit de scheuring van Januari 1888 in de liberale +partij van Amsterdam. Volgens eenigen was herziening +van het politiek program van de machtige kiesvereeniging +»Burgerplicht« er de oorzaak van; volgens anderen was +zij het gevolg van een verschil van meening over den +gang der zaken in de hoofdstad. In allen gevalle gaf dit +de gelegenheid aan ongeduldigen, die de evolutie van de +liberale beginselen te langzaam dachten, om een jongere +partij op te richten. Zij maakten er gebruik van en zij +trachten de ontevredenen, voornamelijk in Amsterdam, te +vereenigen, en ook in Groningen, waar het liberalisme van +meer-geavanceerden aard was. Maar hunne pogingen +werden slechts halverwege met goeden uitslag bekroond. +In de afdeelingen, die zij oprichtten, ontbraken eenheid, +partijgeest en discipline. Er waren te veel leiders en daardoor +was het bestuur niet krachtig. Wat meer is, er was +geen wèl-afgerond program, er waren geen vaste beginselen; +en zoo bevond zich de opkomende radicale partij +ingesloten tusschen de vooruitstrevende liberalen en de +sociaal-democraten, zonder eigen leerstelsel. Ze gaven +eenigermate den voorkeur aan de eersten, terwijl zij het +privaatbezit zacht verdedigden tegen de laatsten.</p> + +<p>Ook hadden de verdeeldheden en de twisten er vrijen +loop. Na er evenveel aan geleden te hebben als andere +plaatselijke organisaties, moest de voornaamste van de +radicale kiesvereenigingen, n.l. »Amsterdam«, in den loop +van 1894 ontbonden worden.</p> + +<p>Het was op het oogenblik, dat de Radicale Bond werd +opgericht met het doel om te bevorderen dat degenen, +die den staat wilden hervormen in democratischen zin, +<span class="pagenum" title="105"> </span><a id="p_105"></a>aan de regeering zouden komen. Haar program, den 24en +Juli 1895 aangenomen, gaf de regels aan, waarnaar zij +deze democratische hervorming dacht ter hand te nemen:</p> + +<p>1<sup>o</sup>. Gelijkheid van alle meerderjarige Nederlanders in +burgerlijke en politieke rechten.</p> + +<p>2<sup>o</sup>. Strijd tegen de maatschappelijke afhankelijkheid van +den een van den ander en vermeerdering van het +stoffelijk en zedelijk welzijn van hen die niets of weinig +bezitten:</p> + +<p><i>a.</i> afschaffing van wettelijke regelingen, die opeenhooping +van het kapitaal in de handen van enkelen +begunstigen.</p> + +<p><i>b.</i> uitvaardiging van wetten die 1<sup>o</sup>. zonder gezamenlijk +bezit van de productiemiddelen te bedoelen, er toe +strekken om de voordeelen uit het privaat bezit voortkomende, +te beperken binnen engere grenzen en een +betere verdeeling te verzekeren van de rijkdommen der +gemeenschap, ten 2<sup>o</sup>. zooveel mogelijk de ongelukkige +gevolgen van de wet op vraag en aanbod van de markt +voor den arbeid tegen te gaan.</p> + +<hr class="tbleeg" /> + +<p>Zooals men ziet, nam de Radicale Bond een politiek +aan, rechtstreeks inloopende tegen het liberale beginsel +van onthouding van den staat en hij eischte talrijke +hervormingen.</p> + +<p>Deze somde hij op in een program, dat in een tegenovergesteld +uiterste vervalt en staatsbescherming en staatsvoorzorg stelt.</p> + +<p>Zoo deed hij zich voor bij de verkiezingen van 1897 +en gelukte het hem vijf afgevaardigden verkozen te +zien. Maar volgens de verklaringen van den voorzitter +uit dien tijd, de heer C. V. Gerritsen, was de invloed +van den Bond grooter dan zijne vertegenwoordiging; die +was groot vooral in den gemeenteraad van Amsterdam. +Over het gansche land, bezat de Bond 34 afdeelingen met +een totaal van 2.300 leden, meerendeels kleine burgers +en werklieden.</p> + +<p>Doch de verkiezingen van 1897 waren voor den Bond +noodlottig. Hoewel verkiezingen in Nederland veel minder +<span class="pagenum" title="106"> </span><a id="p_106"></a>kosten dan Frankrijk, werd de kas der partij daardoor +uitgeput. De leden bedankten in menigte, om niet +hun omslag te behoeven te betalen en, als overal, is het +geld de ziel van den oorlog en de radicale propaganda +hield op bij gebrek aan hulpmiddelen.</p> + +<p>Men kan derhalve begrijpen, dat de leiders van de +radicalen met opmerkzaamheid de gebeurtenissen volgden, +die er temidden van de Liberale Unie plaats hadden. De +leden van de meest-geavanceerde groep waren er bijna voortdurend +in strijd met hunne broeders, over meer conservatieve +inzichten, en zij spraken gedachten uit, waarvan men niet +kon zeggen of zij meer radicaal dan progressistisch zijn, +of meer progressistisch dan radicaal.</p> + +<p>Overigens hadden de vrijzinnig-democraten en de radicalen +elkander wederkeerig ondersteund bij de verkiezingen van +1897; zou dan geen nauwere verbinding van langeren +duur dan deze tijdelijke samenwerking kunnen plaatshebben? +De radicalen antwoordden hierop bevestigend en zij riepen +deze gebeurlijkheid in met al het ongeduld van hunne +verlangens; want zij hoopten op die manier nieuw bloed +en nieuwe finantieele kracht aan hun bloedarme partij +te schenken.</p> + +<p>Dat is ook de reden, waarom ze met zooveel kracht +verzekeren, dat zij den steun noodig hebben van hen, met +wie zij overeenkomen in leerstelsel, om eenmaal hun +liefste wenschen, hun hoogste begeerten te kunnen +verwezenlijken.</p> + +<p>De kwestie van urgentie van de grondwetsherziening +met het oog op het algemeen kiesrecht was een geschikte +gelegenheid voor de begeerde breuk. De actie van de +radicale leiders was misschien niet vreemd aan het ontstaan +van het conflict en zeker niet aan de scheiding. Ternauwernood +hadden het bestuur en zijne volgelingen +gebroken met de Liberale Unie of zij vereenigden zich +met het overschot van den radicalen Bond om een +nieuwe partij te vormen, onder den naam van Vrijzinnig-democratischen +Bond.</p> + +<p>Op zichzelf was de benaming teekenend, het toevoegsel +»liberaal« liet men voor goed varen, om het te +<span class="pagenum" title="107"> </span><a id="p_107"></a>vervangen door den soortnaam vrijzinnig. Die diende +derhalve meer om verwarring met de sociaal-democraten +te voorkomen, dan om weder een aanknoopingspunt aan +te geven met de liberalen. Feitelijk had men de liberale +leer volkomen losgelaten; men erkende hare verkeerdheid +en men bestreed openlijk de gevolgtrekkingen.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Den 17en Maart 1901 te Utrecht gesticht, hield de +Vrijzinnig-democratische Bond den 4en Mei d. a. v. zijn +eerste algemeene vergadering. Hij benoemde er een bureau, +gaf er eene verklaring van beginselen aan en een +ontwerp van een verkiezingsprogram.</p> + +<p>De beginselverklaring luidde als volgt:</p> + +<p>De Vrijzinnig-democratische Bond geeft als haar doel +te kennen om te bevorderen de opkomst van al de vereenigingen +en al de personen, die met een democratischen +geest bezield zijn en die zich vereenigen met de volgende +beginselen:</p> + +<div class="blockq"> + + <p>1<sup>o</sup>. De Vrijzinnig-democratische Bond streeft naar de + evolutie van onzen grondwettigen en parlementairen + regeeringsvorm in democratischen zin en te dien einde + naar het algemeen kiesrecht voor de verkiezing van de + vertegenwoordigende vergaderingen en naar de gelijkheid + van mannen en vrouwen, zelfs wat betreft de afgevaardiging + naar deze vergaderingen.</p> + + <p>2<sup>o</sup>. De Vrijzinnig-democratische Bond stelt zich tot + principe, dat men door middel van een krachtige sociale + wetgeving moet trachten weg te nemen de sociale + toestanden, die de ongelijkheid tusschen de leden van + de natie in 't leven roepen of versterken, wat betreft + voorwaarden van hunne ontwikkeling.</p> + + <p>Hij is van oordeel, dat om den maatschappelijken vooruitgang + te verkrijgen, het noodzakelijk is den klassestrijd + te verzachten en niet aan te wakkeren. Aan de eene + zijde keurt hij het streven af om privaatbezit van de + productiemiddelen op te heffen en aan de andere zijde + <span class="pagenum" title="108"> </span><a id="p_108"></a>verwerpt hij de meening, dat de staat slechts gedwongen + en tegen wil en dank in het huishoudelijk leven van de + burgers mag ingrijpen.</p> + +</div> + +<p>Over het geheel was de Vrijzinnig-democratische +Bond van dezelfde gezindheid als de oude Radicale Bond, +wiens plaats hij had ingenomen. Zijn ontwerp van een +verkiezingsprogram—aan het hoofd waarvan de onverwijlde +en urgente eisch stond van algemeen kiesrecht met evenredige +vertegenwoordiging voor de mannen en vrouwen, +een voorwaarde van de eerste orde voor alle democratische +hervormingen—ontplooide zich voornamelijk na +de verkiezingen van 1901. Het werd uitgebreider en +grooter in de twee algemeene vergaderingen van den 11en +Januari 1902 en den 28en Mei 1904 door nieuwe bijgevoegde +eischen, zoodat het een uitgebreid werkprogram +werd, naast hetwelk was komen te staan een program van +werkzaamheid op gemeentelijk gebied.</p> + +<p>Maar, wat aangaat het werkprogram of het plan van +werkzaamheid op gemeentelijk gebied, men vindt dezelfde +leer er aan ten grondslag liggen, die de heer Treub, +professor in de Staathuishoudkunde aan de gemeentelijke +Universiteit van Amsterdam, zoo uitnemend heeft vertolkt, +hij, de denker en de handelende leider der partij.</p> + +<p>Uitgaande van deze dubbele bewering dat ieder genootschap +is het product van het denken van hen, die +ze opstelden, en dat de sociale begrippen over de moraal +en de gerechtigheid zonder ophouden zich ontwikkelen +tot vooruitgang, welzijn en gelijkheid, besloot de heer +Treub, dat de staat zich niet mag ontslaan van zijne +verplichting om de economische verhoudingen overeen te +brengen met de prevalente begrippen van gerechtigheid, +voordat men er den stempel van het recht op zet.</p> + +<p>»Overal<ins class="corr" id="corr50" title="Bron: »">«</ins>, zegt hij, »waar de economische verhoudingen +tegenover onze actueele begrippen van recht en billijkheid +staan, is tusschenkomst noodig om ze te herstellen +en ze overeenkomstig te maken met de hedendaagsche +ideeën, die de stapelplaats vormen op den weg naar den +vooruitgang.<ins class="corr" id="corr51" title="Bron: »">«</ins> En hij voegt er aan toe, terwijl hij zijne +<span class="pagenum" title="109"> </span><a id="p_109"></a>gedachten over den rol van den democratischen staat +samentrekt: »In deze wettelijke regeling moet de heerschende +gedachte deze zijn: De staat moet onze maatschappij +er in behulpzaam zijn, dat zij zich meer begeeft +op den weg naar gelijkheid van kansen in het maatschappelijke +leven voor de individuen van beide seksen; +naar vermindering van het sociale verschil tusschen sekse +en stand; matiging van den klassestrijd.<ins class="corr" id="corr52" title="Bron: »">«</ins></p> + +<p>Alles bijeengenomen, de gelijkstelling voor al zijne +leden van de voorwaarden der ontwikkeling, zoowel op +stoffelijk als geestelijk terrein, dat is het principe en het +doel van den modernen staat.</p> + +<p>Gelijkheid van de kansen van het geluk, dat is de droom +die de democratische leer najaagt en die het gezag van +den staat meer en meer moet verwezenlijken. Zeker, er +zijn reeds pogingen gedaan in dezen zin, en de sociale +toestand van het meerendeel der werklieden heeft zich +verbeterd. Maar er is nog veel te doen en de hervormingen, +die nog tot stand moeten gebracht worden, zijn +vele. De lijst, die de vrijzinnig-democraten er van opstellen, +is lang. Men merkt er allereerst in op, alles wat +aan de burgers een grootere gelijkheid kan verzekeren; +algemeen kiesrecht voor de mannen en voor de vrouwen; +democratiseering van de Eerste Kamer; bescherming van +den werkman tegen het misbruik door den patroon; maatregelen +om alle kinderen gelijkelijk instaat te stellen +onderwezen te worden zonder ander onderscheid dan aanleg; +opheffing van alle ongelijkheid, die in het burgerlijk +recht bestaat tusschen mannen en vrouwen; herziening +van het huwelijkscontract in dien zin; uitbreiding van de +gronden voor echtscheiding; verbetering van den rechtstoestand +van natuurlijke kinderen. Andere komen op den +voorgrond door den drang van de omstandigheden van +het oogenblik. Zoo is het met de verplichte verzekering +tegen ziekte, invaliditeit en ouderdom; verzekering tegen +werkloosheid; wettelijke bestrijding van het alcoholisme; +voorzorg tegen vervalsching der voedingsmiddelen; vertegenwoordiging +van landbouw, nijverheid en handel; hunne +ontwikkeling door vermeerdering van de gemeenschapswegen; +<span class="pagenum" title="110"> </span><a id="p_110"></a>en steun voor den uitvoer van hunne artikelen; +vereeniging van vermogens- en bedrijfsbelasting tot een +enkelvoudige belasting op het inkomen, enz.</p> + +<p>Al deze hervormingen, die het program uitmaken, zijn +niet alle even slecht. Verre vandaar zijn zelfs velen zeer +aannemelijk en enkele komen ook voor in de programmen +van rechts. Maar wat wel te vreezen is, dat is dat +de leer der vrijzinnig-democraten van den staat een +despoot maakt, een tiran, die opbouwt en afbreekt naar +zijn believen, die zelf het recht schept en vernietigt, mits +het maar overeenstemt met de gedachten van de meerderheid, +waardoor dat recht is gesteld, een majesteit meer +te vreezen dan de absolute koningsmacht van den vroegeren +tijd, alles bijeen genomen een autocratie, die niets +heeft te eerbiedigen, ook niet eenige hoogere zedelijke +wet, niets dan zijne eigene.</p> + +<p>De erkenning van deze absolute macht van den staat +wordt in de practijk gezien, wanneer de vrijzinnig-democraten +voor hem een erfrecht eischen, in mededinging +met sommige natuurlijke erfgenamen; wanneer zij aan de +gemeenschap de bevoegdheid willen geven tot onteigening +niet alleen op grond van het openbaar belang, maar zelfs +om daardoor een grootere productieve of sociale waarde +te verkrijgen, of wanneer zij hem de verplichting willen +opleggen om die ondernemingen aan de private exploitatie +te <ins class="corr" id="corr53" title="Bron: ontrekken">onttrekken</ins>, die van nature het karakter van monopolies +vertoonen.</p> + +<p>Ongetwijfeld toonen zich de vrijzinnig-democraten besliste +voorstanders van den individueelen eigendom. Zij +stemmen volledig toe, dat deze nooit volkomen zal verdwijnen, +maar zij stellen de mogelijkheid dat deze eigendom +aan de naasting der maatschappij zal onderworpen +worden. Om de formule van de Fransche radicaal-socialen +te gebruiken, met wie zij in Nederland overeenkomen +met in allen gevalle ruimere ideeën en minder anticlericaal +drijven, houden zij vol, dat de staat beslag moet +leggen op al de industrieën, die in een monopolie zijn +veranderd en die door hun aard het algemeen belang +treffen.</p> + +<p><span class="pagenum" title="111"> </span><a id="p_111"></a></p> + +<p>Dat is men moet er toe overgaan om de groote productiemiddelen +in dienst der gemeenschap te stellen, +wanneer dit den staat nuttig blijkt.</p> + +<p>Indien zij dan openlijk geen socialisten zijn, dan nemen +zij toch in den grond een soort van theoretisch socialisme +aan, dat aan staats-socialisme grenst, een socialisme zonder +klassestrijd en zonder in theorie <i>alle</i> productiemiddelen +in dienst van het algemeen te stellen en dat van het +collectivisme slechts door een zwakken muur is gescheiden.</p> + +<p>Bovendien is het doel, dat zij beoogen, hetzelfde te +weten: de zoo volkomen mogelijke gelijkheid van alle +menschen voor de voorwaarden tot het maatschappelijk +welslagen en gelijk het gansche democratische stelsel rust +op de evolutie der begrippen van de meerderheid in die +richting, zoo zal de staat, waar deze meerderheid op een +gegeven oogenblik gelooft, dat deze gelijkheid niet dan +door gemeen bezit van de productiemiddelen kan verkregen +worden, verplicht worden om van het collectivisme +werkelijkheid te maken.</p> + +<p>De vrijzinnig-democraten, het is waar, wachten zich wel +om deze verwantschap en deze logica toe te stemmen, die +hen doet overhellen naar de sociaal-democratie en zij versterken +zoo goed mogelijk den scheidsmuur. Daar mag +men zich niet zoo over verwonderen, want de opkomende +partijen hebben alle belang er bij om het gezag van +hunne organisatie en hunne leer te handhaven, om te +verhinderen dat men hen verwart met de naverwante +vereenigingen; immers zouden zij anders hun reden +van bestaan verliezen. Maar wanneer zij eens bevestigd +zijn, dan verandert hunne manier wel en deze zelfde +partijen verlagen den muur zooveel mogelijk, waarmee zij +zich ingesloten hadden, om aan de leden van de naaste +partijen toe te staan, hem gemakkelijk af te breken, nadat +zij hen overtuigd hebben, dat de scheiding alleen in +naam bestond.</p> + +<p>Is dat de taktiek die de Vrijzinnig-democratische Bond +in de meer of minder dichtbij zijnde toekomst zal aanwenden? +En indien zij dat doet, wie zal er meer van profiteeren, +zij of de Sociaal-democratie? Te vreezen is, dat +<span class="pagenum" title="112"> </span><a id="p_112"></a>het de laatste zijn zal. Maar voor het oogenblik is die +vraag nog niet aan de orde. De Vrijzinnig-democratische +Bond wordt al grooter en naar het schijnt iets ten koste +van de Liberale Unie. In 1901 telde zij 22 afdeelingen +met 1.585 aanhangers en 164 persoonlijke leden. In 1905 +waren deze cijfers gestegen tot 44 afdeelingen met 2.630 +aanhangers en 507 persoonlijke leden. Aan den anderen +kant, tijdens de verkiezingen van 1901, had zij 30.000 +stemmen behaald en 9 zetels veroverd; bij die van 1905 +had zij 50.000 stemmen op haar program vereenigd en +11 afgevaardigden naar de Kamer gezonden. In 1909 +is het cijfer der stemmen ongeveer hetzelfde gebleven, +hetgeen niet heeft verhinderd dat ook zij deel had in de +nederlaag van de linker-partijen en dat het aantal van +hare afgevaardigden tot negen werd teruggebracht. Hare +dagbladen »de Vrijzinnig-Democraat” en »Land en Volk” +zijn van te nieuwen datum, vooral het laatste, om zeer +grooten invloed uit te oefenen, maar hare leiders, de heer +Drucker, president van de Vrijzinnig-democratischen Kamerclub, +en de heer Treub, verzekeren haar door hunne +waarde een belangrijke plaats temidden van de politieke +partijen in Nederland.</p> + +<hr class="chend20" /> + +<p><span class="pagenum" title="113"> </span><a id="p_113"></a></p> + +<h2 id="A4">VIERDE HOOFDSTUK.</h2> + +<div class="subh2">De Socialistische partij.</div> + +<hr class="chbegin" /> + +<h3 id="A4_1"><i><ins class="corr" id="corr54" title="Bron: niet cursief & extra lege regel">I. </ins>De eerste organisatie.</i></h3> + +<p>De nabijheid van Duitschland, de bakermat van het +Marxistisch Collectivisme, moest wel spoedig in Nederland +de vorming en ontwikkeling van een sociaal-democratische +vereeniging in de hand werken, echo en weerschijn van +de machtige sociaal-democratische beweging in Duitschland.</p> + +<p>Toen de ijzeren kanselier Bismarck door eene uitzonderingswet +het opkomende Socialisme wilde onderdrukken +in het keizerrijk, vertoonde zich een onrustige geest bij +zekere leden van het Algemeen Nederlandsch Werkliedenverbond, +dat toen een niet te versmaden invloed bezat +in de wereld der werklieden. Afzonderlijke Socialisten +onder de liberale massa, eenige oud-leden van de Internationale, +eenige nieuwe bekeerlingen tot de Duitsche leer +dachten dat het oogenblik gekomen <ins class="corr" id="corr55" title="Bron: om was">was om</ins> een poging te +wagen om onder de schaduw van deze degenen, die +hunne ideeën deelden, te vereenigen en door een +geleidelijke handeling een deel van het gezag er aan te +ontleenen dat bij den dag grooter werd. Maar om dit +handige plan uit te voeren, moest men eerst de deur +halverwege openen, opdat de kameraden, die niet tot het +<span class="pagenum" title="114"> </span><a id="p_114"></a>soort van »werkman« behoorden, konden binnenkomen. +Zij zochten derhalve »gemengde genoodschappen« te +stichten, die, eens gevestigd, hunne vereeniging konden +aanvragen met het »Werkliedenverbond«. Maar de liberale +leiders zagen het gevaar en toen op den 9en Juli 1878 +het eerste gemengde genootschap van die soort, in +Amsterdam op het initiatief van de vereeniging van smidsgezellen +»De Volharding« in het aanzijn was geroepen, +weigerde het centrale bureau van den Bond, waarin de +heer Heldt alles vermocht, het op te nemen. De drempel +van het huis werd verboden en nu moesten zij er wel in +berusten om buiten te blijven. Dit werd zonder drukte +gedaan en den naam van Sociaal-democratische Vereeniging +werd aangenomen. Aan het hoofd stond de kleermaker +»Henri Gerhard«, een bekend vrijdenker en tevens +een van de leiders der werklieden-beweging die had deel +genomen van 1869-1872 aan den Internationalen Bond van +Karel Marx. Dit was de eerste socialistische vereeniging +in Nederland. Anderen volgden in den Haag, Haarlem +en Rotterdam, in de groote handels- en industrieplaatsen van +Nederland. Bijna altijd, zooals in Amsterdam, ging het +initiatief uit van eene afdeeling van het liberale werkliedenverbond, +en zelfs zijn orgaan was niet beveiligd voor de +socialistische propaganda; want op dit <ins class="corr" id="corr56" title="Bron: tijdschip">tijdstip</ins> schreef +Domela Nieuwenhuis, die weldra zich zou vertoonen als +een woelgeest van den eersten rang, er zijne »Sociale +brieven” in.</p> + +<p>Zoodra er drie socialistische vereenigingen waren, verbonden +zij zich in 1880 om »den Sociaal-democratischen +Bond” te vormen. Deze Bond vond onmiddellijk een +orgaan in het Weekblad »Recht voor allen”, opgericht +op het oogenblik, dat de »Werkmansbode” tengevolge +van de overwinning van het besturend- en burgerlijk element +werd onttrokken aan de socialistische propaganda. Het +volgende jaar in 1882, hield de Sociaal-democratische +Bond zijn eerste congres, ondanks het verbod van de +politie, en nam zijn eerste program aan, dat geen ander +was dan hetgeen door de Duitsche Socialisten te Gotha +was opgesteld.</p> + +<p><span class="pagenum" title="115"> </span><a id="p_115"></a></p> + +<p>Toen begon voor het Nederlandsche Socialisme een +snelle vooruitgang. De toestand in Nederland verschafte +hieraan een gunstig terrein. De industrie en de landbouw +hier te lande maakten een tijd van crisis door; talrijke +werklieden waren zonder werk en in zekere streken was de +ellende groot. Het Socialisme, met beloften van een betere +maatschappij komende, trok onweerstaanbaar degenen aan, +die leden door den maatschappelijken toestand. Zij geloofden +dat een revolutie dadelijk een ander aanzien aan de +dingen zou geven en zij volgden hen, die hun daarvan +de boodschap brachten. Om ze te bereiken, bedienden +de propagandisten zich van den strijd, die toen vóór het +algemeene kiesrecht gestreden werd, en waarin zij samengingen +met het Werkliedenverbond, dat toch voortdurend +kleine gedeelten van zijne troepen tot de socialistische +banier zag overgaan. Onvermoeid doorkruiste Domela +Nieuwenhuis, die als predikant van de Luthersche kerk +afgetreden was, het land en richtte tallooze vereenigingen +op, waar hij met een kalme, sympathieke stem de revolutionaire +leer voordroeg, die hij een godsdienstigen tint +gaf en met bijbelsche spreuken opluisterde. Zonder +ontmoedigd te worden, ongevoelig voor de toejuiching van de +menigte zoowel voor haar scheldwoorden en slagen, ging +hij van dorp tot dorp, overal, waar men hem riep, indruk +makende op zijne hoorders door zijn heftige critiek op +de maatschappij en door zijn eigenaardig gelaat, tegelijk +zacht en energiek, hetwelk iets van een fanatiek maar ook +iets van een wetenschappelijk persoon had; een ware +volkstribuun met een indrukwekkenden kop en een machtige +hoogheid, wiens strijd met het woord en de pen heel zijn +leven bepaalde.</p> + +<p>Zijne reizen hadden altijd succes en bizonder in +Friesland, waar het Socialisme snel wortel schoot en +voornamelijk op het platteland. Deze bizonderheid verklaart +zich door een reeks van omstandigheden. De +provincie heeft de rijkste gronden, maar de bewoners, +die bijna nergens de eigenaars van den bodem zijn, +waren arm; de belastingen, opgedreven door de +eischen van de wet 1878 op schoolgebied, legden +<span class="pagenum" title="116"> </span><a id="p_116"></a>aan de gemeenten lasten op, die niet evenredig waren aan +hare inkomsten. De rijkste inwoners, die zich konden +verplaatsen zonder hierdoor schade aan hunne inkomsten +te veroorzaken, hadden dat land verlaten, om zich aan +het steeds zwaarder wordende gewicht der belastingen te +<ins class="corr" id="corr57" title="Bron: ontrekken">onttrekken</ins>, en er bleef daardoor niets anders over dan de +kleine kapitalen en de groote armoede, waaruit door de huishoudelijke +crisis de inkomsten getrokken werden en alzoo +de kommer vermeerderde. Bovendien onder de vele <ins class="corr" id="corr58" title="Bron: Protestansche">Protestantsche</ins> +belijdenissen, die in Friesland voorkomen, bevinden +zich een zeker aantal Doopsgezinden, die voorliefde bezitten +voor het collectivistisch ideaal; en eindelijk hadden in +zekere streken de vrijzinnige predikanten een terrein bereid, +dat uitnemend geschikt was voor het Socialisme.</p> + +<p>De revolutionaire zaden, die er door den krachtigen +ijveraar Domela Nieuwenhuis waren gestrooid, ontkiemden +in korten tijd voldoende, zoodat in het vervolg van den +veldtocht voor het algemeen kiesrecht de volksleider de +vruchten kon plukken, doordat hij in 1887 met den steun der +radicalen in het district Schoterland tot lid van de Tweede +Kamer verkozen werd. Verder waren het grieven, die zich +verspreidden als een doornenvuur, doorgaans schokkend +en bitter, van tallooze werklieden aan het werk in +de uitgestrekte veenderijen of van doodarme landarbeiders; +grieven, somtijds opgeblazen door de socialistische +sprekers, en die leidden tot vereenigingen, tezamen behoorende +tot den Sociaal-Democratischen Bond. Deze +oorlogzuchtige organisaties namen zulk een omvang, dat, +nadat zij zich op een oogenblik met de radicalen hadden vereenigd, +zij de Friesche afdeeling van den Bond voor algemeen +kiesrecht, in een provinciale partij, »de Friesche Volkspartij”, +vervormden, waarin de Socialisten het overwicht behielden +en die in getalsterkte vooruitging, zoodat ze in 1891 niet +minder dan 102 vereenigingen telde met 4980 leden. +Maar na de nederlaag van Domela Nieuwenhuis bij de verkiezingen +van datzelfde jaar, verdween deze volkspartij op +bevel van het centrale comité van den Sociaal-Democratischen +Bond aan de Socialisten om zich er aan te onttrekken +teneinde verder alleen beginselpolitiek te voeren.</p> + +<p><span class="pagenum" title="117"> </span><a id="p_117"></a></p> + +<p>Terwijl nu de beweging in Friesland zich met groote +kracht deed gevoelen, had zij de andere provinciën +niet gespaard; maar daar maakte zij zich meer +meester van de werkliedenbevolking der groote steden. +Het Zuiden had, hoewel hardnekkiger staande tegenover +de nieuwe ideeën, niet volledig kunnen ontkomen aan de +actie der leiders, en er was geen enkele streek, die geen +bezoek had ontvangen van de tallooze propagandisten, +die rondom Domela Nieuwenhuis zich bevonden; onruststokers +van natuur en van beroep, die nog geene +bizondere belooning ontvingen, en die vol ijver van vereeniging +tot vereeniging de socialistische leer gingen verspreiden, +en een verzameling van plaatselijke blaadjes deden ontstaan, +somwijlen van één dag levens, maar altijd gevaarlijk.</p> + +<p>In 1893 stelde het congres te Groningen vast, dat de +Sociaal-Democratische Bond 150 afdeelingen omvatte, +wier leden ten getale van 5000 aan jaarlijksche contributie +betaalden f 1657. De Socialistische partij begon +dus een verontrustende kracht te worden. Deze zou nog +grooter geweest zijn, indien zij niet in den beginne zich +tegen den godsdienst had gekant en zij niet zoo diep +door hunne vijandschap tegen het huis van Oranje het +Hollandsche gevoel hadden beleedigd.</p> + +<p>De leerstellingen, die zij in Nederland zocht in te +voeren, waren dezelfde, die Karel Marx en zijne leerlingen +in Duitschland hadden verspreid. Het was het wetenschappelijk +materialisme, dat zij indroeg in de geschiedenis +en ontwikkelde door hare theorie van de +maatschappelijke waarde, hare wet op de opeenhooping +der schatten, en de leer van den klassestrijd. Ziehier +hoe een van hare aanhangers in Nederland, de typograaf-journalist +Vliegen, ze samenvat. »Het Socialisme,” zegt +hij, »heeft de productieve kracht van den rijkdom aan +het werk gezien in de maatschappij en het heeft bemerkt, +dat deze kracht op de manier, waarmee er mee gespeeld +wordt, op de wijze, zooals de arbeid in de maatschappij +plaatsheeft en die de verdeeling der maatschappelijke +belangen teweegbrengt, de oorzaak is, dat het maatschappelijke +<span class="pagenum" title="118"> </span><a id="p_118"></a>gebouw zoodanig is als het is en niet anders. +Zoo is de kapitalistische maatschappij niet een product +van den vrijen wil des menschen, maar een noodzakelijk +historisch feit. Maar, indien het waar is, dat de schikking +van elke maatschappij is gegrond op het bestaande +systeem van productie en op de organisatie van den arbeid, +dan is het niet minder waar, dat zoodra het productiesysteem +en de wijze van werken veranderd wordt, het +gebouw der maatschappij moet verwisselen van gedaante. +De veranderde wijze van productie brengt krachten tevoorschijn, +die der maatschappij een ander aanzien moeten +geven. Zoo komt het, dat de kapitalistische maatschappij +met een regime, dat de grootindustrie en exploitatie +meer en meer concentreert en ingesloten houdt, +zonder ophouden het aanzijn heeft gegeven aan het proletariaat; +aan dat proletariaat, dat uit kracht van zijn +toestand tot taak heeft de regeling der maatschappij. +Tegen de vervulling van deze taak verzetten zich zij, +die de hedendaagsche maatschappij beheerschen, en de +worsteling, die daaruit ontstaat, is de klassestrijd.”</p> + +<p>In deze theorie moet de passage van het collectivistische +regime, dat de hedendaagsche maatschappij zal vervangen, +en waarin de menschen gelukkig zullen worden +door het gemeenschappelijk bezit van de productiemiddelen +op volkomen gelijke wijze, wel voor haarzelf noodlottig +zijn. Al, wat het proletariaat kan doen, is de nadering +van den toekomstigen staat bespoedigen, door tot +den evolutiegang van de kapitalistische maatschappij aan +te sporen, opdat zij daardoor des te spoediger op het +punt kome, waarop zij topzwaar geworden zijnde, uit zichzelve +zich zal omzetten in een collectivistische maatschappij. +Den tegenstand van de patroons verbreken, +die met ruwheid het kapitaal, dat is te zeggen, het privaatbezit +verdedigen, en het volksgeweten ontwikkelen, +hetwelk hen bekwaam moet maken om op den dag van de +revolutie de hand op de productiemiddelen te leggen, dat +is de eenige rol, die het proletariaat inderdaad kan vervullen.</p> + +<p>Echter lieten op dit punt de nadere bepaling van de +gedragslijn en de wijze van de dagelijksche actie niet +<span class="pagenum" title="119"> </span><a id="p_119"></a>na verwarring te stichten temidden van de Nederlandsche +socialisten. Tot 1893 was de Sociaal-Democratische +Bond van oordeel, in overeenstemming met de +Duitsche Marxisten, dat alle middelen goed waren ter +verbreking van den tegenstand van de patroons en in +het bizonder de politieke agitatie. Maar Domela Nieuwenhuis +was op het internationale congres van Brussel +in oneenigheid gekomen met Liebknecht en had +langzamerhand verschil ontdekt tusschen de Duitsche +Sociaal-Democratie en het Nederlandsche Socialisme. Het +geschil werd verderfelijk, sloeg over in den Sociaal-Democratischen +Bond, waar Van der Goes, Troelstra en +Van Kol krachtig de Duitschers verdedigden. En daar +anderzijds de onbetwiste en almachtige leider der beweging, +wien niemand in het aangezicht had durven weerstaan, +een diepe wonde had ontvangen door zijne nederlaag +bij de verkiezingen van 1891 in het district Schoterland, +daar neigde hij er meer en meer toe over om het politiek +terrein te verlaten en alleen zich te geven aan de +openlijke revolutionaire daad.</p> + +<p>Het Groningsche congres van 1893 schikte zich naar +deze tactiek en met 47 tegen 40 stemmen besliste het, +dat de partij zich uit de politiek zou terugtrekken. In +de afdeelingen werd deze beslissing bevestigd met 1300 +tegen 900 stemmen en de Sociaal-Democratische Bond +begaf zich op een nieuwen weg.</p> + +<p>Maar hij werd niet gevolgd door al de Socialisten in Nederland; +de groep van hen, die men de parlementairen noemde, +dewelke Domela Nieuwenhuis betitelde met de benaming +van heerenclubje, en die vooraan bevatte Van der Goes, +Troelstra en Van Kol, bleef op politiek gebied zich bewegen +en richtte daartoe een afzonderlijke vereeniging op, de +Sociaal-Democratische Arbeiderspartij, minder hard van +aanzien en meer ontvankelijk voor al de plooien en zelfs +voor al de beloften van het nieuwerwetsche politieke leven.</p> + +<h3 id="A4_2"><i>II. De Sociaal-Democratische Arbeiderspartij.</i></h3> + +<p>Domela Nieuwenhuis had altijd met leede oogen gezien, +<span class="pagenum" title="120"> </span><a id="p_120"></a>dat er in de partij ook burgers werden opgenomen. Hij +wist heel goed, dat het tengevolge van het genoten onderwijs +en van den meerderen vrijen tijd voor den burger honderd +maal gemakkelijker is zijn weg te vinden in de beweging, +dan voor den bekwaamsten werkman. Hij had op dit +punt slechts zijn persoonlijke ervaring te raadplegen; +en hij vreesde, dat deze aanwas, uit de heerschende +klasse voortkomende, het soort van dictatuur, dat hij +uitoefende, zou gaan verzwakken in den Sociaal-Democratischen +Bond. Hij had veel hinder van den rechtsgeleerde +P. J. Troelstra, wiens propaganda in Friesland met den dag +grooter werd, en van den ingenieur Van Kol, wiens +gevoels-socialisme onder het volk weerklank vond. Hij +wilde er zich wel van ontdoen, maar hij durfde hen niet +maar zoo geheel uitsluiten; en dat was zeker een van +de beweegredenen, die hem hebben gedrongen alsmede +zijn onderbevelhebber Cornelissen om door middel van +het Groningsche Congres te besluiten dat de politiek van +nu voortaan beslist zou verlaten worden.</p> + +<p>Evenwel ondanks hunne afkeuring van de revolutionaire +tactiek, die ontwijfelbaar het strenge verzet van de +autoriteiten moest tengevolge hebben, hadden <ins class="corr" id="corr59" title="Bron: Toelstra">Troelstra</ins> +en Van Kol het voornemen niet de partij te verlaten. +De sterke aandrang van Van der Goes en het +voorbeeld van een der meest bekende propagandisten, +Helsdingen, waren noodig om tot het besluit te komen, +zich van den Sociaal-democratischen Bond te scheiden +en een nieuwe vereeniging op te richten. Degenen, die +zij meesleepen, waren weinigen; wanneer men ze goed +telt, waren er acht. Het waren werklieden van den eersten +rang zooals Fortuyn, Vliegen, Schaper, gemeenteraadslid +van Groningen, Polak, de toekomstige organisator van de +machtige Diamantslijpers-vereeniging, A. Gerhard, het +roode schoolhoofd te Amsterdam, de typograaf Spiekman, +de kleine winkelier L. Cohen, en de onderwijzer Van +der Vegt. Totaal met de leiders zijn het twaalf. De twaalf +apostelen zooals men ze weldra noemde, richtten tot de +Socialisten een manifest, waarin zij de vorming van een +nieuwe Sociaal-democratische partij aankondigden, die niets +<span class="pagenum" title="121"> </span><a id="p_121"></a>gemeen had met de ultra-revolutionairen, en wier doel +het was, zich op de hoogte houden van de eischen des +tijds en te strijden voor de daadwerkelijke verbetering +van den toestand van het <ins class="corr" id="corr60" title="Bron: proleterariaat">proletariaat</ins>. Vier en vijftig +adhesiebetuigingen waren het antwoord op dezen oproep, +en den 26en Augustus 1894 werd te Zwolle de Sociaal-democratische +Arbeiderspartij in 't aanzijn geroepen, die +bij hare geboorte bemoediging en geldelijken steun ontving +van de Duitsche Socialisten.</p> + +<p>Haar eerste optreden was hard en tegelijk ingetogen. +De nieuwe vereeniging was er slechts in geslaagd eenige +afzonderlijke personen aan de oude vereeniging te ontnemen +en zij streed zonder ophouden in hare propaganda tegen +de anathema's van de partijgenooten van Domela Nieuwenhuis, +die haar voortdurend zonder genade slag leverden +en hare vergaderingen, zoo noodig met geweld, verhinderden. +Maar langzamerhand, dank zij de bekwaamheid en spankracht +van hare leidslieden, kreeg zij voet en groeide. Het was +de tijd niet meer, dat men zich de revolutie nabij dacht. +De maatschappelijke toestand was iets verbeterd en het +volk, dat op eene maatschappij wachtte die niet kwam, +eischte directe vermeerdering van welvaart. De ideeën +van de parlementaire socialisten wonnen terrein. Men +bemerkte dit bij ieder jaarlijksch congres, men kon het +vooral zien bij de verkiezingen van 1897, waar hunne candidaten +13.000 stemmen behaalden en in vier districten +triomfeerden; Leeuwarden, Tietjerksteradeel, Winschoten +en Enschede.</p> + +<p>Dit ongedachte succes gaf aan de partij nieuwe vlucht.</p> + +<p>Met één sprong ging het aantal van hare afdeelingen +vooruit van 31 tot 51, en sedert dien tijd groeide de beweging +voortdurend aan. Bij de verkiezingen van 1901 behaalde +zij acht zetels in de Staten-Generaal, die van Van +der Zwaag in Schoterland er in begrepen, en vereenigde +38.249 stemmen. De verkiezing van 1905 verlaagde wel +het getal der afgevaardigden tot zeven, maar verhoogde +het cijfer der stemmen tot 65.733. Wat betreft de verkiezingen +van 1909 klom dit laatste cijfer nog met 20.000 +<span class="pagenum" title="122"> </span><a id="p_122"></a>zonder meer volksvertegenwoordigers naar de Tweede +Kamer te zenden.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>De oorzaak van dezen snellen en onwedersprekelijken +vooruitgang ligt voor het minst als partij in den toeloop, +dien de Sociaal-democraten hebben verkregen bij elke +nieuwe verkiezing, in de middenklasse, bij de kleine +burgers en de kleine boeren, die zich aangetrokken gevoelden +tot de gewijzigde leer en de beloften van dadelijke +hervormingen. Van af den oorsprong der partij was +deze wijziging gewild. De leiders achtten het tot een +bekwame politiek te behooren om dit deel van het kiezerscorps +tot zich te trekken en daarom is het, dat de veldtocht +door hen werd voorgesteld als de strijd van den +werkman samenverbonden met den kleinen burger tegen +de groote kapitalisten; een strijd tegen de kleine salarissen +voor het zware werk en tegen de groote renten voor +het niets-doen.</p> + +<p>Zonder twijfel waren de theorieën van Karel Marx de +grondslag van het systeem en was de klassestrijd gelijkelijk +geëerbiedigd als een leerstelling, doch het was niet +de heftige, revolutionaire strijd, die verbeteringen in het +kleine en twijfelachtige beloften versmaadt. De manier +van doen was veranderd; men beriep zich niet meer +alleen op de klasse van werklieden, men richtte zich tot +al de slachtoffers van het kapitalisme.</p> + +<p>Aan de kleine winkeliers en aan de kleine verkoopers +legde men uit, dat zij <ins class="corr" id="corr61" title="Bron: geruineerd">geruïneerd</ins> zouden worden door +de groote magazijnen en de groote kapitalistische industrieën. +Aan de boeren en aan de kleine landbouwers +poogde men te bewijzen, dat het overbrengen van den +bodem aan de gemeenschap niet zulk een verschrikkelijke +zaak was als de meeste menschen geloofden; dat +het het socialisme niet was, dat onteigende, maar in +werkelijkheid de kapitalisten, bezitters van domeinen, die +zonder ophouden zich uitbreiden, die onverzadelijke »slokoppen” +van het zweet en van den arbeid der boeren; en +<span class="pagenum" title="123"> </span><a id="p_123"></a>dat het veel verkieslijker voor hen was, hun eigen baas +te zijn in de collectivistische gemeenschap, dan voort te +worstelen voor eigen rekening als weinig-benijdenswaardige +wezens, of als slaven op het veld van de +grondeigenaars, dikwijls vreemdelingen van hun eigen +land. Aan allen beloofden zij hervormingen. Zij eischten +onder anderen sterk-progressieve belasting op het inkomen, +op het vermogen en op de erfenissen, met vermindering +voor de kleine inkomsten en vermogens; afschaffing +van indirecte belastingen op de noodzakelijkste +levensbehoeften; kosteloos recht; kosteloos onderwijs in +al zijne geledingen; gratis geneeskundige hulp en begrafenis; +werkliedenpensioen op kosten van den staat; +algemeene wetgeving van den arbeid; den achturigen +werkdag; de verantwoordelijkheid der patroons voor alle +ongelukken in hun dienst voorkomende; theoretische en +practische gelijkheid van de vrouw met den man; herziening +van het pachtcontract van de boerderijen in dien +zin, dat de prijs niet hooger mag zijn dan de zuivere +rente van het goed, en dat ieder pachtcontract moet vermelden +het minimum aantal werklieden, dat voortdurend +moet worden gebruikt op de gehuurde goederen en de +goedkeuring van een gemeentelijke commissie moet +wegdragen, welke is samengesteld uit eigenaars, boeren +en werklieden; afschaffing van heerlijkheidsrechten en van +alle privilegies op het gebied van jacht, enz.</p> + +<p>Zoo was het onmiddellijke doel, dat het sociaal-democratische +program aanwees in den strijd voor welvaart en +geluk. Degenen, die het hadden uitgewerkt, hadden niet +vergeten er de verkrijging van het algemeene kiesrecht +voor mannen en vrouwen aan toe te voegen; denkende +met Karel Marx, dat de klassestrijd vóór elken politieken +strijd gaat tenbehoeve van economische vrijmaking van +het proletariaat. Zij plaatsten zelfs aan het hoofd van +hunne eischen dit machtige wapen, dat volstrekt noodig +is voor de werkliedenklasse om de politieke macht te +veroveren, n.l. trapsgewijze den tegenstand te verbreken +van de klasse der patroons, de wetgevende en de besturende +macht van den staat en der gemeente te gebruiken +<span class="pagenum" title="124"> </span><a id="p_124"></a>voor de onverbrekelijke organisatie van de werklieden.</p> + +<p>Hun dringende eisch van algemeen kiesrecht gebruikten +zij niet als een algemeen geneesmiddel en de +éénige wijze van strijden. Zij voegen er de organisatie +van werkliedenvereenigingen en de coöperatie aan toe; +de eerste, een voorwaarde voor de onmiddellijke en direkte +verbeteringen in het corps van ambachten, eene voorbereiding +voor den politieken strijd; eene inroeping van +het volksgeweten, dat om zich te ontplooien, de volle +vrijheid van vereeniging en van drukpers vraagt; de +tweede, de voorbereiding tot de socialistische gemeenschap +van den arbeid, waarvan zij de vorm is en die bovendien +het onberekenbare voordeel biedt om de strijdkas te +vormen voor den klassestrijd en de fondsen te verzorgen, +noodzakelijk voor de propaganda en de actie. Dat is +zelfs, bevestigt Mr. Troelstra, het eigenlijke niet van de +coöperatieve vereenigingen, maar zij verkrijgen eerst een +socialistisch karakter, wanneer zij dit doel hebben.</p> + +<p>Met behulp van al deze middelen zou men langzamerhand +komen tot den toekomstigen staat. Voorloopige +teekenen daarvan, zeggen de socialistische sprekers en +schrijvers, vertoonen zich reeds, gelijkende op het morgenrood, +dat den opgang der zon voorafgaat. Ze zijn: het +meerdere gebruik van machines, de concentratie der +kapitalen in de handen van een klein aantal individuen +en de buitensporigheid van de trust, de vermenigvuldiging +der werkstakingen, de veelvuldige oproeren en het +bevoorrechten van menigen persoon door den staat. Dit +alles moet noodzakelijk een noodlottige opeenhooping +bevorderen. Het collectivisme, door den staat en de +gemeenten vertegenwoordigd, zal geleidelijk uit de handen +der opkoopers de monopolies samentrekken en zich er +van meester maken in het algemeen belang en in 't bizonder +in dat van den werkman. Gelijk onderwijs zal er +aan allen gegeven worden en de staat zal aan de kinderen +zelfs de stoffelijke middelen verzekeren, om het te +ontvangen; hij zal de vader zijn voor degenen, wier +ouders hen niet kunnen voorzien van voldoende +<span class="pagenum" title="125"> </span><a id="p_125"></a>voeding; hij zal voor de uitvoering zorgen van alle diensten, +die bestemd zijn ten behoeve van het algemeen der +burgers, en zal dienaangaande geen concessie doen aan +een particuliere onderneming; hij zal in de behoeften der +armen voorzien; hij zal door uitbreiding van het onteigeningsrecht +de beschikking verkrijgen over uitgestrekte +gronden, die hij aan werklieden zal verhuren en voornamelijk +aan landarbeiders tegen zoo laag mogelijken +prijs, die laten ontginnen door werkeloozen en gebruiken +voor het bouwen van arbeiderswoningen. Tegelijkertijd +zal hij zich een erfrecht toekennen gezamenlijk met +de natuurlijke erfgenamen, en door al deze voorgeziene +hervormingen, die in het socialistische programma geëischt +worden, zal hij den publieken rijkdom vermeerderen +tot afbreuk van de private kapitalen en zoo zal hij het +oogenblik nader brengen, waarop de hedendaagsche maatschappij +zal overgaan, bijna zonder schok en op zekere +en geregelde wijze, in een ideale maatschappij.</p> + +<p>Het is derhalve geen bloedige revolutie meer, verlicht +door het rampzalige afschijnsel van den eindstrijd, die de +profeten van den socialistischen godsdienst ons aankondigen; +het is heel eenvoudig eene evolutie, die zekerlijk +de menschen in de lieflijkheden van het collectivistische +paradijs moet overbrengen. En dat juist heeft veel kleine +lieden verleid en veel werklieden meegesleept, minder +door de hoop op een toekomstige maatschappij, die ze +waarschijnlijk nooit zullen zien, dan door de verwachting +van de naderende hervormingen, waar zij overtuigd zijn, +dat zij er niets bij hebben te verliezen, maar alles te winnen.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Maar een partij leeft niet alleen van een program, haar +kracht bestaat ook in hare organisatie en in hare bedrijvigheid.</p> + +<p>En juist het Socialisme heeft zich in alle landen waar +het kwam door zijn groote kracht van organisatie en +door een krachtige propaganda altijd onderscheiden. De +massa's werklieden in beweging brengen, hunne dikwijls +<span class="pagenum" title="126"> </span><a id="p_126"></a>gewettigde ontevredenheid vergrooten, hun haat aanwakkeren +en hen in te lijven in den klassestrijd, dat is het +doel waarnaar het streeft met onverbroken kracht. Zonder +dat het »groote kiezers-mechanisme«, wat de sociaal-democratie +in Duitschland is, de volmaaktheid heeft bereikt, +oefent de arbeiderspartij in Nederland, die afbeelding +is van de Duitsche partij, toch een groote macht uit. De +beweging komt van onderen op, van de socialistische +vereenigingen onder verschillende benamingen, vereenigingen +van allerlei soort, waaronder evengoed vereenigingen +van jongelingen behooren en van vrouwen als +van volwassen werklieden van de sociaal-democratische +vereenigingen. Deze afdeelingen van de partij vaardigen +ieder jaar een of meer personen af naar het algemeen +congres, alsmede de voornaamste redacteurs van de erkende +dagbladen. Het is op die congressen, dat de algemeene +richting van de politiek wordt vastgesteld; dat het onderzoek +plaats heeft naar de houding van de parlementaire +kamerfractie; dat de moties, die de organisatie en de discipline +raken, onderzocht worden; dat vier leden van het +centrale bestuur gekozen worden. De drie anderen, de +president, de secretaris en de penningmeester, die tezamen +het bureau van de loopende zaken vormen, en die +om deze reden een gemeenschappelijke woonplaats moeten +hebben, worden gekozen door de Federatie van Amsterdam +en wonen in de hoofdstad. Het werk van het Bestuur +bestaat daarin, dat het zich bemoeit met al wat de partij +aanbelangt: het nemen van het noodzakelijke initiatief; +het volgen van de actie van de propagandisten en de +pers; en zoo daalt dan, door een krachtige werkzaamheid +aan ieder onderdeel van de partij op te leggen, het +socialistische leven in de kleinste vertakkingen neder, tot +in de nederigste dorpjes van Groningen en Friesland.