summaryrefslogtreecommitdiff
path: root/old/65698-0.txt
diff options
context:
space:
mode:
Diffstat (limited to 'old/65698-0.txt')
-rw-r--r--old/65698-0.txt3698
1 files changed, 0 insertions, 3698 deletions
diff --git a/old/65698-0.txt b/old/65698-0.txt
deleted file mode 100644
index 4594d3a..0000000
--- a/old/65698-0.txt
+++ /dev/null
@@ -1,3698 +0,0 @@
-The Project Gutenberg eBook of Maleisch-Nederlandsche Gesprekken, by
-Abraham Anthony Fokker
-
-This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and
-most other parts of the world at no cost and with almost no restrictions
-whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms
-of the Project Gutenberg License included with this eBook or online at
-www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you
-will have to check the laws of the country where you are located before
-using this eBook.
-
-Title: Maleisch-Nederlandsche Gesprekken
-
-Author: Abraham Anthony Fokker
-
-Release Date: June 25, 2021 [eBook #65698]
-
-Language: Dutch
-
-Character set encoding: UTF-8
-
-Produced by: Jeroen Hellingman and the Online Distributed Proofreading
- Team at https://www.pgdp.net/ for Project Gutenberg (This book
- was produced from scanned images of public domain material
- from the Google Books project.)
-
-*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK MALEISCH-NEDERLANDSCHE
-GESPREKKEN ***
-
-
-
-
- MALEISCH-NEDERLANDSCHE GESPREKKEN.
-
- DOOR
- Dr. A. A. FOKKER,
-
- Leeraar in de Maleische Taal aan de Openbare Handelsschool en aan de
- Opleidingsschool voor Adsp. Administrateurs bij de Zeemacht te
- Amsterdam; privaat-docent aan de Universiteit aldaar.
-
-
- Zutphen,
- W. J. THIEME & Cie.
-
-
-
-
-
-
-
-VOORBERICHT.
-
-
-De Maleisch-Nederlandsche Gesprekken hier verzameld zijn voor ’t
-grootste gedeelte ontleend aan de „Vocabulary” van F. Swettenham; een
-zevental zijn door ons zelf opgesteld. In de eerste is echter
-doorloopend verbetering in ’t Maleisch aangebracht, zooals bij
-vergelijking met het origineel dadelijk kan blijken. Ook zijn hier en
-daar volzinnen ingelascht of toegevoegd en andere weggelaten.
-
-De schrijfwijze verschilt niet veel van die van Swettenham. Alleen is
-voor ch c gebruikt, en werd de spelling meer in overeenstemming met de
-juiste uitspraak gebracht. De slotklank in woorden als bâdaq werd
-onderscheiden van de k. Zoo kwam, durven wij zeggen, groote verbetering
-in de schrijfwijze der klinkers. Deze toch werden door Swettenham zeer
-vaak lang geschreven, waar ze inderdaad kort waren (kîta, in pl. v.
-kita, dâlam in plaats van dalăm enz.) In plaats van bânyak of banjaq
-schreven wij bâñaq. De eigenaardige klinker in de slotlettergreep van
-woorden als dekăt, senăng enz. werd door ons op de hier bedoelde wijze
-geschreven. De z.g. stomme e behielden wij, omdat deze nu eenmaal
-algemeen zoo geschreven wordt, en in dit boekje een praktische
-spelling, geen fonetische transscriptie als in onzen Leercursus beoogd
-wordt.
-
-De oe-klank bleven wij met u schrijven. Dit komt ons veel praktischer
-voor.
-
-Een spelling als in deze Gesprekken heeft ook voor een Engelschman
-weinig bezwaar. Ook dit is een voordeel.
-
-Voor hen, die nog niet vertrouwd zijn met deze wijze van
-transscribeeren, volge hier dit overzichtje:
-
-
-Klinkers.
-
- e z.g. stomme e;
- é en è ongeveer als in ’t Fransch;
- ă iets meer naar de a dan „stomme” e;
- u als oe in ’t Nederlandsch;
-
-
-Medeklinkers.
-
- c als tj in praatje;
- j ongeveer als Eng. j in jam, meest door Nederlanders met dj
- geschreven;
- y als de Nederlandsche j;
- g als de Fransche g in gant;
- q geeft ’t plotseling afbreken van den ademstroom na den
- voorafgaanden klinker te kennen (een hikkend geluid, dat
- iets van een k heeft).
- ñ als nj in ons woord oranje.
-
-
- Dr. A. A. FOKKER.
-
- Amsterdam, Januari 1899.
-
-
-
-
-
-
-
-ERRATA.
-
-
-NB. Men zal goed doen door de volgende verbeteringen aan te brengen
-voordat men ’t boekje gebruikt:
-
-Op blz. 1 regel 1 van onderen staat sejug, moet wezen sejuq;
-,, ,, 9 ,, 17 ,, ,, ,, tengeh ,, ,, tengah;
-,, ,, 12 ,, 10 ,, boven ,, balik en mari moet wezen
- bâlik en mâri;
-,, ,, 13 ,, 1 ,, ,, ,, Esoq, moet wezen Ésoq;
-,, ,, 29 ,, 7 ,, onder ,, Nak, ,, ,, Naq;
-,, ,, 39 ,, 17 ,, ,, ,, kârang ,, ,, kûrang;
-
-Verder eenige keeren kalaw voor kâlaw en maka voor mâka.
-
-
-
-
-
-INHOUD.
-
-
- Bladz.
-
- Gesprek 1. Het weder 1
- ,, 2. De tijd 4
- ,, 3. De weg 9
- ,, 4. Gesprek met een kok 13
- ,, 5. ,, ,, ,, bediende 16
- ,, 6. Op een rivier 18
- ,, 7. In de wildernis 24
- ,, 8. Op zee 27
- ,, 9. Op jacht 29
- ,, 10. Aan tafel 33
- ,, 11. In een hotel 35
- ,, 12. Gesprek met een Maleisch Vorst 36
- ,, 13. Op de markt 38
- ,, 14. Het aanleggen van een plantage 39
- ,, 15. Gesprek met een tuinman 44
- ,, 16. ,, ,, ,, waschman en zijn knecht 46
- ,, 17. ,, ,, ,, stalknecht 48
- ,, 18. ,, ,, ,, schrijver 51
- ,, 19. ,, ,, ,, schoenmaker 53
- ,, 20. ,, ,, ,, kleermaker 54
- ,, 21. ,, ,, ,, timmerman en met een wagenmaker 57
- ,, 22. Aan ’t station 59
- ,, 23. Gesprek met een zieke, over ziekte en
- geneesmiddelen 60
- ,, 24. Bij den Magistraat 66
- ,, 25. Op school 70
- ,, 26. Onlusten in een inlandschen staat 73
- ,, 27. Gesprek met een koopman en over
- koopmansaangelegenheden 75
- ,, 28. Openbare verkooping (vendutie) 79
-
-
-
-
-
-
-
-MALEISCHE GESPREKKEN.
-
-1. HET WEDER.
-
-
-Ari âpa sekârang? Wat voor weer is ’t vandaag?
-Bâñaq pânas âri ini. } ’t Is erg warm vandaag.
-Pânas sekâli âri ini. }
-Ta bôleh tâhan. ’t Is niet uit te houden.
-Selâlu kah pânas bagini? Is ’t altijd zoo warm?
-Ia, tuan, lebih-kûrang bagini Ja, mijnheer, ongeveer altijd zoo
-juga. (lett. ongeveer zoo ook ’t zelfde.)
-Ta perenah sâya râsa pânas Ik heb nog nooit zoo’n warmte
-bagini; tentu lebih pânas deri gevoeld; ’t is zeker warmer dan te
-Singapûra. Singapoer.
-Sâya pikir lebih pânas di Ik geloof (denk), dat het te
-Pulaw-Pinang (Sâya kîra...) Pulaw-Pinang warmer is.
-Betul, di bandar, tetapi di Zeker, in de haven, maar op den berg
-bukit tidaq. niet.
-Sejuq di bukit (Dingin....) ’t Is koud op de bergen.
-Kemuñcaq bukit itu sangăt sejuq De top van den berg is erg koud.
-(dingin).
-Di negri sâya, pada musim In mijn land is ’t in den kouden
-dingin, sejuq sekâli, ingga âir tijd erg koud, zoodat het water in
-sungay dan âir kôlam jâdi beku de rivieren altemaal bevriest
-semuâ-ña. (stolt).
-Ta perenah bagitu di-sini. (Ta ’t Is hier nooit zoo.
-suah....)
-Tuan suka kah pânas? Houdt u van de warmte?
-Suka juga. Och, jawel (Houd ervan toch).
-Tidaq, sâya ta suka sekâli. Neen, ik houd er volstrekt niet van.
-Ôrang Melâyu ta tâhan sejuq. De Maleiers kunnen niet tegen de
- koude (verdragen de koude niet).
-Kâlaw sejuq sangăt, maka Als ’t erg koud is, krijgen zij de
-dia-ôrang kenâ demăm. koorts.
-Susah itu. Dat’s lastig.
-Tuan pikir âpa? Pânas kah ésoq Wat dunkt u? Zal ’t morgen warm zijn
-ataw ujan? of regenen?
-Bârangkâli ujan ésoq. Misschien regent ’t morgen.
-Nampaq saperti naq(endaq) ujan. ’t Ziet er uit alsof ’t wil gaan
- regenen.
-Betul, nampaq gelap sangăt. Inderdaad, ’t ziet er erg donker
- uit.
-Bârangkâli tâi-ujan sâja. Misschien zijn ’t maar losse wolken.
-Ujan lebat. ’t Regent hard. (De regen is dicht).
-Kâlaw angin tûrun dulu, t’âda Als er eerst wind opsteekt,
-berâpa ujan. beteekent de regen niet veel (is de
- regen niet bizonder).
-Sâya arăp begitu. Ik hoop ’t (zoo).
-Tâda salju dan ujan-bâtu di Er is geen sneeuw en geen hagel in
-negri-negri di bâwah angin ini. den Indischen Archipel (landen onder
- den wind).
-Ta perenah, tuan. Nooit, mijnheer.
-Âda kah perenah kaw liat salju Heb je ooit sneeuw gezien?
-itu?
-T’âda, tuan, tetapi sâya dăngăr Neen, mijnheer, maar ik hoor dat er
-âda juga kâdang-kâdang salju in China soms (ook) sneeuw is.
-dalăm negri Cina.
-Rupâ-ña pun sâya dăngăr saperti Naar ik hoor ziet het er uit als
-kâbo-kâbo. boomwol.
-Ia, sungguh bagitu. Ja, ’t is inderdaad zoo.
-Di sini tiap-tiap âri sarupa Hier is ’t iederen dag ’t zelfde,
-juga, ta bôleh tâu bulan Januâri men kan de maand Januari niet van de
-deri bulan Juni. maand Juni onderscheiden (lett.
- weten).
-Sungguh, tetapi malăm-ña sejuq Zeker, maar de nachten zijn toch
-juga. (wel) koud.
-Ia, kârena malăm-âri selâlu âda Ja, want ’s nachts is er voortdurend
-angin sedikit. (steeds) een beetje wind.
-Sâya suka udâra sini deri udâra Ik verkies de lucht hier boven de
-Erôpah. Europeesche lucht.
-Kâlaw ujan, bâru sedăp sekâli Als ’t regent, is ’t eerst bizonder
-râsâ-ña. aangenaam (’t gevoel ervan).
-Ia, kâlaw ujan sedikit, kâlaw Ja, als ’t een beetje regent, als ’t
-bâñaq, tidaq. veel is, niet.
-Kâlaw ujan sedikit pun, bâik Als ’t een beetje regent, is ’t ook
-juga. goed.
-Kâlaw ujan ésoq, sâya ta bôleh Als ’t morgen regent, kan ik niet
-pegi. gaan.
-Kâlaw cuâca bâik, bôleh sâya Als de hemel helder (goed) is, kan
-jâlan. ik op weg gaan.
-Ujan ta ujan pun, tentu sâya Of ’t regent of niet, ik ga toch
-jâlan juga. stellig op weg.
-Betul lah itu, tuan. Dat’s zeker (juist), mijnheer!
-Âwan-âwan gelap sangăt rupâ-ña. De wolken zien er zeer donker uit.
-Kâlaw tûrun angin, âbis lah Als er wind komt (neerkomt), gaan
-âwan-âwan itu. die wolken weg (op).
-Datăng pâgi-pâgi ésoq. Kom morgen heel vroeg.
-Din’âri ta bôleh, tetapi pâgi Met ’t aanbreken van den dag kan ik
-nanti sâya datăng. niet, maar ik zal vroeg komen.
-Kâlaw petăng, ta berguna lâgi. Als ’t avond (namiddag) is, geeft ’t
- niets meer (is ’t onnut verder).
-Nanti sâya côba (dăngăn) Nu, ik zal zien wat ik doen kan (ik
-sabôleh-bôleh-ña. zal probeeren zoo goed als ’t kan).
-Terang sekâli bulan malăm ini. De maan is erg helder van nacht.
-Pukal berâpa nâik? Hoe laat is ze opgekomen, komt ze
- op?
-Kûrang priksa (beleefder dan: Ik weet ’t niet.
-sâya tidaq tâu, terwijl tâu lah!
-ongemanierd is).
-Tetapi pâgi-pâgi bâru masuq Maar ze gaat pas heel vroeg in den
-(jâtoh). morgen onder.
-Kâlaw t’âda bulan, bintang semua Als er geen maan is, hebben de
-lebih terang cahyâ-ña. sterren alle meer glans, (is
- helderder de glans der sterren).
-Pâtut kita jâlan waktu bulan ’t Is het beste (gepast), dat we op
-gelap. weg gaan bij donkere maan.
-Bumi ini jâlan-ña keliling Deze aarde gaat rondom de zon, en de
-mâta-âri, dan bulan pun maan gaat om de aarde.
-berkeliling bumi.
-Mâta-âri jâuh sekâli deri bumi De zon is zeer ver van de aarde
-ini. verwijderd.
-Angin keñcang sekâli. De wind is zeer sterk (strak).
-Angin endaq tûrun. De wind zal opsteken.
-Angin endaq mati. De wind gaat afnemen, liggen.
-Angin dârat sejuq, angin lâut De landwind is koud, de zeewind
-pânas, lâgi membangkitkăn warm, en bovendien veroorzaakt hij
-peñakit. ziekten (doet ziekte ontstaan).
-Sâya takut bârangkâli nanti Ik ben bang, dat er wellicht een
-tûrun ribut. storm opsteekt.
-Âda kah kaw dăngăr gûruh itu? Heb je dien donder gehoord?
-Pohon-kâyu kenâ petir. De boom is door den bliksem
- getroffen (door een donderkijl
- getroffen).
-Tidaq, sâya liat kilap sâja. Neen, ik heb alleen den bliksem
- gezien.
-Bâik tutup jendêla, dan tûrunkăn Je moet ’t venster sluiten en de
-lâyar. zeilen neerlaten. (’t Is goed....)
-
-
-
-
-
-
-
-2. DE TIJD.
-
-
-Pukul berâpa sekârang? Hoe laat is ’t nu?
-Lebih-kûrang pukul sa-puluh. Ongeveer tien uur (tien slagen).
-Âda kah tuan menâroh jam Bezit u een horloge?
-(reloji)?
-Mâna bôleh menâroh jam dalăm Hoe kan ik een horloge hebben in de
-utan? wildernis?
-Nampaq saperti rembang. ’t Ziet er uit, alsof ’t middag is
- (hoogste stand der zon).
-Kâlaw mâta-âri nampaq, tidaq Als de zon te zien is, is ’t niet
-susah endaq tâu pukul berâpa. lastig om te weten hoe laat ’t is.
-Bagimâna? Hoe zoo?
-Pâgi-pâgi deri waktu terbit-ña, ’s Morgens vroeg van den tijd van
-ia-itu subuh, mâta-âri nâik ’t opgaan der zon, dat is de tijd
-sampay tengah-âri, ia itu pukul voor ’t ochtendgebed, stijgt de zon
-dua-belas. Deri waktu itu tot twaalf uur. Van dien tijd af
-mâta-âri jâtoh sampay luhur, ia daalt ze tot aan den tijd van ’t
-itu pukul dua. Deri situ jâtoh middaggebed, d. i. twee uur. Van
-lâgi sampay sembâyang-asar, ia dan af daalt ze nog meer tot den
-itu kîra-kîra pukul empat petăng. tijd van ’t namiddaggebed, d. i.
-Kemudian mâta-âri masuq kembâli zoo wat vier uur in den namiddag.
-jam pukul enăm petang. Daarna gaat de zon weer onder om
- zes uur in den namiddag.
-Pukul berâpa tuan nanti sedia? Hoe laat is u (straks) klaar?
-Sekârang sâya sedia. Ik ben nu klaar.
-Kâlaw tuan bâlik dalăm dua jam Als u over twee uur terug komt,
-lâgi, bôleh kâmi jâlan. kunnen wij op weg gaan.
-Dua jam lâgi jâdi lambat sangăt. Over twee uur is ’t erg laat.
-Âpa bôleh buat? Sâya tidaq bôleh Wat is er aan te doen? Ik kan mijn
-meñiapkan bârang-bârang lebih goed niet eerder gereed maken.
-dulu deri itu.
-Kâlaw bagitu, jangan sebutkăn dua Dan moet je maar niet meer erover
-kâli; dalăm dua jam nanti aku spreken (niet twee maal noemen),
-bâlik kemâri. over twee uur zal ik weer hier
- terugkomen.
-Âpa kâtâ-ña? Wat zegt-i?
-Kâtâ-ña nanti dia datăng ésoq Hij zegt dat hij morgen heel vroeg
-pâgi-pâgi; kâlaw tidaq pâgi, komen zal; als ’t niet in den
-tentu tengah-âri dia âda di sini. ochtend is, dan is hij zeker ’s
- middags hier.
-Pukul berâpa nanti tuan datăng? Hoe laat komt u (straks)?
-Dekăt pukul dua. Bij tweeën.
-Lebih-kûrang pukul tiga. Ongeveer drie uur.
-Pukul empat betul. Precies vier uur.
-Pukul sa tengah empat (of: tiga Half vier in den namiddag;
-sa tengah) petăng;
-Pukul dua siang; pukul sembilan Twee uur ’s middags; negen uur ’s
-malăm. avonds (’s nachts).
-Pukul sâtu kûrang sa prâpat. Om kwart vóor éen (éen min een
-Pukul lima lebih sa prâpat. kwart). Kwartier over vijf (vijf
- plus een kwart).
-Pukul delâpan lâlu. Over achten.
-Pâgi ini, of: tâdi pâgi (ook: Van morgen.
-pâgi tâdi).
-Malăm sekârang (of als ’t nog Heden avond (nacht), van avond
-vóór dien tijd is: nanti malăm). (nacht).
-Semalăm; kelmârin (kemâri). Gisteren, gisterenavond; gisteren.
-Semalăm pâgi. Gisteren ochtend.
-Kelmârin siang-âri. Gisteren middag (tusschen 10 en 4).
-Kelmârin dulu. [1] Eergisteren.
-Ésoq, ésoq-âri. Morgen (demain).
-Ésoq-ña. Den volgenden dag (le lendemain).
-Bésoq. Later ’s.
-Ta bôleh tidaq, nanti dia datăng Hij moet bepaald overmorgenochtend
-lusa pâgi. komen (’t kan niet niet, hij zal
- komen...)
-Perlu lah dia âda disini dalăm ’t Is noodzakelijk, dat hij hier
-tiga âri lâgi. zij binnen drie dagen.
-Dia ta bôleh sampay waktu itu. Hij kan dien tijd niet hier zijn
- (aankomen).
-Ta bôleh tidaq datăng, perlu Hij móet komen, zijn komst is
-sekâli datăng-ña. volstrekt noodzakelijk.
-Âpa sabab } tuan ta datăng? Waarom is u niet gekomen?
-Mengâpa }
-Âpa sabab } kaw tidaq datăng? Waarom ben je niet gekomen?
-Mengâpa }
-Sâya terhâl di jâlan, tuan, jâdi Ik ben onderweg opgehouden,
-lambat sampay. mijnheer, zoodat ik daardoor laat
- aangekomen ben.
-Bohong! Kaw lêngah di jâlan. Leugens! Je hebt gelanterfant
- onderweg.
-Tatekâla sampay sûrat ini datăng Zoodra deze brief aankomt, moet je
-lah sekâli (of: Saketika....) onmiddellijk komen (sekâli = in een
- keer, in eens, tevens).
-Kâbarkăn dia sâya tidaq bôleh Zeg hem, dat ik niet langer wachten
-menanti lâgi. kan.
-Kâtâ-ña nanti datăng dăngăn Hij zegt, dat hij spoedig zal
-sigra-ña. komen.
-Kâlaw bagitu, bôleh sâya menanti Dan (als ’t zoo is), kan ik nog een
-lâgi sa suku jam (sa prâpat jam). kwartier wachten.
-Bila jâdi itu? Wanneer is dat gebeurd?
-Lebih-kûrang sa bulan dulu. Zoowat een maand geleden.
-Tentu kah? Stellig?
-Tentu. Stellig.
-Bôleh kah ingăt pukul berâpa itu? Kan je je herinneren hoe laat dat
- was?
-Bagimâna bôleh tâu? Sâya tidaq Hoe kon ik ’t weten? Ik bezit geen
-menâroh jam. horloge.
-Pâgi kah, petăng kah? Was ’t ochtend, of namiddag
- (avond)?
-Sâya tidaq berâpa ingăt, tuan, Ik herinner ’t me niet recht,
-tetapi pâda pikîran sâya sudah mijnheer, maar naar mijn idee was
-jâuh malăm (of: sâya kîra sudah ’t diep in den nacht (ver nacht).
-jâuh malăm). (of: ik gis, meen....)
-Berâni kah sumpah? Durf je erop te zweren?
-Berâni, tuan. Jawel, mijnheer (Durf, mijnheer).
-Bâik lah, sameñjaq âri engkaw Goed, sinds den dag, dat je hem
-berjumpa dăngăn dia sampay âri ontmoette tot nu toe, hoe lang is
-ini, berâpa lâmâ-ña? dat?
-Bârangkâli sâtu minggu (sâtu Misschien een maand.
-jumaät).
-Ésoq-ña âri itu âda kah engkaw Heb je ’m den volgenden dag ook
-berjumpa dăngăn dia juga? ontmoet?
-Entah. Ta tâu lah sâya! Ik weet ’t niet. Weet ik ’t!
-Côba ingăt bâik-bâik, âri engkaw Kom, herinner je ’s goed, den dag
-berjumpa dăngăn dia, âda kah dia dat je ’m ontmoette, heeft hij toen
-kâta dia berjumpa dăngăn Mat gezegd, dat hij Mat den vorigen dag
-malăm-ña dulu, ataw dua âri dulu, ontmoet had, of een maand geleden?
-ataw sa bulan dulu?
-Bârang-kâli itu âri juga. Misschien dien zelfden dag.
-Âpa, âri engkaw berjumpa dăngăn Wat, den dag dat je ’m ontmoette,
-dia âri itu juga dia berjumpa op dien zelfden dag had hij Mat
-dăngăn Mat? ontmoet?
-Kâta dia bagitu. Dat zegt hij.
-Kâtâ-ña bagitu. Dat zegt-i.
-Âpa, dia berjumpa dăngăn Mat itu Wat, heeft hij Mat ontmoet voordat
-dulu deri bercakăp dăngăn engkaw hij met je sprak of daarna?
-ataw kemudian?
-Bârangkâli diliat ña akăn Mat Misschien heeft hij Mat eerst
-dulu. gezien.
-Itu lah yang aku tâña pada engkaw Dat vraag ik je juist.
-(.. sama kaw).
-Kemudian deri engkaw tinggalkăn Hoe lang nadat je haar verlaten
-dia, berâpa lâma lâgi, kirâ mu, hebt, is ze, naar je gissing,
-dia mati? gestorven?
-Bârang-kâli tengah dua jam (sâtu Misschien anderhalf uur zoowat.
-jam sa tengah) bagitu.
-Kûrang priksa. Ik weet ’t niet.
-Cakăp betul-betul. Zeg ’t naar waarheid (praat juist).
-Betul, tuan. ’t Is waar, mijnheer.
-Sameñjaq sâya datăng kemâri, sâya Sedert ik hier gekomen ben, zoek ik
-câri sama tuan. naar u.
-Berâpa lâma engkaw di sini? Hoe lang ben je hier?
-Tâda berâpa lâma. Niet zoo heel lang.
-O, minta maäf, kâlaw sâya tâu O, neem me niet kwalijk (vraag
-tuan Ânu, tentu sâya datăng vergiffenis), als ik geweten had,
-lekas. dat het Mijnheer N. N. was, zou ik
- zeker spoedig gekomen zijn.
-Tidaq âpa (of: Tidaq mengâpa). ’t Is niets; ’t maakt niets uit.
-Lâin kâli tuan datăng, tentu sâya Als u een anderen keer komt, zal ik
-sedia menanti. zeker klaar staan en op u wachten.
-Bila bôleh sâya jumpa tuan lâgi? Wanneer kan ik u weer ontmoeten?
-Malăm sekârang, lepas makan. Van avond, na ’t eten.
-Kâlaw tuan bôleh datăng malăm Als u van avond komen kan, om tien
-sekârang, jam pukul sa-puluh uur twintig minuten, kunnen we die
-lebih dua-puluh menit, bôleh kita zaak afdoen.
-selesaykăn perkâra itu.
-Bâik lah, bôleh aku datăng. Goed, ik kan komen.
-Mâri lebih dulu deri itu. Kom u wat eerder.
-Sâya nanti datăng kemudian. Ik zal later komen.
-Âda kah kaw liat pukul berâpa dia Heb je gezien, hoe laat hij
-keluar? uitgegaan is?
-Pukul dua malăm rebô. Om twee uur Dinsdag (den nacht van
- Woensdag).
-Sâya kîra bagitu. Tentu dia yang Ik geloof, dat ’t zoo is. Zeker
-buat. heeft hij ’t gedaan.
-
-
-
-
-
-
-
-3. DE WEG.
-
-
-Mâna jâlan pegi (pergi) ka Waar is de weg, die naar de kampong
-kampung ânu? die en die gaat?
-Ini lah dia. Deze is ’t.
-Betul kah jâlan ini pegi ka Is dit de goede weg naar de kampong
-kampung ânu? die en die?
-Tidaq, tuan silap jâlan (sâlah Neen, u heeft zich in den weg
-jâlan). vergist.
-Mâna jâlan yang betul? Welke is de goede weg?
-Pulang bâlik jâlan tâdi kedăr Ga den weg van daareven zoowat een
-sâtu bâtu (sâtu pal), kemudian mijl ver terug, dan slaat u rechts
-ikut kânan (kîri) (simpang ka af.
-kânan, kîri).
