diff options
Diffstat (limited to 'old/65698-0.txt')
| -rw-r--r-- | old/65698-0.txt | 3698 |
1 files changed, 0 insertions, 3698 deletions
diff --git a/old/65698-0.txt b/old/65698-0.txt deleted file mode 100644 index 4594d3a..0000000 --- a/old/65698-0.txt +++ /dev/null @@ -1,3698 +0,0 @@ -The Project Gutenberg eBook of Maleisch-Nederlandsche Gesprekken, by -Abraham Anthony Fokker - -This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and -most other parts of the world at no cost and with almost no restrictions -whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms -of the Project Gutenberg License included with this eBook or online at -www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you -will have to check the laws of the country where you are located before -using this eBook. - -Title: Maleisch-Nederlandsche Gesprekken - -Author: Abraham Anthony Fokker - -Release Date: June 25, 2021 [eBook #65698] - -Language: Dutch - -Character set encoding: UTF-8 - -Produced by: Jeroen Hellingman and the Online Distributed Proofreading - Team at https://www.pgdp.net/ for Project Gutenberg (This book - was produced from scanned images of public domain material - from the Google Books project.) - -*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK MALEISCH-NEDERLANDSCHE -GESPREKKEN *** - - - - - MALEISCH-NEDERLANDSCHE GESPREKKEN. - - DOOR - Dr. A. A. FOKKER, - - Leeraar in de Maleische Taal aan de Openbare Handelsschool en aan de - Opleidingsschool voor Adsp. Administrateurs bij de Zeemacht te - Amsterdam; privaat-docent aan de Universiteit aldaar. - - - Zutphen, - W. J. THIEME & Cie. - - - - - - - -VOORBERICHT. - - -De Maleisch-Nederlandsche Gesprekken hier verzameld zijn voor ’t -grootste gedeelte ontleend aan de „Vocabulary” van F. Swettenham; een -zevental zijn door ons zelf opgesteld. In de eerste is echter -doorloopend verbetering in ’t Maleisch aangebracht, zooals bij -vergelijking met het origineel dadelijk kan blijken. Ook zijn hier en -daar volzinnen ingelascht of toegevoegd en andere weggelaten. - -De schrijfwijze verschilt niet veel van die van Swettenham. Alleen is -voor ch c gebruikt, en werd de spelling meer in overeenstemming met de -juiste uitspraak gebracht. De slotklank in woorden als bâdaq werd -onderscheiden van de k. Zoo kwam, durven wij zeggen, groote verbetering -in de schrijfwijze der klinkers. Deze toch werden door Swettenham zeer -vaak lang geschreven, waar ze inderdaad kort waren (kîta, in pl. v. -kita, dâlam in plaats van dalăm enz.) In plaats van bânyak of banjaq -schreven wij bâñaq. De eigenaardige klinker in de slotlettergreep van -woorden als dekăt, senăng enz. werd door ons op de hier bedoelde wijze -geschreven. De z.g. stomme e behielden wij, omdat deze nu eenmaal -algemeen zoo geschreven wordt, en in dit boekje een praktische -spelling, geen fonetische transscriptie als in onzen Leercursus beoogd -wordt. - -De oe-klank bleven wij met u schrijven. Dit komt ons veel praktischer -voor. - -Een spelling als in deze Gesprekken heeft ook voor een Engelschman -weinig bezwaar. Ook dit is een voordeel. - -Voor hen, die nog niet vertrouwd zijn met deze wijze van -transscribeeren, volge hier dit overzichtje: - - -Klinkers. - - e z.g. stomme e; - é en è ongeveer als in ’t Fransch; - ă iets meer naar de a dan „stomme” e; - u als oe in ’t Nederlandsch; - - -Medeklinkers. - - c als tj in praatje; - j ongeveer als Eng. j in jam, meest door Nederlanders met dj - geschreven; - y als de Nederlandsche j; - g als de Fransche g in gant; - q geeft ’t plotseling afbreken van den ademstroom na den - voorafgaanden klinker te kennen (een hikkend geluid, dat - iets van een k heeft). - ñ als nj in ons woord oranje. - - - Dr. A. A. FOKKER. - - Amsterdam, Januari 1899. - - - - - - - -ERRATA. - - -NB. Men zal goed doen door de volgende verbeteringen aan te brengen -voordat men ’t boekje gebruikt: - -Op blz. 1 regel 1 van onderen staat sejug, moet wezen sejuq; -,, ,, 9 ,, 17 ,, ,, ,, tengeh ,, ,, tengah; -,, ,, 12 ,, 10 ,, boven ,, balik en mari moet wezen - bâlik en mâri; -,, ,, 13 ,, 1 ,, ,, ,, Esoq, moet wezen Ésoq; -,, ,, 29 ,, 7 ,, onder ,, Nak, ,, ,, Naq; -,, ,, 39 ,, 17 ,, ,, ,, kârang ,, ,, kûrang; - -Verder eenige keeren kalaw voor kâlaw en maka voor mâka. - - - - - -INHOUD. - - - Bladz. - - Gesprek 1. Het weder 1 - ,, 2. De tijd 4 - ,, 3. De weg 9 - ,, 4. Gesprek met een kok 13 - ,, 5. ,, ,, ,, bediende 16 - ,, 6. Op een rivier 18 - ,, 7. In de wildernis 24 - ,, 8. Op zee 27 - ,, 9. Op jacht 29 - ,, 10. Aan tafel 33 - ,, 11. In een hotel 35 - ,, 12. Gesprek met een Maleisch Vorst 36 - ,, 13. Op de markt 38 - ,, 14. Het aanleggen van een plantage 39 - ,, 15. Gesprek met een tuinman 44 - ,, 16. ,, ,, ,, waschman en zijn knecht 46 - ,, 17. ,, ,, ,, stalknecht 48 - ,, 18. ,, ,, ,, schrijver 51 - ,, 19. ,, ,, ,, schoenmaker 53 - ,, 20. ,, ,, ,, kleermaker 54 - ,, 21. ,, ,, ,, timmerman en met een wagenmaker 57 - ,, 22. Aan ’t station 59 - ,, 23. Gesprek met een zieke, over ziekte en - geneesmiddelen 60 - ,, 24. Bij den Magistraat 66 - ,, 25. Op school 70 - ,, 26. Onlusten in een inlandschen staat 73 - ,, 27. Gesprek met een koopman en over - koopmansaangelegenheden 75 - ,, 28. Openbare verkooping (vendutie) 79 - - - - - - - -MALEISCHE GESPREKKEN. - -1. HET WEDER. - - -Ari âpa sekârang? Wat voor weer is ’t vandaag? -Bâñaq pânas âri ini. } ’t Is erg warm vandaag. -Pânas sekâli âri ini. } -Ta bôleh tâhan. ’t Is niet uit te houden. -Selâlu kah pânas bagini? Is ’t altijd zoo warm? -Ia, tuan, lebih-kûrang bagini Ja, mijnheer, ongeveer altijd zoo -juga. (lett. ongeveer zoo ook ’t zelfde.) -Ta perenah sâya râsa pânas Ik heb nog nooit zoo’n warmte -bagini; tentu lebih pânas deri gevoeld; ’t is zeker warmer dan te -Singapûra. Singapoer. -Sâya pikir lebih pânas di Ik geloof (denk), dat het te -Pulaw-Pinang (Sâya kîra...) Pulaw-Pinang warmer is. -Betul, di bandar, tetapi di Zeker, in de haven, maar op den berg -bukit tidaq. niet. -Sejuq di bukit (Dingin....) ’t Is koud op de bergen. -Kemuñcaq bukit itu sangăt sejuq De top van den berg is erg koud. -(dingin). -Di negri sâya, pada musim In mijn land is ’t in den kouden -dingin, sejuq sekâli, ingga âir tijd erg koud, zoodat het water in -sungay dan âir kôlam jâdi beku de rivieren altemaal bevriest -semuâ-ña. (stolt). -Ta perenah bagitu di-sini. (Ta ’t Is hier nooit zoo. -suah....) -Tuan suka kah pânas? Houdt u van de warmte? -Suka juga. Och, jawel (Houd ervan toch). -Tidaq, sâya ta suka sekâli. Neen, ik houd er volstrekt niet van. -Ôrang Melâyu ta tâhan sejuq. De Maleiers kunnen niet tegen de - koude (verdragen de koude niet). -Kâlaw sejuq sangăt, maka Als ’t erg koud is, krijgen zij de -dia-ôrang kenâ demăm. koorts. -Susah itu. Dat’s lastig. -Tuan pikir âpa? Pânas kah ésoq Wat dunkt u? Zal ’t morgen warm zijn -ataw ujan? of regenen? -Bârangkâli ujan ésoq. Misschien regent ’t morgen. -Nampaq saperti naq(endaq) ujan. ’t Ziet er uit alsof ’t wil gaan - regenen. -Betul, nampaq gelap sangăt. Inderdaad, ’t ziet er erg donker - uit. -Bârangkâli tâi-ujan sâja. Misschien zijn ’t maar losse wolken. -Ujan lebat. ’t Regent hard. (De regen is dicht). -Kâlaw angin tûrun dulu, t’âda Als er eerst wind opsteekt, -berâpa ujan. beteekent de regen niet veel (is de - regen niet bizonder). -Sâya arăp begitu. Ik hoop ’t (zoo). -Tâda salju dan ujan-bâtu di Er is geen sneeuw en geen hagel in -negri-negri di bâwah angin ini. den Indischen Archipel (landen onder - den wind). -Ta perenah, tuan. Nooit, mijnheer. -Âda kah perenah kaw liat salju Heb je ooit sneeuw gezien? -itu? -T’âda, tuan, tetapi sâya dăngăr Neen, mijnheer, maar ik hoor dat er -âda juga kâdang-kâdang salju in China soms (ook) sneeuw is. -dalăm negri Cina. -Rupâ-ña pun sâya dăngăr saperti Naar ik hoor ziet het er uit als -kâbo-kâbo. boomwol. -Ia, sungguh bagitu. Ja, ’t is inderdaad zoo. -Di sini tiap-tiap âri sarupa Hier is ’t iederen dag ’t zelfde, -juga, ta bôleh tâu bulan Januâri men kan de maand Januari niet van de -deri bulan Juni. maand Juni onderscheiden (lett. - weten). -Sungguh, tetapi malăm-ña sejuq Zeker, maar de nachten zijn toch -juga. (wel) koud. -Ia, kârena malăm-âri selâlu âda Ja, want ’s nachts is er voortdurend -angin sedikit. (steeds) een beetje wind. -Sâya suka udâra sini deri udâra Ik verkies de lucht hier boven de -Erôpah. Europeesche lucht. -Kâlaw ujan, bâru sedăp sekâli Als ’t regent, is ’t eerst bizonder -râsâ-ña. aangenaam (’t gevoel ervan). -Ia, kâlaw ujan sedikit, kâlaw Ja, als ’t een beetje regent, als ’t -bâñaq, tidaq. veel is, niet. -Kâlaw ujan sedikit pun, bâik Als ’t een beetje regent, is ’t ook -juga. goed. -Kâlaw ujan ésoq, sâya ta bôleh Als ’t morgen regent, kan ik niet -pegi. gaan. -Kâlaw cuâca bâik, bôleh sâya Als de hemel helder (goed) is, kan -jâlan. ik op weg gaan. -Ujan ta ujan pun, tentu sâya Of ’t regent of niet, ik ga toch -jâlan juga. stellig op weg. -Betul lah itu, tuan. Dat’s zeker (juist), mijnheer! -Âwan-âwan gelap sangăt rupâ-ña. De wolken zien er zeer donker uit. -Kâlaw tûrun angin, âbis lah Als er wind komt (neerkomt), gaan -âwan-âwan itu. die wolken weg (op). -Datăng pâgi-pâgi ésoq. Kom morgen heel vroeg. -Din’âri ta bôleh, tetapi pâgi Met ’t aanbreken van den dag kan ik -nanti sâya datăng. niet, maar ik zal vroeg komen. -Kâlaw petăng, ta berguna lâgi. Als ’t avond (namiddag) is, geeft ’t - niets meer (is ’t onnut verder). -Nanti sâya côba (dăngăn) Nu, ik zal zien wat ik doen kan (ik -sabôleh-bôleh-ña. zal probeeren zoo goed als ’t kan). -Terang sekâli bulan malăm ini. De maan is erg helder van nacht. -Pukal berâpa nâik? Hoe laat is ze opgekomen, komt ze - op? -Kûrang priksa (beleefder dan: Ik weet ’t niet. -sâya tidaq tâu, terwijl tâu lah! -ongemanierd is). -Tetapi pâgi-pâgi bâru masuq Maar ze gaat pas heel vroeg in den -(jâtoh). morgen onder. -Kâlaw t’âda bulan, bintang semua Als er geen maan is, hebben de -lebih terang cahyâ-ña. sterren alle meer glans, (is - helderder de glans der sterren). -Pâtut kita jâlan waktu bulan ’t Is het beste (gepast), dat we op -gelap. weg gaan bij donkere maan. -Bumi ini jâlan-ña keliling Deze aarde gaat rondom de zon, en de -mâta-âri, dan bulan pun maan gaat om de aarde. -berkeliling bumi. -Mâta-âri jâuh sekâli deri bumi De zon is zeer ver van de aarde -ini. verwijderd. -Angin keñcang sekâli. De wind is zeer sterk (strak). -Angin endaq tûrun. De wind zal opsteken. -Angin endaq mati. De wind gaat afnemen, liggen. -Angin dârat sejuq, angin lâut De landwind is koud, de zeewind -pânas, lâgi membangkitkăn warm, en bovendien veroorzaakt hij -peñakit. ziekten (doet ziekte ontstaan). -Sâya takut bârangkâli nanti Ik ben bang, dat er wellicht een -tûrun ribut. storm opsteekt. -Âda kah kaw dăngăr gûruh itu? Heb je dien donder gehoord? -Pohon-kâyu kenâ petir. De boom is door den bliksem - getroffen (door een donderkijl - getroffen). -Tidaq, sâya liat kilap sâja. Neen, ik heb alleen den bliksem - gezien. -Bâik tutup jendêla, dan tûrunkăn Je moet ’t venster sluiten en de -lâyar. zeilen neerlaten. (’t Is goed....) - - - - - - - -2. DE TIJD. - - -Pukul berâpa sekârang? Hoe laat is ’t nu? -Lebih-kûrang pukul sa-puluh. Ongeveer tien uur (tien slagen). -Âda kah tuan menâroh jam Bezit u een horloge? -(reloji)? -Mâna bôleh menâroh jam dalăm Hoe kan ik een horloge hebben in de -utan? wildernis? -Nampaq saperti rembang. ’t Ziet er uit, alsof ’t middag is - (hoogste stand der zon). -Kâlaw mâta-âri nampaq, tidaq Als de zon te zien is, is ’t niet -susah endaq tâu pukul berâpa. lastig om te weten hoe laat ’t is. -Bagimâna? Hoe zoo? -Pâgi-pâgi deri waktu terbit-ña, ’s Morgens vroeg van den tijd van -ia-itu subuh, mâta-âri nâik ’t opgaan der zon, dat is de tijd -sampay tengah-âri, ia itu pukul voor ’t ochtendgebed, stijgt de zon -dua-belas. Deri waktu itu tot twaalf uur. Van dien tijd af -mâta-âri jâtoh sampay luhur, ia daalt ze tot aan den tijd van ’t -itu pukul dua. Deri situ jâtoh middaggebed, d. i. twee uur. Van -lâgi sampay sembâyang-asar, ia dan af daalt ze nog meer tot den -itu kîra-kîra pukul empat petăng. tijd van ’t namiddaggebed, d. i. -Kemudian mâta-âri masuq kembâli zoo wat vier uur in den namiddag. -jam pukul enăm petang. Daarna gaat de zon weer onder om - zes uur in den namiddag. -Pukul berâpa tuan nanti sedia? Hoe laat is u (straks) klaar? -Sekârang sâya sedia. Ik ben nu klaar. -Kâlaw tuan bâlik dalăm dua jam Als u over twee uur terug komt, -lâgi, bôleh kâmi jâlan. kunnen wij op weg gaan. -Dua jam lâgi jâdi lambat sangăt. Over twee uur is ’t erg laat. -Âpa bôleh buat? Sâya tidaq bôleh Wat is er aan te doen? Ik kan mijn -meñiapkan bârang-bârang lebih goed niet eerder gereed maken. -dulu deri itu. -Kâlaw bagitu, jangan sebutkăn dua Dan moet je maar niet meer erover -kâli; dalăm dua jam nanti aku spreken (niet twee maal noemen), -bâlik kemâri. over twee uur zal ik weer hier - terugkomen. -Âpa kâtâ-ña? Wat zegt-i? -Kâtâ-ña nanti dia datăng ésoq Hij zegt dat hij morgen heel vroeg -pâgi-pâgi; kâlaw tidaq pâgi, komen zal; als ’t niet in den -tentu tengah-âri dia âda di sini. ochtend is, dan is hij zeker ’s - middags hier. -Pukul berâpa nanti tuan datăng? Hoe laat komt u (straks)? -Dekăt pukul dua. Bij tweeën. -Lebih-kûrang pukul tiga. Ongeveer drie uur. -Pukul empat betul. Precies vier uur. -Pukul sa tengah empat (of: tiga Half vier in den namiddag; -sa tengah) petăng; -Pukul dua siang; pukul sembilan Twee uur ’s middags; negen uur ’s -malăm. avonds (’s nachts). -Pukul sâtu kûrang sa prâpat. Om kwart vóor éen (éen min een -Pukul lima lebih sa prâpat. kwart). Kwartier over vijf (vijf - plus een kwart). -Pukul delâpan lâlu. Over achten. -Pâgi ini, of: tâdi pâgi (ook: Van morgen. -pâgi tâdi). -Malăm sekârang (of als ’t nog Heden avond (nacht), van avond -vóór dien tijd is: nanti malăm). (nacht). -Semalăm; kelmârin (kemâri). Gisteren, gisterenavond; gisteren. -Semalăm pâgi. Gisteren ochtend. -Kelmârin siang-âri. Gisteren middag (tusschen 10 en 4). -Kelmârin dulu. [1] Eergisteren. -Ésoq, ésoq-âri. Morgen (demain). -Ésoq-ña. Den volgenden dag (le lendemain). -Bésoq. Later ’s. -Ta bôleh tidaq, nanti dia datăng Hij moet bepaald overmorgenochtend -lusa pâgi. komen (’t kan niet niet, hij zal - komen...) -Perlu lah dia âda disini dalăm ’t Is noodzakelijk, dat hij hier -tiga âri lâgi. zij binnen drie dagen. -Dia ta bôleh sampay waktu itu. Hij kan dien tijd niet hier zijn - (aankomen). -Ta bôleh tidaq datăng, perlu Hij móet komen, zijn komst is -sekâli datăng-ña. volstrekt noodzakelijk. -Âpa sabab } tuan ta datăng? Waarom is u niet gekomen? -Mengâpa } -Âpa sabab } kaw tidaq datăng? Waarom ben je niet gekomen? -Mengâpa } -Sâya terhâl di jâlan, tuan, jâdi Ik ben onderweg opgehouden, -lambat sampay. mijnheer, zoodat ik daardoor laat - aangekomen ben. -Bohong! Kaw lêngah di jâlan. Leugens! Je hebt gelanterfant - onderweg. -Tatekâla sampay sûrat ini datăng Zoodra deze brief aankomt, moet je -lah sekâli (of: Saketika....) onmiddellijk komen (sekâli = in een - keer, in eens, tevens). -Kâbarkăn dia sâya tidaq bôleh Zeg hem, dat ik niet langer wachten -menanti lâgi. kan. -Kâtâ-ña nanti datăng dăngăn Hij zegt, dat hij spoedig zal -sigra-ña. komen. -Kâlaw bagitu, bôleh sâya menanti Dan (als ’t zoo is), kan ik nog een -lâgi sa suku jam (sa prâpat jam). kwartier wachten. -Bila jâdi itu? Wanneer is dat gebeurd? -Lebih-kûrang sa bulan dulu. Zoowat een maand geleden. -Tentu kah? Stellig? -Tentu. Stellig. -Bôleh kah ingăt pukul berâpa itu? Kan je je herinneren hoe laat dat - was? -Bagimâna bôleh tâu? Sâya tidaq Hoe kon ik ’t weten? Ik bezit geen -menâroh jam. horloge. -Pâgi kah, petăng kah? Was ’t ochtend, of namiddag - (avond)? -Sâya tidaq berâpa ingăt, tuan, Ik herinner ’t me niet recht, -tetapi pâda pikîran sâya sudah mijnheer, maar naar mijn idee was -jâuh malăm (of: sâya kîra sudah ’t diep in den nacht (ver nacht). -jâuh malăm). (of: ik gis, meen....) -Berâni kah sumpah? Durf je erop te zweren? -Berâni, tuan. Jawel, mijnheer (Durf, mijnheer). -Bâik lah, sameñjaq âri engkaw Goed, sinds den dag, dat je hem -berjumpa dăngăn dia sampay âri ontmoette tot nu toe, hoe lang is -ini, berâpa lâmâ-ña? dat? -Bârangkâli sâtu minggu (sâtu Misschien een maand. -jumaät). -Ésoq-ña âri itu âda kah engkaw Heb je ’m den volgenden dag ook -berjumpa dăngăn dia juga? ontmoet? -Entah. Ta tâu lah sâya! Ik weet ’t niet. Weet ik ’t! -Côba ingăt bâik-bâik, âri engkaw Kom, herinner je ’s goed, den dag -berjumpa dăngăn dia, âda kah dia dat je ’m ontmoette, heeft hij toen -kâta dia berjumpa dăngăn Mat gezegd, dat hij Mat den vorigen dag -malăm-ña dulu, ataw dua âri dulu, ontmoet had, of een maand geleden? -ataw sa bulan dulu? -Bârang-kâli itu âri juga. Misschien dien zelfden dag. -Âpa, âri engkaw berjumpa dăngăn Wat, den dag dat je ’m ontmoette, -dia âri itu juga dia berjumpa op dien zelfden dag had hij Mat -dăngăn Mat? ontmoet? -Kâta dia bagitu. Dat zegt hij. -Kâtâ-ña bagitu. Dat zegt-i. -Âpa, dia berjumpa dăngăn Mat itu Wat, heeft hij Mat ontmoet voordat -dulu deri bercakăp dăngăn engkaw hij met je sprak of daarna? -ataw kemudian? -Bârangkâli diliat ña akăn Mat Misschien heeft hij Mat eerst -dulu. gezien. -Itu lah yang aku tâña pada engkaw Dat vraag ik je juist. -(.. sama kaw). -Kemudian deri engkaw tinggalkăn Hoe lang nadat je haar verlaten -dia, berâpa lâma lâgi, kirâ mu, hebt, is ze, naar je gissing, -dia mati? gestorven? -Bârang-kâli tengah dua jam (sâtu Misschien anderhalf uur zoowat. -jam sa tengah) bagitu. -Kûrang priksa. Ik weet ’t niet. -Cakăp betul-betul. Zeg ’t naar waarheid (praat juist). -Betul, tuan. ’t Is waar, mijnheer. -Sameñjaq sâya datăng kemâri, sâya Sedert ik hier gekomen ben, zoek ik -câri sama tuan. naar u. -Berâpa lâma engkaw di sini? Hoe lang ben je hier? -Tâda berâpa lâma. Niet zoo heel lang. -O, minta maäf, kâlaw sâya tâu O, neem me niet kwalijk (vraag -tuan Ânu, tentu sâya datăng vergiffenis), als ik geweten had, -lekas. dat het Mijnheer N. N. was, zou ik - zeker spoedig gekomen zijn. -Tidaq âpa (of: Tidaq mengâpa). ’t Is niets; ’t maakt niets uit. -Lâin kâli tuan datăng, tentu sâya Als u een anderen keer komt, zal ik -sedia menanti. zeker klaar staan en op u wachten. -Bila bôleh sâya jumpa tuan lâgi? Wanneer kan ik u weer ontmoeten? -Malăm sekârang, lepas makan. Van avond, na ’t eten. -Kâlaw tuan bôleh datăng malăm Als u van avond komen kan, om tien -sekârang, jam pukul sa-puluh uur twintig minuten, kunnen we die -lebih dua-puluh menit, bôleh kita zaak afdoen. -selesaykăn perkâra itu. -Bâik lah, bôleh aku datăng. Goed, ik kan komen. -Mâri lebih dulu deri itu. Kom u wat eerder. -Sâya nanti datăng kemudian. Ik zal later komen. -Âda kah kaw liat pukul berâpa dia Heb je gezien, hoe laat hij -keluar? uitgegaan is? -Pukul dua malăm rebô. Om twee uur Dinsdag (den nacht van - Woensdag). -Sâya kîra bagitu. Tentu dia yang Ik geloof, dat ’t zoo is. Zeker -buat. heeft hij ’t gedaan. - - - - - - - -3. DE WEG. - - -Mâna jâlan pegi (pergi) ka Waar is de weg, die naar de kampong -kampung ânu? die en die gaat? -Ini lah dia. Deze is ’t. -Betul kah jâlan ini pegi ka Is dit de goede weg naar de kampong -kampung ânu? die en die? -Tidaq, tuan silap jâlan (sâlah Neen, u heeft zich in den weg -jâlan). vergist. -Mâna jâlan yang betul? Welke is de goede weg? -Pulang bâlik jâlan tâdi kedăr Ga den weg van daareven zoowat een -sâtu bâtu (sâtu pal), kemudian mijl ver terug, dan slaat u rechts -ikut kânan (kîri) (simpang ka af. -kânan, kîri). -Berâpa jâuh deri sini? Hoe ver is ’t van hier? -Lebih-kûrang tiga bâtu (pal), Ongeveer drie Eng. mijl, misschien -bârang-kâli sâtu jam bôleh kan u er in een uur komen, als u -sampay, kâlaw jâlan derăs; kâlaw hard loopt, als u onderweg draalt, -lêngah di jâlan, tengah dua jam komt u er eerst in anderhalf uur. -bâru sampay. -Kâlaw bagitu, sâya jâlanlah. Als ’t zoo is, ga ik op weg. -Jâlan ini pegi ke mâna? Waar gaat deze weg heen? -Ka Bukit-Timah. Naar Bukit-Timah (lett. tinberg). -Jâlan-ña bâik kah? Is de weg goed? -Bâik juga. Jawel. (Goed wel, toch). -Sedang lah. Middelmatig, zoo, zoo. -Tidaq, tuan, ta bôleh pegi Neen, mijnheer, u kan dien weg niet -mengikut jâlan itu. volgen. -Âpa fasal (of: âpa sebab, of: Waarom (niet)? -mengâpa)? -Jâlan-ña ta bâik sekâli, bâñaq De weg is volstrekt niet goed, er -selut (lumpur), lâgi lôbang is veel modder, en bovendien zijn -bâñaq. er veel kuilen (gaten). -Bôleh kah krêta lâlu di situ? Kan er een rijtuig langs? -Ta bôleh, tuan. Dat kan niet, mijnheer. -Bagi-mâna kita jâlan, kâlaw Hoe gaan we dan, als ’t zoo gesteld -bagitu? is? -Âda lâin jâlan, mâu bâlik sedikit Er is een andere weg, dan moet u -dulu, kemudian ikut jâlan kânan. eerst wat teruggaan, daarna den - rechtschen weg inslaan (volgen). -Bôleh kah engkaw tuñjuqkăn jâlan Kan je dien weg aanwijzen? -itu? -Minta maäf, sâya âda kerjâ Ik vraag excuus, ik heb wat werk -sedikit, tetapi budaq ini bôleh maar deze jongen kan hem u wijzen. -menuñjuqkăn sama tuan. -Terima kâsih. Dank je (u). -Mâri, kita jâlan. Kom, laat ons op weg gaan. -Ini kah jâlan betul, tidaq kah? Is dit de juiste weg, of niet? -Bukan, jâlan itu pegi ka Selitar. Neen, die weg gaat naar Selitar. -Tuan ’naq (endaq) pegi ke mâna? Waar wil u heen? -Ka Bukit Timah. Bukan kah ini Naar Bukit-Timah. Is dit de weg -jâlan-ña? niet? -Bukan. Jâuh lâgi deri ini. Neen. Nog ver van hier. -Kâtâ-ña ôrang itu ini lah dia. Die lui zeiden, dat dit de weg was. -Tidaq, tuan, tuan sâlah faham. Neen, mijnheer, u heeft ’t verkeerd -(sâlah arti). begrepen. -Tidaq, sâya arti bâik-bâik Neen, ik heb heel goed zijn woorden -perkâtâän-ña. verstaan. -Ah! ini lah bâru jâlan betul. O, dit is pas de juiste weg. -Mâna jâlan pegi ke rumah tuan Waar is de weg, die naar ’t huis -Ânu? van den heer N. N. gaat? -Tuan mâna? siâpa? Welke heer? Mijnheer wie? -Sâya tidaq kenal tuan itu. Ik ken dien heer niet. -Âda kah kaw tâu rumah tuan Ânu? Weet je (soms) ’t huis van den heer - N. N.? -Rumah-ña di âtas bukit tinggi Zijn huis staat boven op een hoogen -(bukit rendah). heuvel (lagen heuvel). -Bârang-kâli kuda tuan itu ta Misschien kan uw paard dien heuvel -bôleh nâik bukit itu, kârena niet beklimmen, want hij is zeer -cûram sangăt. steil. -Kâlaw kuda ta bôleh nâik, sâya Als ’t paard er niet tegen op kan, -bôleh jâlan-kaki. kan ik te voet gaan. -Âda lûrung kecil, tetapi semaq Er is een pad (kleine weg), maar -sedikit. die is nogal vuil (begroeid). -Sâya ta feduli. Daar geef ik niet om. -Deri sini nampaq ujung-ña, dekăt Van hier is ’t begin (van den weg) -pokoq-pinang itu. te zien, dicht bij dien - pinang-boom. -Âda kah kaw liat tuan lâlu Heb je (soms) een heer langs dezen -mengikut jâlan ini? weg zien voorbijgaan? -Datăng deri mâna? Van waar kwam hij? -Jâlan deri sini (deri sâna). Hij ging hier vandaan - (daarvandaan). -Dia jâlan-kaki kah, nâik kuda kah Ging hij te voet, zat hij te paard, -(berkuda kah), ataw dalăm krêta of was hij in een rijtuig? -(bekrêta)? -Jâlan-kaki, memikul senâpang. Te voet, en hij droeg een geweer - over schouder. -Âda sâya liat. Ja, ik heb ’m gezien. -Dia lâlu sabelah sâna, âda dua Hij is dien kant voorbij gegaan, -jam sudah. twee uur geleden. -Kâlaw bâlik tuan itu, kâbarkăn Als die heer terugkomt, zeg hem -pâda dia sâya sudah jâlan dulu dan, dat ik al langzaam vooruit ben -pelâhan-pelâhan. gegaan. -Bôleh kah buat itu? Kan je dat doen? -Bôleh, tuan. Jawel, mijnheer (kan, m.) -Ke mâna dia pegi? Waar is hij heen gegaan? -Sâya tidaq tâu nâma tempat itu. Ik weet den naam van die plaats - niet. -Ini kah jâlan pegi ka Is dit de weg naar de tuinen -kebon-bunga? (bloementuinen)? -Jâlan t’âda bersimpang kah? Zijn er geen zijwegen aan den weg? -Tâda. Neen. -Âda dua simpang ña, yang pertâma Hij heeft twee zijwegen, de eerste -ke kânan, yang kedua ke kîri. Ta naar rechts, de tweede naar links. -bôleh silap jâlan. U kan zich niet vergissen in den - weg. -Jâlan bâñaq lumpur-ña; terlâlu Er is veel modder op den weg; ’t is -lêcaq. erg modderig. -Jâlan-ña kering. De weg is droog. -Âda juga lêcaq di jâlan-ña, De weg is wel wat modderig, maar -tetapi tidaq bâñaq. niet erg. -Bâñaq debu (âbu) di jâlan. Er is veel stof op den weg. -Musim pânas selâlu bagitu. In de droge moeson is ’t altijd - zoo. -Kâlaw angin, susah sekâli, jâdi Als ’t waait, is ’t erg -mâta dan mulut penuh dăngăn debu onaangenaam, want dan raken oogen -(âbu). en mond vol stof (’t gevolg is, - dat....) -Debu (âbu) Singapûra itu celâka ’t Stof te Singapoer is heel naar -sekâli, sebab mêrah: sa kâli (ongelukkig), omdat het rood is: -lekăt, ta bôleh dikeluarkăn lâgi. als ’t eens zich vasthecht, kan men - ’t niet meer eraf krijgen. -Jâlan-jâlan di Singapûra semua De wegen te Singapoer zijn alle -bâik. goed. -Betul, tuan, tetapi bukit-ña Jawel, mijnheer, maar er zijn veel -bâñaq, jâdi susah sekâli pâda heuvels, zoodat het erg lastig is -kuda, selâlu nâik-tûrun. voor de paarden, ’t gaat steeds op - en af. -Di tânah Melâyu jârang sekâli In de Maleische landen ontmoet men -berjumpa jâlan besar, jâlan-utan zeer zelden een grooten weg, ’t -semua. zijn alle boschpaden. -Di Lârut âda jâlan-krêta-api. Di Te Lârut is een spoorweg. Op Java -Tânah Jâwa pun sudah bâñaq zijn al veel spoorwegen. -jâlan-krêta-api. -Jâlan-krêta-api terus sekâli, Een spoorweg gaat regelrecht, deze -jâlan ini béngkoq. weg is krom. -Jâlan dulu; jâlan di belâkang. Loop vooruit; loop achteraan. -Pusing bâlik. Draai je om, en keer terug. -Bâlik lah kita (Mâri lah, kita Laat ons teruggaan. Kom laat ons -bâlik). terugkeeren. -Kâlaw dapăt jâlan, kita pegi, Als we ’n weg vinden, dan gaan wij, -kâlaw tidaq, kita bâlik. anders (zoo niet), dan keeren wij - terug. -Mâri sini. Kom hier. -Pegi kâta ’kăn dia sâya menanti Ga hem (hun) zeggen, dat ik hier -di sini, kemudian engkaw bâlik wacht, daarna kom je gauw terug. -kemâri dăngăn sigra. -Sudah. ’t Is goed (ik heb niets meer te - zeggen). - - - - - - - -4. GESPREK MET EEN KOK. - - -Ésoq pâgi-pâgi sediakăn makânan Morgenochtend vroeg moet je wat eten -sedikit (siapkăn m. s.) klaarmaken. -Tuan mâu makan âpa? Wat wenscht u te eten? -Berâpa ôrang mâu makan? Hoeveel menschen willen er eten? -Kita yang âda di rumah sekârang Wij, die hier nu in huis zijn en -dan lâgi dua ôrang tuan. bovendien twee heeren. -Bôleh sediakăn âir-tèh [2] Je kunt thee klaarzetten, koffie, -kahwa, roti panggang, telor, geroosterd brood, eieren, met -dăngăn buah-buah. vruchten. -Buah macăm âpa tuan suka? Wat voor vruchten gelieft u te - hebben? (Welke soort). -Buah-manggis, durian, rambutan, Manggis, durian, rambutan, pulasam, -pulasam, nânas, limaw, pisang, ananas, sinasappelen, bananen, al -mâna-mâna yang bôleh dapăt. wat er te krijgen is. -Kahwa sudah âbis. De koffie is al op. -Bâik, bôleh beli lâgi. Goed, je kunt meer koopen. -Kahwa arga berâpa sa kati Hoeveel kost de koffie tegenwoordig -sekârang? per kati? -Empat-puluh sèn, tuan. Veertig cent, mijnheer. -Bâik, bôleh beli lima kati. Goed, koop vijf kati. -Sâya tidaq sempat pegi ke pasar, Ik heb geen tijd, om naar de markt -tuan (ñôñah). te gaan, mijnheer (mevrouw). -Tidaq mengâpa, suruh koki kecil. Dat doet er niet toe, stuur dan den - bijkok (kleine kok, kokin). -Sakit, tuan (ñôñah). Die is ziek, Mijnheer (Mevrouw). -Kalaw bagitu, suruh lâin ôrang, Stuur dan een ander, wie ’t ook zij, -bârang-siâpa âda. die er is (al wie er is). -Tidaq âda lâin ôrang. Er is niemand anders. -Câri ôrang, ta bôleh tidaq sâtu Zoek een ander, er moet in ieder -ôrang perlu pegi mengambil geval iemand die boodschap gaan doen -bârang itu. (die zaak gaan halen). -Ésoq ta bôleh? Kan ’t morgen niet? -Tidaq, âri ini juga perlu pegi. Neen, vandaag moet men bepaald gaan - (noodzakelijk te gaan). -Kâlaw bagitu, sâya mâu pegi Dan wil ik zelf gaan. -sendïri. -Suka-ati engkaw lah. Dat moet jij weten (je eigen - goedvinden). -Malăm sekârang endaq memberi Wat wil je ons van avond te eten -kita makan âpa? geven? -Sop, ikan gorèng, udang, kambing Soep, gebakken visch, garnalen, -panggang, âyam rebus, nasi, geroosterd geitevleesch -kâri, kêju dan puding. (schapevleesch), gekookte kip, - rijst, kerrie, kaas en pudding. -Kâri macăm âpa? Wat voor soort kerrie? -Kâri Melâyu, kâri kering, kâri Maleische kerrie, droge kerrie, -Benggâla, kâri-terung. Benggaalsche kerrie, terung-kerrie. -Aku mâu makan pukul tujuh betul, Ik wil precies om zeven uur eten, -bôleh kah sedia makanan pâda kan je ’t eten om dien tijd klaar -waktu itu? hebben? -Bôleh, tuan (ñôñah). Jawel, Mijnheer (Mevrouw). -Tiga ôrang endaq makan di sini. Drie menschen zullen hier eten. -Âpa, tiga semua? Wat, drie in ’t geheel? (drie - allen?) -Tidaq, tiga ôrang lâin deri Neen, die menschen behalve ons, dus -kâmi, jâdi tujuh semua. zeven bij elkaar (allen). -Sâya minta belañja sedikit lâgi, Ik vraag nog wat meer geld, om -tuan (ñôñah). inkoopen te doen, Mijnheer - (Mevrouw). -Bagimâna, wang sudah âbis kah? Hoe zoo, is ’t geld al op? -Ini âda sa-puluh ringgit, bôleh Hier heb je tien dollar -buat belañja. (rijksdaalders), dat kan je als - huishoudgeld gebruiken. -Ta cukup. Dat is niet genoeg. -Âpa fasal? Waarom niet? (Waarom?) -Bânaq sudah belañja membeli Ik heb al veel geld uitgegeven om -bârang-bârang makan, lâgi miñaq, eetwaren te koopen, bovendien olie, -lilin (dian), âpa semua. kaarsen, en wat niet al. -Aku râsa kaw boros benăr, pâtut Ik geloof, dat je erg verkwistend -belañja kûrang deri itu, nanti bent, je moet met minder -’ku beri lima ringgit lâgi, jâdi huishoudgeld toekomen (’t is -cukup, bôleh pakay tiga âri behoorlijk, dat het h. h. geld -lâmâ-ña. minder zij dan dat). Ik zal nog vijf - dollars geven; dan is ’t genoeg, - daar kan je drie dagen mee doen (kan - je drie dagen lang gebruiken). -Ta cukup. Dat is niet genoeg. -Bôleh côba. Je kunt ’t probeeren. -Deri mâna kaw datang? Waar ben je geweest? (Waar kom je - vandaan?) -Pegi pasar (pekăn), tuan. Naar de pasar, mijnheer. -Lambat benăr engkaw bâlik. Âda Je bent erg lang uitgebleven (je -kah dapăt ketam itu? komt erg laat terug.) Heb je die - krabben kunnen krijgen? -T’âda, tuan, jâdi sâya beli Neen, mijnheer, ik heb dus maar -tîrăm. oesters gekocht. -Bâik kah tîrăm itu? Zijn die oesters goed? -Bâik, tuan, bâru bâwa. Ja, mijnheer, ze waren pas - aangebracht. -Tuan mâu makan mentah kah? Wil u ze rauw eten? -Bôleh dibakar. Ze kunnen gebakken worden. -Âda kah susu? Is er melk? -Bañaq, ñôñah. Veel, mevrouw. -Beri sama aku (beri kăn aku). Geef ze mij. Breng ze hier. -Bâwa kemâri. -Bâwang di mâna? Waar zijn de uien? -Âda dalăm bakul di dapur. Ze zijn in een mand in de keuken. -Pegi ambil. Ga ze halen. -Âda kah engkaw tâu membuat ès? Kan je ijs maken? -Tidaq, ñôñah, sâya ta tâu. Neen, mevrouw, ik kan ’t niet (ik - weet ’t niet). -Tâu juga s’ikit-s’ikit. Ik kan ’t wel zoowat (een beetje, - een beetje). -Jangan terlampaw masaq-ña. Je moet ’t niet te gaar maken. -Kûrang masaq. ’t Is niet goed gaar. -Nasi ini angit. Deze rijst is aangebrand. -Berâpa ékor itiq kaw beli tâdi? Hoeveel eenden heb je zooeven - gekocht? -Tiga ékor. Drie stuks. -Cukup kah? Is dat genoeg? -Kâlaw ta cukup, bôleh beli lâgi. Als ’t niet genoeg is, kan je nog - meer koopen. -Pegi lah tangkăp âyam sa ékor. Ga ’n kip vangen. -Tiga ékor sudah potong (semlèh). Drie stuks zijn al geslacht. -Bâwa kemari, aku endaq merâsa. Breng ’t hier, ik wil ’t proeven. -Ta sedăp râsâ-ña. ’t Is niet lekker van smaak. -Sedăp sekâli râsâ-ña. ’t Smaakt heel lekker. -Sagenăp bârang kaw beri kâmi Alles wat je ons gisteren(avond) te -makan semalăm itu t’âda betul eten hebt gegeven was niet -masaq-ña. Kâlaw ta bôleh kaw behoorlijk klaar gemaakt (gekookt). -buat lebih bâik deri itu, nanti Als je ’t niet beter dan zoo (dan -aku meñcâri lâin koki. dat) kunt maken, dan zoek ik een - anderen kok. -Endaq lah kaw membuat sop yang Je moet de soep beter maken, anders -bâik. Kâlaw tidaq, nanti aku kort ik je op je loon (kîra-kîra = -potong kîra-kîra-mu (gâji-mu). rekening). -Jangan bâwa âyam tua. Lâgi Je moet geen oude kippen brengen. -câbutkăn bulu-ña dăngăn pâtut; Bovendien moet je ze behoorlijk -jangan celur âyam itu. plukken (veeren uittrekken); je moet - ze niet in heet water dompelen, (d. - w. z. om de veeren eraf te krijgen). - - - - - - - -5. GESPREK MET EEN BEDIENDE. - - -Di mâna aku ’pu-ña jongos? (in de Waar is mijn huisjongen? -Straits: boy). -Âda di sini, tuan. Hij is hier, Mijnheer. -Panggil dia. Roep hem. -Pakâyan sudah sedia? Malăm Zijn m’n kleêren al klaar? Van -sekârang aku endaq makan di luar, avond wil ik uit eten gaan (buiten -di rumah tuan Ânu, târoh pakâyan eten), bij den Heer N. N., leg mijn -pakay malăm dalăm peti. avondkleeren in de kist. -Tuan mâu pakay ităm kah ataw Wil u zwart of wit dragen? -putih? -Bâju dan seluar putih, rompi Witte jas en broek, zwart vest. -ităm. (Voor rompi in de Straits: -wiskăt, ’t Eng. waistcoat). -Târoh pakâyan cukup bôleh pakay Leg genoeg kleeren neer om drie -tiga âri. dagen te dragen. -Tuan mâu bâwa pakâyan ini ataw Wil u deze kleeren brengen of zal -sâya? ik ’t doen? -Engkaw bâwa. Jij brengt ze. -Pukul berâpa sâya jâlan? Hoe laat moet ik weg gaan? -Engkaw endaq lah sampay di rumah Je moet bij mijnheer N. aankomen om -tuan Ânu pukul enăm betul. Lepas precies zes uur. Na ’t eten mag je -makan kaw bôleh pulang. naar huis gaan. -Seluar ini ta bôleh pakay, sudah Deze broek kan ik niet dragen. Hij -kôyaq. Beri sama tukang-meñjâit, is gescheurd. Geef hem aan de -sûruh betulkăn. naaister, laat haar hem repareeren. -Mâna sepâtu aku pakay semalăm? Waar zijn de schoenen, die ik - gisteren gedragen heb? -Sudah kotor, belom sâya cuci Ze zijn al vuil, ik heb ze nog niet -(gosoq). schoongemaakt (gepoetst.) -Beresihkăn bâik-bâik. Maak ze goed schoon. -Tuan mâu makan di kantor (di ufis Wil U op ’t kantoor eten? -(Eng.))? -Ia, saâri-âri bâwa makânan ka Ja, iederen dag moet je om twaalf -kantor pukul dua-belas, aku ’naq uur eten naar ’t kantoor brengen, -makan pukul satengah sâtu betul. ik wil precies om half een eten. -Engkaw mâu kerjâ sama aku? Wil je bij mij in dienst komen (bij - mij werken)? -Kâlaw tuan suka. Als ’t u belieft (als u lust - heeft). -Jâdi jongos kah? (boy kah?) Om huisjongen te worden? -Di mâna kaw kerjâ dulu? Waar ben je vroeger in dienst - geweest? -Âda kah sûrat (sûrat-pertandâän)? Heb je een getuigschrift? -Sudah lepas kerjâ dăngăn tuan Wat heb je gedaan, toen je al van -Ânu, kaw buat âpa? Mijnheer N. N. weg was? -Berâpa gâji kaw terima selâma Hoeveel loon heb je tot nu toe -ini? ontvangen? -Aku ta bôleh beri gâji lebih deri Ik kan je niet meer loon geven dan -tujuh ringgit sa bulan. zeven dollars (rijksdaalders) in de - maand. -Makan âtas tuan kah? Is ’t eten dan voor uw rekening (op - u)? -Makânan masuq. ’t Eten erin begrepen. -Engkaw meñcâri makan sendîri. Je zorgt zelf voor je eten. (Je - zoekt zelf eten.) -Panday kah cakăp Ôlanda? Kan je Hollandsch (Engelsch) -(Inggris). spreken? -Âda kah krêta dekăt sini? Is hier een rijtuig in de buurt? -Kâlaw tuan sûruh, bôleh sâya câri Als u ’t mij beveelt, kan ik er een -sâtu. zoeken. -Sekârang ta mâu, tetapi pukul Nu wil ik er geen hebben, maar van -delâpan malăm sekârang aku mâu avond om acht uur wil ik een -krêta di rumah ini. rijtuig hier hebben. - - - - - - - -6. OP EEN RIVIER. - - -Âpa nâma sungay ini? Hoe heet deze rivier? -Di mâna kuâlâ-ña? Waar is de uitmonding? -Ini lah kuâlâ-ña. Dit is de uitmonding. -Sâya endaq mudik, bôleh kah Ik wil de rivier op, kan ik hier een -dapăt prâu di sini? vaartuig krijgen? -Prâu macâm âpa tuan mâu? Wat voor soort vaartuig wil u - hebben? -Sampan, bidar, ketiap, Kleine roeischuit, overdekte gondel, -prâu-sâgur (dit laatste ook: huisboot, uitgeholde boomstam. -prâu-jâlur). -Mâna yang bâik? Welke is de beste? -Kâlaw mâu mudik derăs (cepăt of Als u snel de rivier op wil gaan is -bangăt) sâgur kecil yang bâik. een kleine sâgur ’t best. -Kâlaw mâu mudik senăng bâik Als u op aangename wijze wil -pakay ketiap âtaw bidar. opvaren, is ’t beter een ketiap of - bidar te gebruiken. -Bôleh kah mudik berkâjang mati? Kunnen we de rivier opgaan met een - vaste kâjang (dek van palmbladeren). -Sampay Kuâla-Lâbu sâja, tuan. Di Tot Kuâla-Lâbu alleen maar, daar -situ mâu buka kâjang. kunnen we de kâjang eraf doen - (openmaken). -Âpa sebab? Waarom? -Sebab sungay ini deri Kuâla-Lâbu Omdat de rivier van Kuâla-Lâbu af -ka ulu bâñaq semaq. sterk begroeid is. -Susah benăr itu. Dat ’s erg lastig. -Ia, tetapi bôleh berpâyung. Jawel, maar we kunnen zonneschermen - gebruiken. -Susah juga, tetapi kâjang, ta Dat ’s toch lastig, maar, kâjang of -kâjang pun, aku mâu mudik âri geen kâjang, ik wil van daag toch de -ini juga. rivier op. -Sekârang âir-sûrut. Lebih bâik Nu is ’t eb. ’t Is beter den vloed -menantikan âir-pasang, bâru af te wachten, dan eerst kan men -bôleh mudik senăng. gemakkelijk de rivier opvaren. -Ta bôleh menanti, sêwa prâu sa Ik kan niet wachten, huur een boot -buah dan câri ôrang-ña cukup. en zoek een voldoend aantal - menschen. -Jûru-mudi sa ôrang, lâgi Eén stuurman, en bovendien hoeveel -ânaq-prâu berâpa ôrang tuan mâu? bemanning wil u hebben? -Ânaq-prâu empat ôrang jâdi lima Vier man roeiers (lett. kinderen der -semuâ-ña. boot), dus in ’t geheel vijf. -Berâpa tuan mâu beri gâji? Hoeveel loon wil u geven? -Saberâpa pâtut. Berâpa yang âdat Zooveel als billijk is. Zooveel als -di sini. hier de gewoonte is. -Kâlaw âdat di sini, dibâyarkăn ’t Is hier gebruik de boothuur aan -sêwa kepâda tuan prâu, dan dia den eigenaar te betalen, en deze kan -bôleh selesaykăn dăngăn ’t in orde maken met den stuurman -jûru-mudi. (lett. Indien het gebruik hier.., d. - w. z. wat aangaat enz.) -Ânaq-prâu dibâyar sa suku sa De roeiers worden betaald met een -âri. halven gulden (kwart dollar) per - dag. -Bagi-mâna, aku beri makan juga Hoe zoo, geef ik den roeiers ook te -pâda ânaq-prâu itu? eten? -Tidaq, tuan, makânan-ña sendîri. Neen, mijnheer, ’t eten is voor hun - rekening (hun eigen eten). -Berâpa besar ketiap tuan mâu Hoe ’n groote huisboot wil u -pakay, yang muat sa kôyan kah? gebruiken, die een „kôyan” laadt (1 - kôyan in de Straits = 40 pikul, op - Java 30)? -Âku ta tâu, kâlaw muat sa kôyan. Ik weet ’t niet, of ’t een kôyan -Bôleh kah dua ôrang tidur dăngăn laadt. Kunnen er twee menschen met -senăng di bâwah kâjang? gemak onder de kâjang slapen? -Ô, senăng sekâli, tuan. Kâlaw O, heel gemakkelijk, mijnheer. Als -prâu muat sa kôyan, tidaq bâwa ’t een boot is, die een kôyan laadt, -bârang-bârang, bâñaq ôrang bôleh en niet veel goederen meeneemt, dan -duduq dăngăn senăng. kunnen er veel menschen met gemak in - zitten. -Bârang-bârang sâya sedikit sâja, Ik heb maar weinig bagage, laad het -muat dalăm prâu lekas-lekas. gauw in de boot. -Sudah siap kah? (Sedia kah?) Is ’t al klaar? -Sedia, tuan. Ja, mijnheer (gereed, m.) -Kâlaw bagitu, tôlaq. Dan afstooten! -Âir dalăm di sini, mâu pakay ’t Water is hier diep, we moeten -dâyung. riemen gebruiken. -Berdâyung lah kuat-kuat. Roei flink. -Kâyuh lah kuat-kuat. Pagaai flink. -Pâut. Pak flink aan. -Bila berâlih sûrut, bôleh kita Als we buiten ’t bereik van den -bergâlah. vloed zijn, kunnen we boomen. (Als - de vloed zich verplaatst ...) -Kâlaw sâya mudik sâja, bâlik Als ik alleen de rivier op ga, en -mengikut lâin jâlan, berâpa sêwa terug ga langs een anderen weg, -prâu itu? hoeveel is dan de boothuur? -Bagitu juga, tuan. ’t Zelfde, mijnheer. -Ô, ta pâtut bagitu, engkaw bôleh O, dat ’s niet billijk, je kunt -muat di ulu dan ambil sêwa boven op nieuw laden, en huur vragen -mengilir kembâli. voor de terugvaart (en nemen huur - voor ’t terugvaren de rivier af). -Mûrah sekâli membâwa bârang ’t Is erg goedkoop goederen van de -mengilir deri ulu, tetapi bôleh bovenlanden de rivier af te brengen, -sâya kûrangkăn sedikit, jika maar ik kan ’t wel wat minder -tuan tidaq bâlik. stellen (verminderen) als u niet - teruggaat. -Lebih bâik kita berjañji dulu. ’t Is beter, dat we vooruit - afspreken (overeenkomen). -Bâik lah, tuan, biar lah Goed, mijnheer, laat het twee en -dua-puluh-dua ringgit. twintig rijksdaalders (dollars) - wezen. -Bila tuan mâu jâlan? Wanneer wil u vertrekken? -Lusa pâgi-pâgi. Overmorgen heel vroeg. -Siapkăn dâyung dan gâlah Maak voldoende riemen en boomen -cukup-cukup, jangan kûrang gereed, laat er niets hoegenaamd -sâtu-âpa pun. ontbreken. -Bôleh kah tuan beri duit sedikit Kan u wat geld (duiten) vooruit -dulu, endaq membeli bârang geven, om wat eetwaren te koopen, en -makânan, dăngăn rôtan dan rôtan en zoo voort? -lâin-lâin-ña? -Berâpa kaw mâu? Hoeveel wil je hebben? -Bârang lima ringgit cukup, tuan. Zoowat 5 rijksdaalders (dollars) is - genoeg, mijnheer. -Bâik lah. Lusa pâgi mâri ke Goed. Overmorgen ochtend kom je naar -rumah-ku mengambil mijn huis, om de bagage te halen, -bârang-bârang, bâwa tûrun ke breng die naar de boot (breng naar -prâu. beneden in de boot). -Isi sâtu peti dăngăn tânah, bâwa Vul een kist met aarde, breng die -bersâma ke dalăm prâu, bôleh met ’t andere (samen) in de boot, -kita bertânaq dalăm prâu. dan kunnen we in de boot rijst - koken. -Pegang gâlah semua ôrang. Neemt allen de boomen in de hand. -Gâlah ta sampay (ta jejaq). De boomen raken den grond niet. -Côba lâgi sa kâli. Sampay kah Probeer ’t nog eens. Raken ze nu? -tidaq? -Sampay, tuan. Jawel, mijnheer (lett. ze komen aan, - ze zijn toereikend.) -Tikăm gâlah, kita âñut. Flink boomen, we drijven af (lett. - steek met de boomen). -Bila sampay di tañjung itu, mâu Wanneer we aan dien landpunt komen, -gâlah kuat-kuat, sebab ârus moet er met kracht geboomd worden, -derăs sekâli di situ. want daar is de stroom zeer sterk. -Bila sampay di teloq, senăng Wanneer we aan den inham komen -sedikit. (kromming landwaarts in), is ’t een - beetje aangenamer. -Singgah, singgah! Leg aan, leg aan! -Ôrang-ôrang di dârat âda melâung