</p> + +<p>In iederen socialist, zou men kunnen zeggen schuilt +een propagandist. Velen zijn er, die, zonder er hun beroep +van te maken, dagbladen verspreiden en de leeringen +in vergaderingen en werkplaatsen verbreiden. Bovendien +heeft de partij zijn vaste propagandisten, die als zoodanig +in hun levensbestaan voorzien, somwijlen verdienstelijke +<span class="pagenum" title="127"> </span><a id="p_127"></a>sprekers, die zich gedurende eenigen tijd in een zekere +streek vestigen<ins class="corr" id="corr62" title="Niet in Bron.">,</ins> deze in alle richtingen doorkruisen, publieke +vergaderingen houden, plaatselijke vereenigingen oprichten +en ieder jaar aan het centrale comité verslag uitbrengen +van hunne werkzaamheden.</p> + +<p>In den tijd van den Sociaal-democratischen Bond werden +deze talrijke propagandisten, zooals Vliegen, Schaper en +Van der Zwaag, niet betaald voor het werk, dat zij verrichtten. +Zoo wilde het Domela Nieuwenhuis, die het +belachelijk had gevonden, om een belooning uit de kas +der partij te ontvangen voor een taak, waartoe allen, die +het kunnen, zich moeten beschikbaar stellen. Van af +hare stichting heeft de Sociaal-democratische Arbeiderspartij +er anders over geoordeeld, en hare propagandisten +verdienen jaarlijks tusschen de 300 en 500 gld. Zoo +zou het haast niet kunnen voorkomen, dat de financiën +buitengewoon ruim waren, en die van de Socialisten +in Nederland zijn het blijkbaar niet bovenmate. Het +budget van 1906 steeg tot f 9.600 en boven deze +som waren f <ins class="corr" id="corr63" title="Bron: 15.00">1.500</ins> bestemd voor het tractement van +den secretaris-generaal, Van Kuijkhof en f 1100 +voor de drie propagandisten, Helsdingen, Mendels en +Hermans. Men moet er evenwel bijvoegen, dat dit de +eenige voortplanters niet zijn van de socialistische denkbeelden; +de partij beschikt over nog anderen, die door +de politiek aan een voldoende betrekking zijn gekomen, +en geen andere betaling noodig hebben dan reiskosten. +Dat zijn in het bijzonder de socialistische afgevaardigden +naar de Tweede Kamer, de redacteurs der socialistische +dagbladen en de speciale afgevaardigden van het comité-generaal, +die gaan waar ze geroepen worden, de grieven +ondersteunen en kracht aan de verkiezingscampagne verleenen.</p> + +<p>Gelijk in elke beweging van zekere uitgebreidheid, zoo +neemt de pers meer en meer in de S. D. A. P. een belangrijke +plaats in. Dat is te begrijpen, want het is de +propaganda bij uitnemendheid; het geschreven woord, +dat zich onophoudelijk tot duizenden lezers richt. Het +officieele orgaan van de partij is het dagblad »Het Volk”<ins class="corr" id="corr64" title="Bron: .">,</ins> +<span class="pagenum" title="128"> </span><a id="p_128"></a>dat in Amsterdam gedrukt en uitgegeven wordt. Het +wordt ter zijde gestaan in den lande, door een goed dozijn +weekbladen, drie maandbladen, waaronder: »De proletarische +Vrouw«, orgaan van de vrouwenvereeniging: de +Sociaal-democratische Vrouwenclub, en een tijdschrift: +»De Nieuwe Tijd«, dat de intellectueelen onder hen redigeeren: +Van der Goes, Gorter en Mevrouw Henriette Roland Holst.</p> + +<p>Bij de bladen komen nog populaire brochures en traktaten; +en onder deze voortdurende actie heeft het Socialisme +onrustbarende afmetingen aangenomen. Zoo is het, dat +op het congres te Arnhem, den 19<sup>den</sup> April 1908, de president +Vliegen met zekeren trots kon verkondigen, dat de +partij georganiseerd was in 83 van de 100 kiesdistricten, +dat in den loop van 1907 het aantal afdeelingen van 167 +tot 176 was geklommen en het totaal der leden van +400 tot 8.400.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Evenwel op ditzelfde congres, waar deze cijfers zoo +triomfantelijk werden vermeld, erkende burger H. Meyer, +dat de partij zich wel had ontwikkeld, maar niet zoo als +het wel wezen moest; en hij gaf er als reden voor op, +dat op het platteland bijna al de arbeiders kiezers waren, +dat weinigen onder hen zich onder de vaan van het Socialisme +wilden scharen en dat de beweging er in geen geval +sterke wortels schoot. Dit was reeds geconstateerd +aan den vooravond van de verkiezingen van 1905. Het +verslag, door het algemeen Bestuur aangeboden aan het +Congres van Utrecht in 1906, stelde vast, dat indien al +in de groote steden het cijfer der socialistische stemmen +was geklommen op bizondere wijze, ja zelfs in vier jaar tijds +voor de negen kiesdistricten van Amsterdam van 12,5 tot 21,2 +procent der stemmen was gestegen, het platteland een +gevoeligen terugslag aanwees, die in het district Wijk bij +Duurstede de verhouding van 8,2 op 2 per honderd had gebracht.</p> + +<p>Om de kracht van deze cijfers te begrijpen, moet men +zich herinneren, dat in Nederland het algemeen kiesrecht +<span class="pagenum" title="129"> </span><a id="p_129"></a>niet bestaat en dat de nu-van-kracht-zijnde kieswet, de +wet Van Houten, hoewel ze vrij-gemakkelijke voorwaarden +stelt om kiezer te worden, toch een goed deel der arbeiders +van de groote steden van het recht om te stemmen +berooft. De Socialisten hebben daardoor dus in het kiezerscorps +geen invloed, die in verhouding staat met hun +werkelijken aanhang. Maar in de boerenstreken is het +anders; de boer is degelijker, spaarzamer en slaagt er +daardoor meermalen zonder veel moeite in de f 50.— bij +elkaar te krijgen en op de spaarbank te brengen, +of om aan eene van de andere wetsvoorwaarden te voldoen, +die hem het recht geven op de lijst te worden geplaatst. +Men begrijpt bijgevolg, dat de hoofden van de +Sociaal-democratie een soort van ontnuchtering gevoelen +bij het zien van de verminderde resultaten van hunne +propaganda onder deze landbouwklasse, die het meerendeel +uitmaakt van de bevolking van Nederland. In Friesland +heeft het Socialisme, dat zich tot 1890 krachtig onder +de boeren had vertoond, opgehouden veld te winnen, tengevolge +van de actie der Antirevolutionairen en ook eenigszins +als gevolg van de terugkomst naar het platteland +van verscheidene groote grondbezitters.</p> + +<p>In de Roomsche industrieele streken in het zuiden van +Noord-Braband en Limburg zijn de collectivistische denkbeelden +bijna nog niet doorgedrongen. De landbouwstreken +willen er heelemaal niets van weten, en +al zijn in de centra der industrie de arbeidersvoorwaarden +en andere werkelijk bestaande omstandigheden van dien +aard, dat daardoor gemakkelijk de werklieden in de armen +van de socialistische leiders kunnen geworpen worden, zij +zijn toch niet toereikend om hen te doen vergeten, dat +de gepredikte leer geheel tegenstrijdig is met hun godsdienst. +Welnu, voor dit deel van Nederland, dat als het +Oude-Vlaanderen zeer verknocht is gebleven aan den Roomschen +godsdienst, is deze overweging beslissend. Overigens +kan men in 't algemeen zeggen, dat de Nederlandsche +werkman godsdienstig is gebleven en dit is een van de +voornaamste beletselen, die het Socialisme bij zijne uitbreiding +ondervindt.</p> + +<p><span class="pagenum" title="130"> </span><a id="p_130"></a></p> + +<p>De leiders hebben het wel begrepen, en daar zij weten, +dat een frontaanval op hun eigen schade uitloopt, +pogen zij de posities van den vijand om te trekken. In +hunne redeneeringen bewijzen zij den grootsten eerbied +aan de overtuiging en het geloof; zij verzekeren aan een +ieder, die het hooren wil, dat godsdienst zuiver privaatzaak +is, waarmee het Socialisme niets te maken heeft, en die het +daarom ook niet te bestrijden heeft. De heer Van Kol, +oud-afgevaardigde van Enschede, durft wel in het volle +congres uitspreken, dat het in 't belang van de socialistische +beweging is om te toonen dat zij niet anti-Roomsch is. +»Ban dit godsdienstige gevoelen, dat bij velen onder u +wordt gevonden, uit uw midden weg. Zoolang wij er +niet in geslaagd zijn om de godsdienstige menschen in +onze rijen mee te voeren, zullen wij de zege over het +kapitalisme niet behalen”. Maar totnogtoe hebben deze +belangrijke verklaringen in het geheel geen vat gehad op +Roomsche werklieden. Zij herinneren zich terecht dat +de vaders van het Socialisme in Nederland, Gerhard, +Fortuijn, Domela Nieuwenhuis, enz., vrijdenkers waren. +De Socialistische leden van de Tweede Kamer, die den +oud-advokaat Mr. Troelstra volgen, een wegsleepend +redenaar en geducht en bekwaam schrijver over de politiek, +en waartoe Vliegen, de voornaamste redacteur van Het +Volk, Van Kol, Schaper Ter Laan en anderen behooren, +bewegen zich op de groote algemeene, weinig revolutionaire +wegen. Zij zijn overtuigd geworden, dat de Sociale revolutie +zich nog niet kon openbaren en toen hebben zij hunne +methode veranderd en zijn gaan staan in een zeer praktische +houding, werkende voor de onmiddellijke (nu te +verkrijgen) hervormingen.</p> + +<p>Ziedaar wat de intellectueelen der partij, die Troelstra +op min of meer smadelijken toon noemt de groep van den +den »Nieuwen Tijd”, niet zonder schijn van waarheid +hun verwijten. Daartoe behooren personen van burgerlijke +afkomst en met de Duitsche leeringen zeer goed bekend, +Gorter, Mevrouw Roland Holst, Pannekoek, Loopuit, +Mendels, en anderen, die zich om Van der Goes vereenigen +en de anti-socialistische neigingen, welke de partij besmetten, +<span class="pagenum" title="131"> </span><a id="p_131"></a>zonder ophouden bestrijden. Zij komen er toe om +steeds te herhalen, dat onder het hedendaagsche bestuur +de Sociaal-democratie zich verburgert en dat weldra niets +meer haar onderscheiden zal van de Vrijzinnig-democraten. +Het zuivere Marxistische stelsel, zeiden zij, verdwijnt. Op +alle belangrijke en actueele punten van het program is +reeds iets opgeofferd, en er is reeds een schrede naar +rechts gedaan voor het arbeidscontract, de verzekering +tegen ziekte en invaliditeit, den achturigen dag, het +militarisme, het stemrecht voor de vrouw, de scheiding +van Kerk en Staat en ook voor de buitenlandsche politiek. +Dat is de gelegenheidspolitiek, die overal regeert. Troelstra, +zoo zeggen zij nog, is de eerste geweest in ons land om +een algemeene rechtbank als een practisch feit te willen +hebben, maar in een van zijne artikelen houdt hij het +proletariaat terug van deze zelfde algemeene politieke +rechtbank, die op het internationale Congres van Amsterdam +door de Nederlandsche afgevaardigden werd verdedigd. +Dezelfde taktiek, die zoo menigmaal beginselen vergeet, +wordt vertoond, wanneer het socialistische bestuur door alle +middelen de kleinhandelaars en de kleine boeren tot zich +denkt te trekken wanneer zij den achturigen werkdag in +de schaduw stellen, om dien van tien uren te verkrijgen en +wanneer de Kamerfractie, ten koste van betreurenswaardige +overeenkomsten, burgerlijke hervormingen najaagt, terwijl +zij toch den klassestrijd in de Kamer zou hebben in te +leiden zonder zich te weerhouden, om rechts en links +vuistslagen uit te deelen. En de volgelingen van Van +der Goes zijn van meening: »Wij ook willen hervormingen, +maar wij zeggen altijd volgens de oude taktiek: de hervormingen +moeten verworven worden op revolutionaire +wijze en het Socialistische doel moet bovenaan staan. +Maar zij willen het socialisme in een verre toekomst terugzetten +en een partij van hervorming worden. Dat leidt +tot concessies, tot overeenkomst met de democratische +burgers en eindelijk tot deelneming aan een ministerie.</p> + +<p>Zoo is dan de naam van Karel Marx een twistappel +geworden in de Sociaal-democratische Arbeiderspartij en +de echos van den strijd weerklonken sedert drie jaren +<span class="pagenum" title="132"> </span><a id="p_132"></a>reeds op de congressen der partij. In 1907, vooral op het +congres van Haarlem, was de strijd tegen de revisionisten, +tegen de hervormingsgezinden, aangebonden door Gorter, +in naam van den onwraakbaren klassestrijd hevig. Tegen +deze geweldige aanvallen, die Troelstra persoonlijk golden, +verdedigde hij zich met bekwaamheid. Nu eens ironisch +en vleiend, dan weer scherp en minachtend, rechtvaardigde +hij zich, terwijl hij zijne tegenstanders veroordeelde; en hij +eindigde zijn lange rede onder toejuichingen, terwijl hij +de geheele partij bezwoer, dat zij verjongd zou opstaan +vol vertrouwen en eenheid, om over het kapitalisme te +triomfeeren. En het hevige debat, dat gedurende lange +uren had plaatsgehad, kreeg vasten vorm in een dubbele +bevestigende motie, aan de eene zijde, dat de beschuldigingen, +tegen het bestuur gericht, niet waren gegrond, en +aan de andere zijde, dat de vrijheid van kritiek een heilig +en wettig recht bleef voor ieder lid. Al het geschreeuw, al de +bedreigingen van scheuring gingen verloren in een nieuwe +verzoening, en het blad »Het Volk” kondigde zegevierend +voor de partij een nieuwen tijd aan, vrucht van de +behaalde eenheid en gekenmerkt door nieuw vuur en +nieuwe kracht.</p> + +<p>De vreugde was van korten duur. Het conflict tusschen +de beide stroomingen werd des te levendiger hervat met +dagbladartikelen op vergaderingen en door brochures. +Het te Arnhem gehouden congres op den 19en April 1908 +leverde dezelfde oratorische voorstellingen als het vorige +jaar dat van Haarlem.</p> + +<p>De kritiek was even levendig tegen het bestuur, dat +altijd hetzelfde opportunisme vertoonde, en tegen het +officieele orgaan der beweging, dat de vrijheid van bespreking +tegenging. Maar Troelstra was ziek en niet aanwezig +om te kunnen antwoorden. Het waren Schaper en +Vlieger, die hem vervingen, en men scheidde zonder veel +verder te komen dan tevoren. Het eenige resultaat was, +dat de muur van wantrouwen, die langzamerhand opgericht +was tusschen de beide fracties, bestendigd werd. +Men bemerkte het weldra. Het dagblad »de Tribune”, +dat eenige maanden tevoren was opgericht door de onveranderlijke +<span class="pagenum" title="133"> </span><a id="p_133"></a>Marxisten en welks opkomst reeds was veroorzaakt +door het congres van Arnhem, vervolgde zijn +aanvallen tegen de parlementaire fractie. Aan het hoofd +deden Wijnkoop, Ceton en Van Ravesteijn zich kennen +door hunne heftigheid. Troelstra en zijne vrienden, woedend +over deze heftige bestrijding, die zonder ophouden +doorging, besloten er een eind aan te maken en met dat +doel riepen ze een buitengewoon congres op, dat in +Deventer van den 12<sup>en</sup> tot den 14<sup>en</sup> Februari 1909 +werd gehouden. Er was alleen maar kwestie over de +middelen tot herstelling der eenheid, door de verdwijning +van de »Tribune”. De redacteurs ontvingen een ultimatum +om met de uitgave van hun blad op te houden +en zich tevreden te stellen met de Marxistische +ideeën door middel van een wekelijksch bijvoegsel +van »het Volk” te verspreiden. Daar zij weigerden +zich naar deze bevelen te schikken, sprak het congres +met 209 van de 297 stemmen hun uitsluiting uit de +partij uit. Buiten de deur van het socialistische huis +gezet, ondernamen zij den bouw van een nieuw huis, +ter zijde van het andere. Zij vergaderden hunne +volgelingen in een nieuwe partij, die zij noemden: +»de Sociaal-Democratische partij”, stelden een programontwerp +op en bij de verkiezingen van 1909 hadden zij +candidaten in vier districten, maar verkregen slechts een +zwak stemmencijfer.</p> + +<p>Hun uittocht heeft naar het schijnt niets of bijna +niets veranderd in de kracht van de S. D. A. P. Niet +zeer verwonderlijk, want de rechte hoofden van de +Marxistische beweging zijn tegen de verwachtingen +in, in de oude organisatie gebleven; en het congres +van Rotterdam van 11, 12 en 13 April 1909 heeft getoond, +dat zij niets van hunne beoordeelingen, niets +van hunne eischen hadden afgelegd. Hetgeen hen +terughoudt van het verlaten der partij dat is, de onzekerheid +van gevolgd te zullen worden. Het oogenblik +zal waarschijnlijk komen, waarop zij het socialistische +huis onbewoonbaar verklaren, en waarop zij op hun beurt +er uit zullen gaan.</p> + +<p><span class="pagenum" title="134"> </span><a id="p_134"></a></p> + +<h3 id="A4_3"><i>III. De Anarchistische Socialisten.</i></h3> + +<p><ins class="corr" id="corr65" title="Niet in Bron.">»</ins>Wanneer een partij zich splitst<ins class="corr" id="corr66" title="Niet in Bron.">”</ins>, zeide in 1904 de Italiaansche +socialist Ferri op het internationaal congres van +Amsterdam, <ins class="corr" id="corr67" title="Niet in Bron.">»</ins>wordt ieder deel bijna altijd tot het uiterste +van zijne ideeën gedrongen, en indien de eene het ideaal +uit het oog schijnt te verliezen, vergeet de andere, geheel +ingenomen door de beschouwing van zijne beginselen, de +practische behoeften”. Dit woord werd bevestigd, door +hetgeen in de socialistische beweging in Nederland plaats had.</p> + +<p>Terwijl Troelstra en de gematigden langzamerhand +iets van den onveranderden klassestrijd verzachtten en de +strenge leer van Karel Marx veranderden in een hervormingsgezindheid +naar omstandigheden, begaf zich Domela +Nieuwenhuis geheel vervuld met het verlangen om de +volksgunst te behouden en ongerust als alle menschen, +die op het uiterste hunner gedachten gekomen zijn, +meer en meer op de helling, die tot het meer of minder +anarchistische geweld leidt. De volksleider ging tegenover +hen staan, die hij ervan beschuldigde het collectivisme +ten onder te brengen. Met snijdende woorden, +die voor geen enkele beschouwing of argument terugschrikten, +hoe kwetsend of persoonlijk zij ook mochten +wezen, brandmerkte hij de concessies van de politieke +menschen en hun wegzinken in de parlementaire kolk. +Dat was overigens de overtuiging, dat de Tweede Kamer +het revolutionaire zout niet dan smakeloos kon maken +en de komst van den toekomstigen staat oneindig ver +terug deed gaan. Daardoor was hij zelf met de hulp der +omstandigheden er toe gekomen om geheel het politieke +terrein te verlaten.</p> + +<p>Zoo groot was zijn invloed in den Sociaal-Democratischen +Bond, dat na de beslissing van het congres van +Groningen en de scheiding der parlementairen, bijna al +de socialistische troepen hem getrouw bleven. Van de +5000 volgelingen, die zich toen onder zijn bestuur vereenigden, +verliet ternauwernood een honderdtal hem, om +zich te verbinden aan de S. D. A. P. Door Christiaan +Cornelissen geholpen, die met hem redacteur was van +<span class="pagenum" title="135"> </span><a id="p_135"></a>»Recht voor allen”, begaf Domela Nieuwenhuis zich aan +de voortzetting van de Socialistische propaganda, door zuiver +revolutionaire middelen.</p> + +<p>Maar juist op het oogenblik van de scheuring, had hij +zich ter eener zijde tegen de maatregelen der regeering +ter verdedigen. Op het congres van Zwolle in 1892 had +de Sociaal-Democratische Bond zijn program herzien en +had er dezen zin bijgevoegd, dat de Bond zou voortgaan +om met wettige of onwettige, vreedzame of gewelddadige +middelen de vernietiging van de hedendaagsche sociale +verhoudingen te zoeken.</p> + +<p>Door deze verklaring kwam men in botsing met de +wet op het vereenigingsrecht. De regeering zond afgevaardigden +tot de socialistische hoofden om hen te verzoeken, +zich tot de wettige middelen te bepalen; maar +zij wilden er niets van hooren en noch minder er iets +van afdoen. Vervolgingen werden tegen hen ingesteld +en in April 1894 ging de rechtbank te Groningen er toe +over om de ontbinding der revolutionaire organisatie te +eischen, daar zij een aan de openbare orde vijandig doel +beoogde. Het gerechtshof te Leeuwarden en de Hooge +Raad bevestigden het vonnis, dat nog nimmer opgeschreven +was in de annalen van rechtbank en regeering van +Nederland; want men kende slechts dit eenige geval, dat +eener vereeniging de erkenning bij de regeering geweigerd +wordt, of ontbonden is geworden.</p> + +<p>Maar alles was voorzien om deze verdwijning af te +wenden en de asch van den Sociaal-Democratischen Bond, +die op wettige wijze was vernield, gaf dadelijk een nieuwe +vereeniging het aanzijn; de »Socialistenbond”, den 3en +December 1894 op het congres van den Haag gesticht. +En de strijd ging door op leven of dood tusschen parlementairen +en revolutionairen. De eersten hadden met +verontwaardiging geconstateerd, dat de socialistische kiezers +meerendeels niet hadden deelgenomen aan de verkiezingen +van 1893, waarvan de inleg was het behoud +van het ministerie-Tak van Poortvliet en het quasi-algemeene +kiesrecht, en zij spaarden hen niet, maar stelden +hen in hun bijtende kritiek verantwoordelijk voor de +<span class="pagenum" title="136"> </span><a id="p_136"></a>nederlaag. De anderen gaven hun slag voor slag +terug en gebruikten uiterst scherpe bewoordingen. Domela +Nieuwenhuis ging zoover, dat hij hen beschuldigde van +zich te maken tot verdedigers der regeering en van te +worden betaald door de Duitsche Sociaal-Democraten.</p> + +<p>Vrijwillig teruggetrokken uit de politieke actie begaf +hij zich eerst in de syndicaten-beweging en verbond zich +met het Nationaal Arbeidssecretariaat, dat bijna al de +werkliedenvereenigingen vertegenwoordigde en dat aan +zijn invloed onderworpen was. Langzamerhand werkte +hij de leerstellingen uit. Bij het begin van 1898 vatte +hij ze te samen in het encyclopedische werk over »Nederland”. +Met welk een <ins class="corr" id="corr68" title="Bron: omstuimigheid">onstuimigheid</ins> keerde hij zich toen +niet tegen de revisionisten, die »het schoone socialistische +strijdros slechts op bizonder-plechtige gelegenheden uit +den stal haalden en het overige van den tijd er lieten +staan, om het woord te laten aan het program van actie, +waarmede zich ook de radicalen gerust kunnen vereenigen.” +In welke bittere bewoordingen verweet hij hun +niet hun aandeel direct of indirect aan de regeering. +»Het parlement is het werktuig, waarvan zich de besturende +klasse bedient om de klasse der proletariërs ten +onder te houden. Door dit parlement is het, dat de +hedendaagsche staat van zaken zijn zegel door wetgeving +en bestuur ontvangt. Die derhalve aan de volksvertegenwoordiging +meedoet, ondersteunt de burgerij, en daar de +belangen der burgerij niet samengaan met die der proletarieërs +en niet gepaard kunnen gaan met elkander, bevindt +het zich dus tegenover de belangen van het lagere +volk en steunt het en bevestigt het de staatsmachine, +die er toe dient om hen te onderdrukken. Het vertrouwen +op het stelsel der volksvertegenwoordiging is daarom +met de revolutionaire idee niet overeen te brengen, want +wanneer eene partij zich tot hervormingen begeeft, dan +komt zij op den weg van het possibilisme, maar daarmede +verlaat men het terrein van den klassestrijd, waar toch +de beslissende kamp zal geleverd worden.”</p> + +<p>De menschheid, gelukkig in een volkomen gelijkheid, +geen God of meester meer hebbende, zoo zou volgens +<span class="pagenum" title="137"> </span><a id="p_137"></a>hem, het wezen van de toekomstige maatschappij zijn, en +hij besloot dat om er toe te komen, alle revolutionaire +middelen goed zijn, maar die alleen. Onder deze geweldige +middelen is het eerste en niet het minst belangrijke +middel de werkstaking en vooral de algemeene +werkstaking. Elk van deze is een voorpostengevecht in +den socialen oorlog. Zoo verklaart Domela Nieuwenhuis, +die dan vervolgt: »Elke daad van opstand bewijst dat +de slaaf van den arbeid gevoel van zijn persoonlijke +waardigheid krijgt en een verlangen naar onafhankelijkheid, +en ofschoon hij geen kans loopt zich van de boeien +los te maken, die hem kwellen, begint hij aan deze te +trekken, te schudden, en dat is het teeken van den +vooruitgang.”</p> + +<p>»De werkstakingen, zelfs die, welke niet aansluiten +zouden aan elkander, hebben een weldadige uitwerking, +omdat zij tot onderricht en oefening dienen voor de arbeidsklasse, +die niet anders hare bevrijding zou weten te +bereiken dan door den strijd en in den strijd; omdat +deze de werklieden nog vrijwaren tegen slechter levensvoorwaarden, +die zeker hun deel waren indien zij er eenvoudig +in zouden berusten; omdat eindelijk deze hen +leeren te zien, wat nog aan hunne organisatie ontbreekt om +de overwinning te behalen”. In één woord, het is de +heftige agitatie, die voortdurend de volksmenner predikt, +om van de kleinere werkstakingen tot een totale en zoo +mogelijk internationale werkstaking te komen in een tak +van industrie en eindelijk na meer of minder talrijke pogingen +tot één algemeene werkstaking te komen in alle +landen van kapitalistische organisatie.</p> + +<p>Naast deze gezamenlijke oppositiehandelingen komen +individueele oproerige daden te staan. De weigering om +den militairen dienstplicht te vervullen in het leger, dat +opgeroepen was tegen het gepeupel, is er één van; maar +opdat het zijne uitwerking niet zal missen is het noodig, +dat het zorgvol tevoren is voorbereid door een krachtige +propaganda tegen het leger. <ins class="corr" id="corr69" title="Bron: «">»</ins>Geen man en geen duit +voor het militarisme«, dat is de korte formule, die Domela +Nieuwenhuis met kracht omhoog houdt. Doch deze is +<span class="pagenum" title="138"> </span><a id="p_138"></a>nog niet geheel voldoende en hij voegt er aan toe de +propaganda van de daad, de directe handeling, die niet +terugdeinst voor oproer en bommen.</p> + +<p>Wanneer al deze wapenen aan het proletariaat voldoende +voordeelen zullen gegeven hebben, zal de beslissende +eindstrijd tot het laatste algemeene stadium gevorderd zijn. +«Elke revolutionaire periode», zegt hij<ins class="corr" id="corr70" title="Niet in Bron.">,</ins> «is in de geschiedenis +door een tijd van crisis voorafgegaan; de inbezitneming +van de middelen van productie en verbruik door +de arbeidsklasse kan niet totstandkomen dan na een +critieken tijd op algemeen gebied en door alle landen +in al de takken van industrie en na een periode, onmiddellijk +voorafgegaan, van sluiting der fabrieken, scheepstimmerwerken +en andere werkplaatsen, faillissementen van +bankiers- en handelshuizen aan den eenen kant en anderzijds +van werkloosheid met den somberen samenhang van honger +en ellende. Temidden van deze smarten der kindsheid +zal de socialistische maatschappij ontstaan door een periode +van algemeene burgeroorlogen.»</p> + +<p>Indien dit geen verkwikkende voorstelling is, toch heeft +zij tenminste de verdienste van openlijk ons de toekomstige +maatschappij te laten zien, waarin brood en vrijheid +voor allen zal zijn, tengevolge van de afschaffing van alle +gezag, en waarin de hervorming van de productiewijze op +den voet van vrije en gelijke vereeniging van de personen, +die ze voortbrengen, noodzakelijk de geheele staatsmachine +op de plaats zal terugbrengen, die haar toekomt in het +museum van oudheden, naast het spinnewiel van onze +grootmoeders en de bijlen van het bronstijdperk. Doch +ze kan ons den zekeren schrik niet wegnemen door de +belofte van een twijfelachtig geluk.</p> + +<p>Is het noodig naar een reden te zoeken, waarom het +meerendeel der socialistische arbeiders, begeeriger naar +positieve voordeelen dan naar schoone droomen, van welker +verwezenlijking, die nog zoover verwijderd is, zij wisten +dat ze slechts ten koste van zulke offers zou bereikt +worden, niet de »Socialisten-Bond« volgde? Misschien, +maar er waren ook anderen. Ter eener zijde na de +politieke actie, de actie op het gebied van syndicaten. +<span class="pagenum" title="139"> </span><a id="p_139"></a>Uit vrees voor het zien vallen van deze macht in de +handen van den vijand, van de S. D. A. P., die er voet +dreigde te nemen, had zij zichzelve uitgesloten van het +Nationaal Arbeiders-Secretariaat, door het besluit te +doen nemen, dat alleen de ambachtsvereenigingen er +zouden worden toegelaten. Zijne mannen behielden er +het bestuur in, maar er waren geen directe betrekkingen +meer met de syndicaten. De beweging, zoo noodzakelijk +voor het bestaan van een politieke organisatie, werd +bijgevolg tot kleine middelen herleid, tot weigering van +het betalen van belasting of tot obstructie van den gerechtelijken +verkoop, welke alle onvoldoende waren om +de geestdrift voor de zaak te onderhouden.</p> + +<p>Anderzijds hadden Domela Nieuwenhuis en vooral Cornelissen, +geheel opgaande in de bestrijding van de S. D. +A. P. en begeerig het grootst-mogelijke aantal aanhangers +voor zich te behouden, niet kunnen besluiten een nauwkeurige +gedragslijn aan te nemen. En door een uitslag, +tegenovergesteld aan hetgeen zij zochten, hield de Socialistenbond +niet op zich te verzwakken. In 1898 hadden +ze niet meer dan 80 afdeelingen met 2,126 leden. De +contributies waren gedaald tot ƒ 408. Behalve Amsterdam +en Den Haag telde geen enkele afdeeling meer dan 50 +leden. Het blad »Recht voor allen« had een schuld van +ongeveer ƒ 1.000.</p> + +<p>De toestand was dus ver van schitterend, toen plotseling +eene verrassing zich voordeed. Hetzij Domela Nieuwenhuis +ontmoedigd was door het succes van de parlementairen, +bij de wettige verkiezingen van 1897, hetzij hij afstand +wilde doen van zijne macht op het oogenblik, dat deze +nog niet zonder beteekenis was, hetzij hij de twijfelachtige +eer niet wilde hebben de machtige vereeniging die hij +zelf had verwekt tot haar algemeene vernietiging te brengen, +hij trok zich terug uit den Socialistenbond in Maart +1898, ondanks de smeekingen van zijne getrouwen, wierp +zich in de armen van het anarchisme, waar hij naar overhelde +sedert eenigen tijd en richtte een nieuw blad op: +»De Vrije Socialist«, waarvan het eerste nummer 1 April +1898 verscheen.</p> + +<p><span class="pagenum" title="140"> </span><a id="p_140"></a></p> + +<p>Dat was het sein van de algemeene verwarring. Cornelissen +ook verliet de partij om zich in Parijs te vestigen. +Door hunne aanvoerders, en vooral door hem dien zij +zoo langen tijd waren gevolgd, verlaten, verspreidden zich +de leden van den Socialistenbond. De meesten trokken +zich buiten alle organisatie en politieke actie.</p> + +<p>De overigen trachtten den toestand te beheerschen. Op +het congres van Zwolle in 1898 besloten de laatste strijders +uit het revolutionaire leger tot de politieke beweging +terug te keeren, maar zij vormden slechts het overschot +van de groote socialistische bataillons; slechts acht afdeelingen +waren vertegenwoordigd en zij maakten op, dat de +partij ƒ 4.218 schuld had. Tot overloop van ironie +belachte hun oude aanvoerder hun onvruchtbare pogingen +en ried hun bij wijze van bittere scherts aan, zich +met de parlementaire socialisten te vereenigen, jegens wie +zijn haat niet was verminderd. Na eenigen tijd getracht +te hebben zich voort te sleepen, moest de Socialistenbond +er wel toe komen om dit besluit aan te nemen, hoe groot +ook hun tegenzin was. Den 24en Juni 1900 ging het +overschot van den ouden bond over in de S. D. A. P. +Alleen Van der Zwaag, Pennink en eenige anderen gingen +niet weer terug.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>De revolutionaire-socialistische partij had bestaan. Maar +zij was niet geheel dood. Zonder van talrijke Socialisten-anarchisten +te spreken, die afzonderlijk stonden en beinvloed +werden door Domela Nieuwenhuis, hebben hare +beginselen hun prestige bewaard bij de syndicalisten, die +zich hebben verbonden in het Nationaal Arbeids-Secretariaat.</p> + +<p>Wij haasten ons om te zeggen, dat dit Nationaal Arbeidssecretariaat +hetzelfde is als de »<span xml:lang="fr">Confédération génerale du +travail</span>« in Frankrijk. In het verloop van het Internationaal-<ins class="corr" id="corr71" title="Bron: soalistisch">socialistisch</ins> +Congres te Brussel in 1891 geboren, was +het dadelijk begonnen al de neutrale syndicaten te vereenigen +en aan het hoofd daarvan een organisatie van +<span class="pagenum" title="141"> </span><a id="p_141"></a>ambachtslieden te plaatsen. Het aantal syndicaten of +aanverwante vereenigingen was 52 in 1900 met 12.444 +aanhangers; maar terwijl het cijfer der syndicaten steeds +steeg, verminderde het aantal leden, want in 1895 was +het 18.400 over 31 verbonden vereenigingen.</p> + +<p>Het échec van de algemeen werkstaking der transportarbeiders +in 1903, waartoe de socialisten-anarchisten +krachtig mede hadden gewerkt, bracht de beweging +achteruit. Ter eener zijde trokken zich de minst voorspoedige +syndicaten terug, omdat zij de vereischte +contributie niet meer konden betalen, en aan den anderen +kant trokken de groote syndicaten, ontevreden over +het geweld der leiders, partij van de stribbelingen, +die zich langen tijd reeds in het Nederlandsche +Arbeids-Secretariaat vertoonden, en van de oorlogsverklaring +in 1904 tegen hen gericht in de afscheidingscirculaire. +Zij stichtten een nieuwe partij, het Nederlandsche +Verbond van vakvereenigingen, waar Henri Polak en de +machtige Diamantwerkersvereeniging de voornaamste rol +speelden. Het is een feit, dat de ervaring leert, dat wanneer +de revolutionairen kapitalisten worden, de vurigsten onder +hen verstandig worden. Zij vinden het leven minder hard +en de maatschappij minder slecht; zij verzachten den toon +van hunne eischen en zij ontdekken overeenkomst, die +zij in den tijd van hunne armoede met verontwaardiging +zouden hebben verworpen. De groote syndicaten +in Nederland hebben dat doorgemaakt, terwijl het +Nationaal Arbeids-Secretariaat, dat geen verbodsbepalingen +genoeg voor hen heeft, doorgaat met zijne 9 vereenigingen, +zijn 45 syndicaten en zijne 5.000 leden oorlog te voeren +tegen het kapitaal en de reactie, zich van den politieken +strijd ontdoet en de directe actie predikt, oproer, antimilitairisme +en de algemeene rechtbank. Die tot haar behooren, +dat zijn over het algemeen de magere syndicaten, +begeleid door de verarmden, die geen aandeel kunnende +krijgen aan de regeering, zoover mogelijk de logica van +hunne beginselen doortrekken, en die, niets te verliezen +hebbende, alles op het spel zetten; geduchte tegenstanders +van de maatschappij, die tegelijk door hun anarchistische +<span class="pagenum" title="142"> </span><a id="p_142"></a>leerstellingen en hun woesten haat waarmede +zij de klassestrijd prediken, bedreigen. Het is eigenaardig +te zien, dat in alle landen de socialistische beweging heen +en weer schommelt tusschen de parlementairen en de +libertijnen en dat zij slechts aan dezen ontkomt om onder +den invloed van genen weder te geraken. In Nederland +behalen de parlementairen de overwinning, maar de anderen, +de mannen van geweld, zullen zij niet spoedig wraaknemen?</p> + +<hr class="chend20" /> + +<p><span class="pagenum" title="143"> </span><a id="p_143"></a></p> + +<h2 id="B0" class="size133">TWEEDE DEEL.</h2> + +<p><span class="pagenum" title="144"> </span><a id="p_144"></a> +<span class="pagenum" title="145"><br /> </span><a id="p_145"></a></p> + +<h2 id="B1">EERSTE HOOFDSTUK.</h2> + +<div class="subh2">De eerste pogingen en de eerste verbonden.</div> + +<p>In de omstreken van den Moerdijk, tusschen Dordrecht +en Breda, ontrolt zich een eigenaardig landschap.</p> + +<p>De Maas, die pas zich verbonden heeft met den linkerarm +van den Rijn, den Waal, omringt daar in een net +van nauwe kanalen tal van kleine eilanden, welke er door +een reuzenhand schijnen gestrooid te zijn. Maar een +weinig verder, waar deze kleine kanalen de vele eilandjes +verlaten, alwaar het water zich heeft opgehouden en tot +in het oneindige zich heeft verdeeld, vermengen zij +zich, om zich ten slotte door de monden van den Maas +in de zee te werpen.</p> + +<p>Dit is het beeld van de Nederlandsche politiek.</p> + +<p>In Holland zijn de partijen zoo talrijk, zoo verdeeld, +dat het onmogelijk is hunne werkzaamheden te brengen +onder de eenvoudige voorstelling van twee homogene partijen +van bijna gelijke kracht, die om beurt elkander +opvolgen in de regeering, al naardat de meerderheid +verwisselt. Doch, hoe verdeeld ze in werkelijkheid ook +mogen zijn, vereenigen zij, onder den druk der omstandigheden +en der politieke noodzakelijkheid, hun macht in +verschillende breede stroomen, waardoor de golven van +hunne werkzaamheden vloeien.</p> + +<p>Zoo is de toestand, waarin zich de Nederlandsche Roomschen +bij hun optreden in het politieke leven bevonden, +waardoor zij verplicht werden den steun van andere parlementaire +fracties op te zoeken, zoodra zij eenigen invloed +wilden hebben en ook een rol wilden spelen. Als een +<span class="pagenum" title="146"> </span><a id="p_146"></a>belangrijke minderheid, die evenwel onmachtig was op +zichzelve tegenover eene meerderheid, nu eens aaneengesloten, +dan weer gescheiden, altijd desniettemin gereed +om de rechten der tegenpartij door hun aantal te vertreden, +moesten zij wel verbonden aangaan, die nu eens +meer, dan weer minder oordeelkundig of degelijk waren.</p> + +<p>En dikwijls, om niet te zeggen altijd, waren de duur +en de resultaten van deze verbonden, overeenkomstig de +beginselen, die er aan ten grondslag lagen. Het is beslist +waar, dat het de beginselen zijn, die de wereld besturen, +zelfs de politieke wereld, terwijl het evenwel schijnt, alsof +zij van weinig gewicht en kracht zijn tegenover bekwaamheid.</p> + +<p>Het is echter misschien tegen den wil van hen, die de +gebeurtenissen en toestanden trachten te draaien naar +eigen plannen en verlangens, dat dit zich aldus voordoet, +en gewoonlijk bemerkt men het eerst na verloop van tijd.</p> + +<h3 id="B1_1">I<ins class="corr" id="corr72" title="Niet in Bron.">.</ins></h3> + +<div class="subh3"><i>Het Liberaal-Roomsch verbond.</i></div> + +<p>Toen op den 3<sup>en</sup> November 1848 koning Willem II Nederland +plechtig aankondigde, dat het een parlementaire staatsregeling +was geschonken, begroetten de Liberalen en de +Roomschen deze gebeurtenis als den dageraad van een +nieuw politiek leven; de Conservatieven schudden bedenkelijk +het hoofd, en de kleine groep van Antirevolutionairen +zag er tot hun droefheid in den triomf van de beginselen +der Fransche Revolutie.</p> + +<p>Dadelijk bij de nadering van de eerste rechtstreeksche +verkiezingen kwam het land in beroering. Twee stroomen +werden gevormd rondom de nieuwe grondwet. Aan de +eene zijde de Liberalen, krachtig gesteund door de Roomschen; +zij vertegenwoordigden de jeugdige ideeën, die +als het sap in den pas-geplanten boom van het parlementaire +stelsel opstegen. Aan de andere zijde de Conservatieven, +mannen van den verleden tijd, sterk door hun +verkregen invloed, doch wier oude leer, nog wel krachtig, +<span class="pagenum" title="147"> </span><a id="p_147"></a>begon te verbleeken, en hier en daar in het gebladerte +van den ouden olm werden de voorteekenen van den +herfst gezien.</p> + +<p>Ondertusschen bestond de antirevolutionaire groep uit +weinige personen van geringen invloed op den strijd, die +geleverd werd.</p> + +<p>De grondwetsherziening was het werk der Liberalen, zij +had wijding gegeven aan hunne beginselen. Ook deden +zij zich aan het volk voor met den invloed, die het succes +teweegbrengt en met de handen vol beloften voor de +onbelemmerde toepassing van de grondwet.</p> + +<p>Met de Liberalen hadden zich de Roomschen verbonden.</p> + +<p>Voor het eerst zagen zij zich ontslagen van de gedeeltelijke +onmacht, die sedert het begin der eeuw had plaats +gemaakt voor de geheele onmacht van vóór de revolutie. +Zij begroetten deze bevrijding met het gezicht van menschen, +die een langen tijd van droefheid hebben doorleefd, +en zij sloten zich zoo nauw aan bij hen, die hun +een schoone toekomst ontsloten, dat men van hen geloofde +en zei, dat ze in de Liberale partij waren opgegaan. Dat +zij met heeler hart zich met de Liberalen verbonden, +en dat zij hun zonder ze in rekening te brengen de +niet te versmaden hulp aanbrachten van opnieuw ontwaakte +energie. En niemand kon zich daarover verwonderen: +zij hadden denzelfden vijand als de Liberalen te bestrijden, +n.l. het conservatisme, dat hen onder onrechtvaardige +voogdij had gehouden, en dat toen nog het succes van +hun rechtvaardige heroveringen verhinderde, evenals de +vlucht der liberale ideeën. Van den nieuwen geest, die +opkwam, scheen het, dat zij niets te vreezen hadden, maar +alles te hopen. »Men moet wel in 't oog houden«, schreef +veertig jaar later Dr. Schaepman, »dat de liberale partij van +dien tijd een partij van recht en vrijheid kon heeten. +Zeker, ze was van revolutionairen stam, ze had hare wortels +in de beginselen van 1798, maar temidden van reactie +en contra-revolutie scheen het liberalisme heilrijk te zijn. +Het werkte bevrijdend en moedgevend. Het had zijn +stellingen nog niet ten volle ontvouwd en was nog +ongedeeld. De Roomschen waren dankbaar voor het +<span class="pagenum" title="148"> </span><a id="p_148"></a>tegenwoordige en zij verwachtten veel van de toekomst.«</p> + +<p>Hunne verwachtingen bleven niet lang onvervuld. Bij +de verkiezingen van 30 November 1848 triumfeerde de +Liberale-Roomsche coalitie met een groote meerderheid +en de aanvoerders der beweging behaalden een schitterende +overwinning. Thorbecke werd gekozen in vier districten, +Storm in twee, Wichers in twee, Alberda in vier, en de macht +was verzekerd aan de Liberalen: zoodanig was het succes +van dien tijd, dewelke angstig wachtte om den koers van +de nieuwe politiek en de plannen der nieuwe partij te +kennen.</p> + +<p>Tegenover deze uitspraak van den volkswil, werd het +ministerie Donker Curtius na eenige ijdele pogingen tot +wederstand tot vertrekken gedwongen. Thorbecke nam +de teugels van het bewind in handen (1 November 1849). +Een der voornaamste daden van zijn vruchtbaar ministerie +was de belooning der Roomschen voor den trouwen steun, +die aan zijne politiek gegeven werd, door de herstelling +van de katholieke hierarchie in Nederland, van hem te +ontvangen. Hij stemde er des te gereeder in toe, omdat +deze inwilliging was overeenkomstig met zijn beginsel. +Hij was van gedachte dat de verschillende godsdiensten +dezelfde vrijheid moesten genieten, zonder dat een van +hen boven de andere bevoorrecht werd, en dat de staat +een onafhankelijke houding moest bewaren tegenover +de verschillende leerstellingen en geloofsbelijdenissen. +Bijgevolg wilde hij scheiding der beide machten toepassen +en aan de Roomsche Kerk volle vrijheid laten voor +de regeling van haar inwendige belangen. Maar hij had +gerekend buiten den ouden wrok der Protestanten, waarvan +de Nederlandsche grond nog doortrokken was.</p> + +<p>Ternauwernood was de Pauselijke brief bekend, of de +Conservatieven en de Antirevolutionairen traden in het +strijdperk. Zij riepen luide dat het Protestantisme in +gevaar was. Tengevolge van deze actie begon de oude +zuurdeesem van godsdiensthaat te gisten en een krachtige +agitatie bracht het land in beroering. De beweging kwam +op in Utrecht, de universiteitstad, de plaats van antirevolutionaire +aristocratie, van het antipapisme, dat Pius IX +<span class="pagenum" title="149"> </span><a id="p_149"></a>had bestemd tot zetel van den aartsbisschop. De wind +wakkerde spoedig aan tot storm. Tevergeefs poogde +Thorbecke het onweder af te wenden en zijn rondschrijven +aan de commissarissen der provincies vermocht niet de +publieke opinie te kalmeeren.</p> + +<p>De hevige en hartstochtelijke strijd keerde zich tegen +het ministerie, dat men verantwoordelijk stelde voor de +godsdienstige gebeurtenissen. De dagbladartikelen, geschriften +en pamfletten vermenigvuldigden hunne aanvallen. +Een algemeen petitionnement werd georganiseerd en op +den 15<sup>den</sup> April 1853 werd koning Willem III bij zijn jaarlijksch +bezoek aan Amsterdam een adres aangeboden met +51000 handteekeningen van bewoners der hoofdstad.</p> + +<p>Deze krachtige uiting van den volkswil dwong Thorbecke +de regeeringstafel te verlaten. Dat begreep hij en hij +trok zich terug, met zich trekkende drie van zijne collega's: +de heeren Van Zuijlen van Nijevelt, Strens en Van Bosse.</p> + +<p>Op den val van het ministerie volgde Kamerontbinding +en nieuwe verkiezingen bevestigden de Aprilbeweging. +De Liberale-Roomsche coalitie was geslagen; de Conservatieven +en Antirevolutionairen kregen de macht in handen. +De Liberalen verlieten gedecimeerd het slagveld. De nederlaag +had bij voorkeur hen getroffen, die tot de eigenlijke +partijgangers behoorden van Thorbecke, de »Thorbeckeanen«, +zooals men ze noemde. De groote minister +zelf was niet weder verkozen dan door de dankbaarheid +der Roomschen, die hem de overwinning bezorgden in +twee van hunne districten: Maastricht en Breda.</p> + +<p>Door dit succes werden de hoofden dezer beweging +aangevuurd. Het nieuwe ministerie: Van Hall-Donker +Curtius gaf de wet op bescherming der eerediensten, een wet +gericht tegen de Roomschen, die aan de eene zijde belemmerende +maatregelen inhield tegen het brengen van +kerksieraden buiten de gebouwen en besloten plaatsen, +en aan de andere zijde de Oud-Bisschoppelijke secte verhief +tot den rang van erkende kerk met een aartsbisschop +van Utrecht, een bisschop van Haarlem en een van Deventer.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p><span class="pagenum" title="150"> </span><a id="p_150"></a></p> + +<p>Al deze gebeurtenissen echter hadden het verbond van +Roomschen en Liberalen versterkt. Men geloofde dat het +niet kon ontbonden worden. De wet op het lager onderwijs +van 13 Augustus 1857 toonde dat het minder sterk was dan +men dacht.</p> + +<p>Terwijl alle Liberalen deze wet, die het neutrale openbare +onderwijs invoerde, ondersteunden, kwam er splitsing +onder de Roomschen. Eenigen, bovenal in aanmerking +nemende de bezegeling van de vrijheid van onderwijs, +vervat in de wet, en vol vertrouwen in een oprechte +onpartijdigheid, mengden hunne stemmen in het liberale +concert; anderen, in getal gelijk, niets ziende dan de +gevaren van de neutrale school en haar praktijk, verklaarden +er zich sterk vijandig tegen.</p> + +<p>De schoolkwestie was gesteld, zij zou op noodlottige +wijze het verbond van de Roomschen met de Liberalen +oplossen. Hunne beginselen op dit punt waren te veel +tegenover elkander gesteld, om tot overeenstemming met +elkander te komen.</p> + +<p>Bovendien begonnen de Liberalen, in den aanvang zeer +edelmoedig, een al te drijverige houding aan te nemen +en zich te leenen tot partijdige handelingen. De vertegenwoordigers +hielden er rekening mee te meer, dat rondom +haar zich een ontzagwekkende meerderheid in het land +vormde en de medewerking der Roomschen hun noch +noodig noch zelfs nuttig meer toescheen. Waartoe zouden +zij van toen af meer concessies doen aan bondgenooten, +die nergens meer voor konden dienen?</p> + +<p>Gedurende nog eenigen tijd geleek de bond veel op +een vogel, die vleugellam geschoten door het doodelijk +lood nog niet kan sterven. Maar andere grieven paarden +zich bij de schoolkwestie en brachten dezen bond den +genadeslag toe.</p> + +<p>Het waren ten eerste de Pauselijke Encycliek en de +Syllabus van 8 December 1864, waarin de onvereenigbaarheid +van Roomsche met liberale beginselen uitblonk. +De slotsom er van was, dat het moderne levensbegrip +tegenover het Christelijke stond. De houding van de +liberale pers, wier aanvallen met den dag levendiger werden +<span class="pagenum" title="151"> </span><a id="p_151"></a>en drukker, toonde duidelijk dit fondamentale verschil, +terwijl de toepassing der wet op het lager en middelbaar +onderwijs hen ook in daden van elkander deed +verschillen.</p> + +<p>Aan de andere zijde volgde Nederland met een opmerkzaam +oog de gebeurtenissen, die in Italië plaatshadden. +Ook op dit punt bleek er scheiding te zijn tusschen de +Liberalen en de Roomschen. Zij verzwegen inderdaad +hunne goedkeuring niet voor de houding van Piemont +en van de Liberalen in Italië. De Roomschen ondersteunden +daartegen met kracht de heilige rechten van het +Pausdom.</p> + +<p>De breuk was onvermijdelijk en de scheiding, uit tegenovergestelde +beginselen en neigingen voortkomende, was +volkomen zelfs vóór den dood van Thorbecke, toen in +Juni 1867 het eerste ministerie Heemskerk het bestuur +der zaken in handen nam.