diff options
Diffstat (limited to 'old/54785-8.txt')
| -rw-r--r-- | old/54785-8.txt | 4002 |
1 files changed, 0 insertions, 4002 deletions
diff --git a/old/54785-8.txt b/old/54785-8.txt deleted file mode 100644 index f839fd9..0000000 --- a/old/54785-8.txt +++ /dev/null @@ -1,4002 +0,0 @@ -The Project Gutenberg EBook of Balmoedertje, by E. Overduijn-Heyligers - -This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and most -other parts of the world at no cost and with almost no restrictions -whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms of -the Project Gutenberg License included with this eBook or online at -www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you'll have -to check the laws of the country where you are located before using this ebook. - -Title: Balmoedertje - -Author: E. Overduijn-Heyligers - -Release Date: May 25, 2017 [EBook #54785] - -Language: Dutch - -Character set encoding: ISO-8859-1 - -*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK BALMOEDERTJE *** - - - - -Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed -Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ for Project -Gutenberg. - - - - - - - - - - BALMOEDERTJE - - DOOR - - E. OVERDUIJN HEYLIGERS - - - TWEEDE DRUK - - L. J. VEEN--UITGEVER--AMSTERDAM - - - - - - - - - TYP ZUID-HOLL. BOEK- EN HANDELSDRUKKERIJ. - - - - - - - - -I. - - -Ze had uren zitten droomstaren, zoo maar stil voor zich uit. De -kleine roode vlammetjes in grillige uitpunting, speelden tegen de -dof-glimmende mika-ruitjes van de vulkachel. - -'t Was of haar ziel die vlamsprongetjes en den spelenden rondedans -der lichtjes meehuppelde. 't Dartel gedans van vlammetjes, opduikend -en wegploffend, in gloed en bleeke glanzen, haar ziel lokkend naar -het geheimzinnige gegloei van dit toovergrillige vulkaantje. - -Ze keek uit het raam, waar in den grijzen mist van wintermiddag -wat menschen voorbijgingen, een vlug, een ander met sleurigen -tred. Decemberwind bolderde rond, joeg het mistige genevel in golverig -grijs door de straten. - -Emilie bleef turen en droomen in de druilige mistsfeer, wachtend in -spanning den klank van de huisbel op dit uur; want dadelijk daarna -stortte een jubellach door de gang, de lach van haar kind, die haar -deed opschrikken van geluk. - -O, hoe kon zij zich nu nog verkneuteren in het reeds jaren -voorbije gevoel en de voorstelling van twee kinderarmpjes, die -zich plots knelden om haar hals, warm en met een hartstochtelijke -kinder-innigheid; als ze dan dadelijk daarop voelde het zachte -kindermondje dat haar zoende en dan eindelijk het heele guitige kopje -van haar dochtertje, vlakbij haar eigen gezicht, bekeek, 't kopje, -dat haar tegenlachte met een onbezonnen jubel en een vroolijke -onbezorgdheid, die haar eigen somber gepeins en haar wroeten in -donkere herinneringen heelemaal verdrong. - -Door de jaren heen was ze grooter en volwassener geworden, haar kind, -haar Elly; maar in haar eenzaam leven wachtte ze toch altijd op één -uur: de klank van de huisbel, niet lettend op de rijpwording van -het jonge kind, met een innige overgave gehecht aan haar omarming, -haar kussen en haar zonnige vroolijkheid.... - -Over enkele dagen zou Elly achttien jaar zijn. Zonder dat ze goed -wist waarom, bracht het denken daaraan een groote ontroering in haar. - -Elly achttien jaar! - -Emilie kon het zich niet indenken. Ze begreep niet wat dat zeggen wou. - -Elly, dat kleine kind, met de warme, haar hals toeknellende armpjes, -met het snaterende kindermondje, met dat kristaljubelende lachje, -achttien jaar. - -Ze keek weer uit het raam, tuurde in den fijnen neveligen mist. Zoo -grauw, zoo grijs-stil was het nu ook in haar binnenste, zoo droef en -zoo lichtloos haar gedachten. - -Elly achttien jaar! Dat dartele stoeiende kindje.... - -Over een paar dagen zou ze naar een bal gaan, zou ze voor 't eerst -het groote leven ingestooten worden, zou ze de schittering en de -weelde zien en ondergaan, de bedwelming en het koortsige geluk van -het eerste uitgaan. - -O! als ze nu dacht aan zichzelf, aan haar eigen jeugdleven, aan de -zacht-soezige bedwelming en verrukking, die ze zelf had ondergaan. - -Achttien jaar, háár Elly.... nu geen kind meer, met lief gebabbel en -schertsend gestoei. - -Ze zou het leven en de wereld ingaan en wat met haar gebeuren ging -bleef nog een groot geheim. Dat maakte haar juist zoo bang. - -Daar hing haar witte balkleedje, waaraan zij zoo hard gewerkt had. Als -een liefkoozing wolkte de ijle witte doorzichtige stof. En nu al zag ze -het ranke lijf, de tenger-mooie gestalte van Elly er zich in bewegen. - -En ook zag ze vóór haar, zoo klaar alsof het in werkelijkheid gebeurde, -de bewondering, die ze overal opwekte. Dan lachte ze in zichzelf -van geluk, en dan plots kreeg ze een smartgevoel, iets dat scheurde -tusschen haar geluk en haar leven. Ze had haar kind hartstochtelijk -lief. Elly was alles voor haar. Ze groeide in Elly's jubel en ze -genoot van haar schoonheid. - -Ze vond het heerlijk dat de menschen haar meisje bewonderden om haar -lieftalligheid en haar bevallige verschijning, en toch wrokte er iets -in haar, als ze het kind zoo hoorde adoreeren. - -'t Was de onuitgesproken, maar in haar hersens knagende angst, dat ze -niet alles zou blijven voor het kind, dat ze verdrongen zou worden -door attenties van anderen, vooral attenties van jonge mannen, die -haar het hof gingen maken. 't Denken aan die mogelijkheid bracht een -hitte in haar gedachte, die haar gek maakte van benauwing. Dan suste -ze haar eigen onrust door honderd keeren tot zichzelf te zeggen, -dat zoo iets niet kón, dat Elly haar nooit missen wou omdat hun -zieleleven, hun belangen, hun voelen en hun innigste intimiteit met -fijnste vezelen was ineengeweven, - -Neen, ze mocht niet jaloersch zijn, ze mocht om haar denkbeeldigen -angst het kind niet buiten een wereld van heerlijk jeugdgenieten -sluiten. - -Want hoe trotsch zou ze niet zijn op haar kind, als ze zich daar -bewoog in die mondaine kringen, zoo subtiel en zoo rank, met al de -frischheid van een jeugd-meisje en een naïeve coquetterie van een -half bedwelmd kind, dat voor het eerst dien stroom van wereldsche -genietingen op zich voelt aanbruisen. O, wat zouden al die andere -menschen haar benijden, als ze moesten aanzien, met stijf verwrongen -mond, dat op dàt bal, háár Elly 't mooist, 't bevalligst was; en in -de gracelijke ijlheid van haar fijne witte kleed daar zou opwasemen -als een blank nimfje uit een sprookje op een kleurgloeiend avondfeest. - -Neen, geen jaloezie erover, dat de wereld haar kind zou wegnemen. - -Maar wat dan was 't, dat zoo knaagde en chagrijnde in haar -binnenste! 'n Wrevelige angst, misschien een voorgevoel? - -Ze lachte nu in zichzelf. - -Plotseling kreeg ze een rust in haar gedachten, begreep ze iets van -het telkens haar ontglippend angstgevoel. - -Ze had in het jagende zoeken naar de oorzaak iets begrepen. - -'t Flitste door haar heen de gedachte, dat nu ook zij voor het -eerst, na jarenlange afzondering en droeve levensvereenzaming weer -de wereld intrad. - -Hoe drong haar verbeelding weer innige herinneringen op; levensstoeten -van jeugd, liefde en geluk. En dan plots daartusschen-in 't donkere -stille onzeglijke droeve gezicht van de smart, de smart, die haar nu -jaren en jaren zoo al stil bestaarde. - - - - - - - - -II. - - -In de toiletkamer voor de psyché stond Elly. - -Zacht rozig licht omglansde vaag haar fijne gestalte. 'n Gloed van -koorts brandde op haar wangen, en met ongeduldig gebaar wierp ze -af haar ruimen kapmantel, even luchtig maar omgehangen om zich te -laten kappen. Nu in haar laag kant-omzet onderlijfje en den slank -uitplooienden onderrok leek nog teerder haar fijn figuurtje. - ---Klaar? vroeg haar moeder gejaagd, bijna geruischloos binnenkomend. - -Ze knikte even maar, terwijl ze door bleef kijken in den spiegel naar -haar kapsel dat ze met een verheerlijkt gezicht stond te bewonderen. - -De ragfijne blonde spinsels van heur haar krulden nu saamgestrengeld -in licht vangende golvingen, als een kapsel van lichten glans, dat -droeg de trossen heliotropen. - ---Paars bij blond, verrukkelijk, had de kapper gezegd bij het weggaan. - ---Laat mij je nou heel voorzichtig helpen, drong mevrouw Van Weelen -aan, opvangend in haar armen het ijle kleedje. - -In streelende en verteederde gebaren hielp ze 't Elly over de -schoudertjes. - ---Nu de taille.... maar wacht, eerst nog wat poeder. - -Een fijn wolkje verstoof in de kamer, daalde zacht neer op Elly's -blanken hals. Mevrouw donsde even lichtelijk met de houppe haar -schouders en blank gezichtje. En terwijl Elly zenuwachtig en gejaagd -dichthaakte het ijle kleedje, deed mevrouw eenige schreden achteruit -in de kamer, stil bewonderend het tengere figuurtje in één wolkerige -schittering: haar dochtertje. - -Elly zag in den spiegel haar lieve moeders bewondering. - ---Zorg nu eerst voor u zelf, moedertje, en laat mij u nu helpen. Ik -heb nog alleen mijn handschoenen aan te doen. - ---O, ik ben dadelijk klaar. Zorg jij maar dat er niets komt aan je -mooie kleedje. Ga nu naar beneden in de huiskamer, tot ik je je sortie -kom aandoen. - -En gejaagder met zenuwachtige klankstootjes in haar stem vroeg mevrouw -weer door: - ---Heb je alles wel? Heb je je waaier, je sortie, je handschoenen? - ---O ja mama, ja mama, maak u niet zenuwachtig, alles ligt beneden -klaar. - ---Goed kind, goed, goed, ga dan als je wilt. - -Maar Elly treuzelde nog wat bij de deur, bezag moedertje en haarzelve -in den spiegel en kwam toen met aarzelende gebaartjes terug. - ---Moesje, luister nu eens. - -Heel dicht tegen haar aangeleund, in lievige aanvleiing van haar -teere lijfje, sloeg ze haar armen om den hals van mevrouw van Weelen. - ---Moesje, moesje, biecht eens op. Lijk ik nu werkelijk op u? - -Mevrouw van Weelen werkte zich los uit hare omhelzing, zei, in schijn -verstoord: - ---Dwaas kind, we zullen nog veel telaat komen, als je me niet met -rust laat. - ---Wat zou het, mijn boekje is toch vol. Neen moes, zoo komt u er -niet af. U moet me zeggen of ik op u lijk. Ik zou 't zoo dol dolgraag -willen. - ---Och, zwijg toch kind. Wees toch niet zoo dwaas.... Hoe.... - ---Neen moesje, neen, u moet het zeggen, drong Elly guitig-lief aan. - ---Nu, goed dan kind, je lijkt op me, veel, heel veel zelfs. - ---O, heerlijk, heerlijk, juichte Elly, terwijl ze in een jubeling de -trap afging. - -Mevrouw van Weelen bleef even in gedachte staan voor den spiegel, -terwijl ze een vaag bewustzijn had van het zien van zichzelf. - -Ze leefde als bewust bewusteloos, ze hoorde en ze zag de dingen een -oogenblik en tegelijkertijd voelde ze toch de gewaarwordingen alsof -ze er zelf buiten stond. - -Buiten klonk plotseling geluid van voorbijratelende wielen. Met een -schok joeg het in haar op dat ze moest voortmaken. Beneden hoorde ze al -de klok slaan. Vlug nu het zwart-grenadinen met champagnekleurige-zijde -gevoerde kleed aangetrokken. - -Op den stoel bij haar handschoenen en waaier lag een donkerroode -roos. Even hield zij ze tegen haar borst, dan met een vlug grillig -gebaar wierp zij de bloem in de lampetkan. - ---Geen rozen.... geen rozen.... - -Het aantrekken van haar nieuwe handschoenen ging sarrend langzaam -en al heviger werd haar onrust om het telaat komen. Alles gloeide -in haar aan. De inspanning bracht een fijn kleurtje op haar wangen, -dat haar een blosje van schijnjeugd gaf. - -Ze zag zichzelf even angstig weer in den spiegel, bedonsde zich nog -vluchtig met haar houppe en viel toen zuchtend neer op een stoel. - -Ze had niet kunnen denken, dat haar de emotie van uitgaan zóó weer zou -aangrijpen, zóó een haar innerlijk verbrandende onrust in haar opjagen, -die dwars door den gloed van haar herinnering heen schreed. Toch -wilde zij zich goed houden voor Elly. - -Ongestoord moest dat kind genieten van haar eerste geluk. - -Wel verdwaasde dat woordje tot een leeg gestamel van woorden in -haar hoofd. - -Geluk? - -Ze lachte even zacht als een zieke, die onbewust het valsch -opdringerige meelij achter troost-praatjes voelt. - -Jaren geleden had ze hier gestaan voor dezelfde psyche, omwolkt in -den goudgloed van haar illusies. - -Toen had ook zij hare entrée gedaan in de wereld, om haar heen louter -weelde en bewondering, een kleurige avond van volzalig geluk en een -geruisch van beloften en van schoon toekomstleven om haar heen. - -Ze zag alles weer duidelijk als in een visioen en toch als klare -werkelijkheid. Ze hoorde weer een naam die al zoo lang achteruit was -geschoven in haar herinnering. - -O, wat kon de enkele eenzame klank van een naam weer een gedachtengroep -optooveren, weer het leven terughalen uit de duisternis van een -afgestorven smart. - -Wat een wondere avond was het geweest, toen Varennes, de Fransche -attaché, haar boven die allen verkozen had, haar openlijk zijn hulde -had gebracht. - -Ze had er niet van kunnen slapen dien nacht. Ze had niets anders gezien -dan den mooien donkeren man, die in haar levenslijn was getreden. Ze -had voor niets anders oor dan voor den zoeten klank van zijn stem en -voor niets anders oogen dan voor het ranke mooie van zijn gestalte. - -Van zijn kant had hij haar overweldigd met koesterend gevlei en -bedwelmd met hartstochtelijke liefde-uitstorting. - -In de schoonste bloemen die hij haar zond wou hij een liefdetaal -van kleuren uitspreken en in de kostbaarste geschenken iets leggen -van zijn essentieelst gevoel voor haar, iets geven van zijn diepsten -hartstocht en van zijn innigste vereering. - -Al kort na hun kennismaking werd hij teruggeroepen naar zijn land, -was door deze plotselinge scheiding dadelijk een groote levenssmart -over haar heengegaan. - -Varennes niet meer te zien, den zang van zijn stem niet meer te hooren, -leek haar ophouden te leven. - -Al was hij weg, ver van haar af, toch bleef in haar doortrillen -zijn gloeiende hartstocht, zijn liefde die de ziel van haar toen -nog onervaren meisje had meegesleurd in een oppersten roes van -geluksbedwelming. - -Hij had haar beloofd terug te komen, heel, heel spoedig. Hij schreef -haar ook wel een enkelen maal. Maar in den toon van zijn brieven klonk -een stroeve teruggetrokkenheid, een zich willen losrukken van iets, -dat hem lastig was geworden. - -Met vrouwelijke intuïtie en een onbewust fijn doorschouwen had ze -dadelijk gevoeld hem te hebben verloren. - -Met een schrik in haar ziel werd zij zich dat plotseling bewust. Er -brak iets in haar als een instorting. Er stierf iets in haar klachtloos -en heel diep van binnen; er sluimerde een rouwsmart over haar heen, -die alles in haar vervaalde.... - - - -Een jaar later was ze getrouwd met Van Weelen, wien ze haar levensleed -had uitgezegd en die haar daarna toch een troost wilde zijn. Vóórdat -Elly echter geboren was, stierf hij aan de tering. - -Dat was haar tweede groote smart. - -Ze had Van Weelen geacht om zijn zuivere genegenheid en zijn -onbaatzuchtigen troost. Ze had hem nooit lief gehad met een bedwelming -van haar eerste verrukking voor Varennes. - -Maar toen hij gestorven was, bleef er iets in haar ziel weenen, -ook lang nadat Elly ter wereld kwam. - -De goede zachte genegenheid en de stille bescheiden omkoesterende -liefdevereering van Van Weelen voor háár, de vrouw al eens gebroken -door verleidingsgepraat, bleef langer in haar droeven dan de herdenking -aan het bedrog van Varennes zelf. - -Er was nog later een stille berusting in haar opgebloeid, een passief -aanstaren van het leven, dat in schijn van woeste grilligheid ieder -van zijn schepselen een anderen kant uitdrijft, zonder dat het kleine -menschenverstand bij machte is te vatten het doel en in stamelende -ontzetting maar steeds vraagt waarom? Waarvoor dat alles? - -Zoo schreide haar stille smart in de eenzaamheid van haar gewillige -berusting, voelde ze slechts één sterken drang in haar leven, zich -te wijden aan het kleine lieve kindje, dat nog was als een materieele -verbinding tusschen haar en haar gestorven man. - -Zoo waren de jaren over haar heengegaan in die passieve onderwerping, -in die zachte en doezelige apathie, die haar geen schokken en geen -emoties meer bracht. - -En nu plots een twintig jaar later, nu ze haar eigen Elly, haar -lieveling voor het eerst de wereld in zou sturen, nu was plots dat -verleden leven opengebroken onder het felst herinneringslicht. - -Nu zag ze Varennes staan, dien donkeren mooien man, met z'n trotsche -gestalte, z'n heerschend gebaar, z'n hartstochtelijke oogen. - -Nu hoorde ze weer den zoeten klank van z'n stem. Nu kwam weer op haar -af dat aandoenlijk-angstige geruisch van beloften en toekomstidealen, -voelde zij zich plots weer in die zalige duizelige verrukking van haar -eerste liefde voor hem, voelde ze weer z'n gloeienden adem branden -op haar wang en zag ze weer den gloeienden hartstochtbrand van z'n -diepe oogen op haar toevlammen. - -Het was haar alsof ze onder het gefluister van z'n liefdestem weer -duizelde in den trillenden weemoed van haar verlangen, alsof hij haar -daar plots zou omhelzen en wegvoeren, ver, ver buiten de wereld. - -Hoe had zij zich op dit uur, waarop zij niets anders te doen had dan -haar kind te begeleiden en geluk te geven; hoe had zij zich zóó kunnen -laten aangrijpen, door iets dat ze al zoo lang dood had gewaand in -haar ziel! - -Ze rilde en beefde en tòch sidderde in haar ziel de wil om zich te -beheerschen, goed te houden voor haar lieveling. - -In de straat daverde een rijtuig aan, dat stil hield voor de deur. - -Ze schrok òp. - -Weer bezag zij zich in den spiegel. Haar opwindingskleurtje was -weggetrokken. - -Nu herkende zij zichzelf weer beter in den matbleeken ernst van haar -versmartelijkt gezicht. - ---Moes, moes, komt u, het rijtuig is voor? - ---Ja, ja, kind, ik kom, ik kom. - -Langzaam ging zij de trap af, luisterend naar het fluisterend frou-frou -van haar kleed. - -In zichzelf flitste nog even de gedachte, dat ze er toch nog jong -uitzag, dat heur haar nog mooi blond was gebleven, en dat het leed, -dat jaren en jaren haar innerlijk doorknaagd had, haar van buiten -niet had aangetast. - -Ze was iets voller geworden, maar ze leek toch meer een oudere zuster -dan een moeder van Elly. - -Ze begreep zelf niet waarom ze met zooveel vreugde in zich dat -herdacht. - -Was haar vrouwelijke ijdelheid dan nog niet dood na zooveel leed en -zooveel vereenzaming? - -Ze durfde zichzelf daarop niet antwoorden, want diep, diep in haar -bleef onder misleidend zelfgepraat een vreugde trillen, dat ze toch -mooi was en jong en telkens kwam in een geheimzinnige gevoelswerking -weer vóór haar staan Varennes, de donkere mooie man. - - - - - - - - -III. - - -In de balzaal, vol en wazig doorgloeid van goud kroonlicht overviel -haar een duizeling, ze rook vreemde bloemengeuren; de muziek zwirrelde -klanken van een bekenden dans naar haar, streelend, bedwelmend, -lokkend. - -Een zacht geraas van stemmen zong als een zomerzee tegen -avondduinen. Ze hoorde om haar heen haar naam noemen, half in schrik -en verwondering; ze duizelde er zelve van. - -Maar ze herstelde zich heel gauw, zichzelf opdringend, dat ze alleen -gekomen was voor Elly. - -Elly liep even naar haar kennisjes toe, begroette die in stralende -vroolijkheid, kwam toen weer dadelijk terug om een paar goede plaatsjes -uit te zoeken. - ---Waar wil je nu zitten moesje? - ---Ja kind, beneden zooals je ziet, is alles bezet; zal ik dan maar -niet boven gaan op de galerij; daar kan ik je dan meteen goed zien. - ---Goed, goed, moesje, vroolijkte Elly en huppelde naast haar moeder -de trap op naar de galerij. - ---Vindt u 't hier nu heusch