-Berâpa jâuh deri sini? Hoe ver is ’t van hier?
-Lebih-kûrang tiga bâtu (pal), Ongeveer drie Eng. mijl, misschien
-bârang-kâli sâtu jam bôleh kan u er in een uur komen, als u
-sampay, kâlaw jâlan derăs; kâlaw hard loopt, als u onderweg draalt,
-lêngah di jâlan, tengah dua jam komt u er eerst in anderhalf uur.
-bâru sampay.
-Kâlaw bagitu, sâya jâlanlah. Als ’t zoo is, ga ik op weg.
-Jâlan ini pegi ke mâna? Waar gaat deze weg heen?
-Ka Bukit-Timah. Naar Bukit-Timah (lett. tinberg).
-Jâlan-ña bâik kah? Is de weg goed?
-Bâik juga. Jawel. (Goed wel, toch).
-Sedang lah. Middelmatig, zoo, zoo.
-Tidaq, tuan, ta bôleh pegi Neen, mijnheer, u kan dien weg niet
-mengikut jâlan itu. volgen.
-Âpa fasal (of: âpa sebab, of: Waarom (niet)?
-mengâpa)?
-Jâlan-ña ta bâik sekâli, bâñaq De weg is volstrekt niet goed, er
-selut (lumpur), lâgi lôbang is veel modder, en bovendien zijn
-bâñaq. er veel kuilen (gaten).
-Bôleh kah krêta lâlu di situ? Kan er een rijtuig langs?
-Ta bôleh, tuan. Dat kan niet, mijnheer.
-Bagi-mâna kita jâlan, kâlaw Hoe gaan we dan, als ’t zoo gesteld
-bagitu? is?
-Âda lâin jâlan, mâu bâlik sedikit Er is een andere weg, dan moet u
-dulu, kemudian ikut jâlan kânan. eerst wat teruggaan, daarna den
- rechtschen weg inslaan (volgen).
-Bôleh kah engkaw tuñjuqkăn jâlan Kan je dien weg aanwijzen?
-itu?
-Minta maäf, sâya âda kerjâ Ik vraag excuus, ik heb wat werk
-sedikit, tetapi budaq ini bôleh maar deze jongen kan hem u wijzen.
-menuñjuqkăn sama tuan.
-Terima kâsih. Dank je (u).
-Mâri, kita jâlan. Kom, laat ons op weg gaan.
-Ini kah jâlan betul, tidaq kah? Is dit de juiste weg, of niet?
-Bukan, jâlan itu pegi ka Selitar. Neen, die weg gaat naar Selitar.
-Tuan ’naq (endaq) pegi ke mâna? Waar wil u heen?
-Ka Bukit Timah. Bukan kah ini Naar Bukit-Timah. Is dit de weg
-jâlan-ña? niet?
-Bukan. Jâuh lâgi deri ini. Neen. Nog ver van hier.
-Kâtâ-ña ôrang itu ini lah dia. Die lui zeiden, dat dit de weg was.
-Tidaq, tuan, tuan sâlah faham. Neen, mijnheer, u heeft ’t verkeerd
-(sâlah arti). begrepen.
-Tidaq, sâya arti bâik-bâik Neen, ik heb heel goed zijn woorden
-perkâtâän-ña. verstaan.
-Ah! ini lah bâru jâlan betul. O, dit is pas de juiste weg.
-Mâna jâlan pegi ke rumah tuan Waar is de weg, die naar ’t huis
-Ânu? van den heer N. N. gaat?
-Tuan mâna? siâpa? Welke heer? Mijnheer wie?
-Sâya tidaq kenal tuan itu. Ik ken dien heer niet.
-Âda kah kaw tâu rumah tuan Ânu? Weet je (soms) ’t huis van den heer
- N. N.?
-Rumah-ña di âtas bukit tinggi Zijn huis staat boven op een hoogen
-(bukit rendah). heuvel (lagen heuvel).
-Bârang-kâli kuda tuan itu ta Misschien kan uw paard dien heuvel
-bôleh nâik bukit itu, kârena niet beklimmen, want hij is zeer
-cûram sangăt. steil.
-Kâlaw kuda ta bôleh nâik, sâya Als ’t paard er niet tegen op kan,
-bôleh jâlan-kaki. kan ik te voet gaan.
-Âda lûrung kecil, tetapi semaq Er is een pad (kleine weg), maar
-sedikit. die is nogal vuil (begroeid).
-Sâya ta feduli. Daar geef ik niet om.
-Deri sini nampaq ujung-ña, dekăt Van hier is ’t begin (van den weg)
-pokoq-pinang itu. te zien, dicht bij dien
- pinang-boom.
-Âda kah kaw liat tuan lâlu Heb je (soms) een heer langs dezen
-mengikut jâlan ini? weg zien voorbijgaan?
-Datăng deri mâna? Van waar kwam hij?
-Jâlan deri sini (deri sâna). Hij ging hier vandaan
- (daarvandaan).
-Dia jâlan-kaki kah, nâik kuda kah Ging hij te voet, zat hij te paard,
-(berkuda kah), ataw dalăm krêta of was hij in een rijtuig?
-(bekrêta)?
-Jâlan-kaki, memikul senâpang. Te voet, en hij droeg een geweer
- over schouder.
-Âda sâya liat. Ja, ik heb ’m gezien.
-Dia lâlu sabelah sâna, âda dua Hij is dien kant voorbij gegaan,
-jam sudah. twee uur geleden.
-Kâlaw bâlik tuan itu, kâbarkăn Als die heer terugkomt, zeg hem
-pâda dia sâya sudah jâlan dulu dan, dat ik al langzaam vooruit ben
-pelâhan-pelâhan. gegaan.
-Bôleh kah buat itu? Kan je dat doen?
-Bôleh, tuan. Jawel, mijnheer (kan, m.)
-Ke mâna dia pegi? Waar is hij heen gegaan?
-Sâya tidaq tâu nâma tempat itu. Ik weet den naam van die plaats
- niet.
-Ini kah jâlan pegi ka Is dit de weg naar de tuinen
-kebon-bunga? (bloementuinen)?
-Jâlan t’âda bersimpang kah? Zijn er geen zijwegen aan den weg?
-Tâda. Neen.
-Âda dua simpang ña, yang pertâma Hij heeft twee zijwegen, de eerste
-ke kânan, yang kedua ke kîri. Ta naar rechts, de tweede naar links.
-bôleh silap jâlan. U kan zich niet vergissen in den
- weg.
-Jâlan bâñaq lumpur-ña; terlâlu Er is veel modder op den weg; ’t is
-lêcaq. erg modderig.
-Jâlan-ña kering. De weg is droog.
-Âda juga lêcaq di jâlan-ña, De weg is wel wat modderig, maar
-tetapi tidaq bâñaq. niet erg.
-Bâñaq debu (âbu) di jâlan. Er is veel stof op den weg.
-Musim pânas selâlu bagitu. In de droge moeson is ’t altijd
- zoo.
-Kâlaw angin, susah sekâli, jâdi Als ’t waait, is ’t erg
-mâta dan mulut penuh dăngăn debu onaangenaam, want dan raken oogen
-(âbu). en mond vol stof (’t gevolg is,
- dat....)
-Debu (âbu) Singapûra itu celâka ’t Stof te Singapoer is heel naar
-sekâli, sebab mêrah: sa kâli (ongelukkig), omdat het rood is:
-lekăt, ta bôleh dikeluarkăn lâgi. als ’t eens zich vasthecht, kan men
- ’t niet meer eraf krijgen.
-Jâlan-jâlan di Singapûra semua De wegen te Singapoer zijn alle
-bâik. goed.
-Betul, tuan, tetapi bukit-ña Jawel, mijnheer, maar er zijn veel
-bâñaq, jâdi susah sekâli pâda heuvels, zoodat het erg lastig is
-kuda, selâlu nâik-tûrun. voor de paarden, ’t gaat steeds op
- en af.
-Di tânah Melâyu jârang sekâli In de Maleische landen ontmoet men
-berjumpa jâlan besar, jâlan-utan zeer zelden een grooten weg, ’t
-semua. zijn alle boschpaden.
-Di Lârut âda jâlan-krêta-api. Di Te Lârut is een spoorweg. Op Java
-Tânah Jâwa pun sudah bâñaq zijn al veel spoorwegen.
-jâlan-krêta-api.
-Jâlan-krêta-api terus sekâli, Een spoorweg gaat regelrecht, deze
-jâlan ini béngkoq. weg is krom.
-Jâlan dulu; jâlan di belâkang. Loop vooruit; loop achteraan.
-Pusing bâlik. Draai je om, en keer terug.
-Bâlik lah kita (Mâri lah, kita Laat ons teruggaan. Kom laat ons
-bâlik). terugkeeren.
-Kâlaw dapăt jâlan, kita pegi, Als we ’n weg vinden, dan gaan wij,
-kâlaw tidaq, kita bâlik. anders (zoo niet), dan keeren wij
- terug.
-Mâri sini. Kom hier.
-Pegi kâta ’kăn dia sâya menanti Ga hem (hun) zeggen, dat ik hier
-di sini, kemudian engkaw bâlik wacht, daarna kom je gauw terug.
-kemâri dăngăn sigra.
-Sudah. ’t Is goed (ik heb niets meer te
- zeggen).
-
-
-
-
-
-
-
-4. GESPREK MET EEN KOK.
-
-
-Ésoq pâgi-pâgi sediakăn makânan Morgenochtend vroeg moet je wat eten
-sedikit (siapkăn m. s.) klaarmaken.
-Tuan mâu makan âpa? Wat wenscht u te eten?
-Berâpa ôrang mâu makan? Hoeveel menschen willen er eten?
-Kita yang âda di rumah sekârang Wij, die hier nu in huis zijn en
-dan lâgi dua ôrang tuan. bovendien twee heeren.
-Bôleh sediakăn âir-tèh [2] Je kunt thee klaarzetten, koffie,
-kahwa, roti panggang, telor, geroosterd brood, eieren, met
-dăngăn buah-buah. vruchten.
-Buah macăm âpa tuan suka? Wat voor vruchten gelieft u te
- hebben? (Welke soort).
-Buah-manggis, durian, rambutan, Manggis, durian, rambutan, pulasam,
-pulasam, nânas, limaw, pisang, ananas, sinasappelen, bananen, al
-mâna-mâna yang bôleh dapăt. wat er te krijgen is.
-Kahwa sudah âbis. De koffie is al op.
-Bâik, bôleh beli lâgi. Goed, je kunt meer koopen.
-Kahwa arga berâpa sa kati Hoeveel kost de koffie tegenwoordig
-sekârang? per kati?
-Empat-puluh sèn, tuan. Veertig cent, mijnheer.
-Bâik, bôleh beli lima kati. Goed, koop vijf kati.
-Sâya tidaq sempat pegi ke pasar, Ik heb geen tijd, om naar de markt
-tuan (ñôñah). te gaan, mijnheer (mevrouw).
-Tidaq mengâpa, suruh koki kecil. Dat doet er niet toe, stuur dan den
- bijkok (kleine kok, kokin).
-Sakit, tuan (ñôñah). Die is ziek, Mijnheer (Mevrouw).
-Kalaw bagitu, suruh lâin ôrang, Stuur dan een ander, wie ’t ook zij,
-bârang-siâpa âda. die er is (al wie er is).
-Tidaq âda lâin ôrang. Er is niemand anders.
-Câri ôrang, ta bôleh tidaq sâtu Zoek een ander, er moet in ieder
-ôrang perlu pegi mengambil geval iemand die boodschap gaan doen
-bârang itu. (die zaak gaan halen).
-Ésoq ta bôleh? Kan ’t morgen niet?
-Tidaq, âri ini juga perlu pegi. Neen, vandaag moet men bepaald gaan
- (noodzakelijk te gaan).
-Kâlaw bagitu, sâya mâu pegi Dan wil ik zelf gaan.
-sendïri.
-Suka-ati engkaw lah. Dat moet jij weten (je eigen
- goedvinden).
-Malăm sekârang endaq memberi Wat wil je ons van avond te eten
-kita makan âpa? geven?
-Sop, ikan gorèng, udang, kambing Soep, gebakken visch, garnalen,
-panggang, âyam rebus, nasi, geroosterd geitevleesch
-kâri, kêju dan puding. (schapevleesch), gekookte kip,
- rijst, kerrie, kaas en pudding.
-Kâri macăm âpa? Wat voor soort kerrie?
-Kâri Melâyu, kâri kering, kâri Maleische kerrie, droge kerrie,
-Benggâla, kâri-terung. Benggaalsche kerrie, terung-kerrie.
-Aku mâu makan pukul tujuh betul, Ik wil precies om zeven uur eten,
-bôleh kah sedia makanan pâda kan je ’t eten om dien tijd klaar
-waktu itu? hebben?
-Bôleh, tuan (ñôñah). Jawel, Mijnheer (Mevrouw).
-Tiga ôrang endaq makan di sini. Drie menschen zullen hier eten.
-Âpa, tiga semua? Wat, drie in ’t geheel? (drie
- allen?)
-Tidaq, tiga ôrang lâin deri Neen, die menschen behalve ons, dus
-kâmi, jâdi tujuh semua. zeven bij elkaar (allen).
-Sâya minta belañja sedikit lâgi, Ik vraag nog wat meer geld, om
-tuan (ñôñah). inkoopen te doen, Mijnheer
- (Mevrouw).
-Bagimâna, wang sudah âbis kah? Hoe zoo, is ’t geld al op?
-Ini âda sa-puluh ringgit, bôleh Hier heb je tien dollar
-buat belañja. (rijksdaalders), dat kan je als
- huishoudgeld gebruiken.
-Ta cukup. Dat is niet genoeg.
-Âpa fasal? Waarom niet? (Waarom?)
-Bânaq sudah belañja membeli Ik heb al veel geld uitgegeven om
-bârang-bârang makan, lâgi miñaq, eetwaren te koopen, bovendien olie,
-lilin (dian), âpa semua. kaarsen, en wat niet al.
-Aku râsa kaw boros benăr, pâtut Ik geloof, dat je erg verkwistend
-belañja kûrang deri itu, nanti bent, je moet met minder
-’ku beri lima ringgit lâgi, jâdi huishoudgeld toekomen (’t is
-cukup, bôleh pakay tiga âri behoorlijk, dat het h. h. geld
-lâmâ-ña. minder zij dan dat). Ik zal nog vijf
- dollars geven; dan is ’t genoeg,
- daar kan je drie dagen mee doen (kan
- je drie dagen lang gebruiken).
-Ta cukup. Dat is niet genoeg.
-Bôleh côba. Je kunt ’t probeeren.
-Deri mâna kaw datang? Waar ben je geweest? (Waar kom je
- vandaan?)
-Pegi pasar (pekăn), tuan. Naar de pasar, mijnheer.
-Lambat benăr engkaw bâlik. Âda Je bent erg lang uitgebleven (je
-kah dapăt ketam itu? komt erg laat terug.) Heb je die
- krabben kunnen krijgen?
-T’âda, tuan, jâdi sâya beli Neen, mijnheer, ik heb dus maar
-tîrăm. oesters gekocht.
-Bâik kah tîrăm itu? Zijn die oesters goed?
-Bâik, tuan, bâru bâwa. Ja, mijnheer, ze waren pas
- aangebracht.
-Tuan mâu makan mentah kah? Wil u ze rauw eten?
-Bôleh dibakar. Ze kunnen gebakken worden.
-Âda kah susu? Is er melk?
-Bañaq, ñôñah. Veel, mevrouw.
-Beri sama aku (beri kăn aku). Geef ze mij. Breng ze hier.
-Bâwa kemâri.
-Bâwang di mâna? Waar zijn de uien?
-Âda dalăm bakul di dapur. Ze zijn in een mand in de keuken.
-Pegi ambil. Ga ze halen.
-Âda kah engkaw tâu membuat ès? Kan je ijs maken?
-Tidaq, ñôñah, sâya ta tâu. Neen, mevrouw, ik kan ’t niet (ik
- weet ’t niet).
-Tâu juga s’ikit-s’ikit. Ik kan ’t wel zoowat (een beetje,
- een beetje).
-Jangan terlampaw masaq-ña. Je moet ’t niet te gaar maken.
-Kûrang masaq. ’t Is niet goed gaar.
-Nasi ini angit. Deze rijst is aangebrand.
-Berâpa ékor itiq kaw beli tâdi? Hoeveel eenden heb je zooeven
- gekocht?
-Tiga ékor. Drie stuks.
-Cukup kah? Is dat genoeg?
-Kâlaw ta cukup, bôleh beli lâgi. Als ’t niet genoeg is, kan je nog
- meer koopen.
-Pegi lah tangkăp âyam sa ékor. Ga ’n kip vangen.
-Tiga ékor sudah potong (semlèh). Drie stuks zijn al geslacht.
-Bâwa kemari, aku endaq merâsa. Breng ’t hier, ik wil ’t proeven.
-Ta sedăp râsâ-ña. ’t Is niet lekker van smaak.
-Sedăp sekâli râsâ-ña. ’t Smaakt heel lekker.
-Sagenăp bârang kaw beri kâmi Alles wat je ons gisteren(avond) te
-makan semalăm itu t’âda betul eten hebt gegeven was niet
-masaq-ña. Kâlaw ta bôleh kaw behoorlijk klaar gemaakt (gekookt).
-buat lebih bâik deri itu, nanti Als je ’t niet beter dan zoo (dan
-aku meñcâri lâin koki. dat) kunt maken, dan zoek ik een
- anderen kok.
-Endaq lah kaw membuat sop yang Je moet de soep beter maken, anders
-bâik. Kâlaw tidaq, nanti aku kort ik je op je loon (kîra-kîra =
-potong kîra-kîra-mu (gâji-mu). rekening).
-Jangan bâwa âyam tua. Lâgi Je moet geen oude kippen brengen.
-câbutkăn bulu-ña dăngăn pâtut; Bovendien moet je ze behoorlijk
-jangan celur âyam itu. plukken (veeren uittrekken); je moet
- ze niet in heet water dompelen, (d.
- w. z. om de veeren eraf te krijgen).
-
-
-
-
-
-
-
-5. GESPREK MET EEN BEDIENDE.
-
-
-Di mâna aku ’pu-ña jongos? (in de Waar is mijn huisjongen?
-Straits: boy).
-Âda di sini, tuan. Hij is hier, Mijnheer.
-Panggil dia. Roep hem.
-Pakâyan sudah sedia? Malăm Zijn m’n kleêren al klaar? Van
-sekârang aku endaq makan di luar, avond wil ik uit eten gaan (buiten
-di rumah tuan Ânu, târoh pakâyan eten), bij den Heer N. N., leg mijn
-pakay malăm dalăm peti. avondkleeren in de kist.
-Tuan mâu pakay ităm kah ataw Wil u zwart of wit dragen?
-putih?
-Bâju dan seluar putih, rompi Witte jas en broek, zwart vest.
-ităm. (Voor rompi in de Straits:
-wiskăt, ’t Eng. waistcoat).
-Târoh pakâyan cukup bôleh pakay Leg genoeg kleeren neer om drie
-tiga âri. dagen te dragen.
-Tuan mâu bâwa pakâyan ini ataw Wil u deze kleeren brengen of zal
-sâya? ik ’t doen?
-Engkaw bâwa. Jij brengt ze.
-Pukul berâpa sâya jâlan? Hoe laat moet ik weg gaan?
-Engkaw endaq lah sampay di rumah Je moet bij mijnheer N. aankomen om
-tuan Ânu pukul enăm betul. Lepas precies zes uur. Na ’t eten mag je
-makan kaw bôleh pulang. naar huis gaan.
-Seluar ini ta bôleh pakay, sudah Deze broek kan ik niet dragen. Hij
-kôyaq. Beri sama tukang-meñjâit, is gescheurd. Geef hem aan de
-sûruh betulkăn. naaister, laat haar hem repareeren.
-Mâna sepâtu aku pakay semalăm? Waar zijn de schoenen, die ik
- gisteren gedragen heb?
-Sudah kotor, belom sâya cuci Ze zijn al vuil, ik heb ze nog niet
-(gosoq). schoongemaakt (gepoetst.)
-Beresihkăn bâik-bâik. Maak ze goed schoon.
-Tuan mâu makan di kantor (di ufis Wil U op ’t kantoor eten?
-(Eng.))?
-Ia, saâri-âri bâwa makânan ka Ja, iederen dag moet je om twaalf
-kantor pukul dua-belas, aku ’naq uur eten naar ’t kantoor brengen,
-makan pukul satengah sâtu betul. ik wil precies om half een eten.
-Engkaw mâu kerjâ sama aku? Wil je bij mij in dienst komen (bij
- mij werken)?
-Kâlaw tuan suka. Als ’t u belieft (als u lust
- heeft).
-Jâdi jongos kah? (boy kah?) Om huisjongen te worden?
-Di mâna kaw kerjâ dulu? Waar ben je vroeger in dienst
- geweest?
-Âda kah sûrat (sûrat-pertandâän)? Heb je een getuigschrift?
-Sudah lepas kerjâ dăngăn tuan Wat heb je gedaan, toen je al van
-Ânu, kaw buat âpa? Mijnheer N. N. weg was?
-Berâpa gâji kaw terima selâma Hoeveel loon heb je tot nu toe
-ini? ontvangen?
-Aku ta bôleh beri gâji lebih deri Ik kan je niet meer loon geven dan
-tujuh ringgit sa bulan. zeven dollars (rijksdaalders) in de
- maand.
-Makan âtas tuan kah? Is ’t eten dan voor uw rekening (op
- u)?
-Makânan masuq. ’t Eten erin begrepen.
-Engkaw meñcâri makan sendîri. Je zorgt zelf voor je eten. (Je
- zoekt zelf eten.)
-Panday kah cakăp Ôlanda? Kan je Hollandsch (Engelsch)
-(Inggris). spreken?
-Âda kah krêta dekăt sini? Is hier een rijtuig in de buurt?
-Kâlaw tuan sûruh, bôleh sâya câri Als u ’t mij beveelt, kan ik er een
-sâtu. zoeken.
-Sekârang ta mâu, tetapi pukul Nu wil ik er geen hebben, maar van
-delâpan malăm sekârang aku mâu avond om acht uur wil ik een
-krêta di rumah ini. rijtuig hier hebben.
-
-
-
-
-
-
-
-6. OP EEN RIVIER.
-
-
-Âpa nâma sungay ini? Hoe heet deze rivier?
-Di mâna kuâlâ-ña? Waar is de uitmonding?
-Ini lah kuâlâ-ña. Dit is de uitmonding.
-Sâya endaq mudik, bôleh kah Ik wil de rivier op, kan ik hier een
-dapăt prâu di sini? vaartuig krijgen?
-Prâu macâm âpa tuan mâu? Wat voor soort vaartuig wil u
- hebben?
-Sampan, bidar, ketiap, Kleine roeischuit, overdekte gondel,
-prâu-sâgur (dit laatste ook: huisboot, uitgeholde boomstam.
-prâu-jâlur).
-Mâna yang bâik? Welke is de beste?
-Kâlaw mâu mudik derăs (cepăt of Als u snel de rivier op wil gaan is
-bangăt) sâgur kecil yang bâik. een kleine sâgur ’t best.
-Kâlaw mâu mudik senăng bâik Als u op aangename wijze wil
-pakay ketiap âtaw bidar. opvaren, is ’t beter een ketiap of
- bidar te gebruiken.
-Bôleh kah mudik berkâjang mati? Kunnen we de rivier opgaan met een
- vaste kâjang (dek van palmbladeren).
-Sampay Kuâla-Lâbu sâja, tuan. Di Tot Kuâla-Lâbu alleen maar, daar
-situ mâu buka kâjang. kunnen we de kâjang eraf doen
- (openmaken).
-Âpa sebab? Waarom?
-Sebab sungay ini deri Kuâla-Lâbu Omdat de rivier van Kuâla-Lâbu af
-ka ulu bâñaq semaq. sterk begroeid is.
-Susah benăr itu. Dat ’s erg lastig.
-Ia, tetapi bôleh berpâyung. Jawel, maar we kunnen zonneschermen
- gebruiken.
-Susah juga, tetapi kâjang, ta Dat ’s toch lastig, maar, kâjang of
-kâjang pun, aku mâu mudik âri geen kâjang, ik wil van daag toch de
-ini juga. rivier op.
-Sekârang âir-sûrut. Lebih bâik Nu is ’t eb. ’t Is beter den vloed
-menantikan âir-pasang, bâru af te wachten, dan eerst kan men
-bôleh mudik senăng. gemakkelijk de rivier opvaren.
-Ta bôleh menanti, sêwa prâu sa Ik kan niet wachten, huur een boot
-buah dan câri ôrang-ña cukup. en zoek een voldoend aantal
- menschen.
-Jûru-mudi sa ôrang, lâgi Eén stuurman, en bovendien hoeveel
-ânaq-prâu berâpa ôrang tuan mâu? bemanning wil u hebben?
-Ânaq-prâu empat ôrang jâdi lima Vier man roeiers (lett. kinderen der
-semuâ-ña. boot), dus in ’t geheel vijf.
-Berâpa tuan mâu beri gâji? Hoeveel loon wil u geven?
-Saberâpa pâtut. Berâpa yang âdat Zooveel als billijk is. Zooveel als
-di sini. hier de gewoonte is.
-Kâlaw âdat di sini, dibâyarkăn ’t Is hier gebruik de boothuur aan
-sêwa kepâda tuan prâu, dan dia den eigenaar te betalen, en deze kan
-bôleh selesaykăn dăngăn ’t in orde maken met den stuurman
-jûru-mudi. (lett. Indien het gebruik hier.., d.
- w. z. wat aangaat enz.)
-Ânaq-prâu dibâyar sa suku sa De roeiers worden betaald met een
-âri. halven gulden (kwart dollar) per
- dag.
-Bagi-mâna, aku beri makan juga Hoe zoo, geef ik den roeiers ook te
-pâda ânaq-prâu itu? eten?
-Tidaq, tuan, makânan-ña sendîri. Neen, mijnheer, ’t eten is voor hun
- rekening (hun eigen eten).
-Berâpa besar ketiap tuan mâu Hoe ’n groote huisboot wil u
-pakay, yang muat sa kôyan kah? gebruiken, die een „kôyan” laadt (1
- kôyan in de Straits = 40 pikul, op
- Java 30)?
-Âku ta tâu, kâlaw muat sa kôyan. Ik weet ’t niet, of ’t een kôyan
-Bôleh kah dua ôrang tidur dăngăn laadt. Kunnen er twee menschen met
-senăng di bâwah kâjang? gemak onder de kâjang slapen?
-Ô, senăng sekâli, tuan. Kâlaw O, heel gemakkelijk, mijnheer. Als
-prâu muat sa kôyan, tidaq bâwa ’t een boot is, die een kôyan laadt,
-bârang-bârang, bâñaq ôrang bôleh en niet veel goederen meeneemt, dan
-duduq dăngăn senăng. kunnen er veel menschen met gemak in
- zitten.