</p> + +<p>De Liberale-Katholieke bond had bijna achttien jaren +geduurd. Zij had aan de Liberalen de macht bezorgd +en aan de Roomschen zekere rechten en vrijheden, alsmede +een zeker ontzag voor hen, als gevolg van het aandeel, +dat zij zijdelings aan de regeering hadden gehad.</p> + +<h3 id="B1_2">II.</h3> + +<div class="subh3"><i>Het verbond der Conservatieven met de Roomschen.</i></div> + +<p>Daar de Roomschen nu aan hun eigen macht waren +overgelaten, en zij slechts ternauwernood een vijfde der +bevolking uitmaakten en vijftien afgevaardigden naar de +volksvertegenwoordiging van vijf-en-zeventig leden met +moeite konden zenden, daar gevoelden zij hunne onmacht.</p> + +<p>Zij onderzochten daarom den politieken toestand, zooals +zij zich aan hun oog voordeed, met de verwachting om +nog bondgenooten te vinden onder degenen, die hen omgaven.</p> + +<p>Aan de eene zijde zagen zij hun oude vrienden de +Liberalen, de geheele linkerzijde innemende, in overwegend +aantal, die echter door innerlijke verschillen over een +<span class="pagenum" title="152"> </span><a id="p_152"></a>koloniale kwestie pas de macht voor het oogenblik hadden +verloren.</p> + +<p>Zij wachtten slechts op een gunstige gelegenheid, om +er weder boven op te komen, want hun kwam de meerderheid +in het Parlement toe.</p> + +<p>Aan den anderen kant bevonden zich onder de rechterzijde +meer of minder belangrijke fracties, de Conservatieven, +de Roomschen en de Antirevolutionairen. Deze laatsten +weinig talrijk, hadden geen gelijke inzichten op politiek +terrein, het waren enkele leden, en het zou voor hen zeker +te zwaar geweest zijn een partij op te richten.</p> + +<p>De Conservatieven, of zooals men ze dikwijls noemde, +de Liberaal-conservatieven telden in hun meer-gesloten +rangen merkwaardige mannen van groote bekwaamheid: +hun ontbrak eenheid en samenhang. Zij vormden niet +meer de partij der aristocraten, de groote protestantsche +partij, maar gematigd, gekalmeerd en gefnuikt, bestreden +zij den vooruitgang niet meer, naar de mate dat zij van +hun kracht en luister verloren. Zij waren alleen nog +slechts de bleeke Liberalen. In het Parlement toonden zij +zich tegenstanders van de politiek der getrouwe volgelingen +van Thorbecke of Fransen van de Putte. En tegen +dezen keerden zich ook de Roomschen, die evenzoo stelling +innamen tegen hun voormalige bondgenooten, welke +van hunne zijde zich van allen schijn ontdeden en zich +meer en meer ontpopten als anticlericalen.</p> + +<p>Het ministerie, dat aan de regeering was, hetwelk men, +als het derde in één jaar, den naam gaf van »Kamerministerie« +was de getrouwe weerschijn van de verschillende +deelen der volksvertegenwoordiging; het was even bont +als het kleed van harlekijn. Aan zijn hoofd stond minister +Heemskerk, die zich betoond had een der uitnemendste +mannen van de Tweede Kamer te zijn. Een der leden, +de heer Borret, was Roomsch ter zijde van twee Antirevolutionairen, +volgelingen van Groen van Prinsterer n.l. de +minister van Buitenlandsche zaken Van Zuijlen en van +Koloniën Mijer. De eenige band, die deze ongelijke elementen +verbond, was de conservatieve neiging, die in allen +in meerdere of mindere mate aanwezig was.</p> + +<p><span class="pagenum" title="153"> </span><a id="p_153"></a></p> + +<p>Het was een ministerie van overgang, tot stand gebracht +door zeer eigenaardige omstandigheden, dat, als gevolg +van de stelselmatige vijandelijkheid der Liberalen, de grootste +moeilijkheden had <ins class="corr" id="corr73" title="Bron: de">te</ins> overwinnen. Wat nog nimmer in +de parlementaire jaarboeken was opgeschreven, geschiedde +nu; in een tijdsruimte van twee jaren werd twee maal de +Kamer ontbonden en een beroep gedaan op de getrouwheid +van het Nederlandsche volk.</p> + +<p>Bij de verkiezingen, die op de eerste ontbinding volgden, +vertoonde zich voor het eerst het verbond der Conservatieven +met de Roomschen. Dit gaf aan het ministerie +eenige stemmen meerderheid in den strijd, waarin het +ging om deze voorname zaak, of men in Nederland een +koninklijk, dan wel een parlementair ministerie zou +hebben. Bij de Roomschen en Conservatieven hadden +zich ook een aantal Antirevolutionairen gevoegd.</p> + +<p>Het ministerie ontmoette denzelfden steun bij de tweede +Kamerontbinding, maar deze herhaalde uitoefening van +het grondwettig recht bracht het land in geweldige +beroering. De liberalen vergaten hunne geschillen en +vereenigden zich in heftige oppositie; zij noemden de +ontbinding een niet-te-rechtvaardigen aanslag op de +rechten van het volk, een misbruik van het koninklijk +recht van ontbinding, een complot tegen het neutrale +onderwijs, gesmeed door Roomschen, Antirevolutionairen +en Conservatieven.</p> + +<p>Tegen de verwachting van het gouvernement brachten +de verkiezingen geen merkbare verandering in de sterkte +der partijen.</p> + +<p>Voor den tegenstand, die den minister ontmoette temidden +van de onstuimige debatten der nieuwe Kamer, moest +hij wel het veld ruimen. De geestkracht van den eersten +minister en zijne bekwaamheid hadden den onverwrikbaren +tegenstand niet kunnen overwinnen. En dit leverde tenslotte +het schouwspel van een parlement zonder wezenlijke +regeering gedurende bijna vijf maanden, als gevolg +van politieke geschillen. Toch bracht het herhaald en +wellicht verkeerd gebruik van het recht van ontbinding +deze instelling door den slechten uitslag niet in mistrouwen, +<span class="pagenum" title="154"> </span><a id="p_154"></a>zoodat ze van nu aan veilig onder de merkwaardigheden +van een vorige eeuw kon gerangschikt +worden.</p> + +<p>Gelijktijdig met den val van het ministerie, ging het +verbond tusschen de Roomschen en de Conservatieven +teniet. Dit verbond was een misslag geweest, want de +Roomschen kregen er niet veel voordeel van, maar wel +veel vijandschap. Wat meer is, het was sedert zijn begin +ten doode verwezen, want het was een toenadering, door +de omstandigheden bewerkt en geenszins op degelijke beginselen +gegrond.</p> + +<p>Zooals het wel gaat met oude verbroken vriendschapsbanden +en met bedrogen liefde, hadden zij zich uit haat +tegen de Liberalen, die hen bedrogen hadden in hunne +verwachtingen, in de armen der Conservatieven geworpen +zonder te bemerken, dat deze partij, waarmede zij zich +verbonden, instaat van ontbinding verkeerde en dat zij +niets hadden te winnen dan vijandschap en impopulariteit.</p> + +<p>Zij hadden echter wel eenige verontschuldiging voor +deze politiek van vergelijk. Velen onder hen deelden de +meeningen van de Conservatieve partij, zoodat zij door +hunne houding hunne bondgenooten niet van zich afstootten. +Bovendien was het een woelige tijd en de partijen waren +voor nieuwe groepeeringen te vinden; de Roomschen +durfden niet, gewoon als zij waren door een verbond +ondersteund te worden, in het parlementaire leven verder +gaan zonder hulp en bescherming.</p> + +<p>Het ergste was, dat zij de grondbeginselen vergaten en +in 't bizonder de schoolkwestie uit het oog verloren; want +zij wisten, dat de Conservatieven op dit punt hun geen +voldoening konden of wilden geven.</p> + +<p>De val van het ministerie en vooral de herderlijke brief +van de gezamenlijke bisschoppen riepen hen terug tot de +beginselpolitiek en gaven hun eenheid, moed en waardigheid +in hun afzondering.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Een nieuw ministerie had de teugels in handen genomen, +<span class="pagenum" title="155"> </span><a id="p_155"></a>hetwelk Thorbecke een rechtschapen ministerie<ins class="corr" id="corr74" title="Bron: ,"></ins> +noemde; onvervalscht, geheel overeenkomstig de kleur +van het land. Toen het den 9den Juni 1868 zich presenteerde +aan de Kamer, verklaarde de minister van Buitenlandsche +Zaken, Fock, dat de regeering elke herziening +van de wet op het lager onderwijs volkomen weigerde.</p> + +<p>Dadelijk verhieven de vijf bisschoppen hunne stem en +in een gezamenlijk herderlijk schrijven, stelden zij plechtig +de plichten der Roomsche ouders tegenover de neutrale +school vast.</p> + +<p>De ministerieele verklaring en het manifest der bisschoppen +hadden een belangrijken terugslag op den politieken +toestand, die nog zoo verward was; zij brachten er licht +en regeling aan.</p> + +<p>Het onmiddellijke resultaat was dat de schoolstrijd de +spil werd van den strijd der partijen. Men scheidde zich +van nu aan in het Parlement en in het land in voor- en tegenstanders +van de neutrale school; sommigen wilden, dat +de wet van 1857 gehandhaafd werd en zelfs nog verscherpt; +anderen stelden voor als doel van hun strijd zoo +al niet afschaffing van het openbare neutrale onderwijs +dan toch de gelijkstelling van de vrije school met de +openbare. De eersten waren alle Liberalen, de andere alle +partijen met confessioneele kleur, de Roomschen en de +Antirevolutionairen.</p> + +<p>Deze nieuwe partijverdeeling bracht weldra den dood +aan de Conservatieve partij. Deze oplossing begon zich +dadelijk te vertoonen en duurde ternauwernood eenige +jaren, onvermijdelijk als zij was vanaf het oogenblik, dat +de schoolkwestie den grondslag vormde van de politieke +beweging. Want juist over deze zaak hadden de Conservatieven +geen vaste meening en, als alle partijen van +het juiste midden, waren zij ten doode gedoemd, zoodra +de omstandigheden hen dwongen zich uit te spreken. +Deze noodzakelijkheid bracht hen voor een <ins class="corr" id="corr75" title="Bron: dilemna">dilemma</ins>, dat +zij niet konden overkomen, n.l.: òf zich te verklaren +vóór de neutrale school en dan tot de Liberalen over te +gaan; <ins class="corr" id="corr76" title="Bron: of">òf</ins> de herziening van de wet van 1857 te eischen +en dan bij wijze van consequentie zich aansluiten aan de +<span class="pagenum" title="156"> </span><a id="p_156"></a>Antirevolutionairen. Geen andere uitweg bleef hun open.</p> + +<p>Dadelijk bij het begin rangschikten zich een groot aantal +Conservatieven onder de Antirevolutionaire banier, die +Groen van Prinsterer met onuitblusschelijke geestkracht +omhoog hield.</p> + +<p>Zoo leverde dan bij het einde van het jaar 1868 het +politieke slagveld dezen aanblik. Op de hoogten van de +macht was het Liberale kamp gelegerd, waar van tijd tot +tijd innerlijke geschillen rezen, maar de eenheid werd +volkomen, zoodra het gold de verdediging van de bastions +van de schoolwetgeving, waaromheen zij in gesloten +rijen zich legerden. In de vlakte stonden de bataillons +der Roomschen en de escadrons der Antirevolutionairen, +die zonder verpoozing de vijandelijke stellingen aanvielen. +Deze beide troepen handelden ieder op zichzelf en voerden +elk voor zijne rekening den heiligen schoolstrijd.</p> + +<p>Maar wie kon niet zien, dat deze actie tegen een +zelfden vijand noodzakelijk moest uitloopen op meer of +minder erkende samenwerking, op meer of minder nauwe +verbinding? Inderdaad werd dit practisch, zoo door de +langzame werking der omstandigheden, daarna ook openlijk +op principieel terrein.</p> + +<p>Tusschen beide in bewogen zich met bedachtzame langzaamheid +eenige Conservatieven, een oud overblijfsel van +een machtig verleden, of achterblijvers van het Liberale +leger, die nu eens in het ééne, dan weder in het andere +kamp het overschot van hun ervaring en de voorzichtige +kracht van hun arm aanbrachten.</p> + +<hr class="chend20" /> + +<p><span class="pagenum" title="157"> </span><a id="p_157"></a></p> + +<h2 id="B2">TWEEDE HOOFDSTUK.</h2> + +<div class="subh2">De Christelijke Coalitie.</div> + +<hr class="chbegin" /> + +<h3 id="B2_1"><ins class="corr" id="corr77" title="subhoofdstuk verplaatst ná horizontale lijn">I.</ins></h3> + +<div class="subh3"><i>De historische redenen voor de Christelijke Coalitie.<ins class="corr" id="corr78" title="Niet in Bron.">—</ins>»De Schoolstrijd.«</i> +<ins class="corr" id="corr79" title="horizontale lijn"></ins></div> + +<p>De vijandelijkheden tusschen Liberalen en Anti-liberalen +werden met veel afwisseling voortgezet en van beide zijden +met onverminderde hevigheid.</p> + +<p>Onder het derde ministerie Thorbecke stemde de Tweede +Kamer na een heftig debat, dat drie geheele dagen duurde, +op den 17en November 1871 met 39 stemmen tegen 34 +stemmen voor de opheffing van het Nederlandsche gezantschap +bij den Heiligen Stoel, omdat de paus de +wereldlijke macht verloren had.</p> + +<p>De Roomschen lieten een »Adres aan den Koning« in +het land rondgaan, om hem te smeeken zijn gezantschap +niet op te heffen.</p> + +<p>Spoedig was het door 400,000 handteekeningen onderteekend, +maar het bleef zonder resultaat; den 4en Februari +1872 werd de Hollandsche attaché bij den paus +teruggeroepen.</p> + +<p>Deze maatregel gaf den weg te zien, die de liberale +ideeën sedert 1850 doorloopen hadden. In zijn eerste +<span class="pagenum" title="158"> </span><a id="p_158"></a>ministerie had Thorbecke de Roomsche hiërarchie hersteld +in Nederland, tengevolge waarvan hij zich had moeten +terugtrekken voor de aanvallen van de Conservatieven en +Antirevolutionairen. In zijn derde ministerie zag zich de +oude staatsman gedwongen de opheffing van het Nederlandsche +gezantschap bij den Heiligen Stoel te onderteekenen +en alleen daardoor kon hij de macht behouden.</p> + +<p>Meegesleept door de ontwikkeling van zijn eigen beginselen, +eindigde hij zijn langdurige loopbaan met een +daad van godsdienstige vijandelijkheid; een loopbaan, dien +hij zoo welwillend voor de vrijheid der kerk begonnen was. +De schoolstrijd werd er voor de Roomschen door verscherpt, +maar het heftigst geschiedde dat door de wet van 1878.</p> + +<p>Ondertusschen was Thorbecke gestorven en de liberale +partij was, door haar voortdurend grootere verdeeldheid, +onbekwaam geworden om het bestuur der zaken in handen +te houden. Toen deed men beroep op een van die neutrale +ministeries van het juiste midden, waardoor de heer +Heemskerk zoo bekend was, en die niet steunden op een +meerderheid in de volksvertegenwoordiging, maar alleen +op de geschiktheid en alom erkende bekwaamheid van +den eersten minister, diens groote werkkracht en rechtvaardige +waardeering van zijne collega's.</p> + +<p>Onderwijl vestigden de tegenstanders, zonder van hun +aanvallen af te laten, hun blik op de handelingen +van het ministerie. Heden toezicht houden, morgen regeeren; +dat was het wachtwoord, hetwelk Kappeijne in die +dagen de liberale troepen toeriep; zoo was de houding +van zijne partij tegenover deze voorloopige regeeringen.</p> + +<p>Ondertusschen had onder het ministerie Heemskerk +de schoolkwestie zulk een plaats in de voorloopige besprekingen +der volksvertegenwoordigers ingenomen, dat alle +pogingen om haar weer te verbannen bij het tweede +ontwerp hadden schipbreuk geleden.</p> + +<p>In haar »adres van antwoord« op de troonrede verklaarde +de Eerste Kamer eenstemmig den 19en September 1874, +dat zij hoopte, dat de wet op het lager onderwijs ongeschonden +en buiten alle bespreking zou blijven; doch het +volk wilde herziening van de wet van 1857.</p> + +<p><span class="pagenum" title="159"> </span><a id="p_159"></a></p> + +<p>Aan den eenen kant vroegen de kerkelijken wetten en +subsidie voor het vrije onderwijs; aan de andere zijde streden +Volksonderwijs, het Nederlandsch Onderwijzersgenootschap +en de Maatschappij tot 't Nut van 't Algemeen voor voltooiing +van de schoolwet, heeling harer breuken en herstelling +harer fouten.</p> + +<p>Het ministerie bewaarde er het stilzwijgen over en wilde +zich aan de kwestie onttrekken, maar door de omstandigheden +werd het met geweld er toe gedrongen.</p> + +<p>Den 21en Februari 1876 deed de afgevaardigde A. +Moens, inspecteur van het lager onderwijs te Utrecht een +voorstel voor de herziening van de wet van 1857, die +niet aan de orde was.</p> + +<p>Tegenover deze poging achtte zich het ministerie verplicht +een wetsvoorstel in te dienen, waarin de bekwame +eerste minister beproefde de verschillende meeningen te +vereenigen en al de partijen tevreden te stellen. Maar, +zooals het in den regel gaat met alle pogingen van die +soort, ze stelde niemand tevreden.</p> + +<p>Middelerwijl gaven de verkiezingen aan de Liberalen +een overwegende meerderheid in de Kamer en een bijna +volkomen eenstemmigheid in zekere deelen van het land. +Bij de terugkeer der Kamer liet Kappeijne van de Coppello, +de aanvoerder van de liberale oppositie, een motie +van berisping in het antwoord op de troonrede insluiten +over de houding der regeering in de schoolkwestie. Deze +formeele oorlogsverklaring werd gevolgd door een heftige +discussie, die eindigde met de aanneming van de motie +en den val van het ministerie.</p> + +<p>De Liberalen gevoelden zich sterk. Zij dachten het +oogenblik om zelf de regeering in handen te nemen gekomen. +Kappeijne nam den presidentshamer op in een +geavanceerd liberaal kabinet, dat zelfs een radicalen tint +bezat. Zijn doel was een besluit te nemen over de schoolkwestie +in den geest van zijn radicale ideeën. Onverwijld +zette hij zich aan het werk en was spoedig gereed.</p> + +<p>De wet, brengende herziening van de wet van 13 Augustus +1857, werd aangenomen op den 18en Juli 1878 met +52 tegen 30 stemmen in de Tweede Kamer en den 10en +<span class="pagenum" title="160"> </span><a id="p_160"></a>Augustus daaropvolgende met 26 tegen 10 stemmen in +de Eerste Kamer.</p> + +<p>Daarin werd het beginsel van de wet van 1857 bewaard +en tevens verscherpt, waardoor aan al de wenschen der +Liberalen werd toegegeven, behalve op het punt van leerplicht. +De rechten van het algemeen waren op het stuk +van onderwijs verminderd in het belang van den staat; +het toezicht op het onderwijs werd verscherpt; de leerstof +vastgesteld.</p> + +<p>De Roomschen en Anti-revolutionairen hadden met volharding +gestreden tegen het totstandkomen dezer wet. Zij +eischten eenstemmig dat de Staat bewilligde aan de vrije +school subsidie te geven en de strengheid van zijn toezicht +verminderde. En, inplaats van aan hun rechtvaardige +eischen toe te geven, toonde de wetgever eerder zijne +vijandigheid tegen het vrije onderwijs.</p> + +<p>Nog deden zij, waar zij de aanneming dezer strenge wet +niet konden verhinderen, een laatste poging vóór hare +afkondiging. Zij namen de toevlucht tot het uiterste +middel, dat in Nederland in al de politieke kwesties van +veel gewicht wordt aangewend; zij deden een beroep op +het volk bij wijze van een ontzaglijk volkspetitionement, +waarin den koning gebeden werd om geen bindende kracht +aan de wet te geven. Alras was dit geschrift met 300,000 +handteekeningen van de Antirevolutionairen en meer dan +200,000 van de Roomschen onderteekend. Doch de koning +verborg zich achter zijne hoedanigheid van constitutioneel +vorst en aan de afgevaardigden, die de resultaten +brachten van dit soort van raadgeving der natie, gaf hij +een vriendelijk, maar ontwijkend antwoord.</p> + +<p>Van toen af was alle hoop verloren. De wet werd den +17en Augustus 1878 onderteekend. Desniettemin werd +zij, als gevolg van den tegenstand der antiliberalen en +meer nog als gevolg van de moeilijkheid om de noodzakelijke +hulpmiddelen voor hare toepassing te vinden, eerst +den 1en November 1880 van kracht.</p> + +<p>De Roomschen en de Antirevolutionairen hadden een +volslagen nederlaag geleden, maar daar zij streden voor +een beginsel, dat van de vrijheid van onderwijs en de +<span class="pagenum" title="161"> </span><a id="p_161"></a>gelijkstelling der scholen voor de wet, was hun nederlaag +voor hen geen oorzaak van val. Integendeel, gedurende +dezen veldslag, dien zij hadden verloren, hadden zij zonder +ophouden zijde aan zijde gestreden, hadden zij elkander +wederkeerig aan het werk gezien. Uit deze gemeenschappelijke +handeling was wederzijdsche achting geboren.</p> + +<p>De tegenspoed bracht hen nog nader tot elkaar. Zij +gaven elkander de hand voor den heiligen strijd en er +kwam een verbond tusschen hen tot stand, eerst in 't +geheim, om enkele jaren later openbaar te worden. De +liberalen noemden dit het »monsterverbond«, welke naam +zij tevoren reeds aan het verbond tusschen de Roomschen +en de Conservatieven hadden gegeven. Dit was de Christelijke +Coalitie.</p> + +<h3 id="B2_2">II<ins class="corr" id="corr80" title="Niet in Bron.">.</ins></h3> + +<div class="subh3"><i>De theoretische gronden voor de Christelijke Coalitie.—De godsdienstkwestie.</i></div> + +<p>Het is zeker, dat deze Coalitie bij het eerste begin +ontstemming bracht in een land, waar de godsdiensttwisten +tusschen Protestanten en Roomschen zoo hevig +waren en de dogmatische godgeleerdheid zooveel vat +heeft op de gemoederen. Het scheen dat de poging om +deze eeuwenoude tegenstelling weg te nemen en daarvoor +een meer of minder nauwe vereeniging inplaats te +stellen, niets minder was dan van het verledene geen +partij te trekken, het onderwijs der geschiedenis te versmaden +en zichzelf bijna zeker een ongelukkigen afloop +op den hals te halen.</p> + +<p>Ook betoonden zich onder de belanghebbenden velen +groote twijfelaars aan deze vreemde samenkoppeling van +machten, die anders vijandelijk en tot dien tijd onverzoenlijk +tegenover elkander stonden. <ins class="corr" id="corr81" title="Bron: Zil">Zij</ins> geloofden op z'n +best aan een tijdelijken wapenstilstand, maar niet aan een +duurzaam verbond, en zij vreesden, dat, wanneer de onvermijdelijke +breuk eenmaal voltrokken was, op de periode +<span class="pagenum" title="162"> </span><a id="p_162"></a>van vrede een vijandelijkheid in dubbele mate zou volgen. +Hun leek het verbond, maar in wat minderen graad dan +den Liberalen, tweeslachtig en monsterachtig toe.</p> + +<p>Zij vergisten zich. De Christelijke coalitie was niet het +gekunstelde werk van één mensch of van één dag. Geen +geschreven oorkonde had officieel het in aanzijn +geroepen. Het verbond verbeeldde zich niet een onmogelijke +ineensmelting van zeer heterogene bestanddeelen teweeg +te brengen. Het was slechts een samenkomen van +onafhankelijke machten, die, zichzelf blijvende, hunne +pogingen in het werk stelden in een bepaalde richting +en naar een gemeenschappelijk doel. En bovendien was +dit samenkomen het resultaat van de omstandigheden.</p> + +<p>Het voorloopig verslag over de begrooting der Eerste +Kamer van 1905 schetst den toenmaligen in verband met +den tegenwoordigen toestand zeer juist in de volgende +woorden.</p> + +<p>»Vroeger ontmoette men ter eenerzijde de liberale staatslieden +van verschillende schakeeringen en ter anderer zijde +de conservatieve staatslieden van onderscheiden kleur op +dezelfde manier beiden werkzaam. Maar naarmate dat +de verschillende staatslieden hun eigenlijke punten hadden +afgedaan en het godsdienstvraagstuk vooropgesteld +werd, kwam er verandering in de groepeering der partijen +en meer en meer kwamen degenen, die aan de bovennatuurlijke +waarheden vasthielden in botsing met hen, +die de onafhankelijkheid der rede erkenden. En zoo +kwam het, dat de afdeelingen van positief Christelijk geloof, +door den druk der omstandigheden tot wederkeerige +achting en vertrouwen geleid, zich gezamenlijk hebben +verstout tot gemeenschappelijke actie in het politieke +leven, dewelke geen enkel partijleider kon bewerken door +zijn eigen invloed en die geen oppositie onredelijk mag +noemen.”</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>In een opmerkelijk artikel in 1869 in »De Gids” eindigde +professor Buys zijne beschouwingen over de Conservatieve +<span class="pagenum" title="163"> </span><a id="p_163"></a>partij met deze woorden: <ins class="corr" id="corr82" title="Niet in Bron.">»</ins>dat zij achter het verrotte +en doorboorde vuurscherm van de conservatieve +staatskunde slechts zeer moeilijk zich kon ontveinzen, +dat weldra de groote strijd zou ontbranden, de worsteling +tusschen de moderne en de antimoderne begrippen der +wereld.”</p> + +<p>Het woord van den grooten theoreticus van het Liberalisme +in Nederland was volkomen waar; het waren +werkelijk twee beginselen, die duidelijk op het oogenblik, +dat hij schreef, met elkander handgemeen werden. Het +was waarlijk de godsdienstige kwestie, die in den schoolstrijd +uitgevochten moest worden.</p> + +<p>De godsdienstkwestie is overal van zulk een gewicht, +dat zij de staatkunde en de geschiedenis der volken beheerscht; +want als omschrijving dient, dat de staatkunde +tenslotte niet anders is dan het zoeken naar eigen middelen om +het best het einddoel van een staat te verwezenlijken. +Noodzakelijk is de bepaling van het doel, dat de menschen +in een maatschappij levende, zich moeten voor oogen +stellen, van grooten invloed op de stof; en naarmate men +aan deze of aan gene zijde van het graf het hoogste doel +van het menschelijke leven plaatst, neemt men theorieën +aan, die volkomen tegenover elkander staan en inwerken +op het denkbeeld, dat men zich van de staatkunde +maakt, welke <ins class="corr" id="corr83" title="Bron: ideëen">ideeën</ins> de politiek zelfs beheerschen. +Men kan niet voorwenden, dat er een ernstige staatkunde +kan bestaan, die niet op eenige moreele leerstelling is +gegrond. De feiten toonen het elken dag aan. Het is +van de allergrootste noodzakelijkheid, dat de partijen, +indien ze willen blijven bestaan, hunne meening, hun +systeem en hun program vestigen op een moraal, en +de waarde van hun moraal geeft de waarde aan van +hun politiek.</p> + +<p>Daardoor wordt de staatkunde geheel beheerscht door het +theoretisch antwoord op de vraag: Wat is goed en wat +is kwaad? Daar vloeien de dagelijksche toepassingen op +de veranderlijke omstandigheden van het leven uit voort.</p> + +<p>Is dit recht of is dit onrechtvaardig? Dat is de +vraag, die ieder oogenblik wordt gesteld.</p> + +<p><span class="pagenum" title="164"> </span><a id="p_164"></a></p> + +<p>En daar men geen goede moraal kan hebben zonder +godsdienstigen grond, mag men besluiten, dat de godsdienst +het innerlijke leven is van de staatkunde en dat +verschil van grondstelling in den godsdienst noodzakelijk +medebrengt verschil van program en gedragslijn in de +staatkunde.</p> + +<p>Welnu, men heeft zich in den nieuweren tijd op godsdienstig +gebied twee gansch tegenovergestelde meeningen +gevormd, n.l.: de erkenning van een Opperwezen, levensbeginsel +van de wereld en richtsnoer der maatschappij; en +de ontkenning daarvan door het spiritualisme en het materialisme. +Dit zijn de beide theorieën, die, zelfs in de +staatkunde van dit oogenblik een verwoeden strijd veroorzaken, +en men kan er ten minste uit te weten komen +of de staat officieel atheistisch moest zijn, of hij het bestaan +van God moet loochenen, of dat hij zich ten minste +moet gedragen, alsof God niet bestond.</p> + +<p>In Nederland is die vraag in den eersten tijd niet met +zulke nauwkeurigheid gesteld. Het liberalisme, dat ongeveer +in alle landen van kracht was en nergens meer dan +in Nederland, kenmerkte zich nog door een flauw spiritualisme; +het erkende nog een soort van hoogere zedeleer, +die niet uit een godsdienst werd afgeleid, maar die boven +allen stond, zoo iets als een uittreksel van de verschillende +godsdienstige zedekundige stelsels, ontdaan van alles wat +op dogmatiek geleek. Maar om den godsdienst bekommerde +het zich niet; dit was privaatzaak en de staatkunde +mocht er zich niet mede bemoeien.</p> + +<p>Nochtans werd deze onbestemde moraal, zoo zwevend +als ze geworden was, krachteloos, omdat men, door haar +van den positieven geopenbaarden godsdienst te scheiden, +er schimmen zonder substantie had van gemaakt. Thans +bleef niets anders over dan de stelling van de onfeilbaarheid +der menschelijke rede, zich trotsch verheffende tegen +de openbaring, en een leer, die in den naam van de vrijheid +en van de wetenschap met hare vervolging doorgaat +tegen den godsdienst.</p> + +<p>Deze evolutie in de theorie doet zich gevoelen door +onmetelijke gevolgtrekkingen voor de maatschappij, n.l<ins class="corr" id="corr84" title="Niet in Bron.">.</ins>: +<span class="pagenum" title="165"> </span><a id="p_165"></a>verzwakking van den eerbied voor de overheid; aanvallen +op het gezinsleven en het huwelijk, die met den dag +scherper worden; de verschrikkelijke vermeerdering van +onzedelijkheid en misdaad, allerlei bedrog en opstand.</p> + +<p>Men moest wel erkennen, dat het liberalisme geen vast +kenmerk had om goed en kwaad van elkander te kunnen +onderscheiden en dat zijne zedeleer, ontbloot van alle +vastigheid, niets was dan overdreven rationalisme of verkapt +materialisme.</p> + +<p>Toen kwam het helder aan den dag, dat de ware strijd +in het gesloten kamp der staatkunde geleverd werd niet +tusschen twee of meer afzonderlijke godsdiensten, maar +tusschen den godsdienst en de godloochening; tusschen +geloovigen en ongeloovigen; genen de Godheid van Christus +erkennende, »het Woord werd vleesch«, wiens persoon +is en blijft het middelpunt van het Christendom, en de +openbaring van het geheele menschelijke leven beheerscht; +dezen haar loochenend, die in Christus, indien al niet een +boosdoener en verleider, slechts een wijs mensch van +hoogen rang, evenals Boeddha en Socrates zien. Genen +maken bij de oplossing van politieke vraagstukken gebruik +van het verstand, door de Heilige Schrift verlicht en +geleid en door de regelen van de geopenbaarde moraal; +dezen van hun persoonlijke rede alleen, ontdaan van alle +hoogere kennis, die in haarzelve als menschelijke rede +de volledige waarheid en het volstrekte recht vindt.</p> + +<p>De eersten eindelijk houden rekening met de gedachte +van het toekomende leven en bijgevolg met de zedelijke +behoeften der natie, de anderen, wier blik niet verder +reikt dan tot aan het graf leeren dat een volk slechts +stoffelijke belangen, slechts nuttigheden en geen behoeften +op zedelijk gebied heeft.</p> + +<p>Dat waren derhalve wel twee geheel tegenovergestelde +opvattingen, die aanwezig waren en elkander de opperheerschappij +betwistten in het bestuur der maatschappij, evengoed +als in het gedrag van den enkelen mensch. Aan de +eene zijde de opvatting door den negentien-eeuwen-ouden +Christelijken godsdienst in de wereld gebracht, aan den +anderen kant de vernieuwde opvatting der modernen van +<span class="pagenum" title="166"> </span><a id="p_166"></a>het paganisme, dat weer in eere is gekomen door de beginselen +van de Fransche Revolutie.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Dat conflict der leeringen, dat antagonisme van godsdienst +en godloochening in theorie, ligt in meerdere of mindere +mate ten grondslag aan de staatkunde van alle landen +van Europa.</p> + +<p>Bijna overal hebben evenwel menschen van grooten +geest, met uitnemende plannen bezield, gemeend dezen +onvermijdelijken strijd binnen de grenzen te houden +en hem door een rechtvaardige neutraliteit te kunnen +beletten het politiek terrein binnen te dringen. Ze zijn +van gedachte geweest de godsdienstkwestie uit de staatsregeering +te kunnen verbannen, door de oogen er voor +te sluiten; door ze niet in het aangezicht te zien. Zij hebben +den verkeerden weg gevolgd en hun bekwame +taktiek heeft het onverwachte gevolg gehad van hunne +leeringen een onverstelbaar en verschrikkelijk verlies te +bezorgen. Gelijk de heer S. Van Houten gaarne erkende, +»de ijdele gedachte, dat deze gisting buiten het politieke +kamp kon blijven of omgekeerd, dat de staatkunde buiten +den invloed van deze gisting kon worden gezet, heeft zich +reeds opgelost.”</p> + +<p>De overtuiging met betrekking tot het leven in 't algemeen +en tot zijn eigen leven is voor iedereen, geloovige of ongeloovige, +de regel van het gedrag en terzelfder tijd de grond +van de vereischten, die hij voor zich en voor anderen aan +het denkbeeld van staat en maatschappij verbindt.</p> + +<p>Bij dezen strijd van wezenlijk-bestaande begrippen, +komen de andere kwesties op den achtergrond. De bestrijding +van het Conservatisme door de progressisten was +slechts een geschil over de aanpassing der beginselen aan +de veranderende omstandigheden van het leven; zij raken +de beginselen zelve niet en zij kunnen dikwijls teruggeleid +worden tot eene kwestie van meer of minder.</p> + +<p>Zelfs de klassestrijd is, om zoo te zeggen slechts een +toevoegsel, de doortrekking van het antagonisme der verschillende +<span class="pagenum" title="167"> </span><a id="p_167"></a>begrippen van het menschelijke leven en van +de bestemming der wereld gaat verder en dieper. Zij is +de logische gevolgtrekking van de moderne opvatting en +streeft in het kort naar de verwezenlijking in de praktijk +voor den staat van het theoretisch atheisme.</p> + +<p>Eigenaardig verschijnsel: het aandeel, dat een steeds +aangroeiend aantal burgers aan de politiek neemt, is niet +geschikt om deze antithese te verzwakken, maar maakt +haar gevoeliger, dieper en onvermijdelijker. Professor +Buys kenschetste in 1869 deze bijzonderheid op duidelijke +wijze: »Dat men”, zoo schrijft hij, »tot eene in zeker opzicht +belangrijke en algemeene uitbreiding van kiesrecht +komt, dat kan den tweestrijd slechts scherper en zwaarder +maken, inplaats van hem te verminderen; want het is +noodig dat de Conservatieven het goed weten dat naarmate +men dieper in het volk graaft, men naar dezelfde +mate de oorspronkelijke, dat is te zeggen absolute, eenvoudige +beginselen aan allen overgang vreemd, terrein +ziet winnen en die onbepaalde kleur, die, op de oppervlakte +verspreid, voor de conservatieve oogen zulk een +bekoring heeft, ziet verdwijnen.”</p> + +<p>De schoolstrijd, dat wil zeggen, de strijd voor de opvoeding +en vorming der jeugd heeft de godsdienstkwestie +in de volksdroomen ingebracht, maar hij is slechts een +van de vormen van het conflict, hetgeen professor Buys +noemde een kenteeken van het conflict, dat de antithese +ons doet gevoelen, haar uit de theoretische denkkring +voert, maar met hare oplossing het einde van den strijd +der beginselen niet medebrengt. Zelfs wanneer men de +schoolkwestie onderstelt opgelost te zijn, dan is daarmede +de antithese niet verdwenen, ze slaat dan over op een +ander terrein en de strijd wordt met nieuwe scherpte hervat, +totdat een van de beide begrippen van het leven de +volkomen overwinning behaald heeft.</p> + +<p>Tot dien tijd zijn alle maatregelen en elke bekwaamheid +ijdel; zij kunnen tijdelijk een uitweg aanbrengen, de logische +ontplooiing der beginselen voor een oogenblik beletten, +maar als de kunstmatige hindernis uit den weg geruimd +is, dan ontbrandt de strijd des te heviger. Volstrekt denkbeeldig +<span class="pagenum" title="168"> </span><a id="p_168"></a>is de scheiding van kerk en staat, die naar het +zeggen van sommigen het vraagstuk op gelukkige wijze +zou oplossen, door aan de tegenstanders een grens aan +te geven, dewelke verboden was over te gaan, en door +hen onderwijl tot de erkenning te brengen, dat de politiek +neutraal terrein is. Buys tenminste aarzelt niet om het +te erkennen: »De wet”, zegt hij, »mag kerk en staat van +elkander scheiden, die beide blijven nauwer dan ooit +vereenigd in de ziel van het volk.”</p> + +<p>Deze verschillende gegevens hebben in Nederland van +de godsdienstkwestie de leidende gedachte gemaakt van de +verbonden en in zeker opzicht de scheidingslijn van de +politieke wateren. Zij is het, die het aanzien heeft gegeven +aan de beide groote stroomingen, die sedert ongeveer +dertig jaren links en rechts de handeling der partijen +met zich medebrengt. Door haar werden de Roomschen +en geloovige Protestanten, de Antirevolutionairen of +ultra-calvinisten, zooals men hen noemt, tot de noodzakelijkheid +gedwongen, om hunne krachten te vereenigen ten +einde het aan alle Christenen gemeenschappelijk goed te +verdedigen. Zij zagen, dat de strijd niet meer, zooals in de +zeventiende eeuw, ging tusschen het Roomsche Katholicisme +en het Protestantisme, maar dat hij gevoerd werd tusschen +den godsdienst en de godloochening. Meegesleept door +de omstandigheden om op hetzelfde terrein en voor +dezelfde beginselen te strijden, ontdekten zij, dat onder +de verscheidenheid van neigingen en programmen zich +een algemeene grondslag bevond, het erfgoed van den +Christus, de voorschriften van het Evangelie en van de +Christelijke moraal. Dit is hetgeen Dr. Schaepman aan +de eene zijde en Dr. Kuyper aan de andere zijde, twee +mannen, die grooten invloed hebben uitgeoefend van +groot belang op de toekomst van hunne partij, steeds zonder +ophouden hebben geleerd. Door hun volhardende +onvermoeibare actie gelukte het hun, hunne medeburgers van +het gevoel der noodzakelijkheid te doordringen om de vroegere +vijandschap weg te doen en in een gemeenschappelijke +overeenkomst de stammen van eenzelfden wortel, de +takken, uit eenzelfden stam voortkomende, te omvatten. +<span class="pagenum" title="169"> </span><a id="p_169"></a>Zij hadden veel te doen om de vooroordeelen weg te +nemen, de stille vijandschap dateerende uit den voorvaderlijken +tijd, het wantrouwen bij den een, de onbuigzame +stijfheid bij den ander, een geheel van overleveringen +en vooroordeelen, die in de praktijk het gelukken +van de gedachte eenheid verhinderden. Maar toen de overeenstemming +over de wezenlijke beginselen eenmaal maar +was vastgesteld, was de eenheid beklonken in een meer +of minder nabijzijnde toekomst. Het was nu meer een +kwestie van tijd en van gelegenheid.</p> + +<p>Zeker, waar het verbond zoo was gesticht, daar had +dit het verschil van programmen niet doen verdwijnen +noch de partijen van hun bijzonder karakter beroofd. Zij, +die zich er over verwonderen, en die er reden aan ontleenen +om het punt van uitgang van de overeenkomst +voor valsch te verklaren, vergeten dat, waar zij dezelfde +beginselen bezitten, dit in geenen deele verhindert dat +er verschil kan bestaan over de manier van toepassing. +Nog sterker: het is onmogelijk, dat in het werk van iederen +dag er zonder ophouden onder hen, die de fouten +van de maatschappelijke organisatie erkennen, gelijkheid +van gevoelens zou wezen over de middelen ter +genezing.</p> + +<p>Bovendien moet men niet uit het oog verliezen, dat +de Hervorming een einde gemaakt heeft aan de zedelijke +eenheid van Nederland en dat zelfs in de politiek dit +feit gewichtige gevolgen heeft. Daarom is er nooit sprake +van geweest, om één Christelijke partij op te richten, +die waarschijnlijk onmogelijk en zeker ongelukkig zou +zijn, maar eenvoudig een verbond van verscheidene partijen +te vormen, die zichzelf blijven, hun eigen karakter +en organisatie bewaren en zich vereenigen voor een bepaald +doel, dat kan worden samengevat in deze woorden: +de herstelling van de wetgeving des lands op christelijken +grondslag en van ons volksleven.</p> + +<p>Een verbond van dat soort heeft niets wanstaltigs, want +het rust op de gemeenschap van grondbeginselen, en het +beantwoordt aan den regel der politieke groepeeringen, +zooals de heer Van Houten zelf het in 1893 uitsprak. +<span class="pagenum" title="170"> </span><a id="p_170"></a>Men moet niet uit het oog verliezen, dat er geen reden +van afscheiding is dan daar, waar het doel verschilt.</p> + +<p>Onder de hedendaagsche omstandigheden is er geen +ander dan een vereeniging uit beginsel. Sommigen spreken +wel sedert eenigen tijd van partijverwarring, gevolgd +door een nieuwe, gezonde, redelijke rangschikking, die tot +grondslag en voor resultaat zou hebben de Conservatieven +aan de rechterzijde en de vooruitstrevenden aan de linkerzijde +van de regeeringstafel in de Tweede Kamer te +plaatsen.</p> + +<p>Op welke grondbeginselen zou deze nieuwe rangschikking +gegrond zijn? Men kan ze niet ontdekken, want +het eenige gestelde vraagstuk zou ten slotte slechts zijn +een kwestie van gelegenheid, van neiging, of van geaardheid, +vereenigende voor een meer of minder langen tijd +menschen, komende van alle punten van den horizon.</p> + +<p>Toch is dat de eenige oplossing, waar men toe komt, +indien men vooropstelt dat de godsdienstkwestie in theorie +en in de praktijk vreemd is aan de politiek en dat deze +bij wijze van consequentie niet meer is dan een handigheid +of een uitweg. Maar wie zou dit nog durven beweren +in den hedendaagschen tijd?</p> + +<p>Daartegenover, indien men voor waar houdt, dat de +politiek is een wetenschap en een kunst, die zich gronden +op beginselen, en dat schijnt onwedersprekelijk, waar +is meer dwaasheid, meer onredelijkheid bij eene vereeniging, +die tegelijk conservatieven en vooruitstrevenden van +eene zelfde overtuiging omvat, of bij eene vermenging +van menschen alleen conservatief of uitsluitend vooruitstrevend, +partijen van verschillende beginselen die tegenovergestelde +oogmerken op het oog hebben?</p> + +<p>Men vergeet te zeer de groote wet van de historie. De +instellingen zijn niet duurzaam, tenzij zij in het verleden +geworteld zijn. Evenzoo vorderen de natuur en de menschelijke +maatschappij niet met sprongen, met slagen, maar +door regelmatige ontwikkeling; dat is te zeggen, dat zij +op verstandige wijze vooruitgaan.</p> + +<p>Indien de geavanceerden van alle partijen er toe geraken +om de moeilijkheid van zich op een gemeenschappelijk +<span class="pagenum" title="171"> </span><a id="p_171"></a>program te verstaan, te overwinnen en dank zij de +samenwerking, zij de macht in handen kregen, zou er +dan geen reden zijn om te vreezen, dat de al te haastige +hervormingen, te weinig gematigd, aangebracht worden +op te onnatuurlijke wijze en met te grooten haast? +Welnu slechts welingerichte hervormingen zijn duurzaam +en slechts duurzame hervormingen zijn gunstig voor de +algemeene welvaart.</p> + +<p>Daar, waar het conservatieve element fout gaat, ontbreekt +een regelaar, noodzakelijk voor den goeden gang der +maatschappij. Ziedaar de rol, die het wel-begrepen conservatisme +heeft te spelen tegenover jongere beginselen, +welke hun loop willen verhaasten met de onstuimigheid aan +jeugdige overtuigingen eigen, en met een vervoering van +jeugdig vuur.</p> + +<p>Indien het conservatisme deze rol vervult, zal het gelukken, +dat de vernieuwing zich beter zal aanpassen aan het voorafgaande, +dat zij er de regelmatige ontwikkeling van zal zijn.</p> + +<p>Het is dus wenschelijk dat er tegelijkertijd conservatieven +en vooruitstrevenden in dezelfde groep zijn. Want hunne +pogingen zijn gewoonlijk noodzakelijk voor de toepassing +der beginselen aan de wezenlijk levende en samengestelde +feiten van het leven.</p> + +<p>Maar, opdat het zoo zij, moeten de conservatieven zich +niet opsluiten in blinde en onverzettelijke verachting +en moet de teugel, dien zij gewoonlijk bij een al te snellen +gang gebruiken, niet zonder ophouden belemmerend werken +om zoo elke beweging te verhinderen.</p> + +<p>Dan, wanneer de conservatieve fractie van eene partij +of een verbond feitelijk de algemeene actie tot volledige +onmacht terugleidt, dan alleen zou het verstandig +kunnen zijn het terrein der beginselen te verlaten om een +ander minder-sterke positie, steeds van lageren rang, +aangewezen door de omstandigheden, op te zoeken, omdat +op het program, dat men met de hulp van meer of minder +geschikte bouwstoffen zou kunnen opstellen, altijd de ziel er +aan zou ontbreken, die de eenheid en het leven aan er geeft.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p><span class="pagenum" title="172"> </span><a id="p_172"></a></p> + +<p>Overigens, door nog van hoogere zijde de zaken te +bezien, bemerkt men, dat het verbond der geloovigen, inplaats +van onredelijk te zijn, aan een zeer gezonde opvatting +van de plaats, die de staat in de moderne maatschappij +heeft in te nemen, beantwoordt.</p> + +<p>Indien het waar is dat God bestaat, heeft de staat niet +het recht zich te gedragen alsof Hij niet bestond; hij kan +dan officieel het atheïsme niet belijden. Indien hij bij +geval deze houding aannam, zou hij zichzelven veroordeelen +tot de anarchie, die elke maatschappij afbreekt.</p> + +<p>Waarlijk, de voor de sociale orde noodzakelijke macht, +die wezenlijk eenig recht bezit<ins class="corr" id="corr85" title="Bron: .">,</ins> n.l. het recht van bevelen, +vindt haar eenigen waren grond in God.</p> + +<p>Deze macht is niet onwettig: zij bestaat in evenredigheid +met het doel van den staat; zij is gegeven voor +het algemeen welzijn. Daaruit volgt dat de staat +niet zou mogen opleggen wat volstrekt kwaad is; want +hij zou het zedelijk kwaad niet kunnen aanwenden tot +het welzijn van allen.</p> + +<p>De staat moet derhalve onderscheid maken tusschen +goed en kwaad. Daarvoor is een criterium noodig, een +leer, een moraal. Waar zal men ze vinden? Tenminste +indien hij niet in de lucht wil bouwen, zal hij ze zoeken +in den godsdienst. Er is geen ware moraal zonder godsdienst, +men kan nog verder gaan en zeggen: zonder Christelijken +godsdienst, want die is de meest-vaste en zuiverste +moraal, de beste wijsbegeerte, de eenvoudigste en tevens +diepst-gaande wetenschap.</p> + +<p>De staat mag zich niet ontslagen denken van den +godsdienst, God mag niet vreemd blijven aan de +staatkunde, omdat de staat voor de menschen is ingesteld +en de politiek, die de kunst is om de maatschappij +te regeeren, voor hen van het hoogste belang is.</p> + +<p>Moet men daaruit besluiten, dat de staat officieel een +godsdienst moet belijden en dat de godsdienst, dien hij belijdt, +de eenige ware is? Moet hij dezen beschermen en er +een soort van wereldlijken arm van worden?</p> + +<p>Een ernstige en moeilijke kwestie voorwaar, waarbij +men tegelijk moet vermijden om naar het verleden de +<span class="pagenum" title="173"> </span><a id="p_173"></a>verhoudingen van den tegenwoordigen tijd in te richten, +en in den tegenwoordigen tijd weder de zaken van den +verleden tijd in te brengen.</p> + +<p>Een feit moet vooral niet uit het oog verloren worden, +dat in zekere landen de Hervorming, in andere de +Fransche Revolutie, de eenheid van godsdienst en moraal +verbroken heeft. Een diepgaand verschil is er ingekomen +en men is niet meer eenstemmig in de beantwoording +van de vraag, wat dan waarheid is; en het +verschil van geloof brengt mee een noodzakelijke groote +verdraagzaamheid, het eenige middel om onder de burgers +orde en vrede te bewaren, die onmisbaar zijn voor het +algemeen welzijn.</p> + +<p>Uit deze voorname zaak volgt, dat in het meerendeel +der hedendaagsche volken de staat geen partij mag trekken +vóór of tegen een bijzonderen godsdienst, diens zaak +aan zijn eigen zaak niet officieel mag verbinden, maar +zich moet beperken tot de taak, dat de vrijheid van alle +deze verzekerd wordt.</p> + +<p>Dat wil niet zeggen, dat de staat verplicht is tot onzijdigheid. +Wanneer hij deze valsche houding aanneemt, +dewelke slechts een bedekte loochening is, bedriegt hij +zichzelven. Want indien hij al niet onder de verschillende +godsdiensten bepalen mag, wat de eenige ware is, moet +hij toch den godsdienst, het godsdienstig gevoelen, beschermen, +zoo hij niet zijn eigen verderf wil najagen.</p> + +<p>Evenzeer als de wetgever, om zijn wetboek op te stellen, +zijne keuze moet doen uit tegenover elkander staande +denkwijzen en degenen straft, die de instellingen, welke +hij heeft bekrachtigd, trachten te ondermijnen, evenzeer +heeft de staat zich ten gunste van de godsdiensten uit te +spreken, indien hij zich niet wil leenen tot het bevorderen +van zijn eigen val.</p> + +<p>Het staatsatheïsme en practisch materialisme, dat eruit +tevoorschijn komt, zijn de verdervers van de orde in de +maatschappij. Zij vermogen geen moraal of orde te scheppen. +Door de loochening van God en van plicht, verdienste +en onsterflijkheid, die er uit voortkomen, sturen +zij recht op de anarchie aan.