echt prettig, moes? Ja? Dan ga ik maar -naar beneden, dartelde Elly doorsnappend en tegelijk zich voorover -buigend om zoo het gezicht op de volle zaal te krijgen. - ---Best, kind; maar zul je niet al te lang achter elkaar dansen -lieveling? en je niet teveel vermoeien? - ---Neen, neen, neen, moesje. - ---Ja, ja.... - ---Och neen moesje! En wat moet ik nog meer niet doen? - -Lachend met dartele oogen en lief tartenden blik zag ze haar moeder -aan en drukte met onstuimige hartelijkheid haar hand. - ---Nou, dag moes. - ---Dag schat. - -Ze zat nu heel alleen, mevrouw Van Weelen, op de donkere galerij, -wat teruggeschoven als in vergetelheid. - - - - - - - - -IV. - - -Beneden haar woelde de roezemoes van lichte toiletjes, de heeren in -rok, zwart en gestrakt als kellners, de claque in de hand. Enkele -uniformen schitterden met zachte gloeiing van gouden vangsnoeren -tusschen de zwarte rokken en kleurige baltoiletjes. - -Mevrouw Van Weelen kon nog niet onderscheiden, zag niet anders nog -dan damp uitstralenden gloed van licht, hoorde den feestroes op haar -aangonzen; en onophoudelijk bleef ze getroffen door de streelend -zoete klanken van de zachte bedwelmende dansmuziek. - -Toch zonder te zien persoon voor persoon, voelde ze met een trotsch -zelfbewustzijn, dat haar Elly, haar mooie Elly daar tusschen die -menschenwemeling een heel lieve figuur was. - -Soms onder de lichtende voorbijzweving van dansende paren, meende -ze even haar gezichtje te zien, of de fijne blankheid van haar -kleedje. Maar dan plots zwierden weer nieuwe paren tusschen de -plek, waar ze haar dochtertje meende gezien te hebben en haar in, -tuurde ze met zoo groote inspanning, dat ze vermoeid en duizelig de -oogen sloot. Dan hoorde ze weer de lokkende streelklanken; de zoete -muziek begon in haar eigen ziel weer een zacht liedje van verlangen -te zingen. Er koortste een heet gevoel in haar. - -Als ze zich niet beheerschte zou ze zich wel dadelijk willen laten -gaan, zou ze de galerij willen afstappen, zou ze zich storten in het -gewoel der dansende paren. - -Zoo zat ze, de oogen van vermoeienis gesloten, de lokkende dansmuziek -in haar ooren, en voor haar weer het visioen van dien donkeren mooien -man, haar eigen jeugd en verrukking den avond, toen ze de wereld met -al haar wee en liefde voelde te kunnen omvatten te kunnen dragen. - -Had ze ook nu geen recht, koortste het in haar gedachten, op geluk, -op nieuwe ontroering. Was die rythmische dansmelodie om haar te -roepen om mee te drijven in dien zaligen stroom van verrukking, -die daar beneden haar uitging naar allen kant. - -Moest zij dien zachten zwijmel van tonenpracht niet meer hooren en -niet toegeven aan dat demonische verlangen om daar plots te gaan -tusschen die dansende wereld aan haar voeten, die gloeiende wereld -van weelde en uitbundigheid. - -Ze huiverde, ze rilde van angst voor haar eigen opstandig gevoel, -dat toch weer met smartelijk ingehouden drang moest sterven in haar -eigen ziel. - -Ze voelde geweldige hartbonsingen en een benauwing die haar als -deed stikken. - -O dat die duivelsche muziek zweeg, dat het orkest wegstortte uit de -zaal, dat ze niets meer kon hooren, niets meer kon zien, en dat toch -in haar ophield dat jubelend verlangen naar nieuw geluk en nieuw leven. - -Plotseling, overweldigd door een smartgevoel, zich niet langer kunnende -bedwingen, schreide ze zacht, opende ze haar oogen. - -Nu merkte ze, dat meer menschen op de galerij hadden plaats genomen. Ze -schrok bij het denkbeeld dat anderen haar ontroering hadden gezien, -haar ook misschien hadden bekeken terwijl zij weende. - -Was ze nu weer vergeten waarom ze eigenlijk hier bleef? Toch alleen -om Elly te chaperonneeren. Hoe kon ze nu zoo doen, zich zoo laten -kwellen en martelen door een innerlijken strijd, waarin ze toch zelf -altijd de nederlaag moest lijden. - -'t Soesde weer om haar heen, 't geraas en geroezemoes. - -'t Lang alleen zijn en het turen op de wemelende paren begon haar -te kwellen. - -Waarom kwam Elly haar toch niet eventjes aanspreken? - -Weer bleef ze een poos in stomme onbewustheid staren met achter haar -hoofd de lokkende roepstem van haar eigen verleden. - -Toen langzaam als uit een verdooving opklarend bemerkte ze, dat het -in de zaal leeg was geworden. - -Plotseling hoorde ze achter haar 't lief luiende lachje van Elly. - ---Moeder, mag ik u voorstellen? - -Elly stond voor haar met een slanken heer, wiens naam ze niet goed -gehoord had. Snel naar hem opkijkend voelde ze plotseling een schrik, -een verstomming die haar verlamde. - -Vlak voor haar stond de Varennes, ouder, ernstiger, maar met denzelfden -hartstochtgloed in de donkere geheimzinnige oogen. - -Hij bleef, niet merkend haar schrik, wat met haar praten, -complimenteerde haar over Elly's verrukkelijk walsen. - -Terwijl hij sprak had ze haar zelfbeheersching herwonnen, deed ze -niets dan beleefd glimlachen en ja knikken; ze voelde wel, dat ze er -bleek moest uitzien. - -Maar met haar sterkste wilsinspanning wou ze ontkomen aan lichtelijk -argwaan-gekijk van Elly. - ---Mag ik straks nog een dans van u hebben, freule? - -Even vreugde-gloeiden Elly's oogen. - ---Al mijn dansen zijn besproken, maar wil u een extra? - ---Heel, heel gaarne. - -Toen boog hij voor moeder en dochter en ging heen. - -Mevrouw van Weelen zag hoe Elly hem volgde met bewonderend en -liefkoozend kijken. Ze wist zelf niet meer wat ze voelde: verbazing, -schrik of angst. Plotseling merkte ze het liefkoozend handje van Elly -die ook streelde met haar stemmetje. - ---Nee moes, u mag nooit meer zoo alleen gaan zitten; ik heb aldoor -aan u gedacht onder het dansen. - ---Zoo lieveling, lispelde ze heel zacht. - ---Ach moes, niet zoo ernstig kijken, dat maakt u oud. - ---Dat ben ik tóch Elly. Jong zijn alleen zij, die zich jong voelen, -ik voel me heel oud. - - - - - - - - -V. - - -Ze bleven samen nog wat praten en Elly vertelde in onstuimige vreugde -van haar succes, dronk intusschen gretig van haar champagne frappé, -was zoo opgewonden dat haar moeder haar bestraffend aankeek. - ---Ik heb ook zoo'n dorst, verontschuldigde ze bangelijk. - -De pauze was om. - ---Nou moet ik weer weg, zuchtte Elly, de fijne plooien van haar -kleedje rechtschikkend aan haar lijf. - ---Zie ik er nog goed uit moeder, nog niet gefaneerd? - -En zult u nu eens echt naar me kijken? - -Zonder te hooren wat haar moeder antwoordde vlinderde ze naar beneden -de trap af. - -Balmoedertje zag nu onrustiger en gejaagder toe naar de dansers, -die zich weer schikten tot paren. - -Nu zag ze weer Elly's mooie gezichtje doorgloeid van verrukking en -opwinding. Nu zag ze scherper en klaarder dan ooit. - -Ze zag de blikken van verliefden elkaar kruisen. Ze zag het -kleurengewemel en ze hoorde het voetengeschuif en overal om haar -heen een gezwier en gezwirrel onder het gloeiend licht en de damp -van bloemengeuren, die haar weer in een zachte verdooving en een -zwijmelende versuffing brachten. Weer sloot ze de oogen. - -Nu brandde en gloeide er iets in haar ziel, verspringend door haar -heele lichaam, als wentelde een vonkenrad in haar. Ze voelde het -bloed kloppen in haar slapen; koorts rillen in haar wangen. - -Nu omsloop haar een eindelooze weemoed, een droefenis die haar een -sterfgevoel gaf. - -Plotseling verstomde de muziek, hoorde ze roepen: "eerste extra". - -In kramp omklemde haar vuist haar kanten zakdoekje. Nu zou het gebeuren -drong het klaar in haar op, nu zou hij komen, de man tot haar dochter, -zooals hij ook eens gekomen was tot haar zelve. - -Ze kreeg een stikkend gevoel in de keel; ze wou opstaan en roepen, -roepen haar kind. Ze wou zeggen wie die man was en haar onder den -brandenden adem van zijn hartstochtmond wegrukken. - -Maar ze zat verlamd, zonder kracht, zonder wil en zonder stem. - -Daar wiegde aan een streelend rythme van een wals. - -Elly, verrukt, zag ze in zijn armen, 't teere slanke lijf zacht tegen -hem aan, in een innige overgave van liefde.... - -Toen beefde een sluier neer voor haar oogen, voelde ze een wilde -vlammende verbijstering, een kou in de hersenen, 'n hitte in de hand, -'n angstige koorts in 't gansche lamme bevende lijf, zag ze voor haar -dichtgekrampte oogen niets dan een wilde horde van dansende paren, -omvlamd door een groenen gloed, vreemd en geheimzinnig voor haar -dichte oogen. - -En nog even in haar sidderende hoofd zong het geluid van streelende -violen.... - - - - - - - - -VI. - - -Dagen waren na den feestavond voorbij gegaan. - -Elly, bewust van haar succes, had genoten. - -En onder de genoodigden maakte men elkaar opmerkzaam op haar gracieuse -verschijning. - ---Dat meisje van Weelen is aardig opgegroeid, zij lijkt veel op haar -moeder.... alleen nog een beetje te slank, critiseerde een oude -dame, die haar gestadig, den face à mains tegen de oogen gedrukt, -had gadegeslagen. - -De Varennes, tot wien ze sprak, op Elly zijn aandacht vestigend, volgde -de richting waarheen de oude dame haar glinsterende oogglazen wendde. - ---Ze is inderdaad een aardige verschijning, mooier dan haar -moeder.... en er zit meer temperament in ook, antwoordde hij, -wat nerveus draaiend aan zijn klein Engelsch snorretje; en zich -wat tot de dame overbuigend, zag hij even op naar boven, waar hij -meende Emilie te zien, die met strakken kijk zijn blik doorstond, -en een opkomenden blos onderdrukte. - -Aan de Varennes was dat niet ontgaan. - -Het had hem even gegeven sensatie van gêne, nu hij zich plots den -lang vervlogen tijd te binnen haalde, en hij nam zich voor de kleine -van Weelen dien avond uit den weg te gaan. Het toeval bracht hem in -Elly's nabijheid, toen zij zich, terwijl hij in gesprek was met een -andere dame, aan deze liet voorstellen. - -En spontaan, zonder zich rekenschap te geven van zijn voornemens, -vroeg hij haar om een dans. Had iets in den argeloozen blik Elly's -bewondering verraden, dat hem, den Lebemann streelde?.... hij wist -het niet, hij dacht er ook niet lang over na. - -Het tijdperk uit zijn leven was door andere voorvallen zoozeer naar -den achtergrond geschoven en verbleekt, dat hij al spoedig over zijn -oogenblikkelijke verlegenheid heen kwam. - -En toen hij later Elly voor den dans zijn arm bood, was hij weer zich -zelven zoozeer meester, dat hij haar verzocht hem aan haar moeder te -willen voorstellen, met zich zelven overleggend dat dit correct was, -waar hij de dochter ten dans geleidde. - -Emilie's koele strakke houding, waarachter hij haar emotie speurde -prikkelde zijn ijdelheid meer dan hij zich bekennen wilde, en pogend -een opgewekt en eenvoudigen toon aan te slaan, vroeg hij Elly voor -een volgenden dans.... - - - - - - - - -VII. - - -Nu zat Emilie in haar stille huiskamer. - -Ze wachtte op de terugkomst van Elly, die met een vriendinnetje een -wandeling deed om te zien, of met den invallenden vorst, de ijsbaan -al geopend was. - -En nu in haar eenzaamheid doorleefde Emilie nog eens die oogenblikken -van felle smart, die haar niet meer los liet, sedert ze den man, -dien ze eens zoo hartstochtelijk had liefgehad, weer terug zag. - -Ze overwoog of het niet goed zou zijn met haar kind den Haag te -verlaten, en in het buitenland te gaan wonen. - -Een stem binnenin haar liet haar niet met rust. - -Nu weer de Varennes in haar levenslijn was getreden, was het of -daarmee al haar invloed op Elly was gebroken. - -Ze kon er zich om haten.... om die dwaze angsten, die haar vervolgden, -zoovaak Elly onder haar oogen uit was. - -Wat kon ze doen om haar kind te behoeden tegen een nadere kennismaking -nu hij weer in hun nabijheid was.... nu hij zich bewoog in de kringen -waarin ze Elly had ingeleid.... - -Het kind berooven van elken omgang met vriendinnetjes van haar eigen -leeftijd, het dwingen tot thuis blijven; of haar slechts veroorloven -uit te gaan in gezelschap van haar zelve....? - -Dat gaf haar een aspect van zoo een groote troosteloosheid, dat ze -de gedachte daaraan dadelijk van zich afzette. - -In haar leven van stille berusting was slechts één lichtpunt -geweest, dat er waarde aan gaf; het bezit van het kind. Elly was van -háár.... geheel van haar; en nooit had ze anderer inmenging gedoogd -bij de opvoeding. - -Heel bewust voelde ze elke nuance in Elly's karakter, het was of ze -den harteklop van haar kind beluisterde. - -Nu opeens scheen het haar anders geworden. - -Nu was het of, wat ze met zooveel zorg en opoffering had opgekweekt, -stuurloos in den maalstroom van het hedendaagsche leven werd gestooten. - -En dat maakte haar bang. - -Maar was Elly dan niet haar kind?.... Was Elly niet toegerust met -alles wat haar moederlijke zorg in een volmaakte opvoeding had kunnen -leggen?.... - -Zou Elly niet blijven wie ze was, al zou een ander haar liefde -winnen? Zou zij de moeder, daardoor den invloed op haar kind -verliezen?.... - -Zij voelde een beklemming om haar hart, een smart, die haar in de -keel kropte, en zich schamend voor haar egoïsme, wischte ze snel een -traan uit haar oogen. - -Het was al te gek.... - -Toch wist ze heel zeker, dat in Elly's en haar eigen leven -een nieuw tijdperk was ingetreden. Zij zou zich nu niet langer -kunnen laten gaan in het gelukkige bezit van het kind. Ze zou nu -wáken.... waarvóór.... dát wist ze zelf niet. - -Maar het was of iets haar Elly bedreigde, dat had zich in haar denken -vastgezet, van den eersten dag af, dat ze Elly als volwassen meisje, -de wereld inleidde. - -Een lichte schok doorvoer haar toen de electrische schel klaterend -de stilte scheurde. - -Dat moest Elly zijn.... - -Nu al?.... - -Ze zag op de pendule. - -Vroeger gaf het haar sensatie van groot geluk, begon haar hart -sneller te kloppen, als ze de vlugge pasjes in de gang hoorde, en o -die verrukking.... als daarna de deur open ging en Elly naar binnen -stortte, in blijden jubel de beide armpjes om haar hals knelde, -en haar overdekte met gloeiende kussen. - -Nu, om zich een houding te geven verschoof ze de kleinigheden op -tafel, en ze nam nerveus het handwerk op, dat voor haar lag, den -schijn aannemend dat ze druk er aan werkte. - -Elly, met hoogroode kleur, en doortrokken van de frissche winterkoude, -die in haar kleeren hing, kwam opgewonden op haar moeder toe, omhelsde -haar onstuimig, wierp daarna hoed en mantel op een stoel. - ---Hier moes.... een bosje gele margarieten voor u.... - ---O.... heerlijk!.... dank je wel. - -En vluchtig Elly aanziende vroeg ze: --Nu al weer terug?.... was de -ijsbaan nog niet geopend.... of had je het te koud?.... - -Het was of Elly's gedachten vervuld waren van iets anders. Even -wachtte ze voor ze antwoordde. - ---O.... ja.... moeder.... de ijsbaan is wel geopend.... maar ik had -geen lust om langer te blijven ik had mijn schaatsen nog niet bij -me.... Zal ik eerst de bloemen in het water zetten?.... - -Emilie knikte, zag peinzend de stille straat in, waar de lantarens -werden opgestoken en kwijnden in den dikken wintermist. - -Elly, bedrijvig, schikte de gele bloemen in een vaasje, zette zich -toen tegen haar moeder over aan de tafel. - ---Het was jammer.... nu heb je niet kunnen rijden.... zei mevrouw -het gesprek weer vervolgend. - ---O.... ik heb toch nog even de schaatsen van Mies onder gehad.... en -een baantje gereden. - -Emilie voelde haar handen klam worden, en stroef ging de naald door -het ijle gaas. - ---Zal ik even thee zetten.... moeder?.... vroeg Elly alweer van haar -stoel wippend. - ---Ja wil je....? het water kookt. - -Het fijne porselein rinkelde zachtjes onder de aanraking van Elly's -rappe handjes, verbrak even de spannende stilte. - ---Was het druk op het ijs?.... en heb je geen kennissen ontmoet?.... - -Mevrouw van Weelens stem klonk vreemd heesch, en wat onthutst zag -Elly haar aan. - ---Ja.... het was er heel vol.... en kennissen vind je er altijd. Het -weer was ook bijzonder mooi. - ---Met wie heb je gereden....? - -Die rechtstreeksche vraag klonk Elly zoo vreemd van ingehouden -emotie, dat ze even werkeloos bleef, haar moeder met groote oogen -aanstarend. Dan snel op haar toetredend sloeg ze de armen om Emilie's -hals, en zag haar vorschend aan. - ---Moeder wat is er....? U doet zoo heel anders dan gewoon.... er is -iets.... dát weet ik zeker.... toe zeg 't me.... - -Mevrouw van Weelen gaf Elly haar kussen terug, weerde haar zachtjes -af. --Er is niets kindje.... wat zou er zijn....?.... Maar, zie je -nu je groot bent.... een volwassen meisje.... een jonge dame.... nu -is alles zoo anders geworden. Je bent nu geen kind meer.... en.... - ---En....? vorschte Elly. - ---En nou ben ik bang, dat je me niet alles meer zoo vertelt, -als je vroeger deed. Het is nog zoo noodig, dat ik je in veel -dingen raad.... een meisje, dat pas uit gaat moet heel voorzichtig -zijn. Jij kent de wereld nog niet, en ik maak me wel eens ongerust, -dat er verkeerde dingen gebeuren.... dat je bij voorbeeld wat te veel -uitgelaten bent, je te veel laat gáán.... dat kan nu niet meer.... het -wordt soms door anderen verkeerd uitgelegd. - -Een kilte viel plots over Elly nu ze haar moeder zoo tot haar hoorde -spreken; en Emilie zelve speurde iets van het ongerijmde van haar -betoog, waarvoor ze woorden koos, die ze eigenlijk niet bedoelde. - -Waarom kon ze niet recht op haar doel afgaan.... en Elly zeggen wat -haar met zooveel vrees vervulde. - -Er was nu iets tusschen haar beiden gerezen, dat de beide vrouwen -heel bewust voelden.... - ---U moest maar altijd met mij meegaan, moes...., u bent veel te jong -om zoo teruggetrokken te leven, zei Elly. - -Voor het eerst beschouwde Elly haar moeder met den critischen blik -van vrouw, en het viel haar op hoe jong haar moeder er uit zag, -in het zwart fluweelen kleed, dat haar mooie vormen vast omsloot, -en op zijn voordeeligst deed uitkomen, den welgevormden hals en de -armen vrijliet. En in het tot vollen bloei gekomen meisje ontwaakte -de gedachte, dat haar moeder voor háár zich had teruggetrokken uit -de wereld. - -Ook zij had nog recht op geluk.... bedacht Elly zich. - -Ze had die wondere stemming in den laatsten tijd al vaker -opgelet.... En een heel diepe smart vlijmde door Elly's ziel.... Een -smart, die wortel schoot naast een tot leven gewekt geluk, waarvan -Elly zich nu bewust werd. - -Dreigende stilte hing in de kamer. - -Mevrouw van Weelen lei haar werk op de tafel, en zoo, de handen -over elkander gevouwen, staarde ze voor zich uit naar buiten, in de -grijsheid van den winternamiddag. - -Een enkele ster twinkelde flauwtjes aan het uitspansel, en de -voetstappen van zeldzame voorbijgangers in de stille straat, klonken -hol of deden de aanvriezende rijp knerpen onder hun druk. Heel in de -verte ronkte een vrachtwagen over den hardbevroren weg. - -Het waren vertrouwde geluiden, die haar niets zeiden.... Waarom -vandáág, stemden ze haar tot weemoed....? - -Ze had Elly in haar armen willen nemen, haar koesteren, als ze in de -kinderjaren deed, en haar willen sméken.... maar.... wàt.... ? Hoe -moest ze het onder woorden brengen wat haar de keel toekneep van -smart....? - -Het zwijgen maakte de stemming broeierig. - -Emilie voelde de beklemming er van, stond op, wat in de kamer -verschikkend, en liep door de breede suitedeuren naar het kleine -serretje, waar haar werkmandje stond. Toen ze zich een oogenblik -later omwendde, en in de schaduwachtige duisternis van de door een -straatlantaren verlichte kamer schouwde, zag ze bij het verglommen -theelichtje Elly's figuurtje silhouetteeren en in het vage schijnsel -ging Elly's hand naar het vaasje met margarieten. - -Vlug, als vreesde ze op heeter daad betrapt te worden, trok -Elly een bloem er uit, die ze ontbladerde.