-Bârang-bârang sâya sedikit sâja, Ik heb maar weinig bagage, laad het
-muat dalăm prâu lekas-lekas. gauw in de boot.
-Sudah siap kah? (Sedia kah?) Is ’t al klaar?
-Sedia, tuan. Ja, mijnheer (gereed, m.)
-Kâlaw bagitu, tôlaq. Dan afstooten!
-Âir dalăm di sini, mâu pakay ’t Water is hier diep, we moeten
-dâyung. riemen gebruiken.
-Berdâyung lah kuat-kuat. Roei flink.
-Kâyuh lah kuat-kuat. Pagaai flink.
-Pâut. Pak flink aan.
-Bila berâlih sûrut, bôleh kita Als we buiten ’t bereik van den
-bergâlah. vloed zijn, kunnen we boomen. (Als
- de vloed zich verplaatst ...)
-Kâlaw sâya mudik sâja, bâlik Als ik alleen de rivier op ga, en
-mengikut lâin jâlan, berâpa sêwa terug ga langs een anderen weg,
-prâu itu? hoeveel is dan de boothuur?
-Bagitu juga, tuan. ’t Zelfde, mijnheer.
-Ô, ta pâtut bagitu, engkaw bôleh O, dat ’s niet billijk, je kunt
-muat di ulu dan ambil sêwa boven op nieuw laden, en huur vragen
-mengilir kembâli. voor de terugvaart (en nemen huur
- voor ’t terugvaren de rivier af).
-Mûrah sekâli membâwa bârang ’t Is erg goedkoop goederen van de
-mengilir deri ulu, tetapi bôleh bovenlanden de rivier af te brengen,
-sâya kûrangkăn sedikit, jika maar ik kan ’t wel wat minder
-tuan tidaq bâlik. stellen (verminderen) als u niet
- teruggaat.
-Lebih bâik kita berjañji dulu. ’t Is beter, dat we vooruit
- afspreken (overeenkomen).
-Bâik lah, tuan, biar lah Goed, mijnheer, laat het twee en
-dua-puluh-dua ringgit. twintig rijksdaalders (dollars)
- wezen.
-Bila tuan mâu jâlan? Wanneer wil u vertrekken?
-Lusa pâgi-pâgi. Overmorgen heel vroeg.
-Siapkăn dâyung dan gâlah Maak voldoende riemen en boomen
-cukup-cukup, jangan kûrang gereed, laat er niets hoegenaamd
-sâtu-âpa pun. ontbreken.
-Bôleh kah tuan beri duit sedikit Kan u wat geld (duiten) vooruit
-dulu, endaq membeli bârang geven, om wat eetwaren te koopen, en
-makânan, dăngăn rôtan dan rôtan en zoo voort?
-lâin-lâin-ña?
-Berâpa kaw mâu? Hoeveel wil je hebben?
-Bârang lima ringgit cukup, tuan. Zoowat 5 rijksdaalders (dollars) is
- genoeg, mijnheer.
-Bâik lah. Lusa pâgi mâri ke Goed. Overmorgen ochtend kom je naar
-rumah-ku mengambil mijn huis, om de bagage te halen,
-bârang-bârang, bâwa tûrun ke breng die naar de boot (breng naar
-prâu. beneden in de boot).
-Isi sâtu peti dăngăn tânah, bâwa Vul een kist met aarde, breng die
-bersâma ke dalăm prâu, bôleh met ’t andere (samen) in de boot,
-kita bertânaq dalăm prâu. dan kunnen we in de boot rijst
- koken.
-Pegang gâlah semua ôrang. Neemt allen de boomen in de hand.
-Gâlah ta sampay (ta jejaq). De boomen raken den grond niet.
-Côba lâgi sa kâli. Sampay kah Probeer ’t nog eens. Raken ze nu?
-tidaq?
-Sampay, tuan. Jawel, mijnheer (lett. ze komen aan,
- ze zijn toereikend.)
-Tikăm gâlah, kita âñut. Flink boomen, we drijven af (lett.
- steek met de boomen).
-Bila sampay di tañjung itu, mâu Wanneer we aan dien landpunt komen,
-gâlah kuat-kuat, sebab ârus moet er met kracht geboomd worden,
-derăs sekâli di situ. want daar is de stroom zeer sterk.
-Bila sampay di teloq, senăng Wanneer we aan den inham komen
-sedikit. (kromming landwaarts in), is ’t een
- beetje aangenamer.
-Singgah, singgah! Leg aan, leg aan!
-Ôrang-ôrang di dârat âda melâung Volk aan den wal roept ons toe, laat
-kita, sûruh singgah. aanleggen.
-Tebing tinggi sangăt di situ, De oever is daar erg hoog, breng de
-rapăt pantay-pasir di ulu itu. boot dicht bij den zandoever daar
- hooger op (sluit aan bij ...)
-Bôleh juga nâik, tuan. Âda U kan wel aan wal stappen, (stijgen)
-jembâtan, âda jamban. mijnheer. Er is een brug, een
- badhuisje (tevens privaat).
-Âir tohor sekâli, prâu ta lepas. ’t Water is erg laag, de boot raakt
-Prâu kandăs. niet los. De boot is aan den grond
- geraakt.
-Lepas juga. Ze is toch losgeraakt.
-Kering di sini, undur kembâli. ’t Is hier ondiep (droog), ga weer
- terug (ga achteruit terug).
-Sekârang dalăm sedikit, bergâlah Nu is ’t wat dieper boomen.
-lah.
-Âir tâwar kah ataw mâsin? Is ’t water zoet of zilt?
-Pâyaw, tuan. Brak, mijnheer.
-Câri tempat yang terang (lâpang) Zoek een plek, die open is, leg daar
-sedikit, singgah di situ, kita aan, dan kunnen wij koken.
-bertânaq.
-Ini lah tempat bâik. Hier is een goede plek.
-Rapăt ka tepi. Breng de boot dicht bij den kant
- (sluit aan tegen den kant).
-Câcaq gâlah, tambat prâu, Steek een boom in den grond, maak de
-bertânaq lah semua ôrang boot vast, laat al de menschen gauw
-lekas-lekas. rijst koken.
-Sudah âbis makan, jâlan lah Na afloop van ’t eten moeten we weer
-kita. op weg.
-Prâu tersangkut. De boot zit vast.
-Di kâyu kah, di pasir kah, di Aan hout, aan zand, aan modder?
-lumpur kah?
-Kâlaw sangkut di kâyu, mâu Als ze aan hout vastgeraakt is,
-undur, kâlaw di pasir, sorong moeten we achteruit, als ’t tegen
-prâu, bârang-kâli bôleh lepas. zand is, moet je de boot duwen,
- misschien kan ze los raken.
-Timbang betul-betul. Prâu singit Breng haar goed in evenwicht. De
-ke sâna. boot helt daarheen.
-Ketiap ini menggolèq sangăt Deze „huisboot” schommelt erg.
-(berolèng-orlèng sangăt).
-Prâu ini tetăp sekâli. Deze boot ligt (is) zeer vast.
-Kâit dâhan itu dăngăn gâlah, Pak dien boomtak met den boom, en
-tâhan bâik-bâik di bûrit prâu. houd flink tegen aan den
- achtersteven.
-Âluan sudah lepas, kenâ di De voorsteven is al los, ’t midden
-tengah, di ékor (bûrit), kenâ zit vast, de achtersteven, ’t roer
-kemudi. (getroffen aan ’t midden enz.)
-Jâga di âluan! Kijk goed uit aan den voorsteven!
-Berâpa jâuh deri Bandar-Termâsa Hoe ver is ’t van Bandar-Termâsa
-mudik ka Rekoh? naar Rekoh?
-Sâtu âri berdâyung, enăm âri In een dag roeiens en zes dagen
-bergâlah bôleh sampay. boomens kan men er komen.
-Lima tañjung lâgi, sampay lah, Nog vijf landpunten, dan zijn we er,
-tuan. mijnheer (komen we aan.)
-Sebab ujan terlampaw lebăt, jâdi Doordat de regens bizonder hevig
-sungay besar sangăt. (dicht) waren, is de rivier erg hoog
- (geworden).
-Tiga âri dulu âda bah besar. Drie dagen geleden is er een groote
- watervloed geweest.
-Câcaq gâlah di tengah, di sini Steek een boom in ’t midden in den
-bôleh kita bermalăm; kâyu-api grond, hier kunnen we overnachten;
-senăng dapăt, lâgi utan terang brandhout is gemakkelijk te krijgen,
-sedikit. en bovendien is ’t bosch een beetje
- open.
-Ñâmuq terlampaw bâñaq, târoh Er zijn bizonder veel muskieten, leg
-dâun-kâyu di âtas api, biar âda boombladeren boven op ’t vuur, dan
-asăp sedikit. komt er wat rook (opdat er wat rook
- zij).
-Bangunkăn semua ôrang din’âri Wek al de lui morgen bij ’t krieken
-ésoq, gelap-gelap bertânaq, van den dag, kook de rijst als ’t
-kemudian bôleh kita berjâlan nog donker is; daarna kunnen we weer
-pula. op weg gaan.
-Bila prâu mengilir, pakay Wanneer de boot de rivier af gaat,
-pengâyuh sâja. moet je maar de pagaaien gebruiken.
-Jâga tunggul di adăp itu, kâlaw Pas op dien boomstam daar vooruit,
-kenâ sekârang, nanti terlintang als we er nu tegen aankomen, gaat de
-prâu, bârang-kâli kâram kita. boot dwars liggen, en slaan we
-Nanti tenggelăm bârang-bârang misschien om. Dan zinken al onze
-semua. goederen.
-Tetapi kita nanti timbul, dan Maar wij zullen boven komen, en
-bôleh berenang ke dârat. kunnen naar den wal zwemmen.
-Ôrang sini biâsa mengâil kah? Zijn de menschen hier gewoon met een
-(memañcing kah?) haak (hengel) te visschen?
-Âda sa ôrang dua ôrang yang Enkele menschen visschen met een
-mepas, tetapi bâñaq yang vlieg (kunstaas), maar velen met een
-meñjâla. net (totebel).
-Âpa macăm ikan dapăt dalăm Wat voor soort visschen vangt men in
-sungay ini? deze rivier?
-Ikan-kâluï âda, ikan-sebâraw, Kâluï komt voor, en sebâraw,
-ikan-tengah, dan bâñaq lâin-lâin ikan-tengah, en allerlei andere
-macăm. soorten.
-Ikan-kâluï yang sedăp sekâli De kâluï is de lekkerste om te eten.
-makan.
-Kâlaw dapăt ikan, gorèng sâja Als je visch vangt, braad ze dan
-(bakar sâja, panggang sâja). maar (bak ze maar, roost ze maar).
-
-
-
-
-
-
-
-7. IN DE WILDERNIS.
-
-
-Tuan mâu pegi ke mâna? Waar wil u heen gaan?
-Ka Selim. Naar Selim.
-Jâuh sekâli. Bârang-kâli sâtu Dat ’s erg ver. Zoowat (misschien)
-malăm mudik, dua âri berjâlan, een nacht de rivier op, en twee dagen
-bâru sampay ka Selim. gaans, dan komt men pas te Selim.
-Jâlan éloq kah? Is ’t een mooie weg?
-Jâlan utan. Tuan terlebih tâu Een boschpad. U weet daar alles van
-hal-ña: mendaki-menûrun sâja; (weet ’t ’t best, zeer goed); maar
-mâu juga meñeberang dua tiga steeds op en af, ook moet men twee of
-ânaq-âir. drie beken oversteken.
-Sungay-ña tohor, tetapi kâlaw De rivier is laag, maar als de regens
-ujan datăng, susah juga, nanti komen, is het toch lastig, dan
-bertemu bah. krijgen we een overstrooming. [3]
-Kâlaw jâlan pâgi-pâgi, bôleh Als men zeer vroeg op weg gaat, kan
-sampay siang-âri. men in den middag aankomen.
-Kâlaw mâta-âri sudah tinggi, Als de zon al hoog is, en men gaat
-bâru berjâlan, tentu malăm bâru dan eerst op weg, komt men zeker pas
-sampay. in den nacht aan.
-Kâlaw bagitu, lebih bâik Dan is ’t beter in ’t bosch te
-bermalăm dalăm utan. overnachten.
-Bôleh, tuan, tetapi susah juga Dat kan wel, mijnheer, maar ’t is
-bermalăm di utan. toch lastig in ’t bosch te
- overnachten.
-Âwat? (Sebab âpa?) Waarom?
-Nâmuq bâñaq, lâgi dalăm rimba Er zijn veel muskieten, bovendien
-besar bârang-kâli jumpa rimaw. komen we in ’t groote woud misschien
- wel een tijger tegen.
-Kâlaw buat api besar, tentu Als we een groot vuur aanleggen
-rimaw ta berâni dekăt. (maken), durven de tijgers zeker niet
- dicht bij komen.
-Bârang-kâli, tuan. Misschien, mijnheer.
-Bâwa kâjang dua tiga bidang, Breng twee stuks kâjang-dek, en ook
-lâgi tikăr-bantal dăngăn nog matten, kussens en
-kelambu, bôleh kita tidur muskieten-gordijnen, dan kunnen we
-senăng sedikit. eenigszins aangenaam slapen.
-Bârang-kâli rumput bâsah, bâik Misschien is ’t gras nat, u moest ook
-tuan bâwa kâin-getah juga. wat gutta-percha-doek meenemen.
-Jangan bâwa bârang bâñaq: susah Neem niet veel goed mee, ’t is erg
-sekâli memikul bârang dalăm lastig in ’t woud bagage te dragen.
-rimba.
-Rimba sedikit, tuan, belukar Er is weinig hoog bosch, mijnheer,
-bâñaq. wel veel kreupelhout.
-Belukar terlebih susah, sebab ’t Kreupelhout is ’t onaangenaamst
-pânas. (lastigst) van wege de hitte.
-Kâlaw pokok-kâyu besar-besar, Als er hooge boomen zijn, kunnen we
-bôleh kita berlindung dîri deri voor de warmte schuilen.
-pânas.
-Kaki kita tentu nanti sakit, Onze voeten zullen zeker pijn doen
-sebab jejaq bâñaq akar di door ’t treden op veel wortels op den
-jâlan. weg.
-Jâga dûri, tuan: kâlaw kenâ Pas op de dorens, mijnheer, als ze in
-kâin-bâju, tentu kôyaq ’t goed van uw jas komen, scheurt het
-(terkôyaq). zeker (als geraakt ’t goed ...)
-Âda kah bâñaq pacăt di sini? Zijn er hier veel springbloedzuigers?
- (boombloedzuigers).
-Kâlaw âri-ujan bâñaq, kâlaw Als ’t regenachtig weer is, veel, als
-musim-pânas tida. ’t droge moeson is niet.
-Pacăt pun susah, tetapi lintah Springbloedzuigers zijn wel lastig,
-terlebih jâhat. Kâlaw lekăt dua maar gewone bloedzuigers (nl. in het
-tiga ékor lintah itu, water) zijn ’t kwaadst. Als er twee
-bârang-kâli minum dârah dekăt of drie stuks zich vasthechten,
-sa cupaq. zuigen (drinken) ze misschien wel een
- „cupaq” bloed op [4].
-Tidaq mengâpa: sudah keñang, Dat doet er niet toe: als ze
-dia jâtoh juga. verzadigd zijn, vallen ze toch af.
-Buñi âpa itu? Wat is dat voor een geluid?
-Âpa buñi itu? Wat is dat geluid?
-Kâyu rebah, tuan. Een boom die omvalt, mijnheer.
-Petăng sekârang bôleh kita Van avond (namiddag) kunnen we
-berenti di lâdang Sakay, ophouden op een veld van Sakay’s,
-berpondoq di situ. (oorspr. bewoners van Malaka), en
- daar een hut opslaan.
-Âda dua tiga kelâmin ôrang Er zijn twee of drie gezinnen van
-Jambi, bâru menebas kăn utan Jambiërs, die pas ’t bosch hebben
-buat lâdang. gekapt om een bouwveld te maken.
-Endaq menanăm âpa? Wat willen ze planten?
-Pâdi-uma, tuan. Gemeene rijst, mijnheer. (uma = veld
- in ’t bosch, dat geen speciale
- bewerking vereischt.)
-Mâna yang bâik, pâdi-uma kah Welke rijst is beter, de uma-rijst of
-pâdi-sâwah kah (bendang kah)? die van sâwah’s?
-Pâdi sâwah yang bâik, tuan, Sâwah-rijst is de beste, mijnheer,
-lâgi bâñaq dapăt. bovendien krijgt men dan veel.
-
-
-
-
-
-
-
-8. OP ZEE.
-
-
-Di mâna kapal kita? Waar is ons schip?
-Di lâbuan, tuan. Di kuâla. Op de reede, mijnheer. In den
- riviermond.
-Kâlaw tâda angin, ta bôleh (ta Als er geen wind is, kunnen we van
-dapăt) belâyar malăm ini. nacht niet zeilen (onder zeil gaan).
-Sâya pikir angin nanti tûrun. Ik denk, dat er straks wind zal
- opsteken.
-Kâlaw angin deri belâkang, Als de wind van achteren komt, is ’t
-ñâman, kâlaw deri muka susah. heerlijk, van voren is ’t
- onaangenaam.
-Kâlaw deri sabelah, bôleh kita Als de wind van terzijde komt, kunnen
-bêloq. we laveeren. (Als van ter zijde ...)
-Jangan belâyar bulan gelap, ta Ga niet onder zeil bij donkere maan,
-bôleh nampaq. dan kan men niet zien.
-Pukul berâpa bulan nâik Hoe laat komt de maan op?
-(terbit)?
-Jâuh malăm, tuan, bârang-kâli Laat (ver) in den nacht, mijnheer,
-pukul sâtu. misschien om een uur.
-Kâlaw bagitu, tûrun ke pantay Dan moet je om twaalf uur naar ’t
-pukul dua-belas, nanti sâya strand komen (dalen), dan kom ik
-datăng. daar.
-Câri orang panday pegang Zoek iemand, die verstand heeft van
-kemudi. sturen (bekwaam in ’t hanteeren van
- ’t roer).
-Susah meñcâri, tuan, tetapi, Die is lastig te zoeken, mijnheer,
-kâlaw malăm terang, bôleh kita maar als ’t een heldere nacht is,
-mengikut pantay, bâtu dan kunnen we ’t strand volgen, er zijn
-kârang t’âda. geen rotsen of klippen.
-Bongkar sâuh. Haal ’t anker op.
-Buka lâyar semua. Hijsch al de zeilen.
-Lâyar âgung sâja jâdi lah dulu. Eerst maar alleen ’t groote zeil (’t
- groote zeil slechts, dan is ’t in
- orde (geworden) vooreerst).
-Tûrunkăn jib. Haal ’t kluiverzeil neer.
-Kelat sudah kusut, pañjat tiang De schoot is in de war, klim in de
-betulkăn-ña. mast en maak hem in orde.
-Kîri kemudi, nampaq âir berôlaq Bakboord (links) ’t roer, er is vóor
-di adăp, tentu âda bâtu. draaiing in ’t water te zien, er zijn
- zeker rotsen.
-Kemudi ta makan, tuan. ’t Roer pakt niet, Mijnheer.
-Kîri cikar! Bakboord ’t stuurrad!
-Betulkăn kemudi, kita undur. Zet ’t roer recht, we gaan achteruit.
-Bagi-mâna ârus sekârang? Hoe is de stroom nu?
-Âir pasang kah sûrut? Is er vloed of eb?
-Pasang-penuh. De vloed is op zijn hoogst.
-Sûrut-timpas. Laag water (laagste eb).
-Âir bunga-pasang. De vloed is juist begonnen.
-Sâtu âri bulan âir pasang Als de maan éen dag oud is, hebben we
-besar. heel hoog water.
-Dârat ta nampaq lâgi, lebih ’t Land is niet meer te zien, ’t is
-bâik rapăt ke pantay sedikit. beter wat dichter bij ’t strand te
- gaan.
-Ta bôleh, tuan, pantay sudah Dat kan niet, mijnheer, ’t strand is
-dekăt, ta nampaq sebab ujan al dichtbij, ’t is niet te zien van
-lebăt ini. wege den harden regen.
-Kâlaw nampaq bukit Jegrâ, tuju Als de Jegrâ-berg in ’t zicht komt,
-lah betul-betul, bôleh dapăt moet je er goed op af sturen, dan
-Kuâla-Langat. kunnen we de mond der Langat binnen
- loopen (krijgen.)
-Buang perum. Werp ’t lood uit.
-Berâpa âir? Hoeveel water staat er?
-Âir dalăm juga, ta jejaq perum. ’t Water is nogal diep, ’t lood raakt
- den grond niet.
-Buang sa kâli lâgi. Werp ’t nog eens uit.
-Empat depâ betul. Precies vier vadem.
-Tohor sini, jâga bâik-bâik, ’t Is hier ondiep, wees voorzichtig,
-nanti kita kenâ beting. straks raken we op een zandbank.
-Sudah lepas beting. We zijn al over den zandbank.
-Lâbuh sâuh; padămkăn api, sâtu Werp ’t anker uit; doe ’t vuur uit.
-ôrang jâga kapal, lâin ôrang Een man houdt de wacht over ’t schip,
-semua bôleh tidur. de anderen mogen allen gaan slapen.
-Kapal menggolèq (olèng-olèng) ’t Schip slingert erg, ’t is lastig
-sangăt, susahm âu tidur. als men slapen wil.
-Pukul lima pâgi aku mâu jâlan Om vijf uur in den ochtend wil ik
-lâgi. Arăng âda cukup kah? weer op weg. Is er voldoende
- houtskool?
-Arăng t’âda lâgi, tetapi Er is geen houtskool meer, maar
-kâyu-bakaw bâñaq. rhizophoren-hout veel. (hout van
- strandwortelboomen).
-Ambil âir tâwar saberâpa bôleh Haal zooveel zoet water als we laden
-muat, kâlaw pakay âir mâsin, kunnen, als je zout water gebruikt,
-nanti rusaq pesâwat (priuk-ña). bederft de machine (de ketel, lett.
- pot).
-
-
-
-
-
-
-
-9. OP JACHT.
-
-
-Sâya endaq pegi menémbaq. Ik wil gaan jagen (schieten).
-Tuan ’naq menémbaq âpa? Waar wil u op jagen?
-Naq menémbaq bûrung. Ik wil vogels schieten.
-Bûrung macăm âpa? Wat voor soort vogels?
-Bûrung-berkèq, puyuh, Snippen, kwartels, talingen, wilde
-bûrung-belibis, itik-âir, undan, eenden, wilde ganzen, al wat er maar
-âpa-âpa macăm yang âda. is (welke soorten, die er zijn).
-Bûrung-kuang yang susah sekâli De argus-fazant is ’t lastigst te
-mendapăt-ña. krijgen.
-Dia inggăp di âtas pokoq dalăm Hij zit op boomen in groote wouden.
-rimba besar-besar. Kâlaw ôrang Als men hem nadert (reeds nabij is),
-sudah dekăt, terbang lah dia. vliegt hij weg.
-Tuan pakay senâpang-kôpaq? Gebruikt u een achterlader?
-Ia, senâpang-kôpaq dua mâtâ-ña; Ja, een dubbelloops-achterlader; een
-senâpang kembar. dubbelloops-geweer.
-Bâwa petrum yang isi penâbur Breng patronen met fijnen hagel
-âlus itu. erin.
-Tidaq âda lâgi, tuan: sudah âbis Die zijn er niet meer, mijnheer: die
-semua, tinggal nomor lima sâja. zijn alle op, er is alleen nog maar
- no. 5 (blijft no. 5 slechts).
-Kâlaw menémbaq punay éloq lah Als men op wilde duiven schiet, is
-nomor lima. no. 5 uitstekend (mooi).
-Bâwa petrum-pelûru dua tiga Breng twee of drie hagelpatronen
-butir, bârang-kâli jumpa mee, misschien treffen we een wild
-bâbi-utan âtaw buâya. zwijn of een krokodil.
-Sabelah sini, tuan, âda dua tiga Dezen kant uit, mijnheer, er zitten
-ékor bûrung inggap di rumput twee of drie vogels daar in ’t gras,
-sâna, tepi pâya. aan den kant van ’t moeras.
-Itu dia! Daar zijn ze!
-Kenâ kah tidaq? Zijn ze geraakt of niet?
-Kenâ, tuan. Ze zijn geraakt, mijnheer.
-Pegi lah mengambil-ña. Ga ze halen.
-Kenâ sedikit, tuan. Belom mati, Ze zijn maar even (een beetje)
-sudah meñelăm. geraakt, ze zijn nog niet dood, ze
- zijn al ondergedoken.
-Panday sekâli sembuñi Die talingen kunnen zich heel goed
-bûrung-belibis itu, melâinkăn verschuilen (zeer bekwaam zich te
-mati-langsung, susah meñcâri-ña. verschuilen); tenzij ze morsdood
- zijn, is ’t lastig ze te zoeken.
-Bûrung bâñaq, tuan; tetapi pâya Er zijn veel vogels, mijnheer; maar
-dalam, mâu pakay prâu. ’t moeras is diep, we moeten een
- boot gebruiken.
-Rumput sudah pañjang, susah ’t Gras is al hoog (lang), ’t is
-beprâu. lastig te varen.
-Bôleh juga kita berjâlan We kunnen ook heel langzaam loopen.
-pelâhan-pelâhan. Berdâyung ta Roeien gaat niet, we moeten boomen.
-bôleh, mâu bergâlah.
-Tuan duduq di tengah prâu, di Ga u in ’t midden van de boot, aan
-âluan, sâya nanti bergâlah deri den voorsteven zitten, dan zal ik
-belâkang. van achter boomen.
-Luas sekâli pâya ini. Âpa nâma Dit moeras is zeer uitgestrekt. Hoe
-tampat-ña? heet deze plaats?
-Bendang-kering, tuan. Bendang-kering (droog rijstveld)
- mijnheer.
-Bûrung sudah jâtoh, kenâ De vogel is gevallen, hij is in zijn
-sâyap-ña, nanti dia lâri, ambat vleugel getroffen, straks loopt hij
-lekas. weg, ga hem gauw achterna.
-Dapăt, tuan, kenâ di dâda, Ik heb ’m (gekregen), mijnheer, hij
-mati-langsung. is in de borst getroffen, hij is
- morsdood.
-Mâna-mâna yang belom mati, Alle, die nog niet dood zijn moet je
-semlèhkăn dia, bôleh ôrang Selam slachten (op Mohammedaansche wijze),
-mâkan-ña. dan kunnen de Moslims ze eten.
-Lemaq sekâli dâging-ña. ’t Vleesch is erg machtig (vet).
-Bûrung berkèq yang sedăp deri Snippen zijn ’t lekkerst van alle.
-semua.