</p> + +<p><span class="pagenum" title="174"> </span><a id="p_174"></a></p> + +<p>Waar is het, dat weinig materialisten tot aan het einde +toe hun stelsel durven doortrekken. Er zijn zekere grenzen, +die ze in de praktijk vreezen over te trekken, en bijna +allen stemmen nog in meerdere of mindere mate in een +wetgeving, en in een maatschappelijke organisatie voor de +maatschappij waarin zij leven, terwijl hun stelsel hen +logisch tot de opheffing daarvan zou brengen. Maar deze +grenzen gaan iederen dag meer en meer terug door den +onwederstaanbaren druk van de beginselen. De grondbegrippen +van de maatschappij zijn reeds langzamerhand ondermijnd +door dien allengs sterker wordenden golf van Godloochening. +Eertijds zeide men, dat de godsdienst, het +eigendomsrecht en het gezin den grondslag vormden van +de maatschappij. De materialistische strooming heeft bijna +overal den eerste weggevoerd en daardoor zullen de beide +anderen van hun steun beroofd, op hun beurt wegzinken.</p> + +<p>Daarom hebben zich de geloovigen uit verschillende +partijen, Roomschen en Protestanten, vereenigd rondom de +Christelijke moraal, die haar middelpunt in den persoon +van Christus heeft en hare ontplooiing in zijn onderwijs. +Zij zijn van oordeel, dat deze leer, ondanks alle bestrijding +nog in wezen altijd even krachtig en jong, temidden van +de <ins class="corr" id="corr86" title="Bron: ruinen">ruïnen</ins>, die zich ophoopen zoover het oog reikt, de +eenige krachtige schutsmuur is tegen het steeds sterker +wordende atheisme; de eenige grondslag, die de vastheid +der maatschappij kan verzekeren en groote rampen kan +voorkomen.</p> + +<hr class="chend20" /> + +<p><span class="pagenum" title="175"> </span><a id="p_175"></a></p> + +<h2 id="B3">DERDE HOOFDSTUK.</h2> + +<div class="subh2">Twintig jaren van strijd.</div> + +<hr class="chbegin" /> + +<h3 id="B3_1">I.</h3> + +<div class="subh3"><i>De grondwetsherziening.</i></div> + +<p>De Liberalen hadden zich vereenigd rondom de wet van +1878. Alle pogingen waren er op gericht om een beslissende +overwinning te behalen.</p> + +<p>Maar toen de overwinning eens was verkregen, kwam +des te grootere wanorde en oneenigheid in het liberale +kamp. Kappeyne sleepte in zijn gevolg een deel van de +Liberalen mede naar een radicalisme, dat met den dag zich +scherper belijnde; terwijl Gleichman, zoo goed of kwaad als +het ging de achterblijvers verzamelde, die deze evolutie +teleurstelde en verschrikte. Geen van de beide deelen had +een program en op alle andere kwesties dan die der Schoolwet, +dewelke de Liberalen voor afgedaan en onveranderlijk +hielden, was groote verwarring van begrippen.</p> + +<p>En deze tweedracht sloeg over op het ministerie. De +eerste minister Kappeyne in overleg met Tak van Poortvliet +eischte grondwetsherziening en in 't bizonder, uitbreiding +van kiesrecht; de minister van financiën Gleichman en +verscheidenen zijner collega's oordeelden deze tenminste +nu niet aan de orde. Dit verschil van gevoelen was voor +het ministerie Kappeyne noodlottig. Het viel weldra tengevolge +<span class="pagenum" title="176"> </span><a id="p_176"></a>van inwendige geschillen, waarmede in onmacht +een tijd van een-en-twintig maanden afgesloten werd, die +begonnen was met de krachtige voorbereiding en spoedige +aanneming van een schoolwet, welke blijken zou te zijn +de zwanenzang van de liberale macht.</p> + +<p>Een ministerie Van Lijnden trad thans op; een ministerie, +tweeslachtig, noch liberaal noch conservatief in den +gewonen zin van het woord, liever een politiek voerende +van gematigd liberalisme, dat zich in de regeering +handhaafde tengevolge van de verschillen der liberale partij +en dat in de oogen van de anti-liberalen een zakenkabinet +was.</p> + +<p>Toen het zich terugtrok, poogden de Liberalen zelf het +bestuur en de regeering in handen te nemen. Koning +Willem III benoemde Tak van Poortvliet om een nieuw +ministerie samen te stellen, maar deze staatsman, radikaal +in zijn gedachten en handelingen, stelde als voorwaarde +de belofte, dat de koning het initiatief van een grondwetsherziening +zou nemen. De koning weigerde en men +had het bijzonder geval, dat afgetreden ministers na vier +maanden crisis hunne portefeuilles wederom opnamen +om ze weldra opnieuw over te geven ter wille van uitbreiding +van kiesrecht.</p> + +<p>Bij dezen tweeden val van het ministerie wendden de +Liberalen nieuwe pogingen aan, eveneens onvruchtbaar. +De innerlijke verdeeldheid was zoo sterk, dat de verschillende +deelen niet tot overeenstemming konden komen. +Deze keer had de koning, die weigerde onder het +Caudynsche juk van de Radikalen door te gaan, zich tot de +gematigden gericht. Verscheidene malen hadden Van +Rees en Gleichman beproefd een liberale combinatie te +vormen. Maar zij hadden treurig gefaald.</p> + +<p>Den strijd moede keerde zich Willem III tot den man, +die de toevlucht in menigen wanhopenden toestand voor +de regeering was geweest, Heemskerk, wiens groote hoedanigheden +en bekwaamheid de gevaarlijke hinderpalen +overwonnen. Deze waarlijk buitengewone staatsman regeerde +op wonderbare wijze zonder flinke meerderheid +in de Kamer en behield het gezag ondanks de wisselingen +<span class="pagenum" title="177"> </span><a id="p_177"></a>van de meerderheid, ondanks zelfs de wijzigingen in +zijn eigen ministerie. Hij aarzelde niet de Kamer te ontbinden, +wanneer hij een hardnekkige oppositie wilde verbreken, +en zonder vastgesteld program slaagde hij er in +zijne regeering langdurig en vruchtbaar te doen zijn.</p> + +<p>Zijn derde ministerie duurde vijf jaren en verkreeg +het record van duurzaamheid in Nederland. Evenwel zag +het twee verwisselingen van de meerderheid in de Tweede +Kamer en een ongewone opvolging van ministers: vier +van Marine, twee voor Buitenlandsche zaken, twee voor +Financiën, twee voor Koloniën en twee voor Waterstaat.</p> + +<p>Temidden van deze wijzigingen bleef de eerste minister +onbewegelijk en behield de teugels met vaste handen. +Ondanks alle moeilijkheden, bracht hij hervormingen aan.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Op het oogenblik, dat Mr. Heemskerk opnieuw aan +de regeering kwam, was de kwestie van grondwetsherziening +gesteld. Het was onmogelijk zich er van te bevrijden. +Het bleek meer en meer, dat de grondwet van +1848 in vele punten niet meer aan de behoeften van den +tijd beantwoordde. Zij bevatte veel bedenkelijks en gebreken, +voornamelijk vele beslissingen, die uit de nieuwe +grondwet moesten genomen worden en in een afzonderlijke, +gemakkelijk te wijzigen wet moesten worden opgenomen. +Vóór alles verweet men haar, dat zij het kiesrecht +voor de benoeming van de leden van verschillende hooge +colleges verbond aan een bepaalden aanslag in 's rijks +belastingen. Het opkomen van den vierden stand tengevolge +van verbeterd onderwijs en toenemende welvaart, was +oorzaak, dat van verschillende zijden stemmen oprezen +voor algemeen kiesrecht. De democratische stroom, die +in andere landen uitbreiding van kiesrecht medebracht, +begon zich met kracht te doen gevoelen; hij dreigde de +perken van de grondwet over te gaan; men moest de +bedding verruimen, indien men niet wilde dat de stijgende +vloed buiten zijn oevers trad en de vlakte overstroomde.</p> + +<p>Minister Heemskerk begreep het en hij spande zich +<span class="pagenum" title="178"> </span><a id="p_178"></a>voor deze taak in, na de goedkeuring van den koning +verkregen te hebben, wien het bevorderen van nieuwe +<ins class="corr" id="corr87" title="Bron: ideëen">ideeën</ins> niet behaagde<ins class="corr" id="corr88" title="Niet in Bron.">.</ins></p> + +<p>Toch was deze beweging voor Grondwetsherziening niet +diep doorgedrongen in het volk, dat zich meer onverschillig +toonde. De hervorming was vooral gewild door +de Liberalen, en ofschoon zij zeer verdeeld waren over de +wijze van behandeling, trachtten zij toch niettemin het +volk van de noodzakelijkheid te overtuigen.</p> + +<p>Tegenover de Liberalen hadden de Roomschen en Antirevolutionairen +op dit punt een speciale taktiek. Zij +stonden niet vijandig tegenover deze herziening, integendeel, +velen onder hen, vooral bij de Antirevolutionairen +keurden haar goed, maar zij maakten haar ondergeschikt +aan de herziening der schoolwetten, die voor hen het +voorwerp bleef, waartoe ze sedert 1878 bijzonderlijk alle +krachten inspanden. Dat men beginne met herziening +van artikel 194 van de grondwet en met de toestemming +van gelijkheid in beginsel van vrije scholen en openbare +scholen; vervolgens zullen wij de andere zaken, die men +zal willen, herzien. Zoo spraken en besloten ze: Grondwetsherziening +is goed, maar vóór alle dingen eischen wij recht.</p> + +<p>Toen de minister zijn voornemen aankondigde om over +te gaan tot de herziening en eene Staatscommissie benoemde +om ze voor te bereiden, behoorde de meerderheid +in de Kamers aan de Liberalen. Op hun steun dan +ook rekende hij om de groote voorgestelde hervorming +tot stand te brengen. Evenwel had ternauwernood de +bijzondere commissie van onderzoek haar taak voleindigd, +of de meerderheid verplaatste zich en de Kamer ging om.</p> + +<p>Den 28<sup>en</sup> October 1884 hadden de algemeene verkiezingen +voor de Tweede Kamer plaats gehad. De anti-liberalen, +Roomschen en Antirevolutionairen, hadden door een gemeenschappelijken +aanval en een gezamenlijke actie, waaraan +de schoolkwestie ten grondslag lag, de overwinning +behaald. Bevreesd voor het streven van zekere Liberalen, +hadden zich de Conservatieven bij hen gevoegd. De +<span class="pagenum" title="179"> </span><a id="p_179"></a>krachtige samenwerking van deze verdubbelde groepen, +gevoegd bij de zwakheid van de Liberale partij, had den +triomf aan de Christelijke Coalitie geschonken. Den +eersten keer had zij verscheidene zetels veroverd en bij +de herstemming van 11 November was hare overwinning voltooid.</p> + +<p>Bijgevolg bevatte de linker, de liberale, zijde in de Tweede +Kamer niet meer dan 42 leden, terwijl men rechts 44 telde, +en wel 23 Antirevolutionairen, 18 Roomschen en 3 Conservatieven. +Voor het eerst verkregen de confessioneele +partijen de meerderheid, maar om deze te handhaven was +de steun der Conservatieven noodig.</p> + +<p>Daarentegen bleven zij in groote minderheid in de Eerste +Kamer. Acht Roomschen stonden daartegenover 26 Liberalen +en de Antirevolutionairen hadden er niet in kunnen slagen +een van hunne vertegenwoordigers er binnen te brengen.</p> + +<p>Hoewel overwinnaars konden de verbondenen toch alle +voordeelen niet plukken van hunne overwinning, zooals +zij wel zouden willen. De Eerste Kamer stelde tegenover +hunne pogingen een formeel veto, in de veronderstelling +dat deze buiten de perken van de Tweede Kamer gingen. +Bijgevolg was het onmogelijk voor hen om met succes +een positieve politiek te voeren; zij moesten dus zich bij +de verdediging houden en trachten de samenbinding hunner +tegenstanders te verhinderen. De omstandigheden kwamen +weldra zelfs de kracht van deze houding verstoren.</p> + +<p>Bij de bespreking van de financiënwet van 1885, werd +een van de leden van de rechterzijde ziek en kon bij de +zittingen van de Kamer niet tegenwoordig zijn. Hierdoor +werd de oogenblikkelijke sterkte der partijen van 43 op 42; +en bovendien bevond zich onder de Conservatieven, die +aan de meerderheid een noodzakelijken steun aanbrachten, +een van die eigenaardige mannen, die geen discipline +kunnen verdragen en toch op hun eigen wonderlijke +wijze de zaken wenschen te ontwikkelen. Wintgens, zoo +is zijn naam, was dus de man van het evenwicht, waarop +het aankwam in dezen toestand: hij vermocht door vóór +of tegen de ontwerpen of de amendementen te stemmen, +deze te laten aannemen of verwerpen. Zijne meening, die +<span class="pagenum" title="180"> </span><a id="p_180"></a>in andere omstandigheden onopgemerkt zou voorbijgegaan +zijn, had evenveel gewicht, zoo niet meer, dan die van al +zijne collega's tezamen en gelijk een souverein zijne +macht kent, maakte hij er een ruim gebruik van en somwijlen +onvoorziens.</p> + +<p>Natuurlijk werd daardoor de zaak van zijne vrienden +van rechts niet altijd gebaat, die hem zijn onregelmatigheid +en grillen verweten. Als protest tegen deze verwijten, +die volstrekt niet bedoelden om zijne vrijheid van beweging +aan banden te leggen, en om terzelfdertijd aan de bestraffingen +te ontkomen, deed hij afstand van zijne macht +en verliet de Tweede Kamer.</p> + +<p>In zijne plaats werd een Liberaal gekozen en daardoor +werd de minderheid met één vermeerderd en werd bijgevolg +gelijk aan de meerderheid: 43 tegenover 43. De +Kamer was op het doode punt gekomen.</p> + +<p>Toen begon een tijd van eenige maanden, beroemd gebleven +in de parlementaire jaarboeken van Nederland. +Alle beslissingen hingen af van het noodlot. Als een lid +van de partijen ziek werd of tijdelijk verhinderd was, +hèlde dadelijk de evenaar naar de tegenpartij over. En +wanneer men aan beide zijden voltallig was, was men niet +instaat iets uit te werken of een meerderheid te verkrijgen.</p> + +<p>In dezen toestand werd de strijd geleverd, waarvan de +inleg was de grondwetsherziening. Als gevolg van het +verslag van de Staatscommissie had minister Heemskerk +elf wetsontwerpen voorgesteld, die dienen moesten tot het +in overweging nemen van de voorstellen voor grondwetsherziening. +Den 17<sup>en</sup> Maart 1886 begon hij met de bespreking +er van in de Tweede Kamer.</p> + +<p>Getrouw aan hunne taktiek weigerden de anti-liberalen +zich tot elke herziening te leenen, voordat men voldoening +had ontvangen op hoofdstuk X van de grondwet, dát het +onderwijs behandelde en het voornaamste artikel voor +deze kwestie bevatte, n.l. artikel 194. Door den vrij-onverwachten +steun van Mr. Van Houten, die op dat tijdstip +onder de geavanceerd liberalen had plaats genomen, besloten +44 tegen 40 leden de wenschen van de rechterzijde in te +willigen, zoodat de bespreking van Hfdst. X geopend werd.</p> + +<p><span class="pagenum" title="181"> </span><a id="p_181"></a></p> + +<p>Na lange dagen van beraadslaging; na een kruisvuur +van amendementen, waarvan verscheidene werden verworpen +door staking van stemmen; na debatten, zoo afgerond dat +men zou meenen dat de zaak uitgeput was; werd eindelijk +een besluit genomen op het hoofdstuk van onderwijs, maar +geheel en al negatief.</p> + +<p>Het voorstel van de rechterzijde was verworpen met 43 +tegen 42 omdat Mr. Keuchenius zich onthouden had, daar +hij weigerde tot de coalitie van Roomschen en Antirevolutionairen +toe te treden; de twee moties van de linkerzijde +met 64 tegen 22 en met 68 tegen 18; de redactie +van de regeering leed de nederlaag met 56 tegen 30 stemmen.</p> + +<p>Er bleef niets meer over. Als een gek op den schoorsteen +draaide de Kamer al te zeer in evenwicht, in een voortdurende +cirkelloop om zijn as, zonder tot een vast besluit te komen.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>De toestand was voor het ministerie Heemskerk onhoudbaar +geworden; het trad den 13<sup>en</sup> April af.</p> + +<p>Dadelijk werd baron Mackay door den koning geroepen, +een van de uitnemendste mannen van de Antirevolutionaire +partij; maar deze wees de dringende aanbiedingen van de +regeering af om deze besliste reden, dat het onmogelijk voor +het oogenblik was om de schoolkwestie weer aan de orde +te stellen en dat daarom de rechterzijde de verantwoordelijkheid +van de regeering weigerde.</p> + +<p>Temidden van de onzekerheid van de ministerieele +crisis, op het oogenblik dat allen uitzagen naar den «minister +bij uitnemendheid», die er in slagen zou een ministerie +te vormen, bij wijze van verrassing, trok het ministerie +Heemskerk zijn ontslagaanvrage in, hernam het +bestuur der zaken en ontbond de Kamer (11 Mei 1886).</p> + +<p>Den 15<sup>en</sup> Juni volgden de algemeene verkiezingen; zij +brachten den Liberalen de zege. Hunne tegenstanders +verloren vier zetels en zagen hunne krachten afnemen tot +39 stemmen inplaats van 43, waarover zij tevoren beschikten.</p> + +<p>Uit vrees evenwel om het werk van de grondwetsherziening +<span class="pagenum" title="182"> </span><a id="p_182"></a>te verhinderen dat het ministerie wederom beloofde +op te nemen, zochten de Liberalen niet de regeering +weer in handen te krijgen en schikten zich voor het +oogenblik in neutrale regeering.</p> + +<p>Heemskerk ging derhalve voort het roer van staat in +handen te houden en nam tot eenige taak de grondwetsherziening +tot een goed einde te brengen.</p> + +<p>De verworpen wetsontwerpen werden nu wederom aan +de orde gesteld, de besprekingen werden heropend op +den 8<sup>en</sup> Februari 1887, vaak «bruisend en woelend», zooals +de verslagen het noemden.</p> + +<p>Eindelijk begon men met het onderzoek der wetsontwerpen +zelve. Zij werden ten slotte aangenomen alsmede +ook eenige amendementen over artikel 194, dat nu artikel +192 was geworden, maar deze amendementen werden +niet van kracht tengevolge van de halsstarrigheid der +Eerste Kamer.</p> + +<p>Bij het begin van November 1887 was alles beëindigd; +den 6<sup>en</sup> van die maand verscheen de herziene grondwet +in het Staatsblad, en den 30<sup>en</sup> bij den laatsten slag van +12 uur des middags van de klokken, werd zij plechtig +afgekondigd op het voorplein van de groote gerechtshoven, +en bij de deuren van alle Nederlandsche gemeentehuizen.</p> + +<p>De bewerkte herziening was lang niet zoo uitgebreid +als men had gehoopt. Vele artikelen, waar wijziging +noodzakelijk was, bleven onveranderd. Niettemin waren +de aangebrachte veranderingen wel van belang, want zij +brachten verscheidene punten in nauwe betrekking met +het openbare nationale leven.</p> + +<p>Het kiesrecht ontving een breederen grondslag en bevond +zich nu tusschen beter uit te zetten grenzen. Artikel 80 +hief de uitdrukkelijke voorwaarde op van een betrekkelijk-hoogen +aanslag in de belasting, zooals dat door het oude +artikel 76 geëischt was van iederen Nederlander van 23 +jaren om als kiezer te worden toegelaten door de wet.</p> + +<p>Het aantal leden van de te verkiezen lichamen was +voor de Tweede Kamer op 100 onveranderlijk vastgesteld +en op 50 voor de Eerste Kamer (art. 8 en 82)<ins class="corr" id="corr89" title="Niet in Bron.">.</ins> De verplichte +parlementaire eed werd afgeschaft (art. 87).</p> + +<p><span class="pagenum" title="183"> </span><a id="p_183"></a></p> + +<p>Voor de Eerste Kamer werden verkiesbaar gesteld niet +alleen de hoogst-aangeslagenen in de directe belastingen, +maar ook zij die het eene of andere hooge ambt bekleedden, +of bekleed hadden; in de wet opgenoemd (art<ins class="corr" id="corr90" title="Niet in Bron.">.</ins> 90).</p> + +<p>De dienaren in de verschillende eerediensten waren in +beginsel niet meer uitgesloten van de Generale Staten +(art. 96).</p> + +<p>Deze uitsluiting was sedert 1880 niet meer gehandhaafd, +maar geestelijken waren verplicht bij hun zitting-nemen +in de Kamer hun ambt neder te leggen. Die bepaling +werd afgeschaft.</p> + +<p>Het recht van <ins class="corr" id="corr91" title="Bron: enquète">enquête</ins> werd verleend aan elk van de +beide afzonderlijke Kamers en zelfs aan de Vereenigde +zitting, en het recht van amendement van de Tweede Kamer +was uitgebreid tot de vereenigde zitting der Staten +Generaal zonder aan de Eerste Kamer afzonderlijk toebedeeld +te zijn. (art. 112 en 95)</p> + +<p>Verkiesbaar voor de gemeenteraden en voor de provinciale +Staten waren dezelfden als voor de Tweede Kamer. +(art<ins class="corr" id="corr92" title="Bron: ,">.</ins> 127 en 143)</p> + +<p>De gewone wetgever ontving grootere vrijheid om nuttige +maatregelen te nemen voor de nationale defensie. (art. 181)</p> + +<p>Zoo waren de voornaamste herzieningen in de nieuwe +grondwet, die door middel van elf wetten voor herziening +daarin gekomen waren den 6<sup>en</sup> November 1887. Additioneele +artikelen bepaalden de kiesdistricten, waarvan 79 +enkelvoudig en 5 meervoudig waren. Zij stelden tevens +een overgangsbepaling van het kiesrecht vast, vooreerst +nog een census aangevende, maar met een verlaging tot +op de helft.</p> + +<p>Zoodoende werd het aantal kiezers verdubbeld. Op een +bevolking van vier en een half millioen inwoners werd dit van +138.000 op 290.000 gebracht. Het politieke leven schoot +wortel in den minderen stand, waartoe een voornaam deel +der bevolking behoorde. Dat was het onmiddellijk gewichtige +resultaat van de grondwetsherziening. Toch was +het nog verre van het algemeen kiesrecht, dat de radicalen, +<span class="pagenum" title="184"> </span><a id="p_184"></a>de Socialisten en de leden van den «Nederlandschen +Bond van Algemeen Kies- en Stemrecht» eischen.</p> + +<h3 id="B3_2">II<ins class="corr" id="corr93" title="Niet in Bron.">.</ins></h3> + +<div class="subh3"><i>De eerste triomf van de Christelijke Coalitie.—Het +ministerie Mackay.—De Pacificatie-wet.<ins class="corr" id="corr94" title="—"></ins></i></div> + +<p>Dadelijk begonnen de partijen zich te weren voor de +algemeene verkiezingen van het volgende jaar. Het kwam +er nu maar op aan om het grootst-mogelijk aantal nieuwe +kiezers zoo spoedig mogelijk voor zich te veroveren, ten +einde zoo de macht in handen te krijgen. Dat was het +doel van de politieke vereenigingen.</p> + +<p>Reeds na de nederlaag van 1884 hadden de Liberalen begrepen, +dat hun inwendige verdeeldheid een begin van +zwakheid, onmacht en ondergang voor hen zou zijn. Zij +hadden bemerkt, dat hun partij op weg naar de ontbinding +was; en om daar een eind aan te maken hadden zij +een Liberale Unie in 't leven geroepen teneinde, zoo zij +zeiden, den politieken invloed van de confessioneele partijen +tegen te gaan, en de toepassing der liberale beginselen +te verzekeren. De Liberale Unie had voor het oogenblik +de verspreide troepen vereenigd en had krachtig gewerkt +om tot de grondwetsherziening te geraken.</p> + +<p>De Liberalen waren op het gebied van vereeniging reeds +voorgegaan door de Antirevolutionaire partij, die in 1879 +uit de handen van haar leider, Dr. Kuyper, een volledige +organisatie en een nauwkeurig-belijnd program had ontvangen.</p> + +<p>Alleen deze twee partijen waren goed georganiseerd, +en het oogenblik was dus gekomen tot een proef van +hunne kracht.</p> + +<p>Bovendien was Dr. Kuyper meer en meer de Roomschen +genaderd. Doch hunne samenwerking bij de verkiezingen +was niet zonder horten en stooten.</p> + +<p>De Roomschen beklaagden zich menigmaal over de +strakheid van de orthodoxe Calvinisten, die zonder ophouden +spraken alsof het land hun onvervreemdbaar goed was en +die hunne medewerkers beschouwden met een wantrouwend +<span class="pagenum" title="185"> </span><a id="p_185"></a>en minachtend oog. Vooroordeelen, onbillijkheden, handelingen +van een twijfelachtig wederkeerig vertrouwen +kwamen bij oogenblikken op en al de welwillendheid van +de leiders was noodig om deze verdrietelijkheden weg te +nemen, zoo goed en zoo kwaad als het ging.</p> + +<p>Niettemin waren de verbonden partijen in de Tweede +Kamer eensgezind genoeg om een sterke oppositie te +vormen. Zij waren er zelfs toe gekomen om alle nieuwe +credieten aan de regeering te weigeren, indien hun op +het stuk van onderwijs geen voldoening werd gegeven. +«Geen herstel van grieven, dan ook geen nieuw crediet», +zoo was hun onveranderlijke leus.</p> + +<p>Bij de nadering der verkiezingen achtten de verbonden +partijen den tijd nog niet gekomen om de geheime overeenkomst, +die bij hunne actie vooropstond, openbaar te +maken. Het volk was naar hun meening nog niet rijp +voor zulk een mededeeling en niets was gemakkelijker +dan een krachtige samenwerking zonder openbaar verbond. +Het was voldoende voor iedere partij om eigen candidaten +te stellen en in geval van herstemming hare stemmen op +den bevrienden candidaat, die den meesten kans van +slagen had, uit te brengen.</p> + +<p>Zoo gewapend tot den strijd wachtte men de verkiezingen +af. Roomschen en Antirevolutionairen werkten ieder +afzonderlijk, maar zij hadden afgesproken, dat men bij herstemming +de krachten zou samentrekken. Het punt van +uitgang, door hen gekozen, was de schoolkwestie, die sedert +dertig jaar het eerste artikel in hun beider program uitmaakte.</p> + +<p>Op dezen grondslag begon de verkiezingsstrijd met +kracht. Hij eindigde met de overwinning der verbondenen, +in zekere streken begunstigd door Radicalen en op enkele +plaatsen door de Socialisten.</p> + +<p>In de nieuwe Kamer telde de Liberale partij 45 zetels, +het »monsterverbond” verkreeg 53, waarvan de Antirevolutionairen +27 en de Roomschen 26 zetels. Een Conservatief, +graaf Schimmelpenninck, vertegenwoordigde er de +onveranderlijke traditie, en het Socialisme verscheen er +voor het eerst in den persoon van Domela Nieuwenhuis, +afgevaardigde van Schoterland.</p> + +<p><span class="pagenum" title="186"> </span><a id="p_186"></a></p> + +<p>Het was een schoon succes, een resultaat van dertig +jaren harden strijd. Voor het eerst genoten de aan het +Liberalisme tegenovergestelde beginselen de gunst van het +volk. De lange bijna nooit onderbroken tijd van de +Liberale ministeries of van een zakenkabinet in Liberalen +geest was geëindigd. Een Christelijke politiek deed hare +intrede in Nederland.</p> + +<p>De gebeurtenis was van het grootste gewicht en ieder +wachtte met groote nieuwsgierigheid en eenige vrees af, +wat de gevolgen voor het land zouden zijn van een politiek, +lijnrecht tegenovergesteld aan die, welke men sedert veertig +jaren gevolgd had.</p> + +<p>De algemeene verwachting werd niet beschaamd. +Daags na de verkiezingen ontving baron Mackay de opdracht +een ministerie samen te stellen. Als man van +groot aanzien en onbetwiste waarde, had hij door zijne +gematigdheid en hoffelijkheid de sympathie zelfs van zijne +tegenstanders weten te winnen. Hij omringde zich met +medewerkers, wie bekwaamheid bekend was. Het meerendeel +behoorde tot de Antirevolutionaire partij, twee Roomschen +ontvingen er belangrijke portefeuilles in, namelijk +de heer Ruys van Beerenbrouck die van Justitie, en +generaal Bergansius die van Oorlog.</p> + +<p>Daar het nieuwe ministerie door de schoolkwestie op +het kussen was gekomen, deed het ook zooveel mogelijk +om haar ten einde te brengen. In het regeeringsprogram, +hetwelk talrijke hervormingen aankondigde, verklaarde het +zich over dat punt op duidelijke wijze: »Het resultaat der +verkiezingen”, zeide het, »doet ons het vurig verlangen des +lands kennen naar hetgeen volgens de regeling van het onderwijs +is voorgeschreven, dat er rekening gehouden wordt +met de Christelijke overtuigingen des volks. Daarom +zal de regeering, het openbare onderwijs als het voorwerp +van haar bizondere zorg beschouwend, met inachtneming +van de grenzen door de grondwet gesteld, zooveel mogelijk +de beletselen opruimen, die totnutoe de <ins class="corr" id="corr95" title="Bron: ontwikling">ontwikkeling</ins> +van het bijzonder onderwijs tegenstaan”.</p> + +<p>Om de bedoeling van deze verklaring te begrijpen, +moet men zich de wanhopige pogingen herinneren, die +<span class="pagenum" title="187"> </span><a id="p_187"></a>de Christelijke partijen hadden gedaan bij de behandeling +<ins class="corr" id="corr96" title="Niet in Bron.">van</ins> de grondwetsherziening om een wijziging van artikel 194 +te verkrijgen, dat men als hinderpaal beschouwde voor +elke begunstiging en hulp van den Staat voor het +bizonder onderwijs. Hun pogingen mislukten: artikel 194 +bleef als artikel 192 in de nieuwe grondwet onveranderd. +In den loop van de bespreking hadden echter de Liberalen +zich laten ontglippen, dat aan dit wetsartikel tot dusver +een verkeerde uitlegging was gegeven en dat, wanneer +men het letterlijk opvatte, het niet verbood, dat de staat +zich met het vrije onderwijs bezighield, ja zelfs dat dit +onderwijs een godsdienstigen tint aannam. Professor Buys +had deze nieuwe verklaring der wet ondersteund en zijn +boek; »Toelichting en kritiek van de Grondwet”, gaf +hieraan eenig gezag.</p> + +<p>Daarom sprak baron Mackay niet meer van wijziging +van het grondwetsartikel, maar van de hervorming van +onderwijs, totstand te brengen binnen de vastgestelde +perken van de grondwet.</p> + +<p>Dadelijk begaf hij zich aan den arbeid en stelde weldra +een ontwerp voor ter herziening van de wet van 17 +Augustus 1878. Het was een gematigd ontwerp, en vele +Liberalen erkenden, dat het in den grond der zaak niet +meer dan billijk was.</p> + +<p>Deze beide hoedanigheden, gematigdheid en billijkheid, +waren buitendien noodzakelijk om te kunnen slagen. +Want de Eerste Kamer behield een enorme meerderheid +van Liberalen, die er 36 zetels hadden tegen 10 van de +Roomschen, 2 Antirevolutionairen en 2 Conservatieven, en +deze oppositie kon dus altijd de wet nog doen mislukken. +Elk conflict zou haar noodlottig geweest zijn. Maar de +Liberalen gevoelden, dat het volk naar bevrediging verlangde, +in de oplossing van de schoolkwestie bestaande, +en men maakte er geen gebruik van behalve in kleine +bizondere punten.</p> + +<p>Na lange levendige bespreking werd het ontwerp-Mackay +aangenomen in de Tweede Kamer op den 2<sup>en</sup> September +1889 met 71 tegen 27 stemmen. Bij de stemmen van +rechts hadden zich 17 Liberalen gevoegd.</p> + +<p><span class="pagenum" title="188"> </span><a id="p_188"></a></p> + +<p>Men zou een oogenblik hebben kunnen vreezen, dat +de Eerste Kamer niet denzelfden weg zou volgen en +dat destemeer, omdat vele petities van zekere groepen +en bonden door haar waren ontvangen, die haar aanraadden +het ontwerp te verwerpen. IJdele vrees echter, want de +wind van bevrediging, die er nu eenmaal woei, nam de +laatste bezwaren weg van de Liberale meerderheid en den +5<sup>en</sup> December 1889 werd het ontwerp ook daar aangenomen +met 31 tegen 18 stemmen. Alleen de onverzettelijken +hadden niet gewild.</p> + +<p>Den 8<sup>en</sup> December d.a.v. werd de wet afgekondigd en +zij ontving in de geschiedenis den naam van de wet van +pacificatie, die zij tegelijk draagt met die van de wet-Mackay.</p> + +<p>Zij schonk eindelijk dan voldoening aan de wenschen +van Roomschen en Antirevolutionaren; want zij bezegelde +het beginsel van gelijkheid van openbaar en bizonder +onderwijs voor de wet. De openbare scholen bleven +neutraal, maar de staat ontving bovendien de vrijheid +vrije scholen te ondersteunen, zonder dat deze neutraal +behoefden te zijn.</p> + +<p>De rechten der ouders werden beter geëerbiedigd. In +het voorschrift van den bouw der bizondere scholen werd +wat toegegeven; het beginsel van schoolgeldheffing werd +ook op de openbare scholen toegepast, de omslag van +de noodzakelijke kosten voor het onderwijs werd gewijzigd.</p> + +<p>In den grond der zaak bracht de wet belangrijke verandering +in de onderwijswetgeving aan, zij maakte een +einde aan het monopolie, dat vooral sedert 1878 het +openbare onderwijs begunstigde. Een nieuw en volstrekt +tegenovergesteld beginsel kwam in de wetgeving; het +recht namelijk van de huisvaders tegenover het recht van +den Staat, welk laatste streng en buitensporig was in de +meeste moderne wetgevingen.</p> + +<p class="tb">* <span class="tbhoog">*</span> *</p> + +<p>Terzelfder tijd, dat de hervorming van het onderwijs, +<span class="pagenum" title="189"> </span><a id="p_189"></a>het groote werk van het ministerie Mackay, bekrachtigd +werd, deed zich een gebeurtenis voor, die gedurende +eenige maanden Nederland in angstige spanning bracht, +namelijk de ziekte en de dood van Willem III. Sedert +langen tijd door een chronische ziekte aangetast, werd +zijn toestand zoo verergerd, dat het bij zijn leven zelfs +noodig was een regentschap in te stellen en dit aan +koningin Emma, zijn tweede echtgenoote, op te dragen. +Eenige dagen later, op den 23<sup>en</sup> November 1890, stierf +hij in den ouderdom van drie en zeventig jaren, na een +regeering van een en veertig jaren opgevolgd door zijn +tienjarige dochter Wilhelmina onder regentschap der +koningin-weduwe.</p> + +<h3 id="B3_3">III.</h3> + +<div class="subh3"><i>De crisis van de Christelijke Coalitie<ins class="corr" id="corr97" title="Niet in Bron.">.</ins>—Hervorming +van het kiesrecht.</i></div> + +<p>Dadelijk na de aanneming van de pacificatiewet, waren +de moeilijkheden voor het kabinet-Mackay begonnen. +Het voornaamste punt van zijn regeeringsprogram was +uitgevoerd, maar over de verdere zaken wisten de verbonden +partijen elkander niet meer te verstaan. Nadat +het kabinet aan het land de eerste sociale hervorming +gegeven had, namelijk matiging van den te zwaren arbeid +van vrouwen en kinderen, had het een wijziging van de +militaire wet voorgesteld. Opheffing van het remplaçantenstelsel, +persoonlijke dienstplicht, langere diensttijd en +een grooter jaarlijksch contingent, dat waren de voornaamste +lijnen van het wetsvoorstel van generaal Bergansius. +De Roomschen waren tegen den aangroei der militaire +sterkte en persoonlijken dienstplicht, hetgeen daarentegen +de Antirevolutionairen vroegen.</p> + +<p>De overeenstemming was verbroken. Elke poging om +het gevaar weg te nemen, ten minste tot na de verkiezingen +van 1891, mislukte en de verdeeldheid der bondgenooten +werd in den loop van de langdurige bespreking +<span class="pagenum" title="190"> </span><a id="p_190"></a>van dit ontwerp gezien, dewelke nog niet was geëindigd +toen de tijd van een nieuwe verkiezings-campagne begon.</p> + +<p class="tb">* <span class="tbhoog">*</span> *</p> + +<p>De overwinning was voor de Christelijke partijen noodlottig +geweest. Zij was wel dienstig geweest voor de +verwezenlijking van het voornaamste doel, waarvoor de +vereeniging was tot stand gebracht, maar momenteel niettemin +bleef er, toen de schoolkwestie aanvankelijk geregeld +was, geen ander artikel meer over op het gezamenlijk +program. De oppositie van de Roomschen tegen het +legerwetsontwerp, de slagen die men elkander bij deze +gelegenheid had toegebracht, de vijandschap van sommigen, +de weerzin van anderen, dat alles openbaarde zich spoedig +in een heftige campagne tegen het »monsterverbond”, +zijne leiders en hunne volgelingen. Men begon te spreken +over de noodzakelijkheid van echtscheiding door de +onverdraaglijkheid van humeur, en, zooals het in een +twistzieke huishouding gaat, werden de krenkingen en het +misverstand talrijker, zoodat men noodzakelijk wel tot +scheiding moest komen. Zoowel aan deze als aan gene +zijde, schreef Dr. Schaepman, bij de Antirevolutionaren +als bij de Roomschen, hier minder, daar meer, alles werd +gedaan en niets werd nagelaten wat noodig was om de +samenwerking weg te nemen en eene scheiding en definitieve +splitsing te veroorzaken.</p> + +<p>Zeker, de Antirevolutionairen waren Antiliberaal, maar +in de gegeven omstandigheden herinnerden zij zich, wat +de schoolstrijd hen uit het oog had doen verliezen, dat +zij vóór alles protestantsche Calvinisten waren en bijgevolg +antiroomsch. Het antipapisme werd opgewekt en +de oude vijandschap aangewakkerd door het vuur der +discussies in het hart van deze afstammelingen der Geuzen.</p> + +<p>Tevergeefs trachtte Dr. Kuyper, die verder zag, de +woede te kalmeeren en voor het minst te vermijden dat +de breuk onherstelbaar werd; zijne volgelingen gaven +hierin geen gehoor.</p> + +<p>De Roomschen van hun kant vonden, dat hun Antiliberalisme +<span class="pagenum" title="191"> </span><a id="p_191"></a>hun anticalvinisme tijdelijk had doen vergeten +en ook zij keerden tot hun historische lijn terug.</p> + +<p>Niet allen dachten zoo, maar op het punt van beginsel +zoowel als op het punt van politieke leiding in den bestaanden +toestand, heerschte de grootste verdeeldheid in de +partij. Men moet er het gevolg van uiteenloopende denkbeelden +en neigingen inzien, die van eenige jaren her +dateerden. Zij waren opgekomen bij de nadering van de +grondwetsherziening, toen er sprake was van uitbreiding +van kiesrecht, en deze waren niets minder te achten dan +de democratische strooming, die op het einde van de +negentiende eeuw in alle landen en in alle partijen doorbrak +en de conservatieve richting bestreed.</p> + +<p>Ds. Schaepman, met Dr. Kuyper de vader van de +Christelijke coalitie, welke tot dien tijd was gehouden voor +het hoofd van de Katholieke partij, stond nu aan het +hoofd van een groep, die men de democratische noemde, +terwijl de heer Bahlmann, afgevaardigde van Tilburg, +om zich heen de »dissidenten” vereenigden, die het talrijkst +waren. Tusschen de fractie-Schaepman en de fractie-Bahlmann +heerschte misverstand op alle punten; op het +punt van militaire wet, waar de eerste een overeenkomst +met de rechtsche Protestanten zocht en de onveranderlijke +houding van de andere afkeurde; op het punt van +een verbond met de Antirevolutionairen, hetwelk de +dissidenten wilden vervangen door de politiek van de +vrije hand en in zekere streken door een hereeniging +met de Liberalen; op het punt van sociale wetgeving +enz....</p> + +<p>Inderdaad waren de wanorde en de verwarring verschrikkelijk +bij de bondgenooten van gisteren, die hunne +wapenen tegen elkander keerden en elkander hevige +slagen toebrachten.</p> + +<p>Temidden van deze verdeeldheid en aanvallen had de +verkiezingscampagne plaats. Roomschen en Antirevolutionairen +waren meer gezind om elkander te bestrijden dan +om front te maken tegen hunne tegenstanders van links.</p> + +<p>Niet alleen streed elk bij de stembus afzonderlijk, maar +men had ook nog te rekenen met den afval en de vijandigheid +<span class="pagenum" title="192"> </span><a id="p_192"></a>van een minder of meer groot deel der troepen. +De mannen van Utrecht maakten gemeene zaak met de +Liberalen volgens het principe van Ds. Bronsveld; men kan +orthodox zijn op godsdienstig en liberaal op politiek gebied. +De fractie Bahlmann bestreed de volgelingen van +Dr. Schaepman met verwoedheid en om hun de nederlaag +te bezorgen, aarzelde zij niet de liberale candidaten in +bepaalde districten te ondersteunen.</p> + +<p>Het resultaat van de verkiezingen was ongelukkig; de +slag, die onder zulke omstandigheden werd begonnen, +was vooruit verspeeld. Zoo behaalden de Liberalen gemakkelijk +de meerderheid in de Tweede Kamer en zij +wonnen tien zetels. De linker zijde bevatte nu 55 leden, +waarbij één radikaal, gekozen in de plaats van Domela +Nieuwenhuis, die zich met zijne partij uit den politieken +strijd had teruggetrokken.</p> + +<p>De rechtsche partij behield 45 van de 55 zetels. De +Roomschen verloren slechts één, maar het was juist dien +van Dr. Schaepman, die in Wijk bij Duurstede verslagen +werd tengevolge van de houding der fractie-Bahlmann. +Het meest geteisterd waren de Antirevolutionairen, die van +28 tot 20 zetels in de Tweede Kamer waren teruggedrongen. +De nederlaag was volkomen.</p> + +<p class="tb">* <span class="tbhoog">*</span> *</p> + +<p>De ramp, die op de Christenpartijen neerkwam en die +slechts het gevolg van hunne tweedracht was, had +hen niet zoo verstandig gemaakt, dat zij de vereeniging +terug verlangden. Integendeel, hunne twisten gingen door; +zij sloegen zelfs over tot de Liberale partij en men trad +toen een periode van verwarring en beroering in, waarin +de verschillende fracties elkander stootten en hinderden, +zonder dat men eigenlijk wist tot welke partij zij behoorden.</p> + +<p>Het ministerie-Mackay had plaats gemaakt voor het +ministerie Van Tienhoven-Tak van Poortvliet, waar voornamelijk +Tak, een zeer radikaal liberaal, den boventoon +voerde. Het kwam aan de regeering met een program, +<span class="pagenum" title="193"> </span><a id="p_193"></a>waarvan het eerste punt de kiesrechthervorming was, »die +hoeksteen van het staatsgebouw, die noodzakelijke voorwaarde +tot eene duurzame verbetering”, zooals hij zeide.</p> + +<p>Als gevolg van de grondwetsherziening van 1887 was +een provisioneel reglement op het kiesrecht van kracht +geworden. Dat had vier jaren geduurd en zag <ins class="corr" id="corr98" title="Bron: indien">in dien</ins> +tijd twee generale verkiezingen gehouden. De heer Tak +achtte het oogenblik gekomen om een einde te maken +aan dit provisioneel reglement en tot vaste bepalingen +hierin te geraken. Hij stelde daarom ook een ontwerp +voor, dat het kiesrecht zooveel mogelijk binnen de grenzen +van de grondwet uitbreidde, het ontwerp-Tak; een soort +van algemeen kiesrecht, gematigd door de uitsluiting van +analphabeten en degenen, die ondersteuning hadden ontvangen.</p> + +<p>De vermenging der partijen werd door dit ontwerp bevorderd, +dat van zijn auteur twee achtereenvolgende redacties +ontving en dat een ware regen van amendementen +en tegenvoorstellen tengevolge had. Het vraagstuk, dat +zich hier voordeed, was van groot gewicht. Zou men bij +een meer of minder beperkt kiesrecht blijven staan, of +zou men tot een zoo goed als algemeen kiesrecht overgaan? +In den grond der zaak ging het hier om de <span xml:lang="fr">question +brûlante</span>, die gedurende de laatste helft van de negentiende +eeuw bijna al de staten van Europa in beroering bracht: +Moet men de volksmassa's tot het politieke leven inroepen +en tengevolge van hun aantal in hunne handen het +lot der natie stellen?</p> + +<p>Twee stroomingen vormden zich tegenover elkander; +de eene conservatief, achtende dat de tijd voor de hervorming +nog niet gekomen was, weigerde indien het niet +mogelijk was om den toestand te laten zooals hij was, +de onverstandige en al te milde verleening van het kiesrecht; +de andere, democratisch, eenstemmig met minister +Tak, wilde het kiesrecht uitbreiden zóó ver als de grondwet +het toeliet. Deze beide stroomingen omvatten elk +meer of minder belangrijke fracties van de partijen. Er +was geen rechts meer of links, maar groepen van rechts +bestreden onder éénzelfde banier als van links het +<span class="pagenum" title="194"> </span><a id="p_194"></a>voorstel-Tak, terwijl anderen zich naast de meest-geavanceerde +liberalen onder de verdedigers bevonden. De +democratische Antirevolutionairen van Dr. Kuyper en de +Roomsche volgelingen van Schaepman, verstonden zich +met de Radicalen en de vooruitstrevende Liberalen, terwijl +de oppositie gevormd werd door de groote meerderheid +der Roomschen, de groep aristocratische Antirevolutionairen +onder Mr. De Savornin Lohman, en de Conservatieven, +de volgelingen van de heeren <ins class="corr" id="corr99" title="Bron: Roell">Roëll</ins>, Van Houten en Van +der Kaay.</p> + +<p>Gedurende achttien maanden was de strijd hevig en hij +eindigde in de ontbinding van de Kamer op den 17<sup>en</sup> Maart +1894. Een heftige beroering verspreidde zich toen over +het gansche land. De verkiezings-campagne was langdurig +en bitter. De candidaten werden niet meer naar hunne +partijen en programmen onderscheiden, maar geheel door +elkaar verward deelden zij zich in als voor- en tegenstanders +van Tak, in Takkianen en anti-Takkianen. De tegenstanders +behaalden bij de herstemming de overwinning +en verkregen eene meerderheid van tien stemmen. Het +doel der ontbinding werd niet bereikt, en Tak van +Poortvliet trad af en werd vervangen door den heer Van Houten.</p> + +<p>Door den heer Roëll uitgenoodigd om het ministerie +van Binnenlandsche Zaken op zich te nemen, vormde de +heer Van Houten met hem een conservatief-liberaal kabinet. +Hij nam de zware taak op zich om de kiesrechtkwestie, +die door zijn voorganger onbeslist was achtergelaten, tot +een goed einde te brengen. Hij kwam aan het bewind +op een oogenblik dat de verhouding der partijen zoo +verward mogelijk was. Zij handelden blindelings, als in +den mist verdeeld, gedesorganiseerd, slechts vage vormen +afteekenende. Om de waarheid te zeggen, waren het +groepen zonder bestand, en om een oude Hollandsche +uitdrukking te gebruiken: »Een ieder stuurt zijns weegs +en niemand weet waarheen....«</p> + +<p>In de volksvertegenwoordiging kon men duidelijk bij +de hervatting der werkzaamheden opmaken, dat het èn +aan een vaste meerderheid èn aan eenstemmige en +<span class="pagenum" title="195"> </span><a id="p_195"></a>krachtige <ins class="corr" id="corr100" title="Bron: oppositte">oppositie</ins> faalde. Bij elke trede werd men +door nieuwe en toevallige meerderheden gehinderd, en niets +wees meer op de verwarring der geesten dan deze besluiteloosheid +in eene Kamer, waar gewoonlijk de opinies +wèl belijnd en de partijen stevig waren en de gelegenheidspolitiek +weinig in de gunst was. Het scheen, dat het +volk, van de kiesrechthervorming doordrongen, in den +cirkel rondliep zonder een uitweg te vinden.</p> + +<p>Mr. van Houten beproefde dien toovercirkel te verbreken +en met dit voornemen, waarin hij standvastig bleef, +stelde hij zijn wetsontwerp voor en ondersteunde het met +volharding. De debatten duurden een geheel jaar. In +den loop der bespreking had het kabinet verklaard, dat +zijn wet in haar geheel aangenomen of verworpen moest +worden. Dat was een fier en klinkend woord, maar verbazingwekkend +van de zijde van een staatsman, die geen +vaste meerderheid achter zich had en die, om te slagen, +moest rekenen op de hulp van zekere afgevaardigden van +rechts. Doch hij wist wat hij wilde en dat, volgens de +theorieën van zijn geliefden leermeester Schopenhauer, +de wereld nergens anders uit bestaat dan uit vertooning +en wilskracht, en dat de wilskracht de verwarde beelden +der gebeurtenissen en omstandigheden beheerscht.</p> + +<p>De kieswet Van Houten werd door de Tweede +Kamer den 19en Juni 1896 met 56 tegen 43 stemmen +aangenomen. Zij werd dadelijk in de Eerste Kamer +behandeld en insgelijks aangenomen op den 5en September +1896 met 34 tegen 12 stemmen.</p> + +<p>Onder de tegenstanders der wet bevonden zich tegelijk +geavanceerden van links, die achtten dat zij niet ver genoeg +ging en die haar armelijk, spaarzaam en willekeurig +noemden, en de Conservatieven, die haar te wijd +en te mild achtten. In werkelijkheid was het een wet +van het juiste midden, die niemand voldeed. De Roomschen +en de Antirevolutionairen hadden gehoopt in het +verloop der behandeling amendementen aangenomen te +zien, waardoor in 't bizonder het kiesrecht van den huisvader +was vastgesteld, maar hunne hoop werd niet vervuld. +Een groot deel van rechts was dus ontevreden. +<span class="pagenum" title="196"> </span><a id="p_196"></a>De uiterste linkerzijde was het niet minder, want het +kiesrecht was verbonden gebleven aan den census, een +stelsel, dat zij volkomen wilde afschaffen. Op zichzelf +was de wet niet boven alle kritiek verheven. Haar eerste +fout was zeer ingewikkeld te zijn en willekeurig de kiezers +in talrijke klassen in te deelen, naar de kenmerken om +kiezer te kunnen worden. Er waren:</p> + +<div class="blockq"> + + <div><span class="label">1<sup>e</sup></span> <i>belastingkiezers</i>, waartoe al de Nederlanders van 25 + jaren, die in een directe belasting vielen, behoorden;</div> + + <div><span class="label">2<sup>e</sup></span> <i>woningkiezers</i>, gevormd uit degenen, die geen belasting + betalende op den 1<sup>en</sup> Februari sedert zes + maanden hetzelfde huis hadden bewoond en die + daardoor een wekelijksche huur betaalden, waarvan + het minimum varieerde naar de plaatselijke gesteldheden + van f —.80 tot f 2.—; of die een woonschip + bezaten voor het minst van 24 kubieke meters grootte;</div> + + <div><span class="label">3<sup>e</sup></span> <i>loonkiezers</i>, waaronder gerekend werden zij, die niet + behoorden tot de beide voorgaande klassen, en die + gedurende tenminste drie maanden in hetzelfde huis + hadden gediend, en een jaarlijksch loon ontvingen + naar de verschillende plaatselijke gesteldheden varieerende + van ten minste f 275–f 550 of van f 100–f 200 indien zij + in dezelfde woning kost en huisvesting hadden;</div> + + <div><span class="label">4<sup>e</sup></span> <i>pensioenkiezers</i>, welke categorie allen omvat, die + een jaarlijks pensioen trekken, gelijk aan het loon, + dat de loonkiezers moeten ontvangen;</div> + + <div><span class="label">5<sup>e</sup></span> <i>spaarbankkiezers</i>, waaronder zich rangschikken degenen, + die tenminste f 100 op het grootboek hebben + of f 50 in de spaarbank.