diff options
| author | nfenwick <nfenwick@pglaf.org> | 2025-01-22 06:39:53 -0800 |
|---|---|---|
| committer | nfenwick <nfenwick@pglaf.org> | 2025-01-22 06:39:53 -0800 |
| commit | ac0bdaec3fdd2c336ad4a88c7de4d46d79e20eb4 (patch) | |
| tree | 4763b797d85bc4c06e61d44454f03b97845a7a53 | |
| parent | 50a961cbf4e66ec3004199ba4ef4c77e38a9b1c7 (diff) | |
| -rw-r--r-- | .gitattributes | 4 | ||||
| -rw-r--r-- | LICENSE.txt | 11 | ||||
| -rw-r--r-- | README.md | 2 | ||||
| -rw-r--r-- | old/67244-0.txt | 2806 | ||||
| -rw-r--r-- | old/67244-0.zip | bin | 46209 -> 0 bytes | |||
| -rw-r--r-- | old/67244-h.zip | bin | 224328 -> 0 bytes | |||
| -rw-r--r-- | old/67244-h/67244-h.htm | 4030 | ||||
| -rw-r--r-- | old/67244-h/images/lordlister.png | bin | 36856 -> 0 bytes | |||
| -rw-r--r-- | old/67244-h/images/lordlister0009-front.jpg | bin | 115330 -> 0 bytes | |||
| -rw-r--r-- | old/67244-h/images/p0009-01.png | bin | 15299 -> 0 bytes |
10 files changed, 17 insertions, 6836 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes new file mode 100644 index 0000000..d7b82bc --- /dev/null +++ b/.gitattributes @@ -0,0 +1,4 @@ +*.txt text eol=lf +*.htm text eol=lf +*.html text eol=lf +*.md text eol=lf diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt new file mode 100644 index 0000000..6312041 --- /dev/null +++ b/LICENSE.txt @@ -0,0 +1,11 @@ +This eBook, including all associated images, markup, improvements, +metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be +in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES. + +Procedures for determining public domain status are described in +the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org. + +No investigation has been made concerning possible copyrights in +jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize +this eBook outside of the United States should confirm copyright +status under the laws that apply to them. diff --git a/README.md b/README.md new file mode 100644 index 0000000..a3ec052 --- /dev/null +++ b/README.md @@ -0,0 +1,2 @@ +Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for +eBook #67244 (https://www.gutenberg.org/ebooks/67244) diff --git a/old/67244-0.txt b/old/67244-0.txt deleted file mode 100644 index 6070b44..0000000 --- a/old/67244-0.txt +++ /dev/null @@ -1,2806 +0,0 @@ -The Project Gutenberg eBook of Lord Lister No. 9: Om goud en liefde, -by Kurt Matull - -This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and -most other parts of the world at no cost and with almost no restrictions -whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms -of the Project Gutenberg License included with this eBook or online at -www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you -will have to check the laws of the country where you are located before -using this eBook. - -Title: Lord Lister No. 9: Om goud en liefde - -Authors: Kurt Matull - Theo Blakensee - -Release Date: January 24, 2022 [eBook #67244] - -Language: Dutch - -Produced by: The Online Distributed Proofreading Team at - https://www.pgdp.net/ for Project Gutenberg. - -*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK LORD LISTER NO. 9: OM GOUD EN -LIEFDE *** - - - - - LORD LISTER - GENAAMD RAFFLES - DE GROOTE ONBEKENDE. - - NO. 9 OM GOUD EN LIEFDE. - - - - - - - - -OM GOUD EN LIEFDE. - - -EERSTE HOOFDSTUK. - -DE MARKIES DI SAO BALBO. - - -De herfstavond was aangekomen en het gezelschap was met zijn honden -teruggekeerd van de jacht. Men kleedde zich op Rastinghouse, het -landgoed van Lord Clifford, voor het diner. - -De hall van het oud-adellijke slot, die groote ruimte, waar de rijke -Engelschen zich het liefst ophouden, en vanwaar men langs de prachtig -gebeeldhouwde trappen de verschillende etages bereikt, scheen nog leeg -te zijn. - -Eerst toen een rijzige slanke mannengestalte met veerkrachtigen tred en -bijna onhoorbaar de met dikke loopers belegde trap afkwam, richtte zich -in een der fauteuils, die in de hall stonden, een fijnbesneden, blond -vrouwenkopje op en twee groote violetblauwe oogen keken vragend op. - -De heer glimlachte en vroeg met gedempte stem: - -„Heb ik u verschrikt, Miss Goal? Dacht u misschien, dat het de beruchte -Raffles was, die uw gouden lokken kwam stelen?” - -De dame, die zich nu in haar volle lengte verhief, had een slanke, -tengere gestalte en was een bijzonder bekoorlijke verschijning. Zij was -het blijkbaar niet met zichzelf eens, welke houding zij zou aannemen -tegenover den heer, die nu vóór haar stond en met zijn blanke vingers -over zijn prachtigen, zwarten baard streek. Eindelijk sprak zij: - -„Neen, markies, ik herkende u dadelijk. Ik betwijfel het echter of het -louter toeval is, dat wij elkaar zoo dikwijls ontmoeten en dat wij -zelfs in dit huis, waar zoovele menschen samenzijn, ons telkens weer in -elkaars gezelschap bevinden. Misschien is het het noodlot, dat zoo vaak -onze wegen doet kruisen.....” - -Zij zweeg en de slanke man, die vóór haar stond, zag een traan in haar -oogen. Hij boog en sprak: - -„Ik hoop, Miss, dat gij dit zóó opvat als het u het liefst zou zijn. Ik -zou er gaarne iets toe willen bijdragen om uw blik meer tevreden en -gelukkig te maken.” - -Daarop vatte hij een van haar smalle handjes, waarop hij een langen, -innigen kus drukte. - -„Maar ik begrijp niet, wat u bekommert. Iedereen houdt van u, gij zijt -onder bescherming van een achtenswaardigen ouden heer, kolonel Goal, en -ik geloof niet, dat er zich iemand hier in huis bevindt, die niet met -alle mogelijke opoffering den geringsten uwer wenschen zou willen -vervullen.” - -Miss Florence schudde het hoofd en sprak: - -„Van u, markies, had ik niet gedacht, dat gij u, evenals alle anderen, -liet misleiden.” - -Verbaasd keek de knappe man in het gelaat der jonge vrouw, daarop -antwoordde hij met een glimlach: - -„Men kan niet altijd toegeven aan zijn vermoedens, lieve Miss. Ik heb -veel opgemerkt, wat aan de oogen van anderen verborgen is gebleven en -ik meen mij niet te vergissen in de veronderstelling, dat uw verdriet -een uwer naaste bloedverwanten geldt. Is het niet waar?” - -Het schoone meisje knikte toestemmend. - -En snikkend sprak zij met gedempte stem: - -„En ik ben verloren, als niemand mij helpt.” - -Ridderlijk knielde hij voor haar neer, hij nam de blanke meisjeshand in -de zijne en sprak op ernstigen, bijna plechtigen toon: - -„In de aderen van den markies di Sao Balbo vloeit het bloed der oude -Saraceensche ridders. Mijn stamvader liet zich voor zijn dame -verbranden en al zijn de gewoonten ook minder wreed geworden en al -zoudt gij, lieve Miss, een dergelijke vuurproef niet van mij verlangen, -toch smeek ik u, geheel over mij te beschikken en uwe eischen te mijnen -opzichte zoo hoog mogelijk te stellen. - -„Het gevoel, dat ik jegens u koester, is zoo verheven en heilig, dat ik -er naar snak, iets voor u te mogen doen!” - -Miss Florence was eenigszins teruggeweken. Uit de woorden van den man, -die knielend voor haar lag, laaide de gloed van den hartstocht haar -tegen en zij wist niet, welk antwoord zij moest geven. - -De schoonheid van dezen man streelde haar zinnen, zijn welluidende stem -trof haar hart en zij besefte, dat, hetgeen zij voor den markies -voelde, de kiem was van een liefde, die zij zichzelf nauwelijks durfde -bekennen. - -Voor een oogenblik vergat zij haar leed. Maar de Zuid-Amerikaan, van -wien men vertelde, dat hij in de Vuelta Abajos tabaksplantages en -andere bezittingen van fabelachtige waarde had, drong er zelf op aan, -dat zij haar hart bij hem uit zou storten. - -O, hoe gaarne deed zij dit! - -Deze Mr. Goal, de gewezen overste in het leger van Hare Majesteit de -Koningin, deze oude soldaat, die door iedereen voor een man van eer -werd gehouden, was een groote schurk, gevaarlijk voor ieder jong -meisje. - -Hij vervolgde zijn nicht, die eigenlijk slechts een verre bloedverwante -van hem was, met de volharding van een ouden woesteling, hij sloop haar -na tot in haar kleedkamer en beproefde daar, nadat hij de dienstboden -had doen heengaan, zijn schandelijke plannen uit te voeren. - -Trouwen wilde hij haar niet! Geen enkel oogenblik dacht hij daar aan! -Tot zijn geliefde wilde hij haar maken om haar later, als hij genoeg -van haar zou hebben, weg te werpen. - -De wangen van het meisje waren met een blos van schaamte bedekt, toen -zij deze dingen van zoo kieschen aard toevertrouwde aan den jongen man, -die met gefronst voorhoofd naar haar luisterde. Zij durfde haar reine, -blauwe oogen niet opslaan naar hem, die haar zooeven van zijn teedere -gevoelens had gesproken. Maar zijn zware, hijgende adem verried haar, -hoezeer haar verhaal hem aangreep. - -En toen sprak zij eindelijk, luid snikkend: - -„Ik had een vertrouwd kamermeisje, dat reeds in mijn ouderlijk huis had -gediend. Eenigen tijd voordat wij naar het slot van lord Clifford -reisden, heeft de ellendeling mijn arme Betsie onder de valsche -beschuldiging van diefstal laten gevangen nemen. Nu ben ik zonder -eenige bescherming en ik ril van afschuw als ik denk aan het oogenblik, -waarop wij naar ons landgoed zullen terugkeeren.” - -Zij dacht eenige oogenblikken na en vervolgde toen met een wilden lach, -waaruit oneindig groote wanhoop sprak: - -„Maar hij zal mij niet levend in zijn macht krijgen! Ik wil liever -sterven!” - -Markies di Sao Balbo was doodsbleek geworden. Het trillen zijner sterke -handen en het rollen van zijn donkere oogen toonden in welke vreeselijk -opgewonden toestand de anders zoo kalme man zich bevond. - -Met moeite slechts kon hij vragen: - -„Eén ding begrijp ik niet, Miss. Gij zijt immers rijk. Ik bid u, mij -mijn onbescheidenheid niet kwalijk te nemen, maar men beweert, dat gij -een groot vermogen bezit, gij zijt dus niet afhankelijk van dezen man! -Ik weet, dat gij meerderjarig zijt. Is het dan alleen uit eerbied voor -een familielid, dat gij het huis, waarin uw eer wordt aangerand, niet -verlaat?” - -Opnieuw in tranen uitbarstend, schudde Miss Florence het hoofd. - -„Ik was rijk en ik moest het nog zijn! Mijn ouders hebben inderdaad een -groot vermogen achtergelaten. Maar deze man, die mij nu nog het laatste -wil ontnemen, wat ik bezit, heeft mij ook mijn vermogen ontstolen. Met -mijn eigen oogen heb ik het testament gezien, waarbij mijn vader mij -tot universeele erfgename benoemde......” - -Zij droogde haar oogen met het fijne, kanten zakdoekje en de markies -vroeg, bijna ongeduldig: - -„En waar bleef dat testament?” - -Op verdrietigen toon antwoordde het jonge meisje: - -„Het document is verdwenen, er werd een ander gevonden, toen papa -gestorven was, waarbij mijn oom als beheerder van mijn vermogen was -benoemd. Ik zelf zou geen enkelen stuiver in handen krijgen, terwijl -mijn vader, die bij zijn leven nimmer een onaangenaam woord tot mij had -gesproken, mij lichtzinnig en verkwistend noemde. - -„Mr. Goal was ook benoemd tot executeur-testamentair en de verdere -voorwaarden luidden, dat hij mij in zijn huis moest opnemen en dat -ikzelf nimmer, maar bij eventueel huwelijk mijn kinderen wel over het -vermogen zouden kunnen beschikken.” - -„Op die manier heeft de schurk er zich warmpjes ingenesteld,” sprak de -markies, wiens neusvleugels trilden van toorn. - -„Nu begrijp ik het, lieve Florence, dat gij het als een schikking van -het noodlot hebt beschouwd, dat wij elkaar hebben ontmoet...! Ook ik -ben het toeval dankbaar, dat mij de gelegenheid geeft, u te kunnen -helpen! - -„Keer gerust met uw oom terug naar Kilburn en wees ervan overtuigd, dat -hij het nimmermeer zal wagen, u een voorstel te doen, dat uw eergevoel -zou kunnen krenken. Ja, hijzelf zal binnenkort blij zijn, als gij hem -uw hulp niet weigert!” - -Verrast, ongeloovig en toch met een uitdrukking van hoop op het -bekoorlijke gelaat, stak zij den markies haar handen toe en riep op -zachten toon: - -„Wilt gij mij helpen? O, zeg mij, wat wilt gij doen? Weet gij iets -omtrent mijn oom?” - -Meer kon Miss Goal niet vragen; de markies kon haar nog slechts met een -stevigen handdruk en een welsprekenden blik zijn hulp toezeggen. - - - - - - - - -TWEEDE HOOFDSTUK. - -VERSMADE LIEFDE. - - -Een elegante brunette kwam de trap af. Zij was gekleed in een zeegroen -dinertoilet, dat haar fraaigevormden hals en een deel van den gevulden -boezem vrij liet. - -Mrs. Mabel Morton was zeker niet veel ouder dan Miss Goal, maar de -teedere bekoorlijkheid, die het blonde meisje zoo aantrekkelijk maakte, -ontbrak op haar gelaat, dat ontegenzeggelijk schoon was, maar een te -hartstochtelijke en zenuwachtige uitdrukking had. - -Mrs. Morton groette de jonge dame en wendde zich daarna met een lichte -buiging van haar fier opgericht hoofd, dat met een paar prachtige -zwarte vlechten was gesierd, tot den markies. Lang en doordringend liet -zij haar blik op zijn gelaat rusten. - -Maar de Braziliaan, die, naar hij zelf vertelde, de laatste -afstammeling was van een oeroud adellijk geslacht van Spaansche -origine, keek met ijskouden blik langs de schoone vrouw heen. Op haar -gelaat kwam een scherpe uitdrukking, toen zij zich tot den markies -wendde met de vraag: - -„En wat zegt u wel, mijnheer, van de misdaden, die sinds eenigen tijd -onze hoofdstad zoo in beroering brengen?” - -Met onverholen bewondering de liefelijke verschijning van Miss Goal -nakijkend, die zoo juist met een lachenden afscheidsgroet naar boven -ging, antwoordde de markies: - -„Ik weet werkelijk niet, wat u bedoelt, mevrouw.... misdaden.... mijn -Hemel, er gebeurt zooveel op dat gebied....” - -Maar voordat de dame iets had kunnen antwoorden, klonk de stem van Lord -Clifford, een oude heer met bijzonder knap uiterlijk. Boven aan de trap -staande, mengde hij zich in het gesprek: - -„Maar mijn beste markies, dat behoordet gij toch te weten! Onze geachte -vriendin bedoelt blijkbaar de merkwaardige geschiedenissen, die verteld -worden omtrent dien Raffles, dien aartsschurk....!” - -„Raffles....?” De markies lachte. „Raffles...? Ach, zoo!.... Ja, daar -heb ik natuurlijk ook wel van gehoord....! Dat is die -bewonderenswaardige kerel, die vooral in particuliere woningen de -geslepenste diefstallen pleegt en zijn komst van te voren -aankondigt....” - -„Ja, ja.... juist! Juist....!” - -Lord Clifford liep in de hall heen en weer. - -„Ja, dat is hij! Natuurlijk zijn de malste geruchten in omloop.... Deze -man zou afstammen van een onzer oudste adellijke geslachten. Hij -onderteekent zijn eigenaardige briefjes, die verschillende slachtoffers -vóór den diefstal ontvingen, met den naam John C. Raffles.” - -De markies boog glimlachend zijn donkergelokt hoofd. - -„Het is in elk geval heel beleefd, zijn komst van te voren aan te -kondigen. Maar denkt u ook niet, dat de verhalen erg overdreven zijn? -Misschien heeft de een of ander internationale dief bij een gegoede -familie sieraden of tafelzilver gestolen en heeft een grappenmaker zich -de vrijheid veroorloofd, den bestolene een brief te schrijven, dien hij -heeft onderteekend met den naam Raffles.... Hieruit fabriceert het -groote publiek dan onmiddellijk een heelen roman, hoewel het best een -doodgewoon feit kan zijn geweest....” - -Lord Clifford schudde het hoofd, hij was het niet met zijn gast eens. - -Maar Mabel Morton, die haar oogen onafgewend op den Zuid-Amerikaan -gevestigd hield, antwoordde op bijna uitdagenden toon: - -„Deze verklaring van u is zeer menschlievend ten opzichte van den -beruchten inbreker! Zij stemt echter niet overeen met de feiten... -eenige ervan zijn van algemeene bekendheid, bij voorbeeld de -juweelendiefstal in het huis van den graaf van Kingston en het -verdwijnen der ordeteekenen van den koning. Telkens heeft men even vóór -het plegen van den diefstal bericht ontvangen omtrent de plannen van -den roover en ik meen te weten, dat ook de andere gevallen zich op -dezelfde wijze hebben afgespeeld.” - -„Mevrouw,” sprak de Zuid-Amerikaan, „ik heb geen enkele reden om den -misdadiger, die de algemeene verontwaardiging heeft opgewekt, in -bescherming te nemen!” - -De dame, op wier gelaat groote ontroering te lezen was, antwoordde met -een gedwongen glimlachje: - -„Heb ik dat beweerd?... Ik vind alleen, dat men zich niet moest -bekommeren om zaken, waar men feitelijk buiten staat!” - -En daarop vervolgde zij op kalmer toon: - -„......Ik bedoel,...... och, u hebt gelijk; wij twisten over dingen, -die geheel en al buiten onzen kring omgaan.” - -Lord Clifford wilde nog iets in het midden brengen, maar een blik op de -gezichten van deze twee menschen, waarop hij iets las, dat hij niet -begreep, maar dat hem veel te denken gaf, maakte hem voorzichtig. - -Het maakte op hem den indruk, alsof het tusschen die twee binnen eenige -minuten tot een liefdesverklaring zou moeten komen. En omdat hij gaarne -in alle opzichten zijn gasten aangenaam wilde zijn, besloot hij, hen -alleen te laten. - -„Ik verzoek u, mij nog voor een kwartiertje te verontschuldigen; ik -bedenk opeens, dat ik nog een dringenden brief moet schrijven.” - -Met deze woorden verdween hij in de aangrenzende bibliotheek. - -Nauwelijks had hij de deur achter zich gesloten, of Mabel Morton sprak -met zachte stem tot den markies: - -„Nu zult gij mij niet weer ontsnappen! Eindelijk moet het tusschen ons -tot eene opheldering komen! Denkt gij, dat ik niet heb gezien, hoe gij -dat jonge ding, Florence Goal, het hof hebt gemaakt? Vergeet niet, dat -ik recht heb op uw persoon en dat ik dit recht zal verdedigen tot aan -mijn dood...!” - -Smeekend strekte zij haar handen naar hem uit, waarop hij met een -koelen blik terugweek. „Raoul, wees barmhartig! Ontvlucht mij niet, -verlaat mij niet! Ik bemin je en kan zonder jou niet leven...!” - -Zij zweeg. En terwijl geen enkele trek veranderde op het gelaat van den -man, geen woord van zijn lippen kwam en zelfs geen glimlach om zijn -mond verscheen, bleef zij doodsbleek en met een uitdrukking van wanhoop -op het gelaat, voor hem staan, woorden van liefde en tederheid -fluisterend, die hij niet scheen te hooren. - -Totdat eindelijk, toen hij voor haar smeeken doof bleef en niets haar -zeide, dat hij haar hartstochtelijke woorden had verstaan, in haar -donkere oogen een uitdrukking van haat verscheen. - -Haar fijne vingers kromden zich om zijn arm en buiten zichzelf van -opgewondenheid fluisterde zij hem toe: - -„Wee, als je een andere liefhebt? Ik vernietig jou en haar!” - -Hij ging nog een stap meer achteruit en voordat zij weer kon beginnen -te spreken, vernam men schreden bovenaan de trap. - -Mrs. Clifford naderde met haar dochter Lilith en haar vriendin Miss -Ellen Graven, een rijke Amerikaansche. - -De hall was nu spoedig met gasten gevuld. - -Lord Clifford scheen zijn correspondentie beëindigd te hebben en met -hem verscheen overste Goal aan den arm van Sir Edward Touston. Achter -den ouden militair met zijn goedig uiterlijk liep Lord Emmerding in -gezelschap van Miss Florence Goal. - - - - - - - - -DERDE HOOFDSTUK. - -DE GEHEIMZINNIGE DWERG. - - -Het diner was afgeloopen en vroolijk lachend en pratend begaven sommige -paren zich weer naar de hall. - -„Het is mij werkelijk zeer onaangenaam,” sprak Clifford tot Sir Edward -Touston, in wiens gezelschap hij van een fijne sigaar genoot. - -„Die geheimzinnige dief brengt mij werkelijk in verlegenheid. - -„Ik heb, zooals gij weet, hier aan den vertegenwoordiger van de -Regeering uitgestrekte landerijen verkocht namens onze geheele -graafschap. Dit staat in verband met den aanleg van het nieuwe kanaal. - -„Morgen zal de uitbetaling plaats hebben, van de zeer aanzienlijke -geldsom, namelijk 100,000 pond sterling en wel in mijn huis. - -„Als de verkoop slechts mij zelf aanging, dan zou ik het bedrag -eenvoudig op mijn Bank overdragen. Dat is nu echter onmogelijk, omdat -ik in dit geval te maken heb met een menigte kleine boeren, die niet -tevreden zijn met een stukje papier, een cheque, die zij moeten -inlossen. - -„Die menschen hebben het liefst hun geld aan contanten uitbetaald en -daarom ben ik genoodzaakt, het geheele reuzenbedrag juist nu in mijn -huis te hebben. - -„Ik heb natuurlijk een stevige brandkast, maar iedereen weet, dat -dergelijke veiligheidsmaatregelen tegenover onze tegenwoordige -inbrekers van nul en geener waarde zijn. - -„Die kerels werken met alle hulpmiddelen der moderne techniek en ik -moet u bekennen....” Lord Clifford sprak met gedempte stem: „Ik ben -niet op mijn gemak....!” - -Sir Edward Touston, die vroeger bij de marine had gediend en die een -onverstoorbare kalmte bezat, glimlachte. - -„Gij zult toch waarschijnlijk al die kletspraatjes niet gelooven, -Mylord! Die geheimzinnige schurk is ook maar een doodgewoon mensch. -Laat des nachts uw honden los en geef uw bedienden revolvers. Als dat -alles nog niet helpt, laat dan een paar Londensche detectives komen, -die gij wacht laat houden vóór uw brandkast. De boeren zullen spoedig -genoeg hier zijn om hun geld in ontvangst te nemen en dan zijt gij van -alles af!” - -Lord Clifford schudde het hoofd en op dit oogenblik naderde overste -Goal het tweetal, informeerende naar het onderwerp van hun gesprek. - -„Wij hebben het juist over dien geheimzinnigen inbreker,” sprak Lord -Clifford. „Ik ben toevallig genoodzaakt, veel geld in huis te hebben en -dus is het begrijpelijk, dat ik enigszins bezorgd ben!” - -„Veel geld?” vroeg overste Goal met van hebzucht fonkelende oogen. - -„Ja,” antwoordde Lord Clifford, „ongeveer 100,000 pond.” - -Deze woorden brachten een grooten ommekeer te weeg op het gelaat van -den ouden kolonel. Begeerig likte hij zijn lippen af en zijn vingers -kromden zich krampachtig als wilde hij een flinken greep doen in een -reusachtigen zak met goud. - -„Ah, 100,000 pond,” ontsnapte het aan zijn lippen, die verdwenen onder -een dichte grijze snor. - -Deze woorden trokken de aandacht van alle andere aanwezigen. Binnen -eenige minuten was ieder op de hoogte van den toestand. - -Men lachte en schertste en maakte Lord Clifford tot het onderwerp der -algemeene bespotting, waaraan zelfs zijn echtgenoote, een -aristocratische bleeke dame, meedeed. - -Het meest lachte Lilith, een bekoorlijke brunette, de vriendin van Miss -Florence Goal. - -Deze beide meisjes—ook Miss Florence scheen weer in een vroolijke -stemming te zijn—putten zich uit in fantastische beschrijvingen van een -avontuur, dat zij gaarne met den geheimzinnigen dief zouden willen -hebben. - -„Ik geloof,” sprak Lilith, „dat hij galant genoeg zou zijn om mij niet -te bestelen.” - -„Zeker!” klonk het nu uit den mond van markies di Sao Balbo, welke tot -nu toe alleen met een glimlach aan het gesprek had deelgenomen. - -Maar alsof hij reeds spijt had van dit enkele woord, vervolgde hij op -onverschilligen toon: - -„Want iemand, die zooals men beweert, afstamt uit een der oud-Engelsche -families, kan natuurlijk niet anders dan beleefd zijn tegenover dames.” - -Maar de anderen schudden het hoofd en beweerden, dat men het er liever -niet op aan moest laten komen. - -„O!” riep Lilith met een guitig lachje, „daaromtrent zouden wij gauw -zekerheid kunnen hebben. De markies heeft ons eergisteren beloofd, een -kleine séance in ons midden te zullen houden. Wij roepen eenvoudig den -geest op van dezen genialen dief!” - -„Maar dat gaat niet!” fluisterde Miss Ellen Graven. „Wij hebben bij ons -in Amerika dikwijls met geesten gesproken, maar men kan niet een levend -mensch oproepen!” - -„Welnu,” meende Sir Edward Touston, „dan zouden we Raffles eerst dood -moeten slaan, voordat we zijn geest oproepen!” - -Mrs. Mabel Morton echter sprak: - -„Ik geloof, dat wij den markies gerust kunnen vertrouwen. Als hij dezen -merkwaardigen misdadiger wil laten spreken, kunt gij er van verzekerd -zijn, dat hem dit zeer gemakkelijk zal vallen, nietwaar markies?” - -De Zuid-Amerikaan dacht even na, daarop boog bij toestemmend het -interessante hoofd en sprak, zonder de aanwezigen aan te zien: - -„Ik zou het gezelschap dan in elk geval moeten verzoeken, mij te volgen -naar de bovenvertrekken van het huis. Toen men mij onlangs verzocht, -een séance te houden, heb ik het vertrek aan de zijde van den vijver—ik -geloof, dat het een met gele zijde gestoffeerde salon is—daartoe -bijzonder geschikt bevonden. Gij moet namelijk weten, dat de geesten -volstrekt geen genoegen nemen met iedere kamer. Er zijn bepaalde -afmetingen noodig. - -„De geluiden mogen in een dergelijk vertrek niet al te duidelijk zijn, -maar zoo zacht mogelijk klinken, want de geesten houden er niet van, -zich al te luide te openbaren.... Alles moet op zachten en gedempten -toon toegaan, ook zijn zij gevoelig voor leelijke en schelle -kleuren.... Ja, u glimlacht, mijne heeren, maar wie, zooals ik, reeds -jarenlang in innig contact staat met hen, die niet meer bij ons zijn, -en die ons toch voortdurend omringen, die heeft geleerd, hen te -begrijpen en rekening te houden met hun wenschen! - -„Als de gastheer het toestaat, zullen wij ons naar boven begeven naar -dat vertrek!” - -Een bijna plechtige stemming had zich meester gemaakt van het kleine -gezelschap. De meeste van deze anders zoo spotlustige en oppervlakkige -menschen waren onder den indruk van het geheimzinnige, waarmee de -overigens zoo verlichte Engelschen zich gaarne omgeven. - -Er was misschien niemand onder hen, die de gemeenschap met de -onbelichaamde geesten voor onmogelijk hield en de markies di Sao Balbo -verzamelde een tamelijk geloovig gezelschap om zich heen, toen men het -gele salon had bereikt en de bedienden van den Lord met groote snelheid -de meubelen, op enkele stoelen na, hadden verwijderd. - -Een kleine tafel, bedekt met een zwart fluweelen kleed, bleef in het -midden van het vertrek staan, en daarvoor nam de markies di Sao Balbo -plaats, gezeten op een tabouret, waarop hij eenige kussens had gelegd. - -Het slot was voorzien van electrisch licht. Een geweldige dynamo, wier -geluid verloren ging in de gewelfde kelderruimte, verschafte den -stroom, die het geheele kasteel, dat te midden der landelijke -eenzaamheid lag, verlichtte. - -Behalve een enkele vlam, werden alle lichten uitgedraaid. - -Het was volkomen stil in het niet overgroote vertrek, waarin de -voorname Engelsche dames en heeren op tamelijken afstand van den -markies zaten te wachten op de dingen, die komen zouden. - -De kleine, met een tot op den grond afhangend kleed bedekte tafel, ging -nu onder de handen van den markies ongeveer een voet de hoogte in en -begon met schommelende bewegingen in een halven cirkel om den -Zuid-Amerikaan heen te draaien. - -Tegelijkertijd vernam men, als uit de diepte komend, een gegons van -stemmen, alsof menschen in een vreemde taal een ernstig lied zongen. -Dat duurde ongeveer een minuut en hield toen plotseling op, terwijl de -tafel weer tot op den vloer neerdaalde en daar bleef staan. - -Nu stond de markies op, hij liep naar den muur, waar niemand zat en nam -een klein pakje uit zijn zak, waaruit hij, bukkend, op ongeveer twee -meter afstand van den muur, een witachtig poeder op den vloer strooide. - -Nadat hij dit met een waslucifer in brand had gestoken, sprong hij -terug, terwijl het vuur zich bliksemsnel over het poeder verspreidde. - -De hiermee gepaard gaande zwakke knal had de dames verschrikt, maar nog -voordat zij van de verbazing waren bekomen, zweefden roode, welriekende -wolken langs den met zijde bekleeden muur omhoog. - -Uit dezen nevel, die langzamerhand wegtrok door een venster, dat de -markies had geopend, kwam een klein wezen te voorschijn van nauwelijks -een meter lengte, misvormd en gebocheld en met een wanstaltig, -buitengewoon leelijk hoofd. - -Terwijl hij met boosaardige roofdieroogen het voorname gezelschap -opnam, bleef de kleine man tegen den muur staan; daarna keek hij op -naar den markies, die plotseling een kleine zweep in de hand hield, -waarmee hij den dwerg dreigde. (Zie het titelblad.) - -„Wat een verschrikkelijk schepsel!” fluisterde de schoone Lilith, „o, -kijk eens hoe vies hij eruit ziet!” - -Maar haar vriendin, tot wie deze woorden gericht waren, keek sidderend -naar haar oom, kolonel Goal, die in het halfdonker van de kamer veel -minder notitie nam van den geheimzinnigen dwerg dan van de mooie -Florence, wier gestalte hij met begeerige blikken verslond. - -Op dit oogenblik weerklonk de stem van den geesten-bezweerder met bijna -onherkenbaren klank. Op bevelenden toon klonk het: - -„Vertel ons, wie je bent!” - -De dwerg kromde zich als een worm, maar scheen niet van plan om te -antwoorden. Eerst toen de markies hem met de zweep dreigde, stiet hij -eenige onsamenhangende geluiden, uit, waaruit men alleen kon begrijpen, -dat hij „Jim Gocky” heette en weer weg wilde. - -„Je blijft!” gebood hem de markies, „en je zult ons zeggen, wat je weet -van Raffles, die zich de Groote Onbekende noemt!” - -De dwerg grijnsde als een duivel; eindelijk sprak hij: - -„....hij is er.... daar is hij.... en hij is weer verdwenen....! Als -hij komt, luidt de groote bel.... waar geld of schatten verborgen zijn, -weet hij ze te vinden.... Hij neemt het van de rijken en geeft het aan -de armen....” - -Zonder zich te storen aan de verbaasde uitroepen van de toeschouwers, -vroeg de markies verder met de grootste kalmte: - -„En kun je ook vertellen, Jim Gocky, waarheen John Raffles zich den -eerstvolgenden keer zal begeven?” - -De dwerg aarzelde weer, hij scheen weer geen lust te hebben om te -antwoorden. - -Met een sprong stond de markies naast hem, de zweep snorde door de -lucht en de kleine man sloeg als om genade smeekend de handen voor het -gelaat Daarop schreeuwde hij: - -„Hierheen zal hij komen....! Hierheen komt hij, reeds morgen....” - -Lord Clifford was opgestaan en sprak met eenigszins onvaste stem tot -den markies: - -„Zoudt u hem eens willen vragen, wat Raffles hier zal komen doen?” - -Maar er was geen woord meer uit den dwerg te krijgen. Hij hurkte op den -vloer neer en keek om zich heen als een getergd aapje, dat angstig een -uitweg zoekt om te vluchten. - -De markies haalde de schouders op, daarop nam hij weer het pakje met -het witte poeder uit zijn zak en strooide de rest ervan op dezelfde -wijze als daarstraks langs den muur en rondom den dwerg. - -Het waslucifertje vlamde op, rozeroode, welriekende wolken stegen op -naar het plafond en toen deze waren verdwenen, was er ook van den dwerg -niets meer te zien. - -Maar een koude tocht trok door de kamer en Sir Edward Touston, de -ongeloovigste van het gezelschap, sprak tot zijn vriend Lord Clifford: - -„Vanwaar kwam plotseling die koude luchtstroom? De deuren en vensters -zijn toch gesloten!” - -De dames omringden vol bewondering den markies en vroegen hem om -opheldering van het vreemde geval. Deze echter maakte er zich af met -een fijnen glimlach. Hij ging naar beneden en verzocht den gastheer, -zijn automobiel te laten voorrijden, daar hij nog naar Londen moest, -waar hij in de Club werd verwacht - -Tegelijk met den Zuid-Amerikaan nam, ondanks het algemeene protest der -aanwezigen, diens jonge vriend, Mr. Rudge Fitzgerald, afscheid en -eenige minuten later hoorde men het zich verwijderend getuf van den -Mercedes-wagen. - - - - - - - - -VIERDE HOOFDSTUK. - -IN „BLACK HORSE”. - - -Tegen den avond van dienzelfden dag had een ondoordringbare mist zich -boven Londen samengepakt. De menschen waren omhuld door dikke, zwarte -wolken en het was zeer gevaarlijk voor hen, die niet nauwkeurig den weg -in deze reuzenstad kenden. Op de hoeken der straten zag men met -brandende fakkels voorziene jongens staan, die zich aanboden om de -personen, die in den mist mochten zijn verdwaald, weer op den goeden -weg te brengen. - -Hoe ongelooflijk het ook klinkt, toch is het een feit, dat men op een -afstand van drie schreden niets meer kan onderscheiden in dezen -ondoordringbaren nevel, die daarenboven de ademhaling bijna onmogelijk -maakt. - -De couranten bevatten na een dergelijken mist steeds lange lijsten van -verongelukte en zoek geraakte personen. En dat is het nog niet alleen, -waaraan de Londenaar in die dagen is blootgesteld, maar beschermd door -dezen vuilen sluier, die de geheele stad in zijn geheimzinnige -ondoordringbaarheid verborgen houdt, loert overal de misdaad! - -In het Oostelijk deel der stad ligt de wijk der ellende: Whitechapel. -Een net en fatsoenlijk gekleed mensch behoort daar tot de -zeldzaamheden; in de goten vindt men beschonken mannen en, wat nog -erger is, beschonken vrouwen. - -Daar, waar Whitechapel Road eindigt en waar Mile End begint, gaat naar -rechts de Sidney Street Op dien hoek, verlicht door een straatlantaarn, -stond midden in den nevel, in pikdonkeren nacht, een hooge gestalte in -een wijden zwarten mantel. - -Het scheen, alsof de man, die op geen vijf pas afstands te zien was, op -iemand wachtte. - -Een torenklok verkondigde het middernachtelijk uur. - -Na eenige oogenblikken ging de onbekende de Sidney-street in, waar hij -bij den hoek der eerstvolgende zijstraat weer bleef staan wachten. - -Hoewel hij in gedachten verdiept scheen te zijn, ontsnapte het toch -niet aan zijn aandacht, dat door den nevel heen iets naderbij kwam. - -En plotseling werd hij van twee kanten tegelijk beetgepakt, terwijl men -trachtte, hem neer te werpen. - -De onbekende verdedigde zich niet, hij bewoog zich nauwelijks, hij -sprak slechts een enkel woord. - -Even snel als zij hem hadden aangevallen, lieten de aanranders hem los. -Een van hen mompelde: - -„Vergeef het ons, mijnheer, dat komt van den mist!” - -Daarop verdwenen beiden in de duisternis, terwijl zij den eenzamen man, -die heilig scheen in de oogen van roovers en moordenaars, alleen -achterlieten. - -Deze vervolgde zijn weg, totdat hij in een herberg kwam, wier -verlichting een zwak schijnsel op straat wierp. Maar hij ging de deur -van het gebouw voorbij, liep naar den muur en was opeens verdwenen, als -opgeslokt door de zwarte, vochtige wolken. - -In de herberg, die bij de misdadigers, welke hier samenkwamen, bekend -stond onder den naam „Black Horse” (Het Zwarte Paard), heerschte een -vreeselijk lawaai. - -Het was een groot vertrek gelijkvloers, dat, gevuld met menschen en -sigarenwalm, een helsch schouwspel vertoonde. - -Meiden van het minste allooi, met oude, vuile zijden lappen opgedirkt, -met rood geschilderde wangen en zwart omrande oogen, hokten hier samen -met haar minnaars, van wie geen enkele zijn brood op eerlijke wijze -verdiende. - -Op een podium achter in de zaal droegen een neger en een negerin -schuine liedjes voor, waarbij zij op de banjo speelden. Het schrille, -oorverdoovende geluid van het instrument werd echter door het ruwe -geschreeuw en het krijschende lachen der gasten overstemd. - -Op eenigen afstand daarvan zaten aan een lange tafel verscheiden -mannen, die zich bezighielden met allerlei hazardspelletjes. Tusschen -hen bevonden zich ook eenige lieden, naar hun roode haren te oordeelen, -Ieren, die niet tot de gewone bezoekers behoorden, maar welke hierheen -gelokt waren en nu blijkbaar werden uitgeplunderd. - -Reeds beschonken door den hun aangeboden jenever en whiskey, volgden de -Ieren met starende blikken het verdwijnen van hun zuur verdiende -shillingen. - -Plotseling echter scheen een van hen argwaan te krijgen. Misschien had -hij opgemerkt met welke oneerlijke praktijken de bankhouder zich -ophield. De Ier greep, terwijl hij met zijn geheele bovenlijf over de -tafel leunde, naar zijn inzet, om zoodoende het geld weer in zijn bezit -te krijgen. - -Maar de bankhouder, een kerel met een boeventronie, haalde in een -oogwenk een lang mes te voorschijn en nagelde daarmee met een enkelen -stoot de hand van den Ier op de eikenhouten tafel vast. - -De man brulde als een stier, die een bijlslag heeft gekregen! Hij en -zijn makker deden alle moeite om de stevig aan de tafel vastzittende -hand te bevrijden en nu ontstond een verschrikkelijk tumult, een woeste -vechtpartij begon en de beide Ieren, waarvan de eene bijna bewusteloos -was geworden door pijn en bloedverlies, werden steeds meer naar den -uitgang gedrongen. - -Daar weerklonk te midden van het rumoer, het aanhoudend luiden van een -bel! Het was, alsof dit geluid verlammend werkte op alle aanwezigen. -Angstige stilte volgde op het ongehoorde alarm en toen men de deur weer -had gesloten achter de beide naar buiten gedreven Ieren, durfden de -gasten slechts nog op fluisterenden toon met elkander te praten. - -„Hij....! Hij is er....! Hij!” - -De herbergier, wiens buffet met ijzeren rasterwerk was -afgesloten—alleen door een kleine opening, die afgesloten kon worden, -bediende hij zijn gasten—verliet, nadat hij het loketje gesloten had, -zijn plaats achter de toonbank door een zijdeur en liet zijn gasten -over aan hun bijgeloovige vrees. - -Niet