Volk aan den wal roept ons toe, laat -kita, sûruh singgah. aanleggen. -Tebing tinggi sangăt di situ, De oever is daar erg hoog, breng de -rapăt pantay-pasir di ulu itu. boot dicht bij den zandoever daar - hooger op (sluit aan bij ...) -Bôleh juga nâik, tuan. Âda U kan wel aan wal stappen, (stijgen) -jembâtan, âda jamban. mijnheer. Er is een brug, een - badhuisje (tevens privaat). -Âir tohor sekâli, prâu ta lepas. ’t Water is erg laag, de boot raakt -Prâu kandăs. niet los. De boot is aan den grond - geraakt. -Lepas juga. Ze is toch losgeraakt. -Kering di sini, undur kembâli. ’t Is hier ondiep (droog), ga weer - terug (ga achteruit terug). -Sekârang dalăm sedikit, bergâlah Nu is ’t wat dieper boomen. -lah. -Âir tâwar kah ataw mâsin? Is ’t water zoet of zilt? -Pâyaw, tuan. Brak, mijnheer. -Câri tempat yang terang (lâpang) Zoek een plek, die open is, leg daar -sedikit, singgah di situ, kita aan, dan kunnen wij koken. -bertânaq. -Ini lah tempat bâik. Hier is een goede plek. -Rapăt ka tepi. Breng de boot dicht bij den kant - (sluit aan tegen den kant). -Câcaq gâlah, tambat prâu, Steek een boom in den grond, maak de -bertânaq lah semua ôrang boot vast, laat al de menschen gauw -lekas-lekas. rijst koken. -Sudah âbis makan, jâlan lah Na afloop van ’t eten moeten we weer -kita. op weg. -Prâu tersangkut. De boot zit vast. -Di kâyu kah, di pasir kah, di Aan hout, aan zand, aan modder? -lumpur kah? -Kâlaw sangkut di kâyu, mâu Als ze aan hout vastgeraakt is, -undur, kâlaw di pasir, sorong moeten we achteruit, als ’t tegen -prâu, bârang-kâli bôleh lepas. zand is, moet je de boot duwen, - misschien kan ze los raken. -Timbang betul-betul. Prâu singit Breng haar goed in evenwicht. De -ke sâna. boot helt daarheen. -Ketiap ini menggolèq sangăt Deze „huisboot” schommelt erg. -(berolèng-orlèng sangăt). -Prâu ini tetăp sekâli. Deze boot ligt (is) zeer vast. -Kâit dâhan itu dăngăn gâlah, Pak dien boomtak met den boom, en -tâhan bâik-bâik di bûrit prâu. houd flink tegen aan den - achtersteven. -Âluan sudah lepas, kenâ di De voorsteven is al los, ’t midden -tengah, di ékor (bûrit), kenâ zit vast, de achtersteven, ’t roer -kemudi. (getroffen aan ’t midden enz.) -Jâga di âluan! Kijk goed uit aan den voorsteven! -Berâpa jâuh deri Bandar-Termâsa Hoe ver is ’t van Bandar-Termâsa -mudik ka Rekoh? naar Rekoh? -Sâtu âri berdâyung, enăm âri In een dag roeiens en zes dagen -bergâlah bôleh sampay. boomens kan men er komen. -Lima tañjung lâgi, sampay lah, Nog vijf landpunten, dan zijn we er, -tuan. mijnheer (komen we aan.) -Sebab ujan terlampaw lebăt, jâdi Doordat de regens bizonder hevig -sungay besar sangăt. (dicht) waren, is de rivier erg hoog - (geworden). -Tiga âri dulu âda bah besar. Drie dagen geleden is er een groote - watervloed geweest. -Câcaq gâlah di tengah, di sini Steek een boom in ’t midden in den -bôleh kita bermalăm; kâyu-api grond, hier kunnen we overnachten; -senăng dapăt, lâgi utan terang brandhout is gemakkelijk te krijgen, -sedikit. en bovendien is ’t bosch een beetje - open. -Ñâmuq terlampaw bâñaq, târoh Er zijn bizonder veel muskieten, leg -dâun-kâyu di âtas api, biar âda boombladeren boven op ’t vuur, dan -asăp sedikit. komt er wat rook (opdat er wat rook - zij). -Bangunkăn semua ôrang din’âri Wek al de lui morgen bij ’t krieken -ésoq, gelap-gelap bertânaq, van den dag, kook de rijst als ’t -kemudian bôleh kita berjâlan nog donker is; daarna kunnen we weer -pula. op weg gaan. -Bila prâu mengilir, pakay Wanneer de boot de rivier af gaat, -pengâyuh sâja. moet je maar de pagaaien gebruiken. -Jâga tunggul di adăp itu, kâlaw Pas op dien boomstam daar vooruit, -kenâ sekârang, nanti terlintang als we er nu tegen aankomen, gaat de -prâu, bârang-kâli kâram kita. boot dwars liggen, en slaan we -Nanti tenggelăm bârang-bârang misschien om. Dan zinken al onze -semua. goederen. -Tetapi kita nanti timbul, dan Maar wij zullen boven komen, en -bôleh berenang ke dârat. kunnen naar den wal zwemmen. -Ôrang sini biâsa mengâil kah? Zijn de menschen hier gewoon met een -(memañcing kah?) haak (hengel) te visschen? -Âda sa ôrang dua ôrang yang Enkele menschen visschen met een -mepas, tetapi bâñaq yang vlieg (kunstaas), maar velen met een -meñjâla. net (totebel). -Âpa macăm ikan dapăt dalăm Wat voor soort visschen vangt men in -sungay ini? deze rivier? -Ikan-kâluï âda, ikan-sebâraw, Kâluï komt voor, en sebâraw, -ikan-tengah, dan bâñaq lâin-lâin ikan-tengah, en allerlei andere -macăm. soorten. -Ikan-kâluï yang sedăp sekâli De kâluï is de lekkerste om te eten. -makan. -Kâlaw dapăt ikan, gorèng sâja Als je visch vangt, braad ze dan -(bakar sâja, panggang sâja). maar (bak ze maar, roost ze maar). - - - - - - - -7. IN DE WILDERNIS. - - -Tuan mâu pegi ke mâna? Waar wil u heen gaan? -Ka Selim. Naar Selim. -Jâuh sekâli. Bârang-kâli sâtu Dat ’s erg ver. Zoowat (misschien) -malăm mudik, dua âri berjâlan, een nacht de rivier op, en twee dagen -bâru sampay ka Selim. gaans, dan komt men pas te Selim. -Jâlan éloq kah? Is ’t een mooie weg? -Jâlan utan. Tuan terlebih tâu Een boschpad. U weet daar alles van -hal-ña: mendaki-menûrun sâja; (weet ’t ’t best, zeer goed); maar -mâu juga meñeberang dua tiga steeds op en af, ook moet men twee of -ânaq-âir. drie beken oversteken. -Sungay-ña tohor, tetapi kâlaw De rivier is laag, maar als de regens -ujan datăng, susah juga, nanti komen, is het toch lastig, dan -bertemu bah. krijgen we een overstrooming. [3] -Kâlaw jâlan pâgi-pâgi, bôleh Als men zeer vroeg op weg gaat, kan -sampay siang-âri. men in den middag aankomen. -Kâlaw mâta-âri sudah tinggi, Als de zon al hoog is, en men gaat -bâru berjâlan, tentu malăm bâru dan eerst op weg, komt men zeker pas -sampay. in den nacht aan. -Kâlaw bagitu, lebih bâik Dan is ’t beter in ’t bosch te -bermalăm dalăm utan. overnachten. -Bôleh, tuan, tetapi susah juga Dat kan wel, mijnheer, maar ’t is -bermalăm di utan. toch lastig in ’t bosch te - overnachten. -Âwat? (Sebab âpa?) Waarom? -Nâmuq bâñaq, lâgi dalăm rimba Er zijn veel muskieten, bovendien -besar bârang-kâli jumpa rimaw. komen we in ’t groote woud misschien - wel een tijger tegen. -Kâlaw buat api besar, tentu Als we een groot vuur aanleggen -rimaw ta berâni dekăt. (maken), durven de tijgers zeker niet - dicht bij komen. -Bârang-kâli, tuan. Misschien, mijnheer. -Bâwa kâjang dua tiga bidang, Breng twee stuks kâjang-dek, en ook -lâgi tikăr-bantal dăngăn nog matten, kussens en -kelambu, bôleh kita tidur muskieten-gordijnen, dan kunnen we -senăng sedikit. eenigszins aangenaam slapen. -Bârang-kâli rumput bâsah, bâik Misschien is ’t gras nat, u moest ook -tuan bâwa kâin-getah juga. wat gutta-percha-doek meenemen. -Jangan bâwa bârang bâñaq: susah Neem niet veel goed mee, ’t is erg -sekâli memikul bârang dalăm lastig in ’t woud bagage te dragen. -rimba. -Rimba sedikit, tuan, belukar Er is weinig hoog bosch, mijnheer, -bâñaq. wel veel kreupelhout. -Belukar terlebih susah, sebab ’t Kreupelhout is ’t onaangenaamst -pânas. (lastigst) van wege de hitte. -Kâlaw pokok-kâyu besar-besar, Als er hooge boomen zijn, kunnen we -bôleh kita berlindung dîri deri voor de warmte schuilen. -pânas. -Kaki kita tentu nanti sakit, Onze voeten zullen zeker pijn doen -sebab jejaq bâñaq akar di door ’t treden op veel wortels op den -jâlan. weg. -Jâga dûri, tuan: kâlaw kenâ Pas op de dorens, mijnheer, als ze in -kâin-bâju, tentu kôyaq ’t goed van uw jas komen, scheurt het -(terkôyaq). zeker (als geraakt ’t goed ...) -Âda kah bâñaq pacăt di sini? Zijn er hier veel springbloedzuigers? - (boombloedzuigers). -Kâlaw âri-ujan bâñaq, kâlaw Als ’t regenachtig weer is, veel, als -musim-pânas tida. ’t droge moeson is niet. -Pacăt pun susah, tetapi lintah Springbloedzuigers zijn wel lastig, -terlebih jâhat. Kâlaw lekăt dua maar gewone bloedzuigers (nl. in het -tiga ékor lintah itu, water) zijn ’t kwaadst. Als er twee -bârang-kâli minum dârah dekăt of drie stuks zich vasthechten, -sa cupaq. zuigen (drinken) ze misschien wel een - „cupaq” bloed op [4]. -Tidaq mengâpa: sudah keñang, Dat doet er niet toe: als ze -dia jâtoh juga. verzadigd zijn, vallen ze toch af. -Buñi âpa itu? Wat is dat voor een geluid? -Âpa buñi itu? Wat is dat geluid? -Kâyu rebah, tuan. Een boom die omvalt, mijnheer. -Petăng sekârang bôleh kita Van avond (namiddag) kunnen we -berenti di lâdang Sakay, ophouden op een veld van Sakay’s, -berpondoq di situ. (oorspr. bewoners van Malaka), en - daar een hut opslaan. -Âda dua tiga kelâmin ôrang Er zijn twee of drie gezinnen van -Jambi, bâru menebas kăn utan Jambiërs, die pas ’t bosch hebben -buat lâdang. gekapt om een bouwveld te maken. -Endaq menanăm âpa? Wat willen ze planten? -Pâdi-uma, tuan. Gemeene rijst, mijnheer. (uma = veld - in ’t bosch, dat geen speciale - bewerking vereischt.) -Mâna yang bâik, pâdi-uma kah Welke rijst is beter, de uma-rijst of -pâdi-sâwah kah (bendang kah)? die van sâwah’s? -Pâdi sâwah yang bâik, tuan, Sâwah-rijst is de beste, mijnheer, -lâgi bâñaq dapăt. bovendien krijgt men dan veel. - - - - - - - -8. OP ZEE. - - -Di mâna kapal kita? Waar is ons schip? -Di lâbuan, tuan. Di kuâla. Op de reede, mijnheer. In den - riviermond. -Kâlaw tâda angin, ta bôleh (ta Als er geen wind is, kunnen we van -dapăt) belâyar malăm ini. nacht niet zeilen (onder zeil gaan). -Sâya pikir angin nanti tûrun. Ik denk, dat er straks wind zal - opsteken. -Kâlaw angin deri belâkang, Als de wind van achteren komt, is ’t -ñâman, kâlaw deri muka susah. heerlijk, van voren is ’t - onaangenaam. -Kâlaw deri sabelah, bôleh kita Als de wind van terzijde komt, kunnen -bêloq. we laveeren. (Als van ter zijde ...) -Jangan belâyar bulan gelap, ta Ga niet onder zeil bij donkere maan, -bôleh nampaq. dan kan men niet zien. -Pukul berâpa bulan nâik Hoe laat komt de maan op? -(terbit)? -Jâuh malăm, tuan, bârang-kâli Laat (ver) in den nacht, mijnheer, -pukul sâtu. misschien om een uur. -Kâlaw bagitu, tûrun ke pantay Dan moet je om twaalf uur naar ’t -pukul dua-belas, nanti sâya strand komen (dalen), dan kom ik -datăng. daar. -Câri orang panday pegang Zoek iemand, die verstand heeft van -kemudi. sturen (bekwaam in ’t hanteeren van - ’t roer). -Susah meñcâri, tuan, tetapi, Die is lastig te zoeken, mijnheer, -kâlaw malăm terang, bôleh kita maar als ’t een heldere nacht is, -mengikut pantay, bâtu dan kunnen we ’t strand volgen, er zijn -kârang t’âda. geen rotsen of klippen. -Bongkar sâuh. Haal ’t anker op. -Buka lâyar semua. Hijsch al de zeilen. -Lâyar âgung sâja jâdi lah dulu. Eerst maar alleen ’t groote zeil (’t - groote zeil slechts, dan is ’t in - orde (geworden) vooreerst). -Tûrunkăn jib. Haal ’t kluiverzeil neer. -Kelat sudah kusut, pañjat tiang De schoot is in de war, klim in de -betulkăn-ña. mast en maak hem in orde. -Kîri kemudi, nampaq âir berôlaq Bakboord (links) ’t roer, er is vóor -di adăp, tentu âda bâtu. draaiing in ’t water te zien, er zijn - zeker rotsen. -Kemudi ta makan, tuan. ’t Roer pakt niet, Mijnheer. -Kîri cikar! Bakboord ’t stuurrad! -Betulkăn kemudi, kita undur. Zet ’t roer recht, we gaan achteruit. -Bagi-mâna ârus sekârang? Hoe is de stroom nu? -Âir pasang kah sûrut? Is er vloed of eb? -Pasang-penuh. De vloed is op zijn hoogst. -Sûrut-timpas. Laag water (laagste eb). -Âir bunga-pasang. De vloed is juist begonnen. -Sâtu âri bulan âir pasang Als de maan éen dag oud is, hebben we -besar. heel hoog water. -Dârat ta nampaq lâgi, lebih ’t Land is niet meer te zien, ’t is -bâik rapăt ke pantay sedikit. beter wat dichter bij ’t strand te - gaan. -Ta bôleh, tuan, pantay sudah Dat kan niet, mijnheer, ’t strand is -dekăt, ta nampaq sebab ujan al dichtbij, ’t is niet te zien van -lebăt ini. wege den harden regen. -Kâlaw nampaq bukit Jegrâ, tuju Als de Jegrâ-berg in ’t zicht komt, -lah betul-betul, bôleh dapăt moet je er goed op af sturen, dan -Kuâla-Langat. kunnen we de mond der Langat binnen - loopen (krijgen.) -Buang perum. Werp ’t lood uit. -Berâpa âir? Hoeveel water staat er? -Âir dalăm juga, ta jejaq perum. ’t Water is nogal diep, ’t lood raakt - den grond niet. -Buang sa kâli lâgi. Werp ’t nog eens uit. -Empat depâ betul. Precies vier vadem. -Tohor sini, jâga bâik-bâik, ’t Is hier ondiep, wees voorzichtig, -nanti kita kenâ beting. straks raken we op een zandbank. -Sudah lepas beting. We zijn al over den zandbank. -Lâbuh sâuh; padămkăn api, sâtu Werp ’t anker uit; doe ’t vuur uit. -ôrang jâga kapal, lâin ôrang Een man houdt de wacht over ’t schip, -semua bôleh tidur. de anderen mogen allen gaan slapen. -Kapal menggolèq (olèng-olèng) ’t Schip slingert erg, ’t is lastig -sangăt, susahm âu tidur. als men slapen wil. -Pukul lima pâgi aku mâu jâlan Om vijf uur in den ochtend wil ik -lâgi. Arăng âda cukup kah? weer op weg. Is er voldoende - houtskool? -Arăng t’âda lâgi, tetapi Er is geen houtskool meer, maar -kâyu-bakaw bâñaq. rhizophoren-hout veel. (hout van - strandwortelboomen). -Ambil âir tâwar saberâpa bôleh Haal zooveel zoet water als we laden -muat, kâlaw pakay âir mâsin, kunnen, als je zout water gebruikt, -nanti rusaq pesâwat (priuk-ña). bederft de machine (de ketel, lett. - pot). - - - - - - - -9. OP JACHT. - - -Sâya endaq pegi menémbaq. Ik wil gaan jagen (schieten). -Tuan ’naq menémbaq âpa? Waar wil u op jagen? -Naq menémbaq bûrung. Ik wil vogels schieten. -Bûrung macăm âpa? Wat voor soort vogels? -Bûrung-berkèq, puyuh, Snippen, kwartels, talingen, wilde -bûrung-belibis, itik-âir, undan, eenden, wilde ganzen, al wat er maar -âpa-âpa macăm yang âda. is (welke soorten, die er zijn). -Bûrung-kuang yang susah sekâli De argus-fazant is ’t lastigst te -mendapăt-ña. krijgen. -Dia inggăp di âtas pokoq dalăm Hij zit op boomen in groote wouden. -rimba besar-besar. Kâlaw ôrang Als men hem nadert (reeds nabij is), -sudah dekăt, terbang lah dia. vliegt hij weg. -Tuan pakay senâpang-kôpaq? Gebruikt u een achterlader? -Ia, senâpang-kôpaq dua mâtâ-ña; Ja, een dubbelloops-achterlader; een -senâpang kembar. dubbelloops-geweer. -Bâwa petrum yang isi penâbur Breng patronen met fijnen hagel -âlus itu. erin. -Tidaq âda lâgi, tuan: sudah âbis Die zijn er niet meer, mijnheer: die -semua, tinggal nomor lima sâja. zijn alle op, er is alleen nog maar - no. 5 (blijft no. 5 slechts). -Kâlaw menémbaq punay éloq lah Als men op wilde duiven schiet, is -nomor lima. no. 5 uitstekend (mooi). -Bâwa petrum-pelûru dua tiga Breng twee of drie hagelpatronen -butir, bârang-kâli jumpa mee, misschien treffen we een wild -bâbi-utan âtaw buâya. zwijn of een krokodil. -Sabelah sini, tuan, âda dua tiga Dezen kant uit, mijnheer, er zitten -ékor bûrung inggap di rumput twee of drie vogels daar in ’t gras, -sâna, tepi pâya. aan den kant van ’t moeras. -Itu dia! Daar zijn ze! -Kenâ kah tidaq? Zijn ze geraakt of niet? -Kenâ, tuan. Ze zijn geraakt, mijnheer. -Pegi lah mengambil-ña. Ga ze halen. -Kenâ sedikit, tuan. Belom mati, Ze zijn maar even (een beetje) -sudah meñelăm. geraakt, ze zijn nog niet dood, ze - zijn al ondergedoken. -Panday sekâli sembuñi Die talingen kunnen zich heel goed -bûrung-belibis itu, melâinkăn verschuilen (zeer bekwaam zich te -mati-langsung, susah meñcâri-ña. verschuilen); tenzij ze morsdood - zijn, is ’t lastig ze te zoeken. -Bûrung bâñaq, tuan; tetapi pâya Er zijn veel vogels, mijnheer; maar -dalam, mâu pakay prâu. ’t moeras is diep, we moeten een - boot gebruiken. -Rumput sudah pañjang, susah ’t Gras is al hoog (lang), ’t is -beprâu. lastig te varen. -Bôleh juga kita berjâlan We kunnen ook heel langzaam loopen. -pelâhan-pelâhan. Berdâyung ta Roeien gaat niet, we moeten boomen. -bôleh, mâu bergâlah. -Tuan duduq di tengah prâu, di Ga u in ’t midden van de boot, aan -âluan, sâya nanti bergâlah deri den voorsteven zitten, dan zal ik -belâkang. van achter boomen. -Luas sekâli pâya ini. Âpa nâma Dit moeras is zeer uitgestrekt. Hoe -tampat-ña? heet deze plaats? -Bendang-kering, tuan. Bendang-kering (droog rijstveld) - mijnheer. -Bûrung sudah jâtoh, kenâ De vogel is gevallen, hij is in zijn -sâyap-ña, nanti dia lâri, ambat vleugel getroffen, straks loopt hij -lekas. weg, ga hem gauw achterna. -Dapăt, tuan, kenâ di dâda, Ik heb ’m (gekregen), mijnheer, hij -mati-langsung. is in de borst getroffen, hij is - morsdood. -Mâna-mâna yang belom mati, Alle, die nog niet dood zijn moet je -semlèhkăn dia, bôleh ôrang Selam slachten (op Mohammedaansche wijze), -mâkan-ña. dan kunnen de Moslims ze eten. -Lemaq sekâli dâging-ña. ’t Vleesch is erg machtig (vet). -Bûrung berkèq yang sedăp deri Snippen zijn ’t lekkerst van alle. -semua. -Tuan suka kah bebûru rusa? Houdt u er van herten te jagen? -Kâlaw âda añjing, suka juga. Als er honden zijn, houd ik er wel - van. -Râja-râja Pâhang yang panday De vorsten van Pâhang zijn goede -bebûru. jagers (bekwaam in ’t jagen). -Âpa bangsa añjing dia pakay Wat voor soort (ras) honden -(dipakay-ña)? gebruiken ze? -Añjing ôrang Sakay. Honden van de Sakay’s (oorspr. - bewoners van Malaka). -Cari ôrang Sakay, yang panday Zoek een Sakay, die wilde dieren kan -mengikut binâtang liar, bôleh opsporen, dan kunnen we die gaan -kita pegi menémbaq. jagen (schieten). -Âda sa ôrang pâwang di sini, Hier is een „pâwang” (soort -tuan. dierenbezweerder, die wilde dieren - opspoort), mijnheer. -Binâtang macăm âpa bôleh dapăt? Wat voor soort dieren kan je vinden? -(Âpa macăm binâtang bôleh -dapăt?) -Gâjah, bâdaq, selâdang, tenuq, Olifanten, neushorens, wilde -rusa [5], kijang, pelanduq [6] runderen (op Java bantèng), herten, -dan lâin-lâin-ña. reeën, dwerghertjes enz. (en - andere). -Kâlaw bôleh dapăt selâdang sa Als je een wilde koe (stier) kunt -ékor, gemăr lah ati-ku. krijgen, zou ik ’t heerlijk vinden - (is mijn hart begeerig). -Kâlaw untung, bôleh juga kita Als we gelukkig zijn, kunnen we er -dapăt, tuan. wel een krijgen, mijnheer. -Aku arăp bagitu. Dat hoop ik (ik hoop zoo). -Jangan bâwa bâñaq ôrang, sa U moet niet veel menschen meenemen, -ôrang dua ôrang sâja, jâdi lah. twee man maar, dat ’s voldoende. U -Tuan jâlan pelâhan sekâli, ta moet heel langzaam loopen, en u mag -bôleh cakăp-cakăp. niet praten. -Tempat mâna yang dia suka? Van welke plaatsen houden ze? -Utan-buluh dekăt dăngăn âir Bamboe-bosch dicht bij een warme -angăt, itu lah yang dia suka bron (lauw water), daar houden ze -sangăt. veel van. -Bôleh kah dekăt dăngăn dia? Kan men ze naderen? -Bôleh juga, kâlaw ôrang panday Jawel (kan wel), als men bekwaam is -mengikut binâtang. in ’t opsporen van dieren (volgen - van dieren). -Kâlaw jantăn, tanduq-ña ’t Mannetje heeft dikke lange horens -besar-pañjang. Betina pun (lett.: als ’t mannetje, zijn horens -bertanduq juga, tetapi kecil groot lang). ’t Wijfje heeft ook -lâgi. horens, maar die zijn kleiner. -Kulit-ña ităm, bulu pèndèq, De huid is zwart, de haren zijn -kaki-ña kecil, bulu-betis-ña kort, de pooten klein, ’t haar op de -mêrah. huid is rood. -Gârang sekâli-binâtang itu, Die dieren zijn erg kwaadaardig, als -kâlaw dia langgar, endaq lah ze aanvallen, moeten we voorzichtig -kita jâga bâik-bâik. zijn. -Dia terekam dăngăn tanduq-ña. Ze vallen met hun horens aan. -Kâlaw luka ta mati, bârang-kâli Als ze gewond en niet dood zijn, -gârang, kâlaw ta kenâ lâri lah zijn ze wellicht gevaarlijk (woest), -dia. als ze niet getroffen zijn, loopen - ze weg. - - - - - - - -10. AAN TAFEL. - - -Siapkăn makânan (sediakăn Zet het eten klaar. -makânan). -Bâwa makânan. Breng het eten. -Makânan sudah sedia, tuan. ’t Eten is al klaar, mijnheer. -Tukar pinggan ini [7]: terlâlu Geef me een ander bord (ruil dit -kotor. bord): ’t is erg vuil. -Pisaw ini tidaq beresih, bâwa Dit mes is niet schoon, breng een -lâin. ander. -Dâging ini kûrang masaq, angkat, Dit vleesch is niet voldoende gaar, -sûruh masaq lâgi. neem ’t weg en laat het gaarder - maken (nog meer koken). -Kâin-mêja ini kecil âmat, Dit tafellaken is al te klein, -mengâpa engkaw tidaq târoh lâin? waarom heb je geen ander neergelegd? -Bâwa lâgi sâtu krusi, sâma tuan Breng nog een stoel, voor dezen -ini. heer. -Kentang [8] ini sudah busuq: di Deze aardappelen zijn al bedorven. -mâna kaw dapăt? Waar heb je ze gehaald (gekregen)? -Minta serbèt beresih, ganti yang Ik vraag een schoon servet, geef -tuan ’pu-ña. mijnheer een ander (ruil dat van - mijnheer). -Ganti garpu dan pisaw. Verwissel de vorken en messen. -Pisaw ini tumpul sekâli, sûruh Dit mes is zeer bot, laat het wat -âsah sedikit. slijpen. -Minta garăm, lâda, cuka, sambal, Geef me (vraag) zout, peper, azijn, -gula, miñaq, sesâwi. inlandsche toespijs (Spaansche peper - enz.), suiker, olie, mosterd. -Tuang anggur ke dalăm gelas Schenk wijn in al de glazen. Als je -semua. Bila kaw liat gelas sudah ziet, dat er een glas leeg is, vul -kosong, isi lâgi. je het weer. -Gelas tuan itu tidaq penuh, ’t Glas van dien heer is niet vol, -tambah lâgi. doe er wat bij. -Minta anggur-asăm, anggur-mêrah, Geef me (vraag) Rijn-wijn, rooden -anggur-puf (sempâni). wijn, champagne. -Anggur ini kûrang