summaryrefslogtreecommitdiff
path: root/old/54785-8.txt
diff options
context:
space:
mode:
Diffstat (limited to 'old/54785-8.txt')
-rw-r--r--old/54785-8.txt4002
1 files changed, 0 insertions, 4002 deletions
diff --git a/old/54785-8.txt b/old/54785-8.txt
deleted file mode 100644
index f839fd9..0000000
--- a/old/54785-8.txt
+++ /dev/null
@@ -1,4002 +0,0 @@
-The Project Gutenberg EBook of Balmoedertje, by E. Overduijn-Heyligers
-
-This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and most
-other parts of the world at no cost and with almost no restrictions
-whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms of
-the Project Gutenberg License included with this eBook or online at
-www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you'll have
-to check the laws of the country where you are located before using this ebook.
-
-Title: Balmoedertje
-
-Author: E. Overduijn-Heyligers
-
-Release Date: May 25, 2017 [EBook #54785]
-
-Language: Dutch
-
-Character set encoding: ISO-8859-1
-
-*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK BALMOEDERTJE ***
-
-
-
-
-Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
-Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ for Project
-Gutenberg.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
- BALMOEDERTJE
-
- DOOR
-
- E. OVERDUIJN HEYLIGERS
-
-
- TWEEDE DRUK
-
- L. J. VEEN--UITGEVER--AMSTERDAM
-
-
-
-
-
-
-
-
- TYP ZUID-HOLL. BOEK- EN HANDELSDRUKKERIJ.
-
-
-
-
-
-
-
-
-I.
-
-
-Ze had uren zitten droomstaren, zoo maar stil voor zich uit. De
-kleine roode vlammetjes in grillige uitpunting, speelden tegen de
-dof-glimmende mika-ruitjes van de vulkachel.
-
-'t Was of haar ziel die vlamsprongetjes en den spelenden rondedans
-der lichtjes meehuppelde. 't Dartel gedans van vlammetjes, opduikend
-en wegploffend, in gloed en bleeke glanzen, haar ziel lokkend naar
-het geheimzinnige gegloei van dit toovergrillige vulkaantje.
-
-Ze keek uit het raam, waar in den grijzen mist van wintermiddag
-wat menschen voorbijgingen, een vlug, een ander met sleurigen
-tred. Decemberwind bolderde rond, joeg het mistige genevel in golverig
-grijs door de straten.
-
-Emilie bleef turen en droomen in de druilige mistsfeer, wachtend in
-spanning den klank van de huisbel op dit uur; want dadelijk daarna
-stortte een jubellach door de gang, de lach van haar kind, die haar
-deed opschrikken van geluk.
-
-O, hoe kon zij zich nu nog verkneuteren in het reeds jaren
-voorbije gevoel en de voorstelling van twee kinderarmpjes, die
-zich plots knelden om haar hals, warm en met een hartstochtelijke
-kinder-innigheid; als ze dan dadelijk daarop voelde het zachte
-kindermondje dat haar zoende en dan eindelijk het heele guitige kopje
-van haar dochtertje, vlakbij haar eigen gezicht, bekeek, 't kopje,
-dat haar tegenlachte met een onbezonnen jubel en een vroolijke
-onbezorgdheid, die haar eigen somber gepeins en haar wroeten in
-donkere herinneringen heelemaal verdrong.
-
-Door de jaren heen was ze grooter en volwassener geworden, haar kind,
-haar Elly; maar in haar eenzaam leven wachtte ze toch altijd op één
-uur: de klank van de huisbel, niet lettend op de rijpwording van
-het jonge kind, met een innige overgave gehecht aan haar omarming,
-haar kussen en haar zonnige vroolijkheid....
-
-Over enkele dagen zou Elly achttien jaar zijn. Zonder dat ze goed
-wist waarom, bracht het denken daaraan een groote ontroering in haar.
-
-Elly achttien jaar!
-
-Emilie kon het zich niet indenken. Ze begreep niet wat dat zeggen wou.
-
-Elly, dat kleine kind, met de warme, haar hals toeknellende armpjes,
-met het snaterende kindermondje, met dat kristaljubelende lachje,
-achttien jaar.
-
-Ze keek weer uit het raam, tuurde in den fijnen neveligen mist. Zoo
-grauw, zoo grijs-stil was het nu ook in haar binnenste, zoo droef en
-zoo lichtloos haar gedachten.
-
-Elly achttien jaar! Dat dartele stoeiende kindje....
-
-Over een paar dagen zou ze naar een bal gaan, zou ze voor 't eerst
-het groote leven ingestooten worden, zou ze de schittering en de
-weelde zien en ondergaan, de bedwelming en het koortsige geluk van
-het eerste uitgaan.
-
-O! als ze nu dacht aan zichzelf, aan haar eigen jeugdleven, aan de
-zacht-soezige bedwelming en verrukking, die ze zelf had ondergaan.
-
-Achttien jaar, háár Elly.... nu geen kind meer, met lief gebabbel en
-schertsend gestoei.
-
-Ze zou het leven en de wereld ingaan en wat met haar gebeuren ging
-bleef nog een groot geheim. Dat maakte haar juist zoo bang.
-
-Daar hing haar witte balkleedje, waaraan zij zoo hard gewerkt had. Als
-een liefkoozing wolkte de ijle witte doorzichtige stof. En nu al zag ze
-het ranke lijf, de tenger-mooie gestalte van Elly er zich in bewegen.
-
-En ook zag ze vóór haar, zoo klaar alsof het in werkelijkheid gebeurde,
-de bewondering, die ze overal opwekte. Dan lachte ze in zichzelf
-van geluk, en dan plots kreeg ze een smartgevoel, iets dat scheurde
-tusschen haar geluk en haar leven. Ze had haar kind hartstochtelijk
-lief. Elly was alles voor haar. Ze groeide in Elly's jubel en ze
-genoot van haar schoonheid.
-
-Ze vond het heerlijk dat de menschen haar meisje bewonderden om haar
-lieftalligheid en haar bevallige verschijning, en toch wrokte er iets
-in haar, als ze het kind zoo hoorde adoreeren.
-
-'t Was de onuitgesproken, maar in haar hersens knagende angst, dat ze
-niet alles zou blijven voor het kind, dat ze verdrongen zou worden
-door attenties van anderen, vooral attenties van jonge mannen, die
-haar het hof gingen maken. 't Denken aan die mogelijkheid bracht een
-hitte in haar gedachte, die haar gek maakte van benauwing. Dan suste
-ze haar eigen onrust door honderd keeren tot zichzelf te zeggen,
-dat zoo iets niet kón, dat Elly haar nooit missen wou omdat hun
-zieleleven, hun belangen, hun voelen en hun innigste intimiteit met
-fijnste vezelen was ineengeweven,
-
-Neen, ze mocht niet jaloersch zijn, ze mocht om haar denkbeeldigen
-angst het kind niet buiten een wereld van heerlijk jeugdgenieten
-sluiten.
-
-Want hoe trotsch zou ze niet zijn op haar kind, als ze zich daar
-bewoog in die mondaine kringen, zoo subtiel en zoo rank, met al de
-frischheid van een jeugd-meisje en een naïeve coquetterie van een
-half bedwelmd kind, dat voor het eerst dien stroom van wereldsche
-genietingen op zich voelt aanbruisen. O, wat zouden al die andere
-menschen haar benijden, als ze moesten aanzien, met stijf verwrongen
-mond, dat op dàt bal, háár Elly 't mooist, 't bevalligst was; en in
-de gracelijke ijlheid van haar fijne witte kleed daar zou opwasemen
-als een blank nimfje uit een sprookje op een kleurgloeiend avondfeest.
-
-Neen, geen jaloezie erover, dat de wereld haar kind zou wegnemen.
-
-Maar wat dan was 't, dat zoo knaagde en chagrijnde in haar
-binnenste! 'n Wrevelige angst, misschien een voorgevoel?
-
-Ze lachte nu in zichzelf.
-
-Plotseling kreeg ze een rust in haar gedachten, begreep ze iets van
-het telkens haar ontglippend angstgevoel.
-
-Ze had in het jagende zoeken naar de oorzaak iets begrepen.
-
-'t Flitste door haar heen de gedachte, dat nu ook zij voor het
-eerst, na jarenlange afzondering en droeve levensvereenzaming weer
-de wereld intrad.
-
-Hoe drong haar verbeelding weer innige herinneringen op; levensstoeten
-van jeugd, liefde en geluk. En dan plots daartusschen-in 't donkere
-stille onzeglijke droeve gezicht van de smart, de smart, die haar nu
-jaren en jaren zoo al stil bestaarde.
-
-
-
-
-
-
-
-
-II.
-
-
-In de toiletkamer voor de psyché stond Elly.
-
-Zacht rozig licht omglansde vaag haar fijne gestalte. 'n Gloed van
-koorts brandde op haar wangen, en met ongeduldig gebaar wierp ze
-af haar ruimen kapmantel, even luchtig maar omgehangen om zich te
-laten kappen. Nu in haar laag kant-omzet onderlijfje en den slank
-uitplooienden onderrok leek nog teerder haar fijn figuurtje.
-
---Klaar? vroeg haar moeder gejaagd, bijna geruischloos binnenkomend.
-
-Ze knikte even maar, terwijl ze door bleef kijken in den spiegel naar
-haar kapsel dat ze met een verheerlijkt gezicht stond te bewonderen.
-
-De ragfijne blonde spinsels van heur haar krulden nu saamgestrengeld
-in licht vangende golvingen, als een kapsel van lichten glans, dat
-droeg de trossen heliotropen.
-
---Paars bij blond, verrukkelijk, had de kapper gezegd bij het weggaan.
-
---Laat mij je nou heel voorzichtig helpen, drong mevrouw Van Weelen
-aan, opvangend in haar armen het ijle kleedje.
-
-In streelende en verteederde gebaren hielp ze 't Elly over de
-schoudertjes.
-
---Nu de taille.... maar wacht, eerst nog wat poeder.
-
-Een fijn wolkje verstoof in de kamer, daalde zacht neer op Elly's
-blanken hals. Mevrouw donsde even lichtelijk met de houppe haar
-schouders en blank gezichtje. En terwijl Elly zenuwachtig en gejaagd
-dichthaakte het ijle kleedje, deed mevrouw eenige schreden achteruit
-in de kamer, stil bewonderend het tengere figuurtje in één wolkerige
-schittering: haar dochtertje.
-
-Elly zag in den spiegel haar lieve moeders bewondering.
-
---Zorg nu eerst voor u zelf, moedertje, en laat mij u nu helpen. Ik
-heb nog alleen mijn handschoenen aan te doen.
-
---O, ik ben dadelijk klaar. Zorg jij maar dat er niets komt aan je
-mooie kleedje. Ga nu naar beneden in de huiskamer, tot ik je je sortie
-kom aandoen.
-
-En gejaagder met zenuwachtige klankstootjes in haar stem vroeg mevrouw
-weer door:
-
---Heb je alles wel? Heb je je waaier, je sortie, je handschoenen?
-
---O ja mama, ja mama, maak u niet zenuwachtig, alles ligt beneden
-klaar.
-
---Goed kind, goed, goed, ga dan als je wilt.
-
-Maar Elly treuzelde nog wat bij de deur, bezag moedertje en haarzelve
-in den spiegel en kwam toen met aarzelende gebaartjes terug.
-
---Moesje, luister nu eens.
-
-Heel dicht tegen haar aangeleund, in lievige aanvleiing van haar
-teere lijfje, sloeg ze haar armen om den hals van mevrouw van Weelen.
-
---Moesje, moesje, biecht eens op. Lijk ik nu werkelijk op u?
-
-Mevrouw van Weelen werkte zich los uit hare omhelzing, zei, in schijn
-verstoord:
-
---Dwaas kind, we zullen nog veel telaat komen, als je me niet met
-rust laat.
-
---Wat zou het, mijn boekje is toch vol. Neen moes, zoo komt u er
-niet af. U moet me zeggen of ik op u lijk. Ik zou 't zoo dol dolgraag
-willen.
-
---Och, zwijg toch kind. Wees toch niet zoo dwaas.... Hoe....
-
---Neen moesje, neen, u moet het zeggen, drong Elly guitig-lief aan.
-
---Nu, goed dan kind, je lijkt op me, veel, heel veel zelfs.
-
---O, heerlijk, heerlijk, juichte Elly, terwijl ze in een jubeling de
-trap afging.
-
-Mevrouw van Weelen bleef even in gedachte staan voor den spiegel,
-terwijl ze een vaag bewustzijn had van het zien van zichzelf.
-
-Ze leefde als bewust bewusteloos, ze hoorde en ze zag de dingen een
-oogenblik en tegelijkertijd voelde ze toch de gewaarwordingen alsof
-ze er zelf buiten stond.
-
-Buiten klonk plotseling geluid van voorbijratelende wielen. Met een
-schok joeg het in haar op dat ze moest voortmaken. Beneden hoorde ze al
-de klok slaan. Vlug nu het zwart-grenadinen met champagnekleurige-zijde
-gevoerde kleed aangetrokken.
-
-Op den stoel bij haar handschoenen en waaier lag een donkerroode
-roos. Even hield zij ze tegen haar borst, dan met een vlug grillig
-gebaar wierp zij de bloem in de lampetkan.
-
---Geen rozen.... geen rozen....
-
-Het aantrekken van haar nieuwe handschoenen ging sarrend langzaam
-en al heviger werd haar onrust om het telaat komen. Alles gloeide
-in haar aan. De inspanning bracht een fijn kleurtje op haar wangen,
-dat haar een blosje van schijnjeugd gaf.
-
-Ze zag zichzelf even angstig weer in den spiegel, bedonsde zich nog
-vluchtig met haar houppe en viel toen zuchtend neer op een stoel.
-
-Ze had niet kunnen denken, dat haar de emotie van uitgaan zóó weer zou
-aangrijpen, zóó een haar innerlijk verbrandende onrust in haar opjagen,
-die dwars door den gloed van haar herinnering heen schreed. Toch
-wilde zij zich goed houden voor Elly.
-
-Ongestoord moest dat kind genieten van haar eerste geluk.
-
-Wel verdwaasde dat woordje tot een leeg gestamel van woorden in
-haar hoofd.
-
-Geluk?
-
-Ze lachte even zacht als een zieke, die onbewust het valsch
-opdringerige meelij achter troost-praatjes voelt.
-
-Jaren geleden had ze hier gestaan voor dezelfde psyche, omwolkt in
-den goudgloed van haar illusies.
-
-Toen had ook zij hare entrée gedaan in de wereld, om haar heen louter
-weelde en bewondering, een kleurige avond van volzalig geluk en een
-geruisch van beloften en van schoon toekomstleven om haar heen.
-
-Ze zag alles weer duidelijk als in een visioen en toch als klare
-werkelijkheid. Ze hoorde weer een naam die al zoo lang achteruit was
-geschoven in haar herinnering.
-
-O, wat kon de enkele eenzame klank van een naam weer een gedachtengroep
-optooveren, weer het leven terughalen uit de duisternis van een
-afgestorven smart.
-
-Wat een wondere avond was het geweest, toen Varennes, de Fransche
-attaché, haar boven die allen verkozen had, haar openlijk zijn hulde
-had gebracht.
-
-Ze had er niet van kunnen slapen dien nacht. Ze had niets anders gezien
-dan den mooien donkeren man, die in haar levenslijn was getreden. Ze
-had voor niets anders oor dan voor den zoeten klank van zijn stem en
-voor niets anders oogen dan voor het ranke mooie van zijn gestalte.
-
-Van zijn kant had hij haar overweldigd met koesterend gevlei en
-bedwelmd met hartstochtelijke liefde-uitstorting.
-
-In de schoonste bloemen die hij haar zond wou hij een liefdetaal
-van kleuren uitspreken en in de kostbaarste geschenken iets leggen
-van zijn essentieelst gevoel voor haar, iets geven van zijn diepsten
-hartstocht en van zijn innigste vereering.
-
-Al kort na hun kennismaking werd hij teruggeroepen naar zijn land,
-was door deze plotselinge scheiding dadelijk een groote levenssmart
-over haar heengegaan.
-
-Varennes niet meer te zien, den zang van zijn stem niet meer te hooren,
-leek haar ophouden te leven.
-
-Al was hij weg, ver van haar af, toch bleef in haar doortrillen
-zijn gloeiende hartstocht, zijn liefde die de ziel van haar toen
-nog onervaren meisje had meegesleurd in een oppersten roes van
-geluksbedwelming.
-
-Hij had haar beloofd terug te komen, heel, heel spoedig. Hij schreef
-haar ook wel een enkelen maal. Maar in den toon van zijn brieven klonk
-een stroeve teruggetrokkenheid, een zich willen losrukken van iets,
-dat hem lastig was geworden.
-
-Met vrouwelijke intuïtie en een onbewust fijn doorschouwen had ze
-dadelijk gevoeld hem te hebben verloren.
-
-Met een schrik in haar ziel werd zij zich dat plotseling bewust. Er
-brak iets in haar als een instorting. Er stierf iets in haar klachtloos
-en heel diep van binnen; er sluimerde een rouwsmart over haar heen,
-die alles in haar vervaalde....
-
-
-
-Een jaar later was ze getrouwd met Van Weelen, wien ze haar levensleed
-had uitgezegd en die haar daarna toch een troost wilde zijn. Vóórdat
-Elly echter geboren was, stierf hij aan de tering.
-
-Dat was haar tweede groote smart.
-
-Ze had Van Weelen geacht om zijn zuivere genegenheid en zijn
-onbaatzuchtigen troost. Ze had hem nooit lief gehad met een bedwelming
-van haar eerste verrukking voor Varennes.
-
-Maar toen hij gestorven was, bleef er iets in haar ziel weenen,
-ook lang nadat Elly ter wereld kwam.
-
-De goede zachte genegenheid en de stille bescheiden omkoesterende
-liefdevereering van Van Weelen voor háár, de vrouw al eens gebroken
-door verleidingsgepraat, bleef langer in haar droeven dan de herdenking
-aan het bedrog van Varennes zelf.
-
-Er was nog later een stille berusting in haar opgebloeid, een passief
-aanstaren van het leven, dat in schijn van woeste grilligheid ieder
-van zijn schepselen een anderen kant uitdrijft, zonder dat het kleine
-menschenverstand bij machte is te vatten het doel en in stamelende
-ontzetting maar steeds vraagt waarom? Waarvoor dat alles?
-
-Zoo schreide haar stille smart in de eenzaamheid van haar gewillige
-berusting, voelde ze slechts één sterken drang in haar leven, zich
-te wijden aan het kleine lieve kindje, dat nog was als een materieele
-verbinding tusschen haar en haar gestorven man.
-
-Zoo waren de jaren over haar heengegaan in die passieve onderwerping,
-in die zachte en doezelige apathie, die haar geen schokken en geen
-emoties meer bracht.
-
-En nu plots een twintig jaar later, nu ze haar eigen Elly, haar
-lieveling voor het eerst de wereld in zou sturen, nu was plots dat
-verleden leven opengebroken onder het felst herinneringslicht.
-
-Nu zag ze Varennes staan, dien donkeren mooien man, met z'n trotsche
-gestalte, z'n heerschend gebaar, z'n hartstochtelijke oogen.
-
-Nu hoorde ze weer den zoeten klank van z'n stem. Nu kwam weer op haar
-af dat aandoenlijk-angstige geruisch van beloften en toekomstidealen,
-voelde zij zich plots weer in die zalige duizelige verrukking van haar
-eerste liefde voor hem, voelde ze weer z'n gloeienden adem branden
-op haar wang en zag ze weer den gloeienden hartstochtbrand van z'n
-diepe oogen op haar toevlammen.
-
-Het was haar alsof ze onder het gefluister van z'n liefdestem weer
-duizelde in den trillenden weemoed van haar verlangen, alsof hij haar
-daar plots zou omhelzen en wegvoeren, ver, ver buiten de wereld.
-
-Hoe had zij zich op dit uur, waarop zij niets anders te doen had dan
-haar kind te begeleiden en geluk te geven; hoe had zij zich zóó kunnen
-laten aangrijpen, door iets dat ze al zoo lang dood had gewaand in
-haar ziel!
-
-Ze rilde en beefde en tòch sidderde in haar ziel de wil om zich te
-beheerschen, goed te houden voor haar lieveling.
-
-In de straat daverde een rijtuig aan, dat stil hield voor de deur.
-
-Ze schrok òp.
-
-Weer bezag zij zich in den spiegel. Haar opwindingskleurtje was
-weggetrokken.
-
-Nu herkende zij zichzelf weer beter in den matbleeken ernst van haar
-versmartelijkt gezicht.
-
---Moes, moes, komt u, het rijtuig is voor?
-
---Ja, ja, kind, ik kom, ik kom.
-
-Langzaam ging zij de trap af, luisterend naar het fluisterend frou-frou
-van haar kleed.
-
-In zichzelf flitste nog even de gedachte, dat ze er toch nog jong
-uitzag, dat heur haar nog mooi blond was gebleven, en dat het leed,
-dat jaren en jaren haar innerlijk doorknaagd had, haar van buiten
-niet had aangetast.
-
-Ze was iets voller geworden, maar ze leek toch meer een oudere zuster
-dan een moeder van Elly.
-
-Ze begreep zelf niet waarom ze met zooveel vreugde in zich dat
-herdacht.
-
-Was haar vrouwelijke ijdelheid dan nog niet dood na zooveel leed en
-zooveel vereenzaming?