lang daarna kwam de herbergier, wien men „Double” (de dubbele) -noemde, waarschijnlijk wegens zijn enormen lichaamsbouw en -ongelooflijke kracht, in het lokaal terug, op luiden toon twee namen -uitroepende: - -„Red Bill en Tête Renard!” - -De „Rooje” en „Vossekop”, welke laatste op afschuwelijke wijze geleek -op het roofdier, waaraan hij zijn bijnaam te danken had, gingen stil en -bescheiden naar de kleine deur, die de herbergier voor hen had -opengesloten en waren, blijkbaar benijd door hun makkers, een oogenblik -later verdwenen. - - - - - - - - -VIJFDE HOOFDSTUK. - -„HIJ”. - - -De beide mannen volgden als schuwe kinderen den kastelein eene trap op, -daarna door een gang weer naar beneden, om vervolgens een andere trap -te bestijgen, totdat zij, in een ander gebouw aangekomen, voor een deur -bleven staan, waardoor de herbergier verdween. - -Toen deze deur weer geopend werd, zagen de mannen het voorste gedeelte -van een vertrek, dat met overdadige weelde was ingericht en dat door -middel van zware, donkerrood fluwelen gordijnen in twee helften was -verdeeld. - -Vossekop en de Rooje bleven met onderdanigen eerbied op eenige passen -afstand van deze portière staan. Opeens klonk een zilveren bel, -dezelfde, die zooeven de geheele misdadigersbende had doen ineenkrimpen -van schrik en dit geluid werd driemaal herhaald. - -De beide mannen durfden nauwelijks ademhalen. - -Hij was in hun nabijheid! - -Hij zou hun zijne bevelen geven....! - -Zij wisten, dat zij hem moesten gehoorzamen en dat hun de dood wachtte, -als zij zich zouden willen onttrekken aan dat, wat hij van hen eischte. - -En zij dachten er geen oogenblik aan, hem ongehoorzaam te zijn. Evenals -al hun kameraden vereerden zij dezen geheimzinnigen man, wien geen -hunner nog ooit had gezien en die als een God over deze ruwe kerels -heerschte. - -Zij wisten ook, dat zij niet beter konden doen dan stipt te -gehoorzamen. Hij, in wiens dienst zij allen stonden, was mild als een -vorst. - -Wanneer een van hen allen in moeilijkheden of ellende verkeerde, dan -kreeg hij op soms onverklaarbare wijze hulp en bijstand. Hij vond -vrienden, waar hij vroeger niemand had gekend. De knapste advocaten -namen kosteloos zijn verdediging op zich, als hij voor het gerecht -moest komen. - -Geraakte hij in de gevangenis, dan werden hem op geheimzinnige wijze -allerlei tegemoetkomingen verleend, in sommige gevallen openden zich -zelfs de poorten van dit sombere gebouw voor hem of onzichtbare handen -verschaften hem in zijn cel de werktuigen met wier behulp hij zich kon -bevrijden. - -Aan al deze dingen dachten misschien de beide geslepen spitsboeven, -toen de zilveren bel weerklonk en een heldere, bijzonder kalme stem -achter de rood-fluweelen gordijnen de woorden sprak: - -„Ik heb jullie laten roepen, omdat ge nog dezen nacht naar Kilburn moet -gaan. Gij moet daar een document gaan halen en het is best mogelijk, -dat men het u lastig zal maken. Ik zeg jullie echter bij dezen, dat je -alleen dàn levend moogt terugkomen, als ge het document in handen hebt. -De inrichting van het huis, waarin zich het stuk bevindt, en alles, wat -gij verder nog dient te weten, zal men u dadelijk uiteenzetten!” - -Bij de laatste woorden scheen het licht uit te gaan achter de fluweelen -portière en een oogenblik stonden de beide boeven in pikdonker. Daarna -echter werd het weer helder licht en plotseling stond een kleine, -misvormde man voor hen, niet grooter dan een tienjarige knaap, met een -afschuwelijk gevormd hoofd en verfoeilijke gelaatstrekken. - -Het was dezelfde dwerg, die des avonds in Het slot van Lord Clifford -was verschenen en wien markies di Sao Balbo naar den geheimzinnigen -Raffles had gevraagd. - -De kleine misvormde man gaf den Belg een zwart couvert, dat op de -keerzijde voorzien was van de gouden letters „J. R.” - -Daarop ging het mannetje naar de deur, opende deze en boog met een -hoonenden grijnslach tegen de beide misdadigers, die nu heengingen. - -De beide kerels hadden den moed niet, den brief dadelijk te openen. -Buiten de deur wachtte de herbergier weer op hen, die hen naar de kroeg -teruggeleidde. Hij volgde nu echter een anderen weg. - -Eerst toen zij weer in „Black Horse”, de herberg, die als -verzamelplaats der misdadigers diende, waren teruggekeerd en in een -eenzaam hoekje hadden plaats genomen, maakten zij het couvert open. - -Zij vonden daarin een klein briefje, waarop met de schrijfmachine was -geschreven: - - - Kilburn, Gloucester Street 3. Colonel Goal. Gevaarlijke hond. - Vanuit den tuin door het raam. Gewapende bediende; onschadelijk - maken. Gelijkvloers rechterhand studeerkamer. Schrijftafel, geheim - vak document, dadelijk meebrengen. - - JOHN C. RAFFLES. - - -En de twee voor niets terugdeinzende kameraden aarzelden geen oogenblik -om het hun gegeven bevel uit te voeren. - - - - - - - - -ZESDE HOOFDSTUK. - -DE GESTOLEN MILLIOENEN. - - -Men had gelachen in de villa Van Lord Clifford om de voorspellingen van -het mannetje, wiens verschijning verschillende leden van het -gezelschap, dat de séance had bijgewoond, toeschreven aan een handig -goochelkunstje van den markies di Sao Balbo. - -Dergelijke spiritistische séances worden dikwijls gehouden in Engelsche -gezelschappen en de soms zeer verrassende resultaten verbazen niemand -meer. - -Al naarmate het publiek minder of meer goedgeloovig is, beschouwt men -ze als werkelijke uitingen van de geestenwereld, of wel men ziet er -slechts de goedgelukte kunstjes in van een soort toovenaar of -goochelaar. - -Toch had Lord Clifford, die onmetelijk rijk was, maar die niet veel -lust gevoelde om een zoo groote som te verliezen, een beroemd detective -bij zich laten komen. - -Met groote gastvrijheid stelde hij Mr. Holliday, den detective, aan -zijn logé’s voor, welke geen van allen lieten merken, hoe weinig deze -corpulente persoon met zijn zelfbewusten blik deze fijnbeschaafde -aristocraten in hun midden welkom was. - -Het was het uurtje van de five o’clock tea en de dames hadden zich in -haar lichte avondtoiletten reeds in de hal verzameld. Slechts Miss -Florence Goal, de nicht van den overste, en deze zelf ontbraken nog. - -Markies di Sao Balbo onderhield zich met den detective, die hem lange -verhalen deed over zijn voortdurend succes. - -„Ik ben dezen Grooten Onbekende reeds lang op het spoor”, snoefde hij, -„en ik kan u verzekeren, heer markies, dat de kerel eigenlijk een -groote stommerd is. Hij vertelt van te voren, waar hij zal komen -stelen! Daarenboven geeft hij overal brieven af! Zijn zwarte brieven -zijn reeds berucht geworden! - -„Geloof mij, heer markies, het kan niet zoo heel moeilijk zijn, om zulk -een onvoorzichtigen misdadiger te ontmaskeren....!” - -Een ironisch lachje speelde om den mond van den markies, toen hij -antwoordde: - -„Voor zoover ik weet, voert deze geheimzinnige persoon zijn praktijken -reeds meer dan een jaar lang uit. Mij dunkt, Mr. Holliday, dat gij en -uw collega’s gelegenheid genoeg hebt gehad om den Grooten Onbekende in -uw bezit te krijgen.” - -De detective lachte gemaakt en sprak: - -„Zeer juist, zeer juist! Maar het is heel moeilijk om toegang te -verkrijgen tot de aristocratische gezelschappen. Men roept mijn hulp -eerst dan in, als de diefstal reeds gepleegd is en als het spoor van -den dief verloren is gegaan. Het is juist zoo merkwaardig dat deze man -altijd soirées, jachtpartijen of bals uitzoekt om zijn slag te slaan.” - -De markies knikte toestemmend. - -„Nu, deze keer zal het beter gaan. Onze gastheer heeft tijdig aan u -gedacht en juist u hier laten komen, omdat gij als zeer bekwaam bekend -zijt! Ik hoop, dat gij ons het genoegen zult doen, den dief, als hij -ten minste komt, in ons bijzijn te vangen.” - -Na deze woorden verdween de markies met een hoofdknik door de zware -pluche gordijnen naar de aangrenzende bibliotheek. Hij wist, dat dit -vertrek een uitgang had naar een zijgang, waardoor men ook naar de -bovenverdieping kon komen. Zonder dat zijn schreden hoorbaar waren op -de dikke loopers, spoedde hij zich naar boven, waar hij geruischloos -naar de deur van Florence’s kamer sloop. - -Zijn hart was vervuld van medelijden met het jonge meisje, wier groote, -zielvolle oogen steeds vol droefheid op hem gericht waren en hij -vreesde voor haar, sinds hij gisteren had vernomen, welk een -hardnekkigen vijand zij in haar oom bezat. - -Een geruimen tijd hoorde hij niets. Daarop echter vernam hij zuchten en -kermen en het kwam hem voor, als hoorde hij Florence’s zachte stem en -daartusschen dreigende woorden van den ouden overste. - -Opeens klonk daar binnen een gil, de markies opende de deur en trad de -kamer binnen, waarin hij den overste bij een tafel zag staan. Zijn -rechterhand bloedde, terwijl Miss Florence doodsbleek, met groote, -angstige oogen een eind van haar oom verwijderd, tegen een kast leunde. - -„Wat wilt gij hier?” beet de oude kolonel den markies toe. - -„Ik vraag excuus, als ik stoor”, antwoordde deze, „maar ik hoorde den -hulpkreet van een vrouw en meende misschien van dienst te kunnen zijn.” - -„Niemand verlangt uw hulp, gij zijt een indringer!” riep de kolonel -uit. „Ik begrijp niet, hoe men zoo onbeschaamd kan zijn, zonder -toestemming de kamer van een ander binnen te dringen.” - -De markies zag, dat bij het jonge meisje een kleine dolk op den vloer -lag. Hij begreep uit de houding dezer twee menschen, uit de gewonde -hand van den overste en de doodelijke bleekheid, die het schoone gelaat -van Miss Florence bedekte, wat hier gebeurd was: De overste had -getracht, geweld te gebruiken om zijn nicht tot zijn slachtoffer te -maken en het arme meisje, wie niets anders overbleef, had zich van een -wapen bediend, dat zij als laatste verdedigingsmiddel steeds bij zich -droeg. - -De rijzige man met het trotsche gelaat wisselde een langen blik van -verstandhouding met Florence Goal en ging daarna naar de deur terug, -terwijl hij sprak: - -„Het gezelschap is reeds in de hall bijeen en men mist u reeds, -kolonel! Veroorloof mij u den raad te geven, niet al te lang meer hier -boven te blijven!” - -De overste wilde een onaangenaam antwoord geven, maar in de donkere -oogen tegenover hem lag zulk een gebiedende uitdrukking, dat de oude -militair zich met een minachtend schouderophalen omdraaide en het aan -zijn nicht overliet, te antwoorden: - -„Oom en ik verzoeken u, heer markies, ons nog eenige oogenblikken te -willen verontschuldigen. Wij zullen dadelijk komen.” - -Toen na een korte poos—de markies was weer in de hall teruggekeerd en -stond met den gastheer te praten—kolonel Goal en zijn nicht tusschen de -gasten waren verschenen, bemerkte markies di Sao Balbo, dat de hand van -den overste met een breede streep pleister was bedekt. - -Hij glimlachte even en bewonderde den heldenmoed van het geliefde -meisje, dat met het wapen in de hand haar eer verdedigde. - -Er werd gemusiceerd en eenige der heeren, waaronder ook Sir Edward -Touston, begaven zich naar het rooksalon, om daar een partij piquet te -spelen, waaraan echter de overste geen deel nam. - -Deze waakte met Argusoogen over zijn nicht en de Zuid-Amerikaan had -zoodoende geen gelegenheid, het jonge meisje te naderen. - -Mr. James Holliday, de detective, had het hoogste woord. Hij onderhield -de dames met afschuwelijke rooververhalen, waarin hijzelf steeds de -voornaamste rol speelde. - -In den loop van den avond zocht Mrs. Morton den markies te naderen. - -Hij zat in een fauteuil en bekeek een portefeuille met kopergravures, -die kiekjes voorstelden uit de Schotsche Hooglanden, toen hij -plotseling door een bekende stem zijn naam hoorde uitspreken. - -„Raoul....! Hoe lang denk je, dat ik nog geduld zal hebben....? Ik wil -alles voor je doen! Zelfs mijn met moeite veroverde plaats in deze -gezelschappen wil ik prijs geven! Ik wil alleen jou hebben....! Maar -zonder jou kan en wil ik niet leven. Zeg mij dus, hoe je erover denkt, -of....” - -Door haar gloeienden hartstocht overmand, was hij niet in staat, nog -een woord te zeggen. - -De markies had met een koel glimlachje haar Mabel Morton geluisterd en, -terwijl hij schijnbaar vol aandacht naar de Schotsche Hooglanden keek, -antwoordde hij, even zacht als zij had gesproken: - -„Wat wilt gij eigenlijk van mij?” - -De kleine, gevulde gestalte, die haar donkergelokt hoofd over de platen -had gebogen, beefde zoo, dat hij het aan haar arm merkte, die den zijne -aanraakte. En bijna gevoelde hij medelijden met haar. - -Maar daarop gleed zijn blik snel en onmerkbaar naar de andere zijde van -het vertrek, waar Florence Goal en Lilith Clifford bij elkaar stonden, -een heerlijk contrast samen vormend van goudblond en kastanjebruin. - -En met hetzelfde koude glimlachje op zijn gebruind gelaat fluisterde -hij: - -„Doe wat u goeddunkt. Ik hoop, dat men uw verhalen zal gelooven!” - -Daarop stond hij met een beleefde buiging op en ging met een -vastberaden trek op het gelaat naar de beide jonge meisjes, die hem met -een vroolijken lach verwelkomden. - -De thee werd rondgediend en men nam van de sandwiches en gebakjes, die -de bedienden presenteerden, terwijl de liefhebbers van alcoholische -dranken zich te goed konden doen aan velerlei fijne merken. - -Tegen tien uur nam kolonel Goal afscheid en Florence moest zijn -gebiedenden wenk om hem te volgen, gehoorzamen. Maar toen zij dicht -langs den markies heenging, hoorde zij de fluisterende woorden uit zijn -mond: - -„Vrees niets, ik waak!” - -Zij groette hem met een glimlachende buiging van haar mooi kopje. - -De andere dames volgden spoedig daarop en ook eenige heeren trokken -zich op hun kamers terug; andere bleven nog in het rooksalon, waar -gespeeld werd. Hierheen begaf zich ook de markies di Sao Balbo. - -Alleen de detective en Lord Clifford bleven in de hall achter. - -„Het blijft dus bij onze afspraak”, zei de Lord, „en ik hoop, dat gij -alle mogelijke maatregelen genomen zult hebben, Mr. Holliday.” - -Deze knikte toestemmend. - -„Zeker, Mylord, mijn beide helpers moeten dadelijk komen!” - -Tegelijkertijd hoorde men het verwijderd geluid van de bel en -onmiddellijk daarop kondigde een bediende twee heeren aan, die Mr. -Holliday wenschten te spreken. - -„Daar zijn zij!” riep deze op gewichtigen toon uit. - -Eenige oogenblikken later leidde de bediende twee niet zeer elegant -gekleede heeren binnen, die naar hun uiterlijk veel overeenkomst hadden -met oude, afgedankte soldaten van het koloniale leger. Het waren lange, -magere kerels met diepliggende oogen in de geelbruine gezichten. Zij -zagen er beiden naar uit, alsof zij niet vies waren van een flinken -borrel. - -De Lord gaf bevel, beiden mannen te eten en te drinken te geven in de -dienstbodenvertrekken natuurlijk. - -Toen hij weer met Mr. Holliday alleen was, vroeg hij: - -„Gij wenscht dus zelf mijn studeerkamer te bewaken?” - -„Ja, ik zelf denk daar te blijven. Mijn beide speurhonden zet ik in de -bibliotheek en de hall. Zoodoende kan niemand mij naderen, of hij moet -hen eerst passeeren. En ik verzeker u, Mylord, dat die twee stevige -vuisten hebben! En al was John Raffles een spook, of al kwam hij door -den muur of het raam, dan toch zou hij eerst mij voorbij moeten. En ik, -Mylord, ik.... Kijk mij eens aan; zooals ik hier voor u sta, zal ik met -dezen kerel, met dezen schurk, dezen belachelijken spitsboef het eerste -honderdtal misdadigers volmaken, die ik reeds achter de tralies heb -gebracht!” - -Onaangenaam aangedaan door deze groote zelfingenomenheid, nam Lord -Clifford afscheid van den detective, die nu door de bibliotheek naar de -studeerkamer van den Lord ging, waar diens brandkast zich bevond. - -Daar nam Holliday plaats in een stoel bij het vuur, zette zijn groote -voeten op het koperen hekje rondom den haard en begon zijn taak. Hij -hoorde, hoe de gasten van den Lord zich in de bibliotheek nog op luiden -toon met elkaar onderhielden, hoe daarna de piquetspelers opstonden en -zich langzaam verwijderden. - -Langzamerhand werd het al stiller en stiller in het huis, ook de -bedienden, die nog het een en ander moesten opruimen, schenen zich nu -ter ruste te hebben begeven. - - - - - - - - -ZEVENDE HOOFDSTUK. - -HET ZWARTE MASKER. - - -De lange gang, waarop de logeerkamers uitkwamen, was flauw verlicht -door een lamp met donkergroen glas. Achter de deuren der vertrekken -hoorde men nauwelijks nog eenig geluid, misschien een enkele zucht, in -een benauwden droom geslaakt. - -Het geheele huis scheen in diepe rust gezonken te zijn. - -Plotseling was het, alsof uit de donkere schaduwen, die den muur -bedekten, een hooge, slanke, in het zwart gekleede gestalte te -voorschijn kwam, welke snel en zonder eenig geluid te maken, zich over -den dikken ganglooper voortbewoog. - -Aan de andere zijde der trap bevonden zich eenige deuren, waarheen de -geheimzinnige nachtwandelaar zich begaf. Het geheele lichaam van den -man was gehuld in een zwart, nauwsluitend tricot en zijn oogen -schitterden door de openingen van een zwart fluweelen masker, dat het -geheele hoofd omsloot. - -Hij verdween in de vertrekken, welke Lord Clifford zelf bewoonde. - -Na geruimen tijd verscheen hij weer, terwijl hij in zijn rechterhand -den sleutelbos hield, dien Lord Clifford elken avond, voordat hij ging -slapen, naast een geladen revolver op zijn nachttafeltje legde. - -De nachtelijke wandelaar ging door de gang terug tot aan het licht, dat -hij snel uitdraaide. Nu keek alleen nog het zwakke maanlicht door de -hooge vensters naar binnen. - -Daarop gleed de zwarte gedaante de trap af, die naar beneden leidde. - -Hij had wel gehoord, dat Holliday den Lord had verteld, hoe hij een -zijner lieden zou plaatsen in de hall, terwijl de ander in de -bibliotheek moest waken en de detective zelf het zich behaaglijk zou -maken in de studeerkamer van zijn Lordschap! - -Het fijnste oor had niet het minste geluid kunnen vernemen, toen de in -het zwarte tricot gekleede gedaante de trap afging. Maar voor den -braven dienaar der geheime politie, die in een grooten leunstoel in de -hall sluimerde, had men zich niet eens in acht behoeven te nemen. - -De zwarte gedaante stond dicht naast den slapende, een onaangename, -zoetachtige lucht omgaf den slapenden beambte en de ademhaling van den -man werd al flauwer en flauwer...... - -De deur naar de bibliotheek was niet geheel gesloten. De nachtelijke -wandelaar opende haar zoo behoedzaam, dat het totaal onhoorbaar was. -Maar ook hier had hij zich die moeite wel kunnen besparen, want de -tweede helper van Mister Holliday lag eveneens in de armen van -Morpheus. Ook hij was na eenige seconden verdoofd. - -„Zou de dappere Holliday misschien ook den slaap des rechtvaardigen -slapen?” dacht de indringer. Hij haalde een zwarten doek uit zijn -tricot te voorschijn, dien hij langzaam en zonder geluid te maken uit -elkaar vouwde; nu naderde hij de deur, waarachter Holliday met den -slaap worstelde. - -Een oogenblik wachtte de donkere gedaante, daarop draaide hij met vaste -hand de deur open. In het volgende oogenblik was hij in de studeerkamer -en had hij de deur weer achter zich dichtgetrokken. Hij hoorde, dat de -detective uit zijn stoel opsprong, maar reeds fluisterde de -binnenkomende: - -„Sst, Mr. Holliday, ik ben het, Lord Clifford...! Maak geen licht....! -Ik hoorde daar juist een verdacht geluid en daarom kwam ik hier.... -Neen, maak geen licht,” herhaalde hij, daar het hem voorkwam, alsof de -detective iets uit zijn zak wilde halen, waarschijnlijk een lantaarn. - -Nu kwam de detective, blijkbaar volkomen gerustgesteld, dichterbij, -want de stem, die hij hoorde, was zoo sprekend die van den Lord, dat -hij geen wantrouwen koesterde. - -Hij naderde de donkere gestalte, die hij niet kon onderscheiden, nog -meer en greep met een onderdrukten kreet van schrik en ontsteltenis om -zich heen— - -Een dichte, zwarte doek bedekte plotseling zijn hoofd en werd met een -handigen zwaai om zijn hals vastgeknoopt. Op hetzelfde oogenblik wierp -een vuist, tegen wier kracht geen verdediging mogelijk was, hem op den -vloer neer en een stem, die den armen man de haren te berge deed -rijzen, fluisterde hem toe: - -„Geef geen enkel geluid, als je leven je lief is....!” - -Daarop voelde de detective, dat een zacht kussen onder zijn hoofd werd -geschoven en daar zijn tegenstander hem met het gelaat naar beneden had -gelegd, werd elk geluid, dat hij zou kunnen geven, verstomd. - -Mr. Holliday, die zijn leven zeer lief had, had trouwens niet den moed, -een kik te geven. Hij had duidelijk den kouden dolk in zijn hals -gevoeld, die zeker in zijn vleesch geboord zou worden, als hij zich -niet rustig hield - -Daarop meende de detective te bemerken, dat de kamer verlicht werd. Hij -hoorde een geluid, alsof de indringer met de brandkast bezig was. Maar -alles geschiedde met ongehoorde snelheid. Het was den armen man, alsof -slechts enkele seconden verloopen waren, daarop klonk weer die -vreeselijke stem dicht aan zijn oor: - -„Pas op, dat je niet om hulp schreeuwt, voordat er een uur is -voorbijgegaan!” - -Het duurde lang, voordat Holliday, die als bedwelmd op den vloer lag, -een besluit kon nemen. Toch behaalde de zucht naar zelfbehoud de -overwinning op zijn plichtsgevoel. Bovendien zou hij van het gestolen -geld toch niets meer kunnen redden. Want hij geloofde stellig, dat hij -het slachtoffer was geworden van een meer dan brutalen inbreker. Dit -zou hij ook aan den heer des huizes meedeelen en zoodoende zijn -nederlaag zooveel mogelijk verklaren. - -Maar langzamerhand werd het hem bijna onmogelijk, nog adem te halen en -de vrees van te zullen stikken gaf hem de kracht om zich met een -geweldige beweging om te keeren en eerst onbestemde, doffe geluiden, -daarna echter een heesch gebrul uit te stooten om de bewoners van het -huis te wekken. - -Hij hoorde boven zich schreden, daarop zag hij door den dikken doek, -dat het licht om hem heen werd, men schreeuwde, men vroeg en eindelijk -werd hij bevrijd. - -Sir Edward Touston en Mr. Fitzgerald stonden met eenige bedienden om -hem heen en het duurde niet lang, of ook Lord Clifford was beneden -gekomen met bleek gelaat. Op angstigen toon deed hij den detective -zooveel vragen, dat deze geen enkele kon beantwoorden. - -In de aangrenzende vertrekken waren bedienden bezig, de helpers van -Holliday weer tot bewustzijn te brengen. - -„Maar Goddank!” riep Lord Clifford uit, „of gij zelf of onze -tusschenkomst heeft den diefstal verhinderd!” - -De detective, dien men nu ook bevrijd had van de hand- en voetboeien, -die de misdadiger uit de zakken der twee helpers had genomen, om ze -daarna op deze origineele manier te gebruiken, keek met een blik vol -wanhoop en angst naar de brandkast, die gesloten en onaangeroerd scheen -te zijn. - -Hopende, dat hij zich had vergist, toen hij het rinkelen der sleutels -had gehoord, sprak Holliday geen woord, maar Sir Edward uitte de -veronderstelling, dat de dief misschien de kast had geopend en weer -gesloten. - -Een der bedienden werd onmiddellijk naar de slaapkamer van den Lord -gezonden en toen daarna de brandkast werd opengesloten, zag Lord -Clifford, die ondanks zijn goede opvoeding een groven vloek uitstiet, -dat de groote geldsom tot den laatsten penny gestolen was. - -Een oogenblik scheen het, alsof hij al zijn toorn zou uitstorten op het -hoofd van den detective, daarop echter beheerschte de werkelijk -voorname man zich en sprak alleen: - -„Ik had ook op mijzelf moeten vertrouwen!” - -Nu wendde hij zich tot zijn gasten—zelfs de dames waren, zonder in dit -kritieke oogenblik al te veel op haar kleeding te letten, naar beneden -gekomen—en sprak tot hen: - -„Het doet mij zeer veel leed, dat gij in uw nachtrust gestoord zijt, -maar ik verzoek u, u gerust te stellen, het zal ons hopelijk gelukken, -den misdadiger op het spoor te komen en hem het gestolene weer afhandig -te maken.” - -Een der heeren trad naar het venster en opende de gordijnen. Op de -groote grasperken vin het park scheen het maanlicht roet zijn -spookachtig schijnsel als een vervolg op de geheimzinnigheden van dezen -nacht. - -Buiten werd luid aan de bel van het tuinhek getrokken. Nieuwe schrik en -ontsteltenis teekende zich af op de gezichten der aanwezigen. Twee -bedienden gingen samen eenigszins aarzelend naar buiten om te zien, wat -er was. Toen zij weer binnenkwamen, brachten zij een telegram mee, -afgezonden door het politiebureau te Kilburn en bestemd voor kolonel -Goal. - -De oude overste brak het met bevende handen open en las, nadat hij -radeloos om zich heen had gekeken, met doodsbleek gelaat en halfluide -stem den inhoud voor: - -„Hedennacht ingebroken in uw villa. Bedienden verdoofd en geboeid, van -misdadigers geen spoor.” - - - - - - - - -ACHTSTE HOOFDSTUK - -HET VERVALSCHTE TESTAMENT. - - -Kolonel Goal had naar aanleiding van dit telegram reeds in den nacht -willen vertrekken en slechts met moeite liet hij zich door zijn vriend -Lord Clifford overhalen om tenminste het aanbreken van den dag af te -wachten. - -Het was nog geen zes uur toen de oude overste weer in de hall -verscheen. Hij wilde zelfs niet eerst ontbijten, maar zijn nicht dacht -hierover anders en ondanks de tot spoed aanmanende woorden van den -ouden heer, begaf zij zich naar de eetzaal, waar zij langzaam haar -chocolade dronk, terwijl zij haar groote blauwe oogen steeds vol -verwachting op de deur had gericht. - -Maar hij, dien zij verwachtte, de markies, kwam niet en zuchtend moest -het jonge meisje eindelijk opstaan om zich voor de reis te gaan -kleeden, toen buiten luide stemmen werden vernomen en de commissaris -van politie met twee gendarmen binnentrad. - -Lord Clifford had reeds in den nacht aangifte van den diefstal gedaan, -zoodat de snelle bemiddeling der autoriteiten niet te verwonderen was. - -De commissaris ging rechtstreeks naar den kolonel toe, die in -reisgewaad gereed stond om te vertrekken en sprak na een beleefde -begroeting: - -„Het spijt mij zeer, mijnheer, dat ik u in uw plannen moet dwarsboomen. -Ik moet tot mijn leedwezen het bevel geven, dat niemand dit huis mag -verlaten. Hopelijk zult gij begrijpen, dat hierin geen persoonlijke -verdachtmaking jegens u ligt opgesloten. Ik doe slechts mijn plicht.” - -Als oud soldaat, die de discipline kent, zag de overste wel in, dat hij -dit bevel moest gehoorzamen. Met groote stappen liep hij de hall door, -af en toe met dreigende blikken naar zijn nicht kijkende, op wier -schoon gelaat een soort van leedvermaak was te lezen over dit -plotselinge oponthoud. - -Nu verscheen ook Lord Clifford. Hij verwelkomde den commissaris en -verontschuldigde zich tegenover kolonel Goal over dit onaangename -intermezzo. - -„O, die tijd zal den overste wellicht niet al te lang vallen, daar ik -hem juist om een onderhoud wilde vragen....” - -Het was de markies di Sao Balbo, die deze woorden had gesproken. Hij -glimlachte daarbij beleefd en vervolgde: - -„Gij zult u herinneren, kolonel, dat wij gisteravond een zeer -interessante kwestie behandelden en ten slotte afspraken om dit -onderhoud te gelegener tijd te vervolgen....” - -Overste Goal zette een verbaasd gezicht bij de woorden van den -Zuid-Amerikaan, hij kon zich niet herinneren, den vorigen avond -bijzonder gewichtige dingen met den markies besproken te hebben. - -Beide heeren begaven zich naar de bibliotheek. Met een uitnoodigende -handbeweging op een stoel wijzende, sprak de markies: - -„Mag ik u verzoeken, plaats te nemen?” - -De overste keek hem met onrustigen blik aan en het was zeker niet zijn -zuiver geweten, dat hem zoo weinig op zijn gemak deed zijn. - -Langzaam nam de markies een groot couvert uit zijn borstzak en sprak -met gedempte stem: - -„Kunt u vermoeden, mijnheer, wat ik hier in deze enveloppe voor u heb?” - -Met een vlugge beweging stond de kolonel op, terwijl hij antwoordde: - -„Mijnheer, ik ben werkelijk niet in een stemming om mij door u raadsels -te laten opgeven! Wilt u een ouden man voor den gek houden? Of vindt -gij, dat ik nog niet genoeg op de proef ben gesteld door de vreeselijke -tijding, die ik hedennacht ontving?” - -Met een koel lachje sprak de markies, terwijl hij met een gouden -pennemesje het couvert opensneed: - -„Bedoelt u misschien met die vreeselijke tijding het bericht van de -kneveling van dien ouden schurk, die al uw schandelijke daden in de -hand werkt en u steeds in alles heeft geholpen?” - -Overste Goal staarde den markies aan met een gelaat, dat donkerrood was -geworden van woede. Maar met nog steeds gedempte stem sprak hij: - -„Wat wilt gij daarmede zeggen? Wat beteekenen deze grove beleedigingen -van een man, op wien niets te zeggen valt en die mijn trouwe bediende -is?” - -De markies knikte bedaard met het hoofd: - -„Dat is best mogelijk, hij was onder anderen ook zulk een handig -vervalscher van handschriften, dat hij gemakkelijk dit testament kon -ontwerpen en van de prachtig nagemaakte handteekening van uw broeder -heeft kunnen voorzien. Een schurkenstreek, waarvoor de dochter van Mr. -Goal—ik bedoel Miss Florence—haar geheele vermogen verloor en aan u -werd overgeleverd.” - -Met een heeschen lach riep de kolonel uit: - -„Maar gij zijt krankzinnig! Men zal u in een gekkenhuis opsluiten, of -dacht gij werkelijk, dat gij ooit iemand zoudt vinden, die uw onzin -gelooft?” - -De markies bleef buitengewoon kalm. - -„In elk geval zal men toch het door een getuige erkende handschrift van -uw broeder wel gelooven, Mr. Goal! Men zal u het vermogen, dat gij uw -nicht hebt ontstolen, weer ontnemen en gijzelf zult in New-Castle met -geschoren hoofd in de cel van het tuchthuis zitten. Hier, kijk -eens....!” - -Met zijn blanke vingers hield de markies den kolonel het echte -testament voor, dat de oude huichelaar had verdonkeremaand en waarin -Miss Florence als universeel erfgename werd benoemd. - -De oude man stond als door den bliksem getroffen. Hij beefde over alle -leden. Haat, woede en doodelijke angst stonden op zijn gelaat te lezen. - -„Zal ik met dit testament naar den rechter gaan? Of wilt gij liever het -gestolene vrijwillig teruggeven aan uw nicht?” - -Met een hoonende, geslepen uitdrukking op het gelaat vroeg de kolonel: - -„Hoe komt gij aan dit testament, mijn waarde? Ik weet zeker, dat ik het -zelf in het geheime vak van mijn schrijftafel heb gelegd! - -„Ah, nu begrijp ik ook van wien de inbraak is uitgegaan, die in mijn -huis in Kilburn is gepleegd! Gij zijt het dus geweest die mijn armen -Bob hebt laten knevelen! En dan...” - -Zijn gelaat kreeg een waarlijk duivelsche uitdrukking: - -„Dan zijt gij de....” - -Met een enkele beweging stond de markies vlak voor hem: - -„Geen woord meer! Geen woord, zeg ik u! Wie ik ben, gaat u niet aan en -heeft met deze zaak niets te maken! Maar wie gij zijt, dat zou het -gezelschap, dat hier ten huize van Lord Clifford verzameld is, -bijzonder interesseeren! En ik zeg u, heer overste, gij zult uw titel -niet lang meer dragen, als gij de voorwaarden niet aaneemt, die ik u -zal stellen.” - -„Wat wilt gij dan?” vroeg de oude dief op doffen toon. „Maak het kort!” - -„Vóór alles de teruggave van het vermogen van Miss Florence Goal, dan, -dat gij onmiddellijk ophoudt met deze jonge dame op schandelijke wijze -lastig te vallen!” - -De markies wees op de gewonde hand van den overste en vervolgde: - -„Als Miss Florence niet zooveel moed en karakter had getoond, om zich -met het wapen in de hand te verdedigen....” - -„Dan,” viel de overste hem grijnslachend in de rede, „dan was zij nu -mijn geliefde en dan ging het u nog niets aan. - -„Zoo!” vervolgde hij tandeknarsend, „is dat domme schaap verliefd op u! -Dan is de eenige reden, waarom gij mijn schrijftafel hebt laten -openbreken, dat gij zelf begeerig zijt naar het vermogen van Florence!” - -De markies antwoordde hierop niets. Na eenige oogenblikken sprak hij: - -„Ik stel u dus de volgende voorwaarden overste: Zoodra de politie het -toestaat, vertrekt gij dadelijk naar Kilburn en legt aan een notaris, -wiens adres gij mij omgaand meedeelt, het onaangeroerde vermogen van uw -nicht over. - -„En wat de persoon van de jonge dame zelf betreft, verzeker ik u, dat -de minste moeite, die gij doet om op de een of andere manier weer met -Miss Florence in relatie te komen, geen ander resultaat zou hebben dan -uw onmiddellijke inhechtenisneming. Aan datzelfde stelt gij u bloot, -als gij een mijner andere bevelen niet strikt nakomt. Denk hieraan!” - -Met fier opgericht hoofd wilde de markies het vertrek verlaten, toen -hij zich bij de deur nog iets scheen te herinneren. Hij keerde zich om -en sprak: - -„Wat uw bediende Bob aangaat, gij weet heel goed, dat die kerel reeds -lang den strop heeft verdiend. Door dezen schurk zijn ontelbare -menschen tot den bedelstaf gebracht, wier geld gij hebt geofferd aan -den speelduivel. Door hem zijn zoovele vrouwelijke wezens ten -ondergegaan, vrouwen, die hij u als slachtoffers uwer schandelijke -daden in de armen voerde! - -„Gij zult hem uit uw dienst ontslaan. Maar hij heeft, naar ik meen te -weten, een nog jonge vrouw en verscheiden kleine kinderen. Het is niet -meer dan plicht, dat gij zorgt voor de familie van hem, die u steeds -zoo ijverig heeft geholpen bij al uw schurkenstreken. - -„Ik kan u daartoe echter niet dwingen en ik weet wel, dat gij u niet -aan dergelijke verplichtingen zult storen. Daarom zal ik die zorg op -mij nemen. Voor één ding echter waarschuw ik u, oude heer!” - -Dreigend keek de markies den kolonel aan en deze sloeg zijn oogen neer -voor de van toorn vlammende blikken van zijn vijand: - -„Meen niet, kolonel, dat gij een valsch spel met mij kunt spelen, al -zoudt gij het nog zoo handig aanleggen om mij in de val te lokken. Ik -zou ongetwijfeld begrijpen, wie de oorzaak van die daad was en niemand -anders dan gij zelf zou de vergelding ervoor krijgen!” - -„Zijt gij klaar?” vroeg de kolonel op woedenden toon. - -„Zeker” knikte de markies, „en ik hoop zelfs, dat ik nooit weer een -enkel woord met u zal behoeven te wisselen!” - -„Ik ook!” bromde de oude man en die twee woorden waren blijkbaar -eerlijk gemeend. - - - - - - - - -NEGENDE HOOFDSTUK. - -MEDEDINGSTERS. - - -Lord Clifford had met de ambtenaren van politie het geheele huis -doorzocht. Het resultaat was natuurlijk nul geweest. - -Het meest raadselachtige van den millioenendiefstal, zoo vond ieder, -was, dat de sleutels der brandkast op dezelfde plaats werden gevonden, -waar de Lord ze elken avond neerlegde. - -De dief moest ze dus eerst weggehaald en—zeer zeker een waagstuk!