sejuq, bâwa Deze wijn is niet koel genoeg, breng -âir-bâtu. Angkat bir ini, tuan ijs (steenwater). Neem dit bier weg, -tidaq suka. mijnheer houdt er niet van. -Jâlankăn nasi, tuan C. belom Laat de rijst rondgaan (doe de rijst -dapat. gaan), mijnheer C. heeft nog niet - gehad (gekregen). -Nasi ini angit. Sûruh masaq Deze rijst is aangebrand. Laat -lâin. andere koken. -Âpa sebab kaw tidaq datăng lebih Waarom kom je niet eerder? Die dame -dulu? Ñôñah (nônah) itu sudah (jonge dame) heeft al twee maal -panggil dua tiga kâli. geroepen. -Kâlaw ôrang panggil, lekas sâut Als er iemand roept, moet je gauw -(jâwab), lâin kâli ingăt. antwoord geven, denk er een anderen - keer aan. -Di mâna lâin-lâin boy (jongos) Waar zijn al de andere bedienden? -semua? Sûruh dia-ôrang menanti Laat ze hier wachten, en aan tafel -di sini, jâga mêja waktu kâmi bedienen (passen op de tafel), op -makan. den tijd dat wij eten. -Tâña sâma tuan, kâlaw suka minum Vraag aan mijnheer, of hij koffie -âir kahwa (kopi). wenscht te drinken. -Bâwa rokoq. Ambil yang âlus di Breng sigaren. Haal de fijne in ’t -peti kâlèng kecil. kleine blikken kistje. -Uñjuqkăn sâma tuan-tuan ini Presenteer ze aan al deze heeren. -semua. -Minta api; gûris-api [9]; Ik vraag vuur; lucifers; een lont -tâli-api. (vuurtouw). -Aku mâu minum rokoq lâgi. Ik wil nog meer rooken (sigaren - drinken). - - - - - - - -11. IN EEN HOTEL. - - -S’p’âda (samentrekking van Hei daar, is er iemand? -siâpa-âda)! -Sâya, tuan! Jawel, mijnheer! -Minta kâmar. Ik vraag een kamer. -Tuan mâu kâmar yang lima rupiah Wil u een kamer van vijf gulden -sa âri kah âtaw yang enăm rupiah? daags of een van zes? -Minta yang lima rupiah sâja. Geef me maar een van vijf (vraag - die van vijf gulden). -Sila kan ikut sâya, tuan. Nanti Wees zoo goed mij te volgen, -sâya tuñjuqkăn. mijnheer. Ik zal er u een wijzen. -Kâmar ini terlâlu kecil. Deze kamer is te klein (erg klein). -Semua bagitu, tuan. Ze zijn alle zoo, mijnheer. -Yang di sabelah situ bagitu juga? Die aan gindschen kant ook? -Tidaq tuan, itu yang enăm rupiah Neen, mijnheer, die zijn van zes -sa âri. Lebih besar deri ini. gulden daags. Ze zijn grooter dan -Tuan mâu liat? deze. Wil u ze zien? -Sudah. Ta usah. Biar lah aku Och, neen, ’t hoeft niet. -ambil kâmar ini sâja. (Afgedaan, ’t hoeft niet). Laat me - deze kamer maar nemen. -Nanti pukul berâpa ôrang makan di Hoe laat eet men hier (straks)? -sini? -Pukul sâtu, tuan. Nanti malăm Om een uur, mijnheer. Van avond om -pukul delâpan. acht uur. -Mâna kâmar-mandi? Waar is de badkamer? -Minta tuâla dan sâbun. (voor Ik vraag een handdoek en zeep. -tuâla op Java anduq, verb. Holl. -handdoek). -Sûruh boy (jongos) bâwa Laat mijn jongen mijn tandenborstel -sikat-gigi dan sisir. Lâgi âda en mijn kam brengen. Ze zijn nog in -dalăm kopor di kâmar. de koffer in mijn kamer. -Âda kah cermin di kâmar-mandi? Is er een spiegel in de badkamer? -(Op Java voor cermin kâca). -Âda, tuan. Jawel, mijnheer (er is, mijnheer). -Berâpa âri tuan mâu tinggal di Hoeveel dagen wil u in dit logement -rumah-makan ini? blijven? -Itu lah mandor datăng, tuan. Dia Daar komt de mandoer (soort -minta masuqkan nâma dan pekerjâan opperkellner), mijnheer. Hij -tuan ke dalăm daftar (buku). verzoekt u uw naam en betrekking in - ’t register te schrijven (in te - brengen). -Nanti malăm tuan suka pakay krêta Wenscht u van avond een rijtuig te -kah? hebben (gebruiken)? -Berâpa sêwâ-ña sa jam? Hoeveel is ’t per uur (de huur)? -Tiga rupiah, tuan. Drie gulden, mijnheer. -Bâik lah. Sûruh pasang pukul sa Goed, laat om half zeven inspannen. -tengah tujuh. - - - - - - - -12. GESPREK MET EEN MALEISCH VORST. - - -Tunku âda di dalăm kah? Is de Tunku thuis? -Âda, tuan, tetapi Tunku berâdu, Jawel, mijnheer, maar de Tunku -belom jâga. slaapt, hij is nog niet wakker. -Pukul berâpa Tunku nanti jâga? Hoe laat wordt de Tunku wakker? -Nanti tengah âri. Sudah dia Om twaalf uur (straks middag). Als -sîram, bôleh tuan berjumpa hij al gebaad heeft, kan u hem -dăngăn dia. ontmoeten. -Tunku sila kan masuq tuan. De Tunku noodigt u uit binnen te - komen. -Selâmat berjumpa, Tunku, sâya Ik verheug me u te zien, Tunku (Heil -arăp Tunku sêhat. bij ’t ontmoeten), ik hoop dat u - gezond is. -Sêhat juga, terima kâsih, tuan. Heel wel, dank u, mijnheer. -Siâpa ini, Tunku? Sâya belom Wie is dit, Tunku? Ik ken hem nog -kenal. niet. -Âdiq sâya, tuan: Tunku Ngah. Dit is mijn jongere broeder, - mijnheer: Tunku Ngah. -Bila Tunku endaq berangkat Wanneer wil u weer naar ’t binnenland -bâlik ka ulu? terug gaan? -Belom tentu lâgi, tuan. Pekat Dat’s nog niet vast, mijnheer. Ik wil -dulu dăngăn âdiq sâya ini. eerst met mijn jongeren broeder - overleggen. -Kâlaw Tunku bâlik ka ulu beprâu Als u naar ’t binnenland teruggaat, -kah, bergâjah kah, berjâlah gaat u dan in een boot, op een -kah? olifant of te voet? -Jâlan kaki susah, sebab Te voet te gaan is lastig omdat de -mendaki-menûrun bâñaq. Lâgi weg erg op en neer gaat. Bovendien -gâjah pun susah berjâlan loopen de olifanten moeilijk in dit -musim-ujan ini. Ôrang bâru jaargetijde. Menschen zoo pas van de -sampay deri ulu kâtâ-ña pâda binnenlanden gekomen, zeiden me, dat -sâya âir di jâlan itu s’ingga het water op den weg tot aan de -lutut. Sebab itu sâya pikir knieën reikt. Daarom denk ik, dat het -bâik ikut sungay. beter is de rivier te volgen. -Kâkanda Unku Lung sûruh pâtik Uw (oudere) broeder Unku Lung stuurt -mengadăp memberi tâu kepâda mij naar u toe (laat mij vóor u -Tuanku Kâkanda âda di verschijnen), om u kennis te geven, -Kubang-Buâya, ésoq nanti dia dat hij te Kubang-Buâya is, en morgen -sampay kemâri mengadăp Tuanku. hier aankomt om vóor u te - verschijnen. -Bâik lah. Âwaq bâlik mengâtakăn Goed. Ga terug en zeg aan mijn -pâda Kâkanda, Âdinda âda sedia broeder, dat ik (jongere broeder) hem -menanti kăn dia. hier verwacht (gereed ben op hem - wachtende). -Pâtik bermuhun. Ik vraag verlof om heen te gaan. -Ia, jâlan lah. Goed, je kunt gaan. -Tunku Lung, yang endaq sampay Is die Tunku Lung, die morgen zal -ésoq, dia âbang kah kepâda komen een (oudere) broeder van u? -Tunku? -Bukan âbang sa-jâlan-jâdi Geen (oudere) broeder van denzelfden -(betul), tuan: sâtu bâpa, lâin vader en dezelfde moeder (van -ibu. dezelfde wijze van geboren worden, - echt): denzelfden vader, een andere - moeder. -Bârang-kâli tidaq âda Misschien heeft u geen broeders of -âdiq-kâkaq yang s’ibu-sa-bâpa, zusters van denzelfden vader en -dăngăn Tunku? dezelfde moeder? -Âda juga, tuan: kâkaq sâtu yang Jawel, mijnheer; een oudere zuster, -sudah nikâh pada Râja Mahmûd, die getrouwd is met Râja Mahmûd, en -dan âdiq laki-laki sâtu yang een jongere broeder, die nog niet -belom besar, tengah mengâji volwassen (groot) is, die leert nog -dia. Belom xatam. [10] de Koran lezen. Hij heeft die nog - niet doorgelezen. -Dua-puluh-delâpan juz sudah Acht en twintig afdeelingen heeft hij -dibâca, âda dua juz belom. al gelezen, twee nog niet. -Kâlaw bulan-puâsa bâca qurân di Als men in de vastenmaand in een -tengah majelis, maka kita ta gezelschap de Koran leest, en wij -tâu bâca, mâlu sekâli. kunnen dan niet lezen, zijn we erg - beschaamd. -Kâlaw ânaq ôrang bâik-bâik ta De kinderen van aanzienlijken (indien -bôleh tidaq mâu xatam qurân. kinderen....) moeten volstrekt de - Koran doorgelezen hebben. - - - - - - - -13. OP DE MARKT. - - -Kaw berjual âpa di sini? Wat heb je hier te koop? -Sâya endaq membeli kâin-sarung, Ik wil sarong’s, Javaansch batiksel, -bâtik buâtan Jâwa; bôleh kah koopen; kan ik die hier krijgen? -dapăt di sini? -Ini kûrang bâik, âda kah yang Deze zijn minder goed, zijn er -bâik deri ini? betere dan deze? -Itu mâhal sekâli; itu tidaq Dat is erg duur; dat is niet -mûrah. goedkoop. -Bôleh tâwar, tuan. U mag bieden (afdingen), mijnheer. -Côba tuñjuqkăn yang mûrah. Laat er eens wat zien, die - goedkooper zijn. -Âda kah kâin-setrâ? (op Java: Heb je ook zijden stoffen? -sutra) -Setrâ Cina buat bâju? Chineesche zijde om buisjes van te - maken? -Di sini t’âda, tuan. Dalăm keday Hier is ’t niet, mijnheer. In den -Makaw bôleh dapăt. Makawschen winkel (kraam) kan u ’t - krijgen. -Bôleh kah sâya beli Kan ik goederen koopen in het -bârang-bârang dalăm pajăk-gâday pandjeshuis? -(rumah-gâday)? -Dalăm pajăk-gâday ta bôleh, In ’t pandjeshuis kan het niet, maar -tetapi dalăm keday kâin bûruq wel kan u er in den uitdragerswinkel -bôleh juga dapăt. (kraam van versleten stoffen) - krijgen. -Kâin Bugis di mâna bôleh sâya Waar kan ik Boegineesche kleedjes -beli? koopen? -Sekârang ta bôleh dapăt, tuan, Nu kan u ze niet krijgen, mijnheer, -tetapi dalăm musim Bugis bôleh maar in den tijd van de Boegineezen -beli di prâu ôrang Bugis, âtaw (een bepaald deel van ’t jaar) kan u -di Kampung-Gelam tepi lâut. ze koopen aan de schuiten der - Boegineezen, of in Kampoeng-Gelam - aan zee. -Mâna tukang-mas yang panday Waar is hier de beste (bekwaamste) -sekâli di sini? goudsmid? -Bârang-kâli ôrang Jâwa di Misschien is ’t een Javaan in K. G. -Kampung-Gelam. Tukang Cina pun De Chineesche goudsmid (eig. -panday juga, tetapi kâmi kûrang handwerksman) is ook wel knap, maar -percâya sedikit. wij vertrouwen hem minder. -Bukan kah ini keday sa ôrang Is dit niet de winkel van een Javaan -Jâwa bernâma Ahmad, tukang-mas genaamd Ahmad, goudsmid? -(juâri)? -Betul, tuan: dulu âda dia Jawel (juist) mijnheer: vroeger -tinggal di sini, sekârang sudah woonde hij hier, nu is hij (reeds) -pindah ke Johor. naar Djohor verhuisd. - - - - - - - -14. HET AANLEGGEN VAN EEN PLANTAGE. - - -Sâya ’naq membuka kebon tanăm Ik wil een plantage aanleggen om -kahwa dan sebâgay-ña; bôleh kah koffie enz. te planten; kan je zoo -meñcâri ôrang kuli bârang sa ongeveer honderd koeli’s zoeken? -râtus ôrang? -Di mâna tuan ’naq membuka kebon Waar wil u die plantage aanleggen? -itu? -Di ulu Pêraq. In de bovenlanden van Pêrak. -Tuan mâu kuli Cina kah âtaw Wil u Chineesche koeli’s of Javanen? -ôrang Jâwa? -Ôrang Jâwa delâpan-puluh, ôrang Tachtig Javanen en twintig -Cina dua-puluh. Chineezen. -Berâpa tuan mâu beri gâji sa Hoeveel loon wil u per man geven? -ôrang? -Pâda ôrang Jâwa enăm ringgit sa Aan de Javanen zes dollar -bulan, makânan di âtas dia. Cina (rijksdaalders) per maand, ’t eten -bagitu juga. voor hun rekening (op hen). De - Chineezen even-zoo. -Bôleh sâya dapăt, tuan, tetapi Ik kan ze krijgen, mijnheer, maar ze -dia-ôrang tentu endaq minta zullen zeker om voorschot vragen. -cengkeram dulu [11]. -Bâik lah, bôleh sâya beri Goed, ik kan elk (éen man) tien -sa-puluh ringgit sa ôrang, dollar geven, maar een hoofd van hen -tetapi sa ôrang kepâlâ-ña endaq moet voor de anderen instaan. Anders -lah tanggung âtas yang lâin. (zoo niet) gaan ze allen er van -Kâlaw tidaq, nanti dia-ôrang door, en is mijn geld voor niets -lâri semua, ilang wang sâya weg. -percuma. -Kâlaw sa râtus ôrang, beri Als er honderd man zijn en u geeft -cengkeram sa-puluh ringgit sa tien dollar voorschot per man, dan -ôrang, jâdi mâu minta jâmin (dus) wil u een borgstelling van -sa-ribu ringgit. duizend dollar hebben? -Ia, betul. Ja, juist. -Câri kăn dua ôrang yang âda arta Zoek me twee menschen op, die wat -bôleh meñjâmin-ña. gefortuneerd zijn (die goederen - hebben) om voor hen borg te wezen. -Âpa macăm kerjâ tuan mâu beri Wat voor soort werk wenscht u aan -kepâda kuli itu? die koeli’s op te dragen (te geven)? -Kerjâ menebas utan, membuat ’t Openkappen (werk openkappen), het -jâlan dan pârit meñcangkulkăn maken van wegen (paden) en sloten, -tânah, menanăm pokoq-pokoq dan het omspitten van den grond, het -sebâgay-ña. planten van boomen enz. -Sudah kah tuan buat rumah di Heeft u daar al een huis gebouwd -sâna âtaw belom? (gemaakt) of nog niet? -Sudah sâya jañji dăngăn ôrang Ik heb al een overeenkomst aangegaan -Melâyu di sâna, dia endaq met een Maleier daar, hij zal -memanggil Sakay menebas kăn Sakay’s ontbieden (roepen) om het -utan. bosch te kappen. -Bagi-mâna tuan jañji dăngăn dia? Hoe is u met hen overeengekomen? -Dia jañji kerjâ, borong, endaq Hij is overeengekomen het heele werk -menebas kăn sa-râtus depâ aan te nemen (borong is die wijze -pañjang dan lêbar-ña sa-râtus van werken, waarbij men betaalt voor -(sa-râtus depâ nâik, sa-râtus ’t volledige werk na afloop), om -bukâ-ña), dăngăn arga sa-râtus honderd vadem in ’t vierkant om te -ringgit. kappen, tegen honderd dollar (met - prijs 100 dollar). -Tebas dan bakar? Kappen en branden? -Ia, bagitu. Ja, zoo is ’t. -Mûrah juga. Dat ’s wel goedkoop. -Beras makânan kuli di mâna bôleh De rijst voor de koeli’s om te eten, -dapăt? waar kan men die krijgen? (rijst, - voedsel der koeli’s....)? -Tujuh âri sa kâli dia ôrang Eens in de acht dagen kunnen zij -bôleh sûruh dua tiga ôrang tûrun twee of drie man naar de markt -ka pekăn (pasar), membeli beras, sturen (naar beneden sturen naar de -memikul kembâli. markt), om rijst te koopen en ’t - hierheen terug te dragen. -Âmat jâuh, tuan. ’t Is erg ver, mijnheer. -Tidaq berâpa jâuh. Kâlaw âri itu ’t Is niet bizonder ver. Als ze dien -ta bôleh bâlik, bôleh tidur sâtu dag niet terug kunnen keeren, kunnen -malăm di pekăn, bâlik ésoq. ze een nacht op de markt slapen, en - den volgenden ochtend terugkeeren. -Memikul (mengambin) bârang dalăm ’t Dragen (dragen aan banden over de -utan terlâlu susah. schouders) van goederen is erg - lastig in ’t bosch. -Bila sudah buat lûrung, bôleh Wanneer er al wegen zijn gemaakt, -pakay kerbaw membâwa kan men karbouwen (buffels) -bârang-bârang. Kemudian bôleh gebruiken om de goederen te brengen. -buat jâlan krêta. Daarna kunnen we een weg voor - rijtuigen maken. -Cucikăn tem pat buat pondoq Maak een plek schoon om er maar een -sâja. Nanti ésoq bôleh menebas hut op te slaan. Dan kan je morgen -kăn utan empat lima depâ, tempat ’t bosch vier of vijf vadem -dîrikăn bangsal-kuli. Câri wegkappen, waar een koeli-loods kan -tempat yang bâik, lâgi dekăt opgericht worden (plaats van -dăngăn âir. oprichten...). Zoek een goede plek, - bovendien dicht bij ’t water. -Kâlaw t’âda sungay, mâu gâli kăn Als er geen rivier is, moet men twee -perigi dua buah, sa buah buat putten graven, éen voor drinkwater -âir-minum, sa buah buat mandi. en éen om te baden. -Bila sudah âbis bangsal dan Wanneer de loods en de putten klaar -perigi, sâya ’naq memilih zijn, zal ik een plek uitkiezen om -tempat-tanăm-benih ’t zaad te planten. (zaadbed.) -(perse-mâyan). -Bila sudah tanăm benih itu, buat Wanneer het zaad al geplant is, moet -jamba dăngăn dâun-kâyu, maka je een dek maken van (lett. met) -kâlaw t’âda ujan sa-âri-âri, boomblaren, en als ’t niet iederen -bôleh disîram dăngăn âir. dag regent kan het met water begoten - worden. -Berâpa kâli sa âri mâu disîram? Hoeveel maal daags moet het begoten - worden? -Sa kâli sâja, petăng-âri, pukul Maar eens, ’s namiddags zoo wat om -lima bagitu. vijf uur. -Sudah terbit (tumbuh) benih itu? Is dat zaad al opgekomen (gegroeid)? -Sudah, tuan. Tidaq jâdi, tuan. Jawel, mijnheer. ’t Is niet -Benih sudah mati. opgekomen (geworden), mijnheer, ’t - Zaad is al dood. -Kâlaw benih kahwa-susu [12], Bij cacao-zaad (als ’t c. z. is), -waktu tanăm endaq lah ôrang jâga moet men op den planttijd behoedzaam -bâik-bâik, masuqkăn benih-ña ke zijn, en het zaad heel recht in den -dalăm tânah bujur sekâli; kâlaw grond doen; anders worden de -tidaq, pokoq-ña nanti béngkoq. boompjes krom. -Tampang-kahwa itu sudah besar, De jonge koffieplantjes zijn reeds -bila datăng ujan, endaq lah groot, wanneer er regen komt, moeten -ditanămkăn di kebon (dipindahkăn ze in den tuin geplant -ka kebon). (overgebracht) worden. -Bila dicâbut, bâik-bâik rusaqkăn Wanneer ze uitgetrokken worden, wees -akar-ña. dan voorzichtig, dat je de wortels - niet beschadigt. -Kâlaw akar-terus bumi itu rusaq, Als de hoofdwortel (wortel recht in -mati lah pokoq-ña. den grond) beschadigd wordt, gaat de - plant dood. -Pekâkas bâñaq sudah rusaq. Van de werktuigen is al veel stuk. -Cangkul dan beliung kûrang, mâu Hak en dissel ontbreken, ’t is -beli lâgi. noodig andere (nog meer) te koopen. -Pekâkas yang surdah rusaq itu Geef de werktuigen, die al kapot -beri pâda tukang-besi, sûruh zijn, aan den smid, laat hem die in -bâiki (betulkăn). orde maken. -Âpa yang kûrang bôleh beli, sâya Wat er ontbreekt kan je koopen, voor -’pu-ña kîra. mijn rekening. -Sâya minta cuti dua âri, tuan Ik vraag twee dagen verlof, -[13]. mijnheer. -Buat âpa? Waarvoor? (om wat te doen?) -Kepâla sakit, tuan, sâya endaq Ik heb hoofdpijn, mijnheer, ik wil -pegi berôbat. me laten genezen (geneesmiddelen - gebruiken). -Aku bôleh beri ôbat. Ik kan geneesmiddelen geven. -Ta bôleh, tuan. Sâya ta mengarti ’t Kan niet, mijnheer. Ik heb geen -ôbat ôrang-putih, sâya endaq verstand van Europeesche -meñcâri bumur (dukun) Melâyu. geneesmiddelen (gen. m. der blanken) - ik wil een Maleischen dokter - opzoeken. -Pârit-pârit semua mâu didălamkăn De sloten moeten alle dieper gemaakt -lâgi; kâlaw tûrun ujan lebăt, ta worden; als er hevige regen valt, -berguna macăm bagini. deugt dit soort niet. -Tânah keras, tuan. De aarde is hard, mijnheer. -Buat jâlan deri sini ka Maak een weg van hier naar de grens -peringgâän kebon. van den tuin. -Lêbar-ña sa depâ cukup lah. Een vadem breed is voldoende - (breedte ervan....) -Di mâna-mâna jumpa sungay mâu Overal waar je een rivier tegen -buat titi kâyu (jembâtan kâyu). komt, moet je een houten vlonder - (houten brug met leuningen) maken. -Titi kâyu-utan, jangan pakay Vlonders van ruw hout (boschhout), -pâpan, kâyu bulăt sâja. je moet geen planken gebruiken, rond - hout (stammen) maar. -Bubuh tânah di âtas-ña, supâya Leg er aarde boven op, dat er een -kuda bôleh lâlu (biar kuda bôleh paard overheen kan (voorbij kan -lâlu). gaan). - - - - - - - -15. GESPREK MET EEN TUINMAN. - - -Tukang-kebon âda menanti, tuan. De tuinman staat te wachten, - mijnheer. -Malăm sekârang (nanti malăm) âda Van avond eten hier menschen, je -ôrang makan di sini, côba câri moet ’s een boel bloemen zoeken, en -bunga bâñaq-bâñaq, âturkăn di op de etenstafel rangschikken. -mêja-makan. -Bunga macăm mâna tuan suka? Wat voor soorten van bloemen - verlangt u? -Âpa yang âda jâdi lah. Al wat er maar is, is goed (lett. - wat dat er is, wordt, slaagt). -Pegi ka kebon-bunga, minta pâda Ga naar de bloementuin, vraag aan -tuan yang meñjâga di situ, dia den heer die daar toezicht houdt -endaq memberi. Bâwa bakul, bôleh (waakt), die zal er je geven. Neem -diïsi-ña. een mand mee, die kan hij vullen. -Petik bunga mêrah dua tiga Pluk twee of drie roode bloemen. -tangkay. -Bunga mêrah t’âda, tuan. Roode bloemen zijn er niet, - mijnheer. -Tidaq mengâpa (tidaq peduli), Dat doet er niet toe, zoek allerlei -câri dâun-dâun-kâyu, mâna yang boomblaren, al die mooi zijn. -éloq. -Kebon ini saperti utan rupâ-ña: Deze tuin ziet eruit als een -penuh tumbuh-tumbuhan. wildernis; hij is vol onkruid - (opgroeisels). -Aku pikir kaw malăs benăr. Ik geloof (denk), dat jij erg lui - bent. -Pekâkas t’âda, tuan, mâna bôleh Er zijn geen gereedschap, mijnheer; -kerjâ betul? hoe kan men dan goed werken? -Nanti aku beri duit (wang), Ik zal je duiten (geld) geven, dan -bôleh beli âpa-âpa yang kûrang. kan je al wat ontbreekt koopen. -Bâik lah, tuan; nanti sâya Goed, mijnheer; ik zal een hak, een -membeli cangkul, sisir-tânah, hark en een gieter koopen. -sîrâman. -Bâik engkaw beli ’t Zou goed wezen, dat je zoowat -bârang-dua-puluh pasu, masuqkăn twee-en-twintig bloempotten kocht, -bunga ke dalăm-ña. en de bloemen erin zette. -Jâlan ini ta bâik sekâli, côba Deze paden (wegen) zijn heelemaal -betulkăn. niet goed, toe, maak ze in orde. -Añcurkăn bâtu, târoh di jâlan, Maak steenen stuk (vergruizel -kemudian bubuh pasir di âtas-ña steenen), leg ze op de paden, daarna -(tudung dăngan pasir). leg je zand erover heen (dek ’t toe - met zand). -Rumput di kebon sudah terlâlu Het gras in den tuin is al veel te -tinggi-ña, côba potong pèndèq. hoog; zeg, snij ’t eens kort af. -Tidaq sampay, mâu lebih pèndèq Niet genoeg, ’t moet nog korter. -lâgi. -Bunga ini sudah berâpa lâma Hoe lang heb je die bloemen al niet -tidaq kaw sîram? Semua lâyu begoten? Ze zien er alle verlept -rupâ-ña. uit. -Kâlaw tidaq disîram, nanti mati Als ze niet begoten worden, gaan ze -sekâli. alle dood. -Mâna sîrâman? Sîram sekârang. Waar is de gieter? Begiet ze nu. -Tong-âir sudah kosong. De waterton is al leeg. -Kâlaw tidaq diïsi sa-âri-âri, Als ze niet dagelijks gevuld wordt, -bagi-mâna bôleh sîram bunga? hoe kan je dan de bloemen begieten? -Pagăr itu sudah bûruq rupâ-ña. Die schutting (heining, heg) ziet er -Betulkăn. al vermolmd uit. Maak ze in orde. -Sampah-sampah ini angkat semua, Dit vuil (deze afval) moet je -bâwa keluar dalăm gerôbaq. altemaal opnemen (wegnemen), en in - een kruiwagen wegbrengen. -Biâsâ-ña sâya bakar petăng-âri, Gewoonlijk verbrand ik het ’s -tuan. avonds, mijnheer. -Bôleh juga. Dat mag ook. - - - - - - - -16. GESPREK MET