--Il m'aime.... un -peu,.... beaucoup,.... tendrement,.... passionnément.... par -caprice.... par fantaisie.... point du tout. - -Het was voor Emilie een openbaring; een even schouwen in het diepst -van Elly's ziel. - -Ademgespannen volgde ze van uit haar donkere schuilhoek elke beweging -van Elly's rappe handen.... en ze zag de margariet van haar kleine -lansvormige blaadjes berooven, die nu gouden tipten op het donkere -tafelkleed. - -En als een orakel suisde het van Elly's lippen, nu nog eens, terwijl -heel haar denken zich op den uitslag spitste:--il m'aime.... un -peu,.... beaucoup,.... tendrement,.... passionnément.... par -caprice.... par fantaisie.... point du tout. - -Emilie, zelve tot het uiterste gespannen, de oogen sperrend, de -blaadjes tellend die er nog over bleven; liep de uitkomst al vooruit. - ---Il m'aime.... un peu,.... beaucoup,.... tendrement.... -passionnément!! - -Het was met een kreet van geluk, dat Elly bij het laatste woord, -waar haar levensgeluk op het oogenblik voor haar van af hing, het -bloemblaadje afrukte. In haar hand lag de knop, die zij in extase -aanzag en dan hartstochtelijk aan haar lippen drukte. - - - - - - - - -VIII. - - -Verlamd aan al haar leden sloop Emilie onhoorbaar weg, de kamer -uit.... en als een vernielend wiel, ratelde in haar leeg hoofd rond -de vreeselijke waarheid--passionnément.... Het was of zij het leven -uit zich voelde wegvloeien....--dus toch....? - -Ook dit zou haar niet bespaard blijven.... - -In de slaapkamer viel ze op een stoel neer.... de oogen verdwaasd -voor zich uit.... dan weer zich paaiend met het belachelijke van -haar supposities.... gewekt door het onnoozele kinderspel. Moest ze -daarnaar haar conclusies, maken....? - -Toch weer dadelijk er na vlijmde in haar het bewustzijn, dat er iets -was met Elly.... en dat dat iets verband hield met de Varennes. - -Het ontzettende voorgevoel kon haar niet bedriegen.... - ---Teleurgestelden hechten aan voorgevoelens.... schamperde ze. - -Had niet dagen lang een vreeselijke onrust, die zij voor Elly -verheimelijkte haar vervolgd....? Een gewicht, dat haar dreigde te -verpletteren, was nu met een smak op haar neergekomen. - -Telkens tusschen haar snikken door, lachte ze overluid, riep ze Elly -met haar liefste namen. In haar verbeelden streelde ze haar meisje -over de blonde haren, voelde ze zich een oogenblik heel zeker van het -kind.--Neen,.... Elly doet het niet.... Elly is nog altijd mammie's -kindje.... Elly.... nee hé.... Elly wil niet....? - -En tusschen haar tranen door in verteederd lachen, als lichtte voor -haar oogen een heerlijk visioen, zag ze Elly weer van háár.... liet ze -zich gaan in krankzinnige opwinding de armen tegen haar borst gekneld, -als drukte ze daarmede Elly tegen zich aan,.... om dan opnieuw uit te -barsten in moedeloos snikken, en zij weer terug viel in den toestand -van hopeloosheid. - -Want zou niet--waar ze zich even in verkneukeld had--beteekenen het -prijsgeven van Elly's levensgeluk....? - -En zou ze ten koste van Elly.... het hare willen koopen....? - -Ze sloeg in starre wanhoop de handen voor het hoofd. - -Dát.... mocht toch niet.... dát.... niet. - -O die ontzettende pijn diep in haar waar het schroeide al heviger, -waar de adem stokte! - -Even klaarde een lichtstraal in de ondoorgrondelijke duisternis -van zwarten nacht.... indien.... indien.... ze zich eens -vergiste....? Indien het eens een ander gold dan de Varennes....? - -Bestond de mogelijkheid niet evengoed, dat Elly gecharmeerd was van -een van hun andere kennissen....? - -O.... hoe zou dat het aspect veranderen....! Ze zou dan uit die -grondelooze diepte van leed worden gevoerd in een oneindigheid -van geluk! - -Als ze die mogelijkheid overwoog, sperden zich wijd haar oogen, -was het of ze waanzinnig zou worden van vreugde om Elly's geluk. - -Hoe zou ze dan het kind op haar knieën om vergiffenis smeken voor -het gedane onrecht. - -Maar dadelijk liet ze die hoop weer varen, in half zeker weten.... en -zich opnieuw inlevend, in die afgrijselijke smart, viel ze terug in -argwanend denken. - -Zou ze ooit den moed hebben haar kind het pas verwonnen geluk te -ontrukken....? - -Zou ze Elly de giftdruppels één voor een in de ziel kunnen -storten....? Haar zeggen.... dat.... de man, dien zij vergoodde.... ook -eens in gloeiende taal aan háár.... haar moeder, zijn liefde had -beleden....? - -Zou ze Elly kunnen zeggen, dat.... ze hem eens zoo grenzeloos had -lief gehad.... dat ze nu nóg.... - -Weer omsloop haar een eindelooze weemoed, een droefenis, die haar -sterfgevoel gaf. - - - -En plots werd het klaar in haar, voelde ze het als een plicht, -zichzelf te vergeten om het geluk van haar kind. - - - -Indien de Varennes eens werkelijk Elly beminde....? - -Die gedachte alleen wondde haar zoo diep, sneed zoo vlijmscherp -door haar ziel, dat ze een physieke pijn voelde, die haar ineen -deed krimpen. - -Zou dat niet de voltrekking zijn van een vonnis, wreeder dan de dood? - -Zij, die meende, dat haar leven dor en vreugdeloos was voorbij gegaan, -kwam tot het besef, dat zij eerst op dit oogenblik stond voor de -poort van bovenmenschelijk lijden, werwaarts het lot haar gevoerd had. - -O.... niets.... niets.... was de vereenzaming geweest van haar -jeugdleven, vergeleken bij wat ze nu doorstond. - -Hoe had ze zich laten gaan in zelfbeklag om die vervlogen jaren, -toen ze met Elly weer in de wereld van vermaken terugkeerde.... - -En het waren jaren van opperste geluk geweest, die zij niet had geteld, -die haar lieten in het volle bezit van haar kind. - -En in die groote leege wereld niemand te bezitten; aan wien ze -haar smart kon uitzeggen.... Ze moest er zelfs voor waken, dat haar -geheim ongerept bleef, wilde ze zich niet prijs gegeven zien aan spot -en hoon.... - -De levensschool had haar geleerd zich te beheerschen, nu ook zou ze -het noodlot moedig het hoofd bieden. - -Haar mond vertrok tot een pijnlijk lachje:--de overwinning in den -zielestrijd.... - -Zij drukte nog eens de handen op het fel kloppend hart, als wilde ze -het daarmee het zwijgen op leggen.... De zege was haar. - -Daar wielde weer het dreunend rad in haar hoofd.... - -Ze stond op.... en bleef besluiteloos staan. - -Zou het mogelijk zijn, dat ook nog dit van haar gevraagd werd....? - -Soms ondanks haar zelve, glimpte nog wel vaag de hoop, dat zij zich -vergiste, vluchtig als een lichtende ster voor haar óp.... maar -dadelijk schudde ze beslist het hoofd. - -Dat was wel niet te denken.... - -Het lot had haar in niets gespaard.... ook hier zou ze den lijdensbeker -wel tot den bodem moeten ledigen. - -Geen zegenwenschen waren bij haar eigen huwelijk door een moeder -uitgesproken, koud en stug verliet ze het ouderlijk huis, en kil was -de tijd geweest van haar verloving. - -Daarna die huwelijkstijd met van Weelen.... - -O.... ze had hem geacht om zijn zuivere genegenheid, en zijn -onbaatzuchtigen troost, maar hij de man al ondermijnd door een -verheimelijkt borstlijden, had bij haar een groot deel van haar liefde, -van haar opbruisende passie latent gelaten. - -Dat was geworden binnenin haar als een vulkaan, die op uitbarsten -stond.... totdat de tijd die drang in haar had beheerscht. - -Daarna was gekomen dat leven van stille berusting, een passief -aanstaren van wat om haar heen plaats greep, zich beschouwende als -niet meer een deel uitmakende van den in rondedans van weelde opgenomen -kennissen en vroegere vrienden. - -En heel beslist bekende ze zich, dat haar leven was geweest een -mislukking. - -Zoovaak ze daaraan terugdacht werd zij met bitterheid vervuld. - -Zou ze nu ditzelfde over Elly, háár eenige lieveling, brengen....? - -Dat wilde ze niet. - -Elly zou ze den weedom van een verongelijkte liefde besparen. - -Indien het noodlot het kind een gelukkig huwelijk ontzegde.... het zou -niet zijn door haar.... Passionnément.... wees het laatst overgebleven -blaadje aan de ontrafelde bloem.... wie weet.... - - - - - - - - -IX. - - ---Moeder.... u laat me alleen met de thee zitten....! - -Het was Elly's klokheldere stemmetje, dat klaterde door het huis. - -Vergiste ze zich....! Of klonk er een ongekende jubel, een toon, -die opsteeg recht uit het hart, in de stem van het kind....? - ---Waar blijft u....? Ik heb al zoo lang voor u ingeschonken. - -En in onzekeren tast gingen Elly's handjes zoekend rond, nu ze de -deur open deed en in de donkere slaapkamer trad. - ---Ik kom lieveling.... ik had het licht al uit gemaakt.... wacht -maar even.... - -Het gas plofte lichtend in de met rose zijde omkapte lamp, boven de -tafel, en de vriesbloemen op de ruiten vonkelden geheimzinnig tegen -den achtergrond van fluweelen nacht buiten. - ---'t Is koud hé....? zei Emilie toen ze zag dat Elly rilde. - ---Ja.... en beneden is het zoo lekker warm.... antwoordde Elly terug. - ---Ja, ik ga ook met je mee.... - -En Emilie deed of ze naar iets zocht in haar linnenkast. - -Elly keek aandachtig naar het portret van haar vader, dat hing boven -de kleine schrijftafel tegen het wit gelakte ledikant over. - ---Vader was wel heel jong, he moes.... toen hij met u trouwde.... - ---Ja heel jong.... nog iets jonger dan ik.... - ---Onbegrijpelijk.... zei Elly peinzend. --Ik zou nooit met zoo een -jongen man willen trouwen, ze zijn dan nog zoo echt een jongen.... - ---Vind je dat....? Wat zou jij dan willen....? - -Emilie schrikte even voor de vraag, die haar ontviel. - ---O....ik zou iemand willen hebben, die heel veel ouder is dan -ik.... Ik kan me niet indenken, dat ik trouwde met een van de jongens -van mijn school vroeger.... stel u voor....!--En Elly barstte uit in -een onbedaarlijk gelach. - -Mevrouw keek haar even oplettend aan, zag de roode vlekken, die haar -wangen schroeiden.... - ---Je kunt zoo iets nooit te voren zeggen.... Elly.... Het loopt -meestal anders dan wij ons voorstellen.... Ga je mee....? - ---Ja. - -Elly hield het kettinkje, dat hing onder aan de lamp, in haar hand. En -zoo met nog een langen blik op het portret van haar vader, vroeg ze.... - ---Uit doen....? - ---Goed, doe maar uit.... er is nu wel licht op de gang.... - -Ze gingen samen naar beneden, waar koesterende warmte uit de huiskamer -hun tegensloeg. - ---Drink nu maar gauw uw thee.... dan schenk ik u een warm kopje -in.... u bent koud geworden.... u ziet heel bleek. - -Emilie lachte geforceerd die zorgen weg.... het zou dadelijk wel over -zijn, als ze bij de warme kachel zat.... En meteen zag ze hoe Elly's -oogen vluchtigden over de margrieten op tafel. Ze nam het boek waarin -ze des avonds voor den eten meestal een uurtje las, en bladerde er -wat in. - -Elly liet zich met een zucht in een stoel bij de tafel neer. Het was -of iets haar drong tot spreken, meende Emilie die haar werkeloos de -handen zag vouwen over het handwerk, dat ze juist had opgenomen. - ---Het was toch wel vreeselijk voor u, moes.... vader zoo vroeg te -verliezen.... verbrak Elly de stilte. Hield u erg veel van hem?.... - -Mevrouw zag even verwonderd op. --Zou je denken, dat ik anders getrouwd -zou zijn....? - ---Ja.... natuurlijk.... u zou niet met iemand kunnen trouwen als u -niet dolveel van hem hield.... dat weet ik positief. Ik zou het ook -niet kunnen--gelukkig, dat u mij toen had hé moes... anders.... - -Mevrouw lachte witjes.... - ---Anders.... was het leven nóg eenzamer voor me geweest....lieveling. - ---Ja.... ondenkbaar.... u had u niet zoo uit de wereld moeten terug -trekken.... en u niet zoo heelemaal wijden aan mij alleen.... - -Ze hield even op, dan nadenkend zei Elly heel beslist.--Als ik ooit -trouw blijft u altijd bij me.... he moes? - -Het ontging Elly, dat haar moeder nog bleeker werd, en ze vervolgde: - ---Ik zou nooit willen trouwen als u niet bij me bleef.... wij hooren -nu eenmaal bij elkaar.... ik zou het niet over me kunnen verkrijgen -u alleen te laten.... - ---Dat zou toch moeten.... lieveling.... jonggetrouwden behooren aan -hun lot over gelaten te worden.... Het is niet goed als derden er -bij gaan inwonen. - ---He!.... maar u toch wel....? U bent zoo heel anders als alle andere -moeders.... en wij zijn eenmaal onafscheidelijk van elkaar.... u zou -die Dritte im Bunde zijn.... Als u niet bij me bleef zou ik nooit -willen trouwen.... - -Een heel ernstig trekje plooide zich om Elly's mondje. - -Mevrouw van Weelen voelde weer die stekende pijn onder haar -borst. Vreemd, dat Elly juist vandaag haar gesprek in die richting -voerde.... - ---Als het zoover is dan komt dat allemaal wel terecht Elly.... Een -meisje, dat trouwt, behoort heelemaal aan haar man, dan heeft ze -zooveel nieuwe verplichtingen, dat ze haar moeder gewoonlijk wel -missen kan. - -Onwillens lag eenige bitterheid in den toon waarop mevrouw van Weelen -tot haar dochtertje sprak. - -Maar Elly, teveel vervuld van eigen gedachten, ontging die nuance. - -Haar denken spitste zich op het eene vreeselijke.... zich te moeten -scheiden van haar moeder en dat leek haar onmogelijk. - -Met vrouwelijke intuitie en het uiterst fijne doorschouwen, stond -plots het toekomstbeeld als een voldongen feit in den gedachtengang -van mevrouw van Weelen. - -Ze wilde nu zelve van Elly een verklaring uitlokken. - -De bange twijfel die tot bijna zekerheid was gegroeid, liet nog altijd -een kans.... - -En ze wilde weten. - -Maar hoe zou ze Elly tot een volledige bekentenis brengen....? - -Daarvoor moest ze een intiem oogenblikje afwachten.... - -Het dienstmeisje tikte aan om te dekken. - ---Neen, nu ging het niet. - -Ze zou telkens onderbroken worden in haar gesprek, en ze wilde Elly's -aandacht onverdeeld bezitten. - -Ze moest aan allerlei buitenliggende factoren, aan de geringste -buiging in Elly's stem de waarheid toetsen.... want voor het eerst -in haar leven leek het haar of Elly iets verheimelijkte. - -In de jarenlange afzondering van droeve levensvereenzaming, had ze -zich gehouden buiten elke aanraking met de mondaine wereld, was het -voor haar geworden of die niet bestond, niet essentieeler dan een -sprookje, dat haar nog wel eens vluchtig inviel, en weer dadelijk -vervaagde, soms toch wel even haar aandacht gevangen hield. - -Dan was het of zij toefde in een wereld, die lag buiten haar eigen -levenssfeer, die voor haar geen geheimen verborgen hield, die evenwel -nooit haar innigste innerlijk beroerde. - -Nu werd dat plots anders. - -Nu drong verbeelden weer innige momenten op, levensstoeten van jeugd, -liefde, en geluk. - -En ze besefte heel klaar, dat in die jaren aan den algemeenen toestand -niets veranderde, dat haar Elly een meisje was als alle andere, zij -zelve een vrouw als alle andere. Hoe had ze zich kunnen laten gaan -in zelfbedrog.... die vele vele jaren lang.... dat ze zich waande -losgescheurd van wat aan het leven bond, opgaand in het bestaan van -het kind, waarin ze zag louter voortbestaan van haar zelve. - -En thans drong zich het leven aan haar op in felle kleuren. - -Was het niet ontzettend een rivale te zien in haar eigen kind....? - -Als ze zich eventjes deze waarheid indacht, een oogenblik het masker -van zelfbedrog aflegde, stroomden haar de tranen langs de wangen, -en hulde ze zich weer in haar schijn van niet weten, die haar het -veiligste leek. - -Ze wilde sterk zijn en overwinnen. - -Elly zou nooit mogen weten. - -Dien nacht sliep ze niet, de slaap ontvlood haar oogen. - -En in die oogenblikken van alomme stilte, beluisterde ze de rustige -ademhaling van haar kind, - -O.... als Elly eens vermoedde hoe groot een smart thans haar ziel -vervulde ....! Ze zou wie weet afstand doen.... om wille van haar -moeder. - -Even gloorde een glimp van hoop in haar duistere ziel. - -Maar dadelijk vertrok haar mond in smart. - -Nooit zou Elly mogen weten wat er eens bestaan had tusschen de Varennes -en haar. - -Zij voelde, dat dit een schaduw zou werpen, die niet meer wijken kon, -zelfs niet voor de teederste toewijdingen der liefde. - -En ze keerde tot zich zelve in met het vaste voornemen--er mocht -gebeuren wat er wilde--getrouw te blijven aan haar genomen besluit. - -Als er een offer geeischt werd, zou zij dit zijn, mits.... de Varennes -haar Elly waarlijk liefhad. - - - - - - - - -X. - - -De winter trok voorbij met vlagen van hagel en sneeuw, en -daartusschenin enkele mooie dagen van heldere vrieslucht; een dartel -zonnetje, dat het al overschaterde, brak soms vriendelijk door. - -Op een van die zonnige winterdagen, dat drommen zich voortspoeden -naar de ijsbaan, en een voortdurend getinkel van overvolle trams in de -ijle lucht weerklinkt, dat te allen kant een juichklank opschatert van -vreugde en jolijt, bewoog Elly zich te midden der kleurige en fleurige -figuurtjes, die daar voortgleden over het spiegelgladde ijsvlak. - -De muziek van de jagerskapel blies de vroolijkste wijsjes, waarop -het goed was zich te laten gaan, méé, in den rythmischen zwier, -waarop ze wel allen leken voort te zweven, met sierlijke streek. - -Op een van die middagen dáár leek het Elly, al vroeg van huis -weggegaan, of er, heel onbestemd nog, een vreugdetuimel in haar viel, -dien ze zich niet verklaren kon. - -Met verschillende kennissen had ze een baantje gereden, toen ook de -Varennes op haar toetrad en haar vroeg met hem te rijden. - -Ze zag òp gansch niet verrast, doch wel met iets van die groote -verrukking in haar blik, die haar weer verraadde. - -En toen zij haar hand lei op zijn arm had ook hij een diepen blos. - -Ze merkte het; een onuitsprekelijk gevoel van blijheid doorvoer haar. - -Dien verderen middag bleven ze samen, en het ontging hun niet, dat -zijdelingsche blikken wel van hier en daar op hen gericht werden, en -dat ook een enkele, met zeker welbegrijpen haar, in het voorbijgaan, -wat langer aanstaarde dan hoffelijkheid toeliet. - -Maar in stede van haar te ergeren, aanvaarde dit Elly als een triomf. - -Zij genoot en voelde zich gelukkig, en een zaligheid zwol in haar, -die haar duizelen deed, zoovaak, bij de een of andere oneffenheid, -zijn hand zich wat vaster sloot om de hare, of hij in een zich -aangewende gemaniereerdheid, zijn arm om haar middel boog. - -En nu wel wat moe noodigde hij haar uit in het tentje uit te rusten. - -Ze vond het dol, zooals ze opgetogen antwoordde, en samen in een -hoekje gescholen, slurpten ze de warme thee, die hij voor hen beiden -besteld had. - ---De Varennes maakt dat meisje van Weelen wel ernstig het -hof,.... zeiden enkelen, die in stillen afgunst hun veel samenzijn -dien middag hadden opgemerkt. - -Sommigen wisten zich te herinneren van vroeger.... vertelden elkander, -dat heel lang geleden.... hij zijn hof aan de moeder gemaakt had.... - -En in hun diepst doorschouwen van wat daar bloeide in die ontluikende -meisjesziel, geloofden ze, dat het nu wel ernst zou worden.... hij -kon toch niet na de moeder ook weer de dochter compromitteeren. - -Hij had vele groote en kleine zonden op zijn kerfstok, maar het werd -hem, den wereldman, te gaarne vergeven. - -In de Residentie bleef hij een geziene figuur, hij behoorde tot de -uitgaande wereld, en hoewel zijn verblijf in den Haag een gaping -vertoonde van vele jaren, scheen het wel, sedert hij er in terug -keerde, of hij altijd met zijn innemenden glimlach en de bekoring -van zijn fluweelen oogen de uitgaande wereld begunstigde. - - - - - - - - -XI. - - -Onder het intiem samenzijn bij het theedrinken vroeg de Varennes Elly -of hij haar moeder een bezoek mocht komen brengen. - -Schoon zij deze vraag had verwacht gaf het haar een schok. - ---Ja, mama zal u zeker met genoegen ontvangen.... aarzelde ze, -omdat haar plots inviel, dat Emilie zich steeds zoo van anderen -afgezonderd hield. - -Maar zou het niet enkel zijn voor dezen éénen keer, overwoog -ze. Slechts eens kon hij belet vragen, en als hij later zijn bezoek -nog eens herhaalde konden ze wel niet thuis geven. - -Een pijn vlijmde bij deze overweging even door haar ziel. Waarom had -mama zich toch zoo teruggetrokken....? Hoe heerlijk zou het zijn als de -Varennes nu eens bij hen zooals bij alle andere families, na het eerste -officieele bezoek, kon inloopen of 's avonds eens thee kwam drinken. - -En het vooruitzicht daarvan joeg Elly al een blos naar de wangen. - -Toch, zooals zij leefden leek het haar een onmogelijkheid. - -Soms overviel het jonge meisje een stille gedruktheid als ze die -dingen overwoog. Was het niet of er iets in mama's leven bestond -waarom ze zich zoo van allen terugtrok....? - -Als Elly daaraan dacht kromp ze van smart in elkaar, dan leek -het of ze haar moeder door die gedachte alleen groot onrecht -aandeed. Neen.... neen.... dat kon niet.... er moest iets anders -zijn, een groote smart, die haar moeder voor haar, Elly, verborgen -hield.... en ze nam zich voor er Emilie naar te vragen. - -Nu, terwijl ze met de Varennes keuvelde, zij zich gevleid voelde -door zijn voorkeur boven die vele andere meisjes, die hij zelfs met -geen blik verwaardigde, drong dat zonderlinge gevoel weer in haar op, -verdofte even het geluk van het heerlijke oogenblik, dat zij zich liet -gaan in zijn bijzijn, maar zijn aanwezigheid verhelderde alles weer. - -Het bleef van een onuitsprekelijke zaligheid voor Elly en telkens, -opnieuw zonder dat zij het wilde, rustten haar oogen op de Varennes, -ontmoetten hun blikken elkander. - -Er groeide dan een gloeiende blos, die heel den verderen middag op -haar wangen bleef. - -Aangemoedigd door die verlegenheid, die de Varennes aanbiddelijk vond, -rekte hij het uurtje totdat de avond viel. - -En in dat plotse licht, dat in tooverschijn heel de spiegelende baan -overdekte, zag hij Elly als iets bovenzinnelijks, dat hem gevangen -hield, hem bekoorde. - -Hij gaf zich geen rekenschap van de feiten.... controleerde niet -zijn gevoelens.... liet zich slechts gáán in de betoovering van -haar aanwezigheid. - -Hij liet het gebeuren, dat de menigte zich terugtrok van de baan, -de drommen ebden in den fantastischen schijn van het electrische -licht.... terwijl hij daar nog altijd zat, in stille beschouwing van -Elly, daar tegen hem over. - ---Ik geloof, dat het toch wel tijd wordt om naar huis te gaan.... mama -zal ongerust worden over me.... als het zoo laat wordt.... verbrak -Elly de stilte, die al een poosje hing tusschen hen in. En ze zag op -haar horloge. - -Willen we afspreken voor den volgenden dag....? - ---Ja zei ze verheugd. - -En in weerwil van zijn overwegingen, vroeg hij haar spontaan, of hij -haar thuis mocht brengen. - -Een troep meisjes, in uitbundig gelach, stortte plots het zaaltje -binnen en verbrak hun gesprek. - ---Nee.... maar Elly.... riep er een.