-
-Ze durfde zichzelf daarop niet antwoorden, want diep, diep in haar
-bleef onder misleidend zelfgepraat een vreugde trillen, dat ze toch
-mooi was en jong en telkens kwam in een geheimzinnige gevoelswerking
-weer vóór haar staan Varennes, de donkere mooie man.
-
-
-
-
-
-
-
-
-III.
-
-
-In de balzaal, vol en wazig doorgloeid van goud kroonlicht overviel
-haar een duizeling, ze rook vreemde bloemengeuren; de muziek zwirrelde
-klanken van een bekenden dans naar haar, streelend, bedwelmend,
-lokkend.
-
-Een zacht geraas van stemmen zong als een zomerzee tegen
-avondduinen. Ze hoorde om haar heen haar naam noemen, half in schrik
-en verwondering; ze duizelde er zelve van.
-
-Maar ze herstelde zich heel gauw, zichzelf opdringend, dat ze alleen
-gekomen was voor Elly.
-
-Elly liep even naar haar kennisjes toe, begroette die in stralende
-vroolijkheid, kwam toen weer dadelijk terug om een paar goede plaatsjes
-uit te zoeken.
-
---Waar wil je nu zitten moesje?
-
---Ja kind, beneden zooals je ziet, is alles bezet; zal ik dan maar
-niet boven gaan op de galerij; daar kan ik je dan meteen goed zien.
-
---Goed, goed, moesje, vroolijkte Elly en huppelde naast haar moeder
-de trap op naar de galerij.
-
---Vindt u 't hier nu heusch echt prettig, moes? Ja? Dan ga ik maar
-naar beneden, dartelde Elly doorsnappend en tegelijk zich voorover
-buigend om zoo het gezicht op de volle zaal te krijgen.
-
---Best, kind; maar zul je niet al te lang achter elkaar dansen
-lieveling? en je niet teveel vermoeien?
-
---Neen, neen, neen, moesje.
-
---Ja, ja....
-
---Och neen moesje! En wat moet ik nog meer niet doen?
-
-Lachend met dartele oogen en lief tartenden blik zag ze haar moeder
-aan en drukte met onstuimige hartelijkheid haar hand.
-
---Nou, dag moes.
-
---Dag schat.
-
-Ze zat nu heel alleen, mevrouw Van Weelen, op de donkere galerij,
-wat teruggeschoven als in vergetelheid.
-
-
-
-
-
-
-
-
-IV.
-
-
-Beneden haar woelde de roezemoes van lichte toiletjes, de heeren in
-rok, zwart en gestrakt als kellners, de claque in de hand. Enkele
-uniformen schitterden met zachte gloeiing van gouden vangsnoeren
-tusschen de zwarte rokken en kleurige baltoiletjes.
-
-Mevrouw Van Weelen kon nog niet onderscheiden, zag niet anders nog
-dan damp uitstralenden gloed van licht, hoorde den feestroes op haar
-aangonzen; en onophoudelijk bleef ze getroffen door de streelend
-zoete klanken van de zachte bedwelmende dansmuziek.
-
-Toch zonder te zien persoon voor persoon, voelde ze met een trotsch
-zelfbewustzijn, dat haar Elly, haar mooie Elly daar tusschen die
-menschenwemeling een heel lieve figuur was.
-
-Soms onder de lichtende voorbijzweving van dansende paren, meende
-ze even haar gezichtje te zien, of de fijne blankheid van haar
-kleedje. Maar dan plots zwierden weer nieuwe paren tusschen de
-plek, waar ze haar dochtertje meende gezien te hebben en haar in,
-tuurde ze met zoo groote inspanning, dat ze vermoeid en duizelig de
-oogen sloot. Dan hoorde ze weer de lokkende streelklanken; de zoete
-muziek begon in haar eigen ziel weer een zacht liedje van verlangen
-te zingen. Er koortste een heet gevoel in haar.
-
-Als ze zich niet beheerschte zou ze zich wel dadelijk willen laten
-gaan, zou ze de galerij willen afstappen, zou ze zich storten in het
-gewoel der dansende paren.
-
-Zoo zat ze, de oogen van vermoeienis gesloten, de lokkende dansmuziek
-in haar ooren, en voor haar weer het visioen van dien donkeren mooien
-man, haar eigen jeugd en verrukking den avond, toen ze de wereld met
-al haar wee en liefde voelde te kunnen omvatten te kunnen dragen.
-
-Had ze ook nu geen recht, koortste het in haar gedachten, op geluk,
-op nieuwe ontroering. Was die rythmische dansmelodie om haar te
-roepen om mee te drijven in dien zaligen stroom van verrukking,
-die daar beneden haar uitging naar allen kant.
-
-Moest zij dien zachten zwijmel van tonenpracht niet meer hooren en
-niet toegeven aan dat demonische verlangen om daar plots te gaan
-tusschen die dansende wereld aan haar voeten, die gloeiende wereld
-van weelde en uitbundigheid.
-
-Ze huiverde, ze rilde van angst voor haar eigen opstandig gevoel,
-dat toch weer met smartelijk ingehouden drang moest sterven in haar
-eigen ziel.
-
-Ze voelde geweldige hartbonsingen en een benauwing die haar als
-deed stikken.
-
-O dat die duivelsche muziek zweeg, dat het orkest wegstortte uit de
-zaal, dat ze niets meer kon hooren, niets meer kon zien, en dat toch
-in haar ophield dat jubelend verlangen naar nieuw geluk en nieuw leven.
-
-Plotseling, overweldigd door een smartgevoel, zich niet langer kunnende
-bedwingen, schreide ze zacht, opende ze haar oogen.
-
-Nu merkte ze, dat meer menschen op de galerij hadden plaats genomen. Ze
-schrok bij het denkbeeld dat anderen haar ontroering hadden gezien,
-haar ook misschien hadden bekeken terwijl zij weende.
-
-Was ze nu weer vergeten waarom ze eigenlijk hier bleef? Toch alleen
-om Elly te chaperonneeren. Hoe kon ze nu zoo doen, zich zoo laten
-kwellen en martelen door een innerlijken strijd, waarin ze toch zelf
-altijd de nederlaag moest lijden.
-
-'t Soesde weer om haar heen, 't geraas en geroezemoes.
-
-'t Lang alleen zijn en het turen op de wemelende paren begon haar
-te kwellen.
-
-Waarom kwam Elly haar toch niet eventjes aanspreken?
-
-Weer bleef ze een poos in stomme onbewustheid staren met achter haar
-hoofd de lokkende roepstem van haar eigen verleden.
-
-Toen langzaam als uit een verdooving opklarend bemerkte ze, dat het
-in de zaal leeg was geworden.
-
-Plotseling hoorde ze achter haar 't lief luiende lachje van Elly.
-
---Moeder, mag ik u voorstellen?
-
-Elly stond voor haar met een slanken heer, wiens naam ze niet goed
-gehoord had. Snel naar hem opkijkend voelde ze plotseling een schrik,
-een verstomming die haar verlamde.
-
-Vlak voor haar stond de Varennes, ouder, ernstiger, maar met denzelfden
-hartstochtgloed in de donkere geheimzinnige oogen.
-
-Hij bleef, niet merkend haar schrik, wat met haar praten,
-complimenteerde haar over Elly's verrukkelijk walsen.
-
-Terwijl hij sprak had ze haar zelfbeheersching herwonnen, deed ze
-niets dan beleefd glimlachen en ja knikken; ze voelde wel, dat ze er
-bleek moest uitzien.
-
-Maar met haar sterkste wilsinspanning wou ze ontkomen aan lichtelijk
-argwaan-gekijk van Elly.
-
---Mag ik straks nog een dans van u hebben, freule?
-
-Even vreugde-gloeiden Elly's oogen.
-
---Al mijn dansen zijn besproken, maar wil u een extra?
-
---Heel, heel gaarne.
-
-Toen boog hij voor moeder en dochter en ging heen.
-
-Mevrouw van Weelen zag hoe Elly hem volgde met bewonderend en
-liefkoozend kijken. Ze wist zelf niet meer wat ze voelde: verbazing,
-schrik of angst. Plotseling merkte ze het liefkoozend handje van Elly
-die ook streelde met haar stemmetje.
-
---Nee moes, u mag nooit meer zoo alleen gaan zitten; ik heb aldoor
-aan u gedacht onder het dansen.
-
---Zoo lieveling, lispelde ze heel zacht.
-
---Ach moes, niet zoo ernstig kijken, dat maakt u oud.
-
---Dat ben ik tóch Elly. Jong zijn alleen zij, die zich jong voelen,
-ik voel me heel oud.
-
-
-
-
-
-
-
-
-V.
-
-
-Ze bleven samen nog wat praten en Elly vertelde in onstuimige vreugde
-van haar succes, dronk intusschen gretig van haar champagne frappé,
-was zoo opgewonden dat haar moeder haar bestraffend aankeek.
-
---Ik heb ook zoo'n dorst, verontschuldigde ze bangelijk.
-
-De pauze was om.
-
---Nou moet ik weer weg, zuchtte Elly, de fijne plooien van haar
-kleedje rechtschikkend aan haar lijf.
-
---Zie ik er nog goed uit moeder, nog niet gefaneerd?
-
-En zult u nu eens echt naar me kijken?
-
-Zonder te hooren wat haar moeder antwoordde vlinderde ze naar beneden
-de trap af.
-
-Balmoedertje zag nu onrustiger en gejaagder toe naar de dansers,
-die zich weer schikten tot paren.
-
-Nu zag ze weer Elly's mooie gezichtje doorgloeid van verrukking en
-opwinding. Nu zag ze scherper en klaarder dan ooit.
-
-Ze zag de blikken van verliefden elkaar kruisen. Ze zag het
-kleurengewemel en ze hoorde het voetengeschuif en overal om haar
-heen een gezwier en gezwirrel onder het gloeiend licht en de damp
-van bloemengeuren, die haar weer in een zachte verdooving en een
-zwijmelende versuffing brachten. Weer sloot ze de oogen.
-
-Nu brandde en gloeide er iets in haar ziel, verspringend door haar
-heele lichaam, als wentelde een vonkenrad in haar. Ze voelde het
-bloed kloppen in haar slapen; koorts rillen in haar wangen.
-
-Nu omsloop haar een eindelooze weemoed, een droefenis die haar een
-sterfgevoel gaf.
-
-Plotseling verstomde de muziek, hoorde ze roepen: "eerste extra".
-
-In kramp omklemde haar vuist haar kanten zakdoekje. Nu zou het gebeuren
-drong het klaar in haar op, nu zou hij komen, de man tot haar dochter,
-zooals hij ook eens gekomen was tot haar zelve.
-
-Ze kreeg een stikkend gevoel in de keel; ze wou opstaan en roepen,
-roepen haar kind. Ze wou zeggen wie die man was en haar onder den
-brandenden adem van zijn hartstochtmond wegrukken.
-
-Maar ze zat verlamd, zonder kracht, zonder wil en zonder stem.
-
-Daar wiegde aan een streelend rythme van een wals.
-
-Elly, verrukt, zag ze in zijn armen, 't teere slanke lijf zacht tegen
-hem aan, in een innige overgave van liefde....
-
-Toen beefde een sluier neer voor haar oogen, voelde ze een wilde
-vlammende verbijstering, een kou in de hersenen, 'n hitte in de hand,
-'n angstige koorts in 't gansche lamme bevende lijf, zag ze voor haar
-dichtgekrampte oogen niets dan een wilde horde van dansende paren,
-omvlamd door een groenen gloed, vreemd en geheimzinnig voor haar
-dichte oogen.
-
-En nog even in haar sidderende hoofd zong het geluid van streelende
-violen....
-
-
-
-
-
-
-
-
-VI.
-
-
-Dagen waren na den feestavond voorbij gegaan.
-
-Elly, bewust van haar succes, had genoten.
-
-En onder de genoodigden maakte men elkaar opmerkzaam op haar gracieuse
-verschijning.
-
---Dat meisje van Weelen is aardig opgegroeid, zij lijkt veel op haar
-moeder.... alleen nog een beetje te slank, critiseerde een oude
-dame, die haar gestadig, den face à mains tegen de oogen gedrukt,
-had gadegeslagen.
-
-De Varennes, tot wien ze sprak, op Elly zijn aandacht vestigend, volgde
-de richting waarheen de oude dame haar glinsterende oogglazen wendde.
-
---Ze is inderdaad een aardige verschijning, mooier dan haar
-moeder.... en er zit meer temperament in ook, antwoordde hij,
-wat nerveus draaiend aan zijn klein Engelsch snorretje; en zich
-wat tot de dame overbuigend, zag hij even op naar boven, waar hij
-meende Emilie te zien, die met strakken kijk zijn blik doorstond,
-en een opkomenden blos onderdrukte.
-
-Aan de Varennes was dat niet ontgaan.
-
-Het had hem even gegeven sensatie van gêne, nu hij zich plots den
-lang vervlogen tijd te binnen haalde, en hij nam zich voor de kleine
-van Weelen dien avond uit den weg te gaan. Het toeval bracht hem in
-Elly's nabijheid, toen zij zich, terwijl hij in gesprek was met een
-andere dame, aan deze liet voorstellen.
-
-En spontaan, zonder zich rekenschap te geven van zijn voornemens,
-vroeg hij haar om een dans. Had iets in den argeloozen blik Elly's
-bewondering verraden, dat hem, den Lebemann streelde?.... hij wist
-het niet, hij dacht er ook niet lang over na.
-
-Het tijdperk uit zijn leven was door andere voorvallen zoozeer naar
-den achtergrond geschoven en verbleekt, dat hij al spoedig over zijn
-oogenblikkelijke verlegenheid heen kwam.
-
-En toen hij later Elly voor den dans zijn arm bood, was hij weer zich
-zelven zoozeer meester, dat hij haar verzocht hem aan haar moeder te
-willen voorstellen, met zich zelven overleggend dat dit correct was,
-waar hij de dochter ten dans geleidde.
-
-Emilie's koele strakke houding, waarachter hij haar emotie speurde
-prikkelde zijn ijdelheid meer dan hij zich bekennen wilde, en pogend
-een opgewekt en eenvoudigen toon aan te slaan, vroeg hij Elly voor
-een volgenden dans....
-
-
-
-
-
-
-
-
-VII.
-
-
-Nu zat Emilie in haar stille huiskamer.
-
-Ze wachtte op de terugkomst van Elly, die met een vriendinnetje een
-wandeling deed om te zien, of met den invallenden vorst, de ijsbaan
-al geopend was.
-
-En nu in haar eenzaamheid doorleefde Emilie nog eens die oogenblikken
-van felle smart, die haar niet meer los liet, sedert ze den man,
-dien ze eens zoo hartstochtelijk had liefgehad, weer terug zag.
-
-Ze overwoog of het niet goed zou zijn met haar kind den Haag te
-verlaten, en in het buitenland te gaan wonen.
-
-Een stem binnenin haar liet haar niet met rust.
-
-Nu weer de Varennes in haar levenslijn was getreden, was het of
-daarmee al haar invloed op Elly was gebroken.
-
-Ze kon er zich om haten.... om die dwaze angsten, die haar vervolgden,
-zoovaak Elly onder haar oogen uit was.
-
-Wat kon ze doen om haar kind te behoeden tegen een nadere kennismaking
-nu hij weer in hun nabijheid was.... nu hij zich bewoog in de kringen
-waarin ze Elly had ingeleid....
-
-Het kind berooven van elken omgang met vriendinnetjes van haar eigen
-leeftijd, het dwingen tot thuis blijven; of haar slechts veroorloven
-uit te gaan in gezelschap van haar zelve....?
-
-Dat gaf haar een aspect van zoo een groote troosteloosheid, dat ze
-de gedachte daaraan dadelijk van zich afzette.
-
-In haar leven van stille berusting was slechts één lichtpunt
-geweest, dat er waarde aan gaf; het bezit van het kind. Elly was van
-háár.... geheel van haar; en nooit had ze anderer inmenging gedoogd
-bij de opvoeding.
-
-Heel bewust voelde ze elke nuance in Elly's karakter, het was of ze
-den harteklop van haar kind beluisterde.
-
-Nu opeens scheen het haar anders geworden.
-
-Nu was het of, wat ze met zooveel zorg en opoffering had opgekweekt,
-stuurloos in den maalstroom van het hedendaagsche leven werd gestooten.
-
-En dat maakte haar bang.
-
-Maar was Elly dan niet haar kind?.... Was Elly niet toegerust met
-alles wat haar moederlijke zorg in een volmaakte opvoeding had kunnen
-leggen?....
-
-Zou Elly niet blijven wie ze was, al zou een ander haar liefde
-winnen? Zou zij de moeder, daardoor den invloed op haar kind
-verliezen?....
-
-Zij voelde een beklemming om haar hart, een smart, die haar in de
-keel kropte, en zich schamend voor haar egoïsme, wischte ze snel een
-traan uit haar oogen.
-
-Het was al te gek....
-
-Toch wist ze heel zeker, dat in Elly's en haar eigen leven
-een nieuw tijdperk was ingetreden. Zij zou zich nu niet langer
-kunnen laten gaan in het gelukkige bezit van het kind. Ze zou nu
-wáken.... waarvóór.... dát wist ze zelf niet.
-
-Maar het was of iets haar Elly bedreigde, dat had zich in haar denken
-vastgezet, van den eersten dag af, dat ze Elly als volwassen meisje,
-de wereld inleidde.
-
-Een lichte schok doorvoer haar toen de electrische schel klaterend
-de stilte scheurde.
-
-Dat moest Elly zijn....
-
-Nu al?....
-
-Ze zag op de pendule.
-
-Vroeger gaf het haar sensatie van groot geluk, begon haar hart
-sneller te kloppen, als ze de vlugge pasjes in de gang hoorde, en o
-die verrukking.... als daarna de deur open ging en Elly naar binnen
-stortte, in blijden jubel de beide armpjes om haar hals knelde,
-en haar overdekte met gloeiende kussen.
-
-Nu, om zich een houding te geven verschoof ze de kleinigheden op
-tafel, en ze nam nerveus het handwerk op, dat voor haar lag, den
-schijn aannemend dat ze druk er aan werkte.
-
-Elly, met hoogroode kleur, en doortrokken van de frissche winterkoude,
-die in haar kleeren hing, kwam opgewonden op haar moeder toe, omhelsde
-haar onstuimig, wierp daarna hoed en mantel op een stoel.
-
---Hier moes.... een bosje gele margarieten voor u....
-
---O.... heerlijk!.... dank je wel.
-
-En vluchtig Elly aanziende vroeg ze: --Nu al weer terug?.... was de
-ijsbaan nog niet geopend.... of had je het te koud?....
-
-Het was of Elly's gedachten vervuld waren van iets anders. Even
-wachtte ze voor ze antwoordde.
-
---O.... ja.... moeder.... de ijsbaan is wel geopend.... maar ik had
-geen lust om langer te blijven ik had mijn schaatsen nog niet bij
-me.... Zal ik eerst de bloemen in het water zetten?....
-
-Emilie knikte, zag peinzend de stille straat in, waar de lantarens
-werden opgestoken en kwijnden in den dikken wintermist.
-
-Elly, bedrijvig, schikte de gele bloemen in een vaasje, zette zich
-toen tegen haar moeder over aan de tafel.
-
---Het was jammer.... nu heb je niet kunnen rijden.... zei mevrouw
-het gesprek weer vervolgend.
-
---O.... ik heb toch nog even de schaatsen van Mies onder gehad.... en
-een baantje gereden.
-
-Emilie voelde haar handen klam worden, en stroef ging de naald door
-het ijle gaas.
-
---Zal ik even thee zetten.... moeder?.... vroeg Elly alweer van haar
-stoel wippend.
-
---Ja wil je....? het water kookt.
-
-Het fijne porselein rinkelde zachtjes onder de aanraking van Elly's
-rappe handjes, verbrak even de spannende stilte.
-
---Was het druk op het ijs?.... en heb je geen kennissen ontmoet?....
-
-Mevrouw van Weelens stem klonk vreemd heesch, en wat onthutst zag
-Elly haar aan.
-
---Ja.... het was er heel vol.... en kennissen vind je er altijd. Het
-weer was ook bijzonder mooi.
-
---Met wie heb je gereden....?
-
-Die rechtstreeksche vraag klonk Elly zoo vreemd van ingehouden
-emotie, dat ze even werkeloos bleef, haar moeder met groote oogen
-aanstarend. Dan snel op haar toetredend sloeg ze de armen om Emilie's
-hals, en zag haar vorschend aan.
-
---Moeder wat is er....? U doet zoo heel anders dan gewoon.... er is
-iets.... dát weet ik zeker.... toe zeg 't me....
-
-Mevrouw van Weelen gaf Elly haar kussen terug, weerde haar zachtjes
-af. --Er is niets kindje.... wat zou er zijn....?.... Maar, zie je
-nu je groot bent.... een volwassen meisje.... een jonge dame.... nu
-is alles zoo anders geworden. Je bent nu geen kind meer.... en....
-
---En....? vorschte Elly.
-
---En nou ben ik bang, dat je me niet alles meer zoo vertelt,
-als je vroeger deed. Het is nog zoo noodig, dat ik je in veel
-dingen raad.... een meisje, dat pas uit gaat moet heel voorzichtig
-zijn. Jij kent de wereld nog niet, en ik maak me wel eens ongerust,
-dat er verkeerde dingen gebeuren.... dat je bij voorbeeld wat te veel
-uitgelaten bent, je te veel laat gáán.... dat kan nu niet meer.... het
-wordt soms door anderen verkeerd uitgelegd.