-Tuan suka kah bebûru rusa? Houdt u er van herten te jagen?
-Kâlaw âda añjing, suka juga. Als er honden zijn, houd ik er wel
- van.
-Râja-râja Pâhang yang panday De vorsten van Pâhang zijn goede
-bebûru. jagers (bekwaam in ’t jagen).
-Âpa bangsa añjing dia pakay Wat voor soort (ras) honden
-(dipakay-ña)? gebruiken ze?
-Añjing ôrang Sakay. Honden van de Sakay’s (oorspr.
- bewoners van Malaka).
-Cari ôrang Sakay, yang panday Zoek een Sakay, die wilde dieren kan
-mengikut binâtang liar, bôleh opsporen, dan kunnen we die gaan
-kita pegi menémbaq. jagen (schieten).
-Âda sa ôrang pâwang di sini, Hier is een „pâwang” (soort
-tuan. dierenbezweerder, die wilde dieren
- opspoort), mijnheer.
-Binâtang macăm âpa bôleh dapăt? Wat voor soort dieren kan je vinden?
-(Âpa macăm binâtang bôleh
-dapăt?)
-Gâjah, bâdaq, selâdang, tenuq, Olifanten, neushorens, wilde
-rusa [5], kijang, pelanduq [6] runderen (op Java bantèng), herten,
-dan lâin-lâin-ña. reeën, dwerghertjes enz. (en
- andere).
-Kâlaw bôleh dapăt selâdang sa Als je een wilde koe (stier) kunt
-ékor, gemăr lah ati-ku. krijgen, zou ik ’t heerlijk vinden
- (is mijn hart begeerig).
-Kâlaw untung, bôleh juga kita Als we gelukkig zijn, kunnen we er
-dapăt, tuan. wel een krijgen, mijnheer.
-Aku arăp bagitu. Dat hoop ik (ik hoop zoo).
-Jangan bâwa bâñaq ôrang, sa U moet niet veel menschen meenemen,
-ôrang dua ôrang sâja, jâdi lah. twee man maar, dat ’s voldoende. U
-Tuan jâlan pelâhan sekâli, ta moet heel langzaam loopen, en u mag
-bôleh cakăp-cakăp. niet praten.
-Tempat mâna yang dia suka? Van welke plaatsen houden ze?
-Utan-buluh dekăt dăngăn âir Bamboe-bosch dicht bij een warme
-angăt, itu lah yang dia suka bron (lauw water), daar houden ze
-sangăt. veel van.
-Bôleh kah dekăt dăngăn dia? Kan men ze naderen?
-Bôleh juga, kâlaw ôrang panday Jawel (kan wel), als men bekwaam is
-mengikut binâtang. in ’t opsporen van dieren (volgen
- van dieren).
-Kâlaw jantăn, tanduq-ña ’t Mannetje heeft dikke lange horens
-besar-pañjang. Betina pun (lett.: als ’t mannetje, zijn horens
-bertanduq juga, tetapi kecil groot lang). ’t Wijfje heeft ook
-lâgi. horens, maar die zijn kleiner.
-Kulit-ña ităm, bulu pèndèq, De huid is zwart, de haren zijn
-kaki-ña kecil, bulu-betis-ña kort, de pooten klein, ’t haar op de
-mêrah. huid is rood.
-Gârang sekâli-binâtang itu, Die dieren zijn erg kwaadaardig, als
-kâlaw dia langgar, endaq lah ze aanvallen, moeten we voorzichtig
-kita jâga bâik-bâik. zijn.
-Dia terekam dăngăn tanduq-ña. Ze vallen met hun horens aan.
-Kâlaw luka ta mati, bârang-kâli Als ze gewond en niet dood zijn,
-gârang, kâlaw ta kenâ lâri lah zijn ze wellicht gevaarlijk (woest),
-dia. als ze niet getroffen zijn, loopen
- ze weg.
-
-
-
-
-
-
-
-10. AAN TAFEL.
-
-
-Siapkăn makânan (sediakăn Zet het eten klaar.
-makânan).
-Bâwa makânan. Breng het eten.
-Makânan sudah sedia, tuan. ’t Eten is al klaar, mijnheer.
-Tukar pinggan ini [7]: terlâlu Geef me een ander bord (ruil dit
-kotor. bord): ’t is erg vuil.
-Pisaw ini tidaq beresih, bâwa Dit mes is niet schoon, breng een
-lâin. ander.
-Dâging ini kûrang masaq, angkat, Dit vleesch is niet voldoende gaar,
-sûruh masaq lâgi. neem ’t weg en laat het gaarder
- maken (nog meer koken).
-Kâin-mêja ini kecil âmat, Dit tafellaken is al te klein,
-mengâpa engkaw tidaq târoh lâin? waarom heb je geen ander neergelegd?
-Bâwa lâgi sâtu krusi, sâma tuan Breng nog een stoel, voor dezen
-ini. heer.
-Kentang [8] ini sudah busuq: di Deze aardappelen zijn al bedorven.
-mâna kaw dapăt? Waar heb je ze gehaald (gekregen)?
-Minta serbèt beresih, ganti yang Ik vraag een schoon servet, geef
-tuan ’pu-ña. mijnheer een ander (ruil dat van
- mijnheer).
-Ganti garpu dan pisaw. Verwissel de vorken en messen.
-Pisaw ini tumpul sekâli, sûruh Dit mes is zeer bot, laat het wat
-âsah sedikit. slijpen.
-Minta garăm, lâda, cuka, sambal, Geef me (vraag) zout, peper, azijn,
-gula, miñaq, sesâwi. inlandsche toespijs (Spaansche peper
- enz.), suiker, olie, mosterd.
-Tuang anggur ke dalăm gelas Schenk wijn in al de glazen. Als je
-semua. Bila kaw liat gelas sudah ziet, dat er een glas leeg is, vul
-kosong, isi lâgi. je het weer.
-Gelas tuan itu tidaq penuh, ’t Glas van dien heer is niet vol,
-tambah lâgi. doe er wat bij.
-Minta anggur-asăm, anggur-mêrah, Geef me (vraag) Rijn-wijn, rooden
-anggur-puf (sempâni). wijn, champagne.
-Anggur ini kûrang sejuq, bâwa Deze wijn is niet koel genoeg, breng
-âir-bâtu. Angkat bir ini, tuan ijs (steenwater). Neem dit bier weg,
-tidaq suka. mijnheer houdt er niet van.
-Jâlankăn nasi, tuan C. belom Laat de rijst rondgaan (doe de rijst
-dapat. gaan), mijnheer C. heeft nog niet
- gehad (gekregen).
-Nasi ini angit. Sûruh masaq Deze rijst is aangebrand. Laat
-lâin. andere koken.
-Âpa sebab kaw tidaq datăng lebih Waarom kom je niet eerder? Die dame
-dulu? Ñôñah (nônah) itu sudah (jonge dame) heeft al twee maal
-panggil dua tiga kâli. geroepen.
-Kâlaw ôrang panggil, lekas sâut Als er iemand roept, moet je gauw
-(jâwab), lâin kâli ingăt. antwoord geven, denk er een anderen
- keer aan.
-Di mâna lâin-lâin boy (jongos) Waar zijn al de andere bedienden?
-semua? Sûruh dia-ôrang menanti Laat ze hier wachten, en aan tafel
-di sini, jâga mêja waktu kâmi bedienen (passen op de tafel), op
-makan. den tijd dat wij eten.
-Tâña sâma tuan, kâlaw suka minum Vraag aan mijnheer, of hij koffie
-âir kahwa (kopi). wenscht te drinken.
-Bâwa rokoq. Ambil yang âlus di Breng sigaren. Haal de fijne in ’t
-peti kâlèng kecil. kleine blikken kistje.
-Uñjuqkăn sâma tuan-tuan ini Presenteer ze aan al deze heeren.
-semua.
-Minta api; gûris-api [9]; Ik vraag vuur; lucifers; een lont
-tâli-api. (vuurtouw).
-Aku mâu minum rokoq lâgi. Ik wil nog meer rooken (sigaren
- drinken).
-
-
-
-
-
-
-
-11. IN EEN HOTEL.
-
-
-S’p’âda (samentrekking van Hei daar, is er iemand?
-siâpa-âda)!
-Sâya, tuan! Jawel, mijnheer!
-Minta kâmar. Ik vraag een kamer.
-Tuan mâu kâmar yang lima rupiah Wil u een kamer van vijf gulden
-sa âri kah âtaw yang enăm rupiah? daags of een van zes?
-Minta yang lima rupiah sâja. Geef me maar een van vijf (vraag
- die van vijf gulden).
-Sila kan ikut sâya, tuan. Nanti Wees zoo goed mij te volgen,
-sâya tuñjuqkăn. mijnheer. Ik zal er u een wijzen.
-Kâmar ini terlâlu kecil. Deze kamer is te klein (erg klein).
-Semua bagitu, tuan. Ze zijn alle zoo, mijnheer.
-Yang di sabelah situ bagitu juga? Die aan gindschen kant ook?
-Tidaq tuan, itu yang enăm rupiah Neen, mijnheer, die zijn van zes
-sa âri. Lebih besar deri ini. gulden daags. Ze zijn grooter dan
-Tuan mâu liat? deze. Wil u ze zien?
-Sudah. Ta usah. Biar lah aku Och, neen, ’t hoeft niet.
-ambil kâmar ini sâja. (Afgedaan, ’t hoeft niet). Laat me
- deze kamer maar nemen.
-Nanti pukul berâpa ôrang makan di Hoe laat eet men hier (straks)?
-sini?
-Pukul sâtu, tuan. Nanti malăm Om een uur, mijnheer. Van avond om
-pukul delâpan. acht uur.
-Mâna kâmar-mandi? Waar is de badkamer?
-Minta tuâla dan sâbun. (voor Ik vraag een handdoek en zeep.
-tuâla op Java anduq, verb. Holl.
-handdoek).
-Sûruh boy (jongos) bâwa Laat mijn jongen mijn tandenborstel
-sikat-gigi dan sisir. Lâgi âda en mijn kam brengen. Ze zijn nog in
-dalăm kopor di kâmar. de koffer in mijn kamer.
-Âda kah cermin di kâmar-mandi? Is er een spiegel in de badkamer?
-(Op Java voor cermin kâca).
-Âda, tuan. Jawel, mijnheer (er is, mijnheer).
-Berâpa âri tuan mâu tinggal di Hoeveel dagen wil u in dit logement
-rumah-makan ini? blijven?
-Itu lah mandor datăng, tuan. Dia Daar komt de mandoer (soort
-minta masuqkan nâma dan pekerjâan opperkellner), mijnheer. Hij
-tuan ke dalăm daftar (buku). verzoekt u uw naam en betrekking in
- ’t register te schrijven (in te
- brengen).
-Nanti malăm tuan suka pakay krêta Wenscht u van avond een rijtuig te
-kah? hebben (gebruiken)?
-Berâpa sêwâ-ña sa jam? Hoeveel is ’t per uur (de huur)?
-Tiga rupiah, tuan. Drie gulden, mijnheer.
-Bâik lah. Sûruh pasang pukul sa Goed, laat om half zeven inspannen.
-tengah tujuh.
-
-
-
-
-
-
-
-12. GESPREK MET EEN MALEISCH VORST.
-
-
-Tunku âda di dalăm kah? Is de Tunku thuis?
-Âda, tuan, tetapi Tunku berâdu, Jawel, mijnheer, maar de Tunku
-belom jâga. slaapt, hij is nog niet wakker.
-Pukul berâpa Tunku nanti jâga? Hoe laat wordt de Tunku wakker?
-Nanti tengah âri. Sudah dia Om twaalf uur (straks middag). Als
-sîram, bôleh tuan berjumpa hij al gebaad heeft, kan u hem
-dăngăn dia. ontmoeten.
-Tunku sila kan masuq tuan. De Tunku noodigt u uit binnen te
- komen.
-Selâmat berjumpa, Tunku, sâya Ik verheug me u te zien, Tunku (Heil
-arăp Tunku sêhat. bij ’t ontmoeten), ik hoop dat u
- gezond is.
-Sêhat juga, terima kâsih, tuan. Heel wel, dank u, mijnheer.
-Siâpa ini, Tunku? Sâya belom Wie is dit, Tunku? Ik ken hem nog
-kenal. niet.
-Âdiq sâya, tuan: Tunku Ngah. Dit is mijn jongere broeder,
- mijnheer: Tunku Ngah.
-Bila Tunku endaq berangkat Wanneer wil u weer naar ’t binnenland
-bâlik ka ulu? terug gaan?
-Belom tentu lâgi, tuan. Pekat Dat’s nog niet vast, mijnheer. Ik wil
-dulu dăngăn âdiq sâya ini. eerst met mijn jongeren broeder
- overleggen.
-Kâlaw Tunku bâlik ka ulu beprâu Als u naar ’t binnenland teruggaat,
-kah, bergâjah kah, berjâlah gaat u dan in een boot, op een
-kah? olifant of te voet?
-Jâlan kaki susah, sebab Te voet te gaan is lastig omdat de
-mendaki-menûrun bâñaq. Lâgi weg erg op en neer gaat. Bovendien
-gâjah pun susah berjâlan loopen de olifanten moeilijk in dit
-musim-ujan ini. Ôrang bâru jaargetijde. Menschen zoo pas van de
-sampay deri ulu kâtâ-ña pâda binnenlanden gekomen, zeiden me, dat
-sâya âir di jâlan itu s’ingga het water op den weg tot aan de
-lutut. Sebab itu sâya pikir knieën reikt. Daarom denk ik, dat het
-bâik ikut sungay. beter is de rivier te volgen.
-Kâkanda Unku Lung sûruh pâtik Uw (oudere) broeder Unku Lung stuurt
-mengadăp memberi tâu kepâda mij naar u toe (laat mij vóor u
-Tuanku Kâkanda âda di verschijnen), om u kennis te geven,
-Kubang-Buâya, ésoq nanti dia dat hij te Kubang-Buâya is, en morgen
-sampay kemâri mengadăp Tuanku. hier aankomt om vóor u te
- verschijnen.
-Bâik lah. Âwaq bâlik mengâtakăn Goed. Ga terug en zeg aan mijn
-pâda Kâkanda, Âdinda âda sedia broeder, dat ik (jongere broeder) hem
-menanti kăn dia. hier verwacht (gereed ben op hem
- wachtende).
-Pâtik bermuhun. Ik vraag verlof om heen te gaan.
-Ia, jâlan lah. Goed, je kunt gaan.
-Tunku Lung, yang endaq sampay Is die Tunku Lung, die morgen zal
-ésoq, dia âbang kah kepâda komen een (oudere) broeder van u?
-Tunku?
-Bukan âbang sa-jâlan-jâdi Geen (oudere) broeder van denzelfden
-(betul), tuan: sâtu bâpa, lâin vader en dezelfde moeder (van
-ibu. dezelfde wijze van geboren worden,
- echt): denzelfden vader, een andere
- moeder.
-Bârang-kâli tidaq âda Misschien heeft u geen broeders of
-âdiq-kâkaq yang s’ibu-sa-bâpa, zusters van denzelfden vader en
-dăngăn Tunku? dezelfde moeder?
-Âda juga, tuan: kâkaq sâtu yang Jawel, mijnheer; een oudere zuster,
-sudah nikâh pada Râja Mahmûd, die getrouwd is met Râja Mahmûd, en
-dan âdiq laki-laki sâtu yang een jongere broeder, die nog niet
-belom besar, tengah mengâji volwassen (groot) is, die leert nog
-dia. Belom xatam. [10] de Koran lezen. Hij heeft die nog
- niet doorgelezen.
-Dua-puluh-delâpan juz sudah Acht en twintig afdeelingen heeft hij
-dibâca, âda dua juz belom. al gelezen, twee nog niet.
-Kâlaw bulan-puâsa bâca qurân di Als men in de vastenmaand in een
-tengah majelis, maka kita ta gezelschap de Koran leest, en wij
-tâu bâca, mâlu sekâli. kunnen dan niet lezen, zijn we erg
- beschaamd.
-Kâlaw ânaq ôrang bâik-bâik ta De kinderen van aanzienlijken (indien
-bôleh tidaq mâu xatam qurân. kinderen....) moeten volstrekt de
- Koran doorgelezen hebben.
-
-
-
-
-
-
-
-13. OP DE MARKT.
-
-
-Kaw berjual âpa di sini? Wat heb je hier te koop?
-Sâya endaq membeli kâin-sarung, Ik wil sarong’s, Javaansch batiksel,
-bâtik buâtan Jâwa; bôleh kah koopen; kan ik die hier krijgen?
-dapăt di sini?
-Ini kûrang bâik, âda kah yang Deze zijn minder goed, zijn er
-bâik deri ini? betere dan deze?
-Itu mâhal sekâli; itu tidaq Dat is erg duur; dat is niet
-mûrah. goedkoop.
-Bôleh tâwar, tuan. U mag bieden (afdingen), mijnheer.
-Côba tuñjuqkăn yang mûrah. Laat er eens wat zien, die
- goedkooper zijn.
-Âda kah kâin-setrâ? (op Java: Heb je ook zijden stoffen?
-sutra)
-Setrâ Cina buat bâju? Chineesche zijde om buisjes van te
- maken?
-Di sini t’âda, tuan. Dalăm keday Hier is ’t niet, mijnheer. In den
-Makaw bôleh dapăt. Makawschen winkel (kraam) kan u ’t
- krijgen.
-Bôleh kah sâya beli Kan ik goederen koopen in het
-bârang-bârang dalăm pajăk-gâday pandjeshuis?
-(rumah-gâday)?
-Dalăm pajăk-gâday ta bôleh, In ’t pandjeshuis kan het niet, maar
-tetapi dalăm keday kâin bûruq wel kan u er in den uitdragerswinkel
-bôleh juga dapăt. (kraam van versleten stoffen)
- krijgen.
-Kâin Bugis di mâna bôleh sâya Waar kan ik Boegineesche kleedjes
-beli? koopen?
-Sekârang ta bôleh dapăt, tuan, Nu kan u ze niet krijgen, mijnheer,
-tetapi dalăm musim Bugis bôleh maar in den tijd van de Boegineezen
-beli di prâu ôrang Bugis, âtaw (een bepaald deel van ’t jaar) kan u
-di Kampung-Gelam tepi lâut. ze koopen aan de schuiten der
- Boegineezen, of in Kampoeng-Gelam
- aan zee.
-Mâna tukang-mas yang panday Waar is hier de beste (bekwaamste)
-sekâli di sini? goudsmid?
-Bârang-kâli ôrang Jâwa di Misschien is ’t een Javaan in K. G.
-Kampung-Gelam. Tukang Cina pun De Chineesche goudsmid (eig.
-panday juga, tetapi kâmi kûrang handwerksman) is ook wel knap, maar
-percâya sedikit. wij vertrouwen hem minder.
-Bukan kah ini keday sa ôrang Is dit niet de winkel van een Javaan
-Jâwa bernâma Ahmad, tukang-mas genaamd Ahmad, goudsmid?
-(juâri)?
-Betul, tuan: dulu âda dia Jawel (juist) mijnheer: vroeger
-tinggal di sini, sekârang sudah woonde hij hier, nu is hij (reeds)
-pindah ke Johor. naar Djohor verhuisd.
-
-
-
-
-
-
-
-14. HET AANLEGGEN VAN EEN PLANTAGE.
-
-
-Sâya ’naq membuka kebon tanăm Ik wil een plantage aanleggen om
-kahwa dan sebâgay-ña; bôleh kah koffie enz. te planten; kan je zoo
-meñcâri ôrang kuli bârang sa ongeveer honderd koeli’s zoeken?
-râtus ôrang?
-Di mâna tuan ’naq membuka kebon Waar wil u die plantage aanleggen?
-itu?
-Di ulu Pêraq. In de bovenlanden van Pêrak.
-Tuan mâu kuli Cina kah âtaw Wil u Chineesche koeli’s of Javanen?
-ôrang Jâwa?
-Ôrang Jâwa delâpan-puluh, ôrang Tachtig Javanen en twintig
-Cina dua-puluh. Chineezen.
-Berâpa tuan mâu beri gâji sa Hoeveel loon wil u per man geven?
-ôrang?
-Pâda ôrang Jâwa enăm ringgit sa Aan de Javanen zes dollar
-bulan, makânan di âtas dia. Cina (rijksdaalders) per maand, ’t eten
-bagitu juga. voor hun rekening (op hen). De
- Chineezen even-zoo.
-Bôleh sâya dapăt, tuan, tetapi Ik kan ze krijgen, mijnheer, maar ze
-dia-ôrang tentu endaq minta zullen zeker om voorschot vragen.
-cengkeram dulu [11].
-Bâik lah, bôleh sâya beri Goed, ik kan elk (éen man) tien
-sa-puluh ringgit sa ôrang, dollar geven, maar een hoofd van hen
-tetapi sa ôrang kepâlâ-ña endaq moet voor de anderen instaan. Anders
-lah tanggung âtas yang lâin. (zoo niet) gaan ze allen er van
-Kâlaw tidaq, nanti dia-ôrang door, en is mijn geld voor niets
-lâri semua, ilang wang sâya weg.
-percuma.
-Kâlaw sa râtus ôrang, beri Als er honderd man zijn en u geeft
-cengkeram sa-puluh ringgit sa tien dollar voorschot per man, dan
-ôrang, jâdi mâu minta jâmin (dus) wil u een borgstelling van
-sa-ribu ringgit. duizend dollar hebben?
-Ia, betul. Ja, juist.
-Câri kăn dua ôrang yang âda arta Zoek me twee menschen op, die wat
-bôleh meñjâmin-ña. gefortuneerd zijn (die goederen
- hebben) om voor hen borg te wezen.
-Âpa macăm kerjâ tuan mâu beri Wat voor soort werk wenscht u aan
-kepâda kuli itu? die koeli’s op te dragen (te geven)?
-Kerjâ menebas utan, membuat ’t Openkappen (werk openkappen), het
-jâlan dan pârit meñcangkulkăn maken van wegen (paden) en sloten,
-tânah, menanăm pokoq-pokoq dan het omspitten van den grond, het
-sebâgay-ña. planten van boomen enz.
-Sudah kah tuan buat rumah di Heeft u daar al een huis gebouwd
-sâna âtaw belom? (gemaakt) of nog niet?
-Sudah sâya jañji dăngăn ôrang Ik heb al een overeenkomst aangegaan
-Melâyu di sâna, dia endaq met een Maleier daar, hij zal
-memanggil Sakay menebas kăn Sakay’s ontbieden (roepen) om het
-utan. bosch te kappen.
-Bagi-mâna tuan jañji dăngăn dia? Hoe is u met hen overeengekomen?
-Dia jañji kerjâ, borong, endaq Hij is overeengekomen het heele werk
-menebas kăn sa-râtus depâ aan te nemen (borong is die wijze
-pañjang dan lêbar-ña sa-râtus van werken, waarbij men betaalt voor
-(sa-râtus depâ nâik, sa-râtus ’t volledige werk na afloop), om
-bukâ-ña), dăngăn arga sa-râtus honderd vadem in ’t vierkant om te
-ringgit. kappen, tegen honderd dollar (met
- prijs 100 dollar).
-Tebas dan bakar? Kappen en branden?
-Ia, bagitu. Ja, zoo is ’t.
-Mûrah juga. Dat ’s wel goedkoop.
-Beras makânan kuli di mâna bôleh De rijst voor de koeli’s om te eten,
-dapăt? waar kan men die krijgen? (rijst,
- voedsel der koeli’s....)?
-Tujuh âri sa kâli dia ôrang Eens in de acht dagen kunnen zij
-bôleh sûruh dua tiga ôrang tûrun twee of drie man naar de markt
-ka pekăn (pasar), membeli beras, sturen (naar beneden sturen naar de
-memikul kembâli. markt), om rijst te koopen en ’t
- hierheen terug te dragen.
-Âmat jâuh, tuan. ’t Is erg ver, mijnheer.
-Tidaq berâpa jâuh. Kâlaw âri itu ’t Is niet bizonder ver. Als ze dien
-ta bôleh bâlik, bôleh tidur sâtu dag niet terug kunnen keeren, kunnen
-malăm di pekăn, bâlik ésoq. ze een nacht op de markt slapen, en
- den volgenden ochtend terugkeeren.
-Memikul (mengambin) bârang dalăm ’t Dragen (dragen aan banden over de
-utan terlâlu susah. schouders) van goederen is erg
- lastig in ’t bosch.
-Bila sudah buat lûrung, bôleh Wanneer er al wegen zijn gemaakt,
-pakay kerbaw membâwa kan men karbouwen (buffels)
-bârang-bârang. Kemudian bôleh gebruiken om de goederen te brengen.
-buat jâlan krêta. Daarna kunnen we een weg voor
- rijtuigen maken.
-Cucikăn tem pat buat pondoq Maak een plek schoon om er maar een
-sâja. Nanti ésoq bôleh menebas hut op te slaan. Dan kan je morgen
-kăn utan empat lima depâ, tempat ’t bosch vier of vijf vadem
-dîrikăn bangsal-kuli. Câri wegkappen, waar een koeli-loods kan
-tempat yang bâik, lâgi dekăt opgericht worden (plaats van
-dăngăn âir. oprichten...). Zoek een goede plek,
- bovendien dicht bij ’t water.
-Kâlaw t’âda sungay, mâu gâli kăn Als er geen rivier is, moet men twee
-perigi dua buah, sa buah buat putten graven, éen voor drinkwater
-âir-minum, sa buah buat mandi. en éen om te baden.
-Bila sudah âbis bangsal dan Wanneer de loods en de putten klaar
-perigi, sâya ’naq memilih zijn, zal ik een plek uitkiezen om
-tempat-tanăm-benih ’t zaad te planten. (zaadbed.)
-(perse-mâyan).
-Bila sudah tanăm benih itu, buat Wanneer het zaad al geplant is, moet
-jamba dăngăn dâun-kâyu, maka je een dek maken van (lett. met)
-kâlaw t’âda ujan sa-âri-âri, boomblaren, en als ’t niet iederen
-bôleh disîram dăngăn âir. dag regent kan het met water begoten
- worden.
-Berâpa kâli sa âri mâu disîram? Hoeveel maal daags moet het begoten
- worden?
-Sa kâli sâja, petăng-âri, pukul Maar eens, ’s namiddags zoo wat om
-lima bagitu. vijf uur.
-Sudah terbit (tumbuh) benih itu? Is dat zaad al opgekomen (gegroeid)?
-Sudah, tuan. Tidaq jâdi, tuan. Jawel, mijnheer. ’t Is niet
-Benih sudah mati. opgekomen (geworden), mijnheer, ’t
- Zaad is al dood.