—na -volbracht daad weer teruggebracht hebben. - -Hierover sprak de commissaris juist met Lord Clifford, toen ook Mr. -Holliday weer op het tooneel verscheen met de woorden: - -„Mijn heeren, wij hebben hier zonder twijfel met een buitengewoon -geslepen schurk te doen!” - -Na het uitspreken van deze buitengewone woorden legde de dappere man -zijn wijsvinger langs zijn neus en vervolgde op gewichtigen toon: - -„Want ziet gij, dit is de eerste keer, dat ik mij door een misdadiger -heb laten vangen! Deze man behandelde mij als een kip, die men in een -zak steekt om haar het schreeuwen te beletten. Ik geloof niet, dat -iemand aan mijn bekwaamheden zal twijfelen, maar tegenover zooveel -scherpzinnigheid en ongelooflijke brutaliteit sta ik zelfs machteloos.” - -De beide andere heeren onderdrukten met moeite een glimlach. - -Hier sprak Lord Clifford: - -„Is het niet merkwaardig, dat de voorspelling van onzen lieven vriend, -den markies di Sao Balbo, nu toch is uitgekomen?” - -De commissaris, die een zeer intelligent uiterlijk had, vroeg: - -„Pardon Mylord, maar waar het een dergelijke zaak betreft, is iedere -kleinigheid van beteekenis. Wat was dat met die voorspelling...?” - -„O,” viel Mr. Holliday hem niet zeer beleefd in de rede, „dat is zoo’n -soort humbug, een zoogenaamde séance, welke deze heer hier gehouden -heeft.” - -De commissaris, die zijn collega blijkbaar reeds naar waarde wist te -schatten, nam geen notitie van diens uitval en sprak: - -„U zoudt mij ten zeerste verplichten, Mylord, door mij meer -bijzonderheden hiervan te willen meedeelen en vooral als ik den heer, -wien dit alles aangaat, zelf zou mogen spreken.” - -„Dat kan heel gemakkelijk,” antwoordde de Lord, „want daar komt hij -juist.” - -Hij wees naar den markies, die uit de bibliotheek kwam. - -De heeren begroetten elkaar met een beleefde buiging. De Lord stelde -den commissaris voor en deze vroeg naar de bijzonderheden van de -séance. - -„Gij zijt spiritist, mijnheer?” - -De markies knikte toestemmend. - -„Inderdaad. Men houdt mij over het algemeen voor een buitengewoon -geschikt medium om als bemiddelaar op te treden tusschen de ons -omringende geesten en hen, die nog genoodzaakt zijn het sterfelijk -omhulsel te dragen.” - -„En dus behoort u tot hen, die volkomen gelooven in deze merkwaardige -wetenschap?” - -„Ik meen, u daarop het antwoord reeds te hebben gegeven,” sprak de -markies op eenigszins koeleren toon. - -„Zeker, zeker!” meende de beambte. „U moet mij mijn vragen ten goede -houden.” - -„Natuurlijk,” viel de markies hem op zijn gewonen beleefden toon in de -rede. „Als gij wilt, zal ik u uw taak gemakkelijker maken door u een -uitvoerige beschrijving te geven van de séance, die ik voor Lord -Clifford en zijn gasten heb mogen houden.” - -De commissaris luisterde met gespannen aandacht en uitte daarna den -wensch, het tooneel der zitting persoonlijk te mogen bezichtigen. - -Terwijl de heeren naar boven gingen, vroeg de commissaris nogmaals aan -den markies: - -„Het is u dus niet mogelijk, een verklaring te geven voor de -verschijning van den dwerg?” - -De markies di Sao Balbo haalde de schouders op en sprak: - -„Voor ons spiritisten is de verklaring voldoende, dat een der geesten -van onze dierbare afgestorvenen zich dermate materialiseert, dat wij -hem kunnen waarnemen met onze zwakke menschelijke zintuigen. Dat de -geest de gestalte van een dwerg aannam, is toeval, in elk geval hebben -wij noch het recht, noch de macht om de geheimzinnige redenen hiervan -uit te vorschen. - -„Ons, spiritisten, is het feit voldoende!” - -De commissaris liet niet blijken, welken indruk de woorden van den -markies op hem hadden gemaakt. - -Hij onderzocht vluchtig het vertrek waar de séance zich had afgespeeld, -en begaf zich hierop weer met de heeren naar beneden, waar in een der -kamers het ontbijt gereed stond. - -Nu verschenen ook Sir Edward Touston en Rudge Fitzgerald, die het plan -opperden om na het ontbijt naar Londen terug te keeren. Ook de overige -gasten, waaronder kolonel Goal en de markies di Sao Balbo, bestelden -hun rijtuigen. - -Alleen Miss Florence beloofde haar vriendin Lilith Clifford om nog -eenige dagen in het gastvrije huis te blijven en—tot verbazing van de -meeste aanwezigen—kolonel Goal scheen het plan van zijn nicht, die hij -anders nooit alleen liet, goed te keuren. - -Hij bekommerde er zich ook niet om, toen zij na het ontbijt aan den arm -van haar vriendin verdween. Eerst toen onmiddellijk daarna ook de -markies de eetzaal verliet, werd hij onrustig. - -En hij had zich niet vergist in zijn veronderstelling, dat de blonde -Florence en de Zuid-Amerikaan boven in de gang afscheid van elkaar -namen. - -Zij stonden, gedeeltelijk verborgen achter de zware gordijnen van een -der ramen, sprakeloos tegenover elkaar en hielden elkaars handen vast. - -Florence snikte en fluisterde, hoe zwaar haar het afscheid viel en hoe -somber zij de toekomst inzag. - -Hij troostte haar met een innemenden lach op het schoone gelaat en -herhaalde steeds weer, dat zij elkaar spoedig zouden weerzien. - -Zij vergaten alles om zich heen en hoorden niet, dat zachte schreden -naderden. - -Twee van haat fonkelende oogen waren op hen gericht en de kleine, -sierlijke gestalte van Mrs. Mabel Morton boog zich met inspanning -voorover om de woorden af te luisteren, welke de twee tot elkaar -spraken. - -Het gelukte haar niet, maar wat zij zag, was voldoende om haar jaloezie -op te wekken. - -Plotseling kwam een gedachte in haar op. - -Onhoorbaar en onopgemerkt ging zij weder naar beneden, waar zij naast -Lady Clifford in de eetzaal plaats nam en met vleiende stem fluisterde -zij tot de vriendelijke dame: - -„Lieve mevrouw, vindt u het goed, dat ik, nu mijn lieve vriendin -Florence Goal, nog bij u blijft, ook nog niet vertrek? Ik heb wel is -waar bevel gegeven mijn koffer te pakken en ik vrees ook, dat gij door -het ongeluk, dat u getroffen heeft, uwe gasten misschien liever zaagt -vertrekken....” - -Zij zweeg en keek bedeesd voor zich. De oude dame haastte zich om vol -innige hartelijkheid te verzekeren, dat Mrs. Morton altijd een welkome -gast in Rastinghouse was! - -Deze diefstal was weliswaar een onaangename geschiedenis, maar Mrs. -Morton mocht blijven, zoolang zij wilde. - -En dus bleef zij, het kleine wraakzuchtige wezen, dat in haar jeugd in -Whitechapel uit de goot was opgeraapt als klein proletariërskind, dat -daarna actrice was geworden en nadat zij een massa mannen had -geruïneerd, met een ouden, schatrijken patriciër was getrouwd. Hij had -van zijn huwelijk niet lang genoten, de dood had hem overvallen. - -Mrs. Morton was daarna voorzichtig geworden. Veel te verstandig om haar -plaats in voorname kringen op het spel te zetten, deed zij alles om den -uiterlijken schijn te bewaren, bezocht trouw de kerk en gaf als de -wereld het te weten kwam, groote aalmoezen. - -Zoodra het overige gezelschap Rastinghouse had verlaten, zond zij haar -kamenier naar Miss Florence met het verzoek of de jonge dame, als zij -tijd en lust had, een kwartiertje in de kamer van Mrs. Morton zou -willen komen. - -Dit kon Mabel Morton, die de oudste der twee en een getrouwde vrouw -was, zich wel veroorlooven en Florence nam argeloos de uitnoodiging -aan. - -Hartelijk begroet door de kleine brunette, nam zij naast deze op de -sofa plaats en spoedig zaten beiden gezellig te babbelen over modes, -theater en dergelijke onderwerpen. - -Mrs. Morton wist het gesprek zeer handig te brengen op het onderwerp, -dat haar belang inboezemde en het deed Florence niet onaangenaam aan -dat plotseling de markies di Sao Balbo ter sprake kwam. - -Mabel Morton vond hem zeer interessant en voornaam en het jonge meisje -was het volkomen met haar eens. Maar haar gezichtje kreeg een -gespannen, bijna angstige uitdrukking, toen de jonge vrouw opeens -sprak: - -„Het is jammer, dat men niet weet, wat men aan hem heeft....! Ik geloof -niet, dat hij is voor wien hij zich uitgeeft!” - -Een zachte blos kleurde Florences wangen, toen zij antwoordde, dat zij -dat niet kon gelooven. Nog nimmer had zij iemand ontmoet, die zulk een -gunstigen indruk op haar had gemaakt. - -Met een ongeloovigen glimlach antwoordde Mrs. Morton na een kleine -pauze: - -„Ik wou, dat ik er evenzoo over kon denken als gij, maar tot mijn spijt -is dat wat ik weet in lijnrechte tegenspraak met dat wat ik gaarne zou -gelooven.” - -En vol leedvermaak vervolgde zij: - -„Gij stelt ook veel belang in dezen man, nietwaar?” - -Florence Goal knikte toestemmend, terwijl haar blauwe oogen vol tranen -stonden. - -Bij deze openhartige bekentenis veranderde de valsche vriendin van -houding en als het sissen van een slang klonk het van haar lippen: - -„Ik heb dus gelijk, gij bemint den markies? En als ik u vertel, dat -deze man uwe liefde niet waard is, dat hij een misdadiger is, die reeds -kennis heeft gemaakt met de politie en met de gevangenis...?” - -Bij deze woorden richtte Florence zich in haar volle lengte op. - -„Dat is niet waar! Dat is een gemeene leugen!” - -Als een wilde kat sprong de kleine vrouw naar haar toe. - -„Neem die woorden terug! Ik beveel u om die woorden terug te nemen, als -gij niet wilt, dat ik u in het volle gezelschap zal bewijzen, dat ik de -waarheid heb gesproken?” - -Florence beefde. Haar verstand zei haar, dat zij op dit oogenblik beter -deed te zwijgen. In haar snel werkend brein doemden alle bijzonderheden -op, die haar onverklaarbaar waren gebleven in het doen en laten van den -markies. Vanaf de voorspelling van den diefstal door middel van den -dwerg tot het plotselinge opduiken van haar vaders testament, dat -blijkbaar ten gevolge van de inbraak in het huis van haar oom in handen -van den markies was gekomen, aan dit alles dacht zij nu. - -En al verminderde hierdoor haar liefde en haar vertrouwen in den man, -dien zij aanbad, ook niet, toch voelde zij met vrouwelijk instinct, dat -zij tegenover Mrs. Morton zoo voorzichtig mogelijk moest zijn... Deze -vrouw beminde den markies ook, daaraan twijfelde Florence niet meer! - -Het blonde meisje overdreef haar droefheid met opzet en liet haar -tranen den vrijen loop. Snikkend sprak zij: - -„En hoe weet gij dat alles? Hoe komt gij aan deze vreeselijke -beschuldigingen, Mrs. Morton?” - -Mabel Morton liep in de val. Zij dacht reeds gezegevierd te hebben over -dit jonge, onervaren meisje. Zij vertelde, hoe zij de reddende engel -was, die den door eigen schuld in het verderf gestorten man vol -barmhartigheid de hand had gereikt. - -„En dit is mijn dank!” sprak zij eindelijk vol pathos. - -„Dit is mijn dank er voor, dat ik hem weer heb opgericht tot hij in -betere omgeving is gekomen! Nu wendt hij zich tot u, deze valschaard! -En hij vertelt u dezelfde leugenachtige verhalen, waarmee hij eenmaal -mij betooverde....!” - -Florence Goal, die er geen oogenblik aan dacht, den geliefde te -wantrouwen, speelde haar rol uitstekend. Een zeker voorgevoel zei haar, -dat den markies van deze vrouw onheil dreigde en dat zij slechts door -list en groote slimheid het onheil van het geliefde hoofd zou kunnen -afwenden. - -„Wat zal ik doen?” snikte zij. „Geef mij raad, help mij, lieve Mrs. -Morton!” - -Deze deed alsof zij nadacht. - -Eindelijk sprak zij, terwijl zij het weenende meisje met strenge -blikken aankeek: - -„Het eenige, wat u overblijft, is dezen man op te geven en aan mij over -te laten....! Ik heb hem indertijd gered uit het slijk, waarin hij -reeds dreigde te stikken, en ik geloof, dat ik er de kracht toe heb, om -hem nog eenmaal op den goeden weg te brengen! Mijn liefde is rein en -onzelfzuchtig en ik wil hem tot een beter, gelukkiger mensch maken!” - -Het schoone meisje boog deemoedig haar goudblond hoofd en, terwijl zij -zich over zichzelf verbaasde, nam zij de handen van de jonge vrouw en -drukte ze, als met een zwijgende belofte, aan haar borst. - -Daarop scheidden zij, beiden met het vaste voornemen zoo spoedig -mogelijk den man te bezoeken, wien haar liefde gold. - - - - - - - - -TIENDE HOOFDSTUK. - -DE VALSCHE SPELERS. - - -In de voornaamste wijk van Londen, in de buurt van Pall Mall, woonde de -markies di Sao Balbo. Rondom de kleine villa, die midden in een -prachtigen tuin lag, heerschte bijna altijd zulk een rust en stilte, -dat de meeste der voorbijgangers dachten, dat het huis onbewoond was. - -Van binnen was het kleine gebouw met groote weelde ingericht. - -Twee negers zorgden voor de bediening. Hij had deze beide zwartjes, -naar hij vertelde, meegebracht uit zijn geboorteland. - -Op de eerste verdieping bevond zich de studeerkamer van den markies. -Ook hier heerschte een Sybaritische weelde. Aan de muren zag men overal -wapens en zeldzame jachttropheeën. - -Bij het genot van een goed glas cognac en een fijne havanna zat de -Zuid-Amerikaan te praten met zijn vriend Rudge Fitzgerald. - -„Je bent vandaag zoo somber, mijn lieve Charly,” sprak Lord Lister, -want dit was de ware naam van den markies, „het komt mij bijna voor, -alsof je geen vertrouwen meer stelt in je besten vriend.” - -Zwijgend schudde de ander het hoofd. - -„Heb je bij het spel verloren?” vroeg di Sao Balbo, alias Lord Lister -na een kleine pauze. - -Charly knikte. - -„Veel?” vroeg zijn vriend. - -„Zeer veel!” antwoordde Charly op doffen toon. - -„Ik mag toch zeker wel weten, hoe groot het bedrag is?” - -Maar de jongste der twee had blijkbaar den moed niet om het bedrag te -noemen. - -„Ik zal maar bij duizend pond beginnen?” - -Rudge haalde zwijgend de schouders op. - -„Mooi—meer dus!” - -En de Braziliaan keek zijn jongen vriend een poosje peinzend aan, -waarop hij sprak: - -„Ik begrijp er niets van, beste jongen. Wij kennen elkaar nu reeds vrij -lang en je moest toch weten, dat ik in elk geval bereid ben je te -helpen... Ik verzoek je dus nogmaals om mij te vertellen, hoeveel je -verloren hebt!” - -Charly aarzelde nog eenige oogenblikken, waarna hij op klankloozen toon -sprak: - -„Over de tienduizend pond.” - -„Hm,—hm,” bromde de Lord, „dat is ongeveer een kwart milioen francs.... -ik reken nog altijd met Fransche munt sinds mijn laatste verblijf in -Parijs, waaraan ik steeds gaarne terug denk... - -„Ja, dat is een hoop geld, maar daar het eereschulden zijn, moet je ze -dadelijk betalen!” - -„Ik bezit echter niets meer!” klonk het op wanhopigen toon van de -lippen van den jongen man. - -„Nu,” sprak Lord Lister onverschillig, „gelukkig dan maar, dat ik op -het oogenblik beter bij kas ben!” - -Bij die woorden nam hij een zware portefeuille uit zijn borstzak en -telde twaalf biljetten van duizend pond voor zijn vriend uit op het -kleine Perzische rooktafeltje, dat met goud en paarlemoer was ingelegd. - -Hij wilde zijn portefeuille reeds weer wegbergen toen hij zich bedacht -en met de woorden: - -„Maar dan heb je nog een beetje bedrijfskapitaal ook noodig!” nog drie -biljetten van vijftig pond voor den jongen Fitzgerald neerlegde. - -Deze hield zijn aristocratisch blond gelaat afgewend, terwijl zijn -breede borst zwoegde van aandoening. - -Plotseling sloeg hij zijn beide armen om den hals van zijn vriend en -bedankte hem met van ontroering trillende stem. - -De markies, wiens door de zon gebruind gelaat van voldoening straalde, -klopte zijn jongen vriend zachtjes op den rug en sprak op ernstiger -toon: - -„Nu wij dus een eind hebben gemaakt aan deze onbeduidende geschiedenis, -zou ik—je geen verwijt: willen maken, wel neen.... Je weet wel, dat ik -niet van zedepreeken houd en ik begrijp dat elke hartstochtelijke -speler op een gegeven oogenblik pech kan hebben. Wij hangen allen af -van het toeval....! - -„Maar toch, ik beken het je eerlijk, komt mij dit geval verdacht voor! - -„Je hebt natuurlijk gespeeld in de „Four-in-hand-club” en daar -verloren, nietwaar?” - -De jongste bevestigde het vermoeden van zijn vriend. - -„Welnu,” sprak de markies, „ik heb deze club ook leeren kennen en als -je mijn raad had gevolgd, had je daar je geluk niet meer beproefd. -Ikzelf speel daar nooit meer.” - -Verschrikt en verbaasd keek Fitzgerald zijn vriend aan, terwijl hij -vroeg: - -„Maar het zijn toch alleen heeren uit de eerste kringen, die daar -komen? Er is geen enkele bij, dien men van een oneerlijke handeling zou -mogen verdenken!” - -„Dat is bij het spel heel bijzonder,” meende de markies. - -„Eerlijke menschen worden, als zij de kaarten, in de hand hebben, soms -binnen een maand de gevaarlijkste bedriegers. Maar buitendien zal ik je -dadelijk den naam noemen van een der heeren leden, die tot de grootste -schurken behoort: kolonel Goal.” - -„Maar ik bid je, hoe kun je zooiets beweren?” - -„Ik beweer alleen dat, wat ik bewijzen kan en ik zal nooit iemand ten -onrechte verdacht maken. Maar wij zuilen er niet over twisten. Je moet -nu in elk geval naar de Club om je schulden te betalen en misschien was -je zelfs van plan, revanche te nemen. Daarvoor waarschuw ik je! Laat -dat alsjeblieft aan mij over. Ik geloof, dat ik je de voldoening zal -kunnen geven, hen, die niet tot de eerlijke spelers behooren, nog -hedenavond te ontmaskeren. - -„Onderweg zal ik je nog een paar namen noemen, die, dunkt mij, geen al -te eerlijken klank hebben...” - -Een half uur later traden de beide vrienden de speelzaal der -„Four-in-hand-club” binnen. - -De eerste, die de vrienden in de speelzaal tegenkwam, was kolonel Goal, -die met groote hartelijkheid, alsof nooit het minste tusschen hem en -den markies ware voorgevallen, dezen en ook zijn vriend de hand -schudde. Den vorigen nacht was de kolonel als bankhouder de voornaamste -schuldeischer van Fitzgerald geworden. - -Deze haastte zich nu, zijn verplichtingen jegens den overste te -voldoen. Dit geschiedde met een onverschilligheid, alsof hij den ouden -heer een lucifer aanbood en met even nonchalant gebaar liet de geslepen -vos het bankpapier in zijn portefeuille verdwijnen. - -De heeren zaten in groepjes te zamen, pratend en rookend, maar het -duurde niet lang of de zucht naar het spel werd hun te sterk. - -De groene tafeltjes werden door de kellners gereed gezet en de zware -lampen tot vlak boven de tafeltjes naar beneden gehaald, zoodat de -spelers zelf in halfdonker zaten en de uitdrukking van hun gezichten -zelfs voor den naastbijzittende verborgen bleef. - -De markies en zijn vriend hadden tegenover den bankhouder plaats -genomen en keken eerst, zonder eraan mee te doen, naar het bacaratspel. -De medespelenden hadden geloot en de kolonel had de bank gekregen. - -Het was een gelukkig toeval, dat de kolonel tegenover den markies kwam -te zitten. - -Het spel begon en daar, zooals dit gewoonlijk het geval schijnt te -zijn, in het begin de inzet klein was, was de stemming aanvankelijk nog -vrij lusteloos. Nu zette echter een der heeren voor het eerst een -biljet in van twintig pond, eenige andere spelers volgden zijn -voorbeeld en zoodoende bevond zich plotseling een aanzienlijk bedrag in -den pot. - -De markies had geen oog van den bankhouder af. Hij zag duidelijk, hoe -kolonel Goal een der kaarten in beide handen dicht bij den rand van de -tafel hield. De oude geroutineerde speler scheen in tweestrijd, of hij -er nog een kaart bij zou nemen, wat gevaarlijk kon zijn, daar het bij -het bacaratspel regel is, dat men zoo mogelijk negen punten, maar -vooral niet meer mag hebben. - -De bankhouder scheen zich niet op zijn gemak te gevoelen onder de -doordringende blikken van den Zuid-Amerikaan. Hij legde plotseling zijn -kaarten open en had acht punten. - -Dat was de zoogenaamde „kleine slag”. Daar echter verschillende spelers -negen en dus den „grooten slag” hadden, had de bankhouder verloren. - -In de vroolijke opgewondenheid, die steeds onder de medespelenden -heerscht, wanneer de bankhouder een groot bedrag moet bijbetalen, had -misschien niemand hunner gelet op het vaalbleeke gelaat van den -overste. - -Ook de markies deed, alsof hij het niet merkte en lachte beleefd. - -Hierop begon het spel opnieuw. Nu stond de markies op, terwijl zijn -jongere vriend zijn plaats innam. Di Sao Balbo verliet de speelzaal -door de rechterdeur; blijkbaar ging hij naar het aangrenzende vertrek, -om zich aan het welvoorziene buffet te goed te doen. - -Het spel werd voortgezet en Het was alsof nu het geluk den bankhouder -toelachte, want hij won nu alle grootere sommen, terwijl de kleinere -bedragen grootendeels weer aan de spelers vervielen. - -De zaal had echter nog een tweede uitgang, die haar een rooksalon -voerde, waar zich tijdens het bacaratspel niemand bevond. Een zware -portière sloot den ingang naar de speelzaal af. - -Niemand, zelfs niet de wantrouwende kolonel Goal bemerkte, dat, terwijl -het spel zijn voortgang nam, de portière een duimbreed van elkaar werd -geschoven. - -Door die opening loerde het Argusoog van den markies en—hij deed een -hoogst merkwaardige ontdekking. - -Een paar spelers hadden weer hooge sommen ingezet en een hoop fiches, -die aan de kas werden gekocht en ieder een zekere waarde -vertegenwoordigden, vulden den pot. - -Ook nu keek de bankhouder eerst nadenkend in zijn kaarten, die -bestonden uit een vrouw (welke bij dit spel niet meetelt) en een zeven. -Intusschen had zijn linker buurman, die gepast had en zijn kaarten -bedekt op tafel had gelegd, zijn rechterhand eenige oogenblikken in -zijn laag uitgesneden vest verborgen. - -De kolonel deed, alsof hij nog steeds nadacht en bewoog daarbij het -hoofd vooruit. Hij knikte tweemaal achter elkaar, dit zag de markies -duidelijk.... - -En plotseling kwam de hand van zijn buurman, natuurlijk de -medeplichtige van dezen valschen speler schijnbaar zonder eenig opzet -uit het vest te voorschijn en bewoog zich onder den rand van de tafel. - -Niemand kon het zien...! Ha! Nu bevond die hand, welke een kaart -vasthield, zich onder de beide handen van den bankhouder, die op den -rand der tafel rustten en met voorbeeldelooze handigheid, zonder zich -te bewegen zelfs, de aangeboden kaart onder de tafel beetpakten. - -Dadelijk hierna legde de kolonel zijn kaarten open. hij had negen en -dus het spel gewonnen. - -Maar hij had geen gelegenheid, zijn winst op te strijken. Want -plotseling, alsof hij uit den grond was te voorschijn gekomen, stond de -markies di Sao Balbo tusschen den bankhouder en diens medeplichtige. - -Met een enkelen ruk had hij dezen laatste het zwarte vest opengerukt, -waarop zich aan de verbaasde oogen der aanwezigen twee lange, smalle -zakken aan de binnenzijde van het vest vertoonden, die ieder een -volledig en blijkbaar in zekere volgorde gerangschikt kaartspel -bevatten. - -De eigenaar van het vest wilde zich verdedigen, maar een vuistslag van -den Braziliaan wierp hem met zijn stoel op den vloer. - -Kolonel Goal was kalm blijven zitten, hij hoopte, dat de aandacht niet -op hem zou vallen. Maar reeds in het volgende oogenblik begreep hij, -hoe hij zich vergiste. - -De markies telde de beide kaartspellen door en sprak daarna: - -„Mijne heeren, in het eene spel ontbreekt een kaart, het is, zooals gij -ziet, de twee. En deze twee”—hij sloeg met zijn hand op de drie door -den bankier blootgelegde kaarten—„deze twee ligt hier....! Het is de -„gelukskaart”, waarmee kolonel Goal u zooeven heeft uitgeplunderd.” - -Het was goed, dat de markies aan zijn moed ook een groote dosis -behendigheid paarde! - -De overste had een revolver uit zijn zak te voorschijn gehaald, maar de -kogel van het eerste schot, dat de markies handig had afgeweerd, kwam -boven in den muur aan de overzijde der zaal terecht. - -In het volgende oogenblik was de kolonel op den grond geworpen en -ontwapend. - -Hij vloekte en schimpte als een bezetene, maar geen enkel zijner -woorden maakte eenigen indruk op de aanwezige heeren. Hij noemde den -markies een dief en beweerde, dat al de groote, geheimzinnige -diefstallen, die in den laatsten tijd gepleegd en niet ontdekt waren, -op zijn rekening kwamen. - -Hij had evengoed kunnen beweren, dat de koning van Engeland een -sluipmoordenaar was. Het eenige resultaat, dat hij bereikte, was, dat -men dreigde, hem te zullen vastbinden en knevelen, totdat de politie -aanwezig zou zijn. - -In werkelijkheid was men echter niet van plan, de overheid in deze zaak -te mengen. De heeren waren van meening, dat het in het algemeen belang -het beste was, om de beide schurken eenvoudig te laten loopen. - -Men stelde hun echter den eisch, dat zij zich nimmer weer in deze wijk -der stad zouden vertoonen. - -De medeplichtige van den overste sloop naar buiten als een afgeranselde -hond, maar de oude militair zelf verliet de zaal met blikken vol haat -op den markies en met woeste bedreigingen, die de Braziliaan met een -minachtend glimlachje aanhoorde, - - - - - - - - -ELFDE HOOFDSTUK. - -JALOEZIE EN WRAAK. - - -Nadat gedurende den nacht de mist was opgetrokken, bedekte hij nu weer -opnieuw de reuzenstad. Des middags om twaalf uur kon men, hoewel alle -lantarens brandden, zelfs op de groote pleinen geen hand voor oogen -zien. Pikzwarte duisternis omgaf Londen; de voertuigen in de breede -straten moesten blijven staan, waar zij zich toevallig bevonden en ook -voor voetgangers kon de weg nergens gevaarlijker zijn dan in de straten -dezer wereldstad. - -Bij zulk weer blijft natuurlijk ieder, die eenigszins kan, veilig in -huis, en men verwacht geen bezoekers. - -En daarom verbaasde het den markies di Sao Balbo des te meer, toen de -electrische bel luid en aanhoudend weerklonk. - -Op een wenk van zijn meester snelde een der beide negers naar buiten en -dadelijk daarna keerde Sam terug met iemand, dien hij meer droeg dan -geleidde. - -De markies, die op den drempel der kamer stond, durfde zijn oogen niet -gelooven, toen hij in het vrouwelijk wezen, dat, in doeken en shawl -gehuld, bijna bewusteloos op een stoel neerzonk, zijn vriendin Florence -Goal herkende. - -Hij beval den neger, opwekkende dranken te brengen, en toen daarop de -Braziliaan het meisje had gelaafd en naar het brandende haardvuur -geleid, was zij, met inspanning van al haar krachten, weldra weer -zichzelf meester. - -„Gij moet weg!” riep zij, angstig uit, „dadelijk...! Men is u op het -spoor!” - -Hij glimlachte. - -„Vertel mij alles,” verzocht hij met groote kalmte. - -„Ach!” riep zij uit, „als er niet zoo’n zware mist hing, zouden zij -reeds lang hier zijn om u naar de gevangenis te brengen!” - -Op rustigen toon, die in deze omstandigheden zeker bewonderenswaardig -was, antwoordde hij: - -„Ik kom niet in de gevangenis, dat laat ik aan anderen over! - -„Maar kom, wij willen naar mijn studeerkamer gaan, daar is het -gezelliger...!” - -Haar waarschuwing en haar angst, niets scheen indruk op hem te maken. - -„Maar hoort gij mij dan niet,” smeekte zij weer, „men is u op het -spoor, men weet alles en achtervolgt u, Mrs. Morton......” - -Glimlachend viel hij haar in de rede. - -„Zoo, zij heeft dus toch gebabbeld, die kleine heks....! Dus ook gij -weet nu, wie ik ben....?” - -Het schoone meisje zweeg, droevig voor zich uit starend in het gouden -licht van een schemerlamp, die op de schrijftafel van den markies -stond. - -„Dus zijt gij er toch achter gekomen!” sprak de markies lachend. „En nu -komt men om mij gevangen te nemen, nietwaar?” - -„Ja!” Zij keek hem met haar groote oogen smeekend aan. „Vlucht, zoolang -het nog kan! Ik blijf hier en zal u bericht zenden van alles, wat er -gebeurt!” - -„Gij zijt zoo goed!” fluisterde hij. „Maar nu verzoek ik u om u weer -gereed te maken om heen te gaan!” - -De markies drukte op een knop, dadelijk daarna kwam Sam binnen met de -kleeren van het jonge meisje; toen zij gereed was, hulde de Braziliaan -haar zelf nog in een zachten, met bont gevoerden mantel. - - - - - - - - -TWAALFDE HOOFDSTUK. - -IN DEN MIST. - - -Eenige oogenblikken later was John Raffles alleen. Maar de neger kon -nog niet lang met de hem toevertrouwde Florence het huis verlaten -hebben, toen weer luid en aanhoudend werd gebeld. - -Met een schamper lachje en een vastberaden trek op het gelaat riep de -markies nu zijn anderen neger; hij sprak een paar woorden tegen hem, -waarna de kroeskop wegging om na een korte poos met vier heeren terug -te komen. - -Het was Lord Clifford, verder de detective, Mr. James Holliday, een -Londensch commissaris van politie en een agent in uniform. - -„U wenscht, mijne heeren?” vroeg de markies met een beleefden groet, -terwijl hij bij zijn schrijftafel bleef staan. - -„Daarnaar behoeft u niet lang te vragen,” sprak de detective, die zich -nu weer volkomen meester van het terrein gevoelde. - -„Gij hebt ons nu lang genoeg voor den gek gehouden, of dacht gij dat -wij niet weten, wie de beruchte Raffles is? Hebt u soms liever, dat wij -wachten, totdat gij er nog een millioen bij hebt gestolen?” - -De markies keek den detective eenige oogenblikken met een medelijdend -glimlachje aan, daarop sprak hij tot Lord Clifford: - -„Wat deze heer vertelt, interesseert mij niet in het minst. Hij dankt -de groote eer, om zich in mijn kamer te mogen bevinden, enkel en alleen -aan het gezelschap, waarin hij op het oogenblik is...... - -„Maar gij, Mylord, u zou ik willen vragen, wat mij het genoegen en de -eer verschaft van uw bezoek en waarom gij in gezelschap van -politiebeambten bij mij komt?” - -Het was den Lord blijkbaar minder aangenaam, deze vraag te moeten -beantwoorden. Hij knikte eenige malen, streek met zijn van briljanten -fonkelende hand over zijn dunnen schedel en sprak: - -„Ja, inderdaad, het is zeer pijnlijk... maar men verdenkt u... gij -zoudt zelf inzien, mijn beste vriend, als gij alle bijzonderheden -wist—de verdenking, die op u valt, is zoo sterk...” - -„Mag ik vragen, waarvan men mij verdenkt?” klonk het op ijskouden toon -terug. - -Nu nam de commissaris van politie het woord en op korten, barschen toon -sprak hij: - -„Gij wordt ervan verdacht, het bedrag, dat Lord Clifford in zijn -brandkast bewaarde, daaruit ontvreemd te hebben.” - -„Wie verdenkt mij daarvan?” - -„Lord Clifford zelf!” - -De markies keek den edelman lang en ernstig aan en zei toen niets -anders dan: - -„O, dat doet mij veel leed!” - -En tot den commissaris vervolgde hij op trotschen toon: - -„Ik behoef u zeker niet te vertellen, dat de gevangenneming van een -Engelschman in zijn huis alleen mogelijk is op een bijzonder, -schriftelijk uitgevaardigd bevel van den minister van justitie!” - -„Maar gij zijt geen Engelschman,” glimlachte de beambte spottend. - -„Dus tegenover een vreemdeling, die de gastvrijheid in uw land geniet, -moogt gij u veroorlooven, wat een Engelschman niet zou dulden?” - -De commissaris riep nu op ongeduldigen toon: - -„Ik wensch niet met u te redetwisten! Marsch, vooruit! Neem uw jas en -hoed en volg ons naar Scotland Yard... of moet ik geweld gebruiken?” - -De markies ging een stap achteruit; op zijn gelaat lag zulk een -dreigende uitdrukking, dat de brutale detective, die de ijzeren -handboeien intusschen voor den dag had gehaald, deze zoo gauw mogelijk -weer wegborg. - -„Ik zal u bewijzen,” sprak de markies, „dat ik weet, wat men de -overheid schuldig is, ook al is er een zoo groote vergissing in het -spel, als dat hier het geval is! En omdat ik wel begrijp, dat gij mij -niet zult toestaan, mij naar mijn kleedkamer te begeven, zal ik mijn -bediende bevel geven, mijn kleeren hier te brengen.” - -De Braziliaan drukte op de electrische bel; dadelijk daarna verscheen -de neger, die na een kort bevel van zijn meester jas en hoed bracht en -hem bij het aantrekken hielp. - -Hierop zei de markies eenige woorden in het Spaansch tegen den neger, -wat de commissaris van politie hem verbood. - -De markies zocht nog even in zijn borstzak en mompelde: - -„Mijn portefeuille ... Ja die heb ik ...!” - -„Die moest u ons maar meteen geven,” klonk het weer uit den mond van -Mr. Holliday, „daarin zal het gestolene geld wel geborgen zijn!” - -„Een oogenblik,” antwoordde de markies. „Ik wil nog even een cigarette -aansteken.” - -Bij deze woorden bukte hij zich naar een klein cigarettenétui op de -schrijftafel en drukte tegelijkertijd op een daaronder verborgen veer. - -In het volgende oogenblik omgaf diepe duisternis de personen, die zich -in het vertrek bevonden. - -De commissaris sprong naar voren en trachtte tegelijkertijd zijn -electrische zaklantaarn uit zijn jas tevoorschijn te halen, maar hij -struikelde over een vooruitgestoken been en Mr. Holliday kreeg een zoo -klinkende oorvijg, dat het vuur hem uit de oogen sprong. - -Lord Clifford en de politie-agent hielden het voor het verstandigst, -rustig te blijven staan. - -Men hoorde alleen nog een hoonend: - -„Goeden avond, heeren!” uit den mond van den Braziliaan, daarna zich -snel verwijderende schreden en een dichtvallende deur, waarnaar de -politiebeambten in het pikdonker, dat hen omgaf, lang tevergeefs -zochten. - -En toen deze deur eindelijk gevonden was, omhulde hen ook buiten de -kamer een Egyptische duisternis. - -„De kerel heeft de geheele electrische geleiding uitgeschakeld!” riep -de detective uit, „maar wacht, heeren, als ik hem te pakken krijg ...!” - -De anderen konden hun lachen niet bedwingen. Met veel moeite en steeds -met hun handen den weg zoekend, bereikten zij eindelijk de straatdeur -der villa. - -Daar buiten hing de mist, de ondoordringbare, zwarte, reeds dagenlang -boven Londen hangende Engelsche mist, die elke achtervolging van den -vluchteling onmogelijk maakte. - -Zoo ontsnapte Lord Lister, bijgenaamd John Raffles, de groote -onbekende, aan zijn vervolgers. - -In welke gevaren hij zich daarna weer ging werpen, zullen wij in de -volgende afleveringen te weten komen. - - - - - - -*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK LORD LISTER NO. 9: OM GOUD EN -LIEFDE *** - -Updated editions will replace the previous one--the old editions will -be renamed. - -Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright -law means that no one owns a United States copyright in these works, -so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the -United States without permission and without paying copyright -royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part -of this license, apply to copying and distributing Project -Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm -concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark, -and may not be used if you charge for an eBook, except by following -the terms of the trademark license, including paying royalties for use -of the Project Gutenberg trademark. If you do not charge anything for -copies of this eBook, complying with the trademark license is very -easy. You may use this eBook for nearly any purpose such as creation -of derivative works, reports, performances and research. Project -Gutenberg eBooks may be modified and printed and given away--you may -do practically ANYTHING in the United States with eBooks not protected -by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the trademark -license, especially commercial redistribution. - -START: FULL LICENSE - -THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE -PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK - -To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free -distribution of electronic works, by using or distributing this work -(or any other work associated in any way with the phrase "Project -Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full -Project Gutenberg-tm License available with this file or online at -www.gutenberg.org/license. - -Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project -Gutenberg-tm electronic works - -1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm -electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to -and accept all the terms of this license and intellectual property -(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all -the terms of this agreement, you must cease using and return or -destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your -possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a -Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound -by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the -person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph -1.E.8. - -1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be -used on or associated in any way with an electronic work by people who -agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few -things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works -even without complying with the full terms of this agreement. See -paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project -Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this -agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm -electronic works. See paragraph 1.E below. - -1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the -Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection -of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual -works in the collection are in the public domain in the United -States. If an individual work is unprotected by copyright law in the -United States and you are located in the United States, we do not -claim a right to prevent you from copying, distributing, performing, -displaying or creating derivative works based on the work as long as -all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope -that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting -free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm -works in compliance with the terms of this agreement for keeping the -Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily -comply with the terms of this agreement by keeping this work in the -same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when -you share it without charge with others. - -1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern -what you can do with this work. Copyright laws in most countries are -in a constant state of change. If you are outside the United States, -check the laws of your country in addition to the terms of this -agreement before downloading, copying, displaying, performing, -distributing or creating derivative works based on this work or any -other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no -representations concerning the copyright status of any work in any -country other than the United States. - -1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: - -1.E.1. The following sentence, with active links to, or other -immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear -prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work -on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the -phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, -performed, viewed, copied or distributed: - - This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and - most other parts of the world at no cost and with almost no - restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it - under the terms of the Project Gutenberg License included with this - eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the - United States, you will have to check the laws of the country where - you are located before using this eBook. - -1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is -derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not -contain a notice indicating that it is posted with permission of the -copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in -the United States without paying any fees or charges. If you are -redistributing or providing access to a work with the phrase "Project -Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply -either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or -obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm -trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted -with the permission of the copyright holder, your use and distribution -must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any -additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms -will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works -posted with the permission of the copyright holder found at the -beginning of this work. - -1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm -License terms from this work, or any files containing a part of this -work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. - -1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this -electronic work, or any part of this electronic work, without -prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with -active links or immediate access to the full terms of the Project -Gutenberg-tm License. - -1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, -compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including -any word processing or hypertext form. However, if you provide access -to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format -other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official -version posted on the official Project Gutenberg-tm website -(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense -to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means -of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain -Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the -full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1. - -1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, -performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works -unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing -access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works -provided that: - -* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from - the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method - you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed - to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has - agreed to donate royalties under this paragraph to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid - within 60 days following each date on which you prepare (or are - legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty - payments should be clearly marked as such and sent to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in - Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg - Literary Archive Foundation." - -* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies - you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he - does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm - License. You must require such a user to return or destroy all - copies of the works possessed in a physical medium and discontinue - all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm - works. - -* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of - any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the - electronic work is discovered and reported to you within 90 days of - receipt of the work. - -* You comply with all other terms of this agreement for free - distribution of Project Gutenberg-tm works. - -1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project -Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than -are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing -from the Project Gutenberg Literary Archive Foundation, the manager of -the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the Foundation as set -forth in Section 3 below. - -1.F. - -1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable -effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread -works not protected by U.S. copyright law in creating the Project -Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm -electronic works, and the medium on which they may be stored, may -contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate -or corrupt data, transcription errors, a copyright or other -intellectual property infringement, a defective or damaged disk or -other medium, a computer virus, or computer codes that damage or -cannot be read by your equipment. - -1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right -of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project -Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project -Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all -liability to you for damages, costs and expenses, including legal -fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT -LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE -PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE -TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE -LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR -INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH -DAMAGE. - -1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a -defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can -receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a -written explanation to the person you received the work from. If you -received the work on a physical medium, you must return the medium -with your written explanation. The person or entity that provided you -with the defective work may elect to provide a replacement copy in -lieu of a refund. If you received the work electronically, the person -or entity providing it to you may choose to give you a second -opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If -the second copy is also defective, you may demand a refund in writing -without further opportunities to fix the problem. - -1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth -in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO -OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT -LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. - -1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied -warranties or the exclusion or limitation of certain types of -damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement -violates the law of the state applicable to this agreement, the -agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or -limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or -unenforceability of any provision of this agreement shall not void the -remaining provisions. - -1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the -trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone -providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in -accordance with this agreement, and any volunteers associated with the -production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm -electronic works, harmless from all liability, costs and expenses, -including legal fees, that arise directly or indirectly from any of -the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this -or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or -additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any -Defect you cause. - -Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm - -Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of -electronic works in formats readable by the widest variety of -computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It -exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations -from people in all walks of life. - -Volunteers and financial support to provide volunteers with the -assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's -goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will -remain freely available for generations to come. In 2001, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure -and permanent future for Project Gutenberg-tm and future -generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see -Sections 3 and 4 and the Foundation information page at -www.gutenberg.org - -Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation - -The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non-profit -501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the -state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal -Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification -number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by -U.S. federal laws and your state's laws. - -The Foundation's business office is located at 809 North 1500 West, -Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up -to date contact information can be found at the Foundation's website -and official page at www.gutenberg.org/contact - -Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg -Literary Archive Foundation - -Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without -widespread public support and donations to carry out its mission of -increasing the number of public domain and licensed works that can be -freely distributed in machine-readable form accessible by the widest -array of equipment including outdated equipment. Many small donations -($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt -status with the IRS. - -The Foundation is committed to complying with the laws regulating -charities and charitable donations in all 50 states of the United -States. Compliance requirements are not uniform and it takes a -considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up -with these requirements. We do not solicit donations in locations -where we have not received written confirmation of compliance. To SEND -DONATIONS or determine the status of compliance for any particular -state visit www.gutenberg.org/donate - -While we cannot and do not solicit contributions from states where we -have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition -against accepting unsolicited donations from donors in such states who -approach us with offers to donate. - -International donations are gratefully accepted, but we cannot make -any statements concerning tax treatment of donations received from -outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. - -Please check the Project Gutenberg web pages for current donation -methods and addresses. Donations are accepted in a number of other -ways including checks, online payments and credit card donations. To -donate, please visit: www.gutenberg.org/donate - -Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works - -Professor Michael S. Hart was the originator of the Project -Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be -freely shared with anyone. For forty years, he produced and -distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of -volunteer support. - -Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed -editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in -the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not -necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper -edition. - -Most people start at our website which has the main PG search -facility: www.gutenberg.org - -This website includes information about Project Gutenberg-tm, -including how to make donations to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to -subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. diff --git a/old/67244-0.zip b/old/67244-0.zip Binary files differdeleted file mode 100644 index 3cc96ec..0000000 --- a/old/67244-0.zip +++ /dev/null diff --git a/old/67244-h.zip b/old/67244-h.zip Binary files differdeleted file mode 100644 index 1dd5056..0000000 --- a/old/67244-h.zip +++ /dev/null diff --git a/old/67244-h/67244-h.htm b/old/67244-h/67244-h.htm deleted file mode 100644 index 91eb908..0000000 --- a/old/67244-h/67244-h.htm +++ /dev/null @@ -1,4030 +0,0 @@ -<!DOCTYPE html -PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.01 Transitional//EN" "http://www.w3.org/TR/html4/loose.dtd"> -<!-- This HTML file has been automatically generated from an XML source on 2022-01-24T16:09:31Z using SAXON HE 9.9.1.8 . --> -<html lang="nl"> -<head> -<meta http-equiv="Content-Type" content="text/html; charset=utf-8"> -<title>Lord Lister No. 9: Om goud en liefde</title> -<meta name="generator" content="tei2html.xsl, see https://github.com/jhellingman/tei2html"> -<meta name="author" content="Kurt Matull (1872–1930?) Theo von Blankensee [Pseudoniem van Mathias Blank (1881–1928)]"> -<link rel="coverpage" href="images/lordlister0009-front.jpg"> -<link rel="schema.DC" href="http://dublincore.org/documents/1998/09/dces/"> -<meta name="DC.Creator" content="Kurt Matull (1872–1930?) Theo von Blankensee [Pseudoniem van Mathias Blank (1881–1928)]"> -<meta name="DC.Title" content="Lord Lister No. 9: Om goud en liefde"> -<meta name="DC.Language" content="nl-1900"> -<meta name="DC.Format" content="text/html"> -<meta name="DC.Publisher" content="Project Gutenberg"> -<meta name="DC:Subject" content="Detective and mystery stories -- Periodicals"> -<meta name="DC:Subject" content="Dime novels -- Periodicals"> -<style type="text/css"> /* <![CDATA[ */ -html { -line-height: 1.3; -} -body { -margin: 0; -} -main { -display: block; -} -h1 { -font-size: 2em; -margin: 0.67em 0; -} -hr { -height: 0; -overflow: visible; -} -pre { -font-family: monospace, monospace; -font-size: 1em; -} -a { -background-color: transparent; -} -abbr[title] { -border-bottom: none; -text-decoration: underline; -text-decoration: underline dotted; -} -b, strong { -font-weight: bolder; -} -code, kbd, samp { -font-family: monospace, monospace; -font-size: 1em; -} -small { -font-size: 80%; -} -sub, sup { -font-size: 67%; -line-height: 0; -position: relative; -vertical-align: baseline; -} -sub { -bottom: -0.25em; -} -sup { -top: -0.5em; -} -img { -border-style: none; -} -body { -font-family: serif; -font-size: 100%; -text-align: left; -margin-top: 2.4em; -} -div.front, div.body { -margin-bottom: 7.2em; -} -div.back { -margin-bottom: 2.4em; -} -.div0 { -margin-top: 7.2em; -margin-bottom: 7.2em; -} -.div1 { -margin-top: 5.6em; -margin-bottom: 5.6em; -} -.div2 { -margin-top: 4.8em; -margin-bottom: 4.8em; -} -.div3 { -margin-top: 3.6em; -margin-bottom: 3.6em; -} -.div4 { -margin-top: 2.4em; -margin-bottom: 2.4em; -} -.div5, .div6, .div7 { -margin-top: 1.44em; -margin-bottom: 1.44em; -} -.div0:last-child, .div1:last-child, .div2:last-child, .div3:last-child, -.div4:last-child, .div5:last-child, .div6:last-child, .div7:last-child { -margin-bottom: 0; -} -blockquote div.front, blockquote div.body, blockquote div.back { -margin-top: 0; -margin-bottom: 0; -} -.divBody .div1:first-child, .divBody .div2:first-child, .divBody .div3:first-child, .divBody .div4:first-child, -.divBody .div5:first-child, .divBody .div6:first-child, .divBody .div7:first-child { -margin-top: 0; -} -h1, h2, h3, h4, h5, h6, .h1, .h2, .h3, .h4, .h5, .h6 { -clear: both; -font-style: normal; -text-transform: none; -} -h3, .h3 { -font-size: 1.2em; -} -h3.label { -font-size: 1em; -margin-bottom: 0; -} -h4, .h4 { -font-size: 1em; -} -.alignleft { -text-align: left; -} -.alignright { -text-align: right; -} -.alignblock { -text-align: justify; -} -p.tb, hr.tb, .par.tb { -margin: 1.6em auto; -text-align: center; -} -p.argument, p.note, p.tocArgument, .par.argument, .par.note, .par.tocArgument { -font-size: 0.9em; -text-indent: 0; -} -p.argument, p.tocArgument, .par.argument, .par.tocArgument { -margin: 1.58em 10%; -} -td.tocDivNum { -vertical-align: top; -} -td.tocPageNum { -vertical-align: bottom; -} -.opener, .address { -margin-top: 1.6em; -margin-bottom: 1.6em; -} -.addrline { -margin-top: 0; -margin-bottom: 0; -} -.dateline { -margin-top: 1.6em; -margin-bottom: 1.6em; -text-align: right; -} -.salute { -margin-top: 1.6em; -margin-left: 3.58em; -text-indent: -2em; -} -.signed { -margin-top: 1.6em; -margin-left: 3.58em; -text-indent: -2em; -} -.epigraph { -font-size: 0.9em; -width: 60%; -margin-left: auto; -} -.epigraph span.bibl { -display: block; -text-align: right; -} -.trailer { -clear: both; -margin-top: 3.6em; -} -span.abbr, abbr { -white-space: nowrap; -} -span.parnum { -font-weight: bold; -} -span.corr, span.gap { -border-bottom: 1px dotted red; -} -span.num, span.trans, span.trans { -border-bottom: 1px dotted gray; -} -span.measure { -border-bottom: 1px dotted green; -} -.ex { -letter-spacing: 0.2em; -} -.sc { -font-variant: small-caps; -} -.asc { -font-variant: small-caps; -text-transform: lowercase; -} -.uc { -text-transform: uppercase; -} -.tt { -font-family: monospace; -} -.underline { -text-decoration: underline; -} -.overline, .overtilde { -text-decoration: overline; -} -.rm { -font-style: normal; -} -.red { -color: red; -} -hr { -clear: both; -border: none; -border-bottom: 1px solid black; -width: 45%; -margin-left: auto; -margin-right: auto; -margin-top: 1em; -text-align: center; -} -hr.dotted { -border-bottom: 2px dotted black; -} -hr.dashed { -border-bottom: 2px dashed black; -} -.aligncenter { -text-align: center; -} -h1, h2, .h1, .h2 { -font-size: 1.44em; -line-height: 1.5; -} -h1.label, h2.label { -font-size: 1.2em; -margin-bottom: 0; -} -h5, h6 { -font-size: 1em; -font-style: italic; -} -p, .par { -text-indent: 0; -} -p.firstlinecaps:first-line, .par.firstlinecaps:first-line { -text-transform: uppercase; -} -.hangq { -text-indent: -0.32em; -} -.hangqq { -text-indent: -0.42em; -} -.hangqqq { -text-indent: -0.84em; -} -p.dropcap:first-letter, .par.dropcap:first-letter { -float: left; -clear: left; -margin: 0 0.05em 0 0; -padding: 0; -line-height: 0.8; -font-size: 420%; -vertical-align: super; -} -blockquote, p.quote, div.blockquote, div.argument, .par.quote { -font-size: 0.9em; -margin: 1.58em 5%; -} -.pageNum a, a.noteRef:hover, a.pseudoNoteRef:hover, a.hidden:hover, a.hidden { -text-decoration: none; -} -.advertisement, .advertisements { -background-color: #FFFEE0; -border: black 1px dotted; -color: #000; -margin: 2em 5%; -padding: 1em; -} -.footnotes .body, .footnotes .div1 { -padding: 0; -} -.fnarrow { -color: #AAAAAA; -font-weight: bold; -text-decoration: none; -} -.fnarrow:hover, .fnreturn:hover { -color: #660000; -} -.fnreturn { -color: #AAAAAA; -font-size: 80%; -font-weight: bold; -text-decoration: none; -vertical-align: 0.25em; -} -a { -text-decoration: none; -} -a:hover { -text-decoration: underline; -background-color: #e9f5ff; -} -a.noteRef, a.pseudoNoteRef { -font-size: 67%; -line-height: 0; -position: relative; -vertical-align: baseline; -top: -0.5em; -text-decoration: none; -margin-left: 0.1em; -} -.displayfootnote { -display: none; -} -div.footnotes { -font-size: 80%; -margin-top: 1em; -padding: 0; -} -hr.fnsep { -margin-left: 0; -margin-right: 0; -text-align: left; -width: 25%; -} -p.footnote, .par.footnote { -margin-bottom: 0.5em; -margin-top: 0.5em; -} -p.footnote .fnlabel, .par.footnote .fnlabel { -float: left; -margin-left: -0.1em; -margin-top: 0.9em; -min-width: 1.0em; -padding-right: 0.4em; -} -.apparatusnote { -text-decoration: none; -} -.apparatusnote:target, .fndiv:target { -background-color: #eaf3ff; -} -table.tocList { -width: 100%; -margin-left: auto; -margin-right: auto; -border-width: 0; -border-collapse: collapse; -} -td.tocPageNum, td.tocDivNum { -text-align: right; -min-width: 10%; -border-width: 0; -white-space: nowrap; -} -td.tocDivNum { -padding-left: 0; -padding-right: 0.5em; -} -td.tocPageNum { -padding-left: 0.5em; -padding-right: 0; -} -td.tocDivTitle { -width: auto; -} -p.tocPart, .par.tocPart { -margin: 1.58em 0; -font-variant: small-caps; -} -p.tocChapter, .par.tocChapter { -margin: 1.58em 0; -} -p.tocSection, .par.tocSection { -margin: 0.7em 5%; -} -table.tocList td { -vertical-align: top; -} -table.tocList td.tocPageNum { -vertical-align: bottom; -} -table.inner { -display: inline-table; -border-collapse: collapse; -width: 100%; -} -td.itemNum { -text-align: right; -min-width: 5%; -padding-right: 0.8em; -} -td.innerContainer { -padding: 0; -margin: 0; -} -.index { -font-size: 80%; -} -.index p { -text-indent: -1em; -margin-left: 1em; -} -.indexToc { -text-align: center; -} -.transcriberNote { -background-color: #DDE; -border: black 1px dotted; -color: #000; -font-family: sans-serif; -font-size: 80%; -margin: 2em 5%; -padding: 1em; -} -.missingTarget { -text-decoration: line-through; -color: red; -} -.correctionTable { -width: 75%; -} -.width20 { -width: 20%; -} -.width40 { -width: 40%; -} -p.smallprint, li.smallprint, .par.smallprint { -color: #666666; -font-size: 80%; -} -span.musictime { -vertical-align: middle; -display: inline-block; -text-align: center; -} -span.musictime, span.musictime span.top, span.musictime span.bottom { -padding: 1px 0.5px; -font-size: xx-small; -font-weight: bold; -line-height: 0.7em; -} -span.musictime span.bottom { -display: block; -} -ul { -list-style-type: none; -} -.splitListTable { -margin-left: 0; -} -.splitListTable td { -vertical-align: top; -} -.numberedItem { -text-indent: -3em; -margin-left: 3em; -} -.numberedItem .itemNumber { -float: left; -position: relative; -left: -3.5em; -width: 3em; -display: inline-block; -text-align: right; -} -.itemGroupTable { -border-collapse: collapse; -margin-left: 0; -} -.itemGroupTable td { -padding: 0; -margin: 0; -vertical-align: middle; -} -.itemGroupBrace { -padding: 0 0.5em !important; -} -div.figure { -text-align: center; -} -.figure { -margin-left: auto; -margin-right: auto; -} -.floatLeft { -float: left; -margin: 10px 10px 10px 0; -} -.floatRight { -float: right; -margin: 10px 0 10px 10px; -} -p.figureHead, .par.figureHead { -font-size: 100%; -text-align: center; -} -.figAnnotation { -font-size: 80%; -position: relative; -margin: 0 auto; -} -.figTopLeft, .figBottomLeft { -float: left; -} -.figTopRight, .figBottomRight { -float: right; -} -.figure p, .figure .par { -font-size: 80%; -margin-top: 0; -text-align: center; -} -img { -border-width: 0; -} -td.galleryFigure { -text-align: center; -vertical-align: middle; -} -td.galleryCaption { -text-align: center; -vertical-align: top; -} -tr, td, th { -vertical-align: top; -} -tr.bottom, td.bottom, th.bottom { -vertical-align: bottom; -} -td.label, tr.label td { -font-weight: bold; -} -td.unit, tr.unit td { -font-style: italic; -} -td.leftbrace, td.rightbrace { -vertical-align: middle; -} -span.sum { -padding-top: 2px; -border-top: solid black 1px; -} -table.inlinetable { -display: inline-table; -} -table.borderOutside { -border-collapse: collapse; -} -table.borderOutside td { -padding-left: 4px; -padding-right: 4px; -} -table.borderOutside .cellHeadTop, table.borderOutside .cellTop { -border-top: 2px solid black; -} -table.borderOutside .cellHeadBottom { -border-bottom: 1px solid black; -} -table.borderOutside .cellBottom { -border-bottom: 2px solid black; -} -table.borderOutside .cellLeft, table.borderOutside .cellHeadLeft { -border-left: 2px solid black; -} -table.borderOutside .cellRight, table.borderOutside .cellHeadRight { -border-right: 2px solid black; -} -table.verticalBorderInside { -border-collapse: collapse; -} -table.verticalBorderInside td { -padding-left: 4px; -padding-right: 4px; -border-left: 1px solid black; -} -table.verticalBorderInside .cellHeadTop, table.verticalBorderInside .cellTop { -border-top: 2px solid black; -} -table.verticalBorderInside .cellHeadBottom { -border-bottom: 1px solid black; -} -table.verticalBorderInside .cellBottom { -border-bottom: 2px solid black; -} -table.verticalBorderInside .cellLeft, table.verticalBorderInside .cellHeadLeft { -border-left: 0 solid black; -} -table.borderAll { -border-collapse: collapse; -} -table.borderAll td { -padding-left: 4px; -padding-right: 4px; -border: 1px solid black; -} -table.borderAll .cellHeadTop, table.borderAll .cellTop { -border-top: 2px solid black; -} -table.borderAll .cellHeadBottom { -border-bottom: 1px solid black; -} -table.borderAll .cellBottom { -border-bottom: 2px solid black; -} -table.borderAll .cellLeft, table.borderAll .cellHeadLeft { -border-left: 2px solid black; -} -table.borderAll .cellRight, table.borderAll .cellHeadRight { -border-right: 2px solid black; -} -tr.borderTop td, tr.borderTop th, th.borderTop, td.borderTop { -border-top: 1px solid black !important; -} -tr.borderRight td, tr.borderRight th, th.borderRight, td.borderRight { -border-right: 1px solid black !important; -} -tr.borderLeft td, tr.borderLeft th, th.borderLeft, td.borderLeft { -border-left: 1px solid black !important; -} -tr.borderBottom td, tr.borderBottom th, th.borderBottom, td.borderBottom { -border-bottom: 1px solid black !important; -} -tr.borderHorizontal td, tr.borderHorizontal th, th.borderHorizontal, td.borderHorizontal { -border-top: 1px solid black !important; -border-bottom: 1px solid black !important; -} -tr.borderVertical td, tr.borderVertical th, th.borderVertical, td.borderVertical { -border-right: 1px solid black !important; -border-left: 1px solid black !important; -} -tr.borderAll td, tr.borderAll th, th.borderAll, td.borderAll { -border: 1px solid black !important; -} -tr.noBorderTop td, tr.noBorderTop th, th.noBorderTop, td.noBorderTop { -border-top: none !important; -} -tr.noBorderRight td, tr.noBorderRight th, th.noBorderRight, td.noBorderRight { -border-right: none !important; -} -tr.noBorderLeft td, tr.noBorderLeft th, th.noBorderLeft, td.noBorderLeft { -border-left: none !important; -} -tr.noBorderBottom td, tr.noBorderBottom th, th.noBorderBottom, td.noBorderBottom { -border-bottom: none !important; -} -tr.noBorderHorizontal td, tr.noBorderHorizontal th, th.noBorderHorizontal, td.noBorderHorizontal { -border-top: none !important; -border-bottom: none !important; -} -tr.noBorderVertical td, tr.noBorderVertical th, th.noBorderVertical, td.noBorderVertical { -border-right: none !important; -border-left: none !important; -} -tr.borderAll td, tr.borderAll th, th.borderAll, td.noBorderAll { -border: none !important; -} -.cellDoubleUp { -border: 0 solid black !important; -width: 1em; -} -td.alignDecimalIntegerPart { -text-align: right; -border-right: none !important; -padding-right: 0 !important; -margin-right: 0 !important; -} -td.alignDecimalFractionPart { -text-align: left; -border-left: none !important; -padding-left: 0 !important; -margin-left: 0 !important; -} -td.alignDecimalNotNumber { -text-align: center; -} -table.alignedtext, table.alignedverse { -border-collapse: collapse; -} -table.alignedtext td { -vertical-align: top; -width: 50%; -} -table.alignedverse { -vertical-align: top; -} -table.alignedtext td.first, table.alignedverse td.first { -border-width: 0 0.2px 0 0; -border-color: gray; -border-style: solid; -padding-right: 10px; -} -table.alignedtext td.second, table.alignedverse td.second { -padding-left: 10px; -} -table.alignedverse td.first, table.alignedverse td.second { -width: 45%; -} -table.alignedverse td.lineNumbers { -width: 10%; -} -body { -padding: 1.58em 16%; -} -.pageNum { -display: inline; -font-size: 8.4pt; -font-style: normal; -margin: 0; -padding: 0; -position: absolute; -right: 1%; -text-align: right; -letter-spacing: normal; -} -.marginnote { -font-size: 0.8em; -height: 0; -left: 1%; -position: absolute; -text-indent: 0; -width: 14%; -text-align: left; -} -.right-marginnote { -font-size: 0.8em; -height: 0; -right: 3%; -position: absolute; -text-indent: 0; -text-align: right; -width: 11% -} -.cut-in-left-note { -font-size: 0.8em; -left: 1%; -float: left; -text-indent: 0; -width: 14%; -text-align: left; -padding: 0.8em 0.8em 0.8em 0; -} -.cut-in-right-note { -font-size: 0.8em; -left: 1%; -float: right; -text-indent: 0; -width: 14%; -text-align: right; -padding: 0.8em 0 0.8em 0.8em; -} -span.tocPageNum, span.flushright { -position: absolute; -right: 16%; -top: auto; -text-indent: 0; -} -.pglink::after { -content: "\0000A0\01F4D8"; -font-size: 80%; -font-style: normal; -font-weight: normal; -} -.catlink::after { -content: "\0000A0\01F4C7"; -font-size: 80%; -font-style: normal; -font-weight: normal; -} -.exlink::after, .wplink::after, .biblink::after, .qurlink::after, .seclink::after { -content: "\0000A0\002197\00FE0F"; -color: blue; -font-size: 80%; -font-style: normal; -font-weight: normal; -} -.pglink:hover { -background-color: #DCFFDC; -} -.catlink:hover { -background-color: #FFFFDC; -} -.exlink:hover, .wplink:hover, .biblink:hover, .qurlink:hover, .seclin:hover { -background-color: #FFDCDC; -} -body { -background: #FFFFFF; -font-family: serif; -} -body, a.hidden { -color: black; -} -h1, h2, .h1, .h2 { -text-align: center; -font-variant: small-caps; -font-weight: normal; -} -p.byline { -text-align: center; -font-style: italic; -margin-bottom: 2em; -} -.div2 p.byline, .div3 p.byline, .div4 p.byline, .div5 p.byline, .div6 p.byline, .div7 p.byline { -text-align: left; -} -.figureHead, .noteRef, .pseudoNoteRef, .marginnote, .right-marginnote, p.legend, .verseNum { -color: #660000; -} -.rightnote, .pageNum, .lineNum, .pageNum a { -color: #AAAAAA; -} -a.hidden:hover, a.noteRef:hover, a.pseudoNoteRef:hover { -color: red; -} -h1, h2, h3, h4, h5, h6 { -font-weight: normal; -} -table { -margin-left: auto; -margin-right: auto; -} -.tablecaption { -text-align: center; -} -.arab { font-family: Scheherazade, serif; } -.aran { font-family: 'Awami Nastaliq', serif; } -.grek { font-family: 'Charis SIL', serif; } -.hebr { font-family: Shlomo, 'Ezra SIL', serif; } -.syrc { font-family: 'Serto Jerusalem', serif; } -/* CSS rules generated from rendition elements in TEI file */ -.imprint { -color: gray; text-align: center; -} -/* CSS rules generated from @rend attributes in TEI file */ -.xd31e1066 { -text-align:center; vertical-align:middle; font-size:x-large; width:33%; -} -.xd31e1067 { -text-align:center; vertical-align:middle; -} -.cover-imagewidth { -width:566px; -} -.xd31e95 { -font-size:x-large; -} -.xd31e97 { -font-size:small; -} -.xd31e101 { -font-size:xx-large; -} -.xd31e1059 { -text-align:center; font-size:xx-large; -} -.xd31e1063 { -text-align:center; font-size:xx-large; color:#d40000; font-weight:bold; -} -.tbl\.wanted\.header { -width:100%; -} -.xd31e1070 { -font-size:xx-large; -} -.lordlisterwidth { -width:307px; -} -.xd31e1085 { -text-align:center; font-size:xx-large; color:#d40000; -} -.xd31e1087 { -font-size:large; -} -.xd31e1090 { -font-size:large; -} -.xd31e1093 { -text-align:center; -} -.xd31e1095 { -text-align:center; font-size:x-large; -} -.xd31e1099 { -text-align:center; font-size:large; -} -.warrant\.en { -font-size:small; border:2pt solid black; padding-left:1em; padding-right:1em; margin:1em; -} -.xd31e1110 { -font-size:x-large; text-align:center; -} -.xd31e1114 { -font-weight:bold; text-align:center; -} -.warrant\.nl { -display:none; font-size:small; -} -.xd31e1222 { -text-align:center; font-weight:bold; font-size:large; -} -.xd31e1327 { -font-size:xx-large; -} -.xd31e1329 { -font-size:medium; -} -@media handheld { -} -/* ]]> */ </style> -</head> -<body> -<div lang='en'> -<p style='text-align:center; font-size:1.2em; font-weight:bold'>The Project Gutenberg eBook of <span lang='nl'>Lord Lister No. 9: Om goud en liefde</span>, by Kurt Matull</p> -<div style='display:block; margin:1em 0'> -This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and -most other parts of the world at no cost and with almost no restrictions -whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms -of the Project Gutenberg License included with this eBook or online -at <a href="https://www.gutenberg.org">www.gutenberg.org</a>. If you -are not located in the United States, you will have to check the laws of the -country where you are located before using this eBook. -</div> -</div> - -<p style='display:block; margin-top:1em; margin-bottom:1em; margin-left:2em; text-indent:-2em'>Title: <span lang='nl'>Lord Lister No. 9: Om goud en liefde</span></p> -<p style='display:block; margin-top:1em; margin-bottom:0; margin-left:2em; text-indent:-2em'>Authors: Kurt Matull</p> -<p style='display:block; margin-top:0; margin-bottom:0; margin-left:2em;'>Theo Blakensee</p> -<p style='display:block; text-indent:0; margin:1em 0'>Release Date: January 24, 2022 [eBook #67244]</p> -<p style='display:block; text-indent:0; margin:1em 0'>Language: Dutch</p> - <p style='display:block; margin-top:1em; margin-bottom:0; margin-left:2em; text-indent:-2em; text-align:left'>Produced by: The Online Distributed Proofreading Team at https://www.pgdp.net/ for Project Gutenberg.</p> -<div style='margin-top:2em; margin-bottom:4em'>*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK <span lang='nl'>LORD LISTER NO. 9: OM GOUD EN LIEFDE</span> ***</div> -<div class="front"> -<div class="div1 cover"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><div class="divBody"> -<p class="first"></p> -<div class="figure cover-imagewidth"><img src="images/lordlister0009-front.jpg" alt="Oorspronkelijke voorkant." width="566" height="720"></div><p> -<span class="pageNum" id="pb1">[<a href="#pb1">1</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div class="div1 imprint"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><div class="divBody"> -<p class="first xd31e95">☞ Elke aflevering bevat een volledig verhaal. ☜ -</p> -<p class="xd31e97">UITGAVE VAN DEN „ROMAN-BOEKHANDEL VOORHEEN A. EICHLER”, SINGEL 236,—AMSTERDAM. -</p> -</div> -</div> -</div> -<div class="body"> -<div id="ch1" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch1.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<div class="figure"><img src="images/p0009-01.png" alt="OM GOUD EN LIEFDE." width="720" height="225"></div> -<h2 class="super xd31e101">OM GOUD EN LIEFDE.</h2> -<h2 class="label">EERSTE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">DE MARKIES DI SAO BALBO.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">De herfstavond was aangekomen en het gezelschap was met zijn honden teruggekeerd van -de jacht. Men kleedde zich op Rastinghouse, het landgoed van Lord Clifford, voor het -diner. -</p> -<p>De hall van het oud-adellijke slot, die groote ruimte, waar de rijke Engelschen zich -het liefst ophouden, en vanwaar men langs de prachtig gebeeldhouwde trappen de verschillende -etages bereikt, scheen nog leeg te zijn. -</p> -<p>Eerst toen een rijzige slanke mannengestalte met veerkrachtigen tred en bijna onhoorbaar -de met dikke loopers belegde trap afkwam, richtte zich in een der fauteuils, die in -de hall stonden, een fijnbesneden, blond vrouwenkopje op en twee groote violetblauwe -oogen keken vragend op. -</p> -<p>De heer glimlachte en vroeg met gedempte stem: -</p> -<p>„Heb ik u verschrikt, Miss Goal? Dacht u misschien, dat het de beruchte Raffles was, -die uw gouden lokken kwam stelen?” -</p> -<p>De dame, die zich nu in haar volle lengte verhief, had een slanke, tengere gestalte -en was een bijzonder bekoorlijke verschijning. Zij was het blijkbaar niet met zichzelf -eens, welke houding zij zou aannemen tegenover den heer, die nu vóór haar stond en -met zijn blanke vingers over zijn prachtigen, zwarten baard streek. Eindelijk sprak -zij: -</p> -<p>„Neen, markies, ik herkende u dadelijk. Ik betwijfel het echter of het louter toeval -is, dat wij elkaar zoo dikwijls ontmoeten en dat wij zelfs in dit huis, waar zoovele -menschen samenzijn, ons telkens weer in elkaars gezelschap bevinden. Misschien is -het het noodlot, dat zoo vaak onze wegen doet kruisen.