-
-Een kilte viel plots over Elly nu ze haar moeder zoo tot haar hoorde
-spreken; en Emilie zelve speurde iets van het ongerijmde van haar
-betoog, waarvoor ze woorden koos, die ze eigenlijk niet bedoelde.
-
-Waarom kon ze niet recht op haar doel afgaan.... en Elly zeggen wat
-haar met zooveel vrees vervulde.
-
-Er was nu iets tusschen haar beiden gerezen, dat de beide vrouwen
-heel bewust voelden....
-
---U moest maar altijd met mij meegaan, moes...., u bent veel te jong
-om zoo teruggetrokken te leven, zei Elly.
-
-Voor het eerst beschouwde Elly haar moeder met den critischen blik
-van vrouw, en het viel haar op hoe jong haar moeder er uit zag,
-in het zwart fluweelen kleed, dat haar mooie vormen vast omsloot,
-en op zijn voordeeligst deed uitkomen, den welgevormden hals en de
-armen vrijliet. En in het tot vollen bloei gekomen meisje ontwaakte
-de gedachte, dat haar moeder voor háár zich had teruggetrokken uit
-de wereld.
-
-Ook zij had nog recht op geluk.... bedacht Elly zich.
-
-Ze had die wondere stemming in den laatsten tijd al vaker
-opgelet.... En een heel diepe smart vlijmde door Elly's ziel.... Een
-smart, die wortel schoot naast een tot leven gewekt geluk, waarvan
-Elly zich nu bewust werd.
-
-Dreigende stilte hing in de kamer.
-
-Mevrouw van Weelen lei haar werk op de tafel, en zoo, de handen
-over elkander gevouwen, staarde ze voor zich uit naar buiten, in de
-grijsheid van den winternamiddag.
-
-Een enkele ster twinkelde flauwtjes aan het uitspansel, en de
-voetstappen van zeldzame voorbijgangers in de stille straat, klonken
-hol of deden de aanvriezende rijp knerpen onder hun druk. Heel in de
-verte ronkte een vrachtwagen over den hardbevroren weg.
-
-Het waren vertrouwde geluiden, die haar niets zeiden.... Waarom
-vandáág, stemden ze haar tot weemoed....?
-
-Ze had Elly in haar armen willen nemen, haar koesteren, als ze in de
-kinderjaren deed, en haar willen sméken.... maar.... wàt.... ? Hoe
-moest ze het onder woorden brengen wat haar de keel toekneep van
-smart....?
-
-Het zwijgen maakte de stemming broeierig.
-
-Emilie voelde de beklemming er van, stond op, wat in de kamer
-verschikkend, en liep door de breede suitedeuren naar het kleine
-serretje, waar haar werkmandje stond. Toen ze zich een oogenblik
-later omwendde, en in de schaduwachtige duisternis van de door een
-straatlantaren verlichte kamer schouwde, zag ze bij het verglommen
-theelichtje Elly's figuurtje silhouetteeren en in het vage schijnsel
-ging Elly's hand naar het vaasje met margarieten.
-
-Vlug, als vreesde ze op heeter daad betrapt te worden, trok
-Elly een bloem er uit, die ze ontbladerde.--Il m'aime.... un
-peu,.... beaucoup,.... tendrement,.... passionnément.... par
-caprice.... par fantaisie.... point du tout.
-
-Het was voor Emilie een openbaring; een even schouwen in het diepst
-van Elly's ziel.
-
-Ademgespannen volgde ze van uit haar donkere schuilhoek elke beweging
-van Elly's rappe handen.... en ze zag de margariet van haar kleine
-lansvormige blaadjes berooven, die nu gouden tipten op het donkere
-tafelkleed.
-
-En als een orakel suisde het van Elly's lippen, nu nog eens, terwijl
-heel haar denken zich op den uitslag spitste:--il m'aime.... un
-peu,.... beaucoup,.... tendrement,.... passionnément.... par
-caprice.... par fantaisie.... point du tout.
-
-Emilie, zelve tot het uiterste gespannen, de oogen sperrend, de
-blaadjes tellend die er nog over bleven; liep de uitkomst al vooruit.
-
---Il m'aime.... un peu,.... beaucoup,.... tendrement....
-passionnément!!
-
-Het was met een kreet van geluk, dat Elly bij het laatste woord,
-waar haar levensgeluk op het oogenblik voor haar van af hing, het
-bloemblaadje afrukte. In haar hand lag de knop, die zij in extase
-aanzag en dan hartstochtelijk aan haar lippen drukte.
-
-
-
-
-
-
-
-
-VIII.
-
-
-Verlamd aan al haar leden sloop Emilie onhoorbaar weg, de kamer
-uit.... en als een vernielend wiel, ratelde in haar leeg hoofd rond
-de vreeselijke waarheid--passionnément.... Het was of zij het leven
-uit zich voelde wegvloeien....--dus toch....?
-
-Ook dit zou haar niet bespaard blijven....
-
-In de slaapkamer viel ze op een stoel neer.... de oogen verdwaasd
-voor zich uit.... dan weer zich paaiend met het belachelijke van
-haar supposities.... gewekt door het onnoozele kinderspel. Moest ze
-daarnaar haar conclusies, maken....?
-
-Toch weer dadelijk er na vlijmde in haar het bewustzijn, dat er iets
-was met Elly.... en dat dat iets verband hield met de Varennes.
-
-Het ontzettende voorgevoel kon haar niet bedriegen....
-
---Teleurgestelden hechten aan voorgevoelens.... schamperde ze.
-
-Had niet dagen lang een vreeselijke onrust, die zij voor Elly
-verheimelijkte haar vervolgd....? Een gewicht, dat haar dreigde te
-verpletteren, was nu met een smak op haar neergekomen.
-
-Telkens tusschen haar snikken door, lachte ze overluid, riep ze Elly
-met haar liefste namen. In haar verbeelden streelde ze haar meisje
-over de blonde haren, voelde ze zich een oogenblik heel zeker van het
-kind.--Neen,.... Elly doet het niet.... Elly is nog altijd mammie's
-kindje.... Elly.... nee hé.... Elly wil niet....?
-
-En tusschen haar tranen door in verteederd lachen, als lichtte voor
-haar oogen een heerlijk visioen, zag ze Elly weer van háár.... liet ze
-zich gaan in krankzinnige opwinding de armen tegen haar borst gekneld,
-als drukte ze daarmede Elly tegen zich aan,.... om dan opnieuw uit te
-barsten in moedeloos snikken, en zij weer terug viel in den toestand
-van hopeloosheid.
-
-Want zou niet--waar ze zich even in verkneukeld had--beteekenen het
-prijsgeven van Elly's levensgeluk....?
-
-En zou ze ten koste van Elly.... het hare willen koopen....?
-
-Ze sloeg in starre wanhoop de handen voor het hoofd.
-
-Dát.... mocht toch niet.... dát.... niet.
-
-O die ontzettende pijn diep in haar waar het schroeide al heviger,
-waar de adem stokte!
-
-Even klaarde een lichtstraal in de ondoorgrondelijke duisternis
-van zwarten nacht.... indien.... indien.... ze zich eens
-vergiste....? Indien het eens een ander gold dan de Varennes....?
-
-Bestond de mogelijkheid niet evengoed, dat Elly gecharmeerd was van
-een van hun andere kennissen....?
-
-O.... hoe zou dat het aspect veranderen....! Ze zou dan uit die
-grondelooze diepte van leed worden gevoerd in een oneindigheid
-van geluk!
-
-Als ze die mogelijkheid overwoog, sperden zich wijd haar oogen,
-was het of ze waanzinnig zou worden van vreugde om Elly's geluk.
-
-Hoe zou ze dan het kind op haar knieën om vergiffenis smeken voor
-het gedane onrecht.
-
-Maar dadelijk liet ze die hoop weer varen, in half zeker weten.... en
-zich opnieuw inlevend, in die afgrijselijke smart, viel ze terug in
-argwanend denken.
-
-Zou ze ooit den moed hebben haar kind het pas verwonnen geluk te
-ontrukken....?
-
-Zou ze Elly de giftdruppels één voor een in de ziel kunnen
-storten....? Haar zeggen.... dat.... de man, dien zij vergoodde.... ook
-eens in gloeiende taal aan háár.... haar moeder, zijn liefde had
-beleden....?
-
-Zou ze Elly kunnen zeggen, dat.... ze hem eens zoo grenzeloos had
-lief gehad.... dat ze nu nóg....
-
-Weer omsloop haar een eindelooze weemoed, een droefenis, die haar
-sterfgevoel gaf.
-
-
-
-En plots werd het klaar in haar, voelde ze het als een plicht,
-zichzelf te vergeten om het geluk van haar kind.
-
-
-
-Indien de Varennes eens werkelijk Elly beminde....?
-
-Die gedachte alleen wondde haar zoo diep, sneed zoo vlijmscherp
-door haar ziel, dat ze een physieke pijn voelde, die haar ineen
-deed krimpen.
-
-Zou dat niet de voltrekking zijn van een vonnis, wreeder dan de dood?
-
-Zij, die meende, dat haar leven dor en vreugdeloos was voorbij gegaan,
-kwam tot het besef, dat zij eerst op dit oogenblik stond voor de
-poort van bovenmenschelijk lijden, werwaarts het lot haar gevoerd had.
-
-O.... niets.... niets.... was de vereenzaming geweest van haar
-jeugdleven, vergeleken bij wat ze nu doorstond.
-
-Hoe had ze zich laten gaan in zelfbeklag om die vervlogen jaren,
-toen ze met Elly weer in de wereld van vermaken terugkeerde....
-
-En het waren jaren van opperste geluk geweest, die zij niet had geteld,
-die haar lieten in het volle bezit van haar kind.
-
-En in die groote leege wereld niemand te bezitten; aan wien ze
-haar smart kon uitzeggen.... Ze moest er zelfs voor waken, dat haar
-geheim ongerept bleef, wilde ze zich niet prijs gegeven zien aan spot
-en hoon....
-
-De levensschool had haar geleerd zich te beheerschen, nu ook zou ze
-het noodlot moedig het hoofd bieden.
-
-Haar mond vertrok tot een pijnlijk lachje:--de overwinning in den
-zielestrijd....
-
-Zij drukte nog eens de handen op het fel kloppend hart, als wilde ze
-het daarmee het zwijgen op leggen.... De zege was haar.
-
-Daar wielde weer het dreunend rad in haar hoofd....
-
-Ze stond op.... en bleef besluiteloos staan.
-
-Zou het mogelijk zijn, dat ook nog dit van haar gevraagd werd....?
-
-Soms ondanks haar zelve, glimpte nog wel vaag de hoop, dat zij zich
-vergiste, vluchtig als een lichtende ster voor haar óp.... maar
-dadelijk schudde ze beslist het hoofd.
-
-Dat was wel niet te denken....
-
-Het lot had haar in niets gespaard.... ook hier zou ze den lijdensbeker
-wel tot den bodem moeten ledigen.
-
-Geen zegenwenschen waren bij haar eigen huwelijk door een moeder
-uitgesproken, koud en stug verliet ze het ouderlijk huis, en kil was
-de tijd geweest van haar verloving.
-
-Daarna die huwelijkstijd met van Weelen....
-
-O.... ze had hem geacht om zijn zuivere genegenheid, en zijn
-onbaatzuchtigen troost, maar hij de man al ondermijnd door een
-verheimelijkt borstlijden, had bij haar een groot deel van haar liefde,
-van haar opbruisende passie latent gelaten.
-
-Dat was geworden binnenin haar als een vulkaan, die op uitbarsten
-stond.... totdat de tijd die drang in haar had beheerscht.
-
-Daarna was gekomen dat leven van stille berusting, een passief
-aanstaren van wat om haar heen plaats greep, zich beschouwende als
-niet meer een deel uitmakende van den in rondedans van weelde opgenomen
-kennissen en vroegere vrienden.
-
-En heel beslist bekende ze zich, dat haar leven was geweest een
-mislukking.
-
-Zoovaak ze daaraan terugdacht werd zij met bitterheid vervuld.
-
-Zou ze nu ditzelfde over Elly, háár eenige lieveling, brengen....?
-
-Dat wilde ze niet.
-
-Elly zou ze den weedom van een verongelijkte liefde besparen.
-
-Indien het noodlot het kind een gelukkig huwelijk ontzegde.... het zou
-niet zijn door haar.... Passionnément.... wees het laatst overgebleven
-blaadje aan de ontrafelde bloem.... wie weet....
-
-
-
-
-
-
-
-
-IX.
-
-
---Moeder.... u laat me alleen met de thee zitten....!
-
-Het was Elly's klokheldere stemmetje, dat klaterde door het huis.
-
-Vergiste ze zich....! Of klonk er een ongekende jubel, een toon,
-die opsteeg recht uit het hart, in de stem van het kind....?
-
---Waar blijft u....? Ik heb al zoo lang voor u ingeschonken.
-
-En in onzekeren tast gingen Elly's handjes zoekend rond, nu ze de
-deur open deed en in de donkere slaapkamer trad.
-
---Ik kom lieveling.... ik had het licht al uit gemaakt.... wacht
-maar even....
-
-Het gas plofte lichtend in de met rose zijde omkapte lamp, boven de
-tafel, en de vriesbloemen op de ruiten vonkelden geheimzinnig tegen
-den achtergrond van fluweelen nacht buiten.
-
---'t Is koud hé....? zei Emilie toen ze zag dat Elly rilde.
-
---Ja.... en beneden is het zoo lekker warm.... antwoordde Elly terug.
-
---Ja, ik ga ook met je mee....
-
-En Emilie deed of ze naar iets zocht in haar linnenkast.
-
-Elly keek aandachtig naar het portret van haar vader, dat hing boven
-de kleine schrijftafel tegen het wit gelakte ledikant over.
-
---Vader was wel heel jong, he moes.... toen hij met u trouwde....
-
---Ja heel jong.... nog iets jonger dan ik....
-
---Onbegrijpelijk.... zei Elly peinzend. --Ik zou nooit met zoo een
-jongen man willen trouwen, ze zijn dan nog zoo echt een jongen....
-
---Vind je dat....? Wat zou jij dan willen....?
-
-Emilie schrikte even voor de vraag, die haar ontviel.
-
---O....ik zou iemand willen hebben, die heel veel ouder is dan
-ik.... Ik kan me niet indenken, dat ik trouwde met een van de jongens
-van mijn school vroeger.... stel u voor....!--En Elly barstte uit in
-een onbedaarlijk gelach.
-
-Mevrouw keek haar even oplettend aan, zag de roode vlekken, die haar
-wangen schroeiden....
-
---Je kunt zoo iets nooit te voren zeggen.... Elly.... Het loopt
-meestal anders dan wij ons voorstellen.... Ga je mee....?
-
---Ja.
-
-Elly hield het kettinkje, dat hing onder aan de lamp, in haar hand. En
-zoo met nog een langen blik op het portret van haar vader, vroeg ze....
-
---Uit doen....?
-
---Goed, doe maar uit.... er is nu wel licht op de gang....
-
-Ze gingen samen naar beneden, waar koesterende warmte uit de huiskamer
-hun tegensloeg.
-
---Drink nu maar gauw uw thee.... dan schenk ik u een warm kopje
-in.... u bent koud geworden.... u ziet heel bleek.
-
-Emilie lachte geforceerd die zorgen weg.... het zou dadelijk wel over
-zijn, als ze bij de warme kachel zat.... En meteen zag ze hoe Elly's
-oogen vluchtigden over de margrieten op tafel. Ze nam het boek waarin
-ze des avonds voor den eten meestal een uurtje las, en bladerde er
-wat in.
-
-Elly liet zich met een zucht in een stoel bij de tafel neer. Het was
-of iets haar drong tot spreken, meende Emilie die haar werkeloos de
-handen zag vouwen over het handwerk, dat ze juist had opgenomen.
-
---Het was toch wel vreeselijk voor u, moes.... vader zoo vroeg te
-verliezen.... verbrak Elly de stilte. Hield u erg veel van hem?....
-
-Mevrouw zag even verwonderd op. --Zou je denken, dat ik anders getrouwd
-zou zijn....?
-
---Ja.... natuurlijk.... u zou niet met iemand kunnen trouwen als u
-niet dolveel van hem hield.... dat weet ik positief. Ik zou het ook
-niet kunnen--gelukkig, dat u mij toen had hé moes... anders....
-
-Mevrouw lachte witjes....
-
---Anders.... was het leven nóg eenzamer voor me geweest....lieveling.
-
---Ja.... ondenkbaar.... u had u niet zoo uit de wereld moeten terug
-trekken.... en u niet zoo heelemaal wijden aan mij alleen....
-
-Ze hield even op, dan nadenkend zei Elly heel beslist.--Als ik ooit
-trouw blijft u altijd bij me.... he moes?
-
-Het ontging Elly, dat haar moeder nog bleeker werd, en ze vervolgde:
-
---Ik zou nooit willen trouwen als u niet bij me bleef.... wij hooren
-nu eenmaal bij elkaar.... ik zou het niet over me kunnen verkrijgen
-u alleen te laten....
-
---Dat zou toch moeten.... lieveling.... jonggetrouwden behooren aan
-hun lot over gelaten te worden.... Het is niet goed als derden er
-bij gaan inwonen.
-
---He!.... maar u toch wel....? U bent zoo heel anders als alle andere
-moeders.... en wij zijn eenmaal onafscheidelijk van elkaar.... u zou
-die Dritte im Bunde zijn.... Als u niet bij me bleef zou ik nooit
-willen trouwen....
-
-Een heel ernstig trekje plooide zich om Elly's mondje.
-
-Mevrouw van Weelen voelde weer die stekende pijn onder haar
-borst. Vreemd, dat Elly juist vandaag haar gesprek in die richting
-voerde....
-
---Als het zoover is dan komt dat allemaal wel terecht Elly.... Een
-meisje, dat trouwt, behoort heelemaal aan haar man, dan heeft ze
-zooveel nieuwe verplichtingen, dat ze haar moeder gewoonlijk wel
-missen kan.
-
-Onwillens lag eenige bitterheid in den toon waarop mevrouw van Weelen
-tot haar dochtertje sprak.
-
-Maar Elly, teveel vervuld van eigen gedachten, ontging die nuance.
-
-Haar denken spitste zich op het eene vreeselijke.... zich te moeten
-scheiden van haar moeder en dat leek haar onmogelijk.
-
-Met vrouwelijke intuitie en het uiterst fijne doorschouwen, stond
-plots het toekomstbeeld als een voldongen feit in den gedachtengang
-van mevrouw van Weelen.
-
-Ze wilde nu zelve van Elly een verklaring uitlokken.
-
-De bange twijfel die tot bijna zekerheid was gegroeid, liet nog altijd
-een kans....
-
-En ze wilde weten.
-
-Maar hoe zou ze Elly tot een volledige bekentenis brengen....?
-
-Daarvoor moest ze een intiem oogenblikje afwachten....
-
-Het dienstmeisje tikte aan om te dekken.
-
---Neen, nu ging het niet.
-
-Ze zou telkens onderbroken worden in haar gesprek, en ze wilde Elly's
-aandacht onverdeeld bezitten.
-
-Ze moest aan allerlei buitenliggende factoren, aan de geringste
-buiging in Elly's stem de waarheid toetsen.... want voor het eerst
-in haar leven leek het haar of Elly iets verheimelijkte.
-
-In de jarenlange afzondering van droeve levensvereenzaming, had ze
-zich gehouden buiten elke aanraking met de mondaine wereld, was het
-voor haar geworden of die niet bestond, niet essentieeler dan een
-sprookje, dat haar nog wel eens vluchtig inviel, en weer dadelijk
-vervaagde, soms toch wel even haar aandacht gevangen hield.
-
-Dan was het of zij toefde in een wereld, die lag buiten haar eigen
-levenssfeer, die voor haar geen geheimen verborgen hield, die evenwel
-nooit haar innigste innerlijk beroerde.
-
-Nu werd dat plots anders.
-
-Nu drong verbeelden weer innige momenten op, levensstoeten van jeugd,
-liefde, en geluk.
-
-En ze besefte heel klaar, dat in die jaren aan den algemeenen toestand
-niets veranderde, dat haar Elly een meisje was als alle andere, zij
-zelve een vrouw als alle andere. Hoe had ze zich kunnen laten gaan
-in zelfbedrog.... die vele vele jaren lang.... dat ze zich waande
-losgescheurd van wat aan het leven bond, opgaand in het bestaan van
-het kind, waarin ze zag louter voortbestaan van haar zelve.
-
-En thans drong zich het leven aan haar op in felle kleuren.
-
-Was het niet ontzettend een rivale te zien in haar eigen kind....?
-
-Als ze zich eventjes deze waarheid indacht, een oogenblik het masker
-van zelfbedrog aflegde, stroomden haar de tranen langs de wangen,
-en hulde ze zich weer in haar schijn van niet weten, die haar het
-veiligste leek.
-
-Ze wilde sterk zijn en overwinnen.
-
-Elly zou nooit mogen weten.
-
-Dien nacht sliep ze niet, de slaap ontvlood haar oogen.
-
-En in die oogenblikken van alomme stilte, beluisterde ze de rustige
-ademhaling van haar kind,
-
-O.... als Elly eens vermoedde hoe groot een smart thans haar ziel
-vervulde ....! Ze zou wie weet afstand doen.... om wille van haar
-moeder.
-
-Even gloorde een glimp van hoop in haar duistere ziel.
-
-Maar dadelijk vertrok haar mond in smart.
-
-Nooit zou Elly mogen weten wat er eens bestaan had tusschen de Varennes
-en haar.