-Kâlaw benih kahwa-susu [12], Bij cacao-zaad (als ’t c. z. is),
-waktu tanăm endaq lah ôrang jâga moet men op den planttijd behoedzaam
-bâik-bâik, masuqkăn benih-ña ke zijn, en het zaad heel recht in den
-dalăm tânah bujur sekâli; kâlaw grond doen; anders worden de
-tidaq, pokoq-ña nanti béngkoq. boompjes krom.
-Tampang-kahwa itu sudah besar, De jonge koffieplantjes zijn reeds
-bila datăng ujan, endaq lah groot, wanneer er regen komt, moeten
-ditanămkăn di kebon (dipindahkăn ze in den tuin geplant
-ka kebon). (overgebracht) worden.
-Bila dicâbut, bâik-bâik rusaqkăn Wanneer ze uitgetrokken worden, wees
-akar-ña. dan voorzichtig, dat je de wortels
- niet beschadigt.
-Kâlaw akar-terus bumi itu rusaq, Als de hoofdwortel (wortel recht in
-mati lah pokoq-ña. den grond) beschadigd wordt, gaat de
- plant dood.
-Pekâkas bâñaq sudah rusaq. Van de werktuigen is al veel stuk.
-Cangkul dan beliung kûrang, mâu Hak en dissel ontbreken, ’t is
-beli lâgi. noodig andere (nog meer) te koopen.
-Pekâkas yang surdah rusaq itu Geef de werktuigen, die al kapot
-beri pâda tukang-besi, sûruh zijn, aan den smid, laat hem die in
-bâiki (betulkăn). orde maken.
-Âpa yang kûrang bôleh beli, sâya Wat er ontbreekt kan je koopen, voor
-’pu-ña kîra. mijn rekening.
-Sâya minta cuti dua âri, tuan Ik vraag twee dagen verlof,
-[13]. mijnheer.
-Buat âpa? Waarvoor? (om wat te doen?)
-Kepâla sakit, tuan, sâya endaq Ik heb hoofdpijn, mijnheer, ik wil
-pegi berôbat. me laten genezen (geneesmiddelen
- gebruiken).
-Aku bôleh beri ôbat. Ik kan geneesmiddelen geven.
-Ta bôleh, tuan. Sâya ta mengarti ’t Kan niet, mijnheer. Ik heb geen
-ôbat ôrang-putih, sâya endaq verstand van Europeesche
-meñcâri bumur (dukun) Melâyu. geneesmiddelen (gen. m. der blanken)
- ik wil een Maleischen dokter
- opzoeken.
-Pârit-pârit semua mâu didălamkăn De sloten moeten alle dieper gemaakt
-lâgi; kâlaw tûrun ujan lebăt, ta worden; als er hevige regen valt,
-berguna macăm bagini. deugt dit soort niet.
-Tânah keras, tuan. De aarde is hard, mijnheer.
-Buat jâlan deri sini ka Maak een weg van hier naar de grens
-peringgâän kebon. van den tuin.
-Lêbar-ña sa depâ cukup lah. Een vadem breed is voldoende
- (breedte ervan....)
-Di mâna-mâna jumpa sungay mâu Overal waar je een rivier tegen
-buat titi kâyu (jembâtan kâyu). komt, moet je een houten vlonder
- (houten brug met leuningen) maken.
-Titi kâyu-utan, jangan pakay Vlonders van ruw hout (boschhout),
-pâpan, kâyu bulăt sâja. je moet geen planken gebruiken, rond
- hout (stammen) maar.
-Bubuh tânah di âtas-ña, supâya Leg er aarde boven op, dat er een
-kuda bôleh lâlu (biar kuda bôleh paard overheen kan (voorbij kan
-lâlu). gaan).
-
-
-
-
-
-
-
-15. GESPREK MET EEN TUINMAN.
-
-
-Tukang-kebon âda menanti, tuan. De tuinman staat te wachten,
- mijnheer.
-Malăm sekârang (nanti malăm) âda Van avond eten hier menschen, je
-ôrang makan di sini, côba câri moet ’s een boel bloemen zoeken, en
-bunga bâñaq-bâñaq, âturkăn di op de etenstafel rangschikken.
-mêja-makan.
-Bunga macăm mâna tuan suka? Wat voor soorten van bloemen
- verlangt u?
-Âpa yang âda jâdi lah. Al wat er maar is, is goed (lett.
- wat dat er is, wordt, slaagt).
-Pegi ka kebon-bunga, minta pâda Ga naar de bloementuin, vraag aan
-tuan yang meñjâga di situ, dia den heer die daar toezicht houdt
-endaq memberi. Bâwa bakul, bôleh (waakt), die zal er je geven. Neem
-diïsi-ña. een mand mee, die kan hij vullen.
-Petik bunga mêrah dua tiga Pluk twee of drie roode bloemen.
-tangkay.
-Bunga mêrah t’âda, tuan. Roode bloemen zijn er niet,
- mijnheer.
-Tidaq mengâpa (tidaq peduli), Dat doet er niet toe, zoek allerlei
-câri dâun-dâun-kâyu, mâna yang boomblaren, al die mooi zijn.
-éloq.
-Kebon ini saperti utan rupâ-ña: Deze tuin ziet eruit als een
-penuh tumbuh-tumbuhan. wildernis; hij is vol onkruid
- (opgroeisels).
-Aku pikir kaw malăs benăr. Ik geloof (denk), dat jij erg lui
- bent.
-Pekâkas t’âda, tuan, mâna bôleh Er zijn geen gereedschap, mijnheer;
-kerjâ betul? hoe kan men dan goed werken?
-Nanti aku beri duit (wang), Ik zal je duiten (geld) geven, dan
-bôleh beli âpa-âpa yang kûrang. kan je al wat ontbreekt koopen.
-Bâik lah, tuan; nanti sâya Goed, mijnheer; ik zal een hak, een
-membeli cangkul, sisir-tânah, hark en een gieter koopen.
-sîrâman.
-Bâik engkaw beli ’t Zou goed wezen, dat je zoowat
-bârang-dua-puluh pasu, masuqkăn twee-en-twintig bloempotten kocht,
-bunga ke dalăm-ña. en de bloemen erin zette.
-Jâlan ini ta bâik sekâli, côba Deze paden (wegen) zijn heelemaal
-betulkăn. niet goed, toe, maak ze in orde.
-Añcurkăn bâtu, târoh di jâlan, Maak steenen stuk (vergruizel
-kemudian bubuh pasir di âtas-ña steenen), leg ze op de paden, daarna
-(tudung dăngan pasir). leg je zand erover heen (dek ’t toe
- met zand).
-Rumput di kebon sudah terlâlu Het gras in den tuin is al veel te
-tinggi-ña, côba potong pèndèq. hoog; zeg, snij ’t eens kort af.
-Tidaq sampay, mâu lebih pèndèq Niet genoeg, ’t moet nog korter.
-lâgi.
-Bunga ini sudah berâpa lâma Hoe lang heb je die bloemen al niet
-tidaq kaw sîram? Semua lâyu begoten? Ze zien er alle verlept
-rupâ-ña. uit.
-Kâlaw tidaq disîram, nanti mati Als ze niet begoten worden, gaan ze
-sekâli. alle dood.
-Mâna sîrâman? Sîram sekârang. Waar is de gieter? Begiet ze nu.
-Tong-âir sudah kosong. De waterton is al leeg.
-Kâlaw tidaq diïsi sa-âri-âri, Als ze niet dagelijks gevuld wordt,
-bagi-mâna bôleh sîram bunga? hoe kan je dan de bloemen begieten?
-Pagăr itu sudah bûruq rupâ-ña. Die schutting (heining, heg) ziet er
-Betulkăn. al vermolmd uit. Maak ze in orde.
-Sampah-sampah ini angkat semua, Dit vuil (deze afval) moet je
-bâwa keluar dalăm gerôbaq. altemaal opnemen (wegnemen), en in
- een kruiwagen wegbrengen.
-Biâsâ-ña sâya bakar petăng-âri, Gewoonlijk verbrand ik het ’s
-tuan. avonds, mijnheer.
-Bôleh juga. Dat mag ook.
-
-
-
-
-
-
-
-16. GESPREK MET EEN WASCHMAN EN ZIJN KNECHT.
-
-
-Sûruh dobi mâri ésoq [14]. Laat den waschman morgen hier
- komen.
-Sediakăn (siapkăn) pakâyan kotor Leg het vuile goed alles heel vroeg
-semua pâgi-pâgi, endaq ku beri klaar, ik wil het aan den waschman
-pâda dobi. geven.
-Bila dobi datăng, beri tâu Wanneer de waschman komt, geef er
-pâda-ku (sama aku). mij dan kennis van.
-Bilang pakâyan semua, periksa Tel al de kleeren, ga ze goed na,
-bâik-bâik, kâlaw betul tidaq. of ze in orde zijn of niet.
-Semuâ-ña betul, ñôñah. Alles is in orde, mevrouw.
-Tidaq betul, ñôñah, sapu-tangan ’t Is niet in orde, mevrouw, er
-kûrang sa lay, bâju (jas) kûrang ontbreekt een zakdoek, bovendien is
-dua lay, lâgi sârung-bantal sa een kussensloop niet van u; ’t is
-lay bukan ñôñah ’pu-ña, sudah verruild met een van iemand anders;
-tukar dăngăn ôrang ’pu-ña; van dit paar kousen ontbreekt er
-sârung-kaki (kâos) ini kûrang een; ook is dit lijfje gescheurd.
-yang sa belah; lâgi kutang ini
-kôyaq.
-Kaw kâta pâda dobi, aku ta mâu Je moet aan de waschman zeggen, dat
-bâjar upah-ña ingga sampay ik zijn loon niet betalen wil,
-dibâwâ-ña pakâyan semua yang voordat (totdat) hij al de nu
-kûrang sekârang ini; ontbrekende kleedingstukken
-sârung-bantal ini sûruh bâwa teruggebracht heeft; laat hem deze
-pulang, bâwa kembâli aku ’pu-ña. kussensloop naar zijn huis brengen
- en de mijne terugbrengen.
-Dobi, âpa sebab kaw tidaq cuci Waschman, waarom heb je deze
-(bâsuh) betul pakâyan ini? Ta kleeren niet behoorlijk gewasschen?
-bâik sekâli rupâ-ña. Bâñaq kôyaq, Ze zien er volstrekt niet goed uit,
-lâgi kûrang kañji. ook ontbreekt er stijfsel aan.
-Bâwa pulang pakâyan ini, cuci Neem deze kleeren mee naar huis,
-lâgi sa kâli, dan târoh kañji wasch ze nog eens, en doe er ruim
-cukup-cukup. stijfsel in.
-Kâlaw kaw cuci pakâyan-ku, berâpa Als je mijn kleeren wascht, hoeveel
-kaw minta upah-ña? vraag je dan als loon?
-Tiga ringgit sa-râtus lay, ñôñah. Drie dollar (rijksdaalders) per
- honderd stuks, mevrouw.
-Tetapi aku mâu bâyar sa bulan sa Maar ik wil eens in de maand
-kâli, bukan bilangan pakâyan. betalen, niet per stuk (geen
- telling der kleederen).
-Kâlaw bagitu, ñôñah bôleh bâyar Dan kan u mij drie dollar per maand
-sâma sâya tiga ringgit sa bulan (zes gulden per maand) betalen.
-(enăm rupiah sa bulan).
-Bâik lah, kaw bôleh datăng di Goed, je kunt hier iederen Maandag
-rumah-ku membâwa pakâyan cuci aan huis ’t schoone goed komen
-(beresih) dan menerima pakâyan brengen en ’t vuile in ontvangst
-kotor, tiap-tiap âri senèn. nemen.
-Kâin yang dua lay ini aku mâu Deze twee kain’s wil ik morgen
-petăng ésoq, ta bôleh tidaq. namiddag (avond) zonder mankeeren
- (’t mag niet niet) hebben.
-Kâlaw pânas, bôleh sâya bâwa, Als er zon is, kan ik ze brengen
-ñôñah, kâlaw ujan ta bôleh. mevrouw, als ’t regent niet.
-Kâlaw kaw côba, tentu bôleh bâwa, Als je ’t probeert, kan je ze zeker
-bâik pânas bâik tidaq. brengen, of er zon is of niet.
-Rompi (wiskăt) ini tidaq betul Dit vest is niet goed gevouwen, ’t
-lipat-ña, bâñaq kedut. is vol kreuken (veel kreuken).
-Seluar (celâna) ini jangan târoh In deze broek moet je geen stijfsel
-kañji, aku suka lembut, tapi doen, ik heb hem liever zacht maar
-setrika bâik-bâik. je moet hem goed strijken.
-Kemêja ini sudah rusaq, kaw pakay Dit hemd is bedorven, je hebt een
-besi-setrika terlâlu angăt, sudah al te heet strijkijzer gebruikt, ’t
-angus sekâli. Nanti ku potong is heelemaal verbrand. Ik zal een
-upah-mu sâtu ringgit. dollar van je loon inhouden
- (afsnijden).
-Âpa tumpuq-tumpuq mêrah di celâna Wat zijn die roode vlekken op die
-putih ini? witte broek?
-Itu tâi-besi, ñôñah, kenâ Dat’s ijzerroest, mevrouw, van de
-kañcing. knoopen (geraakt door de knoopen).
-Mâna bôleh kenâ kañcing di situ? Hoe kan het daar de knoopen raken?
-Itu bekas ludah-sîrih. Cuci lâgi Dat zijn sporen van sirih-spuug.
-sa kâli sampay ilang semua Wasch ’t nog ’s over totdat al de
-tumpuq-ña. vlekken weg zijn.
-
-
-
-
-
-
-
-17. GESPREK MET EEN STALKNECHT.
-
-
-Kaw meñcâri kerjâ sâis kah Zoek je werk als staljongen
-(tukang-kuda kah)? (paardejongen)?
-Kaw panday kah kerjâ-kuda? Kan je met paarden omgaan? (Ben je
- bekwaam in paardenwerk?)
-Aku âda dua ékor kuda—sa pasang Ik heb twee paarden—een span—jij
-(jori)—kaw endaq meñjâga yang sa moet een er van verzorgen, bovendien
-ékor, lâgi jâdi kusir (coachman) koetsier zijn, wanneer ik dat
-kâdang-kâdang, bila aku suka, verlang, en ook nog helpen met het
-dan lâgi tulung cuci (bâsuh) schoonmaken van ’t paardetuig.
-pakâyan-kuda.
-Makânan kuda aku yang membeli, ’t Voeder voor de paarden koop ik,
-maka sa-âri-âri kaw minta sâma en dagelijks vraag jij dat aan den
-boy (jongos), dia bôleh beri huisjongen, die kan je voeder voor
-makânan cukup sa âri. een dag (genoeg) geven.
-Berâpa tuan beri makan sa ékor Hoeveel voeder geeft u éen paard per
-kuda sa âri? dag?
-Tiap-tiap âri kaw endaq lah beri Iederen dag moet je de paarden drie
-makan tiga kâli pâda kuda, sa maal te eten geven, in eens twee
-kâli makan pâdi dua cupaq, „cupaq” pâdi (een vierde „gantang”),
-kacang sa cupaq, busi (dedăk) sa een „cupaq” Indische paardeboonen,
-tengah cupaq. en een halve „cupaq” zemelen.
-Aku mâu krêta ésoq pâgi pukul Ik wil morgen ochtend om tien uur ’t
-sa-puluh, ’naq pegi ke rijtuig hebben, ik wil naar
-Singapûra. Singapoer gaan.
-Kuda jori kah (sa pasang kah)? ’t Span paarden?
-Tidaq, kuda tunggal. Neen, een enkel paard.
-Kuda ităm, kuda mêrah, kuda ’t Zwarte paard, ’t bruine paard, ’t
-belang, kuda abluq. gevlekte paard (de schimmel), ’t
- muiskleurige paard.
-Pegang kuda ini sabentar. Hoû dit paard een oogenblik vast.
-Legam (kekang) sudah bekârat, ’t Bit is al verroest, waarom maak
-âpa fasal (âpa sebab) tidaq kaw je ’t niet beter schoon?
-cuci (beresihkan) lebih bâik?
-Gosoq bâik-bâik, kemudian târoh Poets (wrijf) ’t goed, daarna doe je
-miñaq-selâda sedikit. er wat slâ-olie op.
-Ras (tâli kekang, lès) kîri De linkertoom is in de war, maak dat
-kusut, betulkăn. in orde.
-Jut (setrèng) belom diïkătkăn! De strengen zijn nog niet
-Âpa sebab kaw tidaq peratikăn vastgemaakt! Waarom let je er niet
-bâik-bâik? Kâlaw kuda lâri goed op? Als ’t paard nu er van door
-sekârang, nanti jehânam kita. gaat, zijn wij gefopt (in de hel).
-Lepaskăn kuda, lepaskăn Laat ’t paard los, laat den kop los.
-kepâlâ-ña.
-Nâik di belâkang. Stijg achter op.
-Mâna câbuq (cambuq)? Waar is de zweep?
-Mâna cemeti? Waar is de karwats?
-Tertinggal, tuan. Die is achtergebleven, mijnheer.
-Lekas pegi mengambil ña. Ga ’m gauw halen.
-Jâlan lah, aku ta bôleh menanti Ga je gang, ik kan niet langer
-lâgi. Jâlan pelâhan-pelâhan. wachten. Rij (ga) langzaam.
-Lekas lâgi! Nog sneller!
-Pukul sedikit. Sla ’m een beetje.
-Ta bôleh pukul, tuan, nanti dia Slaan mag niet, mijnheer, anders
-jâhat (nakal). wordt hij kwaadaardig (ondeugend).
-Pegang rôda, pusingkăn Hoû het wiel vast, draai ’t.
-(putărkăn).
-Letaqkăn pakâyan itu, mâri sini Leg dat tuig neer, kom hier en hoû
-pegang kuda. het paard vast.
-Kaw berbuat âpa? Jangan pegang Wat voer je uit? Hoû het paard niet
-kuda bagitu. zoo vast.
-Bagimâna mâu pegang, tuan? Hoe moet hij dan vastgehouden
- worden, mijnheer? (Hoe wil ’t
- vastgehouden?)
-Pegang dekăt kekang-ña Houd ’m vast dicht bij ’t bit met
-(legam-ña), dua-dua tangan sa beide handen te gelijk.
-kâli.
-Nanti gigit, tuan. Hij zal me bijten, mijnheer.
-Ta bôleh gigit. Hij kan niet bijten.
-Kuda ini meñépaq kah? Slaat dit paard?
-Tidaq, tuan, jinaq benăr, tidaq Neen, mijnheer, hij is erg mak,
-nakal sekâli; tidaq bertingkah. heelemaal niet kwaad (ondeugend);
- heeft geen kuren (streken, grillen,
- bizondere manieren).
-Pasang krêta: aku endaq makan Span ’t rijtuig in: ik wil een
-angin sedikit. toertje doen (lett. een beetje wind
- eten).
-Kuda sakit, tuan: ta bôleh ’t Paard is ziek, mijnheer; hij kan
-pakay. niet gebruikt worden.
-Kûrang âpa? Wat mankeert hij?
-Sakit serdi, tuan. De droes, mijnheer.
-Panggil tuan doktor-hêwan, minta Laat den paardenarts komen (lett.
-beri ôbat. roep...) verzoek hem geneesmiddelen
- te geven.
-Kuda sakit bâtuq, dua tiga âri ’t Paard hoest (heeft hoestziekte),
-bôleh bâik pula. in twee of drie dagen kan hij weer
- gezond (goed) zijn.
-Aku arăp bagitu, tetapi perlu Dat hoop ik (lett. ik hoop zoo),
-kaw belâ (peliâra) bâik-bâik. maar ’t is noodzakelijk, dat je ’m
- goed oppast.
-Berâpa âri lâgi bâru bôleh Binnen hoeveel dagen is hij pas weer
-pakay? te gebruiken? (lett. hoev. dagen nog
- pas kan (men) gebruiken?)
-Jangan beri kăn dia makan rumput Geef hem niet te veel gras te eten,
-terlâlu bâñaq, sa kâli makan sa eens per dag is genoeg (eens eten
-âri cukup lah. een dag...)
-Mâu nâik kuda ésoq petăng pukul Ik wil morgen namiddag om vier uur
-empat, bâwa kuda ke kantor paard rijden, breng het paard naar
-(ufis). ’t kantoor.
-Belâkang-ña luka, ta bôleh pakay Zijn rug is gewond, hij kan geen
-sêla (jin, pelâna), tuan. zadel velen, mijnheer. (lett. niet
- kan gebruiken een zadel).
-
-
-
-
-
-
-
-18. GESPREK MET EEN SCHRIJVER.
-
-
-Jûru-tulis, jangan datăng Schrijver, je moet niet zoo laat
-siang-âri bagitu. Sudah berâpa komen (zoo in de „siang”, het deel
-kâli sâya kâta: ta bôleh tidaq van den dag van 10–3). Hoeveel maal
-datăng pâgi pukul tujuh betul. reeds heb ik gezegd, dat je zonder
-Kâlaw siang-âri bagitu, mankeeren ’s morgens precies om
-pekerjâän ta bôleh âbis. zeven uur moest komen (lett. dat je
- niet niet mag komen...) Als ’t zoo
- laat is, kan ’t werk niet af komen.
-Âda pekerjâän âpa, tuan? Wat is er voor werk, mijnheer?
-Âda sûrat-sûrat ini, bâru sampay Er zijn deze brieven, die gisteren
-semalăm. Semua mâu dibalăs pas (aan)gekomen zijn. Ze moeten
-lekas-lekas. alle zeer spoedig beantwoord worden.
-Balâsan sûrat itu târoh di mêja Leg ’t antwoord op dien brief daar
-kecil situ, lâinkăn deri op die kleine tafel (op gindsche kl.
-sûrat-sûrat lâma. t.) houd ’t afgescheiden van de
- andere brieven (zonder ’t af van...)
-Sûrat dua lay ini sâlin Schrijf deze twee brieven goed over.
-bâik-bâik.
-Sâlinan ini tidaq bôleh pakay: Dit afschrift kan ik niet gebruiken:
-congkah-mangkih hurûf ña, lâgi de letters staan schots en scheef,
-kûrang terang tulisan-ña. Sâlin bovendien is ’t schrift minder
-sa kâli lâgi. duidelijk, schrijf ’t nog eens over.
-Sampul-sûrat (sârung-sûrat) De enveloppen zijn op, mijnheer.
-sudah âbis, tuan.
-Kepâla-râja (prangko) cukup-kah? Zijn er genoeg postzegels?
-Cukup, tuan, macăm mêrah lâgi sa Jawel (genoeg) mijnheer, van de
-râtus lay. roode (roode soort) nog honderd
- stuks.
-Jûru-tulis, jangan beli Schrijver, je moet niet meer van dit
-kertas-kembang yang macăm bagini soort vloeipapier koopen, mijn brief
-lâgi: sûrat sâya ini is vol met vlekken.
-cûring-mûring sekâli.
-Sâya minta pènah bâru. Ik verzoek u om een nieuwe pen.
-Sûrat Melâyu ini mâu ditulis Deze Maleische brieven moeten met
-dăngăn qalam dan dawât, ta bôleh een qalam (Arab. pen) en dawât
-pakay pènah dan tinta. (Arab. inkt) geschreven worden, je
- moogt geen gewone pen en inkt
- gebruiken.
-Ini belom dicap. Ambil lak Dit is nog niet gestempeld. Haal
-mêrah, ta bôleh lak ităm. roode lak, zwarte mag niet.
-Bagi-mâna buñi sûrat yang bâru Hoe luidt die brief, die pas gekomen
-datăng itu? Côba bâca. is? Lees ’m eens voor.
-Priksa tanda-tangan-ña itu. Kijk die handteekening ervan eens
-Siâpa nâmâ-ña yang mengirim? na. Hoe is de naam van den afzender?
-Sudah sâya sâlin sûrat ini Ik heb deze brieven reeds alle
-semua, tuan; kûrang tanda-tangan overgeschreven, mijnheer; er
-tuan sâja. ontbreekt alleen uw handteekening
- aan.
-Sudah. Sekârang sûruh bâwa ke Goed (afgedaan). Laat ze nu naar ’t
-kantor-pos. Ambil kartu-pos ini postkantoor brengen. Neem meteen
-sa kâli. deze brief kaart mee.
-Sudah kah kaw timbang sûrat yang Heb je dien dikken brief al gewogen?
-tebăl itu? Berâpa berat-ña? Hoeveel weegt hij? (Hoeveel is de
-Kâlaw lebih deri lima-belas zwaarte ervan?) Als ’t meer dan 15
-gram, mâu pakay dua lay gram is, moet je twee postzegels
-kepâla-râja. gebruiken.
-Daftar ini mâu dijidâri Dit register moet geliniëerd worden,
-(digâris), jûru-tulis. Mâna schrijver. Waar is de liniaal?
-jidâran (mistar)?
-Itu lah, tuan, dekăt Daar, mijnheer, bij den inktkoker.
-tempat-tinta.
-Nah, bagini, gâris yang bujur Kijk, zoo, rechte en duidelijke
-lâgi terang. Tulis dăngăn potlot lijnen. Trek (schrijf) ze maar met
-sâja. potlood.
-Angkat kertas-kertas ini Neem al deze papieren weg,
-semua, masuqkan di tempat-sûrat, doe ze in de portefeuille, daarna
-kemudian simpăn di kôtaq di berg je ze op in de schrijftafel.
-mêja-tulis.
-
-
-
-
-
-
-
-19. GESPREK MET EEN SCHOENMAKER.
-
-
-Sepâtu (kasut) ini sudah bûruq, Deze schoenen zijn al versleten. Ik
-ta bôleh pakay lâgi. kan ze niet meer gebruiken.
-Âda kah tukang-sepâtu (-kasut) di Is er een schoenmaker hier?
-sini?
-Kâlaw âda tukang yang bâik, Als er een goede is, roep hem dan,
-panggil dia, aku endaq sûruh buat ik wil hem schoenen laten maken.
-sepâtu.
-Sepâtu sâya tâu buat, tuan, Schoenen kan ik maken (weet ik te
-tetapi setiwăl (but) sâya kûrang maken) mijnheer; maar laarzen
-panday. minder (ik minder bekwaam).
-Buat sepâtu sâtu pasang dulu; Maak eerst een paar schoenen; dan
-nanti sâya liat, kâlaw bâik âtaw zal ik ’s zien, of ze goed zijn of
-tidaq; kemudian kâlaw bâik, bôleh niet; als ze goed zijn, kan ik
-sâya pesăn lâgi. later nog meer bestellen.
-Âda kah kaw bâwa conto Heb je staaltjes van schoenleder
-kulit-sepâtu? meegebracht?
-Kulit ini ta bâik, nipis (tipis) Dit leder is niet goed, ’t is zeer
-sekâli. dun.
-Kulit kilat sâya mâu. Ik wil verlakt (glanzend) leder.
-Côba buat setiwăl (but) sa Maak ’s een paar laarzen, ik zal je
-pasang, nanti sâya beri conto. een model geven.