….” -</p> -<p>Zij zweeg en de slanke man, die vóór haar stond, zag een traan in haar oogen. Hij -boog en sprak: -</p> -<p>„Ik hoop, Miss, dat gij dit zóó opvat als het u het liefst zou zijn. Ik zou er gaarne -iets toe willen bijdragen om uw blik meer tevreden en gelukkig te maken.” -</p> -<p>Daarop vatte hij een van haar smalle handjes, waarop hij een langen, innigen kus drukte. -</p> -<p>„Maar ik begrijp niet, wat u bekommert. Iedereen <span class="pageNum" id="pb2">[<a href="#pb2">2</a>]</span>houdt van u, gij zijt onder bescherming van een achtenswaardigen ouden heer, kolonel -Goal, en ik geloof niet, dat er zich iemand hier in huis bevindt, die niet met alle -mogelijke opoffering den geringsten uwer wenschen zou willen vervullen.” -</p> -<p>Miss Florence schudde het hoofd en sprak: -</p> -<p>„Van u, markies, had ik niet gedacht, dat gij u, evenals alle anderen, liet misleiden.” -</p> -<p>Verbaasd keek de knappe man in het gelaat der jonge vrouw, daarop antwoordde hij met -een glimlach: -</p> -<p>„Men kan niet altijd toegeven aan zijn vermoedens, lieve Miss. Ik heb veel opgemerkt, -wat aan de oogen van anderen verborgen is gebleven en ik meen mij niet te vergissen -in de veronderstelling, dat uw verdriet een uwer naaste bloedverwanten geldt. Is het -niet waar?” -</p> -<p>Het schoone meisje knikte toestemmend. -</p> -<p>En snikkend sprak zij met gedempte stem: -</p> -<p>„En ik ben verloren, als niemand mij helpt.” -</p> -<p>Ridderlijk knielde hij voor haar neer, hij nam de blanke meisjeshand in de zijne en -sprak op ernstigen, bijna plechtigen toon: -</p> -<p>„In de aderen van den markies di Sao Balbo vloeit het bloed der oude Saraceensche -ridders. Mijn stamvader liet zich voor zijn dame verbranden en al zijn de gewoonten -ook minder wreed geworden en al zoudt gij, lieve Miss, een dergelijke vuurproef niet -van mij verlangen, toch smeek ik u, geheel over mij te beschikken en uwe eischen te -mijnen opzichte zoo hoog mogelijk te stellen. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Het gevoel, dat ik jegens u koester, is zoo verheven en heilig, dat ik er naar snak, -iets voor u te mogen doen!” -</p> -<p>Miss Florence was eenigszins teruggeweken. Uit de woorden van den man, die knielend -voor haar lag, laaide de gloed van den hartstocht haar tegen en zij wist niet, welk -antwoord zij moest geven. -</p> -<p>De schoonheid van dezen man streelde haar zinnen, zijn welluidende stem trof haar -hart en zij besefte, dat, hetgeen zij voor den markies voelde, de kiem was van een -liefde, die zij zichzelf nauwelijks durfde bekennen. -</p> -<p>Voor een oogenblik vergat zij haar leed. Maar de Zuid-Amerikaan, van wien men vertelde, -dat hij in de Vuelta Abajos tabaksplantages en andere bezittingen van fabelachtige -waarde had, drong er zelf op aan, dat zij haar hart bij hem uit zou storten. -</p> -<p>O, hoe gaarne deed zij dit! -</p> -<p>Deze <span class="corr" id="xd31e140" title="Bron: mr.">Mr.</span> Goal, de gewezen overste in het leger van Hare Majesteit de Koningin, deze oude soldaat, -die door iedereen voor een man van eer werd gehouden, was een groote schurk, gevaarlijk -voor ieder jong meisje. -</p> -<p>Hij vervolgde zijn nicht, die eigenlijk slechts een verre bloedverwante van hem was, -met de volharding van een ouden woesteling, hij sloop haar na tot in haar kleedkamer -en beproefde daar, nadat hij de dienstboden had doen heengaan, zijn schandelijke plannen -uit te voeren. -</p> -<p>Trouwen wilde hij haar niet! Geen enkel oogenblik dacht hij daar aan! Tot zijn geliefde -wilde hij haar maken om haar later, als hij genoeg van haar zou hebben, weg te werpen. -</p> -<p>De wangen van het meisje waren met een blos van schaamte bedekt, toen zij deze dingen -van zoo kieschen aard toevertrouwde aan den jongen man, die met gefronst voorhoofd -naar haar luisterde. Zij durfde haar reine, blauwe oogen niet opslaan naar hem, die -haar zooeven van zijn teedere gevoelens had gesproken. Maar zijn zware, hijgende adem -verried haar, hoezeer haar verhaal hem aangreep. -</p> -<p>En toen sprak zij eindelijk, luid snikkend: -</p> -<p>„Ik had een vertrouwd kamermeisje, dat reeds in mijn ouderlijk huis had gediend. Eenigen -tijd voordat wij naar het slot van lord Clifford reisden, heeft de ellendeling mijn -arme Betsie onder de valsche beschuldiging van diefstal laten gevangen nemen. Nu ben -ik zonder eenige bescherming en ik ril van afschuw als ik denk aan het oogenblik, -waarop wij naar ons landgoed zullen terugkeeren.” -</p> -<p>Zij dacht eenige oogenblikken na en vervolgde toen met een wilden lach, waaruit oneindig -groote wanhoop sprak: -</p> -<p>„Maar hij zal mij niet levend in zijn macht krijgen! Ik wil liever sterven!” -</p> -<p>Markies di Sao Balbo was doodsbleek geworden. <span class="pageNum" id="pb3">[<a href="#pb3">3</a>]</span>Het trillen zijner sterke handen en het rollen van zijn donkere oogen toonden in welke -vreeselijk opgewonden toestand de anders zoo kalme man zich bevond. -</p> -<p>Met moeite slechts kon hij vragen: -</p> -<p>„Eén ding begrijp ik niet, Miss. Gij zijt immers rijk. Ik bid u, mij mijn onbescheidenheid -niet kwalijk te nemen, maar men beweert, dat gij een groot vermogen bezit, gij zijt -dus niet afhankelijk van dezen man! Ik weet, dat gij meerderjarig zijt. Is het dan -alleen uit eerbied voor een familielid, dat gij het huis, waarin uw eer wordt aangerand, -niet verlaat?” -</p> -<p>Opnieuw in tranen uitbarstend, schudde Miss Florence het hoofd. -</p> -<p>„Ik was rijk en ik moest het nog zijn! Mijn ouders hebben inderdaad een groot vermogen -achtergelaten. Maar deze man, die mij nu nog het laatste wil ontnemen, wat ik bezit, -heeft mij ook mijn vermogen ontstolen. Met mijn eigen oogen heb ik het testament gezien, -waarbij mijn vader mij tot universeele erfgename benoemde.…..” -</p> -<p>Zij droogde haar oogen met het fijne, kanten zakdoekje en de markies vroeg, bijna -ongeduldig: -</p> -<p>„En waar bleef dat testament?” -</p> -<p>Op verdrietigen toon antwoordde het jonge meisje: -</p> -<p>„Het document is verdwenen, er werd een ander gevonden, toen papa gestorven was, waarbij -mijn oom als beheerder van mijn vermogen was benoemd. Ik zelf zou geen enkelen stuiver -in handen krijgen, terwijl mijn vader, die bij zijn leven nimmer een onaangenaam woord -tot mij had gesproken, mij lichtzinnig en verkwistend noemde. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Mr. Goal was ook benoemd tot executeur-testamentair en de verdere voorwaarden luidden, -dat hij mij in zijn huis moest opnemen en dat ikzelf nimmer, maar bij eventueel huwelijk -mijn kinderen wel over het vermogen zouden kunnen beschikken.” -</p> -<p>„Op die manier heeft de schurk er zich warmpjes ingenesteld,” sprak de markies, wiens -neusvleugels trilden van toorn. -</p> -<p>„Nu begrijp ik het, lieve Florence, dat gij het als een schikking van het noodlot -hebt beschouwd, dat wij elkaar hebben ontmoet …! Ook ik ben het toeval dankbaar, dat -mij de gelegenheid geeft, u te kunnen helpen! -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Keer gerust met uw oom terug naar <span class="corr" id="xd31e172" title="Bron: Kilbursi">Kilburn</span> en wees ervan overtuigd, dat hij het nimmermeer zal wagen, u een voorstel te doen, -dat uw eergevoel zou kunnen krenken. Ja, hijzelf zal binnenkort blij zijn, als gij -hem uw hulp niet weigert!” -</p> -<p>Verrast, ongeloovig en toch met een uitdrukking van hoop op het bekoorlijke gelaat, -stak zij den markies haar handen toe en riep op zachten toon: -</p> -<p>„Wilt gij mij helpen? O, zeg mij, wat wilt gij doen? Weet gij iets omtrent mijn oom?” -</p> -<p>Meer kon Miss Goal niet vragen; de markies kon haar nog slechts met een stevigen handdruk -en een welsprekenden blik zijn hulp toezeggen. -<span class="pageNum" id="pb4">[<a href="#pb4">4</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div id="ch2" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch2.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">TWEEDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">VERSMADE LIEFDE.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Een elegante brunette kwam de trap af. Zij was gekleed in een zeegroen dinertoilet, -dat haar fraaigevormden hals en een deel van den gevulden boezem vrij liet. -</p> -<p>Mrs. Mabel Morton was zeker niet veel ouder dan Miss Goal, maar de teedere bekoorlijkheid, -die het blonde meisje zoo aantrekkelijk maakte, ontbrak op haar gelaat, dat ontegenzeggelijk -schoon was, maar een te hartstochtelijke en zenuwachtige uitdrukking had. -</p> -<p>Mrs. Morton groette de jonge dame en wendde zich daarna met een lichte buiging van -haar fier opgericht hoofd, dat met een paar prachtige zwarte vlechten was gesierd, -tot den markies. Lang en doordringend liet zij haar blik op zijn gelaat rusten. -</p> -<p>Maar de Braziliaan, die, naar hij zelf vertelde, de laatste afstammeling was van een -oeroud adellijk geslacht van Spaansche origine, keek met ijskouden blik langs de schoone -vrouw heen. Op haar gelaat kwam een scherpe uitdrukking, toen zij zich tot den markies -wendde met de vraag: -</p> -<p>„En wat zegt <i>u</i> wel, mijnheer, van de misdaden, die sinds eenigen tijd onze hoofdstad zoo in beroering -brengen?” -</p> -<p>Met onverholen bewondering de liefelijke verschijning van Miss Goal nakijkend, die -zoo juist met een lachenden afscheidsgroet naar boven ging, antwoordde de markies: -</p> -<p>„Ik weet werkelijk niet, wat u bedoelt, mevrouw.… misdaden.… mijn Hemel, er gebeurt -zooveel op dat gebied.…” -</p> -<p>Maar voordat de dame iets had kunnen antwoorden, klonk de stem van Lord Clifford, -een oude heer met bijzonder knap uiterlijk. Boven aan de trap staande, mengde hij -zich in het gesprek: -</p> -<p>„Maar mijn beste markies, dat behoordet gij toch te weten! Onze geachte vriendin bedoelt -blijkbaar de merkwaardige geschiedenissen, die verteld worden omtrent dien Raffles, -dien aartsschurk.…!” -</p> -<p>„Raffles.…?” De markies lachte. „Raffles …? Ach, zoo!.… Ja, daar heb ik natuurlijk -ook wel van gehoord.…! Dat is die bewonderenswaardige kerel, die vooral in particuliere -woningen de geslepenste diefstallen pleegt en zijn komst van te voren aankondigt.…” -</p> -<p>„Ja, ja.… juist! Juist.…!” -</p> -<p>Lord Clifford liep in de hall heen en weer. -</p> -<p>„Ja, dat is hij! Natuurlijk zijn de malste geruchten in omloop.… Deze man zou afstammen -van een onzer oudste adellijke geslachten. Hij onderteekent zijn eigenaardige briefjes, -die verschillende slachtoffers vóór den diefstal ontvingen, met den naam John C. Raffles.” -</p> -<p>De markies boog glimlachend zijn donkergelokt hoofd. -</p> -<p>„Het is in elk geval heel beleefd, zijn komst van te voren aan te kondigen. Maar denkt -u ook niet, dat de verhalen erg overdreven zijn? Misschien heeft de een of ander internationale -dief bij een gegoede familie sieraden of tafelzilver gestolen en heeft een grappenmaker -zich de vrijheid veroorloofd, den bestolene een brief te schrijven, dien hij heeft -onderteekend met den naam Raffles.… Hieruit fabriceert het groote publiek dan onmiddellijk -een heelen roman, hoewel het best een doodgewoon feit kan zijn geweest.…” -<span class="pageNum" id="pb5">[<a href="#pb5">5</a>]</span></p> -<p>Lord Clifford schudde het hoofd, hij was het niet met zijn gast eens. -</p> -<p>Maar Mabel Morton, die haar oogen onafgewend op den Zuid-Amerikaan gevestigd hield, -antwoordde op bijna uitdagenden toon: -</p> -<p>„Deze verklaring van u is zeer menschlievend ten opzichte van den beruchten inbreker! -Zij stemt echter niet overeen met de feiten … eenige ervan zijn van algemeene bekendheid, -bij voorbeeld de juweelendiefstal in het huis van den graaf van Kingston en het verdwijnen -der ordeteekenen van den koning. Telkens heeft men even vóór het plegen van den diefstal -bericht ontvangen omtrent de plannen van den roover en ik meen te weten, dat ook de -andere gevallen zich op dezelfde wijze hebben afgespeeld.” -</p> -<p>„Mevrouw,” sprak de Zuid-Amerikaan, „ik heb geen enkele reden om den misdadiger, die -de algemeene verontwaardiging heeft opgewekt, in bescherming te nemen!” -</p> -<p>De dame, op wier gelaat groote ontroering te lezen was, antwoordde met een gedwongen -glimlachje: -</p> -<p>„Heb ik dat beweerd?… Ik vind alleen, dat men zich niet moest bekommeren om zaken, -waar men feitelijk buiten staat!” -</p> -<p>En daarop vervolgde zij op kalmer toon: -</p> -<p>„.…..Ik bedoel,.….. och, u hebt gelijk; wij twisten over dingen, die geheel en al -buiten onzen kring omgaan.” -</p> -<p>Lord Clifford wilde nog iets in het midden brengen, maar een blik op de gezichten -van deze twee menschen, waarop hij iets las, dat hij niet begreep, maar dat hem veel -te denken gaf, maakte hem voorzichtig. -</p> -<p>Het maakte op hem den indruk, alsof het tusschen die twee binnen eenige minuten tot -een liefdesverklaring zou moeten komen. En omdat hij gaarne in alle opzichten zijn -gasten aangenaam wilde zijn, besloot hij, hen alleen te laten. -</p> -<p>„Ik verzoek u, mij nog voor een kwartiertje te verontschuldigen; ik bedenk opeens, -dat ik nog een dringenden brief moet schrijven.” -</p> -<p>Met deze woorden verdween hij in de aangrenzende bibliotheek. -</p> -<p>Nauwelijks had hij de deur achter zich gesloten, of Mabel Morton sprak met zachte -stem tot den markies: -</p> -<p>„Nu zult gij mij niet weer ontsnappen! Eindelijk moet het tusschen ons tot eene opheldering -komen! Denkt gij, dat ik niet heb gezien, hoe gij dat jonge ding, Florence Goal, het -hof hebt gemaakt? Vergeet niet, dat ik recht heb op uw persoon en dat ik dit recht -zal verdedigen tot aan mijn dood …!” -</p> -<p>Smeekend strekte zij haar handen naar hem uit, waarop hij met een koelen blik terugweek. -„Raoul, wees barmhartig! Ontvlucht mij niet, verlaat mij niet! Ik bemin je en kan -zonder jou niet leven …!” -</p> -<p>Zij zweeg. En terwijl geen enkele trek veranderde op het gelaat van den man, geen -woord van zijn lippen kwam en zelfs geen glimlach om zijn mond verscheen, bleef zij -doodsbleek en met een uitdrukking van wanhoop op het gelaat, voor hem staan, woorden -van liefde en tederheid fluisterend, die hij niet scheen te hooren. -</p> -<p>Totdat eindelijk, toen hij voor haar smeeken doof bleef en niets haar zeide, dat hij -haar hartstochtelijke woorden had verstaan, in haar donkere oogen een uitdrukking -van haat verscheen. -</p> -<p>Haar fijne vingers kromden zich om zijn arm en buiten zichzelf van opgewondenheid -fluisterde zij hem toe: -</p> -<p>„Wee, als je een andere liefhebt? Ik vernietig jou en haar!” -</p> -<p>Hij ging nog een stap meer achteruit en voordat zij weer kon beginnen te spreken, -vernam men schreden bovenaan de trap. -</p> -<p>Mrs. Clifford naderde met haar dochter Lilith en haar vriendin Miss Ellen Graven, -een rijke Amerikaansche. -</p> -<p>De hall was nu spoedig met gasten gevuld. -</p> -<p>Lord Clifford scheen zijn correspondentie beëindigd te hebben en met hem verscheen -overste Goal aan den arm van Sir Edward Touston. Achter den ouden militair met zijn -goedig uiterlijk liep Lord Emmerding in gezelschap van Miss Florence Goal. -<span class="pageNum" id="pb6">[<a href="#pb6">6</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div id="ch3" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch3.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">DERDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">DE GEHEIMZINNIGE DWERG.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Het diner was afgeloopen en vroolijk lachend en pratend begaven sommige paren zich -weer naar de hall. -</p> -<p>„Het is mij werkelijk zeer onaangenaam,” sprak Clifford tot Sir Edward Touston, in -wiens gezelschap hij van een fijne sigaar genoot. -</p> -<p>„Die geheimzinnige dief brengt mij werkelijk in verlegenheid. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Ik heb, zooals gij weet, hier aan den vertegenwoordiger van de Regeering uitgestrekte -landerijen verkocht namens onze geheele graafschap. Dit staat in verband met den aanleg -van het nieuwe kanaal. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Morgen zal de uitbetaling plaats hebben, van de zeer aanzienlijke geldsom, namelijk -100,000 pond sterling en wel in mijn huis. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Als de verkoop slechts mij zelf aanging, dan zou ik het bedrag eenvoudig op mijn Bank -overdragen. Dat is nu echter onmogelijk, omdat ik in dit geval te maken heb met een -menigte kleine boeren, die niet tevreden zijn met een stukje papier, een cheque, die -zij moeten inlossen. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Die menschen hebben het liefst hun geld aan contanten uitbetaald en daarom ben ik -genoodzaakt, het geheele reuzenbedrag juist nu in mijn huis te hebben. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Ik heb natuurlijk een stevige brandkast, maar iedereen weet, dat dergelijke veiligheidsmaatregelen -tegenover onze tegenwoordige inbrekers van nul en geener waarde zijn. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Die kerels werken met alle hulpmiddelen der moderne techniek en ik moet u bekennen.…” -Lord Clifford sprak met gedempte stem: „Ik ben niet op mijn gemak.…!” -</p> -<p>Sir Edward Touston, die vroeger bij de marine had gediend en die een onverstoorbare -kalmte bezat, glimlachte. -</p> -<p>„Gij zult toch waarschijnlijk al die kletspraatjes niet gelooven, Mylord! Die geheimzinnige -schurk is ook maar een doodgewoon mensch. Laat des nachts uw honden los en geef uw -bedienden revolvers. Als dat alles nog niet helpt, laat dan een paar Londensche detectives -komen, die gij wacht laat houden vóór uw brandkast. De boeren zullen spoedig genoeg -hier zijn om hun geld in ontvangst te nemen en dan zijt gij van alles af!” -</p> -<p>Lord Clifford schudde het hoofd en op dit oogenblik naderde overste Goal het tweetal, -informeerende naar het onderwerp van hun gesprek. -</p> -<p>„Wij hebben het juist over dien geheimzinnigen inbreker,” sprak Lord Clifford. „Ik -ben toevallig genoodzaakt, veel geld in huis te hebben en dus is het begrijpelijk, -dat ik enigszins bezorgd ben!” -</p> -<p>„Veel geld?” vroeg overste Goal met van hebzucht fonkelende oogen. -</p> -<p>„Ja,” antwoordde Lord Clifford, „ongeveer 100,000 pond.” -</p> -<p>Deze woorden brachten een grooten ommekeer te weeg op het gelaat van den ouden kolonel. -Begeerig likte hij zijn lippen af en zijn vingers kromden zich krampachtig als wilde -hij een flinken greep doen in een reusachtigen zak met goud. -</p> -<p>„Ah, 100,000 pond,” ontsnapte het aan zijn lippen, die verdwenen onder een dichte -grijze snor. -</p> -<p>Deze woorden trokken de aandacht van alle andere aanwezigen. Binnen eenige minuten -was ieder op de hoogte van den toestand. -</p> -<p>Men lachte en schertste en maakte Lord Clifford tot het onderwerp der algemeene bespotting, -waaraan zelfs <span class="pageNum" id="pb7">[<a href="#pb7">7</a>]</span>zijn echtgenoote, een aristocratische bleeke dame, meedeed. -</p> -<p>Het meest lachte Lilith, een bekoorlijke brunette, de vriendin van Miss Florence Goal. -</p> -<p>Deze beide meisjes—ook Miss Florence scheen weer in een vroolijke stemming te zijn—putten -zich uit in fantastische beschrijvingen van een avontuur, dat zij gaarne met den geheimzinnigen -dief zouden willen hebben. -</p> -<p>„Ik geloof,” sprak Lilith, „dat hij galant genoeg zou zijn om mij niet te bestelen.” -</p> -<p>„Zeker!” klonk het nu uit den mond van markies di Sao Balbo, welke tot nu toe alleen -met een glimlach aan het gesprek had deelgenomen. -</p> -<p>Maar alsof hij reeds spijt had van dit enkele woord, vervolgde hij op onverschilligen -toon: -</p> -<p>„Want iemand, die zooals men beweert, afstamt uit een der oud-Engelsche families, -kan natuurlijk niet anders dan beleefd zijn tegenover dames.” -</p> -<p>Maar de anderen schudden het hoofd en beweerden, dat men het er liever niet op aan -moest laten komen. -</p> -<p>„O!” riep Lilith met een guitig lachje, „daaromtrent zouden wij gauw zekerheid kunnen -hebben. De markies heeft ons eergisteren beloofd, een kleine séance in ons midden -te zullen houden. Wij roepen eenvoudig den geest op van dezen genialen dief!” -</p> -<p>„Maar dat gaat niet!” fluisterde Miss Ellen Graven. „Wij hebben bij ons in Amerika -dikwijls met geesten gesproken, maar men kan niet een levend mensch oproepen!” -</p> -<p>„Welnu,” meende Sir Edward Touston, „dan zouden we Raffles eerst dood moeten slaan, -voordat we zijn geest oproepen!” -</p> -<p>Mrs. Mabel Morton echter sprak: -</p> -<p>„Ik geloof, dat wij den markies gerust kunnen vertrouwen. Als hij dezen merkwaardigen -misdadiger wil laten spreken, kunt gij er van verzekerd zijn, dat hem dit zeer gemakkelijk -zal vallen, nietwaar markies?” -</p> -<p>De Zuid-Amerikaan dacht even na, daarop boog bij toestemmend het interessante hoofd -en sprak, zonder de aanwezigen aan te zien: -</p> -<p>„Ik zou het gezelschap dan in elk geval moeten verzoeken, mij te volgen naar de bovenvertrekken -van het huis. Toen men mij onlangs verzocht, een séance te houden, heb ik het vertrek -aan de zijde van den vijver—ik geloof, dat het een met gele zijde gestoffeerde salon -is—daartoe bijzonder geschikt bevonden. Gij moet namelijk weten, dat de geesten volstrekt -geen genoegen nemen met iedere kamer. Er zijn bepaalde afmetingen noodig. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>De geluiden mogen in een dergelijk vertrek niet al te duidelijk zijn, maar zoo zacht -mogelijk klinken, want de geesten houden er niet van, zich al te luide te openbaren.… -Alles moet op zachten en gedempten toon toegaan, ook zijn zij gevoelig voor leelijke -en schelle kleuren.… Ja, u glimlacht, mijne heeren, maar wie, zooals ik, reeds jarenlang -in innig contact staat met hen, die niet meer bij ons zijn, en die ons toch voortdurend -omringen, die heeft geleerd, hen te begrijpen en rekening te houden met hun wenschen! -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Als de gastheer het toestaat, zullen wij ons naar boven begeven naar dat vertrek!” -</p> -<p>Een bijna plechtige stemming had zich meester gemaakt van het kleine gezelschap. De -meeste van deze anders zoo spotlustige en oppervlakkige menschen waren onder den indruk -van het geheimzinnige, waarmee de overigens zoo verlichte Engelschen zich gaarne omgeven. -</p> -<p>Er was misschien niemand onder hen, die de gemeenschap met de onbelichaamde geesten -voor onmogelijk hield en de markies di Sao Balbo verzamelde een tamelijk geloovig -gezelschap om zich heen, toen men het gele salon had bereikt en de bedienden van den -Lord met groote snelheid de meubelen, op enkele stoelen na, hadden verwijderd. -</p> -<p>Een kleine tafel, bedekt met een zwart fluweelen kleed, bleef in het midden van het -vertrek staan, en daarvoor nam de markies di Sao Balbo plaats, gezeten op een tabouret, -waarop hij eenige kussens had gelegd. -</p> -<p>Het slot was voorzien van electrisch licht. Een geweldige dynamo, wier geluid verloren -ging in de gewelfde kelderruimte, verschafte den stroom, die het geheele kasteel, -dat te midden der landelijke eenzaamheid lag, verlichtte. -<span class="pageNum" id="pb8">[<a href="#pb8">8</a>]</span></p> -<p>Behalve een enkele vlam, werden alle lichten uitgedraaid. -</p> -<p>Het was volkomen stil in het niet overgroote vertrek, waarin de voorname Engelsche -dames en heeren op tamelijken afstand van den markies zaten te wachten op de dingen, -die komen zouden. -</p> -<p>De kleine, met een tot op den grond afhangend kleed bedekte tafel, ging nu onder de -handen van den markies ongeveer een voet de hoogte in en begon met schommelende bewegingen -in een halven cirkel om den Zuid-Amerikaan heen te draaien. -</p> -<p>Tegelijkertijd vernam men, als uit de diepte komend, een gegons van stemmen, alsof -menschen in een vreemde taal een ernstig lied zongen. Dat duurde ongeveer een minuut -en hield toen plotseling op, terwijl de tafel weer tot op den vloer neerdaalde en -daar bleef staan. -</p> -<p>Nu stond de markies op, hij liep naar den muur, waar niemand zat en nam een klein -pakje uit zijn zak, waaruit hij, bukkend, op ongeveer twee meter afstand van den muur, -een witachtig poeder op den vloer strooide. -</p> -<p>Nadat hij dit met een waslucifer in brand had gestoken, sprong hij terug, terwijl -het vuur zich bliksemsnel over het poeder verspreidde. -</p> -<p>De hiermee gepaard gaande zwakke knal had de dames verschrikt, maar nog voordat zij -van de verbazing waren bekomen, zweefden roode, welriekende wolken langs den met zijde -bekleeden muur omhoog. -</p> -<p>Uit dezen nevel, die langzamerhand wegtrok door een venster, dat de markies had geopend, -kwam een klein wezen te voorschijn van nauwelijks een meter lengte, misvormd en gebocheld -en met een wanstaltig, buitengewoon leelijk hoofd. -</p> -<p>Terwijl hij met boosaardige roofdieroogen het voorname gezelschap opnam, bleef de -kleine man tegen den muur staan; daarna keek hij op naar den markies, die plotseling -een kleine zweep in de hand hield, waarmee hij den dwerg dreigde. (Zie het titelblad.) -</p> -<p>„Wat een verschrikkelijk schepsel!” fluisterde de schoone Lilith, „o, kijk eens hoe -vies hij eruit ziet!” -</p> -<p>Maar haar vriendin, tot wie deze woorden gericht waren, keek sidderend naar haar oom, -kolonel Goal, die in het halfdonker van de kamer veel minder notitie nam van den geheimzinnigen -dwerg dan van de mooie Florence, wier gestalte hij met begeerige blikken verslond. -</p> -<p>Op dit oogenblik weerklonk de stem van den geesten-bezweerder met bijna onherkenbaren -klank. Op bevelenden toon klonk het: -</p> -<p>„Vertel ons, wie je bent!” -</p> -<p>De dwerg kromde zich als een worm, maar scheen niet van plan om te antwoorden. Eerst -toen de markies hem met de zweep dreigde, stiet hij eenige onsamenhangende geluiden, -uit, waaruit men alleen kon begrijpen, dat hij „Jim Gocky” heette en weer weg wilde. -</p> -<p>„Je blijft!” gebood hem de markies, „en je zult ons zeggen, wat je weet van Raffles, -die zich de Groote Onbekende noemt!” -</p> -<p>De dwerg grijnsde als een duivel; eindelijk sprak hij: -</p> -<p>„.… hij is er.… daar is hij.… en hij is weer verdwenen.…! Als hij komt, luidt de groote -bel.… waar geld of schatten verborgen zijn, weet hij ze te vinden.… Hij neemt het -van de rijken en geeft het aan de armen.…” -</p> -<p>Zonder zich te storen aan de verbaasde uitroepen van de toeschouwers, vroeg de markies -verder met de grootste kalmte: -</p> -<p>„En kun je ook vertellen, Jim Gocky, waarheen John Raffles zich den eerstvolgenden -keer zal begeven?” -</p> -<p>De dwerg aarzelde weer, hij scheen weer geen lust te hebben om te antwoorden. -</p> -<p>Met een sprong stond de markies naast hem, de zweep snorde door de lucht en de kleine -man sloeg als om genade smeekend de handen voor het gelaat Daarop schreeuwde hij: -</p> -<p>„Hierheen zal hij komen.…! Hierheen komt hij, reeds morgen.…” -</p> -<p>Lord Clifford was opgestaan en sprak met eenigszins onvaste stem tot den markies: -<span class="pageNum" id="pb9">[<a href="#pb9">9</a>]</span></p> -<p>„Zoudt u hem eens willen vragen, wat Raffles hier zal komen doen?” -</p> -<p>Maar er was geen woord meer uit den dwerg te krijgen. Hij hurkte op den vloer neer -en keek om zich heen als een getergd aapje, dat angstig een uitweg zoekt om te vluchten. -</p> -<p>De markies haalde de schouders op, daarop nam hij weer het pakje met het witte poeder -uit zijn zak en strooide de rest ervan op dezelfde wijze als daarstraks langs den -muur en rondom den dwerg. -</p> -<p>Het waslucifertje vlamde op, rozeroode, welriekende wolken stegen op naar het plafond -en toen deze waren verdwenen, was er ook van den dwerg niets meer te zien. -</p> -<p>Maar een koude tocht trok door de kamer en Sir Edward Touston, de ongeloovigste van -het gezelschap, sprak tot zijn vriend Lord Clifford: -</p> -<p>„Vanwaar kwam plotseling die koude luchtstroom? De deuren en vensters zijn toch gesloten!” -</p> -<p>De dames omringden vol bewondering den markies en vroegen hem om opheldering van het -vreemde geval. Deze echter maakte er zich af met een fijnen glimlach. Hij ging naar -beneden en verzocht den gastheer, zijn automobiel te laten voorrijden, daar hij nog -naar Londen moest, waar hij in de Club werd verwacht -</p> -<p>Tegelijk met den Zuid-Amerikaan nam, ondanks het algemeene protest der aanwezigen, -diens jonge vriend, Mr. Rudge Fitzgerald, afscheid en eenige minuten later hoorde -men het zich verwijderend getuf van den Mercedes-wagen. -</p> -</div> -</div> -<div id="ch4" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch4.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">VIERDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">IN „BLACK HORSE”.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Tegen den avond van dienzelfden dag had een ondoordringbare mist zich boven Londen -samengepakt. De menschen waren omhuld door dikke, zwarte wolken en het was zeer gevaarlijk -voor hen, die niet nauwkeurig den weg in deze reuzenstad kenden. Op de hoeken der -straten zag men met brandende fakkels voorziene jongens staan, die zich aanboden om -de personen, die in den mist mochten zijn verdwaald, weer op den goeden weg te brengen. -</p> -<p>Hoe ongelooflijk het ook klinkt, toch is het een feit, dat men op een afstand van -drie schreden niets meer kan onderscheiden in dezen ondoordringbaren nevel, die daarenboven -de ademhaling bijna onmogelijk maakt. -</p> -<p>De couranten bevatten na een dergelijken mist steeds lange lijsten van verongelukte -en zoek geraakte personen. En dat is het nog niet alleen, waaraan de Londenaar in -die dagen is blootgesteld, maar beschermd door dezen vuilen sluier, die de geheele -stad in zijn geheimzinnige ondoordringbaarheid verborgen houdt, loert overal de misdaad! -</p> -<p>In het Oostelijk deel der stad ligt de wijk der ellende: <span class="ex">Whitechapel</span>. Een net en fatsoenlijk gekleed mensch behoort daar tot de zeldzaamheden; in de goten -vindt men beschonken mannen en, wat nog erger is, beschonken vrouwen. -</p> -<p>Daar, waar <span class="ex">Whitechapel</span> Road eindigt en waar Mile End begint, gaat naar rechts de Sidney Street <span class="pageNum" id="pb10">[<a href="#pb10">10</a>]</span>Op dien hoek, verlicht door een straatlantaarn, stond midden in den nevel, in pikdonkeren -nacht, een hooge gestalte in een wijden zwarten mantel. -</p> -<p>Het scheen, alsof de man, die op geen vijf pas afstands te zien was, op iemand wachtte. -</p> -<p>Een torenklok verkondigde het middernachtelijk uur. -</p> -<p>Na eenige oogenblikken ging de onbekende de Sidney-street in, waar hij bij den hoek -der eerstvolgende zijstraat weer bleef staan wachten. -</p> -<p>Hoewel hij in gedachten verdiept scheen te zijn, ontsnapte het toch niet aan zijn -aandacht, dat door den nevel heen iets naderbij kwam. -</p> -<p>En plotseling werd hij van twee kanten tegelijk beetgepakt, terwijl men trachtte, -hem neer te werpen. -</p> -<p>De onbekende verdedigde zich niet, hij bewoog zich nauwelijks, hij sprak slechts een -enkel woord. -</p> -<p>Even snel als zij hem hadden aangevallen, lieten de aanranders hem los. Een van hen -mompelde: -</p> -<p>„Vergeef het ons, mijnheer, dat komt van den mist!” -</p> -<p>Daarop verdwenen beiden in de duisternis, terwijl zij den eenzamen man, die heilig -scheen in de oogen van roovers en moordenaars, alleen achterlieten. -</p> -<p>Deze vervolgde zijn weg, totdat hij in een herberg kwam, wier verlichting een zwak -schijnsel op straat wierp. Maar hij ging de deur van het gebouw voorbij, liep naar -den muur en was opeens verdwenen, als opgeslokt door de zwarte, vochtige wolken. -</p> -<p>In de herberg, die bij de misdadigers, welke hier samenkwamen, bekend stond onder -den naam „Black Horse” (Het Zwarte Paard), heerschte een vreeselijk lawaai. -</p> -<p>Het was een groot vertrek gelijkvloers, dat, gevuld met menschen en sigarenwalm, een -helsch schouwspel vertoonde. -</p> -<p>Meiden van het minste allooi, met oude, vuile zijden lappen opgedirkt, met rood geschilderde -wangen en zwart omrande oogen, hokten hier samen met haar minnaars, van wie geen enkele -zijn brood op eerlijke wijze verdiende. -</p> -<p>Op een podium achter in de zaal droegen een neger en een negerin schuine liedjes voor, -waarbij zij op de banjo speelden. Het schrille, oorverdoovende geluid van het instrument -werd echter door het ruwe geschreeuw en het krijschende lachen der gasten overstemd. -</p> -<p>Op eenigen afstand daarvan zaten aan een lange tafel verscheiden mannen, die zich -bezighielden met allerlei hazardspelletjes. Tusschen hen bevonden zich ook eenige -lieden, naar hun roode haren te oordeelen, Ieren, die niet tot de gewone bezoekers -behoorden, maar welke hierheen gelokt waren en nu blijkbaar werden uitgeplunderd. -</p> -<p>Reeds beschonken door den hun aangeboden jenever en whiskey, volgden de Ieren met -starende blikken het verdwijnen van hun zuur verdiende shillingen. -</p> -<p>Plotseling echter scheen een van hen argwaan te krijgen. Misschien had hij opgemerkt -met welke oneerlijke praktijken de bankhouder zich ophield. De Ier greep, terwijl -hij met zijn geheele bovenlijf over de tafel leunde, naar zijn inzet, om zoodoende -het geld weer in zijn bezit te krijgen. -</p> -<p>Maar de bankhouder, een kerel met een boeventronie, haalde in een oogwenk een lang -mes te voorschijn en nagelde daarmee met een enkelen stoot de hand van den Ier op -de eikenhouten tafel vast. -</p> -<p>De man brulde als een stier, die een bijlslag heeft gekregen! Hij en zijn makker deden -alle moeite om de stevig aan de tafel vastzittende hand te bevrijden en nu ontstond -een verschrikkelijk tumult, een woeste vechtpartij begon en de beide Ieren, waarvan -de eene bijna bewusteloos was geworden door pijn en bloedverlies, werden steeds meer -naar den uitgang gedrongen. -</p> -<p>Daar weerklonk te midden van het rumoer, het aanhoudend luiden van een bel! Het was, -alsof dit geluid verlammend werkte op alle aanwezigen. Angstige stilte volgde op het -ongehoorde alarm en toen men de deur weer had gesloten achter de beide naar buiten -gedreven Ieren, durfden de gasten slechts nog op fluisterenden toon met elkander te -praten. -</p> -<p>„<i>Hij.…! Hij is er.…! Hij!</i>” -</p> -<p>De herbergier, wiens buffet met ijzeren rasterwerk was afgesloten—alleen door een -kleine opening, die afgesloten kon worden, bediende hij zijn gasten—<span class="pageNum" id="pb11">[<a href="#pb11">11</a>]</span>verliet, nadat hij het loketje gesloten had, zijn plaats achter de toonbank door een -zijdeur en liet zijn gasten over aan hun bijgeloovige vrees. -</p> -<p>Niet lang daarna kwam de herbergier, wien men „<span class="corr" id="xd31e386" lang="en" title="Bron: Dubble">Double</span>” (de dubbele) noemde, waarschijnlijk wegens zijn enormen lichaamsbouw en ongelooflijke -kracht, in het lokaal terug, op luiden toon twee namen uitroepende: -</p> -<p>„<span lang="en">Red Bill</span> en <span lang="fr">Tête Renard</span>!” -</p> -<p>De „Rooje” en „<span class="corr" id="xd31e399" title="Bron: Vossenkop">Vossekop</span>”, welke laatste op afschuwelijke wijze geleek op het roofdier, waaraan hij zijn bijnaam -te danken had, gingen stil en bescheiden naar de kleine deur, die de herbergier voor -hen had opengesloten en waren, blijkbaar benijd door hun makkers, een oogenblik later -verdwenen. -</p> -</div> -</div> -<div id="ch5" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch5.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">VIJFDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">„HIJ”.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">De beide mannen volgden als schuwe kinderen den kastelein eene trap op, daarna door -een gang weer naar beneden, om vervolgens een andere trap te bestijgen, totdat zij, -in een ander gebouw aangekomen, voor een deur bleven staan, waardoor de herbergier -verdween. -</p> -<p>Toen deze deur weer geopend werd, zagen de mannen het voorste gedeelte van een vertrek, -dat met overdadige weelde was ingericht en dat door middel van zware, donkerrood fluwelen -gordijnen in twee helften was verdeeld. -</p> -<p>Vossekop en de Rooje bleven met onderdanigen eerbied op eenige passen afstand van -deze portière staan. Opeens klonk een zilveren bel, dezelfde, die zooeven de geheele -misdadigersbende had doen <span class="corr" id="xd31e410" title="Bron: ineenk npen">ineenkrimpen</span> van schrik en dit geluid werd driemaal herhaald. -</p> -<p>De beide mannen durfden nauwelijks ademhalen. -</p> -<p><i>Hij</i> was in hun nabijheid! -</p> -<p><i>Hij</i> zou hun zijne bevelen geven.