-
-Zij voelde, dat dit een schaduw zou werpen, die niet meer wijken kon,
-zelfs niet voor de teederste toewijdingen der liefde.
-
-En ze keerde tot zich zelve in met het vaste voornemen--er mocht
-gebeuren wat er wilde--getrouw te blijven aan haar genomen besluit.
-
-Als er een offer geeischt werd, zou zij dit zijn, mits.... de Varennes
-haar Elly waarlijk liefhad.
-
-
-
-
-
-
-
-
-X.
-
-
-De winter trok voorbij met vlagen van hagel en sneeuw, en
-daartusschenin enkele mooie dagen van heldere vrieslucht; een dartel
-zonnetje, dat het al overschaterde, brak soms vriendelijk door.
-
-Op een van die zonnige winterdagen, dat drommen zich voortspoeden
-naar de ijsbaan, en een voortdurend getinkel van overvolle trams in de
-ijle lucht weerklinkt, dat te allen kant een juichklank opschatert van
-vreugde en jolijt, bewoog Elly zich te midden der kleurige en fleurige
-figuurtjes, die daar voortgleden over het spiegelgladde ijsvlak.
-
-De muziek van de jagerskapel blies de vroolijkste wijsjes, waarop
-het goed was zich te laten gaan, méé, in den rythmischen zwier,
-waarop ze wel allen leken voort te zweven, met sierlijke streek.
-
-Op een van die middagen dáár leek het Elly, al vroeg van huis
-weggegaan, of er, heel onbestemd nog, een vreugdetuimel in haar viel,
-dien ze zich niet verklaren kon.
-
-Met verschillende kennissen had ze een baantje gereden, toen ook de
-Varennes op haar toetrad en haar vroeg met hem te rijden.
-
-Ze zag òp gansch niet verrast, doch wel met iets van die groote
-verrukking in haar blik, die haar weer verraadde.
-
-En toen zij haar hand lei op zijn arm had ook hij een diepen blos.
-
-Ze merkte het; een onuitsprekelijk gevoel van blijheid doorvoer haar.
-
-Dien verderen middag bleven ze samen, en het ontging hun niet, dat
-zijdelingsche blikken wel van hier en daar op hen gericht werden, en
-dat ook een enkele, met zeker welbegrijpen haar, in het voorbijgaan,
-wat langer aanstaarde dan hoffelijkheid toeliet.
-
-Maar in stede van haar te ergeren, aanvaarde dit Elly als een triomf.
-
-Zij genoot en voelde zich gelukkig, en een zaligheid zwol in haar,
-die haar duizelen deed, zoovaak, bij de een of andere oneffenheid,
-zijn hand zich wat vaster sloot om de hare, of hij in een zich
-aangewende gemaniereerdheid, zijn arm om haar middel boog.
-
-En nu wel wat moe noodigde hij haar uit in het tentje uit te rusten.
-
-Ze vond het dol, zooals ze opgetogen antwoordde, en samen in een
-hoekje gescholen, slurpten ze de warme thee, die hij voor hen beiden
-besteld had.
-
---De Varennes maakt dat meisje van Weelen wel ernstig het
-hof,.... zeiden enkelen, die in stillen afgunst hun veel samenzijn
-dien middag hadden opgemerkt.
-
-Sommigen wisten zich te herinneren van vroeger.... vertelden elkander,
-dat heel lang geleden.... hij zijn hof aan de moeder gemaakt had....
-
-En in hun diepst doorschouwen van wat daar bloeide in die ontluikende
-meisjesziel, geloofden ze, dat het nu wel ernst zou worden.... hij
-kon toch niet na de moeder ook weer de dochter compromitteeren.
-
-Hij had vele groote en kleine zonden op zijn kerfstok, maar het werd
-hem, den wereldman, te gaarne vergeven.
-
-In de Residentie bleef hij een geziene figuur, hij behoorde tot de
-uitgaande wereld, en hoewel zijn verblijf in den Haag een gaping
-vertoonde van vele jaren, scheen het wel, sedert hij er in terug
-keerde, of hij altijd met zijn innemenden glimlach en de bekoring
-van zijn fluweelen oogen de uitgaande wereld begunstigde.
-
-
-
-
-
-
-
-
-XI.
-
-
-Onder het intiem samenzijn bij het theedrinken vroeg de Varennes Elly
-of hij haar moeder een bezoek mocht komen brengen.
-
-Schoon zij deze vraag had verwacht gaf het haar een schok.
-
---Ja, mama zal u zeker met genoegen ontvangen.... aarzelde ze,
-omdat haar plots inviel, dat Emilie zich steeds zoo van anderen
-afgezonderd hield.
-
-Maar zou het niet enkel zijn voor dezen éénen keer, overwoog
-ze. Slechts eens kon hij belet vragen, en als hij later zijn bezoek
-nog eens herhaalde konden ze wel niet thuis geven.
-
-Een pijn vlijmde bij deze overweging even door haar ziel. Waarom had
-mama zich toch zoo teruggetrokken....? Hoe heerlijk zou het zijn als de
-Varennes nu eens bij hen zooals bij alle andere families, na het eerste
-officieele bezoek, kon inloopen of 's avonds eens thee kwam drinken.
-
-En het vooruitzicht daarvan joeg Elly al een blos naar de wangen.
-
-Toch, zooals zij leefden leek het haar een onmogelijkheid.
-
-Soms overviel het jonge meisje een stille gedruktheid als ze die
-dingen overwoog. Was het niet of er iets in mama's leven bestond
-waarom ze zich zoo van allen terugtrok....?
-
-Als Elly daaraan dacht kromp ze van smart in elkaar, dan leek
-het of ze haar moeder door die gedachte alleen groot onrecht
-aandeed. Neen.... neen.... dat kon niet.... er moest iets anders
-zijn, een groote smart, die haar moeder voor haar, Elly, verborgen
-hield.... en ze nam zich voor er Emilie naar te vragen.
-
-Nu, terwijl ze met de Varennes keuvelde, zij zich gevleid voelde
-door zijn voorkeur boven die vele andere meisjes, die hij zelfs met
-geen blik verwaardigde, drong dat zonderlinge gevoel weer in haar op,
-verdofte even het geluk van het heerlijke oogenblik, dat zij zich liet
-gaan in zijn bijzijn, maar zijn aanwezigheid verhelderde alles weer.
-
-Het bleef van een onuitsprekelijke zaligheid voor Elly en telkens,
-opnieuw zonder dat zij het wilde, rustten haar oogen op de Varennes,
-ontmoetten hun blikken elkander.
-
-Er groeide dan een gloeiende blos, die heel den verderen middag op
-haar wangen bleef.
-
-Aangemoedigd door die verlegenheid, die de Varennes aanbiddelijk vond,
-rekte hij het uurtje totdat de avond viel.
-
-En in dat plotse licht, dat in tooverschijn heel de spiegelende baan
-overdekte, zag hij Elly als iets bovenzinnelijks, dat hem gevangen
-hield, hem bekoorde.
-
-Hij gaf zich geen rekenschap van de feiten.... controleerde niet
-zijn gevoelens.... liet zich slechts gáán in de betoovering van
-haar aanwezigheid.
-
-Hij liet het gebeuren, dat de menigte zich terugtrok van de baan,
-de drommen ebden in den fantastischen schijn van het electrische
-licht.... terwijl hij daar nog altijd zat, in stille beschouwing van
-Elly, daar tegen hem over.
-
---Ik geloof, dat het toch wel tijd wordt om naar huis te gaan.... mama
-zal ongerust worden over me.... als het zoo laat wordt.... verbrak
-Elly de stilte, die al een poosje hing tusschen hen in. En ze zag op
-haar horloge.
-
-Willen we afspreken voor den volgenden dag....?
-
---Ja zei ze verheugd.
-
-En in weerwil van zijn overwegingen, vroeg hij haar spontaan, of hij
-haar thuis mocht brengen.
-
-Een troep meisjes, in uitbundig gelach, stortte plots het zaaltje
-binnen en verbrak hun gesprek.
-
---Nee.... maar Elly.... riep er een.--Heb je wel gezien hoe laat het
-is....? Ga je mee....?
-
-Iets verlegens kwam er in Elly's houding, toen ze daar bij de Varennes
-stond, en nu die vriendinnetjes in juichpret om zich heen.
-
-Ze wilde eerst nog zeggen, dat meneer de Varennes haar thuis zou
-brengen.... maar haar vriendinnetje, een donkeroogig bij de handje,
-hield aan.
-
---Kom.... je gaat nou toch mee....? samen uit.... samen thuis....
-
-De Varennes overwoog, dat hij moeielijk Elly van die anderen zou
-kunnen afzonderen, en met haar alleen mee te gaan, leek hem ook een
-weinig ongepast.
-
-Dan.... als onder een onuitgesproken overeenkomst, stak hij Elly
-zijn hand toe, zag haar aan, streelde haar met den blik van zijn
-fluweelzwarte oogen, die haar even duizelen deed. En onder zijn
-suggestie gaf ze hem zijn groet terug met een stille gelofte voor
-den volgenden dag.
-
-
-
-
-
-
-
-
-XII.
-
-
-Nog enkele dagen van ijsvreugde volgden op den bewusten avond, deden
-Elly leven in een roes van genieten.
-
-'t Scheen wel of er nooit een einde zou komen aan den heerlijken tijd.
-
-Zoodra zij zich de schaatsen onder gebonden had, kwam de Varennes op
-haar toe, het was of iets binnenin haar versprong als ze hem hoorde
-naderen. En heel den langen dag of avond bleven ze samen.
-
-Elly voelde het als een weelde, dien lichten druk van zijn arm om
-haar middel en 's nachts dróómde ze er van.... leek het haar een
-voortzetting--in haar zonnig verbeelden--van den gelukszwijmel des
-daags, waarin ze leefde ver weg van de werkelijkheid,.... zich latend
-gaan in dien vreugdetuimel, die geheel haar denkleven beheerschte.
-
-Met opgewonden kleur, de oogen tintelend van genot, vertelde ze
-Emilie van haar triomfen.... Een avond had zij met de Varennes,
-bij een wedstrijd, een tweeden prijs gewonnen: een zilveren
-damescigarettenkoker.
-
-Emilie, door een zware bronchitus aan huis gebonden, zag slechts
-noode Elly, onder geleide van kennissen, die avondfeesten meemaken.
-
-Ze wilde het kind deze genietingen van enkele dagen niet ontzeggen.
-
-En toch....
-
-Toch begon haar hart luide te kloppen als ze het geschal van de auto
-hoorde, die haar Elly weer terugbracht.
-
-En heimelijk verlangde ze naar het slot van al die ijsvermaken, waaraan
-dezen winter geen einde scheen te komen: elken dag weer hetzelfde.
-
-'s Morgens kwijnde een dikke mist door het bladerlooze geboomte van
-het bosch; maar wat verder op den dag zeefde de zon haar heldere
-stralen er doorheen, tooverend de afgevallen bladeren op den grond
-tot een tapijt van louter goud en brons.
-
-De wind, in den ochtend nog wat koud en scherp, legde zich bij het
-avondvallen.
-
-Enkele graden vorst, gedurenden den nacht, deden telkens het ijs
-weer aanvriezen.
-
-Toen.... op een dag, las Emilie, die ijverig de weerberichten in de
-dagbladen volgde, dat de wind naar het Zuiden keerde.
-
-De dooi zou invallen....
-
-Een jubel doortintelde haar arme gefolterde hart bij het lezen.
-
-Zou ze nu eindelijk uit dien argwanenden twijfel verlost worden....?
-
-Leek het niet of Elly haar altoos meer en meer ontglipte?
-
-
-
-
-
-
-
-
-XIII.
-
-
-Een mooie dag in Februari was 't....
-
-Een van die dagen dat de zon schijnt en de vogels zingen en het jonge
-leven uit de knoppen wil.
-
-Emilie, in haar salon, verschikte wat bloemen in de vazen, die ze
-zoojuist gevuld had.
-
-Door het nerveus beweeg van haar onvaste handen, stootte ze een
-vaasje om, en het water gudste over een heel fijn kleedje, dat over
-het onyxen tafeltje gespreid lag.
-
-Ze zuchtte even....
-
---Ach.... was deze middag ook maar weer voorbij....
-
-Eerst in hevig verzet had ze toch aan Elly's onophoudelijk aandringen
-toegegeven: de Varennes zou heden zijn aangekondigd bezoek komen
-brengen....
-
-Ze bracht het tafeltje weer in orde, depte met een zacht doekje
-het water op, en rangschikte de bloemen: gele narcissen en paarse
-seringen nog eens, om ze op zijn voordeeligst te doen uitkomen. Dan
-bekeek zij ze weer, tuurde even in het hoekje waar het tafeltje stond.
-
-Onzeker voelde Emilie zich. Even overgleed een critische blik haar
-heliotroopkleurig toilet, toen ze langs den spiegel kwam en rond zag
-in haar salons, waar een heldere zonnestraal doorheen glimpte, en
-alles een toover gaf van vroolijkheid en levenslust. Op het terugzien
-en ontvangen van de Varennes, in haar eigen woning, had ze zich al
-dagen lang voorbereid.
-
-En nu eenmaal het oogenblik aanbrak, dat ze tegen over elkaar zouden
-staan, na wat eens tusschen hen beiden geweest was, moest ze sterk
-zijn.... gereed om den slag te pareeren, dien hij haar zou toebrengen.
-
-Want, dat hij kwam om Elly's hand te vragen, leed wel geen twijfel,
-overwoog ze.
-
-Een beetje teruggetrokken van het raam zette ze zich in een elegant
-fauteuiltje.
-
-Zoo had ze den blik op straat, kon ze hem, voor hij schelde, zien
-aankomen.
-
-De pendule wees kwart voor drie.... om drie uur moest zij hem
-verwachten.
-
-Waar Elly nu bleef....?
-
-Emilie lachte fijntjes bij de veronderstelling, dat het kleintje zich
-mooi maakte tot een waardige ontvangst van den geliefde.
-
-O.... wat had ze tegen dit oogenblik op gezien....! Wat had het van
-haar kracht gevergd. Nu was zij met zich zelve uitgestreden, nu leek
-het haar of zij zich kon objectiveeren, in haar gevoelens tot den man,
-die eens haar liefde won.
-
-Zoo in gedachten verzonken, had ze bijna Elly's binnenkomen niet
-bemerkt.
-
---Mama.... vindt u wel, dat ik er goed uitzie....?
-
-Elly kwam voor haar moeder staan, draaide in het rond om zich van
-alle kanten te laten bekijken.
-
---Heel lief hoor.... stelde Emilie gerust en verplooide wat aan het
-tullen ruche, dat Elly's slanken hals omsloot.
-
-De schel ging over, en beide vrouwen, even geschokt, zagen de
-straat in.
-
---'t Is niets.... een koopman, zei Elly nukkig en zette zich tegen
-haar moeder over.
-
-Emilie vond dat Elly wel een lichter toiletje had kunnen uitkiezen
-dan het donkere tailleursrokje met de witte blouse,.... maar ze wist
-dat het nu te laat was om er nog verandering in te brengen.
-
-Hoe bleek en nerveus leek haar haar dochtertje.... en even glimpte
-door haar denken:.... als de Varennes eens met Elly het zelfde spel
-speelde als eenmaal met haarzelve....
-
-
-
-O.... maar dàn....
-
-Ze maakte een beweging van ongeduld met haar hoofd.... Dàn....
-
-Dit zou het kind niet overleven....
-
-
-
-En het zou haar schuld zijn.... háár schuld, omdat ze Elly niet had
-gewaarschuwd voor den man, die ook eens haar ziel vergiftigde met
-zijn liefdegepraat.
-
-Er werd gescheld....
-
-De beide vrouwen bogen de hoofden naar dezelfde richting van het raam.
-
-Toen.... trokken ze weer terug schielijk, als vreesden ze, dat de
-Varennes, die op stoep stond, en den anderen kant uitkeek, zich plots
-tot hen zou omwenden.
-
-Kort er op liet het dienstmeisje hem binnen.
-
-En ongedwongen, als bestond tusschen hen een vriendschap van vele
-jaren, gedroeg hij zich tegen Emilie, Elly toesprekend op een ietwat
-beschermenden toon, die haar even onwillens krenkte.
-
-Hoe geheel anders was hij, de held van haar droomen, hier in de salons
-van haar moeder, dan in de balzaal of op de ijsbaan!
-
-Al spoedig zag Emilie zich wat gerust gesteld, de Varennes hielp haar
-met fijnen tact over de moeilijkheid van het eerste oogenblik heen.
-
-Elly gispte in stilte de koele houding van haar moeder. Ze schreef
-die toe aan onhandigheid door haar weinig zich vertoonen in de wereld
-en ze maakte vergelijkingen met de moeders van haar kennisjes....
-
-Het ergerde Elly even.
-
-In haar omgang met de Varennes met wien ze al zoozeer op intiemen
-voet stond, voelde ze iets verkillen.
-
-Het leek ook wel of hij zich in hoofdzaak met haar moeder bezighield,
-haar zoo nu en dan ter loops in het gesprek betrekkend.
-
-Toch hamerde het en klopte het binnenin Elly, nu ze na een scheiding
-van enkele dagen hem weer terugzag.
-
-Een enkele week was het geleden dat het avondfeest plaats vond, en
-scheen het al niet of er een oneindigheid lag tusschen toen en nu....?
-
---Ik betreur het, mevrouw, dat u door een ongesteldheid de gelegenheid
-miste de genoegen van het wintervermaak mee te vieren.... het zou mij
-een voorrecht zijn geweest u daar te zien, vleide de Varennes.... En
-even rustten zijn oogen op Emilie dan dwaalden ze doelloos het
-vertrek rond.
-
---Die tijden zijn voorbij.... meneer de Varennes.... zei Emilie hoog.
-
-Hij schudde zijn donker hoofd, zag Elly lachend aan.
-
---Er is nooit iets voorbij zoolang we nog belang er in stellen, zei
-hij haar even doordringend aanziende. En ik kan me niet indenken,
-dat u geen belang meer stelt in het maatschappelijk leven.
-
-Zij wilde wat zeggen, maar hij liet haar niet aan het woord.--Ik wou
-juist van deze gelegenheid gebruik maken u een invitatie te doen voor
-een feest, dat ik van plan ben te geven. Wil u mij het genoegen doen
-daar te komen met Elly....?
-
-De eenvoudige toon, het vrijmoedig noemen van Elly's naam schokte
-Emilie, en ze zag even naar Elly, die met stralenden blik,
-angstgespannen haar aanstaarde.
-
-Ja he moes....?
-
-En in eenen, als was er iets, dat plots haar aandacht trok, liep Elly
-de kamer uit, naar buiten.
-
-In dit pijnlijk oogenblik, dat Emilie met de Varennes alleen bleef,
-wist hij, de Lebemann, zich spoedig uit de verlegenheid te redden. Of
-was het opzet, dat Elly de kamer verliet op het onverwachts.
-
-Hulpeloos zag Emilie het raam uit naar buiten, het gesprek nu niet
-langer onderhoudend, zich niet langer pijnigend in nutteloos zelf
-bedwang.
-
-En zoo terwijl het tikken van de pendule, nu luidop hoorbaar, het
-eenige was, dat de stilte sneed, verstreken er oogenblikken, waarin
-ze sprakeloos tegen elkander over zaten.
-
-De Varennes stond op, en deed een paar passen in de kamer, toen kwam
-hij bij Emilie staan.
-
---Laten wij niet langer voor elkaar den schijn aannemen of we het
-verleden vergeten zijn.... zei hij bewogen.--Ik heb veel goed te
-maken Emilie.... en je moet me veel vergeven.... Wat ik deed, vroeger,
-zooveel jaren geleden, gebeurde in jeugdige onbezonnenheid.... en niet
-heelemaal was ik aansprakelijk voor de gevolgen van mijn handeling. De
-omstandigheden werkten mee, dat ik toen aan mijn verlangen met je te
-trouwen geen gevolg kon geven.... ik had geen geld.
-
-Zij hoorde hem aan verstard, en zwijgend boog ze haar hoofd in
-welbegrijpen.
-
---En jij.... Emilie....? jij hebt je gauw heen gezet over de smart
-van onze scheiding.... je hebt een ander gevonden, dien je gelukkig
-maakte, dien je een kind schonk....
-
-Een pijnlijk trekje plooide even om Emilie's mondhoeken.
-
-Het ontging hem niet, en met iets weeks in zijn stem, dat haar de
-tranen in de oogen riep, vroeg hij haar.--Was je gelukkig Emilie....?
-
-Zou ze nu in dit oogenblik het masker afrukken, en hem zeggen:--Neen,
-neen ik was niet gelukkig....! mijn ziel smachtte naar jou. Heel
-mijn leven was een groot verlangen naar jou.... een verlangen alleen
-onderdrukt door de noodzakelijkheid....!
-
-Even dreigde ze te bezwijken voor die bekoring.
-
-O.... zich daar nu te voelen omarmen.... nu haar moede hoofd te leggen
-aan zijn borst, en de smart uit te weenen van heel een leven lang....
-
-Was het niet of ze ook bij hem iets speurde van den hartstocht,
-die haar vroeger onder zijn adem verschroeide....?
-
-Ach.... vergiste ze zich eens niet.... en was het nu
-werkelijkheid.... niet slechts een vage droom--waaruit ze vaak zoo
-moedeloos ontwaakte,--hem daar te weten in haar bijzijn.... hem te
-kunnen beroeren met haar handen.... weg te zwijmen onder den druk van
-zijn gloeienden mond. Ze liet zich gaan even in die weelde fantasieen,
-tot plots een vaag bewegen van zijn hand haar tot bezinning bracht.