--Heb je wel gezien hoe laat het -is....? Ga je mee....? - -Iets verlegens kwam er in Elly's houding, toen ze daar bij de Varennes -stond, en nu die vriendinnetjes in juichpret om zich heen. - -Ze wilde eerst nog zeggen, dat meneer de Varennes haar thuis zou -brengen.... maar haar vriendinnetje, een donkeroogig bij de handje, -hield aan. - ---Kom.... je gaat nou toch mee....? samen uit.... samen thuis.... - -De Varennes overwoog, dat hij moeielijk Elly van die anderen zou -kunnen afzonderen, en met haar alleen mee te gaan, leek hem ook een -weinig ongepast. - -Dan.... als onder een onuitgesproken overeenkomst, stak hij Elly -zijn hand toe, zag haar aan, streelde haar met den blik van zijn -fluweelzwarte oogen, die haar even duizelen deed. En onder zijn -suggestie gaf ze hem zijn groet terug met een stille gelofte voor -den volgenden dag. - - - - - - - - -XII. - - -Nog enkele dagen van ijsvreugde volgden op den bewusten avond, deden -Elly leven in een roes van genieten. - -'t Scheen wel of er nooit een einde zou komen aan den heerlijken tijd. - -Zoodra zij zich de schaatsen onder gebonden had, kwam de Varennes op -haar toe, het was of iets binnenin haar versprong als ze hem hoorde -naderen. En heel den langen dag of avond bleven ze samen. - -Elly voelde het als een weelde, dien lichten druk van zijn arm om -haar middel en 's nachts dróómde ze er van.... leek het haar een -voortzetting--in haar zonnig verbeelden--van den gelukszwijmel des -daags, waarin ze leefde ver weg van de werkelijkheid,.... zich latend -gaan in dien vreugdetuimel, die geheel haar denkleven beheerschte. - -Met opgewonden kleur, de oogen tintelend van genot, vertelde ze -Emilie van haar triomfen.... Een avond had zij met de Varennes, -bij een wedstrijd, een tweeden prijs gewonnen: een zilveren -damescigarettenkoker. - -Emilie, door een zware bronchitus aan huis gebonden, zag slechts -noode Elly, onder geleide van kennissen, die avondfeesten meemaken. - -Ze wilde het kind deze genietingen van enkele dagen niet ontzeggen. - -En toch.... - -Toch begon haar hart luide te kloppen als ze het geschal van de auto -hoorde, die haar Elly weer terugbracht. - -En heimelijk verlangde ze naar het slot van al die ijsvermaken, waaraan -dezen winter geen einde scheen te komen: elken dag weer hetzelfde. - -'s Morgens kwijnde een dikke mist door het bladerlooze geboomte van -het bosch; maar wat verder op den dag zeefde de zon haar heldere -stralen er doorheen, tooverend de afgevallen bladeren op den grond -tot een tapijt van louter goud en brons. - -De wind, in den ochtend nog wat koud en scherp, legde zich bij het -avondvallen. - -Enkele graden vorst, gedurenden den nacht, deden telkens het ijs -weer aanvriezen. - -Toen.... op een dag, las Emilie, die ijverig de weerberichten in de -dagbladen volgde, dat de wind naar het Zuiden keerde. - -De dooi zou invallen.... - -Een jubel doortintelde haar arme gefolterde hart bij het lezen. - -Zou ze nu eindelijk uit dien argwanenden twijfel verlost worden....? - -Leek het niet of Elly haar altoos meer en meer ontglipte? - - - - - - - - -XIII. - - -Een mooie dag in Februari was 't.... - -Een van die dagen dat de zon schijnt en de vogels zingen en het jonge -leven uit de knoppen wil. - -Emilie, in haar salon, verschikte wat bloemen in de vazen, die ze -zoojuist gevuld had. - -Door het nerveus beweeg van haar onvaste handen, stootte ze een -vaasje om, en het water gudste over een heel fijn kleedje, dat over -het onyxen tafeltje gespreid lag. - -Ze zuchtte even.... - ---Ach.... was deze middag ook maar weer voorbij.... - -Eerst in hevig verzet had ze toch aan Elly's onophoudelijk aandringen -toegegeven: de Varennes zou heden zijn aangekondigd bezoek komen -brengen.... - -Ze bracht het tafeltje weer in orde, depte met een zacht doekje -het water op, en rangschikte de bloemen: gele narcissen en paarse -seringen nog eens, om ze op zijn voordeeligst te doen uitkomen. Dan -bekeek zij ze weer, tuurde even in het hoekje waar het tafeltje stond. - -Onzeker voelde Emilie zich. Even overgleed een critische blik haar -heliotroopkleurig toilet, toen ze langs den spiegel kwam en rond zag -in haar salons, waar een heldere zonnestraal doorheen glimpte, en -alles een toover gaf van vroolijkheid en levenslust. Op het terugzien -en ontvangen van de Varennes, in haar eigen woning, had ze zich al -dagen lang voorbereid. - -En nu eenmaal het oogenblik aanbrak, dat ze tegen over elkaar zouden -staan, na wat eens tusschen hen beiden geweest was, moest ze sterk -zijn.... gereed om den slag te pareeren, dien hij haar zou toebrengen. - -Want, dat hij kwam om Elly's hand te vragen, leed wel geen twijfel, -overwoog ze. - -Een beetje teruggetrokken van het raam zette ze zich in een elegant -fauteuiltje. - -Zoo had ze den blik op straat, kon ze hem, voor hij schelde, zien -aankomen. - -De pendule wees kwart voor drie.... om drie uur moest zij hem -verwachten. - -Waar Elly nu bleef....? - -Emilie lachte fijntjes bij de veronderstelling, dat het kleintje zich -mooi maakte tot een waardige ontvangst van den geliefde. - -O.... wat had ze tegen dit oogenblik op gezien....! Wat had het van -haar kracht gevergd. Nu was zij met zich zelve uitgestreden, nu leek -het haar of zij zich kon objectiveeren, in haar gevoelens tot den man, -die eens haar liefde won. - -Zoo in gedachten verzonken, had ze bijna Elly's binnenkomen niet -bemerkt. - ---Mama.... vindt u wel, dat ik er goed uitzie....? - -Elly kwam voor haar moeder staan, draaide in het rond om zich van -alle kanten te laten bekijken. - ---Heel lief hoor.... stelde Emilie gerust en verplooide wat aan het -tullen ruche, dat Elly's slanken hals omsloot. - -De schel ging over, en beide vrouwen, even geschokt, zagen de -straat in. - ---'t Is niets.... een koopman, zei Elly nukkig en zette zich tegen -haar moeder over. - -Emilie vond dat Elly wel een lichter toiletje had kunnen uitkiezen -dan het donkere tailleursrokje met de witte blouse,.... maar ze wist -dat het nu te laat was om er nog verandering in te brengen. - -Hoe bleek en nerveus leek haar haar dochtertje.... en even glimpte -door haar denken:.... als de Varennes eens met Elly het zelfde spel -speelde als eenmaal met haarzelve.... - - - -O.... maar dàn.... - -Ze maakte een beweging van ongeduld met haar hoofd.... Dàn.... - -Dit zou het kind niet overleven.... - - - -En het zou haar schuld zijn.... háár schuld, omdat ze Elly niet had -gewaarschuwd voor den man, die ook eens haar ziel vergiftigde met -zijn liefdegepraat. - -Er werd gescheld.... - -De beide vrouwen bogen de hoofden naar dezelfde richting van het raam. - -Toen.... trokken ze weer terug schielijk, als vreesden ze, dat de -Varennes, die op stoep stond, en den anderen kant uitkeek, zich plots -tot hen zou omwenden. - -Kort er op liet het dienstmeisje hem binnen. - -En ongedwongen, als bestond tusschen hen een vriendschap van vele -jaren, gedroeg hij zich tegen Emilie, Elly toesprekend op een ietwat -beschermenden toon, die haar even onwillens krenkte. - -Hoe geheel anders was hij, de held van haar droomen, hier in de salons -van haar moeder, dan in de balzaal of op de ijsbaan! - -Al spoedig zag Emilie zich wat gerust gesteld, de Varennes hielp haar -met fijnen tact over de moeilijkheid van het eerste oogenblik heen. - -Elly gispte in stilte de koele houding van haar moeder. Ze schreef -die toe aan onhandigheid door haar weinig zich vertoonen in de wereld -en ze maakte vergelijkingen met de moeders van haar kennisjes.... - -Het ergerde Elly even. - -In haar omgang met de Varennes met wien ze al zoozeer op intiemen -voet stond, voelde ze iets verkillen. - -Het leek ook wel of hij zich in hoofdzaak met haar moeder bezighield, -haar zoo nu en dan ter loops in het gesprek betrekkend. - -Toch hamerde het en klopte het binnenin Elly, nu ze na een scheiding -van enkele dagen hem weer terugzag. - -Een enkele week was het geleden dat het avondfeest plaats vond, en -scheen het al niet of er een oneindigheid lag tusschen toen en nu....? - ---Ik betreur het, mevrouw, dat u door een ongesteldheid de gelegenheid -miste de genoegen van het wintervermaak mee te vieren.... het zou mij -een voorrecht zijn geweest u daar te zien, vleide de Varennes.... En -even rustten zijn oogen op Emilie dan dwaalden ze doelloos het -vertrek rond. - ---Die tijden zijn voorbij.... meneer de Varennes.... zei Emilie hoog. - -Hij schudde zijn donker hoofd, zag Elly lachend aan. - ---Er is nooit iets voorbij zoolang we nog belang er in stellen, zei -hij haar even doordringend aanziende. En ik kan me niet indenken, -dat u geen belang meer stelt in het maatschappelijk leven. - -Zij wilde wat zeggen, maar hij liet haar niet aan het woord.--Ik wou -juist van deze gelegenheid gebruik maken u een invitatie te doen voor -een feest, dat ik van plan ben te geven. Wil u mij het genoegen doen -daar te komen met Elly....? - -De eenvoudige toon, het vrijmoedig noemen van Elly's naam schokte -Emilie, en ze zag even naar Elly, die met stralenden blik, -angstgespannen haar aanstaarde. - -Ja he moes....? - -En in eenen, als was er iets, dat plots haar aandacht trok, liep Elly -de kamer uit, naar buiten. - -In dit pijnlijk oogenblik, dat Emilie met de Varennes alleen bleef, -wist hij, de Lebemann, zich spoedig uit de verlegenheid te redden. Of -was het opzet, dat Elly de kamer verliet op het onverwachts. - -Hulpeloos zag Emilie het raam uit naar buiten, het gesprek nu niet -langer onderhoudend, zich niet langer pijnigend in nutteloos zelf -bedwang. - -En zoo terwijl het tikken van de pendule, nu luidop hoorbaar, het -eenige was, dat de stilte sneed, verstreken er oogenblikken, waarin -ze sprakeloos tegen elkander over zaten. - -De Varennes stond op, en deed een paar passen in de kamer, toen kwam -hij bij Emilie staan. - ---Laten wij niet langer voor elkaar den schijn aannemen of we het -verleden vergeten zijn.... zei hij bewogen.--Ik heb veel goed te -maken Emilie.... en je moet me veel vergeven.... Wat ik deed, vroeger, -zooveel jaren geleden, gebeurde in jeugdige onbezonnenheid.... en niet -heelemaal was ik aansprakelijk voor de gevolgen van mijn handeling. De -omstandigheden werkten mee, dat ik toen aan mijn verlangen met je te -trouwen geen gevolg kon geven.... ik had geen geld. - -Zij hoorde hem aan verstard, en zwijgend boog ze haar hoofd in -welbegrijpen. - ---En jij.... Emilie....? jij hebt je gauw heen gezet over de smart -van onze scheiding.... je hebt een ander gevonden, dien je gelukkig -maakte, dien je een kind schonk.... - -Een pijnlijk trekje plooide even om Emilie's mondhoeken. - -Het ontging hem niet, en met iets weeks in zijn stem, dat haar de -tranen in de oogen riep, vroeg hij haar.--Was je gelukkig Emilie....? - -Zou ze nu in dit oogenblik het masker afrukken, en hem zeggen:--Neen, -neen ik was niet gelukkig....! mijn ziel smachtte naar jou. Heel -mijn leven was een groot verlangen naar jou.... een verlangen alleen -onderdrukt door de noodzakelijkheid....! - -Even dreigde ze te bezwijken voor die bekoring. - -O.... zich daar nu te voelen omarmen.... nu haar moede hoofd te leggen -aan zijn borst, en de smart uit te weenen van heel een leven lang.... - -Was het niet of ze ook bij hem iets speurde van den hartstocht, -die haar vroeger onder zijn adem verschroeide....? - -Ach.... vergiste ze zich eens niet.... en was het nu -werkelijkheid.... niet slechts een vage droom--waaruit ze vaak zoo -moedeloos ontwaakte,--hem daar te weten in haar bijzijn.... hem te -kunnen beroeren met haar handen.... weg te zwijmen onder den druk van -zijn gloeienden mond. Ze liet zich gaan even in die weelde fantasieen, -tot plots een vaag bewegen van zijn hand haar tot bezinning bracht. - -Ze zag hem aan, en zijn blik, zwart donker, rustte op haar. - -En zich oprichtend fier, staarde ze hem aan en haar lippen zeiden -woorden, die haar hart ontkende. - ---Ja.... zei ze, en haar stem klonk gebroken....--ik ben gelukkig -geweest.... - -Toen stak hij haar zijn hand toe, en iets heel zachts blonk er in -zijn oogen. - ---Emilie.... dan durf ik je vragen of je me vergeven hebt.... - -Weer bond ze zich het masker voor en hem aanziende recht in de oogen, -zei ze: - ---Ik heb je vergeven.... - -Hij verbleekte en aan de trilling van zijn lippen speurde ze zijn -ontroering. - -En nemend haar beide handen in de zijne drukte hij er een langen -kus op. - ---Ik dank je.... zei hij toonloos. - -En haar handen nog altijd knellend in een vasten greep, vroeg hij -het haar:--Wil je me Elly geven....? - -Het was niet onverhoeds, dat zij die vraag hoorde uitspreken, maar -toch was het of zij een slag kreeg boven op het hoofd. - -Een oogenblik voelde ze zich duizelen. - -Daar vloog de deur open en Elly nerveus, met betraand gezichtje, -stortte naar binnen. - -Emilie had zich weer hersteld, en met een poging om aan haar stem wat -vastheid te geven zei ze, even glimlachend haar kind aanziende:--Als -je haar gelukkig kunt maken neem haar dan. - -In een jubelkreet wierp Elly zich in haar armen. - -Toen, onder haar oogen, zag ze áán, dat hij nu haar kind gaf, wat -zij eens meende, dat háár toebehoorde.... - - - -En toen, niet lang daarna, de Varennes het feest gaf tot de bijwoning -waarvan hij Emilie noodigde, was dit een feest waarop hij zijn -verloving met Elly publiek maakte. - -En zij....? - -Ze zag Elly verrukt in zijn armen, het teere slanke lijf zacht tegen -hem aan in een innige overgave. - -En ze rilde van angst voor haar eigen opstandig gevoel, dat toch -weer met smartelijk binnenin gehouden drang, moest sterven in haar -eigen ziel. - - - -En in haar sidderend hoofd zong het geluid van streelende violen. - - - - - - - - - - -KRUISWEG. - - -I. - - -Ze waren een poosje geïnstalleerd in de nette luitenantswoning van het -kampement te Magelang. Het was in het stille middaguur, het uur dat -de zon, in het koele bergklimaat het felst haar warmte verspreidt, -en nu haar zengende stralen uitgoot over de witte huizen, die twee -aan twee gekoppeld, aan den weg, achter bloempotten met weelderige -planten, wegscholen. - -Het grint er voor blankte licht op, blikkerde in den brandenden -zonnebrand, markeerde den net onderhouden weg, die lag als een breed -lint, tusschen fluweelig groen aan weerszijden ervan. Een grasberm liep -parallel met den weg en daarachter, tegenover de huizen aan den blauwen -einder, rees de Soembing, waaroverheen struikgewas hurkend opkroop, -in alle tinten van groen. Daar waar de schaduw in een diepe klove viel, -leek 't nacht, die afwisselde de zonovergoten gedeelten van klaren dag. - -Tegen den Soembing geleund, verhief zich hoog een rots, die paars -violet, in den blauwen aether vervlood, en waaroverheen zilverig-wit -zich huifde, een wolk zwaar van dreiging naar regen. - -Zacht geruisch van stroomend water brak gestaag de alomme stilte, -die hing als met looden zwaarte over de middag-eenzaamheid. - -Heel in de verte strekten zich de rijstvelden, waar Inlandsche vrouwen, -als donkere fantomen, langzaam voortbewogen, teruggekaatst in het -gladde watervlak van geïnundeerde rijstvelden. In werkzwoeg bewogen -de nijvere handen, die telkens in het water wegdoken, om op minutieus -gemeten afstanden de plantjes in den doorweekten bodem te duwen. - -Slechts de uiterste puntjes van de groene sprietjes topten even boven -het watervlak uit, trillerden flauwtjes bij de korte golfkabbelingen, -veroorzaakt door de voortgaande bewegingen der vrouwen, die tot boven -den enkel door het water waadden. - - - -In de voorgalerij van het eerste huis aan den kampementsweg zat Paul -van Weeden peinzend in zijn wipstoel. - -Een diepe frons, die sprak van wat knaagde binnenin hem, groefde -zijn hoog voorhoofd. Hij verliet zoo juist de slaapkamer, waar hij -nog even door de sneeuwige klamboes gluurde naar Dina, zijn jong -vrouwtje, die nog zwakjes, na de geboorte van haar eerste kindje, -moeielijk op oude kracht kon komen. - -"Van middag heb ik nog te werken, ik zal het slaapuurtje maar eens -opofferen", zei hij. - -Zij knikte hem vriendelijk toe. En hij verschoof haar klamboe, -nog even toevend om naar het kleine rose popje te kijken, dat op -een matrasje, in het groote Engelsche ledikant naast haar lag. Dan -sloot hij de jalouzieën, om het felle zonlicht buiten te sluiten, -en wendde zich weer tot Dina. - ---Ga jij nu maar heerlijk slapen, 't zal je goed doen, je bent vandaag -weer erg moe, geloof ik.... - -En even bleef hij staan, met iets als angst in hem. - -Zij hoorde hem al niet meer, sloot vermoeid de oogen. - -Toen ging hij stil naar voren, waar hij zich met zijn dienstbrieven -aan de marmeren tafel zette. - -Soms overviel hem een behoefte aan eenzaamheid, en onder voorwendsel -van te moeten werken, trok hij zich terug in de stilte van