…! -</p> -<p>Zij wisten, dat zij hem moesten gehoorzamen en dat hun de dood wachtte, als zij zich -zouden willen onttrekken aan dat, wat <i>hij</i> van hen eischte. -</p> -<p>En zij dachten er geen oogenblik aan, hem ongehoorzaam te zijn. Evenals al hun kameraden -vereerden zij dezen geheimzinnigen man, wien geen hunner nog ooit had gezien en die -als een God over deze ruwe kerels heerschte. -</p> -<p>Zij wisten ook, dat zij niet beter konden doen dan stipt te gehoorzamen. Hij, in wiens -dienst zij allen stonden, was mild als een vorst. -</p> -<p>Wanneer een van hen allen in moeilijkheden of ellende verkeerde, dan kreeg hij op -soms onverklaarbare wijze hulp en bijstand. Hij vond vrienden, waar hij vroeger niemand -had gekend. De knapste advocaten namen kosteloos zijn verdediging op zich, als hij -voor het gerecht moest komen. -</p> -<p>Geraakte hij in de gevangenis, dan werden hem op geheimzinnige wijze allerlei tegemoetkomingen -verleend, in sommige gevallen openden zich zelfs de poorten van dit sombere gebouw -voor hem of onzichtbare handen verschaften hem in zijn cel de werktuigen met wier -behulp hij zich kon bevrijden. -<span class="pageNum" id="pb12">[<a href="#pb12">12</a>]</span></p> -<p>Aan al deze dingen dachten misschien de beide geslepen spitsboeven, toen de zilveren -bel weerklonk en een heldere, bijzonder kalme stem achter de rood-fluweelen gordijnen -de woorden sprak: -</p> -<p>„Ik heb jullie laten roepen, omdat ge nog dezen nacht naar Kilburn moet gaan. Gij -moet daar een document gaan halen en het is best mogelijk, dat men het u lastig zal -maken. Ik zeg jullie echter bij dezen, dat je alleen dàn levend moogt terugkomen, -als ge het document in handen hebt. De inrichting van het huis, waarin zich het stuk -bevindt, en alles, wat gij verder nog dient te weten, zal men u dadelijk uiteenzetten!” -</p> -<p>Bij de laatste woorden scheen het licht uit te gaan achter de fluweelen portière en -een oogenblik stonden de beide boeven in pikdonker. Daarna echter werd het weer helder -licht en plotseling stond een kleine, misvormde man voor hen, niet grooter dan een -tienjarige knaap, met een afschuwelijk gevormd hoofd en verfoeilijke gelaatstrekken. -</p> -<p>Het was dezelfde dwerg, die des avonds in Het slot van Lord Clifford was verschenen -en wien markies di Sao Balbo naar den geheimzinnigen Raffles had gevraagd. -</p> -<p>De kleine misvormde man gaf den Belg een zwart couvert, dat op de keerzijde voorzien -was van de gouden letters „J. R.” -</p> -<p>Daarop ging het mannetje naar de deur, opende deze en boog met een hoonenden grijnslach -tegen de beide misdadigers, die nu heengingen. -</p> -<p>De beide kerels hadden den moed niet, den brief dadelijk te openen. Buiten de deur -wachtte de herbergier weer op hen, die hen naar de kroeg teruggeleidde. Hij volgde -nu echter een anderen weg. -</p> -<p>Eerst toen zij weer in „Black Horse”, de herberg, die als verzamelplaats der misdadigers -diende, waren teruggekeerd en in een eenzaam hoekje hadden plaats genomen, maakten -zij het couvert open. -</p> -<p>Zij vonden daarin een klein briefje, waarop met de schrijfmachine was geschreven: -</p> -<blockquote> -<p class="first"><span id="xd31e443"></span>Kilburn, <span class="corr" id="xd31e445" title="Bron: Glocester">Gloucester</span> Street 3. Colonel Goal. Gevaarlijke hond. Vanuit den tuin door het raam. Gewapende -bediende; onschadelijk maken. Gelijkvloers rechterhand studeerkamer. Schrijftafel, -geheim vak document, dadelijk meebrengen. -</p> -<p class="signed">JOHN C. RAFFLES.<span id="xd31e450"></span></p> -</blockquote><p> -</p> -<p>En de twee voor niets terugdeinzende kameraden aarzelden geen oogenblik om het hun -gegeven bevel uit te voeren. -<span class="pageNum" id="pb13">[<a href="#pb13">13</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div id="ch6" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch6.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">ZESDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">DE GESTOLEN MILLIOENEN.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Men had gelachen in de villa Van Lord Clifford om de voorspellingen van het mannetje, -wiens verschijning verschillende leden van het gezelschap, dat de séance had bijgewoond, -toeschreven aan een handig goochelkunstje van den markies di Sao Balbo. -</p> -<p>Dergelijke spiritistische séances worden dikwijls gehouden in Engelsche gezelschappen -en de soms zeer verrassende resultaten verbazen niemand meer. -</p> -<p>Al naarmate het publiek minder of meer goedgeloovig is, beschouwt men ze als werkelijke -uitingen van de geestenwereld, of wel men ziet er slechts de goedgelukte kunstjes -in van een soort toovenaar of goochelaar. -</p> -<p>Toch had Lord Clifford, die onmetelijk rijk was, maar die niet veel lust gevoelde -om een zoo groote som te verliezen, een beroemd detective bij zich laten komen. -</p> -<p>Met groote gastvrijheid stelde hij Mr. Holliday, den detective, aan zijn logé’s voor, -welke geen van allen lieten merken, hoe weinig deze corpulente persoon met zijn zelfbewusten -blik deze fijnbeschaafde aristocraten in hun midden welkom was. -</p> -<p>Het was het uurtje van de <span lang="en">five o’clock tea</span> en de dames hadden zich in haar lichte avondtoiletten reeds in de hal verzameld. -Slechts Miss Florence Goal, de nicht van den overste, en deze zelf ontbraken nog. -</p> -<p>Markies di Sao Balbo onderhield zich met den detective, die hem lange verhalen deed -over zijn voortdurend succes. -</p> -<p>„Ik ben dezen Grooten Onbekende reeds lang op het spoor”, snoefde hij, „en ik kan -u verzekeren, heer markies, dat de kerel eigenlijk een groote stommerd is. Hij vertelt -van te voren, waar hij zal komen stelen! Daarenboven geeft hij overal brieven af! -Zijn zwarte brieven zijn reeds berucht geworden! -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Geloof mij, heer markies, het kan niet zoo heel moeilijk zijn, om zulk een onvoorzichtigen -misdadiger te ontmaskeren.…!” -</p> -<p>Een ironisch lachje speelde om den mond van den markies, toen hij antwoordde: -</p> -<p>„Voor zoover ik weet, voert deze geheimzinnige persoon zijn praktijken reeds meer -dan een jaar lang uit. Mij dunkt, Mr. Holliday, dat gij en uw collega’s gelegenheid -genoeg hebt gehad om den Grooten Onbekende in uw bezit te krijgen.” -</p> -<p>De detective lachte gemaakt en sprak: -</p> -<p>„Zeer juist, zeer juist! Maar het is heel moeilijk om toegang te verkrijgen tot de -aristocratische gezelschappen. Men roept mijn hulp eerst dan in, als de diefstal reeds -gepleegd is en als het spoor van den dief verloren is gegaan. Het is juist zoo merkwaardig -dat deze man altijd soirées, jachtpartijen of bals uitzoekt om zijn slag te slaan.” -</p> -<p>De markies knikte toestemmend. -</p> -<p>„Nu, deze keer zal het beter gaan. Onze gastheer heeft tijdig aan u gedacht en juist -u hier laten komen, omdat gij als zeer bekwaam bekend zijt! Ik hoop, dat gij ons het -genoegen zult doen, den dief, als hij ten minste komt, in ons bijzijn te vangen.” -</p> -<p>Na deze woorden verdween de markies met een hoofdknik door de zware pluche gordijnen -naar de aangrenzende bibliotheek. Hij wist, dat dit vertrek een uitgang had naar een -zijgang, waardoor men ook naar de bovenverdieping kon komen. Zonder dat zijn schreden -hoorbaar waren op de dikke loopers, spoedde <span class="pageNum" id="pb14">[<a href="#pb14">14</a>]</span>hij zich naar boven, waar hij geruischloos naar de deur van Florence’s kamer sloop. -</p> -<p>Zijn hart was vervuld van medelijden met het jonge meisje, wier groote, zielvolle -oogen steeds vol droefheid op hem gericht waren en hij vreesde voor haar, sinds hij -gisteren had vernomen, welk een hardnekkigen vijand zij in haar oom bezat. -</p> -<p>Een geruimen tijd hoorde hij niets. Daarop echter vernam hij zuchten en kermen en -het kwam hem voor, als hoorde hij Florence’s zachte stem en daartusschen dreigende -woorden van den ouden overste. -</p> -<p>Opeens klonk daar binnen een gil, de markies opende de deur en trad de kamer binnen, -waarin hij den overste bij een tafel zag staan. Zijn rechterhand bloedde, terwijl -Miss Florence doodsbleek, met groote, angstige oogen een eind van haar oom verwijderd, -tegen een kast leunde. -</p> -<p>„Wat wilt gij hier?” beet de oude kolonel den markies toe. -</p> -<p>„Ik vraag excuus, als ik stoor”, antwoordde deze, „maar ik hoorde den hulpkreet van -een vrouw en meende misschien van dienst te kunnen zijn.” -</p> -<p>„Niemand verlangt uw hulp, gij zijt een indringer!” riep de kolonel uit. „Ik begrijp -niet, hoe men zoo onbeschaamd kan zijn, zonder toestemming de kamer van een ander -binnen te dringen.” -</p> -<p>De markies zag, dat bij het jonge meisje een kleine dolk op den vloer lag. Hij begreep -uit de houding dezer twee menschen, uit de gewonde hand van den overste en de doodelijke -bleekheid, die het schoone gelaat van Miss Florence bedekte, wat hier gebeurd was: -De overste had getracht, geweld te gebruiken om zijn nicht tot zijn slachtoffer te -maken en het arme meisje, wie niets anders overbleef, had zich van een wapen bediend, -dat zij als laatste verdedigingsmiddel steeds bij zich droeg. -</p> -<p>De rijzige man met het trotsche gelaat wisselde een langen blik van verstandhouding -met Florence Goal en ging daarna naar de deur terug, terwijl hij sprak: -</p> -<p>„Het gezelschap is reeds in de hall bijeen en men mist u reeds, kolonel! Veroorloof -mij u den raad te geven, niet al te lang meer hier boven te blijven!” -</p> -<p>De overste wilde een onaangenaam antwoord geven, maar in de donkere oogen tegenover -hem lag zulk een gebiedende uitdrukking, dat de oude militair zich met een minachtend -schouderophalen omdraaide en het aan zijn nicht overliet, te antwoorden: -</p> -<p>„Oom en ik verzoeken u, heer markies, ons nog eenige oogenblikken te willen verontschuldigen. -Wij zullen dadelijk komen.” -</p> -<p>Toen na een korte poos—de markies was weer in de hall teruggekeerd en stond met den -gastheer te praten—kolonel Goal en zijn nicht tusschen de gasten waren verschenen, -bemerkte markies di Sao Balbo, dat de hand van den overste met een breede streep pleister -was bedekt. -</p> -<p>Hij glimlachte even en bewonderde den heldenmoed van het geliefde meisje, dat met -het wapen in de hand haar eer verdedigde. -</p> -<p>Er werd gemusiceerd en eenige der heeren, waaronder ook Sir Edward Touston, begaven -zich naar het rooksalon, om daar een partij piquet te spelen, waaraan echter de overste -geen deel nam. -</p> -<p>Deze waakte met Argusoogen over zijn nicht en de Zuid-Amerikaan had zoodoende geen -gelegenheid, het jonge meisje te naderen. -</p> -<p>Mr. James Holliday, de detective, had het hoogste woord. Hij onderhield de dames met -afschuwelijke rooververhalen, waarin hijzelf steeds de voornaamste rol speelde. -</p> -<p>In den loop van den avond zocht Mrs. Morton den markies te naderen. -</p> -<p>Hij zat in een fauteuil en bekeek een portefeuille met kopergravures, die kiekjes -voorstelden uit de Schotsche Hooglanden, toen hij plotseling door een bekende stem -zijn naam hoorde uitspreken. -</p> -<p>„Raoul.…! Hoe lang denk je, dat ik nog geduld zal hebben.…? Ik wil alles voor je doen! -Zelfs mijn met moeite veroverde plaats in deze gezelschappen wil ik prijs geven! Ik -wil alleen jou hebben.…! Maar zonder jou kan en wil ik niet leven. Zeg mij dus, hoe -je erover denkt, of.…” -</p> -<p>Door haar gloeienden hartstocht overmand, was hij niet in staat, nog een woord te -zeggen. -<span class="pageNum" id="pb15">[<a href="#pb15">15</a>]</span></p> -<p>De markies had met een koel glimlachje haar <span class="corr" id="xd31e512" title="Bron: Mable">Mabel</span> Morton geluisterd en, terwijl hij schijnbaar vol aandacht naar de Schotsche Hooglanden -keek, antwoordde hij, even zacht als zij had gesproken: -</p> -<p>„Wat wilt gij eigenlijk van mij?” -</p> -<p>De kleine, gevulde gestalte, die haar donkergelokt hoofd over de platen had gebogen, -beefde zoo, dat hij het aan haar arm merkte, die den zijne aanraakte. En bijna gevoelde -hij medelijden met haar. -</p> -<p>Maar daarop gleed zijn blik snel en onmerkbaar naar de andere zijde van het vertrek, -waar Florence Goal en Lilith Clifford bij elkaar stonden, een heerlijk contrast samen -vormend van goudblond en kastanjebruin. -</p> -<p>En met hetzelfde koude glimlachje op zijn gebruind gelaat fluisterde hij: -</p> -<p>„Doe wat u goeddunkt. Ik hoop, dat men uw verhalen zal gelooven!” -</p> -<p>Daarop stond hij met een beleefde buiging op en ging met een vastberaden trek op het -gelaat naar de beide jonge meisjes, die hem met een vroolijken lach verwelkomden. -</p> -<p>De thee werd rondgediend en men nam van de sandwiches en gebakjes, die de bedienden -presenteerden, terwijl de liefhebbers van alcoholische dranken zich te goed konden -doen aan velerlei fijne merken. -</p> -<p>Tegen tien uur nam kolonel Goal afscheid en Florence moest zijn gebiedenden wenk om -hem te volgen, gehoorzamen. Maar toen zij dicht langs den markies heenging, hoorde -zij de fluisterende woorden uit zijn mond: -</p> -<p>„Vrees niets, ik waak!” -</p> -<p>Zij groette hem met een glimlachende buiging van haar mooi kopje. -</p> -<p>De andere dames volgden spoedig daarop en ook eenige heeren trokken zich op hun kamers -terug; andere bleven nog in het rooksalon, waar gespeeld werd. Hierheen begaf zich -ook de markies di Sao Balbo. -</p> -<p>Alleen de detective en Lord Clifford bleven in de hall achter. -</p> -<p>„Het blijft dus bij onze afspraak”, zei de Lord, „en ik hoop, dat gij alle mogelijke -maatregelen genomen zult hebben, Mr. Holliday.” -</p> -<p>Deze knikte toestemmend. -</p> -<p>„Zeker, Mylord, mijn beide helpers moeten dadelijk komen!” -</p> -<p>Tegelijkertijd hoorde men het verwijderd geluid van de bel en onmiddellijk daarop -kondigde een bediende twee heeren aan, die Mr. Holliday wenschten te spreken. -</p> -<p>„Daar zijn zij!” riep deze op gewichtigen toon uit. -</p> -<p>Eenige oogenblikken later leidde de bediende twee niet zeer elegant gekleede heeren -binnen, die naar hun uiterlijk veel overeenkomst hadden met oude, afgedankte soldaten -van het koloniale leger. Het waren lange, magere kerels met diepliggende oogen in -de geelbruine gezichten. Zij zagen er beiden naar uit, alsof zij niet vies waren van -een flinken borrel. -</p> -<p>De Lord gaf bevel, beiden mannen te eten en te drinken te geven in de dienstbodenvertrekken -natuurlijk. -</p> -<p>Toen hij weer met Mr. Holliday alleen was, vroeg hij: -</p> -<p>„Gij wenscht dus zelf mijn studeerkamer te bewaken?” -</p> -<p>„Ja, ik zelf denk daar te blijven. Mijn beide speurhonden zet ik in de bibliotheek -en de hall. Zoodoende kan niemand mij naderen, of hij moet hen eerst passeeren. En -ik verzeker u, Mylord, dat die twee stevige vuisten hebben! En al was John Raffles -een spook, of al kwam hij door den muur of het raam, dan toch zou hij eerst <i>mij</i> voorbij moeten. En ik, Mylord, ik.… Kijk mij eens aan; zooals ik hier voor u sta, -zal ik met dezen kerel, met dezen schurk, dezen belachelijken spitsboef het eerste -honderdtal misdadigers volmaken, die ik reeds achter de tralies heb gebracht!” -</p> -<p>Onaangenaam aangedaan door deze groote zelfingenomenheid, nam Lord Clifford afscheid -van den detective, die nu door de bibliotheek naar de studeerkamer van den Lord ging, -waar diens brandkast zich bevond. -</p> -<p>Daar nam Holliday plaats in een stoel bij het vuur, zette zijn groote voeten op het -koperen hekje rondom <span class="pageNum" id="pb16">[<a href="#pb16">16</a>]</span>den haard en begon zijn taak. Hij hoorde, hoe de gasten van den Lord zich in de bibliotheek -nog op luiden toon met elkaar onderhielden, hoe daarna de piquetspelers opstonden -en zich langzaam verwijderden. -</p> -<p>Langzamerhand werd het al stiller en stiller in het huis, ook de bedienden, die nog -het een en ander moesten opruimen, schenen zich nu ter ruste te hebben begeven. -</p> -</div> -</div> -<div id="ch7" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch7.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">ZEVENDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">HET ZWARTE MASKER.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">De lange gang, waarop de logeerkamers uitkwamen, was flauw verlicht door een lamp -met donkergroen glas. Achter de deuren der vertrekken hoorde men nauwelijks nog eenig -geluid, misschien een enkele zucht, in een benauwden droom geslaakt. -</p> -<p>Het geheele huis scheen in diepe rust gezonken te zijn. -</p> -<p>Plotseling was het, alsof uit de donkere schaduwen, die den muur bedekten, een hooge, -slanke, in het zwart gekleede gestalte te voorschijn kwam, welke snel en zonder eenig -geluid te maken, zich over den dikken ganglooper voortbewoog. -</p> -<p>Aan de andere zijde der trap bevonden zich eenige deuren, waarheen de geheimzinnige -nachtwandelaar zich begaf. Het geheele lichaam van den man was gehuld in een zwart, -nauwsluitend tricot en zijn oogen schitterden door de openingen van een zwart fluweelen -masker, dat het geheele hoofd omsloot. -</p> -<p>Hij verdween in de vertrekken, welke Lord Clifford zelf bewoonde. -</p> -<p>Na geruimen tijd verscheen hij weer, terwijl hij in zijn rechterhand den sleutelbos -hield, dien Lord Clifford elken avond, voordat hij ging slapen, naast een geladen -revolver op zijn nachttafeltje legde. -</p> -<p>De nachtelijke wandelaar ging door de gang terug tot aan het licht, dat hij snel uitdraaide. -Nu keek alleen nog het zwakke maanlicht door de hooge vensters naar binnen. -</p> -<p>Daarop gleed de zwarte gedaante de trap af, die naar beneden leidde. -</p> -<p>Hij had wel gehoord, dat Holliday den Lord had verteld, hoe hij een zijner lieden -zou plaatsen in de hall, terwijl de ander in de bibliotheek moest waken en de detective -zelf het zich behaaglijk zou maken in de studeerkamer van zijn Lordschap! -</p> -<p>Het fijnste oor had niet het minste geluid kunnen vernemen, toen de in het zwarte -tricot gekleede gedaante de trap afging. Maar voor den braven dienaar der geheime -politie, die in een grooten leunstoel in de hall sluimerde, had men zich niet eens -in acht behoeven te nemen. -</p> -<p>De zwarte gedaante stond dicht naast den slapende, een onaangename, zoetachtige lucht -omgaf den slapenden beambte en de ademhaling van den man werd al flauwer en flauwer.….. -</p> -<p>De deur naar de bibliotheek was niet geheel gesloten. De nachtelijke wandelaar opende -haar zoo behoedzaam, dat het totaal onhoorbaar was. Maar ook hier had hij zich die -moeite wel kunnen besparen, want de tweede helper van Mister Holliday lag eveneens -in de armen van Morpheus. Ook hij was na eenige seconden verdoofd. -<span class="pageNum" id="pb17">[<a href="#pb17">17</a>]</span></p> -<p>„Zou de dappere Holliday misschien ook den slaap des rechtvaardigen slapen?” dacht -de indringer. Hij haalde een zwarten doek uit zijn tricot te voorschijn, dien hij -langzaam en zonder geluid te maken uit elkaar vouwde; nu naderde hij de deur, waarachter -Holliday met den slaap worstelde. -</p> -<p>Een oogenblik wachtte de donkere gedaante, daarop draaide hij met vaste hand de deur -open. In het volgende oogenblik was hij in de studeerkamer en had hij de deur weer -achter zich dichtgetrokken. Hij hoorde, dat de detective uit zijn stoel opsprong, -maar reeds fluisterde de binnenkomende: -</p> -<p>„Sst, Mr. Holliday, ik ben het, Lord Clifford …! Maak geen licht.…! Ik hoorde daar -juist een verdacht geluid en daarom kwam ik hier.… Neen, maak geen licht,” herhaalde -hij, daar het hem voorkwam, alsof de detective iets uit zijn zak wilde halen, waarschijnlijk -een lantaarn. -</p> -<p>Nu kwam de detective, blijkbaar volkomen gerustgesteld, dichterbij, want de stem, -die hij hoorde, was zoo sprekend die van den Lord, dat hij geen wantrouwen koesterde. -</p> -<p>Hij naderde de donkere gestalte, die hij niet kon onderscheiden, nog meer en greep -met een onderdrukten kreet van schrik en ontsteltenis om zich heen— -</p> -<p>Een dichte, zwarte doek bedekte plotseling zijn hoofd en werd met een handigen zwaai -om zijn hals vastgeknoopt. Op hetzelfde oogenblik wierp een vuist, tegen wier kracht -geen verdediging mogelijk was, hem op den vloer neer en een stem, die den armen man -de haren te berge deed rijzen, fluisterde hem toe: -</p> -<p>„Geef geen enkel geluid, als je leven je lief is.…!” -</p> -<p>Daarop voelde de detective, dat een zacht kussen onder zijn hoofd werd geschoven en -daar zijn tegenstander hem met het gelaat naar beneden had gelegd, werd elk geluid, -dat hij zou kunnen geven, verstomd. -</p> -<p>Mr. Holliday, die zijn leven zeer lief had, had trouwens niet den moed, een kik te -geven. Hij had duidelijk den kouden dolk in zijn hals gevoeld, die zeker in zijn vleesch -geboord zou worden, als hij zich niet rustig hield -</p> -<p>Daarop meende de detective te bemerken, dat de kamer verlicht werd. Hij hoorde een -geluid, alsof de indringer met de brandkast bezig was. Maar alles geschiedde met ongehoorde -snelheid. Het was den armen man, alsof slechts enkele seconden verloopen waren, daarop -klonk weer die vreeselijke stem dicht aan zijn oor: -</p> -<p>„Pas op, dat je niet om hulp schreeuwt, voordat er een uur is voorbijgegaan!” -</p> -<p>Het duurde lang, voordat Holliday, die als bedwelmd op den vloer lag, een besluit -kon nemen. Toch behaalde de zucht naar zelfbehoud de overwinning op zijn plichtsgevoel. -Bovendien zou hij van het gestolen geld toch niets meer kunnen redden. Want hij geloofde -stellig, dat hij het slachtoffer was geworden van een meer dan brutalen inbreker. -Dit zou hij ook aan den heer des huizes meedeelen en zoodoende zijn nederlaag zooveel -mogelijk verklaren. -</p> -<p>Maar langzamerhand werd het hem bijna onmogelijk, nog adem te halen en de vrees van -te zullen stikken gaf hem de kracht om zich met een geweldige beweging om te keeren -en eerst onbestemde, doffe geluiden, daarna echter een heesch gebrul uit te stooten -om de bewoners van het huis te wekken. -</p> -<p>Hij hoorde boven zich schreden, daarop zag hij door den dikken doek, dat het licht -om hem heen werd, men schreeuwde, men vroeg en eindelijk werd hij bevrijd. -</p> -<p>Sir Edward Touston en Mr. Fitzgerald stonden met eenige bedienden om hem heen en het -duurde niet lang, of ook Lord Clifford was beneden gekomen met bleek gelaat. Op angstigen -toon deed hij den detective zooveel vragen, dat deze geen enkele kon beantwoorden. -</p> -<p>In de aangrenzende vertrekken waren bedienden bezig, de helpers van <span class="corr" id="xd31e585" title="Bron: Holiday">Holliday</span> weer tot bewustzijn te brengen. -</p> -<p>„Maar Goddank!” riep Lord <span class="corr" id="xd31e590" title="Bron: Cifford">Clifford</span> uit, „of gij zelf of onze tusschenkomst heeft den diefstal verhinderd!” -</p> -<p>De detective, dien men nu ook bevrijd had van de hand- en voetboeien, die de misdadiger -uit de zakken <span class="pageNum" id="pb18">[<a href="#pb18">18</a>]</span>der twee helpers had genomen, om ze daarna op deze origineele manier te gebruiken, -keek met een blik vol wanhoop en angst naar de brandkast, die gesloten en onaangeroerd -scheen te zijn. -</p> -<p>Hopende, dat hij zich had vergist, toen hij het rinkelen der sleutels had gehoord, -sprak Holliday geen woord, maar Sir Edward uitte de veronderstelling, dat de dief -misschien de kast had geopend en weer gesloten. -</p> -<p>Een der bedienden werd onmiddellijk naar de slaapkamer van den Lord gezonden en toen -daarna de brandkast werd opengesloten, zag Lord Clifford, die ondanks zijn goede opvoeding -een groven vloek uitstiet, dat de groote geldsom tot den laatsten penny gestolen was. -</p> -<p>Een oogenblik scheen het, alsof hij al zijn toorn zou uitstorten op het hoofd van -den detective, daarop echter beheerschte de werkelijk voorname man zich en sprak alleen: -</p> -<p>„Ik had ook op mijzelf moeten vertrouwen!” -</p> -<p>Nu wendde hij zich tot zijn gasten—zelfs de dames waren, zonder in dit kritieke oogenblik -al te veel op haar kleeding te letten, naar beneden gekomen—en sprak tot hen: -</p> -<p>„Het doet mij zeer veel leed, dat gij in uw nachtrust gestoord zijt, maar ik verzoek -u, u gerust te stellen, het zal ons <span class="corr" id="xd31e605" title="Bron: hopenlijk">hopelijk</span> gelukken, den misdadiger op het spoor te komen en hem het gestolene weer afhandig -te maken.” -</p> -<p>Een der heeren trad naar het venster en opende de gordijnen. Op de groote grasperken -vin het park scheen het maanlicht roet zijn spookachtig schijnsel als een vervolg -op de geheimzinnigheden van dezen nacht. -</p> -<p>Buiten werd luid aan de bel van het tuinhek getrokken. Nieuwe schrik en ontsteltenis -teekende zich af op de gezichten der aanwezigen. Twee bedienden gingen samen eenigszins -aarzelend naar buiten om te zien, wat er was. Toen zij weer binnenkwamen, brachten -zij een telegram mee, afgezonden door het politiebureau te Kilburn en bestemd voor -kolonel Goal. -</p> -<p>De oude overste brak het met bevende handen open en las, nadat hij radeloos om zich -heen had gekeken, met doodsbleek gelaat en halfluide stem den inhoud voor: -</p> -<p>„Hedennacht ingebroken in uw villa. Bedienden verdoofd en geboeid, van misdadigers -geen spoor.” -<span class="pageNum" id="pb19">[<a href="#pb19">19</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div id="ch8" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch8.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">ACHTSTE HOOFDSTUK</h2> -<h2 class="main">HET VERVALSCHTE TESTAMENT.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Kolonel Goal had naar aanleiding van dit telegram reeds in den nacht willen vertrekken -en slechts met moeite liet hij zich door zijn vriend Lord Clifford overhalen om tenminste -het aanbreken van den dag af te wachten. -</p> -<p>Het was nog geen zes uur toen de oude overste weer in de hall verscheen. Hij wilde -zelfs niet eerst ontbijten, maar zijn nicht dacht hierover anders en ondanks de tot -spoed aanmanende woorden van den ouden heer, begaf zij zich naar de eetzaal, waar -zij langzaam haar chocolade dronk, terwijl zij haar groote blauwe oogen steeds vol -verwachting op de deur had gericht. -</p> -<p>Maar hij, dien zij verwachtte, de markies, kwam niet en zuchtend moest het jonge meisje -eindelijk opstaan om zich voor de reis te gaan kleeden, toen buiten luide stemmen -werden vernomen en de commissaris van politie met twee gendarmen binnentrad. -</p> -<p>Lord Clifford had reeds in den nacht aangifte van den diefstal gedaan, zoodat de snelle -bemiddeling der autoriteiten niet te verwonderen was. -</p> -<p>De commissaris ging rechtstreeks naar den kolonel toe, die in reisgewaad gereed stond -om te vertrekken en sprak na een beleefde begroeting: -</p> -<p>„Het spijt mij zeer, mijnheer, dat ik u in uw plannen moet dwarsboomen. Ik moet tot -mijn leedwezen het bevel geven, dat niemand dit huis mag verlaten. <span class="corr" id="xd31e625" title="Bron: Hopenlijk">Hopelijk</span> zult gij begrijpen, dat hierin geen persoonlijke verdachtmaking jegens u ligt opgesloten. -Ik doe slechts mijn plicht.” -</p> -<p>Als oud soldaat, die de discipline kent, zag de overste wel in, dat hij dit bevel -moest gehoorzamen. Met groote stappen liep hij de hall door, af en toe met dreigende -blikken naar zijn nicht kijkende, op wier schoon gelaat een soort van leedvermaak -was te lezen over dit plotselinge oponthoud. -</p> -<p>Nu verscheen ook Lord Clifford. Hij verwelkomde den commissaris en verontschuldigde -zich tegenover kolonel Goal over dit onaangename intermezzo. -</p> -<p>„O, die tijd zal den overste wellicht niet al te lang vallen, daar ik hem juist om -een onderhoud wilde vragen.…” -</p> -<p>Het was de markies di Sao Balbo, die deze woorden had gesproken. Hij glimlachte daarbij -beleefd en vervolgde: -</p> -<p>„Gij zult u herinneren, kolonel, dat wij gisteravond een zeer interessante kwestie -behandelden en ten slotte afspraken om dit onderhoud te gelegener tijd te vervolgen.…” -</p> -<p>Overste Goal zette een verbaasd gezicht bij de woorden van den Zuid-Amerikaan, hij -kon zich niet herinneren, den vorigen avond bijzonder gewichtige dingen met den markies -besproken te hebben. -</p> -<p>Beide heeren begaven zich naar de bibliotheek. Met een uitnoodigende handbeweging -op een stoel wijzende, sprak de markies: -</p> -<p>„Mag ik u verzoeken, plaats te nemen?” -</p> -<p>De overste keek hem met onrustigen blik aan en het was zeker niet zijn zuiver geweten, -dat hem zoo weinig op zijn gemak deed zijn. -</p> -<p>Langzaam nam de markies een groot couvert uit zijn borstzak en sprak met gedempte -stem: -</p> -<p>„Kunt u vermoeden, mijnheer, wat ik hier in deze enveloppe voor u heb?” -</p> -<p>Met een vlugge beweging stond de kolonel op, terwijl hij antwoordde: -<span class="pageNum" id="pb20">[<a href="#pb20">20</a>]</span></p> -<p>„Mijnheer, ik ben werkelijk niet in een stemming om mij door u raadsels te laten opgeven! -Wilt u een ouden man voor den gek houden? Of vindt gij, dat ik nog niet genoeg op -de proef ben gesteld door de vreeselijke tijding, die ik hedennacht ontving?” -</p> -<p>Met een koel lachje sprak de markies, terwijl hij met een gouden pennemesje het couvert -opensneed: -</p> -<p>„Bedoelt u misschien met die vreeselijke tijding het bericht van de kneveling van -dien ouden schurk, die al uw schandelijke daden in de hand werkt en u steeds in alles -heeft geholpen?” -</p> -<p>Overste Goal staarde den markies aan met een gelaat, dat donkerrood was geworden van -woede. Maar met nog steeds gedempte stem sprak hij: -</p> -<p>„Wat wilt gij daarmede zeggen? Wat beteekenen deze grove beleedigingen van een man, -op wien niets te zeggen valt en die mijn trouwe bediende is?” -</p> -<p>De markies knikte bedaard met het hoofd: -</p> -<p>„Dat is best mogelijk, hij was onder anderen ook zulk een handig vervalscher van handschriften, -dat hij gemakkelijk dit testament kon ontwerpen en van de prachtig nagemaakte handteekening -van uw broeder heeft kunnen voorzien. Een schurkenstreek, waarvoor de dochter van -Mr. Goal—ik bedoel Miss Florence—haar geheele vermogen verloor en aan u werd overgeleverd.” -</p> -<p>Met een heeschen lach riep de kolonel uit: -</p> -<p>„Maar gij zijt krankzinnig! Men zal u in een gekkenhuis opsluiten, of dacht gij werkelijk, -dat gij ooit iemand zoudt vinden, die uw onzin gelooft?” -</p> -<p>De markies bleef buitengewoon kalm. -</p> -<p>„In elk geval zal men toch het door een getuige erkende handschrift van uw broeder -wel gelooven, Mr. Goal! Men zal u het vermogen, dat gij uw nicht hebt ontstolen, weer -ontnemen en gijzelf zult in New-Castle met geschoren hoofd in de cel van het tuchthuis -zitten. Hier, kijk eens.…!” -</p> -<p>Met zijn blanke vingers hield de markies den kolonel het echte testament voor, dat -de oude huichelaar had verdonkeremaand en waarin Miss Florence als universeel erfgename -werd benoemd. -</p> -<p>De oude man stond als door den bliksem getroffen. Hij beefde over alle leden. Haat, -woede en doodelijke angst stonden op zijn gelaat te lezen. -</p> -<p>„Zal ik met dit testament naar den rechter gaan? Of wilt gij liever het gestolene -vrijwillig teruggeven aan uw nicht?” -</p> -<p>Met een hoonende, geslepen uitdrukking op het gelaat vroeg de kolonel: -</p> -<p>„Hoe komt gij aan dit testament, mijn waarde? Ik weet zeker, dat ik het zelf in het -geheime vak van mijn schrijftafel heb gelegd! -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Ah, nu begrijp ik ook van wien de inbraak is uitgegaan, die in mijn huis in Kilburn -is gepleegd! Gij zijt het dus geweest die mijn armen Bob hebt laten knevelen! En dan …” -</p> -<p>Zijn gelaat kreeg een waarlijk duivelsche uitdrukking: -</p> -<p>„Dan zijt gij de.…” -</p> -<p>Met een enkele beweging stond de markies vlak voor hem: -</p> -<p>„Geen woord meer! Geen woord, zeg ik u! Wie ik ben, gaat u niet aan en heeft met deze -zaak niets te maken! Maar wie gij zijt, dat zou het gezelschap, dat hier ten huize -van Lord Clifford verzameld is, bijzonder interesseeren! En ik zeg u, heer overste, -gij zult uw titel niet lang meer dragen, als gij de voorwaarden niet aaneemt, die -ik u zal stellen.” -</p> -<p>„Wat wilt gij dan?” vroeg de oude dief op doffen toon. „Maak het kort!” -</p> -<p>„Vóór alles de teruggave van het vermogen van Miss Florence Goal, dan, dat gij onmiddellijk -ophoudt met deze jonge dame op schandelijke wijze lastig te vallen!” -</p> -<p>De markies wees op de gewonde hand van den overste en vervolgde: -</p> -<p>„Als Miss Florence niet zooveel moed en karakter had getoond, om zich met het wapen -in de hand te verdedigen.…” -</p> -<p>„Dan,” viel de overste hem grijnslachend in de rede, „dan was zij nu mijn geliefde -en dan ging het u nog niets aan. -</p> -<p>„Zoo!” vervolgde hij tandeknarsend, „is dat domme schaap verliefd op u! Dan is de -eenige reden, waarom gij mijn schrijftafel hebt laten openbreken, <span class="pageNum" id="pb21">[<a href="#pb21">21</a>]</span>dat gij zelf begeerig zijt naar het vermogen van Florence!” -</p> -<p>De markies antwoordde hierop niets. Na eenige oogenblikken sprak hij: -</p> -<p>„Ik stel u dus de volgende voorwaarden overste: Zoodra de politie het toestaat, vertrekt -gij dadelijk naar Kilburn en legt aan een notaris, wiens adres gij mij omgaand meedeelt, -het onaangeroerde vermogen van uw nicht over. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>En wat de persoon van de jonge dame zelf betreft, verzeker ik u, dat de minste moeite, -die gij doet om op de een of andere manier weer met Miss Florence in relatie te komen, -geen ander resultaat zou hebben dan uw onmiddellijke inhechtenisneming. Aan datzelfde -stelt gij u bloot, als gij een mijner andere bevelen niet strikt nakomt. Denk hieraan!” -</p> -<p>Met fier opgericht hoofd wilde de markies het vertrek verlaten, toen hij zich bij -de deur nog iets scheen te herinneren. Hij keerde zich om en sprak: -</p> -<p>„Wat uw bediende Bob aangaat, gij weet heel goed, dat die kerel reeds lang den strop -heeft verdiend. Door dezen schurk zijn ontelbare menschen tot den bedelstaf gebracht, -wier geld gij hebt geofferd aan den speelduivel. Door hem zijn zoovele vrouwelijke -wezens ten ondergegaan, vrouwen, die hij u als slachtoffers uwer schandelijke daden -in de armen voerde! -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Gij zult hem uit uw dienst ontslaan. Maar hij heeft, naar ik meen te weten, een nog -jonge vrouw en verscheiden kleine kinderen. Het is niet meer dan plicht, dat gij zorgt -voor de familie van hem, die u steeds zoo ijverig heeft geholpen bij al uw schurkenstreken. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Ik kan u daartoe echter niet dwingen en ik weet wel, dat gij u niet aan dergelijke -verplichtingen zult storen. Daarom zal ik die zorg op mij nemen. Voor één ding echter -waarschuw ik u, oude heer!” -</p> -<p>Dreigend keek de markies den kolonel aan en deze sloeg zijn oogen neer voor de van -toorn vlammende blikken van zijn vijand: -</p> -<p>„Meen niet, kolonel, dat gij een valsch spel met mij kunt spelen, al zoudt gij het -nog zoo handig aanleggen om mij in de val te lokken. Ik zou ongetwijfeld begrijpen, -wie de oorzaak van die daad was en niemand anders dan gij zelf zou de vergelding ervoor -krijgen!” -</p> -<p>„Zijt gij klaar?” vroeg de kolonel op woedenden toon. -</p> -<p>„Zeker” knikte de markies, „en ik hoop zelfs, dat ik nooit weer een enkel woord met -u zal behoeven te wisselen!” -</p> -<p>„Ik ook!” bromde de oude man en die twee woorden waren blijkbaar eerlijk gemeend. -<span class="pageNum" id="pb22">[<a href="#pb22">22</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div id="ch9" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch9.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">NEGENDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">MEDEDINGSTERS.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Lord Clifford had met de ambtenaren van politie het geheele huis doorzocht. Het resultaat -was natuurlijk nul geweest. -</p> -<p>Het meest raadselachtige van den millioenendiefstal, zoo vond ieder, was, dat de sleutels -der brandkast op dezelfde plaats werden gevonden, waar de Lord ze elken avond neerlegde. -</p> -<p>De dief moest ze dus eerst weggehaald en—zeer zeker een waagstuk!—na volbracht daad -weer teruggebracht hebben. -</p> -<p>Hierover sprak de commissaris juist met Lord Clifford, toen ook Mr. Holliday weer -op het tooneel verscheen met de woorden: -</p> -<p>„Mijn heeren, wij hebben hier zonder twijfel met een buitengewoon geslepen schurk -te doen!” -</p> -<p>Na het uitspreken van deze buitengewone woorden legde de dappere man zijn wijsvinger -langs zijn neus en vervolgde op gewichtigen toon: -</p> -<p>„Want ziet gij, dit is de eerste keer, dat ik mij door een misdadiger heb laten vangen! -Deze man behandelde mij als een kip, die men in een zak steekt om haar het schreeuwen -te beletten. Ik geloof niet, dat iemand aan mijn bekwaamheden zal twijfelen, maar -tegenover zooveel scherpzinnigheid en ongelooflijke brutaliteit sta ik zelfs machteloos<span class="corr" id="xd31e711" title="Bron: ”.">.”