-
-Ze zag hem aan, en zijn blik, zwart donker, rustte op haar.
-
-En zich oprichtend fier, staarde ze hem aan en haar lippen zeiden
-woorden, die haar hart ontkende.
-
---Ja.... zei ze, en haar stem klonk gebroken....--ik ben gelukkig
-geweest....
-
-Toen stak hij haar zijn hand toe, en iets heel zachts blonk er in
-zijn oogen.
-
---Emilie.... dan durf ik je vragen of je me vergeven hebt....
-
-Weer bond ze zich het masker voor en hem aanziende recht in de oogen,
-zei ze:
-
---Ik heb je vergeven....
-
-Hij verbleekte en aan de trilling van zijn lippen speurde ze zijn
-ontroering.
-
-En nemend haar beide handen in de zijne drukte hij er een langen
-kus op.
-
---Ik dank je.... zei hij toonloos.
-
-En haar handen nog altijd knellend in een vasten greep, vroeg hij
-het haar:--Wil je me Elly geven....?
-
-Het was niet onverhoeds, dat zij die vraag hoorde uitspreken, maar
-toch was het of zij een slag kreeg boven op het hoofd.
-
-Een oogenblik voelde ze zich duizelen.
-
-Daar vloog de deur open en Elly nerveus, met betraand gezichtje,
-stortte naar binnen.
-
-Emilie had zich weer hersteld, en met een poging om aan haar stem wat
-vastheid te geven zei ze, even glimlachend haar kind aanziende:--Als
-je haar gelukkig kunt maken neem haar dan.
-
-In een jubelkreet wierp Elly zich in haar armen.
-
-Toen, onder haar oogen, zag ze áán, dat hij nu haar kind gaf, wat
-zij eens meende, dat háár toebehoorde....
-
-
-
-En toen, niet lang daarna, de Varennes het feest gaf tot de bijwoning
-waarvan hij Emilie noodigde, was dit een feest waarop hij zijn
-verloving met Elly publiek maakte.
-
-En zij....?
-
-Ze zag Elly verrukt in zijn armen, het teere slanke lijf zacht tegen
-hem aan in een innige overgave.
-
-En ze rilde van angst voor haar eigen opstandig gevoel, dat toch
-weer met smartelijk binnenin gehouden drang, moest sterven in haar
-eigen ziel.
-
-
-
-En in haar sidderend hoofd zong het geluid van streelende violen.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-KRUISWEG.
-
-
-I.
-
-
-Ze waren een poosje geïnstalleerd in de nette luitenantswoning van het
-kampement te Magelang. Het was in het stille middaguur, het uur dat
-de zon, in het koele bergklimaat het felst haar warmte verspreidt,
-en nu haar zengende stralen uitgoot over de witte huizen, die twee
-aan twee gekoppeld, aan den weg, achter bloempotten met weelderige
-planten, wegscholen.
-
-Het grint er voor blankte licht op, blikkerde in den brandenden
-zonnebrand, markeerde den net onderhouden weg, die lag als een breed
-lint, tusschen fluweelig groen aan weerszijden ervan. Een grasberm liep
-parallel met den weg en daarachter, tegenover de huizen aan den blauwen
-einder, rees de Soembing, waaroverheen struikgewas hurkend opkroop,
-in alle tinten van groen. Daar waar de schaduw in een diepe klove viel,
-leek 't nacht, die afwisselde de zonovergoten gedeelten van klaren dag.
-
-Tegen den Soembing geleund, verhief zich hoog een rots, die paars
-violet, in den blauwen aether vervlood, en waaroverheen zilverig-wit
-zich huifde, een wolk zwaar van dreiging naar regen.
-
-Zacht geruisch van stroomend water brak gestaag de alomme stilte,
-die hing als met looden zwaarte over de middag-eenzaamheid.
-
-Heel in de verte strekten zich de rijstvelden, waar Inlandsche vrouwen,
-als donkere fantomen, langzaam voortbewogen, teruggekaatst in het
-gladde watervlak van geïnundeerde rijstvelden. In werkzwoeg bewogen
-de nijvere handen, die telkens in het water wegdoken, om op minutieus
-gemeten afstanden de plantjes in den doorweekten bodem te duwen.
-
-Slechts de uiterste puntjes van de groene sprietjes topten even boven
-het watervlak uit, trillerden flauwtjes bij de korte golfkabbelingen,
-veroorzaakt door de voortgaande bewegingen der vrouwen, die tot boven
-den enkel door het water waadden.
-
-
-
-In de voorgalerij van het eerste huis aan den kampementsweg zat Paul
-van Weeden peinzend in zijn wipstoel.
-
-Een diepe frons, die sprak van wat knaagde binnenin hem, groefde
-zijn hoog voorhoofd. Hij verliet zoo juist de slaapkamer, waar hij
-nog even door de sneeuwige klamboes gluurde naar Dina, zijn jong
-vrouwtje, die nog zwakjes, na de geboorte van haar eerste kindje,
-moeielijk op oude kracht kon komen.
-
-"Van middag heb ik nog te werken, ik zal het slaapuurtje maar eens
-opofferen", zei hij.
-
-Zij knikte hem vriendelijk toe. En hij verschoof haar klamboe,
-nog even toevend om naar het kleine rose popje te kijken, dat op
-een matrasje, in het groote Engelsche ledikant naast haar lag. Dan
-sloot hij de jalouzieën, om het felle zonlicht buiten te sluiten,
-en wendde zich weer tot Dina.
-
---Ga jij nu maar heerlijk slapen, 't zal je goed doen, je bent vandaag
-weer erg moe, geloof ik....
-
-En even bleef hij staan, met iets als angst in hem.
-
-Zij hoorde hem al niet meer, sloot vermoeid de oogen.
-
-Toen ging hij stil naar voren, waar hij zich met zijn dienstbrieven
-aan de marmeren tafel zette.
-
-Soms overviel hem een behoefte aan eenzaamheid, en onder voorwendsel
-van te moeten werken, trok hij zich terug in de stilte van volmiddag.
-
-Dagen lang drukte een beangstigend gevoel hem terneer. Het kwam hem
-overvallen in zijn vroolijkste oogenblikken dan viel een beklemming
-op hem, en de lach verstierf op zijn welgevormden mond. O, dat hij
-zoo lang, zijn heele leven, moest boeten voor die eene fout.
-
-Hij poogde voor Dina die zenuwtoestand te verbergen, en dat werd hem
-een obsessie.
-
-Het was om háár, louter uit vrees voor haar geluk, dat die martelende
-gedachten hem gevangen hielden.
-
-Wel heel gelukkig was hij geweest, in zijn jong huwelijksleven,
-maanden, neen wel een jaar lang, tot plots.... O 't had hem tot in het
-diepste van zijn ziel geschokt, die verschijning van de Inlandsche
-vrouw, die de baboe met zijn kindje aanhield en verzocht het te
-mogen zien.
-
-Hij durfde zich nauwelijks een beeld maken van wat hem den laatsten
-tijd met zooveel zorg vervulde; en moedeloos zakte hij weg in
-herinneringsgepeins.
-
-Hij zag zich weer in zijn verlofstijd, in den Bosch, waar zijn
-ouders woonden.
-
-O welk een jubelend geluk dat weerzien, na een scheiding van acht
-jaren....!
-
-Als jong officiertje, zoo van de Militaire Academie, was hij naar
-Indië gegaan. En als man van rijpe levenservaring keerde hij terug.
-
-Zijn moeder kon in het eerst de oogen niet van hem afhouden. Zij kon
-zich niet indenken, dat die forsche man, met zijn donkere knevels om
-den weeken mond, haar zoon was, dien zij als knaap van zich had zien
-weggaan. En liefkozend streek zij hem over zijn weelderig, donker haar,
-keek dan weer naar zijn bruine oogen.
-
---Die zijn nog altijd dezelfde gebleven Paul, zei ze dan.
-
-Het waren heerlijke dagen geweest, die van zijn verlofstijd; maar
-ook de smart was hem toen niet vreemd gebleven.
-
---Jij gaat nu toch zeker getrouwd terug, mijn jongen.
-
-Ah! hij doorleefde weer de marteling van die vraag.
-
-Dat was juist het eenige, dat hem zoo prikkelbaar maakte.
-
---Praat me daar niet over, mama, ik denk niet aan trouwen.... weerde
-hij af.
-
-Na zijn verlof zou hij weer naar Indië terugkeeren, zooals hij gekomen
-was. Verliefd worden was maar gekheid beweerde hij altijd, om er zich
-van af te maken--en het ging immers over....
-
-Dat eene jaar ging hij eens goed profiteeren, een mooi reisje maken
-en zijn familie opzoeken.
-
-En dan het vooruitzicht van schaatsenrijden! Hij herinnerde zich nog
-met hoeveel ongeduld hij uitzag naar het ijs.
-
-Eindelijk scheen zijn wensch in vervulling te gaan, en nauwelijks
-lag het eerste vliesje over de sloten, of Paul kocht zich een paar
-mooie schaatsen.
-
-Het liep hem mee, dat de vorst aanhield, en flink doorzette. Hij was
-een van de eersten, die de schaatsen onderbond.
-
-En toen hij de prikkelende winterlucht zijn longen voelde instroomen,
-en hij de vroolijkheid op aller gezichten las, was het of hij weer
-als jong cadet, met kerstverlof thuis was.
-
-Een blos gloeide op zijn flink donker gezicht, en de vroolijkheid
-tintelde hem de oogen uit. Hij voelde zich jong als weleer, en het
-leek hem of die lange Indische jaren waren weggeslonken in zijn denken.
-
-Tochten werden ondernomen met zijn kennissen, en de jonge meisjes
-genoten als de knappe officier haar om een baantje met hem te rijden
-kwam vragen.
-
-Het was bij een van die gelegenheden, dat hij Dina Tervoort voor het
-eerst zag.
-
-In haar donkergroen tailleurspakje, met nauwen, korten rok, viel ze
-hem dadelijk op.
-
-En onwillekeurig, terwijl ze langs hem heen schaatste, of hij haar
-in de verte met een ander zag rijden, ging zijn blik dien kant uit.
-
-Hij vond haar wel zeer bizonder; met het mooie weelderige donkerbruine
-haar, en die prachtig contrasteerende blauwe oogen, en dat harmonische
-in heel haar figuurtje!
-
-Een paar maal hadden hun blikken elkaar gekruist, zag hij, dat zij
-ook naar hem keek.
-
-En dat gaf hem even sensatie van geluk.... Maar dadelijk daarop nam
-hij zich voor haar verder te ontwijken. En hij zocht een paar van
-zijn kennissen op, en bleef dien middag zooveel mogelijk aan een
-anderen kant rijden, dan waar hij Dina wist.
-
-Toch met steelsche blikken zochten zijn oogen haar heel den middag
-lang. En van uit de verte wist hij den blik van haar mooie blauwe
-oogen, telkens uitgaande naar hem.
-
-'s Avonds voelde hij zich niet erg wel, en hij verzocht zijn moeder
-hem te willen excuseeren, hij zou maar eens vroeg naar bed gaan.
-
---Je hebt bepaald kou gevat, ik geloof niet, dat het schaatsenrijden
-je heel veel goed doet, zei zijn moeder hem ongerust aanziende.
-
-Maar hij lachte haar zorgen weg.
-
---Het is niets, verzekerde hij haar,--de ongewoonte, morgen is het
-weer over.
-
-In het eerst kon hij den slaap niet vatten, en terwijl hij zijn oogen
-stijf gesloten hield, was daar toch voortdurend bij hem het beeld
-van Dina. Die oogen, die hem zoo intens hadden aangestaard stonden
-nu voor hem, en hij zag haar zoo duidelijk, alsof hij slechts de hand
-had uit te strekken om haar naar zich toe te trekken.
-
-Hij ging op zijn rug liggen om het bonzen van zijn hart niet te
-hooren. Het was of een koortsgloed zijn voorhoofd schroeide.
-
-Kon hij maar aan iets anders denken!.... maar dat gelukte hem niet.
-
-Voorloopig nu maar geen schaatsen meer rijden, dat zou de eenige
-manier zijn om weer zijn gewone kalmte terug te krijgen.
-
-Trouwen was voor hem buitengesloten, en wat wilde hij verwachten van
-nieuwe ontmoetingen met dat wondere meisje, dat zoozeer zijn heele
-denken in beslag nam....
-
-Neen, het kon niet, het mocht niet....
-
-Hij zou zich in acht nemen, probeeren, over een paar dagen, als het
-ijs aanhield op een andere plaats te schaatsen, waar hij bijna zeker
-was haar niet te ontmoeten.
-
-Toen eindelijk de slaap zijn leden verloomde, voelde hij alle
-herinneringen om zich wegzakken, en hij sliep in met de beklemming
-na een boozen droom, die hem met schrik vervuld had en die nu van
-hem werd afgenomen.
-
-Een zoete melodie zong in zijn ziel, en het werd al harmonie in
-hem. Een harmonie, waarin hij zich zelf zag met haar. En in dit
-oogenblik werd hij weggevoerd hoog boven het leelijke van het leven
-uit....
-
-O.... te denken aan haar alleen!.... Het werd hem zoo een groote
-weelde, dat hij er zich niet meer aan kon onttrekken, en waarin
-hij wegzonk, in diepen slaap, nu zijn worstelstrijd had opgehouden;
-en hij zich liet gaan in zijn zoet verbeelden.
-
---Heb je goed geslapen? vroeg den volgenden morgen zijn moeder,
-toen hij haar zijn morgenkus gaf, en hij er zoo moe en afgemat uitzag.
-
---Ik heb lang liggen denken, Mama..., 't was laat toen ik insliep,
-zei hij.
-
---Je was wat overspannen....
-
---Misschien wel, en....wat je in bed denkt, is altijd verkeerd....,
-het komt toch steeds anders uit.
-
-Zij schudde het hoofd en lachte hem goedig toe.--Malle jongen, je
-bent veel te ernstig....
-
---Te oud eigenlijk voor zulke jeugdige ouders.... U bent in al dien
-tijd niets veranderd en vader ook niet, die is alleen wat grijzer
-geworden. Hij zag zijn moeder aan met teederen blik. En in haar
-donkere oogen, zìjn oogen, lag een onuitgesproken vraag.
-
-Mama wordt met den dag jonger, alleen nu jij hier bent en we voor
-onze oogen zoo'n volwassen man zien, als jij, herinneren we ons,
-dat we aan den ouden dag moeten gaan denken, mijn jongen...., de
-volgende maand wordt je al dertig jaar.... plaagde zijn vader.
-
-Hij zag met zijn vriendelijk gezicht van nog frisschen ouden man naar
-Paul, en het ontging hem niet, dat er wat was met den jongen.
-
-Paul voelde zich op dat oogenblik ellendig. Hij had zijn ouders een
-bekentenis te doen en die woog hem zwaar.
-
-O.... hoe dikwijls had hij tegen den verlofstijd opgezien, als hij
-daaraan dacht....! Hij overwoog wel eens, toen de tijd al een beetje
-begon te naderen, of het niet beter zou zijn maar niet met verlof
-te gaan.
-
-Een beslissing van den geneesheer maakte een einde aan al zijn
-weifelingen.... Hij werd met een spoedcertificaat naar Europa gezonden,
-tot herstel van een hardnekkige malaria, die evenwel gedurende de
-zeereis al beterde, zoodat Paul volmaakt gezond in Holland aankwam.
-
-Den eersten tijd werd hij teveel in beslag genomen om veel na te
-denken. Hij leefde in een roes van uitgaan en kennissen ontmoeten. Van
-alle kanten wilde men hem een beleefdheid doen, er werden feestjes
-georganiseerd en Paul was overal het middelpunt van belangstelling.
-
-Hij liet zich leven in volle onbezorgdheid, nauwelijks zich den tijd
-gunnend aan iets anders te denken, dan aan zijn genoegen.
-
-En als een enkele maal de herinnering bij hem opkwam, verdreef hij
-die lichtzinnig met een ongeduldig hoofdbewegen....--Nu ja....,
-later.... Er kwam nog tijd genoeg om daarover te denken....
-
-Nu, plotseling zeer sterk, overviel hem de gedachte aan wat hij
-met zooveel energie van zich had afgeschoven. Het liet hem niet
-meer los....
-
-Een diepe plooi groefde zich in zijn voorhoofd; en dat maakte dat
-hij er ernstig en verouderd uitzag.
-
-Zijn moeder zocht naar een oplossing voor die zonderlinge verandering
-in Paul.
-
-Je kunt niet tegen die kou, je moest je meer ontzien, zei ze weer op
-een middag aan de koffie, hem zorgvol aanziende.
-
-Paul gaf haar gelijk.--Ik geloof het eigenlijk ook niet, moeder,
-en daarom ben ik ook eenige dagen thuis gebleven; maar vandaag ga ik
-het toch weer eens probeeren....
-
-En dien middag, al vroeg, ging Paul met zijn schaatsen op weg.
-
-Er woei een scherpe Noorden wind, en de lucht stond grauw betrokken.
-
-Paul trok den kraag van zijn overjas diep over zijn ooren en zoo,
-in sombere stemming, liep hij zich te bedenken welken kant hij uit
-zou gaan. Volkomen ernstig was zijn voornemen het meisje, dat zoozeer
-zijn gedachten vervulde, niet meer te zien. Hij zou tenminste trachten
-haar te ontloopen, en nam de tram naar de Vuchterpoort.
-
-Hij veronderstelde dien kant uit het minste kans te hebben veel
-menschen te zien.
-
-De binnenplaatsen in de tram waren alle bezet, en ook op de balcons
-viel bijna niets meer te veroveren; de voerder stak één vinger op,
-wees:--nog één plaats...
-
-Paul wrong zich tusschen de dikke winteroverjassen van de heer en
-in een hoekje op het voorbalcon, steunde met de hand op het koperen
-handvatsel van de deur, en zoo zich schrapzettend bij elke beweging
-van de tram, soesde hij voort.
-
-Vaag staarde hij door de bewasemde ruiten naar binnen, in de wagen,
-waar zijn doellooze blik gleed langs al die onbekende gezichten,
-mannen en vrouwen, die hem onverschillig waren....
-
-Plots was het of een electrische schok hem doorvoer. In zijn hoekje had
-hij juist het oog op een dame. Eerst had hij haar niet herkend. Maar
-ineens werd het klaar in hem, dat dit hetzelfde meisje moest zijn,
-waarmee voortdurend zijn gedachten zich bezig hielden.
-
-Zij zagen elkaar aan. En het leek wel of zij Paul ook herkende....
-
-Hun oogen bleven eenige oogenblikken onafgebroken op elkaar
-gevestigd....
-
-Het waren slechts enkele seconden, maar ze waren voor Paul van een zoo
-groot geluk, dat hij zich geen rekenschap gaf van zijn onbeleefdheid
-een dame te fixeeren.
-
-Hij zag het meisje verbleeken, en toen het hoofd wat afwenden.
-
-En zoo bleef hij haar stil bestaren, trek voor trek haar gezichtje
-in zich opnemend.
-
-Hij wilde nu opletten waar zij uit de tram zou stappen maar zij reed
-mee, tot waar hij er uit ging.
-
-Toen zag hij haar voor zich uitgaan; de schaatsen bengelden aan haar
-arm, langs den mof van petit gris, waarin haar handen wegscholen. Hij
-kon haar nu goed opnemen, en bleef eenige passen achter haar aan
-loopen, zijn gang vertragend, om haar niet in te halen.
-
-Op de ijsbaan bewoog zich reeds een groote menigte, en Paul glimlachte,
-om zijn naïviteit, van een eenzaam plekje te willen opzoeken.
-
-Was dit het noodlot, of zijn gelukkig gesternte, dat hen
-samenvoerde....? Als Paul geloovig was zou hij moeten denken aan een
-hoogere macht, die hen daar tot elkaar bracht.
-
-Maar hij was niet geloovig, en hij zag het eerder als een gevolg van
-meer voor de hand liggende oorzaken.
-
-Het was alles zoo zonderling in zijn werk gegaan.... en als hij aan
-het oogenblik, dat hij haar in de tram zag, terugdacht, doorvoer hem
-weer dat gevoel van opperste geluk.
-
-En hij overwoog zich hierin te kunnen laten gaan zonder zijn voornemens
-ontrouw te worden. Dien middag bleef hij veel in den omtrek waar zij
-reed. En het toeval wilde, dat een van zijn kennissen, met wien hij
-stond te praten, haar groette, toen ze langs hen heen kwam.
-
---Wie groet je daar? vroeg Paul geïnteresseerd.
-
---Dina Tervoort, een kennisje van mijn zusters, ik ga haar dadelijk
-om een baantje vragen....
-
---Een mooi meisje wel, zei Paul.
-
---Dat wil ik waarachtig wel gelooven, maar een beetje difficile. Ze
-is niet jong meer.
-
-Wat noem jij jong?
-
-Nou ja, beneden de vijf en twintig.... Zij is de zes en twintig
-al voorbij.
-
-Verwonderlijk, dat ze nog niet getrouwd is....
-
-Ja, ze wacht misschien nog altijd op haar ideaal. Ik ken er wel die
-vues op haar hadden; maar het is geen meisje, die er een neemt om
-getrouwd te zijn. Zal ik je eens aan haar voorstellen?
-
-Paul kreeg een schok. Het was toch wat moeielijk hierop neen te
-zeggen. Misschien viel ze hem wel tegen....