volmiddag. - -Dagen lang drukte een beangstigend gevoel hem terneer. Het kwam hem -overvallen in zijn vroolijkste oogenblikken dan viel een beklemming -op hem, en de lach verstierf op zijn welgevormden mond. O, dat hij -zoo lang, zijn heele leven, moest boeten voor die eene fout. - -Hij poogde voor Dina die zenuwtoestand te verbergen, en dat werd hem -een obsessie. - -Het was om háár, louter uit vrees voor haar geluk, dat die martelende -gedachten hem gevangen hielden. - -Wel heel gelukkig was hij geweest, in zijn jong huwelijksleven, -maanden, neen wel een jaar lang, tot plots.... O 't had hem tot in het -diepste van zijn ziel geschokt, die verschijning van de Inlandsche -vrouw, die de baboe met zijn kindje aanhield en verzocht het te -mogen zien. - -Hij durfde zich nauwelijks een beeld maken van wat hem den laatsten -tijd met zooveel zorg vervulde; en moedeloos zakte hij weg in -herinneringsgepeins. - -Hij zag zich weer in zijn verlofstijd, in den Bosch, waar zijn -ouders woonden. - -O welk een jubelend geluk dat weerzien, na een scheiding van acht -jaren....! - -Als jong officiertje, zoo van de Militaire Academie, was hij naar -Indië gegaan. En als man van rijpe levenservaring keerde hij terug. - -Zijn moeder kon in het eerst de oogen niet van hem afhouden. Zij kon -zich niet indenken, dat die forsche man, met zijn donkere knevels om -den weeken mond, haar zoon was, dien zij als knaap van zich had zien -weggaan. En liefkozend streek zij hem over zijn weelderig, donker haar, -keek dan weer naar zijn bruine oogen. - ---Die zijn nog altijd dezelfde gebleven Paul, zei ze dan. - -Het waren heerlijke dagen geweest, die van zijn verlofstijd; maar -ook de smart was hem toen niet vreemd gebleven. - ---Jij gaat nu toch zeker getrouwd terug, mijn jongen. - -Ah! hij doorleefde weer de marteling van die vraag. - -Dat was juist het eenige, dat hem zoo prikkelbaar maakte. - ---Praat me daar niet over, mama, ik denk niet aan trouwen.... weerde -hij af. - -Na zijn verlof zou hij weer naar Indië terugkeeren, zooals hij gekomen -was. Verliefd worden was maar gekheid beweerde hij altijd, om er zich -van af te maken--en het ging immers over.... - -Dat eene jaar ging hij eens goed profiteeren, een mooi reisje maken -en zijn familie opzoeken. - -En dan het vooruitzicht van schaatsenrijden! Hij herinnerde zich nog -met hoeveel ongeduld hij uitzag naar het ijs. - -Eindelijk scheen zijn wensch in vervulling te gaan, en nauwelijks -lag het eerste vliesje over de sloten, of Paul kocht zich een paar -mooie schaatsen. - -Het liep hem mee, dat de vorst aanhield, en flink doorzette. Hij was -een van de eersten, die de schaatsen onderbond. - -En toen hij de prikkelende winterlucht zijn longen voelde instroomen, -en hij de vroolijkheid op aller gezichten las, was het of hij weer -als jong cadet, met kerstverlof thuis was. - -Een blos gloeide op zijn flink donker gezicht, en de vroolijkheid -tintelde hem de oogen uit. Hij voelde zich jong als weleer, en het -leek hem of die lange Indische jaren waren weggeslonken in zijn denken. - -Tochten werden ondernomen met zijn kennissen, en de jonge meisjes -genoten als de knappe officier haar om een baantje met hem te rijden -kwam vragen. - -Het was bij een van die gelegenheden, dat hij Dina Tervoort voor het -eerst zag. - -In haar donkergroen tailleurspakje, met nauwen, korten rok, viel ze -hem dadelijk op. - -En onwillekeurig, terwijl ze langs hem heen schaatste, of hij haar -in de verte met een ander zag rijden, ging zijn blik dien kant uit. - -Hij vond haar wel zeer bizonder; met het mooie weelderige donkerbruine -haar, en die prachtig contrasteerende blauwe oogen, en dat harmonische -in heel haar figuurtje! - -Een paar maal hadden hun blikken elkaar gekruist, zag hij, dat zij -ook naar hem keek. - -En dat gaf hem even sensatie van geluk.... Maar dadelijk daarop nam -hij zich voor haar verder te ontwijken. En hij zocht een paar van -zijn kennissen op, en bleef dien middag zooveel mogelijk aan een -anderen kant rijden, dan waar hij Dina wist. - -Toch met steelsche blikken zochten zijn oogen haar heel den middag -lang. En van uit de verte wist hij den blik van haar mooie blauwe -oogen, telkens uitgaande naar hem. - -'s Avonds voelde hij zich niet erg wel, en hij verzocht zijn moeder -hem te willen excuseeren, hij zou maar eens vroeg naar bed gaan. - ---Je hebt bepaald kou gevat, ik geloof niet, dat het schaatsenrijden -je heel veel goed doet, zei zijn moeder hem ongerust aanziende. - -Maar hij lachte haar zorgen weg. - ---Het is niets, verzekerde hij haar,--de ongewoonte, morgen is het -weer over. - -In het eerst kon hij den slaap niet vatten, en terwijl hij zijn oogen -stijf gesloten hield, was daar toch voortdurend bij hem het beeld -van Dina. Die oogen, die hem zoo intens hadden aangestaard stonden -nu voor hem, en hij zag haar zoo duidelijk, alsof hij slechts de hand -had uit te strekken om haar naar zich toe te trekken. - -Hij ging op zijn rug liggen om het bonzen van zijn hart niet te -hooren. Het was of een koortsgloed zijn voorhoofd schroeide. - -Kon hij maar aan iets anders denken!.... maar dat gelukte hem niet. - -Voorloopig nu maar geen schaatsen meer rijden, dat zou de eenige -manier zijn om weer zijn gewone kalmte terug te krijgen. - -Trouwen was voor hem buitengesloten, en wat wilde hij verwachten van -nieuwe ontmoetingen met dat wondere meisje, dat zoozeer zijn heele -denken in beslag nam.... - -Neen, het kon niet, het mocht niet.... - -Hij zou zich in acht nemen, probeeren, over een paar dagen, als het -ijs aanhield op een andere plaats te schaatsen, waar hij bijna zeker -was haar niet te ontmoeten. - -Toen eindelijk de slaap zijn leden verloomde, voelde hij alle -herinneringen om zich wegzakken, en hij sliep in met de beklemming -na een boozen droom, die hem met schrik vervuld had en die nu van -hem werd afgenomen. - -Een zoete melodie zong in zijn ziel, en het werd al harmonie in -hem. Een harmonie, waarin hij zich zelf zag met haar. En in dit -oogenblik werd hij weggevoerd hoog boven het leelijke van het leven -uit.... - -O.... te denken aan haar alleen!.... Het werd hem zoo een groote -weelde, dat hij er zich niet meer aan kon onttrekken, en waarin -hij wegzonk, in diepen slaap, nu zijn worstelstrijd had opgehouden; -en hij zich liet gaan in zijn zoet verbeelden. - ---Heb je goed geslapen? vroeg den volgenden morgen zijn moeder, -toen hij haar zijn morgenkus gaf, en hij er zoo moe en afgemat uitzag. - ---Ik heb lang liggen denken, Mama..., 't was laat toen ik insliep, -zei hij. - ---Je was wat overspannen.... - ---Misschien wel, en....wat je in bed denkt, is altijd verkeerd...., -het komt toch steeds anders uit. - -Zij schudde het hoofd en lachte hem goedig toe.--Malle jongen, je -bent veel te ernstig.... - ---Te oud eigenlijk voor zulke jeugdige ouders.... U bent in al dien -tijd niets veranderd en vader ook niet, die is alleen wat grijzer -geworden. Hij zag zijn moeder aan met teederen blik. En in haar -donkere oogen, zìjn oogen, lag een onuitgesproken vraag. - -Mama wordt met den dag jonger, alleen nu jij hier bent en we voor -onze oogen zoo'n volwassen man zien, als jij, herinneren we ons, -dat we aan den ouden dag moeten gaan denken, mijn jongen...., de -volgende maand wordt je al dertig jaar.... plaagde zijn vader. - -Hij zag met zijn vriendelijk gezicht van nog frisschen ouden man naar -Paul, en het ontging hem niet, dat er wat was met den jongen. - -Paul voelde zich op dat oogenblik ellendig. Hij had zijn ouders een -bekentenis te doen en die woog hem zwaar. - -O.... hoe dikwijls had hij tegen den verlofstijd opgezien, als hij -daaraan dacht....! Hij overwoog wel eens, toen de tijd al een beetje -begon te naderen, of het niet beter zou zijn maar niet met verlof -te gaan. - -Een beslissing van den geneesheer maakte een einde aan al zijn -weifelingen.... Hij werd met een spoedcertificaat naar Europa gezonden, -tot herstel van een hardnekkige malaria, die evenwel gedurende de -zeereis al beterde, zoodat Paul volmaakt gezond in Holland aankwam. - -Den eersten tijd werd hij teveel in beslag genomen om veel na te -denken. Hij leefde in een roes van uitgaan en kennissen ontmoeten. Van -alle kanten wilde men hem een beleefdheid doen, er werden feestjes -georganiseerd en Paul was overal het middelpunt van belangstelling. - -Hij liet zich leven in volle onbezorgdheid, nauwelijks zich den tijd -gunnend aan iets anders te denken, dan aan zijn genoegen. - -En als een enkele maal de herinnering bij hem opkwam, verdreef hij -die lichtzinnig met een ongeduldig hoofdbewegen....--Nu ja...., -later.... Er kwam nog tijd genoeg om daarover te denken.... - -Nu, plotseling zeer sterk, overviel hem de gedachte aan wat hij -met zooveel energie van zich had afgeschoven. Het liet hem niet -meer los.... - -Een diepe plooi groefde zich in zijn voorhoofd; en dat maakte dat -hij er ernstig en verouderd uitzag. - -Zijn moeder zocht naar een oplossing voor die zonderlinge verandering -in Paul. - -Je kunt niet tegen die kou, je moest je meer ontzien, zei ze weer op -een middag aan de koffie, hem zorgvol aanziende. - -Paul gaf haar gelijk.--Ik geloof het eigenlijk ook niet, moeder, -en daarom ben ik ook eenige dagen thuis gebleven; maar vandaag ga ik -het toch weer eens probeeren.... - -En dien middag, al vroeg, ging Paul met zijn schaatsen op weg. - -Er woei een scherpe Noorden wind, en de lucht stond grauw betrokken. - -Paul trok den kraag van zijn overjas diep over zijn ooren en zoo, -in sombere stemming, liep hij zich te bedenken welken kant hij uit -zou gaan. Volkomen ernstig was zijn voornemen het meisje, dat zoozeer -zijn gedachten vervulde, niet meer te zien. Hij zou tenminste trachten -haar te ontloopen, en nam de tram naar de Vuchterpoort. - -Hij veronderstelde dien kant uit het minste kans te hebben veel -menschen te zien. - -De binnenplaatsen in de tram waren alle bezet, en ook op de balcons -viel bijna niets meer te veroveren; de voerder stak één vinger op, -wees:--nog één plaats... - -Paul wrong zich tusschen de dikke winteroverjassen van de heer en -in een hoekje op het voorbalcon, steunde met de hand op het koperen -handvatsel van de deur, en zoo zich schrapzettend bij elke beweging -van de tram, soesde hij voort. - -Vaag staarde hij door de bewasemde ruiten naar binnen, in de wagen, -waar zijn doellooze blik gleed langs al die onbekende gezichten, -mannen en vrouwen, die hem onverschillig waren.... - -Plots was het of een electrische schok hem doorvoer. In zijn hoekje had -hij juist het oog op een dame. Eerst had hij haar niet herkend. Maar -ineens werd het klaar in hem, dat dit hetzelfde meisje moest zijn, -waarmee voortdurend zijn gedachten zich bezig hielden. - -Zij zagen elkaar aan. En het leek wel of zij Paul ook herkende.... - -Hun oogen bleven eenige oogenblikken onafgebroken op elkaar -gevestigd.... - -Het waren slechts enkele seconden, maar ze waren voor Paul van een zoo -groot geluk, dat hij zich geen rekenschap gaf van zijn onbeleefdheid -een dame te fixeeren. - -Hij zag het meisje verbleeken, en toen het hoofd wat afwenden. - -En zoo bleef hij haar stil bestaren, trek voor trek haar gezichtje -in zich opnemend. - -Hij wilde nu opletten waar zij uit de tram zou stappen maar zij reed -mee, tot waar hij er uit ging. - -Toen zag hij haar voor zich uitgaan; de schaatsen bengelden aan haar -arm, langs den mof van petit gris, waarin haar handen wegscholen. Hij -kon haar nu goed opnemen, en bleef eenige passen achter haar aan -loopen, zijn gang vertragend, om haar niet in te halen. - -Op de ijsbaan bewoog zich reeds een groote menigte, en Paul glimlachte, -om zijn naïviteit, van een eenzaam plekje te willen opzoeken. - -Was dit het noodlot, of zijn gelukkig gesternte, dat hen -samenvoerde....? Als Paul geloovig was zou hij moeten denken aan een -hoogere macht, die hen daar tot elkaar bracht. - -Maar hij was niet geloovig, en hij zag het eerder als een gevolg van -meer voor de hand liggende oorzaken. - -Het was alles zoo zonderling in zijn werk gegaan.... en als hij aan -het oogenblik, dat hij haar in de tram zag, terugdacht, doorvoer hem -weer dat gevoel van opperste geluk. - -En hij overwoog zich hierin te kunnen laten gaan zonder zijn voornemens -ontrouw te worden. Dien middag bleef hij veel in den omtrek waar zij -reed. En het toeval wilde, dat een van zijn kennissen, met wien hij -stond te praten, haar groette, toen ze langs hen heen kwam. - ---Wie groet je daar? vroeg Paul geïnteresseerd. - ---Dina Tervoort, een kennisje van mijn zusters, ik ga haar dadelijk -om een baantje vragen.... - ---Een mooi meisje wel, zei Paul. - ---Dat wil ik waarachtig wel gelooven, maar een beetje difficile. Ze -is niet jong meer. - -Wat noem jij jong? - -Nou ja, beneden de vijf en twintig.... Zij is de zes en twintig -al voorbij. - -Verwonderlijk, dat ze nog niet getrouwd is.... - -Ja, ze wacht misschien nog altijd op haar ideaal. Ik ken er wel die -vues op haar hadden; maar het is geen meisje, die er een neemt om -getrouwd te zijn. Zal ik je eens aan haar voorstellen? - -Paul kreeg een schok. Het was toch wat moeielijk hierop neen te -zeggen. Misschien viel ze hem wel tegen.... - -Eigenlijk vond hij het wel prettig eens wat meer van haar te weten -te komen. - -Nu ze daar buiten stonden, in het koude vriesweer, was het of die -zware druk van Paul was afgenomen. Hij voelde zich weer vroolijk en -opgeruimd, binnenin hem lachend om zijn sentimentaliteit. - -Het was toch al te dol, dat hij geen meisje meer zou kunnen ontmoeten, -of aardig vinden, zonder dat het spook van trouwen dadelijk achter -hem stond. - -Hij had zich eigenlijk teveel geretireerd dat was de oorzaak van zijn -zich niet zeker voelen in gezelschap. - -Nu met het ijs was het juist een goede gelegenheid zich eens wat -meer onder de dames te bewegen. Hij zou straks enkelen vragen een -baantje met hem te rijden en ook Dina. Die gedachte enerveerde hem -buitengewoon. - ---Ga je nu mee? onderbrak Van der Lisse Pauls bepeinzingen. - ---Ja, zei hij beslist. En samen gingen ze in een vlugge vaart naar -het tentje waar ze wisten dat de meisjes waren. - -Dina stond nog met haar partner te praten, toen ze Paul op haar -afzag komen. - -Van der Lisse stelde Paul aan haar voor en dadelijk daarop vroeg -hij:--Mag ik het genoegen hebben aanstonds een baantje met u te rijden, -juffrouw Tervoort? - ---Heel graag, antwoordde Dina, wat ontsteld hem plots zoo in haar -nabijheid te zien. - -Spoedig groepeerden allen zich tot paren.--We moeten niet te lang -stil staan, waarschuwde Van der Lisse,--het is verduiveld koud. - -Paul bood Dina zijn hand en reed het eerste weg. De anderen volgden. - -Een paar maal namen ze de baan. - -De scherpe noordenwind belette het praten. Elkaar stevig vast houdend -gleden ze rustig voort, beiden weg in hun geluk van samenzijn. - ---Ik geloof, dat we nu moeten uitscheiden, zei Dina: de anderen -stonden tot een troepje bij elkaar. - -Zij zei het op een toon van spijt, dien Paul deed jubelen van geluk. - -Het brandde hem op de lippen het haar te vragen; maar Van der Lisse -kwam al op hen af:--Wat denken jullie ervan de Wetering eens over -te rijden? Het ijs is sterk genoeg, en hier is het zoo vervelend, -je ziet telkens dezelfde gezichten.... - -Een oogenblik zagen Paul en Dina elkaar aan. Paul zijn hart begon -hevig te kloppen. - ---Ik wil wel, als het niet te laat wordt, zei Dina. - ---Mag ik dan het genoegen hebben? Paul schoot dadelijk op haar toe, -hij had de bedoeling van een van de heeren geraden Dina voor dezen -tocht te vragen. - ---Zeg, weten jullie zeker, dat het niet te laat zal worden? werd -er geroepen. - -Maar een gedeelte was al onderweg, en er viel niets anders te doen -dan maar te volgen. - -Toen ze eenmaal goed op gang waren verspreidde zich het troepje. Paul, -die aanvankelijk met Dina tot de eersten behoorde, werd telkens door -een ander paartje ingehaald. - -Het werd al schemerachtig, en een donkere grijze lucht koepelde laag -over het winterlandschap; een enkele schaatsenrijder kruiste soms hun -weg, of haalde hen in, daarna weer die doodelijke eenzaamheid in de -starre kou van den winternamiddag. - -De avond, na een grijzen dag, viel vroeg in, en enkele lichtjes pinkten -flauw van de boerenhofsteden, die wegdoezelden in den vagen schemer. - -Het was daar buiten van een plechtige stilte. De maan, in eerste -kwartier droefde flauwtjes door de zware wolken. - -Paul en Dina, onwillekeurig wat langzamer rijdend, waren een eind -achtergebleven. - -Al dichter trok Paul het tengere figuurtje tegen zich aan om haar te -beveiligen tegen de kou, en vaster sloten zijn handen om de hare. - -Er stond een felle wind, die zich heviger voelen liet, nu ze op het -open liggend terrein kwamen. - -Beiden reden zwijgend door, terwijl hun harteklop als mokerslagen in -hun borst dreunde. - -Als een dreigende vermaning kwam soms bij Paul even een lichte -herinnering aan de voorafgegane dagen zich indringen tusschen hem en -zijn geluk; maar hij weerde die af, met de energie van een jonge zich -sterk voelende, liefde. - -Hij wilde nu aan niets anders denken dan aan zijn heerlijk, mooi geluk, -zijn samenzijn met Dina; dáár, in die groote eenzaamheid geheel alleen -met haar te zweven, in de sferen van zijn verbeelden. - -Door niets zou hij zich dit heerlijk oogenblik laten afnemen. - -Hij wist, dat hij Dina lief had, en tegelijk met die wetenschap, -voelde hij de kracht in zich bergen te verzetten. - -Gedaan was het met alle argumenten! Al zijn bange zorgen verijlden -tot niets. In zijn ziel was slechts plaats voor den liefdegloed, -die daar brandde, die hem schier den adem benam. - -Op een plek, waar de eenzaamheid het grootst was, stonden zij beiden, -als gedreven door een zelfden impuls, gelijktijdig stil. - ---Wat is het hier heerlijk, het is niet eens meer zoo hevig koud, -zei Dina, de pijnlijke stilte willend verbreken. - -Zij zagen om zich heen de verre uitgestrektheid, waaruit een enkele -boerenhoeve, in flauwe contoeren vaag opdoemde, beschenen door een -twijfelachtig licht van lampeschijnsel, dat door de kleine ruitjes -naar buiten viel. - -Hondengeblaf scheurde even de stilte, toen weer die ongerepte rust.... - -En in die groote eenzaamheid sloeg Paul zijn arm om Dina. - -Zij weerde hem niet af. - -Hij trok haar aan zijn borst, en kuste haar in een lange en innige -omhelzing. - -Ontroering belette hen een woord te uiten.... - -Heel dicht tegen elkaar aangeleund reden ze verder, stuurden nu op -huis aan. - ---Mag ik van avond even komen? vroeg Paul, toen ze de stad naderden. - -Dina knikte.... - ---Ik moet met je spreken, zei hij. - -Ze vond het goed. - -En zoo scheidden zij.... - - - -Gejaagd kwam Paul dien middag aan tafel. - ---Als je het maar niet overdrijft, waarschuwde zijn moeder, toen hij -vertelde van den tocht, dien ze gemaakt hadden. - -Maar Paul, in zijn overmoed, stelde haar gerust.--Het heeft heusch -niets te beteekenen, mama, zei hij, en hij vertelde haar, dat hij in -den loop van den avond nog even uit zou gaan. - - - -Dadelijk na de thee, even voor half negen, stapte Paul naar de -familie Tervoort. - -Een koortsgloed brandde op zijn voorhoofd toen hij aanschelde. - -Het dienstmeisje liet hem in den salon, waar de lichten ontstoken -waren, en een vuurtje in den haard smeulde. - -Paul voelde zich als in een droom, oneigenlijk, voortgedreven al -vooruit. En de oogenblikken, die hij wachten moest, leken hem een -eeuwigheid. - -Nerveus luisterde hij naar de voetstappen, die van buiten naderden. - -Plots werd de deur geopend, en Dina stond voor hem. - -Heel even, toen hij haar daar zag inkomen, in haar nauwsluitend -toiletje van bruin laken, en hij haar mooie gezichtje zag nu voor het -eerst zonder hoed, was het of de moed hem ontzonk, en een weifeling -draalde in hem. - -Maar toen ze haar armen om hem heen sloeg, in algeheele overgave -van haar jongemeisjesziel, week zijn wankelmoedigheid, was hij weer -meester van zich zelf. - -Hij trok haar aan zijn borst, en kuste haar heel zacht.