EEN WASCHMAN EN ZIJN KNECHT. - - -Sûruh dobi mâri ésoq [14]. Laat den waschman morgen hier - komen. -Sediakăn (siapkăn) pakâyan kotor Leg het vuile goed alles heel vroeg -semua pâgi-pâgi, endaq ku beri klaar, ik wil het aan den waschman -pâda dobi. geven. -Bila dobi datăng, beri tâu Wanneer de waschman komt, geef er -pâda-ku (sama aku). mij dan kennis van. -Bilang pakâyan semua, periksa Tel al de kleeren, ga ze goed na, -bâik-bâik, kâlaw betul tidaq. of ze in orde zijn of niet. -Semuâ-ña betul, ñôñah. Alles is in orde, mevrouw. -Tidaq betul, ñôñah, sapu-tangan ’t Is niet in orde, mevrouw, er -kûrang sa lay, bâju (jas) kûrang ontbreekt een zakdoek, bovendien is -dua lay, lâgi sârung-bantal sa een kussensloop niet van u; ’t is -lay bukan ñôñah ’pu-ña, sudah verruild met een van iemand anders; -tukar dăngăn ôrang ’pu-ña; van dit paar kousen ontbreekt er -sârung-kaki (kâos) ini kûrang een; ook is dit lijfje gescheurd. -yang sa belah; lâgi kutang ini -kôyaq. -Kaw kâta pâda dobi, aku ta mâu Je moet aan de waschman zeggen, dat -bâjar upah-ña ingga sampay ik zijn loon niet betalen wil, -dibâwâ-ña pakâyan semua yang voordat (totdat) hij al de nu -kûrang sekârang ini; ontbrekende kleedingstukken -sârung-bantal ini sûruh bâwa teruggebracht heeft; laat hem deze -pulang, bâwa kembâli aku ’pu-ña. kussensloop naar zijn huis brengen - en de mijne terugbrengen. -Dobi, âpa sebab kaw tidaq cuci Waschman, waarom heb je deze -(bâsuh) betul pakâyan ini? Ta kleeren niet behoorlijk gewasschen? -bâik sekâli rupâ-ña. Bâñaq kôyaq, Ze zien er volstrekt niet goed uit, -lâgi kûrang kañji. ook ontbreekt er stijfsel aan. -Bâwa pulang pakâyan ini, cuci Neem deze kleeren mee naar huis, -lâgi sa kâli, dan târoh kañji wasch ze nog eens, en doe er ruim -cukup-cukup. stijfsel in. -Kâlaw kaw cuci pakâyan-ku, berâpa Als je mijn kleeren wascht, hoeveel -kaw minta upah-ña? vraag je dan als loon? -Tiga ringgit sa-râtus lay, ñôñah. Drie dollar (rijksdaalders) per - honderd stuks, mevrouw. -Tetapi aku mâu bâyar sa bulan sa Maar ik wil eens in de maand -kâli, bukan bilangan pakâyan. betalen, niet per stuk (geen - telling der kleederen). -Kâlaw bagitu, ñôñah bôleh bâyar Dan kan u mij drie dollar per maand -sâma sâya tiga ringgit sa bulan (zes gulden per maand) betalen. -(enăm rupiah sa bulan). -Bâik lah, kaw bôleh datăng di Goed, je kunt hier iederen Maandag -rumah-ku membâwa pakâyan cuci aan huis ’t schoone goed komen -(beresih) dan menerima pakâyan brengen en ’t vuile in ontvangst -kotor, tiap-tiap âri senèn. nemen. -Kâin yang dua lay ini aku mâu Deze twee kain’s wil ik morgen -petăng ésoq, ta bôleh tidaq. namiddag (avond) zonder mankeeren - (’t mag niet niet) hebben. -Kâlaw pânas, bôleh sâya bâwa, Als er zon is, kan ik ze brengen -ñôñah, kâlaw ujan ta bôleh. mevrouw, als ’t regent niet. -Kâlaw kaw côba, tentu bôleh bâwa, Als je ’t probeert, kan je ze zeker -bâik pânas bâik tidaq. brengen, of er zon is of niet. -Rompi (wiskăt) ini tidaq betul Dit vest is niet goed gevouwen, ’t -lipat-ña, bâñaq kedut. is vol kreuken (veel kreuken). -Seluar (celâna) ini jangan târoh In deze broek moet je geen stijfsel -kañji, aku suka lembut, tapi doen, ik heb hem liever zacht maar -setrika bâik-bâik. je moet hem goed strijken. -Kemêja ini sudah rusaq, kaw pakay Dit hemd is bedorven, je hebt een -besi-setrika terlâlu angăt, sudah al te heet strijkijzer gebruikt, ’t -angus sekâli. Nanti ku potong is heelemaal verbrand. Ik zal een -upah-mu sâtu ringgit. dollar van je loon inhouden - (afsnijden). -Âpa tumpuq-tumpuq mêrah di celâna Wat zijn die roode vlekken op die -putih ini? witte broek? -Itu tâi-besi, ñôñah, kenâ Dat’s ijzerroest, mevrouw, van de -kañcing. knoopen (geraakt door de knoopen). -Mâna bôleh kenâ kañcing di situ? Hoe kan het daar de knoopen raken? -Itu bekas ludah-sîrih. Cuci lâgi Dat zijn sporen van sirih-spuug. -sa kâli sampay ilang semua Wasch ’t nog ’s over totdat al de -tumpuq-ña. vlekken weg zijn. - - - - - - - -17. GESPREK MET EEN STALKNECHT. - - -Kaw meñcâri kerjâ sâis kah Zoek je werk als staljongen -(tukang-kuda kah)? (paardejongen)? -Kaw panday kah kerjâ-kuda? Kan je met paarden omgaan? (Ben je - bekwaam in paardenwerk?) -Aku âda dua ékor kuda—sa pasang Ik heb twee paarden—een span—jij -(jori)—kaw endaq meñjâga yang sa moet een er van verzorgen, bovendien -ékor, lâgi jâdi kusir (coachman) koetsier zijn, wanneer ik dat -kâdang-kâdang, bila aku suka, verlang, en ook nog helpen met het -dan lâgi tulung cuci (bâsuh) schoonmaken van ’t paardetuig. -pakâyan-kuda. -Makânan kuda aku yang membeli, ’t Voeder voor de paarden koop ik, -maka sa-âri-âri kaw minta sâma en dagelijks vraag jij dat aan den -boy (jongos), dia bôleh beri huisjongen, die kan je voeder voor -makânan cukup sa âri. een dag (genoeg) geven. -Berâpa tuan beri makan sa ékor Hoeveel voeder geeft u éen paard per -kuda sa âri? dag? -Tiap-tiap âri kaw endaq lah beri Iederen dag moet je de paarden drie -makan tiga kâli pâda kuda, sa maal te eten geven, in eens twee -kâli makan pâdi dua cupaq, „cupaq” pâdi (een vierde „gantang”), -kacang sa cupaq, busi (dedăk) sa een „cupaq” Indische paardeboonen, -tengah cupaq. en een halve „cupaq” zemelen. -Aku mâu krêta ésoq pâgi pukul Ik wil morgen ochtend om tien uur ’t -sa-puluh, ’naq pegi ke rijtuig hebben, ik wil naar -Singapûra. Singapoer gaan. -Kuda jori kah (sa pasang kah)? ’t Span paarden? -Tidaq, kuda tunggal. Neen, een enkel paard. -Kuda ităm, kuda mêrah, kuda ’t Zwarte paard, ’t bruine paard, ’t -belang, kuda abluq. gevlekte paard (de schimmel), ’t - muiskleurige paard. -Pegang kuda ini sabentar. Hoû dit paard een oogenblik vast. -Legam (kekang) sudah bekârat, ’t Bit is al verroest, waarom maak -âpa fasal (âpa sebab) tidaq kaw je ’t niet beter schoon? -cuci (beresihkan) lebih bâik? -Gosoq bâik-bâik, kemudian târoh Poets (wrijf) ’t goed, daarna doe je -miñaq-selâda sedikit. er wat slâ-olie op. -Ras (tâli kekang, lès) kîri De linkertoom is in de war, maak dat -kusut, betulkăn. in orde. -Jut (setrèng) belom diïkătkăn! De strengen zijn nog niet -Âpa sebab kaw tidaq peratikăn vastgemaakt! Waarom let je er niet -bâik-bâik? Kâlaw kuda lâri goed op? Als ’t paard nu er van door -sekârang, nanti jehânam kita. gaat, zijn wij gefopt (in de hel). -Lepaskăn kuda, lepaskăn Laat ’t paard los, laat den kop los. -kepâlâ-ña. -Nâik di belâkang. Stijg achter op. -Mâna câbuq (cambuq)? Waar is de zweep? -Mâna cemeti? Waar is de karwats? -Tertinggal, tuan. Die is achtergebleven, mijnheer. -Lekas pegi mengambil ña. Ga ’m gauw halen. -Jâlan lah, aku ta bôleh menanti Ga je gang, ik kan niet langer -lâgi. Jâlan pelâhan-pelâhan. wachten. Rij (ga) langzaam. -Lekas lâgi! Nog sneller! -Pukul sedikit. Sla ’m een beetje. -Ta bôleh pukul, tuan, nanti dia Slaan mag niet, mijnheer, anders -jâhat (nakal). wordt hij kwaadaardig (ondeugend). -Pegang rôda, pusingkăn Hoû het wiel vast, draai ’t. -(putărkăn). -Letaqkăn pakâyan itu, mâri sini Leg dat tuig neer, kom hier en hoû -pegang kuda. het paard vast. -Kaw berbuat âpa? Jangan pegang Wat voer je uit? Hoû het paard niet -kuda bagitu. zoo vast. -Bagimâna mâu pegang, tuan? Hoe moet hij dan vastgehouden - worden, mijnheer? (Hoe wil ’t - vastgehouden?) -Pegang dekăt kekang-ña Houd ’m vast dicht bij ’t bit met -(legam-ña), dua-dua tangan sa beide handen te gelijk. -kâli. -Nanti gigit, tuan. Hij zal me bijten, mijnheer. -Ta bôleh gigit. Hij kan niet bijten. -Kuda ini meñépaq kah? Slaat dit paard? -Tidaq, tuan, jinaq benăr, tidaq Neen, mijnheer, hij is erg mak, -nakal sekâli; tidaq bertingkah. heelemaal niet kwaad (ondeugend); - heeft geen kuren (streken, grillen, - bizondere manieren). -Pasang krêta: aku endaq makan Span ’t rijtuig in: ik wil een -angin sedikit. toertje doen (lett. een beetje wind - eten). -Kuda sakit, tuan: ta bôleh ’t Paard is ziek, mijnheer; hij kan -pakay. niet gebruikt worden. -Kûrang âpa? Wat mankeert hij? -Sakit serdi, tuan. De droes, mijnheer. -Panggil tuan doktor-hêwan, minta Laat den paardenarts komen (lett. -beri ôbat. roep...) verzoek hem geneesmiddelen - te geven. -Kuda sakit bâtuq, dua tiga âri ’t Paard hoest (heeft hoestziekte), -bôleh bâik pula. in twee of drie dagen kan hij weer - gezond (goed) zijn. -Aku arăp bagitu, tetapi perlu Dat hoop ik (lett. ik hoop zoo), -kaw belâ (peliâra) bâik-bâik. maar ’t is noodzakelijk, dat je ’m - goed oppast. -Berâpa âri lâgi bâru bôleh Binnen hoeveel dagen is hij pas weer -pakay? te gebruiken? (lett. hoev. dagen nog - pas kan (men) gebruiken?) -Jangan beri kăn dia makan rumput Geef hem niet te veel gras te eten, -terlâlu bâñaq, sa kâli makan sa eens per dag is genoeg (eens eten -âri cukup lah. een dag...) -Mâu nâik kuda ésoq petăng pukul Ik wil morgen namiddag om vier uur -empat, bâwa kuda ke kantor paard rijden, breng het paard naar -(ufis). ’t kantoor. -Belâkang-ña luka, ta bôleh pakay Zijn rug is gewond, hij kan geen -sêla (jin, pelâna), tuan. zadel velen, mijnheer. (lett. niet - kan gebruiken een zadel). - - - - - - - -18. GESPREK MET EEN SCHRIJVER. - - -Jûru-tulis, jangan datăng Schrijver, je moet niet zoo laat -siang-âri bagitu. Sudah berâpa komen (zoo in de „siang”, het deel -kâli sâya kâta: ta bôleh tidaq van den dag van 10–3). Hoeveel maal -datăng pâgi pukul tujuh betul. reeds heb ik gezegd, dat je zonder -Kâlaw siang-âri bagitu, mankeeren ’s morgens precies om -pekerjâän ta bôleh âbis. zeven uur moest komen (lett. dat je - niet niet mag komen...) Als ’t zoo - laat is, kan ’t werk niet af komen. -Âda pekerjâän âpa, tuan? Wat is er voor werk, mijnheer? -Âda sûrat-sûrat ini, bâru sampay Er zijn deze brieven, die gisteren -semalăm. Semua mâu dibalăs pas (aan)gekomen zijn. Ze moeten -lekas-lekas. alle zeer spoedig beantwoord worden. -Balâsan sûrat itu târoh di mêja Leg ’t antwoord op dien brief daar -kecil situ, lâinkăn deri op die kleine tafel (op gindsche kl. -sûrat-sûrat lâma. t.) houd ’t afgescheiden van de - andere brieven (zonder ’t af van...) -Sûrat dua lay ini sâlin Schrijf deze twee brieven goed over. -bâik-bâik. -Sâlinan ini tidaq bôleh pakay: Dit afschrift kan ik niet gebruiken: -congkah-mangkih hurûf ña, lâgi de letters staan schots en scheef, -kûrang terang tulisan-ña. Sâlin bovendien is ’t schrift minder -sa kâli lâgi. duidelijk, schrijf ’t nog eens over. -Sampul-sûrat (sârung-sûrat) De enveloppen zijn op, mijnheer. -sudah âbis, tuan. -Kepâla-râja (prangko) cukup-kah? Zijn er genoeg postzegels? -Cukup, tuan, macăm mêrah lâgi sa Jawel (genoeg) mijnheer, van de -râtus lay. roode (roode soort) nog honderd - stuks. -Jûru-tulis, jangan beli Schrijver, je moet niet meer van dit -kertas-kembang yang macăm bagini soort vloeipapier koopen, mijn brief -lâgi: sûrat sâya ini is vol met vlekken. -cûring-mûring sekâli. -Sâya minta pènah bâru. Ik verzoek u om een nieuwe pen. -Sûrat Melâyu ini mâu ditulis Deze Maleische brieven moeten met -dăngăn qalam dan dawât, ta bôleh een qalam (Arab. pen) en dawât -pakay pènah dan tinta. (Arab. inkt) geschreven worden, je - moogt geen gewone pen en inkt - gebruiken. -Ini belom dicap. Ambil lak Dit is nog niet gestempeld. Haal -mêrah, ta bôleh lak ităm. roode lak, zwarte mag niet. -Bagi-mâna buñi sûrat yang bâru Hoe luidt die brief, die pas gekomen -datăng itu? Côba bâca. is? Lees ’m eens voor. -Priksa tanda-tangan-ña itu. Kijk die handteekening ervan eens -Siâpa nâmâ-ña yang mengirim? na. Hoe is de naam van den afzender? -Sudah sâya sâlin sûrat ini Ik heb deze brieven reeds alle -semua, tuan; kûrang tanda-tangan overgeschreven, mijnheer; er -tuan sâja. ontbreekt alleen uw handteekening - aan. -Sudah. Sekârang sûruh bâwa ke Goed (afgedaan). Laat ze nu naar ’t -kantor-pos. Ambil kartu-pos ini postkantoor brengen. Neem meteen -sa kâli. deze brief kaart mee. -Sudah kah kaw timbang sûrat yang Heb je dien dikken brief al gewogen? -tebăl itu? Berâpa berat-ña? Hoeveel weegt hij? (Hoeveel is de -Kâlaw lebih deri lima-belas zwaarte ervan?) Als ’t meer dan 15 -gram, mâu pakay dua lay gram is, moet je twee postzegels -kepâla-râja. gebruiken. -Daftar ini mâu dijidâri Dit register moet geliniëerd worden, -(digâris), jûru-tulis. Mâna schrijver. Waar is de liniaal? -jidâran (mistar)? -Itu lah, tuan, dekăt Daar, mijnheer, bij den inktkoker. -tempat-tinta. -Nah, bagini, gâris yang bujur Kijk, zoo, rechte en duidelijke -lâgi terang. Tulis dăngăn potlot lijnen. Trek (schrijf) ze maar met -sâja. potlood. -Angkat kertas-kertas ini Neem al deze papieren weg, -semua, masuqkan di tempat-sûrat, doe ze in de portefeuille, daarna -kemudian simpăn di kôtaq di berg je ze op in de schrijftafel. -mêja-tulis. - - - - - - - -19. GESPREK MET EEN SCHOENMAKER. - - -Sepâtu (kasut) ini sudah bûruq, Deze schoenen zijn al versleten. Ik -ta bôleh pakay lâgi. kan ze niet meer gebruiken. -Âda kah tukang-sepâtu (-kasut) di Is er een schoenmaker hier? -sini? -Kâlaw âda tukang yang bâik, Als er een goede is, roep hem dan, -panggil dia, aku endaq sûruh buat ik wil hem schoenen laten maken. -sepâtu. -Sepâtu sâya tâu buat, tuan, Schoenen kan ik maken (weet ik te -tetapi setiwăl (but) sâya kûrang maken) mijnheer; maar laarzen -panday. minder (ik minder bekwaam). -Buat sepâtu sâtu pasang dulu; Maak eerst een paar schoenen; dan -nanti sâya liat, kâlaw bâik âtaw zal ik ’s zien, of ze goed zijn of -tidaq; kemudian kâlaw bâik, bôleh niet; als ze goed zijn, kan ik -sâya pesăn lâgi. later nog meer bestellen. -Âda kah kaw bâwa conto Heb je staaltjes van schoenleder -kulit-sepâtu? meegebracht? -Kulit ini ta bâik, nipis (tipis) Dit leder is niet goed, ’t is zeer -sekâli. dun. -Kulit kilat sâya mâu. Ik wil verlakt (glanzend) leder. -Côba buat setiwăl (but) sa Maak ’s een paar laarzen, ik zal je -pasang, nanti sâya beri conto. een model geven. -Sepâtu ini ta bôleh pakay, pèndèq Deze schoenen kan ik niet -sangăt (âmat), lâgi sempit, kaki gebruiken, ze zijn te kort en -ta bôleh masuq. bovendien nauw, de voeten kunnen er - niet in. -Côba, buat lâgi sa pasang, besar Maak nog ’s een paar, een beetje -sedikit deri ini, lâgi pañjang. grooter dan deze, en ook wat - langer. -Kulit ini keras sekâli. Âda kah Dit leder is zeer hard. Is er geen -lâin yang lebih lembut? ander, dat zachter is? -Bôleh kah kaw buat setiwăl (but) Kan je hooge (lett. lange) laarzen -pañjang, pakay nâik kuda, kâlaw maken, om bij ’t paardrijden te -sâya beri contô-ña? dragen, als ik ’t model er van - geef? -Bôleh sâya côba, tuan. Ik kan ’t probeeren, mijnheer. -Sâya mâu sepâtu putih Ik wil witte schoenen hebben -(sepâtu-kâin), tâli-ña saperti (doeken schoenen), de bandjes -ini. (touwtjes) als deze. -Tidaq dăngăn tâli, dăngăn getah Zonder bandjes, met elastiek aan -sabelah-meñabelah. weerskanten. -Kûlit mêrah itu sâya ta suka, ta Dat roode leder bevalt mij niet, ’t -éloq, lâgi lekas rusaq. Sâya is niet mooi, en ook (nog) is ’t -endaq menanti sampay kaw dapăt gauw kapot. Ik zal wachten tot je -kulit Êrôpah. Europeesch leder ontvangt. -Tâpaq-ña buat tebăl (nipis) Maak de zolen een beetje dikker -sedikit. (dunner). -Tumit-ña tinggi âmat (rendah De hielen zijn te hoog (te laag). -âmat). -Âda kah jual cinêla (slop)? Verkoop je muiltjes (sloffen)? -Cinêla (slop) macăm âpa tuan Wat voor soort muiltjes (sloffen) -suka? Macăm Cina ini âlus sekâli. verlangt u? Deze Chineesche zijn - zeer fijn. -Cerpu (slop) ini mûrah, tetapi Deze sloffen zijn goedkoop, maar -kasar sâja. Yang deri rumput ini grof (slechts). Deze van matwerk -cuma lima-belas sèn sa pasang. (lett. gras) kosten slechts - vijftien cent het paar. -Bôleh ambil enăm pasang sa kâli, U kan zes paar tegelijk nemen, want -sebab tidaq tâhan lâma: dipakay ze houden niet lang; als ze een -sa bulan sudah rusaq. maand gebruikt zijn (gebruikt een - maand) gaan ze al stuk. - - - - - - - -20. GESPREK MET EEN KLEERMAKER. - - -Aku mâu tukang-meñjâit, sûruh Ik moet een kleermaker hebben, laat -dia datăng lusa pâgi pukul tujuh hem overmorgen om zeven uur precies -betul. komen. -Bâba [15], sâya mâu sûruh buat Bâba, ik wil een jas laten maken. -jas (kôt). Âda kah bâba bâwa Heb je staaltjes van stoffen -conto kâin-kâin? meegebracht? -Bukan kâin putih, kâin tebăl Geen wit goed, dik goed (laken) wil -(sengkelat, lakăn) sâya mâu. ik hebben. -Âda kah conto lâin deri ini? Zijn er ook andere staaltjes? -Di rumah âda, tuan, tetapi t’âda Thuis wel (zijn er), mijnheer, maar -sâya bâwa. ik heb ze niet bij me (niet - meegebracht). -Tuan bôleh dapăt bâñaq lâin-lâin U kan veel andere soorten van -macăm kâin di gedong (di tôko). stoffen in den winkel krijgen. -Tidaq âpa, bôleh sâya beri ’t Doet er niet toe, ik kan je de -kâin-ña. Berâpa êlo cukup buat stof geven. Hoeveel el is genoeg om -celâna (seluar) sa lay? een broek te maken? -Ambil ini. Kâlaw tidaq cukup, Neem dit. Als ’t niet genoeg is, kan -bôleh sâya beli lâgi. ik nog meer koopen. -Kâin ini tebăl âmat (sangăt), Dit goed is te dik, breng wat dunner -bâwa yang lebih nipis (tipis). is. -Kâin ini terlâlu ităm, sâya suka Deze stof is te donker, ik wilde het -putih sedikit deri ini. Côba wat lichter (witter) dan dit hebben. -carikăn. Zoek dat ’s. -Susah dapăt, tuan, tetapi bôleh Dat ’s lastig te krijgen, mijnheer, -sâya carikăn. maar ik kan er wel naar zoeken. -Kâlaw sâya beri kâin-ña, maka Als ik de stof geef, hoeveel -berâpa sâya bâyar upah meñjâit naailoon betaal ik dan voor een -seluar sa lay? broek (hoeveel loon om te naaien een - broek)? -Kâlaw tuan ambil sa lôsin sa Als u een dozijn tegelijk neemt, kan -kâli, bôleh sâya jual dua ik ze voor twee rijksdaalders -ringgit sa lay. (dollar) per stuk geven (verkoopen). -Mâhal sangăt itu, sâya pikir Dat ’s erg duur, ’t komt me -lebih deri pâtut-ña. onbehoorlijk voor (ik denk meer dan - ’t behoorlijke). -Dalăm berâpa âri bôleh sudahkăn In hoeveel dagen kan je dezen broek -(âbiskăn) seluar ini? afmaken? -Côba, bâwa ésoq petăng, sâya Zie dat je ’m morgennamiddag brengt, -berkaendak sangăt pâda âri itu. ik woû ’m heel graag dien dag -Kâlaw kerjâ râjin-râjin, tentu hebben. Als je er ijverig aan werkt, -bôleh diâbiskăn. kan ’t zeker klaar komen (afgemaakt - worden). -Nanti sâya côba, tuan. Ik zal ’t probeeren, mijnheer. -Kâlaw bâba beli sendîri kâin-ña, Als jij zelf goed koopt, hoeveel is -berâpa arga sa lôsin? Sâya mâu dan ’t dozijn? Ik wil anderhalf -tengah dua lôsin. dozijn. -Jas (kôt) ini terlâlu besar Deze jas is te groot (ruim, -(longgar) lâgi lengăn-ña tidaq slobberig), bovendien zijn de mouwen -sâma, sâtu pañjang sâtu pèndèq. niet gelijk, de eene is lang, de -Bâwa pulang, betulkăn. andere kort. Neem ’t mee naar huis - en maak ’t in orde. -Lâpisan ini sudah rusaq ketéaq Deze voering is kapot aan den oksel -dan siku-ña, ganti kâin bâru en den elleboog, doe er nieuw goed -(tampal), lâgi betulkăn in (vervang door nieuw goed) (lap -kelim-ña. het), maak bovendien de zoom in - orde. -Mâu kâin setrâ (sutra), tuan? Wil u zijde, mijnheer? -Kâin yang sa-rupa ini mêmang. Natuurlijk goed als dit. -Kâlaw berlâpis setrâ (sutra) Als ’t met zijde gevoerd is, is het -lebih mâhal argâ-ña. duurder (de prijs ervan). -Saku bâju ini tidaq sampay De zakken van dit buis zijn niet -dalăm-ña. diep genoeg. -Bagimâna kaw buat ini, pakay Hoe heb je dit gemaakt, met een -mâsin-meñjâit âtaw pakay jârum naaimachine (gebruikt een naaim.) of -sâja? maar uit de hand (gebruikt een - naald)? -Minta wang sedikit, endaq Ik vraag wat geld, om een schaar, -membeli gunting, jârum, benang, naalden, garen, spelden en een -peniti, didal (sârung-jâri). vingerhoed te koopen. -[16] - - - - - - - -21. GESPREK MET EEN TIMMERMAN EN MET EEN WAGENMAKER. - - -Panggil tukang-kâyu. Roep den timmerman. -Mêja ini sudah rusaq, kaki-ña Deze tafel is kapot (al kapot), de -sudah pâtah, côba betulkăn. poot is gebroken, maak ze ’s in - orde. -Bôleh kah tukang buat krusi Kan je stoelen maken als deze? -saperti ini (sa-rupa ini)? -Berâpa sâtu? Hoeveel komen ze per stuk (Hoeveel - éen)? -Kâlaw kaw buat sâtu lôsin sâma Als je een dozijn voor me maakt, kan -sâya, bôleh kah kûrang argâ-ña? ’t dan goedkooper (kan ’t minder de - prijs ervan)? -Bôleh kah dapăt kâyu sa-rupa ini Kan men hout als dit te Singapoer -di Singapûra? krijgen? -Sebârang kâyu yang liat jâdi Alle mogelijke taai hout is goed. -lah. -Buat dăngăn yang bâik saperti Maak ze van (lett. met) goed hout, -merbaw âtaw belian. zooals merbaw of belian (ijzerhout). -Târoh cèt-sampang. Doe er politoer (vernis) op. -Jangan pakay kâyu mêrah. Gebruik geen rood hout. -Kaki mêja ini pañjang sedikit. Deze tafelpoot is wat lang. -Côba potong, sâmakăn pañjang-ña Snij ’m af, maak hem even lang als -dăngăn lâin kaki (temăn-ña). de andere pooten (zijn gezellen, - kameraden). -Ta bôleh sâya buat di sini, Ik kan ’t hier niet doen, mijnheer: -tuan: t’âda bâwa pekâkas. Nanti ik heb geen gereedschap meegebracht. -sâya pulang dulu, mengambil Ik zal eerst naar huis gaan, om de -pekâkas yang cukup. noodige gereedschappen te halen - (gereedschappen die voldoende zijn). -Bâik lah, tetapi lekas bâlik, Goed, maar kom gauw terug, dit werk -kerjâ ini mâu diâbiskan âri ini moet van daag nog af. -juga. -Mêja ini bâik diketamkăn Deze tafel moet (lett. is goed) een -sedikit, âtas-ña sudah kotor, beetje afgeschaafd worden, ze is van -lâgi tidaq râta. boven smerig en ook niet effen. -Téngoq, sudah renggang, côba Kijk ’s, er is een reet in, laat ’t -rapătkăn pula. weer aansluiten. -Bôleh kah buat itu? Senăng kah Kan je dat doen? Is ’t gemakkelijk -susah? (Gampang kah, susah?) of moeilijk? -Sâya mâu mêja buntăr sa buah Ik wil een ronde tafel voor de -pakay di dapur, jangan kâyu keuken (gebruikt in de keuken), -mâhal-mâhal, pañjang lima kaki, gebruik geen erg duur hout, de -lébar dua kaki sa tengah, tinggi lengte moet zijn vijf voet, de -bârang tiga kaki. Itu berâpa breedte twee en een half, de hoogte -argâ-ña? zoowat drie. Hoeveel kost zoo een - (die)? -Krusi kaw bâwa semalăm itu Van de stoelen, die je gisteren -sampang-ña (pulitur-ña) belom gebracht hebt, is ’t politoersel nog -kering, jâdi sudah lekang. Bâwa niet geheel droog, zoodat ’t -pulang krusi itu, târoh sampang opgebold (losgeschilferd) is. Neem -lâgi sa kâli; bila sudah sampay die stoelen mee naar huis, doe er -kering, bâwa bâlik (kembâli). nog eens politoer op; als ze al - voldoende droog zijn, breng je ze - terug. -Krêta sudah pecah, bâik pegi ’t Rijtuig is (reeds) stuk, je moet -meliat, kemudian bâlik kemâri er eens naar gaan kijken (lett. goed -memberi tâu pâda sâya berâpa te gaan zien), kom daarna hier -upah kaw minta membetulkăn-ña. terug, om mij mee te deelen hoeveel - loon je vraagt om ’t te repareeren. -Dua tiga bâtang kâyu-rôda mâu Twee of drie spaken van een rad -diganti, lâgi bom kânan sudah moeten vervangen worden, bovendien -pâtah dan cèt (cat) dua tiga is de rechterboom (reeds) kapot, en -tempat sudah ilang. de verf is op twee of drie plaatsen - eraf (verdwenen). -Jangan léngah membuat krêta itu, Treuzel niet met het maken van het -sâya mâu pakay lekas. rijtuig, ik wil ’t spoedig - gebruiken. -Bôleh kah buat kăn sâva krêta Kan je een nieuw rijtuig maken, een -bâru, băgi (buggi) empat-rôda buggy op vier wielen, zooals die -saperti yang dipakay tuan Ânu? mijnheer N. N. gebruikt? -Kâlaw buat krêta bâru, berâpa Als je een nieuw rijtuig maakt, in -âri bôleh âbis? hoeveel dagen kan dat dan klaar - zijn? -Kap-ña buat dăngăn kulit ităm Maak de kap van zeer goed zwart -yang bâik sekâli, âlaskăn dăngăn leder, bekleed het met donkerblauwe -kâin bîru-tua dalăm-ña, tilăm-ña stof van binnen, de kussens moet je -buat dăngăn kulit bîru-tua yang maken van donkerblauw leder in -sa-rupa dăngăn kâin tâdi, krêta overeenstemming met die stof (van -semua târoh cèt ităm dăngăn zooeven) ’t heele rijtuig moet je -gâris bîru; sampang-ña sapu tiga zwart verven met blauwe lijnen; ’t -kâli di âtas-ña. Bok-ña beri politoersel (vernis) moet je er -lantêra dua buah; kâcâ-ña mêrah. driemaal overheen strijken. Aan den - bok maak je (geef je) twee lantarens - met rood glas. - - - - - - - -22. AAN HET STATION. - - -Krêta api sudah sampay. Panggil De trein is al aangekomen. Roep een -kuli, sûruh angkat peti-peti koeli, laat hem deze kisten opnemen. -ini. -Tuan sudah pesăn krêta? Heeft u al een rijtuig besteld? -Belom, câri kăn sâtu. Nog niet, zoek er een. -Ay, kuli, angkat bârang ini, Zeg ’s, koeli, neem dit goed op, -bâwa ke krêta. breng ’t naar ’t rijtuig. -Tidaq mampu (kuat) sâya Ik ben alleen daartoe niet in staat; -sa-ôrang, nanti sâya panggil ik zal een paar kameraden roepen. -temăn sâya dua ôrang. -Kopor ini terlâlu berat. Deze koffer is zeer zwaar. -Bâik-bâik jâtohkăn, isi-ña Pas op, dat je ’m niet laat vallen; -bârang pecah-belah. er is breekbare waar in (de inhoud - is br. w.) -Jangan banting-banting bagitu. Je moet niet zoo smakken en smijten. -Mâu pakay tâli, tidaq bôleh kâmi We moeten een touw gebruiken, we -angkat bagini. kunnen hem zoo niet optillen. -Berâpa upah-mu? Hoeveel is je loon? -Tuan ’pu-ña suka (suka tuan Dat laat ik aan mijnheer (lett. uw -lah). genoegen). -Ini lah. Hier is ’t. -Minta tambah sedikit, tuan. Ik vraag er wat bij, mijnheer. -Bârang tuan itu bâñaq, lâgi U heeft veel goed (uw goed is veel) -berat sekâli. en ’t is bovendien erg zwaar. -Biar sabagini sâja. Laat ’t maar zooveel wezen. -Sampay lah. Dat ’s genoeg. -Terima kâsih, tuan. Dank u, mijnheer. -Kusir, jâlan lah. Bâwa aku ke Koetsier, vooruit. Breng me in ’t -rumah-makan Wiese. Kaw tâu hotel Wiese. Weet je den weg? -jâlan-ña? -Tâu, tuan, tidaq berâpa jâuh Jawel, mijnheer, ’t is niet erg ver -deri sini. van hier (niet bizonder ver van - hier). -Itu dia. Tuan tûrun dulu, nanti Daar is ’t. Stap u eerst uit, dan -sâya tûrunkăn bârang-bârang zal ik de bagage stuk voor stuk eraf -sâtu-sâtu. halen (neerlaten). -Sûruh bâwa masuq. Laat ’t binnen brengen. -Berâpa sêwa-krêta (-sâdo)? [17] Hoeveel is de vrachtprijs (huur) van - ’t rijtuig (de dos-à-dos)? -Ini lah. Hier. -Minta wang-sîrih sedikit, tuan. Ik vraag een fooitje (geld voor - „sîrih”) mijnheer. - - - - - -23. GESPREK MET EEN ZIEKE, OVER ZIEKTEN EN GENEESMIDDELEN. - - -Tuq Bandar minta maäf, tuan, dia Tuq Bandar (verk. van Dâtuq B.) laat -ta bôleh datăng âri ini: sakit. zich excuseeren (vraagt excuus), hij - kan vandaag niet komen, hij is ziek. -Âpa sakit-ña? Wat scheelt hem? (Wat is zijn - ziekte?) -Ta tâu, tuan, bâik tuan pegi Ik weet ’t niet, mijnheer, u moest -meliat sendîri. Sakit-ña sudah maar eens zelf naar hem gaan kijken. -teruq: kâlaw tidaq diôbati Zijn ziekte heeft al diep -(diôbatkăn), bârang-kâli mati. ingegrepen: als hij niet behandeld - (gemedicineerd) wordt, sterft hij - misschien. -Sâya terlâlu susah-ati mendăngăr ’t Spijt me zeer (ik ben zeer -Dâtuq sakit. bezorgd van hart) te hooren dat u - ziek is. -Di mâna Dâtuq merâsa sakit itu? Waar voelt u pijn? -Sakit-kepâla, tuan. Pijn in ’t hoofd, mijnheer. Scheele -Pening-kepâla. Sakit-perut. hoofdpijn. Buikpijn. Pijn aan de -Sakit-kaki. Sakit-dâda. voeten. Pijn aan de borst. -Âpa mâcăm râsa sakit itu? Hoe is die pijn (gevoel van die - pijn)? -Râsa angus, tuan, saperti api. Ik heb een brandend (heet) gevoel, - mijnheer, als vuur. -Susah bernâpas, tuan. Ik adem moeilijk, mijnheer. -Tuñjuqkăn lidah. Dâtuq ke-sungay Laat de tong ’s zien. Gaat u aldoor -(membuang-âir) selâlu, âtaw naar achteren, of is ’t als -saperti âdat kah (saperti biâsa gewoonlijk? -kah)? -Berâpa âri Dâtuq sudah sakit Hoeveel dagen is u al zoo ziek? -bagini? -Lâma, tuan, tetapi dua tiga âri Lang, mijnheer, maar ik ben twee of -sakit, kemudian bâik sedikit drie dagen ziek, en dan weer wat -pula, ta tentu hal-ña. beter, ’t is ongeregeld (niet vast - de toestand ervan). -Bôleh kah Dâtuq bediri? Kan u staan? -Bôleh juga, tuan; tetapi bâwa Jawel (kan), mijnheer; maar ’t doet -sakit; bâring sâja yang senăng pijn (brengt pijn); ’t liggen alleen -sedikit. is eenigszins gemakkelijk. -Côba bangkit sekârang. Sta nu ’s op. (Probeer op te staan - nu). -Ta bôleh, tuan, t’âda kuat. Ik kan niet, mijnheer, ik ben er - niet sterk genoeg voor (lett. niet - sterk). -Malăm-malăm bôleh kah Dâtuq Kan u ’s nachts slapen? -tidur? -Bôleh, tuan; tetapi waktu tidur Jawel, mijnheer; maar wanneer ik -bâdan sâya keluar peluh sâja. slaap, transpireer ik gedurig (lett. -[18] komt er maar zweet uit mijn - lichaam). -Kâlaw bagitu, Dâtuq sakit-demăm Dan heeft u koorts; typheuse, -(ook enkel: demăm); moeraskoorts (malaria, lett. -demăm-kepiâlu, demăm-kûraq, miltkoorts), binnenkoorts. -demăm-ûrat. -Sâya pikir bagitu, tuan, sebab Dat denk ik ook, mijnheer (lett. ik -makan ta bôleh, merâsa saperti denk zoo, m.), want ik kan niet -mâu muntah selâlu. eten, ik voel mij den heelen tijd - misselijk (lett. voel alsof wil - braken steeds). -Bâdan sâya pânas sekârang, tâdi, Nu is mijn lichaam warm, zooeven, -sa belom tuan datăng (kemâri), voordat u kwam (hierheen), was ’t -sejuq sekâli. erg koud. -Mâri, côba sâya râsa nâdi Dâtuq. Kom, laat me ’s even uw pols voelen. -Dâtuq mengisăp kah? Schuift u opium? (lett. zuigt u) -S’ikit-s’ikit, tuan. Zoo nu en dan een beetje, mijnheer. -Berâpa kâli sa âri Dâtuq Hoeveel maal per dag schuift u? -mengisăp? -Pâgi sa kâli, malăm sa kâli. ’s Morgens en ’s avonds eens. -Lebih bâik jangan mengisăp dulu. ’t Is beter, dat u eerst niet meer - schuift. -Nanti ésoq bôleh kita cakăp Morgen kunnen we wel daarover (die -fasal itu. zaak) praten. -Sâya endaq pulang ke rumah Ik wil nu naar huis teruggaan; ik -sekârang; bôleh sâya kîrim kan u medicijn zenden (laten -(antărkăn) ôbat kepâda Dâtuq. aanreiken.) -Âpa macâm ôbat, tuan? Wat voor soort medicijn, mijnheer? -Ôbat dalăm bâlang itu, endaq lah Die medicijn in een flesch, die moet -Dâtuq minum tiga kâli sa âri; u drie maal daags innemen (drinken); -sukat dăngăn sĕndoq besar, sâtu meet het af met een groote lepel, -sĕndoq sa kâli minum [19]. telkens éen lepel (éen lepel éen - keer drinken). -Bila sudah âbis, kîrim bâlik Wanneer ’t al op is, zend dan de -bâlang-ña, bôleh sâya isi (-kăn) flesch terug, dan kan ik ze weer -lâgi. vullen. -Âri ini bâik sedikit râsa bâdan Vandaag voel ik me wat beter, -sâya, tuan. mijnheer (een beetje goed ’t gevoel - van mijn lichaam, m.) -Sukur lah. Bâdan sêhat kah? Gelukkig (dank, d. i. God dank). - Voelt u zich wel? (Lichaam gezond). -Belom sêhat betul; belom sêhat Nog niet heelemaal wel; idem; reeds -sekâli; sudah sembuh. genezen. -Belom bôleh berjâlan. Ik kan nog niet loopen. -Sâya ta bôleh begeraq. Ik kan me niet bewegen. -Côba, geraqkăn kaki. Kom, beweeg uw voeten ’s. -Ta bôleh, tuan, tulang-ña pâtah. ’t Kan niet, mijnheer. ’t Been is - gebroken. -Tulang mâna? Welk been (bot)? -Tulang di sini, tuan. ’t Been hier, mijnheer. -Ia, sungguh, tulang sudah pâtah, Ja, inderdaad, ’t been is (al) -nanti sâya târik kaki sedikit, gebroken, ik zal je been wat -kemudian târoh dua keping kâyu trekken, en dan twee stukken hout -sabelah-meñabelah, bôleh bâlut aan weerskanten zetten, dan kan het -dăngăn kâin. met doek omwonden worden. -Kaki kîri tergeliat, tuan. ’t Linker been is verstuikt, - mijnheer. -Ânaq sâya bâñaq kudis-buta, Mijn kind heeft erge last van roode -tuan; lâgi kelemumur di hond (lett. blinde schurft); en -kepâlâ-ña. bovendien roos op ’t hoofd. -Kepâlâ-ña mâu dilangîri ’t Hoofd moet goed „geshampood” -bâik-bâik, nanti ilang kelemumur worden, dan verdwijnt de roos op den -itu lâma-lâma. langen duur. -Kudis-buta itu tidaq mengâpa. Die roode hond maakt niets uit. -Tetapi gatăl sangăt, tuan. Maar ’t jeukt erg, mijnheer. -Baîk lah, sâya beri ôbat-ña Goed. Ik zal wat medicijn ervoor -sedikit. (lett. ervan) geven. -Bini sâya sakit-gigi. Gigi-ña Mijn vrouw heeft kiespijn. Een kies -yang sâtu sudah dicâbut, van haar is al getrokken, nu doet -sekârang sakit pula yang lâin. weer een andere pijn. Ik geloof, dat -Sâya kîra bâñaq yang rongga. er veel hol zijn. -Ini lah ôbat-ña. Sûruh dia Hier is een geneesmiddel ervoor. -berkumur-kumur bâik-bâik pakay Laat haar goed den mond spoelen met -âir ini, tiap-tiap malăm sabelom dit water (gebruikt dit water), -tidur. iederen nacht vóor ’t slapen. -Ini lah ôbat-kûrap: Hier heb je medicijn tegen ringworm: -dâun-gelinggang diañcurkăn, lâlu glinggang-blâren fijngemaakt en -dicampur dăngăn belîrang dan daarna vermengd met zwavel en -sendâwa. salpeter. -Bôleh dapăt di rumah-ôbat (sâma Men kan het in de apotheek (bij den -tukang-ôbat). apotheker) krijgen. -Bâñaq angin di bâdan, tuan. Er is veel wind in ’t lichaam, - mijnheer. -Ini lah ôbat-ña, miñaq-pi-permin Hier is de medicijn ervoor, -nâmâ-ña; ambil sa titiq dalăm pepermunt olie heet het (is de naam -âir sâtu gelas kecil. ervan); neem een druppel in een - klein glaasje water. -Ôrang sakit-cîrit endaq lah Menschen, die diarrhee hebben, -makan bubur-ubi-Benggâla moeten dagelijks pap van arrowroot -(-ketêla-pohon) sa-âri-âri. eten. -Luka itu sudah bekeruping, tanda Die wond heeft al een roof, een -sudah mâu bâik. teeken, dat ze gaat (wil) genezen. -Pûru dan bisul bôleh diôbati Waarmee kunnen zweren en puisten -dăngăn âpa? gemedicineerd worden? -Bôleh diôbati dăngăn ôbat busuq Ze kunnen behandeld worden met die -itu (karbol); dăngăn bubur karbol (stinkende medicijn), met -pânas. warme pappen. -Âda kah kaw bâñaq belâhaq Laat je veel boeren, veel winden? -(serdâwa), bânaq kentut? Bâñaq Fluim je veel? -berdâhaq? -Ânaq sâya kenâ câcar Mijn kind heeft de pokken (getroffen -(ketumbuhan). door de p.) -Sudah kah ditanăm câcar âtaw Is ’t al ingeënt of nog niet? -belom? -Ôrang Melâyu takut ditanăm De Maleiers zijn er bang voor -câcar, kâdang-kâdang sudah ingeënt te worden, soms zijn hun -ditanăm, ânaq-ña mati langsung. kinderen op eens gestorven, nadat ze - ingeënt waren. -Kâlaw ditanăm câcar ôleh Als ze ingeënt waren door een -mantri-câcar Gupermèn, tentu gouvernements-vaccinateur, zouden ze -tidaq mati. zeker niet gestorven zijn. -Peñakit âwar (kolêra) itu yang De cholera is erg kwaadaardig, als -jâhat sekâli, sudah kenâ jârang men die heeft (getroffen is), wordt -yang sembuh. men zelden beter (zeldzaam die - genezen). -T’âda ôbat-ña. Er is geen medicijn voor. -Kaw kûrang âpa? Wat scheelt je? -Luka, tuan. Ik ben gewond, mijnheer. -Luka kenâ âpa: pisaw kah, Hoe ben je gewond (getroffen door -pedang, pârang ataw bedil wat): met een mes, een sabel, een -(senâpang)? hakmes of een geweer? -Kenâ lembing, kenâ tumbaq, tuan. Met een werpspies, met een piek, - mijnheer. -Bâik bâsuh dăngăn âir, kemudian Je moet ’t met water afwasschen, -bôleh dijâit. daarna kan ’t genaaid worden. -Kâlaw t’âda kenâ kotor âpa-âpa, Als er heelemaal geen vuil in komt -lekas bôleh bâik. (getroffen door vuil) kan ’t spoedig - beter zijn. -Kâlaw pelûru âda lâgi di dalăm, Als de kogel er nog in zit, kan ik -bôleh sâya câbutkăn. hem eruit halen. -Bagi-mâna bôleh dicâbutkăn? Hoe kan hij eruit gehaald worden? -Dăngăn pekâkas besi ini, sudah Met dit ijzeren instrument, als je -pegang pelûru itu, târik sâja, den kogel al beet hebt, trek dan -nanti keluar. maar, dan komt hij eruit. -Âpa kûrang (kenâ âpa) ôrang itu? Wat mankeert die man? -Kenâ tetaq, tuan. Urat-ña Heeft een houw gekregen, mijnheer. -terbuka di pâhâ-ña kânan. De ader is open aan de rechterdij. -Ini lah ôbat-penâwar. Sudah Dit is een stelpmiddel. Als ’t -berenti bedârah, nanti bubuh opgehouden heeft te bloeden, dan leg -tampal (plèstèr). je er een pleister op. -Kenâ di perut lâgi, keluar Hij is ook nog aan den buik -tâli-perut-ña [20]. Lekas getroffen, de darmen komen eruit. -masuqkăn, bôleh disungkup dăngăn Doe ze snel erin, we kunnen er eerst -tempûrung dulu. een klapperdop opzetten. -Âbis itu, lekas bâwa dia ke Daarna moet je hem gauw naar ’t -rumah-sakit, bôleh diôbati ziekenhuis brengen, daar kan hij -bâik-bâik di sâna. goed verpleegd worden. -Âda kah rumah-ôrang-sakit-kusta Is hier een leprozen-huis, (huis -di sâna? voor melaatschen)? -Tidaq, peñakit-kusta itu jârang Neen, lepra is hier zeldzaam, twee -di sini, dua tiga ôrang yang of drie menschen hebben de ziekte -kenâ, tetapi tidaq dilâinkăn di (die getroffen zijn), maar ze worden -rumah sendîri. niet in een eigen huis afgezonderd. -Sâya pikir perlu dilâinkăn, Ik geloof, dat het noodzakelijk is, -supâya jâuh deri ôrang; sebab ze af te zonderen, opdat ze ver van -peñakit itu kâbar-ña berjangkit. de andere menschen af zijn; want die - ziekte is naar men zegt (’t bericht - ervan) aanstekelijk. -Ôrang ini kenâ peñakit-dâda. Deze man heeft ’n borstziekte. Hij -Selâlu bâtuq sâja. hoest voortdurend. -Kering kah bâtuq-ña itu? Is die hoest van hem droog? -Kering, tuan. Jawel (droog), mijnheer. -Sâya minta ôbat-peñcâhar. Ik vraag om een purgeermiddel. -Ôbat ini diminumkăn tiga kâli sa Deze medicijn wordt ingegeven -âri, tetapi endaq lah di-kocoq driemaal daags, maar ’t moet eerst -dulu; bôleh juga dikacaw dăngăn omgeschud worden; ’t mag ook met een -sendoq. lepel geroerd worden. -Ôbat-lumat (serbuq, puyăr) ini Deze poeders worden telkens op de -ditelăn tiap-tiap waktu makan. etenstijden geslikt (telkens tijd - van ’t eten). -Sabelom-ña makan, ataw Vóor ’t eten of daarna, mijnheer? -sasudah-ña, tuan? -Sasudah-ña. Mengarti? Daarna. Begrepen? -Mengarti, tuan. Jawel (begrepen), mijnheer. - - - - - - - -24. BIJ DEN MAGISTRAAT. - - -Perkâra âpa yang diperkârakăn Welk zaak wordt heden afgedaan? Een -sekârang? Perkâra-apiun kah? opiumzaak? -Tidaq, itu sudah putus. Neen, die is al beslist. -Perkâra peñcûrian yang belom. De diefstalzaak nog niet (is ’t - welke nog niet). -Siâpa yang didaqwa? Wie is aangeklaagd? -Si Umar, dipanggil ôrang Paq Zekere Umar, bijgenaamd Paq Idris -Idris. (genoemd door de menschen P. I.). -Berâpa ôrang saksi-ña? Hoeveel getuigen zijn er? -Yang sâya tâu, tuan: tiga ôrang Die ik weet, mijnheer, zijn drie -nâik saksi dalăm perkâri itu. getuigen in de zaak (drie menschen - stijgen, komen „op” als g.). -Sâya arăp bôleh sampay Ik hoop, dat er genoeg bewijzen -katerangan-ña. Terlâlu susah zijn. ’t Zou erg lastig zijn, als -kâlaw kûrang terang perkâra ini deze zaak weer niet bewezen kon -pula, karena Si Umar itu cerediq worden (niet voldoende helder was); -sekâli: sudah berâpa kâli want die Umar is erg leep: hoeveel -didaqwa, kemudian lepas pula maal is hij reeds aangeklaagd, en -dia, sebab t’âda katerangan! dan kwam hij weer vrij, omdat er - geen bewijzen waren. -Kâtâ-ña dia ditekăn ôrang sâja; Hij zegt, dat hij alleen maar valsch -tetapi sabetul ña dia bangsat beschuldigd is (gedrukt door de -benăr. menschen); maar inderdaad is hij een - rechte schelm. -Kâlaw ñâta sâlah-ña sekârang, Als nu zijn schuld gebleken -sâya kenakăn hukuman kerjâ tiga (duidelijk) is, zal ik drie maanden -bulan. tenarbeidstelling geven (treffen met - drie m. t.) -Itu âda ôrang endaq mengadăp Daar is iemand, die vóor u wil -tuan Pètor [21] bârang-kâli verschijnen (of: u wil spreken), -membâwa katerangan. misschien brengt hij aanwijzingen - (inlichtingen). -Sûruh masuq, upas. Laat hem binnenkomen, oppasser. -Tâbiq, tuan, bagitu bâñaq deri Ik vraag u wel excuus, mijnheer -kaki tuan sampay kepâla, sâya (lett. excuus zooveel van uw voeten -endaq nâik saksi dalăm perkâra tot uw hoofd), ik wil als getuige -Paq Idris, tuan. optreden in de zaak van Paq Idris, - mijnheer. -Bâik lah. Siâpa nâmâ-mu? Goed. Hoe heet je? -Nâma sâya Unus, tuan. Ik heet Unus, mijnheer. -Berumah di mâna, pekerjâänmu Waar woon je, wat doe je voor de -âpa? kost (wat is je werk)? -Sâya berumah di Kampung Limaw, Ik woon in Kampung-Limaw, mijnheer, -tuan; pekerjâän sâya berlâdang. mijn beroep is landbouwer (mijn werk - landbouwen). -Berâpa umur-mu? Hoe oud ben je (Hoeveel is je - leeftijd)? -Kîra-kîra tiga-puluh tâun, tuan. Zoo wat dertig jaar, mijnheer. -Mâna bôleh! Umur-mu empat puluh Hoe kan dat? Je bent op zijn minst -sekûrang-kûrang-ña. Sudah. veertig jaar. Goed (afgeloopen). -Kaw tâu âpa kah tentang perkâra Wat weet je aangaande die zaak? -itu? -Paq Idris mengaku sâma sâya dia Paq Idris bekende mij, dat hij -bermalăm di luar rumah-ña pâda buitenshuis geslapen had op den -malăm jumaät yang sudah ini. Ta nacht voor afgeloopen Vrijdag. Hij -bôleh bersangkal lâgi: dia kan ’t niet meer ontkennen, hij is -sapekat dăngăn Berâhim. ’t met Brahim eens. -Sungguh kah itu? Is dat stellig? -Sungguh mati, tuan. Berâni Zoo waar als ik leef (ik mag sterven -betâroh. als ’t niet waar is), mijnheer. Ik - durf er om te wedden. -Berâni bersumpah kah? Durf je te zweren. -Berâni, tuan. Jawel (durf), mijnheer. -Jûru-tulis, sûruh dia bersumpah. Schrijver, laat hem zweren. Heb je -Sudah kah terima sumpah-ña? zijn eed afgenomen (ontvangen)? -Sudah, tuan. Pengakuan-ña sâya Jawel (reeds), mijnheer. Zijn -tulis di daftar. bekentenis heb ik in ’t register - geschreven. -Daftar-perkâra-pulisi sudah kah? Is het register der politiezaken af? -Sudah, tuan. Sudah sâya sâlin. Jawel (reeds) mijnheer. Ik heb het -Bôleh tuan priksa: bersâmâän al overgeschreven. U kan het nazien: -semuâ-ña, t’âda yang bersâlâhan. alles komt (komt overeen, d. w. z. - met het origineel), niets wijkt af. -Perkâra yang ditangguhkăn itu Die uitgestelde zaak moet je niet in -jangan masuqkăn di daftar. ’t register opnemen (indoen). -Itu endaq lah dimasuqkăn pâda Die moet komende maand ingeschreven -bulan di muka ini, bila sudah worden, als er al een beslissing -âda keputusan-ña. genomen is. -Perkâra-dendâ itu jangan lupa, Vergeet die boetezaak niet, ter zake -hal perkelâjan; maki-maki. van een vechtpartij; beleedigingen - (schelden). -Ingăt: dendâ yang bôleh sâya Denk er aan: de boete die ik op mag -kenakăn itu salebih-lebih-ña leggen is hoogstens (op zijn meest) -sa-râtus rupiah ganti-ña tutup honderd gulden, te vervangen door -tiga-puluh-dua âri lâmâ-ña; twee en dertig dagen gevangenis; en -hukuman kerjâ pun sampay tiga tenarbeidsstelling tot drie maanden. -bulan. -Mêmang, tuan, âtûran-ña bagitu: Natuurlijk, mijnheer, het reglement -sâya hafalkăn