-
-Eigenlijk vond hij het wel prettig eens wat meer van haar te weten
-te komen.
-
-Nu ze daar buiten stonden, in het koude vriesweer, was het of die
-zware druk van Paul was afgenomen. Hij voelde zich weer vroolijk en
-opgeruimd, binnenin hem lachend om zijn sentimentaliteit.
-
-Het was toch al te dol, dat hij geen meisje meer zou kunnen ontmoeten,
-of aardig vinden, zonder dat het spook van trouwen dadelijk achter
-hem stond.
-
-Hij had zich eigenlijk teveel geretireerd dat was de oorzaak van zijn
-zich niet zeker voelen in gezelschap.
-
-Nu met het ijs was het juist een goede gelegenheid zich eens wat
-meer onder de dames te bewegen. Hij zou straks enkelen vragen een
-baantje met hem te rijden en ook Dina. Die gedachte enerveerde hem
-buitengewoon.
-
---Ga je nu mee? onderbrak Van der Lisse Pauls bepeinzingen.
-
---Ja, zei hij beslist. En samen gingen ze in een vlugge vaart naar
-het tentje waar ze wisten dat de meisjes waren.
-
-Dina stond nog met haar partner te praten, toen ze Paul op haar
-afzag komen.
-
-Van der Lisse stelde Paul aan haar voor en dadelijk daarop vroeg
-hij:--Mag ik het genoegen hebben aanstonds een baantje met u te rijden,
-juffrouw Tervoort?
-
---Heel graag, antwoordde Dina, wat ontsteld hem plots zoo in haar
-nabijheid te zien.
-
-Spoedig groepeerden allen zich tot paren.--We moeten niet te lang
-stil staan, waarschuwde Van der Lisse,--het is verduiveld koud.
-
-Paul bood Dina zijn hand en reed het eerste weg. De anderen volgden.
-
-Een paar maal namen ze de baan.
-
-De scherpe noordenwind belette het praten. Elkaar stevig vast houdend
-gleden ze rustig voort, beiden weg in hun geluk van samenzijn.
-
---Ik geloof, dat we nu moeten uitscheiden, zei Dina: de anderen
-stonden tot een troepje bij elkaar.
-
-Zij zei het op een toon van spijt, dien Paul deed jubelen van geluk.
-
-Het brandde hem op de lippen het haar te vragen; maar Van der Lisse
-kwam al op hen af:--Wat denken jullie ervan de Wetering eens over
-te rijden? Het ijs is sterk genoeg, en hier is het zoo vervelend,
-je ziet telkens dezelfde gezichten....
-
-Een oogenblik zagen Paul en Dina elkaar aan. Paul zijn hart begon
-hevig te kloppen.
-
---Ik wil wel, als het niet te laat wordt, zei Dina.
-
---Mag ik dan het genoegen hebben? Paul schoot dadelijk op haar toe,
-hij had de bedoeling van een van de heeren geraden Dina voor dezen
-tocht te vragen.
-
---Zeg, weten jullie zeker, dat het niet te laat zal worden? werd
-er geroepen.
-
-Maar een gedeelte was al onderweg, en er viel niets anders te doen
-dan maar te volgen.
-
-Toen ze eenmaal goed op gang waren verspreidde zich het troepje. Paul,
-die aanvankelijk met Dina tot de eersten behoorde, werd telkens door
-een ander paartje ingehaald.
-
-Het werd al schemerachtig, en een donkere grijze lucht koepelde laag
-over het winterlandschap; een enkele schaatsenrijder kruiste soms hun
-weg, of haalde hen in, daarna weer die doodelijke eenzaamheid in de
-starre kou van den winternamiddag.
-
-De avond, na een grijzen dag, viel vroeg in, en enkele lichtjes pinkten
-flauw van de boerenhofsteden, die wegdoezelden in den vagen schemer.
-
-Het was daar buiten van een plechtige stilte. De maan, in eerste
-kwartier droefde flauwtjes door de zware wolken.
-
-Paul en Dina, onwillekeurig wat langzamer rijdend, waren een eind
-achtergebleven.
-
-Al dichter trok Paul het tengere figuurtje tegen zich aan om haar te
-beveiligen tegen de kou, en vaster sloten zijn handen om de hare.
-
-Er stond een felle wind, die zich heviger voelen liet, nu ze op het
-open liggend terrein kwamen.
-
-Beiden reden zwijgend door, terwijl hun harteklop als mokerslagen in
-hun borst dreunde.
-
-Als een dreigende vermaning kwam soms bij Paul even een lichte
-herinnering aan de voorafgegane dagen zich indringen tusschen hem en
-zijn geluk; maar hij weerde die af, met de energie van een jonge zich
-sterk voelende, liefde.
-
-Hij wilde nu aan niets anders denken dan aan zijn heerlijk, mooi geluk,
-zijn samenzijn met Dina; dáár, in die groote eenzaamheid geheel alleen
-met haar te zweven, in de sferen van zijn verbeelden.
-
-Door niets zou hij zich dit heerlijk oogenblik laten afnemen.
-
-Hij wist, dat hij Dina lief had, en tegelijk met die wetenschap,
-voelde hij de kracht in zich bergen te verzetten.
-
-Gedaan was het met alle argumenten! Al zijn bange zorgen verijlden
-tot niets. In zijn ziel was slechts plaats voor den liefdegloed,
-die daar brandde, die hem schier den adem benam.
-
-Op een plek, waar de eenzaamheid het grootst was, stonden zij beiden,
-als gedreven door een zelfden impuls, gelijktijdig stil.
-
---Wat is het hier heerlijk, het is niet eens meer zoo hevig koud,
-zei Dina, de pijnlijke stilte willend verbreken.
-
-Zij zagen om zich heen de verre uitgestrektheid, waaruit een enkele
-boerenhoeve, in flauwe contoeren vaag opdoemde, beschenen door een
-twijfelachtig licht van lampeschijnsel, dat door de kleine ruitjes
-naar buiten viel.
-
-Hondengeblaf scheurde even de stilte, toen weer die ongerepte rust....
-
-En in die groote eenzaamheid sloeg Paul zijn arm om Dina.
-
-Zij weerde hem niet af.
-
-Hij trok haar aan zijn borst, en kuste haar in een lange en innige
-omhelzing.
-
-Ontroering belette hen een woord te uiten....
-
-Heel dicht tegen elkaar aangeleund reden ze verder, stuurden nu op
-huis aan.
-
---Mag ik van avond even komen? vroeg Paul, toen ze de stad naderden.
-
-Dina knikte....
-
---Ik moet met je spreken, zei hij.
-
-Ze vond het goed.
-
-En zoo scheidden zij....
-
-
-
-Gejaagd kwam Paul dien middag aan tafel.
-
---Als je het maar niet overdrijft, waarschuwde zijn moeder, toen hij
-vertelde van den tocht, dien ze gemaakt hadden.
-
-Maar Paul, in zijn overmoed, stelde haar gerust.--Het heeft heusch
-niets te beteekenen, mama, zei hij, en hij vertelde haar, dat hij in
-den loop van den avond nog even uit zou gaan.
-
-
-
-Dadelijk na de thee, even voor half negen, stapte Paul naar de
-familie Tervoort.
-
-Een koortsgloed brandde op zijn voorhoofd toen hij aanschelde.
-
-Het dienstmeisje liet hem in den salon, waar de lichten ontstoken
-waren, en een vuurtje in den haard smeulde.
-
-Paul voelde zich als in een droom, oneigenlijk, voortgedreven al
-vooruit. En de oogenblikken, die hij wachten moest, leken hem een
-eeuwigheid.
-
-Nerveus luisterde hij naar de voetstappen, die van buiten naderden.
-
-Plots werd de deur geopend, en Dina stond voor hem.
-
-Heel even, toen hij haar daar zag inkomen, in haar nauwsluitend
-toiletje van bruin laken, en hij haar mooie gezichtje zag nu voor het
-eerst zonder hoed, was het of de moed hem ontzonk, en een weifeling
-draalde in hem.
-
-Maar toen ze haar armen om hem heen sloeg, in algeheele overgave
-van haar jongemeisjesziel, week zijn wankelmoedigheid, was hij weer
-meester van zich zelf.
-
-Hij trok haar aan zijn borst, en kuste haar heel zacht.--Ben je
-alleen thuis? vroeg hij, haar beide handen nemend, en die leggend op
-zijn borst.
-
---Papa en mama hebben hun whist-partijtje, ik heb maar niets gezegd
-van je bezoek omdat ik bang was, dat het niet zou mogen.... zei ze
-hevig blozend.
-
---En ik vond het zoo heerlijk, dat je kwam.
-
-Hij sloot haar weer in zijn armen,--lieveling!.... toen hoogernstig,
-nam hij haar bij de hand, en bracht haar bij een lagen fauteuil.--Ga
-hier zitten.... Hij zelf knielde bij haar neer.
-
---Je houdt dus wel een klein beetje van me?.... Hij zocht gestaag
-haar oogen, die hij vast hield in zijn blik.
-
-Zij knikte, leunde zwijgend haar hoofd tegen zijn schouder, luisterde
-naar zijn stem, die haar muziek leek.
-
-Het viel hem moeielijk een goed begin te vinden tot inleiding van
-wat hij haar zeggen moest.
-
---Hou je genoeg van me, om me een heel groot verdriet te vergeven,
-dat ik je ga aandoen?....
-
-Zij schrok, zag recht naar hem op....
-
---Kijk me niet zoo aan, lieveling, dan heb ik den moed niet het
-je te zeggen.... En het moet, ik mag met geen leugen onze toekomst
-bezwaren....
-
---Ik heb een kind....
-
-Verbaasd richtte Dina haar oogen op hem.--Ik wist niet, dat je
-weduwnaar was....
-
-Hij schudde het hoofd, en tot een pijnlijk lachje vertrok zijn gezicht.
-
---Het is een kind van een Inlandsche vrouw; ik heb het in Indië
-gelaten, bij de Zusters, op Batavia....
-
-Hij durfde haar nu niet aanzien in dit vreeselijke oogenblik.
-
-O, als ze slechts een enkel woord tot hem sprak, hem haar verachting
-toebeet, hem beleedigde desnoods.
-
-Maar dat ontzettende stilzwijgen....
-
-Op zijn hand druppelden gestaag haar tranen.
-
-Dat bracht hem tot wanhoop. Hij stond op, liep de kamer op en neer.
-
---O lieveling, jou in dit oogenblik tranen te zien storten, om
-mij.... om mij....
-
-Hij slikte een snik weg, en drukte zijn lippen op haar haren.
-
---Je kunt me niet vergeven, he....? 't Is een geluksdroom geweest
-van enkele uren. Nu laat je me heengaan voor altijd. Dwaas, die ik
-was te veronderstellen, dat je liefde groot genoeg zou zijn, om zoo
-een offer te brengen....
-
-Ze wendde zich wat van hem af.--Stil, spreek zoo niet.... het heeft
-me overrompeld.... ik kan 't me niet indenken.... jij, jij.... zoo
-jong....
-
-Haar oogen zagen verdwaasd, als in een floers, voor zich uit, en als
-sprekend tot zichzelf, zei ze met gebroken stem. --Ik zal het nooit
-kunnen vergeten.... 't is nu zoo anders geworden.
-
-Verstard in zijn wanhoop zag hij haar aan, veegde de tranen, die
-bleven vloeien zachtjes van haar wangen.
-
-En met groote teederheid liefkoosde hij haar, als een moeder haar
-ongelukkig kind.
-
---Het zou niets veranderen aan ons geluk.... later, als je me wilde
-vertrouwen, zou je 't leeren begrijpen, als je 't wilde wegdenken
-uit ons leven.... zei hij mat.
-
-En weer neerknielend bij haar, sloeg hij zijn armen om haar heen,
-als om haar te beschermen tegen haar groote smart. Een smart, die
-haar trof door hem....
-
-In haar groote liefde weerde ze hem niet af, liet toe, dat hij haar
-tegen zich aandrukte.
-
---'t Is ontzettend!.... 't is ontzettend.... steunde ze tegen hem
-aan geleund.--En ik hou zooveel van je.... ik hou zooveel van je,
-snikte ze toonloos.--Het geluk zou anders ook te groot geweest
-zijn.... schamperde ze pijnlijk,--onbestaanbaar, dat in je leven te
-zien komen, als niet tegelijk een vreeselijke schaduw er op moest
-vallen....
-
-In diepe smart zag hij haar aan.
-
-O, o, was dat het meisje, dat pas sedert enkele dagen zijn pad had
-gekruist.... Het leek hem een oneindigheid van smart, die zij samen
-doorleefd hadden.
-
-Hij stond op, en trok haar zachtjes naar zich toe, haar aanziende
-met oogen waarin heel zijn wanhoop zich spiegelde.
-
-En weer streelde hij haar bleeke wang.
-
-Hij wist, dat in dit oogenblik een diepe klove gaapte tusschen hen,
-hij had het kunnen voorzien.
-
-Hij verachtte zich om zijn zwakheid haar niet uit den weg te zijn
-gegaan.
-
-Hoe dikwijls had hij zich niet voorgehouden, dat hij de gedachte aan
-een huwelijk voor altijd van zich af moest zetten.
-
-Zoolang hij zijn kind, zijn kleine Annie bij zich had gehad, was dit
-hem niet moeilijk gevallen. Waarom had hij zich los gemaakt van het
-zoo vast voorgenomen besluit.
-
-Vele anderen, in omstandigheden verkeerende als hij, had hij zien
-trouwen in Indië; maar dan vervulde hem altijd weerzin voor die
-cynische levensopvatting.
-
-Nooit, nooit, had hij het mogelijk geacht van zijn voornemen af te
-wijken. Zoo'n huwelijk leek hem, den idealist, een bespotting.
-
-En nu....
-
-Al die herinneringen stonden nu klaar in zijn denken, spookten in
-zijn heet hoofd rond.
-
-Hij had Dina die smart moeten besparen. In zijn onvergeeflijk egoïsme
-was hij recht op zijn doel afgegaan. En nu zag hij dat arme kind
-lijden om hem, door zijn schuld.
-
-Hij wist heel zeker, dat nu een vonnis over zijn toekomst was geveld.
-
-Als Dina tot bezinning zou komen, zou ze hem koel afwijzen, zich
-beleedigd voelen door zijn aanraking. Het kon wel niet anders.
-
-De gedachte aan zijn kleine Annie, die hem aanhing met al de
-teederheid van haar Indische natuur, het kind, dat hij had gekoesterd
-en verzorgd, om wier wille hij de moeder bij zich had gehouden,
-maakte, dat zijn smart een oogenblik week voor de herinnering aan
-die lieve aanhankelijkheid. En het moest nu de oorzaak zijn van hun
-beider ellende.
-
-Hij stond op met een blik vol deernis op Dina.
-
---Ik ga nu heen lieveling, zei hij zacht.
-
---Misschien wil je me nooit meer zien, moet ik uit je leven gaan, met
-alleen de herinnering aan wat had kunnen zijn.... Ik zal je niet meer
-lastig vallen. Ik weet, dat het kind een onoverkomelijke scheidsmuur
-tusschen ons zal zijn.... Ik zal probeeren 't te dragen.... Vergeef
-'t me, dat ik je dit niet heb bespaard, het was mijn vaste voornemen
-het te doen. Maar mijn liefde voor je was sterker dan ik zelf. Een
-oogenblik van zwakheid maakte, dat ik mijn zelfbeheersching
-verloor.... 't Was zwak van me.... akelig zwak. In mijn groot
-geluk vergat ik, wat achter me lag, krankzinnig.... Ik had het niet
-mogen doen. En het gebeurde kan alleen mijn smart verzwaren.... om
-jou.... Ik ga nu heen, en je zult nooit meer van me hooren.... Op
-dit oogenblik is er geen plaats voor liefde in je ziel, zelfs niet
-voor medelijden.... alleen voor verachting.... voor minachting....
-
-Denk niet te hard over me.... en.... als er een oogenblik in je leven
-komt, dat je zachter gestemd wordt, dat je me kunt vergeven...., dat
-je misschien...., misschien.... ondanks alles, een verlangen naar mij
-in je voelt opkomen...., wees dan niet te trotsch, roep me dan terug,
-en ik.... kom....
-
-Hij sloot haar in zijn armen en drukte een kus op haar voorhoofd....
-
-En toen, zachtjes, ging hij weg, zonder om te zien naar haar, die
-hij achterliet, in wanhoop....
-
-Hij wist dat nu alles voorbij was....
-
-
-
-
-
-
-
-
-II.
-
-
-Dagen volgden elkander op, de vorst hield aan en op de ijsbaan was
-jolijt van vroolijke menschen....
-
-Maar Paul bleef thuis, maakte soms een groote wandeling, speelde zijn
-partijtje in de soos, of verdiepte zich schijnbaar in lectuur.
-
-Schaatsenrijden deed hij niet meer.
-
-Ondanks hem zelf, kreeg hij een schok zoo vaak de post werd binnen
-gebracht, dan vluchtigde zijn blik over het blad met brieven en
-couranten, keek hij of er ook iets voor hem bij was. En telkens voelde
-hij even de physieke pijn, die hem een oogenblik den adem benam.
-
---Natuurlijk niets. Het was ook te gek om er over te denken....
-
-Dan las hij rustig door en floot een deuntje, zoo zijn ontroering
-verbergend. Niemand mocht weten wat daar bloedde in zijn ziel....
-
-Er waren acht dagen verloopen, sedert hij van Dina afscheid had
-genomen.
-
-Zorgvuldig vermeed Paul zijn ouders iets te laten merken van wat in hem
-omging, ook zij hadden recht te weten van zijn kind. Maar hij voelde
-het als onmogelijk daar nu over te spreken. Hij zou de kracht missen,
-nog eens te doorleven wat nog zoo versch in zijn geheugen lag.
-
-Voorloopig wilde hij hen in in onwetendheid laten. Misschien kon hij
-wel vroeger naar Indië terugkeeren, zijn verlof bekorten.
-
-In elk geval dacht hij er over eenige dagen op reis te gaan.
-
-Met het uur werd zijn onrust heviger, en hoe meer de hoop vervloog,
-dat Dina hem zou terugroepen, des te heviger verlangde hij naar haar.
-
-Op een ochtend, na een slapeloozen nacht, besloot hij zijn ouders te
-zeggen, dat hij voor een week naar Brussel ging.
-
-De voorafgaande dagen had hij in zoo een zenuwspanning doorgebracht,
-dat hij niet langer thuis kon blijven; hij vreesde elk oogenblik zijn
-zelfbeheersching te verliezen.
-
-Het inpakken van de noodzakelijkste kleeren, die hij mee wou nemen,
-gaf hem al wat afleiding, maar telkens bleven zijn handen werkeloos,
-verviel hij in gepeinzen.
-
-In Brussel zou hij geheel vrij zijn, zich kunnen overgeven aan zijn
-smart. En hieraan had hij behoefte.
-
-In het Grand Hotel besprak hij een kamer.
-
-De gedachte niet langer den ganschen dag zich te moeten beheerschen,
-tegenover de huisgenooten een onverschillige houding te veinzen,
-gaf hem een heerlijk gevoel van rust.
-
---Als er brieven voor me komen in dien tijd, moeder, dan stuurt u ze
-me wel op, verzocht hij, en zijn oogen gretigden weer naar de post,
-die binnen gebracht werd.
-
-Niets voor hem....
-
-Nog altijd scheen de hoop in hem te leven, dat de met zooveel smart
-verlangde brief eens zou komen. Het was meer een zelfkwelling,
-een wreed zich martelen, dan de verwachting, dat die hoop ooit zou
-verwezenlijkt worden....
-
-Hij zat in het spoorboekje een trein op te zoeken, toen het luide
-overgaan van de schel hem verschrikt deed opspringen.
-
---Meneer van der Lisse, voor den jongen meneer diende het binnenkomend
-meisje aan.
-
-Die schel gold dus toch wel hem, overwoog hij en liep de gang in.
-
---Waar heb je meneer gelaten? vroeg hij onverschillig.
-
-Het gebeurde wel meer, dat de een of andere kennis hem kwam opzoeken;
-het viel nu slecht, dat hij op het punt was de stad uit te gaan,
-bedacht hij.
-
---Meneer is in den salon, en het gedienstige meisje hield de deur open,
-om hem door te laten.
-
-Het gesprek tusschen de beide jonge mannen duurde een heele poos. En
-mevrouw van Weede maakte zich ongerust, dat Paul zijn trein zou missen.
-
---Nou dan neemt hij een andere, hij heeft niets te verletten, goedigde
-de oude heer, even opziende van zijn courant.
-
-Het volgende oogenblik zagen ze elkaar verschrikt aan, met een slag
-viel de voordeur dicht.
-
-Paul was met van der Lisse meegegaan naar diens huis, waar Dina hem
-om een onderhoud had verzocht.
-
-Gedurende die korte wandeling bestormden de hevigste gewaarwordingen
-Pauls arm, in zenuwspanning gefolterd, hoofd.
-
-Toch, toch, was het dan gekomen...! zong het in hem. Een duizeling was
-hem overvallen toen van der Lisse hem het doel van zijn komst vertelde.
-
-Het was bijna ondenkbaar....
-
-En in zijn verwardheid overstormde Paul zijn vriend met allerlei
-vragen, waarop van der Lisse het antwoord schuldig moest blijven.
-
---De meisjes hebben mij niets verteld, zei hij ongeduldig,--en je
-had ons wel in het vertrouwen mogen nemen over je plannen,........ je
-hebt dat wel heel geheimzinnig behandeld.