-Sepâtu ini ta bôleh pakay, pèndèq Deze schoenen kan ik niet
-sangăt (âmat), lâgi sempit, kaki gebruiken, ze zijn te kort en
-ta bôleh masuq. bovendien nauw, de voeten kunnen er
- niet in.
-Côba, buat lâgi sa pasang, besar Maak nog ’s een paar, een beetje
-sedikit deri ini, lâgi pañjang. grooter dan deze, en ook wat
- langer.
-Kulit ini keras sekâli. Âda kah Dit leder is zeer hard. Is er geen
-lâin yang lebih lembut? ander, dat zachter is?
-Bôleh kah kaw buat setiwăl (but) Kan je hooge (lett. lange) laarzen
-pañjang, pakay nâik kuda, kâlaw maken, om bij ’t paardrijden te
-sâya beri contô-ña? dragen, als ik ’t model er van
- geef?
-Bôleh sâya côba, tuan. Ik kan ’t probeeren, mijnheer.
-Sâya mâu sepâtu putih Ik wil witte schoenen hebben
-(sepâtu-kâin), tâli-ña saperti (doeken schoenen), de bandjes
-ini. (touwtjes) als deze.
-Tidaq dăngăn tâli, dăngăn getah Zonder bandjes, met elastiek aan
-sabelah-meñabelah. weerskanten.
-Kûlit mêrah itu sâya ta suka, ta Dat roode leder bevalt mij niet, ’t
-éloq, lâgi lekas rusaq. Sâya is niet mooi, en ook (nog) is ’t
-endaq menanti sampay kaw dapăt gauw kapot. Ik zal wachten tot je
-kulit Êrôpah. Europeesch leder ontvangt.
-Tâpaq-ña buat tebăl (nipis) Maak de zolen een beetje dikker
-sedikit. (dunner).
-Tumit-ña tinggi âmat (rendah De hielen zijn te hoog (te laag).
-âmat).
-Âda kah jual cinêla (slop)? Verkoop je muiltjes (sloffen)?
-Cinêla (slop) macăm âpa tuan Wat voor soort muiltjes (sloffen)
-suka? Macăm Cina ini âlus sekâli. verlangt u? Deze Chineesche zijn
- zeer fijn.
-Cerpu (slop) ini mûrah, tetapi Deze sloffen zijn goedkoop, maar
-kasar sâja. Yang deri rumput ini grof (slechts). Deze van matwerk
-cuma lima-belas sèn sa pasang. (lett. gras) kosten slechts
- vijftien cent het paar.
-Bôleh ambil enăm pasang sa kâli, U kan zes paar tegelijk nemen, want
-sebab tidaq tâhan lâma: dipakay ze houden niet lang; als ze een
-sa bulan sudah rusaq. maand gebruikt zijn (gebruikt een
- maand) gaan ze al stuk.
-
-
-
-
-
-
-
-20. GESPREK MET EEN KLEERMAKER.
-
-
-Aku mâu tukang-meñjâit, sûruh Ik moet een kleermaker hebben, laat
-dia datăng lusa pâgi pukul tujuh hem overmorgen om zeven uur precies
-betul. komen.
-Bâba [15], sâya mâu sûruh buat Bâba, ik wil een jas laten maken.
-jas (kôt). Âda kah bâba bâwa Heb je staaltjes van stoffen
-conto kâin-kâin? meegebracht?
-Bukan kâin putih, kâin tebăl Geen wit goed, dik goed (laken) wil
-(sengkelat, lakăn) sâya mâu. ik hebben.
-Âda kah conto lâin deri ini? Zijn er ook andere staaltjes?
-Di rumah âda, tuan, tetapi t’âda Thuis wel (zijn er), mijnheer, maar
-sâya bâwa. ik heb ze niet bij me (niet
- meegebracht).
-Tuan bôleh dapăt bâñaq lâin-lâin U kan veel andere soorten van
-macăm kâin di gedong (di tôko). stoffen in den winkel krijgen.
-Tidaq âpa, bôleh sâya beri ’t Doet er niet toe, ik kan je de
-kâin-ña. Berâpa êlo cukup buat stof geven. Hoeveel el is genoeg om
-celâna (seluar) sa lay? een broek te maken?
-Ambil ini. Kâlaw tidaq cukup, Neem dit. Als ’t niet genoeg is, kan
-bôleh sâya beli lâgi. ik nog meer koopen.
-Kâin ini tebăl âmat (sangăt), Dit goed is te dik, breng wat dunner
-bâwa yang lebih nipis (tipis). is.
-Kâin ini terlâlu ităm, sâya suka Deze stof is te donker, ik wilde het
-putih sedikit deri ini. Côba wat lichter (witter) dan dit hebben.
-carikăn. Zoek dat ’s.
-Susah dapăt, tuan, tetapi bôleh Dat ’s lastig te krijgen, mijnheer,
-sâya carikăn. maar ik kan er wel naar zoeken.
-Kâlaw sâya beri kâin-ña, maka Als ik de stof geef, hoeveel
-berâpa sâya bâyar upah meñjâit naailoon betaal ik dan voor een
-seluar sa lay? broek (hoeveel loon om te naaien een
- broek)?
-Kâlaw tuan ambil sa lôsin sa Als u een dozijn tegelijk neemt, kan
-kâli, bôleh sâya jual dua ik ze voor twee rijksdaalders
-ringgit sa lay. (dollar) per stuk geven (verkoopen).
-Mâhal sangăt itu, sâya pikir Dat ’s erg duur, ’t komt me
-lebih deri pâtut-ña. onbehoorlijk voor (ik denk meer dan
- ’t behoorlijke).
-Dalăm berâpa âri bôleh sudahkăn In hoeveel dagen kan je dezen broek
-(âbiskăn) seluar ini? afmaken?
-Côba, bâwa ésoq petăng, sâya Zie dat je ’m morgennamiddag brengt,
-berkaendak sangăt pâda âri itu. ik woû ’m heel graag dien dag
-Kâlaw kerjâ râjin-râjin, tentu hebben. Als je er ijverig aan werkt,
-bôleh diâbiskăn. kan ’t zeker klaar komen (afgemaakt
- worden).
-Nanti sâya côba, tuan. Ik zal ’t probeeren, mijnheer.
-Kâlaw bâba beli sendîri kâin-ña, Als jij zelf goed koopt, hoeveel is
-berâpa arga sa lôsin? Sâya mâu dan ’t dozijn? Ik wil anderhalf
-tengah dua lôsin. dozijn.
-Jas (kôt) ini terlâlu besar Deze jas is te groot (ruim,
-(longgar) lâgi lengăn-ña tidaq slobberig), bovendien zijn de mouwen
-sâma, sâtu pañjang sâtu pèndèq. niet gelijk, de eene is lang, de
-Bâwa pulang, betulkăn. andere kort. Neem ’t mee naar huis
- en maak ’t in orde.
-Lâpisan ini sudah rusaq ketéaq Deze voering is kapot aan den oksel
-dan siku-ña, ganti kâin bâru en den elleboog, doe er nieuw goed
-(tampal), lâgi betulkăn in (vervang door nieuw goed) (lap
-kelim-ña. het), maak bovendien de zoom in
- orde.
-Mâu kâin setrâ (sutra), tuan? Wil u zijde, mijnheer?
-Kâin yang sa-rupa ini mêmang. Natuurlijk goed als dit.
-Kâlaw berlâpis setrâ (sutra) Als ’t met zijde gevoerd is, is het
-lebih mâhal argâ-ña. duurder (de prijs ervan).
-Saku bâju ini tidaq sampay De zakken van dit buis zijn niet
-dalăm-ña. diep genoeg.
-Bagimâna kaw buat ini, pakay Hoe heb je dit gemaakt, met een
-mâsin-meñjâit âtaw pakay jârum naaimachine (gebruikt een naaim.) of
-sâja? maar uit de hand (gebruikt een
- naald)?
-Minta wang sedikit, endaq Ik vraag wat geld, om een schaar,
-membeli gunting, jârum, benang, naalden, garen, spelden en een
-peniti, didal (sârung-jâri). vingerhoed te koopen.
-[16]
-
-
-
-
-
-
-
-21. GESPREK MET EEN TIMMERMAN EN MET EEN WAGENMAKER.
-
-
-Panggil tukang-kâyu. Roep den timmerman.
-Mêja ini sudah rusaq, kaki-ña Deze tafel is kapot (al kapot), de
-sudah pâtah, côba betulkăn. poot is gebroken, maak ze ’s in
- orde.
-Bôleh kah tukang buat krusi Kan je stoelen maken als deze?
-saperti ini (sa-rupa ini)?
-Berâpa sâtu? Hoeveel komen ze per stuk (Hoeveel
- éen)?
-Kâlaw kaw buat sâtu lôsin sâma Als je een dozijn voor me maakt, kan
-sâya, bôleh kah kûrang argâ-ña? ’t dan goedkooper (kan ’t minder de
- prijs ervan)?
-Bôleh kah dapăt kâyu sa-rupa ini Kan men hout als dit te Singapoer
-di Singapûra? krijgen?
-Sebârang kâyu yang liat jâdi Alle mogelijke taai hout is goed.
-lah.
-Buat dăngăn yang bâik saperti Maak ze van (lett. met) goed hout,
-merbaw âtaw belian. zooals merbaw of belian (ijzerhout).
-Târoh cèt-sampang. Doe er politoer (vernis) op.
-Jangan pakay kâyu mêrah. Gebruik geen rood hout.
-Kaki mêja ini pañjang sedikit. Deze tafelpoot is wat lang.
-Côba potong, sâmakăn pañjang-ña Snij ’m af, maak hem even lang als
-dăngăn lâin kaki (temăn-ña). de andere pooten (zijn gezellen,
- kameraden).
-Ta bôleh sâya buat di sini, Ik kan ’t hier niet doen, mijnheer:
-tuan: t’âda bâwa pekâkas. Nanti ik heb geen gereedschap meegebracht.
-sâya pulang dulu, mengambil Ik zal eerst naar huis gaan, om de
-pekâkas yang cukup. noodige gereedschappen te halen
- (gereedschappen die voldoende zijn).
-Bâik lah, tetapi lekas bâlik, Goed, maar kom gauw terug, dit werk
-kerjâ ini mâu diâbiskan âri ini moet van daag nog af.
-juga.
-Mêja ini bâik diketamkăn Deze tafel moet (lett. is goed) een
-sedikit, âtas-ña sudah kotor, beetje afgeschaafd worden, ze is van
-lâgi tidaq râta. boven smerig en ook niet effen.
-Téngoq, sudah renggang, côba Kijk ’s, er is een reet in, laat ’t
-rapătkăn pula. weer aansluiten.
-Bôleh kah buat itu? Senăng kah Kan je dat doen? Is ’t gemakkelijk
-susah? (Gampang kah, susah?) of moeilijk?
-Sâya mâu mêja buntăr sa buah Ik wil een ronde tafel voor de
-pakay di dapur, jangan kâyu keuken (gebruikt in de keuken),
-mâhal-mâhal, pañjang lima kaki, gebruik geen erg duur hout, de
-lébar dua kaki sa tengah, tinggi lengte moet zijn vijf voet, de
-bârang tiga kaki. Itu berâpa breedte twee en een half, de hoogte
-argâ-ña? zoowat drie. Hoeveel kost zoo een
- (die)?
-Krusi kaw bâwa semalăm itu Van de stoelen, die je gisteren
-sampang-ña (pulitur-ña) belom gebracht hebt, is ’t politoersel nog
-kering, jâdi sudah lekang. Bâwa niet geheel droog, zoodat ’t
-pulang krusi itu, târoh sampang opgebold (losgeschilferd) is. Neem
-lâgi sa kâli; bila sudah sampay die stoelen mee naar huis, doe er
-kering, bâwa bâlik (kembâli). nog eens politoer op; als ze al
- voldoende droog zijn, breng je ze
- terug.
-Krêta sudah pecah, bâik pegi ’t Rijtuig is (reeds) stuk, je moet
-meliat, kemudian bâlik kemâri er eens naar gaan kijken (lett. goed
-memberi tâu pâda sâya berâpa te gaan zien), kom daarna hier
-upah kaw minta membetulkăn-ña. terug, om mij mee te deelen hoeveel
- loon je vraagt om ’t te repareeren.
-Dua tiga bâtang kâyu-rôda mâu Twee of drie spaken van een rad
-diganti, lâgi bom kânan sudah moeten vervangen worden, bovendien
-pâtah dan cèt (cat) dua tiga is de rechterboom (reeds) kapot, en
-tempat sudah ilang. de verf is op twee of drie plaatsen
- eraf (verdwenen).
-Jangan léngah membuat krêta itu, Treuzel niet met het maken van het
-sâya mâu pakay lekas. rijtuig, ik wil ’t spoedig
- gebruiken.
-Bôleh kah buat kăn sâva krêta Kan je een nieuw rijtuig maken, een
-bâru, băgi (buggi) empat-rôda buggy op vier wielen, zooals die
-saperti yang dipakay tuan Ânu? mijnheer N. N. gebruikt?
-Kâlaw buat krêta bâru, berâpa Als je een nieuw rijtuig maakt, in
-âri bôleh âbis? hoeveel dagen kan dat dan klaar
- zijn?
-Kap-ña buat dăngăn kulit ităm Maak de kap van zeer goed zwart
-yang bâik sekâli, âlaskăn dăngăn leder, bekleed het met donkerblauwe
-kâin bîru-tua dalăm-ña, tilăm-ña stof van binnen, de kussens moet je
-buat dăngăn kulit bîru-tua yang maken van donkerblauw leder in
-sa-rupa dăngăn kâin tâdi, krêta overeenstemming met die stof (van
-semua târoh cèt ităm dăngăn zooeven) ’t heele rijtuig moet je
-gâris bîru; sampang-ña sapu tiga zwart verven met blauwe lijnen; ’t
-kâli di âtas-ña. Bok-ña beri politoersel (vernis) moet je er
-lantêra dua buah; kâcâ-ña mêrah. driemaal overheen strijken. Aan den
- bok maak je (geef je) twee lantarens
- met rood glas.
-
-
-
-
-
-
-
-22. AAN HET STATION.
-
-
-Krêta api sudah sampay. Panggil De trein is al aangekomen. Roep een
-kuli, sûruh angkat peti-peti koeli, laat hem deze kisten opnemen.
-ini.
-Tuan sudah pesăn krêta? Heeft u al een rijtuig besteld?
-Belom, câri kăn sâtu. Nog niet, zoek er een.
-Ay, kuli, angkat bârang ini, Zeg ’s, koeli, neem dit goed op,
-bâwa ke krêta. breng ’t naar ’t rijtuig.
-Tidaq mampu (kuat) sâya Ik ben alleen daartoe niet in staat;
-sa-ôrang, nanti sâya panggil ik zal een paar kameraden roepen.
-temăn sâya dua ôrang.
-Kopor ini terlâlu berat. Deze koffer is zeer zwaar.
-Bâik-bâik jâtohkăn, isi-ña Pas op, dat je ’m niet laat vallen;
-bârang pecah-belah. er is breekbare waar in (de inhoud
- is br. w.)
-Jangan banting-banting bagitu. Je moet niet zoo smakken en smijten.
-Mâu pakay tâli, tidaq bôleh kâmi We moeten een touw gebruiken, we
-angkat bagini. kunnen hem zoo niet optillen.
-Berâpa upah-mu? Hoeveel is je loon?
-Tuan ’pu-ña suka (suka tuan Dat laat ik aan mijnheer (lett. uw
-lah). genoegen).
-Ini lah. Hier is ’t.
-Minta tambah sedikit, tuan. Ik vraag er wat bij, mijnheer.
-Bârang tuan itu bâñaq, lâgi U heeft veel goed (uw goed is veel)
-berat sekâli. en ’t is bovendien erg zwaar.
-Biar sabagini sâja. Laat ’t maar zooveel wezen.
-Sampay lah. Dat ’s genoeg.
-Terima kâsih, tuan. Dank u, mijnheer.
-Kusir, jâlan lah. Bâwa aku ke Koetsier, vooruit. Breng me in ’t
-rumah-makan Wiese. Kaw tâu hotel Wiese. Weet je den weg?
-jâlan-ña?
-Tâu, tuan, tidaq berâpa jâuh Jawel, mijnheer, ’t is niet erg ver
-deri sini. van hier (niet bizonder ver van
- hier).
-Itu dia. Tuan tûrun dulu, nanti Daar is ’t. Stap u eerst uit, dan
-sâya tûrunkăn bârang-bârang zal ik de bagage stuk voor stuk eraf
-sâtu-sâtu. halen (neerlaten).
-Sûruh bâwa masuq. Laat ’t binnen brengen.
-Berâpa sêwa-krêta (-sâdo)? [17] Hoeveel is de vrachtprijs (huur) van
- ’t rijtuig (de dos-à-dos)?
-Ini lah. Hier.
-Minta wang-sîrih sedikit, tuan. Ik vraag een fooitje (geld voor
- „sîrih”) mijnheer.
-
-
-
-
-
-23. GESPREK MET EEN ZIEKE, OVER ZIEKTEN EN GENEESMIDDELEN.
-
-
-Tuq Bandar minta maäf, tuan, dia Tuq Bandar (verk. van Dâtuq B.) laat
-ta bôleh datăng âri ini: sakit. zich excuseeren (vraagt excuus), hij
- kan vandaag niet komen, hij is ziek.
-Âpa sakit-ña? Wat scheelt hem? (Wat is zijn
- ziekte?)
-Ta tâu, tuan, bâik tuan pegi Ik weet ’t niet, mijnheer, u moest
-meliat sendîri. Sakit-ña sudah maar eens zelf naar hem gaan kijken.
-teruq: kâlaw tidaq diôbati Zijn ziekte heeft al diep
-(diôbatkăn), bârang-kâli mati. ingegrepen: als hij niet behandeld
- (gemedicineerd) wordt, sterft hij
- misschien.
-Sâya terlâlu susah-ati mendăngăr ’t Spijt me zeer (ik ben zeer
-Dâtuq sakit. bezorgd van hart) te hooren dat u
- ziek is.
-Di mâna Dâtuq merâsa sakit itu? Waar voelt u pijn?
-Sakit-kepâla, tuan. Pijn in ’t hoofd, mijnheer. Scheele
-Pening-kepâla. Sakit-perut. hoofdpijn. Buikpijn. Pijn aan de
-Sakit-kaki. Sakit-dâda. voeten. Pijn aan de borst.
-Âpa mâcăm râsa sakit itu? Hoe is die pijn (gevoel van die
- pijn)?
-Râsa angus, tuan, saperti api. Ik heb een brandend (heet) gevoel,
- mijnheer, als vuur.
-Susah bernâpas, tuan. Ik adem moeilijk, mijnheer.
-Tuñjuqkăn lidah. Dâtuq ke-sungay Laat de tong ’s zien. Gaat u aldoor
-(membuang-âir) selâlu, âtaw naar achteren, of is ’t als
-saperti âdat kah (saperti biâsa gewoonlijk?
-kah)?
-Berâpa âri Dâtuq sudah sakit Hoeveel dagen is u al zoo ziek?
-bagini?
-Lâma, tuan, tetapi dua tiga âri Lang, mijnheer, maar ik ben twee of
-sakit, kemudian bâik sedikit drie dagen ziek, en dan weer wat
-pula, ta tentu hal-ña. beter, ’t is ongeregeld (niet vast
- de toestand ervan).
-Bôleh kah Dâtuq bediri? Kan u staan?
-Bôleh juga, tuan; tetapi bâwa Jawel (kan), mijnheer; maar ’t doet
-sakit; bâring sâja yang senăng pijn (brengt pijn); ’t liggen alleen
-sedikit. is eenigszins gemakkelijk.
-Côba bangkit sekârang. Sta nu ’s op. (Probeer op te staan
- nu).
-Ta bôleh, tuan, t’âda kuat. Ik kan niet, mijnheer, ik ben er
- niet sterk genoeg voor (lett. niet
- sterk).
-Malăm-malăm bôleh kah Dâtuq Kan u ’s nachts slapen?
-tidur?
-Bôleh, tuan; tetapi waktu tidur Jawel, mijnheer; maar wanneer ik
-bâdan sâya keluar peluh sâja. slaap, transpireer ik gedurig (lett.
-[18] komt er maar zweet uit mijn
- lichaam).
-Kâlaw bagitu, Dâtuq sakit-demăm Dan heeft u koorts; typheuse,
-(ook enkel: demăm); moeraskoorts (malaria, lett.
-demăm-kepiâlu, demăm-kûraq, miltkoorts), binnenkoorts.
-demăm-ûrat.
-Sâya pikir bagitu, tuan, sebab Dat denk ik ook, mijnheer (lett. ik
-makan ta bôleh, merâsa saperti denk zoo, m.), want ik kan niet
-mâu muntah selâlu. eten, ik voel mij den heelen tijd
- misselijk (lett. voel alsof wil
- braken steeds).
-Bâdan sâya pânas sekârang, tâdi, Nu is mijn lichaam warm, zooeven,
-sa belom tuan datăng (kemâri), voordat u kwam (hierheen), was ’t
-sejuq sekâli. erg koud.
-Mâri, côba sâya râsa nâdi Dâtuq. Kom, laat me ’s even uw pols voelen.
-Dâtuq mengisăp kah? Schuift u opium? (lett. zuigt u)
-S’ikit-s’ikit, tuan. Zoo nu en dan een beetje, mijnheer.
-Berâpa kâli sa âri Dâtuq Hoeveel maal per dag schuift u?
-mengisăp?
-Pâgi sa kâli, malăm sa kâli. ’s Morgens en ’s avonds eens.
-Lebih bâik jangan mengisăp dulu. ’t Is beter, dat u eerst niet meer
- schuift.
-Nanti ésoq bôleh kita cakăp Morgen kunnen we wel daarover (die
-fasal itu. zaak) praten.
-Sâya endaq pulang ke rumah Ik wil nu naar huis teruggaan; ik
-sekârang; bôleh sâya kîrim kan u medicijn zenden (laten
-(antărkăn) ôbat kepâda Dâtuq. aanreiken.)
-Âpa macâm ôbat, tuan? Wat voor soort medicijn, mijnheer?
-Ôbat dalăm bâlang itu, endaq lah Die medicijn in een flesch, die moet
-Dâtuq minum tiga kâli sa âri; u drie maal daags innemen (drinken);
-sukat dăngăn sĕndoq besar, sâtu meet het af met een groote lepel,
-sĕndoq sa kâli minum [19]. telkens éen lepel (éen lepel éen
- keer drinken).
-Bila sudah âbis, kîrim bâlik Wanneer ’t al op is, zend dan de
-bâlang-ña, bôleh sâya isi (-kăn) flesch terug, dan kan ik ze weer
-lâgi. vullen.
-Âri ini bâik sedikit râsa bâdan Vandaag voel ik me wat beter,
-sâya, tuan. mijnheer (een beetje goed ’t gevoel
- van mijn lichaam, m.)
-Sukur lah. Bâdan sêhat kah? Gelukkig (dank, d. i. God dank).
- Voelt u zich wel? (Lichaam gezond).
-Belom sêhat betul; belom sêhat Nog niet heelemaal wel; idem; reeds
-sekâli; sudah sembuh. genezen.
-Belom bôleh berjâlan. Ik kan nog niet loopen.
-Sâya ta bôleh begeraq. Ik kan me niet bewegen.
-Côba, geraqkăn kaki. Kom, beweeg uw voeten ’s.
-Ta bôleh, tuan, tulang-ña pâtah. ’t Kan niet, mijnheer. ’t Been is
- gebroken.
-Tulang mâna? Welk been (bot)?
-Tulang di sini, tuan. ’t Been hier, mijnheer.
-Ia, sungguh, tulang sudah pâtah, Ja, inderdaad, ’t been is (al)
-nanti sâya târik kaki sedikit, gebroken, ik zal je been wat
-kemudian târoh dua keping kâyu trekken, en dan twee stukken hout
-sabelah-meñabelah, bôleh bâlut aan weerskanten zetten, dan kan het
-dăngăn kâin. met doek omwonden worden.
-Kaki kîri tergeliat, tuan. ’t Linker been is verstuikt,
- mijnheer.
-Ânaq sâya bâñaq kudis-buta, Mijn kind heeft erge last van roode
-tuan; lâgi kelemumur di hond (lett. blinde schurft); en
-kepâlâ-ña. bovendien roos op ’t hoofd.
-Kepâlâ-ña mâu dilangîri ’t Hoofd moet goed „geshampood”
-bâik-bâik, nanti ilang kelemumur worden, dan verdwijnt de roos op den
-itu lâma-lâma. langen duur.
-Kudis-buta itu tidaq mengâpa. Die roode hond maakt niets uit.
-Tetapi gatăl sangăt, tuan. Maar ’t jeukt erg, mijnheer.
-Baîk lah, sâya beri ôbat-ña Goed. Ik zal wat medicijn ervoor
-sedikit. (lett. ervan) geven.
-Bini sâya sakit-gigi. Gigi-ña Mijn vrouw heeft kiespijn. Een kies
-yang sâtu sudah dicâbut, van haar is al getrokken, nu doet
-sekârang sakit pula yang lâin. weer een andere pijn. Ik geloof, dat
-Sâya kîra bâñaq yang rongga. er veel hol zijn.
-Ini lah ôbat-ña. Sûruh dia Hier is een geneesmiddel ervoor.
-berkumur-kumur bâik-bâik pakay Laat haar goed den mond spoelen met
-âir ini, tiap-tiap malăm sabelom dit water (gebruikt dit water),
-tidur. iederen nacht vóor ’t slapen.
-Ini lah ôbat-kûrap: Hier heb je medicijn tegen ringworm:
-dâun-gelinggang diañcurkăn, lâlu glinggang-blâren fijngemaakt en
-dicampur dăngăn belîrang dan daarna vermengd met zwavel en
-sendâwa. salpeter.
-Bôleh dapăt di rumah-ôbat (sâma Men kan het in de apotheek (bij den
-tukang-ôbat). apotheker) krijgen.
-Bâñaq angin di bâdan, tuan. Er is veel wind in ’t lichaam,
- mijnheer.
-Ini lah ôbat-ña, miñaq-pi-permin Hier is de medicijn ervoor,
-nâmâ-ña; ambil sa titiq dalăm pepermunt olie heet het (is de naam
-âir sâtu gelas kecil. ervan); neem een druppel in een
- klein glaasje water.
-Ôrang sakit-cîrit endaq lah Menschen, die diarrhee hebben,
-makan bubur-ubi-Benggâla moeten dagelijks pap van arrowroot
-(-ketêla-pohon) sa-âri-âri. eten.
-Luka itu sudah bekeruping, tanda Die wond heeft al een roof, een
-sudah mâu bâik. teeken, dat ze gaat (wil) genezen.
-Pûru dan bisul bôleh diôbati Waarmee kunnen zweren en puisten
-dăngăn âpa? gemedicineerd worden?