--Ben je -alleen thuis? vroeg hij, haar beide handen nemend, en die leggend op -zijn borst. - ---Papa en mama hebben hun whist-partijtje, ik heb maar niets gezegd -van je bezoek omdat ik bang was, dat het niet zou mogen.... zei ze -hevig blozend. - ---En ik vond het zoo heerlijk, dat je kwam. - -Hij sloot haar weer in zijn armen,--lieveling!.... toen hoogernstig, -nam hij haar bij de hand, en bracht haar bij een lagen fauteuil.--Ga -hier zitten.... Hij zelf knielde bij haar neer. - ---Je houdt dus wel een klein beetje van me?.... Hij zocht gestaag -haar oogen, die hij vast hield in zijn blik. - -Zij knikte, leunde zwijgend haar hoofd tegen zijn schouder, luisterde -naar zijn stem, die haar muziek leek. - -Het viel hem moeielijk een goed begin te vinden tot inleiding van -wat hij haar zeggen moest. - ---Hou je genoeg van me, om me een heel groot verdriet te vergeven, -dat ik je ga aandoen?.... - -Zij schrok, zag recht naar hem op.... - ---Kijk me niet zoo aan, lieveling, dan heb ik den moed niet het -je te zeggen.... En het moet, ik mag met geen leugen onze toekomst -bezwaren.... - ---Ik heb een kind.... - -Verbaasd richtte Dina haar oogen op hem.--Ik wist niet, dat je -weduwnaar was.... - -Hij schudde het hoofd, en tot een pijnlijk lachje vertrok zijn gezicht. - ---Het is een kind van een Inlandsche vrouw; ik heb het in Indië -gelaten, bij de Zusters, op Batavia.... - -Hij durfde haar nu niet aanzien in dit vreeselijke oogenblik. - -O, als ze slechts een enkel woord tot hem sprak, hem haar verachting -toebeet, hem beleedigde desnoods. - -Maar dat ontzettende stilzwijgen.... - -Op zijn hand druppelden gestaag haar tranen. - -Dat bracht hem tot wanhoop. Hij stond op, liep de kamer op en neer. - ---O lieveling, jou in dit oogenblik tranen te zien storten, om -mij.... om mij.... - -Hij slikte een snik weg, en drukte zijn lippen op haar haren. - ---Je kunt me niet vergeven, he....? 't Is een geluksdroom geweest -van enkele uren. Nu laat je me heengaan voor altijd. Dwaas, die ik -was te veronderstellen, dat je liefde groot genoeg zou zijn, om zoo -een offer te brengen.... - -Ze wendde zich wat van hem af.--Stil, spreek zoo niet.... het heeft -me overrompeld.... ik kan 't me niet indenken.... jij, jij.... zoo -jong.... - -Haar oogen zagen verdwaasd, als in een floers, voor zich uit, en als -sprekend tot zichzelf, zei ze met gebroken stem. --Ik zal het nooit -kunnen vergeten.... 't is nu zoo anders geworden. - -Verstard in zijn wanhoop zag hij haar aan, veegde de tranen, die -bleven vloeien zachtjes van haar wangen. - -En met groote teederheid liefkoosde hij haar, als een moeder haar -ongelukkig kind. - ---Het zou niets veranderen aan ons geluk.... later, als je me wilde -vertrouwen, zou je 't leeren begrijpen, als je 't wilde wegdenken -uit ons leven.... zei hij mat. - -En weer neerknielend bij haar, sloeg hij zijn armen om haar heen, -als om haar te beschermen tegen haar groote smart. Een smart, die -haar trof door hem.... - -In haar groote liefde weerde ze hem niet af, liet toe, dat hij haar -tegen zich aandrukte. - ---'t Is ontzettend!.... 't is ontzettend.... steunde ze tegen hem -aan geleund.--En ik hou zooveel van je.... ik hou zooveel van je, -snikte ze toonloos.--Het geluk zou anders ook te groot geweest -zijn.... schamperde ze pijnlijk,--onbestaanbaar, dat in je leven te -zien komen, als niet tegelijk een vreeselijke schaduw er op moest -vallen.... - -In diepe smart zag hij haar aan. - -O, o, was dat het meisje, dat pas sedert enkele dagen zijn pad had -gekruist.... Het leek hem een oneindigheid van smart, die zij samen -doorleefd hadden. - -Hij stond op, en trok haar zachtjes naar zich toe, haar aanziende -met oogen waarin heel zijn wanhoop zich spiegelde. - -En weer streelde hij haar bleeke wang. - -Hij wist, dat in dit oogenblik een diepe klove gaapte tusschen hen, -hij had het kunnen voorzien. - -Hij verachtte zich om zijn zwakheid haar niet uit den weg te zijn -gegaan. - -Hoe dikwijls had hij zich niet voorgehouden, dat hij de gedachte aan -een huwelijk voor altijd van zich af moest zetten. - -Zoolang hij zijn kind, zijn kleine Annie bij zich had gehad, was dit -hem niet moeilijk gevallen. Waarom had hij zich los gemaakt van het -zoo vast voorgenomen besluit. - -Vele anderen, in omstandigheden verkeerende als hij, had hij zien -trouwen in Indië; maar dan vervulde hem altijd weerzin voor die -cynische levensopvatting. - -Nooit, nooit, had hij het mogelijk geacht van zijn voornemen af te -wijken. Zoo'n huwelijk leek hem, den idealist, een bespotting. - -En nu.... - -Al die herinneringen stonden nu klaar in zijn denken, spookten in -zijn heet hoofd rond. - -Hij had Dina die smart moeten besparen. In zijn onvergeeflijk egoïsme -was hij recht op zijn doel afgegaan. En nu zag hij dat arme kind -lijden om hem, door zijn schuld. - -Hij wist heel zeker, dat nu een vonnis over zijn toekomst was geveld. - -Als Dina tot bezinning zou komen, zou ze hem koel afwijzen, zich -beleedigd voelen door zijn aanraking. Het kon wel niet anders. - -De gedachte aan zijn kleine Annie, die hem aanhing met al de -teederheid van haar Indische natuur, het kind, dat hij had gekoesterd -en verzorgd, om wier wille hij de moeder bij zich had gehouden, -maakte, dat zijn smart een oogenblik week voor de herinnering aan -die lieve aanhankelijkheid. En het moest nu de oorzaak zijn van hun -beider ellende. - -Hij stond op met een blik vol deernis op Dina. - ---Ik ga nu heen lieveling, zei hij zacht. - ---Misschien wil je me nooit meer zien, moet ik uit je leven gaan, met -alleen de herinnering aan wat had kunnen zijn.... Ik zal je niet meer -lastig vallen. Ik weet, dat het kind een onoverkomelijke scheidsmuur -tusschen ons zal zijn.... Ik zal probeeren 't te dragen.... Vergeef -'t me, dat ik je dit niet heb bespaard, het was mijn vaste voornemen -het te doen. Maar mijn liefde voor je was sterker dan ik zelf. Een -oogenblik van zwakheid maakte, dat ik mijn zelfbeheersching -verloor.... 't Was zwak van me.... akelig zwak. In mijn groot -geluk vergat ik, wat achter me lag, krankzinnig.... Ik had het niet -mogen doen. En het gebeurde kan alleen mijn smart verzwaren.... om -jou.... Ik ga nu heen, en je zult nooit meer van me hooren.... Op -dit oogenblik is er geen plaats voor liefde in je ziel, zelfs niet -voor medelijden.... alleen voor verachting.... voor minachting.... - -Denk niet te hard over me.... en.... als er een oogenblik in je leven -komt, dat je zachter gestemd wordt, dat je me kunt vergeven...., dat -je misschien...., misschien.... ondanks alles, een verlangen naar mij -in je voelt opkomen...., wees dan niet te trotsch, roep me dan terug, -en ik.... kom.... - -Hij sloot haar in zijn armen en drukte een kus op haar voorhoofd.... - -En toen, zachtjes, ging hij weg, zonder om te zien naar haar, die -hij achterliet, in wanhoop.... - -Hij wist dat nu alles voorbij was.... - - - - - - - - -II. - - -Dagen volgden elkander op, de vorst hield aan en op de ijsbaan was -jolijt van vroolijke menschen.... - -Maar Paul bleef thuis, maakte soms een groote wandeling, speelde zijn -partijtje in de soos, of verdiepte zich schijnbaar in lectuur. - -Schaatsenrijden deed hij niet meer. - -Ondanks hem zelf, kreeg hij een schok zoo vaak de post werd binnen -gebracht, dan vluchtigde zijn blik over het blad met brieven en -couranten, keek hij of er ook iets voor hem bij was. En telkens voelde -hij even de physieke pijn, die hem een oogenblik den adem benam. - ---Natuurlijk niets. Het was ook te gek om er over te denken.... - -Dan las hij rustig door en floot een deuntje, zoo zijn ontroering -verbergend. Niemand mocht weten wat daar bloedde in zijn ziel.... - -Er waren acht dagen verloopen, sedert hij van Dina afscheid had -genomen. - -Zorgvuldig vermeed Paul zijn ouders iets te laten merken van wat in hem -omging, ook zij hadden recht te weten van zijn kind. Maar hij voelde -het als onmogelijk daar nu over te spreken. Hij zou de kracht missen, -nog eens te doorleven wat nog zoo versch in zijn geheugen lag. - -Voorloopig wilde hij hen in in onwetendheid laten. Misschien kon hij -wel vroeger naar Indië terugkeeren, zijn verlof bekorten. - -In elk geval dacht hij er over eenige dagen op reis te gaan. - -Met het uur werd zijn onrust heviger, en hoe meer de hoop vervloog, -dat Dina hem zou terugroepen, des te heviger verlangde hij naar haar. - -Op een ochtend, na een slapeloozen nacht, besloot hij zijn ouders te -zeggen, dat hij voor een week naar Brussel ging. - -De voorafgaande dagen had hij in zoo een zenuwspanning doorgebracht, -dat hij niet langer thuis kon blijven; hij vreesde elk oogenblik zijn -zelfbeheersching te verliezen. - -Het inpakken van de noodzakelijkste kleeren, die hij mee wou nemen, -gaf hem al wat afleiding, maar telkens bleven zijn handen werkeloos, -verviel hij in gepeinzen. - -In Brussel zou hij geheel vrij zijn, zich kunnen overgeven aan zijn -smart. En hieraan had hij behoefte. - -In het Grand Hotel besprak hij een kamer. - -De gedachte niet langer den ganschen dag zich te moeten beheerschen, -tegenover de huisgenooten een onverschillige houding te veinzen, -gaf hem een heerlijk gevoel van rust. - ---Als er brieven voor me komen in dien tijd, moeder, dan stuurt u ze -me wel op, verzocht hij, en zijn oogen gretigden weer naar de post, -die binnen gebracht werd. - -Niets voor hem.... - -Nog altijd scheen de hoop in hem te leven, dat de met zooveel smart -verlangde brief eens zou komen. Het was meer een zelfkwelling, -een wreed zich martelen, dan de verwachting, dat die hoop ooit zou -verwezenlijkt worden.... - -Hij zat in het spoorboekje een trein op te zoeken, toen het luide -overgaan van de schel hem verschrikt deed opspringen. - ---Meneer van der Lisse, voor den jongen meneer diende het binnenkomend -meisje aan. - -Die schel gold dus toch wel hem, overwoog hij en liep de gang in. - ---Waar heb je meneer gelaten? vroeg hij onverschillig. - -Het gebeurde wel meer, dat de een of andere kennis hem kwam opzoeken; -het viel nu slecht, dat hij op het punt was de stad uit te gaan, -bedacht hij. - ---Meneer is in den salon, en het gedienstige meisje hield de deur open, -om hem door te laten. - -Het gesprek tusschen de beide jonge mannen duurde een heele poos. En -mevrouw van Weede maakte zich ongerust, dat Paul zijn trein zou missen. - ---Nou dan neemt hij een andere, hij heeft niets te verletten, goedigde -de oude heer, even opziende van zijn courant. - -Het volgende oogenblik zagen ze elkaar verschrikt aan, met een slag -viel de voordeur dicht. - -Paul was met van der Lisse meegegaan naar diens huis, waar Dina hem -om een onderhoud had verzocht. - -Gedurende die korte wandeling bestormden de hevigste gewaarwordingen -Pauls arm, in zenuwspanning gefolterd, hoofd. - -Toch, toch, was het dan gekomen...! zong het in hem. Een duizeling was -hem overvallen toen van der Lisse hem het doel van zijn komst vertelde. - -Het was bijna ondenkbaar.... - -En in zijn verwardheid overstormde Paul zijn vriend met allerlei -vragen, waarop van der Lisse het antwoord schuldig moest blijven. - ---De meisjes hebben mij niets verteld, zei hij ongeduldig,--en je -had ons wel in het vertrouwen mogen nemen over je plannen,........ je -hebt dat wel heel geheimzinnig behandeld. - -Paul trok met de schouders,--Ik wist het zelf niet, ik had het nooit -durven hopen, verontschuldigde hij verward. - -Nog altijd wist hij zich niet zeker, en hij drong er op aan, dat van -der Lisse hem zou vertellen, wat zijn zusters gezegd hadden. - ---Meisjes zijn in die dingen altijd zoo gewichtig, Dina heeft eenvoudig -gevraagd of ze jou bij ons zou mogen ontmoeten. De rest konden we -wel raden.... En nou ben ik je maar komen halen.... - -Hij liet Paul binnen, en wees hem een deur.--Hier is ze, fluisterde -hij en liep door. - -Een oogenblik aarzelde Paul eer hij de hand om de deurknop sloeg. Het -was of de moed hem ontzonk, nu hij na dagen van martelend verlangen, -wist tot haar te gaan.... - -Klamme zweetdruppelen parelden op zijn voorhoofd, toen hij na een -oogenblik aarzelens, binnen ging. - -Bij den schoorsteen stond Dina, haar bleeke gezichtje versmald -van smart. - -Zij kwam hem eenige passen tegemoet en zwijgend sloten ze elkaar in -de armen. - -Ze trok hem met zich mee naar de canapé, en zoo tegen elkaar -aangeleund-bleven ze eenigen tijd zitten, beiden teveel geroerd om -te kunnen spreken. - -Hij streelde aldoor haar bevende handjes, en drukte die aan zijn -lippen.--Ben je van mij.... toch van mij?.... vroeg hij na een -oogenblik van stil geluk, en boog zich tot haar over. - -Zij kon geen woorden vinden, knikte flauwtjes door haar tranen heen, -die hij wegkuste, telkens weer. - -De voorafgegane dagen waren ook voor Dina geweest een tijd van -zelf-marteling, van ernstig beproeven. - -Aanvankelijk stond haar besluit vast, ze kon er niet op terugkomen, -ze kon niet over dat eene heen stappen. - -Maar toen ze zich indacht, dat ook hiermee voorgoed het mooie heerlijke -geluk, dat zij in zich had voelen opbloeien zou verdorren, had ze -zoo een groote smart gevoeld, grooter dan al het leed, dat het lot -haar oplegde te dragen. - -En zij deinsde er voor terug. - -Had ze Paul dan nu reeds zoo lief...? - -Nooit zou ze meer de herinnering aan hem uit haar leven kunnen -wegwisschen. En in de oogenblikken, dat haar smart het hevigst was, -werd haar verlangen naar hem het grootst. - -Zij voelde den druk van zijn handen, zijn kus op haar lippen; en zijn -donkere oogen, met een wanhoopsuitdrukking brandden in de hare. - -Het bezit van dat alles, nu zij het eenmaal gekend had, te moeten -missen.... Ze kon het niet.... En ze riep hem terug.... wetend, -dat hij bereid zou zijn tot haar te komen, als zij het wilde. En -nu ze hem bij zich had, groeide weer een zacht kleurtje op haar -verbleekte wangen. Zij hoorde van zijn reisplan naar Brussel. Daar zou -nu niets van komen.... of wou hij toch? Paul sloot haar tot antwoord -in zijn armen. - ---Ik ga vanmiddag dadelijk naar je ouders, vindt je dat goed? - ---Ja, fluisterde ze hem toe. - ---En dan moet ik de zaak bij mij thuis ophelderen, zei Paul nerveus. - -Toen was Dina de meisjes van der Lisse gaan roepen, en had ze hun -haar geheim verteld. - -O, wat was dat een wondere middag geweest, herinnerde Paul zich, -weggezakt in zijn herinnering. Eerst die officieele visite bij de -familie Tervoort, het stijve, dwaze van zoo een ontvangst bij vreemde -menschen, waar je komt om de hand van de dochter te vragen.... - -Daarna het onderhoud thuis, met zijn ouders. - -Hij had hun nu maar dadelijk alles verteld van Annie, ze moesten het -toch ééns weten. - -Mevrouw van Weede eerst gelukkig, met Paul's trouwplannen, zat als -versteend voor zich uit te staren. - ---En je hebt ons daar nooit een woord van geschreven, Paul, verweet ze. - ---Ach, dat kon hij ook moeilijk pleitte goedig de oude heer, voelend -wat het voor Paul moest zijn, die bekentenis te doen. - -Arme jongen, hij was ook nog zoo bitter jong, toen hij naar Indië ging, -en dadelijk op zoo een klein plaatsje, waar je op een paar Europeanen -bent aangewezen. - -Kom, zijn moeder moest daar nu maar niet over tobben, waar het moedige -meisje was voorgegaan met haar voorbeeld van vergevensgezindheid. - -Wat gedwongen feliciteerden ze hem, mevrouw van Weede mokkend, over -de weinig mededeelzaamheid van Paul. - -En waarom Paul zijn kind niet mee had genomen naar Europa, vroeg ze. - -Hij vertelde haar al de bezwaren, die daaraan verbonden waren.... het -was nu goed bezorgd bij de Zusters op Batavia. En Dina wilde, dat -zij het samen zouden halen, als ze weer in Indië zouden zijn. - ---Een heel besluit voor het meisje, prees meneer van Weede. - -Paul voelde opnieuw hoe nameloos ongelukkig dat gezegde van zijn -vader hem toen maakte. - -Ja, het was lief geweest van Dina, dat besefte hij heel zeker, dat -ze hem in alles was tegemoet gekomen, het bestaan van zijn dochtertje -accepteerde, als een gewoon feit. - -En nooit was er een schaduw gevallen op hun mooi jong geluk. - - - - - - - - -III. - - -Op hun doorreis te Batavia hadden ze samen Annie afgehaald, en het -kind meegenomen naar Magelang. - -Dina's oogen stonden vol tranen toen ze de uitbundige blijdschap zag, -waarmee het kind zich in Paul's armen wierp.--Papa weer terug! jubelde -het.--Papa weer terug.... papa niet meer weggaan van Annie. En ze -knelde de bruine armpjes om zijn hals. - -Háár Paul den vader-naam.... - ---Kom mama nou ook netjes groeten, gebood Paul toen het kind wat tot -bedaren was gekomen,--en zeg, dat je altijd een zoete meid zult zijn. - -Annie gehoorzaamde, liet zich gewillig bij Dina brengen. - ---Wat zou je nou zeggen?.... - ---Annie altijd zoet.... En een paar groote zwarte oogen zagen op -naar Dina. - -Dina gaf het kind een kus en huiverde even bij de aanraking van die -kleine lenige handjes, die kil aanvoelden. Hoe wonderlijk leek haar -het kleine meisje, met dien ernst in de oogen. - -Terwijl Paul met de zuster, die speciaal met de zorg voor het kind -belast was geweest, sprak, en overlegde over het verzenden der -kleertjes, bleef Annie dicht tegen Dina geleund, haar handje in die -van Dina, rustig het gesprek volgen, zag van de zuster naar haar vader, -in gestage vrees, dat papa weer weg zou gaan, zonder haar. - -Wel was het een heerlijke tijd voor het kind geweest, het jaar, dat -zij bij de zusters had doorgebracht, dat ook aan haar opvoeding ten -goede was gekomen; maar het denkbeeld van opnieuw van hem gescheiden -te worden liet haar geen oogenblik los. - -Op kostschool hadden ze het kind dadelijk andere kleeren laten maken, -zoodat Paul even verbaasd was toen hij zijn Annie terug zag in een net -japonnetje, in plaats van het baadje met lange mouwen, en daaronderuit -de broekspijpen, op den groei gemaakt. - -Het deed hem pleizier om Dina, die hij al zoo wat had voorbereid. Het -portretje, dat hij haar van het kind had laten zien, deed haar geen al -te groote verwachtingen koesteren. Nu viel Annie haar mee. Het dunne, -met vaal-bruinen gloed overdekte haar was in een vlecht gestrengeld, -en met een strik van rood lint van onderen vastgemaakt. Aan de kleine -voeten droeg ze nette schoentjes; hooge laarsjes, die een gedeelte -van het been bedekten. Het helder wit japonnetje was netjes gestreken, -en van een hoogst eenvoudig snit, zooals al de kleine meisjes die in -Indië droegen: een kort rokje met nauw sluitend lijfje, dat het halsje -wat ontbloot liet, en korte mouwtjes. De bloedkoralen ketting, nog een -geschenk van haar moeder, tintte warm op het donkere halsje. Het magere -gezichtje, met het platte neusje leek een klein masker, waarin alleen -de oogen leefden. Oogen, zwart als de nacht, met vochtig fluweelen -waas, dat verzachtte den al te fellen gloed. - ---Ziezoo, zei Paul, zich tot het kind wendend,--zeg de zuster nou -maar goeden dag.... - -Langzaam trok het kind haar handje uit die van Dina.--Gaat Annie mee -met papa?.... - ---Ja, Annie gaat mee met papa en mama.... verbeterde Paul. - ---O.... lekker!.... En het kind klapte opgetogen in haar handjes. - -De zuster kreeg de tranen in de oogen, toen het kind haar de armpjes -om den hals knelde en kuste tot afscheid.