-
-Paul trok met de schouders,--Ik wist het zelf niet, ik had het nooit
-durven hopen, verontschuldigde hij verward.
-
-Nog altijd wist hij zich niet zeker, en hij drong er op aan, dat van
-der Lisse hem zou vertellen, wat zijn zusters gezegd hadden.
-
---Meisjes zijn in die dingen altijd zoo gewichtig, Dina heeft eenvoudig
-gevraagd of ze jou bij ons zou mogen ontmoeten. De rest konden we
-wel raden.... En nou ben ik je maar komen halen....
-
-Hij liet Paul binnen, en wees hem een deur.--Hier is ze, fluisterde
-hij en liep door.
-
-Een oogenblik aarzelde Paul eer hij de hand om de deurknop sloeg. Het
-was of de moed hem ontzonk, nu hij na dagen van martelend verlangen,
-wist tot haar te gaan....
-
-Klamme zweetdruppelen parelden op zijn voorhoofd, toen hij na een
-oogenblik aarzelens, binnen ging.
-
-Bij den schoorsteen stond Dina, haar bleeke gezichtje versmald
-van smart.
-
-Zij kwam hem eenige passen tegemoet en zwijgend sloten ze elkaar in
-de armen.
-
-Ze trok hem met zich mee naar de canapé, en zoo tegen elkaar
-aangeleund-bleven ze eenigen tijd zitten, beiden teveel geroerd om
-te kunnen spreken.
-
-Hij streelde aldoor haar bevende handjes, en drukte die aan zijn
-lippen.--Ben je van mij.... toch van mij?.... vroeg hij na een
-oogenblik van stil geluk, en boog zich tot haar over.
-
-Zij kon geen woorden vinden, knikte flauwtjes door haar tranen heen,
-die hij wegkuste, telkens weer.
-
-De voorafgegane dagen waren ook voor Dina geweest een tijd van
-zelf-marteling, van ernstig beproeven.
-
-Aanvankelijk stond haar besluit vast, ze kon er niet op terugkomen,
-ze kon niet over dat eene heen stappen.
-
-Maar toen ze zich indacht, dat ook hiermee voorgoed het mooie heerlijke
-geluk, dat zij in zich had voelen opbloeien zou verdorren, had ze
-zoo een groote smart gevoeld, grooter dan al het leed, dat het lot
-haar oplegde te dragen.
-
-En zij deinsde er voor terug.
-
-Had ze Paul dan nu reeds zoo lief...?
-
-Nooit zou ze meer de herinnering aan hem uit haar leven kunnen
-wegwisschen. En in de oogenblikken, dat haar smart het hevigst was,
-werd haar verlangen naar hem het grootst.
-
-Zij voelde den druk van zijn handen, zijn kus op haar lippen; en zijn
-donkere oogen, met een wanhoopsuitdrukking brandden in de hare.
-
-Het bezit van dat alles, nu zij het eenmaal gekend had, te moeten
-missen.... Ze kon het niet.... En ze riep hem terug.... wetend,
-dat hij bereid zou zijn tot haar te komen, als zij het wilde. En
-nu ze hem bij zich had, groeide weer een zacht kleurtje op haar
-verbleekte wangen. Zij hoorde van zijn reisplan naar Brussel. Daar zou
-nu niets van komen.... of wou hij toch? Paul sloot haar tot antwoord
-in zijn armen.
-
---Ik ga vanmiddag dadelijk naar je ouders, vindt je dat goed?
-
---Ja, fluisterde ze hem toe.
-
---En dan moet ik de zaak bij mij thuis ophelderen, zei Paul nerveus.
-
-Toen was Dina de meisjes van der Lisse gaan roepen, en had ze hun
-haar geheim verteld.
-
-O, wat was dat een wondere middag geweest, herinnerde Paul zich,
-weggezakt in zijn herinnering. Eerst die officieele visite bij de
-familie Tervoort, het stijve, dwaze van zoo een ontvangst bij vreemde
-menschen, waar je komt om de hand van de dochter te vragen....
-
-Daarna het onderhoud thuis, met zijn ouders.
-
-Hij had hun nu maar dadelijk alles verteld van Annie, ze moesten het
-toch ééns weten.
-
-Mevrouw van Weede eerst gelukkig, met Paul's trouwplannen, zat als
-versteend voor zich uit te staren.
-
---En je hebt ons daar nooit een woord van geschreven, Paul, verweet ze.
-
---Ach, dat kon hij ook moeilijk pleitte goedig de oude heer, voelend
-wat het voor Paul moest zijn, die bekentenis te doen.
-
-Arme jongen, hij was ook nog zoo bitter jong, toen hij naar Indië ging,
-en dadelijk op zoo een klein plaatsje, waar je op een paar Europeanen
-bent aangewezen.
-
-Kom, zijn moeder moest daar nu maar niet over tobben, waar het moedige
-meisje was voorgegaan met haar voorbeeld van vergevensgezindheid.
-
-Wat gedwongen feliciteerden ze hem, mevrouw van Weede mokkend, over
-de weinig mededeelzaamheid van Paul.
-
-En waarom Paul zijn kind niet mee had genomen naar Europa, vroeg ze.
-
-Hij vertelde haar al de bezwaren, die daaraan verbonden waren.... het
-was nu goed bezorgd bij de Zusters op Batavia. En Dina wilde, dat
-zij het samen zouden halen, als ze weer in Indië zouden zijn.
-
---Een heel besluit voor het meisje, prees meneer van Weede.
-
-Paul voelde opnieuw hoe nameloos ongelukkig dat gezegde van zijn
-vader hem toen maakte.
-
-Ja, het was lief geweest van Dina, dat besefte hij heel zeker, dat
-ze hem in alles was tegemoet gekomen, het bestaan van zijn dochtertje
-accepteerde, als een gewoon feit.
-
-En nooit was er een schaduw gevallen op hun mooi jong geluk.
-
-
-
-
-
-
-
-
-III.
-
-
-Op hun doorreis te Batavia hadden ze samen Annie afgehaald, en het
-kind meegenomen naar Magelang.
-
-Dina's oogen stonden vol tranen toen ze de uitbundige blijdschap zag,
-waarmee het kind zich in Paul's armen wierp.--Papa weer terug! jubelde
-het.--Papa weer terug.... papa niet meer weggaan van Annie. En ze
-knelde de bruine armpjes om zijn hals.
-
-Háár Paul den vader-naam....
-
---Kom mama nou ook netjes groeten, gebood Paul toen het kind wat tot
-bedaren was gekomen,--en zeg, dat je altijd een zoete meid zult zijn.
-
-Annie gehoorzaamde, liet zich gewillig bij Dina brengen.
-
---Wat zou je nou zeggen?....
-
---Annie altijd zoet.... En een paar groote zwarte oogen zagen op
-naar Dina.
-
-Dina gaf het kind een kus en huiverde even bij de aanraking van die
-kleine lenige handjes, die kil aanvoelden. Hoe wonderlijk leek haar
-het kleine meisje, met dien ernst in de oogen.
-
-Terwijl Paul met de zuster, die speciaal met de zorg voor het kind
-belast was geweest, sprak, en overlegde over het verzenden der
-kleertjes, bleef Annie dicht tegen Dina geleund, haar handje in die
-van Dina, rustig het gesprek volgen, zag van de zuster naar haar vader,
-in gestage vrees, dat papa weer weg zou gaan, zonder haar.
-
-Wel was het een heerlijke tijd voor het kind geweest, het jaar, dat
-zij bij de zusters had doorgebracht, dat ook aan haar opvoeding ten
-goede was gekomen; maar het denkbeeld van opnieuw van hem gescheiden
-te worden liet haar geen oogenblik los.
-
-Op kostschool hadden ze het kind dadelijk andere kleeren laten maken,
-zoodat Paul even verbaasd was toen hij zijn Annie terug zag in een net
-japonnetje, in plaats van het baadje met lange mouwen, en daaronderuit
-de broekspijpen, op den groei gemaakt.
-
-Het deed hem pleizier om Dina, die hij al zoo wat had voorbereid. Het
-portretje, dat hij haar van het kind had laten zien, deed haar geen al
-te groote verwachtingen koesteren. Nu viel Annie haar mee. Het dunne,
-met vaal-bruinen gloed overdekte haar was in een vlecht gestrengeld,
-en met een strik van rood lint van onderen vastgemaakt. Aan de kleine
-voeten droeg ze nette schoentjes; hooge laarsjes, die een gedeelte
-van het been bedekten. Het helder wit japonnetje was netjes gestreken,
-en van een hoogst eenvoudig snit, zooals al de kleine meisjes die in
-Indië droegen: een kort rokje met nauw sluitend lijfje, dat het halsje
-wat ontbloot liet, en korte mouwtjes. De bloedkoralen ketting, nog een
-geschenk van haar moeder, tintte warm op het donkere halsje. Het magere
-gezichtje, met het platte neusje leek een klein masker, waarin alleen
-de oogen leefden. Oogen, zwart als de nacht, met vochtig fluweelen
-waas, dat verzachtte den al te fellen gloed.
-
---Ziezoo, zei Paul, zich tot het kind wendend,--zeg de zuster nou
-maar goeden dag....
-
-Langzaam trok het kind haar handje uit die van Dina.--Gaat Annie mee
-met papa?....
-
---Ja, Annie gaat mee met papa en mama.... verbeterde Paul.
-
---O.... lekker!.... En het kind klapte opgetogen in haar handjes.
-
-De zuster kreeg de tranen in de oogen, toen het kind haar de armpjes
-om den hals knelde en kuste tot afscheid.--Zal je nou altijd een
-beste meid blijven.... en Zuster Denise niet vergeten?....
-
-Annie beloofde het, liep toen dadelijk naar Paul, wiens hand zij
-stevig vasthield, als was zij bang, dat hij haar op het laatste
-oogenblik nog zou ontsnappen.
-
-De religieuse bleef van uit de voorgalerij van het klooster het
-kind naoogen.
-
-En telkens omkijkend stapte Annie trots door, nog roepend zoolang
-de zuster haar kon hooren: "dag zusterrrrr, dag zusterrrrr", met de
-rollende "r", die als het gefluit van een vogeltje wegparelde.
-
-Al gauw hechtte het kind zich aan Dina, die ze mocht helpen bij het
-verzorgen van de bloemen--ze had zelve ook een tuintje gekregen,
-waar ze allerlei plantjes in kweekte, die ze elken middag met haar
-gietertje begoot.
-
-Toen ze op een dag hoorde, dat ze een ade zou krijgen, voelde ze het
-volle gewicht van haar rechten als oudere.--Dan mag Annie dragen,
-ja ma? vroeg ze, Dina aanziende met haar groote peinsoogen.
-
---Ja zeker, als Annie sterk genoeg is geworden.... beloofde Dina.
-
---O, Annie ken wel dragen, net als groote pop, die is ook zwaar....
-
-Die te spa gegeven belofte had Annie niet vergeten. Op zekeren dag
-kwam ze, tot schrik en ontsteltenis van Dina en de baboe, met het
-kleine broertje aandragen, in het volle besef van haar praestatie. En
-ze was lang niet van zins zich het broertje te laten afnemen.
-
---Dat mag je nooit meer doen, hoor! berispte Dina.
-
---Maar Annie ken toch.... hield ze vol.
-
---Ja; Annie ken; maar Annie mag niet, niet goed voor
-Annie.... probeerde Dina in Annie's brabbeltaaltje het haar duidelijk
-te maken.--Later, als Annie grooter is....
-
-Op een ochtend, dat Paul het kind meenam, op een wandelingetje
-langs den kampementsweg, vroeg ze hem naar haar eigen moeder, naar
-Ma-Annie....
-
-Onder Inlandsche vrouwen is het de gewoonte de moeder te noemen naar
-den naam van het kind. En zoo werd Annie's moeder naar háár Ma-Annie
-genoemd.
-
-Paul vertelde haar, dat Ma-Annie weg, ver weg was gaan wonen, en liet
-het kind beloven daar nooit meer naar te vragen....
-
-Het had Paul even onaangenaam gestemd, die vraag van het kind. Gelukkig
-maar, dat zij die niet in tegenwoordigheid van Dina gedaan had.
-
-Het liefste wou hij, dat het kind die vrouw zou vergeten.
-
-Bij zijn vertrek naar Holland had hij haar een som gelds gegeven, en
-een huisje voor haar gekocht in het Solosche; daar kon ze van het geld
-handel drijven, en was hiermee voorgoed elke betrekking tusschen hem en
-die vrouw geëindigd. Het was de conditie geweest, waaronder ze afstand
-deed van het kind, dat Paul noodig vond aan haar invloed te onttrekken.
-
-Zich volkomen bewust, dat hij haar een ruime belooning had gegeven,
-was Paul verzekerd in het vervolg niet meer door haar lastig gevallen
-te worden.
-
-Alleronaangenaamst werd hij eens getroffen, toen hij 's morgens van
-zijn dienst komend, bij de baboe, die zijn jongste kindje wat in de
-buitenlucht ronddroeg, een Inlandsche vrouw te zien, die hem sterk
-herinnerde aan Annie's moeder.
-
-Wat ter wereld kon die vrouw bewogen hebben naar Magelang te
-komen... Hij overwoog, of hij haar niet kon laten dwingen weg te gaan,
-voordat Dina haar tegenwoordigheid bemerkte.
-
-Maar was het niet beter elke nieuwe relatie te vermijden.
-
-Al den tijd van zijn huwelijk had hij niet meer aan de mogelijkheid van
-een terugzien gedacht. Het was een afgesloten periode in zijn leven,
-die hij het liefst uit zijn herinnering wilde wegwisschen.
-
-Tusschen hem en Dina was er nooit met een woord over die
-vrouw gerept. En nu plots kwam ze op het onverwachts in zijn
-leven terug.... Wat zou hij moeten doen om haar van zich af te
-houden....? Die tegenwoordigheid spelde niet veel goeds, angstte het
-in hem.
-
-Uit de slaapkamer naderden, met zacht gekraak van de mat, lichte
-voetstappen aan.... Annie, bemerkend, dat papa niet naar bed was
-gegaan, had zich voorzichtig uit haar bedje laten glijden, kwam nu
-dralend nader.--Papa niet slapen?.... neen?.... vroeg ze met haar
-vleistemmetje.
-
-Paul keek naar het kleine donkere figuurtje in den ruimen hansop,
-en zette een boos gezicht.
-
---Papa moet werken....
-
---Annie ook niet slapen....
-
-Aarzelend kwam ze naderbij, zette zich stilletjes op de punt van een
-wipstoel, dat die voorover helde. Ze greep zich aan de armleuningen
-vast, bang door wippen haar vader te storen. En ze keek naar buiten,
-tusschen de bladeren van de groote planten door, den zonbeschenen
-kampementsweg op.
-
-Ongemerkt zag Paul naar haar kleine aardige beweginkjes, naar de
-smalle bloote voetjes, die even tipten op den grond.--Jij moest
-eigenlijk in je bedje liggen.....
-
---Laat maarrrrrr, papa ook niet in bed....
-
-Paul soesde door, de hand onder het hoofd.
-
-Annie sloeg de fluweelige oogen telkens even naar hem op. Ze scheen
-na te denken.
-
---Mooi, die bloemen, mooi.... herhaalde ze een paar malen als tot
-zich zelf, en haar oogen kregen een droomende uitdrukking, dreven
-weer vragend den kant op van Paul....
-
-Plots scheen ze een inval te krijgen.--Papa moet niet boos zijn,
-ja.... Papa heeft gezegd Annie mag niet meer praten over Ma-Annie,
-maar Annie heeft Ma-Annie gezien....
-
-Paul sprong op, dat het kind ervan schrok.
-
---Waar?.... Waar heb je haar gezien?....
-
-Een kleine hoofdbeweging wees naar achteren.--Daar, bij Ma-Annie in
-huis.... Ma-Annie is getrouwd.... met korpraal.
-
-Paul liep eenige malen de voorgalerij op en neer....
-
---Lekker bij Ma-Annie.... Annie heeft koekjes gekregen.... snaterde
-ze voort.
-
-Was dat nou het resultaat van al zijn zorgen....!
-
-Paul had een gevoel of iets vreeselijks dreigde. Die onrust, die hem
-dagen lang vervolgde.... Daar was nu de oorzaak!
-
-Annie moest hij wegzenden, hij kon het kind niet voortdurend onder
-zijn toezicht houden, en de bedienden waren niet te vertrouwen,
-voor een kleinigheid om te koopen teneinde het kind bij de moeder te
-brengen. Ze zagen er bovendien geen kwaad in.
-
-Het ergste vond hij het voor Dina.... Wat moest hij haar zeggen,
-als ze hoorde, dat die vrouw hier was....
-
-Als het waar was, wat Annie daar vertelde van den korporaal, dan zou
-het eenige middel zijn den kolonel zijn toestand uiteen te zetten,
-en de overplaatsing van dien korporaal te bewerken.
-
-Tot zoolang zou hij dan Annie en ook het kleinste van haar weg moeten
-zien te houden.
-
-Maar, hoe kon hij dat doen zonder zijn vrouw er mee bekend te
-maken....?
-
-En dat moest hij tot elken prijs vermijden. Dina, in haar toestand
-van hopelooze zwakte.... dat moest er nog bij komen....
-
-Hij ging naar buiten, staarde met starren blik voor zich uit. Dit
-was dus weer een nieuwe ellende, die hem bedreigde.... Maar hij mocht
-zich niet laten gaan, in zijn zelfbeklag, hij moest energiek handelen,
-geen oogenblik verliezen....
-
-Annie, intuitief, besefte, dat zij iets kwaads gedaan had, keek
-schuw naar papa.... bedacht, dat het stout van haar was geweest over
-Ma-Annie te spreken. In haar onwetendheid begreep het kind niet wat
-voor kwaad er in stak, dat zij haar moeder had opgezocht. Ze was er
-al meer malen naar toe geweest, en werd er onthaald op Inlandsche
-koekjes, daar het kind dol op was, en die zij van Dina, een afkeer
-als die had voor al dat vreemde Indische goed, nooit kreeg.
-
-De kazerne, die aan den achterkant van het kampement lag, was zoo
-dicht bij, dat zij gemakkelijk den weg erheen had gevonden, om haar
-moeder op te zoeken.
-
---Je mag nou niet meer naar Ma-Annie gaan, barschte Paul tegen
-het kind.
-
-Hij zag er zoo ontsteld uit, dat Annie in elkaar kromp van angst,
-haar lipjes beefden.
-
---Huil nou maar niet, anders maak je mama ook nog wakker, zei hij
-met een poging om wat zachtheid in zijn stem te leggen.
-
---Is papa dan niet meer boos?
-
---Neen, als je niet meer huilt....
-
-
-
-Het was vier uur. De eerste hoornsignalen overschetterden het
-exercitieveld bij de kazerne. De soldaten begonnen hun middagdienst.
-
-Paul pakte zijn papieren bij elkaar en deed ze in een portefeuille. De
-tijd alweer verstreken en nog was hij tot geen resultaat gekomen.
-
---Ga nu maar baden, gebood hij Annie. Een bediende kwam de thee klaar
-zetten, en de tuinjongen liep met sproeiemmers de planten te begieten.
-
-Zwoele aardlucht sloeg op uit den pas gedrenkten bodem, vermengde
-zich met de geuren van rozen en begonia's, die buiten bloeiden;
-in de witte potten voor het huis.
-
-Dina, verkwikt door haar middagslaapje, zette zich bij Paul in de
-voorgalerij, schonk hem zijn thee in.
-
-In de doorschijnende kabaja, het weelderige haar los neerhangend over
-haar schouders, leek ze nog slanker.... Kwam het door zijn opwinding,
-hij vond dat ze er bleeker uit zag dan aan tafel....
-
-Een baboe droeg het kleintje, frisch gewasschen en gepoederd, op een
-draagkussen naar buiten.
-
---Niet verder dan voor het huis, gebood Paul, die zag, dat ze er mee
-uit wou gaan.
-
---Ik had juist beloofd, dat mevrouw de Wilde hem eens mocht zien. Ik
-heb hem expres er voor gekleed, zei Dina teleurgesteld.
-
---Doe dat later liever eens.... ontweek Paul.--Kijk, daar heb je
-den dokter....
-
-De jonge medicus liep met vlugge passen de marmeren trappen op,
-keek even naar het kleintje, en zette zich dan vriendelijk groetend
-tegenover Dina, haar pols nemend en haar nauwlettend gade slaande.--Ik
-geloof, dat u weer niet gedaan hebt, wat ik voorgeschreven heb. Goed
-melk gedronken?....
-
-Dina lachte witjes.--Het is te veel dokter, heusch, ik kan zoo veel
-niet drinken.
-
---Te veel? Vindt u twee flesschen te veel? U komt zoo nooit op
-krachten, en.... het eind wordt, dat ik u naar Holland moet sturen.
-
-Maar Dina liet hem niet uitspreken.--Dat doe ik nooit dokter.... zei
-ze beslist.
-
-Paul kreeg een schok. Het was een idee, misschien wel de eenige
-oplossing....
-
-Even flitste door zijn denken het vooruitzicht van treurige
-eenzaamheid, na dien korten droom van geluk. Maar het was billijk,
-dat hìj, niet zìj leed, om wat zijn schuld was. En alles was beter
-dan dit. Dina's tegenstand zou hij wel overwinnen.... dat leed geen
-twijfel.
-
-Hij zou er den dokter eens onder vier oogen over spreken, en als die
-het raadzaam vond, dan maar hoe eer hoe beter. Dina kon het kleintje
-mee naar Holland nemen, en Annie ging dan maar weer terug naar de
-zusters....