-Bôleh diôbati dăngăn ôbat busuq Ze kunnen behandeld worden met die
-itu (karbol); dăngăn bubur karbol (stinkende medicijn), met
-pânas. warme pappen.
-Âda kah kaw bâñaq belâhaq Laat je veel boeren, veel winden?
-(serdâwa), bânaq kentut? Bâñaq Fluim je veel?
-berdâhaq?
-Ânaq sâya kenâ câcar Mijn kind heeft de pokken (getroffen
-(ketumbuhan). door de p.)
-Sudah kah ditanăm câcar âtaw Is ’t al ingeënt of nog niet?
-belom?
-Ôrang Melâyu takut ditanăm De Maleiers zijn er bang voor
-câcar, kâdang-kâdang sudah ingeënt te worden, soms zijn hun
-ditanăm, ânaq-ña mati langsung. kinderen op eens gestorven, nadat ze
- ingeënt waren.
-Kâlaw ditanăm câcar ôleh Als ze ingeënt waren door een
-mantri-câcar Gupermèn, tentu gouvernements-vaccinateur, zouden ze
-tidaq mati. zeker niet gestorven zijn.
-Peñakit âwar (kolêra) itu yang De cholera is erg kwaadaardig, als
-jâhat sekâli, sudah kenâ jârang men die heeft (getroffen is), wordt
-yang sembuh. men zelden beter (zeldzaam die
- genezen).
-T’âda ôbat-ña. Er is geen medicijn voor.
-Kaw kûrang âpa? Wat scheelt je?
-Luka, tuan. Ik ben gewond, mijnheer.
-Luka kenâ âpa: pisaw kah, Hoe ben je gewond (getroffen door
-pedang, pârang ataw bedil wat): met een mes, een sabel, een
-(senâpang)? hakmes of een geweer?
-Kenâ lembing, kenâ tumbaq, tuan. Met een werpspies, met een piek,
- mijnheer.
-Bâik bâsuh dăngăn âir, kemudian Je moet ’t met water afwasschen,
-bôleh dijâit. daarna kan ’t genaaid worden.
-Kâlaw t’âda kenâ kotor âpa-âpa, Als er heelemaal geen vuil in komt
-lekas bôleh bâik. (getroffen door vuil) kan ’t spoedig
- beter zijn.
-Kâlaw pelûru âda lâgi di dalăm, Als de kogel er nog in zit, kan ik
-bôleh sâya câbutkăn. hem eruit halen.
-Bagi-mâna bôleh dicâbutkăn? Hoe kan hij eruit gehaald worden?
-Dăngăn pekâkas besi ini, sudah Met dit ijzeren instrument, als je
-pegang pelûru itu, târik sâja, den kogel al beet hebt, trek dan
-nanti keluar. maar, dan komt hij eruit.
-Âpa kûrang (kenâ âpa) ôrang itu? Wat mankeert die man?
-Kenâ tetaq, tuan. Urat-ña Heeft een houw gekregen, mijnheer.
-terbuka di pâhâ-ña kânan. De ader is open aan de rechterdij.
-Ini lah ôbat-penâwar. Sudah Dit is een stelpmiddel. Als ’t
-berenti bedârah, nanti bubuh opgehouden heeft te bloeden, dan leg
-tampal (plèstèr). je er een pleister op.
-Kenâ di perut lâgi, keluar Hij is ook nog aan den buik
-tâli-perut-ña [20]. Lekas getroffen, de darmen komen eruit.
-masuqkăn, bôleh disungkup dăngăn Doe ze snel erin, we kunnen er eerst
-tempûrung dulu. een klapperdop opzetten.
-Âbis itu, lekas bâwa dia ke Daarna moet je hem gauw naar ’t
-rumah-sakit, bôleh diôbati ziekenhuis brengen, daar kan hij
-bâik-bâik di sâna. goed verpleegd worden.
-Âda kah rumah-ôrang-sakit-kusta Is hier een leprozen-huis, (huis
-di sâna? voor melaatschen)?
-Tidaq, peñakit-kusta itu jârang Neen, lepra is hier zeldzaam, twee
-di sini, dua tiga ôrang yang of drie menschen hebben de ziekte
-kenâ, tetapi tidaq dilâinkăn di (die getroffen zijn), maar ze worden
-rumah sendîri. niet in een eigen huis afgezonderd.
-Sâya pikir perlu dilâinkăn, Ik geloof, dat het noodzakelijk is,
-supâya jâuh deri ôrang; sebab ze af te zonderen, opdat ze ver van
-peñakit itu kâbar-ña berjangkit. de andere menschen af zijn; want die
- ziekte is naar men zegt (’t bericht
- ervan) aanstekelijk.
-Ôrang ini kenâ peñakit-dâda. Deze man heeft ’n borstziekte. Hij
-Selâlu bâtuq sâja. hoest voortdurend.
-Kering kah bâtuq-ña itu? Is die hoest van hem droog?
-Kering, tuan. Jawel (droog), mijnheer.
-Sâya minta ôbat-peñcâhar. Ik vraag om een purgeermiddel.
-Ôbat ini diminumkăn tiga kâli sa Deze medicijn wordt ingegeven
-âri, tetapi endaq lah di-kocoq driemaal daags, maar ’t moet eerst
-dulu; bôleh juga dikacaw dăngăn omgeschud worden; ’t mag ook met een
-sendoq. lepel geroerd worden.
-Ôbat-lumat (serbuq, puyăr) ini Deze poeders worden telkens op de
-ditelăn tiap-tiap waktu makan. etenstijden geslikt (telkens tijd
- van ’t eten).
-Sabelom-ña makan, ataw Vóor ’t eten of daarna, mijnheer?
-sasudah-ña, tuan?
-Sasudah-ña. Mengarti? Daarna. Begrepen?
-Mengarti, tuan. Jawel (begrepen), mijnheer.
-
-
-
-
-
-
-
-24. BIJ DEN MAGISTRAAT.
-
-
-Perkâra âpa yang diperkârakăn Welk zaak wordt heden afgedaan? Een
-sekârang? Perkâra-apiun kah? opiumzaak?
-Tidaq, itu sudah putus. Neen, die is al beslist.
-Perkâra peñcûrian yang belom. De diefstalzaak nog niet (is ’t
- welke nog niet).
-Siâpa yang didaqwa? Wie is aangeklaagd?
-Si Umar, dipanggil ôrang Paq Zekere Umar, bijgenaamd Paq Idris
-Idris. (genoemd door de menschen P. I.).
-Berâpa ôrang saksi-ña? Hoeveel getuigen zijn er?
-Yang sâya tâu, tuan: tiga ôrang Die ik weet, mijnheer, zijn drie
-nâik saksi dalăm perkâri itu. getuigen in de zaak (drie menschen
- stijgen, komen „op” als g.).
-Sâya arăp bôleh sampay Ik hoop, dat er genoeg bewijzen
-katerangan-ña. Terlâlu susah zijn. ’t Zou erg lastig zijn, als
-kâlaw kûrang terang perkâra ini deze zaak weer niet bewezen kon
-pula, karena Si Umar itu cerediq worden (niet voldoende helder was);
-sekâli: sudah berâpa kâli want die Umar is erg leep: hoeveel
-didaqwa, kemudian lepas pula maal is hij reeds aangeklaagd, en
-dia, sebab t’âda katerangan! dan kwam hij weer vrij, omdat er
- geen bewijzen waren.
-Kâtâ-ña dia ditekăn ôrang sâja; Hij zegt, dat hij alleen maar valsch
-tetapi sabetul ña dia bangsat beschuldigd is (gedrukt door de
-benăr. menschen); maar inderdaad is hij een
- rechte schelm.
-Kâlaw ñâta sâlah-ña sekârang, Als nu zijn schuld gebleken
-sâya kenakăn hukuman kerjâ tiga (duidelijk) is, zal ik drie maanden
-bulan. tenarbeidstelling geven (treffen met
- drie m. t.)
-Itu âda ôrang endaq mengadăp Daar is iemand, die vóor u wil
-tuan Pètor [21] bârang-kâli verschijnen (of: u wil spreken),
-membâwa katerangan. misschien brengt hij aanwijzingen
- (inlichtingen).
-Sûruh masuq, upas. Laat hem binnenkomen, oppasser.
-Tâbiq, tuan, bagitu bâñaq deri Ik vraag u wel excuus, mijnheer
-kaki tuan sampay kepâla, sâya (lett. excuus zooveel van uw voeten
-endaq nâik saksi dalăm perkâra tot uw hoofd), ik wil als getuige
-Paq Idris, tuan. optreden in de zaak van Paq Idris,
- mijnheer.
-Bâik lah. Siâpa nâmâ-mu? Goed. Hoe heet je?
-Nâma sâya Unus, tuan. Ik heet Unus, mijnheer.
-Berumah di mâna, pekerjâänmu Waar woon je, wat doe je voor de
-âpa? kost (wat is je werk)?
-Sâya berumah di Kampung Limaw, Ik woon in Kampung-Limaw, mijnheer,
-tuan; pekerjâän sâya berlâdang. mijn beroep is landbouwer (mijn werk
- landbouwen).
-Berâpa umur-mu? Hoe oud ben je (Hoeveel is je
- leeftijd)?
-Kîra-kîra tiga-puluh tâun, tuan. Zoo wat dertig jaar, mijnheer.
-Mâna bôleh! Umur-mu empat puluh Hoe kan dat? Je bent op zijn minst
-sekûrang-kûrang-ña. Sudah. veertig jaar. Goed (afgeloopen).
-Kaw tâu âpa kah tentang perkâra Wat weet je aangaande die zaak?
-itu?
-Paq Idris mengaku sâma sâya dia Paq Idris bekende mij, dat hij
-bermalăm di luar rumah-ña pâda buitenshuis geslapen had op den
-malăm jumaät yang sudah ini. Ta nacht voor afgeloopen Vrijdag. Hij
-bôleh bersangkal lâgi: dia kan ’t niet meer ontkennen, hij is
-sapekat dăngăn Berâhim. ’t met Brahim eens.
-Sungguh kah itu? Is dat stellig?
-Sungguh mati, tuan. Berâni Zoo waar als ik leef (ik mag sterven
-betâroh. als ’t niet waar is), mijnheer. Ik
- durf er om te wedden.
-Berâni bersumpah kah? Durf je te zweren.
-Berâni, tuan. Jawel (durf), mijnheer.
-Jûru-tulis, sûruh dia bersumpah. Schrijver, laat hem zweren. Heb je
-Sudah kah terima sumpah-ña? zijn eed afgenomen (ontvangen)?
-Sudah, tuan. Pengakuan-ña sâya Jawel (reeds), mijnheer. Zijn
-tulis di daftar. bekentenis heb ik in ’t register
- geschreven.
-Daftar-perkâra-pulisi sudah kah? Is het register der politiezaken af?
-Sudah, tuan. Sudah sâya sâlin. Jawel (reeds) mijnheer. Ik heb het
-Bôleh tuan priksa: bersâmâän al overgeschreven. U kan het nazien:
-semuâ-ña, t’âda yang bersâlâhan. alles komt (komt overeen, d. w. z.
- met het origineel), niets wijkt af.
-Perkâra yang ditangguhkăn itu Die uitgestelde zaak moet je niet in
-jangan masuqkăn di daftar. ’t register opnemen (indoen).
-Itu endaq lah dimasuqkăn pâda Die moet komende maand ingeschreven
-bulan di muka ini, bila sudah worden, als er al een beslissing
-âda keputusan-ña. genomen is.
-Perkâra-dendâ itu jangan lupa, Vergeet die boetezaak niet, ter zake
-hal perkelâjan; maki-maki. van een vechtpartij; beleedigingen
- (schelden).
-Ingăt: dendâ yang bôleh sâya Denk er aan: de boete die ik op mag
-kenakăn itu salebih-lebih-ña leggen is hoogstens (op zijn meest)
-sa-râtus rupiah ganti-ña tutup honderd gulden, te vervangen door
-tiga-puluh-dua âri lâmâ-ña; twee en dertig dagen gevangenis; en
-hukuman kerjâ pun sampay tiga tenarbeidsstelling tot drie maanden.
-bulan.
-Mêmang, tuan, âtûran-ña bagitu: Natuurlijk, mijnheer, het reglement
-sâya hafalkăn semuâ-ña. is zoo: ik heb alles van buiten
- geleerd.
-Sudah kah kaw sita segâla ôrang Heb je al de menschen al opgeroepen,
-yang termasuq dalăm perkâra die betrokken zijn in die
-peñcûrian itu? diefstalzaak?
-Sudah tuan, sâya beri tâu dăngăn Jawel (reeds), mijnheer, ik heb
-sûrat, saperti biâsa. schriftelijk (met een brief) kennis
- gegeven, zooals gewoonlijk.
-Âda kah kaw ingăt nâma segâla Herinner je je soms de namen van al
-permâinan-judi yang dilârang? de dobbelspelen, die verboden zijn?
-Bârang-siâpa melanggar ătûran Al wie dat reglement overschrijdt
-itu kenâ dendâ; kâlaw tidaq krijgt (wordt getroffen) een boete;
-bâyar, mâka masuq peñjâra (buï). als hij die niet betaalt, gaat hij
- in de gevangenis.
-Hukuman sapu-pantat sudah De rotan-straf (lett het achterste
-ditidaqkăn (ditiâdakăn), strijken) is afgeschaft, alleen die
-melâinkăn ôrang yang sudah kenâ reeds veroordeeld zijn (getroffen
-hukuman itu bôleh disapu door vonnis) mogen de rotan-straf
-pantat-ña, jâdi tambâhan ondergaan, als (wordt) vermeerdering
-hukuman-ña. van straf.
-Perkâra-bunuh tidaq bôleh Zaken van doodslag (moord) mogen
-diputuskăn di sini; hukuman-ña hier niet afgedaan worden; de straf
-kerjâ-paksa dăngăn buang deri ervoor is dwangarbeid met verbanning
-negri. (wegwerpen uit het land).
-Bunuh dăngăn sehâja. Manslag met opzet.
-Bunuh dăngăn tersâlah. Doodslag bij ongeluk.
-Keñâtâän yang sah. Geldige (wettige) bewijzen.
-Kâbar-angin. Losse geruchten.
-Katerangan. Bewijzen, aanwijzingen.
-Kerjâ-paksa dăngăn rantay. Dwangarbeid in (lett. met) de
- ketting.
-Tidaq dăngăn rantay [22]. Dwangarbeid buiten (zonder) de
- ketting.
-Ôrang-rantay. Dwangarbeider in de ketting,
- kettingganger.
-Perkâra-utang itu sudah Die schuldzaak is al beslecht, in
-diselesaykăn, dimaslahatkăn. der minne geschikt.
-
-
-
-
-
-
-
-25. OP SCHOOL.
-
-
-Sekôla terbuka pukul tujuh pâgi. De school begint (is geopend) om
- zeven uur ’s morgens.
-Âpa yang diâjarkăn di sekôla Wat wordt op deze school onderwezen?
-ini?
-Tulis dan bâca, kîra-kîra dan Lezen en schrijven, rekenen en wat
-ilmu-bumi sedikit. aardrijkskunde.
-Berâpa pengâjar-ña (gûru-ña)? Hoeveel onderwijzers zijn er?
-Berâpa mûrid-ña (pelâjar-ña)? Hoeveel leerlingen?
-Âda lima pangkat, mâsing-mâsing Er zijn vijf klassen, elk heeft vijf
-dua-puluh-lima ôrang budaq-ña; en twintig leerlingen; er zijn maar
-pengâjar-ña tiga ôrang sâja. drie onderwijzers.
-Umur berâpa bôleh masuq? Op welken leeftijd mag men
- toegelaten worden (ingaan)?
-Masuq umur enăm tujuh tâun, Men komt er op op zesjarigen
-tuan; keluar umur dua-belas. leeftijd, mijnheer; en verlaat de
- school (gaat eruit) op twaalfjarigen
- leeftijd.
-Rumah-ña dan segâla pekâkas-ña, Het gebouw (huis) en al ’t huisraad,
-saperti bangku-bangku dan als de banken, het bord, het krijt,
-pâpan-tulis dan kapur-ôlanda dan de sponzen enz. worden alle door het
-bunga-kârang dan sebâgay-ña itu Gouvernement bekostigd, maar de
-semua-ña dibiâyakăn ôleh onderwijzers krijgen geen
-pemeréntâhan (gupermèn), tetapi traktement, alleen ontvangen zij
-pengâjar-ña tidaq dapat gâji, schoolgeld en verdeelen het
-melâinkăn wang-sekôla gelijkelijk.
-diterimâ-ña, dibâgi-ña
-sâma-râta.
-Âtûran-ña pengâjâran itu menûrut Het reglement van ’t onderwijs is
-sekôla-pemaréntâhan juga. als dat van de Gouvernementsscholen
- (volgt de gouvernementsscholen).
-Tuan suka bertâña âpa-âpa? Wenscht u wat te vragen?
-Suka juga. Panggil budaq yang Jawel. Roep een jongen, die heel
-cerediq sekâli, sûruh keluar. schrander is, laat hem eruit komen.
-Côba ambil petâ-bumi. Tuñjuqkăn Neem ’s de wereldkaart. Wijs al de
-segâla semudra. oceanen.
-Bagi-mâna luas-ña dârat Hoe is de oppervlakte
-tertimbang dăngăn luas-ña lâut (uitgestrektheid) van het vasteland
-di bumi ini? vergeleken met de uitgestrektheid
- van de zee op deze aarde?
-Sâtu bâgian deri empat, tuan. Als een tot vier, mijnheer (éen deel
- van vier, m.)
-Bâik lah. Sûruh keluar lâin Goed. Laat een anderen jongen
-budaq. voorkomen (uitkomen).
-Côba kaw tuñjuqkăn lah Toon jij me ’s je bekwaamheid in ’t
-kepandâyan-mu tentang kîra-kîra. rekenen (betreffende het rekenen).
-Berâpa jumlah-ña tujuh dan Hoeveel is de som van zeven en
-tiga-puluh dan lima-belas? dertig en vijftien?
-Tulis angka itu yang sâtu di Schrijf die cijfers onder elkaar;
-bâwah yang lâin; sekârang tel nu op.
-jumlahkăn.
-Sekârang tôlaq sa-belas, sudah. Trek nu elf af, goed (afgedaan).
-Pukul lima. Jâdi berâpa? Vermenigvuldig met vijf. Hoeveel is
- ’t (wordt ’t) dan?
-Sekârang bâgi tiga. Deel nu door drie.
-Âpa nâmâ-ña bilangan ini? Wat is de naam van dit getal?
-Ini penôlaq, ini yang ditôlaq Dit is de aftrekker, dit het
-deripâdâ-ña, ini pembâgi, ini aftrektal, dit de deeler, dit het
-yang dibâgi, ini bâgian, ini deeltal, dit het quotiënt, dit de
-pemukul, ini yang dipukul, ini vermenigvuldiger, dit het
-hâsil; ini pecâhan. vermenigvuldigtal, dit het product;
- dit een breuk.
-Nâmâ-ña ini kebâñâkan, bilangan. De naam hiervan is een grootheid,
-Ini bilangan gasal (of gañjil), een getal. Dit is een oneven getal,
-ini pun bilangan-geñăp. dit echter een even getal.
-Bilangan ini bôleh kah kaw Kan je dit getal in het twaalftallig
-pindahkăn ke dalam stelsel overbrengen?
-perbilangan-perduabelâsan?
-Sâlah sifar itu. Betulkăn. Die nul is fout. Verbeter het.
-Segi-tiga ini bâgi dua segi-ña. Deel van dezen driehoek de zijden in
-Sekârang pasang gâris-tepat deri tweeën. Trek nu een loodlijn van ’t
-pertemuan ketiga gâris itu ka snij (ontmoetings)punt der drie
-segi AB [23]. lijnen naar de zijde AB.
-Itu segi-tiga yang sâma kaki-ña; Dit is een gelijkbeenige driehoek;
-segi-tiga yang ber-siku-siku; dit een rechthoekige driehoek;
-gâris-pertengâhan, gâris middellijn, deellijn,
-pembâgi, gâris peñambung, gâris verbindingslijn, kromme lijn;
-bujur, gâris béngkoq; buntâran. cirkel.
-Ilmu-handasah sudah lah Nu hebben we genoeg meetkunde gehad
-sekârang. Âpa kah artiña (meetkunde afgedaan nu). Wat is de
-perkâtâän ilmu-saraf? Âpa beteekenis van ’t woord ilmu-saraf
-kalimat? (spraakkunst, behalve woordvoeging)?
- Wat is een volzin?
-Sekârang sâya endaq bertâña hal Nu wil ik ’s vragen doen over (al)
-segâla ukûran dan timbangan dan de lengtematen, gewichten en
-takâran. inhoudsmaten?
-Sâtu pal berâpa métăr? Hoeveel M. is een paal?
-Sâtu asta berâpa jengkal? Hoeveel jengkal is een asta? (Antw.
- 2).
-Sâtu depâ berâpa asta (setâ)? Hoeveel asta is een depâ? (Antw. 4
- vadem).
-Sâtu êla berâpa asta? Hoeveel asta is een êla? (Antw. 2).
-Sâtu kôyan berâpa pikul? Hoeveel pikul is een kôyan? (Antw.
- 40 en 30). [24]
-Sâtu pikul berâpa kati? Hoeveel kati is een pikul? (Antw.
- 100).
-Sâtu kati berâpa pon? Hoeveel pond is een kati? (Antw. ¼).
-Sâtu pikul berâpa pâra? Hoeveel pâra is een pikul? (Antw.
- 2).
-Sâtu pâra berâpa gantang? Hoeveel gantang is een pâra? (Antw.
- 10).
-Sâtu gantang berâpa cupaq? Hoeveel cupaq is een gantang? (Antw.
- 14).
-Sâtu cupaq berâpa pâu? Hoeveel pâu is een cupaq? (Antw. 4).
-Sâtu ringgit dua rupiah sa Een rijksdaalder is twee en een
-tengah (empat suku). halve gulden (vier halve gld.)
-Sâtu rupiah dua suku; sâtu suku Een gulden is twee halve, een halve
-dua tâli; sâtu tâli dua picis gld. twee kwartjes; een kwartje twee
-lima sèn. dubbeltjes en vijf cent.
-
-
-
-
-
-
-
-26. ONLUSTEN IN EEN INLANDSCHEN STAAT.
-
-
-Âda kah tuan dăngăr kâbar? Heeft u ’t bericht gehoord?
-Kâta ôrang sudah jâdi pergâduhan Men zegt, dat er in de bovenlanden
-besar di Ulu-Pêraq. van Pérak ernstige (groote) onlusten
- uitgebroken (lett. ontstaan) zijn.
-Âda kunun bagitu. Dat wordt zoo beweerd. (Er zijn naar
- men zegt zoo).
-Âpa sebab jâdi pergâduhan itu? Waardoor zijn die onlusten ontstaan?
-Asal-ña bagini, tuan: De oorzaak is aldus, mijnheer:
-Âda sâtu ôrang dalăm dâirah itu Er was iemand in dat gebied pengulu,
-meñjâdi pengulu-ña, tetapi maar de nieuwe sultan hield niet van
-Yam-Tuan bâru ini tidaq suka hem; hij heeft hem ontslagen en een
-akăn dia; dipecatkăn, dia ander in de plaats van hem den titel
-gelarkăn lâin ôrang mengganti van pengulu gegeven. Om die reden
-dia jâdi pengulu di situ. Sebab vecht de nieuwe met den ouden
-itu berkelay lah pengulu bâru pengulu.
-dăngăn pengulu lâma.
-Âda kah yang mati luka? Zijn er dooden of gewonden?
-Belom âda, tuan. Âda juga dua Nog niet, mijnheer. Er zijn er
-tiga. enkelen (toch twee of drie).
-Sabelah mâna yang mati itu? Aan welke zijde zijn die dooden?
-Sabelah pengulu bâru, tuan. Aan de zijde van het nieuwe hoofd.
-Âda bârang dua-puluh ôrang dia, Er zijn een twintigtal van zijn
-berjâlan dalăm utan, jumpa sâtu lieden ’t bosch in gegaan, en een
-kubu musuh, berkelay lah di vijandelijke versterking
-situ. Yang di dalăm kubu itu âda tegengekomen, en daar hebben ze
-berse-nâpang bâñaq, yang lâin gevochten. De lui in de versterking
-dua tiga pucuq sâja. Undur lah hadden veel geweren, de anderen maar
-ôrang sabelah pengulu bâru itu, twee of drie stuks. De lui van het
-diambat oleh musuh-ña, mati tiga nieuwe hoofd weken, en werden door
-ôrang sabelah pengulu bâru, hun vijanden achterna gezet; drie
-kâwan-ña yang lâin-lâin lâri man aan de zijde van den nieuwen
-dalăm utan, lintang-pukang pengulu zijn gesneuveld, de overige
-ceray-beray. kameraden zijn in ’t bosch gevlucht,
- hals over kop in alle richtingen.
-Pâda âri ini pun ta tentu Zelfs heden is hun verblijf (plaats)
-tempat-ña. niet bekend (vast).
-Siâpa ambil mâit ôrang tiga yang Wie heeft de lijken van de drie
-mati itu? gesneuvelden gehaald?
-Tinggal dalăm utan, tiâda Ze zijn in ’t bosch achterbleven, er
-(t’âda) ôrang berâni was niemand die ze durfde halen.
-mengambil-ña.
-Kâlaw bagitu, mâlu benăr pengulu Dan is ’t een erge schande voor den
-bâru itu, mâit kâwan-ña nieuwen pengulu (is de nieuwe p. erg
-tertinggal. beschaamd) dat de lijken zijner
- gezellen achtergebleven zijn.
-Pâda kîra kâmi ôrang Melâyu mâlu Naar de opvatting van ons Maleiers
-sekâli, tuan. is ’t een heele schande, mijnheer.
-Di mâna musuh sekârang? Waar zijn de vijanden nu?
-Ta tentu tempat-ña, tuan. ’t Is niet bekend waar ze zijn,
- mijnheer (niet vastgesteld hun
- plaats).
-Kâlaw bagitu, bâik kita pegi Dan moeten wij (is ’t goed, dat wij)
-mengâkap. gaan spionneeren.
-Bôleh antăr (sûruh) We kunnen ’t hoofd der spionnen met
-penglima-kâkap dăngăn dua ôrang. twee man sturen.
-Bâik lah, malăm sekârang bulan Goed, van avond is ’t heldere maan,
-terang, sûruh dia-ôrang jâlan laat ze op weg gaan en de
-meñcâri tempat musuh, di mâna verblijfplaats der vijanden
-kubu-ña, berâpa buah kubu, opzoeken, waar hun versterkingen
-berâpa ôrang musuh, berâpa zijn, hoeveel stuks versterkingen er
-meriăm-ña, dan âpa-âpa macăm-ña. zijn, hoeveel man de vijand sterk
- is, hoeveel kanonnen ze hebben, en
- welke soorten daarvan.