</div> + + <div><span class="label">6<sup>e</sup></span> <i>Examenkiezers</i>, een groep samengesteld uit zulken, + die tengevolge van een examen, bij de wet vastgesteld, + in bezit zijn van een diploma, waaruit geschiktheid + tot een ambt blijkt of krachtens hetwelk + de uitoefening van een beroep of de volvoering van + een opdracht werd veroorloofd.</div> + +</div> + +<p>Dat waren de verschillende categorieën, waarin het +kiezerscorps werd verdeeld. Eén afgevaardigde, de heer +<span class="pagenum" title="197"> </span><a id="p_197"></a>Heldt, sprak minachtend over deze »wanorde, waarop zich +ten langen leste de werklieden vermoeien, ingedeeld als +zij zijn en gescheiden op zeer willekeurige wijze.<ins class="corr" id="corr101" title="Niet in Bron.">«</ins></p> + +<p>Overigens berustte het stelsel geheel op den census, +nog van kracht. Wanneer de wetgever er iets in zou +gaan veranderen, dan werd de kieswet daardoor dadelijk +verdraaid, en het was een verwijt te meer, dat men hem +deed, dat nu een herziening van de kiezerslijst bij iedere +wijziging der belastingen noodzakelijk was gemaakt.</p> + +<p>Niettemin werd met een soort van verlichting de kieswet +ontvangen; voorloopig tenminste was de nachtmerrie, +die sedert vijf jaren het volk had gedrukt, weg; was het +onweder, dat de partijen omver had geworpen, bedaard +en <ins class="corr" id="corr102" title="Bron: v0ordat">voordat</ins> een nieuwe hervormingswind van het kiesrecht +zou waaien, konden verscheidene jaren voorbijgegaan +zijn, die gebruikt konden worden om een weldadige politiek +te oefenen naar de wenschen van de 300.000 nieuwe +kiezers, die in het verbreede kiezerscorps deel zouden +nemen aan de regeering des lands.</p> + +<h3 id="B3_4">IV<ins class="corr" id="corr103" title="Niet in Bron.">.</ins></h3> + +<div class="subh3"><i>De herstelling van de Christelijke Coalitie.—De verkiezingen +van 1897<ins class="corr" id="corr104" title="Niet in Bron.">.</ins>—Het ministerie Pierson.</i></div> + +<p>Ternauwernood was de kieswet aangenomen, of Mr. Van +Houten liet zich van de hoogte van de regeeringstafel dit +totnutoe in Nederland ongehoorde woord uit den mond +vallen: »Alle liberalen in het gelid tegen het clericalisme«. +Deze oorlogskreet, uitgeroepen door een minister die pas +de kiesrechthervorming had afgedaan, weerklonk langen +tijd in het land. Door zijn magisch woord verdwenen de +wolken, die het licht hadden beneveld, en de schikkingen +kwamen nauwkeurig met verwonderlijke helderheid +tevoorschijn; de opgezweepte wateren hernamen hun gewonen +aanblik, en de partijen, die zich als in ontbinding +bevonden, voegden zich weer tot hun ouden vorm en in +dezelfde combinaties.</p> + +<p>Toch waren de partijen in deze periode van zes jaren, +<span class="pagenum" title="198"> </span><a id="p_198"></a>dewelke door de geschillen over de legerwet en de +broedertwisten over de kiesrechthervorming zoo verward +was, veranderd.</p> + +<p>Rechts bleven de Roomschen bijna dezelfden, behalve +dat zij de eenheid terugvonden, die sedert langen tijd +was verbroken.</p> + +<p>Daarentegen waren de Antirevolutionairen in vele afdeelingen +verdeeld en de scheuring was te groot dan dat ze +geheeld kon worden. Het grootste getal bleef wel is +waar onder de machtige leiding van Dr. Kuyper, maar +van het oorspronkelijke bloc waren twee deelen afgegaan. +Ter eener zijde hadden de vrije Antirevolutionairen het +machtige gezag van den leider geschokt. Bijna allen +waren het mannen van groot aanzien als De Savornin +Lohman en de oud-minister Mackay; en zij onderscheidden +zich van de Kuyperianen door aristocratische geaardheid, +minder geneigd tot sociale hervormingen. Evenwel was +de breuk niet voltooid, want zij waren één op het terrein +van de Calvinistische beginselen, en over de klove, die temidden +der kiesrechtgeschillen was gevormd, was een brug +gelegd, die hen voortdurend verbond. Aan de andere +zijde hadden de Christelijk-historischen zich geheel van +de partij afgescheiden. De orthodoxe predikanten, die +achter den driftigen Dr. Bronsveld aanliepen, hadden de +laatste gemeenschap afgesneden en gingen gemeene zaak +maken met de Liberalen.</p> + +<p>Ter linkerzijde was de groote Liberale partij in verschillende +stukken uitééngevallen, waarvan het uiterste +aan het Socialisme paalde. Het voornaamste deel had +zijn vaandel geplant op gelijken afstand van het midden +en van de uiterste linkerzijde. Het bestond uit de +progressisten van de »Liberale Unie<ins class="corr" id="corr105" title="Niet in Bron.">”</ins>, die democratische +maatregelen vroegen; de Unionisten in de richting van +de Sociaal-democraten, voorafgegaan door de rumoerige +groep, weinig in aantal, van Radicalen, en achter haar lieten +zij de achterblijvers, de »oud-liberalen”, die trachtten naar +vergeving voor hunne vadsigheid op sociaal gebied door hun +vuur tegen het clericalisme.</p> + +<p>Zoo was de politieke toestand op het oogenblik dat +<span class="pagenum" title="199"> </span><a id="p_199"></a>de kieswet Van Houten voor het eerst zou toegepast +worden. In Juni 1897 moest de belangrijke vernieuwing +van de Staten Generaal plaatshebben. Van alle kanten +bereidden zich de partijen voor tot den strijd. De verschillende +programmen werden den volke voor oogen gesteld +en men zocht de verbonden weer op.</p> + +<p>De Antirevolutionairen van beide schakeeringen maakten +openlijk gemeene zaak met de Roomschen. Voor het +eerst stelde zich de Christelijke coalitie in het volle licht +en zij werd bevestigd door een krachtige campagne. Hare +hoofden, Dr. Kuyper en Dr. Schaepman, hoopten, dat +deze hereeniging van twee groote machten, die zonder hun +eigen gezag en karakter te verliezen zich verbonden voor +een gemeenschappelijk doel, de massa kiezers mede zou +voeren, om zoo de meerderheid aan de Christelijke partij +van de natie te geven.</p> + +<p>Ondertusschen had deze openlijke vereeniging tot onmiddellijk +resultaat dat de Christelijk-historischen geheel +in het zog van de Liberalen kwamen uit haat tegen de +Roomschen en Dr. Kuyper. Dr. Bronsveld en Dr. Vos +<ins class="corr" id="corr106" title="Bron: brachtten">brachten</ins> den Christelijk-historischen Kiezersbond tot stand, +die door hen gebruikt werd om de Liberalen te helpen. +Vóór alles wilden zij den triomf van het »monsterverbond« +verhinderen.</p> + +<p>De Liberalen ontvingen hen met vreugde, want zij gevoelden +zich niet zeker van de overwinning en zij hadden +er belang bij, zich zooveel mogelijk hulp te verschaffen. +Om die reden is het, dat zij de vereeniging van allen, +die den wijdschen naam van Vrijzinnigen droegen, zich +ten doel hadden gesteld, hoe verkleurd en ontaard hun +Liberalisme ook mocht wezen: Radicalen, Unionisten, Oud-liberalen, +allen bevonden zich momenteel voor den strijd +vereenigd en zij voedden de geheime hoop, dat in geval +van groot gevaar, de S. D. A. P., die de revolutionaire +Socialisten van Domela Nieuwenhuis achter zich latende, +van verlangen brandde weer op het politieke erf op te +treden, hun onder meer of minder doorzichtigen sluier +een werkdadige welwillendheid zouden aanbrengen.</p> + +<p>Ter eener zijde dus de Christelijke Coalitie, aan welke +<span class="pagenum" title="200"> </span><a id="p_200"></a>Dr. Kuyper de strijdleuze gaf: »Vóór God en het Evangelie«; +aan de andere zijde de liberale concentratie, krachtig +ondersteund door de Christelijk-historischen en waarschijnlijk +ook door de Vrijzinnig-democraten.</p> + +<p>De eerste slag viel geheel in het voordeel van de +Christelijke partijen uit: 22 Roomschen en 13 Antirevolutionairen +kwamen als overwinnaars uit de stembus tegen +14 Liberalen en 1 Radicaal. Er bleven nog vijftig herstemmingen +over en van dien uitslag hing de eindelijke +overwinning af; maar alles deed voorzien, dat het succes +van 15 Juni 1897 den 25 Juni d. a. v. zou bevestigd worden.</p> + +<p>Dat ziende, speelden de Liberalen hun laatsten troef uit. +Zij verdubbelden hunnen ijver en verspreidden in het land +van die verkiezingsargumenten, altijd dezelfde, die men +overal terugvindt, samengetrokken in formules, die er op +gericht zijn om indruk op de groote massa kiezers te maken.</p> + +<p>Deze wanhopige poging wierp alle voorspellingen van +de eerste stembus omver; 9 Antirevolutionairen werden +nog gekozen en geen enkel Roomsche. »Met Friesland,” +zeide Dr. Kuyper, »was het geheele Noorden voor ons +verloren en onze eerste zege veranderde in een smartelijke +nederlaag. Op zichzelf was de mislukking voor ons +niet pijnlijk, maar wel de zekerheid, dat belijders van het +Evangelie met de mannen van de Revolutie gemeene +zaak hadden gemaakt.«<ins class="corr" id="corr107" title="Bron: ."></ins></p> + +<p>De liberale concentratie was overwinnares. De meerderheid +bestond uit 12 Oud-liberalen, 34 Unie-liberalen, +6 Radicalen, waarbij men 1 Christelijk-historische en 3 +Sociaal-democraten moet voegen.</p> + +<p>De Roomschen verloren drie zetels, de Antirevolutionairen +wonnen er acht, de Vrij-antirevolutionairen verloren er een. +Totaal telde de rechterzijde 44 tegen 56 stemmen. Maar +die 56 stemmen van links waren ver van eenstemmig en +standvastig. De verschillende tinten van het Liberalisme +bezaten er wel de meerderheid, maar om te regeeren +was hun de hulp van de Radicalen absoluut onmisbaar en +zij hadden daarenboven in bizondere omstandigheden +<span class="pagenum" title="201"> </span><a id="p_201"></a>rekening te houden met de Socialisten, die na een afwezigheid +van zes jaren talrijker op het tooneel van de Tweede +Kamer verschenen en er een rol verstonden te spelen.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Het resultaat van de verkiezingen was van dien aard, +dat alleen een kabinet van links mogelijk was. Het ministerie +Van Houten voldeed aan deze voorwaarde en had, +indien het dit gewild had, aan de regeering kunnen blijven. +Maar het beschouwde zijn taak als geëindigd met de kiesrechthervorming +en het had aan de Koningin-regentes +zijn voornemen aangekondigd om dadelijk na de verkiezingen +af te treden. Toen deze dan ook hadden plaats +gehad, deed het dit onverwijld. Het liet een belangrijken +wetgevenden arbeid achter zich en men moet +erkennen, dat het parlementaire tijdperk, waarbij dit ministerie +had voorgezeten, onder de vruchtbaarste perioden +behoorde. De omstandigheden waren hem wel eenigszins +gunstig, maar vooral de ijver, betoond sedert 1894 door +Van Houten, minister van Binnenlandsche Zaken, en Sprenger +van Eyck, minister van Financiën, waren er de oorzaak van.</p> + +<p>Om minister Van Houten te vervangen, had men een +talentvol man noodig, die de zegevierende liberale partij +verpersoonlijkte en die haar in haar eigen ministerie kon +vertegenwoordigen, vooruitstrevend genoeg om te worden +ondersteund door de Liberale Unie en die de Radicalen +niet te zeer afschrikte, en die genoeg gehecht was aan +de oude leer om niet afkeerig te zijn van de gunst van +Oud-liberalen. Men dacht dadelijk aan den heer Pierson, +welonderlegd landbouwkundige en ervaren financier, die tevoren +in het ministerie Tak van Poortvliet de portefeuille +van Financiën had gehad. Men wist dat hij in de oogen +der Haagsche Liberalen voor radikaal doorging, terwijl de +Radikalen van Amsterdam hem voor conservatief hielden, +en men achtte dat de waarheid tusschen beide uitersten +in lag.</p> + +<p>Wat er ook van aan was, de heer Pierson werd er +<span class="pagenum" title="202"> </span><a id="p_202"></a>mede belast een ministerie samen te stellen en hij deed +het op oordeelkundige wijze. De liberale concentratie +trad er geheel in op; de Liberale Unie met haar leider, +Mr. Goeman Borgesius voor Binnenlandsche Zaken, Mr. +Cort van der Linden voor Justitie, de heer Cremer <ins class="corr" id="corr108" title="Bron: van">voor</ins> +Koloniën, de heer Lely voor Waterstaat; de <ins class="corr" id="corr109" title="Bron: Oud liberalen">Oud-liberalen</ins> +werden er vertegenwoordigd door den heer de Beaufort +voor Buitenlandsche Zaken, en boven hen zweefde de +verzoenende en beschermende glimlach van den minister +van Financiën, den heer Pierson. In alles was er voor +gezorgd om schokken en kneuzingen te voorkomen tusschen +mannen, die allen van den eersten rang waren en onbetwistbare +kennis op politiek gebied bezaten. De heer de +Beaufort kon met zijne portefeuille met onverschillig oog +de democratische strooming gadeslaan, die zijne collega's +van de uiterste linkerzijde der Liberalen tot sociale hervormingen +drong, en zonder eenigen strijd had de heer +Pierson alle vrijheid het fiscale werk, dat hij voorheen was +begonnen, voort te zetten.</p> + +<p>En toch, dit samenstel van eminente mannen was in +den grond niets anders dan het voorbijgaand resultaat +van behendige vergelijken; het rustte op een onstandvastige +meerderheid, wier ongelijksoortige beginselen bijna +geen enkel program-artikel gemeen hadden. Ook kon het +kabinet niet regeeren, dan met behulp van eindelooze +beloften, temidden van voortdurende moeilijkheden.</p> + +<p>Nauwelijks was het geformeerd of de Christelijk-historische +afgevaardigde Dr. De Visser weigerde het zijn steun +en voegde zich weder bij de rechterzijde. Terzelfder +tijd brachten tusschentijdsche verkiezingen eenige lichte wijzigingen +in de partijsterkten aan. De Sociaal-democraat +Schaper werd gekozen te Veendam en twee Oud-liberalen +namen de plaatsen van twee vooruitstrevenden in. De meerderheid, +die in het geheel niet hecht was, werd het nog +minder tengevolge van deze beweging en veranderingen. +Bovendien stond het den heer Pierson tegen, bestendig +op de Socialisten te steunen en hen een te grooten invloed +in het bestuur der zaken te doen nemen. Zoo men echter +een meerderheid van links wilde behouden, moest men +<span class="pagenum" title="203"> </span><a id="p_203"></a>wel rekening met hen houden. De minister kon daar niet +toe komen, en in menige omstandigheid nam hij den +steun der rechterzijde aan om zich te kunnen vrijmaken +van woelige elementen van de uiterste linkerzijde; maar +zijne politiek leidde hem er logisch toe slechts toevallige +meerderheden te vereenigen, die zoodra men over beginselkwesties +handelde, teloorging; en met dit resultaat, dat +geen der partijen hem als de vertegenwoordiger van hare +beginselen beschouwde.</p> + +<p>In dien toestand had een sterke en geoefende oppositie +het lot van het ministerie in handen; zij kon wanneer +zij het wilde den val veroorzaken. Doch de verstandhouding +was nog niet volkomen goed tusschen de Christelijke +partijen. Er bestonden vooroordeelen, verschil van +inzichten en taktiek, die op eenige bijkomstige punten +somwijlen de onafgebroken krachtsaanwending en de +eenvormigheid van actie benadeelde. Voorts leende de +rechterzijde zich voor 't meerendeel niet tot dit spel +van ministerieelen moord, dat in vele landen het vermaak +was van de parlementaire oppositie, want wat zij zou +hebben verwoest kon zij niet herstellen. De uitslag zou +op niets dan op een onvruchtbare ministerieele crisis zijn +uitgeloopen, in welk geval een Christelijke regeering niet +anders had kunnen doen dan de Kamer onmiddellijk +ontbinden. Zonder uit de rol eener sterke oppositie +te treden, vergenoegde zij zich met toezicht op het ministerie +te houden, en op zijne handelingen krachtige +controle uit te oefenen. Deze houding raadde Mr. de +Savornin Lohman voortdurend in zijn dagblad »de Nederlander« +aan, en men moet erkennen dat het de verstandigste was.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Door dezen samenloop van omstandigheden en inzichten, +vervolgde het ministerie Pierson zijn weg tusschen rechts +en links door, en hield zich slechts door wonderen van +bekwaamheid in evenwicht.</p> + +<p>Het begon de uitvoering van zijn program met persoonlijken +<span class="pagenum" title="204"> </span><a id="p_204"></a>dienstplicht, die in 1890 troebelen en oneenigheid +in de Christelijke Coalitie gebracht had. Het regeeringsontwerp, +dat zich voordeed als een begin van een +volkomen hervorming der militaire organisatie, ontmoette +van de zijde der Roomschen denzelfden tegenstand als +onder het ministerie Mackay het ontwerp Bergansius. Bij +de andere partijen ontmoette het geen moeilijkheden. +Ook kwam het er gemakkelijk den 2<sup>en</sup> Juli 1898 met 72 +tegen 20 stemmen in de Tweede Kamer door. Alle +Roomschen hadden tegengestemd behalve Dr<ins class="corr" id="corr110" title="Niet in Bron.">.</ins> Schaepman, +die, hoewel tegen persoonlijken dienstplicht, toegaf ten +gunste van uitzonderingen, in de wet vervat in 't bizonder +van die, welke in het eerste artikel was omschreven, +namelijk van de onmisbare »kostwinners«. Deze aanneming +door het hoofd, die zich zoodoende van zijne volgelingen +onderscheidde, verwekte eenige verwondering en +veel critiek in het Roomsche kamp; gelukkig strekte dit +niet zoo ver, dat daardoor de zoo moeilijk verkregen eenheid +der partij verbroken werd.</p> + +<p>Daarna volgden elkander op de ongevallenwet, de gezondheidswet, +de woningwet, die, gemaakt met de medewerking +der rechterzijde, er het merk in verscheidene +gedeelten van dragen. Maar het voornaamste werk van +het ministerie was de leerplichtwet, reeds lang in het +program der Liberalen opgenomen; op dit punt concentreerde +zich de geheele strijd der partijen. Antirevolutionairen +en Roomschen bestreden met kracht het regeeringsontwerp. +Het scheen hun toe, dat het beginsel van leerplicht +de vrijheid van den huisvader trof in de regeling +van het onderwijs zijner kinderen, en deze vrijheid was +de grondslag van hunne schooltheorie, zooals deze beschreven +was geworden door Groen van Prinsterer; de +bizondere school regel, de openbare school aanvulling. De +bespreking duurde lang en de uitkomst van het ontwerp +was langen tijd onzeker. Ten slotte werd het aangenomen +met 50 tegen 49 stemmen, dank zij de afwezigheid van +een Antirevolutionair afgevaardigde, den heer Schimmelpenninck, +die van het paard was gevallen en daardoor ziek lag.</p> + +<p><span class="pagenum" title="205"> </span><a id="p_205"></a></p> + +<p>In den loop van deze »tragische wetgeving« zooals Dr. +Kuyper haar noemde, waarbij het kabinet het Hollandsche +patriottisme in erge mate misnoegd maakte, doordat +het, ten aanzien der vredesconferentie, een wijkende +houding aannam ten aanzien van Transvaal en Oranje-Vrijstaat, +die toen gewapend stonden tegenover Engeland; +waardoor het mede tengevolge van de scheuring der +vrijzinnig-democraten gebeurde, dat het niet meer dan 40 +stemmen ter linkerzijde bezat, deed zich eene gebeurtenis +voor, waarbij de strijd der partijen en het gedruis der +politiek wegstierf. De kleine koningin Wilhelmina had +haar achttiende jaar bereikt. Het oogenblik was gekomen +om den scepter van de voorvaderlijke stadhouders in haar +zwakke hand als jonge vrouw te nemen en op haar hoofd +de kroon van Oranje-Nassau. Den 30<sup>en</sup> Augustus 1898 +legde de koningin-moeder haar regentschap, dat zij acht +jaren met zeldzame bekwaamheid had uitgeoefend, neer. +Den volgenden dag nam Wilhelmina de regeering op en +den 6<sup>en</sup> September d. a. v. legde zij den eed op de grondwet +af in de Nieuwe Kerk te Amsterdam.</p> + +<p>De leerplichtwet was een van de laatste daden van het +ministerie Pierson. Bij de nadering der verkiezingen verdubbelde +het zijn ijver en bood het vele wetsontwerpen +aan, waardoor het een handige reclame maakte in de +hoop de volksgunst te verwerven. Deze ontwerpen regelden +het hooger beroep tegen ongevallen-verzekeringen, hadden +betrekking op den openbaren onderstand, op de reglementeering +van het arbeidscontract, op werkliedenpensioen, +en besloten met een grootsch plan van de droogmaking +der Zuiderzee.</p> + +<p>De oppositie liet zich niet tot dit terrein verlokken en +Dr. Kuyper wees in zijne rede op de Algemeene Deputatenvergadering +der Antirevolutionaire partij de stelling, +die zij te kiezen had. »De strijd,« zoo verklaarde hij<ins class="corr" id="corr111" title="Niet in Bron.">,</ins> +»moet gestreden worden buiten het kabinet om, wij moeten +strijden zonder ons aan het ministerie te storen alsof het +niet bestond. De eenige vraag, die zich voor het land +in de maand Juni zal voordoen is deze: Zal de meerderheid +der Staten-Generaal tot het Christelijk deel der natie +<span class="pagenum" title="206"> </span><a id="p_206"></a>behooren of zal zij blijven aan onze medeburgers, die +onophoudelijk in hun politieke beschouwing met den +Christus Gods hebben gebroken?«</p> + +<p>Van zijn kant opende Dr. Schaepman de campagne +der Roomsche partij met een groote redevoering, waarin +hij met alle kracht aanspoorde tot de »entente cordiale« +met de Calvinistische partij, om zoo een einde te maken +aan de liberale heerschappij<ins class="corr" id="corr112" title="Bron: ,">.</ins></p> + +<p>De Christelijke coalitie had zich steviger en vollediger +samengeknoopt dan tevoren. De nauwe verbintenis was +bovendien bewonderenswaardig voorbereid door een reeks +artikelen in de »Standaard« van de hand van Dr. Kuyper, +aangaande de gemeenschappelijke beginselen bij alle geloovigen. +Zij omvatte niet alleen de Roomschen en de +Antirevolutionairen, maar ook nog de Vrij-antirevolutionairen, +alsook vele Christelijk-historischen die Dr. Bronsveld +niet getrouw bleven, en zij nam de verbondsleuze +weder op, die zij bij de verkiezingen van 1897 had aangeheven: +»Vóór God, vóór het Evangelie! tegen den +leugengeest der Revolutie!<ins class="corr" id="corr113" title="Bron: »">«</ins></p> + +<p>Terzelfder tijd, om de poging van de verbonden partijen +krachtdadiger te maken, beijverden Dr. Kuyper en +Dr. Schaepman zich om de mededinging en verdeeldheid +uit den weg te ruimen, waarvan de vijand te vaak profiteerde. +Daartoe stelden zij een systeem van ruiling van +stemmen in, dat hunne tegenstanders een systeem van +koopmanschap noemden. Het was enkel een besluit van +tucht en wijsheid, om verlies van macht te vermijden. +Het bestond eigenlijk hierin, om de Liberale of Socialistische +districten onder de verschillende Christelijke partijen +in te deelen, ten einde ze toe te voegen aan degene, die +den meesten kans had, door overal één candidaat te stellen, +gesteund door alle »geloovigen«.</p> + +<p>Er moest voor de rechtsche partijen een soort van +evenredige volksvertegenwoordiging komen, waardoor zij +in ruil voor de opoffering hunner afzonderlijke politiek +en voor het aanbrengen van hunne stemmen in één +district, het voorrecht ontvingen een candidaat elders te +zien overwinnen, dank zij de stemmen der bondgenooten. +<span class="pagenum" title="207"> </span><a id="p_207"></a>Ofschoon het gezag der leiders niet sterk genoeg was om +dit systeem in het geheele land te doen aannemen, en de +te dien einde aangevangen onderhandelingen niet met +volkomen succes werden bekroond, zij liepen niettemin +er op uit, om van den eersten keer af—wat tot dien tijd +toe nog niet gezien was—de stemmen van de Antirevolutionairen +te verzekeren aan de Roomsche candidaten +in de districten, waar de Calvinisten de overwinning op +geenerlei manier konden behalen, bijvoorbeeld Beverwijk. +In Friesland bracht het verdeeling der zetels aan tusschen +de verschillende protestantsche fracties, waaronder de +Friesche-Christelijk-historischen; en daar maakten zij een +einde aan de ijverzucht, die de zaak der Liberalen zoo +goed diende. De Christelijke Coalitie had zich dus, +door nieuwe elementen bij haar linkervleugel in te lijven, +uitgebreid; zij had zich aan tucht gewend en was een +geduchte macht.</p> + +<p>Ten aanzien van haar waren de Liberalen verdeeld. Het +verschil van gevoelen tusschen de Oud-liberalen en de +Unie-liberalen was niet weggenomen en bovendien was +er tweedracht gekomen onder deze laatsten. De kwestie +van urgentie van de grondwetsherziening, ten einde tot +algemeen kiesrecht te komen, was er opgeworpen door +het bestuur. Het had er zulk een onweder doen losbarsten, +dat de banden, die de verschillende elementen verbonden, +verbroken waren en dat de meest-geavanceerden zich +hadden teruggetrokken achter de leden van het bestuur +aan, om met de Radicalen de partij der Vrijzinnig-democraten +te vormen. De »Liberale Unie« had zich zoo +goed of kwaad als het ging gereformeerd, maar de verdeeldheid +was niet verdwenen. In menige streek stelden +de Vrijzinnig-democraten hun eigen candidaten tegen die +der Unie-liberalen voor.</p> + +<p>Ondanks die oorzaken van zwakheid werden de Liberalen +niet ontmoedigd. Zij behielden heimelijk de hoop, dat +de zaken zouden gaan als in 1897. De eerste keer zou +men opnieuw een gedeeltelijke overwinning der Christelijken +zien en later bij herstemming zou de linkerzijde, +vereenigd door de bedreiging van »het clericale gevaar«, +<span class="pagenum" title="208"> </span><a id="p_208"></a>het verschil van gevoelen vergeten, front maken tegen +den vijand en de eindelijke overwinning behalen of tenminste +de rechterzijde zoodanig verslaan, dat het haar +onmogelijk zou zijn te regeeren.</p> + +<p>Maar deze keer was hunne verwachting ijdel. De resultaten +bij de eerste stemming waren zoodanig, dat de zege +aan de Christelijke partijen verzekerd was, hoe de herstemming +ook liep. Bij den eersten keer hadden zij 47 +zetels bemachtigd en van de 42 herstemmingen liepen er +velen in hun voordeel uit.</p> + +<p>Om hunne nederlaag minder gevoelig te doen worden, +moesten de Liberalen hunne krachten vereenigen en hielpen +zelfs de Socialisten in zekere districten; doch hun meest-pessimistische +voorspellingen werden nog overtroffen en zij kwamen zeer +verminderd in aantal en in aanzien uit den strijd.</p> + +<p>De Socialisten inbegrepen telde de linkerzijde niet meer +dan 42 vertegenwoordigers, waaronder 6 Oud-liberalen, 20 +Unie-liberalen, 9 Vrijzinnig-democraten en 7 Sociaal-democraten. +Alle liberale partijen waren min of meer verslagen, +maar geene verloor meer uitmuntende mannen dan +de scheuringspartij van de Liberale Unie, die den naam +had aangenomen van Vrijzinnig-democratisch. De heer +Van Gilse, een der leiders der beweging, door zijn eigen +kiezers verloochend, had den moed gehad zich in Amsterdam +IX candidaat te stellen tegen den Unie-liberaal Lely, +minister van Waterstaat, en had er erbarmelijk schipbreuk +geleden; een andere, de heer Veegens, werd te Hoogezand +vervangen door een Socialist en de heer Heldt, voorzitter +van het Algemeen Nederlandsch Werklieden-Verbond, +werd om zijn Nieuw-Malthusianisme door de kiezers van +Amsterdam VII verworpen, die Mr. Heemskerk, zoon van +den conservatieven oud-minister en een der leiders van +de Antirevolutionaire partij in de Tweede Kamer verkozen.</p> + +<p>Wat de Socialisten betreft, al wonnen zij ook drie zetels, +was toch hun aanvoerder Mr. Troelstra geslagen in de +vijf districten, waar hij candidaat was gesteld, in 't bizonder +in Tietjerksteradeel, welk district de predikant Dr. +Talma na fellen strijd had veroverd.</p> + +<p><span class="pagenum" title="209"> </span><a id="p_209"></a></p> + +<p>De uitslag der algemeene verkiezingen van 14 en 27 +Juni 1901 was dus ongunstig genoeg voor de liberalen. +Het ministerie Pierson, dat het totaal der stemmen van +links had opgemaakt, constateerde dat het onmogelijk +was aan het bewind te blijven en legde zonder dralen zijn +ambt neder.</p> + +<hr class="chend20" /> + +<p><span class="pagenum" title="210"> </span><a id="p_210"></a></p> + +<h2 id="B4">VIERDE HOOFDSTUK.</h2> + +<div class="subh2">De zege en de toekomst der Christelijke Coalitie.</div> + +<hr class="chbegin" /> + +<h3 id="B4_1">I.</h3> + +<div class="subh3"><i>Het ministerie Kuyper.</i></div> + +<p>De nieuwe verkiezing had de richting der politiek veranderd. +Dr. Kuyper kwam aan het bestuur. Het nieuwe +kabinet, waarin hij minister van Binnenlandsche Zaken +werd, bevatte vier Antirevolutionairen, drie Roomschen en +den admiraal Kruys, die tot geen politieke partij behoorde.</p> + +<p>De Antirevolutionairen, die aan de zijde van den premier +stonden, waren Mr. Van Asch van Wijck, Koloniën, Mr. de +Marez Oyens, Waterstaat, en Melvil van Lijnden, Buitenlandsche +Zaken.</p> + +<p>Door hunne waarde en door het gewicht der portefeuilles, +die hun waren toebetrouwd, maakten de Roomsche leden +van hun kant een goede figuur in het Christelijke Kabinet. +Generaal Bergansius, wiens militaire bekwaamheid +algemeen bekend was, die reeds zijne kracht had doen +gevoelen in het ministerie-Mackay, nam Oorlog, de heer +Harte van Tecklenburg, de leider der groep Protectionisten +in de Kamer, ontving Financiën, en voor Justitie gaf zich +een jong talentvol rechtsgeleerde, Mr. Loeff.</p> + +<p><span class="pagenum" title="211"> </span><a id="p_211"></a></p> + +<p>Het ministerie werd krachtig door eene meerderheid van +rechts gesteund. In de Tweede Kamer beschikte het over +58 stemmen, waarvan 25 Roomschen en 23 Antirevolutionairen, +die geheel te zijnen dienste waren. Bovendien +schonken de acht Vrij-antirevolutionaren, die De Savornin +Lohman en baron Mackay omringden, het kabinet een +vertrouwen in beginsel, dat onvoorziene voorvallen alleen +konden doen verdwijnen. Tot aan de Christelijk-historischen +breidde zich dit niet uit, want de heeren De +Visser en Schokking besloten niet het te steunen. De +premier kon dus zonder vrees de politiek invoeren, waarvan +hij de groote lijnen had afgeteekend toen hij leider +der partij was.</p> + +<p>De Eerste Kamer was echter in meerderheid liberaal +gebleven en kon stelselmatig weigeren, haar stem te geven +aan alle wetten, die haar toeschenen al te sterk tegen de +beginselen, die tot dien tijd in de wetgeving des lands in +eere waren, in te gaan. Maar deze hinderpaal bestond meer +in schijn dan in werkelijkheid, want bij een eventueele +ontbinding van de Eerste Kamer zou daar noodzakelijk de +Liberale meerderheid in een onmachtige minderheid veranderen.</p> + +<p>Inderdaad schonken reeds de eerste maanden van 1901 +de Provinciale Staten, die de kiescolleges vormen voor +de benoeming van leden der Eerste Kamer, eene meerderheid +aan de Christelijke partijen.</p> + +<p>Reeds lang waren vijf provincies hun getrouw, maar de +zes andere bleven onder de liberale heerschappij.</p> + +<p>Welnu in 1898 hadden de Roomschen, in vereeniging +met de Antirevolutionairen in Zuid-Holland dertien zetels +bemachtigd en de liberale meerderheid met tien stemmen +verminderd. In 1901 waren zij zoo gelukkig om er de +overwinning te voltooien en de Gedeputeerde Staten te +veroveren.</p> + +<p>Daardoor nu waren hun tien mandaten van de Eerste +Kamer tebeurt gevallen en daarmee de zekere meerderheid +in de Eerste Kamer. Maar naar den gewonen regel +kwam deze omzetting niet dadelijk tot haar recht; daar +de Eerste Kamer, zooals in Frankrijk, slechts bij een derde +<span class="pagenum" title="212"> </span><a id="p_212"></a>gedeelte tegelijk vernieuwd werd, moest men eenige jaren +wachten om haar geheel vernieuwd te zien; doch zoo in +dien tusschentijd eene ontbinding voorkwam, was de overgang +vanzelf verkregen.</p> + +<p>Ten slotte kon niets ernstiglijk het nieuwe ministerie +in zijne handelingen tegenhouden.</p> + +<p>In de troonrede van dat jaar werd het regeeringsprogram +als volgt uiteengezet; zij stemde namelijk de noodzakelijkheid +toe, den zedelijken en stoffelijken staat van het Nederlandsche +volk te verbeteren, zich daartoe grondende op +de Christelijke grondslagen van het nationale leven.</p> + +<p>Daarna kwam de opsomming van voorgestelde verbeteringen, +waaronder opgemerkt werden de grootere +vrijmaking van onderwijs, de herziening van de wet op +de Zondagsrust, de beteugeling der nationale zonden van +spel en dronkenschap, de voltooiing van het ambachtsonderwijs +en de reglementeering van den leertijd, de herziening +van de wet op het arbeidscontract, de invoering +van de verplichte verzekering tegen de gevolgen van +ziekte, invaliditeit en ouderdom enz.....</p> + +<p>Een buitengewoon-groot program. Tal van beloften +van sociale verbeteringen. Zonder haar critiek te sparen, +constateerde de liberale pers met voldoening, dat +het program niet uitdrukkelijk een werk van reactie was +tegen de aangenomen wetten van het voorgaande ministerie +en oordeelde het de aandacht van het volk waardig. Het +Handelsblad vroeg zich met zekere ongerustheid af, +of het niet een nieuwe periode van de staatkundige geschiedenis +van Nederland was, die begon; en de Nieuwe +Rotterdammer Courant voegde er, zonder de waardij van +deze eerste handeling van de ministerieele politiek te +loochenen, met een sceptischen inval aan toe: »Het zijn +niet de woorden, die van belang zijn, maar de daden!«</p> + +<p>Het ministerie zette zich dadelijk met den ijver van +een nieuweling aan het werk en de daden bleven niet uit +om de woorden te staven. Bekwamelijk gesteund door +zijne collega's en bijzonder door Mr. Loeff, minister van +Justitie, werkte Dr. Kuyper een reeks wetsontwerpen uit +en stelde ze voor, om zoo zijn program in werking te +<span class="pagenum" title="213"> </span><a id="p_213"></a>stellen. En het werk in de Tweede Kamer begon ernstig +en waardig.</p> + +<p>De werkzaamheid was zoo groot, dat drie jaren later +24 November 1904, zijn leider Dr. Kuyper hun, die klaagden +over de schraalheid van den wetsoogst, kon antwoorden +met de lijst van wetsontwerpen, die in zijn program +waren neergelegd. Er waren er meer dan dertig; verscheidene +waren reeds door de Staten-Generaal goedgekeurd, +en vele, die nog in wording waren, zooals het wetsontwerp +op het werklieden-pensioen, dat ter herziening van het +tarief van invoerrechten, en dat hetwelk het onderwijs +in zijn verschillende graden regelde, waren van bizonder +belang.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Aan het Christelijke ministerie echter waren de kritiek +en de moeilijkheden niet bespaard gebleven bij de vervulling +van de groote taak, die het op zich had genomen.</p> + +<p>Na in het begin zich tot een verstandige afwachtende +houding te hebben beperkt, hadden de Liberalen niet lang +gedraald, zich tegen het ministerie te stellen.</p> + +<p>Ieder jaar bracht de financieele begrooting, die door +eene bespreking over de algemeene politiek voorafgegaan +wordt, hunne verwijten met zich mede en wel bijna altijd +dezelfde:</p> + +<p>»Gij maakt voor uwe politiek aanspraak op de titel van +Christelijk,« zeiden zij tegen Dr. Kuyper, »maar wat +speciaal Christelijks is er in de wetten, die gij voorstelt? +Waarom hebt gij recht op dat monopolie?« Hetgeen de +leider van het kabinet terstond beantwoordde met: »Om +te beoordeelen of de aangeboden wetsontwerpen de +Christelijke beginselen bekrachtigen of verwerpen, moet +men zich niet beroepen op het denkbeeld, dat sommige +leden zich schijnen te maken van specifiek-Christelijk, +maar alleen op het begrip, dat de Christelijke partijen +zelve er van hebben. Het is niet het mystieke element +van het Christendom, dat hier in het spel is, maar alleen +de verplichtingen, die voortvloeien uit den Christelijken +<span class="pagenum" title="214"> </span><a id="p_214"></a>godsdienst voor het burgerlijke leven en in 't bizonder +voor het leven van den staat.«</p> + +<p>En als zij er aan toe voegden: »Aan het einde van de +hedendaagsche wetgevende periode zal er slechts een klein +deel van de taak, aangewezen in het program van 1901, +zijn verwezenlijkt, en dat, omdat het ministerie standvastigheid +en vlugheid ontbreekt,” antwoordde Dr. Kuyper niet +zonder ironie: »Ik heb nooit voorgewend de uitvoering +van het ministerieele program in vier jaren te zullen voltooien. +Ik heb daarentegen altijd gezegd, dat er eene periode +van acht jaar noodig was om het in vervulling te brengen. +Zoo gij op algeheele uitvoering staat, dan is er een eenvoudig +goed middel, n.l. bij de verkiezingen van 1905 de +meerderheid voor de Christelijke partij te laten en het +ministerie aan het bewind te houden tot 1909”.</p> + +<p>Natuurlijk verweet de linkerzijde het ministerie dat het +een politiek van reactie, een politiek van godsdienstige +verdeeldheid bleef volgen. Zij verweet het bits de natie +vanéén te scheiden en tegenover de geloovigen de ongeloovigen, +de atheisten, te stellen, terwijl in werkelijkheid +deze verdeeling een onloochenbaar feit was, dat de regeering +zich bepaalde te constateeren. Maar, waar de beschuldigingen +het heftigste waren, dat was als er benoemingen +voor openbare ambten en bizondere burgemeestersbenoemingen +aan de orde waren. De Liberalen verweten het +ministerie partijdig te zijn, door in het wilde voorstanders +van zijn eigen politiek te benoemen en candidaten, verdacht +van Liberalisme en vooral van Socialisme, van de +voordracht te schrappen.</p> + +<p>Dr. Kuyper had ook op dit punt geene moeite om zijn +gedrag te rechtvaardigen. De vorige ministers, zeide hij, +hebben bijna stelselmatig de leden der Christelijke partijen +over 't hoofd gezien. Zij hebben dus een onrechtvaardigheid +begaan, die ik zoek te herstellen, mij grondende op +dit feit, dat voor de benoemingen van burgemeesters en +nog anderen, men vóór alles moet nagaan of de aangeboden +candidaten beantwoorden aan den staat van het algemeen +gevoelen van de gemeente, die zij moeten besturen. Het +kan in de gedachte van niemand opkomen, voegde hij er +<span class="pagenum" title="215"> </span><a id="p_215"></a>aan toe, om aan het hoofd van gemeentebesturen in +Limburg Protestanten te willen plaatsen en in de provincie +Groningen Roomschen. Zoo moet de regel zijn en zoo +is de regel geweest, waarnaar door het ministerie gehandeld +is. Bovendien, niemand kan ontkennen, dat +verschillende leden van de oppositie tot hooge functies +zijn benoemd. Dit dient om de aantijgingen, dat de voorstanders +van de liberale leer stelselmatig terzijde zijn gelaten, +te logenstraffen.</p> + +<p>Op die manier vervolgde Dr. Kuyper, al strijdende tegen +tegenstanders die hem trachtten af te matten, onvermoeid +zijnen weg, front makende tegen zijne vijanden met een +kracht, die geen oogenblik verminderde. Zijn altijd bekwame, +somswijlen snijdende replieken volgden den aanval +op den voet.</p> + +<p>Men moet zeggen, dat in dezen onophoudelijken strijd +de meerderheid het ministerie getrouw ondersteunde. +Bewonderenswaardig was het, dat gedurende de vier jaren +van het bewind nooit de rechterzijde verdeeld werd, nooit +het christelijk verbond een oogenblik zelfs verslapte. Het +vervolgde zijn weg met kracht, de oogen op het gemeenschappelijk, +wèl-belijnd program en onder de leiding +van den aanvoerder, gaf het bestendig blijk van de nauwst-verbonden +vereeniging en van de verstandigste tucht.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Zonder dezen steun overigens was het onmogelijk voor +het bewind geweest om de groote moeilijkheden, die het +op zijn weg ontmoette, te overwinnen.</p> + +<p>De eerste moeilijkheid was de algemeene werkstaking +van de spoorwegmannen, die in het begin van het jaar +<ins class="corr" id="corr114" title="Bron: 1803">1903</ins> oproerige gebeurtenissen veroorzaakte. Deze geweldige +beroering had haar oorsprong in het feit, dat de werklieden +van verscheidene expeditievereenigingen te Amsterdam +hun werk in de maand Januari verlieten, onder het +voorgeven dat deze vereenigingen geen leden van het +machtige verbond van transportarbeiders in hun dienst +wilden hebben. Uit solidariteit verbreidde zich de beweging +<span class="pagenum" title="216"> </span><a id="p_216"></a>tot het personeel van de spoorwegmaatschappijen. +Op bekwame wijze voorbereid brak de werkstaking den +31en Januari in dezen tak van vervoer uit, zoo plotseling, +dat zij de geheele wereld verraste. De regeering ontbrak +elk middel om te handelen tengevolge van de minimum-vermindering +van het staande leger; de maatschappijen +hadden niet het minste vermoeden van deze gebeurtenis; +de leden der christelijke werkliedenvereenigingen waren +behendig medegesleept door de socialistische leiders. In +deze omstandigheden niet machtig genoeg, om de orde +te handhaven, en te kunnen tusschenbeiden komen, onthield +zich de regeering daarvan, en de maatschappijen gaven +dadelijk op het gezicht van de algemeene wanorde, die +hun tegenstand in den handel en de nijverheid des lands +zou veroorzaakt hebben, toe.</p> + +<p>Maar het ministerie, hoewel een oogenblik ontsteld, +nam maatregelen om te verhinderen, dat gebeurtenissen +van dezen aard, die Nederland aan een algeheele en langdurige +verwarring konden prijsgeven, weder voorkwamen. +Het diende onverwijld wetsontwerpen in tot krachtige +bescherming van de vrijheid van arbeid tegen het geweld +der werkstakers; tot militaire bewaking van de spoorwegen, +opdat het onmogelijk zou zijn in de toekomst, dat beambten +bij dezen openbaren dienst het werk zouden neerleggen; +en tot instelling eener commissie van enquête +om den toestand van de spoorwegbeambten te onderzoeken +en de grieven, die rechtvaardig bleken, zooveel +mogelijk weg te nemen.</p> + +<p>Op de aankondiging van de regeeringsontwerpen, die, +zeiden zij, de <ins class="corr" id="corr115" title="Bron: arbeids klassen">arbeidsklassen</ins> moesten overweldigen, worgen +en muilbanden, roerden zich de socialistische werklieden +organisaties en bereiden zich voor op de grootste krachtsaanwending, +die ooit is geschied. Den 19en Februari +vereenigden zich te Utrecht 40 werklieden-organisaties om +een Comité van verweer op te richten, waarin de S. D. A. P. +en de Anarchistische socialisten hand aan hand gingen.</p> + +<p>In 't openbaar waarschuwde dit Comité, dat, indien de +Kamers niet onmiddellijk de aangeboden wetsontwerpen +<span class="pagenum" title="217"> </span><a id="p_217"></a>verwierpen, zij tot de uiterste maatregelen zouden overgaan; +maar zijn geschreeuw en zijne bedreigingen konden +het ministerie niet afschrikken en de bespreking ging bijna +zonder onderbreking door. Ziende dat van deze zijde de +gedane waarschuwing niets uitwerkte, besloot het Comité +van verweer den 2<sup>den</sup> April te Amsterdam op voorstel van +Troelstra tot een algemeene werkstaking in de middelen +van vervoer. Vier dagen daarna brak zij uit, namelijk in +den nacht van 6 April, vier en twintig uren eerder dan +men ze verwachtte.</p> + +<p>Dr. Kuyper echter had dit alles voorzien. In overleg +met generaal Bergansius had hij krachtige maatregelen +genomen om deze politieke werkstaking tegen te gaan; +de miliciëns werden onder de wapenen geroepen, een +plan van organisatie werd tot in de fijnste détails uitgewerkt, +en op den morgen zelf na den beruchten nacht, +toen het wachtwoord van werkstaking tot alle revolutionaire +werklieden-vereenigingen was doorgedrongen, vonden de +werkstakers alle stations bezet met troepen, de lijnen bewaakt, +de belangrijkste bruggen bezet met oorlogsschepen en +de bediening der treinen goed verzorgd door Christelijke +werklieden, die met behulp van militairen, leerling-ingenieurs +of leerling-machinisten hun werk hadden terhand genomen.</p> + +<p>De groote krachtsinspanning, door de Socialisten van +allerlei soort aangewend, stuitte af op de energie der regeering.</p> + +<p>Om de nederlaag te verkleinen, breidde het comité van +verweer de werkstaking tot andere vakken uit, maar het werd +spoedig verplicht zich overwonnen te verklaren en aan de ongelukkige +arbeiders, die aan de algemeene werkstaking meegedaan +hadden, order te geven tot hervatting van den arbeid.</p> + +<p>Zoo eindigde met de aanneming van de wetsontwerpen +deze woeling, die Dr. Kuyper »misdadig« noemde, en +wier verwoestende gevolgen hij gelukkig afwendde door +zijn volhardende ijver en vastheid van hand.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Deze storm was nauwelijks bedaard, toen een andere van +<span class="pagenum" title="218"> </span><a id="p_218"></a>gansch anderen aard opstak. De aanneming van de beteugelende +voorzorgsmaatregelen was verkregen en het +gevaar der werkstaking geweken, toen de Staten-Generaal +op reces ging. Bij den terugkeer kwamen de wetsvoorstellen +in behandeling, die moesten dienen om het onderwijs +meer vrij te maken; in 't bizonder het ontwerp +van het Hooger Onderwijs. De Tweede Kamer nam +het zonder ernstigen tegenstand aan, maar bij de Eerste +Kamer gelukte het niet. De liberale meerderheid verhief +zich met kracht tegen de artikelen van het ontwerp en in +'t bizonder tegen artikel 5, dat aan vrije universiteiten +het recht om graden te verleenen toekende. In het voorloopig +verslag drukte zij haar voornemen uit om aan de +regeering hare medewerking voor de beoogde hervorming +te ontzeggen, maar men wist nog niet of dit een volstrekte +verwerping beteekende. Het ministerie volhardde van zijn +kant om zijn wil door te zetten. Het stootte toen op +een vaste oppositie van de liberalen, die bij monde van +een hunner, Van Boneval Faure, eischten dat het ontwerp +zou teruggetrokken worden en het kabinet zich in +de neutrale zône zou bewegen. Misschien hoopten zij zoodoende +Dr. <ins class="corr" id="corr116" title="Bron: Kuijper">Kuyper</ins> te doen aftreden en door den drang +der omstandigheden zelf de macht in handen te krijgen. +De redevoeringen van de sprekers van links, de verklaring +van de meerderheid, die onafgebroken in hare weigering +volhardde om het hooger onderwijs volgens de inzichten der +Tweede Kamer te organiseeren, de stemming, die volgde +en die de voorspelling van de verwerping bevestigde, dat +alles maakte een groot bezwaar uit.</p> + +<p>De toestand van de regeering was werkelijk critiek. Ze +kon noch wilde van haar hervormingswet van het hooger +onderwijs afstand doen, want dat beteekende een der +belangrijkste deelen van haar program op te offeren. Van +toen af bleef haar niets anders over dan keuze tusschen +twee uitersten: aftreden of de Eerste Kamer ontbinden.</p> + +<p>Zeker de aftreding van het ministerie zou de crisis +wegnemen, maar zij zou niet definitief het conflict tusschen +de beide Kamers uit den weg ruimen. De eerste daad +der Liberalen, wanneer zij de macht weder in handen +<span class="pagenum" title="219"> </span><a id="p_219"></a>zouden nemen naar de gewone parlementaire beginselen, +moest de ontbinding van de Tweede Kamer zijn; +en men wist niet hoe het volk op dezen maatregel zou +antwoorden... Het kon gebeuren, dat het wederom +een meerderheid van rechts naar de Tweede Kamer zond. +Bovendien zelfs wanneer men op een tegenovergestelde +gebeurlijkheid rekende, was de Eerste Kamer toch niet +de uitdrukking der denkbeelden van de lichamen, die haar +afvaardigden, namelijk de Provinciale Staten, en de liberale +leer moest noodzakelijk binnen korten tijd er in de minderheid +zijn. De verkiezingen van 1905 moesten de Eerste +Kamer op het doode punt brengen van 25 tegen 25, die van +1908 er een meerderheid voor de Christelijke Coalitie in +verzekeren. Op dit oogenblik kon men wel alles op het +spel zetten en hetzelfde conflict zou toch weder in een +anderen vorm en in omgekeerde orde tevoorschijn komen.</p> + +<p>Ter anderer zijde zou de ontbinding der Eerste Kamer +niet geschieden zonder ernstige tegenwerpingen zelfs van de +flinkste voorstanders van het ministerie. Zou het niet +voor de Eerste Kamer eene schending zijn van haar +traditioneel karakter als regelend lichaam, dat de zaken +verstandig overweegt, zooals zij naar den wensch der grondwet +is ingesteld buiten den al te levendigen strijd der partijen +en hartstochtelijke incidenten? Zou het niet beteekenen +ondermijning van haar gezag, wegneming bijna van +de reden van bestaan van deze instelling, die geroepen +is om bestendigheid aan den wetgevenden arbeid en aan +de staatsmachine te schenken, en haar voor de toekomst +onderwerpen door dit precedent aan alle politieke +avonturen en aan alle wisselvalligheden van de veranderlijke +meerderheid?</p> + +<p>In één woord, zou de Eerste Kamer, die sedert 1848 +op een soort van voetstuk was gezeten, niet daarvan afgetrokken +worden om zich in den strijd te mengen, waar +zij noodzakelijk in achting verminderd, misschien ten +doode gedoemd, zou uitkomen?