</span> -</p> -<p>De beide andere heeren onderdrukten met moeite een glimlach. -</p> -<p>Hier sprak Lord Clifford: -</p> -<p>„Is het niet merkwaardig, dat de voorspelling van onzen lieven vriend, den markies -di Sao Balbo, nu toch is uitgekomen?” -</p> -<p>De commissaris, die een zeer intelligent uiterlijk had, vroeg: -</p> -<p>„Pardon Mylord, maar waar het een dergelijke zaak betreft, is iedere <span class="corr" id="xd31e721" title="Bron: kleingheid">kleinigheid</span> van beteekenis. Wat was dat met die voorspelling …?” -</p> -<p>„O<span class="corr" id="xd31e726" title="Bron: ”,">,”</span> viel Mr. Holliday hem niet zeer beleefd in de rede, „dat is zoo’n soort humbug, een -zoogenaamde séance, welke deze heer hier gehouden heeft.” -</p> -<p>De commissaris, die zijn collega blijkbaar reeds naar waarde wist te schatten, nam -geen notitie van diens uitval en sprak: -</p> -<p>„U zoudt mij ten zeerste verplichten, Mylord, door mij meer bijzonderheden hiervan -te willen meedeelen en vooral als ik den heer, wien dit alles aangaat, zelf zou mogen -spreken.” -</p> -<p>„Dat kan heel gemakkelijk,” antwoordde de Lord, „want daar komt hij juist.” -</p> -<p>Hij wees naar den markies, die uit de bibliotheek kwam. -</p> -<p>De heeren begroetten elkaar met een beleefde buiging. De Lord stelde den commissaris -voor en deze vroeg naar de bijzonderheden van de séance. -</p> -<p>„Gij zijt spiritist, mijnheer?” -</p> -<p>De markies knikte toestemmend. -</p> -<p>„Inderdaad. Men houdt mij over het algemeen voor een buitengewoon geschikt medium -om als bemiddelaar op te treden tusschen de ons omringende geesten en hen, die nog -genoodzaakt zijn het sterfelijk omhulsel te dragen.” -</p> -<p>„En dus behoort u tot hen, die volkomen gelooven in deze merkwaardige wetenschap?” -</p> -<p>„Ik meen, u daarop het antwoord reeds te hebben gegeven,” sprak de markies op eenigszins -koeleren toon. -<span class="pageNum" id="pb23">[<a href="#pb23">23</a>]</span></p> -<p>„Zeker, zeker!” meende de beambte. „U moet mij mijn vragen ten goede houden<span class="corr" id="xd31e744" title="Bron: ”.">.”</span> -</p> -<p>„Natuurlijk,” viel de markies hem op zijn gewonen beleefden toon in de rede. „Als -gij wilt, zal ik u uw taak gemakkelijker maken door u een uitvoerige beschrijving -te geven van de séance, die ik voor Lord Clifford en zijn gasten heb mogen houden.” -</p> -<p>De commissaris luisterde met gespannen aandacht en uitte daarna den wensch, het tooneel -der zitting persoonlijk te mogen bezichtigen. -</p> -<p>Terwijl de heeren naar boven gingen, vroeg de commissaris nogmaals aan den markies: -</p> -<p>„Het is u dus niet mogelijk, een verklaring te geven voor de verschijning van den -dwerg?” -</p> -<p>De markies di Sao Balbo haalde de schouders op en sprak: -</p> -<p>„Voor ons spiritisten is de verklaring voldoende, dat een der geesten van onze dierbare -afgestorvenen zich dermate materialiseert, dat wij hem kunnen waarnemen met onze zwakke -menschelijke zintuigen. Dat de geest de gestalte van een dwerg aannam, is toeval, -in elk geval hebben wij noch het recht, noch de macht om de geheimzinnige redenen -hiervan uit te vorschen. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Ons, spiritisten, is het feit voldoende!” -</p> -<p>De commissaris liet niet blijken, welken indruk de woorden van den markies op hem -hadden gemaakt. -</p> -<p>Hij onderzocht vluchtig het vertrek waar de séance zich had afgespeeld, en begaf zich -hierop weer met de heeren naar beneden, waar in een der kamers het ontbijt gereed -stond. -</p> -<p>Nu verschenen ook Sir Edward Touston en Rudge Fitzgerald, die het plan opperden om -na het ontbijt naar Londen terug te keeren. Ook de overige gasten, waaronder kolonel -Goal en de markies di Sao Balbo, bestelden hun rijtuigen. -</p> -<p>Alleen Miss Florence beloofde haar vriendin Lilith Clifford om nog eenige dagen in -het gastvrije huis te blijven en—tot verbazing van de meeste aanwezigen—kolonel Goal -scheen het plan van zijn nicht, die hij anders nooit alleen liet, goed te keuren. -</p> -<p>Hij bekommerde er zich ook niet om, toen zij na het ontbijt aan den arm van haar vriendin -verdween. Eerst toen onmiddellijk daarna ook de markies de eetzaal verliet, werd hij -onrustig. -</p> -<p>En hij had zich niet vergist in zijn veronderstelling, dat de blonde Florence en de -Zuid-Amerikaan boven in de gang afscheid van elkaar namen. -</p> -<p>Zij stonden, gedeeltelijk verborgen achter de zware gordijnen van een der ramen, sprakeloos -tegenover elkaar en hielden elkaars handen vast. -</p> -<p>Florence snikte en fluisterde, hoe zwaar haar het afscheid viel en hoe somber zij -de toekomst inzag. -</p> -<p>Hij troostte haar met een innemenden lach op het schoone gelaat en herhaalde steeds -weer, dat zij elkaar spoedig zouden weerzien. -</p> -<p>Zij vergaten alles om zich heen en hoorden niet, dat zachte schreden naderden. -</p> -<p>Twee van haat fonkelende oogen waren op hen gericht en de kleine, sierlijke gestalte -van Mrs. Mabel Morton boog zich met inspanning voorover om de woorden af te luisteren, -welke de twee tot elkaar spraken. -</p> -<p>Het gelukte haar niet, maar wat zij zag, was voldoende om haar jaloezie op te wekken. -</p> -<p>Plotseling kwam een gedachte in haar op. -</p> -<p>Onhoorbaar en onopgemerkt ging zij weder naar beneden, waar zij naast Lady Clifford -in de eetzaal plaats nam en met vleiende stem fluisterde zij tot de vriendelijke dame: -</p> -<p>„Lieve mevrouw, vindt u het goed, dat ik, nu mijn lieve vriendin Florence Goal, nog -bij u blijft, ook nog niet vertrek<span class="corr" id="xd31e774" title="Niet in bron">?</span> Ik heb wel is waar bevel gegeven mijn koffer te pakken en ik vrees ook, dat gij door -het ongeluk, dat u <span class="corr" id="xd31e776" title="Bron: getrofen">getroffen</span> heeft, uwe gasten misschien liever zaagt vertrekken.…” -</p> -<p>Zij zweeg en keek bedeesd voor zich. De oude dame haastte zich om vol innige hartelijkheid -te verzekeren, dat Mrs. Morton altijd een welkome gast in Rastinghouse was! -</p> -<p>Deze diefstal was weliswaar een onaangename geschiedenis, maar Mrs. Morton mocht blijven, -zoolang zij wilde. -</p> -<p>En dus bleef zij, het kleine wraakzuchtige wezen, dat in haar jeugd in Whitechapel -uit de goot was opgeraapt <span class="pageNum" id="pb24">[<a href="#pb24">24</a>]</span>als klein proletariërskind, dat daarna actrice was geworden en nadat zij een massa -mannen had geruïneerd, met een ouden, schatrijken patriciër was getrouwd. Hij had -van zijn huwelijk niet lang genoten, de dood had hem overvallen. -</p> -<p>Mrs. Morton was daarna voorzichtig geworden. Veel te verstandig om haar plaats in -voorname kringen op het spel te zetten, deed zij alles om den uiterlijken schijn te -bewaren, bezocht trouw de kerk en gaf als de wereld het te weten kwam, groote aalmoezen. -</p> -<p>Zoodra het overige gezelschap Rastinghouse had verlaten, zond zij haar kamenier naar -Miss Florence met het verzoek of de jonge dame, als zij tijd en lust had, een kwartiertje -in de kamer van Mrs. Morton zou willen komen. -</p> -<p>Dit kon Mabel Morton, die de oudste der twee en een getrouwde vrouw was, zich wel -veroorlooven en Florence nam argeloos de uitnoodiging aan. -</p> -<p>Hartelijk begroet door de kleine brunette, nam zij naast deze op de sofa plaats en -spoedig zaten beiden gezellig te babbelen over modes, theater en dergelijke onderwerpen. -</p> -<p>Mrs. Morton wist het gesprek zeer handig te brengen op het onderwerp, dat haar belang -inboezemde en het deed Florence niet onaangenaam aan dat plotseling de markies di -Sao Balbo ter sprake kwam. -</p> -<p>Mabel Morton vond hem zeer interessant en voornaam en het jonge meisje was het volkomen -met haar eens. Maar haar gezichtje kreeg een gespannen, bijna angstige uitdrukking, -toen de jonge vrouw opeens sprak: -</p> -<p>„Het is jammer, dat men niet weet, wat men aan hem heeft.…! Ik geloof niet, dat hij -is voor wien hij zich uitgeeft!” -</p> -<p>Een zachte blos kleurde Florences wangen, toen zij antwoordde, dat zij dat niet kon -gelooven. Nog nimmer had zij iemand ontmoet, die zulk een gunstigen indruk op haar -had gemaakt. -</p> -<p>Met een ongeloovigen glimlach antwoordde Mrs. Morton na een kleine pauze: -</p> -<p>„Ik wou, dat ik er evenzoo over kon denken als gij, maar tot mijn spijt is dat wat -ik weet in lijnrechte tegenspraak met dat wat ik gaarne zou gelooven.” -</p> -<p>En vol leedvermaak vervolgde zij: -</p> -<p>„Gij stelt ook veel belang in dezen man, nietwaar?” -</p> -<p>Florence Goal knikte toestemmend, terwijl haar blauwe oogen vol tranen stonden. -</p> -<p>Bij deze openhartige bekentenis veranderde de valsche vriendin van houding en als -het sissen van een slang klonk het van haar lippen: -</p> -<p>„Ik heb dus gelijk, gij bemint den markies? En als ik u vertel, dat deze man uwe liefde -niet waard is, dat hij een misdadiger is, die reeds kennis heeft gemaakt met de politie -en met de gevangenis …?” -</p> -<p>Bij deze woorden richtte Florence zich in haar volle lengte op. -</p> -<p>„Dat is niet waar! Dat is een gemeene leugen!” -</p> -<p>Als een wilde kat sprong de kleine vrouw naar haar toe. -</p> -<p>„Neem die woorden terug! Ik beveel u om die woorden terug te nemen, als gij niet wilt, -dat ik u in het volle gezelschap zal bewijzen, dat ik de waarheid heb gesproken?” -</p> -<p>Florence beefde. Haar verstand zei haar, dat zij op dit oogenblik beter deed te zwijgen. -In haar snel werkend brein doemden alle bijzonderheden op, die haar onverklaarbaar -waren gebleven in het doen en laten van den markies. Vanaf de voorspelling van den -diefstal door middel van den dwerg tot het plotselinge opduiken van haar vaders testament, -dat blijkbaar ten gevolge van de inbraak in het huis van haar oom in handen van den -markies was gekomen, aan dit alles dacht zij nu. -</p> -<p>En al verminderde hierdoor haar liefde en haar vertrouwen in den man, dien zij aanbad, -ook niet, toch voelde zij met vrouwelijk instinct, dat zij tegenover <span class="corr" id="xd31e809" title="Bron: mrs.">Mrs.</span> Morton zoo voorzichtig mogelijk moest zijn … Deze vrouw beminde den markies ook, -daaraan twijfelde Florence niet meer! -</p> -<p>Het blonde meisje overdreef haar droefheid met opzet en liet haar tranen den vrijen -loop. Snikkend sprak zij: -</p> -<p>„En hoe weet gij dat alles? Hoe komt gij aan deze vreeselijke beschuldigingen, Mrs. -Morton?” -<span class="pageNum" id="pb25">[<a href="#pb25">25</a>]</span></p> -<p>Mabel Morton liep in de val. Zij dacht reeds gezegevierd te hebben over dit jonge, -onervaren meisje. Zij vertelde, hoe zij de reddende engel was, die den door eigen -schuld in het verderf gestorten man vol barmhartigheid de hand had gereikt. -</p> -<p>„En dit is mijn dank!” sprak zij eindelijk vol pathos. -</p> -<p>„Dit is mijn dank er voor, dat ik hem weer heb opgericht tot hij in betere omgeving -is gekomen! Nu wendt hij zich tot u, deze valschaard! En hij vertelt u dezelfde leugenachtige -verhalen, waarmee hij eenmaal mij betooverde.…!” -</p> -<p>Florence Goal, die er geen oogenblik aan dacht, den geliefde te wantrouwen, speelde -haar rol uitstekend. Een zeker voorgevoel zei haar, dat den markies van deze vrouw -onheil dreigde en dat zij slechts door list en groote slimheid het onheil van het -geliefde hoofd zou kunnen afwenden. -</p> -<p>„Wat zal ik doen?” snikte zij. „Geef mij raad, help mij, lieve Mrs. Morton!” -</p> -<p>Deze deed alsof zij nadacht. -</p> -<p>Eindelijk sprak zij, terwijl zij het weenende meisje met strenge blikken aankeek: -</p> -<p>„Het eenige, wat u overblijft, is dezen man op te geven en aan mij over te laten.…! -Ik heb hem indertijd gered uit het slijk, waarin hij reeds dreigde te stikken, en -ik geloof, dat ik er de kracht toe heb, om hem nog eenmaal op den goeden weg te brengen! -Mijn liefde is rein en onzelfzuchtig en ik wil hem tot een beter, gelukkiger mensch -maken!” -</p> -<p>Het schoone meisje boog deemoedig haar goudblond hoofd en, terwijl zij zich over zichzelf -verbaasde, nam zij de handen van de jonge vrouw en drukte ze, als met een zwijgende -belofte, aan haar borst. -</p> -<p>Daarop scheidden zij, beiden met het vaste voornemen zoo spoedig mogelijk den man -te bezoeken, wien haar liefde gold. -</p> -</div> -</div> -<div id="ch10" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch10.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">TIENDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">DE VALSCHE SPELERS.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">In de voornaamste wijk van Londen, in de buurt van Pall Mall, woonde de markies di -Sao Balbo. Rondom de kleine villa, die midden in een prachtigen tuin lag, heerschte -bijna altijd zulk een rust en stilte, dat de meeste der voorbijgangers dachten, dat -het huis onbewoond was. -</p> -<p>Van binnen was het kleine gebouw met groote weelde ingericht. -</p> -<p>Twee negers zorgden voor de bediening. Hij had deze beide zwartjes, naar hij vertelde, -meegebracht uit zijn geboorteland. -</p> -<p>Op de eerste verdieping bevond zich de studeerkamer van den markies. Ook hier heerschte -een Sybaritische weelde. Aan de muren zag men overal wapens en zeldzame jachttropheeën. -</p> -<p>Bij het genot van een goed glas cognac en een fijne havanna zat de Zuid-Amerikaan -te praten met zijn vriend Rudge Fitzgerald. -<span class="pageNum" id="pb26">[<a href="#pb26">26</a>]</span></p> -<p>„Je bent vandaag zoo somber, mijn lieve Charly<span class="corr" id="xd31e840" title="Bron: ”,">,”</span> sprak Lord Lister, want dit was de ware naam van den markies, „het komt mij bijna -voor, alsof je geen vertrouwen meer stelt in je besten vriend<span class="corr" id="xd31e843" title="Bron: ”.">.”</span> -</p> -<p>Zwijgend schudde de ander het hoofd. -</p> -<p>„Heb je bij het spel verloren?” vroeg di Sao Balbo, alias Lord Lister na een kleine -pauze. -</p> -<p>Charly knikte. -</p> -<p>„Veel?” vroeg zijn vriend. -</p> -<p>„Zeer veel!” antwoordde Charly op doffen toon. -</p> -<p>„Ik mag toch zeker wel weten, hoe groot het bedrag is?” -</p> -<p>Maar de jongste der twee had blijkbaar den moed niet om het bedrag te noemen. -</p> -<p>„Ik zal maar bij duizend pond beginnen?” -</p> -<p>Rudge haalde zwijgend de schouders op. -</p> -<p>„Mooi—meer dus!” -</p> -<p>En de Braziliaan keek zijn jongen vriend een poosje peinzend aan, waarop hij sprak: -</p> -<p>„Ik begrijp er niets van, beste jongen. Wij kennen elkaar nu reeds vrij lang en je -moest toch weten, dat ik in elk geval bereid ben je te helpen … Ik verzoek je dus -<span class="corr" id="xd31e860" title="Bron: normaals">nogmaals</span> om mij te vertellen, hoeveel je verloren hebt!” -</p> -<p>Charly aarzelde nog eenige oogenblikken, waarna hij op klankloozen toon sprak: -</p> -<p>„Over de tienduizend pond.” -</p> -<p>„Hm,—hm,” bromde de Lord, „dat is ongeveer een kwart milioen francs.… ik reken nog -altijd met Fransche munt sinds mijn laatste verblijf in Parijs, waaraan ik steeds -gaarne terug denk … -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Ja, dat is een hoop geld, maar daar het eereschulden zijn, moet je ze dadelijk betalen!” -</p> -<p>„Ik bezit echter niets meer!” klonk het op wanhopigen toon van de lippen van den jongen -man. -</p> -<p>„Nu,” sprak Lord Lister onverschillig, „gelukkig dan maar, dat ik op het oogenblik -beter bij kas ben!” -</p> -<p>Bij die woorden nam hij een zware portefeuille uit zijn borstzak en telde twaalf biljetten -van duizend pond voor zijn vriend uit op het kleine Perzische rooktafeltje, dat met -goud en paarlemoer was ingelegd. -</p> -<p>Hij wilde zijn portefeuille reeds weer wegbergen toen hij zich bedacht en met de woorden: -</p> -<p>„Maar dan heb je nog een beetje bedrijfskapitaal ook noodig!” nog drie biljetten van -vijftig pond voor den jongen Fitzgerald neerlegde. -</p> -<p>Deze hield zijn aristocratisch blond gelaat afgewend, terwijl zijn breede borst zwoegde -van aandoening. -</p> -<p>Plotseling sloeg hij zijn beide armen om den hals van zijn vriend en bedankte hem -met van ontroering trillende stem. -</p> -<p>De markies, wiens door de zon gebruind gelaat van voldoening straalde, klopte zijn -jongen vriend zachtjes op den rug en sprak op ernstiger toon: -</p> -<p>„Nu wij dus een eind hebben gemaakt aan deze onbeduidende geschiedenis, zou ik—je -geen verwijt: willen maken, wel neen.… Je weet wel, dat ik niet van zedepreeken houd -en ik begrijp dat elke hartstochtelijke speler op een gegeven oogenblik pech kan hebben. -Wij hangen allen af van het toeval.…! -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Maar toch, ik beken het je eerlijk, komt mij dit geval verdacht voor! -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Je hebt natuurlijk gespeeld in de „Four-in-hand-club” en daar verloren, nietwaar?” -</p> -<p>De jongste bevestigde het vermoeden van zijn vriend. -</p> -<p>„Welnu,” sprak de markies, „ik heb deze club ook leeren kennen en als je mijn raad -had gevolgd, had je daar je geluk niet meer beproefd. Ikzelf speel daar nooit meer.” -</p> -<p>Verschrikt en verbaasd keek Fitzgerald zijn vriend aan, terwijl hij vroeg: -</p> -<p>„Maar het zijn toch alleen heeren uit de eerste kringen, die daar komen? Er is geen -enkele bij, dien men van een oneerlijke handeling zou mogen verdenken!” -</p> -<p>„Dat is bij het spel heel bijzonder,” meende de markies. -</p> -<p>„Eerlijke menschen worden, als zij de kaarten, in de hand hebben, soms binnen een -maand de gevaarlijkste bedriegers. Maar buitendien zal ik je dadelijk <span class="pageNum" id="pb27">[<a href="#pb27">27</a>]</span>den naam noemen van een der heeren leden, die tot de grootste schurken behoort: kolonel -Goal.” -</p> -<p>„Maar ik bid je, hoe kun je zooiets beweren?” -</p> -<p>„Ik beweer alleen dat, wat ik bewijzen kan en ik zal nooit iemand ten onrechte verdacht -maken. Maar wij zuilen er niet over twisten. Je moet nu in elk geval naar de Club -om je schulden te betalen en misschien was je zelfs van plan, revanche te nemen. Daarvoor -waarschuw ik je! Laat dat alsjeblieft aan mij over. Ik geloof, dat ik je de voldoening -zal kunnen geven, hen, die niet tot de eerlijke spelers behooren, nog hedenavond te -ontmaskeren. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Onderweg zal ik je nog een paar namen noemen, die, dunkt mij, geen al te eerlijken -klank hebben …” -</p> -<p>Een half uur later traden de beide vrienden de speelzaal der „Four-in-hand-club” binnen. -</p> -<p>De eerste, die de vrienden in de speelzaal tegenkwam, was kolonel Goal, die met groote -hartelijkheid, alsof nooit het minste tusschen hem en den markies ware voorgevallen, -dezen en ook zijn vriend de hand schudde. Den vorigen nacht was de kolonel als bankhouder -de voornaamste schuldeischer van Fitzgerald geworden. -</p> -<p>Deze haastte zich nu, zijn verplichtingen jegens den overste te voldoen. Dit geschiedde -met een onverschilligheid, alsof hij den ouden heer een lucifer aanbood en met even -nonchalant gebaar liet de geslepen vos het bankpapier in zijn portefeuille verdwijnen. -</p> -<p>De heeren zaten in groepjes te zamen, pratend en rookend, maar het duurde niet lang -of de zucht naar het spel werd hun te sterk. -</p> -<p>De groene tafeltjes werden door de kellners gereed gezet en de zware lampen tot vlak -boven de tafeltjes naar beneden gehaald, zoodat de spelers zelf in halfdonker zaten -en de uitdrukking van hun gezichten zelfs voor den naastbijzittende verborgen bleef. -</p> -<p>De markies en zijn vriend hadden tegenover den bankhouder plaats genomen en keken -eerst, zonder eraan mee te doen, naar het bacaratspel. De medespelenden hadden geloot -en de kolonel had de bank gekregen. -</p> -<p>Het was een gelukkig toeval, dat de kolonel tegenover den markies kwam te zitten. -</p> -<p>Het spel begon en daar, zooals dit gewoonlijk het geval schijnt te zijn, in het begin -de inzet klein was, was de stemming aanvankelijk nog vrij lusteloos. Nu zette echter -een der heeren voor het eerst een biljet in van twintig pond, eenige andere spelers -volgden zijn voorbeeld en zoodoende bevond zich plotseling een aanzienlijk bedrag -in den pot. -</p> -<p>De markies had geen oog van den bankhouder af. Hij zag duidelijk, hoe kolonel Goal -een der kaarten in beide handen dicht bij den rand van de tafel hield. De oude geroutineerde -speler scheen in tweestrijd, of hij er nog een kaart bij zou nemen, wat gevaarlijk -kon zijn, daar het bij het bacaratspel regel is, dat men zoo mogelijk negen punten, -maar vooral niet meer mag hebben. -</p> -<p>De bankhouder scheen zich niet op zijn gemak te gevoelen onder de doordringende blikken -van den Zuid-Amerikaan. Hij legde plotseling zijn kaarten open en had acht punten. -</p> -<p>Dat was de zoogenaamde „kleine slag”. Daar echter verschillende spelers negen en dus -den „grooten slag” hadden, had de bankhouder verloren. -</p> -<p>In de vroolijke opgewondenheid, die steeds onder de medespelenden heerscht, wanneer -de bankhouder een groot bedrag moet bijbetalen, had misschien niemand hunner gelet -op het vaalbleeke gelaat van den overste. -</p> -<p>Ook de markies deed, alsof hij het niet merkte en lachte beleefd. -</p> -<p>Hierop begon het spel opnieuw. Nu stond de markies op, terwijl zijn jongere vriend -zijn plaats innam. Di Sao Balbo verliet de speelzaal door de rechterdeur; blijkbaar -ging hij naar het aangrenzende vertrek, om zich aan het welvoorziene buffet te goed -te doen. -</p> -<p>Het spel werd voortgezet en Het was alsof nu het geluk den bankhouder toelachte, want -hij won nu alle grootere sommen, terwijl de kleinere bedragen grootendeels weer aan -de spelers vervielen. -</p> -<p>De zaal had echter nog een tweede uitgang, die <span class="pageNum" id="pb28">[<a href="#pb28">28</a>]</span>haar een rooksalon voerde, waar zich tijdens het bacaratspel niemand bevond. Een zware -portière sloot den ingang naar de speelzaal af. -</p> -<p>Niemand, zelfs niet de wantrouwende kolonel Goal bemerkte, dat, terwijl het spel zijn -voortgang nam, de portière een duimbreed van elkaar werd geschoven. -</p> -<p>Door die opening loerde het Argusoog van den markies en—hij deed een hoogst merkwaardige -ontdekking. -</p> -<p>Een paar spelers hadden weer hooge sommen ingezet en een hoop fiches, die aan de kas -werden gekocht en ieder een zekere waarde vertegenwoordigden, vulden den pot. -</p> -<p>Ook nu keek de bankhouder eerst nadenkend in zijn kaarten, die bestonden uit een vrouw -(welke bij dit spel niet meetelt) en een zeven. Intusschen had zijn linker buurman, -die gepast had en zijn kaarten bedekt op tafel had gelegd, zijn rechterhand eenige -oogenblikken in zijn laag uitgesneden vest verborgen. -</p> -<p>De kolonel deed, alsof hij nog steeds nadacht en bewoog daarbij het hoofd vooruit. -Hij knikte tweemaal achter elkaar, dit zag de markies duidelijk.… -</p> -<p>En plotseling kwam de hand van zijn buurman, natuurlijk de medeplichtige van dezen -valschen speler schijnbaar zonder eenig opzet uit het vest te voorschijn en bewoog -zich onder den rand van de tafel. -</p> -<p>Niemand kon het zien …! Ha! Nu bevond die hand, welke een kaart vasthield, zich onder -de beide handen van den bankhouder, die op den rand der tafel rustten en met voorbeeldelooze -handigheid, zonder zich te bewegen zelfs, de aangeboden kaart onder de tafel beetpakten. -</p> -<p>Dadelijk hierna legde de kolonel zijn kaarten open. hij had negen en dus het spel -gewonnen. -</p> -<p>Maar hij had geen gelegenheid, zijn winst op te strijken. Want plotseling, alsof hij -uit den grond was te voorschijn gekomen, stond de markies di Sao Balbo tusschen den -bankhouder en diens medeplichtige. -</p> -<p>Met een enkelen ruk had hij dezen laatste het zwarte vest opengerukt, waarop zich -aan de verbaasde oogen der aanwezigen twee lange, smalle zakken aan de binnenzijde -van het vest vertoonden, die ieder een volledig en blijkbaar in zekere volgorde gerangschikt -kaartspel bevatten. -</p> -<p>De eigenaar van het vest wilde zich verdedigen, maar een vuistslag van den Braziliaan -wierp hem met zijn stoel op den vloer. -</p> -<p>Kolonel Goal was kalm blijven zitten, hij hoopte, dat de aandacht niet op hem zou -vallen. Maar reeds in het volgende oogenblik begreep hij, hoe hij zich vergiste. -</p> -<p>De markies telde de beide kaartspellen door en sprak daarna: -</p> -<p>„Mijne heeren, in het eene spel ontbreekt een kaart, het is, zooals gij ziet, de twee. -En deze twee”—hij sloeg met zijn hand op de drie door den bankier blootgelegde kaarten—„deze -twee ligt hier.…! Het is de „gelukskaart”, waarmee kolonel Goal u zooeven heeft uitgeplunderd.” -</p> -<p>Het was goed, dat de markies aan zijn moed ook een groote dosis behendigheid paarde! -</p> -<p>De overste had een revolver uit zijn zak te voorschijn gehaald, maar de kogel van -het eerste schot, dat de markies handig had afgeweerd, kwam boven in den muur aan -de overzijde der zaal terecht. -</p> -<p>In het volgende oogenblik was de kolonel op den grond geworpen en ontwapend. -</p> -<p>Hij vloekte en schimpte als een bezetene, maar geen enkel zijner woorden maakte eenigen -indruk op de aanwezige heeren. Hij noemde den markies een dief en beweerde, dat al -de groote, geheimzinnige diefstallen, die in den laatsten tijd gepleegd en niet ontdekt -waren, op zijn rekening kwamen. -</p> -<p>Hij had evengoed kunnen beweren, dat de koning van Engeland een sluipmoordenaar was. -Het eenige resultaat, dat hij bereikte, was, dat men dreigde, hem te zullen vastbinden -en knevelen, totdat de politie aanwezig zou zijn. -</p> -<p>In werkelijkheid was men echter niet van plan, de overheid in deze zaak te mengen. -De heeren waren van meening, dat het in het algemeen belang het beste was, om de beide -schurken eenvoudig te laten loopen. -<span class="pageNum" id="pb29">[<a href="#pb29">29</a>]</span></p> -<p>Men stelde hun echter den eisch, dat zij zich nimmer weer in deze wijk der stad zouden -vertoonen. -</p> -<p>De medeplichtige van den overste sloop naar buiten als een afgeranselde hond, maar -de oude militair zelf verliet de zaal met blikken vol haat op den markies en met woeste -bedreigingen, die de Braziliaan met een minachtend glimlachje aanhoorde, -</p> -</div> -</div> -<div id="ch11" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch11.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">ELFDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">JALOEZIE EN WRAAK.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Nadat gedurende den nacht de mist was opgetrokken, bedekte hij nu weer opnieuw de -reuzenstad. Des middags om twaalf uur kon men, hoewel alle lantarens brandden, zelfs -op de groote pleinen geen hand voor oogen zien. Pikzwarte duisternis omgaf Londen; -de voertuigen in de breede straten moesten blijven staan, waar zij zich toevallig -bevonden en ook voor voetgangers kon de weg nergens gevaarlijker zijn dan in de straten -dezer wereldstad. -</p> -<p>Bij zulk weer blijft natuurlijk ieder, die eenigszins kan, veilig in huis, en men -verwacht geen bezoekers. -</p> -<p>En daarom verbaasde het den markies di Sao Balbo des te meer, toen de electrische -bel luid en aanhoudend weerklonk. -</p> -<p>Op een wenk van zijn meester snelde een der beide negers naar buiten en dadelijk daarna -keerde Sam terug met iemand, dien hij meer droeg dan geleidde. -</p> -<p>De markies, die op den drempel der kamer stond, durfde zijn oogen niet gelooven, toen -hij in het vrouwelijk wezen, dat, in doeken en shawl gehuld, bijna bewusteloos op -een stoel neerzonk, zijn vriendin Florence Goal herkende. -</p> -<p>Hij beval den neger, opwekkende dranken te brengen, en toen daarop de Braziliaan het -meisje had gelaafd en naar het brandende haardvuur geleid, was zij, met inspanning -van al haar krachten, weldra weer zichzelf meester. -</p> -<p>„Gij moet weg!” riep zij, angstig uit, „dadelijk …! Men is u op het spoor!” -</p> -<p>Hij glimlachte. -</p> -<p>„Vertel mij alles,” verzocht hij met groote kalmte. -</p> -<p>„Ach!” riep zij uit, „als er niet zoo’n zware mist hing, zouden zij reeds lang hier -zijn om u naar de gevangenis te brengen!” -</p> -<p>Op rustigen toon, die in deze omstandigheden zeker bewonderenswaardig was, antwoordde -hij: -</p> -<p>„Ik kom niet in de gevangenis, dat laat ik aan anderen over! -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Maar kom, wij willen naar mijn studeerkamer gaan, daar is het gezelliger …!” -</p> -<p>Haar waarschuwing en haar angst, niets scheen indruk op hem te maken. -</p> -<p>„Maar hoort gij mij dan niet,” smeekte zij weer, „men is u op het spoor, men weet -alles en achtervolgt u, <span class="corr" id="xd31e970" title="Bron: mrs.">Mrs.</span> Morton.…..” -</p> -<p>Glimlachend viel hij haar in de rede. -<span class="pageNum" id="pb30">[<a href="#pb30">30</a>]</span></p> -<p>„Zoo, zij heeft dus toch gebabbeld, die kleine heks.…! Dus ook gij weet nu, wie ik -ben.…?” -</p> -<p>Het schoone meisje zweeg, droevig voor zich uit starend in het gouden licht van een -schemerlamp, die op de schrijftafel van den markies stond. -</p> -<p>„Dus zijt gij er toch achter gekomen!” sprak de markies lachend. „En nu komt men om -mij gevangen te nemen, nietwaar?” -</p> -<p>„Ja!” Zij keek hem met haar groote oogen smeekend aan. „Vlucht, zoolang het nog kan! -Ik blijf hier en zal u bericht zenden van alles, wat er gebeurt!” -</p> -<p>„Gij zijt zoo goed!” fluisterde hij. „Maar nu verzoek ik u om u weer gereed te maken -om heen te gaan!” -</p> -<p>De markies drukte op een knop, dadelijk daarna kwam Sam binnen met de kleeren van -het jonge meisje; toen zij gereed was, hulde de Braziliaan haar zelf nog in een zachten, -met bont gevoerden mantel. -</p> -</div> -</div> -<div id="ch12" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch12.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">TWAALFDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">IN DEN MIST.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Eenige oogenblikken later was John Raffles alleen. Maar de neger kon nog niet lang -met de hem toevertrouwde Florence het huis verlaten hebben, toen weer luid en aanhoudend -werd gebeld. -</p> -<p>Met een schamper lachje en een vastberaden trek op het gelaat riep de markies nu zijn -anderen neger; hij sprak een paar woorden tegen hem, waarna de kroeskop wegging om -na een korte poos met vier heeren terug te komen. -</p> -<p>Het was Lord Clifford, verder de detective, Mr. James Holliday, een Londensch commissaris -van politie en een agent in uniform. -</p> -<p>„U wenscht, mijne heeren?” vroeg de markies met een beleefden groet, terwijl hij bij -zijn schrijftafel bleef staan. -</p> -<p>„Daarnaar behoeft u niet lang te vragen,” sprak de detective, die zich nu weer volkomen -meester van het terrein gevoelde. -</p> -<p>„Gij hebt ons nu lang genoeg voor den gek gehouden, of dacht gij dat wij niet weten, -wie de beruchte Raffles is? Hebt u soms liever, dat wij wachten, totdat gij er nog -een millioen bij hebt gestolen?” -</p> -<p>De markies keek den detective eenige oogenblikken met een medelijdend glimlachje aan, -daarop sprak hij tot Lord Clifford: -</p> -<p>„Wat deze heer vertelt, interesseert mij niet in het minst. Hij dankt de groote eer, -om zich in mijn kamer te mogen bevinden, enkel en alleen aan het gezelschap, waarin -hij op het oogenblik is.….. -</p> -<p><span class="corr" title="Niet in bron">„</span>Maar gij, Mylord, u zou ik willen vragen, wat mij het genoegen en de eer verschaft -van uw bezoek en waarom gij in gezelschap van politiebeambten bij mij komt?” -</p> -<p>Het was den Lord blijkbaar minder aangenaam, deze vraag te moeten beantwoorden. Hij -knikte eenige malen, streek met zijn van briljanten fonkelende hand over zijn dunnen -schedel en sprak: -</p> -<p>„Ja, inderdaad, het is zeer pijnlijk … maar men <span class="pageNum" id="pb31">[<a href="#pb31">31</a>]</span>verdenkt u … gij zoudt zelf inzien, mijn beste vriend, als gij alle bijzonderheden -wist—de verdenking, die op u valt, is zoo sterk …” -</p> -<p>„Mag ik vragen, waarvan men mij verdenkt?” klonk het op ijskouden toon terug. -</p> -<p>Nu nam de commissaris van politie het woord en op korten, barschen toon sprak hij: -</p> -<p>„Gij wordt ervan verdacht, het bedrag, dat Lord Clifford in zijn brandkast bewaarde, -daaruit ontvreemd te hebben.” -</p> -<p>„Wie verdenkt mij daarvan?” -</p> -<p>„Lord Clifford zelf!” -</p> -<p>De markies keek den edelman lang en ernstig aan en zei toen niets anders dan: -</p> -<p>„O, dat doet mij veel leed!” -</p> -<p>En tot den commissaris vervolgde hij op trotschen toon: -</p> -<p>„Ik behoef u zeker niet te vertellen, dat de <span class="corr" id="xd31e1015" title="Bron: gevangennemnig">gevangenneming</span> van een Engelschman in zijn huis alleen mogelijk is op een bijzonder, schriftelijk -uitgevaardigd bevel van den minister van justitie!” -</p> -<p>„Maar gij zijt geen Engelschman,” glimlachte de beambte spottend. -</p> -<p>„Dus tegenover een vreemdeling, die de gastvrijheid in uw land geniet, moogt gij u -veroorlooven, wat een Engelschman niet zou dulden?” -</p> -<p>De commissaris riep nu op ongeduldigen toon: -</p> -<p>„Ik wensch niet met u te redetwisten! Marsch, vooruit! Neem uw jas en hoed en volg -ons naar Scotland Yard … of moet ik geweld gebruiken?” -</p> -<p>De markies ging een stap achteruit; op zijn gelaat lag zulk een dreigende uitdrukking, -dat de brutale detective, die de ijzeren handboeien intusschen voor den dag had gehaald, -deze zoo gauw mogelijk weer wegborg. -</p> -<p>„Ik zal u bewijzen,” sprak de markies, „dat ik weet, wat men de overheid schuldig -is, ook al is er een zoo groote vergissing in het spel, als dat hier het geval is! -En omdat ik wel begrijp, dat gij mij niet zult toestaan, mij naar mijn kleedkamer -te begeven, zal ik mijn bediende bevel geven, mijn kleeren hier te brengen.” -</p> -<p>De Braziliaan drukte op de electrische bel; dadelijk daarna verscheen de neger, die -na een kort bevel van zijn meester jas en hoed bracht en hem bij het aantrekken hielp. -</p> -<p>Hierop zei de markies eenige woorden in het Spaansch tegen den neger, wat de commissaris -van politie hem verbood. -</p> -<p>De markies zocht nog even in zijn borstzak en mompelde: -</p> -<p>„Mijn portefeuille … Ja die heb ik …!” -</p> -<p>„Die moest u ons maar meteen geven,” klonk het weer uit den mond van <span class="corr" id="xd31e1031" title="Bron: mr.">Mr.</span> Holliday, „daarin zal het gestolene geld wel geborgen zijn!” -</p> -<p>„Een oogenblik,” antwoordde de markies. „Ik wil nog even een cigarette aansteken.” -</p> -<p>Bij deze woorden bukte hij zich naar een klein cigarettenétui op de schrijftafel en -drukte tegelijkertijd op een daaronder verborgen veer. -</p> -<p>In het volgende oogenblik omgaf diepe duisternis de personen, die zich in het vertrek -bevonden. -</p> -<p>De commissaris sprong naar voren en trachtte tegelijkertijd zijn electrische zaklantaarn -uit zijn jas tevoorschijn te halen, maar hij struikelde over een vooruitgestoken been -en <span class="corr" id="xd31e1040" title="Bron: mr.">Mr.</span> Holliday kreeg een zoo klinkende oorvijg, dat het vuur hem uit de oogen sprong. -</p> -<p>Lord Clifford en de politie-agent hielden het voor het verstandigst, rustig te blijven -staan. -</p> -<p>Men hoorde alleen nog een hoonend: -</p> -<p>„Goeden avond, heeren!” uit den mond van den Braziliaan, daarna zich snel verwijderende -schreden en een dichtvallende deur, waarnaar de politiebeambten in het pikdonker, -dat hen omgaf, lang tevergeefs zochten. -</p> -<p>En toen deze deur eindelijk gevonden was, omhulde hen ook buiten de kamer een Egyptische -duisternis. -</p> -<p>„De kerel heeft de geheele electrische geleiding uitgeschakeld!” riep de detective -uit, „maar wacht, heeren, als ik hem te pakken krijg …!” -</p> -<p>De anderen konden hun lachen niet bedwingen. <span class="pageNum" id="pb32">[<a href="#pb32">32</a>]</span>Met veel moeite en steeds met hun handen den weg zoekend, bereikten zij eindelijk -de straatdeur der villa. -</p> -<p>Daar buiten hing de mist, de ondoordringbare, zwarte, reeds dagenlang boven Londen -hangende Engelsche mist, die elke achtervolging van den vluchteling onmogelijk maakte. -</p> -<p>Zoo ontsnapte Lord Lister, bijgenaamd John Raffles, de groote onbekende, aan zijn -vervolgers. -</p> -<p>In welke gevaren hij zich daarna weer ging werpen, zullen wij in de volgende afleveringen -te weten komen. -</p> -</div> -</div> -</div> -<div class="back"> -<div class="div1 notice"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><div class="divBody"> -<p class="first">Het volgende deel (nummer 10) zal bevatten: -</p> -<p class="xd31e1059">DE BEELTENIS DER INDISCHE. -<span class="pageNum" id="pb33">[<a href="#pb33">33</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div class="div1 cover"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><div class="divBody"> -<p class="first underline xd31e1063">Belooning: 1000 pond sterling. -</p> -<div class="table"> -<table class="tbl.wanted.header"> -<tr> -<td class="xd31e1066 cellLeft cellTop xd31e1070">Wie kent hem? -</td> -<td rowspan="2" class="rowspan xd31e1067 cellTop cellBottom"> -<div class="figure lordlisterwidth"><img src="images/lordlister.png" alt="Portret van Lord Lister." width="307" height="404"></div> -</td> -<td class="xd31e1066 cellRight cellTop xd31e1070">Wie heeft hem gezien? -</td> -</tr> -<tr> -<td class="xd31e1066 cellLeft cellBottom">Dat vraagt men in Scotland Yard! -</td> -<td class="xd31e1066 cellRight cellBottom">Dat vraagt heel Londen!