-Penglima-kâkap sudah bâlik, Het hoofd der spionnen is al terug,
-tuan. Musuh âda di Pâpan, sudah mijnheer. De vijand is te Pâpan, ze
-berkukuh di situ Penglimâ-ña hebben zich daar versterkt. Ze
-tiga ôrang, kubu-ña dua buah, hebben drie hoofden, twee
-sabelah kânan sa buah, sabelah versterkingen, (palissadeeringen),
-kîri sa buah, dăngăn kôta sa rechts een, links een, met een fort
-buah di âtas bukit, di belâkang op een heuvel, achter die twee
-kubu yang dua buah itu. Ôrang-ña versterkingen. Hun volk bedraagt
-tengah dua râtus lebih-kûrang, ongeveer honderdvijftig man,
-meriăm tidaq âda, tetapi lila kanonnen hebben ze niet, maar ze
-âda tiga pucuq dalăm kôta itu. hebben drie lila’s (soort mortieren)
- in dat fort.
-Bâik lah. Kâlaw bagitu, kita Goed. Dan (als ’t zoo is), dan
-masuq mengâmuq kôtâ-ña deri zullen we hun fort van achteren
-belâkang, kemudian mudah bestormen (lett. stormende ingaan),
-mengambil kubu-ña. daarna is ’t gemakkelijk hun
- versterkingen te nemen.
-Kâlaw sudah diambil kôtâ-ña, Als hun fort al genomen is, leveren
-kubu ta susah lâgi. de versterkingen geen last meer op
- (zijn de versterkingen niet lastig
- meer).
-Lantaq betul-betul, jangan Pak ze flink aan, niet wankelmoedig
-ôlo-ôlo, jangan undur zijn, en volstrekt niet wijken
-sekâli-kâli. (teruggaan).
-Sudah dekăt kôta, nampaq musuh We zijn al dicht bij ’t fort, de
-di dalăm, pasang senâpang sâtu vijand erin is reeds te zien, vuur
-dăs, kemudian mengâmuq dăngăn een geweerschot af (schiet af een
-keris sâja. geweer éen „paf”), daarna maar
- aanvallen met de kris.
-Kôtâ-ña terpagăr keliling, lâgi Hun fort is rondom gepalissadeerd,
-âda pârit dan rañjaw. bovendien is er een gracht en
- ranjaws [25].
-Tid’âpa, bôleh kita mengâkap Dat doet er niet toe, wij kunnen
-meñcâri pintu kôta, di situ lah spionneeren en naar de deur van ’t
-masuq. fort zoeken, daar gaan we binnen.
-Tentu dua pintu-ña, Zeker er twee deuren aan, ’t is ’t
-pintu-belâkang bâik masuq, nanti beste de achterdeur in te gaan, dan
-musuh lâri deri pintu-adăp; vlucht de vijand door de voordeur,
-bôleh ôrang kita meñjâga di situ onze lui kunnen daar de wacht houden
-menâhan dia. en ze tegenhouden.
-Sediakăn ôbat dăngăn pelûru Maak kruit en kogels klaar genoeg om
-cukup isikăn empat-puluh petrum veertig patronen voor ieder man te
-pâda tiap-tiap ôrang. vullen.
-Kâlaw datăng ujan, tudungkăn Als er regen komt, moet je de
-petrum bâik-bâik. patronen goed toedekken.
-Mâsing-mâsing âda kerpay, tuan: Ieder heeft een patroontasch,
-petrum ta bôleh bâsah. mijnheer: de patronen kunnen niet
- nat worden.
-Siâpa pasang senâpang tâdi? Wie heeft zooeven een geweerschot
- afgeschoten?
-Musuh, tuan. De vijand, mijnheer.
-Dăngăr bâik-bâik. Luister ’s goed.
-Dipasang-ña tiga dăs, tentu lah Ze hebben driemaal gevuurd, zeker is
-alâmat musuh itu. dat een signaal (teeken) van den
- vijand.
-Tuan pakay prisay kah? Draagt (gebruikt) u een schild?
-Tidaq, ta guna beperisay, kâlaw Neen, ’t is onnut een schild te
-musuh bedil dăngăn pemûras, dragen, als de vijand met
-bârang-kâli sa butir pelûru donderbussen schiet, raakt misschien
-dalăm sa râtus yang kenâ. éen kogel op de honderd.
-
-
-
-
-
-
-
-27. GESPREK MET EEN KOOPMAN EN OVER KOOPMANSAANGELEGENHEDEN.
-
-
-Eñciq Mahmud âda di rumah? [26] Is Eñciq Mahmûd thuis?
-Âda, tuan, sila kăn tuan masuq, Jawel, mijnheer (is er, m.); wees
-bôleh duduq di sini dulu. Nanti zoo goed binnen te komen, u kan
-sâya beri tâu. Sâya kîra Eñciq hier eerst zitten. Ik zal kennis
-lâgi berpakay-pakay. geven. Ik geloof, dat de E. nog
- bezig is zich aan te kleeden.
-Tâbik, Eñciq, âpa kâbar? Goedendag, E., hoe gaat het?
-Kâbar bâik, tuan. Tuan suka âpa? Goed, mijnheer (goed bericht, m.).
- Wat verlangt u?
-Sâya ôrang bâru di kôta ini. Ik ben een nieuweling in deze stad.
-Kâlaw bôleh, sâya endaq meliat Als ’t mag, wil ik den winkel zien,
-tôko, lâgi endaq bercakăp-cakăp en bovendien wat praten; want ik
-sedikit; sebab sâya dăngăr kâbar heb gehoord (tijding gehoord), dat
-Eñciq ini sudâgar besar, bâñaq u een groot koopman is, dat u veel
-bârang-bârang-ña yang âlus dan fijne en mooie goederen heeft.
-éloq.
-Âda juga, tuan. Dăngăn suka-ati Jawel, mijnheer. Met genoegen (des
-sâya tuñjuqkan âpa-âpa yang âda. harten) laat ik u alles zien wat er
- is.
-Âda kah Eñciq berpesăn bânaq Bestelt u veel goederen (artikelen)
-bârang deri Êrôpah? uit Europa?
-Bâñaq, tuan. Sâya selâlu bekîrim Veel, mijnheer. Ik correspondeer
-sûrat dăngăn sudâgar-sudâgar voortdurend met groote kooplui te
-besar di Amsterdam dan di Amsterdam en Rotterdam; ik bestel
-Rotterdam; âda juga sâya pesăn ook wel uit Londen.
-deri London.
-Di Tânah India-Ôlanda ini bêa Hier in Nederlandsch-Indië is het
-bârang-bârang yang dibâwa masuq invoerrecht van ingevoerde goederen
-itu bâñaq, tuan. Tambâhan pula hoog (veel), mijnheer. Bovendien
-bârang Êrôpah itu bâñaq kosten de Europeesche goederen veel
-belañjâ-ña kapal; jâdi argâ-ña di aan scheepsvracht, zoodat de prijs
-sini mâhal tertimbang dăngăn hier hoog (duur) is vergeleken met
-Êrôpah. (opgewogen tegen) Europa.
-Bârang macăm âpa Eñciq terima Welke soort artikelen ontvangt u ’t
-terlebih bâñaq deri Êrôpah? meest uit Europa?
-Kâlèng isi bârang-makânan, tuan, Blikjes met eetwaren, mijnheer, die
-itu yang terlebih bâñaq. Pesânan ’t allermeest. Mijn bestellingen
-sâya itu berpuluh-puluh peti sa gaan bij tientallen kisten
-kâli. tegelijk.
-Minuman pun Eñciq pesăn deri Bestelt u ook dranken uit Europa?
-Êrôpah juga?
-Ia, bâñaq, tuan, semuâ-ña sâya Ja, veel, mijnheer; alles ontvang
-terima deri negeri Ôlanda. ik uit Holland.
-Kâlaw sopi dan sopi-mânis, bâik Wat jenever en likeuren aangaat, is
-dipesăn deri Ôlanda; tetapi ’t goed uit Holland te bestellen;
-anggur lebih bâik deri negeri maar wijn is beter uit Frankrijk;
-Frañcis; tentu lebih mûrah. dat ’s zeker goedkooper.
-Sungguh, tuan, tetapi mâna bôleh Zeker, mijnheer, maar hoe zou ik
-sâya pesăn deri sâna? dat daarvan kunnen bestellen?
-Saya tidaq tâu bâsa Frañcis, Ik ken geen Fransch, en de
-sudâgar sâna pun tidaq tâu bâsa kooplieden daar geen Maleisch.
-Melâyu.
-Eñciq bôleh câri wakil di Ôlanda, U kan een gemachtigde in Holland
-yang tâu bâsa Melâyu, maka dia zoeken, die Maleisch kent, dan kan
-bôleh bekîrim-sûrat dăngăn die correspondeeren met een
-sudâgar-anggur di Frañcis. wijnhandelaar in Frankrijk.
-Nanti sâya pikirkăn, tuan, Ik zal er ’s over denken, mijnheer,
-bârang-kâli jâdi bagitu. misschien gaat het (lukt het) zoo.
-Bagi-mâna hal bayâran, Eñciq, Hoe gaat het met het betalen (de
-kâlaw sâya bôleh tâna? Âda kah betaling), Eñciq als ik vragen mag?
-Eñciq kîrim wang dăngăn Zendt u het geld per postwissel?
-sûrat-tukâran-pos?
-Tidaq, tuan. Biâsâ-ña sâya kîrim Neen, mijnheer. Gewoonlijk zend ik
-sûrat-tukâran sâja. Sâya selâlu maar een wissel. Ik ben steeds in
-berutang-piutang dăngăn rekening-courant met een bankhuis
-rumah-wang di Amsterdam. (geldhuis) te Amsterdam.
-Bôleh kah ôrang berutang di sini, Kan men hier crediet krijgen, Eñciq
-Eñciq? (schuld hebben, schuldig zijn)?
-Bôleh juga, tuan, asal sâya kenal Jawel, mijnheer, mits ik de
-sâma ôrang-ña. menschen ken.
-Bôleh dâpăt krêta-angin sâma Kan men rijwielen bij u krijgen?
-Eñciq?
-Bôleh, tuan. Âda rupa-rupa Jawel, mijnheer. Ik heb er van alle
-(macăm-macăm), nanti sâya soorten, ik zal ze u laten zien.
-tuñjuqkăn.
-Macăm Crescent pun âda? Heeft u ook Crescent-cycles (soort
- Cr. is er ook)?
-Tidaq, tuan, macăm itu tidaq laku Neen, mijnheer, dat soort is hier
-di sini. niet gewild.
-Kâlaw bôleh, sâya minta Als u ’t goed vindt (als ’t mag),
-daftar-arga (katerangan-arga) vraag ik een prijs-courant.
-segâla bârang dalăm tôko.
-Bôleh, tuan; tetapi endaq lah Goed, mijnheer; maar denk u eraan:
-tuan ingăt: âda bârang yang tidaq er zijn artikelen, die niet vast
-tetăp argâ-ña; bôleh nâik, bôleh van prijs zijn; ze kunnen opslaan
-tûrun argâ-ña. en afslaan.
-Bârang ini sâya beli borong pâda Deze goederen heb ik bij elkaar (in
-sudâgar Cina yang jâtoh itu. éen partij) gekocht van den
-[27]. Chineeschen koopman, die failliet
- is gegaan.
-Berâpa percent di bâyar-ña pâda Hoeveel percent heeft hij aan zijne
-segâla ôrang yang berpiutang crediteurs betaald?
-kepâdâ-ña?
-Sâya dăngăr kâbar tiga puluh âtas Ik heb hooren zeggen (ik heb ’t
-sa râtus; sâya pun dapăt bericht gehoord) dertig percent.
-tiga-puluh-lima.
-Dia berutang pâda sâya sa ribu Hij was mij duizend dollar
-ringgit; sâya piñjămkăn dulu, schuldig; ik heb hem dat vroeger
-dăngăn jañji bâyar bunga delâpan geleend, met de bepaling dat hij
-percent sa tâun. Biar dia pegang acht percent rente jaarlijks zou
-pokoq-ña sa-puluh tâun, asal sâya betalen. Hij mocht het kapitaal
-makan bungâ-ña sâja. Maka desnoods tien jaar houden, mits ik
-sekârang sudah dua tâun, bungâ-ña maar de rente trok. En nu is ’t
-pun tidaq sâya terima, melâinkăn reeds twee jaar, de rente heb ik
-dapăt kembâli tiga-râtus zelfs niet ontvangen, alleen maar
-lima-puluh ringgit sâja. heb ik drie honderd vijftig dollar
- terug gekregen.
-Ah, tuan, Cina itu bâñaq yang Och, mijnheer, onder die Chineezen
-tidaq teguh! zijn er velen niet solied (stevig)!
-Sâya beli ini, Eñciq. Ik koop dit, Eñciq.
-Umar, bungkus ini; nanti bâwa ke Omar, pak dit in; bezorg het straks
-rumah tuan. bij mijnheer.
-Tâbiq, tuan. Dag, mijnheer.
-
-
-
-
-
-
-
-28. OPENBARE VERKOOPING (VENDUTIE).
-
-
-Âpa ôrang memukul cânang itu? Wat slaat die man daar op een
-[28] bekken?
-Tanda âda di lêlang, tuan. Dat ’s een teeken, dat er vendutie
- is, mijnheer.
-Di mâna lêlang-ña? Besar kah Waar is de vendutie? Is ze groot of
-tidaq? klein?
-Di rumah di sabelah grêja itu, In dat huis naast de kerk, mijnheer.
-tuan. Lêlang-ña besar, De vendutie is groot, er zijn veel,
-bârang-bârang-ña pun bâñaq lâgi ook mooie goederen.
-bâgus.
-Sudah mulâi? Is ze al begonnen?
-Sudah. Mulâi pukul sembilan Jawel (reeds). ’t Is zooeven om
-tâdi. Pekâkas rumah sudah mulâi negen uur begonnen. De meubels is
-dijual. men reeds begonnen te verkoopen.
-Sâya tâwar dua rupiah sa tâli; Ik bied twee gulden en een kwartje;
-dua tâli, tiga tâli, tiga twee, drie kwartjes, drie gulden.
-rupiah.
-Siâpa tâwar lâgi? Tidaq lâgi? Wie biedt nog meer? Niemand meer
-Tuan Jansen! (lett. niet meer)? Mijnheer Jansen.
-Bârang ini ditâhan. Dit goed wordt opgehouden.
-Jual lâgi sa kâli. Nog eens op nieuw inzetten
- (verkoopen).
-Dapăt? Heb ik ’t gekregen? (lett.
- gekregen?)
-Dapăt, tuan. U heeft ’t gekregen, mijnheer.
-Kuli, angkat, bâwa pulang ke Koeli, neem weg, breng dit bij me
-rumah-ku. thuis.
-Mâna tuan tukang-lêlang? Waar is de vendumeester?
-Sâya tidaq kenal sâma engkaw. Ik ken je niet. Heb je hier soms
-Âda kah engkaw berkenal-kenâlan kennissen?
-di sini?
-Âda, tuan. Tuan Ânu bôleh Jawel, mijnheer. Mijnheer N. N. kan
-tanggung. voor me instaan.
-Kâlaw tidaq, semuâ-ña mâu Als dat niet zoo was, moest alles
-dibâyar tunay sâja. maar contant betaald worden.
-Âpa yang dijual sekârang? Wat wordt er nu verkocht? Glaswerk?
-Bârang-kâca kah?
-Bârang-kâca (bârang-pecah Glaswerk (breekbare waar); kleeren;
-belah); bârang pakâyan; lampen; eetwaren; dranken;
-lampu-lampu; bârang-makânan; vloerkleeden en kleedjes; martavanen
-bârang-minuman; perme-dâni; (hooge aarden potten, gewoonlijk om
-tempâyan; pasu-bunga water in te bewaren); bloempotten;
-(jambang-bunga); pigûra-pigûra; schilderijen; kookgerij; matten;
-pekâkas-masaq; tikăr-tikăr; goud- en zilverwerk; lint, kant;
-bârang-mas dan pêraq; pita, klokken; vuurwerk; voetzoekers;
-rènda; loñcèng; bunga-api; filtreertoestellen.
-mercon; tâpisan. [29]
-
-
-
-
-
-
-
-AANTEEKENINGEN
-
-
-[1] Op Sumatra en Riouw ook kelmâri of kelmârin voor eergisteren en
-semalăm voor gisteren.
-
-[2] In de Straits zegt men âir-câ naar ’t Portugeesche cha-thee; op
-Java is koffie kopi of âir-kopi.
-
-[3] bah op Java bandjir, een Javaansch woord.
-
-[4] Cupaq = ¼ gantang (1 gantang = 5 kati) = 3.12 K.G. gewicht.
-
-[5] Op Java meñjangan (Jav.)
-
-[6] Op Java kañcil (Jav.)
-
-[7] Op Java piring wat in zuiver Maleisch schoteltje, klein bordje
-beteekent.
-
-[8] In de straits ubi of ubi Benggâla.
-
-[9] te Batavia: gerètan, te Samarang en Soerabaja: rèq, ’t eerste
-Soendaneesch, ’t laatste Javaansch.
-
-[10] Wij schrijven hier x voor den klank van ch in ons kracht, och enz.
-
-[11] Op Java porskot (Holl. voorschot.)
-
-[12] kahwa-susu te Batavia coklat (verb. van chocolaad).
-
-[13] Voor cuti te Batavia: permisi (Holl. permissie).
-
-[14] dobi te Batavia pinâtu of minâtu.
-
-[15] Woord om in de kolonie geboren Chineezen (Cina perânâkan) toe te
-spreken.
-
-[16] te Batavia noemt men een vingerhoed ciñcin-meñjâit, lett.
-naai-ring.
-
-[17] Te Batavia. Huurrijtuigen (victoria’s) heeten te Soerabaya
-„kosong”.
-
-[18] Voor peluh op Java steeds kringet, het Jav. woord.
-
-[19] Op Java voor sendoq steeds sèndoq.
-
-[20] Op Java usus-ña (Javaansch.)
-
-[21] „Pètor” op Borneo de assistent-resident, op Sumatra vaak de
-controleur. Het is het Portugeesche „feitor” (hoofd eener „factorij”).
-
-[22] „di luar rantay” is een al te letterlijke vertaling van „buiten de
-ketting,” die men wel eens hoort bezigen.
-
-[23] ’t Woord bâris op Java wel voor gâris gezegd is hier foutief; want
-’t eerste beteekent gelid, rij.
-
-[24] De gouvernements-kôyan is in N. I. 30 pikul.
-
-[25] Scherpe bamboestokken in den grond om de voeten te verwonden.
-
-[26] Eñciq, titel van niet adellijke, aanzienlijke Maleiers.
-
-[27] Op Java zegt men voor failliet, bangkrut.
-
-[28] Op Java heet een omroepbekken, ook bij venduties brèng-brèng.
-
-[29] Op Java sâringan.
-
-
-*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK MALEISCH-NEDERLANDSCHE
-GESPREKKEN ***
-
-Updated editions will replace the previous one--the old editions will
-be renamed.
-
-Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright
-law means that no one owns a United States copyright in these works,
-so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the
-United States without permission and without paying copyright
-royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part
-of this license, apply to copying and distributing Project
-Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm
-concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark,
-and may not be used if you charge for an eBook, except by following
-the terms of the trademark license, including paying royalties for use
-of the Project Gutenberg trademark. If you do not charge anything for
-copies of this eBook, complying with the trademark license is very
-easy. You may use this eBook for nearly any purpose such as creation
-of derivative works, reports, performances and research. Project
-Gutenberg eBooks may be modified and printed and given away--you may
-do practically ANYTHING in the United States with eBooks not protected
-by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the trademark
-license, especially commercial redistribution.
-
-START: FULL LICENSE
-
-THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
-PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
-
-To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
-distribution of electronic works, by using or distributing this work
-(or any other work associated in any way with the phrase "Project
-Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full
-Project Gutenberg-tm License available with this file or online at
-www.gutenberg.org/license.
-
-Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project
-Gutenberg-tm electronic works
-
-1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
-electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
-and accept all the terms of this license and intellectual property
-(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
-the terms of this agreement, you must cease using and return or
-destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your
-possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a
-Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound
-by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the
-person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph
-1.E.8.
-
-1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
-used on or associated in any way with an electronic work by people who
-agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
-things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
-even without complying with the full terms of this agreement. See
-paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
-Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this
-agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm
-electronic works. See paragraph 1.E below.
-
-1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the
-Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection
-of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual
-works in the collection are in the public domain in the United
-States. If an individual work is unprotected by copyright law in the
-United States and you are located in the United States, we do not
-claim a right to prevent you from copying, distributing, performing,
-displaying or creating derivative works based on the work as long as
-all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope
-that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting
-free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm
-works in compliance with the terms of this agreement for keeping the
-Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily
-comply with the terms of this agreement by keeping this work in the
-same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when
-you share it without charge with others.
-
-1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
-what you can do with this work. Copyright laws in most countries are
-in a constant state of change. If you are outside the United States,
-check the laws of your country in addition to the terms of this
-agreement before downloading, copying, displaying, performing,
-distributing or creating derivative works based on this work or any
-other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no
-representations concerning the copyright status of any work in any
-country other than the United States.
-
-1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
-
-1.E.1. The following sentence, with active links to, or other
-immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear
-prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work
-on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the
-phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed,
-performed, viewed, copied or distributed:
-
- This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and
- most other parts of the world at no cost and with almost no
- restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it
- under the terms of the Project Gutenberg License included with this
- eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the
- United States, you will have to check the laws of the country where
- you are located before using this eBook.
-
-1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is
-derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not
-contain a notice indicating that it is posted with permission of the
-copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in
-the United States without paying any fees or charges. If you are
-redistributing or providing access to a work with the phrase "Project
-Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply
-either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or
-obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm
-trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
-with the permission of the copyright holder, your use and distribution
-must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any
-additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms
-will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works
-posted with the permission of the copyright holder found at the
-beginning of this work.
-
-1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
-License terms from this work, or any files containing a part of this
-work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
-
-1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
-electronic work, or any part of this electronic work, without
-prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
-active links or immediate access to the full terms of the Project
-Gutenberg-tm License.
-
-1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
-compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including
-any word processing or hypertext form. However, if you provide access
-to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format
-other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official
-version posted on the official Project Gutenberg-tm website
-(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense
-to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means
-of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain
-Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the
-full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1.
-
-1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
-performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
-unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
-access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works
-provided that:
-
-* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
- the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
- you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed
- to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has
- agreed to donate royalties under this paragraph to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid
- within 60 days following each date on which you prepare (or are
- legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty
- payments should be clearly marked as such and sent to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in
- Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg
- Literary Archive Foundation."
-
-* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
- you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
- does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
- License. You must require such a user to return or destroy all
- copies of the works possessed in a physical medium and discontinue
- all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm
- works.
-
-* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of
- any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
- electronic work is discovered and reported to you within 90 days of
- receipt of the work.
-
-* You comply with all other terms of this agreement for free
- distribution of Project Gutenberg-tm works.
-
-1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project
-Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than
-are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing
-from the Project Gutenberg Literary Archive Foundation, the manager of
-the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the Foundation as set
-forth in Section 3 below.
-
-1.F.
-
-1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
-effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
-works not protected by U.S. copyright law in creating the Project
-Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm
-electronic works, and the medium on which they may be stored, may
-contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate
-or corrupt data, transcription errors, a copyright or other
-intellectual property infringement, a defective or damaged disk or
-other medium, a computer virus, or computer codes that damage or
-cannot be read by your equipment.
-
-1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
-of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
-Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
-Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
-liability to you for damages, costs and expenses, including legal
-fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
-LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
-PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
-TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
-LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
-INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
-DAMAGE.
-
-1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
-defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
-receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
-written explanation to the person you received the work from. If you
-received the work on a physical medium, you must return the medium
-with your written explanation. The person or entity that provided you
-with the defective work may elect to provide a replacement copy in
-lieu of a refund. If you received the work electronically, the person
-or entity providing it to you may choose to give you a second
-opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If
-the second copy is also defective, you may demand a refund in writing
-without further opportunities to fix the problem.
-
-1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
-in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO
-OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT
-LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
-
-1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
-warranties or the exclusion or limitation of certain types of
-damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement
-violates the law of the state applicable to this agreement, the
-agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or
-limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or
-unenforceability of any provision of this agreement shall not void the
-remaining provisions.
-
-1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
-trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
-providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in
-accordance with this agreement, and any volunteers associated with the
-production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm
-electronic works, harmless from all liability, costs and expenses,
-including legal fees, that arise directly or indirectly from any of
-the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this
-or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or
-additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any
-Defect you cause.
-
-Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
-
-Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
-electronic works in formats readable by the widest variety of
-computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It
-exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations
-from people in all walks of life.
-
-Volunteers and financial support to provide volunteers with the
-assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's
-goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
-remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
-and permanent future for Project Gutenberg-tm and future
-generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see
-Sections 3 and 4 and the Foundation information page at
-www.gutenberg.org
-
-Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation
-
-The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non-profit
-501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
-state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
-Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
-number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by
-U.S. federal laws and your state's laws.
-
-The Foundation's business office is located at 809 North 1500 West,
-Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up
-to date contact information can be found at the Foundation's website
-and official page at www.gutenberg.org/contact
-
-Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
-Literary Archive Foundation
-
-Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without
-widespread public support and donations to carry out its mission of
-increasing the number of public domain and licensed works that can be
-freely distributed in machine-readable form accessible by the widest
-array of equipment including outdated equipment. Many small donations
-($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
-status with the IRS.
-
-The Foundation is committed to complying with the laws regulating
-charities and charitable donations in all 50 states of the United
-States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
-considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
-with these requirements. We do not solicit donations in locations
-where we have not received written confirmation of compliance. To SEND
-DONATIONS or determine the status of compliance for any particular
-state visit www.gutenberg.org/donate
-
-While we cannot and do not solicit contributions from states where we
-have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
-against accepting unsolicited donations from donors in such states who
-approach us with offers to donate.
-
-International donations are gratefully accepted, but we cannot make
-any statements concerning tax treatment of donations received from
-outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
-
-Please check the Project Gutenberg web pages for current donation
-methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
-ways including checks, online payments and credit card donations. To
-donate, please visit: www.gutenberg.org/donate
-
-Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works
-
-Professor Michael S. Hart was the originator of the Project
-Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be
-freely shared with anyone. For forty years, he produced and
-distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of
-volunteer support.
-
-Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
-editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in
-the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not
-necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper
-edition.
-
-Most people start at our website which has the main PG search
-facility: www.gutenberg.org
-
-This website includes information about Project Gutenberg-tm,
-including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
-subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.