--Zal je nou altijd een -beste meid blijven.... en Zuster Denise niet vergeten?.... - -Annie beloofde het, liep toen dadelijk naar Paul, wiens hand zij -stevig vasthield, als was zij bang, dat hij haar op het laatste -oogenblik nog zou ontsnappen. - -De religieuse bleef van uit de voorgalerij van het klooster het -kind naoogen. - -En telkens omkijkend stapte Annie trots door, nog roepend zoolang -de zuster haar kon hooren: "dag zusterrrrr, dag zusterrrrr", met de -rollende "r", die als het gefluit van een vogeltje wegparelde. - -Al gauw hechtte het kind zich aan Dina, die ze mocht helpen bij het -verzorgen van de bloemen--ze had zelve ook een tuintje gekregen, -waar ze allerlei plantjes in kweekte, die ze elken middag met haar -gietertje begoot. - -Toen ze op een dag hoorde, dat ze een ade zou krijgen, voelde ze het -volle gewicht van haar rechten als oudere.--Dan mag Annie dragen, -ja ma? vroeg ze, Dina aanziende met haar groote peinsoogen. - ---Ja zeker, als Annie sterk genoeg is geworden.... beloofde Dina. - ---O, Annie ken wel dragen, net als groote pop, die is ook zwaar.... - -Die te spa gegeven belofte had Annie niet vergeten. Op zekeren dag -kwam ze, tot schrik en ontsteltenis van Dina en de baboe, met het -kleine broertje aandragen, in het volle besef van haar praestatie. En -ze was lang niet van zins zich het broertje te laten afnemen. - ---Dat mag je nooit meer doen, hoor! berispte Dina. - ---Maar Annie ken toch.... hield ze vol. - ---Ja; Annie ken; maar Annie mag niet, niet goed voor -Annie.... probeerde Dina in Annie's brabbeltaaltje het haar duidelijk -te maken.--Later, als Annie grooter is.... - -Op een ochtend, dat Paul het kind meenam, op een wandelingetje -langs den kampementsweg, vroeg ze hem naar haar eigen moeder, naar -Ma-Annie.... - -Onder Inlandsche vrouwen is het de gewoonte de moeder te noemen naar -den naam van het kind. En zoo werd Annie's moeder naar háár Ma-Annie -genoemd. - -Paul vertelde haar, dat Ma-Annie weg, ver weg was gaan wonen, en liet -het kind beloven daar nooit meer naar te vragen.... - -Het had Paul even onaangenaam gestemd, die vraag van het kind. Gelukkig -maar, dat zij die niet in tegenwoordigheid van Dina gedaan had. - -Het liefste wou hij, dat het kind die vrouw zou vergeten. - -Bij zijn vertrek naar Holland had hij haar een som gelds gegeven, en -een huisje voor haar gekocht in het Solosche; daar kon ze van het geld -handel drijven, en was hiermee voorgoed elke betrekking tusschen hem en -die vrouw geëindigd. Het was de conditie geweest, waaronder ze afstand -deed van het kind, dat Paul noodig vond aan haar invloed te onttrekken. - -Zich volkomen bewust, dat hij haar een ruime belooning had gegeven, -was Paul verzekerd in het vervolg niet meer door haar lastig gevallen -te worden. - -Alleronaangenaamst werd hij eens getroffen, toen hij 's morgens van -zijn dienst komend, bij de baboe, die zijn jongste kindje wat in de -buitenlucht ronddroeg, een Inlandsche vrouw te zien, die hem sterk -herinnerde aan Annie's moeder. - -Wat ter wereld kon die vrouw bewogen hebben naar Magelang te -komen... Hij overwoog, of hij haar niet kon laten dwingen weg te gaan, -voordat Dina haar tegenwoordigheid bemerkte. - -Maar was het niet beter elke nieuwe relatie te vermijden. - -Al den tijd van zijn huwelijk had hij niet meer aan de mogelijkheid van -een terugzien gedacht. Het was een afgesloten periode in zijn leven, -die hij het liefst uit zijn herinnering wilde wegwisschen. - -Tusschen hem en Dina was er nooit met een woord over die -vrouw gerept. En nu plots kwam ze op het onverwachts in zijn -leven terug.... Wat zou hij moeten doen om haar van zich af te -houden....? Die tegenwoordigheid spelde niet veel goeds, angstte het -in hem. - -Uit de slaapkamer naderden, met zacht gekraak van de mat, lichte -voetstappen aan.... Annie, bemerkend, dat papa niet naar bed was -gegaan, had zich voorzichtig uit haar bedje laten glijden, kwam nu -dralend nader.--Papa niet slapen?.... neen?.... vroeg ze met haar -vleistemmetje. - -Paul keek naar het kleine donkere figuurtje in den ruimen hansop, -en zette een boos gezicht. - ---Papa moet werken.... - ---Annie ook niet slapen.... - -Aarzelend kwam ze naderbij, zette zich stilletjes op de punt van een -wipstoel, dat die voorover helde. Ze greep zich aan de armleuningen -vast, bang door wippen haar vader te storen. En ze keek naar buiten, -tusschen de bladeren van de groote planten door, den zonbeschenen -kampementsweg op. - -Ongemerkt zag Paul naar haar kleine aardige beweginkjes, naar de -smalle bloote voetjes, die even tipten op den grond.--Jij moest -eigenlijk in je bedje liggen..... - ---Laat maarrrrrr, papa ook niet in bed.... - -Paul soesde door, de hand onder het hoofd. - -Annie sloeg de fluweelige oogen telkens even naar hem op. Ze scheen -na te denken. - ---Mooi, die bloemen, mooi.... herhaalde ze een paar malen als tot -zich zelf, en haar oogen kregen een droomende uitdrukking, dreven -weer vragend den kant op van Paul.... - -Plots scheen ze een inval te krijgen.--Papa moet niet boos zijn, -ja.... Papa heeft gezegd Annie mag niet meer praten over Ma-Annie, -maar Annie heeft Ma-Annie gezien.... - -Paul sprong op, dat het kind ervan schrok. - ---Waar?.... Waar heb je haar gezien?.... - -Een kleine hoofdbeweging wees naar achteren.--Daar, bij Ma-Annie in -huis.... Ma-Annie is getrouwd.... met korpraal. - -Paul liep eenige malen de voorgalerij op en neer.... - ---Lekker bij Ma-Annie.... Annie heeft koekjes gekregen.... snaterde -ze voort. - -Was dat nou het resultaat van al zijn zorgen....! - -Paul had een gevoel of iets vreeselijks dreigde. Die onrust, die hem -dagen lang vervolgde.... Daar was nu de oorzaak! - -Annie moest hij wegzenden, hij kon het kind niet voortdurend onder -zijn toezicht houden, en de bedienden waren niet te vertrouwen, -voor een kleinigheid om te koopen teneinde het kind bij de moeder te -brengen. Ze zagen er bovendien geen kwaad in. - -Het ergste vond hij het voor Dina.... Wat moest hij haar zeggen, -als ze hoorde, dat die vrouw hier was.... - -Als het waar was, wat Annie daar vertelde van den korporaal, dan zou -het eenige middel zijn den kolonel zijn toestand uiteen te zetten, -en de overplaatsing van dien korporaal te bewerken. - -Tot zoolang zou hij dan Annie en ook het kleinste van haar weg moeten -zien te houden. - -Maar, hoe kon hij dat doen zonder zijn vrouw er mee bekend te -maken....? - -En dat moest hij tot elken prijs vermijden. Dina, in haar toestand -van hopelooze zwakte.... dat moest er nog bij komen.... - -Hij ging naar buiten, staarde met starren blik voor zich uit. Dit -was dus weer een nieuwe ellende, die hem bedreigde.... Maar hij mocht -zich niet laten gaan, in zijn zelfbeklag, hij moest energiek handelen, -geen oogenblik verliezen.... - -Annie, intuitief, besefte, dat zij iets kwaads gedaan had, keek -schuw naar papa.... bedacht, dat het stout van haar was geweest over -Ma-Annie te spreken. In haar onwetendheid begreep het kind niet wat -voor kwaad er in stak, dat zij haar moeder had opgezocht. Ze was er -al meer malen naar toe geweest, en werd er onthaald op Inlandsche -koekjes, daar het kind dol op was, en die zij van Dina, een afkeer -als die had voor al dat vreemde Indische goed, nooit kreeg. - -De kazerne, die aan den achterkant van het kampement lag, was zoo -dicht bij, dat zij gemakkelijk den weg erheen had gevonden, om haar -moeder op te zoeken. - ---Je mag nou niet meer naar Ma-Annie gaan, barschte Paul tegen -het kind. - -Hij zag er zoo ontsteld uit, dat Annie in elkaar kromp van angst, -haar lipjes beefden. - ---Huil nou maar niet, anders maak je mama ook nog wakker, zei hij -met een poging om wat zachtheid in zijn stem te leggen. - ---Is papa dan niet meer boos? - ---Neen, als je niet meer huilt.... - - - -Het was vier uur. De eerste hoornsignalen overschetterden het -exercitieveld bij de kazerne. De soldaten begonnen hun middagdienst. - -Paul pakte zijn papieren bij elkaar en deed ze in een portefeuille. De -tijd alweer verstreken en nog was hij tot geen resultaat gekomen. - ---Ga nu maar baden, gebood hij Annie. Een bediende kwam de thee klaar -zetten, en de tuinjongen liep met sproeiemmers de planten te begieten. - -Zwoele aardlucht sloeg op uit den pas gedrenkten bodem, vermengde -zich met de geuren van rozen en begonia's, die buiten bloeiden; -in de witte potten voor het huis. - -Dina, verkwikt door haar middagslaapje, zette zich bij Paul in de -voorgalerij, schonk hem zijn thee in. - -In de doorschijnende kabaja, het weelderige haar los neerhangend over -haar schouders, leek ze nog slanker.... Kwam het door zijn opwinding, -hij vond dat ze er bleeker uit zag dan aan tafel.... - -Een baboe droeg het kleintje, frisch gewasschen en gepoederd, op een -draagkussen naar buiten. - ---Niet verder dan voor het huis, gebood Paul, die zag, dat ze er mee -uit wou gaan. - ---Ik had juist beloofd, dat mevrouw de Wilde hem eens mocht zien. Ik -heb hem expres er voor gekleed, zei Dina teleurgesteld. - ---Doe dat later liever eens.... ontweek Paul.--Kijk, daar heb je -den dokter.... - -De jonge medicus liep met vlugge passen de marmeren trappen op, -keek even naar het kleintje, en zette zich dan vriendelijk groetend -tegenover Dina, haar pols nemend en haar nauwlettend gade slaande.--Ik -geloof, dat u weer niet gedaan hebt, wat ik voorgeschreven heb. Goed -melk gedronken?.... - -Dina lachte witjes.--Het is te veel dokter, heusch, ik kan zoo veel -niet drinken. - ---Te veel? Vindt u twee flesschen te veel? U komt zoo nooit op -krachten, en.... het eind wordt, dat ik u naar Holland moet sturen. - -Maar Dina liet hem niet uitspreken.--Dat doe ik nooit dokter.... zei -ze beslist. - -Paul kreeg een schok. Het was een idee, misschien wel de eenige -oplossing.... - -Even flitste door zijn denken het vooruitzicht van treurige -eenzaamheid, na dien korten droom van geluk. Maar het was billijk, -dat hìj, niet zìj leed, om wat zijn schuld was. En alles was beter -dan dit. Dina's tegenstand zou hij wel overwinnen.... dat leed geen -twijfel. - -Hij zou er den dokter eens onder vier oogen over spreken, en als die -het raadzaam vond, dan maar hoe eer hoe beter. Dina kon het kleintje -mee naar Holland nemen, en Annie ging dan maar weer terug naar de -zusters.... - -'s Avonds liep hij even bij den kolonel op, die hem in zijn kantoor -ontving. - ---Wat heb je voor bezwaren van Weede?.... vroeg de kolonel toen Paul -plaats had genomen op den hem aangeboden stoel. - -In korte trekken vertelde Paul waarvoor hij gekomen was. - ---Een lastig geval.... daar kan je nog onaangename dingen van -beleven.... Weet je of de meid inderdaad met den korporaal getrouwd -is?.... De vraag is of ze mee zou gaan, als ik hem overplaats. Als -ze met bedoelingen hier is gekomen, doet ze het zeker niet. - -Paul wist niet anders dan wat hij van Annie gehoord had.... En hij -zei; dat hem geen anderen weg open bleef dan Dina naar Holland te -laten terugkeeren. - ---Maar dat zou toch verschrikkelijk zijn voor jullie allebei; in -dit klimaat kan je vrouw gemakkelijk genezen. Moet je nou dat alles -ondernemen ter wille van die meid? Ik acht je vrouw verstandig genoeg -om alles kalm onder de oogen te zien, of... ben je soms bang, dat er -bij die meid gedachten aan wraak voorzitten? Je hebt haar toch niet -met leege handen weggezonden?.... - -Paul vertelde onder welke condities zij van hem weg was gegaan, -en wat hij haar had gegeven. - ---Dan bestaat er mijnsinziens van dien kant niet het minste -gevaar.... Vertel je vrouw eenvoudig wat de zaak is, de rest komt -wel van zelf.... Ik zal in elk geval probeeren, wat ik voor je doen -kan. Een overplaatsing zou het radikaalste zijn; lukt dit niet, dan kan -je alleen door samenwerking met je vrouw haar onschadelijk maken.... - -Paul ging wat verlicht heen. Hij was blij, dat hij er met den -kolonel over gesproken had. Het was, of, nu deze het wist de last -hem minder zwaar lag. In ieder geval kon hij op diens medewerking -rekenen. Voorloopig zou hij den bedienden zeggen niet met de kinderen -uit te gaan, voorgevend, dat er een paar gevallen van mazelen op -de plaats waren voorgekomen. Daarna zou hij verder zien. In dien -tusschentijd had de kolonel alle gelegenheid zijn maatregelen te nemen. - - - -Dina zat in de binnengalerij met ongeduld op Paul te wachten. Het -bevreemdde haar, dat hij na diensttijd nog uit was gemoeten. En het -gesprek van dien middag met den dokter bezwaarde haar. Nooit, nooit, -zou ze Paul alleen laten.... - -Maar als het toch eens moest....? Ze nam zich voor, alles wat de -dokter haar voorgeschreven had stipt na te komen.... - ---Ben ik lang weggeweest? vroeg Paul, inkomend, met opzettelijke -poging een vroolijken toon aan te slaan. - ---Ja, ik heb je erg gemist. Wat was er voor bizonders? Ik maakte me -doodelijk ongerust;.... toch geen expeditie op til?.... - -Paul zag haar smalle gezichtje betrekken.--Er zijn nog ergere dingen, -dan een expeditie kind.... En hij sloot haar mond met een kus. - ---Mag je er niet over spreken?.... Ze dwong hem haar aan te zien, -vleide haar gezichtje vlak tegen hem aan. - -Paul weifelde een oogenblik. Zou hij den raad van den kolonel opvolgen, -en haar nu maar alles zeggen?.... - -Maar de moed ontbrak hem haar blije stemming te verstoren. Dit -oogenblik van gelukkig samenzijn, was hem zoo een zaligheid, dat hij -besloot er nog mee te wachten. - ---Later mag je alles weten, zei hij ontwijkend. - -Dina was tevreden met dit bescheid, drong niet langer aan. Officieren -hadden altijd dienstgeheimen. Als er maar geen expeditie kwam, die -Paul van haar weghaalde, kon de rest haar niet schelen. - -Annie kwam goedennacht zeggen, keek nog wat schuw naar Paul, en zag -met een blik van wel begrijpen weer dadelijk voor zich, toen Paul er -niet meer op terugkwam. - ---Je moet de kinderen voorloopig maar niet uitsturen, zei hij.--Er -zijn eenige gevallen van mazelen...... - - - - - - - - -IV. - - -Eer een week verloopen was had de kolonel zijn maatregelen -getroffen. Het bleek, dat de Inlandsche korporaal inderdaad met -Annie's moeder gehuwd was. En het leed geen twijfel, of ze zou hem -volgen naar het andere garnizoen. - -Die mededeeling ontlastte Paul van zijn grootste zorgen. - -Hij wist zeker, dat Annie geen gelegenheid meer had gehad naar de -kazerne te gaan. En ook het kleintje was buiten bereik gebleven -van Ma-Annie. - -'t Liep alles beter dan hij gedacht had. En voor het eerst na dagen -van spanning en onrust kon hij weer vrijer ademen. - ---Een beste kerel de kolonel, herhaalde hij zich in oprechte -dankbaarheid dat die had willen meewerken in zijn belang. Toch maar -goed, dat hij er over gesproken had.... - -Weer kwam er iets van zijn vroegere levenslust in hem opbruisen. Hij -liep met veerkrachtigen gang van het bureau naar zijn huis. - -De Soembing gloriede in de stralende morgenzon, en wit huifde de -zilverige wolkenmuts, die regen spelde, over den rotsberg. Jammer, -dat het ging regenen... Hij wou tegen den avond een mylord laten komen, -en Dina verrassen met een toertje. Ze was er dol op. - -Toch maar even bij den rijtuigverhuurder aanloopen.... Als het -weer meewerkte, zouden ze den grooten toer maken om den Tidar, -den begroeiden spijkerkop waarmee, volgens de legende, Java aan den -aardbol was geklonken. - -De jonge solanum boomen langs den kampementsweg, met hun kruinen in -kleurovergangen van paars tot zacht lila en wit, stonden in vollen -bloei, wierpen lange schaduwen op den weg, waar vluchten kleurige -vogeltjes neerstreken om te stoeien in een plas. Het was al van een -jubelende blijdschap in de natuur. - -Paul haalde diep adem, liet de warme lucht zijn longen -binnenstroomen. Een fijne geur van patjar tjina woei hem tegen uit de -tuintjes waar hij langs ging. Lage heggen begroeid met klimplanten, -gingen schuil onder een overvloed van gentiaanblauwe klokken, fluweelig -zacht opgeloken uit het aan alle kanten neerschietend groen. Een -enkele slinger kroop tegen het dak op, van een klein woonhuisje, -had zich tusschen de pannen vastgehecht, waar nu een kleed van blauw -overheen lag, met bloeiende uitloopers te allen kant. Een eind verder -groeiden passiebloemen tegen korte pilaren op, en weer verder de -trossende bruidstranen, in een val van zachtrose over het groen van -generfde blaren. In bloeidrang knopten de kembang sepatoestruiken. - -Nog nooit had Paul dien weg zoo schoon gevonden, was de bloemenweelde -hem zoo opgevallen. Het was àl licht in hem. - -Aan het zijpad, langs de huizen zag hij naar de rozen: geurende La -Frances, gouden Maréchal Niels en vuurgestroomde gemskleurige Madame -Bérards. En daarboven, in lichte zweving de fijn gewiekte vlinders, -in liefde-wellust van een enkelen dag.... - -Hoog daarbovenuit het zacht geruisch van den waterval, die klaterend -den berm overstroomde, zich dan splitste in kleine beekjes, die -vloeiden door de bamboe kokers, naar de rijstvelden, al met een -groen waas bedekt. De zonnestralen kaatsten er in, doopten zich in de -roerlooze klaarte als van gesmolten metaal in smaragden bekers gevat. - -Het was Paul een openbaring die heerlijke tropennatuur, die gehevene -plechtigheid van sereene rust, die stemde harmonisch met hem, na -dagen van uiterste spanning. - -Hij liep langs de manége, en sloeg het zijpad in, dat voerde naar -zijn huis. - -Het ijzeren hek er naast dat toegang gaf tot het erf, stond wijd -open, en Paul keek langs perspectief van bloeiende citroenboomen naar -achteren, waarvan tot hem doordrongen zacht gedempte stemmen. - -Hij liep regelrecht het hek in om Dina te verrassen. - -Toen was het plots of het bloed in zijn aderen stolde.... - -Vlak langs hem heen, met lenig heupgewieg, kwam Ma-Annie het erf -af, boog in deemoed voor hem in stameling van haar zangerig: tabé -toewan.... - -Een oogenblik voelde Paul een woede in hem opbruisen, die hem -verbijsterde. - -Zij hier,.... op zijn erf.... in tegenwoordigheid van zijn vrouw! - -Hij had haar kunnen worgen in den greep van zijn hand! - -Maar Dina stond naast hem, nam zijn arm.... - ---Wees niet boos Paul, smeekte ze met bevende lippen.--'t Is mijn -schuld.... - ---Kind, kind,.... waarom heb je dat gedaan?.... verweet hij, hakkelend -en met gebroken stem. - -Hij zag Annie gauw wegsluipen; en dat bracht zijn woede tot razernij. - -Verschrikt schoolden de bedienden te zamen op het achtererf. Hun -handen bleven werkeloos. - -Het was of alle levenskracht uit Paul wegvlood, hij voelde zich -rampzalig. - ---Kom mee naar binnen, smeekte Dina,--ik zal je alles vertellen. - -Zijn beenen weigerden hem elken dienst, waggelend volgde hij haar -naar hun slaapkamer, waar hij zijn pet op het bed gooide, en zijn -sabel met luid gerinkel op den grond neerviel. - -Dina raapte die op, en trok Paul naast zich op den divan, hem streelend -met haar koele handen.--Paul, wil je naar me luisteren? - -Haar stem klonk heesch, toonloos. - -Hij schudde starend het hoofd.--Wat zou je me vertellen? Die vrouw -is hier geweest, op ons erf, in ons huis, ze heeft met jou gesproken, -met jou.... Dat is nooit meer goed te maken.... - -Een verwijt brandde hem op de lippen. Maar hij hield het in. - ---Hoe heeft ze het durven wagen.... - -Hij wrong zijn handen, dat de nagels in zijn palmen drongen. - ---Het is zoo erg niet als je denkt Paul.... kalmeerde Dina.