</p> + +<p>Deze overwegingen, waarbij nog bij sommigen de vrees +kwam, dat deze daad van gezag slechts een bedroevend +effect op het volk zou hebben, kon de regeering echter +<span class="pagenum" title="220"> </span><a id="p_220"></a>niet tegenhouden. Dr. Kuyper dacht, dat het ontzag +voor een gekozen lichaam nooit meer verzwakt wordt, +dan wanneer de zekerheid is verkregen, dat het zijn politiek +fondament in zijne lastgevers heeft verloren, en hij +nam het besluit tot ontbinding van de Eerste Kamer. De +verwerping van het wetsontwerp had plaats gevonden op +den 14 Juli 1904; terwijl het koninklijk besluit van ontbinding +den 19en Juli verscheen, en den 3en Augustus +1904 gaven de verkiezingen aan het kabinet een meerderheid +van 31 tegen 19 stemmen.</p> + +<p>Dezen keer nog had de geestkracht van den eersten +minister den tegenstand verbroken. Het plan der Liberalen +had gansch en al schipbreuk geleden en hun tegenstand +had slechts gediend om de overwinning van hun +geduchten vijand vollediger en gemakkelijker te maken. +Maar deze staatsgreep, zooals zij deze eenige episode in +de parlementaire geschiedenis van Nederland noemen, +vermeerderde hunne vijandschap tegenover den man, die +de teugels van het bewind hield.</p> + +<p>De nadering van de verkiezingen maakte hen nog onverzoenlijker. +De oppositie bereidde er zich lang en +scherp op voor, zette alles op haren en snaren, en gaf +aan den strijd een gewelddadig karakter, totnutoe ongekend +in de Nederlandsche verkiezingen.</p> + +<p>Temidden van de hitte van den strijd en van deze +voorbereidingen voor de wraakneming, vertoonde zich het +ministerie voor de kiezers met de handen vol van den +wetgevenden oogst, die door den vierjarigen regeeringsarbeid +was behaald, en met opgehoopte goede verwachtingen +voor de toekomst. Het had de tenuitvoerbrenging van +verschillende wetten verzekerd, die hoewel onder het +voorgaand kabinet aangenomen, nog niet in toepassing +waren gebracht; in 't bizonder: de ongevallenwet, de +legerwet en de wet op de landweer, alsmede die op de volksgezondheid. +Het had verschillende belangrijke wetsontwerpen +beëindigd, zooals de vaststelling van het militaire +strafrecht en de wettelijke regeling van de discipline in +het leger, de beteugeling van werkstakingsmisdrijven, gedeeltelijke +wijziging van het onderwijsregime, de procedure +<span class="pagenum" title="221"> </span><a id="p_221"></a>van het hooger beroep op gebied van ongevallenverzekering, +de herziening van de gemeentelijke en van +de provinciale wet, de decentralisatie van de regeering +van Nederlandsch Indië en de hervorming van de comptabiliteitswet, +de wetgeving tegen het alcoholisme, enz... +Het kon bijgevolg zijn werk onderwerpen aan het oordeel +van het kiezerscorps zonder de systematische verdachtmaking +van zijne tegenstanders te vreezen.</p> + +<h3 id="B4_2">II.</h3> + +<div class="subh3"><i>De verkiezingen van 1905.—De overwinning van de linkerzijde.</i></div> + +<p>De kiezerscampagne werd geopend met de openbaarmaking +van het gemeenschappelijk program van actie, +vastgesteld door de Liberale Unie en den Vrijzinnig-Democratischen +Bond. Hunne verdeeldheden van af het +begin van 1901 hadden op bizondere wijze de zaak van +hunne tegenstanders gediend. Dezen keer namen zij zich +bijtijds voor, alle mogelijke geschillen te onderdrukken +en van den 21<sup>en</sup> Januari 1903 af gingen zij eene Unie +aan op zoo wijd terrein, dat zij hoopten te zien, dat +zich aan hunne zijde de andere fracties van links +zouden opstellen, van af de Oud-liberalen tot aan de +Sociaal-democraten.</p> + +<p>Hun zeer kort en zeer handig program had dezen voornaamsten +inhoud: ontwikkeling van de openbare school, +sociale hervormingen, reorganisatie van het leger en een +volksleger, besparing van financiën, instelling van een +redelijker systeem van directe belastingen en vooral herziening +van de grondwet. Op dit laatste punt, het belangrijkste, +hadden de leiders, de heeren Goeman Borgesius +en Marchant al de hulpmiddelen van hun vruchtbaren +geest in werking gebracht om niemands neigingen +te kwetsen. Wat zij wilden, dat was niet de totale herziening +van de grondwet, maar alleen die van artikel 80, +<span class="pagenum" title="222"> </span><a id="p_222"></a>dat het kiesrecht binnen grenzen opsloot, die de wetgever +niet kon overkomen.</p> + +<p>Om dit doel te bereiken moest men met overleg +handelen, want de linkerzijde had verre van eenzelfde +opinie over den zin van deze gedeeltelijke herziening. De +Oud-liberalen vonden de grenzen te wijd getrokken; de +Liberale Unie had zich kortelings verdeeld ten aanzien +van de kwestie, of het wel de tijd voor deze hervorming +was; en men wist het, dat de Sociaal-democraten voor +allen en tegen allen in het algemeen kiesrecht eischten.</p> + +<p>In deze omstandigheden een oplossing te vinden, die +allen kon bevredigen, was bizonder moeilijk. Zich te verklaren +vóór het algemeen kiesrecht, dat was den rechtervleugel +van de liberale troepen van zich te vervreemden; +zich voor het beperkte kiesrecht te verklaren, dat was den +mogelijken steun van de uiterste linkerzijde zich te ontzeggen. +Men had alle krachten en aller medewerking, +waar zij ook vandaan kwamen, noodig om te overwinnen.</p> + +<p>In dit dilemma vonden de heeren Goeman Borgesius +en Marchant op vernuftige wijze een schoone oplossing: +Men zou herziening aanvragen, maar men zou zich +wel voor uitlegging wachten. Men zou dan uitsluitend +bedoelen om uit artikel 80 de bestaande beperking door +te streepen en men zou aan de Tweede Kamer volle +vrijheid laten om het kiesrecht naar haar zin te regelen. +Op zulk eene wijze zou de grondwet zelve aan den gewonen +wetgever een blanco pagina verschaffen, waarop +hij vervolgens kon schrijven, wat hij wilde. Men hoopte, +dat iedere partij zich bevlijtigen zou dit blanco artikel +te eischen, in de hoop hare eigen begrippen er op te +doen schrijven. De Vrijzinnig-democraten verheelden niet, +dat in navolging van de Socialisten zij er het algemeene +kiesrecht begeerden te zien, maar niets verhinderde, naar +men geloofde, de Oud-liberalen te eischen dat er iets +anders op geschreven zou worden.</p> + +<p>Niettemin bracht deze oplossing, die tot niets besloot, +niet al de resultaten teweeg, die men er van verwachtte. +Zij voldeed de Vrijzinnig-democraten niet. Zij vermocht niet +het wantrouwen en de halsstarrigheid van de Oud-liberalen +<span class="pagenum" title="223"> </span><a id="p_223"></a>weg te nemen, van hen, die over 't geheel zeer begeerig +waren om de wapenen, zooveel gebruikt als zij +waren, in het grondwettig arsenaal te laten om er richtingen, +die hen buiten zinnen brachten, mede te bestrijden.</p> + +<p>Overigens waren zij in dit voorstel niet geraadpleegd +en hun voorzichtig conservatisme maakte er zich ongerust +over. Hierdoor wordt verklaard, waarom in hun manifest +aan de liberale kiezers, in de Nieuwe Rotterdammer Courant +op den 18<sup>en</sup> Februari 1905 gepubliceerd, zij verklaarden, +dat het niet wenschelijk was, dat eene herziening van de +kieswet op den voorgrond werd gesteld, met de bedoeling +om een voorloopige en noodzakelijke hervorming van de +grondwet tot stand te brengen. Evenwel spraken zij zich +in een andere passage uit ten gunste voor een geleidelijke +uitbreiding van het kiesrecht in overeenstemming +met de toeneming van de verstandelijke ontwikkeling en +van de stoffelijke onafhankelijkheid van de burgers. Het +geheele manifest proclameerde de noodzakelijkheid om +front te maken tegen het christelijke gouvernement, en +hun verlangen zich ten behoeve der gemeenschappelijke +actie met de groepen van den meer of minder liberalen +stam te verstaan. Maar zij wilden met hun eigen program +tot den vijand gaan en konden in dit oogenblik tenminste +het niet verlaten, om de hand naar de uiterste linkerzijde +uit te strekken, naar de Socialisten, waarvoor zij vreesden +als voor de nachtmerrie.</p> + +<p>Zij waren gereeder van gedachten, dit beslissende gebaar +niet te zullen maken, want men gevoelde reeds, zooals +een van hen, de heer Van Houten, later erkende, dat voor +hen het beste was de Roomsche Kerk en hare bondgenooten +te bestrijden. »Men moest vóór alles«, zoo trachtte +de heer De Louter te bewijzen, »zich vrijmaken van de +clericale heerschappij, die werkelijkheid was, terwijl de +socialistische heerschappij slechts een hersenschim is«. +Voor het oogenblik bepaalden zij zich er toe hun eventueelen +steun aan de <ins class="corr" id="corr117" title="Bron: Unieliberalen">Unie-liberalen</ins> en zelfs aan de Vrijzinnig-democraten +toe te zeggen.</p> + +<p>Zonder volkomen voldaan te zijn over deze vorderingen, +die zij stelliger en onbepaalder hadden gewenscht, maakten +<span class="pagenum" title="224"> </span><a id="p_224"></a>deze laatsten er staat op voor een vollediger liberale +concentratie. Intusschen hadden de Liberale Unie en de +Vrijzinnig-democratische Bond, na de districten onder +hunne candidaten verdeeld te hebben en zoo de kans +van slagen het grootst te hebben gemaakt, aan hunne +comité's hetzelfde wachtwoord gegeven, hoewel met +eenige verscheidenheid. »Geen candidaten stellen«, zoo +was het eerste »tegenover oud-liberale afgevaardigden, +die in 't bezit van een zetel zijn.</p> + +<p>»Zich er van te onthouden om candidaten er tegenover +te stellen«, zoo luidde het tweede, »zoodra zal blijken, dat +de zetel ernstig gevaar zou loopen in de handen van de +confessioneele partijen te geraken.«</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Tegenover de liberale concentratie, die zich langzamerhand +nauwer aaneensloot, had de Christelijke coalitie zijne +stellingen ingenomen.</p> + +<p>In een schoone rede had de heer Kolkman, die Dr. +Schaepman was opgevolgd aan het hoofd van de Roomsch +Katholieke Kamerclub, de noodzakelijkheid doen uitkomen +van nauwe vereeniging met de Antirevolutionairen, +om de zege van de Christelijke ideeën te voltooien, om +de ramp van een staat zonder God te vermijden. En de +algemeene vergadering van de Roomsche kiesvereenigingen +had besloten om hare candidaten met dit eenvoudig program +voor te dragen: Handhaving van de Christelijke +regeeringsmeerderheid en trouwe medewerking tot vollediger +uitvoering van het regeeringsprogram, zooals +dat in de Troonrede van 1901 is vervat geweest.</p> + +<p>Aan den anderen kant stelde zich de Deputatenvergadering +van de Antirevolutionaire partij op hetzelfde +standpunt, en Dr. Bavinck, aan wien Dr. Kuyper de leiding +der partij had overgedragen, drukte in zijne uitnoodiging +van de kiezers tot den heiligen strijd zijn vertrouwen +uit op de overwinning.</p> + +<p>Waarlijk, alle kansen schenen aan de zijde van de +rechter-coalitie te liggen. Nooit was de verstandhouding +<span class="pagenum" title="225"> </span><a id="p_225"></a>tusschen de verbondenen beter geweest. Evenals in 1901 +hadden zij de districten onder elkander verdeeld, om +boosaardigen wedijver en versplintering der krachten te vermijden. +Deze politieke verdeeling had men ook toegepast +op de nieuwe Christelijk-historische partij van de +heer De <ins class="corr" id="corr118" title="Bron: Savoruin">Savornin</ins> Lohman en Dr<ins class="corr" id="corr119" title="Niet in Bron.">.</ins> De Visser en op de +Friesch-Christelijke-historischen. Ds. Bronsveld bleef wel +is waar in zijne vijandschap tegenover het »monsterverbond« +volharden, maar zijn gezag was zeer verzwakt +door de breuk met Dr. de Visser; en zelfs degenen, +die eertijds aan zijne zijde Dr. Kuyper bestreden +hadden, zooals Ds. Buitendijk, verlieten hem om zich +wederom in 't openbaar met de Christelijke politiek van +de rechterzijde te vereenigen.</p> + +<p>Er was wel van de Antirevolutionairen onder de leiding +van den heer Staalman, afgevaardigde van den Helder, +een nieuw deel afgegaan, dat zich Christelijk-democratisch +noemde, maar zij waren zeer klein in getal en er was +naar men geloofde geen reden, om zich met hen te bemoeien, +dewijl hun politiek en hun overdreven eischen +hun ondergang voorspelden.</p> + +<p>De toestand was dus bizonder gunstig. De rechtsche +meerderheid bezat 58 zetels, waarvan slechts weinige +ernstig bedreigd werden. Er was alle grond om dadelijk +bij de eerste stemming op een gemakkelijke overwinning +te hopen. Op zijn slechtst genomen, kon de rechterzijde +zeven zetels verliezen, zonder dat de macht in andere handen +zou overgaan, en verloor zij meer, dan was het absoluut +zeker, dat de liberale concentratie nooit genoeg zou +winnen, om tot de samenstelling van een ministerie te +geraken zonder verplicht te zijn den steun van de Sociaal-democraten +te zoeken en zonder de Kamer dicht bij het +doode punt te brengen, dat haar reeds eenmaal als een +gek om zijn spil had doen draaien.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>De strijd was hard en ging met eene ruwheid gepaard, +zooals geen enkele vorige verkiezing had doen zien. De +<span class="pagenum" title="226"> </span><a id="p_226"></a>taktiek der Liberalen bestond daarin om al de grieven te +vergaderen en ze opnieuw op te wekken. Terzelfder tijd +dat zij zich stelden tegen het clericalisme en tegen de +godsdienst-oorlogspolitiek, die naar zij zeiden gepredikt +was door het gouvernement, legden zij er zich op toe +om de oude strijd tusschen Protestanten en Roomschen +aan te wakkeren. Terwijl sommigen een rechtstreeksche +charge uitvoerden onder leiding van den heer Van +Houten tegen de Roomschen, die zij ervan beschuldigden, +dat zij met hulp van hun eigen secten de +Hervormde Kerk wilden verwoesten, deden de anderen +op zeer handige wijze een zijdelingschen aanval op hen, +door hun de beleedigingen te herinneren, die zij tevoren +van de kant der Antirevolutionairen hadden moeten ondergaan. +En allen tegelijk vielen Dr<ins class="corr" id="corr120" title="Bron: ,">.</ins> Kuyper met woede aan, +dien zij »een ramp voor het land« noemden. Alle critiek, +alle wrok, die zij bijeen hadden vergaderd tegen dezen man, +die in hunne oogen een politiek van onverzettelijkheid en +krachtige actie voerde, werd den vrijen loop gegeven +en rumoerige dagen braken voor het land aan. Tot dezen +stormloop vereenigden zich al de ontevredenen, al degenen +die maar eenigermate en te eeniger tijd zich over Dr. +Kuyper hadden te beklagen gehad, hetzij tegenover hem +als kerkhervormer, als journalist, als staatsman of als +minister-president.</p> + +<p>Zoo werd het 16 Juni 1905. De resultaten van dezen +dag, waarop in geheel Nederland de verkiezingskoorts +woedde, maakten alle voorspellingen ijdel. Naar de berekeningen, +die op dat tijdstip waren gemaakt, hadden zich +van de 617.760 kiezers, die deelgenomen hadden aan de +stemming, 332,763 uitgesproken voor de regeeringspolitiek +en 283.907 tegen haar.</p> + +<p>Toch bereikte de rechtsche partij het gedachte succes +niet, want 44 van hare candidaten slechts kwamen als +overwinnaars uit de stembus tevoorschijn, terwijl zij +minstens 48 hadden verwacht, en van dezen waren er +slechts 13 Antirevolutionairen tegen 23 Roomschen, 7 +Christelijk-Historischen en 1 Friesch-christelijk historische +vertegenwoordiger. De heer Staalman had zijn eigen candidatuur +<span class="pagenum" title="227"> </span><a id="p_227"></a>in vele districten gesteld, met de bedoeling herstemmingen +te veroorzaken, waaruit hij met goed fatsoen +zou tevoorschijn komen, maar hij zag zich met zijn +weinige aanhangers gansch bedrogen uitkomen. Inplaats +van een voldoend stemmencijfer voor de Christelijk-democratische +partij te halen, werd hij nog in zijn eigen district, +den Helder, verslagen door de radicaal Gerritsen. +Zijne nederlaag, hoe verdiend ze ook was, beteekende +niettemin het verlies van een zetel voor rechts. Een +ander, dat voor haar nog gevoeliger was, werd haar toegebracht +in het district Gorkum, waar de opvolger van +den Antirevolutionair Seret werd geslagen door den oud-minister +Pierson.</p> + +<p>De linkerzijde van haar kant verloor de Unie-liberaal +Lieftink, die er voor doorging in den oosthoek van +Holland geliefd te zijn, wiens grootredenaar hij geweest +was, of nog was. Desniettemin verkreeg zij bij de eerste +ontmoeting 16 zetels meer dan 14 Juni 1901. Het was +niet genoeg om victorie te roepen of zich te vleien, dat +men de ministerieele meerderheid krachtig zou doen verdwijnen. +Alle reden was er voor, om daarentegen te +denken dat de rechterzijde voor de tweede keer minstens +een voldoende meerderheid zou erlangen om de macht +te behouden. Twee districten waren reeds zeker voor +haar behouden, die van Grave en Zevenbergen, waar +alleen Roomschen met elkander in herstemming kwamen.</p> + +<p>In vele andere, in Sliedrecht, Kampen, Sneek en Leiden, +was het getal der rechtsche stemmen grooter dan dat van +al de liberale stemmen. Meer nog in <ins class="corr" id="corr121" title="Bron: Enschedé">Enschede</ins> had een +Roomsche grooten kans van slagen, en men kon op het +succes der Antirevolutionairen in veel andere districten +hopen. Maar hier hing alles af van de houding der Oud-liberalen +en der Sociaal-democraten.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>De strijd hernieuwde zich met des te grooter vuur, +naarmate het beslissend oogenblik naderde. Hij werd +gekenmerkt door een geheime overeenkomst, die met zorg +<span class="pagenum" title="228"> </span><a id="p_228"></a>was bedekt gehouden, tusschen de Oud-liberalen en de +Sociaal-democraten. De eersten hadden wel verklaard, +dat hunne politiek onvereenigbaar was met die der Sociaal-democraten, +maar hunne commissie van advies, die van oordeel +was dat men vóór alles een eind moest maken aan het +Kuyper-regime, besloot even vóór de stemming, dat zij +in de districten, waar een candidaat van rechts met een +Sociaal-democraat in herstemming kwam, het aan de plaatselijke +besturen zou overlaten, om de houding aan te +nemen, die het hoogste belang des lands eischte. +Met andere woorden: zij ried hun indirect aan de Socialisten +te steunen. De besturen hadden aan een half woord +genoeg, en zij faalden niet om den raad uit te voeren.</p> + +<p>Anderzijds was het niet twijfelachtig of de S. D. A. P., +die twee maanden tevoren het besluit had genomen om +bij de tweede maal hare stemmen eenig en alleen aan +die candidaten te geven, die zich hadden uitgesproken +vóór de urgentie van het algemeen kiesrecht, was bereid +eerder hare beginselen te verloochenen dan den »Kuyperhaat« +af te leggen. Zoo kwam het uit en met een goed-bewaard +wachtwoord gaf zij haar partijgenooten vrijheid +om te stemmen zooals zij dat wilden, zelfs vóór de Oud-liberalen, +de meest-burgerlijke en conservatieve partij.</p> + +<p>Zoo vormde de geheele linkerzijde slechts één enkel +bloc, zich richtende tegen het clericalisme en de Christelijke +politiek, verpersoonlijkt door de regeering van Dr. +Kuyper.</p> + +<p>Deze wanhopige pogingen, gevoegd bij een wonderbaar +verkiezingsenthousiasme, brachten de Christelijke coalitie +de nederlaag toe. De Roomschen, die zich er niet mede +hadden gevleid, dat zij een eigen voordeel uit den strijd +zouden behalen, behielden hunne 25 mandaten; maar bij +dat aantal kwamen slechts 15 Antirevolutionairen, 7 Christelijk-Historischen +en een Friesch-Christelijk-Historische. +De linkerzijde had 52 afgevaardigden voor de Tweede +Kamer verkregen.</p> + +<p>De liberale pers begroette deze overwinning met een +vreugdekreet: Kuyper is gevallen, Kuyper is er uit. Dat +was het refrein, hetwelk de liberale organen ten beste gaven, +<span class="pagenum" title="229"> </span><a id="p_229"></a>zooals de Nieuwe Rotterdammer Courant en het Handelsblad. +Het Socialistische blad »Het Volk« eischte voor +zijne partij de eer op van den reus verslagen te hebben.</p> + +<p>Toen de eerste razernij over de zegepraal over was, +vroeg het land, als uit den droom komende, zich af, hoe +de Liberalen tot dit onverwachte resultaat hadden kunnen +komen. Zonder twijfel had de samentrekking van alle +partijen van links tot een anticlericaal bloc er krachtig toe +medegewerkt. Maar ook zeker had de groote Kuyperhaat, +die gedurende eenige maanden chronisch had geheerscht, +niet alleen de Liberalen en Socialisten, maar ook vele +orthodoxe Protestanten, aanhangers van Dr. Bronsveld, +overmachtigd, alsmede de Christelijk-Democraten en ook +eenige wantrouwige en weinig-ontwikkelde Roomschen. +Misschien zouden al die redenen niet voldoende zijn om +het resultaat der herstemming te verklaren, indien zij niet +waren vergezeld geweest van een manoeuvre van een groep +van rechts n.l. de Friesch-Christelijk-Historischen. Hetzij +uit wrok over de verwerping van hunne eischen, hetzij uit +bovenmatig vertrouwen op de onmogelijkheid van een +samengaan tusschen de Oud-liberalen en de Sociaal-democraten +en meer nog van de zege van links, richtten zij +zich naar den raad van een hunner leiders, den heer Wagenaar, +en weigerden aan de Antirevolutionairen in drie +districten hun steun namelijk in Utrecht, Leiden en Kampen. +Deze onverstandige houding, die van gebrek aan flinke +organisatie getuigde, was zeer waarschijnlijk de oorzaak +voor het verlies van deze drie zetels voor de rechterzijde en +bijgevolg van de nederlaag der ministerieele politiek.</p> + +<h3 id="B4_3">III.</h3> + +<div class="subh3"><i>Het liberaal ministerie De Meester.</i></div> + +<p>Kuyper was gevallen. Twee dagen na de herstemming, +den 1en Juli 1905, trok hij zich terug. Het ging er nu +om, de traditie van de liberale ministeries weder op te +vatten en dat was niet gemakkelijk. De zegevierende +concentratie was uit ongelijksoortige deelen samengesteld +<span class="pagenum" title="230"> </span><a id="p_230"></a>en het was dus moeilijk hieruit een ministerie tevoorschijn +te brengen. De Liberalen van allerlei nuanceeringen +van de Conservatieven tot de Vrijzinnig-democraten waren +niet instaat een zuiver concentratie-ministerie samen te +stellen. Het gewicht der gematigden bood wel het voordeel +om dat van de geavanceerden in evenwicht te houden +op de spil der Liberale Unie, maar hun gezamenlijke +krachten omvatten slechts 45 afgevaardigden. De steun +der Sociaal-democraten was onontbeerlijk om deze onregelmatig +gevormde meerderheid vol te maken, bestaande +uit 11 Oud-liberalen, 23 Unie-liberalen, 11 Vrijzinnig-democraten, +6 Sociaal-democraten en 1 onafhankelijke +Socialist. »De Standaard” schreef ervan: <ins class="corr" id="corr122" title="Niet in Bron.">»</ins>Wat ter wereld +zou men dan met zulk eene meerderheid uitrichten?”</p> + +<p>De beantwoording van deze vraag was des te moeilijker, +dewijl men er zich totnutoe niet had over bekommerd. +»Laat ons eerst maar den buit behalen, dan +zullen wij verder zien.« De moeilijke tijd was aangebroken +en in politieke kringen werden vele onderstellingen opgeworpen, +combinaties opgesteld; kortstondige samenstellingen, +die in elke periode van ministerieele crisis worden +gemaakt om den volgenden dag te verdwijnen.</p> + +<p>Het eenvoudigste scheen te zijn de linkerzijde te nemen +zooals zij was en door de vereeniging van al hare +elementen te regeeren, zelfs door er de Socialisten in op +te nemen. Op die manier zou het ministerie nauwkeurig +het »bloc”, dat gezegevierd had, vertegenwoordigen. Maar +deze oplossing, logisch als zij was, nam niettemin de +voorname bedenkingen en zware moeilijkheden niet uit +den weg. Het program der Oud-liberalen was al te zeer +in tegenspraak met dat der Sociaal-democraten, om een +vergelijk mogelijk te maken. Welke politiek zou daarom +een combinatie van dit soort kunnen voeren? Slechts +ééne, de anticlericale politiek, die bij de nadering der +algemeene verkiezingen bij de linkerconcentratie had +voorgezeten. Welnu, men wist dat in een land als Nederland +een zoodanige politiek spoedig zou verworpen +worden door de natie en dat overigens elke poging om +dezen weg op te gaan op de houding van de Eerste Kamer +<span class="pagenum" title="231"> </span><a id="p_231"></a>zou stuiten, waar de meerderheid aan de Christelijke +partijen bleef.</p> + +<p>Anderzijds door de Socialisten ter zijde te laten en een +liberaal ministerie samen te stellen, zonder zich om de +uiterste linkerzijde te bekommeren, zou men zich genoodzaakt +zien een wankelend staatsstelsel te aanvaarden, waar +tegenover de rechterzijde de regeering zou steunen op de +Socialisten en op hen zou rekenen om haar te bestrijden. +Deze manier van handelen zou waarschijnlijk uitloopen op +den meer of minder haastigen val van een kabinet, dat op +zulke broze grondslagen was gebouwd, want dat is tegenover +zulke goed-georganiseerde partijen niet zeer praktisch.</p> + +<p>Meester zijnde van den toestand, zouden zich de Socialisten +vertoornd over de weigering, die hun gedaan was, +om aandeel aan de regeering te hebben, wreken met hun +beslisten tegenstand op een gegeven oogenblik.</p> + +<p>Op het zien van deze moeilijkheden opperden eenige +leden van rechts zonder weerklank te vinden de bedenking, +dat het ministerie Kuyper de macht in handen had kunnen +houden. Bij de voorwaarde zich te moeten beperken +binnen de grenzen der neutrale zone en vooral die van +den premier te vervangen, paarde zich de zekerheid, dat +deze wijze van oplossing van de crisis de stemmen der +Liberalen, die nu in sterke mate verward waren, zou vereenigen. +Maar deze samenvoeging had geen kans van +slagen. Alle ministers zonder uitzondering vonden dat +hun reden van bestaan lag in de uitoefening van +een Christelijke politiek en zij hielden zich er bij Dr. +Kuyper in zijn terugtrekken te volgen.</p> + +<p>Onder de gematigden van de liberale concentratie, brak +zich een andere richting baan, die van vóór de verkiezingen +aangegeven was door »Het Handelsblad”. Indien in de +Tweede Kamer geen der partijen een vaste meerderheid +bezit, een werkende meerderheid, wat zal men dan doen? +Dan is er niets anders mogelijk dan eene vereeniging +van de voornaamste vertegenwoordigers der verschillende +richtingen b.v. dat dr. De Visser van de Protestanten, de +heer Loeff van de Roomschen, minister Idenburg van de +Anti-revolutionairen de hand gaf aan professor Van der +<span class="pagenum" title="232"> </span><a id="p_232"></a>Vlugt Oud-liberaal, aan Fock Unie-liberaal, en zelfs aan +den Vrijzinnig-democraat Dr. Bos. Een verbinding van +dat soort zal wanneer zij ontstaan is, zich op het standpunt +van een verstandig conservatisme plaatsen en een kalme +wetgevende periode gematigd en vruchtbaar openen. +Toen nu de verkiezingen achter den rug waren en door +het liberale orgaan de voorziene onderstelling was geopperd, +nam de pers van het linker centrum dit thema +weder op, waarop het geen slechte motieven borduurde. +Per slot van rekening ging het om een losmaken van +de schikking der partijen en een reconstructie van deze +naar een nieuw kenmerk, namelijk de mate van hun sociale +strekkingen. Rechts derhalve moesten uitmaken de conservatieve +elementen, links de meer democratische mannen.</p> + +<p>Door deze nieuwe klassificatie, die slechts tijdelijk zou +zijn, maar die men vuriglijk wenschte definitief te maken, +zou er geen kwestie zijn van een christelijk ministerie, +van wetten tot vrijmaking van het onderwijs, van een +regeering die het volk zou zoeken te hypnotiseeren door +op het klavier van het volksgeweten te spelen. Na Dr. +Kuyper zou men ook nog zijn werk verwoesten en de +monstercoalitie zou deelen in de nederlaag van haren +leider. Zoo was het levendige verlangen van de gematigden +van links. Zelfs zekere Vrijzinnig-democraten deelden +in dezen droom om namelijk de sociale kwestie de grondslag +te doen worden voor nieuwe partijen en nieuwe verbonden. +Alleen de christelijke partijen verstonden het niet. De +Roomsche bondgenooten in 't bizonder, die voornamelijk +bedoeld werden met de uitnoodigingen van de democratische +fracties van links, achtten terecht dat een dergelijke +schikking een groote fout zou zijn en dat, daar zij zich +op het terrein der beginselen bevonden, zij dit niet konden +verlaten om zich op den bewegelijken grondslag van een +kwestie te vestigen, belangrijk zonder twijfel in meer of +mindere mate maar niet op den voorgrond. Om die reden +dan ook verwierp de rechterzijde in haar geheel den discreten +voorslag die haar was gedaan, en zij antwoordde +met »De Tijd”: Het linker bloc heeft de overwinning +behaald. Laat men nu elkander verstaan, zooals men zal +<span class="pagenum" title="233"> </span><a id="p_233"></a>willen, om de vruchten er van te plukken, en een ministerie +samen te stellen volgens hun wensch.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>De taak was inderdaad bezwaarlijk. De tijd verliep en +geene der ontworpen combinaties werd verwezenlijkt. Eenige +dagen na de aftreding van Dr. Kuyper, had koningin +Wilhelmina op »Het Loo”, na de heeren Van Karnebeek +en Pierson, den voorzitter van de Liberale Unie, den heer +Goeman Borgesius ontboden. Regelmatig zich aan het +hoofd van de talrijkste groep van links bevindende, en in +het centrum van de zegevierende concentratie, had hij de +formeering van een kabinet in handen moeten nemen, +maar zijn eigene persoonlijkheid was te scherp belijnd voor +een Kamer, die juist aan scherpe lijnen gebrek had. Er kon +geen sprake zijn van eenigen der staatslieden, die zich +boven allen in den verkiezingsstrijd onderscheiden hadden, +want alles deed vreezen, dat zij de onverzoenlijke oppositie +van rechts niet zouden kunnen doorstaan. Eerst na +menige bespreking, veel besluiteloosheid en onnutte onderhandelingen +besloot de koningin personen van den tweeden +rang te roepen en zij vertrouwde den heer Goeman Borgesius +de samenstelling van een ministerie toe, waarvan +hij zelf geen deel zou uitmaken. Het was de tweede +maal, dat dergelijke manier van handelen in werking werd +gesteld. Het precedent was van Thorbecke, maar de +christelijke pers bleef onder deze omstandigheid niet in +gebreke op te merken, dat een slecht precedent van geen +waarde is, en dat bovendien de heer Borgesius niet Thorbecke +was.</p> + +<p>De chef van de liberale Unie vond spoedig als voorzitter +den heer De Meester, die in Indië geweest was en +er reputatie als financier had verkregen. Deze ambtenaar, +vreemd aan de ijverzucht der partijen en in 1904 om +gezondheidsredenen in het moederland gekomen, bereidde +zich voor om naar Indië terug te keeren, toen hij geschikt +bleek om een ministerie van Financiën waar te nemen. +Het moeilijkste had de heer Goeman Borgesius voor zijn +<span class="pagenum" title="234"> </span><a id="p_234"></a>kabinet verkregen. Hij had een premier gevonden, die +niet te veel afschrikte, omdat hij zonder politiek verleden +was. Hij voegde er voor Binnenlandsche Zaken den heer +Rink, afgevaardigde van Arnhem, lid van het bestuur van +de Liberale Unie, aan toe, wiens rol totnutoe weinig +belangrijk in de Tweede Kamer was geweest en die naar +alle waarschijnlijkheid in zijn nieuwe omgeving niet zou +schitteren.</p> + +<p>Hij plaatste voor Koloniën een ander Unie-liberaal, +den heer Fock, van betrekkelijk-gematigden zin. Voor +Justitie deed hij beroep op den heer Van Raalte, als +Vrijzinnig-democraat. Buitenlandsche Zaken werd toevertrouwd +aan den heer Tets van Goudriaan, die grijs was +geworden in het diplomatieke harnas en in het kabinet +de Oud-liberale richting vertegenwoordigde. Het ministerie +werd ten slotte voltallig door den zeekapitein Cohen +Stuart voor Marine, generaal Staal voor oorlog en voor +Waterstaat door den heer Kraus, beroemd ingenieur en +professor en rector-<ins class="corr" id="corr123" title="Bron: magnifucus">magnificus</ins> aan de Technische School +te Delft, die deze benoeming niet aanvaardde dan onder +de voorwaarde om in Chili de belangrijke werken te +mogen uitvoeren, welke de regeering van dat ver-verwijderd +land hem had opgedragen. Goeman Borgesius beloofde +alles, begeerig als hij was als hoofd om aan +ministerie De Meester dezen man van groote bekwaamheid +en wezenlijke kracht te verbinden. Om zijne taak te +vergemakkelijken, maakte een koninklijk besluit van den +11<sup>en</sup> September 1905, het bestuur van Landbouw, Nijverhandel +en Handel los van het departement Waterstaat +om daarvoor een afzonderlijk ministerie te vormen, het +welk de heer Veegens, oud-redacteur van het Vaderland, +verkreeg, een Vrijzinnig-democraat, wiens richting grensde +aan het Socialisme.</p> + +<p>In zijn geheel was het een ministerie met doffe toonaarden, +samengesteld uit staatslieden van den tweeden rang, en +naar de gedachte van den samensteller, bestemd om zoo +goed en kwaad als het ging, zonder groot gerucht en +zonder groote hervorming de wetgeving weder op te +vatten. De bladen der oppositie gaven het den bijnaam +<span class="pagenum" title="235"> </span><a id="p_235"></a>van »blanco artikel«. Het was niet een »zakenkabinet« +in den eigenlijken zin des woords, daar het geheel tegen +den wil van den heer Van Houten zich niet beperkte tot +de neutrale zône en zijn voornemen aankondigde om +naar sociale hervormingen te staan. Het was liberaal, zoo +zeide het, en dat was verstaanbaar, maar daar het verplicht +was om te laveeren, opdat het de hulp van geheel tegenovergestelde +richtingen behield, was het onbekwaam om +iets door middel van zichzelven, zijn eigen krachten en +volgens zijn eigen beginselen tot stand te brengen; een +machteloos ministerie, dat aan de voorwaarden eenige +jaren tevoren door zijn samensteller opgenoemd, niet beantwoordde. +Want immers het bezat in zichzelven niet +de noodige kracht om aan het volk de groote hervormingen +te geven, die de meerderheid zonder onderscheid +van partij of richting sedert lang scheen te begeeren.</p> + +<p class="tb">* <span class="tbhoog">*</span> *</p> + +<p>Dit alles kwam nauwkeurig uit in de Troonrede van +19 September 1905, die het program van het nieuwe +kabinet mededeelde.</p> + +<p>Met duistere geleerdheid en gewilde gematigdheid kondigde +zij hervormingen aan, die het voorwerp zouden zijn +van den wetgevenden arbeid. Daartoe behoorden: herziening +van enkele gedeelten van het strafrecht en van het +handelsrecht, van de armenwet; voltooiing van het wetboek +van het militaire strafrecht, wijzigingen in den dienst +van het reservekader enz., zonder duidelijk den zin aan +te geven, op welke wijze het ministerie deze hervormingen +wilde verwezenlijken. Het voegde er aan toe, dat noodzakelijk +de middelen voor de staatsbegrooting moesten versterkt +worden, maar er werd niet bij gezegd, hoe men dat +wenschte te doen. Ondertusschen erkende het, dat voor +de uitvoering van de beloofde sociale hervormingen geld +noodig was en dat derhalve deze eerst konden verkregen +worden, wanneer de middelen daartoe gevonden waren. +Tevens deelde het zijn voornemen weder om voor zijn +rekening te nemen de ontwerpen van den oud-minister +Loeff, voor zoover ze betrekking hadden op het arbeidscontract +<span class="pagenum" title="236"> </span><a id="p_236"></a>en de administratieve rechtspraak. Eindelijk +sprak het zich uit over de grondwetsherziening, artikel 80, +het vermaarde blancoartikel. Dit laatste punt was van +het meeste gewicht en met groot ongeduld verwacht. +Men meende dat hierin ten minste de ministerieele verklaring +duidelijk zou zijn, en dat zij het wachtwoord zou +bevatten, dat in de liberale concentratie gedurende den +verkiezingsveldtocht leefde: dringende en dadelijke <ins class="corr" id="corr124" title="Bron: afschafiing">afschaffing</ins> +van de hinderpalen, die door artikel 80 van de +grondwet den gewonen wetgever waren gesteld voor de +wettelijke regeling van het kiesrecht. Maar inplaats van +zich precies aan dit punt te houden verbreedde het de +hervormingslijst en benoemde als voorloopigen maatregel +eene commissie om te onderzoeken, welke andere wijzigingen +in de grondwet aangebracht moeten worden, +waardoor inplaats van een gedeeltelijke een algemeene +grondwetsherziening werd gesteld.</p> + +<p>Deze manier van handelen, die naar men zeide geïnspireerd +was door den kundigen chef van de Liberale +Unie, was zeer verstandig. Zoo won men tijd zonder +dat het ministerie door scherpe debatten in opspraak +werd gebracht. Terwijl de commissie van onderzoek zich +met de uiterste nauwkeurigheid aan haar taak wijdde, +met de verstandige traagheid, waarmede de Nederlanders +bij de oplossing van een belangrijke kwestie steeds te +werk gaan, ging het ministerie met zijn arbeid voort zonder +eenige opzien te baren, en leidde de bespreking over +eenige wetten van lageren wetgevenden arbeid, zonder +dat de Staten-Generaal den tijd hadden gehad de +herzieningen tot een goed einde te brengen en de volgende +verkiezingen reeds van de nieuwe herziening konden +profiteeren. Dat was de toekomst laten zorgen en zelf +voor den tegenwoordigen tijd op te passen en zoo de +vrees der Oud-liberalen te doen bedaren. Het is evenwel +moeilijk om allen tevreden te stellen, en het ongeduld +van Vrijzinnig-democraten en Socialisten kon zich niet +goed vereenigen met hetgeen zij noemden een capitulatie +op het belangrijkste punt van het ministerieele program.</p> + +<p>De oppositie hoorde de Troonrede met een ongeloovigen +<span class="pagenum" title="237"> </span><a id="p_237"></a>glimlach aan. Zij verborg niet haar spijt over het terugtrekken +van Dr. Kuyper's wetsontwerp tot regeling van +den arbeidsduur en het nalaten van de verzorging +der moreele belangen van Indië en moederland. Evenwel +toonde zij een zekere voldoening over het feit, +dat het nieuwe kabinet zich niet had laten beinvloeden +door de liberale pers in hare eischen aangaande herziening +van de wet op het onderwijs en van andere partijwetten, +onder de voorgaande wetgeving aangenomen. Zij was +dankbaar voor de woorden van bevrediging, door het +ministerie uitgesproken en zij beloofde, zoo de regeering +de voorgestelde maatregelen zou indienen, zoolang het +te steunen, als zij kon zonder dat hare beginselen hieronder +leden.</p> + +<p>De rechterzijde nam dus geen stelselmatig-vijandige +houding aan. Dat kwam wel uit toen in de Tweede +Kamer de bespreking aan de orde kwam van het arbeidscontract, +het eenige nog eenigszins belangrijke werk, dat +het ministerie ten einde bracht. De oppositie heeft er +trouw aan medegearbeid en hare hulp verzekerde den +goeden uitslag ervan.</p> + +<p>Maar ondanks deze medewerking aan een hun noodzakelijk-toeschijnende +hervorming, die reeds door den oud-minister +Loeff op het program was gebracht, hebben toch +de Christelijke partijen voortdurend een oppositie-politiek +gevoerd. De grenslijn tusschen rechter en linkerzijde bleef +gehandhaafd en alle openlijke of heimelijke pogingen om +dezen te doen verdwijnen, door de eenheid van handeling +van de oude steunpilaren van het kabinet Kuyper te +breken, bleven ijdel. Het monsterverbond overleefde de +stembusnederlaag van zijn hoofd en men gevoelde het, +dat het voor een gunstig oogenblik zijn kracht en werkdadigheid +bewaarde. Het linkerbloc had zich in den +loop van den parlementairen arbeid eenigszins verwrongen. +De Socialisten hadden er zich van losgemaakt en aan +zekere teekenen kon men zien, dat er meer breuken ophanden +waren.</p> + +<p>Naar de erkenning van de grootste optimisten was de +toestand van het ministerie gansch niet gezond. Door de +<span class="pagenum" title="238"> </span><a id="p_238"></a>tusschentijdsche verkiezing te Leiden, waar de Christelijk-historische +Dr. de Visser de plaats van den oud-liberaal +Van der Vlugt innam, werd het er niet beter op.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Deze onzekere toestand had het ministerie zoo verstandig +moeten maken om de baan van een zakenkabinet niet te +verlaten. Maar het begreep het niet; door Borgesius, naar +men zeide, gedrongen, die achter de coulissen het bestuurde, +alsmede door de Vrijzinnig-democraten, had het +de onvoorzichtigheid in de begrooting van 1907 met het +doel het budget te verlagen, de hervorming van het leger +op te nemen.</p> + +<p>Men wete namelijk, dat in Nederland de miliciens, +waaruit het leger bestaat, aan een vrij-eigenaardig stelsel +onderworpen zijn. Sedert de wet van 1901 zijn de soldaten, +die opgeroepen worden om het jaarlijksch contingent +uit te maken, oorspronkelijk verplicht tot een dienst van +acht en een halve maand. Gedurende het overige gedeelte +van het jaar zouden de kazernes eigenlijk leeg moeten +staan en zij zouden het werkelijk zijn indien niet de noodzakelijkheid +van een altijd mogelijke mobilisatie, de eischen +van kadervorming, en de vervulling van de hulpdiensten +niet de handhaving oplegden van een deel der troepen, +het blijvend gedeelte onder de wapenen gedurende vier +maanden, dat een aantal van 7.500 mannen, in 30 garnizoenen +verdeeld, niet mocht teboven gaan.</p> + +<p>Sedert eenigen tijd hield een deel van links niet op, +de opheffing van het blijvend gedeelte te vorderen, met +de bedoeling om langzamerhand tot een volksleger te +komen, dat niet meer als een afzonderlijk lichaam zou +bestaan, van het overige deel der natie door militaristische +denkbeelden, door een partijgeest, een kaste en +een paradegeest uit vroegere eeuwen overgebleven, die geen +reden van bestaan meer hadden, gescheiden. Het was de +partij der Vrijzinnig-democraten, die openlijk naar één +harmonisch en democratisch geheel streefde, dat de geheele +natie zou omvatten, die eensgezind zou werken aan +<span class="pagenum" title="239"> </span><a id="p_239"></a>de handhaving van de onafhankelijkheid des lands en aan +het respect voor zijn grondgebied.</p> + +<p>Deze theorieën waren de voorwaarde van samenwerking +met de Liberale Unie geweest. Zij kwamen voor op het gezamenlijke +program van de liberale concentratie en men +verdacht er de regeering sterk van, dat deze er zich van +af wilde maken, door de middelen voor het blijvend gedeelte +te verminderen en deze te gebruiken voor de verhooging +van het jaarlijksche contingent. Immers de minister +van oorlog, generaal Staal, had tegen de eerste +beloften van den heer De Meester in verklaard, dat hij +hier niet uit spaarzaamheid handelde, maar dat hij de +verkregen gelden noodig had voor een ander hoofdstuk +van zijne begrooting.</p> + +<p>Toen de begrooting van oorlog zoo werd ingediend bij +de Tweede Kamer, ontmoette ze groote moeilijkheden. +Men was er zich inderdaad van bewust, dat al de legerautoriteiten +het ontwerp van generaal Staal geheel afkeurden, +hetwelk zij tenminste slecht voorbereid achtten; +en bovendien had men een ongunstigen indruk gekregen +door de handeling van den minister, die was begonnen +een deel der soldaten van het blijvende gedeelte naar +huis te sturen, zonder de Tweede Kamer er in te kennen. +Evenwel behield hij het vertrouwen van de Kamer, vergaderd +op 21 December 1906, door de belofte, die door +middel van den leider der Oud-liberalen aan de regeering +ontrukt werd, dat de toepassing van eenige militaire +maatregelen tot 1 April verdaagd zou worden.</p> + +<p>Maar zoo was het niet in de Eerste Kamer, die het oogenblik +niet gunstig achtte voor de vermindering van het +blijvend gedeelte en bijgevolg de oorlogsbegrooting verwierp.</p> + +<p>Zich solidair met generaal Staal verklarende, trad het +kabinet in zijn geheel af, waardoor wel wat lichtvaardig +een moeilijke crisis geopend werd. Zij duurde twee maanden +en tegenover de weigering van de rechterzijde om de +regeering te aanvaarden, kon zij niet anders opgelost worden +dan door de terugkomst van het kabinet De Meester +voorloopig zonder generaal Staal, dien op het genoemde +<span class="pagenum" title="240"> </span><a id="p_240"></a>tijdstip de Provinciale Staten van Noord-Holland naar de +Eerste Kamer zonden, denkelijk om daar hen van naderbij +te leeren kennen, die zulk een ongelukkig einde aan +zijn ministerieele fortuinlijkheid gemaakt hadden.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Op dat oogenblik was in de politieke kringen aller +aandacht gericht op de provinciale verkiezingen. Deze +waren van te meer belang, derwijl de Provinciale Staten +de leden der Eerste Kamer verkiezen en men terecht of +te onrecht de liberalen er een weinig van verdacht, het +vraagstuk van de vermindering van het blijvend gedeelte +te hebben opgeschort om voor zich daardoor bij deze +verkiezingen een voordeelige reclame te maken.</p> + +<p>Het belang van den strijd lag grootendeels in Zuid-Holland. +In de overige provincies scheen inderdaad de +meerderheid te sterk hetzij van rechts of van links, om +aan verandering te kunnen denken, of het mogelijke resultaat +zou te gering zijn invloed op de houding van de +Eerste Kamer kunnen oefenen.</p> + +<p>Maar in Zuid-Holland was het anders. Tot 1901 +had deze provincie een liberaal bewind gehad; nu nog +waren er 36 liberalen in tegenover 46 rechtschen. Onder +de 31 leden, die in Juni 1901 hun mandaat geëindigd zagen, +bevonden zich 17 van links en 24 van rechts. Derhalve +zou een verplaatsing van 5 of 6 stemmen voor de +linker concentratie genoeg zijn om de meerderheid te +behalen en tegelijk 10 zetels in de Eerste Kamer te heroveren +en om wellicht door deze nieuwe Eerste Kamer +tot een vernieuwing van het liberalisme in het land te +komen.</p> + +<p>Om dit te bereiken, spaarde het linker bloc geen enkel +middel, waardoor de christelijke coalitie uit hare stellingen +kon worden verjaagd. Het was bij deze gelegenheid meer +saamverbonden dan ooit tevoren. Een vereenigingsverdrag +verbond al degenen nauw met elkander, die den +weidschen naam van liberaal droegen, namelijk: Oud-liberaal, +Unie-liberaal en Vrijzinnig-democraat. Bovendien werd het +<span class="pagenum" title="241"> </span><a id="p_241"></a>in bijzondere districten bij de herstemming gesteund +door de Sociaal-democraten. Het driemanschap Tijdeman-Borgesius-Marchant, +dat bij deze entente aan het hoofd +stond, had nauwkeurig den veldtocht bepaald. Men hield +niet verborgen, dat nu de overwinning van 1905 moest +voltooid worden; dat de overwinning van dat jaar slechts +halverwege was geweest zoolang de confessioneele meerderheid, +die sedert de staatsgreep van 1904 in de Eerste +Kamer heerschte, bleef bestaan en dat het van belang +was aan de liberale regeering een Eerste Kamer te bezorgen, +gewijd aan de liberale denkbeelden, opdat de +regeering hare beloften zou kunnen vervullen en hare +hervormingen tot een goed einde zou kunnen brengen.</p> + +<p>Zoo namen de verkiezingen in de provincie Zuid-Holland +een politieken tint aan tegen de ontbinding van de Eerste +Kamer in 1904. Het was als een beslissende strijd tegen +het <ins class="corr" id="corr125" title="Bron: monsterbond">monsterverbond</ins> en zijne deelhebbers, de mannen van de +antithese. In één woord: het was een indirecte verkiezing +voor de Eerste Kamer, vrijwel gelijk aan de verkiezingen +voor een president van de Vereenigde Staten van Noord-Amerika.</p> + +<p>Onder de leiding van zijne chefs gaf de concentratie +blijk van een ongelooflijk drukke werkzaamheid, die +echter voor de Liberalen het ongelukkigste resultaat had, +dat ooit door hen was ondervonden. Bij de eerste stemming +op 11 Juni verloren zij, inplaats van te winnen, +vele zetels. Meer nog dreigde de christelijke coalitie, die +door hare eenheid en organisatie den woedenden aanval +vermocht terug te slaan, bij de herstemming de meeste +districten van Rotterdam, waaraan zij hare bizondere zorgen +had gewijd, te veroveren. De linkerzijde verkreeg +slechts twee zetels, terwijl men rechts 23 bij de eerste stemming +verwierf.</p> + +<p>Dat was meer dan een nederlaag, dat was verval.</p> + +<p>Nog erger werd het daarna, toen de verkiezingen in +Overijsel de meerderheid aan de christelijke partijen bezorgden, +en in hun handen de Gedeputeerde Staten vielen, +die tot dien tijd voortdurend liberaal waren geweest.