</td> -</tr> -</table> -</div><p> -</p> -<p class="xd31e1085">Lord Lister <span class="underline xd31e1087">genaamd</span> John C. Raffles, <span class="xd31e1090">de geniaalste aller dieven</span> -</p> -<p class="xd31e1093">brengt alle gemoederen in beweging, is de schrik van woekeraars en geldschieters; -ontrooft hun door zijn listen hunne bezittingen, waarmede hij belaagde onschuld beschermt -en behoeftigen ondersteunt. -</p> -<p class="xd31e1095">Man van eer in alle opzichten -</p> -<p class="xd31e1093">spant hij wet en gerecht menigen strik en heeft steeds de voorvechters van edele levensbeschouwing -op zijn hand, nl. allen, die ervan overtuigd zijn, dat: -</p> -<p class="xd31e1099">Ongestraft veel misstanden, door de wet beschermd, blijven voortwoekeren. -</p> -<p class="xd31e1093">Men leze, hoe alles in het werk wordt gesteld, <b>Lord Lister</b>, genaamd <b>John C. Raffles</b>, den geniaalsten aller dieven, te vatten! -</p> -<div lang="en" class="div2 section warrant.en"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><table class="alignedtext"> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p class="first xd31e1110">WARRANT OF ARREST. -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p class="first"><span class="underline">Vertaling</span>: -</p> -<p class="xd31e1222">Bevel tot aanhouding. -</p> -</td> -</tr> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p>Be it known unto all men by these presents that we hereby charge and warrant the apprehension -of the man described as under: -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p>Wij verzoeken de aanhouding van den man, wiens beschrijving hier volgt: -</p> -</td> -</tr> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p class="xd31e1114">DESCRIPTION: -</p> -<div class="table"> -<table> -<tr> -<td class="cellLeft cellTop"><span class="ex">Name</span>: </td> -<td class="cellRight cellTop">Lord Edward Lister, alias John C. <span class="corr" id="xd31e1124" title="Bron: Sinclair">Raffles</span>. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Age</span>: </td> -<td class="cellRight">32 to 35 years. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Height</span>: </td> -<td class="cellRight">5 feet nine inches. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Weight</span>: </td> -<td class="cellRight">176 pounds. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Figure</span>: </td> -<td class="cellRight">Tall. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Complexion</span>: </td> -<td class="cellRight">Dark. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Hair</span>: </td> -<td class="cellRight">Black. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Beard</span>: </td> -<td class="cellRight">A slight moustache. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Eyes</span>: </td> -<td class="cellRight">Black. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft cellBottom"><span class="ex">Language</span>: </td> -<td class="cellRight cellBottom">English, French, German, Russian, etc.</td> -</tr> -</table> -</div><p> -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p class="xd31e1114">Beschrijving: -</p> -<div class="table"> -<table> -<tr> -<td class="cellLeft cellTop"><span class="ex">Naam</span>: </td> -<td class="cellRight cellTop">Lord Edward Lister, genaamd John C<span class="corr" id="xd31e1236" title="Niet in bron">.</span> Raffles. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Leeftijd</span>: </td> -<td class="cellRight">32–35 jaar. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Lengte</span>: </td> -<td class="cellRight">ongeveer 1,76 meter. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Gewicht</span>: </td> -<td class="cellRight">80 kilo. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Gestalte</span>: </td> -<td class="cellRight">slank. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Gelaatskleur</span>: </td> -<td class="cellRight">donker. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Haar</span>: </td> -<td class="cellRight">zwart. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Baardgroei</span>: </td> -<td class="cellRight">kleine snor. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Oogen</span>: </td> -<td class="cellRight">zwart. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft cellBottom"><span class="ex">Spreekt</span> </td> -<td class="cellRight cellBottom">Engelsch, Fransch, Duitsch, Russisch enz. enz.</td> -</tr> -</table> -</div><p> -</p> -</td> -</tr> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p><span class="ex">Special notes</span>: The man poses as a gentleman of great distinction. Adopts a new role every other -day. Wears an eyeglass. Always accompanied by a young man—name unknown. -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p><span class="ex">Bijzondere kenteekenen</span>: Het optreden van den man kenmerkt zich door bijzonder goede manieren. Telkens een -ander uiterlijk. Draagt een monocle. Is in gezelschap van een jongeman, wiens naam -onbekend. -</p> -</td> -</tr> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p>Charged with robbery. -</p> -<p>A reward of 1000 pounds sterling will be paid for the arrest of this man. -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p>Moet worden aangehouden als dief. Voor zijn aanhouding betalen wij een prijs van 1000 -pond sterling. -</p> -</td> -</tr> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p class="xd31e1114">Headquarters—Scotland Yard. -</p> -<p class="dateline"><span class="ex">London</span>, 1<sup>st</sup> October 1908. -</p> -<p class="signed"><b>Police Inspector</b>,<br> -<span class="ex">Horny.</span> -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p><b><i>Het Hoofdbureau van Politie Scotland-Yard.</i></b> -</p> -<p class="dateline"><span class="ex">Londen</span>, 1. Oktober 1908. -</p> -<p class="signed"><b><span class="corr" id="xd31e1318" title="Bron: Inspekteur">Inspecteur</span> van Politie</b><br> -(get.) <span class="ex">Horny</span>. -</p> -</td> -</tr> -</table> -</div> -</div> -</div> -<div class="div1 imprint"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><div class="divBody"> -<p class="first xd31e1327">Roman-Boekhandel <span class="xd31e1329">voorheen</span> A. Eichler -</p> -<p class="xd31e95">Singel 236—Amsterdam. -</p> -</div> -</div> -<div class="div1" id="toc"> -<h2 class="main">Inhoudsopgave</h2> -<table summary="Inhoudsopgave"> -<tr id="ch1.toc"> -<td class="tocDivNum">I. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch1">DE MARKIES DI SAO BALBO.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch1">1</a></td> -</tr> -<tr id="ch2.toc"> -<td class="tocDivNum">II. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch2">VERSMADE LIEFDE.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch2">4</a></td> -</tr> -<tr id="ch3.toc"> -<td class="tocDivNum">III. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch3">DE GEHEIMZINNIGE DWERG.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch3">6</a></td> -</tr> -<tr id="ch4.toc"> -<td class="tocDivNum">IV. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch4">IN „BLACK HORSE”.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch4">9</a></td> -</tr> -<tr id="ch5.toc"> -<td class="tocDivNum">V. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch5">„HIJ”.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch5">11</a></td> -</tr> -<tr id="ch6.toc"> -<td class="tocDivNum">VI. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch6">DE GESTOLEN MILLIOENEN.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch6">13</a></td> -</tr> -<tr id="ch7.toc"> -<td class="tocDivNum">VII. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch7">HET ZWARTE MASKER.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch7">16</a></td> -</tr> -<tr id="ch8.toc"> -<td class="tocDivNum">VIII. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch8">HET VERVALSCHTE TESTAMENT.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch8">19</a></td> -</tr> -<tr id="ch9.toc"> -<td class="tocDivNum">IX. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch9">MEDEDINGSTERS.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch9">22</a></td> -</tr> -<tr id="ch10.toc"> -<td class="tocDivNum">X. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch10">DE VALSCHE SPELERS.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch10">25</a></td> -</tr> -<tr id="ch11.toc"> -<td class="tocDivNum">XI. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch11">JALOEZIE EN WRAAK.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch11">29</a></td> -</tr> -<tr id="ch12.toc"> -<td class="tocDivNum">XII. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch12">IN DEN MIST.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch12">30</a></td> -</tr> -</table> -</div> -<div class="transcriberNote"> -<h2 class="main">Colofon</h2> -<h3 class="main">Beschikbaarheid</h3> -<p class="first">Dit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen -van welke soort dan ook. U mag het kopiëren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden -van de Project Gutenberg Licentie in dit eBoek of on-line op <a class="seclink xd31e41" title="Externe link" href="https://www.gutenberg.org/">www.gutenberg.org</a>. -</p> -<p>Dit eBoek is geproduceerd door het on-line gedistribueerd correctieteam op <a class="seclink xd31e41" title="Externe link" href="https://www.pgdp.net/">www.pgdp.net</a>. -</p> -<h3 class="main">Metadata</h3> -<table class="colophonMetadata" summary="Metadata"> -<tr> -<td><b>Titel:</b></td> -<td>Lord Lister No. 9: Om goud en liefde</td> -<td></td> -</tr> -<tr> -<td><b>Auteur:</b></td> -<td>Theo von Blankensee [Pseudoniem van Mathias Blank (1881–1928)]</td> -<td><a href="https://viaf.org/viaf/8133268/" class="seclink">Info</a></td> -</tr> -<tr> -<td><b>Auteur:</b></td> -<td>Kurt Matull (1872–1930?)</td> -<td><a href="https://viaf.org/viaf/56770919/" class="seclink">Info</a></td> -</tr> -<tr> -<td><b>Taal:</b></td> -<td>Nederlands (Spelling De Vries-Te Winkel)</td> -<td></td> -</tr> -<tr> -<td><b>Oorspronkelijke uitgiftedatum:</b></td> -<td>[1910]</td> -<td></td> -</tr> -<tr> -<td><b>Trefwoorden:</b></td> -<td>Detective and mystery stories -- Periodicals</td> -<td></td> -</tr> -<tr> -<td><b></b></td> -<td>Dime novels -- Periodicals</td> -<td></td> -</tr> -</table> -<h3 class="main">Codering</h3> -<p class="first">Dit boek is weergegeven in oorspronkelijke schrijfwijze. Afgebroken woorden aan het -einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel -zijn verbeterd. Deze verbeteringen zijn aangegeven in de colofon aan het einde van -dit boek.</p> -<h3 class="main">Documentgeschiedenis</h3> -<ul> -<li>2022-01-23 Begonnen. -</li> -</ul> -<h3 class="main">Externe Referenties</h3> -<p>Dit Project Gutenberg eBoek bevat externe referenties. Het kan zijn dat deze links -voor u niet werken.</p> -<h3 class="main">Verbeteringen</h3> -<p>De volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:</p> -<table class="correctionTable" summary="Overzicht van verbeteringen aangebracht in de tekst."> -<tr> -<th>Bladzijde</th> -<th>Bron</th> -<th>Verbetering</th> -<th>Bewerkingsafstand</th> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><i title="23 gevallen">Passim. -</i></td> -<td class="width40 bottom"> -[<i>Niet in bron</i>] -</td> -<td class="width40 bottom">„</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e140">2</a>, <a class="pageref" href="#xd31e1031">31</a>, <a class="pageref" href="#xd31e1040">31</a></td> -<td class="width40 bottom">mr.</td> -<td class="width40 bottom">Mr.</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e172">3</a></td> -<td class="width40 bottom">Kilbursi</td> -<td class="width40 bottom">Kilburn</td> -<td class="bottom">2</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e386">11</a></td> -<td class="width40 bottom">Dubble</td> -<td class="width40 bottom">Double</td> -<td class="bottom">2</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e399">11</a></td> -<td class="width40 bottom">Vossenkop</td> -<td class="width40 bottom">Vossekop</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e410">11</a></td> -<td class="width40 bottom">ineenk npen</td> -<td class="width40 bottom">ineenkrimpen</td> -<td class="bottom">3</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e443">12</a></td> -<td class="width40 bottom">„</td> -<td class="width40 bottom"> -[<i>Verwijderd</i>] -</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e445">12</a></td> -<td class="width40 bottom">Glocester</td> -<td class="width40 bottom">Gloucester</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e450">12</a></td> -<td class="width40 bottom">”</td> -<td class="width40 bottom"> -[<i>Verwijderd</i>] -</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e512">15</a></td> -<td class="width40 bottom">Mable</td> -<td class="width40 bottom">Mabel</td> -<td class="bottom">2</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e585">17</a></td> -<td class="width40 bottom">Holiday</td> -<td class="width40 bottom">Holliday</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e590">17</a></td> -<td class="width40 bottom">Cifford</td> -<td class="width40 bottom">Clifford</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e605">18</a></td> -<td class="width40 bottom">hopenlijk</td> -<td class="width40 bottom">hopelijk</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e625">19</a></td> -<td class="width40 bottom">Hopenlijk</td> -<td class="width40 bottom">Hopelijk</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e711">22</a>, <a class="pageref" href="#xd31e744">23</a>, <a class="pageref" href="#xd31e843">26</a></td> -<td class="width40 bottom">”.</td> -<td class="width40 bottom">.”</td> -<td class="bottom">2</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e721">22</a></td> -<td class="width40 bottom">kleingheid</td> -<td class="width40 bottom">kleinigheid</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e726">22</a>, <a class="pageref" href="#xd31e840">26</a></td> -<td class="width40 bottom">”,</td> -<td class="width40 bottom">,”</td> -<td class="bottom">2</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e774">23</a></td> -<td class="width40 bottom"> -[<i>Niet in bron</i>] -</td> -<td class="width40 bottom">?</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e776">23</a></td> -<td class="width40 bottom">getrofen</td> -<td class="width40 bottom">getroffen</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e809">24</a>, <a class="pageref" href="#xd31e970">29</a></td> -<td class="width40 bottom">mrs.</td> -<td class="width40 bottom">Mrs.</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e860">26</a></td> -<td class="width40 bottom">normaals</td> -<td class="width40 bottom">nogmaals</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1015">31</a></td> -<td class="width40 bottom">gevangennemnig</td> -<td class="width40 bottom">gevangenneming</td> -<td class="bottom">2</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1124">33</a></td> -<td class="width40 bottom">Sinclair</td> -<td class="width40 bottom">Raffles</td> -<td class="bottom">7</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1236">33</a></td> -<td class="width40 bottom"> -[<i>Niet in bron</i>] -</td> -<td class="width40 bottom">.</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1318">33</a></td> -<td class="width40 bottom">Inspekteur</td> -<td class="width40 bottom">Inspecteur</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -</table> -</div> -</div> -<div lang='en'> -<div style='display:block; margin-top:4em'>*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK <span lang='nl'>LORD LISTER NO. 9: OM GOUD EN LIEFDE</span> ***</div> -<div style='text-align:left'> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Updated editions will replace the previous one—the old editions will -be renamed. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright -law means that no one owns a United States copyright in these works, -so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the United -States without permission and without paying copyright -royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part -of this license, apply to copying and distributing Project -Gutenberg™ electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG™ -concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark, -and may not be used if you charge for an eBook, except by following -the terms of the trademark license, including paying royalties for use -of the Project Gutenberg trademark. If you do not charge anything for -copies of this eBook, complying with the trademark license is very -easy. You may use this eBook for nearly any purpose such as creation -of derivative works, reports, performances and research. Project -Gutenberg eBooks may be modified and printed and given away--you may -do practically ANYTHING in the United States with eBooks not protected -by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the trademark -license, especially commercial redistribution. -</div> - -<div style='margin:0.83em 0; font-size:1.1em; text-align:center'>START: FULL LICENSE<br> -<span style='font-size:smaller'>THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE<br> -PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK</span> -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -To protect the Project Gutenberg™ mission of promoting the free -distribution of electronic works, by using or distributing this work -(or any other work associated in any way with the phrase “Project -Gutenberg”), you agree to comply with all the terms of the Full -Project Gutenberg™ License available with this file or online at -www.gutenberg.org/license. -</div> - -<div style='display:block; font-size:1.1em; margin:1em 0; font-weight:bold'> -Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg™ electronic works -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg™ -electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to -and accept all the terms of this license and intellectual property -(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all -the terms of this agreement, you must cease using and return or -destroy all copies of Project Gutenberg™ electronic works in your -possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a -Project Gutenberg™ electronic work and you do not agree to be bound -by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the person -or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.B. “Project Gutenberg” is a registered trademark. It may only be -used on or associated in any way with an electronic work by people who -agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few -things that you can do with most Project Gutenberg™ electronic works -even without complying with the full terms of this agreement. See -paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project -Gutenberg™ electronic works if you follow the terms of this -agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg™ -electronic works. See paragraph 1.E below. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation (“the -Foundation” or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection -of Project Gutenberg™ electronic works. Nearly all the individual -works in the collection are in the public domain in the United -States. If an individual work is unprotected by copyright law in the -United States and you are located in the United States, we do not -claim a right to prevent you from copying, distributing, performing, -displaying or creating derivative works based on the work as long as -all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope -that you will support the Project Gutenberg™ mission of promoting -free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg™ -works in compliance with the terms of this agreement for keeping the -Project Gutenberg™ name associated with the work. You can easily -comply with the terms of this agreement by keeping this work in the -same format with its attached full Project Gutenberg™ License when -you share it without charge with others. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern -what you can do with this work. Copyright laws in most countries are -in a constant state of change. If you are outside the United States, -check the laws of your country in addition to the terms of this -agreement before downloading, copying, displaying, performing, -distributing or creating derivative works based on this work or any -other Project Gutenberg™ work. The Foundation makes no -representations concerning the copyright status of any work in any -country other than the United States. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.1. The following sentence, with active links to, or other -immediate access to, the full Project Gutenberg™ License must appear -prominently whenever any copy of a Project Gutenberg™ work (any work -on which the phrase “Project Gutenberg” appears, or with which the -phrase “Project Gutenberg” is associated) is accessed, displayed, -performed, viewed, copied or distributed: -</div> - -<blockquote> - <div style='display:block; margin:1em 0'> - This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and most - other parts of the world at no cost and with almost no restrictions - whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms - of the Project Gutenberg License included with this eBook or online - at <a href="https://www.gutenberg.org">www.gutenberg.org</a>. If you - are not located in the United States, you will have to check the laws - of the country where you are located before using this eBook. - </div> -</blockquote> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.2. If an individual Project Gutenberg™ electronic work is -derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not -contain a notice indicating that it is posted with permission of the -copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in -the United States without paying any fees or charges. If you are -redistributing or providing access to a work with the phrase “Project -Gutenberg” associated with or appearing on the work, you must comply -either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or -obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg™ -trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.3. If an individual Project Gutenberg™ electronic work is posted -with the permission of the copyright holder, your use and distribution -must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any -additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms -will be linked to the Project Gutenberg™ License for all works -posted with the permission of the copyright holder found at the -beginning of this work. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg™ -License terms from this work, or any files containing a part of this -work or any other work associated with Project Gutenberg™. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this -electronic work, or any part of this electronic work, without -prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with -active links or immediate access to the full terms of the Project -Gutenberg™ License. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, -compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including -any word processing or hypertext form. However, if you provide access -to or distribute copies of a Project Gutenberg™ work in a format -other than “Plain Vanilla ASCII” or other format used in the official -version posted on the official Project Gutenberg™ website -(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense -to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means -of obtaining a copy upon request, of the work in its original “Plain -Vanilla ASCII” or other form. Any alternate format must include the -full Project Gutenberg™ License as specified in paragraph 1.E.1. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, -performing, copying or distributing any Project Gutenberg™ works -unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing -access to or distributing Project Gutenberg™ electronic works -provided that: -</div> - -<div style='margin-left:0.7em;'> - <div style='text-indent:-0.7em'> - • You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from - the use of Project Gutenberg™ works calculated using the method - you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed - to the owner of the Project Gutenberg™ trademark, but he has - agreed to donate royalties under this paragraph to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid - within 60 days following each date on which you prepare (or are - legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty - payments should be clearly marked as such and sent to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in - Section 4, “Information about donations to the Project Gutenberg - Literary Archive Foundation.” - </div> - - <div style='text-indent:-0.7em'> - • You provide a full refund of any money paid by a user who notifies - you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he - does not agree to the terms of the full Project Gutenberg™ - License. You must require such a user to return or destroy all - copies of the works possessed in a physical medium and discontinue - all use of and all access to other copies of Project Gutenberg™ - works. - </div> - - <div style='text-indent:-0.7em'> - • You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of - any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the - electronic work is discovered and reported to you within 90 days of - receipt of the work. - </div> - - <div style='text-indent:-0.7em'> - • You comply with all other terms of this agreement for free - distribution of Project Gutenberg™ works. - </div> -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project -Gutenberg™ electronic work or group of works on different terms than -are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing -from the Project Gutenberg Literary Archive Foundation, the manager of -the Project Gutenberg™ trademark. Contact the Foundation as set -forth in Section 3 below. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable -effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread -works not protected by U.S. copyright law in creating the Project -Gutenberg™ collection. Despite these efforts, Project Gutenberg™ -electronic works, and the medium on which they may be stored, may -contain “Defects,” such as, but not limited to, incomplete, inaccurate -or corrupt data, transcription errors, a copyright or other -intellectual property infringement, a defective or damaged disk or -other medium, a computer virus, or computer codes that damage or -cannot be read by your equipment. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the “Right -of Replacement or Refund” described in paragraph 1.F.3, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project -Gutenberg™ trademark, and any other party distributing a Project -Gutenberg™ electronic work under this agreement, disclaim all -liability to you for damages, costs and expenses, including legal -fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT -LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE -PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE -TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE -LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR -INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH -DAMAGE. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a -defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can -receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a -written explanation to the person you received the work from. If you -received the work on a physical medium, you must return the medium -with your written explanation. The person or entity that provided you -with the defective work may elect to provide a replacement copy in -lieu of a refund. If you received the work electronically, the person -or entity providing it to you may choose to give you a second -opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If -the second copy is also defective, you may demand a refund in writing -without further opportunities to fix the problem. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth -in paragraph 1.F.3, this work is provided to you ‘AS-IS’, WITH NO -OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT -LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied -warranties or the exclusion or limitation of certain types of -damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement -violates the law of the state applicable to this agreement, the -agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or -limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or -unenforceability of any provision of this agreement shall not void the -remaining provisions. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the -trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone -providing copies of Project Gutenberg™ electronic works in -accordance with this agreement, and any volunteers associated with the -production, promotion and distribution of Project Gutenberg™ -electronic works, harmless from all liability, costs and expenses, -including legal fees, that arise directly or indirectly from any of -the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this -or any Project Gutenberg™ work, (b) alteration, modification, or -additions or deletions to any Project Gutenberg™ work, and (c) any -Defect you cause. -</div> - -<div style='display:block; font-size:1.1em; margin:1em 0; font-weight:bold'> -Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg™ -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Project Gutenberg™ is synonymous with the free distribution of -electronic works in formats readable by the widest variety of -computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It -exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations -from people in all walks of life. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Volunteers and financial support to provide volunteers with the -assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg™’s -goals and ensuring that the Project Gutenberg™ collection will -remain freely available for generations to come. In 2001, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure -and permanent future for Project Gutenberg™ and future -generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see -Sections 3 and 4 and the Foundation information page at www.gutenberg.org. -</div> - -<div style='display:block; font-size:1.1em; margin:1em 0; font-weight:bold'> -Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non-profit -501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the -state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal -Revenue Service. The Foundation’s EIN or federal tax identification -number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by -U.S. federal laws and your state’s laws. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -The Foundation’s business office is located at 809 North 1500 West, -Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up -to date contact information can be found at the Foundation’s website -and official page at www.gutenberg.org/contact -</div> - -<div style='display:block; font-size:1.1em; margin:1em 0; font-weight:bold'> -Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Project Gutenberg™ depends upon and cannot survive without widespread -public support and donations to carry out its mission of -increasing the number of public domain and licensed works that can be -freely distributed in machine-readable form accessible by the widest -array of equipment including outdated equipment. Many small donations -($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt -status with the IRS. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -The Foundation is committed to complying with the laws regulating -charities and charitable donations in all 50 states of the United -States. Compliance requirements are not uniform and it takes a -considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up -with these requirements. We do not solicit donations in locations -where we have not received written confirmation of compliance. To SEND -DONATIONS or determine the status of compliance for any particular state -visit <a href="https://www.gutenberg.org/donate/">www.gutenberg.org/donate</a>. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -While we cannot and do not solicit contributions from states where we -have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition -against accepting unsolicited donations from donors in such states who -approach us with offers to donate. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -International donations are gratefully accepted, but we cannot make -any statements concerning tax treatment of donations received from -outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Please check the Project Gutenberg web pages for current donation -methods and addresses. Donations are accepted in a number of other -ways including checks, online payments and credit card donations. To -donate, please visit: www.gutenberg.org/donate -</div> - -<div style='display:block; font-size:1.1em; margin:1em 0; font-weight:bold'> -Section 5. General Information About Project Gutenberg™ electronic works -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Professor Michael S. Hart was the originator of the Project -Gutenberg™ concept of a library of electronic works that could be -freely shared with anyone. For forty years, he produced and -distributed Project Gutenberg™ eBooks with only a loose network of -volunteer support. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Project Gutenberg™ eBooks are often created from several printed -editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in -the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not -necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper -edition. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Most people start at our website which has the main PG search -facility: <a href="https://www.gutenberg.org">www.gutenberg.org</a>. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -This website includes information about Project Gutenberg™, -including how to make donations to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to -subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. -</div> - -</div> -</div> -</body> -</html> diff --git a/old/67244-h/images/lordlister.png b/old/67244-h/images/lordlister.png Binary files differdeleted file mode 100644 index e9e45f1..0000000 --- a/old/67244-h/images/lordlister.png +++ /dev/null diff --git a/old/67244-h/images/lordlister0009-front.jpg b/old/67244-h/images/lordlister0009-front.jpg Binary files differdeleted file mode 100644 index 0271bf7..0000000 --- a/old/67244-h/images/lordlister0009-front.jpg +++ /dev/null diff --git a/old/67244-h/images/p0009-01.png b/old/67244-h/images/p0009-01.png Binary files differdeleted file mode 100644 index 2c84508..0000000 --- a/old/67244-h/images/p0009-01.png +++ /dev/null |