semuâ-ña. is zoo: ik heb alles van buiten - geleerd. -Sudah kah kaw sita segâla ôrang Heb je al de menschen al opgeroepen, -yang termasuq dalăm perkâra die betrokken zijn in die -peñcûrian itu? diefstalzaak? -Sudah tuan, sâya beri tâu dăngăn Jawel (reeds), mijnheer, ik heb -sûrat, saperti biâsa. schriftelijk (met een brief) kennis - gegeven, zooals gewoonlijk. -Âda kah kaw ingăt nâma segâla Herinner je je soms de namen van al -permâinan-judi yang dilârang? de dobbelspelen, die verboden zijn? -Bârang-siâpa melanggar ătûran Al wie dat reglement overschrijdt -itu kenâ dendâ; kâlaw tidaq krijgt (wordt getroffen) een boete; -bâyar, mâka masuq peñjâra (buï). als hij die niet betaalt, gaat hij - in de gevangenis. -Hukuman sapu-pantat sudah De rotan-straf (lett het achterste -ditidaqkăn (ditiâdakăn), strijken) is afgeschaft, alleen die -melâinkăn ôrang yang sudah kenâ reeds veroordeeld zijn (getroffen -hukuman itu bôleh disapu door vonnis) mogen de rotan-straf -pantat-ña, jâdi tambâhan ondergaan, als (wordt) vermeerdering -hukuman-ña. van straf. -Perkâra-bunuh tidaq bôleh Zaken van doodslag (moord) mogen -diputuskăn di sini; hukuman-ña hier niet afgedaan worden; de straf -kerjâ-paksa dăngăn buang deri ervoor is dwangarbeid met verbanning -negri. (wegwerpen uit het land). -Bunuh dăngăn sehâja. Manslag met opzet. -Bunuh dăngăn tersâlah. Doodslag bij ongeluk. -Keñâtâän yang sah. Geldige (wettige) bewijzen. -Kâbar-angin. Losse geruchten. -Katerangan. Bewijzen, aanwijzingen. -Kerjâ-paksa dăngăn rantay. Dwangarbeid in (lett. met) de - ketting. -Tidaq dăngăn rantay [22]. Dwangarbeid buiten (zonder) de - ketting. -Ôrang-rantay. Dwangarbeider in de ketting, - kettingganger. -Perkâra-utang itu sudah Die schuldzaak is al beslecht, in -diselesaykăn, dimaslahatkăn. der minne geschikt. - - - - - - - -25. OP SCHOOL. - - -Sekôla terbuka pukul tujuh pâgi. De school begint (is geopend) om - zeven uur ’s morgens. -Âpa yang diâjarkăn di sekôla Wat wordt op deze school onderwezen? -ini? -Tulis dan bâca, kîra-kîra dan Lezen en schrijven, rekenen en wat -ilmu-bumi sedikit. aardrijkskunde. -Berâpa pengâjar-ña (gûru-ña)? Hoeveel onderwijzers zijn er? -Berâpa mûrid-ña (pelâjar-ña)? Hoeveel leerlingen? -Âda lima pangkat, mâsing-mâsing Er zijn vijf klassen, elk heeft vijf -dua-puluh-lima ôrang budaq-ña; en twintig leerlingen; er zijn maar -pengâjar-ña tiga ôrang sâja. drie onderwijzers. -Umur berâpa bôleh masuq? Op welken leeftijd mag men - toegelaten worden (ingaan)? -Masuq umur enăm tujuh tâun, Men komt er op op zesjarigen -tuan; keluar umur dua-belas. leeftijd, mijnheer; en verlaat de - school (gaat eruit) op twaalfjarigen - leeftijd. -Rumah-ña dan segâla pekâkas-ña, Het gebouw (huis) en al ’t huisraad, -saperti bangku-bangku dan als de banken, het bord, het krijt, -pâpan-tulis dan kapur-ôlanda dan de sponzen enz. worden alle door het -bunga-kârang dan sebâgay-ña itu Gouvernement bekostigd, maar de -semua-ña dibiâyakăn ôleh onderwijzers krijgen geen -pemeréntâhan (gupermèn), tetapi traktement, alleen ontvangen zij -pengâjar-ña tidaq dapat gâji, schoolgeld en verdeelen het -melâinkăn wang-sekôla gelijkelijk. -diterimâ-ña, dibâgi-ña -sâma-râta. -Âtûran-ña pengâjâran itu menûrut Het reglement van ’t onderwijs is -sekôla-pemaréntâhan juga. als dat van de Gouvernementsscholen - (volgt de gouvernementsscholen). -Tuan suka bertâña âpa-âpa? Wenscht u wat te vragen? -Suka juga. Panggil budaq yang Jawel. Roep een jongen, die heel -cerediq sekâli, sûruh keluar. schrander is, laat hem eruit komen. -Côba ambil petâ-bumi. Tuñjuqkăn Neem ’s de wereldkaart. Wijs al de -segâla semudra. oceanen. -Bagi-mâna luas-ña dârat Hoe is de oppervlakte -tertimbang dăngăn luas-ña lâut (uitgestrektheid) van het vasteland -di bumi ini? vergeleken met de uitgestrektheid - van de zee op deze aarde? -Sâtu bâgian deri empat, tuan. Als een tot vier, mijnheer (éen deel - van vier, m.) -Bâik lah. Sûruh keluar lâin Goed. Laat een anderen jongen -budaq. voorkomen (uitkomen). -Côba kaw tuñjuqkăn lah Toon jij me ’s je bekwaamheid in ’t -kepandâyan-mu tentang kîra-kîra. rekenen (betreffende het rekenen). -Berâpa jumlah-ña tujuh dan Hoeveel is de som van zeven en -tiga-puluh dan lima-belas? dertig en vijftien? -Tulis angka itu yang sâtu di Schrijf die cijfers onder elkaar; -bâwah yang lâin; sekârang tel nu op. -jumlahkăn. -Sekârang tôlaq sa-belas, sudah. Trek nu elf af, goed (afgedaan). -Pukul lima. Jâdi berâpa? Vermenigvuldig met vijf. Hoeveel is - ’t (wordt ’t) dan? -Sekârang bâgi tiga. Deel nu door drie. -Âpa nâmâ-ña bilangan ini? Wat is de naam van dit getal? -Ini penôlaq, ini yang ditôlaq Dit is de aftrekker, dit het -deripâdâ-ña, ini pembâgi, ini aftrektal, dit de deeler, dit het -yang dibâgi, ini bâgian, ini deeltal, dit het quotiënt, dit de -pemukul, ini yang dipukul, ini vermenigvuldiger, dit het -hâsil; ini pecâhan. vermenigvuldigtal, dit het product; - dit een breuk. -Nâmâ-ña ini kebâñâkan, bilangan. De naam hiervan is een grootheid, -Ini bilangan gasal (of gañjil), een getal. Dit is een oneven getal, -ini pun bilangan-geñăp. dit echter een even getal. -Bilangan ini bôleh kah kaw Kan je dit getal in het twaalftallig -pindahkăn ke dalam stelsel overbrengen? -perbilangan-perduabelâsan? -Sâlah sifar itu. Betulkăn. Die nul is fout. Verbeter het. -Segi-tiga ini bâgi dua segi-ña. Deel van dezen driehoek de zijden in -Sekârang pasang gâris-tepat deri tweeën. Trek nu een loodlijn van ’t -pertemuan ketiga gâris itu ka snij (ontmoetings)punt der drie -segi AB [23]. lijnen naar de zijde AB. -Itu segi-tiga yang sâma kaki-ña; Dit is een gelijkbeenige driehoek; -segi-tiga yang ber-siku-siku; dit een rechthoekige driehoek; -gâris-pertengâhan, gâris middellijn, deellijn, -pembâgi, gâris peñambung, gâris verbindingslijn, kromme lijn; -bujur, gâris béngkoq; buntâran. cirkel. -Ilmu-handasah sudah lah Nu hebben we genoeg meetkunde gehad -sekârang. Âpa kah artiña (meetkunde afgedaan nu). Wat is de -perkâtâän ilmu-saraf? Âpa beteekenis van ’t woord ilmu-saraf -kalimat? (spraakkunst, behalve woordvoeging)? - Wat is een volzin? -Sekârang sâya endaq bertâña hal Nu wil ik ’s vragen doen over (al) -segâla ukûran dan timbangan dan de lengtematen, gewichten en -takâran. inhoudsmaten? -Sâtu pal berâpa métăr? Hoeveel M. is een paal? -Sâtu asta berâpa jengkal? Hoeveel jengkal is een asta? (Antw. - 2). -Sâtu depâ berâpa asta (setâ)? Hoeveel asta is een depâ? (Antw. 4 - vadem). -Sâtu êla berâpa asta? Hoeveel asta is een êla? (Antw. 2). -Sâtu kôyan berâpa pikul? Hoeveel pikul is een kôyan? (Antw. - 40 en 30). [24] -Sâtu pikul berâpa kati? Hoeveel kati is een pikul? (Antw. - 100). -Sâtu kati berâpa pon? Hoeveel pond is een kati? (Antw. ¼). -Sâtu pikul berâpa pâra? Hoeveel pâra is een pikul? (Antw. - 2). -Sâtu pâra berâpa gantang? Hoeveel gantang is een pâra? (Antw. - 10). -Sâtu gantang berâpa cupaq? Hoeveel cupaq is een gantang? (Antw. - 14). -Sâtu cupaq berâpa pâu? Hoeveel pâu is een cupaq? (Antw. 4). -Sâtu ringgit dua rupiah sa Een rijksdaalder is twee en een -tengah (empat suku). halve gulden (vier halve gld.) -Sâtu rupiah dua suku; sâtu suku Een gulden is twee halve, een halve -dua tâli; sâtu tâli dua picis gld. twee kwartjes; een kwartje twee -lima sèn. dubbeltjes en vijf cent. - - - - - - - -26. ONLUSTEN IN EEN INLANDSCHEN STAAT. - - -Âda kah tuan dăngăr kâbar? Heeft u ’t bericht gehoord? -Kâta ôrang sudah jâdi pergâduhan Men zegt, dat er in de bovenlanden -besar di Ulu-Pêraq. van Pérak ernstige (groote) onlusten - uitgebroken (lett. ontstaan) zijn. -Âda kunun bagitu. Dat wordt zoo beweerd. (Er zijn naar - men zegt zoo). -Âpa sebab jâdi pergâduhan itu? Waardoor zijn die onlusten ontstaan? -Asal-ña bagini, tuan: De oorzaak is aldus, mijnheer: -Âda sâtu ôrang dalăm dâirah itu Er was iemand in dat gebied pengulu, -meñjâdi pengulu-ña, tetapi maar de nieuwe sultan hield niet van -Yam-Tuan bâru ini tidaq suka hem; hij heeft hem ontslagen en een -akăn dia; dipecatkăn, dia ander in de plaats van hem den titel -gelarkăn lâin ôrang mengganti van pengulu gegeven. Om die reden -dia jâdi pengulu di situ. Sebab vecht de nieuwe met den ouden -itu berkelay lah pengulu bâru pengulu. -dăngăn pengulu lâma. -Âda kah yang mati luka? Zijn er dooden of gewonden? -Belom âda, tuan. Âda juga dua Nog niet, mijnheer. Er zijn er -tiga. enkelen (toch twee of drie). -Sabelah mâna yang mati itu? Aan welke zijde zijn die dooden? -Sabelah pengulu bâru, tuan. Aan de zijde van het nieuwe hoofd. -Âda bârang dua-puluh ôrang dia, Er zijn een twintigtal van zijn -berjâlan dalăm utan, jumpa sâtu lieden ’t bosch in gegaan, en een -kubu musuh, berkelay lah di vijandelijke versterking -situ. Yang di dalăm kubu itu âda tegengekomen, en daar hebben ze -berse-nâpang bâñaq, yang lâin gevochten. De lui in de versterking -dua tiga pucuq sâja. Undur lah hadden veel geweren, de anderen maar -ôrang sabelah pengulu bâru itu, twee of drie stuks. De lui van het -diambat oleh musuh-ña, mati tiga nieuwe hoofd weken, en werden door -ôrang sabelah pengulu bâru, hun vijanden achterna gezet; drie -kâwan-ña yang lâin-lâin lâri man aan de zijde van den nieuwen -dalăm utan, lintang-pukang pengulu zijn gesneuveld, de overige -ceray-beray. kameraden zijn in ’t bosch gevlucht, - hals over kop in alle richtingen. -Pâda âri ini pun ta tentu Zelfs heden is hun verblijf (plaats) -tempat-ña. niet bekend (vast). -Siâpa ambil mâit ôrang tiga yang Wie heeft de lijken van de drie -mati itu? gesneuvelden gehaald? -Tinggal dalăm utan, tiâda Ze zijn in ’t bosch achterbleven, er -(t’âda) ôrang berâni was niemand die ze durfde halen. -mengambil-ña. -Kâlaw bagitu, mâlu benăr pengulu Dan is ’t een erge schande voor den -bâru itu, mâit kâwan-ña nieuwen pengulu (is de nieuwe p. erg -tertinggal. beschaamd) dat de lijken zijner - gezellen achtergebleven zijn. -Pâda kîra kâmi ôrang Melâyu mâlu Naar de opvatting van ons Maleiers -sekâli, tuan. is ’t een heele schande, mijnheer. -Di mâna musuh sekârang? Waar zijn de vijanden nu? -Ta tentu tempat-ña, tuan. ’t Is niet bekend waar ze zijn, - mijnheer (niet vastgesteld hun - plaats). -Kâlaw bagitu, bâik kita pegi Dan moeten wij (is ’t goed, dat wij) -mengâkap. gaan spionneeren. -Bôleh antăr (sûruh) We kunnen ’t hoofd der spionnen met -penglima-kâkap dăngăn dua ôrang. twee man sturen. -Bâik lah, malăm sekârang bulan Goed, van avond is ’t heldere maan, -terang, sûruh dia-ôrang jâlan laat ze op weg gaan en de -meñcâri tempat musuh, di mâna verblijfplaats der vijanden -kubu-ña, berâpa buah kubu, opzoeken, waar hun versterkingen -berâpa ôrang musuh, berâpa zijn, hoeveel stuks versterkingen er -meriăm-ña, dan âpa-âpa macăm-ña. zijn, hoeveel man de vijand sterk - is, hoeveel kanonnen ze hebben, en - welke soorten daarvan. -Penglima-kâkap sudah bâlik, Het hoofd der spionnen is al terug, -tuan. Musuh âda di Pâpan, sudah mijnheer. De vijand is te Pâpan, ze -berkukuh di situ Penglimâ-ña hebben zich daar versterkt. Ze -tiga ôrang, kubu-ña dua buah, hebben drie hoofden, twee -sabelah kânan sa buah, sabelah versterkingen, (palissadeeringen), -kîri sa buah, dăngăn kôta sa rechts een, links een, met een fort -buah di âtas bukit, di belâkang op een heuvel, achter die twee -kubu yang dua buah itu. Ôrang-ña versterkingen. Hun volk bedraagt -tengah dua râtus lebih-kûrang, ongeveer honderdvijftig man, -meriăm tidaq âda, tetapi lila kanonnen hebben ze niet, maar ze -âda tiga pucuq dalăm kôta itu. hebben drie lila’s (soort mortieren) - in dat fort. -Bâik lah. Kâlaw bagitu, kita Goed. Dan (als ’t zoo is), dan -masuq mengâmuq kôtâ-ña deri zullen we hun fort van achteren -belâkang, kemudian mudah bestormen (lett. stormende ingaan), -mengambil kubu-ña. daarna is ’t gemakkelijk hun - versterkingen te nemen. -Kâlaw sudah diambil kôtâ-ña, Als hun fort al genomen is, leveren -kubu ta susah lâgi. de versterkingen geen last meer op - (zijn de versterkingen niet lastig - meer). -Lantaq betul-betul, jangan Pak ze flink aan, niet wankelmoedig -ôlo-ôlo, jangan undur zijn, en volstrekt niet wijken -sekâli-kâli. (teruggaan). -Sudah dekăt kôta, nampaq musuh We zijn al dicht bij ’t fort, de -di dalăm, pasang senâpang sâtu vijand erin is reeds te zien, vuur -dăs, kemudian mengâmuq dăngăn een geweerschot af (schiet af een -keris sâja. geweer éen „paf”), daarna maar - aanvallen met de kris. -Kôtâ-ña terpagăr keliling, lâgi Hun fort is rondom gepalissadeerd, -âda pârit dan rañjaw. bovendien is er een gracht en - ranjaws [25]. -Tid’âpa, bôleh kita mengâkap Dat doet er niet toe, wij kunnen -meñcâri pintu kôta, di situ lah spionneeren en naar de deur van ’t -masuq. fort zoeken, daar gaan we binnen. -Tentu dua pintu-ña, Zeker er twee deuren aan, ’t is ’t -pintu-belâkang bâik masuq, nanti beste de achterdeur in te gaan, dan -musuh lâri deri pintu-adăp; vlucht de vijand door de voordeur, -bôleh ôrang kita meñjâga di situ onze lui kunnen daar de wacht houden -menâhan dia. en ze tegenhouden. -Sediakăn ôbat dăngăn pelûru Maak kruit en kogels klaar genoeg om -cukup isikăn empat-puluh petrum veertig patronen voor ieder man te -pâda tiap-tiap ôrang. vullen. -Kâlaw datăng ujan, tudungkăn Als er regen komt, moet je de -petrum bâik-bâik. patronen goed toedekken. -Mâsing-mâsing âda kerpay, tuan: Ieder heeft een patroontasch, -petrum ta bôleh bâsah. mijnheer: de patronen kunnen niet - nat worden. -Siâpa pasang senâpang tâdi? Wie heeft zooeven een geweerschot - afgeschoten? -Musuh, tuan. De vijand, mijnheer. -Dăngăr bâik-bâik. Luister ’s goed. -Dipasang-ña tiga dăs, tentu lah Ze hebben driemaal gevuurd, zeker is -alâmat musuh itu. dat een signaal (teeken) van den - vijand. -Tuan pakay prisay kah? Draagt (gebruikt) u een schild? -Tidaq, ta guna beperisay, kâlaw Neen, ’t is onnut een schild te -musuh bedil dăngăn pemûras, dragen, als de vijand met -bârang-kâli sa butir pelûru donderbussen schiet, raakt misschien -dalăm sa râtus yang kenâ. éen kogel op de honderd. - - - - - - - -27. GESPREK MET EEN KOOPMAN EN OVER KOOPMANSAANGELEGENHEDEN. - - -Eñciq Mahmud âda di rumah? [26] Is Eñciq Mahmûd thuis? -Âda, tuan, sila kăn tuan masuq, Jawel, mijnheer (is er, m.); wees -bôleh duduq di sini dulu. Nanti zoo goed binnen te komen, u kan -sâya beri tâu. Sâya kîra Eñciq hier eerst zitten. Ik zal kennis -lâgi berpakay-pakay. geven. Ik geloof, dat de E. nog - bezig is zich aan te kleeden. -Tâbik, Eñciq, âpa kâbar? Goedendag, E., hoe gaat het? -Kâbar bâik, tuan. Tuan suka âpa? Goed, mijnheer (goed bericht, m.). - Wat verlangt u? -Sâya ôrang bâru di kôta ini. Ik ben een nieuweling in deze stad. -Kâlaw bôleh, sâya endaq meliat Als ’t mag, wil ik den winkel zien, -tôko, lâgi endaq bercakăp-cakăp en bovendien wat praten; want ik -sedikit; sebab sâya dăngăr kâbar heb gehoord (tijding gehoord), dat -Eñciq ini sudâgar besar, bâñaq u een groot koopman is, dat u veel -bârang-bârang-ña yang âlus dan fijne en mooie goederen heeft. -éloq. -Âda juga, tuan. Dăngăn suka-ati Jawel, mijnheer. Met genoegen (des -sâya tuñjuqkan âpa-âpa yang âda. harten) laat ik u alles zien wat er - is. -Âda kah Eñciq berpesăn bânaq Bestelt u veel goederen (artikelen) -bârang deri Êrôpah? uit Europa? -Bâñaq, tuan. Sâya selâlu bekîrim Veel, mijnheer. Ik correspondeer -sûrat dăngăn sudâgar-sudâgar voortdurend met groote kooplui te -besar di Amsterdam dan di Amsterdam en Rotterdam; ik bestel -Rotterdam; âda juga sâya pesăn ook wel uit Londen. -deri London. -Di Tânah India-Ôlanda ini bêa Hier in Nederlandsch-Indië is het -bârang-bârang yang dibâwa masuq invoerrecht van ingevoerde goederen -itu bâñaq, tuan. Tambâhan pula hoog (veel), mijnheer. Bovendien -bârang Êrôpah itu bâñaq kosten de Europeesche goederen veel -belañjâ-ña kapal; jâdi argâ-ña di aan scheepsvracht, zoodat de prijs -sini mâhal tertimbang dăngăn hier hoog (duur) is vergeleken met -Êrôpah. (opgewogen tegen) Europa. -Bârang macăm âpa Eñciq terima Welke soort artikelen ontvangt u ’t -terlebih bâñaq deri Êrôpah? meest uit Europa? -Kâlèng isi bârang-makânan, tuan, Blikjes met eetwaren, mijnheer, die -itu yang terlebih bâñaq. Pesânan ’t allermeest. Mijn bestellingen -sâya itu berpuluh-puluh peti sa gaan bij tientallen kisten -kâli. tegelijk. -Minuman pun Eñciq pesăn deri Bestelt u ook dranken uit Europa? -Êrôpah juga? -Ia, bâñaq, tuan, semuâ-ña sâya Ja, veel, mijnheer; alles ontvang -terima deri negeri Ôlanda. ik uit Holland. -Kâlaw sopi dan sopi-mânis, bâik Wat jenever en likeuren aangaat, is -dipesăn deri Ôlanda; tetapi ’t goed uit Holland te bestellen; -anggur lebih bâik deri negeri maar wijn is beter uit Frankrijk; -Frañcis; tentu lebih mûrah. dat ’s zeker goedkooper. -Sungguh, tuan, tetapi mâna bôleh Zeker, mijnheer, maar hoe zou ik -sâya pesăn deri sâna? dat daarvan kunnen bestellen? -Saya tidaq tâu bâsa Frañcis, Ik ken geen Fransch, en de -sudâgar sâna pun tidaq tâu bâsa kooplieden daar geen Maleisch. -Melâyu. -Eñciq bôleh câri wakil di Ôlanda, U kan een gemachtigde in Holland -yang tâu bâsa Melâyu, maka dia zoeken, die Maleisch kent, dan kan -bôleh bekîrim-sûrat dăngăn die correspondeeren met een -sudâgar-anggur di Frañcis. wijnhandelaar in Frankrijk. -Nanti sâya pikirkăn, tuan, Ik zal er ’s over denken, mijnheer, -bârang-kâli jâdi bagitu. misschien gaat het (lukt het) zoo. -Bagi-mâna hal bayâran, Eñciq, Hoe gaat het met het betalen (de -kâlaw sâya bôleh tâna? Âda kah betaling), Eñciq als ik vragen mag? -Eñciq kîrim wang dăngăn Zendt u het geld per postwissel? -sûrat-tukâran-pos? -Tidaq, tuan. Biâsâ-ña sâya kîrim Neen, mijnheer. Gewoonlijk zend ik -sûrat-tukâran sâja. Sâya selâlu maar een wissel. Ik ben steeds in -berutang-piutang dăngăn rekening-courant met een bankhuis -rumah-wang di Amsterdam. (geldhuis) te Amsterdam. -Bôleh kah ôrang berutang di sini, Kan men hier crediet krijgen, Eñciq -Eñciq? (schuld hebben, schuldig zijn)? -Bôleh juga, tuan, asal sâya kenal Jawel, mijnheer, mits ik de -sâma ôrang-ña. menschen ken. -Bôleh dâpăt krêta-angin sâma Kan men rijwielen bij u krijgen? -Eñciq? -Bôleh, tuan. Âda rupa-rupa Jawel, mijnheer. Ik heb er van alle -(macăm-macăm), nanti sâya soorten, ik zal ze u laten zien. -tuñjuqkăn. -Macăm Crescent pun âda? Heeft u ook Crescent-cycles (soort - Cr. is er ook)? -Tidaq, tuan, macăm itu tidaq laku Neen, mijnheer, dat soort is hier -di sini. niet gewild. -Kâlaw bôleh, sâya minta Als u ’t goed vindt (als ’t mag), -daftar-arga (katerangan-arga) vraag ik een prijs-courant. -segâla bârang dalăm tôko. -Bôleh, tuan; tetapi endaq lah Goed, mijnheer; maar denk u eraan: -tuan ingăt: âda bârang yang tidaq er zijn artikelen, die niet vast -tetăp argâ-ña; bôleh nâik, bôleh van prijs zijn; ze kunnen opslaan -tûrun argâ-ña. en afslaan. -Bârang ini sâya beli borong pâda Deze goederen heb ik bij elkaar (in -sudâgar Cina yang jâtoh itu. éen partij) gekocht van den -[27]. Chineeschen koopman, die failliet - is gegaan. -Berâpa percent di bâyar-ña pâda Hoeveel percent heeft hij aan zijne -segâla ôrang yang berpiutang crediteurs betaald? -kepâdâ-ña? -Sâya dăngăr kâbar tiga puluh âtas Ik heb hooren zeggen (ik heb ’t -sa râtus; sâya pun dapăt bericht gehoord) dertig percent. -tiga-puluh-lima. -Dia berutang pâda sâya sa ribu Hij was mij duizend dollar -ringgit; sâya piñjămkăn dulu, schuldig; ik heb hem dat vroeger -dăngăn jañji bâyar bunga delâpan geleend, met de bepaling dat hij -percent sa tâun. Biar dia pegang acht percent rente jaarlijks zou -pokoq-ña sa-puluh tâun, asal sâya betalen. Hij mocht het kapitaal -makan bungâ-ña sâja. Maka desnoods tien jaar houden, mits ik -sekârang sudah dua tâun, bungâ-ña maar de rente trok. En nu is ’t -pun tidaq sâya terima, melâinkăn reeds twee jaar, de rente heb ik -dapăt kembâli tiga-râtus zelfs niet ontvangen, alleen maar -lima-puluh ringgit sâja. heb ik drie honderd vijftig dollar - terug gekregen. -Ah, tuan, Cina itu bâñaq yang Och, mijnheer, onder die Chineezen -tidaq teguh! zijn er velen niet solied (stevig)! -Sâya beli ini, Eñciq. Ik koop dit, Eñciq. -Umar, bungkus ini; nanti bâwa ke Omar, pak dit in; bezorg het straks -rumah tuan. bij mijnheer. -Tâbiq, tuan. Dag, mijnheer. - - - - - - - -28. OPENBARE VERKOOPING (VENDUTIE). - - -Âpa ôrang memukul cânang itu? Wat slaat die man daar op een -[28] bekken? -Tanda âda di lêlang, tuan. Dat ’s een teeken, dat er vendutie - is, mijnheer. -Di mâna lêlang-ña? Besar kah Waar is de vendutie? Is ze groot of -tidaq? klein? -Di rumah di sabelah grêja itu, In dat huis naast de kerk, mijnheer. -tuan. Lêlang-ña besar, De vendutie is groot, er zijn veel, -bârang-bârang-ña pun bâñaq lâgi ook mooie goederen. -bâgus. -Sudah mulâi? Is ze al begonnen? -Sudah. Mulâi pukul sembilan Jawel (reeds). ’t Is zooeven om -tâdi. Pekâkas rumah sudah mulâi negen uur begonnen. De meubels is -dijual. men reeds begonnen te verkoopen. -Sâya tâwar dua rupiah sa tâli; Ik bied twee gulden en een kwartje; -dua tâli, tiga