</p> + +<p>De herstemming bracht geen verzoeting van de bitterheid +<span class="pagenum" title="242"> </span><a id="p_242"></a>der eerste stemming teweeg. In Zuid-Holland overmeesterde +de christelijke coalitie voor een deel de groote +stad Rotterdam. In het derde district behaalde de heer +Kolkman, leider van de <ins class="corr" id="corr126" title="Bron: Koomsch">Roomsch</ins>-Katholieke Kamerclub +de zege over den Liberaal, den heer Van Dam, en in +district 5 versloeg een Christelijk-historische, de heer Van +Asch van Wijk, den heer Zimmerman, den jongen en +vurigen burgemeester van Rotterdam.</p> + +<p>In Friesland daarentegen was het resultaat, dat de +meerderheid der Provinciale Staten, die bijna door de orthodoxen +was verkregen, aan de Liberalen onttrokken werd, +terwijl ze toch aan de linkerzijde bleef. De Provinciale +vertegenwoordiging bevatte tengevolge der stemmingen, +waarin de Socialisten 5 zetels wonnen: 22 Liberalen, 20 +coalitiemannen en 8 Sociaal-democraten. Deze laatsten +werden bijgevolg de scheidsrechters van den politieken +toestand. Maar de rechterzijde had geen reden zich er +over te verheugen, want het was te voorzien dat de Socialisten +ervan zouden profiteeren, om spoedig of minder +spoedig storm te loopen op de deuren van de Eerste +Kamer en van de Liberalen ter vergoeding voor hunne +medewerking te eischen, dat Friesland een of meer van +de vier Eerste Kamerleden uit de Socialisten zou zenden. +Desniettegenstaande liet dit feit den achteruitgang der liberale +denkbeelden zien, overal behalve in Amsterdam.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>De grootste inspanning van het Liberalisme, om in de +Eerste Kamer het verloren terrein terug te winnen, was +geheel mislukt en deze nederlaag schraagde zeker het +wankelende ministerie niet, maar het zag zich het vertrouwen +van het kiezerscorps ontzegd.</p> + +<p>Begreep minister De Meester wel, dat de liberale regeering +in zeer slechte verhouding kwam te staan en wilde +hij wellicht voordat de toekomst hem ontging tenminste +het vraagstuk van de herziening van de kieswet, het voornaamste +van zijn program, aan de orde te stellen? Of +wel, wilde hij daarmede de onmacht der wetgeving, waartegen +<span class="pagenum" title="243"> </span><a id="p_243"></a>hij zich met alle macht verzette, verbloemen? Hoe het +zij, bij de opening van de Staten-Generaal op den 17<sup>en</sup> +September 1907, bracht hij onverhoeds de kieswetherziening +in bespreking.</p> + +<p>Doch wat hij aankondigde, was niet meer een generale +herziening, zooals het verslag der Staatscommissie +behelsde, hetwelk eenige maanden tevoren was medegedeeld, +maar een gedeeltelijke herziening, die de grenzen +door artikel 80 gesteld slechts overschreed om eenige wijzigingen +aan te brengen in de samenstelling en de rechten +der Eerste Kamer. De verwondering was algemeen en +van alle kanten, zelfs in het liberale kamp, vond men, +dat een staatscommissie te benoemen om de lijst van de +punten der herziening wat te verbreeden en deze vervolgens +bijna bij het punt van uitgang te laten, zonder zich +meer om de conclusies van deze commissie te bekommeren, +alsof zij niet bestond, een vreemd schouwspel was en +wel een weinig met den samenhang spotten.</p> + +<p>Ondanks de haast, die hij aan den dag legde om met +de zoo beperkte hervorming te beginnen, had het ministerie +niet den tijd om met het onderzoek een aanvang te +maken. De aangekondigde ontwerpen waren nauwelijks +ingediend, toen het zonder genade en zonder glorie onder +de bespreking van de begrooting viel.</p> + +<p>Sedert de aftreding van generaal Staal was de kwestie +van het blijvend gedeelte opgeschort en de voorwaarde +door den heer De Meester tot de hervatting van het bewind, +van het indienen een nieuw ontwerp, scheen een +doode letter gebleven te zijn. Wat nog meer inhad: de +nieuwe minister van oorlog, de heer Van Rappard, had +den 12<sup>en</sup> Juli een circulaire aan de korpscommandanten gezonden +om den 1en December een deel van het blijvend +gedeelte van de infanterie naar huis te zenden. Maar +deze circulaire onderstelde, dat de kwestie door de Staten +Generaal zou zijn afgewerkt vóór dien datum, en zij was +het niet.</p> + +<p>Ook werd deze ernstige kwestie door de bespreking +der begrooting van 1908 wederom aan de orde gebracht +in de Tweede Kamer, waaraan deze nog ernstiger +<span class="pagenum" title="244"> </span><a id="p_244"></a>kwestie werd toegevoegd, aangaande den toestand +van het leger. Volgens algemeen oordeel was deze toestand +ver van voldoende. Teekenen van ontmoediging +en demoralisatie vertoonden zich overal. Om deze +toestand van malaise, die er heerschte sedert het optreden +van het ministerie De Meester, te doen ophouden, moest +aan het hoofd een man komen te staan van groote +militaire kennis, die de reorganisatie van het leger +geleidelijk doorzette, noodzakelijk om tot het gewilde +resultaat<ins class="corr" id="corr127" title="Bron: ,"></ins> te komen, en een kloekheid, die onmisbaar is +om vertrouwen in te boezemen.</p> + +<p>Welnu, generaal Van Rappard was zulk een man niet. +Een goed generaal, maar een betreurenswaardig minister, +die zich door den loop der gebeurtenissen liet besturen, +en het leek wel, of hij geen vast doel in het oog had +en geen diepe overtuiging bij zich droeg. Sedert het begin +van zijn ministerschap, had hij wel eenige wettelijke +beschikkingen genomen van minder belang, maar op alle +voornaamste punten scheen hij geen bizondere meening +te hebben. Deze besluiteloosheid van karakter evenwel, +die hem raad deed inwinnen bij de Kamer inplaats van +aan hare goedkeuring een wèl-overwogen plan te onderwerpen, +was niet de eenige oorzaak van de middelmatige +hoedanigheden, die in het bestuur van zijn ministerieel-departement +uitkwamen. De heer Van Rappard was +tevens bovenal het slachtoffer van de moeilijkheden, door +de linker concentratie teweeggebracht. Bij de verkiezingen +van 1905 was zij naar de stembus gegaan met de +inschrijving van twee punten in haar program: besparing +van militaire uitgaven en een volksleger. Daaruit was de +meening ontstaan, dat wanneer zij maar eens de zege +behaalde, zij spoedig een hervorming onder zee- en landsoldaten +zou invoeren, en dat zij, terwijl de militaire +lasten werden verlicht, de waarde van het leger zou verhoogen. +Zulke verwachtingen had zij onder het volk +gebracht; en zoo kwam het dan, dat menschen van +goeden wil, vreemdelingen in de staatkundige wereld, op +wie de overwinnaars de waarmaking van hunne beloften +hadden overgedragen, den kiezers onvoldaanheid inboezemden. +<span class="pagenum" title="245"> </span><a id="p_245"></a>Van besparing was geen sprake meer, de begrooting +van 1908 bracht eene verhooging van 1 millioen boven +die van 1907 aan en men was ver van zeker, dat die +van de volgende jaren daarbij bleven. Wat betreft het +volksleger, dit scheen meer en meer een droombeeld +te zijn.</p> + +<p>Deze opeenvolgende toestanden van afwachten, onzekerheid +en bedrog hadden een malaise onder het volk +teweeggebracht en een wezenlijke crisis in het leger.</p> + +<p>Verscheidene sprekers constateerden het bij de bespreking +in de Tweede Kamer; van den heer Heemskerk, den +Antirevolutionair, af tot den heer Troelstra, den Socialistischen +leider toe; en generaal Van Vlijmen trok uit naam +van de Liberalen de conclusie, dat de verkregen resultaten +in het leger niet in verhouding waren met de geldelijke +offers, die Nederland werden opgelegd. Het was duidelijk, +dat de minister niet meer het vertrouwen van de +Tweede Kamer bezat<ins class="corr" id="corr128" title="Bron: ,">.</ins> De verwerping van de oorlogsbegrooting +in de zitting van 21 December 1907 was +er het noodzakelijk gevolg van.</p> + +<p>Bij deze nieuwe nederlaag aan zijn militaire politiek +toegebracht, kon het ministerie met de aftreding van den +heer Van Rappard niet volstaan. In minder dan een +jaar tijds waren twee ministers op het parlementaire slagveld +gesneuveld; de eene verslagen door den tegenstand der +Eerste, en de andere door de oppositie van de Tweede +Kamer, zoodat op dien manier de volksvertegenwoordiging +in haar geheel zijne houding aangaande legerhervorming +had veroordeeld. Hier komt nog bij, dat de minister +van Marine, de heer Cohen Stuart, eveneens gedrongen +was geworden om in dien tusschentijd af te treden. Zoo +is het dan gemakkelijk te begrijpen, dat de heer De +Meester, ook al vond hij een opvolger voor de zware +taak van den heer Van Rappard, en dat was twijfelachtig, +niet meer genoegzaam zedelijk overwicht had om zijne +positie te handhaven en nog minder om het met Kamerontbinding +te wagen. Uitermate verzwakt als het liberale +ministerie was geworden in de twee jaren zijner regeering, +waar het bij elke ontmoeting een weinig van zijn kracht +<span class="pagenum" title="246"> </span><a id="p_246"></a>en prestige had verloren, stierf het, zooals het neutrale +blad, »De Telegraaf” schreef, aan de gevolgen van de +ziekte van stembusbeloften. Het werd gedwongen +zijne onmacht om ze te verwezenlijken te erkennen en +aan anderen het bestuur der nationale zaken over te laten. +Zonder al te lang te dralen, deed het dit en den 26<sup>en</sup> +December 1907 gaf het de gezamenlijke <ins class="corr" id="corr129" title="Bron: portefeulles">portefeuilles</ins> aan +de koningin over.</p> + +<h3 id="B4_4">IV.</h3> + +<div class="subh3"><i>Het ministerie Heemskerk.—De algemeene verkiezingen +van 1909.—De toekomst van de Christelijke Coalitie.</i></div> + +<p>Ondanks de begeerte van de rechterzijde om de Liberalen +nu eens te laten profiteeren van hunne overwinning +van 1905, in den zin zooals zij dat verstonden, kon deze +zich niet meer onttrekken aan de verantwoordelijkheid +der regeering, zooals zij dat eenige maanden tevoren +gedaan had, voornamelijk niet, toen de linker concentratie +zich duidelijk genoeg onmachtig getoond had om een +nieuw ministerie samen te stellen. Allen waren echter +niet van die gedachte. Dr. Kuyper in 't bizonder meende, +dat het de voorkeur verdiende om tot aan de algemeene +verkiezingen de overwinnaars in hun moeilijke positie +en onmacht te laten. Het volk zou, naar hij geloofde, +zulk eene ontmoediging ondergaan, dat het voor goed +de liberale principes veroordeelde, die door de feiten +waren gelogenstraft, en de tijd, die er op volgde, zou +des te vruchtbaarder en te voorspoediger zijn. Maar de +rechterzijde in 't algemeen deelde niet het inzicht van +Dr. Kuyper en achtte, dat het hoogste belang van den +staat niet toeliet, dat men dit waagstuk beging. De heer +Heemskerk, zoon van den conservatieven oud-minister en +president van de Anti-revolutionaire kamerclub, ontving +opdracht om een kabinet te formeeren. Hij was daartoe +aangewezen geworden door zijn beslissende tusschenkomst +in de bespreking van de Oorlogsbegrooting.</p> + +<p>Spoedig vond de heer Heemskerk twee antirevolutionaire +<span class="pagenum" title="247"> </span><a id="p_247"></a>medewerkers; de eene Ds. Talma<ins class="corr" id="corr130" title="Niet in Bron.">,</ins> een der bekendste aanhangers +van Dr. Kuyper, aan wien hij het departement van +Landbouw, Handel en Nijverheid toevertrouwde; en de +andere, de heer Idenburg, die Koloniën weder opnam, +hetgeen hij vóór de komst van het ministerie De Meester +op uitnemende wijze had waargenomen.</p> + +<p>Tevens richtte zich de heer Heemskerk tot den heer +Kolkman, den leider der Roomsch-Katholieke Kamerclub, +en gaf aan hem het departement van Financiën, aan den +heer Nelissen dat van Justitie en aan den heer Bevers, +allen Roomsch, dat van Waterstaat, terwijl hij voor Buitenlandsche +Zaken den heer Marees van Swinderen, +Nederlandsch gezant te Washington, benoemde, om in +het kabinet de Christelijk-historische ideeën van den heer +de Savornin Lohman te vertegenwoordigen.</p> + +<p>De heer Heemskerk nam Binnenlandsche Zaken op +zich en tevens den presidentshamer. Het baarde bizonder +opzien, dat aan het hoofd van Oorlog en Marine twee militairen +stonden zonder politieke kleur, van algemeen +erkende bekwaamheid en in deskundige kringen zeer gezien. +Generaal Sabron, chef van den generalen staf, nam +de zware taak op zich om de legermacht te reorganiseeren +en admiraal Wentholt, die den heer Cohen Stuart +vervangen had, behield in het nieuwe ministerie +zijne portefeuille.</p> + +<p>Men was een oogenblik bevreesd dat de eerste daad +van een zoo snel en op zulke wijze opgekomen ministerie +de ontbinding van de Tweede Kamer zou zijn, dewijl een +meerderheid van links, hoe zwak ook, de voltooiing van +zijne wetsontwerpen en de uitvoering van zijn program +kon verhinderen. Verstandige mannen waren van oordeel, +dat het beter was dadelijk de Kamer te ontbinden, dan +dit te doen na maanden van kleurloos en onvruchtbaar +bestuur. Maar de heer Heemskerk was van andere gedachten. +Hij had een vluchtigen blik op de ligging der +Tweede Kamer geworpen; hij had rechts de christelijke +partijen gezien, alle bereid om hem krachtig te ondersteunen, +links een zeker aantal staatslieden, die overtuigd +waren, dat noch zij noch hunne partij er profijt bij +<span class="pagenum" title="248"> </span><a id="p_248"></a>hadden om een onverzettelijke houding aan te nemen, +waarvan eene ontbinding het noodzakelijk gevolg moest +zijn. Daaruit had hij opgemaakt, dat hij geen stelselmatige +oppositie te duchten had en bijgevolg het voor het belang +van het land noodzakelijk was met de Kamer, zooals +zij was, te regeeren, maar haar bij het eerste conflict te +ontbinden.</p> + +<p>Dat was de gedachte, die uit de ministerieele verklaring +sprak, welke bij den terugkeer van de Kamer op den 10<sup>en</sup> +Maart 1908 afgelegd werd. Met het kennelijke voornemen +om alles te verwijderen, wat aan de Liberalen een directe +uitdaging zou kunnen toeschijnen en hun tot voorwendsel +zou kunnen dienen voor sterken tegenstand, vermeed +de minister-president alle sterke kleuren, alle uitgebreide +plannen, alle scherpe punten van tegenstelling. Wel nam +hij het christelijk program weder op, dat in 1905 uit +handen van Dr. Kuyper was gevallen, maar hij verklaarde +dadelijk, dat het kabinet in verzoenenden geest en zoo +ruim mogelijk zijne beginselen zou toepassen. Daartoe +koos hij de minstbetwiste hervormingen, die in het +program stonden, zooals de strafrechterlijke vervolging +van de openbare onzedelijkheid en de wettelijke subsidieering +van het bizondere middelbare onderwijs, een +maatregel die den schoolarbeid van de ministers Mackay +en Kuyper moest aanvullen en waarvan zelfs door zekere +Liberalen, zooals Dr. Bos en minister Rink, de billijkheid +was erkend. Daarbij voegde hij nog de herziening van +wetten, wier leemten in de praktijk aan het licht waren +gekomen, voornamelijk van de ongevallenwet en de gemeentewet.</p> + +<p>Bovendien sprak het kabinet zich uit tegen vermindering +van het blijvend gedeelte, in afwachting van een ophanden +zijnde herziening van de wet op den militairen +dienst om aan de ongemakken, hier verbonden, tegemoet +te komen; erkende het de noodzakelijkheid van de versterking +der kustverdediging; behield nog de kwestie van +de droogmaking der Zuiderzee voor zich, om deze nauwkeuriger +te onderzoeken; en trok eindelijk de ontwerpen +door den heer De Meester aangaande grondwetsherziening +<span class="pagenum" title="249"> </span><a id="p_249"></a>in, daar ze naar zijn oordeel al te zeer tegen zijne +beginselen ingingen en naar het zeide vijftien maanden te kort +waren, om deze ernstige kwestie grondig te onderzoeken. +Dat was te voorzien, want het was voor niemand een +geheim, dat de voorliefde van de rechterzijde de sociale +hervormingen bezaten, en dat het werk van grondwetsherziening +niet onmisbaar geacht werd voor hunne totstandkoming; +ja integendeel, dat het gevolg zou zijn, dat ze tot in 't +oneindige zouden verdaagd worden; en dat het dus verkieslijker +voorkwam zonder te dralen een deel tenminste van het +sociale program van Dr. Kuyper in vervulling te brengen.</p> + +<p>Van die gedachte bleek de heer Heemskerk te zijn, +toen hij, zonder zich bij zekere ontwerpen op te houden, +als verplichte verzekering tegen de gevolgen van ziekte, +invaliditeit en ouderdom, die reeds van tevoren in minachting +waren; zich er toe beperkte om uitbreiding van +de arbeidsinspectie en ouderdomspensioen te beloven, als +voorbereidende maatregelen voor algemeene pensioenregeling +tegen invaliditeit.</p> + +<p>Het is verstandig dat men zich weet te beperken; en +het geheele ministerieele program, dat per slot van +rekening slechts een program van afwachten was, getuigde +in zijn geheel van deze practische wijsheid, die hetgeen +onmiddellijk bereikbaar is verkiest boven prachtige en +klinkende voorstellingen, die te groot en te vaag zijn om +tot waardeerbare resultaten te komen. Dat erkenden +bijna allen, ook ter linkerzijde, waar men, behalve eenige +geavanceerden, de ministerieele voorstellen, den geest van +opportuniteit en verzoening, de nauwkeurigheid der verklaringen, +den wensch om op positieve manier in het +welzijn des lands temidden van de moeilijke omstandigheden, +waarin het ministerie de regeering aanvaard had, +te arbeiden, gunstig opnam.</p> + +<p>De moeilijkheden, waarmede het te worstelen had, +kwamen niet alleen uit de vreemde politieke verhouding, +waarin het ministerie De Meester het had overgedragen, +maar ook uit de economische crisis, die over het land +was gekomen tengevolge van de geweldige daling der +Amerikaansche papieren. De gebeurtenissen in de Nieuwe +<span class="pagenum" title="250"> </span><a id="p_250"></a>Wereld hadden een geweldigen terugslag in dit land, +dat met Amerika nauwe handelsbetrekkingen onderhoudt. +Toen in de maand Augustus van 1907 de Amsterdamsche +Beurs onder den invloed van nieuwstijdingen uit New-York +begon te dalen, maakte zich groote ongerustheid +van de gemoederen der financiers meester, die zich +over nijverheid en handel verspreidde. Oude bankiershuizen, +bekend om hunne soliditeit, werden geschokt, +anderen sloegen bankroet, waardoor boven de tallooze +verliezen er bijna volkomen beslag op de zaken werd +gelegd. De diamantindustrie en diamanthandel, die van +groot gewicht in Nederland zijn, moesten, dewijl er geen +aftrek meer was onder de Amerikaansche milliardairs, +hun produktie en uitvoer beperken. Bijgevolg werden +duizenden diamantbewerkers werkeloos en dezen bij die +van andere werken gevoegd, in 't bizonder van het +bouwvak, vormden alleen voor de stad Amsterdam een +leger van bijna 100.000 werklieden zonder werk en aan +de ellende ten prooi. De particuliere weldadigheid mocht +wel hare pogingen verdubbelen, de winter van 1907-1908 +was bar en de toestand bleef langen tijd pijnlijk, verergerd +door het feit, dat meer en meer de plattelandsbevolking +zich in de groote kustplaatsen en vooral in de +hoofdstad vestigde.</p> + +<p>Tevens leden 's lands financiën, zooals onvermijdelijk +was, onder de crisis, die de persoonlijke fortuinen +teisterde. De nationale inkomsten verminderden op +buitengewone wijze en de begrooting wees een tekort +van 10 millioen aan. Om het financieel evenwicht te +herstellen, mocht men geen nieuwe leening te hulp roepen, +want in zulke omstandigheden was dit middel bezwaarlijk. +Het beste was om het tekort zooveel mogelijk te dekken, +door op de directe belasting een verhooging aan te +brengen.</p> + +<p>Daarom was het, dat de regeering na eenige maanden, +waarin zij met vele andere wetgevende maatregelen de reorganisatie +van de inspectie op den arbeid had beëindigd, +in de Troonrede van 15 September 1908 mededeelde, +dat de financieele toestand ver van gunstig was +<span class="pagenum" title="251"> </span><a id="p_251"></a>en men, zonder de uitvoering van de sociale hervormingen +uit het oog te verliezen, noodzakelijk voor hare toepassing, +tot elken prijs de middelen van 's rijks schatkist +moest versterken.</p> + +<p>Hiertoe had het Kabinet zich in herinnering gebracht, dat +de heer De Meester vóór zijn val een wetsontwerp had +ingediend om de beide belastingen op het vermogen en +het bedrijf, zestien jaar geleden door minister Pierson ingesteld, +tot ééne inkomstenbelasting te vereenigen; en hij +vertrouwde dat deze samensmelting voldoende zou zijn +om het financieel evenwicht te herstellen. Nu gaf het +Kabinet het voornemen te kennen dit ontwerp weder op te +vatten, nadat het van eenige beschikkingen, die slecht +door het volk zouden worden opgenomen, zou zijn ontdaan. +Intusschen vroeg het aan de Tweede Kamer ter afdoening +van het allernoodzakelijkste 10 percent additioneele rechten +op vermogens- en bedrijfsbelasting, die zonder +discussie werden toegestaan en behield zich in het +uiterste geval een hooger accijns op de jenever voor.</p> + +<p>Zoo was het ministerie Heemskerk bezig toen de wetgevende +periode ten einde liep. In 't buitenland had het +ministerie zich voorzichtig en tevens krachtig vertoond +in het Venezuelaansche conflict. Naar binnen had het +een groot deel van het afwachtingsprogram, dat het zich +bij zijn optreden had voorgesteld, werkelijkheid doen +worden; het had tot algemeene voldoening in de kwestie +van het blijvend gedeelte een besluit genomen, naar de +verstandige plannen van generaal Sabron en tevens was +de wet op het middelbaar onderwijs tot stand gekomen. +Het had op bekwame wijze het bewind gevoerd, zonder +in de Tweede Kamer een onverzettelijke oppositie te vinden, +die anders noodzakelijk op ontbinding had moeten uitloopen. +Zijne plannen, om in de toekomst de derde +periode van militairen dienst voor de op te komen miliciens +weg te nemen en de tweede voor de landweer, het jaarlijksche +contingent van 17500 op 22000 soldaten te +brengen, maar daarentegen de duur van den militairen dienst +van vijftien op tien jaar terug te voeren, werden met zooveel +te meer ingenomenheid begroet, daar de chefs van het +<span class="pagenum" title="252"> </span><a id="p_252"></a>leger deze wijzigingen volkomen vereenigbaar achtten met +de eischen der militaire defensie. Anderzijds maakten +de ontwerpen van minister Nelissen ter onderdrukking +van de openbare zedeloosheid en in 't bizonder van de +pornographie en der neomalthusiaansche <ins class="corr" id="corr131" title="Bron: progaganda">propaganda</ins> een +uitnemenden indruk. Het ontzag voor de rechterzijde +was, zooals sommigen gevreesd hadden, er in de zestien maanden +regeering niet op verminderd en de algemeene +verkiezingen kwamen voor haar op een gunstigen tijd.</p> + +<p>De verkiezing was even kalm als zij in 1905 druk en +luidruchtig geweest was. De linkerzijde, die vier jaren tevoren +een woedenden aanval gedaan had op het ministerie +Kuyper, had geen enkelen grond om te hopen, dat zij +dezen keer een beslissende zege zou behalen. De +ervaring van het kabinet De Meester had haar hare onmacht +om te regeeren getoond, en hare begeerte naar +de overwinning werd getemperd door de zekerheid, dat +zij er toch geen voordeel van zou kunnen trekken. Overigens +had het ministerie Heemskerk het bewijs van zulk +een verstandige handelwijze geleverd, dat een aantal +liberalen gaarne wilden dat hij maar aan het bewind bleef, +met deze voorwaarde natuurlijk, dat hij niet op een +Christelijke meerderheid zou kunnen steunen en dat de +linkerzijde ten minste haar 51 mandaten in de Tweede +Kamer zou behouden. Men moet zich nu eenmaal kunnen +schikken. Het ministerie Heemskerk deed zijn werk zoo +goed. De kiezers moesten het niet omverwerpen, want +de linkerzijde zou toch geen meerderheid er uit kunnen +krijgen, maar de regeering mocht er niet meer door versterkt +worden. Zoo was het beleid, dat in zekere liberale +kringen besproken werd en waarvan de Nieuwe Courant +slechts de weergalm was.</p> + +<p>De heer Goeman Borgesius was evenwel niet van deze +gedachte en daarom trachtte hij tegenover het clericalisme +de linkerconcentratie te herstellen, die bij de vorige verkiezingen +er in geslaagd was het gevreesde Kuyper-regime +van de baan te schuiven, hetwelk hij het grootste ongeluk +achtte dat ons treffen kan. Maar die taak ging met +groote moeilijkheden gepaard. De algemeen-bekende +<span class="pagenum" title="253"> </span><a id="p_253"></a>vooruitschuiving van de »Liberale Unie” naar den kant +van den Vrijzinnig-democratischen Bond was niet goed +opgenomen en tusschen Vrij-liberalen en Vrijzinnig-democraten +heerschte een kwalijk verscholen vijandschap. +Om de gunst van de vrij talrijke leden van den Bond +voor Algemeen Kiesrecht te behouden en die van de +leden van den Algemeenen Bond voor Staatspensioneering +te verwerven, had de heer Borgesius op vermetele wijze +aan het socialistische program twee eischen ontleend: +staatspensioneering en algemeen kiesrecht. Nu was het +niet meer het schemerduister van het »blanco-artikel«, +dat hij zocht, hij vroeg nu onomwonden grondwetsherziening +om tot algemeen kiesrecht te komen; maar daarin +kon hij de goedkeuring der Oud-liberalen niet wegdragen. +Deze had hij ook niet meer in de kwestie van staatspensioneering, +want men vond dat hij alleen werk maakte +van kiesrechtuitbreiding. Zelfs de Vrijzinnig-democraten, +die hij in sociale hervormingen trachtte te overtreffen, +veroordeelden voor 't meerendeel deze manoeuvre. Hun +aanvoerder, de heer Treub, bewees met cijfers de financieele +onmogelijkheid om in Nederland staatspensioneering +in te voeren, en hij voegde er aan toe, dat het voorspiegelen +van gunstige maatregelen voor de armen, zonder +te weten dat ze ook verwezenlijkt konden worden, geen +democratie was maar volksverleiding, en dat de voorstanders +van verzekering tegen invaliditeit en ouderdom uit +staatskas waren naieve optimisten of staatkundigen van den +kouden grond.</p> + +<p>Men was het dus onder de Liberalen over het verkiezingsprogram +niet eens en ook niet over de indeeling +van de te veroveren zetels in de Tweede Kamer. De Oud-liberalen +spraken openlijk hun voornemen uit om tegenover +sommige Vrijzinnig-democraten hun eigen candidaten +te stellen; en deze laatsten dreigden met weerwraak. +De Socialisten, gedrongen als zij werden door de <ins class="corr" id="corr132" title="Bron: propoganda">propaganda</ins> +van de Marxisten, verscherpten hun klassestrijd in +de verkiezingen tegen de burgerlijke partijen zelfs tegen +de Liberalen.</p> + +<p>Tegelijkertijd met die verdeeldheid heerschte een volstrekt +<span class="pagenum" title="254"> </span><a id="p_254"></a>gebrek aan vertrouwen en geestdrift onder de +kiezers van de linker-concentratie. Hun geheele houding +voorspelde een nederlaag voor de verkiezingen en hun onrustig +verlangen beperkte zich tot de handhaving van den +politieken toestand zooals hij was. Per slot van rekening +deden zij alleen maar moeite om hunne posities te verdedigen, +maar evenals in den oorlog is een defensieve +houding een slechte taktiek ook in den politieken strijd. +Tevergeefs trachtten eenige leiders den ouden Kuyperhaat +weer aan te wakkeren en de heer Van Houten wierp hun +het wachtwoord toe: Kuyper mag niet terugkomen!</p> + +<p>Zoo verdeeld en onzeker als het linkerbloc was, zoo +vast-aaneengesloten was de Christelijke coalitie. Men had +een oogenblik gevreesd, dat het verschil van inzichten +tusschen Dr. Kuyper en Mr. De Savornin Lohman, dat +wederom in een levendige polemiek over de toekomstige +rol van het ministerie Heemskerk was gebleken, een belemmering +in de eenheid van actie zou zijn, maar bij +de nadering der verkiezingen hadden deze twee eminente +mannen hun verschil van gevoelen doodgezwegen en +namen zij hun gemeenschappelijke overeenkomst met de +Roomschen weder op. Zelfs de Christen-democraten, die +door de ondervinding waren geleerd, maakten zich gereed +om de candidaten van rechts te ondersteunen, mits men +ter hunner belooning in het district Helder hun leider +Staalman ondersteunde.</p> + +<p>Dadelijk togen de verschillende organisaties aan +het werk om een verkiezingsprogram op te stellen. +Den 22<sup>en</sup> April werd te Utrecht de deputaten-vergadering +der Antirevolutionaire partij gehouden, die tot de volgende +hervormingen besloot: huismanskiesrecht, verplichte +verzekering tegen invaliditeit en ouderdom, verhooging +der invoerrechten om tot werklieden-pensionneering te +kunnen komen, vollediger gelijkstelling van bizonder en +openbaar onderwijs. Van zijne zijde besloot het Algemeen +Verbond der Roomsch-Katholieke kiesvereenigingen tot +dezelfde eischen, terwijl het evenwel nog bij het huismanskiesrecht +evenredige vertegenwoordiging voegde. Beiden +spraken buitendien hun vertrouwen in het ministerie +<span class="pagenum" title="255"> </span><a id="p_255"></a>Heemskerk uit, op dit punt door de Christelijk-historischen +gevolgd, die niettemin weigerden om een lijst van hervormingen +openbaar te maken, daar zij zeiden, dat de +bepaling, welke kwesties urgent zijn, aan het ministerie +toekwam en niet aan de kiezers.</p> + +<p>Zoo begon de verkiezingstijd. Na eenige somwijlen +ietwat moeilijke onderhandelingen en lichte schermutselingen +vooral tusschen Christelijk-historischen en Antirevolutionairen, +kwam de overeenkomst tusschen de +verschillende partijen van rechts tot stand. De Roomschen +hadden meer dan eens en nog pas bij een tusschentijdsche +verkiezing voor de Provinciale Staten van Zeeland +ondervonden, dat een zeker aantal Protestanten hardnekkig +weigerde op een Roomschen candidaat te stemmen, +en gaven maar zooveel mogelijk toe. Zij beperkten zich +er toe om de 25 zetels te behouden en in vele districten +waar zij een groote kans hadden, steunden zij liever den +Antirevolutionairen candidaat. Zij offerden zelfs Enschede, +dat hun voorheen had toebehoord, op, waar sedert 1897 +ondanks een betrekkelijk zeer schoone meerderheid bij +de eerste stemming voor hun eigen candidaat, de Socialist +Van Kol, steeds bij herstemming de volstrekte meerderheid +haalde. Want dit doende, achtten zij het niet het belangrijkst +om de twee of drie zetels, die hun bij evenredige +verkiezing toekwamen, te veroveren, maar om een +schitterende overwinning aan de Christelijke coalitie te +bezorgen.</p> + +<p>Dank zij de wèl-voorbereide en goed-bestuurde gemeenschappelijke +actie werd het dadelijk op den 11<sup>en</sup> Juni +reeds eene overwinning. De 25 Roomschen kwamen +allen met sterke meerderheid uit de stembus, zelfs de +heer Passtoors in Beverwijk, die het meest bedreigd werd, +met een meerderheid van 1000 stemmen boven de gezamenlijke +drie candidaten, die tegenover hem stonden. De +Antirevolutionairen, die den zwaarsten aanval des vijands +hadden te doorstaan, hadden een winst van zes zetels, namelijk +Enkhuizen, dien zij op den leider der Liberale Unie heroverden, +Kampen, Enschede, Gorkum, Amsterdam VII +en Amsterdam VIII. De Christelijk-historischen bleven +<span class="pagenum" title="256"> </span><a id="p_256"></a>op dezelfde hoogte. In één woord, de rechtsche partijen +vorderden en behaalden onbetwistbaar een vaste meerderheid +in de Tweede Kamer. De linkerzijde had slechts +tien afgevaardigden verkozen gekregen en haar aanvoerder, +de heer Goeman Borgesius, in twee districten verslagen, +trachtte met moeite bij de herstemming voor Rotterdam I +verkozen te worden.</p> + +<p>De 36 herstemmingen waren niet instaat om den toestand +te wijzigen. Haar resultaten konden òf de meerderheid +versterken òf verhinderen dat de nederlaag van links +in een verplettering veranderd werd. Ondanks het welslagen +van de eerste stemming en het prestige op de +kiezers als gevolg van hunne overwinning, verwachtte de +rechterzijde weinig van de herstemming. Behalve één +zetel, die zij te Ede veroverde, waar een onafhankelijke +Christelijk-historische tegenover een Antirevolutionair +stond, verwachtte zij niet meer dan twee of drie districten te +winnen. De voorgaande verkiezingen hadden haar inderdaad +geleerd dat over 't algemeen de herstemmingen in +haar nadeel waren; op het beslissend oogenblik vereenigden +dan de linkerpartijen hunne stemmen op den +liberalen of socialistischen candidaat en behaalden er de +overwinning. Deze keer echter ging het niet op dezelfde +wijze. De Sociaal-democraten hadden van de eerste +stemming af hun voornemen te kennen gegeven om in +geen geval de Oud-liberalen te ondersteunen. Conservatieven +van rechts of van links, »dat is hetzelfde«, zeiden +zij. Bijgevolg bevalen zij onthouding aan waar een Oud-liberaal +tegenover een van rechts stond. Als weerwraak +namen de Vrij-liberalen eenzelfde houding aan tegenover +de Socialisten, en niet tevreden er mede, om ten hunnen +opzichte een wangunstige neutraliteit te bewaren, zeiden +zij zelfs hunne partijgenooten aan om op den candidaat +van rechts te stemmen, indien namelijk de tegenpartij van +den <ins class="corr" id="corr133" title="Bron: Socialischen">Socialistischen</ins> candidaat een Christelijk-historische was, +hetgeen zich in 't bizonder voordeed in Amsterdam II, +waar de heer Snoeck Henkemans den president van het +Socialistische Werkliedenverbond, den heer Oudegeest, bestuurder +van de algemeene werkstaking van 1903, bestreed.</p> + +<p><span class="pagenum" title="257"> </span><a id="p_257"></a></p> + +<p>Tengevolge van deze verdeeldheid, die de kracht van +de liberale concentratie aanmerkelijk verzwakte, behaalde +de Christelijke den 28<sup>en</sup> Juni <ins class="corr" id="corr134" title="Niet in Bron.">een</ins> nieuwe overwinning. Amsterdam +II en Haarlem waren door de Christelijk-historischen +veroverd, waardoor dezen 12 zetels zich verwierven. De +Antirevolutionairen behaalden 23 zetels, en wonnen +Rotterdam IV door de verkiezing van den heer Jacob +Heemskerk, broeder van den minister van dien naam; +Rotterdam V, waar de heer Van Raalte, oud-minister in +het kabinet De Meester verslagen werd; en Utrecht II, +op den heer <ins class="corr" id="corr135" title="Bron: Roell">Roëll</ins>, den geachten voorzitter der Tweede +Kamer, veroverd. De meerderheid van rechts werd hierdoor +op 60 stemmen in de Tweede Kamer gebracht. De Liberalen +kwamen gedecimeerd uit den strijd, vooral de Oud-liberalen, +die hun beste vertegenwoordigers van het staatkundig +tooneel zagen verdwijnen en niet dan vier zetels behielden, +het ongelukkig overblijfsel van vroegere grootheid. Alleen +waren de Socialisten eenigszins vooruitgegaan, die zonder +de handelwijze van Roomschen en Christelijk-historischen +in verscheidene districten hun aantal afgevaardigden zouden +hebben zien vermeerderd.</p> + +<p>Alles tezamen genomen had de les der verkiezingen +een dubbel karakter. Ter eener zijde was het de ongenade, +waarin de gematigde-liberalen gekomen waren bij +de kiezers, waardoor zij hen verlieten in hun onafgebroken +evolutie in de richting van het Socialisme, om +de vooruitstrevende elementen van de oude groote liberale +partij te volgen. Aan de andere zijde was het groote +tevoren nimmer voorgekomen succes der rechterzijde, dat +een vertrouwen in de gematigde en kalme leiding van +minister Heemskerk te kennen gaf en voor de Christelijke +coalitie een schoone toekomst opende.</p> + +<p class="tb">* <span class="tblaag">*</span> *</p> + +<p>Tweemaal reeds in 1888 <ins class="corr" id="corr136" title="Bron: in">en</ins> 1901 waren de Christelijke +partijen op één verkiezingsprogram vereenigd, aan de +regeering gekomen, maar hunne overwinning was slechts, +zij wisten het, momenteel en zij gevoelden dat de Liberalen +<span class="pagenum" title="258"> </span><a id="p_258"></a>slechts één oogenblik de macht in handen behoefden te +krijgen, om met meer kracht hun overwicht in de verschillende +staatslichamen te hernemen. Overigens zijn de +laatste verkiezingen van groot gewicht. Wanneer men ze +van naderbij beschouwt, geven zij den indruk, dat men +zich op een keerpunt in de staatkundige geschiedenis +bevindt. Tachtigduizend stemmen meerderheid in het land, +twaalf in de Eerste Kamer, twintig in de Tweede Kamer, +een ministerie samengesteld uit bekwame mannen; zoo +is de gunstige toestand van de Christelijke Coalitie. Niets +staat meer de uitvoering van hare plannen in den weg, +<ins class="corr" id="corr137" title="Bron: niet">niets</ins> meer de voltooiing der noodzakelijke hervormingen.</p> + +<p>Maar deze toestand is, om zich sterk uit te drukken, +niet onneembaar. De veroverde stellingen hebben versterking, +bevestiging en bescherming noodig. De invloed +van rechts in de Tweede Kamer is naar het getal te +groot voor het aantal kiezers, die van deze begrippen doordrongen +zijn. Deze onevenredigheid is daar, waar zij zich +vertoont, een bedreiging voor hen, te wier voordeel zij +bestaat. In Nederland is er dus bij de nadenkende staatkundigen +een zekere vrees, die het ministerie Heemskerk +kan doen verdwijnen. Groot is de verantwoordelijkheid, +die op dit ministerie rust; van zijn ijver, wijsheid, +en politieken zin hangt het vertrouwen der natie in de +werkdadigheid der Christelijke politiek af. Indien het bij +geval niet aan de verwachtingen, die men ervan heeft, +voldeed, dan zouden de volgende algemeene verkiezingen +in éénen dag het werk van dertig jaren worsteling vernietigen, +zonder wellicht de mogelijkheid over te laten om +een nieuw gebouw uit het puin te doen herrijzen.</p> + +<p>Maar tevens, welk een schoon vergezicht van vruchtbaren +wetgevenden arbeid opent zich niet voor ons; een +tijd om, zonder onderdrukking der minderheden, op den +grondslag van de grootst-mogelijke vrijheid en gelijkheid +voor alle burgers, een goede sociale wetgeving op duurzame +grondslagen op te bouwen. De hangende vraagstukken +zijn ernstig en veelvoudig; arbeiderspensioneering +op practische wijze verzekerd, en tevens hiermede +in verband, de herziening der inkomende rechten; +<span class="pagenum" title="259"> </span><a id="p_259"></a>de Zondagsrust beter geregeld en beter beschermd; de +openbare zedeloosheid op afdoende manier tegengegaan; +het vrije onderwijs in al zijne vertakkingen en +onderafdeelingen genietende van dezelfde voordeelen als +het openbare. Bovendien binnen korter of langer +tijd grondwetsherziening naar de Christelijke grondslagen, +waardoor een organische regeling van het kiesrecht +geoorloofd wordt. Ziedaar de opdracht, vol van +beloften, die de krachten van de Christelijke Coalitie +bezighoudt en waarvan de verwezenlijking de liefde van +het volk, de dankbaarheid der historie zou doen verwerven.</p> + +<p>De Nederlandsche Roomschen zijn niet alleen, maar met +de hulp van hunne bondgenooten, op hetzelfde historische +punt gekomen als de Belgische Roomschen in 1884. +Hunne methode is anders geweest, de strijd was moeilijker, +de weg langer. Zij hebben niet de overmaat van +verontwaardiging gekend, waarmee hun zuidelijke buren +zijn ontwaakt, maar een geleidelijke en voortdurende +stijging, vrucht van sterke organisatie, van vasten wil en +volhardende inspanning. Hun doel is eindelijk bereikt. +Na een halve eeuw van liberale regeering is de Christelijke +Coalitie onbetwistbaar meesteres van den toestand. +En waar zij een langduriger opkomst kende, misschien zal zij +daar nog langer dan in België de Roomsche partij haar +beslissenden invloed op de toekomst van Nederland doen +behouden.</p> + +<p>Indien tenminste de verdeeldheid niet gaat heerschen +en de verbonden partijen het eens-gegeven woord niet +terugnemen om zich aan een eigen politiek te +<ins class="corr" id="corr138" title="Bron: te"></ins> wijden. Maar dat is niet waarschijnlijk. Het verbond +rust te sterk op de nauwkeurig-belijnde beginselen, dan dat +het aan de genade van voorbijgaande invloeden zal overgeleverd +zijn, die slechts kunnen schudden, maar niet +omverwerpen. Het is langzamerhand gegroeid en naarmate +van zijn vooruitgang, zijn de belemmeringen, die zich +op zijn weg voordeden, uit den weg geruimd. Het zijn +de Liberalen zelf, die deze weggenomen hebben. Door +hunne zorgen zijn de kwesties van den persoonlijken dienstplicht +en van den leerplicht uit den weg geruimd. En +<span class="pagenum" title="260"> </span><a id="p_260"></a>hunne pogingen om het »monsterverbond« uit elkander +te rukken hebben nauwere aaneensluiting veroorzaakt. Zij +kunnen haar niet meer in 't openbaar bekampen, en daarom +trachten zij de eenheid der Coalitie teniet te doen en +ze zoo te overwinnen. Doch onder de hedendaagsche +omstandigheden heeft de linker-concentratie minder dan +ooit kans om zich op duurzame wijze te herstellen.</p> + +<p>Het is dus te hopen, dat de Christelijke Coalitie zal +voortgaan met het totstandbrengen van wèl-overwogen +hervormingen. Zoolang het Christelijk-Sociaal program +niet is afgewerkt, zoolang de schoolkwestie haar volkomen +oplossing niet heeft verkregen, zal zij haar reden +van bestaan behouden. En dan alleen, wanneer de strijd +het godsdienstig terrein zal verlaten hebben, wanneer de +Nederlandsche moderne maatschappij zal ontloken zijn +bij het licht van het Evangelie, wanneer de sociale wetgeving +op de Christelijke grondslagen zal rusten, kunnen +de partijen hare rangen verlaten, den citadel ontmantelen +evenals de vesting Nijmegen, eertijds onneembaar, schier +van hare versterkingen is ontdaan, toen zij geen oorlogen +meer te vreezen had en men haar met breede boulevards +en schoone parken mocht omringen.</p> + +<p><span class="pagenum" title="261"> </span><a id="p_261"></a></p> + +<h2 class="h2a" id="NAAMLIJST">NAAMLIJST VAN DE PERSONEN<br /> +<span class="size75">IN DIT WERK GENOEMD</span></h2> + +<ul> + <li>Aalberse, <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_35">35</a>.</li> + <li>Alberda, <a href="#p_148">148</a>.</li> + <li>Angenent, <a href="#p_35">35</a>.</li> + <li>Asch van Wyck (M. Van), <a href="#p_242">242</a>.</li> + <li>Asch van Wyck (T. Van), <a href="#p_210">210</a>.</li> + <li>Bahlmann, <a href="#p_23">23</a>, <a href="#p_191">191</a>.</li> + <li>Bavinck, <a href="#p_56">56</a>, <a href="#p_224">224</a>.</li> + <li>Beaufort (De), <a href="#p_87">87</a>, <a href="#p_202">202</a>.</li> + <li>Benoist (Ch.), <a href="#p_47">47</a>.</li> + <li>Bergansius, <a href="#p_186">186</a>, <a href="#p_204">204</a>, <a href="#p_210">210</a>, <a href="#p_217">217</a>.</li> + <li>Bevers, <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_247">247</a>.</li> + <li>Bilderdijk, <a href="#p_45">45</a>.</li> + <li>Bismarck (Von), <a href="#p_113">113</a>.</li> + <li>Boneval Faure (Van), <a href="#p_218">218</a>.</li> + <li>Borret, <a href="#p_152">152</a>.</li> + <li>Bos (Dr.), <a href="#p_232">232</a>, <a href="#p_248">248</a>.</li> + <li>Bosse (Van), <a href="#p_149">149</a>.</li> + <li>Broere, <a href="#p_37">37</a>.</li> + <li>Bronsveld, <a href="#p_53">53</a>, <a href="#p_63">63</a>, <a href="#p_64">64</a>, <a href="#p_65">65</a>, <a href="#p_66">66</a>, <a href="#p_67">67</a>, <a href="#p_68">68</a>, <a href="#p_69">69</a>, + <a href="#p_70">70</a>, <a href="#p_71">71</a>, <a href="#p_192">192</a>, <a href="#p_198">198</a>, <a href="#p_199">199</a>, <a href="#p_206">206</a>, <a href="#p_225">225</a>, <a href="#p_229">229</a>.</li> + <li>Buijs, <a href="#p_162">162</a>, <a href="#p_187">187</a>.</li> + <li>Buytendijk, <a href="#p_70">70</a>, <a href="#p_225">225</a>.</li> + <li>Bylandt (Graaf Van), <a href="#p_61">61</a>.</li> + <li>Ceton, <a href="#p_133">133</a>.</li> + <li>Cohen (L.), <a href="#p_120">120</a>.</li> + <li>Cohen Stuart, <a href="#p_234">234</a>, <a href="#p_245">245</a>, <a href="#p_247">247</a>.</li> + <li>Cornelissen, <a href="#p_134">134</a>, <a href="#p_140">140</a>.</li> + <li>Cort van der Linden, <a href="#p_202">202</a>.</li> + <li>Cremer, <a href="#p_202">202</a>.</li> + <li>Da Costa, <a href="#p_45">45</a>, <a href="#p_68">68</a>.</li> + <li>Dam (Van), <a href="#p_242">242</a>.</li> + <li>Domela Nieuwenhuys, <a href="#p_114">114</a>, <a href="#p_115">115</a>, <a href="#p_116">116</a>, <a href="#p_117">117</a>, <a href="#p_119">119</a>, <a href="#p_121">121</a>, <a href="#p_127">127</a>, <a href="#p_130">130</a>, + <a href="#p_134">134</a>, <a href="#p_135">135</a>, <a href="#p_136">136</a>, <a href="#p_139">139</a>, <a href="#p_140">140</a>, <a href="#p_185">185</a>, <a href="#p_192">192</a>, <a href="#p_199">199</a>.</li> + <li>Donker Curtius, <a href="#p_148">148</a>, <a href="#p_149">149</a>.</li> + <li>Douwes, <a href="#p_76">76</a>.</li> + <li>Drucker, <a href="#p_112">112</a>.</li> + <li>Eigenraam (Mgr.), <a href="#p_33">33</a>.</li> + <li>Elout van Soeterwoude, <a href="#p_68">68</a>.</li> + <li>Emma (Koningin-regentes), <a href="#p_189">189</a>.</li> + <li>Ferri, <a href="#p_134">134</a>.</li> + <li>Fock (minister), <a href="#p_17">17</a>, <a href="#p_155">155</a>, <a href="#p_232">232</a>, <a href="#p_234">234</a>.</li> + <li>Fortuijn, <a href="#p_120">120</a>, <a href="#p_130">130</a>.</li> + <li>Fransen van de Putte, <a href="#p_82">82</a>, <a href="#p_152">152</a>.</li> + <li>Frans Hals, <a href="#p_18">18</a>.</li> + <li>Gambetta, <a href="#p_87">87</a>.</li> + <li>Gerhard (A.), <a href="#p_120">120</a>.</li> + <li>Gerhard (H.), <a href="#p_114">114</a>, <a href="#p_130">130</a>.</li> + <li>Gerritsen (C. V.), <a href="#p_105">105</a>, <a href="#p_227">227</a>.</li> + <li>Gilse (Van), <a href="#p_208">208</a>.</li> + <li>Gleichman, <a href="#p_175">175</a>.</li> + <li>Goeman Borgesius, <a href="#p_103">103</a>, <a href="#p_202">202</a>, <a href="#p_221">221</a>, <a href="#p_222">222</a>, <a href="#p_233">233</a>, <a href="#p_238">238</a>, <a href="#p_241">241</a>, <a href="#p_252">252</a>, <a href="#p_253">253</a>.</li> + <li>Goes (Van der), <a href="#p_119">119</a>, <a href="#p_120">120</a>, <a href="#p_128">128</a>, <a href="#p_130">130</a>, <a href="#p_131">131</a>.</li> + <li>Gorter, <a href="#p_128">128</a>, <a href="#p_130">130</a>.</li> + <li>Groen van Prinsterer, <a href="#p_40">40</a>, <a href="#p_45">45</a>, <a href="#p_60">60</a>, <a href="#p_66">66</a>, <a href="#p_68">68</a>, <a href="#p_152">152</a>, <a href="#p_156">156</a>, <a href="#p_204">204</a>.</li> + <li>Hall (Van), <a href="#p_149">149</a>.</li> + <li>Harte van Tecklenburg, <a href="#p_210">210</a>.</li> + <li>Heemskerk (Mr. A.), <a href="#p_75">75</a>, <a href="#p_103">103</a>, <a href="#p_152">152</a>, <a href="#p_159">159</a>, <a href="#p_176">176</a>, <a href="#p_180">180</a>.</li> + <li>Heemskerk (J. F.), <a href="#p_257">257</a>.</li> + <li>Heemskerk (Mr. Th.), <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_58">58</a>, <a href="#p_208">208</a>, <a href="#p_245">245</a>, <a href="#p_246">246</a>, <a href="#p_247">247</a>, <a href="#p_249">249</a>, <a href="#p_251">251</a>, <a href="#p_252">252</a>, <a href="#p_254">254</a>.</li> + <li>Heldt, <a href="#p_208">208</a>.</li> + <li>Helsdingen (Van), <a href="#p_120">120</a>, <a href="#p_127">127</a>.</li> + <li>Hermans, <a href="#p_127">127</a>.</li> + <li>Holwerda, <a href="#p_87">87</a>.</li> + <li><span class="pagenum" title="262"> </span><a id="p_262"></a>Houten (Van), + <a href="#p_61">61</a>, <a href="#p_84">84</a>, <a href="#p_87">87</a>, <a href="#p_90">90</a>, <a href="#p_93">93</a>, <a href="#p_101">101</a>, <a href="#p_102">102</a>, + <a href="#p_166">166</a>, <a href="#p_169">169</a>, <a href="#p_180">180</a>, <a href="#p_194">194</a>, <a href="#p_195">195</a>, <a href="#p_197">197</a>, <a href="#p_201">201</a>, + <a href="#p_223">223</a>, <a href="#p_235">235</a>, <a href="#p_254">254</a>.</li> + <li>Idenburg, <a href="#p_231">231</a>, <a href="#p_247">247</a>.</li> + <li>Kaay (Van der), <a href="#p_81">81</a>, <a href="#p_85">85</a>, <a href="#p_87">87</a>, <a href="#p_194">194</a>.</li> + <li>Kappeyne van de Coppello, <a href="#p_159">159</a>, <a href="#p_175">175</a>.</li> + <li>Karnebeek (Van), <a href="#p_87">87</a>, <a href="#p_93">93</a>, <a href="#p_233">233</a>.</li> + <li>Kerdijk, <a href="#p_84">84</a>.</li> + <li>Ketelaar, <a href="#p_93">93</a>.</li> + <li>Keuchenius, <a href="#p_181">181</a>.</li> + <li>Ketteler (Mgr.), <a href="#p_31">31</a>.</li> + <li>Kol (Van), <a href="#p_119">119</a>, <a href="#p_120">120</a>, <a href="#p_130">130</a>, <a href="#p_255">255</a>.