--Van -ochtend nadat je een poosje weg was, terwijl ik met Annie aan 't -rozenplukken was, viel het me op, dat aan den overkant van den weg -een vrouw voortdurend naar binnen keek. Ze zat op haar hurken, en ik -dacht, dat ze om wat geld wilde vragen. Ik wou Annie erheen sturen, -maar de baboe riep haar terug, en Annie.... - -Annie.... had.... haar moeder herkend.... - ---En.....? barschte Paul. - ---En verder niets; de baboe vertelde mij toen, dat die vrouw weg zou -gaan van hier, en nog uit de verte haar kind wilde zien.... en.... en -toen heb ik haar.... geroepen.... - ---Jij zelf.... - ---Ja Paul,.... ik.... Ik heb haar toegestaan, dat ze afscheid nam -van haar kind.... Als je niet juist thuis gekomen was, zou je het -misschien nooit te weten zijn gekomen.... - -Een looden zwaarte zonk neer over Paul, star zag hij voor zich -uit. Zijn klamme handen lagen doelloos op zijn knieën. Het was of -hij hoorde Dina's stem ver.... ver.... van zich af. - ---Arme lieveling, waarom heb je dat toch gedaan? wrong zich schor -door zijn keel. - ---Omdat ik me in dat verlangen kon indenken.... Paul. - -Zij sloeg haar arm om hem heen, en trok hem naar zich toe. Een traan -viel op zijn hand.--'t Was zoo bitter, bitter weinig,.... waar ze -tevreden mee moest zijn.... Ik had zoo'n medelijden met haar.... en -ook.... met Annie.... Paul.... - -Zij stond op, en liep naar de achtergalerij om het kind te zoeken. - -In een hoekje op den grond zat Annie, stil ineen gedoken. De groote -droom-oogen in wijde staring. Naast haar haar pop. - ---Kom mee; zei Dina haar een hand toestekend. - -Maar Annie draalde, zag haar schuw aan.--Zal papa niet boos -zijn?.... neen?.... aarzelde ze. - ---Neen, wij gaan samen naar papa... - - - -En zij bracht hem zijn kind,.... zag toe, dat Annie zich op zijn -schoot nestelde, hem streelde met haar kleine bruine handjes. - - - -Hij kuste Annie en sloot Dina zwijgend in zijn armen. - - - -En hun tranen vermengden zich over het hoofdje van het kind.... - - - - - - - -End of the Project Gutenberg EBook of Balmoedertje, by E. Overduijn-Heyligers - -*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK BALMOEDERTJE *** - -***** This file should be named 54785-8.txt or 54785-8.zip ***** -This and all associated files of various formats will be found in: - http://www.gutenberg.org/5/4/7/8/54785/ - -Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed -Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ for Project -Gutenberg. - -Updated editions will replace the previous one--the old editions will -be renamed. - -Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright -law means that no one owns a United States copyright in these works, -so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the United -States without permission and without paying copyright -royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part -of this license, apply to copying and distributing Project -Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm -concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark, -and may not be used if you charge for the eBooks, unless you receive -specific permission. If you do not charge anything for copies of this -eBook, complying with the rules is very easy. You may use this eBook -for nearly any purpose such as creation of derivative works, reports, -performances and research. They may be modified and printed and given -away--you may do practically ANYTHING in the United States with eBooks -not protected by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the -trademark license, especially commercial redistribution. - -START: FULL LICENSE - -THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE -PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK - -To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free -distribution of electronic works, by using or distributing this work -(or any other work associated in any way with the phrase "Project -Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full -Project Gutenberg-tm License available with this file or online at -www.gutenberg.org/license. - -Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project -Gutenberg-tm electronic works - -1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm -electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to -and accept all the terms of this license and intellectual property -(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all -the terms of this agreement, you must cease using and return or -destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your -possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a -Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound -by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the -person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph -1.E.8. - -1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be -used on or associated in any way with an electronic work by people who -agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few -things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works -even without complying with the full terms of this agreement. See -paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project -Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this -agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm -electronic works. See paragraph 1.E below. - -1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the -Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection -of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual -works in the collection are in the public domain in the United -States. If an individual work is unprotected by copyright law in the -United States and you are located in the United States, we do not -claim a right to prevent you from copying, distributing, performing, -displaying or creating derivative works based on the work as long as -all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope -that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting -free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm -works in compliance with the terms of this agreement for keeping the -Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily -comply with the terms of this agreement by keeping this work in the -same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when -you share it without charge with others. - -1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern -what you can do with this work. Copyright laws in most countries are -in a constant state of change. If you are outside the United States, -check the laws of your country in addition to the terms of this -agreement before downloading, copying, displaying, performing, -distributing or creating derivative works based on this work or any -other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no -representations concerning the copyright status of any work in any -country outside the United States. - -1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: - -1.E.1. The following sentence, with active links to, or other -immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear -prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work -on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the -phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, -performed, viewed, copied or distributed: - - This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and - most other parts of the world at no cost and with almost no - restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it - under the terms of the Project Gutenberg License included with this - eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the - United States, you'll have to check the laws of the country where you - are located before using this ebook. - -1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is -derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not -contain a notice indicating that it is posted with permission of the -copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in -the United States without paying any fees or charges. If you are -redistributing or providing access to a work with the phrase "Project -Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply -either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or -obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm -trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted -with the permission of the copyright holder, your use and distribution -must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any -additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms -will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works -posted with the permission of the copyright holder found at the -beginning of this work. - -1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm -License terms from this work, or any files containing a part of this -work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. - -1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this -electronic work, or any part of this electronic work, without -prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with -active links or immediate access to the full terms of the Project -Gutenberg-tm License. - -1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, -compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including -any word processing or hypertext form. However, if you provide access -to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format -other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official -version posted on the official Project Gutenberg-tm web site -(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense -to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means -of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain -Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the -full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1. - -1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, -performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works -unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing -access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works -provided that - -* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from - the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method - you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed - to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has - agreed to donate royalties under this paragraph to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid - within 60 days following each date on which you prepare (or are - legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty - payments should be clearly marked as such and sent to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in - Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg - Literary Archive Foundation." - -* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies - you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he - does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm - License. You must require such a user to return or destroy all - copies of the works possessed in a physical medium and discontinue - all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm - works. - -* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of - any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the - electronic work is discovered and reported to you within 90 days of - receipt of the work. - -* You comply with all other terms of this agreement for free - distribution of Project Gutenberg-tm works. - -1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project -Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than -are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing -from both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and The -Project Gutenberg Trademark LLC, the owner of the Project Gutenberg-tm -trademark. Contact the Foundation as set forth in Section 3 below. - -1.F. - -1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable -effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread -works not protected by U.S. copyright law in creating the Project -Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm -electronic works, and the medium on which they may be stored, may -contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate -or corrupt data, transcription errors, a copyright or other -intellectual property infringement, a defective or damaged disk or -other medium, a computer virus, or computer codes that damage or -cannot be read by your equipment. - -1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right -of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project -Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project -Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all -liability to you for damages, costs and expenses, including legal -fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT -LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE -PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE -TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE -LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR -INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH -DAMAGE. - -1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a -defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can -receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a -written explanation to the person you received the work from. If you -received the work on a physical medium, you must return the medium -with your written explanation. The person or entity that provided you -with the defective work may elect to provide a replacement copy in -lieu of a refund. If you received the work electronically, the person -or entity providing it to you may choose to give you a second -opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If -the second copy is also defective, you may demand a refund in writing -without further opportunities to fix the problem. - -1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth -in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO -OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT -LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. - -1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied -warranties or the exclusion or limitation of certain types of -damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement -violates the law of the state applicable to this agreement, the -agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or -limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or -unenforceability of any provision of this agreement shall not void the -remaining provisions. - -1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the -trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone -providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in -accordance with this agreement, and any volunteers associated with the -production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm -electronic works, harmless from all liability, costs and expenses, -including legal fees, that arise directly or indirectly from any of -the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this -or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or -additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any -Defect you cause. - -Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm - -Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of -electronic works in formats readable by the widest variety of -computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It -exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations -from people in all walks of life. - -Volunteers and financial support to provide volunteers with the -assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's -goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will -remain freely available for generations to come. In 2001, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure -and permanent future for Project Gutenberg-tm and future -generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see -Sections 3 and 4 and the Foundation information page at -www.gutenberg.org - - - -Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation - -The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit -501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the -state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal -Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification -number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by -U.S. federal laws and your state's laws. - -The Foundation's principal office is in Fairbanks, Alaska, with the -mailing address: PO Box 750175, Fairbanks, AK 99775, but its -volunteers and employees are scattered throughout numerous -locations. Its business office is located at 809 North 1500 West, Salt -Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up to -date contact information can be found at the Foundation's web site and -official page at www.gutenberg.org/contact - -For additional contact information: - - Dr. Gregory B. Newby - Chief Executive and Director - gbnewby@pglaf.org - -Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg -Literary Archive Foundation - -Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide -spread public support and donations to carry out its mission of -increasing the number of public domain and licensed works that can be -freely distributed in machine readable form accessible by the widest -array of equipment including outdated equipment. Many small donations -($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt -status with the IRS. - -The Foundation is committed to complying with the laws regulating -charities and charitable donations in all 50 states of the United -States. Compliance requirements are not uniform and it takes a -considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up -with these requirements. We do not solicit donations in locations -where we have not received written confirmation of compliance. To SEND -DONATIONS or determine the status of compliance for any particular -state visit www.gutenberg.org/donate - -While we cannot and do not solicit contributions from states where we -have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition -against accepting unsolicited donations from donors in such states who -approach us with offers to donate. - -International donations are gratefully accepted, but we cannot make -any statements concerning tax treatment of donations received from -outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. - -Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation -methods and addresses. Donations are accepted in a number of other -ways including checks, online payments and credit card donations. To -donate, please visit: www.gutenberg.org/donate - -Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works. - -Professor Michael S. Hart was the originator of the Project -Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be -freely shared with anyone. For forty years, he produced and -distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of -volunteer support. - -Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed -editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in -the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not -necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper -edition. - -Most people start at our Web site which has the main PG search -facility: www.gutenberg.org - -This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, -including how to make donations to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to -subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. - |