tâli, tiga twee, drie kwartjes, drie gulden. -rupiah. -Siâpa tâwar lâgi? Tidaq lâgi? Wie biedt nog meer? Niemand meer -Tuan Jansen! (lett. niet meer)? Mijnheer Jansen. -Bârang ini ditâhan. Dit goed wordt opgehouden. -Jual lâgi sa kâli. Nog eens op nieuw inzetten - (verkoopen). -Dapăt? Heb ik ’t gekregen? (lett. - gekregen?) -Dapăt, tuan. U heeft ’t gekregen, mijnheer. -Kuli, angkat, bâwa pulang ke Koeli, neem weg, breng dit bij me -rumah-ku. thuis. -Mâna tuan tukang-lêlang? Waar is de vendumeester? -Sâya tidaq kenal sâma engkaw. Ik ken je niet. Heb je hier soms -Âda kah engkaw berkenal-kenâlan kennissen? -di sini? -Âda, tuan. Tuan Ânu bôleh Jawel, mijnheer. Mijnheer N. N. kan -tanggung. voor me instaan. -Kâlaw tidaq, semuâ-ña mâu Als dat niet zoo was, moest alles -dibâyar tunay sâja. maar contant betaald worden. -Âpa yang dijual sekârang? Wat wordt er nu verkocht? Glaswerk? -Bârang-kâca kah? -Bârang-kâca (bârang-pecah Glaswerk (breekbare waar); kleeren; -belah); bârang pakâyan; lampen; eetwaren; dranken; -lampu-lampu; bârang-makânan; vloerkleeden en kleedjes; martavanen -bârang-minuman; perme-dâni; (hooge aarden potten, gewoonlijk om -tempâyan; pasu-bunga water in te bewaren); bloempotten; -(jambang-bunga); pigûra-pigûra; schilderijen; kookgerij; matten; -pekâkas-masaq; tikăr-tikăr; goud- en zilverwerk; lint, kant; -bârang-mas dan pêraq; pita, klokken; vuurwerk; voetzoekers; -rènda; loñcèng; bunga-api; filtreertoestellen. -mercon; tâpisan. [29] - - - - - - - -AANTEEKENINGEN - - -[1] Op Sumatra en Riouw ook kelmâri of kelmârin voor eergisteren en -semalăm voor gisteren. - -[2] In de Straits zegt men âir-câ naar ’t Portugeesche cha-thee; op -Java is koffie kopi of âir-kopi. - -[3] bah op Java bandjir, een Javaansch woord. - -[4] Cupaq = ¼ gantang (1 gantang = 5 kati) = 3.12 K.G. gewicht. - -[5] Op Java meñjangan (Jav.) - -[6] Op Java kañcil (Jav.) - -[7] Op Java piring wat in zuiver Maleisch schoteltje, klein bordje -beteekent. - -[8] In de straits ubi of ubi Benggâla. - -[9] te Batavia: gerètan, te Samarang en Soerabaja: rèq, ’t eerste -Soendaneesch, ’t laatste Javaansch. - -[10] Wij schrijven hier x voor den klank van ch in ons kracht, och enz. - -[11] Op Java porskot (Holl. voorschot.) - -[12] kahwa-susu te Batavia coklat (verb. van chocolaad). - -[13] Voor cuti te Batavia: permisi (Holl. permissie). - -[14] dobi te Batavia pinâtu of minâtu. - -[15] Woord om in de kolonie geboren Chineezen (Cina perânâkan) toe te -spreken. - -[16] te Batavia noemt men een vingerhoed ciñcin-meñjâit, lett. -naai-ring. - -[17] Te Batavia. Huurrijtuigen (victoria’s) heeten te Soerabaya -„kosong”. - -[18] Voor peluh op Java steeds kringet, het Jav. woord. - -[19] Op Java voor sendoq steeds sèndoq. - -[20] Op Java usus-ña (Javaansch.) - -[21] „Pètor” op Borneo de assistent-resident, op Sumatra vaak de -controleur. Het is het Portugeesche „feitor” (hoofd eener „factorij”). - -[22] „di luar rantay” is een al te letterlijke vertaling van „buiten de -ketting,” die men wel eens hoort bezigen. - -[23] ’t Woord bâris op Java wel voor gâris gezegd is hier foutief; want -’t eerste beteekent gelid, rij. - -[24] De gouvernements-kôyan is in N. I. 30 pikul. - -[25] Scherpe bamboestokken in den grond om de voeten te verwonden. - -[26] Eñciq, titel van niet adellijke, aanzienlijke Maleiers. - -[27] Op Java zegt men voor failliet, bangkrut. - -[28] Op Java heet een omroepbekken, ook bij venduties brèng-brèng. - -[29] Op Java sâringan. - - -*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK MALEISCH-NEDERLANDSCHE -GESPREKKEN *** - -Updated editions will replace the previous one--the old editions will -be renamed. - -Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright -law means that no one owns a United States copyright in these works, -so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the -United States without permission and without paying copyright -royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part -of this license, apply to copying and distributing Project -Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm -concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark, -and may not be used if you charge for an eBook, except by following -the terms of the trademark license, including paying royalties for use -of the Project Gutenberg trademark. If you do not charge anything for -copies of this eBook, complying with the trademark license is very -easy. You may use this eBook for nearly any purpose such as creation -of derivative works, reports, performances and research. Project -Gutenberg eBooks may be modified and printed and given away--you may -do practically ANYTHING in the United States with eBooks not protected -by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the trademark -license, especially commercial redistribution. - -START: FULL LICENSE - -THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE -PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK - -To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free -distribution of electronic works, by using or distributing this work -(or any other work associated in any way with the phrase "Project -Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full -Project Gutenberg-tm License available with this file or online at -www.gutenberg.org/license. - -Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project -Gutenberg-tm electronic works - -1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm -electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to -and accept all the terms of this license and intellectual property -(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all -the terms of this agreement, you must cease using and return or -destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your -possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a -Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound -by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the -person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph -1.E.8. - -1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be -used on or associated in any way with an electronic work by people who -agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few -things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works -even without complying with the full terms of this agreement. See -paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project -Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this -agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm -electronic works. See paragraph 1.E below. - -1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the -Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection -of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual -works in the collection are in the public domain in the United -States. If an individual work is unprotected by copyright law in the -United States and you are located in the United States, we do not -claim a right to prevent you from copying, distributing, performing, -displaying or creating derivative works based on the work as long as -all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope -that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting -free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm -works in compliance with the terms of this agreement for keeping the -Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily -comply with the terms of this agreement by keeping this work in the -same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when -you share it without charge with others. - -1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern -what you can do with this work. Copyright laws in most countries are -in a constant state of change. If you are outside the United States, -check the laws of your country in addition to the terms of this -agreement before downloading, copying, displaying, performing, -distributing or creating derivative works based on this work or any -other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no -representations concerning the copyright status of any work in any -country other than the United States. - -1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: - -1.E.1. The following sentence, with active links to, or other -immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear -prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work -on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the -phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, -performed, viewed, copied or distributed: - - This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and - most other parts of the world at no cost and with almost no - restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it - under the terms of the Project Gutenberg License included with this - eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the - United States, you will have to check the laws of the country where - you are located before using this eBook. - -1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is -derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not -contain a notice indicating that it is posted with permission of the -copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in -the United States without paying any fees or charges. If you are -redistributing or providing access to a work with the phrase "Project -Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply -either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or -obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm -trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted -with the permission of the copyright holder, your use and distribution -must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any -additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms -will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works -posted with the permission of the copyright holder found at the -beginning of this work. - -1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm -License terms from this work, or any files containing a part of this -work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. - -1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this -electronic work, or any part of this electronic work, without -prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with -active links or immediate access to the full terms of the Project -Gutenberg-tm License. - -1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, -compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including -any word processing or hypertext form. However, if you provide access -to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format -other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official -version posted on the official Project Gutenberg-tm website -(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense -to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means -of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain -Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the -full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1. - -1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, -performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works -unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing -access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works -provided that: - -* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from - the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method - you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed - to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has - agreed to donate royalties under this paragraph to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid - within 60 days following each date on which you prepare (or are - legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty - payments should be clearly marked as such and sent to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in - Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg - Literary Archive Foundation." - -* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies - you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he - does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm - License. You must require such a user to return or destroy all - copies of the works possessed in a physical medium and discontinue - all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm - works. - -* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of - any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the - electronic work is discovered and reported to you within 90 days of - receipt of the work. - -* You comply with all other terms of this agreement for free - distribution of Project Gutenberg-tm works. - -1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project -Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than -are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing -from the Project Gutenberg Literary Archive Foundation, the manager of -the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the Foundation as set -forth in Section 3 below. - -1.F. - -1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable -effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread -works not protected by U.S. copyright law in creating the Project -Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm -electronic works, and the medium on which they may be stored, may -contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate -or corrupt data, transcription errors, a copyright or other -intellectual property infringement, a defective or damaged disk or -other medium, a computer virus, or computer codes that damage or -cannot be read by your equipment. - -1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right -of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project -Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project -Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all -liability to you for damages, costs and expenses, including legal -fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT -LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE -PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE -TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE -LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR -INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH -DAMAGE. - -1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a -defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can -receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a -written explanation to the person you received the work from. If you -received the work on a physical medium, you must return the medium -with your written explanation. The person or entity that provided you -with the defective work may elect to provide a replacement copy in -lieu of a refund. If you received the work electronically, the person -or entity providing it to you may choose to give you a second -opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If -the second copy is also defective, you may demand a refund in writing -without further opportunities to fix the problem. - -1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth -in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO -OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT -LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. - -1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied -warranties or the exclusion or limitation of certain types of -damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement -violates the law of the state applicable to this agreement, the -agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or -limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or -unenforceability of any provision of this agreement shall not void the -remaining provisions. - -1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the -trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone -providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in -accordance with this agreement, and any volunteers associated with the -production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm -electronic works, harmless from all liability, costs and expenses, -including legal fees, that arise directly or indirectly from any of -the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this -or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or -additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any -Defect you cause. - -Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm - -Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of -electronic works in formats readable by the widest variety of -computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It -exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations -from people in all walks of life. - -Volunteers and financial support to provide volunteers with the -assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's -goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will -remain freely available for generations to come. In 2001, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure -and permanent future for Project Gutenberg-tm and future -generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see -Sections 3 and 4 and the Foundation information page at -www.gutenberg.org - -Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation - -The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non-profit -501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the -state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal -Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification -number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by -U.S. federal laws and your state's laws. - -The Foundation's business office is located at 809 North 1500 West, -Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up -to date contact information can be found at the Foundation's website -and official page at www.gutenberg.org/contact - -Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg -Literary Archive Foundation - -Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without -widespread public support and donations to carry out its mission of -increasing the number of public domain and licensed works that can be -freely distributed in machine-readable form accessible by the widest -array of equipment including outdated equipment. Many small donations -($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt -status with the IRS. - -The Foundation is committed to complying with the laws regulating -charities and charitable donations in all 50 states of the United -States. Compliance requirements are not uniform and it takes a -considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up -with these requirements. We do not solicit donations in locations -where we have not received written confirmation of compliance. To SEND -DONATIONS or determine the status of compliance for any particular -state visit www.gutenberg.org/donate - -While we cannot and do not solicit contributions from states where we -have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition -against accepting unsolicited donations from donors in such states who -approach us with offers to donate. - -International donations are gratefully accepted, but we cannot make -any statements concerning tax treatment of donations received from -outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. - -Please check the Project Gutenberg web pages for current donation -methods and addresses. Donations are accepted in a number of other -ways including checks, online payments and credit card donations. To -donate, please visit: www.gutenberg.org/donate - -Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works - -Professor Michael S. Hart was the originator of the Project -Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be -freely shared with anyone. For forty years, he produced and -distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of -volunteer support. - -Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed -editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in -the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not -necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper -edition. - -Most people start at our website which has the main PG search -facility: www.gutenberg.org - -This website includes information about Project Gutenberg-tm, -including how to make donations to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to -subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. |