-
-'s Avonds liep hij even bij den kolonel op, die hem in zijn kantoor
-ontving.
-
---Wat heb je voor bezwaren van Weede?.... vroeg de kolonel toen Paul
-plaats had genomen op den hem aangeboden stoel.
-
-In korte trekken vertelde Paul waarvoor hij gekomen was.
-
---Een lastig geval.... daar kan je nog onaangename dingen van
-beleven.... Weet je of de meid inderdaad met den korporaal getrouwd
-is?.... De vraag is of ze mee zou gaan, als ik hem overplaats. Als
-ze met bedoelingen hier is gekomen, doet ze het zeker niet.
-
-Paul wist niet anders dan wat hij van Annie gehoord had.... En hij
-zei; dat hem geen anderen weg open bleef dan Dina naar Holland te
-laten terugkeeren.
-
---Maar dat zou toch verschrikkelijk zijn voor jullie allebei; in
-dit klimaat kan je vrouw gemakkelijk genezen. Moet je nou dat alles
-ondernemen ter wille van die meid? Ik acht je vrouw verstandig genoeg
-om alles kalm onder de oogen te zien, of... ben je soms bang, dat er
-bij die meid gedachten aan wraak voorzitten? Je hebt haar toch niet
-met leege handen weggezonden?....
-
-Paul vertelde onder welke condities zij van hem weg was gegaan,
-en wat hij haar had gegeven.
-
---Dan bestaat er mijnsinziens van dien kant niet het minste
-gevaar.... Vertel je vrouw eenvoudig wat de zaak is, de rest komt
-wel van zelf.... Ik zal in elk geval probeeren, wat ik voor je doen
-kan. Een overplaatsing zou het radikaalste zijn; lukt dit niet, dan kan
-je alleen door samenwerking met je vrouw haar onschadelijk maken....
-
-Paul ging wat verlicht heen. Hij was blij, dat hij er met den
-kolonel over gesproken had. Het was, of, nu deze het wist de last
-hem minder zwaar lag. In ieder geval kon hij op diens medewerking
-rekenen. Voorloopig zou hij den bedienden zeggen niet met de kinderen
-uit te gaan, voorgevend, dat er een paar gevallen van mazelen op
-de plaats waren voorgekomen. Daarna zou hij verder zien. In dien
-tusschentijd had de kolonel alle gelegenheid zijn maatregelen te nemen.
-
-
-
-Dina zat in de binnengalerij met ongeduld op Paul te wachten. Het
-bevreemdde haar, dat hij na diensttijd nog uit was gemoeten. En het
-gesprek van dien middag met den dokter bezwaarde haar. Nooit, nooit,
-zou ze Paul alleen laten....
-
-Maar als het toch eens moest....? Ze nam zich voor, alles wat de
-dokter haar voorgeschreven had stipt na te komen....
-
---Ben ik lang weggeweest? vroeg Paul, inkomend, met opzettelijke
-poging een vroolijken toon aan te slaan.
-
---Ja, ik heb je erg gemist. Wat was er voor bizonders? Ik maakte me
-doodelijk ongerust;.... toch geen expeditie op til?....
-
-Paul zag haar smalle gezichtje betrekken.--Er zijn nog ergere dingen,
-dan een expeditie kind.... En hij sloot haar mond met een kus.
-
---Mag je er niet over spreken?.... Ze dwong hem haar aan te zien,
-vleide haar gezichtje vlak tegen hem aan.
-
-Paul weifelde een oogenblik. Zou hij den raad van den kolonel opvolgen,
-en haar nu maar alles zeggen?....
-
-Maar de moed ontbrak hem haar blije stemming te verstoren. Dit
-oogenblik van gelukkig samenzijn, was hem zoo een zaligheid, dat hij
-besloot er nog mee te wachten.
-
---Later mag je alles weten, zei hij ontwijkend.
-
-Dina was tevreden met dit bescheid, drong niet langer aan. Officieren
-hadden altijd dienstgeheimen. Als er maar geen expeditie kwam, die
-Paul van haar weghaalde, kon de rest haar niet schelen.
-
-Annie kwam goedennacht zeggen, keek nog wat schuw naar Paul, en zag
-met een blik van wel begrijpen weer dadelijk voor zich, toen Paul er
-niet meer op terugkwam.
-
---Je moet de kinderen voorloopig maar niet uitsturen, zei hij.--Er
-zijn eenige gevallen van mazelen......
-
-
-
-
-
-
-
-
-IV.
-
-
-Eer een week verloopen was had de kolonel zijn maatregelen
-getroffen. Het bleek, dat de Inlandsche korporaal inderdaad met
-Annie's moeder gehuwd was. En het leed geen twijfel, of ze zou hem
-volgen naar het andere garnizoen.
-
-Die mededeeling ontlastte Paul van zijn grootste zorgen.
-
-Hij wist zeker, dat Annie geen gelegenheid meer had gehad naar de
-kazerne te gaan. En ook het kleintje was buiten bereik gebleven
-van Ma-Annie.
-
-'t Liep alles beter dan hij gedacht had. En voor het eerst na dagen
-van spanning en onrust kon hij weer vrijer ademen.
-
---Een beste kerel de kolonel, herhaalde hij zich in oprechte
-dankbaarheid dat die had willen meewerken in zijn belang. Toch maar
-goed, dat hij er over gesproken had....
-
-Weer kwam er iets van zijn vroegere levenslust in hem opbruisen. Hij
-liep met veerkrachtigen gang van het bureau naar zijn huis.
-
-De Soembing gloriede in de stralende morgenzon, en wit huifde de
-zilverige wolkenmuts, die regen spelde, over den rotsberg. Jammer,
-dat het ging regenen... Hij wou tegen den avond een mylord laten komen,
-en Dina verrassen met een toertje. Ze was er dol op.
-
-Toch maar even bij den rijtuigverhuurder aanloopen.... Als het
-weer meewerkte, zouden ze den grooten toer maken om den Tidar,
-den begroeiden spijkerkop waarmee, volgens de legende, Java aan den
-aardbol was geklonken.
-
-De jonge solanum boomen langs den kampementsweg, met hun kruinen in
-kleurovergangen van paars tot zacht lila en wit, stonden in vollen
-bloei, wierpen lange schaduwen op den weg, waar vluchten kleurige
-vogeltjes neerstreken om te stoeien in een plas. Het was al van een
-jubelende blijdschap in de natuur.
-
-Paul haalde diep adem, liet de warme lucht zijn longen
-binnenstroomen. Een fijne geur van patjar tjina woei hem tegen uit de
-tuintjes waar hij langs ging. Lage heggen begroeid met klimplanten,
-gingen schuil onder een overvloed van gentiaanblauwe klokken, fluweelig
-zacht opgeloken uit het aan alle kanten neerschietend groen. Een
-enkele slinger kroop tegen het dak op, van een klein woonhuisje,
-had zich tusschen de pannen vastgehecht, waar nu een kleed van blauw
-overheen lag, met bloeiende uitloopers te allen kant. Een eind verder
-groeiden passiebloemen tegen korte pilaren op, en weer verder de
-trossende bruidstranen, in een val van zachtrose over het groen van
-generfde blaren. In bloeidrang knopten de kembang sepatoestruiken.
-
-Nog nooit had Paul dien weg zoo schoon gevonden, was de bloemenweelde
-hem zoo opgevallen. Het was àl licht in hem.
-
-Aan het zijpad, langs de huizen zag hij naar de rozen: geurende La
-Frances, gouden Maréchal Niels en vuurgestroomde gemskleurige Madame
-Bérards. En daarboven, in lichte zweving de fijn gewiekte vlinders,
-in liefde-wellust van een enkelen dag....
-
-Hoog daarbovenuit het zacht geruisch van den waterval, die klaterend
-den berm overstroomde, zich dan splitste in kleine beekjes, die
-vloeiden door de bamboe kokers, naar de rijstvelden, al met een
-groen waas bedekt. De zonnestralen kaatsten er in, doopten zich in de
-roerlooze klaarte als van gesmolten metaal in smaragden bekers gevat.
-
-Het was Paul een openbaring die heerlijke tropennatuur, die gehevene
-plechtigheid van sereene rust, die stemde harmonisch met hem, na
-dagen van uiterste spanning.
-
-Hij liep langs de manége, en sloeg het zijpad in, dat voerde naar
-zijn huis.
-
-Het ijzeren hek er naast dat toegang gaf tot het erf, stond wijd
-open, en Paul keek langs perspectief van bloeiende citroenboomen naar
-achteren, waarvan tot hem doordrongen zacht gedempte stemmen.
-
-Hij liep regelrecht het hek in om Dina te verrassen.
-
-Toen was het plots of het bloed in zijn aderen stolde....
-
-Vlak langs hem heen, met lenig heupgewieg, kwam Ma-Annie het erf
-af, boog in deemoed voor hem in stameling van haar zangerig: tabé
-toewan....
-
-Een oogenblik voelde Paul een woede in hem opbruisen, die hem
-verbijsterde.
-
-Zij hier,.... op zijn erf.... in tegenwoordigheid van zijn vrouw!
-
-Hij had haar kunnen worgen in den greep van zijn hand!
-
-Maar Dina stond naast hem, nam zijn arm....
-
---Wees niet boos Paul, smeekte ze met bevende lippen.--'t Is mijn
-schuld....
-
---Kind, kind,.... waarom heb je dat gedaan?.... verweet hij, hakkelend
-en met gebroken stem.
-
-Hij zag Annie gauw wegsluipen; en dat bracht zijn woede tot razernij.
-
-Verschrikt schoolden de bedienden te zamen op het achtererf. Hun
-handen bleven werkeloos.
-
-Het was of alle levenskracht uit Paul wegvlood, hij voelde zich
-rampzalig.
-
---Kom mee naar binnen, smeekte Dina,--ik zal je alles vertellen.
-
-Zijn beenen weigerden hem elken dienst, waggelend volgde hij haar
-naar hun slaapkamer, waar hij zijn pet op het bed gooide, en zijn
-sabel met luid gerinkel op den grond neerviel.
-
-Dina raapte die op, en trok Paul naast zich op den divan, hem streelend
-met haar koele handen.--Paul, wil je naar me luisteren?
-
-Haar stem klonk heesch, toonloos.
-
-Hij schudde starend het hoofd.--Wat zou je me vertellen? Die vrouw
-is hier geweest, op ons erf, in ons huis, ze heeft met jou gesproken,
-met jou.... Dat is nooit meer goed te maken....
-
-Een verwijt brandde hem op de lippen. Maar hij hield het in.
-
---Hoe heeft ze het durven wagen....
-
-Hij wrong zijn handen, dat de nagels in zijn palmen drongen.
-
---Het is zoo erg niet als je denkt Paul.... kalmeerde Dina.--Van
-ochtend nadat je een poosje weg was, terwijl ik met Annie aan 't
-rozenplukken was, viel het me op, dat aan den overkant van den weg
-een vrouw voortdurend naar binnen keek. Ze zat op haar hurken, en ik
-dacht, dat ze om wat geld wilde vragen. Ik wou Annie erheen sturen,
-maar de baboe riep haar terug, en Annie....
-
-Annie.... had.... haar moeder herkend....
-
---En.....? barschte Paul.
-
---En verder niets; de baboe vertelde mij toen, dat die vrouw weg zou
-gaan van hier, en nog uit de verte haar kind wilde zien.... en.... en
-toen heb ik haar.... geroepen....
-
---Jij zelf....
-
---Ja Paul,.... ik.... Ik heb haar toegestaan, dat ze afscheid nam
-van haar kind.... Als je niet juist thuis gekomen was, zou je het
-misschien nooit te weten zijn gekomen....
-
-Een looden zwaarte zonk neer over Paul, star zag hij voor zich
-uit. Zijn klamme handen lagen doelloos op zijn knieën. Het was of
-hij hoorde Dina's stem ver.... ver.... van zich af.
-
---Arme lieveling, waarom heb je dat toch gedaan? wrong zich schor
-door zijn keel.
-
---Omdat ik me in dat verlangen kon indenken.... Paul.
-
-Zij sloeg haar arm om hem heen, en trok hem naar zich toe. Een traan
-viel op zijn hand.--'t Was zoo bitter, bitter weinig,.... waar ze
-tevreden mee moest zijn.... Ik had zoo'n medelijden met haar.... en
-ook.... met Annie.... Paul....
-
-Zij stond op, en liep naar de achtergalerij om het kind te zoeken.
-
-In een hoekje op den grond zat Annie, stil ineen gedoken. De groote
-droom-oogen in wijde staring. Naast haar haar pop.
-
---Kom mee; zei Dina haar een hand toestekend.
-
-Maar Annie draalde, zag haar schuw aan.--Zal papa niet boos
-zijn?.... neen?.... aarzelde ze.
-
---Neen, wij gaan samen naar papa...
-
-
-
-En zij bracht hem zijn kind,.... zag toe, dat Annie zich op zijn
-schoot nestelde, hem streelde met haar kleine bruine handjes.
-
-
-
-Hij kuste Annie en sloot Dina zwijgend in zijn armen.
-
-
-
-En hun tranen vermengden zich over het hoofdje van het kind....
-
-
-
-
-
-
-
-End of the Project Gutenberg EBook of Balmoedertje, by E. Overduijn-Heyligers
-
-*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK BALMOEDERTJE ***
-
-***** This file should be named 54785-8.txt or 54785-8.zip *****
-This and all associated files of various formats will be found in:
- http://www.gutenberg.org/5/4/7/8/54785/
-
-Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
-Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ for Project
-Gutenberg.
-
-Updated editions will replace the previous one--the old editions will
-be renamed.
-
-Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright
-law means that no one owns a United States copyright in these works,
-so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the United
-States without permission and without paying copyright
-royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part
-of this license, apply to copying and distributing Project
-Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm
-concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark,
-and may not be used if you charge for the eBooks, unless you receive
-specific permission. If you do not charge anything for copies of this
-eBook, complying with the rules is very easy. You may use this eBook
-for nearly any purpose such as creation of derivative works, reports,
-performances and research. They may be modified and printed and given
-away--you may do practically ANYTHING in the United States with eBooks
-not protected by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the
-trademark license, especially commercial redistribution.
-
-START: FULL LICENSE
-
-THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
-PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
-
-To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
-distribution of electronic works, by using or distributing this work
-(or any other work associated in any way with the phrase "Project
-Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full
-Project Gutenberg-tm License available with this file or online at
-www.gutenberg.org/license.
-
-Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project
-Gutenberg-tm electronic works
-
-1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
-electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
-and accept all the terms of this license and intellectual property
-(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
-the terms of this agreement, you must cease using and return or
-destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your
-possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a
-Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound
-by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the
-person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph
-1.E.8.
-
-1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
-used on or associated in any way with an electronic work by people who
-agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
-things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
-even without complying with the full terms of this agreement. See
-paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
-Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this
-agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm
-electronic works. See paragraph 1.E below.
-
-1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the
-Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection
-of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual
-works in the collection are in the public domain in the United
-States. If an individual work is unprotected by copyright law in the
-United States and you are located in the United States, we do not
-claim a right to prevent you from copying, distributing, performing,
-displaying or creating derivative works based on the work as long as
-all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope
-that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting
-free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm
-works in compliance with the terms of this agreement for keeping the
-Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily
-comply with the terms of this agreement by keeping this work in the
-same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when
-you share it without charge with others.
-
-1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
-what you can do with this work. Copyright laws in most countries are
-in a constant state of change. If you are outside the United States,
-check the laws of your country in addition to the terms of this
-agreement before downloading, copying, displaying, performing,
-distributing or creating derivative works based on this work or any
-other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no
-representations concerning the copyright status of any work in any
-country outside the United States.
-
-1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
-
-1.E.1. The following sentence, with active links to, or other
-immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear
-prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work
-on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the
-phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed,
-performed, viewed, copied or distributed:
-
- This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and
- most other parts of the world at no cost and with almost no
- restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it
- under the terms of the Project Gutenberg License included with this
- eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the
- United States, you'll have to check the laws of the country where you
- are located before using this ebook.
-
-1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is
-derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not
-contain a notice indicating that it is posted with permission of the
-copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in
-the United States without paying any fees or charges. If you are
-redistributing or providing access to a work with the phrase "Project
-Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply
-either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or
-obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm
-trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
-with the permission of the copyright holder, your use and distribution
-must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any
-additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms
-will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works
-posted with the permission of the copyright holder found at the
-beginning of this work.
-
-1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
-License terms from this work, or any files containing a part of this
-work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
-
-1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
-electronic work, or any part of this electronic work, without
-prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
-active links or immediate access to the full terms of the Project
-Gutenberg-tm License.
-
-1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
-compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including
-any word processing or hypertext form. However, if you provide access
-to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format
-other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official
-version posted on the official Project Gutenberg-tm web site
-(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense
-to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means
-of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain
-Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the
-full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1.
-
-1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
-performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
-unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
-access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works
-provided that
-
-* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
- the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
- you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed
- to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has
- agreed to donate royalties under this paragraph to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid
- within 60 days following each date on which you prepare (or are
- legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty
- payments should be clearly marked as such and sent to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in
- Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg
- Literary Archive Foundation."
-
-* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
- you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
- does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
- License. You must require such a user to return or destroy all
- copies of the works possessed in a physical medium and discontinue
- all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm
- works.
-
-* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of
- any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
- electronic work is discovered and reported to you within 90 days of
- receipt of the work.
-
-* You comply with all other terms of this agreement for free
- distribution of Project Gutenberg-tm works.
-
-1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project
-Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than
-are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing
-from both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and The
-Project Gutenberg Trademark LLC, the owner of the Project Gutenberg-tm
-trademark. Contact the Foundation as set forth in Section 3 below.
-
-1.F.
-
-1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
-effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
-works not protected by U.S. copyright law in creating the Project
-Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm
-electronic works, and the medium on which they may be stored, may
-contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate
-or corrupt data, transcription errors, a copyright or other
-intellectual property infringement, a defective or damaged disk or
-other medium, a computer virus, or computer codes that damage or
-cannot be read by your equipment.
-
-1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
-of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
-Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
-Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
-liability to you for damages, costs and expenses, including legal
-fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
-LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
-PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
-TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
-LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
-INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
-DAMAGE.
-
-1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
-defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
-receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
-written explanation to the person you received the work from. If you
-received the work on a physical medium, you must return the medium
-with your written explanation. The person or entity that provided you
-with the defective work may elect to provide a replacement copy in
-lieu of a refund. If you received the work electronically, the person
-or entity providing it to you may choose to give you a second
-opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If
-the second copy is also defective, you may demand a refund in writing
-without further opportunities to fix the problem.
-
-1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
-in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO
-OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT
-LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
-
-1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
-warranties or the exclusion or limitation of certain types of
-damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement
-violates the law of the state applicable to this agreement, the
-agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or
-limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or
-unenforceability of any provision of this agreement shall not void the
-remaining provisions.
-
-1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
-trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
-providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in
-accordance with this agreement, and any volunteers associated with the
-production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm
-electronic works, harmless from all liability, costs and expenses,
-including legal fees, that arise directly or indirectly from any of
-the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this
-or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or
-additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any
-Defect you cause.
-
-Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
-
-Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
-electronic works in formats readable by the widest variety of
-computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It
-exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations
-from people in all walks of life.
-
-Volunteers and financial support to provide volunteers with the
-assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's
-goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
-remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
-and permanent future for Project Gutenberg-tm and future
-generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see
-Sections 3 and 4 and the Foundation information page at
-www.gutenberg.org
-
-
-
-Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
-
-The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
-501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
-state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
-Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
-number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by
-U.S. federal laws and your state's laws.
-
-The Foundation's principal office is in Fairbanks, Alaska, with the
-mailing address: PO Box 750175, Fairbanks, AK 99775, but its
-volunteers and employees are scattered throughout numerous
-locations. Its business office is located at 809 North 1500 West, Salt
-Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up to
-date contact information can be found at the Foundation's web site and
-official page at www.gutenberg.org/contact
-
-For additional contact information:
-
- Dr. Gregory B. Newby
- Chief Executive and Director
- gbnewby@pglaf.org
-
-Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
-Literary Archive Foundation
-
-Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
-spread public support and donations to carry out its mission of
-increasing the number of public domain and licensed works that can be
-freely distributed in machine readable form accessible by the widest
-array of equipment including outdated equipment. Many small donations
-($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
-status with the IRS.
-
-The Foundation is committed to complying with the laws regulating
-charities and charitable donations in all 50 states of the United
-States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
-considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
-with these requirements. We do not solicit donations in locations
-where we have not received written confirmation of compliance. To SEND
-DONATIONS or determine the status of compliance for any particular
-state visit www.gutenberg.org/donate
-
-While we cannot and do not solicit contributions from states where we
-have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
-against accepting unsolicited donations from donors in such states who
-approach us with offers to donate.
-
-International donations are gratefully accepted, but we cannot make
-any statements concerning tax treatment of donations received from
-outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
-
-Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
-methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
-ways including checks, online payments and credit card donations. To
-donate, please visit: www.gutenberg.org/donate
-
-Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works.
-
-Professor Michael S. Hart was the originator of the Project
-Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be
-freely shared with anyone. For forty years, he produced and
-distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of
-volunteer support.
-
-Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
-editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in
-the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not
-necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper
-edition.
-
-Most people start at our Web site which has the main PG search
-facility: www.gutenberg.org
-
-This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
-including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
-subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
-