</li> + <li>Kolkman, <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_224">224</a>, <a href="#p_242">242</a>.</li> + <li>Konings (Mgr.), <a href="#p_33">33</a>.</li> + <li>Koolen, <a href="#p_29">29</a>.</li> + <li>Krans, <a href="#p_234">234</a>.</li> + <li>Kruys, <a href="#p_210">210</a>.</li> + <li>Kuykhoff<ins class="corr" id="corr139" title="Bron: ,"></ins> (Van), <a href="#p_127">127</a>.</li> + <li>Kuyper (Dr. A.), <a href="#p_21">21</a>, <a href="#p_28">28</a>, <a href="#p_40">40</a>, <a href="#p_41">41</a>, <a href="#p_42">42</a>, <a href="#p_43">43</a>, <a href="#p_44">44</a>, <a href="#p_45">45</a>, <a href="#p_46">46</a>, <a href="#p_48">48</a>, <a href="#p_49">49</a>, <a href="#p_50">50</a>, + <a href="#p_52">52</a>, <a href="#p_53">53</a>, <a href="#p_54">54</a>, <a href="#p_55">55</a>, <a href="#p_56">56</a>, <a href="#p_57">57</a>, <a href="#p_59">59</a>, <a href="#p_62">62</a>, <a href="#p_66">66</a>, <a href="#p_69">69</a>, <a href="#p_70">70</a>, <a href="#p_72">72</a>, + <a href="#p_168">168</a>, <a href="#p_184">184</a>, <a href="#p_190">190</a>, <a href="#p_191">191</a>, <a href="#p_194">194</a>, <a href="#p_198">198</a>, <a href="#p_199">199</a>, <a href="#p_200">200</a>, <a href="#p_205">205</a>, <a href="#p_206">206</a>, <a href="#p_210">210</a>, + <a href="#p_212">212</a>, <a href="#p_213">213</a>, <a href="#p_214">214</a>, <a href="#p_215">215</a>, <a href="#p_217">217</a>, <a href="#p_218">218</a>, <a href="#p_220">220</a>, <a href="#p_224">224</a>, <a href="#p_226">226</a>, <a href="#p_228">228</a>, <a href="#p_229">229</a>, + <a href="#p_231">231</a>, <a href="#p_232">232</a>, <a href="#p_233">233</a>, <a href="#p_237">237</a>, <a href="#p_246">246</a>, <a href="#p_248">248</a>, <a href="#p_249">249</a>, <a href="#p_252">252</a>, <a href="#p_254">254</a>.</li> + <li>Lely, <a href="#p_202">202</a>, <a href="#p_208">208</a>.</li> + <li>Lennep (Van), <a href="#p_61">61</a>.</li> + <li>Leo XIII, <a href="#p_24">24</a>.</li> + <li>Levy (Mr. J. A.), <a href="#p_94">94</a>.</li> + <li>Liebknecht, <a href="#p_119">119</a>.</li> + <li>Lieftink, <a href="#p_227">227</a>.</li> + <li>Lodewijk XIV, <a href="#p_11">11</a>.</li> + <li>Lodewijk Bonaparte, <a href="#p_44">44</a>.</li> + <li>Loeff, <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_210">210</a>, <a href="#p_212">212</a>, <a href="#p_231">231</a>, <a href="#p_235">235</a>, <a href="#p_237">237</a>.</li> + <li>Loopuit, <a href="#p_130">130</a>.</li> + <li>Lijnden (Van), <a href="#p_176">176</a>.</li> + <li>Mackay, <a href="#p_21">21</a>, <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_61">61</a>, <a href="#p_68">68</a>, <a href="#p_181">181</a>, <a href="#p_186">186</a>, <a href="#p_187">187</a>, <a href="#p_189">189</a>, <a href="#p_198">198</a>, <a href="#p_211">211</a>, <a href="#p_248">248</a>.</li> + <li>Marchant, <a href="#p_221">221</a>, <a href="#p_222">222</a>, <a href="#p_241">241</a>.</li> + <li>Marees van Swinderen, <a href="#p_247">247</a>.</li> + <li>Marez Oyens (De), <a href="#p_210">210</a>.</li> + <li>Marx (Carl), <a href="#p_114">114</a>, <a href="#p_117">117</a>, <a href="#p_122">122</a>, <a href="#p_123">123</a>, <a href="#p_131">131</a>, <a href="#p_134">134</a>.</li> + <li>Meester (De), <a href="#p_59">59</a>, <a href="#p_233">233</a>, <a href="#p_234">234</a>, <a href="#p_239">239</a>, <a href="#p_242">242</a>, <a href="#p_243">243</a>, <a href="#p_244">244</a>, <a href="#p_247">247</a>, <a href="#p_248">248</a>, <a href="#p_249">249</a>, <a href="#p_251">251</a>, <a href="#p_252">252</a>.</li> + <li>Melvil van Lijnden, <a href="#p_210">210</a>.</li> + <li>Mendels, <a href="#p_127">127</a>, <a href="#p_130">130</a>.</li> + <li>Meyer (H.), <a href="#p_128">128</a>.</li> + <li>Mun (De), <a href="#p_79">79</a>.</li> + <li>Myer, <a href="#p_152">152</a>.</li> + <li>Nelissen, <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_247">247</a>, <a href="#p_252">252</a>.</li> + <li>Nispen tot Sevenaar (Van), <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_35">35</a>.</li> + <li>Nolens (Mgr.), <a href="#p_30">30</a>.</li> + <li>Nouwens, <a href="#p_34">34</a>.</li> + <li>Nuyens, <a href="#p_76">76</a>.</li> + <li>Ophemert (Van), <a href="#p_68">68</a>.</li> + <li>Opzoomer, <a href="#p_82">82</a>, <a href="#p_83">83</a>.</li> + <li>Oudegeest, <a href="#p_256">256</a>.</li> + <li>Pannekoek, <a href="#p_130">130</a>.</li> + <li>Passtoors, <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_33">33</a>, <a href="#p_34">34</a>.</li> + <li>Pennink, <a href="#p_140">140</a>.</li> + <li>Pierson, <a href="#p_102">102</a>, <a href="#p_201">201</a>, <a href="#p_202">202</a>, <a href="#p_203">203</a>, <a href="#p_209">209</a>, <a href="#p_227">227</a>, <a href="#p_233">233</a>, <a href="#p_251">251</a>.</li> + <li>Pius IX, <a href="#p_24">24</a>.</li> + <li>Polak (H.), <a href="#p_120">120</a>, <a href="#p_141">141</a>.</li> + <li>Quarles van Ufford, <a href="#p_61">61</a>.</li> + <li>Raalte (Van), <a href="#p_234">234</a>, <a href="#p_257">257</a>.</li> + <li>Rappard (Van), <a href="#p_243">243</a>, <a href="#p_244">244</a>.</li> + <li>Ravesteyn (Van), <a href="#p_133">133</a>.</li> + <li>Rees (Van), <a href="#p_176">176</a>.</li> + <li>Rembrandt, <a href="#p_18">18</a>.</li> + <li>Rink, <a href="#p_234">234</a>, <a href="#p_248">248</a>.</li> + <li>Roëll, <a href="#p_84">84</a>, <a href="#p_87">87</a>, <a href="#p_194">194</a>, <a href="#p_257">257</a>.</li> + <li>Roland Holst (Mev<sup>w</sup>.), <a href="#p_128">128</a>, <a href="#p_130">130</a>.</li> + <li>Ruijs de Beerenbrouck, <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_186">186</a>.</li> + <li>Sabron, <a href="#p_247">247</a>, <a href="#p_251">251</a>.</li> + <li>Savornin Lohman (De), <a href="#p_54">54</a>, <a href="#p_59">59</a>, <a href="#p_61">61</a>, <a href="#p_63">63</a>, <a href="#p_65">65</a>, <a href="#p_72">72</a>, <a href="#p_194">194</a>, <a href="#p_198">198</a>, <a href="#p_203">203</a>, <a href="#p_211">211</a>, <a href="#p_225">225</a>, <a href="#p_247">247</a>, <a href="#p_254">254</a>.</li> + <li>Schaepman (Dr.), <a href="#p_15">15</a>, <a href="#p_16">16</a>, <a href="#p_18">18</a>, <a href="#p_21">21</a>, <a href="#p_22">22</a>, <a href="#p_23">23</a>, <a href="#p_24">24</a>, <a href="#p_27">27</a>, <a href="#p_28">28</a>, <a href="#p_30">30</a>, <a href="#p_31">31</a>, <a href="#p_36">36</a>, <a href="#p_37">37</a>, <a href="#p_38">38</a>, + <a href="#p_46">46</a>, <a href="#p_75">75</a>, <a href="#p_147">147</a>, <a href="#p_168">168</a>, <a href="#p_190">190</a>, <a href="#p_191">191</a>, <a href="#p_192">192</a>, <a href="#p_194">194</a>, <a href="#p_199">199</a>, <a href="#p_204">204</a>, <a href="#p_206">206</a>, <a href="#p_224">224</a>.</li> + <li>Schaper, <a href="#p_120">120</a>, <a href="#p_127">127</a>, <a href="#p_130">130</a>, <a href="#p_132">132</a>, <a href="#p_202">202</a>.</li> + <li>Schimmelpenninck (Graaf), <a href="#p_185">185</a>.</li> + <li>Schimmelpenninck van der Oye, <a href="#p_61">61</a>.</li> + <li>Schokking, <a href="#p_71">71</a>, <a href="#p_72">72</a>, <a href="#p_211">211</a>.</li> + <li>Schopenhauer, <a href="#p_195">195</a>.</li> + <li>Seret, <a href="#p_227">227</a>.</li> + <li>Smits (Mgr.), <a href="#p_20">20</a>.</li> + <li>Snoeck Henkemans, <a href="#p_256">256</a>.</li> + <li><span class="pagenum" title="263"> </span><a id="p_263"></a>Spiekman, <a href="#p_120">120</a>.</li> + <li>Sprenger van Eyk, <a href="#p_201">201</a>.</li> + <li>Staal, <a href="#p_234">234</a>, <a href="#p_239">239</a>, <a href="#p_243">243</a>.</li> + <li>Staalman, <a href="#p_57">57</a>, <a href="#p_225">225</a>, <a href="#p_254">254</a>.</li> + <li>Storm, <a href="#p_148">148</a>.</li> + <li>Strens, <a href="#p_149">149</a>.</li> + <li>Stuers (De), <a href="#p_32">32</a>.</li> + <li>Tak van Poortvliet, <a href="#p_47">47</a>, <a href="#p_59">59</a>, <a href="#p_101">101</a>, <a href="#p_175">175</a>, <a href="#p_176">176</a>, <a href="#p_192">192</a>, <a href="#p_193">193</a>, <a href="#p_194">194</a>, <a href="#p_201">201</a>.</li> + <li>Talma, <a href="#p_58">58</a>, <a href="#p_247">247</a>.</li> + <li>Ter Laan, <a href="#p_130">130</a>.</li> + <li>Tets van Goudriaan, <a href="#p_87">87</a>, <a href="#p_234">234</a>.</li> + <li>Thorbecke, <a href="#p_16">16</a>, <a href="#p_22">22</a>, <a href="#p_74">74</a>, <a href="#p_76">76</a>, <a href="#p_78">78</a>, <a href="#p_81">81</a>, <a href="#p_82">82</a>, <a href="#p_148">148</a>, <a href="#p_151">151</a>, <a href="#p_152">152</a>, <a href="#p_155">155</a>, <a href="#p_157">157</a>, <a href="#p_158">158</a>, <a href="#p_233">233</a>.</li> + <li>Tienhoven (Van), <a href="#p_192">192</a>.</li> + <li>Treub, <a href="#p_90">90</a>, <a href="#p_108">108</a>, <a href="#p_112">112</a>, <a href="#p_253">253</a>.</li> + <li>Troelstra, <a href="#p_74">74</a>, <a href="#p_85">85</a>, <a href="#p_119">119</a>, <a href="#p_120">120</a>, <a href="#p_124">124</a>, <a href="#p_130">130</a>, <a href="#p_131">131</a>, <a href="#p_132">132</a>, <a href="#p_133">133</a>, <a href="#p_134">134</a>, <a href="#p_208">208</a>, <a href="#p_217">217</a>, <a href="#p_245">245</a>.</li> + <li>Tijdeman, <a href="#p_91">91</a>, <a href="#p_92">92</a>, <a href="#p_241">241</a>.</li> + <li>Veegens, <a href="#p_208">208</a>, <a href="#p_234">234</a>.</li> + <li>Vegt (Van der), <a href="#p_120">120</a>.</li> + <li>Visser (De), <a href="#p_63">63</a>, <a href="#p_64">64</a>, <a href="#p_65">65</a>, <a href="#p_69">69</a>, <a href="#p_70">70</a>, <a href="#p_72">72</a>, <a href="#p_202">202</a>, <a href="#p_211">211</a>, <a href="#p_225">225</a>, <a href="#p_231">231</a>, <a href="#p_238">238</a>.</li> + <li>Vos Azn. (G. J.), <a href="#p_199">199</a>.</li> + <li>Vliegen, <a href="#p_117">117</a>, <a href="#p_120">120</a>, <a href="#p_127">127</a>, <a href="#p_128">128</a>, <a href="#p_130">130</a>, <a href="#p_132">132</a>.</li> + <li>Vlugt (Van der), <a href="#p_87">87</a>, <a href="#p_232">232</a>, <a href="#p_238">238</a>.</li> + <li>Vlymen (Van), <a href="#p_245">245</a>.</li> + <li>Vredeburch (Baron Van), <a href="#p_89">89</a>.</li> + <li>Vries Cz. (S. de), <a href="#p_93">93</a>.</li> + <li>Wagenaar, <a href="#p_229">229</a>.</li> + <li>Wentholt, <a href="#p_247">247</a>.</li> + <li>Wichers, <a href="#p_148">148</a>.</li> + <li>Wilhelmina (Koningin), <a href="#p_189">189</a>, <a href="#p_205">205</a>, <a href="#p_233">233</a>.</li> + <li>Willem I (Koning), <a href="#p_13">13</a>.</li> + <li>Willem II (Koning), <a href="#p_15">15</a>, <a href="#p_146">146</a>.</li> + <li>Willem III (Koning), <a href="#p_149">149</a>, <a href="#p_176">176</a>, <a href="#p_189">189</a>.</li> + <li>Wintgens, <a href="#p_179">179</a>.</li> + <li>Wijnkoop<ins class="corr" id="corr140" title="Niet in Bron.">,</ins> <a href="#p_133">133</a>.</li> + <li>Zimmerman, <a href="#p_242">242</a>.</li> + <li>Zuylen van Nyevelt (Van)<ins class="corr" id="corr141" title="Niet in Bron.">,</ins> <a href="#p_149">149</a>, <a href="#p_152">152</a>.</li> + <li>Zwaag (Van der), <a href="#p_121">121</a>, <a href="#p_127">127</a>, <a href="#p_140">140</a>.</li> +</ul> + +<hr class="chend20" /> + +<p><span class="pagenum" title="264"> </span><a id="p_264"></a></p> + +<h2 class="h2a" id="erratum">ERRATUM.</h2> + +<hr class="chbegin15" /> + +<p class="center noi">De vellen 10 en 11 zijn gepagineerd 253-284;<br /> lees 153-184.</p> + +<hr class="chend20" /> + +<p><span class="pagenum" title="265"> </span><a id="p_265"></a></p> + +<h2 class="h2a" id="inhoudsopgave">INHOUDSOPGAVE.</h2> + +<hr class="chbegin15" /> + +<table summary="inhoudsopgave"> +<tbody> + <tr> + <td class="tdc" colspan="2"><span class="subh2toc"><a href="#INLEIDING">INLEIDING.</a></span></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><b>Het Hollandsche landschap.</b>—Karakter van het volk.—Kalmte.—Vrije + vereeniging.—Vrijheidszin.—Godsdienst.—Toestand + der Roomschen na 1648.—Na 1797.—Na 1848</td> + <td class="tdr"><a href="#p_9">9</a>–<a href="#p_14">14</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdc" colspan="2"><span class="h2toc"><a href="#A1">EERSTE HOOFDSTUK.</a></span><br /> + <span class="subh2toc"><ins class="corr" id="corr142" title="Bron: „"></ins>DE „KATHOLIEKE PARTIJ”.</span></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A1_1"><b>I. Sinds 1848 volkomen vrijheid voor de Roomschen.</b></a>—In 1853 herstel der Roomsche + hiërarchie.—Schoolstrijd sinds 1857.—Verdeeldheid in eigen boezem.—Herderlijke + brief van 23 Juli 1868.—Schoolwet van 1878</td> + <td class="tdr"><a href="#p_15">15</a>–<a href="#p_18">18</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A1_2"><b>II. Dr. Schaepman in de Tweede Kamer.</b></a>—Karakterschets van Schaepman.—Zijn pers-arbeid</td> + <td class="tdr"><a href="#p_18">18</a>–<a href="#p_20">20</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A1_3"><b>III. Schaepman en Kuyper.</b></a>—Samenwerking in den schoolstrijd.—Ministerie + Mackay.—Fractie Bahlman.—Splitsing.—Herstel van de Katholieke partij</td> + <td class="tdr"><a href="#p_20">20</a>–<a href="#p_24">24</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A1_4"><b>IV. Program van 20 October 1896.</b></a>—Aangenomen door de + kiesvereenigingen.—Schaepmans ideaal verwezenlijkt</td> + <td class="tdr"><a href="#p_24">24</a>–<a href="#p_29">29</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A1_5"><b>V. Organisatie van de Katholieke partij</b></a></td> + <td class="tdr"><a href="#p_29">29</a>–<a href="#p_31">31</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A1_6"><b>VI. Volksscholen.</b></a>—Verdere opleiding.—Volksbond.—Boerenbond.—Overige sociale arbeid</td> + <td class="tdr"><a href="#p_31"><ins class="corr" id="corr143" title="Bron: 29">31</ins></a>–<a href="#p_36">36</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A1_7"><b>VII. Geen confessioneele partij</b></a></td> + <td class="tdr"><a href="#p_36">36</a>–<a href="#p_38">38</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdc" colspan="2"><span class="pagenum" title="266"> </span><a id="p_266"></a><span class="h2toc"><a href="#A2">TWEEDE HOOFDSTUK.</a></span><br /> + <span class="subh2toc">DE PROTESTANTSCHE PARTIJEN<ins class="corr" id="corr144" title="Niet in Bron.">.</ins></span></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><b>Calvinisme.</b>—Nederlandsche Hervormde Kerk.—Groen van Prinsterer.—Verschillende fracties</td> + <td class="tdr"><a href="#p_39">39</a>–<a href="#p_41">41</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A2_1"><b>I. De Anti-revolutionaire partij.</b></a> Beteekenis van dien naam.—Program + dier partij.—Geen staatskerk.—Geen kerkelijke beweging.—Dr. + Kuyper.—Karakterschets.—Werkzaamheid.—Loopbaan.—Program van + 1 Januari 1878.—Programs van actie.—Verkiezingen van 1891; van 1897; + van 1901.—Organisatie.—Getalsterkte in de Kamers</td> + <td class="tdr"><a href="#p_41">41</a>–<a href="#p_58">58</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A2_2"><b>II. De Vrij-antirevolutionaire <ins class="corr" id="corr145" title="Niet vet in Bron.">of</ins> nieuwe Christelijk historische partij.</b></a> + Conservatief.—De Savornin Lohman.—Zijn scheiding van Dr<ins class="corr" id="corr146" title="Niet in Bron.">.</ins> Kuyper.—Organisatie + der partij.—Verklaring van November 1896.—Program van beginselen<ins class="corr" id="corr147" title="Niet in Bron.">.</ins>—Dr. De Visser + en zijn groep<ins class="corr" id="corr148" title="Niet in Bron.">.</ins>—Sterkte in de Kamers.—De Christelijk Historische Unie</td> + <td class="tdr"><a href="#p_58">58</a>–<a href="#p_65">65</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A2_3"><b>III. De Christelijk-Historische Kiezersbond.—De Friesche Christelijk-Historischen.</b></a> + De partij der orthodoxe Hervormde predikanten.—Dr. Bronsveld.—Tegen het verbond + tusschen Antirevolutionairen en Roomschen.—Program.—Invloed.—Verval.—De + Friesche Kiezersbond.—Program.—Schokking.—Invloed.—Samensmelting + met de Christelijk-Historische partij</td> + <td class="tdr"><a href="#p_65"><ins class="corr" id="corr149" title="Bron: 58">65</ins></a>–<a href="#p_73">73</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdc" colspan="2"><span class="h2toc"><a href="#A3">DERDE HOOFDSTUK.</a></span><br /> + <span class="subh2toc">DE LIBERALE PARTIJEN.</span></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><b>Haar gouden eeuw.</b>—Thorbecke.—Diens dood het begin van verval voor de + partij.—Oorsprong uit de Fransche Revolutie.—Zwakheid op sociaal terrein.—Druk + van de socialistische beginselen.—Het koloniale vraagstuk in 1866.—De Liberale + Unie.—Kieswet-ontwerp.—Tak van Poortvliet.—Desorganisatie</td> + <td class="tdr"><a href="#p_73">73</a>–<a href="#p_86">86</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A3_1"><b>I. De Oud-Liberalen, Conservatief-Liberalen of Vrij-Liberalen.</b></a> + Langzaam afgeweken.—Nuttigheidspolitiek.—Vrees voor socialisme en + <span class="pagenum" title="267"> </span><a id="p_267"></a>clericalisme.—Nieuwe gematigde + partij.—Organisatie.—Manifest der 75<ins class="corr" id="corr150" title="Niet in Bron.">.</ins>—Bond van Vrij-Liberalen.—Nederlaag in 1909</td> + <td class="tdr"><a href="#p_86">86</a>–<a href="#p_94">94</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A3_2"><b>II. De vooruitstrevende Liberalen van de Liberale Unie.</b></a> + Meer links.—Program van 1896.—Verkiezingsprogram van 1897.—Eisch van + grondwetsherziening in 1901.—Motie van urgentie.—Verzwakking.—Goeman Borgesius</td> + <td class="tdr"><a href="#p_94">94</a>–<a href="#p_104">104</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A3_3"><b>III. De Vrijzinnig-Democraten.</b></a> De Radicale Bond.—Program.—Verkiezingen van + 1897.—Vrijzinnig-democratische Bond.—Beginselverklaring.—Verkiezingsprogram + en werkprogram van 1901.—Overhelling naar het Socialisme<ins class="corr" id="corr151" title="Niet in Bron.">.</ins>—Invloed</td> + <td class="tdr"><a href="#p_104">104</a>–<a href="#p_112">112</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdc" colspan="2"><span class="h2toc"><a href="#A4">VIERDE HOOFDSTUK.</a></span><br /> + <span class="subh2toc">DE SOCIALISTISCHE PARTIJ.</span></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A4_1"><b>I. De eerste organisatie.</b></a> Ontstaan in 1877.—Snelle vooruitgang.—Domela Nieuwenhuijs.—Zijn + welslagen in Friesland.—Vliegen.—Groningsch congres in 1893.—Sociaal-Democratische Bond</td> + <td class="tdr"><a href="#p_112">112</a>–<a href="#p_119">119</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A4_2"><b>II. De Sociaal-Democratische Arbeiderspartij.</b></a> Troelstra, Van Kol, Van der + Goes.—Oprichting der partij in 1894.—Voorspoed.—Program.—Krachtige + propaganda.—Pers.—De steden en het platteland.—Carl Marx de + twistappel.—Ontstaan van de Sociaal-Democratische partij</td> + <td class="tdr"><a href="#p_119">119</a>–<a href="#p_133">133</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#A4_3"><b>III. De Anarchistische Socialisten.</b></a> Domela Nieuwenhuis + anarchist.—Botsing met de regeering.—De Socialistenbond.—Nationaal + Arbeiderssecretariaat.—De Vrije Socialist.—Werkstaking in 1903</td> + <td class="tdr"><a href="#p_133">133</a>–<a href="#p_142">142</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdc size85" colspan="2"><a href="#B0"><b>TWEEDE DEEL.</b></a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdc" colspan="2"><span class="h2toc"><a href="#B1">EERSTE HOOFDSTUK.</a></span><br /> + <span class="subh2toc">DE EERSTE POGINGEN EN DE EERSTE VERBONDEN.</span></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><b>Talrijkheid der partijen.</b> De Roomschen steeds verplicht bij andere + partijen zich aan te sluiten ten einde invloed te hebben</td> + <td class="tdr"><a href="#p_145">145</a>–<a href="#p_146">146</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><span class="pagenum" title="268"> </span><a id="p_268"></a><a href="#B1_1"><b>I. + Het Liberaal-Roomsch verbond.</b></a> Ontstaan in 1848.—Daardoor + machtig.—Eerste ministerie Thorbecke.—Beweging van + 1853.—Val van Thorbecke en van het verbond.—Ministerie + Van Hall.—Donker Curtius.—Schoolkwestie.—Pauselijke + Encycliek en Syllabus van 1864</td> + <td class="tdr"><a href="#p_146">146</a>–<a href="#p_151">151</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B1_2"><b>II. Het verbond der Conservatieven met de Roomschen.</b></a> De Roomschen zoeken + andere bondgenooten.—De Antirevolutionairen daartoe te zwak.—De + Conservatieven bekwaam en machtig.—Ministerie Heemskerk.—Door + Roomsche hulp staande gebleven.—Val van het ministerie en van het + verbond.—Ministerie Fock.—Nieuwe partijindeeling.—Dood van + de Conservatieve partij.—Samenwerking tusschen Roomschen en Antirevolutionairen</td> + <td class="tdr"><a href="#p_151">151</a>–<a href="#p_156">156</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdc" colspan="2"><span class="h2toc"><a href="#B2">TWEEDE HOOFDSTUK.</a></span><br /> + <span class="subh2toc">DE CHRISTELIJKE COALITIE.</span></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B2_1"><b>I. De historische redenen voor de Christelijke + coalitie.<ins class="corr" id="corr152" title=" De schoolstrijd.">—»De schoolstrijd.«</ins></b></a> + Derde ministerie Thorbecke.—Opheffing van het Nederlandsche gezantschap bij + den Pauselijken Stoel.—Nieuw ministerie-Heemskerk.—Herziening van de + schoolwet.—Wet van 1878.—Volkspetitionnement.—Geheim verbond van + Roomschen en Antirevolutionaren</td> + <td class="tdr"><a href="#p_157">157</a>–<a href="#p_161">161</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B2_2"><b>II. De theoretische gronden voor de Christelijke coalitie.—De + godsdienstkwestie.</b></a>—Ontstemming.—Twijfelaars.—Geen kunstmatige + samensmelting maar natuurlijke samenwerking.—Buys over de Conservatieve + partij.—De godsdienstkwestie beheerscht alles.—Openbaring of + rede?—De antithese steeds scherper.—De strijd niet meer tusschen + Roomsch en Protestantsch, maar tusschen godsdienst en godloochening.—Sinds + de Hervorming geen zedelijke eenheid meer in Nederland.—Eenheid van + grondbeginselen.—De groote wet der historie.—De Christelijke + staat in de moderne samenleving</td> + <td class="tdr"><a href="#p_161">161</a>–<a href="#p_174">174</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdc" colspan="2"><span class="pagenum" title="269"> </span><a id="p_269"></a><span class="h2toc"><a href="#B3">DERDE HOOFDSTUK.</a></span><br /> + <span class="subh2toc">TWINTIG JAREN VAN STRIJD.</span></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B3_1"><b>I. De grondwetsherziening.</b></a> Val van het ministerie Kappeyne.—Ministerie + Van Lynden.—Derde ministerie Heemskerk.—Grondwetsherziening aan de orde + gesteld.—Verkiezingen van 1884.—De Kamer op het doode punt.—Artikel + 194.—Ministerie Heemskerk blijft aan de regeering.—Grondwetsherziening in + 1887.—Kiesrecht-uitbreiding</td> + <td class="tdr"><a href="#p_174">174</a>–<a href="#p_184">184</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B3_2"><b>II. De eerste triomf van de Christelijke Coalitie.—Het ministerie + Mackay.—De Pacificatie-wet.</b></a> Toenadering tusschen Roomschen en + Antirevolutionairen.—Elke dezer partijen werkt afzonderlijk.—De + nieuwe Kamer.—Ministerie Mackay.—De pacificatie-wet.—Dood + van koning Willem III.—Koningin Wilhelmina</td> + <td class="tdr"><a href="#p_184">184</a>–<a href="#p_189">189</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B3_3"><b>III. De crisis van de Christelijke Coalitie.—Hervorming van het kiesrecht.</b></a> + Dienstplicht.—Verbreking van de samenwerking.—De overwinning + noodlottig voor de Christelijke partijen.—Verschil van beginselen + tusschen Calvinisme en Roomsch-Katholicisme.—Schaepman en + Kuyper.—Fractie Bahlman.—Bronsveld.—Nederlaag der + Christelijke partijen.—Ministerie Van Tienhoven.—Tak van + Poortvliet.—Program van kiesrechthervorming.—Conservatief + of democratisch.—Kamerontbinding 1894.—Verwarring en + splitsing.—Ministerie Van Houten.—Kieswet Van Houten</td> + <td class="tdr"><a href="#p_189">189</a>–<a href="#p_197">197</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B3_4"><b>IV. De herstelling van de Christelijke Coalitie.—De verkiezingen + van 1897.—Het ministerie Pierson.</b></a>—Liberalisme tegen + clericalisme.—Splitsing der Antirevolutionaire partij.—Vrij-Antirevolutionairen.—De + Savornin Lohman.—Antirevolutionairen en Roomschen tegenover Liberalen en den + Christelijk Historischen Kiezersbond.—Nederlaag der eersten.—Ministerie + Pierson.—Dr. De Visser's overgang naar Rechts.—Vooroordeelen + onderling.—Werkzaamheid van het ministerie + <span class="pagenum" title="270"> </span><a id="p_270"></a>Pierson.—Vredesconferentie.—Meerderjarigheid + van koningin Wilhelmina.—Leerplichtwet.—De Christelijke Coalitie versterkt.—Verkiezingen + van 1901.—Overwinning</td> + <td class="tdr"><a href="#p_197">197</a>–<a href="#p_209">209</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdc" colspan="2"><span class="h2toc"><a href="#B4">VIERDE HOOFDSTUK.</a></span><br /> + <span class="subh2toc">DE ZEGE EN DE TOEKOMST DER CHRISTELIJKE COALITIE.</span></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B4_1"><b>I. Het ministerie Kuyper.</b></a>—<ins class="corr" id="corr153" title="Vet in Bron.">Gemengd Christelijk ministerie.—De + Eerste Kamer nog liberaal.</ins>—Program van het ministerie.—Kritiek en + moeilijkheden.—Werkstaking van 1903.—Ontbinding en omzetting van de Eerste Kamer</td> + <td class="tdr"><a href="#p_210"><ins class="corr" id="corr154" title="Bron: 209">210</ins></a>–<a href="#p_221">221</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B4_2"><b>II. De verkiezingen van 1905.—De overwinning van de linkerzijde.</b></a>—Kiezerscampagne van + 1905.—Wederzijdsche voorbereiding.—Bronsveld.—Staalman.—Hevige strijd.—Nederlaag</td> + <td class="tdr"><a href="#p_221">221</a>–<a href="#p_229">229</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B4_3"><b>III. Het liberaal ministerie De Meester<ins class="corr" id="corr155" title="Niet in Bron.">.</ins></b></a>—Ongelijksoortige samenstelling van + de Linkerzijde.—Goeman Borgesius.—Ministerie De Meester.—Program.—Blanco + artikel.—Houding der Rechterzijde.—Het „blijvend gedeelte”.—Val + van minister Staal.—Verkiezingen voor de Provinciale Staten.—Val van het + Liberalisme.—Minister Van Rappard.—Begrooting van 1908.—Val van Van + Rappard.—Aftreding van het ministerie</td> + <td class="tdr"><a href="#p_229">229</a>–<a href="#p_246">246</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdj"><a href="#B4_4"><b>IV. Het ministerie Heemskerk.—De algemeene verkiezingen van 1909.—De + toekomst van de Christelijke coalitie.</b></a>—Mr. Heemskerk aanvaardt de + regeering.—Tegen de meening van Dr. Kuyper.—Afwachtende en verzoeningsgezinde + houding van het kabinet.—Program van het ministerie.—Financieele crisis.—Verhooging + van vermogens- en bedrijfsbelasting.—Regeling militairen dienst.—Kamerverkiezingen + van 1909.—Roeping van het ministerie Heemskerk.—Blik in de toekomst.—De + Roomschen aangekomen op hetzelfde punt als de Roomschen in België in 1884.—Roeping + van de Christelijke Coalitie</td> + <td class="tdr"><a href="#p_246">246</a>–<a href="#p_260">260</a></td> + </tr> +</tbody> +</table> + +<div class="TNbox"><a id="correctie"></a> + +<h2>Overzicht aangebrachte correcties</h2> + +<p>De volgende correcties zijn aangebracht in de tekst:</p> + +<table summary="correcties in tekst"> + <thead> + <tr><th>Plaats</th><th>Bron</th><th>Correctie</th></tr> + </thead> + <tbody> + <tr><td class="td2"><a href="#corr1">Blz. 20</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr2">Blz. 22</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr3">Blz. 23</a></td><td class="td4">.</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr4">Blz. 24</a></td><td class="td4">.</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr5">Blz. 25</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">»</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr6">Blz. 30</a></td><td class="td4">Amelo</td><td class="td4">Almelo</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr7">Blz. 31</a></td><td class="td4">commecieele</td><td class="td4">commercieele</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr8">Blz. 33</a></td><td class="td4">ideëen</td><td class="td4">ideeën</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr9">Blz. 35</a></td><td class="td4">ideëen</td><td class="td4">ideeën</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr10">Blz. 38</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">»</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr11">Blz. 41</a></td><td class="td4">ideëen</td><td class="td4">ideeën</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr12">Blz. 41</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">”</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr13">Blz. 43</a></td><td class="td4">vrijheld</td><td class="td4">vrijheid</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr14">Blz. 44</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">”</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr15">Blz. 45</a></td><td class="td4">Opzich zelf</td><td class="td4">Op zichzelf</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr16">Blz. 45</a></td><td class="td4">overmoeide</td><td class="td4">onvermoeide</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr17">Blz. 47</a></td><td class="td4">.</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr18">Blz. 48</a></td><td class="td4">, »</td><td class="td4">«, </td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr19">Blz. 48</a></td><td class="td4">« </td><td class="td4"> »</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr20">Blz. 49</a></td><td class="td4">.</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr21">Blz. 50</a></td><td class="td4">.</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr22">Blz. 52</a></td><td class="td4">ideëen</td><td class="td4">ideeën</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr23">Blz. 53</a></td><td class="td4">rechtsspraak</td><td class="td4">rechtspraak</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr24">Blz. 54</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">”</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr25">Blz. 55</a></td><td class="td4">Comitè</td><td class="td4">Comité</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr26">Blz. 59</a></td><td class="td4">idieeën</td><td class="td4">ideeën</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr27">Blz. 59</a></td><td class="td4">goedkeurig</td><td class="td4">goedkeuring</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr28">Blz. 59</a></td><td class="td4">»</td><td class="td4">«</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr29">Blz. 60</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr30">Blz. 60</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">«</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr31">Blz. 64</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr32">Blz. 65</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">»</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr33">Blz. 68</a></td><td class="td4">protectonisme</td><td class="td4">protectionisme</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr34">Blz. 69</a></td><td class="td4">Historirische</td><td class="td4">Historische</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr35">Blz. 71</a></td><td class="td4">nanwkeuriger</td><td class="td4">nauwkeuriger</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr36">Blz. 74</a></td><td class="td4">ruine</td><td class="td4">ruïne</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr37">Blz. 76</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr38">Blz. 78</a></td><td class="td4">scheef</td><td class="td4">schreef</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr39">Blz. 79</a></td><td class="td4">»</td><td class="td4">[<i>Verwijderd.</i>]</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr40">Blz. 82</a></td><td class="td4">Thorbeeke</td><td class="td4">Thorbecke</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr41">Blz. 84</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr42">Blz. 85</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr43">Blz. 90</a></td><td class="td4">.</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr44">Blz. 91</a></td><td class="td4">nanwkeurig</td><td class="td4">nauwkeurig</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr45">Blz. 91</a></td><td class="td4">Meu</td><td class="td4">Men</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr46">Blz. 93</a></td><td class="td4">Oudliberale</td><td class="td4">Oud-liberale</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr47">Blz. 94</a></td><td class="td4">verwijderden</td><td class="td4">verwijderde</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr48">Blz. 95</a></td><td class="td4">Evenwei</td><td class="td4">Evenwel</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr49">Blz. 101</a></td><td class="td4">Jannari</td><td class="td4">Januari</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr50">Blz. 108</a></td><td class="td4">»</td><td class="td4">«</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr51">Blz. 108</a></td><td class="td4">»</td><td class="td4">«</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr52">Blz. 109</a></td><td class="td4">»</td><td class="td4">«</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr53">Blz. 110</a></td><td class="td4">ontrekken</td><td class="td4">onttrekken</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr54">Blz. 113</a></td><td class="td4" style="text-align: center;">I.<br /><br />De eerste organisatie.</td><td class="td4" style="text-align: center;"><i>I. De eerste organisatie.</i></td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr55">Blz. 113</a></td><td class="td4">om was</td><td class="td4">was om</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr56">Blz. 114</a></td><td class="td4">tijdschip</td><td class="td4">tijdstip</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr57">Blz. 116</a></td><td class="td4">ontrekken</td><td class="td4">onttrekken</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr58">Blz. 116</a></td><td class="td4">Protestansche</td><td class="td4">Protestantsche</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr59">Blz. 120</a></td><td class="td4">Toelstra</td><td class="td4">Troelstra</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr60">Blz. 121</a></td><td class="td4">proleterariaat</td><td class="td4">proletariaat</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr61">Blz. 122</a></td><td class="td4">geruineerd</td><td class="td4">geruïneerd</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr62">Blz. 127</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr63">Blz. 127</a></td><td class="td4">15.00</td><td class="td4">1.500</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr64">Blz. 127</a></td><td class="td4">.</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr65">Blz. 134</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">»</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr66">Blz. 134</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">”</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr67">Blz. 134</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">»</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr68">Blz. 136</a></td><td class="td4">omstuimigheid</td><td class="td4">onstuimigheid</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr69">Blz. 137</a></td><td class="td4">«</td><td class="td4">»</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr70">Blz. 138</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr71">Blz. 140</a></td><td class="td4">soalistisch</td><td class="td4">socialistisch</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr72">Blz. 146</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr73">Blz. 153</a></td><td class="td4">de</td><td class="td4">te</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr74">Blz. 155</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">[<i>Verwijderd.</i>]</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr75">Blz. 155</a></td><td class="td4">dilemna</td><td class="td4">dilemma</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr76">Blz. 155</a></td><td class="td4">of</td><td class="td4">òf</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr77">Blz. 157</a></td><td class="td4" style="text-align: center;">I.<br /><hr class="chbegin" /></td><td class="td4" style="text-align: center;"><hr class="chbegin" />I.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr78">Blz. 157</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">—</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr79">Blz. 157</a></td><td class="td4">horizontale lijn</td><td class="td4">[<i>Verwijderd.</i>]</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr80">Blz. 161</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr81">Blz. 161</a></td><td class="td4">Zil</td><td class="td4">Zij</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr82">Blz. 163</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">»</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr83">Blz. 163</a></td><td class="td4">ideëen</td><td class="td4">ideeën</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr84">Blz. 164</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr85">Blz. 172</a></td><td class="td4">.</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr86">Blz. 174</a></td><td class="td4">ruinen</td><td class="td4">ruïnen</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr87">Blz. 178</a></td><td class="td4">ideëen</td><td class="td4">ideeën</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr88">Blz. 178</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr89">Blz. 182</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr90">Blz. 183</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr91">Blz. 183</a></td><td class="td4">enquète</td><td class="td4">enquête</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr92">Blz. 183</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr93">Blz. 184</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr94">Blz. 184</a></td><td class="td4">—</td><td class="td4">[<i>Verwijderd.</i>]</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr95">Blz. 186</a></td><td class="td4">ontwikling</td><td class="td4">ontwikkeling</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr96">Blz. 187</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">van</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr97">Blz. 189</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr98">Blz. 193</a></td><td class="td4">indien</td><td class="td4">in dien</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr99">Blz. 194</a></td><td class="td4">Roell</td><td class="td4">Roëll</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr100">Blz. 195</a></td><td class="td4">oppositte</td><td class="td4">oppositie</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr101">Blz. 197</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">«</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr102">Blz. 197</a></td><td class="td4">v0ordat</td><td class="td4">voordat</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr103">Blz. 197</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr104">Blz. 197</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr105">Blz. 198</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">”</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr106">Blz. 199</a></td><td class="td4">brachtten</td><td class="td4">brachten</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr107">Blz. 200</a></td><td class="td4">.</td><td class="td4">[<i>Verwijderd.</i>]</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr108">Blz. 202</a></td><td class="td4">van</td><td class="td4">voor</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr109">Blz. 202</a></td><td class="td4">Oud liberalen</td><td class="td4">Oud-liberalen</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr110">Blz. 204</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr111">Blz. 205</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr112">Blz. 206</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr113">Blz. 206</a></td><td class="td4">»</td><td class="td4">«</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr114">Blz. 215</a></td><td class="td4">1803</td><td class="td4">1903</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr115">Blz. 216</a></td><td class="td4">arbeids klassen</td><td class="td4">arbeidsklassen</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr116">Blz. 218</a></td><td class="td4">Kuijper</td><td class="td4">Kuyper</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr117">Blz. 223</a></td><td class="td4">Unieliberalen</td><td class="td4">Unie-liberalen</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr118">Blz. 225</a></td><td class="td4">Savoruin</td><td class="td4">Savornin</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr119">Blz. 225</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr120">Blz. 226</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr121">Blz. 227</a></td><td class="td4">Enschedé</td><td class="td4">Enschede</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr122">Blz. 230</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">»</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr123">Blz. 234</a></td><td class="td4">magnifucus</td><td class="td4">magnificus</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr124">Blz. 236</a></td><td class="td4">afschafiing</td><td class="td4">afschaffing</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr125">Blz. 241</a></td><td class="td4">monsterbond</td><td class="td4">monsterverbond</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr126">Blz. 242</a></td><td class="td4">Koomsch</td><td class="td4">Roomsch</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr127">Blz. 244</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">[<i>Verwijderd.</i>]</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr128">Blz. 245</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr129">Blz. 246</a></td><td class="td4">portefeulles</td><td class="td4">portefeuilles</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr130">Blz. 247</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr131">Blz. 252</a></td><td class="td4">progaganda</td><td class="td4">propaganda</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr132">Blz. 253</a></td><td class="td4">propoganda</td><td class="td4">propaganda</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr133">Blz. 256</a></td><td class="td4">Socialischen</td><td class="td4">Socialistischen</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr134">Blz. 257</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">een</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr135">Blz. 257</a></td><td class="td4">Roell</td><td class="td4">Roëll</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr136">Blz. 257</a></td><td class="td4">in</td><td class="td4">en</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr137">Blz. 258</a></td><td class="td4">niet</td><td class="td4">niets</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr138">Blz. 259</a></td><td class="td4">te</td><td class="td4">[<i>Verwijderd.</i>]</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr139">Blz. 262</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">[<i>Verwijderd.</i>]</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr140">Blz. 263</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr141">Blz. 263</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr142">Blz. 265</a></td><td class="td4">„</td><td class="td4">[<i>Verwijderd.</i>]</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr143">Blz. 265</a></td><td class="td4">29</td><td class="td4">31</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr144">Blz. 266</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr145">Blz. 266</a></td><td class="td4">of</td><td class="td4"><b>of</b></td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr146">Blz. 266</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr147">Blz. 266</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr148">Blz. 266</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr149">Blz. 266</a></td><td class="td4">58</td><td class="td4">65</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr150">Blz. 267</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr151">Blz. 267</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr152">Blz. 268</a></td><td class="td4"><b> De schoolstrijd.</b></td><td class="td4"><b>—»De schoolstrijd.«</b></td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr153">Blz. 270</a></td><td class="td4"><b>—Gemengd Christelijk ministerie.—De Eerste Kamer nog liberaal.</b></td><td class="td4">—Gemengd Christelijk ministerie.—De Eerste Kamer nog liberaal.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr154">Blz. 270</a></td><td class="td4">209</td><td class="td4">210</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr155">Blz. 270</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + </tbody> +</table> +</div> + + + + + + + + +<pre> + + + + + +End of the Project Gutenberg EBook of De politieke partijen in Nederland en +de christelijke coalitie, by Paul Verschave + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE POLITIEKE PARTIJEN IN NEDERLAND *** + +***** This file should be named 34993-h.htm or 34993-h.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + https://www.gutenberg.org/3/4/9/9/34993/ + +Produced by The Online Distributed Proofreading Team at +https://www.pgdp.net + + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +https://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at https://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at https://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit https://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including including checks, online payments and credit card +donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + https://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. + + +</pre> + +</body> +</html> diff --git a/34993-h/images/cover.jpg b/34993-h/images/cover.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..2116a86 --- /dev/null +++ b/34993-h/images/cover.jpg diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt new file mode 100644 index 0000000..6312041 --- /dev/null +++ b/LICENSE.txt @@ -0,0 +1,11 @@ +This eBook, including all associated images, markup, improvements, +metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be +in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES. + +Procedures for determining public domain status are described in +the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org. + +No investigation has been made concerning possible copyrights in +jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize +this eBook outside of the United States should confirm copyright +status under the laws that apply to them. diff --git a/README.md b/README.md new file mode 100644 index 0000000..8f84950 --- /dev/null +++ b/README.md @@ -0,0 +1,2 @@ +Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for +eBook #34993 (https://www.gutenberg.org/ebooks/34993) |
